Onderwerpen: Verzet

  • VS: agent schiet vrouw dood tijdens ICE-operatie

    VS: agent schiet vrouw dood tijdens ICE-operatie

    Lees ook het andere korte nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » De Trump-regering overweegt Groenland te kopen

    » Marokko: ontdekking fossielen werpt nieuw licht op oorsprong mensheid

    De agent zou hebben gehandeld uit zelfverdediging

    Het ministerie van Binnenlandse Veiligheid beweerde woensdag dat ‘relschoppers probeerden
    agenten te blokkeren’. Het beschuldigde een van de demonstranten ervan ‘haar voertuig als wapen te
    gebruiken en te proberen onze wetshandhavers te overmeesteren met de intentie hen te doden –
    een daad van binnenlands terrorisme’.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Een ICE-agent ‘vuurde schoten af uit zelfverdediging’, voegde het ministerie eraan toe. De bestuurster
    van het voertuig, de 37-jarige Nicole Good, overleed na de schietpartij. Maar volgens de lokale krant,
    The Star Tribune, ‘ondersteunen verschillende video’s die door getuigen zijn gemaakt de versie van
    de Trump-regering niet’.

    Op de beelden zijn agenten rond de auto te zien terwijl de bestuurster achteruitrijdt en vervolgens
    vooruit rijdt. Een agent lijkt meerdere schoten op het voertuig af te vuren. Hij werd vervolgens gezien
    terwijl hij ‘wegliep nadat hij de fatale schoten had afgevuurd’, aldus The Star Tribune. Volgens de krant beweerde de Trump-regering dat hij door het voertuig was geraakt en vervolgens in
    het ziekenhuis was behandeld. In de afgelopen maanden zijn er meerdere keren mensen
    omgekomen tijdens ICE-controles.

  • VS: Californië klaagt regering-Trump aan wegens inzet van de nationale garde in LA

    VS: Californië klaagt regering-Trump aan wegens inzet van de nationale garde in LA

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Gaza: Israël zet opvarenden Madleen op het vliegtuig naar huis

    » Gaza: Hamas ‘open’ voor nieuwe gesprekken over een permanent staakt-het-vuren

    De nationale garde was ingezet om protesten neer te slaan

    President Trump van de VS heeft de nationale garde opgeroepen om protesten tegen zijn immigratiebeleid te stoppen. De rechtmatigheid van deze keuze wordt sterk betwijfeld. In een aanklacht tegen de regering beschuldigt de staat Californië de president van ‘ongekende toe-eigening van de autoriteit en middelen van de staat’.

    ‘In de aanklacht werd ook beargumenteerd,’ zo schrijft The New York Times, ‘dat de regering-Trump met haar oproep aan de troepen om de beschermende taken van de politie uit te voeren – taken die de plaatselijke politie en de sheriffs het beste konden afhandelen – het tiende amendement heeft verbroken, dat de rechten van staten beschermt.’

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Op 6 juni verzamelde zich in Los Angeles in Californië een groep mensen om te protesteren tegen het feit dat de immigratie- en douanehandhaving (ICE) een kledingfabrikant was binnengevallen. Na politieoptreden groeiden deze protesten uit tot honderden betogers. Volgens wetgeving uit de negentiende eeuw is het niet toegestaan om de nationale garde in te zetten voor binnenlandse handhaving, behalve als sprake is van rebellie of een opstand.

    Het bevel van de regering om federale troepen in te zetten, impliceerde dat hier sprake van was. Bovendien heeft de regering hiermee de autoriteit van de gouverneur van Californië omzeild. ‘Er ligt nog een grote kwestie centraal bij de nationale garde’, aldus The New York Times, namelijk ‘of het wettig was van [minister van defensie] Hegseth om [gouverneur] Newson hier niet bij te betrekken.’

  • De wereld kan iets opsteken van Turkse protesterende jongeren

    De wereld kan iets opsteken van Turkse protesterende jongeren

    Straatprotesten in Turkije tegen het regime van Erdoğan blazen de falende progressieve partijen nieuw leven in. Andere landen kunnen hier iets van leren.

    Nadat president Recep Tayyip Erdoğan tweeëntwintig jaar lang met machtsgrepen, overname van staatsapparaten en zware onderdrukking de Turkse bevolking heeft geprobeerd te reduceren tot islamo-fascistische onderdanen, vecht Turkije terug tegen zijn autoritarisme. Eind maart zijn er aanhoudende protesten geweest in talloze Turkse steden, waaronder in de machtscentra van het regime. 

    Burgemeester Ekrem İmamoğlu van Istanboel is op 19 maart op dubieuze verdenkingen van corruptie gearresteerd, met als gevolg een opgezweepte bevolking. Binnen enkele dagen groeiden de protesten uit tot iets groters. Het werd een nationale beweging met als eisen democratie, waardigheid en vrijheid. De protesten deden denken aan de Gezi-opstand in 2013, waarbij een demonstratie tegen de bebouwing van het Gezipark in Istanboel uitgroeide tot een nationale protestbeweging tegen het autoritaire regime. Toch zijn er wat verschillen. Dit keer gaan ook jongeren de straat op, en dat terwijl iedereen dacht dat zij onder het Erdoğan-regime en tijden van economische crisis alle hoop voor de toekomst hadden laten varen. Ze riskeren ongeremd politiegeweld als ze naar dit soort, inmiddels verboden, bijeenkomsten gaan. 

    Op een van de borden staat een tekst die het heersende sentiment perfect samenvat: ‘Als wij branden, branden jullie ook.’ Hoewel de protesten met veel politieke humor gepaard gaan, weet iedereen dat het allesbehalve grappig is: het land staat op een politiek kantelpunt. De teerling is geworpen. Erdoğan trekt zich terug of er zwaait wat. Hoe dat eruit komt te zien is een onduidelijk en angstaanjagend vooruitzicht. Toch heerst er een ongekende vastberadenheid onder het volk om die barrière van angst te doorbreken. In tegenstelling tot tijdens de Gezi-opstand wordt de politieke actie dit keer georganiseerd door de grootste oppositiepartij. Althans, dat is de opzet.

    ‘Als wij branden, branden jullie ook’

    İmamoğlu is niet alleen de burgemeester van de grootste stad in Turkije, maar met zijn immense populariteit ook Erdoğans enige serieuze politieke rivaal. Vlak voordat hij om twijfelachtige redenen werd gearresteerd – vanwege financiële corruptie, leidinggeven aan een criminele organisatie en samenwerking met terroristische organisaties – stond İmamoğlu op het punt zijn kandidaatschap voor de volgende presidentsverkiezingen aan te kondigen. 

    Verscheidene opiniepeilingen hebben aangetoond dat hij kans maakt om Erdoğan bij de volgende verkiezingen, in 2028, te verslaan. Volgens bronnen dicht bij Erdoğan was er een plan om İmamoğlu te arresteren en zwart te maken, en vervolgens een bewindvoerder aan het hoofd van de oppositie te plaatsen. Dit is al jaren Erdogans modus operandi. Een aantal burgemeesters uit oppositiepartijen – zoals de sociaaldemocraten of de Koerdische partij – zijn in hechtenis genomen en de arrestatie van İmamoğlu was voorzien. In de laatste video voor zijn arrestatie zei İmamoğlu kalm dat hij ‘vastberaden zou opkomen’ voor het Turkse volk.

    Honderdduizenden mensen hebben dit als startsignaal gezien en hebben sinds die nacht de stadspleinen opgezocht. Bij het zien van de massale protesten veranderde de voornaamste oppositiepartij de kandidaatsverkiezingen in een grootschalige politieke actie. Partijleiders riepen alle burgers op om voor İmamoğlu te stemmen, als teken voor het regime dat steun aan hem de partijpolitiek ontstijgt. Bijna vijftien miljoen mensen stemden voor İmamoğlu, waarmee zijn positie als oppositiekandidaat werd bevestigd.

    Democratieën wereldwijd kunnen een heleboel leren van wat er sindsdien in Turkije is gebeurd. Kennelijk zijn de gebruikelijke politieke partijen – de Democraten in de VS en de sociaaldemocraten in Europa – niet in staat om de politieke en morele woede van de menigte, die leiders zoals Trump en Erdoğan veroorzaken, te benutten. Partijen willen hun vingers niet branden aan de onvoorspelbaarheid van ‘straatpolitiek’ – en de menigte wil zich met zijn jeugdige enthousiasme niet graag binden aan versleten politieke instellingen. Wat is dan de oplossing?

    Het koraalrif

    De ouderwetse progressieve oppositiepartijen lijken op scheepswrakken; ze liggen weg te rotten. Ze zijn na vijftig jaar flirten met neoliberale hegemonie hun karakter kwijtgeraakt. Hun inherente banden met de progressieve delen van de samenleving zijn verbroken. Ze zijn door hun overweldigende bureaucratie veranderd in logge reuzen, die de wendbaarheid van het nieuwe radicale rechts onmogelijk kunnen bijbenen. Maar wat er nu in Turkije gebeurt, is dat energieke jongeren, die zich als een school vissen rond het wrak verzamelen, het weer doen opbloeien als een koraalrif. 

    Dag in, dag uit geven jonge sprekers toespraken bij belangrijke partijbijeenkomsten en helpen ze de partij op weg. Ze zorgen ervoor dat de woede verder reikt dan alleen de arrestatie van İmamoğlu. Ze hebben een enorme invloed op het karakter van deze politieke beweging en doen de sociaaldemocratische partij weer opbloeien. De jongeren navigeren die trage reus terwijl die op zijn beurt flexibeler en dapperder probeert te worden om zich zo te kunnen verzetten tegen het meedogenloze regime.

    Niet alleen in Turkije, ook in Europa en over de hele wereld luidt de vraag: is de menigte met zijn frisse energie in staat het wrak te betreden en dit in een levend organisme te veranderen, een organisme dat sterk genoeg is om de historische stroom richting het autoritarisme tegen te gaan? Turkije zal het ons leren.

  • Waar ligt in de VS de grens tussen democratie en autocratie?

    Waar ligt in de VS de grens tussen democratie en autocratie?

    De Amerikaanse democratie takelt langzaam af terwijl mensen zich niet individueel tegen autoritarisme durven uit te spreken. De democratie is nog niet verloren, vinden politicologen Daniel Ziblatt, Lucan Way en Steven Levitsky. Er is echter wel collectieve actie nodig.

    Autocratische regeringen zijn tegenwoordig moeilijker te herkennen dan vroeger. De meeste autocraten van deze eeuw zijn gekozen. In plaats van oppositie met geweld de kop in te drukken, zoals Castro en Pinochet deden, maken zij de openbare instituties tot een wapen en gebruiken ze politie en justitie, de fiscus en andere instanties om tegenstanders af te straffen en de media en maatschappelijke organisaties te intimideren. Wij noemen dit ‘concurrerend autoritarisme’, een systeem waarin partijen het wel tegen elkaar opnemen in verkiezingen, maar de oppositie geen kans meer maakt vanwege systematisch machtsmisbruik door de zittende regering. Zo blijven autocraten aan de macht in Hongarije, India, Servië en Turkije, en zo deed Hugo Chávez het al die tijd in Venezuela.

    Bij het afglijden naar deze vorm van autoritarisme gaan de alarmbellen niet altijd af. Doordat regeringen gebruikmaken van op zichzelf wettige instrumenten zoals politiek gemotiveerde smaadprocessen, belastingcontroles en strafrechtelijke onderzoeken, hebben burgers niet meteen door dat ze zich aan een autoritair regime onderwerpen. Na ruim tien jaar onder Chávez dachten de meeste Venezolanen nog steeds dat ze in een democratie leefden.

    Hoe kunnen wij dan bepalen of Amerika de grens tussen democratie en autoritair regime heeft overschreden? Ons criterium is simpel: de prijs van verzet tegen de overheid. In een democratie wordt vreedzaam verzet tegen de zittende macht niet bestraft. Burgers kunnen met een gerust hart kritiek uiten, een oppositiekandidaat steunen of meedoen aan vreedzame betogingen, omdat ze weten dat de overheid hun dit niet betaald zal zetten. De hele gedachte van legitieme oppositie – dat burgers het recht hebben om kritiek te leveren, oppositie te voeren en de regering via verkiezingen naar huis te sturen – is een grondbeginsel van de democratie.

    Na ruim tien jaar onder Chávez dachten de meeste Venezolanen nog steeds dat ze in een democratie leefden

    Maar onder een autoritair bewind kleeft er een prijs aan oppositie. Wie dan met de regering botst, wordt slachtoffer van een keur aan strafmaatregelen. Politici kunnen worden vervolgd voor onbenullige of onbewezen feiten, media krijgen te maken met vergezochte smaadzaken of strenge toezichthouders, bedrijven met belastinginspecties en het verlies van opdrachten of vergunningen, universiteiten met het dichtdraaien van de geldkraan of het wegvallen van belastingvrijstellingen, en journalisten, activisten en andere critici met intimidatie, bedreiging of zelfs fysieke mishandeling door regeringsaanhangers. 

    Als burgers moeten oppassen omdat hun kritiek of verzet door de autoriteiten kan worden afgestraft, leven ze niet langer in een volwaardige democratie. Volgens dat criterium heeft Amerika de stap naar autocratie al gezet. Met de inzet van overheidsinstanties tegen burgers en een hoos aan sancties tegen critici heeft de regering-Trump de tol van oppositie verhoogd. Zo worden politie en justitie nu selectief ingezet tegen critici, worden grote advocatenkantoren geboycot en gedwarsboomd en moeten ook donateurs van de Democratische partij en andere progressieve organisaties het ontgelden. Daarnaast richt de regering, zoals zoveel autocratische regimes, haar pijlen op de media. Trump heeft rechtszaken aangespannen tegen ABC News, CBS News, Meta, uitgeverij Simon & Schuster en de regionale krant The Des Moines Register. Bovendien is de mediatoezichthouder gepolitiseerd om vooral onafhankelijke media op de korrel te nemen. En opmerkelijk genoeg zijn deze aanvallen op de media en politieke tegenstanders sneller en harder uitgevoerd dan vergelijkbare maatregelen in de eerste jaren van het bewind van verkozen autocraten in Hongarije, India, Turkije en Venezuela. 

    Ook in zijn aanval op universiteiten volgt Trump het draaiboek van andere autocraten. Zoals Jonathan Friedman van PEN Amerika zegt: ‘Het is alsof op alle universiteiten bij de geringste misstap de geldkraan kan worden dichtgedraaid.’ Tot slot worden zelfs Republikeinse politici fysiek bedreigd als ze zich tegen Trump uitspreken. De Republikeinse senator Thom Tillis zegt dat hij door de FBI is gewaarschuwd over ‘serieus te nemen doodsbedreigingen’ toen hij overwoog om tegen de benoeming van Pete Hegseth als minister van Defensie te stemmen. Voor veel Amerikaanse burgers en organisaties is de prijs van oppositie dus sterk gestegen. Het is nog niet zo erg als in een dictatuur zoals Rusland, waar critici simpelweg in de cel belanden of worden verbannen of vermoord, maar Amerika is met verbluffende snelheid afgegleden naar een situatie waarin tegenstanders van de regering moeten vrezen voor strafvervolging, civiele rechtszaken, belastingcontroles en andere sancties.

    ‘Het is alsof op alle universiteiten bij de geringste misstap de geldkraan kan worden dichtgedraaid’

    Het is niet de eerste keer dat critici van de Amerikaanse regering te maken krijgen met intimidatie, dreigementen en strafmaatregelen. In de communistenjacht van vlak na de Eerste Wereldoorlog en tijdens het McCarthy-tijdperk werden kopstukken van de burgerrechtenbeweging en linkse activisten decennialang door de FBI op de huid gezeten, en ook Nixon zette de fiscus en andere instanties in tegen politieke tegenstanders. Dat was natuurlijk ondemocratisch, maar het ging niet zover als wat we nu zien. En Nixons pogingen om het staatsapparaat voor zijn politieke karretje te spannen leidden uiteindelijk tot zijn aftreden en tot een reeks hervormingen die zulk machtsmisbruik na 1974 aan banden legde.

    Na Watergate kende Amerika de meest democratische halve eeuw van zijn bestaan. Met het aantreden van Trump kwam er niet alleen een abrupt einde aan dat tijdperk: het is ook de eerste keer – althans sinds de vervolging van de Jefferson-Democraten onder president Adams eind achttiende eeuw – dat de regering niet alleen de rivaliserende politieke partij, maar een heel segment van de samenleving op de korrel neemt.

    Want het autoritair offensief sorteert duidelijk effect. Burgers denken nu wel twee keer na voordat ze gebruikmaken van hun grondwettelijke recht op het voeren van oppositie. Veel politici en maatschappelijke organisaties die als waakhond en controleur van de zittende macht zouden moeten fungeren, doen er het zwijgen toe. De angst voor vergelding zet een rem op donaties aan de Democratische partij en andere progressieve organisaties. En na Trumps aanval op prominente advocatenkantoren is het voor critici van de regering moeilijker om een advocaat te vinden, want de rijke en gerenommeerde kantoren die vroeger de strijd met de regering wel aandurfden, zijn nu huiverig om Trumps toorn over zich af te roepen. Columbia University is gezwicht voor de eis om de vrije meningsuiting van studenten in te perken. Zoals Trump zei: ‘Je ziet wat we met de universiteiten doen, en ze buigen allemaal en zeggen: Dank u wel, meneer.’ 

    Bij de media zie je verontrustende signalen van zelfcensuur. Paramount, het moederbedrijf van CBS, dat toestemming van de overheid wil voor een fusie met Skydance Media, heeft het journalistieke programma 60 Minutes onder verscherpt toezicht gesteld. En ook Republikeinse politici verzaken hun taak als controleur van de macht. In de woorden van senator Lisa Murkowski: ‘We zijn allemaal bang. Dat is nogal een statement. Maar we zitten nu in een situatie die voor mij ongekend is. En ik moet zeggen dat ik vaak bang ben om me uit te spreken, want het wordt echt afgestraft. En dat is niet goed.’

    Wij Amerikanen leven dus onder een nieuw bewind. Nu is de vraag of we toelaten dat dit ook wortel schiet.

    De onmacht van het individu

    De reactie van de samenleving houdt nog niet over – het blijft angstwekkend stil. Maatschappelijke kopstukken komen moeilijk tot collectief optreden. De overgrote meerderheid leeft liever in een democratie en zou graag een eind maken aan dit machtsmisbruik. Maar op individueel niveau hebben ze eerder reden om de regering-Trump tegemoet te komen dan er de strijd mee aan te binden.

    Ze willen hun eigen organisatie immers tegen aanvallen van de overheid beschermen. Voor ieder afzonderlijk kan de tol van verzet te hoog lijken. Ze zien ook wel in dat iedereen beter af zou zijn als iemand vooropging in de strijd tegen Trump, maar slechts weinigen zijn bereid daarvoor zelf de prijs te betalen. Met als gevolg dat enkele van de meest invloedrijke Amerikanen aan de zijlijn blijven staan en hopen dat iemand anders de kastanjes uit het vuur haalt. Een klein beetje meewerken uit zelfbehoud lijkt hen het beste. Maar dat is de fatale fout van het appeasement-denken: het geloof dat stilletjes meebuigen op ondergeschikte, ogenschijnlijk tijdelijke punten uiteindelijk minder schade op de lange termijn zal opleveren.

    Meestal werkt het niet zo. En daden van individueel zelfbehoud hebben een hoge collectieve prijs. Meebuigen zal de regering waarschijnlijk alleen maar moed geven en stimuleren haar aanvallen te verhevigen. Autocraten bestendigen hun macht meestal niet alleen met geweld: ze worden geholpen door de meegaandheid en passiviteit van mensen die verzet hadden kunnen bieden. De neiging om de lieve vrede te bewaren is, zoals Churchill al waarschuwde, als het voeren van een krokodil in de hoop dat hij jou als laatste opvreet.

    [Autocraten] worden geholpen door de meegaandheid en passiviteit van mensen die verzet hadden kunnen bieden

    Individuele meegaandheid verzwakt ook de weerbaarheid van de Amerikaanse democratie als geheel. Als één partijdonateur of één advocatenkantoor zich drukt maakt dat misschien niet veel verschil, maar als ze zich collectief terugtrekken, ontbreekt het tegenstanders van de regering straks aan afdoende financiële en juridische middelen om zich te verweren. Alle nieuwsberichten die niet gepubliceerd worden, alle toespraken of preken die niet gehouden worden en alle persconferenties die niet gegeven worden, kunnen bij elkaar een aanzienlijk cumulatief effect hebben op de publieke opinie. Zolang de oppositie stommetje speelt, trekt de regering aan het langste eind.

    Het meebuigen van vooraanstaande burgers geeft een intens demoraliserend signaal af aan de samenleving. De boodschap die eruit spreekt, is dat de Amerikaanse democratie het verdedigen niet waard is, of dat verzet zinloos is. Als de meest bevoorrechte mensen en organisaties niet willen of kunnen opkomen voor de democratie, wat verwachten we dan van de gewone burger?

    Maatschappelijke oppositie

    De tol van verzet is wel te dragen. En het afglijden naar autoritarisme is niet onomkeerbaar. In Brazilië, Polen, Slowakije, Zuid-Korea en elders hebben democratische krachten het tij van de democratische neergang weten te keren. De Amerikaanse rechtspraak is nog steeds onafhankelijk en zal ongetwijfeld een aantal van de meest onrechtmatige regeringsmaatregelen tegenhouden. Maar rechters – nu ook zelf doelwit van dreigementen, intimidatie en zelfs arrestatie – kunnen de democratie niet in hun eentje redden. Bredere maatschappelijke oppositie is geboden.

    Ons maatschappelijk middenveld heeft genoeg financiële en organisatorische slagkracht om Trumps autoritaire offensief te weerstaan. Het telt honderden miljardairs, tientallen advocatenkantoren met een jaaromzet van een miljard, meer dan zeventienhonderd universiteiten en hogescholen, een enorm netwerk van kerken, vakbonden, particuliere stichtingen en non-profitorganisaties en een goed georganiseerde en goed gefinancierde oppositiepartij. 

    Maar dan moeten die wel samen optrekken. Als ze zich samen inzetten voor de collectieve verdediging van de democratische rechtsstaat, dragen ze ook samen de tol van hun verzet. De regering kan niet iedereen tegelijk aanvallen. Als de tol van het verzet wordt verdeeld over het collectief, is de last makkelijker te dragen voor het individu.

    De regering kan niet iedereen tegelijk aanvallen

    De meest uitgesproken oppositie komt momenteel niet van prominenten, maar van gewone burgers die zich roeren op bijeenkomsten van hun volksvertegenwoordigers of op de Hands Off-demonstraties die overal in het land plaatsvinden. Onze leiders moeten hun voorbeeld volgen. De collectieve verdediging van de democratie heeft de meeste kans van slagen als prominente en bemiddelde mensen en organisaties, zij die het best bestand zijn tegen de klappen van de regering, ook meedoen aan de strijd.

    Er zijn tekenen dat ze wakker worden. Harvard weigert te voldoen aan eisen die de academische vrijheid ondermijnen. Microsoft heeft gebroken met een advocatenkantoor dat aan de regering toegeeft en in plaats daarvan een kantoor in de arm genomen dat het er juist tegen opneemt. En een nieuw advocatenkantoor in Washington zegt te willen opkomen voor burgers die onterecht slachtoffer zijn geworden van het regeringsbeleid. Als de invloedrijkste leden van een samenleving in verzet komen, geven zij anderen politieke rugdekking. En dat stimuleert gewone burgers ook weer om mee te vechten.

    Het afglijden van Amerika naar autoritarisme is niet onomkeerbaar. Maar niemand heeft ooit een autocratie verslagen vanaf de zijlijn.

  • Zuid-Koreaanse 4B-beweging waait over naar de VS

    Zuid-Koreaanse 4B-beweging waait over naar de VS

    Vrouwen in de feministische 4B-beweging zeggen nee tegen huwelijk, bevalling, afspraakjes en seks. Het is een duidelijke waarschuwing naar een alsmaar vrouwonvriendelijker klimaat in de Verenigde Staten.

    In de aanloop naar de inauguratie van Donald Trump spreekt een aanzienlijk aantal jonge vrouwen in de VS zich online uit over de noodzaak om de zogeheten 4B-beweging van Zuid-Korea te volgen, waarbij de 4 B’s staan voor bihon (geen heteroseksueel huwelijk), biyeonae (niet daten met mannen), bichulsan (geen kinderen) en bisekseu (geen seksuele relaties met mannen). Veel anderen in de Verenigde Staten bekritiseren deze nogal radicale afwijzing van mannen. Wat bereik je ermee? Hoe gaat dit ons verder helpen? Is dit niet gewoon het zich toe-eigenen van andermans cultuur?

    Voor mij is de 4B-beweging, ongeacht waar deze plaatsvindt, een ernstig waarschuwingssignaal. Als journalist die de Zuid-Koreaanse feministische bewegingen al jaren volgt, is deze onbedoelde export van weer een ander ‘K-cultuur’-product zowel fascinerend als hartverscheurend. Fascinerend vanwege de verschillen: het feit dat niet-Koreaanse vrouwen dit Koreaanse idee overnemen. Hartverscheurend vanwege de overeenkomsten: elke voorstander van de 4B-ideeën wordt uiteindelijk geregeerd door wanhoop, angst en, ondanks alles, hoop.

    In de kern is de 4B-beweging een noodkreet. De vraag is hoe en of deze gehoord zal worden.

    Middelpunt

    In de VS groeit de 4B-beweging als een directe reactie op de strijd voor de reproductieve rechten van vrouwen, die nu Trump opnieuw aan de macht is nog meer risico lopen. ‘Ik zal me door geen man meer laten aanraken zolang ik mijn rechten niet terug heb,’ zegt een aanhanger van de beweging tegen The Guardian. Een ander vertelt aan CNN dat 4B verkent ‘hoe een leven eruitziet waarin mannen niet zo in het middelpunt staan’.

    TikTok en andere onlineplatforms vormen het belangrijkste strijdtoneel, sommige 4B-content is hier al miljoenen keren bekeken.

    In Zuid-Korea is de beweging ook online ontstaan, hoewel het al meer dan vijf jaar geleden is dat ze viraal ging in de mainstream media. Het is het Koreaanse publiek uiteraard niet ontgaan dat de beweging momenteel is overgeslagen naar de VS. Reacties variëren van ‘Huh? Is dat nog steeds een ding?’ tot meer introspectieve beschouwingen over de erfenis van 4B binnen Zuid-Korea. ‘Toen de politiek en de instellingen er niet in slaagden om adequaat te reageren op discriminatie van en geweld tegen vrouwen, werden [4B-aanhangers] gedwongen om op hun eigen terrein actie te ondernemen,’ schreef Sohn Heejung, een cultuurcriticus en feministisch onderzoeker, in de Koreaanse krant Hankyoreh.

    Toen 4B viraal ging in de mainstream media, gooiden drommen vrouwen hun make-up weg en knipten hun haar kort

    4B is in Zuid-Korea altijd een marginale beweging geweest, die wordt uitgedragen door een kleine groep mensen die hun persoonlijke leven bewust zien als een politieke daad van verzet. De aanhangers ervan worden vaak over één kam geschoren met de vele andere jonge Zuid-Koreanen die weigeren te trouwen en/of kinderen te krijgen – het land heeft het laagste vruchtbaarheidscijfer ter wereld –, maar bij die laatste groep zijn de redenen vaak eerder economisch dan uitgesproken feministisch of politiek van aard.

    De wortels van 4B zijn in Korea niet zo duidelijk aan te wijzen als in de VS. 4B dook rond 2015 voor het eerst op als een trend in onlinegemeenschappen die vooral op vrouwen waren gericht. Dit was een kritieke periode in het Zuid-Koreaanse feminisme waarin jonge vrouwen zich verenigden in de nasleep van een angstaanjagend incident: in 2016 werd een willekeurige vrouw van in de twintig door een man neergestoken in de buurt van het Gangnam-station in Seoul. ‘Ik deed het omdat vrouwen me altijd hebben genegeerd,’ zou de 34-jarige man hebben gezegd. De politie ontkende dat het incident het gevolg was van vrouwenhaat en verwees naar de psychische stoornissen van de moordenaar.

    Veel van mijn vrienden, die in de twintig en dertig zijn, herinneren zich deze periode als een keerpunt in hun leven. Ze schrokken van de gedachte dat dit elke vrouw had kunnen overkomen. Dus gingen ze naar herdenkingen in Gangnam en twitterden ze hashtags om andere vrouwen een hart onder de riem te steken. Dit was het moment waarop veel jonge vrouwen zich gingen identificeren als feminist, als reactie op de krachten in de Zuid-Koreaanse samenleving die buiten hun macht leken te liggen. Uit deze gedeelde paniek – en wanhopige pogingen tot empowerment – ontstond een beweging als 4B.

    Een paar jaar na het incident in Gangnam leek het feminisme zijn hoogtijdagen te beleven. De #MeToo-beweging zorgde ervoor dat mannen met machtige functies hun baan kwijtraakten, toenmalig presidentskandidaat Moon Jae-in verklaarde zichzelf in 2017 feminist en in 2018 gingen historische aantallen vrouwen de straat op om te protesteren tegen illegaal opgenomen ‘spycam’-beelden. In de tijd dat 4B viraal ging in de mainstream media, gooiden drommen vrouwen hun make-up weg en knipten hun haar kort, waarmee ze de patriarchale druk om er mooi uit te zien van zich afwierpen. Ze kwamen bekend te staan als de ‘ontsnap aan het korset’-beweging.

    Vies woord

    Toen kwam de tegenreactie. Enige context: ik leef in een kleine progressieve bubbel in Seoul. Mijn sociale kringen zijn veilige plekken voor feministen, waar we regelmatig frustraties delen over wijdverspreide vrouwenhaat en conservatieve gendernormen. Zuid-Korea heeft de hoogste loonkloof tussen mannen en vrouwen van alle OESO-landen; vrouwen zijn nauwelijks vertegenwoordigd in hogere en leidinggevende functies en vrouwonvriendelijke microagressie is de norm.

    Buiten mijn bubbel, in grotere delen van Zuid-Korea, is feminisme steeds meer een vies woord geworden en wordt het gezien als een taboe. Bij de meest recente presidentsverkiezingen in 2022 profiteerde de inmiddels afgezette president Yoon Suk Yeol van het antifeministische sentiment onder jonge mannelijke kiezers – een wereld van verschil met de vorige verkiezingen.

    Feministische bewegingen zoals 4B zijn door velen bestempeld als ‘extremistisch’ of ‘te radicaal’ en worden gezien als vergif voor de samenleving. Ik betwijfel ten zeerste of een Zuid-Koreaanse 4B-aanhanger daar in het openbaar voor uit zou komen zonder enige tegenreactie te verwachten. Het is dan ook ironisch dat 4B zo veel aandacht heeft gekregen in de VS – de grote broer van Zuid-Korea – terwijl feministen in het land waar de beweging is ontstaan te maken hebben met toenemende censuur.

    Deze negatieve reacties en gevaren voor vrouwenrechten zijn nog wijdverbreid. Helaas hebben Zuid-Korea en de VS nog een andere realiteit gemeen: veel jonge mannen zien zichzelf als slachtoffer. Doordat ze niet begrijpen wat de werkelijke oorzaken zijn van hun weinig stabiele omstandigheden, richten ze onterecht hun woede op vrouwen en andere minderheden.

    Neem mannen als Elon Musk en Nick Fuentes. In de nasleep van Trumps overwinning zijn deze boegbeelden van overwegend mannelijke proteststemmen nog harder gaan schreeuwen. Fuentes tweette onlangs in een post die viraal ging: ‘Jouw lichaam, mijn keuze. Voor altijd.’ The New Yorker noemde dit onheilspellend een ‘slogan die misschien het komende tijdperk van achteruitgang op het gebied van genderkwesties inluidt’.

    4B lijkt voor velen misschien een absurde beweging. Veel vrouwen, waaronder ikzelf, zien nog steeds de waarde in van (goed, veilig) mannelijk gezelschap. Maar het is niet moeilijk te begrijpen waarom 4B vandaag de dag bestaat. De wereld waarin we leven lijkt absurder te worden. De 4B-beweging is daar slechts een symptoom van.

  • Weduwe van Navalny roept Russen op om de strijd voor vrijheid voort te zetten

    Weduwe van Navalny roept Russen op om de strijd voor vrijheid voort te zetten

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Verenigd Koninkrijk verklaart zich bereid om grondtroepen naar Oekraïne te sturen

    » M23-rebellen bezetten tweede grootste stad in het oosten van de DRC

    De Russische oppositieleider overleed zondag een jaar geleden

    Een jaar na de dood van de Russische oppositieleider Aleksej Navalny heeft zijn weduwe Joelia Navalnaja de Russen opgeroepen om te blijven vechten voor vrede en vrijheid, meldt CNN. ‘We weten precies waar we voor vechten: het toekomstige Rusland waar Aleksej van droomde – vrij, vreedzaam en mooi. Het is mogelijk,’ zei ze zondag vanuit Berlijn, waar ze in ballingschap leeft, net als veel van Navalny’s voormalige medewerkers. ‘We moeten naar buiten gaan en demonstreren voor de mensen in Rusland, die dat niet kunnen,’ voegde ze eraan toe tijdens een herdenkingsceremonie.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    In Moskou trotseerden meer dan 1500 mensen de autoriteiten door langs het graf van de voormalige tegenstander van het Kremlin te marcheren, die op 16 februari 2024 onder duistere omstandigheden in de gevangenis stierf. Zijn aanhangers beschuldigen de Russische president Vladimir Poetin ervan verantwoordelijk te zijn voor zijn dood.

  • Controverse: ‘Beleid Israël is staatsterreur’

    Controverse: ‘Beleid Israël is staatsterreur’

    Sinds het aantreden van de meest rechtse regering in de geschiedenis van Israël, is het geweld tussen Israëliërs en Palestijnen opgelaaid. Opmerkelijk gebruiken beide partijen hetzelfde argument om hun gewelddadigheden te rechtvaardigen: zelfverdediging.

    Volgens Richard Silverstein, zelf joods maar zeer kritisch op het Israëlische beleid, moet het aanhoudende geweld door Israël als terreur worden gezien en moet het land dan ook de status ‘terroristisch’ krijgen. ‘Als terrorisme staat voor het gebruik van geweld bij het nastreven van politieke doelen, dan moet het beleid van Israël ook gezien worden als staatsterrorisme’, schrijft hij.

    Volgens Orly Goldschmidt, woordvoerder van de Israëlische ambassade in het Verenigd Koninkrijk, moet Israël zich wel verdedigen tegen de Palestijnse terreur. Zonder het antiterrorisme-apparaat van Israël ‘zou het totaal van vijfduizend [terreurslachtoffers] naar ik vrees nog heel wat meer nullen bevatten’, schrijft hij.

    Lees hieronder hun betogen:

    Waarom Israël als terroristische staat aangemerkt moet worden

    Sinds de Nakba [de gedwongen emigratie van Arabische Palestijnen uit het Israëlisch grondgebied in 1947-1949, de tijd waarin de staat Israël ontstond] heeft Israël de Palestijnen onderdrukt met staatsterreur die goedgepraat werd als ‘zelfverdediging’, terwijl Palestijnen die zich verzetten weggezet worden als terroristen. Het geweld dat Israël gepleegd heeft op de Al-Aqsamoskee laat echter de waarheid zien, schrijft Richard Silverstein. 

    In mei 2021 leidde de onderdrukking van de islamitische eredienst in de Al-Aqsamoskee door Israël tot woede en verzet bij de Palestijnen. Vorig jaar april lokte de Likoed-regering tijdens de ramadan rellen uit in Oost-Jeruzalem door gelovigen de toegang tot de Damascuspoort te weigeren, waar zij na het gebed altijd bijeenkwamen voor de sociale contacten. De Israëlische grenspolitie, berucht om haar wreedheid, reageerde met een uitbarsting van geweld.

    De woede van de Palestijnen sloeg al snel over naar alle Palestijnse gemeenschappen in Israël. Zo’n nationaal verzet was nog niet eerder voorgekomen in de geschiedenis van dit conflict dat, op een paar zeldzame momenten na, beperkt is gebleven tot de bezette gebieden.

    Ze vielen Palestijnse buurten binnen en terroriseerden en mishandelden de bevolking

    De Israëlische joden werden gealarmeerd. De ultrarechtse bendes van de Kahanisten begonnen sociale media in te zetten om groeperingen te organiseren die voor eigen rechter speelden. Ze vielen Palestijnse buurten binnen en terroriseerden en mishandelden de bevolking.

    Hamas reageerde, in zijn rol als beschermer van de heilige islamitische plaatsen in Jeruzalem, door raketten op Israël af te vuren. Daarop lanceerde Israël een grootscheepse luchtaanval die elf dagen duurde en 250 slachtoffers maakte, van wie de meesten vrouwen en kinderen waren.

    Dit jaar is de ramadan hard op weg om op net zo’n vechtpartij uit te lopen. Na vier Palestijnse terreuraanslagen binnen twee weken, waarbij elf Israëliërs omkwamen, zijn duizenden Israëlische troepen de Palestijnse dorpen binnengedrongen. Daarbij werden honderden gearresteerd en zijn bijna twintig mensen om het leven gekomen.

    Hoewel de Palestijnse vechtlust sterker is geworden doordat er een religieuze dimensie aan het politieke conflict is toegevoegd, is er ook een gevaar

    De reactie van de Israëlische grenspolitie, die op een dag in april 2022 vroeg in de morgen vijfhonderd kolonisten overbracht naar de binnenplaats recht tegenover de Al-Aqsamoskee, was nog schadelijker voor de stabiliteit van het land. De kolonisten stonden onder leiding van Itamar Ben Gvir, de meest gehate extremist van de Knesset [het Israëlisch parlement]. De aanval stond gepland voor de vroege morgen, het moment waarop gelovigen samenkwamen voor het dagelijks gebed. De politie viel het heiligdom binnen en gebruikte flitsgranaten, traangas en knuppels om de moskee onder controle te krijgen en iedere vorm van verzet de kop in te drukken. Bijna vierhonderd mensen werden gearresteerd en honderdvijftig raakten gewond.

    Hoewel de Palestijnse vechtlust sterker is geworden doordat er een religieuze dimensie aan het politieke conflict is toegevoegd, is er ook een gevaar. Uit de geschiedenis blijkt dat de ijver van twee groepen gelovigen die tegen elkaar strijden snel kan escaleren.

    De traditionele internationale reactie op gewapend Palestijns verzet was onvoorwaardelijke veroordeling ervan, terwijl men sympathie had voor de daden van Israël, dat handelde uit ‘zelfverdediging’. Maar de wereld begint de opruiing door de Israëliërs steeds meer te zien als een primaire aanstichter van het geweld.

    Lees ook:

    Nu de kritiek op de Israëlische agressie toeneemt, is het tijd voor herbezinning op het conventionele begrip en de definitie van terrorisme.

    Als terrorisme staat voor het gebruik van geweld bij het nastreven van politieke doelen, dan moet het beleid van Israël ook gezien worden als staatsterrorisme. Het Palestijnse geweld is dus niet langer het werk van ‘terroristen’, zoals Israël hen heeft bestempeld, maar een legitieme politieke reactie op de Israëlische apartheid en het massale geweld, waaronder de moord op tienduizenden Palestijnen sinds de oprichting van de staat in 1948.

    Het is tijd voor herbezinning op het conventionele begrip en de definitie van terrorisme

    Ter ondersteuning van dit standpunt heeft Israël sinds zijn oprichting terreur gebruikt om de Palestijnen te controleren, te overheersen en te onderdrukken. Zelfs vóór de oprichting van de staat riep David Ben Goerion al vaak ertoe op de ‘Arabieren’ uit Palestina te verdrijven om te zorgen voor een natie waar een Joodse meerderheid het voor het zeggen zou hebben.

    De Joodse terreurmilities waren rivalen van het zionistische Yishuv-bestuur. Zij toonden hun minachting door terreuraanslagen te plegen om zo duidelijk te maken dat de Joden de overmacht hadden. Bij een van hun gezamenlijke militie-operaties in april 1948, die geleid werd door de toekomstige premier Menahem Begin en Yitzhak Shamir, werd het dorp Deir Yassin verwoest, waarbij honderd doden vielen, waaronder vrouwen en kinderen.

    Joodse schutters onder leiding van Shamir vermoordden graaf Folke von Bernadotte, een VN-vredesonderhandelaar, omdat hij een territoriaal compromis voorstelde dat nadelig was voor de Joodse belangen. Tenslotte bombardeerden de troepen van Begin, als de meest gruwelijke terreurdaad van allemaal, het King David Hotel, het hoofdkwartier van het Britse Mandaatbestuur, waarbij meer dan negentig slachtoffers vielen.

    Hoewel de Joodse ondergrondse terroristische beweging het meeste geweld gebruikte, deed de Yishuv dat nog systematischer: Plan Dalet verdreef een miljoen Palestijnen uit hun huizen in Gaza en voerde ze weg naar Syrië in ballingschap door ze als vluchtelingen in kampen op te sluiten. De Nakba was misschien wel Israëls eerste systematische daad van staatsterreur.

    De Nakba was misschien wel Israëls eerste systematische daad van staatsterreur

    In het licht van deze geschiedenis moet het huidige Israëlische beleid opnieuw onder de loep worden genomen: de herhaalde aanvallen op Gaza (2009, 2014, 2021) die de dood van duizenden en de vernietiging van tienduizenden huizen tot gevolg hadden, moeten ook worden gezien als terreurdaden. In 2018 stonden Israëlische sluipschutters oog in oog met tienduizenden vreedzame demonstranten tijdens de Grote Mars van de Terugkeer. Ze maaiden hen zonder pardon neer, alsof het niets was. Honderden ongewapende demonstranten werden vermoord en duizenden werden voor het leven verminkt.

    Het inpikken van Palestijns land, de ontworteling van hele gemeenschappen, de onderdrukking van religieuze erediensten, de eindeloze cycli van gewelddadige invallen in huizen in het holst van de nacht, de arrestatie van duizenden mensen, waaronder kinderen: al die gebeurtenissen moeten worden gezien als nog meer gewelddadigheden van de staat.

    Het verschil tussen het Palestijnse verzet en de Israëlische staatsterreur is dat de Palestijnen individuele gewelddaden plegen. Hoe gruwelijk het aantal doden ook is, het gaat om eenmansaanvallen of gewelddaden met een beperkte impact.

    Het terrorisme van Israël daarentegen is een alomvattend beleid waarbij alle macht van het veiligheidsapparaat wordt ingezet ten behoeve van het staatsbelang. Het houdt veel meer in dan een schutter die door een straat in Tel Aviv rent. Het omvat een complete nationale politiemacht die wordt ingezet tegen aanhangers van een enkele religie. Het omvat honderden grenspolitieagenten die een heilige plaats bezoedelen door er een slagveld van te maken; en dat alles ten behoeve van messiaanse joden die de heilige plaatsen van de moslims willen vernietigen om de joodse tempel te herbouwen.

    Het verschil tussen het Palestijnse verzet en de Israëlische staatsterreur is dat de Palestijnen individuele gewelddaden plegen

    Het Internationaal Strafhof deelt veel van deze zorgen en heeft een onderzoek ingesteld naar mogelijke Israëlische oorlogsmisdaden. Dit garandeert niet dat het Israël schuldig zal bevinden. Maar voor een juiste beoordeling is het van cruciaal belang dat ons begrip van het Israëlische beleid wordt veranderd. Dit beleid is niet alleen onrechtvaardig. Zelfs de term apartheid, hoe juist die definitie ook is, doet geen recht aan de zeventig jaar waarin Israël systematisch Palestijnse rechten onderdrukt. Het is eenvoudigweg een alomvattend beleid van staatsterreur.

    Tegenwoordig ziet de wereld een verband tussen de Russische invasie in Oekraïne, de doelbewuste aanvallen op burgerdoelen, de uitroeiing van de hele stad Marioepol en de executie van vastgebonden burgers enerzijds en de wreedheden van de nazi-Wehrmacht en de SS tijdens de Tweede Wereldoorlog anderzijds. De wereld schreeuwt nu om verantwoording, eist dat Poetin en zijn generaals worden berecht voor oorlogsmisdaden.

    Het terrorisme van Israël heeft veel langer geduurd en meer slachtoffers gemaakt dan dat van Rusland. Als we moreel consequent willen zijn, dan moeten de misdaden van de Israëlische staat hetzelfde worden behandeld als de misdaden van Rusland. De wereld kan niet langer aanvaarden dat Israël zich als slachtoffer of zelfverdediger beroept op zijn misdadig gedrag.

    Terrorisme in de Israëlische context moet opnieuw worden gedefinieerd. De eeuwigdurende oorlogszuchtige verhouding van Israël tot zijn buren aan de frontlinie (Syrië, Libanon, Iran, enz.) en de Palestijnen destabiliseert de regio en schendt het internationaal recht. De wereld mag Israël niet langer het voordeel van de twijfel geven. Zij moet al die argumenten waarmee ze massaal geweld goedpraat verwerpen. We moeten Israël noemen zoals het is: een terreurstaat.

    Richard SilversteinThe New Arab

    Lees ook:


    De staat Israël moet zichzelf verdedigen tegen Palestijnse terreur

    Ik ben bang dat het totale dodental nog heel wat meer nullen zou tellen als Israël niet over een anti-terrorismeapparaat zou beschikken.

    Het artikel van Jalal Abukhater van 7 februari, dat gepubliceerd werd enkele dagen nadat een Palestijnse terrorist op de herdenkingsdag van de Holocaust zeven onschuldige mensen vermoordde in een synagoge in Jeruzalem, onderwaardeert het leven van Israëliërs.

    Zowel Palestijnen als Israëliërs lijden, en dat doet me pijn. Dat is precies de reden waarom dit artikel ingaat op een probleem dat in de bredere discussie over dit onderwerp speelt: de ontkenning en de weigering om te erkennen dat Israëliërs lijden.

    Zowel Palestijnen als Israëliërs lijden, en dat doet me pijn

    In 2022 werden Israëliërs getroffen door ruim vijfduizend Palestijnse terreuraanslagen; onschuldige mannen, vrouwen en kinderen werden op de straten van Israël doodgereden, doodgestoken of doodgeschoten, of ze kwamen door bombardementen om het leven. Zo is het leven op de grond.

    Op 10 februari reed een Palestijn bijvoorbeeld met zijn auto in op een overvolle bushalte, met drie doden tot gevolg, waaronder twee broers van zes en acht jaar oud. Stel je eens voor dat jij of je dierbaren het slachtoffer worden van zo’n weerzinwekkende terreuraanslag terwijl je op weg bent naar je werk. Dit is precies de reden waarom Israël beschikt over een anti-terrorismeapparaat: als het land dat niet had, zou het totaal van vijfduizend naar ik vrees nog heel wat meer nullen bevatten.

    Israël heeft door de jaren heen laten zien dat het vrede wil sluiten met de Palestijnen

    Israël heeft door de jaren heen laten zien dat het vrede wil sluiten met de Palestijnen. Zo heeft het land in 1993, 2000, 2008 en 2014 geprobeerd om vredesakkoorden te sluiten en streven we nog altijd de vrede na. Geweld is echter aan de orde van de dag. Deze maand nog pleegden drie Palestijnse tieners drie terreuraanslagen op Israëlische burgers.

    Deze aanslag staat niet op zichzelf. Helaas krijgen mensen in de Palestijnse samenleving de afkeer van Israël met de paplepel ingegoten. Schoolboeken, sociale media en het beleid van de Palestijnse Autoriteit zijn allemaal toegespitst op geweld tegen onschuldige Israëliërs. Ik hoop dat er vrede zal komen. Om dat te bereiken, zullen de Palestijnse leiders moeten erkennen dat er een eind moet komen aan het opruien van de bevolking en het geweld.

    Orly GoldschmidtThe Guardian

    Lees ook:

    https://360magazine.nl/netanyahu-houdt-zichzelf-voor-de-gek-als-hij-denkt-dat-hij-de-extreemrechtse-meute-kan-temmen/
  • ‘Vrouwenrechten zijn onverenigbaar met religie’

    ‘Vrouwenrechten zijn onverenigbaar met religie’

    De Libanese schrijver en activist Joumana Haddad gaat tijdens een interview met Muwatin zonder omwegen in op de vrouwelijke seksualiteit en de ‘verwrongen’ kijk op viriliteit in de Arabische wereld. ‘Mannen moeten eens ophouden zo bang te zijn voor vrouwelijke begeerte.’

    De Libanese en Arabische cultuur verdeelt vrouwen gewoonlijk in twee groepen: vrouwen die mooi maar dom zijn en vrouwen die intelligent zijn maar hun uiterlijk verwaarlozen. Wat vindt u daarvan?

    ‘Dat hokjesdenken behoort tot de dingen die onuitroeibaar lijken in onze samenlevingen. Noch de ontwikkelingen om ons heen, noch de grotere publieke aanwezigheid, noch de kennisrevolutie, noch de humanistische feministische strijd heeft daarin verandering kunnen brengen. Deze link tussen vorm en inhoud is een van de talloze manieren waarop het machisme overal op de wereld, maar in het bijzonder in onze regionen, vrouwen onder de duim houdt.

    Het ergste is nog dat deze stereotypen kinderen van jongs af aan worden ingeprent

    Het ergste is nog dat deze stereotypen kinderen van jongs af aan worden ingeprent. Zowel jongens als meisjes groeien op met deze waandenkbeelden, waar ze nooit meer van loskomen.

    Het vergt veel tijd, veel verschillende stadia, veel goede wil en wilskracht om de zware strijd tegen onwetendheid te voeren. Wij zijn voor het merendeel nog ‘robots’ die moeten voldoen aan de normen die ons thuis, op school, door het godsdienstonderwijs, de televisie en de sociale media zijn opgelegd. Die botsen met het individueel bewustzijn en beperken de mogelijkheid om jezelf vragen te stellen en voor jezelf te beslissen.’

    De studenten

    In zijn eerste officiële reactie, achttien dagen na de dood van Mahsa Amini op 16 september, heeft de opperste leider van de Islamitische Republiek, ayatollah Ali Khamenei, de Verenigde Staten, ‘het zionistische regime’ (Israël) en hun ‘agenten’, evenals ‘enkele in het buitenland gevestigde Iraanse verraders’ ervan beschuldigd de protesten aan te wakkeren en heeft hij de ordetroepen opgeroepen ‘de criminelen het hoofd te bieden’. In de straten gaan de vrijwel dagelijkse betogingen door ondanks heftige repressie.

    Op zaterdag 1 oktober hebben de studenten zich bij de beweging aangesloten en diverse bijeenkomsten georganiseerd. Sinds het begin van de betogingen zijn er volgens de in Noorwegen gevestigde ngo Iran Human Rights (IHR) minstens 92 mensen gedood en honderden gearresteerd. Buiten het land zijn talrijke steunmanifestaties gehouden, van Los Angeles tot Mexico-Stad en van Belgrado tot Beiroet.

    In datzelfde kader worden vrouwen ofwel als ‘heilige’ ofwel als ‘prostituee’ bestempeld. Vanwaar die versimpelende tegenstelling?

    ‘Zowel mannen als vrouwen moeten ophouden de sensuele vrouw als tegendeel van de deugdzame vrouw te projecteren. De tegenstelling “heilige versus prostituee” bestaat niet. Ze is schadelijk voor de onderlinge betrekkingen en maakt die oppervlakkig. Elke prostituee is een heilige, elke sensuele vrouw is een deugdzame vrouw. Wij hebben het recht en zijn in staat om allebei tegelijk te zijn. Vooral mannen maar ook vrouwen moeten eens ophouden zo bang te zijn voor vrouwelijke begeerte. Die begeerte is weliswaar onbedwingbaar, maar juist daarom kan ze een onuitputtelijke bron van generositeit, van plezier en nieuwe ervaringen vormen. Laten we daar liever van profiteren!’

    Kan de oosterse man volgens u van een opstandige vrouw houden of is hij bang voor haar?

    ‘Nee, hij kan niet van haar houden, omdat hij haar niet begrijpt. Je zou beter kunnen zeggen dat hij haar begeerlijk vindt. Ze trekt hem aan als een magneet, maar tegelijkertijd stoot ze hem af. Omdat ze een vrije vrouw is, en omdat alles wat vrij is de oosterse en machistische man angst aanjaagt.

    In wezen beeldt dit soort mannen zich in dat het viriel is om degenen die lichamelijk, economisch, politiek of sociaal het zwakst zijn te onderwerpen, en soms geweld aan te doen. Ze denken dat ze daarmee hun angst kunnen maskeren. Maar dat is een verwrongen kijk op viriliteit. Het is een toevlucht tot iets wat het volstrekte tegendeel is van viriliteit.’

    In uw boek Superman est arabe schrijft u dat u atheïst bent. Bent u niet bang daarmee sympathisanten te verliezen?

    ‘Ik schrijf niet, ik denk niet en ik leef niet om sympathiek te worden gevonden of me populair te maken. Ik doe het om gehoor te geven aan mijn overtuigingen, aan mijn principes, aan mijn dromen en aan de talloze stemmen die in mij klinken. Ik denk en ik schrijf omdat ik het recht heb degene te zijn die ik ben, zonder opsmuk, zonder pluimstrijkerij, zonder concessies.

    Ik heb het recht openlijk te zeggen wat ik denk. Ook heb ik het recht niet-gelovig te zijn

    Ik geloof dat vrouwenrechten onverenigbaar zijn met religies. En ik heb het recht openlijk te zeggen wat ik denk. Ook heb ik het recht niet-gelovig te zijn. Net zoals gelovige vrouwen het recht hebben te denken en te zeggen dat religies vrouwen in ere houden. Waar ze niet het recht toe hebben, zij noch iemand anders, is om mij en anderen het recht te ontzeggen bepaalde meningen of overtuigingen aan de kaak te stellen.’

    Laat het Iraanse volk niet in de steek

    Zonder steun van de grote mogendheden en de VN zal deze opstand in bloed worden gesmoord, onderstreept de hoofdredacteur van Independent Persian die kritisch staat tegenover de Iraanse machthebbers.

    De opstand van het Iraanse volk na de dood van Mahsa Amini, die een symbool is geworden van alle onrechtvaardigheid, onderdrukking en chaos in het land en van de vernedering en het geweld waaraan de bewoners van dit grondgebied worden blootgesteld, gaat door.

    Er wordt geprotesteerd tegen een regime dat er de afgelopen veertig jaar alleen maar op uit is geweest om een leger van repressieve en paramilitaire groeperingen te vormen, zowel in Iran als in de rest van het Midden-Oosten, en zo zijn duivelse plannen ten uitvoer te brengen. Een regime dat is gegrondvest op het bloed van het Iraanse volk en dat zijn macht heeft versterkt door het massaal executeren van tegenstanders.

    De afgelopen jaren, tijdens andere protesten van het Iraanse volk, heeft dit regime honderden zo niet duizenden betogers gedood.Naast het leger, de paramilitaire troepen en de Revolutionaire Garde, een militaire elite-eenheid, beschikt Teheran over brigades uit het buitenland (Irak, Libanon, Afghanistan, Pakistan), die bij de huidige opstand kunnen worden ingezet om het volk te onderdrukken.

    Als de wereld het Iraanse volk niet op dezelfde manier steunt als het Oekraïense, zullen deze regering en haar militaire apparaat duizenden mensen afslachten.Het Iraanse volk heeft internet nodig om de wereld duidelijk te maken wat er gebeurt, maar meer nog dan internet heeft het meer solide steun nodig van andere regeringen en de Verenigde Naties om dit regime te kunnen veranderen.

    Alle sympathiebetuigingen van wereldleiders, alle tweets en alle sancties tegen mensen die met het regime worden geassocieerd zijn niet voldoende. Het Iraanse volk moet door de wereld worden gehoord. Laat het Iraanse volk niet in de steek in de strijd tegen zijn onderdrukkers.

    GettyImages 1425892421
    In veel landen zijn mensen de straat op gegaan om het protest te steunen tegen het tirannieke bewind in Iran. Symbool voor het verzet is het offeren van een haarlok. – © Chris McGrath / Getty Images

    In de Arabisch-islamitische wereld wordt seksuele vrijheid vaak geassocieerd met zedeloosheid, onreinheid of prostitutie. Wat vindt u daarvan?

    ‘Onreinheid bestaat niet op seksueel gebied. Iedereen mag vrijelijk over zijn eigen lichaam beschikken. Onreinheid, onzedelijkheid, prostitutie – echte prostitutie – bestaat alleen op intellectueel, politiek, economisch, ideologisch en religieus niveau. Onreinheid en onzedelijkheid zijn gelegen in tirannie, in onderdrukking, in corruptie, in het plunderen van natuurlijke hulpbronnen, in hersenspoeling, in het demoniseren van de ander.

    Op diezelfde manier is een “verantwoordelijk” seksleven geen seksleven dat “morele normen respecteert”. Voor mij is de verantwoordelijkheid gelegen in het feit dat je je tegen bepaalde seksueel overdraagbare ziektes of een ongewenste zwangerschap beschermt.

    Eén ding moet voor iedereen duidelijk zijn: een volwassen vrouw is de enige die bepaalt wat ze met haar lichaam doet

    Eén ding moet voor iedereen duidelijk zijn: een volwassen vrouw is de enige die bepaalt wat ze met haar lichaam doet, of ze een seksuele relatie wil hebben met duizend mannen, of vrouwen, of met helemaal niemand.’

    Vrouwenbesnijdenis wordt tegenwoordig zwaar bestraft en hersteloperaties aan de clitoris komen veelvuldig voor. Betekent dat een erkenning van de vrouwelijke begeerte, in dezelfde mate als die van mannen?

    ‘Wat voor erkenning? Van welke begeerte? Als er niet herhaaldelijk internationale campagnes tegen besnijdenis waren gevoerd, zou alles bij het oude zijn gebleven. Wie in hoge Arabische kringen bekommert zich nu werkelijk om vrouwelijke begeerte of het recht van vrouwen op seksueel genot? De machistische mentaliteit die bepalend is voor onze regimes en samenlevingen impliceert dat alleen de man genot ervaart. Voor hem is dat een “recht” dat is vastgelegd in de religieuze wetten. En de vrouw heeft alleen tot taak hem dat te verschaffen, dat is haar “heilige plicht”. Er zijn maar weinig partners die het genot van de vrouw belangrijk vinden. En dan vaak alleen om hun eigen potentie bevestigd te zien, niet omdat ze echt begaan zijn met het genot van de vrouw.’ 

  • In Iran slaan verschillende sociale klassen hun handen ineen

    In Iran slaan verschillende sociale klassen hun handen ineen

    Verschillende bevolkingsgroepen in Iran, ook die als hoeksteen van het regime werden beschouwd, uiten steeds vaker kritiek op de autoriteiten, die slecht bestuur en corruptie worden verweten. Kan de solidariteit tussen minderheden het regime aan het wankelen brengen?

    Lees ook de andere artikelen uit het Dossier ‘Vrouw, leven vrijheid’ over de protesten in Iran:

    » In Iran is ‘Dood aan Amerika’ veranderd in ‘Dood aan de dictator’

    » Het harde optreden van het Iraanse regime leidt tot een afkeer van religie

    » ‘Vrouwenrechten zijn onverenigbaar met religie’

    Deze opstandige wind waait uit een andere hoek. Natuurlijk, de economische crisis die Iran teistert heeft de afgelopen jaren steeds vaker betogingen uitgelokt. In 2017 zijn de Iraniërs de straat op gegaan om te protesteren tegen de stijging van de kosten van levensonderhoud als gevolg van de koersdaling van de rial. Twee jaar later kwamen er protesten tegen een verhoging van de brandstofprijzen door veranderingen in het subsidie-systeem.

    Sindsdien zijn er steeds vaker kleine, plaatselijke manifestaties om bijvoorbeeld meer rechten voor ambtenaren en arbeiders te eisen, of een betere watervoorziening voor de boeren in de regio Isfahan. De sociaaleconomische eisen van een bevolkingsgroep die tot dan toe als een hoeksteen van de volkssteun voor het regime werd beschouwd gaan steeds vaker gepaard met kritiek op dat regime, op het slechte bestuur, de corruptie. Hoewel de Islamitische Republiek voortdurend beweert het gewone volk te beschermen en te verdedigen tegen de bourgeoisie, aarzelt ze niet om haar goed geoliede onderdrukkingssysteem in te zetten om deze achtereenvolgende bewegingen te smoren.

    Er vinden in een vijftiental Iraanse steden demonstraties plaats naar aanleiding van de dood van de jonge Mahsa Amini

    Momenteel vinden er in een vijftiental Iraanse steden demonstraties plaats naar aanleiding van de dood van de jonge Mahsa Amini. Deze gebeurtenis, het voorlopige dieptepunt van een reeks gewelddadige arrestaties door de zogeheten ‘oriëntatiepatrouille’ van vrouwen die de geldende kledingregels niet respecteren, heeft in het hele land tot heftige emoties geleid. Bij de vrouwen en studenten die als eersten in opstand kwamen hebben zich inmiddels talrijke mannen aangesloten om gezamenlijk een van de hoekstenen van het gezag en de politiek-religieuze identiteit van de Islamitische Republiek ter discussie te stellen: de hidjab. 

    Een door het Westen gesmeed complot

    Volgens de conservatieve Iraanse pers, die nauwe banden heeft met het regime, wordt de protestbeweging op afstand aangestuurd door de vijanden van Iran, die er alleen maar op uit zijn het land te verzwakken.

    Voor de conservatieve pers is het zonneklaar: de betogingen die Iran al bijna drie weken lang in rep en roer brengen zijn het werk van ‘vijanden’ van de Islamitische Republiek. Volgens het blad Kayhan zit het Westen ‘achter de misdaden en het kwaad waardoor de straten worden geteisterd en separatistische terroristische groeperingen worden opgehitst’; met dat laatste wordt de Koerdische minderheid bedoeld, onder wie het oude streven naar autonomie weer is opgelaaid. Maar ‘de belangrijkste aanstichters van de rellen zijn elementen die zichzelf als “hervormers” bestempelen’, voegt de krant eraan toe.‘Er moet worden afgerekend met de terroristen, met de separatisten en vooral met de politici en bekende Iraniërs die het Westen in staat stellen het land binnen te dringen’, dikt Kayhan nog aan. ‘Iedere gelegenheid om de criminelen en verraders te bestraffen moet worden aangegrepen en de inspanningen om een landelijk informatie- en communicatienetwerk op te zetten [in plaats van het wereldwijde internet] moeten worden geïntensiveerd.’

    Om een sneeuwbaleffect te voorkomen heeft de Iraanse staat op 22 september de toegang tot internet, sociale media en berichtenapps drastisch beperkt.

    De krant Jam-e Jam concentreert zich op de Koerdische opstandelingen en schrijft dat ‘diverse gewapende separatistische groeperingen deze gespannen situatie aangrijpen om hun doelen te bereiken. Hoewel de Iraanse Koerden patriotten zijn, laten sommigen onder hen zich misleiden door de separatisten die een door de vijand aangewakkerd afscheidingscomplot nastreven.

    ’Volgens het dagblad Iran, een overheidsorgaan, ‘vormt de hoofddoekkwestie de kern van de psychologische manipulatie waarmee de vijand het volk probeert te mobiliseren’. De Iraniërs ‘zullen nooit met deze oproerkraaiers sympathiseren’ en de voorkeur geven aan ‘veiligheid’ boven chaos, in een regio waar ‘alle buurlanden met een crisis worden geconfronteerd’. De meerderheid van de bevolking is niet ‘voor afschaffing van de hoofddoek’, besluit de krant.

    Het dagblad Vatan-e Emrooz vreest zelfs voor een burgeroorlog: ‘De vijanden van Iran hebben altijd geprobeerd betogingen in rellen te laten ontaarden en rellen in een burgeroorlog. Ze dromen ervan om hetzelfde te doen als in Syrië en Libië.’Het blad Farhikhtegan, dat genuanceerder en kritischer is, legt de nadruk op de groeiende kloof tussen de politieke machthebbers en de jeugd. ‘De deelname van jongeren aan de betogingen was ongekend groot. Omdat er geen pogingen worden ondernomen een dialoog met hen aan te gaan, heeft een deel van deze jonge generatie haar eigen waarden gedefinieerd, die volstrekt onbegrijpelijk kunnen zijn voor andere generaties, met name die welke aan de knoppen zitten,’ verklaart Farhikhtegan.De ‘discriminatie in het onderwijs’ die is verergerd door de ‘privatisering van het onderwijsstelsel’ heeft bovendien de sociale ongelijkheid versterkt zodat veel jongeren ‘teleurgesteld zijn geraakt in de maatschappij en er een ontgoochelde generatie is ontstaan die niets opheeft met spirituele waarden’, waarschuwt het blad.

    Betogers hebben niet alleen bij wijze van protest hun hoofddoek verbrand, maar ook de ordetroepen bestookt met kreten als ‘Dood aan de dictator’, waarmee ze de opperste leider bedoelden, van wie afbeeldingen werden verscheurd. ‘Omdat de aanleiding ditmaal een sociaal-cultureel en politiek element in zich bergt, is de huidige opstand vergelijkbaar met die van de Groene Beweging van 2009,’ zegt Ali Fathollah-Nejad, als onderzoeker verbonden aan het Issam Fares Institute van de Amerikaanse Universiteit van Beiroet. Deze universiteit, sinds haar oprichting een van de grootste bedreigingen voor de Islamitische Republiek, had destijds op verzoek van de hervormingsgezinde maar onfortuinlijke presidentskandidaat Mir-Hossein Mousavi plaats geboden aan massale protestbetogingen tegen de als frau-duleus beschouwde verkiezing van Mahmoud Ahmadinejad.

    Vrijheid en brood

    Anders dan de Groene Beweging, die vooral in Teheran en op de universiteiten actief was, hebben de huidige protesten zich over het hele land verbreid, van Isfahan en Iraans Koerdistan, waar de jonge vrouw vandaan kwam die het symbool is geworden van de onderdrukking door het regime, tot aan Rasjt aan de Kaspische Zee.

    ‘De betogingen die zijn uitgelokt door de dood van Mahsa Amini weerspiegelen een veel grotere woede onder de bevolking vanwege het discriminerende juridische kader dat zowel vrouwen als etnische en religieuze minderheden en andere gemarginaliseerde groepen in Iran onevenredig zwaar treft,’ analyseert Gissou Nia, voorzitter van de raad van bestuur van het Iran Human Rights Documentation Center in New Haven, Connecticut.

    Bovendien had de middenklasse, die vooral snakte naar ‘vrijheid’, andere wensen dan de lagere klassen, die ‘brood’ eisten. De sancties die werden opgelegd door Donald Trump nadat hij het nucleaire akkoord had opgezegd hebben de economische crisis waar-onder de Iraniërs gebukt gaan alleen maar verergerd. Hoewel er gewoonlijk geheimzinnig over dit onderwerp wordt gedaan, liet president Ebrahim Raisi zich afgelopen augustus tijdens een persconferentie ontvallen dat de inflatie op jaarbasis meer dan veertig procent bedroeg. ‘Door de huidige omstandigheden in Iran lijkt het erop dat twee sociale groepen de handen ineenslaan: de middenklasse, die er de afgelopen jaren armer op is geworden, en de lagere klassen, die minder conservatief lijken dan vroeger of dan vaak wordt verondersteld,’ meent Ali Fathollah-Nejad.

    Kan de solidariteit tussen de verschillende klassen het regime aan het wankelen brengen?

    Kan de solidariteit tussen de verschillende klassen het regime aan het wankelen brengen? Tijdens zijn toespraak tot de Algemene Vergadering van de VN vorige maand in New York heeft de Iraanse president Ebrahim Raisi met geen woord gerept over de betogingen in zijn land, al werd daar uitgebreid over bericht door alle grote internationale media. Het belangrijkste doel van zijn reis, het nucleaire dossier en het opheffen van de internationale sancties die daarmee verbonden zijn, is op een dood spoor beland nadat de Iraniërs tijdens de onderhandelingen in Wenen eisen hadden gesteld die voor de Amerikanen onacceptabel waren. Talloze analisten verwachtten dat de repressie na Raisi’s terugkomst in Teheran op 28 september jongstleden verder zou toenemen, nadat de autoriteiten de dag daarvoor al officieel hadden bekendgemaakt dat er sinds de dood van Mahsa Amini zeventien mensen waren omgekomen, onder wie enkele politiemensen. Na haar dood en de eerste betogingen die daarop volgden werden het internet en sociale netwerken als Instagram en Whatsapp enige tijd stilgelegd. De gespecialiseerde site NetBlocks sprak van de meest omvangrijke internetonder-breking sinds de massale protesten in 2019. Volgens schattingen van Amnesty International heeft de digitale black-out van destijds, die een week duurde, meer dan driehonderd mensen het leven gekost, onder wie betogers.

    Ondanks zijn goed getrainde veiligheidsapparaat lijkt het regime in Teheran enigszins te aarzelen om zijn politiek-religieuze gezag te doen gelden, terwijl er ook geruchten gaan over de verslechterende gezondheidstoestand van de opperste leider, de 83-jarige Ali Khamenei. 

    Hoewel een openbare verschijning van de ayatollah aan iedere discussie een eind leek te willen maken, ligt de vraag over diens opvolging op ieders lippen en zou die opvolging weleens reden kunnen zijn voor een toekomstige koersverandering van de Islamitische Republiek. De presidentsverkiezing van 2021 had al laten zien dat er onenigheid bestond binnen de conservatieve elite die de scepter zwaaide en waarvan een deel dat als te gematigd werd beschouwd door de opperste leider opzij is geschoven ten gunste van Ebrahim Raisi. 

    ‘Irrationele lieden’

    Na de dood van Mahsa Amini hebben diverse hoogwaardigheidsbekleders kritiek geuit op de zedenpolitie, die door de president aan het begin van zijn ambtsperiode is versterkt en die door velen verantwoordelijk wordt gehouden voor de dood van de jonge vrouw. Parlementsleden hebben al gepleit voor een herziening van de gebruikte methoden, oftewel de opheffing van deze ordetroepen. Ayatollah Asadollah Bayat-Zanjani, een belangrijke religieuze figuur en tegenstander van het heersende regime, heeft felle kritiek geuit op ‘de gebeurtenissen en het gedrag van een stel illegale, irrationele lieden dat tot dit ongelukkige en betreurenswaardige incident heeft geleid’.

  • Russisch jacht mag niet tanken

    Russisch jacht mag niet tanken

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Uber sluit vrede met gele taxi’s in New York

    » Polio duikt voor het eerst in dertig jaar op in Malawi

    Lokale olieleveranciers weigeren schip te bevoorraden

    Het 68 meter lange superjacht Ragnar van de Russische oligarch Vladimir Strzjalkovski is gestrand in het Noorse havenstadje Narvik omdat lokale olieleveranciers weigeren het schip te bevoorraden, aldus The Huffington Post. Strzjalkovski is voormalig KGB-agent, voormalig onderminister van economie en oud-medewerker van Vladimir Poetin en verdiende zijn fortuin met de winning van nikkel. Hij kreeg in 2012 een gouden handdruk van 100 miljoen dollar toen hij na vier jaar aftrad als CEO van het mijnbouwbedrijf Norilsk Nickel.

    Strzjalkovski stond niet op de Europese lijst van oligarchen die zijn gesanctioneerd als gevolg van de Russische invasie van Oekraïne, maar de lokale bevolking van Narvik besloot zelf maatregelen nemen. ’Waarom zouden we ze helpen?’ antwoordde olieleverancier Sven Holmlund op vragen van de Noorse omroep NRK. ’Laten ze maar naar huis roeien. Of een zeil gebruiken.’ Noorse politici hebben aangedrongen op confiscatie van het schip, maar volgens een regeringsfunctionaris is dat wettelijk onmogelijk zonder EU-richtlijnen.

    Lees ook:

  • Generaal Burhan en de situatie in Soedan

    Generaal Burhan en de situatie in Soedan

    Wat schreven de internationale media over de situatie in Soedan na de militaire staatsgreep van afgelopen maandag, waarbij de regering van Abdallah Hamdok werd afgezet? En wie is generaal Abdel Fattah Al-Burhan, die de staatsgreep leidde?

    Op maandag arresteerde het leger bijna alle civiele leiders van Soedan, voordat hun leider, generaal Burhan, de ontbinding van alle instellingen van het land aankondigde. De staatsgreep wordt internationaal veroordeeld. De VN-Veiligheidsraad kwam dinsdag achter gesloten deuren bijeen over de kwestie en de regering van de Amerikaanse president Joe Biden heeft opschorting aangekondigd van 700 miljoen dollar aan noodhulp aan het land. Volgens het Gabonese digitale nieuwsmedium 237online was dit geld bedoeld om de democratische transitie van het land te ondersteunen.

    Militaire bronnen die werden geciteerd door de Qatarese zender Al-Jazeera, meldden dat de afgezette premier Abdallah Hamdok, die maandagochtend werd gearresteerd door het leger, dinsdagavond 26 oktober is teruggebracht naar zijn huis in Khartoem, de Soedanese hoofdstad. De premier, wiens vrijlating wordt geëist door de internationale gemeenschap, blijft ‘onder streng toezicht’ staan, aldus een verklaring van het kantoor van de premier, zo schrijft Associated Press. Het Amerikaanse persbureau voegt eraan toe dat ‘verschillende ministers en politieke leiders nog steeds worden vastgehouden op onbekende locaties’.

    De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Antony Blinken heeft dinsdag telefonisch gesproken met Hamdok. ‘De minister van Buitenlandse Zaken verwelkomt de vrijlating van de premier en herhaalt zijn oproep aan de Soedanese strijdkrachten om alle civiele leiders die in hechtenis zijn genomen, vrij te laten en hun veiligheid te garanderen’, zo is te lezen in een verklaring van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken waarover het Britse persbureau Reuters bericht.

    Eerder op dinsdag zei de leider van de staatsgreep, generaal Abdel Fattah Al-Burhan, dat hij Abdallah Hamdok ‘voor zijn eigen veiligheid’ in zijn woning heeft vastgehouden en niet in een gevangenis, aldus Radio Tamazuj, een radiostation uit Zuid-Soedan. Op een persconferentie in Khartoem verklaarde de generaal dat de afgezette premier ‘naar huis zou terugkeren als de crisis voorbij is’. Hij ontkende een staatsgreep te hebben gepleegd en zei dat hij de overgangsregering van Hamdok had afgezet om een burgeroorlog te voorkomen.

    Angst voor een bloedbad

    Dinsdag trokken ‘grote protesten’, die maandag in de nasleep van de staatsgreep begonnen, door Khartoem en andere steden in het hele land, aldus de Soedanese nieuwszender Radio Dabanga. Demonstranten ‘blokkeerden straten’ en ‘staken autobanden in brand’, met name in de hoofdstad, terwijl slogans klonken als ‘teruggaan naar het verleden is geen optie’ en ‘het volk is sterker’. Volgens het radiostation zijn er de komende dagen nog meer demonstraties gepland ‘om een totale machtsoverdracht aan de burgers te eisen’.

    ‘Volgens de laatste schattingen’, vervolgde de radio, vielen er bij het optreden tegen de demonstranten ‘minstens zeven doden’. ‘Beelden die via sociale media werden gedeeld, tonen zwaarbewapende militairen en veiligheidstroepen die in Khartoem patrouilleerden en traangas afvuurden op demonstranten.’

    Volgens Radio Dabanga heerst onder de demonstranten ‘angst’ voor een ‘bloedbad’. Het radiostation refereert aan 2019, toen ‘tijdens de demonstraties tegen de militaire machthebbers na het afzetten van dictator Omar Al-Bashir, honderden demonstranten verdwenen of werden gedood, tijdens wat sindsdien het bloedbad van 3 juni wordt genoemd’.

    Het Afrikaanse nieuwsplatform Koaci schrijft dat de Afrikaanse Unie heeft opgeroepen tot een ‘onmiddellijke hervatting’ van de dialoog tussen burgers en militairen.

    Wie is Abdel Fattah Al-Burhan? 

    Deze generaal ontbond op 25 oktober de regering die de overgang van het land naar democratie leidde en riep de noodtoestand uit. Na wat nu als een staatsgreep wordt beschouwd, werd hij daarmee de facto staatshoofd, met het risico dat het land mogelijk weer onder militair bewind komt.

    ‘Het scenario is maar al te bekend’, schrijft het Britse weekblad The Economist over 25 oktober toen Soedan ontwaakte met de ontdekking dat premier Abdallah Hamdok en andere functionarissen van de overgangsregering waren gearresteerd door het leger.

    Achter deze gebeurtenissen staat luitenant-generaal Abdel Fattah Al-Burhan, tot dan toe voorzitter van de Soevereine Raad, een militair en civiel orgaan dat belast is met toezicht op Abdallah Hamdoks overwegend civiele kabinet. Nadat hij de noodtoestand in het land had uitgeroepen, ontbond hij het orgaan waarover hij de leiding had evenals het kabinet van ministers. ‘Burhan zou aanvankelijk dit jaar zijn positie overdragen aan een burger en verkiezingen organiseren voor 2022. In plaats daarvan pleegde hij een tweede staatsgreep, die het einde zou kunnen betekenen van Soedans derde poging tot democratie sinds de onafhankelijkheid van Groot-Brittannië in 1956’, aldus The Economist.

    ‘Burhan is lange tijd een van Bashirs meest betrouwbare luitenants geweest’

    Middle East Eye belicht de vriendschappen en politieke connecties van de 61-jarige generaal. ‘Burhan is lange tijd een van Bashirs meest betrouwbare luitenants geweest’, schrijft het in Londen gevestigde pan-Arabische nieuwsmedium, hetgeen de band onderstreept tussen de nieuwe leider en Omar Al-Bashir, de Soedanese president die in april 2019 tijdens een militaire staatsgreep werd afgezet, na vier maanden van volksprotesten.

    Geboren in 1960 in een soefi-familie in de buurt van Khartoem, volgde Burhan een opleiding in het Soedanese leger en later in Jordanië en aan de Egyptische Militaire Academie in Caïro, aldus Middle East Eye. Onder de studenten daar bevond zich ook de toekomstige Egyptische president Abdel Fatah Al-Sisi. Dat zou de ‘langdurige vriendschap’ tussen de Soedanese luitenant-generaal en de Egyptische maarschalk verklaren.

    Zijn eerste internationale reis na de staatsgreep van april 2019 die Omar Al-Bashir verdreef, bracht Burhan naar Egypte en ‘van daaruit reisde hij naar de Verenigde Arabische Emiraten en Saoedi-Arabië’.

    Darfur

    Een ander punt waarop Middle East Eye wijst is de ‘bepalende’ rol van Burhan tijdens de conflicten in Darfur. Abdel Fattah Al-Burhan was destijds ‘kolonel van de militaire inlichtingendienst die tussen 2003 en 2005 de aanvallen coördineerde van het leger en milities op burgers in de deelstaat West-Darfur’.

    Koaci schrijft dat Abdel Fattah Al-Burhan, na zijn gewapende machtsovername, de vorming van een regering ‘van competente mensen’ heeft aangekondigd en dat hij zich gebonden acht aan de door zijn land ondertekende internationale overeenkomsten.

    Desondanks lijkt het protest niet af te zwakken, volgens 237online. Aanhangers van de belangrijkste oppositiebeweging, de Forces for Freedom and Change, roepen de bevolking op om de straat op te gaan en zich te verzetten tegen ‘de pogingen van het leger om de macht over te nemen’. Een oproep tot ongehoorzaamheid en een algemene staking had effect, getuige de Soedanezen die zich blijven verzamelen om te protesteren in Khartoem en in de nabijgelegen stad Omdurman. Minstens twaalf mensen raakten gewond bij botsingen met veiligheidstroepen, aldus 237online.

  • ‘Wij scheiden ons vuilnis en maken geen spelfouten’. De arrogantie van de elite

    ‘Wij scheiden ons vuilnis en maken geen spelfouten’. De arrogantie van de elite

    Jarenlang keek de progressieve elite stiekem neer op de mensen onder aan de maatschappelijke ladder. Die mensen zijn nu afgehaakt en stemmen overal ter wereld op de populisten. Eigen schuld, dikke bult, zegt Elisabeth Raether.

    Keuze uit het archief

    Vijf jaar geleden, september 2016, publiceerden wij een dossier genaamd: ‘Hé elite, kijk eens in de spiegel!’ In dit artikel daaruit fileert een jonge Duitse journaliste vlijmscherp de kronkels in de gedachten van wat meestal de linkse elite wordt genoemd. Hun stelregel lijkt te zijn: zolang je zelf alles volgens de – door hen zelf bepaalde – regels doet, is het geen probleem om op anderen neer te kijken.

    Na maanden van voorverkiezingsstrijd heeft onze verontwaardiging over Donald Trump iets overbodigs gekregen: hij zegt iets onbeschofts en wij grijpen geschrokken naar onze parelketting, als burgerdames die iemand aan tafel uit een vingerkommetje zien drinken. Maar de verrassing is er nu wel af. En vooral: Trump kwam niet uit het niets. Waarschuwingssignalen genoeg. We hebben lang gedacht dat het voldoende was iemand als hij met scherpzinnige spot en minachting op zijn plaats te zetten.

    Maar of het nu satirische stukjes of afkeurende hoofdartikelen waren, of dat we hem gewoon voor gek zetten om zijn haar: niets hielp. Eigenlijk hebben we steeds gedacht dat alleen dat kapsel al genoeg was om erger te voorkomen. Maar Trump en andere autoritaire leiders kregen steeds meer succes en werden steeds zelfbewuster.

    Het zou aan ons kunnen liggen. Want uit alle aanwijzingen, die we niet alleen over het hoofd hebben gezien maar bewust hebben genegeerd, blijkt dat wij − ook als Europeanen − een onaangename waarheid onder ogen moeten zien: wij leven in een klassenmaatschappij, waar de ene groep leidt en de andere volgt. En als we om Trump en Melania lachen, ontmaskeren we niet hén, maar onszelf.

    Wij hanteren dezelfde werkwijzen als alle elites overal ter wereld: wij definiëren wat goede smaak is en kijken neer op degenen die zich daar niet aan houden

    Wie zijn wij? Wij zijn de leiders. Wij zijn de nieuwe liberale elite. Wij zijn degenen die met tranen in de ogen luisteren naar Michelle Obama’s toespraak op de democratische conventie. Wij zijn het soort mensen dat niet bang is om een moderne en toch elegante outfit te dragen die vermoedelijk is ontworpen door een jonge designer uit New York wiens naam de meeste Amerikanen niet eens kunnen uitspreken. Wij zijn de mensen die überhaupt niet zo snel bang zijn, niet voor de onbegrijpelijke soevereiniteit waarmee de First Lady spreekt, noch voor de mengeling van macht en morele volmaaktheid die ze belichaamt als ze zegt: ‘Ik word iedere dag wakker in een huis dat is gebouwd door slaven.’ Michelle Obama is mooi, rijk, intelligent, elegant en heel, heel machtig. Maar ze is ook zwart, zodat ze zonder een zweempje schaamte mag genieten van al haar voorrechten, de schaamte die lange tijd de prijs is geweest van leven in de bovenlaag van de samenleving.

    Wij hanteren dezelfde werkwijzen als alle elites overal ter wereld: wij definiëren wat goede smaak is, wat hoort en wat niet hoort, en kijken neer op degenen die zich daar niet aan houden. We zoeken het gezelschap van ‘ons soort mensen’. Maar net als een regime dat door revolutie aan de macht is gekomen, staan we boven alle verwijten, want wij, althans de generaties voor ons, hebben voor die plaats moeten vechten.

    We hebben de tolerantie bij wijze van spreken uitgevonden, en we definiëren dus ook wat dat is

     Het resultaat is de onaantastbare macht van het juiste, onze macht dus. En inderdaad, we hebben veel goeds teweeggebracht wat we de wereld nalaten: vrijheid en rechten voor vrouwen, migranten, gehandicapten, homoseksuelen. Maar de klassen hebben we niet afgeschaft. We hebben ons in de top van de klassenmaatschappij genesteld, en hebben nu het gevoel dat alle remmen los zijn.

    Van onderaf zou dat er wel eens heel anders uit kunnen zien.

    Michelle en Melania

    Hillary Clinton heeft dochter Chelsea ‘perfect’ opgevoed, zei Michelle Obama in haar toespraak. Dat zal niet iedere Amerikaanse moeder van haar kinderen durven zeggen; in ieder geval niet de moeders van de dikzakken en de spijbelaars, gedetineerden, tienermoeders en drugsverslaafden. Maar die moeders kunnen de First Lady niet verwijten dat ze arrogant is, tenzij hun voorouders op zijn minst ook slaven waren.

    Na Michelle Obama was er een toespraak van een jonge transvrouw, Sarah McBride. Dankzij zorgvuldige medische ingrepen ziet ze er zo fantastisch uit als iedere vijfentwintigjarige zich zou wensen. McBride was stagiaire in het Witte Huis en werkt nu bij een ngo. Haar verhaal gaat er niet alleen over dat álle mensen gelijk zijn, ze vertelt ook over haar echtgenoot, een transman, die op zijn achtentwintigste aan kanker overleed en zich tot zijn dood heeft ingezet voor LBGTQA-mensen in de VS.

    Er zijn niet veel vijfentwintigjarigen die op de conventie mogen spreken, en nog minder die zo hoogstaand en onzelfzuchtig overkomen. Maar hoe zit het met die anderen? Die niet zwart of hoogbegaafd, niet stijlvol of transgender, geen stralende jonge weduwe en wellicht niet eens vrouw zijn? Wat is hun heldenverhaal?

    Op de conventie van de Republikeinen, kort daarvoor, stond Melania Trump op het podium. Ook zij is aan haar gezicht geopereerd, maar om andere redenen. Smalle ogen, volle lippen, geföhnd haar. Ze leest van de autocue, waar ze zich kennelijk erg voor moet concentreren. Ze heeft een zwaar Balkanaccent en een monotone stem. Haar gelaatsuitdrukking past niet bij wat ze zegt: ze praat over liefde, het gezin en kindness, maar ze kijkt als een roofdier, cool, sexy, alsof ze bezig is iemand te verleiden, alsof ze alleen maar zo kan kijken.

    Veel van wat bij een toespraak mis kan gaan, gaat ook mis. Dat is al duidelijk vóórdat iemand ontdekt dat hele passages ervan zijn overgeschreven uit een toespraak van Michelle Obama in 2008. Een paar dagen later onthult een tijdschrift in New York dat het designdiploma dat Melania Trump zou hebben in het postcommunistische Slovenië van de jaren tachtig helemaal niet bestond. Vanaf dat moment kent het leedvermaak geen grenzen meer. Als ze dan al een universitair diploma verzint, waarom dan niet een bestaand? Melania, een vrouw net zo nep als haar borsten.

    Maar hoe zit het met de fakeborsten van de jonge transvrouw? Waarom zijn sommige borsten progressief en andere reactionair? Als iemand zijn biologische geslacht niet wil accepteren, mag hij zich laten opereren tot zelfs zijn moeder hem niet meer herkent. En als iemand er mooier of jonger uit wil zien dan hij is, dan zou dat niet mogen? Hoe moet je dat uitleggen aan iemand buiten de liberale kliek?

    Je kunt ook anders naar het optreden van Melania Trump kijken. Een verkiezingsteam had het niet beter in scène kunnen zetten: de hoon waar Trumps vrouw tegenaan loopt, is dezelfde die bij zijn kiezers tomeloze woede-uitbarstingen veroorzaakt. Zij worden opnieuw bevestigd in hun wrok. Zwarte mannen en vrouwen in de VS zijn slachtoffer van politiegeweld, arm, en moeten zich tegen ontelbare vooroordelen verdedigen. Maar er is nog een groep die buitengesloten wordt. Want ook over mensen die de vooruitgang niet zo snel kunnen bijbenen, mogen we − ook in tijden van sekseneutrale taal − allerlei denigrerende dingen zeggen; de mensen die onzeker zijn, geen talenten hebben, bang zijn: de witte mannen. Hun verlangens, hun behoeften, hun angsten, hun levensverhalen: één grote grap. Je kunt ze white trash noemen, of arbeiders, werklozen, ongeschoolden. Hoe dan ook, populair zijn ze niet, wereldwijs evenmin en zelfspot kennen ze niet. Zij zijn degenen die gekwetst zijn.

    Het kan op het eerste gezicht misplaatst lijken dat juist degenen die zijn afgehaakt zich identificeren met het echtpaar Trump, dat tenslotte fabelachtig rijk is. Melania Trump post selfies vanuit haar gouden woonkamer en heeft een assistente die boodschappen voor haar doet. De tegenstrijdigheid dat uitgerekend miljardairs de uitgeslotenen weten te bereiken, verdwijnt snel: want ze zijn niet alleen economisch uitgesloten, maar vooral cultureel.

    Lees ook:

    De leidster van het Front National, Marine Le Pen, had een bevoorrechte jeugd in een rijke voorstad van Parijs, maar mensen die zich aan de kant gezet voelen, zijn dol op haar. Terwijl de welgestelden een lompe vrouw met prefascistische opvattingen zien, koesteren de gepijnigde zielen zich in haar warmte. Want zij voelen hoe de liberale elite op hen neerkijkt. Le Pen heeft jarenlang haar uiterste best gedaan om toegelaten te worden in de Parijse televisiestudio’s waar haar vader een ongewenste gast was. Nu vecht ze voor het presidentschap met een hartstocht alsof het niet om politiek, maar om het vereffenen van een rekening gaat.

    Dat is het heldenverhaal van de veronachtzaamden: jullie zogenaamd tolerante veelverdieners hebben ons jarenlang genegeerd. We mochten optreden in realityshows op tv, zodat jullie je, met je eeuwige ironie, konden amuseren. Maar nu is het ernst. Nu willen we de macht, en die zullen we krijgen ook. Jullie vonden het toch altijd zo erg dat we niet gingen stemmen? Nou, dat is precies wat we gaan doen.

    Maar wat is dan wel verstandig? Wij, de klasse van wereldburgers, gaan ervan uit dat we altijd weloverwogen meningen verkondigen

    ‘When they go low, we go high,’ zei Michelle Obama in haar toespraak op de conventie in de richting van de aanhangers van Trump, wat in het Nederlands zoiets betekent als: we laten ons door dat verschrikkelijke gedrag van jullie niet van de wijs brengen. Maar je kan haar uitspraak ook omdraaien: als jullie in hoger sferen verkeren, halen wij de boel nog eens naar beneden.

    Met gekwetstheid en angst heb je nog geen politiek manifest. Het is niet eens verstandig om je door zulke gevoelens te laten leiden, lezen we overal, of het nu gaat om de Brexitkiezers die tegen hun eigen belang gestemd hebben of om de fans van Trump, die nergens van schrikken, wat hun kandidaat ook beweert – of hij nu gelooft dat hij zijn NAVO-partners in de steek kan laten of dat Parijs in Duitsland ligt. Ook de AfD (Alternative für Deutschland) komt met absolute nonsens nog het verst. Sarah Palin ging acht jaar geleden de geschiedenis in als een rariteit. De toenmalig gouverneur van Alaska antwoordde op de vraag naar haar vicepresidentiële kwalificaties op het terrein van buitenlandse zaken met de legendarische zin: ’Van hieruit kun je Rusland zien.’ Desondanks was ze zo populair dat haar brilmontuur voortdurend was uitverkocht – er waren maar weinig politici met wie mensen zich zo sterk identificeerden. Palin was de voorloper van het fenomeen Trump: Ik ben een beetje onnozel, en dat is oké. Ze had buitengewoon veel succes, juist omdat ze de belichaming was van argeloosheid en gebrek aan gezond verstand.

    Het is makkelijk om vóór de EU te zijn als je al in alle (interessante) Europese hoofdsteden bent geweest en overal een leuk restaurantje weet

    Maar wat is dan wel verstandig? Wij, de klasse van wereldburgers, gaan ervan uit dat we altijd weloverwogen meningen verkondigen. Hoewel, bijvoorbeeld: niet alle tegenstanders van genetische modificatie kunnen je vertellen waarom ze daar zo tegen zijn, want het is ook gewoon een gevoel. Je wilt nou eenmaal graag dat wat je eet op een of andere manier waarde heeft en puur is.

    Ook kunnen niet alle pleitbezorgers van de EU uitleggen wat daar nou zo goed aan is, want het gaat uiteraard ook om onze identiteit, een vaag gevoel dat zich zo moeilijk laat beschrijven. Het is in ieder geval makkelijker om vóór de EU te zijn als je al in alle (interessante) Europese hoofdsteden bent geweest en overal een leuk restaurantje weet waar van die uitstekende, maar ongelooflijk goedkope wijnen op de kaart staan.

    Lees ook:

    Wereldwijde woede, vooral onder jongeren

    Iedereen heeft altijd meer begrip voor zijn eigen domheid dan voor die van de ander. Maar wie bepaalt wat dom is? Wie beslist wat de juiste problemen zijn en wat de verkeerde? Afgezien daarvan: Wat kan er nou dom aan zijn om iemand in het Witte Huis of het Elysée te kiezen waarmee je je kunt identificeren?

    Superioriteit

    ‘When they go low, we go high,’ zei Michelle Obama in haar toespraak op de conventie in de richting van de aanhangers van Trump, wat in het Nederlands zoiets betekent als: we laten ons door dat verschrikkelijke gedrag van jullie niet van de wijs brengen. Maar je kan haar uitspraak ook omdraaien: als jullie in hoger sferen verkeren, halen wij de boel nog eens naar beneden.

    Met gekwetstheid en angst heb je nog geen politiek manifest. Het is niet eens verstandig om je door zulke gevoelens te laten leiden, lezen we overal, of het nu gaat om de Brexitkiezers die tegen hun eigen belang gestemd hebben of om de fans van Trump, die nergens van schrikken, wat hun kandidaat ook beweert – of hij nu gelooft dat hij zijn NAVO-partners in de steek kan laten of dat Parijs in Duitsland ligt. Ook de AfD (Alternative für Deutschland) komt met absolute nonsens nog het verst. Sarah Palin ging acht jaar geleden de geschiedenis in als een rariteit. De toenmalig gouverneur van Alaska antwoordde op de vraag naar haar vicepresidentiële kwalificaties op het terrein van buitenlandse zaken met de legendarische zin: ’Van hieruit kun je Rusland zien.’ Desondanks was ze zo populair dat haar brilmontuur voortdurend was uitverkocht – er waren maar weinig politici met wie mensen zich zo sterk identificeerden. Palin was de voorloper van het fenomeen Trump: Ik ben een beetje onnozel, en dat is oké. Ze had buitengewoon veel succes, juist omdat ze de belichaming was van argeloosheid en gebrek aan gezond verstand.

    Het is makkelijk om vóór de EU te zijn als je al in alle (interessante) Europese hoofdsteden bent geweest en overal een leuk restaurantje weet

    Op het moment dat ze zo woedend werden, waren de uitgeslotenen allang van het politieke toneel verdwenen. De Franse socioloog Didier Eribon zegt dat de communistische arbeidersklasse vroeger ook al homofoob en racistisch was, maar dat ze nu vooral op het Front National stemmen omdat de socialistische regeringspartij niets meer met hen te maken wil hebben. De PS onder François Hollande wil het ‘nieuwe links’ zijn, vertegenwoordigd door vlerken als premier Manuel Valls en minister van economische zaken Emmanuel Macron, die geen idee hebben van de strijd die de afhakers tegen ‘die daar boven’ voeren. Onverholen hautain zei Valls laatst over degenen die tegen een geliberaliseerde arbeidsmarkt demonstreerden: Dat is het oude links. De Franse socialisten, de Duitse SPD, de Democraten in de VS, allemaal hebben ze hun groezelige komaf achter zich gelaten en zich geconcentreerd op de veel deftiger culturele vraagstukken.

    Dat de achterblijvers pas door autoritaire leiders en racisten weer een stem hebben gekregen, is een drama. Want natuurlijk hebben ook arbeiders en werklozen transgenderkinderen en homoseksuele zonen en dochters voor wie ze het allerbeste willen, en natuurlijk zullen vooral degenen die geïsoleerd zijn geraakt het meest te lijden hebben van de gevolgen van klimaatveranderingen. Maar wij hebben onze internationale attitude tot ons handelsmerk gemaakt. We hebben geen enkele mogelijkheid voorbij laten gaan om onze superioriteit te demonstreren: wij zijn zo veel intelligenter, humoristischer en hebben zo’n heldere kijk op de zaken. Wij scheiden ons vuilnis en maken geen spelfouten. Het mag dan slechts een ondertoon zijn, die onze arrogantie verraadt, we moeten er wel naar gaan luisteren. Bij de afhakers is de boodschap namelijk al lang aangekomen, en voor de autoritaire leiders was het vervolgens gemakkelijk om het nadenken over vrijheid en het verantwoordelijkheidsgevoel af te serveren als een luxe die maar weinigen zich kunnen permitteren. Zij beweren dat tolerantie de ideologie van de macht is. Dat mag onjuist en manipulatief zijn, het laat wel zien wat onze grootste zwakte is.

  • Hoe Telegram een (duister) universum op zich werd

    Hoe Telegram een (duister) universum op zich werd

    Telegram is een van de populairste chatapps ter wereld. Het platform is nauwelijks gereguleerd en is daarom populair bij zowel criminelen als extremistische organisaties, waaronder IS. De oprichter is een geniale Russische miljardair die inmiddels naar Dubai is gevlucht. Wat drijft hem?

    Pavel Doerov (36) zit op het dak van een hotel, lotuszit, ontbloot bovenlichaam, zijn blik op de verte gericht, met op de achtergrond vaag de skyline van Dubai. Zijn foto op Instagram ziet er precies zo uit als de duizenden selfies van andere influencers en is een van de weinige tekenen van leven van een van de rijkste en invloedrijkste internetondernemers ter wereld. Hij wordt ook wel ‘de Zuckerberg van Rusland’ genoemd, omdat hij in 2006 het sociale netwerk VKontakte oprichtte, een Russische kloon van Facebook. Nog veel indrukwekkender is zijn laatste investering: Telegram, misschien wel de gevaarlijkste berichtendienst ter wereld.

    Over de Russische miljardair, die als de rijkste man van zijn tweede vaderland Dubai wordt gezien, is bijna niets bekend. En wat hij in het openbaar over zichzelf vertelt, klinkt nogal raadselachtig. ‘De buitenwereld is een weerspiegeling van de binnenwereld’, schreef hij onder zijn portret op Instagram.

    Doerovs app is een supermacht, hij staat inmiddels op 570 miljoen smartphones. Sinds het begin van de corona-epidemie is hij populairder dan ooit, de messengerdienst is een van de weinige communicatieplatforms die de producten van Silicon Valley kan bijbenen. Miljoenen gebruikers zijn dit jaar van WhatsApp overgestapt op Telegram, ook in Europa.

    Maar Telegram is niet alleen een soort WhatsApp met andere wortels. Het wil uitdrukkelijk een platform zijn dat zich onttrekt aan het toezicht van staten en autoriteiten, en waarop iedereen kan schrijven en beweren wat hij wil. Dat trekt dwarsdenkers, rechts-extremisten, drugshandelaars en oplichters aan. Zonder lang zoeken vind je er een ‘dodenlijst’ met de namen van Duitse parlementsleden. Vervalsers verkopen via de app vaccinatiebewijzen, dealers bieden alle soorten drugs aan. Op Telegram worden openlijk strafbare feiten gepland en begaan. De app is een darknet voor in je broekzak geworden.

    ‘Tot op de dag van vandaag hebben wij 0 kB gebruikersgegevens aan derden ter beschikking gesteld, met inbegrip van alle regeringen’

    Elk internetplatform staat voor de vraag waar het de lijn trekt tussen de vrijheid van meningsuiting en verboden content. Twitter besloot Donald Trump na de Amerikaanse presidentsverkiezingen voorgoed te blokkeren; Facebook trad steviger op tegen volksopruiing. Op het Telegram van Pavel Doerov wordt content slechts sporadisch verwijderd.

    De autoriteiten moeten machteloos toezien, ook al omdat Doerov hun geen gegevens over gebruikers ter beschikking stelt. Hij heeft een haast ondoordringbaar vlechtwerk van bedrijven rond zijn onderneming gesponnen. Hier is de oude, maar zelden kloppende formule van toepassing dat internet een terrein is waar geen enkel recht geldt. Doerovs ondernemingen zijn geregistreerd op de Maagdeneilanden en in Belize. ‘Ik ben geen groot fan van het concept “land”,’ zei hij in 2014 tegen The New York Times. Andere internetdiensten werken bij een gerechtelijk verzoek samen met de autoriteiten. Bij Telegram wist het Duitse Openbaar Ministerie lange tijd niet eens op welk adres ze het bedrijf konden bereiken.

    Inmiddels bestaat er een adres in Dubai, maar opsporingsambtenaren hebben Der Spiegel laten weten dat het geen enkele zin heeft daar een verzoek naartoe te sturen. Elke keer als ze in verband met strafbare feiten willen weten wie er achter een account zit, krijgen ze van Telegram domweg geen antwoord. ‘Tot op de dag van vandaag hebben wij 0 kB gebruikersgegevens aan derden ter beschikking gesteld, met inbegrip van alle regeringen’, schrijft de onderneming daarover op haar website.

    Juridisch is Telegram tot nu toe vrijwel ongrijpbaar. Ook al probeert de politiek al jaren overal ter wereld internetconcerns te reguleren, messenger-apps worden door die wetten nauwelijks geraakt. De wet die internetbedrijven als Facebook, YouTube en Twitter in Duitsland verplicht strafbare content aan de federale recherche te melden, gold tot nu toe niet voor Telegram. 

    Dat moet veranderen. Volgens informatie van Der Spiegel eist het Duitse ministerie van Justitie van Telegram dat het zich aan de wet houdt. Zo moet het platform bereikbaar zijn voor de autoriteiten, strafbare content onmiddellijk verwijderen en gebruikersgegevens actief aan de opsporingsdiensten ter beschikking stellen. Het Bundesamt für Justiz, een onderdeel van het ministerie van Justitie, eist in twee procedures ook geldboetes van Telegram, omdat de onderneming geen aanspreekpunt voor de autoriteiten bekendgemaakt heeft en geen bezwarenprocedure voor strafbare content aanbiedt, wat in Duitsland wettelijk verplicht is. Het bedrijf kan een boete tot 55 miljoen euro krijgen. Het Bundesamt in Bonn heeft daartoe twee brieven voor hoorzittingen naar Dubai verzonden. Op 20 mei zijn ze als vertrouwelijke diplomatieke nota’s door de Duitse ambassade overhandigd aan het ministerie van Buitenlandse Zaken van de Emiraten.

    ‘In wezen beschouwt Doerov zichzelf als de ingenieur van zijn eigen universum’

    Op Pavel Doerov zal het weinig indruk maken. Een aanwijzing voor hoe hij op verzoeken van landen reageert, vinden we in een procedure uit 2011. In Rusland vonden destijds de grootste anti-Kremlin-demonstraties plaats sinds het einde van de Sovjet-Unie. Ook in Doerovs geboortestad Sint-Petersburg demonstreerden tienduizend mensen tegen verkiezingsfraude en Poetins terugkeer als president. In die tijd was Doerov nog de baas van het sociale netwerk VKontakte, zijn Russische kopie van Facebook met meer dan 100 miljoen gebruikers. Dat de oppositie via dat netwerk opriep om te demonstreren, viel slecht bij de Russische regering. De binnenlandse geheime dienst FSB eiste van Doerov dat hij de accounts van die groepen verwijderde. In plaats van dat bevel op te volgen, publiceerde hij de brief van de geheime dienst op Twitter met daarnaast een foto van een hond in een hoodie die zijn tong uitsteekt naar de kijker. Drie dagen later stonden er gewapende mannen van de Omon, de speciale eenheid van de Russische politie, voor de deur van zijn luxeappartement. ‘Ze wekten de indruk dat ze de deur wilden forceren’, herinnerde Doerov zich later in een interview met The New York Times. Via de monitor van zijn intercom observeerde hij de agenten, maar hij deed niet open. Na een uur verdwenen ze weer.

    Deze geschiedenis is het begin van Doerovs gevecht met de Russische staat, de strijd van het moderne digitale Rusland tegen de oude machtselites. Dat is de legende achter de oprichting van Telegram: terwijl de veiligheidspolitie voor zijn deur stond, werd hem duidelijk dat hij geen veilig communicatiekanaal met zijn broer had, zegt hij. Dus moest hij er een creëren. Kort daarna begon het werk aan Telegram, en in augustus 2013 was de app startklaar.

    Maar Doerov was nog niet van de Russische staat af. Eerst werd er een onderzoek tegen hem ingesteld, zogenaamd vanwege een incident bij een verkeerscontrole. Daarna kocht een Kremlin-getrouwe ondernemer zich in VKontakte in. Doerov weigerde data over Oekraïense gebruikers die tegen de toenmalige Oekraïense president Viktor Janoekovitsj protesteerden te overhandigen aan de geheime dienst FSB. Hij werd door zijn eigen bedrijf op straat gezet en verliet een paar dagen later zijn vaderland. Met een paspoort van het Caribische staatje Saint Kitts en Nevis, dat hij voor 250.000 dollar had gekocht, trok hij als een nomade over de wereld. Op internet postte hij foto’s van de plaatsen waar hij verbleef, van een Telegram-feestje in Barcelona tot een werkconferentie in een Italiaans kasteel. Hij was regelmatig in Duitsland, waar hij toespraken hield op techconferenties in München en Berlijn. 

    Jaren later vestigde hij zich in Dubai. Ondernemers als hij zijn daar vrijgesteld van belasting, wat hij al in de oprichtingsfase van Telegram belangrijk vond. Aan de andere kant wordt de metropool gecontroleerd met alle instrumenten van de moderne controlestaat. Ngo’s bekritiseren de mensenrechtensituatie. Desondanks voelt Doerov zich er veilig, hij maakt kennis met de kroonprins van Dubai en laat zich samen met hem filmen op het dak van een torenflat. 

    Maar op het officiële kantoor van de firma is hij niet te vinden. Een autoritje van het hotel waar hij zichzelf in lotuszit heeft gekiekt naar de Al Kazim Towers duurt maar een paar minuten. De twee torens van 53 verdiepingen hoog staan in de buurt van de populaire Marina-boulevard, waar volop wordt geflaneerd. Telegram is gevestigd op de 23ste etage van toren A. De met marmer beklede verdieping telt zes deuren, achter de bruine deur met nummer 2301 bevindt zich het kantoor van Telegram. Naambordje noch bel vermelden de naam van de huurder, en ook na herhaald kloppen komt er geen reactie en blijft de deur dicht. De receptioniste beneden zegt dat ze in de drie jaar dat ze hier werkt nog nooit iemand het kantoor heeft zien binnengaan. ‘Het is heel vreemd, we hebben niet eens een contactpersoon van ze. Niets.’ Gelukkig staat Telegram wel in het systeem. Ook veel andere aspecten blijven een raadsel, zelfs het aantal medewerkers was lang onduidelijk. In het kernteam van Telegram werken vijfentwintig tot dertig mensen, zei Doerov in 2020 in een videoboodschap voor een Amerikaanse rechtbank. Voormalige medewerkers die nog contact hebben met het team bevestigen dat. Slechts weinig namen zijn openbaar, zogenaamd uit veiligheidsoverwegingen. 

    Eén belangrijk iemand is bekend: Pavels oudere broer Nikolaj Doerov, die verantwoordelijk is voor de techniek. Een wonderkind dat op zijn derde al kon lezen. Hij promoveerde twee keer in de wiskunde, waarvan één keer in Bonn. Zijn Duitse hoogleraar heeft de Fieldsmedaille gewonnen, een soort Nobelprijs voor wiskunde. Net als Pavel is Nikolaj al sinds zijn jeugd geïnteresseerd in programmeren. De broers groeiden grotendeels op in Sint-Petersburg, waar hun vader hoogleraar was en hun moeder docent.

    Sekte

    Andrej Lopatin, een voormalig medewerker, kent Nikolaj al van school. Samen wonnen ze programmeerwedstrijden op de universiteit en werkten ze eerst bij VKontakte en later bij Telegram. Lopatin herinnert zich hoe hij samen met Nikolaj in de datsja van de familie Doerov zat, waar ze de technische basis legden voor de berichtendienst. Veilig en snel moest de app worden.

    Lopatin, die later bij het bedrijf zou weggaan, is een van de weinige oud-medewerkers die bereid is openlijk opheldering te geven. Als het over de Doerovs gaat, kiest hij zijn woorden zorgvuldig. De relatie tussen de broers is altijd heel hecht geweest, alle strategische beslissingen werden door Pavel genomen. Vanbuiten zag Telegram eruit als een jongensclub, Doerov had het niet zo op vrouwen als programmeur. 

    Ex-medewerker Anton Rosenberg beschrijft het Telegram-team als een ‘sekte’. Rosenberg zorgde in 2017 voor opschudding door zich te beklagen over zijn ontslag als leidinggevend programmeur. Pavel Doerov kent de meeste medewerkers van Telegram al jaren, zegt Rosenberg in een videogesprek. Het is een samenzweerderige, gesloten gemeenschap waar Doerov het voor het zeggen heeft. 

    In gesprekken met voormalige medewerkers ontstaat het beeld van een directeur die niet wordt gedreven door geld, maar door invloed en wereldwijde erkenning. Doerov wil dat de app een platform is waarmee zo veel mogelijk mensen kunnen communiceren en vrijelijk informatie kunnen uitwisselen. En waar niemand zich mee kan bemoeien, zelfs regeringen niet. Dit beeld wordt gedeeld door verschillende mensen die Doerov hebben gekend.

    ‘In wezen beschouwt Doerov zichzelf als de ingenieur van zijn eigen universum,’ zegt Nikolaj Kononov, auteur van een boek over Doerov. Dat past bij Doerovs fascinatie voor de film The Matrix en de hoofdpersoon daaruit, de hacker Neo. Zijn enthousiasme gaat zo ver dat hij zich op een gegeven moment, net als Neo, geheel in het zwart ging kleden. Toen Doerov in 2001 eindexamen deed, antwoordde hij op de vraag hoe hij zichzelf over tien jaar zag: ‘Ik word een interneticoon.’ 

    Interviews geeft hij inmiddels niet meer. E-mails en berichten van Der Spiegel laten Doerov en de leden van zijn team onbeantwoord, net als een uitvoerige vragenlijst. Naar de buitenwereld communiceert hij uitsluitend via zijn Telegram-kanaal of met sporadische posts op Instagram. De broers hebben een wereldsucces gecreëerd, met Pavel als strateeg en Nikolaj als geniale programmeur op de achtergrond, en ze vormen een goed team. Telegram biedt gebruikersfuncties, zoals vrolijke stickers, vaak eerder en beter aan dan de concurrentie. Lang voor WhatsApp had Telegram al een buitengewoon veilige end-to-endversleuteling, waardoor het een tijdlang de favoriete chatapp van Islamitische Staat zou zijn geweest.

    Er circuleren zogenaamde dodenlijsten met de namen en soms ook adressen van politici

    Voor de groei van de afgelopen jaren zijn vooral de groepen en de kanalen erg belangrijk geweest. In de besloten of openbare groepen kunnen maximaal tweehonderdduizend mensen met elkaar chatten. Via de kanalen kunnen beheerders hun berichten aan een onbeperkt aantal leden sturen. Op WhatsApp hebben groepen maximaal 256 leden, wat past bij de strategie van deze Facebookdochter om geen openbare ruimte te willen zijn.

    Deze eigenschappen zorgen ervoor dat Telegram veel meer is dan een messengerdienst voor privécommunicatie. De QuerdenkenBewegung bijvoorbeeld [de Duitse beweging van coronaontkenners en antivaxers] coördineerde haar protestacties in talrijke steden meteen via meerdere Telegram-groepen. Haar oprichter Michael Ballweg noemde de app ‘een van de belangrijke succesfactoren’ van zijn beweging.

    In Duitsland is op Telegram een heel netwerk ontstaan, waar berichten van coronaontkenners, complotdenkers, neonazi’s en extreemrechtse terroristen door elkaar staan. Dat blijkt uit een evaluatie van de online-monitoringorganisatie Cemas, waarover Der Spiegel beschikt. Volgens deze evaluatie was op het Telegram-kanaal van Attila Hildmann [een auteur van veganistische kookboeken die nu vooral actief is als complotdenker] te zien hoe kritiek op de coronamaatregelen via complotverhalen radicaliseerde tot extreemrechtse berichtgeving. Meer dan duizend keer deelde Hildmann content van een kanaal dat overliep van ‘antisemitisme, vernietigingsfantasieën en het verheerlijken van geweld en het nationaalsocialisme’, schrijven de data-analisten. Op het laatst voerde hij op Telegram een hetze tegen de cabaretière Carolin Kebekus, nadat die een satirisch coronalied had uitgebracht met SPD-gezondheidsdeskundige Karl Lauterbach. Een van de leden gaf als commentaar dat Kebekus ‘onder Hitler in een werkkamp terecht zou zijn gekomen’. Drie uur later maakte Hildmann reclame voor kruisbogen. ‘Je hebt het recht je te verdedigen,’ schreef hij en voegde er ook nog een kortingscode voor een webshop aan toe.

    De dinsdagmiddag erna was het kanaal van Hildmann niet meer bereikbaar voor mobiele telefoons die gebruikmaken van een besturingssysteem van Apple of Google.

    Dat zo’n extreemrechts kanaal door Telegram wordt geblokkeerd, is een ‘absolute uitzondering’, zegt Fleming Ipsen van Jugendschutz.net. ‘Dit is voor het eerst dat we een actief en systematisch optreden van Telegram tegen strafbare content konden waarnemen.’

    De deskundigen van Cemas delen dat oordeel. ‘Omdat de beheerders praktisch nooit ingrijpen, is Telegram verworden tot de centrale plek voor complottheorieën en extreemrechtse content op internet,’ zegt Miro Dittrich, die samen met politicoloog Josef Holnburger de data-analyse maakte. Er circuleren zogenaamde dodenlijsten met de namen en soms ook adressen van politici. Na de stemming in de Bondsdag over de coronanoodrem in april duurde het slechts tweeënhalf uur voordat er een ‘dodenlijst’ opdook met de namen van alle afgevaardigden die voor de wet hadden gestemd. ‘Potentiële daders kunnen zich door zulke lijsten gesteund voelen, omdat ze geloven dat de meerderheid achter hen staat,’ zegt Dittrich. Telegram haalt de lijsten niet weg. Ook het kanaal van [r&b-zanger] Xavier Naidoo laat zien hoe vaak er geweld wordt gepredikt. Volgens de analyse heeft deze musicus sinds het begin van de pandemie meer dan honderdvijftig keer content van buitengewoon extremistische kanalen gedeeld. ‘Hun koppen eraf’, wordt gezegd in een door Naidoo gedeelde bijdrage over het Vaticaan, de Verenigde Naties en ‘Joodse vrijmetselaars’.

    Hoe op Telegram terroristen helden kunnen worden, is met name in de Verenigde Staten te zien. Daar wordt op verschillende kanalen de loftrompet gestoken over een 28-jarige inwoner van Texas die onlangs is gearresteerd. Via zijn mobieltje had hij een dreigement verstuurd dat rechercheurs als een urgent gevaar beschouwden. Ze waren ervan overtuigd dat de afzender een massamoord in een Walmart-supermarkt aan het beramen was. In zijn woning troffen ze wapens, munitie en vlaggen met nazisymbolen aan. Coleman B. had zijn Telegram-naam op het laatst zo veranderd dat die leek op de naam van de extreemrechtse massamoordenaar van Christchurch. ‘We hebben het “ondenkbare” nog net kunnen voorkomen,’ zei de verantwoordelijke sheriff. Maar op Telegram betuigden gebruikers hun solidariteit met de verdachte. Dat gebeurde vooral door de groep Injekt Division, die de verdachte kennelijk zelf had opgericht en waarvan hij ‘president’ was. ‘Ik bereid jullie voor op het terrorisme,’ postte hij aan hen. 

    ‘Terrorgram’

    Groepen en incidenten als deze hebben Doerovs app de bijnaam ‘Terrorgram’ bezorgd. Op meerdere kanalen wordt uitgelegd hoe je springstof kunt maken, wapens kunt fabriceren of dodelijk vergif kunt mengen. Een groep die ook een Duitse cel heeft, wordt in de Verenigde Staten in verband gebracht met vijf moorden. Leden van de extreemrechtse terreurgroepen Revolution Chemnitz en Oldschool Society wisselden in een Telegram-groep van gedachten. Anis Amri, die een aanslag pleegde op een kerstmarkt in Berlijn, waarbij twaalf doden vielen, chatte voor zijn daad via de app met IS-terroristen in Libië. 

    Op Telegram is nagenoeg elke denkbare misdaad te vinden die je via internet kunt begaan. Er zijn wapenhandelaars, aanbieders van vals geld en mensen die gehackte data beschikbaar stellen. De ledenaantallen van groepen die communiceren over het manipuleren van de financiële markten lopen soms in de honderdduizenden. Vanwege de talloze drugsgroepen heeft de politie van Berlijn inmiddels een speciale Messenger-eenheid ingesteld en al ruim honderd dealerbendes met soms wel twintigduizend leden geïdentificeerd, alleen al in Berlijn. Anders dan op het darknet, waar kopers de speciale adressen op de zwarte markt moeten kennen, is het verboden aanbod op Telegram vaak moeiteloos te vinden. 

    Officieel zegt Telegram dat illegale content niet is toegestaan, maar daar wordt niet op gehandhaafd, zoals een onderzoek van Jugendschutz.net afgelopen jaar aantoonde. Het ministerie van Binnenlandse Zaken heeft de dienst allang als probleemgeval geclassificeerd. ‘De wet, of het nu de Duitse of de Europese is, lijkt voor deze figuren geen enkele rol te spelen,’ zegt een hooggeplaatste ambtenaar. Als het bedrijf niet meewerkt, is het in extreme gevallen denkbaar dat het platform in Duitsland wordt geblokkeerd. De Duitse minister van Justitie Christine Lambrecht zegt: ‘Geen enkel platform dat in de EU door miljoenen mensen wordt gebruikt, mag zich aan onze rechtsorde onttrekken.’ Ze maakt zich sterk voor een regulering van dergelijke berichtendiensten op EU-niveau.

    Vanuit het oogpunt van de Duitse autoriteiten zou het platform juist in de periode voor de Bondsdagverkiezingen een bron van nepnieuws kunnen zijn, dat ook nog eens massaal wordt verspreid. In repressieve landen is Telegram daarentegen vaak een van de belangrijkste wapens van de prodemocratische beweging, bijvoorbeeld in Hongkong, Iran en Wit-Rusland. Toen in augustus 2020 tienduizenden mensen in Minsk uit protest tegen de verkiezingsfraude de straat op gingen, werd het Telegram-kanaal Nexta het belangrijkste instrument van de beweging. Dictator Aleksandr Loekasjenko liet websites en services dagenlang blokkeren, maar Pavel Doerov zorgde ervoor dat Telegram online bleef. Achter Nexta zat destijds onder anderen de blogger Roman Protasevitsj, de man wiens Ryanair-vlucht onlangs boven Wit-Rusland tot landen werd gedwongen.

    Het gespleten beeld van Telegram werpt de vraag op waar Pavel Doerov nu politiek gezien zelf staat. In het verleden had hij vooral een libertair gezicht: ‘De wereld verandert zo snel dat wetgevers daar niet op kunnen reageren’, schreef hij. In de eenentwintigste eeuw was het volgens hem daarom maar beter om in het geheel niet te reguleren. Dat past in zijn praktijk om illegale en extremistische content vergaand te accepteren en zich openlijk te verzetten tegen alle pogingen tot censuur. Zijn vroegere medewerker Anton Rosenberg gelooft dat er vooral financiële overwegingen achter zitten: ‘De strijd voor de vrijheid verkoopt goed en brengt nieuwe gebruikers binnen.’ In feite heeft Doerov altijd geprobeerd zich buiten de politiek te houden, zeggen andere mensen die hem kennen. ‘Neutraal’ blijven, noemt Ilja Perekopskij dat, zijn jarenlange collega en huidige plaatsvervanger bij Telegram. Ook toen de Russische oppositie Doerov in 2011 als haar held zag omdat hij zich publiekelijk tegen de FSB had gekeerd, zou hij dat vooral uit zakelijk oogpunt hebben gedaan: om geen gebruikers aan de concurrentie te verliezen.

    Hij liet biljetten van 5000 roebel uit de ramen van zijn kantoor op de zesde verdieping neerdwarrelen

    Hoe het met de financiën van Telegram is gesteld, blijft Doerovs geheim. Duidelijk is dat hij voor de app enorme kosten heeft gemaakt: tot 2017 had hij, volledig uit zijn privévermogen, 218 miljoen dollar geïnvesteerd, verklaarde hij in zijn videoboodschap. De verkoop van de resterende aandelen in VKontakte heeft hem volgens schattingen tussen de 300 en 400 miljoen dollar opgeleverd. Op zijn achtentwintigste beschikte Doerov naar eigen zeggen al over ‘honderden miljoenen’. ‘Ook al heeft me dat niet gelukkig gemaakt’, merkte hij in een van zijn blogs op. In zijn tijd bij VKontakte smeet hij nog letterlijk met geld. Samen met Perekopskij liet hij biljetten van 5000 roebel, destijds omgerekend 124 dollar, neerdwarrelen uit de ramen van zijn kantoor op de zesde verdieping van het prachtige Singergebouw, in het centrum van Sint-Petersburg. Oud-medewerker Rosenberg weet het nog goed. Het was de verjaardag van de stad en er waren veel mensen op straat. ‘Eerst gooiden ze de biljetten gewoon uit het raam, maar door de wind bleven die aan de ornamenten van de gevel hangen. Daarom maakten ze er vliegtuigjes van die naar beneden zeilden.’ De actie veroorzaakte veel tumult, en het logo van Telegram herinnert ons er nog altijd aan: een wit, papieren vliegtuigje, dat voor het idee van vrijheid heet te staan.

    Digitale munt

    In 2017 zetten de gebroeders Doerov vaart achter een gewaagd plan dat Telegram inkomsten moest opleveren zonder hun belofte van een gratis en advertentievrije app te breken. De dienst moest een eigen digitale munt krijgen en een blockchainsysteem dat Telegram Open Network heette, afgekort TON. Gebruikers moesten via de app geld aan elkaar kunnen overmaken en betalingen voor aankopen kunnen doen. Daarvoor haalde het team bij investeerders een bedrag van 1,7 miljard dollar op. Tot de belangstellenden behoorden Russische oligarchen, een fonds van Roman Abramovitsj en ook de inmiddels voortvluchtige manager van [het Duitse onlinebetaalsysteem] Wirecard, Jan Marsalek. Die was een uitgesproken fan van Telegram en verstuurde er gepersonaliseerde stickers met zijn eigen konterfeitsel mee. 

    Telegram had nauwe contacten met het door schandalen achtervolgde Duitse bedrijf. In Dubai hielden de twee bedrijven kantoor in dezelfde toren. In april 2019 kondigde Wirecard officieel aan met [ontwikkelaar] TON Labs te gaan samenwerken. In een mail aan zijn medewerkers schreef de toenmalige ceo van Wirecard, Markus Braun, dat het ‘in potentie een van de grootste deals uit onze geschiedenis’ was. Van echte samenwerking of gezamenlijke voorstellen is het nooit gekomen, vertelt een leidinggevende van TON Labs aan Der Spiegel. Hij had de naam Marsalek horen noemen, maar de man zelf had hij nooit ontmoet, er waren contacten op ontwikkelaarsniveau geweest. Alle gezamenlijke plannen met de Duitsers werden in oktober 2019 afgeblazen.

    De mislukte cryptovaluta-onderneming is wellicht het grootste fiasco van de gebroeders Doerov. De Amerikaanse toezichthouder SEC verordonneerde in oktober 2019 een onmiddellijke verkoopstop van de Telegram-valuta, de autoriteiten veroordeelden de verkoop als een illegale beursgang via de achterdeur. Telegram bestempelde dat als ‘onlogisch en volstrekt onnodig’, maar de rechter maakte het besluit niet ongedaan. Telegram moest zelfs een boete van 18,5 miljoen dollar betalen.

    Terwijl het met het zelfgecreëerde digitale geld niet lukte, verwierf Telegram in maart inkomstem met traditionele methoden: het gaf voor meer dan een miljard dollar aan leningen uit. Bovendien deden in Russische media geruchten de ronde over een mogelijke beursgang, met speculaties over een marktwaarde van 30 tot 50 miljard dollar. Ook zou er binnenkort reclame komen, weliswaar alleen in openbare kanalen en niet in privéchats. 

    Mogelijkerwijs zal het kapitaal de koers van de dienst meer bepalen dan alle politieke pogingen tot regulering. Voor adverteerders en investeerders is een beschaafde omgeving een voorwaarde. Ook kan Doerov niet helemaal om Apple en Google heen, want hij heeft hun appstores nodig om relevant te blijven. Wat Telegram anders te wachten staat, is te zien aan de chatapp Parler. Via die app werd de bestorming van het Capitool georganiseerd. In januari hebben Google en Apple Parler uit hun appstores gegooid, en daarmee de app van zijn bereik en betekenis beroofd. Zover zal Pavel Doerov het vast niet laten komen.

  • Wie nu ontslag neemt, begrijpt de arbeidsmarkt

    Wie nu ontslag neemt, begrijpt de arbeidsmarkt

    Sinds alles weer open is, besluiten steeds meer mensen hun baan op te zeggen. Is er een revolutie gaande op de arbeidsmarkt, of is het gewoon een nawee van de lockdown?

    Deze zomer was het helemaal hot om je baan op te zeggen. Meer Amerikanen hebben ontslag genomen dan in enige andere periode sinds begin deze eeuw, aldus het Amerikaanse ministerie van Werkgelegenheid. Van elke honderd werknemers in hotels, restaurants, cafés en de detailhandel namen er zo’n vijf ontslag.

    Laagbetaalden zijn niet de enigen die het voor gezien houden. In april hebben meer dan zevenhonderdduizend mensen in de categorie ‘professionele en zakelijke dienstverlening’ hun baan opgezegd – nooit eerder waren dat er zo veel binnen een maand. In alle sectoren van de arbeidsmarkt zeggen vier op de tien werknemers met de gedachte te spelen hun huidige baan vaarwel te zeggen.

    Binnen de arbeidseconomie staat stoppen voor een optimistische kijk op de toekomst

    Vanwaar die plotselinge golf van vrijwillige ontslagen? Een vrij algemene theorie is dat er momenteel een fundamentele verandering plaatsvindt in de structurele verhouding tussen werknemers en werkgevers, die ingrijpende gevolgen heeft voor de toekomst van de arbeidsmarkt. Op alle sporten van de inkomensladder hebben werknemers nieuwe redenen om tegen hun baas te zeggen dat hij de pot op kan. Het is niet ondenkbaar dat laagbetaalden die hebben geprofiteerd van gunstige regelingen tijdens de pandemie tot de ontdekking zijn gekomen dat ze niet genoeg verdienen nu ze weer aan het werk zijn gegaan. Ze laten niet meer met zich sollen, en restaurants en kledingzaken zien zich gedwongen hogere salarissen te betalen om het personeel te behouden.

    Yolo

    Ondertussen zeggen kantoorpersoneel en ambtenaren dat ze overwerkt zijn, of opgebrand, na het slopende coronajaar en stappen ze met nieuwe eisen naar de baas. Uit een recent onderzoek van Bloomberg-Morning Consult blijkt dat de helft van de werknemers onder de veertig zegt te overwegen op te stappen als ze van hun baas niet een paar dagen thuis mogen werken. En de cijfers laten zien dat dit niet altijd bluf is. 

    De mensen met hogere inkomens – van wie het hoornvlies is uitgedroogd door de ontelbare onlinevergaderingen en de onderrug gesloopt na maandenlang de bank als bureaustoel te hebben gebruikt – baden in het spaargeld dat ze in dit jaar van existentiële crisis niet hebben kunnen uitgeven. Ontslag nemen is voor hen de manier om de kwetsbaarheid van het leven het hoofd te bieden in deze tijden van kosmische angst. Kort gezegd: yolo.

    Wordt ergens mee stoppen vaak geassocieerd met pessimisme, luiheid en een gebrek aan zelfvertrouwen, binnen de arbeidseconomie staat stoppen juist voor het tegenovergestelde: een optimistische kijk op de toekomst, enthousiasme om aan iets nieuws te beginnen, het vertrouwen dat je niet te pletter zult slaan als je de sprong in het diepe waagt, maar dat je een zachte landing zult maken op een plek waar het beter toeven is.

    Veel mensen zien robots en arbeiders als aartsvijanden

    De zomer van het vrijwillige ontslag zou de voorbode kunnen zijn van iets groters: een nieuwe gouden eeuw, niet alleen van de macht van werknemers, maar ook van technologische aanpassingen en groei van productiviteit. Denk aan de laatste keer dat je een restaurant hebt bezocht (een bedrijfstak waar de lonen snel stijgen). Als je ervaring ongeveer gelijk is aan die van mij, had je geen gezellig gesprekje met een serveerster maar moest je een QR-code scannen. Het restaurant zette de gebruikelijke maaltijd op tafel, maar met minder personeel. Als je dat extrapoleert naar de hele economie, kun je met beter betaalde werknemers in combinatie met software de klant efficiënter bedienen. Dit optimistische verhaal zou heel goed bewaarheid kunnen worden: de arbeidsproductiviteit stijgt momenteel harder dan in de afgelopen twintig jaar, en het einde van die ontwikkeling is nog niet in zicht.

    Zoals economieschrijver Noah Smith uitlegt, zien veel mensen robots en arbeiders als aartsvijanden. Maar arbeidskracht en door technologie aangedreven productiviteitsgroei zouden ook hand in hand kunnen gaan. In een productieve cyclus zouden hogere lonen werkgevers ertoe kunnen zetten de duurste taken te automatiseren. Arbeidskracht zorgt voor een groei van de productiviteit, die de economie in het algemeen stimuleert, waardoor mensen meer geld uitgeven, wat weer werkgelegenheid creëert, zodat er voldoende banen zijn. In dit rooskleurige scenario bevinden we ons momenteel in het beginstadium van iets moois: een tijdperk van hogere lonen, een stijgende productiviteit en een steeds hogere levensstandaard voor iedereen.

    Het zou niet de eerste keer zijn dat een ramp uitmondt in vooruitgang

    Als deze keten staat voor een eerlijke en blijvende revolutie op het gebied van de rechten van arbeiders, zou dat niet de eerste keer zijn dat een ramp uitmondt in vooruitgang. Zoals ik vorig jaar al schreef, ‘kan een ingrijpende crisis blootleggen wat er scheef is en zo een nieuwe generatie leiders de kans bieden iets beters te bouwen’ – vaak op onverwachte manieren. De grote brand in Chicago in 1871 was deels de aanzet tot de uitvinding van de moderne wolkenkrabber, de blizzard aan de oostkust in 1888 resulteerde in het eerste Amerikaanse metronetwerk. ‘De coronapandemie eiste zeshonderdduizend levens en leidde tot een ingrijpende verschuiving in de arbeidsverhoudingen’ klinkt misschien niet als een erg voor de hand liggend causaal verband. Maar de wijze waarop wij op een ramp reageren kan de wereld veranderen op manieren die moeilijk zijn te voorspellen op het moment dat we de crisis zelf recht in de bek kijken.

    Aan de andere kant is dit misschien geen revolutie maar een illusie.

    In 2020 daalde het jaarlijkse aantal vrijwillige ontslagen met zo’n half miljoen, wat erop lijkt te wijzen dat veel mensen die normaal gesproken hun baan zouden hebben opgezegd, door de pandemie zijn blijven zitten op een plek waar ze niet gelukkig waren. Dat het aantal mensen dat ontslag neemt alsnog de hoogte in schiet, hoeft niet per se te betekenen dat er een ingrijpende verschuiving plaatsvindt. Het is eerder het beeld van de dichtgeknepen tuinslang: door de pandemie konden allerlei normale activiteiten geen doorgang vinden – ergens wat gaan drinken, een auto huren, een vervelende baan opzeggen – en nu ineens kan dat allemaal weer wél.

    Het Witte Huis lijkt zich bewust van deze dynamiek. In een blog van The Council of Economic Advisers werd onlangs gewaarschuwd dat de economische cijfers deze zomer op hol kunnen slaan. Een aantal commentatoren waarschuwt dat we geen al te stellige conclusies moeten trekken over de toekomst. ‘Het is voor een groot deel gebakken lucht,’ zegt Adam Ozimek, de hoofdeconoom van freelanceplatform Upwork. ‘Volgens mij is het Witte Huis op dit moment een stuk realistischer dan de gemiddelde liberale expert.’

    Voorspellingen

    Voorspellingen doen is lastig, niet alleen omdat het moeilijk is de toekomst te zien, maar ook omdat het lastig is het heden te bevatten. De cijfers over het aantal mensen dat ontslag neemt kunnen een voorteken zijn van een toenemende macht van de arbeider, na decennia waarin de lonen stagneerden en het arbeidsrecht is uitgehold. Maar ze zouden ook een kortstondig statistisch toeval kunnen zijn binnen de over het geheel genomen grillige economie van deze zomer. Hoe die twee dingen met elkaar te verenigen – het fantastische potentieel van dit moment en het feit dat de verwachtingen heel goed gestoeld kunnen zijn op gebakken lucht? Misschien is het antwoord: gewoon blijven doen wat je doet. Beleidsmakers moeten doen alsof de arbeidsmarkt ruimte biedt, omdat dat het geval is. En werkgevers moeten op zoek gaan naar complementaire technologie en ondertussen hun personeel beter betalen, omdat ze dat kunnen.

    MEER DAN ALLEEN WERK

    In aanloop naar zijn boek The End of Burnout: Why Work Drains Us and How to Build Better Lives, dat in
    januari verschijnt, publiceerde Jonathan Malesic onlangs een opinieartikel in The New York Times.

    Na bijna twee jaar massale werkloosheid en thuiswerken keren miljoenen mensen nu terug naar het ritme van de veertigurige werkweek en de droom van opwaartse mobiliteit, schrijft Malesic, ook al leidden die vóór de pandemie tot wijdverbreide ontevredenheid en burn-outs. Veel mensen zien werk niet alleen als een manier om de kost te verdienen, maar als cruciaal voor zelfontplooiing.

    De algemene gedachte is dat werk betekenis, zingeving en waardigheid verschaft en recht geeft op deelname aan de samenleving. Maar, aldus Malesic, je baan, of het ontbreken ervan, is niet bepalend voor je menselijke waarde. ‘We zouden moeten beginnen met het idee dat ieder van ons waardigheid heeft, of we nu werken of niet.’ De pandemie bewees dat: miljoenen verloren plotseling hun baan, maar niet hun waardigheid. Volgens Malesic is dit hét moment om te bedenken hoe we werk kunnen inpassen in ons leven: ‘De pandemie heeft ons eraan herinnerd dat we bestaan om meer te doen dan alleen maar werken.’ Zijn advies: zoek naar zingeving in dingen buiten je baan en pas je werk daarop aan, in plaats van andersom.

  • De 27e keer dat Toby Obed stierf

    De 27e keer dat Toby Obed stierf

    Over de misstanden in Canadese internaten voor Inuït-kinderen is de laatste jaren steeds meer bekend. Er werden verschillende massagraven gevonden. Toby Obed is een van de overlevenden. Een voorpublicatie uit het verhaal over zijn leven (en vele doden).

    Over de auteur

    In de reportages van de Poolse Joanna Gierak-Onoszko (1980) staan vaak mensenrechten en maatschappelijke kwesties centraal. Ze publiceert regelmatig in weekblad Polityka, dagblad Gazeta Wyborcza, het literaire non-fictietijdschrift Pismo en het reportageblad Non/fiction. Ze woonde een aantal jaar in Canada en schreef daar haar literaire debuut Het 27 keer sterven van Toby Obed (Dowody na Istnienie, 2019) over hoe werd omgegaan met de kinderen van de inheemse Canadese bevolking. Geschat wordt dat ongeveer 150.000 kinderen het slachtoffer zijn geworden van lichamelijk en psychisch geweld en seksueel misbruik.

    Het boek belandde in 2020 op de shortlist van de prestigieuze Nike-prijs en won de publieksprijs.

    Als Toby Obed eindelijk wakker wordt, is het al lente.

    Hij ligt op zijn rug in ongesteven beddengoed en herkent het plafond en de muren om hem heen niet. Net was hij nog in een kalme kunstmatige slaap, maar nu zijn zijn neuronen witheet en proberen alle informatie tegelijk te verwerken.

    Waar ben ik? Waarom doet het pijn? Zal het eindelijk overgaan?

    Toby kijkt om zich heen, zoekt naar het uitzicht uit het raam, een aanknopingspunt. Maar zijn blik dwaalt steeds af naar het midden van het bed. Dat is de plek waar zijn armen en benen zich zouden moeten bevinden, maar de deken waarmee Toby is toegedekt ligt vlak.

    Toby denkt dat hij hallucineert – dat gebeurt soms als je flink gedronken hebt. Hij wil in zijn ogen wrijven en heft zijn armen.

    Maar onder zijn linker elleboog is niets meer.

    Hij kijkt naar rechts. Wat er van zijn andere hand over is, zit in dik verband.

    ‘Wacht eens even! Waar zijn mijn benen? Wat hebben jullie verdomme met mijn armen gedaan?!’

    Een vrouw in een wit schort buigt zich over het bed.

    ‘Wat ben ik blij dat je wakker bent! We wisten niet of dat nog zou gebeuren. Toby, we zijn in het ziekenhuis in St. John’s, in de hoofdstad van Newfoundland en Labrador. Het is al maart. Je bent net tweeëntwintig geworden. En ik kan je zeggen dat je echt iets te vieren hebt.’

    Maar Toby is het oneens met dat het al maart is en ook met zijn nieuwe ingekorte lichaam. Hij kan zich niet herinneren dat iemand die veranderingen met hem heeft besproken.

    Het laatste dat hij zich herinnert is een feest in Happy Valley-Goose Bay, ruim zestienhonderd kilometer ten noorden van het bed dat van nu af aan altijd veel te lang zal lijken.

     * * * 

    Goose, zoals het stadje in de volksmond heet, ligt op het schiereiland Labrador – het deel van Canada dat in het oosten aan de Atlantische Oceaan en in het noorden aan het Noordpoolgebied grenst. Er wonen iets meer dan achtduizend mensen. Goose is het resultaat van het samenvoegen van twee plaatsen: Happy Valley en Goose Bay, maar de idyllische naam van het stadje is misleidend. Want de aanleiding van zijn bestaan is oorlog.

    In de jaren veertig stond in de kranten dat er in de Labradorzee torens van Duitse U-boten waren gezien. Nu de VS aan de oorlog deelnam was het duidelijk dat er in deze regio zo snel mogelijk een sterke militaire basis moest komen voor de verdediging van het continent. Voor de bouw werden mannen uit dorpen in heel Labrador naar Goose gehaald. Ze werkten in verschillende ploegendiensten. De bevoorrading had berekend dat ze vier- tot vijfduizend pakjes sigaretten per dag nodig hadden.

    De arbeiders kregen een fractie van het loon dat de mensen die in de binnenlanden werkten verdienden, maar ze morden niet. Ze klaagden maar over één ding: voor hun vertrek naar de bouw hadden ze hun huizen moeten afsluiten. En dat betekende dat ze voor vertrek hun honden hadden moeten afmaken.

    In 1943 beschouwde men Goose als het grootste vliegveld ter wereld. Na de oorlog bleef het een belangrijk knooppunt van de lucht-, asfalt- en zeewegen van Labrador. In vredestijd hielden NAVO-eenheden hier oefeningen en de door het leger beheerde terreinen zouden moeten dienen als reservelandingsplaats voor ruimtevaartuigen van de NASA.

    Maar Goose bleef voor altijd een reservestad. De oorlog ging eraan voorbij, er landde geen ruimteveer en in 2010 vertrokken de eenheden van de NAVO van de basis. Nu kom je hier voor satelliettelefoons – die zijn gratis te leen als je de omgeving gaat verkennen, wat het werk van de politie en de reddingsteams moet vereenvoudigen als een toerist verdwaalt. Tijdens lange tochten door Labrador kun je onderweg in Goose kariboeworstjes of gepaneerde kabeljauwtongetjes eten. Vroeger was het armeluisvoedsel, maar nu is het een chic hapje van 13 dollar per portie.

    Dat is nu Labrador, het Grote Land. Hier hoor je de Aarde bewegen, zeggen ze.

    Maar het stadje met de naam Happy Valley-Goose Bay bracht Toby Obed geen geluk. Hier stierf Toby voor de zesentwintigste keer.

    Dat was vlak voor hij tweeëntwintig werd, achttien jaar na zijn eerste dood.

    * * * 

    Als je in een piepkleine nederzetting van walvisjagers in het afgelegen Labrador woont, is een uitstapje naar Goose een hele afwisseling. Toby ging er zijn neef opzoeken. Ze hadden elkaar lang niet gezien en trokken een fles open. Toen kwam er een vriend: ‘Hoe is het? Laten we drinken.’

    Ze dronken.

    De rest zal door de verpleegster worden verteld.

    ‘De politie heeft je pas de volgende dag in de sneeuw gevonden. Ze waren ervan overtuigd dat je dood was.’

    Toby kwam in het Miller Center terecht, een ziekenhuis voor oorlogsveteranen waar chirurgen, fysiotherapeuten, psychologen en prothesemakers verminkten terugslepen naar het leven. De artsen hielden Toby twee maanden lang in een kunstmatig coma om hem zo uit zijn diepe hypothermie te krijgen.

    ‘Dat is gelukt, maar we hebben je moeten amputeren’, zegt de verpleegster aan zijn bed.

    ‘Mens, ik weet niet waar je het over hebt. Geef me mijn benen terug! Geef me onmiddellijk mijn arm terug!’

    ‘Je bent een gelukskind, Toby. Ik leef erg met je mee.’

    * * * 

    Sinds die nacht is er een kwarteeuw verstreken. In het voorjaar van 2018 is Toby Obed zevenenveertig, en zijn vijfhonderd Inuit uit het Dal van de Hoop zijn spiegel.

    Voordat de Europeanen hier arriveerden (onder wie de Portugese ontdekkingsreiziger João Fernandes Lavrador) woonden er op dit grondgebied inheemse gemeenschappen, zoals de Inuit en de Innu. Beide groepen noemden elkaar eskimo’s, wat rauwvleeseters betekent. Dat begrip werd overgenomen door witte antropologen en archeologen voor wie de Eskimo’s een algemene, brede benaming voor de mensen van het Noorden was: van Labrador, het Canadese Poolgebied en Alaska tot aan Kamtsjatka.

    In sommige Europese landen wordt het woord nog altijd gebruikt. In Canada daarentegen hoor je dat niet meer te zeggen, omdat het opgedrongen, discriminerend en beledigend is. De inwoners van de noordelijke provincies worden nu genoemd zoals ze zelf willen. In hun taal, ofwel het Inuktitut, betekent inuk mens, en inuit gemeenschap.

    En zo ziet Toby Obed hen en zichzelf: niet als museumstukken, maar als mensen. Hij zoekt hun gezelschap op, want ze zijn voor hem tegelijk een spiegel en identiteitsbewijs, belangrijker dan zijn Canadese paspoort.

    ‘Ik vind het fijn als een buurman terloops opmerkt dat ik net zo’n gezicht trek als mijn moeder. Of dat ik net zo loop als mijn vader, dat we van een afstand niet van elkaar te onderscheiden zijn. Dan ben ik zo gelukkig! Want dat betekent dat zij hebben bestaan – en dat ik een overblijfsel van hen ben.’

    Als Toby zijn moeder wil zien, raakt hij met zijn rechterhand zijn wang aan. Een gladde, strakke huid, zonder poriën, zonder ook maar een rimpel. Hoge, prominente jukbeenderen. Daarboven diepgelegen smalle ogen, verscholen onder dikke zwarte wenkbrauwen. Toby’s haar is als peper en zout. Zwart en helder wit, niets ertussenin. Dik en stug, tot aan zijn kleine driehoekige kin.

    Had zijn moeder zulk draadachtig haar? Zulke kleine ogen, zo zwart dat je maar moeilijk de pupil van de iris kunt onderscheiden?

    Dat weet Toby niet.

    ‘Ik heb geen enkele foto. Ik herinner me niet hoe ze eruitzag. Ik weet dus niet waar ik vandaan kom, en waarom.’

    * * * 

    De naam Tobijah betekent in het Hebreeuws ‘Jahweh is goed’. Een woord van troost voor iemand die alles heeft verloren en geen hoop meer heeft. Volgens het Oude Testament wordt Tobias blind, en gemarteld smeekt hij God te mogen sterven. Maar God heeft andere plannen met hem. De Schrift leert dat het grote lijden van Tobias geen straf voor hem is, maar een welgemeende beproeving. De liefhebbende God zendt eerst kwellingen, maar voorziet op zijn tijd een beloning voor gehoorzaamheid en loyaliteit. Het is een didactisch verhaal – de dreunen van het lot moet je opvatten als tekenen van de barmhartige God.

    Die profetische naam kreeg Toby van zijn moeder.

    Ze had vijf kinderen. Kinderen die moeite hadden om het thuis uit te houden. Hun ouders besteedden niet al te veel aandacht aan hen. Ze dronken. Emily en Sonny, ofwel Zoontje, waren een jaar of tien ouder dan de rest. Zij zorgden voor de kleintjes: Sara, Elias en Tobias.

    Hoe kwamen ze in zo’n afgelegen nederzetting voor walvisjacht aan zulke namen?

    Vroeger heette die plek Arvertok, wat in de taal van de Inuit de Walvissenplek betekent. Er werd op walvissen gejaagd in de wintermaanden – de Inuit woonden dan in diep in de rauwe, ongastvrije grond verborgen huizen die maar deels boven het oppervlak uitstaken. Ze zochten daar beschutting tegen de snijdende wind, en in de lente, als het zeehonden- en walvissenseizoen was afgelopen, trokken ze dieper het land in. Ze namen tenten van zeehondenhuid mee en gingen jagen op vleesrijke kariboes. Ze raapten de karige vruchten die de toendra mondjesmaat verschafte en bereidden zich voor op het doorstaan van de volgende winter.

    Suikerziekte, aderverkalking, kanker – dat waren ook geschenken die de witte kolonisten met zich meebrachten

    Dat ritme werd verstoord door de bewoners van het Oude Continent, Duitse mennonieten uit Moravië, missionarissen met een protestantse arbeidsethiek. Ze waren hier gebracht door de imperatief hun rijkdom te vergroten en de kerkelijke schola te vullen. Ze begrepen de mensen die ongehaast de cyclus van de natuur volgden niet. Ze verlangden er vurig naar om in naam van de handel onder zware omstandigheden te zwoegen: in Europa was grote vraag naar echte, warme bontjassen. Daarmee werd een fortuin verdiend, dat nu in Canada ‘oud geld’ wordt genoemd. De Moravische kolonisten waren verrukt over de ondiepe wateren vol zeehonden en de dichte bossen vol vossen. In 1782 doopten ze de Walvissenplek om in het Duitse Hoffenthal, het Dal van de Hoop.

    Ze brachten hetzelfde mee als de meeste anderen die van zichzelf zeiden dat ze nieuwe landen ontdekten: het woord Gods, gereedschap, wapens, groente en ziektes.

    Suikerziekte, aderverkalking, kanker – dat waren ook geschenken die de witte kolonisten met zich meebrachten. Labrador is ze tot op de dag van vandaag niet te boven gekomen.

    De mennonieten veroverden de gebieden met de hoorn en de trombone. Ze geloofden dat met Haydn en Bach als bondgenoten de Inuit verrukt zouden raken over de barokmissen en ze hun ziel zouden openstellen voor een hun onbekende God. Tot op de dag van vandaag kun je in het kleinste gehucht een blaasorkest vinden dat in de woestenij van de Canadese toendra Bachcantaten speelt.

    De missionarissen deelden graag hun bladmuziek, maar ze zeiden dat het hun God niet beviel hoe er in de huishoudens met elkaar geslapen werd: zonder sacrament, met meerderen tegelijk, in het bijzijn van de kinderen. Volgens de lokale traditie was een levenspartner precies zoals het klinkt: een compagnon, iemand met wie het leven draaglijker was of überhaupt mogelijk. Het gezin was een onderneming om te overleven, maar de mensen wilden naar bed met degenen die ze aantrekkelijk vonden, niet per se met de mensen met wie ze samenwerkten om te overleven. Soms woonden er meerdere gezinnen onder één dak en waren genegenheid en seks binnen handbereik.

    De missionarissen uit Moravië waren gekomen om hun mee te delen dat ze in zonde leefden en God beledigden, die zijn volk in de hitte door de woestijn had geleid. De bewoners van deze gebieden begrepen niet wat een zonde was en hadden nog nooit een woestijn gezien.

    De Duitse kolonisten zijn er nu niet meer – ze hebben de oorlog met het handelsimperium Hudson’s Bay Company (HBC) om de vachten verloren en hebben het Grote Land verlaten. Van hen zijn grafstenen, resten van de houten gebouwen van de mennonitische missie en de gewoonte om Inuitkinderen Bijbelse namen te geven achtergebleven. Na verloop van tijd, toen de Britse monarchie dit deel van de wereld in haar macht kreeg, werd de naam veranderd – van Hoffenthal in Hopedale.

    Er is hier niet veel meer veranderd dan dat.

    * * *

    In 1975 stond er opeens een politieagent in een rood uniform op de drempel en zei: ‘Kinderen, jeugdzorg is geweest, we moeten jullie meenemen.’

    Toby’s ouders waren verrast, want ze kwamen onaangekondigd. Geen gelegenheid om in te pakken, geen gelegenheid om afscheid te nemen.

    ‘We gingen zoals we er toen bij liepen. Later hoorden we dat ouders dergelijke situaties eigenlijk geen keuze hadden. Op het niet meegeven van de kinderen stonden straffen, waaronder hechtenis en het intrekken van de uitkering, waarvan de meeste gezinnen in de omgeving leefden. Of we ons verzetten? Dat weet ik niet meer. Of we huilden? We huilden allemaal. Emily was dertien, Sonny vijftien, en ik pas vier. Toen, in 1975, in de deuropening bij de laarzen van de agent van de bereden politie, stierf ik voor het eerst.

    We stapten in een klein vliegtuig dat op water kon landen. We vlogen een kilometer of tweehonderd naar het zuiden, naar North West River. Eerst brachten ze ons naar het ziekenhuis. Daar werd nagekeken of alles met ons in orde was. Routineonderzoek: of er geen actieve infecties waren, parasieten, ondervoeding. En of niemand ons kwaad had gedaan.

    Natuurlijk werden we gescheiden, mijn broers en zussen waren van een andere leeftijdscategorie. Ik begreep het niet. ’s Ochtends had ik nog familie, en nu was ik ineens alleen, terwijl ik pas vier jaar oud was. Alles wat ik weet van het leven, heb ik daar geleerd, in het internaat, in het juniorenhuis in North West River. Dat waren verplichte lessen die ik niet wilde. Rekenen en grammatica deden er nog het minste toe, je moest vooral snel door zien te krijgen wie je vriend was en wie je beter kon mijden. Waar je heen moest en hoe, en achter welke deur je nooit mocht komen. Wat je mocht zeggen en waar je jarenlang over moest zwijgen. Ik was een kleuter toen ik begreep dat ik, net zoals ik onbewust en automatisch ademhaalde, onophoudelijk en instinctmatig in de gaten moest houden of ik veilig was. Ik controleerde constant of ik niet in gevaar was. In zulke omstandigheden loeit er constant een alarm in je hoofd.’

    Toby Obed, een Canadees uit Labrador, zegt niet over zichzelf dat hij de Yale-school heeft afgerond die in North West River door de liefdadigheidsorganisatie Grenfell werd geleid.

    Hij zegt: ‘Ik ben een overlever. Ik heb het overleefd, ik ben in leven gebleven.’

    * * *

    Toby vertelt over school alsof er een veer is losgesprongen, alsof er een la met mappen vol politiedocumentatie is opengeschoten. Hij praat en praat, kalm, systematisch, alsof hij verslag uitbrengt van iets wat een ander is overkomen. Hij gaat bijna twee uur lang door.

    In Toby Obeds vroegschoolse herinneringen komen niet veel kaligrafie-oefeningen, lessen over scheepsbouw of zelfs het verplichte corvee in de koeienstal voor.

    De volgende sleutelwoorden komen wel steeds terug:

    zwiep, klets, pats (zo klapte de zweep); 

    taal, accent, slaag (voor het spreken van Inuktitut kreeg je ervan langs); 

    cel, duisternis, honger (een triade die elk kind zonder uitzondering verlamt).

    Ik hoor van Toby dat in je broek plassen van angst helemaal geen beeldspraak is.

    In zijn herinneringen komt een persoon in het bijzonder naar voren: een lerares, Miss Devil, Juffrouw Duivel.

    ‘Ze liet ons toekijken’, zegt Toby. ‘Ik wilde niet kijken, maar geen kind mocht zijn gezicht afwenden.’

    ‘Je bent vier, zes, tien jaar oud en je weet dat niemand, maar dan echt niemand zich voor je interesseert’

    Toby vat zijn schooltijd als volgt samen: ‘De volwassenen van buiten wisten het. Ze deden er niets aan.’

    Wat er binnen de houten wanden van Grenfell gebeurde was een verschrikking, maar werd mettertijd de norm. Maar je kon er echter niet aan wennen dat er niemand in de buurt was aan wie je erover zou kunnen vertellen. En die je niet zozeer om redding, om ingrijpen kon vragen, want daar hoopten de kinderen al niet meer op, maar om wat troost.

    Toby wachtte op mededogen, dat jarenlang niet kwam. Ook had hij niet het gevoel iemand dierbaar te zijn.

    ‘Je bent vier, zes, tien jaar oud en je weet dat niemand, maar dan echt niemand zich voor je interesseert.’

    Toen dachten de kinderen dat er van de door de liefdadigheidsorganisatie gerunde school geen bevrijding mogelijk was. Maar een zomer was het geld op en werd de instelling gesloten. Dat was in 1979 of 1980, de bronnen stemmen niet overeen.

    Er zijn in Canada geen kindertehuizen. De oplossing waren pleeggezinnen, waar de kinderen rechtstreeks van de kostschool heen werden gestuurd. Uiteraard zonder rekening te houden met familiebanden.

    De kinderen Obed maakten geen kans om samen te blijven. Wie wilde er nu voor een paar gebroken Inuit-kinderen zorgen? 

    Ze werden opnieuw gescheiden, deze keer voor jaren. De kinderen verloren elkaar volledig uit het oog. Die vakantie raakten ze echt alles kwijt, werden de laatste lijntjes verbroken. Toby zag zijn zus Sara pas zevendertig jaar later terug.

    ‘Ze maakten ons gezin helemaal kapot’, zegt Toby. ‘Ik was acht toen mijn leven opnieuw ten einde kwam.’

    Dat was tijdens de Koude Oorlog. In de Canadese bossen werden legereenheden ondergebracht, Goose Bay werd uitgebreid, er werden militairen gestationeerd. Velen van hen hadden al een vrouw, maar nog geen kinderen. Ze konden zorgen voor de beschermelingen van de school in het dennenbos.

    Toen Toby bij het eerste pleeggezin terechtkwam was hij acht jaar oud en dacht hij dat zijn lijdensweg ten einde was, dat hij nu een thuis zou krijgen. Maar in plaats daarvan verplaatsten ze hem van de ene verzorgers naar de andere.

    ‘De acht jaar die volgden heb ik bij twintig gezinnen gewoond. Gemiddeld eens in de vierenhalve maand verhuisde ik, of eerder – werd ik verhuisd. Wat ik wilde, wat ik ervan vond, vroegen ze niet. We werden behandeld als meubels, als obstakels, als zakken met vuilnis.

    In elk huis was het weer anders, maar ik werd geloof ik overal geslagen’, herinnert Toby zich. ‘Ik was niet klein meer, ik hoefde niet meer gespaard te worden. Ik ging al naar de tweede klas, dus ze konden me flink op m’n sodemieter geven. Dat verdiende ik op zich ook: ik begreep niet wat er tegen me gezegd werd. Ik wist niet hoe ik ze tevreden moest stellen. Ik probeerde ernaar te gissen, ik probeerde me aan te passen, maar ik was machteloos.’

    Uiteindelijk wende hij eraan. Het werd dus routine: eten, slapen, school, slaag. Nepmoeders en nepvaders sloegen met de riem en sloegen met de hand voor van alles en nog wat. Hoe je de klappen moest ontwijken, hoe je moest overleven leerde Toby van twintig gespierde, sportieve mannen die werden gesteund door twintig vooruitziende, toegewijde echtgenotes.

    Toby’s lichaam was sterk, dat hielp hem erdoor. Zijn geest was hem ook goedgezind, de meeste huizen heeft hij kunnen vergeten. Toby weet dat ze ergens zijn, hij ze in zich draagt als wild vlees, als littekens, als kanker. Maar zijn hoofd heeft hem ervan afgesneden. In het dagelijks leven ziet hij ze niet, zijn de ziektehaarden niet vast te stellen. Maar Toby weet dat ze nog altijd schade aanrichten, net als gezwellen die bij onderzoek niet te zien zijn.

    Van alle twintig gezinnen kan Toby er misschien vijf of zes voor de geest halen. Aan sommige heeft hij goede herinneringen. Hij gelooft dat ze hun best deden. Bijvoorbeeld enkele nepmoeders. Soms waren ze aardig, kookten ze, wilden ze Toby’s stijve dikke haar kammen.

    Als achtjarige had Toby het overlevens-abc voor kinderen onder de knie: hij loog, stal en bedroog

    ‘Rot op, zei ik, laat me met rust. Niet jij, maar mijn echte moeder zou me nu over mijn hoofd moeten aaien. Maak dat je uit m’n buurt komt, zei ik. Ook sommige nepvaders deden hun best. Soms maakten ze tijd voor me vrij. Probeerden me uit te leggen dat ik zelf om problemen vroeg. Dat spijbelen en weglopen nergens goed voor waren. Maar ik had geen zin om te luisteren. Ik neem het ze niet kwalijk. Ik was geen kind om van te houden, want waarvoor ook?’

    Als achtjarige had Toby het overlevens-abc voor kinderen onder de knie: hij loog, stal en bedroog. Hij vocht veel. De school in Goose waar hij toen op zat, was voor hem één grote boksring. Hij vocht vier, vijf keer per dag, dag in dag uit. En hij verloor nooit, hij was altijd degene die anderen tot bloedens toe sloeg. Hij hield niet op voor hij zeker wist dat ze pijn hadden. De kinderen op school zeiden dat Toby gevaarlijk was. Dat beviel hem wel. Vechten was die opening, die lichtflits, het moment waarop hij even sterk was en er iets van hem afhing. Hij werd dan overweldigd door geluk. Hij voelde geen pijn, het waren de anderen die leden. Ze leden, omdat hij zo beslist had.

    Dat zorgde ervoor dat hij zich kon wapenen voor de middag en avond. Want na school moest hij natuurlijk terug naar zijn pleeggezin en was hij degene die ervan langs kreeg. Maar er waren meer straffen, alledaagse, gewone. Meestal moest hij gewoon zijn mond houden en naar zijn kamer gaan. Ze stuurden hem weg, hij kreeg geen eten. Dat is zogenaamd alleen vervelend, geen marteling.

    ‘Weet je, een of twee keer kun je het best zonder avondeten doen. Maar zelfs als duidelijk is dat je het ergste, vervelendste kind bent, wil je niet de hele tijd honger hebben. Met een kind kun je alles doen. Het is voldoende om hem niet genoeg te eten te geven.’

    Jarenlang was hij ervan overtuigd dat hij slecht was, dat hij het niet verdiende om niet geslagen te worden, niet gestraft. Later drong tot hem door dat de militairen vaak moesten verhuizen. Er kwamen orders, en dan werden de in huis opgenomen kinderen en hun zaken achtergelaten. Maar niemand die dat aan de kinderen uitlegde. Die waren er dus van overtuigd dat ze steeds opnieuw werden verlaten, omdat ze net zo veel waard waren als knellende of afgedragen pantoffels.

    Terugkeren naar zijn vader en moeder was geen optie. De jaren gingen voorbij, maar zijn ouders hielden niet op met drinken. De autoriteiten lieten de kinderen niet terug naar huis gaan, maar er werd ook niet veel gedaan om de ouders te steunen. De kinderen uit huis plaatsen: dat was een radicale en eenvoudige, en vrijwel de enige mogelijke therapie.

    ‘Toen, mijn hele jeugd en nog vele jaren daarna, was ik kwaad. Agressief. Ik voelde me gekwetst en verworpen. Waarom konden anderen bij hun moeder blijven maar ik niet? Waarom konden anderen een normaal leven hebben, alleen ik niet?’

    Toen had Toby er nog geen idee van dat er in de omgeving meer dan duizend kinderen waren zoals hij.

    Deze vertaling kwam tot stand in samenwerking met CELA, Connecting Emerging Literary Artist.