Tag: moord

  • Presidentskandidaat in Ecuador doodgeschoten

    Presidentskandidaat in Ecuador doodgeschoten

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Niger: VS en VN maken zich zorgen over de gezondheid van president Bazoum

    » Amazone-top: Lula zegt dat rijke landen moeten betalen om regenwouden te beschermen

    Fernando Villavicencio stond tweede in de peilingen

    Fernando Villavicencio, presidentskandidaat in Ecuador, is woensdagavond doodgeschoten aan het einde van een verkiezingsbijeenkomst in Quito. De negenenvijftigjarige journalist en het voormalig parlementslid werd ‘drie keer in het hoofd’ geschoten toen hij een theater verliet waar hij net zijn aanhangers had toegesproken, aldus El Universal. Villavicencio had al eerder doodsbedreigingen ontvangen.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    De president van Ecuador, Guillermo Lasso, zei dat hij ‘woedend en ontzet’ was over de moord. ‘In zijn nagedachtenis, en in de naam van zijn strijd, verzeker ik u dat deze misdaad niet ongestraft zal blijven,’ voegde hij eraan toe op X (voorheen Twitter). De centristische Villavicencio stond in de laatste peilingen op de tweede plaats, met ongeveer 13 procent van de stemmen.

    Vanwege Villavicencio’s strijd tegen de georganiseerde misdaad wordt vermoed dat de opdrachtgevers van de aanslag in die hoek gezocht moeten worden. Het Ecuadoraans Openbaar Ministerie maakte woensdagnacht bekend dat het zes personen heeft gearresteerd in verband met de aanslag.

    Lees ook:

  • Süddeutsche Zeitung over Inez Weski: ‘De macht van Taghi lijkt nog niet gebroken’

    Süddeutsche Zeitung over Inez Weski: ‘De macht van Taghi lijkt nog niet gebroken’

    De onkreukbare strafrechtadvocaat Inez Weski zou drugsbaron Ridouan Taghi hebben geholpen om berichten uit de gevangenis te smokkelen. De zaak laat zien hoe de georganiseerde misdaad de Nederlandse rechtsstaat tot het uiterste drijft, aldus het Duitse dagblad.

    Wist ze wat haar te wachten stond? Op de ochtend van 19 april houdt advocaat Inez Weski een spectaculair pleidooi in de Amsterdamse rechtbank. Eigenlijk zou haar cliënt Ridouan Taghi de gelegenheid krijgen voor een ‘laatste woord’. Hij en zestien medeverdachten worden beschuldigd van zes moorden, vier pogingen tot moord, drugshandel en het vormen van een criminele organisatie. Het proces is bijna afgelopen en het Openbaar Ministerie wil Taghi levenslang opsluiten. Volgens het OM is alles gezegd en bewezen.

    Maar Weski ziet het anders. Ze wil vrijspraak en lanceert een van haar kenmerkende tegenaanvallen: ze kondigt aan dat Ridouan Taghi aangifte heeft gedaan wegens ontvoering. De man die wereldwijd werd gezocht, werd in 2019 in Dubai gearresteerd. Men had hem daar willen ‘neutraliseren’, aldus Weski. Ze verzocht om nieuwe getuigen te mogen horen.

    Waarschijnlijk was dat het laatste optreden van de achtenzestigjarige steradvocaat. Twee dagen later werd ze gearresteerd op een van de ergste beschuldigingen die men tegen een advocaat kan uiten: ze had berichten van haar cliënt uit de isoleercel gesmokkeld. Daarmee veranderde ze zelf in een crimineel.

    Circus

    De val van Weski is de laatste van vele wendingen in het Marengo-proces, een proces dat niet alleen de rechtsstaat tot het uiterste drijft, maar dat ook waarnemers en deelnemers verbijstert door de gruwelijke details. Marengo (de naam werd door een willekeurige gerechtelijke computer voorgesteld) ‘tart elke verbeelding’, luidde het oordeel van een krant. De advocaat van een getuige sprak van het ‘meest vergiftigde en zieke proces dat er ooit is gehouden’. Anderen mopperen over het ‘Marengo-circus’.

    Toch valt er niets te lachen. Dat blijkt al uit de locatie van het proces in een industriegebied in het westen van Amsterdam: een voormalig kantoorgebouw, opgetrokken uit lichtgekleurde klinkers en omgebouwd tot een streng beveiligde rechtbank die niet alleen vanwege de permanent gesloten luiken ‘de bunker’ is gedoopt. Gemaskerde speciale eenheden in vier terreinwagens met draaiende motor houden op procesdagen de wacht achter de barricades. Hier stonden islamitische terroristen van de Hofstadgroep terecht. En enkele zware criminelen uit de Amsterdamse onderwereld.

    In het grootste strafproces in de Nederlandse geschiedenis staan hier nu Taghi en zestien handlangers terecht. Tegen Taghi loopt nog een vervolgprocedure, betreffende eerdere delicten. De vijfenveertigjarige Taghi, geboren in Marokko en opgegroeid in Utrecht, begon als wietdealer, ging vervolgens smokkelen en gaf uiteindelijk leiding aan een bende die trans-Atlantische cocaïnehandel organiseerde. Nederland is het Europese knooppunt voor de drug uit Zuid-Amerika, maar in toenemende mate ook voor synthetische drugs als LSD en ecstasy.

    De handel breidde zich de afgelopen tien jaar verder uit en het geweld nam navenant toe. Want de bende van Taghi is niet de enige – de concurrentie is genadeloos. Meer dan tien jaar geleden escaleerde de oorlog binnen de Amsterdamse ‘Mocro Maffia’ nadat de politie een lading cocaïne in beslag had genomen. Ontvoeringen, brandstichtingen, schietpartijen op straat en een reeks moorden waren het gevolg. Soms worden buitenstaanders vermoord of wordt een verkeerde persoon als doelwit gekozen. De Nederlandse term daarvoor is ‘vergismoord’.

    Wat betekent het voor de rechtsstaat als zelfs iemand als Inez Weski niet tegen de druk bestand is?

    Taghi’s organisatie is vrij klein: de kern wordt gevormd door familieleden en goede vrienden. Hijzelf geldt als uiterst gewiekst en voor hem tellen mensenlevens blijkbaar niet. Iedereen die hem in de weg staat of die praat, moet dood. De onderzoekers denken – op basis van gecodeerde gsm-berichten – dat hij voor die moorden jonge helpers heeft ingehuurd. In 2017 meldde een van Taghi’s helpers, Nabil B., zich bij de politie als kroongetuige. Toen het OM dat in 2018 bekendmaakte, werd eerst de broer van Nabil doodgeschoten en vervolgens zijn advocaat.

    Kort daarvoor had de politiebond alarm geslagen: Nederland ging steeds meer lijken op een ‘narcostaat’, op een land ‘waar de rechtsstaat wordt ondermijnd door een machtige parallelle drugseconomie’. In diezelfde periode verscheen een rapport van sociaal wetenschapper Pieter Tops, waarin wordt beschreven hoe hele delen van het land in de greep zijn gekomen van de georganiseerde misdaad. Dat de zorgen terecht zijn, bleek in 2021 ook uit de moord op de bekende misdaadverslaggever Peter R. de Vries, die als vertrouweling van de kroongetuige fungeerde. Een golf van verontwaardiging ging door het land.

    De macht van Taghi lijkt nog niet gebroken, zoals de moord op De Vries duidelijk maakte, ook al zit hij in Vught, in de best beveiligde gevangenis van het land. Van daaruit blijft hij regeren. Blijkbaar laat hij nog steeds tegenstanders uitschakelen. Hij smeedde er zelfs ontsnappingsplannen met zijn neef en advocaat Youssef Taghi, die hem ook hielp contact te onderhouden met zijn familie en zakelijke partners. De politie kwam Youssef Taghi op het spoor toen hij werd afgeluisterd – begin 2023 werd hij veroordeeld tot vijf en een half jaar gevangenisstraf. Tijdens dat proces uitte een advocaat voor het eerst verdenkingen tegen Weski, die zij krachtig weersprak.

    Onder druk

    Weski was toen al in het vizier gekomen van de onderzoekers, die profiteerden van de ontcijfering van cryptodienst SkyECC, waardoor ze communicatie binnen de familie Taghi konden lezen. Daaruit blijkt dat al voordat Youssef Taghi zijn oom hielp, er vanuit de gevangenis berichten waren verstuurd, onder meer naar de Italiaanse maffiabaas Raffaele Imperiale. De onderzoekers zijn er zeker van dat alleen Weski dat kan hebben gedaan. Eerst aarzelde het Openbaar Ministerie om actie te ondernemen tegen de advocaat, maar inmiddels lijkt er voldoende bewijs te zijn.

    Is Inez Weski mogelijk onder druk gezet? En zo ja, waarmee? Dat vragen mensen in justitiële kringen zich af. Weski is een kritische advocaat, die misstanden bij de politie aan de kaak stelt en zo nodig resoluut de rechtsstaat zijn plek wijst. Ze geldt als integer en eerlijk en zit al meer dan veertig jaar in het vak, eerst met haar zus, daarna alleen. Weski heeft een voorliefde voor ingewikkelde strafzaken en strijdt tot het uiterste voor haar vaak prominente cliënten. Ze werd bekend door televisieoptredens en door haar verschijning: dikke kohl rond haar ogen, zwarte kleding, zwarte Porsche. Er wordt gezegd dat ze altijd afstand houdt tot haar cliënten en zich door hen nooit laat tutoyeren.

    Aanvankelijk, zo blijkt uit de gedecodeerde berichten, hield ze daaraan vast – ook tegenover Taghi – en weigerde ze blijkbaar informatie te delen, wat enige wrevel in de familie veroorzaakte. Dus waarom zou ze van gedachten zijn veranderd? Ze werd bedreigd, is de meest gehoorde theorie. Weski is ‘zeer ervaren, integer en een zeer sterke persoonlijkheid’, aldus de advocaat van Youssef Taghi. Er zijn aanwijzingen in het strafdossier dat ze zich aanvankelijk verzette, maar dat ze ‘de druk’ niet kon weerstaan. Welke druk, vragen de media zich af. En wat betekent het voor de rechtsstaat als zelfs iemand als Inez Weski daar niet tegen bestand is?

    In de zaak van de moorden rond kroongetuige Nabil B. ging nagenoeg alles mis wat er mis kon gaan

    Haar detentie is verlengd tot juni. De zaak-Taghi gaf ze op en de Orde van Advocaten heeft haar geroyeerd. Om formele redenen, werd er nadrukkelijk bij vermeld; lang niet iedereen is overtuigd van haar schuld. Het OM kan overdreven gereageerd hebben, wat niet de eerste keer zou zijn. Beschuldigingen tegen andere advocaten van de bende Taghi zijn al vaker ongegrond gebleken. In een recent proces tegen een vermeende corrupte lokale politicus in Den Haag heeft het OM zich volgens de algemene opinie echt belachelijk gemaakt.

    Ook wordt het OM en de politie verweten kwetsbare mensen die het doelwit zijn van de georganiseerde misdaad, slecht te beschermen. In de zaak van de moorden rond kroongetuige Nabil B. ging nagenoeg alles mis wat er mis kon gaan, zo blijkt uit een officieel onderzoek. Waarschuwingen werden genegeerd en het dreigingsniveau werd chronisch onderschat. Zo is men er altijd van uitgegaan dat advocaten geen doelwit konden zijn omdat ze vervangbaar zijn.

    Taghi wil zich nu voorlopig zelf verdedigen. Het valt nog te bezien of er in het najaar een uitspraak komt, zoals gepland. Ook de parallelle procedure in de moordzaak-De Vries loopt vertraging op. De uitspraak tegen twee verdachten, die vermoedelijk door Taghi of zijn vertrouwelingen zijn ingehuurd, stond gepland voor juli 2022, maar kort daarvoor kwam er nieuw bewijsmateriaal boven water en werden meer verdachten aangehouden. Omdat een rechter wegens verblijf in het buitenland afwezig was, moest het hele proces worden heropend.

    Lees ook:

  • Polen: moordenaar burgemeester Adamowicz tot levenslang veroordeeld

    Polen: moordenaar burgemeester Adamowicz tot levenslang veroordeeld

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Wall Streets grootste banken redden First Republic Bank

    » De regering-Meloni belooft Italianen een grote belastingklapper

    Dader kan nog in hoger beroep gaan

    De rechtbank van Gdansk heeft Stefan Wilmont, de moordenaar van oud-burgemeester Pawel Adamowicz, veroordeeld tot levenslang, meldt Gazeta Wyborcza. Daarmee heeft de rechtbank voldaan aan de eis van het Openbaar Ministerie. Het vonnis is niet definitief, wat betekent dat de veroordeelde nog in hoger beroep kan gaan.

    Aan niets was te merken dat de verdachte spijt had van zijn daad. Zwijgend en met een glimlach op zijn gezicht hoorde hij het vonnis aan, aldus de Poolse krant. De moord zou een vergeldingsactie zijn voor de in zijn ogen onterechte gevangenisstraf van vijfenhalf jaar die hem in 2013 wegens een bankoverval werd opgelegd. Wilmont wilde de schijn wekken dat hij aan schizofrenie leed en daarom ontoerekeningsvatbaar was, maar daar ging de rechter niet in mee.

    Volgens veel mensen speelde de haatcampagne van de conservatieve regeringspartij PiS een belangrijke rol bij de moord

    ‘Pawel Adamowicz zal altijd in herinnering blijven. En ik hoop dat de dader zo spoedig mogelijk zal worden vergeten,’ aldus weduwe Magdalena. ‘Het gezegde luidt dat de tijd alle wonden heelt. Dat is voor een groot deel waar, maar het familietrauma blijft. Met deze uitspraak is de zaak nog niet afgesloten. Gezien de hoge straf zal de verdachte vast en zeker in hoger beroep gaan,’ stelde Piotr, broer van het slachtoffer.

    Op 13 januari 2019 hield Adamowicz, destijds burgemeester van Gdansk, een toespraak ter gelegenheid van het Groot Benefiet- en Kerstorkest (WOSP), de grootste liefdadigheidsorganisatie van Polen. Wilmont kwam het podium op lopen en stak hem neer met een mes. Adamowicz werd met spoed afgevoerd en overleed een dag later in het ziekenhuis. Volgens veel mensen speelde de haatcampagne van de conservatieve regeringspartij PiS tegen de lhbti-gemeenschap een belangrijke rol bij de moord. Adamowicz stond bekend als een vurig pleitbezorger van lhbti-rechten.

    Lees ook:

  • Canada: een van de verdachten van steekpartij dood aangetroffen

    Canada: een van de verdachten van steekpartij dood aangetroffen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Rusland stelt referendum annexatie Zuid-Oekraïne uit

    » Ierland: Instagram krijgt boete van 405 miljoen euro

    Damien Sanderson is mogelijk vermoord door andere dader

    Een van de twee verdachten van de Canadese steekpartijen is dood aangetroffen. Hij werd gevonden in een van de gemeenschappen waar de moorden plaatsvonden, zei de politie maandag volgens The Globe and Mail. Het lichaam van Damien Sanderson (31) droeg verschillende ‘zichtbare wonden’ die niet door hemzelf toegebracht leken te zijn. De doodsoorzaak is nog niet vastgesteld, ‘maar het kan zijn dat hij door zijn broer is vermoord’, voegde de politie eraan toe.

    De broer, Myles Sanderson (30) is nog steeds op de vlucht en kan ook gewond zijn geraakt. De moorden waren zondag gericht tegen gemeenschappen van oorspronkelijke bewoners van Canada in James Smith Cree Nation en de nabijgelegen stad Weldon in Saskatchewan, een grote plattelandsprovincie in het middenwesten van het land. Daarbij kwamen tien mensen om. Sindsdien zijn honderden politieagenten bezig met een klopjacht naar de twee broers in het uitgestrekte gebied van de Canadese prairie.

    Lees ook:

  • Hoe de voormalige baas van Amazon Mexico zijn vrouw liet vermoorden

    Hoe de voormalige baas van Amazon Mexico zijn vrouw liet vermoorden

    Abril Pérez Sagaón werd in november 2019 vermoord in haar auto, terwijl haar kinderen op de achterbank zaten. De opdrachtgever was haar ex-man, die ze al eerder had aangeklaagd voor poging tot doodslag. Hoe kon het dat hij toch op vrije voeten was?

    Een van de huurmoordenaars die in november 2019 de trekker overhaalde tegen Abril Pérez Sagaón heeft voor een rechter verklaard dat haar leven 180.000 pesos (ongeveer 8400 euro) waard was. Dat is minder dan wat haar man per maand verdiende als directeur van Amazon in Mexico. Deze Juan Carlos García, haar voormalige echtgenoot, huurde een bende misdadigers in om haar om het leven te brengen. Dat deed hij kort nadat zij hem had aangeklaagd, omdat hij had geprobeerd haar in haar huis, voor de ogen van hun kinderen, te vermoorden. Als de moord vóór de volgende hoorzitting zou plaatsvinden, zouden de huurmoordenaars een extra bedrag van zo’n 50.000 pesos, ruim 2300 euro, in rekening mogen brengen. 

    Terwijl de planning van de moord begon, verdween Juan Carlos García spoorloos

    Terwijl de planning van de moord begon, verdween Juan Carlos García spoorloos. Een rechtbank had het misdrijf waarvoor Abril Pérez hem had aangeklaagd namelijk opnieuw geclassificeerd, waardoor hij op borgtocht was vrijgekomen. Pérez deed wat ze kon om de zoveelste strijd tegen haar ex-man juridisch te winnen. Maar voor het Mexicaanse rechtssysteem waren er twee kogels nodig voordat ze hem uiteindelijk gingen zoeken.

    De verklaringen die een van de acht gearresteerden voor de moord op Pérez aflegde tijdens de eerste zittingen van het proces, hebben García opnieuw in de schijnwerpers gezet. García werd in 2015 aangewezen door Amazon om een dochteronderneming in Mexico te starten. Later was hij directeur online sales van Elektra, een multinational in huishoudelijke apparaten. Sinds het misdrijf is hij voortvluchtig en heeft Interpol een rode kennisgeving tegen hem uitgevaardigd. García had een straatverbod nadat zijn vrouw hem had aangegeven wegens poging tot moord. Na elf maanden juridische strijd, een echtscheiding en het gevecht om de voogdij over hun drie kinderen, die zij won, was zij nog steeds aan het vechten om te bewijzen dat hij had geprobeerd haar te vermoorden. Na hun scheiding was ze naar Nuevo León verhuisd, maar in die fatale week was zij naar de hoofdstad afgereisd om een psychologische test af te leggen in het kader van de beroepsprocedure tegen García. Op weg naar het vliegveld werd ze neergeschoten, terwijl haar tienerkinderen achter in de auto zaten.

    Gendergeweld

    De huurmoordenaars hadden het voornemen om haar twee keer te raken, in het hoofd en in de nek. En dat op 25 november 2019, de Internationale Dag tegen Gendergeweld, de dag waarop honderden vrouwen in de hoofdstad protesteerden tegen geweld door mannen. Gendergeweld is een tragedie die in Mexico dagelijks elf vrouwen het leven kost. En voor deze helft van de bevolking is er geen wapenstilstand: elk jaar stijgen de statistieken. In een land waar 95 procent van de gevallen ongestraft blijft en waar van minder dan 10procent van de misdaden aangifte wordt gedaan, had Pérez het aangedurfd zich uit te spreken tegen haar agressor. Maar doordat instituties falen om vrouwelijke slachtoffers van geweld te beschermen, werd ze doelwit.

    Die dag was ze met haar twee jongste kinderen en haar advocaat op weg naar de luchthaven van de hoofdstad. Ze had de formaliteiten verricht die vereist waren voor de gerechtelijke procedure en ze zouden terugkeren naar Monterrey. Ze zat op de passagiersstoel. Rond 17.30 uur naderde een voertuig haar raam en werd er rechtstreeks op haar hoofd gevuurd; een andere kogel raakte haar sleutelbeen. Noch de chauffeur, haar advocaat, noch haar kinderen werden geraakt. Het was een directe aanval. Na meer dan zes uur moesten de artsen concluderen dat ze haar niet konden redden. Ze stierf rond middernacht.

    Hij maakte haar wakker door een harde klap op haar hoofd

    Het begon allemaal in januari 2019. El País had inzage in het vonnis van de rechtszaak waarin García uiteindelijk werd vrijgesproken van de poging tot moord op zijn echtgenote. Hij kwam op borgtocht vrij. In die rechtszaak vertelde Pérez de rechter over de agressie van haar echtgenoot en verklaarde ze te vrezen voor haar leven.

    Vroege ochtenduren

    Op 4 januari van dat jaar was haar man in de vroege ochtenduren hun slaapkamer binnengekomen terwijl zij sliep. Hij maakte haar wakker door een harde klap op haar hoofd. Toen ze haar ogen opende, zag ze García met een honkbalknuppel in zijn hand; hij sloeg haar opnieuw tegen de linkerkant van haar gezicht. Zij begon om hulp te gillen. De deur was op slot en ze kon er niet uit, verklaarde ze in haar getuigenis. 

    Hij greep haar bij de haren en schreeuwde: ‘Ik vermoord je. Je hebt onze familie geruïneerd,’ zegt ze in de verklaring. Hij probeerde haar toen in de nek te snijden met een ‘scherp voorwerp’, aldus de tekst. Doordat ze zich verzette, sneed hij in haar kin. Vervolgens probeerde hij haar met zijn handen te wurgen, aldus de verklaring en de medische rapporten. Ze zei dat ze buiten adem raakte en dat alles om haar heen zwart werd. Haar zoon hielp haar en wist zo te voorkomen dat zijn vader haar zou vermoorden, aldus de verklaring. Het kind stormde de kamer binnen en duwde zijn vader weg, aldus de aanklacht, waardoor zijn moeder door het raam kon vluchten.

    Na al die maanden van strijd, kreeg Pérez alleen een straatverbod toegewezen

    Maar noch deze verklaringen van Abril Pérez Sagaón ten overstaan van het Openbaar Ministerie, noch de forensische en medische rapporten van het privéziekenhuis ABC die werden overlegd, waren voor rechter Federico Mosco González aanleiding om te oordelen dat het om een poging tot doodslag ging. De magistraat ontkende het voornemen om haar te vermoorden met als argument: ‘Als hij het voornemen had gehad om haar te doden, zou hij dat met de eerste klap hebben gedaan, toen zij nog sliep.’ En hij concludeerde dat er sprake was van oppervlakkige verwondingen. Zodoende werd het misdrijf opnieuw geclassificeerd: van poging tot doodslag werd het huiselijk geweld met letsel als gevolg. Na al die maanden van strijd, kreeg Pérez alleen een straatverbod toegewezen.

    Drie jaar na de moord op Pérez, zijn de eerste zittingen van de rechtszaak begonnen. Onder de acht arrestanten bevinden zich huurmoordenaars, zoals Rodolfo N., de man die heeft bekend de trekker te hebben overgehaald, en Juan N., de taxichauffeur die hen reed. Zij zijn de eersten die belangrijk bewijsmateriaal hebben aangedragen. Zo is deze misdaad, die symbool staat voor de straffeloosheid op het gebied van vrouwenmoorden in Mexico, weer tot leven gewekt. Tot nu toe kon de man die naar verluidt haar dood heeft georkestreerd, alle details en het geld organiseerde en de bende heeft gemobiliseerd, met zijn daden wegkomen.

  • VS: moordenaar George Floyd opnieuw veroordeeld

    VS: moordenaar George Floyd opnieuw veroordeeld

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Franse brandweer roept brand in Zuiden uit tot ‘megabrand’

    » Japanse oud-premier Abe neergeschoten tijdens campagnetoespraak

    Derek Chauvin krijgt 21 jaar gevangenisstraf

    Derek Chauvin is donderdag door een federale rechtbank veroordeeld tot éénentwintig jaar gevangenisstraf wegens het schenden van de burgerrechten van George Floyd, aldus USA Today. De voormalig politieagent veroorzaakte in 2020 de dood van de Afro-Amerikaanse Floyd door bijna tien minuten lang in zijn nek te knielen. Chauvin gaf voor het eerst toe dat dat hij opzettelijk zijn knie op de nek van Floyd hield – zelfs nadat deze niet meer reageerde.

    Deze nieuwe straf ‘voegt een paar jaar toe aan de gevangenisstraf die Chauvin al uitzit’

    Chauvin werd in een andere zaak al veroordeeld voor moord en doodslag van Floyd en zit al in de gevangenis. Deze nieuwe straf ‘voegt een paar jaar toe aan de gevangenisstraf die Chauvin al uitzit’ voor zijn veroordeling in juni 2021 voor moord in de staat Minnesota, waarbij beide straffen tegelijkertijd moeten worden uitgezeten.

    Tijdens de hoorzitting donderdag wenste Chauvin de kinderen van George Floyd ‘succes in het leven’, maar hij ‘bood geen verontschuldigingen aan en toonde geen berouw’, aldus de krant.

    Lees ook:

  • Verdachte schietpartij 4 juli-parade wordt aangeklaagd voor zeven moorden

    Verdachte schietpartij 4 juli-parade wordt aangeklaagd voor zeven moorden

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Meer dan twintig Malinese migranten komen om bij schipbreuk voor Libische kust

    » EU neemt baanbrekende wetgeving aan om big tech te reguleren

    Schutter had zijn aanval ‘wekenlang’ gepland

    De verdachte van de schietpartij op 4 juli wordt zevenvoudige moord ten laste gelegd, meldt Chicago Tribune. Robert Crimo (21) wordt ervan beschuldigd het vuur te hebben geopend tijdens de viering van Onafhankelijkheidsdag in Highland Park, een voorstad van Chicago. Hij had zijn aanval ‘wekenlang’ gepland, zei de politie dinsdag. Als hij wordt veroordeeld, kan hij levenslang krijgen zonder voorwaardelijke vrijlating, zei officier van justitie Eric Rinehart van Lake County dinsdag.

    Volgens de politie gebruikte hij een ‘krachtig geweer dat lijkt op een AR-15’ om vanaf het dak van een bedrijf te schieten op de menigte die de 4 juli-parade bijwoonde. Het Tweede Amendement (dat wapenbezit garandeert) is ‘bezig met het vernietigen van een nog crucialer principe in de Verenigde Staten: ons gedeelde fundamentele recht op leven, vrijheid en het nastreven van geluk‘, aldus Chicago Tribune in een hoofdartikel dinsdag. ‘Vooral op 4 juli.’

    Lees ook:

  • VS: 91 jaar na executie wordt zwarte tiener alsnog onschuldig verklaard

    VS: 91 jaar na executie wordt zwarte tiener alsnog onschuldig verklaard

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Frankrijk, Italië, Duitsland en Roemenië steunen EU-kandidatuur Oekraïne

    » Duizenden runderen sterven door hittegolf in Kansas

    Williams kreeg als jongste persoon ooit doodstraf in Pennsylvania

    In de Verenigde Staten is een jonge zwarte man eenennegentig jaar na zijn executie alsnog onschuldig verklaard. Alexander McClay Williams werd op zestienjarige leeftijd veroordeeld en geëxecuteerd voor het neersteken van een witte lerares. Decennialang heeft zijn familie beweerd dat hij ten onrechte was veroordeeld. Deze week werd hij door een rechtbank in Pennsylvania vrijgesproken, aldus Philadelphia Inquirer.

    ‘In 1931 had een witte jury slechts vier uur nodig om Alexander McClay Williams, een zwarte tiener, te veroordelen voor het neersteken van een lerares op de Glen Mills School for Boys in Delaware County’, schrijft de lokale krant. Vijf maanden later werd Williams, zestien jaar oud, geëxecuteerd. Hij was daarmee de jongste persoon in Pennsylvania ooit die ter dood werd gebracht.

    Met hulp van de achterkleinzoon van de advocaat die hem tijdens het proces vertegenwoordigde, probeerde zijn familie tientallen jaren lang zijn onschuld te bewijzen, en deze week werd Williams eindelijk postuum in het gelijk gesteld. Het nieuws werd met opluchting begroet door zijn enige overlevende zus (92), meldt Philadelphia Inquirer.

    Lees ook:

  • Onrust in Haïti houdt aan: rechter die moord op president onderzoekt stapt op

    Onrust in Haïti houdt aan: rechter die moord op president onderzoekt stapt op

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Domper voor Elon Musk: SpaceX-satellieten vergaan in zonnestorm

    » Italië besteedt 1,2 miljard uit EU-fonds voor achterstallig onderhoud op Sicilië

    Étienne is vierde rechter die in korte tijd opstapt

    De Haïtiaanse rechter Chavannes Étienne, aangesteld om de moord op president Jovenel Moïse op 7 juli te onderzoeken, is opgestapt vanwege ‘persoonlijke omstandigheden’, aldus een woordvoerder, bericht MercoPress. Lokale media meldden echter als reden het gebrek aan middelen, geld en politieke steun om goed onderzoek te kunnen doen. Étienne is de vierde magistraat die in korte tijd opstapt.

    Ondertussen liet premier Ariel Henry weten dat hij vervangen wil worden door een tweejarige overgangsregering. De internationale gemeenschap wil dat hij zijn inspanningen verdubbelt om tot een oplossing te komen, want Haïti heeft geen gekozen president, noch een functionerend parlement of een deugdelijke rechterlijke macht.

    Lees ook:

  • Al 25 jaar zoekt de Duitse politie ‘de stille passagier’, moordenaar van de Langendonks

    Al 25 jaar zoekt de Duitse politie ‘de stille passagier’, moordenaar van de Langendonks

    In de zomer van 1997 gaan Truus en Harry Langendonk op vakantie naar Duitsland. De reis eindigt bij een bosrand bij Traunstein. Nog altijd zoekt de politie hun moordenaar, die op klaarlichte dag zoiets als de volmaakte misdaad lijkt te hebben gepleegd. 

    En hij dacht nog: Gek, wat doet een zakenman zo laat ’s nachts bij een bushalte? Tien over twee, zo laat rijden er toch allang geen bussen meer? Op dat tijdstip heeft een manager toch geen taxi nodig, de vluchten gaan pas veel later. Rond die tijd wordt hij toch alleen gebeld door dronkelappen of verliefden die elkaar ’s avonds vinden en de volgende morgen alweer vreemden voor elkaar zullen zijn. Maar een zakenman?

    Wolfgang Stahl ziet hem al van ver. Een man in een donker pak, licht overhemd, das, halflang haar. Zeven minuten eerder had hij vanuit de telefooncel hier een taxi besteld bij de halte Löwenberger Strasse, aan de uiterste rand van Neurenberg. Stahl stopt, opent de portier aan de bijrijderskant, maar de man sluit die meteen weer en stapt achter in. Stahl draait zich om, goedenavond, waar gaan we heen? ‘En toen dacht ik, man, wat ziet die eruit! Hij had smerige handen en zijn haar was nat van het zweet.’

    De man zegt dat hij naar het Hauptbahnhof wil. Dan zegt hij niets meer en zit onbeweeglijk op de achterbank, een stille passagier. Pas na twee, drie kilometer vraagt hij of hij met Franse francs kan betalen. Geen probleem, zegt Wolfgang Stahl. Hij roept de centrale op en vraagt om de wisselkoers. Dan geen woord meer tot het station.

    Een paar dagen later zal Stahl in de krant lezen over twee lijken die in deze nacht werden verbrand, even buiten de stad. Truus en Harry Langendonk, een echtpaar uit Nederland. Hij leest over het geld dat ze bij zich hadden voor de vakantie: guldens, schillings, francs. En hij zal de politie bellen en zeggen: hoor es, er zat een man bij mij in de taxi die mij in francs wilde betalen. En dat nog nooit iemand hem in Franse francs wilde betalen. 

    De smerige handen, de haren nat van het zweet, misschien toch geen zakenman

    Wolfgang Stahl, grijze haren, een bruin shirt, rijdt nog eens de route van toen. Hij is allang met pensioen, heeft allang geen taxi meer, maar hij hoeft de bushalte maar te zien en meteen zit hij weer in die nacht in 1997. Alles staat hem meteen weer voor de geest. De smerige handen, de haren nat van het zweet, misschien toch geen zakenman. En zijn dialect, Oostenrijks.

    Het is allemaal bijna vijfentwintig jaar geleden. Vijfentwintig jaar, wat klinkt dat ontzettend lang geleden. En toch is het nog altijd alsof het gisteren was. Stahl rijdt nu naar het centraal station van Neurenberg. Een bouwplaats, wachtende auto’s. Toen was het hier veel minder druk, zegt Stahl, zeker ’s nachts. Dan blijft hij staan, wijst op een lantaarnpaal naast de ingang van het station. ‘Daar heb ik ‘m uit laten stappen.’

    100 francs

    Die nacht in juni 1997, tegen 2.30 uur. De stille passagier heeft betaald: 100 francs. Hij loopt door de hal, maar maakt na een paar meter rechtsomkeert en komt terug naar de taxi. Hij steekt zijn hoofd door het achterportier naar binnen, zegt dat hij geen Duits geld heeft en of Stahl nog eens 100 francs voor hem kan wisselen. Dat kan. Stahl geeft hem 30 mark. De man gooit het portier dicht en verdwijnt.

    Voor Wolfgang Stahl is de rit daarmee afgelopen. Maar de passagier loopt door het station, misschien kijkt hij of er nog treinen gaan, misschien denkt hij koortsachtig na, wie zal het zeggen. Zeker is alleen dat hij aan de andere kant van het station naar buiten loopt en een tweede taxi neemt. Zijn vlucht gaat verder.

    Bijna vijfentwintig jaar later is de politie nog steeds op zoek naar die man. Een man die bij een bosrand in de buurt van Traunstein twee vakantiegangers neerschiet: Truus en Harry Langendonk. Die ze bovendien nog de keel doorsnijdt, op klaarlichte dag, ze later in hun camper legt en daarmee rijdt, en blijft rijden, net zo lang tot de brandstof op is. Hoofdzaak is: wegwezen. Die de auto vlak voor Neurenberg parkeert, alles in brand steekt en dan een raadselachtige reis door de nacht begint en in de ochtendschemer weer precies daar aankomt waar hij deze bizarre misdaad beging. De politie zoekt een man die twee mensen ombrengt en daarbij zo onwaarschijnlijk veel geluk heeft dat hij bijna zoiets als de volmaakte misdaad begaat. 

    Stefan Stampfl is op dit moment de enige die de moordenaar van de Langendonks nog zoekt

    Maar het is beter om op de laatste dag van de Langendonks ergens anders te beginnen. Bij het middagmaal. Marquartstein, een dorp in de Chiemgau, nog geen drie uur met de auto ten zuiden van Neurenberg. Stefan Stampfl stopt voor een klein huis, stapt uit. Voor hem ligt het dal, met de kerktoren, verderweg glinstert de Chiemsee. Een omgeving die door een siersmid vormgegeven lijkt. Stampfl loopt om het huis heen, kijkt de tuin in, waar het klimop over de muur heen groeit, gaat een paar stappen terug, kijkt langs de gevel omhoog, waar de stuc afbrokkelt, het hout verweerd is. Op het balkonhek is de naam nog herkenbaar: ‘Wirtshaus Zum Schlossberg’, de letters zijn al lange tijd niet meer bijgewerkt. Aan alles in deze geschiedenis knaagt de tand des tijds.

    Stefan Stampfl, negenenveertig, is hoofdcommissaris bij de recherche in Traunstein. Een man die in alles een opgeruimde indruk maakt: in zijn kleding, zijn zinnen, zijn stemming. Hij heeft een glad gezicht, krachtige armen, en is 1 meter 95 lang. Harry Langendonk was bijna even lang.

    Stampf onderzoekt vanaf het begin de zaak. In 1997 was hij een van de dienstdoende agenten die het bos op de plek van de misdaad onderzochten. In 2003 zat hij in de speciale commissie (Soko) die nog eens met alle getuigen heeft gesproken, de taxichauffeurs, de omwonenden die de schoten en de schreeuwen gehoord hebben. In 2015 heeft hij de opsporing overgenomen. En nu? Stefan Stampfl is op dit moment de enige die de moordenaar van de Langendonks nog zoekt.

    Bovendien koopt Harry een bierglas met opdruk van het Wirtshaus. Voor thuis.

    Het overwoekerde café in Marquartstein dus. Hier hebben de twee gegeten voordat ze later met hun camper naar de bosrand zijn gereden. De plek van de misdaad. 7 juni 1997, 12.30 uur. Hoewel het buiten mooi weer is, gaan Truus en Harry Langendonk binnen aan een tafeltje zitten. Hij bestelt braadworsten en gebakken aardappeltjes. Hij drinkt er een appelsap bij. Zij eet niets, drinkt alleen een beetje zwarte thee. Ze zijn intussen negen dagen onderweg. Ze vertellen de serveerster over hun reis, zeggen dat ze Reit im Winkl graag willen bezoeken. Bovendien koopt Harry een bierglas met opdruk van het Wirtshaus. Voor thuis.

    Slechts uren later, na de moord, zal de stille passagier met een tweede taxi uit Neurenberg terugrijden. Hij zal de chauffeur lange tijd niet precies zeggen waar hij heen wil, zal zijn bestemming steeds weer veranderen, hij zal ook Marquartstein een keer noemen. Uitgerekend. Hebben de Langendonks hun moordenaar hier al ontmoet, bij het middagmaal?

    Camper

    Truus en Harry Langendonk leidden wat je een normaal, misschien wel gelukkig, leven noemt. Hun bedrijf, een remservice, hadden ze jaren geleden al verkocht. Tijdens hun pensioen wilde ze vooral reizen. Ze hadden een nieuwe camper aangeschaft, een Mercedes, type Westfalia. Het kenteken wordt later in de kranten afgedrukt, ingevoegd onder ‘Registratienummer XY… onopgelost’: VB-13-JK.

    De Langendonks woonden in Delden, twintig minuten van de Duitse grens. Truus, eenenzestig, las graag en verliet het huis nooit zonder gestifte lippen. Harry, drieënzestig, verstopte elk jaar kakelend een paar paaseieren voor zijn kleinkinderen. Ze speelden beiden piano en in hun huis stond een klok die hij als jongeman zelf had gebouwd. Met kerst. Er is een foto van hen waarop hij staat in een leren jasje, een kettinkje aan de pols, zij in een zomerjackje met kortgeknipte haren, ze proosten met elkaar en glimlachen.

    Hun vakantiegeld nemen ze contant mee: guldens, francs, marken en schillings. Ze betalen liever niet met creditcard

    In een Nederlandse reisblad lezen de Langendonks over de Duitse Alpenstrasse. Adembenemend, staat er boven het artikel. Ze besluiten de route te rijden met de camper. Hun vakantiegeld nemen ze contant mee: guldens, francs, marken en schillings. Ze betalen liever niet met creditcard. 

    Op 29 mei 1997 vertrekken ze vanuit Delden, langs de Rijn, naar de Alpen. Na een paar dagen sturen ze hun dochters een ansichtkaart uit Sigmaringen. Ze bezoeken slot Neuschwanstein en slot Linderhof, ze rijden naar Oberammergau en naar Wieskirche en maken daar overal foto’s die de politie later zal ontwikkelen. Uit Garmisch sturen ze een brief, ze schrijven dat ze in Mittenwald waren. Ze hadden een oude viool bij zich, die ze daar wilden laten taxeren. De politie zal resten daarvan terugvinden in de uitgebrande camper: snaren en werveltjes.

    Stefan Stampfl, de rechercheur, stapt weer in zijn auto, laat het overwoekerde Wirtshaus achter zich en rijdt richting Traunstein. Rechts rijzen de bergen op als stomme getuigen, links strekken de velden zich uit. De politie heeft gereconstrueerd hoe de Langendonks op de plek van de misdaad zijn gekomen. Deze weg kunnen ze genomen hebben. Bij een oud gebouw van de post in Siegsdorf, kort voor Traunstein, stopt Stampfl nog eens. Een saai gebouw, duifgrijs gestuct. In de jaren negentig stonden overal in het land nog telefooncellen, ook hier. Tegen de muur zijn de omtrekken ervan nog zichtbaar.

    Op 7 juni 1997, ergens tussen 13.30 en 14.30 uur, bellen de Langendonks een laatste keer naar huis. Ze spreken met hun schoonzoon, zeggen dat ze bij de Chiemsee zijn, en daar nog wat zullen blijven. Bij de benzinepomp aan de overkant staat een vrouw aan de kassa. Ze ziet hoe Truus Langendonk eerst alleen telefoneert, dan komt haar man erbij, ze wurmen zich met z’n tweeën in de telefooncel. Tot slot zeggen ze dat de munten op zijn. Ze bellen altijd tot de munten op zijn.

    Vanaf het tankstation is het niet ver meer, een paar kilometer die het leven scheiden van de dood

    Ongeveer een kwartier zijn de Langendonks hier geweest, ze tanken en kopen twee ijsjes bij de cassière. De politie zal haar later vragen of er nog iemand anders bij was. Zat er misschien nog iemand in de camper, stond er iemand in de buurt en stapte die ook in?

    Van het tankstation is het niet ver meer, een paar kilometer die het leven scheiden van de dood. Stefan Stampfl rijdt nog eens door Traunstein heen, de B304 op, steeds verder, dan scherp naar links een smalle veldweg in die langs de bosrand omhoog voert, sparren, struiken. Dan blijft hij staan. Bij het Litzlwalchener Hölzl. De plek van de misdaad.

    Litzlwalchen, dat zijn een paar huizen en boerderijen, verder alleen velden en bos. Een dorpje zo nietig en verloren dat het lijkt of het uit de broekzak van een reus is gevallen. Het is mogelijk dat de Langendonks juist daarom hierheen zijn gereden. Omdat het een rustig plekje is.

    Modelvliegers

    7 juni 1997 is een zaterdag. De zon schijnt uitbundig, 23 graden. In Litzlwalchen zijn verschillende modelvliegers bezig. Een echtpaar brengt de hele middag door bij de vliegplaats, recht tegenover de bosrand. In het dorp is een jonge moeder in de tuin bezig, haar man bouwt een vliegengordijn voor de terrasdeur. Een paar huizen verder kijkt een oudere dame tv.

    Tussen 15 en 16 uur. Truus en Harry Langendonk parkeren hun camper langs de bosrand. Verscheidene getuigen zien de auto daar. Ze beschrijven ook dat er een tafeltje en stoelen bij het voertuig staan. Misschien drinken de Langendonks koffie, misschien doen ze een dutje, niemand die het weet.

    Waarschijnlijk is dat ze hier uitrusten. Zeker is dat ze hier sterven.

    Waar de dader ook vandaan komt, wat hij hier ook wil, omstreeks 18 uur schiet hij

    Op enig moment zien de modelvliegers personen bij de camper, maar ze kunnen de politie later niet zeggen hoeveel het er zijn. De hut van de vliegers staat ongeveer 400 meter bij de Langendonks vandaan, hoe moeten ze weten of het er drie zijn, of vier? En waar komt de dader vandaan? Uit het bos, over de veldweg, uit het dorp?

    Waarschijnlijk is er sprake van strijd. Omwonenden melden bij hun verhoor een blaffende stem, zoals bij commando’s. Zeker is dat de dader zijn moorden pleegt aan de kant van het bos, onzichtbaar achter de camper. Waar de dader ook vandaan komt, wat hij hier ook wil, omstreeks 18 uur schiet hij. De modelvliegers horen het, de jonge moeder in de tuin hoort het en verderop in Biebing horen ze de schoten ook. Nu eens worden er twee genoemd, dan weer vier of zes.

    Waarschijnlijk verzet Harry Langendonk zich. Hij heeft op reis een tafelpoot bij zich, die niet bij de camper hoort, om zich te verdedigen, je weet maar nooit. Misschien grijpt hij er naar, hij ligt later buiten de auto, in de struiken. Zeker is dat de dader Harry dood schiet, door het hoofd. Meerdere getuigen horen een vrouw schreeuwen, krijsen, de modelvliegers horen haar, de jonge moeder hoort haar. Truus Langendonk is in paniek, ze krijgt een kogel in de borst.

    Het is waarschijnlijk dat het pistool van de dader een keer blokkeert, dat hij een keer doorlaadt, de extractor wipt een onafgevuurd projectiel uit de loop, dat blijft in het gras liggen, alles verloopt heel snel; het kan zijn dat de vrouw nog om hulp schreeuwt, het is mogelijk dat de dader daarom meer haast maakt met zijn waanzin. Zeker is dat hij Truus Langendonk doodt door haar keel door te snijden, dat doet hij ook bij haar man, de duivel mag weten waarom, Harry Langendonk is toch al dood. De duivel mag weten wat hem die dag bezielt.

    Aflevering 719

    Boven in het dorp zit de oudere dame in haar huis en kijkt tv. Ze hoort de schoten, ze hoort het schreeuwen. Ze blijft tv kijken. Op ORF 2 is het dierenprogramma Wie wil mij hebben? bezig. Aflevering 719. De politie leidt daar later het tijdstip van de misdaad uit af. Buiten schijnt de zon, binnen vraagt de presentatrice Edith Klinger om een nieuw thuis voor haar in de steek gelaten honden en katten. En beneden aan de bosrand sterven twee mensen.

    Men zegt altijd – een oude criminologische wijsheid – dat de plaats delict veel zou zeggen over de dader. Hier vertelt die zo goed als niks over hem. Wellicht omdat niet de dader, maar de slachtoffers de plek hebben uitgezocht. Stefan Stampfl zegt: ‘Het is nauwelijks voorstelbaar dat de Langendonks hierheen geloodst werden.’ Ze overnachtten alleen op campings, bij kerken of politiebureau’s. Waarom zouden ze een vreemde volgen naar het bos?

    Getuigen dachten dat er een jager had geschoten – en dat de schreeuwen van een ree waren

    Toch heeft Stampfl zich steeds opnieuw afgevraagd of ze hun moordenaar al eerder op de dag ontmoet kunnen hebben. De stille passagier. Merkt hij die twee op, met hun nieuwe camper, en blijft hij ze volgen? Biedt hij zich aan als kenner van de streek, als reisgids? Maar niets wijst daarop. De serveerster ziet de Langendonks bij het middagmaal alleen met z’n tweeën. De caissière ziet niemand anders bij de benzinepomp. ‘Daarom gaan we ervan uit dat die persoon de Hollanders inderdaad op de plaats delict is tegengekomen.’ 

    FCA8A096 DE7C 4E6E B58C CAFED87D2370
    © Friedrich Bungert/ Süddeutsche Zeitung

    Stampfl zet een paar stappen in de struiken. Het mos klimt omhoog langs de sparren, meer vooraan groeien jonge scheuten. Het bos verandert, maar de vragen blijven. Waarheen trekt de dader zich terug? Posteert hij zich ergens, kijkt hij of er iemand komt: politieauto’s of wandelaars?

    Het paar dat indertijd bij de vliegplaats zat, ziet na de schoten nog iemand bij de camper. ‘Beweging,’ zegt Stampfl, ‘daarom hebben ze er verder niet bij nagedacht.’ Tegen de rechercheurs zeggen ze later dat ze dachten dat er een jager had geschoten – en dat de schreeuwen van een ree waren.

    Mensen bellen de politie als iemand verkeerd parkeert. Mensen bellen de politie als iemand te luidruchtig barbecue’t. Mensen horen schoten, horen geschreeuw, maar de politie wordt niet gebeld. Dat is voor het onderzoek tot op heden de grootste ramp. Voor de dader is het slechts één van de vele momenten waarop hij geluk heeft gehad. Onwaarschijnlijk veel geluk.

    Die stilte

    Die stilte, zegt Tabea Block, die stilte zal ze niet vergeten. Het was een heel rustige dag, zelfs de B304, waar anders altijd auto’s langs razen, was niet te horen. Dan verscheurt een schot de lucht. ‘Een bruut gekrijs, een vrouw.’ Weer schoten, meerdere achter elkaar. Dan niets meer. ‘Ik dacht nog: wat gek.’ Als het jongelui waren die iets idioots uithaalden, dan zou het daarna toch niet stil zijn. Dan zou het pas echt beginnen. 

    Tabea Block was zesentwintig jaar, haar kinderen waren nog klein en ze was hier in de tuin bezig. Een kordate vrouw, vriendelijk, maar met een uitdagend lachje. Zij ging toen naar haar man, die in de kelder een vliegengordijn had gemaakt. Hé, had ze tegen hem gezegd, dat was raar, daarnet, dat schot, en dat geschreeuw. Hm, zei hij, ik weet het ook niet.

    Wat je niet ziet, bestaat toch niet? Of wel?

    Ze loopt nu de weg af, tot aan de velden. Dan wijst ze naar het bos. Ziet u? ‘Onmogelijk,’ zegt Block. De bomen, de hoek, de plaats delict is van hier af niet te zien. ‘Als ik iets had gezien, dan had ik de politie gebeld. Maar ik heb niets gezien. ’s Avonds dacht ze er al niet meer aan. Wat je niet ziet, bestaat toch niet? Of wel?

    Tabea Block weet nog hoe de rechercheurs voor haar deur stonden. Hoe koud ze het kreeg. IJskoud.  

    Het onderzoek werd indertijd geleid door Werner Weiss. Ruim een week na de misdaad werd hij naar Litzlwalchen geroepen; tot dat moment dacht men nog dat Truus en Harry Langendonk vermoord werden op de plek waar ze ook verbrand werden. ‘Brutale roofmoord bij Neurenberg’ stond er in de Süddeutsche Zeitung. In de Abendzeitung: ‘Nieuw spoor in de dubbelmoord van Neurenberg’. De stille passagier had het voor elkaar gekregen om de plaats delict te verhullen.

    Maar dan voert het onderzoek naar Litzlwalchen. Weiss had dienst; met een collega zocht hij de bosrand af, de veldweg, de weide. Ze vonden patroonhulzen. De bril van Truus. Vertrapt gras. Ze alarmeerden het bureau, de sporen moesten veiliggesteld worden; ze vormden een Soko, bijna zeventig man, het hele protocol.

    Werner Weiss, vierenzestig, ziet er een beetje uit zoals je je een gepensioneerde commissaris voorstelt. In jeans met overhemd, een snorbaard en een donker getinte bril. Ook hij gaat nog eens langs de plaats delict, waar eerder Stefan Stampfl liep. Weiss was hier al jaren niet meer geweest, hij draait een sigaret, rookt en kijkt rond. ‘Elke keer een heel gek gevoel.’ 

    Regen

    Alles op de plaats delict leek indertijd de politie tegen te werken. Niet alleen dat het dagen duurde voordat hij ontdekt werd. Het regende ook, steeds weer. Weiss zegt: ‘Het goot zonder ophouden.’ De hulzen en het uitgeworpen projectiel verraden tenminste nog met welk pistool de Langendonks werden doodgeschoten: een Tokarew, TT-33, kaliber 7.62. Een ordonnanswapen van het Sovjetleger. In Duitsland nogal zeldzaam, in Oost-Europa wijd verbreid. Wat zegt dat over degene die het gebruikt? Ze dachten toen alle kanten op. Eén mogelijkheid: ‘Dit wapen, en vervolgens de keel doorsnijden met een mes – heeft die dader misschien ervaring uit een burgeroorlog?’

    Iemand doodschieten van een of twee meter afstand, dat is één ding. Iets heel anders is het om op hem af te gaan, hem misschien zelfs beet te pakken, zijn lichaamswarmte te voelen, al is het maar een seconde, zijn paniek, razende beelden, hem dan een lemmet tegen de hals te drukken, zo strak als het kan, en dan te trekken. Wie zoiets doet – daarvan gaan de onderzoekers uit – pleegt niet zijn eerste misdaad.

    Maar van één ding zijn ze overtuigd: dat de dader bekend is met de omgeving. Dat hij hier gewoond of gewerkt heeft. Op z’n minst hier op bezoek is geweest. ‘Hij doet alles om het hier bezemschoon te maken,’ zegt Werner Weiss. Hij neemt zelfs het risico om urenlang met twee lijken door de streek te rijden – en komt dan weer terug. ‘Als die niet van hier zou zijn, wat moet die hier dan?’

    7 juni 1997, tot 20.00 uur. De dader gunt zich na de schoten lang de tijd, twee uur. Lang genoeg om tot bezinning te komen, na te denken. Ergens in deze tijdspanne besluit hij op te ruimen. Hij legt de lijken in de camper, klapt het tafeltje en de stoelen in, werpt de tafelpoot in de struiken. Wat hij vindt, laat hij verdwijnen.

    Onopgemerkt rijdt hij de vallende nacht in. Achterin de camper liggen twee lijken

    Tussen 20.00 en 20.15 uur zien meerdere getuigen de camper manoeuvreren en wegrijden van de bosrand. Het is waarschijnlijk dat de dader daarbij het opstapje over het hoofd ziet. Dat hij er ’s morgens nog eens heen gaat, kijkt of hij iets vergeten is, en het ding diep het bos in draagt, enkele honderden meters. Zeker is dat de politie het daar later vindt. Het is overreden, het blik is verbogen, het ligt onder een vermolmde boomstronk.

    De dader rijdt van de veldweg de B304 op. Stefan Stampfl, die hem tot op heden zoekt, kan slechts vermoeden dat zijn route hem dan naar de snelweg voert. Onopgemerkt rijdt hij de vallende nacht in. Achterin de camper liggen twee lijken.

    Aan een van de sparren aan de bosrand hangt een krans, rozen en klimop van plastic en ijzerdraad. De kleur is uit de bloemen verdwenen, maar ze hangen daar nog, al meer dan twintig jaar. Van de familie.

    8 juni 1997, vanaf 0.30 uur. De camper parkeert op een bosweg naast de kruising van de snelweg Neurenberg-Oost, een paar kilometer van de stad. De stille passagier is zo ver gereden als maar mogelijk was. In de tank zit nog maar drie liter diesel, het waarschuwingslichtje brandde al een hele tijd. Op de weg ligt een hoop aarde, de dader hobbelt daar wellicht tegenaan, wil misschien nog uitwijken. Hij trekt de sleutel uit het contactslot en laat hem in de camper liggen.

    Gasfles

    0.55 uur. De camper staat in lichterlaaie. De passagier benut een gasfles die hij in het voertuig aantreft, wikkelt een lapje om het ventiel en steekt alles aan. Een verwoestende hitte, de bekleding valt van het dak, van de stoelen blijven alleen staketsels over. Het vuur vernietigt alle DNA-sporen die de dader in de auto achterlaat. De lijken van Truus en Harry verbranden.

    Wanneer twee vrouwen de brand melden, is de stille passagier al onderweg in de stad. Hij vlucht bijna drie kilometer te voet; bezweet zal hij in de Löwenbergerstrasse aankomen. Het is waarschijnlijk dat de brandweer en de politie hem tegenkomen. Blauw zwaailicht, sirenes. Dat hij gestresst raakt, tussen de struiken springt, oversteekt naar de andere kant van de weg en zich verbergt achter schuttingen. Zeker is dat de politie langs de weg steeds weer voorwerpen uit de camper vindt. Dingen die de passagier eerst meeneemt, waarom dan ook – en dan weg gooit.

    De paspoorten van de slachtoffers liggen in het gras, een brillehoes, een notitieboekje. Achter een houten schutting ligt hun portemonnee vol marken en guldens. De dader kan die verloren hebben, waarom zou hij die weg gooien? Het ging hem waarschijnlijk toch om het geld? 

    Staat hij misschien op een van die foto’s?

    Ergens werpt hij het fototoestel van de Langendonks weg. Hij neemt zelfs de tijd om er twee fotorolletjes uit te trekken. Waarom? Staat hij misschien op een van die foto’s? De recherche zal nog een paar foto’s kunnen ontwikkelen: slot Neuschwannstein, Harry aan het meer, Truus in de bergen. Het belichten heeft de beelden onduidelijk gemaakt, alsof iemand er een sluier voor gehangen heeft. De dader tonen ze niet.

    Eerst maakt hij de plaats delict schoon, dan vernietigt hij de meeste van zijn sporen en blijft tot op heden onontdekt. Maar, zegt Stefan Stampfl, ‘ergens heeft hij een fout gemaakt. Misschien hebben we die alleen nog niet gevonden.’

    In Litzlwalchen volgt Stampfl nu een grindweg die het bos in loopt. Het grind knerpt, zonlicht filtert door de bomen, buiten zeilt een modelvliegtuigje boven het veld. Het ziet er bijna belachelijk onschuldig uit. Misschien was dat juist het probleem.

    Honderdveertig ordners

    Stampfl heeft het gebeurde al zo vaak doordacht, en het dossier (honderdveertig ordners) zo vaak doorgelezen. Hij kan het gedrag van de dader niet verklaren. Er zijn momenten waarop hij volledig doelgericht handelt. De afweging of hij het risico zal nemen om met twee lijken in de auto gecontroleerd te worden. ‘En dat heeft hij overwogen, want hij heeft twee uur de tijd gehad.’ Maar er zijn ook momenten waarop hij volkomen chaotisch handelt. Waarom neemt hij spullen mee die voor hem geen waarde hebben, de paspoorten, de brillenhoes, en gooit ze dan toch weg? Geen enkele aanwijzing geeft daar een antwoord op.

    Natuurlijk ook niet op de eigenlijke vraag: waarom dit alles? Stefan Stampfl zegt: ‘Ik denk dat het een toevalstreffer was. Hij ziet de camper, denkt: daar kan ik snel een paar honderd mark jatten. Hij gaat er naartoe, speelt mooi weer, kletst een beetje, peilt de situatie. Dan eist hij geld, en escaleert het.’

    Toeval. Maar waarom dan het wapen? ‘Op die dag had hij het bij zich, waarom dan ook.’ Als hij alleen was. De politie acht het nog steeds mogelijk dat er meerdere daders waren. Dat de stille passagier alleen de schoonmaker was die alles wegwerkte, terwijl de moordenaar onderdook.

    Meer dan driehonders personen hebben Stampfl en zijn collega’s al als mogelijke daders onderzocht. Steeds opnieuw hebben ze geprobeerd uit te vinden waarom de man zo’n haast had om terug te komen. Wie zou zijn ontbreken de volgende ochtend zijn opgevallen?

    Ruim tweeduizend aanwijzingen, en geen enkele voerde tot dusver naar de dader

    Ze hebben alle huizen in de buurt nagetrokken: moest hij naar zijn gezin, had hij hier een auto staan? Ze zijn alle boerderijen langs gegaan: moest hij naar de stal? Ze hebben de wegwerkers ondervraagd die in die periode aan de B304 werkten, moest hij naar zijn werk? Ze hebben de kazerne in Traunstein gecheckt en de bosbezitters, een bruiloft en alle feestjes die dat weekend gevierd werden, de krantencolporteurs en de matrassenverkopers die toen van deur tot deur gingen.

    Maar overal: niets.

    Ook doen ze onderzoek in Oostenrijk, naar een man uit de buurt van Graz. Stampfl rechercheert langzaam naar hem toe: was hij in 1997 een keer in Traunstein? Stampfl trekt het net rond hem steeds verder dicht: waar heeft hij gewoond? Nog dichter: in welke auto’s reed hij? Stampfl doet weken, maanden onderzoek. Dan is het een zaak van minuten, seconden uiteindelijk. Komt er een fax van de rederij: de man zat op een schip in Noorwegen toen de Langendonks werden vermoord.

    Ruim tweeduizend aanwijzingen, en geen enkele voerde tot dusver naar de dader. Toch weet de politie hoe hij er ongeveer uit zag. De taxichauffeurs konden hem heel goed beschrijven: de stille passagier was tussen dertig en vijfendertig jaar oud, ongeveer 1 meter 80 tot 1.85 lang en sprak Oostenrijks, misschien ook Beiers. Haar: blond, sluik, halflang. Hij leek een beetje op prins IJzerhart, een beetje de jonge Rod Stewart. In elk geval geen alledaags gezicht. Hoe kan hij zich zo lang verborgen houden?

    Frank Behring zit in het kleine park bij de zuidelijke uitgang van het Hauptbahnhof van Neurenberg. Eigenlijk heet hij anders, maar omdat zijn echte naam een beetje ongewoon is, zou de dader hem probleemloos via Google kunnen vinden. Dus moet hij hier Frank Behring heten. In de jaren negentig reed hij in de weekenden vaak een taxi, ook in die nacht in juni 1997. Hij was het die de stille passagier terug gereden heeft naar de Chiemgau. Niemand in dit verhaal heeft zoveel tijd met hem doorgebracht als Behring.

    Daar, zegt hij nu, en wijst op de postbusgrijze uitgang, daar kwam de man het station uit.

    8 juni 1997, om 2.30 uur. De stille passagier stapt in Frank Behrings taxi, gaat opnieuw achterin zitten. Ook Behring vallen meteen zijn natte haren op, het colbertjasje draagt de man intussen over de arm. Of Behring ook langere ritten doet? Zeker. Of hij met een creditkaart kan betalen? Nee. Behring heeft geen uitleesapparaat bij zich. Contant dus.

    Het grootste deel wil de passagier deze keer niet in francs betalen maar in schillings. Bovendien heeft hij nog 30 mark. Zoveel als Wolfgang Stahl, de eerste taxichauffeur, hem een paar minuten geleden heeft gewisseld.

    Notitieboekje

    Frank Behring is een pietje precies, bijna pijnlijk precies. Hij heeft zijn notitieboekje meegebracht, hij heeft alles opgeschreven, flarden herinnering, brokstukken van zinnen, alles wat hem achteraf nog te binnen geschoten is. De recherche roept hem steeds opnieuw op, confronteert hem met verdachten, hij wordt een keer onder hypnose verhoord. Ze proberen Behring uit te wringen als een spons. Als iemand hun iets over de stille passagier kon vertellen, was hij het.

    ‘Erg spraakzaam was hij niet,’ zegt Frank Behring nu op het parkbankje. ’Wat opviel aan die figuur was dat die kleren niet bij hem pasten.’ Het kan zijn dat de dader zich heeft omgekleed, misschien had hij dat pak uit de bagage van Harry Langendonk genomen. Het kan zelfs zijn dat hij een pruik op had.

    Na 2.30 uur. Behring probeert op de een of andere manier met de stille passagier in gesprek te komen. De man zegt dat hij zijn vriendin graag wil treffen. Dat hij haar is misgelopen. Maar hij weet blijkbaar helemaal niet precies waar hij heen wil. In Neurenberg heeft hij het over München. Ongeveer 30 kilometer later, ter hoogte van Hilpoltstein, vraagt hij naar het centraal station van München. Vijf minuten later wil hij naar het Noordooststation, waar dat ook is, en daarna naar de luchthaven, tot hij overschakelt naar Traunstein, naar Marquartstein. Weet hij dat zijn slachtoffers daar gegeten hebben?

    Dan een telefoontje: het DNA van een man, iemand die ze nog niet kenden

    Het lijkt haast alsof de stille passagier met de routewijzigingen in deze nacht ook steeds een paar raadsels wil opgeven, kruimels die zijn vervolgers oprapen, maar ze kunnen hem niet vinden.

    Tot op heden geven de mensen tips, elke drie, vier weken. Stefan Stampfl trekt ze allemaal na. Jaar na jaar gaat voorbij en steeds weer zijn er van die momenten waarop hij heel even euforisch wordt. In 2015 vinden ze een gespecialiseerd laboratorium in Innsbruck, waar ze de portemonnee van de Langendonks nog eens laten onderzoeken. Ze laten elke naad lostornen, elke schilfer komt onder de microscoop. Dan een telefoontje: het DNA van een man, iemand die ze nog niet kenden. ‘Toen was ons duidelijk dat de dader er met zijn vingers ingezeten had en de biljetten had gezien.’ Dan de volgende domper. Stampfl zegt: ‘een gerechtigde sporenlater.’ Iemand van de familie had de portemonnee in handen gehad.

    De dochters

    Het beeld schokt een beetje als de drie vrouwen inloggen, camera’s worden in- en uitgeschakeld, nog eens inloggen, dan verschijnen ze op het beelscherm, elk in eigen huis, met kamerplanten, keukenkastjes, hartverwarmend normaal: Monique, Ellen en Karin Langendonk. De dochters van Truus en Harry.

    Karin en Ellen zijn een tweeling, beide negenenvijftig. De ene met kortgeknipt haar, de ander met een indianenkapsel. Monique is de oudste, tweeënzestig, met een diepe stem. Vrouwen met twee levens – een voor, en een na de moord op hun ouders. Ze waren indertijd juist begin dertig – en opeens waren ze wees.

    Wat je niet ziet, dat bestaat toch niet? 

    Ze beginnen meteen te vertellen over die krankzinnige eerste maanden, die onwerkelijke tijd. Karin zegt: ‘Ik had het gevoel alsof ik in Tatort meespeelde.’ In het nieuws werden familiefoto’s getoond, cameraploegen belegerden het huis in Delden. Toen de mensen van de boulevardpers allang weer weg waren, brachten politie-genten de sieraden die hun ouders gedragen hadden.

    De drie zussen waren altijd heel close, en toch waren ze plotseling erg alleen. Ellen zegt: ‘We hebben het elk voor onszelf verwerkt.’ Een beetje zoals nu op het beeldscherm: drie gezichten, elk in haar eigen venster. Monique, de oudste, keek jarenlang naar geparkeerde auto’s. Ging door de stad en prentte zich kentekens in, zomaar. ‘Zodat ik de politie kan helpen als er iets gebeurt.’

    Karin droomde steeds weer van haar ouders, juist in de eerste maanden. Hoe konden ze dood zijn? Toen ze weg reden, leefden ze toch nog? Het punt is dat de dader hun niet alleen hun moeder en vader heeft afgenomen, maar ook het afscheid. De dochters hebben het stoffelijk overschot van hun ouders nooit gezien, ze hebben afscheid genomen van twee houten kisten. De politie heeft hun ontraden om de kisten te openen.

    Wat je niet ziet, dat bestaat toch niet? Monique Langendonk zegt: ‘Wij zullen nooit weten of ze daarin lagen. Maar het moet wel zo zijn. Ze hebben zich sindsdien nooit meer aan ons vertoond.’

    Als een pop

    8 juni 1997, voor 3.36 uur. Het blijft een vreemde rit. Het valt Frank Behring op dat de man volkomen rustig op de achterbank zit, als een pop. Later herinnert hij zich dat de passagier iets vertelde over een symfonieorkest, over klassieke muziek. De Langendonks hadden toch een viool bij zich, de wervels in de verkoolde resten, ze wilden het instrument toch laten taxeren. De rechercheurs halen half Mittenwald overhoop, spreken met de vioolbouwers, de knechten, maar niets, overal niets.

    8 juni 1997, 3.36 uur. Frank Behring slaat af bij de Raststätte Holledau. De man wilde naar Marquartstein, maar Behring weet in de Chiemgau de weg niet. Hij koopt een kaart bij het tankstation, de stille passagier blijft zitten. Op de Raststätte zijn overal camera’s, ze registreren de taxi, laten zien dat er op de achterbank iemand zit, maar de taxi blijft precies zo staan dat zijn gezicht schuilgaat achter een zuil. Was Behring maar een tiende seconde vroeger of later gestopt, dan zou de man vol in beeld zijn geweest. 

    3.41 uur. De taxi rijdt verder. Hoeveel geluk kan iemand hebben? Geluk dat niemand in Litzwalchen de politie belt. Geluk dat hij op de rit naar Neurenberg nergens gecontroleerd wordt. Geluk dat de bewakingscamera op de Raststätte hem mist. En geluk dat de regen de sporen aan de bosrand voor altijd uitwist.

    Die vervloekte hoop. Eerst draagt ze je, dan laat ze je vallen

    Een paar jaar geleden was er in Beieren een amnestieregeling: een jaar lang konden de mensen illegale wapens inleveren bij de kantoren van de Landrat – ongestraft. Stefan Stampfl wilde weten of daarbij ook een of andere Tokarew opdook. Het wapen van de misdaad werd nooit gevonden, maar de verschoten munitie is een van de belangrijkste sporen, allemaal in databanken opgeslagen. Stampfl en zijn collega’s doen navraag, en inderdaad werd het model in de Landkreis Traunstein en Berchtesgadener Land meerdere malen ingeleverd. Om precies te zijn: meer dan dertig van die pistolen. De spanning stijgt.

    De pistolen worden onderzocht. Stampfl brengt ze zelf naar München, naar het laboratorium van het Landeskriminalamt. Hij kijkt over de schouder van de deskundige mee wanneer de projectielen onder een stereomicroscoop worden vergeleken. Hij denkt aan de bezoeken van de zusjes Langendonk in Traunstein. Hij denkt aan de wenskaarten die ze elk jaar met kerst sturen.

    Hij hoopt. En wordt teleurgesteld. Die vervloekte hoop. Eerst draagt ze je, dan laat ze je vallen. Steeds opnieuw. Intussen probeert Stampfl niet meer opgewonden te zijn als een spoor duidelijker wordt.

    Ellen Langendonk zegt: ‘Wij hopen niet al te zeer.’ Monique Langendonk zegt: ‘Uit zelfbescherming.’ Karin Langendonk zegt: ‘Het is gebeurd, en je moet ermee dealen. We moeten dealen met veel dingen die daar gebeurd zijn.’

    Vijfentwintig jaar

    Bijna vijfentwintig jaar is de dader al op de vlucht. 51.000 euro beloning voor de tip die tot zijn arrestatie leidt. Het grootste deel komt van de dochters. Soms belt Stampfl ze op en vraagt of ze het bedrag handhaven. Een formaliteit eigenlijk. De brekende stem aan de andere kant. De sprakeloze seconden. Ja, elke keer weer. Hoe lang de misdaad ook geleden is, ze blijft voor de betrokkenen toch steeds nabij.

    Wolfgang Stahl, de eerste taxichauffeur bekijkt sinds de moord de mensen die ’s nachts bij hem in de auto stappen met meer aandacht. Heeft zich vaker omgedraaid, om gezichten te monsteren.

    Tabea Block, de omwonende, heeft een hond aangeschaft. Van haar huis tot de plaats delict is het maar een paar minuten lopen. Ze is er nooit meer heen gegaan.

    ‘Waarom, jochie, heb je dat gedaan? Wat ging er in je om? Wat is hier gebeurd?’

    Werner Weiss, de gepensioneerde commissaris, is zelf eigenaar van een camper. Vroeger zou hij die zonder nadenken aan een bosrand parkeren. Sindsdien altijd weer die bedenkingen.

    Frank Behring, de tweede taxichauffeur, bergt tot op heden alles over de zaak op in een map: notities, foto’s, krantenartikelen. Alles netjes en accuraat, meestal zelfs met de verschijningsdatum erbij.

    Stefan Stampfl, de rechercheur, rijdt elke drie of vier maanden naar de bosrand, stapt uit en staat daar dan gewoon, met de handen in de zakken. Dan denkt hij na, zegt Stampfl. ‘Waarom, jochie, heb je dat gedaan? Wat ging er in je om? Wat is hier gebeurd?’ Dan rijdt hij verder. 

    Monique Langendonk, de oudste dochter maakt soms mee dat mensen klagen over hun zieke ouders. Over de zorg, de stress. Dan denkt ze bij zichzelf: waar klagen jullie over? Hoe graag zou zij haar ouders verzorgen.

    Omkeren

    8 juni 1997, voor 5 uur. Frank Behring rijdt met de stille passagier verder naar het zuiden, over de A8, de Bernauer berg, langs de Chiemsee, daar waren Truus en Harry Langendonk nog, ze hebben foto’s gemaakt op Herrenchiemsee. In Grabenstätt slaat Behring rechtsaf naar Marquartstein. Dan buigt de man voor het eerst naar voren en vraagt hoe laat het is. Dan wil hij opeens omkeren, meteen. De passagier verandert zijn bestemming voor de laatste keer. ‘Ik heb hem gezegd: U moet toch zo langzamerhand weten waar u heen wilt.’

    Plotseling weet de man verbazend goed de weg. Hij loodst Behring naar Traunstein, door de stad heen. Zegt: rijdt u daar langs en daar langs, verder, naar de B304, steeds verder, tot aan het bos. Behring herinnert zich dat de passagier nog eens vraagt hoe laat het is. Waarom vraagt hij steeds naar de tijd?

    Op een bepaald moment zegt de man: daarginds komt nu een bushokje, daar wil hij uitstappen. ‘Bushokje’, dat woord heeft Behring onthouden. Naar de plek waar Truus en Harry Langendonk vermoord werden is het van hier af maar een paar honderd meter. Over ongeveer twee uur valt de eerste regen.

    5.10 uur. Behring stopt midden op de weg, dat kan hier om deze tijd. De rit kost uiteindelijk 500 mark. De man geeft hem 30 mark en 3300 schilling. ‘Toen zei hij nog: zo snel zijn 500 mark weg.’ Je bent gek, denkt Frank Behring. Was dan met de trein gegaan. Dan stapt de stille passagier uit. Behring ziet hem nog in de achteruitkijkspiegel, ziet hoe hij het bos in loopt.

    En dan is hij verdwenen.

    Lees ook:

  • Brazilië: Bolsonaro beschuldigd van ‘moord’ voor zijn aanpak van de coronapandemie

    Brazilië: Bolsonaro beschuldigd van ‘moord’ voor zijn aanpak van de coronapandemie

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » De woordenstrijd tussen de Poolse premier en de EU

    » De aarde wordt minder helder

    Senaatscommissie velt vernietigend oordeel over president

    In een tekst die op dinsdag 19 oktober door de Braziliaanse media, waaronder Folha de São Paulo, is verspreid, beveelt de rapporteur van de senaatscommissie die de aanpak van de coronacrisis in het land onderzoekt, Renan Calheiros, aan om de extreemrechtse president Jair Bolsonaro aan te klagen wegens ‘moord’.

    De senator heeft elf aanklachten tegen het staatshoofd opgesteld, waaronder ‘doodslag door nalatigheid’, ‘kwakzalverij’ en ‘misdrijven tegen de menselijkheid’, aldus het dagblad. Het rapport riep ook op tot strafrechtelijke vervolging van eenenzeventig andere mensen, waaronder drie van Bolsonaro’s zonen en huidige en voormalige ministers.

    Jair Bolsonaro’s beleid heeft duizenden Brazilianen nodeloos tot een vroege dood veroordeeld

    Het 1078 pagina’s tellende document, dat nog kan worden geamendeerd door senatoren, ‘schetst een vernietigend beeld van de nalatigheid, incompetentie en wetenschapsontkenning die volgens velen kenmerkend zijn voor de reactie van de regering Bolsonaro op de gezondheidscrisis die meer dan zeshonderduizend Brazilianen het leven heeft gekost‘, schrijft The Guardian. Jair Bolsonaro’s ‘bewuste en weloverwogen’ beslissing om de aankoop van vaccins uit te stellen, heeft voor duizenden Brazilianen nodeloos tot een vroege dood geleid, aldus het rapport.

    Zijn regering negeerde ‘meer dan honderd e-mails van Pfizer’, schrijft The New York Times. In plaats daarvan koos hij ervoor te veel te betalen voor een niet-goedgekeurd vaccin uit India, ‘een contract dat later werd geannuleerd wegens verdenking van corruptie’.

    Vanaf het begin van de pandemie heeft Bolsonaro ‘alles gedaan wat hij kon om de dreiging van het coronavirus te bagitaliseren’, aldus de Amerikaanse krant.

    ‘Als vaccinscepticus viel hij iedereen aan die hem durfde te bekritiseren’

    ‘Toen landen over de hele wereld maatregelen invoerden en de Braziliaanse ziekenhuizen volstroomden, moedigde hij massabijeenkomsten aan en ontmoedigde hij het dragen van maskers. Als vaccinscepticus viel hij iedereen aan die hem durfde te bekritiseren.’

    The New York Times schrijft echter dat het onwaarschijnlijk is dat de president zal worden berecht voor dergelijke aanklachten, die naar verwachting zullen worden ingediend door de procureur-generaal van Brazilië, die is aangesteld door Jair Bolsonaro.

  • Haïti: ‘Sensationele wending’ in moordonderzoek  president | Forse belastingdruk Zuid-Korea

    Haïti: ‘Sensationele wending’ in moordonderzoek president | Forse belastingdruk Zuid-Korea

    ‘Sensationele wending’ in onderzoek naar moord op Haïtiaanse president

    Het onderzoek naar de moord op de Haïtiaanse president Jovenel Moïse nam op dinsdag 14 september ‘een sensationele wending’, vatte de Latijns-Amerika-correspondent van The Guardian samen.

    Die ochtend heeft de rechter die de zaak onderzoekt, verzocht premier Ariel Henry in staat van beschuldiging te stellen wegens telefoongesprekken die hij met een van de hoofdverdachten zou hebben gevoerd. Bed-Ford Claude, de openbaar aanklager in het proces eiste ook, ‘vanwege de ernst van de aan het licht gebrachte feiten’, dat Ariel Henry verboden zou worden het Haïtiaanse grondgebied te verlaten, meldt het Haïtiaanse dagblad Le Nouvelliste. Enkele uren later kondigde de regeringsleider het ontslag van de openbare aanklager aan wegens ‘ernstig administratief wangedrag’.

    ‘Volgens de Haïtiaanse wet kan een interim-premier niet worden gearresteerd’

    De openbare aanklager had Ariel Henry vrijdag gevraagd om dinsdag voor het parket te verschijnen om uitleg te geven over de telefoongesprekken die hij zou hebben gevoerd met een van de gezochte personen, maar de regeringsleider ‘weigerde zijn uitnodiging’, aldus Radio Metropole.

    De Haïtiaanse premier gaf dinsdag geen commentaar, maar afgelopen weekend beloofde hij via berichten op Twitter dat hij zich niet zou laten afleiden van zijn missie en drong hij erop aan dat ‘de echte schuldigen’ van de moord zouden worden gevonden, berecht en gestraft.

    Juridische deskundigen zeiden dat het sepot van de aanklager geen invloed zou hebben op de beslissing van de rechter om al dan niet tegen Henry op te treden, bericht The Wall Street Journal. ‘Maar volgens de Haïtiaanse wet kan een interim-premier niet worden gearresteerd, zelfs niet als de rechter erkent dat er bewijzen tegen hem zijn en een arrestatiebevel uitvaardigt’, aldus Yves Emmanuel Adeclat, een prominente advocaat uit Port-au-Prince, geciteerd door de krant. ‘Hij voegde eraan toe dat alleen de president van Haïti de arrestatie van de premier kan toestaan, maar Haïti heeft geen president meer sinds de moord op de heer Moïse.’


    Automatische cv-scans zien geschikte kandidaten over het hoofd

    Volgens een onderzoek van Harvard Business School en Accenture zorgt automatisering bij personeelswerving ervoor dat zo’n 27 miljoen mensen in de VS niet aan een voltijdbaan komen, bericht Business Insider. Maar liefst 75 procent van de werkgevers vertrouwt inmiddels op toepassingen zoals het automatisch scannen van cv’s, maar bedrijven blijken daardoor vaak geschikte kandidaten af te wijzen.

    Groepen die onevenredig zwaar worden getroffen, zijn onder meer mantelzorgers, veteranen, immigranten, gehandicapten, gedetineerden en mensen die hebben moeten verhuizen vanwege het werk van hun partner, aldus het rapport.


    ‘Buitensporig hoge belastingdruk’ in Zuid-Korea

    Zuid-Korea heeft de afgelopen jaren een ‘buitensporig hoge belastingdruk’ gelegd op de hoogste inkomensgroep en dat zou mogelijk tot een uittocht van rijke Koreanen kunnen leiden. Dat zegt KERI, het Koreaanse Economische Research Instituut.

    De inkomstenbelasting op jaarinkomens van meer dan 1 miljard won (circa 720.000 euro) is de afgelopen vijf jaar in twee stappen gestegen tot de huidige 45 procent, aldus KERI. In 2017, het jaar waarin president Moon Jae-in aantrad, steeg het percentage van 40 naar 42 procent. Vorig jaar werd dat verder verhoogd naar 45 procent, schrijft The Korea Herald.

    KERI zegt dat het huidige percentage ver boven het gemiddelde van de OESO ligt, de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling, dat uitgaat van 35,9 procent voor de hoogste inkomens in de aangesloten landen. Het effectieve belastingtarief voor degenen die meer dan 500 miljoen won per jaar verdienen, ligt in Zuid-Korea sinds 2019 minstens drie keer hoger dan dat voor inkomens in andere belastingschijven.

    Lees ook:

  • Biden wil vergelding voor aanslag in Kaboel | Wall Street vreest personeelstekort

    Biden wil vergelding voor aanslag in Kaboel | Wall Street vreest personeelstekort

    Biden belooft jacht te maken op aanslagplegers in Kaboel

    ‘De donkerste dag van Joe Bidens presidentschap’, kopt Politico. De ‘toch al hachelijke’ evacuatie van Amerikaanse staatsburgers uit Afghanistan en die van de bondgenoten van Washington had zojuist ‘een dramatische wending genomen, toen het soort ramp waarvoor de [Amerikaanse] president had gewaarschuwd, plaatsvond buiten de luchthaven van Kaboel’, schrijft de nieuwssite: een dubbele aanslag, die later werd opgeëist door de jihadistische groepering Islamitische Staat, doodde dertien Amerikaanse militairen en verwondde achttien anderen. Volgens BBC zijn er in totaal minstens negentig mensen omgekomen.

    ‘Het was het meest verwoestende moment van Bidens jonge presidentschap’, aldus Politico.

    Vergelding

    ’s Avonds hield Joe Biden vanuit het Witte Huis een toespraak die Politico omschreef als ‘soms somber en emotioneel, dan weer kalm en beschouwend‘.

    Het staatshoofd bracht hulde aan de gesneuvelde Amerikaanse militairen en kondigde twee hoofddoelstellingen aan: het voltooien van de missie om alle Amerikaanse onderdanen en zoveel mogelijk bondgenoten voor 31 augustus te evacueren, en het nemen van vergeldingsmaatregelen tegen degenen die verantwoordelijk zijn voor de aanslagen, schrijft Politico.

    ‘We zullen niet vergeven. We zullen het niet vergeten. We zullen jullie opjagen en laten boeten.’

    ‘Amerika laat zich niet intimideren,’ aldus Biden in zijn toespraak. ‘We zullen niet vergeven. We zullen het niet vergeten. We zullen jullie opjagen en laten boeten.’

    President Biden zei dat hij zijn commandanten had opgedragen manieren te vinden om IS-K aan te vallen, de Afghaanse tak van Islamitische Staat, die eerder op de dag de verantwoordelijkheid voor de aanslagen had opgeëist. ‘We zullen met kracht en precisie terugslaan, op een door ons gekozen tijd en plaats’, verklaarde hij.

    Lees ook:


    Wall Street vreest personeelstekort

    Wall Street heeft een probleem. Dit jaar worden recordwinsten geboekt, maar jonge mensen lopen steeds minder warm voor werkweken van minimaal tachtig uur. Om werving en personeelsbehoud bij investeringsbanken te verbeteren, hebben veel Amerikaanse banken, waaronder Bank of America, Morgan Stanley en Goldman Sachs, recentelijk de beloning voor jonge werknemers verhoogd. Ze bieden nu een aanvangssalaris van ten minste 100.000 dollar, circa 85.000 euro. Met een prestatiebonus kan dat op meer dan 150.000 dollar uitkomen, ongeveer vijf keer het gemiddelde inkomen per hoofd van de bevolking in de VS, schrijft NPR, de Amerikaanse publieke omroep.

    Jonge bankiers zeggen gemiddeld 98 uur per week te werken

    Het is echter onduidelijk of dat voldoende zal zijn. De pandemie ontneemt jonge, thuiswerkende bankiers de kans om te netwerken en ter plekke te leren, aspecten die essentieel worden geacht om voor het werk te kiezen. Recentelijk omschreven jonge bankiers bij Goldman Sachs hun grieven. Ze zeggen gemiddeld 98 uur per week te werken, wat ten koste gaat van hun mentale en fysieke gezondheid.


    Zakenman vermoord op Sicilië

    Een voormalig gemeenteraadsvoorzitter in de buurt van Agrigento op Sicilië is op zondag 15 augustus in een lokale bar om het leven gebracht met drie pistoolschoten door het hoofd, meldt het Italiaanse persbureau ANSA. Het slachtoffer, de 45-jarige Salvatore Lupo, had een strafblad.

    De zakenman was eigenaar van enkele bejaardentehuizen en werd in 2017 gearresteerd tijdens een onderzoek naar zijn sociale coöperatie, omdat hij ervan werd verdacht zeker de helft van het loon van zijn werknemers te hebben gestolen. Een jaar daarvoor werd hij verhoord vanwege mishandeling van gehandicapte minderjarigen in een tehuis in Licata. De politie sluit tot dusver uit dat de moord is gepleegd door de maffia, aldus ANSA.

  • De dubieuze connecties tussen Malta en China

    De dubieuze connecties tussen Malta en China

    Een autobom maakte op 16 oktober 2017 een einde het leven van Daphne Caruana Galizia, onderzoeksjournaliste op Malta. Haar speurwerk naar corruptie, verkoop van visa, energiedeals en offshorebedrijven van Maltese politici werd haar fataal. Anderen hebben haar werk voortgezet en naar nu blijkt komen alle verhalen die ze aan het onderzoeken was op één punt samen: in China.

    ‘Het lijdt geen twijfel dat Caruana Galizia is vermoord vanwege haar werk’, schreef OCCRP (Organized Crime and Corruption Reporting Project) in 2018 ter introductie van The Daphne Project, dat na haar dood werd gestart. ‘Met haar brutale, onbevangen en compromisloze stijl hekelde ze corruptie, vriendjespolitiek, cliëntelisme en ander crimineel gedrag in haar kleine EU-lidstaat.’

    Na haar dood pakte een groep van 45 journalisten die 18 nieuwsorganisaties in 15 landen vertegenwoordigen, haar werk op. Ze besteedden maanden aan het bestuderen van haar bevindingen, aan het verzamelen van documenten en aan gesprekken met bronnen, om te proberen de vele aanknopingspunten te doorgronden die Caruana Galizia had achtergelaten. Volgens OCCRP slaagde de groep erin om ‘verrassende nieuwe informatie te ontdekken over corruptie, die uiteindelijk leidde tot de val van de Maltese regering. En ze zijn nog steeds aan het graven.’

    Dat voortgaande gegraaf heeft inmiddels weer nieuw brisant materiaal opgeleverd. Eind maart publiceerde Martin Young van OCCRP, tegelijk met Reuters, Times of Malta en Süddeutsche Zeitung een uitgebreid artikel waarin hij uiteenzet hoe de sporen die Caruana Galizia volgde, samenkomen in China.

    Schokgolven

    ‘Voor een klein land heeft de mediterrane eilandstaat Malta een groot aantal corruptieschandalen voortgebracht’, zo begint Martin Young, ‘en de Maltese onderzoeksjournalist Daphne Caruana Galizia heeft op haar strijdbare blog Running Commentary de meeste ervan besproken.’

    Caruana Galizia was een van de eersten die verslag deed van 17 Black, een mysterieus bedrijf in Dubai waarvan ze geloofde dat het banden onderhield met hoge Maltese functionarissen. Ze verdiepte zich ook in de schimmige omstandigheden rond de verkoop van een groot belang in het enige elektriciteitsbedrijf van Malta aan een Chinees staatsbedrijf in 2014, en aan een daaropvolgende verdachte investering in een windmolenpark in Montenegro. En in 2016 werd haar aandacht getrokken door een Chinees mediabericht, waarin wordt beweerd dat Malta verblijfsvisa zou verkopen aan rijke Chinese burgers, zonder vragen te stellen over de financiële achtergrond van de aanvragers.

    Caruana Galizia heeft de uitkomst van deze onderzoeken niet meegemaakt. In oktober 2017, enkele uren na de publicatie van haar laatste blogpost die waarschuwde ‘dat er overal waar je nu kijkt boeven zijn’, werd ze gedood door een autobom. Volgens Young veroorzaakte de moord een schandaal dat corruptie in het hart van de Maltese regering blootlegde, de premier tot opstappen dwong en schokgolven veroorzaakte in de hele Europese Unie.

    Drie mensen zitten sindsdien gevangen in verband met de moord. Een van hen, een huurmoordenaar, zei deze maand in de rechtbank in Valletta dat Caruana Galizia was vermoord omdat ze op het punt stond ‘enkele details’ over een niet nader gespecificeerd onderwerp te publiceren. Het vermeende brein achter de bomaanslag, de Maltese magnaat Yorgen Fenech, zit in de gevangenis in afwachting van zijn proces.

    Piratenschip

    Op basis van aanwijzingen die Caruana Galizia ontdekte, hebben journalisten van OCCRP en partners een spoor gevolgd dat leidt van Malta naar China. Twee figuren blijken de drie verhalen die ze volgde met elkaar te verbinden. Het gaat daarbij om het 17 Black-corruptieschandaal, dubieuze energiedeals en het Visa-for-saleprogramma.

    ‘Wat deze schandalen duidelijk maken, is dat ze steeds opnieuw wijzen op de betrokkenheid van dezelfde groepen mensen’, aldus Daphnes zoon Matthew Caruana Galizia nadat hij de bevindingen van het nieuwe onderzoek had gezien. ‘Het is een duidelijke indicatie van hoe een paar individuen in korte tijd in staat waren om het hele staatsapparaat van een EU-land over te nemen en er een piratenschip van te maken voor hun eigen persoonlijk gewin.’

    Ownership Structures 1

    Nadat Caruana Galizia was vermoord, haastten journalisten zich wereldwijd om de onderwerpen op te pakken waar ze mee bezig was geweest. Een daarvan is 17 Black. Ze had herhaaldelijk over het bedrijf geschreven en suggereerde dat het verbonden was met toppolitici, maar slaagde er nooit in haar vermoedens te bewijzen.

    In 2018 onthulden Reuters en de Times of Malta dat 17 Black eigendom is van Yorgen Fenech, een flamboyante Maltese zakenman met een vermeende voorliefde voor cocaïne en renpaarden. Hij stond dicht bij enkele van de machtigste politieke figuren van Malta, waaronder premier Joseph Muscat en zijn stafchef, Keith Schembri, en leidde een conglomeraat. Dat conglomeraat maakte deel uit van een consortium dat in 2013 een grote concessie verwierf door voor 450 miljoen euro een krachtcentrale te bouwen. 

    ‘Deze nieuwe onthullingen bevestigen wat ze wist en waarvan ze anderen probeerde te overtuigen’

    Fenech gebruikte 17 Black blijkbaar om steekpenningen naar politici te sluizen. In het onderzoek dook een cruciaal bewijsstuk op. In een mail uit 2015 van het Maltese accountantskantoor Nexia BT, staat dat 17 Black naar verwachting tot 2 miljoen dollar zou overmaken naar brievenbusfirma’s die in Panama waren opgezet door twee hooggeplaatste Maltese politici: stafchef Schembri en minister van Energie Konrad Mizzi.

    Er werd echter nog een ander mysterieus bedrijf in de mail genoemd als bron van fondsen voor de brievenbusfirma’s van Mizzi en Schembri: ‘Macbridge’. Nadat ze deze mail onder ogen had gekregen en uit een bron had vernomen dat Macbridge en 17 Black ‘cruciaal waren voor het ontrafelen van het web’, was Caruana Galizia in stilte onderzoek naar dat bedrijf begonnen, zo zeggen haar zoon en journalisten die inzage hadden in haar onderzoek.

    Sensatie

    Macbridge bleek moeilijker te traceren dan 17 Black en Maltese functionarissen weigerden vragen over het bestaan van het bedrijf te beantwoorden. Toen de toenmalige minister van Financiën Edward Scicluna vorig jaar door een verslaggever werd gevraagd wie eigenaar was van Macbridge, antwoordde hij cryptisch: ‘Kijk, als je sensatie wilt, ga dan verder.’ Journalisten vermoedden dat het een bedrijf uit de Verenigde Arabische Emiraten was, zoals 17 Black, maar daar werd er nooit een spoor van gevonden.

    Nu blijkt waarom niet. De wortels van het bedrijf liggen namelijk elders in de wereld, in Hongkong, zoals OCCRP en partners hebben ontdekt. Het bedrijf is daar in het Engels geregistreerd als ‘Macbridge International Development’; voor de registratie in het Chinees zijn de karakters voor ‘Malta’ en ‘China’ gecombineerd.

    Offshore Companies NEXIA BT 1

    Verslaggevers ontdekten ook dat 17 Black medio 2016 1 miljoen euro stuurde naar een ander bedrijf in Hongkong, Dow’s Media, dat een vergelijkbare opzet en structuur heeft als Macbridge. Dow’s Media werd opgericht in oktober 2014, slechts enkele weken na Macbridge, met dezelfde in Hongkong gevestigde agent en op dezelfde adressen in Hong Kong en Shanghai. Opmerkelijk is ook dat beide bedrijven in januari 2019 binnen één week na elkaar werden ontbonden.

    Speurders in Malta zochten in 2018 naar details over beide bedrijven uit Hongkong en China als onderdeel van een onderzoek naar ‘mogelijke corruptie en witwassen van geld’. Zowel Macbridge als Dow’s Media zijn zo opgezet dat het moeilijk is om te bepalen wie daadwerkelijk hun eigenaar is. Ze staan onder zeggenschap van brievenbusmaatschappijen op respectievelijk de Seychellen en de Marshalleilanden.

    Journalisten ontdekten echter dat beide bedrijven via gevolmachtigde familieleden worden geleid door één man: een Chinese consultant die ook centraal staat in enkele grote deals van energiebedrijf Enemalta, dat door de Maltese overheid wordt gesteund.

    De Chen Cheng-connectie

    Caruana Galizia had al uitgebreid geschreven over deze man, Chen Cheng, directeur van de Chinese energiedivisie van het wereldwijde adviesbureau Accenture. Chen was in 2014 een belangrijke factor in de onderhandelingen van het Chinese staatsbedrijf Shanghai Electric Power dat een derde van Enemalta wilde kopen.

    Deze deal van 320 miljoen euro betrof de grootste buitenlandse investering ooit in Malta, maar werd op het eiland en in de blog van Caruana Galizia bekritiseerd, vanwege de opmerkelijke gunstige voorwaarden voor het Chinese bedrijf. Accenture adviseerde Shanghai Electric Power over de deal, en Chen prees de investering in Chinese media aan als een mijlpaal voor het Nieuwe Zijderoute-project dat werd onderschreven door de Chinese premier Li Keqiang.

    Caruana Galizia meldde destijds dat een bron haar vertelde dat Chen ‘bijzonder dicht bij minister van Energie Konrad Mizzi’ stond, die toezicht hield op de onderhandelingen van Maltese zijde. Een volgend onderzoek onthulde e-mails tussen Chen, Mizzi en anderen over een plan om in datzelfde jaar een bureau op te richten in China om investeringen in Malta te promoten.

    Ze onthulde ook een belangrijk detail over Chen: toen accountantskantoor Nexia BT Schembri en Mizzi hielp bij het registreren van geheime bedrijven in Panama, creëerde het ook een bedrijf voor Chen op de Britse Maagdeneilanden. Wat Daphne niet wist, was dat Chen niet alleen betrokken was bij de offshorebedrijven in het hart van het smeergeldschandaal dat ze aan het ontwarren was, maar ook bij regelingen voor visa, waar ze al langer achterdochtig over was.

    Chen and Maos Maltese Connections 1

    In dezelfde periode dat Chen aan de Enemalta-deal werkte, werden in Hongkong de firma’s Macbridge en Dow’s Media opgericht door Tang Zhaomin, zijn schoonmoeder, en Wang Rui, nicht van zijn schoonmoeder. Verslaggevers traceerden Wang in de Chinese stad Nanjing, waar zij en Tang samen een bedrijf runnen. Wang zei in een telefonisch interview dat Chen haar had gevraagd om Dow’s Media op te zetten, omdat zijn connecties met een Chinees staatsbedrijf het voor hem ‘lastig’ maakten om dat zelf te doen. Ze zei niets te weten over zakelijke activiteiten of de ontvangst van 1 miljoen euro afkomstig van 17 Black.

    Tang kon niet worden bereikt voor commentaar. Maar de zakelijke verbintenis met haar familielid Chen via Macbridge suggereert dat hij een rol speelde bij het doorsluizen van geld naar de geheime Panamabedrijven van Schembri en Mizzi.

    Montenegro

    Welk geld? Dat is onduidelijk, maar na de succesvolle investering van Shanghai Electric Power in Enemalta werd Chen een belangrijke promotor van het volgende Enemalta-project: investeringen in het Mozura-windmolenproject in Montenegro, in 2015.

    Volgens een intern Enemalta-onderzoek adviseerde Accenture in december 2014 over deze investering, waarbij Chen het idee aan Enemalta presenteerde met een PowerPoint. Dat interne onderzoek is reden voor ernstige bezorgdheid over deze deal, waarin ook de al eerder genoemde zakenman Fenech een rol speelde. Zijn 17 Black hielp in december 2015 in het geheim bij de financiering van de aankoop door Enemalta van een meerderheidsbelang in het windmolenpark voor €2,9 miljoen. 

    Dat ging via een lening aan een tussenstation op de Seychellen genaamd Cifidex. Dat bedrijf, door Chen bij de deal betrokken, verkocht zijn aandelen in het project vervolgens twee weken later voor 10,3 miljoen euro aan Enemalta, hetgeen dus een enorme winst opleverde. Cifidex betaalde vervolgens de lening terug aan 17 Black, samen met 4,6 miljoen euro winst uit de deal. 17 Black stuurde op zijn beurt 1 miljoen euro naar Dow’s Media rond dezelfde tijd, in de periode mei tot juli 2016.

    Hoewel OCCRP geen definitief bewijs heeft gevonden dat het hier om hetzelfde geld gaat, suggereert deze nieuwe informatie dat Chen niet alleen betrokken was bij het faciliteren van geheime geldstromen voor Maltese toppolitici, maar ook zelf profiteerde via de 17 Black-connectie.

    Een woordvoerder van Enemalta laat slechts weten dat het interne rapport over de Montenegro-deal ‘is doorgegeven aan de politie als mogelijke steun bij eventuele onderzoeken’. Verder zwijgt het bedrijf want ‘andere opmerkingen zouden in dit stadium onvoorzichtig zijn.’

    ‘Ik verwerp ook de suggestie dat ik zakelijke plannen had met Macbridge, of persoonlijke belangen in enig ander publiek project’

    Gevraagd naar de vermeende activiteiten van Chen rond de energiedeal, de offshorebedrijven, en over zijn schijnbare belangenconflicten, zegt Accenture in een verklaring: ‘We nemen deze kwestie zeer serieus en bekijken deze beschuldigingen zorgvuldig omdat ze betrekking hebben op een van onze mensen. We houden ons aan de hoogste ethische normen in elke markt waarin we actief zijn en tolereren geen enkele afwijking van die normen.’ Chen reageerde zelf niet op verzoeken om commentaar.

    Mizzi liet per mail weten dat hij ‘geen informatie’ heeft over Macbridge of iemand die ermee verbonden is, en voegde eraan toe dat hij ‘stelselmatig de suggestie afwijst dat er een directe of andere verbinding bestaat’ tussen zijn bedrijf en Macbridge. ‘Ik verwerp ook de suggestie dat ik zakelijke plannen had met Macbridge, of persoonlijke belangen in enig ander publiek project’, vervolgt hij. ‘Ik ken Chen Cheng als een consultant die [Shanghai Electric Power] bijstaat bij meerdere initiatieven, en mijn interacties met hem vonden plaats binnen die officiële context.’

    Schembri reageerde niet op een verzoek om commentaar. Overigens hebben Maltese aanklagers de afgelopen dagen hem, zijn vader en negen zakenpartners, waaronder medewerkers van Nexia BT, aangeklaagd wegens fraude en het witwassen van geld vanwege een andere, niet-gerelateerde zaak.

    Shanghai en visa uit Malta

    Chen en zijn schoonmoeder zijn niet alleen betrokken bij offshorebedrijven en energiedeals. Verslaggevers ontdekten dat ze ook banden hebben met een van de grootste inkomstenbronnen van Malta: de verkoop van burgerschaps- en verblijfsvisa aan rijke buitenlanders, die de Maltese papieren kunnen gebruiken als achterdeur naar de Europese Unie.

    Deze banden lopen via een zakenman uit Shanghai die in China de verkoop van Maltese verblijfsvisa controleert via hetzelfde bedrijf dat Caruana Galizia belichtte in haar eerder genoemde blogpost van 2016.

    Destijds had ze weinig meer dan een enkel mediabericht en een foto. Daarop is de ondertekeningsceremonie te zien van de lancering van het zogenoemde ‘Malta Residence and Visa Program in China’, onder voorzitterschap van Sai Mizzi Liang, de vrouw van Konrad Mizzi. Maar Caruana Galizia vermoedde toen al dat er meer aan de hand was.

    ‘De volgende stap die hier gezet moet worden, en alsjeblieft, journalisten, ga hierin mee’, schreef ze in haar blog, ‘is een manier te vinden om het aandeelhouderschap en de betrokkenheid van dat bedrijf in China te onderzoeken, wat erg moeilijk maar noodzakelijk is.’

    Ze had gelijk dat het moeilijk is om bedrijven in China op te sporen. Want hoewel het land een bedrijfsregistratiesysteem heeft, is de informatie erin vaak ongestructureerd of onvolledig en kan deze alleen worden geraadpleegd door iemand die vloeiend Chinees spreekt.

    Desondanks ontdekten verslaggevers na maanden onderzoek dat Shanghai Overseas Exit-Entry Services, dat de officiële concessie heeft om Maltese verblijfsvisa in China te verkopen, wordt gerund door een zakenman genaamd Mao Haibin, ook wel bekend als Kevin Mao. Uit Chinese gegevens blijkt dat hij banden heeft met zowel Chen als zijn schoonmoeder, de vrouw die Macbridge leidt.

    Mao en Chen waren partners in tenminste twee bedrijven, waaronder Shanghai Visabao Network Technology, dat actief is in verschillende grote Chinese steden en dat Chinese burgers helpt bij het verkrijgen van visa voor het buitenland.

    Chens schoonmoeder is manager en aandeelhouder van een reclamebureau in Shanghai dat wordt gecontroleerd door Mao, en dat een belangrijke sponsor was van Malta Residence en Visa Program-evenementen in China. 

    Maltese visa voor rijke Chinezen

    Mao, die niet reageerde op verzoeken om commentaar, heeft meerdere andere zakelijke belangen met betrekking tot het faciliteren van Chinese investeringen in het buitenland en dan in het bijzonder in Malta.

    De afgelopen jaren heeft hij een belangrijke rol gespeeld in de inspanningen van Malta om rijke Chinese staatsburgers aan te trekken voor het visumverkoopprogramma. Hij verscheen op meerdere evenementen in Shanghai om het programma te promoten, naast hoge Maltese functionarissen zoals John Aquilina, de ambassadeur van Malta in China en Aldo Cutajar, de voormalige consul-generaal van Malta in Shanghai.

    Sommige van deze evenementen, met uitbundige banketten, werden bijgewoond door Maltese topdiplomaten, waarbij veel warme woorden vielen voor Malta als ‘sleutelknooppunt’ in de ‘Maritieme Zijderoute’ van China.

    Maar de Maltese industrie voor staatsburgerschap wordt geplaagd door controverse. In augustus 2020 werd Aldo Cutajar gearresteerd door de Maltese autoriteiten op beschuldiging illegaal te profiteren van visumverkopen in China en het witwassen van de opbrengsten. Tijdens een huiszoeking in zijn huis werd meer dan 540.000 euro aan contanten aangetroffen en vier Rolexen. Een maand later werd Schembri gearresteerd omdat hij smeergeld zou hebben aangenomen voor de verkoop van Maltese paspoorten aan rijke Russen.

    Mao heeft diverse andere visum- en vastgoedondernemingen die zich richten op rijke Chinese burgers die in het buitenland willen investeren. Sommige van die bedrijven overlappen met zijn werk om Maltese verblijfsvergunningen te verkopen. Zo zijn er Shanghai Bangyi, een visum- en immigratiedienstbedrijf en Grandstone Investment, dat vermogensbeheer aanbiedt voor Chinese staatsburgers die geld in het buitenland willen stallen. De website van Grandstone biedt toegang tot directe aanvragen voor het Malta Residence and Visa Program.

    Mao is zelfs eigenaar van een Maltees bedrijf, Asiatica Corporate Services, samen met de persoonlijke advocaat van Mizzi, Aron Mifsud Bonnici, die ook een rol speelde in de onderhandelingen over de investering in het windpark van Enemalta in Montenegro.

    Mizzi Chen Handshake
    Konrad Mizzi (linksachter) en Chen Cheng (rechtsachter) schudden elkaar de hand tijdens de Shanghai Electric Power-Enemalta-onderhandelingen. –  © Running Commentary/daphnecaruanagalizia.com

    In antwoord op vragen zegt Mifsud Bonnici dat hij Mao kent ‘in zijn hoedanigheid als CEO van Shanghai Overseas Exit Entry Services’, en dat hij in zijn rol als advocaat visumaanvragen heeft behandeld via officiële immigratiekanalen. Hij zegt dat Asiatica is gestart om zakelijke diensten te verlenen aan visumaanvragers, maar nooit echt heeft gedraaid. ‘Het heeft nooit gewerkt en is nu daarom in afwachting van liquidatie’. Hij zegt Chen te kennen als adviseur van Shanghai Electric Power, en hem te hebben ontmoet tijdens zijn ambtsperiode als bestuurssecretaris van Enemalta.

    De broer van Mao

    In 2019 richtte Mao’s jongere broer, Mao Haichun, twee Maltese bedrijven op samen met Roderick Cutajar, het voormalige hoofd van het Malta Residence Visa Agency, dat wereldwijd toezicht houdt op de verkoop van visa. Een van hun joint ventures verkoopt verblijfsvergunningen in Malta en andere Europese landen aan Chinese en internationale kopers; de andere is een verwante vastgoedmaatschappij.

    Roderick Cutajar laast weten dat de visumfirma, immVest, geen banden heeft met Mao Haibins Shanghai Overseas Entry. ‘Ik heb uitsluitend een relatie met immVest International’, zegt hij. ‘U kunt er zeker van zijn dat ik geen persoonlijke of zakelijke relatie heb met Aldo Cutajar, Chen Cheng of Macbridge.’

    In een toespraak die in januari van dit jaar op Chinese videoblogs werd gepost, is Roderick Cutajar lyrisch over het streven van Malta om Chinees kapitaal en nieuwe burgers aan te trekken. Hij beweert China meer dan veertig keer te hebben bezocht en dat de zaken goed gaan. ‘Het is onze bedoeling te blijven groeien.’

    ‘Ondertussen, ver weg van China’, zo beëindigt Martin Young zijn artikel voor OCCRP, ‘treurt de familie van Caruana Galizia nog steeds om haar dood en zoekt ze gerechtigheid. Matthew Caruana Galizia zegt dat zijn moeder blij zou zijn geweest met de nieuwe informatie over de kluwen van bedrijven die ze onderzocht: “Deze nieuwe onthullingen bevestigen wat ze wist en waarvan ze anderen probeerde te overtuigen: dat de criminele verstrengeling van politieke en zakelijke belangen een belangrijk en bepalend probleem is van onze tijd. Corruptie kost levens, zoals het mijn moeder het hare heeft gekost”, aldus Matthew Caruana Galizia. “Als ze nog zou leven en dit zou zien, zou ze opgelucht zijn dat haar werk gerechtvaardigd is en dat ze niet alleen is in haar strijd.”’

    Openingsbeeld: De lanceringsceremonie van het MRVP-programma in 2016. Sai Mizzi Liang, de vrouw van Konrad Mizzi, staat op de achtergrond, vierde van rechts. Graphics: © OCCRP

  • Moeten fresco’s weg van de Italiaanse muren? | Ernstige crisis voor Bolsonaro

    Moeten fresco’s weg van de Italiaanse muren? | Ernstige crisis voor Bolsonaro

    Leger, marine en luchtmacht keren zich tegen Bolsonaro

    De commandanten van het leger, de marine en de luchtmacht traden op dinsdag 30 maart af vanwege een conflict met de Braziliaanse president, die de dag ervoor de minister van Defensie had ontslagen. Volgens Folha de S. Paulo is de crisis tussen de Braziliaanse uitvoerende macht en het leger de ergste sinds 1977, toen minister van Defensie Sylvio Frota werd ontslagen te midden van een militaire dictatuur. De gerenommeerde Braziliaanse krant spreekt van ‘een primeur’.

    Volgens het dagblad was het onbehagen over het onverwachte ontslag van Azevedo ‘te groot’. Deze laatste en zijn bondgenoten zijn van mening dat Bolsonaro ‘een rode lijn heeft overschreden’ door in het bijzonder voor te stellen een ‘staat van verdediging’ uit te roepen om te voorkomen dat in het hele land lockdowns worden afgekondigd.

    ‘Mijn leger’ zal dergelijke maatregelen niet toestaan, verklaarde de Braziliaanse president publiekelijk. Volgens Folha de S. Paulo is het verzet tegen de lockdowns waartoe de gouverneurs van de Braziliaanse staten besloten hebben om de verspreiding van het coronavirus te beteugelen, een ‘obsessie’ geworden voor de president, die de vaccinatiecampagne al tegen zijn wil heeft moeten omarmen.

    Lees ook:

    De beperkende maatregelen roepen nog meer weerstand op dan de oproep tot vaccinatie, en Bolsonaro vreest dat ze zijn herverkiezing in 2022 ‘nog moeilijker’ zullen maken, concludeert het dagblad.

    Bolsonaro roept de Braziliaanse bevolking op om te stoppen met ‘zeuren’ over covid-19

    Ondertussen is de toestand in ziekenhuizen vanwege de agressievere Braziliaanse P.1-variant penibel, meldt Wall Street Journal, die een videoreportage op de intensive care in de staat Rio Grande do Sul maakte. ‘Volgens gezondheidswerkers neemt het sterftecijfer toe en verslechtert de toestand van patiënten die de P.1-variant dragen zeer snel.’ 

    Volgens intensivecaremedewerkers is deze nieuwe golf van covid-19-gevallen het gevolg van een versoepeling van de maatregelen. Veel Brazilianen trotseren de maatregelen, legt de Wall Street Journal uit, daarin aangemoedigd door ‘een president die het virus blijft bagataliseren’. Bolsonaro roept de Braziliaanse bevolking op om te stoppen met ‘zeuren’ over covid-19.


    Beladen controverse in Napels

    Veel muren in de stad aan de voet van de Vesuvius worden gesierd door tekeningen ter ere van overledenen. ‘Het vieren van overleden dierbaren met portretten of kleine altaren op straat is een traditie die verband houdt met een zekere archaïsche religiositeit’, legt La Stampa uit. 

    ‘Maar steeds vaker zijn de gezichten op de muren van de stad die van de doden die verband houden met de georganiseerde misdaad; jonge jongens die stierven als gevolg van illegale acties. (…) Emanuele Errico, Luigi Caiafa, Emanuele Sibillo, Ugo Russo en vele anderen. Ze hadden allemaal problemen met de wet, ze hadden allemaal recht op hun fresco, maar dat recht wordt nu bedreigd.’ Sommige portretten zijn al gewist.

    Lees ook:

    In het centrumlinkse dagblad La Repubblica neemt een Napolitaanse advocaat de pen op (en hij is niet de enige) om de symbolische waarde van de ‘kunstwerken’ te verdedigen. ‘We zijn het er allemaal over eens dat de dood van tieners in het stadscentrum een ​​tragedie is, maar om deze reden moeten we de dingen niet vereenvoudigen. De staat tegenover zijn vijanden plaatsen is zwart-wit. Een vijftienjarige jongen die wordt vermoord, is nog steeds een slachtoffer, en je kunt zijn dood niet bezweren door de verantwoordelijkheid bij hem zelf te plaatsen en te zeggen: ‘Hij heeft erom gevraagd.’”

    Het verwijderen van het fresco van Ugo Russo (hieronder) is voorlopig opgeschort door de rechtbanken, maar de druk van de bewoners is vaak niet voldoende om de regering te dwingen terug te treden. Als vergelding werd bijvoorbeeld het portret van een Napolitaanse zanger beklad met een ‘verhulde bedreiging’, schrijft Corriere della Sera: ‘De doden moeten worden gerespecteerd, niet gewist.’ Belangrijk detail: dit fresco is gemaakt in samenwerking met het stadhuis van Napels, merkt het Milanese dagblad op.

    Corriere zet het dilemma helder uiteen: ‘Enerzijds kunnen we de wens om de symbolen van een levensstijl die is gebaseerd op het negeren van regels en wettigheid, uit te wissen, niet betwisten, maar we kunnen ook erkennen dat een verflaag niet voldoende is om het probleem op te lossen, waarvan deze fresco’s slechts het gevolg zijn.

    Gaan we getuige zijn van een slepende oorlog tussen twee teams, totdat een van de twee het terugvechten beu wordt? Het probleem is dat het om veel muren gaat, aangezien veel jonge mensen leven van (en sterven door) criminele handelingen. Een leger van schilders zou niet genoeg zijn om al deze gezichten van de muren van Napels en uit van ons geweten te roeien.’

    Lees ook:

    Het belangrijkste dagblad van de stad, Il Mattino, deelt deze mening niet. Het is verheugd met de beslissing die ‘gemakkelijke compromissen vermijdt en geen consessies doet op het gebied van legaliteit’. 

    Om haar standpunt te illustreren, gebruikt de Napolitaanse krant geen grote woorden, maar haalt ze een voorbeeld aan dat het belang moet illustreren van het terugwinnen van het stedelijk grondgebied voor de bevolking zelf: ‘Denk aan het fresco van Luigi Caiafa. Hoeveel ouders moesten hier elke ochtend langs lopen en liegen tegen hun kinderen die hen vragen wie deze persoon was? Dat gezicht werd vereeuwigd vlak voor hun huis.’

    Lees ook:


    Amazon-medewerkers krijgen mogelijk een eerste vakbond

    Dinsdag begon de telling van de stemmen die zullen bepalen of werknemers in Bessemer, Alabama, de allereerste vakbond zullen vormen binnen een Amazon-magazijn in de VS, meldt ABC News.

    Het initiatief voor een vakbond bij een van de grootste werkgevers in de natie heeft de aandacht getrokken van wetgevers en beleidsmakers, aangezien velen de stemming beschouwen als een keerpunt in de georganiseerde arbeidersbeweging, die de afgelopen decennia in de VS wegkwijnde.

    De vakbondsformatie in Alabama zou bovendien een ‘precedent’ kunnen scheppen en andere Amazon-arbeiders in het hele land kunnen inspireren om dit voorbeeld te volgen.

    Als het doorgaat, zullen de magazijnmedewerkers worden vertegenwoordigd door de Retail, Wholesale and Department Store Union (RWDSU). ‘Deze campagne is in veel opzichten al een overwinning geweest’, zegt RWDSU-voorzitter Stuart Appelbaum in een verklaring. ‘Ook al weten we niet hoe de stemming zal verlopen, we denken dat we de deur hebben geopend voor meer organisatie in het hele land; en we hebben laten zien hoe ver werkgevers zullen gaan om tegen te gaan dat hun werknemers een ​​vakbondsstem krijgen. Deze campagne is het belangrijkste voorbeeld geworden van waarom in dit land hervorming van het arbeidsrecht nodig is.’

    Lees ook:

    Vorige week bezocht senator Bernie Sanders Alabama om enkele van de arbeiders te ontmoeten die betrokken waren bij de vakbondsinspanningen. ‘Waar ik benieuwd naar ben is waarom de rijkste man ter wereld, Jeff Bezos, miljoenen uitgeeft om te voorkomen dat arbeiders een vakbond oprichten, zodat ze kunnen onderhandelen over betere lonen, secundaire arbeidsvoorwaarden en contracten’, tweette Sanders voorafgaand aan zijn bezoek, geciteerd door CNN.

    Zijn tweet wekte woede van Amazon-directeur Dave Clark, die op Sanders’ tweet reageerde door op te merken dat het minimumloon van Vermont [waarvan Sanders senator is] $11,75 per uur bedraagt in vergelijking met Amazons $15. ‘De senator mag zijn onzinnige interpretaties bewaren tot hij zijn achtertuin op orde heeft’, aldus Clark.

    Aan de andere kant van het spectrum heeft ook de Republikeinse senator Marco Rubio publiekelijk zijn steun voor de vakbond uitgesproken in een opiniestuk dat eerder deze maand door USA Today werd gepubliceerd.

    Op de dag dat er voor de vakbond werd gestemd, bracht president Joe Biden een video op Twitter uit waarin hij zijn steun uitsprak voor de vakbonden en arbeiders aanmoedigde om ‘je stem te laten horen’.

    ‘Onze werknemers kennen de waarheid – een startloon van $15 of hoger, ziektekostenverzekering vanaf dag één en een veilige en inclusieve werkplek’

    In reactie op een verzoek om commentaar meldde Amazon dinsdag aan ABC News dat ‘het RWDSU-lidmaatschap met 25 procent is gedaald tijdens de ambtsperiode van Stuart Appelbaum, maar dat is nog geen rechtvaardiging voor de heer Appelbaum om de feiten verkeerd voor te stellen’.

    Het bedrijf vervolgt: ‘Onze werknemers kennen de waarheid – een startloon van $15 of hoger, ziektekostenverzekering vanaf dag één en een veilige en inclusieve werkplek. We moedigden al onze werknemers aan om te stemmen, en hun stem zal in de komende dagen worden gehoord.’