Tag: buitenland nieuws

  • In gesprek met Oekraïense schrijvers: ‘Oorlog produceert zijn eigen woorden’

    In gesprek met Oekraïense schrijvers: ‘Oorlog produceert zijn eigen woorden’

    Terwijl de oorlog woedt, vechten de bekendste auteurs van Oekraïne met woorden voor hun land. Op reis met drie dakloze schrijvers.

    De dichter schreeuwt. Zijn haar hangt in zijn gezicht en zwiept mee op de maat van de muziek. Zijn ogen zijn spleetjes geworden, hij zweet en veegt zijn haar naar achteren. Als hij een vuist in de warme lucht steekt in de Weense club, volgen onmiddellijk vele handen van mensen. Ze zijn hier om deze man live op het podium te zien. Serhij Žadan.

    Een fan helemaal vooraan graait naar de borst van de dichter en zanger, naar waar zijn hart zit. Hij staat het toe.

    Olga uit Lviv is vandaag buiten de club aanwezig met buttons, met daarop het portret van Zelensky. Senek is hier ook vandaag – hij verhuisde onlangs van Oekraïne naar Oostenrijk om te studeren. Hij maakt bewegingen op de dansvloer. Vandaag is Oekraïne hier.

    Žadan i Sobaki, Charkov, Ukrajina!’ roept Serhij Žadan nu, en vat daarmee in vijf woorden samen waar het deze septemberavond om draait.

    De band – ‘Žadan en de honden’, uit Charkov, Oekraïne – speelt rockmuziek die je eraan herinnert waarom rockmuziek eigenlijk bestaat. Energie. Overmaat. Protest. En over dat wat geen vertaling behoeft. Charkov, Oekraïne.

    Tour de force

    Voorlopig is Wenen de laatste stad buiten Oekraïne waar Žadan i Sobaki spelen om geld in te zamelen voor hun vaderland. Dit is het laatste van bijna twintig concerten in drie weken. Van een rondreis door Oost- en Midden-Europa. Wrocław, Praag, Milaan, Hamburg, Riga, Vilnius, Bratislava, Wenen. Een tour de force.

    De achtenveertigjarige dichter, zanger, rockster, filoloog en vertaler Serhij Žadan is een man met vele kwaliteiten. Hij is een van de meest internationaal bekende schrijvers van Oekraïne, wiens boeken in Duitsland worden uitgegeven door Suhrkamp Verlag. Dit jaar won hij de Vredesprijs van de Duitse boekhandel en hij schreef al over de oorlog in Oekraïne toen men het elders in de wereld nog graag over een conflict of crisis had.

    In 2004, tijdens de Oranjerevolutie, hielp hij met het inrichten van een tentenkamp voor demonstranten in Charkov, waar hij sinds de jaren negentig woont. In 2014, ten tijde van Euro-Maidan, verzette hij zich tegen de pro-Russische aanvallers en werd in elkaar geslagen.

    Sommige collega’s van Žadan vechten aan het front. Een van hen is Artem Tszech. Zijn boek Nulpunt, over de oorlog in de Donbas, waarin hij meevocht, is zojuist in Duitse vertaling verschenen.

    Sommige anderen zijn vermoord door Russische troepen. Een van hen is Oleksandr Kysljoek. Een universitair docent, die Tacitus, Aristoteles en Adorno in het Oekraïens vertaalde. Hij werd niet ver van zijn flat in Boetsja doodgeschoten.

    Sommigen bleven, anderen vluchtten. Velen van hen trekken nu als nomaden door de wereld. Zij gebruiken de mobiele mogelijkheden van Europa, ook om ervoor te zorgen dat de solidariteit in het Westen niet afbrokkelt.

    ‘Als je videobeelden ziet van een raket die naast je huis inslaat, geeft dat best een ongemakkelijk gevoel’

    De schrijvers uit Oekraïne die je op deze reis door Europa ontmoet – Serhij Žadan in Oostenrijk, Andrej Koerkov in Noorwegen, Oksana Zaboezjko in Polen – vechten in verschillende landen. Met dezelfde middelen. Met woorden.

    Žadan, Koerkov en Zaboesjko hebben gemeen dat zij tot de grootste literaire figuren van hun land behoren maar lange tijd geen literatuur konden schrijven. Wat ze nog meer gemeen hebben, is dat ze dit najaar nieuwe boeken uitgeven.

    Wat ervaren deze intellectuelen, honderden kilometers verwijderd van hun vaderland dat onder vuur ligt?

    Naar huis

    Uren voordat de dichter het uitschreeuwt, lijkt hij leeg. Serhij Žadan, gekleed in zwart T-shirt, zwarte jeans en zwart spijkerjack, zit backstage in een kleine ruimte. Het is er benauwd. Even daarvoor zaten zijn collega-muzikanten er nog. ‘Ik wil naar huis,’ zegt hij in zijn rauw klinkende Oekraïens.

    Variaties van die zin zal hij vele malen herhalen. Een leidraad, waarnaar hij steeds terugkeert.

    Deze tournee van drie weken, zegt hij, is de eerste keer dat hij Charkov voor langere tijd heeft verlaten sinds 24 februari, de dag van de Russische invasie. Die dag zat hij in de trein op weg naar een concert. Toen hij van de invasie hoorde, ging hij terug naar Charkov. De stad werd zwaar beschoten, met artilleriegranaten en raketten.

    ‘Ik voel me totaal niet op m’n gemak als ik buiten Oekraïne ben,’ zegt Žadan. Hij kijkt voortdurend naar het nieuws, zegt hij. Onlangs sloeg een raket in naast zijn huis in Charkov. ‘Als je beelden ziet van een raket die naast je huis inslaat, geeft dat best een ongemakkelijk gevoel.’

    Angst is het niet. ‘Woede,’ zegt hij. En onrust.

    ‘Het is zoiets vreemds, en ik zie het niet alleen bij mezelf maar ook bij veel andere mensen: hoe verder iemand van de oorlog verwijderd is, hoe meer zorgen hij zich maakt. Ben je daarentegen in Charkov terwijl dat wordt beschoten, dan voel je je rustiger.’ Oorlog kan gevoelens verdraaien.

    En oorlog condenseert de tijd, zegt Serhij Žadan; Deze zeven / maanden lijken een dag.

    De oorlog neemt het perspectief weg. ‘Het is verdwenen. Dus als je dicht bij het front woont, probeer je niet te denken aan wat er met je gaat gebeuren over, laten we zeggen, een week.’

    Door de oorlog kon Žadan geen boek meer lezen. Nu kan hij het weer. ‘Ik dwing mezelf ertoe.’ Hij leest Bruno Schulz, zegt hij, wijzend naar zijn rugzak naast hem in de backstageruimte. Het is een soort therapie voor hem, zegt hij. Hij blijft terugkomen op de Poolse surrealist, die werd geboren in wat nu Oekraïne is en die tijdens de Tweede Wereldoorlog door een SS’er werd doodgeschoten.

    ‘Oorlog produceert zijn eigen woorden’

    Door de oorlog kon Žadan ook geen boeken meer schrijven. Ook dat kan hij nu weer. ‘Ik doe mijn best,’ zegt hij.

    ‘Oorlog verandert het vocabulaire,’ schrijft hij ongeveer tien jaar geleden in een prozatekst. Dat laat zich dezer dagen lezen als een voorspelling. Net zoals enkele van zijn boeken. Met name de in 2018 in het Duits verschenen roman Internat, over zijn persoonlijke verantwoordelijkheid in de oorlog in de Donbas. ‘Oorlog produceert zijn eigen woorden,’ gaat de prozatekst verder.

    In zijn nieuwe boek Hemel boven Charkov, een verzameling van zijn berichten op sociale media sinds 24 februari, komt de uitdrukking ‘Derde Wereldoorlog’ voor. Het ergste vooruitzicht, de omvangrijkste gedachte. Een metafoor, zegt hij nu, voor het heden. ‘Als je naar de wereld van vandaag kijkt, zie je een apocalyptisch beeld.’

    De oorlog verandert de stijlmiddelen. De metaforen. De toon.

    Liefde en haat

    De bundel is mogelijk minder poëtisch dan de fictie van Žadan, soberder, maar ook militanter. Het gaat heen en weer tussen liefde en haat. Tussen een lokale patriottische liefde voor Charkov, de inwoners en verdedigers. En haat tegen de Russen, de ‘barbaren’. Žadan herhaalt dat laatste als een refrein in deze compilatie. Naast leuzen als ‘Over de stad wapperen onze vlaggen’ of ‘Morgenochtend zijn we weer een dag dichter bij onze overwinning’.

    Hemel boven Charkov maakt duidelijk dat Žadan, de man met vele kwaliteiten, door deze oorlog in minstens één rol is gegroeid. Hij is kroniekschrijver van de oorlog geworden. Een twitterende stadsschrijver van de gebroken maar toch onbreekbare metropool. Maar hij is ook iemand die het moreel hooghoudt. Als een vuist in de warme Weense lucht.

    Vier dagen na het concert post Serhij Žadan een selfie op Instagram. Hij draagt een zwarte zonnebril, en er speelt een zachte glimlach om zijn lippen. Daaronder staat: ‘Onze vlaggen wapperen over de stad’. Een foto uit Charkov.

    Vier dagen na het concert maakt Andrei Koerkov een foto in een haven in de Lysefjord in Noorwegen. Hij staat voor op het dek van een veerboot die zich nu een weg baant door de fjord, en hij maakt foto’s als uit een prentenboek, van een waterval, van de rechtlijnige, afgeschraapte rotswanden die het water als hoge muren omgeven.

    Het zijn zeldzame momenten, waarop Koerkov zijn mobiele telefoon niet gebruikt voor zijn werk tijdens deze tournee – een literatuurfestival in Stavanger nodigde hem uit. De mobiele telefoon, die ervoor zorgt dat Kyiv nooit ver weg is, zelfs niet in het Noorse zuidwesten.

    In het westen is Andrei Koerkov waarschijnlijk de bekendste auteur uit Oekraïne. De eenenzestigjarige voorzitter van de Oekraïense PEN-schrijversvereniging verliet zijn door oorlog verscheurde land na 24 februari met tegenzin. Een vriend belde hem op en vertelde hem dat zijn naam op een Kremlin-lijst stond met ‘pro-Oekraïense activisten’. Dus, vertelt Koerkov, verliet hij zijn flat in Kyiv, samen met zijn Britse vrouw Elizabeth. De schrijver had geen boeken ingepakt, alleen wat eten, de laptops en opladers; zijn vrouw legde de Bijbel en zijn laatste roman in de auto. Koerkov heeft sindsdien niet meer geschreven. Ze wilden naar het landhuis in Lasariwka, ongeveer 90 kilometer ten westen van Kyiv. In de file vloog een Russische raket over de Mitsubishi van Elizabeth, zegt Koerkov. In Lasariwka belde dezelfde vriend opnieuw, met het advies om door te rijden. Dus nog verder naar het westen. Eerst Oekraïne. Toen Europa.

    Sindsdien is Koerkov onderweg. ‘We kunnen elkaar ergens in Europa ontmoeten’, liet hij weten in een e-mail, nauwelijks twee weken voor zijn reis op de veerboot. Hij is een reiziger geworden.

    Gisteren arriveerde hij vanuit Oslo. De komende dagen gaat hij naar Göteborg, Lissabon en Berlijn. Daar staat de Mitsubishi, waarmee hij binnenkort naar Oekraïne gaat, geparkeerd op de luchthaven. De komende maanden reist hij naar Israël, Peru en Mexico. De afgelopen weken was hij in Frankrijk, Griekenland, IJsland, Italië, Nederland en Duitsland. In de laatste zes maanden was hij drie keer uitgeput, zegt hij. Dan heeft zijn lichaam en niet hijzelf – dat is belangrijk voor hem – een dag of twee rust nodig. Koerkov wil niet moe overkomen. Daarna ging het weer. En daarna ging het verder. Nu dus in Noorwegen.

    Op de dag voordat hij foto’s maakt van de fjord, zit Koerkov in het restaurant van zijn hotel in Stavanger. Hij bestelt niets. Hij lijkt vastberaden, een beetje chagrijnig, maar hij is een man die nooit om een snelle lach verlegen zit, zelfs nu niet. Straks heeft hij nog een lezing op het literatuurfestival. Maar Koerkov wil het hebben over de situatie in Oekraïne.

    ‘Dit is culturele diplomatie,’ zegt hij in zijn Duits vol keelklanken. ‘Ik praat altijd meer over Oekraïne dan over mijn boeken.’

    Europeanen weten niets over Oekraïne, zegt Koerkov. Hij ziet het als zijn taak dat te veranderen

    De twee sluiten elkaar niet noodzakelijkerwijs uit. Wat Internat is voor Žadan, is Grijze Bijen voor Koerkov. Ook dat is een roman over persoonlijke verantwoordelijkheid tijdens de oorlog in de Donbas. De opnames voor de verfilming ervan moesten door de oorlog worden gestaakt.

    Koerkov toont zijn visie op Oekraïne sinds hij in 1999 aan zijn eerste lezingentournee begon, nadat zijn bestseller Picknick op het ijs verscheen, over een dagdromer in het corrupte Kyiv. Sindsdien reist hij elk jaar zes maanden de wereld rond. Hij is al lange tijd een reiziger.

    Als jongeman reisde hij door de USSR om meer te weten te komen over de Sovjetgeschiedenis. Hij studeerde aan het Pedagogisch Instituut voor Vreemde Talen in Kyiv met het oog op een diplomatieke carrière. Koerkov spreekt zes talen, maar een paar, zegt hij, is hij weer vergeten. Tegenwoordig reist hij de wereld rond om mensen meer te laten weten over het Oekraïense heden. Europeanen weten niets over Oekraïne, zegt hij. Koerkov ziet het als zijn taak dat te veranderen.

    Misschien komt het door al het reizen dat Koerkov, in tegenstelling tot Žadan, niet naar huis wil: ‘Ik hou ontzettend van Kyiv maar ik ben niet zo emotioneel. Ik heb elke dag telefonisch contact met Kyiv. Het is heel dichtbij.’ Koerkov heeft een doel. Alleen is dat niet Charkov of Kyiv. Het is de wereld.

    Net als Žadan publiceerde ook Koerkov onlangs een boek: Dagboek van een invasie. Net als het boek van Žadan is het een chronologische compilatie van teksten over deze oorlog. En net als Žadan heeft Koerkov het in zijn boek over de Derde Wereldoorlog. Alleen Koerkov schrijft dat hij niet weet of deze oorlog een Derde Wereldoorlog zal worden. Zijn boek is niet zo direct als dat van Žadan. Niet zo overduidelijk. Het is wijs optimisme in plaats van strijdlustige Hou Vol!-slogans. ‘Elk verhaal moet een goed einde hebben,’ zegt hij op een zeker moment. Dit ook? ‘Natuurlijk.’

    Nostalgie

    Op de vraag wat hij mist aan zijn vaderland, antwoordt hij het werken aan romans in de cafés achter de Sofiakathedraal in Kyiv. Met als commentaar: ‘Nu aas je op nostalgie!’ Koerkov wil niet nostalgisch overkomen. ‘Als je te veel in het verleden zit, dan vergeet je de toekomst.’ Hij heeft geen tijd meer. Hij moet gaan, naar het gesprek. Om Oekraïne uit te leggen.

    Dus van het hotel-restaurant naar de hotelkamer, jasje aan en door de hoteldeur. Hij loopt snel, zijn mobiele telefoon wijst hem de weg. Door de steeg, deze kant op. In het Kulturhaus zoekt hij bioscoopzaal 6, de locatie van de lezing. De trap af, langs een bioscoopreclame voor een oorlogsfilm, en hij is er. Een beetje te vroeg. Hij gaat terug de trap op. Bovenaan wordt hij ontvangen. Hij wil zijn vrouw even bellen.

    Daarna spreekt Koerkov rustig en routinematig over Oekraïne, zonder dat het een standaardriedel wordt, wat ook aan zijn gevatheid kan liggen. Hij is niet alleen lang een reiziger geweest. Hij is ook al heel lang een geweldige verteller.

    Na het gesprek stelt iemand een vraag. Een vraag van een Noorse man aan de Oekraïense schrijver. Geldt een boycot van Russische literatuur ook voor mensen als Tolstoj of Dostojevski?

    ‘Een zeer naïeve vraag,’ zegt Oksana Zaboezjko in haar zachte Pools als haar een week later in Warschau over het optreden in Stavanger wordt verteld. ‘Al deze jongens die naar Oekraïne kwamen om te verkrachten en wasmachines en toiletten te stelen, lazen Tolstoj en Dostojevski op school, het maakte deel uit van hun curriculum. Dus de vraag is meer: wat is er verdomme aan de hand?’

    Het gaat er niet om Tolstoj of Dostojevski stokslagen te geven, zegt Zaboezjko. Voor haar gaat het om een kritischer engagement met het Russische verleden. Volgens haar heeft vooral het Westen dat veel te lang nagelaten.

    Oksana Zaboezjko spreekt zoals haar boeken klinken. Met lange zinnen en nog langere uitweidingen. Engelse interjecties. Zoals in haar roman Veldstudies over Oekraïense seks, die de nu tweeënzestigjarige schrijfster plotseling beroemd maakte toen ze midden dertig was. Het is een feministisch, verrukkelijk, poëtisch werk.

    Ze arriveerde in Warschau op 23 februari. Een dag voor deze oorlog en op een van de laatste vluchten uit Kyiv. Maar dat wist ze toen nog niet. Ze dacht dat ze maar drie dagen zou blijven. Zaboezjko zegt dat ze een paar kleren in de kleine koffer had gestopt, een schone blouse, ondergoed, cosmetica, oorbellen. Haar laptop liet ze thuis.

    Op 24 februari, herinnert ze zich, maakte haar man Rostyk haar wakker in het hotel. Hij belde om zes uur vanuit Kyiv. ‘Ze bombarderen ons.’ Aanvankelijk voelde Zaboezjko een vreemde aandrang om te vluchten, zegt ze – het onredelijke gevoel om met alle geweld naar huis te willen ondanks het gevaar. Toch besloot ze te blijven. Geen gemakkelijke beslissing. ‘De flat, het huis, de straat, de stad, het land. Allemaal veiligheidsgordels,’ zegt ze nu over haar thuis, terwijl ze doet alsof ze een veiligheidsgordel om doet.

    Ze voelde zich schuldig. Een soort van overlevingsschuld. ‘Dat ze daar in de metro schuilen voor de bommen en dat ik hier ben.’ Maar toen schreef een lezer iets op Facebook. Ze zei dat het lot had gewild dat Zaboezjko in Warschau zou zijn.

    Dankzij die lezer vond Zaboezjko haar missie, zegt ze. Om vanuit Warschau, een beetje zoals de geweldige uitlegger Koerkov, Oekraïne dichter bij het Westen te brengen. In Brussel, Straatsburg, Edinburgh. Makkelijker te bereiken vanuit Warschau dan vanuit Kyiv.

    Op 24 februari, nadat haar man heeft gebeld, neemt haar Poolse agent Beata contact op: ‘Oksana, je kunt bij mij blijven.’

    Voor Zaboezjko liggen deze oorlog en de Tweede Wereldoorlog niet ver uit elkaar. Net zomin als Kyiv en Warschau

    Zaboezjko neemt haar intrek in de voormalige kinderkamer van Beata’s dochter. In een huis waarop de Duitsers tijdens de Tweede Wereldoorlog beslag legden, wat volgens Beata waarschijnlijk de reden is waarom het niet met de grond gelijk gemaakt werd zoals het grootste deel van de stad. In het trappenhuis hangt een gedenkplaat ter nagedachtenis aan de vermoorde bewoners van toen. In een straat die is genoemd naar een Litouwer die tegen de Russen vocht tijdens een opstand in de negentiende eeuw. In een wijk vol met monumenten voor de opstand van Warschau. Als Zaboezjko in Warschau uit het raam kijkt, ziet ze een kastanjeboom. De aanblik doet haar denken aan Kyiv, de stad van de kastanjebomen.

    Essay

    Op een avond verlaat Zaboezjko een tv-station, stapt in haar auto en rijdt langs de rivier. ‘Ah, de Dnjepr,’ denkt ze. ‘En nu gaan we rechtsaf, dan omhoog, en zijn we bijna thuis. En dan: Oh, verdomme. Dit is niet de Dnjepr maar de Vistula. Dit is Kyiv niet maar Warschau.’ 

    Oorlog verdicht niet alleen de tijd, zoals Žadan zegt. Oorlog vervaagt ook de ruimte.

    Net als Žadan en Koerkov publiceerde Zaboezjko recent een boek. Het is geen roman maar een essay, De langste boekentournee genaamd. Maar in tegenstelling tot Žadan en Koerkov, die zich richten op het heden en de toekomst, kijkt Zaboezjko terug met kennis, maar ook met woede.

    Ook zij schrijft over de Derde Wereldoorlog. Niet als een vraag, zoals Koerkov. Ze bedoelt het ook niet metaforisch, zoals Žadan, maar letterlijk. ‘Dit is historische logica. Een derde acte.’ Voor Zaboezjko liggen deze oorlog en de Tweede Wereldoorlog niet ver uit elkaar. Net zomin als Kyiv en Warschau.

    In Straatsburg koopt ze een nieuwe koffer, een grotere. Die ligt in haar kamer in Warschau, naast een uitgeklapte slaapbank. Op het bureau staat een laptop. Een nieuwe – de oude is nog altijd in Kyiv. Ernaast ligt een vervoersbewijs. Binnenkort vervolgt ze haar langste boekentournee.

  • Kan Trump net zo ten onder gaan als Al Capone?

    Kan Trump net zo ten onder gaan als Al Capone?

    Al Capone werd niet gepakt voor moord of maffiapraktijken, maar voor belastingontduiking. Sinds uit een FBI-inval in Donald Trumps huis blijkt dat de voormalige president geheime documenten heeft achtergehouden, zou hij weleens voor iets vergelijkbaars kunnen worden veroordeeld.

    Aan de moordzuchtige gangsterpraktijken van Al Capone in het Chicago van de jaren twintig van de vorige eeuw kwam geen eind door het onderzoek naar de moorden waartoe hij opdracht gaf of de rivieren vol rum die hij verkocht tijdens de Amerikaanse drooglegging, maar door geduldig federaal onderzoek naar zijn verzuim om belasting te betalen over al zijn onrechtmatige inkomsten.

    Donald Trump riskeert nog strafrechtelijke vervolging wegens het aanzetten tot een gewelddadige staatsgreep tegen de regering van de Verenigde Staten. Maar de nooit eerder vertoonde inval die de FBI afgelopen maandag [8 augustus 2022] deed in zijn huis in Florida lijkt onderdeel van een strafrechtelijk onderzoek naar het meenemen – verduisteren is misschien een beter woord – van geheime documenten toen hij het Witte Huis verliet.

    Dus in plaats van veroordeeld te worden als een gewelddadige opstandeling die uit was op het vernietigen van de Amerikaanse democratie, draait Donald Trump misschien wel de bak in om een veel prozaïscher reden: hij heeft tegen het zere been geschopt van de nerds van de Amerikaanse Nationale Archieven, de wettige bewaarders van de verdwenen documenten, die vervolgens het ministerie van Justitie hebben getipt.

    Lekken van geheime informatie

    De FBI-inval bewijst onomstotelijk dat er sprake is van een onderzoek naar het lekken van informatie, misschien wel het grootste onderzoek uit de Amerikaanse geschiedenis. Maar juridisch gesproken is er niet veel verschil met de vele onderzoeken naar informatielekken die Trumps eigen ministerie van Justitie tijdens zijn ambtsperiode zo fanatiek heeft uitgevoerd. Trump zette zijn ministerie zelfs enorm onder druk om het lekken van geheime informatie te vervolgen, meestal wanneer het negatieve personthullingen over zijn eigen persoon betrof, of over Rusland, of allebei. The Intercept berichtte vorig jaar dat de regering-Trump een recordaantal van minstens 334 gevallen van het lekken van geheime informatie bij het Amerikaanse ministerie van Justitie aanhangig heeft gemaakt.

    Er is al sinds vorig jaar een stille strijd aan de gang tussen de Nationale Archieven, het ministerie van Justitie en Donald Trump

    In veel gevallen waarin sprake was van lekken naar de pers heeft het ministerie van Justitie een honderd jaar oude wet van stal gehaald, de Spionagewet, die de dader op tientallen jaren gevangenisstraf kan komen te staan. De regering heeft de Spionagewet vaak als stok achter de deur gebruikt om te zorgen dat verdachten van het lekken van informatie zich schuldig verklaarden aan minder zware delicten, zoals een verkeerde omgang met die informatie. The New York Times noemde afgelopen dinsdag een wet die een minder zware straf verordonneert dan de Spionagewet en die van toepassing zou kunnen zijn op de zaak-Trump, namelijk Artikel 2071 van Titel 19 van de ‘U.S. Code’, de federale statuten van de Verenigde Staten; volgens die wet kan een functionaris die belast is met de zorg voor officiële documenten maar die vervolgens ‘opzettelijk en wederrechtelijk verbergt, verwijdert, verminkt, wist, vervalst of vernietigt’, tot drie jaar gevangenisstraf worden veroordeeld en het recht verliezen om zich federaal verkiesbaar te stellen.

    Wanneer ze die wet hanteert, lijkt de huidige regering niet te hoeven bewijzen dat Trump documenten aan buitenlandse spionnen, de media of andere onbevoegden ter hand heeft gesteld.

    De FBI-inval in Mar-a-Lago, waarvoor een federale rechter een huiszoekingsbevel had verleend, was een verrassing voor Washington, maar helemaal onverwachts kwam hij nou ook weer niet. Er is al sinds vorig jaar een stille strijd aan de gang tussen de Nationale Archieven, het ministerie van Justitie en Donald Trump.

    Geheime documenten

    Na Trumps vertrek ontdekten de Nationale Archieven dat er een heleboel opnames, documenten en andere zaken uit het Witte Huis waren verdwenen en werd er een onderzoek ingesteld. Trump bleek minstens vijftien dozen met materiaal vanuit het Witte Huis naar zijn landgoed in Florida te hebben meegenomen en archiefmedewerkers begonnen hem achter de vodden te zitten om die terug te krijgen. Toen Trump de vijftien dozen uiteindelijk teruggaf in januari 2022, ontdekten de archiefmedewerkers dat er geheime documenten bij zaten en droegen ze de zaak over aan het ministerie van Justitie. Het ministerie van Justitie stelde vervolgens een onderzoek in en een kleine groep FBI-agenten begaf zich afgelopen lente naar Mar-a-Lago om naar geheime documenten te zoeken. De inval van afgelopen maandag toont onomstotelijk aan dat het ministerie van Justitie en de FBI van mening waren dat Trump onvoldoende had meegewerkt aan hun onderzoek en dat hij nog meer geheime documenten in zijn huis had verstopt, wat in strijd is met de federale wet.

    De grote vraag is natuurlijk wat Trump van plan was met zoveel uiterst geheime documenten nadat hij zijn ambt had verlaten

    Hoewel het mogelijk is dat de FBI-inval niet tot strafrechtelijke vervolging van Trump zal leiden, is moeilijk voorstelbaar dat de Amerikaanse minister van Justitie Merrick Garland en diens ministerie de historische stap van een FBI-inval in het huis van een voormalige president zouden hebben goedgekeurd als er niet veel meer op het spel had gestaan dan een bureaucratische poging om ontbrekende presidentiële documenten terug te halen. Ook lijkt moeilijk te geloven dat het Amerikaanse ministerie van Justitie zo’n politiek radioactieve inval zou riskeren als er alleen maar een lichte tik op de vingers zou volgen, zoals eerder het geval was bij voormalig CIA-directeur John Deutch en voormalige nationaal veiligheidsadviseur Sandy Berger.

    De grote vraag is natuurlijk wat Trump van plan was met zoveel uiterst geheime documenten nadat hij zijn ambt had verlaten. In Trumps geval is het moeilijk om niet het ergste te vrezen. Het ging duidelijk om documenten waarvan hij dacht dat ze hem in de toekomst nog op een of andere manier van nut zouden kunnen zijn, misschien tijdens een tweede presidentiële campagne, bij het afhandelen van privézaken of zelfs bij contacten met buitenlandse leiders. Het is bepaald niet vergezocht om te denken dat de Spionagewet van toepassing zou kunnen zijn.

    Ook is het moeilijk om de ogen te sluiten voor de ironie van de zaak. Als presidentskandidaat viel Trump Hillary Clinton continu aan omdat ze als minister van Buitenlandse Zaken regelmatig haar eigen e-mailadres had gebruikt en daarmee het risico had gelopen geheime informatie te lekken. Nu blijkt dat de slogan ‘Sluit haar op’ zich misschien wel in het geslacht vergist.

    Lees ook:

  • Europa: In Litouwen merkt schrijver Maxim Osipov pas hoe onvrij Rusland is

    Europa: In Litouwen merkt schrijver Maxim Osipov pas hoe onvrij Rusland is

    Sinds de val van de Sovjet-Unie was Maxim Osipov niet meer op de plek geweest waar hij zijn jeugd doorbracht: Litouwen. Na dertig jaar gaat de succesvolle Russische schrijver terug. In het vrije Litouwen vraagt hij zich af of zijn eigen land inmiddels niet net zo totalitair is als toen. ‘Verbazingwekkend hoe het verleden is teruggekeerd.’

    Deze tekst is geschreven vóór de Russische invasie van Oekraïne.

    Vrijdenkersfestival: tegen de macht

    Van 28 tot en met 31 oktober vond in De Balie in Amsterdam het Vrijdenkersfestival plaats, met dit jaar als thema ‘tegen de macht’. Vier dagen lang programma’s over en met vrijheidsstrijders en dissidenten. Kunst, discussie en verhalen met nationale en internationale journalisten en vrijdenkers die zich verzetten tegen een totalitair regime. Is Amsterdam nog altijd een veilig toevluchtsoord voor dissidenten en andersdenkenden? Welke vrijheden staan bij ons op het spel? Wat betekent het om tegen de stroom in te zwemmen, en hoe hou je dat vol?

    Maxim Osipov was een van de sprekers tijdens het programmaonderdeel ‘Russische dissidenten’ op vrijdag 28 oktober in De Balie in Amsterdam.

    Dit artikel krijg je van ons cadeau. Wil je meer internationale kwaliteitsjournalistiek lezen? Schrijf je in voor de nieuwsbrief en ontvang elke week vrijblijvend onze selectie van de week in je inbox.

    ‘Welke emoties roept deze plaats bij u op?’ vraagt een journaliste van een krant uit Zarasai in het Engels. Zij is de enige van degenen die naar de bijeenkomst met vertaler Tomas, de uitgever en jou gekomen zijn die geen Russisch kent. 

    ‘Voor mij is Zarasai eigenlijk geen plaats maar een periode. Misschien kan ik ’t het beste zo zeggen: Paradise lost.’ 

    Het meisje kijkt gealarmeerd: ‘U verlangt terug naar de tijd van het communisme en de Sovjet-Unie?’ 

    ‘Welnee! Alleen naar de tijd dat mijn ouders nog leefden!’ 

    ‘Bent u dan nu voor het eerst in het vrije Litouwen?’ 

    In het vrije Litouwen voor het eerst, inderdaad. Het is prettig om niet het gevoel te hebben dat je een bezetter bent. Je hebt snel even door Vilnius gelopen, dat beviel prima allemaal, maar waar je echt zin in had, dat was hierheen gaan. Je kijkt rond: een nieuwe bibliotheek bij het meer (de hele stad ligt aan de oever), het café met zuilen uit het begin van de jaren zeventig, dat niet in bedrijf is (je kon daar een dagmenu krijgen), de katholieke kerk. Het monument voor het partizanenmeisje (Melnikaitė) is spoorloos verdwenen. En zoals gewoonlijk in dit soort stadjes is de natuur aantrekkelijker dan wat de mensen er gebouwd hebben. 

    ‘Waarom bent u niet eerder gekomen?’ 

    Daar is geen antwoord op te geven, ik haal mijn schouders op. Mijn vader schreef hiervandaan, inmiddels al bijna veertig jaar geleden: ‘Het is rustig hier, conflicten zijn er niet. Zowel thuis als in de stad, waar nu weinig mensen zijn en waar je zelfs op het postkantoor, waarschijnlijk om die reden, beleefd behandeld wordt. Nu en dan voel je je niet die sjofele Moskoviet met een overbelast geweten en zie je de wereld anders – je ervaart de intensiteit ervan.’ 

    Heimwee

    En dan is er je eigen dagboekaantekening van vijftien jaar geleden: ‘Ik wil naar Zarasai, waar ik zoveel tijd heb doorgebracht – iedere zomer, jarenlang. Je reist naar allerlei bestemmingen, de plekken waar iedereen naartoe gaat en waarvan je dus ook vindt dat je erheen móét, maar niet naar Zarasai. Dat betekent dat je geen eigen leven leidt.’ 

    Het is hier winderig, puur: het is zandgrond en de mensen hier doen hun best die puurheid in stand te houden. Woest is het hier. 

    ‘Weids,’ glimlacht de jonge journaliste. 

    Ja. Tijd om afscheid te nemen. 

    ‘Komt u in de zomer weer, en kom dan niet alleen.’ 

    Dat zou niet verkeerd zijn. Maar van degenen met wie je naar Zarasai reisde, zit er een in San Francisco, een ander in Amsterdam, met weer een ander heb je heibel gekregen en een paar mensen, inclusief je ouders en je zus, leven niet meer. Je gaat nu op weg naar het schiereiland, twee kilometer verderop, aan de zuidkant van het meer, de weg weet je nog wel – navigatie of iemand die je de weg wijst heb je niet nodig. 

    Je moeder zei nooit zoveel, maar dit soort ongemakkelijke zaken kon ze er nogal onverhoeds uitflappen

    ‘Hier stond het huis…’ Een stenen huis, met één verdieping. Er is niets van over, het is afgebroken. Na de dood van de eigenaren (daar had je over gehoord) deelden de kinderen de erfenis en verkochten het huis, maar de kopers waren niet tevreden. Het huis werd afgebroken, met alle bijgebouwen, ze maakten het met de grond gelijk. Het was hun plan om zelf iets te bouwen, maar kennelijk was het geld op. Dat is wat de buren vertellen, en ze weten zich zelfs nog iets te herinneren van jullie familie. 

    Vreemd, het was toch een solide huis. Met een reusachtig balkon, waar indertijd de eettafel naartoe werd gesleept. 

    ‘Nu snap ik wat voor type dat is…’ zei je moeder onbewogen, ‘die gast van jullie, de buurman die op Sergej Rachmaninov lijkt en ook uit Moskou komt, hij vertelde bij de thee dat hij op zijn instituut de partijfunctionaris is.’ 

    Je moeder zei nooit zoveel, zeker niet vergeleken met je vader, maar dit soort ongemakkelijke zaken kon ze er nogal onverhoeds uitflappen. Zij kwam hier alleen in juli en augustus, maar je vader was er op verschillende momenten in het jaar. ’s Zomers woonde hij boven, en ’s winters zo ongeveer hier, waar jij nu staat. 

    Maxim Osipov

    Maxim Osipov (Moskou, 1963) is een Russische schrijver en cardioloog. Hij won in Rusland verscheidene prijzen voor zijn literaire werk. Na kritiek te hebben geuit op de oorlog in Oekraïne was hij genoodzaakt om zijn land te ontvluchten. Hij is nu in Nederland om hier komend jaar aan de Universiteit Leiden les te geven over Russische literatuur en de politieke situatie in Rusland. Osipov is erelid van PEN Nederland.

    ‘Kijk nu, een vogel fladdert naar buiten / door het niets waar ooit een raam gezeten heeft…’ 

    Nee, je hoofd staat nu niet naar gedichten: dat het huis er niet meer is brengt je toch enigszins van je stuk, ook stenen zijn dus vergankelijk. Dat is droevig, hoewel er natuurlijk ergere dingen zijn, en je bent geen Nabokov of Proust. Je loopt wat over het zachte mos tussen de dennenbomen en dan naar het water. Zowel de hoge oude dennenbomen als de dunne boompjes aan de oever en de lage rietkraag – kijk, het is er allemaal nog. 

    Zeilboot de Dolfijn

    Je herinnert je: het was in het jaar 1978, augustus – bijna vijftien was je toen dus. Met Charitosja, je klasgenoot, je vriend voor het leven, liet je de zeilboot de Dolfijn te water, een al vele malen opgelapte boot van DDR-makelij (toen was dingen repareren nog heel gewoon), met twee zwaarden, voor het voorkomen van afdrijven en een stabiele koers. Jullie voeren af voor een tocht over het Zarasaitismeer – jij aan de fok, Charitosja aan het grootzeil en het roer. Het gaat hoog aan de wind – dat wordt op de rand zitten voor tegenwicht! 

    ‘Vaarwel, mijn moedertje! Mijn liefje, vaarwel! / Ik word matroos van de Baltische vloot!’ 

    Maar een van de zwaarden brak af en jullie kwamen met geen mogelijkheid met de boot de baai uit, de golven dreven jullie naar de oever terug. Om de beurt deden jullie een lusteloze poging om te roeien. Je vader sloeg alles vanaf de vlonder gade: hij was al een paar keer het koude water in gestapt om jullie weg te duwen uit het riet. 

    Stop. Charitosja heeft een idee: ‘Wat we nodig hebben, dat is een tubetje epoxy. Dan maken we dat zwaard weer vast, dat stomme ding…’ 

    ‘Een tubetje epoxy’ was in de familie sindsdien de spottende term voor misplaatste ideeën

    ‘Wat nou, epoxy!’ Tot aan zijn middel in het water staand vertelt je vader jullie eens flink de waarheid. ‘Stelletje mafkezen!’ is nog wel de vriendelijkste kreet die er uit zijn mond komt. 

    ‘Een tubetje epoxy’ was in de familie sindsdien de spottende term voor misplaatste ideeën, en de boot zal je als je aan de slag gaat met het archief nog wel tegenkomen bij het filmmateriaal. Begin jaren zestig: de motor die aan de Dolfijn werd bevestigd, de mast die werd verwijderd. Je vader op de achtersteven, moeder aan het waterskiën op de Oka. 

    Na de dood van je vader was je ongedurig en impulsief, nu is dan de tijd gekomen dit soort verplichtingen op je te nemen: foto’s inlijsten, het archief op orde brengen. 

    Nu je weet wat er met het huis is gebeurd, ga je er al van uit dat het badhuisje er ook niet meer is – het was een gammel geval van hout. Zaterdag was altijd baddag en op vrijdag haalden jullie water uit het meer en legden het brandhout klaar. 

    ‘Klaar is Kees,’ zei jij als tienjarig jongetje tegen Jozas, de grote, magere eigenaar van het huis, met zijn grote, sterke handen die zwart waren van het werk, je wilde graag dat hij je aardig vond. 

    ‘Ja, dat doen ze ons niet na!’ antwoordde hij dromerig. 

    Jozas rookte sigaretten zonder filter: de geur van een brandende lucifer, al die dingen – je zou ook allerlei belevenissen in het badhuis kunnen ophalen, maar nee, dit zijn reisherinneringen, dit is niet Amarcord

    En dus, geen huis, geen badhuisje, en zelfs de steiger hebben ze door iets smakeloos en stevigs vervangen. Geen plek om te blijven, dit schiereiland, haal Tomas op en ga op weg naar Sventa – maar eerst nog even naar het bos. 

    Lokale handlangers

    De medewerkster in de bibliotheek had het uitgetekend: de grote weg richting Degučiai, afslaan naar Dusetos, en daar, na de tweede bushalte, is het aangegeven: ‘Op deze plaats kwamen achtduizend Joden om, die op 26 augustus 1941 door Duitse fascisten werden gefusilleerd.’

    Het woord ‘Joden’ op de obelisk leek van een ongekende moed te getuigen, in de tijden van je jeugd werd dat woord alleen in bijzondere gevallen gebruikt – Sovjetburgers konden deze mensen niet genoemd worden. Aan de linker- en rechterkant een greppel begroeid met gras, tweehonderdduizend Litouwse Joden liggen in dergelijke graven. 

    De desovjetisering is ook aan dit monument niet voorbijgegaan: het Russische opschrift is weggehaald. Is dat terecht? Het is niet aan jou om dat uit te maken, maar zelf zou je het hebben laten staan. Nu zijn er twee opschriften, in het Jiddisch en het Litouws: ‘Op deze plaats hebben nazistische moordenaars en hun handlangers op beestachtige wijze achtduizend Joden gedood – kinderen, vrouwen en mannen. Ter heilige gedachtenis aan de onschuldige slachtoffers’… in het Jiddisch. In de Litouwse variant staat bij de handlangers een precisering: ‘lokale’. 

    Onder hen waren er ook die mensen hebben gered. Of die eerst mensen hebben neergeschoten en daarna gered, of zelfs omgekeerd – het is moeilijk te geloven, maar het is wel zo. 

    ‘Lijden en bewenen,’ zegt Tomas, ‘dat is het lot van de Litouwers’ 

    Hier heerst een voorbeeldige orde: een hekwerk, een ordelijke stenen rand, op de obelisk een davidster, op de voet kaarsen, Israëlische vlaggen, kiezelsteentjes, iemand heeft er een klein zelfgemaakt kruis neergezet. Dat was er vroeger niet. 

    ‘Lijden en bewenen,’ zegt Tomas, ‘dat is het lot van de Litouwers.’ 

    Iedereen kent hier de grap dat je laatste echtgenote beslist een Litouwse moet zijn: dan is er iemand die zich om je graf zal bekommeren. Nee, ze zijn niet zoals Mandelstams ‘vrouwen als de klamme aarde’, veeleer doen zij hun best op een praktische manier het hoofd te bieden aan iedere verschrikkelijke situatie in het leven. 

    Onderweg naar het hotel: de herinnering aan een van die ‘lokalen’ – een oude man, klein, somber, een jaar of zestig, met een door het drinken donker geworden gezicht, bankwerker was hij, of elektricien. Hij reed op een motor met zijspan en had een paar jaar gezeten. ‘Zet ze tegen de muur, die Polen. Zet ze tegen de muur, die Russen. En de Joden…’ Hij wierp even een blik op je vader. ‘… En de Joden om en om.’ 

    Nu zou men zoiets niet meer hebben gepikt, maar toen kwam hij ermee weg: ja, het waren de bezetters. Žydai – een ander woord voor Joden is er in het Litouws niet. Die oude man zag zichzelf als slachtoffer, op alle mogelijke manieren. Radio Free Europe gaf aan hen, de ‘woudbroeders’, tot midden jaren vijftig troostrijke boodschappen door: volhouden, mannen, nog even, binnenkort komt er weer een wereldoorlog. 

    Sventa

    Een uitstapje naar Sventa duurde vroeger een hele dag – plaids mee, en eten, boeken, mokken voor de bosbessen, mandjes voor paddenstoelen, een volleybal –, in de auto kon je door de gaten in de bodem het asfalt zien en de versnellingsbak was natuurlijk mechanisch. Wat hebben jullie later je moeder uitgelachen, toen de vrijheid was aangebroken en zij na terugkeer uit Amerika beweerde dat auto’s geen koppelingspedaal meer hadden – dat is onmogelijk! – en zij vervolgens toegaf: jullie zullen het wel beter weten. En wat zou je met je vader nu graag die simpele vreugde delen – die van de perfectie van een auto, ook al is het een gehuurde. 

    De weg hoef je niet te vragen, daar heb je de navigatie voor. Die komt met de optie Sventameer, Sventes ezers – dat moet je hebben. Alles is nu in het Litouws, op het omslag van je boek ben je niet Maxim, maar Maksimas. 

    Je had hier de Lit-SSR en de Let-SSR, de grens daartussen stelde niet veel voor

    Wat is dit nu, een grens? Ligt Sventa dan in Letland? Natuurlijk, je ging immers naar Daugavpils als je voor iets naar een echte stad moest. Daar stond ooit Lenin naast het station met een bontmuts met oorflappen op, hoe warm het ook was, en er was daar een grote gevangenis. Je had hier de Lit-SSR en de Let-SSR, de grens daartussen stelde niet veel voor. Ja, deze weg ken je, deze grindweg, hier heb je leren autorijden. En dit kwijnende, slecht onderhouden bos. Allemaal bekend terrein: de weg en het bos. 

    Toeristen komen hier zo te zien weinig, en tot aan het water rijden is niet verboden. Druk is het hier in Sventa nooit geweest – een van de redenen om van deze plek te houden –, maar vroeger was dit een natuurreservaat: kampvuren en auto’s verboden. Verder is alles nog bij het oude: hier het zand, daar een schuit met een zwarte, glanzende, met vette pek ingesmeerde bodem, en daar heb je ook de vermolmde steiger, wat wilde je die graag weer zien. Je probeert eroverheen te lopen en staat ineens tot aan je enkels in het water. Je droogt je voeten af – en kijkt dan om je heen. 

    ‘Wat speel je toch steeds op je trompet, jongeman? / Beter lag je nu al in je graf, jongeman’

    Was het niet hier dat je, verborgen achter die bomen, klanken uit je trompet perste? ‘Le poème de l’extase’, ‘Götterdämmerung’ – jij dacht dat dat getrompetter muziek was. ‘Niet ritmisch, maar wel lekker vals.’ Je vriend de pianist, degene die nu in Amsterdam woont, overreedde je de trompet op te geven en over te stappen op de fluit, een zacht, gevoelig instrument – maar het sprak je niet aan. Een gevoel van geluk associeer je toch met de trompet. 

    Hoe breng je iets over van het mysterie van een persoonlijkheid?

    Over de mysteries van het geluk. De laatste brief die je vader schreef eindigt zo: ‘We zitten bij elkaar – we praten of we zwijgen, en het gaat er al niet meer om of ons leven geslaagd is of niet. Soms denk ik: misschien zijn we wel gewoon gelukkig?’ Je probeert Tomas over je ouders te vertellen, maar hoe breng je iets over van het mysterie van een persoonlijkheid? Dat is nog moeilijker dan het vertalen van poëzie. 

    ‘Wie weet wat voor schokkende zaken ons allemaal te wachten staan. Dat geldt voor iedereen, maar voor ons in het bijzonder. We moeten zo leven dat we zo min mogelijk angst voelen.’ Je vader herinnerde zich bijvoorbeeld heel goed hoe hij op een gegeven moment (door de artsenzaak en dingen daaromheen) zelfs niet aan het allersimpelste werk kon komen en hij eigenlijk bijna op deportatie naar het Verre Oosten hoopte: als ze maar met z’n allen gingen, als zijn dierbaren maar bij hem waren. Zijn brieven droegen een bijna stichtelijk karakter, hij deed altijd zijn best iets belangrijks aan je mee te delen, en voor je moeder was het een manier om haar gebruikelijke zwijgen voort te zetten. ‘Ik heb de dag doorgebracht zoals je dat in de trein doet: wakker worden, in slaap vallen en nietsdoen… Ik klets maar een beetje, in een brief kan je niet zwijgen.’ 

    Nog even bij het water staan, een sigaretje roken, denken aan iets wat heel privé is, een mandarijntje eten. Doodstil is het hier, een rust als op een kerkhof. 

    Vergissing

    En pas wanneer je weer terug bent in het hotel en je op de gewone kaart kijkt, een papieren, begrijp je dat je je vergist hebt. Sventes, Švjantas, Svjatoji, het Svjatojemeer en de Svjatajarivier: die namen kom je aan beide zijden van de grens met Letland tegen. Het Švjantasmeer is het meer dat jullie Sventa noemden en waar je heen wilde. Hoe kan je je nou toch zo vergist hebben? Het verschil zit hem in die haček: voor het Šventas ežeras moet je naar het zuiden rijden, naar Turmantas, en echt niet naar Letland. 

    En Tomas gaat natuurlijk zeggen: ‘En je herkende het allemaal, Maxim: de weg en het meer.’ 

    Ja, inderdaad. 

    Onderweg naar Vilnius vergelijken jullie je indrukken. Wat op Tomas de meeste indruk heeft gemaakt tijdens de reis was het geraas van de vrachtwagens over de kasseien bij de kerk, de wind en de hagel, terwijl jij daar geen aandacht aan hebt besteed. Dat is vreemd met herinneringen: soms maak je een heel concert mee en het enige wat je je achteraf nog kunt herinneren is dat de dirigent rode sokken aanhad. 

    Langzaamaan zal hier alles goed komen, als er tenminste niet van buitenaf wordt ingegrepen

    Ooievaars en heuvels, veel water, de lucht doet denken aan Hollandse luchten, maar het landschap is expressiever – door de heuvels. Hoe zou je het vinden om hier te leven? Het is de provincie, ja, maar het is hier niet provinciaal, niet erg in ieder geval. Het is gewoon een mooi land dat in Oost-Europa ligt. Langzaamaan zal hier alles goed komen, als er tenminste niet van buitenaf wordt ingegrepen. 

    ‘Toen ik nog een steunpilaar was van de samenleving…’, zo begint een niet zo jonge vrouwelijke kennis van je graag haar betoog. En misschien is ze dat ook wel echt geweest. Ook in Litouwen zijn er mensen die graag de tijd in herinnering roepen dat het Grootvorstendom zich uitstrekte tot aan de Zwarte Zee (hoofdzakelijk dankzij geslaagde huwelijksverbintenissen), maar hier trekken ze uit de grootheid van weleer geen praktische conclusies. 

    ‘U weet niet wat er allemaal speelt,’ hoorde ik zowel in Parijs als in Rome van anti-Europees gezinde Russen. Altijd maar dat gepraat: de mensen hier, die mogen ons niet, en daarginder ook niet. Luister eens, vrienden, als er één plek is waar ze ons niet mogen, dan is het thuis, in Moskou. 

    De zorgen die ik zo’n dertig jaar geleden had, waren dezelfde als die ik nu heb

    ‘We moeten zo leven dat we zo min mogelijk angst voelen…’ Toen was je nog geen twintig, nu ben je over de vijftig. Tegen Tomas zeg je: ‘Verbazingwekkend hoe het verleden is teruggekeerd. De zorgen die ik zo’n dertig jaar geleden had, waren dezelfde als die ik nu heb: 1) geen vuile handen maken, geen morele concessies doen, 2) de gevangenis ontlopen, en 3) niet het moment voorbij laten schieten waarop je voorgoed je biezen moet pakken. En er is diezelfde illusoire hoop: dat we op een dag wakker worden en deze hele duisternis ten einde is.’ 

    De omstandigheden nopen ons echter wakker te blijven, steeds om ons heen te kijken, de kop erbij te houden. Je scherpzinnige vriend zal zeggen: vorst Andrej Koerbski dacht er precies zo over. Voor Koerbski resulteerde alles in zijn overlopen naar Litouwen. 

    ‘Ook even bij de vuilnisbelt gaan kijken,’ appt Bóris, je vriend Boretsjka, een groot musicus, violist, hij is onlangs uit Londen hierheen verhuisd. Hij bindt moedig de strijd aan met de Litouwse suffixen – žmogus, žmonija, žmogiūkštis, žmogiškumas (mens, mensheid enz.) – hoewel je in Litouwen, naar men zegt, ook uitstekend uit de voeten kunt met Engels en Russisch. Die tekentjes boven de letters, de hačeks, zijn trouwens een uitvinding van Jan Hus. 

    Vilnius

    Boretsjka wil dat de stad bij je in de smaak valt, hij rijdt je overal naartoe, verontschuldigt zich als iets niet mooi is, zoals die vuilnisbelt bijvoorbeeld – ja, wat wil je! Het leven is niet rijk, maar ook niet te armoedig, en er zijn minder verbodsbepalingen, beperkingen, slagbomen en andere ergernissen dan je de laatste jaren in Moskou gewend bent. Vilnius is mooi: schoon maar niet gelikt. De wijk waar jij bent gehuisvest houdt het midden tussen Serpoechov en Parijs, en de oude stad is heel bijzonder, met een volstrekt eigen karakter. 

    ‘Problemen, die heb je natuurlijk overal,’ zegt de baas van het kunstenaarscafé met een glimlach. 

    Hij is een man met ervaring, heeft een tijdje in Israël gewoond, in Amerika en ik geloof zelfs ook in Jordanië, en hij weet waar hij het over heeft. Houdt hij er eigenlijk rekening mee dat de geheime dienst (Joost mag weten hoe die hier heet) hem zijn café afneemt en dat hij dan blij mag zijn als hij niet in de gevangenis belandt? Op Amnesty International hoef je in zo’n geval niet te rekenen. Hij is oprecht verbaasd: Nee, zoiets is hier echt niet aan de orde, wat een geluk trouwens dat de Sovjet-Unie uiteengevallen is! Zelf heb je ook van zoiets gedroomd, lang voor Litouwen, toen je een jochie van acht was en Dickens las, The Pickwick Club. Je wist dat er zo’n stad bestond, Londen, in boeken, op kaarten, maar dat je die ooit zou zien – nee jongen, zet dat maar uit je hoofd. 

    ‘Je kan zien dat de auteur niet erg bekend is met de prozatheorie van Viktor Sjklovski, zegt een van de toehoorders, niet luid maar wel duidelijk. Een forse Litouwer, hij werkt in het observatorium van Vilnius. Het is moeilijk niet hooghartig te zijn als je in een observatorium werkt. 

    Gesprekken en lezingen zijn in het Russisch. Voor wie, vraag je je af, moest je boek dan eigenlijk vertaald worden?

    Gesprekken en lezingen zijn in het Russisch. Voor wie, vraag je je af, moest je boek dan eigenlijk vertaald worden? Het antwoord laat zich raden: voor de schrijver. Dus wie betaalt de hapjes en de drankjes? Dat heb je eerder te horen gekregen, op een andere plek maar om een soortgelijke reden. 

    Užupis, de wijk van de vrije kunstenaars, met een ludieke eigen constitutie en regering (Tomas bekleedt daarin een belangrijke post): hier ga je je verhaal ‘Objects in mirror’ voorlezen. 

    ‘Houston…’ zegt Ada peinzend. ‘Wij hebben in Vilnius een flatje op de kop getikt, Andrej.’ Vilnius, redeneren ze, is niet in alle opzichten safe. Maar met een Israëlisch paspoort… ‘Nee maar, ze hebben een Israëlisch paspoort?’ 

    De luisteraars glimlachen en na afloop komt er een Moskoviet naar je toe gelopen, iemand van ongeveer jouw leeftijd, een doctor in de wis- en natuurkunde. Het blijkt dat het flatje waarin je bent ondergebracht van hem is, hij gaat niet zover dat hij je zijn laissez-passer, zijn Israëlische paspoort, onder de neus houdt, maar hij heeft er wel een. Aha, kijk aan, het klopt dus allemaal, je verkoopt geen onzin. 

    ‘Komt u toch vaker hierheen, of blijf hier gewoon. Geloof me, het leven heeft hier veel te bieden.’ 

    Met vrienden praten, nachtenlang, met wijn erbij – graag nog een glas. ‘U weet niet wat er allemaal speelt’, zoiets heb je hier van niemand te horen gekregen. Op je laatste dag in Vilnius begin je bekenden tegen te komen op straat. Vilnius zorgt voor afleiding en vermaak, in de juiste dosering. ‘Hoezo zou ik niet blij zijn als het jou goed gaat?’ Het delen van een gevoel van blijdschap – dat gaat het beste met je ouders. Klaar, ga op je plaats zitten en ga de reis aan, stoel recht, riemen vast. 

    Dit is een fragment uit Kilometer 101, dat op 28 oktober is verschenen bij Uitgeverij Van Oorschot, in vertaling van Yolanda Bloemen en Seijo Epema.

    Lees ook:

  • Rusland erkent dat situatie troepen in Oekraïne ‘gespannen’ is

    Rusland erkent dat situatie troepen in Oekraïne ‘gespannen’ is

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » VK: Chinese diplomaat betrokken bij mishandeling demonstrant in Manchester

    » Overstromingen Nigeria: ten minste 603 doden, 1,4 miljoen mensen ontheemd

    Russische generaal geeft tegenslag toe

    ‘De situatie van de speciale militaire operatie op het Oekraïense grondgebied kan worden omschreven als gespannen,’ zei generaal Sergej Soerovikin dinsdag, meldt Radio Free Europe-Radio Liberty (RFL-RL). ‘De vijand probeert voortdurend de posities van de Russische troepen aan te vallen’, vooral in het oosten van het land, zei hij in een interview op de Russische televisie.

    Oekraïne heeft de afgelopen weken op het slagveld overwinningen geboekt en grote delen van zijn grondgebied heroverd op de bezettingstroepen. ‘Soerovikin zei ook dat Rusland voorbereidingen treft om burgers te evacueren uit Cherson, de zuidelijke stad die in een van de vier regio’s ligt die drie weken geleden illegaal door Moskou zijn geannexeerd’, voegt RFL-RL eraan toe.

    Lees ook:

  • Australië erkent Jeruzalem niet langer als hoofdstad Israël

    Australië erkent Jeruzalem niet langer als hoofdstad Israël

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Twee leiders van Rohingya-kamp vermoord in Bangladesh

    » Brazilië: Lula en Bolsonaro noemen elkaar leugenaar in televisiedebat

    Israëlische premier verrast door besluit

    De Australische regering heeft besloten om West-Jeruzalem niet langer te erkennen als hoofdstad van de staat Israël. Canberra draait ‘het controversiële besluit’ dat in 2018 werd genomen door de vorige conservatieve regering van Scott Morrison, terug, schrijft The Sydney Morning Herald.

    ‘De kwestie van de definitieve status van Jeruzalem moet worden opgelost via vredesonderhandelingen tussen Israël en het Palestijnse volk,’ zei de Australische minister van Buitenlandse Zaken Penny Wong dinsdag in een verklaring. ‘Australië streeft naar een tweestatenoplossing waarbij Israël en een toekomstige Palestijnse staat in vrede en veiligheid naast elkaar bestaan binnen internationaal erkende grenzen.’

    De Israëlische premier Yair Lapid zei dat hij verrast was door de ‘overhaaste’ beslissing van de regering, die samenviel met de joodse feestdag Simchat thora en slechts enkele uren kwam nadat de regering had verklaard dat het standpunt van Australië over West-Jeruzalem niet was gewijzigd. ’Jeruzalem is de eeuwige en verenigde hoofdstad van Israël en niets zal dat ooit veranderen,’ aldus Lapid.

    Lees ook:

  • Brazilië: Lula en Bolsonaro noemen elkaar leugenaar in televisiedebat

    Brazilië: Lula en Bolsonaro noemen elkaar leugenaar in televisiedebat

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Australië erkent Jeruzalem niet langer als hoofdstad Israël

    » Twee leiders van Rohingya-kamp vermoord in Bangladesh

    Sfeer in eerste televisiedebat blijft gematigd

    De twee Braziliaanse presidentskandidaten maakten elkaar zondag uit voor leugenaar in het eerste debat voor de tweede ronde van de presidentsverkiezingen. ‘Lula, stop met liegen, een man van uw leeftijd!’ zei de 67-jarige extreemrechtse president in de openingsminuten. ‘U bent de koning van de valse informatie, de koning van de domheid,’ antwoordde Lula (76).

    Volgens Folha de São Paulo, die de confrontatie mede organiseerde, viel voormalig president Luiz Inácio Lula da Silva zijn rivaal Jair Bolsonaro vooral aan op zijn ‘incompetentie’ en ‘zijn slechte omgang met de coronapandemie en de economie’. Het huidige staatshoofd stelde op zijn beurt de ‘corruptie’ van de Arbeiderspartij van Lula aan de kaak.

    ‘Ondanks de harde woorden bleef de sfeer over het algemeen gematigd, waarbij de twee kandidaten hun stem niet verhieven, slechts ironisch glimlachten en zo agressie vermeden’, meldt het dagblad.

    Lees ook:

  • Zweden: centrum-rechts bereikt coalitieakkoord met steun van extreemrechts

    Zweden: centrum-rechts bereikt coalitieakkoord met steun van extreemrechts

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Turkije voert gevangenisstraffen in voor ‘desinformatie’

    » Rechtszaak Capitool: extremistische groepen blijven democratie VS bedreigen

    Nieuwe regering wil belastingen en uitkeringen verlagen

    Drie centrumrechtse partijen in Zweden hebben vrijdag een overeenstemming bereikt over een minderheidscoalitie die afhankelijk zal zijn van de parlementaire steun van de Zweedse Democraten. Hierdoor krijgt de extreemrechtse partij voor het eerst directe invloed op het regeringsbeleid, aldus The Guardian.

    De leider van de Gematigde Uniepartij, Ulf Kristersson, zei vrijdag dat hij een regering zou vormen met de liberalen en de christendemocraten. Het rechtse blok had onder zijn leiding bij de verkiezingen van 11 september een nipte meerderheid behaald. De grootste rechtse partij van Zweden, de anti-immigratiepartij Zweden Democraten, zou geen formeel lid zijn van de coalitie, maar heeft ermee ingestemd het beleid mee vorm te geven in ruil voor steun in het parlement, aldus Kristersson.

    Het vijftig bladzijden tellende regeerakkoord van de nieuwe regering bevat voorstellen om de belastingen te verlagen en de sociale uitkeringen te beperken, maar is ook sterk gericht op ordehandhaving, met plannen om criminele bendes aan te pakken, schrijft The Guardian. Ook wil de minderheidscoalitie meer kerncentrales bouwen.

    Lees ook:

  • Noord-Korea: nieuwe militaire provocaties aan grens met Zuid-Korea

    Noord-Korea: nieuwe militaire provocaties aan grens met Zuid-Korea

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Irak heeft eindelijk een nieuwe president: Abdul Latif Rashid

    » Oekraïne: Rusland gaat burgers uit regio Cherson evacueren

    Spanningen tussen buurlanden loopt op

    Noord-Korea heeft donderdag en vrijdag het aantal militaire manoeuvres aan de grens met Zuid-Korea opgevoerd. Een nieuwe ‘provocatie’ van het regime van Kim Jong-un, aldus Seoel. ‘De incidenten vonden plaats tussen donderdagavond en vrijdagochtend en er waren ongeveer tien Noord-Koreaanse gevechtsvliegtuigen bij betrokken’, bericht The Washington Post.

    Pyongyang had vorige week ook al oorlogsvliegtuigen naar de grens met het zuidelijke buurland gestuurd, ‘maar de laatste vluchten – die als hoogst ongebruikelijk worden beschouwd – kwamen nog dichter bij het luchtruim van Seoel’, merkt de krant op. Ook werd donderdagavond een ballistische raket in zee afgevuurd als reactie op een Zuid-Koreaanse artillerieoefening.

    ‘Het [Noord-]Koreaanse Volksleger stuurt een strenge waarschuwing aan het Zuid-Koreaanse leger, dat met roekeloos optreden militaire spanningen in het frontgebied aanwakkert’, aldus een woordvoerder van de legerleiding, volgens een verklaring van het door de staat gerunde persbureau KCNA.

    Lees ook:

  • Oekraïne: Rusland gaat burgers uit regio Cherson evacueren

    Oekraïne: Rusland gaat burgers uit regio Cherson evacueren

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Noord-Korea: nieuwe militaire provocaties aan grens met Zuid-Korea

    » Irak heeft eindelijk een nieuwe president: Abdul Latif Rashid

    Gouverneur vroeg Moskou om hulp bij evacuatie

    Rusland zegt dat het zal helpen bij de evacuatie van burgers uit de regio Cherson, ‘die vorige maand in strijd met het internationaal recht is geannexeerd’, meldt Deutsche Welle. De aankondiging van het Kremlin komt nadat ‘de pro-Russische gouverneur de plaatselijke bevolking opriep te evacueren, een teken dat de Oekraïense troepen hun opmars in de regio voortzetten’.

    ‘We hebben alle inwoners van de regio Cherson voorgesteld om, als ze dat willen, naar andere regio’s te vertrekken om zich te beschermen tegen raketinslagen’, schreef gouverneur Vladimir Saldo op Telegram. ‘Ik richt mij tot de leiders van het land [Rusland] en vraag u om dit te helpen organiseren.’

    Nu de Russische strijdkrachten op het slagveld de ene na de andere tegenslag te verwerken krijgen, heeft de Europese Unie een krachtige waarschuwing aan Vladimir Poetin gericht. ‘Elke nucleaire aanval op Oekraïne zal leiden tot een reactie, geen nucleaire reactie, maar een militaire reactie die zo krachtig is dat het Russische leger zal worden vernietigd,’ zei Josep Borrell, de EU-buitenlandchef.

    Lees ook:

  • Noord-Korea beweert raketten met bereik van 2000 kilometer te hebben getest

    Noord-Korea beweert raketten met bereik van 2000 kilometer te hebben getest

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Iraanse regering treedt hard op tegen protesten: minstens 185 doden

    » Sociaal netwerk Donald Trump beschikbaar op Google-telefoons

    Kim Jong-un: ‘Noord-Korea wil geen dialoog aangaan’

    Volgens het officiële Noord-Koreaanse persbureau KCNA, geciteerd door de Britse zender Sky News, hield Kim Jong-un persoonlijk toezicht op twee nieuwe raketlanceringen. De afgeschoten kruisraketten zouden naar verluidt 2000 kilometer over zee hebben afgelegd en hun doel hebben geraakt (hoewel geen enkele onafhankelijke bron die informatie kan verifiëren).

    Kim benadrukte dat deze lanceringen een nieuwe waarschuwing aan zijn ‘vijanden’ waren en zei dat zijn land ‘de operationele sfeer van de strategische nucleaire strijdkrachten moet blijven uitbreiden om resoluut elke cruciale militaire crisis af te schrikken’, bericht KCNA. Op zondag, aldus Sky News, had het regime in Pyongyang laten doorschemeren dat het ‘zijn nucleaire capaciteiten zou versterken’ en niet van plan was ‘een dialoog aan te gaan met zijn vijanden’.

    Lees ook:

  • Sociaal netwerk Donald Trump beschikbaar op Google-telefoons

    Sociaal netwerk Donald Trump beschikbaar op Google-telefoons

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Iraanse regering treedt hard op tegen protesten: minstens 185 doden

    » Noord-Korea beweert raketten met bereik van 2000 kilometer te hebben getest

    Truth Social nog geen succes

    Het moederbedrijf van Google, Alphabet, heeft eindelijk de toelating van Truth Social, het sociale netwerk van Donald Trump, in zijn webwinkel goedgekeurd. In augustus had Alphabet nog geweigerd deze concurrent van Twitter te verwelkomen, omdat het bedrijf vond dat de inhoud ervan onvoldoende werd gemodereerd, bericht CNN. De applicatie was sinds februari beschikbaar in de appstore van Apple, waar het slechts de 89 meest gedownloade app is in de categorie sociale netwerken.

    De Amerikaanse nieuwssite Axios merkt op dat ‘bijna de helft van de smartphonegebruikers in de VS het Android-besturingssysteem van Google gebruikt’. Dit is potentieel een grote markt voor Truth Social, dat sinds zijn oprichting werd geplaagd door ‘een reeks financiële en juridische problemen’, aldus Axios. De aantrekkingskracht van de applicatie zou echter wel kunnen afnemen als Elon Musk de controle over Twitter zou overnemen en een minder streng moderatiebeleid gaat voeren.

    Lees ook:

  • Biden dreigt Saoedi-Arabië met vergelding vanwege verlaging olieproductie

    Biden dreigt Saoedi-Arabië met vergelding vanwege verlaging olieproductie

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Peru: president aangeklaagd voor corruptie

    » Venezuela: bijna honderd doden bij aardverschuivingen door regen

    Verlaging olieproductie spekt oorlogskas Rusland

    De Amerikaanse president heeft dinsdag beloofd dat er ‘consequenties’ zullen volgen voor Saoedi-Arabië omdat het samenwerkt met Rusland om de olieproductie te verminderen. ‘Deze opstelling wijst op een breuk in de relatie tussen twee oude bondgenoten en een omkering van zijn eigen inspanningen om het energierijke koninkrijk voor zich proberen te winnen’, schrijft The New York Times. ‘Er zullen gevolgen zijn voor wat ze hebben gedaan, met Rusland,’ zei Joe Biden in een interview met CNN, zonder te specificeren welke dat zouden zijn.

    ‘Gezien de recente gebeurtenissen en de besluiten van de OPEC is de president van mening dat we de bilaterale relatie met Saoedi-Arabië opnieuw moeten revalueren,’ zei John Kirby, woordvoerder van de Nationale Veiligheidsraad van het Witte Huis, eerder al tegen de pers. Joe Biden ‘is bereid om samen met het Congres na te denken over wat die relatie zou moeten zijn.’

    De OPEC+, het oliekartel onder leiding van Riyad, heeft onlangs besloten zijn productiequota te verlagen, wat de prijzen zou kunnen opdrijven en zo de oorlogskas van Moskou zou kunnen spekken. In een interview met Al Arabiya op dinsdag zei de Saoedische minister van Buitenlandse Zaken Faisal bin Farhan dat het OPEC+-besluit een ‘zuiver economische’ maatregel was die werd genomen met de unanieme instemming van de leden van de groep.

    Lees ook:

  • Venezuela: bijna honderd doden bij aardverschuivingen door regen

    Venezuela: bijna honderd doden bij aardverschuivingen door regen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Peru: president aangeklaagd voor corruptie

    » Biden dreigt Saoedi-Arabië met vergelding vanwege verlaging olieproductie

    Regenseizoen richt grote verwoesting aan

    Venezuela wordt al dagenlang getroffen door hevige regenval met dodelijke aardverschuivingen tot gevolg. Reddingswerkers hadden dinsdagavond geen hoop op het vinden van overlevenden onder de ongeveer vijftig nog vermiste mensen in Las Tejerías, zo‘n 67 kilometer van Caracas, meldt El País. Volgens de autoriteiten zijn er drieënveertig lichamen gevonden na de ramp die zaterdag plaatsvond.

    ‘We zitten al op bijna honderd slachtoffers die bij deze tragedie zijn omgekomen,‘ zei de Venezolaanse president Nicoals Maduro op de staatstelevisie VTV. ‘Dit intense regenseizoen, versterkt door de vorming van tropische golven in het Caribisch gebied, blijft in verschillende delen van het land verwoestingen aanrichten’, merkt El País op.

    ‘De tragedie heeft (…) een land getroffen dat al kwetsbaar was doordat het zich al enkele jaren in een humanitaire noodsituatie bevindt als gevolg van de politieke, economische en sociale crisis tijdens de zwaarste jaren van het chavismo’, concludeert het dagblad, met daarbij de opmerking dat het regenseizoen nog niet voorbij is.

    Lees ook:

  • Spanje neemt wet aan om slachtoffers van Franco-regime op te sporen

    Spanje neemt wet aan om slachtoffers van Franco-regime op te sporen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » OPEC en Rusland straffen Westen door olieproductie te verminderen

    » Oekraïne: Poetin eigent zich kerncentrale Zaporizja toe

    Overwinning voor nabestaanden

    De Spaanse Senaat heeft woensdag de langverwachte Wet op de Democratische Herinnering aangenomen, die het mogelijk moet maken de meer dan honderdduizend mensen die tijdens de Spaanse Burgeroorlog en onder de dictatuur van Franco zijn verdwenen, op te sporen en te (her)begraven, bericht ABC. Rechts blijft fel gekant tegen de wettekst, die volgens sommige partijen een verraad is aan ‘de geest van verzoening’ van de democratische overgang na de dood Franco.

    ‘Het debat zat vol persoonlijke toespelingen van de senatoren op hun eigen familie-ervaringen’

    De wet is een opvolger van de Wet op de Historische Herinnering die in 2007 door de vorige socialistische regering onder leiding van José Luis Rodríguez Zapatero is ingevoerd, maar zijn rechtse opvolger, Mariano Rajoy, pochte dat hij geen enkele euro had uitgegeven om de wet te handhaven.

    ‘Het debat, dat vanaf de publieke tribune werd bijgewoond door leden van nabestaandenverenigingen, zat vol persoonlijke toespelingen van de senatoren op hun eigen familie-ervaringen. De socialistische senator Margarita Adrio vertelde hoe op 12 november 1936, tijdens het eerste jaar van de oorlog, haar oom José Adrio Barreiro op zesentwintigjarige leeftijd werd doodgeschoten, “samen met negen andere mannen van wie de enige misdaad was dat zij op vreedzame wijze de wettelijk ingestelde regering verdedigden”. Met brekende stem vertelde de senator hoe haar grootmoeder die nacht “bad dat de dageraad niet zou aanbreken”’, schrijft ABC.

    Lees ook:

  • Colombia: regering hervat dialoog met guerrillabeweging ELN

    Colombia: regering hervat dialoog met guerrillabeweging ELN

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Elon Musk wil koop Twitter toch doorzetten voor afgesproken bedrag

    » Slovenië legaliseert homohuwelijk als eerste Oost-Europees land

    Vredesbesprekingen zijn overwinning voor president Petro

    De sinds 2019 opgeschorte vredesonderhandelingen tussen de Colombiaanse guerrillagroep het Nationaal Bevrijdingsleger (ELN) en de regering zullen in november worden hervat, zo hebben de twee partijen dinsdag bekendgemaakt. De aankondiging is ‘belangrijk, want als de besprekingen succesvol zijn, kan het vredesbeleid dat president Gustavo Petro verdedigt, de oudste en machtigste gewapende groep van het land de wapens doen neerleggen’, schrijft El Tiempo.

    Het ELN is de laatste guerrillagroep die nog actief is in Colombia, terwijl de Revolutionaire Strijdkrachten van Colombia (FARC) in 2016 een vredesakkoord ondertekenden.

    ‘Het ELN is in de laatste jaren uitgebreid naar Venezuela’

    El Tiempo voorziet echter moeilijkheden: ‘Hoewel de partijen hebben aangekondigd dat de nieuwe fase zal beginnen op basis van wat tot dusver is overeengekomen, toont de realiteit een guerrillagroep die heel anders is dan die van januari 2019’, toen de regering de besprekingen stopzetten na een aanslag van het ELN op een militair opleidingscentrum in Bogotá, waarbij tweeëntwintig doden vielen.

    ‘Het ELN is sindsdien drastisch veranderd,’ zegt Armando Borrero, socioloog en veiligheidsexpert, tegen de Colombiaanse krant. ‘Van een gewapende beweging die slechts opereert in Colombia, is ze uitgebreid naar Venezuela, waar ze aanwezig is in acht staten. Met de bijzonderheid dat ELN niet de wapens opneemt tegen Nicolás Maduro, maar hem juist steunt,’ legt Borrero uit.

    Lees ook: