Tag: sancties

  • VS leggen nieuwe sancties op aan Cubaanse president Miguel Díaz-Canel

    VS leggen nieuwe sancties op aan Cubaanse president Miguel Díaz-Canel

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Zelensky schrijft brief aan Poetin voor een ontmoeting onder vier ogen

    » Hezbollah verwerpt het akkoord over een wapenstilstand in Libanon

    De VS willen zo het communistische regime omverwerpen

    De Cubaanse president is het doelwit van nieuwe Amerikaanse sancties. Het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken heeft donderdag economische sancties opgelegd aan de Cubaanse president Miguel Díaz-Canel en zijn familie, evenals aan verschillende leden van de familie Castro, waaronder Alejandro Castro Espín, zoon van voormalig president Raúl Castro.

    image
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Deze ‘nieuwe sancties’ komen op een moment dat de Verenigde Staten ‘de druk op Cubaanse leiders opvoeren’ in een poging het communistische regime omver te werpen, aldus de Miami Herald.

    Castro Espín speelde een sleutelrol in het herstel van de diplomatieke betrekkingen tussen Cuba en de Verenigde Staten in 2015. Het feit dat hij nu gesanctioneerd wordt, suggereert dat Washington hem nu beschouwt als ‘een obstakel voor de lopende gesprekken met Cuba’, analyseert de krant.

  • Venezuela: de VS heffen sancties tegen interim-president Delcy Rodríguez op

    Venezuela: de VS heffen sancties tegen interim-president Delcy Rodríguez op

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Aardbeving van 7,4 treft Indonesië: één dode en één gewonde

    » Artemis 2-missie met vier astronauten naar de maan vertrokken

    De sancties tegen Venezuela zijn nog wel van kracht

    De Amerikaanse regering heeft woensdag de sancties opgeheven die sinds 2018 van kracht waren tegen de huidige interim-president van Venezuela, Delcy Rodríguez. ‘Deze opheffing van de sancties komt bijna drie maanden na de militaire operatie van 3 januari, waarbij de Verenigde Staten Nicolás Maduro gevangen namen en mevrouw Rodríguez in staat stelden de Venezolaanse regering te leiden‘, aldus Efecto Cocuyo.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Sindsdien heeft de interim-president ‘de gevangenneming van Maduro bekritiseerd, terwijl ze heeft verklaard bereid te zijn tot het onderhouden van coöperatieve en respectvolle betrekkingen met de Verenigde Staten’, schrijft de website. Rodríguez verwelkomde de beslissing en beschouwde deze als ‘een stap in de richting van normalisering en versterking van de betrekkingen‘ tussen Caracas en Washington.

    Ze sprak de hoop uit dat de sancties die haar land nog steeds treffen, zouden worden opgeheven. ‘De sancties hielden in dat de bezittingen van mevrouw Rodríguez in de Verenigde Staten werden bevroren en dat Amerikaanse burgers geen zaken met haar mochten doen,‘ aldus het Venezolaanse mediakanaal.

  • De onbedoelde gevolgen van de sancties tegen Iran

    De onbedoelde gevolgen van de sancties tegen Iran

    De internationale sancties tegen Iran zijn bedoeld om het regime financieel te verzwakken en de nucleaire activiteiten te remmen. Hoewel de economie zwaar onder druk staat met hoge werkloosheid en inflatie, groeit tegelijkertijd het commerciële imperium van de Islamitische Revolutionaire Garde.

    Al voordat de bommen begonnen te vallen stond de Iraanse economie er slecht voor. Zes op de tien mensen in de werkende leeftijd waren werkloos. De prijzen waren het afgelopen jaar met 35 procent gestegen. Circa 18 procent van de bevolking leefde onder de armoedegrens volgens de definitie van de Wereldbank. Hoewel Iran olie en gas exporteert, moest het regime de energiecentrales draaiende houden met laagwaardige stookolie. En toen nam Benjamin Netanyahu economische doelen op de korrel. Naast militaire bases en nucleaire installaties werden er minstens twee gasvelden, een paar olievelden en een autofabriek door de Israëlische vliegtuigen gebombardeerd.

    De redenering achter die luchtaanvallen was dezelfde als die achter de internationale sancties tegen Iran. Als de economie wordt getroffen, dalen de belastinginkomsten van het regime, wat een klap zou moeten zijn voor de nucleaire ambities. Het probleem is dat de Iraanse veiligheidsdienst, de Islamitische Revolutionaire Garde, een cruciale rol speelt in de ontwikkeling van Irans nucleaire programma. En de Revolutionaire Garde heeft voor zijn financiering een geheim commercieel imperium opgebouwd dat juist profiteert van maatregelen die schadelijk zijn voor de economie.

    Iran zucht al lange tijd onder enkele van de zwaarste sancties ter wereld

    Iran zucht al lange tijd onder enkele van de zwaarste sancties ter wereld. Op aangeven van de VS waren die door het Westen versoepeld na de toezegging van Iran in 2015 om het nucleaire programma af te bouwen, en werden ze weer aangescherpt toen president Trump die overeenkomst in 2018 opzegde. De nieuwste maatregelen zijn een gevolg van de Iraanse steun voor Ruslands oorlog tegen Oekraïne en van Trumps terugkeer in het Witte Huis. Westerse bedrijven mogen geen Iraanse olie kopen, het belangrijkste exportproduct, of zaken doen met Iraanse banken.

    In 2018, toen Iran het IMF voor de laatste keer toestond zijn financiën door te lichten, exporteerde het land voor 46 miljard dollar aan olie, de helft van zijn totale export. Amerikaanse overheidsfunctionarissen denken dat dit aandeel tegenwoordig nog maar een derde bedraagt. Dit jaar zal Iran naar verwachting zo’n 1,7 miljoen vaten per dag exporteren, ongeveer evenveel als vorig jaar, ondanks de mogelijke productiedaling als gevolg van de Israëlische aanvallen.

    De sancties beperken zich niet tot olie. De ‘zwarte lijst’ van Iraniërs die de VS bijhoudt, telt al duizenden namen. En hij wordt elke maand langer. Het is westerse bedrijven verboden zaken te doen met Iraanse bedrijven in zowat elke bedrijfstak, van auto’s, metalen en mijnbouw tot de textielindustrie. Alleen boeren en farmaceutische bedrijven die producten voor burgers leveren zijn vrijgesteld, maar kampen wel met een afschrikwekkende hoeveelheid administratieve rompslomp.

    Slinkse omwegen

    Gevolg is dat er nauwelijks handel plaatsvindt tussen Iran en het Westen. Van het internationale banksysteem, waar transacties vaak in dollars worden afgewikkeld via het Europese betaalsysteem SWIFT, zijn Iraanse bedrijven nu uitgesloten, zodat ze zelfs voor het betalen van handelspartners in China en Rusland op slinkse omwegen zijn aangewezen. Dat verstoort de Iraanse economie, die volgens de Wereldbank de komende twaalf maanden met 1,6 procent zal krimpen. Nieuwe bedrijven kunnen niet exporteren en leveren dus vooral diensten aan de binnenlandse markt.

    Dat trekt een wissel op de overheidsfinanciën. In 2018 bedroegen de inkomsten uit olie en belastingen circa 17 procent van het bbp. Momenteel nog maar 11 procent. Het Iraanse begrotingstekort bedroeg in 2024 ongeveer 3 procent van het bbp. Het regime kan niet lenen van particuliere geldschieters en plundert dus het staatsinvesteringsfonds en drukt geld bij. Daardoor rijst de inflatie de pan uit.

    Bij nadere inspectie van de Iraanse geldstromen blijkt van het geld voor ayatollah Ali Khamenei, de hoogste leider, en voor de Revolutionaire Garde maar weinig afkomstig te zijn uit officiële bronnen. Ze leunen vooral op hun eigen financiële imperium. De Revolutionaire Garde heeft drie inkomstenbronnen. Ten eerste een reeks lokale bedrijven en stichtingen. Alle vijf de takken van de organisatie beschikken over een verbluffend breed scala aan banken, fabrieken en start-ups. In hun portefeuille zitten onder meer Persian Gulf Petrochemicals, de grootste Iraanse raffinaderij van petrochemische producten, tunnelbouwer Hara en autoconcern Bahman, ooit de Iraanse Mazda-fabrikant.

    Hij schat dat de helft van alle bedrijven in Iran op zijn minst gedeeltelijk in handen is van de veiligheidsdienst

    Veel bedrijven zijn onderdeel van Khatam al-Anbiya, een in 1990 opgericht conglomeraat waarin de Garde zijn inkomstenbronnen bundelde. Het is nu de grootste aannemer van het land. Volgens een westerse overheidsfunctionaris is het zo’n vijftig miljard dollar waard, maar hij zegt erbij dat dit maar een ruwe schatting is, omdat het in heel veel kleinere bedrijven belangen heeft. Hij schat dat de helft van alle bedrijven in Iran op zijn minst gedeeltelijk in handen is van de veiligheidsdienst.

    Maar het grootste deel van zijn geld haalt de Revolutionaire Garde uit het buitenland. De tweede inkomstenbron is de oliehandel. Elk jaar wordt van oudsher een deel van de Iraanse overheidsuitgaven gereserveerd voor de veiligheidsdienst. Maar omdat de schatkist de laatste jaren krap bij kas zit, krijgt de Garde het nu uitbetaald in olie. Tot de oorlog gingen er zo’n 500.000 vaten ruwe olie per dag naar de veiligheidsdienst, ofwel een kwart van de Iraanse export.

    De Garde verkoopt die olie via een uiterst ingewikkeld netwerk van beurzen en brievenbusfirma’s. De afnemers zijn voornamelijk Chinezen. Volgens Amerikaanse functionarissen is dit systeem zowel goedkoper als vernuftiger dan dat van de Iraanse regering. 

    De Revolutionaire Garde heeft ook bedrijven die zich bezighouden met illegale import en export. Amerika zegt al jaren dat de Garde voor Europa bestemde drugs uit Afghanistan doorsluist naar het Midden-Oosten. De Garde is ook verantwoordelijk voor de import van wapens in Iran en laat de strijdkrachten daarvoor duur betalen. In die ladingen worden sigaretten, consumentenelektronica en voedsel meegesmokkeld die voor veel geld verkocht kunnen worden aan de van steeds meer luxegoederen verstoken bevolking.

    Dilemma

    Deze spreiding van inkomstenbronnen stelt westerse beleidsmakers voor een dilemma. De Iraanse economie zucht onder de sancties. Maar als de druk verder wordt opgevoerd zodat de belastinginkomsten nog verder dalen, worden de goederen die de Revolutionaire Garde binnensmokkelt nog meer waard. De nieuwste sancties van Trump hebben er volgens een overheidsfunctionaris toe geleid dat andere Iraanse olieleveranciers nu bij de Garde aankloppen om hun olie te verhandelen, vanwege het geavanceerde netwerk van de veiligheidsdienst.

    Als Iran en Israël de vijandigheden hervatten, richten de Israëlische generaals het vizier misschien op locaties van de Revolutionaire Garde. Het herstel van de reeds vernietigde militaire locaties, vermoedelijk ook knooppunten in het distributienetwerk van de Garde, gaat veel geld kosten. Maar de recente geschiedenis van oliesancties wijst uit dat verscherping van sancties de Iraanse handel niet volledig kan stilleggen. Hooguit wordt het transport vertraagd, tot exporteurs een nieuwe omweg vinden. En met de stijgende inflatie en groeiende tekorten blijven Iraanse burgers de tol betalen voor de tegenspoed van hun veiligheidsdienst.

  • Canada zegt Oekraïne 4,3 mld dollar toe en kondigt sancties tegen Rusland aan

    Canada zegt Oekraïne 4,3 mld dollar toe en kondigt sancties tegen Rusland aan

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Conflict Israël-Iran: Trump eist ‘onvoorwaardelijke overgave’ van Iran

    » Gaza: zeker vijftig doden door Israëlische beschietingen bij een hulpcentrum

    Premier Mark Carney hekelt de ‘barbaarsheid’ van Rusland

    De Canadese premier Mark Carney kondigde dinsdag miljarden aan steun voor Oekraïne en strengere sancties tegen Rusland aan, terwijl hij de ‘barbaarsheid’ van Rusland veroordeelde na de dodelijkste aanval van dit jaar op Kyiv. Dat schrijft de Canadese nieuwsomroep CBC News.

    In bijzijn van de Oekraïense president Volodymyr Zelensky, voorafgaand aan een informele bijeenkomst op de laatste dag van de G7-top in Alberta, zei Carney dat een nieuw pakket van 2 miljard dollar zou worden gebruikt voor de aanschaf van helikopters, drones en munitie. Volgens zijn kabinet gaat het geld ook naar gepantserde voertuigen.

    Canada leent het door oorlog verscheurde land ook 2,3 miljard dollar om te helpen bij de wederopbouw van de infrastructuur en openbare systemen. Het kabinet van de premier zei dat de lening zal worden terugbetaald met rente die wordt geheven op Russische activa die in Europa zijn bevroren.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Verder belooft Canada een reeks nieuwe sancties tegen Russische personen, entiteiten die bijdragen aan het omzeilen van sancties en tweehonderd schepen die deel uitmaken van wat vaak de ‘schaduwvloot’ van Rusland wordt genoemd. De verouderde tankers worden gebruikt om sancties op Russische olie te omzeilen.

    Ondanks de aanwezigheid van Zelenskyy hebben de G7-leiders geen gezamenlijke verklaring over Oekraïne afgegeven. Dat komt omdat de VS niet akkoord gingen met de definitieve formulering, aldus een hoge Canadese regeringsbron.

    Zes van de zeven leiders waren bereid om ver te gaan in hun bewoordingen, maar de Amerikanen wilden deze afzwakken, aldus de bron. Ze vreesden dat scherpe kritiek op Rusland hun onderhandelingen met dat land over het beëindigen van de oorlog in gevaar zou brengen. Premier Carney sprak dit later echter tegen op een persconferentie, meldt CBC News: volgens hem konden alle zeven landen zich vinden in de verklaring.

  • VS leggen sancties op aan vier rechters van het Internationaal Strafhof

    VS leggen sancties op aan vier rechters van het Internationaal Strafhof

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » VS: Donald Trump en Elon Musk verklaren elkaar de oorlog op sociale media

    » Gaza: Israël erkent aan IS gelieerde milities te steunen in strijd tegen Hamas

    Ze mogen de VS niet meer in en hun have wordt in beslag genomen

    De Verenigde Staten hebben donderdag sancties opgelegd aan vier rechters van het Internationaal Strafhof (ICC) die ‘betrokken zijn bij procedures tegen Israël en de Verenigde Staten’, meldt The Times of Israel. De rechters ‘nemen actief deel aan de onwettige en ongegronde acties van het ICC tegen de Verenigde Staten en onze naaste bondgenoot’, aldus het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Twee van hen onderzoeken vermeende oorlogsmisdaden van Amerikaanse soldaten in Afghanistan, terwijl de andere twee het ICC toestemming hebben gegeven om arrestatiebevelen uit te vaardigen tegen de Israëlische premier Benjamin Netanyahu. Hun zal de toegang tot de Verenigde Staten worden ontzegd en hun bezittingen zullen in beslag worden genomen, ‘maatregelen die doorgaans worden genomen tegen leiders van landen die vijandig staan tegenover de Verenigde Staten’, benadrukt de Israëlische krant. Het ICC heeft dit veroordeeld als een ‘aantasting’ van zijn ‘onafhankelijkheid’.

  • Europese Unie heft alle economische sancties tegen Syrië op

    Europese Unie heft alle economische sancties tegen Syrië op

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Roemenië: verliezer Simion wil dat uitslag verkiezingen nietig wordt verklaard

    » Qatar: gesprekken in Doha over een bestand in Gaza ‘nog steeds niet afgerond’

    De VS kondigden vorige week al de opheffing van sancties aan

    De Europese Unie heeft alle economische sancties tegen Syrië opgeheven ‘om bij te dragen aan het herstel van dit door oorlog verscheurde land’, verklaarde het hoofd van de Europese diplomatie Kaja Kallas dinsdag. De EU ‘biedt het land daarmee een nieuwe reddingslijn na de verdrijving van Bashar al-Assad’, aldus Al-Jazeera.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    ‘We willen het Syrische volk helpen bij de wederopbouw van een nieuw, inclusief en vreedzaam Syrië’, verklaarde Kallas in een bericht dat op X werd gepubliceerd na ontmoetingen met ministers in Brussel. ‘De EU heeft de Syriërs de afgelopen veertien jaar altijd gesteund en zal dat blijven doen.’

    Deze koerswijziging van de 27 EU-landen volgt op die van de Verenigde Staten, die op 13 mei aankondigden de sancties tegen Damascus te zullen opheffen. ‘De opheffing van de sancties geeft uitdrukking aan de regionale en internationale wil om Syrië te steunen,’ vertelde de Syrische minister van Buitenlandse Zaken Assaad Al-Shaibani aan verslaggevers in Damascus.

  • Verenigde Staten leggen sancties op aan hoofd van Soedanese strijdkrachten

    Verenigde Staten leggen sancties op aan hoofd van Soedanese strijdkrachten

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Gaza: Netanyahu bevestigt akkoord over vrijlating gijzelaars

    » Cuba: dissident José Daniel Ferrer vrijgelaten

    Enkele dagen eerder hadden ze de RSF al sancties opgelegd

    De regering van de vertrekkende Amerikaanse president Joe Biden heeft sancties opgelegd aan het hoofd van de Soedanese strijdkrachten [SAF, Sudanese Armed Forces], Abdel Fattah Al-Burhan. ‘Ze beschuldigt hem ervan het door oorlog verscheurde land te destabiliseren,’ schrijft Al Jazeera.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Onder leiding van Al-Burhan hebben de SAF ‘dodelijke aanvallen gepleegd op burgers, waaronder luchtaanvallen op beschermde infrastructuur, zoals scholen, markten en ziekenhuizen’, aldus de Amerikaanse regering.

    Deze beslissing komt een paar dagen nadat de regering-Biden sancties oplegde aan Mohamed Hamdane Daglo, de leider van de Rapid Support Forces (RSF), een Soedanese paramilitaire groep die sinds april 2023 in oorlog is met de SAF.

  • Venezuela zet 25 tot 30 jaar gevangenisstraf op steun aan internationale sancties

    Venezuela zet 25 tot 30 jaar gevangenisstraf op steun aan internationale sancties

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » NASA volgt minimaan in haar weg naar de zon

    » Australië verbiedt sociale netwerken voor jongeren onder de 16 jaar

    De wet is een reactie op een Amerikaans wetsvoorstel

    Het parlement van Venezuela, dat door de regering wordt gecontroleerd, heeft donderdag een wet aangenomen die voorziet in zeer zware straffen ‘voor degenen die oproepen tot of steun verlenen aan internationale sancties tegen de regering van Nicolás Maduro’, meldt Efecto Cocuyo.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    ‘De wet bevat een verbod tot 60 jaar om een openbaar ambt te bekleden, gevangenisstraffen van 25 tot 30 jaar en inbeslagname van eigendommen’, aldus de Venezolaanse website.

    Op deze manier wil president Maduro reageren op het wetsvoorstel dat onlangs is goedgekeurd door het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden, dat Amerikaanse overheidsinstellingen verbiedt om personen of bedrijven in dienst te nemen die commerciële banden hebben met de Venezolaanse regering.

  • Zwitserland: regering blijft bij flexibele interpretatie van neutraliteit

    Zwitserland: regering blijft bij flexibele interpretatie van neutraliteit

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Aanklager ICC dient aanvraag in voor arrestatiebevel tegen Birmese juntaleider

    » Kamp-Trump maakt melding van bedreigingen tegen verschillende regeringsleden

    Mensen wilden het begrip steviger verankeren in de grondwet

    ‘Zwitserland past zijn neutraliteit flexibel toe en de Federale Raad wil niet van deze praktijk afwijken,’ vat Le Temps samen. Woensdag verwierp de Zwitserse regering een volksinitiatief uit soevereinistische kringen om de Zwitserse neutraliteit ‘steviger te verankeren in de grondwet van het land’.

    De initiatiefnemers, die dicht bij de nationalistische SVP [Schweizerische Volkspartei] staan, lanceerden de petitie in de context van de oorlog in Oekraïne, omdat ze zich verzetten tegen het feit dat Zwitserland de sancties van de Europese Unie tegen Rusland heeft overgenomen en dit als een ‘ernstige schending van de neutraliteit’ beschouwen.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Op woensdag was de Federale Raad van mening dat ‘het vastleggen van een strakke interpretatie van het concept neutraliteit in de federale grondwet niet in het belang van Zwitserland is en de bewegingsruimte van Zwitserland op het gebied van buitenlands beleid zou beperken’. Volgens de zeven Bondsraadsleden heeft een flexibele toepassing van de Zwitserse neutraliteit het land tot nu toe goede diensten bewezen en blijft deze essentieel voor de bescherming van zijn belangen.

  • Gabon helpt Rusland om sancties te omzeilen

    Gabon helpt Rusland om sancties te omzeilen

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Haïti kampt met ‘ergste hongersnood op het westelijk halfrond’

    » Elektrische vrachtschepen en ferry’s: vergroening scheepvaart gaat nog langzaam

    Russische olietankers varen onder vlag van Gabon

    Sinds juli 2023 hebben meer dan 85 schepen met Russische banden hun registratie veranderd van Liberia naar Gabon, volgens het maritieme analysebedrijf Windward. Onder hen zijn schepen uit de vloot van Sovcomflot, een Russische staatsrederij die het onderwerp is van westerse sancties. Dat schrijft The New York Times. Russische schepen varen onder de vlag van andere landen om de opgelegde sancties sinds de inval van Oekraïne te omzeilen. Naast Gabon zijn Russische schepen ook ingeschreven in het scheepsregister van Panama, Palau en St. Kitts en Nevis

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    ‘Die maritieme herschikking heeft de kleine landen in een positie gebracht om te profiteren van de oorlog in Oekraïne’, aldus de Amerikaanse krant. Gabon, ooit een trouwe bondgenoot van de Verenigde Staten en Frankrijk, is na een militaire staatsgreep in 2023 steeds hechter bevriend geraakt met Rusland. Nu de westerse export naar Rusland grotendeels is bevroren, is Gabon een belangrijk onderdeel geworden van de bevoorradingsketen van Moskou. Volgens The Moscow Times zijn recentelijk door het Westen gemaakte vliegtuigonderdelen via een Gabonees bedrijf naar Rusland gevlogen.

  • Thomas Piketty: ‘Zonder externe druk blijft vrede in Israël en Palestina een onmogelijke droom’

    Thomas Piketty: ‘Zonder externe druk blijft vrede in Israël en Palestina een onmogelijke droom’

    Volgens de Franse econoom en historicus Thomas Piketty zouden westerse landen krachtige sancties moeten invoeren. Alleen zo kan de tweestatenoplossing weer binnen handbereik komen.

    Laten we met een optimistische noot beginnen: zowel in Israël als in Palestina zijn er vredesbewegingen van burgers die met grote vasthoudendheid en verbeeldingskracht pleiten voor een vreedzame, democratische oplossing. Helaas vormen deze groepen een minderheid, en zonder krachtige steun van buitenaf leggen ze te weinig gewicht in de schaal. 

    Om de impasse te doorbreken moeten de Europese Unie en de VS, tezamen goed voor bijna 70 procent van de Israëlische export, hoognodig de daad bij het woord voegen. Als westerse regeringen de tweestatenoplossing werkelijk steunen, is het tijd om de Israëlische regering sancties op te leggen. Die regering vertrapt immers elk uitzicht op vrede openlijk door haar aanhoudende politiek van kolonisatie en repressie en door zich te verzetten tegen het bestaan van een Palestijnse staat.

    Concreet betekent dit dat de militaire hulp moet stoppen. Bovenal dienen de VS en Europa Benjamin Netanyahu en zijn medestanders in de portemonnee te raken met handels- en financiële sancties, net zolang tot ze een daadwerkelijke ontmoediging van het huidige beleid tot gevolg hebben. De academische boycot van universiteiten volstaat niet. Tegelijkertijd moeten Europa en de VS niet alleen sancties opleggen aan Israël maar ook aan Hamas en zijn externe bondgenoten, en tegelijkertijd representatieve en democratische Palestijnse organisaties wezenlijk versterken.

    Zo’n nauwe externe betrokkenheid, die westerse landen en een coalitie van zuidelijke landen kan samenbrengen, is vooral zo belangrijk omdat een tweestatenoplossing onhaalbaar is zonder een soort Israëlisch-Palestijnse Unie – vergelijkbaar met de Europese Unie – die beide staten omvat en een aantal fundamentele rechten waarborgt. De gebieden en volken zijn innig verweven, vanwege alle Joodse nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever, Palestijnen die in Israël werken en familiebanden hebben met Israëlische Arabieren en ook omdat de Palestijnse gebieden – de Gazastrook en de Westelijke Jordaanoever – niet aan elkaar grenzen. In de eerste plaats dient de Israëlisch-Palestijnse Unie vrij verkeer te garanderen, en basale sociale en politieke rechten te scheppen voor Israëli’s die in Palestina wonen of werken, evenals voor Palestijnen die in Israël wonen of werken. Een van de best uitgewerkte plannen in deze richting komt van de opmerkelijke Israëlisch-Palestijnse burgerbeweging A Land for All, die in het buitenland te vaak over het hoofd wordt gezien.

    Prijs

    Deze confederale structuur zou kunnen uitgroeien tot een werkelijke binationale Israëlisch-Palestijnse staat, die al zijn burgers gelijk behandelt, ongeacht afkomst, levensovertuiging en religie. Om dit proces op gang te brengen is zeer sterke druk van buitenaf essentieel, geschraagd door aanzienlijke financiële middelen (maar zeker behapbaar voor Europa en de VS) en een multinationale strijdmacht die het akkoord kan afdwingen en Hamas en andere extremistische groeperingen aan beide zijden kan ontwapenen. 

    Ja, ga d’r maar aan staan. Maar wat is het alternatief? Lijdzaam toezien tot er 40.000, 50.000, 100.000 Palestijnse burgers worden afgeslacht? De westerse passiviteit heeft een exorbitante morele en politieke prijs. Ze is vooral te wijten aan het navelstaren van Europese en Amerikaanse samenlevingen, die te zeer verstrikt zitten in hun eigen verdeeldheid om werkelijk geïnteresseerd te zijn in constructieve oplossingen voor Israël en Palestina. Natuurlijk speelt het traditionele antisemitisme, dat nooit is uitgedoofd, een rol. Elk moment kan het weer oplaaien door onwetendheid over en onbegrip van de ander. Iedere Jood beschuldigen van medeplichtigheid met Israëlische generaals is net zo dom als iedere moslim verdenken van medeplichtigheid met jihadisten.

    Nieuw is de beschamende uitbuiting van de strijd tegen antisemitisme. Bij rechts maar nu ook in het politieke midden worden pro-Palestijnse bundelingen van krachten onmiddellijk gebrandmerkt als antisemitisch – zelfs door beruchte antisemieten – en in verband gebracht met een denkbeeldige islamitisch-links gedachtegoed, zonder enige aandacht voor wat er werkelijk wordt gezegd en voorgesteld. In elk kamp bevinden zich provocateurs die bereid zijn met vuur te spelen. Helaas lijkt de angst voor (of zelfs haat jegens) de islam en de Europese moslims soms elke kalme reflectie in de weg te staan. En beschuldigingen van antisemitisme stellen ons in staat ons geweten te sussen en de ogen te sluiten voor alle bloedbaden.

    In de VS is de moslimminderheid kleiner dan in Europa, maar de politieke reflexen zijn hetzelfde, met daarbovenop een messiaanse, half-hallucinatoire beweging van evangelische christenen die Israël steunen. Omgekeerd is er nu een trans-Atlantisch bondgenootschap van Joodse studenten en seculiere Joden van alle leeftijden dat opkomt voor Palestijnse rechten. Zij zijn de belangrijkste reden voor hoop. Aan beide zijden van de Atlantische Oceaan verwerpen jonge mensen zowel de oude verdeeldheid als de nieuwe haat. Ze zien duidelijk dat wat in Israël-Palestina op het spel staat de mogelijkheid is om samen te leven, ongeacht onze oorsprong. Het is op deze hoop dat we de toekomst moeten bouwen.

  • Amerikaanse regering legt opnieuw sancties op aan Venezuela

    Amerikaanse regering legt opnieuw sancties op aan Venezuela

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Zeker 17 doden bij Russische raketaanval op Tsjernihiv

    » Regeringspartij Kroatië wint bij parlementsverkiezingen

    Aanleiding zijn gebroken beloften van de Venezolaanse regering

    De Amerikaanse regering heeft opnieuw oliesancties aan Venezuela opgelegd, naar aanleiding van de gebroken beloften van president Nicolas Maduro in aanloop naar de verkiezingen. Dat schrijft The Financial Times. Van de beloofde democratische hervormingen is niets terechtgekomen en de VS geven bedrijven nu 45 dagen de tijd om hun activiteiten in de Venezolaanse olie- en gassector af te bouwen.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    ‘We maken ons zorgen, omdat Maduro en zijn mensen hebben weten te voorkomen dat de democratische oppositie hun kandidaat kon registreren, omdat ze politieke tegenstanders hebben geïntimideerd en omdat ze talloze activisten en oppositieleden ten onrechte hebben gearresteerd’, zei Matthew Miller, woordvoerder van het ministerie van Buitenlandse Zaken, woensdag in een verklaring.

    In oktober verlichtten de VS sancties tegen de door Venezuela gecontroleerde olie-, gas- en mijnbouwsectoren, op voorwaarde dat het land zou zorgen voor open en competitieve presidentsverkiezingen. De partij van Maduro kwam deze beloften niet na en sloten oppositiekandidaat Maria Corina Machado buiten van verkiezingsdeelname.

  • Sancties als wapen: is het middel erger dan de kwaal?

    Sancties als wapen: is het middel erger dan de kwaal?

    Financiële sancties zijn een krachtig oorlogswapen, maar kunnen blijvende schade aanrichten. Sinds de sancties tegen Rusland na de inval in Oekraïne zijn we volgens economen Julia Friedlander en Josh Lipsky in het niemandsland tussen handel en oorlog een keerpunt gepasseerd.

    In Christopher Nolans film Oppenheimer, over de vader van de atoombom, horen we de natuurkundige Niels Bohr waarschuwen: ‘We moeten de politici aan het verstand brengen dat dit niet zomaar een nieuw wapen is, maar een nieuwe wereld.’ Veel economen die de film zien, zal die gedachte misschien akelig bekend voorkomen. Politici hebben in hun buitenlandbeleid de afgelopen jaren zwaar geleund op economische maatregelen; het sanctiewapen. De omvang varieert van embargo’s tot exportbeperkingen en de bevriezing van buitenlandse tegoeden: allemaal instrumenten waarmee men een concurrerend of vijandig land wil treffen zonder direct in een militair conflict verzeild te raken. 

    Sancties zijn natuurlijk geen atoombom. Maar er gaapt een gevaarlijke kloof tussen de verwachtingen van de mensen die de sancties uitvaardigen en degenen die er uitvoering aan moeten geven; economen en de particuliere sector. Want inmiddels zijn we in dit vage niemandsland tussen handel en oorlog een keerpunt gepasseerd. 

    Het sanctiemiddel is niet van vandaag of gisteren, landen zijn in de loop van de geschiedenis nooit vies geweest van het instellen van embargo’s, creatieve invoerrechten of andere heffingen. Maar de moderne economische oorlogsvoering die op de integratie van financiële markten berust, is minder oud – die dateert om precies te zijn van 22 jaar terug, van de aanslagen van elf september. Na die ongekende terroristische aanslag op eigen grondgebied gaf Amerika zijn federale instanties verregaande bevoegdheden om met behulp van zijn wereldwijde financiële macht de geldstromen van Al-Qaida en bondgenoten af te knijpen. Daarnaast zette Washington die instrumenten ook in als internationaal machtsmiddel om zijn burgers tegen terreur te beschermen – niet in plaats van, maar bovenop de gewapende strijd tegen Al-Qaida.

    Op één lijn

    Tien jaar later kregen sancties stilaan een andere rol in het buitenlandbeleid. Zo moest Iran met multilaterale – en van de kant van de VS ook steeds meer unilaterale – economische strafmaatregelen naar de onderhandelingstafel worden gedreven. Hier werden sancties gebruikt als drukmiddel, waarbij ook de dreiging van militair ingrijpen altijd boven de gesprekken bleef hangen en de onderhandelingen sterk beïnvloedde. En vorige maand werd bij het uitbreken van de oorlog tussen Israël en Hamas weer eens duidelijk dat deze combinatie van economische sancties met militaire afschrikking de primaire reactie van het Westen is.

    Maar de aard van de sancties is in de afgelopen jaren zodanig geëvolueerd dat we met Niels Bohr nu werkelijk van ‘een nieuwe wereld’ kunnen spreken. Na de Russische inval in Oekraïne heeft de G7 de meest verregaande sancties afgekondigd die ooit tegen een grote economie zijn ingesteld. Niet alleen vanwege de omvang van het sanctiepakket en het aantal banken dat uit SWIFT is gegooid, maar ook door de verregaande exportbeperkingen op allerlei artikelen, van handtassen tot airbags, en het bevriezen van zo’n 300 miljard dollar aan Russische tegoeden. En was er in eerdere gevallen nog sprake van onenigheid tussen de VS en de Europese bondgenoten over hoe streng en hoe verreikend de sancties moesten zijn, nu zitten ze op één lijn. Daarbij heeft het Westen, ook anders dan vroeger, duidelijk gemaakt dat het géén militaire confrontatie met Rusland wil.

    In de beginfase van de oorlog, toen men er nog van overtuigd was dat Oekraïne binnen enkele weken zou vallen, werd met de sancties geprobeerd de Russen hard genoeg te raken om hun invasie werkelijk lam te leggen. En al klinkt dat nu misschien naïef, volgens ons had deze gewaagde en ambitieuze tactiek kunnen slagen. Met alle financiële en economische onzekerheden die zo’n schok voor de wereldeconomie met zich meebrengt, was het denkbaar dat dit tot zo’n diepe financiële crisis zou leiden dat Rusland eraan onderdoor zou gaan.

    Maar we kijken er ook niet van op dat dit niet is gebeurd. Vraag een econoom van het Amerikaanse ministerie van Financiën of van het IMF waarom Rusland niet onder dat spervuur van economische sancties is bezweken, en deze zal antwoorden dat het land in zijn geschiedenis al vaker financiële crises heeft doorstaan en dat we lering moeten trekken uit het nu al decennia durende sanctiebeleid tegen het Iraanse regime – een regime dat de komende maanden opnieuw op de proef zal worden gesteld. Economen zullen er bovendien op wijzen dat bij elke maatregel al snel dempende substitutie-effecten optreden, en dat de wereldeconomie steeds meer multipolair van karakter is.

    Handel en ontwikkelingshulp zijn als instrument krachtiger dan welke strafmaatregel dan ook

    Maar dat wil nog niet zeggen dat de sancties gefaald hebben. Ze hebben de Russen gedwongen nieuwe en minder betrouwbare markten op te zoeken en hun mogelijkheden voor krediet beperkt, wat de Russische oorlogsvoering bemoeilijkt. En de langetermijngroei van het Russische bbp zal nu beduidend lager uitvallen dan voor de invasie was beraamd, mede door de sancties en de daarmee gepaard gaande uittocht van hoogopgeleide jonge Russen.

    Het succes van de sancties tegen Rusland is dus niet eenduidig. Maar heeft Washington genoeg zicht op de mogelijke gevolgen voor het buitenlandbeleid in de toekomst? Sommige economen maken zich zorgen over wat er met hun hulp is ontketend. Begin vorig jaar waarschuwden wij al dat het sanctiepakket van de G7 tegen Rusland de lakmoesproef zou worden voor het middel van economische oorlogsvoering, en dat de VS en zijn bondgenoten bepaalde instrumenten weleens konden uitputten als die niet genoeg opleverden. En dat ze ook vooral niet moesten denken dat ze nu een blauwdruk hadden voor toekomstige conflicten. Met de inzet van bijna het volledige economische wapenarsenaal tegen Rusland bleek het Westen een aanvaardbaar risico te hebben genomen. Ook de economische terugslag bleek behapbaar voor een handelsblok dat anderen kon overbieden op alternatieven voor de Russische energie, en dat sinds het begin van Poetins agressie tegen Oekraïne in 2014 niet veel handelsbelangen meer in Rusland had.

    Maar de afweging tussen nationaal veiligheidsbeleid en de wereldwijde macro-economische realiteit zou weleens anders kunnen uitvallen wanneer de tegenstander meer financiële slagkracht heeft. Uit onderzoek van de denktanks Atlantic Council en de Rhodium Group blijkt bijvoorbeeld dat bij een Chinese escalatie in de Straat van Taiwan de toepassing van zo’n verregaand sanctiepakket de westerse economieën triljoenen dollars kan kosten en zo de wereldwijde economische invloed van het Westen kan uithollen. In het mondiale Zuiden wordt de snelle uitbreiding van het arsenaal aan economische strafmaatregelen al twee jaar met argusogen gevolgd. En in gesprekken met centrale banken van landen die niet in de G7 zitten, horen we een sterke behoefte om hun land minder afhankelijk te maken van de dollar. De recente uitbreiding van de BRICS is daar het laatste openlijke voorbeeld van.

    In lijn hiermee hebben wij onlangs in een rapport aangetoond dat je met sancties riskeert dat landen hun dollarreserves afbouwen. En tijdens de top van het IMF en de Wereldbank in Marrakech legde de Indiase minister van Financiën aan de Atlantic Council uit waarom veel landen, waaronder het hare, bang zijn voor al te grote afhankelijkheid van de dollar. Deze landen zijn nog lang niet in staat zich volledig los te maken van de dollar, zei ze, maar ze zoeken wel naar alternatieven, en dat is een teken aan de wand. Landen die van het financieel systeem van Europa en de VS afhankelijk zijn, hebben het recht om te weten hoe het Westen over de inzet van sancties denkt en verdienen een stem in de uitvoering ervan. Niet om ‘aardig’ te zijn, maar om de stabiliteit van ons eigen financiële systeem te behouden en de risico’s te beperken.

    Dus hoe kan men aan hun zorgen tegemoetkomen? Ons voorstel is om een nieuw raamwerk op te stellen voor het gebruik van economische machtsmiddelen. Net zoals de VS ooit de Atomic Energy Commission in het leven riep om toezicht te houden op de ontwikkeling van kernwapens, zouden de VS en Europa samen richtlijnen moeten opstellen over welke sancties en andere economische maatregelen geoorloofd zijn en wanneer. Mogen de dollar- of eurotegoeden van een oorlogvoerende natie bevroren worden? Wanneer wordt het punt bereikt dat op die tegoeden beslag mag worden gelegd? Als de VS een verbod instellen op de export van bepaalde microchips naar China, wat zijn dan de consequenties als een bevriend land een vergelijkbaar product aan China levert? Zolang op die vragen geen duidelijk antwoord bestaat, moeten andere landen maar raden naar wat het Westen zal doen – en zullen ze op zoek gaan naar economische alternatieven.

    Gereedschapskist

    De tweede stap is dat we het mondiale Zuiden (en onszelf) herinneren aan de positieve kracht van economische maatregelen. Handel en ontwikkelingshulp zijn als instrument net zo krachtig, zo niet sterker dan welke strafmaatregel dan ook. Toch is men zeker in de VS veel te veel bezig met manieren om economieën te straffen en denkt men te weinig na over manieren om andere landen voor zich te winnen. Wel zijn er enkele stapjes in de goede richting in de vorm van recente nieuwe overlegorganen, zoals de Handels- en Technologieraad EU-VS en het Indo-Pacific Economic Framework for Prosperity, en de kapitaalinjectie voor de Wereldbank.

    Toen wetenschappers zich in 1944 opmaakten voor de allereerste kernproef in New Mexico, kwamen in Bretton Woods 44 landen bijeen om de IMF en de Wereldbank op te richten – de oorspronkelijke gereedschapskist voor internationale economische maatregelen. Ze werden niet opgericht om sancties of andere strafmaatregelen op te leggen, maar om enorme leningen te verstrekken voor de wederopbouw na de oorlog en het voorkomen van nieuwe conflicten. En het financiële en handelsnetwerk dat rond deze instellingen ontstond, hielp de VS en Europa in hun ontwikkeling en genereerde bovendien groei in tal van andere economieën.

    Maar nu er zulke zware sanctiepakketten en andere strafmaatregelen worden ingezet – zonder serieuze pogingen om op grond van de veranderende wereldeconomie tot hervormingen te komen of om de slinkende middelen van deze instellingen aan te vullen – zullen het IMF en de Wereldbank in de komende jaren aan belang inboeten. Rivaliserende geldverstrekkers zullen aan invloed winnen. De instrumenten voor economische oorlogsvoering zijn krachtig en kunnen blijvende schade aanrichten. We moeten ervan doordrongen zijn dat het experiment met Rusland een keerpunt was, na twee decennia van gestaag escalerend economisch machtsvertoon. Nu is het moment gekomen om eens goed en strategisch na te denken over de volgende stappen in de evolutie van internationale economische maatregelen.

    Lees ook:

  • Chauffeurs, privékoks en grote sommen geld voor Russische oligarchen

    Chauffeurs, privékoks en grote sommen geld voor Russische oligarchen

    Het sanctieprogramma dat het Verenigd Koninkrijk Russische oligarchen heeft opgelegd vanwege de oorlog in Oekraïne, blijkt allesbehalve waterdicht te zijn. Sommige oligarchen ontvingen ontheffingen, waardoor ze ondanks een bevroren rekening grote bedragen geld konden besteden.

    Uit documenten blijkt dat de Britse regering Russische oligarchen heeft toegestaan honderdduizenden dollars te besteden aan extraatjes als privékoks, chauffeurs en huishoudsters, ook al waren hun bankrekeningen met veel vertoon bevroren.

    De ontheffingen zijn een voorbeeld van wat er hapert aan het nieuwe financiële sanctiesysteem van het Verenigd Koninkrijk, dat na Brexit in elkaar is gesleuteld. In sommige gevallen konden oligarchen toelagen van meer dan een miljoen dollar opstrijken voor hun levensonderhoud. In andere moesten functionarissen na juridische strijd hun strafrechtelijk onderzoek staken en sancties opheffen.

    ‘We zullen de druk op Poetin blijven opvoeren en zorgen dat er geen geld naar de Russische oorlogsmachine gaat,’ zei de Britse minister van Buitenlandse Zaken vorig jaar toen ze in de eerste weken van de oorlog in Oekraïne sancties tegen Rusland aankondigde.

    Privékoks

    In de maanden die volgden was Groot-Brittannië stiekem toeschietelijker. De Russische banktycoon Mikhail Fridman kreeg in het eerste jaar van de oorlog een ontheffing van de sancties om negentien personeelsleden te kunnen betalen, onder wie chauffeurs, privékoks, huishoudsters en klusjesmannen, zo blijkt uit documenten die The New York Times heeft ingezien. Het ging om een bedrag van bijna driehonderdduizend pond in ongeveer tien maanden. Ook ontving Fridman zo’n zevenduizend pond per maand voor de basisbehoeften van zijn gezin.

    Overheidsfunctionarissen gunden zijn voormalige zakenpartner Petr Aven een maandelijkse toelage van zestigduizend pond. Het grootste deel daarvan ging naar een beveiligingsbedrijf dat eigendom is van de financieel manager van Aven, tegen wie een onderzoek loopt omdat hij Aven mogelijkerwijs heeft geholpen om sancties te ontduiken. Onduidelijk is wat voor controles de overheid heeft uitgevoerd voordat de transacties werden goedgekeurd.

    Fridman ontving zo’n zevenduizend pond per maand voor de basisbehoeften van zijn gezin

    Fridman en Aven worden door de Britse overheid omschreven als ‘Kremlingezinde oligarchen’ die nauwe banden onderhouden met de Russische president Vladimir Poetin, een beschuldiging die beiden ontkennen en aanvechten voor de rechter. ‘Wij zijn politiek neutrale zakenlieden. Meer niet,’ verklaarde Aven telefonisch vanuit de Hamptons in de staat New York.

    De voormalige zakenpartners behoren tot een kleine groep Russen aan wie na het begin van de oorlog publiekelijk sancties werden opgelegd die vervolgens heimelijk weer werden afgezwakt. Het Britse ministerie van Financiën verleende vorig jaar 82 ontheffingen en er lopen nog veel meer aanvragen, aldus overheidsfunctionarissen met wie The New York Times heeft gesproken.

    Ontheffingen

    Opsporingsambtenaren die zich bezighouden met mogelijke criminele inbreuk op de financiële zwarte lijst raken soms gefrustreerd door deze beslissingen en door een ontheffingssysteem dat in hun ogen de sancties ondermijnt. Zo stonden ambtenaren van Financiën Aven toe meer dan een miljoen pond uit te geven terwijl zijn banden met de Britse economie technisch gesproken verbroken waren. Tegelijkertijd deden opsporingsambtenaren onderzoek naar hem vanwege mogelijke ontduiking van de sancties en vielen ze vorig jaar zijn landhuis binnen. 

    Sommigen die details over de ontheffingen verschaften deden dat op voorwaarde van anonimiteit omdat het vertrouwelijke zaken betreft. Een woordvoerder van het Britse ministerie van Financiën weigerde commentaar op specifieke gevallen te geven maar zei dat er ontheffingen worden verleend om in ‘basisbehoeften’ te kunnen voorzien en dat die ‘streng gecontroleerd’ worden. Een woordvoerder van de National Crime Agency, de Britse criminele opsporingsdienst, noemde het ongepast om commentaar te leveren omdat het onderzoek naar Aven en Fridman nog loopt.

    Overal op de wereld worden ontheffingen van het sanctiesysteem verleend

    Overal op de wereld worden ontheffingen van het sanctiesysteem verleend, ook in de Verenigde Staten. Maar waar Washington voornamelijk ontheffingen verleent om humanitaire redenen of om eerste levensbehoeften en juridische kosten te betalen, zijn de Britse criteria ruimer. Een van de overwegingen, aldus advocaten en voormalige ambtenaren van het Britse ministerie van Financiën, is of een ontheffing ervoor zorgt dat er geld in de economie blijft stromen. Volgens een recent overheidsrapport worden er in het VK ontheffingen verleend ter bescherming van individuele en nationale zakelijke belangen.

    De Russische sancties waren de eerste belangrijke test voor een nieuw Brits sanctiesysteem dat in 2021 was opgezet na het vertrek uit de Europese Unie. Meer dan een jaar later blijkt de regering zich maar moeilijk aan haar ambitieuze beloften te kunnen houden.

    Waar politici te veel beloofden, hebben financieel onderzoekers soms te hard ingegrepen. De Britse criminele opsporingsdienst viel vorig jaar met zo’n vijftig man het landhuis van Fridman binnen en kondigde een onderzoek aan naar fraude, meineed en witwassen. 

    Lastercampagne

    Vorige week werd de Britse regering na een juridisch gevecht gedwongen de Russische zakenman Oleg Tinkov van de zwarte sanctielijst te halen. Tinkov betoogde dat hij daar ten onrechte op stond. Hij steekt zijn kritiek op Poetin niet onder stoelen of banken en heeft afstand gedaan van zijn Russische staatsburgerschap.

    Fridmans advocaten verklaarden op 27 juli voor een van de hoogste Britse rechters dat het huiszoekingsbevel onwettig was. Er stond een onjuiste datum op en het berustte op foutieve informatie die afkomstig was van een lastercampagne, betoogden ze. Ook diverse andere Russische tycoons zullen de komende weken naar de rechter stappen om te betogen dat ze net als Tinkov alleen maar een onterecht doelwit zijn vanwege hun Russische nationaliteit. De Britse regering moet nog een zes maanden geleden aangevraagde ontheffing goedkeuren die Fridman in staat zal stellen de advocaten te betalen die hem in deze zaken bijstaan. Ook zal Fridman naar verwachting in een latere zaak betogen dat hij het recht heeft om zijn huishoudelijke staf aan te houden waarvoor de regering hem gedurende de eerste tien maanden van de oorlog een ontheffing had verleend. Net als in het geval van Aden viel de opsporingsdienst Fridmans landhuis binnen op verdenking van witwassen. Daarna wees de regering Fridmans verzoek om zijn personeel te mogen aanhouden af.

    Groot-Brittannië is decennia lang een veilige haven geweest voor Russische rijken

    De ontheffingscijfers laten zien hoe moeilijk het voor de Britse regering is om samen met de Verenigde Staten en Europa de tegoeden van Kremlingezinde oligarchen te bevriezen. Groot-Brittannië is decennia lang een veilige haven geweest voor Russische rijken. Organisatie Transparency International schat dat Russen die van financiële vergrijpen worden beschuldigd of banden hebben met het Kremlin goed zijn voor meer dan anderhalf miljard pond aan Britse bezittingen.

    Sancties tegen deze Russen zouden een boodschap aan Moskou zijn, maar ze zijn ook schadelijk voor de Britse economie. Advocatenkantoren, accountants, makelaars, kunsthandelaars en vele anderen hebben flink geprofiteerd van het Russische geld dat naar een hoofdstad vloeide die grappenderwijs al Londongrad wordt genoemd. Dus terwijl Groot-Brittannië het einde van het Londongradtijdperk vrijwel heeft aangekondigd, zoeken oligarchen naar manieren om zaken in het land te kunnen blijven doen. ‘Hieruit blijkt waarom dit land er zo slecht in staagt om smerig Russisch geld te weren,’ zegt William F. Browder, een voormalige grote investeerder in Rusland die een jarenlange mensenrechtencampagne tegen Poetin heeft gevoerd. ‘Overal waar je kijkt lijken er mazen in de wet en de regering verleent oligarchen alle steun om haar eigen sancties te omzeilen.’

    Deze gespannen situatie is niet uniek voor Groot-Brittannië. Ook België heeft bijvoorbeeld gelobbyd om zijn diamantindustrie in staat te stellen aan Russen te blijven verkopen zonder de EU-sancties te schenden.

    Media

    Het Londense dagblad The Telegraph berichtte als eerste gedetailleerd over de ontheffing van Aven en over zijn maandelijkse toelage. Documenten die The New York Times in handen heeft gekregen openbaren nieuwe details in deze zaak, zoals dat meer dan twee derde van Avens maandtoelage, zo’n 45.000 pond, naar een beveiligingsbedrijf ging dat eigendom is van zijn financieel manager Stephen Gater. Ook naar Gater zelf is een onderzoek ingesteld door de Britse criminele opsporingsdienst, die hem ervan verdenkt dat hij Aven heeft geholpen bij het ontduiken van sancties. Geen van beiden is aangeklaagd. De dienst heeft afgelopen lente bankrekeningen bevroren die met Gater in verband konden worden gebracht. Volgens gerechtelijke documenten meende HSBC, waar de rekeningen liepen, dat Aven er de volledige controle over had en dat er niets mis mee was.

    The New York Times heeft als eerste krant uitvoerig bericht over hoe Fridman dankzij de ontheffingen kwistig met geld kon strooien, en ook over het Britse ontheffingsbeleid in het algemeen. De Britse regering is niet ingegaan op ons verzoek om informatie te verschaffen over wie ontheffingen heeft gekregen en voor hoeveel geld en waarom. Labour-parlementariër Stephen Kinnock heeft via het parlement wat gegevens verzameld en die gedeeld met deze krant. Hieruit blijkt dat de Britse regering in het jaar vóór de oorlog in Oekraïne elf aanvragen voor ontheffing van Russische sancties ontving, waarvan er negen zijn ingewilligd. Sinds de oorlog is het aantal aanvragen gestegen tot iets meer dan duizend. Eind vorig jaar waren 82 daarvan ingewilligd en velen wachten dus nog op een beslissing. Hoeveel aanvragen er zijn afgewezen is onduidelijk, dus het goedkeuringspercentage valt niet te berekenen.

    Verenigde Staten

    Vergelijkbare cijfers in de Verenigde Staten waren niet onmiddellijk voorhanden, maar net als in Groot-Brittannië zijn de ontheffingsaanvragen daar vorig jaar de pan uitgerezen, aldus een woordvoerder van Financiën. Volgens hem heeft Washington duizenden aanvragen ontvangen waarvan zo’n zeventien procent is ingewilligd.

    ‘Amerikaanse ontheffingen zijn erg specifiek. Anders dan in het VK verschaffen ze mensen nooit toegang tot grote sommen geld voor algemene behoeften,’ zegt David Slim, die als internationaal advocaat zowel Amerikaanse als Britse sanctiegevallen heeft behandeld. Maar in Groot-Brittannië wonen veel meer Russen die op de zwarte lijst staan dan in de Verenigde Staten, en zij vertegenwoordigen een groter deel van de economie. ‘Het VK heeft er belang bij om inschikkelijker te zijn tegenover mensen die vele miljarden in het land hebben geïnvesteerd,’ zegt Slim.

    Sommige van die mensen, zoals Fridman, zijn boos dat Groot-Brittannië hun miljoenen zo gretig heeft geaccepteerd om hun vervolgens de rug toe te keren. Hij en Aven hebben een van Ruslands grootste privébanken opgericht, Alfa Bank. Het tweetal heeft ongetwijfeld geprofiteerd van de relatie van die bank met de Russische staat. Maar de in Oekraïne geboren Fridman heeft sinds zijn verhuizing naar Groot-Brittannië in 2015 nooit meer in Rusland gewoond.

    ‘Sommigen zijn boos dat Groot-Brittannië hun miljoenen zo gretig heeft geaccepteerd om hun vervolgens de rug toe te keren’

    De Verenigde Staten hebben, anders dan Groot-Brittannië en de Europese Unie, beide mannen geen sancties opgelegd maar alleen Alfa Bank aan lichte restricties onderworpen.

    Vóór 2016 volgde Groot-Brittannië voornamelijk het sanctiebeleid van de Europese Unie. Na Brexit richtte de regering er een speciaal bureau voor op, met een team van zo’n 45 mensen. Door de Russische invasie is de politieke relevantie ervan in een stroomversnelling geraakt en is het team gegroeid tot zo’n honderd mensen.

    Ontheffingen kunnen belastingbetalers geld besparen, want zodra een overheid beslag legt op een bezitting is ze verantwoordelijk voor het onderhoud ervan. In het geval van jachten en landhuizen kunnen de kosten daarvan dramatisch oplopen, en een ontheffing kan ervoor zorgen dat het doelwit van de sancties voor verplichtingen betaalt die anders aan de staat zouden toevallen.

    Maar dat verklaart nog niet dat er ontheffing wordt verleend voor het aanhouden van chauffeurs en koks.

  • Ondanks sancties blijft Europa olie van Rusland kopen – en financiert zo de oorlog

    Ondanks sancties blijft Europa olie van Rusland kopen – en financiert zo de oorlog

    Hoewel de EU nieuwe sancties heeft ingesteld tegen de handel in Russische fossiele brandstoffen, blijven Europese tankers olie uit Rusland verschepen – en dus de Russische schatkist vullen. Het land verdient nog steeds ongeveer 640 miljoen euro per dag aan olie, kolen en gas.

    Ondanks een EU-embargo exporteren Europese schepen nog steeds miljoenen tonnen fossiele brandstoffen vanuit Rusland. Zo financieren ze een aanzienlijk deel van de oorlog die Vladimir Poetin in Oekraïne begon. De sancties gelden sinds begin december en zijn bedoeld om Rusland minder te laten verdienen aan de oliehandel met Europa. Ook moeten ze Europese rederijen ontmoedigen om Russische olie naar andere landen te vervoeren.

    Uit nieuw onderzoek van Investigate Europe en Reporters United, in samenwerking met Der Tagesspiegel, blijkt dat het embargo grotendeels zonder effect blijft. Rusland blijft profiteren van de export van fossiele brandstoffen – en Europese bedrijven helpen daarbij. Dit blijkt uit scheepsgegevens die het team van journalisten vijf maanden lang heeft verzameld.

    Uit het onderzoek blijkt dat het gesanctioneerde Russische staatsbedrijf Sovcomflot nog altijd handelspartner van Europa is

    Nadat de sancties begin december werden ingevoerd, hebben Europese vrachtschepen en tankers met een capaciteit van bijna 16 miljoen ton draagvermogen olie, kolen en gas uit Rusland geëxporteerd. De schepen vervoerden ongeveer 40 procent van de fossiele brandstoffen die sindsdien de Russische havens zijn uitgevaren.

    Van alle Europese scheepvaartsmaatschappijen doen Griekse rederijen de meeste zaken met Rusland. Maar ook schepen uit Italië, Noorwegen en Duitsland blijven vanuit Russische havens exporteren. Uit het onderzoek blijkt dat ook het Russische staatsbedrijf Sovcomflot, dat door de EU is gesanctioneerd, nog altijd handelspartner van Europa is.

    Oorlogskas

    Vorig jaar hebben de EU-lidstaten de handel in fossiele brandstoffen vanuit Rusland grotendeels aan banden gelegd. Sinds augustus geldt er een verbod op het vervoer van Russische kolen naar Europa, en sinds begin december mogen bedrijven ook geen Russische ruwe olie meer naar de EU verschepen. Naar andere landen mogen Europese rederijen en handelaren alleen ruwe olie uit Rusland vervoeren als deze landen niet meer betalen dan een maximumprijs, die vooraf door de EU-staten is vastgesteld.

    Ondanks deze embargo’s blijven veel Europese bedrijven goed verdienen aan de handel met Rusland. Of de rederijen en handelaren daarbij gemaakte afspraken overtreden, kan niet worden aangetoond aan de hand van openbare gegevens. Duidelijk is in ieder geval dat ze met hun handel de Russische oorlogskas spekken.

    Volgens openbaar toegankelijke gegevens vervoerden zij geen ruwe olie, maar zogenaamde olieproducten

    Voor het onderzoek analyseerden Investigate Europe en Reporters United de databanken van het Centre for Research on Energy and Clean Air (CREA) en Equasis, leverancier van scheepvaartgegevens.

    Volgens de onderzochte data verlieten tussen 5 december 2022 en 5 januari 2023 in totaal 689 schepen beladen met olie, kolen of gas de Russische havens. Hiervan kwamen 250 schepen uit Europa. De meeste waren gedekt door Europese verzekeraars.

    In de eerste maand na de invoering van de nieuwe sancties hebben binnen de EU vooral Griekse rederijen olie, kolen en gas uit Rusland geëxporteerd. Hun schepen legden in totaal 161 keer aan in Russische havens, met een capaciteit van 12 miljoen ton. Ook Duitse rederijen bleven handel drijven met Rusland: er zijn meer dan twintig gevallen bekend van tankers, met een totale capaciteit van bijna 1 miljoen ton, die vanuit Russische havens fossiele brandstoffen vervoerden.

    De hoeveelheid Russische brandstof die door EU-lidstaten wordt verscheept, is nauwelijks afgenomen

    Onderstaande tabel toont de totale hoeveelheid gas, olie en steenkool die volgens de onderzoeksgegevens tussen 24 februari en eind december vorig jaar vanuit Russische havens naar andere landen is verscheept. De zendingen zijn geordend naar het land waar de betreffende rederij is geregistreerd.
    1. Griekenland                                               135,8 miljoen ton
    2. China                                                          53,8
    3. Verenigde Arabische Emiraten                 35,5
    4. Rusland                                                      18,9
    5. Singapore                                                  17,4
    6. Turkije                                                       17,4
    7. Duitsland                                                   14,2
    8. Japan                                                          12,5
    9. Groot-Brittannië                                        11,3
    10. Monaco                                                     9,9

    Voor zover bekend hebben de Duitse rederijen met hun leveringen niet het embargo geschonden. Volgens openbaar toegankelijke gegevens vervoerden zij geen ruwe olie, maar zogenaamde olieproducten – en de EU zou de handel in bepaalde olieproducten pas begin februari verbieden.

    Onderstaande gegevens hebben betrekking op de export vanuit Russische havens. Het kan daarbij gaan om olie, gas en steenkool, maar ook afgeleide of verwerkte producten. De onderzochte periode loopt vanaf het begin van het embargo (5 december) tot en met 5 januari.

    De in Bremen gevestigde rederij German Tanker Shipping is verantwoordelijk voor vijftien van de twintig transporten. Tegenover Investigate Europe verklaarde een woordvoerder van het bedrijf dat de rederij ‘alle geldende sancties’ naleeft.

    Maar Svitlana Romanko, directeur van de Oekraïense hulporganisatie Razom We Stand, maakt zich zorgen. ‘Ik ben geschokt dat Europese scheepvaartmaatschappijen Russische olie en gas blijven exporteren,’ zegt ze. ‘Ik eis dat de EU-functionarissen die hiervoor verantwoordelijk zijn onmiddellijk uitzoeken of sancties niet zijn nageleefd en of bedrijven hier illegaal hebben samengewerkt met de Russische staat.’

    Het kan zijn dat deze transacties toch legaal waren vanwege een maas in de sancties

    Volgens de data-analyse van Investigate Europe en Reporters United hebben schepen met een totale capaciteit van acht miljoen ton tussen 5 december 2022 en 5 januari 2023 olie, kolen en gas vanuit Russische havens naar Europa geëxporteerd. Sinds begin december vorig jaar geldt een EU-embargo op de invoer van Russische ruwe olie. Maar de analyse wijst uit dat ook na het begin van de sancties in ten minste dertig gevallen ruwe olie vanuit Rusland naar Europa is verscheept. In achttien van die gevallen gebeurde dat met Europese schepen.

    Het kan zijn dat deze transacties toch legaal waren vanwege een maas in de sancties: schepen mogen nog steeds ruwe olie vanuit Russische havens exporteren als die olie oorspronkelijk uit een ander land komt.

    Export via andere landen

    Vanuit Kazachstan worden grote hoeveelheden ruwe olie verscheept naar de Russische havens in Novorossiysk en Oest-Loega. Drieëntwintig van de dertig ladingen ruwe olie die vorige maand de EU bereikten, zijn afkomstig uit Kazachstan. De scheepsterminal in Novorossiysk is onderdeel van het Caspian Pipeline Consortium (CPC), dat via pijpleidingen olie vanuit het westen van Kazachstan naar de haven aan de Zwarte Zee vervoert. De Russische staat heeft 24 procent van dat consortium in handen.

    Naar verluidt blijft de Russische regering naar manieren zoeken om ondanks de sancties toch fossiele brandstoffen naar de EU te kunnen exporteren. De Russische rederij Sovcomflot zou al begonnen zijn een deel van haar vloot over te dragen aan een onderneming die geregistreerd is in de Verenigde Arabische Emiraten. De EU heeft Sovcomflot gesanctioneerd, maar de rederij kan dankzij deze truc handel blijven drijven.

    Vooraanstaande managers van Sovcomflot staan in openbare registers vermeld als bestuurders van de onderneming Sun Ship Management. Die onderneming heeft de afgelopen maand al 39 transporten uitgevoerd, met een capaciteit van 3,2 miljoen ton. Zeven van die verschepingen hadden een haven in de EU als bestemming.

    Rusland verdient nog steeds ongeveer 640 miljoen euro per dag aan export

    Ondanks de EU-sancties blijft Rusland dus enorme hoeveelheden fossiele brandstoffen exporteren. De totale exportcapaciteit is vorig jaar nauwelijks afgenomen, maar tankers uit Russische havens gaan de laatste tijd vaker naar China, India en Turkije in plaats van naar Europa. Waar hun ladingen uiteindelijk terechtkomen, is moeilijk te traceren.

    De EU heeft naast het exportverbod ook een prijsplafond ingevoerd. In januari publiceerde het Centre for Research on Energy and Clean Air een onderzoek waaruit blijkt dat de wereldmarktprijzen van olie en gas weer aanzienlijk zijn gedaald als gevolg van die maatregel. Maar Rusland verdient nog steeds ongeveer 640 miljoen euro per dag aan export.

    Het probleem is volgens deskundigen dat China, India en Turkije, de nieuwe handelspartners van Rusland, zich niet aan dat prijsplafond houden. Bovendien ligt het plafond van 56 euro hoger dan de gemiddelde prijs van Russische ruwe olie. De Oekraïense president Volodymyr Zelensky noemt de regeling dan ook ‘zwak’. Samen met Polen en de Baltische staten heeft hij voor een aanzienlijk lager plafond gepleit.