Het is het eerste systematische verslag van Hamas’ misdaden
Na twee jaar nauwgezet onderzoek hebben experts van de Israëlische Burgercommissie voor de Misdaden van Hamas tegen Vrouwen en Kinderen op 7 oktober bewijsmateriaal verzameld voor een nieuw verslag van de aanslagen waarbij 1200 mensen werden vermoord en de beproevingen van de 250 gijzelaars.
Het rapport, gebaseerd op uitgebreide getuigenissen en bewijsmateriaal verzameld op de plaats delict, is het eerste systematische verslag van de misdaden gepleegd door Hamas en terroristische collaborateurs uit Gaza, aldus The Jewish Chronicle.
De Burgercommissie, een onafhankelijke Israëlische ngo, identificeerde ten minste dertien terugkerende patronen van misbruik. Deze omvatten verkrachting, seksuele marteling, gedwongen naaktheid, ontvoering van moeders en kinderen, openbare vernedering en geweld gepleegd in het bijzijn van familieleden. Ook mannen en jongens behoorden tot de slachtoffers.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
In sommige gevallen werden familieleden gedwongen getuige te zijn van of samen het misbruik te ondergaan, wat het lijden en de angst versterkte. Slachtoffers werden seksueel misbruikt of vernederd in het bijzijn van familieleden.
In veel gevallen maakt de toestand van de lichamen of de vernietiging van de plaatsen van de aanval het onmogelijk om de volledige omvang van wat er is gebeurd vast te stellen. Om deze redenen heeft de Commissie ervoor gekozen geen mogelijk misleidende numerieke schattingen te presenteren, maar zich te richten op bevestigd bewijsmateriaal en terugkerende patronen op verschillende locaties en in verschillende fasen, waaruit blijkt dat het geweld systematisch was en niet incidenteel.
Het rapport concludeert dat seksueel en gendergerelateerd geweld tegen Israëlische mannen en vrouwen een centraal element vormde van de aanval van 7 oktober, en dat dit misbruik deel uitmaakte van de bredere aanval en zich voortzette tijdens de gevangenschap.
‘De barbaarse aanval op de ambulances is een gevolg van 2,5 jaar toenemend antisemitisme. (…) “Het is gewoon kritiek op Israël” – hou toch op. De situatie is te urgent voor zulk glibberig moreel ontwijkend gedrag (…) Wanneer je ‘s werelds enige Joodse natie demoniseert als verdorven, breng je Joden in gevaar. Wanneer je het zionisme bestempelt als een moorddadige ideologie, hang je een doelwitbord om de nek van zionisten – en de meerderheid van de Joden in Groot-Brittannië identificeert zich als zionist.
Jonathan Freedland – columnist en podcastpresentator
‘Dit is een terugkerend patroon: mensen die zogenaamd verontwaardigd zijn over Israëls gedrag, besluiten hun woede te richten op de Joden in hun eigen buurt. Ze kunnen Russen niet uitstaan, maar Russisch-orthodoxe kerken hebben geen 24-uursbewaking nodig. Mensen verafschuwen Trump en zijn bombardementen op Iran, maar winkels met Amerikaanse logo’s in Britse winkelstraten worden niet vernield of beklad. (…) Israël en Joden vormen de uitzondering.
Daniel Sugarman – Directeur van Board of Deputies of British Jews
‘Het Iraanse regime heeft decennialang enorme middelen geïnvesteerd in een van zijn kerndoelen: Israëls vernietiging. (…) Maar deze uitleg van Israëls handelen zal Joden in de diaspora niet beschermen. Wie zich schuldig maakt aan beledigingen, geweld of brandstichting is niet geïnteresseerd in zulke verklaringen. En dat geldt steeds vaker ook voor mensen die economisch door de oorlog worden getroffen. (…) Het wordt steeds makkelijker om Israël tot oorzaak van alle ellende te maken.’
Ben M. Freeman – Auteur van The Jews: An Indigenous People
‘Jodenhaat is nooit door Joden zelf gecreëerd, maar ontstaat binnen de culturen en politieke bewegingen van de niet-Joodse wereld. De bestrijding ervan is dus geen Joodse, maar een maatschappelijke verantwoordelijkheid. Die verantwoordelijkheid vereist meer dan medeleven. Het vereist helderheid en moed, het herkennen van normalisering, activisme en politieke bewegingen, en de weigering om het te vergoelijken, te bagatelliseren of te verhullen met taal die het moreel gerechtvaardigd laat lijken.
Na de moord op Ayatollah Ali Khamenei heeft de Vergadering van Experts zijn opvolger benoemd: de 56-jarige Mojtaba Khamenei. Hoe kwam dit besluit tot stand?
Meer dan een week na de dood van opperste leider Ayatollah Ali Khamenei tijdens de eerste aanvallen van de Amerikaanse en Israëlische oorlog tegen Iran heeft de Raad van Experts zijn opvolger benoemd: de zesenvijftigjarige Mojtaba Khamenei. De selectieprocedure, die in de chaos van de oorlog nogal onduidelijk verliep, werd vertraagd door tegenstrijdige uitspraken van de leden in de klerikale raad die de opdracht hadden om over de opvolging te beslissen.
Allereerst bestond er onduidelijkheid over de fysieke toestand van de jonge Khamenei. De bombardementen op het onderkomen van de Opperste Leider op 28 februari brachten zijn moeder, vrouw en zoon om het leven, en bovendien nog andere familieleden. Enkele dagen lang werd gedacht dat ook de jonge Khamenei zelf vermoord was, totdat bekend werd dat hij slechts gewond was. Hoe ernstig is nog onduidelijk. Sommige politieke deskundigen in Teheran beweerden dat hij in een coma lag.
Desondanks drongen Mojtaba Khameneis bondgenoten in de Islamitische Revolutionaire Garde (IRGC) aan op dynastieke opvolging. Onder normale omstandigheden zou dit anathema zijn voor een staat gesticht om erfelijke heerschappij te verstoten. De stichter van de Islamitische Republiek, Ayatollah Ruhollah Khomeini, staat bekend om de vermeende uitspraak dat de monarchie die in de revolutie van 1979 omver werd geworpen ‘onverzoenbaar is met de islam’. Maar er is weinig normaal aan de huidige situatie. Iraanse leiders zitten vast in een vanuit hun perspectief existentiële oorlog tegen twee oude rivalen. De aanstelling [van Mojtaba Khamenei] is daarom vluchtig en grotendeels aanvaard door het politieke etablissement, ondanks de schok voor de ideologische fundamenten van de staat.
Iraanse leiders zitten vast in een vanuit hun perspectief existentiële oorlog tegen twee oude rivalen
Dit wil niet zeggen dat er geen verzet was van belangrijke machtsnetwerken tegen de beslissing. Op voorwaarde van anonimiteit informeerde een Iraanse bron Amwaj dat de aanzet voor de jongere Khamenei om zijn vader op te volgen door Hossein Taeb werd geleid, een oude vertrouwenspersoon van de zesenvijftigjarige en het voormalige hoofd van de IRGC inlichtingendienst. Dit voorstel ‘ging in tegen het testament van Ayatollah Khamenei’, volgens een hoogstaande politieke deskundige. De bron legt uit dat een aantal prominente figuren zich tegen de opvolging verzetten, waaronder Ali Larijani, secretaris van Iran’s Hoge Nationale Veiligheidsraad (SNSC), en Ali Asghar Hejazi, de adjunct-directeur van het Bureau van de Opperste Leider. Overigens beweren Israëlische media dat Hejazi op 6 maart werd vermoord.
Seyyed Ali Asghar Mir Hejazi
Tijdens de Amerikaanse en Israëlische aanvallen op Teheran op 6 maart dook de naam Seyyed Ali Asghar Mir Hejazi plots op als een van de overledenen. Deze prominente functionaris, die tot de innerlijke kring van opperste leider Ali Khamenei behoorde, staat bekend als een van de vele ‘schaduwfiguren’ in het complexe netwerk van religieuze en veiligheidsinstellingen waaruit de Islamitische Republiek bestaat. Het Libanese medianetwerk Raseef22 probeerde te achterhalen wie Hejazi precies was. Tot op heden is zijn dood echter niet officieel bevestigd.
Hejazi maakte deel uit van de Islamitische Revolutie die het bewind van sjah Mohammed Reza Pahlavi omverwierp. Daarna werd hij actief binnen het veiligheidsapparaat dat door ayatollah Ruhollah Khomeini werd opgericht; volgens verschillende bronnen werkte hij onder meer voor het ministerie van Inlichtingen. Toen ayatollah Khomeini in 1989 overleed en Ali Khamenei hem opvolgde, werd het bestuurssysteem van de Islamitische Republiek geherstructureerd. Gedurende deze periode klom Hejazi op binnen de gelederen en werd hij aangesteld als adjunct-directeur van het Bureau van de Opperste Leider. Deze instelling coördineert de relaties tussen de Opperste Leider en andere instanties, zoals de Islamitische Revolutionaire Garde (IRGC) en de Raad van Experts.
Ali Asghar Hejazi was de directe schakel tussen Ali Khamenei en de Iraanse veiligheidsdiensten. Het was onder andere Hejazi die tijdens de Groene Beweging in 2009 de hevige onderdrukking door de veiligheidsdiensten coördineerde. Door deze acties legden de Europese Unie en het Amerikaanse ministerie van Financiën sancties op aan Hejazi, waaronder het bevriezen van zijn bezittingen en een reisverbod. Binnen het ondoorzichtige machtsapparaat van de Islamitische Republiek zijn er tal van figuren als Hejazi, wier namen pas opduiken wanneer zij – soms letterlijk – verdwijnen in de schaduw van de oorlog.
Testament
Afgezien van speculaties over erfopvolging en een vermeende ‘testament’, stellen ingewijden dat Khamenei geen specifieke opvolger had aangewezen, maar slechts criteria had geformuleerd voor zijn opvolging. Een belangrijk criterium is ervaring in een prominente bestuurlijke functie. Sommige bronnen brengen deze vereiste in verband met de uitsluiting van Hassan Khomeini – kleinzoon van Ayatollah Khomeini en gelieerd aan de hervormingsgezinde stroming – uit de Raad van Experts in 2016. De jonge Khamenei voldoet echter ook niet aan de eisen. Hoewel hij doorgaans wordt geassocieerd met het conservatieve kamp, heeft hij nooit een openbaar interview gegeven.
Slechts weinigen hebben zijn stem ooit gehoord
Los van de aanhoudende oorlog lijken twee recente ontwikkelingen Khamenei in de kaart te hebben gespeeld. Afgelopen week beweerden Israëlische media dat Khamenei junior al was aangewezen als opvolger. Naar aanleiding van deze claim sprak de Amerikaanse president Donald Trump zich op 5 maart expliciet uit tegen dat scenario, terwijl hij erkende dat het zich zou kunnen voltrekken. Dit gaf Taeb en andere extremisten de ruimte om hun kandidaat door te drukken.
Ook speelde de plotse publieke verontschuldiging van Masoud Pezeshkian op 7 maart een rol voor Iraanse aanvallen op buurlanden als vergelding voor de Israëlisch-Amerikaanse aanvallen op Iran. Volgens politieke bronnen in Teheran ging het om een ongeplande misstap van de hervormingsgezinde president, die onmiddellijk leidde tot felle politieke tegenreacties. Pezeshkians blunder versterkte de roep binnen het politieke etablissement om één krachtige leider ter vervanging van de driekoppige interim-leiderschapsraad, zoals voorzien in de grondwet. In hun ijverigheid om een nieuwe kandidaat naar voren te schuiven, verwezen sommige extremisten zelfs naar een vermeende tijdslimiet voor de raad, hoewel zo’n beperking niet bestaat.
Parallelle doelen
Nu hij formeel Irans hoogste gezagsdrager is, kan Khamenei’s aanstelling twee parallelle doelen dienen. Enerzijds straalt het continuïteit en onwrikbare weerstand uit in het licht van een existentiële strijd om de toekomst van de Islamitische Republiek. De boodschap is duidelijk: Iran zal niet terugdeinzen, ongeacht de aanzienlijke economische en militaire verliezen.
Tegelijkertijd zou deze keuze, misschien tegen de verwachtingen in, ook de weg kunnen vrijmaken voor onderhandelingen. Iran is zich terdege bewust van zijn militaire achterstand ten opzichte van Israël en de Verenigde Staten en definieert ‘overwinning’ vooral als overleven, terwijl het de tegenstander voldoende schade toebrengt om toekomstige aanvallen te ontmoedigen. Een einde van de oorlog waarbij de Islamitische Republiek aan de macht blijft en nog steeds wordt geleid door een ayatollah Khamenei, voldoet aan alle voorwaarden – mits pragmatische politieke afwegingen de overhand krijgen.
Iran is zich bewust van zijn militaire achterstand tegenover Israël en de VS en definieert ‘overwinning’ vooral als overleven
Er speelt nog een andere factor: Israël heeft gedreigd elke nieuwe opperste leider te zullen uitschakelen, terwijl de VS hebben gewaarschuwd dat Khamenei’s opvolger moet meewerken – anders wacht hem hetzelfde lot als zijn voorganger. Voor complotdenkers wijst dit erop dat er een kleine kans bestaat dat bepaalde netwerken in Teheran mogelijk een strategisch schaakspel spelen, waarbij de ‘werkelijke’ leider die ze voor ogen hebben de opvolger van de jonge Khamenei is. Als dat inderdaad het geval is, zou het gaan om een risicovolle strategie met potentieel grote opbrengsten.
De Raad van Experts, bestaande uit 88 geestelijken verkozen voor een termijn van acht jaar, is verantwoordelijk voor de aanstelling van de opvolger van Irans Opperste Leider. Kandidaten worden beoordeeld op religieuze geleerdheid, politiek inzicht en bestuurlijke ervaring. Volgens de Iraanse constitutie vereist een aanstelling steun van een absolute meerderheid binnen een quorum van twee derde, en verleent het een levenslange positie als hoogste autoriteit van de staat.
Terwijl de interim-leiderschapsraad het directe machtsvacuüm opvulde, delibereerde de Raad van Experts achter gesloten deuren of ze zich achter een pragmatische figuur zouden scharen of een conservatieve ideoloog. Het proces ging gepaard met intens lobbywerk van meerdere machtscentra, waarbij de IRGC tot de belangrijkste spelers behoorde die de uitkomst mede bepaalden.
De naam van de jongere Khamenei circuleert al jaren als mogelijke opvolger van zijn vader. De geestelijke geldt als een invloedrijke macht achter de schermen binnen de Iraanse politieke structuur. Maar aangezien de Islamitische Republiek is gegrondvest op de afwijzing van erfopvolging doen ook andere namen de ronde, waaronder Ayatollah Alireza Arafi, een conservatieve geestelijke en lid van de interim-leiderschapsraad; Ali en Hassan Khomeini, kleinzonen van de oprichter van de Islamitische Republiek; en Hassan Rouhani, een gematigde voormalige president (2013-2021).
De Republiek is gegrondvest op de afwijzing van erfopvolging
De dag van de verkiezing van Khamenei junior werd gekenmerkt door tegenstrijdige verklaringen van leden van de Raad van Experts. Ayatollah Ahmad Alamolhoda beweerde dat de raad al een nieuwe opperste leider had gekozen. Volgens de conservatieve geestelijke had ‘de verkiezing om een leider aan te stellen al plaatsgevonden, en was de leider gekozen’. Hij voegde eraan toe dat de beslissing volgens de grondwet definitief was en niet meer kon worden herzien door de leden.
Een strategie van psychologische uitputting op het Iraanse thuisfront
Terwijl de internationale aandacht vooral uitgaat naar de bombardementen in het Midden-Oosten, richt Al-Monitor zich op de strijd die de Islamitische Republiek voert in de straten van Irans grote steden. Te midden van de oorlogschaos probeert het regime de bevolking onder controle te houden. Door de bombardementen zijn de hoofdkwartieren van Basij en de Islamitische Revolutionaire Garde (IRGC) grotendeels vernietigd. De veiligheidsdiensten hebben zich daarom verspreid over de openbare ruimte, waar scholen, straten en voetbalvelden worden omgevormd tot geïmproviseerde commandocentra en controleposten. Om de druk verder op te voeren kondigde de IRGC op nationale televisie aan dat agenten het vuur mogen openen op iedereen die bevelen negeert of zich aansluit bij Israël of de VS.
Irans huidige oorlogstactiek richt zich eerder op overleven dan overwinnen. Dankzij een arsenaal aan langeafstandsraketten, drones en geallieerde milities verspreid over het Midden-Oosten kan het land flexibel opereren. Net als de oorlogstactiek is Irans hardhandige optreden op het thuisfront geen crisisreactie maar een strategie van volharding, aldus Al-Monitor. De bevolking staat onder druk van zowel buitenlandse bombardementen als strenge binnenlandse veiligheidsmaatregelen. Teheran hoopt de oorlog te doorstaan met een uitgeputte bevolking die haar prioriteiten heroverweegt en protest inruilt voor stilzwijgende instemming. Ondanks de dreiging van Israël en de VS blijven de straten van Teheran – geblokkeerd, zwaar bewaakt en gevuld met conservatieve slogans – de frontlinie vormen van een strijd die de Islamitische Republiek zich niet kan veroorloven te verliezen.
Aankondiging
Ayatollah Mohammad Mehdi Mirbagheri bevestigde in een videoboodschap dat er ‘een sterke consensus, die de opvattingen van de meerderheid weerspiegelt’ was bereikt, maar liet in het midden of er daadwerkelijk was gestemd. Enkele uren voor de officiële aankondiging meldde hij dat ‘bepaalde obstakels’ in het formele proces nog moesten worden opgelost voordat een publieke bekendmaking kon volgen.
Ayatollah Mojtaba Hosseini sprak dit echter tegen. Tegen de conservatieve Tasnim News Agency zei hij dat het ‘onduidelijk’ was hoe het stemproces zou verlopen. Volgens Hosseini moest de Raad van Experts nog bijeenkomen om over geschikte kandidaten te stemmen. Tegelijkertijd leken ten minste twee leden van de raad te suggereren dat de jonge Khamenei, de tweede zoon van Irans omgekomen opperste leider, al was aangewezen als opvolger. Ayatollah Hossein-Ali Eshkevari stelde dat er een nieuwe leider ‘met een beslissende meerderheid’ was gekozen en dat ‘de naam Khamenei zal voortbestaan als leider van Iran’.
Hojjatoleslam Asgar Dirbaz sloot zich bij dat standpunt aan en stelde dat de ‘meerderheid’ binnen de Raad van Experts ‘de voorkeur gaf aan de zoon [van Khamenei]’ zonder hem expliciet bij naam te noemen. Hij voegde daaraan toe dat ‘sommige [raads]leden een andere mening hebben, maar dat ook hun stem in dienst van God staat en dat er geen andere intentie achter schuilt’. Zijn uitspraken suggereerden dat er geen definitieve stemming had plaatsgevonden.
Na de aankondiging van de aanstelling verklaarde Ayatollah Mohsen Heydari op de staatsomroep dat de raad van Experts fysiek was samengekomen. Daarmee suggereerde hij dat de bijeenkomst in Qom had plaatsgevonden, ondanks dat de raadsgebouwen in de heilige stad van Teheran waren gebombardeerd en leden onder dreiging van aanvallen stonden. Heydari meldde dat ‘meer dan twee derde’ van de raadsleden aanwezig waren en dat er op deze wijze een meerderheid was gehaald omdat ongeveer 85 procent tot 90 procent op Khamenei had gestemd. Hij voegde daaraan toe dat sommige raadsleden, inclusief die in Qom, mogelijk niet op de hoogte waren van de ‘geheime’ bijeenkomst vanwege de veiligheidssituatie. Hoe de afwezige leden deze gang van zaken beoordelen is onduidelijk, maar het is onwaarschijnlijk dat zij zich openlijk tegen de uitkomst zullen keren.
Zowel Israël als de VS hebben aangegeven dat Irans derde opperste leider geen onaantastbaar doelwit is. In een directe dreiging waarschuwde het Israëlische leger op 8 maart in een Perzischtalige verklaring op X dat ‘elke opvolger en ieder die aanwezig is bij’ de bijeenkomst van de Raad van Experts in Qom een doelwit zou zijn. Los daarvan liet Trump de Amerikaanse media weten dat als de volgende opperste leider ‘niet door ons wordt goedgekeurd, hij niet lang zal standhouden’. Enkele dagen eerder had de Amerikaanse president verklaard dat hij betrokken moest zijn bij de keuze van Khamenei’s opvolger en sprak hij zich expliciet uit tegen een ambtstermijn voor Khamenei junior, al erkende hij dat dit scenario zich zou kunnen voltrekken.
De Raad van Experts en de aanhangers van Mojtaba staan nu voor de lastige opgave om zijn aanstelling te rechtvaardigen. Op middellange termijn dreigt hun beslissing de legitimiteit van het politieke systeem te ondermijnen – zowel binnen het geestelijke establishment als onder belangrijke politieke en militaire netwerken en in de bredere sjiitische wereld. Op de langere termijn kan deze leiden tot aanzienlijke interne weerstand. Daarbij moet wel worden aangetekend dat er daarbij van wordt uitgegaan dat Khamenei junior niet alleen in leven, maar ook aan de macht blijft – en dat laatste volgt niet vanzelf uit het eerste.
De legitimiteit van het systeem dreigt te worden ondermijnd
De benoeming van Khamenei junior lijkt mogelijk gericht op het beëindigen van de oorlog onder enigszins gunstige voorwaarden, hetzij door continuïteit en verzet uit te stralen, hetzij door simpelweg te tonen dat de Islamitische Republiek blijft voortbestaan en nog steeds wordt geleid door een ayatollah Khamenei. Als overleven het uiteindelijke doel is, moet er rekening mee worden gehouden dat het herstel van de ideologische fundamenten van de staat opnieuw een topprioriteit kan worden – en daarmee mogelijk tot verdere veranderingen in het leiderschap leidt.
De derde stem in Iran
In het debat over Iran domineren vaak twee perspectieven: dat van het regime en dat van ballingen die hopen op verandering van buitenaf. Maar volgens Sina Toossi van The Nation bestaat er binnen Iran zelf al jaren een derde stroming – een die zich tegelijk verzet tegen autoritair bestuur én tegen buitenlandse militaire interventie.
Na de gewelddadige onderdrukking van protesten begin 2026 lieten activisten, vakbonden, studenten en schrijvers vanuit het hele land van zich horen. Ze veroordeelden het geweld van de staat en riepen op tot democratische hervormingen, zoals een referendum en een grondwetgevende vergadering. Tegelijk wezen ze buitenlandse inmenging resoluut af. Oorlog zou het regime niet verzwakken, maar juist de ruimte voor civiele oppositie verder verkleinen.
Ook prominente dissidenten sloten zich bij dit standpunt aan. Voormalig premier Mir Hossein Mousavi pleitte voor een vreedzame overgang gebaseerd op drie principes: geen buitenlandse inmenging, geen binnenlandse tirannie en een geweldloze weg naar democratie. Honderden activisten onderschreven deze lijn. Vanuit de gevangenis waarschuwden critici dat escalatie de positie van veiligheidsdiensten versterkt en burgers kwetsbaarder maakt.
Toch krijgt deze ‘derde stem’ internationaal weinig aandacht. In westerse discussies overheerst vaak het idee dat druk van buitenaf – via sancties of militaire dreiging – verandering kan afdwingen. Volgens Toossi is dat een misvatting. Juist zulke maatregelen versterken de hardliners binnen het regime en ondermijnen de mogelijkheden voor interne hervorming.
De dader verloor mogelijk familieleden bij een recente aanval in Libanon
Een man reed met een auto de deuren binnen van Temple Israel in West Bloomfield, een voorstad van Detroit. Beveiligingspersoneel schoot hem neer toen hij binnenkwam, aldus onderzoekers, zonder te specificeren hoe de verdachte is overleden. Onderzoekers verklaarden dat ze de aanval beschouwen als ‘een gerichte daad van geweld tegen de Joodse gemeenschap’. De 140 aanwezige kinderen en medewerkers zijn ‘veilig’, meldde de synagoge op Facebook, waarbij de ‘heldhaftigheid’ van het beveiligingspersoneel werd geprezen.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Een van de bewakers, die door de auto van de verdachte werd geraakt, werd naar het ziekenhuis gebracht, maar zal naar verwachting herstellen, aldus de sheriff van Oakland County. Volgens CNN is het voertuig eigendom van een man van Libanese afkomst. De dader zou familieleden hebben verloren bij een recente militaire aanval in Libanon, vertelden twee bronnen die bekend zijn met het onderzoek aan de Detroit News.
De maatregelen zijn in strijd met de Oslo-akkoorden
De kritiek op Israël is toegenomen sinds er zondag maatregelen zijn aangekondigd die de greep van Israël op de Westelijke Jordaanoever aanzienlijk versterken. Deze maatregelen, zo waarschuwt The New York Times, ‘lijken in strijd te zijn’ met de Oslo-akkoorden die in 1993 werden ondertekend en wekken de vrees voor een uiteindelijke annexatie van het Palestijnse gebied dat sinds 1967 bezet is.
Het Israëlische veiligheidskabinet keurde zondag een reeks regels goed die Israël niet alleen in staat stellen zijn controle uit te breiden in gebieden die onder het bestuur van de Palestijnse Autoriteit vallen, maar ook om de afgifte van bouwvergunningen voor Israëlische kolonisten te vergemakkelijken, met name in Hebron.
Het Witte Huis herhaalde maandagavond in een verklaring dat het ‘de annexatie van de Westelijke Jordaanoever door Israël niet steunt’ en benadrukte het belang van het handhaven van een ‘stabiel’ gebied. The Times of Israel merkt echter op dat deze verklaring de nieuwste maatregelen ‘niet direct veroordeelt of er zelfs maar op ingaat’. Ook wordt niet gespecificeerd of ‘de Verenigde Staten hun bezorgdheid hebben geuit’ aan premier Benjamin Netanyahu.
Dit is niet de eerste keer dat Washington ‘zulke vage uitspraken’ doet, voegt de Israëlische krant eraan toe. De krant herinnert eraan dat Donald Trump, die aanvankelijk voorstander was van de annexatie van de Westelijke Jordaanoever door Israël, pas in september officieel van gedachten veranderde onder druk van zijn Arabische bondgenoten.
Via zijn woordvoerder Stéphane Dujarric, geciteerd door Radio-Canada, zei VN-secretaris-generaal António Guterres ‘ernstig bezorgd’ te zijn. Hij waarschuwde dat ‘de huidige koers ter plaatse, inclusief dit besluit, het vooruitzicht op een tweestatenoplossing in gevaar brengt’. Eerder op de dag had de Europese Unie ook al deze ‘nieuwe stap in de verkeerde richting’ veroordeeld.
Uber ziet chauffeurs als zelfstandigen, niet als werknemers
Een federale jury in Phoenix, Arizona oordeelde donderdag dat het taxibedrijf verantwoordelijk is voor de seksuele wandaden van een van zijn chauffeurs. Jaylynn Dean spande in 2023 een rechtszaak aan tegen Uber, een maand nadat ze was aangerand.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Ze stelde dat Uber op de hoogte was van een golf van aanrandingen gepleegd door haar chauffeurs, maar dat het bedrijf had nagelaten elementaire stappen te ondernemen om de veiligheid van passagiers te verbeteren.
De uitspraak van de jury ‘schept een precedent dat als model kan dienen voor meer dan drieduizend lopende rechtszaken met betrekking tot seksuele aanranding en wangedrag’, waarin Uber wordt beschuldigd van ‘systematische veiligheidsfouten’, aldus The New York Times.
De gigant in de taxidienstensector heeft ‘al lange tijd volgehouden dat het niet verantwoordelijk is voor het wangedrag van zijn chauffeurs, die het beschouwt als zelfstandige ondernemers en niet als werknemers’, aldus de krant.
De staat Kwara kampt met ‘aanhoudende en complexe onveiligheid’
Bola Tinubu kondigde aan dat een bataljon gemobiliseerd zou worden ‘in het kiesdistrict Kaiama in de staat Kwara, waar Boko Haram-terroristen ‘s nachts weerloze dorpelingen in Woro hebben vermoord’, aldus een verklaring die woensdagavond door het presidentschap werd vrijgegeven. Dit is een van de ergste bloedbaden in het land in enkele maanden.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
De staat Kwara kampt met ‘aanhoudende en complexe onveiligheid, gekenmerkt door zowel het geweld van gewapende bendes, die verantwoordelijk zijn voor plunderingen en ontvoeringen, als door de geleidelijke uitbreiding van jihadistische groeperingen’, meldt Koaci. De aanval van dinsdag kwam nadat de minister van Defensie tegenover de BBC bevestigde dat een kleine groep Amerikaanse soldaten in het land is om te helpen met inlichtingen en training. ‘Dit is de eerste officiële erkenning van de aanwezigheid van Amerikaanse troepen in Nigeria sinds Donald Trump het leger in november opdracht gaf zich voor te bereiden op een interventie in het land om islamitische militanten te bestrijden’, merkt het Britse medium op.
Zweden kampt al ruim tien jaar met een toename van geweld
Minister van Justitie Gunnar Strömmer kondigde aan dat hij een wetsvoorstel zal indienen om de leeftijd van strafrechtelijke aansprakelijkheid voor ernstige misdrijven te verlagen van vijftien naar dertien jaar, waarmee de weg wordt vrijgemaakt voor gevangenisstraffen in bepaalde gevallen.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Zweden worstelt al meer dan tien jaar met de toename van aan de georganiseerde misdaad gerelateerd geweld, voornamelijk als gevolg van afrekeningen tussen rivaliserende bendes en de strijd om de controle over de drugsmarkt.
Verschillende instanties, waaronder de politie, de gevangenisdienst en het Openbaar Ministerie, verzetten zich echter tegen het wetsvoorstel. Sommigen vrezen dat het ertoe kan leiden dat nog jongere kinderen bij criminaliteit betrokken raken, meldt de BBC.
Minder dan drie weken na de dood van Renée Good is Minneapolis zaterdag opnieuw opgeschud door een gewelddadig incident waarbij de immigratiepolitie ICE een rol speelde, meldt The Minnesota Star Tribune.
Alex Pretti, een 37-jarige Amerikaan, werd zaterdag door federale agenten gedood, zo maakten stadsfunctionarissen bekend. De stad wordt al enkele weken geteisterd door protesten tegen de aanwezigheid van ICE.
Een video die op sociale media circuleert en waarvan de authenticiteit door de autoriteiten is bevestigd, toont hoe meerdere agenten worstelen om een man tegen de grond te werken en hem vervolgens herhaaldelijk slaan. Dan klinkt er een schot, waarna de agenten zich van de man die op straat ligt verwijderen en vervolgens meerdere schoten op hem afvuren.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Het Amerikaanse ministerie van Binnenlandse Veiligheid beweerde dat de man een semiautomatisch pistool bij zich had en zich ‘hevig verzet’ had voordat de agent, ‘uit angst voor zijn leven’, hem neerschoot. Ambtenaren van de Trump-regering, waaronder minister van Binnenlandse Veiligheid Kristi Noem, bestempelden Pretti als een ‘terrorist’.
Maar ooggetuigenverslagen en videoanalyses van het incident door verschillende media spreken de versie van de Amerikaanse overheid tegen. ‘Op geen enkel moment in de door CNN bekeken video’s is te zien dat Pretti een wapen hanteert; eerder in de confrontatie is te zien dat hij een mobiele telefoon in zijn hand houdt’, aldus CNN.
Volgens The Washington Post was Alex Pretti een intensive care-verpleegkundige die veteranen verzorgde. Hij had geen strafblad. ‘Alex was een goedhartig mens die veel om zijn familie en vrienden gaf, evenals om veteranen’, aldus zijn nabestaanden in een verklaring. Zijn familie noemde de beschuldigingen van de Trump-regering ‘walgelijke leugens’. Ze beweerden dat video’s van getuigen lieten zien dat hun zoon probeerde een vrouw te beschermen die door immigratieambtenaren tegen de grond was geslagen.
Het eiland Taiwan werd vrijdagavond opgeschrikt door een aanslag waarbij een man rookgranaten in de metro tot ontploffing bracht, meerdere mensen neerstak (minstens drie dodelijk) en anderen verwondde. Vervolgens pleegde hij zelfmoord door van een gebouw te springen, vermoedelijk om aan de politie te ontkomen, meldt de South China Morning Post. De motieven van de vermeende dader, geïdentificeerd als de 27-jarige Cheng Wen, zijn op dit moment nog onbekend.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Volgens onderzoekers viel hij ‘willekeurig reizigers aan in de metro van Taipei’. De verdachte ‘gooide naar verluidt een rookgranaat in de buurt van een metro-uitgang op het centraal station van de stad, wat paniek veroorzaakte onder voorbijgangers’, meldt de krant uit Hongkong. ‘Vervolgens ging hij naar een druk winkelgebied waar hij in een warenhuis meerdere mensen neerstak, voornamelijk in de nek’, voordat hij van de zesde verdieping van het gebouw sprong. Bij de aanslagen vielen drie doden en negen gewonden, van wie één er ernstig aan toe is.
Tussen Israël en Hezbollah is een wapenstilstand van kracht
Het Israëlische leger heeft donderdag bij zonsopgang een inval gedaan in de Zuid-Libanese gemeente Blida. Daarbij opende het ‘het vuur op het gemeentehuis en doodde Ibrahim Salamé, een medewerker die in het gebouw sliep’, meldt Mountasser Abdallah, correspondent van L’Orient-Le Jour. Het Libanese dagblad spreekt van een ‘ongekende dodelijke operatie sinds het begin van de wapenstilstand, die Israël dagelijks schendt’.
De IDF verklaarde dat het had ingegrepen ‘in het kader van een operatie om terroristische infrastructuur van Hezbollah te vernietigen’ en zei dat het het vuur had geopend op een ‘verdachte’. Het voegde eraan toe dat er een onderzoek was gestart. Het Israëlische leger verklaarde ook dat het gemeentehuis recentelijk was gebruikt door de Libanese sjiitische beweging als ‘civiele infrastructuur’.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
In het kader van de wapenstilstandsovereenkomst, die in november 2024 een einde maakte aan de oorlog tussen Hezbollah en Israël, trok laatstgenoemde zijn troepen terug uit Zuid-Libanon. Het houdt echter nog altijd vijf grensovergangen naar Libanees grondgebied bezet en voert luchtaanvallen uit op het land.
‘In tegenstelling tot de gewapende groep Hezbollah hielden de Libanese strijdkrachten zich tot nu toe over het algemeen afzijdig van het conflict met Israël’, benadrukt Al Jazeera. Maar na het incident van donderdag lijkt de Libanese president Joseph Aoun, ‘een voormalig commandant van het Libanese leger, eindelijk zijn geduld te hebben verloren met de door Israël opgelegde status quo’.
De president heeft het leger opdracht gegeven ‘elke Israëlische inval (…) te weerstaan om het Libanese grondgebied en de veiligheid van zijn burgers te verdedigen’. Op 10 december veroordeelde premier Nawaf Salam ‘de flagrante agressie tegen de instellingen van de Libanese staat en zijn soevereiniteit’.
Experts waarschuwen voor een verergering van de crisis
Donderdagochtend was er hevig geweervuur te horen in de buurt van het Nationaal Paleis in de Haïtiaanse hoofdstad Port-au-Prince, waar een ministerraad plaatsvond, de eerste die daar sinds maanden werd gehouden. De regering had deze belangrijke machtslocatie verlaten vanwege de onveiligheid in het centrum van de hoofdstad, dat grotendeels door bendes wordt gecontroleerd.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
De autoriteiten van dit land, waar sinds 2016 geen verkiezingen meer zijn gehouden, wilden het paleis echter opnieuw in gebruik nemen, als teken dat politiek ondanks de chaotische situatie voorrang moet hebben op geweld.
‘De voedselprijzen stijgen en het bendegeweld breidt zich uit’, waarschuwden deskundigen van Unicef in een woensdag gepubliceerd rapport. ‘De crisis in Haïti is op verschillende fronten verergert, waardoor honderdduizenden kinderen in gevaar komen’, meldt The New York Times.
De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties heeft dinsdag ermee ingestemd dat de door Kenia geleide multinationale veiligheidsmissie (MMAS) wordt omgevormd tot een gewapende troepenmacht waar veel meer afschrikking van uitgaat. Deze troepenmacht wordt ‘zowel door een nieuw opgericht ondersteuningsbureau van de Verenigde Naties als door de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS) ondersteund’, schrijft de Miami Herald.
De legermacht, die bedoeld is om de bendes te bestrijden die Haïti teisteren, zal kunnen rekenen op maximaal 5500 man – politieagenten en militairen – en heeft van de Veiligheidsraad groen licht gekregen voor een initiële periode van twaalf maanden.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
‘Het besluit van de Veiligheidsraad vandaag betekent een echte ommekeer,’ aldus Ericq Pierre, vertegenwoordiger van Haïti bij de VN. ‘Door de missie een meer offensieve en operationele troepenmacht en mandaat te geven, geeft de Raad de internationale gemeenschap de middelen om op de ernst van de situatie [in Haïti] te reageren,’ voegde hij eraan toe.
De MMAS, die een duizendtal politieagenten heeft maar onvoldoende gefinancierd en uitgerust is, is er niet in geslaagd het armste land van Amerika uit de wurggreep van de bendes te bevrijden.
Elke week pluist de redactie van 360 een actuele gebeurtenis voor je uit aan de hand van de internationale pers. Deze week kijken we naar Colombia. Het land leek minder dan een decennium geleden nog op weg naar vrede, maar het geweld neemt nu weer in rap tempo toe. Wat is er aan de hand?
Wat ging er aan het geweld vooraf?
‘In grote delen van het land verslechtert de veiligheid. Illegale gewapende groeperingen breiden zich uit en de veiligheidstroepen zijn zwakker dan tien jaar geleden. Wat dit nog schrijnender maakt, is dat het er nog niet zo lang geleden goed uitzag voor het land’, schrijft Michael Reid, een Engelse commentator op het gebied van Latijns-Amerika, in Americas Quarterly.
Tijdens het presidentschap van Álvaro Uribe van 2002 tot 2010 versterkte Colombia zijn veiligheidstroepen. Uribe veranderde een dienstplichtleger in een semiprofessioneel leger en breidde de helikoptervloot flink uit. Hij stationeerde politiekorpsen in alle 1100 gemeenten en het lukte hem om 30.000 rechtse paramilitairen over te halen hun wapens in te leveren. In die periode daalde het aantal moorden van 69 per 100.000 inwoners in 2002 tot 26 in 2016.
‘Plattelandsbewoners keken vol hoop en ongeloof toe hoe de politie, in plaats van guerrillastrijders, in hun dorpen patrouilleerde’
‘Maar er waren ook kanttekeningen’, schrijft Reid. Meer dan 6400 burgers, voornamelijk jongeren, werden bestempeld als guerrillastrijders en door het leger gedood. Uribe werd later door links beschuldigd van banden met paramilitaire groeperingen en in juli van dit jaar veroordeeld vanwege het beïnvloeden van getuigen in een gerelateerd onderzoek. Kort daarna draaiden magistraten een deel van de uitspraak terug, omdat de rechter Uribe onterecht huisarrest had opgelegd, aldus El País. Hij mag het hoger beroep nu in vrijheid afwachten.
De strategie van Uribe stelde zijn opvolger, Juan Manuel Santos, destijds in staat om in 2016 een akkoord te sluiten waarbij de sterk verzwakte Revolutionary Armed Forces of Colombia (FARC) werd gedemobiliseerd en ontwapend. Het stelde de regering in staat het laatste deel van het land onder controle te krijgen en deze gebieden economisch te ontwikkelen. ‘Plattelandsbewoners keken vol hoop en ongeloof toe hoe de politie, in plaats van guerrillastrijders, in hun dorpen patrouilleerde. De vrede leek eindelijk te zijn aangebroken’, schrijft Elizabeth Dickinson, expert op het gebied van gewapende groeperingen en georganiseerde misdaad in Colombia en Latijns-Amerika, in The New York Times.
De daaropvolgende president, Iván Duque, een protegé van Uribe, voerde het akkoord door en politiseerde tegelijkertijd de strijdkrachten. En toen kwam in 2022 Gustavo Petro, een linkse politicus die zijn politieke ervaring had opgedaan als clandestiene politiek organisator voor M-19, een nationalistische guerrillabeweging. Petro zou het land gaan hervormen. Hij veegde de overeenkomst van 2016 van tafel en beloofde het volk ‘totale vrede’. Hij bood aan te onderhandelen met overgebleven gewapende groeperingen, zoals de ELN, twee FARC-afsplitsingen, de Clan del Golfo en enkele kleinere groepen. Maar nu, drie jaar later, zijn de illegale gewapende groeperingen gegroeid.
Wat speelt er nu?
Deze zomer kwamen de spanningen tot een kookpunt, toen presidentskandidaat Miguel Uribe (geen familie van) in april werd neergeschoten. ‘Mijn gedachten gingen, net als die van veel Colombianen, meteen terug naar 1989, toen drie presidentskandidaten en verschillende hoge ambtenaren tijdens hun campagne werden vermoord op bevel van Escobar of zijn handlangers’, schrijft Reid. ‘Toen in augustus narcoguerrillastrijders van de Estado Mayor Central een vrachtwagenbom tot ontploffing brachten buiten een luchtmachtbasis en een Blackhawk-helikopter met een drone neerhaalden, waarbij in totaal negentien mensen omkwamen, deed dat denken aan de periode rond de eeuwwisseling, toen FARC-guerrillastrijders grootschalige aanvallen uitvoerden op steden en militaire garnizoenen. Gelukkig is Colombia nu niet meer zo slecht als toen, en ook niet zoals in 1989. Maar de recente gebeurtenissen zijn een waarschuwing dat het snel achteruitgaat.’
‘Hoewel het geweld tegenwoordig minder dodelijk is, treft het meer mensen op een groter aantal locaties’
Het niveau en de impact van politiek en georganiseerd geweld liggen vandaag de dag ver onder de historische pieken van eind jaren negentig en begin jaren 2000. In 2002, op het hoogtepunt van het gewapende conflict in Colombia, kwamen 16.342 mensen om het leven. Ter vergelijking: in 2024 bedroeg het aantal dodelijke slachtoffers 307. Maar volgens een rapport van de militaire inlichtingendienst, geciteerd door een van de grootste kranten van het land, El Tiempo, zijn illegale groeperingen in de eerste helft van 2025 met meer dan duizend leden gegroeid, tot een totaal van bijna 22.000 leden in het hele land. Deze groeperingen zijn nu mogelijk aanwezig in 562 gemeenten in 29 van de 32 departementen van Colombia.
‘Hoewel het geweld tegenwoordig minder dodelijk is, treft het meer mensen op een groter aantal locaties,’ legt Laura Lizarazo, adjunct-directeur voor het Andesgebied bij Control Risks’ Global Risk Analysis Practice, gevestigd in Bogotá, uit in Americas Quarterly.
In eerdere fasen van het gewapende conflict bleef het extreme geweld relatief beperkt tot een paar gebieden, waar niet-statelijke gewapende groeperingen en veiligheidstroepen direct en voortdurend met elkaar in conflict waren als onderdeel van een burgeroorlog van nationale omvang.
Tegenwoordig verspreiden vormen van niet-dodelijk geweld zich over steeds meer gebieden. Gewapende en criminele groeperingen gebruiken ze om het dagelijks leven en de economie te controleren. Dodelijk geweld is volgens Lizaroza minder noodzakelijk geworden nu deze groeperingen volledige territoriale controle hebben verkregen. En waar ze hun inkomsten aanvankelijk voornamelijk uit drugshandel haalden, is dat lang niet altijd meer het geval. ‘Afpersing, ontvoering voor losgeld, illegale mijnbouw, smokkel, brandstofdiefstal, migrantensmokkel, wapenhandel en het witwassen van geld zijn enkele van de tegenwoordige inkomstenbronnen,’ aldus Lizarazo. Naarmate de winst groeit, verhevendigen de territoriumoorlogen om belangrijke activa die deze soorten handel ondersteunen – routes, informanten, productie, informatie en opslagplaatsen.
Ten slotte is het georganiseerde en politieke geweld in Colombia vandaag de dag, in tegenstelling tot in de jaren negentig en 2000, grotendeels verstoken van ideologie. Illegale groeperingen streven er niet langer naar om de fundamenten van een democratisch politiek regime te ondermijnen of de regering omver te werpen om het staats- of sociaaleconomische model te veranderen – wat ooit het doel was van guerrillabewegingen. Ze proberen ook niet langer het bestuur en de staat te saboteren om de cocaïnehandel winstgevender en dynamischer te maken, zoals het geval was bij grote drugskartels en drugsbaronnen. In plaats daarvan dient politiek geweld tegenwoordig als een aanvullende tactiek om de lokale territoriale controle en illegale inkomsten van illegale groeperingen te versterken, te beschermen of uit te breiden. ‘Het huidige geweld is versnipperd, onvoorspelbaar en geworteld in criminele organisaties, maar de impact ervan op de politiek is net zo destabiliserend’, schrijft Lizarazo.
‘Ze hebben geleerd dat het intimideren en coöpteren van de burgerbevolking goedkoop en effectief is’
Dat bevestigt ook Dickinson. In tegenstelling tot de FARC, die de macht in Bogotá wilde grijpen, richten de huidige gewapende organisaties zich op het controleren van een illegale economie die veel verder gaat dan de drugshandel. ‘Ze hebben geleerd dat het bestrijden van de staat kostbaar is, maar het intimideren en coöpteren van de burgerbevolking goedkoop en effectief. Het meeste geweld in Colombia vindt nu plaats tussen gewapende groeperingen om territorium en inkomsten, of tegen burgers die de moed hadden zich te verzetten tegen hun criminele heerschappij.’
‘Er is een enorme toename van geweld in Catatumbo – moorden en ontheemding, toename van rekrutering van kinderen en zeer duidelijke wraakacties, waar de gewone burger vaak slachtoffer van is,’ bevestigt Juanita Goebertus, directeur van de afdeling Amerika bij Human Rights Watch, geciteerd door The Guardian.
De crisis kreeg deze week een internationale dimensie toen de VS officieel verklaarden dat Colombia is gefaald in de strijd tegen drugshandel. De regering-Trump zei maandag dat Colombia ‘aantoonbaar tekortgeschoten’ is in zijn verplichtingen om drugshandel te bestrijden, maar dat ze het land financieel zullen blijven steunen, zo schrijft CNN. De VS wijten de mislukking expliciet aan president Petro, een uitgesproken criticus van Trump.
Wat staat Colombia nu te wachten?
Dit scenario speelt zich af in de aanloop naar de verkiezingen van 2026. ‘Hoewel het geweld waarschijnlijk geconcentreerd zal blijven in de door gewapende groeperingen gecontroleerde plattelandsgebieden, kunnen bijkomende incidenten in stedelijke centra niet worden uitgesloten’, schrijft Lizarozo.
‘Omgekeerd zullen rechtse en centrumrechtse presidentskandidaten steeds meer de nadruk leggen op het toenemende geweld, waarbij ze vaak alarmerende verhalen verspreiden.’ Ondertussen zal de regerende linkervleugel – die zich in de voorverkiezingen van oktober achter één kandidaat wil scharen – politieke verantwoordelijkheid voor de verslechterende veiligheids- en humanitaire crises in meerdere regio’s uit de weg gaan en in plaats daarvan alle schuld toeschuiven aan illegale actoren.
‘Geen enkele militaire strategie kan deze diepgaande sociale infiltratie van criminele organisaties op eigen kracht ontmantelen’
Het land heeft behoefte aan een goed geïnformeerd, evenwichtig debat en serieuze beleidsvoorstellen om de nieuwe dynamiek van het geweld aan te pakken. Helaas is er juist steeds meer sprake van polarisatie. ‘De veroordeling van Álvaro Uribe in de zaak rond getuigenbeïnvloeding tot twaalf jaar gevangenisstraf, waartegen hij in beroep is gegaan, heeft de campagne voor de presidentsverkiezingen van volgend jaar verder gepolariseerd,’ licht journalist Michael Reid toe in Americas Quarterly.
Volgens Dickinson is er nog een mogelijkheid om het tij te keren en moet met name worden gekeken naar belangrijke lessen uit het verleden. ‘Geen enkele militaire strategie kan deze diepgaande sociale infiltratie van criminele organisaties op eigen kracht ontmantelen. Met een voortdurende dialoog, sociale initiatieven en een gerichte veiligheidsstrategie, kan Petro het akkoord van 2016 nog steeds nieuw leven inblazen en werken aan de “totale vrede” die hij heeft beloofd.’
Minister van Binnenlandse Zaken stapte maandagavond op
In Nepal zijn zeker negentien mensen omgekomen tijdens demonstraties in Kathmandu en Itahari. Dat meldt The Himalayan Times. Duizenden jongeren gingen de straat op uit protest tegen corruptie en het recente verbod op zesentwintig socialemediaplatforms, waaronder X, YouTube en Facebook. Naast de dodelijke slachtoffers raakten zo’n vierhonderd mensen gewond, onder wie demonstranten, journalisten en politieagenten.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
De autoriteiten hadden eerder een avondklok ingesteld in verschillende grote steden, waaronder Kathmandu, Pokhara, Butwal–Bhairahawa en Itahari, in een poging om de escalerende protesten in te dammen.
Minister van Binnenlandse Zaken Ramesh Lekhak trad maandagavond af en zei ‘morele verantwoordelijkheid’ te nemen voor het harde optreden van de politie. Volgens The Himalayan Times werd dinsdagochtend de toegang tot sociale media weer hersteld.
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.