360 kiest een aantal door de buitenlandse pers beschreven concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities die naar Nederland of België komen, of online te vinden zijn.
Pijnlijke paradox rond vreemdelingenhaat
Morele thriller in Transsylvanië
FILM | Vlak voor Kerstmis neemt Matthias – half Roma, half Duits – ontslag bij een slachthuis in Duitsland, om terug te keren naar het bergdorp in Transsylvanië waar hij vandaan komt. Hij wil zijn zoontje Rudi aan het praten krijgen, zijn zieke vader opzoeken en de relatie met zijn ex Csilla nieuw leven inblazen. De sfeer is grimmig en wordt er niet beter op wanneer Csilla drie gevluchte Sri Lankanen aanneemt in haar bakkerij.
Zo begint de speelfilm R.M.N. (de Roemeense vertaling van ‘MRI’) van de Roemeense regisseur Cristian Mungiu, die internationaal in de prijzen viel met 4 maanden, 3 weken & 2 dagen en Graduation. Het resulteert volgens recensent David Ehrlich van IndieWire in een ‘sociaal-economische smeltkroes die de kijker geleidelijk bij de keel grijpt. Een weliswaar iets te breed opgezet, maar tijdloos verhaal over vreemdelingenhaat in een lokale setting.’
Lee Marshall schrijft voor Screen Dailydat regisseur Mungiu te veel thema’s tegelijk wil aanroeren. Volgens de criticus komt dat aan het licht in een sleutelscène op het stadhuis: ‘Geschoten vanuit één camerastandpunt is dat een indrukwekkende krachttoer. Maar het voelt ook alsof de maker hier in één keer alles uit de kast wil halen. Als een Franse medewerker van een ngo een betoog houdt over het behoud van de berenpopulatie in de omgeving, krijgt hij alles over zich heen, van Charlie Hebdo tot de erfenis van het Franse koloniale verleden.’
‘Ondanks een gebrek aan ambitie in de finale is dit een prachtige nieuwe mijlpaal in het werk van deze Roemeense meester’
Voor Ben Croll van het Amerikaanse Wrap Magazine kwam diezelfde scène juist als geroepen, want aanvankelijk was het of hij ‘een hoop puzzelstukjes aan elkaar moest leggen’. ‘De eerste negentig minuten voelen als een proloog, maar dan volgt een take van zeventien minuten waarin de regisseur zijn ware intenties uitkristalliseert. Het tekent Mungiu’s grote filmtalent.’
Ook de criticus van Franse filmsite Le Bleu du Miroir is lovend over R.M.N., waarin een hedendaagse paradox volgens hem fraai in beeld wordt gebracht: ‘De angst voor buitenlanders, racisme, vooroordelen: het is des te verrassender omdat de dorpsbewoners zich uitdrukken in verschillende talen.’ Tegelijkertijd gaan diezelfde bewoners in het buitenland werken om in hun levens-onderhoud te voorzien. ‘Ondanks een gebrek aan ambitie in de finale is dit een prachtige nieuwe mijlpaal in het werk van deze Roemeense meester.’
R.M.N. van Cristian Mungiu draait vanaf 1 december in de bioscoop
Door Diederik Samwel
Dagermans tijdloze waarschuwing tegen radicalisering
Een roman die bedachtzaam en ontroerend is tegelijk
LITERATUUR | Stig Dagerman heeft ‘kunst in zijn vingers’, citeert Sweden Posts English de Zweedse journalist Ivar Harrie over Dagermans roman Bränt barn uit 1948. ‘Hij breekt los van de experimentele mogelijkheden van literaire techniek.’ De Zweedse auteur Sven Stolpe noemde het uitzonderlijk om een boek te schrijven dat tegelijk zo ontroerend en zo bedachtzaam is. Het meest onvergetelijk noemt hij ‘de stevige greep van de auteur op zijn jonge held’, die met enige afstandelijkheid wordt benoemd als ‘de zoon’. Deze jonge held, de twintigjarige Bengt, schrijft na de dood van zijn moeder brieven aan zichzelf, die, zoals zij voorspeld had, moeten helpen tegen zijn verdriet. Maar al snel ziet de lezer hoe zijn woede en onmacht alleen maar toenemen, helemaal als hij erachter komt dat zijn drankzuchtige vader een nieuwe vriendin heeft. ‘Het wordt duidelijk dat er een vreselijke afrekening in het verschiet ligt; de enige vraag is tot welke specifieke puinhoop die zal leiden,’ schrijft John Self in The Guardian.
Als Dagerman de roman schrijft, is hij zelf ook nog jong, wat volgens Self tot uiting komt in ‘een overdaad aan emoties en details, cynisme dat grenst aan nihilisme’. Maar in dit geval werken deze kenmerken in zijn voordeel, aldus de Britse recensent, die in de roman een tijdloze waarschuwing ziet tegen radicalisering. De Zweedse auteur Viveka Heyman, die overigens bekendstond vanwege haar felle recensies, zag in de jonge leeftijd van de auteur evenmin een nadeel; ze vond zijn voorgaande werk juist sterker. Ondanks ‘alle ingrediënten voor een meesterlijke Dagerman-roman’ bekroop haar tijdens het lezen steeds het gevoel dat dit ‘al eerder en beter was gedaan’.
Self betreurt in The Guardian dat we nooit zullen weten hoe Dagerman op latere leeftijd zou schrijven
Dagerman schreef het manuscript in enkele zomermaanden in een vissersdorpje in Bretagne; ‘in grote eenzaamheid in een afgesloten kamer’, meldt hij zijn uitgever, aangehaald door LitteraturMagazinet. Het zal een roman worden ‘over liefde en verdriet in een arbeidershuis in Söder [een stadsdeel in Stockholm]’, aldus de schrijver, wiens moeder enige maanden na zijn geboorte vertrok om nooit terug te keren. Omdat zijn vader niet voor hem kon zorgen, groeide hij op bij zijn grootouders.
Self betreurt in The Guardian dat we nooit zullen weten hoe Dagerman op latere leeftijd zou schrijven: hij stopte in 1949, op zijn zesentwintigste, met het schrijven van fictie en beroofde zich vijf jaar later van het leven.
Bränt barn wordt in december heruitgegeven bij uitgeverij Koppernik als Het verbrande kind, in een vertaling van Bernlef
Door Laura Weeda
Liefdesverhalen als metafoor voor verstikking
Jafar Panahi filmde opnieuw in het geheim
FILM | ‘No Bears is de beste film van Jafar Panahi sinds hij ondergronds is gegaan. Hierin verbeeldt hij op creatieve wijze de wanhoop die heerst in de Iraanse samenleving’, schrijft Babak Ghafoori Azar op de Praagse nieuwssite Radio Farda.
Net als Panahi’s eerdere films werd deze in het geheim geschoten. Vanwege een kritische houding tegenover de regering in de film Three Faces zat de Iraniër zes jaar in de gevangenis; nu is hij vrij, op voorwaarde dat hij geen films meer maakt. No Bears werd opgenomen in een dorpje aan de Turkse grens, waar de bewoners niet blij waren met de komst van de crew; ‘ze hadden zo hun eigen problemen’, aldus Radio Farda. Panahi raakte betrokken bij het verhaal van een jong stel waarvan het meisje eigenlijk vanaf de geboorte met een andere jongen was verloofd. Dit gebruikte hij in zijn film, waarin ook een ander, Iraans stel na tien jaar ballingschap in Turkije Europa probeert te bereiken.
Courrier International spreekt van ‘een juweel van virtuoos minimalisme’
Beide liefdesverhalen zijn ‘metaforen van een samenleving op de rand van verstikking’. ‘Precies het soort film dat de lange, slapeloze reis naar een filmfestival ver weg elke minuut waard maakt’, meent Shubhra Gupta van The Times of India, refererend aan het filmfestival van Venetië, waar No Bears dit jaar werd vertoond. Kevin Maher van The Times bewondert de ‘donkere post-moderne satire in deze film over het maken van een film’. Courrier International spreekt van ‘een juweel van virtuoos minimalisme’.
Door Laura Weeda
Back to the eighties en toch avant-garde
Een eigen stijl, of liever de hitlijsten bestormen?
POPMUZIEK | De Franse popartiest Heloïse Letissier wisselt geregeld van pseudoniem. Na haar internationale doorbraak in 2014 met Christine & The Queens werd het Chris, en nu is het Redcar. Die ontwikkeling loopt parallel aan de persoonlijke transitie van de artiest van vrouwelijk naar mannelijk. Het derde album Redcars les adorables étoiles omvat volgens recensent Annabel Ross van The Sydney Morning Herald ‘avant-gardemuziek, gestileerd als een soort rockopera: zwaar van romantiek en vol verlangen en literaire verwijzingen’. De dertien tracks zijn ‘sterk geïnspireerd op de jaren tachtig, met een knisperende drumcomputer en alomtegenwoordige synthesizers’, aldus Ross.
Ook Eric Bureau van Le Parisien moet door Redcars kwistige gebruik van synthesizers denken aan de newwaveplaten van Depeche Mode, The Cure en Talking Heads. ‘De muziek zit productioneel gezien boordevol ideeën, maar daardoor doet ze tegelijkertijd bij vlagen te experimenteel aan.’
‘De muziek zit productioneel gezien boordevol ideeën, maar daardoor doet ze tegelijkertijd bij vlagen te experimenteel aan’
In de Evening Standard schrijft David Smyth dat Redcar zo te horen in een richtingenstrijd is verwikkeld. Niche en minder toegankelijk, of mainstream om de hitlijsten te bestormen? ‘Sommige nummers klinken duister en rauw. Andere tracks worden gestuwd door energieke beats, maar missen een herkenbare vocale melodielijn om er een pakkende popsong van te maken. Maar deze muziek blijft intrigeren.’
Neil McCormick moet in The Telegraph bekennen dat zijn Frans verre van toereikend is maar dat het hem ook met de Engelse vertaling bij het album, geregeld begint te duizelen door de teksten. Hij houdt het op een ‘vreemd, sfeervol maar meeslepend werk.’
Émilie Côté van het Canadese dagblad La Presse werd aanvankelijk afgeleid door ‘ondoordringbare arrangementen’. ‘Na een paar keer luisteren wordt het minder verwarrend, maar deze muziek haalt het niet bij die van Chris en Christine.’ De criticus kijkt dan ook uit naar de aangekondigde samenwerking van Redcar met de Amerikaanse producer Mike Dean, die eerder de studio indook met onder meer Madonna, The Weeknd en Beyoncé.’
Het album Redcar les adorables étoiles is begin november verschenen
360 kiest een aantal door de buitenlandse pers beschreven concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities die naar Nederland of België komen.
Weer een nieuwe Picasso
Volop verzameld ondanks inflatierisico
BEELDENDE KUNST | Hij is niet de eerste die ‘een kleine Picasso’ wordt genoemd, zoals The Times de elfjarige Andrés Valencia omschrijft. Zo ging onder andere Mikail Akar hem voor (zie 360 # 173), wiens werken al op zijn zevende voor duizenden euro’s werden verkocht. Andere voorbeelden zijn Lola June, Alexandra Nechita en Marla Olmstead (mogelijk bijgestaan door haar vader), die respectievelijk op hun tweede, twaalfde en vierde al kunst aan de man brachten. ‘Minderjarige kunstenaars zijn zeldzaam, maar ze bestaan,’ concludeert The New York Times. Valencia zit inmiddels op bedragen van vijf nullen.
Volgens het New Yorkse dagblad heeft Valencia zijn vroege succes vooral te danken aan de mensen om hem heen en aan de zelfgenoegzaamheid van de kunstwereld, hoewel de tienjarige zelf ook een uitstekend zakenman bleek te zijn; bij een vaste koper verhoogde hij zijn prijs in één keer van 100 tot 5000 dollar. Met succes.
Het resultaat, The Commander, is volgens het Amerikaanse zakentijdschrift ‘een moderne Guernica’
Inmiddels wordt zijn werk volop verzameld, ook al waarschuwen galeriehouders, citeert Art Daily, dat ‘kunstenaars ontwikkelingen doormaken, en tienjarige kunstenaars al helemaal’; de waarde zou kunnen veranderen.
Valencia lijkt zelf goed na te denken over wat hij doet, en waarom. ‘Ik denk dat kunst is bedoeld om verhalen te vertellen,’ zei hij tegen Forbes. Zo liet hij zich onlangs inspireren tot ‘het verhaal van het Oekraïense volk en wat Rusland hen aandoet. (…) een verhaal dat niet vergeten mag worden.’ Het resultaat, The Commander, is volgens het Amerikaanse zakentijdschrift ‘een moderne Guernica’.
Door Laura Weeda
Intieme jongensvriendschap krijgt abrupt einde
Overrompelend debuut van jong acteertalent
FILM | Wie onder de indruk was van Girl, de eerste, lovend besproken speelfilm van de Waalse regisseur Lukas Dhont (31), zal op zijn minst nieuwsgierig zijn naar zijn tweede: Close. In Dhonts debuutfilm draait het om een jonge jongen die graag ballerina wil worden en met zijn mannelijkheid overhoop ligt; nu maakte hij opnieuw een coming of age-film. Ditmaal over de innige vriendschap tussen twee dertienjarige jongens die onder druk komt te staan wanneer daar op school vragen over worden gesteld. Zijn ze een stel, hebben de twee een homoseksuele relatie?
Peter Debruge begint zijn recensie in Variety met een vetgedrukte spoiler alert. Maar nog vóór hij iets prijsgeeft over het verloop van de film maakt hij duidelijk dat de dramatische wending wat hem betreft wel wat minder had gemogen: ‘De pure, onschuldige vriendschap tussen twee jonge mensen van dezelfde sekse is nooit eerder zo prachtig verfilmd. Maar wat daarna gebeurt komt des te ongeloofwaardiger over.’ Desondanks is Debruge ervan overtuigd dat Dhont een meesterwerk in zich heeft: ‘Hij moet zijn onvolwassenheid alleen nog overwinnen.’
‘Deze jongen heeft een presence in huis als een rechtse directe’
Ook voor collega David Ehrlich komt het drama in Close ‘uit de lucht vallen’, schrijft hij voor IndieWire. ‘Daarmee brengt de regisseur dit portret van een vriendschap tussen twee jongens in een heteronormatieve wereld, ineens in een veel breder verband van verlies en rouw.’
Volgens Olivier de Bruyn vanLes Echos ‘bewijst Dhont opnieuw zijn talent door ‘zorgvuldig de valstrikken van psychologiseren en pathetiek te om-zeilen, economisch met dialogen om te springen en zijn strakke compositie’. Daar staat tegenover dat hij ‘soms te expliciete beelden gebruikt en het te vaak zoekt in symboliek’.
In Paris Match vindt Fabrice Leclerc dat de maker ondanks de ‘tedere en zinnelijke regie overmatig inzet op vioolmuziek en pathos’. Maar wat hem bovenal zal bijblijven van Close is de jonge acteur Eden Dambrine: ‘A star is born! En daar gaan we nog veel plezier aan beleven de komende jaren.’
Leslie Felperin toont zich in The Hollywood Reporter al even lyrisch over Dambrine als vertolker van Leo, een van de twee hoofdrolspelers: ‘Deze jongen heeft een presence in huis als een rechtse directe. Dat bewijst natuurlijk ook hoe goed Dhont jonge acteurs kan regisseren.’
Door Diederik Samwel
Close van Lukas Dhont is vanaf 3 november te zien in de bioscoop
Inspiratie uit een Sterrenstelsel hier ver vandaan
Een teruggreep naar futuristische klanken
MUZIEK | In A New Hope (1977), de eerste film in de Star Wars-saga, stopt de jonge Luke Skywalker, gespeeld door Mark Hamill, in Chalmun’s Cantina, een bar op de planeet Tatooine die dient als schuilplaats voor smokkelaars en premiejagers. De grimmige sfeer wordt er opgefleurd door de jazznoten van Modal Nodes, een formatie bestaande uit wezens met gitzwarte ogen en uitstekende schedels, die eruitzien als gigantische kreeften.
Dat de muziek zoals bedoeld toekomstbestendig was, blijkt wel uit het feit dat deze tegenwoordig verschillende muzikanten inspireert; The Guardian noemt Coldplay en Animal Collective, en ook Björk, die zelf vaak niet alleen als geniaal maar ook als buitenaards wordt getypeerd, zou met haar net uitgebrachte album Fossora iets hebben willen maken dat even ‘jazzy en futuristisch’ was als dat van de Cantinaband, aldus musicus Atli Finnsson, die eraan meewerkte.
Finnsson is nog geen dertig en ontdekte Modal Nodes toen hij met Lego Star Wars speelde. Het doel van Björks band, licht hij toe, is ‘om muziek te maken voor een andere plek. Ons een plek voor te stellen waar muziek als die van ons zou klinken. En daarvoor is Star Wars een goed uitgangspunt’, citeert de site MusicTech. Coldplay-zanger Chris Martin vroeg zich bij het opnieuw bekijken van de Cantinascène af ‘hoe musici in de rest van het universum zouden klinken’, schrijft het Zweedse Aftonbladet, een vraag die de basis vormde van zijn album Music of the Spheres (2021).
Door Laura Weeda
De tragische ondergang van moeras en veengrond
Creatieve non-fictie als uitlaatklep voor oprechte woede
LITERATUUR | Pulitzerprijswinnaar Annie Proulx, 87 inmiddels, is vooral bekend van haar romans Scheepsberichten en Brokeback Mountain. Met Fen, Bog & Swamp publiceert ze ditmaal een lang essay over het belang van veen-, zwamp- en moerasgebieden voor natuur en klimaat. NPR-redacteur Julie Depenbrock omschrijft het als ‘een liefdesbrief aan ecosystemen die in rap tempo verdwijnen: de Amerikaanse wetlands.’
Romanschrijvers die zich verdiepen in ecologische thema’s vormen een ‘onweerstaanbaar subgenre’
In ScienceNews stelt Anna Gibbs dat Proulx met verve de uitdaging aangaat om moerassen en veenlanden te zien als natuur om van te houden. ‘Niet langer als onaangenaam waterland waar alleen een wezen als Shrek zich thuisvoelt.’ Ook Luanne Wilkes is diep onder de indruk van Proulx’ nieuwste werk, schrijft ze op de Britse natuursite NHBS. Niet alleen omdat ze de natuur en de mensen die ervandaan komen zo fraai beschrijft, maar ook door het taalgebruik: ‘Verliezen we deze natuurlijke habitat, dan gaat een hele waslijst aan zelfstandig en bijvoeglijk naamwoorden verloren.’
Romanschrijvers die zich verdiepen in ecologische thema’s vormen een ‘onweerstaanbaar subgenre’, vindt Rohan Silva in The Guardian. Omdat journalisten objectief horen te blijven, zijn ze bijna nooit in staat om de échte betekenis van de ondergang van de natuur duidelijk te maken. ‘Daar zijn romanciers voor nodig, die het subjectieve in hun non-fictie laten doorsijpelen.’ Silva vindt dat Proulx er glansrijk in slaagt om de bedreiging van moeras- en zwampgebieden over te brengen: ‘In magnifiek proza maakt ze levensechte personages van een poel of een stuk veengrond. Zoals ze ook in Scheepsberichten de zee tot leven wist te wekken.’
360 kiest een aantal door de buitenlandse pers beschreven concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities die naar Nederland of België komen
Wetenschappelijk genie met directe invloed op de wereldvrede
Blauwdrukken van het heden
LITERATUUR | De in Hongarije geboren en opgegroeide John von Neumann (1903-1957) geldt als een ongeëvenaard wetenschappelijk genie. Of het nu ging om de grondslagen van de wiskunde, kwantumtheorie, ballistiek, digitale computers of speltheorie, Von Neumann wist er alles van en kon het nog helder uitleggen ook. Volgens collega-wetenschappers beschikte hij dan ook over de snelste hersenen ter wereld. Aan hem wordt ook het basisontwerp van de hedendaagse commerciële computer toegeschreven. Halverwege de vorige eeuw was Von Neumann bovendien nauw betrokken bij de ontwikkeling van de atoombom in de VS.
De Britse wetenschapsjournalist Ananyo Bhattacharya publiceerde vorig jaar het boek The Man from the Future over Von Neumann. Verwacht geen biografie in letterlijke zin, de beschrijving van iemands levensloop, waarschuwt Ulf von Rauchhaupt in de Frankfurter Allgemeine Zeitung. Bhattacharya concentreert zich in het boek ‘vrijwel uitsluitend op zijn wetenschappelijke werk, ook al zou je daar minstens een half dozijn wetenschappers op Nobelprijsniveau voor nodig hebben’. Von Rauchhaupt snapt dat het voor de auteur onbegonnen werk is om Von Neumanns werk een plaats te geven in de wetenschapsgeschiedenis. Geen enkele gespecialiseerde historicus is daartoe in staat, omdat die minstens vijf disciplines zou moeten beheersen. ‘Tenzij Von Neumann er zelf mee aan de slag zou gaan…’
‘Bhattacharya houdt het op een complex en fascinerend karakter, maar juist daar had ik meer over willen lezen’
In The New Republic constateert Samanth Subramanian dat Bhattacharya meer als cartograaf dan als biograaf te werk is gegaan. ‘Daardoor is de held van het verhaal soms pagina’s lang afwezig, terwijl de auteur een rijke intellectuele staalkaart van zijn ideeën, theorieën en denkwijzen presenteert en die met elkaar in verband brengt.’ Zo wordt volgens Subramanian duidelijk hoe Von Neumann zijn toekomst en ons heden heeft ontworpen: ‘Kijk goed om je heen en je ziet overal zijn vingerafdrukken.’
Criticus Jennifer Szalai van The New York Times is weliswaar onder de indruk van Bhattacharya’s boek, maar heeft na het lezen toch wat ambivalente gevoelens. Zo komt Von Neumann enerzijds op haar over als een Amerikaanse havik die een preventieve aanval op Rusland voorstelde, terwijl hij anderzijds als Centraal-Europeaan de theorie aanhing dat de mens altijd geneigd is samen te werken om te overleven: ‘Bhattacharya houdt het op een complex en fascinerend karakter, maar juist daar had ik meer over willen lezen.’
Stephen Budiansky is op voorhand sceptisch over populaire uiteenzettingen van de kwantumtheorie, maar geeft zich gewonnen na het lezen van The Man from the Future, schrijft hij in The Wall Street Journal: ‘In kristalhelder proza geeft Bhattacharya de essentie van mathematische en natuurkundige stellingen weer. Het is een ware krachttoer dat het boek ook nog eens leest als een trein.’
The Man from the Future van Ananyo Bhattacharya verscheen op 16 september in de Nederlandse vertaling van Hans van den Berg als De man uit de toekomst: het visionaire leven van John von Neumann bij Atlas Contact.
Door Diederik Samwel
Oude hits in georkestreerd jasje
Gedoodverfde kandidaat voor nieuwe James Bond-titelsong
POP | Robbie Williams (48), eind vorige eeuw onbetwiste de populairste zanger van de Britse boyband Take That, timmert al 25 jaar aan de weg als soloartiest, en dat wordt groots gevierd met het verzamelalbum XXV. Zijn grootste hits staan erop, maar dan begeleid door het Nederlandse Metropole Orkest, volgens James Hall van The Telegraph het voornaamste jazz- en poporkest ter wereld. De georkestreerde liedjes kunnen Hall wel bekoren. Hij vraagt zich zelfs af hoe de producers van de James Bondfilms Williams tot dusver over het hoofd hebben kunnen zien: ‘Met de funky gitaren en aanstekelijke blazers ondergaan hits als Millennium en No Regrets de perfecte 007-behandeling.’ De recensent is alleen niet te spreken over de hoes, waarop Williams ‘even belachelijk als pompeus’ poseert als De denker van Auguste Rodin: ‘Zoiets is kennelijk alleen voorbehouden aan popartiesten.’
Op de klanken van het Metropole Orkest komt Williams’ stem volledig tot zijn recht, schrijft Neil Yeung voor het Britse AllMusic: ‘Zonder de neiging tot overgeproduceerde trucjes, waar mainstreampopartiesten zo vaak onder gebukt gaan. Op een paar mindere nummers na een overweldigende verzameling popsongs.’
Na 25 jaar krijgt Williams de pophemel nog altijd in beweging
Gianni Sibilla van de Italiaanse muzieksite Rockol vindt het jammer dat Williams bij de georkestreerde versie van zijn muziek uit zijn tot dusver ‘perfect ingevulde rol van onbezonnen artiest vol zelfspot’ valt. De criticus hinkt op twee gedachten over het nieuwe album: ‘Enerzijds wijst ook dit verzamelalbum op gebrek aan inspiratie en ideeënarmoede, en voegen de nieuwe orkestraties weinig toe aan Williams’ repertoire. Anderzijds gaat het wel om popgeschiedenis van de afgelopen decennia.’
Zijn collega van het Duitse RTL is daarentegen ronduit enthousiast over XXV: ‘Sommige hits krijgen een extra charme en worden krachtiger en intenser dan hun oude versie, zonder daarbij hun oorspronkelijke glans te verliezen. Na 25 jaar krijgt Williams de pophemel nog altijd in beweging.’
Het album XXV van Robbie Williams is op 9 september uitgekomen.
Door Diederik Samwel
De vreemd verslavende show van Fielder
Een grondige voorbereiding op het echte leven
SERIE | Wat gebeurt er als mensen die moeite hebben om verbinding en betekenis in hun leven te vinden, deze proberen te bereiken door een soort show op te voeren? Dat is volgens Naomi Fry vanThe New Yorkerde centrale vraag in The Rehearsal, waarin de Canadese acteur Nathan Fielder schittert als regisseur van ‘repetities’: uitvoerig geënsceneerde scenario’s die delen van het leven van gewone mensen nabootsen met het doel hen voor te bereiden op een groot moment in hun leven. De humor die het andere werk van Fielder kenmerkt, is hierbij sluimerend aanwezig. ‘Het ethische ongemak dat voortkomt uit het feit dat je er niet achter kunt komen wat Nathan van plan is, is geen bijproduct van de show – het is de kern,’ schrijft Sam Adams voor Slate.
Als invloeden voor de serie noemt Fry Charlie Kaufman (van o.a. Being John Malkovich), Sacha Baron Cohen, het ‘docu-naïf-style oeuvre’ van Louis Theroux en Nick Broomfield, maar ook Big Brother en de recente documentaire Tiger King: ‘Al deze werken zijn, op hun slechtst, afstandelijk voyeuristisch en brengen niet alleen hun makers, maar ook hun kijkers in verlegenheid.’ Zoals Noelia Fariña van El Paíshet beschrijft: ‘Deze serie is (…) verontrustend en triggert onze hersenen: van het ene op het andere moment verandert onze lach in een grimas, krimpen we na een aangename zucht ineen.’
‘Amper vijf minuten na de eerste aflevering wilde ik mijn laptop door de kamer smijten of Nathan Fielder er gewoon af gooien’
En dat valt niet bij iedereen in de smaak. ‘Amper vijf minuten na de eerste aflevering wilde ik mijn laptop door de kamer smijten of Nathan Fielder er gewoon af gooien,’ schrijft Richard Brody in een andere recensie in The New Yorker. Hij bestempelt Fielder met zijn ‘roekeloze’ verraad als ‘wreed en arrogant’ en hoopt, vergeefs, steeds dat degenen met wie hij de rehearsals uitvoert, hun deelname zullen beëindigen. Fielder ‘toont geen enkele interesse in wat [zijn slachtoffers] denken na te zijn bedrogen door de man aan wie [ze] (zoals Fielder in de voice-over zegt) [hun] leven hebben toevertrouwd.’
En Brody is niet de enige die er zo over denkt. John Doyle stelt in The Globe and Mail vast dat Fielder geen enkele empathie toont met degenen die hij zogenaamd probeert te helpen, en Daniel D’Addario vanVariety vindt dat het isolement dat Fielder met zijn show probeert te doorbreken, juist wordt uitvergroot doordat zijn project uiteindelijk ‘een steeds minder leuke grap blijkt te zijn’.
De vraag is of Brody hem echt van zijn laptop heeft gegooid. ‘Hoewel je niet helemaal begrijpt waarnaar je kijkt,’ schrijft Shirley Li in The Atlantic, ‘is wat je ziet zo vreemd verslavend dat je niet anders kunt dan blijven kijken.’
The Rehearsalis te zien op HBO.
Door Laura Weeda
Het zwembad als metafoor voor de maatschappij
De onbevooroordeelde blik van Dörrie
FILM | Het enige vrouwenbuitenbad van Duitsland vertoont zulke grote parallellen met de westerse samenleving – onder andere op het gebied van competitie (om een plekje in de zon) en beperkingen (individuele mogelijkheden om je uit te drukken) – dat Doris Dörrie besloot er een film van te maken: Freibad. Een groep vrouwen ruziet om wat je eet (lams- of varkensworstjes), wat je draagt (een bi- of burkini) en wie het voor het zeggen heeft. Hoewel de Duitse filmregisseur het gegeven (samen met Karin Kaçi en Madeleine Fricke) tot een komedie bewerkte, zijn alle personages liefdevol neergezet, schrijft Susan Vahabzadehin de Süddeutsche Zeitung: ‘De coole Steffi met haar Zwitserduits, Eva die ooit een seksbom was en worstelt met oud worden, de schattige mollige Paula die eindelijk van iemand te horen krijgt dat ze prachtig is, maar helaas in het Arabisch, wat ze niet verstaat. Geen van deze vrouwen is slecht – soms zijn ze ondeugend.’
‘Een vermakelijke, doordachte, maar niet al te diepgaande film’
Hoewel de recensent zich afvraagt of het gegeven genoeg was voor een film, had deze volgens Vahabzadeh door niemand anders gemaakt kunnen worden: ‘Dörrie heeft een heerlijk onbevooroordeelde kijk op haar medemens, liefdevol maar niet blind voor hun fouten.’ Het resultaat: ‘Een vermakelijke, doordachte, maar niet al te diepgaande film.’
Dat Dörrie de juiste persoon was, wordt door de Frankfurter Allgemeine Zeitung volmondig beaamd: ‘Er is geen andere filmmaker in Duitsland die zo gekwalificeerd is (…) om zo’n gevoelig onderwerp aan te pakken. Ze observeert al bijna vijftig jaar de gebruiken in het land, is intercultureel competent (getuige Happy Birthday, Türke! en Kirschblüten & Dämonen [Kersenbloesem & demonen]) en kent alle tussenvormen tussen komedie en drama. De film Freibad is zeker geen “coma” (comedy-drama), maar gewoon een serieuzere poging om de spanningen die in multiculturele samenlevingen ontstaan op een luchtige manier te behandelen.’
360 kiest een aantal door de buitenlandse pers beschreven concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities die naar Nederland of België komen, of online te vinden zijn.
Woede in Iran over bekroonde film
Kritisch beeld of propaganda?
FILM | Een moordenaar keert ’s nachts terug naar huis, nadat hij zich heeft ontdaan van een lichaam. De camera beweegt omhoog en laat Mashhad, de op een na grootste stad van Iran, van bovenaf zien. De verlichte straten, met in het centrum de grootste moskee van Iran, Imam Reza, doen denken aan de draden van een spinnenweb. Dat is een van de beelden waar recensenten van Holy Spider over vallen, analyseert de Iraanse diasporanieuwssite IranWire, gevestigd in Londen. Deze nieuwe film van regisseur Ali Abbasi, die werd geboren in Teheran en nu in Denemarken woont, is gebaseerd op het waargebeurde verhaal van een seriemoordenaar, bijgenaamd ‘de spinnenmoordenaar’, die in 2000 in Mashhad zestien prostituees wurgde. Nadat hij was veroordeeld, verklaarde hij dat hij de ‘ontucht in de straten van de heilige stad had willen uitroeien’, een missie die hem een zekere populariteit opleverde.
Hoewel Holy Spider in Cannes de prijs voor beste vrouwelijke vertolking won, hebben Iraanse kranten er geen goed woord voor over. Zo hekelt de krant Al-Quds de ‘politieke keuze’ van het festival van Cannes om een film te belonen die een ‘vertekend beeld’ geeft van de Iraanse samenleving. Volgens de ultraconservatieve krant Kayhan is Holy Spider geen film, maar ‘visuele propaganda tegen het Iraanse volk en de islam’, ‘gemaakt door een groep geëmigreerde Iraniërs’.
Jamé Jam spreekt van ‘een politiek project’ dat erop gericht is ‘Iran en de islam zwart te maken’
‘Met uitzondering van een paar gestoorde mensen, die vaak dicht bij de moordenaar stonden, heeft geen enkele moslim ooit zijn misdaden [van Saïd Hanaï, de spinnenmoordenaar] goedgekeurd’, verduidelijktFarhikhtegan. Ook dagblad Jamé Jam, een publicatie van de staatstelevisie, spreekt van ‘een politiek project’ dat erop gericht is ‘Iran en de islam zwart te maken en een gewelddadig beeld te schetsen’ van de samenleving.
Abbasi kon de film dan ook niet in Iran opnemen. Als alternatief werd Jordanië gekozen. En hoewel de prijswinnende actrice, Zahra Amir Ebrahimi, die in 2008 ook nog eens gedwongen Iran had verlaten vanwege een seksschandaal, op Twitter werd gefeliciteerd door voormalig vicepresident Mohammad Ali Abtahi – ‘Ze laat zien dat we ondanks de ontberingen naar de top kunnen stijgen’ – zal de film (voorlopig) niet in Iran worden vertoond.
Door Laura Weeda
De grootste kunstwerken in één clip
De populaire megalomanie van Jay Chou
VIDEOCLIP | Op 6 juli uploadde de Taiwanees Jay Chou, een van de beroemdste Chineestalige popsterren, de videoclip voor zijn nieuwe nummer, waarvan de titel zich vertaalt naar ‘The Greatest Works of Art’. Het is afkomstig van een album dat op 15 juli werd uitgebracht, het eerste album van de artiest sinds 2016. ‘In de clip is te zien hoe Chou zich verkleedt als bewaker in La Samaritaine en het Parijse warenhuis binnenglipt om een magische piano te bespelen’, beschrijft ArtNet News. Na een paar noten verplaatst hij zich naar een ander tijdperk, waarin hij grootheden als Dalí, Magritte en Monet ontmoet.
‘The greatest works of art zijn dus allemaal buitenlands?’
De clip werd sinds de release vele miljoenen malen bekeken, volgens de Chinese site Sixth Toneonder meer omdat deze een ‘balsemende werking zou hebben’ op ‘alle Chou-bewonderaars op het vasteland van China, die vanwege covid-19 geen reizen naar het buitenland hebben mogen maken en heimwee hebben naar de Europese kunst en cultuur’. Maar er is ook kritiek. ‘In deze roerige tijden hoef ik, de koning van de muziek, niet als een schilderij ingelijst te worden. Mijn muzieknoten vormen de toekomst van de kunst’, citeert Art News uit het liedje om de grootheidswaanzin van de artiest aan te stippen, die bijvoorbeeld ook blijkt uit zijn insinuatie dat tovertrucs van hem tot bepaalde kunstwerken zouden hebben aangezet, zoals de gebogen lepel van Dalí.
Een gebruiker van Weibo, de Chinese variant van Twitter, postte de retorische vraag: ‘The greatest works of art zijn dus allemaal buitenlands?’ The Straits Times, een dagblad uit Singapore, schrijft scherp: ‘Woody Allen draaide Midnight in Paris [waarin de held ook naar het Parijs van de jaren twintig reist] om op zoek te gaan naar overblijfselen van de belle époque. Jay reist naar Parijs om zichzelf te vergelijken met Monet, Van Gogh en Matisse.’
Door Laura Weeda
Knoesterig stemgeluid
Onverslijtbare gitarist blijft trouw aan zichzelf
MUZIEK | Internationale critici betuigen unaniem groot respect voor de Amerikaanse gitarist en singer-songwriter Willie Nelson, die op zijn 89ste verjaardag met A Beautiful Time zijn 72ste album presenteert.
Thoralf Koss, redactiechef van het Duitse MusikReviews, vraagt zich af of we het album wel los van Nelsons leeftijd kunnen beluisteren: ‘Is het ironie dat het openingsnummer I’ll Love You til the Day I Die heet?’ Muzikaal blijft Nelson volgens Koss trouw aan zichzelf en zijn ‘typerende en charismatische’ stemkleur: ‘Hij klinkt geenszins gebrekkig en zijn articulatie is uitstekend.’
In zijn recensie voor de Italiaanse muzieksite Rock Onlineverwijst Paolo Panzeri naar tijden dat onze samenleving het concept ‘jong’ vooropstelde. ‘Maar Nelson komt uit een andere tijd en is nooit uit de mode geraakt. Het is misschien oude countrymuziek, maar ik vind het leuk.’ Uit de manier waarop hij de laatste fase van zijn leven bezingt, haalt Panzeri ‘een nuance die schommelt tussen sarcastisch en teder’.
‘Zijn stem is extra knoesterig en daardoor nog interessanter geworden’
Neil McCormick van The Telegraph vindt dat Nelson de veertien tracks – acht covers en zes nieuwe songs – perfect weet te brengen ‘met zijn losse, haast terloopse gevoel voor timing’: ‘Zijn stem is extra knoesterig en daardoor nog interessanter geworden, terwijl het aangeboren melodieuze allerminst is verdwenen.’
Recensent Joe Breen noteert voor The Irish Times één ‘merkwaardige misser’ op het album: bij With a Little Help from My Friends van The Beatles ligt het tempo volgens hem te hoog. Met Tower of Song van Leonard Cohen maakt Nelson dat ruimschoots goed, ‘alsof dit nummer is gemaakt voor zijn prachtige stem. Echt waar: ook wanneer deze man uit het telefoonboek zingt, klinkt het interessant.’
Het album A Beautiful Time van Willie Nelson is begin mei uitgekomen.
Door Diederik Samwel
Spannende thriller over Russische witwaspraktijken
Te goed om niet waar te zijn
LITERATUUR | Het journalistieke boek Freezing Order van de Amerikaan Bill Browder bevat alle ingrediënten van een thriller, schrijft Andrew Anthony in The Guardian: ‘Omkoping, bedreiging, vergiftiging of pogingen daartoe, mensen die zomaar van een wolkenkrabber naar beneden storten. Een ongelooflijk verhaal, met tempo en flair verteld.’
Vooral ongelooflijk omdat Browder zijn eigen verhaal vertelt, vindt Anthony. Vanaf halverwege de jaren negentig wist hij zich met zijn investeringsmaatschappij Hermitage Capital Management op te werken tot Ruslands grootste buitenlandse financier in het postsovjettijdperk. Browder introduceerde onder meer aandeelhoudersconstructies bij grote concerns als Gazprom. Aanvankelijk floreerde zijn bedrijf ook onder Vladimir Poetin. Tot Sergei Magnitsky, een van Browders stafleden, in 2008 een witwasoperatie van 230 miljoen dollar door de Russische overheid aan het licht bracht. Magnitsky werd gearresteerd en overleed een jaar later in zijn cel, vermoedelijk als gevolg van mishandeling en uitputting. Browder had zich toen al in Londen gevestigd.
Freezing Order gaat vooral over de manier waarop Poetin zijn vijand Browder op alle fronten tegenwerkt
Daar startte hij een uitgebreide, internationale lobby die zou leiden tot de Magnitsky Act, een wet die tegoeden bevriest van politieke leiders en zakenlieden die de mensenrechten hebben geschonden. Freezing Order gaat over de totstandkoming van deze wet en vooral over de manier waarop Poetin zijn vijand Browder op alle fronten tegenwerkt.
‘Een essentieel boek van iemand die al jaren in de gaten heeft hoe corrupt Russische zakenmensen en politici opereren en hoe buitenlandse lobbyisten en communicatiestrategen hun daartoe alle ruimte boden’, vindt Timothy Frye in The Washington Post. Al te subtiel gaat Browder niet te werk, schrijft hij verderop: ‘Helden worden gedreven door rechtvaardigheid, slechteriken door hebzucht.’ In die tweede categorie zijn volgens Frye niet zozeer Russische juristen vertegenwoordigd als wel hun collega’s in de westerse wereld: ‘Gepassioneerd nagelt Browder hen met naam en toenaam aan de schandpaal.’
Andrew Ross Sorkin noemt Browder in The New York Times ‘bij uitstek deskundig’ binnen de dialoog over sancties tegen Rusland om de oorlog in Oekraïne te stoppen: ‘Browder biedt een uniek perspectief op de manieren om Poetins strategie te beïnvloeden.’
‘Browders verhaal is simpelweg te goed om niet waar te zijn’
Katie Stallard van de New Statesman ziet in Freezing Order een ‘krachtig pleidooi voor alle juridische mogelijkheden om Poetins geldschieters van hun buitenlandse tegoeden en luxejachten af te houden.’ Al krijgt Stallard wel de indruk dat Browder zichzelf ‘iets te nadrukkelijk op de voorgrond plaatst’.
Een heel andere vraag is of Browders verhaal eigenlijk wel klopt. In Der Spiegel presenteert Benjamin Bidder een uitgebreide analyse van de Magnitsky Act, waarin hij vaststelt dat Browder bronnen opvoert die later hun verklaringen hebben ingetrokken. Ook blijken er verschillende verhalen in omloop over de door Magnitsky geopenbaarde witwasoperatie. Niettemin schat Bidder de kans dat de wet in steeds meer landen in werking treedt hoog in: ‘Browders verhaal is simpelweg te goed om niet waar te zijn.’
Freezing Order verscheen half juni in de Nederlandse vertaling van Nannie de Nijs Bik-Plasman bij uitgeverij Atlas Contact.
360 selecteert een aantal toonaangevende internationale concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities.
Zonder grenzen
FILM | Onlangs, schijnbaar uit het niets, kondigde de Amerikaanse succesregisseur Jordan Peele de naam van zijn derde film aan: Nope, slang voor ‘nee’, meestal gebruikt om verdere discussie te ontmoedigen. Ook liet hij de poster van zijn nieuwste film zien: een foto van een onheilspellende wolk die boven een bergdorp zweeft. Waar de film precies over gaat, werd niet meteen duidelijk. Wel zei Peele dat hij weer een spektakel wilde maken. Verontrust over de toekomst van de cinema, schreef hij Nope, The Great American UFO Story.
Peele is acteur, komiek, scenarist en regisseur; hij trad jarenlang op bij het comedy-collectief Boom Chicago in Amsterdam. In zijn debuutfilm Get Out overrompelde hij menig bezoeker met zijn keiharde kritiek op ingebakken racisme, juist bij mensen met hardnekkige goede bedoelingen, door op een rauwe en komische manier te laten zien hoe ongemakkelijk het is om zwart te zijn in een witte wereld.
Horror is een geschikt genre voor sociale satire doordat de ongeschreven afspraak met het publiek is dat alles mag
Dat horror een geschikt genre is voor sociale satire, komt volgens Peele doordat de ongeschreven afspraak met het publiek is dat alles mag; er zijn geen ontoelaatbare grenzen, je mag de diepste angsten aansnijden in de veilige omgeving van het medium. Datzelfde geldt voor satire. Die twee genres samen-gevoegd blijken een perfect paar te vormen.
In Los Angeles, waar de film in première ging, waren de eerste reacties volgens Variety eensluidend lovend. De draai die Peele maakte naar sciencefiction leverde hem de vergelijking op met een van ’s werelds voornaamste regisseurs, Steven Spielberg.
Nope is vanaf 18 augustus in de bioscoop te zien.
Where Is Home?
MUZIEK | Cellist Abel Selaocoe, geboren in Zuid-Afrika en opgeleid in Engeland, plaatst westerse en niet-westerse muziek naast elkaar, van Bach tot beatboxing. In Where Is Home? laat hij zich inspireren door familie en aanverwante thema’s. Met het Bantu Ensemble in het Concertgebouw, Amsterdam, 7/8.
Where Is Home? is met het Bantu Ensemble op 7 augustus te zien in het Concertgebouw, Amsterdam.
Couture-koningin
MODE | De Chinese modekoningin Guo Pei, bekend van de enorme gele creatie die popster Rihanna in 2015 droeg naar het Met Gala in New York, is het toonbeeld van exquise vakmanschap, weelderig borduurwerk en onconventionele kledingtechnieken. Ook al vlogen de meme’s in de rondte waarin Rihanna’s jurk als grote omelet werd afgebeeld.
In de ontwerpen van Guo Pei, smelten de invloeden van China’s keizerlijke verleden samen met de grandeur van het Europese hofleven, architectuur en de botanische wereld. Couture Fantasy, is de eerste uitgebreide tentoonstelling van haar baanbrekende werk. De tentoonstelling omvat meer dan 80 ensembles uit de afgelopen twee decennia. In Close Upvertelde zij soms wel vijftigduizend uur aan één kledingstuk te besteden. Inmiddels werken een kleine 500 borduursters voor Pei.
Guo Prei: Couture Fantasy is tot 5 augustus te zien in Fine Arts Museum, San Francisco.
Vergeten verhalen
THEATER | De Amerikaan Taylor Mac maakt al twintig jaar internationaal bekroonde voorstellingen. A 24-Decade History of Popular Music is zijn subjectieve geschiedenis van de VS sinds 1776, verteld vanuit het perspectief van groepen wier verhalen vaak worden ‘vergeten, verworpen of begraven’.
A 24-Decade History of Popular Music is tot en met 6 augustus te zien in het Internationaal Theater Amsterdam.
Licht, vorm en pastelwolken
BEELDENDE KUNST | Pitzhanger Manor, het landgoed van de Britse architect Sir John Soane (1753-1837) in West-Londen, presenteert een solo-tentoonstelling van kunstenares Rana Begum (Bangladesh, 1977). Haar opvallende werken verkennen de perceptie van licht, kleur en vorm en doen de grenzen vervagen tussen beeldhouwkunst, architectuur, design en schilderkunst.
Omdat Soane in Pitzhanger op een in-genieuze manier met licht speelde, is Begum een voor de hand liggende keuze. Ze was dan ook getroffen door de sierlijkheid van Soanes kamers, ‘alsof je voortdurend in het licht staat’. Ze wilde dat haar expositie Dappled Light daarop zou reageren en nam de zichtlijnen en ingewikkelde decoratieve schema’s binnenin mee in haar ontwerp.
Nieuw is een grote zwevende installatie van gaas met zachte geometrische wolken in pasteltinten die tot de on-eindigheid kunnen worden aangevuld – zo lijkt het. Ook te zien is Begums eerste videowerk, dat het vluchtige licht vastlegt in een bos, terwijl ze door de seizoenen fietst.
Rana Begum: Dappled Light is tot 11 augustus te zien in Pitzhanger Manor & Gallery, Londen.
Beste dansers en grote beloften
Tijdens Summer Dance Forever komen dansers van over de hele wereld een week naar Amsterdam. Omschreven als ‘een internationaal dansfeest met het beste van vandaag en de grote beloften van morgen’.
Summer Dance Forever is op 24 augustus op verschillende locaties in Amsterdam te zien.
360 kiest een aantal door de buitenlandse pers beschreven concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities die naar Nederland of België komen, of online te vinden zijn.
Neon White is niet alleen voor freaks
Razendsnelle, Japans geïnspireerde magie
GAME | Terwijl het laatste oordeel al nadert, bevinden er zich nog binnengedrongen demonen in het Paradijs die koste wat kost op tijd moeten worden verdreven. Dat is het uitgangspunt van het spel Neon White, dat in juni werd uitgebracht op pc en Nintendo Switch en gemaakt is door Ben Esposito en de kleine studio Angel Matrix. Als speler ben je een van de huurmoordenaars die deze helse taak toebedeeld krijgt (en heb je ook amnesia). ‘Het is een understatement om te zeggen dat dit spel erg snel gaat,’ aldus de Britse gamesite Eurogamer.
Game Informer is onder andere enthousiast over de invloed van vroegere Japanse actiegames. ‘Volgens Esposito is het spel bedoeld voor “een heel specifiek publiek,”’ aldus het Amerikaanse tijdschrift. ‘Anders gezegd (…): het is gemaakt voor freaks.’
‘Nooit had ik zo’n adrenalinestoot gevoeld als toen ik op de eerste plaats in het klassement belandde’
Toch is het nu al razend populair. Andrew Webster van technologiesite The Verge ‘kan er geen genoeg van krijgen’ en noemt de game ‘enorm bevredigend’. Eric Van Allen van gamesite Destructoid beschreef hoe ‘geweldig (…) het voelt om eindelijk een level onder de knie te hebben’. Blake Hester van Game Informer sprak van ‘een van mijn meest vermakelijke speelervaringen in jaren’. ‘Nooit had ik zo’n adrenalinestoot gevoeld als toen ik op de eerste plaats in het klassement belandde, minder dan een milliseconde voor mijn concurrenten. Als dat geen magie is, weet ik het ook niet meer,’ schreef ook Eurogamer-recensent Oisin Kuhnke. Spelsite Kotaku vat het samen: ‘Neon White is echt zo goed als iedereen beweert.’
Door Laura Weeda
Over het verstrijken van tijd en pure existentie
Filmcamera als nieuwsgierige antropoloog
SPEELFILM | In zijn film Il Buco reconstrueert de Italiaanse regisseur Michelangelo Frammartino een expeditie uit 1961 in een bijna 700 meter diepe grot in Calabrië, de zuidelijkste regio van Italië. Terwijl een team speleologen steeds verder de diepte induikt, wordt een oude, doodzieke herder door zijn metgezellen verzorgd op een van de naast gelegen bergflanken.
In een poëtisch geschreven recensie voor het Spaanse filmmagazine El Antepenúltimo Mohicanoomschrijft Javier Acevedo Nieto Il Buco als een ‘meeslepende film’. Door de fraaie cameravoering en het ontbreken van dialogen maakt de regisseur van de grot ‘haast een levend organisme dat ademt, huilt en resoneert’. Volgens Nieto grijpt Frammartino terug naar de ‘grootsheid van primitieve cinema met een camera die als een nieuwsgierige antropoloog fungeert, waarbij de verrichtingen van de mens volledig in het niet vallen’.
Diego Battle van de internationale filmssite Otros Cines noemt het ‘cinema van de contemplatie’, maar dan letterlijk: ‘Onderdompeling. Waar veel hedendaagse films worden gedomineerd door hyperstimulatie en duizeling wekken, is Il Buco een balsem voor de bioscoopbezoeker.’
‘Il Buco weigert betekenis en bestaansrecht prijs te geven’
‘Docufictie met uitsluitend prachtige beelden,’ luidt de conclusie van Jessica Liang, criticus van Variety. Ze vindt het een geslaagde keuze dat de parallel tussen de zieke herder en de grotexpeditie door wetenschappelijke buitenstaanders ‘niet leidt tot een dramatisch conflict, maar bewust vaag is gehouden’.
Minder enthousiast is Liang over de poging om in de film de sfeer van begin jaren zestig op te roepen: ‘Klassieke canvastenten, een antieke leren voetbal en een tijdschrift met Sophia Loren op de cover. Dat komt gekunsteld over. Vooral omdat deze film niet zozeer een paar decennia overbrugt maar terugvoert naar een lang vervlogen geologisch tijdperk.’
Peter Bradshaw gaat in zijn bespreking voor The Guardian nog een stap verder: ‘Il Buco weigert betekenis en bestaansrecht prijs te geven. Daardoor dwingt hij ons na te denken over iets existentieels dat verder gaat dan het verstrijken van de tijd.’
Il Buco van Michelangelo Frammartino is vanaf 23 juni te zien in de bioscoop.
Door Diederik Samwel
Weggezet als homoseksuele roman
Een nieuwe kans voor James Purdy
LITERATUUR | Toen auteur Jon Michaud in een artikel voor een literair tijdschrift de naam James Purdy noemde, kreeg hij van de redacteur de suggestie deze er maar uit te laten, omdat niemand toch van hem had gehoord, vertelt Michaud in The New Yorker. Deze typering als outsider heeft de Amerikaanse auteur, die in 2009 in New Jersey overleed, zijn leven lang achtervolgd. Toen hij begon met verhalen inzenden, aldus Purdy geciteerd in het Amerikaanse weekblad, ontving hij keer op keer ‘boze, knorrige, verontwaardigde afwijzingen van de gelikte tijdschriften uit New York, en zo mogelijk nog vijandiger commentaar van de kleinere bladen’. ‘Hij schreef over liefde en verlangens tussen mensen van hetzelfde geslacht en zei dat dat iedereen kan overkomen,’ aldus biograaf Michael Snyder. ‘Bovendien combineerde hij die thematiek met kwesties van ras en macht. New Yorkse critici hebben hem gewoon de mond gesnoerd.’ Ook The Guardian beschrijft hoe ‘deze witte schrijver uit het Midwesten, die schreef over outsiders – vrouwen, Afro-Amerikanen, homo’s, inheemse Amerikanen – (….) zelf [werd] verstoten door het Amerikaanse literaire establishment’.
‘Ik ben geen homoseksuele schrijver. Ik ben een monster. Homoseksuele schrijvers zijn te conservatief’
Inderdaad werd een van zijn vroege werken (1965) door The New York Times weggezet als een ‘homoseksuele roman’ en door een collega-auteur getypeerd als een ‘vijfderangs avant-gardesoap [over] gebed en flikkerij’. Ondanks dat het zijn bestverkochte boek was, met een recensie in de Sunday Times door George Steiner waarin deze Purdy’s gave prees ‘om zenuwen en botten te laten spreken’, en ondanks dat hij al bij leven fans had als Dorothy Parker, Susan Sontag en Paul Bowles, bleef het label ‘homoseksuele schrijver’ de rest van zijn carrière aan hem kleven. ‘Ik ben geen homoseksuele schrijver. Ik ben een monster. Homoseksuele schrijvers zijn te conservatief,’ luidde zijn commentaar.
Dit lijkt de aangewezen tijd voor een herwaardering van zijn werk, dat zijn biograaf typeert als ‘jazz’ en door The Guardian met dat van Wes Anderson wordt vergeleken. Bij uitgeverij Athenaeum verschijnt in juli Ik ben Elijah Thrush, uit 1972. Zou hij daar zelf blij mee zijn geweest? Als mensen al te zeer gesteld op hem zouden raken, merkte hij ooit op, ‘zou ik denken dat er iets was misgegaan’.
James Purdy, Ik ben Elijah Thrush, verschijnt in juli bij uitgeverij Athenaeum in een vertaling van Harm Damsma en met illustraties van Charlotte Schrameijer.
Door Laura Weeda
Album als therapeutische sessie
Persoonlijke bekentenissen op meesterlijke muziek
HIPHOP | Met zijn nieuwe album Mr. Morale & The Big Steppers bewijst de Amerikaanse rapper en songwriter Kendrick Lamar (34) zich opnieuw als ‘absolute meester van de hiphop’, schrijft Luc Lorfèvre in de Waalse krant Dernière Heure. Volgens de recensent verstaat Lamar de ‘kunst van concieze communicatie’, terwijl hij met ‘een alomtegenwoordige piano, rijke klankpaletten en samples van soul en jazz uiterst gevarieerde sferen oproept en zijn gehoor in een sprankelende flow brengt’.
Zijn collega van Forbes India staat uitgebreid stil bij Lamars literaire verdiensten die hem in 2018 als eerste muzikant in de geschiedenis de Pulitzer Price opleverden: ‘Hij geldt als een van de meest invloedrijke hedendaagse schrijvers die in zijn lyriek verbanden legt tussen politiek, sociaal onrecht en zijn persoonlijke leven. Op zijn nieuwe album is het alsof hij mediteert om innerlijke demonen en onderdrukte emoties te bedwingen. Tegelijkertijd probeert hij in balans te komen met zijn gezinsleven en zijn wereldfaam.’
‘Alles wat uit Kendricks mond komt, heeft een doel’
‘Alles wat uit Kendricks mond komt, heeft een doel. Meestal komt hij met gefundeerde kritiek van sociaal-maatschappelijk belang,’ schrijft Pedro Ibarra voor Correio Braziliense. Maar op Lamars laatste album draait het vooral om zelfreflectie, denkt Ibarra: ‘Hij gebruikt verhalen uit zijn eigen leven om kwesties aan te kaarten die zijn persoonlijke belang ver te boven gaan. Van seksuele intimidatie waarmee hij in zijn jeugd te maken kreeg tot homofobie en de bejegening van zwarte mensen. Zo ontstaat een therapeutische sessie waar de hele wereld baat bij heeft.’
Ook Michael Dwyer van The Sydney Morning Herald vergelijkt Lamars nieuwe album met een therapie: ‘Inclusief persoonlijke bekentenissen over zijn seksverslaving en zijn giftige interpretatie van het begrip mannelijkheid.’ Muzikaal vernieuwend klinkt het niet, maar daar zit Dwyer helemaal niet mee: ‘Lamar blijft comfortabel in zijn kenmerkende, jazz-getinte wereld waarin een elegante piano voor harmonie zorgt. De manier waarop zijn songs je hart veroveren heeft dan ook meer weg van Marvin Gaye dan van Dr. Dre.’
Nadat hij met zijn vorige albums de wereld een spiegel heeft voorgehouden, doet Lamar dat ditmaal bij zichzelf, schrijft Will Pritchard in The Telegraph: ‘En daarbij komt hij tot een doorbraak, een ware openbaring. Meesterlijk, teder én volkomen rauw.’
Mr. Morale & The Big Steppers, het vijfde album van Kendrick Lamar is eind mei wereldwijd uitgebracht.
360 kiest een aantal door de buitenlandse pers beschreven concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities die naar Nederland of België komen, of online te vinden zijn.
Verboden klanken van Mark Eliyahu
Hoe de kamancheh het Midden-Oosten verovert
MUZIEK | In Iran is Israëlische muziek formeel verboden en wordt elk contact met een Israëliër bestraft met gevangenisstraf of zelfs executie. Toch worden de liedjes van Mark Eliyahu er, in het geheim, volop beluisterd en gespeeld.
Terwijl duizenden Iraniërs de Israëlische artiest dagelijks volgen op YouTube of Instagram, meldden ook duizenden zich af voor zijn kanalen ‘uit angst voor represailles’, aldus een artikel inHa’aretzgetiteld ‘Iranians are dying to see this Israelian musician perform life’. Op een video op YouTube is te zien hoe tientallen leerlingen van een muziekschool in Teheran een van zijn nummers op percussie-instrumenten naspelen.
‘Er gaat geen dag voorbij zonder dat ze me schrijven: wanneer kom je in Iran spelen?’
Het is volgens het Israëlische dagblad vooral het spel op de kamancheh, een oud-Perzisch snaarinstrument, dat Iraanse luisteraars raakt. Eliyahu werd in 1982 geboren in de Russische regio Dagestan uit twee muzikale ouders en was zes toen hij naar Israël emigreerde. Op zestienjarige leeftijd reisde hij naar het Griekse eiland Kreta om saz te studeren, waarna hij naar Azerbeidzjan verhuisde. Toen hij na zijn studie daar zijn muzikale carrière begon, was de kamancheh nog onbekend onder de Israëliërs. Toch houdt het instrument voor Eliyahu verband met de Joodse cultuur, aangezien het in de Bijbel wordt bespeeld door de Levieten: leden van de stam van Levi.
Ook in andere landen in het Midden-Oosten en in Turkije wordt Eliyahu geroemd. Zijn nummer Journey werd door meer dan 13 miljoen mensen geluisterd op YouTube. ‘Mijn concerten in Turkije zijn zo motiverend en opwindend. Ik hou van Turkse luisteraars’, citeert de Turkse siteDaily Sabahde muzikant trots. ‘Ze begrijpen de emotionele taal in mijn muziek.’ Maar ook met zijn Iraanse publiek is hij verguld: ‘Er gaat geen dag voorbij zonder dat ze me schrijven: wanneer kom je in Iran spelen? Het is heel ontroerend.’
Door Laura Weeda
De reis van de leraar die de toekomst kent
Het bruto nationaal geluk in beeld gebracht
FILM | In de Himalayaanse bergen neuriet een vrouw ‘Yak lebi lhadar’, een lied van jakherders over afscheid en opoffering, terwijl in de stad een grootmoeder haar kleinzoon Ugyen wakker maakt. Hij is gekleed in een T-shirt met het bruto nationaal geluk: een index die Bhutan ontwikkelde om het welzijn van de mensen te beoordelen.
‘Het slapen van de jonge man is zowel letterlijk als figuurlijk’, schrijft The Indian Express in een recensie over Lunana: A Yak in the Class Room van de Bhutanese regisseur Pawo Choyning Dorji. Om echt te ontwaken zal Ugyen, die leraar is, ‘een innerlijke reis moeten beginnen die hem zal dwingen om zowel zichzelf als zijn land te ontdekken’. Die reis begint wanneer hij wordt overgeplaatst naar een van de meest afgelegen plekken ter wereld: Lunana, een dorp tussen de besneeuwde bergtoppen, waar hij bekend komt te staan als de ‘leraar die de toekomst kent’.
Aangezien Lunana niet is aangesloten op het elektriciteitsnet, werd er gefilmd met batterijen op zonne-energie. Als acteurs werden dorpelingen ingezet die nog nooit een film hadden gezien. ‘We waren het laatste land ter wereld met televisie en internet,’ vertelt de regisseur. ‘Ik was dertien toen de eerste televisie kwam. Mensen verkochten hun koeien en jaks om er een te kopen en plaatsten die dan op een soort altaar in huis, waarop ze wierook offerden. Ze wilden zingen, zich verkleden en zijn als de “buitenstaanders”. Het fundament van het “tevreden gevoel” was volledig verstoord.’
’Ik zeg ze dat ze hun dromen moeten volgen, maar hun eigen liedjes moeten zingen, waar ter wereld ze ook zijn’
Hij heeft zelf vaak te horen gekregen dat hij wel ‘een heel gelukkig man’ moet zijn, aangezien hij uit een land komt dat inzet op bruto nationaal geluk. ‘Ik probeer met de film ook te laten zien wat Bhutan doormaakt, de uittocht van jonge mensen, leraren, die, aangetrokken door de pracht en charme van het Westen, massaal emigreren naar landen als Australië,’ zegt de regisseur in een interview met de Amerikaanse publieke omroep NPR. ‘Ik zeg niet dat ze niet weg moeten gaan; ik zeg ze dat ze hun dromen moeten volgen, maar hun eigen liedjes moeten zingen, waar ter wereld ze ook zijn.’
The Indian Express kenschetst de film als een soort Bhutanese fabel met als les dat geluk nergens anders te vinden is en enkel besloten ligt in tevredenheid. The New York Timesvindt dit idee ‘mooi effectief’ uitgevoerd, maar ook een beetje schools: het is ‘een poging om het concept van bruto nationaal geluk dat Bhutan heeft uitgevonden in beeld te brengen’. Andere media, zoalsVariety, waarderen het goede gevoel dat de film overbrengt, evenals de kennismaking met een onbekend land. Filmsite The Wrapschrijft: ‘In het coronatijdperk vindt deze film, die een eenvoudige manier van leven verdedigt, gebaseerd op wederzijdse hulp, veel weerklank.’The Wall Street Timesnoemt de film ‘van begin tot einde ontzettend leuk’.
Verandering is onvermijdelijk, besluit The Indian Times. Op de laatste filmdag, wanneer de crew zich voorbereidt om in te pakken, arriveert een groep ambtenaren in Lunana om er telecommunicatietorens te installeren. En onlangs ontving Choyning Dorji een Facebookbericht en een TikTokvideo van Pem Zam, de inmiddels twaalfjarige ster van de film.
Nu te zien in de bioscoop.
Door Laura Weeda
Spaanse satire over kapitalisme
Meedogenloze wolf in schaapskleren
SPEELFILM | Stel, je staat als lifter langs een verlaten snelweg en op hetzelfde moment stoppen er twee auto’s. In de ene zit de moordlustige psychopaat Anton Chigurh uit de speelfilm No Country for Old Men van de gebroeders Coen; de andere chauffeur blijkt de respectabele fabrieksdirecteur Julio Blanco uit El buen patrón van regisseur Fernando León de Aranoa. Bij wie stap je in?
Met deze hypothese vergelijkt Guy Lodge in Variety twee vertolkingen van de Spaanse steracteur Javier Bardem. De keuze ligt voor de hand, stelt Lodge, ‘maar wie Bardems laatste rol heeft gezien, weet wel beter. Mogelijk brengt deze man je niet persoonlijk om zeep, maar met elke plottwist ontwikkelt hij zich steeds duidelijker als de mildste incarnatie van het pure kwaad.’
Hoofdpersonage Blanco uit El buen patrón doet er alles aan om een prestigieuze onderscheiding voor zijn weegschalenfabriek in de wacht te slepen. Voor de buitenwereld kan die prijs hem nauwelijks ontgaan, maar achter de schermen zijn sommige van zijn werknemers hun leven niet zeker.
‘Niemand haalt ongeschonden het einde. Noem het een meesterwerk of pure fetisj’
Jonathan Holland van Screendaily vermoedt dat het casten van Bardem vooral is bedoeld voor de buitenlandse bioscoopbezoeker: ‘Succes in Spanje is gegarandeerd, maar meer dan een onderhoudende en soepel gemaakte film is het niet. Een déjà-vuverhaal waarbij Bardem-fans absoluut aan hun trekken komen. Maar de rest steekt er bleekjes bij af.’
De Boliviaanse krant La Razón omschrijft El buen patrón daarentegen als een ‘geslaagde satire op het kapitalisme’. Vooral omdat Bardem gestalte geeft aan een ‘giftige, niets en niemand ontziende ondernemer, die tot het uiterste gaat’.
In het Spaanse dagblad El Mundohoudt Luis Martínez het op een ‘horrorfilm, links noch rechts georiënteerd, waarin onze maatschappij van overconsumptie wordt geportretteerd. Het gaat niet om hebzuchtige ondernemers en begerige proletariërs, maar om een wereld waarin de marktwerking iedereen overkomt. Niemand haalt ongeschonden het einde. Noem het een meesterwerk of pure fetisj.’
El buen patrón van Fernando León de Aranoais vanaf 2 juni te zien in de bioscoop.
Door Diederik Samwel
Geestesziekte, perceptie en psychedelische drugs
Hartverscheurende beschrijvingen van depressie
LITERATUUR | Een 33-jarige naamloze auteur in de VS zit compleet aan de grond, nadat het schrijven van zijn romandebuut is mislukt. Het voorschot van de uitgever is op, zijn relatie staat op springen en een zware depressie dient zich aan. Dan krijgt hij de opdracht om als ghostwriter de memoires van een beroemde Italiaanse natuurkundige te schrijven. Volgende probleem: deze man blijkt van de aardbodem verdwenen. Daarop reist de hoofdpersoon door Italië, waar hij opvallend vaak wordt geconfronteerd met situaties en personages uit de boeken die hij leest.
Dat is het gegeven van The Red Arrow, de debuutroman van de Amerikaanse auteur William Brewer (33). Kevin Canfield van The San Francisco Chroniclevat het samen als een verhaal over een ‘verwarde man wiens leven door intensieve leesexperimenten op zijn kop wordt gezet’. Volgens Canfield is The Red Arrow een ‘pedant maar ook spiritueel en inventief boek, waarin verstandige dingen worden gezegd over geestesziekte, perceptie, creativiteit en psychedelische drugs. De manier waarop een depressie wordt beschreven is hartverscheurend.’
‘Stiekem schrijft hij zinnen van ruim een pagina, en het knappe is dat je dat als lezer niet in de gaten hebt’
Jonathan Russell Clarke schrijft in deLA Times dat er nog nooit zo ‘accuraat en inzichtelijk over depressie is geschreven. Vooral omdat duidelijk wordt dat de hoofdpersoon een relatie met zijn depressie heeft.’ Aan het soms ‘exquise taalgebruik’ proeft Clarke dat Brewer oorspronkelijk een dichter is: ‘Maar als verteller is hij op zijn best. Stiekem schrijft hij zinnen van ruim een pagina, en het knappe is dat je dat als lezer niet in de gaten hebt.’
‘Een cerebrale, ietwat warrig geschreven roman’, concludeert de recensent van Publishers Weekly. ‘De pogingen van de schrijver om zijn gedachten te ordenen doen denken aan de elliptische monologen uit de serie True Detective. Die bleken uiteindelijk ook niet te werken.’ Bradley Babendir van The Boston Globe is daar juist wel van onder de indruk: ‘Brewer gaat op zoek naar het dunne lijntje tussen wat de hoofdpersoon zelf meemaakt en zijn leeservaringen. Om erachter te komen dat geen enkele zintuiglijke ervaring nog origineel kan zijn.’
The Red Arrow van William Brewer, door René Kurpershoek vertaald als De rode pijl, is op 25 mei verschenen bij uitgeverij Spectrum.
360 selecteert een aantal toonaangevende internationale concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities.
Antony Gormley: Ad majorem Dei gloriam
TENTOONSTELLING | In Museum Voorlinden is deze zomer de expositie Ground van de 72-jarige Britse kunstenaar Antony Gormley te zien. Een van zijn opzienbarende kunstwerken, Exposure, een man die op zijn hurken zit, staat op een strekdam vlak bij Lelystad.
Gormley maakt al decennialang fantastische sculpturen die goed passen in een tijdgeest waarin alles een ‘experience’ moet zijn. Hij nodigt de bezoeker uit om door zijn beelden heen te lopen, zoals door het twaalf meter lange staalwerk Passage, of om midden in een driedimensionale bouwtekening te gaan staan. Voor Gormley is de aanwezigheid van een bezoeker essentieel vanwege de contemplatie en de bespiegeling die ontstaan ‘wanneer kunst en het leven op elkaar inwerken’. In de tuin van het museum in Wassenaar zal het werk Critical Mass worden neergezet, zestig gietijzeren afgietsels van zijn eigen lichaam, die een relatie met de omgeving aangaan.
Later ontvluchtte hij het katholicisme en dompelde hij zich onder in de boeddhistische leer
Gormley werd als jongste van zeven kinderen geboren in een rijk katholiek gezin van een farmaceut en opgevoed door monniken op een benedictijnse kostschool. In een interview zei hij eens dat zijn ouders de initialen AMDG voor hun zoon hadden gekozen om hem ad majorem Dei gloriam (tot grotere glorie van God) op te voeden. Grote kans dat zijn belangstelling voor de mysteries van ruimte, vorm en oneindigheid te herleiden is naar zijn religieuze opvoeding. Later ontvluchtte hij het katholicisme en dompelde hij zich onder in de boeddhistische leer, die nog altijd een toetssteen voor hem is.
Antony Gormley – Ground is tot en met 25 augustus te zien in Museum Voorlinden, Wassenaar.
MUZIEK | Regisseur Nicolas Stemann en componist Philippe Manoury beloven volgens het Holland Festival een pessimistische maar tegelijkertijd humoristisch neurotische opera te hebben gemaakt met teksten van Elfriede Jelinek.
Kein Licht is te zien op 24, 35 en 26 juni in Muziekgebouw Amsterdam.
Castillo Deball ontregelt
TENTOONSTELLING | Mariana Castillo Deball is een van de vier kunstenaars die Mexico vertegenwoordigen op de Biënnale. Ze verdiept zich al langer in hoe je de (koloniale) geschiedenis kunt ontregelen en op een artistieke manier kunt herdefiniëren in de kunstwereld.
Mariana Castillo Deball, tot 27 november op de Biënnale Venetië.
Haar tijd vooruit
FOTOGRAFIE | Claude Cahun (1894-1954) werd geboren als Lucy Schwob, maar vond dat het vrouwelijke noch het mannelijke bij haar paste. Neutre, dat klonk beter, vond ze, en daarmee was ze haar tijd ver vooruit. Voor fotografen als Nan Goldin en Cindy Sherman was ze al langer een inspiratiebron, totdat ze niet zo lang geleden werd herontdekt.
Telkens stelde ze de vraag of het mogelijk is een authentieke zelf te bezitten
Cahun speelde samen met andere surrealisten met het begrip identiteit door op elke foto een andere rol aan te nemen, haar gezicht te verdubbelen of met maskers te werken. Telkens stelde ze de vraag of het mogelijk is een authentieke zelf te bezitten, of dat onze identiteit gevormd wordt door maatschappelijke omstandigheden. Dit deed ze altijd in samenwerking met haar geliefde en latere stiefzus, die onder de nom de plume ‘Marcel Moore’ werkte.
Voor hun verzetswerk in de Tweede Wereldoorlog op het eiland Jersey kregen de twee de doodstraf, die nooit werd voltrokken. Cahun overleed in 1954, Moore zeventien jaar later. Onder de huid was eerder te zien in het Cobra Museum.
Onder de huid is tot en met 28 juli te zien in de Kunsthal, Rotterdam.
Ekaterina’s Voix humaine
OPERA | De opera La voix humaine van Poulenc, gebaseerd op de monoloog van toneelschrijver Jean Cocteau (1930), geactualiseerd door Chris Koolmees en gezongen door de bejubelde mezzo-sopraan Ekaterina Levental, wordt nog een keer opgevoerd in de Muziekkamer Assen.
La voix humaine is te zien op 19 augusts in de Muziekkamer in Assen.
Zorgzame mode
MODE | De tweede editie van de State of Fashion Biënnale 2022 (thema: Ways of Caring) gaat deze zomer op zoek naar mogelijkheden om de mode-industrie duurzamer en zorgzamer te maken. Bekend is dat de kledingindustrie haar ecologische voetafdruk drastisch moet verkleinen (zie ‘Duurzame mode bestaat niet’), een verplichting die niet alleen de branche aangaat, maar ook de consument. Daarover gaan in Arnhem zeven programmaonderdelen met meer dan zeventig ontwerpers, kunstenaars en makers uit alle windstreken. ‘Fashion Open Studio’ laat bijvoorbeeld het werk van vier designers in residence zien die speciaal voor de Biënnale mode ontwerpen die ook sociale en milieuvriendelijke oplossingen kan bieden. In het onderdeel ‘Fashion as Encounters’ wordt de betekenis van mode opnieuw gedefinieerd.
State of Fashion – Ways of Caring is te zien van 3 juni tot 10 juli te in Arnhem.
360 selecteert een aantal toonaangevende internationale concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities.
Niet te dichtbij komen
FOTOGRAFIE | Judith Joy Ross wordt regelmatig geprezen als ’s werelds grootste levende portretfotograaf. Wat Amerika betreft wellicht, want grootse en levende portretfotografen zijn allang niet meer op één hand te tellen. Dat de sensuele foto’s van Ross ontroerend en soms aangrijpend zijn, staat buiten kijf. Misschien komt dat wel zoals zij zelf tegen The Guardian zei, doordat Ross – zoals elke goeie fotograaf – ziet wat in het dagelijks leven vaak onopgemerkt blijft. Om die momenten vast te leggen, gebruikte zij ‘stiekeme technieken’. Ze deed bijvoorbeeld alsof ze haar camera aan het instellen was en maakte ondertussen de ene na de andere opname.
Therapeutisch, noemt zij de toenadering tot vreemden die zij wil en wilde fotograferen. ‘Een marteling’ zelfs. Want hoe benader je iemand in je eigen belang? Wat ze in een handomdraai in iemand ziet, al is het maar voor even, is zo de moeite waard dat het hervinden van dat moment bijna een dwangmatig proces is. Meisjes kijken verlegen en verwachtingsvol in de lens, en roepen de ongemakkelijkheid van de adolescentie op en de lange zomers van vervlogen tijden.
‘Ik ben geïnteresseerd in mensen, maar wil liever niet te dichtbij komen’
‘Ik ben geïnteresseerd in mensen, maar wil liever niet te dichtbij komen,’ zegt Ross in een interview. Haar werk zit desondanks (of misschien juist daardoor) vol empathie en straalt een diepe verbondenheid uit met het geportretteerde, ongeacht of het bomen, kamers of mensen zijn. Wat ook meewerkt, zegt zij, is het gebruik van de plaatcamera op statief, omdat die ‘zo groot en verdomd mooi is’, en mensen direct ontwapent. Naast de tentoonstelling verscheen een retrospectief boek, Judith Joy Ross: Photographs 1978-2015.
Judith Joy Ross – Photographs 1978-2015, Le Bal, Parijs, tot 18 september.
Macy Gray in De Roma
MUZIEK | Een prachtige stem en een weergaloos gevoel voor ritme: Macy Gray is een van de laatst levende souldiva’s ter wereld, bekend van monsterhit I Try. Binnenkort is ze te zien in het Antwerpse theater.
Macy Gray, De Roma, Antwerpen, 1 juni.
Kapoor Black van Anish
TENTOONSTELLING | Taco Dibbits (Rijksmuseum) heeft een retrospectief samengesteld van Anish Kapoor met onder andere nooit eerder vertoonde werken die hij maakte met zijn Kapoor Black-pigment, zo donker dat deze bijna 100 procent van het zichtbare licht absorbeert.
RetrospectiefAnish Kapoor, Venetië, tot 9 oktober.
‘Iedereen is een kunstenaar’
TENTOONSTELLING | Pierre Bismuth gebruikt allerlei bronnen en materiaal om de uitspraak van Joseph Beuys te pareren met de vraag: als iedereen een kunstenaar is, wat is kunst dan? Hoe alledaagse handelingen betekenis krijgen en poëzie worden, laat de Franse kunstenaar zien in West.
Pierre Bismuth, West, Den Haag, tot 10 juli.
Andere weergave
BEELDENDE KUNST | De Noors-Nigeriaanse kunstenares en sociologe Frida Orupabo (1986) maakt analoge en digitale zwart-witcollages en video-installaties van beeldmateriaal dat zij online vindt. Ze kiest beelden uit het koloniale tijdperk of juist hedendaagse, uit de geneeskunde en wetenschap of uit de kunst en popcultuur, en ‘bevrijdt’ het zwarte (vrouwelijke) lichaam van de meestal eendimensionale weergave. Ze demonteert beelden van zwarte lichamen om ze vervolgens laag voor laag weer in elkaar te zetten. Afbeeldingen worden zodoende indringende verhalen die thema’s als geweld, racisme, seksualiteit en identiteit recht aan doen.
I have seen a million pictures of my face and still I have no idea, Fotomuseum Winterthur, tot 29/5.
BEELDENDE KUNST | De Scandinaviërs Michael Elmgreen (1961) en Ingar Dragset (1969) staan sinds hun deelname aan de Biënnale in 2009 in de schijnwerpers. De tentoonstelling Useless Bodies van het kunstenaarsduo in Milaan beslaat 3000 vierkante meter in vier galeriezalen en onderzoekt de huidige toestand van het lichaam in het postindustriële tijdperk. Het duo stelt dat onze fysieke aanwezigheid bijna volledig overbodig aan het worden is in een wereld die steeds meer draait op twee-dimensionale beelden.
Onze lichamen, zeggen zij, genereren nauwelijks nog waarde
Onze lichamen, zeggen zij, genereren nauwelijks nog waarde. Men zou zelfs kunnen beweren dat ze eerder een obstakel zijn geworden; het gaat om onze gegevens die worden verzameld en doorverkocht worden. Juist de waarneming van de lijfelijk aanwezige mens is een thema in het beeldende werk van de twee, en van hun performances. Naast andere terugkerende onderwerpen als opgroeien, intimiteit en diversiteit, komt het duo steeds weer uit bij hoe we navigeren in de publieke sfeer. In Fondazione Prada zijn de zalen gevuld met werk, vermaak en ontspanning, alleen is er niemand meer te bekennen
Useless Bodies, Fondazione Prada, Milaan, tot 22/8.
360 selecteert een aantal toonaangevende internationale concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities.
Koortsdroom in Volksbühne
THEATER | Suzan Boogaerdt en Bianca van der Schoot spelen Jessica – An Incarnation, een nieuwe voorstelling van Susanne Kennedy en Markus Selg, met wie het duo al eerder bewustzijnverruimend spektakel maakte over de vraag wat realiteit is en wat illusie.
Jessica – An Incarnation, 25 maart, Volksbühne, Berlijn.
Diepzinnige Arvo Pärt
MUZIEK | Liefhebbers van de gerenommeerde Estse componist Arvo Pärt kunnen hun hart ophalen op het Pärt Festival, een ode aan de ‘diepzinnige muziekvernieuwer’. Spiegel im Spiegel, jarenlang favoriet in de Klassieke Top 400, staat ook op het programma.
Arvo Pärt, 22 t/m 27 maart, Muziekgebouw, Amsterdam.
Bossanova Bebel
MUZIEK | Wie wil niet meewiegen op het ritme en de zwoele, loom klinkende stem van bossanovazangeres Bebel Gilberto (54)? De Braziliaanse Gilberto bouwde op haar laatste album Agora verder aan de moderne variant van de bossanova.
Bassonova Bebel, 13 maart, Het Sieraad, Amsterdam.
For the Record
FOTOGRAFIE | Platenhoezen zijn zo ongeveer sinds de uitvinding van het vinyl geliefde schilderdoeken voor kunstenaars en vormgevers. Iedereen heeft wel een herinnering aan een of meerdere covers. In de Londense Photographers’ Gallery zijn tweehonderd iconische hoezen tentoongesteld waarbij de bijdragen van fotografen en andere visuele kunstenaars onmiskenbaar aanwezig zijn. Uiteraard ontbreekt Andy Warhol niet met zijn bananenhoes die hij ontwierp voor The Velvet Underground & Nico.
De lijst met artistieke grootheden is indrukwekkend; de unieke creaties van onder anderen Cindy Sherman, David Bailey, Joseph Beuys, Nan Goldin, Richard Avedon en William Eggleston werpen licht op de talloze manieren waarop dit vierkante formaat is gebruikt door artiesten. De covers komen uit de collectie van Antoine de Beaupré, eigenaar van meer dan 15.000 albums.
For the Record: Photography & the Art of the Album Cover, The Photographers’ Gallery, Londen 25/3 t/m 12/6
Sol LeWitts Joodse erfenis
TENTOONSTELLING | Het Joods Museum van België noemt de tentoonstelling van de Amerikaanse conceptuele kunstenaar Sol LeWitt (1928-2007) een ‘dubbele première’. Dubbel omdat werken van hem voor het eerst samen wordt getoond met de vrij onbekende Joodse erfenis van LeWitt, namelijk de ontstaansgeschiedenis van zijn ontwerp voor de in 2001 geopende synagoge Beth Shalom Rodfe Zedek in Chester, Connecticut. De muurschildering van een kleurige, zespuntige ster kan uiteenschuiven om de Thora te onthullen.
Solomon LeWitt, geboren in Connecticut, in een familie van Joodse immigranten uit Rusland, ontwikkelde zich tot pionier van de conceptuele en minimalistische kunst, en werd een beroemdheid met zijn Wall Drawings. Hoewel hij niet religieus was en een seculier leven leidde, onderhield LeWitt gedurende zijn hele leven een discrete maar innige band met zijn Joodse erfenis. Om een synagoge te kunnen ontwerpen werd hij uitgedaagd ‘een probleem van geometrische vormen’ op te lossen in een ruimte die moest voldoen aan rituele gebruiken. Hij baseerde de synagoge op de traditionele houten Poolse varianten met hun achtkantige koepels, die vrijwel allemaal in de Tweede Wereldoorlog door de nazi’s werden verwoest.
In Brussel werden de Wall Drawings op de muren van het museum aangebracht door jonge kunstenaars en kunststudenten, in samenwerking met professionele tekenaars uit de studio van LeWitt.
Sol LeWitt: Wall Drawings, Works on Paper, Structures (1968-2002), te zien t/m 1 mei, Joods Museum van België, Brussel.
Eerbetoon aan jeugdvriend
FILM | De Deense regisseur Jonas Poher Rasmussen kreeg zijn schoolvriend Amin aan het praten over hoe hij in de jaren tachtig was gevlucht uit Afghanistan en in Denemarken terechtkwam. In Flee laat hij zien dat Amins tocht langs corrupte Russische agenten en onmenselijke mensensmokkelaars ook in handgetekende 2D-animaties huiveringwekkend echt en spannend kan zijn.
Maar nog meer laat de film de onmetelijke veerkracht van een vluchteling zien die, verscheurd door de oorlog in Kaboel, nu een onbedreigd leven kan lijden als homoseksuele man, iets waarvan hij nooit had gedacht dat het mogelijk was. Dat Rasmussen ervoor koos om het schrijnende verhaal op deze meeslepende manier te verfilmen, werd door Sundance Film Festival en het IDFA gehonoreerd met lovende kritieken.
Het grootste gedeelte van de film is animatie, maar Rasmussen gebruikte ook montages van archiefbeelden die de politieke chaos in Afghanistan en Rusland doeltreffend weergeven. Flee is een liefdevol eerbetoon aan zijn jeugdvriend, zoals Along the Way van Mijke de Jong dat is aan de tweeling wiens vluchtverhaal zij verfilmde.
Zo verdient de presidentsdochter aan seizoenarbeiders
Veel inwoners van Tadzjikistan zijn voor hun inkomen afhankelijk van seizoensarbeid in Rusland. De stormloop op Rusland door zo’n 200.000 Tadzjiekse seizoenarbeiders, voornamelijk mannen, begint normaal gesproken in de lente en in de herfst keren ze terug naar hun families. Door de pandemie kwam dat vorig jaar maart allemaal tot stilstand, maar vorige maand kondigde de Russische regering aan om lijnvluchten met Tadzjikistan weer te hervatten, schrijft Eurasianet.
Vooralsnog gaat het om slechts enkele vluchten per week, maar Tadzjieken staan al te dringen om een ticket te bemachtigen. In hoofdstad Dushanbe vormen zich dagelijks vanaf vier uur ’s ochtends rijen van honderden mensen voor het kantoor van Air Travel Agency, dat als enige tickets naar Moskou verkoopt. Niemand weet precies uit te leggen waarom juist dit bedrijf een monopolie heeft op reizen naar Rusland, maar gegevens van de belastingdienst werpen licht op de zaak: het bedrijf is eigendom van Tachmina Rachmonova en haar echtgenoot. Tachmina is een dochter van de Tadzjiekse president Rachmon.
Officieel spreken de autoriteiten van prijsinflatie, maar ‘corruptie’ dekt de lading waarschijnlijk beter
Toen het nieuws over hervatting van vluchten naar Rusland bekend werd, lieten de autoriteiten weten dat tickets ongeveer 415 euro zouden gaan kosten. Maar doordat duizenden mensen op korte termijn naar Rusland willen reizen, hield dat bedrag niet lang stand. Officieel spreken de autoriteiten van prijsinflatie, maar ‘corruptie’ dekt de lading waarschijnlijk beter. Politiemensen, die de wachtenden buiten in goede banen moeten leiden, vragen zo’n 500 somoni, circa 37,50 euro, voor hulp om de wachtrij te ontlopen. Binnen worden openlijk kaartjes verkocht voor 8000 somoni (582 euro), aanzienlijk meer dus dan het door de overheid vastgestelde bedrag. Sommige seizoenarbeiders zeggen zelfs het dubbele van de officiële prijs te hebben betaald. Natuurlijk zijn ze boos maar ze leggen zich neer bij de corruptie, want als ze geen ticket bemachtigen, lopen ze zeer waarschijnlijk een plek voor een heel seizoen betaalde arbeid mis.
Schimmige handel in vaccins
Vanuit een kantoortje in Abu Dhabi leiden de Oekraïense Natalya Muzaleva en haar Hongaarse echtgenoot Istvan Perger een klein zakelijk imperium. Ze runnen een kunstgalerie, een makelaarskantoor en een servicebedrijf voor de olie-industrie.
Sinds kort hebben ze nog een bedrijf. Dat probeert covid-19-vaccins aan Europa te verkopen, meldt Al Jazeera.
Muzaleva bood de Tsjechische ambassadeur in de Verenigde Arabische Emiraten ten minste een miljoen doses aan van het AstraZeneca-vaccin. De vaccins zouden worden geleverd door een niet nader genoemde partner van AstraZeneca-fabrieken ‘in het Verenigd Koninkrijk en India’ en levering zou binnen 45 dagen volgen na ontvangst van betaling. De Tsjechische regering ging niet op het aanbod in, maar de zaak kwam begin maart aan het licht toen premier Andrej Babis Muzaleva bij naam noemde tijdens een persconferentie, waarop hij zei de ‘zwarte markt’ niet te steunen. Na zijn persconferentie liet AstraZeneca weten tegen verkoop of distributie van het vaccin door particulieren te zijn.
Ook de Duitse regering zegt van tussenpersonen verschillende aanbiedingen voor de levering van vaccins te hebben ontvangen, waarna fabrikanten, de Europese Commissie en internationale opsporingsinstanties werden ingelicht. ‘Deze pandemie creëert een sfeer van goudkoorts waarin mensen allerlei deals proberen te sluiten’, zei de Duitse minister van Volksgezondheid Jens Spahn eerder deze maand. ‘Onze regering koopt uitsluitend bij fabrikanten.’
Volgens OLAF, het Europees Bureau voor Fraudebestrijding, heeft een tiental Europese landen aanbiedingen van tussenpersonen gemeld voor de levering van grote hoeveelheden vaccins, met als kennelijk doel om aanbetalingen te innen en vervolgens met het geld te verdwijnen.
Doet-ie ’t of doet-ie ’t niet?
Na Ronald Reagan, Arnold Schwarzenegger en Donald Trump zou hij niet de eerste met een Hollywood-verleden zijn die de Amerikaanse politiek in gaat. Bovendien zinspeelde acteur Matthew McConaughey al vaker op een politieke carrière. De vraag in Texas is nu: Doet-ie ’t of doet-ie ’t niet? Gaat hij meedoen aan de verkiezingen om het gouverneurschap van de Lone Star State? Volgens een recente enquête van The Dallas Morning News staat McConaughey er beter voor dan zittend gouverneur Greg Abbott: 45 procent van de geregistreerde kiezers zou op McConaughey stemmen, 33 procent op Abbott gaan en 22 procent op iemand anders.
McConaughey bepleit een ‘agressief centristische’ positie als oplossing voor de politieke polarisatie in de VS en hij bekritiseert zowel democraten als republikeinen. ‘Er zijn veel bekrompen linkse mensen die absoluut neerbuigend, betuttelend en arrogant doen tegen de andere 50 procent’, zei hij vorig jaar. Maar ook de Republikeinen kregen ervan langs: ‘Rechts meent nu nepnieuws te moeten gebruiken om de nederlaag van Trump te ontkennen.’
Naakt naar de film
Publiek van filmfestivals in Melbourne en Sydney is gevraagd zich uit te kleden tijdens speciale vertoningen van de Belgische culthit Patrick van regisseur Tim Mielants, die wordt aangeprezen als ‘een shakespeariaanse tragikomedie in een nudistenkolonie’.
‘Dit wordt een unieke en gedenkwaardige filmervaring’, denkt Hudson Sowada, directeur van het Fantastic Film Festival Australia, geciteerd door The Sydney Morning Herald. ‘Patrick is over de hele wereld vertoond, maar nog niet eerder aan een naakt publiek.’ Het enige precedent dat Sowada kon vinden was naakt Israëlisch publiek bij de Franse komedie Normandie nue uit 2018.
Sowada heeft wel wat regels opgesteld. Bezoekers moeten gekleed naar de bioscoop komen en een handdoek meenemen om op te zitten. Eenmaal op hun stoel kleden ze zich uit, ‘in ieder geval tot hun ondergoed’ en leggen ze hun kleren naast zich. Fotograferen is verboden. Mocht er onverhoopt nog extra popcorn gehaald moeten worden, dan dienen bezoekers wel weer even wat aan te trekken.
Verontwaardiging over Beppe Grillo
Beppe Grillo, de Italiaanse stand-upcomedian en oprichter van de populistische Vijfsterrenbeweging, is onder vuur komen te liggen vanwege de manier waarop hij zijn zoon meent te moeten verdedigen, schrijft ANSA. Ciro Grillo wordt met twee andere mannen beschuldigd van verkrachting. Daarop publiceerde Beppe een video waarin hij zegt dat Ciro onschuldig is en dat het vermeende slachtoffer na de verkrachting doodleuk ging kitesurfen en acht dagen wachtte met aangifte.
https://www.youtube.com/watch?v=IKJZ7sThK_k
Typisch staaltje van victim blaming vindt de familie van het meisje. ‘We zijn overstuur. Deze poging een toneelstukje op te voeren ten koste van anderen is een weerzinwekkende farce.’
‘Mijn zoon heeft niets gedaan, arresteer mij in plaats van hem,’ zegt Grillo in de video. Commentatoren vinden dat Grillo vooruit loopt op de zaken en verwijten hem dat hij weigert het Italiaanse rechtssysteem zijn loop te gunnen.
Hondervijfentachtig lesbische, homoseksuele, biseksuele, queer, non-binaire en trans acteurs komen in SZ-Magazine uit voor hun seksuele oriëntatie of genderidentiteit, ‘en eisen meer erkenning en diversiteit in theater, film en televisie’.
‘Tot nu toe konden we niet open zijn over ons privéleven zonder te vrezen voor professionele gevolgen’, schrijven de acteurs in het manifest #ActOut. Enkele bekende namen zijn Ulrich Matthes (Der Untergang), Godehard Giese (Transit) en Mark Waschke (Dark).
185 Schauspieler*innen outen sich im neuen SZ-Magazin als lesbisch, schwul, bi, queer, nicht-binär, trans*. Was sie mit #actout erreichen wollen – am Freitag im neuen Heft in der @SZ und jetzt digital unter https://t.co/GYWsgfjudBpic.twitter.com/Ej84a9W8EQ
‘Mij is altijd verteld dat ik niet publiekelijk uit de kast moet komen,’ zegt Tatort-actrice Karin Hanczewski tegen SZ-Magazin. ‘Er zijn bijvoorbeeld castingdirectors die zeggen: als je uit de kast komt, kan ik je geen rollen meer geven.’
Ook heerst er volgens Hanczewski angst onder lesbische actrices om overgeslagen te worden voor rollen waarbij ze een begeerlijke vrouw moeten spelen. ‘Dat is precies de grote angst voor lesbische actrices: dat ze niet meer als sexy gezien worden en daarom niet zullen worden gecast.’
De groep ageert hier nu tegen in hun manifest: ‘Alsof we bepaalde personages en relaties niet zouden kunnen spelen als we uitkomen voor onze seksuele oriëntatie en genderidentiteit. (…) Wij zijn acteurs. Wij hoeven niet samen te vallen met de personages die we spelen. We doen alsof – dat is de essentie van ons werk.’
De ondertekenaars van het manifest roepen de Duitse film-, televisie- en theaterwereld op eindelijk meer diversiteit te omarmen. ‘De [Duitse] maatschappij is er allang klaar voor. De kijkers zijn er klaar voor.’ Nu de industrie nog.
Bekentenis in Spaans corruptieschandaal raakt oud-premier Rajoy
Spanje is opgeschrikt door een nieuwe ontwikkeling in de al jaren voortslepende corruptiezaak rondom de rechtse Partido Popular. Volgens een bekentenis van de voormalig penningmeester van de PP, Luis Bárcenas, heeft toenmalig partijleider en oud-minister president Mariano Rajoy bewijs van illegale financiering van de partij vernietigd en was Rajoy op de hoogte van een zwarte boekhouding, bericht El País.
Bárcenas staat op 8 februari voor de rechter in een zaak over de illegale financiering van de partij van oud-premiers José María Aznar en Rajoy, die plaatsvond van 1990 tot 2009. In de verklaring die de oud-penningmeester naar de rechtbank heeft gestuurd, belooft hij met justitie samen te werken in de nog lopende onderzoeken, aldus El País.
Mogelijk leidt dit tot verdere aanklachten tegen de partijtop van de PP, waarvan al meerderen, waaronder Bárcenas zelf, veroordeeld zijn in corrupties- en fraudeschandalen met publieke aanbestedingen.
‘Dit is de erfenis van Rajoy. Bij hem moet jullie zijn’
Het Spaanse Openbaar Ministerie twijfelt alleen aan de woorden van Bárcenas, meldt het Spaanse dagblad El Mundo. Het OM is van mening dat zijn bekentenis rijkelijk laat is en eist bewijzen die zijn beweringen ondersteunen. De bekentenis van Bárcenas is ‘weinig geloofwaardig’ gezien hij al meerdere keren zijn verhaal heeft gewijzigd, aldus het OM.
Bárcenas stelt dat hij bandopnames heeft waarop een andere voormalig penningmeester, Álvaro Lapuerta, vertelt dat hij zwarte betalingen in contant geld deed aan PP-kopstukken, waaronder Rajoy, aldus El Mundo in een ander artikel.
De huidige partijleiding van de PP verklaart tegen El Mundoin een derde artikel, dat zij niets meer te maken hebben met de illegale praktijken uit het verleden. ‘Bárcenas heeft geen enkel lid van de huidige partijleiding genoemd omdat hij dat niet kan. We kennen hem niet, we weten niet wie die meneer is en we hebben niets met hem te maken. Dit is de erfenis van Rajoy. Bij hem moet jullie zijn.’
Myanmarezen protesteren online en offline tegen staatsgreep
Donderdag werden de Myanmarezen wakker zonder toegang tot Facebook. De nieuwe regering die na de staatsgreep van 1 februari door het leger is geïnstalleerd, had ’s nachts de belangrijkste internetproviders gevraagd het sociale netwerk te blokkeren. Facebook was een belangrijk kanaal voor verzet tegen de door het leger gepleegde coup, die weigerde de uitslag te erkennen van de verkiezingen die Aung San Suu Kyi in november 2020 een verpletterende overwinning opleverden, schrijft Courrier International.
Sinds maandag kleuren veel Myanmarezen hun Facebookprofielfoto zwart en rood als steunbetuiging aan de Nationale Liga voor Democratie (NLD) en haar gearresteerde leider.
Het protest tegen de militaire coup werd gecoördineerd via internet. Campagnes die opriepen tot burgerlijke ongehoorzaamheid, aanvankelijk gelanceerd door gezondheidswerkers, hebben zich als een lopend vuurtje via sociale media verspreid, meldt Frontier Myanmar.
Democratiekliniek
‘Werknemers van honderd ziekenhuizen kwamen woensdag niet opdagen op het werk,’ aldus het nieuws- en zakenblad. Studenten geneeskunde in Yangon en Mandalay volgenden hun voorbeeld. Een Facebook-pagina die was gelanceerd om hun campagne te steunen, verzamelde in de loop van de dag meer dan 170.000 volgers.
‘Om de continuïteit van de zorg te waarborgen, hebben de gezondheidswerkers een “democratiekliniek” opgezet waar online consulten worden gegeven’, aldus Frontier.
Ook professoren, studenten en ingenieurs die voor de aan het leger gelieerde mobiele operator Mytel werken, weigerden woensdag naar hun werk te gaan. Donderdag circuleerden op Twitter beelden van ambtenaren van het ministerie van Landbouw die zich bij de beweging aansloten.
Het sluiten van Facebook betekent dat de militairen niet de duizenden video’s en beelden hoeven te zien van de lawaaiprotesten die de Myanmarezen sinds dinsdag elke avond om acht uur organiseren. Op balkons en voor hun huizen komen families en buren samen, terwijl ze op potten en pannen slaan. Een gezamenlijk gebaar om nee te zeggen tegen een terugkeer naar de dictatuur, aldus CI.
Afrikaanse filmmakers gebruiken creatieve manieren om het taboe-onderwerp homoseksualiteit te verbeelden. Verder: dit Mexicaanse moordonderzoeksteam bestaat alleen uit vrouwen & meer aanraders van de 360-redactie.
Omdat 360 niet alles kan vertalen wat de redactie leest, ziet en hoort, tippen wij voor u enkele interessante artikelen, documentaires, fotoreportages en podcasts die wij deze week tijdens het speuren naar mooie journalistiek zijn tegengekomen.
Vrouwen voor gerechtigheid
In deze prachtig geschreven reportage van het Mexicaanse tijdschrift Gatopardo lopen we mee met de vrouwen van La Fiscalía Especializada para la Investigacíon del Delito Feminicidio, oftewel Het Gespecialiseerd Onderzoeksteam voor Femicides. Ook te beluisteren als voorgelezen verhaal. Een tip van redacteur Joep Harmsen.
Deze speciale onderafdeling van Moordzaken die alleen bestaat uit vrouwen, doet onderzoek naar de vele vrouwenmoorden die plaatsvinden in de Mexicaanse hoofdstad, ‘een stad waar elke vijf dagen een vrouw wordt vermoord, in een land waar 10 vrouwenmoorden per dag worden geteld’, lezen we in de inleiding. Deze in september 2019 opgerichte eenheid staat ook wel bekend als ‘Het onderzoeksteam van de gang’, aangezien het geen eigen kantoor heeft en het moet doen met een plek op de gang van Moordzaken. En dat is meteen illustrerend voor de omgang met femicides in het Noord-Amerikaanse land.
Dat is ook de reden waarom een groep vrouwen, waaronder moeders van verdwenen dochters, het kantoor van de Nationale Commissie voor Mensenrechten (CNDH, in het Spaans) sinds december bezet hebben. Andrea Murcía maakte er voor Gatopardo een bijzondere fotoreportage over. De vrouwen gingen over tot bezetting toen bleek dat de onderzoeksdossiers naar de moorden op hun kinderen incompleet waren en ze te horen kregen dat ze beter naar huis konden gaan.
Volgende hoofdstuk in de Wirecard-fraudesage
Eerder deze week publiceerde 360 een artikel over het schandaal rond de ineenstorting van de Duitse betalingsverwerker en financiële dienstverlener Wirecard, waar miljarden verdwenen en waarvan de COO Jan Marsalek met de Noorderzon vertrok, waarschijnlijk naar Wit-Rusland.
Het schandaal is de spreekwoordelijke gift that keeps on giving. Een dag na onze publicatie kwam het Duitse Capital alweer met een artikel met als titel ‘Hoe een oligarch uit kringen rond Poetin een “A+ klant” werd bij Wirecard’. In 2019 opende Wirecard bankrekeningen voor bedrijven van oligarch Dmytro Firtasch, die wordt gezocht door de VS, door tussenkomst van Jan Marsalek en tegen de zin van de raad van bestuur en witwasdeskundigen.
Bafin, de Duitse toezichthouder op de financiële markten, zag geen enkel probleem in de warme banden tussen Wirecard, Marsalek en Firtasch.
Lees hier het volgende hoofdstuk in dit verbijsterende Wirecard-verhaal. Een tip van redacteur IJsbrand van Veelen.
Queerness in de Afrikaanse cinema
Dit artikel, aangeraden door hoofdredacteur Laura Weeda, van African Arguments beschrijft hoe in films uit de Mahreb-regio, waar zoals in veel Afrikaanse landen homoseksualiteit taboe is en wordt gecriminaliseerd, cinematografische technieken worden gebruikt om ‘queerness’ als onderwerp alsnog te kunnen behandelen.
Deze technieken ontstonden uit noodzaak om acteurs en filmmakers te beschermen, aldus de auteur, maar de uitwerking is creatief en subtiel. Vooral de huid en stilte zijn manieren om de kijker een achterliggende boodschap over te brengen.
en de film Bedwin Hacker van Nadia El Fani’s (2003), hier in zijn geheel hier te bekijken:
Stenen kijken
Deze week stond in het teken van de steen. Ze kunnen door een ruit, of je kunt je steentje bijdragen, een rots in de branding zijn, of de hoeksteen van de samenleving. Er is natuurlijk ook nog die steen die een girls best friend is!
Art director Majel van der Meulen heeft een tip om stenen te gaan kijken: ‘Het Natural History Museum in Londen heeft een online tentoonstelling samengesteld. En omdat wij door het gooien van stenen even wereldnieuws waren, ook een tip in Nederland. In het Naturalis is een prachtige collectie te zien, en in het virtuele museum stap je er binnen!’
Screenshot van de stenencollectie in de virtuele Naturalis.Door op voorwerpen te klikken krijgt de bezoeker meer informatie.
Als de werkelijkheid niet meer bevalt, biedt virtual reality tal van mogelijkheden. Die zogenaamde realiteit wordt bovendien steeds echter. ‘Je zintuigen worden zo geprikkeld dat je lichaam de rest gewoon invult.’
Het maakt allemaal een nogal onschuldige indruk. Een zonnestraal komt precies voor mijn voeten terecht, hij heeft een lange reis achter de rug, ook al bestaat hij eigenlijk niet echt. De zonnestraal heeft zich een weg gebaand door het dikke pak wolken buiten, is meegereisd op de piepkleine regendruppeltjes uit de hemel, tot hier bij mij. Zachtjes en warm kietelt hij mijn voet op de parketvloer. Ik kijk om me heen: de ruimte heeft de vorm van een kubus, aan drie zijden begrensd door enorme glazen wanden. De vierde muur is vrijwel over de hele breedte bedekt door een reusachtig scherm waarop een film speelt. Een paar lachende mannen staan ernaar te kijken.
Waar ben ik? Ik ben in de toekomst. En tegelijk ben ik in het hier en nu. Ik ben in de realiteit. En tegelijkertijd in iets heel anders, iets dat wel wat weg heeft van een droom. Ik ben in de virtuele realiteit. Ze zeggen dat virtual reality onze toekomst is en dat we elkaar over een jaar of tien, twintig hier zullen ontmoeten, in plaats van verre reizen te maken om onze geliefden te zien. Nu zijn er nog maar weinig mensen op pad in deze wereld, die eigenlijk nog niet echt bestaat, ook al ziet hij er voor mij op dit moment verdomd echt uit.
In de niet-virtuele werkelijkheid heb ik nu een grote koptelefoon en een enorme virtualrealitybril op die in het begin zwaar aanvoelde, en sta ik in mijn eigen woonkamer. Maar wat is nou echt: zodra ik me bevind in de kubusvormige ruimte met de glazen wanden die alleen in mijn bril bestaat, verdwijnt de andere realiteit. De headset voel ik niet meer, ik sta niet meer in mijn woonkamer, ik ben in deze met licht overgoten ruimte met het grote scherm tegen de muur. Als ik op de vloer van mijn woonkamer een stap zet, ga ik ook in de virtuele ruimte een stap naar voren. Buig ik mijn hoofd, dan doet mijn avatar, in wiens lichaam ik de andere wereld beleef, dat ook.
Andere wereld
Ik draai een rondje en ben verbaasd hoe echt het allemaal lijkt: boven, onder, links, rechts, waar ik ook kijk, de illusie is zo perfect dat mijn woonkamer en daarmee de hele andere wereld verdwijnt. Ik verbaas me over de bomen achter het raam die wiegen in de wind, net als echte bomen, ervoor loopt een beekje dat uitkomt bij een waterval. Als ik dichter bij de uitgang kom, hoor ik het beter, net als het getsjilp van de vogels en het ruisen van de bladeren, terwijl het gesprek van de mannen op de achtergrond zachter wordt. Dit hier is de ‘Hang out area’. Op het menu heb ik deze gekozen omdat het klinkt naar vrije tijd, gezelligheid, smalltalk, mensen leren kennen, relaxen. Ik voel de zon op mijn huid, ook al kan dat eigenlijk niet. Hier worden je zintuigen zo geprikkeld dat mijn lichaam de rest gewoon invult. Er komt een rust over me waarvan ik niet weet of die misschien ook alleen virtueel is.
Opeens wordt de zonnestraal verduisterd en staat er een grote, rode man voor me. Ik heb hem niet zien aankomen, maar nu hoor ik hem hijgen, vlak bij mijn oor, veel te dichtbij. Hier klopt iets niet. Zijn hand komt dichterbij, ik kijk omlaag, zie mijn blauwe jurk en zijn hand op mijn borst. Ik heb een vrouwelijke avatar gekozen, was dat misschien verkeerd? Mijn avatar heeft een wespentaille en ziet er verder uit als een kleine robot, met ronde, lege oogkassen die oplichten als je spreekt. Mijn vrouwelijke avatar heeft de man ertoe verleid om mij te grijpen. Ik wil schreeuwen. Maar wie zal me horen? In welke wereld komt mijn kreet terecht? De rode man staat voor me, breedgeschouderd, met agressief flitsende groene ogen, hij betast me en zegt niets. Hij kijkt me recht in de ogen, alsof hij zich afvraagt hoe ver hij kan gaan. Grijnst hij? Verlustigt hij zich aan mijn hulpeloosheid? Wil hij zien wat er nu gaat gebeuren, als een klein kind? In dit gezicht kun je van alles menen te zien. Het voelt shit. Ik wil een stap achteruit doen, maar daar is een trap. Wat als ik struikel? Zijn het echte treden? Of beweeg ik me over de vlakke vloer van mijn woonkamer in de andere wereld?
Wat is nu echt?
Ik probeer tegen mezelf te zeggen dat het allemaal niet echt is. Als door drijfzand banen de gedachten zich een weg door mijn hoofd. Deze ruimte lijkt te echt. Maar wat is nu echt? In mijn echte handen heb ik twee controllers, zwarte ringen ter grootte van een armband. Die brengen mijn bewegingen over naar de virtuele wereld. Daar heb ik dus geen handen met vingers, maar twee ringen. Ik probeer de man weg te duwen, maar de controllers gaan dwars door hem heen. ‘Look!’ roept hij naar opzij, ‘kijk!’ Er komt nog een man aan, even rood, even enorm. Nu staan ze daar allebei te lachen. Ik hoor ze ademhalen, de een bij mijn rechter- en de ander vlak bij mijn linkeroor, de ene lacht zo hard dat hij moet hoesten. Het komt allemaal mijn hoofd in alsof er echte mensen naast me staan. En ze zijn echt. Deze mannen staan net als ik ergens op de wereld in een woonkamer, ze hebben precies dezelfde stem, hoesten in werkelijkheid ook en grepen zojuist een vreemde vrouw bij haar borsten alsof het de gewoonste zaak van de wereld was. Hun avatars hebben metalen blinddoeken voor, die oplichten als ze praten. Anders dan ik hebben ze wel handen: in plaats van een controller gebruiken ze een techniek die de bewegingen van hun echte handen en vingers filmt en overbrengt naar de virtuele werkelijkheid. De tweede man geeft een teken: met wijsvinger en duim maakt hij een rondje en steekt de wijsvinger van zijn andere hand erdoor. ‘Neuken’, betekende dat vroeger bij ons op school. Ik draai me om.
Het is niet zo dat ik niet gewaarschuwd ben. In talloze gesprekken met ontwikkelaars, filosofen en psychologen heb ik vooral één ding steeds opnieuw gehoord: virtual reality is echt heel realistisch, bijna té. Gamers vertellen over veel te gewelddadige killergames, sommigen van hen hebben problemen een virtuele moord te verwerken, andere waarschuwen: in deze realiteit voelt misbruik zo echt dat mensen er trauma’s van kunnen krijgen en die meenemen naar de echte wereld. Weer anderen vertellen enthousiast over de mogelijkheden voor sociale interactie, net als in het echte leven. Onderzoekers garanderen me: in de toekomst, als deze technologie geschikt is gemaakt voor de grote massa, gaan we echt niet alleen driedimensionale computergames spelen. Mensen die te ver van elkaar af wonen om elkaar te ontmoeten, kunnen in de virtuele wereld samen avonturen beleven, musiceren, een film kijken of gewoon een beetje praten. Ruimte en tijd worden overwonnen. Ik moet bij zulke gesprekken altijd denken aan mijn vriendin in Nieuw-Zeeland of aan mijn broer in Brazilië, met wie ik weinig contact heb omdat ik, als we bellen, e-mailen of chatten, altijd iets mis. Social virtual reality, het klinkt als een mooie droom.
Toekomst
Hoe zou die toekomst voelen? Ik ga op zoek en vind AltspaceVR, tot nu toe de grootste chatroom van de virtual reality. Nog klein, maar vervuld van een groot optimisme. Optimisme niet alleen bij de eerste gebruikers, maar vooral bij Amerikaanse verstrekkers van durfkapitaal. De virtuele werkelijkheid lijkt hen een superinvestering voor hun in het geheel niet-virtuele geld. Via een forum zoek ik gebruikers van AltspaceVR en vraag hun: waar is hier de toekomst? Niemand van hen wil me in het echte leven ontmoeten. Een van hen schrijft: ‘Als je wilt weten waar de toekomst is, moet je absoluut met Crystal kennismaken! Ze is echt een beroemdheid in de community.’ Crystal, de toekomst, het klinkt geheimzinnig. Ik neem me voor Crystal te vinden en ga op reis in deze ver verwijderde, andere wereld.
De dagen daarna zijn ontzettend opwindend. Ik ben weer kind, met iedere dag nieuwe speelkameraadjes. We verkennen allemaal verschillende ruimtes in Altspace, de ‘Welcome area’, een taveerne, we ontdekken wat we allemaal met onze avatars kunnen doen, beamen, vliegen, we zwerven door een labyrint en houden zwaardgevechten, die ook in het echt een beroep doen op alle spieren in je lijf. Want als ik met mijn zwaard zwaai, zwaai ik ook in de werkelijkheid van mijn woonkamer met mijn arm en de controller. Als een andere strijder door mijn dekking breekt, duik ik weg op de vloer van de woonkamer die voor mij op dat moment niet bestaat, ik zit immers op de krakende vloer van de taveerne. Gelukkig staat er in de echte wereld niemand naar me te kijken, denk ik af en toe als de herinnering aan mijn andere leven even opkomt.
Sommige gebruikers zijn zo enthousiast over de nieuwe techniek, over wat ze kunnen en wat er in virtual reality mogelijk is, dat ze alle grenzen overschrijden. Ze rennen tussen andere gebruikers door, wapperen met hun handen voor het gezicht van andere gebruikers of bepotelen vreemde vrouwen.
Ik word beter in het mezelf wegbeamen, dat is de nooduitgang uit de virtuele realiteit. Ik hoef alleen maar met mijn controller naar een plaats in de ruimte te wijzen en op een knop te drukken en dan land ik precies op die plek.
Dat kan gevaarlijk zijn: op een dag heb ik me samen met mijn nieuwe speelkameraden op een rots gebeamd, pal voor mijn voeten gaat het honderden meters omlaag. Beneden zie ik de piramide die gisteren nog enorm en onoverwinnelijk voor me stond, nu is hij piepklein, de mensen die erop staan lijken luizen. Ik kijk voorzichtig achterom; achter me niets dan rots, geen mogelijkheid om weg te komen. Ik sta te trillen, kan me niet bewegen, denk even aan de andere wereld die zo ver weg is, en waar ik op de solide vloer van mijn woonkamer sta. Of niet? De gedachte stelt me niet gerust. Dit hier voelt te echt. Ik verstijf, mijn lichaam signaleert: gevaar!
Ook dat wist ik en desondanks kon ik het niet geloven. Veel gamers en psychologen waarschuwden me al voor dat effect. Ontelbare keren heb ik het zinnetje gehoord: ‘Het lijkt zó echt, dat kun je je niet voorstellen.’ En ik moet zeggen: dat klopt. Maar tegelijk creëert juist datgene wat mij tot de grens brengt van wat ik aankan – hoewel ik in het echte leven niet erg bang ben uitgevallen – voor andere mensen enorme mogelijkheden. Zo kunnen er in de toekomst therapieën ontwikkeld worden voor allerlei angststoornissen. De eerste experimenten lopen al en de resultaten zijn veelbelovend. Mensen met hoogtevrees oefenen om in een virtuele afgrond te kijken.
Mensen met ruimtevrees zitten in virtuele liften en rijden door tunnels, patiënten met sociale fobie kunnen virtuele mensen ontmoeten en leren met hen om te gaan. De therapie van de toekomst.
Ik heb een vrouwelijke avatar gekozen, was dat misschien verkeerd?
Maar ik ben niet op zoek naar de therapie van de toekomst, en niet naar avonturen en games van de toekomst, ik zoek het sociale leven van de toekomst! Waar zit die Crystal? Hoe kan het dat ik haar in al die uren die ik al in de andere wereld heb doorgebracht nog niet ben tegengekomen? Alleen haar naam klinkt al veelbelovend. Zou zij me duidelijkheid kunnen geven, me helpen in de kristallen bol te kijken? Is zij iemand die nu al leeft zoals wij dat in de toekomst zullen doen?
Verschillende culturen
Op een avond zit ik naar een virtuele hemel te kijken, naar dikke wolken met gerafelde omtrekken waar ik allerlei fantasiefiguren in zie, net als bij echte wolken. De zon schijnt door de open plekken in het wolkendek. Hier en daar staan groepjes mensen te praten. Een paarse vrouw haalt me uit mijn dromerige stemming. Haar ronde ogen lichten zachtroze op als ze zich voorstelt als Sana en me vraagt wie ik ben. Ze heeft een zachte, warme stem. Ook al kan ik haar gezicht niet zien, ik heb het gevoel dat ze naar me glimlacht. Ze spreekt langzaam en bedachtzaam, kleine signalen waardoor ze een vriendelijke indruk maakt. Haar hoofd een beetje voorover, de knikjes die uit de echte wereld naar de virtuele wereld worden overgebracht, het nauwelijks hoorbare ‘hm’. Ik hoor dat ze uit Egypte komt, een gelovige moslima is en iedere dag na het vasten van de echte naar de virtuele wereld reist. En jij? Aha, een Duitse. Aanvankelijk had ze vooroordelen tegen Duitsers, tegen Europeanen, eigenlijk tegen westerlingen in het algemeen. ‘Je hoeft je niet aangevallen te voelen,’ zegt ze beleefd, ‘maar ik heb lang gedacht dat westerlingen geen manieren hadden, dat ze zich onbehoorlijk gedroegen, gewelddadig waren en overal rommel lieten liggen. Maar hier heb ik veel aardige Europeanen leren kennen.’
Dat kan de virtuele werkelijkheid ook: mensen uit verschillende culturen bij elkaar brengen. Onder avatars heerst grote tolerantie, noodgedwongen. Er is immers maar een beperkt aantal modellen voor onze virtuele lichamen, je kunt zelf alleen de kleur kiezen, dus uiterlijk zijn we allemaal min of meer gelijk. Pas in een gesprek en vooral door de stem komt de echte mens achter de avatar tevoorschijn. Verbazend snel vergeet ik dat de mensen met wie ik hier praat, eruitzien als robots.
‘Kom, ik laat je mijn ruimte zien,’ zegt Sana.
Gebruikers van AltspaceVR kunnen zelf hun eigen ruimte vormgeven. Soms zijn ze heel creatief, afhankelijk van hoeveel programmeerervaring en zin om te experimenteren ze hebben. De ruimtes zijn open voor iedereen, je kunt ze niet afsluiten. Ik kies in mijn menu ‘Sana’s time machine’, de computer heeft een paar seconden nodig en dan sta ik in een grote ruimte met een open haard, waar een gezellig houtvuur knappert, aan de muren hangen schilderijen en foto’s met Arabische letters, een scene uit een sprookje en zwart-wit foto’s van twee kleine kinderen met grote, donkere ogen. Sana is er al, ze vraagt of ik op het balkon kom. ‘Welkom in mijn domein, kijk gerust rond.’ De hemel is paars, haar lievelingskleur, er zweven lichtbolletjes door de lucht, sterren zo groot als sneeuwvlokjes, de hele tijd vliegt er een tussen ons door. Het is bijna een beetje romantisch. Voor het eerst hier in Altspace heb ik het gevoel dat ik tot rust kom. Sana’s tijdmachine vormt een tegenwicht tegen de hectiek in de andere ruimtes, het onafgebroken gamen in de taveerne en het labyrint, en tegen de korte, oppervlakkige gesprekjes met al die verschillende gebruikers.
Evildoer
Ik wil meer over Sana te weten komen. Maar ze is opeens erg zwijgzaam. Haar leeftijd wil ze niet vertellen. ‘De mensen hier hebben snel hun oordeel klaar, iedereen boven de dertig vinden ze stokoud.’
Ze vertelt wel dat ze niet werkt. ‘In onze godsdienst kan dat niet. Nu heb je vast je oordeel klaar. Maar waarom zou ik werken? Ik vind het niet leuk.’ We praten wat over verschillende culturen, hoe het haar vergaat, haar vrienden hier. Opeens staat er een grote, zwarte avatar met neongroene ogen in de deuropening naar het terras. ‘Hé, Evildoer,’ roept Sana, ‘dit is Eva, ze is journalist. En dit is Evildoer, een goede vriend van me. Hij heeft mijn hemel geprogrammeerd. Hij kan alles!’ De zwarte man knippert vriendelijk met zijn neongroene ogen en zegt verlegen: ‘Nou ja, ik vind het nu eenmaal leuk om te doen.’
‘Het lijkt zó echt, dat kun je je niet voorstellen’
Sana legt uit dat zijzelf het vuur niet kan zien. Ze heeft een andere virtualrealitybril dan ik en ziet alleen de houtblokken. ‘Maar Evildoer is ermee bezig.’ Haar stem klinkt zacht en een beetje wee-moedig. Voor Sana is hij niet iemand die ‘kwaad doet’, zoals de letterlijke vertaling van zijn naam is, integendeel, hij doet juist goede dingen. Hij versiert Sana’s ruimte met kunstwerken. Als hij voor een muur staat verschijnt daar opeens een nieuw schilderij: de wijzerplaat van een klok, het lijkt of hij op de zeebodem ligt en vanuit de diepte goud oplicht. Sana en ik lopen over haar groene retro bloemen-tapijt naar Evildoer, die voor het kunstwerk staat. Sana leest het Arabische schrift: ‘Mijn gedicht,’ zegt ze nadenkend. Wat staat er?
‘Dat is moeilijk te zeggen, omdat deze symbolen in het Engels niet bestaan,’ zegt Sana. De strekking luidt: ‘De wijzers van de klok vallen omlaag en steken me als een schorpioen. Het gif blijft in mijn lichaam zitten.’
Gedachten schieten door mijn hoofd: tijd, tijdreizen… In Sana’s ruimte gaat het over een of ander thema dat ik nog niet begrijp. Ik durf er niet naar te vragen, het lijkt me te persoonlijk gezien onze recente kennismaking. In plaats daarvan vraag ik, onschuldiger: ‘Waarom heet je ruimte de tijdmachine?’ ‘Och, ik ben een boekenwurm en ik hou van tijdreizen.’ ‘Sciencefiction?’ ‘Nee, alleen tijdreizen.’
In de loop van de avond komt er meer bezoek. Sana zegt tegen iedereen vriendelijk: ‘Welkom in mijn ruimte.’ Ze vraagt iedereen naar welke tijd hij wil reizen en waarom. Veel bezoekers gaan meteen weer weg, zulke vragen zijn ze in Altspace niet gewend. Sommigen kijken alleen in stilte rond, reageren niet op Sana’s woorden en verdwijnen geluidloos weer, als geesten. ‘Wacht, blijf nog even!’ roept ze hen achterna, ze klinkt bedroefd. Met de paar die blijven heeft ze filosofische gesprekken, over de zin van tijdreizen, of je beter naar de toekomst of naar het verleden kunt gaan, en of het toegestaan zou moeten worden om in het verleden dingen te veranderen.
Evildoer heeft geen rust, voortdurend is hij op zoek naar plekken in de ruimte die hij kan verfraaien. Laat op de avond komt ook hij tot rust. We staan voor een ander kunstwerk dat hij zojuist heeft geprogrammeerd. ‘Wie ben je in het echt?’ vraag ik hem. Maar veel wil hij niet kwijt. Zijn echte naam is Eric, hij komt uit Canada en heeft als freelancer met computers gewerkt, zijn leeftijd doet er niet toe.
Wat bevalt hem hier? Sana’s ruimte inrichten. En het sociale. ‘In het echte leven ben ik heel verlegen, ik heb niet veel vrienden. Mijn avatar is een soort masker, hier ben ik meer op mijn gemak en heb ik vrienden gemaakt.’ Op het schilderij waar we voor staan, zijn carnavalsmaskers in het zand afgebeeld, ze maken al een beetje een verweerde indruk. Ernaast staan Arabische letters. ‘We verstoppen ons allemaal achter ons masker, omdat we allemaal iets meedragen dat stuk is gegaan,’ leest Sana voor. ‘Sommigen geven het toe, anderen verdringen het, omdat datgene wat stuk is, pijn doet.’ We zwijgen. ‘Tja, ik ben een zwaarmoedig mens,’ zegt Sana.
Wat maakt haar zo bedroefd?
De volgende dag zit de melancholie van die avond als een breedgerande hoed op mijn hoofd. De melancholie schermt me af van de oppervlakkige stralen van de realiteit. Ik denk aan mijn nieuwe vriendin en aan haar wereld, die ze in de virtuele wereld heeft opgebouwd en die ze blijkbaar verkiest boven de echte wereld. Ik probeer te gissen wat er bij haar stuk zou kunnen zijn, wat haar ertoe brengt zich achter een masker te verbergen. Maar, doet ze dat eigenlijk wel? In haar virtuele wereld maakt ze een heel oprechte indruk. Ze is uit haar dagelijkse bestaan geëmigreerd, een bestaan dat haar wellicht zwaar valt. Als je kon tijdreizen, was ze misschien al lang weg geweest, ergens naar het verleden. Tot het zover is, lijkt de virtuele wereld haar toevluchtsoord te zijn.
Ik zet mijn melancholiehoed af en mijn virtual-realitybril op om afleiding te zoeken in de Welcome area van Altspace. Voor de afwisseling heb ik geen bezwaar tegen wat onschuldige smalltalk. Ik ontmoet een Duitser die in een hoekje staat en in opdracht van Altspace in de gaten houdt dat niemand zich ongepast gedraagt. Een zogenaamde moderator. Ik vertel hem over mijn ontmoeting met de rode man op mijn eerste dag. ‘Hier in de Welcome area is altijd iemand van ons aanwezig,’ zegt hij.
‘We zorgen ervoor dat zulke mensen er onmiddellijk uitvliegen! Kom de volgende keer hiernaartoe.’ Dit is zijn eerste virtuele baan, altijd ’s ochtends, als Amerika nog slaapt. Virtuele banen, ook die zijn in de toekomst nodig: virtuele uitsmijters, virtuele politieagenten. ‘Zero tolerance’ is het devies in Altspace als het om racisme en seksisme gaat. Gebruikers die de regels overtreden worden er zonder waarschuwing uitgezet, een volgende keer wordt hun voor 48 uur de toegang ontzegd en een derde keer wordt hun account gewist.
Dubbele X-chromosoom
Het schijnt een moeizame strijd te zijn. ‘De raadselachtige aantrekkingskracht van het dubbele X-chromosoom,’ zegt de Duitse politieagent geheimzinnig. Hij schat het aandeel vrouwen in Altspace op twintig procent. ‘En die staan niet allemaal open voor een avontuurtje.’ Een probleem voor mannen die op een avontuurtje uit zijn. Vooral jonge vrouwen zijn er niet veel, ‘en als ze er al zijn, zijn ze net zo opgefokt als Crystal’. Mijn hart slaat over: dé Crystal? Ik wil meer vragen, maar zijn dienst zit erop. In het echte leven heeft hij een afspraak.
Na de eerste week maak ik de balans op. Ik ben oververzadigd door de honderden, zo lijkt het wel, vergelijkbare gesprekjes. Wie ben je? Waar kom je vandaan? Wat doe je hier? Welk apparaat gebruik je? Ik blijf een paar dagen offline, trek me terug in mijn echte leven en denk na over hoe het verder moet. Ik zou graag relaties aanknopen, met een paar bezoekers intensiever omgaan. Als dat lukt, is dat toch de toekomst! Ik besluit Sana te gaan zoeken. Ik ga een paar keer naar haar ruimte, maar ze is er niet. Ik zou wel een berichtje voor haar willen achterlaten, maar daar is in Altspace niet in voorzien. Hier bestaan geen post-its, geen prikbord en ook geen telefoon.
‘Missen jullie hier niet een level? Iemand kunnen omhelzen bijvoorbeeld?’
Of je komt iemand tegen, of niet. Een vriendschap onderhouden is in de virtuele wereld helemaal niet eenvoudig. Ik wen me aan om ’s avonds altijd even te kijken welke gebruikers online zijn. Dat is heel makkelijk, via de app op mijn telefoon, ik hoef niet eens zelf in de virtuele wereld te zijn. Ik voel me net een spion als ik ’s avonds de lijst uit de andere wereld doorkijk. Als Sana’s naam opduikt, zet ik vlug mijn headset op en klik op haar naam. Ik land direct naast haar, onder een boom aan de rand van de Welcome area.
Liefde
Sana herkent me meteen. ‘Hé, welkom terug, wat fijn dat je er weer bent!’ Ze zit te praten met haar vriendin Lun uit Kroatië. Luns avatar is helemaal roze, die van Sana paars, de mijne blauw. We praten over het echte en over het virtuele leven, over mannen die eeuwige trouw beloven en zich nooit meer laten zien. We lachen, omdat Lun vertelt dat ze dat zelfs hier heeft meegemaakt met iemand die absoluut haar nieuwe verkering wilde worden. Daarna verdween hij. ‘En sindsdien wacht Lun tot hij terugkomt,’ giechelt Sana.
Evildoer schiet me te binnen, de man die Sana’s wensen van haar gezicht lijkt te kunnen aflezen, die zelfs het vuur in haar haard wil aansteken nu ze dat zelf nog niet kan. En ook omdat Sana en Lun zo moeten giechelen over Luns aanbidder, voel ik dat ze het al vaker over dit onderwerp hebben gehad.
Als ons sociale leven in de virtuele wereld moet gaan plaatsvinden, dan moet daar ook liefde bestaan. Dan schiet me een vraag te binnen die me al bezighoudt sinds ik hier ben: ‘Missen jullie hier niet een level? Iemand kunnen omhelzen bijvoorbeeld?’ Lun en Sana kijken elkaar aan, ze twijfelen. ‘Misschien,’ zegt Lun zachtjes.
Op dat moment weet ik nog niet dat Crystal me binnenkort zachtjes over mijn wang zal strelen.
Ons paars-roze-blauwe vrouwengroepje aan de rand van de Welcome area valt nogal op. Steeds weer komen er mannen die ons gesprek onderbreken, ze stellen de bekende ‘wie zijn jullie en wat doen jullie hier’-vragen, een van hen wil weten of we zussen zijn. Als er hier al zo weinig vrouwen zijn, dan is een groepje vrouwen helemaal uniek. Lun vertelt over haar twee kleine kinderen, die nu liggen te slapen en over haar man, een zeiler, die al maanden op zee is. Het lijkt er steeds meer op dat de virtuele wereld er vooral is voor mensen die op dit moment in het echte leven niets beters te doen hebben, die niet gewoon kunnen uitgaan. Lun met haar kleine kinderen en haar man die er nooit is. Sana met haar strenge islamitische geloof.
Maar wat heb ík eigenlijk in deze virtuele realiteit te zoeken? Na ieder bezoek voel ik me leger. Het is leuk om al die gekke games uit te proberen; Altspace met al zijn details is met veel liefde geprogrammeerd.
Het is leuk om hier met iedereen een beetje te kletsen. Maar aan het eind van de dag, als ik mijn headset afdoe, dringt zich toch de vraag op: wat dóe ik hier met al die onbekenden? Een gevoel van leegte volgt me uit de virtuele naar de echte. Ik voel me eenzaam. Terwijl ik in de onvirtuele wereld toch echte vrienden heb! Die ik verwaarloos vanwege dit virtuele avontuur. Dit kan niet de toekomst zijn.
Ik geniet van een dagje offline. Maar dan mis ik Sana een beetje en stuur ik haar een mail: ‘Kunnen we morgen afspreken?’ Het antwoord komt meteen: ‘Graag. Ik ben er ’s avonds, na het vasten.’
Ik vind Sana in haar tijdmachine, ze is alleen en staat peinzend naar de muur met tekeningen uit een kinderboek te kijken. Er staan een jongen en een meisje op met hun armen om elkaar heen, maar voor elk plaatje lijkt een net van prikkeldraad te zijn gespannen.
Opeens staat daar Evildoer, Sana knikt, alsof ze op hem heeft gewacht. Op zijn karakteristieke manier glijdt hij als het ware door haar ruimte en bekijkt de muren uit alle hoeken. ‘En?’ vraagt hij uiteindelijk als hij naast Sana staat en met zijn hoofd naar de muur knikt. ‘Is goed geworden,’ zegt Sana met haar zachte stem. ‘Wat heb je erbij geschreven?’ vraagt hij met een blik op de Arabische letters. ‘Een verhaal over mensen die zijn weggegaan,’ leest Sana voor, ‘en hoe we op hen blijven wachten, ook al komen ze nooit meer terug.’
Helaas heeft Sana geen echte tijdmachine die haar naar de mensen kan brengen die zijn weggegaan en nooit meer terugkomen. Er is kennelijk iemand die ze zó erg mist dat de virtuele realiteit voor haar een steun is om de echte realiteit te kunnen verdragen. Voor haar opent die wereld hier de mogelijkheid om een tweede leven te hebben, een virtueel leven dat alles goedmaakt. Iets wat in de werkelijkheid niet voor haar is weggelegd. Of om dingen te vergeten die in de echte wereld misgegaan zijn. Ik ga er stilletjes vandoor en ben blij dat Evildoer bij haar is. Hij lijkt haar alleen al door zijn aanwezigheid te kunnen troosten.
Ondanks de verdrietige ontmoeting ben ik de volgende dag tevredener dan eerder in deze twee weken. Voor mijn innerlijk oog vormen de puzzelstukjes langzaam een geheel: onze virtuele toekomst. Wellicht biedt die toekomst een nieuwe ruimte voor iedereen en alles, voor dromen en visioenen. Voor mensen die alleen willen gamen. En voor anderen die hier een sociaal leven opbouwen omdat ze dat in de realiteit niet lukt. Op een of andere manier is het een troostrijke gedachte. Dan zit er in mijn postvak een mailtje van de voorlichtingsdienst van Altspace: ze zijn blij dat ze me in contact kunnen brengen met een van hun powerusers voor een interview. Ze is ’s avonds altijd online: Crystal uit Las Vegas! De vrouw van de toekomst! Opgewonden reken ik vlug uit: negen uur tijdverschil, acht uur ’s avonds in Las Vegas is vijf uur ’s ochtends bij mij.
Crystal
Als de grote dag daar is, voel ik me moe. In mijn echte wereld slaapt iedereen nog als ik mijn headset opzet en Crystal ontmoet. Ze lijkt wel dolgedraaid en haar snelle Amerikaans-Engels komt in een spraakwaterval: ‘Hé Eva, how are you, nice to see you, kom, ik laat je alles zien, het is hier zo prachtig, ik heb enorm veel lol, het is net als in het echte leven, maar dan beter, ik heb waanzinnig veel vrienden hier en ik kan haast niet wachten tot het weer weekend is en ik weer een party kan organiseren. Die zijn altijd waanzinnig vol, daarom hebben we nu een wachtlijst.’
Pas als ik weer boven kom uit haar woordenvloed en Crystal beter bekijk, valt me op dat ze er precies zo uitziet als Sana. Ook zij heeft de elegante paarse avatar met de wespentaille gekozen. Maar verwarring is uitgesloten. In tegenstelling tot Sana kan Crystal niet stilzitten, ze huppelt om me heen, lacht, praat luid en raakt steeds buiten adem. Haar energie is aanstekelijk, zodat ik helemaal vergeet dat ik op dit moment eigenlijk te moe ben voor dit soort gesprekken. Ik hoor dat ze in het echt ook Crystal heet, 26 jaar is en in Las Vegas werkt als doktersassistente. Ze brengt hier al haar avonden en het hele weekend door. ‘Dit is mijn sociale leven,’ zegt ze, ‘het is net de echte wereld.’ Wat zeggen haar echte vrienden, die uit de andere wereld, daarover? ‘In het echte leven heb ik geen vrienden,’ zegt ze met een ontwapenende openheid. Ze heeft een probleem met nabijheid, een angststoornis. ‘Als ik iemand tegenover me heb, sta ik te trillen en te zweten, daar kan ik niet tegen.’ ‘En hier?’ ‘Hier is het makkelijker. In geval van nood draai ik me om of beam mezelf weg.’
‘Mis je het niet dat je mensen niet kunt aanraken?’ vraag ik. Ze komt dichterbij en streelt met haar wijsvinger zachtjes over mijn wang. Ze gebruikt dezelfde techniek als de grote rode man die me bij mijn borsten greep: een camera die de bewegingen van haar echte handen overbrengt naar de virtuele realiteit. ‘Maar dat voel je toch niet!’ protesteer ik. ‘Ik voel het wel,’ zegt ze. Daarna neemt Crystal me mee op een wilde tocht door Altspace. We beamen onszelf hierheen en daarheen en opeens staan we onder een adembenemende sterrenhemel. Mijn hoofd tolt van zo veel input op de vroege morgen. ‘Welcome to the campsite,’ staat op een affiche te lezen, daarnaast brandt een kampvuur. ‘Dit heeft een vriend geprogrammeerd voor mijn laatste party,’ zegt Crystal. Haar party’s duren altijd twee dagen, zodat al haar vrienden uit verschillende tijdzones erbij kunnen zijn. ‘Ze kunnen op de camping slapen.’ Hoe bedoel je, slapen? ‘Ga maar liggen.’ Ik ga op de grond liggen, in de ene wereld op de vloer van mijn woonkamer, in de andere op het malse gras van het kampeerterrein, en door mijn bril zie ik sterren, kometen, de Melkweg. Ik wil nooit meer opstaan, zo mooi is deze hemel. Maar hoe kun je nu feesten als je in werkelijkheid alleen thuis bent? ‘Ik maak altijd wat te eten en zet drankjes klaar. We drinken met zijn allen! Ik bedoel, anderen gaan naar een club om alcohol te drinken. En dit is mijn club.’
Tijdmachine
Als ik mijn bril afzet, schijnt buiten de zon. In het park voor mijn huis zijn eersteklassertjes op weg naar school. Zo heerlijk onschuldig, de echte wereld. Het is acht uur. Voor vandaag heb ik wel weer genoeg meegemaakt.
Een paar uur later krijg ik een mailtje van Sana: ‘Hallo, lieve vriendin, ben je er vanavond? Laat het me weten, dan kom ik ook.’
Als ik die avond in Sana’s tijdmachine arriveer, is ze er nog niet. Ik slenter wat door de ruimte en kijk plotseling in de vertrouwde neongroene ogen van Evildoer. Hij staat voor het schilderij met de kinderen die elkaar omhelzen. ‘Wie zijn die kinderen?’ vraag ik. ‘Vraag maar aan Sana, ik weet niet of ze het wil vertellen.’
Is ze een goede vriendin? Evildoer aarzelt. Dan fluistert Sana opeens zachtjes in mijn oor: ‘Dat is het magische van de virtuele realiteit, de mensen voelen hier zo dichtbij.’
Ze is thuisgekomen en omhelst me ter begroeting, het voelt als warm gekriebel.
Buiten rommelt het onweer en plenst de regen uit de paarse hemel, binnen knappert het haardvuur.
‘Ik kan het vuur nu ook zien!’ zegt Sana. Ze klinkt erg gelukkig. Vanavond praten we over God en over de wereld. Of je je kinderen godsdienstig moet opvoeden of dat je de keuze aan hen moet laten. Dat ze haar puberdochter heeft gedwongen een hoofddoekje te dragen en daar nu spijt van heeft. Evildoer luistert meestal alleen en knikt af en toe instemmend, op zeker moment is hij zonder iets te zeggen weggegaan.
Laat op de avond, als we helemaal alleen zijn, vraag ik aan Sana: ‘Waar wil je met je tijdmachine naartoe?’ ‘Ik zou graag terugreizen naar de tijd dat mijn man nog leefde. Ik mis hem zo erg.’ Ik zou haar graag in mijn armen nemen. Maar zij zit in Egypte, ver weg en helemaal alleen. Virtueel is de realiteit nog moeilijker te verdragen dan in het echte leven.
Worlding Worlds – MU
De Eindhovense culturele instelling Stichting MU op Strijp-S in Eindhoven maakt zich sterk voor vernieuwende tentoonstellingen waarin de grensgebieden van de beeldende kunst worden opgezocht.
Vanuit beeldende kunst legt de Stichting MU dwarsverbanden naar digitale cultuur, autonoom design, technologie, wetenschap, bio art en performance. De instelling ziet zichzelf als een aanjager van en knooppunt in het kunstklimaat van Eindhoven, Brabant en Nederland.
Onlangs lanceerde zij het project Worlding Worlds, over het vermogen om alternatieven te vinden in tijden van crises. [Een tentoonstelling die helaas niet meer te zien is.]
Virtueel naar alternatieve werelden reizen is een welkome afleiding. Zeker als dertien kunstenaars en ontwerpers ons daartoe verleiden en onverwachte mogelijkheden bieden die moeilijk te vinden zijn in de samenleving zoals we die kennen.
De bij dit artikel gebruikte beelden zijn afkomstig uit de tentoonstelling Worlding Worlds van Stichting MU.
Ooit werden dinosaurussen als slome, domme monsters gezien, en de mensen die ze onderzochten als wereldvreemde figuren. Tot in 1993 de eerste Jurassic Park-film uitkwam. Het leverde een golf aan nieuwe wetenschappers en ontdekkingen op.
Net als de meeste kinderen had Jordan Mallon een heleboel ideeën over wat hij wilde worden als hij groot was. Eerst was het ijshockeyprof, toen kunstenaar. Maar hij was ook al van jongs af aan gefascineerd door dinosaurussen.
In de zomer van 1993 nam zijn vader hem mee naar de film Jurassic Park. Toen de aftiteling voorbij was en de lichten in de zaal aangingen, wist de elfjarige Jordan opeens zeker hoe zijn toekomst eruit zou zien. Diezelfde avond zei hij tegen zijn moeder: ‘Mama, ik word paleontoloog.’
‘Dat was een omslagpunt, die film raakte echt een snaar bij me,’ herinnert Mallon zich. Inmiddels werkt hij als paleontoloog voor het Canadian Museum of Nature in Ottawa. ‘Vanaf dat moment wist ik wat ik wilde, en daar ben ik nooit meer van afgeweken.’
Behalve Mallon zagen nog tientallen miljoenen anderen de film over deze bizarre wezens die ooit onze planeet bevolkten. Dinosaurussen stonden opeens in het middelpunt van de belangstelling, en dat straalde af op de paleontologie. De plotselinge aandacht voor het vak zette van alles in gang, wat uiteindelijk een hele lichting nieuwe wetenschappers opleverde, gevolgd door een golf aan nieuwe ontdekkingen. De paleontologie was voorgoed veranderd.
‘Het vakgebied paleontologie heeft veel aan Jurassic Park te danken. Ik denk dat het veld er heel anders had uitgezien als die film er niet was geweest,’ vertelt paleontoloog Steve Brusatte van de Universiteit van Edinburgh. De Society of Vertebrate Paleontology [Vereniging voor Gewerveldenpaleontologie] reikte regisseur Steven Spielberg in 2013 een onderscheiding uit als dank voor zijn verdiensten voor het vak. En 25 jaar na het eerste deel trekt de Jurassic Park-reeks nog steeds drommen publiek. De vijfde aflevering, Jurassic Park: Fallen Kingdom, ging in juni in première.
Renaissance
Het is nu moeilijk voor te stellen, maar ooit werden dinosaurussen als slome, domme monsters gezien, koudbloedige verliezers van de evolutie die de moeite van het bestuderen niet waard waren, aangezien ze toch geen levende nakomelingen hadden. Zo saai vond men de beesten, dat toen paleontoloog Jack Horner als student een docent vertelde dat hij graag onderzoek naar dino’s wilde doen, hij smakelijk werd uitgelachen.
Maar al in de jaren zestig en zeventig waren er de eerste tekenen van een dinosaurusrenaissance: dinosauriërs werden steeds meer als intelligente dieren gezien, die bovendien ook verwant bleken aan de vogels. Dat nieuwe beeld van de dinosaurus mondde in 1990 uit in Michael Crichtons roman Jurassic Park. De verfilming van het boek populariseerde dit beeld van dinosaurussen als actieve dieren, niet in de laatste plaats dankzij de voor die tijd spectaculaire computeranimatie. ‘Ze leken net echt, het waren net levende dieren,’ zegt Thomas Cullen, postdoctoraal onderzoeker bij het Field Museum in Chicago. ‘Het waren noch monsters noch tekenfilmfiguren,’ aldus Victoria Arbour, postdoctoraal medewerker van het Royal Ontario Museum in Canada. ‘De film benadrukte dat dinosauriërs levende wezens waren, die echt op aarde hebben rondgelopen.’
De charismatische prehistorische filmsterren genereerden bij het grote publiek een enorme hang naar kennis over echte dinosaurussen. Musea met dinoskeletten zagen een flinke opleving in hun bezoekersaantallen. ‘Misschien wel het grootste effect van de film was dat hij nieuwsgierigheid naar ze wekte,’ meent paleontoloog Mary Schweitzer van de North Carolina State University. Mensen van alle leeftijden werden gegrepen door de film, vertelt Matthew Carrano, die bij het Smithsonian National Museum curator was van de expositie Dinosauria. ‘Er komen net zo goed volwassenen op af als kinderen. Dat is wel eens anders geweest.’
Voor het paleontologisch onderzoeksveld was de film een buitenkansje. Onderzoekers konden de populariteit van de dieren gebruiken om het grote publiek voor wetenschap te interesseren. Er volgde een vloed aan documentaires, televisieprogramma’s, boeken en andere populair-wetenschappelijke publicaties over het onderwerp, die nog steeds aanhoudt. Vóór de film was het ‘niet eenvoudig om je interesse in dinosauriërs levend te houden’, vertelt Carrano. Er bestond maar een handjevol boeken en speeltjes, en exposities in musea bleven een halve eeuw lang vrijwel ongewijzigd. ‘Ik haalde uit armoe steeds weer dezelfde boeken uit de bieb,’ herinnert Carrano zich. Toen de film eindelijk uitkwam, studeerde hij al. Maar dankzij de invloed van de film is de situatie nu blijvend veranderd. Er komen, voorzichtig geschat, zo’n vijftig boeken per jaar over dinosaurussen uit.
Al dat nieuwe materiaal voedde de populariteit van de dino’s, en dat had vervolgens weer invloed op de wetenschap. Er kwam meer aandacht in de pers voor nieuwe onderzoeksresultaten, paleontologen publiceerden meer artikelen, universiteiten boden programma’s aan die helemaal over deze dieren gingen, en voor het eerst namen musea dinosaurusspecialisten in dienst.
Kortom, door Jurassic Park werden niet alleen dinosaurussen cool, maar ook de wetenschappers die ze hun leven lang bestuderen. De film gaf hun een positief imago, iets waar kinderen zich aan konden spiegelen. ‘In veel films zijn wetenschappers slechteriken, of anders in ieder geval koude, emotieloze types,’ zegt anatomieonderzoeker Sarah Werning van de Des Moines-universiteit. Maar in Jurassic Park kon je je als kijker met ze identificeren. Je begreep hun ontzag voor die gigantische dieren.’
Er zitten een paar sterke vrouwelijke personages in de film, zoals wetenschapper Ellie Sattler en computergenie Lex, de kleindochter van de eigenaar van het pretpark (gespeeld door respectievelijk Laura Dern en Ariana Richards). ‘Het was heel belangrijk dat er zowel een mannelijke als een vrouwelijke wetenschapper in de film voorkwam,’ vertelt Victoria Arbour. En niet alleen was dr. Sattler een vrouw, voegt ze daaraan toe, ‘ze werd ook nog eens neergezet als een heel vanzelfsprekend iemand. Het was helemaal niet gek dat ze zowel vrouw was als wetenschapper. Daar lag de nadruk verder ook niet op. Ze was er gewoon, en omdat ze zo slim was respecteerde iedereen haar.’
Dankzij de golf aan jong wetenschappelijk talent die onder invloed van Jurassic Park het vakgebied binnenstroomde, volgde er, een paar jaar later, een minstens zo grote vloedgolf aan publicaties. Werden er tussen 1984 en 1994 jaarlijks nog rond de vijftien nieuwe dinosaurussoorten ontdekt, nu staat dat aantal op vijftig en het lijkt nog niet dalende te zijn. Sommigen noemen de huidige tijd al het gouden tijdperk van het dinosaurusonderzoek. ‘Jurassic Park haakte in op een wetenschappelijke revolutie in het dinosauriëronderzoek en veroorzaakte op zijn beurt weer een nieuwe,’ aldus Carrano.
‘Altijd als we het publiek over ons vak willen vertellen, noemen we de film als eerste’
De afgelopen eeuw is er een massa nieuwe exemplaren bijgekomen. Dinosauriërs vormen een ongelooflijk diverse groep, die telkens weer voor verrassingen zorgt. Sommige zijn reusachtige carnivoren, andere herbivoren. Je hebt ze in alle mogelijke vormen en afmetingen. Sommige hebben schilden van schubben en knotsachtige staarten, andere hoorns, een kraag of veren. Ook is de relatie tussen dinosauriërs |en vogels veel duidelijker geworden. Wetenschappers zijn het er nu over eens dat vogels een groep binnen de zogenaamde Theropoda-dinosauriërs vormen (dus niet alle dino’s zijn aan het eind van het Krijttijdperk uitgestorven). Zowel pers als publiek smulden van deze ontdekkingen.
Toen Jurassic Park uitkwam, was Michelle Stocker nog een meisje; pas toen ze als paleontoloog ging werken, merkte ze hoeveel invloed de filmreeks had. ‘Het publiek heeft er een beeld door gekregen van de paleontologie en van dinosauriërs,’ vertelt ze. ‘En wetenschappers maken daar handig gebruik van. Museumconservatoren anticiperen op vragen van het publiek en proberen die bij het maken van hun tentoonstellingen te beantwoorden. Of paleontologen organiseren speciale publieksbijeenkomsten als er weer een nieuwe Jurassic Park-film uitkomt.’
‘Altijd als we het publiek over ons vak willen vertellen, noemen we de film als eerste,’ vertelt Stocker, inmiddels werkzaam als paleontoloog aan Virginia Tech. Toch zijn niet alle paleontologen onverdeeld blij met de dinosaurusgekte die de film heeft losgemaakt, vertelt Ali Nabavizadeh, universitair docent anatomie aan de Rowan-universiteit. Het stoort hen dat de giganten niet altijd even accuraat worden weergegeven. ‘Mensen zijn gek van dinosauriërs, maar ze hebben een beeld van hoe een dinosaurus kijkt of loopt dat misschien wel helemaal niet klopt.’
In de eerste film in de reeks waren de dinosaurussen gemodelleerd op basis van de wetenschappelijke inzichten uit die tijd. Maar de makers van de film namen de nodige artistieke vrijheden. De Velociraptor uit de film was een uitvergrote versie van de Deinonychus. De echte Velociraptor was niet veel groter dan een kalkoen.
Bovendien zijn veel van de dinosaurussen uit de eerste Jurassic Park, door alle ontdekking die sindsdien zijn gedaan, alweer verouderd. Toen de film werd gemaakt, bestond het beeld van dinosaurussen als bijzonder behendig en energiek. Het leek dus niet vergezocht om een Tyrannosaurus rex een jeep met drie sappige mensen erin te laten achtervolgen en inhalen. Nieuw onderzoek liet echter zien dat het met de beweeglijkheid van de T. rex wel meeviel en dat een hardloper hem er gemakkelijk uit had gerend.
Recentelijk was er opnieuw kritiek uit wetenschappelijke hoek. Opgemerkt werd dat we inmiddels weten dat dinosaurussen veren hadden; in de laatste afleveringen uit de filmreeks was dat nieuwe inzicht niet verwerkt.
Zulke onvolkomenheden kunnen ook juist door paleontologen worden uitgebuit, wanneer zij het geïnteresseerde publiek uitleggen hoe zij dankzij fossielen te weten zijn gekomen hoe dinosaurussen eruitzagen, of waarom bepaalde details juist nog missen. Volgens Schweitzer geeft hun dat een ingang om iets algemeners over wetenschap te vertellen en de mensen op die manier nieuwsgierig te maken naar wetenschap.
Iets dergelijks overkwam Nabavizadeh als kind al. Nadat hij als zesjarige een Jurassic Park-film had gezien, begon hij, toen de opwinding over de realistische monsters was weggeëbd, zich af te vragen of ze er in het echt ook zo uitzagen. ‘Hoe weet je eigenlijk hoe hun anatomie was, als je alleen botten hebt om van uit te gaan? Misschien waren er wel speciale kenmerken waar we niets van weten?’
‘Mensen geloven me vaak niet als ik het vertel, maar ik ben door Jurassic Park paleontoloog geworden,’ vertelt Thomas Adams, conservator paleontologie en archeologie van het White Museum in San Antonio. Adams vond school als kind nogal vervelend, maar Jurassic Park maakte een wetenschappelijke interesse in hem wakker die hij nooit eerder had ervaren. ‘Ik merkte dat als je ergens een passie voor hebt, ook al het andere wat daarvoor relevant is leuk wordt om te leren,’ vertelt hij. ‘Ik ontdekte dat leren leuk kan zijn.’
Na meer dan een eeuw is deze krant uit Boston in 2009 gestopt met de printversie en verder gegaan op internet. Heeft nog wel een wekelijkse printeditie. De krant dankt zijn naam aan de financier: de Christian Science Church.
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.