Onderwerpen: Natuur

  • Japan: het bloemenfestijn Fuji Shibazakura Festival gaat weer van start

    Japan: het bloemenfestijn Fuji Shibazakura Festival gaat weer van start

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Italiaans kustdorp kampt met ‘invasie’ van pauwen

    » Israël: gokkers zetten journalist onder druk om zijn nieuwsbericht te wijzigen

    Het festijn verandert het gebied rondom de berg Fuji in een roze tapijt

    Japan is een van de meest spectaculaire plekken om in de lente te bezoeken. Mensen reizen van over de hele wereld om de sakura (kersenbloesem) in volle bloei te bewonderen, maar er is nog een ander seizoensgebonden evenement dat minstens zo adembenemend is. Het Fuji Shibazakura Festival verandert het landschap aan de voet van de berg Fuji in een levendige zee van roze.

    image
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    In het Fuji Motosuko Resort in Japan bloeien van half april tot eind mei zo’n 500.000 shibazakura, ook wel moss phlox genoemd, in oogstrelende tinten roze, paars en wit. Anders dan kersenbloesems groeien ze op de grond en vormen zo een tapijt dat wekenlang blijft liggen. 

    My Modern Met beschrijft de bloemenvelden die ongeveer 15.000 vierkante meter beslaan, vergezeld door kunstinstallaties zoals de reflecterende Sparkling Flower Drop Mirror en het Door to Happiness-uitkijkpunt dat de Mount Fuji omlijst. De overgefotografeerde berg wordt vanaf de bekendste instagramhoek afgeschermd voor het toerisme met een groot zwart scherm.

  • Wereldnieuws: gokkers bedreigen journalisten & meer

    Wereldnieuws: gokkers bedreigen journalisten & meer

    Klimaatopwarming verlengt pollenseizoen met twee weken

    Als gevolg van klimaatverandering duurt het pollenseizoen in Europa sinds de jaren negentig één tot twee weken langer. In de periode 2015-2024 begon het voor berken, elzen en olijfbomen één tot twee weken eerder dan in de periode 1991-2000. Dat blijkt uit het meest recente onderzoek naar de gevolgen van klimaatverandering voor de gezondheid in Europa. Warm weer en hoge concentraties koolstofdioxide zorgen ervoor dat planten meer pollen produceren, wat allergische reacties veroorzaakt bij mensen met hooikoorts en leidt tot symptomen die variëren van lichte irritatie tot levensbedreigend, , schrijft The Guardian.

    De bevinding is misschien minder dramatisch dan de overstromingen en bosbranden die doorgaans met een opwarmende planeet worden geassocieerd, maar toch betekent ze een enorme toename van het gezamenlijke leed van tientallen miljoenen mensen, aldus de onderzoekers.

    WN pollen compressed edited scaled

    Hoe minder technologie, hoe meer concentratie

    Steeds meer scholen zetten in op digitale leermiddelen, maar dat pakt niet altijd goed uit. Toen een Amerikaanse docent alle schermen uit zijn klas verwijderde, verbeterden de concentratie en prestaties van zijn leerlingen merkbaar, schrijft The Atlantic.

    De docent besloot laptops en tablets volledig te bannen en terug te keren naar pen en papier. Binnen korte tijd merkte hij dat leerlingen alerter waren, minder afgeleid en actiever deelnamen aan de les. Ook maakten ze meer opdrachten af en werd het voor hem makkelijker om te zien waar leerlingen vastliepen.

    Volgens hem zorgen schermen er vaak voor dat leerlingen sneller afhaken of zich achter technologie verschuilen. Digitale tools kunnen handig zijn, maar leiden in de praktijk regelmatig tot multitasking en verlies van focus.

    Daarnaast maakt werken op papier het denkproces van leerlingen zichtbaarder: aantekeningen, fouten en verbeteringen zijn direct te volgen, wat gerichtere begeleiding mogelijk maakt. Dat zou niet alleen het leerproces verdiepen, maar ook de betrokkenheid vergroten.


    500.000 roze bloemen

    In het Fuji Motosuko Resort in Japan bloeien van half april tot eind mei zo’n 500.000 shibazakura, ook wel mossvlox genoemd, in oogstrelende tinten roze, paars en wit. Anders dan kersenbloesems groeien ze op de grond en vormen zo een tapijt dat wekenlang blijft liggen. My Modern Met beschrijft de bloemenvelden die ongeveer 15.000 vierkante meter beslaan, vergezeld door kunstinstallaties zoals de reflecterende Sparkling Flower Drop Mirror en het Door to Happiness-uitkijkpunt dat de Mount Fuji omlijst. De overgefotografeerde berg wordt vanaf de bekendste instagramhoek afgeschermd voor het toerisme met een groot zwart scherm.

    WN Sakura compressed edited 1

    Duitse NSDAP-zoekmachine razend populair

    Die Zeit heeft in samenwerking met Duitse en Amerikaanse archieven een online zoekmachine ontwikkeld waarmee mensen kunnen achterhalen of hun voorouders lid waren van de nazipartij. Met de tool kunnen mensen miljoenen ledenkaarten van de NSDAP doorzoeken. Sinds de lancering begin april is de zoekmachine ‘miljoenen keren geraadpleegd en duizenden keren gedeeld’, aldus Die Zeit.

    De NSDAP-ledenkaarten werden bijna vernietigd tijdens de laatste dagen van de Tweede Wereldoorlog, maar op het nippertje gered en aan de Amerikanen overhandigd, die ze in 1994 overdroegen aan het Duitse federale archief.

    WN Nazispeldje compressed edited

    Tot voor kort konden mensen de ledenkaarten alleen raadplegen door een formeel verzoek in te dienen bij het Duitse archief. In maart dit jaar is het Amerikaanse archief begonnen zijn archiefstukken online beschikbaar te stellen.


    Hoe de gokmarkt de vrije pers kan bedreigen

    De journalist Emanuel Fabian meldde op 10 maart op het liveblog van The Times of Israel dat er een raket was neergekomen in de Israëlische plaats Bet Shemesh en dat daarbij geen gewonden waren gevallen.

    Kort daarop kreeg Fabian meerdere berichtjes en mailtjes binnen waarin hij onder druk werd gezet om zijn nieuwsbericht aan te passen. Het betrof geen raket, maar de brokstukken van een onderschepte raket. De journalist begreep niet waarom mensen dat detail zo belangrijk vonden. Totdat hij ontdekte dat de afzenders actief waren op het gokplatform Polymarket.

    Wat was het geval? Mensen hadden geld ingezet op een weddenschap dat Iran op 10 maart een luchtaanval op Israël zou uitvoeren. Raketten en drones die onderweg werden onderschept, golden echter niet als een aanval, ook niet als ze in Israël landden of schade aanrichtten. Door bij de journalist erop aan te dringen zijn verslag te wijzigen, wilden degenen die ‘nee’ hadden gegokt alsnog hun gelijk halen en hun prijzengeld in de wacht slepen.

    De berichtjes ontaardden op den duur in doodsbedreigingen. De journalist besloot aangifte te doen bij de politie. Hoewel Fabian zijn rug recht hield, laat zijn verhaal zien onder welke druk journalisten in onze tijd soms hun werk moeten doen.


    Precieze locatie van Shakespeares huis in Londen ontdekt

    Fans van William Shakespeare weten dat de grote toneelschrijver afkomstig was uit Stratford-upon-Avon. Maar hij maakte naam in Londen – hoewel er in de Britse hoofdstad nog maar weinig sporen van hem te vinden zijn.

    Een recent ontdekte kaart uit de zeventiende eeuw werpt nieuw licht op het Londense leven van de toneelschrijver, schrijft The Independent. Voor het eerst is de exacte locatie bekend van het enige huis dat Shakespeare in de stad kocht, en waar hij mogelijk aan zijn laatste toneelstukken werkte. Volgens Shakespeare-onderzoeker Lucy Munro, die de kaart vond, voegt hij ‘extra stukjes van de puzzel’ van Shakespeares leven toe.

    Historici wisten allang dat Shakespeare in 1613 een stuk grond kocht in de buurt van het Blackfriars Theatre, maar de exacte locatie was een mysterie. Een plattegrond van het Blackfriars-complex toont echter in detail Shakespeares huis: een aanzienlijke L-vormige woning, uitgehouwen uit het voormalige middeleeuwse Dominicanenklooster.

    WN Shakespeare compressed edited

    Het is niet zeker of Shakespeare in zijn Londense woning woonde of deze alleen verhuurde. Volgens Munro suggereren de grootte van het huis en de ligging op vijf minuten loopafstand van het Blackfriars Theatre dat hij aan het einde van zijn leven mogelijk meer tijd in Londen heeft doorgebracht dan algemeen wordt aangenomen.

    Shakespeare liet het pand na aan zijn dochter Susanna, en het bleef nog een halve eeuw in de familie. In 1666 brandde het gebouw tot de grond toe af in de Grote Brand van Londen, die een groot deel van de middeleeuwse stad verwoestte.

    In dit gebied, dat nu deel uitmaakt van het financiële district van de Britse hoofdstad, zijn nog maar enkele overblijfselen van Shakespeares Londen te vinden, waaronder een fragment van een muur van het voormalige Dominicanenklooster. Vlakbij herinnert de naam Playhouse Yard eraan dat hier ooit een theater stond.

  • Californië: acht skiërs omgekomen bij een lawine

    Californië: acht skiërs omgekomen bij een lawine

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » VS: Zuckerberg berecht om schadelijke effecten van sociale media op kinderen

    » Peru verkiest José María Balcázar tot nieuwe interim-president

    Een negende wordt ‘vermoedelijk dood’ verklaard

    ‘Dit is de dodelijkste lawine in de moderne geschiedenis van Californië’, schrijft de Los Angeles Times. De skiërs waren op de terugweg van de berghutten bij Frog Lake toen ze de lawine tegenkwamen, die ongeveer zo lang was als een voetbalveld.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Acht skiërs die als vermist waren opgegeven, werden gevonden in de buurt van Lake Tahoe in Noord-Californië. Een negende wordt ‘vermoedelijk dood’ verklaard, aldus de autoriteiten. Zij vragen zich af waarom de gids besloot een meerdaagse excursie te organiseren ondanks de voorspelling van zware sneeuwval.

  • Italië: beroemde ‘liefdesboog’ stort in op Valentijnsdag

    Italië: beroemde ‘liefdesboog’ stort in op Valentijnsdag

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Iran houdt militaire oefeningen in aanloop naar nieuwe gesprekken met VS

    » Spanje gaat humanitaire hulp aan Cuba verlenen, maar geen olie

    De boog diende als decor voor selfies en huwelijksaanzoeken

    De beroemde rotsboog van Sant’Andrea in Melendugno, Puglia, Italië, in de volksmond bekend als de Boog van de Geliefden, is op Valentijnsdag ingestort na zware stormvloeden en hevige regenval in Zuid-Italië. De rotsboog, een van de bekendste natuurlijke bezienswaardigheden aan de Adriatische kust, dankte zijn naam aan het feit dat hij diende als decor voor huwelijksaanzoeken, selfies en ansichtkaarten. De arcade was een van de meest herkenbare symbolen van de Salento, een van de meest bezochte toeristische gebieden van Italië, schrijft The Guardian.

    ‘Het is een ontzettende domper’, zei de burgemeester van Melendugno, Maurizio Cisternino. ‘Een van de beroemdste toeristische trekpleisters van onze kustlijn en van heel Italië is verdwenen.’ Volgens de lokale autoriteiten hebben sterke winden, ruwe zee en hevige regenval in de afgelopen dagen de rotsstructuur geleidelijk verzwakt, tot de uiteindelijke instorting op zaterdag. Het is de grootste schade die kusterosie heeft toegebracht aan het landschap van de Salento.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Mediterrane cyclonen, ook wel medicanes genoemd, zoals cycloon Harry die in januari toesloeg, hebben havens, huizen en wegen verwoest en de structuur van kustlijnen veranderd. Medicanes zijn systemen met een warme kern die steeds vaker voorkomen in de Middellandse Zee, veroorzaakt door de stijgende zeetemperatuur als gevolg van de klimaatcrisis.

    De verwoestende kracht van deze cyclonen, met windsnelheden van meer dan 97 km/u en golven tot wel 15 meter hoog, heeft een spoor van vernieling achtergelaten: havens zijn verwoest, huizen beschadigd, wegen zijn weggevaagd en grote delen van de kustlijn in Zuid-Italië zijn weggespoeld.

  • Sneeuw, ijs en vrieskou eisen zes levens in Europa

    Sneeuw, ijs en vrieskou eisen zes levens in Europa

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Rodríguez: ‘De Venezolaanse regering bestuurt ons land, niemand anders’

    » Europa en VS komen met eensgezind vredesplan voor Oekraïne

    Honderden vluchten zijn geannuleerd en veel scholen zijn dicht

    Zes mensen kwamen dinsdag om het leven in Europa, onder wie vijf in Frankrijk, “doordat sneeuw, ijs en vrieskou in verschillende regio’s van het continent grote schade aanrichten”, meldt The Guardian. Er worden woensdag aanzienlijke verstoringen verwacht in het weg- en luchtverkeer, met name op de luchthavens van Parijs, waar “naar verwachting zo’n 40 procent van de vluchten op Charles de Gaulle en 25 procent op Orly geannuleerd zal worden”, aldus de Britse krant.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Dinsdag werden honderden vluchten geannuleerd op Schiphol in Amsterdam, terwijl het treinverkeer ook werd ontregeld door een computerstoring bovenop het extreme weer. Vrieskou teisterde ook grote delen van Europa, met temperaturen ver onder de -10 in Zuid- en Oost-Duitsland en zelfs -12,5 in het Verenigd Koninkrijk, waar de sneeuwval leidde tot “de sluiting van honderden scholen in de noordelijke regio’s”, aldus de krant.

    Ook de Balkan had te maken met extreme weersomstandigheden. De Servische autoriteiten hebben automobilisten opgeroepen voorzichtig te zijn, omdat “velen van hen van plan zijn naar skigebieden of elders te reizen voor het orthodoxe kerstfeest”, dat woensdag wordt gevierd.

  • Natuurorganisatie roept 2025 uit tot ‘Jaar van de Octopus’

    Natuurorganisatie roept 2025 uit tot ‘Jaar van de Octopus’

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Libische stafchef omgekomen bij vliegtuigcrash in Turkije

    » VS: Hooggerechtshof blokkeert inzet Nationale Garde in Chicago

    Het aantal octopussen was dit jaar in Engeland op zijn hoogst

    Een natuurbeschermingsorganisatie heeft 2025 uitgeroepen tot ‘het Jaar van de Bloeiende Octopus’ nadat recordaantallen octopussen werden waargenomen voor de zuidwestkust van Engeland, schrijft de BBC. In haar jaarlijkse rapport over de mariene flora en fauna meldt de Wildlife Trusts dat het aantal octopussen deze zomer het hoogste niveau sinds 1950 bereikte.

    Warmere winters, die verband houden met klimaatverandering, worden beschouwd als de oorzaak van de sterke toename van de populatie, ook wel een ‘bloei’ genoemd. De bevindingen van de organisatie worden ondersteund door officiële cijfers die aantonen dat er in de zomer van 2025 meer dan 1200 ton octopus door vissers in Britse wateren is gevangen.

    Dit is een drastische stijging ten opzichte van voorgaande jaren. Slechts één keer sinds 2021 werd er meer dan 200 ton octopus aan land gebracht.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Naast het goede nieuws voor octopusliefhebbers bevat het rapport van de Wildlife Trusts over de mariene flora en fauna ook minder fraai nieuws.

    Zo werd dit jaar volgens het rapport gekenmerkt door milieurampen, zoals een aanvaring tussen een olietanker en een containerschip op de Noordzee in maart, waarbij enorme hoeveelheden plastic korrels in het water terechtkwamen, en de lozing van bijna 4,5 ton biokorrels uit een waterzuiveringsinstallatie in Sussex in november.

    Er was ook beter nieuws voor de fauna elders: een recordaantal van 46.000 papegaaiduikers werd waargenomen op Skomer in Pembrokeshire, terwijl de charismatische zwart-witte vogel een comeback maakte op het Isle of Muck dankzij natuurbeschermingsinspanningen van de Ulster Wildlife Trust om de invasieve bruine rat te verwijderen.

  • Deze vrouwen redden het regenwoud van Kerala

    Deze vrouwen redden het regenwoud van Kerala

    In een van de rijkste biodiversiteitshotspots ter wereld heeft een volledig vrouwelijk team een ​​stuk bos omgetoverd tot een toevluchtsoord voor orchideeën, varens, vet- en vleesetende planten.

    De hevige regenbui van de afgelopen nacht heeft verschillende grote bomen in het bos omvergewaaid en overal liggen afgebroken takken. Terwijl ze tussen de omgevallen bomen door loopt ziet Laly Joseph een orchidee aan een van de afgebroken takken hangen. Ze pakt hem voorzichtig op en verplaatst hem naar een overeind staande boom.

    Bij het Gurukula Botanical Sanctuary, waar Joseph (56) hoofd plantenbescherming en de meest ervaren ‘regenwoudtuinier’ is, wordt elke plant als kostbaar beschouwd en streeft een volledig vrouwelijk team ernaar alles wat er groeit te laten overleven in een steeds harder klimaat.

    Toevluchtsoord

    Het privéreservaat ligt aan de rand van het Periyar-bosreservaat in het noorden van Kerala (India) en is in collectief bezit. Het werd in 1981 opgericht door Wolfgang Theuerkauf, een Duitser uit Berlijn die later Indiaas staatsburger werd.

    Theuerkauf, een autodidactisch natuurbeschermer, wilde de 3 hectare aan oerwoud beschermen die een goeroe bij een spirituele instelling hem had toegewezen. Hij begon zeldzame en endemische planten uit aangrenzende gebieden te verzamelen die werden gekapt om plaats te maken voor landbouw en plantages.

    Meer dan veertig jaar later is het reservaat uitgegroeid tot 32 hectare en is het een toevluchtsoord geworden voor meer dan tweeduizend inheemse plantensoorten uit Zuid-India en met name uit de West-Ghats, een bergketen die door Unesco is erkend als een van de acht rijkste gebieden ter wereld wat betreft biodiversiteit.

    Het ecosysteem wordt voortdurend ernstig bedreigd door verstedelijking, industrie, mijnbouw en ontbossing

    Theuerkauf overleed in 2014, maar hij trainde en begeleidde een aantal vrouwen die nu beheerder zijn van het reservaat en van de duizenden planten die er staan. De planten in de kwekerij en de tuin worden momenteel verzorgd door een team van twintig vrouwen, voornamelijk uit de omgeving.

    Velen werken er al tientallen jaren, waaronder Joseph, die 37 jaar geleden begon, op haar negentiende. ‘Na school volgde ik een opleiding tot röntgenlaborant, maar ik wilde snel een baan en kwam bij het reservaat terecht omdat ik graag met planten werk,’ vertelt ze.

    De West-Ghats strekt zich uit over 1600 kilometer en herbergt niet alleen een hoog percentage aan soorten maar ook een grote verscheidenheid aan habitats, van tropische wouden tot bergachtige graslanden. Het ecosysteem wordt echter voortdurend ernstig bedreigd door verstedelijking, industrie, mijnbouw en ontbossing.

    Honderden soorten

    Hoewel Gurukula slechts een onderdeel is van de bergketen, vormt deze kleine enclave een toevluchtsoord voor maar liefst 40 procent van alle plantensoorten die in de gehele West-Ghats voorkomen.

    De kwekerij en de tuin worden omringd door enorme bomen. Onder het dichte bladerdak bevinden zich kassen en open ruimtes waar honderden soorten orchideeën, varens, vetplanten, vleesetende planten en andere variëteiten groeien.

    Hier gedijen zeldzame en endemische soorten, zoals Impatiens jerdoniae, die met uitsterven worden bedreigd of snel uitsterven in het wild. Volgens Joseph leven er meer dan 260 soorten varens in Zuid-India, waarvan meer dan 200 in het reservaat worden gekweekt. Ook zijn 110 van de 140 soorten Impatiens – een geslacht van meer dan duizend bloeiende planten – die in Zuid-India voorkomen, in het reservaat aanwezig.

    Hoewel er wereldwijd veel kwekerijen voor landbouwzaden bestaan, zijn kwekerijen voor wilde en inheemse planten zeldzaam. Veel plantensoorten sterven stilletjes uit. Dat maakt Gurukula een ware ark van Noach voor bedreigde plantensoorten.

    Door geduldig planten te observeren heeft het team de geheimen van het regenwoud leren doorgronden

    Evenmin als Theuerkauf hebben Joseph en veel van de andere vrouwen die in het reservaat werken een officiële opleiding in botanie of natuurbehoud. Maar inmiddels zijn er drie soorten naar Theuerkauf vernoemd vanwege zijn bijdragen aan de plantenbescherming, en is Joseph medeauteur van minstens zeven wetenschappelijke artikelen over nieuwe soorten.

    De meeste vrouwen hebben niet meer onderwijs genoten dan de middelbare school (vijftien-zestien jaar), maar door geduldig planten te observeren en te proberen hun natuurlijke omstandigheden na te bootsen heeft het team de geheimen van het regenwoud leren doorgronden en een eigen manier van tuinieren ontwikkeld.

    Ze sommen de wetenschappelijke namen op van de planten die ze beschermen en vertellen trots dat zelfs de reuzenaronskelk er heeft gebloeid – de gigantische ‘lijkenbloem’ die bestuivers aantrekt met de geur van rottend vlees.

    Ook hebben ze hun eigen teeltmethoden ontwikkeld. ‘Ze zeggen vaak dat fijne compost goed is voor planten, maar wij merkten dat dat bij ons niet zo was. Grovere compost werkte beter, dus maken we onze eigen compost door gedroogde en groene bladeren te verzamelen, die vervolgens te drogen en te steriliseren door verhitting waarna we ze door een zeef halen,’ vertelt Joseph.

    ‘Ik wil hier niet meer weg; het is hier heel vredig’

    Sheena Mol PS is een senior tuinier die zich twintig jaar geleden, op haar vijftiende, bij het reservaat aansloot. Ze is al vroeg in haar huwelijk weduwe geworden en zorgt voor haar twee kinderen en moeder. ‘Dit is mijn eerste baan en ik vind het hier erg leuk,’ zegt ze, terwijl ze de knollen van de Habenaria-orchideeën schoonmaakt alvorens ze te verpotten. ‘Ik wilde hier al heel lang werken.’

    Voordat ze zich tien jaar geleden bij het reservaat aansloot, werkte de 43-jarige Lakshmi PC op een koffieplantage waar ze slechts 1 roepie [ongeveer 1 eurocent] verdiende voor elke kilo bonen die ze plukte. In het reservaat is ze verantwoordelijk voor meer dan honderd soorten van de geslachten Arisaema en Sonerila. ‘Ik wil hier niet meer weg; het is hier heel vredig,’ zegt ze.

    Hoewel plantenbescherming de hoeksteen is van het werk in het Gurukula-reservaat, zijn ook habitatherstel en natuureducatie twee belangrijke pijlers, legt Suprabha Seshan (58) uit. Ze kwam in 1991 bij Gurukula werken en houdt nu toezicht op het herstel van het regenwoud.

    Verrijking

    Ze legt uit dat het werk van de regenwoudtuiniers direct bijdraagt aan de verrijking en het herstel van aangetaste landschappen rondom het reservaat, doordat het helpt een regenwoudecosysteem op te bouwen.

    ‘Bossen bestaan niet alleen uit bomen,’ zegt Seshan. ‘In het regenwoud vind je een levende biomassa vol mieren, termieten, spinnen en mossen die de bomen bedekken, samen met nog duizenden andere soorten. In de West-Ghats alleen al groeien vijf- tot zesduizend soorten bloeiende planten en daarnaast nog duizenden schimmelsoorten, honderden zoogdieren en nog veel meer.’

    ‘Dit alles samen vormt het bos,’ besluit ze.

    In de afgelopen decennia heeft het reservaat aangrenzend regenwoudgrond aangekocht, waaronder thee- en koffieplantages en ander landbouwgebied om het opnieuw te laten verwilderen en zichzelf te laten herstellen. Omdat het aan de rand van het beschermde woud ligt, verspreiden bomen zich er vanzelf en kan het bos met weinig directe hulp weer tot leven komen.

    ‘We geven de natuur haar eigen vermogen terug om zichzelf te herstellen, en ondersteunen bepaalde soorten om dat vermogen te benutten. Wij doen een deel van het werk, maar de natuur doet het meeste. We kappen en ruimen hier en daar wat op, maar we laten de natuur vooral zelf haar gang gaan,’ zegt Seshan.

    ‘We kunnen niet alles beschermen, maar we doen zo veel als we kunnen’

    ‘Dat vermogen van de natuur moeten we respecteren. We weten uit eerdere uitstervingsgolven hoezeer ze kan worden vernietigd. Maar ze kan ook weer terugkomen. Daarvoor moeten we wel de vernietigingsprocessen stoppen. In de moderne industriële wereld gebeurt dat niet – integendeel, de processen worden versneld.’ 

    Buiten de grenzen van het reservaat hebben ze geen zeggenschap, maar in dit stille biodiversiteitsgebied kiezen de vrouwen bewust voor de lange, zekere weg naar herstel van een complex regenwoud – in een tijd waarin bomen planten vaak louter wordt gepresenteerd als een snelle oplossing voor klimaatverandering en ontbossing.

    ‘Doordat het klimaat verandert en de bossen verdwijnen, dreigen we deze planten te blijven verliezen. We kunnen niet alles beschermen, maar we doen zo veel als we kunnen,’ zegt Joseph.

  • Ontbossing in Colombia nam in 2024 opnieuw toe

    Ontbossing in Colombia nam in 2024 opnieuw toe

    Vorig jaar ging 113.608 hectare verloren

    De ontbossing in Colombia is vorig jaar opnieuw gestegen. Dat blijkt uit het jaarlijkse rapport van het Colombiaanse Instituut voor Hydrologie, Meteorologie en Milieu (Ideam). In totaal ging het om 113.608 hectare bosverlies. Dat is 43 procent meer dan in 2023, toen 79.256 hectare verloren ging, schrijft het Colombiaanse dagblad El Tiempo.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Het overgrote deel van de ontbossing, 68 procent, vond plaats in het Amazonegebied. Volgens minister van Milieu Lena Estrada is dat zorgwekkend: ‘We verliezen de ecologische verbindingen tussen de Andes en de Amazone, wat ernstige gevolgen heeft voor kwetsbare ecosystemen.’

    Ook beschermde gebieden blijven niet gespaard: 10 procent van de ontbossing vond plaats in nationale parken en 12 procent in inheemse gebieden.

    De belangrijkste oorzaken van ontbossing zijn illegale houtkap, veeteelt, landroof, ongeplande wegenaanleg en drugsteelt. 

    De cijfers uit het rapport zouden afwijken van andere onafhankelijke rapporten van internationale organisaties, zoals Global Forest Watch van het World Resources Institute, waarin het aantal verloren hectare veel groter is. Volgens de minister zijn de cijfers van Ideam echter betrouwbaar. ‘We moeten vertrouwen hebben in onze instellingen en in onze teams die zich enorm inspannen om dit monitoringsysteem te perfectioneren.’

  • Deze Weense begraafplaats is een hotspot voor biodiversiteit

    Deze Weense begraafplaats is een hotspot voor biodiversiteit

    Terwijl de stad steeds minder ruimte laat voor natuur, vinden honderden dier- en plantensoorten hun toevlucht op de op één na grootste begraafplaats van Wenen.

    Enkelen van de groten der aarde liggen hier: Beethoven, Schubert, Brahms. Net als Hedy Lamarr, de pin-up uit Hollywood die uitvinder werd, en het Australische rockicoon Falco. Dit is hun laatste rustplaats.

    Toch ziet wie in de vroege ochtenduren stilletjes over de Zentralfriedhof loopt, de Algemene Begraafplaats van Wenen, misschien iets bewegen tussen de verweerde grafstenen. Geen geesten, maar springlevende Europese hamsters met bolle wangetjes. 

    Deze aandoenlijke zoogdiertjes wonen in het Park der Ruhe und Kraf, een speciale afdeling aan de noordkant van de begraafplaats. Smalle paadjes op de grond verraden waar ze zich de laatste tijd hebben voortbewogen. Waar ze eerst nog als een plaag werden beschouwd, zijn de hamsters nu een ernstig bedreigde diersoort in Europa. Door urbanisatie en grootschalige landbouw is hun habitat de afgelopen decennia gedecimeerd en als hun aantal blijft afnemen, zullen de hamsters volgens de Rode Lijst van de IUCN in 2050 zijn uitgestorven. Voorlopig klampen ze zich hier, op de op een na grootste begraafplaats van Europa, nog vast aan het leven. Hoe onwaarschijnlijk het ook lijkt, dit is een ideale plek voor de diertjes. De hoveniers passen wel op dat ze hun holen niet verstoren en bezoekers laten graag allerlei lekkers voor ze achter. ’s Winters, als hun natuurlijke voedselvoorraad slinkt, pikken de hamsters kaarsen van de graven en doen zich tegoed aan de olierijke was.

    Toevluchtsoord

    Stedelijke begraafplaatsen worden vaak over het hoofd gezien als centra voor biodiversiteit, hoewel ze voor het behoud van soorten net zo waardevol zijn als stadsparken. Een biodiversiteitsonderzoek uit 2019 toonde aan dat begraafplaatsen wereldwijd zo’n 140 beschermde soorten herbergden, van orchideeën op Turkse begraafplaatsen tot de steeds schaarser wordende steppevegetatie op grafheuvels in Eurazië.

    Als plekken van rust, met een grote culturele en spirituele betekenis voor velen, zijn begraafplaatsen grotendeels de verstedelijking bespaard gebleven die zich de afgelopen eeuwen in de omringende steden heeft voltrokken. Daardoor vormen ze een toevluchtsoord voor lokale fauna en kunnen ze dienen als ‘stapsteenhabitats’ – kleine stukjes natuur die dieren gebruiken om zich te verplaatsen tussen grotere natuurgebieden. Deze zijn vooral van belang in steden, waar groene ruimte afneemt en leefgebieden steeds verder versnipperd raken.

    De wilde bewoners van de enorme Algemene Begraafplaats van Wenen, die 2,4 vierkante kilometer beslaat, vallen onder de supervisie van Thomas Filek, plaatselijk onderzoeker aan de Universiteit van Natuurlijke Hulpbronnen en Levenswetenschappen. Terwijl hij over de weide loopt die nu het thuis is van de Europese hamsters, wijst hij hun kleine holen aan in het hoge gras. ‘We hebben met de hoveniers afgesproken dat ze de biodiversiteit maximaal beschermen, en dat betekent dat ze niet overal maaien,’ zegt Filek. ‘Het is belangrijk om in cycli te denken: het begint bij planten, die insecten aantrekken, die vogels aantrekken enzovoort.’

    247 Horizon Wenen knaagdier
    © Getty Images

    Filek brengt sinds 2021 met behulp van vrijwilligers de plaatselijke biodiversiteit in kaart als onderdeel van een groter project dat ‘Biodiversität am Friedhof’ (Biodiversiteit op de Begraafplaats) is gedoopt en ook andere begraafplaatsen in Oostenrijk omvat. Het project, met als basis Fileks universiteit in Wenen, ontvangt jaarlijks meer dan drieduizend waarnemingsmeldingen van burgerwetenschappers uit verschillende begraafplaatsen.

    Naast hamsters wonen op de Algemene Begraafplaats van Wenen ook andere bedreigde diersoorten die worden beschermd door de Habitatrichtlijn van de EU, zoals de Europese groene pad, de alpenboktor en de Europese grondeekhoorn. Ook de hop, die veel voorkomt in Europa maar plaatselijk bedreigd is, heeft zich hier gevestigd. In totaal hebben Filek en zijn vrijwilligers sinds het begin van het project in 2021 meer dan 240 verschillende dier- en plantensoorten geteld.

    Bij biodiversiteitsonderzoek op begraafplaatsen wordt vaak gefocust op specifieke soorten of bepaalde secties van een begraafplaats. Dat maakt landelijke vergelijkingen moeilijk. Een wetenschappelijk project waarbij vrijwilligers worden ingezet heeft zo zijn eigen blinde vlekken, erkent Filek. ‘Mensen hebben vaak meer oog voor dieren die groot zijn en rondvliegen en minder voor het kleinere spul.’ Om dit te compenseren werken ze samen met studenten die voor hun scriptie onderzoek doen naar onderbelichte soorten – zoals de piepkleine beestjes die dood hout koloniseren.

    Geliefd

    De begraafplaats was al lang voordat Filek zijn project begon beroemd om haar fauna en is geliefd bij vogelaars, natuurfotografen en natuurliefhebbers in het algemeen. Op deze winderige lentedag klinkt overal vogelgezang en zitten twee speelse eekhoorns elkaar achterna over de graven en een nabijgelegen boom in. Wanneer Filek een paar houten planken optilt die na een begrafenis met opzet in het gras zijn gestapeld, onthult hij een microkosmos van kleine insecten, kevers en slakken. Geen herten, vossen of hazen vandaag, die blijven liever op zichzelf en trekken zich overdag meestal terug in de rustigere delen van de begraafplaats.

    Begraafplaatsen zijn ‘een mozaïek van verschillende habitats’, zegt Ingol Kowarik, stadsecoloog en emeritus hoogleraar aan de Technische Universität Berlin, die in 2016 op de Joodse begraafplaats aan de Berlijnse Weißensee leiding gaf aan een van de eerste uitgebreide onderzoeken naar biodiversiteit op een begraafplaats. ‘Dit betekent dat soorten uit bossen, hagen, grasland en zelfs velden daar een vervangende habitat kunnen vinden.’ Door mensenhanden gemaakte elementen als mausoleums, grafstenen en muren komen van pas voor dieren die in het wild grotten, rotsen en kliffen zouden koloniseren. 

    Maar zulke elementen kunnen dieren ook in verwarring brengen: onderzoek naar een Hongaarse begraafplaats uit 2007 wees uit dat zwarte grafstenen libellen aantrekken doordat hun spiegelende oppervlak op water lijkt. Slecht aangelegde of onderhouden begraafplaatsen kunnen bovendien leiden tot vervuiling van bodem en grondwater, vooral in landen waar balseming en rieten kisten gebruikelijk zijn. Crematie veroorzaakt luchtvervuiling.

    ‘Het is maar weinigen van ons gegeven de orang-oetans in Borneo te gaan bekijken’

    Op de Weense Zentralfriedhof is een weide bij het hoofdkwartier van de hamsters gereserveerd voor natuurbegrafenissen. Ze grenst aan rijen traditionelere graven, bedekt met stenen platen, sierbloemen en die smakelijke kaarsjes. In de buurt bevinden zich weelderige stukken bos die veelvuldig door herten worden bezocht en waar laatste rustplaatsen worden gemarkeerd door torenhoge bomen. ‘Het is als een echo uit het verleden,’ zegt Kowarik, verwijzend naar de manier waarop begraafplaatsen in het algemeen wilde dieren en habitats kunnen beschermen terwijl de omliggende steden zich steeds verder uitbreiden.

    Toen hij net zijn diploma als biologieleraar op zak had, besloot Filek het stadswildleven eens van dichterbij te bekijken. ‘Het is maar weinigen van ons gegeven de orang-oetans in Borneo te gaan bekijken,’ zegt hij. ‘Ik wilde mijn studenten laten zien wat hier mogelijk is.’

    Aanvankelijk kostte het Filek veel moeite om informatie te verkrijgen over de soorten die op de Algemene Begraafplaats aanwezig waren. Dat veranderde na een gesprek met Florian Ivanič, een hovenier die er al sinds 1982 werkt. Dankzij inspanningen van Ivanič kon in 2011 10 hectare (0,04 km²) ongebruikt terrein op de begraafplaats worden omgevormd tot een natuurtuin, waar planten en dieren zo veel mogelijk hun gang kunnen gaan en rotspartijen, vijvers en stapels dood hout extra microhabitats bieden.

    Exclusief

    ‘Het was belangrijk voor mij dat er ook iets exclusief voor de dieren is,’ zegt Ivanič. ‘Een park aanleggen is eenvoudig – een landschapsarchitect maakt een plan en vervolgens maai je het. Maar alleen parken zijn niet genoeg, we moeten ook iets aan de natuur overlaten.’

    Filek was meteen onder de indruk van Ivanič’ kennis. ‘Hij kent de begraafplaats als zijn broekzak en hecht er enorm veel waarde aan,’ zegt Filek. ‘Toen ik hem vertelde over mijn idee voor een project dat begraafplaatsen toont als hotspots van biodiversiteit, was hij enthousiast.’

    Naast de natuurtuin zette Filek samen met het personeel van de Algemene Begraafplaats ook andere initiatieven op om de biodiversiteit te bevorderen, zoals nestkasten en voederhuisjes voor vogels, en speciale plekken voor dood hout en rotspartijen. Elders laat men stukken gras hoog opgroeien en zaad schieten. ‘Zulke maatregelen kunnen door elke begraafplaats worden getroffen,’ zegt Filek. ‘Achter de graven kun je ruimte creëren voor de natuur.’

    Hier en daar staan op de begraafplaats informatieborden die het belang uitleggen van de verschillende maatregelen en habitats, met foto’s van de dieren die deze bezoeken. De begraafplaats verzorgt ook rondleidingen langs de favoriete verblijfplaatsen van de hamsters. ‘Mensen beginnen te beseffen dat we hier met iets bijzonders te maken hebben,’ zegt Filek. ‘Dat leidt tot een gezamenlijke inzet van personeel, vrijwilligers en onderzoekers, die zich allemaal verbonden voelen met het behoud van deze plek.’

    247 Horizon Wenen Haas
    © Getty Images

    En de inspanningen beginnen vrucht af te werpen. Sinds de start van het biodiversiteitsproject zijn er nieuwe soorten op de begraafplaats waargenomen, zoals de plaatselijk bedreigde hop. De open weiden en oude bomen bieden deze vogels hun favoriete habitat, legt Filek uit. ‘Toevallig, waarschijnlijk ook door veranderingen in de omgeving, is hier een broedend paar terechtgekomen.’ Nu worden er regelmatig vijf paren gesignaleerd en medewerkers van de begraafplaats hebben nestkasten geïnstalleerd om er nog meer te lokken. Kortgeleden kreeg Filek het bericht dat er voor het eerst een Europese grondeekhoorn op de begraafplaats was waargenomen, een wereldwijd bedreigde soort die door de Oostenrijkse wet wordt beschermd.

    Wanneer er een nieuw graf wordt gedolven, wint de begraafplaats advies in bij Filek om de kans op verstoring van de flora en fauna te beperken. Zo zijn er in de buurt van hamsterhollen alleen natuurbegrafenissen toegestaan, en alleen op plekken waar de hamsters er geen hinder van ondervinden.

    Maar biodiversiteitsinspanningen moeten worden afgewogen tegen de verwachtingen van bezoekers van een goed onderhouden begraafplaats. ‘Sommige mensen willen een meer verzorgde begraafplaats, en die wens moet je heel serieus nemen,’ zegt Kowarik. ‘Daar is helemaal niets mis mee, want intensief verzorgde gebieden maken ook deel uit van dit habitatmozaïek. Het geheim van biodiversiteit op begraafplaatsen is dat er veel verschillende mogelijkheden zijn.’

    Dilemma

    Iets anders is dat sommige begraafplaatsen als bedrijf worden gerund, wat voor dilemma’s kan zorgen. Berlijnse begraafplaatsen, die vaak in handen zijn van religieuze gemeenschappen of particuliere verenigingen, verkeren regelmatig in financiële moeilijkheden doordat mensen de voorkeur geven aan een urn boven een doodskist en dus minder geld uitgeven aan een graf, vertelt Kowarik. En particuliere begraafplaatsen ontvangen geen subsidie van de stad voor het onderhouden van hun groenvoorzieningen, zodat ze hun ongebruikte terrein soms verkopen aan projectontwikkelaars. ‘We hebben meer groen in steden nodig, niet minder. Met behulp van overheidssubsidies kan de cruciale ecologische en sociale functie van de begraafplaats behouden blijven,’ betoogt Kowarik.

    Op de Algemene Begraafplaats van Wenen is het creëren van ruimte voor natuur nog altijd een prioriteit. ‘Voor ons is een begraafplaats meer dan alleen maar een plek om mensen te begraven en te gedenken, het is ook een toevluchtsoord voor zowel mensen als dieren en planten,’ zegt Lisa Pernkopf, woordvoerder van Friedhöfe Wien GmbH, het overkoepelend orgaan van Weense openbare begraafplaatsen. ‘Wij realiseren ons hoe belangrijk onze groenvoorzieningen zijn, vooral met het oog op het klimaat en de biodiversiteit in de stad.’

    Filek hoopt dat delen van de begraafplaats uiteindelijk onder de natuurbeschermingswetten zullen vallen. Hij heeft dit idee al met stadsbestuurders besproken. ‘We hebben alle data verzameld,’ zegt hij. ‘We weten wat we in handen hebben. Nu moeten we het beschermen, en zorgen dat het beschermd blijft.’

  • Mexico bereidt zich voor op de komst van de orkaan Erick

    Mexico bereidt zich voor op de komst van de orkaan Erick

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Verenigde Staten: de centrale bank Fed houdt de rente ongewijzigd

    » VS: Hooggerechtshof bevestigt verbod op behandeling minderjarige transgenders

    Er wordt gewaarschuwd voor dodelijke overstromingen

    Het zuiden van Mexico bereidt zich voor op de komst van Erick, een orkaan van ‘grote kracht’ die inmiddels categorie 4 heeft bereikt. Erick, die is ontstaan boven de Stille Oceaan, ‘is de afgelopen uren in kracht toegenomen en zal (…) in verschillende regio’s in het zuiden van Mexico voor verwoestende winden en mogelijk dodelijke overstromingen zorgen’, waarschuwt El Universal.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Hij zou ook ‘aanzienlijke schade aan de infrastructuur, stroomstoringen en aardverschuivingen’ kunnen veroorzaken, voegt de krant eraan toe. De orkaan is donderdagochtend (lokale tijd) aan land gekomen, bij het kruispunt van de kuststaten Guerrero en Oaxaca, en vormt met name een bedreiging voor de badplaats Acapulco, die al in 2023 en 2024 door orkanen werd verwoest.

  • Sicilië: de Etna spuwt een enorme pluim as en gas uit

    Sicilië: de Etna spuwt een enorme pluim as en gas uit

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Istanboel: onderhandelingen tussen Rusland en Oekraïne leveren niets op

    » VS: man valt pro-Israëlische demonstranten aan met brandbommen

    De noordkant van de zuidoostelijke krater is ingestort

    Bewakingscamera’s hebben maandag bij de Etna ‘een stroom van vulkanisch gesteente vastgelegd die waarschijnlijk werd veroorzaakt door een instorting (…) aan de noordkant van de zuidoostelijke krater’, aldus het Nationaal Instituut voor Geofysica en Vulkanologie. Er werd een rode waarschuwing afgegeven voor de luchtvaartautoriteiten, wat betekent dat de hoogte van de vulkanische wolk wordt geschat op 6,5 kilometer. Dit fenomeen vormde echter geen ‘gevaar’ voor de bevolking, aldus de Italiaanse autoriteiten.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    De instorting van de krater is een ‘plotseling maar fysiologisch fenomeen, dat zich de afgelopen jaren al vaker heeft voorgedaan’, legt vulkanoloog Mario Mattia uit aan La Repubblica. Aangezien de krater ‘in een vrij onstabiele toestand verkeert, kunnen er in de toekomst nog meer instortingen plaatsvinden’, vertelt hij, maar hij voegt eraan toe dat ‘kleine instortingen zoals die van vandaag in zekere zin minder kwaad kunnen dan volledige instortingen’.

  • Moet diepzeemijnbouw worden gereguleerd om de energietransitie te steunen?

    Moet diepzeemijnbouw worden gereguleerd om de energietransitie te steunen?

    De bodem van de diepzee herbergt enorme hoeveelheden metalen die cruciaal zijn voor de energietransitie, zoals nikkel en kobalt. Maar wegen de risico’s van diepzeemijnbouw op tegen het gewin?

    ‘Donald Trump heeft gelijk dat hij achter metalen in de diepzee aan gaat’

    ‘Milieuactivisten zouden het VN-orgaan dat diepzeemijnbouw reguleert juist moeten aansporen om het mogelijk te maken,’ stelt The Economist. Onder het oppervlak van de Stille Oceaan ligt namelijk een schat aan mineralen: 270 miljoen ton nikkel en 44 miljoen ton kobalt. Het is daar in de loop van miljoenen jaren deeltje voor deeltje terechtgekomen en heeft zich opgehoopt tot metalen knollen. Deze liggen in een gebied van 4,5 miljoen vierkante kilometer op de zeebodem, de Clarion-Clipperton Zone (CCZ), 800 kilometer ten zuidoosten van Hawaï. ‘Deze metalen zouden kunnen helpen om tijdens de energietransitie van fossiele brandstoffen aan de langetermijnvraag te voldoen, en tegelijkertijd het menselijk lijden en de ecologische schade door de winning van kobalt en nikkel op land te verminderen.’

    In 1994 werd een VN-agentschap opgericht, de Internationale Zeebodemautoriteit (ISA), om de zeebodem in internationale wateren te beheren ‘ten behoeve van de mensheid als geheel’. ‘De ISA had ervoor moeten zorgen dat de knolwinning op een ordelijke manier zou verlopen, maar onder druk van natuurbeschermers heeft het agentschap zich meer gedragen als een mechanisme dat elke vorm van exploitatie blokkeert’, schrijft het Amerikaanse weekblad. Op 25 april gaf Donald Trump overheidsinstanties de opdracht om zich voor te bereiden op het uitgeven van ‘commerciële winningsvergunningen’ voor gebieden van de zeebodem buiten de Amerikaanse jurisdictie, inclusief in de Stille Oceaan, waarbij de ISA eenvoudigweg werd omzeild. 

    ‘Hoe langer de ISA aarzelt, hoe groter het risico dat landen het voorbeeld van Trump volgen’

    De auteur verwacht verontwaardiging van milieuactivisten die de oceaan koste wat kost willen beschermen. Zij merken namelijk terecht op dat de diepzee een van de laatste plekken op aarde is die nog niet rechtstreeks door mensen wordt geëxploiteerd. ‘Maar Trump bekommert zich waarschijnlijk net zo min om het zeeleven als om de regulatie van de VN. Wat voor hem telt, is de veiligheid van de Amerikaanse metaalvoorraden.’

    En zelfs vanuit milieuperspectief zijn er argumenten die hem hierin gelijk geven. Diepzeewinning zou volgens het weekblad namelijk beter zijn voor het milieu dan mijnbouw op land. Het zou minder koolstofdioxide uitstoten en minder schade toebrengen aan zeldzame soorten en kostbare habitats. ‘Zelfs als je dit betwist, geldt: hoe langer de ISA aarzelt om knolwinning ten behoeve van iedereen te regelen, hoe groter het risico dat landen het voorbeeld van Trump volgen en zonder toestemming van het agentschap aan het werk gaan,’ aldus The Economist. ‘Dat zou een ongereguleerde stormloop kunnen veroorzaken om juist dat ecosysteem te exploiteren dat de milieuactivisten zo graag willen beschermen.’

    In juli komt de ISA bijeen op haar hoofdkantoor in Jamaica en moeten leden zoals Frankrijk, Noorwegen, Canada en Groot-Brittannië, die allemaal belang hebben bij diepzeemijnbouw, het eens worden over de beste versie van een mijnbouwcode. De auteur verwacht dat dit niet meteen perfect zal uitpakken en dat milieuactivisten bezwaar zullen maken. ‘Maar het zal mijnbouw onder betere voorwaarden mogelijk maken dan wanneer Trumps race naar de bodem de enige optie is.’


    ‘We riskeren dat we onomkeerbare keuzes maken die deze fragiele ecosystemen blijvend kunnen schaden’

    Stel je een gebied voor dat zo diep en donker is dat het aanvoelt als een andere planeet. Dit is de tussendieptezone, een plek die 200 meter onder het oceaanoppervlak ligt. ‘Dit bijzondere ecosysteem staat nu voor een ongekende bedreiging’, schrijft Alexus Cazares-Nuesser, promovendus in biologische oceanografie aan de Universiteit van Hawaï in The Conversation. ‘Als oceanograaf die het zeeleven bestudeert in het gebied van de Stille Oceaan dat rijk is aan metalen knollen, ben ik van mening dat we de risico’s moeten begrijpen voordat landen en bedrijven zich haasten om te mijnen,’ stelt de auteur. ‘Is de mensheid bereid de beschadiging van delen van een ecosysteem dat we nog nauwelijks kennen te riskeren voor grondstoffen die belangrijk zijn voor onze toekomst?’

    De collectorvoertuigen die worden gebruikt bij diepzeemijnbouw schrapen terwijl ze knollen opscheppen over de oceaanbodem. ‘Hierdoor verdwijnen habitats en wordt de biodiversiteit bedreigd, met mogelijk onomkeerbare schade aan de ecosystemen van de zeebodem tot gevolg.’ 

    Eenmaal verzameld worden de knollen met zeewater en sedimenten via een pijp naar een schip gebracht, waar ze van het afval worden gescheiden. De overgebleven slurry van water, sediment en verpulverde knollen wordt vervolgens in het midden van de waterkolom geloosd, waardoor pluimen ontstaan. Hoewel de lozingsdiepte nog ter discussie staat, stellen sommige mijnbouwbedrijven voor om het afval op tussendieptes, rond de 1200 meter, te lozen. ‘Fijne sedimenten uit deze pluimen kunnen de ademhalingsorganen van vissen verstoppen. Voor dieren die zwevende deeltjes eten, kan dit leiden tot een verdunning van hun voedselbronnen met voedingsarm materiaal’, schrijft Cazares-Nuesser. ‘Bovendien kunnen pluimen, door het licht te blokkeren, visuele signalen verstoren die essentieel zijn voor bioluminescente organismen en visuele roofdieren.’

    Ondanks de groeiende interesse in diepzeemijnbouw weten we nog maar weinig over een groot deel van de diepe oceaan

    ‘Voor kwetsbare wezens zoals kwallen en sifonoforen – gelatineuze dieren die meer dan 30 meter lang kunnen worden – kan sedimentophoping de drijfkracht en overleving belemmeren.’ Een recente studie toont aan dat kwallen die aan sedimenten worden blootgesteld hun slijmproductie verhogen; een gebruikelijke stressreactie die veel energie kost. ‘Bovendien kan geluidsoverlast van machines de manier verstoren waarop soorten communiceren en navigeren.’

    De tussendieptezone speelt ook een cruciale rol bij het reguleren van het klimaat op aarde. Fytoplankton aan het oceaanoppervlak neemt atmosferisch koolstof op, dat zoöplankton consumeert en via de voedselketen transporteert. Doordat ze ademen, afval uitscheiden en na hun dood zinken, draagt zoöplankton net als vissen bij aan de koolstofexport naar de diepe oceaan, waar het eeuwenlang kan worden opgeslagen. ‘Dit proces verwijdert op natuurlijke wijze opwarmende koolstofdioxide uit de atmosfeer,’ legt de auteur uit. 

    Ondanks de groeiende interesse in diepzeemijnbouw weten we nog maar weinig over een groot deel van de diepe oceaan, met name de tussendieptezone. Een studie uit 2023 in de Clarion-Clipperton Zone toonde aan dat 88 tot 92 procent van de soorten in de regio nieuw is voor de wetenschap.

    De beslissingen die in juli zullen worden gemaakt, kunnen het kader vormen voor grootschalige commerciële mijnbouw in ecologisch belangrijke gebieden zoals de Clarion-Clipperton Zone. Toch zijn de gevolgen voor het zeeleven nog onduidelijk. ‘Zonder uitgebreide studies naar de impact van mijnbouwtechnieken op de zeebodem riskeren we dat we onomkeerbare keuzes maken die deze fragiele ecosystemen blijvend kunnen schaden.’

  • Het wordt tijd voor een verklaring van de rechten van de natuur

    Het wordt tijd voor een verklaring van de rechten van de natuur

    Naar aanleiding van een voorval in het Boliviaanse oerwoud schreven de Argentijnse advocaat Enrique Viale en de Ecuadoraanse politicus Alberto Acosta een boek over de rechten van de natuur. ‘Misschien is er sinds de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens geen belangrijker zaak geweest om voor te strijden dan de rechten van de natuur.’

    Dat was in 2018, toen ze een paar uur lang werden vastgehouden door bewoners van het nationaal park Isiboro-Sécure, waar ze waren om een rapport op te stellen in een poging de aanleg van een weg tegen te houden, een plan van de toenmalige president Evo Morales.

    Viale is oprichter van de Asociación de Abogados Ambientalistas (bond van milieuactivistische advocaten) en staat in Argentijnse en andere Latijns-Amerikaanse milieukringen bekend als voorvechter van de strijd van het volk. Hij voelt zich verbonden met een generatie die weigerde te accepteren dat de natuur geen stem noch rechten had. Acosta was voorzitter van de Nationale Grondwetgevende Vergadering van Ecuador en ideoloog van de Ecuadoraanse Grondwet, waarin oog is voor de rechten van de natuur en het recht op een goed leven. Ze zijn beiden lid van de International Rights of Nature Tribunal en hebben nu samen La naturaleza sí tiene derechos (aunque algunos no lo crean) (De natuur heeft wél rechten (al wil niet iedereen dat geloven))geschreven, dat in september 2024 verscheen bij Siglo XXI Editores.

    ‘Wij advocaten geloven dat de oplossing voor de milieuproblemen ligt in wettelijke bescherming,’ zegt Viale in zijn huis in Buenos Aires, een paar dagen voordat hij voor de derde keer naar het Vaticaan zal afreizen voor een onderhoud met Paus Franciscus.

    De natuur als rechtspersoon

    De overtuiging dat de natuur dezelfde rechten en juridische bescherming zou moeten krijgen als de mens wordt door steeds meer stemmen onderschreven. Félix Tshisekedi, president van de Democratische Republiek Congo (DRC), kondigde onlangs op het World Economic Forum de oprichting van de Kivu-Kinshasa Green Corridor aan, een ambitieus initiatief om een gebied van meer dan 54.000 km² te beschermen en natuurlijke hulpbronnen duurzaam te beheren.

    De rivier de Whanganui in Nieuw-Zeeland kreeg in 2017 na een 150 jaar durende juridische strijd van de Maori, die de rivier als een voorouder en een spiritueel wezen beschouwen, als eerste rivier ter wereld wettelijke rechten, inclusief bescherming tegen schadelijke menselijke activiteiten. Als Congo deze route volgt, zou het regenwoud juridisch kunnen optreden tegen ontbossing, mijnbouw en illegale houtkap. Of de belofte van de Congolese overheid standhoudt valt te bezien. In het verleden werden veel concessies verleend zonder strikte milieunormen. Belangrijk is dat hiermee een precedent kan worden geschapen voor ecologisch recht in Afrika.

    In Nederland onderzoekt Arita Baaijens hoe de Noordzee inspraak kan krijgen bij beslissingen die haar aangaan. Baaijens vindt dat de natuur niet als vanzelfsprekend moet worden beschouwd en dat haar belangen serieus genomen moeten worden.

    Fernando ‘Pino’ Solanas, Viale’s grote voorbeeld, die zich de laatste jaren van zijn leven inzette om het milieu en de Argentijnse soevereiniteit ten aanzien van natuurlijke hulpbronnen via parlementaire weg te beschermen, behoorde tot dezelfde generatie als Paus Franciscus, die in de jaren zestig en zeventig de kerk betrok bij de strijd tegen sociale ongelijkheid in Latijns-Amerika.

    Het boek van Viale en Acosta begint nou juist met een fragment uit een toespraak die Solanas in 2015 hield voor het International Rights of Nature Tribunal in Parijs: ‘Misschien is er sinds de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens geen belangrijker zaak geweest om voor te strijden dan de rechten van de natuur.’

    Levend wezen

    In hun werk betogen ze dan ook dat de Aarde zelf een levend wezen is: ‘Als we de deur openzetten voor de rechten van de natuur, zorgen we er niet alleen voor dat we niet blijven ronddwalen in het doolhof van de traditionele jurisprudentie, maar maken we ook een relevant onderscheid tussen ecocentrisme en biocentrisme’, schrijven de auteurs, die in hun boek kritiek leveren op de consequenties van wat ze het Capitaloceen noemen, de organisatie van de samenleving rond de voortdurende en steeds snellere vergaring van kapitaal.

    ‘Veel mensen denken nog steeds dat als we op de natuur een prijs plakken, de markt vanzelf alle problemen zal oplossen, maar dat is een illusie. Daarom steunen we het krachtige standpunt van de [Colombiaanse] president Gustavo Petro tégen de vercommercialisering van natuurlijke hulpbronnen,’ zegt Viale, die vindt dat er een ecosociaal pact moet komen dat oog heeft voor de sociale en ecologische crisis, een basisinkomen invoert en afscheid neemt van het extractivistische model.

    De auteurs hebben het boek officieel gepresenteerd tijdens de wereldtop over biodiversiteit (COP16) die eind oktober 2024 plaatsvond in Cali (Colombia). Daar wilden ze zich uitspreken tegen de huidige vercommercialisering van de biodiversiteit, want er wordt tegenwoordig niet alleen winst geslagen uit honing en bijen, er zijn ook markten in opkomst rond bemesting, met hightech bio-engineeringtools en koolstofcompensatie.

    Burgerinitiatief

    Een volhardende burgerbeweging, gesteund door politici en investeerders, heeft tot een verbod op fossiele brandstoffen geleid en daarmee tot aanzienlijke schone lucht.

    In Krakau, ooit een van Europa’s meest vervuilde steden, waait nu een ‘frisse wind’. De Poolse stad heeft een opmerkelijke transformatie ondergaan in de strijd tegen luchtvervuiling, gedreven door een daad krachtige burgerbeweging en doortastend overheidsbeleid.

    Jan Zabka van het journalistieke platform Okraj.cz in de regio Moravië-Silezië, schrijft dat het keerpunt in 2012 ligt toen een groep bezorgde burgers de ‘Kraków Smog Alarm’ oprichtte. Deze beweging, ontstaan uit Facebook-discussies en straatprotesten, groeide uit tot een invloedrijke stem die publiek en zelfs politici mobiliseerde om te strijden voor schonere lucht.

    Hun acties, variërend van symbolische ‘begrafenissen van schone lucht’ tot massale petities, zetten de luchtvervuiling prominent op de agenda. Het resultaat was baanbrekend: in 2019 werd het particulieren verboden kolen en/of hout te gebruiken, ondanks aanvankelijke scepsis en juridische obstakels. De stad ondersteunde deze transitie met royale subsidies voor het vervangen van oude ketels en het isoleren van woningen. Het aantal ‘smogdagen’ in Krakau daalde van 116 in 2012 naar slechts 16 in 2023. Concentraties fijnstof halveerden, en onderzoek toont zelfs een afname van astma en allergieën bij kinderen.
    Dit succes inspireert nu andere Poolse steden om vergelijkbare maatregelen te nemen.

    Krakau heeft laten zien hoe burgerinitiatief, gecombineerd met politieke wil en gerichte investeringen, kan leiden tot significante verbeteringen. Het toont aan dat zelfs in zwaar vervuilde gebieden, met de juiste aanpak en volharding, verandering haalbaar is.

    De Colombiaanse regering had beloofd dat de inheemse gemeenschappen op COP16 centraal zouden staan, een belangrijk punt voor de Argentijnse advocaat, die het betreurt dat er op dit soort wereldtoppen zo’n grote kloof bestaat tussen wat er wordt besproken en wat er in de bewuste gebieden daadwerkelijk gebeurt.

    ‘De inheemse gemeenschappen bepalen eigenlijk wat je wel en wat je niet kunt zeggen, aangezien zij zich in de frontlinie bevinden om Moeder Aarde te verdedigen,’ waarschuwt Viale, die samen met de Argentijnse socioloog Maristella Svampa ook het boek El colapso ecológico ya llegó (Het milieu is al ingestort) schreef.

    Aangifte bij hooggerechtshof

    In eigen land heeft Viale zich opgeworpen als een van de luidste stemmen die opkomen voor de rechten van de natuur, wat juist nu veel milieubeleid wordt teruggedraaid een moeilijke taak is. Maar hij laat zich niet intimideren door het offensief van de regering van Javier Milei, die de milieubeweging ziet als een vijand en vindt dat organisaties als Greenpeace als terroristisch zouden moeten worden aangemerkt.

    Viale is toevallig de advocaat van Greenpeace in hun rechtszaak ter bescherming van de jaguar, waarmee ze hopen het dier in Argentinië de status van natuurmonument te geven; de milieuorganisatie heeft bij het Argentijnse hooggerechtshof de eis ingediend dat de noordoostelijke provincies worden gehouden aan de nationale boswet en de biodiversiteitsdoelen.

    Bovendien heeft hij de ontbossing van duizenden hectares in de Gran Chaco, de op een na grootste ‘groene long’ van Argentinië, aan de kaak gesteld. ‘Dat er geknoeid werd met de vergunningen voor ontbossing in Chaco was een publiek geheim,’ zegt Viale, die hiervan aangifte heeft gedaan.

    Dit soort problemen zouden we niet hebben als er werd afgerekend met het idee dat de mens een superieure soort is, aldus Viale en Acosta: ‘De nieuwe rechten van de natuur zijn niet in tegenspraak met de rechten van de mens, ze vullen elkaar juist aan en versterken elkaar.’ 

  • Hoe overleven de oudste ecosystemen op aarde

    Hoe overleven de oudste ecosystemen op aarde

    Ecosystemen zijn complexe structuren die bestaan uit planten en en dieren. Sommige ecosystemen op onze aarde bestaan al meer dan miljoenen jaren en zien er nog steeds ongeveer hetzelfde uit, ondanks de vele veranderingen die ze moesten doorstaan. Klimaatjournalist en auteur Ferris Jabr vertelt ons wat we kunnen leren van deze veerkrachtige biotopen.

    Ik was nog geen tien minuten in het Hoh-regenwoud in de staat Washington of ik begreep al waarom het bij velen zo geliefd is. Als een van de grootste gematigde regenwouden ter wereld zag dit oerbos er niet alleen anders uit dan zijn jongere buren, het voelde ook anders. De lucht leek er stil te hangen. Het licht had een chlorofylachtige tint. En ik werd omgeven door de geur van natte aarde en weelderige vegetatie.

    Al snel bevond ik me tussen betoverde bomen en geheimzinnige holtes in alle mogelijke tinten groen en zo rijkelijk bedekt met mos dat ik geen stukje kale bast kon ontdekken. Ik kwam eeuwenoude esdoorns tegen die zich hadden verwrongen tot levende gewelven, en douglassparren die zo breed en hoog waren dat het me moeite kostte om ze goed op de foto te krijgen. In het Hoh-regenwoud valt elk jaar 3,5 tot 4 meter regen en houtkap is er al lange tijd verboden, waardoor er bomen staan die meer dan 60 meter hoog en al eeuwenoud zijn. Sommige delen van het bos ademen zo’n oeratmosfeer dat je je in de Juratijd waant.

    De oudste ecosystemen op aarde

    Als het aankomt op biologische records kijken we meestal naar individuen: de grootste boom in een bos, het oudste organisme op aarde. Na een bezoek aan het Hoh-regenwoud begon ik me echter af te vragen hoe het zit met gemeenschappen: wat zijn de oudste ecosystemen op aarde en wat kunnen we daarvan leren?

    Net als het Hoh-regenwoud bestaan sommige oerbossen al eeuwenlang. Maar het blijkt dat bepaalde ecosystemen en biomen op onze planeet al honderdduizenden tot tientallen miljoenen jaren bestaan en op de een of andere manier hun karakteristieke eigenschappen hebben behouden, ondanks dat ze grote veranderingen hebben ondergaan. 

    Om een parallel te trekken met een beroemd gedachte-experiment: als elk onderdeel van een schip geleidelijk wordt vervangen door een replica die er voldoende op lijkt, behoudt het schip zijn essentiële vorm, ook al is het niet langer identiek aan de vorige versie. Op dezelfde manier zijn de meeste cellen in ons lichaam al vele malen gestorven en vervangen sinds onze geboorte, maar toch blijft onze algemene anatomie herkenbaar. Sommige steden hebben duizenden jaren lang een duidelijke topografie, infrastructuur en cultuur behouden, ook al zijn er steeds nieuwe gebouwen en inwoners bij gekomen. De veranderingen die ecosystemen in de loop van opeenvolgende geologische tijdperken ondergaan zijn nog ingrijpender, maar de principes zijn vergelijkbaar. 

    Wat het voor zo’n groot levend systeem precies betekent om zo oud te zijn, en wat zo’n verbazingwekkend lange levensduur mogelijk maakt, blijven open vragen, deels omdat ze onze opvattingen over wat het is om te leven uitdagen. Vanuit het geologische perspectief van de diepe tijd zou je sommige ecosystemen bijna als organismen kunnen zien: ze schuiven over het aardoppervlak als reusachtige amoeben, breiden zich uit en trekken zich terug als reactie op fluctuaties in het milieu, maar ze blijven bestaan als samenhangende entiteiten.

    Verbonden en verbeten

    Wetenschappers zijn het nog niet eens over een precieze definitie van leven, maar velen formuleren het ongeveer zo: leven is een systeem dat zichzelf actief in stand houdt. De wetten van de thermodynamica schrijven voor dat alles in het universum onvermijdelijk uit elkaar valt en oplost in een homogene brij. Levende systemen gebruiken beschikbare energie om tijdelijk aan deze uitkomst te ontsnappen en hun opzienbarend georganiseerde structuren in stand te houden. Meer nog dan genetica of voortplanting is het dit vermogen tot zelfbehoud dat alle levensvormen – van protist tot prairie – met elkaar gemeen hebben.

    In die zin zijn ecosystemen springlevend. De terugkoppelingen tussen ecosystemen en de organismen daarbinnen en hun wederzijdse evolutie over grote tijdspannen culmineren in een groeiend vermogen om extreem oud te worden, een vermogen dat de mogelijkheden van het individu ver overschrijdt. Hoewel ecosystemen geen organismen zijn, vertonen ze toch groei, veerkracht en zelfregulering. De systemen die het best in staat zijn om te herstellen van grote verstoringen en die erin slagen de processen, relaties en infrastructuur die ze definiëren in stand te houden, zullen zich het langst handhaven. Ecosystemen overleven en evolueren niet door differentiële reproductie, maar door differentiële persistentie.

    ‘Sommige van deze oeroude ecosystemen worden naar de rand van de afgrond geduwd’

    De hardnekkigheid waarmee de langstlevende ecosystemen op aarde voortbestaan duidt op een essentieel kenmerk van leven op elke schaal: onderlinge verbondenheid. Per definitie zijn alle levende wezens systemen die bestaan uit kleinere onderling verbonden onderdelen. Deze systemen zijn op hun beurt onlosmakelijk verbonden met de grotere netwerken die ze omringen. Elke individuele boom is een universum van mineralen, water en cellen waarin uitgestrekte gemeenschappen van microben en schimmels leven. Tegelijkertijd is een boom een vitaal onderdeel van het grotere bos, het landschap en zelfs van de weersystemen waarvan hij afhankelijk is. 

    In het Antropoceen zijn veel van deze fundamentele relaties nu echter aan het wankelen gebracht. Sommige van deze oeroude ecosystemen worden naar de rand van de afgrond geduwd; ze worden zo grondig aangetast dat ze zouden kunnen bezwijken.

    Aan de poorten van het klimaatinferno

    Ondanks de veerkrachtige ecosystemen zijn de vooruitzichten somber, stelt José Luis Lezama in het Mexicaanse politieke tijdschrift Nexos, vooral omdat de huidige klimaatverandering sneller verloopt dan in het verleden. In zijn artikel A las puertas del infierno climático schetst hij een angstaanjagend beeld van een wereld die afstevent op een klimaatinferno. Met de stijging van de zeespiegel, de meer dan 20.000 ton bommen die op Gaza zijn gegooid, de voortdurende winning van olie, en de koolstofemissies van de militaire sector – verantwoordelijk voor 5,5 procent van de wereldwijde uitstoot – is de kritische grens van 1,5 graden opwarming vorig jaar al overschreden. In de huidige maatschappij ziet Lezama twee gescheiden werelden: de ene, geïnformeerd en bezorgd over de klimaatcrisis, maar machteloos om actie te ondernemen, en de andere, bestaande uit de economische elite die profiteert van het huidige economische systeem en met cosmetische ingrepen, zoals klimaatconferenties en greenwashing, de nadelige gevolgen denkt te kunnen afwenden. Ondertussen gaan de niet-geprivilegieerden door toedoen van een maatschappelijk systeem dat hen in armoede houdt een onzeker en uitzichtloos bestaan tegemoet. Hij beschrijft het handelen van de rijkste 1 procent als een ‘compulsieve houding’ die op de lange termijn tot zelfdestructie leidt.

    Verscholen op de bodem van de oceaan

    Een van de oudste ecosystemen van onze planeet is een uitgestrekte weide die momenteel ongeveer zo groot is als Manhattan. Je zult er echter nooit bijen of vlinders zien fladderen en je kunt er ook geen dutje doen in het groen. De weide in kwestie groeit op de zeebodem tussen de Spaanse eilanden Ibiza en Formentera. Net als alle andere weiden bestaat ze voornamelijk uit planten, in dit geval zeegrassen: een groep planten die vroeger op het land voorkwam, bijna 100 miljoen jaar geleden terugkeerde naar de zee en nu groeit in beschutte wateren rond elk continent behalve Antarctica. 

    In 2010 zwommen marien ecoloog Sophie Arnaud-Haond en haar collega’s door een onderwaterweide en verzamelden op tientallen verschillende locaties monsters van Neptunusgras (Posidonia oceanica). Net als alle andere zeegrassen kan Neptunusgras zich vermenigvuldigen door zichzelf te klonen. De wetenschappers troffen verspreid over de weide talloze klonen aan, sommige wel 14,5 kilometer uit elkaar. Gezien de trage jaarlijkse groei van Neptunusgras zouden deze klonen zich gedurende 80.000 à 200.000 jaar over het gebied moeten hebben verspreid om zo’n grote weide te kunnen vormen. Ze denken dat de weide, al naargelang het mondiale klimaat veranderde en de zeespiegel steeg en daalde, herhaaldelijk van plaats veranderde. Nu en dan moeten er grote delen van de weide zijn afgestorven vanwege ongeschikte omstandigheden. Maar bij elke klimatologische omwenteling zullen er voldoende klonen hebben overleefd, zodat hun geslachtslijn tot op de dag van vandaag voortbestaat. 

    Elders in de oceaan zijn er nog grotere en oudere ecosystemen, niet gevormd door één enkele klonale soort, maar door symbiotische kolonies van kleine gelatineachtige dieren, fotosynthetisch plankton en microben. We noemen ze koraalriffen. Het Australische Groot Barrièrerif, dat 344.400 vierkante kilometer beslaat en vanuit de ruimte zichtbaar is, is niet alleen het grootste koraalrif ter wereld, het wordt ook vaak beschouwd als de grootste levende structuur op aarde. Zijn leeftijd is al net zo indrukwekkend; men denkt dat het Groot Barrièrerif zo’n 500.000 tot 600.000 jaar geleden is ontstaan. 

    ‘De veerkracht van een levensgemeenschap die zich kan hergroeperen en herstellen is iets magisch’

    Wetenschappers hebben aangetoond dat koraalriffen in Papoea-Nieuw-Guinea een vergelijkbare levensduur hebben. Tijdens bijzonder stabiele perioden in de loop van de geschiedenis van de aarde zijn er rifsystemen geweest die waarschijnlijk meerdere miljoenen jaren standhielden.

    Om riffen te vormen moeten koralen zich eerst vasthechten aan een rotsachtig oppervlak. Wanneer een rif getroffen wordt door een ramp, zoals een orkaan, kunnen de verkalkte resten van dode koralen de fundering vormen waarop overlevende koralen zich vestigen. ‘Riffen zijn fascinerend,’ zegt Gregory Webb, een paleontoloog die uitgebreid onderzoek heeft gedaan naar de ontwikkeling van riffen in de loop van de geologische tijd. ‘De veerkracht van een levensgemeenschap die zich kan hergroeperen en herstellen, zelfs wanneer ze met ernstige verstoringen wordt geconfronteerd, is iets magisch.’

    In 2018 publiceerden marien geoloog Jody Webster en zijn collega’s een baanbrekend onderzoek waarin ze de afgelopen 30.000 jaar van de evolutie van het Groot Barrièrerif reconstrueerden, een tijdsspanne waarin zich aanzienlijke klimaatschommelingen voordeden. Wanneer de zeespiegel daalde, kwam een groot deel van het rif bloot te liggen, dat vervolgens afstierf. En omgekeerd: wanneer de zeespiegel steeg en de golven aanzwollen, verdronken grote delen van het rif in troebel water. Als reactie hierop migreerde het Groot Barrièrerif herhaaldelijk en geleidelijk zeewaarts of juist landwaarts, waardoor het in de loop der tijd zijn continuïteit waarborgde.

    Eeuwenoud regenwoud

    De oudste nog bestaande ecosystemen bevinden zich echter op het land. Sommige tropische regenwouden bestaan waarschijnlijk al tientallen miljoenen jaren in dezelfde globale regio met dezelfde essentiële kenmerken. Dat heeft deels te maken met de geografie. In sommige opzichten is de tropische zone (rond de evenaar) al lange tijd een van de klimatologisch stabielere delen van de planeet, zelfs in de tijd dat continenten zich binnen en buiten de grenzen ervan bewogen.

    Op basis van gedetailleerde analyses van klimaatgegevens en fossielen plaatsen paleobioloog Carlos Jaramillo en zijn collega’s de oorsprong van het moderne tropische regenwoud – gedefinieerd als een woud waar het altijd warm en vochtig is, waar de diersoorten op verschillende niveaus levens, het bladerdak aaneengesloten is en waar het wemelt van de bloeiende planten, lianen en epifyten – aan het begin van het Cenozoïcum, kort na de inslag van de asteroïde die bijdroeg aan de ondergang van de niet-vliegende dinosauriërs, zo’n 66 miljoen jaar geleden. Ruwweg 60 miljoen jaar geleden, toen de continenten relatief dezelfde configuratie hadden als nu, bezaten de regenwouden in Noord- en Zuid-Amerika dezelfde structurele basiskenmerken als nu en leefden er dezelfde plantenfamilies als die er nu voorkomen. Op basis van dit soort bewijs beweren aardwetenschapper Mark Maslin en zijn collega’s dat het Amazoneregenwoud ‘relatief intact is gebleven’, dat het al ten minste 55 miljoen jaar een ‘blijvend kenmerk van Zuid-Amerika is’.

    Wetenschappers hebben in Australië vergelijkbare ontdekkingen gedaan wat betreft de lange levensduur van regenwouden. ‘Veel plantenfamilies die nu veel voorkomen in de overgebleven regenwouden en die hun basis vormen en zorgen voor het grootste deel van hun soortenrijkdom, hebben al 40 miljoen jaar een stabiele geschiedenis op het Australische continent,’ zegt Darren Crayn, botanicus en directeur van het Australian Tropical Herbarium. Hij en zijn collega’s schrijven in een onderzoek: ‘Het uithoudingsvermogen, de overlevingskansen en de hardnekkigheid van deze regenwoudbewoners vormen een van de grootste biologische en evolutionaire succesverhalen op aarde.’

    Het is moeilijk om te bepalen waar deze amorfe, oeroude entiteiten beginnen of ophouden. Hoe bepalen we precies wanneer een ecosysteem – met al zijn complexiteit en vervangbaarheid – is geboren of gestorven?

    Zelfvoorzienend

    De oudste ecosystemen op aarde verschillen ongetwijfeld van hun vroegere versies. De grenzen, topografie en soortensamenstelling ervan zijn in de loop van de millennia veranderd. Hoewel het fossielenbestand onvolledig is, had het Groot Barrièrerif 400.000 jaar geleden vrijwel zeker een ander biodiversiteitsprofiel, met soorten die nu niet meer bestaan. De Amazone, de rivier die zo bepalend is voor het huidige Amazonewoud, ontstond pas zo’n 11 miljoen jaar geleden. Als we echter honderdduizenden of miljoenen jaren terug in de tijd konden reizen, zouden deze ecosystemen ons niettemin griezelig vertrouwd voorkomen omdat ze hun essentiële kenmerken – de relaties en kaders die ze definiëren – verbazend lange tijd hebben behouden.

    Om zo’n lange levensduur beter te begrijpen, moeten we uitzoeken wat eraan ten grondslag ligt. Zeegrasvelden, koraalriffen en regenwouden hebben een aantal belangrijke eigenschappen gemeen. Ze bevinden zich allemaal in de tropen, waar het klimaat over het algemeen minder wisselvallig is dan op hogere breedtegraden. Ze zijn allemaal ontstaan uit organismen die zelf ook zeer veerkrachtig zijn en zich goed kunnen aanpassen. Tot op zekere hoogte creëren of versterken ze de omstandigheden die ze nodig hebben om te overleven. Door golven af te remmen, sedimenten vast te houden, fotosynthese uit te voeren, water te filteren en van zuurstof te voorzien en koolstof op te slaan maken zowel zeegrasvelden als koraalriffen hun omgeving rustiger, helderder, minder zuur, voedselrijker en over het algemeen leefbaarder. Koralen produceren ook meer van de rotsachtige ondergrond die ze nodig hebben om te groeien.

    Evenzo produceren regenwouden veel van de regen waarvan ze afhankelijk zijn door de watercyclus drastisch te versnellen. Wolkvorming is afhankelijk van twee essentiële ingrediënten: waterdamp en deeltjes waarop die damp kan condenseren. Regenwouden leveren beide door enorme hoeveelheden waterdamp de atmosfeer in te blazen, samen met talloze kleine deeltjes, zoals stuifmeelkorrels, schimmelsporen, microben, fragmenten van insectenschalen en verschillende organische verbindingen. Het resultaat is een zichzelf versterkende feedback loop: hoe meer het regent, hoe harder het bos groeit; hoe harder het bos groeit, hoe meer het regent. Wetenschappers hebben berekend dat het Amazonewoud ongeveer de helft van de regen produceert die elk jaar op zijn bladerdak valt. 

    Het vermogen van ecosystemen om zichzelf te reguleren en in stand te houden – om een zekere mate van zeggenschap te hebben over hun voortbestaan en evolutie – doet denken aan meer op zichzelf staande levende organismen. Al meer dan een eeuw leggen wetenschappers dergelijke verbanden en debatteren erover. 

    In het begin van de twintigste eeuw poneerde de Amerikaanse ecoloog Frederic Clements de stelling dat bossen en andere botanische levensgemeenschappen een reeks afzonderlijke ontwikkelingsfasen doormaken die vergelijkbaar zijn met die van individuele organismen. Eugene Odum, een andere Amerikaanse ecoloog uit de twintigste eeuw, dacht dat ecosystemen, net als organismen, homeostase vertoonden, het vermogen om bepaalde chemische en fysische omstandigheden in stand te houden die essentieel zijn voor hun overleven. Meer recentelijk heeft een groep wetenschappers, waaronder enkele die koraalriffen bestuderen, betoogd dat elk complex meercellig organisme samen met zijn symbiotische microben moet worden beschouwd als een levensgemeenschap, holobiont genoemd, en dat de ware ecologische eenheid van natuurlijke selectie de collectieve genetische informatie van deze levensgemeenschap is, het hologenoom. Met andere woorden, een koraal en zijn symbiotische partners zijn zo van elkaar afhankelijk dat we ze als een samenhangende evoluerende entiteit moeten beschouwen. Hetzelfde zou je kunnen zeggen van het koraalrifecosysteem. Ideeën als deze zijn nog zeer omstreden. 

    Overal waar leven ontstaat, verandert het zijn omgeving ingrijpend

    De extreme levensduur van ecosystemen illustreert het belang van de relaties tussen dergelijke grootschalige systemen en de organismen waaruit ze bestaan. Ecosystemen mogen dan geen individueel genoom hebben en zich niet evolueren volgens de Darwinistische evolutietheorie, toch zijn ze in staat om te groeien, te overleven en te evolueren omdat ze ontegenzeggelijk verweven zijn met de groei, overleving en evolutie van de organismen waaruit ze bestaan.

    Overal waar leven ontstaat, verandert het zijn omgeving ingrijpend. Deze veranderingen beïnvloeden onvermijdelijk elk daaropvolgend evolutionair proces binnen die omgeving. Met voldoende tijd en onder de juiste omstandigheden kan deze co-evolutie er voor zorgen dat het bewuste ecosysteem honderdduizenden tot miljoenen jaren kan voortbestaan.

    Uitbreiding inheems bosgebied

    Terwijl de herintroductie van wolven in Nederland op een drama is uitgelopen, blijkt uit een studie van de Universiteit van Leeds dat het terugbrengen van wolven in de Schootse Hooglanden de populatie edelherten, die jonge bomen opeten, terug zou kunnen brengen tot een niveau waarbij het bos zich op natuurlijke wijze zou kunnen herstellen.

    Wanneer het bos zich weer uitbreidt, zou het per jaar 1 miljoen ton koolstof kunnen opnemen. De populatie wolven zou zich volgens het onderzoek, dat werd gepubliceerd in tijdschrift Ecological Solutions and Evidence, kunnen uitbreiden tot 167 exemplaren, wat neerkomt op een jaarlijkse opname van 6080 ton CO2 per wolf. Daarmee zou de economische waarde per dier op 186.000 euro worden geschat, volgens de huidige koolstofprijs.
    Volgens Dominick Spracklen, die het onderzoek leidde, kunnen de klimaat- en biodiversiteitscrises niet los van elkaar worden aangepakt. ‘We moeten kijken naar de potentiële rol van natuurlijke processen om aangetaste ecosystemen te herstellen.’
    Wolven zijn 250 jaar geleden uitgeroeid in Schotland, voornamelijk door de jacht. Net zoals in Nederland werd de wolf als een bedreiging gezien voor het vee. In 1427 werd zelfs een wet aangenomen die stelde dat er jaarlijkse drie wolvenjachten moesten plaatsvinden. Hierdoor hadden edelherten geen natuurlijke vijanden meer, en hoewel er pogingen zijn gedaan om de populatie onder controle te houden, is deze inmiddels uitgegroeid tot naar schatting 400.000.
    Schotland heeft nog maar 4 procent inheems bos, en is daarmee een van de minst beboste gebieden in Europa. De onderzoekers verwachten de nodige weerstand tegen de voorstellen die voortkomen uit de studie, vooral van hertenliefhebbers, jagers en boeren die zich zorgen maken over hun vee.

    Uitsterven?

    Toch zijn zelfs levende systemen die zo oud en veerkrachtig zijn als regenwouden en riffen niet onaantastbaar of onsterfelijk. De meeste perioden van klimatologische onrust die de ecosystemen op aarde tot nu toe hebben overleefd, verliepen langzaam in vergelijking met het hoge tempo waarop de mens tegenwoordig de lucht, het land en de zee vervuilt en transformeert. Tegen het einde van de eeuw kunnen warmwaterkoraalriffen bijna volledig vernietigd zijn door de opwarming van de aarde, gereduceerd tot enkele refugia hier en daar. En de zichzelf versterkende regencyclus in het Amazonegebied staat op het punt te breken.

    Maar zelfs als je geconfronteerd wordt met deze trieste mogelijke uitkomsten, biedt het een soort troost om naar ecologie te kijken door de lens van de diepe tijd en te zien hoe opmerkelijk standvastig de oudste levensgemeenschappen op aarde zijn. De kracht van de mensheid is buitensporig groot, maar niet oneindig. Het leven is geneigd om zich te handhaven en te herstellen, waarbij het in de loop van duizenden tot miljoenen jaren steeds nieuwe vormen ontdekt.

    Aan het einde van mijn wandeling kwam ik, na langs een met reuzenvarens begroeide rivieroever te zijn geslenterd, bij een bos in een bos. Een van de reuzen van het Hoh-regenwoud was omgevallen, waarschijnlijk tientallen jaren eerder. Zijn kolossale gebarsten lichaam was de basis geworden voor nieuw leven. Dit graf was tegelijkertijd een kwekerij: de rottende stam was begroeid met mos en er waren varens en jonge boompjes in opgeschoten. De geweldige wortelkluit, zeker drie meter hoog, vormde nu een sokkel voor een groepje jonge douglassparren. Door te ontkiemen op de resten van een ouder familielid hadden ze zich hoog boven het schaduwrijke struikgewas verheven. Nu schitterden ze in het gouden zonlicht als de jongste leden van een volhardende levensgemeenschap.

  • Hoe een ecologische ramp in Oekraïne uitgroeide tot een natuurwonder

    Hoe een ecologische ramp in Oekraïne uitgroeide tot een natuurwonder

    Anderhalf jaar geleden, nadat Russische troepen een dam hadden opgeblazen in de bezette regio Cherson, werd verwacht dat het leeggelopen Kachovka-stuwmeer zou veranderen in een dode woestijn, vervuild met gevaarlijke sedimenten. Het is echter een uniek wilgen- en populierenbos geworden, het enige in zijn soort in Europa.

    Op 6 juni 2023 pleegden de Russische strijdkrachten een terroristische aanslag door de dam van de Kachovka-waterkrachtcentrale op te blazen. Als gevolg van de explosie liep het reservoir leeg; de omliggende gebieden raakten overstroomd, waardoor zo’n zestienduizend mensen werden getroffen en ongeveer tachtig steden onder water kwamen te staan. 

    Het water bedekte akkers, woningen, bedrijven en infrastructuur. Volgens de eerste schattingen zou de schade oplopen tot ongeveer 2 miljard dollar. De vernietiging van de dam leidde tot een ecologische ramp. Minstens vier nationale natuurparken, een biosfeerreservaat en gebieden die beschermd worden door de Ramsar- en Bern-verdragen werden getroffen.

    Onmiddellijk na de tragedie deden experts de ergste voorspellingen, bijvoorbeeld dat de bodem van het voormalige Kachovka-stuwmeer in een woestijn zou veranderen. Ze spraken over zandstormen en de verspreiding van gevaarlijke sedimenten die zich in de loop der jaren hadden opgehoopt. Deze voorspellingen zijn vooralsnog niet uitgekomen.

    We spraken met Oekraïense wetenschappers die hebben deelgenomen aan expedities naar het Kachovka-stuwmeer om erachter te komen wat er het afgelopen jaar is gebeurd op de plek van de grootste milieuramp van de eeuw.

    Een ongelofelijke ontdekking

    Drie weken nadat de Russen de waterkrachtcentrale hadden vernietigd, vond de eerste onderzoeksexpeditie naar het stuwmeer plaats, in het ontruimde nationale park Kamianska Sich, gelegen aan de oevers van het voormalige Kachovka-stuwmeer. De reizen werden georganiseerd door Ivan Moisienko en Oleksandr Chodosovtsev, leden van de Ukrainian Nature Conservation Group en professoren aan de staatsuniversiteit van Cherson, en door geobotanicus en ecoloog Jakiv Diduch, verbonden aan de Oekraïense Nationale Academie van Wetenschappen. 

    Bioloog Anna Kuzemko, een van de deelnemende wetenschappers, vertelt ons dat er met elke volgende reis minder zorgen waren over de natuur. ‘Er waren zorgen dat het slib dat zich in de loop der jaren op de bodem van het reservoir had opgehoopt veel verschillende en zelfs gevaarlijke chemicaliën bevatte en dat die zich zouden verspreiden als de bodem opdroogde,’ vertelt Kuzemko. ‘Maar toen we er voor het eerst heen gingen, zagen we dat de grond erg compact was en waarschijnlijk niet zou verstuiven bij opdroging. We waren nog steeds bezorgd dat er invasieve plantensoorten zouden gaan groeien, zoals de valse acacia, de indigostruik en de vederesdoorn. Deze zorgen werden uiteindelijk weggenomen toen we er in oktober 2023 heen gingen en dit jonge wilgenbos aantroffen.’

    In juni 2023 zagen ze alleen nog maar kleine scheuten, vertelt Kuzemko, maar vier maanden later waren er al aaneengesloten wilgenbosjes van tot twee meter hoog. Sommige bomen bereikten een hoogte van meer dan drie meter.

    Zelfs toen konden de sceptische onderzoekers niet geloven wat er in slechts zes maanden zou gebeuren met het voormalige Kachovka-stuwmeer: ‘Ze zeiden dat het wilgenbos de winter niet zou overleven, dat er geen overstromingen in het voorjaar zouden zijn en dat het zou verdorren,’ vertelt Kuzemko. ‘[In de lente] keerden we terug en zagen we het wilgenbos op de linkeroever. We zagen dat het ten opzichte van het jaar ervoor ongeveer 30 procent was gegroeid, en deze wilgen waren in uitstekende conditie, ze groeiden hard en dicht tegen elkaar aan! We zagen ook populierenbosjes bij het nabijgelegen eiland Chortytsia.’

    Nergens anders in Europa

    Op basis van hun veldonderzoek en met behulp van remote sensing en machine learning, oftewel kunstmatige intelligentie, hebben wetenschappers een kaart gemaakt van de biotopen van het Kachovka-stuwmeer. In november 2023 was ongeveer 40 procent van het voormalige reservoir bedekt met wilgen, populieren en andere uiterwaardenvegetatie, en dit bos blijft zich uitbreiden.

    Het jonge wilgen-populierenbos dat het uitgestrekte gebied bedekt, is uniek; nergens anders in Europa zijn vergelijkbare bossen te vinden. Volgens Kuzemko was zo’n uiterwaardenbos typisch voor dit gebied voordat het stuwmeer werd aangelegd.

    ‘Ik denk dat er geen ander wilgen-populierenbos van deze omvang is in Oekraïne en Europa’

    ‘Normaal gesproken kunnen deze uiterwaardenbossen niet groeien waar ze zouden willen; ze ontstaan slechts langs waterlopen omdat het omliggende gebied bevolkt is of als landbouwgrond of voor iets anders gebruikt wordt,’ legt de wetenschapper uit. ‘Zulke grote gebieden zijn echt uniek. Ik denk dat er geen ander wilgen-populierenbos van deze omvang is in Oekraïne en Europa.’

    De groeisnelheid van het bos is fenomenaal. ‘Kun je het je voorstellen? Een wilg die in minder dan een jaar 4,7 meter hoog is geworden!’ zegt professor Moisienko. Zijn collega Diduch zegt dat de wilgen in het Kachovka-stuwmeer twee keer zo snel groeien als elders. Dit kan worden verklaard door de vruchtbaarheid van de steppebodem in het zuiden van Oekraïne en de grote hoeveelheid voedselrijk slib op de bodem van het voormalige stuwmeer.

    Het is van belang dat de beschermingsstatus van het bos snel verbetert naarmate het groeit. Op de plek van de ecologische ramp ontwikkelt zich nu een biotooptype dat door de Conventie van Bern wordt beschermd. ‘De waarde van deze gebieden zal alleen maar toenemen naarmate de biotopen zich blijven vormen. De biodiversiteit zal toenemen en daarmee zal ook de status van dit gebied als onderdeel van het Emerald Network verbeteren,’ zegt Kuzemko. Natuurlijk zal dit alleen gebeuren als niets de vorming van het bos in de weg staat.

    Aanpassingsvermogen

    Het zal niemand ontgaan zijn dat de laatste jaren steeds vaker te zien is dat vogels afval – van plastic zakken tot stukjes touw en ijzerdraad – gebruiken bij het bouwen van hun nesten. Het roept de vraag op of vogels dit doen uit innovatie of dat ze simpelweg gedwongen worden door een gebrek aan natuurlijke materialen. Wetenschapsblad Quebec Science beschrijft hoe bioloog Auke-Florian Hiemstra van het Nederlandse Naturalis gefascineerd raakte door het vermogen van vogels om zich aan te passen aan veranderingen in hun omgeving. Hij onderzocht de complexiteit van dit gedrag en de mogelijke gevaren die hiermee gepaard gaan. Waar vogels eerder volop takken, gras, bladeren, mos, veren en zelfs modder tot hun beschikking hadden, zijn ze in de groeiende verstedelijking van gebieden aangewezen op ons afval.
    Dit verschijnsel is niet beperkt tot Nederland; over de hele wereld zijn voorbeelden te vinden van vogels die zich aanpassen aan de moderne wereld. In Australië werd in 2018 een nest van een ekster ontdekt dat was gebouwd met duivenpinnen, die worden gebruikt om vogels van gebouwen te weren. Een geeloorhoningeter (Meliphaga lewinii) verwerkte plasticdraad als nestmateriaal.
    Mooi dat onze gevederde vrienden zo creatief reageren op hun veranderde omstandigheden, maar het is ook een teken aan de wand: de biodiversiteit en de gezondheid van ecosystemen zijn in gevaar.

    Positieve invloed op het klimaat

    Het uitgestrekte nieuwe bos zal koolstof opslaan en schadelijke stoffen afvangen. ‘Deze wilgen, populieren en andere planten op de bodem van het reservoir hebben al miljoenen tonnen koolstofdioxide geabsorbeerd,’ legt Moisienko uit. ‘Ik weet niet of er een ander ecosysteem ter wereld of in Europa is dat de opwarming van de aarde effectiever bestrijdt.’

    ‘Kijk naar de miljard bomen [het boomplantprogramma van de Oekraïense president Zelensky] die geplant zijn op ongeschikte plaatsen zoals steppe- en zandgrond… Hier, bij het Kachovka-stuwmeer, staan misschien al een miljard bomen. Misschien zelfs meer. En daar zijn geen grote investeringen voor nodig geweest,’ zegt Kuzemko.

    Op een onlinevideo zijn vier sterke mannen te zien die in het jonge Kachovka-bos samen een metershoge jonge wilg uit de grond proberen te trekken. Diduch legt uit dat het boommonster nodig was voor onderzoek naar de rol van wilgen en wilgenbossen, hun invloed op het klimaat, indicatoren voor klimaatverandering, bodemvorming en koolstofverbruik. De analyse van het monster stelt wetenschappers in staat om voorspellingen te doen voor vijf, tien of zelfs vijftig jaar later. Dit soort onderzoeken zijn cruciaal om aan economen, landbouwers, hydrologen en degenen die aanspraak maken op het door het stuwmeer vrijgekomen gebied, uit te leggen waar het om gaat: dat het voormalige stuwmeer nu en in de toekomst in zijn nieuwe natuurlijke staat veel waardevoller zal zijn dan welk infrastructuurproject dan ook.

    Uit het onderzoek van het team is gebleken dat de ecosysteemdiensten van volgroeide bossen, als ze ten minste 30 procent van het reservoiroppervlak uitmaken, zestien keer zo groot zullen zijn als de voordelen van het kunstmatige reservoir. Dankzij deze ecosysteemdiensten krijgen de Oekraïners niet alleen een schoon en verbeterd milieu, een rijkere biodiversiteit, een beter klimaat en zelfs een uniek natuurgebied, maar ook geld.

    De optie ‘onaangeroerd’ zou investeringen kunnen aantrekken

    Oekraïners kunnen aanzienlijke subsidies ontvangen van wereldwijde fondsen als ze de natuur in het reservoir ongemoeid laten. Het herstel van de vegetatie en de natuurlijke rivierbedding van de Dnipro op het grondgebied van het voormalige Kachovka-stuwmeer is in lijn met de Europese Green Deal, waarin de EU-landen het streven uitspreken om rivieren in hun normale, natuurlijke staat terug te brengen. Plannen om het reservoir te herstellen druisen in tegen dit beleid. Het Oekraïense waterkrachtbedrijf Ukrhydroenergo begon een maand na de ramp in Kachovka met de bespreking van de reconstructie. Het nieuwe project zou alle voordelen tenietdoen die de nieuwe gebieden ons zouden kunnen bieden als ze onaangeroerd blijven.

    De optie ‘onaangeroerd’ zou investeringen kunnen aantrekken. Internationale fondsen staan klaar om landeigenaren te betalen. De eigenaren zelf hoeven niets te doen; ze laten het land gewoon met rust en laten de natuur haar gang gaan.

    Een betere oplossing voor het Kachovka-stuwmeer lijkt er niet te bestaan. Voor dit gunstige scenario moet Oekraïne aan een paar voorwaarden voldoen. Ten eerste moet er een einde komen aan de oorlog. Ten tweede moeten mondiale fondsen garanties krijgen dat de nieuwe waterkrachtcentrale waar Ukrhydroenergo van droomt niet op deze locatie zal worden gebouwd.

    ‘Als deze garanties worden gegeven, denk ik dat we de financiering voor natuurherstel kunnen krijgen en die ook vele jaren kunnen blijven ontvangen. Maar aan zowel de eerste als de tweede voorwaarde is lastig te voldoen,’ concludeert Moisienko.

    Ondertussen kunnen we alleen maar de expedities volgen, nieuwe onderzoeksresultaten afwachten en observeren hoe de Grote Weide, die zich in dit gebied bevond vóór het Kachovka-stuwmeer er werd gebouwd, in de nasleep van de ecologische catastrofe weer tot leven komt.