Pierre Bismuth gebruikt allerlei bronnen en materiaal om de gevleugelde uitspraak van Joseph Beuys te pareren met de vraag: als iedereen een kunstenaar is, wat is kunst dan?
De titel van Pierre Bismuth tentoonstelling Everybody is an artist but only the artist knows it is geïnspireerd op Joseph Beuys en zijn beroemde uitspraak ‘Jeder Mensch ist ein Künstler’. De Franse kunstenaar reflecteert op die uitspraak en bevraagt hemt: als iedereen een kunstenaar is, wat is kunst dan?
Het werk van Bismuth is gebaseerd op intuïtie. Hij werkt met verschillende bronnen, materialen en technieken en in al zijn kunstwerken staat verwondering voorop. Zijn kijk op de wereld inspireert om te spelen, te genieten en na te denken over de bevrijdende mogelijkheden van creativiteit. Bismuth prikkelt verschillende zintuigen en in zijn werk wordt fantasie werkelijkheid.
Pierre Bismuth: Everybody is an artist but only the artist knows it, West, Den Haag, tot 10 juli.
‘Het is een zaak die een Kuifje-verhaal waardig is’, aldus El País. Jean-Luc Martinez, acht jaar lang het hoofd van ’s werelds grootste museum, werd woensdag aangeklaagd voor fraude en illegale handel in antiquiteiten, zei een gerechtelijke bron donderdag.
Volgens Le Canard enchaîné onderzoeken de autoriteiten of de voormalige bestuursvoorzitter van het Louvre ‘een oogje heeft dichtgeknepen‘ bij valse certificaten van oorsprong voor vijf artefacten uit de Egyptische oudheid die ‘voor tientallen miljoenen euro’s’ zijn aangekocht door het Louvre Abu Dhabi, het filiaal van het Parijse museum in de hoofdstad van de Verenigde Arabische Emiraten. Een van de stukken is een roze granieten stele waarin de naam van farao Toetanchamon is gegraveerd.
‘Andere vooraanstaande personen uit de cultuur- en archeologiewereld in Frankrijk zouden betrokken kunnen zijn’ bij deze ‘nieuwe vloek van Toetanchamon die de kunstinstelling en de regering doet sidderen’, onderstreept El País. Ook conservator Vincent Rondot en egyptoloog Olivier Perdu zijn gearresteerd.
Rechter oordeelde dat boerkini ingaat tegen ‘neutraliteitsbeginsel’
De boerkini wordt opnieuw verboden in de zwembaden van Grenoble, zo besliste een plaatselijke rechtbank gisteren, meldt Il Giornale. Het Italiaanse conservatieve dagblad noemt de boerkini ‘het symbool van de meest fundamentalistische vorm van de islam’.
Met de uitspraak van de rechter wordt de toestemming ingetrokken die burgemeester Éric Piolle maandag had gegeven voor het dragen van een badpak dat het hele lichaam bedekt. Vervolgens vroeg het hoofd van het departement Isère, waartoe Grenoble behoort, bij de rechter om de opheffing van het besluit.
De rechtbank oordeelde dinsdag dat de boerkini ‘het neutraliteitsbeginsel van overheidsdiensten ernstig ondermijnt’. Burgemeester Piolle kondigde in een bericht op Twitter aan dat hij bij de Raad van State in beroep zal gaan tegen de uitspraak.
De tentoonstelling Useless Bodies van Michael Elmgreen en Ingar Dragset in Milaan onderzoekt de huidige toestand van het lichaam in het postindustriële tijdperk. Volgens het kunstenaarsduo is het lichaam een obstakel geworden in een wereld die steeds digitaler is.
De Scandinaviërs Michael Elmgreen (1961) en Ingar Dragset (1969) staan sinds hun deelname aan de Biënnale in 2009 in de schijnwerpers. De tentoonstelling Useless Bodies van het kunstenaarsduo in Milaan beslaat 3000 vierkante meter in vier galeriezalen en onderzoekt de huidige toestand van het lichaam in het postindustriële tijdperk. Het duo stelt dat onze fysieke aanwezigheid bijna volledig overbodig aan het worden is in een wereld die steeds meer draait op tweedimensionale beelden.
Onze lichamen, zeggen zij, genereren nauwelijks nog waarde
Onze lichamen, zeggen zij, genereren nauwelijks nog waarde. Men zou zelfs kunnen beweren dat ze eerder een obstakel zijn geworden; het gaat om onze gegevens die worden verzameld en doorverkocht worden. Juist de waarneming van de lijfelijk aanwezige mens is een thema in het beeldende werk van de twee, en van hun performances. Naast andere terugkerende onderwerpen als opgroeien, intimiteit en diversiteit, komt het duo steeds weer uit bij hoe we navigeren in de publieke sfeer. In Fondazione Prada zijn de zalen gevuld met werk, vermaak en ontspanning, alleen is er niemand meer te bekennen
Useless Bodies, Fondazione Prada, Milaan, tot 22 augustus.
Frida Orupabo demonteert beelden van zwarte lichamen om ze vervolgens laag voor laag weer in elkaar te zetten. Zo probeert de Noors-Nigeriaanse kunstenaar de representaties van zwarte mensen te ‘bevrijden’ van koloniale vooroordelen.
De Noors-Nigeriaanse kunstenaar en socioloog Frida Orupabo (1986) maakt analoge en digitale zwart-witcollages en video-installaties van beeldmateriaal dat zij online vindt. Ze kiest beelden uit het koloniale tijdperk of juist hedendaagse, uit de geneeskunde en wetenschap of uit de kunst en popcultuur, en ‘bevrijdt’ het zwarte (vrouwelijke) lichaam van de meestal eendimensionale weergave.
Ze demonteert beelden van zwarte lichamen om ze vervolgens laag voor laag weer in elkaar te zetten. Afbeeldingen worden zodoende indringende verhalen die thema’s als geweld, racisme, seksualiteit en identiteit recht aan doen.
Ook de verfilming van het boek van de spraakmakende Palestijnse schrijver Sayed Kashua doet stof opwaaien. Toen Let It Be Morning, de nieuwe film van Eran Kolirin, vorig jaar op Canne als ‘Israëlisch’ werd gepresenteerd, weigerde de regisseur acte de présence te geven.
Aan het begin van Let It Be Morning, de nieuwe film van Eran Kolirin, wordt de bruiloft gevierd van een jong Israëlisch-Arabisch echtpaar wiens verbintenis ‘verdoemd lijkt zelfs voordat deze geconsumeerd is’, zo schrijft het Amerikaans-Joodse tijdschrift Forward.
Het eerste voorteken is dat de duiven die bruid en bruidegom loslaten als symbool van hoop en vrede weigeren weg te vliegen. En inderdaad, op de nacht na de ceremonie sluiten Israëlische strijdkrachten het dorp af, zonder enige kennisgeving of uitleg.
‘Door zijn personages letterlijk gevangen te houden, creëert Kolirin een soort microkosmos’
De bruiloftsgasten en de bewoners stranden ter plaatse, zonder dat contact met de buitenwereld mogelijk is. ‘Door zijn personages letterlijk gevangen te houden, creëert Kolirin een soort microkosmos die hem in staat stelt de sociale en politieke status van de Israëlisch-Arabische gemeenschap te onderzoeken,’ schrijft Variety.
De film is geïnspireerd op het gelijknamige boek uit 2006 van Sayed Kashua, die door Middle East Eye wordt omschreven als ‘een controversiële Palestijnse schrijver’. De Arabische journalist, auteur en scenarioschrijver maakte de zeldzame keuze om in het Hebreeuws te schrijven, omdat hij ‘de taal van de Israëliërs moest spreken om het standpunt van de Palestijnen over te brengen’. Haaretz, het dagblad van Israëlisch links, riep hem uit tot ‘een van de meest invloedrijke Arabische commentatoren van Israël’. Maar in 2014 verliet hij zijn land om zich in de VS te vestigen. Tegen The Guardian zei hij: ‘Toen jonge Joden door de straat begonnen te marcheren, “dood aan Arabieren” riepen en Arabieren aanvielen alleen omdat ze Arabieren waren, wist ik dat ik mijn strijd verloren had.’
Hij was het zelf die filmmaker Eran Kolirin benaderde, die een Palestijnse cast bij elkaar zocht. Maar deze weigerde te komen opdagen bij de vertoning op het filmfestival van Cannes vorig jaar; ‘de film werd gepresenteerd als Israëlisch’, aldus Middle East Eye. Israëlische Arabieren worden sterk aangemoedigd om hun films aldus te presenteren, zodat ze kunnen profiteren van overheidssubsidies. Kolirin zelf zei verheugd te zijn dat zijn film het debat nieuw leven inblaast. ‘Het label “Israëlische film” slaat nergens op. Noemt Scorsese zijn films soms “Amerikaans”? Je kunt deze film noemen wat je wilt. Als je hem als een Palestijnse film wilt presenteren, zal ik zowel vereerd als dankbaar zijn.’
De film Let It Be Morning is in mei in de bioscoop te zien. Het boek is niet in het Nederlands vertaald.
De toenadering tot vreemden die ze wil fotograferen noemt Judith Joy Rosse ‘een marteling’. Opvallend, want ze maakt portretten waar de empathie en verbondenheid vanaf stralen. Haar werk is tot en met 22 september te zien in Le Bal, Parijs.
Judith Joy Ross wordt regelmatig geprezen als ’s werelds grootste levende portretfotograaf. Wat Amerika betreft wellicht, want grootse en levende portretfotografen zijn allang niet meer op één hand te tellen. Dat de sensuele foto’s van Ross ontroerend en soms aangrijpend zijn, staat buiten kijf. Misschien komt dat wel zoals zij zelf tegen The Guardian zei, doordat Ross – zoals elke goeie fotograaf – ziet wat in het dagelijks leven vaak onopgemerkt blijft. Om die momenten vast te leggen, gebruikte zij ‘stiekeme technieken’. Ze deed bijvoorbeeld alsof ze haar camera aan het instellen was en maakte ondertussen de ene na de andere opname.
Therapeutisch, noemt zij de toenadering tot vreemden die zij wil en wilde fotograferen. ‘Een marteling’ zelfs. Want hoe benader je iemand in je eigen belang? Wat ze in een handomdraai in iemand ziet, al is het maar voor even, is zo de moeite waard dat het hervinden van dat moment bijna een dwangmatig proces is. Meisjes kijken verlegen en verwachtingsvol in de lens, en roepen de ongemakkelijkheid van de adolescentie op en de lange zomers van vervlogen tijden.
‘Ik ben geïnteresseerd in mensen, maar wil liever niet te dichtbij komen’
‘Ik ben geïnteresseerd in mensen, maar wil liever niet te dichtbij komen,’ zegt Ross in een interview. Haar werk zit desondanks (of misschien juist daardoor) vol empathie en straalt een diepe verbondenheid uit met het geportretteerde, ongeacht of het bomen, kamers of mensen zijn. Wat ook meewerkt, zegt zij, is het gebruik van de plaatcamera op statief, omdat die ‘zo groot en verdomd mooi is’, en mensen direct ontwapent. Naast de tentoonstelling verscheen een retrospectief boek, Judith Joy Ross: Photographs 1978-2015.
Judith Joy Ross – Photographs 1978-2015, Le Bal, Parijs, tot 18 september.
Ook Russische paviljoen op Biënnale van Venetië blijft leeg
Vorig jaar opende GES-2, een enorm kunstcentrum dat de Italiaanse architect Renzo Piano ontwierp in een voormalige elektriciteitscentrale dicht bij het Kremlin als de Moskouse variant van Tate Modern. Het centrum, met een oppervlak van 54.400 vierkante meter, heeft momenteel een probleem: er is geen kunst, aldus The Guardian. ‘We kunnen niet doen alsof het leven normaal is,’ zegt Evgeny Antufiev, een Russische kunstenaar die zijn werk uit GES-2 weghaalde kort nadat Rusland Oekraïne was binnengevallen op 24 februari. ‘We moeten een einde maken aan de illusie dat de dingen weer worden zoals ze waren voor de oorlog. Cocktails drinken bij kunstopeningen terwijl mensen worden vermoord, voelt crimineel.’
Samen met oligarch Leonid Mikhelson, die de miljoenen dollars voor het centrum financierde, bezocht Vladimir Poetin vorig jaar de openingstentoonstelling van de IJslandse kunstenaar Ragnar Kjartansson. Kjartansson en andere Russische en buitenlandse kunstenaars distantieerden zich van GES-2 toen duidelijk werd dat het museum zich niet zou uitspreken tegen de Russische invasie.
‘Kunstenaars zullen in hun werk ofwel protesteren tegen de oorlog, ofwel hun mond houden’
Ook het nationale paviljoen van Rusland op de Biënnale van Venetië, die 23 april opende, zal leeg blijven. Daags nadat Rusland Oekraïne was binnengevallen, verklaarden twee Russische kunstenaars dat zij hun land niet zouden vertegenwoordigen in het paviljoen, en ook de in Litouwen geboren tentoonstellingsmaker Raimundas Malašauskas stapte op.
De Russische kunstverzamelaar en columnist Marat Gelman vreest dat naarmate de oorlog zich voortsleept, alleen nog Russische kunstenaars in Europa welkom zullen zijn die openlijk tegen de oorlog protesteren. ‘Kunstenaars zullen in hun werk ofwel protesteren tegen de oorlog, ofwel hun mond houden. Ik geloof niet dat er ruimte zal zijn voor een compromis.’ Vladimir Poetin zei eind vorige maand van mening te zijn dat Rusland ook verwikkeld is in een culturele strijd met het Westen. Hij vergeleek de behandeling van de Russische cultuur in het buitenland met het verbranden van ‘ongewenste literatuur’ door nazi-Duitsland.
Ninjababy is een film vol humor, vindingrijkheid en woeste energie, oordeelt de internationale filmpers. De Noorse productie draait om de 23-jarige Rachel die ontdekt dat ze al zes maanden zwanger is – ze zit allerminst op een kind te wachten.
In de Noorse film Ninjababy van Yngvild Sve Flikke leeft de 23-jarige Rachel er vrolijk op los: feestjes, drank, soms een pilletje en nu en dan een onenightstand. Tot ze ontdekt dat ze al zes maanden zwanger is. Rachel zit allerminst op een kind te wachten en weet trouwens niet eens wie de vader is. Het aanstaande kind doet mee in de film en geeft in cartooneske animaties commentaar op de personages en situaties. Ze zijn ontleend aan de graphic novel Fallteknikk van Inga Sætres, waarop de film ook is gebaseerd.
Het thema van de film komt Leif Tore Lindø van de Noorse krant Aftenbladet bekend voor, maar wordt naar zijn smaak ‘op een verfrissende manier en met een bitterzoete ondertoon gebracht’. Kristine Kujath Thorp, in de hoofdrol, vindt hij ‘absoluut briljant’. De animaties bezorgen de film volgens Lindø een soort ‘indierocksfeer’, behalve in de dialogen tussen moeder en kind: ‘Dan zijn ze overbodig: het enige minpuntje van deze filmtraktatie.’
De ‘heerlijk gekke humor, de vindingrijkheid en de woeste energie’ in Ninjababy doen Jan-Olov Andersson van het ZweedseAftonbladet denken aan de vroege films van Danny Boyle, zoals Trainspotting (1996) en A Life Less Ordinary (1997). Bovendien werd hij ‘gegrepen door het onverwacht voor de hand liggende einde’.
‘We krijgen een eerlijk inzicht in het leven van een vrouw op zoek naar haar plek in de wereld’
‘Door de bijtende humor en de open, losse toon komen de hoofdpersonen volstrekt authentiek over,’ schrijft Sarah Stutte in Kino-Zeit. ‘Daardoor komt het wispelturige en onvolwassen gedrag van de hoofdpersoon prima uit de verf.’ Het is te danken aan het ‘sympathieke, hartverwarmende spel van Thorpe dat we een eerlijk inzicht krijgen in het leven van een vrouw op zoek naar haar plek in de wereld’.
David Rooney stelt in The Hollywood Reporter dat de regisseur ‘behendig de clichés over aanstaand moederschap en het vaste recept voor romcoms omzeilt’. Wat werkt in de film is niet zozeer de ‘Look Who’s Talking-achtige gimmick als wel het genot om toe te kijken hoe feilbare personages zich een weg banen door een heikele situatie’.
Ninjababy van regisseur Yngvild Sve Flikke draait vanaf 21 april in de bioscoop.
Urueña heeft meer boekhandels dan schoolgaande kinderen
Het dorp Urueña in het Noordwesten van Spanje heeft, net zoals veel plattelandsdorpen, te maken met ontvolking en vergrijzing. Maar in de afgelopen tien jaar is er één zaak die wel floreert in Urueña: boeken. Op honderd inwoners zijn er elf boekwinkels te vinden, waaronder negen met speciale boeken, schrijft The New York Times. Dat zijn meer boekhandels dan er kinderen naar het plaatselijke schooltje gaan.
‘Ik ben geboren in een dorp waar geen boekhandel was en waar de mensen zich veel meer bezighielden met het bewerken van hun land en met hun dieren dan met boeken,’ zegt Francisco Rodríguez, de drieënvijftigjarige burgemeester van Urueña. ‘Deze ommezwaai is een beetje vreemd, maar ons kleine dorp is er trots op dat het een cultureel centrum is geworden.’
In 2007 ontving Urueña drie miljoen euro om dorpswoningen te verbouwen tot boekwinkels
In 2007 ontving Urueña drie miljoen euro om dorpswoningen te verbouwen tot boekwinkels. Mensen die een boekhandel wilden runnen, konden voor een symbolisch bedrag van tien euro per maand een pand huren. Het plan was om Urueña levend te houden met boektoerisme, naar het voorbeeld van andere literaire centra op het platteland in Europa, bijvoorbeeld Montmorillon in Frankrijk en Hay-on-Wye in Groot-Brittannië.
Spanje is een van de Europese landen die de meeste onafhankelijke boekhandels telt. Om kleinere bedrijven te helpen concurreren met de grote boekhandels, heeft het Spaanse ministerie van Cultuur deze maand negen miljoen euro uitgetrokken voor subsidies om de kleine boekhandels te helpen moderniseren en digitaliseren.
De bestseller Pachinko van de Koreaans-Amerikaanse auteur Min Jin Lee is vijf jaar na verschijning bewerkt tot tv-serie. Volgens de internationale filmpers zit de wereld op meer series als deze – waarin mensen van kleur centraal staan – te wachten.
In 2017, toen film- en tv-agent Theresa Kang-Lowe de grootse roman Pachinko las, waarin Min Jin Lee schrijft over vier generaties van een arme Koreaanse familie die naar verschillende plekken emigreert, had ze niet verwacht dat deze de aandacht van Hollywood zou kunnen trekken. Vijf jaar later verschijnt het eerste seizoen van Pachinko – met Kang-Lowe als uitvoerend producent – op Apple TV+. In tegenstelling tot Hollywoods decennialange overtuigingen blijken kijkers gewoon bereid om ‘ondertitels te lezen en verhalen van over de hele wereld te consumeren waarin mensen van kleur centraal staan’, schrijft TIME.
Pachinko is de tweede roman van Lee, die Koreaans-Amerikaans is en gefascineerd raakte door de strijd van Koreaanse immigranten in Japan in de twintigste eeuw. Hoofdpersoon is Sunja, geboren in de vroege jaren 1900, die stoïcijns het lijden van iedereen om haar heen absorbeert terwijl ze de ene crisis na de andere (de Japanse kolonisatie van Korea, de atoombommen op Japan) doorstaat.
‘In dit familieverhaal wordt de rijkheid van proza gecombineerd met de specifieke voordelen van televisie’
De door TIME benoemde bereidheid van de kijker wordt door de recensies weerspiegeld. IndieWirenoemt de serie een ‘liefdevol vervaardigde paradox, die de moeite waard is om je aan over te geven’. Die paradox zit hem erin dat sommige delen van het verleden invoelbaar zijn, bijvoorbeeld waar het aankomt op keuzes van ouders die hun kinderen een beter leven willen geven, terwijl andere delen volstrekt ongrijpbaar blijven. Ook London Evening Standard vindt de bewerking van het boek geslaagd, en noemt de serie even groots als het 490 pagina’s tellende boek, en ‘verrukkelijk in zijn uitvoering’. Rolling Stoneprijst de ‘kunstzinnigheid en elegantie’ waarmee het onderwerp wordt behandeld. ‘In dit familieverhaal wordt de rijkheid van proza gecombineerd met de specifieke voordelen van televisie.’
De auteur werkte uiteindelijk niet mee aan het script van de eerste seizoen, bestaande uit acht afleveringen. En hoewel veel recensenten het boek een van de beste noemen die ze het afgelopen jaar hebben gelezen, zijn de grote wijzigingen die scenarioschrijver en producent Soo Hugh in de opbouw heeft aangebracht voor vrijwel niemand een bezwaar. Dat heeft misschien ook met de tijd te maken: ‘De geografie en de individuele gezichten kunnen veranderen, maar verhalen over ontheemding en vluchtelingenervaringen zijn nooit ver van onze huidige realiteit (…). Oekraïne. Syrië. Guatemala,’ aldus The Hollywood Reporter.
Pachinko is te zien op AppleTV+. Het boek is in het Nederlands vertaald door Ineke Lenting en Paul van der Lecq en verscheen bij Meulenhoff.
Het doel van Expo 2020, het mega-evenement dat onlangs de deuren weer sloot in Dubai, was om bij ‘de groten’ te gaan horen. Deze journalist toont zich enthousiast over het resultaat.
Expo 2020 bood baanbrekende innovaties, onderzocht de grootste uitdagingen waarvoor de mensheid zich geplaatst ziet en vermaakte zijn bezoekers met meer dan zestig live-evenementen per dag. De expositie bood landen de gelegenheid hun cultuur, keukens, kunst en reismogelijkheden te tonen. Ze had ten doel mensen te inspireren, te boeien, te vermaken en samen te brengen in het grootste publieksevenement sinds het uitbreken van de covid-19-pandemie. Expo 2020 gaf de wereld het teken dat het ergste definitief achter de rug is. Het was een baken van hoop.
Expo 2020 was echter niet alleen ’s werelds grootste voorstelling; het toonde en bekrachtigde ook de rol van de VAE als mondiale soft power.
De afgelopen jaren hebben de VAE een strategische koerswijziging in hun buitenlands beleid doorgevoerd. Die heeft zich snel vertaald in meer soft power. Er is geen beter voorbeeld dan Expo 2020. Expo 2020, die naties verbindt en bruggen bouwt door innovatie en inspiratie, is het toonbeeld van soft power – een model dat aanspreekt en aantrekt; een symbool van alles waar de VAE voor staan.
Waar anderen muziek, lokale kookkunst en soapseries exporteren, exporteren de VAE ideeën, innovaties en best practices
Internationale betrekkingen hebben ons – met dank aan de Amerikaanse politicoloog Joseph Nye – geleerd dat landen soft power gebruiken om anderen over te halen te doen wat zij willen, zonder geweld of dwang, en om hun standpunten en voorkeuren op lange termijn vorm te geven. Zo hebben de VS – succesvolle voorvechters van soft power – deze uitgeoefend via hun commerciële bedrijven, universiteiten, Hollywood, cultuur en waarden.
Voor een land als de VAE, door analisten vaak een opkomende regionale macht of Klein Sparta genoemd, gaat de term soft power nog iets verder. Decennialang was internationale buitenlandse hulp de belangrijkste soft power-beleidsstrategie, maar vandaag de dag zijn er diverse andere, even belangrijke instrumenten. De VAE zijn al lang een toeristisch en commercieel knooppunt, en tevens de thuishaven van internationale merken als Emirates Airlines en de Jumeirah-groep. Nu heeft het land zich ook ontpopt als een leider in technologie, wetenschap en start-ups. Waar anderen muziek, lokale kookkunst en soapseries exporteren, exporteren de VAE ideeën, innovaties en best practices.
Verenigde Arabische Emiraten
Oppervlakte: 82.880 km² (≈ Oostenrijk)
Bevolking: 9,8 miljoen, waarvan een derde in Abu Dhabi woont en een derde in Dubai. Slechts 10,5 procent van de bevolking zijn Emiratis, lokale Arabieren. De economie van de Verenigde Arabische Emiraten (of de VAE ) is de op drie na grootste in het Midden-Oosten (na Turkije, Saoedi-Arabië en Iran), met een bbp van 421 miljard dollar in 2020.
Belangrijkste handel wordt gedreven met: India, Japan, China Voornaamste leveranciers: China, India en de Verenigde Staten.
Op de HDI-ranglijst, de index van menselijke ontwikkeling, staat de VAE op nummer 31 van de 189 landen
Vijftigste verjaardag
Als jonge natie aan de vooravond van haar vijftigste verjaardag, is het de VAE gelukt een belangrijke mondiale soft power te worden. Volgens de 12e Arab Youth Survey zijn de VAE voor Arabische jongeren al negen jaar op rij het favoriete land om te wonen – meer nog dan de VS en Canada. Het land heeft zich bovendien ontwikkeld tot modelland voor expats van alle leeftijden en nationaliteiten, die ervoor kiezen hier te werken of gewoon te wonen. Het heeft zijn verblijfswetten en -programma’s gemoderniseerd en is een internationale campagne begonnen om buitenlands talent aan te trekken, zoals artsen, ingenieurs, studenten, kunstenaars en wetenschappers, samen met hun gezinnen. Het voert een langetermijnvisie uit om van de VAE een welvarend en gastvrij tehuis voor zijn inwoners te maken.
World Wealth Report schat dat meer dan 35.000 vermogende particulieren tussen 2000 en 2020 naar de VAE zijn verhuisd
De VAE blijven ook een van de favoriete bestemmingen voor migrerende vermogende particulieren, terwijl velen tijdens de pandemie een uittocht hadden verwacht. Het laatste World Wealth Report schat dat meer dan 35.000 vermogende particulieren tussen 2000 en 2020 naar de VAE zijn verhuisd. Veel van deze mensen zijn afkomstig uit India, het Midden-Oosten en Afrika.
De wereld in een stad
Expo 2020 is de wereld in een stad – ze laat zien hoe de VAE hun soft power vormgeven door middel van allianties, partnerschappen en creativiteit. Expo 2020 neemt een centrale plaats in bij het oplossen van de grootste wereldproblemen op het gebied van klimaatverandering, energie en duurzame ontwikkeling. Ze belichaamt de kernwaarden van de VAE: tolerantie en co-existentie. Expo 2020 toont talloze technologische ontwikkelingen en levensveranderende innovaties. Aan bod komen de toekomst van de luchtvaart, uitdagingen in de gezondheidszorg, de inzet van kunstmatige intelligentie ten dienste van de mensheid, en er komt een paviljoen geïnspireerd door de grote Stephen Hawking.
Het evenement is gegrondvest op de visie van een betere wereld door verbinding en door het bouwen aan een toekomst. En dat is dan weer, in een notendop, waar het om draait in de dynamische kijk van de VAE op soft power.
Disclaimer: De meningen van de auteurs in deze rubriek zijn uitsluitend de hunne en geven niet noodzakelijkerwijs het standpunt van Arab News weer.
Tot voor kort was digitale kunst een niche waar weinig geld in omging. Maar de opkomst van NFT’s, oftewel digitale eigendomscertificaten, heeft tot speculatie en astronomische bedragen geleid. ‘De kunsthandel is radicaal veranderd door techspeculanten.’
Hebt u weleens gehoord van ene Mike Winkelmann, alias Beeple? Tot een jaar geleden was hij een relatief onbekende grafisch ontwerper en animatiekunstenaar uit de Verenigde Staten. In maart 2021 veranderde hij ineens in de op twee na populairste levende kunstenaar ter wereld – na de Britten David Hockney en Damien Hirst – toen het veilinghuis Christie’s zijn werk Everydays: The First 5000 Days verkocht voor 69,5 miljoen dollar (62,3 miljoen euro). Het gaat niet om een doek of beeldhouwwerk. Je kunt het niet aanraken. Het is een mozaïek bestaande uit vijfduizend plaatjes en video’s die Beeple dag na dag in zijn social media plaatst en dat hij heeft gecodificeerd als een uniek digitaal bestand.
Welkom in het universum van de NFT’s, dat voor een omwenteling in de kunsthandel heeft gezorgd. 2021 kan in de bewuste drie letters worden samengevat. Zelfs het Collins-woordenboek koos NFT (non fungible token) als woord van het jaar: ‘Een digitaal certificaat dat dient om het eigendom van een afbeelding te registreren als kunstwerk of verzamelobject.’ Op zich is een NFT niets materieels: het is alleen een gesloten link, een via blockchaintechnologie versleuteld bestand, waardoor je bent verzekerd van een bepaald eigendom, of het nu gaat om een tweet, een meme, een liedje of een artikel… In één jaar tijd heeft dit technologische gereedschap de kunstwereld met astronomische verkoopcijfers op z’n kop gezet.
Uit Everydays: The First 5000 Days
Nieuw veilingrecord
Zeven maanden na de aftrap bij Christie’s was Beeple goed voor een nieuw veilingrecord: 28,9 dollar voor Human One, een eenzame astronaut die almaar, dag en nacht, bij zon en bij regen (de omgeving verandert al naargelang de tijd en de plaats waar het werk wordt geïnstalleerd) door postapocalyptische landschappen struint. Het werk kan dienen als een vingerwijzing voor de weg die NFT-kunst zal gaan: ook die zal echt worden. Beeple presenteerde zijn videosculptuur in twee formats, het ene zuiver digitaal, het andere als fysiek object: een soort cabine waarin de astronaut rondloopt op een paar langzaam draaiende LED-schermen. Hij had maar twee veilingen nodig om 2021 af te sluiten met 100 miljoen dollar.
‘Fantastisch, nu kunnen dus ook kunstenaars veranderen in kleine kapitalistische idioten’
‘Fantastisch, nu kunnen dus ook kunstenaars veranderen in kleine kapitalistische idioten.’ Aldus Brian Eno, die meer dan veertig jaar de grenzen van de muziek en de kunst heeft opgerekt door te experimenteren met digitale omgevingen en het componeren van uiterst avant-gardistische stukken. Nog radicaler laat David Hockney zich erover uit: ‘Internationale dieven en oplichters,’ liet hij zich met z’n 83 jaar ontvallen in een podcast. Hockney, de koning van de meest verfijnde popart, een van de eerste klassieke schilders die met zijn iPad overging op digitaal tekenen, kwalificeerde de NFT-kunstwerken als ‘belachelijk kinderachtig’. Damien Hirst daarentegen, die het best heeft weten te profiteren van marketingals artistieke handeling, sloot zich snel bij de NFT-golf aan en lanceerde zijn eigen collectie van 10.000 pixels of kleurenpuntjes (gebaseerd op een van zijn werken uit 2016).
Vijandige en sceptische tongen waarschuwen voor een speculatieve zeepbel terwijl enthousiaste technologen gewagen van een digitale revolutie zonder weerga. Filosofen als Gilles Lipovetsky en Zygmunt Bauman predikten een vloeibare moderniteit; inmiddels zijn we beland in het tijdperk van de niet-dingen, zoals de modieuze denker Byung-Chul Han het zegt. En de NFT’s manifesteren zich als de apotheose van de vloeibaarheid en de niet-dingen.
Duizelingwekkende cijfers
Hoewel het moeilijk is om aan officiële cijfers te komen en de bedragen variëren al naar gelang het adviesbureau, bedroeg de wereldwijde NFT-omzet het afgelopen jaar rond de 20 miljoen euro, aldus het in blockchain gespecialiseerde bedrijf DappRadar. In het meest recente onderzoek van het verzekeringsbedrijf Hiscox wordt geschat dat de onlinekunstmarkt vergeleken met 2019 zo’n 280 procent is gestegen dankzij de NFT-omzet, die meer dan 3 miljard euro bedroeg.
De VIP-apenkoorts
Neymar Jr. heeft zijn profielfoto op Twitter verruild voor die van een aap.
De populaire presentator Jimmy Fallon en de rapper Eminem hebben hem ook: hun kostte hij respectievelijk 220.000 en 462.000 dollar; omdat Neymar later kwam moest hij 1,1 miljoen dollar neertellen voor twee apen. Steeds meer acteurs, zangers en basketbalvedettes hebben hun eigen verveelde aap: ze zijn een statussymbool en maken dat je ‘cool’ overkomt, maar ze geven daarnaast toegang tot de meest exclusieve, virtuele én echte, privéfeesten. De serie ‘Bored Ape Yacht Club’, uit de Yuga Labs-studio, begon als een beperkte editie van 10.000 apen, in feite een soort luxe plaatjes (een ervan bracht 3,4 miljoen op bij Sotheby’s). Adidas kleed ze aan, voor een miljoenenakkoord.
Is er sprake van speculatie? ‘Zeker.’ Gaat het om een revolutie? ‘Ook.’ ‘De NFT-speculatieboomis nauw verbonden met de pandemie. Historisch vallen tijden van crisis samen met wilde speculatieve transacties,’ stelt Daniel Canogar (Madrid, 1964), een van de pioniers op het gebied van digitale kunst in Spanje. Canogar is allesbehalve een fan van NFT’s en hij stopte zijn kritiek in een digitaal kunstwerk, Shred, dat via een algoritme in real time de NFT-werken die online te koop waren uit elkaar haalde. Hij stelde het kunstwerk afgelopen jaar op de kunstbeurs ARCO tentoon en het ‘baarde veel opzien bij pers en kritiek, maar deed qua verkoop niets’. Tot zijn galerie in New York hem overhaalde het te verkopen als NFT (het bestand wordt versleuteld via blockchaintechnologie).Toen was het wel degelijk in recordtijd uitverkocht. Een NFT-werk dat NFT’s bekritiseert? Cryptoverzamelaars lusten er wel pap van.
‘NFT is en blijft technologie en is goed noch slecht. In feite profileert NFT zich als de toekomst van de niet-tactiele media, als de manier om een digitaal werk te waarborgen. Maar toch… inhoudelijk stelt het heel weinig voor en heeft het meer te maken met grafisch ontwerp en emoji’s, instant-esthetiek en videospelletjes… Misschien is dat de tijdgeest. Maar ik mis makers die het gereedschap bewuster gebruiken, ik zou graag complexere werken zien,’ constateert Canogar, die al zeker vijftien jaar werkt aan een even doordacht als poëtisch oeuvre door de mogelijkheden van de technologie te verkennen en dieper door te dringen in de dematerialisatie van de kunst en de moderne tijd.
Voor de Madrileense kunstenaar ‘heeft het fenomeen NFT niets te maken met de wereld van de kunst maar met cryptomunten’. ‘Het doet me een pervers genoegen als ik zie hoe radicaal de kunsthandel op z’n kop is gezet door de techspeculanten. Zo’n schok kán goede dingen teweegbrengen: minder elitisme, meer verantwoordelijkheid van de kunstenaars voor hun eigen werk,’ geeft Canogar toe.
Een eigen verveelde aap als profielfoto is inmiddels statussymbool.
Paradigmawissel
Om de paradigmawissel in het profiel van de verzamelaar te begrijpen is het miljoenenbod op The First 5000 Days verhelderend. De voornaamste bieder was de Chinese multimiljonair Justin Sun (31 jaar), CEO bij Bit Torrent en oprichter van het cryptomuntenplatform Tron. Maar een zekere MetaKovan ging op het laatste moment over zijn bod heen en bemachtigde de toen al historische Beeple. Achter het pseudoniem MetaKovan zit de impresario Vignesh Sundaresan (32 jaar), de ontwerper van de geldautomaten voor bitcoins. Voor hij miljonair werd in Singapore was Sundaresan een immigrant die India verliet zonder een cent op zak. ‘Cryptomunten vormen een nivellerende kracht tussen het Westen en de rest, het hele Zuiden komt in opstand,’ verklaarde hij bij die gelegenheid.
‘Mijn leven is er drastisch door veranderd. Eerst kon ik niet van mijn werk rondkomen en nu ben ik miljonair’
Enfin, binnen een paar weken nam Justin Sun revanche door een Picasso (een echte, uit 1932) voor 20 miljoen te kopen en er een tokenvan te maken, dus een NFT-versie voor zijn virtuele kunstcollectie, die hij op de metaverse toegankelijk wil maken. ‘Mijn leven is er drastisch door veranderd. Eerst kon ik niet van mijn werk rondkomen en nu ben ik miljonair,’ laat ook de kunstenaar Javier Arrés (Motril, 1982) vanaf Fuerteventura weten. Moest Arrés voorheen zijn kunstenaarschap combineren met een baan in een animatiestudio om het eind van de maand te halen, het afgelopen jaar beliep de omzet van zijn werk een miljoen euro.
Arrés was een traditionele tekenaar, zo een die de kunstacademie heeft afgerond. Zijn illustraties en muurschilderingen hadden een heel hoog detaillistisch gehalte, bijvoorbeeld het werk dat hij met inkt en viltstift maakte voor de Biënnale in Londen waarmee hij in 2019 in zijn discipline de eerste prijs won. Tot hij het potlood verwisselde voor een tablet(‘Het is hetzelfde, behalve dat het potlood digitaal is’) en zijn Visual Toys (Visueel speelgoed) ging maken: bewegende constructies, microkosmossen waarin van alles gebeurt.
‘Het is een soort puzzel met digitale stukken. Vroeger wist ik niet hoe ik dit aan de man moest brengen. Maar NFT is het ideale format voor dit soort digitale, niet-statische werk. Ik begrijp dat er veel verwarring over NFT bestaat, je ziet een hoop flauwekul, maar er zijn digitale werken met een heel ambachtelijke inslag,’ wil hij benadrukken.
Met het oog op de NFT-boomoverweegt ook Arrés om een pauze in te lassen. ‘Al die speculatie is niet goed, de markt raakt oververzadigd. In 2019 kostte de creatie van een werk [in NFT veranderen en met blockchain versleutelen] maar 10 dollar. Normaal zou dat bedrag rond de 80 dollar schommelen, maar het is inmiddels gestegen naar 250 of 300 dollar, gewoon waanzin. Er is te veel vraag: er wordt als een gek ingebracht.’
Voordelen
Wat zijn de voordelen voor de kunstenaar? ‘De toegang tot de markt is democratischer en transparanter geworden. Er is geen tussenpersoon die profiteert, geen galerie die 50 procent voor jouw werk opstrijkt. Bovendien krijg je als dat werk binnen bepaalde tijd opnieuw wordt verkocht een deel van de opbrengst, bij wijze van auteursrecht. Dat is nooit eerder vertoond,’ aldus Arrés.
In 2020 was de cryptokunst nog een undergroundbeweging die zich afspeelde op platforms voor cryptomunten en op metaversen als Decentraland of Cryptovoxels (virtuele universums die lijken op een videospel, met hun eigen wijken, galeries en musea). Nu wordt ervoor geadverteerd in de straten van New York, betaal je met Visa (het is niet nodig virtuele munten als ethers of bitcoins te hebben) en geldt Paris Hilton als influencer.Niemand heeft de NFT’s in de Verenigde Staten zo populair gemaakt als zij. Als muze, verzamelaar en mecenas lanceerde ze haar eigen collectie, Planet Paris, in samenwerking met de kunstenaar Blake Kathryn (haar virtuele Barbie-portret, Iconic Crypto Queen, werd voor 1,1 miljoen verkocht).
Historische misstand
Kunnen NFT’s een historische misstand rechtzetten? Dat vraagt de cineaste en activiste Carmen Peláez zich af in haar manifest over de Amalia’s, de schilderijen van haar oudtante Amalia Peláez, die ze in NFT-versie online heeft gezet.
Amalia Peláez (1896-1968) was een van Cuba’s belangrijkste schilders. Zo exposeerde ze in het MOMA in New York en introduceerde de avant-garde op haar geboorte-eiland. In haar stijl combineert ze het modernisme van Parijs met de meer uitgelaten aard van Cuba.
Alle schilderijen die ze bij haar dood naliet, werden uiteindelijk door het regime van Fidel Castro geconfisqueerd en maken nu deel uit van de collectie van het Museum van Schone Kunsten in Havana.
De achternicht, die in Miami woont en directeur van de Stichting Peláez is, heeft haar toevlucht tot NFT’s genomen om het werk van de kunstenares ‘aan de wereld terug te geven’. De opbrengsten komen ten goede aan de productie van een overzichtscatalogus en aan diverse organisaties die zich inzetten voor de mensenrechten op Cuba. ‘Amalia heeft nooit deel uitgemaakt van de revolutie. Ze zal altijd horen bij Cuba én bij de Cubanen, waar ze zich ook bevinden,’ aldus Peláez.
De NFT’s hebben zich al enigszins toegang verworven tot de wereld van de galeries en musea. Het eerste museum in Europa dat een zaal reserveerde die permanent was gewijd aan cryptokunst was het Museum of Modern and Contemporary Art (MOCO), dat afgelopen oktober in Barcelona aftrapte met de nieuwste kunst, van Kaws tot Banksy. Het MOCO is net als z’n naamgenoot in Amsterdam een particulier museum waarachter de Nederlandse verzamelaars Lionel en Kim Logchies zitten, directeuren van de Lionel Gallery.
Potentieel
‘2022 wordt het jaar waarin we zullen zien hoe de NFT’s de traditionelere musea en instituten veroveren. Cryptokunst is een revolutie op zich. Die zal veel dingen decentraliseren en veranderen, door alle makers kansen te geven,’ voorspelt Kim Logchies. Het MOCO, dat is gevestigd in het zestiende-eeuwse Palacio Cervelló, in de historische wijk El Born, is uitgegroeid tot het meest op instagram geposte museum van Barcelona, vooral vanwege de overweldigende digitale kunstinstallaties. In de NFT-zaal zijn zeven werken te zien van kunstenaars als Beeple, Daniel Arsham, de Argentijn Andrés Reisinger (die de aandacht op zich heeft gevestigd met zijn hybride mix van digitaal en fysiek werk) en… Blake Kathryn, die namens Paris Hilton in Bedroom Bliss, een roze fantasieslaapkamer creëert die ‘de kijker een etherisch vredesmoment bezorgt’. ‘Het potentieel is ongelooflijk. NFT’s en de digitale kunst in het algemeen kunnen onze creativiteit nog meer prikkelen dan traditionele kunst. Maar ze zullen altijd naast elkaar blijven bestaan,’ wil Logchies nog kwijt.
De NFT’s zijn gewoon een typisch eenentwintigste-eeuws gereedschap met hun schaduwkanten en voors en tegens
In november waren de NFT’s al een van de voornaamste attracties in de Miami Art Week en ze zullen ook een plaats krijgen op de volgende editie van de ARCO (Madrid, van 23 tot 27 februari), een van de meest invloedrijke kunstmanifestaties. ‘NFT-technologie speelt vandaag de dag en in de toekomst ongetwijfeld een rol en de vraag is hoe die zich in de kunstwereld zal ontwikkelen. Het is belangrijk om in gedachten te houden dat NFT gebruikmaakt van blockchaintechnologie om de uniciteit van de werken te waarborgen; het gaat op zich om digitale werken die al jarenlang in de kunstwereld meedraaien,’ aldus Maribel López, directeur van ARCO.
Dat het NFT is, wil niet zeggen dat het kunst is. Dat Warner 100.000 avatars uit The Matrix online zet voordat de film in première gaat (zelfs Keanu Reeves kon zijn verbazing niet verbergen) betekent niet dat die virtuele kosmossenkleine kunstwerken zijn, eerder lucratieve merchandising: met 5 dollar per avatar is de actie goed voor zo’n 5 miljoen. Zelfs Melanie Trump kwam aanzetten met een NFT van haar ogen. Zangers en voetballers als Shakira en Piqué bleven niet achter. De NFT’s zijn gewoon een typisch eenentwintigste-eeuws gereedschap met hun schaduwkanten en voors en tegens.
360 kiest een aantal door de buitenlandse pers beschreven concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities die naar Nederland of België komen, of online te vinden zijn.
Zes maanden over tijd
Ongeboren baby vervult cartooneske hoofdrol
SPEELFILM | In de Noorse film Ninjababy van Yngvild Sve Flikke leeft de 23-jarige Rachel er vrolijk op los: feestjes, drank, soms een pilletje en nu en dan een onenightstand. Tot ze ontdekt dat ze al zes maanden zwanger is. Rachel zit allerminst op een kind te wachten en weet trouwens niet eens wie de vader is. Het aanstaande kind doet mee in de film en geeft in cartooneske animaties commentaar op de personages en situaties. Ze zijn ontleend aan de graphic novel Fallteknikk van Inga Sætres, waarop de film ook is gebaseerd.
Het thema van de film komt Leif Tore Lindø van de Noorse krant Aftenbladet bekend voor, maar wordt naar zijn smaak ‘op een verfrissende manier en met een bitterzoete ondertoon gebracht’. Kristine Kujath Thorp, in de hoofdrol, vindt hij ‘absoluut briljant’. De animaties bezorgen de film volgens Lindø een soort ‘indierocksfeer’, behalve in de dialogen tussen moeder en kind: ‘Dan zijn ze overbodig: het enige minpuntje van deze filmtraktatie.’
De ‘heerlijk gekke humor, de vindingrijkheid en de woeste energie’ in Ninjababy doen Jan-Olov Andersson van het ZweedseAftonbladet denken aan de vroege films van Danny Boyle, zoals Trainspotting (1996) en A Life Less Ordinary (1997). Bovendien werd hij ‘gegrepen door het onverwacht voor de hand liggende einde’.
‘Door de bijtende humor en de open, losse toon komen de hoofdpersonen volstrekt authentiek over’
‘Door de bijtende humor en de open, losse toon komen de hoofdpersonen volstrekt authentiek over,’ schrijft Sarah Stutte in Kino-Zeit. ‘Daardoor komt het wispelturige en onvolwassen gedrag van de hoofdpersoon prima uit de verf.’ Het is te danken aan het ‘sympathieke, hartverwarmende spel van Thorpe dat we een eerlijk inzicht krijgen in het leven van een vrouw op zoek naar haar plek in de wereld’.
David Rooney stelt in The Hollywood Reporter dat de regisseur ‘behendig de clichés over aanstaand moederschap en het vaste recept voor romcoms omzeilt’. Wat werkt in de film is niet zozeer de ‘Look Who’s Talking-achtige gimmick als wel het genot om toe te kijken hoe feilbare personages zich een weg banen door een heikele situatie’.
Ninjababy van regisseur Yngvild Sve Flikke draait vanaf 21 april in de bioscoop.
Door Diederik Samwel
Ninjababy
135 street art kunstenaars
Biografie in beelden
FOTOGRAFIE | De Deense fotograaf Søren Solkaer (1969) maakte naam met portretten van popmuzikanten als U2, Björk, Patti Smith en Amy Winehouse. Tijdens een wandeling door Melbourne in 2012, waar hij de bijbehorende expositie had geopend, kwam hij op het idee om de beoefenaars van een heel ander genre vast te leggen: graffiti en straatkunst. Vervolgens bezocht Solkaer vijf jaar lang dertien wereldsteden om in totaal 135 kunstenaars bij een van hun werken in beeld te brengen.
In zijn bespreking voor The Sydney Morning Herald schrijft Michael Dwyer dat Solkaer zijn kader en enscenering zo kiest dat ‘elke foto een verhaal vertelt waar een filmmaker hooguit aan kan tippen’. Tegelijkertijd laat de expositie Surface volgens hem goed zien ‘hoe graffiti zich de afgelopen jaren tot een volwassen kunstvorm heeft ontwikkeld’.
‘De fotograaf is er vooral op uit de mythe van zijn subject te vergroten’
The Edinburgh Newsis minder enthousiast over het werk van Solkaer. De recensent vindt dat hij voornamelijk boeken produceert die ‘het goed doen op de koffietafel. De fotograaf is er vooral op uit de status of mythe van zijn subject te vergroten en niet om de kijker een diepere of andere kijk op hen te verschaffen.’
Angie Kordic van het Zwitserse digitale kunstplatformWidewalls vindt dat hij dat juist wel doet: ‘Boven op het dak, in smalle steegjes of rond een treinstation; Solkaer draagt zowel de geest van het kunstwerk als de manier waarop de kunstenaar naar de wereld kijkt op ons over.’
De criticus van het onlinemagazine Brooklyn Street Art noemt het alleen al bewonderenswaardig dat Solkaer zo veel straatkunstenaars, al dan niet herkenbaar, voor zijn lens heeft gekregen. ‘De fotograaf gaat te werk volgens de Tsjechische traditie: als een biograaf. Door zijn kadrering en orkestratie ziet hij kans de onderscheidende elementen van elke kunstenaar, diens stijl en werkwijze in één beeld te vangen.’
De expositie Surface van Søren Solkaer is tot en met 25 september te zien in Fotomuseum aan het Vrijthof in Maastricht.
Door Diederik Samwel
Surface
Koreaanse roman verfilmd
De wereld is klaar voor series als Pachinko
SERIE/BOEK | In 2017, toen film- en tv-agent Theresa Kang-Lowe de grootse roman Pachinko las, waarin Min Jin Lee schrijft over vier generaties van een arme Koreaanse familie die naar verschillende plekken emigreert, had ze niet verwacht dat deze de aandacht van Hollywood zou kunnen trekken. Vijf jaar later verschijnt het eerste seizoen van Pachinko – met Kang-Lowe als uitvoerend producent – op Apple TV+. In tegenstelling tot Hollywoods decennialange overtuigingen blijken kijkers gewoon bereid om ‘ondertitels te lezen en verhalen van over de hele wereld te consumeren waarin mensen van kleur centraal staan’, schrijft TIME.
Pachinko is de tweede roman van Lee, die Koreaans-Amerikaans is en gefascineerd raakte door de strijd van Koreaanse immigranten in Japan in de twintigste eeuw. Hoofdpersoon is Sunja, geboren in de vroege jaren 1900, die stoïcijns het lijden van iedereen om haar heen absorbeert terwijl ze de ene crisis na de andere (de Japanse kolonisatie van Korea, de atoombommen op Japan) doorstaat.
‘In dit familieverhaal wordt de rijkheid van proza gecombineerd met de specifieke voordelen van televisie’
De door TIME benoemde bereidheid van de kijker wordt door de recensies weerspiegeld. IndieWirenoemt de serie een ‘liefdevol vervaardigde paradox, die de moeite waard is om je aan over te geven’. Die paradox zit hem erin dat sommige delen van het verleden invoelbaar zijn, bijvoorbeeld waar het aankomt op keuzes van ouders die hun kinderen een beter leven willen geven, terwijl andere delen volstrekt ongrijpbaar blijven. Ook London Evening Standard vindt de bewerking van het boek geslaagd, en noemt de serie even groots als het 490 pagina’s tellende boek, en ‘verrukkelijk in zijn uitvoering’. Rolling Stoneprijst de ‘kunstzinnigheid en elegantie’ waarmee het onderwerp wordt behandeld. ‘In dit familieverhaal wordt de rijkheid van proza gecombineerd met de specifieke voordelen van televisie.’
De auteur werkte uiteindelijk niet mee aan het script van de eerste seizoen, bestaande uit acht afleveringen. En hoewel veel recensenten het boek een van de beste noemen die ze het afgelopen jaar hebben gelezen, zijn de grote wijzigingen die scenarioschrijver en producent Soo Hugh in de opbouw heeft aangebracht voor vrijwel niemand een bezwaar. Dat heeft misschien ook met de tijd te maken: ‘De geografie en de individuele gezichten kunnen veranderen, maar verhalen over ontheemding en vluchtelingenervaringen zijn nooit ver van onze huidige realiteit (…). Oekraïne. Syrië. Guatemala,’ aldus The Hollywood Reporter.
Pachinko is te zien op AppleTV+. Het boek is in het Nederlands vertaald door Ineke Lenting en Paul van der Lecq en verscheen bij Meulenhoff.
Door Laura Weeda
Pachinko
De microkosmos van Eran Kolirin
De boekverfilming van een controversiële Palestijnse schrijver
FILM/BOEK | Aan het begin van Let It Be Morning, de nieuwe film van Eran Kolirin, wordt de bruiloft gevierd van een jong Israëlisch-Arabisch echtpaar wiens verbintenis ‘verdoemd lijkt zelfs voordat deze geconsumeerd is’, zo schrijft het Amerikaans-Joodse tijdschrift Forward.
Het eerste voorteken is dat de duiven die bruid en bruidegom loslaten als symbool van hoop en vrede weigeren weg te vliegen. En inderdaad, op de nacht na de ceremonie sluiten Israëlische strijdkrachten het dorp af, zonder enige kennisgeving of uitleg.
‘Door zijn personages letterlijk gevangen te houden, creëert Kolirin een soort microkosmos’
De bruiloftsgasten en de bewoners stranden ter plaatse, zonder dat contact met de buitenwereld mogelijk is. ‘Door zijn personages letterlijk gevangen te houden, creëert Kolirin een soort microkosmos die hem in staat stelt de sociale en politieke status van de Israëlisch-Arabische gemeenschap te onderzoeken,’ schrijft Variety.
De film is geïnspireerd op het gelijknamige boek uit 2006 van Sayed Kashua, die door Middle East Eye wordt omschreven als ‘een controversiële Palestijnse schrijver’. De Arabische journalist, auteur en scenarioschrijver maakte de zeldzame keuze om in het Hebreeuws te schrijven, omdat hij ‘de taal van de Israëliërs moest spreken om het standpunt van de Palestijnen over te brengen’. Haaretz, het dagblad van Israëlisch links, riep hem uit tot ‘een van de meest invloedrijke Arabische commentatoren van Israël’. Maar in 2014 verliet hij zijn land om zich in de VS te vestigen. Tegen The Guardian zei hij: ‘Toen jonge Joden door de straat begonnen te marcheren, “dood aan Arabieren” riepen en Arabieren aanvielen alleen omdat ze Arabieren waren, wist ik dat ik mijn strijd verloren had.’
Hij was het zelf die filmmaker Eran Kolirin benaderde, die een Palestijnse cast bij elkaar zocht. Maar deze weigerde te komen opdagen bij de vertoning op het filmfestival van Cannes vorig jaar; ‘de film werd gepresenteerd als Israëlisch’, aldus Middle East Eye. Israëlische Arabieren worden sterk aangemoedigd om hun films aldus te presenteren, zodat ze kunnen profiteren van overheidssubsidies. Kolirin zelf zei verheugd te zijn dat zijn film het debat nieuw leven inblaast. ‘Het label “Israëlische film” slaat nergens op. Noemt Scorsese zijn films soms “Amerikaans”? Je kunt deze film noemen wat je wilt. Als je hem als een Palestijnse film wilt presenteren, zal ik zowel vereerd als dankbaar zijn.’
De film Let It Be Morning is in mei in de bioscoop te zien. Het boek is niet in het Nederlands vertaald.
Mevrouw Sapiens onderzoekt het beeld van de prehistorische mannelijke jager en de vrouwelijke verzamelaar; De betutteling van de Amerikaanse geest laat zien wat de cultuur van safe spaces aan Amerikaanse universiteiten doet met de geest van studenten & Meer tips in deze Top-5 non-fictie, aangeraden door 360 en Athenaeum Boekhandel.
De zee – Rachel Carson
Nu de oceanen en zeeën door toedoen van de mens in gevaar zijn, maakt deze klassieker van mariene bioloog Rachel Carson ons onverminderd bewust van de kwetsbaarheid en het belang van de oceaan, inclusief het leven dat erin huist, en van onze verantwoordelijkheid de planeet gezond te houden.
Mevrouw Sapiens – Thomas Cirotteau
In de prehistorie hielden mannen zich bezig met jagen. Volgens de lesboekje verzamelden vrouwen bessen, kookten en zorgden voor de kinderen. Maar klopt dit beeld? Een internationaal team van wetenschappers twijfelt er ernstig aan. Mevrouw sapiens blijkt machtiger en krachtiger dan lang is gedacht.
De stilte voor de storm – Gal Beckerman
Grote politieke en maatschappelijke veranderingen vallen of staan met het werk van de vooruitstrevende denkers die achter de schermen het heft in eigen hand nemen – van zeventiende-eeuwse wetenschap tot het huidige sociale media-activisme.
De betutteling van de Amerikaanse geest – Jonathan Haidt & Greg Lukianoff
Dit boek laat zien wat de cultuur van safe spaces aan Amerikaanse universiteiten doet met de geest van studenten. Het sterk doorvoeren van politieke correctheid brengt ons vermogen kritisch na te denken in gevaar.
Eenling zijn – Rüdiger Safranski
Rüdiger Safranski stelt dat ieder mens in de eerste plaats een individu is. De een zoekt liever aansluiting bij de groep, de ander heeft de ambitie om de eigenheid te cultiveren. Tussen de twee polen van eenling en gemeenschap zijn er indrukwekkende pogingen geweest om individueel te zijn.
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.