Actuele gebeurtenissen wereldwijd, in woord, beeld en citaat.
Frankrijk
Michelinster voor Frans veganistisch restaurant
Voor het eerst heeft een veganistisch restaurant in Frankrijk een Michelinster gekregen. Michelin gaf de ster aan restaurant ONA, dat staat voor Origine Non-Animale, ofwel diervrije oorsprong. Het restaurant in Arès, nabij Bordeaux, werd in 2016 opgericht door chef-kok Claire Vallée, een 41-jarige voormalige archeologe die veganist werd na een reis naar Thailand.
Michelin kende weliswaar al eerder sterren toe aan veganistische restaurants in andere landen, maar nog nooit in Frankrijk. Naast de Michelinster won ONA ook een groene ster, voor deugdelijke ethische praktijken.
Het succes kwam Vallée en ONA niet aanwaaien. Eerste verzoeken om een lening werden afgewezen door traditionele Franse banken, die sceptisch stonden tegenover zowel de locatie als het veganistische menu. ‘De toekomst van veganisme en plantaardig voedsel was volgens hen te onzeker,’ aldus Vallée. Met crowdfunding en een lening van Le Nef, een bank die ethische projecten financiert, startte ze haar restaurant. ‘Deze ster bewijst dat niets onmogelijk is,’ aldus Vallée na de toekenning.
Architectuurstudio Rael San Fratello kreeg voor de roze wippen die in de grensmuur van de Verenigde Staten en Mexico kunnen worden geschoven, de prijs Design of the year. Het project, dat de naam Teeter-Totter Wall meekreeg, heeft maar 40 minuten dienst gedaan in juli 2019.
De boodschap die het ontwerp moest uitdragen was dat zelfs een akelige scheiding van twee landen, een politieke splijtzwam, kan zorgen voor verbinding en eenheid. Virginia San Fratello en Ronald Rael werden zowel winnaar in de categorie Vervoer als winnaar van de Beazley Designs of the Year awards, die elk jaar worden georganiseerd door het Londense Design Museum. Een vijfkoppige jury kwam tot haar besluit tijdens de presidentsverkiezingen.
De uitslag werd bekend-gemaakt één dag voor de inauguratie van president Joe Biden en het vertrek van muurbouwer Trump.
(Dezeen)
Italië
Italiaanse burgemeester misbruikt voedselhulp
Michela Rosetta, lid van de radicaal-rechtse Liga van Matteo Salvini en burgemeester van de Noord-Italiaanse gemeente San Germano Vercellese, is onder huisarrest geplaatst. Ze wordt beschuldigd van verduistering, samen met gemeenteraadslid en oud-wethouder Giorgio Carando, locoburgemeester Maurizio Bosco en twee gemeenteambtenaren. Het vijftal wordt beschuldigd van het uiten van onwaarheden in het openbaar door overheidsambtenaren, ambtsmisbruik en vernietiging van bezittingen.
De voedselhulp bedoeld om verlichting te brengen in de noodsituatie, gebruikte het gezelschap overheidsgeld uit naam van de Piemontese gemeente. Met dat geld werden voedselpakketten aangeschaft en verdeeld, geheel naar eigen inzicht van de gearresteerden. Zo kwamen garnalen, sint jakobsschelpen en ander hoogwaardige producten terecht bij eigen kinderen en familieleden. ‘Verliezers’, zoals hulpbehoevende ouderen en migrantenfamilies, kregen voedselpakketten van belabberde kwaliteit toebedeeld.
(Corriere della Sera, Turijn)
Pakistan
Rolschaatscommando’s voor Karachi
Met een notoir corrupte politiemacht, bendeoorlogen, etnisch, sektarisch en politiek geweld is de vijftien miljoen inwoners tellende Pakistaanse stad Karachi een van de moeilijkste steden in Azië wat betreft ordehandhaving. Karachi huisvest de belangrijkste aandelenbeurs en is het belangrijkste transportcentrum van het land en levert zowel het leeuwendeel van belastinginkomsten als de zwaarste criminelen.
De autoriteiten hopen dat een nieuwe rolschaatsmacht van twintig commando’s, bestaande uit tien mannen en tien vrouwen, de misdaadcijfers zal helpen verlagen en het imago van Karachi zal verbeteren.
‘Ik ben trots deel uit te maken van deze rolschaatsploeg,’ aldus Anila Aslam van de Speciale Veiligheids-eenheid, die in 2010 werd opgericht om VIP’s te beveiligen. Volgens Aslam, die als beste uit de bus kwam op het politietrainingscentrum, zijn er maar weinig vrouwen uit haar dorp ooit bij de politie terechtgekomen, maar willen meisjes met wie ze naar school en universiteit is gegaan nu haar voorbeeld volgen.
(Arab News, Karachi)
Groot-Brittannië
Rechtse nieuwszenders voor Groot-Brittannië
De Britse televisiebons John McAndrew werkt aan een van de meest ambitieuze nieuwsprojecten ooit in Groot-Brittannië: GB News. Hij zoekt momenteel naar presentatoren voor een 24-uurskanaal dat de eerste helft van dit jaar gelanceerd moet worden. Dat zullen mensen moeten zijn met een regionale tongval, scherpe meningen en andere eigenschappen waarmee GB News zich wil gaan onderscheiden van McAndrews voormalige werkgevers BBC, ITN en Sky News. Sterpresentator wordt in ieder geval Andrew Neil, voorheen BBC-coryfee politieke interviews.
Met uitgesproken meningen en strijdlustige programmering wil GB News een conservatief, provinciaal publiek bedienen dat zich genegeerd zou voelen door het bestaande liberale en grootstedelijke Britse tv-nieuws. GB News vecht naar verluid niet alleen de status quo van het televisienieuws aan, maar ook de lang gekoesterde definitie van onpartijdigheid. En het is niet de enige die het op een dergelijke ‘Fox-manier’ wil aanpakken. Rupert Murdoch, eigenaar van het winstgevende rechtse Amerikaanse netwerk Fox News, is bezig met News UK, een rivaliserend Brits tv-nieuwskanaal.
Mediawatchers vrezen dat de strijd om de kijkcijfers tussen de twee rechtse concurrenten tot extremere programmering zal gaan leiden. GB News zegt inmiddels zo’n 67 miljoen dollar aan financiering te hebben binnengehaald. Een groot deel daarvan is afkomstig van vermogende zakenmensen die ervaring hebben met publieksbeïnvloeding. Volgens Patrick Barwise, hoogleraar management aan de London Business School, komt veel geld uit het buitenland.
Rijke Nigerianen kopen staatsburgerschap in het buitenland
Jaarlijks ontvluchten talloze Nigerianen de armoede en onrust in hun thuisland. Ze zoeken een weg naar Europa via gevaarlijke routes door de Sahara en over de Middellandse Zee. Inmiddels sluit een groeiend aantal rijke Nigerianen zich bij hen aan, maar dan wel op een veiliger manier. De rijken maken gebruik van een zogenoemd ‘gouden paspoort’, dat voor hen steeds gemakkelijker verkrijgbaar is.
Slechts 26 landen laten Nigeriaanse paspoorthouders visumvrij toe, maar inmiddels staat een recordaantal van 92 landen over de hele wereld toe dat rijke individuen ingezetene of staatsburger worden in ruil voor bedragen die uiteenlopen van honderdduizend tot meerdere miljoenen dollars. Zo kan op Malta het staatsburgerschap worden verkregen voor een investering van minimaal achthonderdduizend dollar.
De stormloop op gouden paspoorten door rijke Nigerianen begon al voordat gewelddadige protesten in oktober uitbraken tegen een nieuwe politie eenheid, de SARS. Bij het in Londen gevestigde Henley & Partners, een van ’s werelds grootste adviesbureaus op het gebied van burgerschap, stegen de aanvragen van Nigerianen met 185 procent in de eerste acht maanden van vorig jaar, waarmee ze na Indiërs de grootste nationaliteit zijn die een dergelijke regeling aanvraagt. Alleen al dit jaar heeft een recordaantal van meer dan 1000 Nigerianen via Henley & Partners navraag gedaan naar staatsburgerschap in een ander land.
Investeren in een buitenlands staatsburgerschap is niet illegaal voor Nigerianen, maar dat rijke burgers hun bezittingen naar het buitenland verplaatsen, ligt gevoelig in Nigeria. Volgens de Nigeriaanse belastingdienst gaat elk jaar zo’n 15 miljard dollar verloren aan belastingontduiking. Veel van dat geld vindt zijn weg naar het Caribisch gebied, zoals in 2016 duidelijk werd uit de Panama Papers.
Sinds de coronacrisis zijn rijke Nigerianen volgens experts nog serieuzer gaan kijken naar staatsburgerschap in het buitenland, en de verwachting is dan ook dat het aantal aanvragen van gouden paspoorten verder zal toenemen.
(Al Jazeera, Qatar)
Wat zei zeggen over… de arrestatie van Aleksej Navalny
Manfred WeberEVP-leider in het EU-parlement
‘Het is onaanvaardbaar dat het Russische leiderschap korte metten maakt met de protesten door duizenden demonstranten te arresteren. De ministers van Buitenlandse Zaken van de EU mogen dit niet nogmaals uit de weg gaan en volstaan met wat algemene oproepen. De EU moet het Poetin-systeem raken waar het echt pijn doet, oftewel financieel. De EU moet daarom financiële transacties met getrouwen van Poetin annuleren. Het dreigement de Nord Stream-pijplijn stop te zetten moet worden gehandhaafd.’
Jean-Yves Le DrianFrans minister van Buitenlandse Zaken
‘Zijn vergiftiging is een moordaanslag, gepleegd in Rusland, met een Russische chemische stof, op een Russische burger. Het lijkt me dus normaal dat er een onderzoek wordt ingesteld, maar de Russische autoriteiten ontkennen de werkelijkheid. Er zijn al eerder sancties opgelegd aan Rusland. We zijn vastberaden om met Rusland in gesprek te blijven, maar ook buitengewoon vastberaden tegenover de autoritaire stroming die we waarnemen.’
Andrzej Dudapresident van Polen
‘Het primaat van het internationaal recht is fundamenteel, want zolang het wordt nageleefd, is er geen oorlog. Maar als het wordt overtreden is het effect altijd een conflict. De enige manier om naleving van het internationaal recht af te dwingen zonder gebruik van geweren, kanonnen en bommen, is via sancties. We zijn klaar om te helpen bij het opbouwen van consensus daarover. Er is geen ander vreedzaam middel om druk uit te oefenen op een staat die de regels van het internationaal recht overtreedt.’
Ontwerpresolutievan leden van het Europees Parlement
‘Wij verzoeken de Russische autoriteiten een einde te maken aan het lastigvallen, intimideren en onderdrukken van onafhankelijke en dissidente tegenstanders door korte metten te maken met de heersende straffeloosheid die al vele journalisten, activisten en oppositiepolitici het leven heeft gekost, en erop toe te zien dat zij hun legitieme werkzaamheden kunnen uitvoeren zonder te hoeven vrezen voor hun leven of dat van hun gezinsleden of vrienden.’
Duizenden verontwaardigde vrouwen, tieners en sympathisanten trokken gisteravond in Polen de straat op, nadat bekend was gemaakt dat ook het beëindiging van een zwangerschap wegens foetale afwijkingen verboden wordt, meldt de Poolse krant Gyzeta Wyborcza.
Hoewel de beslissing in oktober al was genomen door het Constitutioneel Hof, werd de uitvoering ervan vertraagd vanwege de vele protesten. Gisteren maakte de regering abrupt bekend dat de uitspraak in de staatscourant werd gepubliceerd, wat betekent dat deze in werking is getreden.
Polen had al een van Europa’s meest beperkte abortuswetten, waarbij de procedure slechts in drie gevallen legaal was: afwijkingen van de foetus, zwangerschappen als gevolg van verkrachting of incest en als er sprake was van een levensbedreigende situatie voor de vrouw. De laatste twee redenen blijven toegestaan.
De demonstranten scandeerden ‘Ik denk, ik voel, ik beslis!’ en ‘Vrijheid van keuze in plaats van terreur!’, schrijft The New York Times. In Warschau marcheerden ze naar het hoofdkwartier van de regerende Partij voor Recht en Rechtvaardigheid en zongen liedjes als I Will Survive.
Zelfmoord in China vestigt de aandacht op centra die ouderen oplichten
De vermoedelijke zelfmoord van een voormalige inwoner van een bejaardentehuis in Centraal-China heeft de aandacht gevestigd op particuliere bedrijven die ouderen overtuigen hun spaargeld in risicovolle ondernemingen te steken in ruil voor huisvesting en zorg.
Cao Ronglin, 62, sprong volgens ooggetuigenverslagen vorige week van een brug over een rivier in Yiyang, provincie Hunan, meldt nieuwssite Caixin. Zijn lichaam is vrijdag gevonden. Cao stopte het grootste deel van zijn spaargeld in investeringsproducten die werden aangeboden door de lokale ouderenzorgverlener Yiyang Nanuo Elderly Apartment Co. Ltd. in ruil voor een bed in een verzorgingshuis, volgens een persoon die bekend is met zijn situatie. Maar Cao verloor zijn onderkomen nadat het bedrijf verwikkeld raakte in een illegaal geldinzamelingsschandaal.
Het incident laat zien hoe sommige gewetenloze particuliere bedrijven in China, een snel vergrijzende natie met een ernstig tekort aan verpleeghuizen, ouderen misleiden om risicovolle investeringen te doen, aldus Caixin.
Facebook keert de politiek de rug toe
Geschrokken van de vele politieke controverses die zijn sociale netwerk in de Verenigde Staten en de rest van de wereld hebben aangewakkerd, kondigde Mark Zuckerberg woensdag (27 januari) aan dat het platform activisten of politieke groepen niet langer zal aanbevelen aan zijn gebruikers, meldt CNN.
Tijdens een telefonische vergadering over de financiële resultaten van zijn groep zei Zuckerberg: ‘Een van de meest voorkomende opmerkingen van onze gebruikers op dit moment is dat ze niet willen dat politieke kwesties en conflicten hun gebruikservaring in de weg zitten.’
Ondanks de pandemie boekte Facebook in 2020 $29 miljard winst, 58% meer dan in 2019.
Nieuwe hoop voor migranten aan de Mexicaanse grens
Manuel, gevlucht uit Venezuela, is een van de meer dan 70.000 asielzoekers die vallen onder de Migrant Protection Protocols (MPP), ook wel bekend als het Blijf in Mexico-programma. Het programma, dat nu ten einde loopt, was het resultaat van een overeenkomst tussen de regering van Trump en die van de Mexicaanse president Andrés Manuel López Obrador.
Manuel werd gedwongen voertuigen klaar te maken voor drugshandelaren, schrijft Animal Politico in een reportage. Eind 2019 werd hij enkele weken lang dagelijks naar een plek in de staat Tamaulipas gereden, in het noordoosten van het land, aan de grens met Texas, waar gepantserde auto’s stonden te wachten met dubbele bodems waarin wapens en drugs werden opgeslagen.
‘Ik werkte vijftien of zestien uur per dag, ze betaalden me niet eens een peso’
‘Ik werkte vijftien of zestien uur per dag, ze betaalden me niet eens een peso. Ze intimideerden me en zeiden dat mijn betaling bestond uit beveiliging.’
Sinds januari 2019 dwingen de MPP’s migranten die asiel aanvroegen in de Verenigde Staten terug te keren naar Noord-Mexico in afwachting van hun voorkomen voor de Amerikaanse rechter.
Zo werden Manuel en naar schatting 30.000 andere Guatemalanen, Honduranen, Salvadoranen en Venezolanen overgeleverd aan de maffiosi in een gebied dat ze niet kenden. De rechtbanken zijn wegens covid-19 sinds maart 2020 gesloten. Al meer dan een jaar wacht Manuel ergens aan de grens tot een Amerikaanse rechtbank zijn asielzaak beoordeelt.
Het besluit van Joe Biden om dit programma te beëindigen, biedt nieuwe hoop.
In totaal zijn sinds eind januari 2019 70.476 mensen teruggekeerd naar Mexico in afwachting van hun verschijning voor een Amerikaanse rechter. De meesten van hen waren Hondurezen (23.052 asielzoekers), Guatemalteken (15.799), Cubanen (11.175), Salvadoranen (8.120), Ecuadoranen (5.900), Venezolanen (2633) en Nicaraguanen (2329).
Voormalig Israëlische inlichtingenagent Avner Avraham, die eerder een spionagemuseum opzette in Tel Aviv, richt nu SpyLegends op, een bureau dat producenten, regisseurs en acteurs adviseert over spionagescènes. Hij rekruteerde hiertoe ex-leden van de Mossad en de Shin Bet, de Israëlische inlichtingen- en contraspionagediensten, evenals gepensioneerden van de geheime diensten van andere landen, waaronder de CIA.
De 54-jarige Avraham heeft al ervaring met dit soort werk: hij werkte als adviseur bij de productie van Final Operation, de film van de Amerikaanse regisseur Chris Weitz over de gevangenneming in Argentinië van nazi Adolf Eichmann, met Ben Kingsley als leider van de Mossad.
Hollywood is niet zijn enige werkterrein. Ook elders in de wereld worden projecten onder zijn leiding uitgevoerd. In alle gevallen moeten de werknemers geheimhoudingsovereenkomsten ondertekenen.
SpyLegends heeft een eigen Speakers Academy en opent binnenkort ook een webshop.
De vriendschap tussen de Mexicaanse president en zijn pas geïnstalleerde Amerikaanse collega kende een valse start. López Obrador erkende de verkiezingsoverwinning van Joe Biden pas een maand na de uitslag. Er lijken nog wel meer beren op de weg voor een goede verstandhouding tussen de buurlanden.
De Mexicaanse president Andrés Manuel López Obrador (AMLO) is niet de eerste buitenlandse regeringsleider met wie Joe Biden contact opneemt. Die eer gaat naar president Justin Trudeau van Canada, zoals verschillende media, waaronder het Mexicaanse Infobae, melden. Maar Mexico staat wel hoog op de agenda van de gisteren (20 januari) aangetreden president, wat misschien wel onvermijdelijk is als je in ogenschouw neemt dat de grens tussen de VS en Mexico de drukste ter wereld is – voor corona staken jaarlijks zo’n 350 miljoen mensen legaal de grens over.
Het bouwen van die muur was een van de hardnekkigste campagnebeloftes van de scheidende president Trump, om Mexicaanse ‘misdadigers’ en ‘verkrachters’ buiten te houden, zoals Fox News in een weergave van een campagnespeech uit 2015 bericht. Het lijkt dat met het aantreden van Biden aan deze anti-Mexicoretoriek een einde is gekomen.
Telenoticias vraagt Mexicaanse migranten in Texas naar hun mening over Joe Biden.
Met de komst van Joe Biden begint een nieuw hoofdstuk in de relatie tussen Mexico en de VS. 2021 is – naast het tweehonderdjarige jubileum van de Mexicaanse onafhankelijkheid – ook het tweehonderdste jaar van de bilaterale verhoudingen tussen Mexico en de VS, een van de eerste staten die Mexico erkenden, brengt het Mexicaanse zakenblad Expansiónin herinnering. ‘Sindsdien hebben talloze episodes deze asymmetrische vriendschap gekenmerkt: de territoriale expansie van de Verenigde Staten [een groot deel van het Zuidwesten van de Verenigde staten, waaronder Californië, Arizona, New Mexico en Texas, hoorden in 1821 nog bij Mexico], oorlogsconflicten, inmenging in politieke aangelegenheden, investeringen die de aanzet gaven tot groei en migratiestromen via de drukste grens ter wereld.’
Hoewel Trump tijdens zijn presidentschap ‘Mexicaanse migranten verkrachters noemde, zijn buurman met een handelsoorlog dreigde, tienduizenden asielzoekers het land uit schopte, een grensmuur optrok en beloofde Mexico ervoor te laten betalen’, schrijft The New York Times, ‘is de Mexicaanse president een groot fan.’
AMLO heeft zich niet uitgesproken tegen de bestorming van het Capitool, zoals veel andere regeringsleiders
De relatie tussen AMLO en Joe Biden kende daarentegen een valse start. De Mexicaanse president erkende de verkiezingsoverwinning van Joe Biden pas op 14 december, als een van de laatste regeringsleiders ruim een maand na de uitslag, aldus Expansión. Ook vond de traditionele ontmoeting tussen de president-elect en de huidige Mexicaanse president niet plaats, meldt CNN Español.
AMLO streek de toekomstige regering-Biden-Harris in de haren door begin 2021 politiek asiel aan te bieden aan de oprichter van WikiLeaks, Julian Assange, die aangeklaagd werd voor het delen van staatsgeheimen tijdens de regering-Obama-Biden en momenteel vastzit in het Verenigd Koninkrijk. Verder heeft AMLO zich niet uitgesproken tegen de bestorming van het Capitool, zoals veel andere regeringsleiders, maar heeft hij wel het verwijderen van Trump van Twitter en Facebook veroordeeld, vat Expansión samen.
In een commentaar schrijft CNN Español: ‘er is reden om te vrezen dat deze relatie op het verkeerde spoor begint te raken en meer gespannen zal zijn dan in het verleden’.
Generaal Cienfuegos
Misschien wel het grootste struikelblok in de verhoudingen tussen de Mexicaanse en de Amerikaanse regering, is wat in Mexico bekendstaat als de zaak Cienfuegos. Generaal Cienfuegos, voormalig minister van Defensie, werd in oktober in Los Angeles opgepakt wegens vermoedelijke banden met de drugscriminaliteit en in november uitgeleverd aan Mexico om daar te worden berecht. Maar enkele dagen later werd hij door Mexicaanse autoriteiten volledig vrijgesproken en beschuldigde AMLO de DEA, de anti-drugseenheid, en andere Amerikaanse agentschappen ervan dat zij bewijsmateriaal hadden ‘verzonnen’, schrijft de Spaanstalige nieuwszender.
‘Vervolgens heeft hij het dossier over Cienfuegos dat door het ministerie van Justitie naar Mexico was gestuurd, openbaar gemaakt, hetgeen volgens het ministerie van Justitie in strijd is met een bilateraal verdrag over wederzijdse rechtshulp’, aldus CNN Español.
Om nog meer olie op het vuur te gooien heeft in december het Mexicaanse congres een wet aangenomen die buitenlandse (lees Amerikaanse) regeringsfunctionarissen beperkt in hun bevoegdheden op Mexicaans grondgebied. ‘Gelukkig worden dergelijke wetten in Mexico zelden gehandhaafd, zodat Washington weinig te vrezen heeft’, voegt de nieuwzender daaraan toe.
‘Achter al deze vermeende beledigingen gaat de angst schuil dat de Democraten zich meer zullen bemoeien met de bevordering van arbeidsrechten en schone energie, waardoor ze de ambitieuze agenda van López Obrador in eigen land in de weg staan, aldus twee ambtenaren in zijn regering die uit angst voor represailles op voorwaarde van anonimiteit spraken’, schrijft The New York Times.
‘Dit zal allemaal gerepareerd moeten worden. Het is mogelijk, maar niet gemakkelijk. Er moet worden gestreefd naar akkoorden die voor beide partijen bevredigend zijn, wat in Mexico steeds moeilijker zal worden, gezien de toenemende militarisering van de staat en de daarmee gepaard gaande grotere afhankelijkheid van López Obrador van het leger. Het budget en de verantwoordelijkheden van het leger zijn in zijn tweejarige ambtsperiode drastisch toegenomen’, schrijft CNN Español.
[Lees voor meer informatie over de toenemende militarisering van Mexico het dossier van het Mexicaanse tijdschrift Nexos, dat redacteur Joep Harmsen afgelopen weekend tipte.]
De Financial Timesschrijft dat de Mexicaanse president zich weleens actief zou kunnen gaan verzetten tegen zijn Amerikaanse collega. ‘Met Biden wil López Obrador weer zijn stekels laten zien (…) Het is alsof López Obrador uit voorzorg een stroman probeert te creëren om mee te vechten… hij gebruikt anti-Amerikanisme en nationalisme om politieke punten te scoren in Mexico, vooral in een verkiezingsjaar’, aldus de Mexicaanse politicoloog Denise Dresser tegenover FT. Mexico houdt dit jaar tussentijdse verkiezingen op 6 juni.
‘Positieve wending’
Expansión ziet daarentegen goede mogelijkheden voor samenwerking met de regering-Biden: ‘De verandering van regering brengt een positieve wending met zich mee. Het zal een meer voorspelbare, minder wispelturige regering zijn. Dit zal het mogelijk maken een meer duurzame en gestructureerde gezamenlijke strategie uit te werken. (…) Biden en zijn kabinet hebben meer ervaring en interesse in een integraal buitenlandbeleid.’
Op de dag van de inauguratie van Joe Biden heeft AMLO hem zijn gelukswensen gegeven. In zijn dagelijkse persconferentie verklaart hij dat hij verwacht tevreden te zullen zijn met de drie prioriteiten van de nieuwe president: de pandemie, het herstel van de economie en het bieden van perspectief aan ongedocumenteerde migranten en het reguleren van migratie, meldt het Mexicaanse dagblad La Jornada. De Mexicaanse president hoopt dat de Mexicaanse economie kan meeprofiteren van het Amerikaanse economische herstelplan.
Vooralsnog ontlopen de twee regeringsleiders elkaar. ‘Biden zal zich logischerwijs concentreren op zijn binnenlandse agenda. Qua buitenlandbeleid is Mexico in eerste instantie misschien geen prioriteit, tenzij er een nieuwe crisis uitbreekt, die groter is dan de zaak-Cienfuegos. En López Obrador zal alleen in de Verenigde Staten geïnteresseerd blijven voor zover het reusachtige buurland zijn binnenlandse agenda in de weg staat’, concludeert CNN Español.
Het Mexicaanse leger krijgt steeds meer invloed en dat maakt het land niet veiliger, toont Nexos aan met een uitgebreid onderzoeksdossier. Verder: een verbijsterende documentaire over hoe de FBI Martin Luther King Jr. probeerde te dwarsbomen & meer aanraders van de 360-redactie.
Omdat 360 niet alles kan vertalen wat de redactie leest, ziet en hoort, tippen wij voor u enkele interessante artikelen, documentaires en podcasts die wij deze week tijdens het speuren naar mooie journalistiek zijn tegengekomen.
De val van de Inca’s
De podcasts Fall of Civillizations gaat over beschavingen die opbloeiden en weer volledig verdwenen ‘in de as van de geschiedenis’. Wat hebben deze beschavingen gemeen en hoe voelt het om het einde van zo’n beschaving mee te maken? vraagt verteller Paul Cooper zich af.
Deze aflevering gaat over de Inca’s, de bewoners van het Urumbara-gebergte die het grootste rijk in het westelijk halfrond bouwden, op een van de moeilijkste terreinen op aarde – waar geen paarden of ossen waren om te helpen dragen, vrijwel geen vruchtbare aarde was en kinderen pas op hun derde een naam kregen vanwege de hoogte sterfte. De enige manier om te overleven was samenwerken.
Afgewisseld met Inca-poëzie, mythen, instrumenten uit de Andes en vol beschrijvingen van het spectaculaire landschap, vertelt Cooper hoe de Heilige Vallei werd ontdekt, hoe de bewoners erin slaagden onder de bizarre extreme omstandigheden te bouwen en hoe het rijk uiteindelijk op ‘de meest dramatische en rampzalige’ manier aan haar einde kwam. Een tip van hoofdredacteur Laura Weeda.
Ieder mens is mooi
Visueel activist, Zanele Muholi, gebruikt fotografie en film om rassenkwesties en representatie van ras te documenteren en te onderzoeken en om de LGBTQIA+ gemeenschap in Zuid-Afrika en daarbuiten te vieren. In dit interview met Tate Modern praat hen (Zanele Muholi verkiest in het Engels het voornaamwoord ‘they’) over hoe de kracht van beelden LGBTQIA+ mensen in Zuid-Afrika en mensen queer, trans en intersekse mensen van kleur wereldwijd kan laten zien dat ze niet alleen zijn.
Een aanrader van art director Majel van der Meulen: ‘Het werk van “visual activist” Zanele Muholi is wereldwijd te zien en steeds weer wil ik een tentoonstelling van Muholi bezoeken. Ze maakt kleurrijke zwart-wit fotografie. In het Tate Modern is nu een overzichtstentoonstelling met 260 werken. Zodra het weer kan, zien! Voor nu een interview.’
In het februarinummer van 360 Magazine is een artikel te lezen over de effecten van hashtagactivisme in Afrika ‘The revolution will be hashtagged’.
Martin Luther King Jr.
Deze week verscheen de documentaire MLK/FBI van Sam Pollard, over de lastercampagne van de FBI die Marten Luther King Jr. achtervolgde tot op de dag dat hij werd vermoord in 1968. Aangeraden door redacteur IJsbrand van Veelen.
De verbijsterende geschiedenis van afluisteren, intimidatie en smaad tegen Martin Luther King Jr, is grotendeels gebaseerd op het werk van historicus en Pulitzerprijs-winnaar David J Garrow, schrijft Peter Bradshaw in The Guardian. Bradshaw vervolgt:
‘De documentaire laat zien hoe bizar giftig en disfunctioneel de campagne van de FBI was. Een aanhoudende geheime oorlog waarbij informanten binnen de burgerrechtenbeweging betrokken waren. Bureau-directeur J. Edgar Hoover was verbolgen over Kings linkse contacten en over zijn internationale beroemdheid, vooral nadat hij in 1964 de Nobelprijs voor de Vrede had gekregen. Na toevallig bewijs van overspel te hebben verkregen, hoopte Hoover dit te gebruiken om King te ondermijnen. Met uitzonderlijke rancune speelde hij de informatie door naar Kings vrouw Coretta en zelfs naar kerkleiders en de pers, kennelijk in de (vergeefse) hoop dat iemand het openbaar zou maken.’
Het onvolprezen Mexicaanse tijdschrift Nexos – een soort Mexicaanse Groene Amsterdammer – heeft een omvangrijk dossier gepubliceerd over de grotere rol die het leger in Mexico heeft gekregen onder de in 2018 aangetreden president Andrés Manuel López Obrador. Volgens de redacteuren van Nexos is het leger alomtegenwoordig tot en met ‘in de soep’ [hasta en la sopa], nu AMLO het leger meer bevoegdheden heeft gegeven. De centrale vraag is: wat zit er achter de nieuwe relatie tussen de regering en het leger?
Een tip van redacteur Joep Harmsen: ‘In dit dossier met medewerking van wetenschappers en historici leggen de auteurs bloot hoe de Mexicaanse samenleving de afgelopen jaren is gemilitariseerd. En dit heeft zeker niet tot meer veiligheid geleid: zo is bijvoorbeeld het geweld tegen vrouw van militairen toegenomen en worden mensenrechten door het leger structureel met de voeten getreden. Alleen al de moeite waard om de scherpe spotprenten van Victor Solís.’
De Amerikaanse pers zit vol vragen over het impeachmentproces tegen president Donald Trump. Op 20 januari neemt zijn opvolger Joe Biden het al over. Kan Trump dan nog wel terechtstaan voor het Senaat? En als hij afgezet wordt, kan hij dan nog meedoen aan de verkiezingen in 2024?
Op woensdag 13 januari hebben leden van het Huis van Afgevaardigden Donald Trump voor de tweede keer geïmpeacht, ditmaal voor zijn rol in het opruien van de menigte die het Capitool op 6 januari bestormde. Een meerderheid van de leden van het Huis, waaronder tien Republikeinen, hebben hem beschuldigd van ‘het aanwakkeren van een opstand’. De impeachmentprocedure is uitgevoerd met ‘buitengewone snelheid en ‘roept nooit eerder gestelde vragen op’, schrijft The New York Times.
Een opvatting die wordt gedeeld door Fox News, dat opmerkt dat een mogelijk proces tegen Donald Trump in de Senaat, terwijl hij al het Witte Huis zou hebben verlaten, een sprong in het onbekende betekent.
Mitch McConnell, de Republikeinse meerderheidsleider in het Senaat, verklaart dat de Senaat pas op 19 januari de aangenomen impeachmentverklaring zal ontvangen van het Huis, een dag voor de inauguratie van Joe Biden. ‘Een rechtszaak zou weken kunnen duren, als die al plaatsvindt’, aldus het conservatieve tv-station.
Trumps proces in de Senaat ‘zou ongrondwettelijk zijn’, aldus voormalig federale rechter J. Michael Luttig, die dicht bij de Republikeinen staat, in een opinieartikel in The Washington Post. Volgens hem zal het Amerikaanse Congres na afloop van Trumps termijn op 20 januari niet langer de macht hebben om in overeenstemming met de grondwet ‘het impeachmentproces voort te zetten’.
Maar volgens Fox News geloven andere deskundigen dat een dergelijk proces wel kan worden gehouden, en ‘lijken de leiders van beide partijen in de Senaat klaar om het door te zetten’.
Memo
McConnell heeft een memo naar zijn Republikeinse collega’s gestuurd om uit te leggen hoe de Senaat te werk zou kunnen gaan na het ontvangen de impeachmentverklaring van het Huis, en zijn Democratische tegenhanger senator Chuck Schumer heeft gezworen dat er een proces wordt gehouden.
Als Trump daadwerkelijk wordt afgezet – waarvoor de stem van twee derde van de senatoren nodig is – ‘zou dat hem niet automatisch uitsluiten van een toekomstige positie als volksvertegenwoordiger’, aldus The New York Times. Maar de Grondwet staat wel toe dat er later wordt gestemd over het uitsluiten van de president voor een openbare functie, waarvoor dan slechts een meerderheid van de senatoren nodig is.
‘Vergis je niet, er komt een proces in de Amerikaanse Senaat. Er zal gestemd worden over het al dan niet veroordelen van de president’, verklaarde Schumer op woensdag, bericht Fox. ‘En als de president veroordeeld wordt, zal er gestemd worden om hem uit te sluiten van herverkiezing.’
‘Donald Trump is afgeschreven als een serieuze presidentiële kandidaat – tenzij de Democraten hem proberen te rehabiliteren met een wraakzuchtig proces’
Volgens The New York Times zou een dergelijke maatregel een aantrekkelijk vooruitzicht zijn, ‘niet alleen voor de Democraten, maar ook voor veel Republikeinen, die (…) ervan overtuigd zijn dat dit de enige manier is om hun partij uit de greep van Trump te bevrijden’.
Kortom, er is zoveel onzekerheid dat The Wall Street Journal van mening is dat het beter is om het hierbij te laten en de aanklacht ‘te laten sterven in het Huis’. Voor het conservatieve dagblad is ‘Donald Trump afgeschreven als een serieuze presidentiële kandidaat – tenzij de Democraten hem proberen te rehabiliteren met een wraakzuchtig proces’.
De krant voegt daar waarschuwend aan toe: ‘Wees niet verrast als Trump een rechtszaak gebruikt om weer uit de dood te herrijzen.’
Hondurese migrantenkaravaan wil naar VS
De Guatemalteekse regering heeft verklaard in zeven grensdepartementen de noodtoestand af te kondigen in afwachting van de komst van een ‘migrantenkaravaan’, meldt het Guatemalteekse dagblad La Hora. Deze migranten hebben weinig kans om hun bestemming te bereiken, volgens de regionale pers.
Het is de eerste karavaan van 2021. Naar schatting 300 migranten verlieten Honduras op de avond van woensdag 13 januari in de hoop maar liefst drie grenzen over te steken: via Guatemala en Mexico met als einddoel de Verenigde Staten. Vergelijkbare marsen die de afgelopen tijd hebben plaatsgevonden van Hondurezen die de VS willen bereiken zijn allemaal gestrand in Guatemala.
Het Spaanstalige Amerikaanse tv-station Noticias Telemundo maakte een item over de Hondurese ‘migrantenkaravaan’ aan de Guatemalteekse grens.
Vanuit San Pedro Sula, een grote stad in het noorden van Honduras, ‘gingen ze gisteravond te voet op weg naar [de grensstad] Corinto en Guatemalteeks grondgebied, het eerste doel van deze grote overtocht naar de Verenigde Staten en de zogenaamde “Amerikaanse droom” achterna’, schrijft het populaire Mexicaanse dagblad Milenio.
Ook het Hondurese dagblad La Prensa schrijft over het vertrek van deze nieuwe ‘karavaan’: ‘Sommige van deze migranten, vooral jongeren, zeggen dat ze het land verlaten omdat ze na de tropische stormen Eta en Iota alles zijn kwijtgeraakt en geen werk kunnen vinden.’ Volgens La Prensa hopen de migranten dat ze na de inauguratie van Joe Biden makkelijker asiel in de VS kunnen krijgen.
2020 (bijna) heetste jaar ooit gemeten
Het jaar 2020, waarin van Californië tot Siberië een angstaanjagende hoeveelheid bosbranden hebben plaatsgevonden en een recordaantal tropische cyclonen op de Atlantische Oceaan is geteld, komt dicht in de buurt en staat mogelijk zelfs op gelijke voet met het heetste jaar ooit gemeten, volgens meerdere wetenschappelijke onderzoeken die donderdag naar buiten kwamen, bericht The Washington Post.
Alleen het jaar 2016, waarin een ‘super’-El Niño de zeewatertemperatuur erg deed stijgen, lijkt nog iets warmer te zijn volgens onderzoeksresultaten van NASA, het Amerikaanse en het Britse meteorologisch instituut, en klimaatwetenschappelijk onderzoeksinstituut Berkeley Earth.
Maar de directeur van NASA, Gavin Schmidt, noemt het verschil in een interview met The New York Times ‘onbeduidend’. ‘In feite is het een statistisch gelijkspel’, aldus Schmidt. De NYT meldt verder dat de afgelopen zeven jaar de warmste jaren waren sinds klimaatgegevens worden bijgehouden.
Hondenzegen
In India gaat een video rond op de sociale media waarin een hond bij de ingang van een tempel in de Indiase plaats Maharashtra gelovigen de hand schudt en ‘zegent’, schrijft het dagblad The Indian Express. Volgens een Instagramgebruiker zit het dier elke dag op dezelfde plek om bezoekers van de tempel te groeten.
Inmiddels gaat het filmpje viral. Veel Indiase socialemediagebruikers posten de video van de zegenende hond met de begeleidende boodschap dat we dieren beter moeten behandelen.
Op een katholiek meisjesinternaat in Mexico raken in 2017 opeens honderden leerlingen besmet met een mysterieuze ziekte. Een spookverhaal met een verrassende ontknoping.
De leerlingen droegen het meisje de klas in. Ze was twaalf jaar oud, erg mager en haar onderlichaam was stijf, alsof ze verlamd was. Het klaslokaal was beige, met een kruis aan de muur en een hoop lege bureaus. De leerlingen tilden het meisje naar een stoel, lieten haar erop zakken en trokken zich terug. Een groep nonnen wachtte buiten. Ze bleef alleen achter met de psychiater.
Het was maart 2007 en bijna iedereen in Girlstown, een katholiek internaat in het Mexicaanse stad Chalco was in paniek. Enkele maanden daarvoor waren een paar leerlingen begonnen te klagen over een stekend gevoel in hun benen. Sommigen hadden aanvallen van misselijkheid en koorts. Anderen hadden het over zelfmoord. Er werden inspecteurs gestuurd en epidemiologen die de omgeving onderzochten: het voedsel, het water, de bodem. Maar de resultaten lieten niets ongewoons zien. Daarna testten ze de meisjes zelf – op brucellose, leptospirose en rickettsiose. Toch vonden ze niets. Het was net alsof de school was vervloekt.
De pijn werd erger. De uitbraak breidde zich uit tot honderden gevallen. De federale overheid stuurde een psychiater, dr. Nashyiela Loa Zavala, om de zaak te onderzoeken.
In een rapport over de uitbraak noemt Loa Zavala, 32, het twaalfjarige meisje bij een pseudoniem, Zitlali, om haar identiteit te beschermen. De psychiater vroeg het meisje allereerst om haar toestand te beschrijven.
‘Ik heb geen kracht in mijn knieën en mijn rug doet pijn,’ zei Zitlali met een zwakke stem tegen Loa Zavala. ‘Ik ben gevallen omdat mijn klasgenoten me niet konden dragen.’
Maar haar verhaal werd grimmiger. Zitlali vertelde dat ze donkere schaduwen zag en verontrustende geluiden hoorde. Zelfs bidden hielp haar niet om te kalmeren. Ze vertelde Loa Zavala dat ze zich verdrietig had gevoeld en niet goed had geslapen. Ze was bang dat ze de andere meisjes tot last zou zijn. Ze was bang dat ze verlamd zou raken.
De plek was bedoeld als een toevluchtsoord, waar meisjes dichter bij God konden komen en aan de armoede konden ontsnappen
Toen Loa Zavala naar haar opvoeding vroeg, zei Zitlali dat ze altijd al naar een kostschool had willen gaan omdat haar moeder overdag werkte en ze altijd alleen was. Ze had haar alcoholische vader niet meer gezien sinds haar ouders uit elkaar gingen, op haar tweede. Haar eerste stiefvader sloeg haar, en de politie kwam regelmatig naar het huis om in te grijpen in ruzies tussen hem en haar moeder, herinnerde Zitlali zich. Loa Zavala luisterde aandachtig en maakte aantekeningen.
Zitlali’s tweede stiefvader was erger. ‘Hij heeft slechte gedachten, zijn geest is erg naar, ik moet altijd dicht bij hem zijn, hij zegt dat ik bij hem moet blijven’, zei Zitlali. Ze voegde eraan toe dat hij het leuk vond als ze een rok droeg en dat hij soms met een camera ‘te dichtbij kwam van achteren’. En hoe graag ze er aanvankelijk ook naar uitkeek om van huis weg te gaan, ze zei dat ze bang was dat haar stiefvader zonder haar in de buurt ‘iets zou doen met [haar] kleine zusje’.
Zusters van Maria
De scheiding van haar broers en zussen was niet het enige wat haar in Girlstown van streek maakte. Ze was niet voorbereid op de strikte regels van de Zusters van Maria, een orde van nonnen met een hoofdkantoor in Zuid-Korea. Hun doel was om ‘sociaal verwaarloosde meisjes van arme families en families die afgelegen wonen, overal in Mexico waar het licht van de beschaving niet schijnt, op te leiden, met als doel hen tot waardige leden van de samenleving te maken.’ Om leerlingen te lokken, boden de zusters vier jaar gratis onderwijs, huisvesting en maaltijden aan. De plek was bedoeld als een toevluchtsoord, waar meisjes dichter bij God konden komen en aan de armoede konden ontsnappen.
En toen vertelde ze Loa Zavala wie de spoken van Girlstown volgens haar waren. ‘Ik zie baby’s die hun navelstreng nog hebben, zoals foetussen,’ zei Zitlali. ‘Soms zijn ze erg lelijk en bloederig en hebben ze rode ogen en een gerimpeld gezicht.’
Ze zei dat ze doodsbang was voor de baby’s, maar dat ze soms ineens in engeltjes veranderden. ‘De laatste keer dat ik er een zag, was het een baby zonder gezicht,’ zei ze. ‘Die bevond zich naast de Heer.’
‘Wanneer in de omgeving intense momenten van kwetsbaarheid (…) voorkomen, profiteren kwaadaardige geesten van die situatie’
Loa Zavala is erin getraind kalm te blijven. Ze wist dat ze dit aankon. Toen vertelde Zitlali haar iets dat als een waarschuwing klonk: ‘We moeten voorzichtig zijn met onze ogen, want onze ogen kunnen ons naar de hel leiden.’
Loa Zavala publiceerde in 2010 een paper over haar onderzoek in Girlstown. Zo’n vijftien jaar na de uitbraak die alle betrokkenen de stuipen op het lijf joeg, werd dit verhaal bevestigd door interviews uit de eerste hand met deelnemers. De Zusters van Maria reageerden niet op verzoeken van verslaggevers om het tehuis te mogen bezoeken, maar de toenmalige moeder-overste, zuster Margie Cheong, en Loa Zavala spraken openlijk over de gebeurtenissen in Girlstown.
‘Wanneer in de omgeving intense momenten van kwetsbaarheid (…) voorkomen, profiteren kwaadaardige geesten uit de denkbeeldige wereld van die situatie en worden ze gevaarlijk’, schreef dr. Nashyiela Loa Zavala in het International Journal of Psychoanalysis. ‘Ik zal nu situaties beschrijven die deze breuk met de werkelijkheid veroorzaken, waardoor de boze geesten worden toegelaten.’
Jovita Sánchez Velasco
Jovita Sánchez Velasco deed al wekenlang haar best om besmetting op de campus tegen te gaan. Ze probeerde kalm te blijven en te bidden, zoals de nonnen de leerlingen hadden opgedragen. Maar in januari 2007 werd de zachtaardige vijftienjarige ziek, net als vele anderen op haar slaapzaal. Haar onderlichaam deed pijn.
‘Het begon als een steek. Mijn benen deden pijn, alsof ze krijsten’, herinnert ze zich. ‘En ineens kon ik niet meer opstaan. Als ik het probeerde, zakte ik door mijn benen.’
Tuxtepec, Mexico
Jovita groeide op in Tuxtepec, een kleine stad die in een inham ligt van de Río Papaloapan in de staat Oaxaca. Ze was de jongste van vier kinderen. Toen ze acht was, vertrok haar vader naar de Verenigde Staten en liet het gezin achter. Haar moeder was wasvrouw, maar kon de huur niet betalen, dus ging Jovita werken als schoonmaker en babysitter. Ze hield van school, maar Jovita dacht dat ze net als veel andere kinderen – en vooral meisjes die in Mexico in armoede zijn geboren – zou moeten stoppen. Anders zou het gezin niet kunnen overleven. Toen kwamen de nonnen van de Villa de las Niñas, zoals Girlstown in Mexico bekend staat, naar de stad.
Ze zeiden dat ze op zoek waren naar leerlingen voor een meisjesschool aan de rand van Mexico-Stad. Voor Jovita klonk het geweldig: gratis onderwijs, gratis huisvesting, gratis maaltijden. En het beste van alles was dat ze op deze manier een leven voor zichzelf kon opbouwen, buiten het steenarme Tuxtepec. De nonnen zeiden dat ze enkel de meest toegewijde leerlingen wilden. Jovita slaagde voor een wiskunde- en schrijfexamen en werd opgeroepen voor een gesprek op haar basisschool. De nonnen vroegen naar haar ouders, in wat voor huis ze woonde en hoeveel broers en zussen ze had. Ze wilden ook weten of ze haar lichaam onthaarde, haar haar had geverfd of tatoeages had. Ze was pas twaalf, dus die dingen waren niet eens bij haar opgekomen. In het najaar van 2003 boden de nonnen haar een plek aan in de bus naar Villa de las Niñas.
De nonnen legden uit dat de kinderen niets konden meenemen: geen extra kleding, geen mobiele telefoons, geen sieraden, zelfs geen foto van hun moeder
De nonnen legden uit dat de kinderen niets konden meenemen: geen extra kleding, geen mobiele telefoons, geen sieraden, zelfs geen foto van hun moeder. Alleen de kleren die ze droegen en verder niets. Ze moesten ook hun haar laten knippen voordat ze in de bus naar Girlstown stapten – tot twee vingers onder het oor. Meerdere leden van één gezin waren niet toegestaan. De school bood alleen leerlingen vervoer aan en alleen in één richting; ouders zouden zelf moeten betalen als ze mee wilden. Aangezien de meeste ouders de 300 peso’s voor de reis niet konden opbrengen, namen ze afscheid bij de vertrekkende bussen.
De strenge regels hadden een doel: de nonnen geloofden dat ze, door discipline en gebed, jonge meisjes konden helpen die anders aan armoede waren overgeleverd in een land waar de helft van de bevolking arm is. Sommigen zouden non worden, de meesten zouden niet verder komen dan een middelbareschooldiploma. Leerlingen als Velasco namen alle regels in Girlstown voor lief in ruil voor iets dat ze nauwelijks kenden: hoop.
Jovita was zenuwachtig en huilde toen ze afscheid nam van haar familie. Maria, een ander meisje van haar school, was ook geselecteerd, dus Jovita zat tijdens de vijf uur durende bochtige rit naar Mexico-Stad in ieder geval naast een bekend gezicht. In de bus spraken de twee nauwelijks. Net als Jovita was Maria twaalf en zonder vader opgegroeid. Klasgenoten omschreven haar later als ‘zachtmoedig’ en ‘onschuldig’ – hoewel tegen de tijd dat ze Girlstown verliet er heel andere termen voor haar werden gebruikt.
Ze reisden in een konvooi van drie bussen die waren gecharterd om meisjes uit de hele regio op te halen. Na een rit over de kronkelende pas tussen de twee vulkanen Popocatépetl en Iztaccíhuatl en naar beneden door het dichter bewoonde deel van de Vallei van Mexico, rolde het konvooi de gemeente Chalco binnen. Chalco, dat bezaaid is met schroothopen en groepjes betonnen huizen die Mexicaanse migranten zelf hebben gebouwd, werd beschouwd als het allerarmste gebied van Mexico-Stad en omstreken. In het noorden en oosten van de vallei, waar Chalco ligt, verzamelt zich veel smog en door de open rioolkanalen stinkt het er het grootste deel van het jaar. In het midden bevindt zich Villa de las Niñas.
Het schoolterrein was gebouwd op 80 hectare goed onderhouden tuinen, en straalde een soort verdorde perfectie uit. Er waren uitgestrekte, bruinige grasvelden met paden die naar rotondes leidden en naar standbeelden van het kindje Jezus en de Maagd Maria. Veel van de paden waren omzoomd met hoge heggen waar vreemde vormen in waren gesnoeid, alsof de tuinman aan hallucinaties leed. De school werd beveiligd door een bewaker, een beveiligingstoren en een 6 meter hoge omheining met prikkeldraad.
Welkom in Girlstown
Toen ze door de met spijlenpoorten van Villa de las Niñas reden, was Jovita nog in de veronderstelling dat ze als ze van boord gingen in de buurt van Maria zou kunnen blijven. Maar nadat ze uit de bus waren gestapt, werden ze van elkaar gescheiden. De nonnen zeiden dat ze in twee rechte lijnen moesten gaan staan voor een grote gymzaal, waar ze vervolgens naar binnen werden geleid. De zaal stond vol scheidingswanden. Jovita werd achter een ervan geplaatst en kreeg de opdracht zich tot aan haar ondergoed uit te kleden en haar kleren op de grond te laten liggen. Een non gaf haar een wit overhemd met knopen, een lange blauwe rok en tennisschoenen. De nieuwe rok vond ze ‘echt lelijk’. Hij was ook te lang – de zoom sleepte over de vloer.
De bussen zaten ook vol met meisjes die terugkeerden van een bezoek aan familie. De nonnen liepen door de gymzaal tussen hen door. Ze trokken overhemden omhoog, keken in schoenen en bladerden door boeken om te zien of er geen tekenen van de buitenwereld waren. Sommige meisjes logen als de nonnen hun ondergoed wilden controleren dat ze ongesteld waren, in een poging foto’s van huis naar binnen te smokkelen. Maar de nonnen lieten zich niet afschrikken. Jovita hoorde hoe een paar leerlingen begonnen te snikken toen de nonnen foto’s van de ouders en broers en zussen van meisjes in beslag namen. De nonnen controleerden ook ijverig oksels, gezichten en bikinilijnen op tekenen van harsen. Meisjes die zich hadden onthaard, werden ter plekke geschorst en weer in de bus gezet.
Eén non kwam naar Jovita toe en bekeek haar aandachtig. ‘Heb je iets meegebracht?’ vroeg de non. Jovita zei nee. ‘Want als je iets bezit dat de andere meisjes niet hebben, zullen de andere meisjes gaan stelen,’ waarschuwde de non. Even later controleerden ze of haar naam op de lijst stond en vroegen ze of ze haar onderarm mochten zien. Een van de nonnen haalde een pen tevoorschijn en schreef op haar huid:
Fase Drie, familie St. Bernadette, zesde verdieping
Jovita sloot aan bij een lange rij meisjes die naar een gebouw van zes verdiepingen liepen dat bekendstond als Fase Drie. De meisjes marcheerden de trappen op en betraden een kamer met rijen stapelbedden. Dit was vanaf nu haar aangewezen ‘familie’. De bedden hadden drie verdiepingen en liepen door tot vlak onder het plafond. Jovita liep naar het midden van de kamer en koos een benedenbed.
Dit was haar eerste nacht in Girlstown, en voor het eerst in haar leven was Jovita alleen, omringd door volslagen vreemden. Ze verwonderde zich over de stilte. Het leek erop dat niemand een geluid maakte waarvoor geen toestemming was gegeven. Om 21.00 uur gingen de lichten uit.
Problemen
Al snel werd duidelijk dat de school met problemen kampte.
Er waren zo veel regels, bijna te veel, merkte Loa Zavala op. De meisjes mochten geen televisie kijken, tijdschriften lezen of naar de radio luisteren. Ze droegen allemaal hetzelfde uniform, kregen hetzelfde kapsel en aten hetzelfde voedsel. Nog verontrustender vond Loa Zavala dat de meisjes elk jaar op dezelfde dag in augustus hun verjaardag moesten vieren, namelijk op de oprichtingsdag van de school. Het was alsof de school vanaf het moment dat de meisjes aankwamen alle banden met de buitenwereld wilde verbreken.
Ze leefden heel afgezonderd. De meisjes mochten in de zomer maar twee weken naar huis en met kerst ook twee weken. Bellen naar familieleden was niet toegestaan. Leerlingen mochten brieven ontvangen maar niet schrijven, en alle binnenkomende post werd gescreend. Emotionele verbindingen van welke aard ook tussen leerlingen en personeel werden ontmoedigd, evenals het meeste fysieke contact, merkte Loa Zavala op.
Als een meisje te gehecht raakte aan een bepaalde zuster, of omgekeerd, werden de betrokken herverdeeld over aparte verdiepingen of torens. Bij een gebrek aan emotionele interactie met volwassenen, zochten de leerlingen soms troost bij elkaar. Een student vertelde Loa Zavala dat sommige meisjes graag naar hun klasgenoten keken terwijl ze baadden. Maar de nonnen zorgden er ook voor dat de meisjes nooit ‘te dichtbij’ elkaar kwamen. Bij het minste vleugje genegenheid tussen twee leerlingen, werden ze gescheiden.
Vader Schwartz
In hallen rond de campus hingen foto’s van de oprichter van de school, Aloysius Schwartz, een Amerikaanse priester met een buitengewoon brede glimlach, die in 1957 naar Zuid-Korea was vertrokken. Hij zette er een weeshuis op en opende uiteindelijk in 1985 de eerste Boystown en Girlstown in de Filippijnen. Zijn doel was om kinderen uit zeer arme gezinnen een betere toekomst te bieden, en hij ging een nauwe samenwerking aan met een orde van Koreaanse nonnen die bekend staat als de Zusters van Maria. Samen bouwden ze aan een netwerk van scholen waar momenteel op vijftien locaties over de hele wereld meer dan 20.000 leerlingen worden onderwijzen.
Toen Schwartz in 1990 in Chalco begon te bouwen, had hij al de degeneratieve ziekte ALS en zat hij in een rolstoel. Ondanks zijn conditie was hij vastbesloten een school in Mexico te bouwen en hij schreef een boek over zijn inspanningen, genaamd Killing Me Softly.
Hij wilde de armen helpen, maar zijn gezondheid ging achteruit en het was onwaarschijnlijk dat hij de opening van de campus nog zou meemaken. Toen hij de laatste keer beschreef dat hij uit Mexico vertrok, bespiegelde hij over zijn beslissing de school op te zetten. ‘Ik had last van aanhoudende twijfel en knagende ongerustheid dat ik een fout maakte, misschien wel de grootste fout in mijn leven.’ Hij noemde de school zijn ‘onvoltooide symfonie’.
Aanwijzing
Tijdens haar gesprekken met de meisjes stuitte Loa Zavala op een belangrijke aanwijzing, een gebeurtenis die aan de uitbraak voorafging. Tijdens een excursie naar de Universidad de Anáhuac ongeveer een jaar eerder, een katholieke elite-universiteit in Centraal-Mexico, vond een van de leerlingen een tijdschrift met een handleiding voor het maken van een ouijabord.
In het tijdschrift werd het de tabla genoemd, en het was gemakkelijk te maken: een bord waarop meestal de woorden JA en NEE aan beide uiteinden stonden, samen met een reeks cijfers en de letters van het alfabet, in twee rijen onder elkaar. Kinderen zoeken een rond stuk glas, plaatsen hun handen op de randen van het glas en laten het uit zichzelf ‘bewegen’. De tabla zou vragen beantwoorden en geesten oproepen om een gesprek mee aan te gaan. Een van de Girlstown-leerlingen – Maria, Jovita’s voormalige buurmeisje uit Tuxtepec – besloot er een te maken.
Maria en haar klasgenoten begonnen ’s avonds laat ouija te spelen, op het dakterras van hun slaapzaal, nadat de avondlichten waren gedoofd. De meisjes slopen door een raam in de kapel op de zesde verdieping om te voorkomen dat de Zusters op de vloer wakker werden. Achteraf gezien vond Jovita het logisch dat Maria haar klasgenoten via ouija liet kennismaken met de occulte wereld. Maria was een natuurlijke leider, zei Jovita, die haar omschreef als mooi, met opvallende trekken. En leerlingen meldden dat Maria’s moeder ‘in haar geboorteplaats bekend stond als aanhanger van Santa Muerte [‘heilige dood’, een volksheilige die aanbeden wordt in Mexico] die bovendien bevoegdheden had als heks’.
Volgens de verhalen zwierven geesten van meisjes uit het verleden die op school waren gestorven ’s nachts tussen de struiken door
Rond de tijd dat leerlingen met de ouija geesten begonnen op te roepen, begon Jovita beelden te zien en geluiden te horen die ze niet kon verklaren. Op een avond ging ze naar de badkamer, in de veronderstelling dat ze alleen was, maar hoorde ze ineens beweging en werd er vlakbij doorgetrokken. Ze opende elk hokje om te bevestigen dat ze alleen was, maar hoorde toen de doortrek in het hokje waar ze was begonnen. Er was verder niemand. Doodsbang rende ze weg.
Met het wisselen van de stapelbedden weigerde Jovita in een bed te slapen dat bij een raam stond. Ze was bang voor wat ze te zien zou krijgen: volgens de verhalen die de andere meisjes haar vertelden zwierven geesten van meisjes uit het verleden die op school waren gestorven ’s nachts tussen de struiken door. De nonnen, die overwegend Zuid-Koreaans waren, waren zich nergens van bewust. Geen van de nonnen had ooit eerder een ouijabord gezien, herinnert zuster Cheong zich.
Terwijl in het voorjaar van 2006 de belangstelling voor het ouijabord steeds verder toenam, vond ook het jaarlijkse basketbaltoernooi Girlstown plaats. Het was een geliefde traditie onder de leerlingen geworden, deels omdat het een van de meest vrije evenementen was die op de school waren toegestaan, en een waarin alle meisjes met elkaar in contact kwamen. Verschillende verdiepingen en afdelingen streden met elkaar om het kampioenschap en een jaar lang de eer.
Gunst
Volgens interviews besloot Maria haar hernieuwde connectie met de geestenwereld in te zetten. Ze riep met de ouija de andere wereld op en vroeg om een gunst: dat het team van haar vriendin Liz het toernooi zou winnen. En ja hoor, het team van Liz werd kampioen.
Het gerucht over Maria’s ‘magie’ verspreidde zich door de school. Het was een ondenkbare schending van de regels. Zwarte magie was zonder meer verboden. Dit was dus een overtreding. Het team van Liz verbleef bovendien op een andere slaapzaal, wat betekende dat Maria had samengespannen tegen het team van haar eigen zaal. Haar acties brachten iets teweeg. Misschien kwam dat vooral door het buitengewone vertoon van individualiteit en persoonlijke kracht, waardoor de machtsstructuren van Girlstown onderuit werden gehaald.
Na het toernooi begonnen de deelnemers te klagen. ‘Het irriteerde veel adolescenten enorm’, merkte Loa Zavala op in haar rapport. ‘Ze waren zo boos dat ze erover klaagde tegen verschillende leidinghebbende Zusters, net zolang tot het verhaal de moeder-overste bereikte.’
Zuster Cheong was verbijsterd. ‘Wat is ouija?’ vroeg ze. Enkele van de Mexicaanse lekenleraren legden uit dat het bord te maken had met het Mexicaanse brujería – hekserij. Het is ‘een instrument van de duivel, in staat om de ziel van mensen te veranderen en ze slechte dingen te laten doen,’ zeiden ze. Zuster Cheong bracht onmiddellijk een verbod uit om ouija waar dan ook op het schoolterrein te gebruiken.
Verbanning
Zuster Cheong probeerde er ook achter te komen wie het spel in hun midden had gebracht. Een non ondervroeg Maria, die ontkende het te spelen, maar een zoektocht in haar stapelbed bracht al snel een ouija-tabla aan het licht. Dit was een overtreding waardoor ze van school kon worden gestuurd. Maria wilde per se blijven. De wereld buiten was erger. Ze wilde verder met studeren.
Zuster Cheong gaf haar vonnis: verbanning.
‘In het huis van God is dit soort spelen niet toegestaan,’ herinnert Cheong dat ze zei.
Er ging een enorme schok door Villa de las Niñas. Veel van de meisjes waren zowel bang als geïntrigeerd vanwege het feit dat Maria de regels negeerde en haar zwarte kunsten beoefende. Maria zelf was verbolgen. Waarom zou ze weg moeten als andere meisjes ook met het ouija-bord hadden gespeeld? Zuster Cheong hield voet bij stuk. De ontluikende heks zou worden verdreven en naar huis gestuurd zodra er regelingen konden worden getroffen. Maar het meisje weigerde te vertrekken zonder een blijvende indruk achter te laten.
Toen Maria uit haar zaal werd gehaald en in een kamer afgezonderd van haar klasgenoten werd opgesloten, gebeurde er iets vreemds. De officiële verklaring is dat er een ‘wind’ door de kamer woei, maar op dat moment was er niemand bij Maria om het verhaal te bevestigen. De wind sloeg een deur dicht en Maria’s vinger bevond zich op dat moment tussen de deur. Misschien was het een ongeluk. Misschien niet. Hoe dan ook, de deur zou een stuk van Maria’s vinger af hebben gesneden, waardoor het bloed in de trap en in de gang spoot toen Maria werd afgevoerd.
Jovita herinnert zich de huiveringwekkende nasleep uit eerste hand. ‘Er was overal bloed,’ zegt ze.
Op haar weg naar buiten kwam Maria een groep voormalige slaapzaalgenoten tegen. Volgens Jovita en een aantal andere meisjes was dit het moment waarop Maria haar vloek uitsprak. De exacte woorden weet niemand meer – Maria werd kort daarna weggeleid en pogingen om haar de afgelopen jaren te vinden zijn mislukt – maar over de boodschap die ze overbracht is iedereen het eens. Die verspreidde zich als een smet over de campus totdat bijna elk meisje een versie van de vloek had gehoord.
Ieder van jullie die mij beschuldigde of slecht over mij dacht, zal ziek worden. Jullie benen zullen ziek zijn. Jullie zullen niet kunnen lopen. Jullie zullen vervloekt worden.
Geestverschijningen
Na de uitbraak was het voor sommige leerlingen moeilijk om de realiteit te onderscheiden van nachtmerries, spoken en hallucinaties. Jovita herinnert zich een avond waarop veel van de zieke meisjes op één verdieping bijeen waren. Het verhaal ging rond dat een non die bekendstond als Moeder Citlali zich tussen de meisjes in hun bedden door bewoog en in stilte hun benen een voor een masseerde. Jovita zegt dat ze de moeder zag: ze droeg een sluier en sprak niet.
‘Omdat het donker was, zag ik alleen haar silhouet,’ herinnert Jovita zich. ‘En toen we zagen dat ze dichterbij kwam, zag ik dat het niet de moeder was, maar iets heel anders. Iets wits.’
De volgende dag besloten Velasco en de meisjes van haar kamer dat ze bezoek hadden gekregen van de Maagd Maria.
Verhalen over geesten en verschijningen van rusteloze zielen waren er in overvloed. ‘Aan een stuk door,’ herinnert Loa Zavala zich. ‘Ze hoorden kinderen huilen, baby’s huilen, zagen figuren in de duisternis.’ Soms zagen de leerlingen meisjes in de gangen ‘hangen’, volgens de verslagen die ze opgetekende.
In haar paper noteerde Loa Zavala een bijzonder levendig voorbeeld van een Girlstown-legende: ‘Toen het internaat werd opgericht was er een meisje van ongeveer 12 jaar oud dat stierf aan een ziekte waardoor ze uit de mond bloedde’, schreef ze, mogelijk verwijzend naar tuberculose. ‘Sindsdien [is] dit meisje op verschillende plaatsen [gezien] en nu de meisjes ziek in hun benen [zijn], is ze nog vaker verschenen, in het wit gekleed, rennend over de velden, of ze verschijnt plotseling op de trap, soms met bloed op haar gezicht.’
Al snel hadden de media van de mysterieuze uitbraak gehoord. Cameraploegen arriveerden in Chalco, de stad die de school omsingelde. Bezorgde ouders, wanhopig om hun dochters te redden, legden honderden kilometers af om ze van het internaat naar huis te brengen. Sommigen reisden vanaf afgelegen pueblos dagen per bus.
Beschuldigingen
De Zusters van Maria werden het belangrijkste aandachtspunt van de media en lokale berichten wezen op beschuldigingen van mishandeling binnen de muren van de school. Hoewel de moeder-overste de beschuldigingen in openbare verklaringen ontkende, raakte ze heimelijk in paniek. ‘Ik dacht dat er een virus was, een ziekte tussen in ons midden, in onze omgeving,’ zegt zuster Cheong nu. ‘Ik kon de meisjes niet naar hun huizen sturen zonder te weten wat er aan de hand was, want misschien zouden ze de ziekte meenemen naar hun dorp.’
Al die tijd sprak Loa Zavala met de getroffen leerlingen, en vulde notitieboekjes en geluidsbanden. Slechts drie jaar na het afronden van haar opleiding behandelde Loa Zavala alle soorten gevallen, maar ze begon zich al langzaam te specialiseren. Het grootste deel van haar uren bracht ze door met adolescenten met psychosomatische aandoeningen. Sommige kinderen vertoonden meerdere persoonlijkheden. Anderen hadden te maken met dissociatie. Een jong meisje dat ze onderzocht, kreeg last van hysterische stuiptrekkingen. Maar de zaak Girlstown was van een schaal die ze nooit eerder had gezien. En ze kreeg een steeds sterker vermoeden wat er aan de hand was.
Hysterie
Conversiestoornis, of hysterie, blijft een van de grote mysteries van de geneeskunde.
Een klinisch begrip ervan ontstond aan het einde van de negentiende eeuw onder leiding van Sigmund Freud, die het idee aanmoedigde dat psychologisch trauma bij bepaalde patiënten kan worden ‘omgezet’ in fysieke symptomen – ingebeeld door de hersenen, doorgegeven aan het lichaam en te genezen met intensieve therapie gericht op het naar boven halen van onderdrukte herinneringen en trauma’s. Hysterie, erkennen zelfs sceptici, wordt geactiveerd n die onkenbare fysiologische brug tussen de hersenen en de ‘geest’. Het is echt, maar ook niet, en een eeuw later nog steeds enigszins omstreden.
Niettemin voert een lange en beruchte lijst van geregistreerde gevallen van hysterie terug tot aan de late middeleeuwen. Een van de bekendste is de danspest van 1518, toen een vrouw genaamd Frau Troffea koortsachtig begon te dansen in de straten van de Franse stad Straatsburg, zonder duidelijke reden. In de dagen en weken die volgden werd ze beetje bij beetje vergezeld door honderden andere mensen, waarvan velen dansten tot ze stierven.
Dit is de meest essentiële en angstaanjagende dreiging van hysterie: iedereen is er vatbaar voor
In een massahysterie-incident in 1962 in wat nu Tanzania is, op een meisjesschool van Duitse missionarissen, stond niet dansen maar lachen centraal. De Tanganyika-lachepidemie begon in een klaslokaal toen een leerling een grap maakte, waarna het lachsalvo dat ontstond zich steeds verder begon te verspreiden, totdat de school werd gesloten en duizenden mensen op onverklaarbare wijze dagenlang achtereen bleven lachen.
Dichter bij huis en korter geleden, deed zich een incident voor op een militaire basis in San Diego. In 1988 leden tientallen mannen gedurende een periode van twaalf uur van het ene op het andere moment aan acute ademhalingssymptomen, waaronder hoesten, pijn op de borst en duizeligheid. Honderden rekruten werden uit een kazerne geëvacueerd, onderzocht en getest. Een paar werden in het ziekenhuis opgenomen. De lucht en het voedsel werden getest op gifstoffen, maar er werd nooit een medische oorzaak vastgesteld en de symptomen van de groep gingen weer over.
Voor Loa Zavala was het onderwerp eindeloos fascinerend, en de zaak in Girlstown was van enorme waarde voor haar professionele onderzoek. ‘Er is een tak in de geneeskunde die niet langer gelooft dat hysterie bestaat’, zegt Loa Zavala. ‘En dan komt er zo’n zaak voorbij en denk ik: “Natuurlijk bestaat het! We zien hier een bewijs van honderden gevallen!”’
Loa Zavala verklaarde later dat ze een bepaalde verwantschap voelde met haar nieuwe patiënten. Ze leek op de leerlingen in Girlstown: ze had zwart haar dat tot op haar schouders viel en een amandelkleurige huid – het soort teint dat gewoonlijk ‘mestiza’ wordt genoemd. Ze zei dat ze zich geroepen voelde om de meisjes terug te brengen in de realiteit. Het was een lastige missie. Tijdens haar interviews kwam ze erachter dat Villa de las Niñas eigenlijk een ontsnappingsoord was voor ergere gruwelen buiten de muren. De verschrikkingen hadden de meisjes in een of andere vorm tot in hun nieuwe verblijf achtervolgd.
Psychologische triggers
Loa Zavala’s methode was om manifestaties van fysieke symptomen terug te voeren op wat vermoedelijk psychologische triggers waren, vaak onderwerp die voor de patiënt moeilijk en beangstigend waren om op te graven. Maar geleidelijk, door urenlang met Loa Zavala te hebben gezeten, begonnen de meisjes beter te worden. Bij Zitlali, een van de eerste meisjes die Loa Zavala interviewde – het meisje dat zich herinnerde dat ze bloedige baby’s had gezien – begonnen de symptomen te verdwijnen toen de psychoanalist met haar werkte. ‘Wat haar hielp, was praten: over haar dromen, hoe bang die haar maakten, over haar stiefvader’, herinnert Loa Zavala zich. ‘Ik merkte dat het wat beter ging als ze over deze dingen sprak. De volgende dag liep ze weer normaal.’
Hysterie, legt Loa Zavala uit, is een audiovisuele besmetting. Pas als je iemand met de symptomen ziet en hoort kun je die gaan repliceren. Als je ze vaak genoeg ziet, nemen ze je over. Dit is de meest essentiële en angstaanjagende dreiging van hysterie: iedereen is er vatbaar voor.
Loa Zavala begon een aantal overeenkomsten tussen de meisjes te zien met wie ze dag na dag in een kaal klaslokaal doorbracht. Velen kwamen uit disfunctionele gezinnen en werden misbruikt. Een zestienjarig meisje, die ze identificeerde als Soledad, beschreef hoe haar moeder haar sloeg als ze boos was, ‘met een elektriciteitssnoer of met haar schoen, maar één keer ging ze door tot ik bloedde.’
‘Niemand houdt van hoe ik ben,’ zei Soledad in het lokaal tegen Loa Zavala. ‘Ik weet dat er iets slecht aan mij is, maar ik zou liever hebben dat het niet zo was.’
Traditionele Chinese therapie
Wat zuster Cheong betrof was het Kwaad in hoogsteigen persoon haar school binnengevallen. Een van haar eerste reacties was dan ook om een priester een exorcisme te laten uitvoeren. Het leek niet te werken. De nonnen probeerden ook een traditionele Chinese therapie, waarbij ze plantenpoeder op de benen van de meisjes strooiden en het vervolgens in brand staken. Ook dat genas hen niet.
Maar onder de hoede van Loa Zavala ging het uiteindelijk beter met Soledad. Soledad wilde het lokaal niet verlaten, merkte Loa Zavala op in haar rapport. ‘Het was moeilijk voor haar om afscheid van me te nemen’, schreef ze. ‘Ze probeerde langer bij me te blijven.’
’s Nachts, bij haar thuis in het centrum van Mexico-Stad, kreeg ook Loa Zavala nachtmerries. Misschien kwam het door het alle beschrijvingen van de meisjes over echtscheiding en verbroken relaties. Ze dacht eraan hoe de meisjes in Maria’s slaapzaal vertelden dat ze Maria in hun dromen zagen en schreeuwend wakker werden. ‘Maria brandde, werd omringd door vlammen en vertelde ons lachend dat we de volgende zouden zijn, dat het onze schuld was omdat we haar beschuldigden’, citeert Loa Zavala een meisje in haar verslag.
Gedurende de dag, toen Loa Zavala in het lokaal zat te praten met de doodsbange meisjes, gebeurde er iets vreemds. Loa Zavala begon symptomen in haar benen te voelen, hoewel ze het gevoel probeerde af te zwakken. Ze beschreef ook het gevoel dat de nonnen – zonder dat ze ze kon zien – meeluisterden tijdens haar sessies met de Girlstown-leerlingen. Ze zei dat anderen in het medische team dat gevoel ook hadden, maar dat ze geen bewijs hadden voor hun vermoeden. Als Loa Zavala het hele gebeuren nu beschrijft, spreidt ze haar armen en knikt naar haar rechterhand. ‘Dit is gezondheid’, zegt ze en knikt dan naar haar linkerhand. ‘Dit hier is ziekte.’
Dan doet ze haar handen tegen elkaar. ‘Na een tijdje is de grens niet altijd meer even duidelijk.’
Laatste redmiddel
Tussen oktober 2006 en juni 2007 werden meer dan 500 leerlingen, een leraar en enkele religieuze moeders besmet. Naar schatting werden 300 meisjes naar huis gestuurd.
Op het hoogtepunt van de uitbraak, in maart 2007, probeerden de Zusters van Maria Maria’s familie te bereiken. Als laatste redmiddel wilde zuster Cheong proberen of de vermeende hekserij kon worden teruggedraaid.
Maar na haar uitzetting waren Maria en haar gezin van Tuxtepec naar Veracruz verhuisd. Ze lieten geen informatie achter. In de derde wereld, waar het grootste gedeelte van Mexcio toe behoort, is het gebruikelijk dat mensen elkaar gewoon uit het oog verliezen. Miljoenen mensen wandelen de woestijn in om naar de Verenigde Staten te emigreren. Mensen migreren ook intern, van staat naar staat, op zoek naar werk. Na meer dan een decennium van intens drugsoorlogsgeweld worden tienduizenden mensen in Mexico officieel vermist, hoewel dit aantal volgens mensenrechtenwerkers veel hoger ligt.
‘We hebben echt ons best gedaan haar te vinden’, zegt Loa Zavala. ‘Ik hechtte daar persoonlijk groot belang aan.’ Ondanks al deze inspanningen is Maria nooit gelokaliseerd. Ze was verdwenen.
‘Hun lichamen moesten iets overbrengen (…) Via deze symptomen probeerden de meisjes iets te zeggen, verandering teweeg te brengen.’
‘Een kind dat zich in een gezonde omgeving bevindt zou niet tot die uitersten hoeven gaan om uit te drukken wat het voelt,’ zegt Loa Zavala nu. ‘Hun lichamen moesten iets overbrengen (…) Via deze symptomen probeerden de meisjes iets te zeggen, verandering teweeg te brengen.’
Hoewel Girlstown open blijft, heeft de crisis de carrière van zuster Cheong aangetast. In november 2007, nadat de symptomen onder de leerlingenpopulatie grotendeels waren verdwenen, werd de moeder-overste teruggeplaatst naar Zuid-Korea. Zuster Cheong zegt vanuit de stad Busan dat de kritiek die op de school werd geuit, op zijn minst gedeeltelijk geworteld was in culturele stereotypen over de strengheid van de regels in Oost-Aziatische samenlevingen. ‘Koreanen zijn strikt,’ zegt ze lachend. ‘En we hebben een hard brein, en daarom lijden onze meisjes. (…) Dat vond ik wel vernederend.’ (Verzoeken om commentaar van World Villages, de organisatie die de school runt, werden afgewezen.)
Tot op de dag van vandaag gelooft ze dat de hysterie die de Girlstown-leerlingen trof, een test van God was. Ze zegt dat ze het geloof nooit heeft verloren. ‘Ik weet dat ik echt mijn best heb gedaan,’ zegt Cheong. ‘Ik hou van Mexico, ik hou van onze meisjes.’
Gemengde gevoelens
Na de uitbraak spaarde de moeder van Jovita wat geld om haar dochter op te halen in Chalco. Toen de bewakers van Girlstown de moeder van Jovita door de poorten lieten, omhelsde Jovita haar en zei dat ze Girlstown niet wilde verlaten, hoe erg de symptomen ook zouden worden. Ze hield van het buitenleven, van de liedjes. Maar er was daar iets vreemds aan de hand, en wat haar moeder betrof konden ze geen verdere risico’s nemen.
Jovita zegt dat ze haar tijd in Girlstown altijd met gemengde gevoelens zal herinneren. De uitbraak was beangstigend en de belofte dat Girlstown haar pupillen uit de armoede zou halen, ging voor haar niet op. Ze leidt een bescheiden bestaan in haar geboorteplaats en is niet erg religieus meer. Maar de school had iets bijzonders, legt ze uit. De moeder-overste inspireerde haar en Jovita verloor nooit haar hoop.
Toch keerde ze nooit meer terug naar Girlstown.
Joshua Davis en Allison Keeley hebben bijgedragen aan dit verhaal.
Daniel Hernández is een cultuurverslaggever bij de Los Angeles Times. Hij werkte eerder als redacteur van Vice Mexico en als Styles-verslaggever voor The New York Times. Hij is de auteur van Down & Delirious in Mexico City.
Volgens joodse en islamitische organisaties stelt het Europese Hof dierenwelzijn boven vrijheid van religie. Wat is er tien jaar later over van de Arabische Lente? Inheemse Mexicanen komen in opstand tegen de ‘Maya-trein’ en in Spanje mogen ongeneeslijk zieken nu hulp vragen bij het beëindigen van hun leven.
‘Historisch besluit’
Gisteren (17 december) stemde een meerderheid van het Spaanse Congres (vergelijkbaar met de Tweede Kamer) voor een nieuwe wet die euthanasie mogelijk moet maken in geval van ernstige en ongeneeslijke ziekte of ernstige, chronische en invaliderende ziekte. De euthanasieaanvraag zal moeten worden goedgekeurd door twee verschillende artsen – waarvan er één specialist is in de betreffende ziekte – en zal vervolgens moeten worden voorgelegd aan een evaluatiecommissie van de regionale volksgezondheidsautoriteit.
Als de wet – zoals verwacht – wordt goedgekeurd door de Senaat dan ‘zal het in de eerste weken van volgend jaar legaal zijn in Spanje voor een ongeneeslijk ziek persoon om hulp te vragen bij het beëindigen van zijn leven’, schrijft El País. Het dagblad noemt het besluit ‘historisch’. Door de nieuwe euthanasiewet krijgt ‘Spanje opnieuw een voortrekkersrol toebedeeld op het gebied van de sociale verworvenheden’, meldt de krant trots in een redactioneel commentaar.
‘Eindelijk het recht om waardig te sterven’, kopt de digitale krant El Confidencial. De conservatieve krant ABC is daarentegen minder verheugd met het besluit en oordeelt: ‘De staat speelt voor god.’ Het commentaar van de krant is in lijn met de conservatieve Partido Popular en het rechtse Vox, die beide tegenstemden. ‘Sterven en doden zijn geen individuele rechten, en nog minder in een samenleving met zoveel vooruitgang en beschikbare ondersteuning als de onze’, aldus ABC.
De Arabische Lente 10 jaar later
De Arabische lente begon tien jaar geleden, reden genoeg voor de wereldpers om terug te kijken op wat de opstanden in de Arabische wereld het afgelopen decennium teweeg hebben gebracht.
Op 17 december 2010 stak de Tunesische straatverkoper Mohamed Bouazizi zichzelf in brand in de stad Sidi Bouzid. ‘Een eenzame daad van protest die een golf van antiautoritaire opstanden in de hele regio veroorzaakte’, aldus Middle East Eye. Mohamed Bouazizi stierf op 4 januari 2011, maar niet voordat zijn daad viraal ging, schrijft Al Jazeera. De demonstraties maakten een einde aan het 23-jarige bewind van de autoritaire president Zine El Abidine Ben Ali, de eerste leider van een Arabisch land die door protest moest aftreden.
De gebeurtenis inspireerde tot een golf van opstanden in de Arabische wereld, waardoor mensen de straat op gingen om te protesteren tegen autoritarisme, corruptie en armoede. De Arabische Lente, zoals die opstanden gingen heten, werd grotendeels neergeslagen door contrarevolutionaire staatstroepen die wanhopig de status quo probeerden te handhaven, aldus Middle East Eye. Behalve in Tunesië leidde het tot machtswisselingen in Egypte en Libië, en een burgeroorlogen die nog altijd woeden in Libië, Syrië en Jemen.
Voor veel mensen in de Arabische wereld is hun leven verslechtend na de Arabische Lente
Voor veel mensen in de Arabische wereld is hun leven verslechtend na de Arabische Lente, schrijft The Guardian naar aanleiding van een peiling onder acht landen. Toch heeft een meerderheid van de respondenten in Soedan, Tunesië, Algerije, Irak en Egypte geen spijt van de protesten.
In Syrië, Jemen en Libië heeft een meerderheid wel spijt. In die landen is ook een ruime meerderheid van mening dat ze slechter af zijn dan tien jaar geleden. Dat is niet gek, aangezien de landen in puin liggen na burgeroorlogen en buitenlandse interventies, aldus het Britse dagbad.
Inheems verzet tegen ‘Maya-trein’
Het is het prestigeproject van de Mexicaanse president Andres Manuel López Obrador: 1500 kilometer spoor door de Mexicaanse staat Yucatán, de wieg van de millennia-oude Maya-cultuur. Het treintraject heet dan ook ‘La tren maya’, de Maya-trein, en moet een grote lus vormen langs de belangrijkste archeologische vindplaatsen met Maya-ruïnes om zo een impuls aan het toerisme te geven.
Maar de treinverbinding stuit op woede van de erfgenamen van de Maya’s. ‘De oorlog tegen de Maya-trein is begonnen’, aldus Post Opinión, de Spaanstalig opiniesectie van The Washington Post. Verschillende inheemse groepen hebben zich verenigd in hun verzet en hekelen de schade die het project aan het milieu, de natuur en hun manier van leven toebrengt.
Op 7 december heeft de rechtbank in Campeche, Yucatán, in het voordeel van de inheemse collectieven beslist en de bouwwerkzaamheden aan het tweede deel van het spoor opgeschort, meldt La Jornada.
‘We willen niet het nieuwe Cancún worden, waar alle mangroves zijn verdwenen. Er is hier nog steeds bos’, zegt Genomelín López tegen El País. López is Chontal, een van de vele etnische Maya-groepen in de regio.
Hoewel de regering heeft verzekerd dat het project geen gevolgen zal hebben voor het milieu, vooral omdat er gebruik zal worden gemaakt van bestaande spoorwegen, zijn veel bewoners in de regio onder andere bezorgd over de watervoorraden, die in gevaar zouden kunnen komen door de stedelijke ontwikkeling en onvoldoende afvalwaterzuivering, aldus El País.
‘Dierenwelzijn boven vrijheid van religie’
Gisteren (17 december) deed het Europese Hof in Brussel uitspraak over het verbod op onverdoofd slachten dat de Vlaamse regioregering in 2019 instelde. Het hof vonniste dat overheden het recht hebben om zo’n verbod in te stellen: ‘Het hof concludeert dat de maatregelen in het decreet een eerlijk evenwicht mogelijk maken tussen het belang dat wordt gehecht aan dierenwelzijn en de vrijheid van joodse en islamitische gelovigen om hun geloof te belijden’, citeert Al Jazeera de uitspraak.
Joodse en islamitische organisaties in Vlaanderen en de rest van de wereld reageren verontwaardigd op de uitspraak. Deze ‘stelt dierenwelzijn boven vrijheid van religie’, schrijft The Times of Israël. ‘Vanochtend werden joden opnieuw gedegradeerd tot tweede klas burgers in Europa’, aldus het commentaar.
Velen verwachtten dat het verbod verworpen zou worden. Een juridisch adviseur van het hof had in september nog verklaard dat een verbod op kosjer en halal slachten in strijd was met het recht op vrijheid van godsdienst, aldus The Times of Israël. Maar volgens het hof betreft het verbod op onverdoofd slachten maar een klein onderdeel van het rituele proces, en niet de religieuze praktijk in het algemeen, meldt Deutsche Welle.
De Colombiaanse schrijver Héctor Abad vreest dat het enthousiasme over de op 1 december ingehuldigde president van Mexico gebaseerd is op luchtkastelen die geen andere basis hebben dan goede bedoelingen.
In Mexico hebben we vijf maanden lang, vanaf de verkiezingen op 1 juli tot de installatie van de nieuwe president, een soort tussenregering gehad. Maar je kunt niet zeggen dat die nieuwe president, Andrés Manuel López Obrador, oftewel AMLO, in deze maanden geen politieke beslissingen heeft genomen of zelfs geïmplementeerd. De corrupte Enrique Peña Nieto is niet gisteren opgehouden met regeren, maar al op 1 juli van dit jaar, toen zijn politieke partij, de PRI, een verpletterende verkiezingsnederlaag leed.
Verstoken van politiek kapitaal en met een absolute meerderheid voor AMLO in het Congres, konden Peña Nieto en zijn ministers alleen nog maar machteloos toekijken hoe de nieuwe regeringsleider zonder formele bevoegdheid de touwtjes in handen nam. De kiezers die op AMLO hebben gestemd deden dat grotendeels op grond van een wel erg riskante aanname, namelijk: ‘Met Mexico kan het niet slechter worden dan het al is.’
Ze willen iets heel nieuws uitproberen, het roer radicaal omgooien, dat wil zeggen het antisysteemdiscours hanteren, dat zowel links als rechts in zo veel landen aan de macht heeft geholpen. De kiezers hebben zo’n afkeer van de elite dat ze op elke kandidaat willen stemmen die tegen de gevestigde orde is. Voor iemand met linkse idealen is AMLO’s programma (goed pensioen, meer geld voor het openbaar onderwijs, bestrijding van corruptie en straffeloosheid, serieuze aanpak van geweld) heel wat aantrekkelijker dan dat van Bolsonaro.
Volksraadplegingen
Op die goede bedoelingen, en op het jeugdig enthousiasme van zijn volgelingen, is de hoop gebaseerd dat AMLO’s regering een zegen voor het land zal zijn. En als dat het geval is, dan zou dat heel goed zijn voor Latijns-Amerika, het zou heel goed zijn als hij zijn beloftes kon waarmaken. AMLO’s plannen om het drugsgeweld te bestrijden zijn het best uitgewerkt, en die hebben ook de meeste kans van slagen. Maar als we kijken naar de economie en het milieu, en vooral naar zijn dictatoriale houding en persoonlijkheidscultus, het feit dat hij lak heeft aan de scheiding der machten, dan ziet het er al veel minder rooskleurig, zelfs alarmerend uit, want de maatregelen die hij tot nog toe getroffen heeft zijn veelal arbitrair en ondemocratisch.
Het meest verontrustend zijn misschien wel zijn ‘volksraadplegingen’, die hij op eigen houtje in elkaar heeft geflanst. Het is frauduleus om over een groot bouwproject (een nieuw vliegveld) te laten beslissen door middel van een referendum waarbij hij zelf bepaalt wie eraan mee mag doen, waarvoor geen minimumpercentage vóórstemmers geldt en dat ook nog uitsluitend gehouden wordt op plaatsen waarvan hij weet dat hij er over een meerderheid beschikt. En eenzelfde illegaal plebisciet heeft hij onlangs gebruikt om de bouw door te drukken van een spoorlijn, dwars door het oerwoud van Yucatán, waarmee onnoemelijke ecologische schade wordt aangericht in dit archeologisch zo belangrijke gebied.
Het lijkt erop dat het enthousiasme van AMLO’s Mexicaanse volgelingen gebaseerd is op gebakken lucht, dat wil zeggen op messianistische retoriek – ‘Erger kan het niet worden en Hij is zo goed en smetteloos dat we het zeker beter zullen krijgen’ – en op luchtkastelen die geen andere basis hebben dan goede bedoelingen, morele beloften en een snuifje revanchistisch ressentiment. Maar de twijfelaars hebben heel goede redenen om pessimistisch te zijn. Al voordat AMLO officieel was geïnstalleerd zorgde elk nieuw besluit van hem voor devaluatie van de Mexicaanse peso, gevolgd door een kapitaalvlucht.
Het zou heel goed zijn als hij zijn beloftes kon waarmaken
Een samenzwering van het grootkapitaal tegen een linkse regering? De algoritmes waardoor internationale investeerders zich laten leiden zijn deels op subjectieve aannames gebaseerd, maar ze maken ook gebruik van harde cijfers. Als AMLO zegt dat geen enkele overheidsfunctionaris méér mag verdienen dan hij, en als hij dan ook nog eens zijn salaris naar 5000 dollar per maand verlaagt, dan kun je er zeker van zijn dat de top van de belangrijkste staatsondernemingen naar het buitenland zal vertrekken. Maatregelen treffen die, hoe populair ze ook mogen zijn, tot gevolg hebben dat de beste krachten van het land niet meer voor de overheid willen werken, is puur populisme.
Als alle beslissingen door één man worden genomen, zonder overleg met anderen, zonder overleg met experts, en als de harde kern van de mensen om hem heen meer ideologisch bevlogen dan praktisch gemotiveerd is, dan bestaat het grote risico dat de inefficiëntie tot chaos leidt en chaos weer tot economische crises en economische crises tot nog meer dictatoriale beslissingen.
Een van de meest dynamische kranten van het land. De stellingname tegen de drugskartels bezorgde de krant een internationale reputatie. Financiële problemen dwongen _ El Espectador_ ertoe zich om te vormen tot weekblad, maar sinds 2008 verschijnt de krant weer als dagblad.
Met elf vrouwen in het nieuwe kabinet is Spanje koploper in een wereldwijde trend. Benoem je als regeringsleider geen vrouwen, dan kun je tegenwoordig rekenen op afkeuring.
Een actief beleid voor meer gendergelijkheid bij de overheid, dus evenveel mannen als vrouwen aan het hoofd van een ministerie of op andere kabinetsposten, leek lange tijd voorbehouden aan vrouwvriendelijke Scandinavische landen en zeer vooruitstrevende landen als Canada en Costa Rica. Dat is nu verleden tijd.
De onlangs gekozen president van Mexico, Andrés Manuel López Obrador, die in december zal aantreden, heeft laten weten dat vrouwen acht posities zullen bekleden binnen zijn zestienkoppige regering – en daar valt ook de machtige positie onder van minister van Binnenlandse Zaken.
En de nieuwe premier van Spanje, Pedro Sánchez, heeft onlangs als eerste wereldleider op bijna tweederde van de kabinetsposten vrouwen benoemd. Geen enkel ander land ter wereld heeft een hoger percentage door vrouwen geleide ministeries. Dertig jaar geleden had Spanje helemaal geen vrouwelijke kabinetsleden.
In de Verenigde Staten bekleden vrouwen maar net 20 procent van alle posities binnen de regering en in het Verenigd Koninkrijk ligt dat percentage op 28. Wereldwijd is het gemiddelde 18,3 procent.
Als politicologen die onderzoek hebben gedaan naar de vertegenwoordiging van vrouwen in verschillende kabinetten, hebben wij de indruk dat de snelle opkomst van het aantal vrouwen dat in Spanje aan de macht komt, staat voor een trend die wereldwijd valt waar te nemen: zodra vrouwen eenmaal zijn doorgedrongen tot de hoogste regeringsniveaus, neemt hun aantal vrijwel altijd toe. Dit noemen we ‘de betonnen vloer’ van de politieke vertegenwoordiging van vrouwen. Wil een democratische regering tegenwoordig draagvlak hebben – met andere woorden: wil de bevolking vertrouwen hebben in de beslissingen van die regering – dan moeten er vrouwen in die regering zitten.
Spaanse doorbraak
Het is niet zo dat bij elke nieuwe regering het aantal vrouwen automatisch stijgt. Maar als je kijkt naar de samenstelling van nieuw geformeerde regeringen – dus kabinetten die vlak na een verkiezing zijn samengesteld – in Spanje, Frankrijk, Australië, de Verenigde Staten, Canada, Chili en het Verenigd Koninkrijk in de periode 1929-2016, dan zien we dat het percentage vrouwen in die landen cumulatief toeneemt, dwars door de tijd en de politieke scheidslijnen heen.
Na veertig jaar dictatuur onder generaal Francisco Franco werd Spanje in 1977 weer een democratie. Maar het zou nog ruim tien jaar duren voordat er ook vrouwen werden benoemd in de nieuw geformeerde democratische regering van Spanje. Spanjes historische doorbraak kwam in 2004, toen de socialistische premier José Luis Rodríguez Zapatero, die zichzelf als feminist bestempelt, het eerste gendergelijke kabinet van het land benoemde: acht vrouwen en acht mannen. Momenteel worden elf van de zeventien ministersposten in Spanje bekleed door vrouw. Dat geldt – voor het eerst in de geschiedenis van Spanje – ook voor de post van minister van Financiën.
De recente geschiedenis van Frankrijk laat een vergelijkbaar beeld zien. In 2007 benoemde president Nicolas Sarkozy zeven vrouwen in zijn vijftienkoppige kabinet. Zijn voorganger, de socialist François Hollande, had zeventien vrouwen in zijn 34-koppige kabinet. Toen president Emmanuel Macron in 2016 campagne voerde, beloofde hij een gelijke vertegenwoordiging van mannen en vrouwen. Momenteel telt zijn kabinet elf mannen en elf vrouwen.
Ons onderzoek heeft uitgewezen dat leiders die hun macht gebruiken om het aantal vrouwen in hun kabinet te vergroten, daar nooit voor worden afgestraft door het electoraat en er zelfs wereldwijd voor worden geroemd. Nog maar een paar jaar geleden kreeg de Canadese premier Justin Trudeau vanuit de hele wereld lof toegezwaaid omdat hij een gendergelijk kabinet had samengesteld. De reden? We leven in 2015, zei hij tegen journalisten.
Leiders die beduidend minder vrouwen benoemen dan hun voorgangers, riskeren daarentegen veel kritiek van zowel de media als hun politieke tegenstanders. Het kan hun kiezers kosten.Toen de Australische premier Tony Abbott in 2013 maar één vrouw in zijn kabinet benoemde, moest hij dat ‘beschamende’ besluit verdedigen tegenover zijn kiezers, de oppositie en de media. Het kabinet van zijn voorganger telde drie vrouwelijke leden. Malcolm Turnbull nam twee jaar later Abbotts positie over en benoemde al snel vijf vrouwen in zijn team.
Een nieuwe generatie van vrouwelijke leiders.
Elk gendergelijk kabinet lijkt de verwachting te wekken dat er in een volgend kabinet minstens evenveel vrouwen zullen zitten. We hebben een aantal voorbeelden gevonden van leiders die minder vrouwen benoemden dan hun voorganger. Maar meestal zijn de verschillen marginaal.
De in 1990 gekozen president Patricio Aylwin, die de eerste Chileense regering na de dictatuur vormde, benoemde op slechts 5 procent van alle regeringsposten een vrouw. De eerste vrouwelijke president van Chili, de socialist Michelle Bachelet, vormde in 2006 een gendergelijke regering; vier jaar later benoemde haar conservatieve opvolger, Sebastián Piñera, zeven vrouwen in zijn 23-koppige kabinet.
Hoewel zijn regering niet gendergelijk was, waren vrouwen er beduidend meer in vertegenwoordigd dan in de regeringen van vóór Bachelet. Dit is een duidelijk bewijs dat het principe van de ‘betonnen vloer’ ervoor zorgt dat vrouwen deel uitmaken van de regering. In tegenstelling tot het ‘glazen plafond’ – de subtiele, onzichtbare barrière die voorkomt dat vrouwen op machtige posities komen – wordt de betonnen vloer duidelijk erkend door alle leiders die wij hebben bestudeerd.
Een vergelijkbare standaard is van toepassing op andere vormen van politieke vertegenwoordiging in enkele landen die wij hebben bestudeerd. In Canada en de Verenigde Staten is een exclusief wit kabinet nauwelijks meer denkbaar. President Lyndon Johnson benoemde in 1966 als eerste een Afro-Amerikaan in zijn kabinet: Robert C. Weaver, minister van Volkshuisvesting en Stedelijke Ontwikkeling. Lincoln MacCauley Alexander werd in 1979 de allereerste zwarte minister van Canada.
De enige zwarte parlementariër in Spanje, Rita Bosaho, is pas in 2015 gekozen. In Spanje heeft nog nooit iemand uit een etnische minderheidsgroep een kabinetspost bekleed
Ondertussen zijn de regeringen in Duitsland en Spanje – landen met een steeds gevarieerdere bevolkingssamenstelling – nog altijd vrijwel exclusief wit. De enige zwarte parlementariër in Spanje, Rita Bosaho, is pas in 2015 gekozen. In Spanje heeft nog nooit iemand uit een etnische minderheidsgroep een kabinetspost bekleed.
In de zeven landen waarnaar wij hebben gekeken, was gender ons enige criterium bij het bestuderen van de verdeling van de posten. In die landen is al een kwart eeuw geen exclusief mannelijke regering meer geweest. Vrouwen maken de helft uit van de wereldbevolking. Dat gegeven wordt nu meer en meer zichtbaar binnen democratische regeringen – en dat is een duidelijk onomkeerbaar proces.
Het Britse broertje van de Australische website The Conversation, een onafhankelijke site voor nieuws en opinie, bezien vanuit overwegend academisch oogpunt. De site werd in 2011 opgericht door een groep journalisten en verwierf in korte tijd groot aanzien.
De kiesgerechtigde latino’s worden gezien als de grote belofte voor de Democratische Partij. Maar dan moeten ze wel naar de stembus gaan.
Als de Democraten de Senaat weer in handen willen krijgen of terug in het Witte Huis willen komen, zijn ze aangewezen op de steun van vrouwen en minder-heden. Bijna zeven op de tien vrouwen die zich hebben laten registreren als kiezer, zijn negatief over Trumps presidentschap. Zwarte Amerikanen zullen ongetwijfeld ook in meerderheid op de Democraten stemmen. Slechts 10 procent van de zwarte kiezers staat achter Trump. En dan is er nog de stem van de latino. Je zou mogen verwachten dat Trump – na drie jaar waarin hij Latijns-Amerikaanse immigranten onafgebroken heeft gedemoniseerd, verbannen en vervolgd – een hoge prijs zal moeten betalen wanneer de latino’s in november naar de stembus gaan. Maar vreemd genoeg valt dat nog te bezien. De kiesgerechtigde latino’s zijn ondoorgrondelijk en drijven de Democraten bijna tot wanhoop.
2016 zou het jaar zijn waarin Amerika’s demografische ‘slapende reus’ dan eindelijk zou ontwaken, ruw opgeschud door de retoriek van Trump. Er werd een ongekende ‘latino-golf’ voorspeld, die duidelijk zou maken dat de hispanic-kiezers feitelijk de sleutels van het Witte Huis in handen hadden.
Op de verkiezingsdag zelf bleek die immense golf niet meer dan een rimpeling. Er waren heus succesverhalen, zoals in Colorado en Nevada, maar latino’s namen geen stelling tegen Trump op de krachtige, haast absolute manier waarop bijvoorbeeld zwarte Amerikanen dat deden. Volgens de exitpolls wist Trump 29 procent van de latino-stemmen binnen te halen.
Sindsdien zijn er twee ontwikkelingen geweest. Ten eerste hebben Trumps aanvallen op Latijns-Amerikaanse immigranten een verbijsterend dieptepunt van grofheid bereikt. Hij heeft individuele voorbeelden van bendeleden gebruikt om een hele bevolkingsgroep aan de schandpaal te nagelen: hardwerkende immigranten, die een vredig en ingetogen bestaan leiden in Amerika. Hij heeft van de immigratie- en grensbewakingsdiensten een huiveringwekkende deportatiemachine gemaakt. Hij heeft een einde gemaakt aan de bescherming van de zogeheten Dreamers [een groep van zo’n 800.000 jonge immigranten die als kind illegaal met hun ouders naar de Verenigde Staten zijn gekomen] en hij heeft aan de grens hele gezinnen uit elkaar gehaald.
Latino’s hebben hem niet met gelijke munt terugbetaald. Terwijl Trump gestalte gaf aan zijn anti-immigratiebeleid, zijn zij steeds positiever over de president gaan denken. Uit een recente peiling blijkt 41 procent achter Trumps optreden te staan (tegenover 12 procent van de zwarte Amerikanen). Bij een andere recente peiling sprak 35 procent zich uit vóór Trump. Gemiddeld genomen scoort Trump daarmee slechts zo’n 10 procent lager dan Barack Obama in min of meer dezelfde fase van zijn presidentschap.
Dat wil niet zeggen dat Donald Trump geliefd is onder latino’s. Maar ze keren hem ook niet de rug toe. In een interview met onlinemagazine Vox zei professor Roberto Suro van de Universiteit van Zuid-Californië onlangs dat latino-kiezers weliswaar ‘een negatief beeld hebben van Donald Trump’, maar dat we hier ‘een veel kleinere marge dan bij de gemiddelde Democratische kiezer’ zien. Suro oppert dat latino’s veel meer overeenkomsten hebben met zwevende kiezers dan met een ‘onwrikbaar Democratisch electoraat’. Tevens weerleggen de peilingen volgens Suro ‘de veronderstelling dat Trump met zijn immigratiebeleid grote aantallen latino’s van zich heeft vervreemd’.
Het feit dat maar liefst een op de vier latino-kiezers nog betrekkelijk gunstig over Donald Trump denkt, zal de Democraten ongetwijfeld zorgen baren. Maar het is niet hun grootste zorg. Dat is namelijk de opkomst.
Lage opkomst
Latino-kiezers maken zo’n 12 procent uit van het Amerikaanse electoraat. Dat percentage zal de komende jaren oplopen. De vraag is of de opkomst onder latino’s ook zal toenemen. Tot nog toe beloven de voortekenen weinig goeds. Op landelijk niveau is het opkomstpercentage stelselmatig lager dan dat onder witte, zwarte of Aziatische kiezers. Sterker, bij elke verkiezing sinds 1996 besloten er meer latino’s om thuis te blijven dan om naar de stembus te gaan. Om de zaak mogelijk nog erger te maken: meer dan 40 procent van de potentiële latino-kiezers is millennial, ook een ontmoedigend demografisch gegeven.
De electorale apathie onder hen mag dan zorgwekkend zijn voor de Democraten, de latino-gemeenschap zelf zou zich er nog grotere zorgen over moeten maken. In de loop der jaren heb ik vele verklaringen gehoord. Volgens sommigen schuwen latino’s maatschappelijke betrokkenheid of kampen ze met een gebrek aan politieke kennis. Anderen zeggen dat latino’s een diepgeworteld wantrouwen hebben jegens het democratische proces, doordat ze dat in hun thuisland hebben zien falen. Ik vind geen van deze verklaringen bevredigend. Wat de reden voor de lethargie ook mag zijn, het latino-electoraat moet de ketenen afwerpen. Zelfs als dat – in het ergste geval – zou betekenen dat ze zich achter een man scharen die erop gebrand is miljoenen immigranten het recht te ontnemen in de Verenigde Staten te blijven. Waar hun voorkeur ook ligt, de latino’s moeten gaan stemmen, en wel nú. De positie van onze hele gemeenschap binnen de Amerikaanse samenleving hangt ervan af.
León Krauze
De onlinejournalistiek heeft veel te danken aan dit webzine, dat in 1996 in Seattle werd opgericht. Overzichtelijk en humoristisch. Sinds december 2004 is de financiering in handen van de Washington Post-groep. Sinds 2009 is er ook een Franse variant, slate.fr.
Het zerotolerancebeleid van de regering-Trump heeft de zuidelijke grens van de VS veranderd in een gebied waar de kwetsbaarste mensen op aarde de dood vinden of verdwijnen. Volgens voormalig Border Patrol-agent Francisco Cantú heeft de situatie een kritiek punt bereikt – niet vanwege de criminaliteit, maar vanwege de minachting voor het menselijk leven.
In de drieënhalf jaar dat ik bij de United States Border Patrol werkte, van 2008 tot 2012, had ik de grootste moeite met het Amerikaanse immigratiebeleid op de momenten dat ik het probeerde uit te leggen aan de mensen die er het directst bij betrokken waren.
Tijdens een grenspatrouille werd ik een keer aangesproken door een vrouw aan de andere kant. Ze hunkerde naar informatie over haar zoon. Ze wist niet waar, of hoe lang geleden, hij de grens was overgestoken, ze wist niet of hij werd vastgehouden of dat hij ergens onderweg was verdwaald. Ze wist niet eens of hij nog wel in leven was.
Het kost me moeite om me te herinneren wat ik tegen haar heb gezegd. Het zou kunnen dat ik heb uitgelegd dat het oversteken van de grens er vaak op neerkomt dat je dagen of weken door de woestijn loopt. Het zou kunnen dat ik haar heb aangeraden haar zoon als vermist op te geven. Het zou kunnen dat ik haar het nummer heb gegeven van een telefonische hulplijn waar de naam en de geboortedatum kunnen worden vergeleken met iemand in het immigrantendetentiesysteem – iemand die door de Amerikaanse overheid wordt gezien als een misdadiger, als een lichaam dat een bed in beslag neemt in een particulier detentiecentrum. Iemand die, voor de vrouw die trillend achter het hek stond, álles betekende.
Na een maand van verontwaardiging over de onmenselijkheid van het zerotolerancebeleid van president Trump, zijn we de afgelopen weken getuige geweest van een stroom van verwarrende en uiteenlopende verklaringen omtrent immigratie: de president heeft voorgesteld immigranten zonder papieren het recht op een eerlijke rechtsgang te onthouden, minister van Justitie Jeff Sessions is er heel stellig in dat iedere volwassene die illegaal de grens oversteekt dient te worden vervolgd, het hoofd van de Customs and Border Protection heeft laten weten dat gezinnen hun proces weer in vrijheid mogen afwachten. Ondertussen zijn duizenden kinderen en ouders van elkaar gescheiden en zitten ze vast in een web van opvanglocaties en detentiecentra, die worden geleid door non-profitorganisaties of door particuliere gevangenis-, beveiligings- en defensieorganisaties.
Manifeste misstand
Het is belangrijk dat we ons realiseren dat deze crisis, veroorzaakt door een regering-Trump die ouders en kinderen scheidt, slechts de meest manifeste misstand is van een al tientallen jaren lopend project om een ‘uitzonderingstoestand’ te creëren aan onze zuidelijke grens. Dit concept werd in de nasleep van 11 september gebruikt door de Italiaanse filosoof Giorgio Agamben om de noodtoestand te duiden die door verschillende regeringen werd uitgeroepen teneinde verschillende rechten en vormen van bescherming in te trekken of op te schorten. Toen de president in april aan de grens de National Guard inzette (een maatregel die ook twee van zijn voorgangers hebben genomen), liet hij weten dat ‘de situatie aan de grens een kritiek punt heeft bereikt’. Maar welbeschouwd is het aantal mensen dat de grens oversteekt al langere tijd historisch laag – ondanks een paar recente pieken – en is de grens momenteel veiliger dan ooit. Al kun je je afvragen: veiliger voor wie?
Wat er aan de grens gebeurt, is voor de meeste Amerikanen een ver-van-mijn-bedshow. Maar binnen de wereld van de grensbewaking heeft de militarisering van de grens geleid tot een cultuur die is doortrokken van oorlogstermen en -tactieken. Agenten van de grenspolitie noemen immigranten ‘misdadigers’, ‘vreemdelingen’, ‘lichamen’ of ‘toncs’ (mogelijk een acroniem van temporarily out of native country, of van territory of origin not known – of een verwijzing naar het geluid van de klap van een Maglite-zaklamp op het hoofd van een immigrant). De grenspolitie beschikt over drones, helikopters, infraroodcamera’s, radar, grondsensoren en gepantserde voertuigen. Maar hun dodelijkste wapen is van geografische aard – de woestijn zelf.
De grensbewaking in de jaren negentig viel samen te vatten als ‘preventie door middel van afschrikking’. De grenspolitie trad hard op tegen migranten die in steden als El Paso de grens overstaken. Er werden muren gebouwd, er werden torenhoge budgetten vrijgemaakt en er werden talloze nieuwe mensen in dienst genomen om in de grenssteden te patrouilleren. Buiten de steden, zo was de veronderstelling, zou de meedogenloze woestijn het vuile werk opknappen en mogelijke migranten weren, ver buiten het oog van de media.
Doris Meissner, die van 1993 tot 2000 aan het hoofd stond van de Immigration and Naturalization Service (INS), zei in The Arizona Republic dat de INS ervan overtuigd was dat ‘de geografische omstandigheden aan onze kant stonden’ en dat de stroom immigranten vanzelf zou opdrogen wanneer mensen zich zouden realiseren wat die omstandigheden behelsden.
Maar zelfs toen duidelijk werd dat grote aantallen mensen evengoed de tocht door de woestijn maakten en er jaarlijks honderd of meer mensen door de ontberingen het leven lieten, hield de overheid vast aan haar beleid. ‘Op geen enkel moment is serieus overwogen om vanwege die consequenties de teugels aan de grens te laten vieren,’ erkent Meissner. Met andere woorden: alles bleef bij het oude, in de wetenschap dat er migranten om het leven kwamen.
De grenspolitie beroept zich geregeld op de zoekacties die ze uitvoeren, om te laten zien dat ze in zekere zin een humaan beleid voeren. Maar dat is net zoiets als brandweerlieden die een bedankje willen omdat ze een brand hebben geblust die hun eigen baas heeft aangestoken. Doordat ik een training kreeg als ambulancebroeder, kon ik me vastklampen aan de gedachte dat ik de migranten hielp, en zo kon ik mijn ogen sluiten voor het feit dat ik deel uitmaakte van een systeem dat hen de dood in dreef. Dergelijke redeneringen verhullen ook de wreedheid van de grenspolitie: ik heb meegemaakt dat agenten groepen migranten over een verlaten gebied verspreidden en hun watervoorraad vernietigden, handelingen die ook uitvoerig zijn beschreven door mensenrechtenorganisaties.
CNN bracht onlangs aan het licht dat de grenspolitie een lager aantal sterfgevallen onder migranten heeft geregistreerd dan in werkelijkheid het geval was
Het zerotolerancebeleid van de huidige regering stoelt op dit idee van afschrikking. In een interview op Fox News legde Laura Ingraham minister Sessions het vuur na aan de schenen. Op haar vraag of kinderen van hun ouders werden gescheiden met de bedoeling mensen te ontmoedigen de grens over te steken, erkende hij uiteindelijk: ‘Ja, hopelijk komt de boodschap nu over.’
De regering heeft laten weten dat zelfs dit beleid ‘humanitair’ is, deels omdat het toekomstige migranten ervan kan weerhouden hun kinderen deze gevaarlijke tocht te laten ondernemen. Daarmee wordt voorbijgegaan aan bewijs dat gedurende vele decennia is vergaard: ongeacht de hel die migranten moeten doorstaan om de grens over te steken, zullen ze de gok wagen om te kunnen ontsnappen aan de concretere dreiging van geweld in hun thuisland, om zich te herenigen met hun gezin of om in ieder geval iets van economische zekerheid te verwerven.
Beleidsmakers gaan er ook aan voorbij dat een strengere grensbewaking vrijwel altijd de netwerken van mensensmokkelaars, die vaak aan een kartel zijn verbonden, in de kaart speelt. Die zien het als een kans om de prijs op te drijven en kwetsbare migranten over te halen een nog riskantere oversteek te wagen om maar niet gepakt te worden.
Jason de León, die aan het hoofd staat van het Undocumented Migration Project, zegt dat de overheid immigranten zonder papieren ziet als ‘mensen wier leven geen enkele politieke of sociale waarde heeft’ en ‘mensen wier dood weinig tot niets betekent’. Deze devaluatie van het leven van migranten is geen kwestie van retoriek: CNN bracht onlangs aan het licht dat de grenspolitie een lager aantal sterfgevallen onder migranten heeft geregistreerd dan in werkelijkheid het geval was. In de officiële overzichten van meer dan zesduizend doden in zestien jaar zijn zeker vijfhonderd sterfgevallen weggelaten – er worden dus letterlijk levens uitgevaagd.
Kritiek punt
De logica van afschrikking verschilt niet zo veel van de logica van oorlogsvoering: de grens is erdoor veranderd in een gebied waar de uitzonderingstoestand geldt, een gebied waar de kwetsbaarste mensen op aarde de dood vinden of verdwijnen, een gebied waar kinderen worden losgerukt van hun ouders om een boodschap af te geven: je bent hier je leven niet zeker. In die zin heeft de situatie aan de grens een kritiek punt bereikt – niet vanwege de criminaliteit, maar vanwege de minachting voor het menselijk leven.
We mogen niet wegzakken in onverschilligheid. In de nasleep van de hevige protesten tegen het uiteenrukken van gezinnen, die in het hele land hebben geklonken, is het nu van wezenlijk belang dat we onze woede richten op het barbaarse beleid dat dit mogelijk heeft gemaakt.
Francisco Cantú studeerde Internationale Betrekkingen en ging daarna in dienst bij de US Border Patrol, als tweetalige grenswacht van Mexicaanse komaf. Hij moest uitgeputte en uitgedroogde landgenoten detineren, wanhopige mannen, vrouwen en kinderen. Hij moest drugspartijen onderscheppen en dode lichamen bergen. Totdat hij er psychisch niet meer tegen kon en ontslag nam. Over zijn ervaringen aan de grens schreef hij The Line Becomes a River, Dispatches from the Border, in het Nederlands vertaald door Molly van Gelder (De streep wordt een rivier. Berichten van de grens) en uitgegeven door Athenaeum-Polak & Van Gennep.
Volgens president Trump leidt de huidige drugsexplosie in Amerika tot een ‘bloedbad’. Maar uit recente cijfers blijkt dat het verband tussen illegale verdovende middelen en geweld in de VS helemaal niet zo duidelijk is.
Het gebruik van illegale verdovende middelen in de Verenigde Staten varieert met de jaren, maar volgens velen – onder wie de president – is het drugsgebruik in het land nog nooit zo groot geweest.
Methamfetamine- en heroïnevangsten aan de Mexicaanse grens hebben een hoogtepunt bereikt. Het cocaïnegebruik neemt weer hand over hand toe. De opioïde-epidemie heeft tot meer dan 60.000 sterfgevallen door overdoses per jaar geleid, een record.
‘Vroeger hadden we de “Age of Aquarius”, waarin het drugsgebruik volgens iedereen de pan uitrees,’ zei president Trump afgelopen januari, verwijzend naar de tegencultuur uit de jaren zestig. ‘Dat was niks vergeleken bij wat er nu gebeurt.’
Minister van Justitie Jeff Sessions bereed diezelfde maand tijdens een toespraak in Pittsburgh twee van zijn stokpaardjes: geweldsmisdrijven en de opioïde-epidemie. Hij heeft strengere wetgeving ingevoerd, die officieren van justitie dwingt het geweld met alle beschikbare middelen in te perken. En eind vorig jaar maakte hij bekend dat iedereen die illegaal fentanyl – een krachtige synthetische opioïde – bezit of het middel importeert, distribueert of produceert, gerechtelijke vervolging tegemoet kan zien.
De president en zijn minister van Justitie zeggen dat de drugsexplosie in Amerika tot een ‘bloedbad’ leidt, maar uit recente cijfers blijkt dat het verband tussen illegale verdovende middelen en geweld in de VS helemaal niet zo duidelijk is.
Grote steden lijken veiliger
In Atlanta, Houston, Los Angeles en andere centra voor drugshandel is het dodental vorig jaar gedaald. Grote Amerikaanse steden lijken veiliger te worden, ook al worden ze overspoeld door drugs.
Nergens is deze trend duidelijker dan in New York City. In 2016 telde de stad bijna 1400 sterfgevallen door overdoses heroïne en fentanyl, een record. Maar vorig jaar meldde de politie slechts 290 sterfgevallen, het laagste aantal sinds 1951 en een daling van 87 procent ten opzichte van 1990, toen er 2245 doden vielen.
De kans om in New York City om te komen als gevolg van drugs is ongeveer even groot als in Montana of Wyoming, zelfs in een tijd dat drugsvangsten tot recordhoogte stijgen.
In Los Angeles, het grootste heroïne-, cocaïne- en fentanylcentrum aan de Westkust, daalde het aantal levensdelicten in 2017 met 6 procent; in Los Angeles County met 20 procent. Ook in Houston, Washington en zelfs Chicago, waar het geweld een jaar geleden zo erg was dat Trump de FBI dreigde te sturen, daalde het aantal levensdelicten vorig jaar met dubbele cijfers.
Deze cijfers lijken te duiden op een wijdvertakte, duurzame ontkoppeling tussen het aantal levensdelicten en de illegale drugshandel in veel Amerikaanse steden, een trend die in tegenspraak is met de gangbare verhalen over de oorsprong van stedelijk geweld.
Criminologen zien veel mogelijke oorzaken, maar één daarvan speelt misschien wel de belangrijkste rol in de afname van het aantal drugsdoden: smartphones.
Zoals de mobiele technologie de gebruikelijke handel heeft veranderd, heeft ze ook een revolutie ontketend op de illegale markten door de drugshandel voorspelbaarder en minder dodelijk te maken. gps-navigatie, versleutelde communicatie en messaging-apps hebben de noodzaak voor drugsdealers om fysieke controle over stedelijke gebieden uit te oefenen en die desnoods met dodelijk geweld te verdedigen enorm verkleind, zeggen deskundigen.
‘De technologie voor de kleinhandel in drugs is radicaal veranderd, vooral de afgelopen tien jaar,’ zegt Mark Kleiman, criminoloog bij New York University. ‘Er staan geen mensen meer op straathoeken. Nu vinden de transacties plaats via de mobiele telefoon, wat de betrokkenen veel minder kwetsbaar maakt.’ Bovendien is het voor de politie, veel moeilijker om in te grijpen, voegt Kleiman eraan toe.
Er zijn veel Amerikaanse steden waar de drugshandel nog grotendeels via de traditionele kanalen verloopt, waaronder Baltimore, waar vorig jaar een recordaantal van 343 doden viel. De drugshandel in de openlucht blijft een aanjager van geweld in St. Louis, New Orleans en andere steden waar het aantal levensdelicten is opgelopen. Maar dat businessmodel is niet overal meer dominant, en zeker niet in steden met grote aantallen drugsgebruikers uit de hogere middenklasse die het zich kunnen permitteren hun spul via hun iPhone te bestellen in plaats van naar uiterst misdadige buurten te rijden.
‘Toen ik in 1998 bij de narcoticabrigade kwam, reed je naar een appartementencomplex waar je de drugs door je raampje kreeg aangereikt’
In Houston, waar het moordcijfer in 2017 met 11 procent daalde, heeft de narcoticabrigade geleerd de online-handel in de gaten te houden, zoals op de handelssite EC21. Als je op die site naar ‘fentanyl’ zoekt komen er geen hits. Maar als je het als ‘fentanyll’ spelt, krijg je een fotootje van wit poeder te zien met een telefoonnummer en e-mailadres, mogelijk van een handelaar in China.
‘Toen ik in 1998 bij de narcoticabrigade kwam, reed je naar een appartementencomplex waar je de drugs door je raampje kreeg aangereikt,’ zegt inspecteur Stephen Casko van de narcoticabrigade in Houston. ‘Nu kun je je drugs gewoon via e-mail bestellen en hoef je geen dealer te zien.’
Postinspecteurs op John F. Kennedy International Airport in New York hebben vorig jaar bijna tachtig fentanylzendingen onderschept, drie keer zoveel als in 2016. FBI-agenten in Atlanta arresteerden afgelopen zomer zestien postmedewerkers op verdenking van het aannemen van steekpenningen om zendingen van een kilo cocaïne af te leveren met hun bestelbusje.
Sanho Tree, verbonden aan de afdeling Drugsdecriminalisering van het Institute for Policy Studies in Washington, zegt dat er geen ‘organisch verband’ bestaat tussen drugs en geweld. ‘Maar er is wel een verband tussen illegale drugshandel en geweld,’ zegt hij.
In de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw verliep het dealen betrekkelijk geweldloos, zegt Tree. ‘Gewoonlijk was er een dealer met een rugzak die van deur tot deur ging om bestellingen af te leveren.’
Dat veranderde met de invoering van minimumstraffen, zegt hij, toen straatdealers lange gevangenisstraffen riskeerden. ‘Daardoor werd het te gevaarlijk om met een rugzak vol drugs rond te lopen, wat aanleiding was om minderjarigen in te schakelen bij de drugshandel in de openlucht – als uitkijkpost, runner enzovoort – die niet dezelfde strenge straffen riskeerden.’
Het domineren en verdedigen van de fysieke ruimte was onmisbaar voor grote winsten. ‘Daarom werden straathoeken zo waardevol,’ zegt Tree.
Geweldsmisdrijven in de Verenigde Staten – met name moord – bereikten een hoogtepunt in de jaren tachtig en begin jaren negentig van de vorige eeuw, toen steden werden bedolven onder de crack. Maar toen het cocaïne- en heroïnegebruik afnam, daalde ook het aantal levensdelicten. Vandaag de dag is het aantal levensdelicten in Amerika per hoofd van de bevolking ongeveer de helft van dat in 1985. Criminologen schrijven de daling toe aan een reeks van factoren, waaronder beter politietoezicht, meer kansen op werk en mogelijk zelfs verminderde blootstelling aan lood.
Na het bereikten van een historisch laagtepunt in 2014 namen de moordcijfers in Amerikaanse steden in 2015 en 2016 abrupt toe. Deskundigen merken op dat ondanks deze stijging het aantal geweldsmisdrijven veel lager is dan een kwart eeuw geleden, maar de plotselinge opleving was voor de regering-Trump reden om de wetshandhaving te intensiveren. ‘De geweldsmisdrijven rijzen de pan uit als nooit tevoren,’ verklaarde Sessions, en hij beloofde daartegen op te treden met strengere gevangenisstraffen, harde maatregelen tegen illegale immigratie en het verstrekken van meer militair materieel aan politiebureaus.
Landelijk steeg het aantal levensdelicten in de eerste zes maanden van 2017 met 1,5 procent ten opzichte van diezelfde periode in 2016, terwijl het totale aantal geweldsmisdrijven – waaronder verkrachting, beroving en ernstige mishandeling – lichtelijk daalde, zo blijkt uit cijfers die de FBI afgelopen januari heeft vrijgegeven. In het zuiden en middenwesten steeg het aantal levensdelicten. In het noordoosten daalde het sterk, en in geringe mate ook in het westen.
In een artikel in USA Today voerde Sessions de nieuwe gegevens aan als bewijs van het snelle succes van de regering. ‘Toen president Trump werd ingehuldigd, deed hij het Amerikaanse volk een belofte: “Dit Amerikaanse bloedbad stopt hier en nu,”’ schreef Sessions, citerend uit Trumps inaugurele toespraak. ‘En die belofte heeft hij gehouden.’ Maar in veel Amerikaanse steden is het geweld maar in beperkte mate teruggekomen. In sommige steden met de hoogste uitschieters, zoals Chicago en Washington, blijft het aantal levensdelicten teruglopen.
De psychotische effecten van narcotica kunnen daarbij ook een rol spelen, zeggen criminologen. Waar een crackroes vaak gepaard gaat met een golf van manische energie en extreem zelfvertrouwen, brengen opioïden de gebruikers tot rust zodat ze misschien minder geneigd zijn tot gewelddadig gedrag.
Anders dan de crack-epidemie van de jaren tachtig, die vooral arme zwarte Amerikanen trof, trekt de opioïdecrisis zich niets aan van geografische of sociale scheidslijnen. ‘Veel huidige verslaafden behoren tot de hogere middenklasse en wonen niet in buurten die worden geteisterd door geweld,’ zegt Volkan Topalli, hoogleraar Strafrecht aan Georgia State University.
‘In de buurten waar zij wonen bestaat geen hoog geweldsniveau,’ zegt hij, ‘en zijn de distributienetwerken niet primair in handen van grote bendes.’
Richard Rosenfeld, criminoloog bij de University of Missouri-St. Louis, zegt dat de opioïdecrisis sinds 2014 de belangrijkste reden lijkt voor het gestegen aantal levensdelicten onder blanke Amerikanen. Maar hij zegt dat de stijging waarschijnlijk nog veel sterker zou zijn ‘als de straathandel nog even wijdverbreid was als vijfentwintig jaar geleden’.
Mexicaanse drugskartels
Er lijkt nog een factor te zijn in het nieuwe tijdperk van de Amerikaanse drugshandel die het dalende moordcijfer kan verklaren: een doelbewuste poging van Mexicaanse drugskartels om het gebruik van geweld aan de Amerikaanse kant van de grens tot een minimum te beperken.
Dezelfde smokkelorganisaties die het moordcijfer in Mexico tot ongekende hoogte hebben opgejaagd gaan in de Verenigde Staten volgens een andere logica te werk, net als de grote bedrijven die profiteren van de economische voordelen van het Noord-Amerikaanse Vrijhandelsakkoord NAFTA.
De verschillende geweldsniveaus langs de grens tussen de VS en Mexico onderschrijven dit patroon. Steden als El Paso en San Diego hebben de laagste moordcijfers in de Verenigde Staten, ook al liggen ze recht tegenover Ciudad Juárez en Tijuana, twee van de moordzuchtigste plekken van Mexico.
Het ontbreken van een ‘overloopeffect’ wordt in elk geval ten dele toegeschreven aan een gedisciplineerde bedrijfsstrategie die erop gericht is zo min mogelijk aandacht te trekken van de Amerikaanse rechtshandhavingsinstanties, zegt Sam Quinones, auteur van Dreamland: The True Tale of America’s Opiate Epidemic.
Anders dan de Colombiaanse kartels, wier pogingen om de drugsmarkt in Miami, New York en andere Amerikaanse steden over te nemen een generatie geleden tot een vloedgolf van moorden leidden, schuwt het merendeel van de moderne Mexicaanse handelaren het gebruik van geweld aan Amerikaanse kant.
‘Ze hebben een scherp oog voor het enorme verschil tussen het strafrecht in Mexico en dat in de Verenigde Staten,’ zegt hij. Uit vrees voor een lange straf in een strenge Amerikaanse gevangenis vechten de gangsters hun geschillen met rivalen liever in Mexico uit, waar minder dan 5 procent van de misdrijven tot een veroordeling leidt. In zijn boek beschrijft Quinones een groep Mexicaanse heroïnedealers in Denver en omgeving, de ‘Xalisco Boys’, wier koeriers de drugs in ballonnetjes afleverden. Ze hielden die ballonnetjes in hun mond en hadden flesjes water bij zich om ze door te slikken als ze werden aangehouden door de politie.
De heroïnedealers bleven zelden lang in één Amerikaanse stad en reden vaak op hun motorfiets op en neer naar Mexico. Ze trokken zich zo weinig aan van hun straatreputatie dat ze ook aan klanten verkochten die hen hadden bestolen of bedrogen, waarbij ze het verlies eerder als een bedrijfsrisico beschouwden dan als een persoonlijke belediging die gewroken moest worden. Ze meden gebieden met veel misdaad en waren ongewapend.
‘Veel van die kerels waren verlegen boerenjongens,’ zegt Quinones. ‘Ze waren geïntimideerd door de VS en beslist niet geïnteresseerd in een bloedige onderlinge oorlog.’
En als de dealers zich bedreigd voelden door politiemensen of concurrerende handelaren verplaatsten ze hun mobiele heroïnehandel gewoon naar een andere Amerikaanse stad. Ze vonden geweld het risico niet waard, zegt Quinones, ‘en de markt in de VS was groot genoeg voor iedereen’.
Grootschalige Mexicaanse handelaren lijken op dezelfde manier te opereren. Toen narcotica-agenten in New York vorig jaar een inval deden in een appartement in Queens en 63 kilo pure fentanyl aantroffen, arresteerden ze een echtpaar van middelbare leeftijd dat een paar weken eerder uit Mexico was gekomen.
Het was de grootste fentanylvangst in de Amerikaanse geschiedenis, met een waarde van tientallen miljoenen dollars. Maar het echtpaar had niet eens een wapen.
Bewees zich met het publiceren van de Pentagon Papers. Eerste krant die zeven dagen per week verscheen (sinds 1980). Een van de invloedrijkste kranten ter wereld. Eigendom van Amazon-baas Jeff Bezos.
María de Jesús Patricio, ofwel Marichuy, wil president van Mexico worden. De kans dat dat lukt is vrij klein. Belangrijker is dat zij de inheemse bevolking van Mexico weer een stem geeft en de draad oppakt van Subcomandante Marcos en zijn Zapatistische Bevrijdingsleger.
Evenals dat van de oorspronkelijke bewoners, van voor de Spaanse overheersing, is het leven van Marichuy (Chuy voor familie en vrienden) begonnen tussen het maïs. ‘Mijn vader was boer. Overdag werkte ik met hem op het land, ’s middags studeerde ik en ’s avonds hielp ik mijn moeder met de kleintjes.’ We spreken elkaar op het kantoor van de Concejo Indígena del Gobierno (Indiaanse Raad van de Regering) in Colonia Doctores, een wijk in Mexico-Stad. Om ons heen zitten raadsleden te ontbijten voordat de algemene vergadering begint. ’s Middags zal Marichuy haar intensieve rondgang langs de indiaanse gemeenschappen vervolgen, deze keer vertrekt ze richting de Golf van Mexico. Haar man, de advocaat Carlos González, die zich sterk maakt voor het behoud van indiaanse gemeenschapsgrond, luistert respectvol naar haar en komt alleen tussenbeide als zij hem naar een datum of de naam van een organisatie vraagt. Als Marichuys mobiel gaat kijkt ze naar het nummer op haar scherm en vraagt haar man welke deelstaat er belt. ‘Guerrero,’ antwoordt hij zonder blikken of blozen.
Met een natuurlijke vanzelfsprekendheid pareert ze grappen en beantwoordt ze vragen zonder zich te verliezen in een web van woorden. Ik heb haar zien discussiëren tijdens een etentje met intellectuelen, zaken zien regelen bij een notaris, een massabijeenkomst zien bijwonen, ik heb haar zien terugkomen van een lange reis of op het punt staan te vertrekken. Haar natuurlijkheid valt lastig te rijmen met de politiek.
Indiaanse Mexicanen
Marichuy is geboren in Jalisco, geboortegrond van de grote Mexicaanse vertellers Juan Rulfo en Juan José Arreola. Ze spreekt zorgvuldig en zonder omhaal van woorden. Vaak zijn haar toespraken het kortst van alle toespraken tijdens haar campagne, zonder uitzondering door vrouwen gehouden. Ze heeft weinig woorden nodig om uit te leggen dat ze strijdt tegen de onderdrukking van de vrouw en de indiaanse bevolking; en tegen het kapitalisme, dat ervoor zorgde dat de indiaanse gemeenschapsgrond in handen kwam van een handjevol mensen.
Kan een land van onderaf worden veranderd door de allerarmsten, over wie gezwegen wordt in de vaderlandse geschiedenis? Op de lagere school geeft men hoog op van de slimme oorlogvoering van de Azteken en het wiskundig vernuft van de Maya’s, maar noch hun talen, noch hun ontstaansgeschiedenis of hun gewoontes is onderwerp van studie. Het is nog erger: in het moderne Mexico wordt met geen woord over hen gerept, terwijl er meer dan tien miljoen indiaanse Mexicanen zijn.
Hier moet het Zapatistisch Nationale Bevrijdingsleger (EZLN) worden genoemd, dat de wapens oppakte toen de NAFTA van kracht werd, het vrijhandelsverdrag tussen Mexico, Canada en de Verenigde Staten. Op 1 januari 1994 lanceerde president Carlos Salinas het vooruitstrevende idee van belastingvrije handel. De inheemse erfenis werd gezien als een periode die voorafgaat aan de vaderlandse geschiedenis, die thuishoort in musea voor volkenkunde en winkels met ambachtelijke spullen. Maar de Zapatistas keerden het tij en lieten zien dat de indianen wel degelijk bij de moderne tijd horen. ‘Nooit meer een Mexico zonder ons’, was hun leus.
Op 14 oktober 2017 begon Marichuy haar tocht langs de vijf caracoles (schelpen), de autonome regeringscentra van de Zapatistas, waar ze steun kreeg van de Maya’s, de Tzotziles, Choles, Zoques, Tzeltales en de Mames, en de nieuwsgierigheid wekte van indiaanse stammen die zich tot dan toe afzijdig hadden gehouden. In het regenachtige La Garricja, het zonnige Palenque en het mistige Oventic dromden bivakmutsen, strooien hoeden en baseballpetjes samen om naar de indiaanse vrouwen te luisteren. Omdat de Zapatistas ervan overtuigd zijn dat verandering zonder kunst niet bestaat, worden de bijeenkomsten afgesloten met dans, theater en muziekoptredens.
Wat Marichuy doet is nooit eerder vertoond. Niet eerder reisde een indiaanse vrouw, gesteund door 153 gemeenteraadsleden uit 52 indiaanse dorpen, door Mexico. Het land zal nooit meer hetzelfde zijn. ‘De indiaanse stem bestond niet, ze zagen ons alleen als boeren,’ zegt Marichuy. ‘De opstand van de Zapatistas in 1994 en het Nationaal Indiaans Congres van 1996 heeft daar verandering in gebracht.’
Het in 1996 met de Zedillo-regering gesloten Verdrag van San Andrés, dat de autonomie van de indiaanse bevolking zou waarborgen zonder de staatssoevereiniteit in gevaar te brengen, is nooit in wetgeving omgezet. Geen enkele politieke partij nam het voor de indiaanse bevolking op. In 2001 deden de Zapatistas een laatste poging om heel Mexico naar hen te laten luisteren en organiseerden ze een lange mars van Chiapas naar de hoofdstad. In het Mexicaanse Congres pleitte commandant Esther ervoor dat de indianen als deel van Mexico zouden worden beschouwd. Ook Marichuy was een van de spreeksters. Zij drong er eveneens op aan dat het sociale pact waarin alle Mexicanen als gelijken worden beschouwd nieuw leven in geblazen zou worden. Maar hun woorden ketsten af op congresleden die meer oog hadden voor het spekken van hun eigen zakken.
Toen de Zapatistas beseften dat de regering nooit hun eisen zou inwilligen, trokken ze zich terug op hun land, waar ze knokten voor hun dagelijks bestaan. Vanaf dat moment zijn de Zapatistas ‘verdwenen’, zoals het heet. Maar die uitspraak doet tekort aan het werk van Las Juntas de Buen Gobierno (raden van goed bestuur). In de caracoles organiseren ze seminars – die ze zelf liever semilleros (kweekplaatsen) noemen – en festivals, en publiceren ze boeken waarin ze aantonen dat een andere wereld wel degelijk mogelijk is. Een andere wereld die gek genoeg al bestaat in onze wereld.
‘Waarom laat je me de papieren niet zien, misschien heeft de pachtbaas zich wel vergist’
Marichuys strijd tegen onrechtvaardigheid begon toen ze op het platteland tot een aantal inzichten kwam. Haar vader was mediero (pachter die de helft van zijn oogst afstaat aan de landeigenaar). Tot aan de dag van vandaag wordt dit archaïsche systeem van uitbating in Mexico toegepast. ‘Het was een jaar dat de maïsoogst erg goed was. Mijn vader rekende af met de pachtbaas en moest duizend peso bijbetalen. Sowieso hield de landeigenaar zich nooit aan de officiële prijs, maar nu was er wel heel veel maïs geoogst. Ik vond dat oneerlijk,’ vertelt Marichuy, die toen twaalf jaar oud was.
Haar vader legde zich angstvallig neer bij wat de baas hem gaf en dronk zijn frustraties weg. Eenmaal dronken reageerde hij zich af op zijn kinderen (‘Hij leefde zich vooral uit op ons, de meisjes,’ aldus Marichuy). Maar toen ze twaalf was durfde ze voor het eerst tegen hem in te gaan: ‘Waarom laat je me de papieren niet zien, misschien heeft de pachtbaas zich wel vergist,’ zei ze tegen haar vader. Haar vader gaf haar de rekening en ze zag dat het de pachtbaas was die duizend peso moest betalen, niet andersom. ‘Ik zei tegen mijn vader: waarom vraagt u de baas niet of hij in maïs uitbetaalt zodat we te eten hebben?’ vertelt Marichuy. ‘De baas ging sputterend akkoord en gaf de maïs terug. Het was het laatste jaar dat mijn vader van hem mocht pachten. Toen realiseerde ik me dat hij zich niet had vergist, maar dat het opzet was geweest.’
Haar vader vond dat ze moest trouwen en verbood haar na de lagere school verder te studeren. Met steun van haar moeder ging ze toch naar de middelbare school en bereidde zich stiekem voor op het toelatingsexamen van de universiteit.
Haar kennismaking met het bisdom Antonio Andrade bleek doorslaggevend. De priester daar verkondigde de bevrijdingstheologie en zei in zijn preek: ‘Het evangelie verspreiden is werken.’ Zijn kerk stond in de maïsvelden en zijn preken strekten verder dan zieltjeswinnerij. ‘Organiseer je en kom op voor je rechten,’ hield hij zijn kerkgangers voor. Andrade werd niet de mond gesnoerd, maar wel overgeplaatst van het bisdom Guzmán naar San Gabriel.
Zijn boodschap viel in vruchtbare aarde. ‘Ik realiseerde me dat we als stieren over de omheining moesten springen,’ glimlacht Marichuy. Haar eerste politieke beweging bestond uit twintig personen, van wie zij de jongste was. ‘We zetten een weg af om te protesteren tegen de maïsprijzen. Al snel groeide onze aanhang uit tot tweeduizend. Zelfs keuterboertjes wilden betere prijzen voor de maïs. Het leger kwam om ons weg te sturen. Een paar mensen wilden zich verzetten, maar wat konden we doen? De militairen waren gewapend. Ze stelden voor een afvaardiging mee te nemen in de helikopter, maar dat wilden we niet. We waren bang dat hen iets zou overkomen.’
Als gevolg van het protest werden de prijzen iets aangepast, maar dat was niet genoeg. Hoe dan ook, het was een teken dat een gezamenlijke actie effect kon hebben.
Boze oog
Marichuy deed als enige van elf broertjes en zusjes toelatingsexamen op de universiteit en ging medicinale plantenkunde studeren. Haar tantes behandelden mensen met geneeskrachtige kruiden, en als kind zag ze hoe ze jonge zilverbladplantjes en munt gebruikten tegen diarree. In Juan Rulfo’s roman Pedro Páramo vindt Juan Preciado zijn moeders foto in een kom met wijnruit. Ik vraag Marichuy wat deze plant, die ik alleen van naam ken, geneest. ‘Mensen met het boze oog,’ zegt Marichuy. ‘De plant bevat veel elektrische lading,’ vult haar man aan. Ik denk aan de foto die het beroemdste personage van de Mexicaanse literatuur in zijn borstzakje draagt, dicht op zijn hart. De foto werd bewaard met planten die het boze oog bestrijden.
‘Veel mensen denken dat het boze oog bijgeloof is,’ aldus Carlos González, ‘maar het boze oog is een maagaandoening, vaak veroorzaakt door stress.’ De symptomen zijn een branderig gevoel in je maag, dat het ene oog kleiner wordt dan het andere, hoofdpijn, een warm hoofd, overgeven, diarree en duizeligheid. Wij stadsmensen, die de mond vol hebben van stress, denken dat het boze oog puur bijgeloof is.
Decennialang heeft Marichuy mensen genezen van hun boze oog, angsten en indigestie. In het merendeel van de gevallen vraagt ze er niets voor. ‘Laat je je dan in natura betalen?’ vraag ik haar, ‘bijvoorbeeld met een kip?’ ‘Oei, nee,’ glimlacht ze, ‘dat is veel te veel! Soms een paar eieren, misschien.’
Haar moeder was haar belangrijkste patiënt. Drie jaar lang was ze invalide, haar artsen hadden haar opgegeven. Marichuy behandelde haar met kompressen, tot ze weer kon lopen. Nu heeft ze zich voor de immense taak gesteld om het land weer op de been te helpen. Om zó’n zieke patiënt beter te maken zal er meer van stal moeten worden gehaald dan de blaadjes van de guamachilboom.
‘Wat ging er door je heen toen het Nationaal Indiaans Congres je verkoos tot woordvoerster?’ ‘Ik dacht dat het een grap was,’ antwoordt Marichuy. ‘Nou, ik niet,’ roept haar man uit.
De vierenvijftigjarige Marichuy heeft veel verantwoordelijkheid op zich genomen. Een aantal maanden geleden zocht een groep Zapatista-vrouwen haar op in de Universidad de la Tierra in San Cristóbal de Las Casas. ‘We weten dat jij het kunt,’ zeiden ze tegen haar. ‘Veel van ons wisten niet eens hoe we moesten spreken, maar gaandeweg hebben we dat geleerd.’ Na deze steun in de rug sprak Marichuy met haar drie kinderen. ‘Dat kun je ons niet aandoen, mamma,’ was het eindoordeel. Ze waren bang dat haar iets zou worden aangedaan. ‘Ze zijn doodsbenauwd dat ik niet terugkom,’ zegt Marichuy, terwijl ze met neergeslagen ogen over haar onderarm krabt.
Hun drie kinderen wonen nu bij familie in Estado de México. Haar man verdeelt zijn tijd tussen de campagnereizen van Marichuy, de bezoeken aan hun kinderen en de rechtszaken die hij voert in Nayarit, Jalisco, Michoacán en andere staten om gemeenschapsgronden terug te vorderen.
Kun je hoop meten? Op 19 februari moet Marichuy 867.000 handtekeningen uit ten minste zeventien staten bij elkaar hebben verzameld, en uit elke staat moet dat 1 procent van de geregistreerde stemgerechtigden zijn. De politieke partijen hebben deze drempel opgeworpen voor onafhankelijke kandidaten. Feitelijk kunnen alleen kandidaten die logistiek hun zaakjes in orde hebben aan die voorwaarden voldoen, en zo krijgen alleen beroepspolitici een tweede kans.
Op 9 november stond de teller bij Marichuy op 25.000 handtekeningen.
In een land waar 81,7 procent van de bevolking slechts drie keer het minimumloon verdient, wil de Kiesraad dat er een maandsalaris naar het kopen van een mobiel gaat
De Indiaanse Raad van de Regering, in wiens burelen het gesprek met Marichuy plaatsvond, werd opgericht om discriminatie tegen te gaan. De paradox is dat de indianen te maken krijgen met discriminerende regelgeving. De Kiesraad heeft een handtekeningenapp ontwikkeld die op een gangbare mobiel (kosten: vijfduizend peso; meer dan drie keer het minimumloon) moet worden gedownload. In een land waar 81,7 procent van de bevolking slechts drie keer het minimumloon verdient, wil de Kiesraad dat er een maandsalaris naar het kopen van een mobiel gaat.
Bovendien gebeurt dit in een land waar niet elke regio beschikt over elektriciteit en een internetaansluiting. De app ‘Ciudadano’ (Burger) is ontwikkeld met technologie waar indianen geen toegang tot hebben. De meedingende partijen gingen akkoord met de voorwaarden, maar de app werkt niet naar behoren. Veel mobiels lopen vast en het duurt wel een half uur om een handtekening te registreren (in plaats van de beloofde vierenhalve minuut). Je hebt een bepaald soort licht nodig en de nummers en letters zijn niet nauwkeurig (de ‘S’ en de ‘5’ worden met elkaar verwisseld en moeten handmatig worden gecorrigeerd, wat weer vergissingen in de hand werkt).
Deze democratie van ontregeling is uitgedacht door een heersende klasse die ver van het volk staat. Een aantal weken geleden zei minister van Onderwijs Aurelio Nuño, die zich voor de PRI (Partido Revolucionario Institucional, de Institutioneel Revolutionaire Partij) wil kandideren voor het presidentschap, dat hij zou willen dat Mexico Zuid-Korea was. Een andere PRI-aspirant-kandidaat, José Antonio Meade (ministerie van Financiën) presenteerde tijdens een lunch van het Colegio Nacional (Instituut voor Wetenschap, Letteren en Kunst) een model dat hij had afgekeken van de Amerikaanse National Football League.
Het zoete vaderland
Kan de toekomst bij de armen liggen? John Berger heeft ooit gezegd dat hoop doet leven voor wie niets heeft. Toen Gandhi protesteerde tegen de zoutbelasting wilde hij laten zien dat armoede hem kracht gaf: hij pakte een handvol zout en zei dat dit de fundamenten van het Brits imperium zou aantasten. Op die lijn zit het idee van de indianenbeweging dat hun zwakte hun kracht is.
‘Vaderland, verkoper van chiazaad’, schreef de dichter Ramón López Velarde. Het gedicht ‘La suave patria’ (Het zoete vaderland) is wonderbaarlijk genoeg uitgekomen: nu het uur van het volk heeft geslagen besluit Marichuy te laten zien wat het zaad waard is.
Auteur: Juan Villoro
Vertaler: Henriëtte Aronds
Villoro (Mexico, 1956) is een van de meest opvallende stemmen in de contemporaine Latijns-Amerikaanse literatuur. Hij schrijft met regelmaat opiniestukken voor Mexicaanse kranten en is vaste medewerker van El País.
CONTEXT
‘De Mexicaanse Revolutie [die in 1910 begon met een opstand tegen het bewind van Porfirio Díaz (president van 1877-1880 en van 1884-1911 ) en eindigde met een nieuwe grondwet in 1917] heeft in het zuiden van Jalisco niet alles veranderd,’ zegt Carlos González. Hij is advocaat en heeft gegevens verzameld om meer inzicht te krijgen in de situatie op het platteland van de regio Guzmán. ‘De mediería is een feodaal systeem waar tijdens de grondwetdebatten in 1917 over werd gesproken. Onder het bewind van Porfirio Díaz kregen grootgrondbezitters de indiaanse gemeenschapslanden in handen. Na de Revolutie wilden de indianengemeenschappen hun land terug. Een deel ging naar de zogeheten ejidos (landbouwcoöperaties), maar een deel ook niet. Bijvoorbeeld het land van de Ayotitlán-indianen, zo’n 500.000 hectare waar ze sinds de landverdeling in 1595 en 1596 recht op hebben, zo staat in het Nationaal Archief. In 1921 werd een procedure gestart om het land terug te vorderen en in 1963 werd bepaald dat 50.000 hectare land van de indianen was en moest worden teruggegeven. Ze kregen slechts 30.000 hectare. De zaak loopt nog steeds en ligt nu bij de Hoge Raad.
Over vier jaar is het honderd jaar geleden dat de zaak aanhangig werd gemaakt. Mexico is een roofstaat en Marichuy heeft zich voorgenomen dat te veranderen.
CONTEXT: Verkiezingen
Tot nog toe zijn er twee serieuze kandidaten voor de presidentsverkiezingen in Mexico op 1 juli. De verkiezingen mogen dan voor de vijfde keer op rij democratisch zijn, maar of het verloop dat ook zal zijn is volgens de meeste peilingen nog zeer de vraag. De reden is koploper Andrés Manuel López Obrador, linkse politicus en presidentskandidaat, beter bekend als AMLO, die met zijn onafhankelijke partij Morena een enorme achterban heeft.
De kwestie is niet zozeer of López Obrador, de voormalige burgemeester van Mexico-Stad, zal winnen, maar veeleer of politieke rivalen en het bedrijfsleven en niet te vergeten de maffiabazen dat zullen toestaan. Het is de derde keer dat hij een gooi naar het presidentschap doet. Twee keer eerder aanvaardde hij de ‘frauduleuze resultaten’ niet.
Het Mexicaanse weekblad Proceso is in 1976 ontstaan door journalistieke beknelling tijdens de regering van de omstreden president Luis Echeverría Álvarez. Echeverría zorgde ervoor dat de in 2015 overleden grand old man van de journalistiek Julio Scherer García destijds ontslagen werd bij het dagblad Excélsior. Dat had hij beter niet kunnen doen. Met de opbrengst van een door bevriende kunstenaars, schrijvers en fotografen georganiseerde veiling startte Scherer Proceso, tot op de dag van vandaag een van de weinige onafhankelijke en kritische weekbladen in Mexico. Proceso werd een broedplaats voor kritische journalisten die de wurggreep op informatie trotseerden, decennialang opgelegd door de heersende Institutioneel Revolutionaire Partij (PRI), en om te beginnen corrupte praktijken van emblematische figuren uit de politiek onthulden. Het succes van het tijdschrift moedigde andere publicaties aan meer onafhankelijk te opereren, wat bijdroeg aan de verkiezingsnederlaag van de PRI in 2000. Elena Poniatowska, een bekende Mexicaanse journalist en schrijver, vroeg zich in een hommage aan Scherer af of het zonder zijn ‘brandstichtende pen’ mogelijk is de realiteit van Mexico te begrijpen.
De Mexicaanse staat schudt op zijn grondvesten. Reden: een binnenlandse crisis veroorzaakt door regeringspartij PRI, en een buitenlandse crisis veroorzaakt door Donald Trump.
Er lijkt zwaar weer op komst voor de Mexicaanse staat. Binnenslands neemt de crisis rondom het vraagstuk van veiligheid toe, rijzen de corruptieschandalen de pan uit en worden tegelijkertijd de justitiële en politionele instellingen doelbewust ondermijnd, waardoor het wankele staatsapparaat nog meer op lemen voeten komt te staan. En buitenslands is er Donald Trump, die zijn vijandige houding tegenover Mexico nog verder heeft aangescherpt met zijn dreigement de Noord-Amerikaanse Vrijhandelsovereenkomst (NAFTA) op te zeggen en Mexico almaar de schuld blijft geven van de talloze drugsdoden die de VS teisteren.
Het samenvallen van een binnenlandse politieke crisis met een buitenlandse dreiging is een verschijnsel dat zich sinds de tijd van Lázaro Cárdenas del Río (Mexicaans president van 1934 tot 1940) en de daaropvolgende periode van de Tweede Wereldoorlog niet meer heeft voorgedaan. Toentertijd werd de binnenlandse politieke en economische crisis te lijf gegaan door een nog krachtig autoritair regime, dat gesteund werd door de Amerikaanse regering, die beducht was voor de internationale consequenties van een ineenstortende Mexicaanse staat. Maar nu wordt de regering van de PRI (Partido Revolucionario Institucional – Institutioneel Revolutionaire Partij) geconfronteerd met een Noord-Amerikaanse president die zich alleen bekommert om zijn eigen imago en niet in staat is de gevolgen van zijn daden te voorzien.
Legitimiteit
De buitenlandse dreiging zou het hoofd geboden kunnen worden als de huidige regering niet voortdurend bezig was de interne politieke polarisatie aan te wakkeren, in een poging een onderzoek naar haar corruptiepraktijken af te wenden. Het recente besluit van de president om de speciale aanklager inzake verkiezingsdelicten, Santiago Nieto, te ontslaan, alsmede zijn weigering om een openbare aanklager belast met corruptiezaken aan te stellen en een nieuwe procureur-generaal der Republiek te benoemen, zijn stuk voor stuk maatregelen die de doodsteek geven aan een rechtsstelsel dat in wezen toch al eerder fictief dan reëel is. Laten we niet vergeten dat 98 procent van de misdaden in Mexico onbestraft blijft en dat misdaden tegen de menselijkheid, zoals ontvoeringen, en niet te vergeten corruptie, gewoon nooit bestraft worden. Een regering die weigert een effectief rechtsstelsel op te zetten verliest haar legitimiteit, niet alleen ten opzichte van haar eigen onderdanen, maar ook tegenover de rest van de wereld, juist op een moment dat hulp van buitenaf onmisbaar is om de dreiging van een onvoorspelbare Noord-Amerikaanse regering het hoofd te bieden.
De regering van Enrique Peña Nieto heeft zich ten doel gesteld het project dat president Carlos Salinas vijfentwintig jaar geleden inzette – een neoliberaal model van economische integratie met de Verenigde Staten – nieuw leven in te blazen, maar met behoud van de politieke macht in handen van de autoritaire PRI-elite. De relatieve – en trage – democratisering van het land gedurende de beginfase van het neoliberale project (getolereerd als instrument om het maatschappelijk protest in de hand te houden) liep in het jaar 2000 spaak en zorgde voor een wisseling van de presidentiële macht. Maar de PRI slaagde erin tijdens de opeenvolgende regeringen van de PAN (Partido Acción Nacional – Nationale Actiepartij) een vetomacht in het parlement te handhaven, en aangezien de PAN meewerkte aan het neoliberaal project en geen eigen democratisch project had, werd in essentie het beleid van het oude regime voortgezet, onder de discrete dekmantel van de zogenaamde ‘electorale democratie’.
De regering van Peña Nieto heeft zich ten doel gesteld de aarzelende stappen voorwaarts die tijdens de democratische lente van begin deze eeuw werden gezet teniet te doen: de ontmanteling van onafhankelijke instituties die vrije verkiezingen, los van enige partijmacht, dienden te garanderen en die moesten zorgen voor transparantie in de uitoefening van het openbaar bestuur. De instituties die zorg moeten dragen voor transparantie kunnen vanwege het ontbreken van een effectief rechtsstelsel geen vuist maken om hervormingen door te voeren. De instituties die vrije verkiezingen dienen te garanderen zijn volledig in de macht van de PRI, met name het Federaal Electoraal Tribunaal, dat brutaalweg de frauduleuze gouverneursverkiezingen van dit jaar heeft goedgekeurd. Concreet: de verkiezingen in de deelstaat Mexico waren een proeve op grote schaal van hoe bestuurlijke macht kan worden ingezet om massaal stemmen op te kopen en ongestraft een systeem van algeheel cliëntelisme door te voeren.
De PRI maakt het niet uit of ze het land te gronde richt – als ze maar overleeft
Dat is de reden waarom de regering van Peña Nieto aan het eind van haar mandaat is verwikkeld in het schandaal (want dat is het) van een regelrechte terugkeer naar de oude electorale ondeugden van het autoritair bewind en de feitelijke ontmanteling van de rechtsstaat waartoe de burgermaatschappij de afgelopen jaren de aanzet heeft gegeven. De PRI neemt deze vermetele stappen omdat in 2018 niet alleen haar bestaan als politieke partij op het spel staat, maar ook haar president en de kliek om hem heen gevaar lopen vervolgd te worden voor de corruptieschandalen waarbij ze betrokken zijn. De PRI keert terug naar haar oorsprong om op de oude manier de verkiezingen te winnen die ze, als ze volgens de wet werden gehouden, onherroepelijk zouden verliezen. De PRI maakt het niet uit of ze het land te gronde richt – als ze maar overleeft.
Auteur: Alberto J. Olvera
Vertaler: Jos den Bekker
Alberto J. Olvera is als wetenschappelijk medewerker verbonden aan het Instituut voor Sociaal Historisch Onderzoek van de Universiteit van Veracruz.
Politiek links georiënteerd, maar kritisch ten opzichte van de Spaanse socialisten.
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.