Russische lezers zoeken na al het het bloedvergieten in Oekraïne naar parallellen en antwoorden in klassiekers over oorlogen of autoritaire regimes uit het verleden, zoals die van Lev Tolstoj of Thomas Mann. ‘Waar de geschiedenis zich lijkt te herhalen, kijken mensen naar het verleden voor antwoorden.’
1984 van George Orwell gaat niet alleen over bespied worden. De Russische president Vladimir Poetin noemt zijn oorlog tegen Oekraïne officieel een ‘speciale militaire operatie voor de verdediging van de Volksrepublieken Donetsk en Loehansk’ en herhaalde meerdere keren dat de confrontatie ‘vanzelfsprekend onvermijdelijk was’. ‘De enige vraag was wanneer, (…) maar liever vandaag dan morgen,’ zei hij in december. Zijn kruistocht tegen Kyiv – dat hij ervan beschuldigt de reïncarnatie van het nazisme te zijn – en het onderdrukken van zijn eigen bevolking hebben geleid tot een explosieve verkoop van boeken die de Russen schrijnende parallellen bieden, zoals 1984. ‘De vijand van het moment was altijd de personificatie van het absolute kwaad, en daaruit volgde dat elk vroeger of toekomstig verdrag met die mogendheid ondenkbaar was’,* benadrukt Orwell in het derde hoofdstuk van zijn beroemde dystopie die een waarschuwing is tegen repressie en nieuwspraak, en die al driekwart eeuw in elke boekhandel te vinden is.
In een samenleving die ontwricht is door het bloedvergieten over de grens, waren in 2022 zelfhulpboeken populair, naast boeken die de parallel trekken met totalitaire regimes uit de vorige eeuw en werken over oorlogstrauma. Volgens LitRes, de grootste digitale boekhandel van Rusland, waren 1984 en het zelfhulpboek Teder met jezelf: een boek over hoe je jezelf kunt waarderen en beschermen van Olga Primatsjenko het populairst. De verkoop van beide titels steeg met respectievelijk 45 procent en 83 procent ten opzichte van het jaar daarvoor. Overigens verkocht Orwell al beter omdat zijn roman al in 2021 in trek raakte na de arrestatie van activist Alexej Navalny en de daaropvolgende vervolging van demonstranten en media.
Iedereen vrij
In de straat die is vernoemd naar de dichter Nikolai Nekrasov in Sint-Petersburg bevinden zich verschillende onafhankelijke boekhandels. Vse Svobodny [Iedereen vrij] is er één van. Op het raam staat in plakband de tekst ‘Vrede voor de wereld’, een oude Sovjetslogan. ‘In het verleden verkochten antropologie, filosofie en kunst het best. Afgelopen jaar waren dat vooral politiek, geschiedenis en biografieën over specifieke periodes, zoals het fascisme in de jaren dertig en veertig,’ zegt Ljobov Beliatskaja, mede-eigenaar van de boekhandel. ‘Bijna alles wat op een of andere manier verband houdt met oorlog doet het goed. Niet alleen non-fictie, maar ook literaire werken,’ voegt ze eraan toe. Als antimilitaristische schrijvers noemt ze onder andere twee door het nationaalsocialisme onderdrukte en verbannen Duitsers – Heinrich Mann en Thomas Mann – en Lev Tolstoj, een van de meesters van de Russische literatuur.
‘Ze proberen de betekenis van woorden te vervangen en dat lukt ze, omdat mensen niet bijster goed zijn opgeleid’
‘Tolstojs essays over de Russisch-Japanse oorlog aan het begin van de twintigste eeuw worden enorm goed verkocht,’ zegt de boekhandelaar. De oligarch Oleg Deripaska, die aan het begin van het offensief op sociale media voor vrede pleitte, gebruikte een fragment uit het essay Heroverweeg: ‘Weer oorlog. Weer leed dat niemand nodig heeft, absoluut niet nodig. Opnieuw fraude, opnieuw de universele verdoving en verminking van de mens.’ Zo begint het essay van de schrijver van Oorlog en Vrede.
‘Er verscheen dit jaar een nieuwe vertaling [in het Russisch] van 1984, maar die is eerlijk gezegd niet heel goed. De roman verkocht altijd erg goed, zoals alle dystopieën,’ aldus Beliatskaja. Een boekhandelaar in het nabijgelegen Na Nekrasova denkt er hetzelfde over. Hij is gespecialiseerd in oude uitgaven. ‘Orwell verkocht in 2000 evenveel als in 2020 – de dystopie is altijd erg populair geweest,’ zegt hij zonder zijn naam te noemen. ‘Ik geef geen commentaar op de politiek,’ verontschuldigt hij zich. Hij zegt dat de boekverkoop ‘met 40 procent daalde aan het begin van de militaire operatie’. ‘Mensen waren bezorgd en de toekomst was ongewis, maar de verkoop heeft zich hersteld tot het niveau van vorig jaar,’ voegt hij eraan toe, terwijl hij aan de toonbank staat tussen oude boeken over de tsarentijd en Sovjettreinen.
Varlaam is een twintigjarige Rus die 1984 vorig jaar ontdekte. ‘Ik kon niet geloven wat ik las en had twee emoties: verbazing en angst,’ zegt hij. De jongeman identificeert zich met de proles in het boek, de laagste klasse die wordt gecontroleerd door de gedachtenpolitie, ook al geniet hij in Rusland nog een zekere vrijheid zolang hij zich niet met politiek bemoeit. ‘Ik probeer me los te koppelen van alles en me te concentreren op mezelf,’ verklaart hij.
Ontsnapping
Hem ontgaat de parallel niet tussen de nieuwspraak in 1984 en het eufemistische taalgebruik van het Kremlin. Dat noemt het offensief een ‘speciale operatie’, en in verklaringen over de oorlog ontmenselijkt het zijn tegenstanders door ze ‘geëlimineerden’ en ‘onderdrukten’ te noemen. ‘Ze proberen de betekenis van woorden te vervangen en dat lukt ze, omdat mensen niet bijster goed zijn opgeleid,’ zegt Varlaam. De jongeman leest nu de The Witcher-serie van Andrzej Sapkowskien moet aan Oekraïne denken tijdens de passages waarin de Poolse schrijver op grove wijze verhaalt over de verschrikkingen en het kwaad dat zijn koningen in hun oorlogen aanrichtten.
Als 1984 het boek is waarin Russen naar een antwoord zoeken op autoritair gedrag, dan biedt het zelfhulpboek Teder met jezelf een uitweg voor duizenden anderen die willen ontsnappen aan de werkelijkheid. ‘Ik denk dat het heel relevant is in deze tijd, want als de wereld om je heen instort, moet je voor jezelf kunnen zorgen,’ zegt Yevguenia, een jonge vrouw die het boek las. ‘Als individu kun je de internationale politiek helaas niet veranderen, en met een dictator valt niet te discussiëren. Maar je kunt wel je eigen leven verbeteren,’ meent ze.
‘Boeken die vroeger weinig aandacht kregen, zijn nu bestsellers geworden’
Naast fictie zijn Russen ook geïnteresseerd in persoonlijke verhalen van mensen die de opkomst van het totalitarisme bijna een eeuw geleden hebben meegemaakt. ‘Boeken die vroeger weinig aandacht kregen, zijn nu bestsellers geworden. Zoals Het verhaal van een Duitser van Sebastian Haffner, zegt de mede-eigenaar van Vse Svobodny.
‘Mensen worden aangetrokken door historische parallellen. Als soortgelijke politieke processen plaatsvinden, kunnen we daar dan invloed op uitoefenen? Of juist niet? Waar de geschiedenis zich lijkt te herhalen, kijken mensen naar het verleden voor antwoorden,’ aldus Beliatskaja.
‘Het verhaal dat ik nu ga vertellen, gaat over een merkwaardig duel. Een duel tussen twee ongelijke rivalen: een ongelooflijk machtige en meedogenloze staat en een onbekende, kleine burger’, aldus het voorwoord van Haffner. De journalist wist op het laatste moment naar het Verenigd Koninkrijk te vluchten. Zijn boek, geschreven in 1939, werd pas in 2000 gepubliceerd, een jaar na zijn dood.
De roman overleefde de ijzeren censuur van de autoriteiten, wat zeker niet voor alle boeken geldt. Het boek Alles is f*cked: een boek over hoop van Mark Manson is op een van de bladzijden verminkt: anderhalve alinea waarin nazi-Duitsland wordt vergeleken met de USSR is zwart gemaakt. Een voetnoot verklaart dat ‘dit gedeelte is verwijderd in overeenstemming met de wet op de bestendiging van de overwinning van het Sovjetvolk in de Grote Patriottische Oorlog’.
De censuur reikt nog verder. ‘De wet tegen lhbti-publicaties had een Streisand-effect [een verbod dat een tegenovergesteld effect heeft],’ aldus Beliatskaja, Ze wijst erop dat de verkoop in winkels is gestegen: ‘Wat verboden is, wordt juist interessanter’.
Aan het einde van een van de schappen kom je ineens de zogenaamd gevaarlijke inhoud tegen
Bij boekhandel Porjadok Slov [Syntaxis] hangt een bord op de deur dat minderjarigen de toegang verbiedt. Niets wijst erop dat je hier inhoud speciaal voor volwassenen vindt – niets is anders dan in een openbare bibliotheek. Maar aan het einde van een van de schappen kom je ineens de zogenaamd gevaarlijke inhoud tegen. Het gaat om verschillende boeken over het recente Rusland van journalist Michail Zygar, die vorig jaar tot ‘buitenlands agent’ werd verklaard. Een nieuwe wet verplicht auteurs die op de zwarte lijst staan niet alleen om zich als zodanig te identificeren op alle sociale netwerken, maar vanaf nu zijn ze ook verplicht om een groot ‘18+’-teken op het omslag van al hun boeken te zetten. ‘Ze verkopen erg goed,’ zeggen ze in een van de boekhandels die nog steeds de werken van ‘buitenlandse agenten’ durven te verspreiden.
In de boekhandels aan de glamoureuze Nevski Prospekt is nauwelijks iets van deze vogelvrije auteurs te vinden. Daar staan kalenders met een Sovjetthema en boeken over Poetin, Stalin en de Oekraïense oorlog vanuit een ultrapatriottisch standpunt. De Terugkeer van Novorrosija, is zo’n titel, met een uitvergrote ‘Z’ op het omslag, als steun voor het offensief. DenaZificatie van Oekraïne is een ander boek met ook al een grote ‘Z’ op de voorpagina. En vlakbij, op een andere plank, ligt een verzameling teksten van Nobelprijswinnaar Aleksandr Solzjenitsyn. Met Oekraïne zal het extreem pijnlijk zijn is de titel, een rechtstreeks citaat uit een fragment van DeGoelag Archipel, waarin de schrijver betoogt dat een deel van Oekraïne weliswaar misschien pro-Russisch is, maar dat Oekraïne zijn eigen lot moet bepalen zonder inmenging van Moskou.
Solzjenitsyn, die vóór zijn dood steun uitsprak voor Poetin, is in het Rusland van vandaag nog prominent aanwezig. Deze week nog deed een afgevaardigde van de Doema een oproep om De Goelag Archipel uit scholen te verwijderen omdat het volgens hem ‘de tand des tijds niet heeft doorstaan en niet overeenstemt met de werkelijkheid’.
Spanje neemt nadrukkelijk afstand van dictatoriaal verleden
Het ministerie van Defensie in Spanje heeft de naam gewijzigd van het bataljon van een van de divisies van het Spaanse Legioen, de elitie-eenheid van de Spaanse landmacht, bericht El País. Waar voorheen ‘commandant Francisco Franco’, de voormalige dictator, op het vaandel van het bataljon te lezen was, is het nu omgedoopt tot ‘España’, oftewel ‘Spanje’.
Deze naamswijziging staat in het kader van een nieuwe wet over de zogeheten ‘Memoria Democrática’, waarin staat dat alle symbolen en elementen die strijdig zijn met de democratische rechtsstaat en positief tegenover het dictatoriale verleden en het franquisme staan, verboden worden. Het is de eerste maatregel die het ministerie neemt sinds dat de nieuwe wet op 21 oktober afgelopen jaar in werking trad. Eind vorig jaar zette defensieminister Margarita Robles een interne commissie op met het doel de bepalingen van deze wet door te voeren in het Spaanse leger.
Zo’n drie jaar geleden was de naam van het bataljon al voer voor debat, toen een congreslid naar de reden van deze naam vroeg. Er werden echter geen stappen ondernomen om de naam te wijzigen. Daar is nu dan eindelijk verandering in gekomen.
Wegens het verspreiden van ‘valse informatie’ over het leger riskeert kunstenaar Aleksandra Skotsjilenko tien jaar gevangenisstraf. Het nieuwe gezicht van de Russische dissidenten zit in voorlopige hechtenis. Onlangs verlengd tot april 2023.
Aleksandra Skotsjilenko is het nieuwe gezicht van de Russische dissidenten. Deze kunstenaar uit Sint-Petersburg had in een supermarkt prijsstickers vervangen door etiketjes met informatie over de oorlog in Oekraïne. Wegens het verspreiden van ‘valse informatie’ over het leger riskeert ze tien jaar gevangenisstraf. Aleksandra (Sasja) Skotsjilenko zit sinds april in voorlopige hechtenis en kampt met duizeligheid, buikpijn en hartproblemen, meldde haar advocaat Jana Nepovinnova op 17 november op Telegram. Hoewel een Russische rechter haar voorlopige hechtenis in september heeft verlengd tot april 2023, moeten de twee vrouwen toch af en toe lachen als ze de aanklacht tegen Sasja doorbladeren, ‘zo belachelijk zijn de beschuldigingen die erin staan’, aldus de advocaat.
RUSLAND
ALEKSANDRA SKOTSJILENKO
Deze Russische musicus en kunstschilder heeft zich in het openbaar tegen de oorlog in Oekraïne gekeerd. Op 31 maart heeft ze in een supermarkt in Sint-Petersburg prijsstickers op producten vervangen door papieren etiketjes met informatie over de Russische invasie in Oekraïne.
Elf dagen later werd Aleksandra Skotsjilenko aangehouden door de politie en, op grond van een artikel dat pas enkele dagen eerder in het Russische wetboek van strafrecht was opgenomen om critici de mond te snoeren, beschuldigd van het ‘opzettelijk verspreiden van onjuiste informatie over de inzet van de Russische strijdkrachten’. Nu wacht ze onder erbarmelijke omstandigheden haar proces af en riskeert ze tot tien jaar gevangenisstraf.
WAT EIST AMNESTY?
Intrekking van alle aanklachten en onmiddellijke invrijheidstelling.
De 32-jarige Sasja werd op 11 april gearresteerd nadat er – volgens de officiële lezing – een klacht was ingediend door een gepensioneerde vrouw die in dezelfde supermarkt in Sint-Petersburg boodschappen deed als zij. Deze vrouw had papieren etiketjes aangetroffen met informatie over de Russische invasie in Oekraïne die door Sasja op artikelen waren geplakt. Er was informatie op te lezen die bijeen was gesprokkeld door onafhankelijke media in Rusland, zoals het bombarderen van het theater in Marioepol door het Russische leger terwijl zich daar kinderen bevonden, of het aantal Russische soldaten dat sinds het begin van de oorlog gesneuveld was. Deze informatie week inderdaad volstrekt af van het officiële verhaal, en de bejaarde dame was dan ook ‘uiterst verbolgen’. In haar aangifte legde ze uit dat ze sterk meeleefde met het lot van de Russische soldaten in Oekraïne zoals dat door de staatstelevisie werd getoond en dat ze het onverdraaglijk vond om zulke leugens te moeten lezen, aldus Radio Svoboda, de Russische tak van Radio Free Europe/Radio Liberty die door het Amerikaanse Congres wordt gefinancierd.
Sasja blijft achter haar actie staan en houdt vol dat de informatie die zij heeft doorgegeven niet op leugens berust
De rechercheurs hoefden alleen artikel 207.3 van het Russische wetboek van strafrecht maar van stal te halen dat begin maart, kort na de invasie in Oekraïne, via een wetswijziging in allerijl was ingevoerd. Ingevolge dit artikel staat op het ‘opzettelijk verspreiden van desinformatie over het Russische leger’ maximaal tien jaar gevangenisstraf. Het is inmiddels bijna tweeduizend keer toegepast tegen Russen die het optreden van hun leger in Rusland hebben bekritiseerd: bekende oppositieleden, studenten, docenten of pacifisten die door de politie in de gaten worden gehouden.
FRANKRIJK
ZINEB REDOUANE
Op 1 december 2018, terwijl ze haar raam wilde sluiten, werd Zineb Redouane in het gezicht geraakt door een traangasgranaat die was afgevuurd door de politie om betogers uiteen te jagen. Ze overleed de volgende dag in het ziekenhuis. Bijna vier jaar later is het onderzoek naar haar dood nog steeds niet afgerond. Niemand is vanwege deze doodslag in staat van beschuldiging gesteld of geschorst.
WAT EIST AMNESTY?
Dat de Franse autoriteiten deze zaak ophelderen en dat er tegen degenen die er verantwoordelijk voor zijn een gerechtelijke procedure wordt aangespannen
In het geval van Sasja was de tenlastelegging dat de informatie die op de door haar opgeplakte etiketten stond ‘onjuist’ was. De rechtbank gelastte een merkwaardig ‘linguïstisch onderzoek’ naar deze etiketten, uitgevoerd door twee vrouwelijke onderzoekers die bekendstaan als Kremlin-sympathisanten, aldus de in Litouwen gevestigde onlinekrant Meduza. Hun conclusie, waarin regelmatig de loftrompet werd gestoken over de ‘zeer humane houding van het Russische leger jegens de inwoners van Oekraïne’, luidde dat deze informatie onjuist was omdat ze niet overeenkwam met die welke door het Russische ministerie van Defensie werd verspreid. ‘Dit onderzoek is van nul en generlei waarde omdat de onderzoekers geen enkele kennis van de materie hebben,’ sneert advocaat Jana Nepovinnova. Sasja blijft achter haar actie staan en houdt vol dat de informatie die zij heeft doorgegeven niet op leugens berust.
Zwakke gezondheid
Het idee om de prijsstickers in Russische supermarkten te vervangen door etiketten over de oorlog was half maart gelanceerd door een organisatie die zich ‘Feministisch verzet tegen de oorlog’ noemt, aldus de Russische nieuwsdienst van de BBC. Op Telegram was zelfs al een opmaak gepost die klaar was om gedrukt te worden, vergezeld door enkele veiligheidsadviezen voor de activisten: mijd bewakingscamera’s en betaal alleen maar contant. ‘Maar al snel bleek dat deze maatregelen de anonimiteit van de activisten niet konden garanderen,’ vervolgde de BBC, die vermoedt dat in navolging van Sasja nog een tiental andere etikettenplakkers door de politie is geïdentificeerd en aan-gehouden.
Op basis van getuigenissen van familie en goede bekenden kwam de BBC met een uitvoerig portret van deze veelzijdige jonge vrouw, die over een complexe en fragiele persoonlijkheid beschikt. Als kunstschilder, musicus en gelegenheidsjournalist (voor het onafhankelijke digitale blad Boemaga) was Sasja een bekende in het artistieke wereldje van Sint-Petersburg. Ze gaf toneel- en filmles aan Oekraïense kinderen, publiceerde een voor kinderen bedoeld boekje over ‘depressie’, speelde in toneelgroepen en deed al op haar tiende mee aan een komisch televisieprogramma. In een interview met Meduza vertelt haar partner Sonja dat Sasja al sinds haar kinderjaren met diverse gezondheidsproblemen kampt, waaronder een bipolaire stoornis en een glutenintolerantie, wat haar verblijf in de gevangenis extra zwaar maakt.
Paul Biya slaat elke vorm van oppositie keihard neer
De president, die al veertig jaar de absolute macht heeft, onderdrukt iedere vorm van oppositie, verlamt het land en schendt mensenrechten aan een stuk door.
In februari 2017 eisten 27 Kameroense en internationale organisaties dat er een eind zou komen aan de willekeurige en illegale gevangennemingen in Kameroen, aldus Centrifuge Hebdo. Ook meldde het Kameroense weekblad dat er door deze organisaties een open brief was gestuurd aan Paul Biya, de president van de Republiek Kameroen.
Naast Dorgelesse Nguessan, die gevangenzit nadat ze had deelgenomen aan een betoging, werden er nog talloze andere namen genoemd in dit openbare beroep dat op het staatshoofd werd gedaan. De open brief klonk als een lange opsomming van oppositieleden of gewone betogers die in het Kameroen van Paul Biya zijn gearresteerd en mishandeld. Zoals Penn Terence Khan: gearresteerd, gemarteld, beschuldigd van terrorisme en door een militaire rechtbank tot twaalf jaar gevangenisstraf veroordeeld omdat hij T-shirts met politieke slogans had vervaardigd. En ook de onafhankelijke journalist Tsi Conrad, die door de militaire rechtbank tot vijftien jaar gevangenisstraf werd veroordeeld.
KAMEROEN
DORGELESSE NGUESSAN
Dorgelesse Nguessan was kapster van beroep toen haar leven op zijn kop werd gezet. Op 22 september 2020 nam ze voor de eerste keer deel aan een vreedzame betoging in Douala, waarbij meer dan vijfhonderd mensen werden gearresteerd, onder wie Dorgelesse. Zij werd beschuldigd van rebellie, samenscholing en deelname aan een openbare betoging en veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf.
WAT EIST AMNESTY?
Onmiddellijke en onvoorwaardelijke invrijheidstelling.
Een aantal van de mensen die werden genoemd had deelgenomen aan de mars op 22 september 2020, georganiseerd door partijen die oppositie voeren tegen het regime van Paul Biya en diens aftreden eisen. Volgens Human Rights Watch zetten de veiligheidstroepen vervolgens traangas en waterkanonnen in om overal in het land vreedzame betogingen uiteen te jagen. Bovendien zouden er meer dan vijfhonderd mensen zijn gearresteerd, voornamelijk leden en aanhangers van oppositiepartijen. De autoriteiten hebben bij zowel deze arrestaties als tijdens hun gevangenschap talloze mensen afgeranseld. Ook werden sommige betogers beschuldigd van bedreiging van de staatsveiligheid en tot lange gevangenis-straffen veroordeeld, aldus de website Cameroun1, die ook zelf met een lijst veroordeelden kwam. Op 8 december 2021 meldde de site dat minstens 154 activisten van de MRC [Beweging voor de weder-geboorte van Kameroen] en vijf andere van Stand Up for Cameroon, twee oppositiepartijen, creperen in de gevangenis.
Paul Biya leidt Kameroen al sinds 1982 met ijzeren vuist. Bij de politieke crisis voegt zich inmiddels ook een ‘Engelstaligencrisis’, waarin de regering en separatistische groeperingen in Engelstalige regio’s in het westen van het land tegenover elkaar staan. Ook staat de veiligheid van Kameroen voortdurend onder druk door herhaaldelijke aanslagen van jihadistische groeperingen. Gevolg van deze spanningen is dat de veiligheidstroepen in het land de mensenrechten regelmatig schenden.
Broer geëxecuteerde Nafid Afkari vreest voor zijn leven
Na zijn arrestatie in 2018 op verdenking van moord werd deze tegenstander van het regime in de gevangenis met de dood bedreigd. Zijn geval illustreert de talloze ontsporingen van de Iraanse justitie, die wordt gecontroleerd door de machthebbers.
Vahid Afkari was een eenvoudige stukadoor in Chiraz, een grote stad in het zuidwesten van Iran, toen hij op 17 september 2018 werd gearresteerd samen met zijn broer Navid, eveneens stukadoor maar ook een in Iran en het buitenland befaamde worstelaar. De autoriteiten beschuldigden de twee broers ervan in augustus 2018, tijdens een betoging vanwege de economische achteruitgang en de grote droogte, een man te hebben gedood die nu eens werd voorgesteld als een lid van de Iraanse inlichtingendienst en dan weer als een werknemer van het waterbedrijf van Chiraz.
IRAN
VAHID AFKARI
Vahid Afkari en zijn twee broers hadden deelgenomen aan vreedzame betogingen in hun stad Chiraz, die waren gericht tegen de ongelijkheid en de politieke onderdrukking. Wegens die deelname werden ze thuis gearresteerd. Terwijl ze in afzondering werden gehouden en werden gemarteld, werden ze gedwongen overtredingen te ‘bekennen’ waaraan ze zich eerder herhaaldelijk onschuldig hadden verklaard. Een van de broers werd geëxecuteerd en de andere werd uiteindelijk vrijgelaten. Vahid zit sinds september 2020 in een isoleercel.
WAT EIST AMNESTY?
Een eind aan deze afschuwelijke mishandeling en intrekking van alle aanklachten.
Navid Afkari werd ter dood veroordeeld en in september 2020 geëxecuteerd, ondanks internationale campagnes waarin het onrechtvaardige proces en de door marteling afgedwongen bekentenissen aan de kaak werden gesteld. Ook veroordeelde de rechter de broers van de worstelaar, Vahid en Habib Afkari, tot respectievelijk vierenvijftig en zevenentwintig jaar gevangenisstraf.
Met de dood bedreigd
Sindsdien crepeert Vahid in een isoleercel in de Adel Abad-gevangenis in Chiraz – zijn broer Habib is in maart 2022 vrijgelaten. In de context van de huidige, ongekende opstand tegen het regime van de moellahs zijn familie, goede bekenden en medestanders van Vahid beducht voor wraakacties en vrezen ze voor zijn leven, terwijl hij volgens diverse Iraanse media ook al aan mensonwaardige behandelingen wordt blootgesteld. Afgelopen augustus bevestigde zijn broer Saeed al op social media dat hij met de dood werd bedreigd en dat ‘de directeur van de Adel Abad-gevangenis weer een bewakingscamera in de isoleercel van Vahid wilde laten plaatsen voor zijn eigen veiligheid’, aldus Iran International, een in Londen gevestigde televisie-zender die tegen het Iraanse regime is gekant. Deze beslissing zou zijn ingegeven door het gerucht dat ‘bepaalde personen’ van de afwezigheid van een camera zouden willen profiteren om Vahid in de gevangenis te vermoorden, aldus zijn broer.
IranWire, een andere oppositiesite, komt gedetailleerd terug op de arrestatie van de broers Afkari en citeert diverse getuigen die het officiële feitenrelaas ontkrachten en op talrijke juridische onregelmatigheden wijzen.
Marteling
Om te beginnen de plaats waar Vahid Afkari zich bevond toen de agent van de inlichtingendienst door de broers Afkari in Chiraz zou zijn gedood. Volgens een door de site geciteerd familielid was Vahid helemaal niet op de plek waar de moord plaatsvond. Toen hij werd gearresteerd ‘wilde justitie geen tussenkomst van onze advocaten in deze zaak zolang het onderzoek niet was afgerond’, zegt het familielid. ‘In de praktijk kwam het erop neer dat onze advocaten Vahid niet konden bijstaan voordat er (via marteling) een bekentenis was afgedwongen.’
In augustus 2021 maakte Saïd Dehghan, de advocaat van de familie, bekend dat het verzoek om een nieuw proces door het hooggerechtshof was afgewezen, aldus BBC Persian. De advocaat maakte melding van ‘vierentwintig leugens en drie onwaarheden’ in het vonnis en noemde de vierenvijftig jaar gevangenisstraf waartoe was besloten ‘in strijd met het wetboek van strafrecht’. In een getuigenverklaring die in september 2020 in zijn gevangenis is opgenomen ging Vahid gedetailleerd in op de martelingen die hij tijdens zijn verhoren had moeten ondergaan. ‘Terwijl ik was vastgeketend hebben ze me over mijn hele lichaam geslagen en me elektrische schokken toegediend. Ze drukten me languit tegen de grond en sloegen met een knuppel tegen mijn voetzolen, waarna ze me dwongen om te lopen.’
Begin april verklaarde Saeed Afkari op Twitter dat de gevangenisautoriteiten Vahid hadden geslagen en zijn hand hadden gebroken. ‘Wij zijn heel erg ongerust over onze broer maar onze weg blijft die van Navid en we zijn niet bang voor de dood,’ lichtte hij toe.
Twee gevangenisstraffen, dat is de prijs die Chow Hang-tung, een 37-jarige advocaat, moet betalen voor het verdedigen van democratische waarden. Ze was in Hongkong vicevoorzitter van het Verbond voor Steun aan Patriottistische Democratische Bewegingen in China.
Omdat ze weigert te erkennen dat ze ergens schuldig aan is, zit Chow Hang-tung nog altijd achter de tralies. Haar twee veroordelingen houden verband met de herdenking van de massamoord op het Tiananmenplein in Beijing in juni 1989. Op 4 januari 2022 werd Chow tot vijftien maanden gevangenisstraf veroordeeld nadat ze drie weken eerder al een straf van een jaar opgelegd had gekregen.
Tijdens een zitting van de rechtbank van West Kowloon op 2 september 2022 antwoordde Chow op de vraag van een rechterlijk ambtenaar of ze ‘de misdaad van het oproepen tot ondermijning van de staatsmacht’ erkende: ‘Het streven naar democratie is geen misdaad,’ aldus het nieuwsportaal Hong Kong 01. ‘In het Victoriapark hebben de inwoners van Hongkong zich van hun beste kant laten zien,’ verklaarde ze ontroerd tijdens dezelfde zitting. In haar jaren op de basisschool vergezelde ze haar moeder al naar het Victoriapark om de herdenking van Tiananmen bij te wonen. Nadat ze in 2010 haar doctorsgraad in de natuurkunde had behaald in Oxford, keerde Chow terug naar haar geboorteplaats om rechten te studeren. Tegelijkertijd werd ze vrijwilliger bij het in 1989 opgerichte Verbond voor Steun aan Patriottistische Democratische Bewegingen in China. Het Verbond – waarvan ze zes jaar later vicevoorzitter werd – ijvert voor ‘de invrijheidstelling van prodemocratische activisten’ en streeft naar een einde aan de eenpartijdictatuur.
HONGKONG
CHOW HANG-TUNG
Chow is een advocaat gespecialiseerd in mensenrechten. Op 4 juni 2021 heeft ze op social media mensen aangemoedigd de repressie op het Tiananmenplein te herdenken door middel van het aansteken van kaarsjes. Ze werd nog diezelfde dag gearresteerd wegens het ‘bevorderen van of ruchtbaarheid geven aan een niet-toegestane bijeenkomst’. Ze zit momenteel een gevangenisstraf van tweeëntwintig maanden uit wegens‘ongeoorloofde samenscholing’.
WAT EIST AMNESTY?
Intrekking van alle aanklachten en onmiddellijke invrijheidstelling.
Elk jaar werd er op de avond van 4 juni een herdenking gehouden, zelfs na de overdracht van Hongkong aan de Volksrepubliek China in 1997, aldus de Singaporese krant Lianhe Zaobao, die eraan toevoegt dat zelfs in 2020, het jaar waarin de nationale veiligheidswet voor Hongkong werd aangenomen en de politie de bijeenkomst niet langer toestond, talrijke inwoners van Hongkong desondanks met kaarsen in de hand naar het park zijn blijven komen.
Handlanger van het buitenland
In augustus 2021 beschuldigde de politie van Hongkong het Verbond ervan ‘een handlanger van het buitenland’ te zijn en werden de gegevens van de leden opgeëist. Volgens de Amerikaanse zender Voice of America was dat de eerste keer dat de politie op grond van een artikel uit de nationale veiligheidswet inzake buitenlandse handlangers van een niet-gouvernementele organisatie eiste dat ze haar gegevens prijsgaf. Een maand later maakte het Verbond zijn opheffing bekend.
PARAGUAY
YREN ROTELA ET MARIANA SEPULVEDA
Deze twee Paraguayaanse transgendervrouwen mogen hun voornaam niet veranderen en kunnen geen identiteitsbewijzen krijgen die stroken met hun genderidentiteit. Zij zetten zich in voor verandering. De overheid en conservatieve groeperingen in Paraguay staan vijandig tegenover de lhbtiq-gemeenschap en proberen haar onzichtbaar te maken. Betogingen, die vaak verboden zijn, vormen soms het mikpunt van aanslagen.
WAT EIST AMNESTY?
Dat het gender van transpersonen juridisch wordt erkend door de Paraguayaanse overheid zodat zij hun grondrechten kunnen
uitoefenen.
Op 29 mei 2022 postte Chow Hang-tung op Facebook: ‘Een kaarsje branden is geen misdaad.’ In haar post zei ze het te betreuren dat gezien de juridische context haar verbond geen herdenking meer kon organiseren. ‘De regering kan bijeenkomsten op een bepaalde plek verbieden, maar ze kan niet verbieden dat overal in Hongkong kaarsjes worden aangestoken.’ Chow’s advocaat zei tegen het blad Ming Pao, dat de kaars het gewicht van het geweten draagt en dat de inwoners van Hongkong de waarheid blijven spreken.’ Ze benadrukte dat ‘het aan hen te danken is die, goedschiks of kwaadschiks, een ruimte in dit land hebben weten te behouden waar de waarheid kan worden gesproken’.
Chow werd ervan beschuldigd ‘anderen aan te zetten tot deelname aan een verboden bijeenkomst’, meldde Ming Pao een maand later. De website van de krant schrapte Chows artikel, waarna het door de Chinees-Amerikaanse site China Digital Times werd overgenomen.
Op 26 mei 2021 publiceerde Apple Daily, een andere toonaangevende krant in Hongkong, een portret van Chow: ‘Laat de angst zich niet verspreiden’, schreef het blad, eraan toevoegend dat ‘de angst als een aangekondigde plaag in alle hoeken van Hongkong om zich heen grijpt’.
Het portret eindigde met de vraag of er in het huidige Hongkong nog plaats is voor burgers zoals Chow. Uit angst voor represailles is Apple Daily een maand later dichtgegaan na eerst al zijn archieven te hebben geruimd. Het portret van Chow is bewaard door de site Wenku, een platform dat de geschiedenis van Hongkong ‘veilig wil stellen’.
Omdat hij zijn bezorgdheid over de plannen om een kolencentrale te bouwen in Banshkhali met jongeren had gedeeld, heeft milieuactivist Shahnewaz Chowdhury tachtig dagen gevangengezeten en riskeert nog eens tien jaar opsluiting.
‘Milieuactivist Shahnewaz Chowdhury is momenteel voorwaardelijk vrij,’ meldt Al-Jazeera op zijn website. Maar hij riskeert tien jaar gevangenisstraf vanwege een post op Facebook. Shahnewaz Chowdhury, die zich in Bangladesh actief inzet voor het milieu, was in mei 2021 gearresteerd omdat hij zijn bezorgdheid had uitgesproken over de plannen om een kolencentrale te bouwen in Banshkhali, een stad in het zuidwesten van Bangladesh.
BANGLADESH
SHAHNEWAZ CHOWDHURY
Deze ingenieur heeft op social media zijn zorgen geuit over de bouw van een nieuwe kolencentrale in zijn dorp. Verder heeft hij de jongeren in zijn land aangemoedigd om luid en duidelijk in het geweer te komen. In mei 2021 is Shahnewaz vanwege zijn post op Facebook door de politie gearresteerd. Hij werd tachtig dagen vastgehouden onder onmenselijke omstandigheden, zonder veroor- deeld te zijn. Hij werd in augustus 2021 voorwaardelijk vrijgelaten maar riskeert tien jaar gevangenisstraf.
WAT EIST AMNESTY?
Intrekking van alle aanklachten tegen hem.
In een ‘moedige boodschap’ had hij jongeren opgeroepen om ‘in opstand te komen tegen onrechtvaardigheid’ en hen deelgenoot gemaakt van zijn zorgen over een centrale die ‘het milieu verpest’. Dat kwam hem, ingevolge de wet op de digitale veiligheid, op een beschuldiging van het verspreiden van ‘onjuiste en beledigende’ informatie te staan en van het creëren van ‘chaos’.
De 37-jarige man heeft tachtig dagen in de gevangenis gezeten en riskeert nog eens tien jaar opsluiting. De maximumstraf onder deze wet, die door critici als ‘draconisch’ wordt bestempeld, is veertien jaar gevangenis. Het plan om een kolencentrale in Banshkhali te bouwen is uitermate controversieel: meer dan twaalf mensen zijn geveld door politiekogels toen ze in april 2021 tegen de komst van de centrale protesteerden. ‘Het inzetten van de wet op de digitale veiligheid [tegen Shahnewaz Chowdhury] is niet te rechtvaardigen en een flagrant voorbeeld van wetsmisbruik,’ zegt C.R. Abrar, een Bengalese academicus, in de krant Daily Star.
Zwijgen opleggen
Mensenrechtenorganisaties beschul-digen de regering ervan de wet te misbruiken om milieuactivisten en andere critici het zwijgen op te leggen. ‘De arrestatie van Shahnewaz Chowdhury zal een ontmoedigende uitwerking hebben op mensen die de corruptie en de onrechtmatigheden aan de kaak stellen die gepaard gaan met het plan voor de kolencentrale,’ zegt Abrar, die oproept om de beschuldigingen aan het adres van de milieuactivist in te trekken.
Symbolen die worden gevangengezet
Op 25 juni viel het vonnis, na een haastig proces achter gesloten deuren: de 34-jarige Luis Manuel Otero Alcántara werd veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf.
Hij zat al sinds 11 juli 2021 in voorlopige hechtenis omdat hij wilde deelnemen aan de grote betogingen die Cuba die dag op zijn kop zetten. Als lid en medeoprichter van de Movimiento San Isidro, waarin Cubaanse kunstenaars en ontwerpers zich in 2018 hebben verenigd om in het geweer te komen tegen de censuur en de dictatuur op het eiland, was hij al diverse keren in de gevangenis beland. Otero Alcántara, die door het Amerikaanse blad Time tot een van de honderd invloedrijkste figuren van 2021 is uitgeroepen, werd veroordeeld vanwege ‘het beledigen van symbolen van het vaderland, het beledigen van de autoriteiten en het verstoren van de openbare orde’, schreef de Nuevo Herald in Miami de dag na het vonnis.
De krant citeerde Julie Trébault, directeur van de Artist at Risk Connection van PEN America, een ngo die opkomt voor de vrijheid van meningsuiting, die zei dat ‘het gaat om een aanslag op de artistieke vrijheid op Cuba, op Cubaanse kunstenaars en activisten die strijden voor het recht om zich uit te spreken. Maar hoe de Cubaanse regering ook haar best doet om de vrijheid van meningsuiting met wortel en tak uit te roeien, ze zal daar niet in slagen.’
Luis Manuel Otero Alcántara verscheen in een clip die in januari 2021 op YouTube werd gepost door een groep bekende funk- en rapartiesten op het eiland en werd daarmee een symbool van het Cubaanse protest. Zijn hit ‘Patria y Vida’, het tegenovergestelde van de favoriete slogan ‘Het vaderland of de dood’ van het castristische regime, bevat teksten als: ‘Geen leugens meer. Het volk eist vrijheid, geen doctrines meer. Wij roepen niet meer “Het vaderland of de dood” maar “Het vaderland en het leven”.’ Een van de schrijvers van het nummer, rapper Maykel ‘Osorbo’ Castillo, die nog op het eiland woont – de andere auteurs leven in ballingschap in Miami – werd tot negen jaar gevangenisstraf veroordeeld wegens ‘belediging van de autoriteiten, verstoring van de openbare orde en smaad jegens instituties en helden en martelaars van de Cubaanse revolutie.’
Luis Manuel Otero Alcántara ging afgelopen oktober een week in hongerstaking omdat hij niet mocht telefoneren noch bezoek mocht ontvangen.
Dit artikel werd samengesteld in samenwerking met Courrier International en Amnesty International.
Iedereen, behalve Poetin zelf misschien, ziet in dat zijn regime op zijn laatste benen loopt. Zelfs zijn aanhangers kunnen niet ontkennen dat er in Rusland politieke discussies worden gevoerd alsof Poetin en zijn systeem al niet meer bestaan. De vraag is vooral hoe het regime precies ineen zal storten.
Lange tijd leek het alsof verkiezingen de regering ten val konden brengen. Hoewel er in Rusland al minstens vijftien jaar geen echte verkiezingen zijn geweest, hoopten sommigen dat de aanwezigheid van een stel onafhankelijke afgevaardigden het politieke landschap zou kunnen veranderen. Anderen geloofden zelfs dat het regime door verkiezingen compleet omvergeworpen kon worden. Geen van beide opties is op dit moment mogelijk.
Het Kremlin zette bijna alle politici van de oppositie buiten spel door ze ofwel gevangen te zetten, ofwel op absurde gronden van het kandidaatschap te weerhouden. Toen er via een referendum een grondwetswijziging werd doorgevoerd waardoor het bewind van Poetin eindeloos verlengd kon worden, bleven zelfs optimisten ontgoocheld achter. Ze zagen in dat het regime niet geeft om wat burgers vinden maar vooral uitblinkt in het vervalsen van verkiezingsresultaten. Elke verkiezing die onder Poetin wordt gehouden, is per definitie een schijnvertoning.
Er restte nog de hoop (en angst bovendien) dat het regime zou instorten door een revolutie. Het volk zou zijn geduld verliezen en de regering omverwerpen, en de veiligheidstroepen zouden het niet durven opnemen tegen de honderdduizenden demonstranten. Maar sinds de gebeurtenissen van de afgelopen negen maanden, is een revolutie ondenkbaar.
Scenario’s
Poetin is nu ‘in oorlog’ met de Verenigde Staten en de NAVO, twee instanties die door de meerderheid van de Russen als vijanden worden beschouwd. Tegenstanders van Poetin worden niet langer gezien als voorvechters van het Russische volk, maar van de Verenigde Staten, en kunnen daarom niet rekenen op de steun van de bevolking. Aangezien het regime er bovendien niet voor terugdeinst geweld te gebruiken, is iedere vorm van revolutie in de nabije toekomst onmogelijk.
Tegelijkertijd kan het regime in zijn huidige vorm niet standhouden. Voor Rusland is er geen glorieuze uittocht denkbaar, noch uit Oekraïne, noch uit de andere problemen waarin het land verwikkeld is. Toekomstperspectief ontbreekt. Het land is moreel en politiek uitgeput, kan zijn geïsoleerd bestaan niet lang meer volhouden en een aanzienlijk deel van de bevolking emigreert. Hierdoor zijn veranderingen onvermijdelijk geworden. Daarnaast maken de militaire aanvallen en westerse sancties het voor Poetins systeem onmogelijk de ondergang oneindig uit te stellen.
Het zou natuurlijk kunnen dat er een kernoorlog uitbreekt. Afgezien van dit apocalyptische scenario zijn er slechts twee enigszins realistische scenario’s waarop het Poetin-regime aan zijn einde kan komen: de eerste optie is beangstigend. De tweede heeft weinig met democratie van doen, maar laat Rusland tenminste de kans op een toekomst.
In het eerste realistische scenario valt de Russische regering snel uit elkaar. In wezen is de regering al in verval: er is duidelijk geen sprake meer van politieke controle en bevelen worden ofwel niet opgevolgd ofwel – zoals bij de mobilisatie – op zo’n onorthodoxe manier dat ze voor het regime alleen maar slecht uitpakken.
Het hoeft niet per se een moord te zijn: Poetin kan ook worden afgezet of worden overtuigd om af te treden
Het Oekraïense tegenoffensief en de toenemende sociaaleconomische problemen in Rusland kunnen een sneeuwbaleffect veroorzaken, waardoor de stabiliteit die nog rest, eveneens verloren gaat. Dat is al eerder gebeurd: in de nadagen van de Sovjet-Unie vaardigde Michail Gorbatsjov decreet na decreet uit dat niemand van plan was op te volgen, wat hij ook op geen enkele manier kon afdwingen.
Er bestonden destijds instellingen die konden ingrijpen en totale chaos voorkomen: de partijorganisaties van verschillende republieken, in de Russische gebieden het team van Boris Jeltsin en in de Baltische republieken de nieuwe bestuursinstanties. Het huidige Rusland kent dergelijke instellingen niet.
Dit betekent dat een snelle ineenstorting van het regime onvermijdelijk zou leiden tot een zogenaamde ‘free-for-all’. Militaire formaties, aangevoerd door verschillende leiders, zouden met elkaar in conflict raken. Poetins ‘lakeien’ – de Tsjetsjeense leider Ramzan Kadyrov en Jevgeni Prigozjin, de oprichter van de Wagner Group – zouden samen met hun volgers de strijd aangaan. Andere regionale formaties zouden onder leiding van ambitieuze generaals en gouverneurs ook aan de gevechten deelnemen. Het geweld en bloedvergieten zouden onvoorstelbaar zijn; er zou een heuse apocalyps aanbreken.
Een minder angstaanjagend scenario is een zogenaamde ‘paleiscoup’. Dat hoeft niet per se een moord te zijn: Poetin kan ook worden afgezet of worden overtuigd om af te treden. Het kan niet anders dan dat zijn entourage ook inziet dat hij het land – en henzelf, wat voor hen nog belangrijker is – op een dood spoor heeft gezet. Voor zijn trouwe volgelingen is Oekraïne of Rusland niet het grootste probleem. Het liefst willen zij hun persoonlijke band met het Westen herstellen en zo de toegang tot hun bankrekeningen terugkrijgen. Ze weten dat dit, zolang Poetin aan de macht is, nooit zal lukken.
Vooral in het geval van grootschalige militaire verliezen zou het kunnen dat een aantal van Poetins belangrijkste adviseurs een exitstrategie voor hem verzint. Eventueel wordt een minder belangrijke en gemakkelijk beïnvloedbare politicus tot president benoemd. Deze officiële leider moet dan de oorlog beëindigen, alle mogelijke concessies aan het Westen doen en zo ‘vergiffenis’ verzekeren voor Poetin en zijn trawanten. Grote kans dat het Westen meewerkt, om zo een Derde Wereldoorlog te voorkomen.
Overlevingskansen
We weten niet of er in Poetins kring mensen dapper genoeg zijn om hem een dergelijke strategie voor te leggen, aangezien hij zich al jaren omringt met jaknikkers zonder ruggengraat. Het is bovendien onduidelijk of Poetin zo’n aanbod zou aanvaarden. Hij kan bijvoorbeeld worden afgeschrikt door het precedent van de voormalige Kazachse president Noersoeltan Nazarbajev. Die was ervan overtuigd dat hij zijn invloed zou behouden toen hij het presidentschap overdroeg aan Kassim-Zjomart Tokajev, die hij als vertrouweling en naaste beschouwde. Binnen een week was hij al zijn macht en invloed kwijt, nadat Tokajev zijn onafhankelijkheid had opgeëist. Vandaag de dag hangen de vrijheid, en zelfs het leven van Nazarbajev, af van Tokajev.
Een nog angstaanjagender voorbeeld voor Poetin is dat van de voormalige Joegoslavische president Slobodan Milošević: zijn eigen volk stuurde hem naar Den Haag om daar te worden berecht.
Als iemand uit Poetins entourage aan hem durft voor te stellen af te treden, moet diegene ook bereid zijn verdere stappen te zetten als dat voorstel niet wordt aanvaard. Anders vrees ik dat de overlevingskansen van ons land nihil zijn.
Hoofdrolspelers van Vuile Oorlog eindelijk berecht
Een rechtbank in Argentinië heeft negentien voormalig militaire officieren tot lange gevangenisstraffen veroordeeld wegens misdaden tegen de menselijkheid tijdens de Argentijnse militaire dictatuur in de periode 1976-1983. De misdaden omvatten gedwongen verdwijningen, moord, marteling en ontvoering van kinderen, bericht BBC.
Onder de veroordeelden bevond zich ook generaal Santiago Riveros (98), die eerder was veroordeeld voor andere mensenrechtenschendingen. Hij kreeg levenslang nadat hij schuldig was bevonden aan meer dan honderd misdaden.
De rechtbank oordeelde dat er misdaden waren gepleegd tegen zo’n driehonderdvijftig slachtoffers
De vonnissen werden woensdag uitgesproken door de federale rechtbank in de hoofdstad Buenos Aires. De rechtbank oordeelde dat er misdaden waren gepleegd tegen zo’n driehonderdvijftig slachtoffers. De onderzoeksrechters hebben over een periode van meer dan drie jaar ongeveer zevenhonderdvijftig getuigen ondervraagd.
Nadat een militaire junta onder leiding van generaal Jorge Videla op 24 maart 1976 de macht in Argentinië had gegrepen, begon het nieuwe regime een campagne om linkse tegenstanders uit te roeien. Tijdens de ‘Vuile Oorlog’, zoals de campagne bekend is komen te staan, zijn ongeveer dertigduizend mensen vermoord of onder dwang verdwenen.
De democratische oppositie in Myanmar heeft opgeroepen tot een stille staking op 1 februari, de dag waarop het leger vorig jaar de macht greep in het land. Vandaag gingen bij zonsopgang inwoners van de regio Sagaing met opgeheven vuist de straat op, volgens beelden die op sociale media zijn geplaatst. Anderen gingen zitten en staken drie vingers omhoog als teken van verzet.
De junta heeft gewaarschuwd dat dergelijke acties kunnen worden aangemerkt als hoogverraad
In Yangon ontvouwden studenten spandoeken tegen de dictatuur, terwijl demonstranten bloedrode verf goten. Voor de komende uren worden meer grootschalige acties verwacht en op internet wordt opgeroepen om bedrijven te sluiten. De junta heeft gewaarschuwd dat dergelijke acties kunnen worden aangemerkt als hoogverraad, een misdrijf waarop de doodstraf staat. Zij heeft ook gedreigd alle bedrijven die gesloten blijven te nationaliseren, zo meldt Financial Times.
Wat betekent vrijheid als je leeft onder een militaire dictatuur? Op die vraag probeert de jonge Myanmarese activistenleider Thinzar Shunlei Yi een antwoord te geven.
Vrijheidslezingen
In de programmareeks The Freedom Lecture nodigt debatcentrum De Balie in Amsterdam vier keer per jaar iemand uit die uit eigen ervaring weet wat het betekent om niet vrij te zijn. Het doel van de lezingen is om de verhalen van de sprekers te delen, hun boodschap uit te dragen en te leren van hun strijd. Zo ontving De Balie eerder al FEMEN-leider Inna Sjevtsjenko, de Oegandese lhbt-activist Frank Mugisha, de Russische journaliste Jevgenia Albats, internetactiviste Esra’a Al Shafei uit Bahrein en Patrisse Cullors & Janaya Khan van de Black Lives Matter-beweging.
Hieronder volgt de lezing die mensenrechtenactivist Thinzar Shunlei Yi uit Myanmar uitsprak op 3 juli in De Balie.
Altijd wanneer ik aan Vrijheid denk, vraag ik me altijd af of ik de werkelijke betekenis en kleur daarvan wel ken. Want die heb ik nog nooit meegemaakt. Maar ik heb er wel mijn hele leven lang voor geknokt, me afvragend of vrijheid ons een betere wereld kan brengen.
Is vrijheid een toestand waarin we niet bang meer zijn, geen enkele vorm van discriminatie meer ervaren en bevrijd zijn van culturele normen en de beperking van onze vrijheid van meningsuiting?
Is vrijheid iets wat je door iemand, een militair of jezelf, wordt gegund?
Ik weet niet zeker of ik je de ware betekenis ervan kan uitleggen. Maar omdat ik dat wel graag wil proberen, maak ik hier van de gelegenheid gebruik om u te vertellen hoe vrijheid er volgens mij zou moeten uitzien.
Ik denk dat vrijheid een aangeboren kwaliteit is. We hebben haar moeten afleren omdat ze nu wordt onderdrukt. Maar om onszelf te kunnen zijn, proberen we haar onszelf opnieuw aan te leren.
Elk moment dat we onze stem verheffen om te eisen wat we willen, is een moment van vrijheid
Vrijheid is van niemand anders dan van ons. Om het terug te winnen, protesteren we in Myanmar elke dag. En omdat we bezig zijn onze vrijheid terug te winnen, zijn we nu vrijer dan we eerst waren. Elk moment dat we een vrijere samenleving opeisen, elk moment dat we onze stem verheffen om te eisen wat we willen, is een moment van vrijheid.
Daarom denk ik dat Myanmar nu vrijer is dan voor de staatsgreep van 1 februari. Mensen bevrijden zichzelf om dingen opnieuw te leren en een eind te maken aan de staatsgreep en het militaire regime. De coup heeft ons wakker geschud en ertoe aangezet ons tegen de onderdrukker te verzetten en onze vrijheid op te eisen. Deze strijd voeren we elke dag opnieuw. Zal het ons vandaag wel of niet lukken om vrij te blijven? Kunnen we onze mening vandaag vrij uiten of niet? Elke dag weer betalen we de prijs voor de vrijheid die we opeisen. Met levens. Met banen en geluk. Vrijheid wordt duur betaald, vind ik.
Niemand van ons heeft het recht de vrijheid die we hebben, van ons af te pakken of er misbruik van te maken. Vrijheid is voor mij innerlijke bevrijding. Om mezelf vrij te kunnen maken, moet ik eerst beseffen dat die macht in mij ligt en dat die macht me zonder mijn toestemming, nooit kan worden afgenomen. Vrijheid is het vermogen de macht zelf in handen te hebben.
We lopen tegen veel problemen en vraagstukken aan. De meeste daarvan hebben diepe wortels en de oorzaak is een volledige ontkenning van de omstandigheden. Als mensen de situatie niet accepteren zoals die is, blijven ze zichzelf voorliegen, de zaken vanuit hun eigen perspectief bekijken en de waarheid vanuit hun eigen blikveld formuleren. Vrijheid komt wanneer je je bewust bent van jezelf en je doel als mens op deze aarde. Vrijheid komt wanneer je situaties kunt accepteren zoals ze zijn en de gang van zaken aanvaardt. Zo kun je jezelf bevrijden en jezelf toestaan met de stroom mee te zwemmen en aanwezig te zijn in het hier en nu. Vrijheid komt met dit diepe innerlijke bewustzijn en het besef van je eigen kracht. Waar, hoe en wie je ook bent, we hebben allemaal de innerlijke kracht om wat met jou of anderen gebeurt, te begrenzen of toe te staan.
Als je wordt onderdrukt en je je daartegen verzet, ben je vrij.
Op 26 juni is het 46 jaar geleden dat de eerste studentenleider Salai Tin Maung Oo door de dictator van Myanmar ter dood werd veroordeeld. Voor hij werd vermoord, sprak hij deze ondubbelzinnige en indrukwekkende woorden: ‘Ik zal nooit buigen voor een dictator. Mij kun je vermoorden, maar mijn geloof en waar ik voor sta, zul je nooit kunnen uitwissen.’ Dit is een pregnant voorbeeld van innerlijke kracht en dat tot je laatste adem verdedigen. Hij werd vermoord maar zijn overtuigingen en nalatenschap stralen nog steeds omdat zijn innerlijke kracht overeind bleef. Hij heeft niet verkwanseld waar hij heilig in geloofde en hij heeft geen compromissen gesloten.
Zo ziet vrijheid eruit. Als je wordt onderdrukt en je je daartegen verzet, ben je vrij. Als je altijd achter je principes blijft staan en die onder alle omstandigheden blijft verdedigen, ben je vrij. Zelfs in levensbedreigende situaties, als je blijft opkomen voor de waarheid tegenover het gezag, ben je vrij. Vrijheid is gelukkig zijn zonder jezelf te hoeven inhouden en zonder je schuldig te voelen over wat je wel of niet in het verleden hebt gedaan. Vrijheid is de pure vreugde van in het moment te leven, bij je volle bewustzijn en zonder wroeging over waarom je nog steeds ademt.
Laten we onszelf afvragen of we echt vrij zijn.
Over de auteur
Thinzar Shunlei Yi won de Women of the Future Southeast Asia Award in 2019 en werd uitgeroepen als ‘Emerging Young Leader’ door het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken. Ze werkt met lokale politieke coalitie CDD als rechtscoördinator voor mensenrechten en democratie in Myanmar. Thinzar is momenteel bezig met de wereldwijde campagne genaamd #Sisters2Sisters voor solidariteit met vrouwen in Myanmar.
Twee van de in deze editie gepubliceerde artikelen zijn geschreven door journalisten die zich niet de mond laten snoeren door het dictatoriale bewind in hun land. Dat is, zacht uitgedrukt, bewonderenswaardig. Wereldwijd zijn er vorig jaar tientallen journalisten vermoord vanwege hun werk. De afweging of waarheidsvinding desnoods met de dood bekocht moet worden, is waarschijnlijk een vraag die deze helden zich niet hebben gesteld. Er stroomt ander bloed door hun aderen, iets moet de oorzaak zijn van hun onberedeneerbare burgermoed.
Omgaan met de macht in de geglobaliseerde wereld vergt een grote dosis zelfbeheersing en sluwheid. Zowel van de kritische massa die de macht dient te controleren als van de dictators die ten koste van alles en iedereen die macht willen behouden. Een eigenaardige ambitie, maar ze bestaat en neemt helaas niet af, ook niet als telkens weer duidelijk wordt dat tirannie als staatsvorm geen lang en zeker geen leuk leven beschoren is. Uiteindelijk wordt elke ooit aanbeden machtswellusteling van zijn voetstuk getrokken. Om die dreiging zo lang mogelijk af te wenden is het voor zich winnen van de pers en de vernietiging van de onafhankelijke berichtgeving een van de grootste prioriteiten. Alsof het in de instructies staat voordat men de koepel betreedt.
Zo moeilijk is dat niet: je trekt vergunningen in, strooit gul met het stempel ‘opruiend’ en haalt als het moet een vliegtuig onder valse voorwendselen uit de lucht, omdat er iemand in zit wiens stem je niet bevalt.
Opposanten uit de weg ruimen, daar draaien de machthebbers hun hand niet voor om
Opposanten uit de weg ruimen, daar draaien de machthebbers hun hand niet voor om. Sinds de opkomst van sociale media is de gebruiksaanwijzing aangevuld met verregaande surveillance en de inzet van trollenlegers en onlinebots.
Blijven ageren, dat is de kunst. Maar tegen welke prijs?
Daarom mag er voor elke broeder, zuster en x die ondanks de gruwelijke repressie blijft (of bleef) publiceren over het optreden van zijn of haar regime tegen onafhankelijke media een hufterproof monument worden opgericht. Als het goed is komen er nog een hoop sokkels vrij. Vroeg of laat leggen dictators hopelijk het loodje. Want als we historicus en sinoloog Frank Dikötter mogen geloven, presenteren ze zich graag als almachtig, maar zijn het eigenlijk zwakke figuren – anders zouden ze wel zijn verkozen door een meerderheid.
Belarus geeft gedwongen ‘bekentenis’ van oppositieleider Protasevitsj vrij
De Belarussische staatstelevisie heeft donderdag een nieuw interview met Roman Protasevitsj uitgezonden, waarin de oppositieleider toegeeft dat hij president Aleksander Loekasjenka omver wil werpen. Volgens familieleden en de oppositie is de ‘bekentenis’ onder bedreiging verkregen.
De arrestatie van Protasevitsj op 23 mei leidde tot een golf van internationale verontwaardiging. Zijn vliegtuig van Athene naar Vilnius werd door de Belarussische autoriteiten onderschept en onder het voorwendsel van een bommelding gedwongen in Minsk te landen.
De 26-jarige journalist, die bij aankomst samen met zijn Russische partner Sofia Sapega werd gearresteerd, werd onmiddellijk gevangengezet op beschuldiging van het organiseren van massale rellen tegen president Loekasjenka na diens controversiële herverkiezing voor een zesde termijn in 2020. Hij riskeert nu tot vijftien jaar gevangenisstraf.
Derde keer
Voor de ‘derde keer’ sinds zijn arrestatie verscheen Protasevitsj donderdag vanuit zijn gevangenis op de staatstelevisie met een regelrechte ‘bekentenis’, aldus BBC.
‘Protasevitsj gaf toe dat hij Aleksander Loekasjenka omver wilde werpen’ en ‘zeer kritisch’ was over de Belarussische president, maar zei dat hij ‘begon te begrijpen dat hij [Loekasjenka] het juiste deed’, en hem zelfs ‘respecteerde’, aldus de Britse nieuwszender.
AP meldt dat Roman Protasevitsj aan het eind van het negentig minuten durende interview zei dat hij ‘volledig en openlijk samenwerkte’ met de Belarussische autoriteiten en dat zijn enige doel was om ‘een rustig, normaal leven te leiden met een gezin en kinderen’.
‘Alles wat Protasevitsj zegt, zal onder dwang tot stand zijn gekomen – al is het maar psychologische’
‘Toen bedekte hij zijn gezicht met zijn handen en begon te huilen’, voegt het Amerikaanse persbureau eraan toe.
De Belarussische oppositie heeft gezegd dat deze ‘bekentenis’, net als de andere ‘bekentenissen’ die sinds de arrestatie van het echtpaar zijn gefilmd, ‘onder dwang’ is verkregen, aldus Al-Jazeera. Nog voordat het derde interview op donderdag werd uitgezonden, verklaarde de Belarussische mensenrechtenorganisatie Viasna: ‘Alles wat Protasevitsj zegt, zal onder dwang tot stand zijn gekomen – al is het maar psychologische dwang.’
De ouders van Protasevitjs zeiden dat het verhoor van donderdag door de autoriteiten was bedoeld om ‘de gijzeling van hun zoon en zijn vriendin te rechtvaardigen’.
In een interview met Radio Free Europe/RL zei Natalja Protasevitsj, de moeder van de oppositieleider, dat ze ‘handboeien om zijn handen had gezien’ en verbaasd was dat de kwaliteit van de video zo slecht was wanneer het gezicht van haar zoon in beeld kwam. ‘Ik vraag me af of dit met opzet is gedaan, om de blauwe plekken in zijn gezicht en de wurgsporen in zijn nek te verbergen, die vorige week op een andere video te zien waren.’
Transparantie voor multinationals: naar een EU-belastingpact
Europa heeft een eerste stap gezet op het gebied van een gemeenschappelijk belastingbeleid. Op dinsdag 1 juni hebben de Europese Raad en leden van het Europees Parlement een principeakkoord bereikt over de invoering van een nieuwe wet. Deze zal multinationals met een jaaromzet van meer dan 750 miljoen euro verplichten transparanter te zijn over hun activiteiten.
In detail zullen zij hun winsten, aantal werknemers en betaalde belastingen per land moeten aangeven – niet alleen in elke lidstaat, maar ook in elk land of rechtsgebied dat door Brussel als een belastingparadijs wordt beschouwd.
‘Deze transparantiemaatregel’, zo schrijft El País schrijft in een commentaar, ‘zal het voor de nationale autoriteiten gemakkelijker maken om de meest onrechtmatige fiscale constructies van sommige grote bedrijven uit te roeien of op zijn minst te beperken.’
‘Voorstanders zien de wet als een belangrijke stap in het voorkomen van winstverschuiving binnen de EU’
Het voorstel is in 2016 door de Europese Commissie ingebracht als reactie op diverse internationale belastingschandalen, zoals de Panama Papers.
Tijdens deze vijf jaar van bittere onderhandelingen en blokkades hebben verschillende lidstaten, waaronder Ierland, zich tegen deze verordening verzet. Aangezien Brussel het voorstel echter ‘als een mededingingskwestie en niet als een belastingkwestie had aangemerkt, behoefde het niet met unanimiteit te worden aangenomen. Er was alleen een gekwalificeerde meerderheid nodig [ten minste 55 procent van de lidstaten, die ten minste 65 procent van de EU-bevolking vertegenwoordigen], waardoor Ierland kon worden overruled’, aldus The Irish Times.
‘Voorstanders zien de wet als een belangrijke stap in het voorkomen van winstverschuiving binnen de EU, waarbij bedrijven gebruikmaken van dochterondernemingen die elkaar diensten in rekening brengen om winsten naar landen met een gunstigere belastingwetgeving te verplaatsen’, aldus de krant.
Mazen in de wet
De tekst moet nu formeel worden goedgekeurd door het Europees Parlement in een plenaire zitting en door de Europese Raad, zo meldt de Duitse zakenkrant Handelsblatt. Maar er zijn wat ‘mazen in de [voorgestelde] wet’. Zo hoeven bedrijven zich er niet aan te houden als zij kunnen aantonen dat het publiceren van de informatie ernstige financiële gevolgen zou kunnen hebben.
Internationaal gaan steeds meer stemmen op om ‘agressieve belastingplanning door multinationals’ te bestrijden, aldus The Irish Times.
Met name in de Verenigde Staten dringt de regering van president Joe Biden aan op een internationale overeenkomst over het belasten van grote techbedrijven. Zij stelt voor om wereldwijd een minimumtarief voor multinationals van ten minste 15 procent in te voeren.
‘De EU moet zich bij dit initiatief aansluiten en meewerken aan een belastingstelsel dat investeringsstimulansen combineert met de garantie dat elke onderneming verantwoording aflegt aan de belastingautoriteiten’, aldus El País.
De belangrijkste Europese partners (Frankrijk, Duitsland en Italië) zullen de kwestie bespreken op de G7-top van ministers van Financiën, die op vrijdag 4 en zaterdag 5 juni plaatsvindt in het Verenigd Koninkrijk.
Lees ook:
https://360magazine.nl/14452-2/
Myanmarese schoolboycot uit protest tegen staatsgreep
De klaslokalen van Myanmarese scholen waren vrijwel leeg toen het nieuwe lesjaar op 1 juni begon. Als teken van verzet tegen de militaire junta hebben leraren, studenten en ouders besloten het onderwijssysteem te boycotten.
‘Kinderen komen naar school zonder uniform’ en in kleine aantallen, zei een getuige tegen het weekblad Nikkei Asian Review op 1 juni, de eerste schooldag in Myanmar. Als teken van protest verkiezen deze schoolkinderen zich pas om te kleden zodra ze in de klaslokalen aankomen. Tegelijkertijd wordt op grote schaal een boycot van het begin van het schooljaar georganiseerd. Volgens een lid van de Bond van Leraren, geciteerd door de Myanmarese website Myanmar Now, heeft 90 procent van de leerlingen geweigerd zich in te schrijven in het door de junta geleide onderwijssysteem.
De boycot is een ‘verlengstuk van de hevige strijd’ en ‘het jongste teken van verzet’ tegen de militaire staatsgreep van 1 februari, aldus Nikkei Asian Review. Het leger nam toen de macht in het land over en wierp de wettige regering en het pas verkozen parlement omver. De afgelopen vier maanden heeft een grote meerderheid van de bevolking zich tegen het militaire bewind gekeerd. Zij eisen de vrijlating van de afgezette regeringsleider Aung San Suu Kyi.
‘Ik wil niet dat mijn dochter naar school gaat onder deze junta’
Activist Ei Ei Nyein zei tegen Frontier Myanmar dat ze haar dochter niet naar de lagere school zal sturen. Ze zal pas naar school gaan ‘zodra de gekozen regering is hersteld. Ons verzet tegen de junta zal waarschijnlijk tijd kosten, maar dat maakt niet uit! Ik wil niet dat mijn dochter naar school gaat onder deze junta. Ik zal haar zelf leren wat belangrijk is voor haar toekomst.’
Een 22-jarige masterstudent bevestigt tegen Nikkei Asian Review dat zijn universiteit verlaten is. ‘Geen van mijn studiegenoten is naar de campus gekomen. De staatsgreep is onaanvaardbaar. Het militaire bewind betekent voor ons jonge studenten het einde van al onze dromen.’ De jongeman volgt nu een cursus Engels via het internet en staat op het punt een beurs aan te vragen om in het buitenland te studeren.
‘Er is geen garantie dat schoolkinderen en studenten niet worden gearresteerd of gedood’
Ouders en leerlingen maken zich ook zorgen over de veiligheidssituatie in de scholen. Sommige scholen zijn gevorderd door het leger. Deze situatie is door UNICEF omschreven als een ‘schending van de rechten van het kind’. ‘Er is geen garantie dat schoolkinderen en studenten niet worden gearresteerd of gedood, of dat jonge meisjes niet worden lastiggevallen door soldaten’, voegt Ei Ei Nyein in Frontier Myanmar eraan toe.
Het tijdschrift sprak met het echtpaar Soe Soe en Toe Toe Lwin, dat hun elfjarige dochter, Aye Myat Thu, verloor toen zij op 27 maart door veiligheidstroepen in het hoofd werd geschoten terwijl zij in de tuin aan het spelen was. ‘We willen onze andere geliefde kinderen niet verliezen,‘ verklaarden de ouders.
Meer dan achthonderd mensen zijn sinds het begin van de staatsgreep door de militaire junta gedood. Onder hen zijn ten minste drie leraren en vijf studenten, volgens de Vereniging voor bijstand aan politiek gevangenen, meldt Frontier Myanmar.
Volgens de lerarenbond, die door Nikkei Asian Review werd geciteerd, zijn bijna 150.000 leraren door de junta geschorst ‘omdat zij weigerden onder militair gezag te werken’. Dit is een derde van het totale aantal leraren.
Een leraar die actief is in de protestbeweging vertelde het Japanse tijdschrift over de redenen van zijn boycot: ‘Ik wil jongeren geen slavenopleiding geven, zoals het leger dat voorstaat. Ik wil ze rechtvaardigheid, gelijkheid en de ware geschiedenis van ons land bijbrengen. Ik zal me niet onderwerpen aan deze dictatuur. We zullen vechten tot we hebben gewonnen.’
Abraham Lincoln zei het al: geef iemand macht en hij (/zij) laat zijn ware aard zien. Er zijn talloze voorbeelden van beloftevolle politici die zich, eenmaal aan de macht, ontpopten tot meedogenloze onderdrukkers.
Lange tijd werd ervan uitgegaan dat macht corrumpeert, een theorie die onder meer was gebaseerd op het beroemde Stanford-gevangenis-experiment uit 1971. Een onderzoek van Smithsonian Institution kwam echter tot een andere conclusie: macht corrumpeert niet, maar versterkt al bestaande ethische tendensen. Of in de woorden van Abraham Lincoln: ‘Bijna iedereen kan tegenspoed doorstaan, maar als je iemands karakter wilt testen, geef hem dan macht.’
De volgende machthebbers doorstonden de test niet:
Abiy Ahmed
Abiy Ahmed werd op 2 april 2018 beëdigd tot de twaalfde premier van een zeer onrustig Ethiopië. In de protesten tegen politieke ongelijkheid, landonteigening en mensenrechtenschendingen waren honderden doden gevallen en werden duizenden mensen opgepakt. De meeste demonstranten waren Oromo en Amharen, de twee grootste etnische groepen in Ethiopië, die samen 60 procent van de bevolking vormen. Velen voelden zich oneerlijk behandeld door de machthebbers, die vooral behoorden tot de Tigrinya-groep, die minder dan 7 procent van de bevolking uitmaakt. Ahmeds voorganger Desalegne stapte op om hervormingen mogelijk te maken.
Aanvankelijk maakte Abiy – Oromo-moeder en Amhara-vader – de verwachtingen waar. Hij liet tienduizenden dissidente Ethiopiërs vrij en ging in gesprek met gevluchte tegenstanders in het buitenland. Hij nodigde Isaias Afewerki, de president van Eritrea, uit om het grensconflict tussen de twee landen te beslechten – met succes. In oktober dat jaar presenteerde Abiy Ahmed zijn nieuwe kabinet, dat voor de helft uit vrouwen bestaat – die volgens Ahmed minder geneigd zijn tot corruptie dan mannen. Op Abiys voordracht heeft het land sinds 1 november 2018 ook voor het eerst een vrouw als opperrechter, Meaza Ashenafi.
Abiy ontving in 2019 de Nobelprijs voor de Vrede ‘voor zijn inspanningen om vrede en internationale samenwerking te bereiken’
Deze inspanningen leverden Abiy in 2019 de Nobelprijs voor de Vrede op: ‘voor zijn inspanningen om vrede en internationale samenwerking te bereiken, en in het bijzonder voor zijn beslissende initiatief om het grensconflict met buurland Eritrea op te lossen’.
Maar sinds de oorlog in Tigray, en zijn vermeende rol daarin, heeft de reputatie van de Ethiopische premier een flinke deuk opgelopen. Abiy beweerde aanvankelijk dat de oorzaak van de oorlog de aanval van Tigray op militaire bases in de regio was. Maar zijn ‘overwinningstoespraak’ eind vorig jaar onthulde dat gedetailleerde voorbereidingen voor een oorlog al ruim twee jaar geleden begonnen.
Aanleiding voor het conflict is de weigering van TPLF, de regerende partij van Tigray, om op te gaan in de partij van Abiy. Op de vraag waarom hij niet eerder tot actie overging, zou Abiy hebben gereageerd dat Ethiopië op dat moment niet over voldoende militaire capaciteit beschikte. Het federale leger was heimelijk versterkt, onder andere met dronecapaciteit, op zo’n wijze dat het buiten het zicht van de leiders van Tigray bleef.
Vlak voor de oorlog werden de internet-, telefoon- en elektriciteitsleidingen naar Tigray door de overheid afgesloten, schrijft Netblocks. Sindsdien zijn alle wegen, inclusief het luchtruim, geblokkeerd. Ook de banken zijn gesloten. Tigrinya die buiten Tigray werken worden ontslagen. Journalisten mogen geen verslag uitbrengen vanuit Tigray, schrijft het Zuid-Afrikaanse Mail & Guardian. Er is enkel toestemming voor hulporganisaties om steun te bieden in gebieden die onder controle van de overheid vallen.
Sinds het begin van de oorlog zijn de steden van Tigray onderworpen aan zware bombardementen en beschietingen. De regio wordt op verschillende fronten tegelijk aangevallen. Er wordt melding gedaan van wijdverbreide plunderingen van Eritrese en Amhara-militairen, waaronder die van bijzondere culturele en religieuze artefacten.
Multiple sources in Tigray say Eritrean forces engaged in massive looting of Tigray's rich historical artefacts. This includes raids on remote monasteries where ancient manuscripts and early Christian spiritual texts kept.@UNESCO must mount urgent probe to verify these claims.
Voor de Tigreeërs zelf komt het geweld niet als verrassing: ‘Abiy, met zijn geveinsde politiek van verzoening, liet ons in de steek.’
De aanpak doet denken aan de door de regering veroorzaakte hongersnood in Ethiopië van 1984-1985. Door opzettelijke verarming en verwaarlozing en de daaropvolgende emigratie werden Tigrinya steeds meer als arme mensen beschouwd. In Eritrea werd Agame, de naam van het oostelijke Tigray-gebied, veranderd in een denigrerende term waarmee naar alle Tigrinya werd verwezen. In de Ethiopische regio Amhara werden Tigrinya aangeduid met termen als sprinkhanen, luizen, bedelaars, banda [verrader] en nog veel meer, en deze zijn nog altijd gangbaar.
Asma al-Assad had mooie dromen voor de Syrische hoofdstad Damascus toen ze er vanuit Londen heen trok om bij haar man Bashar te zijn. Het zou een welvarende, culturele wereldhoofdstad worden. Maar terwijl niet veel later vele onschuldige burgers als gevolg van een oorlog tegen opstandige groepen omkwamen, leek zij vooral bezig met het uitbreiden van haar schoenencollectie.
Lees ook ons uitgebreid portret van de First Lady van Syrië:
‘Dit is een leider die ons land vooruit wil helpen’, zeiden veel Indiërs in 2014 over Narendra Modi, die dat jaar de verkiezingen won. Hij zou in tegenstelling tot tegenstander Rahul Ghandi niet uit zijn op eigenbelang. Zeven jaar later is duidelijk dat Modi wel degelijk zijn ‘eigen groepering’, de hindoebevolking, voortrekt. Met maatregelen als het abrupt afschaffen van een deel van de bankbiljetten in 2016 en een al even abrupte lockdown vorig jaar, benadeelt hij bovendien het overgrote armere deel van de bevolking.
Lees ook dit artikel van schrijver en essayist Arundhati Roy:
Aleksander Loekasjenka won de eerste democratische verkiezingen van Belarus in 1994 als ‘corruptiebestrijder’. Maar hij duldt geen tegenspraak. Na beschuldigingen van stembusfraude in 2020 ontstonden massale protesten, die ‘de laatste dictator van Europa’ met harde hand neersloeg. Meer dan 32.000 mensen zouden zijn gearresteerd.
Lees ook dit uitgebreid portret van de ‘laatste dictator van Europa’:
Evo Morales werd als kandidaat van de socialistische MAS-partij in 2006 de eerste Boliviaanse president van inheemse afkomst. Bij zijn aantreden beloofde hij: ‘We zullen een einde maken aan de koloniale staat en het neoliberale model. Vijfhonderd jaar van verzet door de inheemse volkeren van Amerika zijn voorbij.’
De gedeeltelijke nationalisatie van olie en gas betaalde royale sociale programma’s die het armoedecijfer terugbrachten van 59 tot 35 procent. Het armste land van Zuid-Amerika werd het snelst groeiende land, met een gemiddelde toename van 5 procent per jaar gedurende meer dan tien jaar.
In 2014 voerde Morales een nieuwe grondwet in om een derde presidentstermijn mogelijk te maken
Maar de voormalig leider van de vakbond van cocaboeren kreeg al snel autoritaire trekjes. Hij voerde in 2014 een nieuwe grondwet in om een derde presidentstermijn mogelijk te maken. Een referendum in 2016 voor een vierde termijn, werd verworpen. Maar een jaar later oordeelde het constitutionele hof – bestaande uit door zijn partij aangestelde rechters – dat hij het toch nog eens kon proberen.
De bij voorbaat controversiële verkiezingen van 2019 verliepen chaotisch, onder andere doordat de voorlopige telling van de stemmen abrupt werd onderbroken nadat de elektriciteit uitviel. Vierentwintig uur later, bij het hervatten van de telling, had Morales ineens de 10 procentpunt voorsprong die nodig was om zijn rivaal, Mesa, in de eerste ronde te verslaan, overschreden.
Na de massale protesten die deze gang van zaken opleverde, gesteund door de grootste vakbond van het land, het leger en de politie, trad Morales af en vluchtte naar Mexico en later Argentinië.
Een zelfbenoemde interim-regering onder leiding van Jeanine Áñez, een evangelisch christen die werd ingezworen met een bijbel zo groot als een koelkast, moest zo snel mogelijk nieuwe verkiezingen organiseren. Morales’ vertrouweling Luis Arce en zijn MAS-partij wonnen die verkiezingen, waarop Morales terugkeerde naar Bolivia. Arce werd president.
In maart werden Áñez en haar voormalige interim-ministers gearresteerd voor terrorisme en opruiing vanwege hun rol in de protesten van 2019. ‘Politieke vervolging,’ volgens de voormalig conservatieve interim-president, ‘in de stijl van een dictatuur.’
En nu is er een campagne op touw gezet die Morales weer terug aan het hoofd van de regering moet krijgen, als opvolger van president Arce: ‘Evo vuelve’; ‘Evo keert terug’. Hij wil immers nog die vierde termijn uitdienen, waar hij recht op heeft. Want, zoals een commentator in de Boliviaanse krant Los Tiempos schrijft: ‘Volgens Morales en zijn volgelingen is Evo het magische antwoord op elk probleem.’
Lees ook dit artikel over de Nicaraguaanse president Daniel Ortega:
Venezuela handelt in illegaal goud, beschermt actieve Hezbollah-cellen en staat onder directe invloed van Cuba – om maar wat te noemen. Generaal Manuel Ricardo Cristopher Figuera, voormalig hoofd van de Venezolaanse inlichtingendienst en Maduro-getrouwe, klapt uit de school.
Keuze uit het archief
Afgelopen maand werd er een akkoord gesloten tussen de VS en Venezuela. Daarin tekende laatstgenoemde een overeenkomst met oppositieleiders om te komen tot vrije en eerlijke presidentsverkiezingen in 2024. De VS hieven als reactie daarop enkele economische sancties tegen Venezuela’s olie-industrie op. Er lijkt dus meer toenadering te komen tot Venezuela van de kant van onder andere de VS.
Is toenadering tot een land met Nicolás Maduro aan het roer echter wel mogelijk? Het ziet er namelijk niet naar uit dat zijn regering een einde zal maken aan de schendingen van mensenrechten. Dat Maduro jarenlange ervaring heeft met corruptie, schendingen van mensenrechten en zelfverrijking, blijkt wel uit dit artikel van The Washington Post, waarin het voormalig hoofd van Maduro’s inlichtingendienst uit de school klapt. ‘Tijdens mijn laatste zes maanden kreeg ik een scherper beeld dan ooit van de situatie waarin het land verkeerde en van de corruptie binnen de overheid,’ zegt hij.
In een paleis dat naar verluidt is vergeven van de intriganten, overlopers en dieven, was er één iemand op wiens loyaliteit de Venezolaanse president Nicolás Maduro kon blindvaren: generaal Manuel Ricardo Cristopher Figuera. De gespierde 55-jarige geloofde met hart en ziel in de revolutie. Hij stond meer dan tien jaar aan het hoofd van de veiligheidsdienst onder Hugo Chávez, grondlegger van de Venezolaanse socialistische staat en leidsman van Maduro. Van hem leerde hij het vak.
Vorig jaar oktober bereikte de generaal het toppunt van zijn macht, toen hij werd benoemd tot hoofd van Maduro’s inlichtingendienst, de gevreesde Sebin.En toch: toen de door de Amerikanen gesteunde oppositieleider Juan Guaidó op 30 april zijn oproep deed tot een revolte, met de bedoeling Maduro buiten spel te zetten, bleek Figuera tot veler verbazing een van de samenzweerders. Toen de staatsgreep mislukte, zag hij zich ineens genoodzaakt te vluchten naar buurland Colombia, waar hij zijn lot in handen legde van de Amerikaanse geheime dienst.
In Bogota hield hij zich bijna twee maanden schuil en werd dag en nacht bewaakt. Onlangs arriveerde Figuera in de Verenigde Staten, gewapend met verschillende beschuldigingen aan het adres van Maduro en zijn regering, zoals illegale goudhandel, Hezbollah-cellen die in Venezuela actief zijn, de verstrekkende invloed van Cuba binnen Maduro’s paleis Miraflores.
De couppoging mislukte en Maduro bleef aan de macht. Maar Figuera heeft er geen spijt van dat hij zich tegen zijn baas heeft gekeerd. ‘Ik ben trots op wat ik heb gedaan,’ liet hij vorige week weten vanuit een hotelkamer in het centrum van Bogotá. ‘Nu is het regime ons te slim af geweest. Maar dat kan elk moment veranderen.’Voor de oppositie en de Amerikanen is het in zekere zin een overwinning dat Figuera is overgelopen – het bewijs, zeggen ze, dat hun beleid effect sorteert en dat hun inspanningen lonen, zelfs na het mislukken van de opstand.
Als hoofd van de sebin leidde Figuera een organisatie die is beschuldigd van willekeurige opsluiting en marteling. Figuera was een van de vijf hoge Venezolaanse ambtenaren aan wie in februari door de regering-Trump sancties zijn opgelegd. Dat men hem zover heeft weten te krijgen over te lopen, zegt iets over de morele knieval die Maduro’s tegenstanders bereid waren te doen.
Figuera verdedigt wat hij heeft gedaan om het chavismo vooruit te helpen. Maar de uitwassen zegt hij te betreuren. ‘Ik sta zwaar in het krijt bij de mensen die nog in de gevangenis zitten,’ zegt hij, vechtend tegen zijn tranen. ‘De mensen van wie familieleden zijn gestorven, zonder dat ze zelfs maar afscheid hebben kunnen nemen – daar ben ik kapot van.’ En hij vervolgt: ‘Er zitten veel mensen tussen die onschuldig zijn, bij hen sta ik in het krijt. Ik heb niet genoeg gedaan. Ik dacht dat ik Maduro tot rede zou kunnen brengen, maar dat was niet het geval.’
Op de zwoele avond van 28 maart zetten de samenzweerders tegen Maduro in Caracas een van hun grootste waagstukken in gang. Cesar Omaña, een 39-jarige Venezolaanse arts, zakenman en avonturier, loopt gespannen het torenhoge hoofdkwartier van de Sebin binnen, met de bedoeling het hoofd van de dienst te laten overlopen naar de oppositie.
Omaña, die officieel in Miami woont, leeft in twee werelden. Hij is goed bevriend met een van Chávez’ dochters en met enkele hooggeplaatste medewerkers van Maduro, maar ook met leden van de antiregeringsgezinde oppositie. In tegenstelling tot andere Venezolaanse zakenlieden die in het complot zitten, is hij niet beschuldigd van misdaden en valt hij niet onder Amerikaanse sancties. Maar hij is diep geraakt door de teloorgang van zijn land onder Maduro.
“Nu is het regime ons te slim af geweest. Maar dat kan elk moment veranderen”
In november stond Omaña in nauw contact met Amerikaanse functionarissen, zeggen zowel Omaña zelf als de betreffende functionarissen. Hij had inmiddels ook een goed contact, om niet te zeggen een ontluikende vriendschap, opgebouwd met oppositieleider Leopoldo López, op dat moment de beroemdste politieke gevangene van Venezuela, en de raadsman van Guaidó.
Omaña was gespannen voor de ontmoeting met Figuera. ‘De op twee na machtigste man van het land,’ zei hij, toen hij vorige week in Bogotá naast Figuera zat, met een zwart Top Gun-petje en Yohji Yamamoto-sneakers. ‘Hij had me zo kunnen laten oppakken.’De Amerikanen hadden Figuera al in de peiling. Door de sancties waren al zijn Amerikaanse tegoeden bevroren – hoewel hij die naar eigen zeggen niet had – en mochten Amerikanen geen zaken meer met hem doen. Amerikaanse functionarissen hebben in het openbaar gezegd dat voor Maduro-getrouwen die zich tegen hem keren, de sancties wellicht worden opgeheven.
Tussen Omaña en Figuera ontspon zich een kat-en-muisspel, waarbij ze allebei de ander uit de tent probeerden te lokken.
“‘Vertel me eens iets wat ik nog niet weet,” zei ik tegen hem,’ aldus Figuera. Omaña begon over de plannen van de oppositie, die op dat moment nog uitgewerkt moesten worden.‘We hadden het over Zuid-Afrika en Mandela,’ zegt Omaña. ‘En uiteindelijk kwamen we te spreken over het aanvankelijke plan, een verzoeningswet, Maduro overhalen op te stappen.’
‘Ik zei dat ik Maduro inmiddels het liefst zag vertrekken,’ zegt Figuera.‘En ik zei: “Ja, jij kijkt hoe de wedstrijd verloopt, maar zonder zelf mee te spelen,”’ zegt Omaña. ‘Toen was het ijs gebroken…’‘Dat was het moment waarop de samenzwering vorm kreeg.’
Laten overlopen
Ondertussen was een andere groep samenzweerders al tot actie overgegaan. In februari had een groep Venezolaanse zakenmannen, onder wie mediabons Raúl Gorrín, aan wie ook sancties waren opgelegd door Washington en die op grond van de Amerikaanse wet was aangeklaagd wegens witwassen, de Amerikanen benaderd met een plan. De kern van dat plan, volgens enkele ingewijden: enkele belangrijke Maduro-getrouwen laten overlopen, onder wie de opperrechter van het Venezolaanse hooggerechtshof, Maikel Moreno.
Deze mannen hadden eerder opgetreden als bemiddelaars tussen de regering-Trump en leden van het regime, volgens mensen die op de hoogte waren van de plannen, en ze wilden niets liever dan hun eigen banden aanhalen met de Verenigde Staten, waar hun kinderen naar school gingen en waar hun echtgenotes in het weekend konden winkelen.Volgens een hooggeplaatste regeringsfunctionaris werd de zakenmannen te verstaan gegeven dat wanneer ze niet in hun missie zouden slagen, het reisverbod weer zou worden ingesteld en de tegoeden weer zouden worden bevroren. De regering zou zich niet mengen in aangelegenheden van het ministerie van Justitie, dat ging over het intrekken van de aanklachten, maar men zou wel een goed woordje doen voor diegenen die werkelijk hadden geholpen.
‘Het enige wat we kunnen doen, is hun zaak voorleggen aan het ministerie,’ aldus de betreffende functionaris, die net als alle anderen alleen met ons over deze gevoelige politieke kwesties wilde praten als zijn anonimiteit zou zijn gewaarborgd. Gorrín heeft nooit gereageerd op ons verzoek om commentaar.
De zakenmannen probeerden de opperrechter zover te krijgen dat hij zich tegen Maduro zou keren. Hun plan, volgens verschillende mensen die ervan op de hoogte waren: Moreno zou een uitspraak doen die de macht zou herstellen van het Lagerhuis, dat in handen was van de oppositie. Het Lagerhuis had Guaidó al erkend als interim-president. Maduro zou naar de zijlijn worden gedwongen.
Volgens enkele ingewijden zouden overheidsfunctionarissen in Washington op de hoogte worden gehouden van de voortgang van het plan en met enige regelmaat adviseren over de volgende stap. Maar het plan zelf, zeggen zowel Venezolaanse samenzweerders als Amerikaanse functionarissen, was uitgedacht in Venezuela. Moreno zou mogen aanblijven als opperrechter in een overgangsregering. Maar volgens mensen die bij de gesprekken betrokken waren, zou Moreno ook tientallen miljoenen dollars hebben geëist om bepaalde stemmen binnen de rechterlijke macht te kopen en om een vangnet voor zichzelf te installeren. Figuera zegt dat hij WhatsAppgesprekken heeft onderschept waaruit blijkt dat het totale bedrag dat Moreno eiste de honderd miljoen overschreed.
Een van de zakenlieden die betrokken waren bij dit vermeende bod, zegt dat de Amerikaanse functionarissen ervan op de hoogte waren. Volgens hem stonden de Amerikanen er niet echt achter, maar maakten ze ook geen bezwaar. Twee hooggeplaatste Amerikaanse ambtenaren hebben ontkend vóór 30 april van het aanbod te hebben geweten. Pas na het mislukken van de revolte zou Washington te horen hebben gekregen dat Moreno om geld had gevraagd, zegt een van hen.
Na zijn ontmoeting met Omaña, zegt Figuera, had hij een sprankje hoop. Hij had al vele jaren bij de militaire inlichtingendienst gewerkt. Maar in zijn nieuwe baan, als hoofd van de Sebin, was hem pas goed duidelijk geworden hoe door en door verrot Maduro’s regering was. ‘Tijdens mijn laatste zes maanden kreeg ik een scherper beeld dan ooit van de situatie waarin het land verkeerde en van de corruptie binnen de overheid,’ zegt hij. ‘Het werd me al snel duidelijk dat Maduro aan het hoofd staat van een criminele organisatie, waarin ook zijn familie een rol speelt.’
Figuera onderzocht enkele aanklachten over een bedrijf dat was opgezet door een assistent van Maduro’s 29-jarige zoon, Nicolás Maduro Guerra. Hij zegt dat het bedrijf een monopolie had verworven op het kopen van goud van kleine goudwinners in het zuiden van het land. Het goud werd met hoge kortingen aangekocht en voor veel meer verkocht aan de centrale bank van Venezuela. Hij was van plan om met die informatie naar Maduro te gaan, zegt hij, maar dat werd hem afgeraden door een van Maduro’s naaste medewerkers.
Figuera zegt dat hij witwaspraktijken aan het licht had gebracht waarbij de toenmalige vicepresident Tareck El Aissami was betrokken, die inmiddels is benoemd tot minister van Industrie en Nationale Productie. Tegen El Aissami zijn sancties opgelegd en in de Verenigde Staten lopen aanklachten tegen hem wegens drugshandel.
El Aissami heeft in het openbaar verklaard niets te hebben misdaan. Noch El Aissami noch een van de andere functionarissen die door Figuera zijn genoemd hebben gereageerd op het verzoek dat wij hebben neergelegd bij het Venezolaanse ministerie van Communicatie om een reactie op de aantijgingen in dit artikel. The Washington Post heeft geen onafhankelijke bronnen kunnen vinden die Figuera’s aantijgingen bevestigen.
Figuera zegt dat hij over informatie beschikte die erop wees dat bepaalde illegale groeperingen die in Venezuela actief waren, werden beschermd door de regering. Dat ging onder meer om leden van de Colombiaanse guerrillagroepering ELN, die actief is in goudwingebieden in het zuiden van de staat Bolívar en die een eerste verdedigingslinie zou kunnen vormen, mocht een buitenlandse macht Venezuela binnenvallen. Hij zegt ook over informatie te beschikken dat Hezbollah actief is in Maracay, Nueva Esparta en Caracas, kennelijk met de bedoeling via illegale activiteiten geld bij elkaar te krijgen om operaties in het Midden-Oosten te financieren. ‘Het werd me duidelijk dat ik de drugshandel en de guerrilla’s met rust moest laten,’ zegt Figuera.
Raúl Castro
Maar wat hem vooral moedeloos stemde, waren de machinaties binnen een disfunctionele regering met verschillende koninkrijkjes van functionarissen die onderling strijd leverden. Hij herinnert zich een bijeenkomst met Iris Varela, Maduro’s felle minister van het Gevangeniswezen, en Vladimir Padrino López, Maduro’s minister van Defensie. Hij zegt dat Varela dertigduizend geweren wilde om haar eigen privéleger op te zetten. ‘Ze zei dat ze getrainde mannelijke gevangenen had,’ aldus Figuera. ‘Ze zei dat zij hun aanvoerder was.’
Ondertussen verliet Maduro zich op zo’n vijftien tot twintig Cubanen om over zijn veiligheid te waken. Sommige waren militaire bewakers, aldus Figuera. Maar drie Cubanen, ook wel ‘de psychologen’ genoemd, deden dienst als speciaal adviseurs en analyseerden Maduro’s toespraken om in te schatten in hoeverre ze het publiek zouden weten te raken.
Figuera zag Maduro een paar keer per week, tijdens kabinetsvergaderingen. Toen hij op zeker moment om een privéonderhoud verzocht, werd hem te verstaan gegeven dat hij dat moest regelen met ‘Aldo’ – een Cubaan. ‘Ik dacht: wat zullen we nou krijgen? Ik ben het hoofd van zijn geheime dienst en ik moet aan een Cubaan vragen of ik hem te spreken kan krijgen?’
In maart dit jaar kwam heel Venezuela plat te liggen door een stroomstoring. Figuera en andere hooggeplaatste ambtenaren zaten in een bespreking met Maduro, toen Raúl Castro belde, vertelt Figuera. Maduro ging naar een hoekje van de kamer om het gesprek met de voormalige president van Cuba te voeren.
Na afloop van het telefoontje leek Maduro opgelucht, herinnert Figuera zich. Castro had beloofd een team Cubaanse technici te sturen om te helpen het probleem op te lossen. ‘Raúl Castro was een soort adviseur voor Maduro,’ zegt Figuera. ‘Het maakte niet uit in wat voor bespreking hij zat, als Castro belde, moest alles wijken.’
In april, zegt Figuera, moest hij Maduro een boodschap brengen in een gesloten koffertje. Alleen hij en Maduro beschikten over de code. Figuera noemde de situatie van het land deerniswekkend en opperde om nieuwe verkiezingen uit te schrijven. De volgende dag stuurde Maduro hem een berichtje. ‘Hij noemde me een lafaard, een defaitist,’ zegt Figuera. ‘Op dat moment begreep ik dat ik in actie moest komen.’
Revolte
In de dagen na het bezoek van Omaña, aldus Figuera, sprak hij enkele keren met Omaña’s voornaamste bondgenoot binnen de oppositie, Leopoldo López. Die zat al sinds 2014 gevangen, afwisselend in een cel of thuis met huisarrest. Figuera kon moeiteloos toegang tot hem krijgen; als hoofd van de Sebin was hij degene die López gevangenhield. Figuera zegt dat hij tijdens die gesprekken hoorde van de plannen voor de revolte die was gepland voor 1 mei. Moreno zou de wet bekendmaken die het Lagerhuis weer macht zou geven. Padrino, de minister van Defensie, zou zich achter de wet scharen en Maduro dwingen afstand te doen van de macht.
Volgens Figuera hadden de samenzweerders allemaal een codenaam. Figuera, een Afro-Venezolaan, was Black Panther. Omaña was Superman. Mauricio Claver-Carone, het hoofd van de Amerikaanse National Security Council voor het Latijns-Amerikabeleid, was Comeniños – de Kindereter.
Maar naarmate 1 mei naderde, sloegen de zenuwen toe, zegt Figuera. Tijdens een bijeenkomst op 23 april in Moreno’s huis in Caracas leek de opperrechter bedenkingen te hebben. Volgens enkele van de mensen die bij die bespreking aanwezig waren, stelde Moreno voor dat híj president zou worden, in plaats van Guaidó.
Op 27 april had Figuera een ontmoeting met Moreno en Padrino, bij Padrino thuis. ‘Het was een kort gesprek,’ zegt Figuera. ‘Ze wierpen elkaar nerveuze blikken toe.’ De volgende dag belde Figuera Padrino om zich ervan te verzekeren dat de minister van Defensie nog aan boord was. Maar Padrino zat naar Avengers: Endgame te kijken, zegt Figuera, en wilde hem niet te woord staan. Moreno noch Padrino hebben gereageerd op een verzoek om een reactie.
Leden van de oppositie hebben gezegd dat ze de datum van de hele operatie een dag hebben vervroegd omdat ze geruchten hadden opgevangen dat Guaidó gearresteerd zou worden. Volgens Figuera is hij degene geweest die meer vaart achter het plan heeft gezet.
Op 29 april werd duidelijk, aldus Figuera, dat Maduro’s gevreesde colectivos [linkse organisaties vanuit de gemeenschap] een grootschalige aanval voorbereidden, op 1 mei, de Dag van de Arbeid, die zou kunnen uitmonden in een ‘bloedbad’. Hij stelde Padrino zelf op de hoogte van het nieuwe tijdpad.
‘Ben je niet goed snik?’ reageerde die, als we Figuera mogen geloven. ‘En die wet dan? Hoe wou je dat klaarspelen?’
‘Het moet gebeuren,’ zou Figuera naar eigen zeggen hebben geantwoord. ‘Anders loopt 1 mei uit op een bloedbad. We moeten snel handelen.’Figuera en enkele andere samenzweerders zeggen dat ze over informatie beschikten dat Moreno bereid was op 30 april zijn uitspraak bekend te maken. Maar na de sceptische reactie van Padrino besloot Figuera nog enkele andere militaire figuren te benaderen.
Hij erkent Guaidó als leider van Venezuela, maar diep in zijn hart blijft hij chavista
Het plan, zo hield hij vol, moest eerder in gang worden gezet. Maar toen dat uiteindelijk gebeurde, in de vroege uurtjes van 30 april, ging er van alles mis.
Guaidó verleende López gratie en hief zijn huisarrest op. Guaidó en López maakten triomfantelijk hun opwachting op de militaire basis La Carlota in Caracas en riepen het leger en het volk op om in opstand te komen.
Figuera reed rond in Caracas om te kijken wie zich bij hen aansloot. Zijn telefoon ging. Het was zijn baas. ‘Maduro was heel gespannen,’ zegt Figuera. ‘Hij vroeg steeds maar: “Wat gebeurt er allemaal?”’ Maduro bleef maar bellen. Uiteindelijk, zo rond 6:30 uur, zei Maduro dat Figuera zich moest melden bij de beruchte gevangenis El Helicoide. ‘Ik heb mijn vrouw gebeld en gezegd dat ik mezelf moest aangeven.’
Barbara Reinefeld, Figuera’s vrouw, was bij familie in Miami toen haar mobiele telefoon ging. Haar man praatte haar snel bij over de mislukte coup en de laatste order van Maduro. Zij drong erop aan dat hij zichzelf niet zou aangeven, maar zou proberen de grens over te steken.
Twee maanden eerder, tijdens een uitstapje naar San Juan, in Puerto Rico, was Reinefeld benaderd door twee mannen die zichzelf hadden bekendgemaakt als fbi-agenten. Ze hadden met haar gepraat, vertelt ze, en een systeem opgezet om in het geheim contact met haar te onderhouden. Figuera zegt dat hij dolgelukkig was met deze achterdeur, maar dat hij zelf geen contact had onderhouden met de Amerikanen.
Niet lang na het telefoontje van haar man, op 30 april, namen Venezolanen in Miami contact op met Reinefeld. Een van hen was een familielid van Guaidó. Een hooggeplaatste functionaris binnen de regering-Trump was zich bewust van haar penibele situatie, zo kreeg ze te horen, en men bood aan in Washington met haar te praten.
Op 1 mei vloog ze naar Washington en kreeg daar de verzekering dat haar man niets zou overkomen als hij naar Colombia zou vluchten. Figuera wist het land te ontvluchten door gebruik te maken van militaire contacten op de grond. Op 2 mei kwam hij aan in de grensstad Cúcuta, waar hij werd opgevangen door agenten van de Colombiaanse geheime dienst. De dag daarna zat hij in Bogotá, waar hij met Amerikaanse functionarissen sprak.
Moreno, Padrino en andere Maduro-getrouwen hebben publiekelijk verklaard geen aandeel te hebben gehad in de samenzwering. Twee dagen na de mislukte couppoging verscheen Padrino samen met Maduro in het openbaar en impliceerde dat hij de avances van de oppositie had afgeslagen. ‘Probeer ons niet in te palmen met valse voorstellen, wij hebben ook onze waardigheid,’ zei hij.
Spijt
Binnen een week nadat Figuera in Colombia was aangekomen, trok de regering-Trump alle sancties tegen hem in. Figuera zegt dat hij het zwaar te verduren heeft gehad tijdens zijn eerste debriefings met de Amerikanen. Hij heeft Guaidó erkend als de rechtmatige leider van Venezuela, maar diep in zijn hart blijft hij een chavista. Hij en anderen zijn ervan overtuigd dat hij gevaar loopt te worden vermoord door Colombiaanse guerrilla’s die banden hebben met de Venezolaanse overheid. Omaña is vorige week in Bogotá aangekomen om te onderhandelen over een veilige overtocht van Figuera naar de Verenigde Staten.
Figuera is gevormd door de socialistische regering die hij jaren heeft gediend. Hij zegt spijt te hebben van veel, maar niet van alles wat hij in hun naam heeft gedaan. ‘Als ik zou zeggen dat ik Moeder Theresa was, zouden jullie me niet serieus nemen,’ zegt hij.
Koploper in de Braziliaanse presidentsverkiezingen is Jair Bolsonaro. Maar zijn aantreden zou volgens wetenschappers de grootste bedreiging voor het Amazonegebied betekenen sinds Brazilië een dictatuur was.
Elke nieuwe hap die er uit het enorme Braziliaanse regenwoud wordt genomen, verkleint onze kans om de opwarming van de aarde tot 1,5° C te beperken. Dit woud is namelijk cruciaal om de hoeveelheid broeikasgas in de atmosfeer te verminderen. Naar het zich laat aanzien gaat de extreemrechtse Jair Bolsonaro, de ‘Trump van de Tropen’, de tweede ronde van de presidentsverkiezingen winnen, en dit betekent een acuut gevaar voor het Amazonegebied. Bolsonaro heeft gezegd dat hij mijnbouw in indianenreservaten wil toestaan en eventueel zelfs een geasfalteerde snelweg door het Amazonegebied wil aanleggen. Deze en andere plannen zouden de ‘grootste bedreiging voor het Amazonegebied betekenen sinds Brazilië een dictatuur was’, vertelt wetenschappelijk adviseur Doug Boucher van het Union of Concerned Scientists’ Tropical Forest and Climate Initiative. ‘Ze bedreigen het klimaat van de hele planeet.’
Controversiële politicus
Tussen 2005 en 2012 ging het best goed met het Braziliaanse oerwoud. Tijdens de regeerperiode van Luiz Inácio Lula da Silva nam de ontbossing met zo’n twee derde af – van twintigduizend vierkante kilometer per jaar vóór zijn aantreden tot slechts zesduizend vierkante kilometer per jaar bij zijn aftreden. En sindsdien is de ontbossing op ditzelfde relatief lage niveau gebleven, waardoor de CO2-uitstoot van Brazilië met ruim de helft afnam, vertelt Boucher.
Een regeringswissel in het land zou deze vooruitgang in één klap teniet kunnen doen. Sowieso wordt er rondom Braziliaanse presidentsverkiezingen meestal meer gekapt, ongeacht welke kandidaat gekozen wordt, omdat er tijdelijk minder toezicht wordt gehouden. Maar Bolsonaro houdt er ook een uitzonderlijk beangstigende kijk op milieuzaken op na. Niet alleen staat hij bekend om zijn homofobe, racistische en misogyne opvattingen, maar de controversiële politicus heeft ook een lange staat van dienst als het gaat om weerstand tegen milieumaatregelen. Hij is gekant tegen elke vorm van actie tegen klimaatverandering en heeft daarom beloofd Donald Trumps voorbeeld te volgen en uit het klimaatakkoord van Parijs te zullen stappen.
‘In plaats van de ontbossing en de georganiseerde misdaad te bestrijden, richt Bolsonaro zijn pijlen op het ministerie van Milieu’
Bolsonaro laat er ook geen misverstand over bestaan hoe hij het rassenvraagstuk ziet. Hij bekritiseerde de toezegging van de huidige Braziliaanse regering om grote stukken van het Amazonegebied voor inheemse volkeren te reserveren. Hij stelt dat hij ‘de indianen geen centimeter land meer zal geven’. Bovendien is Bolsonaro een alliantie aangegaan met het rechtse ruralista-blok, dat opkomt voor de belangen van landbouwbedrijven en grootgrondbezitters. Jarenlang ondersteunde hij initiatieven om beleidsmaatregelen tegen ontbossing op te heffen. De lijst van Bolsonaro’s milieudoelwitten is lang. Hij is van plan het ministerie van Milieu op te heffen en het onder te brengen bij het ministerie van Landbouw, dat door de landbouwsector wordt beheerst. ‘In plaats van de ontbossing en de georganiseerde misdaad te bestrijden, richt Bolsonaro zijn pijlen op het ministerie van Milieu, Ibama en ICMbio [Brazilië’s nationale milieuagentschappen]’, vertelt de huidige minister van Milieu Edson Duarte. ‘Dat is net zoiets als zeggen dat je de politie van straat wilt halen.’
Het lijkt erop dat de oud-legerofficier Bolsonaro het Braziliaanse beleid ten aanzien van het Amazonegebied uit de tijd van de dictatuur in ere wil herstellen. Het land stimuleerde in die periode – tijdens de jaren zestig, zeventig en tachtig – een snelle ontwikkeling van het Amazonegebied, legde wegen aan en kapte bos om plaats te maken voor akkers en landerijen.
Het wereldwijde gevecht tegen de catastrofale klimaatverandering is in een hogere versnelling terechtgekomen en bossen zijn een belangrijke schakel in die strijd. Volgens een somber nieuw VN-rapport van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) is het stoppen van ontbossing cruciaal als we de opwarming tot 1,5°C willen beperken. Bos kan immers grote hoeveelheden CO2 uit de atmosfeer halen en opslaan.
‘We kunnen er niet omheen koolstofdioxide uit de atmosfeer te halen. Dat is nodig om een zeer gevaarlijke temperatuurstijging te verhinderen, en een toename van het aantal overstromingen, zware stormen en hittegolven tegen te gaan’, zegt Boucher. ‘Verreweg de eenvoudigste manier om dat te doen, is door onze bossen te behouden en zelfs nieuwe te planten.’ Als je beschermt wat er nog over is van het Braziliaanse oerwoud, ben je al een heel eind. En zestig procent van het Amazonewoud – op afstand het grootste oerwoud ter wereld – ligt in Brazilië. Dit woud haalt het hele jaar door CO2 uit de lucht, dankzij het continu vochtige en warme klimaat.
Bolsonaro kreeg tijdens de eerste ronde van de Braziliaanse presidentsverkiezingen bijna een absolute meerderheid van de stemmen, maar toch is het niet zeker dat hij de tweede ronde zal winnen. Zijn tegenstander is de linkse Fernando Haddad, die in de eerste ronde als tweede eindigde.
‘De samenleving moet druk blijven uitoefenen – en dat gebeurt ook’, vertelt Boucher. ‘Nu is het afwachten wat er verder gebeurt.’
Laat zogenaamde fixers aan het woord: mensen die ‘opmerkelijke, ambitieuze oplossingen hebben voor de grootste uitdagingen van de mensheid’. De missie van Grist is om ons een goed gevoel te geven over de toekomst.
Ook in Duitsland lopen de gemoederen over het Turkse referendum hoog op. Zeker nu Erdogan heeft aangekondigd zelf in Duitsland te willen komen spreken.
JA
Het is maar moeilijk te verdragen dat de Turkse president Recep Tayyip Erdogan in Duitsland campagne wil voeren voor zijn grondwetsreferendum, dat van hem een onbeperkt heerser moet maken en dat een einde aan de vrijheid van meningsuiting en de liberale democratie in zijn land zou betekenen. Mag een vrijheidslievende democratie een dergelijke tegenstander van de vrijheid, die tienduizenden critici heeft laten opsluiten en ze waarschijnlijk zelfs in Duitsland laat bespioneren, een podium bieden? Ja, dat mag ze, sterker nog, dat moet ze. Juist uit het feit dat wij de vrijheid van meningsuiting niet inperken zolang een spreker niet in strijd met het democratische staatsbestel en onze wetgeving handelt, blijkt de superioriteit van onze democratie. Dat recht geldt ook voor buitenlandse politici. Zelfs als dat in het geval van Erdogan met zijn nationalistische, antiwesterse en retorische uitspraken nauwelijks te verdragen is. De democratie kunnen we alleen verdedigen als we ons consequent aan de regels houden.
Een verbod van Erdogans optreden zou bovendien de conflicten tussen de hier wonende Turken en mensen van Turkse afkomst alleen maar verscherpen. Waarschijnlijk zou er precies het tegendeel mee worden bereikt: nog meer ja-stemmen bij het referendum
Een verbod van zijn geplande verkiezingstoespraak voor landgenoten is toch al vrijwel onmogelijk. Het recht van vergadering biedt daar nauwelijks aanknopingspunten voor. Dat geldt immers ook voor buitenlandse burgers, ook al komt Erdogan niet als burger maar als president. Dat hij de 1,4 miljoen Turkse stemgerechtigden wil oproepen ja te stemmen bij het referendum, vindt staatsrechtdeskundige Ulrich Battis ‘volkomen legitiem’. De regering zou hem weliswaar de toegang tot het land kunnen ontzeggen, maar dat is wat Battis betreft ‘vanuit politiek oogpunt ondenkbaar’. Tenslotte is Duitsland vooral in de vluchtelingenkwestie afhankelijk van Turkije.
Een verbod van Erdogans optreden zou bovendien de conflicten tussen de hier wonende Turken en mensen van Turkse afkomst alleen maar verscherpen. Waarschijnlijk zou er precies het tegendeel mee worden bereikt: nog meer ja-stemmen bij het referendum. In plaats van te twisten over een verbod zouden er – samen met Turkse organisaties die kritisch tegenover Erdogan staan – tegendemonstraties en eigen bijeenkomsten voor de hier wonende Turken moeten worden georganiseerd om ze tot een nee bij het referendum aan te moedigen.
Dat zou het beste signaal tégen Erdogan en vóór een pluralistische Duits-Turkse democratie zijn. Wie zich er ten slotte druk over maakt dat Erdogan weer eens campagne wil voeren in Duitsland, zou er eens over moeten nadenken waarom er in Duitsland nog altijd miljoenen mensen van Turkse afkomst wonen die zich tot hem en Turkije aangetrokken voelen. Is dat niet het falen van de integratie? Als we weten te bereiken dat deze Duitse Turken het gevoel hebben Duitsers te zijn en in onze vrije samenleving te zijn opgenomen, dan zouden we op den duur een einde maken aan Erdogans voedingsbodem in dit land. Op een dag staat hij dan hopelijk voor lege zalen.
Auteur: Ludwig Greven
Vertaler: Pieter Streutker
Ludwig Greven is politiek redacteur bij Zeit Online. Voorheen werkte hij onder meer bij Financial Times Deutschland en was hij chef politiek bij Die Woche.
Of Recep Tayyip Erdogan in Duitsland campagne mag voeren voor de autoritaire grondwetswijziging in Turkije is een politiek besluit. Er bestaat geen recht waaraan buitenlandse regeringsleiders en staatshoofden een forum voor hun politieke doeleinden kunnen ontlenen. Zo luidde afgelopen jaar het oordeel van de hoogste bestuursrechter in Münster – bevestigd door het federaal constitutioneel gerechtshof – toen deze een videotoespraak van de Turkse president verbood. ‘Het is derhalve aan de federatie om te besluiten of […] buitenlandse staatshoofden of regeringsleden zich op het grondgebied van de Bondsrepubliek Duitsland door middel van officiële uitlatingen in de publieke ruimte met politiek mogen bezighouden’, staat in het besluit. De verantwoordelijkheid voor zo’n besluit ligt bij de Duitse federale regering. Die moet zich er niet gemakkelijk van afmaken.
Juist tegenover Turkije, dat de grondrechten beperkt, moeten democratische waarden als vrijheid van vergadering en vrijheid van meningsuiting in ere worden gehouden. Juist nu.
En in deze gespannen situatie zou de president een podium krijgen om de haat tegen zijn tegenstanders verder aan te wakkeren en het toch al heersende klimaat van angst te versterken?
Maar er zijn goede argumenten voor de regering om een optreden van de Turkse president te verhinderen. Erdogan is een tegenstander van het democratische staatsbestel, waarop hij zich zou beroepen om hier een toespraak te kunnen houden. En hij schendt de rechten van mensen die in Duitsland wonen: Diyanet, de religieuze autoriteit in Turkije, laat in opdracht van zijn regering imams spioneren om zijn tegenstanders te vervolgen. Erdogans optreden zou het interne Turkse conflict verder op scherp zetten in Duitsland. In Duitsland wonende Turkse Koerden, journalisten, diplomaten en andere tegenstanders van Erdogan vragen sinds de couppoging van afgelopen zomer asiel aan, reden waarom de president Duitsland als ‘belangrijke haven voor terroristen’ heeft bestempeld.
En in deze gespannen situatie zou de president een podium krijgen om de haat tegen zijn tegenstanders verder aan te wakkeren en het toch al heersende klimaat van angst te versterken? De Duitse regering moet Erdogans haat geen extra podium bieden. Zijn geplande optreden zou ook nog zonder gezichtsverlies kunnen worden afgezegd. Tot nog toe is het bezoek van de Turkse president namelijk niet officieel bevestigd en er ligt ook geen officieel verzoek van Ankara. De strijd om zijn grondwetsreferendum zal ook zonder zijn persoonlijke aanwezigheid in Duitsland worden gevoerd. Zo heeft de Türkische Gemeinde in Deutschland zich tegen de wijziging uitgesproken. En Erdogans boodschappen bereiken de mensen toch wel, bijvoorbeeld via Turkse televisiezenders. Zijn aanhangers kunnen net als zijn tegenstanders gebruikmaken van alle rechten in Duitsland: ze kunnen bijeenkomsten organiseren, voor hun mening opkomen of voor of tegen de grondwetswijziging demonstreren.
Till Schwarze is managing editor van Zeit Online. Daarvoor was hij politiek redacteur bij nieuwszender n-tv en onlineredacteur bij de Hessische Niedersächsische Allgemeine.
De krant van de Duitse intelligentsia is tolerant en liberaal en biedt iedere donderdag grote politieke analyses. Bij controversiële thema’s worden verschillende meningen en auteurs tegenover elkaar gezet. Voormalig bondskanselier Helmut Schmidt levert regelmatig bijdragen.
Wanneer het volk de autoritaire volmacht van president Erdogan legitimeert, betekent dat een afscheid van de Turkse rechtsstaat, aldus intellectueel Ahmet Insel.
In de nieuwe grondwetstekst die de regering op 16 april via een referendum [zie kader beneden] wil laten bekrachtigen, krijgt de president van de republiek drie petten op, die van staatshoofd, die van regeringsleider en die van leider van de meerderheidspartij, zodat er een autocratisch regime zal ontstaan waarin de belangen van de meerderheidspartij en de staat op één hoop worden gegooid. De uitkomst van dit referendum hangt af van de stem van de kiezers van de AKP en haar belangrijkste bondgenoot, de extreemrechtse, anti-Koerdische MHP.
Beseffen deze kiezers wel welke dreiging deze grondwetsherziening inhoudt? Er wordt gediscussieerd over de vraag of die alleen maar afschaffing van het parlementaire stelsel betekent of een verandering van het politieke systeem, maar daar gaat het niet om. Door al onze politieke macht en instellingen in de handen van één man te leggen, Recep Tayyip Erdogan, brengen we niet alleen de politieke en culturele toekomst van ons land in gevaar, maar ook de economische, wat de onzekerheid en instabiliteit die gepaard gaan met een despotisch en arbitrair bewind ernstig zal doen toenemen. Daar kunnen we in de maanden die ons nog scheiden van het referendum niet genoeg op hameren.
Hoe verdedig je de rechtsstaat tegen een man die als leider van de staat en de partij alle macht zou hebben om leden van de hoogste rechtsinstanties te benoemen?
De discussie gaat veel verder dan de intenties of kwaliteiten van de man aan wie we alle teugels van de macht in handen gaan geven. Iedereen, zowel voor- als tegenstanders, zou zijn overgeleverd aan de genade van een regering met steeds meer despotische, gecentraliseerde en arbitraire trekken. Rechtszekerheid en vrijheid zouden op losse schroeven komen te staan. Hoe verdedig je de rechtsstaat tegen een man die als leider van de staat en de partij alle macht zou hebben om leden van de hoogste rechtsinstanties te benoemen? Welke garanties biedt een systeem dat het nationale parlement tot een rompparlement degradeert?
Turkije heeft al heel wat bittere ervaringen opgedaan met extreme machtsconcentraties en de gevolgen daarvan voor de publieke vrijheid, lees de dissidenten, of het nu gaat om de nadagen van een staatsgreep, een eenpartijstaat of een regerende meerderheidspartij. Allemaal formuleren ze hun grieven op grond van hun ideologische voorkeuren, zodat het scenario altijd hetzelfde blijft: een steeds autoritairder regime dat berust op onrechtvaardigheid en onderdrukking. Elke keer wordt alle macht in de handen van één enkele persoon gelegd. Dat deze ontwikkeling de zegen van het volk heeft maakt haar niet minder rampzalig; de tekst die in het referendum wordt voorgelegd is het zoveelste voorbeeld van deze autoritaire ontsporing die onze geschiedenis kenmerkt.
Dat de AKP bij de verkiezingen op 7 juni 2015 haar absolute meerderheid verloor kwam doordat een deel van het electoraat, verontrust door de manier waarop Erdogan de partij naar zijn hand zette en de campagne inzet maakte van de regimeverandering die hij voorstond, liever op een andere partij stemde of zich van stemming onthield. De oproep om te voorkomen dat Erdogan de absolute leider werd vond gehoor. We kennen het vervolg: door vijf maanden later vervroegde verkiezingen uit te schrijven is de AKP erin geslaagd de verloren stemmen terug te winnen.
De huidige situatie in Turkije is veel erger dan die tijdens de lente en zomer van 2015, te meer omdat de noodtoestand de regering de macht geeft rechten en vrijheden naar hartenlust in te perken. Het zal dan ook veel moeilijker zijn om AKP– of MHP-kiezers ervan te overtuigen dat ze tegen de grondwetsherziening moeten stemmen. Op de schouders van de nee-stemmers rust een zware verantwoordelijkheid. Ze moeten de aanhangers van de AKP en de MHP duidelijk maken dat zelfs degenen die in een goed blaadje bij de machthebbers staan onder de overwinning van het ja zullen lijden. Laten we niet bang zijn om een les uit onze gemeenschappelijke geschiedenis te trekken.
Sinds het eind van de Tweede Wereldoorlog is Turkije altijd bestuurd door een parlementair stelsel. De echte macht berustte bij de premier, de leider van de parlementaire meerderheid. De president had een symbolische rol als hoeder van de instituties. Maar sinds Erdogan, premier van 2003 tot 2014, zich tot president heeft laten verkiezen dringt zijn partij AKP aan op een herziening van dit systeem, zodat het staatshoofd een grotere rol krijgt.
Op 16 april wordt er een referendum gehouden over een tekst waarin een grondwetsherziening wordt voorgesteld. Doel is om het land onder presidentieel bestuur te brengen. Voorstanders van de nieuwe grondwet, die de rol van de premier inperkt en de president de uitvoerende macht geeft, hopen dat daarmee in de toekomst de institutionele impasses worden voorkomen die het land tijdens de coalitieregeringen heeft gekend, met name aan het eind van de jaren negentig. Tegenstanders vrezen dat het plan, waarin de rol van het parlement wordt gemarginaliseerd en de president alle uitvoerende macht krijgt en kan ingrijpen in juridische aangelegenheden, zal uitdraaien op een totalitair regime.
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.