Onderwerpen: Spionage

  • Ouders van vermoorde Mexicaanse studenten waren doelwit van spyware

    Ouders van vermoorde Mexicaanse studenten waren doelwit van spyware

    Nadat hun kinderen waren vermoord of ontvoerd, smeekten de ‘ouders van Ayotzinapa’ keer op keer bij hun overheid om waarheid en gerechtigheid. Veel wijst erop dat hun telefoons waren gehackt met de omstreden surveillancesoftware Pegasus. Het verhaal van een doofpotaffaire.

    Vrijdenkersfestival: tegen de macht

    Van 28 tot en met 31 oktober vindt in De Balie in Amsterdam het Vrijdenkersfestival plaats, met dit jaar als thema ‘tegen de macht’. Vier dagen lang programma’s over en met vrijheidsstrijders en dissidenten. Kunst, discussie en verhalen met nationale en internationale journalisten en vrijdenkers die zich verzetten tegen een totalitair regime. Is Amsterdam nog altijd een veilig toevluchtsoord voor dissidenten en andersdenkenden? Welke vrijheden staan bij ons op het spel? Wat betekent het om tegen de stroom in te zwemmen, en hoe hou je dat vol?

    Onderzoeksjournalist Pavla Holcova is een van de sprekers tijdens het programmaonderdeel ‘Persvrijheid of zelfscensuur’ op zaterdag 29 oktober om 19.30 in De Balie in Amsterdam.

    Dit artikel krijg je van ons cadeau. Wil je meer internationale kwaliteitsjournalistiek lezen? Schrijf je in voor de nieuwsbrief en ontvang elke week vrijblijvend onze selectie van de week in je inbox.

    Belangrijkste bevindingen

    De namen van familieleden van studenten die werden vermoord of ontvoerd in wat bekend is komen te staan als de Ayotzinapa-zaak, stonden op een lijst van mensen die mogelijk werden gecontroleerd met Pegasus, geavanceerde spyware van het Israëlische cyberbedrijf NSO Group.

    Onder hen waren een advocaat van het bekende mensenrechtencentrum Tlachinollan – dat de families juridische bijstand verleende – en het hoofd van deze organisatie, de antropoloog en bekroonde mensenrechtenactivist Abel Barrera.

    De Mexicaanse overheid heeft het gebruik van Pegasus toegegeven, maar beweert de spyware alleen te hebben ingezet tegen zware criminelen, en niet tegen activisten.

    Cristina Bautista groeide op in een stoffig dorp, omringd door maïsvelden, hoog in de bergen van de staat Guerrero in Mexico. Ze hield het grootste deel van haar leven het hoofd boven water door alles te verkopen wat ze maar bij elkaar kon scharrelen: brood, pozole (traditionele soep), en snuisterijtjes gemaakt van palmbladeren.

    Ze prijst zichzelf gelukkig met haar huisje, dat is opgetrokken uit beton, in plaats van uit golfplaten en planken. Een onderkomen dat ze zich pas kon veroorloven na jarenlange arbeid in de Amerikaanse staat Connecticut.

    Ze is niet rijk, machtig of beroemd. Zelfs in het arme Mexico behoort ze tot de allerarmsten. Toch heeft haar eigen overheid misschien honderdduizenden dollars uitgegeven om haar onder een van de extreemste vormen van surveillance te plaatsen, waarbij haar mobiele telefoon werd gehackt met krachtige Israëlische spyware.

    Wat is er dan zo bedreigend aan Bautista?

    Ayotzinapa

    Dat ze een slachtoffer is – alleen dat. Zij en enkele tientallen andere treurende ouders hebben jarenlang informatie geëist over wat er met hun kinderen was gebeurd: drieënveertig studenten van een opleiding voor plattelandsleraren in het gehucht Ayotzinapa die op 26 september 2014 werden ontvoerd na een bloedige botsing met de politie in Iguala, een stad in het zuidwesten van Mexico. De studenten waren op weg om in het tweehonderd kilometer verderop gelegen Mexico-Stad het bloedbad van Tlatelolco te herdenken, waarbij in 1968 tientallen, mogelijk honderden betogers tegen de Olympische Spelen die dat jaar in Mexico-Stad zouden plaatsvinden, door Mexicaanse strijdkrachten werden vermoord.  

    Benjamin, Bautista’s negentienjarige zoon, was een van deze desaparecidos: ‘verdwenenen’. Een term die in het Spaans rillingen veroorzaakt. Mexico heeft een gruwelijke staat van dienst op het gebied van buitengerechtelijke executies: zij die verdwenen worden bijna altijd dood teruggevonden, na maanden of jaren van kwellende onzekerheid voor hun dierbaren.

    Hoeveel kost surveillance?

    Hoeveel het precies kost om iemand te laten surveilleren met Pegasus is niet bekend, maar uit de landen waar de spyware is gebruikt zijn berichten gelekt die duidelijk maken dat het om heel veel geld gaat.

    In Ghana bleek een contract tussen de overheid en een lokale Pegasus-wederverkoper acht miljoen dollar voor slechts vijfentwintig interventies te behelzen, wat neerkomt op maar liefst 320.000 dollar per persoon. (Het land heeft naar verluidt slechts vier miljoen dollar betaald.)

    Volgens een beëdigde verklaring in een verzoek tot uitlevering inzake de voormalige Panamese president Martinelli van de VS aan Frankrijk, had hij 13,4 miljoen dollar verduisterd waarmee hij software van NSO kocht om honderdvijftig ‘targets’ (zakenlieden, parlementariërs van de oppositie en vakbondsactivisten) te laten afluisteren.

    In Mexico kwam de nieuwswebsite Aristegui Noticias met de onthulling dat de landelijke procureur-generaal en een Mexicaanse wederverkoper voor NSO een contract hadden afgesloten waarin sprake was van vijfhonderd interventies voor 32 miljoen dollar: 64.000 dollar per persoon.

    In de ogen van veel Mexicanen is deze zaak kenmerkend voor het geweld dat het land sinds het midden van de jaren 2000 teistert – en voor het onvermogen van de regering om hier iets aan te doen. In een onthullingsschandaal uit 2017 bleek dat de Mexicaanse staat Pegasus had gebruikt om internationale onderzoekers die zich met de zaak bezighielden in de gaten te houden. Nu blijkt dat de surveillanceactiviteiten mogelijk systematischer zijn geweest dan aanvankelijk het geval leek.

    The Pegasus Project

    The Pegasus Project, een internationaal samenwerkingsverband van tientallen journalisten en mediabedrijven die onderzoek doen naar de NSO Group en naar mensen die doelwit zouden zijn geweest van het Pegasus-spywaresysteem, heeft aanwijzingen dat de surveillance werd uitgebreid naar de wanhopige en armlastige families van de eerdergenoemde studenten, hun advocaten en ten minste één lokale ambtenaar die zich met de toedracht van de verdwijningen heeft beziggehouden.

    Alle telefoonnummers van deze mensen stonden op een lijst van meer dan vijftigduizend nummers die tussen 2016 en 2020 door klanten van NSO Group zouden zijn geselecteerd. Verslaggevers konden de eigenaren van honderden nummers identificeren. Het Security Lab van Amnesty International voerde forensisch onderzoek uit op tientallen bijbehorende telefoons. Daaruit bleek dat de bevindingen van de verslaggevers correct waren. Uit interviews, documenten en ander materiaal kwam nog meer bewijs naar voren. Vermelding van een nummer op zo’n lijst betekent overigens nog niet dat er echt is afgeluisterd. Het kan ook zijn dat dit is mislukt, of dat ervan is afgezien. NSO Group heeft de beschuldigingen in een aantal verklaringen tegengesproken.

    Forensisch onderzoek naar telefoons

    Het sterkste bewijs dat de gelekte lijst van vijftigduizend Pegasus-doelen betreft, kwam voort uit forensische analyse.
    Het Security Lab van Amnesty International onderzocht de data van 67 telefoons waarvan de nummers op de lijst stonden: 37 telefoons vertoonden sporen van Pegasus-activiteit; 23 telefoons waren succesvol afgeluisterd en bij 14 waren er tekenen van pogingen daartoe. Wat er met de overige dertig telefoons was gebeurd bleef onduidelijk, in een aantal gevallen viel dat niet te achterhalen omdat de toestellen waren vervangen.

    Vijftien telefoons waren Androids. Anders dan iPhones registreren die niet het soort informatie dat Amnesty nodig heeft voor haar speurwerk. Drie Android-telefoons bevatten echter sporen van ‘targeting’, zoals aan Pegasus gekoppelde sms-berichten.

    In een deelverzameling van 27 geanalyseerde telefoons vonden onderzoekers van Amnesty International 84 afzonderlijke sporen van Pegasus-activiteit die nauw overeenkwamen met de nummers op de gelekte lijst. In 59 van deze gevallen verschenen de Pegasus-sporen binnen 20 minuten na selectie. In 15 gevallen verscheen het spoor binnen één minuut na selectie.

    ‘Extreem pervers’ noemde Carlos Martín Beristain, een van onderzoekers, de onthullingen over familieleden die in de gaten zouden zijn gehouden.

    ‘In plaats van te onderzoeken wie de daders waren van de ontvoering van de drieënveertig studenten, en wie daarvoor de verantwoordelijkheid droegen, besloot men de slachtoffers te criminaliseren,’ zo zei hij tegen OCCRP (Organized Crime and Corruption Reporting Project, een niet-gouvernementele organisatie van onderzoekscentra, media en journalisten in Europa, Afrika, Azië, het Midden-Oosten en Latijns-Amerika – de enige journalistieke organisatie die zich voltijds bezighoudt met en gespecialiseerd is in georganiseerde misdaad en corruptie.)

    Dat Pegasus in Mexico werd gebruikt was geen geheim. Zo was al vast komen te staan dat vijfentwintig mensen met spyware waren ‘besmet’, onder wie journalisten die verslag deden van kartelgeweld, de weduwe van een vermoorde verslaggever en gezondheidsactivisten die pleitten voor belasting op frisdrank. Een en ander kwam aan het licht na de ontdekking van verdachte sms-berichten.

    NSO Group houdt vol dat het zijn software alleen aan overheden verkoopt voor legitieme wetshandhavings- en inlichtingenoperaties

    Wat dit geval anders maakt, is de grootschaligheid van de onthullingen, waardoor er een beter beeld is ontstaan van wat NSO-klanten belangrijk vinden. De data omspannen ruim vijftienduizend Mexicaanse nummers, waarvan er vele toebehoren aan mensen van wie, dankzij forensisch onderzoek, reeds bekend was dat ze doelwit zijn geweest van spyware.

    Afgezien van ‘de ouders van Ayotzinapa’ omvatten de gelekte gegevens clusters telefoonnummers rond leden van een lerarenvakbond, journalisten en mensenrechtenactivisten in heel Mexico, en de naaste omgeving van Andrés Manuel López Obrador, de progressieve politicus die de landelijke verkiezingen van 2018 won.

    Zelfs een journalist van The New York Times was doelwit: hij werd afgeluisterd, kort voordat hij een belangrijk artikel publiceerde over hoe NSO-software werd gebruikt om onderzoekers en een mensenrechtengroep die aan de Ayotzinapa-zaak werkte te bespioneren.

    NSO Group houdt vol dat het zijn software alleen aan overheden verkoopt voor legitieme wetshandhavings- en inlichtingenoperaties. De Mexicaanse overheid heeft soortgelijke verklaringen afgegeven. Tijdens een persconferentie in 2017 gaf de toenmalige president Enrique Peña Nieto toe dat zijn regering Pegasus had gekocht – maar alleen om de georganiseerde misdaad te bestrijden en ‘de nationale veiligheid te handhaven’.

    ‘Deze regering verwerpt categorisch elke inmenging in de privélevens van burgers,’ zei Peña Nieto destijds.

    Peña Nieto heeft niet gereageerd op vele verzoeken om commentaar. Miguel Ángel Osorio Chong, zijn minister van Binnenlandse Zaken, verzekerde journalisten van het Pegasus Project dat het ministerie ‘nooit, nooit toestemming heeft gegeven om iets te ondernemen dat met hacking te maken heeft en nooit heeft geweten dat Cisen [de toenmalige inlichtingendienst van Mexico] de Pegasus-hack-kit bezat of had verworven.’

    De huidige president, López Obrador, heeft gezegd dat zijn regering Pegasus niet gebruikt en dat hij zal onderzoeken of Mexicaanse instanties nog actieve contracten hebben voor de spyware. ‘Als er een overeenkomst bestaat, moet die worden opgezegd. Het zou beschamend als mijn naaste omgeving doelwit is geweest.’

    Repressief instrument

    Voor de ‘ouders van Ayotzinapa’ kan de onthulling dat ze mogelijk door hun eigen overheid zijn bespied, niet als een verrassing zijn gekomen. De meesten hadden dat gevoel al jaren. ‘Reken maar dat ze ons in de gaten hielden!’ zegt Bautista. ‘Telkens als we naar buiten gingen, volgde een patrouille ons.’

    Melitón Ortega, wiens neef Mauricio werd ontvoerd, stond ook op de lijst van doelwitten. ‘Pegasus is niet meer dan het nieuwste repressieve instrument van de staat. Ik heb altijd het vermoeden gehad dat de autoriteiten mij volgden,’ zo vertrouwde hij de Britse krant The Guardian toe.

    Ondertussen stelt de NSO Group dat de door verslaggevers gebruikte gegevens verkeerd zijn geïnterpreteerd. Naar eigen zeggen staat het bedrijf niet toe dat zijn klanten misbruik maken van zijn software.

    ‘NSO wil niets te maken hebben met deze kwaadaardige en lasterlijke campagne’

    ‘Genoeg is genoeg!’, zo luidde een verklaring vanuit Tel Aviv: ‘NSO zal niet meer reageren op vragen van de media over deze kwestie en wil niets te maken hebben met deze kwaadaardige en lasterlijke campagne.’ Het bedrijf herhaalde dat de nummers op de lijst niet noodzakelijkerwijs Pegasus-doelwitten waren. Wel zou het bewijs dat zijn technologieën zijn misbruikt ‘grondig onderzoeken’.

    ‘NSO zal haar missie voortzetten om levens te redden, overheden wereldwijd te helpen terreuraanslagen te voorkomen, netwerken op het gebied van pedofilie, seks en drugshandel te ontrafelen, vermiste en ontvoerde kinderen op te sporen, overlevenden te vinden onder het puin van ingestorte gebouwen en het luchtruim te beschermen tegen ontwrichtende penetratie door gevaarlijke drones.’

    Geen mededogen

    De Mexicaanse staat Guerrero, die grenst aan de Grote Oceaan, is weelderig begroeid. Cactussen schurken tegen bossen aan, op kleine familieboerderijen worden voornamelijk maïs en bonen geteeld.

    Ondanks het weelderige landschap is dit een van de armste gebieden van Mexico. Het is in hoge mate afhankelijk van de papaverteelt. Een jongen die opgroeit in Guerrero heeft geen riante vooruitzichten. Hij kan naar het noorden trekken, zich aansluiten bij lokale narcobendes, zoals de machtige Guerreros Unidos. Of, als hij leergierig en een beetje maatschappelijk betrokken is, een plek proberen te veroveren op de beste school in de buurt.

    De hogeschool voor plattelandsdocenten Raúl Isidro Burgos, die beter bekend staat als Ayotzinapa (naar het gelijknamige gehucht), werd tijdens de Mexicaanse Revolutie, in de jaren twintig van de vorige eeuw, opgericht. Dat gebeurde in het kader van een landelijke campagne om jonge boeren op te leiden tot leraren in hun eigen gemeenschap. In de loop der jaren heeft de hogeschool ook de aandacht op zich gevestigd door het nogal rauwe linkse politieke activisme dat de studenten er traditioneel aan de dag leggen.

    Aangezien de school nauwelijks overheidssubsidie ontvangt, houden de leerlingen er nóg een traditie op na: ze kapen bussen van het plaatselijke openbaarvervoernet om naar locaties voor buitenschoolse opdrachten of naar protesten te gaan.

    Wat volgde was een gecoördineerde en nog grotendeels onverklaarde aanval op de ongewapende studenten

    De praktijk werd knarsetandend getolereerd. Busmaatschappijen gaven chauffeurs soms de instructie zich niet te verzetten tegen studentenpassagiers die het roer overnamen. Zoals een groep luidruchtige eerste- en tweedejaars die op 26 september 2014, in een roes na een slopende introductieweek, bussen regelden en geld vroegen om naar Mexico-Stad te kunnen gaan voor een demonstratie. Een ‘Strijdcomité’ van de school had hun daartoe opdracht gegeven.

    Maar al snel gebeurde er iets vreemds. Na te zijn gestuit op wegblokkades van de federale politie bij de stad Chilipancingo, veranderden ze van koers en reden ze de stad Iguala in. Daar openden politie en andere gewapende mannen het vuur op de bussen. Wat volgde was een gecoördineerde en nog grotendeels onverklaarde aanval op de ongewapende studenten, op meerdere locaties, die uren zou duren.

    Er vielen zes doden en veertig gewonden. Een van de studenten werd later verminkt en met een afgerukt gezicht gevonden: hij was kennelijk gemarteld. Overlevenden vertelden dat er op hun hulpkreten en smeekbeden om getroffen metgezellen te mogen helpen, enkel méér geweerschoten volgden.

    ‘We schreeuwden tegen de politie dat ze moesten stoppen met schieten, dat we ongewapend waren en geen enkel gevaar voor ze vormden,’ zegt Edgar Yair, een achttienjarige eerstejaarsstudent. ‘Als je maar een beetje naar buiten leunde, schoten ze. Ze hadden niet het minste mededogen.’

    Te midden van de chaos werden drieënveertig studenten weggevoerd in patrouillewagens – naar het politiebureau, zo veronderstelden hun kameraden. Ze werden nooit meer teruggezien.

    ‘Historische waarheid’ of historische leugen?

    De volgende dag sloegen hun ouders de handen ineen. ‘Sommigen kwamen uit Oaxaca, anderen uit Tlaxcala, anderen uit Morelos,’ zegt Cristina Bautista. Ze stroomden de school binnen – Bautista herinnert zich dat ze allemaal huilden – en eisten het gebouw op als hoofdkwartier. Ze sliepen op matrassen in klaslokalen terwijl ze wachtten op nieuws over hun zonen.

    Het duurde niet lang voordat hun volharding en gerechtvaardigde aanspraken een doorn in het oog werden van een federale overheid die de schade voor zichzelf probeerde te beperken.

    Kort daarop verklaarde de regering van de staat Guerrero te weten wie er achter de moorden zaten: de burgemeester van Iguala en zijn vrouw, die uit woede over het wanordelijke gedrag van de studenten, waardoor er een politieke manifestatie werd verstoord, het bevel zouden hebben gegeven om de raddraaiers over te dragen aan het drugskartel van Guerreros Unidos.

    Dit verhaal hield niet lang stand. Aanwijzingen voor betrokkenheid op federaal niveau stapelden zich al snel op. Studenten die de aanval hadden overleefd, meldden dat ze ter plekke leden van de federale en staatspolitie hadden gezien – en die stonden niet onder gezag van de burgemeester.

    Volgens Human Rights Watch zijn in het gebied meer dan honderdzestig lijken opgegraven

    De autoriteiten lieten weten dat de lichamen van de verdwenen studenten in kuilen rond Iguala waren gevonden, maar onderzoek van de stoffelijke overschotten wees uit dat het ging om achtentwintig (of meer) andere individuen. Uiteindelijk werden er zoveel niet-gerelateerde massagraven gevonden in het gebied dat sommige lokale families een nieuwe groep vormden, ‘De andere desaparecidos van Iguala’, die daarmee identificatie en rehabilitatie van de lichamen wilden afdwingen. Volgens Human Rights Watch zijn dankzij hun inspanningen meer dan honderdzestig lijken opgegraven.

    Deze litanie van onrecht en flaters wekte veel woede onder Mexicanen. ‘Al een paar dagen na de aanslagen leek het zonneklaar dat de regering alles zou doen om te verhinderen dat de drieënveertig studenten werden gevonden, en dat de waarheid over wat er die nacht was gebeurd aan het licht zou komen,’ schreef de Amerikaanse journalist John Gibler. De families van de drieënveertig leidden een processie van vijftienduizend mensen in Mexico-Stad, waarbij ze afbeeldingen van hun verloren dierbaren droegen.

    Op een persconferentie die al snel berucht werd, sloot de toenmalige procureur-generaal Jesus Murillo Karam de zaak In januari 2015 officieel af. De Mexicaanse regering had volgens hem de ‘historische waarheid’ vastgesteld. Meer viel er niet over de zaak te zeggen: de politie had alle drieënveertig studenten gearresteerd en overgedragen aan een drugsbende, die hen naar verluidt liquideerde en hun lijken verbrandde.

    Vreemde berichten

    Goed verhaal. Probleem was dat er weinig bewijs voor was. Een internationaal team van onderzoekers, opgezet door de Inter-Amerikaanse Commissie voor de Mensenrechten, vond aanwijzingen die bevestigden wat de studenten hadden gezegd: de federale politie was bij de schietpartij aanwezig – en het leger had de studenten de hele nacht in de gaten gehouden vanuit een commandocentrum in Iguala. De onderzoekers mochten echter geen soldaten interviewen of hun kazernes bezoeken, ondanks herhaalde verzoeken daartoe.

    Citizen Lab, een onderzoekscentrum aan de Universiteit van Toronto, ontdekte later dat er tweemaal geprobeerd was de telefoons van twee onderzoekers in Guerrero met Pegasus-spyware van NSO Group te besmetten, niet lang nadat zij de overheid publiekelijk hadden bekritiseerd voor inmenging in hun onderzoek.

    Carlos Martín Beristain, een van deze onderzoekers, zei sterk de indruk te hebben dat ze in de gaten werden gehouden in Guerrero. Toen ze later hoorden dat de Mexicaanse regering Pegasus had gebruikt, ‘leek dat wel heel erg op toestanden waar wij mee te maken hebben gehad’, zo zei hij. ‘Zo hadden we veel problemen met de telefoons die we gebruikten. Er waren ook verdachte types in de buurt wanneer wij elkaar ontmoetten. En we kregen vreemde berichten, vooral sms’jes met links.’

    In één geval ontvingen drie leden van de groep ongewone sms-berichten, net toen ze geestelijk uitgeput waren nadat ze een gruwelijke taak hadden volbracht: het opgraven van een gemartelde en verminkte student.

    Er was geen bewijs dat er lichamen waren verbrand op de stortplaats

    ‘Toen we de opgraving verlieten, kreeg ik een bericht waarin – ik weet de precieze woorden niet meer, want die telefoon raakte onklaar – iets stond als: We gaan ervan uit dat u de begrafenis organiseert. Het was geen algemeen bericht, het was zo opgesteld dat ik er vanzelfsprekend op zou klikken.’ Hij zei dat hij niet hapte.

    In het onderzoeksrapport dat in april 2016 uitkwam, werd de ‘historische waarheid’ van de regering verworpen: er was geen bewijs dat er lichamen waren verbrand op de stortplaats – het leek zelfs wetenschappelijk onmogelijk om op die plek genoeg warmte daarvoor op te wekken. De negentien op de stortplaats gevonden stoffelijke overschotten konden volgens analisten niet met enige zekerheid aan de vermiste studenten worden gekoppeld.

    Doofpotaffaire

    Dit nieuws wekte grote verontwaardiging. En het bevestigde het de vermoedens van de ouders van de drieënveertig, die jarenlang hadden volgehouden dat de tegenstrijdige en onvolledige verhalen van de autoriteiten op een doofpotaffaire wezen.

    ‘Wat zou het voor zin hebben om de politie van Iguala in bescherming te nemen?’, aldus Vidulfo Rosales, een advocaat van de families, tegen OCCRP. ‘Dat is niet erg logisch. In het geval van Ayotzinapa gaat het om hoge ambtenaren die bewijs wilden wissen, die collega’s uit de wind wilden houden, en daardoor was er sprake van een zeer slordig onderzoek.’

    In de nasleep van deze janboel bleek uit nieuwe Pegasus Project-gegevens dat de telefoonnummers van ten minste vier Ayotzinapa-familieleden waren geselecteerd voor besmetting met Pegasus: Bautista, Ortega, Felipe de la Cruz (de vader van een overlevende student), en David Cabanas (broer van een verdwenen student).

    Dat gold ook voor advocaat Vidulfo Rosales, en voor Abel Barrera, een gerenommeerd antropoloog die aan het hoofd staat van een mensenrechtencentrum dat rechtshulp biedt aan arme inheemse families.

    Slechts drie Mexicaanse overheidsinstanties schijnen toegang te hebben tot Pegasus

    Met de gegevens van het Pegasus Project kunnen verslaggevers niet vaststellen wie de Ayotzinapa-families op de lijst heeft gezet en waarom, maar veel smaken zijn er niet. Slechts drie Mexicaanse overheidsinstanties schijnen toegang te hebben tot de tool: het Nationale Centrum voor Inlichtingen, het Nationaal Defensiesecretariaat en het kantoor van de procureur-generaal, dat het contract van 32 miljoen dollar tekende voor de aankoop van Pegasus-software door de Mexicaanse regering in 2014.

    Het hoofd van het kantoor was destijds Jesus Murillo Karam – die later procureur-generaal zou worden en het onderzoek naar de vermiste studenten afsloot. Hij reageerde niet op verzoeken om commentaar.

    ‘Een grootse strijd’

    Ouders en advocaten klaagden al jaren dat de regering van Peña Nieto hen naar hun gevoel belaagde. De president maakte er geen geheim dat hij een hekel had aan hun luidruchtige protesten tegen de wijze waarop de overheid de zaak behandelde. Op zeker moment suggereerde hij dat de activisten werden gesteund door ‘krachten’ die het land wilden destabiliseren en ‘ons nationale project willen schaden’.

    ‘Het was heel zwaar voor ons,’ zegt Bautista, die zich continu helikoptergebrom boven haar huis herinnert.

    De families bezochten universiteiten en mensenrechtenorganisaties in Mexico en andere Latijns-Amerikaanse landen om activisten en experts te ontmoeten. Ze legden zelfs getuigenissen af op hoorzittingen in Peru en in Washington. Rosales en de la Cruz namen deel aan het programma ‘Caravan 43’ waardoor ze veel konden reizen om met allerlei groepen over hun ervaringen te spreken.

    In april 2016 verschenen privételefoongesprekken tussen Rosales en zijn vrouw in de media

    ‘We voerden een strijd voor continuering van het onderzoek, van de zoektocht,’ zegt Rosales, ‘en tegen het uitgekauwde standpunt van de regering: “We hebben al onderzoek gedaan, de waarheid is verteld, die ontkent u”.

    In april 2016 verschenen privételefoongesprekken tussen Rosales en zijn vrouw op de voorpagina’s van de grootste kranten en tijdschriften van Mexico. Ze hadden hem betrapt in een moment van frustratie, waarin hij weinig flatteus sprak over de inheemse families die hij hielp: ‘Verdomde waardeloze indianen.’ Een leger Twitter-bots nagelde hem aan de schandpaal, allemaal met de hashtag #verdomdewaardelozeindianen.

    Het is nog onduidelijk hoe de gesprekken zijn uitgelekt. Uit gegevens van het Pegasus-project blijkt dat de naam van Rosales in 2017 op de lijst van mogelijke doelwitten stond, maar de gegevens gaan niet verder terug dan 2016, waardoor het lastig is te achterhalen of hij eerder is bespioneerd.

    ‘Ze hebben zich in ons vergist’

    De families zeggen dat Peña Nieto’s opvolger, Andrés Manuel López Obrador, zich ontvankelijker heeft getoond voor hun zorgen. Drie dagen na zijn aantreden richtte hij een ‘presidentiële commissie voor waarheid en toegang tot het recht in de Ayotzinapa-zaak’ op, en sindsdien is er een aantal mensen gearresteerd en zijn er andere ontwikkelingen in de zaak geweest.

    Cristina Bautista is echter niet tevreden. Het stoffelijk overschot van haar zoon is nooit gevonden. Ze spreekt nog steeds over ‘Benja’ in de tegenwoordige tijd. ‘Mijn zoon is erg warm en respectvol,’ vertrouwde ze verslaggevers met trillende stem toe. ‘We zijn naar hem op zoek.’

    Ze weet dat hij naar alle waarschijnlijkheid dood is, maar ze kan niet rusten, of het verleden achter zich laten, totdat ze zekerheid heeft. Troost vindt ze in het feit dat zij en de andere ouders van Ayotzinapa hebben geweigerd te accepteren dat hun kinderen zomaar konden verdwijnen.

    ‘Zij hebben hun historische leugen verzonnen – dat konden ze makkelijk doen, wij zijn immers maar boeren. Het was voor hen een koud kunstje, dachten ze, om onze kinderen te laten verdwijnen, omdat we boeren zijn – wat konden wij uitrichten?’

    ‘Ze hebben zich in ons vergist.’

  • VS beschuldigt China van ‘ondermijning Amerikaanse rechtssysteem’

    VS beschuldigt China van ‘ondermijning Amerikaanse rechtssysteem’

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Weinstein misbruikte macht om vrouwen te verkrachten, aldus openbaar aanklager

    » Zes Palestijnen gedood bij Israëlische invallen op Westelijke Jordaanoever

    Dertien Chinese burgers aangeklaagd voor spionage

    De Amerikaanse minister van Justitie Merrick Garland heeft maandag de Chinese staat ervan beschuldigd ‘het Amerikaanse rechtssysteem te ondermijnen’, technologie te stelen en Chinese burgers die naar de Verenigde Staten migreren te intimideren, bericht The New York Times. Deze uitspraken deed Garland tijdens een persconferentie waarin hij de aanklachten aankondigde tegen dertien Chinese staatsburgers die voor de inlichtingendienst van Beijing zouden werken.

    De persoon bleek voor de FBI te werken en overhandigde valse documenten

    Twee van de aangeklaagde Chinese burgers zouden spioneren voor Huawei, een Chinees telecommunicatiebedrijf, dat wordt beschuldigd van het stelen van handelsgeheimen. Het tweetal zou tevergeefs hebben geprobeerd voorkennis te verkrijgen over een federaal onderzoek naar het bedrijf door steekpenningen te betalen aan een ambtenaar die toegang had tot gevoelige details van het gerechtelijk onderzoek naar Huawei. De persoon bleek voor de FBI te werken en overhandigde valse documenten.

    De aanklacht maakte deel uit van drie ongerelateerde rechtszaken tegen Chinese inlichtingenagenten in de Verenigde Staten die maandag werden aangekondigd, ‘een dag nadat president Xi Jinping van China zijn greep op de macht verstevigde toen het congres van de Communistische Partij in Beijing werd afgesloten’, schrijft The New York Times.

    Lees ook:

  • Duitsland: hoofd cybersecurity ontslagen wegens vermeende banden met Rusland

    Duitsland: hoofd cybersecurity ontslagen wegens vermeende banden met Rusland

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » VS: Frans cementbedrijf Lafarge zwaar bestraft voor steun aan IS in Syrië

    » Ethiopisch leger verovert verschillende steden in door oorlog verscheurd Tigray

    Schönbohm onderhield contacten met Russische bedrijf

    De Duitse minister van Binnenlandse Zaken Nancy Faeser heeft dinsdag het hoofd van het nationale cybersecurity-agentschap BSI, Arne Schönbohm, ontslagen, zo heeft Der Spiegel uit veiligheidskringen vernomen. Later werd dit bevestigd door een woordvoerder van Binnenlandse Zaken.

    Schönbohm werd uit zijn functie als hoofd van het nationale cyberbeveiligingsagentschap BSI gezet nadat media hadden gemeld dat hij banden had met mensen die betrokken zijn bij Russische inlichtingendiensten. Faeser was naar verluidt bezorgd over Schönbohms voortdurende contacten met een vereniging genaamd de Cyber Security Council of Germany, bericht Deutsche Welle.

    De organisatie kwam onder vuur te liggen nadat Rusland Oekraïne binnenviel, vanwege de connectie van een van haar leden met het Kremlin, aldus DW. Cybersecuritybedrijf Protelion werd afgelopen weekend uit de raad gezet. Tot maart heette het bedrijf Infotecs en was het een dochteronderneming van zijn Russische naamgenoot. Het zou zijn opgericht door een voormalig lid van de Russische inlichtingendienst ,die een onderscheiding heeft ontvangen van president Vladimir Poetin.

    Lees ook:

  • Poetin geeft Russisch staatsburgerschap aan klokkenluider Edward Snowden

    Poetin geeft Russisch staatsburgerschap aan klokkenluider Edward Snowden

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » VK voert nieuwe sancties in tegen Rusland vanwege Oekraïense ‘schijnreferenda’

    » Noors ‘oliefonds’ van 1,2 biljoen dollar gaat alleen investeren in CO2-neutrale bedrijven

    Amerikaan is sinds 2013 als vluchteling in Rusland

    Vladimir Poetin heeft een decreet ondertekend waarbij aan de Amerikaanse klokkenluider Edward Snowden het Russisch staatsburgerschap wordt verleend. De negendertigjarige voormalig Amerikaanse inlichtingenofficier is sinds 2013 vluchteling in Rusland om aan vervolging te ontkomen, nadat hij geheime dossiers had gelekt en uitgebreide binnenlandse en internationale surveillanceoperaties van de National Security Agency (NSA) had onthuld.

    The Guardian, die de bestanden destijds publiceerde, schrijft dat Snowden, hoewel hij ‘eerder kritiek heeft geuit op de mensenrechtensituatie in Rusland, zich niet publiekelijk heeft uitgelaten over de Russische invasie in Oekraïne’. ‘Na twee jaar wachten en bijna tien jaar in ballingschap, zal een beetje stabiliteit een verschil maken voor mijn familie. Ik bid dat zij, en wij allemaal, privacy krijgen’, zei de klokkenluider op Twitter.

    Omdat hij nooit in het Russische leger heeft gediend, en dus geen reservist is, treft de militaire mobilisatie van vorige week hem niet, aldus zijn Russische advocaat – ondanks de ‘grappen op sociale media’, merkt The Guardian op.

    Lees ook:

  • Rusland gaf heimelijk 300 miljoen dollar aan politici en partijen wereldwijd

    Rusland gaf heimelijk 300 miljoen dollar aan politici en partijen wereldwijd

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Zweden: ‘electorale thriller‘ eindigt met overwinning voor rechts blok

    » Californië daagt Amazon voor de rechter

    Kremlin steunt extreemrechtse partijen in Europa

    Rusland heeft sinds 2014 heimelijk minstens 300 miljoen dollar gegeven aan politieke partijen, ambtenaren en politici in meer dan twee dozijn landen, en is van plan nog honderden miljoenen over te maken, met als doel politieke invloed uit te oefenen en verkiezingen te beïnvloeden, aldus een samenvatting van het State Department van een recent onderzoek van de Amerikaanse inlichtingendienst. Rusland heeft waarschijnlijk nog meer gegeven dat onopgemerkt is gebleven, aldus het document, bericht The New York Times.

    ‘Het Kremlin en zijn afgevaardigden hebben deze middelen overgemaakt in een poging het buitenlandse politieke klimaat in het voordeel van Moskou te beïnvloeden’, aldus het document. Volgens de Amerikaanse inlichtingendienst probeerde een Russische zakenman vorig jaar pro-Russische denktanks in Europa te gebruiken om extreemrechtse nationalistische partijen te steunen.

    Het document waarschuwde dat Rusland de komende maanden zijn ‘instrumentarium voor heimelijke beïnvloeding’, waaronder geheime politieke financiering, in grote delen van de wereld zou kunnen gebruiken om te proberen de door de VS geleide sancties tegen Rusland te ondermijnen en om ’zijn invloed in deze regio’s te handhaven tijdens de aanhoudende oorlog in Oekraïne’, aldus The New York Times.

    Lees ook:

  • Polen en Hongarije kochten Pegasus-spyware kort na bezoek Netanyahu

    Polen en Hongarije kochten Pegasus-spyware kort na bezoek Netanyahu

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » GitHub sluit Indiase website die moslima’s ‘ter veiling’ aanbiedt

    » Tesla bekritiseerd om openen showroom in Chinese regio Xinjiang

    Spyware is gebruikt om oppositieleden te bespioneren

    Volgens de toonaangevende Poolse krant Gazeta Wyborcza heeft Polen Pegasus-spyware gekocht van het Israëlische bedrijf NSO, kort nadat de Poolse premier Mateusz Morawiecki en premier Orbán van Hongarije een ontmoeting hadden met de toenmalige Israëlische premier Benjamin Netanyahu in 2017. Met de spyware werden vervolgens prominente oppositieleden afgeluisterd in aanloop naar de Poolse parlementsverkiezingen.

    De afluisterpraktijken betroffen onder meer een advocaat die leden van de Poolse oppositie vertegenwoordigde, een Poolse openbare aanklager die de pogingen aanvocht van de populistische rechtse regering om de rechterlijke macht te zuiveren, en de Poolse senator Krzysztof Brejza, schrijft het Israëlische dagblad Haaretz. De mobiele telefoon van Brejza werd circa drieëndertig keer gehackt met de geavanceerde Pegasus-spyware op het moment dat hij de campagne leidde van de oppositie tegen de regerende PiS-partij. Sms-berichten die van Brejza’s telefoon waren gestolen, werden gebruikt in een lastercampagne die breed werd uitgemeten op door de staat gecontroleerde tv-zenders in de periode voor de verkiezingen, die de zittende PiS-partij nipt won.

    Lees ook:

  • Turkije pakt oppositielid op wegens spionage voor Italië en Spanje

    Turkije pakt oppositielid op wegens spionage voor Italië en Spanje

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Chinese staatspers: Partijleden zijn verplicht drie kinderen te krijgen

    » Gewapende drones geven doorslag in Ethiopische burgeroorlog

    De gearresteerde man is de oprichter van de Deva-partij

    Een Turkse militair analist die vorige week werd gearresteerd, wordt beschuldigd van spionage voor Italië en Spanje. De man, Metin Gurcan, die in zijn huis in Istanboel werd gearresteerd, wordt beschuldigd van het doorspelen van politieke en militaire informatie, bericht persbureau ANSA.

    Hij zou strategische analyses hebben geleverd aan Italiaanse en Spaanse diplomaten in de Turkse hoofdstad Ankara. Gurcan heeft naar verluidt toegegeven dat hij informatie voor buitenlandse ambassades vergaarde in ruil voor geld, maar ook gezegd dat de informatie publiek was en geen militaire geheimen bevatte. Gurcan is een van de oprichters van de Deva-partij, die zich verzet tegen de Turkse president Erdogan.

    Lees ook:

  • Turkije is niet langer een gastvrij ‘spionnennest’

    Turkije is niet langer een gastvrij ‘spionnennest’

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Donald Trump kondigt lancering van eigen sociale media aan: Truth Social

    » Sinds brexit geven Britten meer geld uit in Spanje

    Turkije treed op tegen buitenlandse inlichtingendiensten

    Tijdens de Koude Oorlog was Istanboel een echt ‘spionnennest’, waar agenten uit de hele wereld elkaars pad kruisten, elkaar observeerden en de confrontatie met elkaar aangingen. Door zijn strategische ligging, op de scheidslijn tussen Europa, de Kaukasus en het Midden-Oosten, en door de spanningen in de regio is Turkije opnieuw een favoriete schuilplaats geworden voor schimmige mannen, schrijft Courrier International.

    Op 24 september hebben de Turkse politie en inlichtingendiensten in Van, in het noordoosten van het land, een cel ontmanteld van acht personen die voor de Iraanse geheime diensten werkten, zo meldt dagblad Sözcü.

    Het netwerk, bestaande uit twee Iraanse onderdanen en zes Turkse medeplichtigen, was van plan een tegenstander, een voormalige Iraanse militair, en zijn vrouw, die zich in Turkije verborgen hielden, te ontvoeren. Twee leden van de groep, de een Turks, de ander Iraans, werden zelfs onderschept op weg naar het huis van hun opponent, een operatie die werd gefilmd en uitgezonden door het staatsnieuwsagentschap Anadolu. Acht maanden lang werden de vermeende spionnen gevolgd door teams van het MIT, de Turkse geheime dienst. Een machtige en ondoorzichtige organisatie, deels buitenlandse inlichtingendienst, deels contraspionagedienst en deels gevreesde politieke politie, die haar grondgebied angstvallig bewaakt en niet aarzelt in te grijpen tegen rivaliserende buitenlandse diensten wanneer deze bepaalde grenzen overschrijden, of om een boodschap over te brengen, schrijft Het Franse weekblad Courrier.

    https://www.youtube.com/watch?v=rsCPnyrSak0

    Kort daarna was het op 7 oktober de beurt aan Irans gezworen vijand, de Israëlische Mossad. ‘Een team van tweehonderd MIT-leden was al een jaar bezig met dit netwerk van Mossad-agenten, verspreid over vier steden in vijf cellen van elk drie personen’, maakte dagblad Sabah bekend.

    Ze werden betaald voor hun diensten in bitcoin via een systeem waarmee ze geld konden opnemen bij handelaren en verzamelden informatie over Palestijnse en andere buitenlandse studenten in Turkije, vooral degenen die kennis konden opdoen die gebruikt kon worden in de defensie-industrie, legt Sabah uit.

    En aan de jacht op spionnen lijkt dit najaar geen einde te komen: daags na de razzia op vermeende Mossad-informanten, werd ditmaal Rusland in het vizier genomen: ‘Zes mensen gearresteerd op beschuldiging van spionage en voorbereiding van een gewapende actie’, meldt Hürriyet. Volgens het dagblad worden de zes personen, van Russische, Oekraïense en Oezbeekse afkomst, ervan verdacht de moord op Tsjetsjeense tegenstanders op Turks grondgebied te hebben beraamd en hiertoe wapens te hebben aangeschaft. Zij werden aangehouden na een proces op beschuldiging van ‘politieke en militaire spionage’, waarop volgens het Turkse strafrecht een gevangenisstraf van vijftien tot twintig jaar staat, aldus de krant.

    Lees ook:

  • Catalaanse ex-premier gearresteerd in Italië | Dubbel zoveel CO2 door vlees

    Catalaanse ex-premier gearresteerd in Italië | Dubbel zoveel CO2 door vlees

    Catalaanse separatist Carles Puigdemont gearresteerd in Italië

    Voorstander van onafhankelijkheid en voormalig regeringsleider van Catalonië, Carles Puigdemont, is op donderdag 23 september op Sardinië gearresteerd door de Italiaanse politie, meldt El Mundo. De Catalaanse leider werd gearresteerd in Alghero. Er liep een internationaal arrestatiebevel tegen de ex-premier.

    Puigdemont is aangeklaagd voor ‘opruiing’ en ‘verduistering van publieke middelen’

    ‘Gerechtelijke bronnen verklaren dat de rechtbank zal moeten beslissen of de Italiaanse autoriteiten ermee instemmen hem aan Spanje uit te leveren’, schrijft de Spaanse krant. Hij verblijft sinds de mislukte afscheidingspoging in 2017 in ballingschap in België om aan vervolging door de Spaanse justitie te ontkomen. Carles Puigdemont is aangeklaagd voor ‘opruiing’ en ‘verduistering van publieke middelen’.


    Dubbel zoveel CO2 door vlees

    De wereldwijde voedselproductie veroorzaakt een derde van alle door menselijke activiteit uitgestoten gassen die de planeet opwarmen, aldus een groot nieuw onderzoek. Vleesproductie zorgt voor zeker twee keer zoveel emissies als de productie van plantaardig voedsel. Het volledige systeem van voedselproductie, inclusief het gebruik van machines, kunstmest en transport, zorgt jaarlijks voor 17,3 miljard ton broeikasgas. Dat is ruim het dubbele van de totale uitstoot van de VS en vertegenwoordigt 35 procent van de wereldwijde uitstoot, schrijft The Guardian.

    Een kilo tarwe veroorzaakt 2,5 kilo broeikasgas, een kilo rundvlees 70 kilo

    ‘Dit is hoger dan we hadden verwacht’, aldus Atul Jain, van de Universiteit van Illinois en coauteur van het artikel, dat maandag werd gepubliceerd in Nature Food.

    Het verschil in uitstoot tussen vlees- en plantaardige productie is groot: de productie van bijvoorbeeld een kilo tarwe veroorzaakt 2,5 kilo broeikasgas, een kilo rundvlees 70 kilo. Volgens de onderzoekers moeten samenlevingen zich rekenschap geven van dit significante verschil bij de aanpak van de klimaatcrisis.


    Australië steunde de CIA in Chili

    Australië was in de jaren zeventig betrokken bij spionageoperaties in Chili, ter ondersteuning van de Amerikaanse CIA, die samenspande tegen de democratisch gekozen regering van de socialistische president Salvador Allende, die 48 jaar geleden door het leger werd afgezet, bericht MercoPress. De Australische geheime dienst runde een ‘station’ in Santiago van 1971 tot 1973 op verzoek van de CIA, zo blijkt uit documenten die zijn vrijgegeven door het National Security Archive (NSA), in Washington.

    ‘Vijftig jaar na dato vinden we nog steeds aanwijzingen van gezamenlijke geheime inspanningen om de democratisch gekozen regering van president Salvador Allende te destabiliseren’, aldus Peter Kornbluh van NSA.

  • De zaak-Tampa: hoever mag de FBI gaan?

    De zaak-Tampa: hoever mag de FBI gaan?

    De Amerikaanse FBI hield vorig jaar ruim vierhonderd uur een man in Florida in de gaten met spionagevliegtuigen – zonder gerechtelijke toestemming. Centraal in de rechtszaak staat een fundamentele kwestie: in hoeverre is de politie geoorloofd de bewegingen van een verdachte te volgen?

    ‘Deze surveillance vanuit de lucht, beschreven in stukken die eind augustus bij een Amerikaanse federale rechtbank werden ingediend, toont voor het eerst de mogelijkheden waarover die de FBI beschikt om met behulp van vliegtuigen langdurig toezicht te houden op één persoon.’ Dat schrijft Trevor Aaronson in een artikel voor The Intercept, waarin hij een Amerikaanse rechtszaak bespreekt tegen een man die wordt verdacht aanhanger van IS te zijn.

    ‘De vloot van FBI-vliegtuigen, vaak kleine luchtvaartuigen, is uitgerust met hightech videocamera’s en volgapparatuur die bekend staat als “celsite-simulators”. Daarmee worden mobiele telefoons misleid om verbinding te maken met apparatuur van de FBI in plaats van met legitieme gsm-masten,’ aldus Aaronson.

    De onthullingen over deze extreme vorm van surveillance kwamen aan het licht in een rechtszaak tegen Muhammed Momtaz Alazhari, vermeend aanhanger van Islamitische Staat, die volgens federale aanklagers een terroristische aanslag beraamde in het gebied rond Tampa Bay. Alazhari pleitte onschuldig aan een aanklacht van materiële steun aan terroristen en twee aanklachten wegens vuurwapenbezit.

    Geen toestemming

    Samuel Landes, de pro-Deoadvocaat van Alazhari, heeft een klacht ingediend over de zaak. Landes vindt dat de luchtsurveillance van de FBI een vorm van illegale huiszoeking is waarvoor geen toestemming werd aangevraagd en hij stelt dat de informatie die uit deze surveillance is verkregen, mogelijk is gebruikt om informanten te werven en de aanvraag tot huiszoeking te rechtvaardigen. ‘De surveillance is onredelijk omdat hij werd uitgevoerd zonder een bevel’, aldus Landes. ‘Uiteindelijk kan de regering niet aantonen dat bewijzen niet zijn verkregen door de illegale surveillance vanuit de lucht.’

    ‘Het zou me verbazen als dit het enige geval is’

    Wetshandhavers hebben geen bevel nodig om een criminele verdachte te surveilleren vanuit een auto, maar het Amerikaanse Hooggerechtshof oordeelt dat een bevel tot huiszoeking wel is vereist voor surveillances waarbij technologie wordt gebruikt waarmee de politie álle bewegingen van een verdachte kan volgen. Daarom kan de zaak in Florida gevolgen hebben voor de slagkracht van de FBI om bij toekomstige onderzoeken geheime spionagevliegtuigen te gebruiken.

    ‘Deze zaak laat zien hoe ver de regering wil gaan om het argument door te drukken dat het vierde amendement [de grondwettelijke bescherming van burgers tegen onredelijke huiszoekingen en inbeslagnames door de overheid] niet van toepassing is op observatie van jou in het openbaar’, zegt Brett Max Kaufman, advocaat van ACLU, het Amerikaanse centrum voor burgerlijke vrijheden. ‘Het zou me verbazen als dit het enige geval is waarin ze een dergelijke vorm van surveillance op één persoon hebben losgelaten, en ik betwijfel of dit de laatste keer is dat we hierover zullen horen.’

    FBI-spionagevliegtuigen

    Dat de FBI surveilleert met met spionagevliegtuigen kwam in 2015 aan het licht bij protesten in Baltimore nadat Freddie Gray overleed in politiehechtenis. Op verzoek van de politie van Baltimore stuurde de FBI Cessna-vliegtuigen de lucht in die van 29 april tot 3 mei 2015 de menigte in de gaten te hielden. Een jaar later maakte de FBI die videobeelden openbaar.

    Zowel Associated Press als BuzzFeed News meldden destijds dat het spionageprogramma met vliegtuigen landelijk door de FBI werd ingezet en dat er meer dan honderd Cessna-vliegtuigen in gebruik waren. Uit de registratiegegevens van de Federal Aviation Administration blijkt dat veel van deze vliegtuigen eigendom waren van wat leek op bedrijven die door de FBI als dekmantel werden gebruikt, zoals KQM Aviation en PXW Services. Aan de kant van de piloot zijn aan de onderzijde van de vliegtuigen bewakingscamera’s gemonteerd en piloten vliegen patronen tegen de klok in om die camera constant op hun doelen gericht te houden.

    ‘Het luchtvaartprogramma van de FBI is niet geheim’, was het antwoord van FBI-woordvoerder Christopher Allen in 2015 op vragen van Associated Press. ‘Maar specifieke vliegtuigen en hun mogelijkheden worden geheim gehouden vanwege operationele veiligheidsdoeleinden.’

    Uit een analyse van Buzzfeed met behulp van gegevens van Flightradar24, een site waarmee vluchten gevolgd kunnen worden, bleek dat de FBI ook spionagevliegtuigen gebruikte na de schietpartij in San Bernardino in 2015, waarbij Syed Rizwan Farook en zijn vrouw Tashfeen Malik veertien mensen doodden en tweeëntwintig verwondden op een bedrijfsfeest. Twee vliegtuigen cirkelden rond de plek van de schietpartij, meldde BuzzFeed, en de week daarop toonden vluchtgegevens aan dat drie verschillende FBI-vliegtuigen hadden rondgecirkeld rond de moskee die door Farook werd bezocht.

    Tot nu toe was echter niet duidelijk hoe de FBI haar vloot spionagevliegtuigen kan gebruiken tegen een individuele verdachte.

    De zaak-Tampa

    In mei 2019 raakte de FBI geïnteresseerd in Alazhari, een medewerker van Home Depot die toen 23 jaar oud was, nadat er aanwijzingen waren opgedoken dat hij naar IS-propaganda keek en positief sprak over de terroristische groepering, aldus de autoriteiten in de gerechtelijke dossiers. Federale agenten vernamen ook dat Alazhari in 2015 in Saoedi-Arabië was veroordeeld op beschuldiging dat hij van plan was naar Syrië te reizen om zich aan te sluiten bij Jaysh al-Islam, een islamitische militante groepering die juist tegenover IS stond.

    Alazhari zou in april 2020 hebben geprobeerd een wapen te kopen op eBay. De FBI nam toen het account van de eBay-verkoper over en een undercoveragent begon rechtstreeks met Alazhari te communiceren. Alazhari vertelde de undercoveragent dat hij al verschillende wapens had, waaronder een uzi, die hij mogelijk wilde verkopen. ‘Wat eigenlijk echt cool is aan deze Uzi, is dat hij echt heel nauwkeurig is’, zei Alazhari tegen de agent. Alazhari besprak ook de mogelijke aankoop van een AK-47 van de undercoveragent, die hij wilde omvormen tot volautomatisch wapen.

    In totaal hield de FBI Alazhari bijna 429 uur vanuit de lucht in de gaten

    De bijna constante FBI-surveillance van Alazhari vanuit de lucht gebeurde terwijl hij aan het communiceren was met de undercoveragent die zich voordeed als de eBay-verkoper. Van 18 april 2020 tot 12 mei 2020 hield de FBI Alazhari elke dag, met uitzondering van één dag, vanuit de lucht in de gaten, uiteenlopend van twee uur tot maar liefst twintig uur per dag.

    In totaal hield de FBI Alazhari bijna 429 uur vanuit de lucht in de gaten. Een deel van deze surveillance resulteerde in bewijs dat de regering tegen Alazhari heeft ingediend, waaronder beelden waarvan het ministerie van Justitie beweert dat Alazhari ‘doelen verkent voor een mogelijke grootschalige schietpartij’. Toch volgden de vliegtuigen van de FBI Alazhari vooral tijdens zijn dagelijkse bezigheden. Zo werd hij gevolgd op uitstapjes naar Honeymoon Island State Park, voor de westkust van Florida, en naar Orlando.

    De vliegtuigen volgden Alazhari tijdens alledaagse handelingen en gebeurtenissen, zoals het ophalen van post uit zijn brievenbus, het bezoeken van zijn zus, een bezoek aan de spoedeisende hulp en zelfs een keer toen hij zich inschreef bij een instelling voor psychiatrische patiënten. De enige dag waarop de FBI Alazhari tijdens deze periode niet vanuit de lucht in de gaten hield, was de dag waarop hij geestelijke gezondheidszorg kreeg.

    Om Alazhari in de gaten te houden, gebruikte de FBI een roterend systeem van vliegtuigen, waarbij steeds een nieuw vliegtuig opsteeg als een ander vliegtuig was geland. De camera’s van de vliegtuigen konden ver genoeg inzoomen om mensen op de grond te identificeren en konden schakelen tussen verschillende instellingen, waaronder een modus die hitte herkende en zo mensen kon ontwaren die aan het zicht werden onttrokken door bomen of andere objecten.

    ‘De surveillance klinkt als het geraaskal van een paranoïde schizofreen’

    De FBI gebruikte minstens negen vliegtuigen om Alazhari in de gaten te houden; een feit dat de advocaat van Alazhari kon vaststellen aan de hand van de bestandsnamen van de video’s van de FBI, die aan de verdediging zijn overhandigd in de strafzaak. Elk van de bestandsnamen bevatte wat de advocaat beschreef als ‘een schijnbaar betekenisloos alfanumeriek patroon’. Die alfanumerieke aanduidingen zijn de staartnummers van de FBI-vliegtuigen.

    De gegevens van de Amerikaanse luchtvaartautoriteiten laten zien dat de vliegtuigen zijn geregistreerd bij wat lijkt op bedrijven die de FBI als dekmantel gebruikt, zoals RKT Productions, KQM Aviation, NG Research, OBR Leasing en PSL Surveys. Een van de vliegtuigen die werd gebruikt om Alazhari te bewaken, een Cessna 182T met het staartnummer N404KR, werd ook door de FBI gebruikt in Californië in de dagen na de schietpartij in San Bernardino.

    ‘De surveillance klinkt als het geraaskal van een paranoïde schizofreen’, schreef Landes, de advocaat van Alazhari, in het dossier waarin hij de wettigheid van deze surveillance vanuit de lucht betwist, en waarin hij verklaart waarom de rechtbank de surveillance moet beschouwen als onwettige huiszoeking. ‘De samenleving is bereid om de volkomen normale aanname van de heer Alazhari, dat hij niet constant van bovenaf door de FBI mocht worden bekeken, te erkennen als redelijk.’

  • Historisch proces tegen kardinaal Becciu van start | Dialoog tussen VS en Rusland

    Historisch proces tegen kardinaal Becciu van start | Dialoog tussen VS en Rusland

    Historische Vaticaans proces tegen kardinaal Becciu

    Angelo Becciu, een voormalige medewerker van de paus, wordt beschuldigd van verduistering en machtsmisbruik. Op dinsdag 27 juli begon het tribunaal van de Heilige Stoel een nu al historisch proces tegen de geboren Italiaan. Het is de eerste keer dat een kardinaal wordt veroordeeld door een tribunaal bestaande uit leken.

    Het proces is het hoogtepunt van een onderzoek dat in 2019 is gestart naar vermeende frauduleuze financiële transacties in het Vaticaan. Becciu, een kardinaal die ooit dicht bij paus Franciscus stond, bekleedde ten tijde van de gebeurtenissen de functie van plaatsvervanger in het staatssecretariaat voor Algemene Zaken van de Heilige Stoel – een van de belangrijkste posities binnen de regering van de katholieke kerk. Hij wordt beschuldigd van verduistering van gelden, machtsmisbruik en het beïnvloeden van getuigen.

    Andere verdachte investeringen zouden volgens het OM zijn gedaan met geld van donaties

    ‘Centraal in het proces‘, aldus de nieuwssite Il Post, ‘staat het onderzoek naar de aankoop van een gebouw in Londen, waarvoor veel meer werd betaald dan de werkelijke waarde. Ook andere verdachte investeringen zijn het doelwit: deze zouden volgens het Openbaar Ministerie zijn gedaan met geld van de Sint-Pieterspenning [donaties van de gelovigen die onder liefdadigheidsinstellingen moeten worden verdeeld]‘.

    Angelo Becciu is niet de enige verdachte in deze zaak, negen andere personen – leken en geestelijken – zullen voor het Vaticaanse tribunaal verschijnen. Niettemin is Becciu veruit de meest in het oog springende figuur, vanwege zijn vroegere belangrijke positie in de hiërarchie van de Heilige Stoel. Vooral de berechting van een kardinaal maakt dit proces tot een historische gebeurtenis.

    ‘Becciu zal de eerste kardinaal zijn die door het Staatstribunaal van Vaticaanstad zal worden berecht’

    ‘Becciu zal de eerste kardinaal zijn die door het Staatstribunaal van Vaticaanstad zal worden berecht sinds de oprichting ervan in 1929’, schrijft het katholieke dagblad Avvenire. ‘Deze primeur is ook het gevolg van het besluit van paus Franciscus van 30 april dat kardinalen voortaan moeten worden berecht door een gewone rechtbank en niet door het Hof van Cassatie, dat uit drie kardinalen bestaat.’

    De paus moest echter zijn uitdrukkelijke toestemming geven voor een proces tegen een kardinaal, benadrukt de krant uit Rome.

    Dit gebaar van de paus lijkt blijk te geven van zijn verlangen naar meer transparantie binnen de instellingen van de Heilige Stoel. Eind april presenteerde de paus een nieuwe anticorruptiewet met controlemaatregelen voor Vaticaanse hoogwaardigheidsbekleders.


    ’Substantiële’ dialoog tussen Moskou en Washington

    Bilaterale gesprekken tussen de Verenigde Staten en Rusland in Genève op woensdag waren ‘professioneel en substantieel’, volgens de deelnemers, ook al slaagden de twee mogendheden er niet in het eens te worden over wapenbeheersing, meldt CNN.

    De dialoog, waartoe Joe Biden en Vladimir Poetin hadden opgeroepen in een poging de gespannen betrekkingen tussen beide landen te verbeteren, werd toevertrouwd aan de nummer twee van het Amerikaanse Ministerie van Buitenlandse Zaken, Wendy Sherman, en haar tegenhanger bij het Russische Ministerie van Buitenlandse Zaken, Sergej Riabkov. De besprekingen zullen in september worden hervat.


    Frankrijk eist uitleg van Israël over Pegasus

    De Franse minister van Defensie, Florence Parly, ontving woensdag in Parijs haar Israëlische ambtgenoot, Benny Gantz, die verzekerde dat zijn land ‘met de grootste ernst’ onderzoek doet naar het Pegasus-dossier, schrijft The Washington Post.

    ‘Israël geeft alleen exportvergunningen voor cyberproducten om terrorisme en misdaad te bestrijden’, aldus minister Gantz.

    Frankrijk eist uitleg van Israël over de acties van het bedrijf NSO, ontwerper van de Pegasus-software, die werd gebruikt om de mobiele telefoons van Emmanuel Macron en verscheidene Franse ministers te bespioneren. Minister Gantz ‘benadrukte dat de staat Israël alleen exportvergunningen voor cyberproducten aan staten geeft, en alleen om terrorisme en misdaad te bestrijden‘.  

    Lees ook:


    Nicaragua ontbindt 24 ngo‘s

    Het Nicaraguaanse parlement heeft woensdag 24 ngo’s ontbonden ‘die kritiek hadden geuit op het coronabeleid van het regime van president Daniel Ortega’, aldus nieuwssite 100% Noticias. Het parlement beschuldigt hen er officieel van dat zij de wetgeving inzake ngo’s niet hebben nageleefd.

    Vijftien van deze organisaties waren werkzaam in de medische sector. Veel medici hebben kritiek geuit op de maatregel, die de toegang tot gezondheidszorg van groepen die al moeilijk te bereiken zijn verder belemmert in een land waar geen beperkingen worden opgelegd om de pandemie in te dammen.

    De autoriteiten hadden in 2018 al een dozijn organisaties ontbonden, omdat zij beschuldigd werden van ‘terroristische’ activiteiten.

  • Mijn dubbelleven als KGB-agent

    Mijn dubbelleven als KGB-agent

    Jack Barsky groeide op in Oost-Duitsland en liet zijn moeder, broer, vrouw en zoon in de steek om te gaan spioneren voor de KGB. In de VS stichtte hij een tweede gezin. Hij waande zich slimmer dan wie ook – tot alles in elkaar donderde. The Guardian sprak de voormalig geheim agent na zijn carrière.

    Keuze uit ons archief

    Onlangs bleek uit inlichtingen van de Tsjechische autoriteiten en onderzoek van Bellingcat dat KGB-agenten betrokken waren bij een explosie in een Tsjechisch wapendepot in 2014, waarbij twee doden vielen. Dit interview uit The Guardian met voormalig geheim agent Albert Dittrich, alias Jack Barsky, laat zien hoe de Russische inlichtingendienst in de nadagen van de Sovjet-Unie opereerde.

    Intrigerend aan het beeld van de KGB dat naar voren komt, zijn zowel de grondige voorbereiding en de complexe communicatiekanalen, als het amateurisme en de gebrekkige kennis over de grote vijand: de VS.

    Dit artikel verscheen eerder in nummer 115 van 360 Magazine, februari 2017.

    Op een koude decemberochtend in 1988 neemt Jack Barsky net als anders de metro naar zijn werk op Madison Avenue in Manhattan, nadat hij in Queens zijn vrouw en dochtertje gedag heeft gezegd. Op het moment dat hij het metrostation inloopt, registreert hij met een schok iets opmerkelijks: een klodder rode verf op een stalen balk. Barsky is al jarenlang gespitst op dit teken: het wil zeggen dat hij een ongekend ingrijpende beslissing moet nemen, en snel ook.

    Barsky weet wat er staat te gebeuren. De rode verf is een waarschuwing dat hij in direct gevaar verkeert, dat hij als een speer geld en nooddocumenten moet ophalen op een vooraf afgesproken plek. Vervolgens zal hij de grens met Canada overgaan en contact opnemen met de Russische ambassade in Toronto. Hij zal het land uit worden gesmokkeld. Hij zal niet langer Jack Barsky zijn. De Amerikaanse identiteit die hij zich tien jaar eerder heeft aangemeten zal als sneeuw voor de zon verdwijnen en hij zal terugkeren naar zijn eerdere bestaan: dat van Albrecht Dittrich, een scheikundige en KGB-agent, een man met een vrouw en een zeven jaar oud zoontje, die geduldig op hem wachten in Oost-Duitsland.

    Lees ook:

    Barsky denkt aan zijn Amerikaanse dochtertje, Chelsea: kan hij haar echt in de steek laten? Maar als hij dat niet doet, hoelang zal hij dan uit handen weten te blijven van zowel de KGB als de Amerikaanse contraspionagediensten?

    Barsky geeft eerlijk toe dat ego en een romantisch beeld van het leven als spion een veel grotere rol speelden bij zijn beslissing dan ideologische overwegingen

    Nu, op een ongebruikelijk warme middag in januari, komt Barsky mijn hotel binnenlopen in Atlanta, de hoofdstad van de staat Georgia. Hij drukt me stevig de hand. Barsky is inmiddels 67 en hij leeft al zo’n dertig jaar een min of meer doorsneebestaan. Maar de jaren die hij undercover heeft geleefd hebben hun tol geëist, zowel van hem als van zijn naasten. Pas onlangs heeft hij in het reine kunnen komen met zijn verleden.

    Het was een ongekende opluchting toen hij eindelijk de waarheid kon vertellen, zegt Barsky. ‘Al die jaren zat er hier een klein mannetje,’ zegt hij, waarbij hij wijst naar het peper-en-zoutkleurige haar dat met een scheiding over zijn schedel is gekamd. ‘Dat hield voortdurend alles wat ik zei heel scherp in de gaten, en maakte me duidelijk dat sommige onderwerpen verboden terrein waren. Ineens was dat mannetje omgelegd, en dat voelde als een explosie.’ Tegenwoordig is Barsky iemand die geanimeerd praat, die nauwelijks aansporing nodig heeft.

    ‘Het is bijna alsof het over iemand anders gaat. Maar het gaat over mij’

    Barsky’s verhaal is ineens weer actueel, en maakt duidelijk hoe ver de Russen tijdens de Koude Oorlog bereid waren te gaan teneinde agenten in vijandelijk gebied te stationeren. Van hacking was toen nog geen sprake, en het was veel ingewikkelder om heen en weer te reizen tussen Moskou en het Westen. ‘Het voelt allemaal heel onwerkelijk, zoals ik er nu over praat,’ zegt hij over zijn ingewikkelde reis van Oost-Duitsland naar Amerika. ‘Het is bijna alsof het over iemand anders gaat. Maar het gaat over mij.’

    Albrecht Dittrich werd geboren in 1949, in een klein Oost-Duits plaatsje niet ver van de Poolse grens. Zijn vader was onderwijzer en een overtuigd marxist-leninist. Barsky omschrijft zijn moeder als een intelligente vrouw die hem nauwelijks knuffelde. ‘Op mijn veertiende stuurde ze me naar een kostschool, en ik heb haar geen seconde gemist.’ Niet veel later gingen zijn ouders uit elkaar en verloor hij het contact met zijn vader.

    Dittrich is een uitstekende leerling en hij gaat scheikunde studeren aan de Universiteit van Jena. Tijdens het vierde jaar van zijn studie klopt er iemand bij hem op de deur om te vragen of hij belangstelling heeft voor een baan bij Carl Zeiss, de lenzenmaker. De onbekende legt al snel zijn masker af: hij is van de Stasi, de Oost-Duitse veiligheids- en inlichtingendienst. Dittrich wordt uitgenodigd voor een etentje in een restaurant, waar hij wordt voorgesteld aan een andere man, Herman, die Duits spreekt met een vaag Russisch accent. Herman zegt dat ze overwegen hem klaar te stomen voor werk als undercoveragent. Dittrich gaat gewoon door met zijn studie, maar hij zal Herman elke maandagochtend ontmoeten, eerst in de auto van de agent en later in een zogeheten safehouse.

    Als Dittrich zijn studie heeft voltooid en aan zijn promotieonderzoek is begonnen, stuurt Herman hem drie weken naar Oost-Berlijn met de instructie om daar ene Boris te treffen. Na een training van enkele weken wordt hij naar een Russische legerbasis aan de rand van de stad gebracht, waar Boris en hij iemand spreken die naar Dittrichs idee een hooggeplaatste KGB-agent is. De Sovjet-Unie heeft alleen behoefte aan gemotiveerde spionnen, zegt de man, en het staat Barsky vrij om ja of nee te zeggen. Hij krijgt 24 uur de tijd om te beslissen.

    Manhattan, New York City, circa 1985. – © Michael Brennan / Getty
    Manhattan, New York City, circa 1985. – © Michael Brennan / Getty

    Dittrich was een overtuigd communist, maar Barsky geeft eerlijk toe dat ego en een romantisch beeld van het leven als spion een veel grotere rol speelden bij zijn beslissing dan ideologische overwegingen. ‘Ik beschouwde mezelf als een intellectueel en ik meende slimmer te zijn dan wie ook,’ vertelt hij me, terwijl hij wat aan zijn leesbril met zwart montuur frunnikt. ‘Ze hebben me voor een belangrijk deel over de streep weten te trekken door in te spelen op die eigendunk.’ Hij klinkt het merendeel van de tijd als een onvervalste Amerikaan van de oostkust, maar als ik de opnamen afspeel, hoor ik, naarmate de uren verstrijken, toch iets van een Duitse intonatie in zijn stem kruipen. Zo nu en dan ontsnapt er een heuse Teutoonse R aan zijn keel. Rroom. Rruminate.

    In februari 1973 zegt Dittrich tegen zijn moeder dat hij stopt met zijn studie en naar Berlijn gaat verhuizen, waar hij een opleiding zal volgen tot diplomaat. In Berlijn begint zijn KGB-training, meestal uitgevoerd door Russen die hun instructies in het Duits laten vertalen door een instructeur. Hij krijgt les in morse en cryptografie, zodat hij via de kortegolfradio gecodeerde berichten kan ontvangen. Er wordt hem geleerd hoe hij kan voorkomen dat hij wordt gevolgd, hij leert dead drops uitvoeren (pakjes verstoppen en ophalen), en hij wordt geschoold in diverse andere aspecten van de klassieke kunst van het spioneren. Hij krijgt Engels als tweede taal toegewezen en volgt vele uren privéles. ‘In mijn vrije tijd ging ik naar het theater, de opera en musea, en de KGB betaalde de rekening,’ vertelt Barsky.

    Moskou

    In 1975, op zijn zesentwintigste, wordt hij voor het eerst naar Moskou gestuurd. Daar wordt zijn Engels getoetst door twee vrouwen: een hoogleraar van de Universiteit van Moskou en een ‘depressief ogende’ Amerikaanse van middelbare leeftijd. ‘Jaren later heeft de FBI me een foto van haar laten zien. Ze wisten wie ze was. Ze was verliefd geworden op een Rus, naar het scheen, maar ze was een toonbeeld van treurigheid. Ze was totaal niet geassimileerd.’

    Later komt er een groepje KGB-mannen naar Dittrichs appartement voor een uitgebreid en met drank overgoten etentje, waar de man die de hoogste in rang lijkt te zijn een mededeling doet: Dittrich zal deel gaan uitmaken van het Russische ‘illegalenprogramma’ in de VS, het geheimste en meest prestigieuze onderdeel van de KGB-operaties. Illegalen kunnen opereren op een manier die voor agenten met een diplomatieke dekmantel niet is weggelegd. Ze krijgen ook de instructie mee om op elk moment paraat te zijn voor de zogeheten ‘speciale periode’, een mogelijke totale oorlog tussen de Sovjet-Unie en de Verenigde Staten, waarin alle diplomatieke banden verbroken zouden worden.

    Nu, tijdens ons gesprek, zegt Barsky dat hij nooit geïnformeerd is over zijn rol in dit overkoepelende programma. ‘Ik heb altijd alleen op tactisch niveau geopereerd. Ik werd op geen enkele manier geïnformeerd over hoe ik in een groter plaatje zou passen.’ Maar hij kan wel een zeer gedetailleerde beschrijving geven van het ultrageheime trainingsprogramma.

    De mensen die hem hadden getraind, hadden geen flauw idee hoe de Amerikaanse samenleving er in de praktijk uitziet

    Nadat hij twee jaar lang dag in dag uit in Berlijn was getraind, zat hij nog twee jaar in Moskou, een periode die hij als moeilijk en eenzaam ervaarde. ‘Daarvoor, thuis, was ik iemand. Daar kende ik mensen – ik was gek op scheikunde en ik vond het heerlijk om les te geven. Daar moest ik allemaal afscheid van nemen om me ergens te vestigen waar ik niemand kende, behalve mijn instructeurs. Ik sprak de taal niet en het was onmogelijk om vriendschappen te sluiten.’ Zijn moeder, die in de overtuiging verkeert dat hij als diplomaat werkzaam is op de Oost-Duitse ambassade, brengt hem een kort bezoek. Hij boekt een hotel voor haar en laat haar de stad zien. Hun gids is in werkelijkheid een KGB-instructeur.

    Dittrich wordt een op een getraind, meestal bij hem thuis. Hij heeft geen contact met andere ‘illegalen’ en hij heeft nooit een KGB-agent in uniform gezien. Er zijn dagen dat de KGB hem laat volgen door een team van acht mensen, maar er zijn ook dagen dat hij niet wordt gevolgd. Hij moet leren vast te stellen wanneer hij wordt gevolgd. Hij krijgt lessen taekwondo om zich te kunnen verdedigen, en nog meer Engelse lessen om zijn accent te perfectioneren.

    In juni 1978 is hij er bijna klaar voor. Sovjetagenten zijn in Maryland op een grafsteen gestuit van een jongen die op zijn tiende is overleden – Jack Barsky – en hebben een geboorteakte weten te bemachtigen. In Moskou gaat hij met zijn instructeur aan de slag om het ‘levensverhaal’ van Barsky te schrijven: ‘Op welke scholen hij had gezeten, waar hij allemaal had gewoond. We besloten hem een van oorsprong Duitse moeder te geven, ter verklaring van de laatste zweem Duits in zijn accent.’

    Missie

    Dittrich krijgt een missie: contact leggen met buitenlandse, politieke denktanks, en in het bijzonder met president Carters nationale veiligheidsadviseur, Zbigniew Brzezinski. Hij krijgt nauwelijks aanwijzingen hoe hij dat zou moeten aanpakken, of zelfs maar hoe hij het beste zou kunnen opgaan in de Amerikaanse samenleving. De mensen die hem hadden getraind, hadden geen flauw idee hoe de Amerikaanse samenleving er in de praktijk uitziet, hadden geen weet van de tastbare, niet-kwantificeerbare kanten van het leven daar. ‘Het was alsof ze heel lang naar een aquarium vol vissen hadden gekeken, en je vervolgens wilden leren om een vis te zijn,’ zegt Barsky. ‘Maar ze hadden eigenlijk geen enkel benul hoe het is om echt een vis te zijn.’

    Voordat Barsky naar Moskou was verhuisd, had hij de relatie met zijn vriendin Gerlinde verbroken. Maar nu hij terugkeert naar huis, voordat hij wordt uitgezonden, zegt ze dat ze nog altijd van hem houdt. Dittrich vraagt de KGB of hij de relatie mag voortzetten. Zijn instructeurs trekken Gerlinde na en geven hun goedkeuring – wat misschien sympathieker lijkt dan het is, want een agent die thuis nog een vriendin heeft is, in ieder geval in theorie, minder geneigd om over te lopen.

    Hij mag Gerlinde een versie van de waarheid vertellen, maar hij liegt tegen zijn moeder, die een document van de Sovjetregering ontvangt waarin staat dat haar zoon op een vijfjarige missie naar het Kosmodroom van Bajkonoer is gestuurd, het zenuwcentrum van het Russische ruimteprogramma. Het is een afgesloten stad, slechts toegankelijk met toestemming van de regering; dit keer zou ze hem niet kunnen verrassen met een bezoekje.

    Een paar weken later wordt hij op een metroperron aangeklampt door een onbekende, die zegt dat hij er is geweest als hij niet terugkeert naar huis

    Voordat hij naar de Verenigde Staten vertrekt, krijgt Dittrich een stapel witte vellen papier, om een aantal brieven te schrijven aan zijn moeder en zijn jongere broer. Er zal er elke maand eentje worden verstuurd. Aan het einde van elke brief laat hij ruimte over, zodat een KGB-agent daar nog wat kan schrijven over actuele gebeurtenissen, of antwoord kan geven op eventueel gestelde vragen. En dan gaat hij op weg naar het vliegveld.

    Dittrich, die dan 29 is, vliegt van Moskou naar Belgrado, waar hij een trein neemt naar Rome en vervolgens naar Wenen. In Oostenrijk krijgt hij een Canadees paspoort, op naam van William Dyson. Hij koopt een vliegticket naar Mexico-Stad, via Madrid. In Mexico koopt hij een ticket naar Toronto, via Chicago. Eindelijk staat hij dan op het punt het vijandelijk gebied binnen te dringen.

    ‘Ik had het gevoel alsof ik een neonbordje om mijn nek had hangen met “Deze man is niet te vertrouwen”’

    Barsky omschrijft zijn aankomst in Chicago op 8 oktober 1978 als ‘het spannendste uur van mijn leven’. Hij heeft een ultramoderne kortegolfradio bij zich en 7000 dollar aan contanten. ‘Ik had het gevoel alsof ik een neonbordje om mijn nek had hangen met “Deze man is niet te vertrouwen”.’ Maar de douaniers slikken het verhaal dat hij alleen een tussenstop maakt van een paar dagen, om de stad te bekijken, voordat hij terugkeert naar Canada. Ze zetten een stempel in zijn paspoort en hij mag Amerika in. Twee dagen later, in een hotelkamer in Chicago, verbrandt hij zijn Canadese paspoort en zijn ticket voor het vervolg van zijn reis: William Dyson is weer even snel van de aardbodem verdwenen als hij was opgedoken.

    Barsky, zoals hij nu heet, verhuist naar New York, met zijn nieuwe geboorteakte op zak. Daarmee vraagt hij een lidmaatschapspasje aan bij het Natural History Museum. Vervolgens regelt hij een bibliotheekpasje en een rijbewijs. Hij laat zijn handen en gezicht helemaal groezelig worden door zich dagenlang niet te wassen voordat hij een social security card aanvraagt – die had hij daarvoor nooit nodig gehad omdat hij als dagloner op boerderijen had gewerkt, zegt hij. En men gelooft hem.

    Zijn weg naar de wereld van de beleidsmakers op hoog niveau lijkt lang en kronkelig. ‘Ze hadden me nooit uitgelegd hoe ik in die kringen diende te infiltreren,’ zegt Barsky met een glimlach. ‘De vooronderstellingen waren op z’n zachtst gezegd merkwaardig.’ Hij neemt een baantje als fietskoerier om zo de stad te leren kennen. Een man die van zichzelf zegt dat hij een enorme eigendunk heeft, een topstudent, iemand die jaren en jaren is getraind door de KGB, fietst met pakjes door New York: viel de afgedwongen nederigheid hem niet zwaar?

    Barsky krabt zachtjes achter zijn oor en glimlacht. ‘Ik herinner me nog een aantrekkelijke vrouw die riep: “De boodschappenjongen staat voor de deur!” Ik zat er niet mee. Ik heb nooit echt gedacht: Je moest eens weten.’ Maar omdat dit beeld me bijna veertig jaar later nog zo scherp voor de geest staat, vraag ik me nu toch af of ik me daar niet in vergis.’

    Hij keert elke twee jaar terug naar Moskou en Oost-Duitsland, waar ingewikkelde paspoort- en documentenverwisselingen bij komen kijken, via dead drop. De eerste keer dat hij naar huis terugkeert, in 1980, trouwt hij met Gerlinde. Een paar dagen later schuift hij de trouwring weer van zijn vinger en verdwijnt opnieuw twee jaar uit beeld.

    Maar negen maanden later klinkt er een echo van zijn andere leven door op een van de gecodeerde radioberichten die hij elke donderdagavond ontvangt. Hij is vader geworden. Twee jaar later ziet hij zijn zoon, Matthias, maar hij vindt het moeilijk om iets van verbondenheid te voelen. Zijn relatie met Gerlinde lijkt afstandelijker dan ooit. ‘Ik schoof alle gedachten voor me uit,’ zegt Barsky. ‘Op een dag zou ik voorgoed terugkeren, dan zouden we het vuur weer kunnen oprakelen.’

    Arrogant

    Albrecht Dittrich mocht dan zijn afgestudeerd in scheikunde, Jack Barsky heeft geen noemenswaardige opleiding genoten. Dus schrijft hij zich in op het Baruch College in New York en volgt avondonderwijs om een diploma te halen. In 1984 krijgt hij een baan als programmeur bij MetLife, een verzekeringsmaatschappij. Hij past zich gemakkelijk aan: hij heeft geen moeite met de taal en de dagelijkse maskerade. Wel zijn er bepaalde omgangsvormen die lastiger onder de knie te krijgen zijn. ‘Een goede vriend nam me op een keer apart en zei: “Weet je, iedereen vind je een eikel. Je gaat overal tegenin, je neemt geen blad voor de mond en je bent arrogant.” Terwijl ik dacht dat ik heel aardig was.’ Pas jaren later is hij enigszins in staat naar de omgangsvormen van zijn vroegere Duitse vrienden te kijken door de ogen van een Amerikaan. ‘Het was alsof er ergens in mijn hoofd een lampje begon te branden: O, mijn God, dat ben ik!’ Het zijn dergelijke subtiele cultuurverschillen, zegt Barsky, waar de KGB je niet op wist voor te bereiden.

    Hij is elke week een paar uur in de weer met het decoderen van berichten uit Moskou. Soms bevatten ze een opdracht: zo moet hij een keer naar Californië om het huisadres van een overgelopen Sovjetwetenschapper te achterhalen en door te geven. (De nare bijsmaak van die missie verdwijnt pas wanneer hij er jaren later achter komt dat de bewuste wetenschapper 85 jaar is geworden.) In de meeste gevallen zijn de radioberichten weinig opwindend. ‘Het irritantste is wanneer je uren hebt zitten zwoegen om iets te decoderen, en dan blijken het alleen groeten en goede wensen te zijn.’

    Tot slot kijkt hij of er nog ergens lijken in de kast zitten, alles wat eventueel ooit gebruikt zou kunnen worden om iemand te chanteren

    Antwoorden is nog ingewikkelder. Daartoe schrijft Barsky om te beginnen een nietszeggende brief aan een verzonnen vriend, op een vel papier dat is geïmpregneerd met speciale chemicaliën. Vervolgens wordt dat papier op een spiegel of een glasplaat gelegd; daarbovenop komt een vel speciaal contactpapier, en dan weer een vel normaal papier. Het geheime bericht wordt heel licht op het bovenste vel geschreven, dat vervolgens wordt vernietigd. Door de chemicaliën worden de woorden in het onderste vel geïmpregneerd. Vervolgens wordt de brief naar een adres in Europa gestuurd, waar een betrouwbare handlanger hem doorspeelt naar een KGB-agent, die hem met de diplomatieke post naar Moskou stuurt, waar hij in een laboratorium wordt ontwikkeld. Het duurt ongeveer drie weken om een bericht van New York naar Moskou te krijgen.

    Barsky’s berichten zijn vaak profielen van mensen die hij heeft ontmoet en van wie hij denkt dat ze ontvankelijk zullen zijn voor een bezoek van Sovjetagenten. Hij besteedt aandacht aan aspecten die bij de rekrutering van belang kunnen zijn. Ideologie is een van die aspecten; zwakke plekken en financiële problemen zijn ook het vermelden waard. Tot slot kijkt hij of er nog ergens lijken in de kast zitten, alles wat eventueel ooit gebruikt zou kunnen worden om iemand te chanteren.

    Agnosticisme

    Ik vraag hem hoe hij denkt over de niet-geverifieerde aantijgingen dat president Trump zich tijdens zijn bezoeken aan Rusland op compromitterende wijze heeft gedragen. Het dossier met deze aantijgingen, samengesteld door voormalig MI6-medewerker Christopher Steele, is net een paar dagen voor onze afspraak naar buiten gekomen. ‘Chantage is zonder meer een wapen in het KGB-arsenaal,’ zegt Barsky schouderophalend. ‘Als ze het kunnen gebruiken, zullen ze het niet laten. De enige vraag is of onze president echt zo dom is geweest om dat soort dingen te doen.’ De Russische geheime dienst anno nu lijkt in grote lijnen nog precies zo te denken als zijn oude instructeurs bij de KGB, zegt hij. ‘Dat zie je eigenlijk bij vrijwel alle grote organisaties: die veranderen niet zo snel.’

    In de jaren tachtig zijn het vooral radicaal-rechtse ideologen op wie Barsky zijn pijlen richt; in Amerika zouden Sovjetagenten zich voordoen als radicaal-rechtse activisten. ‘Van één iemand over wie ik verslag heb uitgebracht, weet ik zeker dat hij door de knieën zou zijn gegaan, want hij was heel erg rechts,’ zegt hij. Maar Barsky weet niet of die mensen van enige waarde zijn gebleken voor de KGB; de operationele procedures schrijven voor dat de agent die het profiel opstelt niet dezelfde mag zijn als degene die de rekrutering doet. Barsky blijft profielen opstellen en versturen; het vervolg onttrekt zich volledig aan zijn blikveld.

    ‘De Duitser en de Amerikaan waren twee verschillende mensen. Geen van beiden heeft ooit iets met meer dan één vrouw tegelijk gehad’

    Vanuit New York kan Barsky op geen enkele manier contact opnemen met Gerlinde. Hij wordt eenzaam en gaat uit, loopt uiteindelijk Penelope tegen het lijf, een stewardess uit Guyana. Zij moet trouwen om aan een verblijfsvergunning te komen, en Barsky is bereid haar te helpen.

    Hij heeft dan al zo lang een dubbelleven geleid, legt hij uit, dat het ethische dilemma van twee huwelijken er ook nog wel bij kan. Zijn twee identiteiten nemen elk een ander deel van zijn hersenen in beslag en voor zijn gevoel is noch Jack Barsky noch Albrecht Dittrich ooit ontrouw geweest. ‘De Duitser en de Amerikaan waren twee verschillende mensen. Geen van beiden heeft ooit iets met meer dan één vrouw tegelijk gehad.’

    In 1986 gaat Barsky voor de laatste keer naar Moskou. Hij maakt kennis met iemand die zich bezighoudt met bedrijfsspionage, en die raadt hem aan te gaan stelen. ‘Hij was er heel open over. Hij zei dat de Sovjet-Unie het zwaar had. “We hebben behoefte aan hardware, software, alles wat je maar kunt vinden.”’ Barsky levert software die bij hem op het werk wordt gebruikt, via dead drop, maar hij heeft geen idee of er ooit iets mee is gedaan.

    In 1988, een jaar na de geboorte van Chelsea, krijgt Barsky het bericht van de KGB dat hij moet vluchten. Hoewel hij inmiddels is afgeknapt op het Sovjet-communisme, heeft hij nooit overwogen over te lopen, zegt hij, en hij is dan ook niet van plan om nu naar de FBI te stappen. ‘Ik had me teruggetrokken in een soort agnosticisme. Ik denk dat ik mezelf een socialist zou noemen, maar ik probeerde er niet al te veel over na te denken.’

    Hij slaat de waarschuwing in de wind. Er volgen meer berichten, steeds dringender, op zijn kortegolfradio. Een paar weken later wordt hij op een metroperron aangeklampt door een onbekende, die zegt dat hij er is geweest als hij niet terugkeert naar huis. Het is voor het eerst dat er binnen Amerika iemand van de Sovjetkant contact met hem legt.

    Maar Barsky is vastberaden om te blijven. Hij stuurt een bericht naar Moskou en schrijft de KGB dat hij aids heeft opgelopen van een vrouw met wie hij iets heeft gehad en van wie hij een profiel heeft opgesteld, en dat hij een behandeling moet ondergaan die alleen in Amerika beschikbaar is; hij is absoluut niet van zins over te lopen. Opmerkelijk genoeg lijkt zijn list te werken. De Sovjets zijn als de dood voor hiv, de USSR kan elk moment uit elkaar vallen en door Michael Gorbatsjovs nieuwe politiek van openheid staat de KGB onder grote druk. De mensen aan de top hebben vermoedelijk andere dingen aan hun hoofd; een losgeslagen agent opsporen heeft geen prioriteit.

    Barsky stort zich op het gezinsleven. Penelope en hij krijgen nog een kind, een zoon, Jessie, maar het huwelijk begint scheurtjes te vertonen. Hij besluit zijn vrouw de waarheid te vertellen in de hoop zijn huwelijk te redden. ‘Weet je wat ik allemaal voor jou op het spel heb gezet? Ze hadden me kunnen vermoorden of gevangennemen,’ zegt hij tegen haar. Ze reageert eerder boos dan opgelucht: als hij illegaal in het land is, dan is Penelope zelf ook illegaal, wat betekent dat ze haar kinderen kan kwijtraken.

    ‘Ik zou waarschijnlijk sympathieker overkomen als ik iets anders zei, maar het is zoals het is. Ik voel er gewoon niets bij’

    Dit gesprek, dat plaatsvindt in 1997, blijkt in meerdere opzichten een keerpunt. Barsky wordt al jaren gevolgd door de FBI. Zijn naam is opgedoken in papieren die zijn gekopieerd uit de KGB-archieven door Vasili Mitrokin, een archivaris die in 1991 de Engelse ambassade in Riga binnen is gestapt om zijn geheimen aan te bieden. Barsky’s huis wordt al langere tijd in de gaten gehouden door FBI-agenten, soms verkleed als vogelaars; zijn auto wordt doorzocht en wanneer Penelope Londen bezoekt wordt ook zij gevolgd, door MI5. De FBI heeft zelfs het huis naast dat van Barsky gekocht en daar hebben zich twee agenten geposteerd, die steeds gefrustreerder worden omdat hij zo’n volkomen alledaags bestaan leidt. Misschien is hij een slapende cel, die wacht op een teken uit Moskou.

    Uiteindelijk wordt er afluisterapparatuur geplaatst. Als Barsky alles opbiecht aan Penelope, concludeert de FBI dat hij de actieve dienst heeft verlaten en besluiten ze toe te slaan. Barsky wordt met zijn auto aan de kant gezet en krijgt te horen dat hij misschien niet naar de gevangenis hoeft – maar dan moet hij wel meewerken. ‘Ik zei meteen ja. Ik vertelde ze alles wat ik wist,’ zegt hij. In 2009 krijgt hij een green card, en in augustus 2014 een echt Amerikaans paspoort, op naam van Jack Barsky, de identiteit die de KGB voor hem had gestolen.

    Nadat Barsky’s huwelijk met Penelope is stukgelopen huilt hij zichzelf elke avond in slaap, zegt hij. ‘Mijn bestaan had geen enkele zin meer. Ik was in de vijftig, mijn kinderen waren het huis uit, mijn huwelijk was gestrand. Wat had het nog voor zin?’ Het is dan al meer dan tien jaar geleden dat hij voor het laatst contact heeft gehad met zijn Duitse vrouw Gerlinde en hun zoon Matthias.

    De FBI-agent die op Barsky’s zaak zat, is uitgegroeid tot een goede vriend

    Hij rolt van het ene baantje in het andere, werkt voor verschillende bedrijven, eerst als programmeur, later als hoofd IT. Hij begint een voorzichtige affaire met zijn assistente, Shawna, met wie hij later trouwt. Ze wonen nu ergens buiten Atlanta, met hun dochtertje van zes, Trinity. Via Shawna heeft Barsky God gevonden en zijn geloof vult het gat dat is ontstaan toen het communistische vuur doofde. Joe Reilly, de FBI-agent die op Barsky’s zaak zat en die de ondervragingen deed, is uitgegroeid tot een goede vriend en de peetvader van Trinity.

    Shawna, een Jamaicaanse die iets meer dan tien jaar geleden naar de Verenigde Staten is gekomen, vertelt met een glimlach over haar eerste afspraakje met Barsky. Hij besluit haar alles over zijn verleden te vertellen, waardoor zij een van de weinigen buiten de FBI is die zijn ware verhaal kent. Maar ze lacht alleen maar. ‘Ik was daarvoor getrouwd geweest met een man die alles aan elkaar loog,’ zegt ze, ‘dus ik wilde het eigenlijk helemaal niet horen. Ik vond hem nogal zonderling, en ik dacht: ik vind het best, hoor, als jij in een fantasiewereld wilt leven – maar ik hoef het allemaal niet te horen.’ Pas jaren later, vertelt ze, dringt tot haar door dat zijn verhaal, dat hij in Duitsland is opgegroeid, weleens waar zou kunnen zijn.

    Barsky leeft een aangenaam burgerbestaan en speelt overtuigend de rol van een ‘geboren Amerikaan’ – precies waarvoor hij ooit op missie is gestuurd – maar hij heeft een paar eigenaardigheden overgehouden aan zijn KGB-tijd. Soms, wanneer hij tijdens het hardlopen een auto geparkeerd ziet staan op een merkwaardige plek, begint hij te zigzaggen om mogelijke achtervolgers af te schudden. Meestal blijkt het om vogelspotters te gaan (en dan dit keer echte) of vrijende stelletjes. Hij is ook nog niet helemaal losgekomen van het patroon van dead drops en geheime schuilplekken, al leeft hij zich nu uit op koekjes. ‘Ik weet dat ik geen koekjes zou moeten kopen, dus ik verstop ze. Op verschillende plekken – er valt geen patroon in te ontdekken. Shawna zegt dat ik ze niet hoef te verstoppen, maar ik kan het gewoon niet laten.’

    In 1988 sloeg hij een bevel van hogerhand in de wind, zegt hij, vanwege zijn pasgeboren dochtertje – hij verkoos haar boven Gerlinde en Matthias. ‘Ik weet niet of ik hetzelfde had gedaan als Chelsea een jongetje was geweest. Voor mijn gevoel zijn vrouwen betere mensen.’

    Verklaring

    Maar er zijn minstens twee mensen in zijn leven voor wie die beslissing bijzonder pijnlijk is. Gerlinde krijgt van de KGB te horen dat haar man is overleden aan aids, en zijn moeder, die in de overtuiging verkeert dat hij naar Bajkonoer is gestuurd, wordt in het ongewisse gelaten. Barsky zet zijn Duitse gezin uit zijn hoofd, vastbesloten om nooit meer contact met hen op te nemen.

    Wanneer Chelsea achttien wordt, vertelt hij haar over zijn verleden. Zij blijkt er heel anders tegenaan te kijken: wanneer ze hoort dat ze een halfbroer in Duitsland heeft, gaat ze naar hem op zoek. In 2014 gaat ze samen met Barsky naar Duitsland om een bezoek te brengen aan Matthias, die inmiddels in de dertig is. Gerlinde leeft nog, maar wil hem niet zien. Ze heeft meer dan een kwarteeuw in de veronderstelling geleefd dat de vader van haar zoon dood was. Barsky zegt wel zich schuldig te voelen, maar zegt ook dat een excuus niet meer zou zijn dan loze woorden. ‘Als we elkaar spreken, zal ik zeker zeggen dat het me vreselijk spijt; maar hoe je het ook wendt of keert, ik heb domweg niet voor haar gekozen. Ik heb niet gekozen voor een andere vrouw, ik heb gekozen voor een kind.’

    Zijn moeder heeft zich jaren en jaren vertwijfeld afgevraagd wat er van haar vermiste zoon is geworden. Ze heeft zowel Gorbatsjov als de eerste Oost-Duitse kosmonaut geschreven, om te vragen of zij iets wisten van een jonge diplomaat die op een geheime missie naar Bajkonoer is gestuurd. Jaren later leert ze op safari een Duitse wetenschapper kennen. De wetenschapper vertelt haar dat hij binnenkort naar Rusland gaat en als Barsky’s moeder hem vertelt over haar vermiste zoon, belooft hij een oproep te doen op de Russische televisie. Zoals te verwachten komt er geen enkele reactie. Barsky’s moeder overlijdt zonder te weten hoe het hem is vergaan.

    Barsky vertelt het zonder zichtbare emotie. ‘Het klinkt hard, maar ze heeft het aan zichzelf te danken,’ zegt hij. ‘In de band tussen ouder en kind moet de ouder het zaadje van de emotionele verbintenis planten. Ze heeft me nooit geknuffeld. Daarmee wil ik niet goedpraten dat ik tegen haar heb gelogen. Het is geen excuus, maar wel een verklaring.’

    Wat zijn drie jaar jongere broer betreft, die weet Barsky op te sporen in Berlijn. Ze mailen elkaar, maar uiteindelijk zegt de broer dat hij Barsky niet wil zien, hij kan hem niet vergeven dat hij hun moeder de laatste jaren van haar leven zo heeft laten lijden. Barsky haalt zijn schouders op, alsof hij die beslissing onbegrijpelijk vindt. ‘Hij moet het zelf weten. Hij had naar Amerika kunnen komen om me op te zoeken. Ik heb hem nooit kwaad gedaan. We hadden nauwelijks een band. Hij was altijd een matige leerling.’

    Deze onverschillige opmerkingen over zijn Duitse familie botsen met Barsky’s gebruikelijke jovialiteit. Gaat hij echt niet gebukt onder schuldgevoel, voelt hij zich echt niet verantwoordelijk? Hij haalt zijn schouders op. ‘Ik zou waarschijnlijk sympathieker overkomen als ik iets anders zei, maar het is zoals het is. Ik voel er gewoon niets bij.’ Na een leven dat van leugens aan elkaar hing, kan hij nu niet anders dan eerlijk zijn.

    Ik vraag hem wat Jack Barsky zou zeggen tegen de jonge Albrecht Dittrich, als hij terug zou kunnen gaan in de tijd, naar een moment voordat de man van de Stasi op zijn deur klopte. Hij aarzelt geen moment. ‘Ga er niet op in. Je bezorgt jezelf alleen maar ellende. De hele opzet is gedoemd te mislukken, en in de meeste gevallen loopt het dan ook op niets uit; en het is bij lange na niet zo spannend als het lijkt. Undercoverwerk is behoorlijk saai: 99 procent van het werk bestaat uit wachten, en 1 procent uit actie. Het is een eenzaam bestaan.’

    Maar, zegt hij, alles verloopt volgens Gods plan, en in de nadagen van zijn bestaan heeft hij eindelijk rust en harmonie gevonden. ‘Ik heb altijd dit kinderlijke gevoel gehouden dat alles uiteindelijk wel goed zou komen,’ zegt hij, met een zweem van nostalgie. ‘En in zekere zin is dat ook het geval.’

    Deep Undercover: My Secret Life And Tangled Allegiances As A KGB Spy in America, door Jack Barsky, is verschenen bij uitgeverij Tyndale Momentum.