Iraniërs moeten aangifte doen van verdachte activiteiten
Iran heeft sinds de aanvallen van Israël tientallen mensen gearresteerd op verdenking van spionage. De Islamitische Republiek is bang dat er veel geheime agenten van de Mossad in het land rondlopen. Er is zelfs een man opgehangen onder beschuldiging van spionage, als waarschuwing voor potentiële collaborateurs. Verder heeft het Iraanse regime tientallen mensen in het hele land aangehouden omdat ze online artikelen zouden hebben gedeeld ‘ter ondersteuning van het zionistische regime’, meldt CNN.
De arrestatiegolf komt op een moment dat Teheran nog steeds aan het bijkomen is van de onthulling dat Mossad-agenten wapens Iran binnen hebben gesmokkeld en deze hebben gebruikt om het land van binnenuit aan te vallen. Irans achterdocht is sindsdien zo sterk toegenomen dat het ministerie van Inlichtingen het publiek heeft gevraagd om verdachte activiteiten te melden en richtlijnen heeft uitgevaardigd over hoe ze collaborateurs kunnen herkennen.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Zo dient de bevolking te letten op vreemdelingen die maskers of veiligheidsbrillen dragen, in pick-uptrucks rijden en grote tassen bij zich hebben of filmen in de buurt van militaire, industriële of woonwijken. Ook mensen die hoeden en zonnebrillen dragen en vaak pakketjes per koerier ontvangen, moeten in de gaten worden gehouden. Verder moeten ze aangifte doen van ongebruikelijke geluiden in huizen, zoals geschreeuw, het geluid van metalen apparatuur, voortdurend gebonk, en van huizen waarvan de gordijnen overdag dicht zijn.
De staatsmedia verspreiden een poster die verhuurders adviseert om onmiddellijk de politie te waarschuwen bij verdachte activiteiten. Journalisten mogen geen foto’s maken op straat. De angst voor Israëlische infiltratie versterkt alleen maar de onrust onder de steeds meer geïsoleerd geraakte leiders van de Islamitische Republiek. Iran werd de afgelopen jaren opgeschud door protesten tegen het regime naar aanleiding van het harde optreden van de zedenpolitie tegen vrouwen.
Incidenten bij DHL in Verenigd Koninkrijk en Duitsland
Het Verenigd Koninkrijk en Duitsland onderzoeken of Russische spionnen achter de brandbommen in DHL-magazijnen in Birmingham en Leipzig zitten, dat bericht The Guardian. Beide incidenten vonden eind juli plaats. Het pakketje in het VK was aangekomen in Birmingham via het vliegtuig en het Duitse pakketje stond op het punt om op luchttransport te gaan. Bij beide incidenten zijn geen slachtoffers gevallen, maar ‘het had ernstige gevolgen kunnen hebben als ze tijdens de vlucht waren ontbrand’, schrijft de Britse krant. De Duitse autoriteiten waarschuwden zelfs dat het vliegtuig had kunnen neerstorten als het pakketje in de lucht in brand was gevlogen.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
‘Britse onderzoekers vermoeden dat de brandbommen deel uitmaakt van een bredere campagne die Russische spionnen dit jaar door heel Europa hebben uitgevoerd en die door spionagechefs in het VK en elders als onbezonnen en onzorgvuldig is veroordeeld‘, aldus The Guardian. Zo zou in maart een magazijn in Oost-Londen in brand zijn gestoken door Russische spionnen, net als een winkelcentrum in Warschau in mei. ‘Het ernstigste complot dat aan het licht kwam was een poging om Armin Papperger, de directeur van de Duitse wapenproducent Rheinmetall, te vermoorden. In juli werd bekend dat de Amerikaanse inlichtingendiensten deze plannen om hem te vermoorden hadden verijdeld.’
Europa heeft sinds het begin van de aanvalsoorlog tegen Oekraïne bijna vijfhonderd Russische diplomaten uitgewezen en vier consulaten in Duitsland zijn gesloten. Maar Moskou laat zich niet zo gemakkelijk van informatie afsluiten. Het Kremlin verlegt zijn kanalen – bijvoorbeeld in Bonn en in Wenen.
Het Palais Hohenzollern aan de Maria-Theresia-Straße in de chique wijk Bogenhausen in München heeft betere dagen gekend. De rolluiken op de begane grond van het honderdtwintig jaar oude, prachtige gebouw zijn naar beneden gelaten, er staat een afgedankte koelkast bij de achterdeur en het bronzen uithangbord van de voormalige huisbaas is losgeschroefd. De afdrukken van bloedrode verfzakken op de okergele gevel en de verwelkte bloemen ter nagedachtenis aan de slachtoffers van de terroristische aanslag in de buurt van Moskou zijn de enige tekenen dat het consulaat van de Russische Federatie hier tot begin dit jaar gehuisvest was. Tegen de muur op de binnenplaats staan twee bezems, alsof de consul en zijn personeel zijn weggeveegd.
Toch was het Russische consulaat in München ooit een kind van de vrede, van glasnost en perestrojka. In juli 1986 kwamen de toenmalige minister van Buitenlandse Zaken van de Sovjet-Unie, Eduard Shevardnadze, en zijn Duitse ambtgenoot, Hans-Dietrich Genscher, in Münster plechtig overeen om de diplomatieke betrekkingen tussen de twee landen uit te breiden – en nog meer vertegenwoordigingen te openen.
IJstijd
Vandaag, bijna veertig jaar later en twee jaar na het begin van de Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne, heerst er een diplomatieke ijstijd tussen de twee landen. Vorig jaar beperkte Moskou het aantal Duitse diplomaten, leraren en medewerkers van politieke stichtingen en van het Goethe-Institut tot driehonderdvijftig personen.
De Duitse regering reageerde prompt: Rusland moest rond de jaarwisseling zijn vertegenwoordigingen in München, Frankfurt, Hamburg en Leipzig sluiten. Sindsdien wordt Rusland in Duitsland alleen nog vertegenwoordigd door de ambassade in Berlijn, Unter den Linden, en het consulaat-generaal in Bonn. Met gevolgen voor het consulaire werk – maar ook voor de spionnen van Moskou.
Volgens onderzoek van Süddeutsche Zeitung, WDR en NDR zijn er nu nog maar ongeveer twintig Russische agenten geaccrediteerd als diplomaat in Duitsland – voor de oorlog in Oekraïne waren dat er ongeveer honderd. De Duitse regering heeft in april 2022 veertig Russische diplomaten uitgewezen. Het jaar daarop werden nog eens dertig Russische ambassademedewerkers tot ongewenst personeel verklaard – de meesten van hen waren waarschijnlijk agenten. Ze moesten Duitsland binnen een paar dagen verlaten. Ondertussen zou de voorzitter van het bureau voor de bescherming van de grondwet, Thomas Haldenwang, een weddenschap hebben afgesloten met zijn Britse collega over wie uiteindelijk meer Russische spionnen het land uit zou zetten.
Spionnen die voorheen op ambassades in Afrika werden ingezet, worden nu in Europa geplaatst
Het is onwaarschijnlijk dat de overgebleven Kremlin-agenten in staat zijn om complexe inlichtingenoperaties uit te voeren, vooral omdat de Duitse veiligheidsautoriteiten denken dat ze een goed overzicht hebben over deze overgebleven personeelsleden. De als diplomaten geaccrediteerde spionnen zijn beschermd tegen vervolging en worden daarom gebruikt om bronnen te werven en informatie te verzamelen uit de politiek, het bedrijfsleven, de wetenschap en het leger.
Volgens de vuistregel onder defensie-experts is tot een derde van het diplomatieke personeel van Rusland daadwerkelijk op geheime missies. Dit betekent dat Poetins geheime diensten het nu met veel minder agenten moeten doen. Het Kremlin heeft hier echter op gereageerd – en heeft onlangs gekozen voor een ‘robuustere aanpak’, zoals defensie-experts het omschrijven: ‘Ze gebruiken momenteel alle opties die ze tot hun beschikking hebben.’
Moskou vertrouwt steeds meer op wat inlichtingendiensten hybride oorlogvoering noemen. Ze onderscheppen vertrouwelijke gesprekken en publiceren die, zoals onlangs het geval was met het zogenaamde Taurus-lek, ze vervalsen nieuwswebsites om desinformatiecampagnes te lanceren. Of ze bestoken socialemediakanalen met propaganda met behulp van zogenaamde bots. In Polen en Tsjechië werden onlangs ook netwerken voor het uitoefenen van politieke invloed blootgelegd – naar verluidt met inbegrip van steekpenningen aan politici, waaronder die van de AfD.
Traditie
Het inlichtingenapparaat van het Kremlin gebruikt nu andere methoden om het door Duitsland uitgewezen personeel te vervangen. Spionnen die voorheen op ambassades in Afrika werden ingezet, worden nu in Europa geplaatst – veel agenten opereren nu gewoon vanuit Oostenrijk. Wenen werd altijd al beschouwd als een broeinest van Russische inlichtingendiensten. Het is geen wonder dat voortvluchtig Wirecard-bestuurslid en vermoedelijk Russisch spion Jan Marsalek blijkbaar dubbelagenten heeft in de Oostenrijkse inlichtingendienst.
In tegenstelling tot de meeste Europese landen heeft de regering in Wenen vrijwel geen Russisch ambassadepersoneel uitgewezen sinds het begin van de oorlog in Oekraïne. Tot nu toe hebben slechts acht spionnen het land moeten verlaten – hoewel er naar schatting wel honderd agenten als diplomaat geaccrediteerd zijn in Wenen. Naar verluidt zijn er tot zevenduizend inlichtingenagenten van alle kleuren in de Alpenrepubliek gelegerd.
Onlangs waarschuwde de Nederlandse inlichtingendienst dat Moskouse agenten met valse biografieën en vermomd als zakenmensen of bedrijfsmedewerkers werden binnengesmokkeld. Daarnaast vertrouwt Rusland blijkbaar ook steeds meer op helpers en informanten die geen directe connectie hebben met de Russische staat – de samenwerking tussen de drie diensten FSB (binnenlands), GRU (buitenlands) en SWR (militair) met vertegenwoordigers van de georganiseerde misdaad is bijna een traditie.
In het diplomatieke getouwtrek over de resterende officiële vertegenwoordigingen in Duitsland was Rusland vastbesloten om vast te houden aan de locatie in Bonn. In Duitse veiligheidskringen wordt aangenomen dat dit vooral te maken heeft met de nabijheid van Hardthöhe, waar nog steeds een groot deel van het federale ministerie van Defensie is gevestigd. De voormalige Duitse hoofdstad is ook de thuisbasis van veel internationale organisaties, waaronder de VN, waarvan het werk interessant is voor Moskou.
Op het dak van het consulaat in Bonn of de ambassade in Berlijn vermoeden inlichtingenofficieren allerlei soorten bewakingstechnologie
Tegelijkertijd kan personeel vanuit Bonn snel buurlanden als Frankrijk, Nederland en Luxemburg bereiken. En Brussel. Als zetel van de Europese Unie en de NAVO is de stad een van de belangrijkste spionagedoelwitten van Moskou. Lange tijd hielden de Belgische autoriteiten de Russische agenten in de gaten, maar nu verdedigen ze zich steeds meer tegen het gesnuffel van Moskou. De agenten uit Bonn staan echter niet noodzakelijkerwijs op de radar van de Belgische diensten.
Duitse veiligheidsdiensten zijn er ook van overtuigd dat Moskou zich sinds de sluiting van de consulaten steeds meer richt op technische verkenning: onder de vele superstructuren op het dak van het consulaat in Bonn of de ambassade in Berlijn vermoeden inlichtingenofficieren allerlei soorten bewakingstechnologie en systemen voor informatie-uitwisseling met andere Russische locaties.
Het belang van de technologie onder de superstructuren werd onlangs aangetoond in Frankfurt: het consulaat daar zou uitgebreid zijn verbouwd en zijn ontmanteld voordat het werd gesloten. De apparatuur van de Russische vertegenwoordiging daar werd blijkbaar verplaatst naar Bonn. Het klopt dat bijna al het Russische technische personeel samen met de uitgewezen diplomaten de Bondsrepubliek moest verlaten. Maar de bewakingstechnologie kan blijkbaar ook vanuit Moskou worden aangestuurd – met de afstandsbediening.
De software zou gebruikt worden om klanten te bespioneren
De Verenigde Staten hebben donderdag aangekondigd dat de Russische antivirussoftware Kaspersky niet langer verkocht of geüpdatet mag worden in de Verenigde Staten. Deze beslissing komt na ‘jarenlange waarschuwingen van de Amerikaanse inlichtingendiensten dat Kaspersky een bedreiging vormt voor de nationale veiligheid’, omdat Moskou de software waarschijnlijk gebruikt ‘om zijn klanten te bespioneren’, legt Wired uit.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Het verbod gaat in op 20 juli voor het op de markt brengen van de software en op 29 september voor updates. Het gebruik ervan was al sinds 2017 verboden bij federale instanties. Kaspersky claimt wereldwijd meer dan 400 miljoen gebruikers en 270.000 zakelijke klanten te hebben.
Hij zou voor de CIA een tankfabriek bespioneerd hebben
Evan Gershkovich, ‘de eerste Amerikaanse journalist sinds de Koude Oorlog die is gearresteerd wegens spionage in Rusland’, moet terechtstaan in de Russische stad Jekaterinenburg. Er is een officiële aanklacht tegen hem ingediend die donderdag is bevestigd door het Russische Openbaar Ministerie, meldt CNN. De 32-jarige journalist van The Wall Street Journal wordt door Moskou beschuldigd van het bespioneren van een tankfabriek voor de CIA in 2023.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
‘Als hij wordt veroordeeld, kan hij tot twintig jaar gevangenisstraf krijgen’, aldus de Amerikaanse zender. ‘Deze beschuldigingen hebben nul geloofwaardigheid,’ zei woordvoerder Matthew Miller van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken, die opnieuw opriep tot de ‘onmiddellijke’ vrijlating van de journalist.
Maximilian Krah zou betalingen van de landen hebben ontvangen
De Duitse justitie is woensdag twee vooronderzoeken gestart tegen Europarlementariër Maximilian Krah van de extreemrechtse partij Alternative für Deutschland (AfD). Dat schrijft Deutsche Welle. Krah zou betalingen uit Rusland en China ontvangen hebben voor zijn werk in het parlement.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro
De onderzoeken verhogen de druk op Krah om af te treden als de kandidaat van de AfD bij de EU-verkiezingen in juni. Eerder deze week arresteerde de Duitse politie een van Krahs parlementaire medewerkers op verdenking van spionage voor China.
In januari zou deze medewerker informatie over onderhandelingen en besluiten in het Europees Parlement hebben doorgespeeld aan de Chinezen. Hij zou daarnaast Chinese oppositiefiguren in Duitsland hebben bespioneerd voor de Chinese inlichtingendienst.
Noord-Korea heeft met succes een militaire spionagesatelliet in de ruimte gebracht, nadat twee eerdere pogingen dit jaar mislukten. Dat meldt de BBC. De succesvolle lancering volgt op een ontmoeting tussen de Russische president Vladimir Poetin en de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un in september, waarbij Poetin hulp aanbood bij het Noord-Koreaanse ruimteprogramma.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Volgens Zuid-Korea heeft Noord-Korea hulp gehad van Rusland bij de lancering. De lancering werd veroordeeld door de VN, die sancties handhaven tegen Noord-Korea omdat het land nucleaire raketten zou ontwikkelen. Het Witte Huis noemde de actie een ‘brutale schending’ van VN-resoluties, en Japan spreekt van ‘een zeer ernstige zaak die de veiligheid van ons volk ernstig in gevaar brengt’.
Na de lancering kondigde Zuid-Korea aan dat het de bewaking langs de grens met het Noorden zou hervatten, waardoor de relatie tussen de twee landen weer lijkt te verharden na enkele jaren van positieve signalen. Of de satelliet al operationeel is, is niet bekend.
Voor inwoners van Kirkenes, op de grens van Noorwegen en Rusland, is spionage een alledaags gegeven. ‘Iedereen heeft wel een buurman, een vriend, iemand van de sportclub of een ouder van de kleuterschool die bij de militaire inlichtingendienst werkt.’
Frode Berg werkt bij de douane en staat op het punt met pensioen te gaan, als hij in 2014 voor het eerst wordt gerekruteerd door de Noorse inlichtingendienst (NIS). Berg is gestationeerd in Kirkenes, een stad met 3500 inwoners, gelegen tussen de dennenbossen en rotsachtige fjorden in het noorden van Noorwegen, op zo’n acht kilometer van de Russische grens. Kirkenes staat bekend om twee dingen: koningskrab en spionnen. Berg weet dan ook van de activiteiten van de NIS. Zijn baan brengt hem vaak naar Rusland en in de loop der jaren leerde hij een handjevol NIS-ambtenaren kennen, waaronder de functionaris die hem om zijn medewerking vraagt. Maar nooit eerder is hij gevraagd om namens de Noorse overheid risico’s te nemen. Nu wil de functionaris dat hij een envelop met 3000 euro in contanten over de grens brengt en vandaar naar een adres in Moskou verzendt. Een kort uitstapje naar Rusland is voor hem niet ongewoon, dus stemt Berg ermee in. ‘Ik zeg overal ja op,’ vertelt hij me.
In de daaropvolgende maanden reist Berg zes keer naar Rusland met enveloppen vol geld, die hij volgens de instructies op de post doet. In elke envelop zit een briefje waarop staat dat het geld gewonnen is met pokeren. Na verloop van tijd krijgt Berg een nieuw contactpersoon en worden de verzoeken veeleisender. Het gaat niet meer alleen om het vervoeren en opsturen van geld, maar hij moet ook een keer een geheugenkaart smokkelen. Bij elke afspraak voelt Berg zich ongemakkelijker worden. Meer dan eens probeert hij ermee te stoppen, maar zijn nieuwe contactpersoon blijft aandringen. Uiteindelijk stemt hij in met een laatste opdracht.
Tijdens die laatste opdracht, vlak voor Kerstmis 2017, wordt zijn ergste angst bewaarheid: hij wordt bij zijn hotel in Moskou opgepakt door de FSB, de Russische binnenlandse veiligheidsdienst. FSB-agenten brengen hem naar de beruchte Lefortovo-gevangenis.
Afluisterposten
Tijdens het proces maken de Russen duidelijk wat zijn opdrachtgevers hem niet hadden verteld: de geheugenkaart blijkt vragen te bevatten over onderzeese wapensystemen. En de ontvanger van het geld dat Berg postte – een werknemer op een scheepswerf van de staat – blijkt een dubbelagent te zijn. In 2019 wordt Berg schuldig bevonden aan spionage. Zeven maanden later keert hij bij een gevangenenruil naar huis. Als hij in Oslo landt, zijn de eerste woorden die hij zich herinnert afkomstig van een ambtenaar van het ministerie van Defensie. ‘Welkom thuis,’ zegt de ambtenaar. ‘We bieden je vier miljoen kronen [bijna 350.000 euro].’
Bergs verwikkeling in de plaatselijke spionagescene – zo vernam ik tijdens mijn bezoek aan Kirkenes in mei – is een ervaring die, zij het in minder extreme mate, door veel inwoners wordt gedeeld. ‘Iedereen in Kirkenes heeft wel een buurman, een vriend, iemand van de sportclub of een ouder van de kleuterschool die bij de militaire inlichtingendienst werkt,’ zegt Thomas Nilsen, redacteur van de regionale krant Independent Barents Observer. Kirkenes en de omliggende regio zijn al tientallen jaren van strategische waarde voor de NAVO. Afluisterposten staan verspreid in het ruige landschap om het reilen en zeilen bij de buren in de gaten te houden. Rusland heeft verschillende militaire bases in het gebied, waaronder het hoofdkwartier van de Noordelijke Vloot. De oorlog in Oekraïne heeft de elektronische afluisterpraktijken dringender en, voor Rusland, ongewenster gemaakt. De stemming in de stad is sinds de invasie veranderd. Volgens burgemeester Lena Bergeng is spionage ‘nu meer een dagelijks thema in de gemeenschap. Voorheen dachten we er niet over na, nu is iedereen zich ervan bewust’.
Inwoners die regelmatig de grens oversteken, worden al sinds mensenheugenis benaderd door Noorse inlichtingenofficieren (sinds het begin van de oorlog is het aantal mensen dat de grens oversteekt verminderd). Een debriefing – de vraag om informatie over Rusland aan inwoners die net Rusland hebben bezocht – komt het meest voor. Voor de meesten zijn dat onwelkome vragen. De potentieel beste bronnen zijn ook diegenen die het meest bedreigd kunnen worden door de samenwerking – mensen met zakelijke belangen of persoonlijke connecties in Rusland. Rune Rafaelsen, de voorganger van Bergeng als burgemeester, zegt dat inwoners van Kirkenes die in Rusland werkten vaak radeloos naar zijn kantoor kwamen na contact met Noorse inlichtingenofficieren. Verzoeken konden ingrijpend en riskant zijn. In één geval, herinnert Rafaelsen zich, vroegen agenten van de NIS – die weigerde commentaar te geven op dit verhaal – de eigenaar van een bedrijf met kantoren in Moermansk om een van hen in dienst te nemen, als dekmantel.
Tot hun verbijstering en irritatie worden inwoners van Kirkenes soms benaderd door zowel de NIS als de PST, de binnenlandse veiligheidsdienst van Noorwegen. Agenten van de ene dienst komen langs, stellen vragen en vertrekken weer, en kort daarna arriveren agenten van de andere dienst en herhaalt het proces zich. ‘Het wordt vervelend om steeds dezelfde vragen te moeten beantwoorden,’ zegt journalist Bård Wormdal, wiens nieuwe boek Spionkrigen [Spionnenoorlog] spionage in arctisch Noorwegen beschrijft.
Ook de Russen hebben hun agenten onder de inwoners van Kirkenes
Bijna iedereen in Kirkenes weet wie de spionnen zijn. ‘Als iemand zegt dat ie in het leger werkt,’ zegt Torbjørn Brox Webber, een Lutherse priester die in Kirkenes woont, ‘en jij vraagt wat ie daar precies doet, en diegene begint over het weer te praten, dan weet je genoeg.’
Ik bezocht Kirkenes aan het begin van de zomerzonnewende. De stad straalde geheimzinnigheid uit die past bij de clandestiene activiteiten die er plaatsvinden. Overdag was er weinig verkeer in de door de zon gebleekte straten; ’s nachts wierp het schemerige licht een griezelige sluier over de rode, blauwe en gele huisjes rond het fjord.
Ik ontmoette Berg op een ochtend aan het fjord, voor mijn hotel, waar hij me over zijn ervaringen zou vertellen. Hij oogt oprecht en opa-achtig en kijkt met mededogen naar zijn medemensen, zelfs naar de Noorse inlichtingenofficieren die er verantwoordelijk voor zijn dat hij twee jaar in een gevangenis in Moskou zat.
We zochten een plek in de verlaten hotelbar – Berg wilde uitzicht op de ingang, met de rug naar de muur –, en ik ging koffie voor ons halen. Tot mijn schrik trof ik zijn stoel leeg aan toen ik terugkwam. Ik dacht dat ik per ongeluk iets had aangeroerd wat zijn argwaan had gewekt. Was hij gedrogeerd? Waren onze drankjes vergiftigd, of zelfs bestraald? Dat zijn tenslotte allemaal zaken die niet uitsluitend in spionagefilms voorkomen. Ik stond nog met onze mokken in de hand de situatie te overdenken, toen ik Berg terug zag komen van zijn auto. Hij was vergeten zijn mobiele telefoon daarin achter te laten, zei hij. Het was een gewoonte die hij had ontwikkeld voor wanneer hij nieuwe mensen ontmoette, vanwege de vele veiligheidslekken in moderne smartphones. Het was niets persoonlijks.
Ook de Russen hebben hun agenten onder de stedelingen. Toen ze Berg ondervroegen, vertelden FSB-officieren wat ze allemaal niet over Kirkenes wisten, tot aan het privéleven van individuele NIS-functionarissen toe. Tot Bergs verbazing wisten ze zelfs over alcoholproblemen in de familie van een van zijn opdrachtgevers, een detail dat de man zorgvuldig had stilgehouden. Andere Noren die door de FSB waren ondervraagd, hadden soortgelijke onthullingen gedaan. In één geval lieten Russische inlichtingenofficieren een Noor in hechtenis een foto zien van de woonkamer in een flat op de derde verdieping in Kirkenes – hij nam aan dat die door een drone gemaakt moest zijn.
Paranoia
Journalisten begonnen voor het eerst over deze gebeurtenissen te schrijven rond de tijd dat naar buiten kwam dat Berg voor de NIS had gewerkt. De inwoners van Kirkenes reageerden verbaasd. Hoe kon het dat de Russische inlichtingendienst zo vrij kon opereren? Paranoia begon de overhand te krijgen en belemmerde de bereidwilligheid om samen te werken met de Noorse autoriteiten. Eén inwoner, vertelde Rafaelsen, besloot na een debriefing door Noorse inlichtingenofficieren om helemaal geen zaken meer over de grens te doen, uit angst dat de FSB er anders achter zou komen en hem zou arresteren. Moskou heeft genoeg mogelijkheden om te rekruteren in de omgeving van Kirkenes, waar tegenwoordig meer dan driehonderdvijftig Russen wonen en een enkele Noorse informant.
De spionnen hoeven niet eens aan de Noorse kant van de grens te wonen. In 2019 bezocht een delegatie van Russisch-orthodoxe priesters Kirkenes in het kader van een stedenband met Severomorsk, waar het hoofdkwartier van de Russische Noordelijke Vloot is gevestigd. Ze toonden belangstelling in een enigszins onverwacht onderwerp: het beheer van het lokale drinkwater. Hun bereidwillige gastheren toonden een pompstation bij de haven, aldus Nilsen, de redacteur van de krant. Twee van de priesters vroegen vervolgens of ze het waterreservoir mochten zien, dat een paar kilometer buiten de stad ligt. In eerste instantie stemden de plaatselijke ambtenaren toe. Maar de politiechef was minder enthousiast. Ze twijfelde of het wel een wijs plan was en uiteindelijk schrapten de begeleiders van de delegatie de excursie. (Ook de stedenband werd later verbroken.)
Er waren genoeg redenen om sceptisch te zijn over de bedoelingen van de priesters: over banden tussen de orthodoxe kerk en de Russische veiligheidsdiensten bestaat veel informatie, en sommigen in Kirkenes veronderstelden dat de priesters de drinkwatervoorziening van de stad in kaart wilden brengen: nuttige informatie voor duistere scenario’s. Anderen dachten dat het verzoek minder snoodaardig bedoeld was. Volgens geestelijke Brox Webber was infrastructuur een centraal gespreksonderwerp toen hij een paar jaar geleden Russische grenssteden bezocht. Het barre Arctische klimaat bemoeilijkt de voorziening van de meest elementaire moderne gemakken, zoals stromend water en verwarming. ‘Ik zeg niet dat het er niet bedenkelijk uitzag,’ zegt hij over de priesters, ‘maar op een plek als deze zijn mensen per definitie erg geïnteresseerd in infrastructuur.’
Gemeenschapsgevoel wordt ingeruild voor het schaduwen van vijanden die vaak niet blijken te bestaan
Het incident illustreert de dubbelzinnigheid van de spionagespelletjes in dit grensgebied. Er bestaat genoeg echte spionage, en het bagatelliseren van de dreiging kan inlichtingendiensten van de tegenpartij in de kaart spelen. Toegeven aan paranoia brengt echter ook risico’s met zich mee: overbodige of abusievelijke waarschuwingen ondermijnen de inspanningen om het gevaar van echte spionnen te ontdekken. Sociaal vertrouwen en gemeenschapsgevoel worden ingeruild voor het schaduwen van vijanden die vaak niet blijken te bestaan. De lokale bevolking heeft zo zijn vermoedens over wie er met de FSB samenwerkt, maar de meesten proberen de gekte te voorkomen die kan ontstaan als dat soort gedachten wortel schiet.
‘Als je denkt dat elke Rus hier in Kirkenes een spion is, dan ben je een angsthaas,’ zegt Webber. Ook Gunnar Reinholdtsen, die twee decennia als hoofd van de NIS-vestiging werkte voordat hij drie jaar geleden met pensioen ging, maakt zich er niet al te veel zorgen over. ‘In de dienst wordt het wel gezien als een zorg,’ zegt hij. ‘Er wordt gezegd: “In Kirkenes, daar zijn veel te veel Russen.” Maar er zijn meer Russen in Oslo.’
Russische vissersvloot
Toen ik er arriveerde, was Kirkenes een van de weinige havens in Europa die na de invasie van Oekraïne open bleven voor de Russische vissersvloot. De haven domineert de waterkant: een betonnen strook van een kilometer lang vol met pakhuizen en bezaaid met hoge stapels fuiken voor de koningskrab. Een half dozijn gammele pieren steekt uit in het fjord. In normale tijden deden boten de haven zo’n achthonderd keer per jaar aan; ongeveer de helft daarvan betrof het Russische vissersschepen die aanmeerden voor wisseling van de bemanning, bevoorrading of reparaties. Nu de Russische dagjesmensen zijn verdwenen, is de lokale economie meer dan ooit afhankelijk van deze vissersboten. Een paar dagen voor mijn aankomst leek een verandering van het sanctiebeleid in Oslo erop te wijzen dat scheepswerven helemaal niet meer aan Russische trawlers zouden mogen sleutelen – een stap waardoor de dokken in Kirkenes vrijwel geheel dreigen te sluiten.
De Russische boten brengen geld in het laatje, maar tegen de tijd dat ik er op bezoek was, was de relatie met hen verzuurd. Burgemeester Bergeng schrijft die verandering niet alleen toe aan de Russische invasie in Oekraïne, maar ook aan Skyggekrigen [De Schaduwoorlog], een driedelige documentaire geproduceerd door de nationale omroepen van Noorwegen, Zweden, Denemarken en Finland, waarin wordt beweerd dat veel Russische vissers- en onderzoeksschepen hetzij dubbelspel spelen als spion, hetzij de basis leggen voor toekomstige sabotage.
‘Ze testen de Noorse autoriteiten. Hoe ver kun je gaan voordat de politie ingrijpt?
Russische vissers die Kirkenes aandoen, gedroegen zich de laatste tijd inderdaad vreemd. Afgelopen zomer werd een bootje van een trawler in het water gegooid en vervolgens op de motor naar de Strømmenbrug gevaren, een verboden militaire zone. In januari liepen twee vissers door de stad in kleding die veel leek op Russische militaire uniformen, wat de kapitein van het schip een standje opleverde van de plaatselijke politie. Kirkenes kan worden omschreven als een soort laboratorium, zegt Nilsen, de redacteur van de krant. ‘Ze testen de Noorse autoriteiten. Hoe ver kun je gaan voordat de politie ingrijpt? Wat zal Noorwegen accepteren?’
Op 17 mei viert Noorwegen de Dag van de Grondwet. Noren halen dan hun bunads tevoorschijn – versierde wollen outfits waarin ze eruitzien als negentiende-eeuwse boeren die naar de kerk gaan – en daarin marcheren ze met de nationale vlag door de stad en begroeten elkaar met een vrolijke wens die normaal gesproken alleen wordt gebruikt om iemand een ‘gelukkige verjaardag’ te wensen. Het weer was die dag omgeslagen en in de regen zocht ik beschutting in een paviljoen in het park. Ik had gehoord dat Russische vandalen het paviljoen hadden beklad met pro-oorloggraffiti, maar tegen de tijd dat ik daar aankwam, was die al weg.
Een paar minuten later strompelen twee vrouwen van middelbare leeftijd de trappen van het paviljoen op. Ze spreken Russisch op gedempte toon. De ene is tenger en springerig, de capuchon van haar jas strak over haar haar getrokken. Haar metgezel daarentegen ziet er bedaagd en deftig uit. Ze lijken me eerst niet op te merken, maar halverwege de trap geeft de eerste vrouw haar vriendin een por en ze lijkt in een rol te schieten. ‘Oh, gelukkige verjaardag,’ zei ze, in gebrekkig Noors. Het valt me op dat de vrouwen allebei een Noorse vlag vasthouden. Ik vraag hun of ze naar de ochtendoptocht van de kinderen zijn geweest. De eerste vrouw kijkt nerveus. Haar vriendin schudt het hoofd. Er blijft een stilte hangen. Uiteindelijk strekt de tweede vrouw haar handpalmen uit en zegt in gebroken Noors: ‘We zijn gewoon twee oude dames.’ Het klinkt een beetje raar, alsof ze m’n wantrouwen – dat ik overigens geenszins had getoond – wilden wegnemen.
Stilaan houdt het op met regenen, en ik laat de twee vrouwen achter terwijl ze zachtjes met elkaar praten in het paviljoen. Als ik omkijk, staren ze in mijn richting en lijken ze te overleggen. De ontmoeting stelt me niet op mijn gemak, en ik besluit een rondje door de buurt te maken.
Als ik terugkom, zijn de twee vrouwen verdwenen en hebben ze plaatsgemaakt voor een jongere vrouw met roestkleurig haar. Ze zit op een bankje en kijkt gebiologeerd naar haar telefoon, alsof ze met een belangrijke boodschap bezig is. Als ze merkt dat ik de trappen van het paviljoen beklim, stopt ze haastig haar telefoon in een hoesje en staart me aan. Ik besef dat ik iets belangrijks heb verstoord. Ik begroet haar in het Noors, maar het enige wat ik terugkrijg, is haar aanhoudende, onverstoorbare blik.
Verdachte figuren
Tijdens de wandeling terug naar mijn hotel krijg ik het gevoel dat ik een van de vrouwen – de deftige – al eens eerder heb gezien. Al snel vind ik haar in mijn dossier met informatie, op screenshots van de Twitter-tijdlijn van het Russische consulaat. Daar is ze te zien bij een controversiële herdenking van de rol van de Sovjet-Unie bij het verdrijven van de nazi’s uit Noorwegen, die een week eerder was gehouden bij een monument van een zegevierende Sovjetsoldaat op een heuveltop in het centrum van Kirkenes. De ceremonie was een wat rommelige en overdreven patriottistische aangelegenheid. Een paar Russen verwijderden een plaquette die de standrechtelijke executie van een Oekraïense krijgsgevangene memoreerde. Ik bekijk de tijdlijn van het consulaat nog eens en stuit op een ander bekend gezicht: de vrouw met het roestkleurige haar. Ze hield afgelopen herfst een boeket rozen vast bij een herdenking van de Tweede Wereldoorlog.
Ik wist niet wat het allemaal betekende. Waarschijnlijk niets. Of toch wel? Zou het kunnen dat ik na een paar midzomerdagen en ondergedompeld in de spionageverhalen van Kirkenes ook was bezweken aan paranoia en wantrouwen? Er was niet veel tijd meer om verder onderzoek te doen – ik zou de volgende ochtend vertrekken – maar ik wilde weten of ik een van mijn paviljoengangers tegen zou komen bij de middagparade. Dat was niet het geval, maar de parade kreeg wel een mysterieus tintje. Volgens Rafaelsen, de voormalige burgemeester, waren agenten van de PST-contraspionage op pad, om in de gaten te houden wie van de lokale bevolking bevriend was met de Russen. ‘Ik ken ze heel goed,’ zei Rafaelsen over de agenten. ‘Het zijn echte familiemensen.’
Maar op deze dag, een feestdag die de Noren traditioneel met familie doorbrengen, liepen de agenten moederziel alleen door de stad. Rafaelsen herkende een van hen als de agent die hem een jaar eerder had ondervraagd over zijn reizen naar het buitenland en zijn buitenlandse contacten, en realiseerde zich dat zij hem leek te volgen. Hij lachte haar uit en liep door.
Voor de lokale bewoners horen dit soort ontmoetingen gewoon bij het leven. Maar als bezoeker vond ik de surveillance wel wat zenuwslopend. Tijdens mijn wandeling door de stad eerder op die dag, had ik een aantal individu’s zien rondlopen in donkere pakken – de standaard 17-meikleding voor degenen die niet in een bunad gekleed gaan. Waren dat agenten van de contraspionage? En wat zouden ze denken van mijn ontmoetingen in het paviljoen? Het was een bruikbare herinnering aan het belangrijkste obstakel om inlichtingen te kunnen verzamelen in een stadje zo klein als Kirkenes: op plekken als deze is het moeilijk om iets geheim te houden.
Als NAVO-land met een hoogwaardige technologiesector en banden met Afrika staat Portugal in de belangstelling van onder meer de Iraanse, Chinese en Russische geheime dienst. Die interesse dateert niet van gisteren.
Een vierdaagse reis in juni 2014 naar Isfahan, de derde stad van Iran, bracht João F. op het netvlies van de Amerikaanse geheime dienst. In gezelschap van een Turkse ondernemer had de ingenieur uit Lissabon een ontmoeting met ene Reza. Het doel was zakelijk: de installatie in Iran van twee grote Duitse machines voor het slijpen van lenzen. Het betrof het eerste in een reeks Europese en Noord-Amerikaanse contracten voor de levering van hoogwaardige technologie – technologie die in de ogen van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken geschikt was voor militaire toepassingen.
Het Amerikaanse wantrouwen groeide toen de Portugees ten westen van Lissabon een kleine hangar huurde om de machines tussentijds in op te slaan, alvorens ze via ‘complexe zeeroutes’, over Turkije en China, naar Isfahan te verschepen. Twee jaar later werd een machine die het bedrijf van João F. van New York naar Lissabon moest overbrengen, onderschept op JFK Airport. De angst bestond dat het apparaat in Iraanse handen zou vallen. Een paar maanden later werd João F. in de Verenigde Staten gearresteerd op verdenking van ‘criminele samenzwering’. Hij kwam weer vrij, zijn huidige verblijfplaats is onbekend.
Verspieders te huur in het Verenigd Koninkrijk
In een langetermijnonderzoek dat in maart werd gepubliceerd, besteedt The Sunday Times hernieuwde aandacht aan een zorgwekkende trend in het Verenigd Koninkrijk: het overlopen van militairen en geheime agenten naar de privésector.
‘Op kosten van de belastingbetaler zijn deze spionnen, militairen en agenten door de Britse staat opgeleid in het uitvoeren van clandestiene operaties,’ schrijft de zondagskrant. ‘Eenmaal in de privésector beland slaan ze munt uit deze vaardigheden door ze in te zetten ten behoeve van autocratische staten, oligarchen en rijke bedrijven. Ze schaduwen auto’s, regelen nepsollicitatiegesprekken, stelen privédocumenten uit prullenbakken en kopen getuigen om – allemaal extreme methoden om peperdure gerechtelijke procedures te doen omslaan in het voordeel van de opdrachtgever.
‘De rechtbanken van Londen zijn het epicentrum van de industriële spionagesector,’ stelt het conservatieve weekblad. ‘Die vormen tegenwoordig een internationaal centrum van juridische geschillen. De klanten van deze detectivebedrijven zijn machtige buitenlandse actoren, van bedrijven tot staten, die zich het volledige arsenaal aan moderne gerechtelijke procedures kunnen veroorloven.’ Het enige doel: koste wat het kost winnen. ‘Zo kan het gebeuren dat Britse rechtbanken stukken accepteren die onder dubieuze omstandigheden zijn verkregen,’ stelt The Sunday Times vast.
Bezorgde Britse parlementsleden zijn nu van plan de sector aan banden te leggen door middel van een wetsvoorstel dat in januari is ingediend.
Een document dat dit jaar door de Portugese geheime dienst werd gepubliceerd, verwijst indirect naar deze zaak: ‘Er zijn verdenkingen van aankopen op het nationaal grondgebied die verband houden met programma’s voor massavernietigingswapens.’ Aankoop van materiaal dus dat kan worden gebruikt voor nucleaire doeleinden. Bepaalde landen, zo gaat het verder, verwerven op discrete wijze ‘materiaal, apparatuur en technologieën voor duale toepassing, en van gevoelige aard, die ook kunnen worden gebruikt voor clandestiene militaire projecten’. Lege vennootschappen in Iran, Syrië en Pakistan zouden een rol spelen in deze transacties, aldus het document, alsook ‘diverse tussenpersonen in het buitenland’ die ‘risicovolle zaken’ afhandelen.
Tevens maakt het rapport melding van een nieuw fenomeen: de belangstelling van studenten en wetenschappers uit ‘prolifererende landen’ (met een nucleair programma) voor allerlei universitaire en wetenschappelijke cursussen en evenementen in Portugal, wat ‘een risico’ zou kunnen betekenen op ‘overdracht van gevoelige kennis’.
Sinds de publicatie van het rapport is dit fenomeen toegenomen, volgens bronnen rondom de inlichtingendiensten. Iran heeft een vinger in de pap gekregen op technische universiteiten en manipuleert onderzoekers, zegt een van hen. Onder een diplomatieke of academische dekmantel benaderen Iraanse geheim agenten Portugese docenten en studenten die betrokken zijn bij projecten op het gebied van nanotechnologie, ruimtevaarttechniek en kernfusie. Veel van deze docenten en studenten onderhouden contacten met Noord-Amerikaanse, Engelse, Spaanse en Franse universiteiten. De Iraniërs proberen hen te lokken met wetenschappelijke samenwerkingsprojecten. Hun missie is om zeer gespecialiseerde knowhow binnen te halen, die het nucleaire programma van het regime in Teheran nog gevaarlijker kan maken.
Kans van slagen
De kwetsbaarste en minst scrupuleuze wetenschappers gaan uiteindelijk in op deze voorstellen en delen voor ze het weten gevoelige wetenschappelijke informatie. ‘Die contacten zijn echter niet altijd succesvol. Ze hebben de meeste kans van slagen bij mensen die in een lastige fase in hun leven zitten, bijvoorbeeld door een scheiding of een schuld. Ronselaars proberen zo veel mogelijk persoonlijke informatie over hun doelwitten te vergaren en hun zwakke punten te benutten,’ aldus een bron die in de binnenlandse veiligheid heeft gewerkt en anoniem wil blijven.
Portugal beschikt over geavanceerde technologie die ‘erg interessant is voor vijandelijke machten’. Die technologie is misschien niet van hetzelfde niveau als die van de Noord-Amerikanen, maar is wel ‘makkelijk toegankelijk’, zo stelt een voormalige functionaris die banden heeft met de inlichtingendiensten.
Iraanse gevaar
Eén zaak illustreert hoezeer westerse mogendheden het Iraanse gevaar serieus nemen: dat van een particuliere luchtvaartmaatschappij die er door de Verenigde Staten van wordt verdacht terroristen uit Syrië en Libanon naar Venezuela te hebben gebracht voor een training. In tegenovergestelde richting zou deze maatschappij goud en wapens van Latijns-Amerika naar het Midden-Oosten overbrengen om Hezbollah en de Iraanse Revolutionaire Garde te financieren, in ruil voor Iraanse olie. De regering van Donald Trump riep in april 2020 diverse landen op om dit bedrijf uit hun luchtruim te weren. Sommige van deze vliegtuigen konden desondanks over het Iberisch Schiereiland vliegen en zo de gebruikelijke routes omzeilen.
Anders dan de Iraniërs, die solistisch opereren, doen de Chinese inlichtingendiensten op Portugese bodem een beroep op culturele instellingen die onder auspiciën van Beijing staan. Vorig jaar besprak het tijdschrift Sábado de rol van het Confucius Instituut: dat verspreidt niet alleen propaganda, het treedt ook op als rekruteringscentrum voor agenten die gevoelige informatie moeten verzamelen. De Portugese inlichtingendiensten houden de activiteiten van de Chinese ambassade in Lissabon in de gaten, zo meldt het weekblad.
Veilgheidsdiensten verdenken Portugese academici ervan de belangen van Beijing te dienen
De lijn tussen lobbyen en spionage is dun; de veiligheidsdiensten verdenken diverse Portugese academici ervan de belangen van Beijing te dienen, soms de wet te omzeilen en staatsgeheimen te schenden. ‘De geheime diensten weten heel goed wie er in Portugal voor de vijand werkt, maar het is moeilijk te bewijzen. Je moet de geldroute volgen,’ zegt beveiligingsspecialist Luiz Tomé.
Portugal kent een vrij grote Chinese gemeenschap, en de veiligheidsdiensten en de gerechtelijke politie vermoeden dat China een discrete maar reële macht uitoefent over de leden ervan. Safeguard Defenders, een in Madrid gevestigde ngo, onthulde eind vorig jaar het bestaan van 102 Chinese ‘politiebureaus’ in 53 landen, die Chinese staatsburgers vervolgen op verdenking van diefstal, illegaal gokken of zelfs kritiek op het regime. De bureaus hebben geen officiële bevoegdheid en informeren het gastland niet over hun activiteiten. De Madrileense ngo beschuldigt Beijing bovendien van gedwongen repatriëringen.
Beijing probeert daarnaast toegang te krijgen tot ‘gevoelige’ informatie door politieke leiders te bewerken met soft power. Daar begint de soms ingewikkelde dans van economische en politieke macht. ‘China wordt een steeds machtigere reus. Al tien jaar tracht het land Portugese bedrijven in de belangrijkste sectoren binnen zijn invloedssfeer te krijgen, en het flirt ook weleens met de politieke macht,’ zo weet Hugo Costeira, voorzitter van het Observatorium voor interne veiligheid.
De Sovjetspionage was vooral actief in Portugal in de jaren die volgden op de val van de dictatuur
De politici in kwestie dienen vooral om ‘deuren te openen’ naar nieuwe partnerschappen tussen ondernemers uit beide landen, maar de veiligheidsdiensten bezien dergelijke initiatieven met wantrouwen. Ze vrezen dat Beijing op deze manier vertrouwelijke overheidsdossiers in handen krijgt. Eén ding is zeker: de stormachtige entree van Huawei in Portugal en de miljoenen euro’s die grote Chinese aandeelhouders in Portugese beursgenoteerde bedrijven hebben gestoken, zijn de Noord-Amerikaanse diplomatie een doorn in het oog.
Epicentrum
Ook al is er sprake van internationale spionage in Portugal, op mondiaal niveau neemt het land op dat gebied nog lang geen belangrijke strategische positie in. Lissabon was ooit wél het epicentrum van wereldwijde spionage. Tijdens de Tweede Wereldoorlog nam dictator António Salazar een neutrale positie in. Dat gegeven, en de gunstige geografische positie van het land als vertrekhaven voor Amerika, trok velen aan die het oorlogsgeweld wilden ontvluchten, van leden van Europese koningshuizen tot diplomaten, bankiers, zakenlieden en voormalige heersers van landen die door de nazi’s waren bezet. De Portugese hoofdstad werd zodoende een belangrijke locatie voor grote spionagenetwerken. In de stad en langs de kust naar het noorden verscholen zich tal van geheim agenten, zowel geallieerden – vooral Britten en Amerikanen – als Duitsers.
‘Ze werkten meestal voor hun ambassades, maar je had ook dubbelspionnen die voor zichzelf klusten en beide partijen dienden,’ zegt historica Irene Pimentel. Garbo, de codenaam van de Catalaan Juan Pujol García, was een van de belangrijkste dubbelspionnen van Lissabon. Hij had grote invloed op de afloop van de oorlog. Aanvankelijk stond hij in dienst van de Duitsers, maar uiteindelijk werkte hij voor de Britse geheime dienst MI5, zonder dat Berlijn er lucht van kreeg. Hij maakte Hitler wijs dat de geallieerden in Pas-de-Calais zouden landen en niet in Normandië, waardoor de Duitsers een groot deel van hun troepen naar de verkeerde plek dirigeerden. De bekwame dubbelspion speelde het klaar om in de loop van de oorlog zowel door de Führer als door Churchill te worden onderscheiden.
Een andere dubbelagent die voor de Britse geheime dienst werkte en valse informatie doorgaf aan de Duitsers, was de Serviër Dusko Popov. Hij stond model voor het door Ian Fleming gecreëerde karakter van James Bond. Popov, die de reputatie van een playboy had en buitengewoon moedig was, verbleef in die dagen in hotel Palácio in Estoril. Daar ontmoette hij Fleming, een Britse marineofficier die in Portugal diende. Talloze thrillers uit die tijd gaan over het gekuip en gekonkel dat destijds schering en inslag was in Portugal. Geen wonder, ‘het land vormde een waar nest van spionnen van alle gezindten,’ lacht Pimentel.
Het Hongaarse perspectief
Muren met oren
Honderden Russische en Chinese spionnen zijn actief in de Belgische hoofdstad, stelt het Hongaarse weekblad HVG. En deze buitenlandse agenten zouden niet alleen uit vijandige staten zoals Rusland, China of Iran komen, maar ook uit bevriende landen, waaronder leden van de EU.
De Belgische Staatsveiligheidsdienst heeft onvoldoende personeel om deze situatie het hoofd te bieden, en de lokale contraspionage werd pas alert na de Russische invasie van de Krim in 2014, de aanslagen in Parijs in 2015 en die in Brussel in 2016. Brussel is de zetel van de Europese Raad, de Commissie, het Europees Parlement en de NAVO, maar ‘er is nog geen Europese CIA of een organisatie die de diensten van de 27 lidstaten kan samenbrengen,’ schrijft HVG.
Salazar hield iedereen scherp in de gaten, maar had aanvankelijk meer op met de Duitsers. Hij beval de geheime politie om de activiteiten van de Britse diensten de kop in te drukken. Later maakte hij hun het leven juist gemakkelijker, vooral vanaf 1943, toen de geallieerden de strijdkrachten van de asmogendheden in Noord-Afrika versloegen en het duidelijk werd dat ze aan de winnende hand waren in de oorlog. De Russen speelden een beslissende rol in de eindoverwinning: ze dwongen Duitsland in 1945 tot capituleren, terwijl de macht van hun geheime diensten zich pas na de oorlog begon af te tekenen, met de oprichting van de KGB in de jaren vijftig.
Anjerrevolutie
De Sovjetspionage was vooral actief in Portugal in de jaren die volgden op de val van de dictatuur in 1974 [Salazar trad in 1968 om gezondheidsredenen af als minister-president en overleed in 1970, maar zijn partij bleef tot de Anjerrevolutie van 1974 aan de macht]. Russische agenten opereerden destijds in Lissabon. Aan deze pogingen om invloed uit te oefenen kwam geen eind na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie. Nog maar zes jaar geleden werd een functionaris van de SIS (de Portugese binnenlandse veiligheidsdienst) veroordeeld tot acht jaar gevangenisstraf voor het doorgeven van staatsgeheimen aan de Russische geheime dienst. De activiteiten van de Russische inlichtingendiensten zijn sindsdien alleen maar geïntensiveerd, vooral tijdens de pandemie.
Nieuwe mogelijkheden
Covid-19 heeft niet alleen doden en lockdowns tot gevolg gehad, maar ook Chinese en Russische agenten nieuwe mogelijkheden geboden. De pandemie noopte universiteiten, openbare instellingen en laboratoria tot het elektronisch delen van gevoelige informatie over vaccins, PCR-testen en persoonsgegevens, wat allerlei hackers in dienst van NAVO- en EU-vijandige regimes aantrok. Volgens een overheidsbron is er de laatste tijd ‘aardig wat’ informatie uitgewisseld over de gevoelige kwestie van Russische cyberaanvallen tijdens de twee jaar van de pandemie.
uit onze archieven
Australië zegt dat het een spionnennest heeft schoongeveegd. In februari zei Mike Burgess, hoofd van de Australische inlichtingendiensten, dat zijn land in de greep was geweest van ‘een ongekend aantal spionageactiviteiten’. Een netwerk van agenten, van wie sommigen jarenlang undercover hadden gewerkt, is volgens hem in 2022 ontmanteld. De spionnen zouden zijn uitgezet.
Cybercriminelen uit Moskouse koker hebben hun illegale activiteiten sinds de oorlog in Oekraïne verveelvoudigd. In januari en februari was er een grootschalig cyberoffensief tegen Europese landen die Oekraïne steunen. Doelwit in Portugal waren het directoraat-generaal Gezondheid, de farmaciefaculteit van de Universiteit van Lissabon en de servers van het ziekenhuis van Amadora-Sintra.
Covid-19 heeft ook Chinese en Russische agenten nieuwe mogelijkheden geboden
Bruno Castro, ceo van cybersecuritybedrijf VisionWare, vermoedt dat het Kremlin achter deze aanvallen zit. ‘Zo kan het westerse landen aanvallen en tegelijkertijd represailles vermijden die tot een oorlog kunnen leiden.’ Dat wil zeggen: de Russen huren de allerbeste hackers in, die hun werk doen onder verkapte bescherming van de FSB (de opvolger van de KGB), de GROe (de militaire inlichtingendienst) en de SVR (de externe inlichtingendienst).
Het Tsjechische perspectief
Russische diplomaten ontmaskerd
In april 2021 zette Praag een grote groep Russische diplomaten uit. Het ging om achttien ambassademedewerkers die werden verdacht van betrokkenheid bij de explosie van een munitiedepot, een paar jaar eerder, waarbij meerdere doden waren gevallen. Tsjechië is een van de eerste Europese landen die zo veel Russische diplomaten in één keer uitwees.
Het dagblad Deník N wijst erop dat sinds het begin van de oorlog van Rusland tegen Oekraïne ruim vierhonderd vermeende agenten door EU-landen zijn ontmaskerd en uitgezet. De Russische spionage heeft volgens de krant de zwaarste klap sinds het einde van de Koude Oorlog te verwerken gekregen. ‘De EU, de VS en hun westerse bondgenoten steunen Oekraïne niet alleen heel zichtbaar. Ze werken er ook intensief aan om dit netwerk plat te leggen.’
Deze cyberspionnen hebben het ook op Portugal gemunt. De aanval van vorig jaar tegen servers van de militaire staf is een van de ernstigste voorbeelden. De hackers verkochten uiteindelijk de NAVO-documenten die ze hadden buitgemaakt. De veiligheidsdiensten wisten zich echter al voordat het conflict tussen Moskou en Kiev uitbrak bedreigd door Rusland.
De oorlog in Oekraïne en de zwarte lijst van Russische oligarchen die door de EU en de Verenigde Staten is opgesteld, hebben de Russische aanwezigheid in Portugal onder spanning gezet. De oorlog was twee maanden aan de gang toen het ministerie van Buitenlandse Zaken twee functionarissen van de Russische ambassade in Lissabon uitzette vanwege ‘activiteiten die in strijd zijn met de nationale veiligheid’. Een maand later stuurde het Kremlin vijf in Moskou gestationeerde Portugese diplomaten naar huis.
NAVO en EU
Het is duidelijk dat de vijand zich aangetrokken voelt door de academische en wetenschappelijke knowhow en de economische en politieke banden van een land dat, zij het enigszins in de periferie, deel uitmaakt van twee van de belangrijkste militaire en economische allianties: de NAVO en de EU. Maar wat betekent Portugal voor zijn bondgenoten? ‘We zijn nog steeds van waarde voor onze bondgenoten, omdat Lissabon dominant blijft wat het inlichtingenwerk in Afrika betreft,’ zegt Hugo Costeira. ‘Vooral de Fransen, de Britten en de Amerikanen hebben nogal wat belangen op dat continent. Ze zijn happig op de gevoelige informatie die wij bezitten, vooral in Afrikaanse landen waar Portugees de officiële taal is.’
Oekraïne
Geheime diensten op ramkoers
De Russische invasie in Oekraïne heeft ook de relatie tussen de geheime diensten van de twee landen op ramkoers gezet. Sinds 24 februari 2022 zijn de FSB en zijn Oekraïense equivalent, de SBU, op alle niveaus met elkaar in botsing gekomen, zo stelt de onlinekrant Oekraïnska Pravda in een lang artikel over dit onderwerp.
Het conflict had geen openlijke oorlog nodig om te beginnen; het zou zelfs dateren van vóór de Maidan-revolutie van februari 2014. Waaruit bestaat het werk van de Federale Veiligheidsdienst van de Russische Federatie (FSB) in Oekraïne? Antwoord: ‘Rekrutering van agenten, moorden, terreurdaden, cyberaanvallen’, maar ook ‘het aanstellen van marionetten op sleutelposities’ en ‘de strijd tegen de pro-Oekraïense publieke opinie’.
Russische agenten, schrijft het onlinedagblad, zijn tot in de meest gesloten staatsstructuren van het land doorgedrongen. Ze beschikten over agenten binnen het ministerie van Binnenlandse Zaken en binnen de rechterlijke macht, in de geestelijkheid en onder afgevaardigden en gewone burgers, die bereid waren de belangen van Oekraïne te verraden.
De SBU zelf wordt niet gespaard. In februari begon in Kiev het proces tegen Oleg Koelinitsj, voormalig hoofd van het bureau van de SBU op de Krim. Hij wordt verdacht van hoogverraad; hij zou in opdracht van zijn Russische contacten informatie hebben achtergehouden over het Russische invasieplan.
Volgens SBU-diensten dateren de activiteiten van de FSB in Oekraïne van voor 2014. Uit onderzoek zou zijn gebleken dat ten tijde van president Viktor Janoekovitsj de FSB al was geïnfiltreerd in de Raad van nationale veiligheid en defensie (RNBO), en wel in de persoon van plaatsvervangend secretaris Volodymyr Sivkovytsj, zelf een voormalig lid van de KGB, wiens naam in verband wordt gebracht met de moorden op Maidan in februari 2014.
De FSB heeft ook nieuwe taken gekregen in de bezette gebieden, waar zijn vertegenwoordigers onbeperkte bevoegdheden genieten. Zij benoemen nieuwe lokale gezagsdragers, verbieden pro-Oekraïense demonstraties, kiezen ‘journalisten’ uit voor het verspreiden van propaganda en oefenen druk uit op ceo’s en ambtenaren die weigeren mee te werken. Ze houden vertegenwoordigers van de Oekraïense diensten in de gaten. Ook de politie staat onder toezicht van de FSB. ‘Yakuza’s’, zo noemen soldaten van het Russische leger de vertegenwoordigers van de FSB in de bezette gebieden die ‘druk uitoefenen op de werknemers van de kerncentrale Zaporizja om samen te werken met het Russische nucleaire agentschap Rosatom’.
Met dit inlichtingen- en veiligheidsapparaat, zo concludeert Oekraïnska Pravda, waren de Russen van plan om Kiev binnen drie dagen in te nemen. ‘Ze hebben gefaald, maar de kwestie van mollen en verraders binnen de SBU en andere staatsstructuren, zowel militair als civiel, blijft cruciaal. Met name omdat er FSB-agenten in de hoogste kringen zitten. Die kunnen de inspanningen van de Oekraïense strijdkrachten tenietdoen.’
Een andere bron die bij inlichtingendiensten heeft gewerkt volgt een soortgelijke redenering: ‘Portugal dient als platform voor alle bevriende en vijandelijke inlichtingendiensten vanwege zijn strategische geografische ligging, zijn verbondenheid met Afrika en omdat hier tal van culturen vertegenwoordigd zijn, zodat geheim agenten niet zo snel de aandacht trekken.’ Lissabon is net zo open als Londen of Parijs, maar wordt minder bewaakt. ‘Men komt naar Lissabon en Porto om inlichtingen uit te wisselen met agenten uit andere landen. We sluiten de ogen een beetje voor die activiteiten, omdat ze ons veel voordelen opleveren.’ Wat hen, kortom, aantrekt is dat Portugal ‘een NAVO-land is dat institutionele betrekkingen heeft met Afrika’.
Sinds de spanningen op het wereldtoneel zijn toegenomen, staan de inlichtingendiensten op scherp. Maar volgens het hoofd van de Zweedse contraspionage zijn er vooral veel schermutselingen tussen totalitaire regimes en democratieën, en keren we niet terug naar de Koude Oorlog.
Te oordelen naar de omvang van zijn spionageactiviteiten steekt Rusland veel meer energie in het infiltreren in de Zweedse samenleving dan in de Deense. Of het moet zo zijn dat de inlichtingendienst onder leiding van voormalig KGB-agent Vladimir Poetin minder succesvol is geweest aan de Deense zijde van de brug over de Sont [de zeestraat tussen beide landen].
Vertrouwelijke documenten
In april raakte de inlichtingenwereld in beroering nadat was gebleken dat de jonge Amerikaanse militair Jack Teixeira honderden vertrouwelijke documenten van het Pentagon had gelekt. Op de website UnHerd stelde militair historicus Edward Luttwak echter dat het overgrote merendeel van deze documenten helemaal niet ‘top secret’ is: ‘Er worden reusachtige hoeveelheden pseudogeheime documenten gefabriceerd. Dat gebeurt telkens wanneer een functionaris een stukje commentaar toevoegt aan de lange samenvattingen van mediapublicaties die Amerikaanse diplomatieke posten, waar ook ter wereld, dagelijks uitspuwen.’
In iets meer dan tien jaar tijd zijn er in Denemarken slechts twee veroordelingen uitgesproken op grond van een wetsartikel dat lichte gevallen van spionage strafbaar stelt. De ene betrof een Finse hoogleraar aan de Universiteit van Kopenhagen, de andere een jonge Russische chemisch ingenieur aan de Technische Universiteit van Denemarken. Tijdens een proces achter gesloten deuren in Aalborg, in Noord-Jutland, werd die laatste veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf, gevolgd door uitzetting.
Een contrast met Zweden: alleen al in de afgelopen maanden speelden daar twee hoogst opmerkelijke zaken. De ene ging om een voormalig medewerker van de Säpo, de Zweedse veiligheidsdienst, die levenslang kreeg; de andere betrof de spectaculaire inrekening van een Russisch echtpaar dat jarenlang een zogeheten slapende cel bleek te hebben gevormd, een beetje zoals in de Amerikaanse Koude Oorlogsserie The Americans.
Rusland
In een onlangs door de Säpo [de Zweedse nationale veiligheidsdienst] vrijgegeven jaarverslag wordt Rusland zonder meer als grootste bedreiging van Zweden aangemerkt. En dat net nu dat laatste land, na tientallen jaren van neutraliteit, aan de poorten van de NAVO rammelt. De Russen leggen zich vooral toe op het verspreiden van complottheorieën en staatsondermijnende uitingen. Mosterd na de maaltijd, kun je zeggen: de toetreding van Zweden tot de westerse militaire alliantie – in het kielzog van Finland, dat op 4 april al lid werd – is onafwendbaar.
De acties van Moskou zijn onvoorspelbaar en in potentie roekeloos, zo valt in het Säpo-rapport over Rusland te lezen. Maar het gaat niet alleen om Rusland: China is een ‘almaar grotere bedreiging op de lange termijn’ en Iran een ‘tastbare bedreiging voor de veiligheid’. Ook meldt de Säpo dat buitenlandse regimes veel geld uitgeven om in Zweden illegaal aan geavanceerde technologie te komen. Vooral de agressie tegen Oekraïne heeft geleid tot een grotere Russische behoefte aan technologische middelen om de militaire capaciteit te behouden.
Als hoofd van de afdeling contraspionage binnen de Säpo sinds 2015 heeft Daniel Stenling een zeer onaangename ervaring gekend: er bevond zich een mol binnen zijn dienst in Stockholm. Peyman Kia, een Zweed van Iraanse afkomst, verleende jarenlang zijn diensten aan de Zweedse militaire inlichtingendienst, maar maakte ondertussen gemene zaak met het Russische inlichtingenbureau GROe. Begin dit jaar veroordeelde het Hof van Stockholm de dubbelspion tot levenslang, omdat hij samen met zijn jongere broer Payam zeer vertrouwelijke documenten aan de Russische militaire inlichtingendiensten had doorgespeeld, tegen betaling van honderdduizenden Zweedse kronen.
Recorduitzettingen in Noorwegen
Nog nooit heeft Noorwegen zo veel diplomaten tegelijk uitgezet, meldt de Noorse krant Aftenposten. Vijftien mensen, ruim een derde van het diplomatieke personeel van de Russische ambassade in Oslo, werden op 13 april tot persona non grata verklaard. Volgens het dagblad Verdens Gang behoort ambassadeur Teimuraz Ramisjvili niet tot deze vijftien.
De activiteiten van deze Russische diplomaten vormden ‘een bedreiging voor de Noorse belangen’, aldus de minister van Buitenlandse Zaken, Anniken Huitfeldt van de Arbeiderspartij. NAVO-lid Noorwegen stelde dat de uitzettingen niet het gevolg waren van een specifieke gebeurtenis, maar van intensiever werk van de Noorse inlichtingendiensten.
Sindsdien is uit de berichtgeving van lokale media een concreter beeld opgerezen. Zo was er een ontmoeting in een park in Oslo tussen een Noorse zakenman en een Russische nepdiplomaat die de zakenman probeerde te rekruteren. Ten minste vijf van de vijftien uitgewezen Russen zijn inmiddels geïdentificeerd als agenten van inlichtingendiensten.
De kou tussen Oslo en Moskou is nu ijzig, concludeert de site van de publieke radio- en televisiezender NRK. ‘Nieuw is dat Noorwegen zelf actie heeft ondernomen en niet heeft gereageerd op incidenten of soortgelijke acties van bondgenoten.’ Voorlopig zijn de door Moskou beloofde represailles uitgebleven.
Aangezien de verdachte in beroep is gegaan, kan Stenling nog niet veel zeggen over het proces tegen deze voormalige Säpo-medewerker, die sinds 2017 in de gaten werd gehouden en in 2021 werd gearresteerd. In eerste instantie is de betrokkene schuldig bevonden aan het nemen van foto’s, met zijn mobiel, van vertrouwelijke documenten. Die kwamen vervolgens in Russische handen via zijn broer, die hiervoor werd veroordeeld tot negen jaar en tien maanden.
‘Dit is een zaak die wij zeer ernstig nemen,’ aldus Stenling. ‘We hebben hier lering uit getrokken en maatregelen genomen om onze interne veiligheid te verbeteren. We hebben geregeld contact gehad met buitenlandse inlichtingendiensten over alle omstandigheden rond deze zaak, maar zolang de rechtbank nog geen definitieve uitspraak heeft gedaan, kan ik niet met zekerheid zeggen dat de persoon in kwestie daadwerkelijk een spion is.’ (Inmiddels heeft Peyman Kia gedeeltelijk bekend.)
‘Heel Europa is het decennium van spionnen ingegaan’
Volgens het laatste jaarverslag van de Säpo zijn ouderwetse spionagemethoden nog steeds in zwang: zo wordt er fysiek informatie vergaard voor buitenlandse mogendheden. Met name de Russen doen veel moeite om voor dit werk geschikte kandidaten te werven: vaak mensen met financiële of ideologische motieven of met wraakgevoelens, bijvoorbeeld omdat ze in hun carrière gefrustreerd zijn geraakt.
Een van de meest vooraanstaande Zweedse experts op dit gebied is Michael Jonsson, adjunct-directeur van het FOI, het Zweedse Onderzoeksinstituut voor Defensie. In het nieuwsmagazine Politico voorspelde hij dat niet alleen Zweden maar heel Europa het ‘decennium van de spionnen’ is ingegaan. Het aantal spionage-incidenten doet denken aan de Koude Oorlog, die officieel in 1991 eindigde met het uiteenvallen van de Sovjet-Unie.
Vonnissen gestegen
Van 2010 tot 2021 zijn er in diverse Europese landen in totaal 42 mensen veroordeeld voor spionage. De laatste jaren is het aantal vonnissen aanzienlijk gestegen, vooral in de Baltische landen. Vorig jaar werden er zeven Russen en drie Chinezen veroordeeld voor clandestiene activiteiten. En dat is nog maar het topje van de ijsberg, want vaak worden alleen de gevallen die tot uitzetting leiden bekend.
In april 2022 wees Denemarken vijftien medewerkers van de Russische ambassade in Kopenhagen uit. Volgens de Deense militaire inlichtingendienst waren ze betrokken bij spionageactiviteiten en opereerden ze onder een diplomatieke dekmantel. In april 2023 was het de beurt aan Noorwegen om vijftien mensen uit te zetten.
Westerse inlichtingendiensten zijn inmiddels meer geïnteresseerd in contraspionage dan in terrorismebestrijding. Rusland vormt op dit moment de grootste bedreiging, China is op lange termijn de belangrijkste tegenstander, aldus Michael Jonsson.
Er is werk aan de winkel voor de contraspionage
De Säpo heeft ongeveer 1400 medewerkers; dat zijn er meer dan de Deense binnenlandse veiligheidsdienst PET. Maar Stenling wil niet vertellen hoeveel van zijn ondergeschikten de straten van Stockholm afspeuren op Russen die Zweedse burgers proberen aan te zetten tot illegale activiteiten. Wel zegt hij dat zijn afdeling heeft geprofiteerd van de aanzienlijke extra middelen die zijn vrijgekomen in reactie op de verhoogde Russische activiteit van de afgelopen jaren. Maar ook China en Iran hebben zich niet onbetuigd gelaten, en lijken eveneens geïnteresseerd in alle onderdelen van de Zweedse samenleving. Er is dus werk aan de winkel voor de contraspionage.
‘Het valt nog te bezien of dit echt een terugkeer naar de Koude Oorlog betekent,’ benadrukt Stenling. ‘Zeker is wel dat de spanningen zijn toegenomen, en daarmee ook de spionageactiviteiten. Wat we nu zien is een mondiale wedloop om informatie tussen totalitaire landen en landen als Zweden en Denemarken.’
Beijing versterkt contraspionage
Op 24 april onderwierp minister van Staatsveiligheid Chen Yixin de gebouwen van het Staatsveiligheidsbureau in Beijing aan een stevige inspectie. Het resultaat beviel hem niet. De spionage moest serieus de kop in worden gedrukt, zo verklaarde hij volgens de South China Morning Post. Hij noemde de Chinese hoofdstad het ‘voornaamste slagveld’ van ‘infiltraties, ondermijning en spionage’.
Twee dagen later gaf de Wetgevende Commissie van de Nationale Volksvergadering haar goedkeuring aan de herziening van een wet op contraspionage uit 2014, zo meldt het weekblad Nikkei Asia. De nieuwe tekst richt zich met name op cyberbeveiliging, om elke aanval of inmenging via internet ‘door spionageorganisaties of hun agenten’ tegen overheidsdepartementen, bedrijven of belangrijke faciliteiten te bestrijden.
Dit offensief volgt op de recente onthulling van een aantal spionagezaken. Een van de opvallendste betreft de publicist Dong Yuyu. Hij was adjunct-directeur van de commentaarsectie van het officiële dagblad Guangming Ribao, werkte er sinds 1987 en gaf blijk van liberale sympathieën. Hij werd opgepakt en na meer dan een jaar detentie beschuldigd van spionage, zo zei zijn familie tegen de Amerikaanse pers. Volgens The New York Times is Dong sinds zijn arrestatie in februari 2022, tijdens een lunch met een Japanse diplomaat, niet meer in het openbaar gezien.
Volgens hem bekijken de Russen met argusogen hoe de verwachte overeenkomst tussen Zweden en de NAVO precies zal uitpakken (Stockholm hoopt uiterlijk eind dit jaar lid te worden) en welke gevolgen de toetreding zal hebben voor de wapensystemen en de troepeninzet in het koninkrijk. ‘De Russische dreiging is het concreetst, vanwege de oorlog in Oekraïne. De Russen ontberen de technologie om hun strijdkrachten op te bouwen,’ zegt Stenling. ‘Maar we mogen China niet uitvlakken; dat land heeft veel belangstelling voor hoogwaardige technologie, wetenschap en de grote Zweedse exportsectoren. De Chinezen willen de wereldleiders worden.’
Maar als we het Kremlin mogen geloven, spioneren westerse landen zelf ook volop. Immers, zo hield president Poetin zijn veiligheidsdiensten onlangs voor, ‘westerse inlichtingendiensten zijn altijd actief geweest in Rusland. Nu ze meer personeel en andere middelen tegen ons inzetten, kunnen wij niet anders dan dienovereenkomstig reageren.’
Duitsland kampt met een groeiend probleem van extreemrechts. Dat heeft de Duitse veiligheidsdienst dinsdag gezegd bij de publicatie van hun jaarlijkse rapport, schrijft de Frankfürter Allgemeine Zeitung. Volgens de dienst is de extreemrechtse beweging binnen een jaar tijd met zeker vijfduizend leden gegroeid tot bijna veertigduizend mensen.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Dat er meer extreemrechtse mensen op de radar van de Duitse veiligheidsdienst zijn verschenen, heeft te maken met de monitoring van politieke partij AfD. Zeker tienduizend leden van deze partij worden als extreemrechts beschouwd. Volgens de dienst hangen veel leden van de partij complottheorieën aan en zijn ze bereid geweld te gebruiken om hun doelen te bereiken. Ook proberen ze grond op te kopen om autonome gemeenschappen te stichten. Daar staat tegenover dat ook extreemlinks in Duitsland groeit, al is deze groep minder gewelddadig.
Volgens de veiligheidsdienst neemt ook de dreiging vanuit Rusland toe in Duitsland. Sinds de oorlog in Oekraïne zijn er meer spionnen actief in het land en wordt er meer nepnieuws verspreid over de oorlog, onder meer via sociale media. Omdat Duitsland steeds actiever Russische diplomaten en spionnen uitzet, probeert Rusland op andere manieren aan informatie te komen.
Volgens WSJ maken de VS zich grote zorgen om de plannen
China gaat een spionagebasis bouwen op Cuba. Dat schrijft de Amerikaanse krant The Wall Street Journal. De geplande spionageapparatuur moet vooral gebruikt worden om het zuidoosten van de Verenigde Staten in de gaten te houden. In ruil voor het plaatsen van de apparatuur gaat China voor miljarden investeren in Cuba.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
In het zuidoosten van de VS staan veel militaire bases, die beter door China kunnen worden gemonitord vanaf Cuba, dat op slechts enkele honderden kilometers van Florida ligt. China zou met de actie willen laten zien dat ze dicht bij Amerikaans grondgebied kunnen komen, aangezien de VS enkele militaire bases in de Zuid-Chinese Zee hebben.
De Verenigde Staten zouden zich grote zorgen maken om de bouw van de spionagebasis en de steeds nauwere banden tussen China en Cuba. Zelf onderhouden de VS een moeizame relatie met Cuba, dat nog steeds kampt met Amerikaanse sancties en waar de Communistische Partij al zestig jaar de scepter zwaait.
De aantrekkingskracht van spionage (goed gearticuleerd een uitstekend woord voor gezichtsgymnastiek) is onverminderd groot, zelfs nu er geen zendertjes meer in de hak van een schoen geplaatst worden en de kranten gekrompen zijn naar tabloidformaat. Dat veel gevonden kan worden op het web, waar het iedere burger vrijstaat te liegen en te bedriegen en elke ongetrainde ziel ongevraagd inlichtingenwerk kan verrichten, heeft de workload van de geheime dienst nauwelijks verlicht.
Maar elk tijdperk krijgt de spion die het verdient. Goodbye, Mister Bond, we zijn nu afhankelijk van saaie data-analisten zonder de allure van uw clandestiene bestaan. En erger nog, schrijft de Deense krant Politiken, van complotdenkers. Ouderwetse fysieke informatievergaring is nog steeds in zwang, al blijkt het met name de Russen nogal veel moeite te kosten om geschikte kandidaten te werven, juist nu ze grote behoefte hebben aan mollen of slapende cellen in landen die Oekraïne technologie en militaire capaciteit leveren.
Help, OO7, kunt u niet nog voor één keer onze wereld komen redden?
Het profiel waar de KGB naar zoekt is daarom noodgedwongen bijgesteld en biedt nu een droombaan aan mensen met financiële of ideologische motieven of met wraakgevoelens, omdat ze bijvoorbeeld ‘in hun carrière gefrustreerd zijn geraakt’.
Help, OO7, kunt u niet nog voor één keer onze wereld komen redden? Hoewel de Britse MI6 het ook niet makkelijk heeft. Werkloze, door de staat opgeleide geheim agenten – het is een trend volgens The Sunday Times – lopen massaal over naar de privésector. Daar eenmaal beland, delen ze hun kennis met autocraten, oligarchen en andere griezels die met biljetten uit de staatsruif iedere gewetenloze kunnen rekruteren. Bovendien is de lijn tussen lobbyen en spionage flinterdun. Enkele Portugese academici, schrijft het dagblad Expresso, schijnen de belangen van Beijing te dienen, soms de wet te omzeilen en staatsgeheimen te schenden. Wie het zijn is bekend, maar het valt moeilijk te bewijzen.
AI zegt geen fysieke actie te kunnen ondernemen en bovendien vindt ze het concept ‘kwaad’ complex en subjectief. Wel suggereert ze dat collectieve inspanningen op verschillende niveaus kunnen bijdragen aan een rechtvaardiger, vreedzamer bestaan voor iedereen. Zoals educatie, empathie en mededogen, rechtvaardigheid en gelijkheid, vreedzame communicatie, dialoog en overheidsbeleid.
De Russen zouden voor de inlichtingendiensten werken
Noorwegen heeft per direct vijftien medewerkers van de Russische ambassade uitgezet. Dat schrijft het Engelstalige Noorse nieuwsplatform The Local.no. Het is niet voor het eerst dat een Europees land Russische staatsburgers uitzet: zo heeft Nederland al tientallen Russische diplomaten de deur gewezen. Meestal worden zij beschuldigd van spionage.
In het geval van Noorwegen was deze beschuldiging niet anders. De vijftien Russen zouden actief zijn geweest voor de inlichtingendiensten en hebben geprobeerd informatie te vergaren over onder meer kritieke infrastructuur en het functioneren van de overheid. De groep zou al langer op de radar staan van de Noorse veiligheidsdiensten.
De Russische inlichtingendiensten worden door Noorwegen gezien als de grootste bedreiging voor de nationale veiligheid, zo zegt het Noorse ministerie van Defensie. Anniken Huitfeldt, de Noorse Defensieminister, zegt dat het misbruiken van diplomatieke posten onacceptabel is. Sinds het begin van de invasie in Oekraïne hebben westerse landen ruim tweehonderd Russische diplomaten en vermeende spionnen het land uitgezet.
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.