Vier maanden nadat de presidentsverkiezingen in Ivoorkust werden ontsierd door geweld, stemden Ivorianen op 6 maart opnieuw. Momenteel wordt het land geleid door de partij RHDP van president Alassane Ouattara.
Voor het eerst in tien jaar nam het Ivoriaanse Volksfront (FPI), onder leiding van voormalig president Laurent Gbagbo, deel aan de verkiezingen. FPI is onderdeel van een coalitie genaamd ‘Samen voor Democratie en Soevereiniteit’ (EDS). Deze coalitie sloot een verbond met de grootste oppositiepartij, de Democratische Partij van Ivoorkust (PDCI). Henri Konan Bédié – een andere ex-president van Ivoorkust – is de leider van PDCI.
Deze ontwikkelingen boden hoop op ‘een politieke verzoening binnen een land waarvan de recente geschiedenis wordt gekenmerkt door sterke spanningen en electoraal geweld’, schrijft Abidjan.net.
Volgens Koaciis het inmiddels vrijwel zeker dat de RHDP zal winnen. Het Afrikaanse portaal meldt dat de formatie van Alassane Ouattara ‘ruim 145 zetels van de 255 in het parlement zal kunnen behalen, met een algemene participatiegraad van rond de 40 procent’.
‘In Afrika bezuiden de Sahara is de bekendmaking van resultaten vaak het meest gevoelige moment van de verkiezingen’
De vraag is nu, merkt het Burkinese dagblad Le Paysop, of ‘de hoofdrolspelers zich [zullen] onderwerpen aan het oordeel van de stembus? Het minste wat we kunnen zeggen is dat de dingen (…) dit keer vrijwel perfect georganiseerd zijn’, aldus de krant.
De stemming vond zaterdag plaats ‘in rust en vrede’, bevestigt Wakat Séra. ‘Is dit niet enkel “stilte van een geladen geweer”?’ vraagt Le Pays zich af. ‘In Afrika bezuiden de Sahara is de bekendmaking van voorlopige of definitieve resultaten vaak het meest gevoelige moment bij de organisatie van verkiezingen’, aldus de Burkinese krant.
Maandag stond los van de vrijwel zekere overwinning van de presidentiële partij ook in het teken van de benoeming van secretaris-generaal Patrick Achi als interim-premier, ter vervanging van Hamed Bakayoko, meldt Abidjan.net. Téné Birahima Ouattara, minister van presidentiële zaken en jongere broer van de huidige president, werd benoemd tot interim-minister van Defensie, eveneens ter vervanging van Bakayoko, die ook deze functie bekleedde.
Volgens Deutsche Welle werd de voormalige premier overgeplaatst naar Frankrijk en vervolgens naar Duitsland, waar hij wordt behandeld tegen kanker. Maar ‘sinds zijn vertrek uit het land zijn er geruchten op de sociale media in Ivoorkust dat de premier het slachtoffer zou zijn geworden van vergiftiging’, merkt de Duitse site op. Volgens haar bronnen zijn deze beweringen ‘ongegrond’.
Lula mag weer mee in de race tegen Bolsonaro
Een rechter van het Braziliaanse Hooggerechtshof, Edson Fachin, heeft op maandag 8 maart alle veroordelingen vernietigd van de voormalige president Luiz Inácio Lula da Silva van Brazilië in verband met de onderzoeken naar de anticorruptieoperatie Lava Jato (‘Operatie Wasstraat’), meldt G1.
Met deze beslissing krijgt de voormalige Braziliaanse president ‘zijn burgerrechten terug’, specificeert de website van de Globo-groep. Volgens de Folha de S. Paulo kan Lula zich nu dus weer kandidaat stellen voor de presidentsverkiezingen van 2022.
‘Ongeldige’ aanklachten
Vanaf nu zullen de verschillende zaken waarbij de voormalige Braziliaanse president betrokken is, worden geanalyseerd door de justitie van het federale district in Brasilia, specificeert de Braziliaanse krant. Lula werd veroordeeld in het kader van een grootschalig onderzoek naar corruptie. De motor achter het onderzoek was de toenmalige rechter Sergio Moro, die later minister werd onder Bolsonaro.
Volgens de Folha de S. Paulo verklaarde Fachin de beslissingen van de federale rechtbank van Paraná, inclusief de aanklachten tegen Lula, ‘nietig’.
‘Mijn onschuld is bewezen en de schuld van de officier van justitie en de federale politie is meer dan bewezen’, zei Lula in een interview met El Pais Brasil, gepubliceerd vóór de beslissing van Fachin. Hij voegt eraan toe: ‘Nu hebben we alleen nog verkiezingen nodig.’
Vanwege de veroordeling kon Lula niet meedoen aan de presidentsverkiezingen van 2018. Peilingen wezen hem destijds aan als de winnaar, maar Jaír Bolsonaro ging er met de winst vandoor.
Maffia pikt een flink graantje mee van covid
Volgens een onderzoek van het Romeinse dagblad La Repubblica zijn 140.000 Italiaanse bedrijven betrokken bij woekerrentes en het witwassen van geld. Dat is twee keer zoveel als vorig jaar. De economische crisis die door covid-19 is veroorzaakt, heeft een ‘potentiële meevaller’ gecreëerd waarvan de georganiseerde misdaad profiteert.
‘Waar je ook bent in Italië, je loopt grote kans een bedrijf tegen te komen dat zojuist van eigenaar is veranderd’, aldus de krant. Dat geldt voor een groot aantal regio’s, maar in het bijzonder voor het zuiden van het schiereiland.
Het Romeinse dagblad geeft enkele voorbeelden. ‘Tijdens de eerste fase van de pandemie veranderden in de provincie Napels 663 bedrijven van eigenaar, ofwel 2 procent. In Rome werden tussen eind februari en midden oktober 2020 1265 commerciële bedrijven verkocht, wat neerkomt op 1,8 procent.’ Een identiek percentage als dat in Catania, de tweede stad van Sicilië en de tiende meest dichtbevolkte gemeente, waar 168 bedrijven van eigenaar zijn veranderd.
Veel bedrijven hebben de verwoestende economische gevolgen van de pandemie niet overleefd en moesten failliet gaan
Zoals de Italiaanse media melden, bieden deze cijfers ‘een significante statistische momentopname van het effect van de pandemie op het nationale economische weefsel’. Veel bedrijven hebben de verwoestende economische gevolgen van de pandemie niet overleefd en moesten failliet gaan. Deze werden vaak opgekocht ‘door mensen die kunnen investeren, die geld in overvloed hebben, zelfs in tijden van diepe crisis’. Een dat profiel, schrijft La Repubblica, doet sterk denken aan een bekende economische speler op het schiereiland: de maffia.
Kleine troost zou zijn dat de nieuwe regering van Mario Draghi zich terdege bewust is van dit gevaar. Tijdens zijn inaugurele rede verklaarde de nieuwe premier zelf dat ‘er een significant risico bestaat dat de georganiseerde misdaad de economie binnendringt als gevolg van de liquiditeitscrisis’, en dat het bijgevolg noodzakelijk is ‘om de verificaties van de eigendomsveranderingen van bedrijven te intensiveren’.
Neanderthalers verdwenen langer geleden dan gedacht
Een multidisciplinair team uit België, Groot-Brittannië en Duitsland kwam tot deze conclusie na het ontwikkelen van een nieuwe onderzoeksmethode. De ontdekking wordt gezien als een belangrijke eerste stap om meer te weten te komen over de aard van onze voorganger en om te begrijpen waarom deze uiteindelijk plaatsmaakte voor de moderne mens.
Had voorheen de staat het monopolie op officiële informatie, nu waarschuwen bewoners in Brazilië elkaar via apps of en waar ze veilig over straat kunnen. En niet alleen dat, via hetzelfde medium politieke druk worden uitgeoefend.
Julia Borges was op het verjaardagsfeest van haar twaalfjarige neefje toen ze werd neergeschoten. De zeventienjarige stond op een balkon op de derde verdieping toen een verdwaalde kogel haar in de rug raakte en zich nestelde in de spier tussen haar longen en aorta.
Dat was 8 november 2020. Gelukkig kon Borges snel naar het ziekenhuis worden gebracht en herstelde ze. Dat geldt zeker niet voor iedereen wie dit overkomt. Tot dusver zijn er in 2020 in Rio minstens 106 mensen gedood door verdwaalde kogels.
Een van de gevaarlijkste plekken zijn de smalle straatjes van de favela’s van de stad, waar momenteel meer dan een miljoen mensen wonen. Hier zijn de huizen op elkaar gestapeld en de steegjes die ertussen kronkelen zijn bezaaid met kleine pleintjes. In die steegjes weerklinken regelmatig de geluiden van geweervuur: dagelijks zijn er schietpartijen tussen politie en drugshandelaars, rivaliserende groepen mensenhandelaars of zelfs door de politie gesteunde milities.
Vaak moeten bewoners op de grond gaan liggen of barricades zoeken om zich voor verdwaalde kogels te verbergen, tot het vuren voorbij is. In 2019 waren er in Rio gemiddeld twintig schietpartijen per dag [ter vergelijking: in Nederland zijn dat er twee, red.]. Sinds het begin van de pandemie is het iets rustiger geworden, maar tot eind juni waren er dagelijks nog steeds gemiddeld veertien schietpartijen. Elk jaar worden in het grootstedelijk gebied van Rio ongeveer vijftienhonderd mensen doodgeschoten.
Wie in Rio woont is een ‘gijzelaar van geweld’, zegt Rafael César, die in Cordovil, een buurt ten westen van het centrum, woont.
Zoals veel inwoners is César apps gaan gebruiken om zichzelf te beschermen. Op deze crowdsourced-apps kunnen gebruikers gevaarlijke zones op weg naar huis opzoeken en elkaar waarschuwen welke gebieden ze moeten vermijden.
Een van de populairste apps, Fogo Cruzado (kruisvuur), is opgezet door journalist Cecília Olliveira. Ze was van plan een verhaal te schrijven over slachtoffers van verdwaalde kogels in de stad, maar de informatie die ze nodig had, was niet beschikbaar. Daarom begon ze in 2016 een Google Doc-spreadsheet bij te houden met informatie over schietpartijen: waar en wanneer ze plaatsvonden, hoeveel slachtoffers er waren en meer. Nog datzelfde jaar werd de spreadsheet met hulp van Amnesty International omgezet in een app en een database voor degenen die gewapend geweld in de gaten hielden en erover rapporteerden. De app is meer dan 250.000 keer gedownload en heeft behalve voor Rio ook een versie voor Recife.
Netwerk
Als een gebruiker geweerschoten hoort, kan deze het incident in de app registreren. De informatie wordt geverifieerd en gecontroleerd door het Fogo Cruzado-team, met hulp van een netwerk van activisten en vrijwilligers, en vervolgens geüpload naar het platform, waarmee een melding voor gebruikers wordt gegenereerd. Fogo Cruzado heeft ook een team samengesteld van vertrouwde medewerkers die direct informatie kunnen uploaden, zonder dat eerst een controle hoeft plaats te vinden. Gebruikers kunnen zich aanmelden voor het ontvangen van updates wanneer ze op weg zijn naar een zone die als gevaarlijk wordt beschouwd, zoals een favela waar recentelijk is geschoten of waar een strijd plaatsvindt tussen verschillende bendes.
Fogo Cruzado wordt gebruikt door lokale bewoners die willen controleren of ze veilig naar hun werk kunnen en weer terug, zegt Olliveira.
‘Ik ben Fogo Cruzado gaan gebruiken omdat er regelmatig door de politie werd ingegrepen in een wijk waar ik elke dag doorheen kwam,’ zegt journalist Bruno De Blasi. Omdat in WhatsApp-groepen veel valse berichten over schietpartijen verschenen, besloot hij de app te gebruiken om ‘onnodige angst te vermijden’.
Zoals velen in de stad is ook hij wel eens te dicht in de buurt van een vuurgevecht gekomen. Hij herinnert er zich een in de straat waar hij woont.
‘Het gevoel was vreselijk, vooral omdat die straat werd beschouwd als een van de veiligste en rustigste in de buurt, waar ook het politiebataljon zich bevindt,’ vertelt hij. ‘Ineens moest ik wegblijven bij het raam van mijn eigen kamer vanwege het risico op een verdwaalde kogel.’
Nieuwe kaart
Samen met een aantal andere organisaties werkte Fogo Cruzado ook aan een nieuwe kaart van gewapende groepen in Rio de Janeiro. De kaart, die in oktober 2020 werd gelanceerd, is bedoeld om de inwoners van de stad op de hoogte te houden van de gebieden waar criminele groepen of politiemilities actief zijn.
Er zijn nog meer apps die gegevens over schietpartijen verzamelen, maar Fogo Cruzado is een van de weinige die door het publiek wordt bijgewerkt, vertelt Rene Silva, redacteur van de website Voz das Comunidades (stem van de gemeenschappen) die is gewijd aan het Complexo do Alemão, een grote groep favela’s in Rio. ‘Soms registreert de app bijvoorbeeld schietpartijen die niet in de media komen,’ zegt hij.
De app Onde Tem Tiroteio (waar is de schietpartij) werkt op een vergelijkbare manier. Deze werd oorspronkelijk in januari 2016 door vier vrienden gemaakt als Facebook-pagina. Terwijl Fogo Cruzado zich concentreert op de regio Rio, bestrijkt Onde Tem Tiroteio (OTT) de hele staat – en sinds 2018 ook de staat São Paulo. Een verschil met Fogo Cruzado is dat gebruikers de juistheid van schietrapporten kunnen controleren.
Als je de OTT-app downloadt, kun je kiezen waarover je meldingen wilt ontvangen, of dat nou schietpartijen, overstromingen of demonstraties zijn. Elke anonieme melding wordt beoordeeld door een netwerk van meer dan 7000 vrijwilligers ter plaatse. Pas na bevestiging wordt de melding geüpload naar de app. Ook worden wekelijkse rapporten aan de pers vrijgegeven. Volgens Dennis Coli, een van de medeoprichters van OTT, werd de app vorig jaar door meer dan 4,7 miljoen mensen gebruikt.
‘De belangrijkste missie van OTT-Brasil is om alle burgers uit de buurt te houden van georganiseerde bendes, valse politieacties en verdwaalde kogels,’ zegt hij. Maar de apps hebben ook een politieke invalshoek. Ze houden niet alleen de inwoners van Rio veilig, ook helpen ze onderzoekers en openbare instellingen om patronen van geweld te begrijpen – en om de politici onder druk te zetten.
Ze ‘dienen in de eerste plaats om de aandacht te vestigen op de omvang van het probleem’, zegt Pablo Ortellado, hoogleraar openbaar beleid aan de Universiteit van São Paulo. Voor hem hebben dergelijke apps ‘een heel specifieke sleutelfunctie: het verhogen van de druk op de autoriteiten’.
Dat Recife als de tweede stad voor de Fogo Cruzado-app werd gekozen, was inderdaad niet alleen vanwege de hoge mate van geweld, maar ook omdat, zegt Olliveira, de deelstaatregering was gestopt met het vrijgeven van gegevens en was begonnen met het censureren van journalisten. ‘Vroeger was er uitstekende toegang tot gegevens over de openbare veiligheid, maar de gegevens werden geleidelijk schaarser en het werk van de pers werd steeds moeilijker,’ zegt ze.
Op deze manier kunnen dergelijke apps bijdragen aan het controleren van informatie die overheden verschaffen, zegt Yasodara Córdova, onderzoeker aan de Harvard Kennedy School in Massachusetts.
Monopolie
In het verleden had de staat het monopolie op officiële informatie, maar sindsdien is er het een en ander veranderd, zegt ze. ‘Het is verstandiger om ook databases te onderhouden die worden bijgehouden door actieve gemeenschappen, zodat gegevens worden gecontroleerd en de openbare ruimte transparant blijft.’
Felipe Luciano, een OTT-gebruiker uit São Gonçalo, een stad in de buurt van Rio, beaamt dit. ‘De sleutel is vertrouwen,’ zegt hij. ‘Wat mij motiveerde om OTT te gebruiken is de geloofwaardigheid van de informatie die daar wordt gepost. Het maakt dat ik me veiliger voel.’
Opgericht in 1899 als The Technology Review, voor MIT-alumni. Tegenwoordig is de doelgroep breder en is de aandacht verlegd van enkel technologie naar tevens de commerciële toepassing ervan.
Vandaag stemt het Israëlische parlement over de motie van wantrouwen van de oppositie, mogelijk met steun van de coalitiepartij van Benny Gantz. De motie is het resultaat van de eindeloze vete tussen premier Netanyahu en zijn regeringspartner en tegenstrever Gantz.
‘Tegen woensdagavond [2 december]’, schrijft Ha’aretz, ‘kan de zombieregering-Netanyahu-Gantz na zeven maanden voorbij zijn en stevent Israël af op nieuwe verkiezingen in maart 2021, de vierde in twee jaar tijd.’
Afgelopen mei, na maanden van crisis, bereikten de twee rivalen een akkoord en vormden ze een coalitieregering, met de strijd tegen het coronavirus als enige politieke programma. Een tweekoppige regering waarin Netanyahu, leider van de rechtse Likoed, en Gantz, leider van de centristische Kachol Lavan (Blauw en Wit), elk voor anderhalf jaar de post van premier deelden. In theorie zou Gantz Netanyahu in november 2021 moeten opvolgen, als de regering het tot dan tenminste volhoudt.
‘De enige die deze verkiezingen kan voorkomen is Netanyahu’
Maar dat is nog niet zo zeker, want op dit moment struikelt de coalitie over de begrotingswet. Kahol Lavan wil dat de Knesset een begroting voor twee jaar vaststelt; Netanyahu wil het land dagelijks blijven besturen. Volgens Ha’aretz ‘zal de leider van Kahol Lavan de motie van wantrouwen van de oppositie waarschijnlijk steunen als drukmiddel om tot een compromis over de begroting te komen. Netanyahu weet op zijn beurt, net als zijn rivaal, dat de coalitie onvermijdelijk zal vallen, en het is in zijn belang om niet de schuld te dragen’, legt de krant in een ander artikel uit.
In een persconferentie verklaart Gantz, die nu de functie van defensieminister bekleedt, dat Netanyahu door het traineren van de begrotingswet duidelijk heeft gemaakt dat hij Israël weer naar de stembus wil laten gaan, bericht Al Jazeera. ‘De enige die deze verkiezingen kan voorkomen is Netanyahu’, aldus Gantz.
Waar Netanyahu zich vooral druk om maakt, aldus Ha’aretz, is dat hij het corruptie- en machtsmisbruikproces dat tegen hem loopt politiek overleeft. Een terugkeer naar de stembussen zou ‘zijn enige kans zijn op het winnen van een meerderheid in de Knesset en het verkrijgen van immuniteit’, schrijft journalist Anshel Pfeffer. Met de verkiezingen zou Netanyahu bovendien kunnen voorkomen dat de macht wordt overdragen aan Benny Gantz; Netanyahu zou hoofd van de regering blijven in afwachting van de vorming van een nieuw kabinet.
‘Israëlische regering voorbestemd om uiteen te vallen’, zo luidt de kop van Yediot Aharonot; ‘De coalitie, die geen enkel moment van stabiliteit heeft gekend, staat op het punt om te imploderen’.
Volgens Israël Hayom, een gratis krant met hoge oplage, ‘valt Gantz in de kuil die hij zelf heeft gegraven’. De journalist in kwestie denkt echter dat, zelfs als de motie van afkeuring wordt aangenomen, ‘de weg naar de verkiezingen nog lang is’. Deze moet namelijk nog worden goedgekeurd door een commissie van de Knesset [Israëlisch parlement], en vervolgens wordt er voordat nieuwe verkiezingen officieel worden uitgeschreven nog drie keer over gestemd.
Gewelddadige bankoverval in Zuid-Braziliaanse stad
Een gijzeling, schietpartijen en branden. Criciúma, een middelgrote stad in het zuiden van de staat Braziliaanse Santa Catarina, was vannacht het toneel van een surreële overval, waarbij een tiental voertuigen en een dertigtal mensen waren betrokken.
‘Horrornacht’ in Criciúma. De lokale krant Diário Catarinense bericht dat het centrum van deze stad van ongeveer 217.000 inwoners, gelegen in de zuidelijke Braziliaanse staat Santa Catarina, op dinsdag 1 december werd belegerd door overvallers die de kluis van een filiaal van de Banco do Brasil-bank opbliezen.
Ze waren daarbij tot de tanden toe gewapend. Volgens het Braziliaanse dagblad namen ten minste dertig zwaarbewapende mensen met helmen en kogelvrije vesten deel aan de aanval, die kort na middernacht begon en een 1 en 40 minuten duurde. Sommige van hen waren uitgerust met machinegeweren die ‘in staat [waren] gepantserde oppervlakken te doorboren’, aldus de politiechef van Santa Catarina.
De overvallers veroorzaakten verschillende branden en vuurden meerdere schoten af, zoals te zien is op videobeelden die door een bewoner zijn genomen en door radiozenderCBN Diário op Twitter zijn verspreid.
‘Binnen enkele minuten was de hele stad wakker’
De burgemeester van Criciúma, Clésio Salvaro, verklaart aan Diário Catarinense: ‘Drie of vier politiebureaus zijn aangevallen, ze hebben ruiten ingeslagen, winkels geplunderd en paniek veroorzaakt in de stad. Binnen enkele minuten was de hele stad wakker.’
Een tunnel van de BR-101-snelweg, die langs een groot deel van de Braziliaanse kustlijn loopt, was geblokkeerd door een brandende vrachtwagen ‘om te voorkomen dat politieversterkingen de stad bereiken’, voegt de diário toe. Volgens de verhalen van de buurtbewoners staken de overvallers een andere vrachtwagen in brand voor de ogen van een militair politiebataljon.
Rond half drie ’s nachts was het stadscentrum een surreëel tafereel: ‘kogelhulzen op de grond, geld dat in het rond vliegt en mensen die naar biljetten graaien’, aldus Diário Catarinense. Een team van de explosievenopruimingsdienst moest vervolgens uitrukken omdat er verdachte explosieven waren bevestigd aan lantaarnpalen in de buurt.
De beelden die op sociale media worden uitgezonden laten zien dat de overvallers ook gijzelaars hebben genomen, van wie sommigen ‘zonder shirt op het zebrapad werden gezet’, meldt de Braziliaanse site G1. Volgens burgemeester Clésio Salvaro waren enkele van de gegijzelden gemeenteambtenaren die op een openbare bouwplaats werkzaam waren. Geen van hen is gewond geraakt.
Volgens Diário Catarinense werden een bewaker en een militaire politieagent tijdens de overval geraakt. De agent ligt nog in kritieke toestand in het ziekenhuis.
Vier personen werden gearresteerd omdat ze geld probeerden te stelen dat op straat lag uitgestrooid
Hoeveel geld de overvallers hebben buitgemaakt is nog niet bekend. De Banco do Brasil in Criciúma was naar verluidt het doelwit van de actie omdat het onlangs was voorzien van contant geld.
De verdachten lieten een koffer met contant geld achter met daarin ongeveer 300.000 reais (47.000 euro). Vier personen, die naar verluidt niet betrokken waren bij de overval, werden gearresteerd omdat ze geld probeerden te stelen dat op straat lag uitgestrooid. Volgens de militaire politie ging dit om 810.000 reais (128.000 euro).
De ongeveer dertig overvallers vluchtten in een konvooi en lieten ongeveer tien auto’s achter op 18 kilometer van Criciúma.
Niet alle Braziliaanse vrouwen deden onlangs mee in een massale demonstratie tegen de kandidatuur van Jair Messias Bolsonaro, gewapend met bordjes met ‘#EleNão’ [NietHij].
De op 28 oktober verkozen president van Brazilië heeft onder de 55 procent van de Brazilianen die voor hem hebben gestemd in iedere geval één vrouw: deze sympathisant van de voormalig militair en van buitensporig grote wapens.
Koploper in de Braziliaanse presidentsverkiezingen is Jair Bolsonaro. Maar zijn aantreden zou volgens wetenschappers de grootste bedreiging voor het Amazonegebied betekenen sinds Brazilië een dictatuur was.
Elke nieuwe hap die er uit het enorme Braziliaanse regenwoud wordt genomen, verkleint onze kans om de opwarming van de aarde tot 1,5° C te beperken. Dit woud is namelijk cruciaal om de hoeveelheid broeikasgas in de atmosfeer te verminderen. Naar het zich laat aanzien gaat de extreemrechtse Jair Bolsonaro, de ‘Trump van de Tropen’, de tweede ronde van de presidentsverkiezingen winnen, en dit betekent een acuut gevaar voor het Amazonegebied. Bolsonaro heeft gezegd dat hij mijnbouw in indianenreservaten wil toestaan en eventueel zelfs een geasfalteerde snelweg door het Amazonegebied wil aanleggen. Deze en andere plannen zouden de ‘grootste bedreiging voor het Amazonegebied betekenen sinds Brazilië een dictatuur was’, vertelt wetenschappelijk adviseur Doug Boucher van het Union of Concerned Scientists’ Tropical Forest and Climate Initiative. ‘Ze bedreigen het klimaat van de hele planeet.’
Controversiële politicus
Tussen 2005 en 2012 ging het best goed met het Braziliaanse oerwoud. Tijdens de regeerperiode van Luiz Inácio Lula da Silva nam de ontbossing met zo’n twee derde af – van twintigduizend vierkante kilometer per jaar vóór zijn aantreden tot slechts zesduizend vierkante kilometer per jaar bij zijn aftreden. En sindsdien is de ontbossing op ditzelfde relatief lage niveau gebleven, waardoor de CO2-uitstoot van Brazilië met ruim de helft afnam, vertelt Boucher.
Een regeringswissel in het land zou deze vooruitgang in één klap teniet kunnen doen. Sowieso wordt er rondom Braziliaanse presidentsverkiezingen meestal meer gekapt, ongeacht welke kandidaat gekozen wordt, omdat er tijdelijk minder toezicht wordt gehouden. Maar Bolsonaro houdt er ook een uitzonderlijk beangstigende kijk op milieuzaken op na. Niet alleen staat hij bekend om zijn homofobe, racistische en misogyne opvattingen, maar de controversiële politicus heeft ook een lange staat van dienst als het gaat om weerstand tegen milieumaatregelen. Hij is gekant tegen elke vorm van actie tegen klimaatverandering en heeft daarom beloofd Donald Trumps voorbeeld te volgen en uit het klimaatakkoord van Parijs te zullen stappen.
‘In plaats van de ontbossing en de georganiseerde misdaad te bestrijden, richt Bolsonaro zijn pijlen op het ministerie van Milieu’
Bolsonaro laat er ook geen misverstand over bestaan hoe hij het rassenvraagstuk ziet. Hij bekritiseerde de toezegging van de huidige Braziliaanse regering om grote stukken van het Amazonegebied voor inheemse volkeren te reserveren. Hij stelt dat hij ‘de indianen geen centimeter land meer zal geven’. Bovendien is Bolsonaro een alliantie aangegaan met het rechtse ruralista-blok, dat opkomt voor de belangen van landbouwbedrijven en grootgrondbezitters. Jarenlang ondersteunde hij initiatieven om beleidsmaatregelen tegen ontbossing op te heffen. De lijst van Bolsonaro’s milieudoelwitten is lang. Hij is van plan het ministerie van Milieu op te heffen en het onder te brengen bij het ministerie van Landbouw, dat door de landbouwsector wordt beheerst. ‘In plaats van de ontbossing en de georganiseerde misdaad te bestrijden, richt Bolsonaro zijn pijlen op het ministerie van Milieu, Ibama en ICMbio [Brazilië’s nationale milieuagentschappen]’, vertelt de huidige minister van Milieu Edson Duarte. ‘Dat is net zoiets als zeggen dat je de politie van straat wilt halen.’
Het lijkt erop dat de oud-legerofficier Bolsonaro het Braziliaanse beleid ten aanzien van het Amazonegebied uit de tijd van de dictatuur in ere wil herstellen. Het land stimuleerde in die periode – tijdens de jaren zestig, zeventig en tachtig – een snelle ontwikkeling van het Amazonegebied, legde wegen aan en kapte bos om plaats te maken voor akkers en landerijen.
Het wereldwijde gevecht tegen de catastrofale klimaatverandering is in een hogere versnelling terechtgekomen en bossen zijn een belangrijke schakel in die strijd. Volgens een somber nieuw VN-rapport van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) is het stoppen van ontbossing cruciaal als we de opwarming tot 1,5°C willen beperken. Bos kan immers grote hoeveelheden CO2 uit de atmosfeer halen en opslaan.
‘We kunnen er niet omheen koolstofdioxide uit de atmosfeer te halen. Dat is nodig om een zeer gevaarlijke temperatuurstijging te verhinderen, en een toename van het aantal overstromingen, zware stormen en hittegolven tegen te gaan’, zegt Boucher. ‘Verreweg de eenvoudigste manier om dat te doen, is door onze bossen te behouden en zelfs nieuwe te planten.’ Als je beschermt wat er nog over is van het Braziliaanse oerwoud, ben je al een heel eind. En zestig procent van het Amazonewoud – op afstand het grootste oerwoud ter wereld – ligt in Brazilië. Dit woud haalt het hele jaar door CO2 uit de lucht, dankzij het continu vochtige en warme klimaat.
Bolsonaro kreeg tijdens de eerste ronde van de Braziliaanse presidentsverkiezingen bijna een absolute meerderheid van de stemmen, maar toch is het niet zeker dat hij de tweede ronde zal winnen. Zijn tegenstander is de linkse Fernando Haddad, die in de eerste ronde als tweede eindigde.
‘De samenleving moet druk blijven uitoefenen – en dat gebeurt ook’, vertelt Boucher. ‘Nu is het afwachten wat er verder gebeurt.’
Laat zogenaamde fixers aan het woord: mensen die ‘opmerkelijke, ambitieuze oplossingen hebben voor de grootste uitdagingen van de mensheid’. De missie van Grist is om ons een goed gevoel te geven over de toekomst.
De Braziliaanse presidentsverkiezingen in oktober beloven een chaos te worden. Ex-president Lula zit in de gevangenis en veel andere populaire kandidaten zijn er niet. Extreem-rechts zou kunnen profiteren.
Met nog zes maanden te gaan voor de meest turbulente presidentsverkiezingen sinds het einde van de militaire dictatuur in 1984, zit een groepje medewerkers, sommigen met een koksmuts op, te roken voor de deur van Dalva e Dito, een restaurant met een Michelinster waarvan de chef-kok, Alex Atala, tot de topkeukenmeesters van São Paulo behoort.
‘Op wie gaan jullie stemmen?’ ‘Het zijn allemaal zakkenvullers, maar stemmen is verplicht, dus ik stem blanco,’ antwoordt José Edson dos Santos, een kelner van 33. ‘Ik stem op Lula, hij heeft ervoor gezorgd dat mensen als ik naar de universiteit kunnen,’ zegt de 21-jarige Lino Aparecido, assistent-kok en leerling aan de koksschool. ‘Maar Lula is veroordeeld voor diefstal!’ roept Dos Santos verontwaardigd uit. ‘Iedereen steelt, dat is de mens eigen,’ antwoordt Aparecido kalm. ‘En Bolsonaro?’ vragen wij. Jair Bolsonaro is de extreem-rechtse kandidaat die in de peilingen op de tweede plaats staat, achter Lula. ‘Met Bolsonaro en zijn bandieten wordt het helemaal een puinhoop,’ antwoordt de 38-jarige parkeerwachter Luis Fernández Oliveira.
In Dalva e Dito kost het gerecht pato no tucupi (eend in cassavesoep) 119 real (33 euro), een bedrag waarvoor deze mannen drie dagen moeten werken, met elke dag twee uur reizen, heen en weer van de buitenwijken naar het centrum van de miljoenenstad. Ze zijn het erover eens dat zij in hun portemonnee niets merken van het economisch herstel waarover de media dagelijks berichten.
President Michel Temer en zijn minister van Financiën, Henrique Meirelles, hebben onlangs hun kandidatuur bekendgemaakt, in de hoop munt te slaan uit de economische groei die dit jaar tot wel 3 procent kan oplopen. Maar het economisch herstel is het meest ongelijke in de geschiedenis van dit land, waar de ongelijkheid toch al tot de grootste van de wereld behoort. Zelfs Miriam Leitão, die in haar dagelijkse column in O Globo onvermoeibaar pleitte voor het aftreden van Dilma Rousseff ten gunste van Temer, erkent dat ‘het onwaarschijnlijk is dat het aarzelende begin van het economisch herstel de kandidaten die laag in de peilingen staan vooruit kan helpen’. Temer staat nog maar op 6 procent van de stemmen.
‘De mensen zijn op zoek naar een centrum-rechtse outsider die achter de hervormingen van de arbeidsmarkt en de pensioenen staat en die tegelijk de corruptie wil aanpakken. Maar die kandidaat bestaat niet’
In 2018 is het teleurgestelde Braziliaanse electoraat op zoek naar kandidaten die geen banden hebben met het door en door corrupte politieke apparaat. Maar geen enkele kandidaat kan rekenen op een overwinning zonder de steun van de traditionele politieke partijen, die over zendtijd beschikken naar rato van het aantal zetels dat ze in het parlement hebben, en die de 100 tot 200 miljoen real (30 tot 60 miljoen euro) op tafel kunnen leggen die een verkiezingscampagne in een zo groot land als Brazilië kost. ‘We zijn op het punt gekomen dat de morele dimensie een cruciale factor is geworden in de politiek: corruptie is hét onderwerp,’ zegt Jorge Chaloub, een politicoloog van de Federale Universiteit van Juiz de Fora. ‘De mensen zijn op zoek naar een centrum-rechtse outsider die achter de hervormingen van de arbeidsmarkt en de pensioenen staat en die tegelijk de corruptie wil aanpakken. Maar die kandidaat bestaat niet.’
Geraldo Alckmin, kandidaat voor de linkse Sociaal-Democratische Partij (PSDB) en gouverneur van de staat São Paulo, is de favoriet van het ondernemersestablishment. Hij wil echter maar niet hoog in de peilingen komen. Zelfs zijn partijgenoot, ex-president Fernando Henrique Cardoso, heeft hem verweten dat hij zich te veel identificeert met de internationale investeerders aan de Avenida Paulista [het financiële centrum van São Paulo]. ‘De kandidaat die de markten vertegenwoordigt, gaat verliezen,’ aldus Cardoso.
Bolsonaro, een extreem-rechtse ex-militair, is de kandidaat die het best is toegerust om stem te geven aan de volkswoede tegen de politieke kaste. Zijn delirische pleidooi voor een zerotolerancebeleid tegen de misdaad, of het nu in de favela’s van Rio is of in het Braziliaans Congres, vindt weerklank bij het publiek. Bij een enquête gaf ruim 50 procent van de ondervraagden aan dat ze het eens zijn met het motto van de extreem-rechtse kandidaat: ‘De beste bandiet is een dode bandiet.’ De campagne wordt steeds gewelddadiger en de door het land toerende verkiezingskaravaan van Lula is al beschoten door vermoedelijke aanhangers van Bolsonaro. Niettemin blijven veel stemmers twijfelen tussen Lula en Bolsonaro, een teken van de chronische verwarring die in Brazilië heerst na het echec van de regeringen met de Arbeiderspartij (PT), onder leiding van Dilma Rousseff en Lula zelf. De makke van Bolsonaro is dat hij niet de financiële steun van een partij heeft.
Van de kandidaten die wel over financiën en een electorale infrastructuur beschikken, heeft alleen Lula een solide aanhang. Een op de drie stemmers zegt op hem te gaan stemmen. Zijn troef is zijn beleid in de vette jaren 2003-2010, toen hij door middel van overheidssubsidies het minimumsalaris verhoogde en ervoor zorgde dat honderdduizenden jongeren uit arme families konden gaan studeren. Maar het is hoogst onwaarschijnlijk dat Lula aan de verkiezingen zal kunnen deelnemen.
Temer heeft een poging gedaan stemmen bij Bolsonaro weg te kapen met zijn omstreden besluit het federale leger in de favela’s van Rio in te zetten. Maar het is heel goed mogelijk dat de oorlog in de favela’s juist stemmen oplevert voor links. Niet voor Lula, maar voor de PSOL, de Socialistische Vrijheidspartij waarvoor Marielle Franco actief was. Franco, gemeenteraadslid van Rio en tevens mensenrechtenactiviste, werd onlangs vermoord nadat ze campagne had gevoerd tegen de aanwezigheid van het leger in de favela’s.
Als Lula niet meedoet aan de verkiezingen, zal veel afhangen van de vraag of hij erin slaagt zijn persoonlijke aanhang over te dragen aan een andere kandidaat van links. De interessantste keuze zou Ciro Gomes zijn, die een outsider is maar ook in het linkse kamp geldt als een gezaghebbende intellectueel. Bovendien komt hij uit het noordoosten van Brazilië, het electorale thuisland van Lula, wiens stemmen essentieel zijn voor een mogelijke herovering van de macht door links.
Er is echter een probleem. Gomes beseft heel goed dat de PT een paria is geworden voor het electoraat uit de middenklasse, en recentelijk heeft hij de partij van Lula dan ook aangevallen. Net als Bolsonaro heeft hij stemmen aan de basis gewonnen door zich te keren tegen het vermolmde politiek apparaat, maar daarmee heeft hij tegelijk de grote politieke partijen, die onmisbaar zijn voor een overwinning, van zich vervreemd. Lula, even uitgeslapen als altijd, zei in een interview met dagblad Folha de São Paulo: ‘Laten we er niet omheen draaien: op rechts kan niemand de presidentsverkiezingen winnen zonder de steun van de PSDB, en op links kan niemand ze winnen zonder de steun van de PT.’
Nu de regeringscoalitie uiteen is gevallen, wankelt niet alleen de positie van president Rousseff maar ook die van haar voorganger Lula. Landgenote en journaliste Eliane Brum wikt, weegt en oordeelt.
Het zou mooi zijn te geloven dat Lula – het gezicht van het linkse democratiseringsproject, de eerste arbeider-president in onze geschiedenis, de man die echt voor een historische omwenteling in Brazilië heeft gezorgd – alleen maar het slachtoffer is van een heksenjacht.
Dat zou alles veel makkelijker maken. Maar daar moet je voor geloven, met verstand lukt het niet.
Beschuldigd van corruptie deed Lula wat hij het beste kon, wat hem tot de populairste president in de geschiedenis van het land had gemaakt: Lula was Lula, de Lula die de taal van het volk spreekt omdat hij het volk als geen ander kent. En even werd de meerderheid van hen die ooit geloofden omdat er iets was om in te geloven, verleid, sterk verleid, om opnieuw te geloven. Want geloven is makkelijker.
Geen heksenjacht
De Lula van nu speelde de Lula van vroeger, omdat de Lula van vroeger niet meer bestaat. Die kan ook niet meer bestaan, want iedereen wordt gevormd door zijn ervaringen. En Lula heeft sinds hij president werd heel wat nieuwe ervaringen opgedaan. Dus veranderde zijn discours in een farce.
Het is een feit dat de regering van Lula tientallen miljoenen Brazilianen weer heeft laten meetellen en voor iedereen de levensstandaard heeft verhoogd. Dat is niet gering – wat heet, dat is geweldig.
Maar het is niet de reden waarom justitie een onderzoek naar hem heeft ingesteld. Dat heeft te maken met wat hij misschien óók gedaan heeft. Dat heeft te maken met aanwijzingen dat hij het inderdáád gedaan heeft. Net zoals andere leden van de Arbeiderspartij (PT) voor hun daden berecht en veroordeeld werden tot gevangenisstraffen. Dat is geen heksenjacht, dat is gerechtigheid.
Om in het discours van Lula te kunnen geloven moet je een gelovige zijn. Lula cultiveerde als president het mystieke beeld van hemzelf als vader van zijn onderdanen, en daarmee reduceerde hij de mensen die op hem stemden tot zijn kinderen, in plaats van ze als volwassen burgers te behandelen. In plaats van ze aan te zetten tot emancipatie en zelfbeschikking eiste hij gehoorzaamheid.
Door Dilma Rousseff als zijn opvolger aan te wijzen gaf Lula er blijk van dat hij zich almachtig voelde. En dat is wel het gevaarlijkste wat een politicus kan overkomen. Lula koos Dilma en hij bleef haar naar voren schuiven, maar daar betaalde hij een hoge prijs voor. Hij probeerde haar ook te lanceren als ‘de moeder der armen’. Maar Dilma was daar nooit het type voor. Misschien is het juist Dilma die eerlijkheid in het hele gekonkel brengt. Zij is de overduidelijke kluns, de manifeste driftkikker, degene die zich, zonder het zelf te beseffen, met de ene miskleun na de andere blootgeeft.
Dilma is een fossiel. Ze leeft mentaal nog in de twintigste eeuw en heeft geen sjoege van de grote kwesties die nu spelen
Ik keur af wat [onderzoeksrechter] Sérgio Moro en de zijnen Lula aandeden, niet omdat die laatste ex-president is, maar omdat ik me altijd heb gekeerd tegen wetshandhavers – of ze nu van politie of justitie zijn – die in de uitoefening van hun ambt misbruik maken van de armsten en kwetsbaarsten in de samenleving. Ik erken wat de regeringen van Lula en Dilma gedaan hebben om de armoede te bestrijden en de sociale mobiliteit van miljoenen te bevorderen. Zoals ik ook erken dat ze een hoofdrol hebben gespeeld in het bestrijden van racisme en het verruimen van de toegang tot het hoger onderwijs, om maar eens een paar fundamentele punten te noemen.
Maar ik keer me tegen de schandalige veronachtzaming van de mensenrechten bij grote bouwprojecten in het Amazonegebied. De bewezen aanklachten in het kader van het witwasschandaal Operaçao Lava Jato zijn daarbij nog maar het topje van de ijsberg. En het geweld dat is toegepast door Norte Energia en de federale regering, twee handen permanent op één buik, is genoegzaam bekend. Ik stel me ook teweer tegen het feit dat de rechten van de inheemse bevolking met voeten worden getreden en dat de landhervorming van de politieke agenda is verdwenen.
Ik betreur het gebrek aan investeringen in de basishygiëne en in het onderwijs, het belangrijkste instrument voor emancipatie, veel belangrijker dan koopkracht. Ook betreur ik het gebrek aan visie op de stad en op burgerschap. En ik gruwel van de oogkleppen die deze regering heeft opgezet met betrekking tot het milieu, een regelrechte misdaad in deze tijden van klimaatverandering.
Ik wijs al heel lang op de tegenstrijdigheden in het regeringsbeleid en ik ben het eens met de antropoloog Eduardo Viveiros de Castro, die zei: ‘Dilma is een fossiel.’ Mijn oordeel is dat ze mentaal nog in de twintigste eeuw leeft en geen sjoege heeft van de grote kwesties die nu spelen.
Privileges
Maar toch, zolang ze de wet niet heeft overtreden kan ik me niet scharen achter degenen die haar aftreden eisen. Ik respecteer de stem van de meerderheid, ook al ben ik het er niet mee eens. Alleen als bewezen wordt dat ze de wet heeft overtreden kan met recht een afzettingsprocedure worden gestart.
Nooit zal ik me aansluiten bij de demonstranten van 13 maart [tienduizenden demonstranten gingen de straat om te protesteren tegen de regering. Zij eisten het vertrek van president Dilma Rousseff]. Als je goed naar hen luistert hoor je hun onderliggende boodschap: het enige wat ze willen is hun privileges waarborgen.
Alles wat van belang is wordt gefrustreerd door deze polarisatie. We mogen niet vervallen in een schijndemocratie. Gezien de noodzaak van een nieuw project lijkt het me raadzaam weerstand te bieden aan de behoefte om te geloven. Ik ben liever ook in de politiek een atheïst.
Eliane Brum schreef verschillende romans en maakte documentaires. Voor haar werk werd ze veelvuldig geprezen.
El País
Brazilië | dagblad | brasil.elpais.com
De wens een wereldwijde krant te worden, staat duidelijk in de ondertitel van El País: ‘El periódico global en español’ (‘De wereldwijde krant in het Spaans’).
Naast de Spaanse editie brengt de krant ook een ‘globale’ editie uit, die wordt gedrukt en gedistribueerd in Zuid-Amerika. Online is te kiezen voor de Braziliaanse variant; dezelfde inhoud, maar dan in het Portugees. Verder werkt El País samen met The New York Times en Le Monde.
CONTEXT: De lokale pers over de crisis in Brazilië
Binnen een week zijn er een paar nieuwe hoofdstukken toegevoegd aan het Braziliaanse politiek-juridische drama. Of oud-guerrillastrijdster Rousseff haar val nog kan voorkomen, is zeer de vraag.
De ongerustheid neemt toe over de zwaarste crisis in het land sinds links dertien jaar geleden aan de macht kwam. Nauwelijks was oud-president Lula benoemd in de regering van zijn opvolgster Dilma Rousseff – ‘om aan justitie te ontkomen’ op grond van de juridische onschendbaarheid die met deze benoeming gepaard gaat, zo benadrukken tal van media – of een lid van het Hooggerechtshof schortte dat besluit op. ‘De benoeming was bedoeld om het onderzoek met betrekking tot Lula in het kader van de operatie Lava Jato te omzeilen’, bericht de website van O Globo. Maar de regering laat zich aan dat besluit niets gelegen liggen. ‘Zolang hem geen portefeuille kan worden toegewezen, zal Lula informeel als minister functioneren’, kopt de krant Folha de São Paulo.
Tezelfdertijd gooit Sérgio Moro, de rechter van instructie die met de zaak belast is, op zijn beurt een steen in de vijver. Hij heft de geheimhouding rond het onderzoek in de affaire Lava Jato op ‘omdat het hier vergrijpen ten koste van het openbaar bestuur betreft’, aldus Jornal do Brasil. En de krant verspreidt de tekst van een telefoongesprek tussen president Rousseff en Lula, waaruit volgens Folha de São Paulo zou blijken dat men probeert justitie buitenspel te zetten. Maar ‘de rechter wakkert daarmee een sociale uitbarsting aan, en dat behoort niet tot de bevoegdheden van de rechterlijke macht’, meent het weekblad Carta Capital.
‘Dilma Rousseff ontpopt zich tot een strijdster die zich nooit zal overgeven, en Lula tot een gewonde adder, opgezwollen van zijn belustheid op wraak’
In de volgende dagen worden de straten in de Braziliaanse steden overspoeld met demonstraties voor en tegen Lula. De eis tot het aftreden van Rousseff wordt beantwoord met leuzen als ‘Lula, strijder voor het Braziliaanse volk’ en ‘Er komt geen staatsgreep!’, aldus O Globo.
De Braziliaanse media zijn al even gepolariseerd geraakt door de affaire als de publieke opinie. Zo schrijft Carta Capital, dat aan de kant staat van de regering en van Lula: ‘Volgens de harde kern van de regering is het de opzet van de rechter en van de hele affaire een einde te maken aan de Partido dos Trabalhadores (PT), de president ten val te brengen en haar voorganger uit te sluiten van bemoeienissen met de publieke zaak. Maar Lula is met zijn aantrekkingskracht in staat om een in het nauw gedreven regering een nieuwe impuls te geven.’
Daarentegen is O Globo ervan overtuigd dat de president en Lula ‘de indruk willen wekken dat de voormalige metaalarbeider die het tot president schopte, ook in staat zou zijn de schade te herstellen die mede door zijn toedoen aan de economie van het land is toegebracht. Dilma Rousseff ontpopt zich tot een strijdster die zich nooit zal overgeven, en Lula tot een gewonde adder, opgezwollen van zijn belustheid op wraak.’
Tot overmaat van ramp is de procedure om Dilma Rousseff af te zetten, die in december vorig jaar werd ingeluid, opnieuw blijven steken in het parlement, bericht O Globo.
De Brazilianen verwijten president Rousseff behalve haar betrokkenheid bij een corruptieschandaal de ergste recessie in Brazilië in 25 jaar. Volgens onderzoeksjournalist Glenn Greenwald grijpen de elite en hun media deze kans aan om te doen wat op democratische wijze nooit is gelukt: de Arbeiderspartij uit de regering krijgen.
Brazilië is een heel jonge democratie. In 1964 werd de democratisch gekozen linkse regering nog afgezet na een militaire coup. Die staatsgreep en de daaropvolgende dictatuur kregen steun van Braziliës oligarchen en hun grote mediabedrijven, de Globo-groep, voorop: die schilderden de coup af als een nobele zege op een corrupte linkse regering. De dictatuur had ook de steun van de exorbitant rijke (en in overgrote meerderheid blanke) bovenklasse en de kleine middenklasse van het land. In de Braziliaanse maatschappij spelen scherpe rassen- en klassentegenstellingen in Brazilië nog steeds een grote rol.
Corruptie is een groot probleem in de politieke klasse – ook in de hoogste rangen van de regerende Arbeiderspartij. Maar de plutocraten en hun media en de hogere klassen grijpen dit corruptieschandaal aan om te doen wat hun jarenlang niet op democratische wijze is gelukt: de Arbeiderspartij uit de regering krijgen.
De commerciële mediakanalen fungeren praktisch als protestorganisator en spreekbuis van de oppositie. De grootste zijn in handen van een piepklein aantal families,
bijna allemaal felle klassenvijanden van de Arbeiderspartij, en hun media gooien vooral olie op het vuur. De mensen wier belangen deze media vertegenwoordigen, zijn bijna allemaal voorstanders van een afzettingsprocedure tegen president Rousseff en hebben doorgaans banden met de oude militaire dictatuur. Zoals de Canadese correspondent Stephanie Nolen van de Globe and Mail schreef: ‘De grootste instellingen van het land zijn duidelijk niet op de hand van de president.’ Veel aanhangers van rechts verlangen terug naar de militaire dictatuur, en op de zogenaamde anticorruptiedemonstraties wordt soms opgeroepen om een eind te maken aan de democratie.
Dat rechtvaardigt niet wat de Arbeiderspartij heeft gedaan. Door de wijdverbreide corruptie en economische tegenslag zijn Rousseff en haar partij bijzonder impopulair geworden in alle geledingen van de bevolking, zelfs onder de arbeiders, die hun achterban vormen. Maar de volksprotesten, al zijn ze groot en fel, worden aangewakkerd door groepen die het altijd al op de Arbeiderspartij hadden gemunt.
Een afzettingsprocedure is een legitiem middel in een democratie, als de betreffende politicus inderdaad ernstige strafbare feiten heeft gepleegd
Je moet wel heel naïef zijn om te denken dat de invloedrijke personen die om haar afzetting roepen vooral een kruistocht voeren tegen corruptie. De partijen die van haar afzetting zouden profiteren, zitten namelijk zelf tot aan hun nek in corruptieschandalen die soms nog veel groter zijn. Tegen vijf leden van de impeachmentcommissie loopt een strafrechtelijk onderzoek wegens corruptie, evenals tegen 36 van de 65 leden van het impeachmentcomité van het Hogerhuis. De voornaamste pleitbezorger van een afzettingsprocedure in het Lagerhuis, de evangelistische extremist Eduardo Cunha, bleek op verschillende Zwitserse bankrekeningen miljoenen dollars te hebben staan – volgens de aanklagers allemaal smeergeld. Er lopen meerdere onderzoeken tegen hem.
Sérgio Moro, de rechter die het onderzoek naar de corruptiezaak in de Arbeiderspartij leidt, lekte deze week een afgetapt telefoongesprek tussen Lula en president Rousseff naar de pers. Het bijzonder vage gesprek werd door O Globo en andere antiregeringsmedia meteen als belastend bestempeld. Maar door het te lekken lapte rechter Moro alle juridische procedures aan zijn laars. Zijn bedoelingen waren duidelijk ook niet juridisch maar politiek: hij was woedend dat het onderzoek naar Lula moest worden afgebroken, omdat Lula een post in Rousseffs kabinet kreeg.
Hij hoopte Rousseff en Lula in verlegenheid te brengen en protesten uit te lokken. Daarmee haalde hij zich de kritiek op de hals, ook van medestanders, dat hij zijn macht misbruikte om politieke invloed uit te oefenen. Dit creëert het gevaar dat het strafrechtelijk onderzoek en de afzettingsprocedure niet langer juridische middelen zijn om criminele politici te straffen, maar een antidemocratisch wapen waarmee politieke tegenstanders proberen een democratisch gekozen president af te zetten.
Het staat als een paal boven water dat de Arbeiderspartij bol staat van de corruptie. Er bestaan ernstige verdenkingen tegen Lula, die een eerlijk en onpartijdig onderzoek vereisen. En een afzettingsprocedure is een legitiem middel in een democratie, als de betreffende politicus inderdaad ernstige strafbare feiten heeft gepleegd en de afzetting netjes volgens de regels verloopt. Maar uit de huidige afzettingsprocedure en demonstraties in Brazilië komt een veel complexer en moreel veel schimmiger beeld naar voren dan vaak wordt geschetst.
Onderzoeksjournalist Glenn Greenwald werd wereldberoemd door zijn samenwerking met NSA-klokkenluider Edward Snowden en de onthullingen die daaruit voortvloeiden. Hij is een van de oprichters van de opinie- en nieuwssite The Intercept. Bij uitgeverij Lebowski verscheen zijn boek De afluisterstaat.
The Intercept (opgericht door Glenn Greenwald) is een webzine dat zijn bronnen – doorgaans klokkenluiders – een beveiligd, anoniem kanaal biedt om bestanden ter beschikking te stellen.
Brazilië claimt over de grootste diamantreserve ter wereld te beschikken: het Roosevelt-reservaat in de Serra Morena. Maar de winning is gewelddadig en troebel, in tegenstelling tot de begeerlijke edelsteen zelf.
‘Ons land is onze ziel. Een indiaan zonder land is een indiaan zonder ziel,’ zo eindigt een leider van het Cinta-Largavolk zijn toespraak op een politieke bijeenkomst van inheemse volkeren. Onder de grond in het Roosevelt-reservaat in de Serra Morena, op de grens van de staten Rondônia en Mato Grosso in het Amazonegebied, ligt misschien wel de grootste diamantvoorraad ter wereld.
Aangetrokken door de glans van edelstenen trokken rond 1999 de eerste garimpeiros [diamantzoekers] de streek binnen. Officieel mag in dit woongebied van de Cinta-Larga helemaal geen mijnbouw worden bedreven, behalve kleinschalige winning door de bewoners zelf. Toch ligt er midden in het oerwoud nu een open plek van 10 bij 2 kilometer. Volgens diamantzoekers en antropologen is het gebied in werkelijkheid nog groter en wordt wel 1000 hectare voor diamantwinning gebruikt.
Conflict
De diamantwinning in het Roosevelt-reservaat bereikte een piek in 2004, toen er meer dan vijfduizend diamantzoekers in het gebied actief waren. Dat eindigde in een conflict tussen de garimpeiros en de inheemse bevolking, waarbij 29 garimpeiros omkwamen. Sindsdien is er in het gebied met tussenpozen diamant gewonnen, maar minder dan voorheen.
‘In maart van dit jaar gingen minstens vijfhonderd garimpeiros opnieuw een gewapende confrontatie aan met de inheemse bevolking, en zeiden dat ze niet van plan waren het gebied te verlaten,’ vertelt Reginaldo Trindade, die als officier van justitie belast is met de bescherming van de rechten van de Cinta-Larga. De Companhia de Pesquisa e Recursos Minerais (CPRM) [Dienst Onderzoek Minerale Delfstoffen] heeft berekend dat er alleen al uit de Lajesmijn jaarlijks zo’n 1 miljoen karaat aan diamanten gehaald kan worden – een hoeveelheid die op de markt ruim 200 miljoen dollar oplevert. Een mijnbouwbedrijf rapporteerde bovendien dat er op minstens veertien andere plekken in het gebied hetzelfde zeldzame kimberliet (een soort vulkanische rots waarin diamanten worden gevormd) in de bodem zit als in Lajes. Een redelijke schatting is dat er in Roosevelt voor zo’n 3 miljard dollar per jaar aan diamanten uit de grond gehaald kan worden.
Op dit moment stelt Brazilië op de internationale diamantmarkt nauwelijks iets voor: in 2013 produceerde het land 49.200 karaat, ofwel 0,04 procent van de wereldwijde productie van 130,5 miljoen karaat. De staten Mato Grosso en Minas Gerais zijn met respectievelijk 88 en 11 procent van het totaal de belangrijkste centra voor de verwerking van illegale diamanten.
De diamanten uit Roosevelt zijn hooggewaardeerd om hun formaat, puurheid en kleur. ‘Ze worden vooral gebruikt voor dure juwelen; ze zijn erg bijzonder en gemakkelijk te herkennen,’ vertelt Francisco Valder da Silveira van de CPRM.
Om de productie van Roosevelt op te voeren is een technologisch geavanceerde diamantwinning noodzakelijk, met moderne machines en gekwalificeerd personeel. Bij de semiprofessionele winning van nu gaat tot wel 40 procent van de stenen verloren. Er wordt gewerkt zonder enige vorm van toezicht, met geïmproviseerde gereedschappen, waardoor de opbrengsten laag zijn. Toch komt er jaarlijks naar schatting nog voor zo’n 100 miljoen real [bijna 23 miljoen euro] aan diamanten uit het gebied.
Diamantreserve in het Roosevelt-reservaat.
Vanuit de lucht steekt de geelbruine grond van de open plek in het Amazonewoud duidelijk af tegen het groene bos. Op de grond ziet het door een rivier en een moddersloot omzoomde terrein er levenloos uit. Een paar kilometer verderop bevindt zich het hart van de diamantwinning: een serie enorme kraters, afgewisseld met bergen aarde. Vlak bij de kraters staan krakkemikkige houten barakken, bedekt met zeildoek. ‘Je ziet veel drugs en prostitutie, maar je hebt ook hele families in het mijnwerkersdorp,’ vertelt een garimpeiro. Het werk van de garimpeiros is zwaar en de opbrengsten zijn onzeker. ‘Je vindt een mooie, grote steen van wel elf karaat, brengt hem naar een tussenhandelaar en ziet er nooit iets voor terug. Later hoor je dan dat hij voor 180.000 real [ruim 41.000 euro] verkocht is.’
De diamantwinning is een complex raderwerk en de garimpeiros, bewoners en tussenhandelaren leven in een continue staat van ‘koude oorlog’, waarbij elk probeert de ander te slim af te zijn. Het begint ermee dat een investeerder besluit om apparatuur aan te schaffen, contact legt met buitenlandse kopers en smeergeld betaalt aan de toezichthouders. Hij schakelt een lokale tussenpersoon in om tegen commissie elk van deze stappen voor hem te regelen.
Hier ligt misschien wel de grootste diamantvoorraad ter wereld
De tussenpersoon betrekt er een stamleider van de Cinta-Larga bij en levert de machines, in ruil voor 20 à 30 procent van de verkoopprijs van de stenen. De garimpeiro doet het eigenlijke werk, zonder vast loon. Hij wordt ‘gecontracteerd’ door het stamhoofd en moet het hem melden als hij stenen vindt. Van de totale waarde van de diamanten krijgen de garimpeiros 7 procent, een bedrag dat ze meestal onderling verdelen.
Het komt vaak voor dat de tussenpersoon een steen 30 tot 40 procent beneden zijn werkelijke waarde taxeert, vertellen indianen en diamanthandelaren. Ook gebeurt het dat een indianenleider zijn aandeel ontvangt, maar vervolgens de garimpeiro niet uitbetaalt. Deze laatsten proberen op hun beurt om de diamanten achter de rug van indianen en tussenpersonen direct aan kopers te slijten. Maar als een garimpeiro gesnapt wordt, kan hem dat zijn leven kosten.
Ooit telde het Cinta-Largavolk zo’n vijfduizend mensen, maar volgens de laatste telling zijn daar nog maar 1758 van over. Voordat de diamantwinning begon, was de relatie met de buitenwereld stabiel. In het begin stonden de indianen de diamantwinning met tegenzin toe, maar algauw bezweken ze voor de verlokkingen van het geld. Veel van de indianen hebben schulden die ze onmogelijk kunnen terugbetalen.
De gemeenschap is tegen diamantwinning; alleen een paar leiders profiteren ervan
Om de schulden, die vaak gewapenderhand worden opgeëist, toch te kunnen voldoen, staan de stamleden diamantwinning in hun gebied toe en raken er actief bij betrokken. ‘Ze weten dat de criminele en marginale situatie waarin ze zich bevinden zal leiden tot het uitsterven van hun gemeenschap. Dat proces is al volop aan de gang. Het Cinta-Largavolk wordt uitgemoord – zo niet fysiek, dan toch zeker etnisch en cultureel,’ zegt Reginaldo Trindade. Volgens regionaal coördinator Bruno Lima e Silva van de Fundação Nacional do Indio (FUNAI) [een overheidsdienst voor de bescherming van de rechten van inheemse volkeren] is ‘de gemeenschap in principe tegen de diamantwinning; alleen een paar leiders profiteren ervan, en zij zorgen voor politieke onenigheid binnen de stam’.
Bij alle officiële toegangswegen naar het reservaat staan politieposten, maar toch is het ondoenlijk om de toestroom van mensen en apparatuur naar het mijngebied te controleren. Vanaf fazendas [plantages] aan de grens lopen talloze clandestiene weggetjes het reservaat in. Op deze fazendas liggen vaak kleine vliegveldjes en ook in het reservaat bevindt zich een landingsbaan. De in Roosevelt gewonnen diamanten worden vervolgens het gebied uit gesmokkeld. Met vliegtuigjes, bijvoorbeeld. De stenen worden gefotografeerd en de foto’s worden vervolgens via internet naar – veelal Europese of Amerikaanse – tussenhandelaren verstuurd. De koper komt in Ecuador, Peru, Colombia of Bolivia Zuid-Amerika binnen. Daar aangekomen huurt hij een éénmotorig vliegtuigje en vliegt de grens over, landt op een illegale landingsbaan en ruilt het meegebrachte geld tegen diamanten, zonder ooit een voet op Braziliaanse bodem te zetten.
‘Officieel gemaakt’
Wat ook gebeurt, is dat diamanten over land de grens met Venezuela of Guyana over worden gebracht. Venezuela was tot voor kort een van de weinige landen ter wereld die niet het Kimberley-certificaat verleenden (waarmee de herkomst van edelstenen wordt aangetoond), maar in april 2015 ging het overstag en ondertekende het land een internationale overeenkomst. Daarvóór was de diamanthandel illegaal en werden Braziliaanse edelstenen in lokale handelsstromen opgenomen.
Een derde manier om diamanten wit te wassen is door het in Brazilië zelf te doen. Nu worden de stenen geregistreerd in de Braziliaanse staten Mato Grosso, Minas Gerias of Goías en illegaal naar reguliere diamantmijnen gebracht waar ze ‘officieel gemaakt’ worden. Voorzien van het Kimberley-zegel kunnen ze dan direct worden geëxporteerd of anders gaan ze naar het stadje Juína, waar ze op een officiële diamantbeurs op het centrale plein te koop worden aangeboden.
Dit alles zou nooit mogelijk zijn zonder machtige beschermheren. ‘We gaan er altijd van uit dat er machtige personen bij de diamantwinning en -verkoop betrokken zijn,’ zegt Reginaldo. ‘In het verleden waren dat ambtenaren van verschillende instanties, zakenlui of zelfs multinationals; alleen dat kan verklaren waarom zo’n ernstige situatie nauwelijks wordt aangepakt.’
Het geld dat op de bankrekening van de stamleiders binnenkomt is uiteraard ook niet legaal. Meestal komt het ten goede aan de gemeenschap, waarbij de stamleiders privileges genieten. Ze kopen bijvoorbeeld besteltrucks voor het vervoer van alle stamleden, maar hebben zelf voorrang bij het gebruik ervan; of er wordt een satellietschotel of wifi geïnstalleerd, maar als eerste in het huis van de stamleider.
Status
João Bravo is al jarenlang de leider van de Cinta-Larga en dankzij zijn inkomsten uit de diamanthandel is zijn status onaanvechtbaar. Hij is rijk geworden, maar doet ook veel terug voor de gemeenschap: laat wegen en elektriciteit aanleggen, stuurt artsen met medicijnen naar de dorpen, koopt auto’s en vee en heeft zelfs een kleine waterkrachtcentrale binnen het reservaat laten bouwen.
Zijn zoon, Raimundo, geniet niet het prestige van zijn vader. In 2014 werd hij bij de anticorruptieoperatie Lava Jato genoemd als ontvanger van acht geldstortingen met een totale waarde van 21.450 real [bijna 4900 euro], afkomstig van Carlos Habib Chater, die verdacht wordt van het illegaal winnen en in het buitenland verkopen van diamanten. Raimundo’s advocaat laat weten dat zijn cliënt en het door hem geleide collectief Coopecilar nooit in het indianenreservaat diamanten hebben gewonnen.
Het Nationaal Congres zou een wet moeten aannemen die de winning van bodemschatten in indianenreservaten legaliseert en in goede banen leidt. Omdat zo’n wet er nog niet is, blijft vooralsnog elke vorm van diamantwinning in Roosevelt illegaal. ‘We willen dat de winning gelegaliseerd wordt,’ zegt Marcelo Cinta-Larga met nadruk. Regularisering is volgens negen van de tien bij deze reportage geconsulteerde experts, onder wie medewerkers van het Openbaar Ministerie en de federale politie, indianen en zelfs garimpeiros, de enige oplossing. Ook de garimpeiros zeggen liever legaal te willen werken.
In Antwerpen wordt 80 procent van de ruwe diamanten wereldwijd en 50 procent van de bewerkte verhandeld
Er zijn al drie wetsvoorstellen ingediend om de situatie te regulariseren. Volgens advocaat en hoogleraar Financieel recht Fernando Scaff heeft in Brazilië degene die bodemschatten als eerste ontdekt het recht ze te exploiteren, maar zullen de nieuwe wetten moeten bepalen hoe dat in indianenreservaten gebeurt. Belangrijk daarbij is dat de indianen bij elke nieuw te openen diamantmijn geconsulteerd worden, en niet alleen eenmalig bij het aannemen van de wet. Dat zou betekenen dat er alleen delfstoffen in reservaten mogen worden gewonnen als de indianen daarmee akkoord gaan. In veel gevallen is dat overigens al de praktijk.
Er bestaan twee coöperaties voor de diamantwinning in Cinta-Largagebied, Coopecilar en Coesci, die door bijna alle stamleiders ondersteund worden. Voor iedereen die graag legaal in het gebied actief wil zijn, zijn dit de twee enige partners – en beide hebben hun eigen vertegenwoordigers. Raul Canal, die kantoor houdt in Brasilia, vertegenwoordigt sinds een paar jaar Coopecilar. Een andere advocaat uit Brasilia, Luis Felipe Belmonte, presenteerde in maart 2015 samen met zakenman Samir Santos Entorno een voorstel voor de regularisering van de diamantwinning in Roosevelt.
Beiden vertellen een vergelijkbaar verhaal: ze behartigen als juridisch adviseur in Brasilia de belangen van de inheemse bevolking en staan die bij in processen ter legalisering van de diamantwinningsactiviteiten. Ook de beloften die ze gedaan hebben zijn vergelijkbaar: de indiaanse bevolking gelooft dat het Cinta-Largavolk na legalisering een van de rijkste indianenvolken ter wereld zal zijn.
Canal zegt zich ervoor in te spannen om nog dit jaar wettelijk geregeld te krijgen dat de Cinta-Larga het exclusieve recht krijgen om de bodemschatten en eventuele fossiele brandstoffen in het reservaat te exploiteren. ‘Wij ondersteunen geen van de voorstellen die wachten op goedkeuring van het Congres, omdat ze alle drie de rechten van de indianen niet respecteren. Ze dienen alleen de belangen van grote mijnbouwbedrijven.’ Ook Belmonte is bezig om voor de Cinta-Larga toestemming te krijgen om legaal diamanten te winnen en te verkopen, zolang het bij winning in de bovenste grondlagen blijft. De opbrengst komt geheel de gemeenschap toe: de indianen bestieren de winning, verhandelen de diamanten en de coöperatie houdt de administratie bij.
De twee advocaten benadrukken geen enkele relatie met de garimpeiros of met mijnbouwbedrijven te onderhouden. Een bron van de federale regering zegt echter dat er vanuit Antwerpen (waar 80 procent van de ruwe diamanten wereldwijd en 50 procent van de bewerkte wordt verhandeld) gelobbyd wordt voor de legalisering van de diamantwinning in Roosevelt. Investeerders aldaar zouden hun geld graag willen verplaatsen naar democratische landen met een stabiele economie.
Maar de in hun bestaan bedreigde Cinta-Larga zullen hoe dan ook afhankelijk blijven van de garimpeiros, of de winning nou clandestien is zoals nu, of netjes geregeld door heren in driedelig pak in Brasilia.
Auteurs: Fellipe Abreu en Luiz Felipe Silva
Vertaler: Valentijn van Dijk
Folha de São Paulo
Brazilië | oplage 330.000
Werd in de jaren tachtig geprofessionaliseerd met de slogan ‘objectiviteit, moderniteit, openheid’. Het is uitgegroeid tot een van de meeste invloedrijke kranten van Brazilië en vindt zijn lezers vooral onder een jonge elite die streeft naar het behoud van de democratie. Kan ’s zondags rekenen op 110.000 extra lezers.
Om de financiering van rebellengroepen met ‘bloeddiamanten’ tegen te gaan, hebben de VN in 2003 het Kimberley Process Certification Scheme opgezet. Deelnemende landen moeten garanderen dat de diamanten uit het land niet gebruikt worden om rebellengroepen te financieren die tegen door de VN erkende regeringen strijden. Diamanten uit deze landen worden geëxporteerd met een certificaat van herkomst. In 2014 had 99,8 procent van de wereldwijd verhandelde diamanten het Kimberley-certificaat. Mensenrechtenorganisaties als Global Witness zetten echter vraagtekens bij de effectiviteit van het Kimberley Process, omdat er aan de strikte naleving van de voorwaarden voor deelname het een en ander zou schorten.
TIJDSLIJN
1915 Een regeringsexpeditie legt voor het eerst contact met de Cinta-Larga.
1928 Een groep rubbertappers richt een bloedbad aan in een Cinta-Largadorp.
vanaf 1950 Groeiende conflicten tussen de indianen en rubbertappers. Ook verkennen de eerste mijnbouwbedrijven het gebied. De aanleg van een weg verergert de confrontaties. Frequente strafexpedities naar indianendorpen na aanvallen.
1965 Eerste officiële contact met de Cinta-Larga. Uitdeling van voedsel.
1966 Deel van het land van de Cinta-Larga wordt reservaat. In de jaren daarna gaat het over en weer vermoorden van indianen, rubbertappers en goudzoekers door.
jaren ’70 Begin van vreedzamere contacten; er worden geschenken uitgewisseld.
1976 Er wordt goud ontdekt. Steeds meer goudzoekers in het gebied.
1999 Ontdekking van het grote diamantveld van Roosevelt. Grote toestroom van garimpeiros (diamantzoekers). Verheviging van de gewapende conflicten, waarbij tientallen doden vallen.
2001-2002 De politie verwijdert duizenden garimpeiros uit het gebied. Aanslagen op indianenleiders.
2003-2016 Blijvende aanwezigheid van garimpeiros in Roosevelt; indianenleiders raken meer en meer betrokken bij diamantwinning.
Het corruptieschandaal rond de Braziliaanse staatsoliemaatschappij Petrobras blijft slachtoffers maken. Een van de laatste is de schatrijke bouwondernemer Marcelo Odebrecht. Zijn gewoonte om alles te noteren in zijn mobiele telefoon werd hem fataal.
Marcelo Odebrecht deed het liefst zaken tijdens onderonsjes: vrijwel altijd wist hij dan met zijn assertiviteit en dominantie zijn gesprekspartners te overtuigen. Op zijn vijfenveertigste gaf hij met een hem kenmerkende hooghartigheid leiding aan een imperium met een omzet van 107 miljard reais [27,5 miljard euro]. Tot op de dag van zijn arrestatie, op 19 juni van dit jaar, verliep zijn leven vlekkeloos. Daarna zagen we een ander beeld: een in het nauw gedreven, diep beschaamde man. De directeur van het grootste bouwconglomeraat van het land zit nog steeds vast, op de korrel genomen door het anti-corruptieoffensief Lava Jato. Evenals veel van zijn collega-directeuren en naaste concurrenten is hij zijn leidende rol in een van de grootste economische sectoren van Brazilië voorlopig kwijt.
Odebrecht, geschoold aan een van de meest vooraanstaande managementinstituten ter wereld, wordt beschuldigd van omkoping, vernietiging van bewijsmateriaal en beïnvloeding van politici ten faveure van zijn bedrijf. Noodlottig werd hem zijn gewoonte om elk detail in zijn mobiele telefoon te noteren, gegevens die nu tegen hem gebruikt gaan worden. Op 24 juli werd hij aangeklaagd wegens corruptie, witwassen en het deelnemen aan een criminele organisatie.
Uit de e-mails, voicemailberichten, uitnodigingen voor etentjes, whatsapp-berichten en kattebelletjes aan advocaten die door de federale politie zijn verzameld, blijkt volgens het rechercheteam dat Odebrecht tot in detail op de hoogte was van de corrupte handel en wandel binnen zijn bedrijf. Bij geen van de andere verdachten in de Operatie Lava Jato vond de politie zo veel schriftelijk bewijsmateriaal als bij hem.
Volgens mensen uit zijn omgeving is hij begiftigd met een vlijmscherpe intelligentie en een uitstekend concentratievermogen. Bovendien is hij workaholic. Bij zijn benoeming tot directeur van de onderneming in januari 2009 gaven die eigenschappen de doorslag. Hij is al de derde generatie Odebrecht aan het hoofd van het bedrijf: bij zijn medewerkers staat hij bekend als Odebrecht III. De eerste klant van het bouwbedrijf was (in 1944) het aartsbisdom Salvador de Bahia.
‘Hij is veel introverter dan zijn vader Emilio en minder charismatisch dan zijn grootvader Norberto. Maar hij onderscheidt zich van die twee door zijn intelligentie en hij heeft de perfecte opleiding gekregen om aan het hoofd van het bedrijf te staan,’ zegt iemand uit zijn naaste omgeving.
Marcelo kreeg de zegen van de hele Odebrecht-clan om het imperium te gaan leiden, niet alleen omdat hij de natuurlijke erfgenaam was, maar ook vanwege zijn ondernemingszin, waarmee hij het bedrijf moest gaan uitbouwen. Van hem werd verwacht dat hij met nog grotere voortvarendheid zaken zou doen dan zijn voorgangers. Voordat hij de leiding van de groep overnam, haalde hij zijn MBA aan het International Institute for Management Development (IMD) in het Zwitserse Lausanne.
Eerder had hij toen al civiele techniek gestudeerd aan de universiteit van Salvador de Bahia, waarna hij in het bedrijf was komen werken. Eerst liep hij een tijdlang rond op de bouwplaatsen om het werk van onderaf te leren kennen. Later vloog onder zijn leiding de omzet van de Odebrecht Groep omhoog van 38 miljard reais in 2009 naar 107 miljard in 2014.
De Odebrecht Groep wordt verdacht van het betalen van steekpenningen
Uit de honderden in beslag genomen pagina’s notities rijst het beeld op van een man die met toewijding discussies voert over de hoogte van contracten, verwoed politici te spreken probeert te krijgen, financiering zoekt bij banken over de hele wereld en journalisten reportages laat schrijven over zijn bedrijf. Zijn e-mails naar directeuren van andere bouwbedrijven waren altijd even bondig als direct: hij verduidelijkte zichzelf graag met puntsgewijze argumenten.
De Odebrecht Groep wordt verdacht van het betalen van steekpenningen aan buitenlandse directeuren van de oliegigant Petrobras, in ruil voor een voorkeursbehandeling bij op zijn minst zes afgesloten contracten. Toen federale opsporingsagenten op 22 juni in Odebrechts digitale administratie op twee pagina’s stuitten die voor zijn advocaten bestemd waren, bleek voor het eerst diens manie met het noteren van zijn ideeën.
De zin ‘Vernietig e-mails boren’ [het ging om boren die overgefactureerd waren] deed uiteindelijk bij de politie de alarmbellen rinkelen, omdat het erop leek dat hij sporen van e-mailverkeer wilde wissen. De verdediging houdt echter staande dat de zakenman met de term ‘vernietigen’ doelde op het weerleggen van de argumenten van de onderzoekers van Lava Jato. Behalve deze zinsnede bevatten de twee pagina’s een lange lijst maatregelen, bedoeld om het bouwbedrijf in te dekken tegen lopende beschuldigingen. Drie dagen voordat hij werd aangehouden, besprak Odebrecht nog tot in detail de te volgen strategie.
Het in beslag genomen bewijsmateriaal laat zien hoezeer het sociale leven van de Odebrechts verweven was met hun onderneming. In hun herenhuis in São Paulo organiseerde het echtpaar ten minste drie etentjes voor politici, hoge ambtenaren en de top van het bedrijfsleven, zo blijkt uit e-mails die de zakenman uitwisselde met zijn vrouw Isabela Alvarez.
Het huis ligt op een kleine zes kilometer van Odebrechts kantoor in Marumbi, in het zuiden van São Paulo. Ondanks zijn drukke zakenleven bracht Odebrecht meer tijd met zijn zoons en vrouw door dan zijn vader en grootvader in hun tijd hadden gedaan. Deze hechte familieband maakte dat het gezin uiterst emotioneel op de arrestatie van Marcelo Odebrecht reageerde. Een vriend van de familie vertelt dat ze er allemaal kapot van zijn.
Tot op de dag van zijn arrestatie verliep zijn leven vlekkeloos
Vijf dagen voor zijn arrestatie, op 19 juni, vermoedde Odebrecht nog in het geheel niet dat zijn leven zo’n ongunstige wending zou nemen. Hij nam deel aan een studiedag in het Hiltonhotel in São Paulo, waar gesproken werd over manieren om de export van diensten te bevorderen. Er was een minister bij, een aantal andere leden van de regering en senator Gleisi Hoffmann. Odebrecht pleitte ervoor om de Banco Nacional de Desenvolvimento Econômico e Social (BNDES) [Nationale Economische en Sociale Ontwikkelingsbank] nog meer middelen in handen te geven voor buitenlandse bouwprojecten. De Odebrecht Groep had veel aan dit stimuleringsbeleid gehad en dat had het bedrijf al de nodige kritiek opgeleverd.
‘Ik ben gefrustreerd en geïrriteerd. Wij scheppen arbeidsplaatsen, maar liggen tegelijkertijd politiek onder vuur. Er is niets immoreels of illegaals aan deze subsidies, maar het onderwerp wordt opgeblazen door de media. Het is wel erg gemakkelijk om te roepen dat Brazilië geen bouwprojecten in het buitenland moet entameren, maar in het land zelf,’ zei Odebrecht destijds. Hij verwees daarmee naar argumenten van de oppositie, die het thema gebruikte om het beleid van de BNDES te torpederen.
Op zijn reizen naar het buitenland liet de ondernemer zich vaak in vergelijkbare termen uit. Als directeur van een Braziliaanse multinational nam hij meer dan eens de rol op zich van vertegenwoordiger van het nationale bedrijfsleven en verdedigde hij het regeringsbeleid ter ondersteuning van Braziliaanse bedrijven in het buitenland. Soms gaf hij zelfs gezamenlijk met vertegenwoordigers van de BNDES interviews aan de buitenlandse pers. Tussen 2007 en 2014 maakte de Ontwikkelingsbank 2 miljard euro aan subsidies over aan landen die Odebrecht inhuurden voor bouwprojecten.
In tegenstelling tot andere bouwondernemers ging Odebrecht de confrontatie met het rechercheteam van Lava Jato niet uit de weg: de ondernemer bepaalde eigenhandig de te volgen verdedigingsstrategie. Al snel bleek dit echter een vergissing en het liet fatale sporen na: zijn mobiele telefoon en e-mails belandden in handen van de onderzoekers en werden vervolgens als bewijs tegen hem gebruikt.
O Globo onthulde dat uit diplomatieke telegrammen tussen het Braziliaanse ministerie van Buitenlandse Zaken en buitenlandse diplomaten kan worden opgemaakt dat oud-president Luiz Inácio Lula da Silva zich ten minste twee keer heeft ingezet voor de Odebrecht Groep, en wel in Cuba en in Portugal. In juni 2011 werd Lula naar het schijnt op Cuba ontvangen door Odebrecht zelf. In Portugal zou de oud-president er bij premier Pedro Passos Coelho op hebben aangedrongen bij privatiseringen in zijn land de belangen van het Braziliaanse bouwbedrijf niet uit het oog te verliezen.
Het optreden van Lula wordt nu door de openbaar aanklager tegen het licht gehouden op verdenking van ‘ongeoorloofde beïnvloeding van internationale commerciële transacties’.
De magistraat die het onderzoek in de corruptie zaak rond Petrobras leidt, is in Brazilië uitgegroeid tot een symbool van de strijd tegen corruptie.
De 42-jarige rechter Sérgio Moro is een bekende en zeer gewaardeerde publieke figuur in Brazilië: in het laatste decennium was er geen corruptiezaak, witwas-affaire of aanklacht wegens belastingontduiking waarin hij geen rol speelde. In 2014 werd hij door een aantal sociale instellingen verkozen tot man van het jaar, vooral wegens zijn werk in de Operatie Lava Jato.
Sérgio Moro laat niemand onverschillig. Door velen wordt hij hogelijk bewonderd als een baken van onkreukbare gerechtigheid, ongevoelig voor het grote geld of voor politieke dwang bij het voor het gerecht slepen van machtige verdachten. Anderen haten hem simpelweg omdat ze in zijn handen vielen, maar er zijn er ook die menen dat hij geen middel schuwt om zijn doel te bereiken, ook niet als hij daarmee de uiterste grenzen van de wet opzoekt.
Toen hij op 14 augustus arrestatie-bevelen liet uitvaardigen tegen 21 van de allerrijkste en machtigste onder-nemers van het land, kwam dat voor niemand in Brazilië echt als een verrassing. Moro had al meermalen laten zien dat de omvang van iemands bankrekening of iemands sociale positie hem geen jota interesseerde als hij het nodig vond om vervolging in te stellen.
De uit Maringá in de zuidelijke staat Paraná afkomstige vader van twee kinderen werd rechter in 1996, een jaar na zijn promotie in de rechten aan de universiteit van zijn geboortestad. In 1998 voltooide hij een vervolgopleiding aan de Amerikaanse Harvard-universiteit. Maar pas door zijn deelname aan een reeks besloten cursussen over witwaspraktijken, georganiseerd door het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken, groeide hij uit tot specialist op dit gebied. Tegenwoordig werkt hij als federale rechter in de zuidelijke stad Curitiba – waar hij ook hoogleraar is – en is hij een van de drie kandidaten voor een plek in het Federale Hooggerechtshof (het hoogste rechtscollege van het land). Hij werd daartoe voorgedragen door de Braziliaanse Vereniging van Federale Rechters.
In het laatste decennium was er geen corruptiezaak of witwasaffaire waarin hij geen rol speelde
Voordat hij begon aan Operatie Lava Jato leidde Moro de zaak-Banestado [die ging over belastingontduiking van in totaal 7,6 miljard euro met medeweten van de gelijknamige bank], waarin tussen 2003 en 2007 in totaal 97 verdachten werden veroordeeld. Tijdens de operatie Farol da Colina [in 2004] nam hij maar liefst 103 verdachten in preventieve hechtenis, op verdenking van onder andere belastingontduiking, verduistering, witwassen en deelname aan een criminele organisatie. In het Mensalão- schandaal – rond het kopen van stemmen van parlementariërs (in 2005 en 2006) – werd Moro opgeroepen als extern deskundige bij het onderzoek.
Hij kwam in de loop der jaren met regelmaat oude bekenden tegen: Alberto Youssef bijvoorbeeld, spil in het door Operatie Lava Jato blootgelegde corrupte netwerk, was al eens veroordeeld in de zaak-Banestado.
Sérgio Moro had weer eens het laatste woord
Held
Sérgio Moro is meer dan alleen een vlijtig ambtenaar: hij publiceerde een aanzienlijk oeuvre over zijn specialisme – waarin hij niet alleen juridische aspecten behandelt, maar ook laat zien welke consequenties corruptie heeft op het functioneren van democratische regeringen.
Tot op heden heeft hij zijn aura van onkreukbaarheid weten te behouden en is hij de held van de demonstranten tegen het beleid van president Dilma Rousseff. Weliswaar beklaagde de verdediging zich over de gebruikte methoden, maar de opnamen die hij liet maken van gesprekken tussen sommige beklaagden en hun advocaten kregen landelijke bekendheid toen daaruit bleek dat er in de gevangenis van Catanduvas drugs gesmokkeld werden. Sérgio Moro had weer eens het laatste woord.
António Freitas de Sousa
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.