Tag: Tunnels

  • Satirische graphic novel graaft diep in Israëlisch-Palestijns conflict

    Satirische graphic novel graaft diep in Israëlisch-Palestijns conflict

    Wat brengt volstrekt normale, ongelovige mensen ertoe naar iets mythisch als de Bijbelse Ark van het Verbond te graven? De Israëlische tekenaar Rutu Modan laat het zien in haar onlangs verschenen graphic novel Tunnels.

    Een paar jaar geleden kreeg Rutu Modan een lift van Tel Aviv naar Jeruzalem van de man die de website had gebouwd van de Israel Antiquities Authority, de instantie die toeziet op de opgravingen in het land. Toen het gesprek op archeologie kwam, diende zich plotseling een oude herinnering aan. Dertig jaar eerder, herinnerde Modan zich, had ze iemand ontmoet die haar vertelde dat hij en zijn vader opgravingen deden; ze waren op zoek naar de Ark van het Verbond, de kist waarin volgens de Hebreeuwse Bijbel de stenen tabletten met de Tien Geboden werden bewaard. Aanvankelijk had ze hen voor gek versleten, maar nu begon ze toch weer over hen na te denken. Waarom deden ze dat? Wat bracht volstrekt normale, ongelovige mensen ertoe naar zoiets mythisch te gaan graven?

    Rutu 2020 1 2
    Rutu Modan – © Hanan Assor

    Modan ging in gesprek met deskundigen op het gebied van Bijbelse archeologie en verdiepte zich in de Joodse geschiedenis. Ze schreef zich in voor een cursus archeologie aan de Open Universiteit van Israël en ontmoette mensen uit het veld. Ze ontdekte dat de Ark van het Verbond de heilige graal van deze cursus is die, hoewel serieuze archeologen er niet al te opgewonden over raken, de volksverbeelding en de fantasie van avontuurlijke archeologiefanaten nog altijd prikkelt.

    Tot op de dag van vandaag zijn mensen ernaar op zoek, vertelt ze. ‘Ik begon er onderzoek naar te doen en ontdekte dat er veel mystieke krachten aan de Ark van het Verbond worden toegeschreven. Iemand beschreef hem als “Gods walkietalkie, waarmee we met God zouden kunnen praten zoals we ooit hebben gedaan”. En de man die dat tegen me zei was niet eens gelovig.’ 

    64 3 1

    Ze raakte algauw in de ban van de lokale archeologie en geschiedenis. ‘Ik ontdekte dat archeologie een onderwerp is dat alles in zich verenigt: geschiedenis, misdaad, gekken, oplichters, rovers, geleerden en eindeloos veel politiek. Ik realiseerde me dat er een heleboel interessante, sappige kanten aan zitten en dat het een uitstekende basis voor een verhaal zou kunnen zijn.’

    Tunnels

    Het resultaat van Modans onderzoek is te zien in haar onlangs verschenen graphic novel Tunnels, een kruising tussen Indiana Jones en de Israëlische militair en politicus Moshe Dayan. Waar haar eerdere boek The Property zich voornamelijk afspeelt in het verre en koude Polen, voltrekt Tunnels zich geheel in Israël en graaft het onder het oppervlak van deze door conflicten geteisterde regio van het Midden-Oosten.

    Het is een avonturenverhaal dat een diepe duik neemt in de wereld van de Israëlische archeologie, vuile handen maakt door het graven naar verloren schatten, zich in de intriges en rivaliteit van het academische leven stort en keihard in botsing komt met het Israëlisch-Palestijnse conflict.

    ‘Bij dat hele idee van historische rechten heb ik persoonlijk grote twijfels’

    Dit keer heeft Modan kolonisten, Palestijnen en Israëlische soldaten in de bezette gebieden bijeengebracht, in de schaduw van de Westoeverbarrière. Uiteraard wordt de situatie algauw gecompliceerd. ‘Een van de treurigste dingen die ik ontdekte toen ik me in de geschiedenis begon te verdiepen, is dat het historische Israël in de bezette gebieden lag,’ zegt Modan.

    ‘Koning David, Mozes, Salomon, Jozua: allemaal hebben ze daar gewoond, en daarom worden daar de interessantste vondsten gedaan. De Palestijnen graven trouwens ook en verhandelen wat ze vinden. Maar voor mij was dit een van de moeilijkste ontdekkingen, omdat ik begreep dat de kolonisten deze gebieden daarom nooit zullen opgeven. Ik begreep dat we hier niet om het “Land van Israël” vechten dat op de een of andere manier tussen ons verdeeld moet worden, maar dat we om precies hetzelfde gebied vechten omdat daar alles was.’

    03 2

    ‘Bij dat hele idee van historische rechten heb ik persoonlijk grote twijfels, maar als we ergens een historisch recht op iets in dit land hebben, dan is het daar, in de bezette gebieden. En dat is afschuwelijk, het is echt tragisch. Dus besloot ik dat ik de plot van dit boek daar moest situeren, zodat het vanuit narratief perspectief automatisch interessanter wordt.’

    Israëlische stripscene

    Vanaf haar kinderjaren heeft Modan altijd tekeningen gemaakt van de Holocaust en van terreuraanslagen. En van meet af aan waren het niet alleen maar tekeningen. ‘Ik tekende al op mijn derde, en mijn kleuterjuf schreef er verhaaltjes bij die ik haar vertelde. Op mijn vijfde maakte ik mijn eerste boek, en ik heb een heleboel schriften met verhalen en tekeningen,’ vertelt ze. 

    27 2

    Een jaar na haar afstuderen besloten Modan en haar studiegenoot Yirmi Pinkus een groep van onafhankelijke illustratoren op te richten. In 1995 haalden ze Batia Kolton, Mira Friedmann en Itzik Rennert erbij, en als Actus-groep publiceerden ze een aantal stripboeken in Israël en daarbuiten. De meeste waren in het Engels en sommige werden geproduceerd in samenwerking met anderen, onder wie Etgar Keret, David Polonsky en Art Spiegelman. 

    Actus zette de Israëlische stripscene op de kaart en bewees dat het mogelijk was het medium voor allerlei verhalen te gebruiken. ‘We wilden strips maken en hadden geen plek om dat te doen. Ik had een krantencolumn gehad en een boek met Etgar Keret gemaakt,’ zegt Modan, verwijzend naar de graphic novel Nobody Said It Was Going to Be Fun uit 1996. ‘Maar niemand wilde een stripboek publiceren, en dat was wat ik wilde maken. Dus besloot ik dat we het zelf maar zouden doen.’

    Microkosmos

    De hoofdpersoon van Tunnels is Nili, de dochter van een beroemde archeoloog, die met haar zoon een illegale archeologische opgraving op touw zet op de Westelijke Jordaanoever, vlak onder de scheidingsbarrière. Als kind had Nili daar haar vader geholpen bij opgravingen naar schatten uit de Tempel in Jeruzalem, maar de intifada had roet in het eten gegooid. Nu wil ze de missie alsnog volbrengen. Haar vader lijdt aan dementie en ze is vastbesloten de vondst van de verloren Ark van het Verbond op zijn conto te schrijven terwijl hij nog leeft.

    63 2

    Ze weet zich verzekerd van de steun van een rijke verzamelaar van antiquiteiten; bovendien helpen extremistische Joodse kolonisten haar bij het graven. De situatie raakt verhit als ze ontdekken dat Palestijnen op precies dezelfde plek een eigen tunnel graven. Nili’s broer, een jonge archeoloog die droomt van een universitaire carrière, is niet blij met de illegale opgravingswerkzaamheden van zijn zus. Zijn baas op de universiteit is van plan met de eer van Nili’s inspanningen te strijken en ook is er – we zijn nu eenmaal in Israël – een legerofficier in het verhaal betrokken wiens acties nogal bedenkelijk zijn.

    Door de personages en locaties wordt het verhaal een microkosmos van het conflict. 

    Op de vraag of je je extra verantwoordelijk voelt en extra op je tellen moet passen als het om zulk explosief politiek materiaal gaat, antwoordt Modan: ‘Natuurlijk. In onze tijd is dat levensgevaarlijk, en dit boek gaat meer over politieke kwesties dan gewoonlijk. Eerst wist ik niet precies hoe ik dit moest aanpakken. Ik had altijd over mensen uit Tel Aviv geschreven die behoorlijk veel op mezelf leken. En dit keer moest ik over mensen schrijven met een mening en een wereldbeeld die haaks op de mijne stonden. Maar toen begreep ik dat het boek niet over mijn mening hoefde te gaan.’

    Header rutu modan 2

    ‘Als je als Israëlische kunstenaar in het buitenland werkt, verwachten mensen vaak dat je het conflict voor hen zult oplossen, het hun zult uitleggen, boeken zult maken die hun vertellen dat er vrede zal komen en dat alles goed zal aflopen. Ik heb er altijd voor gewaakt mijn mening te geven. Niet omdat ik denk dat mijn standpunten niet belangrijk zijn, maar het zijn volgens mij wel erg beperkte lenzen om naar menselijke situaties te kijken. Dat is goed als het gaat om demonstreren en stemmen, maar met kunst heeft het niets te maken. Tunnels gaat over het Israëlisch-Palestijnse conflict. Mijn twee eerdere boeken gingen over de Holocaust en terreuraanvallen. Met zijn drieën gaan ze over conflicten die het Israëlische bestaan bepalen.

    Ik zou nooit echt uit Israël weg kunnen gaan, ook al heb ik een beroep dat ogenschijnlijk erg universeel is. Mijn connectie met de taal en de plek heeft helemaal niets met zionisme te maken. Voor mij is wie ik ben, mijn identiteit, gewoon bepaald door die banden.’ 

  • Een Japanse architect in Buenos Aires

    Een Japanse architect in Buenos Aires

    De heldere lijnen van architect Taku Sakaushi doen het ook goed in Argentinië. De Japanner is nu gevraagd het maximale uit een voormalige vuilnisbelt te halen.

    Aan de randen van de vuilnisbelt La Montañita in Buenos Aires wemelt het van de luiers, plastic zakken, glazen potten, stapels papier en etensresten. Aangewakkerd door een harde wind verspreiden hopen smeulend afval hun rook tot in 
de onverharde straten van de krottenwijk, als de tengere Taku Sakaushi even later de heuvel afdaalt. Op zijn lichte pantalon en schoenen is geen spatje vuil te zien.

    Sakaushi speelde als kind virtuoos viool. Daarom spoorde zijn moeder hem aan om musicus te worden. Maar zijn vader, economiedocent met sympathie voor Karl Marx, wist het zo net nog niet. Zijn twijfel nam toe toen Taku, inmiddels oud genoeg om te gaan studeren, hem een paar aardewerken potten liet zien die hij had gemaakt. ‘Kunst is prachtig, maar je kunt er niet van leven,’ zei zijn vader. ‘Je kunt beter iets gaan studeren dat geld oplevert.’ Inmiddels is Sakaushi architect en beroemd om zijn verfijnde stijl.

    Volgens Sakaushi gaat architectuur in de westerse wereld over esthetiek en kunst. In Japan ligt de nadruk op filosofie

    Het gesprek tussen vader en zoon had plaats in een buitenwijk van Tokio, waar Taku naar hartelust kon honkballen. Inmiddels is de bebouwing opgerukt en zijn de honkbalvelden verdwenen. Japan heeft 126 miljoen inwoners die op 378.000 vierkante kilometer leven. Ter vergelijking: in Argentinië leven 40 miljoen inwoners op bijna 3 miljoen vierkante kilometer land. Huisvesting en ruimtelijke ordening vormen in Japan een chronisch probleem.

    Sakaushi staat boven op een acht meter hoge vuilnisbelt in een krottenwijk in het district San Martín, in het noordelijke deel van Buenos Aires. Twintig jaar geleden dumpte een aannemersbedrijf er tonnen puin en liet zich daarna niet meer zien. Er begon onkruid te groeien op de harde puinlaag. Nu wonen in dat deel van de wijk zo’n tweeduizend mensen, 
en zoals dat gaat in arme wijken wordt het vuilnis niet altijd opgehaald. La Montañita [Het Heuveltje], zoals de buurtbewoners de plek noemen, dijde steeds verder uit.

    Wat heeft een Japanse architect te zoeken op een vuilnisbelt in Buenos Aires? Voor het antwoord op die vraag moeten we bij het Instituut voor Architectuur en Ruimtelijke Ordening van de Universiteit van San Martín (UNSAM) zijn. Jaarlijks organiseert het instituut uitwisselingen met deskundigen uit de hele wereld. Sakaushi was een van de gasten van de Werkgroep Architectuur en Ruimtelijke Ordening die de UNSAM sinds 2013 bij elkaar roept. Een weeklang komen architecten en studenten, maar ook deskundigen uit andere disciplines – wiskundigen, sociologen, economen, wetenschappers – samen. Zo moest de vuilstortplaats La Montañita een recreatieplek worden, een project waarvoor Sakaushi – met in zijn kielzog twintig studenten, onder wie een aantal Japanners – en een handvol aan het instituut gelieerde docenten naar La Montañita waren gekomen.

    taku

    Sakaushi is vaker in Argentinië geweest. De eerste keer was in 2010, toen zijn werk werd geëxposeerd in het Museum voor Architectuur en Design van de Sociedad Central de Arquitectos [de Architectenvakvereniging]. Ook toen werd hij uitgenodigd door Roberto Busnelli, uitvoerend secretaris van het Instituut voor Architectuur en Ruimtelijke Ordening van de UNSAM, die op zijn beurt Japan bezocht om het werk van zijn collega te bekijken.

    Sakaushi is een publiek geheim. Masterstudenten noemen hem om te laten zien hoeveel ze weten. Zijn prestige dankt hij vooral aan het eenvoudige en heldere lijnenspel van zijn ontwerpen, die het maximale halen uit kleine ruimtes en de dialoog aangaan met hun omgeving – ook als de omgeving niet betrouwbaar is, zoals in 2011 bleek toen Japan werd getroffen door een aardbeving en een tsunami, en overheidsgebouwen hun deuren sloten en in bunkers veranderden.

    Sakaushi studeerde in 1983 af als architect aan de Technische Universiteit van Tokio, waarna hij een tweede master deed aan de Universiteit van Californië in Los Angeles. Op zijn indrukwekkende cv prijken een zestal boeken en een aantal prijzen. 
Hij doceert zowel aan de Universiteit van Tokio als aan de Shinshu-universiteit in Nagano.

    Volgens Sakaushi gaat architectuur in de westerse wereld over esthetiek en kunst. In Japan ligt de nadruk op filosofie. Oude Japanse dichters wandelden alleen in de natuur; de indrukken die ze opdeden legden ze vast in ultrakorte haiku’s. Sakaushi wandelt ook om zijn gedachten te vormen. Zijn wandelingen resulteren niet in haiku’s maar in boeken, waarin hij de principes uitlegt van zijn zogeheten ‘woning met drie gangen’ of ‘woning met drie ramen’, die inmiddels de status van archetype hebben bereikt en zowel in Japan als daarbuiten worden nagebouwd. Nog een van Sakaushi’s specialismen is het recyclen van gebouwen. Een oude ijsfabriek in het gehucht Fujiyoshida werd 
een kinderdagverblijf. In de stad Ibaraki maakte 
hij van een oude lagere school een hotel en een buurthuis.

    Pinne Gallery. – © Hiroshi Ueda
    Pinne Gallery. – © Hiroshi Ueda

    Sakaushi’s eerste baan was bij Japans grootste constructiebedrijf Nikken Sekkei, een enorme onderneming met honderden professionals. Toch vertrok hij in 1998 om een van de meest prestigieuze architectenkantoren van Japan te gaan leiden, het Office for Diverse Architecture (OFDA). Het kantoor omschrijft zichzelf als een plek voor architecten met diverse stijlen waar jonge en briljante geesten samenwerken.

    ‘Er komt een moment dat je lichaam een wordt met je omgeving, alsof de muren om je heen oplossen. Daarom ben ik woningen gaan ontwerpen waarvan je je zo lang mogelijk bewust blijft,’ zegt Sakaushi. Dat zit hem in de muren, die hij ook wel structuren noemt. ‘Een gebouw is een kader dat open is en verschillende elementen omvat die op elkaar reageren. Binnen dat grote kader is nog een belangrijk kader dat van elke kamer een zelfstandige ruimte maakt. Tegelijk is er dynamiek rondom een gebouw of een woning: de bomen, de lucht, de mensen en zelfs de omliggende gebouwen. Dat brengt je op de gedachte dat een woning evenmin statisch is en zijn omgeving wel degelijk beïnvloedt.’ Uitgaand van het architecture is a frame-concept, een idee dat hem al jaren bezighoudt, is er nog iets dat voortdurend verandert, namelijk het leven van de mensen die er wonen.

    Om deze concepten te verduidelijken haalde de Japanse architect tijdens een lezing die hij in 2015 in Barcelona gaf de literatuur erbij: De Aleph van Jorge Luis Borges, De opwindvogelkronieken van Haruki Murakami en_ Sneeuwland_ van Yasunari Kawabata. 
‘De overeenkomsten? Dat zijn de tunnels,’ lacht Sakaushi. De tunnels bij Borges dienen om de tijd te verbinden, Murakami linkt met tunnels verschillende werkelijkheden aan elkaar en Kawabata graaft tunnels in 
een vier meter diepe sneeuwlaag om de overkant te bereiken. ‘Kawabata is inderdaad een verwijzing naar de Japanse schoonheid en tradities,’ zegt Sakaushi. ‘Iedereen is het erover eens dat de tradities van een immer in zichzelf gekeerd land bewaard moeten blijven. Maar we moeten tevens blijven denken aan het nu, de geglobaliseerde wereld. Ik bouw in dat spanningsveld.’

    Auteur: Ivana Romero
    Vertaler: Henriëtte Arons

    Anfibia
    Argentinië | revistaanfibia.com

    Gloednieuw webzine met eenvoudige lay-out, uitstekende illustraties en voor het internet ongebruikelijk lange reportages. Begonnen op initiatief van de nationale San Martín Universiteit, opgericht door de Colombiaanse Nobelprijswinnaar voor de Literatuur Gabriel García Márquez.