Tag: LHBTI

  • Clare Byarugaba’s onverzettelijke strijd voor lhbtiq+-rechten in Oeganda

    Clare Byarugaba’s onverzettelijke strijd voor lhbtiq+-rechten in Oeganda

    Queer personen in Oeganda krijgen dagelijks te maken met intimidatie en geweld. Toch weigert Clare Byarugaba, een van de weinige uitgesproken lhbtiq+-activisten in het land, de hoop op te geven. ‘Als je ergens van houdt, vecht je ervoor.’

    Ik ben geboren in een land waarvan ik hou maar dat niet van mij houdt, een land dat elk aspect van wie ik ben afwijst en mij probeert uit te wissen. De mensen die mij liefde en tolerantie hebben bijgebracht, zijn wantrouwig en bang geworden. Families verketteren en veroordelen hun lhbtiq+-kinderen. Zoals een vriend van me die uit de kast kwam en bijna werd overreden door zijn vader. Waarom? Omdat zijn vader liever een dode zoon had dan een homoseksuele zoon. Of zoals mijn moeder, die weigert mijn seksualiteit en mijn werk te erkennen en vaak zegt dat ze zou willen dat ik bankbediende was.

    Straatgeweld houdt niet alleen maar in dat je gestenigd wordt op straat. Er is ook sprake van geweld als je, net als wij, elke dag in angst en onzekerheid leeft. Geradicaliseerde burgerwachten maken stelselmatig namen bekend van mensen uit de gemeenschap. Ik kan in Kampala niet over straat lopen of gebruikmaken van het openbaar vervoer. Mijn dagelijkse routine verandert voortdurend. Ik word continu bedreigd en moet noodgedwongen om de haverklap verhuizen. Zodra de politie tips heeft binnengekregen, valt ze safehouses binnen en gooit ze leden van de lhbtiq+-gemeenschap in smerige cellen; daar moeten ze onmenselijke en vernederende behandelingen ondergaan, zoals een verblijf in de isolatiecel en gedwongen visitaties, waaraan geen enkele bewijskracht te ontlenen valt. De politie heeft door de gemeenschap georganiseerde workshops stilgelegd en deelnemers gearresteerd.

    Weinig dingen zijn gevaarlijker dan leiders zonder angst voor represailles

    Toen ik in 2016 werd gearresteerd omdat ik het had gewaagd een pride-evenement te organiseren, kwam mijn advocaat net op tijd, voordat de politie me overleverde aan gedetineerde criminelen die schuimbekten van opwinding omdat ze de kans kregen om mij en anderen in de gevangenis een lesje te leren omdat we homoseksueel waren. Die nacht overleefde ik een corrigerende verkrachting.

    De crisis waarmee mijn gemeenschap te maken heeft, is alleen maar erger geworden sinds de Oegandese president, die al bijna veertig jaar aan de macht is, in 2023 de ‘Anti-homoseksualiteitswet’ aannam. Deze draconische wet heeft, net als de anti-homowet uit 2013 die puur om technische redenen werd ingetrokken, de donkere kant blootgelegd van een steeds autoritairdere regering die vastbesloten is om bij wijze van afleidingsmanoeuvre en om populistische redenen een kwetsbare gemeenschap tot zondebok te maken. Weinig dingen zijn gevaarlijker dan leiders zonder angst voor represailles, die geen verantwoording hoeven af te leggen voor het feit dat ze bepaalde mensen als tweederangsburgers behandelen.

    De nieuwe wet verhoogt de straf voor vrijwillige seksuele relaties tussen volwassenen van hetzelfde geslacht naar levenslang. De wet roept allerlei nieuwe misdrijven in het leven, zoals ‘gekwalificeerde homoseksualiteit’, waaronder ook consensuele seks met een persoon met een handicap valt, en waarvoor homoseksuele Oegandezen de doodstraf kunnen krijgen. Op ‘poging tot homoseksualiteit’ staat tien jaar gevangenisstraf. De wet stelt ‘het promoten van homoseksualiteit’ strafbaar; op elke vorm van verdediging van Oegandezen uit de lhbtiq+-gemeenschap staat een mogelijke gevangenisstraf van twintig jaar. Activisten, gezondheidswerkers en andere mensen riskeren lange gevangenisstraffen en hoge boetes als ze programma’s uitvoeren of hun steun betuigen. In de afgelopen anderhalf jaar hebben we ruim 1550 bevestigde gevallen van grove schending van de mensenrechten van Oegandese lhbtiq+-personen gedocumenteerd.

    Je zult je wel afvragen: Clare, waarom verlaat je het land niet, als dat jou probeert uit te wissen?

    Op 9 oktober 2024 was het 62 jaar geleden dat Oeganda onafhankelijk werd van de Britse overheersing, maar de anti-sodomiewetten uit het koloniale tijdperk zijn nooit ingetrokken. Bovendien lijdt de Oegandese lhbtiq+-gemeenschap onder een afschuwelijke vorm van herkolonisatie door een machtige anti-lhbtiq+-beweging. Radicaal-rechtse religieuze extremisten uit de VS, Sharon Slater van [de christelijke lobbygroep] Family Watch International, [koepelorganisatie] Agenda Europe en soortgelijke Russische propagandagroepen hebben – onder het mom van het promoten van familiewaarden – hun schadelijke anti-lhbtiq+-campagnes gepromoot via omgekochte experts in Oeganda en andere Afrikaanse landen. Daarmee is een minderheidsgemeenschap in gevaar gebracht die enkel en alleen vanwege haar anders-zijn als een schandvlek wordt gezien.

    Je zult je wel afvragen: Clare, waarom verlaat je het land niet, als dat jou probeert uit te wissen? Maar als je ergens van houdt, vecht je ervoor, vecht je om erbij te horen, vecht je voor de vrijheden die autoritaire regimes niet willen geven, vecht je omdat zo veel gemeenschappen over de hele wereld moeten vechten. Ik ben geen uitzondering. Ik vecht omdat ik wil dat degenen die na mij komen een zachtere landing krijgen, een ander Oeganda leren kennen. Ik geloof in de Afrikaanse cultuur van ubuntu, medemenselijkheid; in mijn taal zeggen we Omuntu, Nomuntu ahabwa bantu, dat betekent in wezen ‘een persoon is een persoon door andere personen’. Ubuntu is fundamenteel inclusief en gaat over respect, tolerantie en zorg voor je familie, vrienden en buren.

    Vanwege de eindeloze haat tegen de lhbtiq+-gemeenschap zou het makkelijk voor me zijn om te zeggen dat mijn broeders en zusters barbaars zijn, en dat ze niet zullen veranderen. Maar de ruggengraat van mijn activisme is optimisme en hoop. Oegandezen hebben geleerd te haten, maar ik geloof dat de geest van respect, broederschap, tolerantie en acceptatie niet dood is onder mijn volk.

    Een veilige plek

    Via PFLAG-Uganda, dat ik heb opgericht, probeer ik Oegandezen te helpen hun homofobie af te leren en mensen die anders zijn weer te accepteren. Daarnaast creëer ik een veilige plek voor gezinnen om een stevige basis te leggen voor de ondersteuning van hun lhbtiq+-kinderen, daar waar dat het belangrijkst is: thuis.

    Met de strategische procesvoering van [non-profitorganisatie] Chapter Four strijden we tegen institutionele ongelijkheid en discriminatie. Met onze belangenbehartiging proberen we het bewustzijn over het lot van de lhbtiq+-gemeenschap te vergroten, in de hoop de gevaarlijke gevolgen van de door de staat gesteunde homofobie en transfobie in Oeganda te beperken. Samen met onze internationale partners proberen ervoor te zorgen dat overheids- en niet-overheidsactoren grove schendingen van de mensenrechten in de portemonnee gaan voelen, door gerichte sancties en een herziening van de voorwaarden van buitenlandse steun te eisen.

    Onze roep om gerechtigheid en vrijheid weerklinkt op het hele Afrikaanse continent. We eisen dat Oeganda zijn internationale en regionale verplichtingen op het gebied van mensenrechten nakomt, omdat Oeganda van alle burgers is.

    Door deze haatdragende wet word ik elke dag wakker in de wetenschap dat het land waar ik ben geboren en opgegroeid, een land dat ik als vreedzaam beschouwde, waar we hebben geleerd om van elkaar te houden en tolerant tegenover elkaar te zijn, mijn bestaan ontkent.

    Keurige vrouwen schrijven tenslotte immers nooit geschiedenis

    Ze schelden me uit voor van alles en nog wat: een economische saboteur, een lesbische huursoldaat, een gekwalificeerd homoseksueel, een leider van een verloren generatie, een verspilling van vrouwelijkheid. Ik draag al deze namen als een ereteken. Ze betekenen dat ik iets belangrijks doe. Van fatsoenspolitiek is behalve de onderdrukker nooit iemand beter geworden. Keurige vrouwen schrijven tenslotte immers nooit geschiedenis.

    Ik verlang naar een tijd waarin ik, op reis in een willekeurig Afrikaans land, de geest van ubuntu kan voelen. Ik wil acceptatie zien en solidariteit en liefde voelen. Ik wil er kracht uit kunnen putten. Ik wil mijn hoop nieuw leven inblazen dat Oegandezen ooit de vrijheden zullen hebben die ik in Noord-Amerika zie. Ik wil gevierd worden als mijn meest authentieke zelf, zonder alle voorwaarden die erbij komen kijken als je moet voldoen aan de grillen van de meerderheid.

    Ik smeek de lezers om Oeganda in de gaten te blijven houden. Ik smeek jullie om morele, financiële en technische steun te blijven bieden aan activisten en organisaties die daar aan het werk zijn. Jullie solidariteit zal ons helpen om de vrijheid te verkrijgen waarvoor we zo hartstochtelijk vechten. Tot die tijd blijf ik een seksuele outlaw. Ik blijf me verzetten tegen de dominante cultuur. Ik blijf me verzetten tegen opgelegde heteroseksualiteit. Ik blijf werken vanuit hoop.

    Clare Byarugaba is een van de weinige openlijke lhbtiq+-activisten in Oeganda. In haar rol als Diversity, Equity and Inclusion Officer bij Chapter Four Uganda heeft ze de allereerste Parents and Families of LGBTIQ children (PFLAG-Uganda) opgericht, een baanbrekend maatschappelijk project dat tot doel heeft dialoog en verzoening tussen lhbtiq+-personen en hun familieleden te bevorderen.

  • Pride op het platteland. ‘Ik was vastbesloten hier te blijven en mezelf te zijn’

    Pride op het platteland. ‘Ik was vastbesloten hier te blijven en mezelf te zijn’

    In kleine dorpen voelen veel lhtbiq+-personen de druk om te vertrekken. In Spanje is daar zelfs een woord voor: sexilo. Maar Manuel Calvillo, kapper en dragperformer uit Zahara de la Sierra, weigert zijn dorp in te ruilen voor de stad en zet zich juist in voor meer acceptatie binnen zijn eigen gemeenschap.

    Manuel Calvillo is alles in Zahara de la Sierra (Cádiz), een dorpje met 1300 inwoners dat zo op een ansichtkaart kan: kapper, aankleder van de beschermheilige van het dorp, organisator van duizend-en-één feesten, zanger als de mensen een beetje klappen en travestiet onder zijn alter ego La Peligro. Bovenal is Calvillo, inmiddels 58 jaar oud, een overlever die al decennia geleden inzag dat hij dat allemaal – en meer – moest zijn om als lhtbiq+-persoon gerespecteerd te worden in een klein dorp: ‘Je moet extra je best doen om je te bewijzen.’ Toen hij Fede Benítez, de dochter van vrienden, voor het eerst op hoge hakken in de deuropening van zijn kapsalon zag staan, nog jong en nog niet begonnen aan haar transitie, wist hij meteen dat hij ‘de morele plicht had om haar te steunen en te beschermen’.

    Voor veel lhtbiq+-personen ligt het exil – of ‘sexil’ – in hun geboortedorp zo voor de hand, dat meer dan 42 procent uiteindelijk naar een grote stad verhuist om meer zichzelf te kunnen zijn. Dat blijkt uit een nog lopend onderzoek naar sexilio dat het Spaanse ministerie van Gelijkheid uitvoert en waarvan de resultaten eind dit jaar worden gepresenteerd. Tegenover die harde realiteit winnen het verenigingsleven en Pride-vieringen van de gemeenschap in landelijke gebieden elk jaar terrein, zoals ook geldt voor Zahara, waar elk jaar de Zahara Pride plaatsvindt. Die feesten staan voor wat antropoloog Bernat Aragó in 2019 in zijn studie Escapar del poble’: Itineraris de sexili cap a la ciutat [Weg uit het dorp: Routes van sexil naar de stad] omschreef als het ‘recht op het dorp’: het recht om in je eigen gemeenschap je seksualiteit te beleven, zonder schaamte of angst.

    ‘Feesten als deze zijn belangrijk voor ons en ook voor de rest van het dorp, zodat iedereen er kennis mee maakt’

    Dat is precies waar Calvillo zich voor inzet in Zahara. Ondanks dat hij als jonge kapper in het Algeciras van de jaren tachtig ‘een overdosis aan vrijheid’ ervoer, besloot hij terug te keren. ‘Ik was “de nicht van het dorp”, maar was vastbesloten hier te blijven en mezelf te zijn, al was dat soms zwaar,’ zegt de stylist, waarna hij zijn ogen opmaakt, een paar hoge hakken aantrekt en in de cabrio stapt die hem tijdens de Pride-optocht door het dorp zal rijden. Het is het begin van een weekend vol activiteiten aan het eind van het Spaanse Pride-seizoen, dat elk jaar loopt van juni tot juli.

    Fede Benítez zit trots achterin de auto, die over de steile straten van Zahara omlaag rijdt. Ze glimlacht en zwaait, en kijkt Calvillo veelbetekenend aan. ‘We hebben elkaar altijd met één blik begrepen. Manolo is als een peetmoeder voor me,’ zegt de zestienjarige, die onlangs aan haar transitie is begonnen. Beiden zullen dit weekend optreden op het dorpsplein, Benítez onder haar dragnaam La Distraída. ‘Feesten als deze zijn belangrijk voor ons en ook voor de rest van het dorp, zodat iedereen er kennis mee maakt,’ zegt de kapper. Hijzelf heeft dat gemist tijdens zijn jeugd. ‘Ik had geen voorbeelden, behalve wat ik op tv zag. Ik keek naar de folclóricas [flamboyante vrouwelijke iconen van de Spaanse folklore] en had maar één homovriend, in El Bosque [een naburig dorp in de Sierra de Cádiz].’

    Domino-effect

    Calvillo’s verhaal sluit precies aan op wat Aragó signaleerde toen hij begon met de interviews voor zijn onderzoek: ‘Het is een structureel probleem binnen de gemeenschap: lhtbiq+-personen vertrekken uit de dorpen naar de grote steden en dat werkt als een domino-effect – als er niemand overblijft in de dorpen, zijn er ook geen rolmodellen meer.’ Bovendien hebben queerpersonen die naar grotere steden als Madrid, Barcelona, Sevilla of Valencia verhuizen niet altijd door dat hun identiteit daar een van de drijvende factoren voor is. Ook dat viel Aragó op, en wordt eveneens bevestigd door het onderzoek van het ministerie van Gelijkheid; mensen realiseren zich vaak pas achteraf, nadat ze de term hebben leren kennen, dat ze een sexiel hebben meegemaakt.

    Het fenomeen is zo complex dat er vaak sprake is van migratie in meerdere fasen – zogeheten ‘multi-etappes’, aldus het ministerie van Gelijkheid. Veel mensen die hun dorp verruilden voor de stad, komen uiteindelijk terecht in een tussenliggende, kleinere plaats. Volgens Aragó raken zij in deze tweede fase vaak teleurgesteld in het ‘roze kapitalisme’ van de grote stad: een leven binnen de queer gemeenschap dat sterk wordt bepaald door consumptie en uiterlijk vertoon, en daardoor moeilijk vol te houden is. Daarbij komt dat het platteland meestal niet de onveiligste omgeving is als het gaat om lhtbiq+-gerelateerd geweld. ‘In Catalonië worden de meeste aanvallen gepleegd in de stad. De exilanten vertelden me dat ze in het dorp misschien minder zichzelf konden zijn, maar zich er nooit fysiek onveilig voelden – niemand zou hen daar op straat in elkaar slaan, dat was onmogelijk omdat iedereen elkaar kende en er meteen zou worden ingegrepen,’ legt Aragó uit.

    ‘Vanaf het moment dat ik als klein meisje de hakken van mijn moeder aantrok, wist ik dat ik een vrouw was’

    Calvillo en Benítez hebben geen van beiden ooit een fysieke aanval meegemaakt, maar ervaren wel druk van het feit dat ze altijd opvallen. ‘Als ik jaren geleden ’s avonds alleen over het dorpsplein liep, voelde ik alle ogen op me rusten. Maar ik heb altijd het advies van mijn grootmoeder gevolgd, die haar tijd ver vooruit was en me enorm steunde: “Wees wie je wilt zijn en doe dat met stijl – wie zichzelf respecteert, dwingt respect af.”’ vertelt de kapper. ‘Fede was altijd al een lhtbiq+-persoon, dat wist ik zonder dat ze het hoefde te zeggen,’ vertelt hij verder. ‘Vanaf het moment dat ik als klein meisje de hakken van mijn moeder aantrok, wist ik dat ik een vrouw was,’ beaamt Fede, die aangeeft dat ze zich altijd ‘gesteund en gerespecteerd’ heeft gevoeld in haar dorp. 

    Calvillo heeft gemerkt hoe de sfeer in het dorp in de loop der jaren is veranderd. Ondanks eerdere tekortkomingen heeft hij Zahara altijd als gastvrij ervaren, en in juni 2024 eerde de gemeente hem zelfs door een straat naar hem te noemen.

    Vooruitgang

    Initiatieven als de oprichting van de Asociación LGTBIQ Delta de la Sierra de Cádiz in 2015, of de Pride van Zahara zelf, hebben bijgedragen aan de veranderingen. Het zijn geen op zichzelf staande acties. In zijn voorlopige conclusies signaleert het onderzoek in opdracht van het ministerie van Gelijkheid ‘een behoorlijk levendige lhbti+-beweging op het platteland, die zich vooral inzet voor prides en festivals die recht doen aan de unieke ervaringen van deze gemeenschappen’. In Zahara is die beweging inmiddels al bijna zes jaar actief, en veel bijzondere momenten maken intussen deel uit van het collectieve dorpsgeheugen. De gigantische regenboogvlag die elk jaar wordt ontvouwen aan de historische Torre del Homenaje [een wachttoren die boven het dorp uittorent en deel uitmaakt van de oude Moorse vesting op de rots] is waarschijnlijk de grootste van Andalusië.

    Het was tijdens de Pride van Zahara dat La Peligro, na meer dan veertig jaar van shows in discotheken en zaaltjes in en rond het dorp, voor het eerst optrad op het podium op het dorpsplein – voor al haar dorpsgenoten. ‘Het was een vreemde gewaarwording, alsof je je helemaal blootgeeft, maar het was ontzettend dankbaar om te doen,’ vertelt Calvillo. En ook La Distraída maakte voor het eerst haar opwachting tijdens dit bonte en activistische spektakel, nog maar dertien jaar oud. De editie van 2025 belooft opnieuw gedenkwaardig te worden. Als haar cijfers het toelaten en ze de opleiding tot schoonheidsspecialist kan volgen die ze graag wil, wordt dit de laatste Pride voor Benítez als vooraanstaande dorpsbewoonster en zal ze naar een grote stad vertrekken om zich verder te ontwikkelen. ‘Ik denk dat ik me daar vrijer zal voelen, minder bekeken. Maar ik blijf het dorp leuker vinden, ik hoor hier thuis,’ zegt ze trots.

  • Bashar Murad, een kunstzinnige queerstem tegen Israëlische agressie

    Bashar Murad, een kunstzinnige queerstem tegen Israëlische agressie

    Ten midden van de Israëlische aanvallen op Gaza en Libanon, die al langer dan een jaar duren, vallen de standpunten van sommige Arabische queeractivisten op. Een van hen is de Palestijnse artiest Bashar Murad. Hij vertelt over zijn ervaringen en over de impact van Arabische queeractivisten in dit interview met het Libanese nieuwsplatform Raseef22.

    Israël probeerde de bezettingen in Palestina en Libanon af te schilderen als een ‘reddingsactie’ die leden van de LGBTQIA+-gemeenschap redt uit hun zogenaamd ‘extreme en barbaarse’ samenlevingen. Palestijnse queerinfluencers spraken dit narratief van Israël tegen en daagden het uit. Ze onthulde de pinkwashing-propaganda die Israël gebruikt om zijn ware imago te verfraaien en zijn acties te rechtvaardigen, wat veel weerklank vond in zowel de Arabische als de westerse wereld, en een ander facet van de Arabische queerstrijd onthulde.

    Een kleurrijke jeugd

    Bashar Murad is een Arabische kunstenaar en mensenrechtenactivist die zich bezighoudt met mensenrechtenkwesties in de Arabische wereld. Bashar werd in 1993 geboren in Jeruzalem en staat niet alleen bekend om zijn kunst en humanitaire werk, maar ook om zijn inzet voor de rechten van seksuele minderheden en zijn voortdurende oproep om een ​​einde te maken aan de bezetting van de Palestijnse gebieden.

    ‘Het is voor mij belangrijk geworden om te vertellen waar ik geboren ben, omdat de wereld een deel van mijn identiteit probeert uit te wissen en mijn zelfexpressie probeert te onderdrukken,’ vertelde Bashar aan Raseef22.

    Bashar Murad groeide op in een artistiek huishouden en ontwikkelde een sterk bewustzijn voor het theater en de studio. Hij is de zoon van Said Murad, de oprichter van de band Sabreen die in 1980 in Jeruzalem werd opgericht, waardoor muziek een medium voor hem werd om zichzelf uit te drukken en verbinding te maken met de wereld.

    Over zijn jeugd zegt Bashar: ‘Het was een kleurrijke en mooie jeugd, ondanks de uitdagingen van de bezetting. Ik werd beïnvloed door Palestijnse dichters zoals Mahmoud Darwish, Hussein Barghouthi, Fadwa Tuqan en nog veel andere Palestijnse en Arabische schrijvers. Dit alles creëerde in mij een bewustzijn van mijn identiteit en zorgde ervoor dat ik daar nog meer aan vasthield en het nog heviger wilde verdedigen.’

    Bashar verhuisde naar de Verenigde Staten om zijn universitaire studies af te ronden, waar hij werd blootgesteld aan nieuwe ervaringen die hem in staat stelden zichzelf te ontwikkelen. Hij keerde vervolgens terug naar Jeruzalem, met veel dromen die hij probeerde te verwezenlijken tijdens zijn werk in Ramallah.

    De liefde en het verlangen naar verzet

    Bashar Murad beschrijft zijn dagelijkse reis tussen zijn woonplaats Jeruzalem en Ramallah als een open les over de bezetting en de negatieve en gevaarlijke gevolgen ervan. ‘De weg tussen Ramallah en Jeruzalem is normaal gesproken 15 minuten rijden. Nu duurt het 120 minuten, of misschien langer, vanwege controleposten en onmenselijke praktijken die ons onze vreugde en ons leven ontnemen, net zoals ze ons land stelen.’

    Hij benadrukt dat de bezetting het Palestijnse volk probeert te verstikken, door hen op te sluiten achter hoge muren en barrières. ‘Het is moeilijk om je een toekomst voor te stellen vol pluraliteit en diversiteit, wanneer de bezetting elke vorm van diversiteit afwijst en een gevangenis creëert waar etnische zuivering voor de ogen van de wereld wordt uitgevoerd.’ Bashar beweert dat Palestijnen al vroeg de zware betekenis leren van woorden als invasie, belegering en gevangenis. ‘Het is logisch dat dit een verlangen naar verzet aanwakkert en een basis legt voor creativiteit,’ zegt hij.

    Een oproep tot vrijheid en vrede

    Naast het oproepen tot rechtvaardigheid en gelijkheid, bevatten Bashars liederen veel afwijzende termen, die duidelijk proberen de opgelegde realiteit aan te vechten ​​en verandering opeisen. Deze liederen roepen op tot vrede in de wereld zonder persoonlijke en culturele eigenschappen te verliezen. De trots op collectieve en individuele identiteit wordt aangesterkt door de aanwezigheid van Palestijnse symbolen en namen.

    Enkele van zijn bekendste Engelstalige nummers zijn: Wild West, ITSAHELL! en Intifada on the Dance Floor.

    Bashar verbindt de Palestijnse strijd met de wereldwijde strijd voor bevrijding, verwijzend naar de prestaties van de Amerikaanse burgerrechtenbeweging die de segregatie en discriminatie tegen Afro-Amerikanen aanvocht, apartheidswetten ontmantelde en gelijke rechten promootte. Hij maakte onder andere een Arabische en Engelse cover van Nina Simone’s ‘I Wish I Knew How It Would Feel to Be Free’ uit 1967.

    Zijn Arabische liedjes zijn meer sociaal georiënteerd en zijn bekendste werken zijn onder andere: Maskhara, Ana Zalameh, Shillet Hamal (Bunch of Bums) en Ma Bitghayirni.

    ‘Ik verwerp elke vorm van onrecht en mijn liedjes zijn politiek, sociaal en emotioneel divers.’ Hij gelooft dat zijn lied Ilkul 3am Bitjawaz (iedereen gaat trouwen) velen vreugde bracht omdat de tekst hun ervaringen weerspiegelt. Hij beschrijft dit type sociale kunst als het verzet tegen dominante maatschappelijke normen, het streven naar verandering en de bescherming van individuele vrijheid, terwijl de privacy en persoonlijke keuzes van mensen worden gerespecteerd. ‘Ik heb de waarden van vrijheid geleerd van mijn familie. Ik ben een zoon van deze diverse gemeenschap en ik vertegenwoordig een van haar vele verhalen.’

    In zijn muziek en teksten behandelt Bashar concepten zoals identiteit, gender en seksualiteit. ‘Op jonge leeftijd begon ik al deze onderwerpen te verkennen. Ik hield van dingen die anders waren dan die van mijn leeftijdsgenoten en mijn omgeving bestond voornamelijk uit meisjes. Hierdoor realiseerde ik me dat ik anders was, en daarom maak ik deze muziek voor het Bashar-kind dat opgroeide zonder rolmodellen zoals ik.’

    Zelfexpressie

    Bashar Murad spreekt met trots over zijn seksuele identiteit en zijn lidmaatschap van de LGBTIA+-gemeenschap. ‘Palestijns en homoseksueel tegelijk zijn is een verrijkende factor die mij in staat stelt om zowel mijn nationale als seksuele identiteit te bevestigen. De beperkingen die de bezetting oplegt, creëren een honger naar vrijheid en creativiteit. Bovendien draagt ​​de diversiteit binnen de Palestijnse samenleving, met haar verschillende identiteiten, allemaal bij aan de rijkdom van de artistieke productie.’

    Bashar deed mee aan een felle competitie om IJsland te vertegenwoordigen op het Eurovisie Songfestival, waar hij het lied Wild West zong. Hij zong ook het lied Klefi / Samed (Resilience) in samenwerking met de IJslandse band Hatari, die bekendheid verwierf in de Arabische wereld nadat ze de Palestijnse vlag hesen op het Eurovisie Songfestival in Tel Aviv in 2019.

    Bashar gelooft niet dat iedereen zijn werk leuk moet vinden, maar hij benadrukt dat hij een divers publiek heeft wat betreft leeftijden, geslacht en seksuele identiteit. ‘Het podium is waar ik mezelf uitdruk, waar ik mijn identiteit en bestaan ​​voel en waar ik met anderen kan communiceren.’

    Bashars uitstraling op het podium is heel uniek. ‘Elk deel van mijn identiteit geeft mij kracht. Ik weet dat het een weg is vol obstakels, maar uiteindelijk wil ik zeggen wat ik wil en mijn vrijheid verkrijgen.’

    ‘Wat we met al deze artistieke productie doen, is onze verschillende identiteiten in de Arabische wereld bevestigen’

    Bashar blijft optimistisch over de ontwikkeling van artistieke expressie van queers in de Arabische wereld, en merkt op dat ze professioneler worden. Hij gelooft echter dat ze nog tijd nodig hebben om zichtbaarder te worden. Hij hoopt op meer empowerment en steun voor queerindividuen om hun talenten te ontwikkelen. Bashar moedigt queerindividuen aan om hun talenten te laten zien. ‘Ieder van ons speelt een rol in het bouwen van een nieuwe structuur. Cultuur en collectief bewustzijn is een cumulatief proces.’

    Bashar beschrijft zichzelf als iemand die van uitdagingen houdt. Hij probeert een lang artistiek pad te bewandelen met veel prestaties, waaronder het houden van concerten in de Arabische wereld. Hij wil verschillende creatieve ervaringen opdoen en nieuwe ideeën ervaren, om zijn artistieke werk te diversifiëren.

    Naast zingen, songteksten schrijven en muziek maken, werkt hij ook als regisseur en model. Hij ziet deze variatie als essentieel voor elke artiest, omdat het hun ideeën, carrière en bewustzijn van de wereld verrijkt. ‘Wat we met al deze culturele en artistieke productie doen, is onze verschillende identiteiten in de Arabische wereld bevestigen. We zijn jonge, interactieve samenlevingen en er zijn veel mogelijkheden, maar we hebben tijd en ervaring nodig om een ​​vrije artistieke ruimte te creëren die de verschillen accepteert. Tot we die ruimte bereikt hebben, presenteren we wat we kunnen en zetten we een stap voorwaarts op het pad.’

    Om af te sluiten benadrukt  Bashar Murad dat hij hoopt op een einde aan de Israëlische oorlogsmisdaden en genocide in Gaza, naast zijn persoonlijke ontwikkeling. ‘Ik hoop mijn artistieke reis voort te zetten, ruimte te hebben om mijn ambacht te ontwikkelen en een groter vermogen te hebben om mijn verhaal aan de wereld te vertellen. Ik hoop ook het aantal fans te vergroten, die ik als mijn familie beschouw.

  • Ghana: rechtbank geeft groen licht voor strenge anti-LHBTI-wet

    Ghana: rechtbank geeft groen licht voor strenge anti-LHBTI-wet

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Tunesië: twintig doden bij ongeluk met een migrantenboot

    » Turkije doet oproep om rebellengroep HTC van terrorismelijst te schrappen

    Het land volgt daarmee het voorbeeld van Oeganda

    Het Hooggerechtshof van Ghana heeft woensdag het beroep verworpen tegen een wet die ‘wordt beschouwd als een van de meest draconische anti-LHBTI-wetten in Afrika’, meldt de BBC. De wet ‘over seksuele rechten en familiewaarden’, die afgelopen februari door het parlement werd aangenomen, voorziet in ‘drie jaar gevangenisstraf voor mensen die zich identificeren als LHBTI’ers en vijf jaar gevangenisstraf voor het oprichten of financieren van LHBTI-groepen’, aldus de Britse omroep.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    De ratificatie is nu in handen van president Nana Akufo-Addo, wiens ambtstermijn op 7 januari afloopt. Hij heeft zich voor de nieuwe wet uitgesproken, net als zijn gekozen opvolger John Mahama. Maar het ministerie van Financiën heeft gewaarschuwd dat Ghana, dat in een ernstige economische crisis verkeert, ongeveer 3,8 miljard dollar (3,66 miljard euro) aan financiering van de Wereldbank kan verliezen als de wet wordt aangenomen. De instelling had namelijk alle nieuwe leningen aan Oeganda in 2023 opgeschort nadat in dat land een soortgelijke wet van kracht was geworden.

  • Latijns-Amerikaanse leiders voeren een kruistocht tegen gendergelijkheid

    Latijns-Amerikaanse leiders voeren een kruistocht tegen gendergelijkheid

    Onder het mom van ‘bescherming van traditionele waarden’ proberen extreemrechtse leiders als Milei en Bukele vrouwenrechten in te perken en inclusieve taal en beleid te verbieden. Ondertussen is geweld tegen vrouwen in Latijns-Amerika aan de orde van de dag.

    De culturele strijd onder leiding van president Javier Milei in Argentinië is erop gericht het gelijkheidsbeleid dat het feminisme het afgelopen decennium heeft gepromoot uit te wissen. Na om te beginnen het bestaan van de loonkloof tussen mannen en vrouwen – die volgens officiële statistieken 25 procent bedraagt – te hebben ontkend en het ministerie van Vrouwen, Gender en Diversiteit te hebben gedegradeerd tot een subsecretariaat, kondigde de regering aan dat ze inclusief taalgebruik en ‘alles wat te maken heeft met gendergelijkheid’ in de nationale overheidsdiensten zal verbieden.

    Het officiële argument is dat gendergelijkheid is ingezet ‘als een politiek middel’ en bijdraagt aan de vernietiging van waarden. Om die reden acht de regering het noodzakelijk om de ideologie uit te bannen. De regering heeft niet gespecificeerd hoe ze zich zal verzetten tegen beleid dat buiten de bevoegdheid van de ministeries valt en deel uitmaakt van de internationale verplichtingen van Argentinië, zoals de Agenda 2030 van de Verenigde Naties of de Conventie van Belém do Pará tegen gendergerelateerd geweld. In enkele belangrijke programma’s beginnen de gevolgen van de bezuinigingen echter al voelbaar te worden, zoals lijn 144 voor slachtoffers van gendergeweld of de opvanghuizen die voor hen zijn opgezet.

    Lesprogramma’s

    Carolina Villanueva, directeur van de organisatie Grow Género y Trabajo, betwijfelt of de overheid het gebruik van inclusief taalgebruik in openbare instellingen kan controleren. Toch beschouwt ze de aankondigingen als onderdeel van een brede strategie om verworven rechten te herroepen, zoals de wet op uitgebreide seksuele voorlichting en de legalisering van abortus. De reactie van feministische bewegingen was op 8 maart, Internationale Vrouwendag, op straat te horen. Ondertussen heeft Milei gezelschap gekregen van andere ultrarechtse Latijns-Amerikaanse leiders, zoals Nayib Bukele.

    De onderwijsautoriteiten van El Salvador hebben besloten om wat president Nayib Bukele ‘genderideologie’ noemt ‘te verwijderen’ uit de lesprogramma’s van openbare scholen. De beslissing werd aangekondigd door de minister van Onderwijs, José Mauricio Pineda, en leidde tot kritiek van feministische organisaties die zeggen dat het Midden-Amerikaanse land een van de landen in de regio is met het hoogste percentage geweld tegen meisjes en vrouwen. Kort daarvoor haalde Bukele tijdens een bijeenkomst van de Conservative Political Action Conference in de Verenigde Staten hard uit naar gendergelijkheid. De controversiële president zei dat hij ‘zulke ideologieën niet zou toestaan op scholen en universiteiten’. Minister Pineda zei bovendien dat ‘elk gebruik en ieder spoor van genderideologie uit de openbare scholen is verwijderd’, zonder uit te weiden over de implicaties van deze beslissing.

    Statistieken tonen aan dat vrouwen in El Salvador vaak op gewelddadige wijze om het leven komen. Uit gegevens van UN Women blijkt dat dit in 2019 om 6,48 op de 100.000 vrouwen ging. Daarnaast haalt de organisatie rapporten aan van het Openbaar Ministerie waaruit blijkt dat in de eerste helft van 2021 315 vrouwen als vermist werden opgegeven, terwijl uit de Nationale Enquête Seksueel Geweld van 2019 bleek dat 63 procent van de vrouwen in het hele land (zes op de tien) aangaf ten minste één daad van seksuele agressie te hebben meegemaakt. ‘In het algemeen hebben vrouwen en meisjes te maken met voortdurende vormen van geweld en discriminatie die geworteld zijn in het patriarchale systeem en die alleen met een alomvattende en geïntegreerde aanpak kunnen worden uitgeroeid’, waarschuwt UN Women.

    Ook in het jaar 2016 bleek de verborgen kracht die conservatieve groeperingen kunnen uitoefenen ter verdediging van het ‘traditionele gezin’. Op 2 oktober verwierpen de Colombianen het vredesakkoord tussen de regering van Juan Manuel Santos en de FARC-guerrilla. Van de verschillende redenen die een meerderheid van de burgers ertoe brachten om tegen het akkoord te stemmen, was het genderstandpunt – gelijkheid tussen mannen, vrouwen, homoseksuelen, heteroseksuelen en mensen met verschillende identiteiten – het punt dat de meeste controverse veroorzaakte.

    ‘Wat schiet zijn volk ermee op? Waar het om gaat is dat er nu tekorten, armoede en werkloosheid zijn’

    Het klimaat van verzet was al maanden aan het broeien. Evangelische en katholieke groeperingen, die steun kregen van de partij van voormalig president Álvaro Uribe, waren die zomer de straat opgegaan tegen de ‘indoctrinatie van de genderidentiteit’ door de regering. 

    Het debat werd opgestookt door nepnieuws en virale berichten die de werkelijkheid verdraaiden, maar de woede aanwakkerden van een sector die diep geworteld is in de conservatieve Colombiaanse samenleving en veel invloed heeft. María Fernanda Cabal, de leidende senator van de meest radicale vleugel van rechts, zei bijvoorbeeld dat ‘genderideologie walgelijk is’.

    In Brazilië gebruikten Bolsonaro en de zijnen het vage begrip ‘genderideologie’ tussen 2014 en 2022 minstens 206 keer op hun sociale netwerken, volgens een telling van het agentschap Diadorim. Het gebruik van de term steeg met elke naderende verkiezing; blijkbaar werkte het goed om hun achterban te mobiliseren, vooral het machtige evangelische electoraat. Extreemrechtse parlementsleden dienden zelfs wetsvoorstellen in om gendergelijkheid op scholen te verbieden, die echter geen van alle werden aangenomen. Het Hooggerechtshof verklaarde vier gemeentelijke wetten van deze strekking ongrondwettelijk.

    In tegenstelling tot in sommige buurlanden heeft inclusief taalgebruik in Brazilië nooit echt wortel geschoten. Desondanks sprak het hoofd van het cultuurbeleid onder Bolsonaro zijn veto uit over inclusieve taal in projecten voor belastingvoordelen, en de voormalige president zelf spotte met de Argentijnse regering toen Alberto Fernández aankondigde over te gaan op inclusief taalgebruik in officiële communicatie. ‘Wat schiet zijn volk ermee op? Waar het om gaat is dat er nu tekorten, armoede en werkloosheid zijn. Moge God onze Argentijnse broeders en zusters beschermen en ons uit deze moeilijke situatie helpen,’ zei hij.

    Directe reactie

    Inclusief taalgebruik en gendergelijkheid zijn niet de belangrijkste onderwerpen in de conservatieve kruistocht van de leider van de Chileense extreemrechtse Republikeinse Partij, José Antonio Kast, maar al wel aanwezig. De partij, in 2019 door hem opgericht, is tegen het homohuwelijk, adoptie van kinderen door koppels van hetzelfde geslacht, abortus, seksuele voorlichting op scholen en tegen wat ze genderideologie noemen.

    In zijn eerste presidentiële voorstel in de aanloop naar de verkiezingen van november 2021, in een deel van Kasts cultuurprogramma genaamd Recuperemos el Lenguaje, no más deformación cultural’ (Laten we de taal ontdekken, geen culturele deformatie meer) werd erop gewezen dat ‘het ten onrechte zo genoemde inclusieve taalgebruik deel uitmaakt van een politiek-ideologische agenda, niet van een culturele. We gaan het correcte gebruik van taal versterken, zonder enige vorm van discriminatie en zonder taalafwijkingen op te dringen’. Maar toen hij naar de tweede ronde ging in de strijd met Gabriel Boric, die in december van dat jaar werd gekozen, noemde hij het idee niet meer.

    In augustus 2022 diende een groep afgevaardigden uit verschillende fracties, waaronder Benjamín Moreno van de Republikeinse Partij, een wetsvoorstel in om de Algemene Onderwijswet te wijzigen om ‘het correcte gebruik van taal en het verbod op zogenaamd “inclusief taalgebruik” in alle onderwijsinstanties’ tot een van de taken van onderwijsprofessionals en assistenten te maken. De parlementariër zei vervolgens dat deze taal ‘vanuit de ideologie probeert de manier waarop we communiceren te veranderen en vanaf jonge leeftijd begint met het ideologiseren van onze kinderen en jongeren’.

    In Mexico hebben ultraconservatieve groeperingen het einde van wat zij de genderideologie noemen ook bovenaan hun agenda gezet. Dit is een directe reactie op het gelijkheidsbeleid en de uitbreiding van rechten voor vrouwen en de seksueel diverse gemeenschap. Ze zijn echter niet de enigen die zich tegen deze standpunten uitspreken. Meer traditionele partijen, zoals de Nationale Actiepartij (PAN), stemmen al decennialang tegen abortuswetgeving en proberen huwelijken tussen mensen van hetzelfde geslacht tegen te houden. 

    Eduardo Verástegui, voormalig acteur, religieus fanaat en de laatste vertegenwoordiger van de meest conservatieve rechtse partijen, probeerde mee te doen aan de verkiezingen in juni, maar slaagde er niet in genoeg handtekeningen te verzamelen om zich als kandidaat te registreren. Desondanks wist hij munt te slaan uit de ontevredenheid van een deel van de maatschappij over de regering van López Obrador en creëerde hij een flinke aanhang. Hij heeft banden met extreemrechtse milieus, zoals de Spaanse partij Vox, en extreemrechtse leiders als Donald Trump en Javier Milei, en slaagt er in zijn zoektocht naar stemmen, clicks en ‘likes’ net als hen in om zijn antirechtendiscours te verspreiden. Zo noemde hij abortus ‘een misdaad’ en linkte hij de lhbtq-gemeenschap aan pedofilie.

  • Het Indiase Hooggerechtshof erkent homohuwelijk niet

    Het Indiase Hooggerechtshof erkent homohuwelijk niet

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Venezolaanse regering hervat gesprekken met oppositie

    » President Biden gaat Israël deze week bezoeken

    Het hof stelt dat het parlement hierover moet beslissen

    Het Indiase Hooggerechtshof verwerpt het beroep om het homohuwelijk te legaliseren, zo meldt The Guardian. Het hof zegt dat dit buiten hun bevoegdheid valt en dat het door het parlement moet worden besloten. Wel hebben ze bevestigd dat homoparen het recht hebben om kinderen te adopteren. De uitspraak over het huwelijk is een teleurstelling voor de lhbti-gemeenschap in India.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    In 2018 schrapte het Indiase Hooggerechtshof een wet uit het koloniale tijdperk die homoseksualiteit verbood. Toch is de samenleving grotendeels conservatief gebleven en was er weerstand vanuit de maatschappij tegen het wettelijk erkennen van het huwelijk tussen mensen van hetzelfde geslacht. Ook de Indiase regering verzette zich tegen de zaak en noemde de argumenten voor gelijkheid ‘stedelijke, elitaire opvattingen’ en stelde dat het homohuwelijk niet in overeenstemming is met ‘het Indiase concept van een gezinseenheid met een man, een vrouw en kinderen’. Het hof betoogde dat de kwestie in het parlement moet worden beslist en niet in de rechtbank.

    Leden van de lhbti-gemeenschap in India zeggen teleurgesteld te zijn. Ondanks de uitspraak in 2018 worden ze nog steeds gediscrimineerd en ze argumenteren dat het ontbreken van wettelijke steun voor huwelijken tussen mensen van hetzelfde geslacht een schending is van hun grondwettelijke rechten.

  • De Sisters of Perpetual Indulgence vonden hun roeping als drag-non

    De Sisters of Perpetual Indulgence vonden hun roeping als drag-non

    De Sisters of Perpetual Indulgence uit Los Angeles kwamen recent in opspraak toen een onderscheiding van honkbalteam de Dodgers werd ingetrokken onder conservatief katholieke druk. Maar de drag-nonnen toonden zich vergevingsgezind.

    Zuster Tootie Toot (met groene glitterlippen, een donkere baard en een smaragdgroene cocktailjurk) vond haar roeping toen ze op een dag een zogenaamde leather bar binnenliep waar een aantal zusters bijeenzat. Ze wist het gelijk, als donderslag bij heldere hemel.

    Zuster Unity (met oranje sluier, oranje opgemaakte ogen en een harige, oranje stola) ontdekte haar roeping toen ze toevallig bij een pride-optocht in San Francisco de oorspronkelijke zusterorde de menigte zag zegenen. Er ging een haast elektrische golf door haar heen, ‘een tintelende mix van vuur en ijs’.

    En zuster Candy Cide van het Altijddurend Misverstand (zwarte jurk met lange mouwen, een wit slabbetje en meerdere kettingen met nepparels) wist wat ze wilde toen ze een groep drag-nonnen over straat zag lopen tijdens een pride-evenement in Los Angeles. Hun zelfverzekerde houding sprak haar aan. ‘Ik voelde me destijds zo schuldig, ik dacht dat ik mijn ouders teleur zou stellen om wie ik was,’ zei ze. ‘De zusters willen juist die stigmatiserende schuld bij mensen wegnemen en ze weer gelukkig maken. Toen ik dat hoorde, had ik zoiets van: dat moet ik zowel voor mezelf als voor anderen gaan doen.’

    Met hun kenmerkende witte make-up, enorme kappen (die ze zelf Hoobie Doobies noemen) en superlange wimpers trekken de Sisters of Perpetual Indulgence overal waar ze komen de aandacht. De afgelopen tijd steeg hun bekendheid echter naar nieuwe hoogten. De Dodgers, een honkbalteam uit Los Angeles, kondigde aan dat ze de zusters een onderscheiding zouden geven voor hun ‘heldendom’ in de gemeenschap. Toen conservatieve katholieke groeperingen zich daartegen verzetten, trokken ze de onderscheiding weer in om die vervolgens toch weer toe te kennen. Dat alles voltrok zich in slechts enkele dagen.

    De zusters namen de onderscheiding voor de tweede keer in ontvangst en de leiding van de Dodgers beloofde zichzelf in de toekomst beter te informeren. De zusters toonden geen bitterheid. Integendeel, ze zegenden de aanwezigen:

    Mogen de wedstrijden gezegend zijn!
    Mogen de spelers gezegend zijn!
    Mogen de fans gezegend zijn!

    Mogen het bier en de hotdogs in smakelijke overvloed vloeien!

    Sommige zusters vonden het wel degelijk moeilijk om de Dodgers te vergeven. Maar dat is niet wat de zusters willen uitdragen, zegt zuster June Cleavage, een cisgender vrouwelijk lid van de groep. (De Sisters of Perpetual Indulgence verwelkomen mensen van ‘elk gender, elk ras, elke romantische voorkeur, klasse, soort, stam, drankvoorkeur en seksuele geaardheid’, aldus hun website.) ‘Je sluit je niet aan bij deze organisatie als je geen begrip of medeleven hebt en dergelijke conflicten nog niet eerder hebt meegemaakt,’ zegt ze. ‘Ik denk dat dat onderdeel is van de roeping.’

    Eigen manier

    Op een recente lenteavond verzamelden elf zusters zich in Elysian Park in de schaduw van het Dodger Stadium. Ze kwamen in vol ornaat bijeen om het verleden, het heden en de toekomst van de non-profitgroep te bespreken in de nasleep van alle chaos die er was ontstaan.

    De geschiedenis van de zusters begon in 1979, toen drie homoseksuele mannen in San Francisco steeds vaker in habijten begonnen rond te lopen. Wat begon als een gewaagde grap werd al snel serieuzer: begin jaren tachtig sloeg de aidscrisis toe. De Sisters of Perpetual Indulgence zetten de eerste inzamelingsacties voor aidsorganisaties op en publiceerden het eerste pamflet dat voorlichting gaf over veiliger seks.

    De groep was even vrijpostig als dienstbaar en die combinatie sloeg aan. Ze werden steeds bekender en zetten nieuwe kapittels op in steden over de hele wereld. Zo ook in Los Angeles in 1995.

    De missie van de zusters is ‘het verlichten van stigmatiserende schuld en het verspreiden van universele vreugde’. Maar sinds hun oprichting worden ze duivels en antikatholiek genoemd en door hun tegenstanders beschuldigd van godslastering: ze zouden katholieke nonnen bespotten.

    Maar zo zien zij het niet. ‘We spotten nergens mee,’ zegt Zuster Harlot D Lite (rode geribbelde minijurk, rode oorbellen met kwastjes en sierlijke roze make-up). ‘We waarderen nonnen en we doen de dingen op onze eigen manier, voor onze gemeenschap.’

    Alle zusters werken op vrijwillige basis en al het geld dat ze verdienen met donaties, optredens of de evenementen die ze organiseren, gaat naar liefdadigheidsinstellingen. ‘Elke dollar die bij de zusters binnenkomt, vloeit terug naar de gemeenschap,’ zegt zuster Candy Side. ‘We verdienen er zelf geen cent aan.’

    Ook geven ze individuele hulp aan mensen in nood. ‘Toen we net begonnen, verraste het ons dat mensen niet alleen de grap waardeerden, maar het nonnenaspect ook echt serieus namen,’ zegt Zuster Unity. ‘En toen dachten we steeds vaker: Weet je, we hebben ook een serieuze verantwoordelijkheid. Laten we die vervullen. Laten we mensen glitter en humor geven, maar ook dat overbrengen waarin we echt geloven.’

    Zuster Unity herinnert zich dat ze in het toilethokje van een gaybar de biecht afnam van een stoere leather daddy die zich zorgen maakte over zijn vriendje

    Inmiddels noemen de zusters de een-op-eengesprekken die ze hebben ‘zendingswerk’. Ze vertellen dat deze veel voorkomen. Zo stond zuster Mariposa Patriota, nu met emeritaat, een keer op een straathoek in West Hollywood boven het gedreun van dancemuziek uit te praten met een jongeman. De man, die uit Orange County kwam, was net uit de kast gekomen tegenover zijn ouders en huilde omdat het niet goed was gegaan. Mariposa Patriota verzekerde hem dat het goed zou komen. Nu deed het pijn, maar er stond een gemeenschap van duizenden mensen klaar om hem te steunen en zijn nieuwe vrienden en familie te worden.

    Zuster Unity herinnert zich dat ze in het toilethokje van een gaybar de biecht afnam van een stoere leather daddy die zich zorgen maakte over zijn vriendje. Onlangs nog, bij de White Dress Party die de zusters elk jaar organiseren, stond zuster June Cleavage dertig minuten lang hand in hand met een vrijwilliger die treurde om zijn pas overleden moeder.

    Sommige zusters denken dat de witte make-up, dat een soort anoniem effect heeft, mensen in staat stelt om zich voor hen open te stellen. ‘Het is een masker. Soms vinden mensen het minder eng om tegen een masker te praten dan tegen iemand met een echt gezicht,’ zegt zuster Candy Cide.

    Zuster Loose Clarita (met glanzende make-upstrepen op het gezicht die op de Mexicaanse vlag lijken) zegt dat de zusters spelen met het archetype van de hofnar of de clown. ‘Tenzij je een fobie voor ze hebt, weet je dat clowns je geen pijn zullen doen. De clown is altijd de domme, degene zonder waarde,’ zegt ze. ‘Dat stelt ons in staat om contact te maken met de donkere plekken van de ziel, waar mensen zelf misschien bang voor zijn.’

    Hard werk

    Om lid te worden van de zusters moet je veel meer doen dan een mooie naam kiezen en je opmaken. Meestal duurt het proces minstens anderhalf jaar. Het begint met de aspirantfase: iemand geeft aan zuster te willen worden, kiest een naam en begint bijeenkomsten bij te wonen. Als dat allemaal goed gaat, begint drie maanden later de postulantfase: de zuster in spe mag de karakteristieke make-up dragen, maar krijgt nog geen sluier. Weer zes maanden later breekt de beginnersfase aan. Een beginnend zuster draagt de Hoobie Doobie en wordt verwacht deel te nemen aan evenementen en bijeenkomsten, maar moet daarop een witte sluier dragen.

    Om een volwaardig zuster te worden moet elke beginneling een project voltooien, zoals het organiseren van een evenement of het opzetten van een campagne voor veilige seks. Eén zuster schreef bijvoorbeeld een kookboek, waarvan ze de opbrengsten aan een aidsorganisatie schonk. Iemand anders zette in een lhbtq+-ruimte in Torrance [een stad dicht bij Los Angeles] een zogenaamde sister story time op: eens in de zoveel tijd komen zusters aan kinderen voorlezen in het Engels en Spaans.

    ‘Hoe ik het vaak aan mensen uitleg, is dat elke fase in feite toetst of jouw vorm van gekte past bij onze vorm van gekte,’ zegt zuster Kumonawanna Leya. ‘En of je naast alle frivoliteit ook echt komt om te werken. Want dat is het: hard werk.’

    De zusters zijn eraan gewend in het middelpunt van de belangstelling te staan, maar velen geven toe dat de recente storm van aandacht een emotionele tol heeft geëist.

    In de media werd gesuggereerd dat de Dodgers de prijs hadden ingetrokken omdat de fanbase van het honkbalteam grotendeels Latino en katholiek is. Zuster Bearonce Knows, die al haar hele leven al Dodgers-fan is, wond zich hierover op. ‘Ik had zoiets van: ja, dat ben ik ook. Dus wat zeg je nou eigenlijk?’

    Zuster Tootie zegt dat de aanvankelijke afwijzing bij veel van de zusters pijnlijke ervaringen uit het verleden opriep. ‘Mijn eerste reactie was: hier gaan we weer – hetzelfde liedje,’ zegt ze. ‘De meesten van ons zijn queer en gay. We zijn gewend aan teleurstellingen, want er zijn ons al vaker dingen afgepakt. Veel van ons hebben dat ervaren binnen onze familie, vriendenkring en gemeenschap.’

    Maar veel van de zusters vertellen dat de recente ervaring ze ook iets heeft opgeleverd, nog los van de excuses die ze uiteindelijk van de Dodgers kregen. ‘Ik ben een Mexicaanse homoman die in de Verenigde Staten woont, dus ik ben altijd bang,’ zegt zuster Bearonce. ‘Deze specifieke situatie verandert dat niet voor mij, maar ik voelde me vooral gesteund, niet alleen door onze eigen gemeenschap maar ook door mensen daarbuiten.’

    Zuster Tootie is het daarmee eens. ‘In het begin was ik verdrietig, maar toen ik zag hoeveel mensen steun en liefde uitten, leefde ik juist op,’ zegt ze.

    Zuster Unity was ontroerd door alle steun van lhbtq+-organisaties, die drag-performers in het verleden niet altijd een warm hart hebben toegedragen. ‘Ik denk dat binnen de lhbtq+-gemeenschap een culturele verandering gaande is,’ zegt ze.

    Voor Zuster Candy Cide was het belangrijkste dat ze steun kreeg van haar biologische familie. Toen ze jaren geleden bij haar ouders uit de kast kwam, kostte haar dat veel moeite. Maar afgelopen week belde haar moeder haar op om te zeggen hoe erg ze het vond dat de Sisters of Perpetual Indulgence door het slijk werden gehaald. Ze wist dat het een geweldige groep was – en Candy een geweldige persoon.

    Het was het zoveelste bewijs dat drag-nonnen wonderen kunnen verrichten.

    Lees ook:

  • Hoe het is om Oegandees en queer te zijn terwijl je land zich tegen je identiteit keert

    Hoe het is om Oegandees en queer te zijn terwijl je land zich tegen je identiteit keert

    Het Oegandese parlement heeft een anti-lhbti-wet aangenomen die het al strafbaar maakt om je als queer te identificeren. The Daily Maverick sprak met Oegandezen over de wet en hoe die hun leven en dat van andere leden in de lhbti-gemeenschap beïnvloedt.

    Op dinsdag 21 maart, dezelfde dag dat in Zuid-Afrika de Dag van de Mensenrechten werd gevierd, nam het Oegandese parlement een wet aan die grove mensenrechtenschendingen mogelijk maakt tegenover de queer gemeenschap in het land. Deze wet moet het bevorderen van homoseksualiteit en het overwegen van homoseksuele handelingen strafbaar maken. Hoewel de wet drie weken geleden door het parlement werd aangenomen, moet hij nog door president Yoweri Museveni worden ondertekend. 

    Frank Mugisha, een Oegandese lhbti-activist, zegt in een interview met DemocracyNow dat er verschillende redenen kunnen zijn waarom de president nog afwacht. Zo zouden lokale activisten en het maatschappelijk middenveld hem verzoeken de wetgeving niet te snel te ondertekenen vanwege de mogelijk heftige reacties en consequenties. 

    De Oegandese anti-lhbti-wetgeving komt op een moment waarop homofobe en transfobe wetgeving wereldwijd in opkomst lijkt. In de VS bijvoorbeeld zijn dit jaar alleen al minstens 417 anti-lhbti-wetsvoorstellen geïntroduceerd. 

    Voordat de nieuwe wet werd aangenomen, bestond in Oeganda al lange tijd vijandigheid jegens homoseksualiteit. Het is niet het eerste wetsvoorstel dat homofobie in het land probeert vast te leggen. 

    Privé

    Natukunda (een pseudoniem, want ze wil anoniem blijven) identificeert zich als panseksueel. Hoewel ze deel is van de Oegandese diaspora in Zuid-Afrika, brengt ze nog steeds veel tijd door in Oeganda, vooral sinds haar ouders in 2019 terug verhuisden naar Kampala. 

    ‘Natuurlijk hou ik van Oeganda. Mijn ouders komen er vandaan en het is een prachtig land met fijne mensen. Dat het land de Antihomoseksualiteitwet aanneemt is erg teleurstellend, want nu zit ik helemaal klem. Ik zou me willen identificeren als Oegandees, maar dat kan niet verenigd worden met wie ik echt ben, en in het bijzonder met mijn seksualiteit.  

    ‘Behalve mijn broers en zussen wist niemand in Oeganda dat ik queer was. Zelfs mijn ouders niet – zij weten het nog steeds niet. Dus ik stond thuis gewoon bekend als hetero. Sterker nog, er werd nooit over seksualiteit gesproken, omdat Afrikaanse families het daar niet echt over hebben.’ 

    In Zuid-Afrika voelde Natukunda zich in staat haar seksualiteit te uiten. 

    ‘In Oeganda zag ik soms mensen – zowel mannen als vrouwen – tot wie ik me aangetrokken voelde, maar ik handelde er nooit naar. Ik hield het voor mezelf. Die kant uitte ik alleen hier in Zuid-Afrika,’ zegt ze. 

    ‘Stel je voor dat ik nu in Oeganda ben en iemand leuk vind. Dan kan ik mijn affectie alleen maar tot uiting brengen als ik in een bar of nachtclub ben die behoorlijk ondergronds is, waar het donker is en waar anderen zich comfortabel voelen in de buurt van queer mensen. Anders houd je het privé.’ 

    Natukunda weet nog goed dat ze in een Oegandese stad twee mannen hand in hand over straat zag lopen, met een glimlach op hun gezicht. Iedereen stopte om hen aan te staren.   

    ‘Ik heb mijn ouders al verschillende keren verteld dat ik wel van mijn familie houd en zo, maar dat ik me er niet op mijn gemak voel’

    Ze zegt dat migranten die naar huis terugkeren voor heel uitgesproken uitdagingen komen te staan: in het buitenland kunnen ze openlijk hun seksualiteit tonen, terwijl homoseksuele mensen hun seksuele voorkeur in Oeganda altijd verborgen moeten houden. Als ik nu naar huis ga, is het dan echt veilig? vraagt ze zich af.

    Maar volgens haar is het belangrijk is om nog geen ophef te maken over de situatie in Oeganda, aangezien Museveni het wetsvoorstel nog moet ondertekenen. 

    Dembe (een pseudoniem, want hij wil anoniem blijven) is Oegandees en queer.

    ‘Ik weet nog dat ik tijdens mijn tienerjaren besloot af te komen van de “Oegandeesheid” van mijn identiteit. Ik had het gevoel dat die niet strookte met mijn queerness, en ik wist dat ik die niet kon veranderen. Dus probeerde ik de band met mijn Oegandese identiteit zwakker te maken.’ 

    ‘Om een voorbeeld te geven: de moedertaal van mijn ouders, en ook die van mij, is Loeganda. Maar in mijn tienerjaren begon ik uitsluitend Engels met ze te spreken. Ik wilde niet meer proberen de taalkundige of culturele band met Oeganda in stand te houden.’

    Mukasa (een pseudoniem, want hij wil anoniem blijven) is een mensenrechtenadvocaat die gespecialiseerd is in gelijke rechten. Daartoe behoren de rechten van mensen met een beperking, migranten en leden van de lhbti-gemeenschap. Hij identificeert zich als queer en maakt deel uit van de Oegandese diaspora in Zuid-Afrika. 

    Hij zegt dat zijn ouders, die ook in Zuid-Afrika wonen, minstens één keer per jaar naar Oeganda gaan om familie te zien, meestal rond Kerstmis. ‘Ik heb mijn ouders al verschillende keren verteld dat ik wel van mijn familie houd en zo, maar dat ik me er niet op mijn gemak voel. Ik voel me niet veilig genoeg om terug te keren naar Oeganda. Ik blijf in Zuid-Afrika en vier Kerst zonder mijn familie,’ zegt Mukasa. 

    Hij vertelt dat het pijnlijk is om afstand te nemen van zijn Oegandese identiteit. ‘Het is erg treurig om te bedenken dat mijn banden met mijn familieleden, mijn cultuur en mijn geschiedenis hierdoor minder sterk worden.’ 

    Zijn ouders zijn van plan terug te keren naar Oeganda. Dat heeft hem aan het denken gezet: ‘Als ik op een dag een gezin zou hebben en met een man zou trouwen, kan ik ze dan meenemen naar Oeganda zodat ze mijn ouders kunnen ontmoeten? Als mijn ouders overlijden en begraven worden in Oeganda, kan ik dan een begrafenis bijwonen zonder dat mijn veiligheid in gevaar komt? Als mijn ouders ziek worden, kan ik dan teruggaan om bij ze te zijn? Zulke angsten komen bij me boven.’

    Roofdieren

    Mukasa vindt de manier waarop er over de nieuwe wet gesproken wordt vreemd. Oegandese wetgevers zeggen dat de wet bedoeld is om ‘traditionele Afrikaanse waarden’ te beschermen, wat het idee in stand houdt dat homoseksualiteit en andere vormen van queer-zijn per definitie anti-Afrikaans zijn. 

    ‘Er worden veel argumenten aangevoerd om het wetsvoorstel te rechtvaardigen. Veel daarvan verwarren homoseksualiteit met pedofilie. Een van de definities van agressieve homoseksualiteit die in het wetsvoorstel voorkomt, is bijvoorbeeld seks met een minderjarige zonder diens toestemming. Dat heeft helemaal niets te maken met homoseksualiteit, maar mensen lijken het idee te hebben dat vooral homoseksuele mannen een soort roofdieren zijn die op je kinderen jagen. Dat we gevaarlijk zijn. 

    Een ander beeld dat men van queer-zijn heeft is dat het uit het Westen is geïmporteerd, of dat het gedrag is dat men in het Westen heeft aangeleerd. Of dat mensen homoseksueel worden door naar films of series op DStv [een tv-zender in zuidelijk Afrika] en Netflix te kijken. Er zijn altijd al homoseksuele Afrikanen geweest.’

    Mukasa geeft het voorbeeld van een Oegandese monarch, koning Mwanga II, die van 1884 tot 1888 regeerde. Er zijn historische bewijzen dat de koning queer was, zodat bekend is dat queerness zelfs in het prekoloniale Oeganda voorkwam. 

    In meer dan dertig Afrikaanse landen zijn homoseksuele relaties verboden

    Antihomowetten en beeldvorming rondom homoseksualiteit blijven niet beperkt tot Oeganda. In meer dan dertig Afrikaanse landen zijn homoseksuele relaties verboden. Mukasa legt uit hoe de nieuwe Oegandese wet andere Afrikaanse landen zou kunnen beïnvloeden. ‘Het lijkt alsof sommige landen zich hebben laten inspireren door Oeganda, en dat is verontrustend. Een Keniaans parlementslid zei onlangs dat hij een soortgelijk wetsvoorstel wil indienen, wat betekent dat hij min of meer kopieert wat er in Oeganda gebeurt.’

    We zijn blij dat het wetsvoorstel wereldwijd aandacht krijgt en wordt veroordeeld. Ik denk dat het maatschappelijke middenveld in Afrika en vooral Zuid-Afrika een unieke en invloedrijke rol kan spelen. Want, zoals ik al eerder zei: het idee bestaat dat homoseksualiteit on-Afrikaans en geïmporteerd is, dat het westers gedrag is. 

    Maar als Afrikanen in Zuid-Afrika en op het hele continent zich ook uitspreken tegen wat er gaande is, wordt dat verhaal ondermijnd. Het zou laten zien dat Afrika geen monoliet is – dat we niet allemaal homofoob zijn of geloven dat homoseksueel gedrag in strijd is met onze cultuur.’

    Lees ook:

  • Polen: moordenaar burgemeester Adamowicz tot levenslang veroordeeld

    Polen: moordenaar burgemeester Adamowicz tot levenslang veroordeeld

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Wall Streets grootste banken redden First Republic Bank

    » De regering-Meloni belooft Italianen een grote belastingklapper

    Dader kan nog in hoger beroep gaan

    De rechtbank van Gdansk heeft Stefan Wilmont, de moordenaar van oud-burgemeester Pawel Adamowicz, veroordeeld tot levenslang, meldt Gazeta Wyborcza. Daarmee heeft de rechtbank voldaan aan de eis van het Openbaar Ministerie. Het vonnis is niet definitief, wat betekent dat de veroordeelde nog in hoger beroep kan gaan.

    Aan niets was te merken dat de verdachte spijt had van zijn daad. Zwijgend en met een glimlach op zijn gezicht hoorde hij het vonnis aan, aldus de Poolse krant. De moord zou een vergeldingsactie zijn voor de in zijn ogen onterechte gevangenisstraf van vijfenhalf jaar die hem in 2013 wegens een bankoverval werd opgelegd. Wilmont wilde de schijn wekken dat hij aan schizofrenie leed en daarom ontoerekeningsvatbaar was, maar daar ging de rechter niet in mee.

    Volgens veel mensen speelde de haatcampagne van de conservatieve regeringspartij PiS een belangrijke rol bij de moord

    ‘Pawel Adamowicz zal altijd in herinnering blijven. En ik hoop dat de dader zo spoedig mogelijk zal worden vergeten,’ aldus weduwe Magdalena. ‘Het gezegde luidt dat de tijd alle wonden heelt. Dat is voor een groot deel waar, maar het familietrauma blijft. Met deze uitspraak is de zaak nog niet afgesloten. Gezien de hoge straf zal de verdachte vast en zeker in hoger beroep gaan,’ stelde Piotr, broer van het slachtoffer.

    Op 13 januari 2019 hield Adamowicz, destijds burgemeester van Gdansk, een toespraak ter gelegenheid van het Groot Benefiet- en Kerstorkest (WOSP), de grootste liefdadigheidsorganisatie van Polen. Wilmont kwam het podium op lopen en stak hem neer met een mes. Adamowicz werd met spoed afgevoerd en overleed een dag later in het ziekenhuis. Volgens veel mensen speelde de haatcampagne van de conservatieve regeringspartij PiS tegen de lhbti-gemeenschap een belangrijke rol bij de moord. Adamowicz stond bekend als een vurig pleitbezorger van lhbti-rechten.

    Lees ook:

  • Spanje neemt wet genderzelfbeschikking aan

    Spanje neemt wet genderzelfbeschikking aan

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » VS ‘zeer ontzet’ over uitbreiding Israëlische nederzettingen

    » Tesla moet meer dan 360.000 voertuigen met zelfrijdende functie terugroepen

    De Spaanse minister spreekt van ‘historische stap vooruit’

    De Spaanse minister van Gelijkheid Irene Montero is erin geslaagd haar transgenderwet door het Congres heen te loodsen. Dat betekent dat Spanjaarden vanaf nu zelf mogen bepalen welk geslacht op hun identiteitsbewijs zichtbaar is, zonder dat ze daarvoor een medische verklaring moeten laten zien of hormonen hoeven te slikken, schrijft El Mundo. Vanaf twaalf jaar moeten kinderen nog aan bepaalde voorwaarden voldoen, zodra ze zestien jaar zijn vervallen die vereisten.

    De minister verklaarde in het Congres, de Spaanse Tweede Kamer, dat de wet ‘tegen alle verwachtingen in’ erdoorheen is gekomen. Maandenlang zijn er verhitte debatten gevoerd over de implicaties en gevolgen van deze wet. Onder andere de conservatieve partij PP, de rechts-populistische partij Vox en feministische actiegroepen waren fel tegen het wetsvoorstel.

    PP en Vox waarschuwen voor de ‘onomkeerbare problemen’ die de wet zal opleveren

    Zelfs de partij die de meerderheid vormt binnen de regering, de sociaaldemocratische PSOE, bracht stevige bezwaren in tegen het wetsvoorstel. Zo zou het ongrondwettelijk zijn om minderjarigen zulke bevoegdheden te geven. Uiteindelijk moest de partij het afleggen tegen de partijalliantie Unidas Podemos (‘Samen kunnen we het’), waar ook minister Montero met haar partij Podemos deel van uitmaakt.

    Waar de minister van Gelijkheid spreekt over een ‘historische stap vooruit’, waarschuwen onder andere de PP en Vox voor de ‘onomkeerbare problemen’ die de wet zal opleveren. Zo zou met het aannemen van de wet medische en psychologische bescherming wegvallen, wat vooral problematisch zou zijn voor minderjarigen die stappen ondernemen om hun geslacht te veranderen, hormonen slikken en vervolgens spijt krijgen van hun keuze. Ondanks deze kritiek werd de wet met een ruime meerderheid van zo’n 190 stemmen aangenomen.

    Lees ook:

  • Rusland gaat lhbti-gemeenschap harder vervolgen

    Rusland gaat lhbti-gemeenschap harder vervolgen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » China voert meer lockdowns in na stijging besmettingen

    » VN Mensenrechtenraad stuurt missie naar Iran

    Volgens een nieuwe wet wordt alle ‘lhbti-propaganda’ verboden

    Voor de lhbti-gemeenschap in Rusland wordt het leven nog zwaarder. Donderdag keurde het Russische parlement een nieuwe wet goed waarmee het ‘promoten van lhbti-propaganda’ verboden wordt, schrijft het Russische persbureau TASS. Alles waarin homoseksualiteit voorkomt, van boeken tot films, van muziek tot websites, wordt illegaal en wie de wet overtreedt kan flinke boetes verwachten.

    Wie als persoon de wet overtreedt moet ruim 6000 euro betalen en bedrijven en ngo’s die homoseksualiteit promoten kunnen een boete tot 80.000 euro krijgen. De Doema, zoals het Russische parlement heet, ziet de wet als een manier om de Russische maatschappij te beschermen van ‘on-Russische’, westerse waarden.

    De lhbti-gemeenschap wordt in Rusland al langere tijd onderdrukt. Zo mogen zij zich niet in het openbaar manifesteren en homostellen die zich in het openbaar laten zien worden regelmatig geïntimideerd. De nieuwe wet wordt door mensenrechtenorganisaties gezien als een volgende stap om homoseksualiteit in Rusland volledig uit te bannen.

    Lees ook:

  • Florida verbiedt onderwijs over lhbti-kwesties op scholen

    Florida verbiedt onderwijs over lhbti-kwesties op scholen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Californië gaat namen geven aan hittegolven

    » Internationaal Atoomenergieagentschap verliest contact met Tsjernobyl

    Critici: seksuele geaardheid tot taboe verklaard op scholen

    Florida neemt een controversiële wet aan die het onderwijs over lhbti-kwesties op scholen verbiedt. Het wetsvoorstel, dat dinsdag door de Senaat is aangenomen, moet nog worden ondertekend door de Republikeinse gouverneur van Florida, Ron DeSantis, die het initiatief steunt.

    De wet geldt voor de kleuterschool tot en met de derde klas en verbiedt leraren om genderidentiteit en seksuele geaardheid te bespreken als onderdeel van het lesprogramma. De Republikeinen zeggen echter dat de wet spontane discussies over deze onderwerpen tussen leraar en leerling niet verbiedt.

    Volgens Miami Herald zeggen critici van de wet echter dat het initiatief leerkrachten zou kunnen ontmoedigen om het onderwerp te bespreken, vooral omdat de wet ouders de mogelijkheid biedt om schooldistricten aan te klagen als zij menen dat de school van hun kind de bepalingen van de wet heeft overtreden.

    Lees ook:

  • Duitsland: gezamenlijke coming out van katholieke lhbti’ers

    Duitsland: gezamenlijke coming out van katholieke lhbti’ers

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Schrijver Maya Angelou is eerste zwarte vrouw op Amerikaanse munt

    » Na staatsgreep in Burkina Faso vragen demonstranten Rusland om hulp

    Katholieke lhbti’ers protesteren tegen discriminatie

    ‘Meer dan honderd werknemers van katholieke instellingen treden gezamenlijk naar voren als lhbti’ers. Zij willen de aandacht vestigen op een discriminerend systeem’, schrijft het Duitse nieuwsprogramma Tagesschau op haar website.

    In een documentaire van omroep ARD doen honderd queer katholieken voor het eerst publiekelijk verslag van hun ervaringen in de Katholieke Kerk en haar instellingen. Tegelijkertijd treedt een groep van honderdvijfentwintig gelovigen naar buiten onder de naam Out in Church, om te protesteren tegen de arbeidswetgeving en een niet-transparant systeem dat discriminatie van lhbti-werknemers toelaat. De kerk is de op een na grootste werkgever in Duitsland.

    ‘Wie voor de katholieke kerk of katholieke instellingen werkt, moet in zijn arbeidscontract instemmen met speciale bepalingen die diep in de privésfeer binnendringen en die queer, dat wil zeggen niet-heteroseksuele of cisgender personen, verbieden open te zijn over hun identiteit. Het homohuwelijk zou uiteindelijk tot ontslag kunnen leiden’, schrijft Tagesschau.

    Lees ook:

  • Japan wil einde maken aan archaïsche genderwetten

    Japan wil einde maken aan archaïsche genderwetten

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Brazilië: YouTube schorst Bolsonaro voor een week

    » Soedan: meerdere doden bij de demonstraties tegen de staatsgreep

    In Japan willen transgenders niet langer op de operatietafel om hun identiteit te veranderen

    De Japanse wet vereist dat elke transgender persoon een zeer dure geslachtsaanpassende operatie ondergaat om wat betreft burgerlijke staat van geslacht te kunnen veranderen. Deze situatie wordt nu aan de kaak gesteld door de betrokkenen, die dagelijks worden gestigmatiseerd, meldt de Japanse pers. 

    Op 4 oktober ging generaal Suzuki in Hamamatsu, centraal Japan, naar de districtsrechtbank in de regio om een ​​petitie in te dienen die het lot van alle transgenders in het land zou kunnen veranderen, zoals de publieke omroep NHK meldt.

    Deze 46-jarige transgender man, die in de burgerlijke stand is geregistreerd als vrouw, wil dat de Japanse rechtbanken erkennen dat de genderidentiteit van een persoon moet worden gerespecteerd ‘zonder dat een chirurgische ingreep noodzakelijk is’, aldus The Mainichi.

    In Japan, een land waar het homohuwelijk ondanks de goedkeuring van de meerderheid van de bevolking nog steeds niet is gelegaliseerd, legt de wet nog altijd archaïsche voorwaarden op de aanduiding van het geslacht op de burgerlijke staat te wijzigen. Transgenders worden inderdaad gedwongen om operatief te worden gesteriliseerd en moeten geslachtsdelen hebben die sterk lijken op die van het andere geslacht.

    ‘De staat dwingt mij een operatie af’

    Omdat de geslachtsaanpassende operatie erg duur is, gooit ongeveer 80 procent van de transgenders de handdoek in de ring en behoudt wettelijk het geslacht dat bij de geboorte is toegewezen, aldus NHK. Gen Suzuki legt zich daar niet bij neet:

    ‘Ik wil alleen maar leven met het geslacht waarmee ik me identificeer en dat past bij mijn uiterlijk. Het feit dat ik nog steeds eierstokken heb, heeft niets te maken met mijn mannelijke genderidentiteit. Dat de staat mij een operatie oplegt die ik niet eens wil, is onzin!’

    Volgens hem zijn deze door de staat opgelegde voorwaarden in strijd met de grondwet van het land, die gelijkheid voor de wet en respectering van de persoonlijkheid van het individu voorschrijft. Hij besloot daarom juridische stappen te ondernemen, in de hoop een verschil te maken.

    ‘In de burgerlijke stand en andere officiële documenten blijven deze mensen lijden onder de ontkenning van hun bestaan, zonder erin te slagen het geslacht te veranderen dat niet van hen is. Dit is een schending van de mensenrechten waarvan we niet weg moeten kijken’, citeert de regionale krant Shizuoka Shimbun zijn advocaat, Yoko Mizutani.

    Discriminatie die dagelijks zwaar weegt

    Omdat ze niet wettelijk van geslacht kunnen veranderen, worden transgenders in Japan dagelijks gediscrimineerd, schrijft de NHK- zender. Dit is het geval bij Chihiro Ueda. Hoewel ze al zestien jaar haar leven als vrouw leidt, wordt op haar identiteitsbewijs nog steeds aangegeven dat ze een man is, wat een echte barrière vormt bij het zoeken naar werk.

    Vele malen heb ik gesolliciteerd om als caissière of in een restaurant te werken. Maar mijn verzoek wordt vrijwel altijd geweigerd. En zelfs als het me lukt om een ​​baan te krijgen, laten ze me nooit klanten bedienen. Het is een voortdurende vernedering.

    ‘Een schending van de mensenrechten’ volgens de WHO

    In tegenstelling tot Japan hebben Europese landen deze voorwaarden de afgelopen jaren opgeheven. Als de betrokkene in Duitsland bijvoorbeeld meer dan drie jaar met het geslacht van zijn keuze leeft, kan hij het geslacht dat hem bij de geboorte is toegewezen in de burgerlijke stand wijzigen. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en andere internationale instellingen publiceerden in 2014 een gezamenlijke verklaring waarin zij de verplichting van de operatie als een ‘schending van de mensenrechten’ kwalificeerden .

  • Oproep tot vernietiging van genderidentiteit

    Oproep tot vernietiging van genderidentiteit

    Zelfs in een cultuur die zo openstaat voor afwijkende seksuele identiteiten, moeten sommigen hun ware aard verborgen houden. ‘Ik ben geen jongensachtige vrouw, ik ben een man’, schrijft een Zuid-Indiase transseksueel.

    Voorbij het onderscheid tussen man en vrouw

    ‘Over de hele wereld komt het voor: de ziel van een man in het lichaam van een vrouw, of andersom. Hoe erop wordt gereageerd – door wie het overkomt maar ook door diens omgeving – verschilt van continent tot continent. In het Oosten lijkt de minste kramp te heersen, in het Westen loopt de emancipatie van de transseksueel nog ver achter bij die van de homo. Dat een jongen (Andrej Pejic) bh-model is (voor de Hema) verandert daar nog niks aan.’

    Zo luidde de inleiding van ons dossier over genderidentiteit in januari 2012. We noemden de tijden toen al ‘transseksueel’ en beschreven in zes artikelen hoe op verschillende plekken in de wereld met het onderwerp werd omgegaan. Als archiefstuk vandaag kozen we deze hartekreet van een Indiase transseksuele man die werkt bij LesBiT, een steungroep voor lesbiennes, biseksuele vrouwen en vrouw-naar-man transseksuelen.

    In Zuid-India bestaan meerdere (trans)-seksuele identiteiten. Zo is daar de vrouw-naar-man identiteit Thirunambigal in Tamil Nadu, Magaraidu in Andhra Pradesh en Gandabasaka in Karnataka. En ook de man-naar-vrouw identiteit zoals de kothi, hijra (ook wel genoemd Aravanis en Thirunangaigal in Tamil Nadu), Jogappa in Noord-Karnataka, Jogatha in Andhra Pradesh en Shiva Shakti in Maharashtra en Andhra Pradesh.

    Niet al deze identiteiten zijn zo bekend als de hijra, die synoniem is geworden met transseksualiteit. Dat komt voornamelijk door de historische zichtbaarheid van deze gemeenschap die voor zichzelf een culturele en sociale ruimte heeft gecreëerd via het guru-chela (leraar-leerling) systeem. Dat is een steun voor veel jonge hijra’s/kothi’s die uit huis zijn gegaan om zich bij een van de zeven gharanas (huizen) te voegen als ‘dochters’ of ‘leerlingen’ van hun goeroes. Een hijra/kothi zie je vaak bij stoplichten staan bedelen – een van de weinige manieren om zich staande te houden in een vijandige en discriminerende maatschappij.

    Het geld dat India ontvangt om hiv/aids te bestrijden is aangewend om door het hele subcontinent ngo’s op te zetten die zich richten op de kothi als primaire drager van de infectie. Maar de genderidentiteit van de kothi wordt verdoezeld doordat de door ngo’s gehanteerde term MSM (mannen die seks hebben met mannen) vaak gebruikt wordt voor kothi’s. Maar kothi’s zijn geen mannen. Ze hebben een mannenlichaam, maar voelen zich vrouw.

    Bemiddelaars

    Jogappa’s zijn jonge jongens, meestal afkomstig uit de kaste van de onaanraakbaren (dalit) of uit een andere ‘achterlijke’ kaste, soms zelfs uit moslimgezinnen in Noord-Karnataka, die de godin Yellamma zijn toegedaan. Ze dragen vrouwenkleren en treden op als bemiddelaars tussen gelovigen en de godin. Ze mogen niet trouwen.

    De Jogappa is geen uitsluitend uit transseksuelen bestaande categorie, maar een ruimte waarin van oudsher transgendergedrag is toegestaan. Veel transseksuele vrouwen vinden hier een legitieme plek om hun identiteit, die niet overeenkomt met de heersende normen, toch in de maatschappij tot uiting te brengen.

    Ik voel me een Thirunambi, een vrouw-naar-man transseksueel. Lang voordat ik wist wat ik was, wist ik al dat ik in het verkeerde lichaam zat. Pas onlangs vond ik de woorden die het best beschrijven wat ik ben en trof ik mensen die net zo in elkaar zitten als ik: iemand die geboren is als vrouw, maar met de genderexpressie van een man. Ik heb jarenlang geprobeerd onder woorden te brengen wat ik ben, en getracht mijn familie, vrienden en geliefden te vertellen dat ik geen jongensachtige vrouw ben, maar een man.

    Transseksuele mannen zijn er in allerlei soorten en maten. Sommigen van ons willen een geslachtsoperatie, anderen niet; sommigen voelen zich heteroseksueel, anderen lesbisch of homo, en weer anderen multiseksueel. Er zijn er die soepeler omgaan met hun genderidentiteit dan anderen. Sommigen zijn door hun familie gedwongen te trouwen met een man, terwijl het anderen is gelukt zich los te maken en elders een beperkte vorm van vrijheid te vinden.

    Maar hoe verschillend ook, allemaal hebben we te maken gehad met onderdrukking vanwege onze ‘afwijkende’ genderexpressie.

    Ons wordt het zwijgen opgelegd voor we kunnen spreken

    De mate waarin varieert natuurlijk naar gelang de positie die we binnen onze kaste en klasse innemen. Ik schrijf als een Engelssprekende Nair vrouw-naar-man transseksueel uit de middenklasse. Ik schrijf voor mijn niet- Engelssprekende vrouw-naar-man dalit-broeders uit de arbeidersklasse. Ik schrijf omdat onze stemmen nooit worden gehoord. Ons wordt het zwijgen opgelegd voor we kunnen spreken. We hebben dubbel te lijden omdat we naast onze nonconformistische genderexpressie ook nog eens als vrouw zijn geboren. We hebben geen systeem zoals de hijra’s.

    We hebben geen goeroes die voor ons zorgen als we weggaan bij onze familie. We zijn onzichtbaar omdat we geconditioneerd zijn om in het openbaar ‘door te gaan’ voor een man, om te zeggen dat ons lichaam er niet toe doet omdat we ons ervan afgesneden voelen.

    Is dat lichaam dat maandelijks bloedt, dat lichaam met borsten dat wordt beschouwd als vrouwelijk, míjn lichaam? Dat is een vraag waar wij allemaal mee geworsteld hebben.

    Het is voor ons moeilijk om te veranderen met behoud van respect voor ons lichaam, omdat de maatschappij zich amper bewust is van onze genderidentiteit. Het medische establishment is grotendeels niet op de hoogte van onze behoeften en geslachtsveranderingsoperaties zijn niet te betalen voor als vrouw geboren transseksuelen uit de arbeidersklasse. Sommigen van ons hebben lesbische relaties gehad zonder te kunnen verwoorden dat we mannen zijn.

    Sluipen

    Er zijn maar weinig fondsen beschikbaar voor onze strijd om erkenning. Zelfs feministische groeperingen sluiten ons uit en bestempelen ons als anti-feministisch omdat we de kant van de onderdrukker kiezen doordat we ons man voelen. Dat is een beperkend feminisme dat voorbijgaat aan onze ervaringen in een vrouwenlichaam. Een feminisme dat niet erkent hoe moeilijk het voor ons was om weg te gaan bij onze families om uitdrukking te geven aan onze genderidentiteit.

    We trekken geen aandacht, we sluipen langs de muren in de angst dat er geweld zal volgen als mensen merken dat we een vrouwenlichaam hebben


    We trekken geen aandacht, we sluipen langs de muren in de angst dat er geweld zal volgen als mensen merken dat we een vrouwenlichaam hebben, omdat ze nu eenmaal bang zijn voor transseksuelen. We moeten naar urinoirs waar mannen staan te plassen. We worden in elkaar geslagen als we naar een damestoilet gaan, door vrouwen die denken dat we voyeurs zijn.

    Wij strijden voor een samenleving waarin een ‘afwijkende’ identiteit niet als abnormaal wordt veroordeeld. We willen ons losmaken uit de marge en een plek in het midden opeisen, waar we niet bang hoeven te zijn en ons niet hoeven te verdedigen. Dit is een oproep om het bestaan te erkennen van transseksuelen die geen hijra zijn. Dit is een verzoek om steun aan mensen die hetero, homo, lesbisch, feministisch, multiseksueel of anderszins seksueel geaard zijn. Een oproep tot vernietiging van genderidentiteit zoals wij die nu kennen.