Tag: wapenhandel

  • Het Poolse leger is bezig aan een opmars

    Het Poolse leger is bezig aan een opmars

    Polen is hard op weg om het grootste leger van Europa op te bouwen. Het land heeft nu al meer tanks en houwitsers dan Duitsland. Maar leidt dat ook tot meer politieke invloed?

    Toen eind november een afgezwaaide raket neerkwam op een Pools grensplaatsje en twee mensen de dood vonden, maakten sommige Europese regeringsleiders zich net zoveel zorgen over de mogelijke reactie van de Poolse regering als over de mogelijkheid dat Rusland achter de aanval zat. Vanwege het diepgewortelde Poolse wantrouwen jegens al wat Russisch is en de hartgrondige afkeer van Moskou die de huidige rechtse Poolse regering koestert, leefde van Brussel tot Berlijn de vrees voor onbesuisde stappen van Warschau. 

    Maar niets van dit alles: Warschau bewaarde de kalmte en bracht weliswaar zijn troepen in verhoogde staat van paraatheid, maar hield zijn kruit droog tot de exacte toedracht was opgehelderd. (De conclusie is dat het een afgezwaaide Oekraïense luchtverdedigingsraket betrof, afgevuurd tijdens een Russische aanval.) Die kalmte berustte op een simpele realiteit waarvan het grootste deel van Europa zich niet bewust is: dat Polen misschien wel het beste leger van Europa heeft. En dat leger wordt alleen maar sterker.

    Een uitdijend leger

    Door zijn paranoia inzake Rusland heeft Polen zich altijd onttrokken aan de tijdgeest van bijna alle Europese landen: de gedachte dat conventionele oorlogvoering tot het verleden behoort. Polen is altijd blijven bouwen aan wat stilaan de grootste landmacht van de EU begint te worden. ‘Het Poolse leger moet zo sterk zijn dat het louter op basis van zijn kracht niet hoeft te vechten,’ zei premier Mateusz Morawiecki dit jaar aan de vooravond van de Poolse onafhankelijkheidsdag. Een standpunt dat de belangrijkste bondgenoot van het land als muziek in de oren klinkt.

    ‘Polen is onze belangrijkste partner op het Europese vasteland geworden,’ zegt een hoge Amerikaanse militair in Europa, die wijst op de cruciale rol van Polen bij de steun aan Oekraïne en de versterking van de NAVO-defensie in de Baltische staten. Duitsland, traditioneel de belangrijkste Amerikaanse bondgenoot in de regio, blijft van cruciaal belang als logistiek knooppunt, maar door het eindeloze Duitse gesoebat over of het weer een leger moet opbouwen en het gebrek aan een cultuur van strategisch denken is Berlijn een minder effectieve partner, zegt dezelfde militair. De Duitsers blijven maar debatteren over de precieze gevolgen van wat zij de Zeitenwende noemen, het door de Russische inval in Oekraïne geforceerde strategische keerpunt, terwijl Polen ondertussen al flink in zijn leger aan het investeren is.

    Warschau heeft gezegd de defensie-uitgaven te willen verhogen van 2,4 naar 5 procent van het bbp. Ondertussen betwijfelt Duitsland, dat vorig jaar circa 1,5 procent van zijn bbp aan defensie uitgaf, of het zich aan de NAVO-doelstelling van 2 procent moet blijven houden als de eerder dit jaar daarvoor gereserveerde pot van 100 miljard euro leeg raakt.

    De Poolse minister van Defensie heeft beloofd dat zijn land ‘de krachtigste landmacht in Europa’ zou krijgen

    De Poolse minister van Defensie Mariusz Błaszczak heeft in juli beloofd dat zijn land ‘de krachtigste landmacht in Europa’ zou krijgen. En het is goed op weg die belofte waar te maken. Polen heeft nu al meer tanks en houwitsers dan Duitsland en ligt op koers om straks ook een veel groter leger te hebben, met een beoogde 300.000 manschappen in 2035 – veel meer dan de huidige 170.000 van Duitsland. Op dit moment is het Poolse leger zo’n 150.000 man sterk, waarvan er 30.000 behoren tot een nieuwe, in 2017 opgezette territoriale verdedigingsmacht. Dat zijn reservisten die na een training van zestien dagen af en toe opfriscursussen krijgen. Het werd aanvankelijk een beetje afgedaan als een schertsleger, maar na het succes dat Oekraïne heeft geboekt met mobiele milities die zijn uitgerust met antitank- en luchtdoelraketten lijkt het idee nu zo gek nog niet. ‘Die twijfels zijn nu wel verdwenen,’ zei Błaszczak onlangs bij een beëdigingsceremonie voor nieuwe rekruten van dit krijgsonderdeel.

    En waar Duitsland moeite heeft om nieuwe militairen te werven, trekt Polen de aandacht met zijn rekruteringscampagnes. ‘De Polen staan veel positiever tegenover hun strijdkrachten dan de Duitsers, omdat ze voor hun vrijheid hebben moeten vechten,’ zegt Gustav Gressel, een Oostenrijkse oud-officier die nu beleidsadviseur is bij de Europese Raad voor Buitenlandse Betrekkingen. ‘In militaire kringen twijfelt niemand aan de kwaliteit van het Poolse leger.’

    Moeizame internationale verhoudingen

    Of die militaire kracht zich ook zal vertalen in politieke invloed in Europa is een ander verhaal. Voorlopig komt daar nog niet veel van, vooral omdat de middenpartijen die in Europa de toon aangeven niet zoveel vertrouwen hebben in de Poolse regering, die gedomineerd wordt door de nationalistische PiS, de partij voor Recht en Rechtvaardigheid. Het aanhoudende conflict over wat Brussel ziet als Poolse minachting voor de democratische rechtsstaat heeft de reputatie van het land in de hele EU geen goed gedaan. ‘Polen heeft minder invloed dan het toekomt, als gevolg van zijn interne conflicten,’ zegt Gressel, waarmee hij doelt op de onenigheid die zelfs binnen de PiS bestaat over de koers die het land moet varen en in hoeverre het Brussel tegemoet moet komen.

    Maar één punt waarop alle politieke kemphanen in Polen elkaar wel kunnen vinden, is de noodzaak om het leger te versterken. Wantrouwen jegens Rusland is de grootste drijfveer, maar Warschau vraagt zich ook af in hoeverre het kan bouwen op Washington. Anders dan in de andere EU-landen is de grootste angst hier echter niet dat Donald Trump weer president wordt, maar juist dat hij het niet wordt. Hoewel Amerika en Polen hun militaire samenwerking bij de hulp aan Oekraïne geïntensiveerd hebben, blijft Warschau wantrouwig tegenover Biden, die de Poolse regering in zijn verkiezingscampagne ‘totalitair’ heeft genoemd.

    Polen heeft in Amerika dit voorjaar een order van 4,9 miljard euro geplaatst voor 250 Abrams-tanks

    En al verwelkomt Washington de beloften over de verhoging van het Poolse defensiebudget, er heerst ook twijfel of Warschau ze echt zal nakomen, en teleurstelling dat het land enkele van zijn grootste aankopen in Zuid-Korea doet. Polen heeft in Amerika dit voorjaar een order van 4,9 miljard euro geplaatst voor 250 Abrams-tanks, ter vervanging van de 240 tanks uit de Sovjettijd die het aan Oekraïne heeft overgedaan. De Poolse luchtmacht, nu nog uitgerust met F-16’s, heeft in 2020 een order van 4,6 miljard dollar geplaatst voor 32 nieuwe JSF-toestellen. Maar de bulk van de recente defensie-uitgaven gaat naar Zuid-Korea, waar Polen een hele reeks tanks, vliegtuigen en ander wapentuig heeft besteld. 

    Het heeft daar nu tussen de tien en twaalf miljard dollar aan wapens besteld, zegt Mariusz Cielma, redacteur en analist bij een website over militaire technologie. Die orders omvatten honderdtachtig K2 Black Panther-tanks, tweehonderd K9 Thunder-houwitsers, 48 aanvalsvliegtuigen van het type FA-50 en 218 K239 Chunmoo-raketwerpers. En dat is alleen nog maar het tweedehandsmaterieel. Nieuw materieel wordt door Polen op nog grotere schaal ingeslagen. Bovenop alles wat meteen geleverd kan worden, moet Korea in de tweede helft van dit decennium ook nog eens in totaal duizend K2-tanks en zeshonderd K9-houwitsers leveren. ‘Er is geen ander westers land dat zijn leger zo sterk en zo snel wil uitbreiden. En als je die Poolse orders binnensleept, kun je daar nog decennia aan blijven verdienen, want dat materieel vergt onderhoud en reparaties,’ zegt Cielma.

    ‘We willen best wapens kopen in andere EU-landen, maar ze moeten ophouden met hun oorlog tegen Polen’

    De Koreanen zijn aantrekkelijke leveranciers omdat hun materieel over het algemeen goedkoper is dan de Amerikaanse en Europese alternatieven en ze snel kunnen leveren. Deze aankopen zijn natuurlijk een klap in het gezicht van de Franse president Macron en zijn droom van ‘strategische autonomie’, een Europa dat zichzelf kan verdedigen met wapens die het zelf (en dan vooral in Frankrijk) produceert.

    De Poolse leiders maken er geen geheim van dat de Europese kritiek op hun omstreden hervorming van de rechtspraak en andere kwesties ook een rol heeft gespeeld in het besluit om in Seoul te gaan shoppen. ‘We willen best wapens kopen in andere EU-landen, maar ze moeten ophouden met hun oorlog tegen Polen,’ zei Jarosław Kaczyński, de leider van de regeringspartij eerder deze maand. ‘We willen wel orders plaatsen en geld uitgeven, maar niet als we te horen krijgen dat Polen geen rechtsstaat is.’ Warschau heeft voor 1,7 miljoen euro aan Italiaanse Leonardo-helikopters besteld, maar volgens het contract moeten die in Polen worden geproduceerd. 

    Niemand twijfelt aan de ambitie van de Polen, maar sommigen vragen zich wel af hoe haalbaar die is en wat de politieke motieven erachter zijn. In 2035 wil het land ruim 110 miljard euro aan defensie hebben uitgegeven. ‘Oké, we hebben tanks en houwitsers nodig, maar hebben we er vanuit strategisch en operationeel oogpunt echt zoveel nodig? Het is niet duidelijk waarom het ministerie ineens al deze orders heeft aangekondigd,’ zegt generaal b.d. Stanisław Koziej, voormalig hoofd van het Nationale Veiligheidsbureau van de Poolse president. Gezien het belang van het thema veiligheid voor de Poolse kiezer denken velen dat de PiS deze defensie-uitgaven doet met het oog op de landelijke verkiezingen volgend jaar, omdat de partij het momenteel wat minder goed doet in de peilingen.

    Als er een andere regering komt, krijgt die te maken met een aantal lastige vragen over de mate waarin Polen die enorme militaire uitbreiding financieel kan dragen, zegt Koziej. De Poolse economie was de afgelopen jaren robuust, maar de hoogte van deze defensie-uitgaven is zonder weerga en zal zwaar op de begroting gaan drukken. ‘De militaire uitgaven en de algehele economische ontwikkeling van het land moeten met elkaar in evenwicht zijn,’ zegt Koziej. ‘Wat de plannen ook zijn, ze moeten een strategische analyse maken van de Poolse veiligheid na de oorlog in Oekraïne.’ 

    Ondertussen lijkt Duitsland de militaire uitbreiding van Polen toe te juichen, ondanks de moeizame onderlinge relatie en de beladen geschiedenis van de twee landen. Berlijn ziet Polen als een buffer tegen de Russische invloedssfeer. Hoe meer tanks en troepen in Polen, hoe veiliger Duitsland. ‘Ik krijg de indruk dat de Duitsers alweer een hangmat zien lonken,’ zegt Gressel, doelend op de reputatie van Berlijn om achterover te leunen terwijl de bondgenoten, met name de VS, op defensiegebied het zware werk opknappen.

  • Wapens voor Oekraïne kunnen bij criminelen terechtkomen, waarschuwt Interpol

    Wapens voor Oekraïne kunnen bij criminelen terechtkomen, waarschuwt Interpol

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Biden bezoekt Saoedi-Arabië – ondanks belofte om oliestaat als paria te behandelen

    » Canada betaalt historische schadevergoeding aan inheemse gemeenschap

    Criminelen richten zich al op oorlogswapens

    Wapens die naar Oekraïne worden gestuurd om het Oekraïense leger te helpen zich te verdedigen tegen de Russische invasie, kunnen in handen van criminelen terechtkomen, aldus Jürgen Stock, secretaris-generaal van Interpol. Stock vertelde dat de internationale markt overspoeld zou kunnen worden door wapens zodra het conflict beëindigd is, bericht Evening Standard.

    ‘Zodra de oorlog [in Oekraïne] stopt, zal het aantal illegale wapens toenemen. Dat zien we bij veel oorlogssituaties. Criminelen richten zich zelfs op dit moment al op deze wapens,’ zei Stock. ‘De georganiseerde misdaad probeert misbruik te maken van deze chaotische situatie en de grote beschikbaarheid van wapens.’

    ‘Geen enkel land in onze regio kan dit alleen aanpakken, want de criminelen waarover ik het heb, opereren wereldwijd’

    ‘Wij kunnen een toevloed van wapens in Europa en daarbuiten verwachten,’ vervolgde Stock. ‘De verwachting is dat deze wapens niet alleen naar buurlanden maar ook naar andere continenten worden gesmokkeld.’ Jürgen Stock drong er bij de leden van Interpol op aan om wapens te registreren bij het zogenaamde ‘track and trace’-systeem van de organisatie. Hij voegde eraan toe: ‘Geen enkel land in de regio kan dit alleen aanpakken, want de criminelen waarover ik het heb, opereren wereldwijd.’

    Kyiv zal de komende dagen nog meer leveringen van westerse wapens ontvangen nu de troepen van Zelensky de Russische opmars in de Donbas proberen te stuiten.

    Lees ook:

  • Vrij verkeer van terreurwapens

    Vrij verkeer van terreurwapens

    In naam van het vrije verkeer van goederen liet Brussel in Europa een markt voor ‘geneutraliseerde’ wapens opbloeien, waarvan terroristen als Amedy Coulibaly dankbaar gebruikmaakten. Ondanks diverse waarschuwingen is de wet niet veranderd, constateerde de Franse onderzoekswebsite Mediapart.

    Even na één uur ’s middags op vrijdag 9 januari 2015 wandelt een man in een warm donsjack met een capuchon met bontkraag over het trottoir voor de Hyper Cacher, de joodse supermarkt in de Parijse wijk Porte de Vincennes. Al lopend hangt hij een GoPro-camera voor zijn buik. De man blijft voor de ingang staan. De deur gaat open, hij verroert zich niet. Uiteindelijk zet hij de sporttas die hij over zijn schouder droeg op het asfalt, zoekt erin en haalt er een eerste kalasjnikov uit om beter bij de tweede te kunnen. Hij houdt het gebogen magazijn tegen zijn dij en de wijsvinger van zijn rechterhand gaat naar de trekker terwijl zijn linker de sporttas weer om zijn schouder hangt. Daarna richt Amédy Coulibaly zich weer op met zijn gezicht naar de Hyper Cacher. Hij mikt met de loop van zijn pistoolmitrailleur op het interieur van de winkel en haalt voor de eerste keer de trekker over.

    Yohan Cohen (20), die bezig is winkelwagentjes weer bij de ingang te zetten, grijpt de metalen stang van de parkeerplek voor de wagentjes vast en valt dan brullend van de pijn op de grond. Een kogel heeft zijn wang doorboord. De moordenaar gaat het supermarktje binnen en vuurt zijn kalasjnikov diverse keren af. Een tweede kogel belandt in de buik van de werknemer van de Hyper Cacher, die zijn werkgever smeekt hem te helpen. ‘Patrice, kom gauw, ik heb zo’n pijn…’

    Het wapen dat Yohan Cohen heeft gedood, het eerste en jongste van de vier slachtoffers van de Hyper Cacher, is een VZ-58 van het Tsjechische merk Ceska Zbrojovka. Alleen al dit geweer zou symbool kunnen staan voor de Europese wapenwetgeving die al tien jaar ernstig tekortschiet in naam van het vrije verkeer van goederen, zoals blijkt uit een onderzoek van de European Investigative Collaborations (EIC), een groep van negen media, waaronder Mediapart.

    Hoe ziet het leven van een dood zaaiend wapen eruit, vanaf het moment dat het de fabriek verliet tot het bloedbad dat het aanrichtte in 2015 in Parijs? Op deze vraag heeft de EIC antwoord willen geven met zijn eerste onderzoek, dat iets meer dan drie maanden geleden is gestart.

    hh 55257487

    Binnen de Europese Unie zijn naar schatting tachtig miljoen wapens met een vergunning in omloop. Maar de wettige levenscyclus van een wapen kan gemakkelijk worden verlengd om er een misdadig werktuig van te maken. De kalasjnikov die Coulibaly in staat heeft gesteld Yohan Cohen te executeren en die dateert van 1964, meer dan een halve eeuw geleden, is daar een van. Onder de verschillende lagen verf hebben de politiemensen de stempels aangetroffen van de firma Kol Arms, die momenteel in Slowakije is gevestigd. Net als de overgrote meerderheid van de wapens – geweren of pistolen – waarmee de terroristen in januari en november 2015 hun bloedbaden hebben aangericht, was de VZ-58 van Coulibaly afkomstig uit de wapenvoorraden van het Oostblok.

    De overheden daar zijn er in alle jaren sinds de ineenstorting van de Sovjet-Unie niet in geslaagd deze wapens te vernietigen of onklaar te maken. Een buitenkansje voor de zwarte markt en, uiteindelijk, voor criminelen en terroristen, zoals het grote publiek heeft kunnen zien in de film Lord of War (2005), het waargebeurde verhaal van de wapenhandelaar Viktor Bout. In de EU zouden momenteel minstens vijfhonderdduizend verloren of gestolen wapens circuleren, volgens de Europese autoriteiten.

    ‘Alarmwapens’

    De VZ-58 waarmee Yohan Cohen is vermoord, met het serienummer 63622, werd ongevaarlijk geacht nadat het in 2014 in Slowakije was geneutraliseerd zodat er alleen nog maar losse flodders mee konden worden afgevuurd – wat de specialisten een ‘alarmwapen’ noemen. In Slowakije behoort dit type wapens tot de categorie D, wat betekent dat ze vrijelijk kunnen worden aangeschaft door iedere volwassene. Ze zijn verkrijgbaar in wapenwinkels of, voor een paar honderd euro, bij internetbedrijven die ze vervolgens versturen per post.

    In de politiearchieven zijn er legio voorbeelden. Bij het ontmantelen van een illegale wapenhandel in een Parijse voorstad eind 2012 stuitte de politie op berichten (onder pseudoniem) op sites voor jagers en scherpschutters. De handelaren boden bij opbod materiaal aan, compleet met foto’s, en maakten soms zelfs reclame met het hoofd van een klant. ‘Binnenkort krijg ik Glocks 17, 3e generatie’, beloofde een van hen. De zeldzame en veelgevraagde AK 47’s gingen als warme broodjes. ‘Je zal nog even moeten wachten want ze vliegen de deur uit en de AK die ze hadden was al gereserveerd. Je hoort van me zodra ik er een heb’, meldde een handelaar spijtig volgens een familielid van een jihadist die samen met Chérif Kouachi en Amédy Coulibaly gevangenzat voor een ander vergrijp. Een andere handelaar beloofde: ‘De AK’s zullen er vóór de kerst zijn.’

    ‘Deze handel is in Frankrijk volstrekt illegaal, maar in de praktijk gemakkelijk’, onderstreepte het laboratorium van de technische recherche in Parijs, dat het arsenaal van Coulibaly heeft geanalyseerd, op 20 januari 2015 in een rapport. De remilitarisering van een alarmwapen is voor een kenner kinderspel. Van onschuldig verandert het weer in dodelijk. En hoewel talloze gespecialiseerde diensten de afgelopen jaren bij de Europese autoriteiten aan de bel hebben getrokken, houdt de regelgeving van de EU nog altijd geen rekening met dit gevaar. Niet alleen rept de Europese richtlijn voor de controle op wapens uit 2008 met geen woord van de problematiek van alarmwapens, ook heeft de Europese Commissie in 2010 besloten de reikwijdte van die richtlijn te beperken.

    In een rapport van de Commissie van 27 juli 2010 staat ook te lezen dat het illegaal ombouwen van alarmwapens, waarvoor de Europese autoriteiten al waren gewaarschuwd, ‘gerelativeerd dient te worden gezien het tamelijk grote aantal alarmpistolen dat binnen de Unie aanwezig is’. Ruim baan dus voor het vrije verkeer van goederen zonder het veiligheidsrisico op een objectieve manier te wegen: ‘Er zijn derhalve weinig aanwijzingen dat een Europese harmonisatie van nationale wetgeving (…) het functioneren van de interne markt zal verbeteren door het vrije verkeer van goederen aan banden te leggen, of door concurrentievervalsing tegen te gaan.’ Resultaat is het chronisch (en dramatisch) ontbreken van reglementaire harmonisatie tussen de EU-landen onderling.


    In 2013 drongen sommige politiediensten er desondanks nog sterker op aan de dreiging onder ogen te zien. De Slowaakse overheid verspreidde in september van dat jaar een in het Engels gestelde poster over de risico’s van het weer ombouwen van alarmwapens tot echte wapens – het document is momenteel toegevoegd aan de bewijslast voor het gerechtelijk onderzoek naar de aanslagen van januari 2015. Het land zag zich geconfronteerd met een toenemende remilitarisering van geneutraliseerde wapens, een fenomeen dat zich volgens de Slowaakse politie ook in toenemende mate bij andere EU-leden voordoet. In 2013 maakten de eerste geneutraliseerde Slowaakse wapens hun opwachting in Frankrijk, met name in de regio Marseille, aldus een rapport van de Franse technische recherche.

    Op 21 oktober 2013 publiceerde de Europese Commissie een nieuw rapport dat het probleem ditmaal onder ogen leek te zien: ‘De wetshandhavingsdiensten binnen de Unie maken zich zorgen over het feit dat geneutraliseerde vuurwapens worden gereactiveerd en verkocht voor criminele doeleinden, en dat alarmpistolen en luchtdrukgeweren tot illegale en dodelijke wapens worden omgebouwd.’ Wat had deze waarschuwing voor wettelijke consequenties? Geen enkele.

    De handel gaat door. En bloeit, dankzij het gebrek aan harmonisatie tussen de verschillende Europese wetgevingsinstanties. In 2013 vertelde een handelaar die gespecialiseerd was in remilitarisering tegen Mediapart dat hij niets moest hebben van wapens die volgens de strikte Franse richtlijnen waren geneutraliseerd: ‘Ik heb ze gehad, er is van alles aan veranderd wat voor het blote oog niet zichtbaar is, het is praktisch onmogelijk om ze weer operationeel te krijgen.’ Maar onklaar gemaakte wapens uit Spanje, Oostenrijk en Duitsland waren een zegen voor illegale wapenhandelaren. Daar was alleen de loop van dichtgelast. ‘Sommigen gaan hun wapens in Spanje kopen of in de vroegere Oostbloklanden, want die zijn makkelijker te remilitariseren’, bevestigt een Franse politiefunctionaris.

    In de zomer van 2014 werden in de Parijse regio wapens van Slowaakse origine – zoals dat van Coulibaly – ontdekt tijdens een onderzoek dat niet specifiek op terrorisme was gericht. In deze zelfde periode is op de site van het Slowaakse bedrijf AFG (dat ons niet te woord wil staan) de VZ-58 van Coulibaly aangeschaft door een extreemrechtse ex-militair uit de regio Lille, Claude Hermant.

    Hoe verbazingwekkend dat ook lijkt, er valt op Europese schaal geen enkele belangrijke wetsherziening te bespeuren na de aanslagen op Charlie Hebdo en de Hyper Cacher

    Hermant, die verdacht werd van handel in gedemilitariseerde wapens, was ook een betaalde politie-informant. Hij bevestigde tegenover de rechters dat hij de kalasjnikov had aangeschaft en doorverkocht die na de dood van Coulibaly in diens arsenaal werd aangetroffen. Maar nadat de VZ-58 was verkocht aan een tussenpersoon in de zware misdaad, een zekere Samir L., ging het spoor algauw verloren, zodat men nog altijd niet zeker weet bij wie Coulibaly het heeft aangeschaft.

    De waarschuwingen van de Europese instituties werden intussen steeds dringender. In juni 2014, zes maanden voor de golf aanslagen van januari, waarschuwde een door de Commissie geïnitieerde studie naar een mogelijke verbetering van de wapenwetgeving: ‘De tijdens deze studie verzamelde gegevens wijzen erop dat de veiligheid van Europese burgers op diverse manieren wordt bedreigd, en dat er bepaalde juridische en administratieve obstakels zijn om Europese wetgeving in werking te stellen. Wij bevelen een aantal maatregelen aan om de regels voor bepaalde types wapens aan te scherpen, zoals alarmwapens.’

    Een maand eerder, in mei 2014, moest het directoraat-generaal voor Handel en Industrie van de Europese Commissie tijdens een vergadering met een groep experts op het gebied van wapenhandel ronduit toegeven dat de wapenrichtlijn ‘op een principe van minimale harmonisatie was gebaseerd’.

    Maar hoe verbazingwekkend dat ook lijkt, er valt op Europese schaal geen enkele belangrijke wetsherziening te bespeuren na de aanslagen op Charlie Hebdo en de Hyper Cacher. Alleen in Slowakije is op 1 juli 2015 een wet van kracht geworden die bepaalt ‘dat gedeactiveerde wapens niet meer op internet mogen worden gekocht’, aldus Petar Lazarov, woordvoerder van het Slowaakse ministerie van Binnenlandse Zaken. ‘Na iedere aanschaf van een gedeactiveerd wapen dient men voortaan over een aankoopbewijs te beschikken, en er zijn nieuwe standaardtechnieken geïntroduceerd om de mogelijkheid te beperken dat ze weer functioneel worden gemaakt’, voegt hij eraan toe.

    Jaroslav Nad, defensie-expert bij de Slowaakse veiligheidspolitie, bevestigt dat deze maatregelen zijn bedoeld ‘om het risico te beperken dat deze wapens voor criminele of terroristische doeleinden worden gebruikt’. Maar twee belangrijke knelpunten zijn niet weggenomen: aan de ene kant heb je geen enkele vergunning nodig om een gedeactiveerd wapen te kopen – een aankoopbewijs volstaat –, en aan de andere kant blijft wapenhandel via internet legaal ‘voor houders van een wapenvergunning of mensen die bevoegd zijn om in wapens en ammunitie te handelen’.

    Wetsherziening

    Het heeft tot de 130 doden van de Parijse aanslagen in november 2015 moeten duren, in de Bataclan, op de terrassen en in Saint-Denis, voordat de Europese Commissie, de enige instantie die een gemeenschappelijk en doeltreffend kader kan bieden om dit fenomeen te beteugelen, serieus werk maakte van een herziening van de wet.

    In een voorstel voor een nieuwe richtlijn voor de controle op wapens dat vijf dagen na de aanslagen van 13 november werd gepresenteerd, wordt onomwonden erkend dat de problematiek van alarmwapens ‘onvoldoende helder omschreven is in de regelgeving van de Unie’. De bekentenis in de tekst doet de haren ten berge rijzen: ‘De huidige richtlijn is niet van toepassing op alarmwapens.’ Verderop: ‘Informatie (…) duidt erop dat transformeerbare alarmwapens uit derde landen onbelemmerd toegang kunnen krijgen tot het grondgebied van de Unie, bij gebrek aan uniforme of gemeenschappelijke regels.’ De Commissie bevestigt – eindelijk – dat het ‘van wezenlijk belang is om het probleem op te lossen’, gezien ‘het grote risico dat alarmwapens tot echte vuurwapens kunnen worden getransformeerd, alsook het bewijs dat getransformeerde wapens tijdens enkele terroristische acties zijn gebruikt’.

    ‘Wij zullen niet langer tolereren dat de georganiseerde misdaad toegang heeft tot wapens voor militair gebruik en daarmee handel drijft in Europa,’ beloofde Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie. Maar voorlopig heeft nog geen enkele wetsherziening het licht gezien, en een woordvoerder van de Europese Unie kan niet zeggen wanneer daarover gestemd zal worden.

    Ondertussen lijkt niet iedereen zich bewust van het probleem. ‘Er zijn lobbyisten die druk uitoefenen op Europarlementariërs om de reikwijdte van de toekomstige wapenrichtlijn te beperken en zeggen dat de controle op wapenaankopen alleen maar eerlijke mensen zal treffen, terwijl de terroristen hun gang kunnen blijven gaan. Maar de mazen in de wet zijn al lange tijd bekend’, foetert een anonieme Franse politiefunctionaris die gespecialiseerd is in wapenhandel.

    De terroristen zelf zeggen tegen wie het maar horen wil dat ze geen enkele moeite hebben om aan wapens te komen. Dat verklaarde bijvoorbeeld een zekere Reda Hame, een uit Syrië teruggekeerde jihadist, afgelopen augustus tegenover functionarissen van het Franse directoraat-generaal voor de Binnenlandse Veiligheid (DGSI). ‘“Abou Omar” zei dat het geen enkel probleem zou zijn om aan wapens en ander materieel te komen. Ik hoefde maar te vragen wat ik nodig had, in Frankrijk of in Europa. Volgens mij hebben ze hele arsenalen.’ ‘Abou Omar’ is het strijderspseudoniem van Abdelhamid Abaaoud, de coördinator van de aanslagen van 13 november.

    Auteurs: Fabrice Arfi, Karl Laske en Matthieu Suc
    Vertaler: Peter Bergsma

    schermafbeelding 2017 04 05 om 1 07 12 pm

    Fabrice Arfi, Karl Laske en Matthieu Suc behoren tot het European Investigative Collaborations Network, waarin een aantal vooraanstaande Europese kranten en tijdschriften samenwerken: onder meer L’Espresso, El Mundo, Mediapart, Der Spiegel, Le Soir en Politiken.

    Mediapart
    Frankrijk | mediapart.fr

    Mediapart is een onlinemagazine dat door journalisten wereldwijd met argusogen wordt gevolgd, omdat het op eigen kracht (zonder advertenties) rendabel is geworden. Opgericht door Edwy Plenel, toen hij geen hoofdredacteur van Le Monde kon worden.

    schermafbeelding 2017 04 05 om 1 13 53 pm
  • 2. Zo komt IS aan wapens en munitie

    2. Zo komt IS aan wapens en munitie

    De strijders van IS hebben voortdurend behoefte wapens en (vooral) munitie. De Financial Times bracht de bloeiende illegale handel in kaart. ‘Ze kopen als gekken,’ zegt een wapenhandelaar. Als het moet zelfs van de vijand.

    In zijn geboortestad in Oost-Syrië was algemeen bekend dat Abu Ali wapens leverde aan rebellen die tegen IS vechten. Hij wist een jaar 
geleden dan ook zeker dat zijn dagen waren geteld toen twee jihadistische commandanten uit hun pick-uptruck stapten en naar hem toe liepen. Maar tot zijn verbazing gaven ze hem een gedrukt velletje papier met de tekst: ‘Deze persoon mag allerlei soorten wapens kopen en verkopen binnen de Islamitische Staat.’ ‘Er stond zelfs een stempel van de stad Mosul op,’ herinnert Abu Ali zich.

    In plaats van te worden vastgezet of verdreven, zoals ze hadden gevreesd toen IS vorig jaar Oost-Syrië veroverde, werden veel handelaren op de zwarte markt – zoals Abu Ali – door de jihadisten in de watten gelegd. Ze werden opgenomen in een ingewikkeld systeem van vraag en aanbod dat ervoor zorgt dat ’s werelds rijkste jihadistische groepering voorzien blijft van munitie in het zelf uitgeroepen ‘kalifaat’, dat 
de helft van Syrië en eenderde van 
Irak omvat.

    Miljoenenhandel

    ‘Ze kopen als gekken, iedere dag: ’s morgens, ’s middags en ’s avonds,’ zegt Abu Ali, die – net als anderen 
die binnen het grondgebied van IS hebben geopereerd – heeft gevraagd niet bij zijn echte naam genoemd te worden.

    IS kreeg voor honderden miljoenen dollars aan wapens te pakken toen in de zomer van 2014 de tweede stad van Irak, Mosul, werd ingenomen. Sindsdien heeft de groepering bij iedere slag die ze heeft gewonnen meer materiaal verworven. Tot het arsenaal behoren Amerikaanse Abrams-tanks, M16-geweren, MK19-granaatwerpers (die werden afgenomen van het Iraakse leger) en Russische M46-kanonnen 
(die werden buitgemaakt op de Syrische strijdkrachten).

    Maar de handelaren zeggen dat er ondanks dit alles nog steeds iets is 
wat IS hard nodig heeft: munitie. 
Het meest gevraagd is munitie voor kalasjnikovs, machinegeweren en luchtafweergeschut. IS koopt ook raketgranaten en kogels voor sluipschutters, maar dan in kleinere hoeveelheden.

    Het is lastig de precieze bedragen te berekenen die gemoeid zijn met de miljoenenhandel in munitie van IS. Eerder dit jaar vergden de schermutselingen aan de frontlinie bij de oostelijke stad Deir Ezzor – slechts een van de vele slagvelden – per maand op zijn minst voor een miljoen dollar aan munitie, volgens interviews met strijders en handelaren. Alleen al het decemberoffensief van een week op 
het nabijgelegen vliegveld kostte een miljoen dollar, zeiden ze.

    Bij de gevechten kunnen op één dag tienduizenden kogels gebruikt worden

    De behoefte van IS aan munitie weerspiegelt de tactiek die de groepering in de strijd hanteert: bij aanvallen en terugtrekkingen is ze sterk afhankelijk van autobommen, zelfmoordvesten en geïmproviseerde explosieven. Maar bij de snel op en neer gaande gevechten daartussenin – meestal met kalasj‑
nikovs en op trucks gemonteerde machinegeweren – kunnen op één dag tienduizenden kogels verbruikt worden. Strijders zeggen dat vracht‑
wagens diverse frontlinies iedere dag van nieuwe munitie voorzien.

    Om dit aanbod veilig te stellen maakt IS gebruik van een ingewikkelde logistieke operatie, waarvan strijders zeggen dat die zo cruciaal is dat ze onder rechtstreeks toezicht staat van de hoge militaire raad die deel uitmaakt van het hoogste leiderschap van de groepering. Dit lijkt op de wijze waarop het beheer wordt gevoerd over de oliehandel, de voornaamste bron van inkomsten van IS.

    Foto Iraakse strijdkrachten inspecteren een partij wapens en munitie die is buitgemaakt op IS. – © AP Photo / Osama Sami
    Foto Iraakse strijdkrachten inspecteren een partij wapens en munitie die is buitgemaakt op IS. – © AP Photo / Osama Sami

    De beste bronnen voor munitie zijn de vijanden van IS. De milities in Irak die aan de zijde van de regering vechten, verkopen een deel van hun voorraden aan handelaren op de zwarte markt, die ze vervolgens doorverkopen aan IS-handelaren. Vooral in de drievoudige oorlog in Syrië zijn de IS-strijders afhankelijk van hun rivalen: de strijdkrachten van president Bashar al-Assad en de rebellen die strijden om zowel Assad als IS omver te werpen. Dit is het punt waarop Syrische wapenhandelaren een cruciale rol spelen. Abu Ali vluchtte toen hem werd gevraagd tot hun gelederen toe te treden, maar Abu Omar, een veteraan op de zwarte markt, heeft zich voluit in de handel gestort.

    We konden wapens van het regime, de Irakezen en de rebellen kopen – zelfs als we wapens van de Israëli’s hadden kunnen kopen, had het ze niets kunnen schelen, zolang ze de wapens maar kregen,’ zegt Abu Omar. In gesprek met de Financial Times, in een bar in Turkije, vertelt hij – terwijl hij de ene na de andere whisky naar binnen giet – hoe zijn jaar als wapenhandelaar voor IS is verlopen. Hij is er in augustus mee opgehouden, zegt hij, nadat hij had geconstateerd dat IS ‘repressief’ was.

    IS-commandanten zorgen voor gestempelde identiteitsbewijzen voor handelaren die officieel zijn goedgekeurd door twee leden van de veiligheidsdienst van IS. De groepering legt vervolgens een exclusiviteitsclausule op: de wapenhandelaren mogen zich vrijelijk bewegen en hun handel bedrijven – zolang IS maar hun enige klant is.


    De tegenstanders van de jihadisten zijn geïntrigeerd door het vermogen van de groepering om tijdens gevechten snel grote hoeveelheden munitie te verplaatsen. In Noord-Irak hebben Koerdische peshmergastrijders gedetailleerde documenten gevonden van wapen- en munitieleveranties, met orders die waren opgesteld voor gevechten die nog maar net waren geëindigd. ‘Binnen 24 uur werd de munitie per auto naar hen toegestuurd,’ zegt een veiligheidsfunctionaris in Irak, die niet bij naam genoemd wil worden.

    Strijders en handelaren prijzen de snelheid van de communicatiesystemen van de jihadisten. Een rondreizende ‘commissie’, benoemd door de militaire raad in Irak, spreekt voortdurend met de ‘wapencentra’ in iedere provincie, zo zeggen zij, die op hun beurt verzoeken van de militaire emirs in behandeling nemen. Gesprekken tussen de emirs 
en de ‘centra’ kunnen soms door hun vijanden op walkietalkiefrequenties worden afgeluisterd. Aan de Iraaks-Syrische grens zitten Koerdische peshmergastrijders rondom een apparaat dat is afgestemd op een krakende IS-frequentie, waar strijders om ‘kebab’, ‘kip tikka’ en ‘salade’ vragen.

    Alles draait om geld. Het kan niemand iets schelen wie je bent… Ze geven alleen maar om dollars

    Kebab staat waarschijnlijk voor een zwaar machinegeweer,’ zegt Abu Ahmad, een rebellencommandant uit Oost-Syrië die onder IS heeft gevochten totdat hij deze zomer naar Turkije vluchtte. ‘Salade moet munitie voor kalasjnikovs zijn. Er zijn explosieve kogels, doordringende kogels – een mix, net als salade,’ lacht hij.

    Abu Omar zegt dat hij via WhatsApp 
in contact trad met de centra. Om de paar dagen geeft de rondreizende 
commissie prijslijsten uit, die de centra gebruiken voor de kogels en granaten die het meest in trek zijn. Het centrum waar Abu Omar verslag aan uitbracht stuurde hem sms-berichten over prijswijzigingen. Volgens handelaren liepen hun commissies uiteen van 
10 tot 20 procent.

    De prijzen stijgen naarmate de door 
de VS gesteunde coalitiekrachten de groepering verder wegdrijven van de Turkse grens, waardoor het aantal potentiële smokkelroutes kleiner wordt, vertelde Abu Ahmad aan de Financial Times. IS heeft meer licenties verstrekt om de concurrentie te bevorderen en de prijzen omlaag te krijgen, klaagde een handelaar. Wapenhandelaren vechten nu om dezelfde handeltjes.

    Het grootste deel van de munitie komt uit Syrië, dat nu een bron van wapens is geworden voor de hele regio. Financiers uit de Golfstaten sturen hun favoriete rebellengroepering vrachtwagens vol munitie over de Turkse grens. 
Corrupte strijders zorgen ervoor dat een deel daarvan bij lokale handelaren terechtkomt; de grensprovincies Idlib en Aleppo zijn nu de grootste zwarte markten van het land geworden, aldus lokale bewoners. Na vijf jaar oorlog doet ideologie er nauwelijks nog toe, aldus Abu Ahmad. ‘Sommige dealers haten IS zelfs. Maar dat maakt niet uit als het om winst maken gaat.’

    Geld

    Dealers maken gebruik van een netwerk van chauffeurs en smokkelaars om munitie te verbergen in trucks 
die civiele goederen als groenten en bouwmaterialen afleveren. ‘Er is een druk in- en uitgaand verkeer van vrachtwagens. Ze gebruiken altijd dingen die niet verdacht zijn,’ zegt 
Abu Ahmad. ‘Brandstoftrucks worden vaak gebruikt, omdat die leeg naar 
het grondgebied van IS terugrijden.’

    Munitie uit Moskou en Teheran, bestemd voor Assad, is een andere bron van wapens voor de zwarte markt. 
‘Ze houden van Russische producten,’ zegt Abu Omar. ‘Ook Iraanse producten worden verkocht – maar voor weinig geld.’

    In een gebied waar nog maar weinig economische mogelijkheden over zijn, is het stopzetten van de handel een lastige aangelegenheid. Iedere keer dat een wapenhandelaar vlucht, duiken er weer anderen op die wanhopig op zoek zijn naar een kans om geld te verdienen. ‘Vandaag de dag draait alles om geld. Het kan niemand iets schelen wie je bent… Ze geven alleen maar om dollars,’ aldus Abu Omar.

    Auteurs: Erika Solomon en Ahmed Mhidi
    Vertaler: Menno Grootveld

    Financial Times
    Verenigd Koninkrijk | oplage 448.000

    Toonaangevende krant voor de Londense City en de rest van de wereld. Internationale economie en management worden uitputtend behandeld.

  • 1. De mierenhandel: hoe Europese (IS-)terroristen hun wapens kopen

    1. De mierenhandel: hoe Europese (IS-)terroristen hun wapens kopen

    Door het wegvallen van de grenscontroles binnen de Schengenzone kunnen wapensmokkelaars en terroristen als mieren door Europa trekken. Wapens aanschaffen om een aanslag mee te plegen wordt zo een koud kunstje.

    Toen hij op de Duitse snelweg werd aangehouden voor een routinecontrole, zag de Beierse politie aanvankelijk niets bijzonders aan de 51-jarige man in de gehuurde Volkswagen Golf. Hij kwam uit Montenegro en zei dat hij op weg was naar Parijs, waar hij de Eiffeltoren wilde beklimmen. Pas toen ze zijn auto 
doorzochten – wat ze konden doen op basis van een nieuwe wet tegen illegale migratie – zagen ze dat hij geen toerist was. In verborgen bergruimtes vonden ze een angstaanjagend wapenarsenaal, met onder meer diverse kalasjnikovs, handgranaten, een pistool en 200 gram dynamiet.

    De wapenleverancier van een gangster verwikkeld in een extreem gewelddadige vete? Of een kwartiermeester van het terreurnetwerk dat in de Franse hoofdstad onlangs een vreselijk bloedbad aanrichtte? Vooralsnog blijven de bedoelingen van deze Vlatko V., die acht dagen voor de Parijse aanslagen werd opgepakt, in nevelen gehuld. De verdachte zit in verzekerde bewaring en justitie doet, aldus het Beierse ministerie van Binnenlandse Zaken, ‘intensief onderzoek naar eventuele banden met de gebeurtenissen in Parijs’. Maar wat hij ook van plan was, de aanhouding geeft een verontrustend beeld van wat deskundigen de ‘mierenhandel’ noemen: wapensmokkelaars, en tegenwoordig ook terroristen, die met wapens door heel Europa trekken. ‘We noemen dat mierenhandel omdat je in Europa heel veel kleine partijen wapens van individuele handelaren ziet rondgaan, in plaats van grote vrachtladingen,’ aldus An Vranckx van de Belgische Group for Research and Information on Peace and Security, die de wereldwijde handel in handvuurwapens onderzoekt. ‘Maar als er een hele colonne mieren op pad is, tikt dat toch aan.’

    Bloedig

    In Groot-Brittannië bleek twee jaar geleden hoe bloedig de gevolgen van die mierenhandel kunnen zijn. Dale Creegan, een crimineel uit Manchester, pleegde toen een aanslag met een handgranaat die twee politieagentes het leven kostte. Die granaat was afkomstig uit een partij van honderden granaten uit voormalig Joegoslavië die waarschijnlijk al door allerlei criminele elementen zijn gebruikt, van Noord-Ierse protestante paramilitairen tot drugsdealers in het noordwesten van Engeland. En zoals de Britse vuurwapen‑
deskundige David Dyson vorige week tegen deze krant zei: ‘Als een gast in Manchester aan zulke spullen kan komen, kunnen aanhangers van IS 
dat misschien ook.’

    Achter het Brusselse Zuidstation kun je voor 1000 euro een kalasjnikov op de kop tikken

    Gelukkig is echt oorlogstuig in Groot-Brittannië nog zeldzaam, omdat de wapenwetgeving na de moordpartijen in Hungerford (1987) en Dunblane (1996) steeds verder is aangescherpt en omdat de grenzen van een eilandstaat nu eenmaal makkelijker te bewaken zijn. Als Scotland Yard weer eens met de vondst van een crimineel wapenarsenaal pronkt, gaat het vaak om antieke vuurwapens uit de Tweede Wereldoorlog of omgebouwde alarmpistolen. 
Een teken dat illegale wapens in Groot-Brittannië niet voor het oprapen liggen.

    Maar in de rest van Europa is het een heel ander verhaal. Door het wegvallen van de grenscontroles binnen de Schengenzone staat niets de ‘mierenhandel’ in de weg, of het moeten de afstanden zijn: de lange autorit van en naar de leveranciers in de voormalige Oostbloklanden. In de Sovjettijd bevonden zich in landen als Bulgarije en Oekraïne enorme wapendepots, voor als er oorlog zou uitbreken met de NAVO. Na de val van het IJzeren Gordijn zijn die wapens in allerlei conflict‑
regio’s beland, van West-Afrika tot de Balkan. Alleen al in Albanië zijn na de val van de regering in 1997 meer dan een half miljoen wapens uit overheidsdepots geplunderd. In Servië en Bosnië bevinden zich sinds de burgeroorlog naar schatting nog bijna twee miljoen illegale wapens in handen van particulieren.

    Zuidstation in Brussel. Foto  Amaury Henderick/Flickr Creative Commons
    Zuidstation in Brussel. Foto Amaury Henderick/Flickr Creative Commons

    Ook in buurland Montenegro, waar de in Beieren opgepakte smokkelaar vandaan kwam, stikt het van de wapens. Het is wellicht geen toeval dat Montenegro de thuishaven is van Europa’s succesvolste bende roofovervallers, de ‘Pink Panthers’, die met overvallen op juweliers in Londen en Parijs de afgelopen tien jaar voor minstens 100 miljoen euro aan sieraden hebben buitgemaakt. Zij hebben nog het aura van volkshelden – sinds november wordt er zelfs een Britse dramaserie over hen uitgezonden met John Hurt in de hoofdrol. Maar de wapenvoorraden die hun huzarenstukjes mogelijk maakten, worden nu ook aangesproken door terroristen.

    Frankrijk werd hier in 2012 op brute wijze mee geconfronteerd toen de tot jihadist bekeerde kleine crimineel Mohammed Merah moordend door Toulouse trok. Hij had het vooral gemunt op joden en militairen, en maakte zeven slachtoffers. Thuis had hij onder meer een kalasjnikov en een uzi liggen, en het dagblad Le Figaro vroeg zich af: ‘Hoe heeft hij zomaar al die wapens kunnen kopen, alsof het yoghurtjes waren?’ Het antwoord was: niet legaal. Net als in de rest van de EU zijn kalasjnikovs in Frankrijk strikt verboden. Maar Merah kon er makkelijk aan komen via zijn contacten in de Franse onderwereld. Die is erg actief in de veelal door arme immigranten bewoonde Franse banlieues. En volgens Nic Marsh, een wapendeskundige van het Peace Research Institute in Oslo, zijn alleen in die banlieues al zo’n vierduizend machinegeweren in omloop. In Marseille zijn de afgelopen vijf jaar tientallen afrekeningen tussen drugsbendes uitgevoerd met kalasjnikovs. 
In februari werd de hoofdcommissaris er zelfs mee beschoten tijdens een bezoekje aan een door criminaliteit geplaagde wijk.

    Gapend gat

    Zijn de aanslagplegers in Parijs ook 
zo aan hun kalasjnikovs gekomen? Daar willen de opsporingsdiensten 
nog niets over kwijt. Maar aangezien de hele operatie gepland was vanuit België, is het niet ondenkbaar dat ze hun aandacht nu weer richten op die schimmige markt achter het Brusselse Zuidstation, waar je al voor 1000 euro een kalasjnikov op de kop kunt tikken. Daar zouden de daders van de aanslag op Charlie Hebdo ook hun machinegeweren hebben gekocht. De politie heeft inmiddels achterhaald dat die wapens afkomstig waren van een handelaar in Slowakije.

    Daarbij kwam een gapend gat in de Europese wapenwetgeving aan het licht. De betreffende verkoper was namelijk geen louche onderwereld‑
figuur: het betrof een geregistreerde wapenhandelaar, die deze wapens 
volkomen legaal verkocht als ‘onklaar gemaakte’ vuurwapens. Die worden 
in de hele EU legaal verhandeld, als rekwisieten in films of nagespeelde historische veldslagen, of als verzamelobject. Maar de wettelijke veiligheidseisen voor het onklaar maken van wapens verschillen hopeloos van land tot land. In Groot-Brittannië is het praktisch onmogelijk om zulke wapens ooit nog te gebruiken, maar in sommige landen hoef je niet veel meer te doen dan een pen in de loop te steken, die er gemakkelijk weer uit te halen is. Pas sinds deze zomer gelden in de hele EU dezelfde veiligheidseisen, nadat Brussel vorig jaar had erkend dat er te weinig rekening was gehouden ‘met de mogelijke risico’s van hernieuwde ingebruikname’.

    In Servië en Bosnië bevinden zich nog bijna twee miljoen illegale wapens in handen van particulieren

    Maar al is die maas in de wet nu gedicht, de EU heeft nog steeds een probleem met de Balkan. Vooral met voorheen agressieve staten als Servië, dat inmiddels wil toetreden tot de EU. Servië werkt mee met het South Eastern and Eastern Europe Clearinghouse for the Control of Small Arms and Light Weapons (SEESAC), een VN-project om wapens uit de circulatie te krijgen. Maar tijdens een amnestieperiode van drie maanden werden dit jaar maar tweeduizend vuurwapens ingeleverd. En de beveiliging van staatsdepots is weliswaar verbeterd, maar volgens Ivan Zverzhanovski van SEESAC ‘blijft diefstal van wapens uit wapendepots een probleem’. Volgens hem is het 
na de verschrikkelijke aanslagen in Parijs tijd voor een ‘radicaal andere benadering’ door de EU. ‘De vraag naar wapens kwam vroeger vooral van de georganiseerde misdaad. Maar na de aanslagen op Charlie Hebdo is volgens mij wel duidelijk dat ook bij terreurgroeperingen steeds meer vraag is 
naar vuurwapens,’ verklaarde Zverzhanovski tegen deze krant. ‘Dat wijst op banden tussen de georganiseerde misdaad en terreurgroepen. We moeten zorgen dat de betreffende landen zo’n amnestieperiode serieus nemen, en dat de EU daar meer politieke en financiële steun aan geeft.’

    Beelden van de aanslag op de redactie van Charlie Hebdo. De broers Kouachi kochten hun wapens in Brussel.
    Beelden van de aanslag op de redactie van Charlie Hebdo. De broers Kouachi kochten hun wapens in Brussel.

    Maar ook als Zverzhanovski zijn zin krijgt, zal de wapentoevoer nooit 
helemaal stoppen. Criminelen zoeken hun toevlucht nu steeds vaker tot het ‘Dark Web’. Alleen in Frankrijk zijn vorig jaar al 57 mensen gearresteerd omdat ze hadden geprobeerd via internet wapens (waaronder kalasjnikovs) 
te kopen. En als we alle wapens in de Balkan van de markt halen, dan ontstaat er op andere plaatsen wel weer nieuwe ‘mierenhandel’ – ergens langs die ontiegelijk lange Europese grens die we nu al niet kunnen sluiten tegen illegale migratie. Er zijn al meldingen van wapens die de EU in druppelen vanuit nieuwe brandhaarden als Oekraïne en Libië. En men vermoedt dat ze via Turkije ook vanuit IS-grondgebied in Syrië en Irak hierheen komen. ‘Als je drugs daarheen kunt smokkelen, kun je ook kalasjnikovs hierheen smokkelen. En daar doe je weinig tegen, behalve met goed inlichtingenwerk,’ zegt vuurwapendeskundige Dyson.


    Het enige wat de EU verder kan doen, 
is zo hoog mogelijke straffen opleggen aan de verantwoordelijken voor die mierenhandel. Dat zegt Iain Overton, schrijver van het onlangs verschenen Gun Baby Gun, over de wereldwijde gevolgen van de handel in vuurwapens. Wrang genoeg zou juist de krankzinnige bloeddorst van IS deze branche, die niet bepaald bekendstaat om zijn scrupules, nog tot enige terughoudendheid kunnen dwingen. ‘Iedereen die willens en wetens een vuurwapen verkoopt aan een terrorist, is zelf net zo schuldig,’ zegt Overton. ‘Die wapenhandelaren moeten net zo streng worden bestraft als de daders van de aanslagen zelf.’

    Auteur: Colin Freeman
    Vertaler: Frank Lekens

    The Telegraph
    India | oplage 485.000

    Veel aandacht voor India’s buitenlandbeleid en geconcentreerd op het problematische noordoosten van het land.

  • 2. Klimaatverandering en conflict: een complexe relatie

    2. Klimaatverandering en conflict: een complexe relatie

    Het idee dat klimaatverandering automatisch tot conflicten leidt klopt niet, zeggen wetenschappers. ‘Wateroorlogen’ zoals in de Mad Max-films hoeven we op korte termijn niet te verwachten. Toch zijn er wel verbanden.

    Of drastische wijzigingen in het weerpatroon de oorzaak zijn van oorlog en geweld staat al heel lang ter discussie. Ging er begin vijftiende eeuw bijvoorbeeld een lange droogteperiode vooraf aan de ondergang van het Khmer-rijk? En was de Kleine IJstijd, halverwege de zeventiende eeuw, de voornaamste oorzaak van de hevige oorlogen in Europa, het Ottomaanse rijk en China? 

    De wereld van nu is zo complex dat zulke simplistische vergelijkingen en veronderstellingen niet opgaan, laat staan dat de toekomst valt te voorspellen. Toch waarschuwen wetenschappers dat een veel warmere aarde en rampzalige weersveranderingen de balans naar de verkeerde kant zouden kunnen laten doorslaan. Het vijfde rapport van het Intergovernmental Panel on Climate Change (ipcc) spreekt van ‘de niet onterechte zorg’ dat klimaatverandering in bepaalde gevallen de kans op gewapende conflicten zal vergroten, ‘zelfs al is de omvang van het effect onduidelijk’. 

    In de meeste onderzoeken wordt klimaatverandering niet beschouwd als een rechtstreekse oorzaak van conflicten, maar als een van de vele met elkaar verband houdende factoren die de dreiging verhevigen, zoals armoede, uitsluiting van etnische bevolkingsgroepen, verkeerd overheidsbeleid, politieke instabiliteit en maatschappelijke afbraak. ‘Het ontbreekt ons nog aan het laatste puzzelstukje dat bewijst dat klimaatverandering conflicten veroorzaakt, maar we weten dat er een verband bestaat tussen de variabelen,’ zegt Koko Warner van het Institute for Environment and Human Security van de Universiteit van de Verenigde Naties (unu). ‘We zien nog niet dat mensen de wapens tegen elkaar opnemen omdat ze een gebrek aan zoet water hebben of dat het stijgende zeewater hele volken in elkaars armen drijft.’

    Lake Nakuru National Park. – © Reuters
    Lake Nakuru National Park. – © Reuters

    Klimaatverandering zorgt onmiskenbaar voor nieuwe spanningen tussen landen. Essentiële natuurlijke grondstoffen, zoals water, nemen af in landsgrenzen overschrijdende delta’s. Ook doen zich nieuwe mogelijkheden tot exploratie en ontginning voor in gebieden die ooit met ijs bedekt waren, zoals de Noordpool. Maar volgens deskundigen hebben dat soort spanningen tot nu toe meer verdragen dan conflicten opgeleverd. En toch. Het netwerk van Amerikaanse inlichtingendiensten heeft wereldwijde trends voor 2030 voorspeld en waarschuwt dat ‘schermutselingen niet vallen uit te sluiten tussen landen die rivierdelta’s in zwaar getroffen regio’s met elkaar delen, vooral niet gezien de andere spanningen die zich tussen hen voordoen’. 
Dergelijke regio’s – Noord-Afrika, het Midden-Oosten, Midden- en Zuid-Azië en Noord-China – kennen tevens de grootste bevolkingsgroei, waardoor 
de schaarse bronnen nog meer onder druk komen te staan. 

    Wie geld heeft, vertrekt als eerste, terwijl anderen zweren op eigen bodem te zullen sterven

    De unu heeft het verband onderzocht tussen de opwarming van de aarde, ‘waterconflicten’ en veiligheid, met 
elf casussen in het Middellandse Zeegebied, het Midden-Oosten en de Sahel. Uit het onderzoek, Clico genaamd, bleek dat klimaatverandering ‘geen belangrijke bron van geweld en onveiligheid’ is, niet tússen landen en niet erbinnen. Wel wees het uit dat problemen zich kunnen voordoen of kunnen verergeren door de manier waarop een land met klimaatverandering omgaat.

    Julia Kloos, een Duitse onderzoekster van Clico, vindt dat we moeten oppassen met generaliserende uitspraken over klimaatverandering enerzijds en oorlog en geweld anderzijds en daar niet zonder meer een verband tussen moeten leggen. Elke situatie is anders: ‘We moeten het van geval tot geval bekijken.’ Volgens Kloos pakt de manier waarop landen op klimaatverandering reageren negatief uit voor kwetsbare bevolkingsgroepen. Zo claimen boeren in Niger die kampen met droogte, overstromingen en hitte soms met geweld grond en water, waardoor nomadische herders in hun voortbestaan worden bedreigd. Conflicten over water zijn 
er ook in Kenia en Ethiopië en treffen vooral marginale bevolkingsgroepen.

    Van droogte naar oorlog?

    In recent onderzoek wordt de droogte in Syrië van enkele jaren geleden – en de verkeerde manier waarop de regering daarmee omging – genoemd als katalysator van de opstand die tot de burgeroorlog heeft geleid.

    Of het conflict tussen Palestina en Israël zal verergeren doordat hun gedeelde watervoorziening slinkt, is in dit verband een cruciale vraag. Klimaatverandering bedreigt de watertoevoer in de Jordaandelta, die Israël deelt met het Palestijnse gebied op de Westelijke Jordaanoever en met delen van Libanon, Syrië en Jordanië. Hoe hevig het conflict ook is, het ontziltingsproject waar Israël aan werkt wordt beschouwd als een kans op vrede en samenwerking in de regio.

    Volgens het ipcc-rapport is het risico op klimaatgerelateerde conflicten het grootst in zwakke staten, in gebieden waar eigendomsrechten in het geding zijn en daar waar de ene bevolkingsgroep de andere overheerst. Vandaar dat de manier waarop Zuid-Soedan zich aan het broeikaseffect aanpast waarschijnlijk eerder tot problemen zal leiden dan de manier waarop een land als Italië dat doet, zoals Kloos opmerkt. 

    Ook proactieve maatregelen, bijvoorbeeld meer bossen aanleggen om de kooldioxide-uitstoot te verminderen, bomen kappen voor de productie van biobrandstoffen en waterkracht gebruiken als duurzame energievoorziening, kunnen tot conflicten leiden en bestaande conflicten verhevigen doordat mensen van hun land worden verdreven of niet meer in hun levensonderhoud kunnen voorzien.

    Koko Warner van het unu: ‘We weten dat klimaatverandering de kwetsbaarste groepen het hardst raakt en dat is reden tot zorg. Wanneer mensen systematisch buiten het besluitvormingsproces worden gehouden, kan dat tot botsingen leiden.’ Volgens haar zijn goede maatschappelijke banden van groot belang om te kunnen overleven. ‘Toen de droogte in India hele gemeenschappen bedreigde, trokken de mensen eerst naar elkaar toe. Maar toen de 
toestand extreem begon te worden, gingen ze voedsel hamsteren. Conflicten ontstaan als mensen niet samenwerken en alle strategieën om risico’s in te dammen in rap tempo overboord worden gezet.’

    Afrikaanse troepen in Darfur, een regio die geregeld wordt getroffen door droogte én conflicten. –   
© Michael Kamber / HH
    Afrikaanse troepen in Darfur, een regio die geregeld wordt getroffen door droogte én conflicten. – 
© Michael Kamber / HH

    Waarschijnlijk zullen conflictsituaties zich ook voordoen wanneer klimaatverandering mensen ertoe dwingt te emigreren en gastlanden geen georganiseerde opvang en integratie kennen, aldus het ipcc-rapport.

    Volgens het door de unhcr opgezette Nansen Initiative zagen tussen 2008 en 2014 184 miljoen mensen zich door overstromingen, aardbevingen, droogte en zeespiegelstijging genoodzaakt huis en haard te verlaten. ‘Sommige berekeningen wijzen uit dat door een zeespiegelstijging van één meter 150 miljoen mensen op de vlucht zullen slaan, tenzij er dammen en zeeweringen worden gebouwd of vergelijkbare maatregelen worden genomen om kwetsbare gebieden te beschermen,’ aldus de organisatie.

    Maar Walter Kaelin, werkzaam bij Nansen, verklaart tegenover irin: 
‘Ik zou voorzichtig zijn met het idee dat het broeikaseffect overal tot onrust leidt. In veel regio’s die te lijden hebben van de opwarming van de aarde is daar helemaal niets van te merken. Er is meer voor nodig.’

    De droogte in de Hoorn van Afrika gaat gepaard met een toename van het aantal handvuurwapens

    Toch wijst onderzoek volgens Kaelin uit dat de droogte in de Hoorn van Afrika gepaard gaat met een toename van het aantal handvuurwapens. Ook zullen conflicten volgens hem ‘de humanitaire crises verergeren die zijn ontstaan door natuurrampen en vluchtelingenstromen’. Als voorbeeld noemt hij de bewoners van het vluchtelingenkamp in Dadaab in Kenia. Die ontvluchtten Somalië niet vanwege het geweld – hoewel de oorlog in hun land ze onbereikbaar maakte voor hulporganisaties – maar vanwege droogte en hongersnood.


    Volgens het Nansen Initiative was er twee maanden voor de klimaattop in Parijs ‘nog steeds geen passage in het conceptverdrag over mobiliteit als resultaat van klimaatverandering’. 
En dat terwijl Doelstelling 13 voor Duurzame Ontwikkeling gaat over 
de urgentie van maatregelen tegen klimaatverandering en de gevolgen ervan. Het idee achter de doelstellingen is ‘dat niemand achterblijft’. Toch is er geen plan dat de meest kwetsbare mensen beschermt tegen de verwoestingen die de opwarming van de aarde de komende twintig jaar naar verwachting zal aanrichten. 

    De eilandstaten in het zuidelijk deel van de Grote Oceaan worden wel de ‘kanarie in de mijn’ genoemd als het gaat om zeespiegelstijging en andere klimaatproblemen, zoals vloedgolven, verzuring van zeewater en steeds heviger orkanen en cyclonen. Die 
dreigen een einde te maken aan het bestaan van zo’n half miljoen inwoners van deze laaggelegen eilanden.

    17 procent

    Recent onderzoek van de UNU in de regio laat zien dat sommigen zijn vertrokken – vooral naar de Fiji-eilanden – omdat hun levensstandaard achteruitging. Van de ondervraagden bracht slechts 17 procent de reden voor vertrek in verband met klimaatverandering. Het onderzoeksrapport wees echter op ‘mogelijke toekomstige botsingen tussen migranten en gastlanden’ en riep op tot meer onderzoek naar ‘conflicten en migratie in de gebieden in de Grote Oceaan’. Meg Taylor, secretaris-generaal van het Pacific Islands Forum, overlegde onlangs nog met de secretaris-generaal van de Verenigde Naties, Ban Ki-moon, over de risico’s van migratie als gevolg van klimaatverandering.

    Cosmin Corendea, die aan het UNU-onderzoek heeft meegewerkt, zegt dat mensen zich aanpassen aan klimaatverandering wanneer die zich sluipend voltrekt, omdat ze het idee hebben dat ze die aankunnen. ‘Wie geld heeft, vertrekt als eerste, terwijl anderen zweren op eigen bodem te zullen sterven. Je weet nooit hoe mensen reageren. Ze leren met allerlei bedreigingen te leven.’ Hij voegt eraan toe dat dat niets afdoet aan de urgentie van de effecten van klimaatverandering: er kunnen conflicten tussen landen ontstaan over de opname van vluchtelingen, en wanneer migranten niets aan een gastland bijdragen, kunnen de spanningen binnen zo’n land telkens terugkeren.

    In de concepttekst van het klimaatverdrag van Parijs wordt niets gezegd over oorlog en geweld die het gevolg zijn van klimaatverandering. Corendea zegt dat de opstellers geen woorden vuil maken aan wat niet bestaat of geen internationaal ingrijpen vereist. ‘Het is nog niet zover,’ zegt hij. ‘Wat niet wil zeggen dat we conflicten mogen uitsluiten als we niet op de juiste manier met klimaatverandering omgaan.’

    Auteur: Philippa Garson
    Vertaler: Nico Groen

    Philippa Garson werkte lange tijd als correspondent in Zuid-Afrika, o.a. voor Mail & Guardian. Tegenwoordig werkt ze in New York als journalist en schrijft vooral over georganiseerde misdaad, drugsbeleid en milieukwesties.

    IRIN News
    Nairobi | irinnews.org

    Nieuwsportaal dat zich richt op gebieden die vergeten, onbegrepen dan 
wel genegeerd worden.