Tag: Spanje

  • Documentaire doet boekje open over slavernijverleden Catalonië

    Documentaire doet boekje open over slavernijverleden Catalonië

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Opnieuw zware bootramp voor kust Libië

    » Arrestaties in Iran na vergiftigingen schoolmeisjes

    Catalonië zou slavenhandel hebben voortgezet na afschaffing

    De regering van Catalonië heeft gezegd dat de rijke Spaanse regio ‘het racisme uit haar slavernijverleden’ moet aanpakken. Dit naar aanleiding van een documentaire van Televisió de Catalunya, waarin werd onthuld hoe Catalaanse industriëlen en zeelieden profiteerden van de trans-Atlantische slavenhandel toen de Britten deze praktijk in 1807 afschaften. Hoewel Spanje al snel na Groot-Brittannië de slavernij officieel afschafte, werd de clandestiene handel voortgezet, veelal op schepen die eigendom waren van en bemand werden door Catalanen, schrijft The Guardian.

    Tussen 1817 en 1867 waren Catalanen betrokken bij het vervoer van 700.000 slaven

    Het is al lang bekend dat veel Catalanen – waaronder Antonio Gaudí’s beschermheer Eusebi Güell – steenrijk zijn geworden dankzij de slavenarbeid op de tabaks-, suiker- en katoenplantages van Cuba en, in mindere mate, Puerto Rico. Veel minder bekend is dat Catalaanse magnaten en zeelieden nog tientallen jaren na de afschaffing van de slavenhandel en de slavernij door Groot-Brittannië grof geld bleven verdienen met deze praktijken.

    De genoemde documentaire, die vorige maand op de Catalaanse publieke televisie werd uitgezonden, wil recht doen aan de geschiedenis. Ze belicht wat historici al tientallen jaren aantonen: dat tussen 1817 en 1867 Catalanen direct of indirect betrokken waren bij het vervoer van 700.000 slaven uit West-Afrika naar het Caribisch gebied en dat deze handel een groot deel van de industrialisatie van Catalonië en de negentiende-eeuwse grootschalige bouwactiviteiten in Barcelona financierde.

    Lees ook:

  • Catalaanse stichting verspreidt ‘handleiding’ om Catalaans te promoten

    Catalaanse stichting verspreidt ‘handleiding’ om Catalaans te promoten

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » VN-resolutie eist ‘onmiddellijke’ terugtrekking van Rusland uit Oekraïne

    » Eerste sneeuwstormwaarschuwing in Los Angeles sinds 1989

    Catalonië voert al jarenlang actie voor het Catalaans

    In Catalonië is er een campagne gaande om het exclusieve gebruik van het Catalaans te promoten. De stichting Òmnium Cultural heeft op internet een handleiding gepubliceerd met argumenten die de Catalanen moeten overhalen alleen het Catalaans te gebruiken. De organisatie, die belast is met de bevordering en normalisering van de Catalaanse taal en cultuur, zou op deze manier van iedere Catalaan een taalactivist willen maken die het Spaans zo veel mogelijk links laat liggen en in iedere situatie het Catalaans gebruikt, aldus El Mundo.

    De handleiding bevat argumenten zoals ‘Catalaans is de taal van de plaats waar je woont’, ‘het gebruik van het Catalaans bevordert maatschappelijke integratie en participatie’ en ‘het getuigt van aanpassingsvermogen als je de taal spreekt van je woonplaats’. ‘Je wilt immers niet gezien worden als iemand die de taal niet kent of zich niet aan wil passen’, schrijft Òmnium Cultural.

    In Catalonië woedt al jarenlang een strijd om het Catalaans een voorrangsstatus te geven

    Misschien wel de meest controversiële uitspraak van het document, aldus El Mundo, is dat je niet naar een andere taal hoeft te switchen wanneer de ander het Catalaans niet verstaat. ‘Als ik op een andere taal overga, ontzeg ik de ander de mogelijkheid om de taal [het Catalaans] te leren’, valt te lezen in het document.

    Deze actie staat niet op zichzelf. In Catalonië woedt al jarenlang een strijd om het Catalaans een voorrangsstatus te geven ten koste van het Spaans. Vorige week nog bracht El Mundo een verhaal naar buiten over een vragenlijst die docenten aan sommige Catalaanse onderwijsinstellingen moesten invullen. Ze werden onder andere ondervraagd over de taal die ze het meest gebruikten en waarin ze thuis, met vrienden en op hun mobiel communiceerden. De enquête stuitte op flinke kritiek. Ze werd gezien als een schending van de privacy van de docenten.

    Lees ook:

  • Spanje neemt wet genderzelfbeschikking aan

    Spanje neemt wet genderzelfbeschikking aan

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » VS ‘zeer ontzet’ over uitbreiding Israëlische nederzettingen

    » Tesla moet meer dan 360.000 voertuigen met zelfrijdende functie terugroepen

    De Spaanse minister spreekt van ‘historische stap vooruit’

    De Spaanse minister van Gelijkheid Irene Montero is erin geslaagd haar transgenderwet door het Congres heen te loodsen. Dat betekent dat Spanjaarden vanaf nu zelf mogen bepalen welk geslacht op hun identiteitsbewijs zichtbaar is, zonder dat ze daarvoor een medische verklaring moeten laten zien of hormonen hoeven te slikken, schrijft El Mundo. Vanaf twaalf jaar moeten kinderen nog aan bepaalde voorwaarden voldoen, zodra ze zestien jaar zijn vervallen die vereisten.

    De minister verklaarde in het Congres, de Spaanse Tweede Kamer, dat de wet ‘tegen alle verwachtingen in’ erdoorheen is gekomen. Maandenlang zijn er verhitte debatten gevoerd over de implicaties en gevolgen van deze wet. Onder andere de conservatieve partij PP, de rechts-populistische partij Vox en feministische actiegroepen waren fel tegen het wetsvoorstel.

    PP en Vox waarschuwen voor de ‘onomkeerbare problemen’ die de wet zal opleveren

    Zelfs de partij die de meerderheid vormt binnen de regering, de sociaaldemocratische PSOE, bracht stevige bezwaren in tegen het wetsvoorstel. Zo zou het ongrondwettelijk zijn om minderjarigen zulke bevoegdheden te geven. Uiteindelijk moest de partij het afleggen tegen de partijalliantie Unidas Podemos (‘Samen kunnen we het’), waar ook minister Montero met haar partij Podemos deel van uitmaakt.

    Waar de minister van Gelijkheid spreekt over een ‘historische stap vooruit’, waarschuwen onder andere de PP en Vox voor de ‘onomkeerbare problemen’ die de wet zal opleveren. Zo zou met het aannemen van de wet medische en psychologische bescherming wegvallen, wat vooral problematisch zou zijn voor minderjarigen die stappen ondernemen om hun geslacht te veranderen, hormonen slikken en vervolgens spijt krijgen van hun keuze. Ondanks deze kritiek werd de wet met een ruime meerderheid van zo’n 190 stemmen aangenomen.

    Lees ook:

  • Italië verzet zich tegen Ierse waarschuwingen op wijn

    Italië verzet zich tegen Ierse waarschuwingen op wijn

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Meer dan 4300 doden bij aardbeving in Turkije en Syrië

    » Zelensky mogelijk deze week op bezoek in Brussel

    Italië tegen stigmatisering van wijn

    De wens van Ierland om het vermelden van de gevaren van alcoholmisbruik verplicht te stellen op wijn, bier en gedistilleerd is prima, maar het mag niet leiden tot stigmatisering van het drinken van wijn, want dat is gezond als het met mate gebeurt. Aldus de Italiaanse minister van Landbouw en Voedsel, Francesco Lollobrigida – inderdaad familie van de onlangs overleden actrice Gina – na een ontmoeting met zijn Ierse collega Charlie McConalogue op een bijeenkomst van Europese landbouwministers. Italië protesteert tegen de voorgestelde etikettering op wijn – naar voorbeeld van die op pakjes sigaretten – en wil dat de EU de zaak zo nodig voorlegt aan de Wereldhandelsorganisatie, aldus ANSA.

    Italiaanse wijnproducenten vrezen dat de export, jaarlijks 60 miljard euro, door de etikettering zal worden getroffen. Ze werken daarom met collega’s in Frankrijk, Spanje en andere belangrijke wijnproducerende landen aan een gezamenlijke verklaring.

    Lollobrigida zei na zijn gesprekken met McConalogue: ‘Er mag geen stigma komen op producten die, mits met mate geconsumeerd, in feite bijdragen aan het welzijn, en dat is wat wijn volgens ons doet.’

    Lees ook:

  • Aanvallen in Spaanse kerken, mogelijk terrorisme

    Aanvallen in Spaanse kerken, mogelijk terrorisme

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » VS: Google aangeklaagd wegens adverteermonopolie

    » Definitief: VS en Europa sturen tanks naar Oekraïne

    In zeker twee kerken in Zuid-Spanje vonden aanvallen plaats

    Een man heeft in het zuiden van Spanje in verschillende kerken mensen aangevallen met een steekwapen. Volgens Spaanse media, waaronder de krant El Pais, gaat het om een Marokkaanse man die gebruik maakte van een machete. Zeker een van de slachtoffers van zijn steekaanvallen is om het leven gekomen. Het zou gaat om een koster.

    De aanvallen vonden plaats in de havenstad Algeciras, een belangrijke verbindingsstad voor tochten naar Marokko en de exclaves Ceuta en Melilla. De man zou in zeker twee katholieke kerken mensen hebben aangevallen. De Spaanse politie onderzoekt of de dader een terroristisch motief had voor het geweld.

    Naast het dodelijke slachtoffer raakten vier mensen gewond bij de aanvallen. In Algeciras kampt men al lange tijd met problemen door drugs- en mensensmokkel, maar religieus geweld zou, ondanks de verschillende religies in de stad, maar weinig voorkomen.

    Lees ook:

  • Spaanse ministerie van Defensie verandert omstreden naam van bataljon

    Spaanse ministerie van Defensie verandert omstreden naam van bataljon

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Premier Nieuw-Zeeland kondigt plotseling aftreden aan

    » Massagraven vol lichamen gevonden in Congo

    Spanje neemt nadrukkelijk afstand van dictatoriaal verleden

    Het ministerie van Defensie in Spanje heeft de naam gewijzigd van het bataljon van een van de divisies van het Spaanse Legioen, de elitie-eenheid van de Spaanse landmacht, bericht El País. Waar voorheen ‘commandant Francisco Franco’, de voormalige dictator, op het vaandel van het bataljon te lezen was, is het nu omgedoopt tot ‘España’, oftewel ‘Spanje’.

    Deze naamswijziging staat in het kader van een nieuwe wet over de zogeheten ‘Memoria Democrática’, waarin staat dat alle symbolen en elementen die strijdig zijn met de democratische rechtsstaat en positief tegenover het dictatoriale verleden en het franquisme staan, verboden worden. Het is de eerste maatregel die het ministerie neemt sinds dat de nieuwe wet op 21 oktober afgelopen jaar in werking trad. Eind vorig jaar zette defensieminister Margarita Robles een interne commissie op met het doel de bepalingen van deze wet door te voeren in het Spaanse leger.

    Zo’n drie jaar geleden was de naam van het bataljon al voer voor debat, toen een congreslid naar de reden van deze naam vroeg. Er werden echter geen stappen ondernomen om de naam te wijzigen. Daar is nu dan eindelijk verandering in gekomen.

    Lees ook:

  • Griekenland en Portugal waren de best presterende economieën van 2022

    Griekenland en Portugal waren de best presterende economieën van 2022

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Hooggerechtshof beveelt arrestatie van Bolsonaro’s voormalig minister van Justitie

    » Drie op de vier Schotse winkelcentra geregistreerd in belastingparadijzen

    Griekenland presteerde het best in 2022

    The Economist stelde een lijst samen van landen die het best en landen die het slechtst presteerden in 2022, dat als een economisch slecht jaar de boeken in gaat. Door sterke inflatie gingen de meeste inkomens in rijke landen erop achteruit en aandelenmarkten kelderden wereldwijd met 20 procent. Verrassend genoeg heeft vooral het Middellandse Zeegebied reden voor een economisch feestje. Bovenaan de lijst staat Griekenland, en ook Portugal en Spanje scoren hoog. Ondanks de politieke chaos deed Israël het goed.

    In Zwitserland bleef de inflatie laag en stegen de consumentenprijzen met slechts 3 procent. Landen met niet-Russische energiebronnen, zoals Spanje, dat een groot deel van zijn gas uit Algerije betrekt, scoorden bovengemiddeld. Duitsland had een slecht jaar ondanks de politieke stabiliteit, en Estland en Letland – die werden geprezen om hun hervormingen – staan nu onderaan. Nederland eindigt op de negentiende plek van de 34 geanalyseerde landen.

    Lees ook:

  • Madrileense jongeren feesten in nachtclubs met Nederlandse xtc

    Madrileense jongeren feesten in nachtclubs met Nederlandse xtc

    Veel van de in Nederlandse laboratoria geproduceerde synthetische drugs komen in het nachtleven van Madrid terecht. Voordat ze daar verkocht worden, is er een hele schakel koeriers die een graantje meepikken. Vaak een uitstekende manier om rond te komen.

    ‘In een goede maand verdiende ik ongeveer 1200 euro, alleen al met xtc. Reken je andere drugs mee, dan kwam ik uit op zo’n 3000 euro,’ zegt de 23-jarige Sandra (niet haar echte naam). In één jaar tijd verdiende ze 32.000 euro met de verkoop van drugs in de populairste nachtclubs van Madrid. ‘Ik hoefde daarnaast niet eens te werken. Het was genoeg om van rond te komen,’ zegt ze.

    Sandra was de laatste schakel in een lange keten waarbij duizenden mensen betrokken zijn. De handelswaar: mdma, in de volksmond beter bekend als xtc, dat in het hart van Europa wordt geproduceerd. De Verenigde Naties meldden dat 58 procent van de drugslaboratoria die in de periode 2015-2019 werden ontdekt, zich op het oude continent bevonden. En Nederland is onmiskenbaar het mekka van de synthetische drugs. Van de 28 mdma-laboratoria die in 2019 in de EU werden ontmanteld, bevonden zich twintig in Nederland, volgens het European Drug Report 2021.

    De waaromvraag

    Een Nederlandse studie, getiteld Waarin een klein land groot kan zijn, ging datzelfde jaar in op de waaromvraag. De conclusies waren helder: ideale ligging en infrastructuur, gebrek aan personeel om drugscriminaliteit te onderzoeken en een niet al te strenge rechtspraak, waardoor het land de ideale plaats is om xtc te produceren en wereldwijd te exporteren.

    Inspecteur Manuel Llorente zette zich bij de afdeling verdovende middelen van de UDYCO (Eenheid Drugs en Georganiseerde Misdaad van de Nationale Politie) vijfentwintig jaar lang in voor de bestrijding van de drugshandel. Hij beschrijft hoe de drugs in de Spaanse hoofdstad aankomen. ‘De xtc die in Madrid wordt verkocht, komt gewoonlijk over de weg aan vanuit Nederland. Voor het transport gebruiken ze handelsroutes. Het gaat om gewone mensen die in hun vrachtwagen of auto een rugzak of sporttas met honderdduizend pillen meenemen.’ Op een bepaald moment overhandigt de chauffeur die op een vooraf afgesproken punt, zoals een benzinestation, aan een volgende tussenpersoon, die vervolgens met de goederen doorreist naar Spanje. ‘Zo verdient hij zijn 2000 euro. Dat gebeurt continu,’ aldus Llorente.

    Vanaf het moment dat de Spaanse grens gepasseerd is en totdat de consument wordt bereikt, gaat de xtc langs verschillende tussenpersonen. ‘Er zijn normaal gesproken ten minste drie stappen. Allereerst is er de chauffeur. Dan zijn er vijf of zes mensen die de boel verdelen. Vervolgens zijn er allerlei jongeren, scholieren vaak, die honderd of tweehonderd pillen overnemen om die door te verkopen,’ vertelt Llorente. Hij voegt daaraan toe: ‘In Spanje zijn er geen grote laboratoria, al zijn er de laatste jaren wel enkele ontdekt in de streek van Logroño en Navarra. Die zijn inmiddels ontmanteld.’ De inspecteur zegt dat de belangrijkste betrokken drugsbendes uit Nederland en Bulgarije komen, hoewel recentelijk ook de Arabische en Zuid-Amerikaanse georganiseerde misdaad zijn intrede heeft gedaan.

    Hij bracht me pillen uit zowel het noorden als het zuiden, zodat ik verschillende soorten had

    Zo kwamen de drugs ook terecht bij Sandra, de koerier. ‘Ik had een vrij normale leverancier; hij had altijd genoeg en het was van hoge kwaliteit. Hij bracht me pillen uit zowel het noorden als het zuiden, zodat ik verschillende soorten had. De xtc uit het zuiden was sterker, daar werd je behoorlijk high van.’ Dan was het haar beurt om aan de slag te gaan en de koopwaar aan de man te brengen.

    Soms sloot ze een deal via WhatsApp of een soortgelijke app. Maar het zwaartepunt van de handel was het uitgaans-leven. ‘Ik ging op vrijdag, zaterdag en zondag altijd naar disco’s. Daar kwam ik dan als de Wijzen uit het Oosten, met zo’n tachtig tot negentig pillen en 50 gram xtc in kristalvorm. Ik had ook 50 gram cocaïne en 40 à 50 gram speed bij me. Een beetje van alles wat, heel gevarieerd. Dat verkocht ik dan vrij gemakkelijk, omdat mensen verschillende soorten drugs namen,’ vertelt Sandra. ‘Zo verkocht ik ’s nachts wat en dan bewaarde ik de rest voor de volgende ochtend, omdat ik het dan tegen een hogere prijs kon verkopen omdat de nood dan hoger was.’

    In een mindere maand verdiende Sandra alleen al met de verkoop van xtc 750 euro; in een goede maand was dat 1200 euro. Elk weekend verkocht ze in de populairste nachtclubs van de hoofdstad zo’n 30 gram van de drug aan feestende Madrileense jongeren. Daar kon ze de andere drugs die ze verhandelde dan nog bij optellen. ‘Ik hoefde ruim een jaar niet te werken en had genoeg geld om te doen wat ik wilde, ook nog nadat ik was gestopt.’

    De vetste pil

    Alsof het nog niet genoeg is, stellen deskundigen vast dat de doses van de drug in de loop der jaren steeds sterker worden. Fernando Caudevilla is huisarts, onderzoeker en drugsvoorlichter. Vijftien jaar geleden publiceerde hij een boek over xtc, en hij zegt dat de huidige situatie weinig meer te maken heeft met hoe het toen was. Destijds bevatten de pillen 80 milligram mdma, vertelt hij, en waren ze van zeer lage kwaliteit. Maar tegenwoordig doen dealers en producenten ‘een spelletje wie de vetste pil kan maken’, zodat er nu exemplaren met tot wel 250 milligram in omloop zijn. Maar hoe zuiver zijn deze nu echt?

    De realiteit is dat het moeilijk is vast te stellen. Tot 2017 werd in de jaarverslagen van het Nationaal Instituut voor Toxicologie relevante informatie verzameld over de samenstelling van drugs die door de rechtshandhaving in beslag waren genomen. Maar de gegevens lijken de laatste jaren ondoorzichtig te zijn geworden. Gedurende de drie maanden dat dit onderzoek liep is het, ondanks talrijke pogingen, onmogelijk gebleken om aan informatie van overheidsinstellingen te komen.

    Het gemiddelde mdma-gehalte van de kristallen bedroeg 78,7 procent, waarbij sommige monsters meer dan 90 procent bleken te bevatten

    Energy Control is een programma van de Asociación Bienestar y Desarrollo [Vereniging voor Welzijn en Ontwikkeling], die al ruim twintig jaar gratis testen aanbiedt aan consumenten die willen weten wat er in hun drugs zit. Voor dit artikel heeft Energy Control gegevens verstrekt over alle mdma-monsters die het in de afgelopen tien jaar in Madrid heeft geanalyseerd. Maar, waarschuwt huisarts Caudevilla, je moet wel weten wat die betekenen. ‘Wat Energy Control doet, heeft voor- en nadelen; ze bieden een moment-opname van wat er op dat moment op straat rondgaat. De Nationale Politie kijkt op een ander niveau naar de inbeslagnames, en komt op die manier met aanvullende informatie. In de gegevens van Energy Control zijn sommige waarden waarschijnlijk aan de hoge kant. Vaak laten mensen namelijk pas iets testen als ze vermoeden dat het zeldzaam is; als ze denken dat het niet zeldzaam is, laten ze het ook niet testen.’

    Xtc wordt door Energy Control het meest geanalyseerd, gevolgd door cocaïne en speed. Sinds 2011 was het gemiddelde mdma-gehalte per pil 150 milligram, met uitschieters van 300 milligram in sommige pillen. Het gemiddelde mdma-gehalte van de kristallen bedroeg 78,7 procent, waarbij sommige monsters meer dan 90 procent bleken te bevatten. ‘De verhouding tussen deze twee aangeboden vormen was vrij gelijkmatig. Iets meer dan de helft, ongeveer 52 procent van de monsters, betrof kristallen,’ aldus Berta de La Vega, coördinator van Energy Control in Madrid.

    Goede kwaliteit

    In het algemeen is Spaanse xtc van goede kwaliteit, iets wat in andere landen niet altijd het geval is. Dat vertelt Silvia (niet haar echte naam), een regelmatig gebruiker van deze drug. ‘In het Verenigd Koninkrijk heb ik het verschillende keren gebruikt, en meestal kon je direct al zien dat het geen mdma was. Dan voelde je niets, alleen angst en een gevoel van onbehagen,’ zegt ze. ’Dat is me ook overkomen in Thailand en Hongkong, toen ik op reis was. Zo leerde ik dat je het niet moet nemen als je op vakantie bent, tenzij je iemand hebt ontmoet die je echt kunt vertrouwen. De kwaliteit van mdma die je in Spanje vindt, is in vergelijking met andere landen erg goed. Zelfs niet-Spanjaarden vinden dat.’

    Volgens Caudevilla is de reden voor de hoge zuiverheidsgraad dat het om een stof gaat die moeilijk te vervuilen is; in pilvorm is dat zelfs nagenoeg onmogelijk. Bovendien is dat ook niet de moeite waard, zegt klinisch psycholoog José Carlos Bouso, doctor in de farmacologie en wetenschappelijk directeur van de stichting Iceers: ‘Het is duurder om het te versnijden dan om het zuiver te verkopen. Als het niet zuiver is, is de synthese niet helemaal geslaagd. Het gaat dan, met andere woorden, om processen van synthese waarbij de zuivering nog niet is voltooid. Maar het is zeer zeldzaam dat ermee gerommeld is: omdat het synthetiseren van een gram mdma nog geen euro kost, heeft het weinig zin om het ergens mee te gaan vervuilen.’

    Sandra legt uit dat xtc een aantal voordelen heeft die de drug voor gebruikers heel aantrekkelijk maakt. Veel mensen vinden het bijvoorbeeld eng om iets in hun neus te stoppen, zoals cocaïne. Xtc in pilvorm, of verdund in een drankje, is gemakkelijker en geeft je meer controle over de dosis. Ook hoef je geen afgelegen plekje op te zoeken om het in te nemen, want de inname gebeurt grotendeels onopgemerkt. 

    En het is natuurlijk ook een economische kwestie. ‘Werkende mensen met veel geld gebruikten altijd cocaïne. Maar mensen die het wat minder breed hadden, of die al veel hadden uitgegeven, gingen voor het goedkope spul. Een halve gram mdma-kristal kost 15 euro, een hele gram 20 euro. Cocaïne kost al snel 50 à 60 euro per gram – voor klanten een groot verschil.’

    Verlies van magie

    Bouso zegt dat verslaving aan xtc weliswaar voorkomt, maar niet gebruikelijk is. Bovendien zorgt aanhoudend gebruik ervoor dat de effecten afnemen, wat ook wel bekendstaat als het ‘verlies van de magie’. ‘Laten we zeggen dat mdma een stof is die mensen geneigd zijn gedurende een zeer specifieke periode in hun leven te gebruiken. Het komt en gaat.’ 

    Ook Sandra zag zelf wel in dat haar relatie met de drug slechts tijdelijk was. ‘Ik was me daar heel erg van bewust. Ik wilde er niet mijn hele leven aan vast blijven zitten, ik wilde gewoon geld verdienen en er dan mee stoppen.’

    Xtc is nu al tientallen jaren verankerd in de samenleving, met een illegale markt die de productie- en handels-methoden tot in het extreme heeft verfijnd en die op volle toeren draait. De drug wordt op grote schaal geconsumeerd en de zuiverheidsgraad heeft recordhoogten bereikt. Van Nederland tot de nachtclubs van Madrid speelt jan en alleman een sleutelrol in de hoogtijdagen van deze drug, met de Spaanse hoofdstad als belangrijke verspreidingsplek. a536b237 c8c3 49de b2d7 8989a7d894c1

     

  • Dorp te koop in Spanje: 44 huizen voor 260.000 euro

    Dorp te koop in Spanje: 44 huizen voor 260.000 euro

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Filmploeg vindt onderdelen spaceshuttle Challenger

    » Agent en dader om het leven gekomen bij aanslag Brussel

    Het dorp staat al 30 jaar leeg en kent een hotel, school en kerk

    Mensen die op zoek zijn naar een nieuwe woning en de overhitte woningmarkt in Nederland zat zijn, doen er wellicht beter aan om over de grens te kijken. In het noordwesten van Spanje wordt volgens de BBC een heel dorp verkocht voor de luttele som van 260.000 euro. Het gaat om Salto de Castro, vlak bij de grens met Portugal, op drie uur rijden van hoofdstad Madrid.

    In het Spaanse stadje vind je 44 huizen, een hotel, een kerk, een school, een openbaar zwembad en zelfs een oude kazerne. Het stadje is al dertig jaar verlaten, alle inwoners zijn vertrokken en de huidige eigenaar is een tachtigjarige man die het dorp begin 2000 kocht met het idee er een toeristische hotspot van te maken. Dat project kwam mede door de financiële crisis niet van de grond.

    Hoewel Salto de Castro een leuke buitenkans is voor een investeerder met grote plannen, vertelt de leegstand in het stadje het verhaal van grote delen van ruraal Spanje. Vanwege vergrijzing en een gebrek aan arbeidskansen trekken steeds meer mensen weg uit dorpen en ontstaan er spookstadjes waar niemand meer in leeft. In andere Zuid-Europese landen kunnen jonge gezinnen in zulke stadjes gratis aan woningen komen, zolang ze er zich maar vestigen en zo het voortbestaan van dorp garanderen.

    Lees ook:

  • Agent in Spanje veroordeeld voor verspreiden nepnieuws

    Agent in Spanje veroordeeld voor verspreiden nepnieuws

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Hoogste bedrag ooit gewonnen bij loterij

    » Voormalig FIFA-president noemt WK in Qatar een vergissing

    De man had nepnieuws over geweld door een migrant verspreid

    Een politieagent in Spanje is veroordeeld tot vijftien maanden celstraf vanwege het plaatsen van een video met nepnieuws over een migrant, schrijft El País. De man moet daarnaast een boete van ruim 1600 euro betalen. Of de man zijn baan kwijtraakt, is nog niet bekend.

    In 2019 plaatste de agent een filmpje op sociale media waarin een man te zien was die een vrouw mishandelde tot ze bewusteloos op de grond lag. Hij schreef erbij dat de man de vrouw ook had verkracht. Volgens hem ging het om een minderjarige illegale migrant uit Marokko, die door de staat ‘gesponsord’ zou worden.

    In werkelijkheid ging het echter om een filmpje van een mishandeling uit China. Volgens de rechter wilde de man met zijn daad alle migranten in Spanje in slecht daglicht plaatsen. Het is voor het eerst dat iemand in Spanje veroordeeld wordt voor het verspreiden van nepnieuws.

    Lees ook:

  • Spanje neemt wet aan om slachtoffers van Franco-regime op te sporen

    Spanje neemt wet aan om slachtoffers van Franco-regime op te sporen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » OPEC en Rusland straffen Westen door olieproductie te verminderen

    » Oekraïne: Poetin eigent zich kerncentrale Zaporizja toe

    Overwinning voor nabestaanden

    De Spaanse Senaat heeft woensdag de langverwachte Wet op de Democratische Herinnering aangenomen, die het mogelijk moet maken de meer dan honderdduizend mensen die tijdens de Spaanse Burgeroorlog en onder de dictatuur van Franco zijn verdwenen, op te sporen en te (her)begraven, bericht ABC. Rechts blijft fel gekant tegen de wettekst, die volgens sommige partijen een verraad is aan ‘de geest van verzoening’ van de democratische overgang na de dood Franco.

    ‘Het debat zat vol persoonlijke toespelingen van de senatoren op hun eigen familie-ervaringen’

    De wet is een opvolger van de Wet op de Historische Herinnering die in 2007 door de vorige socialistische regering onder leiding van José Luis Rodríguez Zapatero is ingevoerd, maar zijn rechtse opvolger, Mariano Rajoy, pochte dat hij geen enkele euro had uitgegeven om de wet te handhaven.

    ‘Het debat, dat vanaf de publieke tribune werd bijgewoond door leden van nabestaandenverenigingen, zat vol persoonlijke toespelingen van de senatoren op hun eigen familie-ervaringen. De socialistische senator Margarita Adrio vertelde hoe op 12 november 1936, tijdens het eerste jaar van de oorlog, haar oom José Adrio Barreiro op zesentwintigjarige leeftijd werd doodgeschoten, “samen met negen andere mannen van wie de enige misdaad was dat zij op vreedzame wijze de wettelijk ingestelde regering verdedigden”. Met brekende stem vertelde de senator hoe haar grootmoeder die nacht “bad dat de dageraad niet zou aanbreken”’, schrijft ABC.

    Lees ook:

  • Spaanse schrijver Javier Marías overleden

    Spaanse schrijver Javier Marías overleden

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Blue Origin-raket van Jeff Bezos crasht bij lancering – geen gewonden

    » Europees pessimisme over een mogelijk nucleair akkoord met Iran

    ‘Een van de sleutelfiguren van de Spaanse literatuur’

    De Spaanse auteur Javier Marías is zondag in Madrid op zeventigjarige leeftijd overleden aan een longontsteking. Hij was ‘een van de sleutelfiguren van de Spaanse literatuur’, aldus de kop in El País, voor wie de auteur van Denk morgen op het slagveld aan mij en Een hart zo blank columnist was.

    De boeken van de ‘door zijn gelijken gerespecteerde en door zijn lezers vereerde romanschrijver’ werden in negenenvijftig landen gepubliceerd, wat hem tot een van de meest gelezen Spaanse auteurs in het buitenland maakt. In een ander artikel schrijft El País dat de ‘schrijver zijn formele veeleisendheid verenigde met een blik die even scherp en onverbiddelijk was als weids, diepzinnig en microscopisch’.

    In zijn laatste column voor het Spaanse dagblad, die El País op zijn sterfdag publiceerde, hield Marías een pleidooi voor een betere (financiële) waardering van vertalers. ‘Een van de belangrijkste beroepen in de wereld is ongetwijfeld dat van vertaler’, schreef Marías, die jarenlang zelf werkzaam was als vertaler uit het Engels, van onder andere de Russisch-Amerikaanse schrijver Vladimir Nabokov.

    Lees ook:

  • Door droogte duikt ‘Spaanse Stonehenge’ weer op

    Door droogte duikt ‘Spaanse Stonehenge’ weer op

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Studie onthult opvallende verschillen tussen hersenen van moderne mens en neanderthaler

    » Elon Musk: ‘SpaceX bespreekt iPhone-satellietdiensten voor Apple’

    Droogte maakt onder water gezette monumenten weer zichtbaar

    Als het skelet van een uitgestorven zeemonster is de Dolmen van Guadalperal opgedoken uit de bodem van het stuwmeer van Valdecañas in West-Spanje, waar door de aanhoudende droogte in Europa het waterpeil sterk is gedaald, meldt The New York Times. De overblijfselen van deze graven uit de bronstijd, bijgenaamd het Spaanse Stonehenge, zijn nu voor de vijfde keer volledig blootgelegd sinds het gebied in 1963 opzettelijk onder water werd gezet als onderdeel van een plattelandsontwikkelingsproject.

    Dolmens, ook wel hunebedden genoemd, waren graftombes met één kamer die vaak werden gebruikt voor religieuze ceremonies en nauwkeurige waarnemingen van de zon. De onlangs in Spanje opgedoken dolmen dateert uit het vierde of vijfde millennium voor Christus en is daarmee zo’n tweeduizend jaar ouder dan zijn Keltische neef op de Salisbury-vlakte in Engeland.

    Lees ook:

  • Wordt de octopus het volgende slachtoffer van de bioindustrie?

    Wordt de octopus het volgende slachtoffer van de bioindustrie?

    De octopus is een schepsel met vele geheimen. Hij is intelligent, koppig – en totaal anders dan mensen. Maar het ziet ernaar uit dat het weekdier binnenkort hetzelfde doel zal dienen als zovele dieren voor hem: dat van grondstof voor de industriële massaproductie van vlees.

    Choco Frito is de Portugese versie van fish and chips. Het ligt in vette stapels op het bord van Lucas Martins. Rechts de reepjes gesneden aardappelen, links stukjes gesneden en gefrituurde inktvis. Een uur geleden hield Lucas op de bodem van de zee zijn korte, brede vingers naast de altijd kronkelende tentakels van een octopus, in de hoop hem aan te kunnen raken, maar het dier gunde hem dit plezier niet. In plaats daarvan maakte het een sprong, stootte een wolk inkt uit en zwom met de melkachtig witte huid weg als een speer.

    Wat wij inktvis noemen, verwijst naar verschillende soorten koppotigen: op het bord van Lucas ligt een sepia (in stukken gesneden), onder water kwam hij een octopus tegen (in één stuk). Dat het woord voor het ene dier vrouwelijk is en voor het andere mannelijk, is even irrelevant als de hond en het poesje, het is gewoon zo. Een sepia lijkt een beetje op een vliegende, of liever: zwevende schotel, met tien tentakels rond zijn mond, als een baard. Een octopus heeft een zakvormig lichaam, onderaan een mond die bek of soms snavel wordt genoemd, en acht tentakels die in alle richtingen uitwaaieren. ‘Ik vind het gaaf om de octopussen daar beneden te zien,’ zegt Lucas Martins. ‘Maar ik heb ze ook graag op mijn bord.’

    Dit is een verhaal over tegenstrijdigheden, onwetendheid en heimelijkheden. En het is een toenadering tot een dier waarop al zoveel werd geprojecteerd: de dood, monsterlijkheid, list en lust. Velen beschouwen de octopus als een wezen dat het dichtst in de buurt van een buitenaardse verschijning komt, of althans bij ons idee ervan. Omdat het totaal anders is dan wij.

    Dit verhaal gaat over de mens die denkt voldoende te hebben begrepen van onderwaterwezens om er een calculeerbaar product voor een kapitalistisch industrieel systeem van te maken.

    Industriële kweek

    De octopus ‘voldoet aan veel van de vereisten om in aanmerking te komen voor industriële kweek’, schreef het wetenschappelijke tijdschrift Aquaculture in 2004: ‘gemakkelijke aanpassing aan de omstandigheden in gevangenschap, hoge groeisnelheid, aanvaarding van laagwaardig natuurlijk voedsel, hoge reproductiesnelheid en hoge marktprijs’. Het was slechts een kwestie van tijd.

    Evolutionair biologisch gezien kunnen mens en octopus nauwelijks verder uit elkaar staan. Onze wegen gingen ongeveer zeshonderd miljoen jaar geleden uiteen, toen al het leven zich nog in zee afspeelde en geen enkel organisme nog voet op land had gezet.

    Onze meest recente gemeenschappelijke voorouder is een wormachtig wezen dat enerzijds uitgroeide tot gewervelde dieren, zoogdieren en bovengemiddeld intelligente mensen. Aan de andere kant ontstonden ongewervelden zoals mosselen, slakken en bovengemiddeld intelligente koppotigen. Ons bloed is rood omdat het ijzer bevat als zuurstofdragend molecuul; hun bloed is blauwgroen omdat ze koper gebruiken om zuurstof te transporteren. Dat we geboren worden, leven en sterven hebben we gemeen, evenals onze ogen, vreemd vertrouwd in dit vreemde lichaam. Afgezien daarvan is alles anders, alsof de evolutie twee keer de geest kreeg, maar wel twee keer totaal anders. Vandaar de vergelijking met een buitenaards wezen, afkomstig van de Britse zoöloog Martin Wells. Onze wens de octopus te begrijpen is een uitdaging voor onze eigen intelligentie.

    In de oudheid werden octopussen vereerd als symbolen van de liefde

    Is het altijd goed om alles te begrijpen? In ieder geval bewijzen we de octopussen er geen dienst mee. Tot op zekere hoogte verhinderen zij ons dat begrip dan ook: we weten nog steeds niet wat er in hun hoofden omgaat, omdat zij de elektroden waarmee we hun hersengolven proberen te meten, er binnen een mum van tijd aftrekken met een van hun acht armen.

    Met elk stukje informatie dat wij over hen krijgen, verliezen ze iets van hun geheimen. In de oudheid werden octopussen vereerd als symbolen van de liefde; in talloze verhalen zijn ze angstaanjagende, onaantastbare monsters; Victor Hugo beschrijft ze als ‘beesten van as’; in Japan heeft kunstenaar Katsushika Hokusai ze in een houtsnede vereeuwigd als de belichaming van wellust. Maar inmiddels weten we te veel om ze zomaar te gebruiken voor onze projecties.

    ‘[Dieren] zijn objecten van onze steeds uitbreidende kennis. Wat we over hen weten is een indicatie van onze macht en dus een indicatie van wat ons van hen scheidt. Hoe meer we weten, hoe verder weg ze zijn‘, aldus de Britse schrijver John Berger. ‘In de eerste fasen van de industriële revolutie werden dieren (…) gebruikt als machines. Tegenwoordig, in de zogenaamde postindustriële samenlevingen, worden ze behandeld als grondstoffen.’

    Octopuskwekerij

    Mensen vangen en eten al heel lang octopussen. Maar nu bouwt het Spaanse bedrijf Nueva Pescanova – een van de grootste visserijbedrijven ter wereld, met een vloot van meer dan zestig vaartuigen en een gecombineerd aquacultuurgebied van ongeveer zevenduizend hectare – ’s werelds eerste octopuskwekerij op Gran Canaria.

    De octopus wordt een industrieel product, zoals een chocoladereep. Om preciezer te zijn geldt dat voor de Octopus vulgaris, de gewone octopus. Dat is de kosmopoliet onder de octopussen, want hij leeft in alle oceanen van de wereld.

    De octopus is in staat tot buitengewone denkprestaties, niet alleen met zijn hersenen, maar met zijn hele lichaam. Drie vijfde van zijn neuronen bevinden zich in zijn armen, die zich onafhankelijk van elkaar kunnen bewegen: de octopus leeft dus buiten de gangbaar geachte scheiding tussen lichaam en geest.

    De octopus heeft negen hersens en drie harten, zijn hele lichaam is geest

    Dit is een uitdaging voor het filosofische geest-lichaamprobleem, dat, eenvoudig gezegd, betrekking heeft op de vraag waar de geest zich in het lichaam bevindt. In de hersenen? In het hart? De octopus heeft negen hersens en drie harten, zijn hele lichaam is geest – of zijn hele geest is lichaam.

    Met zijn tentakels kan hij proeven en, in zekere zin, ook zien. In zijn huid zitten fotoreceptoren die hem helpen de kleuren van zijn omgeving aan te nemen, ook al is hij zelf kleurenblind.

    Hij kan deksels van potjes draaien en zich vijf maanden lang herinneren hoe hij dat deed. Hij kan mensen uit elkaar houden, zelfs als ze hetzelfde uniform dragen, en hij kan taken oplossen zoals een hendel overhalen om eten te krijgen. Maar bovenal heeft hij een persoonlijkheid. In het experiment met de hendel trokken twee octopussen zachtjes, maar de derde trok zo hard dat de hendel brak. Hij rukte ook de lamp los die boven de bak hing en belaagde de onderzoeksleider met waterstralen.

    Persoonlijkheid is een sterke indicator van hoge intelligentie, net zoals het vermogen om plannen te maken: meerdere octopussen zijn in het wild waargenomen met de schalen van een kokosnoot om als pantser te gebruiken in geval van gevaar. Een octopus wordt echter maar ongeveer twee jaar oud – dus wat is het nut van al deze vaardigheden als hij nauwelijks tijd heeft om ze te gebruiken? De meest sluitende verklaring: de octopus bestaat alleen uit zachte weefsels, wat hem tot een gemakkelijke prooi maakt. De drang om zich zo goed mogelijk voor aanvallers te kunnen verbergen en eraan te ontsnappen, schiep intelligentie als overlevingsstrategie. Er is nog zoveel dat we niet begrijpen, en daarom stelt zeebioloog Jean Boal terecht de vraag: ‘Zijn we eigenlijk wel slim genoeg om uit te vinden hoe slim ze zijn?’

    Vijftig procent overlevingskans

    Kan zo’n schepsel in een kwekerij leven? Aangezien de kwekerij in afwachting van de milieu-effectbeoordeling nog niet in aanbouw is, nodigt het bedrijf Nueva Pescanova SZ-Magazin uit in zijn onderzoekcentrum in Galicië.

    In Galicië, in het noordwestelijkste puntje van Spanje, is men gewend de zee te benutten. De batea’s, houten platforms waaronder oesters en mosselen aan grove touwen groeien, rijgen zich in de baaien aaneen.

    In hotels wordt op affiches reclame gemaakt voor het ‘Festa do Marisco’, met grote krabben die koffiedrinken uit kleine kopjes. En in de ochtenduren, wanneer bij laagwater de zeebodem komt bloot te liggen, gaan honderden in neopreen geklede figuren op zoek naar mosselen.

    Aan de oostkust van het schiereiland O Grove staat het Biomarine Centrum Pescanova, een doos van beton en glas, met daar bovenop een museum en eronder een onderzoekscentrum. Met een virtualrealitybril kun je van boven in de ruimtes eronder kijken en zo de tarbotten, de algenkwekerij en de waterzuiveringsinstallatie zien. Alleen van de tank met de octopussen zijn geen beelden. Hun kweek is een van de meest waardevolle geheimen van de visindustrie.

    Een paralarva staart ons aan – een octopus van minder dan 24 uur oud, een paar millimeter groot

    David Chavarrías Lázaro, directeur van het centrum, en Tesa Díaz-Faes Santiago, hoofd van de communicatieafdeling van Nueva Pescanova, leiden ons de trap af naar dit geheim – fotograferen is verboden. Op het mondkapje van de communicatiedeskundige prijkt een zwaaiende Rodolfo Langostino, een breed grijnzende langoustine met witte handschoenen en een blauwe sjaal; de mascotte van het bedrijf. We trekken fladderende witte plastic jassen en blauwe schoenovertrekken aan en beneden in het lab wacht een laborante ons al op bij de microscoop, waarvan het beeld zichtbaar is op een plat scherm erboven. Een paralarva staart ons aan – een octopus van minder dan 24 uur oud, een paar millimeter groot. Zijn lichaam is doorzichtig, en zijn pulserende organen steken er donker bij af.

    Als hij zich in open zee zou bevinden, zou hij nu ongeveer twee maanden min of meer willoos in het water ronddobberen om zich dan naar de bodem te laten zinken waar zijn levens- en voedselbehoeften volledig veranderen. En dat herhaal zich als hij tot een grote octopus is uitgegroeid. ‘Het zijn eigenlijk drie verschillende dieren,’ zegt Chavarrías.

    Dat een paralarva volwassen wordt, is in het wild al uiterst onwaarschijnlijk, omdat hij vanaf het begin alleen is. Een vrouwelijke octopus legt enkele honderdduizenden eieren per keer en steekt al haar energie in de verzorging ervan. Het nieuwe begin is haar einde: als haar kroost uitkomt, sterft de moeder.

    Weerloos blootgesteld aan de gevaren van de oceaan, overleeft slechts een fractie van de kleintjes de eerste weken. Lange tijd overleefde er in het laboratorium geen een. De paralarva die we nu op het scherm zien heeft vijftig procent overlevingskans, zegt David Chavarrías. ‘Maar dat kunnen we van generatie op generatie optimaliseren.’ Bedrijven en onderzoeksinstellingen over de hele wereld zijn al tientallen jaren in een race verwikkeld om als eerste een octopus in gevangenschap groot te brengen. Nueva Pescanova is het gelukt.

    Geen regelgeving

    Er is nu nog geen wet die dat kan verhinderen. Er bestaat zelfs geen regelgeving die voorschrijft hoe octopussen moeten worden gehouden of gedood – de EU-richtlijn inzake de bescherming van boerderijdieren sluit ongewervelde dieren uitdrukkelijk uit. Chavarrías legt uit dat Nueva Pescanova momenteel onderzoekt of het beter is de dieren eerst bewusteloos te maken met geleidelijke elektrische schokken of met kooldioxide om ze daarna te doden; hoe wil hij niet zeggen. Verschillende dierenbeschermingsorganisaties willen de bouw van de kwekerij tegenhouden, maar zonder rechtsgrond is dat moeilijk.

    Dierenrechtenorganisatie Peta deed in een open brief aan de minister van Landbouw van de Canarische Eilanden een oproep om de kwekerij te stoppen en verzamelde meer dan 25.000 handtekeningen. In Las Palmas demonstreerden dierenbeschermingsgroepen voor het stadhuis. Ze hadden borden met in grote letters ‘Stop de octopuskwekerijen’, één activist was verkleed als rode octopus.

    Een andere manier om de kwekerij toch te verhinderen is de milieu-effectbeoordeling. Honderdtien onderzoekers, dierenwelzijns- en milieuorganisaties ontrafelden die in mei 2022. Een van hun belangrijkste punten van kritiek: tot dusver onbekende ziekteverwekkers zouden zich vanuit de kwekerij kunnen verspreiden en Nueva Pescanova heeft geen adequate veiligheidsmechanismen om dat te voorkomen. Zij riepen de regering van de Canarische Eilanden op de milieuvergunning voor de kwekerij te verwerpen. Het is onwaarschijnlijk dat dit zal gebeuren – Nueva Pescanova heeft 65 miljoen euro geïnvesteerd in de bouw van de kwekerij en belooft honderdvijftig nieuwe banen op het eiland.

    En vanwaar al die ophef? De handel in octopus is een miljardenbusiness.

    Octopussen, inktvissen en sepia’s behoren tot de meest waardevolle zeedieren ter wereld

    Alleen al de diepgevroren octopus, die de Europese Unie vorig jaar uit Marokko importeerde, had een waarde van ongeveer 2,4 miljard euro. Wat de omzet is die Nueva Pescanova maakt en verwacht te maken wil het bedrijf niet zeggen. Maar octopussen, inktvissen en sepia’s behoren tot de meest waardevolle zeedieren ter wereld. Ze zijn populair in Hawaïaanse tako-pokébowls, in Spaanse tapas, als Japanse takoyaki-balletjes en in de Portugese versie van fish and chips.

    Van de 20,5 kilo vis die elk mens wereldwijd gemiddeld per jaar eet, is 0,5 kilo octopus, en die hoeveelheid neemt toe. Sinds de jaren vijftig zijn de vangsten wereldwijd verviervoudigd, maar van 2017 tot 2018 stortten daalde deze weer van 433.000 ton tot 322.000. In Europese wateren is de vangst niet gereguleerd; wereldwijd worden veel bestanden als overbevist beschouwd. En dat terwijl de octopus een van de weinige diersoorten is die goed kan omgaan met de veranderingen die de mens onder water heeft teweeggebracht.

    Nueva Pescanova verkoopt ook octopus uit de wateren voor de kust van Mauritanië, Marokko en Galicië; het bedrijf wil niet bekendmaken hoeveel, noch met welke vangst- en dodingsmethoden. David Chavarrías zegt er alleen dit over: ‘De wildbestanden in deze gebieden zijn volledig vernietigd.’ De kwekerij zal het probleem op een zeer duurzame manier oplossen, zegt hij. Met de geplande octopuskwekerij vraagt Nueva Pescanova EU-middelen aan in het kader van het programma Next Generation, dat tot doel heeft milieuvriendelijke technologieën na de pandemie te bevorderen. ‘Aquacultuur is een manier om de druk op de wildvisserij effectief te verminderen,’ zegt Tesa Díaz-Faes.

    Uit een studie die in 2019 in het tijdschrift Conservation Biology is gepubliceerd, blijkt echter het tegenovergestelde: aquacultuur zou de wilde visvangst niet vervangen, maar aanvullen. Ze kan zelfs bijdragen tot een stijging van de vraag, omdat de betreffende soorten ruimer beschikbaar en goedkoper worden. Meer dan de helft van de vis die vandaag wordt gegeten, komt al uit kwekerijen.

    Lourditas

    Maar het kweken van octopus blijkt uiterst moeilijk te zijn. In 2017 kondigde het Japanse bedrijf Nissui aan dat het met succes octopuseieren had uitgebroed en dat het in 2020 ’s werelds eerste gekweekte octopus op de markt zou brengen. Vervolgens gebeurde er niets. Tot Nueva Pescanova in 2019 met een soortgelijke aankondiging naar buiten kwam: de eerste gekweekte octopus zou in 2023 op de markt moeten komen. In samenwerking met het Spaans Nationaal Oceanografisch Instituut – Nueva Pescanova financiert het onderzoek en koopt de daaruit voortvloeiende octrooien – heeft het bedrijf voor het eerst octopussen in gevangenschap grootgebracht. Hoe precies, onthullen ze niet. Ze noemden het moederdier Lourditas, naar het mirakel van Lourdes, omdat ze het een mirakel vinden dat het hen is gelukt.

    De minioctopus die ze hier nu laten zien, behoort al tot de vijfde generatie. In zwarte tanks in de grote hal wordt de generatie ouders gehouden; de kleur wordt verondersteld hen te kalmeren. Ongeveer twintig mannetjes liggen in één pool – ze geven de voorkeur aan het begrip pool, zegt Chavarrías – met ongeveer hetzelfde aantal vrouwtjes in het bassin ernaast. Het mannelijk bassin is helemaal kaal, in het vrouwelijk bassin liggen twee korte buizen waaruit bleke tentakels steken. De octopussen liggen in hoopjes op elkaar, hun armen in kleine spiralen gedraaid, hun lichaamskleur melkwit. Slechts een van de mannetjes heeft een roestrode kleur gekregen en zwemt naar de rand van het bassin waar wij staan. Twee keer stoot hij met zijn zakachtige lichaam tegen de rand, dan vormt hij kleine stekeltjes op zijn huid en loopt langzaam achteruit met zijn tentakels, zonder zijn ogen van ons af te wenden. De anderen blijven op de bodem.

    De kwekerij zal er wat anders uitzien, leggen de in plastic gehulde communicatiemanager en de centrumdirecteur uit. Vanwege de goede waterkwaliteit en de milde temperaturen zal de kwekerij op Gran Canaria worden gebouwd, en er zal drieduizend ton octopus per jaar worden geproduceerd.

    ‘Het is een mythe dat octopussen zo intelligent zijn’

    In grote bassins zullen meerdere kooien drijven, zonder speelgoed, zegt Tesa Díaz-Faes. ‘Dat is er in de natuur ook niet.’ Antibiotica of herbicides zullen niet worden gebruikt. Momenteel wordt met biomarkers in de octopussen onderzocht of er sprake is van stress. Met behulp van kunstmatige intelligentie worden alle belangrijke parameters voortdurend gecontroleerd en aangepast en er wordt samengewerkt met Microsoft.

    Zes tot tien milligram zuurstof per liter, 27 tot 37 gram zoutgehalte, een pH-waarde van 7 tot 8,5, een temperatuur van 12 tot 21 graden Celsius. Die cijfers moeten hen vertellen of de octopussen gelukkig zijn.

    ‘Het is een mythe dat octopussen zo intelligent zijn,’ zegt Díaz-Faes. Het feit dat zij bijvoorbeeld een pot met schroefdop kunnen openen, is geen teken van intelligentie, zegt ze, maar eerder het resultaat van hun zenuwstelsel waardoor zij onophoudelijk al hun armen bewegen.

    In de experimenten deden de octopussen het echter op verschillende manieren, met slechts één arm of met meerdere: een duidelijk teken van doelgerichte actie.

    ‘De conclusie dat de intelligentie van octopussen een mythe is, vereist dat je meer dan tachtig jaar onderzoek terzijde schuift,’ zegt de Australische gedragsbioloog Alex Schnell als ze hoort van Díaz-Faes’ uitspraken.

    Vermogen om te voelen

    Schnell is expert op het gebied van koppotigen en doet al vijftien jaar onderzoek. ‘Honderden experimenten hebben objectief aangetoond dat octopussen intelligent zijn en gevoel hebben,’ zegt zij. Schnell heeft vorig jaar, samen met onderzoekers van de London School of Economics and Political Science, in een uitgebreide metastudie aangetoond dat octopussen gevoel hebben. ‘Wij zijn ervan overtuigd dat het kweken van octopussen met een hoog welzijnsniveau onmogelijk is’, concludeerde het team van deskundigen in hun rapport, en het stelde voor dat de Britse regering de invoer van gekweekte octopus preventief zou verbieden.

    Lange tijd werd octopussen het vermogen om te voelen ontzegd, omdat zij als ongewervelde dieren niet onder de regelgeving inzake dierenwelzijn vielen; daarom mochten ze in onderzoeksfaciliteiten zonder verdoving worden geopereerd. Inmiddels zijn ze ‘op eretitel’ in veel verordeningen opgenomen als ‘gewervelde dieren’, onder meer in de EU-richtlijnen betreffende bescherming van dieren die voor wetenschappelijke doeleinden worden gebruikt.

    Van een wezen dat zo anders is dan mensen, is het moeilijk om gevoelens te interpreteren. Nog maar twee jaar geleden kwamen onderzoekers erachter hoe zij emoties bij muizen kunnen aflezen uit hun gezichtsuitdrukkingen, maar dergelijke studies zijn er niet voor octopussen. Men kan proberen hun gedrag te interpreteren – zoals het gegeven dat de octopussen in Nueva Pescanova elkaar niet verscheuren. Het klinkt paradoxaal, maar dat is een slecht teken. Omdat octopussen solitaire dieren zijn, blijven de meeste zelfs tijdens het paren op veilige afstand. ‘We weten dat ze niet graag in een groep zijn, dan bijten ze of eten ze elkaar zelfs op,’ zegt labtechnicus Alix Harvey. Ze is verzorger van de onderzoeksaquaria van het Citadel Hill Laboratory in Plymouth, Zuid-Engeland, het hoofdkwartier van de Britse Marine Biological Association. Er zijn maar weinig mensen die zoveel ervaring hebben met koppotigen in gevangenschap als zij, en het feit dat de octopussen elkaar niet aanvallen in de groepshuisvesting in Nueva Pescanova, noemt ze zeer verontrustend. Ze liggen onder elkaar omdat dit de enige manier voor hen is om zich ergens onder te begraven, legt ze uit. ‘Octopussen kunnen depressief worden,’ zegt ze. Hun witte lichaamskleur is daar een aanwijzing voor; die krijgen ze alleen als ze gestrest, boos of ongelukkig zijn.

    Octopussen ontsnappen als het goed met ze gaat. Als ze niet ontsnappen, betekent het dat ze niet in orde zijn

    ‘Als het ze niet goed zou gaan, zouden ze voortdurend proberen te ontsnappen,’ had David Chavarrías gezegd bij het open bassin in de onderzoeksruimte. Maar het bassin is nooit afgedekt geweest.

    Door te vluchten zouden ze echter geheid hun dood tegemoet treden: octopussen kunnen korte tijd overleven op het land, maar ze drogen zeer snel uit. Meestal weerhoudt dat hen er niet van hun geluk toch te beproeven. Wetenschappers over de hele wereld kunnen de meest hilarische verhalen vertellen over hoe octopussen uit hun aquarium ontsnappen, hoe ze ’s nachts stiekem andere tanks binnensluipen om op vis te jagen, hoe ze hele laboratoria onder water zetten door de afvoer te blokkeren, of hoe ze kortsluiting veroorzaken met een waterstraal. ‘We verzwaarden de deksels van onze aquaria met betonblokken, maar die konden ze omhoogtillen,’ zegt Alix Harvey. ‘We hebben kleine exemplaren gehad die via de afvoer uitbraken en andere ontsnapte uit de ene emmer en klom een andere in.’ Octopussen ontsnappen als het goed met ze gaat. Als ze niet ontsnappen, betekent het dat ze niet in orde zijn.

    Nog een argument tegen de kwekerij: octopussen zijn – net als veel andere vissen die in kwekerijen worden gekweekt – carnivoren. Dit betekent dat er vis voor ze moet worden gevangen: aquaculturen maken de zee extra leeg. Van de wereldwijd gevangen of gekweekte vis is 88 procent bestemd voor menselijke consumptie, de rest wordt grotendeels gebruikt als voer in kwekerijen.

    David Chavarrías is zich van dit probleem bewust en legt uit dat de octopussen worden gevoed met visafval en algen. Hun FIFO (‘fish-in, fish-out’-ratio) laat zien hoe effectief ze dit voedsel omzetten in lichaamsgewicht. Het is 2,5:1 en moet worden teruggebracht tot 2:1, aldus Chavarrías. Dat betekent dat de octopussen 2 kilo voedsel omzetten in zo‘n 1 kilo lichaamsgewicht.

    Alex Schnell gaat eerder uit van een verhouding van 3:1. Voor labtechnicus Alix Harvey is het voedsel alleen al reden genoeg om tegen kwekerijen te zijn. ‘In het beste geval moeten octopussen levend voedsel krijgen,’ zegt ze. Uiteindelijk kunnen ze gewend raken aan dood voedsel, maar algen en visafval is weer een ander verhaal.

    ‘(…) de enige werkelijkheid in de leegte bestaat uit hun eigen lusteloosheid of hyperactiviteit’, schreef John Berger over dieren in gevangenschap. ‘Ze hebben niets om hun energie op te richten – behalve, even, het voer dat ze krijgen en, zo heel af en toe, de partner die men hun toewijst.’

    Octopus’s Garden

    Maar hoe leeft een octopus in vrijheid, van wie zwemt hij weg, wat verkent hij en hoe reageert hij op mensen? Om dat te ontdekken, ontmoet ik Lucas Martins in Sesimbra, zo’n veertig kilometer ten zuiden van Lissabon. Lucas duikt hier al jaren en hij zegt dat hij op deze plek altijd octopussen tegenkomt. We trekken dikke wetsuits aan, neopreen schoenen en neopreen mutsen, de Atlantische Oceaan is koud. Een motorboot brengt ons het water op, dan doen we zuurstofflessen en loodgordels om, zetten vinnen en brillen op en laten ons achterover in het water vallen.

    In de Oscarwinnende film My Octopus Teacher laat natuurfilmmaker Craig Foster het grootste deel van zijn uitrusting achterwege om dichter bij de octopus te komen, maar ik ben noch getraind voor de kou, noch voor apneuduiken. Luid borrelend zakken we naar de zeebodem, waar we op zoek gaan naar het dier dat zich beter kan camoufleren dan bijna elk ander dier.

    ‘We would sing and dance around / Because we know we can’t be found‘  [‘We zouden in de rondte zingen en dansen, want we weten toch dat we niet gevonden worden’] zingt Ringo Starr in het Beatles-nummer Octopus’s Garden. En inderdaad, eerst lijkt het erop dat de octopussen niet gevonden kunnen worden. Een half uur lang kijken we tevergeefs in elk gat en onder elke rots. Dan stopt Lucas voor iets dat in mijn ogen op een steen lijkt. Bij nader inzien herken ook ik de octopus, die perfect de kleur van de zandbodem heeft aangenomen. Als we dichterbij komen, realiseert het dier zich dat zijn camouflage niet werkt. Hij zweeft omhoog, verandert in bleekwit alsof hij zijn zandkleurige vacht heeft laten vallen, en schiet weg. Ik had mijn opwinding willen uiten, maar ik heb een ademautomaat in mijn mond en bevind me zo’n 15 meter onder het wateroppervlak. Dus Lucas en ik geven elkaar alleen het oké-teken: duim en wijsvinger gesloten in een cirkel.

    We komen een tweede, derde en vierde octopus tegen die dag. Ze persen zich in spleten, nemen de kleur aan van de rode algen die hier in het water dobberen, trekken zich met hun tentakels aan rotsen op, vormen kleine stekels over het hele oppervlak van hun lichaam om onmiddellijk daarna te veranderen in een diepe tint blauw.

    Hun hele wezen is ontworpen voor camouflage

    Hun hele wezen is ontworpen voor camouflage – camerabeelden met hoge resolutie lieten zelfs zien dat ze met hun inktwolken fantoombeelden van zichzelf creëren om hun aanvallers te verwarren.

    Met hun ogen, die zo vertrouwd menselijk lijken, taxeren ze Lucas en mij tijdens onze duiken. Maar Lucas’ hand aanraken, dat willen ze niet. Ik denk aan Alix Harvey, die mij vertelde dat ze er als kind van droomde een hechte vriendschap te sluiten met een wild dier, zoals waarschijnlijk veel kinderen. Zij gelooft dat we die droom nooit helemaal ontgroeien. Het is deze droom die filmmaker Craig Foster werkelijkheid heeft laten worden, of op z’n minst de illusie ervan. Hij hield van de octopus, maar hield die ook van hem?

    Het doet er niet toe. Een dier hoeft zijn genegenheid niet te tonen om respect te verdienen. Een octopus hoeft zijn tentakels niet uit te steken als wij hem onze hand reiken. Hij kan ook een wolk inkt uitstoten en wegzwemmen, zoals de meeste octopussen op een bepaald moment na onze ontmoeting doen.

    ‘Oh what joy for every girl and boy / Knowing they’re happy and they’re safe’ [‘Oh, wat een vreugde is het voor alle meisjes en jongens om te weten dat ze gelukkig zijn en veilig‘] zingt Ringo Starr tegen het einde van Octopus’s Garden. Hij schreef het in 1968 in Sardinië, waar een schipper hem had verteld hoe octopussen stenen en schelpen verzamelen om tuintjes aan te leggen voor hun holen. The Beatles lagen overhoop in die tijd en Starr droomde zichzelf naar deze fantastisch klinkende plek. Hij kon niet weten dat die tuintjes vierenvijftig jaar later zouden veranderen in kooien.

  • Afrika biedt Europa een alternatief voor Russisch gas – maar tegen welke prijs?

    Afrika biedt Europa een alternatief voor Russisch gas – maar tegen welke prijs?

    De oorlog met Rusland heeft ervoor gezorgd dat de EU haar vizier richt op Afrika voor olie en gas. Het continent heeft die brandstoffen evengoed nodig.

    Naar aanleiding van de Russische invasie in Oekraïne is de EU al een tijdje wanhopig op zoek naar vervangers voor steenkool, olie en gas. In het document REPowerEU stelt de Europese Commissie zich ten doel ‘Europa vóór 2030 onafhankelijk te maken van Russische fossiele brandstoffen’. Daartoe wil de EU in de eerste plaats samenwerken met ‘internationale partners om alternatieve energiebronnen te vinden’, zoals het gas dat in sommige Afrikaanse landen onder de grond is opgeslagen.

    De Afrikaanse regeringen verwelkomen deze verandering in het Europese beleid met open armen. Vóór de oorlog was Algerije al de op twee na grootste leverancier van aardgas aan Europa via pijpleidingen naar Spanje en Italië. Een ander belangrijk aandeel wordt over zee vervoerd als vloeibaar aardgas (lng), vanuit de Golf van Guinee (Nigeria, Angola en Equatoriaal-Guinea).

    In de afgelopen maanden hebben verschillende Europese ambtenaren Algiers, Dakar, Abuja, Brazzaville en Luanda bezocht om de mogelijkheden voor grotere gasinvoer te onderzoeken. De Europese Commissie heeft een tripartiete overeenkomst ondertekend om de aankomst van Israëlisch gas via Egypte te verzekeren. Bovendien worden de investeringen van Europese ondernemingen in lng-projecten nieuw leven ingeblazen. Enkele voorbeelden: BP in Senegal en Mauritanië; ENI in Algerije, Egypte, Nigeria, Angola en de Republiek Congo; Equinor en Shell in Mozambique en Tanzania.

    Afrikaanse ontwikkeling

    Aardgas wordt echter niet alleen geëxporteerd, maar ook steeds meer binnen Afrikaanse landen gebruikt. Het wordt veelal gezien als een belangrijke stap richting de energietransitie, en een garantie voor ontwikkeling. Gasflessen kunnen heviger vervuilende energiebronnen als brandhout of houtskool vervangen, die nu nog op grote schaal in Afrikaanse huishoudens worden gebruikt, en die slecht zijn voor de gezondheid.

    De belangrijkste toepassing van gas – vooral in een werelddeel waar maar weinig mensen toegang hebben tot stroom – is het opwekken van elektriciteit. Hiervan wordt al gebruikgemaakt in landen als Ghana, dat weliswaar het grootste deel van zijn olie naar internationale markten exporteert, maar gas gebruikt om in elektrische energie te voorzien. Bovendien kunnen zowel de nationale als de regionale markten via pijpleidingen van aardgas worden voorzien.

    Momenteel doorkruist de West-Afrikaanse gaspijpleiding het grondgebied van Nigeria, Benin, Togo en Ghana en een andere pijpleiding verbindt Zuid-Afrika met Mozambique. Dat systeem wordt nog verder uitgebreid via verschillende projecten, zoals de Afrikaanse Renaissance-pijpleiding – een van de twee tussen Mozambique en Zuid-Afrika – en een initiatief dat de levering van gas vanuit Tanzania aan Oeganda mogelijk maakt. In Nigeria werkt men ten slotte aan de Trans-Sahara-gaspijpleiding, die reikt tot aan Algerije, en aan een leiding tussen Nigeria en Marokko. Belangrijk aan deze laatste twee pijpleidingen is dat ze kunnen worden aangesloten op de Europese gasnetwerken.

    Export leidt hoe dan ook tot de uitputting van een niet-hernieuwbare hulpbron

    Maar is dat wel mogelijk, om tegelijkertijd naar buiten toe uit te breiden en intern te optimaliseren? Zijn die twee doelen verenigbaar? Kunnen gasleveringen aan Europa worden verhoogd terwijl tegelijkertijd de Afrikaanse huishoudens en productiesector van energie worden voorzien? Hoe kunnen projecten op de buitenlandse markt worden gecombineerd met de energietransitie waar zoveel mensen in Afrika en Europa terecht om vragen?

    Sommigen zijn van mening dat al deze doelstellingen samenvallen. Hun voornaamste argument is het geloof dat groeiende Europese belangstelling zal leiden tot de investeringen die nodig zijn om de energiebronnen te exploiteren. Verder wordt beweerd dat de uitvoer van gas naar Europa Afrikaanse landen aanvullende middelen zal verschaffen om in de eigen ontwikkeling te investeren. Maar er zijn factoren die stemmen tot een minder optimistische houding.

    Risico’s van aardgas

    De energiebehoeften van Afrika zijn veel groter dan die van Europa. Hoezeer de productie en beschikbaarheid van gas op een gegeven moment ook mogen toenemen, export leidt hoe dan ook tot de uitputting van een niet-hernieuwbare hulpbron. Zo kan een soort hypotheek ontstaan, die de middellange- en langetermijnstrategie voor de ontwikkeling van Afrikaanse energie en industrie in de weg staat.

    De infrastructuur die de elektriciteitsvoorziening en de levering van gasflessen aan huishoudens op het continent mogelijk maakt, is niet geschikt voor de export van gas. Waar sprake is van gasexport, ontstaan vaak zogenaamde enclave-economieën. Er zijn talrijke verhalen over mislukte ontwikkelingsprocessen die geworteld waren in de winning en verkoop van natuurlijke hulpbronnen.

    De aanleg van meer gasinfrastructuur zou ontwikkeling dus flink kunnen tegenwerken

    Ook vanuit andere hoek klinken tegenargumenten, namelijk van Afrikaanse milieugroeperingen: gas is een fossiele brandstof, die bijdraagt aan klimaatverandering. Investeren in gas betekent dus dat er minder geld wordt besteed aan de bevordering van hernieuwbare energiebronnen. De Europese belangstelling zou bovendien van korte duur kunnen blijken, aangezien de EU ernaar streeft haar afhankelijkheid van fossiele brandstoffen vóór 2030 drastisch te verminderen. De aanleg van meer gasinfrastructuur zou ontwikkeling dus flink kunnen tegenwerken.

    Net als andere onderaardse grondstoffen leidt de aanwezigheid van gas nogal eens tot perverse, politieke situaties in landen waar het sociaal contract tussen heerser en burger op losse schroeven staat. Zo worden de opbrengsten van gasverkoop vaak ingezet om de macht en de rijkdom van machthebbers uit te breiden, en niet om openbare diensten en economische ontwikkeling te financieren.

    Het spreekt voor zich dat de stabiliteit van het sociaal contract en van staatsinstellingen in verschillende Afrikaanse landen sterk uiteenloopt. Maar externe partijen maken geen onderscheid tussen meer of minder democratische regeringen. Paradoxaal genoeg kan Europa’s streven om op het gebied van energie autonoom te worden en niet langer afhankelijk te zijn van een autocraat als Vladimir Poetin, uiteindelijk een steun zijn voor andere autocraten.

    Toekomstige dilemma’s

    Op een moment als dit, waarop iedereen onder hoogspanning staat, zullen Afrikaanse en Europese leiders weinig interesse hebben in deze redenen, die ertegen pleiten om Europa van meer Afrikaans gas te voorzien. Gelukkig neemt dit alles niet de aandacht weg van de tweede en derde strategie van het REPowerEU-plan, waarmee enige vooruitgang kan worden geboekt, namelijk energiebesparing en versnelde overgang op hernieuwbare energiebronnen.

    Ook Afrika kan een belangrijke rol spelen bij de productie van deze schone energiebronnen, zowel voor binnenlands gebruik als voor export. Maar ook dit toekomstbeeld levert dilemma’s op. We kunnen nog niet voorzien wat voor evenwicht Afrikaanse leiders vinden tussen de belangen van internationale investeerders en de behoeften van hun eigen burgers.

    Lees ook: