Tag: Midden-Oosten

  • ‘Afghanen zijn vernederd, ik ben vernederd’

    ‘Afghanen zijn vernederd, ik ben vernederd’

    Het leven onder de last van onderdrukking, verstikking, tirannie en gebrek aan menselijke en morele waarden is een ramp, schrijft de Afghaanse dichter en vrouwenrechtenactivist Somaia Ramish.

    Vrijheid is altijd trots en gevangenschap is altijd vernederend. Het leven onder de last van onderdrukking, verstikking, tirannie en gebrek aan menselijke en morele waarden is een ramp. Leven in afwezigheid van vrijheid, of op zijn minst van het kunnen oefenen voor vrijheid, geeft niets anders dan frustratie. Op dit moment is er in Afghanistan een volstrekt gebrek aan visie, actie en denken in de richting van vrijheid. Van Afghanistan is niets meer over dan een geografisch gebied dat zo wordt genoemd. Wat op 15 augustus 2021 gebeurde, was de bitterste ervaring van een land dat toch al in de muil van menselijke tirannie en barbaarsheid was gevallen. De omvang van de ramp is enorm en verwoestend.

    Beschaving

    Ik maakte deel uit van een samenleving die ruim twintig jaar lang probeerde na te denken over beschaving, over menselijke waarden en het vorm geven aan burgerrechten. Ik leidde de stichting Moderne Denkers in Herat en was medeoprichter van Radio Shahrzad. Ik stelde me verkiesbaar voor de provinciale burgerraad. Die samenleving werd op 15 augustus 2021 vernederd, de hoop van een generatie die was toe gaan leven naar een betere toekomst werd vernederd. Onze gedachten, onze hoop op gerechtigheid en gelijkheid, onze taal, onze cultuur en onze hele beschaving werden vernederd.

    Afghanistan werd toevertrouwd aan een groepering die verstoken is van waarden. De taliban zijn een gewelddadige, versteende, extreem extreme, achterlijke en onderdrukkende beweging. Uiteindelijk zijn Afghanen vanuit menselijk oogpunt zo vernederd dat zelfs met de mond beleden vijandigheden tegen de taliban vernederend zijn voor Afghanen.

    Als ik aan de taliban denk, is het eerste dat in me opkomt het instorten van de boeddhabeelden

    Als ik aan de taliban denk, is het eerste dat in me opkomt het instorten van de boeddhabeelden. Denk nog eens aan die vernietiging! Of aan de kapotte poort van Ghazna, de vernielde schilderijen van Behzad in Herat, de kapotgemaakte instrumenten van artiesten, de met bloed doordrenkte haat die zangers ten deel viel, de aanval op de citadel van Herat. Weten mensen dat de straatnamen een voor een werden veranderd? Dat de kleur van de kleding van mensen veranderde, dat de angst en schrik op het gezicht van mensen op straat meegroeide met het aantal ongeschoren baarden? Dat ze mijn zus eigenhandig in een hijab staken en zo haar vrouwelijkheid ten grave droegen? Dat zelfs de lijken met stenen werden bekogeld?  

    Ik voelde me vernederd, alle dagen van het afgelopen jaar. 

    Waar ter wereld Afghanen het afgelopen jaar ook waren, ze voelden de vernedering met iedere hap eten in hun kwetsbare botten. Als we bleven, werden we vernederd. Door de voor de ogen van tienermeisjes gesloten poorten van scholen, de ogen van een moeder die haar zoon verloor in de oorlog met de taliban, de media met die zwartbedekte gezichten van vrouwelijke verslaggevers, de bakkerij die niet voor iedereen brood heeft, de straten met achtergebleven bloedvlekken en de anonieme graven van soldaten van het nationale leger.

    Niet langer vrij

    Als we het land verlieten werden we ook vernederd. Grenzen vernederden ons, zeeën, prikkeldraad, half kapotte boten, de grenswachten van Turkije en Iran, de hardvochtige politie van Pakistan, de gesloten poorten van India, migrantenkampen in New Jersey en Washington, afgelegen huizen in Kosovo, wetten, immigratie, vliegtickets, lange rijen voor brood en water, vermoeidheid achter de dichte deuren van ambassades, onbeantwoorde e-mails, de tijd en de lucht waarin we hingen en de aarde die geen plaats voor ons had. Alles in dit afgelopen jaar van ‘Het Heengaan’ was vernederend. 

    Ik ervaar de pijn van verpletterd en vernederd worden, en ik geloof nu dat vernedering alleen maar tot vernietiging kan leiden. De vernietiging van het hart van de Afghaanse samenleving kan niet worden ontkend. De gevolgen van deze onvermijdelijkheid zijn angstaanjagend. In elke uithoek van de wereld zitten we gevangen in ons eigen hart, omdat ons land niet langer vrij is. 

    Schermafbeelding 2022 11 20 om 21.43.25 1
    Een vergadering bij de stichting Moderne Denkers (Naw Andishan). Rechts vooraan: Somaia Ramish. © Elaha Sahel

    Voor mij blijft het woord ‘vrijheid’ een uitzinnige illusie, nu Afghanistan is ondergedompeld in deze brute en zwarte ervaring. Ik denk minder aan vrijheid. Iemand die voor de ogen van de wereld is vernederd heeft nog een lange weg te gaan om weer een essentie in zichzelf te vinden, die te polijsten en de roest te verwijderen die vanuit een andere eeuw naar onze eigen tijd blijkt te zijn gekomen. Ik ben verbitterd en teleurgesteld. Ik ben geworden als een lam dat de dood al voelt voordat het wordt geofferd. Nog bitterder stemt het mij als Afghaanse burger dat het onderwerp genaamd ‘Afghanistan’ in het internationale discours steeds minder interesse wekt, al hebben de etnische en tribale relaties, een dynastieke kijk op interne kwesties en het vermijden van elke vorm van nationalisme ook meegewerkt aan de vernietiging van de Afghaanse vrijheid. Het wantrouwen en de onderlinge onverenigbaarheid van bewegingen tegen de taliban hebben Afghanistan kwetsbaarder en beklagenswaardiger gemaakt. 

    Feit is dat ook wij de val nog steeds niet kunnen reconstrueren

    En helaas zijn wij, het geïsoleerde en over de hele wereld verspreide volk van Afghanistan, nog niet in het reine gekomen met het walgelijke, vernederende en krenkende verhaal van de val. Feit is dat ook wij de val nog steeds niet kunnen reconstrueren. We zijn nog niet ontsnapt aan het verhaal en worden zelf ook heen en weer geslingerd tussen de verhalen die loskomen, de ijzingwekkende en oncontroleerbare verhalen.

    Uit vele relaties is de charme verdwenen en het is alsof het vreedzaam naast elkaar bestaan van nationaliteiten en intellectuele minderheden, het leiden van een fatsoenlijk leven en het denken over vrijheid een jaar later nog meer een illusie zijn geworden.

    Somaia Ramish was vrouwenrechtenactivist in Afghanistan en is dichter en auteur. Na de val van Afghanistan vluchtte ze naar Nederland. Ze woont met haar man en twee kinderen in Rotterdam.

  • Wie helpt de slachtoffers van de aardbeving in Noordwest-Syrië?

    Wie helpt de slachtoffers van de aardbeving in Noordwest-Syrië?

    Het noordwesten van Syrië heeft na een burgeroorlog en een aardbeving dringend behoefte aan internationale hulp. Maar die steun is moeilijk te leveren. Het Syrische regime wil het getroffen gebied, dat in handen is van de rebellen, alleen maar meer laten lijden.

    Er moest een van de zwaarste aardbevingen sinds een eeuw aan te pas komen, maar nu besteedt de wereld eindelijk weer aandacht aan Syrië: een land dat door twaalf jaar burgeroorlog in puin ligt, waar de politieke macht is verdeeld tussen de regering, milities en buitenlandse mogendheden en waar miljoenen binnenlandse ontheemden wonen.

    De meeste beelden van de verwoesting zijn tot dusver afkomstig uit Turkije, waar op 6 februari vroeg in de ochtend een aardbeving met een kracht van 7,8 op de schaal van Richter plaatsvond, die gevolgd werd door nog een beving met een magnitude van 7,5. Er zijn inmiddels meer dan 41.000 doden vastgesteld in Turkije. Het totale dodental in Syrië bedraagt meer dan zesduizend.

    Maar het leed in het noordwesten van het land, dat door rebellen is bezet en waartoe steden als Idlib behoren, is niet minder schrijnend. De aardbevingen volgen op jaren van meedogenloze bombardementen op de regio door Russische en Syrische regeringstroepen. Dit gebied, waar bijna drie miljoen ontheemden wonen, is al afgesneden van de internationale gemeenschap. Veel van de infrastructuur – waaronder ziekenhuizen, die vaak het doelwit van Russische vliegtuigen zijn – is geheel of gedeeltelijk verwoest door de oorlog. De aardbevingen hebben de situatie er nagenoeg ondraaglijk gemaakt.

    Politiseren

    Na de ramp van maandag heeft Syrië dus dringender dan ooit behoefte aan internationale hulp. Maar die is moeilijk te leveren. Hoewel Turkije al op uitgebreide steun kan rekenen, ligt hulpverlening aan Syrië door het voortdurende conflict en de internationale sancties tegen het Assad-regime logistiek en politiek gezien zeer ingewikkeld. En dat geldt in het bijzonder voor die kwetsbare gebieden in het noordwesten.

    De Syrische en Russische regering zijn al begonnen de noodhulp te politiseren. Ze eisen dat de sancties tegen het regime worden opgeheven en zullen waarschijnlijk proberen hun macht over het noordwesten te heroveren. Het is daarom zaak dat de VS snel, en zelfs unilateraal, actie ondernemen. Niet alleen in de vorm van diplomatieke en militaire stappen, ook moeten ze Damascus en Moskou nauwgezet in de gaten houden.

    De Syrische en Russische regeringen hielden zelfs al vóór de aardbeving streng toezicht op hulp die via de Turkse grens het land bereikte. De Syrische regering spreekt al langer de wens uit dat hulp aan gebieden die door de oppositie worden gecontroleerd, via Damascus loopt. Rusland gebruikt voortdurend zijn vetorecht om voorstellen van de Verenigde Naties voor meer hulp te blokkeren, evenals voorstellen om goederen te leveren via de Syrisch-Turkse hulpverleningsroute bij de Bab-al Hawa-grens.

    Die route is nu door de aardbeving vernield. De humanitaire voorraden die al onderweg waren, waren na drie tot vijf dagen bedorven. Damascus krijgt enige noodhulp van Algerije, Iran, Irak en de Verenigde Arabische Emiraten, evenals van de Verenigde Naties. Maar door de moeilijke bereikbaarheid van het gebied en alle politieke obstakels waagt tot dusver bijna niemand zich aan de noordwestelijke regio.

    De Syrische VN-ambassadeur heeft inmiddels hulp gevraagd aan andere landen en internationale hulporganisaties, maar pleit er tegelijkertijd voor om de hulp aan het noordwesten uitsluitend via de Syrische regering te laten lopen. Dat betekent dat de levens van mensen die het Syrische regime zijn ontvlucht en in rebellengebieden wonen mogelijk weer in handen zijn van Bashar al-Assad. Op sociale media roepen sommige pro Assad-accounts al op om hulp aan de rebellengebieden te weigeren.

    Het Syrische regime schept er genoegen in de rebellengebieden nog meer te zien lijden

    Gezien de omvang van de schade lijkt het niet meer dan logisch om internationale hulpinspanningen voor Syrië zoveel mogelijk te verwelkomen – ook als die hulp via Damascus loopt. Dit zou betekenen dat de regering van Assad via de noordgrens onbelemmerde toegang moet verlenen tot de oppositiegebieden. Maar het Syrische regime zal zich daar ongetwijfeld tegen verzetten en er genoegen in scheppen de rebellengebieden nog meer te zien lijden. Bovendien zal het de hulp aan Damascus afschilderen als teken van internationale steun voor het Assad-regime.

    Charles Lister, onderzoeker bij het Middle East Institute in Washington, D.C., vindt het begrijpelijk dat Turkije zich nu op zijn eigen situatie concentreert. Maar volgens hem bestaan er andere grensovergangsgebieden die de Verenigde Staten – met toestemming van Turkije en gecoördineerd met de Koerden en andere lokale krachten – kunnen gebruiken om hulp te verlenen aan het noordwesten van Syrië. Eenheden van het Amerikaanse leger zijn bovendien al aanwezig in delen van het noordwesten en -oosten van Syrië en zouden hulpgoederen uit vliegtuigen kunnen afwerpen. Maar door het winterweer en een gebrek aan precisie bij het droppen is deze optie verre van ideaal. Het Amerikaanse leger zou ook zijn basis in het noordoosten van het land als knooppunt kunnen gebruiken voor het organiseren van humanitaire hulp. Hulporganisaties kunnen dan daarvandaan, in coördinatie met de Turken en de Koerden, de rebellengebieden bereiken.

    Toenadering

    De afgelopen maanden hebben de VAE en Jordanië toenadering gezocht tot Assad, die vorig jaar op bezoek was in Abu Dhabi. De Verenigde Staten verzetten zich tegen een dergelijke toenadering. Het land heeft sinds de aardbeving hulp toegezegd aan mensen aan weerszijden van de grens, maar geen toenadering gezocht tot de regering van Assad.

    Over hoe de Amerikaanse regering Noordwest-Syrië zal bijstaan heeft ze nog weinig laten weten. President Joe Biden zei op 6 februari dat ‘ook humanitaire partners die door de VS gesteund worden reageren op de verwoestingen in Syrië’. Zijn verklaring werd nog eens herhaald door de woordvoerder van het ministerie van Buitenlandse Zaken.

    De Syriërs zijn al veel te lang verwaarloosd en vergeten

    Samantha Power, administratief medewerker bij USAID [het Amerikaanse agentschap voor ontwikkelingshulp], tweette op 7 februari dat ze met Raed al-Saleh heeft overlegd over hoe dit Amerikaanse agentschap urgente hulp kan bieden aan de Syriërs. Al-Saleh is het hoofd van Syria Civil Defence, de humanitaire vrijwilligersgroep die ook bekendstaat als de Witte Helmen en actief is in het rebellengebied. De Witte Helmen verrichten al jaren heldhaftig werk door mensen uit het puin van gebombardeerde huizen, gebouwen en ziekenhuizen te redden. Al hun drieduizend vrijwilligers zoeken momenteel naar overlevenden, maar naar verluidt raakt hun brandstof op.

    Logistiek gezien wordt het een nachtmerrie. Maar de Verenigde Staten en de internationale gemeenschap moeten aandringen op onmiddellijke noodhulp aan Syriërs in de oppositiegebieden. Daarna moeten er creatieve oplossingen komen om de vooruitzichten voor Syriërs op de lange termijn te verbeteren, zonder het regime vrij te pleiten.

    Deze aardbeving leert ons dat het absoluut noodzakelijk is dat de internationale gemeenschap is voorbereid op mogelijke problemen in een kwetsbaar gebied als Noordwest-Syrië. En dat de diepe wonden van deze regio niet simpelweg kunnen worden dichtgeschroeid en vervolgens genegeerd, zoals Washingtons strategie lijkt te zijn geweest. De Syriërs zijn al veel te lang verwaarloosd en vergeten.

    Lees ook:

  • Verkiezingen in Tunesië grotendeels geboycot

    Verkiezingen in Tunesië grotendeels geboycot

    » Noodtoestand in El Paso door illegale migratie

    » Tientallen doden in Peru door onlusten

    Slechts negen procent van de bevolking stemde dit weekend

    Een groot deel van de Tunesische bevolking heeft de parlementsverkiezingen in het land geboycot, nadat de oppositie en verschillende vakbonden in het land daar eerder toe opriepen, schrijft Al Jazeera. Volgens peilingen hebben circa negen procent van de stemgerechtigden in Tunesië hun stem uitgebracht. Naar aanleiding van de lage opkomst hebben oppositiepartijen de zittende president Kais Saied opgeroepen om af te treden.

    De boycot tegen de verkiezingen komt voort uit onvrede tegen Saied. Hij stuurde vorig jaar de premier weg en ontbond het parlement. Ook benoemde hij een nieuwe minister-president, die meer op zijn hand was. Daarnaast voerde Saied een nieuwe grondwet in, waarmee zijn positie versterkt werd en het parlement juist minder belangrijk werd.

    Politieke instabiliteit sinds de Arabische Lente van 2011, economisch zware tijden en hoge inflatie zorgen ervoor dat Tunesië onder meerdere crises lijdt. Jongeren verlaten het land op zoek naar een betere toekomst of hebben het vertrouwen in de politiek verloren. Het merendeel van de mensen die wel hun stem uitbrachten dit weekend waren aanhangers van de president Saied.

    Lees ook:

  • Ruim 400 veroordelingen in nasleep protesten Iran

    Ruim 400 veroordelingen in nasleep protesten Iran

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Aanhangers van Bolsonaro bestormen hoofdkantoor federale politie

    » Tientallen doden na noodweer in Kinshasa, Congo

    Elf mensen zijn ter dood veroordeeld, twee mensen geëxecuteerd

    In Iran gaan de veroordelingen in de speciale tribunalen na de betogingen in het land onverminderd door. Tot op heden zijn zeker vierhonderd mensen veroordeeld voor betrokkenheid bij de protesten. Zij hebben celstraffen tot tien jaar gekregen. In sommige gevallen gaat het om minderjarige betogers die veroordeeld zijn.

    Elf betogers zijn ter dood veroordeeld en in twee gevallen zijn deze doodstraffen ook daadwerkelijk voltrokken. De tweede executie vond deze week plaats, schrijft Al Jazeera, en zorgde voor grote internationale ophef. Volgens Amnesty International wordt geprobeerd angst te zaaien onder de bevolking om hen tegen te houden nog de straat op te gaan.

    De protesten zijn niet volledig gestopt, maar de grootte van de betogingen is wel afgenomen. De protesten begonnen in september, toen de 22-jarige Mahsa Amini overleed na een hardhandige arrestatie door de moraalpolitie. De Iraanse autoriteiten zeggen bij wijze van concessie deze moraalpolitie te hebben opgeheven. Desondanks werd bij de protesten hard ingegrepen en kwamen zeker 458 betogers om het leven.

    Lees ook:

  • Iran schaft controversiële moraalpolitie af

    Iran schaft controversiële moraalpolitie af

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Evacuaties na uitbarsting Semeru op Java

    » Trump: schaf grondwet af vanwege verkiezingsfraude

    De maatregel lijkt een reactie op de aanhoudende protesten in Iran

    De Iraanse autoriteiten gaan bekijken in hoeverre de hoofddoekverplichting voor vrouwen nageleefd moet worden. De moraalpolitie in het land wordt daarnaast helemaal afgeschaft. Dat schrijft Al Jazeera. De maatregelen lijken een reactie op de aanhoudende, wijdverspreide protesten in het land.

    De protesten begonnen in september, toen de 22-jarige Masha Amini stierf na haar hardhandige arrestatie door deze moraalpolitie, naar verluidt omdat ze haar hoofddoek niet goed had gedragen. Duizenden mensen gingen vervolgens de straat op om gerechtigheid te eisen en vrouwen in het hele land deden uit protest hun hoofddoek af.

    Ondanks de mogelijke versoepeling van de hoofddoekwet en de ontbinding van de moraalpolitie, blijven Iraanse autoriteiten betogers vervolgen. Er zijn meerdere doodvonnissen uitgedeeld aan demonstranten en nog steeds worden duizenden opgepakte Iraniërs vastgehouden in afwachting van hun rechtszaak.

    Lees ook:

  • Nieuwe doodstraffen uitgedeeld in Iran

    Nieuwe doodstraffen uitgedeeld in Iran

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Extreem weer werkt regeringsonderdrukking in eilandstaten in de hand

    » Oekraïne en Rusland wijzen naar elkaar na raketincident

    Mensenrechtenorganisaties vrezen voor massaexecuties

    In Iran is een tweede demonstrant ter dood veroordeeld voor zijn rol in de protesten in het land. Mensenrechtenorganisaties voorspellen dat de komende tijd nog meer doodvonnissen zullen volgen, schrijft Middle East Eye. Duizenden mensen zijn gearresteerd omdat ze deelnamen aan de betogingen.

    Nadat de 22-jarige Mahsa Amini overleed, gingen overal in Iran mensen de straat op. Zij was zeer hardhandig gearresteerd door de Iraanse zedenpolitie omdat ze geen hoofddoek droeg. Vrouwen deden hun hoofddoeken af, autoriteiten werden aangevallen en overheidsgebouwen werden in brand gestoken. De Iraanse Revolutionaire Garde reageerde met harde hand en tientallen mensen kwamen om het leven.

    Speciaal voor de opgepakte betogers heeft de Iraanse regering een rechtbank in het leven geroepen die snelrecht toepast op de gearresteerden. Human Rights Watch zegt te vrezen voor massaexecuties en benadrukt dat gevangenen geen toegang hebben tot advocaten en vaak worden gemarteld tot ze bekennen.

    Lees ook:

  • Nieuwe rivaliteit in Midden-Oosten: ‘waterdiefstal’ uit wolken

    Nieuwe rivaliteit in Midden-Oosten: ‘waterdiefstal’ uit wolken

    Nu de klimaatverandering de Golfregio heter en droger maakt, nemen de Verenigde Arabische Emiraten het voortouw bij pogingen om meer water uit wolken te persen. Andere landen haasten zich om bij te blijven en het eveneens op commando te laten regenen.

    Iran maakte zich al jaren zorgen over andere landen die een van hun vitale waterbronnen zouden roven. Dat bleek niet te gaan over een stuwdam stroomopwaarts, of een aquifer (een waterhoudende grondlaag) die werd afgetapt. In 2018, tijdens een verzengende droogte en stijgende temperaturen, concludeerden enkele hoge ambtenaren dat iemand water uit hun wolken aan het stelen was.

    ‘Zowel Israël als een ander land is bezig om de Iraanse wolken niet te laten regenen,’ zei brigadegeneraal Gholam Reza Jalali, een hoge functionaris in de machtige Revolutionaire Garde, tijdens een toespraak in 2018.

    Het niet bij naam genoemde land was de Verenigde Arabische Emiraten (VAE). Dat was begonnen met een ambitieus programma rondom cloud seeding, waarbij chemicaliën in wolken worden geïnjecteerd in een poging neerslag te forceren. De verdenkingen van Iran zijn niet verrassend, gezien de spanningen tussen de meeste landen rond de Perzische Golf, maar het echte doel van de VAE was niet om water te stelen, maar gewoon om het te laten regenen op uitgedroogde gebieden.

    Wanhopig op zoek

    Terwijl het Midden-Oosten en Noord-Afrika langzaam uitdrogen, zijn landen in de regio een wedloop begonnen om chemicaliën en technieken te ontwikkelen die hen hopelijk in staat zullen stellen regendruppels te persen uit wolken die anders vruchteloos boven hun hoofd blijven zweven. In twaalf van de negentien landen in de regio valt gemiddeld minder dan 25 centimeter neerslag per jaar; dat is een daling van 20 procent in de afgelopen dertig jaar. De regeringen van deze landen zijn wanhopig op zoek naar extra zoet water, en cloud seeding wordt door velen gezien als een snelle manier om het probleem aan te pakken.

    ANP 453655280
    Een kunstmatig meer in Dubai, dat uitkomst moet bieden aan de onverzadigbare vraag naar water in de Verenigde Arabische Emiraten. – © Bryan Denton/The New York Times via ANP

    Rijke landen zoals de Emiraten investeren honderden miljoenen dollars in deze pogingen. Andere landen sluiten zich aan bij de wedloop, in de hoop hun deel van de regenval niet mis te lopen doordat anderen de hemel al hebben drooggelegd. Dit alles vindt plaats ondanks de terechte vraag of de techniek wel voldoende regenval genereert om de moeite en de kosten te legitimeren.

    Marokko en Ethiopië hebben programma’s voor cloud seeding, evenals Iran. Saoedi-Arabië is onlangs met een grootschalig programma begonnen en een zestal andere landen in het Midden-Oosten en Noord-Afrika overweegt eveneens om van de techniek gebruik te maken.

    Het land probeert wolken te laten regenen boven de Yangtze-rivier, die op sommige plaatsen opdroogt

    China heeft het meest ambitieuze programma ter wereld, met als doel ofwel regen te stimuleren ofwel de hagel in de helft van het land een halt toe te roepen. Het land probeert wolken te laten regenen boven de Yangtze-rivier, die op sommige plaatsen opdroogt.

    Hoewel het idee achter cloud seeding al 25 jaar bestaat, zeggen deskundigen dat de werking ervan nog steeds moet worden bewezen. De zorgen dat één land wolken zou kunnen droogmaken ten koste van andere, verderop gelegen landen, worden door hen verworpen.

    De levensduur van een wolk

    De levensduur van een wolk, in het bijzonder de cumulus (stapelwolk), die het meest waarschijnlijk regen produceert, is zelden langer dan een paar uur, zeggen atmosferische wetenschappers. Soms houden wolken langer stand, maar zelden lang genoeg om een ander land te bereiken, ook niet in de Perzische Golf, waar zeven landen dicht bij elkaar liggen. Maar verschillende landen in het Midden-Oosten wuiven de twijfels van de experts weg en gaan door met hun plannen om zo veel mogelijk druppels uit de vaak wat zuinige wolken te persen.

    Tegenwoordig is de VAE de onbetwiste leider in de regio. Al in de jaren negentig erkende de heersende familie van het land dat het bezit van een overvloedige watervoorziening net zo belangrijk is om de status van het land als financieel en zakelijk centrum aan de Perzische Golf te kunnen behouden als de enorme olie- en gasreserves. In 1960, toen er nog geen honderdduizend mensen woonden, was er genoeg water om de bevolking van het kleine land te onderhouden. Maar de bevolking groeide en bedroeg in 2020 bijna tien miljoen inwoners. Ook de vraag naar water steeg. De inwoners van de Emiraten gebruiken nu ruwweg 557 liter per persoon per dag, vergeleken met een wereldgemiddelde van 177 liter, aldus een onderzoek in 2021 dat door de VAE werd gefinancierd.

    Als er meerdere potentieel regen dragende wolken worden gesignaleerd, stuurt het centrum meer dan één vliegtuig de lucht in

    Momenteel voldoen ontziltingsinstallaties aan de vraag. Maar de bouw van zo‘n installatie kost 1 miljard dollar of meer en vereist enorme hoeveelheden energie om te kunnen draaien, vooral vergeleken met cloud seeding, aldus Abdulla Al Mandous, directeur van het Nationaal Centrum voor Meteorologie en Seismologie in de Emiraten en leider van het cloud seeding-programma. Na twintig jaar van onderzoek en experimenten voert het centrum zijn cloud seeding-programma uit op basis van bijna militair aandoende protocollen. Met roulerende diensten staan negen piloten stand-by, klaar om de lucht in te gaan zodra meteorologen in de bergachtige gebieden van het land een beloftevolle wolkenformatie zien – idealiter van wolken die kunnen opbouwen tot een hoogte van 12.500 meter.

    Aangezien veelbelovende wolken in het Midden-Oosten niet zo gebruikelijk zijn als in veel andere delen van de wereld, moeten de piloten elk moment klaarstaan. ‘We zijn 24 uur per dag beschikbaar. We wonen op dertig tot veertig minuten van de luchthaven en vanaf het moment dat we hier aankomen duurt het 25 minuten voordat we in de lucht zijn,’ zegt kapitein Mark Newman, een ervaren cloud seeding-piloot uit Zuid-Afrika. Als er meerdere potentieel regen dragende wolken worden gesignaleerd, stuurt het centrum meer dan één vliegtuig de lucht in.

    Twee middelen

    De VAE passen twee middelen toe om aan regen te komen: het traditioneel gebruikte zilverjodide en een nieuwe gepatenteerde stof die is ontwikkeld aan de Khalifa-universiteit in Abu Dhabi en waarvoor gebruik is gemaakt van nanotechnologie. Volgens onderzoekers van de universiteit is die stof beter aangepast aan de hete, droge omstandigheden in de Perzische Golf. De piloten injecteren het materiaal in de basis van de wolk, waardoor krachtige opwaartse luchtstromen de wolk tienduizenden meters omhoog kunnen stuwen.

    insta h95i E8fKy2IFJQY unsplash
    Woestijnvorming is een groeiend probleem in het Midden-Oosten, dat steeds heter en droger wordt. © Unsplash

    In theorie bindt het ingespoten materiaal, dat bestaat uit hygroscopische (water aantrekkende) moleculen, zich aan de deeltjes waterdamp waaruit een wolk is opgebouwd. De gecombineerde deeltjes worden iets groter en trekken op hun beurt meer deeltjes waterdamp aan, totdat er druppels ontstaan die uiteindelijk zwaar genoeg zijn om neer te kunnen vallen als regen. En dat zonder dat het geïnjecteerde materiaal merkbare gevolgen heeft voor het milieu, aldus de wetenschappers.

    Dat is de theorie. Maar in de wetenschappelijke wereld twijfelen veel mensen aan de doeltreffendheid van cloud seeding in het algemeen. Een groot struikelblok voor veel atmosferische wetenschappers is de moeilijkheid, of misschien zelfs wel de onmogelijkheid, om een nettotoename van de regenval vast te stellen. ‘Het probleem is dat als je eenmaal bent gaan injecteren, je niet kunt zeggen of de wolk anders ook zou hebben geregend,’ zegt Alan Robock, atmosferisch wetenschapper aan de Rutgers-universiteit in New Jersey en expert in het evalueren van klimaattechnische strategieën.

    Israël, een pionier op het gebied van cloud seeding, stopte in 2021 na vijftig jaar met zijn programma

    Een ander probleem is dat de hoge cumuluswolken die ’s zomers het meest voorkomen in en rond de Emiraten, zo turbulent kunnen zijn dat het moeilijk is om te bepalen of het injecteren enig effect heeft, zegt Roy Rasmussen, senior wetenschapper en expert op het gebied van wolkenfysica aan het National Center for Atmospheric Research in Boulder, Colorado.

    Israël, een pionier op het gebied van cloud seeding, stopte in 2021 na vijftig jaar met zijn programma, omdat het in het beste geval slechts een marginale toename van neerslag leek op te leveren. Het was ‘economisch niet efficiënt’, zegt Pinhas Alpert, emeritus hoogleraar aan de Universiteit van Tel Aviv, die een van de uitgebreidste studies van het programma heeft uitgevoerd.

    1947

    De eerste experimenten met cloud seeding begonnen in 1947, toen wetenschappers van General Electric in het kader van een militair contract zochten naar manieren om vliegtuigen bij koud weer ijsvrij te maken, en om mist te creëren om troepenbewegingen aan het oog te onttrekken. Sommige van de gebruikte technieken werden later in Vietnam ingezet om het moessonseizoen te verlengen, in een poging het de Noord-Vietnamezen moeilijker te maken hun troepen te bevoorraden.

    zafarullah islam 81i44Ug9TVc unsplash
    Dubai Miracle Garden claimt de grootste bloementuin ter wereld te zijn, met meer dan 150 miljoen water behoevende bloemen. © Unsplash

    Hoewel de onderliggende wetenschap van cloud seeding rechttoe-rechtaan oogt, zijn er in de praktijk talloze problemen. Zo hebben niet alle wolken het potentieel om regen te produceren, maar ook een wolk die geschikt lijkt voor cloud seeding kan onvoldoende vocht bevatten. Een ander probleem is dat regendruppels in een warm klimaat kunnen verdampen voordat ze de grond bereiken.

    Soms kan het effect van cloud seeding groter zijn dan verwacht, waardoor er te veel regen of sneeuw valt. Of de wind kan draaien en de wolken wegvoeren van het gebied waar cloud seeding plaatsvond, waardoor er mogelijk ‘onbedoelde gevolgen’ ontstaan, aldus een verklaring van de American Meteorological Society.

    ‘Je kunt een wolk veranderen, maar je kunt hem niet vertellen wat hij moet doen nadat je hem veranderd hebt,’ zegt James Fleming, atmosferisch wetenschapper en wetenschapshistoricus aan Colby College in Maine. ‘Hij kan sneeuw opleveren; de neerslag kan verstrooid raken. Hij zou stroomafwaarts kunnen gaan; hij zou een storm in Boston kunnen veroorzaken,’ zegt hij, verwijzend naar een cloud seeding-experiment van jaren geleden boven Mount Greylock in de Berkshire Mountains, in het westen van Massachusetts.

    Dit lijkt ook in de Emiraten te zijn gebeurd in de zomer van 2019, toen cloud seeding waarschijnlijk zulke zware regens in Dubai had gegenereerd dat er water moest worden weggepompt uit overstroomde woonwijken en een luxueus winkelcentrum.

    Ondanks de bestaande problemen met het verzamelen van gegevens over de doeltreffendheid van cloud seeding zegt Al Mandous dat de methoden van de Emiraten ten minste 5 procent meer regen per jaar opleveren, en hoogstwaarschijnlijk nog veel meer. Maar hij erkent dat er gegevens over veel meer jaren nodig zijn om de wetenschappelijke gemeenschap tevreden te kunnen stellen.

    Tijdens het afgelopen nieuwjaarsweekend, aldus Al Mandous, viel cloud seeding samen met een storm die in drie dagen zo’n 14 centimeter regen produceerde – dat is meer neerslag dan de VAE doorgaans in een jaar ondervindt.

    Youtube 2
    De Nederlandse tentoonstelling over duurzame waterdampopvang en landbouw op Expo 2020 in Dubai. – © YouTube

    Zoals het hoort in de traditie van al die wetenschappers die hebben geprobeerd het weer te veranderen, is hij altijd optimistisch. Er is inmiddels een nieuwe nanosubstantie ontwikkeld, en als de Emiraten gewoon meer wolken voor cloud seeding zouden kunnen krijgen, dan zouden ze misschien meer regen voor het land kunnen genereren, zegt hij.

    Maar waar zouden die extra wolken dan vandaan moeten komen?

    ‘Wolken maken is erg moeilijk,’ erkent hij. ‘Maar wie weet, misschien zal God ons iemand sturen die een idee heeft hoe we dat voor elkaar kunnen krijgen.’

  • Even ambitieus als de piramides van Egypte

    Even ambitieus als de piramides van Egypte

    Met een reeks megalomane projecten die dwars door de bergen en de woestijn lopen, wil prins Mohammed bin Salman de economie van zijn Saoedisch koninkrijk minder afhankelijk maken van olie.

    Toen de Saoedische kroonprins Mohammed bin Salman opdracht gaf het dorre land in het noordwesten van het koninkrijk in ontwikkeling te brengen, wilde hij iets wat even ambitieus was als de piramides van Egypte. Als reactie kwamen stedenbouwkundigen met plannen voor het grootste bouwwerk ter wereld: twee gebouwen van 490 meter hoog die zich over een lengte van 120 kilometer evenwijdig aan elkaar uitstrekken door kustgebied, bergen en woestijn en verbonden zijn door overdekte loopbruggen. Een vertrouwelijk document van enkele honderden bladzijden onthult voor het eerst de details van het ontwerp.

    De Mirror Line is de uitwerking van een eerder aangekondigd voornemen van prins Mohammed om een lineair woongebied te ontwikkelen. Naar verwachting zullen de kosten 1 biljoen dollar bedragen en zal het project na voltooiing woonruimte bieden aan zo’n vijf miljoen mensen.

    Bewoners zullen van voedsel worden voorzien door middel van verticale landbouw, geïntegreerd in de gebouwen

    Uit het ontwerp, dat dateert van afgelopen herfst, blijkt dat er onder de gespiegelde gebouwen een hogesnelheidstrein zal rijden. De bewoners zullen van voedsel worden voorzien door middel van verticale landbouw, geïntegreerd in de gebouwen. Voor ontspanning zal er op 300 meter hoogte een stadion verrijzen. Ook komt er een jachthaven die gelegen is onder een boog in de twee gebouwen.

    Topontmoeting

    De Mirror Line is onderdeel van Neom, een reeks prestigieuze projecten voor een grondgebied ter grootte van de Amerikaanse staat Massachusetts, waarmee prins Mohammed de economie van het koninkrijk minder afhankelijk van olie wil maken. Neom is eigendom van het Saoedische koningshuis en wil buitenlandse investeerders aantrekken en duizenden nieuwe banen creëren.

    skynews the line saudi arabia 5846101
    Videostills van het ontwerp voor The Line. – © YouTube

    Maar het aantrekken van buitenlandse investeerders verloopt tot nu toe moeizaam omdat veel westerse landen en bedrijven het koninkrijk en prins Mohammed, de feitelijke machthebber, sinds de moord op de journalist Jamal Khashoggi door Saoedische commando’s in 2018, boycotten vanwege de vele mensenrechtenschendingen in Saoedi-Arabië. Aan dat door het Westen gecreëerde isolement kwam enkele weken geleden een voorlopig einde toen de Amerikaanse president Biden een topontmoeting had met prins Mohammed, waarmee misschien de weg wordt vrijgemaakt voor meer buitenlandse investeringen in Neom.

    Belangrijk is ook dat het koninkrijk de wind in de zeilen heeft vanwege de hoge olieprijs, wat prins Mohammed in staat heeft gesteld in versneld tempo verder te gaan met ambitieuze projecten als Neom en daarmee van zijn land een van de aantrekkelijkste bestemmingen ter wereld te maken. De plannen voor het project kunnen overigens nog veranderen.

    Als Saoedi-Arabië erin slaagt de Mirror Line te realiseren, zal het bouwwerk met niets ter wereld vergelijkbaar zijn. Voor de stedenbouwkundigen die het ontwerpen is het een grote uitdaging. Zo kijken ze aan tegen de deadline 2030 en moeten ze nog vele vragen oplossen, bijvoorbeeld hoe het moet met de trekroute van miljoenen vogels die door de Mirror Line zal worden doorsneden.

    skynews the line saudi arabia 5846104
    Videostills van het ontwerp voor The Line. – © YouTube

    Volgens een eerste rapport uit januari 2021 zou de ontwikkeling van de Mirror Line in fases moeten verlopen en vijftig jaar kunnen duren. Neom-werknemers spraken in het rapport de vrees uit dat mensen na de pandemie niet meer in hoge gebouwen zouden willen wonen en dat de omvang van het bouwwerk de dynamiek van de grondwaterstroom in droge rivierbeddingen zou veranderen en de bewegingsvrijheid van vogels en andere dieren zou beperken.

    Bouwwoede

    Het ontwerp van de Mirror Line doet denken aan de bouwwoede die voor de wereldwijde financiële crisis heerste in het naburige Dubai, een stad die door prins Mohammed is geprezen vanwege zijn snelle en ambitieuze ontwikkeling. Het emiraat bouwde de hoogste toren ter wereld (829,80 meter); een palmvormig eiland met villa’s en appartementen en een archipel in de vorm van de wereldkaart.

    Maar net als in Dubai hoeven niet alle plannen in Saoedi-Arabië per se te worden gerealiseerd. Tijdens de laatste oliehausse wilde Saoedi-Arabië de hoogste wolkenkrabber ter wereld bouwen, een plan dat later in de ijskast is gezet. Neom heeft al heel wat masterplannen versleten en tal van buitenlandse werknemers zien vertrekken uit frustratie over het ontwikkelingstempo en de managementcultuur.

    Het volledige lineaire plan met een totale lengte van 168 kilometer is ‘The Line’ gedoopt

    De Mirror Line is ontworpen door het Amerikaanse bureau Morphosis Architects, opgericht door de gelauwerde architect Thom Mayne, en er werken minstens negen andere ontwerp- en ingenieursbureaus aan mee, waaronder WSP Global in Montreal en Thornton Tomasetti in New York. Zij willen het bouwwerk in fases bouwen door het aaneenkoppelen van 800 meter lange modules van maximaal 490 meter hoog, hoger dan het Empire State Building. Morphosis, WSP en Tomasetti waren niet bereikbaar voor commentaar, maar volgens Javier Quintana de Uña, leidinggevende van de in Chicago gevestigde non-profitorganisatie Tall Buildings and Urban Habitat, ‘gaan ze iets doen wat nooit eerder is vertoond’.

    skynews the line saudi arabia 5846107
    Videostills van het ontwerp voor The Line. – © YouTube

    Na voltooiing zal de Mirror Line vanaf de Golf van Akaba een bergketen doorsnijden die zich uitstrekt langs de kust. Hij zal verder lopen in oostelijke richting, in de bergen een vakantieoord huisvesten en in de woestijn uitgroeien tot een ‘luchtstad’ van woontorens.

    Het volledige lineaire plan met een totale lengte van 168 kilometer is ‘The Line’ gedoopt. Het is een idee waarvoor stedenbouwkundigen al meer dan een eeuw warm lopen. In 1882 stelde de Spaanse architect Arturo Soria y Mata al voor een langgerekte stadswijk te bouwen die de inspiratie vormde voor de wijk Ciudad Lineal in Madrid.

    ‘Ik wil mijn piramides bouwen’

    Prins Mohammed onthulde zijn idee voor een lineaire stad zonder auto’s noch enige andere vorm van vervuiling in januari 2021. In een video noemde hij het idee het toppunt van menselijk vernuft, vergelijkbaar met de uitvinding van penicilline en de maanlanding, en een manier om geen levens meer verloren te laten gaan door vervuiling en verkeersongelukken. ‘Het project The Line is een revolutionaire ontwikkeling in de beschaving die mensen op de eerste plaats zet,’ zei hij in de video.

    Nog maar een jaar eerder kreeg Neom kritiek van mensenrechtenorganisaties omdat het veiligheidstroepen inzette om stammen met geweld van hun land te verdrijven, waarbij een dode viel. In de video zei Prins Mohammed dat The Line een miljoen bewoners in staat moet stellen elkaar dagelijks te ontmoeten binnen een loopafstand van maximaal vijf minuten en om in twintig minuten van het ene uiteinde naar het andere te reizen. Het project zou groene energie gebruiken en de natuur in het ongerepte noordwesten beschermen. Details daarover zouden nog volgen. 

    Bewoners zullen een vast bedrag betalen voor ontbijt, lunch en diner

    Aanvankelijk voorzagen stedenbouwkundigen ook de bouw van woonwijken her en der langs The Line. Maar tijdens een privéontmoeting zei de prins tegen mensen die aan The Line werkten dat ze groot moesten denken. ‘Ik wil mijn piramides bouwen,’ zou hij vorig jaar volgens The Wall Street Journal tegen hen hebben gezegd.

    Stedenbouwkundigen zinnen al op manieren om het aantal bewoners van The Line te verhogen naar zes miljoen, waaronder vijf miljoen in de gebouwen van de Mirror Line. Voor de voedselvoorziening zal groente ‘autonoom worden geoogst en naar gemeenschappelijke kantines en keukens’ worden vervoerd. Bewoners zullen een vast bedrag betalen voor ontbijt, lunch en diner.

    Een van de grootste uitdagingen voor een constructie van twee hoge gebouwen die evenwijdig aan elkaar lopen is de schaduw die daarmee wordt gecreëerd. Gebrek aan zonlicht zou schadelijk voor de gezondheid kunnen zijn, staat in de plannen. Ook krijgt het project te maken met een uitdaging waarmee bouwers nooit eerder hebben gekampt: de kromming van de aarde. Omdat die kromming een kleine 8 centimeter per kilometer bedraagt, aldus de plannen, stellen de ontwerpers voor een uitsparing aan te brengen in de top van de 800 meter lange modules om ze te laten ‘meebuigen’ met de wereld.

  • Voetbal biedt Jemenieten troost in slepende oorlog

    Voetbal biedt Jemenieten troost in slepende oorlog

    Voetbaltoernooien zijn een manier om het aanhoudende oorlogsgeweld in Jemen even te kunnen vergeten. Bovendien versterken de patriottische liederen van het publiek de hoop op een vreedzame toekomst voor iedereen.

    Keuze uit het archief

    Te midden van de oorlog en de humanitaire crisis die in Jemen woeden en die deze week weer zijn opgelaaid na de Amerikaans-Britse aanval op de Houthi’s, is er één ding waar de Jemenieten troost en voldoening uit halen: voetbal. De teamsport zorgt ervoor dat de bevolking de oorlog, die al sinds 2014 gaande is, even kan vergeten en brengt mensen uit heel het land bij elkaar, zoals deze reportage van Al Jazeera uit 2022 laat zien. ‘Ons leven is door oorlog verwoest, maar de liefde voor voetbal en het spelen op straat zijn gebleven,’ aldus een van de voetballers.

    De gewelddadige strijd in Jemen heeft al aan ruim 370.000 mensen het leven gekost. De liefde voor voetbal die veel Jemenieten koesteren helpt hen het hoofd te bieden aan de verwoestingen, het geweld en de humanitaire crisis die hun land teisteren.

    Officieuze voetbaltoernooien in dorpen en steden brengen Jemenitische jongens en mannen samen en bieden hun een schijn van een normaal bestaan. Op geïmproviseerde voetbalvelden van zand en steen tonen amateurspelers hun vaardigheden aan een juichend publiek dat vaak van heinde en verre is toegestroomd. Stoeltjes zijn er niet. De toeschouwers – van achthonderd tot vijftienhonderd man – moedigen hun helden de hele wedstrijd staand aan met spreekkoren en gezang. 

    Zoals aan veel aspecten van het openbare leven in Jemen kwam er ook een abrupt einde aan officiële voetbalcompetities, nadat de oorlog in 2014 was uitgebroken.

    In het politieke vacuüm dat volgde op het aftreden van Ali Abdullah Saleh, de man die vele jaren president van het land was geweest, probeerde de door Iran gesteunde Houthi-groepering de macht in Jemen te grijpen. De Houthi’s veroverden de hoofdstad Sana’a en verdreven de door de Verenigde Naties erkende regering en haar president Abd-Rabbu Mansour Hadi, die de steun genoot van Saoedi-Arabië en andere regionale spelers.

    Voor 5 miljoen mensen dreigt hongersnood en meer dan 1 miljoen mensen hebben cholera opgelopen

    Meer dan de helft van de 370.000 doden is omgekomen door honger, gebrek aan gezondheidszorg en onveilig water, die weer het gevolg zijn van een zwaar beschadigde infrastructuur. Bijna 25 miljoen Jemenieten hebben nog steeds hulp nodig, voor 5 miljoen dreigt hongersnood, en meer dan 1 miljoen mensen hebben cholera opgelopen. 

    In deze erbarmelijke omstandigheden zoeken veel Jemenieten hun toevlucht tot voetbal, niet alleen in de vorm van officieuze toernooien, maar ook straatvoetbal.

    Sportieve infrastructuur

    Volgens Sami al-Handhali, voetbalcommentator en voormalig speler van Al-Ahly Taiz, is de sportieve infrastructuur vermorzeld. Stadions en sportcentra waren het doelwit van aanvallen of werden omgebouwd tot militaire bases. Hoewel de officiële voetbalcompetities in september vorig jaar werden hervat, blijft de financiering van sportclubs en sporters schamel, zegt hij.

    ‘Door eigen evenementen te organiseren op geïmproviseerde voetbalvelden hebben Jemenieten het enthousiasme voor het voetbal nieuw leven ingeblazen,’ aldus Al-Handhali tegen Al Jazeera. ‘Zo kunnen ze hun benarde situatie weer een beetje aan. Mooi is ook dat er op deze manier nieuwe talenten zijn ontdekt, door zowel clubs als door het nationale team. Bovendien voorkom je op deze manier dat jonge mannen in het oorlogsgeweld verwikkeld raken, omdat de banden tussen spelers en publiek van allerlei regio’s en stammen zo worden aangehaald.’

    Het publiek zingt vaak patriottische liederen en roept op tot een verenigd en vreedzaam thuisland voor iedereen

    De wedstrijden versterken niet alleen de verbondenheid met een dorp of provincie, maar komen ook gevoelens van nationale eenheid ten goede, ondanks de jarenlange verdeeldheid, met twee rivaliserende regeringen. Het publiek zingt vaak patriottische liederen en roept op tot een verenigd en vreedzaam thuisland voor iedereen.

    Voor Ramzy Mosa’d (25) zijn de voetbaltoernooien een kans om contact te maken met landgenoten op een manier die hij niet gewend is. Hij behoort tot de Muhamasheen, een gemarginaliseerde bevolkingsgroep van Afrikaanse afkomst. Het is voor hem moeilijk te ontsnappen aan de sloppenwijken van Jibla, een plaatsje in het zuidwesten van Jemen, vlak bij de stad Ibb. Hier wonen de Muhamasheen, afgezonderd van andere Jemenieten, opeengepakt in onderkomens van riet of karton. Basisvoorzieningen als gezondheidszorg, schoon water, sanitair en ononderbroken stroom zijn er niet.

    Vandaar dat de uitnodiging aan het Muhamasheen-voetbalteam ‘Elnaseem’ om deel te nemen aan een toernooi in het district Assayani en te spelen tegen andere teams uit de regio Ibb ‘ons hart verwarmde’, zegt Mosa’d. ‘Dat de bevolking van Assayani naar onze wedstrijden kwam kijken, was van onschatbare waarde. We waren overweldigd en zielsgelukkig toen de menigte ons toejuichte alsof we zonen van de streek waren.’ Als klap op de vuurpijl won zijn team het toernooi.

    Als gevolg van een eeuwenoude sociale hiërarchie waarin de Muhamasheen helemaal onderaan staan wordt deze bevolkingsgroep uit de samenleving geweerd. Juist daarom werd de uitnodiging om deel te nemen aan het toernooi zo enorm gewaardeerd. ‘We wilden anderen laten zien dat wij ook talentvolle voetballers hebben en dat we graag deel van de samenleving willen worden.’

    ANP 408052981
    – Jonge Jemenieten voetballen in 2020 in een wijk in Sana’a. De nationale competitie van Jemen is opgeschort vanwege de burgeroorlog, die in 2015 begon. © EPA/Yahya Arhab

    Nieuwe levenskracht

    Dit specifieke toernooi vindt sinds 2017 elke winter plaats in de regio waar de Houthi’s het voor het zeggen hebben, vertelt Motee’ Dammaj, een van de organisatoren en financiers van het toernooi in Assayani. Er worden uitnodigingen verstuurd naar liefst zestien teams uit dorpen in Assayani en Jibla. ‘We willen dergelijke evenementen organiseren omdat de liefde van de Jemenieten voor de sport ons welbekend is,’ zegt Dammaj, ‘en om veel Jemenieten die door de oorlog zijn getroffen nieuwe levenskracht te geven en de sociale banden tussen hen te versterken.’

    De situatie in het land maakt deelname echter niet altijd voor iedereen mogelijk, zegt Dammaj. ‘Elk jaar is er veel publiek, doen veel spelers mee, de stemming zit er altijd goed in. Door het acute brandstoftekort is het voor velen moeilijk om naar het toernooi te komen, maar toch lukte het acht teams om mee te doen.’ Hij is vooral blij met de deelname van de Muhamasheen. ‘Het is belangrijk om de spiraal van discriminatie te doorbreken waarmee deze minderheid al jaren wordt geconfronteerd’.

    In 2017 ontvluchtte Hamza Mahrous, toen dertien jaar, samen met honderdduizenden anderen de havenstad Hodeida aan de Rode Zee vanwege het escalerende geweld. Hij vestigde zich met zijn familie in Taiz, dat ook niet voor geweld gespaard bleef en sinds 2015 zucht onder een blokkade door de Houthi’s.

    Al op jonge leeftijd ontwikkelde Mahrous, die afkomstig is van het Jemenitische platteland, een grote liefde voor voetbal. Hij sleepte diverse onderscheidingen in de wacht, als spits in zijn schoolteam en voor een lokale club. In Taiz draafde hij op in officieuze toernooien die werden gespeeld in de door oorlog verwoeste straten van de wijk Al-Masbah, waar hij woonde. Hij werd al snel ontdekt door lokale teams, waaronder Talee’ Taiz en Ahly Taiz. In 2019 werd hij opgemerkt door een groep scouts die op zoek waren naar spelers voor het nationale elftal. Hij kreeg een uitnodiging om zich bij de selectie onder 15 te voegen.

    Sommigen schoten van pure blijdschap hun wapens leeg in de lucht

    ‘Ik had nooit durven dromen dat ik nog eens voor het nationale team zou spelen, gezien de zware tijden die we hebben gehad na onze vlucht,’ vertelt Mahrous. ‘Maar door vol te houden en te oefenen, op straat en op voetbalvelden, en dankzij de steun van mijn ouders, is het gelukt.’

    In december 2021 gaven Mahrous en zijn medespelers hun landgenoten een zeldzame reden om te gloeien van nationale trots: ze wonnen het West-Aziatisch kampioenschap voor junioren door Saoedi-Arabië in de finale na strafschoppen te verslaan. De Jemenieten vierden feest in de straten, waar trots en eensgezindheid heersten. Sommigen schoten van pure blijdschap hun wapens leeg in de lucht. 

    ‘Ik merkte dat ik had bijgedragen aan een gevoel van geluk waar miljoenen Jemenieten zo naar verlangden en dat ze zo nodig hadden. Dat kon alleen door voetbal – een sport waar iedereen van houdt,’ zegt Mahrous.

    Stilstand

    Saad Murad (30) vertelt dat hij door de oorlog zijn voetbalcarrière niet heeft kunnen voortzetten. Na ruim tien jaar, waarin hij zich had opgewerkt van schooltoernooien in zijn thuisstad Damt tot speler op het hoogste niveau bij de club Dhu Reidan, leek hij klaar voor het nationale team. Maar toen de competitie en alle officiële sportactiviteiten werden opgeschort, kwam Murads carrière tot stilstand. Alleen de officieuze toernooien die ‘s winters plaatsvinden herinneren hem aan zijn vroegere voetballeven.

    ‘Deze lokale toernooien bieden troost en geven me een manier om mijn verloren dromen te accepteren,’ zegt Murad, die geen baan kan vinden door de erbarmelijke economische situatie in het land.

    Met de deelname van tweeëndertig officiële voetbalclubs en spelers van het nationale team was het toernooi dat afgelopen winter in Damt werd gehouden een van de grootste voetbalevenementen in het land in zeven jaar. Volgens Moammar al-Hajri, lid van het organisatiecomité in Damt, vindt dit toernooi sinds 2018 jaarlijks plaats dankzij onafhankelijke financiering en donaties en door steun van zakenlieden, bedrijven en Jemenieten in het buitenland.

    ‘Het winnende team won dit jaar ongeveer 500.000 Jemenitische riyal [bijna 2000 euro] aan prijzengeld, en de verliezend finalisten ontvingen 300.000 Jemenitische riyal [bijna 1200 euro],’ zegt Al-Hajri. Dat zijn grote bedragen in een land waar de lokale munt forse devaluaties heeft ondergaan als gevolg van de oorlog. Banen zijn verloren gegaan, salarissen worden niet uitbetaald, miljoenen mensen houden met moeite het hoofd boven water. En tot overmaat van ramp heeft een brandstoftekort de inflatie opgedreven.

    ‘Ons leven is door oorlog verwoest, maar de liefde voor voetbal en het spelen op straat zijn gebleven’

    Mahioub al-Marisi, een vijftigjarige ambtenaar die dit jaar met zijn kinderen de meeste wedstrijden van het toernooi bijwoonde, stond versteld van het grote aantal bezoekers uit verre streken, die vaak te voet waren gekomen. ‘De velden waren zanderig, maar dat kon het enthousiaste publiek niet deren,’ zegt hij. ‘De mensen stonden tot op de rand van boerengebied om een ​​glimp op te vangen van de wedstrijden, zo blij waren ze dat ze erbij konden zijn. Het heeft het moreel van de Jemenieten voor een deel hersteld.’

    Buiten deze toernooien gaat de 22-jarige Jameel Nasher bijna dagelijks naar een veldje in de buurt van zijn huis aan de weg naar Taiz in Ibb, waar hij ‘s middags andere liefhebbers ontmoet om tot ’s avonds laat te voetballen. Hij is groot fan van Mohamed Salah en draagt het ​​Liverpool-shirt met nummer 11 van de Egyptenaar.

    Nasher heeft een team van acht spelers samengesteld. Op het veld is er een bonte verzameling kleuren, elke speler draagt een shirt ​​van de club waar hij fan van is. ‘Ons leven is door oorlog verwoest, maar de liefde voor voetbal en het spelen op straat zijn gebleven,’ zegt hij. ‘We zijn opgegroeid met voetbal, en het is een geruststellend idee dat dat ons niet is afgenomen.’

    Lees ook:

  • Saoedi-Arabië stelt luchtruim open voor alle luchtvaartmaatschappijen

    Saoedi-Arabië stelt luchtruim open voor alle luchtvaartmaatschappijen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Achterstallig onderhoud dreigt voor westerse vliegtuigen in Rusland

    » President Sri Lanka stuurt ontslagbrief naar parlement

    Besluit enkele uren voor aankomst Biden aangekondigd

    Saoedi-Arabië heeft zijn luchtruim opengesteld voor alle luchtvaartmaatschappijen. ‘In het besluit wordt Israël niet genoemd’, merkt Jerusalem Post op, maar heeft het wel betrekking op de Joodse staat. ‘In de afgelopen weken hebben verschillende media gemeld dat Saoedi-Arabië zijn luchtruim zou openstellen voor Israëlische luchtvaartmaatschappijen in een gebaar van goede wil als reactie op de Amerikaanse en Israëlische inspanningen om de betrekkingen tussen het koninkrijk en de Joodse staat te bevorderen’, vervolgt Jerusalem Post.

    ‘Dit besluit opent de weg naar een meer geïntegreerde, stabiele en veilige regio in het Midden-Oosten’

    ‘Dit besluit opent de weg naar een meer geïntegreerde, stabiele en veilige regio in het Midden-Oosten, wat van essentieel belang is voor de veiligheid en de welvaart van de Verenigde Staten en het Amerikaanse volk, en voor de veiligheid en de welvaart van Israël,‘ aldus een woordvoerder van het Witte Huis.

    De aankondiging werd enkele uren voor de aankomst van Joe Biden in Riyadh bekendgemaakt. Arab News wijst er ook op dat prins Mohammed ben Salmane vanaf juni 2021 van zijn land een mondiaal vervoersknooppunt wil maken.

    Lees ook:

  • ‘Uitzonderlijk gesprek’ tussen Israëlische premier en Palestijnse president

    ‘Uitzonderlijk gesprek’ tussen Israëlische premier en Palestijnse president

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Moord Shinzo Abe: vuurwapengeweld uiterst zeldzaam in Japan

    » Frankrijk nationaliseert grootste elektriciteitsbedrijf

    Zeldzame telefoongesprekken tussen Israël en Palestina

    De nieuwe premier van Israël, Yair Lapid, en de Israëlische president Isaac Herzog voerden vrijdag ‘zeldzame telefoongesprekken’ met de Palestijnse president Mahmoud Abbas, meldt Middle East Eye. Hussein al-Sheikh, secretaris-generaal van het uitvoerend comité van de Palestijnse Autoriteiten, bevestigde het telefoongesprek tussen Abbas en Lapid.

    De Israëlische premier liet in een verklaring weten dat hij Abbas ‘een gezegend Offerfeest’ wenste en dat ze spraken over ‘het voortzetten van de samenwerking en het verzekeren van kalmte en de-escalatie’ voorafgaand aan het bezoek van de Amerikaanse president Joe Biden aan het Midden-Oosten. Ook liet Herzog weten dat hij het bezoek van Biden met Abbas in een telefoongesprek had besproken.

    De telefoontjes volgen minder dan vierentwintig uur na het bezoek van de Israëlische minister van Defensie aan Ramallah

    De telefoontjes van Lapid en Herzog naar Abbas volgen minder dan vierentwintig uur na het bezoek van de Israëlische minister van Defensie Benny Gantz aan Ramallah, waar hij donderdag laat op de avond met Abbas sprak. Ook dat was een ‘uitzonderlijke ontmoeting’, schrijft Middle East Eye.

    Gantz, voormalig stafchef van het leger en leider van de centristische Blauw-Wit-Partij, ontmoette Abbas om ‘de veiligheid en civiele coördinatie te bespreken voorafgaand aan het bezoek van de Amerikaanse president aan Israël’, aldus een verklaring die de minister liet uitgaan. In de verklaring wordt gemeld dat er ‘op een positieve manier’ werd gesproken. Beide partijen kwamen overeen ‘dat de coördinatie van de veiligheid moet worden voortgezet en activiteiten die tot instabiliteit kunnen leiden moeten worden vermeden’.

    Abbas benadrukte ook het belang van het creëren van een ‘rustige sfeer, waarin president Biden verwelkomd kan worden’.

    Lees ook:

  • Wat goed is voor Mohammed bin Salman, is niet per se goed voor Israël

    Wat goed is voor Mohammed bin Salman, is niet per se goed voor Israël

    De vorming van een Israëlisch-soennitisch front tegen Iran is cruciaal voor de veiligheid van Israël, volgens deze journalist.  Maar een akkoord met het autocratische en corrupte Saoedische koninkrijk van Mohammed bin Salman kan ook verkeerd aflopen.

    Neem twee Joodse Amerikanen. De ene heet Jared Kushner en is de schoonzoon en speciaal adviseur van de voormalige Amerikaanse president Donald Trump. De andere heet Steven Mnuchin en is de voormalige minister van Financiën van de regering-Trump. Sinds de regeringswisseling in Washington zijn deze twee mannen weer actief in de privésector en inmiddels danken ze een deel van hun immense fortuin aan twee nieuwe bedrijven met ronkende namen, en vooral aan Saoedi-Arabië. 

    Kushner heeft de wereldwijd actieve investeringsmaatschappij Affinity Partners opgezet en Mnuchin heeft zich aan een soortgelijk avontuur gewaagd met zijn onderneming Liberty Strategic Capital. Het kapitaal van Kushner is voornamelijk afkomstig van het publieke investeringsfonds PIF (Public Investment Fund) van het Saoedisch koninkrijk en bedraagt maar liefst twee miljard dollar, terwijl Mnuchin zich moet ‘tevredenstellen’ met een miljard dollar.

    Volgens een onderzoek dat op 10 april jongstleden werd gepubliceerd door The New York Times heeft de raad van bestuur van PIF, bestaande uit Saoedische economen en ervaren westerlingen, Saoedi-Arabië aanvankelijk afgeraden in het bedrijf van Kushner te investeren. De bezwaren van PIF golden ‘de onervarenheid van de directie van Affinity Partners’, de mogelijkheid dat het koninkrijk direct verantwoordelijk zou worden voor ‘het gros van de investeringen en risico’s’, de matige financiële resultaten van de jonge onderneming, de ‘excessieve’ beheerskosten (lees: commissies) en ‘risico’s op het gebied van public relations’ vanwege de rol die Kushner eerder had gespeeld als belangrijkste adviseur en schoonzoon van de voormalige Amerikaanse president.

    Mohammed bin Salman

    PIF wordt geleid door de Saoedische kroonprins en feitelijke monarch Mohammed bin Salman, beter bekend onder de initialen MBS. Deze heeft klaarblijkelijk maar enkele dagen nodig gehad om de raad van bestuur over te halen om Kushner de twee miljard dollar te verstrekken die hij vroeg.

    Je hoeft geen financieel expert te zijn om de logica achter deze beslissing te begrijpen: op deze manier danken de leiders van het Midden-Oosten de buitenlanders die hen in het verleden hebben gesteund, en op deze manier investeren ze in de toekomst van toekomstige politieke leiders. Als Trump en Kushner op een dag het Witte Huis heroveren, zullen ze zich herinneren wie hen heeft gesteund.

    De Saoedische kroonprins gokt op de politieke perspectieven van Kushner, niet op zijn financiële

    De Saoedische kroonprins gokt op de politieke perspectieven van Kushner, niet op zijn financiële. De politieke perspectieven in de Verenigde Staten zijn wel enkele miljarden waard. Dat heeft MBS beter begrepen dan de financiële hyena’s.

    De twee begunstigden zijn niet alleen verklaarde Joden. Ze staan ook openlijk en volledig achter Israël, en de relaties die ze inmiddels onderhouden met de Saoedische kroonprins zouden misschien een officieel proces van normalisering tussen het Saoedische koninkrijk en de Joodse staat op gang kunnen brengen.

    Ook al laten de Israëlische premier Naftali Bennett en zijn minister van Buitenlandse Zaken Yaïr Lapid zich liever niet openlijk over de kwestie uit, ze zijn zich allebei bewust van het belang ervan. Ze zijn ervan overtuigd dat als Saoedi-Arabië besluit het voorbeeld van de Verenigde Arabische Emiraten en Bahrein te volgen door een vredesakkoord met Israël te tekenen, het Midden-Oosten een belangrijke verandering zou ondergaan die de status van Israël in de regio blijvend zou versterken.

    Gevaarlijke figuur

    Het probleem is dat Saoedi-Arabië, net als zijn meeste buren, een autocratisch en corrupt regime kent en dat de leider een avontuurlijke, onstabiele en gevaarlijke figuur is – de moord op journalist Jamal Khashoggi in oktober 2018 herinnerde daar nog maar eens aan. Een Amerikaan die MBS kent vertelde me dat hij hem een keer had gevraagd waarom hij honderden miljoenen dollars uitgaf aan kunstwerken die hem niet aanspraken en luxueuze jachten die aan de kade bleven liggen. De Saoedische prins had droogjes geantwoord: ‘Omdat ik het me kan permitteren.’

    Een Israëlisch-soennitisch front is cruciaal voor de veiligheid van Israël

    Israël heeft alle reden om samen te werken met MBS, kroonprins Mohammed bin Zayed van Abu Dhabi, de Turkse president Recep Tayyip Erdogan, de Egyptische president Abdel Fattah al-Sisi en andere leiders in de regio. De vorming van een Israëlisch-soennitisch front tegen Iran is cruciaal voor de veiligheid van Israël, en zelfs voor het voortbestaan van het land. Maar laten we nooit de ware aard van deze regimes vergeten. Wat goed is voor Jared Kushner, is niet per se goed voor de staat Israël.

    We moeten samenwerken met deze regimes, maar we moeten vooral niet besmet raken met hun normen. Dit dilemma wordt geïllustreerd door de ambigue relaties van Israël met Qatar. Aan de ene kant helpt het geld van Qatar Israël om de spanningen in de Gazastrook te verminderen en het terrorisme op afstand te houden. Aan de andere kant verleent deze Golfstaat politieke steun aan terroristische Palestijnse groeperingen. Iedereen doet zaken met Qatar, zelfs de Iraniërs. Israëlische zakenlieden en gepensioneerde hoge officieren zijn financieel zeer actief in het Qatarese schimmenspel. Het is begrijpelijk waarom dat van belang is voor de leiders van Qatar, maar wat zegt het over onze eigen normen?

    Lucratieve relaties

    De oudsten onder ons herinneren zich nog de lucratieve relaties tussen Israël en de dictatuur van de sjah van Iran. De Joodse staat zond militaire adviseurs naar Teheran die terugkeerden als multimiljonair. Op diezelfde manier kleefde er in de ogen van sommige Israëliërs iets heroïsch, om niet te zeggen romantisch aan de relaties met de christelijke facties tijdens de Libanese burgeroorlog, maar dat strookte niet met de werkelijkheid. De falangistische leiders manipuleerden de Israëliërs gewoon. Een officier van het Israëlisch leger zei me destijds: ‘Een Thaise generaal omkopen kost een miljoen dollar, maar in Jounieh [een christelijke stad ten noorden van Beiroet] kunnen Israëliërs toe met een eenvoudig bord humus.’

    Sinds zijn ontstaan heeft het zionisme altijd gepretendeerd te willen integreren in het Midden-Oosten. Dat blijft een loffelijk streven. Maar dan niet volgens de methode-Kushner.

  • Waar is die god die mijn moeder elke avond  aanroept?

    Waar is die god die mijn moeder elke avond aanroept?

    De eindeloze oorlog in naam van Allah en de verschrikkelijke humanitaire crisis hebben sommige jonge mensen in Jemen ertoe gebracht het geloof af te zweren. Het atheïsme wint terrein in dit zwaar religieuze en conservatieve land.

    ‘Bij mij staat Allah voor de bloemen, maar bij de bloemen zelf staat hij voor het graf.’ Dit zijn de woorden van Omar Batawil, een Jemenitische jongen van zeventien die in april 2016 werd vermoord vanwege uitlatingen op Facebook die hem op beschuldigingen van atheïsme kwamen te staan. Omar bekritiseerde degenen die hij ‘de handelaren in religie’ noemde en heeft zwaar voor die mening moeten boeten: met zijn leven. Omar is niet de enige die is gedood vanwege zijn kritiek op het religieuze bestel of zijn mening over geloofskwesties; hij is een van de jongeren, merendeels onder de twintig, die zijn geliquideerd omdat ze openlijk hebben gezegd hoe ze over het geloof in Allah denken.

    Religie is een onderwerp waarover door talrijke groepen jongeren in Jemen enorm veel wordt gediscussieerd, maar heel zelden in de openbare sfeer. Het geloof en de alomtegenwoordigheid van religieuze teksten zijn thema’s geworden die veel mensen op sociale media aansnijden. Sommigen komen zelfs in het openbaar voor hun mening uit, ondanks het gevaar dat dat oplevert in een land dat ten prooi is aan oorlog, aan een algehele crisis en aan gewapende religieuze partijen. Ik heb contact opgenomen met diverse van deze jongeren die aan het hoofd staan van ‘atheïstische’ groepen op sociale media, om te begrijpen waarom ze de religie hebben afgezworen.

    ‘Ik hoop te kunnen emigreren om alles te vergeten wat ik hier heb geleerd’

    ‘Ik word verscheurd door tegenstrijdige gevoelens over wat ik lees en op de wereld zie, en wat er in mijn stad gebeurt,’ zegt Mohsen (19). ‘Ik word niet meer overtuigd door wat ik in de moskee hoor, of het nu gaat om de gebeden over onze ellende of de vergeving die we moeten schenken aan mensen die niet denken of bidden zoals wij. Waarom wordt er niet opgeroepen tot verzoening? Ik woon zelf in Jemen, maar via internet heb ik vrienden in een heleboel landen met wie ik meningen uitwissel. In Jemen zie ik overal verwoesting om me heen. Ik kan hier niet mezelf zijn. Ik ben bang om te worden gedood. Weet u dat een ander kapsel nemen genoeg is om gevangenisstraf te riskeren? Ik hoop te kunnen emigreren om alles te vergeten wat ik hier heb geleerd.’

    Religieuze mythe

    De Jemenitische politicus Ali al-Bakhiti, die zich liever schrijver en blogger noemt, heeft talrijke jonge volgers op Twitter, waar hij vrijuit spreekt over het feit dat hij niet gelovig is. Veel jongeren reageren op zijn tweets, maar durven niet hun naam te noemen. ‘Mij gaat het er in de eerste plaats om gedachten te verspreiden die ik niet kon verspreiden toen ik nog in het Midden-Oosten woonde,’ zegt Al-Bakhiti. ‘Ik heb het gevoel dat Jemen is vernietigd door de religieuze mythe en dat het land daardoor al meer dan veertienhonderd jaar gebukt gaat onder etnische en sektarische conflicten. En de religieuze groeperingen die met elkaar botsen in Jemen doen dat vanwege deze mythe. Om die reden zet ik me in voor de ontmanteling ervan, om te voorkomen dat de jeugd op de bres gaat staan voor een mythisch paradijs.’

    ‘Je kunt nog beter dood zijn dan zo’n ellendig leven te moeten leiden’

    ‘Ik ben atheïst,’ verklaart Salwa F. ‘Ik gebruik een vals account om mijn mening op Twitter te geven, te meer omdat wij, de jonge vrouwen en mannen in Jemen, de laatste tijd steeds meer onder druk komen te staan. We hebben geen enkele hoop meer. Je kunt nog beter dood zijn dan zo’n ellendig leven te moeten leiden. Waar is de god die mijn moeder elke avond aanroept? Waarom laat hij ons zo lijden? Waarom verdedigt hij de onschuldige kinderen niet die in Jemen worden gedood?’

    Abdel Aziz l-Assali, hoogleraar islamitische filosofie, vertelt dat er zich bijna drie jaar geleden een discussie ontspon tijdens een van zijn colleges. ‘Toen de jongeren zagen hoe vrouwen en kinderen omkwamen door granaten in de belegerde stad Taïz en met het gebrek aan medische zuurstof werden geconfronteerd, begonnen ze zich dingen af te vragen: hoe kan het dat Allah in al zijn goedertierenheid accepteert dat kinderen, vrouwen en bejaarden onschuldig worden gemarteld, gedood en verwond? Aan het eind van de discussie heb ik gevraagd of deze gebeurtenissen mensen ertoe konden brengen het geloof vaarwel te zeggen. Ik heb het volgende tegen mijn studenten gezegd: het religieuze discours dat op gevoelswaarde berust, gaat ten koste van het rationeel denken en de logica, die genegeerd en veronachtzaamd worden terwijl ze centraal staan in de religieuze tekst.’

    ‘De religie in onze samenlevingen wordt opgelegd door wet en overheid’

    ‘De eerste keer dat ik aan de religie begon te twijfelen was toen ik nog maar negen jaar was en een Koranlerares me sloeg,’ vertelt Salem. ‘Op dat moment vroeg ik me af hoe iemand die elke dag de Koran leest, die geacht wordt dicht bij Allah te staan, zo gemeen kon worden. Toen de oorlog in Jemen begon en allerhande religieuze groeperingen meer macht kregen, raakte ik er des te sterker van overtuigd dat staat en religie gescheiden moeten worden als we voor iedereen een heilzame en rechtvaardige samenleving willen.’

    ‘De burgers zien met eigen ogen hoe gewelddadig deze groeperingen zijn wanneer ze aan de macht komen. Ze hebben al hun krediet verspeeld,’ voegt Ali al-Bakhiti er nog aan toe. ‘Het percentage atheïsten en agnostici neemt spectaculair toe, maar die mensen kunnen zich niet vrijelijk uitspreken, dus het is moeilijk te meten. Bovendien wordt de religie in onze samenlevingen opgelegd door wet en overheid.’

    Mooie kanten

    Mohamed al-Mansouri (33) heeft een wat andere kijk op de zaak; hij is ervan overtuigd dat religie onontbeerlijk kan zijn voor sommige bevolkingsgroepen. ‘Ik heb het geloof twee jaar geleden vaarwel gezegd,’ bekent hij, ‘maar voor veel mensen is het volgens mij een noodzaak. Ik ben voor de scheiding van geloof en staat, en ik hoop dat de religieuze groeperingen die momenteel in Jemen aan de macht zijn zullen vertrekken. Toch hoop ik tegelijkertijd niet dat het afgelopen zal zijn met de religie. Religie is in veel gevallen belangrijk en de islam heeft ondanks alles veel mooie kanten, al valt er ook het nodige op aan te merken.’

    ‘Wat heb ik als vrouw voor toekomst in dit land?’

    Salwa besluit het gesprek met een vraag die onbeantwoord blijft. ‘Wat heb ik als vrouw voor toekomst in dit land? Met een man trouwen die ten strijde zal trekken in naam van de religie, omdat hij daarmee in het paradijs hoopt te komen, en eindigen als weduwe? De maatschappij zal me niet toestaan mijn toekomst zelf vorm te geven. En ik zal mijn manier van leven niet kunnen veranderen. Wij jongeren zijn niet afgesloten van de wereld en we weten dat de religieuze groeperingen die ons besturen het leed alleen maar verergeren. We hebben geen recht op een normaal leven, zoals de rest van de wereld.’

  • Lhbt-getuigenissen uit de Arabische wereld

    Lhbt-getuigenissen uit de Arabische wereld

    Twee jaar cel kreeg de Koeweitse transgender Maha Al-Mutairi voor het dragen van vrouwenkleren, een straf die ze misschien in een mannengevangenis moet uitzitten. ‘Geen enkele wet vermeldt transgenders, maar ze gebruiken wetten inzake “openbaar fatsoen” om de lhbt-gemeenschap te belagen.’

    Al-Mutairi is bepaald niet de enige transgender in de Arabische wereld die het juridisch en maatschappelijk zwaar heeft. Ritaj, een zevenentwintigjarige Jemenitische trans vrouw, vreesde dat haar hetzelfde lot zou treffen als Al-Mutairi, totdat de Franse overheid te hulp schoot en haar in september vorig jaar asiel verleende. ‘De angst om te worden veroordeeld voor travestie heeft me mijn leven lang achtervolgd. Het is een ware obsessie geweest. Geen wonder, ik riskeerde een levenslange gevangenisstraf of honderd zweepslagen. Ik speelde voortdurend met de gedachte zelfmoord te plegen. En dat alleen maar omdat ik geboren ben in een conservatieve familie en samenleving.’

    De mensenrechtenactivist Wajih Layoun, die zichzelf ‘de eerste openlijk homoseksuele Saoedi’ noemt, zegt dat ‘de wetten in de Golfstaten transseksualiteit volledig verbieden, evenals elke indirecte steun aan de lhbt-gemeenschap’. Volgens Layoun, die is gevlucht naar de Verenigde Staten, ‘erkent de Saoedische wet geen transgenders. Ze worden vervolgd omdat ze zich als man of vrouw verkleden, of omdat men vindt dat ze de openbare zeden aantasten.’

    De Saoedische rechter heeft meer dan eens mensen veroordeeld omdat ze ‘op het andere geslacht lijken’

    De Saoedische wet zegt niets over de kwestie, maar de Saoedische rechter heeft meer dan eens mensen veroordeeld omdat ze ‘op het andere geslacht lijken’. Volgens de organisatie Human Rights Watch varieerden de vonnissen van gevangenisstraf tot geseling. Over ‘corrigerende’ chirurgische ingrepen merkt Layoun op dat die in Saoedi-Arabië uitsluitend zijn toegestaan als een kind met zowel mannelijke als vrouwelijke genitaliën wordt geboren. Drie artsen en psychologen buigen zich dan over de zaak en nemen een beslissing.

    Bahrein is de eerste Golfstaat waar voor transgenders een wettelijke verandering van de burgerlijke staat mogelijk is. Dat gebeurde in 2005 en 2008. In beide gevallen werd de zaak bepleit door de Bahreinse advocaat en activist Fawziya Mohamed Janahi. Zij zegt dat er nog steeds geen wet is in Bahrein die geslachtsverandering of corrigerende operaties toelaat. Wel wint onder rechters de opvatting terrein dat een ingreep toch noodzakelijk kan zijn bij het optreden van ‘seksuele stoornissen’. Als dit wordt bevestigd door een medisch rapport, kan de rechter instemmen met geslachtsverandering; er is namelijk wel een wet die voorziet in geslachtsverandering bij psychische of seksuele stoornissen. Op dit moment lopen er acht zaken.

    Janahi heeft ook zaken op zich genomen in buurland Saoedi-Arabië: ‘Ik volg er ongeveer veertig. Er is de hoop dat de wet transgenders accepteert wanneer een gebrek aan erkenning aantoonbaar tot aandoeningen heeft geleid.’

    Deur dicht

    De Verenigde Arabische Emiraten hebben de deur juist dichtgeslagen voor transgenders. Het lijkt onmogelijk om hen in dit land wettelijk erkend te krijgen. Slechts in zeldzame gevallen zijn corrigerende operaties er wettelijk toegestaan. Sinds 2016 mogen artsen intersekse personen opereren, maar een ingreep die leidt tot geslachtsverandering blijft illegaal. In december 2018 verwierp het Hooggerechtshof het verzoek van drie inwoners om hun burgerlijke staat te wijzigen na een operatie in de Verenigde Staten.

    In Koeweit zijn volgens de activistische advocaat Buthayna Abdelwahid Maarafi ‘verzoeken voor geslachtsverandering en verandering van burgerlijke staat gedoemd te mislukken bij de rechtbank’. Er moet, vindt zij, dringend een wet komen ‘die zorgt draagt voor deze situatie en voor het recht om verenigingen op te richten die deze bevolkingsgroepen ondersteunen en criminalisering tegengaan’.

    Koeweit volgt de sharia, net als de andere Golfstaten, en die verbiedt geslachtsverandering en travestie

    Ze zegt daarnaast dat Koeweit de sharia volgt, net als de andere Golfstaten, en die verbiedt geslachtsverandering en travestie. Wet nr. 198 van het Koeweitse Wetboek van Strafrecht bepaalt dat ’iedereen die de goede zeden schendt (…) of die zich kleedt naar het andere geslacht, op welke wijze dan ook, een celstraf van ten hoogste een jaar krijgt en/of een boete van maximaal 1000 dinar’. In de Emiraten bepaalt wet nr. 359 van het Wetboek van Strafrecht dat ‘iedere man die zich vermomt als vrouw of plaatsen betreedt die aan vrouwen zijn voorbehouden, wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van ten hoogste één jaar en/of een boete van maximaal 10.000 dirham’.

    Het moeilijkst voor transgenders is het om een baan te vinden waar ze worden geaccepteerd, en niet gedwongen zijn zich te kleden in een zwarte abaja (een losse cape die het lichaam van hoofd tot voeten bedekt). Fouad, voorzitter van een vereniging die de lhbt-gemeenschap ondersteunt, benadrukt dat het in Tunesië onmogelijk is ‘om je rechten te eisen, want zodra een transgender een rechtszaal of een politiebureau betreedt, is hij of zij een verdachte. Zelfs ziekenhuizen weigeren in de meeste gevallen zorg te verlenen zodra ze merken dat ze met een transgender te maken hebben.’

    Jad, een Tunesische transgender, voegt eraan toe dat ‘de Tunesische samenleving neerkijkt op transgenders’ en dat geen enkele Tunesische wet hun bestaan erkent of hen beschermt. 
    Integendeel, wet nr. 226 legt iedereen die is veroordeeld voor ‘het ondermijnen van de goede zeden’ zes maanden gevangenisstraf op.

    ‘Openbaar fatsoen’

    Hetzelfde geldt in Irak, aldus Amir Ashour, voorzitter van de vereniging IraQueer: ‘Geen enkele wet vermeldt transgenders, maar ze gebruiken wetten inzake “openbaar fatsoen” om de lhbt-gemeenschap te belagen.’ Volgens hem stellen mensen die uitkomen voor hun geaardheid zich bloot aan fysiek, verbaal en seksueel geweld. ‘En dan heb ik het nog niet eens gehad over hun problemen om werk te vinden zonder te worden uitgebuit. Vaak gaat het om onveilig werk, zoals danser(es) in nachtclubs of prostituee.’

    Hoewel er in Libanon veel verenigingen zijn die op de bres staan voor de lhbt-gemeenschap, hebben transgenders er dezelfde juridische en sociale problemen als elders in het Midden-Oosten, vertelt Lea Zraika, die samenwerkt met de Arab Foundation for Freedoms and Equality. Ook in Libanon worden transgenders op grond van ambigue wetteksten gevangengezet. Bijvoorbeeld wegens ‘tegennatuurlijke vereniging’, travestie, prostitutie of ‘aansporing tot losbandigheid’.

  • ‘Niemand mag gedwongen worden te kiezen tussen vrijheid en burgerschap’

    ‘Niemand mag gedwongen worden te kiezen tussen vrijheid en burgerschap’

    De Egyptisch-Palestijnse activist Ramy Shaath is nu weliswaar een vrij man, maar heeft in ruil daarvoor zijn Egyptische staatsburgerschap moeten opgeven. De Egyptische krant Mada Masr sprak met tegenstanders van dit beleid.

    ‘Niemand mag worden gedwongen te kiezen tussen vrijheid en burgerschap,’ zo liet de familie van Shaath in een officiële verklaring weten. ‘Ramy is geboren als Egyptenaar en opgegroeid als Egyptenaar, Egypte is altijd zijn thuisland geweest en zal dat altijd blijven. Gedwongen afstand van burgerschap zal daar geen verandering in brengen.’

    In de tweeënhalf jaar dat Shaath gevangenzat, voerde zijn vrouw Céline Lebrun-Shaath, een Française die na zijn arrestatie Egypte werd uitgezet, een langdurige publieke campagne voor zijn vrijlating. Ook de Franse president Macron eiste zonder omhaal, in het bijzijn van de Egyptische president Abdel Fattah al-Sisi, Shaaths vrijlating. 

    ‘Wet 140 is in het leven geroepen om de vrijlating en deportatie van Greste mogelijk te maken’

    Het decreet dat deze ruil mogelijk zou maken werd in november 2014 uitgevaardigd door president Al-Sisi als ‘Wet 140’ dat de repatriëring van buitenlandse gevangenen naar hun thuisland toestaat, naar goeddunken van de president, voor het uitzitten van hun straf of nieuwe berechting. Het decreet werd afgekondigd vijf maanden nadat drie journalisten van Al Jazeera – de Australiër Peter Greste, de Egyptische Canadees Mohamed Fahmy en de Egyptenaar Baher Mohamed – waren veroordeeld tot gevangenisstraffen van zeven tot tien jaar op beschuldiging van terrorisme.

    De spraakmakende zaak leidde tot internationale veroordelingen en kritiek van mensenrechtenorganisaties, westerse regeringen en de Verenigde Naties. Volgens advocaat Negad al-Borai, die Fahmy in deze zaak vertegenwoordigde, werd Wet 140 in het leven geroepen om de vrijlating en deportatie van Greste naar zijn geboorteland Australië mogelijk te maken. Drie maanden later volgde inderdaad Grestes deportatie.

    Enige uitweg

    Rond die tijd gaf Fahmy zijn Egyptische staatsburgerschap op, in de hoop naar Canada te worden uitgezet. Hij vertrouwde Mada Masr destijds toe dat hoge functionarissen hem tijdens zijn gevangenschap hadden bezocht om hem te vertellen dat afstand doen van het Egyptische staatsburgerschap zijn ‘enige uitweg’ was. Fahmy weigerde aanvankelijk, maar voelde zich onder druk gezet en wilde de gevangenis uit. Fahmy heeft zijn Egyptische staats-burgerschap terug gekregen.

    In 2015 werd Mohamed Soltan, een Egyptisch-Amerikaanse activist die meer dan 640 dagen gevangen had gezeten, gedwongen zijn staatsburgerschap in te ruilen voor zijn vrijlating en deportatie naar de VS, iets waartoe de regering-Obama rechtstreeks had opgeroepen. Maar tijdens een bezoek aan Capitol Hill stelde de Egyptische inlichtingenchef dat Washington in 2015 had beloofd dat Soltan de rest van zijn levenslange gevangenisstraf in de VS zou uitzitten als Egypte hem vrijliet. Kamel overhandigde congresmedewerkers een document dat leek op een ondertekende overeenkomst tussen Egyptische en Amerikaanse functionarissen waarin een dergelijke regeling was vastgelegd. 

    Hoewel het decreet niemand dwingt zijn nationaliteit op te geven, is de keuze tussen burgerschap en vrijheid niet echt een keuze

    Volgens advocaat Gamal Eid van het Arab Network for Human Rights Information is Wet 140 onconstitutioneel, omdat deze niet-Egyptenaren bevoordeelt. ‘Het idee was bedoeld als knieval aan buitenlandse regeringen om het imago van het regime op te poetsen, maar het decreet schendt het principe dat iedereen gelijk is voor de wet, een beginsel dat zelfs boven de grondwet uitstijgt. Ik keur de voortdurende opsluiting van dissidenten niet goed, maar ze moeten allemaal worden vrijgelaten, niet alleen de buitenlanders.’

    Niet vrij

    Hoewel het decreet niemand dwingt zijn nationaliteit op te geven, is de keuze tussen burgerschap en vrijheid niet echt een keuze. Hussein Baoumi, een expert van Amnesty International met Egypte in zijn portefeuille, zei tegen Mada Masr dat Shaath en Soltan feitelijk werden gedwongen hun Egyptische staatsburgerschap af te staan, wat volgens hem ongrondwettelijk is. 

    De burgerschapswet van 1975 stipuleert een aantal voorwaarden voor het intrekken van het Egyptische staatsburgerschap door de staat. Maar deze wet geldt niet voor Shaath of Soltan, omdat ze technisch gezien zelf afstand deden van hun burgerschap. Soltan en Shaath stellen echter allebei dat ze geen werkelijke keus hadden. 

    Na de vrijlating van Shaath tweette Soltan: ‘De keuze tussen je vrijheid en je burgerschap is gemakkelijk, want vrijheid komt altijd op de eerste plaats. Dit doet niets af aan het feit dat je bij een land hoort, dat land zit immers in je hart. En een regime dat de meest elementaire burgerrechten van vrijheid en leven afhankelijk stelt van het opgeven van je nationaliteit, versterkt hiermee zijn repressieve filosofie: het betekent onherroepelijk dat je als burger niet vrij bent.’