De Nigeriaanse start-upsector is de veelbelovendste in heel Afrika, maar door de impasse tussen de overheid en een van ’s werelds grootste sociale netwerken zijn ondernemers bang dat investeerders afhaken.
Het grootste evenement in de Afrikaanse start-upwereld in 2020 was de overname van Paystack, een elektronisch betalingssysteem dat in 2015 in Lagos werd gelanceerd door het Amerikaanse bedrijf Stripe. De transactie werd geschat op 200 miljoen dollar en was een mijlpaal voor de groeiende digitale gemeenschap van Nigeria.
Lokale en buitenlandse investeerders jagen sindsdien op andere Paystacks. Ze zijn bang om de boot te missen. De breedbandpenetratie is gegroeid van minder dan 20 procent vijf jaar geleden tot meer dan 40 procent sinds mei 2020, en de sector informatie- en communicatietechnologie (ICT) is de snelst groeiende van het land: 6,31 procent in het eerste kwartaal van 2021. Dit alles, plus het feit dat 81 procent van de volwassen Nigerianen een mobiele telefoon bezit, zet investeerders aan tot het uitschrijven van cheques van miljoenen dollars. Digitale bedrijven hebben nog nooit zoveel aantrekkingskracht gehad en nog nooit zoveel tolerantie genoten in het dichtstbevolkte land van Afrika.
Regelgevingsrisico’s
Maar deze explosie van energie en innovatie stuit op een bekende vijand: de overheid. [Op 4 juni] blokkeerden de federale autoriteiten Twitter – een van ’s werelds grootste sociale netwerken – omdat het bedrijf een tweet verwijderde van het account van president Muhammadu Buhari, in de veronderstelling dat deze een dreiging met geweld inhield. [De Nigeriaanse president, die als soldaat vocht in Biafra tijdens de oorlog eind jaren zestig, richtte zich tot de Biafra-separatisten: ‘Veel van degenen die zich tegenwoordig slecht gedragen, zijn te jong om zich bewust te zijn van de vernietiging en het verlies van mensenlevens die plaatsvonden tijdens de burgeroorlog in Nigeria. Degenen onder ons die (…) de oorlog hebben meegemaakt, zullen hen behandelen in een taal die wij begrijpen’, twitterde hij.] Het gevolg van de blokkade is dat de media hun accounts moeten verwijderen en gewone burgers het netwerk niet langer mogen gebruiken op straffe van arrestatie.
De blokkade van Twitter is de zoveelste grote schok voor de digitale sector: slechts zes maanden geleden beval de centrale bank van Nigeria banken om cryptocurrencytransacties niet langer toe te staan. Plotseling verloor Nigeria daarmee de belangstelling van digitale investeerders. ‘Het punt is dat regelgevingsrisico’s al een tijdje onze grootste zorg zijn’, zegt Tokunboh Ishmael, voormalig voorzitter van de raad van bestuur van de Africa Venture Capital Association. Alitheia Capital, de investeringsmaatschappij waarvan ze medeoprichter is, heeft Nigeriaanse start-ups helpen financieren. En het ‘reguleringsrisico speelde een grote rol in onze risicoberekening’, aldus Ishmaek. Start-ups zullen investeerders daarom een hoger investeringsrendement moeten bieden dan in meer stabiele markten, stelt ze.
Nu Twitter is geblokkeerd, zullen digitale bedrijven niet alleen moeite hebben om fondsen te werven, sommigen zullen moeite hebben om überhaupt te blijven bestaan. Met zijn 2 miljoen gebruikers is Twitter een belangrijk platform voor bedrijven in Nigeria. Eloho Omame is de oprichter en CEO van Endeavour Nigeria [een bedrijf dat start-ups helpt groeien] en was onlangs een van de medeoprichters van FirstCheck Africa, een durfkapitaalinvesteerder die een beginkapitaal van 25.000 dollar [21.000 euro] biedt aan ‘vrouwelijke start-ups’. Twitter ‘was een essentieel contactpunt’ met de dertien start-ups die het bedrijf financiert, geeft ze aan.
Een regering die vijandig staat tegenover nieuwe technologieën, maakt een land geen erg geloofwaardige bestemming voor toekomstgerichte investeringen
FirstCheck Africa heeft een platform nodig om zichzelf op de markt te brengen en vrouwen aan te trekken die de toekomstige grote Afrikaanse succesverhalen kunnen zijn. ‘Een verre van onbeduidend deel van onze investeringskanalen is afhankelijk van bereikbaarheid op Twitter en een groot deel van onze werving gebeurt via Twitter. De blokkade maakte daar een einde aan. Een even effectief alternatief is er niet,’ aldus Omame.
Twitter was een klantenservice geworden voor nieuwe start-ups die licht en flexibel wilden zijn. Het succes van Piggyvest, een spaar-app die in een jaar tijd groeide van 0 naar 450 gebruikers, is deels te verklaren door het feit dat het vrijwel niets aan marketing uitgaf, maar op Twitter vertrouwde om clientèle te vinden. De digitale bank Fairmoney heeft via e-mail een telefoonnummer, e-mailadres en Facebook-pagina verspreid voor de toekomstige klantenservice. Het online wisselkantoor Rise Vest stelde voor om het contact via Instagram voort te zetten. Henry Mascot, de oprichter van Curacel, een bedrijf dat fraudedetectieoplossingen verkoopt aan verzekeringsmaatschappijen, zegt dat hij een team buiten Nigeria moest werven om hun Twitter-feed te beheren. En dat brengt kosten met zich mee.
Impact
Volgens Mascot is het te vroeg om de impact van de Twitter-blokkade te kunnen bepalen. De investeerders die Curacel hielpen om in maart 450.000 dollar [380.000 euro] op te halen, zijn voor de lange termijn aan de start-up verbonden, maar Mascot maakt zich zorgen over de boodschap die het besluit van de autoriteiten naar investeerders als geheel stuurt.
Tayo Oviosu is van zijn kant optimistisch. Volgens hem zullen investeerders de opschorting van Twitter als een op zichzelf staand geval zien en niet weerhouden om de Nigeriaanse markt te betreden. Victor Basta van Magister Advisor, die miljoenencontracten in Afrika begeleidde, vindt de schorsing een negatieve ontwikkeling, maar verwacht niet dat deze gevolgen zal hebben voor de fondsenwerving. ‘We hebben verschillende contracten lopen met Nigeriaanse bedrijven, en we zien geen enkele terugslag’, zei hij.
Zowel ondernemers als investeerders erkennen echter dat deze herhaalde willekeurige beslissingen een verkeerd signaal afgeven aan mensen die overwegen hun kapitaal te investeren in Nigeriaanse start-ups. ‘Een regering die voortdurend vijandig staat tegenover nieuwe technologieën, zendt de boodschap uit dat haar economie geen erg geloofwaardige bestemming is voor toekomstgerichte investeringen van tijd en geld’, zegt Eloho Omame. ‘We moeten met de rest van de wereld strijden om talent en kapitaal, en hierdoor staan we nog zwakker.’
Chili kampt al jaren met een grote droogte en een tekort aan water, wat in belangrijke mate aan de dorstige avocado-industrie te wijten is. Bovendien is door privatisering de drinkwaterrekening torenhoog. Toch zijn de bewoners van het dorpje Petorca blij met de kansen die de avocado hen biedt.
Avocadodroogte
In 2016 publiceerden wij een longread over de ‘oergezonde waterslurper’: de geliefde avocado. De bekendste soort superfood die er is, maar blijkbaar zijn voor de productie enorme hoeveelheden water nodig, waardoor de landen van herkomst, zoals Brazilië, Chili, Spanje, Zuid-Afrika en Peru, gevaar lopen.
Deze reportage over een Chileens dorpje maakt duidelijk hoe ingewikkeld het probleem is. Zo zijn de bewoners als de dood dat door slechte pers mensen stoppen met avocado’s eten.
Net buiten Petorca, een dorp in de gelijknamige provincie op ruim drie uur rijden ten noorden van de hoofdstad, ligt plantage La Chimba. Aan weerszijden van de ingang staan metershoge palmbomen. Achter hoge hekken groeien de avocado’s. Ook hier hebben ze een aanhoudend tekort aan water.
Hector Cavieres is opzichter, hij wijst naar boven en zegt: ‘Daar zijn we de bomen aan het snoeien. We hadden vijftig hectare maar we snoeien terug tot dertig hectare. Die bomen doen niks meer vanwege de droogte. Op deze manier kunnen ze een jaar overleven zonder water. Mocht het gaan regenen, dan gaan ze weer groeien.’
Chimbaplantage, Chincolco, Chili.
Iets hoger op de heuvel klinkt onafgebroken het geluid van kettingzagen. Het heeft iets treurigs, al die gekortwiekte gezonde bomen. Drie mannen zagen stug door. Als een van hen even stopt om het zweet van zijn voorhoofd te vegen, vertelt hij dat ze per omgezaagde boom betaald krijgen. ‘We tellen zelf de bomen, per rij staan er dertig. Voor een grote boom krijgen we meer dan voor een kleine.’ Op de vraag of hiermee een redelijk salaris te verdienen valt zegt hij een beetje aarzelend: ‘Jawel. Er wordt op heel veel plaatsen gesnoeid omdat er geen water is.’
Het afgelopen jaar heeft La Chimba 700.000 kilo avocado’s geoogst. ‘Alle mooie avocado’s zijn voor de export,’ vertelt Cavieres, ‘als ze niet de goede maat hebben, kunnen we ze niet exporteren. Weinig water en de droogte leveren een kleinere avocado op, die blijven in Chili. Dit jaar kunnen we maar ongeveer 10 procent van het aantal van vorig jaar exporteren, zo’n 80.000 kilo.’ Cavieres gaat weer aan het werk, op zijn crossmotor scheurt hij tussen de avocadobomen weg.
Zwaar werk
Tijdens de oogst van de avocado’s werken hier vijfentwintig mensen die zijn ingehuurd via een soort uitzendbureau. Met lange stokken waaraan een net en een soort schaar zitten, verdwijnen ze tussen de bomen. Stevige zakken hangen aan hun schouders, hier worden de losgeknipte avocado’s in verzameld. Wanneer de zak vol is sjouwen ze hem naar de weegschaal. Hoe voller, hoe beter.
Een meisje schrijft op een wit vel papier hoeveel kilo iemand geplukt heeft. Aan het einde van de dag telt ze alles op en wordt er uitbetaald.
De mannen, en een enkele vrouw, werken gestaag en veelal zwijgend door. Een van de mannen zegt: ‘Als je alleen lagere school hebt, kun je eigenlijk alleen in de landbouw werken en dan betaalt een avocadoplantage het best. Het ligt aan de grootte van de avocado wat we verdienen. Meestal rond de 24 euro per dag. Maar dan moet je goede en grote avocado’s hebben.’
Hij knikt: ‘Ja, het is zwaar werk.’ En weg is hij weer, tijd is hier geld.
Het is een slecht avocadojaar voor La Chimba. Ook hier verlangt men naar regen.
Een kilometer of twintig noordwaarts staat het bedrijf Agricola Santa Juana. Een grotere speler op de avocadomarkt. Met een heus ontvangstkantoor en een receptioniste. Ze belt haar meerdere maar die laat weten niets te willen zeggen. Buiten hangt een van de chefs over zijn autoportier en vertelt dat ze slechte ervaringen hebben met een Duits tijdschrift waarin werd opgeroepen de avocado niet meer te eten.
‘Als het niet gaat regenen moeten we ons water ergens anders vandaan halen, uit de zee bijvoorbeeld’
Manuel Montenegro (65) uit Chincolco ziet ook voordelen van de avocadoplantages in de regio. De werkgelegenheid bijvoorbeeld. ‘Verder is hier weinig werk. Er zijn alleen avocado’s, noten en cactussen.’
Zijn dochter woont even verderop, vertelt hij. Al twintig jaar, in een wijkje waar veel alleenstaande vrouwen met of zonder kinderen wonen. Werken bij een avocadoplantage gaf deze vrouwen financiële onafhankelijkheid. Manuel knikt: zeker, dat is belangrijk, met eigen geld hebben ze geen man meer nodig. De verdiensten van zijn dochter zijn ongeveer 420 euro per maand.
Dat het watertekort een probleem is voor de regio zal hij niet ontkennen. ‘Sí, claro, avocado’s hebben veel water nodig. Dat heeft absoluut consequenties. Als het niet gaat regenen moeten we ons water ergens anders vandaan halen, uit de zee bijvoorbeeld.’
Complex van factoren
Op de vraag of de grote avocadotelers ook schuld hebben aan het watertekort geeft watermanagementspecialist Ricardo Ferreira uit La Ligua een ontwijkend antwoord. De problematiek van de provincie Petorca is een complex van factoren, zegt hij. Zo is een groot aantal waterrechten toegekend aan landbouwbedrijven zonder de resultaten van eerdere studies over de hoeveelheid water in de bekkens mee te nemen. ‘Ook daarom is er nu een tekort aan water.’
Andere oorzaken zijn volgens hem het gebrek aan regen en het ontbreken van een bergketen in de provincie Petorca die het mogelijk zou maken om waterreserves vast te houden.
Over de privatisering van water zegt Ferreira: ‘De huidige waterwet stamt nog uit de tijd van de dictatuur. Water mag als product worden verhandeld. De overheid levert gratis waterrechten aan private partijen en dat maakt het voor de overheid moeilijk om de watervoorraden te beheren. Het is dus van groot belang dat de grondwet gewijzigd wordt en er een nieuwe waterwet komt, zodat de overheid op democratische wijze het beheer over het water krijgt. Want nu kunnen waterrechten ook gekocht, verkocht of geleased worden zonder dat er rekening wordt gehouden met plaatselijke prioriteiten, zoals de behoefte aan drinkwater.’
Er moeten verschillende acties ondernomen worden om het beheer van de watervoorraden te verbeteren en om nieuwe bevoorradingsbronnen te genereren.
Ontzilting van zeewater is een initiatief dat ongetwijfeld belangrijk is, denkt Ricardo Ferreira. Zeker voor menselijke consumptie. Voor de landbouw zou het nog beter onderzocht moeten worden, maar de uitvoeringskosten zijn zeer hoog.
Zout
Ook Paula Quiroz (70) denkt dat het gebruik van ontzout zeewater een oplossing voor het watertekort zou kunnen zijn. ‘Hemelsbreed zitten we hier op zestig kilometer van de oceaan. We zitten niet zo hoog in de bergen, dus het kan niet heel moeilijk zijn om het water hierheen te brengen. We zijn te afhankelijk van regen die er niet is.’
Wat te doen met al het zout? ‘Daar kunnen bakstenen van gemaakt worden,’ oppert Paula, ‘of we verkopen het aan landen waar het veel sneeuwt.’
Ze lacht om haar laatste opmerking maar ze meent het wel, want ook zij maakt zich zorgen. Het grondwater daalt, de landbouw slaat steeds diepere putten, soms wel tot honderdvijftig meter diep.
Paula daalt de houten trap af die vanuit haar keuken naar de tuin leidt. Ze stapt over het betonnen irrigatiekanaal waar een keer per week water doorheen stroomt vanuit een verderop gegraven put. Omdat Paula relatief dicht bij die put zit, krijgt zij nog water maar de mensen die verder weg wonen moeten het zonder stellen, ‘daar komt het water niet eens’.
De dorre takjes op de droge grond knisperen onder haar voeten bij iedere stap die ze zet. ‘Kijk,’ zegt ze en ze buigt zich voorover naar een zwarte tuinslang met hele kleine gaatjes. ‘Dankzij dit irrigatiesysteem kan ik nog een paar fruitboompjes houden.’ Sinds een maand heeft ze deze slang in haar tuin. Heel langzaam, druppel voor druppel, komt er water uit de gaatjes.
Tegenwoordig moeten we ook betalen aan de fabriek die het water reinigt, voor de elektriciteit die dat kost en voor de leidingen
Water is duur, en aan deze kant van het dorp is het nog duurder ‘dan beneden’, waar de bewoners water krijgen via een ander bedrijf. ‘Wij hebben een coöperatie voor het drinkwater,’ zegt Paula. ‘Vroeger was het goedkoop, toen betaalden we alleen het opgepompte water. Tegenwoordig moeten we ook betalen aan de fabriek die het water reinigt, voor de elektriciteit die dat kost en voor de leidingen.’
De dorpsbewoners willen zich aansluiten bij een zonnepanelenproject om de kosten omlaag te brengen. Deze projecten worden gesubsidieerd door de overheid.
Paula Quiroz: ‘Dankzij dit irrigatiesysteem kan ik nog een paar fruitboompjes houden.’
Van Paula’s tuin is nog maar een fractie beplant. Het grootste gedeelte ligt braak. Aan de randen groeien nog cactussen. Die krijgen haar afwaswater om te drinken. ‘Want ik wil echt niet dat mijn cactussen doodgaan.’
Het is rond een uur of drie als Paula in haar oude Peugeot stapt. Ze klemt haar handen strak om het stuur en rijdt met dertig kilometer per uur naar haar zussen beneden in het dorp voor het dagelijkse theeritueel.
Kleine groene oase
Jorge Castro (70) brengt regelmatig hooi en stro bij Maria Roderiquez (78), die boven op een berg woont. Jorge rijdt met zijn pick-up kilometers over een onverharde weg, steekt de droge rivierbedding over en vervolgens gaat het omhoog, de bergen in.
Maria staat al op de uitkijk. Een struise dame met een verweerde, gebruinde huid zoals alleen mensen kunnen hebben die buiten wonen, daar waar de zon veel schijnt en de wind vaak waait. Ze leunt op een stok. Aan verschillende bomen zijn honden vastgebonden. Ze blaffen hard tegen elkaar op tot Maria en Jorge uit hun zicht verdwijnen. Maria gaat maté maken, een traditionele Argentijnse thee met kruiden en vooral ook veel suiker. Als Maria geen maté drinkt, krijgt ze hoofdpijn, zegt ze. Geboren en getogen is ze op deze plek. Zeven kinderen heeft ze er grootgebracht, en ze is hier alle dagen, behalve die ene keer per maand dat ze ‘naar beneden’ gaat om olie, thee, suiker en rijst te halen.
Ze slurpt van haar maté en knikt: ‘Ja, er is heel veel veranderd. Ik heb geen groenten meer in de tuin, vijf jaar geleden had ik nog mooie grote aardappelen. Maar de waterput is helemaal opgedroogd.’ Ook heeft Maria bijna geen dieren meer vanwege de droogte. Die eten een baal hooi per dag. ‘Ik kan geen dertig hooibalen per maand kopen van tien euro per stuk.’
Toch prijst Maria zich gelukkig, zij kan het afvalwater opvangen uit de even verderop gelegen kopermijn. Daarmee heeft ze een kleine groene oase gecreëerd naast haar golfplatenhuisje, met druivenranken als afdak tegen de brandende zon.
Maria Roderiquez: ‘Ik heb geen groenten meer in de tuin, vijf jaar geleden had ik nog mooie grote aardappelen. Maar de waterput is helemaal opgedroogd.’
‘Als ik hier drinkwater voor moest gebruiken dan zou ik een hele hoge waterrekening hebben. Ik dank God voor het water uit de mijn.’
Nee, Maria gaat hier nooit meer weg. Onlangs zei een kleinkind tegen haar: ‘Oma, als u doodgaat dan kom ik hier wonen.’ Maria lacht: ‘Hij heeft erover nagedacht want hij wil een opvang voor gepensioneerde geiten beginnen.’
Ze kijkt op haar horloge, dat aan haar schort geknoopt zit. Het is kwart voor twaalf, ze wil gaan koken.
Brandbrief
Barbara Astudillo (31) opgegroeid in de provincie Petorca, is ecofeministe en onderzoeker bij Fundación Territorios Colectivos. Ze voert al jaren actie. ‘Want in het gebied waar ik zoveel van hou, worden de mensen- en milieurechten geschonden zodat men geen toegang heeft tot water.’
Astudillo is van mening dat Chili nu prioriteit moet geven aan klimaatveranderingswetten en vermindering van het water- en energieverbruik van grote industrieën. Ook zij vindt dat de grondwet moet worden aangepast, maar er is in Chili gebrek aan politieke wil om veranderingen teweeg te brengen.
‘Stop met de privatisering van water,’ zegt ze, ‘transformeer het naar een nationaal bezit waarbij de consumptie door burgers en de ecologische belangen vooropstaan. Maak de economie daaraan ondergeschikt.’
Chincolco, Chili.
Onlangs heeft ze een brandbrief gestuurd naar de speciaal rapporteur van de VN voor water en hygiëne Leo Heller. Daarin schrijft ze onder meer dat met name de gemeenten Cabildo, La Ligua en Petorca al jarenlang te lijden hebben onder het watergebruik van de agrobusiness, door de aanplant en het telen van citrusvruchten en avocado’s.
Er groeien nog wat cactussen maar zelfs die hangen er een beetje treurig bij
Dorpen zitten zonder watervoorziening als gevolg van accumulatie van grote hoeveelheden zoet water in boven- en ondergrondse kanalen voor deze agro-industriële bedrijven. Regelmatig zijn ze aangeklaagd door nationale en internationale organisaties zoals het bekende Chileense Modatima. De leiders van deze milieuactivistische organisatie worden niet zelden vervolgd en soms zelfs met de dood bedreigd.
Veel gezinnen worden tegenwoordig bevoorraad met een tankwagen, vijftig liter per persoon per dag. ‘Ja, natuurlijk is dat veel te weinig,’ zegt Barbara, ‘maar het is complex om met gebrek aan overheidsbeleid en investeringen de watercrisis in dit gebied te bestrijden.’
Onlangs heeft het geregend in de provincie Petorca, voor het eerst in zestien jaar.
‘Maar het water bereikte de rivieren van onze vallei niet,’ verzucht ze. ‘Het bleef achter in de bassins van de avocado- en citrusfruittelers. Betaald met het geld van alle Chilenen om de grote ondernemers van het land te subsidiëren. We moeten de wereld écht anders in gaan richten.’
Verloren paradijs
Aan de onverharde weg tussen Petorca en Chincolco staat achter een hek het huisje van Zoila Lemus (73). De hond blaft onophoudelijk, zoals eigenlijk overal. Zoila woont hier samen met haar dochter en haar twee kleindochters. Alle bomen in haar tuin zijn dood, zo ook alle groene planten. Er groeien nog wat cactussen maar zelfs die hangen er een beetje treurig bij.
Het huisje kijkt uit op gortdroge bergen. Aan het einde van de vorige eeuw waren deze bergen veel groener. Maar men kapte alle bomen om de huizen te verwarmen en om te koken. Niemand plantte ooit een boom terug.
Zoila’s woning staat aan de oever van een rivier waar al twintig jaar geen water meer door stroomt. Ze pakt een ingelijste foto van een kastje. ‘Kijk,’ zegt ze, ‘de rivier was vroeger prachtig, we konden er zelfs in zwemmen. Onze tuin stond vol bomen en rozen in allerlei kleuren. We verbouwden alles zelf: tarwe voor het brood, bonen, mais, linzen, aardappelen, uien, knoflook, courgettes. Gewoon om zelf te eten en om in te maken. Nu kan ik hier niks meer laten groeien. We wonen in een woestijn zonder water. Alle putten die we gegraven hebben zijn opgedroogd.’
Zoila Lemus: ‘De rivier was vroeger prachtig, we konden er zelfs in zwemmen. Onze tuin stond vol bomen en rozen in allerlei kleuren.’
Zoila en haar familie krijgen vijftig liter water per dag om te koken, te wassen en te douchen. ‘Je kunt je beter wassen met een bakje water. Haren wassen kost heel veel water, we gebruiken een sok om ons haar nat te maken.’
Tot voor kort kwam er een tankwagen om het water te brengen maar Zoila heeft sinds een maand een nieuwe waterput. Met een automatisch systeem dat niet goed werkt. ‘Soms hoor je water, soms hoor je niks. Maar het bedrijf dat de meter heeft geïnstalleerd geeft niet thuis.’
Maar heeft ze, als het systeem goed zou werken, dan wel genoeg water?
Zoila schudt haar hoofd: ‘Nee, er komt een liter water per seconde langs voor acht families.’
Ze legt uit hoe het met de waterrechten in Chili zit. Het gaat zoals gezegd om een wet die nog stamt uit de tijd van de dictator Pinochet. Je kon je toen inschrijven voor water: een boer met bijvoorbeeld drie hectare grond had recht op drie ‘delen’ water. ‘Maar,’ zegt Zoila, ‘dat ging over oppervlaktewater. Ook voor het ondergrondse water kon je rechten kopen maar dat wisten de boeren niet. Het recht op ondergronds water is stiekem verkocht aan grote bedrijven. Die eisen nu alles op en oppervlaktewater is er allang niet meer. De regering moet nu de rechten kopen van die bedrijven zodat ze het water kan verdelen. Al die bedrijven verdienen er nog meer aan. En ik heb geen “recht” op water. Dat is waarom de mensen de grondwet willen veranderen.’
Soms is er een project vanuit de overheid. Zo zouden Zoila en haar buren ook een waterleiding krijgen, er was bijna 35.000 euro voor beschikbaar. Verschillende aannemers en onderzoekers zijn langs geweest om te bestuderen hoe dat zou moeten. Al het geld is opgegaan aan onderzoek en er is verder niks gebeurd.
Buiten blaft de hond. ‘Pasqalle!’ roept Zoila, ‘de hond!’ De oudste kleindochter hoort het niet. Ze is doof. Ze kunnen het niet bewijzen maar Zoila is ervan overtuigd dat het komt omdat haar dochter, toen drie maanden zwanger, op de avocadoplantage liep op het moment dat er een vliegtuigje overvloog met pesticiden.
Ze trekt haar kleindochter even stevig tegen zich aan, de hond buiten is inmiddels stil.
De eerste coronainfectie in de Verenigde Staten werd op 21 januari 2020 vastgesteld bij een inwoner van de staat Washington die kort daarvoor was teruggekeerd uit het Chinese Wuhan. Niet veel later concludeerden experts dat het virus mogelijk al weken eerder in de VS aanwezig was. Een op dinsdag (15 juni) gepubliceerde studie lijkt dat te bevestigen. Op basis van een analyse van bloedonderzoeken identificeerden wetenschappers zeven mensen in vijf staten die mogelijk al ruim voor de eerste officiële gevallen besmet waren.
‘Er waren infecties die niet werden gediagnosticeerd’
‘Dit is een interessante studie omdat hij de gedachte ondersteunt die velen al als waar aannamen, namelijk dat er infecties waren die niet werden gediagnosticeerd’, zegt immunoloog Scott Hensley tegen The New York Times. Het kleine aantal positieve testen maakte het echter moeilijk om er zeker van te zijn dat het om echte infecties gaat en niet om een methodologische fout. Als de bevindingen echter kloppen, onderstrepen ze de noodzaak voor landen om samen te werken en nieuw opkomende virussen zo snel mogelijk gezamenlijk te identificeren.
Amazon aangeklaagd voor racisme
Jeff Bezos wil dat Amazon het ‘meest klantgerichte bedrijf op aarde’ is. Maar een groeiend aantal werknemers zegt dat die instelling heeft bijgedragen aan het bestendigen van racisme bij het bedrijf en dat jarenlange pogingen om er iets aan te doen, zijn gedwarsboomd door de hr-afdeling en Bezos zelf, schrijft Vox.
De aanklagers spreken over expliciet racisme op het werk en over systemisch racisme
Pearl Thomas, een 64-jarige zwarte vrouw, klaagde het bedrijf vorige maand aan wegens discriminatie en wraakneming. Het is een van de vijf rechtszaken die inmiddels zijn aangespannen door huidige en voormalige Amazon-medewerkers wegens rassendiscriminatie. De aanklagers, allemaal vrouwen van kleur, spreken over expliciet racisme op het werk en over systemisch racisme, gezien de lagere promotiepercentages en het hogere aantal contractbeëindigingen van zogenaamde minderheden, bericht het Amerikaanse medianetwerk. De recente zaak van Pearl Thomas is saillant omdat ze werkt voor de hr-afdeling van het bedrijf. Haar directe baas, Beth Galetti, zou een van de grootste obstakels zijn bij het aanpakken van racisme.
Lees ook:
https://360magazine.nl/14452-2/
Toename vluchtelingen op Lampedusa
Op het zuidelijk gelegen Italiaanse eiland Lampedusa neemt het aantal vluchtelingen sinds enige tijd weer zienderogen toe. De zogenoemde hotspot van het eiland dreigt overbelast te raken, meldt de Napolese krantIl Mattino. Hotspots zijn in 2016 door de EU ingesteld als een preventieve grens met een dubbel doel: migranten aan de zuidelijke grenzen van Europa concentreren, en tegelijkertijd verhinderen dat te veel vluchtelingen asiel aanvragen.
‘Alleen al vanmorgen arriveerden er ongeveer 600 vluchtelingen’
Het aantal migranten in het opvangcentrum van Lampedusa is na de recente toestroom weer tot boven de duizend gestegen. De burgemeester van Lampedusa, Totò Martello, wil daarom een onderhoud met de Italiaanse premier Mario Draghi. ‘Alleen al vanmorgen arriveerden er ongeveer 600 vluchtelingen’, aldus Martello in Il Mattino. ‘Ik wil premier Draghi ontvangen om hem het fenomeen migratie te laten zien vanuit onze optiek als grensgebied.’ Martello wil een andere benadering dan die van een voortdurende noodsituatie: ‘als we daar niet aan werken zullen we geen enkele vooruitgang boeken’.
Zes maanden later dan gepland vanwege de pandemie, hebben IBM Europe en de Fraunhofer-Gesellschaft afgelopen dinsdag officieel de eerste kwantumcomputer op Duitse bodem in gebruik genomen. Het IBM Quantum System One-model in Ehningen bij Stuttgart wordt de krachtigste kwantumcomputer van Europa ‘in een industriële context’ genoemd. Dat betekent dat het met zijn 27 qubits niet een van de krachtigste systemen ter wereld is, maar dat het systeem stabiel genoeg is voor industrieel gebruik, schrijft Der Spiegel.
Het Quantum System One draait sinds november in Duitsland en wordt sinds februari gebruikt door de Fraunhofer-Gesellschaft. De voorzitter van Fraunhofer, Reimund Neugebauer, zei dat bedrijven en onderzoeksinstellingen ‘van elke omvang’ de kans moeten krijgen om met het systeem te werken. Hiervoor moeten ze echter wel €11.621 aan gebruikskosten per maand betalen. Neugebauer benadrukte dat de IBM-technologie is gecombineerd met Europese regels voor gegevensbescherming. Hij sprak van ‘volledige gegevenssoevereiniteit onder Europees recht’.
Uitslag Peru laat op zich wachten
Het kan nog drie weken duren voordat bekend wordt wie de tweede ronde van de presidentsverkiezingen in Peru tussen de linkse Pedro Castillo en de conservatieve Keiko Fujimori heeft gewonnen. Dit komt door het grote aantal beroepsprocedures en verzoeken tot nietigverklaring, meldt MercoPress. Maandagavond (14 juni) stond Castillo iets voor met minder dan 50.000 stemmen van de 17,6 miljoen geldige stemmen: 50,14 procent om 49,86 procent.
Demonstraties en onrust nemen ondertussen toe, gezien het kleine verschil in stemmen. De voormalige Chileense president, VN-commissaris Michelle Bachelet, riep Peruanen op om ‘de regels van de democratie te accepteren’, en ‘de verkiezingsinstellingen en hun beslissingen te respecteren’.
De oprichter van Alibaba, Jack Ma, blijft in de luwte en concentreert zich op zijn hobby’s en op filantropie, meldt Al Jazeera. Dit zei Joseph Tsai, vicepresident en medeoprichter van het Chinese bedrijf, in een interview. Na Ma’s kritiek op de Chinese regelgeving vorig jaar, zette Beijing het bedrijf zwaar onder druk en Ma, de bekendste ondernemer van China, verdween sindsdien grotendeels uit het zicht.
Sancties van de Chinese overheid leidden onder meer tot het opschorten van de beursgang van 37 miljard dollar van het financiële onderdeel Ant Group en een gedwongen herstructurering van Ant. Alibaba kreeg in april ook een recordboete van 2,8 miljard dollar voor ‘concurrentiebeperkende praktijken‘.
Tijdens een persconferentie voor het EK verwijderde voetballer Cristiano Ronaldo twee flesjes Coca-Cola en zette er water voor in de plaats. Die geste leidde tot een een daling van de aandelenkoers van het bedrijf met 1,6 procent. Daarmee liep de marktwaarde van Coca-Cola terug van 242 miljard dollar naar 238 miljard dollar, een daling van 4 miljard dollar, schrijft The Guardian.
Speculatieve non-fictie was lange tijd vooral gericht op de beperkte perspectieven en doelstellingen van het bedrijf – en dus op het verdienen van geld. Mede door de pandemie kunnen we het populaire genre mogelijk aanwenden voor een betere toekomst.
De pandemie, die in veel opzichten vreemder is dan sciencefiction, heeft veel discussie uitgelokt over de rol van speculatieve fictie bij onze toekomstvoorstellingen. Waar sommigen in de mogelijkheden die zulke verhalen voorspiegelen antwoorden zien op onzekere tijden, vragen anderen zich af waar deze dystopische visioenen eindigen. Maar misschien is het net zo relevant om ons weer eens in de speculatieve non-fictie te verdiepen, een zich constant ontwikkelend genre dat we als ‘populair futurisme’ zouden kunnen betitelen.
Wat zijn de kenmerken van een ‘populair-futuristisch’ boek? Het schetst mogelijke toekomstperspectieven, belicht nieuwe belangwekkende trends en belooft manieren waarop zelfs niet-gespecialiseerde lezers deze inzichten op hun eigen leven en werk kunnen toepassen. Zo’n boek heeft waarschijnlijk een fascinerend omslag, in een stijl die dateert van het werk dat met recht en reden een pionier in dit genre kan worden genoemd en nog altijd toonaangevend is: Toekomstshock van Alvin Toffler. Dit boek, dat het concept ‘futurisme’ populair maakte in de mainstreamcultuur en in de zakenwereld en kortgeleden zijn vijftigste verjaardag vierde, verscheen in de meest veelkleurige versies, zodat het als een neonregenboog in het oog zou springen vanuit de schappen van de boekwinkels. Andere titels hebben een kinetische belettering die je vanaf de pagina tegemoet vibreert alsof ze zich met hoge snelheid verplaatst. De toon van de boeken houdt meestal het midden tussen start-uppitch en zelfhulpmantra en straalt het profetische zelfvertrouwen uit van de teruggekeerde tijdreiziger.
Wat er komen gaat
Hoewel hun inhoud mee verandert met de tijdgeest, blijft datgene wat ons in populair-futuristische boeken aantrekt hetzelfde: we willen allemaal weten wat er komen gaat. Ze boren de oeroude kracht van de toekomst aan om ons te boeien en bang te maken, op zo’n manier dat onze hedendaagse angsten erdoor worden gesust en aangewakkerd. Zoals alle populair-wetenschappelijke of zelfhulpteksten beloven ze signaal van ruis te scheiden en geven ze ons wat geruststellende (zij het illusoire) controle in een chaotische wereld. Ze laten zien wat de toekomst ons brengt, ook al oogt het heden nog als zo’n warboel.
Maar de belangrijkste belofte die ten grondslag ligt aan de canon waarvan Toekomstshock de eersteling is, is dat lezers zich met de juiste vooruitziende blik niet alleen kunnen voorbereiden op wat komen gaat, maar er ook van kunnen profiteren. Deze onschuldige vorm van handelen met voorkennis stelt de toekomst voor als een bulkgoed, als een oefening in tijdsbeoordeling waarbij kennis van nieuwe ontwikkelingen financieel voordeel oplevert. Het is geen toeval dat de auteurs van zulke boeken traditioneel een wit, mannelijk en kapitalistisch wereldbeeld hebben; velen van hen werken als in de toekomst gespecialiseerde consultants in het grijze gebied tussen zakenwereld, overheid, technologie, reclame en sciencefiction.
Deze zakelijke benadering is tot nu toe dominant in het populair futurisme, maar dat zou wel eens kunnen veranderen. Het afgelopen jaar is er een verbazingwekkend groot aantal nieuwkomers aangetreden, wat gek genoeg voor de hand ligt in een tijd waarin grote onzekerheid heerst over wat er morgen zal gebeuren, om over het komende decennium nog maar te zwijgen. Kan zo’n traditioneel zelfgenoegzaam genre nog enige troost bieden, laat staan deugdelijke inzichten?
De confrontatie met een tsunami van veranderingen maakte de meeste mensen angstig, gedesoriënteerd en ontregeld
Om die vraag te beantwoorden moeten we terug naar Toekomstshock. Hoewel de titel ons tegenwoordig nog maar vagelijk bekend voorkomt, werd het boek na zijn publicatie in juli 1970 algauw wereldberoemd. Het ging in miljoenen exemplaren over de toonbank, er werd een door Orson Welles ingesproken documentaire van gemaakt en de titel inspireerde Curtis Mayfield tot een song [Future Shock]. Het boek gaf mede aanzet tot een genre dat nog altijd bloeit en bezorgde Toffler een decennialange carrière als auteur, deskundige en consultant. Herlezing van Toekomstshock toont aan dat het boek niet alleen de kiem heeft gelegd voor de powerpointprofetieën van de TED Talk-cultuur en een hele bedrijfstak van toekomstconsultants heeft gecreëerd, maar ook onze toekomstvisie heeft vormgegeven.
Ook als fysiek object was het opvallend. Het was zo’n vijfhonderd pagina’s dik, het omvangrijke register niet meegerekend. Het was kleurrijk en, nou ja, futuristisch, tot het ronde maar robotachtige lettertype van de titel aan toe, dat was gebaseerd op het MICR-font [Magnetic Ink Character Recognition], ontworpen om door zowel mensen als machines te kunnen worden gelezen. Futurist Scott Smith herinnert zich dat hij als jongen de lijvige paperback op het nachtkastje van zijn ouders zag liggen en deze er zowel eng als verleidelijk vond uitzien; half grappend zegt hij dat hij er zijn beroepskeuze aan dankt.
Alvin Toffler, de auteur wiens naam in onuitwisbare letters op het omslag prijkt, was een journalist uit Brooklyn die in het begin van zijn carrière samen met zijn vrouw Heidi schreef over progressieve politiek en de arbeidersbeweging. Ze werkten samen aan een trilogie waarvan Toekomstshock het eerste deel was, maar Heidi werd pas in een later boek officieel erkend als auteur. Dat zelfs een toekomstgericht powerkoppel in dit opzicht verbazingwekkend ouderwets was, bewijst maar weer eens dat we allemaal bevattelijk zijn voor de blinde vlekken van onze tijd, net als Toekomstshock.
Het kernbetoog van het boek is wellicht herkenbaar, misschien omdat Toffler het zo overtuigend beargumenteerde dat het een cliché is geworden: de wereld veranderde in een exponentieel toenemend tempo, waardoor mensen in ‘shock’ raakten en worstelden om het hoofd boven water te houden. In elk geval in de westerse landen onderging de maatschappij een ingrijpende historische verandering toen de industriële revolutie plaatsmaakte voor de informatie-economie; die verandering werd op haar beurt versneld door nieuwe technologieën op het gebied van massacommunicatie. De confrontatie met een tsunami van veranderingen maakte de meeste mensen angstig, gedesoriënteerd en ontregeld. Het boek probeerde deze nieuwe toestand te doorgronden, de ‘bronnen en symptomen’ ervan bloot te leggen en mogelijke manieren te bedenken om de effecten te verzachten.
Hij maakt van de toekomst de meest spectaculaire show op aarde, en je zou wel gek zijn als je wegkeek
De belangrijkste strategie om de toekomstshock te bestrijden, aldus Toffler, was om zich met extra kracht op de toekomst zelf te richten. Hij riep overheidsinstanties op om grootschalige toekomststudies te financieren, sciencefictionauteurs om meer methodische toekomstvoorspellingen in hun boeken op te nemen en Amerikaanse scholen om toekomstgerichte lessen te geven (als tegenwicht tegen geschiedenislessen). ‘Om zulke beelden in het leven te roepen en daarmee de impact van een toekomstshock te verzachten,’ schreef hij, ‘moeten we allereerst zorgen dat speculeren over de toekomst iets respectabels wordt.’
Dit was geen nieuwe uitdaging; ook H.G. Wells had zich moeite getroost te benadrukken dat de systematische poging om mogelijke toekomsten te projecteren op basis van hedendaagse gegevens een vorm van wetenschap zou kunnen zijn, en niet alleen maar waarzeggerij. Maar dankzij Tofflers boek werd het futurisme een mainstreamfenomeen, dat zich niet beperkte tot militair gebied (zoals de nucleaire scenario’s die de RAND Corporation als eerste uitwerkte), maar ook op de ‘zachte’ sectoren van het dagelijks leven toepasbaar was, van ‘politiek en speelplaatsen tot skydiven en seks’.
Maar behalve door zijn inhoud vond Toekomstshock ook veel weerklank door zijn stijl. Naar het voorbeeld van de Canadese mediatheoreticus Marshall McLuhan, wiens vermogen om grote ideeën in pakkende soundbites te presenteren onmiskenbaar een inspiratiebron was, maakte Toffler van het medium de boodschap. Zijn toon is evenzeer gealarmeerd als energiek, professoraal als ademloos. Hij spreekt van een ‘vuurstorm van verandering’, van het ‘zinderende schokeffect’ van nieuwe ideeën, van ‘pijlsnel groeiende’ populaties; zijn taalgebruik wedijvert met de voortstuwingssnelheid die hij beschrijft. Hij gebruikt pakkende termen als ‘ad-hoccratie’; hij maakt van de toekomst de meest spectaculaire show op aarde, en je zou wel gek zijn als je wegkeek.
Zelfs wanneer Toffler de potentiële gevaren van versnelde verandering schildert, zoals ongelukken op boorplatforms of besluitvormingsalgoritmen, en de noodzaak van regelgeving benadrukt, gelooft hij dat oplossingen gelegen zijn in een grondige oriëntatie op toekomstige transformaties. ‘De kracht van de technologische ontwikkelingsdrang is te groot om door vooruitgangssceptici te worden gestopt,’ schrijft hij, en ondanks de soms waarschuwende toon definieert het boek op een bedwelmende manier de voorwaarden voor zijn eigen wereldbeeld. ‘Is dit allemaal overdreven?’ luidt zijn beroemde vraag. ‘Ik denk het niet.’
Optimaliseren
Zoals de krachtige stijl van Toekomstshock een bestseller heeft gemaakt, zo heeft het succes van het boek de weg gebaand voor een heel genre dat met de beslommeringen van elk navolgend tijdperk is mee veranderd. Eén subgenre van populair-wetenschappelijke boeken die snel na Toekomstshock verschenen, was sterk gericht op het voorspellen van consumentengedrag, te beginnen in 1982 met Megatrends van John Naisbitt en eindigend in 1991 met The Popcorn Report van de nestrix van de trendspotters: Faith Popcorn.
Met de eerste dot.com-boom werd technologie een algemener thema, ongetwijfeld geholpen door het zelfbeeld van Silicon Valley als de plek waar de toekomst haar beslag krijgt. Deze nieuwe fase van het genre gaf de prioriteit aan innovaties op hardware- en softwaregebied, en sommige titels begonnen de wildste technologische grenzen op te zoeken, zoals The Age of Spiritual Machines (1999) van Ray Kurzweil en Physics of the Future (2011) van Michio Kaku. Maar of hij nu zakelijk banaal of cybergnostisch is, de klassieke populair-futuristische canon vooronderstelt een publiek dat industrieën wil ontmantelen met behoud van de status quo. Zelfs futuristen als Kurzweil, een van de herkenbaarste hedendaagse auteurs en een erfgenaam van Toffler, presenteren ideeën die revolutionair lijken – de uniciteit, de mogelijkheid van onsterfelijkheid – in een taal die wordt beperkt door individualistisch ondernemersdenken. Alles is doordesemd van de logica van het optimaliseren van alles en iedereen, zelfs van onze ziel.
Gedurende het grootste deel van hun geschiedenis hebben deze boeken zich vooral op de beperkte perspectieven en doelstellingen van het bedrijfsmatige futurisme gericht. Vaak onder invloed van de agenda van haar klanten, concentreert de toekomstbranche zich op het oplossen van de problemen waarvoor ze is ingehuurd. Omdat ze zijn voortgekomen uit organisatieadviesbureaus en oververhitte start-ups, zijn futuristen meer geïnteresseerd in, en kunnen ze zich gemakkelijker een voorstelling maken van ruimtekolonies en het eeuwige leven – voor sommigen een rechtstreekse weg naar winst – dan van een kwestie als het afschaffen van gevangenissen.
(Een nieuwe ster aan Tofflers toekomstversnellingsfirmament, maar zonder zijn weloverwogen zorgen te delen, is The Future Is Faster Than You Think van Peter Diamandis en Steven Kotler, waarin ademloos wordt beschreven hoe nieuwe technologieën zoals kunstmatige intelligentie ertoe zullen leiden dat de mensheid ‘een grotere omwenteling zal meemaken en meer rijkdom zal creëren dan in de afgelopen honderd jaar’. Wie met de omwenteling wordt geconfronteerd en naar wie de rijkdom gaat is niet moeilijk te raden. Problemen als klimaatverandering, stelt het boek, kunnen te lijf worden gegaan met zich steeds verder ontwikkelende gadgets, zoals goedkopere zonnepanelen en brandweerdrones.)
Kathedraaldenken
Maar terwijl de regels en de definitie van het ‘toekomstdenken’ veranderen en zich verspreiden via andere stemmen, geografieën en ideologische structuren, verandert het populair-futuristische boek mee – en treedt het soms uit Tofflers voetsporen, als het al niet een geheel nieuwe weg inslaat.
Vorig jaar verscheen After Shock, een officiële hommage aan Toekomstshock. De bundel bevat lovende maar zeker ook kritische woorden van de hand van meer dan honderd hedendaagse futuristen en denkers. Het boek How to Future: Leading and Sense-Making in an Age of Hyperchange van Scott Smith en Madeline Ashby staat voor een stap in een andere richting en beschrijft strategieën voor het begeleiden en creëren van verandering in verschillende contexten, die zich lang niet altijd beperken tot het commerciële en technologische domein. Het is een bewonderenswaardige poging om tot een ‘toekomsthandleiding’ voor verschillende doelgroepen en doelstellingen te komen, geïllustreerd met de toepassing van bijvoorbeeld scenarioplanning, een in de Koude Oorlog door militairen ontwikkelde methodologie, op terreinen als non-profitmanagement en gezondheidszorg. De casestudy’s en procesbeschrijvingen zijn verhelderend, al gaat de gedetailleerdheid soms te ver voor de niet-academische lezer die het in de naaste toekomst niet als handboek zal gebruiken.
Ook het veelgenoemde idee van ‘langetermijndenken’ duikt in diverse recente boeken op als een cruciaal middel om een andere existentiële dreiging te lijf te gaan: de klimaatcrisis. In De goede voorouder roept filosoof Roman Krznaric kalm op tot een heroriëntering op de toekomst, niet ten bate van onszelf (zoals typerend is voor het populair-futuristische boek), maar van onze verre nazaten. Hij gebruikt de term ‘kathedraaldenken’ voor reusachtige projecten die niet tijdens ons eigen leven zullen worden afgerond, maar waarmee nu wel hoognodig een begin moet worden gemaakt, vergelijkbaar met het werk van verschillende generaties aan de middeleeuwse kathedralen die hun achterkleinkinderen pas voltooid zouden zien.
Waar in boeken als Toekomstshock de toekomst wordt beschreven als een reusachtige golf die onontkoombaar en verpletterend op ons af raast, is de centrale metafoor in het boek van Krznaric (dat soms leest alsof je door een stil bos dwaalt) de eikel. Het gaat erom dat je bijvoorbeeld niet alleen maar bomen plant (al wordt herbebossing letterlijk een cruciaal langetermijnproject genoemd), maar ook het belang en het potentieel van het huidige moment benadrukt, hoe gebrekkig ook, om de toekomst te beïnvloeden.
Interactieve kaartspellen zijn misschien wel beter dan een boek in staat de vreemde, veranderlijke manieren te belichamen waarop de toekomst zich ontvouwt
Het meest inventief wordt dit thema misschien wel onderzocht in populair-futuristische projecten die de grenzen van het boek volledig overschrijden. Een daarvan is Afro-Rithms from the Future, een digitaal kaartspel dat spelers uitdaagt toekomstscenario’s te bedenken met een expliciete focus op zaken als sociale rechtvaardigheid en ongelijkheid. Tot het team dat het spel heeft ontwikkeld behoren futurist, acteur en kunstenaar Ahmed Best en Lonny Brooks, universitair hoofddocent Communicatie aan de California State University. Het spel maakt gebruik van afrofuturistische denkwijzen en kunstvormen om radicale visies op een rechtvaardiger wereld te stimuleren en groepsdiscussies uit te lokken over het veranderen van de huidige situatie om zover te komen. De kosmische, bontgekleurde kaarten zijn uitnodigend en in scherp contrast met het beeld van blauwe lasers dat maar al te vaak de standaardesthetiek van de ‘toekomst’ vormt. Interactieve kaartspellen en collectieve verhaalprojecten zijn misschien wel beter dan een lineair boek in staat de vreemde, veranderlijke, participatieve manieren te belichamen waarop de feitelijke toekomst zich ontvouwt.
Ook voordat de coronapandemie begin 2020 over de wereld begon te razen, hadden de catastrofale vooruitzichten voor de planeet – klimaatverandering, opkomend nationalisme, systemische ongelijkheid, technologie die meer problemen veroorzaakt dan oplost – iedere hoop op een stabiele toekomst al de bodem ingeslagen. Maar een heel klein lichtpuntje is misschien dat dit het jaar kan worden waarin we het duidelijkst beseffen dat we op een geheel nieuwe manier over de toekomst zullen moeten praten, als we die rechtvaardig en duurzaam willen maken voor iedereen. Net als in 1970 wordt de toekomst momenteel gevormd door ingewikkelde interacties van mensen, systemen, gemeenschappen en materiële en milieuomstandigheden – en door de verhalen waardoor die interacties worden beïnvloed.
Dit nieuwe hoofdstuk van populair futurisme toont zijn blijvende aantrekkingskracht als een vertrouwd dialect, ook al is de boodschap die het genre brengt nu van een andere urgentie. Misschien kan het nog altijd nieuwe toekomstperspectieven voor een gezondere wereld bieden, maar die moeten dan wel net zo levendig en onweerstaanbaar overkomen als Toekomstshock vijftig jaar geleden. Waar Toffler en zijn volgelingen de versnelde, door winstbejag gedreven toekomst duizelingwekkend maakten, probeert de volgende generatie denkers deze paradox op te heffen en tragere, meer op herstel en gemeenschapszin gerichte toekomsten te verzinnen, die even onweerstaanbaar zijn.
Duizenden mails die zijn onderschept uit de inbox van Kirill Sjamalov, de voormalige schoonzoon van de Russische president, laten haarscherp zien hoeveel macht en rijkdom het oplevert om deel uit te maken van Poetins inner circle.
Winnaar van de The Investigative Reporting Award 2021 van de European Press Prize.
Er zijn maar weinig geheimen in Rusland waarover zo wantrouwig wordt gewaakt als over de meest basale gegevens aangaande de familie van Vladimir Poetin. In de officiële biografie van de president wordt het alom bekende gegeven bevestigd dat hij en zijn voormalige echtgenote twee dochters hebben, Maria en Katerina. Maar Poetin noch zijn persvoorlichters hebben ooit de volledige namen van die dochters prijsgegeven, of iets losgelaten over hun privéleven of werk. Geen van beide dochters gebruikt in het openbaar haar achternaam.
Een van de weinige gegevens die journalisten boven tafel hebben weten te krijgen, is dat Poetins jongste dochter, Katerina, getrouwd is geweest met ene Kirill Sjamalov. Sjamalov is een vermogend man, die op zijn tweeëndertigste de jongste miljardair van Rusland was. Hij genoot echter weinig bekendheid en er waren maar weinig details openbaar over de manier waarop hij zijn ongekende vermogen had vergaard.
Maar nu komen er voor het eerst wat meer gegevens naar buiten over deze Sjamalov. Eerder dit jaar hebben journalisten van IStories, het Russische onderzoekscentrum van het Organized Crime and Corruption Reporting Project (OCCRP), via een anonieme bron toegang gekregen tot een uitgelekt mailarchief van Sjamalov. Het lek omvat meer dan tienduizend berichten uit de periode 2003-2020 en verschaft uitzonderlijke informatie in de man die als geen ander toegang heeft tot de machinaties binnen de Russische politiek.
Collection No. 1
De anonieme bron heeft niet onthuld hoe hij of zij aan Sjamalovs e-mails is gekomen, maar de berichten zelf wijzen in een bepaalde richting.
In juni 2019 stuurde het Hasso-Plattner-Institut van de Universiteit van Potsdam, dat zich bezighoudt met cybersecurity, Sjamalov een waarschuwing: zijn inloggegevens waren aangetroffen in ‘Collection No. 1’, een archief van miljoenen wachtwoorden en e-mailadressen die een hacker uit Oekraïne had verzameld en te koop aangeboden. Sjamalov leek het bericht niet helemaal te begrijpen, want hij stuurde de mail door naar zijn assistent met de vraag: ‘Wat heeft dit te betekenen?’
Gelekte informatie van een anonieme bron al dan niet publiceren is een lastige journalistieke beslissing. Om te beginnen kunnen er vraagtekens worden geplaatst bij de authenticiteit van documenten van een anonieme partij. Om het Sjamalov-archief te verifiëren, werden de mails eerst gestructureerd en geïndexeerd door data-analisten van het OCCRP. Vervolgens zijn journalisten van IStories bijna een jaar bezig geweest alles uit te pluizen: ze hebben onderwerpregels van e-mails nagetrokken, met afzenders gesproken en informatie vergeleken met bedrijfsgegevens, databases van makelaars, sociale netwerken en andere openbaar toegankelijke bronnen. Wij zijn tot de conclusie gekomen dat de mails authentiek zijn.
Een andere kwestie is de privacy. De bron heeft toegang gegeven tot het materiaal, maar heeft daarbij de journalisten verzocht geen medische gegevens openbaar te maken. Dat verzoek is gehonoreerd. IStories en het OCCRP hebben ook besloten niet het hele archief vrij te geven. De informatie die in dit onderzoek wordt gebruikt, is precies voldoende om een verhaal te vertellen dat het publieke belang dient.
Sjamalov is een schoolvoorbeeld van de corrupte verstrengeling van macht en het zakenleven die het moderne Rusland typeert
Niet alleen toont het archief onomstotelijk aan dat Sjamalov getrouwd is geweest met Poetins dochter Katerina, die de achternaam Tichonova gebruikt, ook bevat het enkele andere onthullingen over de financiële voordelen die dit huwelijk hem heeft opgeleverd, en de invloed die hij wist te vergaren door in de presidentiële familie te trouwen. Hij is duidelijk in staat geweest bronnen binnen de regering te gebruiken en heeft persoonlijke banden aangewend voor zijn eigen gewin en dat van zijn vrienden en zakenpartners – een schoolvoorbeeld van de corrupte verstrengeling van macht en het zakenleven die het moderne Rusland typeert.
Kirill Sjamalov noch Katerina Tichonova wilde reageren op dit verhaal. Poetins woordvoerder, Dmitri Peskov, reageerde met één zin: ‘We hebben dergelijke vragen al veel vaker onbeantwoord gelaten.’
Sjamalov senior
Kirill Sjamalov is de zoon van Nikolai Sjamalov, een van Poetins oudste en beste vrienden. Halverwege de jaren negentig maakten Poetin en Sjamalov senior deel uit van een groep vrienden die investeerden in Ozero, een privégemeenschap van zomerhuizen in de buurt van Sint-Petersburg. Toen Poetin president werd, kregen zijn buren uit Ozero hoge posities binnen de regering of kwamen aan het hoofd te staan van staatsbedrijven. Drie Ozero-oprichters kregen in 2014 te maken met sancties van de Verenigde Staten in verband met de Russische inval in Oekraïne.
Sjamalovs naam werd in brede kring bekend toen zijn voormalige zakenpartner Sergej Kolesnikov in 2010 een open brief publiceerde, gericht aan de toenmalige premier Dmitri Medvedev. De brief ging over de vermeende corruptie bij de bouw van een vorstelijk onderkomen aan de Zwarte Zee ter waarde van 1 miljard dollar voor Poetin, die toen president was.
Belangrijkste feiten:
Sjamalov en Poetins dochter spendeerden miljoenen aan luxueuze onderkomens in Rusland en Frankrijk, terwijl Poetin had bepaald dat de Russische elite geen buitenlandse bezittingen meer mocht hebben.
Niet lang na zijn huwelijk met Poetins dochter kocht Sjamalov voor het verbijsterend lage bedrag van 100 dollar een aandeel in de grootste petrochemische fabriek van Rusland, een bedrijf met een waarde van 380 miljoen dollar.
Later kocht Sjamalov een nog veel groter aandeel in dit bedrijf. Met deze deal, die bepaald niet onopgemerkt bleef, werd hij in één klap miljardair. Uit zijn mailwisseling blijkt dat dit slechts een van de vele lucratieve deals was die hem werden aangeboden, en de mails werpen licht op de vraag hoe een en ander mogelijk in elkaar stak.
Omdat Sjamalov zo dicht op de macht zat, was hij een zeer begeerde zakenpartner. In één geval kreeg hij een gratis aandeel in een groot bedrijf aangeboden in ruil voor zijn toegang tot ‘bronnen binnen de regering’. Een duidelijk voorbeeld van de corrupte verstrengeling van macht en zakenleven die het moderne Rusland typeert.
Volgens Kolesnikov vervulde Sjamalov een sleutelrol binnen deze constructie, geïnstigeerd door Poetin, waarbij een medisch bedrijf lucratieve gezondheidszorgcontracten kreeg aangeboden. Deze werden gefinancierd door rijke oligarchen, in ruil voor de belofte eenderde van het geld over te maken naar buitenlandse banken. Het geld werd gebruikt voor de bouw van ‘Poetins paleis’ in de buurt van Gelendzjik.
Nadat hij ruzie had gekregen met Sjamalov, verliet Kolesnikov het land en publiceerde hij zijn brief aan Medvedev. Hoewel het verhaal leidde tot een sensationeel schandaal en de inhoud van de brief werd gestaafd door documenten en geheime opnamen die Kolesnikov later aan de pers zou overhandigen, volgde er geen enkele officiële reactie.
De heersende elite van Rusland bestaat voor een groot deel uit oude compagnons van Poetin
Volgens een bekende heeft Nikolai Sjamalov, die dit jaar zeventig is geworden, zich teruggetrokken uit zowel het zakelijke als het publieke leven, en besteedt hij nu een groot deel van zijn tijd aan jagen. Zijn oudste zoon, Kirills broer Joeri, staat al sinds 2003 aan het hoofd van een van de grootste private pensioenfondsen van Rusland.
De heersende elite van Rusland bestaat voor een groot deel uit oude compagnons van Poetin, die hem zijn gevolgd naar Moskou en die sinds Poetin president is geworden allerlei sleutelposities binnen de regering vervullen. Deze datsja-buren, judokameraden, massagetherapeuten en voormalige stadsbestuurbureaucraten worden ook wel de Piterskie genoemd, naar Sint-Petersburg, waar ze vandaan komen. Om de term Piterskie hangt een sterke geur van georganiseerde misdaad – denk maar aan andere geografisch gewortelde epitafen als de Tambovskie of de Izmailovskie.
De meeste van deze mannen zijn nog niet van het toneel verdwenen. Maar in de twee decennia sinds Poetin aan de macht is, hebben hun kinderen en kleinkinderen hun eigen macht en vermogen vergaard en klimmen ze geleidelijk op naar de topposities. Je zou hen de ‘nieuwe Piterskie’ kunnen noemen.
Sjamalovs e-mailarchief biedt een opmerkelijk beeld van deze groep. Velen van hen hebben, net als Sjamalov zelf, rechten gestudeerd aan de Staatsuniversiteit van Sint-Petersburg. Ze praten over posities binnen de regering, bij staatsbedrijven en grote ondernemingen, en ze merken op dat als zij naar Moskou komen, de stad er heel anders zal uitzien dan de stad die hun voorouders ooit hebben veroverd.
Maar sommige dingen veranderen nooit. Net als in de wereld van hun ouders zijn persoonlijke connecties van cruciaal belang voor de nieuwe Piterskie. In juni 2004 ontving Sjamalov, in het laatste jaar van zijn studie, een mail van een jaargenoot, Jan Piskoenov:
‘Makker, we zullen alles zo goed mogelijk regelen. Het wordt geweldig. Het belangrijkste is dat we het over de organisatie hebben. Ik stuur je dinsdagochtend de speech. Ik haal vandaag of maandag de beoordeling op, en gedurende de week bereiden we de antwoorden voor op de vragen en opmerkingen van de beoordelaars. Ik vond het fijn om je eindelijk te zien. Rust wat uit en neem de tijd.’
Gezien de context gaat dit bericht over hulp bij het voorbereiden van Sjamalovs verdediging van zijn scriptie – en een vooraf geschreven presentatie voor de examencommissie.
Een paar dagen later was de speech klaar. ‘Hallo Sjamalov : ) !’ schreef Piskoenov. ‘Eerste versie speech… in de bijlage.’ En inderdaad, in de bijlage zit een presentatie bij een scriptie over vastgoedrecht.
Toeval of niet, maar Sjamalovs oudere broer, Joeri, zit in de raad van bestuur van zowel de mediaholding als de bank
De enthousiaste Piskoenov had een carrièreperspectief waar menig Russisch student jaloers op zou zijn. Niet lang na zijn afstuderen kreeg hij, op zijn vijfentwintigste, een hoge positie bij Gazprom-Media, de grootste mediaholding van Rusland, waar hij Deputy General Director werd en aan het hoofd kwam te staan van de juridische afdeling. Deze groep, met populaire kanalen als de tv-zenders NTV en TNT en de radiozender Echo of Moscow, is eigendom van Gazprombank. Toeval of niet, maar Sjamalovs oudere broer, Joeri, zit in de raad van bestuur van zowel de mediaholding als de bank. Hij heeft niet gereageerd op onze verzoeken om een reactie.
In september 2009 dook Piskoenov weer op in Sjamalovs correspondentie, toen een kennis hem benaderde met een ongebruikelijk en nogal onomwonden verzoek: ‘Vraag: is het mogelijk om de standpunten van Piskoenov en Plesjkov ten aanzien van vliegveld Vnukovo te veranderen, of hun activiteiten te neutraliseren?’
Een aangehecht memo levert de benodigde context: twee van de belangrijkste luchthavens van Moskou, Vnukovo en Domodedovo, waren verwikkeld geraakt in een commercieel geschil, waarbij Domodedovo uiteindelijk aan het langste eind trok. Als gevolg daarvan moest Vnukovo zo’n 350 miljoen roebel [4 miljoen euro] betalen. Volgens de afzender was de rechtbank ‘onder druk’ gezet door Dmitri Plesjkov, destijds ‘hoofd van het secretariaat van de voorzitter van het hooggerechtshof van arbitrage’, die zelf naar verluidt optrad ‘namens Jan Borisovitsj Piskoenov (…) van Gazprom-Media’. Hij vroeg of deze twee mannen konden worden beïnvloed op een manier waar vliegveld Vnukovo baat bij zou hebben.
Er zijn geen bewijzen dat Sjamalov aan Piskoenov of Plesjkov zou hebben gevraagd zich te mengen in het vliegveldgeschil. Maar een maand later verwierp het federale arbitragehof van het district Moskou de eerdere beslissing van de rechtbank, wat Vnukovo miljoenen scheelde. Het was precies zo gelopen als de kennis van Sjamalov had gevraagd.
Hoewel Sjamalov destijds nog maar 27 was, had hij al een indrukwekkend cv opgebouwd: hij had gewerkt voor Gazprom, Gazprombank, de Russische overheid en Rosoboronexport, de belangrijkste wapenexporteur van het land. Op het moment zelf was hij Vice President for Administrative Business Support bij Siboer, de grootste petrochemische fabriek van Rusland. Maar er stonden nog veel grootsere dingen op stapel.
Renovatie
In 2013 meldden verschillende media, waaronder Reuters, dat Sjamalov was getrouwd met ene Katerina Tichonova, van wie werd gezegd dat ze een dochter van Poetin was. Het Kremlin weigerde dat te bevestigen. Maar Sjamalovs mailarchief laat hier geen enkele twijfel over bestaan en maakt ook duidelijk dat Tichonova en Sjamalov in februari 2013 zijn getrouwd. Wanneer het stel elkaar heeft leren kennen wordt niet duidelijk vermeld. Maar uit het bewijsmateriaal, waaronder het volgende bericht van een van de organisatoren van hun bruiloft, blijkt dat hij haar al een groot deel van zijn leven kende:
‘Kirill, Katerina, tijdens de ijsshow zal achter het podium een scherm worden geplaatst om videobeelden te tonen, ter begeleiding van de optredens op het ijs. Tijdens sommige nummers zal er live worden uitgezonden wat op het podium te zien is (bijvoorbeeld tijdens jullie dans). Voor die videobeelden hebben we het volgende materiaal nodig:
1. Foto’s van jullie samen uit 2012-2013 (‘recent’)
2. Jeugdfoto’s – afzonderlijk, samen…
3. Teksten uit berichten, zowel van Katerina als van Kirill… alleen de tekst… het is leuk om iets herkenbaars te tonen… wat jullie met elkaar uitwisselden…
4. Kirill, een foto in uniform? Misschien met vrienden, of als je de eed aflegt, er is vast wel iets…
5. Kirill, wat was je telefoonnummer in 2003/2004 – toen je Katerina belde?
6. Katerina, we willen graag wat videoclips van je optredens. Misschien heb je foto’s van dat legendarische wereldkampioenschap in München, toen Kirill elf uur samen met jou heeft doorgebracht? Of wat je maar wilt laten zien (als ik het goed heb zitten er concurrenten in het publiek).’
In de zomer voorafgaand aan hun huwelijk was het stel druk bezig een luxeleventje op touw te zetten in zowel Rusland als Frankrijk. Op 2 juni 2012 kreeg Sjamalov een mail van de vrouw die was belast met het renoveren en inrichten van een huis voor het jonge stel in Usovo, een dorp in een dure streek vlak bij Moskou, en niet ver van de Novo-Ogarevo-residentie van de president:
‘Beste Kirill, ik stuur je de foto’s van alles wat Katja heeft uitgekozen voor jullie tuin. Alles is op voorraad in Italië (dat is bevestigd). Om de levering in gang te zetten, moet je een aanbetaling doen van 60 procent van het begrote bedrag.’
Er zat een bijlage bij met een lijst aankopen voor de inrichting van een kleine tent – een tafel, een bank, een paar leunstoelen, een stoffen gordijn – bij elkaar 53.000 euro. Sjamalov stuurde alles door aan zijn aanstaande. ‘Ik vind het prima, geen bezwaar. Wat denk jij?’
Twee dagen later stuurde Tichonova hem een lijst van Japanse boeken voor hun thuisbibliotheek, ter waarde van dik 6300 euro. Dat was nog niets vergeleken bij het tapijt dat het stel kocht voor in die bibliotheek: 54.300 euro.
Sjamalov kreeg met enige regelmaat updates over de voortgang van de inrichting van het huis, en aan de hand daarvan is het mogelijk een inschatting te maken van de totale kosten. De renovatie, de meubels en de verdere inrichting kwamen in totaal op een kleine 8 miljoen euro. Tel daar de geschatte kosten bij op van het land en het huis zelf, en het totale bedrag voor het onderkomen ligt ergens tussen de 15 en 17 miljoen euro.
Aankopen voor het huis in Usovo
Omschrijving – prijs in euro’s:
Inrichting spa: 321.400
Inloopkast: 102.500
Sierconiferen voor de tuin: 91.200
Stof voor banken in de woonkamer: 59.200
Kleed voor de bibliotheek: 54.300
Kleedkamer in het boudoir: 48.400
Gordijnen: 20.000
Muurkandelaars voor de eetkamer: 17.500
Kroonluchter in de eetkamer: 15.500
Shampoos, badstoffen accessoires voor de spa: 15.000
Maar het huis in Usovo was niet het enige dure bezit van het stel. In oktober 2012 kocht Sjamalov, via tussenkomst van Alta Mira, een in Monaco gevestigd bedrijf, een groot huis in de Franse badplaats Biarritz. Het huis had toebehoord aan de familie van Gennadi Timtsjenko, een oude vriend van Poetin en een multimiljardair met belangen in energie, transport en infrastructuur. Afgaande op documenten in Sjamalovs mailarchief, kostte het huis in Biarritz 4,5 miljoen euro.
Ook bij de inrichting van dit huis bleek dat het stel een dure smaak had. In juli 2014 vroeg een ontwerpster Sjamalovs goedkeuring voor de aanschaf van tuin- en terrasmeubilair ter waarde van 19.000 euro. Hij stuurde het bericht door aan Tichonova, die twee dagen later antwoordde: ‘Zo werkt het niet. Zeg dat ze foto’s moet sturen; of in ieder geval een link naar een site waarop foto’s te zien zijn.’
In Sjamalovs mailarchief zijn ook details te vinden over de bruiloft van het stel, in februari 2013, in het skiresort Igora, niet ver van Leningrad. Vanaf eind januari verstuurt Sjamalov uitnodigingen, met daarin een gedetailleerde beschrijving van de uitgebreide dresscode voor drie dagen en nachten feest, zoals ‘cocktail dress,’ ‘creative black tie,’ en ‘casual chic’, alles ‘in Russische stijl’.
Het jonge paar nodigt zo’n honderd gasten uit, onder wie zes officieren van de presidentiële geheime dienst, die in verband met de beveiliging in de buurt moeten blijven. Merkwaardig genoeg ontbreken op deze lijst de ouders van Tichonova: Poetin en zijn vrouw (het echtpaar had hun scheiding nog niet bekendgemaakt). Het is niet uitgesloten dat deze omissie verband houdt met de veiligheidsmaatregelen.
Op 1 februari ontvangt Sjamalov het definitieve schema. Voor de eerste dag staat een ‘Russische tea party’ gepland, met een samowar, traditionele zoetigheden en koffiebroodjes, gevolgd door een diner. Op de ochtend van de tweede dag volgen het huwelijk zelf, in de kerk, gevolgd door festiviteiten op straat, ‘Russische vakantie op het plein’ genaamd, en een huwelijksdiner. Op de derde dag komen de gasten samen voor een afscheidsdiner, waarbij ze worden toegezongen door de Tichonova’s favoriete zangeres: Margarita Pozojan.
Enveloppen
Zoals gebruikelijk in Rusland vraagt het pasgetrouwde stel de gasten om een bijdrage voor een cadeau. ‘We zijn van plan een speciaal gemaakt bruiloftstheeservies voor 24 personen te bestellen bij de Imperial Porcelain Factory. Er zijn een speciaal moment en een speciale plek ingeruimd in het programma om enveloppen met geld in te zamelen,’ staat er op de kaart. Het pasgetrouwde stel brengt de huwelijksreis door op Mauritius.
Na het huwelijk stijgt Sjamalovs rijkdom tot ongekende hoogten. Uit zijn mails blijkt dat Sjamalov al een heel netwerk aan offshorebedrijven had toen hij trouwde. Het merendeel van die bedrijven, bestierd door juristen uit verschillende landen, staat op naam van een gevolmachtigde. De belangrijkste hoeder van Sjamalovs offshoregeheimen is Dario Item, de ambassadeur van het Caribische staatje Antigua en Barbuda in Spanje, Monaco en Liechtenstein.
In juni 2013 koopt Sjamalovs offshorebedrijf in Belize, Kylsyth Investments Limited, 38.000 aandelen van een in Guernsey geregistreerde offshore, Themis Holdings Limited, van weer een andere offshore, Volyn Portfolio Corp, dat is gevestigd op de Britse Maagdeneilanden. Op dat moment is Themis Holding het moederbedrijf van Siboer. Met andere woorden: met de aandelen Themis heeft Sjamalov 3,8 procent van het grootste petrochemische bedrijf van Rusland in handen gekregen. Hij heeft er het verbijsterend lage bedrag van 100 dollar voor neergeteld. Sjamalov schat de waarde later op zo’n 10 miljard dollar, wat betekent dat zijn deel zo’n 38 miljoen dollar waard is. Hij heeft voor bijna niets een ongekend vermogen verkregen.
In een later interview met Kommersant zegt Sjamalov de aandelen Siboer te hebben verkregen door middel van een optieprogramma. Dergelijke programma’s zijn bedoeld om werknemers te belonen door ze in staat te stellen met korting aandelen in het bedrijf te kopen.
In reactie op vragen van journalisten komt de persvoorlichter van Siboer met een verklaring van Dmitri Konov, de voorzitter van de raad van bestuur, waarin wordt bevestigd dat Sjamalov zijn aandelen op deze manier in bezit heeft gekregen. Hij zou hebben gehandeld als elke andere manager. ‘De voorwaarden van de aankoop (…) verschilden niet van de voorwaarden van aankopen van andere managers,’ aldus de persvoorlichter. ‘Er golden geen exclusieve voorwaarden voor Sjamalov.’
Journalisten van IStories hebben gekeken naar de contracten van elf hoge managers bij Siboer die in dezelfde periode als Sjamalov deelnamen aan dit programma en het blijkt dat zij allemaal echt hebben betaald voor hun aandelen, met kortingen van zo’n 15 procent ten opzichte van de marktprijs. Zo heeft Sergej Komisjan, de executive director van het bedrijf, volgens zijn contract 21,6 miljoen dollar betaald voor een aandelenpakket dat 0,26 procent van het bedrijf vertegenwoordigde. De vicepresident, Alexei Filippovski, betaalde 12,7 miljoen dollar voor zijn 0,15 procent. (De bestuursvoorzitter van Siboer weerlegt deze getallen, maar komt niet met andere informatie.)
De schoonzoon van de president is de enige die via dit programma voor een schijntje zo veel rijkdom heeft weten te vergaren. En dat is nog maar het begin van zijn huwelijkse voorspoed.
Sjamalov kan kiezen uit geweldige aanbiedingen ter waarden van miljarden, zoals wij in de winkel kunnen kiezen tussen verschillende merken melk
Terwijl zijn carrière bij Siboer gestalte krijgt, trekt Sjamalov hordes adviseurs en assistenten aan, die projecten zoeken waarin hij kan investeren, die samenvattingen schrijven voor zijn toespraken en die hem zelfs de antwoorden aanleveren voor vragen die uit het publiek kunnen komen – net als in zijn studententijd. Na zijn huwelijk met Tichonova gaan zijn assistenten op zoek naar financiële projecten voor hun baas. Sjamalov krijgt de ene na de andere mail met geweldige aanbiedingen ter waarden van miljarden, waaruit hij kan kiezen zoals wij in de winkel kunnen kiezen tussen verschillende merken melk.
In mei 2013 stuurt Sjamalovs assistent Denis Nikienko hem een voorstel om gelijktijdig aandelen te kopen in drie verschillende bedrijven – Rostelecom, Tele2-Russia en Tricolor TV – en die vervolgens samen te voegen tot ‘een nationale telecommunicatieleider.’ De totale kosten van deze deal bedragen zo’n 9 miljard dollar. Nikienko oppert dat niet te financieren met eigen middelen, maar met geld van ‘bevriende financiële instellingen’ zoals Gazprombank of Gazfond, waar Sjamalovs broer de scepter zwaait.
De knapste koppen van Rusland stonden kennelijk te popelen om in zee te gaan met de jonge zakenman. In augustus en september 2013 stuurde Nikienko zijn baas enkele voorstellen van Sergej Kotljarenko, de assetmanager van voormalig vicepremier Igor Sjoevalov. In zijn eerste mail oppert Kotljarenko dat Sjamalov voor 1,3 miljard dollar een hele toren en een zakencentrum koopt in het zakendistrict van Moskou. Kotljarenko’s tweede idee is om een ‘wereldleider in oilfield services’ op te zetten, door RN-Bureniya op te kopen, een dochteronderneming van het staatsoliebedrijf Rosneft. ‘De baten van het bedrijf over 2014-2015 komen neer op zo’n 4,5 miljard per jaar,’ schrijft Kotljarenko. (Hij wilde niet ingaan op onze verzoeken om te reageren.)
In april 2014 stuurt Nikienko nog enkele voorstellen aan Sjamalov. Een daarvan is om 51 procent op te kopen van VSMPO-Avisma, de grootste titaniumproducent ter wereld. Een dergelijk belang is op dat moment meer dan een miljard dollar waard. Hij licht de voordelen van deze deal toe:
‘Waarom 51 procent? Als iemand op een sanctielijst wordt geplaatst, kunnen Amerikaanse burgers en bedrijven niet langer zakendoen met bedrijven waarin de gesanctioneerde een belang heeft van meer dan 50 procent. Aangezien de VS er belang bij hebben samen te werken met VSMPO-Avisma, zullen ze niet snel sancties uitvaardigen tegen dit bedrijf of de aandeelhouders.’
Een ander voorstel was dat Sjamalov een extra belang in Siboer zou kopen:
‘Het feit dat GNT [Gennadi Nikolajevits Timtsjenko] aandeelhouder in het bedrijf is, brengt bepaalde beperkingen met zich mee voor de bedrijfsvoering. Er zijn al gevallen bekend van banken en zakenpartners die hebben geweigerd zaken te doen met Siboer [omdat Timtsjenko op de sanctielijst staat]. Om dat probleem op te lossen is het voorstel om GNT’s aandeel uit te kopen. De koop kan door twee van de managers van het bedrijf worden geregeld en vervolgens kan het aandeel worden geconsolideerd (er is een aanpak uitgewerkt waarbij een kunstmatige lening wordt gecreëerd die wordt afbetaald met een tweede aandelenpakket).’
Zoals blijkt uit het vervolg is dit het voorstel waarvoor Sjamalov uiteindelijk zal kiezen.
De jongste miljardair in Rusland
Op 1 augustus 2014 registreert Sjamalov een bedrijf, Yauza 12, op zijn adres in Moskou. Nog geen zes dagen later, zoals blijkt uit zijn mails, krijgt zijn bedrijf via Timtsjenko 17 procent van Siboer in handen, waarmee zijn aandeel in de petrochemische gigant op net iets meer dan 21 procent uitkomt – en zijn vermogen met 2 miljard is toegenomen. Dankzij deze transactie is Sjamalov de jongste miljardair in Rusland en de op een na grootste aandeelhouder in de grootste petrochemische holding van het land. Hij trekt daarmee behoorlijk wat aandacht, en het jaar erop vindt het gemoedelijke interview met Kommersant plaats.
De schoonzoon van de president vertelt aan de krant dat hij geld had geleend voor de acquisitie van Gazprombank (waar zijn broer Joeri in de raad van bestuur zit), met zijn eigen bezittingen als onderpand. Hij licht niet toe wat die bezittingen zijn. Door te speculeren met de 3,8 procent van Siboer die hij al in bezit heeft, kan Sjamalov in theorie zo’n 500 miljoen dollar binnenhalen. Maar waar moet de jonge zakenman het resterende bedrag vandaan halen?
Sjamalovs mails geven geen antwoord op deze vraag, maar de gefingeerde lening waaraan Nikienko refereert is een prikkelende hint. Gefingeerde schulden gebruiken als legaal excuus om middelen over te hevelen als ‘terugbetaling’ is in de Russische juridische literatuur beschreven als een populaire manier om voor weinig tot geen geld bedrijven over te nemen.
Maar die techniek hoeft niet beperkt te blijven tot vijandige overnames. Als er in dit geval een dergelijke methode zou zijn gebruikt, waarbij de Siboer-aandelen zouden worden overgeschreven als ‘terugbetaling’ van een schuld die eigenlijk niet bestaat, dan zouden er geen aanvullende fondsen nodig zijn. Afgezien van Nikienko’s suggestie in een mail is er geen bewijs dat het zo is gegaan, en het hele verhaal blijft onopgehelderd.
Het is onbekend wanneer en hoe Sjamalovs bedrijf Yauza 12 de enorme lening heeft afbetaald. De meest recente beschikbare financiële gegevens, over 2016, vermelden 80 miljard roebel [ruim 9 miljoen euro] aan geleende gelden. Het bedrijf is in december 2017 geliquideerd.
Sjamalov eindigt zijn interview in Kommersant met een patriottische uitspraak: ‘Ik ben in Rusland geboren en getogen, en ik woon er. En mijn ondernemingen zijn ook hier gevestigd. En ze vallen allemaal onder de jurisdictie van Rusland, niet onder buitenlandse jurisdictie. Het is niets voor mij om een uitwijkmogelijkheid te creëren, om zaken op te zetten in het buitenland.’
Natuurlijk doet hij wel veel zaken in het buitenland: zijn transacties in Belize, zijn Franse villa (voorheen eigendom van een bedrijf uit Monaco) en verschillende bankrekeningen die hij dat jaar in Zwitserland heeft geopend. Maar in 2017, als steeds meer van Poetins bekenden op de sanctielijst belanden, schroeven Sjalomovs juristen zijn financiële activiteiten bij Europese banken terug en zetten een speciaal fonds voor hem op, het Centurion International Fund, op Labuan, een eiland voor de kust van Maleisië.
Zelfs vóór zijn huwelijk kon Sjamalov worden beschouwd als een van de invloedrijkste mensen van Rusland, dankzij de vriendschap tussen zijn vader en de president, en dankzij zijn vrienden en bekenden van de ‘nieuwe Piterskie’. Maar na zijn huwelijk maakt hij deel uit van de familie – en dat brengt allerlei voorrechten met zich mee.
Een van de gasten op zijn huwelijk, op de gastenlijst vermeld als een gast van de bruid, was Kirill Dmitriëv, hoofd van het Russian Direct Investment Fund (RDIF), het soevereine vermogensfonds van het Kremlin en een van de belangrijkste overheidsspelers in de Russische economie. Het fonds, dat is opgericht in 2011, heeft tot taak om te investeren in vooraanstaande Russische bedrijven en om buitenlandse investeerders aan te trekken.
Dmitriëvs vrouw, Natalja Popova, was de rechterhand van Tichonova in haar non-profitorganisatie, en de twee jonge stellen zijn bevriend en een aantal keer samen op vakantie geweest. Sjamalov en Dmitriëv mailden elkaar geregeld, stuurden elkaar links en wisselden meningen uit over economische kwesties. In enkele gevallen stuurde Dmitriëv vertrouwelijke RDIF-documenten aan Sjamalov.
Op 7 december 2012 stuurt Dmitriëv Sjamalov een RDIF-presentatie die is aangemerkt als ‘strikt vertrouwelijk’. Er staat een voorgenomen transactie in beschreven om aandelen te kopen in Rostelecom, een van Ruslands grootste telecombedrijven. Op dat moment is deze deal nog niet bekend, en de baas van het RDIF is zich er terdege van bewust dat hij geheime informatie deelt:
‘Ik stuur je dit – maar alles is extreem vertrouwelijk – als je dit materiaal wilt gebruiken en aan anderen wilt laten zien – zeg het dan vooral – ik kan je uitleggen hoe je dat het beste kunt doen – want veel in deze bijlage is vertrouwelijk en alleen voor jou bestemd.’
Bij een andere gelegenheid, in juli 2013, stuurt Dmitriëv een bericht door aan Sjamalov dat hij eerder had gestuurd aan Ksenia Joedaeva, die op dat moment aan het hoofd staat van het Expert Department van de Russische president. De bijlage bevat de notulen van een bespreking tussen RDIF-functionarissen en Nikolai Nikiforov, de minister van Communicatie, over het in het leven roepen van een postbank.
Het is niet ongebruikelijk dat staatsinstellingen zoals het RDIF clausules hebben om handelsgeheimen te beschermen. Journalisten hebben niets van dien aard kunnen ontdekken op de RDIF-website, en het RDIF wilde niet ingaan op verzoeken om een reactie. Maar op de website van andere overheidsbedrijven zijn wel vergelijkbare documenten aangetroffen. Zo kan een werknemer van een dergelijk bedrijf alleen vertrouwelijke informatie doorsturen aan derden op basis van een overeenkomst. Bij het schenden van deze standaard is men wettelijk aansprakelijk, ook in strafrechtelijke zin.
Meer dan alleen geld
Het is niet bekend of Sjamalov baat heeft gehad bij de vertrouwelijke informatie die Dmitriëv hem heeft gestuurd, maar in theorie kan dergelijke informatie een vermogen waard zijn. Dat geldt met name waar het beursgenoteerde bedrijven als Rostelecom betreft. In 2013 krijgt het RDIF, samen met Deutsche Bank, 2,7 procent van het telecombedrijf in handen voor 7,7 miljard roebel [88 miljoen euro], zes maanden nadat Sjamalov deze plannen in handen heeft gekregen. Zodra dat bekend wordt, stijgen de aandelen Rostelecom met bijna 30 procent tussen augustus, wanneer het nieuws over een mogelijke deal naar buiten komt, en oktober, het moment waarop de deal wordt gesloten. Iemand die voorkennis had van deze plannen, zou daar een aardig slaatje uit hebben kunnen slaan.
Het RDIF blijkt Sjamalov ook van dienst te kunnen zijn in puur materiële zin. In januari 2015 stuurt Dmitriëv Sjamalov een artikel uit de krant Vedomosti met als kop: ‘RDIF schiet Siboer te hulp’. Het artikel gaat over de voorgenomen RDIF-investering in een Siboer-project om een petrochemische fabriek, ZapSibNeftekhim genaamd, neer te zetten in Tobolsk.
‘Beetje bij beetje begint het plan vorm te krijgen : )’, schrijft Dmitriëv.
‘Super!’ antwoordt Sjamalov, de op een na grootste aandeelhouder van Siboer.
ZapSibNeftekhim, het grootste petrochemische complex in Rusland, is in mei dat jaar in bedrijf genomen, na een investering van 9,5 miljard dollar. Eind mei 2015 kondigt het RDIF op de website aan dat ze, samen met andere geldschieters, verantwoordelijk zijn voor meer dan eenderde van de investering.
Om een dergelijk immens project van de grond te krijgen, is een staatsfonds ontoereikend, dus schiet Sjamalovs schoonvader te hulp. In oktober 2015 stemt Poetin in met de toewijzing van 1,75 miljard dollar uit het National Wealth Fund voor het ZapSibNeftekhim-project. Het National Wealth Fund is bedoeld om de pensioenspaartegoeden van de burgers te co-financieren en om tekorten van het pensioenfonds aan te vullen.
Ook Dmitriëv spint garen bij zijn vriendschap met Sjamalov. Zo heeft het RDIF de Siboer-terminal aangekocht, voor het overschepen van lpg in de zeehandelshaven Ust-Luga. Uit Sjamalovs mail valt af te leiden dat niet iedereen in de Siboer-top even enthousiast was over het idee om de terminal te verkopen. De voormalige financieel directeur, Pavel Maly, schreef dat deze deal Siboer meer dan 250 miljoen dollar zou kosten:
‘Ik begrijp dat bij deze transactie andere zaken een rol kunnen spelen, waarvan ik niet op de hoogte ben. Misschien is het heel belangrijk voor ons om een samenwerking met het RDIF te bewerkstelligen (…) Deze informatie zou ik graag vernemen. Maar als er geen andere overwegingen meespelen, lijkt het mij het verstandigst om “de stekker eruit te trekken”.’
Op de een of andere manier krijgt Dmitriëv deze vertrouwelijke notitie in handen en hij zet er in rood opmerkingen bij voor Sjamalov, waaruit blijkt dat hij het oneens is met Maly’s inschatting. Uiteindelijk gaat Siboer akkoord met de deal. Met een consortium van andere investeerders koopt het RDIF de terminal Ust-Luga voor 700 miljoen dollar.
Dmitriëv heeft niet gereageerd op verzoeken om commentaar te geven op dit verhaal.
Sjamalov was een ongekend geliefde zakenpartner
Sjamalov was een ongekend geliefde zakenpartner. Zakenmannen stonden voor hem in de rij, met de aanlokkelijkste voorstellen, en hij kreeg gratis aandelen aangeboden in verschillende ondernemingen, duidelijk vanuit de veronderstelling dat de schoonzoon van de premier meer waardevols had te bieden dan alleen geld.
In 2017 bood Sjamalovs voormalige jaargenoot Dimitri Utevski hem een aandeel in een groot afvalverwerkingsbedrijf in de regio Leningrad. Utevski beloofde zijn compagnon een ‘vast jaarinkomen’ en in ruil daarvoor vroeg hij letterlijk om ‘een bestuurlijke bron (minimaal op het niveau van het hoofd van een regio)’. In Rusland is dat de gebruikelijke omschrijving voor ambtenaren die hun macht aanwenden voor persoonlijk gewin. We weten niet hoe Sjamalov op dit voorstel heeft gereageerd, maar in zijn mailarchief komen we meerdere voorbeelden tegen waarbij hij zijn compagnons te hulp is geschoten via zijn contacten in de hoge echelons van de regering.
Samen met zijn vader was Sjamalov vele jaren mede-eigenaar van de Russian Cement Company en de Siberian Cement Holding. In 2016 bevond Oleg Sjarikin, de belangrijkste eigenaar van deze bedrijven, zich in een netelige situatie. Op 7 april werden zijn huis en kantoor doorzocht door medewerkers van het onderzoekscomité en agenten van de Federale Veiligheidsdienst (FSB).
Vier dagen later kreeg Sjamalov een mail van Valery Bodrenkov, de vicevoorzitter van Siberian Cement, met als onderwerp: ‘Voor de garantsteller, een “soft” versie’. Bijgevoegd was een bericht van Sjarikin aan Poetin. De eigenaar schreef dat de huiszoeking was geïnstigeerd door een ‘concurrent’, namelijk de voormalige bestuursvoorzitter van Siberian Cement. Hij sloot af met een klemmend beroep:
‘Ik verzoek u, beste Vladimir Vladimirovitsj, om u persoonlijk met deze kwestie bezig te houden, om de leiding van het Openbaar Ministerie van de Russische Federatie te verzoeken een onderzoek in te stellen naar de wetmatigheid van het handelen van de FSB en het onderzoekscomité van de Russische Federatie aangaande de huiszoekingen in mijn verblijf.’
Nog diezelfde dag stuurde Sjamalov dit bericht door naar zijn secretaresse, met het verzoek het te printen. Het is niet bekend of Sjamalov het heeft overhandigd aan zijn schoonvader, maar dit was niet de enige keer dat Sjarikin hem om hulp vroeg – en er zijn bewijzen dat Sjamalov op zijn verzoeken is ingegaan.
Een jaar later, in april 2017, stuurde Sjarikin Sjamalov nog twee berichten die bestemd waren voor de president. In het eerste bericht beklaagde hij zich dat zijn bedrijf, Ceramic Technologies (waarvan Sjamalovs vader ook enkele jaren mede-eigenaar was geweest) een innovatieve methode had ontwikkeld om radioactief afval te begraven, maar dat Rosatom had geweigerd medewerking te verlenen. ‘Ik verzoek u Likhatjsev A.V., het hoofd van de State Atomic Energy Corporation “Rosatom”, te gelasten een samenwerkingsprogramma op te zetten en te implementeren’, schreef Sjarikin.
In zijn tweede bericht beklaagde Sjamalovs partner zich erover dat hetzelfde bedrijf, Ceramic Technologies, lenzen ontwikkelde voor telescopen, zowel in de ruimte als op aarde, maar dat het staatsbedrijf Roscosmos ze niet wilde kopen. ‘Ik verzoek u de directeur-generaal van de State Corporation for Space Activities ‘Roscosmos’, I.A. Komarov, te gelasten een samenwerkingsprogramma op te zetten voor het implementeren van bestaande technologieën’, schreef Sjarikin.
Kennelijk was Sjamalov in staat om te helpen, of in ieder geval ten dele. Twee weken later, op 12 mei 2017, kreeg hij nog een mail van Sjarikin:
‘Goedemorgen Kirill, hierbij stuur ik je de protocollen. De bespreking met KSV is goed verlopen, hij is nauwgezet in alle kwesties gedoken. Hartelijke groet.’
De afkorting KSV komt overeen met de initialen van Sergej Vladilenovitsj Kirijenko, niet alleen het voormalige hoofd van Rosatom, maar ook waarnemend premier van Rusland. Bijgesloten waren notulen van een bespreking tussen managers van Rosatom en Ceramic Technologies. Sjarikin wilde niet reageren.
In een ander geval kwam er een verzoek om hulp via de organisatie van Tichinova, Innopraktika. Het bericht is zo typerend voor de wijze waarop de Russische economie functioneert, dat het de moeite waard is er uitgebreid uit te citeren. Op 12 november 2014 ontving Alexander Veresov, het hoofd van de stichting die samenwerkt met de wetenschappelijke wereld, een mail van de algemeen directeur van een bedrijf dat diergeneeskundige medicijnen ontwikkelt. Zijn bedrijf had moeite een bepaald geneesmiddel geregistreerd te krijgen. De pogingen liepen stuk op de monopolisering van de diergeneesmiddelenindustrie en op de algehele corruptie. Dus verzocht hij Veresov de hulp in te schakelen van de dochter van de president:
‘Om te beginnen moeten we serieuze problemen in de toekomst zien te vermijden, snap je, dus vraag Katerina deze informatie te gebruiken zonder dat er iets naar mij te herleiden is (…) De toegang tot de markt voor diergeneesmiddelen zit min of meer op slot voor de “verkeerde” bedrijven, die de concurrentie zouden kunnen aangaan met enkele van de grotere bedrijven, en degenen die daar uiteindelijk baat bij hebben zijn de functionarissen van de Rosselkhoznadzor [de federale dienst die toezicht houdt op de dier- en plantengeneeskunde].
(…)
‘Het probleem is dat de “verkeerde” bedrijven aan alle voorwaarden moeten voldoen, waardoor het vrijwel onmogelijk is een geneesmiddel te registreren, terwijl dat voor de “goede” bedrijven meestal niet het geval is. Kort gezegd zou ik Katerina dan ook als eerste vragen om de kameraden die “dwarsliggen” een directe en heldere boodschap te sturen (zonder al te veel druk uit te oefenen) dat binnenlandse innovatieve ontwikkelingen een kans moeten krijgen. Want hun acties druisen in tegen de belangen en de veiligheid van de staat. Dit baart niet alleen mij zorgen, maar ook tientallen andere aanvragers die geen eerlijke kans krijgen. Maar ik zou Katerina wel willen vragen een duidelijk signaal af te geven dat we hun handelwijze voortaan aandachtig zullen MONITOREN (…) Als er van haar kant wordt gemonitord en gecontroleerd, zullen ze het wel uit hun hoofd laten te doen wat ze normaal gesproken doen.’
We weten niet wat Sjamalov en Tichonova al dan niet hebben gedaan om te helpen, maar in 2016 werd het geneesmiddel geregistreerd.
De scheiding
Begin 2018 maakte Bloomberg bekend dat Sjamalov en Tichonova na vijf jaar huwelijk uit elkaar gingen. Zes maanden daarvoor had Sjamalov het aandeel Siboer verkocht, dat hij in 2013 van Timtsjenko had gekocht. Zijn mails werpen geen licht op de vraag of hij er iets voor heeft gekregen, en zo ja, hoeveel. Timtsjenko wilde niet reageren.
Nadat hij was gescheiden van Tichonova, kreeg Sjamalov een nieuwe partner, Zhanna Volkova, een bekende socialite. In 2019 leek hun relatie officieel: in oktober van dat jaar stuurde Volkova documenten naar Sjamalov over de registratie van een offshorebedrijf op de Britse Maagdeneilanden, Kenaston Properties Ltd, waarvan zij de begunstigde werd. In de documenten staat haar achternaam vermeld als Sjamalova.
In 2018 werd Sjamalov door de Verenigde Staten op een sanctielijst geplaatst, omdat hij na zijn huwelijk deel uitmaakte van ‘een selecte kring van miljardairs in de entourage van Vladimir Poetin’. De Amerikanen waren betrekkelijk laat: de laatste mail in het archief van Sjamalov en Tichonova dateert van 15 juni 2017. Sjamalov had een mail doorgestuurd van een beroemde architect uit Sint-Petersburg, met ontwerpvoorstellen voor een landhuis.
Door: Roman Anin, Alesya Marokhovskaya, Irina Dolinina, Dmitry Velikovsky, Roman Shleynov, Sonya Savina, Olesya Shmagun, Denis Dmitriev
Waarom deze smeltende gletsjer een mondiaal gevaar is
De smeltende Pine Island-gletsjer van West-Antarctica stond al bekend als de grootste aanjager van de zeespiegelstijging. Dat wordt nog erger omdat de ijsplaat versneld uiteenvalt. Dit schrijft The Washington Post naar aanleiding van een nieuw onderzoek dat afgelopen vrijdag werd gepubliceerd.
De Pine Island-gletsjer, een ijsrivier van 260 kilometer lang, staat bekend als de zwakke plek van West-Antarctica. Hij draagt meer bij aan de zeespiegelstijging dan enige andere gletsjer van het continent en behoort tot de snelst smeltende gletsjers ter wereld.
In tegenstelling tot andere Antarctische gletsjers, wordt de Pine Island-gletsjer niet beschut tegen de opwarmende oceaan door een grote massa zee-ijs. Het enige dat voorkomt dat hij rechtstreeks in de Amundsenzee stroomt, is een drijvende ijsplaat aan de voorkant van de gletsjer. Die fungeert als een kurk in een fles die de enorme druk aan de achterkant opvangt.
Maar die ijsplaat scheurt nu zelf uit elkaar. De afgelopen vijf jaar ging een vijfde van zijn massa verloren, waardoor ijsbergen zo groot als steden zijn afgestoten. Er zijn scheuren ontstaan in het midden van de ijsplaat, hetgeen mogelijk bijdraagt aan de instabiliteit.
Als dit proces doorgaat, ‘kan de hele ijsplaat de komende jaren uit elkaar vallen en dat is veel sneller dan we hadden verwacht’
Inmiddels is er een nieuwe reden voor zorgen om de Pine Island-gletsjer. Volgens het onderzoek dat vrijdag in Science Advancesis gepubliceerd, stroomt de gletsjer 12 procent sneller naar de oceaan dan vier jaar geleden; het gevolg van de afbrokkelende, verzwakte ‘kurk’.
Als dit proces doorgaat, ‘kan de hele ijsplaat de komende jaren uit elkaar vallen en dat is veel sneller dan we hadden verwacht’, aldus Ian Joughin, een glacioloog aan het Applied Physics Laboratory van de University of Washington, die meeschreef aan het rapport.
Het verlies van de ijsplaat zou het verval van de Pine Island-gletsjer verder versnellen. Hoe sneller die stroomt, hoe meer ijs er in de oceaan terecht komt, waardoor de zeespiegel stijgt. De gletsjer voegt elk jaar al een zesde millimeter toe aan de zeespiegelstijging, maar het verlies van de ijsplaat zou die snelheid kunnen verdubbelen of verdrievoudigen, volgens Joughin. Pine Island bevat ongeveer 180 biljoen ton ijs en dat is genoeg om een zeespiegelstijging van zo’n 49 centimeter te veroorzaken. ‘Ik ben echt geen catastrofedenker’, zegt Joughin. ‘Maar de staat van de ijsplaat staat zeker ter discussie.’
Afkalven
Eerder richtten wetenschappers zich op het langzame maar gestage dunner worden van de ijsplaat doordat warm oceaanwater eronder stroomt. Dit smelten maakt ijsplaten kwetsbaarder voor instorting tijdens de Antarctische zomer, wanneer hoge temperaturen zorgen dat het oppervlak smelt. Maar aangezien de temperaturen in West-Antarctica zelden meer dan een paar graden boven het vriespunt liggen, werd verwacht dat dat proces eeuwen zou duren.
Wat er nu gebeurt, gaat veel sneller en is minder voorspelbaar, volgens Joughin. Het lijkt erop dat de snelle verschuiving van de gletsjer breuken veroorzaakt in de ijsplaat, wat ertoe leidt dat er meer stukken afbreken of ‘afkalven’. Computersimulaties en wiskundige modellen ondersteunen het idee dat dit proces verantwoordelijk is voor de versnelde stroming van de gletsjer.
De ijsplaat van Pine Island kalfde vroeger om de vier tot zes jaar af, volgens NASA, maar sinds 2017 zijn er elk jaar enorme brokken ijs verloren gegaan. Radarinstrumenten aan boord van de Sentinel-1-satellieten van de European Space Agency leggen elke zes dagen beelden van de gletsjer vast, zelfs tijdens de maandenlange duisternis in de Antarctische winter. Hierdoor kunnen wetenschappers de ijsplaat bijna in realtime zien breken.
NASA-wetenschappers vlogen in 2018 over een van de nieuwgevormde ijsbergen van Pine Island. Zelfs vanaf 450 meter hoogte besloeg een deel ter grootte van de stad Seattle het hele gezichtsveld van de onderzoekers. ‘Het was spectaculair, inspirerend en nederig makend tegelijk’, schreef Brooke Medley, projectwetenschapper voor Operation IceBridge, in een blogpost.
Maar slechts twee jaar later braken grote stukken af van de randen van de ijsplaat. Daardoor is het alsof de kurk in de fles met de Pine Island-gletsjer aan het afbrokkelen is.
Iets soortgelijks gebeurde in de jaren negentig en het begin van de jaren 2000 met gletsjers op het Antarctisch Schiereiland, het staartvormige deel van het continent dat zich uitstrekt naar Zuid-Amerika. Daar veroorzaakten warme temperaturen het catastrofale uiteenvallen van ijsplaten in de loop van slechts een paar jaar. Twee decennia later stromen de gletsjers van het schiereiland nog steeds twee of drie keer zo snel als voorheen, hetgeen bijdraagt aan de zeespiegelstijging.
‘De waarneming van zo’n zelfde proces op de Pine Island-gletsjer is nieuw en zorgwekkend’, zegt Bethan Davies, een glacioloog aan de Royal Holloway University of London die niet betrokken was bij de nieuwe studie.
Pine Island en andere West-Antarctische gletsjers zijn veel groter dan de gletsjers die uit het Antarctische schiereiland stromen, aldus Davies, waardoor de gevolgen veel extremer zullen zijn. ‘Het verlies van ijs hier zou catastrofaal en onomkeerbaar kunnen zijn.’
De modellen van Joughin kunnen niet zeggen wat er daarna gaat gebeuren. Hij en zijn collega’s hebben geen smeltvijvers waargenomen op het oppervlak van de ijsplaat, iets waarvan bekend is dat het ijs er minder stabiel door wordt. Het scheuren van het ijs leek in 2020 te verminderen. Maar als de versnelde stroom van de gletsjer breuken blijft veroorzaken, kan dit leiden tot een terugkoppeling waardoor de ijsplaat in een spiraal van verval terecht komt. ‘Het is zeker niet ondenkbaar dat de rest van de ijsplaat over tien jaar verdwenen is’, zegt Joughin.
Als ijsplaten snel en resoluut kunnen verschuiven, kan de mensheid dat ook. Door het ozongat te helen en snel actie te ondernemen tegen klimaatverandering, zullen de omstandigheden in de atmosfeer en de oceanen van Antarctica veranderen en dat zal helpen de gletsjers van het continent te stabiliseren.
‘De toekomst kan veranderd worden’, zegt Davies, ‘op voorwaarde dat mensen doen wat nodig is.’
Hoe een tachtigjarige vecht voor haar taal
In Zuid-Afrika is de kliktaal n|uu uniek, maar ook bedreigd: slechts enkele hoogbejaarden spreken het nog vloeiend. Daarom is er nu een schrijfsysteem ontwikkeld om de taal te bewaren en te kunnen onderwijzen, schrijft het Britse iNews.
Katrina Esau groeide op in een blanke boerderij aan de rand van de Kalahari-woestijn in Zuid-Afrika tijdens de apartheid. Haar werkgever verbood haar om de taal te spreken die ze van haar moeder had geleerd. De taal N|uu, bekend van de ‘klik’klanken en ooit gesproken door de jager-verzamelaars van de Noord-Kaap die tegenwoordig bekend staan als San of ‘bosjesmannen’, was een halve eeuw lang bijna vergeten.
Dat was het gevolg na eeuwen van uitroeiing en assimilatie van de San. Decennialang werd gedacht dat N|uu, zoals veel van de oorspronkelijke kliktalen van zuidelijk Afrika, was uitgestorven.
Maar eind jaren negentig, na decennia van apartheid, deed Elsie Vaalbooi, een N|uu-spreker, op de lokale radio een beroep op andere sprekers om naar voren te komen. Het bleek dat er nog ongeveer twintig bejaarde sprekers van de taal in de regio van de Noord-Kaap leefden. Een paar jaar later was dat aantal al drastisch afgenomen. Tegenwoordig is Katrina Esau de enige die het N|uu nog vloeiend spreekt. Ze is achter in de tachtig.
De afgelopen twee decennia heeft Esau gewijd aan het onderwijzen van N|uu, in een poging de taal en cultuur van de San te behouden. In een klaslokaal aan de voorkant van haar huis in Upington leert ze lokale kinderen de oorspronkelijke taal van haar thuisland. Ondanks jaren van verplicht zwijgen, verloor ze nooit haar spreekvaardigheid. ‘Ik heb deze taal niet geleerd maar kreeg hem via de borst van mijn moeder’, zegt ze in Lost Tongue, een film over N|uu die in 2016 werd gemaakt.
Afrika is het enige continent met talen waarin klikken gewone medeklinkers zijn. Het kenmerkende geluid wordt geproduceerd met de punt van de tong tegen de boventanden. N|uu, geclassificeerd als ernstig bedreigde taal door Unesco, is een van de slechts drie talen waarvan bekend is dat ze een ‘kiss-klik’ hebben die met beide lippen wordt geproduceerd.
Om deze buitengewoon rijke taal te onderwijzen, gebruikt Esau, die nooit heeft leren lezen of schrijven, zang, spel en beelden. Het helpt haar leerlingen, in de leeftijd van drie tot negentien jaar, om basisbegrippen te leren, zoals begroetingen, lichaamsdelen, dierennamen en korte zinnen.
Zij zijn de enige studenten van N|uu ter wereld die een taal leren met 114 verschillende geluiden, waaronder 45 klikken, 30 niet-klikmedeklinkers en 39 klinkers. Om dit in context te plaatsen: Engels, Russisch en Chinees hebben ongeveer 50 klanken.
De afgelopen jaren werd Esau in haar missie bijgestaan door academici Sheena Shah en Matthias Brenzinger. Samen met leden van de gemeenschap hebben ze een N|uu-orthografie opgesteld, conventies voor het schrijven van de taal, en leermiddelen gemaakt voor Esau’s school.
De kroon op het werk is een geïllustreerde drietalige N|uu-Afrikaans-Engelse reader van honderdzestig pagina’s, waarin de mondelinge taal is omgezet in een geschreven taal. De reader dient als een hulpmiddel waarmee ook Esau’s kleindochter, Claudia Snyman, leerlingen de geschreven taal kan onderwijzen.
‘Wat Ouma Katrina heel graag wilde, was les- en leermateriaal’, aldus Shah. ‘Kinderen in haar gemeenschap gingen ’s ochtends naar school met schoolboeken voor wiskunde, Engels en Afrikaans. Maar voor haar naschoolse lessen bestond geen gedrukt materiaal. Ze wilde dat haar taal op hetzelfde niveau werd behandeld.’
De titel van de reader, Ouma Geelmeid ke kx’u ||xa||xa N|uu (Ouma Geelmeid leert N|uu), bevat een verhaal uit Esau’s verleden. Als kind noemde de Afrikaanse eigenaar van de boerderij waar ze werkte haar ‘Geelmeid’, een aanstootgevende verwijzing naar haar huidskleur. Tegenwoordig staat ze bekend als Ouma (Oma) Katrina.
‘Voor Ouma Katrina is N|uu een centraal onderdeel van haar leven’, zegt Shah, die haar tijd verdeelt over universiteiten in Hamburg, Londen en Bloemfontein in Zuid-Afrika. ‘Als taalkundigen zijn we geïnteresseerd in hoe mensen taal gebruiken in de dagelijkse communicatie. Met Ouma Katrina kun je uren luisteren naar de verhalen die ze vertelt en de liedjes die ze zingt.’
Schildpad en struisvogel
Gezien haar hoge leeftijd wordt hard gewerkt om ervoor te zorgen dat de taal ook in de toekomst gehoord blijft worden. Volgens Brenzinger, van de Universiteit van de Vrijstaat in Bloemfontein, zijn er audio- en video-opnamen gemaakt van Esau, zodat de gesproken taal behouden kan blijven.
Een ander hoopgevend teken is de recente publicatie door Esau en haar kleindochter van een boek met kinderverhalen in het N|uu, Afrikaans en Engels, genaamd !Qhoi n|a Tjhoi (schildpad en struisvogel). Het volksverhaal, verteld door Esau, is bedoeld om jongeren te inspireren door de sluwe capriolen van een schildpad.
Elinor Sisulu, directeur van een stichting voor kinderliteratuur die achter het kinderboek staat, bepleit dat het werk van Esau financieel moet worden ondersteund. ‘Ouma Katrina is de wereldexpert in de N|uu-taal en de cultuur van haar mensen’, zegt ze. ‘Niemand weet meer dan zij. Als zodanig zou ze de status van professor van de N|uu-taal moeten krijgen en een overeenkomstig salaris moeten krijgen.’
Voor Esau, die een van Zuid-Afrika’s hoogste onderscheidingen ontving, de Orde van de Baobab in zilver, als erkenning voor haar inspanningen om de taal en cultuur van de San te behouden, gaat het essentiële werk door. Nadat ze haar onderscheiding had ontvangen van de toenmalige president Jacob Zuma, zei ze: ‘Andere mensen hebben hun eigen taal. Waarom moet mijn taal sterven? Het moet doorgaan. Zolang er mensen zijn, moet de taal doorgaan.’
Boete voor Ikea
Een Franse rechtbank heeft het meubel- en woninginrichtingsconglomeraat Ikea dinsdag veroordeeld tot het betalen van een boete van 1 miljoen euro nadat het bedrijf schuldig is bevonden aan het bespioneren van zijn personeel en het opslaan van personeelsgegevens. Dit schrijft Deutsche Welle.
In 2012 begon een strafrechtelijk onderzoek naar het bedrijf, naar aanleiding van berichten over wijdverbreid ‘gesnuffel’ dat werd gebruikt tegen zowel werknemers als klanten die een geschil hadden met Ikea Frankrijk.
Volgens de aanklagers had de Franse dochteronderneming een particulier beveiligingsbedrijf en privédetectives ingehuurd om illegaal informatie over werknemers en toekomstige medewerkers te verkrijgen als onderdeel van een ‘spionagesysteem’ dat van 2009 tot 2012 actief was.
De voormalige topman van Ikea France, Jean-Louis Baillot, werd schuldig bevonden en kreeg een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee jaar. Hij kreeg ook een boete van 50.000 euro voor het opslaan van persoonlijke gegevens.
Baillot had eerder ontkend dat hij iets verkeerd had gedaan en legde de schuld bij zijn voormalige hoofd risicobeheer, Jean-Francois Paris. Die heeft toegegeven namen van mensen naar een particulier beveiligingsbedrijf, Eirpace, te hebben gestuurd.
Ongeveer vijftien mensen stonden terecht voor het spionagesysteem, waaronder een andere voormalige CEO van Ikea Frankrijk, Stefan Vanoverbeke. Ook vier politieagenten stonden terecht. Ze worden ervan beschuldigd vertrouwelijke informatie aan Ikea Frankrijk te hebben overhandigd.
Russische justitie bestempelt Navalny’s organisatie als ‘extremistisch’
Woensdag 9 juni oordeelde een Russische rechtbank dat organisaties die banden hebben met de gevangengenomen tegenstander Aleksej Navalny ‘extremistisch’ zijn, wat betekent dat ze niet mogen meedoen aan de parlementsverkiezingen in september. De beslissing van de Moskouse rechtbank ‘werd onmiddellijk van kracht en verbiedt degenen die betrokken zijn bij het Navalny Anti-Corruption Fund (FBK) en zijn regionale kantoren in heel Rusland om zich verkiesbaar te stellen’, aldus de Russische afdeling van Radio Free Europe.
‘Ik ga het niet eens hebben over het juridische besluit van het lachertje dat in Rusland “de rechtbank” wordt genoemd.’
‘We zullen verdergaan, we zullen evolueren, we zullen ons aanpassen. Maar we zullen niet terugdeinzen voor onze doelstellingen en onze ideeën’, reageerde de oppositieleider op zijn Instagram-account. Navalny, 45, zit een gevangenisstraf van twee en een half jaar uit voor een fraudezaak die hij als politiek beschouwt.
De Verenigde Staten beloven 500 miljoen vaccins voor arme landen
Joe Biden zal van zijn Europese tournee profiteren om de aankoop door de Verenigde Staten van 500 miljoen doses Pfizer covid-19-vaccins aan te kondigen, voor distributie naar arme landen. ‘Dit jaar zullen er 200 miljoen doses worden gedistribueerd en de resterende 300 miljoen in de eerste zes maanden van volgend jaar’, aldus TheWashington Post.
Een VN-rapport dat donderdag werd gepubliceerd, schat het aantal kinderen dat door de crisis zal moeten gaan werken op 9 miljoen
De doses zullen worden verdeeld door Covax, het programma van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). De covid-19-pandemie heeft wereldwijd meer dan 3,7 miljoen levens geëist en de economische kwetsbaarheid van veel landen verergerd. Een VN-rapport dat donderdag werd gepubliceerd, schat het aantal kinderen dat door de crisis zal moeten gaan werken op 9 miljoen – bovenop de 160 miljoen kinderen die al werkten vóór de pandemie.
Aung San Suu Kyi aangeklaagd voor corruptie
De militaire junta die in Myanmar aan de macht is sinds de coup van 1 februari, heeft de voormalige Myanmarese oppositieleidster Aung San Suu Kyi aangeklaagd voor corruptie, bericht Bloomberg. De beschuldiging werd openbaar gemaakt door het ministerie van Informatie, dat beweert dat het voormalige hoofd van de burgerregering ‘zich schuldig heeft gemaakt aan corruptie en misbruik heeft gemaakt van haar ambt’.
Volgens de Myanmarese staatskrant ontving de vijfenzeventigjarige Aung San Suu Kyi ‘600.000 dollar en enkele kilo’s goud’ aan steekpenningen. Op deze aanklachten staat vijftien jaar gevangenisstraf.
Op 14 juni begint een eerste proces tegen de voormalig leider op grond van andere aanklachten, waaronder het aanzetten tot openbare ordeverstoring en schending van een wet op staatsgeheimen.
Peugeot aangeklaagd voor ‘dieselgate’
In de nasleep van de aanklacht tegen Renault was het de beurt aan Peugeot om te worden ingehaald door het ‘dieselgate’-schandaal, meldt Reuters. De Franse fabrikant wordt ervan beschuldigd zijn klanten te hebben misleid over de emissieniveaus van vervuilende producten door dieselvoertuigen die tussen 2009 en 2015 zijn verkocht. De Franse justitie heeft ook aangekondigd dat Citroën en Fiat-Chrysler (FCA), de andere merken van de Stellantis-groep, begin dit jaar geboren uit de fusie tussen Peugeot en FCA, zullen volgen.
‘Onze dochterondernemingen zijn er vast van overtuigd dat hun emissiebeheersingssystemen voldeden aan alle vereisten die destijds van toepassing waren en blijven hieraan voldoen, en ze kijken uit naar de mogelijkheid om dit aan te tonen’, aldus de groep.
Biden biedt uitstel voor TikTok
Joe Biden heeft twee uitvoeringsbesluiten van zijn voorganger vernietigd die TikTok- en WeChat-platforms en andere toepassingen in de Verenigde Staten verboden. In plaats van deze decreten heeft ‘president Biden een nieuwe verordening ondertekend waarin hij het ministerie van Handel vraagt om een onderzoek te starten naar toepassingen met betrekking tot “buitenlandse concurrenten” die een risico kunnen vormen voor de nationale veiligheid’, aldus TechCrunch.
Biden geeft de regering vier maanden de tijd om een gedetailleerd rapport te bezorgen en aanbevelingen te doen. De platformen TikTok en WeChat waren de stokpaardjes van Donald Trump geworden, die hun moederbedrijven ervan beschuldigde vertrouwelijke gegevens over Amerikaanse gebruikers te verzamelen en deze met de Chinese autoriteiten te delen. De beschuldigingen werden door betrokkenen stelselmatig weerlegd.
De drempel voor onoprechtheid ligt in het kapitalisme lager dan ooit. Betrouwbaarheid, nauwgezetheid en harmonie spelen in de race om het grote geld niet mee. Het is zelfs de vraag of we oprechtheid nog kunnen vertrouwen.
Tranen liegen niet, zeggen ze. Als je huilt, heb je principieel gelijk, want je stelt je kwetsbaar op en vraagt om begrip. Je tranen zijn het bewijs dat je het eerlijk meent.
Maar zakenvrouw Maria-Elisabeth Schaeffler werd belachelijk gemaakt nadat ze tegenover haar personeel in tranen was uitgebarsten. Van deze miljardair, die met de overname van bandenfabrikant Continental verkeerd had gegokt, werd dat niet geaccepteerd. En Madeleine Schickedanz, de erfgename van Quelle – of Arcandor, zoals het bedrijf sinds de fusie met Karstadt heet – verging het niet beter. In een interview zei ze dat ze sinds de surséance van het concern moest rondkomen van 600 euro in de maand en haar boodschappen nu bij de discounter haalde. Schickedanz was een paar weken daarvoor nog een van de rijkste vrouwen van de Bondsrepubliek, nu deed ze zich als slachtoffer voor – zonder tranen weliswaar – en hoopte op mededogen. Vergeefs. Haar openhartigheid werd gezien als zelfmedelijden, als cynisme tegenover de veel realistischer angst van de bezorgers van Quelle en de verkoopsters van Karstadt.
Het is een van de paradoxen van onze mediademocratie dat we van onze elite authenticiteit verwachten, maar dat we, als ze eens authentiek proberen te zijn, juist weigeren hen te geloven. Want je hart uitstorten is niet moeilijk en tranen kunnen wel degelijk liegen als ze het resultaat van pure berekening in plaats van oprecht verdriet.
‘Niets is artificiëler, geconstrueerder, dan pure oprechtheid,’ schrijft Wolfgang Engler in zijn boek Lüge als Prinzip (De leugen als principe). We moeten elke demonstratie van eerlijkheid wantrouwen. Desondanks pleit de Berlijnse socioloog, voormalig rector en nog steeds docent aan de Ernst Busch Schauspielschule in Berlijn, voor een nieuwe cultuur van ‘oprechtheid in het kapitalisme’; zo luidt ook de ondertitel van zijn boek.
‘Om iemand recht in zijn gezicht voor te liegen moet je over een flinke dosis onverschilligheid beschikken’
Want het tegenovergestelde van oprechtheid is de leugen. En de leugen heeft het kapitalisme daar gebracht waar het zich nu bevindt: in een crisis. Toch is de leugen lang onopgemerkt gebleven, omdat ze zich vermomd had. ‘Om iemand recht in zijn gezicht voor te liegen moet je over een flinke dosis onverschilligheid beschikken. Maar iemand “slechte schulden” aansmeren, gecombineerd met andere activa, is een stuk makkelijker,’ constateert Engler. Zijn diagnose is onverbiddelijk: ‘In de geschiedenis van het moderne kapitalisme ligt de drempel voor onoprechtheid lager dan ooit. Het bedrog volgt de wereldomspannende geld- en goederenstromen als een schaduw en is in de beschutting daarvan de gewoonste zaak van de wereld geworden.’
Die ontwikkeling is begonnen met het ontstaan van een nieuw type ondernemer, de in onze samenleving freischwebende financiële jongleur. De financiële jongleur, door Franz Müntefering, de voormalig sociaaldemocratische vicekanselier, ‘aasgier’ gedoopt, is ‘ondernemer zonder onderneming’. Hij is voortdurend op zoek naar ondergewaardeerde bedrijven die hij infiltreert en naar start-ups die kapitaal nodig hebben, om ze inclusief hun ideeën op te kopen en vervolgens te verpatsen. Traditionele kwaliteiten als betrouwbaarheid, nauwgezetheid of harmonie doen er in deze race om het grote geld niet meer toe, hier regeren de deugden van het casino: waaghalzerij, gokken, wedden, speculeren.
De globalisering leidt tot oneindig wijdvertakte handelsketens. ‘Risico’s worden verpakt, verkocht, afgelost, herschikt en van een nieuw etiket voorzien tot niemand er nog iets van begrijpt.’ Het is een systeem zonder gisteren en morgen. Het behalen van zo veel mogelijk winst komt in de plaats van langetermijndenken, tradities worden schouderophalend bij het grofvuil gezet. Soms doet Engler met zijn kritiek op het neoliberale gedachtegoed denken aan de retoriek van de partij Die Linke, maar in wezen is zijn argumentatie minder op de klassenstrijd dan op conservatieve waarden gebaseerd.
Gutmensch-achtig
Lüge als Prinzip is niet een eventjes snel geschreven pamflet over de crisis, het boek gaat veel dieper. Op zijn zoektocht naar een uitweg uit de huidige conflicten belandt Engler diep in de geschiedenis van het denken en de cultuur. Hij plaatst de financiële jongleur tegenover de achttiende-eeuwse burger, die bij zijn bevrijding van de adellijke hegemonie een reeks eigen morele principes heeft ontworpen. Oprechtheid, vertrouwen en eerlijkheid zijn tot op heden de voornaamste beginselen van de Verlichting. Er is geen andere manier om vertrouwen tot stand te brengen dan ‘tegenover onze naaste alles wat zijn nut bevordert of hem voor schade kan behoeden openhartig uit te spreken’, staat in een encyclopedie uit 1731.
Een dergelijke onbaatzuchtigheid mag tegenwoordig gutmensch-achtig en naïef overkomen, in die tijd was het revolutionair. De woede richtte zich tegen het hof, tegen de uitspattingen en intriges van de barok, tegen de pruiken, jurken met korsetten en ruches en tegen een taal die verworden was tot een instrument van versluiering. ‘De taal is de mens gegeven om zijn gedachten te verbergen,’ merkte de Franse minister van Buitenlandse Zaken Talleyrand cynisch op. Napoleon, zijn toenmalige werkgever, noemde hem daarop een ‘mestvaalt in zijden kousen’.
De mens in het algemeen moet weer ‘in de waarheid’ gaan leven. Rousseau wilde hem bevrijden uit de ketenen van de cultuur en hem naar de ‘vrije collegezaal van de natuur’ leiden. Diderot en de encyclopedisten beschrijven oprechtheid als een utopie van eerlijke communicatie, waarbij het erop aankomt niets voor zich te houden en zo de ander een onbelemmerde blik in het eigen innerlijk te gunnen. In zijn drama Le fils naturel treedt Diderot zelf als personage op om te verklaren dat alles wat op het toneel plaatsvindt, ook in werkelijkheid zo is gebeurd.
‘Echte gevoeligheid’ wordt steeds lastiger te onderscheiden van ‘gespeelde gevoeligheid’
‘Waarachtige fijngevoeligheid’ wordt een morele imperatief van het tijdperk van de Verlichting. De briefroman – van Goethe, Choderlos de Laclos of Laurence Sterne – beleeft een bloeiperiode, want in zijn brieven lijkt de ziel van de mens het meest tot uitdrukking te komen. ‘Fijngevoelige gesprekken’ vinden echter ook buiten de literatuur plaats, maar het wordt steeds moeilijker ‘echte gevoeligheid’ te onderscheiden van ‘gespeelde gevoeligheid’. Al bij de geringste aanleiding vloeien de tranen rijkelijk, bijvoorbeeld bij het afscheid van een vriend.
Johann Heinrich Voβ, de Duitse vertaler van Homerus, heeft in 1773 in een brief aan Ernestine Boje zo’n melodrama beschreven. ‘De 12e september gaat me nog heel wat tranen kosten. Het was de dag dat Graf Stolberg afscheid moest nemen van zijn voortreffelijke hofmeester Clauswitz. We hadden punch laten maken, want het was een koele avond. We wilden de treurige stemming verdrijven door wat te zingen; we kozen Millers Abschiedslied. Hier was geen veinzen meer mogelijk; de tranen vloeiden rijkelijk en de ene na de andere stem viel weg.’ De brief eindigt met: ‘Ik kan niet verder, lieve Ernestientje, ik ben alweer in tranen.’
Wolfgang Engler heeft met zijn lucide, af en toe haast poëtische essay een huzarenstukje geleverd. Een historisch panorama van een verre tijd die de onze weerspiegelt. De tranen van Maria-Elisabeth Schaeffler en Johann Heinrich Voβ hebben veel van elkaar weg, zoveel is duidelijk. We weten alleen niet of we ze kunnen vertrouwen.
De wijdverbreide en systematische olievervuiling in Nigeria is een schrijnend voorbeeld van de straffeloosheid van multinationals. Boosdoener Shell achtte zich niet verantwoordelijk voor tekortkomingen van haar Nigeriaanse dochterbedrijf. Maar het Britse hooggerechtshof oordeelde anders.
Op 12 februari 2021 oordeelde het Britse hooggerechtshof dat de Brits-Nederlandse oliegigant Shell voor de Engelse rechter kan worden gedaagd door twee Nigeriaanse gemeenschappen die decennialang ernstige schade hebben geleden door olievervuiling. De uitspraak is een mijlpaal in de strijd voor de verantwoordingsplicht van multinationals. Het hooggerechtshof heeft nu, zowel in de zaak Okpabi versus Shell als in zijn eerdere uitspraak in 2019 in de zaak Lungowe versus Vedanta, unaniem bepaald dat moedermaatschappijen juridisch aansprakelijk kunnen worden gesteld voor schade die door hun buitenlandse dochters is aangericht. Het vergde jaren van procederen om tot dit punt te komen.
Klimaatzaak tegen Shell
Een rechtbank in Den Haag heeft op woensdag 26 mei Royal Dutch Shell bevolen om haar wereldwijde CO2-uitstoot tegen eind 2030 met 45 procent te verminderen ten opzichte van het niveau van 2019, in een baanbrekende zaak die was aangespannen door Milieudefensie en meer dan 17.000 mede-eisers.
Het duurzaamheidsbeleid van de oliegigant werd door de Nederlandse rechtbank onvoldoende ‘concreet’ bevonden in een ongekende uitspraak, die verstrekkende gevolgen zal hebben voor de energie-industrie en andere vervuilende multinationals, schrijft The Guardian.
Shell, dat zegt tegen het vonnis in beroep te zullen gaan, was volgens de Carbon Majors-database in de periode 1988-2015 de negende grootste vervuiler ter wereld, aldus het Britse dagblad.
De zaak-Okpabi was een vijf jaar durend juridisch gevecht waarin Shell aanvoerde dat zij in het Verenigd Koninkrijk niet wettelijk verantwoordelijk kon worden gehouden voor tekortkomingen van haar Nigeriaanse dochterbedrijf. De meer dan tien jaar durende parallelle rechtszaak in Nederland culmineerde in de recente uitspraak van het Nederlandse gerechtshof dat Shell aansprakelijk stelde voor de geleden olieschade door twee gemeenschappen. Deze vonnissen hebben een juridisch kader voor de toekomst geschapen en de weg vrijgemaakt voor andere internationale mensenrechten- en milieuzaken in Britse rechtbanken tegen bedrijven die zich schuldig maken aan wangedrag. Voor gemeenschappen over de hele wereld die machteloos stonden tegenover multinationals gloort er na deze uitspraken nieuwe hoop.
Zuigelingen in de Nigerdelta hebben tweemaal zoveel kans om tijdens de eerste maand van hun leven te overlijden als hun moeder in de buurt van een olielek woont
Weinig situaties illustreren het huidige probleem van de straffeloosheid van multinationals zo duidelijk als de wijdverbreide en systematische olievervuiling in Nigeria. Deskundigen schatten dat de bewoners van de Nigerdelta de afgelopen vijftig jaar jaarlijks te maken hebben gehad met olielekkages die vergelijkbaar zijn met de door Exxon Valdez veroorzaakte milieuramp in Alaska: gemiddeld zo’n 240.000 vaten per jaar. Achter deze statistieken gaat een menselijke tragedie van ongekende proporties schuil. De vervuiling leidt tot ernstige gezondheidsproblemen en een verhoogd sterftecijfer onder de lokale bevolking.
Uit een recente studie van de universiteit van St. Gallen in Zwitserland blijkt dat zuigelingen in de Nigerdelta tweemaal zoveel kans hebben om tijdens de eerste maand van hun leven te overlijden als hun moeder in de buurt van een olielek woont. Dit komt neer op een schandalig aantal van elfduizend vroegtijdige sterfgevallen per jaar. De situatie is bijzonder schrijnend in Ogoniland, van waaruit Ken Saro-Wiwa begin jaren negentig strijd voerde tegen Shell.
In 2011 meldde de milieuorganisatie van de Verenigde Naties (UNEP) in haar rapport over Ogoniland dat de bevolking dagelijks is blootgesteld aan ernstige olievervuiling, die heeft geleid tot verontreinigde lucht, landbouwgrond en waterbronnen. Volgens de bevindingen van UNEP was de volksgezondheid ernstig in gevaar. Kort na publicatie van het rapport werden er borden rond de getroffen gebieden geplaatst, waarop duidelijk werd gemaakt dat het drinkwater ongeschikt was voor menselijke consumptie en dat grote delen van het land en de waterwegen onveilig waren.
Hoe kan het dat deze menselijke tragedie blijft voortbestaan terwijl westerse oliemaatschappijen vrolijk winst blijven maken?
UNEP drong aan op ‘’s werelds grootste schoonmaakoperatie in de geschiedenis’. Het is schokkend om te zien dat het gebied tien jaar na dato nog altijd zwaar is vervuild, dat schoonmaak nooit heeft plaatsgevonden en dat de bewoners nog altijd water drinken uit verontreinigde putten. De indertijd geplaatste waarschuwingsborden zijn inmiddels verroest en nauwelijks leesbaar.
Zwakke regelgeving
Hoe kan het dat deze menselijke tragedie blijft voortbestaan terwijl westerse oliemaatschappijen vrolijk winst blijven maken? Kort gezegd biedt de zwakke regelgeving ruimte aan inhalige bedrijven die geen geld willen investeren in hun infrastructuur en hun olievervuiling weigeren op te ruimen, waardoor honderden gemeenschappen met pijpleidingen van oliereuzen op hun land al tientallen jaren zwaar verontreinigd achterblijven – zonder dat de vervuiling wordt opgeruimd en zonder enige compensatie. Aangezien de kans op een eerlijk proces in Nigeria nihil is, wenden steeds meer gemeenschappen zich tot westerse rechters om de moederbedrijven die de vruchten plukken van de Nigeriaanse oliewinning ter verantwoording te roepen.
De Ogale- en Bille-gemeenschap, zo’n 50.000 boeren en vissers die schade hebben geleden door decennialange olievervuiling, namen in 2016 het Britse advocatenkantoor Leigh Day in de arm om Shell voor de rechter te dagen en het opruimen van de verontreiniging en schadevergoeding te eisen. De dorpsgemeenschappen betoogden dat Shell de supervisie en de zeggenschap had over Shell Nigeria en dat het moederbedrijf daarom direct aansprakelijk was voor de tekortkomingen van haar dochters. In reactie daarop stelde Shell dat de band tussen moeder en dochter zo los is dat ze nauwelijks meer is dan een aandeelhouder.
Het olieconcern trachtte de rechters ervan te overtuigen dat de moedermaatschappij niet aan de touwtjes trok in Nigeria en dat Shell Nigeria werd aangestuurd door andere onderdelen van Shell, niet door de moedermaatschappij zelf. Tegelijkertijd weigerde Shell interne stukken te overhandigen die licht zouden werpen op de werkelijke relatie tussen het moederbedrijf en haar dochter.
Aansprakelijkheid
De Britse lagere hoven – het gerechtshof en het hof van beroep – hadden zich door de argumenten van Shell laten overtuigen en verwierpen de zaak al in het stadium waarin de rechterlijke bevoegdheid werd bepaald. Het hof van beroep oordeelde dat de eisende partij duidelijk bewijs van ‘operationele controle’ moest leveren, wat natuurlijk onmogelijk was zonder toegang tot interne bedrijfsdocumenten. Het hof stelde tevens dat de mondiale beleidskaders die van moederbedrijven naar beneden worden doorgegeven in principe nooit aanleiding kunnen geven tot wettelijke aansprakelijkheid.
Het Britse hooggerechtshof was het hier in februari niet mee eens. Het stelde het hof van beroep unaniem in het ongelijk en oordeelde dat er een goed verdedigbare zaak tegen Shell bestond. De rechters oordeelden dat de lagere rechtbanken te snel hadden gehandeld door een soort miniproces te voeren, nog voordat er stukken openbaar waren gemaakt en getuigenverklaringen waren gehoord. Bovendien hadden ze geen rekening gehouden met het ‘evidente belang’ van interne documenten die licht zouden kunnen werpen op de ware aard van de relatie tussen de moeder- en dochterbedrijven. Belangrijk is ook dat het hooggerechtshof de beperkte definitie van de aansprakelijkheid van het moederbedrijf waar het hof van beroep van uitging, heeft verworpen.
Een moedermaatschappij is niet alleen aansprakelijk wanneer er een ‘zeggenschapsrelatie’ bestaat maar ook wanneer sprake is van supervisie, advies of andere vormen van bemoeienis die niet direct als zeggenschap kunnen worden aangemerkt. Daaronder zouden ook mondiale beleidskaders vallen, die door eventuele tekortkomingen schade kunnen veroorzaken. Opmerkelijk is dat het hooggerechtshof oordeelde dat ook publieke toezeggingen van een moederbedrijf als wettelijke verplichting kunnen worden afgedwongen wanneer het bedrijf ze niet inlost. Het lijkt erop dat het hooggerechtshof van multinationals verwacht dat zij hun verplichtingen nakomen.
Natuurlijk is de Nigerdelta slechts één voorbeeld van het veel grotere probleem van de onaantastbare positie van multinationals in ontwikkelingslanden. De uitspraak van het Britse hooggerechtshof zal verstrekkende gevolgen hebben voor de verantwoordingsplicht van bedrijven, en gemarginaliseerde gemeenschappen over de hele wereld zullen er in de rechtbank een beroep op doen. Deze ontwikkeling wordt nog versterkt door belangrijke wetgevingsinitiatieven in de EU om bedrijven te verplichten mensenrechten te respecteren en onderzoek te doen naar eventuele schendingen daarvan bij hun dochterondernemingen en in hun toeleveringsketen.
Het tijdperk van de straffeloosheid van multinationals loopt ten einde. Voor de getroffen gemeenschappen over de hele wereld is dat natuurlijk een positieve ontwikkeling, maar tevens iets wat al lang geleden had moeten gebeuren.
Boris Johnsons voormalige rechterhand hekelt zijn aanpak van de coronacrisis
De aanval is ‘vernietigend’, schrijft Financial Times: Dominic Cummings, de vroegere rechterhand van Boris Johnson, deed op woensdag 26 mei een boekje open over het chaotische beheer van de coronaepidemie in het Verenigd Koninkrijk en beschuldigde de premier ervan ‘ongeschikt’ te zijn om het land te leiden.
Tijdens een bijna zeven uur durende hoorzitting voor een parlementaire commissie, vertelde de voormalig adviseur over de ‘chaos, besluiteloosheid en bedrog’ die naar zijn zeggen ‘in het hart van de regering’ heersten toen de coronacrisis uitbrak. Hij zei dat de Britse aanpak van de pandemie duizenden onnodige sterfgevallen heeft veroorzaakt in het land, dat met bijna 128.000 aan covid-19 gerelateerde sterfgevallen het hoogste dodental van Europa heeft.
Johnson was ‘als een supermarktkarretje dat van de ene kant van het gangpad naar de andere wordt geslingerd’
‘Op een moment dat de mensen ons het meest nodig hadden, faalde de regering. Tienduizenden mensen stierven terwijl ze niet hoefden te sterven’, verklaarde Cummings.
Dominic Cummings, de strateeg achter de brexitcampagne in 2016 en de verpletterende verkiezingsoverwinning van Boris Johnson in 2019, ‘gaf een vernietigend verslag van het optreden van de regering’, schrijft The Guardian. De minister-president zou de ernst van de ziekte herhaaldelijk hebben gebagatelliseerd en het een ‘scare story’ (‘paniekverhaal’) hebben genoemd.
Groepsimmuniteit
In maart 2020 streefden de ministers eerst een plan A na, ‘waarbij “groepsimmuniteit” een bijproduct was van een strategie om de verspreiding van het virus te beheersen, in plaats van deze in de kiem te smoren’, schrijft Financial Times. Greg Clark, voorzitter van het wetenschappelijk comité, zei toen dat er geen ‘ingewikkelde modellen’ nodig waren om te begrijpen dat Plan A tot 400.000 doden zou kunnen leiden. Plan B, een landelijke lockdown, werd uiteindelijk op 23 maart ingevoerd – ‘te laat’, aldus de zakenkrant.
Cummings beschreef tegenover de parlementsleden een door de media geobsedeerde Boris Johnson die voortdurend van aanpak veranderde. ‘Als een supermarktkarretje dat van de ene kant van het gangpad naar de andere wordt geslingerd.’
Hij beweerde zelfs dat ambtenaren Boris Johnson opzettelijk buiten de ‘Cobra’-vergaderingen, het spoedoverleg van de regering, hielden uit vrees dat hij de aanpak van de crisis zou belemmeren.
‘Veel ambtenaren in Downing Street 10 waren van mening dat het niet zou bijdragen aan een serieuze aanpak als de minister-president tijdens Cobra-vergaderingen zou zeggen: “Maakt u zich geen zorgen, ik laat Chris Whitty [medisch hoofdadviseur van de regering] mij live op televisie inenten met het coronavirus, zodat iedereen begrijpt dat er niets is om u zorgen over te maken”.’
De voormalig adviseur, die in november 2020 uit Downing Street werd ‘verdreven’ nadat hij de regels tijdens de tweede lockdown had geschonden door naar County Durham te reizen, zei eerder al dat hij Boris Johnson had horen zeggen dat hij liever zag dat ‘de lichamen zich opstapelden’ dan dat hij de tweede reeks beperkingen zou opleggen – iets wat de premier afgelopen woensdag in het Lagerhuis ontkende.
Cummings beweerde ook dat minister van Volksgezondheid Matt Hancock bij ‘talrijke’ gelegenheden had gelogen.
Gevraagd naar de kwestie tijdens het wekelijkse vragenuurtje in het Parlement, ontkende Boris Johnson de kritiek. ‘We hebben hard gewerkt om het aantal slachtoffers te verminderen’, zei hij. Volgend voorjaar gaat een openbaar onderzoek van start dat, volgens de premier, lessen zal trekken uit de aanpak van de crisis.
De Britten zijn nu meer bezig met de succesvolle vaccinatiecampagne
Hoewel Cummings door velen wordt gezien ‘als verbitterd na de behandeling die hij van zijn voormalige baas heeft gekregen’, vormen zijn opmerkingen een van de eerste openbare verslagen van een sleutelfiguur uit Downing Street 10 over wat daar tijdens het hoogtepunt van de pandemie is gebeurd, schrijft The Guardian.
Kunnen deze onthullingen de regering van Boris Johnson schaden? Cummings blijft een ‘impopulaire figuur’ in het land, aldus Financial Times. En Johnsons adviseurs, geciteerd door de krant, zeggen dat de Britten nu vooral bezig zijn met de succesvolle vaccinatiecampagne.
The Telegraph schrijft ‘bedroefd’ te zijn over Cummings’ ‘aanval’ op de minister-president. ‘Het was een tragisch moment, de definitieve ontmanteling van een historisch partnerschap waarmee het referendum [over brexit] werd gewonnen, we tegen de wil van het establishment uit de EU traden, werden gered van [ex-Labour leider] Jeremy Corbyn en de Britse politiek voor een generatie lang opnieuw werd vormgegeven.
Komt voormalig president Jacob Zuma eindelijk voor de rechter wegens corruptie?
Na een aanloop van twintig jaar wordt op woensdag 26 mei het proces geopend tegen voormalig president Jacob Zuma. Zoals gewoonlijk zal niets gaan zoals gepland.
Het openbaar ministerie herhaalt het al maanden: het is ‘er klaar voor’, schrijft de Zuid-Afrikaanse krant Times, de vervolging te starten van voormalig president Jacob Zuma. Na een tiental uitstelrondes zal het proces tegen de voormalig president, die ook van fraude wordt beschuldigd, op woensdag 26 mei worden geopend. Maar op 79-jarige leeftijd is Jacob Zuma begonnen aan wat lijkt op een ‘laatste wanhoopspoging’, aldus City Press. Na verscheidene vruchteloze beroepen eist de voormalig president dat de aanklager van de zaak wordt gehaald.
‘Als ik eenmaal heb besloten niet mee te werken, zal niemand mij op andere gedachten brengen’
Tijdens de laatste hoorzitting op 17 mei benadrukte de verdediging dat Zuma er ook ‘klaar voor’ was om voor het gerecht te verschijnen en dat zijn beroep niet mocht worden gezien als de zoveelste poging om het proces te vertragen, aldus de Zuid-Afrikaanse website News24. Bij het verlaten van de rechtbank beloofde het voormalige staatshoofd zijn aanhangers echter dat hij de hoorzittingen zou boycotten als zijn verzoek zou worden afgewezen.
‘Als ik eenmaal heb besloten niet mee te werken, zal niemand mij op andere gedachten brengen’, voegde Jacob Zuma eraan toe, die nu al weigert voor een onderzoekscommissie naar corruptie te verschijnen ondanks een bevel van het Constitutionele Hof. In zijn laatste verzoekschrift, waarvan de details werden onthuld door City Press en News24, beschuldigt hij aanklager Billy Downer ervan medeplichtig te zijn aan een politieke samenzwering waarbij ‘buitenlandse inlichtingendiensten’ zouden zijn betrokken.
Wapendeal
Centraal in de zaak staat een groot bewapeningsprogramma dat de jonge Zuid-Afrikaanse democratie eind jaren negentig lanceerde. Onder de tientallen overheidscontracten die deel uitmaakten van het pakket dat bekendstaat als de ‘Arms Deal’, kreeg de Franse wapenfabrikant Thales in 1999 via een plaatselijk bedrijf een contract ter waarde van 1,3 miljard rand (bijna 200 miljoen) voor de uitrusting van korvetten (kleine oorlogsschepen).
Naast Thales is een zakenman betrokken die naar verluidt dicht bij Jacob Zuma staat. Shabir Shaik deed zich voor als de financieel adviseur van de man die weldra de vicepresident van Zuid-Afrika zou worden. De aanklager beschuldigt Zuma ervan direct of indirect meer dan 4 miljoen rand van Shabir Shaik te hebben ontvangen in ruil voor diens politieke steun. Volgens de aanklager was het ook via deze deal dat Thales het contract voor de uitrusting van de korvetten zou hebben gekregen. De Zuid-Afrikaanse dochteronderneming van de Franse wapengigant wordt beschuldigd van corruptie, fraude en witwassen.
Al eind jaren negentig werd Thales ervan beschuldigd een overeenkomst te hebben gesloten om Zuma 500.000 rand per jaar te betalen in ruil voor zijn bescherming tegen mogelijke gerechtelijke procedures en zijn steun voor bedrijfsuitbreidingen in Zuid-Afrika.
Shabir Shaik werd in 2005 veroordeeld voor omkoping van Zuma. In het verzoekschrift dat hij op het punt staat aan de rechtbank voor te leggen, geciteerd door City Press, legt de voormalige president uit dat ondanks de 783 betalingen die de zakenman aan hem heeft gedaan, hij nog steeds gelooft dat Shabir Shaik ‘niets meer [van hem] verwachtte dan de mogelijkheid om vrij zaken te doen’.
Nieuwe antitrustrechtszaak tegen Amazon in de VS
Amazon wordt door de Amerikaanse justitie aangeklaagd wegens misbruik van zijn markmacht. De onlineretailgigant wordt door een aanklager van de stad Washington beschuldigd van het kunstmatig opdrijven van online prijzen. Dit is ‘de eerste antitrustzaak van de overheid tegen Amazon in de Verenigde Staten’, aldus The New York Times, die de aanklacht ziet als een teken van ‘de prille maar groeiende belangstelling voor beschuldigingen dat Amazons agressieve praktijken kleine bedrijven hebben uitgeknepen, innovatie de nek om hebben gedraaid en het bedrijf een monopolie hebben gegeven over de handel in het digitale tijdperk’.
De advocaat van het District of Columbia (het federale district van de stad Washington), Karl Racine, die van mening is dat het commerciële beleid van het concern ‘de consument schade berokkent’, beschuldigde het bedrijf van Jeff Bezos op dinsdag 25 mei van het verhinderen van ‘verkopers op zijn online winkelplatform om elders betere aanbiedingen te doen, wat resulteert in hogere prijzen voor de consument’, meldt The Wall Street Journal.
‘Precies het tegenovergestelde is het geval’, protesteerde een woordvoerster van Amazon. ‘Verkopers bepalen hun eigen prijzen voor de producten die ze in onze winkel aanbieden.’
De techreuzen ‘staan onder verscherpt toezicht’
De reikwijdte van de rechtszaak zou echter beperkt kunnen zijn, volgens BBC. De aanklacht is alleen gebaseerd op ‘regelgeving in het District of Columbia’, en als Amazon wordt veroordeeld, zou dat alleen in de federale hoofdstad zijn. Voorlopig, bevestigt The New York Times, heeft Karl Racine ‘geen aansluiting gezocht bij andere staten’, in tegenstelling tot de ‘tientallen aanklagers’ die eind 2020 een gezamenlijke klacht indienden tegen Facebook en Google.
Naast Amazon worden ook ‘andere grote technologieconcerns steeds meer bekritiseerd’, schrijft Die Zeit. De techreuzen ‘staan onder verscherpt toezicht’, des te meer sinds de pandemie hun posities heeft geconsolideerd, zo bevestigt BBC.
De juridische problemen blijven zich opstapelen voor Amazon, dat zijn winst in het eerste kwartaal verdrievoudigde ten opzichte van dezelfde periode in 2020 tot 8,1 miljard dollar. ‘De e-commercegigant wordt [sinds november] al door de Europese Commissie beschuldigd van misbruik van zijn machtspositie’, schrijft BBC. Brussel is van mening dat het bedrijf ‘gegevens over externe verkopers op zijn platform heeft gebruikt om de verkoop van eigen producten te stimuleren’.
Ook in Duitsland houdt de mededingingsautoriteit Amazon in de gaten, aldus Die Zeit. ‘Een week geleden is het Bundeskartellamt een procedure tegen het bedrijf gestart.’ Amazon loopt het risico om als ‘preventieve maatregel’ een verbod te kunnen krijgen op bepaalde concurrentiebeperkende activiteiten.
De leiders van de Europese Unie (EU) hebben besloten het luchtruim van Belarus te mijden en een nieuwe reeks sancties in te voeren tegen het regime van Aleksander Loekasjenka, die ervan beschuldigd wordt een Europees vliegtuig naar Minsk te hebben omgeleid om de dissidente blogger en journalist Roman Protasevitsj te kunnen arresteren. De EU eist zijn onmiddellijke vrijlating.
Volgens Financial Times hebben de EU-leiders overeenstemming bereikt over ‘doelgerichte’ economische maatregelen tegen bedrijven en oligarchen die ervan worden beschuldigd het regime van president Loekasjenka gedurende 27 jaar te hebben gefinancierd. Ook roepen ze Europese luchtvaartmaatschappijen op om het Belarussische luchtruim te mijden, aldus de woordvoerder van de Europese Raadsvoorzitter Charles Michel.
Het incident van zondag wordt dat door velen bestempeld als ‘kaping’ en ‘staatsterrorisme’
Belarus is ‘geïsoleerd’ nu verschillende landen hebben besloten vluchten naar het land te verbieden, schrijft The New York Times. Deze maatregelen zijn ‘een zware slag’ voor het regime van Aleksander Loekasjenka, ‘de autoritaire president van Belarus, die al onderworpen was aan EU-sancties voor het schenden van mensenrechten tijdens de brute onderdrukking van protesten vorig jaar’ tegen zijn betwiste herverkiezing, aldus de krant.
Volgens Politico Europe wekt de verklaring van de Europese leiders ‘de indruk van een snelle en krachtige reactie op het incident van zondag, dat door velen wordt bestempeld als “kaping” en “staatsterrorisme”’.
Ook de VS veroordelen de ‘schandalige’ gebeurtenis en roepen op tot de vrijlating van Roman Protasevitsj: ‘De Verenigde Staten veroordelen met klem de omleiding van het vliegtuig en de arrestatie’, zo citeert The Hillde Amerikaanse president Joe Biden.
De vader van Roman Protasevitsj vreest dat zijn zoon is gemarteld
De Amerikaanse Nationale Veiligheidsadviseur Jake Sullivan sprak volgens The Hill met Svetlana Tichanovskaja, de Belarussische oppositieleider die nu in ballingschap in Litouwen is, en veroordeelde het incident met de Ryanair-vlucht. In een verklaring maakt Sullivan duidelijk ‘dat de Verenigde Staten, in coördinatie met de EU en andere bondgenoten en partners, het regime van Loekasjenka ter verantwoording zullen roepen’.
De New York Times betwijfelt alleen of het allemaal zal helpen: ‘Er zijn geen aanwijzingen dat de toegenomen druk op Loekasjenka zijn vastberadenheid zal ondermijnen, vooral omdat de Russische president Vladimir Poetin hem onwankelbare steun geeft’. Volgens de krant wijst de ‘bekentenis’ van Roman Protasevitsj erop dat Loekasjenka zich onaantastbaar voelt: ‘Een pro-Loekasjenka Telegram-account toonde maandagavond laat een video van 29 seconden van Protasevitsj. Hij zit met de armen over elkaar aan een houten bureau en zegt tegen de camera dat hij zich in het centrale detentiecentrum nr. 1 van Minsk bevindt en “met maximale correctheid” wordt behandeld. Het doet denken aan andere biechtvideo’s die critici van Loekasjenka in de gevangenis moesten opnemen.’ In een interview met BBC zegt de vader van Roman Protasevitsj dat hij vreest dat zijn zoon is gemarteld.
Israëlische luchtaanvallen verwoestten boekhandels in Gaza
‘De liefde, creativiteit en talent die in deze magische plek zijn gestopt, zijn verdwenen‘
‘De Samir Mansour Bookshop, bestaande uit twee verdiepingen, werd 21 jaar geleden gebouwd en deed dienst als buurthuis en boekwinkel voor de lokale gemeenschap en voor Palestijnse schoolkinderen’, schrijven Mahvish Rukhsana en Clive Stafford Smith, twee mensenrechtenadvocaten. ‘Tienduizenden boeken zijn vernietigd. De liefde, creativiteit en talent die in deze magische plek zijn gestopt, zijn verdwenen. Als gevolg van de volledige belegering van de Gazastrook zijn bouwmaterialen extreem schaars en onbetaalbaar.‘ De twee advocaten zijn daarom op GoFundMe met een inzamelingsactie begonnen in de hoop de winkel weer op te kunnen bouwen. Op 25 mei was ruim 131.000 dollar van de beoogde 250.000 dollar opgehaald.
‘De boeken liggen misschien onder het puin, maar dat houdt ons niet tegen’, zo liet schrijver Nada Abu Mideen weten aan The National. ‘We zullen blijven schrijven om de wereld te laten zien dat we verdienen te leven.’
Overigens was de Samir Mansour Bookshop niet de enige boekwinkel die deze week in Gaza werd vernietigd. In de Al-Thalatinystraat, die in de volksmond beter bekend staat als de Al-Maktabatstraat, ofwel ‘de straat met de boekwinkels’, werden andere winkels geheel of gedeeltelijk verwoest, zo meldt TRTWorld. Ook de Iqraa-bibliotheek zou zijn verwoest. In deze video van Middle East Eye vecht boekhandelaar Shaban Aslim tegen zijn tranen terwijl hij voor het puin van zijn boekhandel wordt geïnterviewd. Ook voor zijn winkel is een GoFundMe-actie gestart.
Rusland bindt de strijd aan met buitenlandse techbedrijven
De Russische federale communicatiewaakhond Roskomnadzor heeft gedreigd diensten van Google in Rusland te vertragen als het bedrijf niet binnen 24 uur voldoet aan verzoeken om bepaalde inhoud te verwijderen, zo schrijft The Moscow Times.
Volgens de krant zegt Roskomnadzor dat Google er niet in is geslaagd 20 tot 30 procent van de links te verwijderen die verwijzen naar inhoud die verboden is in Rusland. Het zou gaan om inhoud die drugsgebruik promoot en kinderpornografie bevat en om berichten die minderjarigen zouden aanmoedigen om ongeoorloofde protesten bij te wonen.
‘Google voldoet niet volledig aan zijn verplichting om links naar internetsites met informatie die in ons land verboden is, uit de zoekresultaten in Rusland te verwijderen’, zo citeerde TASS, het door de staat gerunde persbureau, Roskomnadzor in een verklaring. Roskomnadzor zegt dat Google er niet in is geslaagd om zo’n 5.000 afzonderlijke links te verwijderen, waarvan er 3.500 verband zouden houden met ‘extremisme’.
Navalny
Rusland is momenteel bezig om de organisaties van Kremlincriticus Aleksej Navalny te bestempelen als ‘extremistisch’. Met dat label, dat momenteel wordt gebruikt tegen bijvoorbeeld Al-Qaida en IS, wordt het mogelijk de activiteiten van Navalny-getrouwen te verbieden.
Het ultimatum van Roskomnadzor kwam enkele uren nadat Google zijn allereerste rechtszaak tegen Rusland had aangespannen vanwege eerdere eisen om content van YouTube te verwijderen. De Amerikaanse technologiegigant verweert zich tegen verzoeken die Roskomnadzor in januari indiende om twaalf video’s te verwijderen omdat ze minderjarigen zouden oproepen om deel te nemen aan ongeautoriseerde bijeenkomsten. Het bedrijf heeft daarom een rechtszaak aangespannen tegen Roskomnadzor bij het Arbitragehof van Moskou en een eerste hoorzitting is gepland voor 14 juli. Voorheen trad Google alleen op als verdachte of als derde partij in rechtszaken die tegen haar werden aangespannen door de Russische autoriteiten, meldde de zakenkrant Kommersant.
Rusland begon eerder dit jaar met een spraakmakende campagne tegen een groot aantal socialemediareuzen vanwege de grote toename van berichten ter ondersteuning van Kremlincriticus Aleksej Navalny die na zijn terugkeer in Rusland in de gevangenis belandde. Roskomnadzor verzocht zowel buitenlandse als Russische technologiebedrijven, waaronder Facebook, VKontakte, TikTok, YouTube en Twitter om tienduizenden berichten, video’s en foto’s te verwijderen. Het is een van de vele terreinen waarop Rusland en Google de afgelopen maanden met elkaar botsen.
Roskomnadzor is bereid Twitter te verbieden als het niet voldoet aan het verzoek om bepaalde content te verwijderen
In een aparte verklaring zegt Roskomnadzor ook dat het een brief naar Google heeft gestuurd waarin wordt geëist dat het bedrijf een YouTube-video deblokkeert van het door de staat gerunde Sputnik France. Daarnaast ligt YouTube, eigendom van Google, onder vuur vanwege het blokkeren van het conservatieve, pro-Kremlin Tsargrad TV en het verwijderen van video’s van RT, het voormalige Russia Today, dat eveneens door het Kremlin wordt gestuurd. Volgens Google bevatten de video‘s desinformatie over het coronavirus.
De Russische mededingingsautoriteiten zijn bezig met een onderzoek naar Google wegens vermeend misbruik van zijn marktdominantie. Door middel van wetten die vereisen dat Russische apps vooraf worden geïnstalleerd op alle smartphones die in Rusland worden verkocht, probeert Rusland de dominantie van buitenlandse bedrijven op de Russische softwaremarkt te verminderen.
Toezichthouder Roskomnadzor is al bezig met een gedwongen vertraging van Twitter en zei eerder bereid te zijn het socialemediaplatform te verbieden als het niet voldoet aan het Russische verzoek om bepaalde content te verwijderen. Vorige week is ook een wetsvoorstel ingediend dat grote technologiebedrijven wil dwingen om kantoren in Rusland te openen. Doen ze dat niet dan wordt het Russische bedrijven verboden om bij hen te adverteren.
De Britse fotograaf Alastair Philip Wiper bootst in zijn werk de ‘onbedoelde schoonheid’ na die hij vindt in fabrieken, laboratoria en industriële ruimten. Van de oneindige uitgestrektheid van fabrieksvloeren tot de grote complexiteit van specifieke machines.
Zijn werk is een voortzetting van de fascinatie die Alastair Philip Wiper heeft met symmetrie en functionele perfectie die hij overal ter wereld zoekt en vindt. Hij laat gebruikelijke gebruiksvoorwerpen zien die in menig dagelijks leven een grote rol spelen, maar in zijn compositie een nieuwe betekenis krijgen in geometrie en patronen. Wil hij soms zeggen dat het menselijk vernuft zijn weerga niet kent?
‘We leven in een maatschappij die buitengewoon afhankelijk is van wetenschap en technologie, maar waarin bijna niemand iets weet over wetenschap en technologie’
In zijn boek Unintended Beauty citeert Wiper de overleden Amerikaanse astronoom Carl Sagan: ‘We leven in een maatschappij die buitengewoon afhankelijk is van wetenschap en technologie, maar waarin bijna niemand iets weet over wetenschap en technologie.’
In zijn beelden domineren juist de oneindige uitgestrektheid van een fabrieksvloer en de grote complexiteit van specifieke machines of een ingewikkeld netwerk van pijpen en buizen, schijnbaar complex maar met een duidelijke logica. En bovendien indrukwekkend om te zien, ook zonder logica.
Een Israëlische luchtaanval verwoestte zaterdag een flatgebouw in Gaza-stad waarin de kantoren van het Amerikaanse persbureau The Associated Press en andere media zoals Al Jazeera waren gevestigd. Alle aanwezige AP-medewerkers en freelancers hebben het gebouw veilig en op tijd kunnen verlaten, maar wat het persbureau betreft is de zaak daar niet mee afgedaan.
Kort nadat Israël het gebouw met de grond gelijk maakte, publiceerde Gary Pruitt, voorzitter en CEO van AP de volgende verklaring:
‘We zijn ontsteld en geschokt dat het Israëlische leger een gebouw met daarin het bureau van AP en andere nieuwsorganisaties in Gaza heeft aangevallen en vernietigd. Ze kenden de locatie van ons bureau al lange tijd en wisten dat er journalisten aanwezig waren. We kregen een waarschuwing dat het gebouw zou worden getroffen.
‘De wereld zal minder kunnen weten over wat er in Gaza gaande is vanwege wat er vandaag is gebeurd’
De Israëlische regering zegt dat in het gebouw militaire inlichtingendiensten van Hamas aanwezig waren. We hebben de Israëlische regering opgeroepen om het bewijs daarover te presenteren. Het bureau van AP bevindt zich al vijftien jaar in dit gebouw. We hebben geen aanwijzingen dat Hamas in het gebouw was gevestigd of er actief was. Dit is iets wat we naar ons beste vermogen actief controleren. We zouden onze journalisten nooit willens en wetens in gevaar brengen.
We verzoeken om informatie van de Israëlische regering en werken samen met het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken in een poging meer te weten te komen.
Dit is een ongelooflijk verontrustende ontwikkeling. We hebben ternauwernood een verschrikkelijk verlies aan mensenlevens weten te vermijden. Een tiental AP-journalisten en freelancers was in het gebouw en kon gelukkig op tijd worden geëvacueerd.
De wereld zal minder kunnen weten over wat er in Gaza gaande is vanwege wat er vandaag is gebeurd.’
De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Antony Blinken liet maandag weten dat hij nog geen enkel Israëlisch bewijs heeft gezien dat wijst op activiteiten van Hamas in het gebouw, bericht Al Jazeera. Blinken zei dat hij Israël om rechtvaardiging voor de aanval heeft gevraagd. Volgens de Israëlische premier Benjamin Netanyahu zal Israël bewijzen van de aanwezigheid van Hamas in het gebouw delen via inlichtingenkanalen. Maar noch het Witte Huis, noch het ministerie van Buitenlandse Zaken wilden zeggen of aanwijzingen aan de VS zijn overlegd.
Horeca in Frankrijk gaat weldra open maar worstelt met personeelstekort
In Frankrijk staan hoteliers en restauranthouders te springen om weer aan de slag te kunnen, maar ze hebben wel een probleem: overal is er een schrijnend gebrek aan mankracht, zo schrijftThe New York Times. Door de pandemie zijn veel werknemers van baan veranderd. En dat is lastig nu het aftellen is begonnen naar het moment dat bezoekers weer arriveren.
Zo wachtte Christophe Thiriet al zes maanden op de opheffing van de lockdowns in Frankrijk, zodat hij de restaurants en hotels van zijn bedrijf in Oost-Frankrijk weer kon openen en hij de honderdvijftig werknemers weer kon oproepen die hij maanden geleden met verlof moest sturen. Maar toen hij hen deze maand vroeg of ze weer bij hem aan de slag wilden, kreeg hij van zeker dertig medewerkers te horen dat ze niet meer terug zullen komen, zodat hij zich nu in allerlei bochten moet wringen om nieuwe werknemers te vinden. ‘Met zo’n lange sluiting denken mensen er natuurlijk wel twee keer over na of ze beschikbaar willen blijven’, aldus Thiriet, manager van de Heintz Group, die elf hotels en drie restaurants bezit rond de stad Metz.
Bij restaurants en hotels in het hele land hangen borden met oproepen voor personeel
In heel Frankrijk kampen restaurants en hotels met hetzelfde probleem. Na maanden verlof hebben werkenden massaal besloten om niet terug te keren naar banen in de horeca. Een zorg voor Frankrijk, dat doorgaans bovenaan de lijst van de meest bezochte landen ter wereld staat. De branche ziet een tekort van misschien wel honderdduizend restaurant- en hotelmedewerkers, terwijl tegelijk ook honderdduizenden mensen op zoek zijn naar werk na de ergste recessie in Frankrijk in decennia. Maar werkgevers merken dat het steeds moeilijker wordt om werkzoekenden te lokken naar een branche waarvan de toekomst min of meer staat of valt met de grillen van het coronavirus en de onzekerheid over regelgeving en de voortgang van vaccinaties. Bij restaurants en hotels in het hele land hangen borden met oproepen voor personeel.
Het probleem dient zich aan op het moment dat duizenden hotels en restaurants die de crisis hebben overleefd, een daling van zo’n 80 procent sinds vorig voorjaar moeten goedmaken. De lockdowns hebben de Franse toeristenindustrie, een hoeksteen van de economie, sinds vorig jaar meer dan 60 miljard euro aan omzet gekost, schrijft Le Figaro.
‘We weten dat we deze zomer weer klanten zullen krijgen, dat is het probleem niet’, zegt Yann France, de eigenaar van La Flambée, een restaurant in de populaire noordelijke kuststad Deauville. ‘Onze zorg is dat we niet over voldoende personeel kunnen beschikken in een tijd dat we een enorm omzetverlies moeten goedmaken.’
Winnend lot verdwijnt in wasmachine
De jackpot van een loterij in Californië van maar liefst 26 miljoen dollar (21,4 miljoen euro) is niet opgeëist, zo meldt CNN. De winnaar van de SuperLotto Plus-trekking van 14 november 2020 had 180 dagen de tijd om het winnende lot te overhandigen, maar toen de deadline donderdag verstreek was nog niemand komen opdagen, aldus medewerkers van California Lottery.
Het winnende lot werd verkocht in een supermarkt in Norwalk, een buitenwijk van Los Angeles. Medewerkers van die winkel vertelden aan het lokale station KCBS / KCAL, een dochter van CNN, dat een vrouw die het lot onlangs kocht, was langsgekomen en had verteld dat het per ongeluk in de wasmachine terecht was gekomen en verloren was gegaan. Volgens de winkelmedewerkers zijn er camerabeelden die bewijzen dat de vrouw het lot heeft gekocht.
‘Spelers moeten altijd hun loten ondertekenen en fotograferen of kopiëren’
De woordvoerster van California Lottery, Cathy Johnston, vertelde CNN dat de vrouw geen contact had opgenomen met het loterijkantoor en dat ze niet wist of de vrouw het verlies had gemeld bij een districtskantoor of een officiële claim had ingediend. ‘Mocht ze dat gedaan hebben, dan zouden we het onderzoeken zoals we altijd doen. Zo niet, dan valt er niets te onderzoeken en kunnen we verder niets meer doen’, aldus Johnston. Ze liet overigens ook weten dat de camerabeelden uit de winkel helaas niet voldoende zijn om te bewijzen dat de vrouw het winnende lot heeft gekocht.
Overigens is niet iedereen in deze kwestie een verliezer, zo merkt CNN op. California Lottery heeft laten weten dat het bedrag, waarvan na belastingen nog 19,7 miljoen dollar (16,2 miljoen euro) over zal blijven, zal worden overgemaakt aan openbare scholen. Ook de winkel mag blij zijn want die ontvangt een bonus van 130.000 dollar (107.000 euro) voor de verkoop van het winnende lot.
Alles bij elkaar is het verhaal een goede reden voor alle spelers in de loterij om het advies van California Lottery op te volgen om te voorkomen dat de jackpot wordt misgelopen: ‘Spelers moeten altijd hun loten ondertekenen en de voor- en achterkant van het lot fotograferen of kopiëren om te kunnen bewijzen dat ze het in bezit hadden.’
Pascal Soriot, de CEO van AstraZeneca, zal in 2021 18 miljoen pond (bijna 21 miljoen euro) gaan verdienen. De aandeelhoudersvergadering van de Anglo-Zweedse farmaceut keurde deze week het beloningsbeleid voor het topmanagement goed, ook al was dat zeker niet eensgezind. Het groene licht kwam dankzij het ‘ja’ van 60,19 procent van de uitgebrachte stemmen, terwijl een ‘aanzienlijk deel’ protesteerde, zoals AstraZeneca zelf erkende, schrijft Corriere della Sera.
Sinds zijn aantreden in 2012 heeft Soriot in totaal 100 miljoen pond aan salaris ontvangen
Investeerders met 39,8 procent van de aandelen, waaronder activistische beleggers en grote fondsbeheerders zoals Aviva Investors en Standard Life Aberdeen, stemden tegen. Door het nieuwe beloningsbeleid komt Soriot nu in aanmerking voor een bonus van tweeënhalf keer zijn basissalaris; voorheen was dat vastgesteld op twee keer. Sinds zijn aantreden in oktober 2012 heeft Soriot in totaal 100 miljoen pond aan salaris van AstraZeneca ontvangen.
Het leiderschap van Soriot, een dierenarts die eerder voor Aventis en Roche werkte, is zonder twijfel goed geweest voor de multinational. In minder dan tien jaar is de aandelenkoers verdrievoudigd, waardoor de groep vandaag op 100 miljard pond wordt gewaardeerd.
Het Spaanse kabinet heeft dinsdag een controversiële wet geratificeerd die voorschrijft dat online bezorgplatforms hun koeriers voortaan als werknemers moeten classificeren in plaats van als onafhankelijke contractanten, bericht Politicovanuit Brussel. Onder leiding van de Spaanse minister van Arbeid, Yolanda Díaz, begonnen de onderhandelingen daarover afgelopen herfst.
‘Koeriers zullen nu alle relevante arbeidsbescherming genieten’
Uiteindelijk zijn vakbonden en bedrijfsverenigingen tot een akkoord gekomen en is de regering tevreden. ‘Koeriers worden nu beschouwd als werknemers in loondienst en zullen alle relevante bescherming genieten’, aldus Díaz.
Desondanks vindt de UGT, een grote Spaanse vakbond die deelnam aan de onderhandelingen, de nieuwe wet veel te zacht. Bedrijven hebben nog drie maanden om aan de nieuwe regels te voldoen en de UGT vreest dat er in de tussentijd banen zullen sneuvelen.
Ook bedrijven zijn ontevreden. Zo wijst Uber Eats op onderzoek dat voorspelt dat meer dan 75 procent van de dertigduizend Spaanse koeriers hun inkomen zullen verliezen en dat restaurants 250 miljoen euro aan extra inkomsten kwijt zullen zijn.
De federale regering van Duitsland heeft haar raming van de belastinginkomsten voor 2021 naar beneden bijgesteld. De federale, provinciale en lokale autoriteiten verwachten ongeveer 2,7 miljard euro minder te ontvangen dan in november werd gedacht. Corona heeft een enorm gat in de staatskas geslagen maar de regering verwacht dat het ergste binnenkort voorbij zal zijn, aldus het Duitse tijdschrift Focus.
NRA is niet failliet
De National Rifle Association (NRA) is niet failliet, zo heeft een federale rechter dinsdag geoordeeld. Die beslissing is een grote klap voor de oudste organisatie voor wapenrechten in de VS. De NRA vroeg op 15 januari faillissement aan om te kunnen verhuizen van New York naar Texas. Volgens rechter Harlin Hale was die faillissementsaanvraag een poging te kwader trouw van de NRA om een grote civiele rechtszaak te ontlopen die de New Yorkse procureur-generaal Letitia James vorig jaar heeft aangespannen met als oogmerk de organisatie in zijn geheel te ontbinden, schrijft Mother Jones.
‘De faillissementsaanvraag van de NRA is ingediend in een poging om een oneerlijk procesvoordeel te verkrijgen’, aldus de rechter
‘De rechtbank oordeelt, op basis van alle omstandigheden, dat de faillissementsaanvraag van de NRA is ingediend in een poging om een oneerlijk procesvoordeel te verkrijgen in de handhavingsactie van de procureur-generaal’, aldus de rechter. De beslissing komt na wekenlange hoorzittingen met huidige en voormalige NRA-medewerkers. Hun getuigenissen zouden corruptie van de NRA aan het licht hebben gebracht.
Ahmadinejad is weer presidentskandidaat Iran
De voormalige ultraconservatieve Iraanse president Mahmoud Ahmadinejad stelt zich kandidaat voor de presidentsverkiezingen van 18 juni. Volgens de Iraanse staatstelevisie heeft hij woensdag de vereiste registratieformulieren ingevuld, bericht Radio Free Europe/RFL.
Met de nucleaire programma tijdens zijn twee vorige ambtstermijnen tussen 2005 en 2013, dreef de 64-jarige ex-burgemeester van Teheran zijn land herhaaldelijk tot confrontaties met het Westen. Zijn omstreden herverkiezing in 2009 leidde tot de grootste massaprotesten sinds de Islamitische Revolutie van 1979. In 2017 werd hij uitgesloten van de verkiezingen.
Ahmadinejads politiek kenmerkt zich door dreigementen tegen Israël, Holocaustontkenning en beweringen dat er Iran geen homoseksuelen zijn
Zijn politiek kenmerkt zich door dreigementen tegen Israël, ontkenning van de Holocaust en beweringen dat er Iran geen homoseksuelen zijn, en droeg bij aan de marginalisering van Iran op het internationale toneel. In eigen land kreeg hij steun van het platteland door te strooien met geld en met programma’s voor woningbouw, maar zelfs enkele van zijn meest conservatieve bondgenoten lieten hem tegen het einde van zijn presidentschap in de steek.
Historische villa te koop
Een historische villa op Capri, die sinds 1996 in bezit is van de Italiaanse acteur Christian De Sica en zijn vrouw, staat te koop. Het complex werd tussen 1900 en 1903 ontworpen door de Amerikaanse schilder Elihu Vedder, en kunstenaars als de Engelse schrijver D.H. Lawrence, Cy Twombly en Joseph Beuys brachten er tijd door, schrijft het Italiaanse nieuwsplatform ANSA.
De villa van 250 vierkante meter biedt uitzicht over Capri, de baai van Napels en de Golf van Salerno, telt twee verdiepingen, en is omgeven door een tuin met citrus- en olijfbomen. Prijs van vele miljoenen op aanvraag bij makelaar Lionard Luxury Real Estate uit Florence.
Gevecht om de Peruaanse kiezer
Uit de laatste opiniepeilingen in Peru blijkt dat de afstand tussen de socialistische koploper Pedro Castillo en de conservatieve Keiko Fujimori snel kleiner wordt in aanloop naar de presidentsverkiezingen van 6 juni, bericht Mercopress.
Veel investeerders en bedrijven vrezen voor een scherpe bocht naar links met Castillo, een onderwijzer afkomstig van het Peruaanse platteland. Fujimori, dochter van oud-president Alberto Fujimori die een gevangenisstraf van zevenenhalf jaar uitzit wegens corruptie en mensenrechtenschendingen, wakkert die vrees aan. Ze noemt Castillo een linkse extremist die de recente economische vooruitgang van het Andesland in gevaar zal brengen met zijn programma voor nationalisaties door de overheid.
Amazon boekte in 2020 een omzet van 44 miljard euro in Europa, maar betaalde geen cent vennootschapsbelasting. Volgens eigen woordvoerders leveren ze wel degelijk een belangrijke bijdrage aan de samenleving.
Er zijn nieuwe vragen gerezen over de belastingmoraal van Amazon nadat het Luxemburgse jaarverslag onthulde dat het bedrijf in 2020 in Europa een recordomzet van 44 miljard euro had geboekt, maar geen cent vennootschapsbelasting afdroeg aan het groothertogdom.
Uit het jaarverslag van Amazon EU Sarl, de Luxemburgse tak van het bedrijf dat producten levert aan honderden miljoenen huishoudens in Europa, blijkt dat er ondanks een recordomzet een verlies van 1,2 miljard euro is geleden, zodat het bedrijf van belasting werd vrijgesteld. Sterker nog, het ontvangt een belastingaftrek van 56 miljoen euro bij eventuele winst in de toekomst. Het gaat om 2,7 miljard euro aan overgedragen verliezen, die op toekomstige winsten in mindering kunnen worden gebracht.
De Luxemburgse tak, die de verkopen afhandelt aan Duitsland, Frankrijk, Italië, Nederland, Polen, Spanje, het Verenigd Koninkrijk en Zweden, heeft 5262 mensen in dienst, wat neerkomt op een omzet van 8,4 miljoen euro per werknemer.
Oorverdovend
Margaret Hodge, een parlementslid van de Labour Party dat al lange tijd campagne voert tegen belastingontduiking, zegt: ‘Het lijkt erop dat Amazons schaamteloze belastingontduiking onverminderd doorgaat. De inkomsten van het bedrijf zijn tijdens de pandemie de pan uit gerezen terwijl onze winkelstraten worstelen met hun voortbestaan, en toch blijven ze hun winsten naar belastingparadijzen als Luxemburg sluizen om een eerlijke belastingafdracht te vermijden. Deze grote digitale bedrijven zijn allemaal afhankelijk van onze openbare diensten, onze infrastructuur en onze goed opgeleide en gezonde arbeidskrachten. Maar anders dan kleinere bedrijven en hardwerkende belastingbetalers weigeren de techreuzen hun steentje bij te dragen aan de publieke zaak. De Amerikaanse president Biden heeft een nieuw, eerlijker systeem voorgesteld voor het belasten van grote digitale bedrijven, maar het Verenigd Koninkrijk heeft zich nog niet achter de hervormingen geschaard. De stilte hier is oorverdovend. De Britse regering moet deze unieke kans aangrijpen om belastingontduiking door grote bedrijven naar het verleden te verbannen.’
‘Amazon betaalt niet alleen nu geen belasting, maar zal dat ook de komende jaren niet doen‘
Paul Monaghan, bestuursvoorzitter van de Britse Fair Tax Foundation, zegt: ‘Deze cijfers zijn ontstellend, zelfs voor Amazon. We zien overal ter wereld een exponentieel groeiende marktdominantie die grotendeels onbelast blijft, waardoor lokale bedrijven die voor een verantwoordelijker benadering kiezen op een schandalige manier worden ondermijnd. Het overgrote deel van het geld dat Amazon in het VK verdient vloeit naar de zwaar verliesgevende poot in Luxemburg, wat betekent dat ze niet alleen nu geen noemenswaardige belasting betalen, maar dat ook de komende jaren niet zullen doen.’
Uit het jaarverslag van Amazon EU Sarl in Luxemburg blijkt dat de omzet van 32 miljard euro in 2019 in 2020 is gestegen met 12 miljard euro. Het verslag, dat maar 23 bladzijden telt, splitst niet uit hoeveel geld Amazon in elk afzonderlijk Europees land heeft verdiend.
Maar uit het Amerikaanse jaarverslag van Amazon blijkt dat de omzet in het VK vorig jaar met 51 procent is gestegen tot een recordbedrag van 21,7 miljard euro. De winkels waren het grootste deel van het jaar gesloten vanwege de lockdown en het thuiswerken stuwde het gebruik van Amazon Web Services, het cloudplatform van het bedrijf, op tot ongekende hoogten. Maar hoeveel belasting daar het afgelopen jaar is betaald, blijft onvermeld. In 2019 betaalde het bedrijf, dat oprichter en CEO Jeff Bezos inmiddels een privéfortuin van 164 miljard euro opleverde, in het VK 339 miljoen euro belasting over een omzet van ruim 14 miljard.
1,2 miljard
1,2 miljard verlies leidde Amazon in Europa, ondanks een recordomzet van 44 miljard euro
De 22,5 miljard euro die klanten in het VK in 2020 bij Amazon besteedden is ongeveer het dubbele van de omzet van Marks & Spencer, het 137 jaar oude Britse warenhuis, en benadrukt hoe de coronapandemie een revolutie heeft ontketend in onze manier van winkelen en een bedreiging vormt voor de toekomst van onze winkelstraten. Vorige week meldde Amazon zijn grootste kwartaalwinst aller tijden: 6,6 miljard euro over een omzet van 89 miljard.
Een woordvoerder van Amazon zegt: ‘Amazon betaalt alle verschuldigde belasting in ieder land waar we actief zijn. Vennootschapsbelasting is gebaseerd op winst, niet op omzet, en onze winst blijft laag vanwege onze grote investeringen en de geringe winstmarge in de uiterst concurrerende detailhandel. We hebben sinds 2010 meer dan 78 miljard euro in Europa geïnvesteerd, en een groot deel van die investeringen betreft infrastructuur die vele duizenden nieuwe banen heeft opgeleverd, aanzienlijke bedragen aan lokale belasting genereert en kleine Europese bedrijven ondersteunt.’
Doug Gurr, onlangs vertrokken als directeur van Amazon.co.uk, legt uit dat ‘de website Amazon.co.uk wordt beheerd door Amazon EU Sarl, een in Luxemburg gevestigde entiteit die het Europese hoofdkwartier van Amazon vormt’.
Jean-Claude Juncker, de toenmalige premier van Luxemburg had persoonlijk zijn steun aan Amazon aangeboden
Er wonen maar iets meer dan zeshonderdduizend mensen in Luxemburg, maar toch hebben veel van de grootste bedrijven ter wereld er hun hoofdkwartier. Amazon arriveerde in 2003 en sloot binnen enkele maanden een vertrouwelijke overeenkomst met de Luxemburgse belastingdienst.
Bob Comfort, tot 2011 hoofd Belastingen bij Amazon, zei tegen een Luxemburgse krant dat Jean-Claude Juncker, de toenmalige premier van het land en de voormalige voorzitter van de Europese Commissie, persoonlijk zijn steun aan Amazon had aangeboden. ‘Hij zei gewoon: “Als jullie onoplosbare problemen tegenkomen, zeg het me dan. Dan probeer ik jullie te helpen.”’ Comfort werd later tot honorair consul van Luxemburg in Seattle benoemd, waar het Amerikaanse hoofdkwartier van Amazon is gevestigd.
Fiscale ondergrens
Vorige maand heeft Joe Biden plannen voorgelegd aan de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling, een club van voornamelijk rijke landen, om het wereldwijde belastingsysteem ingrijpend te herzien en onder andere een minimaal belastingtarief in te voeren om te voorkomen dat multinationals gebruikmaken van mazen in de wet. Duitsland en Frankrijk steunen de plannen, maar het VK hult zich in stilzwijgen. Washington dringt al lange tijd aan op wereldwijde verdragen die ervoor zorgen dat machtige multinationals een fatsoenlijk bedrag aan belasting betalen. Volgens het voorstel van de Amerikaanse president zouden grote techbedrijven voortaan belasting moeten betalen aan nationale overheden op basis van de omzet die ze in elk land genereren, ongeacht het land waar ze statutair gevestigd zijn.
Ook zou er wereldwijd een fiscale ondergrens moeten worden afgesproken. De VS hebben een tarief van 21 procent voorgesteld, al zou dat een struikelblok kunnen vormen omdat het hoger is dan het wettelijk minimum in sommige landen, waaronder Ierland, Hongarije en het Caraïbisch gebied. Bezos, de rijkste man ter wereld, juichte Bidens plannen toe en zei dat Amazon achter een verhoging van de vennootschapsbelasting stond.
Amazon is niet de enige multinational die ingewikkelde bedrijfsstructuren creëert om belasting te ontduiken. De zes grootste Amerikaanse techbedrijven – Amazon, Facebook, Google, Netflix, Apple en Microsoft – zijn ervan beschuldigd het afgelopen decennium voor 82 miljard euro aan belasting te hebben ontdoken, aldus een rapport van de Fair Tax Foundation. Stuk voor stuk zeggen ze keurig aan hun belastingverplichtingen te hebben voldaan.
Het rapport wijst Amazon aan als de grootste zondaar. Het bedrijf zou dit decennium tot nu toe slechts 2,8 miljard euro belasting hebben betaald, ondanks een omzet van 788 miljard en een winst van 21,9 miljard.
Volgens de Fair Tax Foundation betekent dit dat Amazons werkelijke belastingtarief het afgelopen decennium 12,7 procent bedroeg, tegen 35 procent voor de gehele VS in diezelfde periode.
Volgens Amazon wekt het rapport een ‘verkeerde suggestie’ en heeft het bedrijf ‘in de periode 2010-2018 in werkelijkheid 24 procent aan belasting afgedragen’.
TOCH GEEN VAKBOND VOOR AMAZON
Werknemers in het Amazon-pakhuis in de stad Bessemer in Alabama, streden dit voorjaar voor de eerste vakbond binnen het bedrijf. Als deze er zou komen, zouden er meer volgen, was de verwachting. De werknemers in Bessemer verdienen meer dan het door de Democraten gewenste minimumloon van 15 dollar per uur, maar klagen over werkdruk en gebrek aan privacy: ze worden voortdurend in de gaten gehouden en hebben per tien uur maar twee keer een half uur pauze.
Onder aanvoering van vakbondleider Stuart Appelbaum zag het er rooskleurig uit, maar toen de stemming begin april plaatsvond, keerde onverwacht ruim twee derde van de werknemers zich tegen het besluit: 1.798 versus 738. Ook werden zo’n vijfhonderd stemmen terzijde gelegd, vooral door Amazon, omdat er iets mis zou zijn met de formulieren.
Volgens Appelbaum heeft Amazon de werknemers verkeerd geïnformeerd en geïntimideerd. Amazon voerde campagne tegen de vakbond door te zeggen dat de werknemers contributie moesten gaan betalen – wat niet klopte, want de lidmaatschapsbijdrage is in Alabama niet verplicht. Via verplichte anti-vakbondsbijeenkomsten, via sms-jes en via stickers op de wc kregen de medewerkers te zien en te horen dat ze ‘het winnende team’ niet moesten verlaten.
Ook zouden bij een stembus die op het terrein van Amazon werd geplaatst, stemmers in de gaten zijn gehouden.
Stuart heeft zich er nog niet bij neergelegd. ‘We laten Amazons leugens, bedrog en illegale activiteiten niet onbeantwoord’, aldus de voorzitter.
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.