Wat schrijven internationale commentatoren en opiniemakers over het gebrek aan vooruitgang in de kabinetsformatie in Nederland? ‘Zo’n tweeënhalve maand na de Nederlandse verkiezingen zijn Wilders, en de Nederlanders met hem, weer terug bij af.’
‘Wat dacht Pieter Omtzigt toen hij zich plotseling terugtrok uit de verkennende gesprekken om een nieuwe Nederlandse regering te vormen? (…) De aanpak van Omtzigt is riskant; het zal hem niet alleen sympathie kosten bij potentiële partners, maar ook bij zijn eigen kiezers, die volgens peilingen in overgrote meerderheid voor samenwerking met Wilders zijn. Aan de andere kant blijft hij trouw aan zijn principes, wat op de lange termijn in zijn voordeel kan werken.’
‘Het beloofde nooit makkelijk te worden om een nieuwe regering te vormen in Nederland toen de verkiezingen werden gewonnen door een extreemrechtse fanatiekeling die de Koran wil verbieden, alle nieuwe asielaanvragen wil afwijzen, de EU wil verlaten en een heleboel milieuregels wil verscheuren. Het werd echter een stuk moeilijker toen een belangrijk potentieel lid zich terugtrok uit coalitiebesprekingen, wat betekent dat Geert Wilders bijna geen kans maakt om een meerderheidsregering te vormen – hoewel een minderheidskabinet tot de mogelijkheden blijft behoren.’
‘Wilders heeft Omtzigt ervan beschuldigd “de deur open te zetten” voor de groen-rode alliantie van Frans Timmermans, die tweede werd na de PVV en daarom de voor de hand liggende partij zou zijn om de besprekingen te leiden als een centrumrechtse coalitie onmogelijk blijkt. Maar Timmermans zelf heeft tegen de NOS gezegd dat er nog te veel onduidelijk is. (…) Met andere woorden: Zo’n tweeënhalve maand na de Nederlandse verkiezingen zijn Wilders, en de Nederlanders met hem, weer terug bij af.’
‘We zijn terug bij af, met drie opties: voortzetting van de driepartijengesprekken (PVV, VVD, BBB) om een minderheidscoalitie te vormen, een – hoogst onzekere – oproep aan andere partijen om deel te nemen aan de coalitie, of een terugkeer naar de stembus. De laatste optie zou weleens de voorkeur van Wilders kunnen krijgen: in de laatste peilingen krijgt zijn partij nu vijftig zetels, ruim voor alle andere partijen. Het is misschien om dit vooruitzicht te vermijden dat zijn drie huidige gesprekspartners, ondanks alles, zouden kunnen proberen de brokken te lijmen, ook al omschreef Omtzigt de mogelijkheid van zijn deelname als “zeer klein”.’
Een stijgend bbp, politieke stabiliteit, explosieve toename van het toerisme – alle seinen staan op groen in Albanië, waar de economie een hoge vlucht neemt. Het Italiaanse dagblad Il Sole 24 Ore bezocht hoofdstad Tirana om de redenen voor dit succes te onderzoeken.
Nog maar een paar jaar geleden was het een gigantische ruïne in het centrum van Tirana. Een gebouw met gebroken ruiten, vol met graffiti, een overblijfsel uit een verleden van armoede, ellende en chaos dat mensen het liefst zo gauw mogelijk vergeten. Maar sinds een paar weken is het voormalige piramidevormige mausoleum dat gewijd is aan Enver Hoxha, de communistische dictator die Albanië in de twintigste eeuw [tussen 1941 en 1985] met ijzeren vuist regeerde, het grootste technologiecentrum op de Westelijke Balkan geworden dat zich bezighoudt met start-ups en innovatie. Zodoende is men erin geslaagd de geschiedenis en een pijnlijk verleden te recyclen op een manier die consistent is met het nieuwe nationale verhaal van Albanië: de overgang van callcenters naar digitale centra, op weg om een soort Tel Aviv van de Balkan te worden.
In de afgelopen dertig jaar, die werden gekenmerkt door turbulente politieke perioden – van postcommunistische anarchie tot maffiademocratie en tien jaar ‘ramistische’ regering (genoemd naar de premier, Edi Rama) – was Albanië vooral een land van economische activiteit gebaseerd op een grote, goedkope beroepsbevolking. Maar er is iets aan het veranderen in een staat die de herinnering aan een van de meest gesloten en paranoïde dictaturen van de twintigste eeuw lijkt te hebben verdrongen.
Albanië heeft ook de bladzijde omgeslagen van de jaren negentig, de tijd van massale emigraties, gewapende bendes en de ‘virtuele burgeroorlog’ die werd uitgelokt door de ineenstorting van de ‘financiële piramides’ die door de staatstelevisie werden aangemoedigd en die het spaargeld van bijna 70 procent van de bevolking hadden opgeslokt. Dat was in 1997.
Strategisch
‘Vandaag de dag is er nog steeds het grote voordeel van arbeidskrachten, met basissalarissen tussen de 410 en 420 euro per maand,’ merkt Antonio Nidoli op, voorzitter van de Italiaanse Kamer van Koophandel in Albanië. Maar dat is niet het enige wat het land te bieden heeft. ‘De regering heeft een wet aangenomen die gunstig is voor startende bedrijven en heeft voordelige belastingmaatregelen ingevoerd die nieuwe bedrijven aantrekken, met name in de digitale sector.’
Op deze manier hoopt Tirana een land met minder dan 3 miljoen inwoners om te vormen tot een soort ‘nieuw Singapore of Dubai’, door zich te richten op informatietechnologieën, de digitale transitie en megadata. ‘Het is een klein land, maar wel een strategisch land,’ stelt Sergio Fontana, voorzitter van de Puglia-Albania-tak van de Italiaanse werkgeversorganisatie Confindustria.
Dus naast de traditionele uitbesteding van IT-contracten aan jonge Albanese software-ingenieurs, is er nu een markt gebaseerd op hightechbedrijven die hier flexibele arbeidskrachten vinden met een gedegen opleiding en een uitstekende beheersing van het Engels.
‘Tegenwoordig ligt de toekomst voor veel jonge mensen thuis en niet meer in de diaspora, vooral in de technologiesector,’ legt Nidoli uit. Maar in tegenstelling tot de vorige generatie, die twintig jaar geleden naar Italiaanse televisiezenders keek, spreken de jongeren van nu vaker Engels dan de taal van Dante.
Ook op het gebied van onderwijs heeft het land schoon schip gemaakt met het oerwoud aan privéuniversiteiten die in het nieuwe Albanië floreerden en waarvan de neonreclames veel gebouwen in het centrum van de hoofdstad verlichtten.
Tirana telde er zo’n dertig, waarvan de meeste diplomafabrieken waren. Nu zijn het er veel minder en de serieuzere, zoals de katholieke universiteit Notre-Dame-du-Bon-Conseil, leiden de middenklasse op door dubbele studieprogramma’s aan te bieden in samenwerking met bepaalde Italiaanse universiteiten. De kinderen van de nieuwe oligarchie studeren daarentegen rechtstreeks in Londen, Duitsland of de Verenigde Staten.
Tirana, de hoofdstad van Albanië, die zich nu uitstrekt langs de hellingen van de omringende bergen, is een weerspiegeling van al deze invloeden.
‘Als je de stad bekijkt vanaf een van de gebouwen die de afgelopen jaren zijn verrezen, zie je drie stedelijke lagen,’ legt Daniele Rielli uit, een schrijver die een paar jaar geleden een prachtige reportage over Albanië schreef. ‘De oude laagbouw uit het communistische tijdperk, die heeft plaatsgemaakt voor de bouwwerken uit het eerste democratische tijdperk; de flatgebouwen van tien tot twaalf verdiepingen, en tot slot het hedendaagse Tirana, met zijn wolkenkrabbers die voortdurend in aanbouw zijn.’
Deze esthetische evolutie is vooral duidelijk rond het Skanderbergplein, dat omgeven is door departementen die tijdens het fascistische tijdperk werden gebouwd, toen Albanië in feite nog een kolonie van Mussolini was.
‘Tegenwoordig ligt de toekomst voor veel jonge mensen thuis’
‘Twintig jaar geleden telde Tirana 250 000 inwoners, nu zijn het er bijna een miljoen. Er staan kranen zover het oog reikt en de vastgoedprijzen rijzen de pan uit. Het is ook een erg veilige stad geworden, waar de politie zeer sterk aanwezig is. Kleine criminaliteit bestaat niet en zware criminaliteit is nauwelijks merkbaar,’ vat Francesco Milella samen, voormalig directeur van het bedrijf Publikompass in Bari, die in de Albanese hoofdstad een nieuwe roeping heeft gevonden sinds hij de kliniek voor cosmetische chirurgie Medicalba opgericht heeft.
‘Gezondheidstoerisme, van esthetiek tot orthodontie, is een andere snelgroeiende sector in Albanië,’ vervolgt Milella. ‘Onze patiënten komen voornamelijk uit Italië en Ticino, in Zwitserland.’
In zijn postcommunistische geschiedenis heeft Albanië twee zeepbellen gekend: de financiële zeepbel van de financiële piramides en de vastgoedzeepbel. ‘Deze laatste bestaat vandaag de dag nog steeds, deels omdat veel Albanezen in de diaspora om emotionele redenen huizen in Albanië terugkopen, met de bedoeling om er later weer te gaan wonen, of gewoon om te bewijzen dat ze hun zaken goed op orde hebben,’ merkt Nidoli op.
Naast de bouw-, technologie- en digitale sectoren zet het nieuwe Albanië nu ook zwaar in op de agrarische business. ‘Gezien de uitstekende waterbronnen en vruchtbare grond van het land is dit een sector die hoge groeipercentages belooft,’ aldus Fontana.
Tot slot speelt ook het toerisme een belangrijke rol in deze lange economische transitie. Het bewijs: deze zomer ontving Albanië een recordaantal toeristen als gevolg van een stijging van 32 procent. De kustlijn die zich uitstrekt van Durrës en Vlorë tot aan de gouden stranden van Ksamil en Sarandë, tegenover Corfu, staat vol met prachtige locaties die sterk doen denken aan het Griekenland van begin jaren negentig. Landschappen op een ansichtkaart die de grote internationale ketens aantrekken die de nieuwe luxe hotels en vakantiedorpen moeten beheren die de nieuwe lokale bouwbaronnen blijven bouwen.
‘Begin oktober 2023 hadden we al 8,3 miljoen toeristen verwelkomd,’ vertelt de minister van Infrastructuur en Energie, Belinda Balluku. Het doel is om de grens van 10 miljoen te passeren en daarmee de cijfers van 2022 te verdubbelen. Daarmee zou het kleine Balkanland officieel op de radar komen van Europa’s populairste bestemmingen aan zee.
Alle gemakken
Naast toeristen zijn gepensioneerden een andere groep die graag voet aan de grond wil krijgen in Albanië, vooral sinds Portugal, dat een paar maanden geleden nog een gouden toevluchtsoord was, een einde heeft gemaakt aan de belastingvrijstelling voor buitenlandse gepensioneerden. Sinds 23 januari 2020 belast Albanië alleen nog inkomsten die in het land zelf zijn gegenereerd. In gewone taal betekent dit dat gepensioneerden die naar Albanië verhuizen met een geldige verblijfsvergunning het pensioen blijven ontvangen dat ze in Italië hebben verdiend, dat belast is door de Italiaanse belastingdienst maar niet door de Albanese belastingdienst, zodat dubbele belastingheffing wordt vermeden.
Carmine Iampietro werkte zijn hele leven in Novara, vlak bij Milaan. Ongeveer tien jaar geleden verhuisde hij naar Durrës, waar hij de Vereniging van Italiaanse Gepensioneerden in Albanië oprichtte. Hij legt uit: ‘We hebben een overeenkomst met zorginstellingen, makelaars en advocatenkantoren.’ Net als de meeste van de bijna duizend Italiaanse gepensioneerden die in Albanië wonen, woont hij in Durrës, in een woonwijk aan de zee.
‘We zitten op minder dan een half uur rijden van Tirana, waar je artsen in alle specialismen hebt. Je bent hier van alle gemakken voorzien: de kosten van levensonderhoud zijn aanzienlijk lager dan in Italië, het hele jaar door een aangenaam klimaat, de zee, lekker eten en, niet in de laatste plaats, het feit dat iedereen boven de veertig Italiaans spreekt.
Ondanks deze troeven neemt de levendigheid van het nieuwe Albanië zeker niet de enorme problemen weg van een land dat nog steeds in clantermen denkt, een erfenis van een plattelandswereld die standhoudt buiten Tirana en de grote steden. En dan is er nog de diaspora, die het gevolg is van het isolement en de langdurige dictatuur (1,25 miljoen Albanezen wonen nu in het buitenland, dat is 40 procent van de totale bevolking van het land).
De diaspora ziet er echter niet meer zo hopeloos uit als aan het begin van de jaren negentig, toen het koopvaardijschip Vlora, overvol met wanhopige mensen, aanmeerde in de haven van Bari (op 8 augustus 1991) en de foto’s ervan de hele wereld over gingen.
Arjan Vasjari, een Albanees die jurisprudentie studeerde in Bari, is een gecultiveerde en briljante man met een academische achtergrond die vandaag de dag consul-generaal van Albanië is in de hoofdstad van de Italiaanse regio Apulië. ‘Albanië is een tumultueuze democratie,’ geeft hij toe. ‘Onze geschiedenis na de dictatuur hangt ook van valpartijen aan elkaar, maar we zijn altijd weer opgestaan. We proberen onze problemen niet onder het tapijt te vegen, maar ze bij de horens te pakken.’
‘De huidige politieke en institutionele overgang in Albanië is zeker een goede zaak, vooral in vergelijking met andere Balkanlanden,’ aldus Fabrizio Bucci, de Italiaanse ambassadeur in Albanië. ‘Edi Rama is bezig aan zijn derde termijn, hij garandeert stabiliteit en blijft regeren met een grote meerderheid.’ Kredietbeoordelaar Moody’s geeft het land ‘een stabiele aanblik, met een groei van het bbp van naar schatting 3,5 procent in 2023, tegenover 5 procent in 2022’, aldus Vasjari.
Edi Rama richt zich resoluut op Europa, maar blijft tegelijk Turkije en de Golfstaten in de gaten houden
De afgelopen jaren heeft de regering grote hervormingen doorgevoerd, te beginnen bij de justitie. Er lopen nog steeds onderzoeken om zo’n achthonderd Albanese magistraten [verdacht van vriendjespolitiek en corruptie] te berechten en er zijn nog zo’n honderd zaken die onderzocht moeten worden. Tot nu toe heeft de procedure geleid tot het ontslag van 60 procent van de magistraten, terwijl anderen er de voorkeur aan hebben gegeven ontslag te nemen om aan de publieke veroordeling te ontkomen.
‘Albanië boekt ook vooruitgang op het internationale toneel en heeft officieel onderhandelingen geopend over het EU-lidmaatschap tijdens de eerste intergouvernementele conferentie in juli 2022,’ vervolgt Bucci.
Meer in het algemeen rekent de internationale gemeenschap op Albanië om een turbulente Balkanregio te helpen stabiliseren. ‘Als ambassadeur herinner ik onze grote bedrijven er voortdurend aan dat Tirana binnenkort lid zal zijn van Europa en dat het de poort is naar de Balkan’ – een markt van 22 miljoen mensen die al geconcentreerd zijn in een vrijhandelszone, de ‘Open Balkan’ tussen Servië, Albanië en Noord-Macedonië.
Toch zal Albanië nog minstens zeven of acht jaar moeten wachten voordat het officieel tot Europa kan toetreden. Het hangt er helemaal van af hoe snel Tirana voldaan heeft aan het stappenplan van Brussel. ‘Het belangrijkste is dat het proces al in volle gang is: de vraag is niet meer of, maar wanneer,’ concludeert Bucci.
Edi Rama richt zich resoluut op Europa, maar blijft tegelijk Turkije en de Golfstaten in de gaten houden. ‘Vergeet niet dat het hart van deze regering en van Albanië weliswaar naar het Westen leunt, maar dat de portefeuille ondertussen aan de kant van het Oosten staat,’ waarschuwt Carlo Bollino, een Italiaanse journalist die al jaren in Albanië woont.
Albanië is per slot van rekening nog altijd een overwegend islamitisch land.
De Noord-Koreaan noemt zijn buurland ‘vijand nummer één’
Kim Jong-un, de leider van Noord-Korea, heeft opgeroepen tot een grondwetswijziging om Zuid-Korea te identificeren als de ‘vijandige staat nummer één’, waarmee een einde komt aan de belofte van het regime om het Koreaanse schiereiland te verenigen. Dat meldt de BBC. Kim zei in een toespraak voor de Opperste Volksvergadering: ‘We willen geen oorlog, maar we zijn niet van plan deze te vermijden.’
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Het staatspersbureau KCNA zei dinsdag dat Noord-Korea drie agentschappen zou sluiten die probeerden de eenwording van de twee landen te stimuleren: het Comité voor de Vreedzame Hereniging, het National Economic Cooperation Bureau en de Mount Kumgang International Tourism Administration. De opmerkingen van Kim leidden tot een boze reactie van de Zuid-Koreaanse president Yoon Suk Yeol, die Pyongyang ervan beschuldigde oorlogssentimenten aan te wakkeren.
Kim’s toespraak markeert een breuk met tientallen jaren van officieel beleid waarin verzoening en eenwording als het ultieme doel werden gezien, ondanks de frequente stijgingen van de spanningen op het schiereiland. Kim zei verder dat een oorlog Zuid-Korea zou ‘decimeren’ en een ‘onvoorstelbare’ nederlaag zou toebrengen aan de VS.
Op migratie en pensioenen heeft de regering het zwaar
De Franse premier Elisabeth Borne is maandag afgetreden, zo schrijft Le Monde, enkele maanden voordat de verkiezingen voor het Europees Parlement en de Olympische Spelen in Parijs plaatsvinden. President Macron heeft nog geen opvolger aangewezen, maar Bornes vertrek wordt gezien als een poging om zijn regering frisse energie te geven.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
De Franse president heeft het lastig in het parlement sinds zijn partij haar absolute meerderheid heeft verloren in 2022. Het terugtreden van Borne volgt op een jaar dat werd gekenmerkt door politieke crises, onder meer rondom hervormingen van het pensioenstelsel en immigratiewetten.
Opiniepeilingen laten zien dat Macrons partij acht tot tien procentpunten achterligt op de extreemrechtse leider Marine Le Pen voor de Europese verkiezingen in juni. Wat betreft de mogelijke opvolgers wordt gewezen naar de 34-jarige minister van Onderwijs Gabriel Attal en de 37-jarige minister van Defensie Sebastien Lecornu.
Een meerderheid in het parlement steunde zijn benoeming
Het Poolse parlement heeft maandag ingestemd met het premierschap van Donald Tusk, waarmee er officieel een einde is gekomen aan de regering van de nationalistische PiS. Dat schrijft Wyborcza. Eerder op de dag verloor PiS-leider Mateusz Morawiecki met zijn minderheidsregering een vertrouwensstemming in het parlement, waarmee de weg naar een overwinning van Tusk openlag.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
PiS werd de grootste bij de verkiezingen van 15 oktober en kreeg daarom de eerste kans om een regering te vormen, maar slaagde daar niet in omdat de partij geen meerderheid in het parlement had en geen van de andere partijen met PiS wilden samenwerken. Tusk kon dat met een coalitie van drie pro-Europese partijen juist wel doen.
Voor zijn benoeming kreeg Tusk, die al eerder premier was, 248 stemmen voor en 201 tegen. Hij zal naar verwachting deze week al aantreden, en Polen vertegenwoordigen op een top die later deze week gepland is voor EU-landen.
Kissinger was de ‘invloedrijkste diplomaat van de VS’
Henry Kissinger, een bepalend figuur in de Amerikaanse politiek, overleed op woensdag op honderdjarige leeftijd ‘in zijn huis in Connecticut’. Dat heeft zijn adviesbureau, Kissinger Associates, bekendgemaakt. De voormalig minister van Buitenlandse Zaken onder Richard Nixon en Gerald Ford was de ‘invloedrijkste diplomaat van de Verenigde Staten’, aldus de Amerikaanse website van Politico.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
‘Als enige persoon ooit die tegelijkertijd nationaal veiligheidsadviseur en minister van Buitenlandse Zaken van het Witte Huis was, oefende hij een controle uit over het buitenlands beleid van de VS die zelden werd geëvenaard door iemand die geen president was’, schrijft The Washington Post. Als initiatiefnemer van het aanhalen van de betrekkingen met de Sovjet-Unie en openen van gesprekken met Mao’s China in de jaren zeventig kan Kissinger ‘grotendeels verantwoordelijk worden gehouden voor de ingrijpende politieke veranderingen die de loop van de wereldpolitiek hebben veranderd’, aldus het Amerikaanse dagblad.
Hij kreeg samen met Le Duc Tho van Vietnam de Nobelprijs voor de Vrede voor de geheime onderhandelingen die in 1973 leidden tot het akkoord van Parijs en zo een einde maakten aan de Amerikaanse deelname aan de Vietnamoorlog. Zijn diplomatieke bemiddeling na de oorlog van 1973 in het Midden-Oosten hielp de relaties tussen Israël en zijn Arabische buren te stabiliseren.
‘Weinig diplomaten zijn met zo veel passie gevierd en verguisd als Kissinger’
Maar de Amerikaanse pers, te beginnen met The New York Times, wijst ook unaniem op de ‘gecompliceerde nalatenschap’ van de voormalig minister van Buitenlandse Zaken. ‘Weinig diplomaten zijn met zo veel passie gevierd en verguisd als Kissinger’, aldus het Amerikaanse dagblad. Het imago van de diplomaat is zwaar beschadigd geraakt door enkele donkere bladzijden in de geschiedenis van de Verenigde Staten: zo steunde hij de militaire coup in Chili in 1973, waarbij de democratisch gekozen president Allende werd afgezet, en de invasie van Oost-Timor door de Indonesische president Soeharto in 1975, die leidde tot de dood van 200.000 mensen.
‘Mensenrechtenactivisten’ hebben ook ‘lang betoogd dat Kissinger aangeklaagd had moeten worden wegens oorlogsmisdaden voor zijn rol in het toezicht houden op de geheime bombardementen van de regering Nixon op Cambodja en Laos op het hoogtepunt van de Vietnamoorlog’, schrijft The Wall Street Journal. Volgens deskundigen uit Zuidoost-Azië doodden Amerikaanse militaire operaties duizenden Cambodjanen en Laotianen en hielpen ze onbedoeld de radicale Rode Khmer-beweging aan de macht in Phnom Penh.
Elke week pluist de redactie van 360 een actuele gebeurtenis voor je uit aan de hand van de internationale pers. Vandaag kijken we naar Venezuela. De EU, de VS en Zuid-Amerikaanse landen zochten toenadering tot het geïsoleerde land, in de hoop de situatie daar te verbeteren. Venezuela lijkt echter niet op verandering uit te zijn.
Dit artikel verscheen woensdag in de nieuwsbrief Buiten de grenzen, exclusief voor abonnees. Wil je elke week op de hoogte blijven? Neem dan een (proef)abonnement – al vanaf €5 per maand – op 360 Magazine en abonneer je op de nieuwsbrieven.
Welke landen zoeken weer toenadering tot Venezuela?
Venezuela is onder huidig president Nicolás Maduro afgegleden tot het zorgenkindje van Zuid-Amerika. Een doortrapte verkiezing in 2018, enorme protesten die gewelddadig werden onderdrukt, een massale exodus van Venezolanen, mensenrechtenschendingen, onderdrukte oppositie: het land raakte steeds verder geïsoleerd, onder meer door sancties van de Europese Unie en de Verenigde Staten.
Dit jaar is dat anders. The New York Timesspreekt van ‘de belangrijkste verbetering van de betrekkingen tussen Venezuela en de Verenigde Staten in jaren’. De krant wijst op een akkoord dat afgelopen maand werd gesloten tussen beide landen. ‘In een paar dagen tijd heeft de autoritaire regering van Venezuela ermee ingestemd om Venezolaanse migranten die uit de Verenigde Staten zijn gedeporteerd toe te laten en een overeenkomst getekend met oppositieleiders om te komen tot vrije en eerlijke presidentsverkiezingen in 2024. In ruil daarvoor hebben de Verenigde Staten ingestemd met het opheffen van enkele economische sancties tegen Venezuela’s olie-industrie, een vitale bron van inkomsten voor de regering van Maduro.’
Een historisch akkoord, noemden sommigen het. Americas Quarterlyging verder in op de deal. ‘Onder de versoepelde sancties mag Venezuela de komende zes maanden olie en gas exporteren naar de VS en andere landen. Tegelijkertijd kunnen internationale bedrijven nieuwe investeringen doen in de koolwaterstofsector. Maar de ruime versoepeling komt met een kritisch voorbehoud: vóór eind november moet de regering van Venezuela “een specifieke tijdslijn en procedure definiëren voor de versnelde herinvoering” van iedereen die zich volgend jaar kandidaat willen stellen voor het presidentschap.’
Ook Zuid-Amerikaanse landen proberen de banden met Venezuela aan te halen, nadat die onder het regime van Maduro flink waren bekoeld. Onder de nieuwe president van Colombia, Gustavo Petro, is de grens met Venezuela heropend, en landen als Chili en Argentinië hebben weer ambassadeurs in Venezuela, nadat die eerder waren teruggeroepen. ‘Diplomatieke toenadering is gemeengoed geworden’, schrijft denktank ASCOA. ‘Naast de verkiezing van meer linkse politici in de regio, zoals Luiz Inácio Lula da Silva uit Brazilië en Xiomara Castro uit Honduras, heeft dit ertoe geleid dat een aanzienlijk aantal Latijns-Amerikaanse landen ambassadeurs heeft teruggestuurd naar Caracas.’
Maduro werd zelfs uitgenodigd op een Zuid-Amerika-top, die werd gehouden in Brazilië. ‘Tijdens de top in Brazilië vond de eerste persoonlijke ontmoeting van Maduro plaats met andere Zuid-Amerikaanse leiders in negen jaar’, schrijft Foreign Policy. ‘Terwijl Maduro’s terugkeer op het regionale diplomatieke podium werd gevierd, bleef de situatie in Venezuela niet onbesproken. Zowel de linkse president van Chili, Gabriel Boric, als de rechtse leider van Uruguay, Luis Lacalle Pou, bekritiseerden Maduro – in respectvolle bewoordingen – vanwege de crisis in Venezuela.’
Naast de VS en Zuid-Amerika kijkt ook de EU naar een versoepeling van het beleid ten aanzien van Venezuela, hoewel daar tussen EU-lidstaten onderling nog geen consensus over bestaat. ‘Spanje is van mening dat het tijd is dat de EU haar sancties tegen Venezuela herziet en overweegt om ten minste enkele ervan op te heffen, zoals de Verenigde Staten al gedeeltelijk hebben gedaan’, schrijft El País. ‘Vanwege de recente dialoog tussen de regering van Nicolás Maduro en de oppositie, die zijn overeengekomen om volgend jaar presidentsverkiezingen te houden, zou het goed zijn als de EU-27 een tegengebaar maakt.’
Wat eisen de genoemde landen van Venezuela?
Verkiezingen, migratie; de landen die weer toenadering zoeken tot Venezuela hebben hun eigen redenen. Maar volgens Forbesspeelt er nog een gemeenschappelijke factor mee. ‘De Europese Unie en energiebedrijven uit het continent zijn ambitieuze projecten gestart om de aardgassector van Venezuela te ontwikkelen. Naast de economische voordelen is er ook een essentieel milieuaspect. De verouderde infrastructuur op het gebied van energie, heeft het Latijns-Amerikaanse land veranderd in een topvervuiler wat betreft de uitstoot van broeikasgassen en de aantasting van ecosystemen.’
De Venezolaanse columnist Jorge Jraissati schrijft in National Interest daat de VS soortgelijke redenen hebben. ‘Het lijkt erop dat Bidens oproep voorsal te maken heeft met die grote bedrijven die geld willen verdienen aan Venezuela’s olievelden en goudmijnen. Het is haast alsof hun winsten in het middelpunt van de belangstelling staan en Amerika’s geopolitieke behoeften en strategisch denken overschaduwen; een zorgwekkende ontwikkeling, vooral nu de wereld steeds gevaarlijker, radicaler en autoritairder wordt.’ Jraissati doelt daarbij op de invloed van China op Latijns-Amerika, de oorlogen in Oekraïne en Israël, en de autoritaire regeringen in Nigaracua, El Salvador en Cuba.
Ook Euronewsziet de grote gas- en olievoorraden van Venezuela als een van de factoren die de EU en de VS warm laten lopen voor een versoepeling van hun respectievelijke beleid. ‘Vorig jaar kreeg energiegigant Chevron groen licht om zijn activiteiten in Venezuela uit te breiden en in januari verleenden de VS een vergunning aan Trinidad en Tobago om een groot gasveld in Venezolaanse wateren te ontwikkelen. Het is waarschijnlijk dat de invasie van Rusland in Oekraïne deze concessies van de VS deels heeft gemotiveerd.’ Na de oorlog in Oekraïne werd Rusland geraakt door sancties en werd de export van olie en gas aan banden gelegd. Rusland besloot zelf ook om olie en gas in mindere mate naar Europa te laten gaan, waardoor landen op zoek lijken te gaan naar alternatieven.
De vraag is of Maduro bereid is te luisteren naar de VS, de EU en andere gesprekspartners
Naast de olie spelen ook de verkiezingen van volgend jaar een rol. Voor veel landen vormen die hét moment voor eventuele veranderingen in Venezuela, om Maduro van het podium te laten verdwijnen middels eerlijke verkiezingen, om een prowesters regime te installeren – zeker omdat Venezuela door de isolatie van de afgelopen jaren steeds meer richting China, Rusland en Iran is gegroeid. Maar er zijn twijfels over het akkoord.
‘Of de heer Maduro nu ruimte maakt voor een echt competitief politiek proces, of alleen olie-inkomsten int, hangt in de eerste plaats af van de heer Maduro, maar in de tweede plaats van de vraag of de oppositie, het Venezolaanse maatschappelijk middenveld en de Verenigde Staten hem aan zijn beloften houden. Anders zal de gok de situatie nog slechter hebben gemaakt dan voorheen’, schrijft de Washington Post. De vraag is of Maduro bereid is te luisteren naar de VS, de EU en andere gesprekspartners.
Is verandering in Venezuela echt mogelijk?
Toenadering van de EU, VS en Zuid-Amerika is mooi, versoepeling van sancties klinkt veelbelovend, net als een akkoord voor vrije verkiezingen, maar hoe realistisch is dat, met Nicolás Maduro als leider?
‘De regering van de Venezolaanse president Nicolas Maduro blijft willekeurige detentie gebruiken om politiek tegenstanders hard aan te pakken’, schreef Al Jazeeraeerder dit jaar. ‘In een rapport documenteerde Amnesty International gevallen van mensen die tussen 2018 en 2022 “slachtoffer waren van politiek gemotiveerde willekeurige detenties”, waaronder leraren, vakbondsleden en mensenrechtenverdedigers.’
Critici van de toenadering tot Maduro zeggen volgens The Wall Street Journalhetzelfde. ‘Zijn regering toont weinig interesse om een einde te maken aan de schendingen van mensenrechten. Een onderzoekscommissie van de Verenigde Naties meldde vorige maand dat de staatsveiligheidsdiensten steeds harder optreden tegen dissidenten. De commissie noteerde van januari 2020 tot augustus 2023 ten minste 58 willekeurige opsluitingen en 28 gevallen van marteling van gevangenen.’
De verkiezingen volgend jaar brengen een nieuw probleem aan het licht. Afgelopen maand hield de oppositie van Venezuela voorverkiezingen om te besluiten wie het volgend jaar tegen Maduro opneemt in de presidentsverkiezingen. De winnaar is María Corina Machado, en volgens The Financial Timesis dat problematisch voor Maduro.
‘In tegenstelling tot sommige andere oppositieleden weigert deze politicus te onderhandelen met de regering. Ze wil dat Maduro berecht wordt voor misdaden tegen de menselijkheid en heeft ze in het verleden gepleit voor een buitenlandse militaire interventie in Venezuela. De regering-Maduro heeft haar vijftien jaar lang verboden zich verkiesbaar te stellen’, aldus de krant. ‘Machado’s stijgende populariteit vormt een obstakel voor de overeenkomst tussen de VS en Venezuela, die tot stand kwam na achttien maanden van intensieve geheime diplomatie, onder andere tijdens ontmoetingen in Qatar en Italië.’
Machado leek goed te beseffen wat een verenigde oppositie teweeg kan brengen in Venezuela. ‘Ik heb een mandaat gekregen om Nicolás Maduro te verslaan’, zei ze na haar verkiezingswinst. ‘We zijn al begonnen met die campagne.’
‘Het doel is om de oppositie te ontmoedigen en te verdelen, om conflicten daarbinnen te creëren, om haar aanhang te demoraliseren’
Deze week kwam het Hooggerechtshof van Venezuela bovendien met een uitspraak waarmee het akkoord tussen de VS en Venezuela op losse schroeven kwam te staan. Dit Hooggerechtshof, vol Maduro-loyalisten, zei dat er sprake was van financiële onregelmatigheden bij de voorverkiezingen van de oppositie, en de uitslag werd volgens persbureau Reutersopgeschort ‘ondanks een verkiezingsakkoord tussen de regering en de oppositie dat elke partij toestaat haar eigen kandidaat te kiezen’.
De Verenigde Staten en Zuid-Amerikaanse landen reageerden met waarschuwingen, teleurstelling en ook woede. Voorlopig lijkt Maduro niet open te staan voor een democratisering van het land en alleen versoepeling van sancties te zoeken om zo meer olie-inkomsten voor zijn regering te genereren. De stap van het Hooggerechtshof is pas een eerste stap, zegt de Venezolaanse politiek analist Pedro Benítez tegen The New York Times. ‘Het doel is om de oppositie te ontmoedigen en te verdelen, om conflicten in de oppositie te creëren, om haar aanhang te demoraliseren. Dat is fase een. Dan komt de volgende fase; een direct offensief tegen het verkiezingsproces.’
De Nederlandse politicus en voormalig EU-commissaris Frans Timmermans noemt de ommezwaai op klimaatgebied van landen als Engeland ‘verbijsterend’. In een interview met The Guardian vertelt hij hoe hij bouwt aan een groene toekomst in een gefragmenteerd politiek landschap.
Frans Timmermans, de politicus die zijn hoge positie bij de EU heeft opgegeven om mee te doen aan de Nederlandse verkiezingen, roept alle progressieve partijen in Europa op om zich te verenigen tegen de ‘verbijsterende’ ondermijning van de klimaatdoelen door rechts. De voormalige vicevoorzitter van de Europese Commissie voert nu de gezamenlijke lijst van GroenLinks en de PvdA aan en is van mening dat links zich moet mobiliseren tegen het streven van radicaal-rechts om klimaatmaatregelen als ‘onbetaalbaar’ weg te zetten. Hij gaf TheGuardian een van zijn eerste campagne-interviews en zei daarin dat het Verenigd Koninkrijk een van de eerste landen was waarvan de regering terugkomt op haar klimaatbeloften.
De Britse premier Rishi Sunak zwakte de klimaatplannen van zijn regering vorige maand danig af met de mededeling dat het verbod op de verkoop van nieuwe diesel- en benzineauto’s vijf jaar wordt uitgesteld en ook de afschaffing van gasboilers minder snel zal worden ingevoerd. ‘Het grote gevaar is nu dat rechts gaat zeggen, en Sunak is daar een goed voorbeeld van: we kunnen ons geen klimaatbeleid veroorloven, het is te duur, vooral voor mensen met een smalle beurs,’ zegt Timmermans. ‘Het is vrij verbijsterend om te zien dat politici die meestal weinig oog hebben voor mensen met lage inkomens zich ineens wel sterk voor hen maken nu dat in hun strijd tegen het klimaatbeleid past,’ vindt hij. ‘Daar zitten duidelijk economische belangen achter. Het gevaar voor links, voor progressieve partijen, is dat deze tegenstelling tussen sociale rechtvaardigheid en klimaatrechtvaardigheid door rechts wordt uitgebuit en bij links verdeeldheid kan zaaien.’
‘Het grote gevaar is nu dat rechts gaat zeggen: we kunnen ons geen klimaatbeleid veroorloven’
Timmermans wil de Nederlandse uitstoot van broeikasgassen in 2030 hebben teruggebracht met 65 procent (meer dus dan de 55 procent die de EU zich ten doel stelt) en hij denkt dat het bedrijven en consumenten alleen maar in verwarring zal brengen als klimaatmaatregelen nu weer worden afgezwakt. Net als het Verenigd Koninkrijk heeft ook Zweden onlangs aangekondigd in zijn klimaatbeleid te gaan snijden, en in Duitsland wordt geklaagd over de kosten van het isoleren van gebouwen. Maar Timmermans’ scherpste kritiek geldt de beleidsvoornemens van Sunak. Hij waarschuwt dat de Conservatieve Partij ‘door de radicalen lijkt te worden overgenomen’. Uitstel van het verbod op benzineauto’s is volgens hem een schijnbesparing. ‘Ik hoop dat we onze burgers ervan kunnen overtuigen dat hoe langer je wacht met het nemen van klimaatmaatregelen, hoe duurder ze worden en hoe moeilijker het zal zijn om nog te veranderen,’ zegt hij.
Historisch dieptepunt
De populaire sociaaldemocraat en oud-minister, die vermaard is om zijn talenkennis en sinds kort met een grijze baard rondloopt, werd vrij recent tot lijsttrekker uitgeroepen en op slag stond de nieuwe fusiepartij bovenaan in de peilingen. Op dit moment moet hij maar twee partijen voor zich laten: de centrumrechtse VVD van de huidige premier Rutte en het pas opgerichte Nieuw Sociaal Contract van de ‘gematigde outsider’ Pieter Omtzigt. Maar het vertrouwen in de politiek bevindt zich op een historisch dieptepunt. Mede dankzij de kritiek van Omtzigt in de Kamer viel het vorige kabinet Rutte in 2021 over een schandaal waarbij duizenden ouders, vaak mensen met een dubbele nationaliteit, onterecht van fraude met kindertoeslagen waren beschuldigd. En het land betaalt momenteel een ereschuld van 22 miljard euro aan de provincie Groningen, waar 85.000 woningen zijn beschadigd door de decennialange gaswinning.
Timmermans heeft net een rondgang van vijf weken door het land gemaakt en beloofd de bureaucratie terug te dringen en te streven naar meer vertrouwen tussen burger en overheid. ‘Als iemand die uit een mijnstreek komt, sta ik nog steeds versteld [van Groningen]. Want in de mijnstreek hadden we precies hetzelfde probleem, dat woningen schade opliepen, maar daar werd meteen iets aan gedaan,’ zegt hij. Een recent schandaal waarbij de fiscus zich bij fraude-onderzoek schuldig bleek te hebben gemaakt aan etnisch profileren, waarvan de minister van Financiën achteraf heeft erkend dat het een vorm van ‘institutioneel racisme’ was, wordt door Timmermans genoemd als een andere reden voor het gebrek aan vertrouwen in de Nederlandse politiek. Hij vindt het ‘vreselijk, vreselijk pijnlijke’ onthullingen en erkent dat het ‘een hele tijd zal duren’ voordat het vertrouwen bij de kiezer is hersteld.
Ruttes huidige vierpartijenkabinet is in juli weliswaar gevallen over ‘onoverbrugbare’ verschillen van mening over de asielproblematiek, maar volgens Timmermans zal immigratie in de aanloop naar de verkiezingen op 22 november geen splijtzwam worden. ‘Onbeheersbare migratie is een van de factoren die bijdragen aan de onzekerheid in onze samenleving, dus daar moet links net zo goed als rechts een aanpak voor vinden,’ zegt hij. ‘We hebben een verantwoord migratiebeleid nodig, en dat begint met onze internationale overeenkomsten.’ En hij neemt het Verenigd Koninkrijk weer op de korrel, waar minister van Binnenlandse Zaken Suella Braverman in een populistische toespraak vorige week waarschuwde voor een ‘orkaan’ van massa-immigratie: ‘Wij zijn Braverman niet. Dat zijn onze grondbeginselen. Dat is waar de hele westerse democratie om draait.’
Veerkracht
Zijn verkiezingsprogramma belooft een verhoging van het minimumloon en meer tegemoetkomingen aan de lage inkomens, meer belasting op vervuiling en op de winsten van bedrijven, een nieuw toptarief voor de inkomstenbelasting, een extra ‘miljonairsbelasting’ en hardere aanpak van belastingontduiking. Maar hij heeft ook voorstellen die de gewone burger in de portemonnee zullen raken, zoals de geleidelijke afschaffing van de hypotheekrenteaftrek. Hij beseft dat dit weerstand kan oproepen: ‘Op sommige mensen werkt klimaatbeleid als een rode lap, ze winden zich daar enorm over op, en in de rechtse media word ik al heel lang als “klimaatpaus” weggezet.’ Maar hij zegt te staan voor een ‘betere samenleving’. ‘Er heerst een diep gevoel van onrechtvaardigheid in onze samenleving, en we moeten het vraagstuk van de herverdeling aanpakken,’ meent hij. ‘Dat zal ook tot meer zelfvertrouwen leiden. Onze mentaliteit van “er is niks wat wij niet kunnen oplossen, want wij zijn Nederlanders” is omgeslagen in “er is niks wat wij kunnen oplossen, want wij zijn Nederlanders”.’
‘Als je geen vertrouwen meer hebt in je eigen veerkracht, wordt alles een probleem’
Deze Monty Python-fan, gekleed in een keurig hemd en jasje met daaronder een spijkerbroek en sneakers, schreef na brexit een verdrietige liefdesbrief aan Groot-Brittannië en ziet nog steeds grote overeenkomsten tussen dat land en Nederland. ‘Om het te zeggen zoals mijn kinderen zouden doen: we zijn onze swag kwijt,’ zegt hij. ‘Herinneren jullie je de tijd van Cool Britannia nog? Niemand heeft het daar nog over. Maar als je trots bent op je land, heb je ook meer veerkracht. Als je geen vertrouwen meer hebt in je eigen veerkracht, wordt alles een probleem.’ De kracht van verenigd links, het bouwen aan een groene toekomst in een gefragmenteerd politiek landschap, is zijn oplossing voor dat probleem. ‘Een van de redenen dat ik weer de nationale politiek in ben gegaan,’ zegt hij, ‘is dat we nu een kans hebben om tot een beweging in de andere richting te komen.’
De Republikein Jim Jordan kreeg tegenstand uit de eigen partij
De Republikein Jim Jordan is er dinsdag bij de eerste stemming in het Huis van Afgevaardigden niet in geslaagd een meerderheid achter zich te krijgen. Dat schrijft The New York Times. Jordan kreeg verzet uit eigen partij, waar twintig Republikeinen tegen zijn benoeming stemden.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Onmiddellijk na de stemming ging de partij in conclaaf, wat Jordan tijd gaf om zijn tegenstanders – een groep gematigde Republikeinen en bondgenoten van voormalig voorzitter Kevin McCarthy – te proberen te overtuigen toch op hem te stemmen. Sinds de historische afzetting van McCarthy als voorzitter van het Huis van Afgevaardigden heeft het Huis geen leider.
Vanwege de kleine meerderheid van de Republikeinse Partij in het Huis, kan een klein aantal Republikeinen een benoeming al blokkeren. Datzelfde overkwam McCarthy bij zijn benoeming: hij had aanvankelijk negentien Republikeinen tegen zich en had vijftien stemrondes nodig om gekozen te worden. Of Jordan bereid is evenveel stemrondes te wachten, is niet bekend.
Twee zeer verschillende kandidaten strijden in 2024 om het presidentschap in Mexico: de progressieve Claudia Sheinbaum en Xóchitl Gálvez, die wordt gesteund door een conservatieve coalitie. Wie het ook wordt, ze krijgt de zware taak op zich om een land te regeren dat in de ban is van armoede en geweld.
Keuze uit het archief
Zondag gaan de Mexicanen naar de stembus om een nieuwe president te kiezen. Het zijn historische verkiezingen, aangezien het de eerste keer wordt dat Mexico een vrouwelijke president krijgt.
Negen maanden geleden schreef Carmen Morán Breña voor El País een profiel van de twee vrouwelijke presidentskandidaten, de progressieve Claudia Sheinbaum en Xóchitl Gálvez, die de steun heeft van een conservatieve coalitie. Daaruit blijkt dat de nieuwe president heel wat voor haar kiezen zal krijgen, aangezien in Mexico armoede en misdaad aan de orde van de dag zijn.
Twee vrouwen strijden op 2 juni 2024 om het presidentschap in Mexico. Claudia Sheinbaum, de voormalige burgemeester van de hoofdstad, won de voorverkiezingen van de linkse regeringspartij Morena, en Xóchitl Gálvez zegevierde bij de interne selectie van de oppositie. Deze bestaat uit een coalitie van verschillende ideologieën, zoals de progressieve PRD, de rechtse Nationale Actiepartij (PAN), de grootste partij in de coalitie, en de PRI, die een langdurige existentiële crisis doormaakt. Die partijen zijn samengebracht onder de naam Frente Amplio por México [Breed Front voor Mexico]. Ook al zijn de verkiezingen pas over een klein jaar, het land dat bekend is om zijn machocultuur, weet nu al zeker dat een vrouw de komende zes jaar de touwtjes in handen zal hebben.
Buiten deze twee politieke blokken is er een derde formatie met nog enige relevantie, de Movimiento Ciudadano, maar die heeft niet de capaciteit om in haar eentje te winnen en heeft ook nog niet besloten of ze op eigen houtje zal meedoen of zich zal aansluiten bij het blok van de oppositie; de twijfels daarover hebben de partij in een ernstige crisis gestort nog voordat ze aan de verkiezingsstrijd is begonnen.
De linkse Movimiento de Regeneración Nacional (Morena) staat er goed voor in de peilingen omdat zij nog altijd kan leunen op de populariteit van Andrés Manuel López Obrador, de meest charismatische president van de afgelopen decennia. Maar partijcorifee Marcelo Ebrard, voormalig minister van Buitenlandse Zaken, dreigt zich af te scheiden omdat hij ontevreden is over de tweede plek in de voorverkiezingen. Hierdoor zou hij ook lager kunnen eindigen bij de verkiezingen voor het presidentschap en voor het parlement, waarvoor op dezelfde dag wordt gestemd. Aan de andere kant is de rechtse oppositie onophoudelijk aan het knipogen naar de Movimiento Ciudadano, in de wetenschap dat alleen met die stemmen de mogelijkheid bestaat om het Nationaal Paleis te veroveren.
Sheinbaum kan steunen op haar institutionele imago, Gálvez op haar nonchalance en frisheid
Het is nog te vroeg om de uitslag te voorspellen, dus Mexico concentreert zich nu op de strijd die Sheinbaum (61 jaar, uit Mexico Stad,) en Gálvez (60 jaar, uit Tepatepec) de komende maanden zullen voeren. Het verschil tussen de kandidaten is enorm. Sheinbaum, een gerenommeerd wetenschapper, is serieus, ingetogen en gereserveerd. Gálvez, de kandidaat van PAN – de meest rechtse partij in het Congres waarvoor ze momenteel senator is – is een heuse wervelstorm, goedlachs en schertsend, en een krachtige zakenvrouw. Het aplomb van Gálvez, die zich verkleed als dinosaurus in de Senaat vertoonde, zich met kettingen aan tafels en stoelen liet ketenen tijdens politieke protesten en omringd door camera’s met haar vuisten op de deur van het Nationaal Paleis beukte, staat haaks op de klasse van voormalig burgemeester Sheinbaum, die haar waardigheid doorgaans niet verliest en altijd beleefd en gedegen blijft.
Het was dan ook een gedenkwaardig moment toen Sheinbaum op een campagnedag haar geduld verloor met een journalist en een uitbrander van haar hoorbaar was via een openstaande microfoon. Niemand was dit van haar gewend. Claudia is bedeesd, Xóchitl brutaal. In de peilingen kan de eerste steunen op haar institutionele imago; de nonchalance en frisheid van de tweede hebben haar in een paar weken tijd onverwacht populair gemaakt. Beiden dragen graag bloemrijke Mexicaanse kleren; het zal dan ook een kleurrijke campagne worden, een opmerkelijke eredivisiewedstrijd tussen twee verschillende huipiles [een tuniekachtig, inheems gewaad].
Klaar voor
Het is niet gering dat een van deze twee vrouwen zal regeren over het land dat bol staat van machismo. Als er niets misgaat, zal Mexico voor het eerst in zijn geschiedenis een vrouw hebben als president – een zeer machtige positie – waardoor het land deel zal uitmaken van een gezelschap waar zelfs veel westerse landen nog lang niet toe behoren. Toen Sheinbaum in politieke kringen naar voren kwam als de persoon die López Obrador zou kunnen opvolgen, was de eerste vraag van journalisten: is Mexico klaar voor een vrouwelijke president? Van wat we sindsdien hebben gezien, werd duidelijk dat het land er meer dan klaar voor is.
Mexico heeft een aantal beroemde historische heldinnen: revolutionaire adelitas [vernoemd naar La Adelita, een legendarische strijdster] en moedige moeders, maar de machtsposities waren, net als elders, altijd in handen van mannen. Tot aan deze zittingsperiode, waarin vooruitstrevende maatregelen werden aangenomen: er werd meer gelijkheid afgedwongen en dat blijkt effect te hebben. De kabinetten van president López Obrador, die niet bepaald bekendstaat om zijn feminisme, werden gekenmerkt door een gelijke verdeling van mannen en vrouwen. Er zaten vrouwen in met een hoge professionele en politieke reputatie, maar ze waren niet altijd in staat om hun standpunten makkelijk te uiten. Of de aanwezigheid van een vrouw aan de top de zaken definitief zal veranderen, blijft voorlopig in het ongewisse.
‘Als ik een man was geweest, zou dat niet worden gevraagd van de kandidaat’
President López Obrador blijft invloedrijk in de partij die aan de winnende hand is en hij is – volgens het merendeel van de publieke opinie – ook voor Claudia Sheinbaum. Iedereen beschouwt haar als de ‘favoriet’ van de leider van Morena. Sheinbaum, met een duidelijk progressief discours, heeft zich niet losgemaakt van de doctrine van de partij en de voorzitter, noch van andere kandidaten voor zijn opvolging, maar wordt wel geacht blind gehoorzaam te zijn en discipline te tonen ten opzichte van de baas. ‘Als ik een man was geweest, zou dat niet worden gevraagd van de kandidaat,’ is steevast haar bezwaar.
Sheinbaum komt uit een welgesteld en verlicht Joods middenklassegezin, wat haar weg naar het academische leven plaveide. Ze nam deel aan studentenprotesten, altijd ter linkerzijde. Ze heeft een PhD in Natuurkunde van UNAM, de Nationale Autonome Universiteit van Mexico, voltooide studies in de Verenigde Staten, en haar curriculum vitae is even briljant als omvangrijk. In 2007 maakte ze deel uit van het VN-panel van deskundigen inzake klimaatverandering, een initiatief dat werd bekroond met de Nobelprijs voor de Vrede. De voormalige burgemeester weet al wat het betekent om een stad te besturen met maar liefst negen miljoen inwoners. De periferie, die ook grotendeels wordt bestuurd vanuit de hoofdstad, telt nog veel meer inwoners – bijna de helft van het aantal inwoners van Spanje. Haar prestaties op het gebied van onderwijs en mobiliteit en haar aanpak van de pandemie zijn een stuk beter dan die van haar collega’s in de regering.
De leidster van de oppositie was genoodzaakt om zich onder de herhaalde kritiek van de huidige president sterk te profileren als vrije en onafhankelijke vrouw. ‘Niemand heeft me hiertoe aangezet,’ antwoordde Gálvez López op beschuldigingen van Obrador dat het bedrijfsleven achter haar kandidatuur zou zitten. Ze daagde hem zelfs voor het verkiezingstribunaal dat zaken met betrekking tot gendergerelateerd politiek geweld behandelt.
Ondanks dat ze een conservatieve partij vertegenwoordigt, staat de senator achter belangrijke feministische zaken, zoals abortusrechten. Ze had een gewelddadige vader, zoals ze heeft verteld, en een van haar zussen zit in de gevangenis voor ontvoering. Ze voedde haar nichtjes op, die ingenieur zijn geworden. Ze bracht haar jeugd door in haar geboortestad Tepatepec en kent de armere klassen van nabij. De weg die ze heeft afgelegd was niet probleemloos, maar vandaag is ze ingenieur en eigenaar van een technologiebedrijf voor smart buildings. Ze heeft kritiek op bijna alles van de huidige president, behalve diens sociale hulp aan de allerarmsten. Sommigen zeggen dat ze meer links dan rechts is, hoewel haar tegenstander Sheinbaum haar zeker ter rechterzijde positioneert. In ieder geval streeft Gálvez ernaar om een divers profiel te laten zien dat niet helemaal in lijn is met alle partijen die ze vertegenwoordigt. Die partijen heeft ze nodig als lanceerplatform, maar ze weet dat zowel de PAN als de PRI zwaar beschadigd zijn vanwege hun corrupte politieke verleden. ‘Laat mij mijn gang gaan,’ is haar boodschap aan hen.
Beide kandidaten zullen zeker vechten om hun eigen plek te veroveren, ver weg van paternalisme en aanwijzingen van derden, van partijleiders en masculiene leiders. Het laat zich raden dat ze in deze race keer op keer zullen moeten vechten tegen seksistische opmerkingen en brute attitudes, maar het helpt dat ze allebei vrouw zijn: wellicht vallen de dwaasheden in de commentaren wat minder op.
Als alles volgens het huidige script verloopt, en dat is lang niet zeker in de wereld van de politiek, is het ‘in Mexico tijd voor vrouwen’, aldus Sheinbaum.
Wie er ook aan de macht komt, deze persoon zal de teugels stevig in handen moeten nemen van dit land dat wordt geteisterd door armoede en geweld, die elk jaar honderdduizend levens eisen. Wie wil er president worden met zo’n vooruitzicht? Kandidaat Gálvez geeft als antwoord: ‘Hoe je het ook wilt zeggen, je moet er in ieder geval eierstokken voor hebben.’
Wat schrijven Internationale commentatoren en opiniemakers over het eerste jaar van Giorgia Meloni als premier van Italië? ‘Haar regering heeft laten zien dat ze kan meespelen in de internationale arena, maar nu begint de tweede helft en het publiek mompelt: “Ik had op meer gehoopt.”’
‘Meloni heeft met een ongekend aantal missies geïnvesteerd in buitenlands beleid en onvoorwaardelijke steun aan Oekraïne getoond. Dat levert echter geen concrete resultaten op voor brandende binnenlandse kwesties. Hoge energiekosten en inflatie verzwakken de koopkracht en de staatsschuld heeft een recordhoogte bereikt. De markten zijn voorzichtig, ook vanwege belasting op de extra winsten van de banken. Nu de campagne voor de Europese verkiezingen begint, lijkt de angst voor instabiliteit aan te wakkeren.’
‘Zo wordt er in Italië en elders naar Meloni gekeken, na haar eerste twaalf maanden: haar regering heeft laten zien dat ze kan meespelen in de internationale arena, maar nu begint de tweede helft en het publiek mompelt: “Ik had op meer gehoopt.” De regering heeft nog niet gescoord, ondanks beloftes op het gebied van migratie en belastingen.
In de peilingen staat Meloni nog steeds sterk, mede dankzij een totaal gebrek aan een alternatief. Het zijn gouden tijden voor de regering… die niet eeuwig zullen duren.’
‘Voor de Europese verkiezingen in juni 2024 wil Meloni rechts verenigen. Maar ze heeft bondgenoten nodig. Voorheen waren dat extreemrechts in Hongarije en Polen. Maar zo duidelijk zijn de zaken niet meer. In Spanje, dat Meloni goed kent, heeft extreemrechts de verkiezingen verloren. Ja, ze heeft onlangs haar oude vriend c bezocht. Maar het is ook mogelijk dat ze zich – met tegenzin – op het centrum zal oriënteren, op zoek naar nauwere banden met conservatieven, die haar tot nu toe op afstand hielden.’
‘Meloni wil de balans in de EU doen doorslaan. Nu, negen maanden voor de Europese verkiezingen, werken haar getrouwen aan een alliantie met rechts-populistische en conservatieve partijen. Na een overwinning zou rechts Europa zich moeten verenigen om het continent te domineren. Ze doet dit vaardiger dan Salvini, die als minister van Binnenlandse Zaken half Europa tegen zich in het harnas joeg met zijn racistische migratiebeleid. Vergeleken met hem doet Meloni alsof het belang van vluchtelingen vooropstaat.’
Mitch McConnell, die de Republikeinen in de Senaat leidt, is woensdag tijdens een persconferentie lange tijd verstijfd. Dat schrijft Politico. Het is niet de eerste keer dat de inmiddels eenentachtigjarige politicus tijdens een persconferentie zoiets overkomt. Zowel binnen als buiten zijn partij zijn inmiddels toenemende twijfels over zijn gezondheid.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Nadat McConnell woensdag werd gevraagd of hij zich bij de komende verkiezingen in 2026 verkiesbaar zal stellen, valt de Republikein stil en kijkt hij ruim dertig seconden glazig voor zich uit. Vorige maand gebeurde dat ook: toen werd er gespeculeerd over een mogelijke hersenbloeding. Medewerkers van McConnell namen de politicus mee, die later verklaarde last te hebben van duizeligheid.
De Republikein, al jarenlang een van de meest prominente politici in de VS, is na het incident samengekomen met andere hooggeplaatste leden van de partij. Men zou zich afvragen of McConnell überhaupt wel in staat is zijn termijn af te maken.
De kans dat Sonko meedoet aan de verkiezingen wordt kleiner
De Senegalese oppositieleider Ousmane Sonko is afgelopen week opnieuw opgepakt. Volgens The Guardian wordt Sonko ervan beschuldigd een rol te hebben gespeeld in de zware rellen van eerder dit jaar. Sinds zijn arrestatie zit Sonko vast en hij mag voorlopig de gevangenis niet verlaten. Daarnaast heeft de regering gezegd dat de partij van Sonko ontbonden zal worden.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Om te voorkomen dat er opnieuw grootschalige protesten worden georganiseerd door de aanhangers van Sonko, hebben de Senegalese autoriteiten sinds maandag het mobiele internet in de hoofdstad Dakar geblokkeerd. Ook is het leger de straat op gestuurd om onlusten te voorkomen. Volgens Sonko is er sprake van een politiek gemotiveerde vervolging om te zorgen dat hij niet meedoet aan de verkiezingen. De 49-jarige politicus is in hongerstaking gegaan.
Eerder dit jaar was er al een rechtszaak tegen Sonko, die een vrouw verkracht zou hebben. Hij werd vrijgesproken, maar werd wel voor een andere, kleinere aanklacht vervolgd. Hierdoor zou hij niet mogen meedoen aan de verkiezingen. Er vielen zeker 21 doden bij de rellen die volgden op die veroordeling.
Sonko is populair onder de Senegalese jeugd omdat hij strijdt tegen corruptie. De autoritaire president Macky Sall heeft eerder politieke rivalen buitengesloten van de verkiezingen. Sall wil zich naar verwachting volgend jaar verkiesbaar stellen voor een derde termijn, hetgeen niet grondwettelijk is.
Denemarken zoekt naar manieren om de praktijken te stoppen
In zowel Denemarken als Zweden blijven koranverbrandingen in publieke ruimtes doorgaan. Maandag was het raak in Stockholm, toen een koran in brand werd gestoken voor het Zweedse parlement. Eerder gebeurde dat voor de Iraakse ambassade en voor een moskee.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Autoriteiten in Denemarken en Zweden vragen zich af hoe ze de acties op een legale manier kunnen stoppen, zeker omdat in beide landen de vrijheid van meningsuiting uitgebreid beschermd wordt in de grondwet. Zo benadrukt men in Zweden dat de lokale politie vergunningen geeft voor evenementen zonder de inhoud te beoordelen. Denemarken gaat kijken naar reeds bestaande wetten om de protesten te kunnen verbieden, schrijft de Deense krant Politiken.
Volgens de Deense regering zorgen de verbrandingen voor ‘schade’ voor Denemarken. Zo wordt er vanuit de Arabische wereld woedend gereageerd op de verbrandingen, door protesten bij onder meer de Zweedse ambassade in Irak. Voor Zweden ligt de zaak extra gevoelig, omdat de Turkse president Recep Tayyip Erdogan zijn fiat moet geven aan het NAVO-lidmaatschap van Zweden.
Verreweg de meeste landen ter wereld nemen een pragmatisch neutraal standpunt in en willen vooral uit politieke en economische overwegingen geen partij kiezen tussen de VS, China en Rusland. Een analyse van de zogeheten niet-gebonden landen.
Veel landen die gevangen zitten tussen Amerika, China en Rusland willen in geen geval partij kiezen. Nu de naoorlogse, door de VS geleide wereldorde uiteenvalt en economieën almaar verder losgekoppeld raken, proberen ze deals te sluiten die scheidslijnen overstijgen. Een transactiegerichte aanpak die de geopolitiek een nieuw aanzien geeft.
Wil je de niet-gebonden machten goed in kaart brengen, bekijk je ze dan eens door een Russische lens. Onze zusterorganisatie EIU [Economist Intelligence Unit, een organisatie die ontstaan is uit The Economist en analyses uitvoert voor het bedrijfsleven] heeft landen geanalyseerd op basis van hun economische en militaire banden met Moskou, hun diplomatieke standpunten zoals die blijken uit hun stemgedrag in de VN en hun steun aan en uitvoering van sancties. Er zijn 52 landen, goed voor 15 procent van de wereldbevolking, die het optreden van Rusland hekelen: het Westen en zijn bondgenoten. Slechts 12 landen staan achter Rusland. Dit betekent dat de overige 127 staten niet duidelijk voor een van beide kampen kiest.
Wat niet-gebonden landen gemeen hebben is een nietsontziend pragmatisme
Om een idee te krijgen van wat niet-gebondenheid precies inhoudt, heeft The Economist ook gekeken naar de 25 grootste economieën (t25) die de kat uit de boom hebben gekeken bij de Oekraïense oorlog, of die neutraal willen blijven in de Chinees-Amerikaanse confrontatie, of beide. Deze ‘transactiegerichte’ groep is in termen van welvaart en politieke organisatie buitengewoon gevarieerd van samenstelling: zowel het reusachtige India als dwergstaat Qatar behoren ertoe. Wat ze gemeen hebben is een nietsontziend pragmatisme.
Ze vertegenwoordigen nu 45 procent van de wereldbevolking. Hun aandeel in het mondiale bbp is gestegen van 11 procent in 1992 naar 18 procent in 2023, en is daarmee hoger dan dat van de EU. Hun strategie van neutraliteit brengt ernstige risico’s met zich mee, maar biedt ook grote kansen. Hun succes of falen zal de wereldorde tientallen jaren beïnvloeden. En zowel de VS als China zullen proberen deze landen voor zich te winnen.
Kloof
In de twintigste eeuw had niet-gebondenheid verschillende betekenissen voor verschillende landen op verschillende momenten. Tijdens conferenties in Bandung in Indonesië (1955) en Belgrado in Joegoslavië (1961) presenteerden leiders een ‘derde wereld’, naast het Westen en het Sovjetblok. Vanaf het einde van de jaren zestig richtten deze landen hun pijlen steeds meer op economische ongelijkheid tussen het ‘mondiale zuiden’ (een minder beladen term voor ‘derde wereld’) en het industriële noorden. De niet-gebonden beweging was een formele instelling waarvan bijna elke Afrikaanse, Aziatische en Latijns-Amerikaanse staat lid werd. Toen de Koude Oorlog ten einde kwam werd ze, in de woorden van een Indiase academicus, ‘een zieltogende organisatie, die een waardige begrafenis behoefde’.
De niet-gebonden landen van nu zijn niet te herkennen aan lidmaatschap van een instelling, maar aan gedrag. Middelgrote machten zijn het, die zich laten leiden door pragmatisme en opportunisme. In een recent boek betoogt de voormalige Chileense diplomaat Jorge Heine dat landen in de twintigste eeuw vaak per toeval in een van de invloedssferen van de supermachten terechtkwamen. Tegenwoordig is het meer zo dat ze mogelijkheden ‘actief’ evalueren om bepaalde doelen te bereiken, zo stelt hij. Sommigen noemen dit ‘minilateralisme’ (in tegenstelling tot multilateralisme) – het aansturen van discrete allianties of groeperingen, in plaats van je lot in handen van één blok te leggen.
‘Europa moet zich bevrijden van de mentaliteit dat de problemen van Europa de problemen van de wereld zijn, maar dat de problemen van de wereld niet de problemen van Europa zijn’
Niet-gebonden landen vinden westerse leiders meestal hypocriet. In het eerste jaar van de oorlog werd ongeveer 170 miljard dollar aan hulp toegezegd aan Oekraïne – ongeveer 90 procent van wat de ontwikkelingscommissie van de OESO, een groep van 31 westerse donoren, in 2021 aan mondiale hulp uitgaf. Voor het Westen is deze vrijgevigheid een uiting van solidariteit met een mededemocratie; voor anderen toont ze aan dat rijke landen vooral geld ophoesten als dit hun belangen dient. ‘Europa moet zich bevrijden van de mentaliteit dat de problemen van Europa de problemen van de wereld zijn, maar dat de problemen van de wereld niet de problemen van Europa zijn,’ zo stelde Subrahmanyam Jaishankar, de Indiase minister van Buitenlandse Zaken, vorig jaar.
Deze stellingname komt in grote lijnen overeen met de publieke opinie. Uit een rapport van Cambridge University van vorig jaar bleek dat in liberale democratieën 75 procent een negatief beeld heeft van China en 87 procent ongunstig over Rusland oordeelt. Onder de 6 miljard mensen die elders wonen is het beeld nagenoeg omgekeerd. Er is dus een kloof tussen hoe het Westen de wereld ziet en hoe de rest van de wereld die ziet. In een opiniepeiling, eerder dit jaar gepubliceerd door de Europese Raad voor Buitenlandse betrekkingen (een denktank), stelde 48 procent van de Indiërs en 51 procent van de Turken dat multipolariteit of niet-westerse dominantie de toekomstige wereldorde zal bepalen. Slechts 37 procent van de Amerikanen, 31 procent van de EU-bevolking en 29 procent van de Britten waren het hiermee eens. Het Westen denkt dat het naar een vervolgaflevering van de Koude Oorlog kijkt, de rest van de wereld ziet een geheel nieuwe film.
Gemeenschappelijk doel
Wie zitten er dan allemaal in die t25? Het is, zoals gezegd, een diverse groep die bestaat uit landen met bevolkingen die tot de grootste ter wereld behoren, waarvan er twee – India en Indonesië – de grootste democratieën ter wereld zijn. Je hebt ook Vietnam, Saoedi-Arabië en Egypte, alle bestuurd door autocraten van uiteenlopende snit. Er zijn grote verschillen wat welvaartsniveau betreft. In Saoedi-Arabië is het bbp per persoon ruim 24.000 euro, ongeveer evenveel als dat van een aantal Europese landen, terwijl het in Pakistan op zo’n 1440 euro blijft steken.
Naarmate de globalisering zich uitbreidde, zijn de t25 een handel in vele richtingen gaan drijven. Zo’n 43 procent geschiedt met het westerse blok, 19 procent met het Chinees-Russische blok en 30 procent met landen uit geen van beide kampen. Misschien is het gezien de ligging van Mexico niet verrassend dat 77 procent van de totale handel van dat land met het Westen is, en dat ook Israël en Algerije voor meer dan 60 procent handel daarmee drijven. Geen ander t25-land kent zo’n intensief handelsverkeer met China als Chili (meer dan een derde), maar tegelijkertijd betreft 40 procent van dat handelsverkeer het Westen. Meer dan de helft van de Argentijnse handel, en bijna de helft van die van India, wordt met andere niet-gebonden landen gedreven.
De wapeninvoer toont ook een complex netwerk van loyaliteiten. India dekt zich slim in. Tussen 2018 en 2022 was Rusland de belangrijkste leverancier, die India voor 45 procent van zijn wapens voorzag, maar het land ontving van Europa nog eens 29 procent en waarschijnlijk zal het zich nog zelfredzamer maken met Amerikaanse hulp. Met het rivaliserende China, dat levert aan India’s aartsvijand Pakistan, kan geen sprake zijn van handel. Israël, Marokko, Saoedi-Arabië en Zuid-Afrika verlaten zich voor het overgrote deel op de Verenigde Staten als het om wapenimport gaat.
Geopolitieke allianties zijn sinds 2018 almaar belangrijker geworden bij het bepalen van directe buitenlandse investeringen
Er is geen bestuursorgaan dat niet-gebonden landen en hun belangen vertegenwoordigt. En dat zal er waarschijnlijk ook niet komen. In plaats daarvan zijn er uiteenlopende organisaties, zoals de G20, die platforms bieden die grote niet-gebonden landen in meer of mindere mate van nut zijn. De BRICS-groep – Brazilië, Rusland, India, China en Zuid-Afrika – is een forum voor middelgrote machten die expansie nastreven: er is een discussie gaande over of Iran en Saoedi-Arabië mogen toetreden. Tijdens klimaatgesprekken in VN-verband is een brede groep van meer dan honderddertig landen, waaronder China, rond de tafel gaan zitten.
Ondanks hun verschillen hebben de niet-gebonden landen een gemeenschappelijk doel: gunstige overeenkomsten sluiten in een veranderlijke omgeving. Twintig jaar lang konden velen relaties opbouwen met zowel het Westen en China als Rusland. Dat is verleden tijd. Het Westen legt Rusland sancties op en beperkt China’s toegang tot technologie.
Voor veel landen betekent dit nu een ernstige bedreiging. Door de sancties tegen Rusland stegen de energie- en voedselprijzen wereldwijd, met ernstige gevolgen voor de niet-westerse wereld. Onlangs heeft Janet Yellen, de Amerikaanse minister van Financiën, Amerikaanse bedrijven aangespoord om hun toeleveringsketens naar bevriende staten over te hevelen. Ook investeringen verplaatsen zich. En ondertussen bloeit er iets moois op tussen Beijing en Moskou. Recent onderzoek van het IMF heeft uitgewezen dat geopolitieke allianties, zoals die blijken uit stemgedrag in de VN, sinds 2018 almaar belangrijker zijn geworden bij het bepalen van directe buitenlandse investeringen. De scenario’s van het IMF ten aanzien van gefragmenteerde handel voorspellen dat de impact in opkomende markten meer dan twee keer zo slecht kan zijn als in ontwikkelde markten.
Geen ‘automatische allianties’
Maar velen in de niet-gebonden wereld gokken er ook op dat ze voordeel kunnen putten uit deze economische en politieke fragmentatie door hun relaties met diverse grootmachten af te palen en zelf andere landen te beïnvloeden. Om deze transactiestrategie te begrijpen, is het goed te kijken naar de aanpak van enkele grote landen die tussen twee vuren zitten. Neem Brazilië. Dat verzet zich tegen wat Mauro Vieira, minister van Buitenlandse Zaken, ‘automatische allianties’ noemt. Luiz Inácio Lula da Silva, die in januari aan zijn tweede leven als president van Brazilië begon, ziet ambtsgenoot Biden als een bondgenoot in de strijd tegen klimaatverandering; op hun bijeenkomst in Washington DC in februari werden gezamenlijke milieu-instellingen, die door de vorige president Bolsonaro waren opgedoekt, in ere hersteld. De VS zien Brazilië als een ‘grote niet-NAVO-bondgenoot’, en die status geeft recht op robuustere samenwerking met de Amerikaanse strijdkrachten.
Maar ook Brazilië laveert tussen de supermachten. Net als andere landen in de regio heeft het afwijzend gereageerd op westerse voorstellen om oud materieel van Russische makelij aan Oekraïne te leveren in ruil voor nieuwe wapens. Het bezoek van Lula aan Beijing in april onderstreept het economische belang van China. De handel tussen Brazilië en China bedroeg in 2022 een kleine 140 miljard euro, wat 37 keer zo veel is als twintig jaar geleden. Dit is onder meer te danken aan de wijze waarop Brazilië gebruik heeft gemaakt van de tarievenoorlog tussen China en de VS. Ten koste van Washington voerde het de export van landbouwproducten naar China op.
De angst van India voor China heeft in een aantal opzichten gezorgd voor toenadering tot het Westen
Brazilië gaat ook zelf op avontuur. Lula bezoekt binnenkort Afrika om de invloed van Brazilië daar nieuw leven in te blazen. Tijdens zijn eerste periode als president steeg de handel met Afrika van een kleine 5,5 miljard euro in 2003 naar ruim 23 miljard euro in 2012, en Zuid-Afrika mocht toetreden tot het brics-blok. Lula’s voorganger begaf zich niet naar Afrika. Hijzelf vindt duidelijk wel dat het de moeite loont.
De angst van India voor China heeft in een aantal opzichten gezorgd voor toenadering tot het Westen. In maart bracht de premier van Japan – dat net als India, de VS en Australië tot het ‘quadrilaterale’ Indo-Pacifische veiligheidsforum Quad behoort – een historisch bezoek aan Delhi. In het financiële jaar 2021-22 overtrof de handel van India met de VS die met China. Toch koopt India nog steeds wapens en goedkope olie van Rusland en is het onwaarschijnlijk dat het zijn jarenlange banden met dit land zal verbreken, tenzij het regime van Poetin kernwapens gaat inzetten.
Praktisch, niet partijdig
Net als Brazilië profileert India zich in het buitenland: alleen China zit dieper in de import en export met Afrika bezuiden de Sahara. Het gemiddelde jaarlijkse totaal aan directe buitenlandse investeringen van India bedroeg van 2004 tot 2008 0,7 miljard euro (minder dan de helft van die van Zweden), maar een decennium later 28 miljard (meer dan die van Duitsland en Japan samen). Vorige maand nodigde India vertegenwoordigers van 31 Afrikaanse landen uit voor war games. En India heeft beloofd zijn voorzitterschap van de G20 dit jaar te gebruiken om de ‘stem van het mondiale zuiden’ te laten horen.
Turkije wil zijn invloed in het mondiale zuiden eveneens vergroten. Het heeft veiligheidsovereenkomsten met dertig Afrikaanse staten gesloten. De militaire export naar Afrika vervijfvoudigde tussen 2020 en 2021. Adviseurs van de Turkse president Erdogan zeggen dat het ‘nieuwe Turkije’ zijn eigen partners kan uitkiezen. Dat kan verklaren waarom Turkije zich neutraal opstelt ten aanzien van de oorlog in Oekraïne. Ankara heeft zijn banden met Moskou recent aangehaald. De Turkse export naar Rusland kwam in 2022 uit op bijna 7 miljard euro, een stijging van 45 procent ten opzichte van het jaar ervoor.
Saoedi-Arabië verkleint zijn afhankelijkheid van zijn historische bondgenoot, de VS, door tegen China aan te schurken, dat nu de grootste handelspartner van het koninkrijk is. Kijk naar de besluiten, deze maand, en in oktober, door de OPEC, waarin Saoedi-Arabië het hoogste woord voert, om de olieproductie terug te dringen. Vorige maand ondertekende Saoedi-Arabië een overeenkomst met Iran, waarbij China had bemiddeld, en sloot het zich aan bij de Shanghai Co-operation Organization, een Euraziatische praatclub. China zegt zo snel mogelijk een vrijhandelsovereenkomst met de Golf te willen sluiten.
De betrekkingen van de Golfstaten met Afrika bleven ooit beperkt tot energie, landbouw en de politiek van de Hoorn van Afrika. Nu willen Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten contracten voor de winning van delfstoffen in de wacht slepen; DP World, een havenexploitant uit Dubai, is bezig uit te groeien tot een cruciaal bedrijf op het Afrikaanse continent, en Qatar manifesteert zich op uiteenlopende manieren op het diplomatieke toneel. Vorige maand was het betrokken bij onderhandelingen over de vrijlating van Paul Rusesabagina, een gedetineerde Rwandese dissident (en inspirator voor de film ‘Hotel Rwanda’).
Zelden klonken westerse beloften om de veiligheid te garanderen in sommige delen van Afrika zo hol
Afrikaanse landen hebben zich lange tijd naar beide grootmachten gericht. Het Westen is door de bank genomen hun belangrijkste voorziener in ‘zachte‘ behoeften geweest: onderwijs, gezondheid en, mocht een regering dat willen, mensenrechten. China biedt ‘hardware’: bruggen, wegen, havens, en de leningen om die te bouwen. Voor infrastructuurprojecten ten zuiden van de Sahara bedroegen de leningen van het belangrijkste Amerikaanse ontwikkelingsbureau tussen 2007 en 2020 minder dan een tiende van de leningen die de twee grote ontwikkelingsbanken van China verstrekten (1,7 miljard tegen ruim 20 miljard euro).
Zelden klonken westerse beloften om de veiligheid te garanderen in sommige delen van Afrika zo hol. ‘De Amerikaanse troepen en agenten moeten ergens slapen. Maar de veiligheidsrelatie komt onze economische ontwikkeling helemaal niet ten goede,’ legt een voormalig adviseur van een Afrikaanse president uit. ‘Daarvoor hebben we China nodig.’ In augustus verlieten, na negen jaar, de laatste Franse troepen Mali; de Wagner-groep, bestaande uit Russische huurlingen, houdt de regerende junta nu overeind.
De niet-gebonden landen kiezen liever geen partij. Maar de grootmachten VS en China willen ze graag in hun invloedssfeer trekken. Beijing ziet zijn leiderschap over het mondiale zuiden als een manier om beter weerwerk te kunnen bieden aan de VS. Het positioneert zich als rolmodel binnen een brede familie van ontwikkelingslanden. Het zet zich af tegen het Westen, dat volgens Beijing meer waarde hecht aan exclusiever gezelschap, zoals dat van de G7. ‘China laat zich zien waar en wanneer het Westen dat niet doet,’ zegt Yemi Osinbajo, de vertrekkende vicepresident van Nigeria.
Oosterse vrienden, westerse vrienden
China is de belangrijkste handelspartner van ongeveer 120 landen en voor velen de geldschieter in eerste en laatste instantie. Tussen 2007 en 2020 stopte het meer geld in infrastructuur ten zuiden van de Sahara dan de volgende acht grootste geldschieters tezamen. Dit is van cruciaal belang voor het oplossen van staatsschuldcrises. Uit een analyse van 73 ontwikkelingslanden door het IMF blijkt dat China in 2006 slechts 2 procent van de externe schulden van deze groep bezat, waar de ‘club van Parijs’ – een groep grotendeels westerse crediteuren – 28 procent voor zijn rekening nam. In 2020 bedroegen deze percentages respectievelijk 18 en 10.
Westerlingen mogen hier terecht hun wenkbrauwen bij fronsen. China’s ‘win-win’-retoriek verdonkeremaant de meedogenloze houding van Beijing. In het boek Banking on Beijing (2022), van onder anderen Bradley Parks van AidData (een onderzoeksinstelling), valt te lezen hoe China zijn economische instrumenten gebruikt voor politieke doeleinden. Geldstromen worden vaak naar de thuisdistricten van zittende leiders omgebogen, en ook is China meer dan westerse landen bereid geld te lenen aan corrupte en autocratische landen. AidData ontdekte ook dat als een land 10 procent vaker met Beijing meestemt bij de VN, het ook meer Chinese projecten in dat land tegemoet mag zien. Chinese leningen gaan vergezeld van ongewoon strikte clausules betreffende vertrouwelijkheid en onderpand. Chinese ontwikkelingsprojecten zouden echter wel tot een verhoging van het bbp per persoon leiden, merkt Parks op.
De VS bedrijft nu diplomatie op plekken die het eerder heeft verwaarloosd
De VS en bondgenoten proberen de Chinese inspanningen te ondervangen door hun boodschap aan de niet-gebonden wereld te verfijnen. Washington erkent dat de internationale orde die het leidt alleen legitiem is als andere landen er vrijwillig mee instemmen. ‘Landen willen niet gedwongen worden te kiezen, en dat willen wij ook niet,’ aldus Jake Sullivan, nationale veiligheidsadviseur van president Biden, eerder dit jaar in The Washington Post. De VS bedrijft nu diplomatie op plekken die het eerder heeft verwaarloosd. Kamala Harris, de Amerikaanse vicepresident, Janet Yellen en Antony Blinken, minister van Buitenlandse Zaken – allemaal hebben ze Afrika in 2023 bezocht. Biden volgt binnenkort.
De VS hebben ook de veiligheidssamenwerking met invloedrijke niet-gebonden landen versterkt. In november ontmoette minister van Defensie Lloyd Austin zijn Indonesische collega voor de vierde keer; in januari kwamen Amerikaanse en Indiase functionarissen overeen de samenwerking op het gebied van geavanceerde defensietechnologieën verder uit te bouwen. In totaal onderhoudt de VS 88 ‘defensiepartnerschappen’ (uitgezonderd formele allianties zoals die met de NAVO), al is een aantal vrij beperkt van aard.
Hoewel de VS en de EU de afgelopen jaren de Belt and Road Initiative, ofwel de door China geïnstigeerde Nieuwe Zijderoute, probeerden te pareren met concurrerende plannen, blijft de indruk bestaan dat je nog altijd beter bij Beijing kunt aankloppen voor geld om je infrastructuur te verbeteren en daarmee je economie te transformeren. Nadat Kamala Harris een soundtrack met Afrikaanse artiesten had uitgebracht om haar recente bezoek aan het continent luister bij te zetten, merkte een hoge Afrikaanse functionaris droogjes op dat de Chinezen met leningen en ingenieurs komen aanzetten en de Amerikanen met playlists.
Een politieke paradox
Alom wordt ervan uitgegaan dat de regering-Biden een buitenlands beleid op twee niveaus voert: op de eerste plaats komen de betrekkingen met de belangrijkste democratische bondgenoten in Europa en Azië (met de hoop dat India daarvan ooit deel zal uitmaken) – en daarna met rammelende mondiale instituties. Aan de bemiddelende rol van die instituties heeft een brede groep landen, waaronder de meeste niet-gebonden landen, behoefte, of het nu gaat om ontwikkeling, schuldverlichting, veiligheid of financiën.
Dat brengt drie uitdagingen met zich mee. In de eerste plaats moet de westerse eenheid standhouden. Dat is niet vanzelfsprekend. Tijdens zijn recente bezoek aan China zei de Franse president Emmanuel Macron dat de Europese staten het Amerikaanse beleid ten aanzien van Taiwan niet zomaar moeten volgen, noch een boodschap hoeven te hebben aan het Amerikaanse ‘ritme’.
Het risico van deze bundeling van krachten is dat het mondiale zuiden verder vervreemd raakt van de internationale orde
De tweede uitdaging is de mogelijkheid dat China de mondiale instellingen ondermijnt door bijvoorbeeld te kiezen voor bilaterale schuldenverlichting in plaats van zich volledig in te zetten voor gecoördineerde inspanningen op dat gebied. De halsstarrige houding van Chinese crediteuren bij het IMF vermindert de flexibiliteit die het kan bieden aan landen die met schulden worstelen.
De laatste uitdaging betreft het wantrouwen jegens het Westen vanwege al zijn verbroken beloften. Neem de klimaatfinanciering. In 2009 zeiden rijke landen dat ze in 2020 ruim 90 miljard euro per jaar naar arme landen zouden sluizen; het jaarlijkse totaal is nooit hoger geweest dan 77 miljard.
Op grond van hun gedeelde liberale waarden en geschiedenis schaarden westerse landen zich achter Oekraïne na de Russische invasie. Zij hebben ook hernieuwde vastberadenheid aan de dag gelegd jegens een autoritair China. Het risico van deze bundeling van krachten is evenwel dat het mondiale zuiden verder vervreemd raakt van de internationale orde. Het zou tragisch zijn als de VS, door het Westen te verenigen, het contact met de rest van de wereld verliest.
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.