Tag: president

  • 3. Toonbeeld van klasse

    3. Toonbeeld van klasse

    Hoe je ook over Obama’s politieke prestaties denkt, het staat buiten kijf dat hij als mens een schoolvoorbeeld van waardigheid was. Dit in tegenstelling tot menig voorganger en zijn mogelijke opvolger Trump.

    We wisten al dat hij het hoofd koel kon houden wanneer anderen het hunne verloren en hem overal de schuld van gaven, dat wisten we al vanaf de financiële crisis van 2008 tot en met de harde, onvergetelijke woorden die hij sprak bij de herdenking van de vermoorde politieagenten in Dallas. Wat we niet wisten, wat niet te voorspellen was bij iemand die zo jong was en zo weinig ervaring had met de onmogelijke taak om 24 uur van de dag het oog van de wereld op zich gericht te weten, was hoe Barack Obama zich zou houden als vader, als echtgenoot, als man.

    Hoe je ook denkt over Obama als uitvoerende macht, het staat buiten kijf dat Obama als mens een toonbeeld van klasse en waardigheid is geweest. Tegen zwarte pioniers in de sport is vaak gezegd dat je twee keer zo goed moet zijn om te slagen, maar Obama heeft met zijn persoonlijke gedrag de lat op een hoogte gelegd die maar weinig presidenten ooit hebben bereikt.

    Voorbeeld

    Je ziet hem zijn dochter Malia toezingen op haar achttiende verjaardag, de afgelopen vierde juli – Onafhankelijkheidsdag, je ziet hem zijn dochter Sasha coachen bij het basketballen, en je ziet hoe hij, nog steeds, zijn best doet om ‘de vader te zijn die ik zelf nooit heb gehad’. Je ziet hoe hij de vrouw met wie hij al bijna 25 jaar getrouwd is, plaagt, grapjes met haar maakt of met haar danst. En al kan geen buitenstaander weten wat zich binnen andermans huwelijk afspeelt, je voelt de vreugde van die verbintenis. Ze maken nog steeds elkaars zinnen af.

    Het zou niet eerlijk zijn om hem alleen maar als persoon te prijzen, een hoge waardering te geven voor zijn karakter, voor het feit dat er in zijn privéleven geen schandalen zijn, omdat een mogelijke opvolger geen karakter of klasse bezit en elke keer als hij zijn mond opendoet, een nieuwe bres in de muur van het fatsoen slaat. Als Obama had opgeschept over buitenechtelijke affaires en het formaat van zijn geslachtsdeel, als Obama had gezegd dat hij best met zijn eigen dochter uit zou willen en vrouwen had gereduceerd tot cijfers op een bangalijst, dan zou de discussie over ras gaan. Maar nu Donald Trump zulke dingen zegt, begint niemand erover dat hij blank is, en dat is maar goed ook. Trump is een uitzonderlijk soort proleet.

    En wie Obama prijst als voorbeeldvader en voorbeeldechtgenoot voor het zwarte gezin, doet hem geen recht. Hij is een voorbeeld, zonder verwijzing naar ras. Het is geen sinecure om acht jaar lang de machtigste man van de wereld te zijn, zonder het ambt tekort te doen of je gezin van je te vervreemden. Hij heeft dat gepresteerd en ook nog een eigen stijl en humor laten zien, plus een haarscherp gevoel voor de rol van oppertrooster.

    Dat hebben we in Dallas gezien, toen hij de diepe zucht slaakte voor ons, toen hij ons smeekte om ons hart niet van steen te laten worden wanneer de wereld een groeve van haat is. Hij is dan op zijn best, terwijl wij op ons slechtst zijn. We zullen niet snel vergeten hoe hij ‘Amazing Grace’ zong tijdens de dienst voor de mensen die waren vermoord in een kerk in Charleston, omgekomen door een daad van haat. En we zullen ons lang herinneren hoe hij zijn best deed nog een les te trekken uit de aanval op politiemensen – ook hun dood was een daad van haat.


    ‘We maken allemaal fouten,’ zei hij. ‘En soms dwalen we af. En naarmate we ouder worden, leren we dat we niet altijd alles in de hand hebben – zelfs een president niet. Maar we hebben wel in de hand hoe we reageren op de wereld. We hebben wel in de hand hoe we met elkaar omgaan.’

    Historische vergelijkingen zullen goed voor hem uitvallen. Je kunt respect hebben voor president John F. Kennedy om zijn intelligentie en zijn flair, maar terugschrikken voor de manier waarop hij met zijn vele affaires zijn vrouw kwetste. Je kunt Lyndon B. Johnson bewonderen om zijn moed in de kwestie van de burgerrechten, maar de platvloerse liederlijkheid van hem als privépersoon verafschuwen. Je kunt Ronald Reagan waarderen om zijn charme en vriendschap met heel diverse mensen, maar zijn verstoorde gezinsleven was niet over het hoofd te zien. Onder Richard Nixon werd het Witte Huis een crime scene. Onder Bill Clinton werd het een Tuin der Lusten.

    Opmerkelijk genoeg is Obama niet nixoniaans of hard geworden. Hij was de enige president ooit aan wiens Amerikaans-zijn werd getwijfeld, de enige president die in een voltallig Congres toegebeten kreeg: ‘U liegt!’ En de verdachtmakingen houden niet op. In juli toonde Fox News beelden van een jonge Obama in islamitische kledij bij de bruiloft van zijn halfbroer – het bewijs volgens presentator Bill O’Reilly voor ‘de sterke emotionele band die de president met de islam heeft’.

    ‘Ik heb gezien hoe ontoereikend mijn eigen woorden zijn geweest’

    Dat hij als mens overeind bleef, heeft Obama maar een enkele keer een politieke overwinning opgeleverd. De eerste Afro-Amerikaanse president treedt af op een moment dat meer dan twee derde van de Amerikanen vindt dat de verhouding tussen de rassen slecht is – veel meer dan in het begin van zijn presidentschap. Hij erkende iets van deze mislukking in Dallas. ‘Ik ben niet naïef,’ zei hij. ‘Ik heb gezien hoe ontoereikend woorden kunnen zijn om blijvende verandering te brengen. Ik heb gezien hoe ontoereikend mijn eigen woorden zijn geweest.’

    Bij elf gelegenheden – in Newtown, Tucson, Charleston, Dallas, en andere ‘plekken van wanhoop’ – heeft hij geprobeerd woorden te vinden om de wonden te helen. Die woorden mogen, voor hem en voor ons, soms tekortgeschoten zijn, de man in zijn persoonlijke gedrag is dat niet.

    Auteur: Timothy Egan

    The New York Times
    Verenigde Staten | dagblad | oplage 1.120.402

    De krant der kranten, met als motto ‘All the news that’s fit to print’. Won meer journalistieke prijzen dan enig ander medium.

  • 2. Man van de rede

    2. Man van de rede

    Geen enkele Amerikaanse president stak meer werk in zijn speeches dan Barack Obama. Zijn toespraken waren prachtig geschreven en zorgvuldig samengesteld en werden theatraal uitgesproken. Maar welke zal de geschiedenis ingaan als de allerbeste?

    Weinig politieke carrières en presidentschappen zijn zo sterk bepaald door toespraken als die van Barack Obama. Dankzij zijn redevoering voor de Democratische Conventie in 2004 kreeg hij bekendheid in het hele land. In 2008 redde hij met zijn speech over ras zijn haperende presidentscampagne. Obama’s grootste en belangrijkste momenten als president waren vaak toespraken – zijn onbeantwoorde oproep in Caïro aan de islamitische wereld, zijn redevoering in Oslo bij de aanvaarding van de Nobelprijs voor de Vrede, over de sombere noodzaak van oorlog, en zijn grafrede voor negen vermoorde kerkgangers in Charleston.

    De beste Obama-speeches zijn prachtig geschreven en zorgvuldig samengesteld en worden theatraal uitgesproken. Het zijn verhalen over onze angsten, fouten, tekortkomingen en successen. ‘Geen enkele andere president heeft zo veel werk in zijn toespraken gestoken,’ zegt historicus Douglas Brinkley, die is gespecialiseerd in het presidentschap. ‘Hij gebruikt pen en papier om zijn gedachten te ordenen.’

    In slechts 272 woorden herdefinieerde Abraham Lincoln in Gettysburg de idealen van het land. John F. Kennedy zal altijd herinnerd worden om zijn inaugurele rede: ‘Vraag niet wat het land voor u kan doen, vraag wat u voor het land kunt doen.’ Die uitdaging is des te indringender door het offer dat hij zelf bracht. Ronald Reagan leek de loop van de geschiedenis te veranderen toen hij bij de Brandenburger Tor in Berlijn rechtstreeks tot de leider van de Sovjet-Unie sprak: ‘Mr. Gorbatsjov, haal deze muur neer!’

    Dus als kinderen over tientallen jaren op school nog een toespraak van Obama lezen, welke zal dat dan zijn?

    ‘Hij schept een beeld van hoe het zou kunnen zijn, maar helaas is het een sprookje’

    Om op die vraag een antwoord te krijgen, heb ik Republikeinen, Democraten en enkele zeer loyale medewerkers van de president geïnterviewd. Ik ben op zoek gegaan naar diens eigen voorkeuren. Welke speech zou Obama zelf kiezen? Het is onmogelijk om in de toekomst te kijken, en onder degenen die ik heb gesproken was meer discussie dan overeenstemming.

    Bij de presidentiële staf in Obama’s West Wing wordt algemeen aangenomen dat zijn toespraak voor de Conventie in 2004 de speech is die zal voortleven. Op het moment dat Obama deze rede hield, dong hij naar een zetel in de Senaat, maar hij was nauwelijks bekend en had een naam – Barack Hussein Obama – die associaties opriep met de vijanden van het land. Hij gebruikte zijn eigen biografie als bewijs van de uitzonderlijke aard van Amerika: hij stamde af van een Keniaanse kok, een man uit Kansas die nog in het leger van Patton had gevochten en ouders die geloofden dat ‘in een tolerant Amerika je naam geen belemmering is voor succes’ en dat je ‘in een ruimhartig Amerika niet rijk hoeft te zijn om jezelf te ontplooien’. Belangrijker nog: Obama verwierp politieke polarisatie als een giftig bijproduct van een disfunctioneel Washington: ‘Er is niet een liberaal Amerika en een conservatief Amerika; er zijn de Verenigde Staten van Amerika. Er is niet een zwart Amerika, een blank Amerika, een latino Amerika en een Aziatisch Amerika; er zijn de Verenigde Staten van Amerika.’

    Die speech op de conventie, die Obama zelf, zonder speechschrijver, had geschreven, ging later in zijn Witte Huis fungeren als een soort oertekst. Telkens als de presidentiële speechschrijvers moeite hadden een toespraak op te stellen, raadde Obama’s adviseur en vriend David Axelrod ze aan om de rede van 2004 nog eens te lezen. ‘Obama’s liefdesbrief aan Amerika’, noemde Axelrod hem. Jon Favreau, de belangrijkste speechschrijver van de president in diens eerste termijn, had een van de beroemdste zinnen uit die speech aan de muur van zijn appartement in Los Angeles gehangen: ‘In geen enkel ander land op aarde zou mijn verhaal mogelijk zijn.’


    Toch heeft die toespraak ook zwakke kanten. De middelste delen zijn nogal gezwollen, vol Democratische clichés en een eerbetoon aan John Kerry, die toen de weinig inspirerende Democratische kandidaat voor het presidentschap was. En ook dan al is de tekst een tikje treurigmakend. ‘Hij schept een beeld van hoe het zou kunnen zijn, maar helaas is het een sprookje,’ zegt Jeff Shesol, die ten tijde van Bill Clinton als speechschrijver in het Witte Huis werkte. ‘Obama’s hele presidentschap is in tegenspraak met die redevoering.’ In zijn laatste State of the Union nam Obama zelfs enigszins afstand van de meest optimistische stukken in die ‘oerspeech’: ‘Een van de weinig dingen uit mijn presidentschap die ik betreur, is dat de verbittering en het wantrouwen tussen de partijen groter zijn geworden in plaats van kleiner.’

    Als er iets echt dramatisch aan de hand is, kan een toespraak extra lang blijven hangen. Obama’s toespraak over ras in 2008, die werd geschreven nadat er een video was opgedoken waarin zijn vroegere geestelijk raadsman Amerika vervloekte, vertegenwoordigt zo’n moment. Obama vocht voor zijn politieke leven en hield een persoonlijke toespraak zoals de meeste Amerikanen er nog nooit een hadden gehoord.

    Met zijn gemengde afkomst kon Obama zich vrijelijk tot zowel zwarte als blanke Amerikanen richten. Hij riep blanken op begrip te hebben voor pastor Jeremiah Wright, die als marinier had gediend en opgegroeid was in de tijd van de segregatie. En hij maande zwarten om te denken aan zijn blanke grootmoeder, die bang was voor zwarte mannen op straat en soms zulke racistische dingen zei dat hij ervan ineenkromp. ‘Deze mensen zijn deel van mij,’ zei Obama, ‘en ze zijn deel van Amerika, het land waarvan ik houd.’

    In de hectische laatste maanden van Obama’s presidentschap, getekend door woedende protesten, aanslagen op politiemensen en verhitte politieke retoriek, blijft de speech uit 2008 nog steeds overeind.

    Geestelijk leider

    Veel historici zoeken ‘de’ toespraak – die ene die voortleeft – onder de redes die Obama hield na de massa-schietpartijen en terroristische aanslagen die in de loop van zijn presidentschap met een dodelijke regelmaat plaatsvonden. ‘Obama legt zijn hele ziel en zaligheid in die toespraken,’ vertelt Brinkley.

    Elke president neemt op een bepaald moment de rol van geestelijk leider op zich. Reagan deed dat met een eenvoudige, maar ontroerende toespraak waarin hij schoolkinderen en volwassenen troostte na de ontploffing van de Space Shuttle Challenger. Bill Clinton sprak prachtig na de bomaanslag in Oklahoma City. Maar geen enkele president heeft deze rol zo gespeeld als Obama, die het telkens weer opnieuw deed – in Tuscon, in Newtown, in Dallas.

    Volgens Brinkley zouden toekomstige generaties uit een bloemlezing van Obama’s herdenkingsredes veel kunnen opmaken over het Amerika van nu. Een van de opvallendste daarvan is de redevoering die de president hield in Charleston, na de moord op negen parochieleden in de methodistische Emanuelkerk. Die is vooral bijzonder door de meeslepende manier waarop hij over Gods genade spreekt en door de verrassing van een president die een christelijk lied zingt.

    Obama maakte van de moorden in Charleston een door God geïnspireerd keerpunt. In de dagen na de moordpartij stemde een grote meerderheid van het parlement in South Carolina voor het verwijderen van de Confederale vlag van het parlementsgebouw. Het land, zo zei Obama, had op de wrede moorden gereageerd met ‘een grootmoedigheid, een bedachtzaamheid en zelfonderzoek die we in het openbare leven zelden zien’.

    Hij riep het land op om in die geest verder te gaan en de wapenwetten te hervormen, de armoede aan te pakken en het strafrecht te hervormen. Maar al die pogingen liepen op niets uit. De moorden in Charleston – hoe choquerend en tragisch ook – verdwenen al snel uit de herinnering, net als de moorden die daarvoor hadden plaatsgevonden en de moorden die nog zouden volgen.

    Net als Lincoln herschreef Obama de Amerikaanse geschiedenis, door rebellen, kunstenaars en immigranten in het hart van dat verhaal te plaatsen

    De beroemdste presidentiële toespraak – de norm waartegen alle andere Witte Huis-toespraken worden afgezet – is de Gettysburg Address. Op de gewijde grond waar zich een van de bloedigste veldslagen uit de Burgeroorlog had afgespeeld, probeerde Abraham Lincoln met die speech alle Amerikanen – Noorderlingen en Zuiderlingen – te verenigen onder één gemeenschappelijke visie. De toespraak gaat niet in op details, noemt geen namen van de doden en vertelt niet over het verloop van deze verwoestende slag. Het onderwerp slavernij wordt geheel buiten beschouwing gelaten. Lincoln gebruikt zijn speech om de Amerikaanse geschiedenis opnieuw vorm te geven, door gelijkheid te verheffen boven vrijheid als het belangrijkste ideaal van het land.

    Met de speech die hij vorig jaar hield ter gelegenheid van de vijftigste verjaardag van het bloedig neerslaan van de protestmars in Selma, Alabama, haalde Obama eenzelfde kunststuk uit. Hij sprak op de gewijde grond van Selma en vergeleek de gebeurtenissen op de Edmund Pettus-brug met die in Gettysburg. Net als Lincoln herschreef Obama de Amerikaanse geschiedenis, door rebellen, demonstratieleiders, outcasts, kunstenaars en immigranten in het hart van dat verhaal te plaatsen. ‘Kijk naar onze geschiedenis,’ verzocht hij dringend. In zijn opsomming van Amerikaanse helden noemde hij de ‘Lost Boys of Sudan’, ‘de mensen die vol hoop de Rio Grande oversteken’, ‘de slaven die het Witte Huis hebben gebouwd’ en ‘de homoseksuele Amerikanen van wie het bloed is gevloeid op de straten van San Francisco en New York’. De stichters van Amerika en de ‘jonge soldaten’ van de Tweede Wereldoorlog werden slechts in het voorbijgaan genoemd. Voor het eerst waren ze naar de zijlijn verwezen.

    De speech in Selma, die vijf keer werd herschreven, was de meest ambitieuze en radicale toespraak van Obama’s presidentschap. Hij beschreef een Amerika dat voortdurend in verandering is en chronisch ontevreden, dat eeuwig blijft streven naar de idealen die de oprichters van de natie voor ogen stonden. ‘Wat is een grotere uiting van geloof in het Amerikaanse experiment dan dit?’ zei Obama in Selma. ‘Welke grotere vorm van vaderlandsliefde is er dan het geloof dat Amerika nog niet af is, dat we sterk genoeg zijn om kritisch tegenover onszelf te zijn, dat elke nieuwe generatie onze onvolmaaktheden onder ogen kan zien en besluiten dat we in staat zijn dit land nog verder te hervormen en zo nog dichter bij onze hoogste idealen te brengen?’

    Zelfs in deze weerbarstige tijden blijft de speech in Selma bewondering oogsten, zowel onder Republikeinen als onder Democraten. ‘Dit is het soort toespraak dat elk kind op school zou moeten lezen,’ zegt Michael Gerson, de belangrijkste speechschrijver van president George W. Bush en nu columnist bij The Washington Post. Volgens medewerkers is de speech in Selma ook Obama’s favoriete toespraak, omdat die het helderst zijn kijk op de buitengewoonheid van Amerika verwoordt.

    Genie

    Maar het ware genie van de Selma-speech is dat hij de Amerikaanse toekomst aanspreekt. Volgens cijfers van het Amerikaanse bureau voor de statistiek zal de blanke bevolking van de VS in 2044 niet langer een meerderheid vormen. Deze verschuiving heeft onrust gebracht onder blanken en waarschijnlijk een impuls gegeven aan de presidentscampagne van Donald Trump. Het is deels de oorzaak van het verzet tegen Obama’s presidentschap en de vraagtekens die worden geplaatst bij zijn staatsburgerschap, zijn vaderlandsliefde en zijn geloof.

    Maar op een dag zal deze demografische verschuiving gezien worden als een onvermijdelijk deel van het Amerikaanse verhaal. ‘Selma’ is de eerste, grootse, presidentiële speech die zich richt tot dat Amerika, en alleen onze eerste zwarte president had hem kunnen houden.

    Selma, dat is de toespraak die blijft.

    Auteur: Greg Jaffe

    Beeld bovenaan: Obama neemt zijn applaus in ontvangst tijdens zijn State of the Union in 2014.

    The Washington Post
    Verenigde Staten | dagblad | oplage 700.000

    Bewees zich met het publiceren van de Pentagon Papers. Eerste krant die zeven dagen per week verscheen (sinds 1980). Een van de meest invloedrijke kranten ter wereld. Centrum-rechts georiënteerd met een grote focus op de Amerikaanse politiek.