Tag: Politiek

  • Letland: premier Evika Silina treedt af om drone-incident

    Letland: premier Evika Silina treedt af om drone-incident

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Top Trump-Xi legt ondanks uiterlijke harmonie forse meningsverschillen bloot

    » DR Congo: M23 wil mineralendeal sluiten met Donald Trump

    De Letse minister van Defensie was al eerder opgestapt

    De Letse premier Evika Silina heeft donderdag haar aftreden aangekondigd na de val van haar coalitie, ‘te midden van de controverse rond Oekraïense drones bestemd voor Rusland die op 7 mei in Letland zijn neergestort’, meldt Deutsche Welle.

    Sinds woensdag verloor Silina de steun van de Progressieve Partij, een lid van de regeringscoalitie, en daarmee haar krappe parlementaire meerderheid. Ze bevond zich in een onhoudbare positie.

    image
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    De Progressieve Partij wilde protesteren tegen het ontslag van hun minister van Defensie, Andris Spruds, die Silina ervan beschuldigde het Letse antidronesysteem niet ‘snel genoeg in te zetten om de dreiging’ van de Oekraïense drones te neutraliseren, aldus de Duitse omroep.

    Deze drones stortten neer op Lets grondgebied, waarschijnlijk nadat hun geleidingssysteem was verstoord door de Russische luchtafweer. Een incident dat ‘vragen opriep over de paraatheid van de nationale defensie’, aldus de Duitse omroep.

  • De politieke generatiekloof in Georgië

    De politieke generatiekloof in Georgië

    Opa heeft zijn kleinzoon politiek gevormd, maar inmiddels worden ze het niet meer met elkaar eens. Terwijl zijn kleinzoon de pro-Russische regering in Georgië vreest, ziet opa weinig in de EU.

    Eigenwijze snotneuzen zijn het, moppert de opa over zijn kleinzoon en diens vrienden. Opa Archiko is de naaste verwant van de twintigjarige Alexander Beraia, hoewel ze honderden kilometers van elkaar leven: Alexander woont in Tbilisi, de hoofdstad van Georgië, Archiko in een dorp in het noordwesten, dicht bij Abchazië. Ze bellen elkaar meerdere malen per week. Als Alexander een gedicht schrijft, is zijn opa van 78 de eerste die het mag horen.

    Maar sinds enige tijd maken opa en zijn kleinzoon vaak ruzie

    Het gaat altijd over politiek. Alexander is bezorgd over de toekomst van zijn Georgië. Ongerust ziet hij toe hoe Rusland Oekraïne met geweld in zijn invloedssfeer wil dwingen. En hij vreest dat de Georgische regering zijn vaderland met een reeks wetten en repressieve maatregelen steeds meer op Rusland laat lijken. Daarom protesteert Alexander al meer dan een jaar voor het parlement in de hoofdstad Tbilisi, sinds de regering in november 2024 de gesprekken over toetreding tot de EU opschortte.

    Wat opa Archiko van zijn kant niet begrijpt: hij ziet zijn kleinzoon en diens vrienden de verkeerde kant op gaan. Hoog tijd dus voor een familiegesprek, dat Die Zeit mag bijwonen en dat veel duidelijk zal maken over het huidige Georgië en zijn conflicten.

    Zeven uur was Alexander onderweg om zijn opa te bezoeken. Pachulani heet het dorp waar die laatste woont. Koeien grazen er langs de straat, in de tuinen groeien palmen, citroenbomen en wijnstokken. In een van de eengezinswoningen met versierde buitentrappen zitten kleinzoon en opa nu samen aan de eettafel. In de houtoven knettert het. Het is lekker warm. Alexander zit aan de tafel naast zijn oma. Zijn moeder serveert koffie, gedroogde vijgen en bonbons. Dan komt ze erbij zitten.

    Archiko Gogochia is een man met een hoekig gezicht, een bromstem en een grote zonnebril die zijn ogen verbergt, want hij is al bijna twintig jaar blind. Zijn kleinzoon studeert politicologie in Tbilisi. Eigenlijk hebben opa en kleinzoon elkaar veel te vertellen. En in feite, vindt Alexander, zou de strijd die hij nu voert voor de Georgische onafhankelijkheid zijn opa bekend moeten voorkomen. Die vocht in het begin van de jaren negentig nog voor de territoriale eenheid van Georgië tegen het door Rusland gesteunde Abchazië, dat zich had afgescheiden.

    ‘De Europeanen willen ons voorschrijven waar we onze toiletten moeten bouwen en waar de varkensstal heen moet!’

    Hij was altijd politiek geïnteresseerd en had Alexander al vroeg duidelijk gemaakt wat de waarde van vrijheid is. Maar als zijn kleinzoon nu over politiek praat, verheft opa zijn stem: ‘De Europeanen willen ons voorschrijven waar we onze toiletten moeten bouwen en waar de varkensstal heen moet! Dat laten we niet over onze kant gaan!’ Zijn wijsvinger zwaait in de lucht.

    Georgische Droom

    Zijn kleinzoon schudt het hoofd. ‘De EU doet toch helemaal niets, opa!’ zegt hij. Het klinkt hulpeloos. Opa Archiko laat zich niet tegenhouden. ‘Ik heb in 1989 gedemonstreerd voor de onafhankelijkheid van Georgië van de Sovjet-Unie. Ik heb in 1993 voor Georgië een oorlog uitgevochten. En dat allemaal niet om nu onder de knoet van de EU te leven.’

    Bij de parlementsverkiezingen van 2024 stemde Archiko op Georgische Droom, de partij die de laatste jaren steeds pro-Russischer is geworden. En hoewel ongeveer 80 procent van de Georgiërs aansluiting bij de EU wil, hoewel toetreding tot de EU zelfs als doelstelling in de Georgische grondwet is verankerd, won die partij de verkiezingen. Hoe is dat te rijmen? En waarom kiest iemand als Archiko, die dertig jaar geleden tegen Rusland vocht, nu voor een pro-Russische partij?

    ‘De Europeanen willen dat wij Georgiërs een tweede front tegen Rusland beginnen,’ zegt hij. Zijn vrouw wil iets zeggen, maar hij praat door. ‘De Russen kunnen immers niet in twee landen tegelijk vechten. Dan wordt het voor Oekraïne makkelijker om zich te verdedigen. Maar wij willen geen oorlog!’ Alexander fronst. ‘Waar haal je dat vandaan, opa? Dat is toch waanzin!’ – ‘Nou, dat heb ik op tv gehoord,’ zegt hij, ‘op alle zenders.’

    Er zou een ‘globale oorlogspartij’ bestaan, en de EU zou in Georgië een marionettenregering willen installeren

    Wie wil begrijpen waarom regeringspartij Georgische Droom zo veel steun in het land krijgt, kan niet om de televisie heen. De oligarch Bidzina Ivanisjvili, een soort grijze eminentie in de regeringspartij, financiert de zenders die antiwesterse boodschappen uitzenden: er zou een ‘globale oorlogspartij’ bestaan, en de Europese Unie zou in Georgië een marionettenregering willen installeren.

    Maar waarom slaat die propaganda aan? Misschien omdat ze inspeelt op iets wat de meeste mensen in Georgië kennen: angst. Voor oorlog, voor vreemde machten, voor het verlies van eigen grondgebied. Ze vermengt het verleden met het heden, rijt oude wonden weer open – de Russische tanks, de gebombardeerde Georgische steden. Wie dat heeft meegemaakt, vergeet het niet meer. En in Georgië hebben velen dat meegemaakt: na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie verloor Georgië eerst Abchazië in een oorlog. In 2008 verloor het Zuid-Ossetië. Tegenwoordig wordt 20 procent van het Georgische grondgebied door Rusland bezet.

    Welbeschouwd zou de anti-Russische propaganda moeten floreren, maar de regeringspartij werpt zich in deze tijd op als garantie voor stabiliteit: alleen met haar zal het niet tot een oorlog met Rusland komen. Verleden jaar heeft Georgische Droom voor de parlementsverkiezingen in het hele land affiches laten ophangen waarop zwart-witbeelden te zien zijn van verwoeste Oekraïense steden, met daarnaast foto’s van Georgische dorpen en de slogan: ‘Met ons nooit meer oorlog’. Dat slaat aan, in een land dat meer dan eens een oorlog heeft meegemaakt.

    20 procent van het Georgische grondgebied is bezet

    Archiko leunt achterover, de handen op de knieën. ‘We hebben een eigen grondwet, eigen wetten en een zelfgekozen regering. We hebben goed opgeleide volksvertegenwoordigers – onze premier heeft in Duitsland rechten gestudeerd! De EU moet zich er niet mee bemoeien.’ De oude man vertolkt de angst voor een marionettenregering die op de Georgische tv wordt aangewakkerd. Want ook de kiezers van de pro-Russische regeringspartij willen een onafhankelijk Georgië.

    Alexander slaakt een diepe zucht. ‘Opa, kun je een voorbeeld noemen? Waar bemoeit de EU zich dan mee?’ ‘Nou, ze dringt ons haar lhbti-onzin op. Wij willen niet dat hier mannen met mannen en vrouwen met vrouwen…’ Hij maakt zijn zin niet af en voegt eraan toe: ‘Zoiets gaat hier niet gebeuren!’ Alexander zakt dieper weg in zijn stoel. Wat zijn opa zegt, bevalt hem duidelijk niet.

    ‘En bij de wet op buitenlandse agenten – daar steekt de EU ook haar neus in zaken die haar niet aangaan,’ zegt Archiko. Die ‘agentenwet’, die officieel de ‘Wet op transparantie van buitenlandse invloeden’ heet en in 2024 werd aangenomen, was voor Alexander een reden om voor het eerst de straat op te gaan tegen de regering. En het was de aanleiding voor de eerste ruzie met zijn opa over politiek. Het had hem diep geraakt, zegt Alexander, dat uitgerekend zijn opa – die in de zomer van 2023 al sterk beïnvloed was door de televisie – niet wilde erkennen dat het eigenlijke probleem een wet naar Russisch voorbeeld is, en niet inmenging van de EU.

    Strenge controle

    De wet verplicht organisaties en media die minstens 20 procent van hun middelen uit het buitenland krijgen om zich te registreren als ‘actief in opdracht van een buitenlandse macht’. Daardoor vallen ze onder strenge controle door de overheid. De wet dient om ongewenste stemmen van onafhankelijke media en organisaties te elimineren.

    En dat herinnert duidelijk aan de manier waarop Rusland ooit zijn autoritaire koers inzette

    De EU heeft de Georgische regering meerdere malen dringend verzocht de wet niet in te voeren. Toch werd hij aangenomen. ‘Maar je vindt wel dat de regering pro-Russisch is, opa?’ ‘Nee, hoezo? Die is pro-Europees! Rusland heeft onze gebieden bezet! Ik kan toch niet Russisch willen zijn!’ ‘Maar vind je niet dat de Russische en de Georgische regering op elkaar lijken? Bijvoorbeeld wat betreft die wet op buitenlandse agenten?’ vraagt Alexander. ‘Nee. Wij zijn een democratisch land, daarom willen we toch ook in de EU.’

    Ja? Wil je toch in de EU?’ ‘Natuurlijk,’ bromt opa, ‘maar niet in deze EU.’ Tien, vijftien jaar geleden was de EU nog democratisch, vindt Archiko. Zo stelt ook de Georgische regering het voor: ze is niet openlijk anti-Europees, de partij gebruikt zelfs EU-symbolen in de verkiezingsstrijd. Maar ze stelt de EU wel in een kwaad daglicht en beweert dat die is veranderd. Zo lukt het de regering om de spagaat uit te voeren: om enerzijds de tegenstanders van de EU aan te spreken, maar anderzijds de voorstanders niet te verliezen die al jaren op toetreding hopen. Want dat betekent voor hen: een rechtstaat, welvaart, investeringen. Maar vooral zien ze in de EU een bescherming tegen Rusland.

    ‘Neutraliteit zou nu beter zijn, zoals Zwitserland,’ vindt Archiko echter. Van de andere kant van de kamer roept oma: ‘Nee, wacht even! Wij willen toch in de EU?’ Zij heeft bij de verkiezingen niet op Georgische Droom gestemd. Alexander knikt naar haar. ‘Wij hebben Rusland als buur,’ zegt hij. ‘Opa, ik wil dat wij lid worden van de EU en de NAVO, zodat ik niet hoef mee te maken hoe mijn huis wordt verwoest – zoals papa dat vroeger in Abchazië moest aanzien.’ ‘Natuurlijk, we willen allemaal in vrede leven,’ zegt Archiko. ‘Poetin is een bezetter – niet alleen in Oekraïne, ook in Abchazië en Zuid-Ossetië. De NAVO zou Oekraïne meer wapens moeten leveren,’ vindt hij opeens – in de woonkamer heerst plotseling grote eenstemmigheid. Maar dan voegt hij eraan toe: ‘Zelensky heeft ook schuld aan de oorlog.’ Oma hapt naar adem. Opeens praat iedereen door elkaar. ‘Wat zeg je nu?’ windt Alexander zich op. ‘Hou je mond, jij weet niets!’ roept opa. ‘Poetin heeft toch gezegd dat hij niet zou aanvallen als Oekraïne geen lid wordt van de EU en van de NAVO?’

    ‘Ik moet bijna janken,’ fluistert Alexander. ‘Ik wist niet dat het zo erg was.’ Dan zegt hij hardop: ‘Opa, dat is toch inmenging in de binnenlandse aangelegenheden van Oekraïne. Dat land moet zelf kunnen beslissen welke bondgenoten het kiest. Net zoals wij dat ook zelf willen beslissen.’ Archiko brengt er niets tegenin. Misschien heeft hij Alexander gewoon niet gehoord. Misschien wil hij het niet horen. ‘Wij bemoeien ons niet met andermans zaken, en bij ons moeten ze dat ook niet doen,’ zegt opa Archiko nog eens. ‘Alle landen, groot of klein, moeten dezelfde rechten hebben.’ Hij wendt zich tot Alexander: ‘Ik vind het niet goed dat jij aan die protesten meedoet.’ Alexander spreekt hem tegen: ‘Ik protesteer tegen de pro-Russische koers van de regering, opa. Voor de onafhankelijkheid van Georgië, net als jij vroeger.’

    Politiek gevormd

    Het is avond. Iedereen gaat een luchtje scheppen. Alleen opa blijft op de bank zitten. Over de tuin hangt mist. Aan de kakibomen hangen glanzende vruchten als kleine lampions. Een poosje zwijgt iedereen. Dan vertelt Alexander dat het toch zijn opa was die hem politiek heeft gevormd, die vroeger met hem sprak over de geschiedenis van Georgië. Die hem tot degene heeft gemaakt die hij nu is.

    Alexanders oma knikt. Ze is zesenzeventig, twee jaar jonger dan haar man. Een hoofddoek hangt los over haar haren, haar huid is getekend door vele jaren zon. ‘Hij hoort te veel propaganda. Vroeger praatte hij niet zo. Ik ken hem haast niet terug,’ zegt ze. Al vijftig jaar zijn ze getrouwd. Hoe komt het dat de propaganda bij haar niet werkt? Ze haalt haar schouders op. ‘Ik zap altijd weg.’ Zij informeert zich op internet, ze leest bijvoorbeeld de Russischtalige BBC-website.

    Het wordt donker in Pachulani. Alexander gaat met zijn moeder naar de buren, zijn oom en tante, voor het avondeten. De tafel is overladen: maïspap met kaas, tomaten, ingelegde augurken, gebakken aubergine, kip. Tante haalt chatsjapoeri uit de oven, een traditioneel gerecht van deeg en kaas. Alexanders moeder heeft tot nog toe nauwelijks iets gezegd. Ze kromp alleen in elkaar toen haar vader over Zelensky’s schuld sprak. Nu kijkt ze haar zoon aan. ‘Wanneer hou je eindelijk eens op met je activisme? Het is gevaarlijk.’ Ze maakt zich zorgen om hem, want deelnemen aan de protesten is riskant: wie de straat voor het parlement ‘blokkeert’, moet intussen niet alleen rekening houden met hoge boetes, maar ook met straffen tot vijftien dagen hechtenis. Alexander is al twee keer tot 5000 lari veroordeeld, ongeveer 1600 euro. Betaald heeft hij nog niet – hij heeft dat geld niet.

    ‘We moeten vechten voor onze vrijheid. Ik kan niet gewoon thuis blijven zitten’

    Toch haalt hij nu zijn schouders op. ‘We moeten vechten voor onze vrijheid. Ik kan niet gewoon thuis blijven zitten.’ Hij schept zijn bord op en begint een gesprek met zijn oom. De blik van zijn moeder blijft lang op hem rusten. De laatste toost van de avond is op Oekraïne.

  • Negen presidenten in tien jaar. De politieke stoelendans van Peru

    Negen presidenten in tien jaar. De politieke stoelendans van Peru

    Om de week pluist de redactie van 360 een actuele gebeurtenis voor je uit aan de hand van de internationale pers. Deze week kijken we naar Peru, waar al tien jaar politieke onrust heerst. De laatste president, José Jerí, mocht na slechts vier maanden zijn spullen weer inpakken en dinsdag viel de regering van interim-president José María Balcázar. Wat is er aan de hand?

    Waarom werd José Jerí afgezet?

    ‘De Peruaanse president is vorige maand afgezet – alweer. Als je dit gemist hebt, komt dat doordat de gebeurtenis nauwelijks het nieuws haalde. Het is namelijk het negende staatshoofd dat ze er in tien jaar tijd doorheen hebben gejast’, schrijft Persuasion

    De afgezette president is maar vier maanden president geweest en werd al beschuldigd van corruptie. ‘Er kwamen ’s nachts jonge meisjes bij hem langs die vervolgens een baan bij de staat kregen’, schrijft El País. De druppel die de emmer deed overlopen, was een video waarin Jerí midden in de nacht, met een capuchon over zijn hoofd, een Chinese zakenman ontmoette in een restaurant. De zakenman zou kort  daarvoor een vergunning hebben gekregen voor de bouw van een waterkrachtcentrale. Volgens Jerí ging hun nachtelijke bijeenkomst over de voorbereiding van een Chinees-Peruaans vriendschapsfestival, maar het congres geloofde hem niet en stemde met 75 tegen 24 voor zijn afzetting. ‘Het presidentschap is veranderd in een krankzinnige stoelendans,’ aldus de Spaanse krant. ‘De politieke orde is grotendeels uitgehold, zoals José Jerí maar weer eens liet zien.’

    Rechtsgeleerde Francisco Guerrero spreekt van een ‘volledig ongrijpbaar, stroperig en veranderlijk’ systeem

    Jerí maakte plaats voor José María Balcázar, een drieëntachtigjarig lid van de linkse partij Perú Libre. Balcázar is een omstreden figuur vanwege zijn uitspraken ter verdediging van het huwelijk vanaf veertien jaar, en er lopen gerechtelijke onderzoeken naar vermeende verduistering, aldus El Universal. Ook zijn regering bleef niet lang overeind. Dinsdag kondigde premier Denise Miralles haar vertrek aan, wat meteen de val van de gehele regering betekende, nog geen maand nadat Balcázar haar had benoemd. Een officiële reden werd niet gegeven, aldus La República

    Vanwege een speciale wet kan het Peruaanse congres een president afzetten wegens ‘permanente morele onbekwaamheid’. Rechtsgeleerde Francisco Guerrero, geciteerd door Persuasion, omschrijft het systeem als ‘volledig ongrijpbaar, stroperig en veranderlijk’. In de praktijk heeft deze wet het presidentiële stelsel veranderd in een parlementair systeem, ‘waarbij het aanblijven van het staatshoofd minder afhangt van het mandaat van het volk dan van zijn vermogen om te overleven in een versnipperd congres,’ legt El Universal uit.

    Wie zijn de belangrijkste kandidaten voor de verkiezingen in april?

    Op 12 april mogen de Peruanen opnieuw naar de stembus. Aan deze verkiezingen doen maar liefst zesendertig presidentskandidaten mee. Volgens El Universal is dat veelzeggend voor de extreme politieke fragmentatie in het land. In de peilingen van Ipsos gaat Rafael López Aliaga aan kop met 12 procent, gevolgd door Keiko Fujimori met 8 procent, terwijl de meeste kandidaten niet meer dan 4 procent halen en 42 procent van de kiezers nog twijfelt of ze blanco of ongeldig willen stemmen.

    Keiko Fujimori, de dochter van voormalig president Alberto Fujimori, leidt sinds 2010 het politieke blok van haar vader, die in 2024 overleed. Fujimori stelde zich kandidaat voor het presidentschap in 2011, 2016 en 2021, maar verloor telkens nipt in de tweede ronde. Volgens Americas Quarterly is zij als leider van de conservatieve partij Fuerza Popular uitgegroeid tot een machtige politieke speler. Fujimori heeft beloofd troepen, militaire inlichtingendiensten en andere gewapende eenheden in te zetten om straatgeweld en georganiseerde misdaad te bestrijden. Ze heeft ook verklaard dat ze het leger tijdelijk de leiding zou geven over het gevangeniswezen, om dit grondig te kunnen hervormen. 

    Het aantal moorden in het land is sinds 2019 verdubbeld

    Rafael López Aliaga, een spoorweg- en luxehotelmagnaat, stelde zich in 2021 kandidaat voor het presidentschap, eindigde als derde en miste op een haar na de tweede ronde. Het jaar daarop werd hij met een meerderheid van 26,4 procent van de stemmen verkozen tot burgemeester van Lima, een stad met meer dan 10 miljoen inwoners. Hij bekleedde deze functie van januari 2023 tot oktober vorig jaar, toen hij ontslag nam om zich kandidaat te stellen voor het presidentschap in deze verkiezingen. Als lid van de conservatieve katholieke organisatie Opus Dei trekt hij volgens Americas Quarterly voortdurend de aandacht van de media met brutale, strijdlustige rechts-populistische retoriek. Hij heeft beloofd de bureaucratie te verminderen, de meeste ministeries op te heffen en de koers van de Amerikaanse president Donald Trump en de Argentijnse president Javier Milei te volgen. 

    In welke staat verkeert Peru?

    De grootste zorg van de kiezers is de toename van gewelddadige criminaliteit. Het aantal moorden in het land is sinds 2019 verdubbeld, en ook afpersing en andere bende-gerelateerde misdrijven komen steeds vaker voor, aldus Americas Quarterly.

    In het najaar van 2025 braken er grote demonstraties uit onder leiding van generatie Z als gevolg van de onveilige omstandigheden van het land, alsook woede over de ‘maffia’ aan de macht, schrijft Le Monde. De jongeren beschuldigden de parlementsleden ervan hun eigen belangen boven die van de Peruanen te stellen. Het Zuid-Amerikaanse land staat op de corruptie-index van Transparency International op plek 127 van de 180 landen.

    ‘De verkiezingen leveren niet de steun of sociale cohesie op die nodig is om goed te kunnen regeren’

    Het opvallende aan Peru is dat de politieke onrust de economie niet heeft belemmerd. Het bbp groeide tot 2025 met ongeveer 3,4 procent, en het aandeel van de bevolking dat van minder dan 8,30 dollar per dag leeft, is sinds 2001 gehalveerd. Volgens Persuasion komt dit door de beperkte macht van de president. Het macro-economische kader van Peru – de centrale bank, de begrotingsregels en de bescherming van investeringen – wordt beheerd door technocraten die op hun positie blijven zitten, ook als de president wordt afgezet. ‘Politieke eigenaardigheden blijken perfect verenigbaar met fiscale orthodoxie, en dat is ook buitenlandse investeerders niet ontgaan.’

    Maar volgens El Universal is het de vraag hoe lang dit stand zal houden en waar het uiteindelijk toe zou kunnen leiden. ‘Hoeveel misstappen kan Peru zich nog veroorloven voordat de economie niet sterk genoeg meer is om een steeds instabielere democratie overeind te houden?’

    De Peruaanse krant Diario El Comercio schetst een somber vooruitzicht. Geen enkele kandidaat lijkt een meerderheid te kunnen behalen in het tweekamerstelsel. ‘Er komt wel een winnaar, maar de verkiezingen leveren niet de steun of sociale cohesie op die nodig is om goed te kunnen regeren.’

    Het staatshoofd zal daardoor een zwakke positie hebben en binnen de kortste keren weer vervangen kunnen worden. ‘De politiek wordt een soap zonder plot, waarin personages komen en gaan zonder dat het verhaal vooruitkomt. En de burgers? Die leren keer op keer dat hun stem geen stabiliteit brengt in Peru.’

  • Bulgarije: president Radev kondigt zijn aftreden aan

    Bulgarije: president Radev kondigt zijn aftreden aan

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Chili: minstens achttien mensen omgekomen bij bosbranden

    » Weerdiensten waarschuwen: grote zonnestorm op komst

    Hij lijkt sterk van plan een eigen partij op te richten

    In een televisietoespraak op maandag liet Rumen Radev ‘sterk doorschemeren dat hij mogelijk een eigen partij zou oprichten’, slechts enkele maanden voor de vervroegde parlementsverkiezingen die in het voorjaar gepland staan, aldus Balkan Insight. ‘De strijd om de toekomst van het vaderland wacht ons. En ik geloof dat ik die samen met jullie allen zal voeren (…) We zullen slagen’, benadrukte de partijloze president, die wordt gesteund door pro-Russische socialisten.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    ‘Voor veel Bulgaren was hij het enige stabiele politieke anker te midden van een onafgebroken reeks regeringen’, merkt Politico Europe op. Sinds de opstand van een deel van de bevolking tegen corruptie is dit Balkanland in politieke instabiliteit terechtgekomen. Medio december 2025 trad de coalitieregering onder leiding van de conservatieve GERB-partij af na anticorruptieprotesten die door Radev werden gesteund.

  • Steeds weer onderschatten we de veerkracht van een open samenleving

    Steeds weer onderschatten we de veerkracht van een open samenleving

    Van links tot rechts groeit de overtuiging dat pluralisme tot verdeeldheid leidt, dat de rechtsstaat de overheid in de weg zit en dat de wispelturigheid van de kiezer echte verandering onmogelijk maakt. Maar Ben Connelly betoogt dat deze schijnbare zwakheden juist de kracht zijn van open samenlevingen.

    Zowel bij nieuw rechts als in het kamp van klimaatlinks heerst momenteel de opvatting dat juist de kwaliteiten waarop Amerika zich vroeger liet voorstaan, het land in feite verzwakken. Pluralisme, zo hoor je vaak, leidt tot een verdeelde en onbestuurbare samenleving. De regels van de rechtsstaat zitten de overheid in de weg bij de aanpak van grote problemen. En door de wispelturigheid van de kiezer moeten politici vaak alweer weg voordat ze de kans hebben gehad blijvende verandering door te voeren. Sommige populisten voor wie een zwakke staat een groter schrikbeeld is dan een totalitaire staat, zouden de diversiteit van onze samenleving graag verruilen voor volstrekte eendracht. Onder milieuactivisten neigt men tot de gedachte dat de omvang van de klimaatcrisis geen ruimte meer laat voor de keuzevrijheid van de democratische rechtsstaat.

    Maar al deze critici zien kracht voor zwakheid aan. Vooral bij nieuw rechts zien velen het verschil niet tussen krachtpatserij en echte kracht. Ze denken dat onze vijanden ons voorbij dreigen te streven, dat Rusland en China de toekomst hebben en dat Amerika en het hele Westen onherroepelijk in verval zijn. Maar echte kracht is vaak meer een kwestie van flexibiliteit dan van eenvormigheid. Een open samenleving is meestal buigzamer dan een gesloten samenleving. In een tijd waarin de lokroep van de gesloten samenleving onverbiddelijk aanzwelt, moeten we niet vergeten dat we dit scenario in de loop van de twintigste eeuw al zo vaak hebben zien aflopen met de ondergang van gesloten samenlevingen, of die nu fascistisch of communistisch waren. Het is goed om in deze tijd voor ogen te houden hoe robuust open samenlevingen in feite zijn, en waarom er zo’n hardnekkige neiging bestaat om hun veerkracht te onderschatten.

    De muis en de olifant

    Nassim Nicholas Taleb, de derivatenhandelaar die ook filosoof is en boeken schrijft over onzekerheid, geeft het voorbeeld van de muis en de olifant. De olifant is veel en veel groter. Maar als een olifant van tweemaal zijn eigen hoogte valt, breekt hij alle botten in zijn lijf. Een muis kan van tien keer zijn eigen hoogte vallen en daarna doodleuk wegrennen. Omdat onze soort geëvolueerd is in een omgeving waarin grootte gelijkstond aan kracht, hebben we de neiging een autoritair regime dat zich grootmaakt ook sterk te wanen. We beseffen niet hoe broos de botten van de olifant zijn. Taleb betoogt dat ons gezond verstand (het primitieve deel van onze hersenen) ons vaak in de weg zit in de uiterst complexe omgevingen waarin we nu leven. Dat we behoefte hebben aan een andere manier van denken, die meer uitgaat van redundantie, risicospreiding, openheid en misschien nog het voornaamst van al: een diepe laag nederigheid.

    En het is inderdaad opvallend dat telkens opnieuw dezelfde denkfout wordt gemaakt. In de twintigste eeuw waren er altijd wel vooraanstaande commentatoren die verkondigden dat de vrije wereld in verval was en autocratie de toekomst had. Zij bleken het telkens bij het verkeerde eind te hebben, en toch blijft die oude voorspelling de kop opsteken. In de Koude Oorlog dachten veel anticommunisten dat ze een verloren strijd voerden. Op links dachten veel mensen dat de Sovjet-Unie te werk ging met een overtuiging en doelmatigheid die het Westen nooit kon evenaren. In de jaren en twintig en dertig werd zowel het communisme als het fascisme door Amerikaanse journalisten en wetenschappers op gejuich onthaald. Zoals in de befaamde uitspraak van de grote onderzoeksjournalist Lincoln Steffens na zijn bezoek aan de Sovjet-Unie: ‘Ik ben naar de toekomst geweest, en die werkt.’ Hij zei ook dat God ‘Mussolini uit de rib van Italië geschapen’ had. Vooral Mussolini was geliefd bij Amerikaanse intellectuelen, van de rector magnificus van Columbia University tot journalisten als Ida Tarbell en Anne O’Hare McCormick.

    Zelfs tegenstanders van totalitarisme waren bang dat die staatsvorm toch onvermijdelijk was

    Zelfs tegenstanders van totalitarisme waren bang dat die staatsvorm toch onvermijdelijk was. Iets van die fascinatie met autocratisch machtsvertoon zie je ook in James Burnhams boek The Managerial Revolution (1941), dat in sommige rechtse kringen nu weer populariteit geniet. Burnham dacht dat het kapitalisme zou plaatsmaken voor een nieuwe ‘managersklasse’, die een geleide economie zou opleggen. Elders in zijn werk stelde hij het ‘fanatisme’ van de nazi’s tegenover de veronderstelde ‘apathie’ van Frankrijk en Groot-Brittannië. Uit al zijn werk spreekt de vrees dat vrije samenlevingen te zwak zijn om zich tegen een sluipend despotisme te verzetten.

    Maar Burnhams betoog werd eigenlijk al grotendeels ontkracht door de gebeurtenissen in zijn eigen tijd, zoals George Orwell in 1946 opmerkte in zijn essay ‘Bedenkingen bij James Burnham’. Hij schreef:

    Overdreven ontzag voor macht vertroebelt de politieke blik, omdat het bijna onvermijdelijk uitloopt op de overtuiging dat de huidige trends zich onveranderd zullen voortzetten. (…) Dat moet wel tot verkeerde voorspellingen leiden, want zelfs al wordt de richting van de ontwikkelingen juist ingeschat, het tempo zal verkeerd worden ingeschat. Binnen vijf jaar tijd voorspelde Burnham zowel dat Duitsland door Rusland zou worden bedwongen als het omgekeerde. In beide gevallen volgde hij hetzelfde instinct: het instinct om te buigen voor de overwinnaar van het moment, om de huidige trend als onomkeerbaar te beschouwen.

    Uitgeteld

    Wat Orwell bij Burnham constateert, zie je tegenwoordig terug bij schrijvers die betogen dat Amerika is uitgeteld en dat er een vorm van ‘postliberalisme’ nodig is om onze verkalkte cultuur nieuw leven in te blazen. Denkers zoals Burnham zagen de trend van het moment – zwakke democratieën, de schijnbaar niet te stuiten opkomst van totalitaire staten – en gingen ervan uit dat aan die trend nooit meer een einde zou komen. Tekenen van verdeeldheid en balkanisering zijn voor de hedendaagse tegenhangers van Burnham in Amerika niet moeilijk te vinden. Alleen trappen ze in dezelfde valkuil als hij door er klakkeloos van uit te gaan dat die trends zich in een rechte lijn zullen doorzetten en onze ondergang moeten inluiden.

    Maar zo werkt de geschiedenis niet. Crises zijn meestal onvoorzien, evenals de oplossing ervan. In een levendige en dynamische samenleving als de onze, waarin plaats is voor een breed scala aan verschillende instituties, is er ook meer kans dan in een centraal geleide samenleving dat de elementen al voorhanden zijn om een crisis te weerstaan en er zelfs sterker uit te komen.

    In zijn boek Antifragiel: dingen die baat hebben bij wanorde (2012) probeerde Taleb deze schijnbare paradox te verklaren vanuit het verschil tussen de relatief eenvoudige omgevingen waarin het ‘gezond verstand’ van de mens is ontstaan en de veel complexere omgevingen waarin we tegenwoordig leven: omgevingen waarin de kans op ‘zwarte zwanen’ steeds groter wordt en waarin je systemen nodig hebt die ‘antifragiel’ zijn. Een perfect voorbeeld van het tekortschieten van gezond-verstandoplossingen is ‘het stelselmatig voorkomen van bosbranden “voor de veiligheid”, wat de grote bosbranden juist veel erger maakt’.

    De spreiding van macht en de vrijheid om te innoveren zijn eigenschappen die een samenleving bestand maken tegen schokken

    Zo is ons beleid vaak in de greep van een achterhaald soort gezond verstand dat onze samenleving veel kwetsbaarder maakt. We denken dat we de economie beschermen door de staat er meer macht over te geven, maar in feite werpen we zo alleen maar belemmeringen op voor het aanpassen van die economie wanneer interne of externe schokken dat vereisen. We denken dat het onze samenleving sterker maakt om verstrekkende bevoegdheden bij één instantie te concentreren – terwijl je dat in een hypercomplexe omgeving nu juist niet moet doen. We hopen dat we de uitdagingen van de komende eeuw het hoofd kunnen bieden door ons overheidsapparaat uit te breiden. Maar hoe meer we onze economie in banen willen leiden, vooral van bovenaf, hoe meer we die economie juist verzwakken en voor mislukking rijp maken. Taleb gaf in 2007 een eerste schets van zijn denkbeelden in het boek De zwarte zwaan, dat achteraf een van de beste verklaringen lijkt te bieden voor de financiële crisis die een jaar later uitbrak: hij wees op de beperkingen van het ‘optimaliseringsdenken’ en de onvermijdelijkheid van allesbepalende ‘zwarte zwaan’-gebeurtenissen.

    De remedie is volgens Taleb om af te stappen van ons gezond verstand-denken en de primitieve behoefte alles in de hand te houden, en om te leren enige mate van willekeur en onvoorspelbaarheid te accepteren. De vrije markt, tegenpool van een geleide economie, is niet alleen beweeglijker en flexibeler en daardoor beter in staat om schokken op te vangen, maar vermijdt ook de versterkende effecten die in strak gereguleerde markten schering en inslag zijn en die een kleine crisis kunnen aanwakkeren tot een systeemcrisis. Redundantie, de spreiding van macht en de vrijheid om te innoveren zijn eigenschappen die een samenleving bestand maken tegen schokken waar een geharnast en met dwang geleid systeem aan ten onder gaat.

    Een decentrale machtsverdeling

    Je ziet ook iets van die dynamiek in de onvrede over de Amerikaanse grondwet die momenteel om zich heen grijpt. Die grondwet heeft inderdaad veel weg van een niet helemaal geoptimaliseerd managementsysteem. Zowel linkse als rechtse denkers betogen dat hij niet berekend is op de uitdagingen van de eenentwintigste eeuw. Maar met behulp van Talebs inzichten kunnen we constateren dat dit een misvatting is die de essentiële kracht van die grondwet onderschat. Onze grondwet tuigt een federaal stelsel op met overlappende bevoegdheden, met als hoogste macht een landsregering die bevoegdheden moet delen met afzonderlijke regeringen van deelstaten die voor hun mandaat niet van die landsregering afhankelijk zijn. Het is juist deze decentrale machtsverdeling (die lijkt op de federale structuur van de Zwitserse kantons, zoal Taleb schrijft) die de Amerikaanse samenleving behoedt voor de snelle regimewisselingen die we tegenwoordig op verscheidene plaatsen in de wereld zien. Of zoals James Madison in het tiende essay van de Federalist Papers schreef: ‘onbehoorlijke of kwaadwillende plannen zullen niet zo snel het hele staatsbestel van de Unie in hun greep krijgen, hooguit één afzonderlijk onderdeel daarvan; net zoals een ziekte eerder een specifiek district zal treffen dan een hele staat’.

    De grondleggers van de Verenigde Staten kenden het werk van zowel de klassieke als de verlichtingsfilosofen. Maar ze hadden zich ook verdiept in de geschiedenis van republikeinse regeringsvormen en de oorzaken waardoor die waren mislukt, om te weten hoe ze zo’n mislukking konden voorkomen. Het resulteerde in de oudste grondwet ter wereld die nog steeds van kracht is.

    Onze grondwet is een schoolvoorbeeld van een antifragiel systeem

    Taleb wijst op het ‘Lindy-effect’: hoe langer een technologie bestaat, hoe meer kans die maakt om ook in de toekomst overeind te blijven, en hoe nieuwer een technologie is, hoe sneller die achterhaald zal raken. Dat onze grondwet het zo lang heeft uitgehouden, zegt iets over de duurzaamheid ervan. Maar die duurzaamheid is meer dan toeval. Door zijn opzet is deze grondwet robuuster en beter bestand tegen schokken dan de meeste andere grondwetten. Het is een schoolvoorbeeld van een antifragiel systeem, een structuur met ingebakken redundanties en schijnbare ondoelmatigheden. En juist de kenmerken die vaak tot onvrede leiden en niet helemaal ‘geoptimaliseerd’ zijn, maken deze grondwet zo schokbestendig.

    Dat de macht gedecentraliseerd is bijvoorbeeld. En dat verandering langzaam gaat. En dat er vaak verkiezingen zijn, zodat coalities zelden lang genoeg aan de macht zijn om het land volledig hun wil op te leggen, tenzij zo’n regering werkelijk vertolkt wat een stabiele meerderheid van de bevolking in een meerderheid van de staten wil. Een autocratische leider kan simpelweg per decreet afkondigen welke richting een land moet inslaan, maar in een samenleving als de onze moet zo’n besluit door een duurzame meerderheid worden gedragen. Als onze maatschappij een nieuwe richting inslaat, moet dat dus wel een diepere en bredere (en daardoor reëlere) ontwikkeling zijn dan in een van bovenaf geleide samenleving waarin kortstondig spierballenvertoon de plaats inneemt van daadwerkelijke verandering in de samenleving zelf.

    Buigzaam

    Aan die schokbestendigheid van onze grondwet kunnen we een voorbeeld nemen bij de uitdagingen die ons in de komende decennia wachten. Omdat de toekomst niet te voorspellen valt, zo stelt Taleb, kunnen we ons niet op schokken voorbereiden. Het beste wat we daarom kunnen doen, is ervoor zorgen dat onze systemen redundant en buigzaam genoeg zijn om schokken te kunnen opvangen.

    De critici van de vrije samenleving hebben gelijk als ze zeggen dat zo’n samenleving alle kanten tegelijk op wordt getrokken door vakbonden, het bedrijfsleven, de kerken, maatschappelijke organisaties, universiteiten, non-profitorganisaties en duizenden andere instellingen. Ze hebben gelijk als ze zeggen dat autocratische samenlevingen een vorm van eendracht aan de dag leggen waaraan het ons ontbreekt, of ze nu doelen op het Rusland van Poetin of het Italië van Mussolini. Maar ze zitten ernaast als ze denken dat verscheidenheid de vrije samenleving zwakker maakt, of dat eenvormigheid een gesloten samenleving sterker maakt. Het zijn juist de vrije samenlevingen die beter zijn toegerust om in een onzekere toekomst te overleven en zelfs te gedijen, en de gesloten samenlevingen die hun zwakte verhullen.

    Dat wil niet zeggen dat vrije samenlevingen altijd van gesloten samenlevingen zullen winnen, of dat de historische ontwikkeling altijd in de richting van meer vrijheid gaat. Mensen zullen waarschijnlijk dezelfde fouten blijven maken die we in de loop van de geschiedenis altijd hebben gemaakt. Maar aan iedereen die in naam van de kracht nu onze vrijheid wil afdanken: laat je niet verblinden door de illusie van macht.

  • Wat staat er op het spel in de Noorse verkiezingen?

    Wat staat er op het spel in de Noorse verkiezingen?

    Elke week pluist de redactie van 360 een actuele gebeurtenis voor je uit aan de hand van de internationale pers. Deze week bespreken we de verkiezingen in Noorwegen, waar ze op 7 en 8 september een nieuwe regering zullen kiezen. Wie zijn de kanshebbers en wat zijn de belangrijke thema’s?

    In welke context vinden de verkiezingen plaats?

    Sinds 2021 wordt Noorwegen geregeerd door een sociaaldemocratische minderheidsregering van de Arbeiderspartij (Arbeiderpartiet) onder leiding van premier Jonas Gahr Støre. In februari van dit jaar viel het kabinet toen de Centrumpartij (Senterpartiet) de coalitie verliet wegens een geschil over de implementatie van EER-richtlijnen over het energiebeleid. Hoewel Noorwegen geen lid is van de Europese Unie, maakt het namelijk wel deel uit van de Europese Economische Ruimte. De regering was in de aanloop naar de val al zeer impopulair. Een peiling van de Noorse omroep NRK in december plaatste de Arbeiderspartij op slechts 16,8 procent in de peilingen.

    Sinds het vertrek van de Centrumpartij regeert de Arbeiderspartij alleen, ondanks dat ze slechts 28,4 procent van de parlementszetels in handen heeft. Omdat Noorwegen een parlement met een vaste zittingsduur heeft, konden er geen vervroegde verkiezingen worden uitgeschreven. Partijleider Støre probeert bij de komende verkiezingen zijn ambtstermijn te verlengen.

    Het Noorse parlement, de Storting, bestaat uit 169 wetgevers die gekozen worden uit 19 districten voor een termijn van vier jaar, legt persbureau Reuters uit. Er geldt een kiesdrempel van 4 procent, wat in de praktijk een meerpartijenstelsel betekent waarin kleinere partijen samenwerken. Het centrumlinkse blok bestaat uit de Arbeiderspartij, de Linkse Partij, de Groenen en de Rode Partij. Het rechtse blok omvat de Conservatieven, de Liberale Partij, de Christendemocraten en de Vooruitgangspartij. Daartussenin bevindt zich de Centrumpartij, die de afgelopen 25 jaar coalities heeft gevormd met links. Peilingen voorspellen een spannende strijd tussen de twee blokken, aldus Politico.

    ANP 526426440 1
    Minister van Energie Terje Aasland (Ap) tijdens een debat in de Storting, het Noorse parlement. – © Fredrik Varfjell / NTB

    Volgens Der Standard zouden de verkiezingen mogelijk een historisch jonge Storting opleveren met een gemiddelde leeftijd van onder de 45 jaar. Dit zou Noorwegen een van de jongste parlementen ter wereld opleveren.

    Wie zitten er in de race?

    De Arbeiderspartij staat bovenaan in de peilingen op 28 procent. Dat is enigszins verrassend omdat Støre helemaal niet zo populair was afgelopen jaren. De voornaamste reden hiervoor lijkt de invloed van Jens Stoltenberg. Nadat het vorige kabinet in februari viel, kwamen er nieuwe ministerposten vrij. Jens Stoltenberg, de voormalige secretaris-generaal van de NAVO die eerder al twee keer premier was geweest, werd benoemd tot nieuwe minister van Financiën. ‘De Jens-factor heeft ertoe bijgedragen dat de Arbeiderspartij opnieuw is uitgegroeid tot de populairste partij. Jonas Gahr Støre voorkwam een interne opstand en de partij kon na het vertrek van de Centrumpartij ook meer zijn eigen lijn trekken’, schrijft het Zweedse dablad Svenska Dagebladet. Elisabeth Ivarsflaten, hoogleraar politieke wetenschappen aan de Universiteit van Bergen, legt uit dat Jens Stoltenberg werd gezien als ‘een soort redder die orde op zaken kwam stellen in Noorwegen – en dat met groot succes’, wat een impuls gaf aan links.

    ‘Het is niet overdreven om te stellen dat deze regering en haar premier buitengewoon impopulair waren,’ vertelt politicoloog en verkiezingsonderzoeker Johannes Bergh aan Süddeutsche Zeitung. ‘Velen vonden dat hij geen uitstraling had. Dezelfde mensen vinden deze ietwat academische stijl plotseling prettig en betrouwbaar,’ aldus Bergh. Echter is Støre nog altijd afhankelijk van andere linkse partijen om te kunnen regeren.

    Op de tweede plek in de peilingen staat de Vooruitgangspartij (FrP) met 20 procent. Dat zou een verdubbeling betekenen ten opzichte van de vorige verkiezingen. De partij heeft een rechts-populistisch profiel en is kritisch op immigratie en belastingverhoging. Dit maakt haar de meest ‘rechtse’ partij in het Noorse partijenspectrum, zonder echter buitengesloten of geïsoleerd te worden door andere partijen zoals in het geval van de Duitse AfD, analyseert Apollo News. Van 2013 tot 2020 maakte de Vooruitgangspartij al deel uit van de Noorse regering onder leiding van de Conservatieve Partij, maar ze verliet de coalitie, deels naar aanleiding van de repatriëring van een moeder met vermoedelijke banden met ISIS uit Syrië. 

    De partij wordt geleid door de 47-jarige voormalig lerares Sylvi Listhaug. Ze bekleedde diverse ministersposten tijdens de laatste regeringsdeelname van de Vooruitgangspartij.

    ANP 517361279 2
    De Noorse premier Jonas Gahr Støre (Ap) en partijleider Sylvi Listhaug (Frp). – © Carina Johansen / NTB

    Op de derde plek staat de Conservatieve Partij (Høyre, letterlijk vertaald naar ‘rechts’) met 15 procent. Het lijkt erop dat de partij de grote verliezer van deze verkiezingen wordt. De publieke steun voor de voormalige 30-procentpartij is gehalveerd. Volgens Svenska Dagebladet heeft de partij veel stemmen verloren aan de FrP. 

    De leider van de partij is Erna Solberg. Ze was van 2013 tot 2021 premier. ‘Solbergs ster is vervaagd, ondanks een uitstekende prestatie in de debatten en publiciteitsstunts op TikTok’, schrijft het Zweedse dagblad.

    Wat zijn de belangrijkste thema’s?

    De verkiezingen in Noorwegen spelen zich af tegen een achtergrond van mondiale vraagstukken, zoals het presidentschap van Trump, nepnieuws en klimaatverandering. Toch lijken deze grote thema’s nauwelijks door te klinken in de campagne, analyseert Süddeutsche Zeitung. In werkelijkheid gaat de aandacht van de partijen en de kiezers vooral uit naar binnenlandse onderwerpen: werkgelegenheid, gezondheidszorg en de vraag of de vermogensbelasting verlaagd of zelfs helemaal afgeschaft moet worden. 

    Hoewel Noorwegen internationaal vaak wordt geprezen om zijn waterkracht en hoge aantal elektrische auto’s, blijft de kern van de welvaart de export van olie en gas. ‘Het klimaatbeleid speelt een nauwelijks merkbare rol in deze verkiezingscampagne, ondanks de temperaturen die op sommige plekken in juli boven de 30 graden Celsius uitkwamen. Het feit dat hun hele welvaart gebaseerd is op de export van klimaatschadelijke olie en gas, wordt tijdens de verkiezingscampagne systematisch genegeerd,’ laakt het Duitse dagblad. 

    ‘Dat de verkiezingscampagne zo opvallend kalm lijkt, komt ook doordat sommige belangrijke kwesties onbetwist blijven’, legt Süddeutsche Zeitung verder uit. Het doelt hiermee onder andere op de Oekraïne-kwestie. Alle 169 parlementariërs stemden onlangs in met een pakket van 85 miljard Noorse kronen (7,2 miljard euro) steun. Premier Støre kondigde bovendien tijdens een bezoek aan Kyiv aan dat Noorwegen ook in 2026 hetzelfde bedrag aan steun voor Oekraïne zal uitgeven. Daarmee lijkt de regering tegemoet te komen aan kritiek van onder meer Denemarken, dat Noorwegen beschuldigde van buitensporige winsten op olie en gas zonder evenredige steun te bieden.

    Wat de kiezers wél bezighoudt, zijn de stijgende prijzen en inkomensverschillen. Uit een peiling van Respons Analyse voor Aftenposten blijkt dat ongelijkheid inmiddels de belangrijkste zorg van de bevolking is, nog voor defensie en nationale veiligheid. Vooral de inflatie – voedselprijzen stegen het afgelopen jaar met 5,9 procent – drukt zwaar op huishoudens, aldus Reuters.

    Daarbij speelt de vraag hoe het belastingstelsel moet worden ingericht. De Arbeiderspartij wil de huidige belastingdruk grotendeels behouden, terwijl linkse bondgenoten pleiten voor hogere tarieven voor de rijksten om gezinnen met lage inkomens te ontlasten. De rechterflank – de Conservatieven en de Vooruitgangspartij (FrP) – wil juist forse belastingverlagingen. ‘Belastingheffing is een van de grote twistpunten tussen links en rechts,’ zei Solberg er eerder over, geciteerd door Financial Times. Het blad voegt eraan toe dat honderden rijke Noren de afgelopen jaren naar Zwitserland zijn verhuisd om aan de hoge belastingtarieven te ontkomen. 

    ANP 534091134 1
    De Oekraïense president Volodymyr Zelensky en de Noorse premier Jonas Gahr Støre arriveren voor een persconferentie na hun overleg in het Mariinsky-paleis in Kyiv op 25 augustus 2025. – © Genya Savilov / AFP

    Toch verdedigt de huidige regering de vermogensbelasting. Zij wijst erop dat een afschaffing ertoe zou leiden dat sommige van de rijkste Noren helemaal geen belasting meer betalen. Uit gegevens over 2023 blijkt dat drie van de tien grootste belastingbetalers in Noorwegen geen enkel inkomen hadden, maar enkel via de vermogensheffing bijdroegen, aldus Financial Times.

    Een ander centraal thema is het Noorse staatsfonds van ruim 2 biljoen dollar, opgebouwd uit olie-inkomsten. Dat fonds maakt hoge publieke uitgaven mogelijk, maar roept ook discussie op over de besteding ervan. Zo ontstond aan het begin van de campagne een fel debat over investeringen in Israël. De Linkse partij eist dat de Arbeiderspartij zich terugtrekt uit bedrijven die betrokken zijn bij ‘Israëls illegale oorlogvoering in Gaza’, maar de Arbeiderspartij wees dat volgens Reuters af. Volgens Al Jazeera heeft het grootste staatsinvesteringsfonds ter wereld inmiddels zijn aandelen in 11 van de 61 Israëlische bedrijven verkocht.

    Mondiale thema’s als klimaat en oorlog zijn aanwezig in de Noorse verkiezingen, maar lijken niet doorslaggevend. Wat de stemming uiteindelijk zal bepalen zijn de portemonnee en de verdeling van welvaart.

    Hoewel de officiële uitslagen nog even op zich laten wachten, hebben de schoolverkiezingen al een duidelijke winnaar aangewezen. Bij elke verkiezing gaan leerlingen van middelbare scholen in het land naar de stembus om hun stem uit te brengen. Daar won de Vooruitgangspartij met 26 procent. De Conservatieve partij werd tweede met 19,7 procent. ‘Als dit de verkiezingsuitslag was geweest, hadden de Vooruitgangspartij en de Conservatieve Partij zelfstandig een meerderheid behaald’, concludeert de Noorse krant VG.

  • De democratie zit in een neerwaartse spiraal, maar is nog niet verloren

    De democratie zit in een neerwaartse spiraal, maar is nog niet verloren

    Volgens politiek wetenschapper Cas Mudde is de rechts-extremis­tische golf geen politieke omwenteling, maar het resultaat van een transformatie die al aan het begin van deze eeuw is ingezet.

    ‘We hebben grootse plannen voor de ­toekomst!’ twitterde de Hongaarse premier Viktor Orbán na zijn eerste telefoontje met Donald Trump, enkele uren nadat die tot winnaar van de Amerikaanse presidentsverkiezingen was uitgeroepen. In andere landen, van Argentinië en Israël tot het het Verenigd Koninkrijk, waren radicaal-rechtse politici al even opgetogen. Maar eigenlijk waren leiders van alle politieke kleuren er als de kippen bij om Trump te feliciteren en de nauwe banden van hun land met de Amerikanen te benadrukken. ‘Als zeer hechte bondgenoten staan we schouder aan schouder voor de verdediging van onze gedeelde waarden van vrijheid, democratie en ondernemingsgeest,’ zei de Britse premier Keir Starmer.

    Het is duidelijk dat 2024 een goed jaar was voor ­radicaal-rechts, een heel slecht jaar voor zittende regeringen en wereldwijd een zorgelijk jaar voor de democratie. Hoe dat komt is even simpel als bedroevend: er is al lange tijd een proces gaande waarin radicaal-rechts steeds breder wordt geaccepteerd en genormaliseerd. Wat er het afgelopen jaar is gebeurd was geen politieke omwenteling, maar het resultaat van de politieke transformatie die al aan het begin van deze eeuw is ingezet.

    Er bestaan veel verschillende opvattingen over het onderscheid tussen links en rechts, maar ik definieer rechtse ideologieën als het gedachtegoed waarin maatschappelijke ongelijkheid goed en natuurlijk is en staten niet moeten proberen een egalitairdere samenleving te scheppen. Binnen deze brede groep ondersteunt centrumrechts de kerninstituties en de waarden van de liberale democratie. Uiterst rechts doet dat niet; het wezen daarvan zijn nativisme, een xenofobe vorm van nationalisme, en autoritarisme, een fundamenteel geloof in orde en gezag. 

    Binnen uiterst rechts verwerpt extreemrechts de democratie, het idee dat mensen bij meerderheid hun eigen leiders kiezen (denk aan het fascisme uit het verleden), terwijl radicaal rechts alleen tegen bepaalde elementen van de liberale democratie is, met name tegen rechten voor minderheden en de scheiding der machten. De afgelopen jaren is een deel van deze groep echter geradicaliseerd, bijvoorbeeld door het democratische stelsel te ondermijnen (zoals Orbán) of door verkiezingsuitslagen te verwerpen (zoals Trump), zonder openlijk een niet-democratisch stelsel voor te staan. 

    Garen spinnen

    John Burn-Murdoch, datajournalist van Financial Times, typeerde het afgelopen jaar zo: ‘Economische beroering + sociale onrust = verkiezings­uitslagen 2024.’ Deze beknopte uitleg weerspiegelt in grote lijnen de kennis die inmiddels bestaat over het succes van radicaal-rechts in de afgelopen vier tot vijf decennia. Maar al is duidelijk dat radicaal-rechts baat heeft bij economische en politieke ‘crises’ die economische zorgen en culturele achteruitgang veroorzaken, de vraag waarom radicaal-rechts de enige politieke familie is die daarvan profiteert wordt minder vaak gesteld. Zeker: het is logisch dat zij degenen zijn die garen spinnen bij de zogenaamde ‘vluchtelingencrisis’ of zelfs bij terroristische aanslagen, gezien de islamofobe reactie daarop, maar het is minder duidelijk waarom juist radicaal-rechts voordeel heeft van de andere grote crises van de eenentwintigste eeuw: de grote recessie, de coronapandemie en de oorlog in Oekraïne. Geen daarvan houdt rechtstreeks verband met het wezen van radicaal-rechts: nativisme, of xenofoob nationalisme. Deze crises hadden net zo goed tot een toename van steun voor (centrum- en radicaal) links kunnen leiden, omdat ze alle drie het falen en de beperkingen van het neoliberale stelsel blootlegden. 

    De politieke schokken van 2016 hebben een golf van politieke doemliteratuur op gang gebracht. In 2024 werden boeken over de ondergang van de democratie en het liberalisme bestsellers, terwijl de media in vette letters een ‘wereldwijde democratie-crisis’ uitriepen. 

    Verkeert de democratie inderdaad in crisis? En zo ja, zal ze overleven wat er nu komen gaat? Zoals zo vaak hangt het antwoord op die vraag gedeeltelijk af van hoe je ‘democratie’ definieert. In electorale democratieën kunnen de burgers via vrije en eerlijke verkiezingen hun vertegenwoordigers kiezen, maar ontbreekt het aan liberale bescherming zoals rechten voor individuen en minderheden, die alleen in liberale democratieën gegarandeerd zijn. Meer in het algemeen hebben mensen zowel in democratieën als in autocratieën te maken met ‘autocratisering’. En dat is het echte verhaal van de eenentwintigste eeuw: dat liberale democratieën aan het eroderen zijn. 

    Radicaal-rechts beleefde zijn electorale doorbraak nog voordat het een krachtige media-infrastructuur kon opbouwen

    Zo had het niet hoeven gaan. De opkomst van radicaal-rechts en de crisis van de democratie zijn de gevolgen van politieke keuzes, voornamelijk gemaakt door de meest bevoorrechte mensen en de politieke en media-elites. Op microniveau zijn deze keuzes vooral te verklaren als arrogantie, onwetendheid en eigenbelang. Maar op macroniveau leggen ze een structurele kwestie bloot die problematischer is: het beperkte draagvlak voor en de inherente kwetsbaarheid van de liberale democratie.

    Radicaal-rechts beleefde zijn electorale doorbraak nog voordat het een krachtige media-infrastructuur kon opbouwen. Jarenlang waren radicaal-rechts en de media elkaars favoriete vijanden geweest. Naarmate radicaal-rechts breder geaccepteerd raakte, vooral via samenwerkingen en zelfs fusies met ­centrumrechts, gingen steeds meer rechtse media openlijk steun geven aan radicaal-rechtse partijen en politici. Zo werd Jair Bolsonaro door veel grote mediabedrijven in Brazilië gesteund, en ook door The Wall Street Journal in de VS, terwijl Fox News en een groot aantal nieuwere, extreemrechtse media als spreekbuis voor Trump en de geradicaliseerde Republikeinse Partij gingen dienen. 

    Natuurlijk spelen sociale media ook een rol, al is die niet zo groot als algemeen wordt aangenomen. Het is waar dat sociale media de rol van de traditionele ‘poortwachters’ verder hebben verzwakt en dat ze door sommige spelers op radicaal-rechts handig zijn gebruikt.

    Uit veel onderzoeken is bovendien gebleken hoe radicaal-rechts profiteert van ‘algoritmische radicalisering’, met andere woorden het proces waarmee sociale­mediaplatforms mensen in digitale ‘rabbit holes’ duwen door hen steeds radicalere dingen voor te schotelen. Toch is uit onderzoeken ook gebleken dat het effect van sociale media op kiesgedrag betrekkelijk klein is. Zo wijzen de eerste tekenen er ook op dat de invloed van kunstmatige intelligentie op verkiezingen tot nu toe veel kleiner is dan werd gevreesd.

    Politieke elites

    Van veel groter belang is het gedrag van politieke elites, voornamelijk, maar niet alleen, van rechts. Net als in het Europa van begin twintigste eeuw hebben politieke elites een cruciale rol gespeeld in de acceptatie en normalisering van radicaal-rechts. Nadat ze de beweging eerst grotendeels hadden genegeerd of buitengesloten, zouden centrumrechtse partijen na de electorale doorbraak van radicaal-rechts de boodschap daarvan overnemen. En doordat zij die beeldvorming en standpunten overnamen, met name over immigratie, werd radicaal-rechts steeds meer een logische coalitiepartner. Dit is in vrijwel alle Europese landen zichtbaar.

    Had in de jaren negentig nog maar een handvol landen een regering met radicaal-rechts erin, inmiddels heeft radicaal-rechts in de meeste EU-staten op dit moment of in het recente verleden op lokaal of landelijk niveau regeringsverantwoordelijkheid gekregen, net als in een toenemend aantal landen in Azië en de Amerika’s. 

    Politieke elites zijn nooit gedwongen om radicaal-rechts te omarmen. Ze kozen er zelf voor om dat te doen, vaak meer om strategische dan om ideologische redenen, vanuit de gedachte dat het uiteindelijk in hun voordeel zou zijn. In de meeste gevallen hebben de elites van het midden de radicaal-rechtse partijen ook onderschat, denkend dat ze die wel in de hand konden houden.

    Journalisten en politici denken vaak dat ‘het volk’ veel rechtser is dan het in werkelijkheid is

    De politieke en media-elites beweren geregeld dat centrumconservatieven simpelweg doen wat ‘het volk’ wil. Maar al hebben ze de geluiden en voorkeuren van radicaal-rechts inderdaad lang genegeerd, journalisten en politici denken vaak dat ‘het volk’ veel rechtser is dan het in werkelijkheid is. Ze denken ook dat bevolkingen de afgelopen jaren rechtser zijn geworden, wat aantoonbaar niet waar is. De Amerikaanse politicoloog Larry Bartels ontdekte dat de mensen in de EU en de VS niet naar rechts zijn opgeschoven. Ze zijn eerder iets inclusiever geworden dan exclusiever. En terwijl rechtse elites protesten tegen de ‘Latijns-Amerikaanse homorechtenrevolutie’ hebben ontketend, zijn er onder de bevolking in het algemeen ‘geen aanwijzingen voor verzet’ tegen die rechten. Ook op het gebied van homorechten zijn mensen eerder toleranter geworden. Dat komt niet zozeer doordat ze van standpunt zijn veranderd, maar doordat inclusievere jonge mensen de plaats innemen van exclusievere ouderen (die doodgaan).

    Toch is onder kiezers de focus veranderd. Ging politiek in de twintigste eeuw altijd over sociaal-economische onderwerpen, deze eeuw wordt het debat steeds meer gedomineerd door sociaal-culturele kwesties. Simpel gezegd: cultuuroorlogen hebben de plaats van de klassenstrijd ingenomen. En ook dat is geen proces dat zich van onderop voltrekt. Mensen volgen de elites, die de mogelijkheid hebben om de agenda te bepalen. Uit verschillende onderzoeken is gebleken dat wanneer de media veel aandacht besteden aan een specifieke kwestie, zoals immigratie, mensen zo’n kwestie ook belangrijker gaan vinden.

    Huisvesting

    Maar zelfs wanneer immigratie niet de belangrijkste zorg van het electoraat is, zoals in de Amerikaanse presidentsverkiezingen, waar het onderwerp voor de kiezers gemiddeld pas op de zesde plaats kwam, kan nativisme gedrag sturen. Dat gebeurt wanneer andere politieke onderwerpen, ook sociaal-economische, geradicaliseerd raken. Neem bijvoorbeeld het debat over huisvesting dat zowel in Nederland als in de VS speelt. In Nederland was huisvesting tijdens de campagne van 2023 een van de belangrijkste onderwerpen, maar de discussie richtte zich voor een groot deel op de druk die vluchtelingen op de huizenmarkt zouden leggen, terwijl in werkelijkheid maar 5 tot 10 procent van het totale sociale­woningbestand in het land naar vluchtelingen gaat.

    ‘Verkiezingen zijn geen democratie’

    Algemene verkiezingen zijn een aanfluiting voor de democratie, zegt de Engelse bioloog en denker George Monbiot in een pleidooi voor de heroverweging van het huidige verkiezingssysteem.

    Het oorspronkelijke artikel uit The Guardian publiceerde 360 in editie 235. Monbiot betoogt daarin dat verkiezingen niet de werkelijke democratie bevorderen, maar eerder de macht van elites in stand houden. Politieke partijen zaaien verdeeldheid om stemmen te winnen, terwijl belangrijke kwesties zoals de klimaatcrisis of ongelijkheid vaak onbesproken blijven. Hij benadrukt dat de meeste problemen na verkiezingen onopgelost blijven. ‘Zoals in het openbare debat zo vaak gebeurt, worden er concepten met elkaar verward. Verkiezingen zijn geen democratie en democratie is geen verkiezingen.’

    Monbiot haalt voorbeelden aan van alternatieve vormen van besturing, zoals participatiedemocratie en loting, die effectief blijken in andere samenlevingen, bijvoorbeeld in Rojava (de Autonome Regio Noord- en Oost-Syrië) en de Braziliaanse stad Porto Alegre. Loten, zoals in het oude Athene en in Venetië gebeurde, kan een representatiever en eerlijker systeem teweegbrengen, waarbij ‘gewone burgers’ beslissingen nemen die vaak inclusiever en duurzamer zijn dan die van verkozen volksvertegen­woordigers. Monbiot ziet geen gevaar in de tegenwerping dat onervaren of corrupte mensen zo in machtige posities zouden kunnen komen en benadrukt dat lobbyen en geld op deze manier minder invloed zullen hebben.

    Bovendien zijn er indrukwekkende resultaten mee gehaald. ‘Ierland gebruikte burgergroepen om de debatten over het homohuwelijk en abortus op te lossen en doorbrak daarmee de schijnbaar hardnekkige verdeeldheid in een grotendeels katholieke natie. Frankrijk heeft een burgervergadering ingesteld om zich een weg te banen door de complexe en politiek gevoelige kwestie van stervenshulp.’

    De komende jaren komt er ongetwijfeld een nieuwe golf aan democratische doemliteratuur en zullen veel mensen naar het verleden kijken om antwoorden voor de toekomst te vinden. Geen van beide zal erg nuttig zijn. Om radicaal-rechts te bestrijden en de liberale democratie te versterken moeten we zorgen dat we de juiste lessen leren. We hebben niet te maken met het radicaal-rechts van de jaren tachtig of de jaren dertig van de vorige eeuw. Zowel de dreiging vanuit die hoek als de politieke context zijn nu fundamenteel anders. Dat betekent dat de politieke oplossingen ook fundamenteel anders moeten zijn. 

    Hedendaags radicaal-rechts is in de eerste plaats een electorale dreiging, wat het fascisme uit het verleden nooit is geweest. Afgezien van enkele uitzonderingen, met name de nazipartij van Hitler, waren fascisten bij verkiezingen in de minderheid en kwamen ze alleen aan de macht via een semistaatsgreep (Mussolini’s mars op Rome) of dankzij een buitenlandse bezetter, met name nazi-Duitsland. Ook de politieke context is fundamenteel veranderd. In de jaren dertig was de democratie ten diepste impopulair en nog nauwelijks op de proef gesteld. Vandaag de dag heeft de democratie nog steeds sterk de voorkeur, ook al neemt het draagvlak ervoor wel af.

    Zowel onder de elites als bij de massa is radicaal-rechts nu breed geaccepteerd en genormaliseerd

    Ook van de jaren tachtig valt niet veel nuttigs te leren. Radicaal-rechtse partijen hadden toen in grote lijnen dezelfde ideologie als nu, zij het minder openlijk extreem, maar ze waren over het algemeen slecht georganiseerd, afhankelijk van één leider en kregen nooit veel steun van de kiezers. Bovendien hadden ze te maken met een cordon sanitaire: de meeste gevestigde partijen weigerden met hen samen te werken. 

    De enige manier om de democratie tegen hedendaags radicaal-rechts te beschermen is door radicaal-rechts en de democratie te zien zoals ze nu zijn. Zowel onder de elites als bij de massa is radicaal-rechts nu breed geaccepteerd en genormaliseerd. 

    Het gevecht tegen radicaal-rechts is belangrijk, maar daar zou het niet bij moeten blijven. Dat gevecht moet ook, zelfs in de eerste plaats, een strijd vóór de liberale democratie zijn. Het moet positief zijn in plaats van negatief, proactief in plaats van reactief. Het moet ook die delen van de elite en van de massa die de liberale democratie niet aanhangen of begrijpen, voor zich weten te winnen.

    Pluralisme

    Liberaal-democratische elites zouden radicaal-rechtse figuren en hun ideeën niet acceptabel en normaal moeten maken. Dat betekent niet dat de leiders, het gedachtegoed en de aanhangers van radicaal-rechts genegeerd moeten worden. Maar omdat radicaal-rechts de democratie bedreigt, moet er anders mee omgegaan worden dan met centrumpartijen die wel achter de liberale democratie staan. De meeste radicaal-rechtse figuren hebben zich onbetrouwbaar getoond door samenzweringstheorieën en leugens te verspreiden; de liberaal-democratische media kunnen hen niet zomaar op hun woord geloven. In plaats van opinie­artikelen of kritiekloze interviews te publiceren, moeten de media beweringen van radicaal-rechts kritischer analyseren en dan de ideologische aannames en de feitelijke onjuistheden laten zien.

    Politieke elites moeten op hun beurt radicaal-rechts als de stem van de luidruchtige minderheid gaan behandelen en niet meer als die van de zwijgende meerderheid. Dat wil niet zeggen dat ze de onderwerpen en standpunten van radicaal-rechts moeten negeren, maar ze moeten ook niet beweren dat die de belangrijkste of enige zorgen van ‘het volk’ zijn. Het fundament van de liberale democratie is pluralisme, dat erkent dat samenlevingen bestaan uit verschillende individuen en groepen met een scala aan belangen en waarden. Al die verschillende belangen en waarden zijn legitiem en het is aan politici om de compromissen te zoeken die recht doen aan de belangen en ­waarden van een meerderheid van de bevolking. Beweren dat er één oplossing bestaat die voor iedereen het beste is, zoals het neoliberalisme en het populisme doen, verzwakt niet alleen de ­liberale democratie. Het versterkt ook radicaal-rechts. 

    Cas Mudde is universitair hoofddocent aan de school voor publieke en internationale betrekkingen van de Universiteit van Georgia. Hij is auteur van o.a. The Far Right Today (2019) en Populism, A Very Short Introduction (2017, samen met Cristóbal Rovira Kaltwasser).

  • Ierland: centrist Micheál Martin opnieuw tot premier gekozen

    Ierland: centrist Micheál Martin opnieuw tot premier gekozen

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » VK: moordenaar Southport veroordeeld tot minimaal 52 jaar gevangenisstraf

    » VS: rechter verklaart decreet van Trump inzake burgerschap ongrondwettelijk

    Hij is de leider van de centrumrechtse partij Fianna Fáil

    Bijna twee maanden na de algemene verkiezingen werd Micheál Martin, de leider van de centrumrechtse partij Fianna Fáil, donderdag gekozen door de leden van de Dail, het Ierse parlement, met 95 stemmen voor en 76 tegen. Hij werd vervolgens officieel benoemd tot Taoiseach (‘premier’ in Gaelic) door de president van Ierland, Micheál Higgins.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Dit is de tweede keer dat deze centrist, wiens partij in november de beste was in de peilingen, de post van premier bekleedt. Donderdag nam hij het roer over van een coalitie die gedomineerd wordt door de twee grote centrumrechtse partijen. Deze partijen bundelden hun krachten met een groep onafhankelijke parlementsleden, omdat ze er niet in slaagden een meerderheid in het parlement te behalen.

    De verkiezing van de premier zou aanvankelijk woensdag plaatsvinden, maar moest worden uitgesteld vanwege een geschil tussen de coalitie en de oppositie over de spreektijd voor onafhankelijke parlementsleden. ‘Deze ongekende vuurproef toont aan dat de nieuwe coalitie op wankele grond staat,’ aldus Politico.

  • Canada: premier Justin Trudeau zou deze week al kunnen aftreden

    Canada: premier Justin Trudeau zou deze week al kunnen aftreden

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Oekraïne lanceert nieuw offensief in de Russische regio Koersk

    » Gaza: Hamas zegt bereid te zijn gijzelaars vrij te laten

    Trudeau zit in zijn grootste politieke crisis ooit

    De Canadese regeringsleider, die al weken onder druk staat, zou in de komende dagen zijn aftreden kunnen bekendmaken, meldde The Globe and Mail zondag. De krant citeert drie anonieme bronnen die bekend zijn met de interne aangelegenheden van de partij en zegt dat de mededeling van Justin Trudeau maandag al zou kunnen komen. De bekendmaking zou plaatsvinden in de aanloop naar een nationale partijvergadering die gepland staat voor woensdag, aldus de bronnen van The Globe and Mail.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Het vertrek van Justin Trudeau zou de Liberale Partij zonder leider achterlaten, slechts een paar maanden voor de volgende algemene verkiezingen, die eind oktober gehouden zullen worden. Bij navraag door AFP weigerde het kantoor van de premier commentaar te geven. Trudeau, die een minderheid in het parlement heeft en verzwakt is door de terugtrekking van zijn linkse bondgenoot en de groeiende ontevredenheid binnen zijn eigen partij, kampt met de ernstigste politieke crisis sinds hij negen jaar geleden aan de macht kwam.

  • Canada: vicepremier stapt op wegens onenigheid met premier Trudeau

    Canada: vicepremier stapt op wegens onenigheid met premier Trudeau

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Witte Huis: mysterieuze drones in New Jersey vliegen daar legaal

    » VS: tienermeisje neemt school in Wisconsin onder vuur

    Het geschil betrof de omgang met Amerikaanse importtarieven

    Vicepremier Chrystia Freeland ‘heeft zojuist de pin uit een granaat getrokken’, vat The Globe and Mail het samen. Ottawa bevindt zich ‘in een totale crisis’ nadat Freeland maandag ontslag nam vanwege meningsverschillen met premier Justin Trudeau over hoe om te gaan met de dreigende handelsoorlog met de Verenigde Staten, meldt het Canadese dagblad.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    In een brief aan de premier verwijst Freeland naar de mogelijke ‘tarievenoorlog’ van Trump – hij heeft aangekondigd dat hij de tarieven met Canada wil verhogen tot 25 procent – en zegt ze dat ‘we dure politieke trucs moeten vermijden die we ons niet kunnen veroorloven’. Dit is waarschijnlijk een toespeling op de belastingvoordelen die de Canadese regering onlangs aan particulieren heeft toegekend.

    Net als Freeland hebben ‘de conservatieve oppositie en ontevreden Canadezen’ kritiek op Trudeau ‘omdat hij vooral bezig is met zijn politieke overleving op korte termijn’, schrijft The Globe and Mail. ‘In Mar-a-Lago zal Trump in zijn handen wrijven als hij de premier zo zichtbaar ziet aftakelen en hij zal zichzelf vast en zeker wijsmaken dat hij gehakt zal maken van zo’n slecht bestuurd land,’ concludeert Le Devoir.

  • Georgië: opnieuw demonstraties in Tbilisi tegen de regeringspartij

    Georgië: opnieuw demonstraties in Tbilisi tegen de regeringspartij

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Zuid-Korea: ex-Defensieminister doet zelfmoordpoging in gevangenis

    » FIFA wijst organisatie WK voetbal 2034 toe aan Saoedi-Arabië

    De partij vaart een pro-Russische koers

    Duizenden pro-Europese betogers verzamelden zich woensdag opnieuw in de hoofdstad Tbilisi, drie dagen voor de getrapte verkiezingen, een stembusgang die naar verwachting de greep van de regerende partij zal versterken. De partij wordt ervan beschuldigd dat ze Georgië verder wegvoert van haar Europese pad sinds ze de parlementsverkiezingen op een controversiële wijze heeft gewonnen.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Georgia Today meldt dat demonstranten ‘symbolisch’ een doodskist met het portret van de miljardair Bidzina Ivanisjvili, erevoorzitter van Georgische Droom, in brand hebben gestoken buiten het parlement, om duidelijk te maken dat ze willen dat Ivanisjvili en Georgische Droom hun autoritaire greep op het land opgeven.

  • Bedrijven in Duitsland uiten zich minder terughoudend tegenover de AfD

    Bedrijven in Duitsland uiten zich minder terughoudend tegenover de AfD

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Ruimteprogramma van Verenigde Staten loopt verdere vertraging op

    » Zuid-Korea: president Yoon afgezet door zijn partij, die zijn vertrek eist

    Steeds meer bedrijven spreken zich uit over politiek

    ‘De AfD wordt steeds machtiger, heeft op veel plaatsen in het oosten de kracht van een nationale partij en zou recordresultaten kunnen behalen bij de federale verkiezingen,’ meldt Der Spiegel. Dat niet alleen de politieke oppositie, maar ook bedrijven hier op reageren, blijkt uit een enquête van het Duits Economisch Instituut (IW). Er hebben 905 bedrijven meegedaan aan de enquête.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    ‘Bijna twee derde van de bedrijven die het als hun plicht ziet om zich ook met niet-economische beleidskwesties bezig te houden, wijst ook de verantwoordelijkheid toe aan hun belanghebbenden om zich actief uit te spreken tegen de AfD,’ aldus Knut Bergmann, hoofd van het hoofdstedelijke kantoor van het IW, volgens de krant Rheinische Post.

    Iets meer dan de helft van de bedrijven beschouwt de politieke tegenstand tegenover de AfD als de verantwoordelijkheid van de politiek en verenigingen. Of en welk politiek standpunt bedrijven uiten, ziet de helft van de ondervraagde bedrijven als een privézaak. In West-Duitsland zien meer bedrijven het als een plicht, aldus Der Spiegel.

  • Zuid-Korea: president Yoon afgezet door zijn partij, die zijn vertrek eist

    Zuid-Korea: president Yoon afgezet door zijn partij, die zijn vertrek eist

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Bedrijven in Duitsland uiten zich minder terughoudend tegenover de AfD

    » Ruimteprogramma van Verenigde Staten loopt verdere vertraging op

    Hij vormt ‘een groot gevaar’ voor het land, aldus de partij

    De Zuid-Koreaanse president Yoon Suk-yeol, die met afzetting werd bedreigd vanwege zijn mislukte poging om de staat van beleg af te kondigen, werd op vrijdag 6 december afgezet door zijn eigen partij, die vond dat hij ‘een groot gevaar’ vormde voor het land en opriep tot zijn ‘snelle schorsing’.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    The Korea Times heeft het over ‘een radicale ommezwaai’ van Han Dong-hoon, de leider van de People’s Power Party (PPP), ‘die het waarschijnlijker maakt dat Yoon ontslagen zal worden’. Een dag eerder had Han gezegd dat zijn partij de motie van afzetting die de oppositie in het parlement had ingediend, zou verwerpen.

  • Roemenië: Constitutioneel Hof valideert uitslag van eerste verkiezingsronde

    Roemenië: Constitutioneel Hof valideert uitslag van eerste verkiezingsronde

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Syrië: Russische en Syrische bombardementen op rebellen eisen elf slachtoffers

    » Scholz in Kyiv: ‘Rusland kan Oekraïne geen vrede opleggen’

    De hertelling heeft ‘geen fraude aan het licht gebracht’

    De hoogste gerechtelijke instantie van Roemenië oordeelde maandagavond dat de hertelling die werd aangevraagd na een verzoek van een niet-geselecteerde kandidaat om de stemming nietig te verklaren ‘geen fraude aan het licht heeft gebracht die de uitslag van de verkiezingen zou kunnen veranderen’.

    Deze beslissing maakt dus de weg vrij voor een duel op zondag tussen Calin Georgescu, een pro-Russische kandidaat die voorstander is van het stopzetten van de hulp aan Oekraïne, en de pro-Europese centrumrechtse kandidaat Elena Lasconi.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Het electorale succes van Georgescu, die tot dan toe vrijwel onbekend was, gaf aanleiding tot vermoedens dat er onregelmatigheden in het spel waren. Vorige week gaven de Roemeense autoriteiten de schuld aan Russische invloed en de rol van TikTok, dat deze aantijgingen steevast ontkende. De beslissing van het Hof zal ‘een zekere stabiliteit in het Roemeense verkiezingsproces herstellen’, aldus Politico.

    Als het ‘de verkiezingen ongeldig had verklaard, zou dat de toch al gespannen politieke situatie hebben verergerd, waarbij veel Roemenen de belangrijkste partijen van het land, die geen kandidaat hebben in de tweede ronde, ervan verdenken te hebben geprobeerd de resultaten te manipuleren’, aldus de politieke nieuwssite.

  • De valse belofte van een strenger migratiebeleid

    De valse belofte van een strenger migratiebeleid

    Politieke campagnes houden de mythes in stand dat alle problemen worden veroorzaakt door de instroom van immigratie, en dat is schadelijk voor de sociale cohesie en de welvaart van Europa, stellen Antoine Pécoud en Hélène Thiollet in Le Monde.

    De migratiekwestie staat weer in de schijnwerpers in Frankrijk na uitspraken van de nieuwe minister van Binnenlandse Zaken, Bruno Retailleau, over de ‘migratiestoornis’ en de moord op een student waarbij de verdachte een illegale Marokkaanse migrant is. De uitspraken kwamen nadat op 3 september twaalf mensen omkwamen toen hun boot zonk in het Kanaal, en daarna nog eens acht op 15 september. Gérald Darmanin, demissionair minister van Binnenlandse Zaken, riep onmiddellijk op tot een nieuw migratieverdrag tussen het Verenigd Koninkrijk en de Europese Unie (EU), met name om opnieuw te onderhandelen over de financiering die Londen aan Frankrijk verstrekt voor het controleren van illegale immigratie.

    De houding van de nieuwe Labour-regering aan Britse kant is nog niet bekend, maar ze heeft al aangegeven geïnteresseerd te zijn in het beleid van de extreemrechtse Italiaanse premier Giorgia Meloni, die de controle over immigratie wil delegeren aan derde landen zoals Albanië.

    Kanaal oversteken

    Het valt ook nog te bezien hoe Bruno Retailleau, die al vaak zijn vastberadenheid op dit punt heeft laten zien, zich zal positioneren en of hij de strategie zal voortzetten waarbij Frankrijk, net als Albanië, door zijn noorderbuur wordt betaald om migranten en vluchtelingen binnen te houden.

    Maar wat de toekomstige strategieën ook zijn, het falen van het migratiebeleid – of het nu op Brits, Frans of Europees niveau is – is duidelijk. Met brexit wilde het Verenigd Koninkrijk weer controle krijgen over zijn grenzen. Maar ondanks het steeds restrictievere beleid, zoals het afgebroken Britse ontwerpakkoord met Rwanda, de nieuwe Franse immigratiewet van januari 2024 of het Europese pact inzake migratie en asiel van mei 2024, is het aantal mensen dat het Kanaal oversteekt blijven stijgen, van 15.000 in 2021 tot 45.000 in 2022, volgens het Britse ministerie van Binnenlandse Zaken.

    Nederlands beleid

    The Economist schrijft onder de kop ‘The Netherlands’ new hard-right government is a mess’ over de Nederlandse plannen voor een strengere asielpolitiek.

    De uitzonderingsmaatregelen waarvan de coalitie gebruik wil maken, gelden slechts in acute crisissituaties. En daar is helemaal geen sprake van. De plannen veroorzaakten een storm van protest in de Tweede Kamer, schrijft het weekblad en het citeert Lisanne Groen, hoogleraar recht aan de Vrije Universiteit, die bevestigt dat de grondwet alleen noodtoestanden toestaat voor dringende crises ‘zoals een dijkdoorbraak’. Asielzaken zouden onder de normale wetgeving moeten worden afgehandeld. De oppositie heeft de plannen scherp veroordeeld, en zelfs binnen de coalitie zijn er spanningen, vooral van de kant van de NSC, die niet wil bijdragen aan ongrondwettelijke beleidsmaatregelen.

    Naast asielproblemen, meldt The Economist, kampt de regering ook met landbouwkwesties. Een uitspraak uit 2019, die stelde dat de stikstofuitstoot van Nederlandse boeren de EU-milieuwetgeving schendt, blijft controversieel. De huidige plannen om boeren uit te kopen zijn geannuleerd door de BBB-minister Femke Wiersma, maar er is nog geen nieuw beleid geïntroduceerd. Daarnaast loopt een EU-ontheffing voor mestuitstoot in 2025 af, wat de landbouwsector verder onder druk zet. Er heerst twijfel over het vermogen van de huidige regering om deze uitdagingen op te lossen, terwijl de populariteit van Geert Wilders’ PVV blijft groeien, wat de instabiliteit verder vergroot. 

    De vicieuze cirkel is altijd hetzelfde. In overeenstemming met de typische werking van een verbod houden deze strategieën om migratiestromen te beheersen vluchtelingen en migranten niet tegen, maar zorgen ze ervoor dat ze in de illegaliteit belanden. Bovendien doen ze de prijs stijgen die smokkelaars en tussenpersonen vragen, terwijl ze potentiële emigranten ertoe aanzetten steeds grotere risico’s te nemen. Afgezien van de menselijke en economische kosten van deze aanpak, wordt hiermee de indruk van ongecontroleerde immigratie gewekt, wat weer een restrictiever beleid rechtvaardigt.

    Voorstanders werpen tegen dat dit beleid overeenkomt met de wensen van kiezers die zich zorgen maken over immigratie. De realiteit is waarschijnlijk genuanceerder, zoals blijkt uit bepaalde langlopende opiniepeilingen, zoals de European Social Survey. Maar zelfs als de kiezers minder immigratie zouden eisen, zal een ineffectief beleid niet aan hun eisen voldoen en hen er niet van weerhouden om op extreemrechts te stemmen. Met de ‘Darmanin-wet’ of het Europese pact, wilden de staten de gebruikelijke argumenten over de migratie-invasie en de vermeende laksheid van de overheid ontkrachten om het tapijt onder populistisch rechts weg te trekken. Maar deze strategie is gedoemd te mislukken, zoals blijkt uit het almaar groeiende politieke gewicht van extreemrechts in Frankrijk en Europa.

    Geconfronteerd met deze vlucht naar voren en in een politieke context waarin de afhankelijkheid van de regering van Michel Barnier ten aanzien van het Rassemblement national misschien een voorbode is van een verdere aandraaiing van de duimschroeven, is het tijd om toe te geven dat er achter de migratie- en asielbomen een bos van zeer reële problemen schuilgaat. Die hebben in werkelijkheid echter weinig te maken met het migratiebeleid.

    Het is bijvoorbeeld legitiem om te vrezen voor concurrentie van buitenlandse werknemers in laaggeschoolde sectoren van de arbeidsmarkt. Maar dat is meer een kwestie van arbeidsrecht en loonbeleid dan van migratiebeleid. We kunnen de grenswachten of het Europese agentschap dat verantwoordelijk is voor de controle van de EU-grenzen, Frontex, niet vragen een probleem op te lossen dat onder de bevoegdheid van de arbeidsinspectie valt.

    Beleid in VK

    The Guardian publiceerde cijfers waaruit valt op te maken dat migratie naar het VK relatief stabiel is gebleven sinds 2008, ondanks vijandige politieke retoriek die anders suggereert. Het MIrreM-project, waaraan onderzoekers van 18 toonaangevende universiteiten en instellingen deelnemen, heeft vastgesteld dat er tussen 2016 en 2023 naar schatting 2,6 tot 3,2 miljoen ongedocumenteerde migranten in 12 Europese landen leefden, waaronder het VK. Dat komt overeen met minder dan 1 procent van de totale bevolking in deze landen.

    De nieuwe gegevens staan in contrast met de perceptie van mensen die volgens politici ‘een asielcrisis ervaren’, terwijl het aantal migranten in het VK en Europa juist is afgenomen of gelijk is gebleven.

    In het VK wordt het aantal ongedocumenteerde migranten geschat op tussen de 594.000 en 745.000. In vergelijking met 2008 bleef die populatie stabiel in vijf landen, te weten het VK, Frankrijk, Italië, België en de Verenigde Staten.
    Het onderzoek vormt een actualisatie van eerdere schattingen, zoals het Clandestino-project uit 2008, dat uitkwam op 1,8 tot 3,8 miljoen ongedocumenteerden in 12 Europese landen. Het MIrreM-project geeft een preciezere schatting.
    Louise Calvey, hoofd van de liefdadigheidsorganisatie Asylum Matters, beaamt de resultaten. ‘De “migratiecrisis” is gefabriceerd door falende regeringen en politieke leiders,’ aldus Calvey.

    In het publieke debat wordt immigratie vaak geassocieerd met de islam. Het is waar dat de tientallen miljoenen Europeanen die deze religie aanhangen vaak immigranten zijn. Maar de overgrote meerderheid van hen zijn geen migranten meer, maar volwaardige burgers, en het is nog maar de vraag hoe migratiebeleid de spanningen over het dragen van een hoofddoek of het bestaan van religieus fundamentalisme kan verminderen.

    Beheersing migratie

    Beheersing van immigratie wordt regelmatig voorgesteld als de wonderoplossing voor uiteenlopende problemen als werkloosheid, onveiligheid, drugshandel, het niveau van scholieren, toegang tot huisvesting en wetteloosheid in de buitenwijken. Het migratiebeleid regelt alleen de toelating en legale status van buitenlanders die naar Frankrijk willen komen. Het heeft over het algemeen geen invloed op hun economische, sociaal-culturele of religieuze bestaan, noch op de transformaties die gaande zijn in de Europese samenlevingen, zoals de toename van ongelijkheid, de democratische crisis, de-industrialisatie, enzovoort.

    En hoewel niet te ontkennen valt dat sommige nakomelingen van immigranten tegenwoordig moeilijkheden ondervinden om te integreren, moet ook worden gezegd dat miljoenen immigranten met succes geïntegreerd zijn – ook degenen van wie bij hun aankomst werd beweerd dat ze niet integreerbaar waren en die de schuld kregen van alles wat er in die tijd fout ging.

    Goede banen

    In een Europa dat vergrijst en te kampen heeft met een tekort aan arbeidskrachten, zal de arbeidsimmigratie niet stoppen en moet ze in goede banen worden geleid. De opvang en snelle integratie van Oekraïense bannelingen in Europa, evenals die van de meerderheid van de Syrische vluchtelingen in Duitsland, toont aan dat het asielrecht en het integratiebeleid er nog steeds toe doen.

    Migratiebeleid dat belooft elk probleem op te lossen, van criminaliteit tot identiteitsgerelateerde angsten, is gedoemd te mislukken. In het beste geval is het het verkeerde antwoord op de juiste vragen. In het slechtste geval houdt het de fictie in stand dat alle problemen worden veroorzaakt door immigratie, en dat is schadelijk voor de sociale cohesie en welvaart van Europa. En hoe dan ook, door aan te kondigen wat ze niet kunnen waarmaken, ondermijnen regeringen hun geloofwaardigheid en creëren ze de voorwaarden voor een frustratie waar niemand beter van wordt.