360 kiest een door de buitenlandse pers beschreven sportevent, van voetbal tot Grieks-Romeins worstelen. Deze keer het debuut van Jordanië en Oezbekistan op het WK voetbal 2026.
De gestage ontwikkeling van het Jordaanse voetbal
VOETBAL – Het debuut van Jordanië op het WK voetbal in Mexico, Canada en de VS komt niet onverwacht. In 2023 haalde het al de finale van de Azië-Cup waarin het na penalty’s verloor van Qatar. Eind vorig jaar was Marokko met 3-2 te sterk in de finale om de Arab Cup.
Het recente succes is volgens het Jordaanse Roya News het resultaat van wetenschappelijke methodologieën en groeiende aandacht uit het buitenland voor de Jordaanse voetbalmarkt. ‘De organisatie, planning en opbouw van het team vormen een model dat bestudeerd en gebruikt kan worden om andere teams te ontwikkelen. Het bevestigt de keuze om vroegtijdig te investeren in het trainen van spelers binnen een uitgebreide professionele omgeving, inclusief de tactische en psychologische aspecten.’
‘De huidige opmars is toe te schrijven aan grote verbeteringen in de voetbalinfrastructuur, waaronder uitgebreide ontwikkelingsprogramma’s, verbeterde faciliteiten en effectievere systemen voor spelerswerving en trainingsopzet,’ schrijft de internationale site Soccer Politics.
Ook sportjournalist Ammar Shoukairi wijst in The Jordan Times op de toegenomen professionalisering van het voetbal in de afgelopen jaren. ‘Tegenwoordig spelen zeventien internationals in Frankrijk, Zuid-Korea, Qatar of Saoedi-Arabië. Daardoor zijn hun discipline, tactisch inzicht, mentaliteit en het opvolgen van instructies sterk verbeterd. Tegelijkertijd zien spelers in de binnenlandse competitie de interlands als momenten om profcontracten in het buitenland in de wacht te slepen.’ Bovendien constateert hij dat Aziatische concurrenten als Zuid-Korea en China de laatste tijd juist minder presteerden.
Uit het rapport Jordan Football Market blijkt dat het voetbalsucces ook een kwestie van marketing is geweest. Zo werd de Jordan Football Association in het leven geroepen om jong voetbaltalent op te sporen en de sport tegelijkertijd via social media en digitale platforms steeds populairder te maken. ‘Ook zijn er beleidsmaatregelen ingevoerd om particuliere investeringen in de voetbalindustrie te stimuleren, zoals belastingvoordelen voor sponsors en clubs. De overheid richt zich daarnaast op het bevorderen van gendergelijkheid in het voetbal door initiatieven voor vrouwenvoetbal te ondersteunen.’
Buitenlands geld speelt ook een rol. In de relatief jonge en goedkope Jordaanse voetbalmarkt valt nog genoeg te investeren. Daardoor is Jordanië als voetballand een stuk aantrekkelijker voor buitenlandse bedrijven dan Saoedi-Arabië, Qatar of de Verenigde Arabische Emiraten. Daar is het al langere tijd gangbaar dat Europese topspelers tegen lucratieve contracten hun carrière afsluiten.
Oezbekistan: het eerste Centraal-Aziatische land op WK
VOETBAL – Sinds de val van de Sovjet-Unie probeerde Oezbekistan zich zeven keer tevergeefs te plaatsen voor het WK voetbal. Steeds opnieuw strandde het land in de slotfase van de Aziatische kwalificatie. Vooral de campagnes richting Duitsland 2006 en Brazilië 2014 gingen gepaard met veel ‘heartbreak’, zoals in veel internationale sportverslaggeving wordt beschreven.
Maar, zoals The Guardian kopt, ‘De “chokers” van Azië’ lachen eindelijk: het verdriet van Oezbekistan is voorbij vanwege hun eerste plaatsing’. Daarmee is Oezbekistan het eerste land uit Centraal-Azië dat ooit op een wereldkampioenschap voetbal verschijnt, schrijft de Kazachse nieuwssite Orda. De regio – ingeklemd tussen Rusland, China en landen in het zuiden – had tot nu toe nooit een vertegenwoordiger op het hoogste podium van het mondiale voetbal.
Terwijl steeds meer landen voetballers laten uitkomen onder een nieuwe nationaliteit in de jacht op een WK-ticket – het merendeel van het basiselftal van de Verenigde Arabische Emiraten is bijvoorbeeld niet in het land geboren – bewandelde Oezbekistan de omgekeerde weg. Het nationale team heeft volgens The Guardian meer weg van een clubelftal.
De recente successen op Aziatische jeugdtoernooien zijn volgens het Britse medium geen toeval: het land investeerde het afgelopen decennium veel tijd en geld in de ontwikkeling van het voetbal. Die steun kwam bovendien vanuit de hoogste politieke niveaus. Faciliteiten werden gebouwd of verbeterd, coaches opgeleid, talenten opgespoord en jonge spelers kregen kansen.
Al sinds 1991, het jaar waarin het land onafhankelijk werd na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie, begon telkens opnieuw dezelfde cyclus: hoop, kwalificatiecampagnes en uiteindelijk net niet. Reuters beschrijft hoe Oezbekistan meerdere keren dichtbij was, maar telkens in de beslissende fase afviel.
En dat is niet de enige reden voor de heartbreak. ‘In een land waar de sport ruim een eeuw geleden voor het eerst werd gespeeld, is het voetbal niet alleen op het veld getroffen door tragedie, maar ook daarbuiten’, valt op de officiële FIFA-website te lezen. In 1979 kwam een groot deel van een veelbelovende generatie van Pakhtakor Tashkent om het leven bij een vliegtuigongeluk boven het huidige Oekraïne, na een botsing in de lucht met een ander toestel.
‘Vanaf dat moment zijn de club en de competitie opnieuw opgebouwd. Er is flink geld gestoken in de bouw van moderne jeugdopleidingen verspreid over Oezbekistan, en op jeugdniveau heeft het land zich sterk ontwikkeld.’ En dat werpt nu, met de kwalificatie voor het WK 2026, zijn vruchten af.
‘Plaatsing voor het WK is al 34 jaar een droom van 38 miljoen mensen’, zei Ravshan Irmatov, vicevoorzitter van de Oezbeekse voetbalbond, in gesprek met Reuters. ‘Je begrijpt hoe belangrijk dit is voor de Oezbeekse bevolking; we hebben zo lang gewacht.’
Het WK in de VS, Mexico en Canada belooft het lucratiefste toernooi in de sportgeschiedenis te worden. Al zeggen sommige van de 48 deelnemende landen dat ze bang zijn de boel financieel niet rond te krijgen.
Het komende WK, dat in december tijdens de loting door FIFA-voorzitter Gianni Infantino al werd uitgeroepen tot ‘het grootste evenement dat de mensheid ooit heeft aanschouwd’, belooft in ieder geval het meest lucratieve toernooi in de sportgeschiedenis te worden. De FIFA heeft de laatste jaren de winstprognoses steeds naar boven moeten bijstellen. In het laatste financieel overzicht voorspelt de wereldvoetbalbond een opbrengst van 13 miljard dollar over de periode van vier jaar die met het WK van deze zomer wordt afgesloten, en bijna 9 miljard daarvan wordt dit jaar verdiend. Ter vergelijking: de laatste editie van wat altijd het grootste sportevenement ter wereld was, de Olympische Spelen van 2024 in Parijs, bracht 4,48 miljard euro op.
Het financiële plaatje van dit WK zal duidelijker worden als Infantino op het jaarlijkse FIFA-congres in Vancouver meer details geeft over de conceptbegroting voor de periode 2027-2030, die naar verwachting weer een fikse stijging te zien zal geven. Het is onderhand al bijna niet meer voorstelbaar dat het WK altijd op de tweede plaats kwam en het de Spelen pas in 2010 financieel voorbijstreefde, met het WK in Zuid-Afrika: dat leverde de FIFA 4,19 miljard dollar op, waar de Spelen van 2012 in Londen bleven steken op 3,23 miljard. Vooral het besluit om het komende toernooi in de VS te houden lijkt de inkomsten nu naar een nieuwe stratosfeer te tillen. Na een eerdere stijging van de inkomstenstroom met 18 procent in de periode tussen het WK van 2018 in Rusland en dat in Qatar vier jaar later, een periode waarin de FIFA 7,5 miljard dollar beurde, zal de opbrengst volgens de prognoses eind deze zomer met nog eens 73 procent zijn gestegen.
Omdat de doelstellingen voor 2022-2026 daarmee zijn overtroffen, heeft de FIFA in het nieuwste financieel overzicht vorige maand de begroting voor de komende vier jaar verhoogd naar 14 miljard dollar. In de woorden van Ricardo Fort, een consultant die voor Visa en Coca-Cola met de FIFA heeft onderhandeld over sponsordeals: ‘Als je de ophef en de politieke aspecten even vergeet, heeft het commerciële team van de FIFA een indrukwekkende prestatie neergezet.’
De melkkoe
De grootste melkkoe van de FIFA is de verkoop van de uitzendrechten, waarvan de opbrengst naar verwachting hoger uitvalt dan de 3,4 miljard dollar in Qatar in 2022 en de 3,1 miljard dollar in Rusland vier jaar daarvoor. Het omstreden besluit om het toernooi van 32 naar 48 teams uit te breiden speelt daarbij allicht een grote rol: met 104 in plaats van 64 wedstrijden heeft het zenders simpelweg veel meer content te verkopen. Bovendien zijn de aanvangstijden voor de meest lucratieve markten in Noord-Amerika en Europa ook een stuk aantrekkelijker dan vier jaar geleden.
Daarnaast heeft de FIFA nog een paar andere grote innovaties doorgevoerd die lucratief uitpakken. Zo zijn de uitzendrechten voor het WK voor vrouwen ditmaal voor het eerst apart geveild. En de sociale media worden te gelde gemaakt met de verkoop van livestreamrechten voor de eerste tien minuten van wedstrijden op TikTok en YouTube, in de hoop jongere kijkers naar de tv-uitzending te lokken.
Na de uitzendrechten vormen kaartverkoop en hospitality de grootste inkomstenbron: hier is de groei het grootst, van 950 miljoen aan opbrengsten in Qatar naar een geschatte 3 miljard dollar nu. Ook dit is weer vooral te danken aan het grotere aantal wedstrijden en de grotere vraag op de Noord-Amerikaanse markt. Vooral dankzij dat laatste kan de FIFA het onderste uit de kan halen wat betreft de toegangsprijzen.
De duurste kaartjes voor de finale kosten 10.990 dollar: bijna zeven keer zoveel als in Qatar
Door het systeem van dynamische prijzen valt de gemiddelde prijs van een toegangskaartje onmogelijk te berekenen. Maar supportersorganisatie Football Supporters Europe heeft vorige maand een officiële klacht ingediend bij de Europese Commissie: supporters met een handicap die hun team van de eerste wedstrijd tot en met de finale willen volgen, zouden alleen al aan toegangskaartjes 6900 dollar kwijt zijn, vijf keer zoveel als in Qatar. De duurste kaartjes voor de finale op 19 juli in het MetLife Stadium in New Jersey kosten 10.990 dollar: bijna zeven keer zoveel als de duurste kaartjes voor de finale van 2022 in Qatar. Volgens de FIFA zijn er voor de finale ook meer dan duizend kaartjes van 60 dollar verkocht. In 2018 hadden de VS, Canada en Mexico in hun bidbook voor dit WK de gemiddelde prijs voor een finalekaartje ingeschat op 1408 dollar.
Ondanks de wijdverbreide klachten lijkt de vraag toch groter dan het aanbod. Infantino vertelde vorige maand op CNBC dat de FIFA voor de zeven miljoen beschikbare zitplaatsen ruim vijfhonderd miljoen aanvragen heeft ontvangen, al zijn er nu nog steeds veel tickets te koop. ‘We hadden de afgelopen vier weken vraag genoeg voor wel duizend jaar aan WK’s,’ zei Infantino. ‘We krijgen verzoeken om kaartjes uit meer dan tweehonderd landen, want iedereen wil zoiets bijzonders meemaken. De prijzen liggen vast, maar in de VS hebben ze dynamische prijzen, zodat ze kunnen stijgen en dalen. Dat hoort nu eenmaal bij die markt. Dat is geen probleem, want er is genoeg vraag.’
De FIFA profiteert ook van de grote vraag bij commerciële partners en sponsors, wat een recordbedrag zal opleveren van 2,7 miljard dollar, plus nog eens 670 miljoen dollar uit licentiedeals. ‘Er is ongekend grote interesse bij grote merken van over de hele wereld,’ zei FIFA’s chief business officer Romy Gai in maart op de Business of Soccer Conference in Atlanta. ‘Dit is nu al het commercieel succesvolste programma in de geschiedenis van de FIFA, en we zijn nog niet klaar.’
De FIFA heeft zestien wereldwijde partnerdeals gesloten met bedrijven als Adidas, Aramco en Coca-Cola, plus talloze sponsorovereenkomsten op regionaal en lokaal niveau. Ook hier speelt de potentie van de Noord-Amerikaanse markt een grote rol, maar de vernieuwende aanpak van het commerciële team van de FIFA verdient volgens Fort eveneens lof. ‘Vroeger gold er een vaste prijs voor bepaalde rechten en was alles heel gestructureerd,’ zegt hij. ‘Voor dit WK zijn ze veel flexibeler geweest. Bedrijven kopen de basisrechten en kunnen daar voor een meerprijs extra’s aan toevoegen. Zo kunnen ze gasten en cliënten bijvoorbeeld een WK-beleving aanbieden, of multiregionale deals sluiten.’
Het meest vervuilende WK ooit?
Het WK van 2026 dreigt niet alleen het grootste voetbaltoernooi ooit te worden, maar mogelijk ook het meest belastende voor het klimaat. Voor het eerst nemen 48 landen deel aan het kampioenschap en worden 104 wedstrijden gespeeld, verspreid over zestien steden in de Verenigde Staten, Canada en Mexico. Dat betekent enorme reisafstanden voor supporters, teams en officials.
Volgens analyses van onder meer The Guardian en Deutsche Welle zal vooral het vliegverkeer een grote ecologische impact hebben. Waar eerdere toernooien grotendeels in één land plaatsvonden, strekt het WK van 2026 zich uit over een volledig continent. Sommige supporters zullen duizenden kilometers moeten afleggen tussen groepswedstrijden en knock-outduels. Ook de uitgebreide veiligheidsoperatie, tijdelijke infrastructuur en groeiende commerciële activiteiten rond het toernooi vergroten de ecologische voetafdruk.
FIFA benadrukt ondertussen dat duurzaamheid een belangrijk onderdeel van het beleid vormt. De bond verwijst naar bestaande stadions, investeringen in openbaar vervoer en klimaatcompensatieprogramma’s. Critici noemen dat onvoldoende. Volgens hen blijft het fundamentele probleem bestaan dat het mondiale voetbaltoernooi steeds groter, commerciëler en energie-intensiever wordt.
Daarmee raakt het WK van 2026 aan een bredere vraag die steeds vaker rond grote sportevenementen opduikt: kan een mondiaal megaevenement nog duurzaam zijn in een tijd van klimaatcrisis? Zoals The Guardian opmerkt, dreigt het moderne topvoetbal steeds meer een botsing te worden ‘tussen mondiale commerciële expansie en ecologische grenzen’.
De FIFA is een non-profitorganisatie en zegt minstens 11,67 miljard van de verwachte 13 miljard dollar aan opbrengsten te investeren in ‘het stimuleren van de mondiale ontwikkeling van het voetbal’, 20 procent meer dan in de afgelopen vier jaar. Maar over de verdeling van dat geld is wel onenigheid. Circa 2,7 miljard dollar is bestemd voor de leden, de 211 nationale en zes continentale bonden die bij de wereldvoetbalbond zijn aangesloten: volgens critici een heel effectieve manier om ervoor te zorgen dat de huidige leiding in het zadel blijft.
De grootste kostenpost van de FIFA is de organisatie van de toernooien. Voor alle toernooien van de afgelopen vier jaar was in totaal 7,6 miljard dollar begroot; het WK van 2026 is verreweg het duurste met 3,8 miljard dollar, een bedrag dat naast alle operationele kosten ook het prijzengeld omvat.
Infantino wordt naar verwachting volgend jaar zonder tegenkandidaat herkozen als voorzitter. Hij heeft de statuten laten aanpassen om dat mogelijk te maken. De Zwitsers-Italiaanse advocaat die Sepp Blatter opvolgde werd in 2016 voor het eerst gekozen, als hervormingskandidaat, maar blijft waarschijnlijk vijftien jaar op zijn post, slechts twee jaar minder dan zijn voorganger.
Beloofde opbrengst
De stem van elke aangesloten bond telt in de FIFA even zwaar en ook krijgt elke bond, van Engeland tot San Marino, elke vier jaar hetzelfde gegarandeerde bedrag van 5 miljoen dollar als tegemoetkoming aan de operationele kosten. Daarnaast kunnen leden nog eens 3 miljoen dollar aanvragen voor specifieke projecten. De zes continentale bonden krijgen elk 60 miljoen dollar per vier jaar voor de ontwikkeling van het voetbal in hun regio.
Het is minder duidelijk wie er verder de vruchten zullen plukken van de opbrengst van deze zomer. Vorig jaar kondigde de FIFA aan dat de prijzenpot ten opzichte van Qatar met 50 procent werd verhoogd naar 727 miljoen dollar. Elk van de 48 deelnemende landen werd minstens 10,5 miljoen dollar beloofd, en het winnende land 50 miljoen. TheGuardian berichtte de afgelopen maanden over landen die ontevreden zijn over de beloofde opbrengst en bang zijn dat ze de boel financieel niet rond zullen krijgen. Onlangs werd duidelijk dat de FIFA de prijzenpot en de bijdrage voor deelname wil verhogen. Op een bijeenkomst van de bestuursraad in Vancouver werd afgesproken de betaling met 15 procent te verhogen, zodat er nu in totaal 871 miljoen dollar in de pot zit en alle 48 landen in ieder geval kunnen rekenen op 12,5 miljoen dollar.
Zoals TheGuardian eerder onthulde, heeft de FIFA ook met de Amerikaanse fiscus onderhandeld over belastingvrijstellingen voor de nationale bonden. De VS wilden aanvankelijk dat de nationale bonden een federale belasting zouden betalen van zeker 21 procent, die kon oplopen tot 37 procent over de inkomsten van individuele spelers, plus nog diverse belastingen van de steden en staten waar de wedstrijden plaatsvinden. De andere twee gastlanden Canada en Mexico hebben de bonden die in hun land spelen al van belasting vrijgesteld. Het lijkt erop dat de FIFA ook de federale belasting in de VS heeft weten af te wenden, maar de belastingen in de verschillende steden en staten van het land lopen sterk uiteen, dus niet alle deelnemende landen zullen even zwaar worden belast.
‘Een jaar geleden hield de FIFA iedereen nog voor dat er een overeenkomst zou worden gesloten en ze geen belasting hoefden te betalen,’ zegt Oriana Morrison, een belastingadviseur voor de Braziliaanse en de Portugese bond. ‘Er is in de Amerikaanse politiek grote weerstand tegen het gunnen van belastingvoordelen aan sportorganisaties. De NFL hoefde vroeger geen belasting te betalen, maar maakte zulke enorme winsten dat daar ophef over ontstond, en die vrijstelling is opgeheven. De FIFA is in de VS al vrijgesteld van belastingen sinds het WK van 1994, maar de aangesloten nationale bonden niet. Voor de FIFA is alles goed geregeld; de opbrengst van kaartjes, hospitality en sponsordeals, die in de miljarden loopt, is belastingvrij. Maar voor de voetbalbonden niet. En voor de spelers ook niet. Voor delegaties hopelijk wel, als ze uit een land komen dat een belastingverdrag met de VS heeft. Dus de grootste winnaars van dit WK worden de FIFA en de Amerikaanse fiscus.’
Omdat Amerika een van de drie gastlanden is, zal de Amerikaanse bond wel winst maken. Directeur JT Batson zei tegen The Guardian dat de bond ongeveer 100 miljoen dollar van de FIFA verwacht, op basis van het aandeel van 1 procent in de toernooiopbrengst die gedeeld wordt met de Canadese en de Mexicaanse bond. Maar dat is een miniem aandeel vergeleken bij hoe het was geregeld in 1994, zegt de toenmalige bondsvoorzitter Alan Rothenberg: destijds mocht het organiserende land de opbrengst van de kaartjes en alle binnenlandse inkomsten uit de commercie zelf houden. Volgens het jaarverslag van de FIFA uit 1994 bleef van de opbrengst van 235 miljoen dollar een winst over van 99,6 miljoen dollar, waarvan 30 procent naar het gastland ging en 70 procent naar de andere bonden. ‘In 1994 hield de FIFA zelf de rechten voor de internationale marketing en de uitzendrechten, en verder ging alles naar ons,’ zegt Rothenberg. ‘Wij droegen alle verantwoordelijkheid, maar we konden ook inkomsten halen uit de kaartverkoop, sponsordeals en licenties. Bij dit toernooi krijgen de bonden in de gastlanden wel de verantwoordelijkheid voor het organiseren van de wedstrijden, maar heel weinig mogelijkheden om eraan te verdienen. Het is dus een hele opgave voor de organisatiecomités om het allemaal rond te krijgen zonder dat het een financiële strop wordt.’
FIFA versus de gaststeden
Rothenbergs uitspraak is nog een understatement, want zeker de afgelopen twaalf maanden was er sprake van aanzienlijke spanningen tussen een flink aantal van de elf Amerikaanse gaststeden en de FIFA. De opbrengsten van de uitzendrechten, sponsoring, de kaartverkoop en zelfs aanvullende diensten bij de stadions zoals parkeergeld zijn volgens de overeenkomst allemaal voor de FIFA, terwijl de gaststeden opdraaien voor de kosten van ‘veiligheid en bewaking’. Een langlopend conflict in Massachusetts over wie de kosten moet dragen van de beveiliging in het Gillette Stadium in Foxborough (voor de duur van het WK omgedoopt tot Boston Stadium) werd pas vorige maand opgelost, en op veel locaties zijn er nu nog steeds problemen met het openbaar vervoer.
De gouverneur van New Jersey, Mikie Sherrill, klaagde eerder deze maand dat de FIFA niets bijdraagt aan de kosten voor het openbaar vervoer, nadat er ophef was ontstaan over de aankondiging van vervoersbedrijf NJ Transit dat een retourtje van Manhattan naar het MetLife Stadium 150 dollar gaat kosten. Sherrill nam het op voor de vervoerder: aangezien de FIFA niet wil bijspringen, zou anders de rekening van 48 miljoen dollar belanden bij de belastingbetalers van de stad, en dat wil Sherrill niet.
Door de stijgende kosten worden ook de officiële FIFA Fan Festivals in veel steden afgeschaald of afgelast. In New York is het geplande feest in het Liberty State Park helemaal van de baan. Van de andere gaststeden houden alleen Philadelphia en Houston zich aan de oorspronkelijke wens van de FIFA om een festival te organiseren dat de volle 39 dagen van het toernooi duurt.
Eén man die natuurlijk wel voor de hele duur van het toernooi in de schijnwerpers zal staan, is Gianni Infantino. En dat hij financieel van het toernooi gaat profiteren, lijdt ook geen twijfel. In het vorige maand gepubliceerde jaarverslag over 2025 is te lezen dat de jaarlijkse bonus van de voorzitter vorig jaar is verhoogd van 2 naar 3 miljoen dollar, vanwege het succes van het WK voor clubs. Daarmee kwam zijn totale jaarsalaris op 6 miljoen dollar. De makkelijkste voorspelling die je over het WK kunt doen is dat dit bedrag dit jaar waarschijnlijk nog hoger ligt.
Voetbal als diplomatiek wapen
Voetbal is al lang meer dan sport alleen. Landen gebruiken grote voetbaltoernooien steeds nadrukkelijker om hun internationale positie te versterken, hun imago op te poetsen of politieke invloed uit te breiden.
Volgens analisten van onder meer Foreign Policy en Le Monde is het WK van 2026 opnieuw een voorbeeld van hoe sport en geopolitiek steeds sterker met elkaar verweven raken.
Vooral de afgelopen vijftien jaar groeide voetbal uit tot een belangrijk instrument van soft power. Qatar gebruikte het WK van 2022 om zich internationaal te profileren als moderne wereldspeler, terwijl Saoedi-Arabië miljarden investeert in clubs, competities en sterren als Cristiano Ronaldo en Karim Benzema. Ook de Verenigde Staten zien het komende WK als kans om hun mondiale invloed en aantrekkingskracht te onderstrepen.
Critici wijzen erop dat sportevenementen daarmee functioneren als diplomatiek podium. Internationale aandacht voor oorlogen, mensenrechtenkwesties of politieke spanningen wordt tijdelijk overschaduwd door nationale symboliek, prestige en beeldvorming: het zogenoemde ‘sportswashing’. Tegelijkertijd hopen kleinere of kwetsbare landen via sport zichtbaarder te worden op het wereldtoneel.
Voorstanders wijzen er juist op dat voetbal landen met elkaar in contact brengt die elkaar diplomatiek nauwelijks nog weten te vinden. Zoals de Franse sporthistoricus Patrick Clastres het in Le Monde formuleerde: ‘Voetbaltoernooien zijn de laatste plekken waar staten nog massaal vlaggen kunnen tonen zonder zich daarvoor te hoeven verantwoorden.’
360 kiest een door de buitenlandse pers beschreven sportevent, van voetbal tot Grieks-Romeins worstelen. Deze keer sporten onder een andere vlag en dodelijke ongelukken bij triatlons.
Turkije mag geen topatleten uit het buitenland ronselen
World Athletics (WA), de wereldatletiekbond, zette half april een streep door het verzoek van elf Jamaicaanse, Keniaanse en Nigeriaanse topatleten om zich te laten naturaliseren en bij de Olympische Spelen in 2028 voor Turkije uit te komen. Onder hen bevinden zich medaillewinnaars van de Spelen in Parijs.
Begin dit jaar bevestigde Brigid Kosgei, voormalig wereldrecordhoudster op de marathon en olympischzilverwinnares in 2024, in de Turkse Daily Sabah dat ze van sportnationaliteit is veranderd. ‘Het is mijn eigen beslissing en ik ben blij dat ik in Los Angeles onder de Turkse vlag loop.’
De uitspraak van de WA roept vraagtekens op omdat het geregeld voorkomt dat atleten van nationaliteit wisselen. Zo won de Keniaan Bernard Lagat brons op de Spelen in Sydney (2000) en zilver in Athene (2004) op de 1500 meter, voordat hij in 2007 namens de Verenigde Staten wereldkampioen werd op zowel de 1500 als de 5000 meter. Zijn landgenoot Stephen Cherono kreeg naar verluidt 1 miljoen US dollar om als staatsburger van Qatar, onder de naam Saif Saeed Shaheen, in 2003 en 2005 wereldkampioen en wereldrecordhouder op de steeplechase te worden.
Bij de zaak van de elf atleten ligt het anders. Volgens de Jamaica Observer stelt de WA dat ‘de verzoeken deel uitmaken van een door de Turkse overheid gecoördineerde wervingscampagne’. Via een door de staat gefinancierde club werden de buitenlandse atleten lucratieve contracten en bonussen in het vooruitzicht gesteld. ‘Deze aanpak is in strijd met de kernprincipes van de sport, bedoeld om de geloofwaardigheid van internationale competitie te waarborgen en lidbonden aan te moedigen te investeren in de ontwikkeling van binnenlands talent.’
De Keniaanse Eastleigh Voice meldt dat WA bovendien benadrukt ‘dat atleten een betekenisvolle band met het land dat ze willen vertegenwoordigen moeten aantonen, zodat nationale teams niet worden samengesteld op basis van financiële stimulansen’.
Voor de Nigeriaanse hardloopster Favor Ofili is het extra wrang dat ze niet voor Turkije mag uitkomen, omdat haar motivatie om te naturaliseren heel anders is. Within Nigeria meldt dat de Nigeriaanse atletiekfederatie in aanloop naar de twee vorige Spelen Ofili’s papieren niet op tijd in orde had gemaakt en had verzuimd haar op te geven voor een dopingtest. Volgens de site maakt de atlete dan ook een goede kans om alsnog de Spelen te halen door in hoger beroep te gaan bij het CAS (Court of Arbitration for Sport): ‘Als ze een solide rechtvaardiging heeft voor een nationaliteitsverandering, kan de WA-uitspraak worden vernietigd en wordt haar aanvraag alsnog goedgekeurd.’
Opnieuw blijkt het zwemonderdeel van de Ironman dodelijk
Eind april is tijdens het zwemonderdeel van de Ironman – een triatlon over 3,8 kilometer zwemmen, 180 kilometer fietsen en 42,2 kilometer hardlopen – opnieuw een triatleet om het leven gekomen. Het gaat om de Braziliaanse Mara Flavia Araújo (38), die deelnam aan de prestigieuze Ironman van Texas. Volgens verschillende internationale media kwam zij tijdens het zwemmen in de problemen en raakte ze vermist.
‘Volgens KPRC 2 News konden veiligheidsteams haar niet direct lokaliseren. Haar lichaam werd ongeveer 90 minuten later door duikers gevonden op een diepte van zo’n drie meter. Ze werd ter plaatse doodverklaard’, schrijft The Guardian. Araujo zou al ziek zijn geweest bij de start, maar de exacte doodsoorzaak wordt nog onderzocht.
Het is niet de eerste keer dat het misgaat tijdens het zwemonderdeel van een triatlon. In 2023 overleden bij een Ironman 70.3-wedstrijd in het Ierse Youghal twee deelnemers. Eerder was het zwemonderdeel door slechte weersomstandigheden al uitgesteld. Volgens The Irish Times kwamen beide sporters ‘tijdens het zwemmen in moeilijkheden’, waarna ze uit het water werden gehaald en later overleden. Ook in Zuid-Afrika stierven in 2025 twee deelnemers tijdens het zwemmen, meldde onder meer Triathlon Magazine Canada.
‘Het zwemonderdeel staat bekend als het gevaarlijkste deel van een triatlon’, schrijft The Irish Times. ‘Volgenstriathlete.com vindt ongeveer 72 procent van de zeldzame sterfgevallen plaats in of rond het water.’ Hoewel dergelijke voorvallen veel aandacht krijgen, zijn ze zeldzaam in verhouding tot het aantal deelnemers. Internationale studies schatten het risico op overlijden tijdens een triatlon op ongeveer één tot twee gevallen per 100.000 deelnemers.
Het zwemonderdeel blijkt veruit het gevaarlijkste onderdeel. Een triatlon begint met een massastart in open water, waarbij honderden tot duizend atleten tegelijk het water in gaan, schrijft Scientific American. Daarbij ontstaan direct chaotische omstandigheden: zwemmers bevinden zich dicht op elkaar en bewegen over en langs elkaar, wat het lastig maakt om problemen tijdig te signaleren. Organisaties benadrukken dat wedstrijden volgens strikte veiligheidsprotocollen verlopen, met reddingsboten, kajaks en medische teams langs het parcours. Maar de beperkte zichtbaarheid in open water maakt hulpverlening complex, aldus The Guardian.
Zo ook in Texas. Het Braziliaanse medium g1 schrijft dat Araújo al jaren actief was in de sport, en al eerder aan een Ironman had deelgenomen. Ze behaalde onder meer een podiumplaats bij een triatlon in Brasília. Ze werkte eerder als radiopresentatrice, dj en influencer, en deelde de afgelopen jaren haar sportprestaties met haar meer dan vijftigduizend volgers op social media.
360 kiest een door de buitenlandse pers beschreven sportevent, van voetbal tot Grieks-Romeins worstelen. Deze keer de Olympische Winterspelen met bergopwaarts skiën en een afwezige Keniaanse atleet.
Nieuwe olympische sport: zo snel mogelijk de berg op skiën
Tijdens de Olympische Winterspelen in februari in de Italiaanse Alpen zijn er voor het eerst medailles te behalen in het ski-mountaineering oftewel skimo. Deze nieuwe olympische sport is een combinatie van skiën en bergbeklimmen waarbij het accent niet zozeer ligt op de afdaling maar op de klim naar boven. Volgens ABC News werd het eerste WK Skimo in 2002 georganiseerd en is het ‘een van snelst groeiende sporten, met 55 aangesloten nationale bonden op vijf continenten’.
Victor Mather kijkt in The New York Times uit naar de strijd om de skimomedailles: ‘De klim op ski’s is al een enorme workout, maar denk niet dat je daarna vanzelf beneden komt. De afdaling gaat niet over een geprepareerde piste maar door diepe en ruige sneeuw. Dan moet je je eigen spoor trekken en slalommen langs de rotsen.’
Hoewel er ook internationale wedstrijden zijn van anderhalf uur met minstens twee uitputtende beklimmingen, staan er in Italië alleen drie sprintonderdelen op het programma: voor mannen en vrouwen individueel en een gemengde estafette. De opzet valt te vergelijken met die van de BMX-races: in drie heats van drie minuten komen telkens zes atleten tegen elkaar uit. De beste drie plus de drie tijdsnelsten gaan door naar de halve finales.
In een voorbeschouwing voor AP Newszegt de Amerikaanse skimo-atleet David Sinclair dat de sprintraces eigenlijk een andere tak van sport vormen: ‘Het epische van de lange afstand ontbreekt volledig. Maar al is het een compromis, de sprint is misschien de beste introductie voor het grote publiek. De 100 meter sprint is tenslotte niet voor niets het populairste onderdeel op de Zomerspelen.’
‘Waarom SkiMo is toegevoegd aan het olympische programma? Omdat Italianen de beste van de wereld zijn’, vermoedt NYT-journalist Mather, ‘hoewel ze aan Frankrijk en Zwitserland geduchte concurrenten hebben.’
Zo zou de Française Emily Harrop er weleens met het goud vandoor kunnen gaan. Ze is viervoudig wereldkampioen op de skimo-estafette. AP News beschouwt de 27-jarige Harrop als een van de pioniers in het skimo: ‘In de jeugd kwam ze bij het alpineskiën bij lange na niet in de buurt van het podium. Bergop bleek ze daarentegen razendsnel. Waarschijnlijk is ze daarom nauwelijks te verslaan.’
Ondanks kwalificatie zal Keniaanse skiester Simader niet te zien zijn bij de Spelen
Vanaf 6 februari schitteren ’s werelds beste wintersporters in Milaan en Cortina d’Ampezzo. Tussen de vlaggen van Oostenrijk, Zwitserland en Noorwegen had bij het alpineskiën ook die van Kenia kunnen wapperen. Maar Sabrina Wanjiku Simader, de skiester die haar land de afgelopen jaren een unieke plek gaf in de wintersport, komt ondanks kwalificatie niet in actie, schrijven verschillende internationale media.
Simader (27) groeide op in Kilifi, aan de Keniaanse kust, maar verhuisde op jonge leeftijd naar Oostenrijk. Daar leerde ze skiën, en al snel werd duidelijk dat ze talent had. ‘In 2018 schreef ze geschiedenis door als eerste Keniaanse alpineskiester deel te nemen aan de Olympische Winterspelen in PyeongChang’, schrijft The Kenya Times. Later was ze ook de eerste uit haar land die uitkwam op World Cup-niveau. Ze zorgde ervoor dat Kenia zichtbaarheid kreeg in een discipline die vrijwel volledig wordt gedomineerd door Europese landen.
‘Ik hoop meer Kenianen, en ook sporters uit andere landen zonder wintersporttraditie, te inspireren om de alpineskiën te ontdekken en zo moedig te zijn het te proberen’, vertelde Simader in een interview met de officiële website van de Winterspelen 2026.
De hoop was dat Simader dat verhaal in Italië een vervolg zou geven. Dat leek ook realistisch, want ze had zich geplaatst voor Milaan-Cortina 2026, meldt onder meer Ski Racing. Toch zal de Keniaanse niet te zien zijn; ze maakte bekend te zullen stoppen. De reden: een jarenlang gebrek aan structurele ondersteuning en financiering.
‘Ik draag de Keniaanse vlag met trots, maar soms voelt het alsof ik er alleen voor sta. Ik heb moeite gehad om financiële steun uit mijn land te krijgen, en ik denk dat het voor mij nu tijd is om te stoppen’, citeert The Kenya Times. ‘Een skiseizoen kost ongeveer 100.000 euro. Zonder steun van de nationale bond of het Keniaans Olympisch Comité is dat simpelweg niet vol te houden,’ aldus Simader in gesprek met Ski Racing.
Extra wrang is dat de Spelen plaatsvinden op een plek die haar nauw aan het hart ligt. ‘Cortina d’Ampezzo is mijn favoriete piste ter wereld. Dat ik daar niet kan skiën, breekt mijn hart,’ vertelt Simader. Volgens The Kenya Times blijft ze wel betrokken bij de sport, onder meer via initiatieven om skiën in Kenia zichtbaarder te maken. Maar op het olympisch toneel zal haar verhaal voorlopig geen vervolg krijgen.
360 kiest een door de buitenlandse pers beschreven sportevent, van voetbal tot Grieks-Romeins worstelen. Deze keer Surinaamse voetballers en een Franse schaatser.
Slapende reus in de Caribische voetbalwereld
Half november miste het Surinaams voetbalelftal directe kwalificatie voor het WK-eindtoernooi. In maart volgt een herkansing in intercontinentale play-offs. Zo’n prestatie was tot vijf jaar geleden ondenkbaar maar komt niet helemaal uit de lucht vallen.
Al in 2017 schreef Santokie Nagulendran in Football Paradise over Suriname als ‘vergeten producent van enkele van ’s werelds grootste voetballers’. In zijn optiek vormen Surinaamse voetballers ‘het beste internationale team dat de wereld nooit heeft gekend’.
Mede dankzij de inbreng van Nederlandse spelers met Surinaamse roots veroverde Oranje in 1988 de Europese beker, terwijl het land zelf nooit van alle voetbaltalent wist te profiteren. Dat had alles te maken met de regelgeving van de wereldvoetbalbond, schrijft La Nacion: ‘Tot 2019 verbood de Fifa spelers met de Nederlandse nationaliteit om voor Suriname uit te komen.’ Dat veranderde in 2019 toen de regels werden versoepeld waardoor spelers van Surinaamse afkomst maar zonder Surinaams paspoort in het vervolg wél voor het nationale team mogen uitkomen. Gregg Berhalter, de toenmalige bondscoach van de Verenigde Staten, overzag meteen al de mogelijke gevolgen. Hij beschouwde Suriname als ‘een slapende reus met al die neefjes van Gullit, Rijkaard en Seedorf in de gelederen’.
Ruim vijf later is Suriname inderdaad uitgegroeid tot een geduchte tegenstander in de Midden-Amerikaanse en Caribische regio. La Prensa stelt dat de regionale voetbalwereld ‘in een nieuw panorama verzeild is geraakt. Caribische voetballanden zijn niet langer verrassingsgasten, maar dwingen hun Midden-Amerikaanse tegenstanders tot het uiterste te gaan’. Zo plaatsten Curaçao en Haïti zich voor het WK en wist Panama met grote moeite Suriname van kwalificatie af te houden.
Sportanalisten, onder meer van de Spaanstalige CNN, beschouwen het Surinaamse elftal niettemin als ‘dé grote verrassing’ van deze WK-kwalificatie. In een uitgebreide reportage voor de Amerikaanse site van ESPN schrijft Jon Arnold over de ‘impasse’ waarin het lokale voetbal decennialang verkeerde. Daarnaast legt hij uit dat de Surinaamse profvoetballers uit Europa ervoor hebben gezorgd dat de band met de diaspora aanzienlijk is verstevigd. ‘Veel mensen in Suriname zijn enthousiast over het potentieel aan externe investeringen om sport, cultuur en andere maatschappelijke geledingen die in hun ogen worden verwaarloosd te versterken.’
Als eerste Fransman ooit schaatst Timothy Loubineaud een wereldrecord
Dat juist een Fransman het wereldrecord op de 5 kilometer zou breken, stond bij niemand op de radar – en al helemaal niet bij Timothy Loubineaud. Toch was het deze negenentwintigjarige – die in het dagelijks leven politieagent is – die afgelopen maand in Salt Lake City stuntte door als eerste Fransman ooit een wereldrecord te rijden.
‘We hebben geen banen in Frankrijk en ik ben ook niet de meest getalenteerde schaatser,’ vertelde hij na afloop aan de International Skating Union (ISU), de internationale schaatsbond. Toch wist hij het record van de Zweedse Nils van der Poel met meer dan een seconde te verbeteren: de Fransman finishte de 5 kilometer in een tijd nog nét boven de zes minuten: 6.00,23.
‘Als er iemand verrast is, ben ik het wel’, vertelde hij aan L’Equipe. Loubineaud verbeterde zijn persoonlijk record met zeven seconden. ‘Ik kan deze vooruitgang niet verklaren. Twee dagen geleden zat ik in de kamer met Alain [Nègre, bondscoach] en zei ik tegen hem dat ik niets voorstelde in deze sport.’
Hij sprak met zijn coach af om 6 minuten en 10 seconden te gaan schaatsen. Daar gingen dus nog tien seconden van af. ‘De bescheidenheid en verlegenheid van Timothy Loubineaud verklaren zijn gebrek aan zelfvertrouwen’, schrijft L’Equipe. Maar ‘dit wereldrecord, behaald aan het begin van een Olympisch seizoen, opent nieuwe deuren’.
Daar stond ook het Franse Le Monde bij stil: ‘Een wereldrecord verbreken is een bijzonder moment voor een atleet. En wanneer dat gebeurt aan het begin van een seizoen dat gekenmerkt wordt door het grootste internationale evenement in zijn sport, belooft dat veel goeds.’
Over drie maanden beginnen immers de Olympische Winterspelen in Milaan-Cortina (van 6 tot 22 februari 2026). En dat de Fransman dan tijdens het ‘openingswedstrijd van de wereldbeker schaatsen – de eerste wedstrijd die meetelt voor de toewijzing van quota via de speciale ranglijst voor Olympische kwalificatie – een wereldrecord verbetert’, is volgens Franse media een bijzondere prestatie. ‘Dankzij dit succes kan hij dromen van een allereerste deelname aan de Spelen’, schrijft Le Monde. ‘Hij zette in 2017 zijn eerste stappen op het ijs, na jarenlang op rolschaatsen te hebben gestaan, juist in de hoop ooit deel te kunnen nemen aan het Olympische spektakel.’
‘Het allerwreedste wat je het ego van een man kan aandoen, is zeggen dat zijn haar niet helemaal “je van het“ is’, schrijft voormalig toptennisster Andrea Petković. Zo’n opmerking kan zelfs grote gevolgen hebben.
Als ik bepaalde mannen in mijn persoonlijke kring een onveilig gevoel wil geven, hoef ik daartoe enkel een snedige opmerking over hun kapsel te maken. En met bepaalde mannen bedoel ik alle mannen die ik ken.
‘Naar de kapper geweest?’ – terwijl er in geen velden of wegen een nieuw kapsel te bekennen is. ‘Wat heb je met je haar gedaan?’ als je gewoon wat wil stoken. Soms volstaat een lange, bedachtzame blik richting iemands haargrens voor het gewenste resultaat: een onzekere man.
Ik ben er nog steeds van overtuigd dat mijn coach Petar een zeer beroemde, zeer getalenteerde top 3-tennisser vier maanden van zijn carrière heeft afgenomen, enkel door langs hem te lopen in de sportschool, over zijn eigen (dus Petars) bol te aaien en tegen de speler te zeggen: ‘Binnenkort zie je er net zo uit als ik.’ Petar is sinds zijn twintiger jaren kaal. De speler in kwestie, een knappe en doorgaans zelfverzekerde jongeman, begon te stamelen en zich te verontschuldigen in zijn poging een weerwoord te bedenken en verloor de daaropvolgende vijf toernooien in de eerste ronde. Het duurde even voor hij van die zware klap was bijgekomen en zijn techniek weer onder de knie had.
Ik moet trouwens wel zeggen dat Petar zelf een uitzondering is. Geen enkele haaropmerking, hoe gemeen ook, zou deze man kunnen breken.
Ik blik terug op het U.S. Open van dit jaar. Het feit dat Carlos Alcaraz per ongeluk zijn magnifieke ravenzwarte lokken afscheerde en dat hij de tenniswereld toe- (en uit)lachte toen ze reageerden alsof hij zojuist op straat een baby had verslonden, was het eerste teken dat hij dit prestigieuze toernooi zonder kleerscheuren zou overleven. En wel hierom.
Ik was een professioneel tennisster toen sociale media triomfantelijk oprukten en onze hersencellen begonnen af te stompen. Dag in, dag uit kreeg ik op mijn profielen opmerkingen over mijn uiterlijk. Dit is niet verrassend; ik ben een vrouw (hoewel veel gebruikers meenden dat ik een man was omdat ik over spieren en een perfecte kaaklijn beschikte) en dat soort dingen hebben wij nou eenmaal altijd moeten doorstaan. Soms lachte ik, soms huilde ik en soms belde ik Adidas om te vragen of ze mij T-shirts konden sturen in plaats van mouwloze hemden, zodat ik mijn spieren kon verbergen (aan de kaaklijn kon ik weinig doen).
Je kan wel doen alsof het je koud laat, maar hier en daar kan een reactie akelig blijven hangen en zich een plek verwerven tussen al die afgestompte hersencellen. Daarom zien alle vrouwen op tv er nagenoeg perfect uit. Zelfs tennissters en sporters hebben hun haar tegenwoordig tot in de puntjes gevlochten, dragen op maat gemaakte outfits, hebben een egale huid en onberispelijke make-up. Na alle reacties en al het gepraat achter hun rug om was de enige oplossing ervoor zorgen dat er NIETS op hun uiterlijk aan te merken viel – al is dat uiteindelijk een utopie.
Wat voor vrouwen in de publieke schijnwerpers hun algemene uiterlijk is, is voor mannen in diezelfde schijnwerpers – vooral topsporters – hun haar. Daarmee kunnen ze persoonlijkheid tonen, een kalend plekje verbergen of ‘niet kaal, maar cool’ zijn. Denk aan Jack Draper met zijn frosted tips [geblondeerde puntjes], die de gedachte aan boybands uit de vroege jaren 2000 oproepen, David Beckham en de opkomst van de metroseksuele man die gewoon moisturiser mag gebruiken en zijn nagels knipt. Denk aan Taylor Fritz met zijn vorig jaar geblondeerde haar, een trotse knipoog naar zijn roots als Southern Californian jongen die net iets te veel van surfen en van [de band] Fall Out Boy houdt. Denk aan Alexander Zverev en zijn man bun, die al zo’n tien jaar uit de mode is – maar tennissers malen niet om trends. Hij loopt rond met een kapsel dat alleen maar omschreven kan worden als: dringend aan een knipbeurt toe.
Dit is wat ik eigenlijk wil zeggen: het allerwreedste wat je het ego van een man kan aandoen, is zeggen dat zijn haar niet helemaal ‘je van het’ is. Toch is dat precies wat de volledige tenniswereld deed met Carlos – en Carlos glimlachte erom. Hij verloor maar één set in de finale tegen Jannik Sinner, won de U.S. Open en heroverde de wereldwijde nummer 1-plek. Carlos Alcaraz heeft écht zelfvertrouwen. Het soort zelfvertrouwen dat niet ten val kan worden gebracht door externe krachten, het soort zelfvertrouwen waarmee je toernooien wint.
En dat, dames en heren, is mijn haartheorie. Hij is boud en nogal subjectief, maar hij is van mij. De haartheorie is tevens waarom ik vermoed dat er zo veel goede roodharige tennisspelers zijn. Boris Becker, Jim Courier, Jannik Sinner. Als je een jeugd met oranje haar en sproeten kan doorstaan, kun je alles.
360 kiest een door de buitenlandse pers beschreven sportevent, van voetbal tot Grieks-Romeins worstelen. Deze keer darts en de Deaflympics.
Pijltjes gooien is booming business geworden
Gold het nog niet zo lang geleden voornamelijk als cafésport, tegenwoordig is darts verworden tot een razend populair volksvermaak en kijkcijferkanon. Vanuit het Verenigd Koninkrijk veroverde darts eerst Europa en vervolgens de rest van de wereld. Op voetbal na trekt de sport de meeste tv-kijkers tijdens de talloze internationale toernooien en kampioenschappen. Inmiddels leggen tv-stations tientallen miljoenen euro’s neer voor de exclusieve uitzendrechten.
Lucía Caballero verklaart in The Conversation de wereldwijde opmars van darts uit de commerciële aanpak en het ‘tailormade’ tv-format: ‘Net als bij Formule 1 en kickboksen opereert de Professional Darts Corporation (PDC) als een private onderneming, zonder de bureaucratie en de conflicterende belangen van lidbonden bij traditionele sporten.’ Daarnaast wijst ze op de ‘extreme live ervaring van de wedstrijden’. Bovendien duren de matches twintig tot dertig minuten en is het een van de weinige sporten waarin mannen en vrouwen tegen elkaar uitkomen.
Het is een van de weinige sporten waarin mannen en vrouwen tegen elkaar uitkomen
Voor Financial Times schrijft Rosanna Dodds een flink deel van het darts-succes toe aan Barry Hearn, twintig jaar lang voorzitter van de PDC. ‘Die was in staat ijs aan ijsberen te verkopen.’ Hearn ontdekte ‘een pot met goud waar anderen alleen dikke kerels pijltjes zagen gooien’. Het eerste wat hij volgens Dodds deed was het veranderen van de beleving van darts: ‘Verhalen creëren, de deelnemers een bijnaam geven en benadrukken dat het om “heel gewone mensen” gaat.’
Marine Dumeurger bezocht voor Le Monde verschillende dartstoernooien in Frankrijk, waar 18,5 miljoen mensen voor de tv zaten tijdens het laatste PDC-kampioenschap. Ze ontdekte dat het een laagdrempelige familiesport is geworden: ‘De sport staat open voor iedereen. Je speelt het in een grappige sfeer en je hoeft echt geen geweldige atleet te zijn. Het is een activiteit om tegelijkertijd iets anders te doen: een gesprek voeren en een glaasje drinken.’ In Süddeutsche Zeitung stelt Korbinian Eisenberger dat een groot darts-toernooi ‘een mengeling van gemeenschappelijk geluk en extase uitstraalt. Alsof de zaal een reusachtige vredespijp heeft ingeademd.’ Of darten wel of niet voldoet aan sportieve criteria van fysieke training: ‘Het vervult tegenwoordig de belangrijkste functie van sport, beter dan welke andere discipline ook: die van integratie.’
Al honderd jaar strijden dove atleten tijdens de Deaflympics, maar weinigen die het zien, of weten
Iedereen kent de Olympische Spelen. De Paralympische hoogstwaarschijnlijk ook. Maar de Deaflympics? Daar hoor je een stuk minder over. En dat terwijl de Spelen voor dove en slechthorende sporters van 15 tot 26 november haar honderdjarig bestaan viert in Tokio, zo melden verschillende internationale media.
Volgens The Guardian doen er aan de vijfentwintigste editie ruim drieduizend atleten uit meer dan tachtig landen mee, verspreid over eenentwintig sporten. Het grootste verschil met die andere Spelen: tijdens de wedstrijden worden auditieve signalen volledig vervangen door visuele alternatieven. ‘Startschoten in atletiek maken plaats voor flitsende lichten, scheidsrechters gebruiken vlaggen in plaats van fluitjes’, schrijft de BBC.
De Deaflympics zijn in alles een serieus sporttoernooi, met eigen kwalificatie-eisen, wereldrecords en dopingcontroles. Toch meldt bijvoorbeeld Asia News Network dat uit verschillende enquêtes ‘bleek dat meer dan 80 procent van de mensen in Tokio én in de rest van Japan niet bekend was met de Deaflympics’, terwijl ‘meer dan 90 procent van de respondenten op de hoogte waren van de Paralympische Spelen’.
De dove atleten zouden in tegenstelling tot de Olympische en Paralympische atleten geen geld ontvangen
Ook de dove en slechthorende sporters zelf lijken minder serieus genomen te worden. Zo schreef The Guardian onlangs over atleten die hun eigen wedstrijden filmden, simpelweg omdat er geen tv-uitzending is. Ook zou er een ‘beschamend gebrek aan overheidssteun’ zijn voor het Britse team; de dove atleten zouden in tegenstelling tot de Olympische en Paralympische atleten geen geld ontvangen.
De Deaflympics zijn ook zeker niet nieuw. De eerste editie werd in 1924 gehouden in Parijs, dus nog ruim vóór de Paralympische Spelen, die pas in 1960 begonnen, zo meldt onder meer Le Figaro. Aan die Spelen mogen dove en slechthorende niet meedoen, omdat ze ‘niet vallen onder een van de categorieën die voor “para’s” zijn aangewezen, namelijk: slechtzienden, mensen met een verstandelijke of psychische beperking en mensen met een lichamelijke beperking’, aldus de Franse krant.
Gelukkig voor hen bestaan de Deaflympics. Om daar aan mee te mogen doen, moeten atleten, zo meldt BBC, ‘minimaal 55 decibel gehoorverlies hebben in hun beste oor’. Ook zijn ‘hoortoestellen en cochleaire implantaten tijdens de wedstrijden verboden’, om zo een eerlijke competitie te garanderen.
360 kiest een door de buitenlandse pers beschreven sportevent, van voetbal tot Grieks-Romeins worstelen. Deze keer racisme in de sport en Ironman.
Strengere sancties niet afdoende om racisme uit te bannen
Het motto ‘Say no to racism’ is de afgelopen jaren luid en duidelijk uitgedragen binnen de internationale voetbalwereld. Van teams die gezamenlijk met grote spandoeken het veld op lopen tot wereldwijd vertoonde tv-spotjes van topspelers en gerichte campagnes door tientallen nationale voetbalbonden. De vraag is of het ook effect sorteert.
Vinícius Jr, de Braziliaanse vedette van Real Madrid, tekende in 2024 meerdere keren protest aan tegen racistische uitlatingen vanaf de tribunes en barstte tijdens een persconferentie in tranen uit: ‘Het wordt alleen maar erger en daardoor heb ik steeds minder zin om te voetballen’, meldde The Athletic. De aanvaller kreeg gelijk. Want volgens dezelfde krant deed de leiding van La Liga, de hoogste Spaanse divisie, eind augustus aangifte bij de Nationale Politie na racistisch gezang aan het adres van Vinícius en ploeggenoot Kylian Mbappé tijdens de competitiewedstrijd tegen Real Oviedo. Ook elders in de wereld blijft racisme een hardnekkig probleem. Zo diende de Surinaamse voetbalbond begin september een officiële klacht in bij de FIFA naar aanleiding van apengeluiden en het veelvuldig scanderen van scheldwoorden als ‘zwarten’ en ‘negros’ jegens de Surinaamse spelers rond de WK-kwalificatiewedstrijd in en tegen El Salvador.
‘Lidbonden maken boetes over zonder dat het effect heeft op het gedrag’
De wereldfederatie stelde in mei zwaardere sancties in het vooruitzicht tegen racisme en discriminatie in het voetbalstadion. ‘Puntenaftrek van clubs of landenteams, boetes tot zes miljoen US dollar of het spelen van thuiswedstrijden zonder publiek’, schreef onder meer The Maravi Post. De Salvadoriaanse bond kan dan ook een forse geldboete tegemoet zien, verwacht El Mundo: ‘Zeker nadat de FIFA de bonden van Albanië, Argentinië, Chili, Colombia, Servië en Bosnië-Herzegovina onlangs geldstraffen tussen de 100.000 en 200.000 dollar oplegde na racistisch gedrag op de tribunes.’
Of het probleem daarmee uit de wereld is? De onafhankelijke organisatie Ethics and Regulations Watch, die de FIFA observeert op het gebied van ethische en corruptie-vrije sportbeoefening, betwijfelt dat: ‘Lidbonden maken boetes over zonder dat het effect heeft op het gedrag of leidt tot interne hervormingen. Daarnaast ontbreekt het aan een functioneel systeem om daders op te sporen en te straffen.’ Bovendien ziet de FIFA racisme in het stadion ‘als een indicatie van cultuur in het algemeen. Fans betreden de stadions met de vooroordelen van de samenleving en anonimiteit en menigtesituaties versterken het beledigende gedrag. Het aanpakken van deze cultuur lukt niet met boetes of zelfs slogans.’
Volledig Noors podium op het WK Ironman: ‘Noorwegen heeft de hele trainingsaanpak herschreven’
Wat de Kenianen zijn voor het marathonlopen, lijken de Noren te worden voor de Ironman, met een triatlon van 3,8 kilometer zwemmen, 180 kilometer fietsen en 42,2 kilometer hardlopen. Zo meldde onder meer NBC Sports dat tijdens het WK Ironman in het Franse Nice het volledige podium werd ingenomen door Noorse atleten.
‘Voor het eerst in de geschiedenis van het WK Ironman stonden drie Noren op het podium’, schrijft VG, een van Noorwegens grootste kranten. ‘Casper Stornes was zo superieur dat hij de tijd nam om het publiek een high five te geven.’ Zijn landgenoten Gustav Iden en Kristian Blummenfelt vulden het podium aan. ‘Ik wist dat ik een kans had om te winnen, maar dan moest ik wel twee extreem sterke landgenoten verslaan,’ zei Stornes na afloop tegen VG.
De prestaties zijn allerminst toeval, benadrukt het Amerikaanse Triathlete Magazine. ‘Noorwegen heeft de manier waarop Ironman-races worden benaderd, compleet herschreven.’ Niet per se met grote namen, maar met focus op héél veel data, waaronder lactaattesten en calorieverbruik en -inname. Deze trainingsaanpak wordt internationaal aangeduid als de ‘Norwegian Method’.
‘De Noren maken niet alleen de Noren beter, maar ook de sport in het algemeen’
Endurance.biz, een gespecialiseerde website voor duursport, benoemt dat het de ‘eerste keer is sinds 2016 dat één land alle drie de plekken op het podium pakt bij het Ironman Wereldkampioenschap’. Maar het gaat eigenlijk nog een stap verder. ‘Het unieke aan het volledig Noorse podium is dat dit werd gedomineerd door een trainingsgroep’, schrijft Triathlete Magazine. De intensieve samenwerking tussen de Noren zou een van de geheimen zijn van het succes. Al jaren trainen de drie triatleten samen onder leiding van dezelfde coach. ‘De Noren maken niet alleen de Noren beter, maar ook de sport in het algemeen.’
Stornes won met een tijd van 7 uur, 51 minuten en 36 seconden. Iden en Blummenfelt, beiden eerder al een keer wereldkampioen Ironman, volgden op korte afstand. ‘Het is fantastisch om te zien hoe onze trainingsgroep hier presteert, het is echt ongelooflijk,’ zei Blummenfelt tegen VG. ‘We droomden ervan om de wedstrijd te domineren. Dat klinkt misschien een beetje arrogant, maar om dat doel daadwerkelijk te bereiken en met zijn drieën op het podium te staan, is een geweldig gevoel.’
De Noorse zender TV2, dat sprak van een ‘Noorse feestdag’, vertrouwde winnaar Stornes toe: ‘Als ik het met iemand zou mogen delen, dan met deze twee. Ik ben ontzettend blij.’
360 kiest een door de buitenlandse pers beschreven sportevent, van voetbal tot Grieks-Romeins worstelen. Deze keer: Olympisch cricket en robotkampioenschappen.
Tweede sport ter wereld wordt in 2028 eindelijk weer Olympisch
CRICKET – Na een lange en intensieve campagne keert cricket in 2028 tijdens de Spelen in Los Angeles na 128 jaar terug als Olympische Sport, meldt India Today. Het IOC heeft dat inmiddels officieel bevestigd. Om te voorkomen dat wedstrijden te lang duren, bestrijden zes landenteams (mannen én vrouwen) elkaar binnen het zogenoemde T20-format: ieder team krijgt 20 overs (zes gebowlde ballen) om zo veel mogelijk runs tussen de wickets te maken.
Andere nieuwe Olympische sporten zijn squash, lacrosse, flag football, honkbal en softbal. Volgens het Indiase dagblad heeft Jay Shah, voorzitter van de wereldcricketbond, een sleutelrol vervuld tijdens de cricketlobby. Het Amerikaanse SportingNews houdt het erop dat de Olympische rentree van cricket, ‘met 2,5 miljard tv-kijkers de op voetbal na de populairste sport in de wereld’, vooral te danken is aan de Indiase cricketvedette Virat Kohli. ‘Hij staat op de derde plaats van meest gevolgde atleten, na Messi en Ronaldo, maar vóór Lebron James, Tiger Woods en American football-speler Tom Brady.’
Sean Ingle beschrijft in The Guardian welke voorwaarden het IOC hanteert om sporten wel of geen Olympische status te verlenen. Hij citeert Casey Wasserman, voorzitter van het organisatiecomité van de Spelen in LA: ‘We kijken naar relevantie, innovatie en hoe een sport binnen gemeenschappen wordt beoefend: op straat, rond het schoolplein of in een buurtcentrum. Daarnaast willen we verschillende fanbases met elkaar verbinden en onze aanwezigheid in de digitale wereld vergroten.’
Maar volgens Ingle geven zakelijke belangen de doorslag: ‘De uitzendrechten in India voor de Spelen in Parijs leverden de sportkoepel in 2024 20 mil- joen US dollar op. Volgens experts loopt dat bedrag op tot 150 miljoen nu er straks wordt gecricket in LA.’
Ingle wijst er ook op dat het toelaten van vijf extra sporten het IOS voor een dilemma stelt omdat het maximale aantal Olympische sporters op 10.500 is gesteld. ‘Dat betekent dat traditionele sporten straks minder deelnemers mogen inschrijven.’
Robots voetballen, kickboksen en storten in elkaar tijdens de eerste ‘robot-Olympische Spelen’ in China
Rennen, tafeltennissen, dansen, voetballen, kickboksen. Alleen niet door mensen, maar door robots. Deze zomer vonden de eerste ‘World Humanoid Robot Games’ plaats in China. Volgens Global Times namen er tijdens het driedaagse evenement in Beijing 280 teams uit 16 landen deel aan 487 wedstrijden. Ook studententeams van de TU Delft en de Universiteit van Amsterdam waren aanwezig.
Sommige robots maakten achterwaartse salto’s en legden met succes hindernisbanen af. Daarnaast gingen ze ‘robot-specifieke uitdagingen aan, van het sorteren van medicijnen en het verwerken van materialen tot schoonmaakdiensten’, aldus CNN. Volgens The Guardian ‘toonden de wedstrijden de bekwaamheid van China op het gebied van humanoïde robotica, een technologisch gebied dat naar de voorgrond is geschoven in de kunstmatige intelligentie-industrie van het land’.
Al verliep niet alles even soepel. ‘Eén robot moest de 1500 meter opgeven omdat zijn hoofd halverwege de race afviel’, meldt The Guardian. De afstand werd gewonnen door een robot van het Chinese Unitree Robotics in een tijd van 6 minuten en 34,40 seconden. Het wereldrecord onder de mensen is in handen van de Noorse Jakob Ingebrigtsen (3:29,63). Toch was de robot volgens The New York Times sneller dan veel niet-professionele menselijke hardlopers.
En er waren meer technische probleempjes. Zo schrijven internationale media dat robots tijdens de voetbalwedstrijden over elkaar struikelden en als dominostenen omvielen. ‘Ook botste een robot van het Chinese Unitree Robotics tijdens een atletiekwedstrijd tegen een menselijke medewerker terwijl hij sprintte, waardoor deze omver werd gelopen’, meldt de New Yorkse krant.
Toch schrijft CNN dat ‘ondanks dat de robots vaak omvielen en menselijke hulp nodig hadden om weer op te staan, veel robots erin slaagden om zelfstandig weer rechtop te komen, wat applaus van het publiek opleverde’.
Al met al zouden de wedstrijden ‘waardevolle mogelijkheden bieden om gegevens te verzamelen voor de ontwikkeling van robots voor praktische toepassingen, zoals fabriekswerk’, aldus CNN. Zo zouden bijvoorbeeld de voetbalwedstrijden helpen bij het trainen van de coördinatievaardigheden van robots, wat nuttig kan zijn voor het werk waarbij de samenwerking tussen verschillende eenheden nodig is.
360 kiest een door de buitenlandse pers beschreven sportevent, van voetbal tot Grieks-Romeins worstelen. Deze keer: Duplantis doet wat Boebka deed, telkens maar één centimeter hoger springen.
Half juni verbeterde de Zweeds-Amerikaanse atleet Armand Duplantis (25) in Stockholm voor de twaalfde keer op rij het wereldrecord polsstokhoogspringen, dit keer tot een hoogte van 6,28 meter, zo meldt de Zweedse krant Dagens Nyheter. Duplantis is tweevoudig winnaar van Olympisch goud op het onderdeel en grossiert in Europese en wereldtitels, zowel indoor als outdoor. En de kans is groot dat we niet lang hoeven te wachten op record dertien en veertien. De atleet pakt het namelijk heel handig aan: ‘Alle wereldrecords van Duplantis zijn behaald met een marge van één centimeter’, aldus The Athletic.
‘Het interessante is dat Duplantis even slim als atletisch is’, schrijft ook Forbes. Want waarom verbetert hij zijn record telkens maar met zo’n kleine marge, als het duidelijk is dat hij nog veel hoger kan springen? Volgens Forbes is het antwoord eenvoudig: geld. ‘Elke keer dat een atleet een wereldrecord verbreekt, ligt er een bonus van 100.000 dollar klaar. De kanttekening is dat je die bonus maar één keer krijgt: na de wedstrijd waarin je het record breekt. Als Duplantis tijdens dezelfde wedstrijd het record twee keer zou verbreken, zou hij nog steeds 100.000 dollar ontvangen, in plaats van het dubbele. Maar met zijn 25 jaar heeft Duplantis nog alle tijd om die verdiensten uit te breiden.’
De lat
Forbes berekende dat de atleet op deze manier in vijf jaar tijd al minstens 1,2 miljoen dollar bij elkaar heeft gesprongen. Hoogspringers zijn wat dit betreft overigens in het voordeel ten opzichte van bijvoorbeeld verspringers, discuswerpers of kogelstoters, omdat ze de lat aan het eind van de wedstrijd telkens slechts één centimeter hoger kunnen laten leggen.
Na de prolongatie van zijn Olympische titel in Parijs in augustus en het aanscherpen van zijn wereldrecord, gaf Duplantis aan de Australische Daily Telegraph toe dat het prijzengeld hem extra motiveerde: ‘Ik zou liegen als ik zei dat het niet zo was.’
Voor zijn eerste wereldrecord moeten we terug naar 2020, toen Duplantis, die een Zweedse moeder en een Amerikaanse vader heeft, in Polen over 6 meter en 17 centimeter sprong. ‘Het was het begin van een superieur tijdperk. Boven de 6 meter springen lijkt voor hem vaak een fluitje van een cent’, aldus De Morgen. Inmiddels heeft Duplantis twee olympische titels en vijf wereldtitels op zak, maar hij lijkt vooral gefocust op het opnieuw verbreken van zijn eigen wereldrecord.
Duplantis is niet de eerste polsstokhoogspringer die deze tactiek toepast. De Oekraïner Serhij Boebka, die vooral voor de Sovjet-Unie uitkwam, ‘verbrak tussen 1984 en 1994 maar liefst zeventien keer het wereldrecord in de buitenlucht, waarvan tien keer met slechts één centimeter verschil’, meldt ABC News. ‘Stel dat ik ineens een sprong waag van zes of zeven centimeter hoger, en het lukt, dan zijn de organisatie, het publiek en de kijkers thuis ontgoocheld als ik daarna een centimeter minder hoog spring’, liet Boebka zich volgens De Morgen ooit ontvallen: ‘Dat zijn eigenlijk zes gemiste kansen op een wereldrecord.’
‘Ik train zes dagen per week en maar één of twee keer daarvan ben ik bezig met de techniek van het springen’
Tegenover Pulse Sports Nigeria onthulde Duplantis dat zijn geheim schuilt in zijn snelheid en zijn explosiviteit: ‘Ik train zes dagen per week en maar één of twee keer daarvan ben ik bezig met de techniek van het springen. Het grootste deel van de tijd train ik als een sprinter. Gewichtheffen doe ik ook, maar dan alleen het snelle, explosieve werk. Ik ben voortdurend bezig mijn basissnelheid te vergroten. Hoe sneller mijn aanloop, hoe hoger mijn sprong.’
In het Amerikaanse sportmagazine Fan Arch legt voormalig polsstokspringer en atletiekcoach Scott Simpson uit dat die ‘ongekende snelheid’ Duplantis in staat stelt de polsstok tijdens het omhooggaan zo ver mogelijk naar achteren te laten buigen: ‘Zo stopt hij alle energie in het glasfiber van de stok. Die energie haalt hij er weer uit tijdens de sprong over de lat.’
Het blad citeert ook Duplantis’ vader, die het succes van zijn zoon verklaart uit de competitiedrang met diens twee broers: ‘Daar is een gezonde winnaarsmentaliteit uit voortgekomen. Armand gaat uit van gecontroleerde onverschrokkenheid. Waar anderen geneigd zijn hun grenzen te verleggen en geblesseerd raken, kan hij extreem hoog springen met een minimaal risico op pijn.’
360 kiest een door de buitenlandse pers beschreven sportevent, van voetbal tot Grieks-Romeins worstelen. Deze keer: verbijsterende prestaties en eerlijkheid.
Oud-marinier voltooit na 240 dagen de langste triatlon ter wereld
Mitch Hutchcraft, een Britse oud-marinier, heeft afgelopen maand ‘de langste triatlon ter wereld’ voltooid. ‘Hutchcraft legde meer dan 13.000 kilometer af in 240 dagen door te zwemmen, fietsen, hardlopen en wandelen voordat hij zondag de hoogste top ter wereld bereikte’, aldus The Guardian. De oud-marinier startte acht maanden geleden zijn avontuur in het Verenigd Koninkrijk en eindigde op 11 mei op de top van de Mount Everest.
‘De 32-jarige vertrok op 14 september vorig jaar vanuit Dover en zwom 34 kilometer over het Kanaal, fietste 11.929 kilometer van Frankrijk naar India en rende 900 kilometer van India naar Kathmandu in Nepal’, aldus de Britse krant. Daarna wandelde hij vanaf de hoofdstad naar de voet van Mount Everest en bereikte hij de top.
‘Het was het zwaarste dat ik ooit heb gedaan’, vertelt de Brit aan BBC. ‘Maar ik ben dolgelukkig en trots dat ik dit epische avontuur heb voltooid.’ Tijdens zijn reis kwam hij voor veel uitdagingen te staan, schrijft Daily Mail. Zo werd hij onder andere van zijn fiets gereden door een taxi, achtervolgd door wilde honden en onder schot gehouden in Servië.
‘Om een droom te vervullen die ik al sinds mijn achtste had, en op zo’n geweldige manier, is ongelooflijk’
‘Woorden kunnen niet beschrijven hoe ik me nu voel’, vertelde Hutchcraft aan Daily Mail. ‘Om een droom te vervullen die ik al sinds mijn achtste had, en op zo’n geweldige manier, is ongelooflijk.’
De Engelsman ging op eenentwintigjarige leeftijd bij de Royal Marines nadat zijn vader een jaar eerder was overleden. Hutchcraft vertelde aan Daily Mail dat zijn vader ‘elke stap bij me was’ tijdens zijn extreme tocht. ‘Hij zal voor altijd mijn grootste inspiratie en motivatie blijven.’
Hutchcraft diende zes jaar en stopte in 2021. Nu verzamelt hij met zijn fysieke uitdagingen geld in, onder meer voor een organisatie die zich bezighoudt met veteranen en anderen die lijden aan een posttraumatische stressstoornis.
‘Ik ben op een missie om verder te bewijzen dat we met hard werken en zelfvertrouwen echt grenzeloos zijn’, aldus Hutchcraft tegen Daily Mail. ‘Ik wil anderen inspireren om er ook in te geloven dat ze alles wat ze dromen, hoe klein ook, waar kunnen maken.’
De coach die niet zonder wekelijkse wedstrijden kan
Na pakweg tweeënhalf jaar van geruchten, speculaties en mislukte onderhandelingen tekende de Italiaanse trainer Carlos Ancelotti half mei dan eindelijk een contract als manager van de Braziliaanse voetbalselectie. De officiële bekrachtiging kwam pikant genoeg een dag na de laatste van de vier nederlagen die Ancelotti’s huidige club Real Madrid dit seizoen moest incasseren tegen aartsrivaal Barcelona. Daarmee verspeelde Real de laatste kans op het Spaanse landskampioenschap en wist de sterrenploeg deze voetbaljaargang voor de verandering zelfs geen enkele prijs in de wacht te slepen.
In de Braziliaanse pers raken ze voorlopig niet uitgesproken over de komst van Ancelotti. In de dagen dat in Rome met smart op witte rook werd gewacht, bracht sportkant Footboom het officiële welkomstwoord van voormalig vedette Romário de Souza Faria prominent op de voorpagina: ‘Habemus technicum’. Volgens Romario gaat Ancelotti ‘op een delicaat moment – de nationale selectie presteert de laatste jaren wisselvallig en is nog niet zeker van plaatsing voor het WK in 2026 – een broodnodige revolutie in het Braziliaans voetbal ontketenen’.
‘Carletto krijgt de beschikking over een privéjet om de Atlantische Oceaan over te steken wanneer hij maar wil’
Niet veel later bracht de Argentijnse krant AmbitoFinanciero de contractvoorwaarden naar buiten waar Ancelotti en de Braziliaanse voetbalbond het over eens waren geworden: ‘Er is bevestigd dat de manager 835.000 dollar per maand gaat verdienen en een bonus van 5 miljoen tegemoet kan zien bij het veroveren van de wereldbeker. In plaats van vliegtickets om van Zuid-Amerika naar Europa te reizen en spelers te bezoeken die op het oude continent spelen, krijgt Carletto de beschikking over een privéjet om de Atlantische Oceaan over te steken wanneer hij maar wil.’
Tekenend voor de dagkoersen binnen de internationale voetbalwereld was de analyse van Ancelloti’s aanvankelijke weigering om voor Brazilië te tekenen op de Amerikaanse sportsite El Futbolero, eind april: ‘Ancelotti verklaarde dat hij er niet voor voelde omdat hij het dagelijkse ritme bij een voetbalclub te veel zou missen. Dit antwoord getuigt van een verbijsterende eerlijkheid. Het biedt een zeldzaam inzicht in de mentaliteit van een coach op het hoogste niveau die passie en dagelijkse betrokkenheid voorrang geeft boven glamour of reputatie.’
360 kiest een door de buitenlandse pers beschreven sportevent, van voetbal tot Grieks-Romeins worstelen. Deze keer: het jasje van Rory en de Kings League.
Als eerste Europeaan voltooit Rory McIlroy een Career Grand Slam
GOLF – Na zijn winst op The Masters, op 13 april, kreeg de 35-jarige Rory McIlroy dan eindelijk zijn groene jasje omgeslagen. De Noord-Ierse golfer voltooide met die overwinning namelijk zijn Career Grand Slam. Als eerste Europeaan in de geschiedenis heeft McIlroy nu alle vier de Majortoernooien – US Open, PGA Championship, The Open Championship en The Masters – gewonnen.
Op de voorpagina van Belfast Telegraph prijkte een dag na die historische overwinning een afbeelding van Rory op zijn knieën, vol blijdschap na zijn laatste putt. ‘Rory’s meesterwerk’, luidde de kop. De Noord-Ier heeft ‘golfonsterfelijkheid’ bereikt, nu hij een Career Grand Slam heeft voltooid.
‘Het maakt niet uit hoeveel tegenslagen je in je leven hebt; als je hard werkt en vastberaden bent, kun je er uiteindelijk komen’, zei de trotse Noord-Ierse premier Michelle O’Neill tegen Belfast Telegraph. McIlroy had namelijk bijna elf jaar moeten wachten om de laatste van de vier Majors te winnen.
‘Dit is mijn zeventiende keer hier, en ik begon me al af te vragen of het ooit nog mijn tijd zou zijn’
In 2011 won hij al The US Open, in 2012 volgde de PGA Championship en in 2014 The Open Championship. Het winnen van The Masters wilde maar niet lukken – tot de lente van 2025. ‘Het voelt ongelooflijk’, zei McIlroy na zijn overwinning, aldus Irish Independent. ‘Dit is mijn zeventiende keer hier, en ik begon me al af te vragen of het ooit nog mijn tijd zou zijn.’
Alleen de Amerikanen Gene Sarazen (1935), Ben Hogan (1953), Jack Nicklaus (1966) en Tiger Woods (2000) en de Zuid-Afrikaan Gary Player (1965) wonnen eerder al eens alle vier de majors. ‘Welkom bij de club’, reageerde Tiger Woods op X. ‘De Grand Slam voltooien op Augusta is heel speciaal. Je vastberadenheid gedurende de ronde en op de reis hiernaartoe was indrukwekkend, en je bent nu onderdeel van de golfgeschiedenis. Ik ben trots op je!’
Volgens Sky Sports heeft McIlroy nog een extra stukje geschiedenis geschreven, want de overwinning trok ‘het grootste kijkerspubliek in de geschiedenis van Sky Sports’. Miljoenen mensen schakelden in om de Noord-Ier het beroemde groene jasje te zien veroveren, aldus Belfast Telegraph.
Voetbal – Nadat Barcelona-vedette en 102-voudig Spaans international Gerard Piqué eind 2022 een punt had gezet achter zijn voetbalcarrière, introduceerde hij samen met influencer Ibai Llanos de zogenoemde Kings League. In deze competitie komen teams van zeven spelers tegen elkaar uit. De spelregels zijn onconventioneel: de captains mogen onbeperkt wisselen en kunnen vijf wildcards trekken, waarmee ze bijvoorbeeld een strafschop cadeau krijgen of doelpunten dubbel kunnen laten tellen. Bovendien kunnen toeschouwers met hun telefoon direct invloed uitoefenen op het spelverloop.
‘Zo smelten voetbal en entertainment samen tot een uniek en wereldwijd gevolgd evenement’, meldt CBS Sports. ‘Voetballegendes als Iker Casillas, Gianluigi Buffon en Andrea Pirlo spelen, samen met youtubers en streamingdiensten, voor een ander, veel jonger publiek. Het is duidelijk dat de kijker hierbij de ultieme koning van het spel is en niet de laatste in de keten, zoals in het huidige topvoetbal.’
‘Met zulke cijfers trek je de aandacht van Amerikaanse investeerders’
Javier Tebas, president van La Liga, de hoogste Spaanse voetbalcompetitie, deed het nieuwe format voor NSS Sports af als ‘een circus’. In reactie daarop zei Piqué dat ‘het product voetbal tegenwoordig achterhaald is. Om de aandacht van het jonge publiek te trekken, moet je korte en vermakelijke inhoud leveren. Negentig minuten is te lang. Daarom moeten we op z’n minst meer stimulerende regels invoeren.’
Volgens El Periódico is de Kings League inmiddels in zestien landen gelanceerd en is de competitie te volgen op ‘allerlei digitale kanalen en platforms’. Steeds meer voetbalprofs overwegen de overstap naar het nieuwe concept. Al heeft de Spaanse oud-voetballer David Soriano het in hetzelfde artikel over ‘400 shitty euro per wedstrijd’. Maar deze sport is volgens de Spaanse krant ‘geen middel van bestaan, maar een springplank naar massale bekendheid’.
Dat laatste ondervond de Spaans-Ecuadoraanse Antonela Romoleroux in de Queens League, het equivalent voor vrouwen. Eind maart maakte ze na vijf balcontacten zo’n weergaloos doelpunt dat het met 300 miljoen views nu al de bestbekeken goal uit de geschiedenis van het vrouwenvoetbal is, schrijft The Athletic: ‘Met zulke cijfers trek je de aandacht van Amerikaanse investeerders.’
360 kiest een door de buitenlandse pers beschreven sportevent, van voetbal tot Grieks-Romeins worstelen. Deze keer een Bulgaarse vergissing en gesjoemel van de Noren.
Bulgaarse voetbalclub houdt minuut stilte voor overleden oud-speler die niet dood blijkt
Als eerbetoon aan de voormalig voetballer Petko Ganstjev hield de Bulgaarse voetbalclub Arda Kardzhali halverwege maart een minuut stilte. Voor de wedstrijd tegen Levski Sofia verzamelden de spelers zich rond de middencirkel. Ze sloegen de armen om elkaar en bogen het hoofd. Ganstjevs oude club Arda, die op het hoogste niveau in Bulgarije speelt, had namelijk vernomen dat de voetballer op 78-jarige leeftijd was overleden.
Klein probleempje, zo schreven allerlei internationale media achteraf, de informatie bleek niet te kloppen. Al tijdens de wedstrijd werd duidelijk dat Ganstjev nog gewoon in leven is.
The Guardian meldt dat Gantsjev zelf de minuut stilte net had gemist. ‘Ik was tien minuten te laat voor de wedstrijd’, vertelde hij aan de Bulgaarse website Blitz. ‘Toen ik naar huis reed, ging mijn telefoon de hele tijd af. Ik parkeerde voor ons huis, liep de tuin in en mijn vrouw kwam huilend op me af en riep: “Petko, Petko, ze hebben op tv bekendgemaakt dat je bent overleden!”’
‘Toen ik het vreselijke nieuws hoorde, schonk ik mezelf een kleine cognac in’
‘Ik kon niet begrijpen wat ze me vertelde en wat er was gebeurd. Toen belden twee vrienden me. Levend begraven worden is eigenlijk behoorlijk stressvol’, laat hij aan Blitz weten. ‘Toen ik het vreselijke nieuws hoorde, schonk ik mezelf een kleine cognac in.’
De in 1946 geboren Gantsjev voetbalde zijn hele leven. Voor de Bulgaarse voetbalclub Arda maakte hij naar eigen zeggen zo’n 120 doelpunten. Na zijn carrière als voetballer werd hij assistent-trainer en coach. Nog steeds volgt hij de wedstrijden.
‘Zoveel mensen belden me – familieleden, vrienden, kennissen en niet zo grote kennissen’, vertelde Gantsjev aan de Bulgaarse website. ‘De situatie was niet prettig, maar uiteindelijk moeten we positief zijn.’
Volgens The Guardian werden de officials van de club op hun fout gewezen en plaatsten ze nog voor het einde van de wedstrijd een verontschuldiging op Facebook. ‘Het management van PFC Arda wil graag zijn enorme excuses aanbieden aan de voormalige Arda-speler Petko Gantsjev en zijn familieleden nadat de club verkeerde informatie over zijn overlijden heeft ontvangen’, aldus de club. ‘We wensen Gantsjev nog vele jaren in goede gezondheid en hopen dat hij nog lang kan genieten van het succes van onze club.’
Hoe dit bij de club heeft kunnen gebeuren, is niet bekend.
Reuzensprong vanaf de skischans met gemanipuleerde pakken
Tijdens het WK in het Noorse Trondheim in maart is bij het schansspringen tumult ontstaan na de ontdekking dat er is gemanipuleerd met de pakken van de Noorse deelnemers Marius Lindvik en Johan André Forfang. Het sportmagazine Nettavisen meldt dat ‘een verdachte naad aan de binnenkant van de jumpsuits’ van beide schansspringers werd aangetroffen. ‘Daarmee werd de spanning in het kruis verhoogd, en dat is gunstig om te vliegen.’ Zo konden de Noren meer wind vangen en een langere afstand overbruggen.
Lindvik, Olympish kampioen in 2022, veroverde aanvankelijk de wereldtitel maar werd net als Forfang, die vier jaar eerder Olympisch goud pakte, gediskwalificeerd. De twee atleten verklaarden dat ze geen idee hadden dat er met hun wetsuits was geknoeid. Hun coaches gaven wel toe dat de pakken waren verzwaard en werden per direct geschorst door de Noorse Skibond, meldt Nordic Magazine. De Internationale Skifederatie (FIS) heeft inmiddels een onderzoek naar het gedrag van de Noorse delegatie ingesteld.
‘De zaak kwam aan het licht nadat stiekem achter een gordijn gefilmde opnames door een klokkenluider waren doorgespeeld’
‘De zaak kwam aan het licht nadat stiekem achter een gordijn gefilmde opnames door een klokkenluider waren doorgespeeld aan de FIS’, schrijft Graham Dunbar voor AP News. De verslaggever noemt het opmerkelijk dat uitgerekend de Noorse delegatie over de schreef is gegaan: ‘Noorwegen staat al jaren in de top vijf van de internationale anti-corruptie-index. Noorse officials namen in 2022 het initiatief om Russische sporters te weren van internationale sportwedstrijden. Ook stelden ze rond het WK voetbal de mensenrechten in Qatar ter discussie.’
Jelena Petrova geeft in het Noorse sportmagazine Viasportaan dat het schandaal grote gevolgen heeft voor de skisport in Noorwegen en ook daarbuiten. De belangrijkste sponsors hebben hun samenwerking per direct opgeschort en ook het publiek laat het afweten: ‘Het aantal toeschouwers bij de eerste wereldbekerwedstrijd na het WK was opvallend laag. Daardoor ontbrak het aan het gebruikelijke enthousiasme bij zo’n prestigieus evenement.’
Half maart kwam er ook positief nieuws uit de wereld van het schansspringen. De 19-jarige Sloveense Nika Prevc kwam tijdens het skivliegen, waarbij van een langere en hogere schans wordt gesprongen, tot een nieuw wereldrecord van 236 meter. ‘Ook op het Noorse monster, zoals de schans in Vikersund wordt genoemd, is de tweevoudige wereldkampioen een klasse apart’, meldt het Sloveense dagblad Delo.
360 kiest een door de buitenlandse pers beschreven sportevent, van voetbal tot Grieks-Romeins worstelen. Deze keer nieuwe atletiek- en marathonrecords.
Keniaanse topatleet was helemaal niet uit op wereldrecords
Beatrice Chebet is een uitzonderlijk talent.
ATLETIEK – De vijfentwintigjarige Keniaanse atleet Beatrice Chebet geldt als ’s werelds snelste vrouw op de lange afstand. In mei vorig jaar liep ze in Eugene (Oregon, VS) als eerste vrouw de 10 kilometer binnen de 29 minuten. Begin dit jaar verpulverde ze in Barcelona het wereldrecord op de 5 kilometer op de weg, waar ze als eerste ruim onder de 14 minuten bleef. Tijdens de Olympische Spelen in Parijs won Chebet goud op zowel de 5 als de 10 kilometer, terwijl ze in 2023 en 2024 de wereldtitel veldlopen veroverde. Dit jaar richt ze zich op het WK atletiek in september in Tokio, waar ze de 5 en de 10 kilometer hoopt te winnen. ‘Na zilver en brons tijdens de vorige WK’s blijft nu alleen nog het goud over,’ zei ze tegenKBC (Kenya Broadcasting Corporation).
Haar coach, manager en echtgenoot Peter Bii legt inEl Periódico uit dat Chebet zo’n uitzonderlijk talent is ‘omdat ze alle afstanden beheerst, of het nu op de baan, de weg of tijdens een veldloop is. Bovendien heeft ze pure snelheid én uithoudingsvermogen. Verder is het een kwestie van slim trainen: geen extreme uitputting, maar precies weten wanneer je moet stoppen.’ Zelf schrijft de atleet haar succes toe aan haar grootmoeder, die haar op de middelbare school aanspoorde om aan atletiek te gaan doen.
‘Eigenlijk was ik helemaal niet van plan om wereldrecords te lopen, op de een of andere manier gebeurde het gewoon’
In een profiel voorPulse Sports Kenya wijst Abigael Wafula erop dat Chebet is geboren in Nandi County in het westen van Kenia, op 2000 meter hoogte. ‘Dat deel van de Grote Riftvallei wordt beschouwd als de wieg van het Keniaanse atletieksucces en heeft talloze wereldtoppers op de lange afstand voortgebracht.’
Chebet geeft nauwelijks interviews en houdt haar privéleven zo veel mogelijk buiten de schijnwerpers. Wel vertrouwde ze de Afrikaanse krantNationtoe dat ze vasthoudt aan haar discipline en haar geloof in God: ‘Ik voel me nederig over mijn prestaties en vereerd dat ik als rolmodel mag fungeren en jongere generaties kan inspireren. Eigenlijk was ik helemaal niet van plan om wereldrecords te lopen, op de een of andere manier gebeurde het gewoon.’
Jacob Kiplimo is de eerste man die halve marathon onder de 57 minuten loopt
SPORT – ‘Het jaar begint zinderend. Er zijn al zeven wereldrecords gevestigd, allemaal binnen een tijdsbestek van negen dagen’, berichtteWorld Athletics medio februari. Tussen 8 februari en 16 februari werden in de atletiekwereld aan de lopende band nieuwe wereldrecords gezet. Zo verbeterde onder meer de Noorse Jakob Ingebrigtsen het wereldrecord op de 1500 meter indoor en de Amerikaanse Grant Fisher de wereldrecords op de 3000 en 5000 meter indoor.
De Oegandese Jacob Kiplimo zette volgens internationale media wellicht het meest opvallende wereldrecord. Tijdens de halve marathon van Barcelona op 16 februari wist Kiplimo maar liefst 48 seconden van het vorige record af te halen, door de 21.1 kilometer te finishen in een tijd van 56 minuten en 42 seconden.
Volgens World Athletics is dat ‘de grootste op zichzelf staande verbetering van het wereldrecord op de halve marathon in de geschiedenis’. Het record stond op naam van de Ethiopische Yomif Kejelcha, die vorig jaar een tijd neerzette van 57 minuten en 30 seconden.
‘Ik wilde een geweldige race neerzetten, maar ik had niet verwacht dat ik het wereldrecord zou breken’
De 24-jarige Kiplimo is de eerste atleet ooit die een halve marathon onder de 57 minuten wist te lopen. ‘Het was de perfecte race,’ zei hij volgens The Athletic na afloop. ‘Het was de ideale temperatuur (13 graden), er was helemaal geen wind, het circuit was fantastisch – alles ging beter dan verwacht. Ik wilde een geweldige race neerzetten, maar ik had niet verwacht dat ik het wereldrecord zou breken.’ Zo schrijft CNN dat ‘Kiplimo met een gemiddelde van 22,3 kilometer per uur finishte, meer dan twee minuten vóór de Keniaanse Geoffrey Kamworor, die tweede werd’.
Hoewel Kiplimo pas 24 jaar is, kent hij al een rijke sportcarrière. Runners World meldt dat hij al drie keer deelnam aan de Olympische Spelen en ‘de jongste Oegandese olympiër ooit werd’ toen hij op zijn 15e deelnam aan de Spelen van Rio. Een paar maanden geleden won Kiplimo in Nijmegen nog de Zevenheuvelenloop, waar hij volgens The Athletic ook nog eens ‘het wereldrecord van 15 kilometer op de weg vestigde’.
360 kiest een door de buitenlandse pers beschreven sportevent, van voetbal tot Grieks-Romeins worstelen. Deze keer de Super Bowl en de verguisde VAR.
‘Niets brengt meer Amerikanen samen dan de Super Bowl’
Maar minstens zo belangrijk als de sport is de halftime show
AMERICAN FOOTBALL – ‘Niets brengt meer Amerikanen samen – geen awardshows, geen slotafleveringen van tv-series, zelfs geen presidentieel debat – dan de Super Bowl’, schrijft The New York Times. De American football-finale tussen de kampioenen van de American Football Conference en de National Football Conference is al decennialang een van de belangrijkste sportevenementen in de Verenigde Staten. Op zondag 9 februari staat de 59ste editie op het programma.
Niet alleen de finalewedstrijd zelf maakt het evenement zo geliefd. Een belangrijk onderdeel van de Super Bowl is de halftime show, die volgens Billboard is uitgegroeid tot ‘een blockbusterconcert dat de grootste namen in de muziekwereld trekt’. ‘Toen de Super Bowl in 1967 begon, stond tijdens de rust onder meer de Symfonische Marching Band van de Universiteit van Arizona op het programma, die The Sound of Music speelde,’ aldus Billboard. ‘Maar toen Michael Jackson in 1993 de halftime show verzorgde, veranderde alles. Het publiek raakte sindsdien gewend aan het idee de grootste popsterren ter wereld te zien optreden tijdens de grootste wedstrijd van Amerika.’
‘Inmiddels is optreden bij de Super Bowl een van de belangrijkste mijlpalen die je als muzikant kunt bereiken’
‘Inmiddels is optreden bij de Super Bowl een van de belangrijkste mijlpalen die je als muzikant kunt bereiken,’ schrijft Billboard. Grote sterren als Beyoncé, Bruno Mars, Lady Gaga, Rihanna en Prince hebben in het verleden een show verzorgd. R&b-ster Usher trad vorig jaar op; het was het best bekeken optreden in de Amerikaanse geschiedenis, met zo’n 123,7 miljoen kijkers. Volgens Variety was dit ‘het hoogste aantal mensen in de televisiegeschiedenis dat naar eenzelfde uitzending keek’.
Ook waren er vorig jaar zeventigduizend toeschouwers aanwezig in het stadion. Een kaartje om een van die grote popsterren te zien optreden tijdens de belangrijkste sportfinale van de VS mag wat kosten. Volgens AS was ‘de basisprijs voor een ticket voor de 58ste editie van de Super Bowl 8000 dollar [omgerekend zo’n 7725 euro], exclusief de hoge toeslagen die kaartverkopers boven op die prijs rekenen’. En dat terwijl ‘de ticketprijs voor de allereerste Super Bowl in 1967 gemiddeld 12 dollar bedroeg, omgerekend ongeveer 100 dollar vandaag de dag’, aldus AS.
En toch gaan bijna alle Europese competities ermee door
Voetbal – Sinds zijn entree in 2017 zorgt de Video Assistant Referee, beter bekend als de VAR, wekelijks voor verhitte discussies in de Europese voetbalcompetities. De VAR kan, buiten het stadion, vanuit verschillende camerastandpunten spelmomenten bestuderen en op basis daarvan de scheidsrechter adviseren om een cruciale beslissing terug te draaien of te heroverwegen. Dat kan ertoe leiden dat een ogenschijnlijk glaszuiver doelpunt wordt afgekeurd of dat er een strafschop wordt gegeven voor een overtreding die vrijwel iedereen was ontgaan.
In Turkije, waar de VAR geregeld zwaar onder vuur ligt, neemt de voetbalbond in de tweede seizoenshelft van de Süper Lig, de hoogste klasse, tijdelijk buitenlandse videoscheidsrechters in dienst, zo schrijft de Turkse krant Daily Sabah: ‘Deze maatregel is bedoeld om de aanhoudende zorgen over de effectiviteit van de VAR en de gevolgen ervan voor de reputatie van het Turkse voetbal weg te nemen.’
‘Fans op de tribunes moeten meer duidelijkheid krijgen over arbitrale beslissingen’
Van de dertig topcompetities in Europa is de Zweedse Allsvenskan de enige waar de VAR met ingang van dit seizoen is afgeschaft; de rest gaat door. Omdat videoassistentie betere arbitrage oplevert, zo becijferde Karl Matchett voor The Independent: ‘Vóór de introductie van de VAR in de Premier League was 82 procent van de scheidsrechterlijke beslissingen correct. Vorig seizoen was dat gestegen tot 96 procent.’ Toch gingen de twintig clubs uit de Engelse topcompetitie als gevolg van aanhoudende discussies voorafgaand aan het huidige seizoen in beraad over de VAR. Een meerderheid koos voor handhaving. Maar wel onder voorwaarden, schrijft Matchett: ‘Er moeten strakkere regels komen over de bevoegdheden van de VAR, fans op de tribunes moeten meer duidelijkheid krijgen over arbitrale beslissingen en het spel mag niet te lang worden opgehouden.’
Voor The Athletic maakte Greg O’Keeffe een uitgebreide analyse van de voor- en nadelen van de VAR, onder meer met een vergelijking met andere sporten: ‘In het American football worden verschillende officials bij het terugkijken van beelden ingezet en is er overleg met de hoofdscheidsrechter. En hoewel bij rugby de kans op inconsistentie groot is, worden beslissingen daar over het algemeen geaccepteerd.’
Het Franse debatplatform Inactuels houdt het erop dat de VAR ‘onmiskenbaar een krachtig instrument is om de kwaliteit van arbitrale beslissingen mee te verbeteren. Maar de vraag is vooral hoe de bestuursorganen van het voetbal, in samenwerking met belanghebbenden in de sport, het gebruik van technologie in evenwicht kunnen brengen met het behoud van de essentie en emotie van het spel.’
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.