Onderwerpen: Oorlog

  • Oekraïense minister omgekomen bij helikoptercrash

    Oekraïense minister omgekomen bij helikoptercrash

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » President Vietnam opgestapt vanwege corruptieverleden

    » Wrocław meest beschaafde stad van Polen

    Denys Monastyrsky was sinds 2021 minister

    Bij een zware helikoptercrash in het oosten van de Oekraïense hoofdstad Kyiv zijn zeker 18 mensen om het leven gekomen, schrijft de Kyiv Post. Daarbij is onder meer de Oekraïense minister van Binnenlandse Zaken Denys Monastyrsky en onderminister van Binnenlandse Zaken Jevhen Jenin omgekomen. De helikopter stortte neer vlak bij een school.

    Alle negen inzittenden van de helikopter kwamen om bij het ongeluk. Waardoor de helikopter neerstortte is onbekend, er zou niet direct relatie zijn met een Russische aanval. Het voertuig was geleverd door Frankrijk en zou in goede staat zijn geweest.

    Monastyrsky was een van de meest prominente politici sinds de Oekraïne-oorlog en was een zeer zichtbare bondgenoot van de Oekraïense president Volodymyr Zelensky. Hij was sinds juli 2021 minister van Binnenlandse Zaken. Hoeveel kinderen van de kleuterschool zijn omgekomen bij de crash is nog onzeker: wel tonen foto’s dat er sprake is van zware schade in de woonwijk waar de school stond.

    Lees ook:

  • Kans op het vinden van overlevenden bombardement Dnipro ‘minimaal’

    Kans op het vinden van overlevenden bombardement Dnipro ‘minimaal’

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » VK: man gearresteerd met uranium op luchthaven Heathrow

    » Peru: president Dina Boluarte denkt niet aan aftreden

    Ten minste dertig mensen omgekomen, tientallen vermist

    Volgens de burgermeester van de Oekraïense stad Dnipro is de kans op het vinden van overlevenden in na het bombardement van zondag ‘minimaal’, zo meldt de BBC. Reddingswerkers zoeken nog steeds naar overlevenden in de ruïnes van een gebouw in de Oost-Oekraïense stad, dat een dag eerder door een raketaanval was verwoest.

    Bij het bombardement, dat de ingang van het negen verdiepingen tellend appartementencomplex trof, kwamen ten minste dertig mensen om het leven en werden tientallen mensen vermist. In zijn toespraak zondagavond zei de Oekraïense president Volodymyr Zelensky dat hij vele berichten van medeleven uit de hele wereld had ontvangen.

    Tijdens zijn boodschap schakelde hij over op het Russisch en veroordeelde hij het ‘laffe stilzwijgen’ van het Russische volk over de aanslag. ‘Dezelfde terroristen zullen op een dag voor u komen,’ waarschuwde hij. Ook voegde hij eraan toe dat onder de slachtoffers van de aanslag een vijftienjarig meisje was en dat twee kinderen wees zijn geworden.

    Lees ook:

  • Vrouwelijke Oekraïense sluipschutters gaan de strijd aan met Poetin

    Vrouwelijke Oekraïense sluipschutters gaan de strijd aan met Poetin

    Naast mannen vechten ook vrouwen mee in Oekraïne, met alle risico’s van dien. ‘Als een vrouwelijke sluipschutter wordt gevangengenomen, wordt ze verkracht, vernederd, gemarteld – en vervolgens geëxecuteerd.’

    ‘Sultan’, een 24-jarige met blonde lokken en met siliconen ingespoten lippen, hurkt om een scherpschuttergeweer, een Amerikaanse Barrett, uit de draagtas te halen. ‘De liefde van mijn leven,’ zegt ze, terwijl ze het geweer in vuurpositie zet. Een bebaarde instructeur achter haar blaft instructies: ‘Drie doelen, afstand 186 meter, schiet om te doden!’ Sultan gaat liggen, trekt haar paardenstaart achter haar hoofd. Ta. Ta. Ta. De kogels belanden niet meer dan een centimeter naast de roos. Ze lijkt niet verrast. ‘Je moet doden zonder dat het je iets kan schelen. En ik geef er niets om.’

    Sultan – ze koos die naam omdat ze van Turkse soaps houdt – is een van de drie scherpschutters die door de speciale strijdkrachten van haar land zijn geselecteerd om een geavanceerde training voor sluipschutters te volgen in de bossen van West-Oekraïne. Net als haar collega’s ‘Phoenix’ (onverwoestbaar, zoals de vogel) en ‘Oksana’ (omdat een bezorger haar zo noemde, bleef de bijnaam hangen), onderscheidde Sultan zich als vrijwillige soldaat bij de eenheid voor territoriale verdediging. Maar de eisen aan het Oekraïense front, in dit door mannen gedomineerde, gespecialiseerde beroep, zullen veel zwaarder zijn. De eerste fase van het aanpassingsproces speelt zich in het bos af.

    Deputy zegt dat hij aanvankelijk sceptisch stond tegenover het idee om vrouwelijke sluipschutters te trainen. Nu gelooft hij dat ze geschikter zijn voor het beroep dan mannen

    De training is opgezet door een zwijgzame commandant met de schuilnaam ‘Deputy’ – het enige biografische detail dat hij prijsgeeft. Naast schietoefeningen omvatten de sessies van Deputy lessen in tactiek, ballistiek en beweging. Onder normale omstandigheden zou de training anderhalf jaar duren. In Oekraïne, waar de cyclus van leven en dood sneller verloopt, worden de vrouwen al binnen enkele weken ingezet. Hun eerste standplaats is de noordelijke grens met Belarus, waar Russische troepen mogelijk een tweede aanval op Kyiv voorbereiden, of er althans mee dreigen.

    Deputy zegt dat hij aanvankelijk sceptisch stond tegenover het idee om vrouwelijke sluipschutters te trainen. Nu gelooft hij dat ze geschikter zijn voor het beroep dan mannen. Vrouwen zijn licht en wendbaar, zegt hij; ze kunnen zich terugtrekken zonder geluid te maken. Over het algemeen zijn ze ook ‘geduldiger’ en nemen ze minder snel onberekende risico’s. Maar hij raakte pas echt overtuigd toen hij zag hoe de vrouwen een zware militaire overlevingstest doorstonden die door ingewijden ‘Fizo’ wordt genoemd. Uit een groep van negentig kandidaten bleven er aan het eind van de test slechts vijf over. Twee van hen zijn mannen. ‘De andere drie zie je voor je.’

    Anders dan mannen in de dienstplichtige leeftijd mogen Oekraïense vrouwen het land verlaten. Een initiatief om de dienstplicht uit te breiden tot vrouwen met een cruciaal beroep stond gepland voor oktober vorig jaar, maar werd uitgesteld na protesten van de bevolking. Dat betekent, voorlopig althans, dat de vrouwen die vechten dat vrijwillig doen. Dat heeft de Oekraïense strijdkrachten er niet van weerhouden een steeds vrouwelijker aanblik te krijgen.

    Een groeiend aantal vrouwen, zeker vijfduizend, vervult een functie aan het front

    Volgens Anna Malyar, onderminister van Defensie van Oekraïne, dienen nu ‘minstens dertigduizend’ vrouwelijke soldaten in het leger, ofwel een op de vijf van het officiële, pre-mobilisatie-aantal. (Tegenwoordig is het exacte aantal een goed bewaard geheim.) Meestal vervullen vrouwelijke soldaten een functie op de achtergrond, zoals medicus, persvoorlichter, kok, geheime communicatiemedewerker, of ze worden belast met sensitieve taken als het evacueren en verzorgen van lichamen, dood of levend. Maar een groeiend aantal vrouwen, zeker vijfduizend, vervult een functie aan het front. Vele tientallen van hen zijn sluipschutter. 

    De vrouwelijke cursisten zeggen dat ze in elke fase van de route hier naartoe op weerstand stuitten, meestal van mannen die vinden dat vrouwen fundamenteel ongeschikt zijn voor het vak als sluipschutter. ‘We hebben niet voor de makkelijke weg gekozen,’ zegt Phoenix, ‘maar we bewijzen ons wanneer het moet.’ Ze zegt zich geen illusies te maken over de gevaren. In de militaire psychologie nemen sluipschutters een bijzondere plek in, en als ze ooit gevangen worden genomen, fungeren ze als voorbeeld. Daarbij is het geen voordeel vrouw te zijn. ‘Als een vrouwelijke sluipschutter gevangen wordt genomen, wordt ze verkracht, vernederd, gemarteld en vervolgens geëxecuteerd,’ zegt Oksana. ‘Een sluipschutter moet altijd bereid zijn zichzelf op te blazen met een granaat.’

    De welbegrepen risico’s leggen een zware druk op hun naasten. Niet iedereen is open tegenover de familie over wat ze doen. Oksana zegt dat toen de oorlog uitbrak haar moeder haar geld aanbood om naar Europa te vluchten – het lijkt erop dat ze niet eens weet dat haar dochter in het leger zit. Zowel Phoenix als Sultan hebben jonge kinderen en voormalige echtgenoten achtergelaten.

    ‘Een sluipschutter moet altijd bereid zijn zichzelf op te blazen met een granaat’

    Sultan zegt dat haar achtjarige dochter er al rekening mee houdt dat ze zou kunnen sterven. ‘Ze vertelde me dat als dat gebeurt ze verdrietig zal zijn, maar altijd een plekje in haar hart zal hebben voor mij.’ Een zweem van emotie is zichtbaar in de ogen van de koelbloedige scherpschutter. Dan schudt ze haar hoofd en benadrukt dat er geen weg terug is. Haar kind is de reden dat ze moet vechten, zegt ze: ‘Ik doe er alles aan om ervoor te zorgen dat haar generatie niet te maken krijgt met Poetin en zijn idiote wereld.’

    Lees ook:

  • VS en Japan versterken militaire samenwerking om China af te schrikken

    VS en Japan versterken militaire samenwerking om China af te schrikken

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Peru: onderzoek naar ‘genocide’ geopend tegen president

    » De friezen van het Parthenon blijven in Londen

    VS stuurt meer militairen naar Japan vanwege Chinese dreiging

    Geconfronteerd met groeiende zorgen over China hebben Washington en Tokio woensdag een ‘aanzienlijke versterking’ van hun militaire samenwerking aangekondigd, meldt CNN. De VS zullen een nieuwe marine-eenheid naar het eiland Okinawa sturen en de veiligheids- en defensieovereenkomst tussen beide landen zal worden uitgebreid tot militaire ruimteactiviteiten.

    Okinawa zou een cruciale rol spelen in een mogelijk militair conflict met China

    ‘De aankondiging is een sterk signaal aan China en maakt deel uit van een reeks initiatieven om de snelle versnelling van de veiligheids- en inlichtingenbanden tussen de twee landen te onderstrepen’, merkt de Amerikaanse nieuwszender op. Okinawa wordt beschouwd als de sleutel tot de operaties van het Amerikaanse leger in de Stille Oceaan – deels vanwege de nabijheid van Taiwan. Het herbergt meer dan 25.000 Amerikaanse militairen en meer dan 20 militaire installaties.

    Het is een van de belangrijkste aanpassingen van de Amerikaanse militaire machtspositie in de regio in jaren, zei een functionaris tegen CNN. De verandering komt nadat gesimuleerde oorlogssituaties van een vooraanstaande denktank in Washington aan het licht brachten dat Japan, en Okinawa in het bijzonder, een cruciale rol zou spelen in een mogelijk militair conflict met China, aldus de nieuwszender.

    Lees ook:

  • Tientallen, mogelijk honderden, Russische doden bij Oekraïense raketaanval

    Tientallen, mogelijk honderden, Russische doden bij Oekraïense raketaanval

    » Overleden paus Benedictus XVI opgebaard in Rome

    » Eeuwenoude sarcofaag keert terug naar Egypte na teruggave museum VS

    Een school, gebruikt als kazerne, werd zondag geraakt

    Bij een raketaanval op een gebouw in de Oekraïense stad Makijivka, in door Rusland bezet gebied, zijn volgens het Russische staatspersbureau Interfax 63 militairen om het leven gekomen. Oekraïense autoriteiten spreken van zeker 400 doden en honderden gewonden. Het zou gaan om een van de grootste troepenverliezen aan Russische kant sinds het begin van de oorlog in Oekraïne.

    De aanval werd uitgevoerd door de Oekraïense strijdkrachten op nieuwjaarsdag. Zij zouden het schoolgebouw waarin de Russische militairen – naar verluid voornamelijk gemobiliseerde soldaten – op dat moment waren hebben geraakt met HIMARS-raketten uit door de VS geleverde wapensystemen.

    Naast dat de school werd gebruikt als kazerne, werd er mogelijk munitie opgeslagen. Foto’s op sociale media tonen een volledig verwoest gebouw: mogelijk liggen er nog militairen onder het puin. Dat zelfs het Russische leger erkent dat de aanval, met het hoge dodental, heeft plaatsgevonden is zeldzaam. Russische bloggers erkennen ook er veel doden zijn gevallen en noemen het Kremlin medeschuldig.

    Lees ook:

  • Wat zij zeggen over de toenemende spanningen tussen China en Taiwan

    Wat zij zeggen over de toenemende spanningen tussen China en Taiwan

    Internationale commentatoren en opiniemakers over het oplaaiende conflict tussen China en Taiwan.

    Helen Davidson – correspondent in Taiwan

    The Guardian

    ‘Xi’s ongebreidelde politieke macht veroorzaakt angst over welke beslissingen hij zal nemen. Het meest verontrustend is zijn plan tot annexatie van Taiwan, ook al voorzien analisten daartoe nog geen pogingen. In augustus werd herhaald dat China bereid is geweld te gebruiken om Taiwan in te nemen en het afgelopen jaar kende een recordaantal Chinese militaire activiteiten tegen het democratische Taiwan. Cognitieve en cyberoorlogsvoering zullen vast toenemen in de aanloop naar de Taiwanese verkiezingen in 2024.’


    Neal E. Robbins – freelance journalist

    Foreign Policy

    ‘Taiwan binnenvallen is veel moeilijker dan Oekraïne binnenvallen. Nog een paar maanden maken weersomstandigheden in de 160 kilometer brede zeestraat tussen Taiwan en het vasteland een invasie vrijwel onmogelijk. Het eiland wordt aan de meeste kanten verdedigd door onneembare kliffen. Meest haalbaar is een aanval via de zwaar versterkte laaggelegen gebieden in het westen, waar verraderlijke moddervlakten een amfibische operatie tot een nachtmerrie maken. Als de VS Taiwan steunen, heeft China niet de capaciteit voor een invasie.’


    Emanuele Scimia – analist internationale betrekkingen

    South China Morning Post

    ‘De EU wil strategische autonomie op het gebied van microchips, van ontwerp tot productie. Maar ondanks interesse in het versterken van de banden met Taiwan, is een deal over Taiwanese chipfabrieken in Europa nog ver weg. Taiwan zoekt een balans tussen enerzijds het mobiliseren van de EU tegen dreigende Chinese militaire acties, en anderzijds voorkomen dat Europa autonoom microchips gaat produceren. Tenzij Europa geen Taiwanese halfgeleiders meer zou willen, is het onwaarschijnlijk dat het zich zal bemoeien met militaire acties van Beijing.’


    Greg C. Bruno – auteur en journalist

    The Arab Weekly

    ‘Met name in de Arabische Golf, waar China de grootste afnemer van ruwe olie is en waar Beijing zwaar investeert, werd steun aan Taiwan gezien als economische zelfmoord. Tijdens een recente reis naar Taiwan sprak ik met tientallen politici, activisten en technologen over de dreiging van een oorlog en wat een dergelijk conflict voor de wereld zou betekenen. Niet één keer kwam de rol van het Midden-Oosten ter sprake. Als de situatie rond Taiwan inderdaad een mondiaal probleem is, zou die rol doorslaggevend kunnen blijken.’

  • Noord-Korea: Drones vliegen Zuid-Koreaans luchtruim binnen

    Noord-Korea: Drones vliegen Zuid-Koreaans luchtruim binnen

    » Zorgen om geweld in aanloop naar inauguratie Lula

    » Zeker 50 doden in VS door winterweer

    Sinds 2017 voerde Noord-Korea geen dronevluchten meer uit

    Vijf Noord-Koreaanse drones zijn maandag tot ver het Zuid-Koreaanse luchtruim binnengedrongen. Eén van de drones zou zelf tot de hoofdstad Seoul gevlogen zijn, schrijft de BBC. Het zou gaan om onbemande drones die niet in staat waren tot aanvalsacties, maar mogelijk ingezet werden voor surveillancedoeleinden.

    Nadat de drones het luchtruim binnenvlogen, stegen meerdere straaljagers en gevechtshelikopters van het Zuid-Koreaanse leger op. Zij probeerden de drones neer te halen, maar dat lukte niet. Het is voor het eerst sinds 2017 dat drones uit Noord-Korea het luchtruim van hun zuidelijke rivalen binnenvliegen.

    Volgens de Zuid-Koreaanse autoriteiten gaat het om een duidelijke provocatie. De afgelopen maanden zijn het aantal militaire acties vanuit Noord-Korea, of het gaat om dronevluchten of rakettesten, toegenomen. Zuid-Korea heeft zelf naar aanleiding van de dronevluchten een serie surveillancevluchten langs het grensgebied uitgevoerd om te kijken of er sprake is van permanente verhoogde militaire activiteit in Noord-Korea.

    Lees ook:

  • NYT: Russische eenheid doodde burgers Boetsja

    NYT: Russische eenheid doodde burgers Boetsja

    » Commissie: Trump medeschuldig aan bestorming Capitool

    » Venezolaanse oppositie stemt Guaidó weg

    In Boetsja werden in april honderden doden gevonden

    Onderzoeksjournalisten van The New York Times hebben ontdekt wie er deels verantwoordelijk is voor de massaslachting in het Oekraïense dorpje Boetsja. In Boetsja werden in april van dit jaar de lichamen van honderden burgers ontdekt die waren doodgeschoten. Volgens het onderzoek van The New York Times is een regiment parachutisten uit Rusland verantwoordelijk voor zeker dertig doden.

    Alle executies vonden volgens de krant plaats in dezelfde straat, met als doel de weg richting Kiev vrij te houden. Mannen, vrouwen en kinderen werden volgens het onderzoek op willekeurige wijze doodgeschoten. Het zou gaan om een systematische manier van executeren, schrijft de krant. Tegenwoordig refereren burgers in het dorp aan de straat waar de moorden plaatsvonden als ‘weg des doods’.

    The New York Times kon de details en de identiteit van de parachutisten-eenheid achterhalen omdat zij met afgepakte telefoons naar het thuisfront belden. Die gegevens werden geanalyseerd, net als de militaire kleding die zij droegen en de voertuigen waarin zij reden, op basis van videobeelden en getuigenverslagen.

    Lees ook:

  • Hebben de Russen minder cyberskills dan gedacht, of lijkt dat maar zo?

    Hebben de Russen minder cyberskills dan gedacht, of lijkt dat maar zo?

    Sinds de oorlog in Oekraïne zijn de cyberacties van Rusland intens, maar niet altijd effectief. Hoe komt dat?

    Het slagveld naar de hand zetten. Koning Darius van Perzië deed het in 331 v. Chr. met kraaienpoten, die hij uitstrooide daar waar hij dacht dat zijn vijand Alexander de Grote zou oprukken. De geallieerden deden het in 1944, met namaakvliegtuigen en -landingsboten die het Duitse oppercommando moesten doen geloven dat de invasie van Frankrijk in Pas de Calais zou plaatsvinden in plaats van in Normandië. Ook Rusland probeerde het op 24 februari, minder dan een uur voordat Russische tanks Oekraïne binnenrolden – op weg naar Kyiv, dachten ze – toen computerhackers het satellietcommunicatiesysteem van het Amerikaanse bedrijf Viasat uitschakelden, waarop de tegenstanders van Rusland vertrouwden.

    Victor Zhora, hoofd van het Oekraïense bureau voor defensieve cyberveiligheid, zei in maart dat het resultaat ‘een enorm verlies aan communicatie in het prille begin van de oorlog’ was. Een westerse voormalige veiligheidsfunctionaris meende dat er ‘een jaar of twee van echt heel serieuze voorbereiding en inspanningen’ voor nodig waren geweest.

    Winst en verlies. De geallieerden wonnen – de D-day-landingen bleken een succes. Darius verloor de strijd en zijn troon. De opmars van Rusland naar Kyiv werd afgewend en de invasiemacht in het gebied werd verslagen. Ondanks alle inspanningen slaagde Rusland er niet in om middels cyberwarfare, ofwel: digitale oorlogsvoering, voldoende oorlogsmist te creëren. En dat is interessant. Cyberoorlog is weliswaar een zwaarbevochten en belangrijk onderdeel van dit conflict, waarin volop met deze nieuwe strijdvorm wordt geëxperimenteerd, maar tot nu toe vormde het niet de killer app die sommigen hadden verwacht.

    Proeftuin

    De aanval van Rusland op Viasat was niet de enige softwarematige verzwakking van Oekraïne in aanloop naar de invasie. In januari, en opnieuw op 23 februari, werden op honderden Oekraïense systemen zogenaamde ‘wiper’-programma’s gesignaleerd, bedoeld om gegevens te wissen. In april, toen de troepen op weg naar Kyiv op de vlucht sloegen, gebruikten hackers van Sandworm (vermoedelijk een dekmantel voor de GROe, de Russische militaire inlichtingendienst) malware met de naam Industroyer2 om het elektriciteitsnet van het land aan te vallen. 

    Dergelijke aanvallen op civiele infrastructuur zijn moeilijk stil te houden. Maar Oekraïense strijdkrachten gaven niet prijs of hun eigen netwerken werden binnengedrongen of verstoord (wat wel het geval was). Toch is het zichtbare effect ook daarvan verrassend beperkt gebleven. ‘Ik denk dat we veel grotere gevolgen hadden verwacht dan we hebben gezien,’ zei Mieke Eoyang, een hoge cyberofficier van het Pentagon, op 16 november. ‘De Russische cyberstrijdkrachten maken hun verwachtingen evenmin waar als de traditionele militaire strijdkrachten.’

    In de eerste dagen van de oorlog bleef Oekraïne grotendeels online. De lichten bleven aan, zelfs toen rond de hoofdstad gevechten woedden. De banken waren open. In tegenstelling tot 2015 en 2016, toen cyberaanvallen voor stroomuitval zorgden, bleef de elektriciteit werken. Zo bleef ook de informatiestroom op gang. De nachtelijke presidentiële televisietoespraken van Volodymyr Zelensky aan het Oekraïense volk leden niet onder Russische aanvallen. Als het doel van Rusland was om het vertrouwen van de Oekraïners in hun regering te ondermijnen en het land onbestuurbaar te maken, dan is dat niet gelukt. 

    Oekraïne is al jaren een proeftuin voor Russische cyberoperaties

    De belangrijkste reden daarvoor is de verdediging van Oekraïne. Lindy Cameron, hoofd van het Britse National Cyber Security Centre (NCSC), meent dat de charge van Rusland ‘waarschijnlijk de meest aanhoudende en intensieve cybercampagne ooit’ was. Maar zoals Sir Jeremy Fleming, haar baas bij GCHQ, de Britse inlichtingendienst waarvan het NCSC deel uitmaakt, in augustus in een essay voor The Economist opmerkte, was de reactie van Oekraïne ‘misschien wel de meest effectieve defensieve cyberactiviteit in de geschiedenis’. Oekraïne is al jaren een proeftuin voor Russische cyberoperaties. De voorganger van Industroyer2 bijvoorbeeld was de oorzaak van de blackouts in 2016. En zo kreeg de regering inzicht in de Russische operaties, en was er tijd om de infrastructuur te versterken.

    Toen de invasie begon, had het Oekraïense cybercommando dan ook een rampenplan klaarliggen. Sommige functionarissen vertrokken vanuit Kyiv naar veiliger delen van het land. Anderen verhuisden naar commandoposten in de buurt van de frontlinies. Cruciale diensten werden overgebracht naar datacentra elders in Europa, buiten het bereik van Russische raketten. De Oekraïense strijdkrachten wisten al dat satellieten verstoord konden worden, en hadden alternatieve communicatiemiddelen klaarstaan. De aanval op Viasat had uiteindelijk ‘geen tactische gevolgen voor de Oekraïense militaire communicatie en operaties’, benadrukte Zhora in september, daarmee zijn eerdere verklaring nuancerend.

    Daar zijn vrienden voor

    Ook westerse hulp was cruciaal. In de aanloop naar de oorlog versterkte de NAVO haar samenwerking met Oekraïne onder meer door toegang te verlenen tot haar bibliotheek met cyberbedreigingen, een archief met bekende malware. Groot-Brittannië bood 6 miljoen pond, bijna 7 miljoen euro, aan steun, waaronder firewalls om aanvallen te pareren en forensische capaciteit om inbraken te analyseren. De samenwerking was voor beide partijen voordelig. ‘Waarschijnlijk hebben de VS en het VK meer geleerd over Russische cybertactieken van de Oekraïners dan zij van hen,’ aldus Marcus Willett, voormalig hoofd cyberzaken van GCHQ.

    De Oekraïense veerkracht werd paradoxaal genoeg versterkt door de primitieve aard van veel van de Oekraïense industriële controlesystemen – een erfenis uit de Sovjettijd die nog niet is gemoderniseerd. Toen Industroyer in 2016 bijvoorbeeld elektrische onderstations in Kyiv trof, konden technici de systemen met handmatige omleidingen binnen een paar uur resetten [een onderstation is een elektrische installatie in het hoogspanningsnet]. Toen Industroyer2 in april een deel van het netwerk offline haalde, kon het binnen vier uur weer worden ingeschakeld. 

    Particuliere bedrijven voor cyberbeveiliging speelden eveneens een prominente rol. Volgens Zhora waren met name Microsoft en het Slowaakse bedrijf ESET belangrijk, omdat zij op Oekraïense netwerken gegevens verzamelden. ESET leverde bijvoorbeeld inlichtingen die de Oekraïense cyberteams hielpen om Industroyer2 te pareren. Volgens Microsoft heeft kunstmatige intelligentie, die sneller codes kan scannen dan een mens, het gemakkelijker gemaakt om aanvallen op te sporen. Op 3 november kondigde Microsoftvoorzitter Brad Smith aan dat zijn bedrijf tot eind 2023 technische ondersteuning aan Oekraïne zou verlenen. Microsoft steunde Oekraïne sinds februari voor meer dan 400 miljoen dollar.

    Het lijdt geen twijfel dat Oekraïne een lastig doelwit is. Maar er zijn mensen die zich afvragen of de cyberkwaliteiten van Rusland misschien zijn overschat. Russische spionnen hebben tientallen jaren ervaring met cyberspionage, maar de militaire cybermacht van het land is ‘erg jong’ in vergelijking met die van westerse rivalen, aldus Gavin Wilde, voormalig directeur Ruslandbeleid van de Amerikaanse Nationale Veiligheidsraad. Amerika begon al tijdens de oorlogen in Haïti en Kosovo in de jaren negentig met het integreren van cyberplannen in militaire operaties, Rusland verdiept zich pas zo’n zes jaar in de mogelijkheid, volgens Wilde. 

    Amerikaanse, Europese en Oekraïense functionarissen zeggen allemaal dat er veel voorbeelden zijn van Russische cyberaanvallen die synchroon lopen met fysieke aanvallen, wat duidt op een zekere mate van coördinatie tussen die twee takken. Daarbij zijn ook onhandige fouten gemaakt. Sir Jeremy Fleming zegt bijvoorbeeld dat Russische militaire aanvallen in sommige gevallen de netwerken platlegden die hun eigen cybermacht probeerde te infecteren – en ironisch genoeg daarmee de Oekraïners dwongen om hun heil te zoeken bij veiliger communicatiemiddelen. 

    Anderen schilderen Rusland af als een slordige cybermacht – goed in het kapotmaken van dingen, maar luidruchtig en onnauwkeurig. In april merkte NAVO-topambtenaar David Cattler op dat Rusland meer vernietigende malware tegen Oekraïne had gebruikt ‘dan ’s werelds overige cybermachten normaal gesproken gezamenlijk in een jaar gebruiken’. Maar een cybercampagne beoordelen op basis van de hoeveelheid malware is als het beoordelen van de infanterie op basis van het aantal afgevuurde kogels. Daniel Moore, auteur van Offensive Cyber Operations, een recent boek over dit onderwerp, zegt dat elke bekende aanval van Rusland op kritieke infrastructuur – in Oekraïne en daarbuiten – voortijdig werd ontdekt, fouten bevatte of verder reikte dan het beoogde doel. Dat laatste was bijvoorbeeld het geval met NotPetya, zichzelf verspreidende ransomware uit 2017, die niet alleen Oekraïne raakte maar wereldwijd 10 miljard dollar aan schade veroorzaakte.

    Sommigen schilderen Rusland af als een slordige cybermacht – goed in het kapotmaken van dingen, maar luidruchtig en onnauwkeurig

    ‘Er is sprake van belangrijke operationele tekortkomingen in bijna elke aanval die Rusland ooit in cyberspace heeft uitgevoerd,’ aldus Moore. Ter vergelijking wijst hij op Stuxnet, een Israëlisch-Amerikaanse cyberaanval op een Iraanse nucleaire installatie, die twaalf jaar geleden voor het eerst werd ontdekt. ‘Die aanval was veel complexer dan veel van wat we vandaag van Rusland zien.’ 

    Het fysieke en het virtuele

    Sommige westerse spionnen zeggen dus dat de oorlog een kloof laat zien tussen de Amerikaanse en Russische vaardigheid in high-end cyberoperaties tegen militaire hardware. Maar anderen waarschuwen dat het nog te vroeg is om conclusies te trekken. De cybercampagne van Rusland werd mogelijk minder beperkt door onvermogen dan door de overmoed die ook de conventionele strijdkrachten kenmerkte. 

    Volgens hen faalde Rusland niet zozeer in het plannen en uitvoeren van destructieve cyberaanvallen op elektriciteit en energie omdat het daartoe niet in staat was, maar omdat het ervan uitging dat het binnenkort Oekraïne zou bezetten en diezelfde infrastructuur zou erven. Waarom zou je vernietigen wat je straks nodig hebt? Toen de oorlog zich begon voort te slepen, bleek aanpassing nodig. Maar cyberwapens zijn niet vergelijkbaar met fysieke wapens die je gewoon op een ander doel kunt richten en van munitie kunt voorzien. Ze moeten juist specifiek op bepaalde doelen worden toegesneden.

    Geavanceerde aanvallen, zoals die op Viasat, vergen een enorme voorbereiding, waaronder een nauwgezette verkenning van de doelnetwerken. In een vorig jaar gepubliceerd artikel toonde Lennart Maschmeyer van de ETH Zürich aan dat de aanval van de GROe op het Oekraïense elektriciteitsnet in 2015 ruim anderhalf jaar planning vergde, en dat de planning van die van 2016 zelfs tweeënhalf jaar in beslag nam. Het lanceren van dergelijke aanvallen onthult aan de vijand bovendien welke instrumenten (dat wil zeggen: code) en infrastructuur (servers) worden gebruikt. 

    Na de eerste week van de oorlog werden de Russische cyberaanvallen dan ook tactischer en opportunistischer naarmate de Viasat-achtige varianten waren opgebruikt. In april, toen Rusland de aandacht van Kyiv naar de Donbas verlegde, daalde het aantal cyberaanvallen sterk. In november beschreven onderzoekers van Mandiant, een cyberbeveiligingsbedrijf dat eigendom is van Alphabet, hoe de GROe vervolgens ‘randapparatuur’ zoals routers, firewalls en e-mailservers aan begon te vallen.

    ‘Wat je hier ziet is een productiefront,’ zegt John Wolfram van Mandiant. ‘Je hebt een bepaalde hoeveelheid expertise en kapitaal, en je moet beslissen of je die besteedt aan een of twee voortreffelijke speciale operaties – of aan vijftig stuks die veel goedkoper zijn.’ De keuze voor die laatste optie betekent niet dat de eerste buiten je vermogen ligt. ‘Rusland is vrijwel zeker in staat tot cyberaanvallen van grotere omvang en met grotere gevolgen dan de gebeurtenissen in Oekraïne doen vermoeden,’ merkt Cattler op. 

    De meest destructieve cyberoperaties zijn eigenlijk het nuttigst in vredestijd, wanneer er geen sprake is van wapens

    Als dat klopt, zouden die mogelijkheden alsnog kunnen worden ingezet. De sabotage van de pijpleidingen Nord Stream 1 en 2 in september en de raketaanvallen op het Oekraïense elektriciteitsnet maken duidelijk dat het Kremlin bereid is steeds meer risico’s te nemen. Ook op cybergebied zijn daar tekenen van. Een Britse functionaris zegt dat Rusland, met het NotPetya-incident in gedachten, zijn aanvallen aanvankelijk wilde beperken tot Oekraïne, om geen ruzie te krijgen met de NAVO. Maar dat kan veranderen. Eind september lanceerde Sandworm de eerste opzettelijke aanval op doelen in een NAVO-land met ‘Prestige’: ontregelende malware gericht op transport en logistiek in Polen, dat een knooppunt is voor wapenleveranties aan Oekraïne. 

    Er zijn ook mensen die geloven dat de kracht van cyberoorlogsvoering wordt overschat. Cyberoperaties zijn weliswaar ‘intens en belangrijk’ geweest, zegt Ciaran Martin, voorganger van Cameron bij het NCSC, maar de oorlog heeft ‘de ernstige beperkingen van cyber als oorlogscapaciteit’ aangetoond. Stuxnet, dat Iraanse systemen infecteerde die air gapped waren, dat wil zeggen: fysiek afgesloten van het internet, beschadigde machines van de vijand maar bleef maandenlang onopgemerkt. Het succes leidde tot een vertekend beeld van de cyberaanval als wonderwapen als vervanging van bommen en raketten. In werkelijkheid, aldus Martin, was Stuxnet de ‘maanlanding’ van offensieve cyberaanvallen; een perfecte eenmalige actie waarvoor middelen met superkracht nodig waren, en zeker geen standaardwapen voor cyberoorlogen.

    Evenmin is de cyberruimte ‘een magisch en onzichtbaar slagveld waar je dingen kunt doen waar je normaal gesproken niet mee wegkomt’, aldus Martin. Het is niet alleen moeilijk om ernstige schade toe te brengen aan goed verdedigde computernetwerken, maar dergelijke aanvallen kunnen bovendien ‘gemakkelijk worden herleid’. Cyberaanvallen zijn niet zonder gevolgen. ‘Ondanks alle hype,’ merkt Martin op, ‘heeft Poetin het Westen sinds de invasie geen enkele serieuze last bezorgd in cyberspace.’ 

    Corona

    Het beoordelen van deze standpunten en het trekken van lessen vergt tijd. Veel inbraken kunnen onopgemerkt zijn gebleven. Een aanval op de regionale militaire organisatie van Lviv werd bijvoorbeeld pas in een laat stadium ontdekt, en de Russische malware werd grotendeels niet opgemerkt door commerciële beveiligingssoftware. Het opsporen van aanvallen is geen onfeilbare wetenschap, zegt een Oekraïense functionaris voor cyberbeveiliging. Vaak is er sprake van een legitieme login op het systeem, omdat iemands wachtwoord gecompromitteerd is. Je ziet dan alleen de symptomen, niet de oorzaak. ‘Het is alsof iemand een hoestje heeft, of een laag zuurstofgehalte in het bloed. Nu pas weten we dat het corona kan zijn. Iets dergelijks geldt voor malware. We ontdekken het zelden als het een netwerk binnendringt, maar pas als we schade waarnemen. En dat duurt vaak even.’

    Een ander punt is dat de meest destructieve cyberoperaties, zoals Stuxnet, eigenlijk het nuttigst zijn in vredestijd, wanneer er geen sprake is van wapens. In oorlogstijd is het inzetten van munitie vaak gemakkelijker en goedkoper. Waarschijnlijk is de belangrijkste cyberactiviteit in oorlogstijd, aan beide kanten, eerder gericht op het verzamelen van inlichtingen of op psychologische oorlogsvoering dan op vernietiging. 

    Een Oekraïense oud-politicus met kennis van zaken bevestigt dat de meest waardevolle bijdrage van de cyberstrijdkrachten van zijn land het ontfutselen van geheimen is, zoals details over Europese bedrijven die de Amerikaanse sancties tegen Rusland schenden. ‘Er zijn nog wat andere dingen waar ik niet over kan praten, maar er wordt behoorlijk indrukwekkend werk verricht,’ zegt hij. De ontcijfering van de Duitse Enigma-codeermachines door de geallieerden in de Tweede Wereldoorlog kwam pas in de jaren zeventig aan het licht. Zo ook kan de werkelijke impact van de cyberoperaties in Oekraïne nog jaren onbekend blijven. 

  • Gaat Colombia echt over op de legalisering van cocaïne?

    Gaat Colombia echt over op de legalisering van cocaïne?

    De mislukking van de war on drugs brengt sommige politici en organisaties ertoe te pleiten voor de decriminalisering van het drugsgebruik.

    Op de winkeltoonbank staat geen kassa maar een weegschaal. In een handvol geïsoleerde dorpen midden in de Colombiaanse jungle, betalen mensen met grammen cocapasta in plaats van met contant geld. Bankbiljetten en munten zijn zeldzaam en meestal alleen op televisie te zien. Wat kost een biertje? 1,4 gram, ongeveer 57 eurocent. Een pond vlees? Het dubbele. Een mobiele telefoon? 194 gram, iets meer dan 75 euro. Bij de inwoners van deze afgelegen gebieden waar cocaïne wordt geteeld en geproduceerd, stapelen de kilo’s zich op.  Later zullen ze die verkopen aan een tussenpersoon van het kartel, dat er vervolgens voor zorgt dat de handelswaar in nachtclubs in New York, Madrid of Rome terechtkomt. Intussen zijn de drugs al het honderdvoudige waard. Drugs lijken de facto gelegaliseerd in dit kleine boerenuniversum, dat op enkele dagen reizen van de rivier verwijderd is. Kan deze vorm van legitimatie worden uitgebreid naar de rest van het land? En naar de wereld?

    De afgelopen weken kwam het debat op gang in Colombia, ’s werelds grootste cocaïneproducent. ‘Als de discussie ergens moet beginnen, dan is het in Colombia – niemand anders gaat het doen,’ zegt Catalina Gil Pinzón, medewerker drugbeleid bij de Open Society Foundations. De timing is gunstig. De nieuwe president van Colombia, Gustavo Petro, spreekt nadrukkelijk over het veranderen van het paradigma van de war on drugs die president Richard Nixon een halve eeuw geleden begon. De staatsbegroting gebruiken om drugsbaronnen te vervolgen en cocaplantages met geweld uit te roeien, heeft niet gewerkt – zo luidt de conclusie. Wanneer een struik op de ene heuvel uitgetrokken wordt, verschijnt op de andere heuvel een nieuwe struik. Met als resultaat dat de stroom cocaïne naar de Verenigde Staten in 2021 een recordhoogte bereikte en Colombia meer produceert dan ooit tevoren. Washington gooide de afgelopen twintig jaar tien miljard dollar weg aan mislukt beleid.

    Drugsvriend

    De eersten die het voordeel van legalisatie zagen, zijn de verantwoordelijken voor de schatkist. De Colombiaanse directeur van belastingen en douane, Luis Carlos Reyes, zegt het onomwonden: ‘Cocaïne moet gelegaliseerd en belast worden.’ Kort daarvoor had president Petro enthousiast een artikel van The Economist gedeeld waarin Joseph Biden wordt beschuldigd van een te timide aanpak van het drugsprobleem. De Amerikaanse president had weliswaar net gratie verleend aan zesduizend Amerikanen die waren veroordeeld voor het bezit van een kleine hoeveelheid marihuana, maar het blad gelooft niet dat hij ook zoiets zou durven doen met cocaïne-gerelateerde gevangenen. 

    Decriminaliseren

    De Amsterdamse burgemeester Femke Halsema vindt dat Europa de verkoop van cocaïne moet decriminaliseren, zoals in verschillende landen de verkoop van cannabis al is toe gestaan.

    Bij de opening van een congres over georganiseerde misdaad waaraan meerdere Europese landen deelnamen, zei ze realistisch genoeg te zijn om te weten dat er te weinig politieke steun te vinden zal zijn voor zulk beleid. Landen zouden volgens haar anders moeten kijken naar drugsgebruik.‘

    Laten we de feiten onder ogen zien: de oorlog tegen drugs werkt niet. Drugs in beslag nemen werkt niet. En cocaïne reguleren zit er ook niet in. Ik hoop dat we het erover eens zijn dat we een alternatieve strategie moeten formuleren,’ aldus burgemeester Halsema.

    Zij is er alvast aan begonnen. Haar aanpak bestaat vooralsnog uit drie delen:

    1  We moeten het geweld en het aantal wapens op straat terugdringen.

    2 De economische en sociale ontwikkeling van bepaalde wijken en buurten moeten worden ondersteund.

    3 Illegale (witwas)geldstromen moeten in kaart worden gebracht, en daarna verstoord en afgesneden worden in nauwe samenwerking tussen Europese overheden en steden.

    Ook Petros’ aanvankelijke opwinding heeft zich niet vertaald in een vastberaden streven naar legalisatie. De voormalige guerrillero rekent op de grootschalige aankoop van onproductief land van veeboeren om het aan gewastelers te geven en zo een voedselindustrie te creëren die de verleiding wegneemt om te participeren in de cocaïnehandel – de eerste grote landbouwhervorming van het Colombia. De minister van Justitie ontkent botweg dat de regering zich aan iets als legalisering zou wagen. Voorlopig wil geen enkele regering zich afficheren als drugsvriend.

    Soortgelijk vervangingsbeleid is in het verleden niet altijd succesvol geweest. ‘Het gaat niet werken zolang er een grote wereldwijde cocaïnemarkt is. Wat we ook doen, de consumptie is niet te stoppen. Drugs leiden niet altijd tot problematisch gebruik, overdosis of dood,’ zegt Gil Pinzón, die het van essentieel belang vindt om verdovende middelen te destigmatiseren. Als cocaïne legaal was, hadden mensen de keuze om het al dan niet te gebruiken, net zoals bij alcohol of tabak. Er zijn heel weinig studies over hoe verslavend cocaïne precies is. De enorme bedragen die worden uitgegeven aan wapens om de kartels te bestrijden, kunnen volgens haar beter worden besteed aan onderzoek naar de effecten van de drug, aan voorlichtingscampagnes en betere toegang tot gezondheidsdiensten.

    ‘Het gaat er niet om dat het in supermarkten wordt verkocht, maar dat er een duidelijke en strenge regelgeving komt’

    De zwarte markt rond het witte poeder heeft criminele bendes voortgebracht die in staat zijn het leger met zware wapens te bestrijden, zoals gebeurt in Mexico en Colombia. Criminelen als El Chapo Guzmán of Pablo Escobar zijn legendarisch. Ambtenaren en politici in cocaïne-producerende regio’s zijn overgeleverd aan deze schaduwmacht, die voor een parallelle staat zorgt. Legalisering kan de kartels verzwakken omdat die dan hun belangrijkste financieringsbron verliezen. ‘Het zal hun bestaan niet beëindigen, hoewel hun financiën een zware schok te verduren zouden krijgen,’ aldus Juan Carlos Garzón, onderzoeker bij het Amerikaanse Ideas for Peace. Volgens hem kunnen de lessen die getrokken zijn uit de legalisering van recreatief gebruik van marihuana dienen als leidraad voor toekomstige stappen. ‘Het gaat er niet om dat het in supermarkten wordt verkocht, maar dat er een duidelijke en strenge regelgeving komt en dat er gelegaliseerde rijkdom wordt gegenereerd.’

    Cocaïne is zeker de lastigste van alle drugs als het gaat om regulering. Een studie van de Transform Drug Policy Foundation constateert dat er een grote uitdaging zit in het feit dat er een breed scala aan cocaproducten bestaat, van onbewerkt blad tot poeder en rookbare crack. En dat het zo’n complexe productie- en toeleveringsketen heeft. Ook wordt cocaïne nog steeds geassocieerd met het genot van rijken, hoewel het in werkelijkheid een veel breder deel van de bevolking bereikt. ‘Naarmate het goedkoper en toegankelijker wordt, wordt de uitdaging op het gebied van de regelgeving urgenter. Vanuit het perspectief van de volksgezondheid moet regulering erop gericht zijn de potentiële schade door gebruik te verminderen’, aldus de tekst.

    In Colombia wordt vaak gezegd dat als de Verenigde Staten cocaplantages zouden hebben, de wereld vol zou staan met vestigingen van McCocaïne. Maar het is andersom. Producerende en consumerende landen bekijken het probleem anders. Noord-Amerika kampt met de overdoses, maar Latijns-Amerika met de doden door geweld en de destabilisatie van zijn democratieën. Daarom is het een binationale kwestie. Regulering in Colombia heeft weinig zin als daar niet eveneens sprake van is in de consumptielanden. De lokale markt is zeer klein en criminele bendes zouden nog steeds dezelfde miljoeneninkomsten hebben uit het clandestien vervoeren van drugs. 

    Regulering is nog ver weg, maar het feit dat een onderwerp dat tot voor kort taboe was, nu openlijk wordt besproken, is van grote betekenis. Op een dag zullen de kleine Colombiaanse dorpen in deze uithoek kunnen zeggen dat zij de pioniers waren.

  • Zelensky brengt bliksembezoek aan de VS

    Zelensky brengt bliksembezoek aan de VS

    » Elon Musk gaat opstappen als CEO van Twitter

    » Netanyahu vormt nieuwe Israëlische regering

    Het is voor het eerst sinds de oorlog dat Zelensky zijn land verliet

    De Oekraïense president Volodymyr Zelensky heeft woensdag een bliksembezoek aan de Verenigde Staten gebracht. Het is de eerste keer sinds het uitbreken van de oorlog dat Zelensky zijn land verliet. Naast een overleg met Biden gaf Zelensky een toespraak in het Congres, schrijft persbureau AP.

    Zelensky was door Biden uitgenodigd om naar Washington te komen en hij werd met een Amerikaans legervliegtuig vanuit Polen naar de Amerikaanse hoofdstad gevlogen. Daar sprak hij met president Biden over nieuwe wapenleveringen ter waarde van 1,85 miljard dollar door de Amerikanen, waaronder een Patriot-luchtafweersysteem.

    In het Congres, waar enkele Republikeinen in toenemende mate kritiek hebben op de niet-aflatende wapensteun aan Oekraïne, ging Zelensky in op de kritiek van sommige afgevaardigden. Hij zei dat hun geld niet naar goede doelen ging, maar moest worden gezien als een investering in globale veiligheid.

    Lees ook:

  • Poetin bezoekt bondgenoot Loekasjenka in Belarus

    Poetin bezoekt bondgenoot Loekasjenka in Belarus

    » Commissie: Trump moet vervolgd worden

    » Harvey Weinstein schuldig aan verkrachting

    Oekraïne vreest dat de twee landen samen een invasie lanceren

    De Russische president Vladimir Poetin heeft maandag voor het eerst in drie jaar een bezoek gebracht aan Belarus. Daar ontmoette Poetin met zijn bondgenoot Aleksandr Loekasjenka. Rusland en Belarus houden al lange tijd intensieve militaire oefeningen en in Oekraïne wordt gevreesd dat Belarus verder betrokken zal worden bij de oorlog.

    Poetin hintte er tijdens het bezoek aan Loekasjenka op dat de landen gezamenlijke vijanden hebben. Naast een nauwere economische samenwerking willen de twee voormalige Sovjetlanden nog meer samenwerken op militair gebied. Rusland wil het land echter zeker niet absorberen, zo stelde Poetin volgens het Russische persbureau Interfax.

    Loekasjenka benadrukte de vriendschap tussen de twee landen en bedankte Poetin voor het feit dat Rusland Belarus van goedkope gas en olie voorziet. Volgens de Belarussische dictator kan zijn land niet zonder de hulp van Rusland. Tijdens de grootschalige protesten in 2020 zou Rusland Loekasjenka ook indirect hebben bijgestaan, om te voorkomen dat de leider werd afgezet.

    Lees ook:

  • Rusland bereidt groot offensief tegen Oekraïne voor

    Rusland bereidt groot offensief tegen Oekraïne voor

    » ‘Qatargate’ in Europees Parlement dijt verder uit

    » Prominente journalisten geschorst van Twitter

    De Russen zouden 200.000 man klaarstomen voor een invasie

    Rusland heeft de Oekraïense stad Cherson donderdag zestien keer gebombardeerd. Dat zegt de Oekraïense president Volodymyr Zelensky. Met name de energievoorziening in de stad is doelwit van Russische aanvallen. Ook in de regio’s Donbas en Charkov liggen dergelijke voorzieningen onder vuur. Met de aanvallen hoopt het Russische leger de Oekraïense bevolking extra hard te raken, omdat het momenteel zeer koud is in het land vanwege de winter.

    De Oekraïners verwachten dat begin volgend jaar een nieuw offensief wordt gelanceerd door de Russen. Volgens The Economist zouden er zeker 200.000 Russische militairen getraind worden voor de nieuwe aanvallen. Deze 200.000 Russen komen bovenop de ruim 300.000 reservisten die al zijn gemobiliseerd. De VS heeft al nieuwe wapensteun beloofd en veel ook meer militairen gaan trainen om met de westerse wapens om te gaan.

    Ook de Europese Unie blijft proberen Rusland te raken, zij het via sancties. Donderdag werden de landen het eens over een negende pakket sancties, met daarop tientallen personen en organisaties wiens tegoeden in Europa worden bevroren. Deze sancties zijn met name gericht op mensen die actief zijn in het Russische leger, de defensie-industrie en politieke partijen. Ook mag er niet meer in Russische mijnbouw geïnvesteerd worden.

    Lees ook:

  • De wapenindustrie floreert: van oorlog houdt niemand, van veel verdienen wel

    De wapenindustrie floreert: van oorlog houdt niemand, van veel verdienen wel

    De internationale wapenbeurs in het Franse Villepinte profiteerde dit jaar van de oorlog in Oekraïne. ‘Natuurlijk wil niemand hier doden, maar men prijst wel de “veel hogere letaliteit” van het nieuwe model.’

    ‘Oorlog, oorlog, weet jij waar dat begint, een oorlog?’ De tong van Hanspeter Fäh is al een beetje zwaar. Het is de rode wijn, het zijn de lange dagen, de vele vragen. Soms verliest hij zijn geduld. Nu steekt hij een wijsvinger op. ‘De oorlog begint tussen de dorpelingen van boven en die van beneden. Dit hier is allemaal nodig omdat de mens zich nu eenmaal niet laat veranderen, begrijp je?’

    Om deze reden beheert Hanspeter Fäh uit Schaffhausen al tweeëntwintig jaar het paviljoen van de Zwitserse wapenindustrie op de wapenjaarbeurzen van deze wereld – Abu Dhabi, Brazilië, Kuala Lumpur, Parijs – omdat de mens zich op geen enkele manier laat veranderen. Maar Fäh verloor de laatste jaren met elke editie een beetje terrein, samen met de Zwitserse wapenindustrie. Ooit beschikte hij over 1300 vierkante meter tentoonstellingsruimte, nu is het misschien nog 125 vierkante meter. Oerlikon Contraves is nu onderdeel van het Duitse Rheinmetall, Vectronix uit Heerbrugg zie je bij de Franse stand van Safran helemaal niet meer. Mowag is van het Amerikaanse wapenconcern General Dynamics.

    Tenhemelschreiend is het, de vertegenwoordigers van de wapenindustrie zijn in Zwitserland de zondebokken, zegt Fäh. ‘Terwijl de meeste Zwitserse industrieën het leven alleen maar beschermen!’ Als hij deze woorden roept, klinkt hij een beetje versleten, alsof hij die al vele jaren lang heeft herhaald. Die luide verdediging van de wapenindustrie leek ooit haast als vanzelf in de reclamefolder van zijn tentoonstellingsaanbod te zijn geslopen. Fäh moest tweeënzestig jaar oud worden voordat alles nog een keer veranderde: dit jaar is het oorlog in Europa. Dit jaar kunnen alleen wapens nog een democratie beschermen. Hanspeter Fäh wint weer wat terrein.

    Sinds kort zonder vredesdemo’s

    Villepinte, een klein uurtje rijden buiten Parijs. De eerste dagen van de zomer beginnen erg warm te worden. De hotelprijzen in de hele regio zijn geëxplodeerd. Bijna honderdduizend bezoekers zijn deze week naar de wapenjaarbeurs Eurosatory afgereisd. 260 delegaties uit 92 landen. Discrete chauffeurs openen portiers met donkergetinte ruiten, op de uniformen van militaire vertegenwoordigers uit alle windstreken strekt zich een zee van eretekenen uit. Bagagecontroles, fouilleren, scannen, het is als de aankomst op een luchthaven. Met elke controle wordt het gewichtiger. Het tenue van de gebruikelijke jaarbeursbezoekers bestaat uit een pak, een wit overhemd, zwarte rugzak en leren schoenen – geen sneakers. Niemand mag op het idee komen dat men deze zaken niet serieus neemt. Het gaat hier om ‘veiligheid’ en niet om ‘oorlog’, om ‘verdediging’, niet om ‘aanval’.

    Oorlog wordt om te beginnen gevoerd in pak, en met juten tasjes

    Niemand verheugt zich over de toestand in Oekraïne, maar natuurlijk is die goed voor de business, al zal niemand dat zo openlijk zeggen. Men is hier om zich te informeren en mensen te ontmoeten, de contracten worden later getekend. Het Franse wapenconcern Arquus deelt juten tasjes uit met een opdruk van het nieuwste pantservoertuig ‘Scarabee’, hoe trendy wil je het hebben? De massa’s schuifelen door de entreesluizen en verspreiden zich over een tentoonstellingsruimte van 22 voetbalvelden groot: mortieren, tankcolonnes, apparaten om radar te verstoren en drones tussen kaaskoekjes en frisdrank. Oorlog wordt om te beginnen gevoerd in pak, en met juten tasjes.

    Dodelijke drones

    ‘Sneller, minder duur en dodelijker.’ Het tijdschrift bij Financial Times wijdt de voorpagina van zijn editie van 27 en 28 augustus aan ‘goedkope drones die overal ter wereld de oorlogsvoering veranderen’, en met name aan de Turkse drone Bayraktar TB2, ‘de voorbode van een verontrustend nieuw tijdperk‘.

    ‘Hij is er, hij is er.’ Twee leden van het marketingteam van de wapenbeurs turen naar de stands van het Franse ministerie van Defensie. President Macron is er. Een dag later al reist hij naar Roemenië, en vandaar per trein naar Oekraïne. Het is de eerste keer dat een Franse president deze tentoonstelling bezoekt. Het is ook voor het eerst dat er bij de ingang geen vredesdemonstraties plaatsvinden. ‘Er bestaat geen vrede zonder grondtroepen,’ zegt Macron, en het is alsof de pacifisten dat hebben geaccepteerd. Hij bezweert de aanwezige industrie dat het een sector is met toekomst: ‘Ga zo door, blijf je verbeteren!’ roept hij de bazen, onderzoekers, exposanten en oprichters van start-ups toe. Macron wil een weerbaar Frankrijk, met militaire innovatie. Meteen daarna maken beveiligers ruim baan voor hem. Met ogen die niets uitdrukken, maar desondanks zeer alert zijn.

    Defensiebudget

    Europa bewapent zich. Duitsland wil de komende vijf jaar 100 miljard euro meer uitgeven aan de Bundeswehr, Frankrijk maakt plannen om het jaarlijkse defensiebudget tot 2025 met 50 miljard te verhogen. In Zwitserland besluit de Nationalrat tot een stapsgewijze verhoging van de militaire uitgaven met ongeveer 7 miljard frank per jaar. Bij de bedrijven hier zullen de regeringen hun geld uitgeven. De VS zijn vertegenwoordigd met een enorm oppervlak, Duitsland ook, Israël is gekomen met talloze drones, de landen van het Oosten willen verkopen omdat ze geld nodig hebben voor nieuwe wapens en meer dan een kwart van de stands is Frans. Oekraïne is zeer aanwezig. Rusland was hier voor het laatst in 2014, voor de crisis in de Donbas.

    Achter beurshal 5B begint de woestenij. Wie de shows wil komen zien, moet minstens twintig minuten lopen. Hier verkennen drones als insecten het vijandelijke gebouw voor het grote filmscherm. Stof waait op de tribunes, een Leclerc-tank van het Franse wapenbedrijf Nexter davert bijna loodrecht van een heuvel naar beneden. Een Caesar-houwitser simuleert een schot. De mensen in het publiek halen hun smartphones tevoorschijn; ze maken geen geluid, willen zich niet al te enthousiast tonen. Toch heeft Frankrijk juist een dozijn van deze houwitsers geleverd voor de echte oorlog. Ze treffen tot op 40 kilometer afstand nauwkeurig ieder doel.

    Natuurlijk wil niemand hier doden, maar men looft toch de ‘veel hogere letaliteit’ van het nieuwe model

    Een zweem van dezelfde terughoudendheid glijdt over het gezicht van Armin Papperger, de topman van Rheinmetall, als hij op het terrein tussen de hallen staat te midden van de rook van het vuurwerk. Misschien wenst hij op dit moment dat men de show toch iets ingetogener had gemaakt. De Panther, het nieuwste lid van de tankfamilie van Rheinmetall, werd zojuist met een dreunende bas onthuld vanonder een blauwsatijnen doek. Dienbladen vol prosecco wiegen vanuit het wit-blauwe paviljoen naar buiten. Rheinmetall heeft een heel gebouw meegebracht naar de jaarbeurs. Natuurlijk wil niemand hier de oorlog vieren, maar deze tanks toch wel. Natuurlijk wil niemand hier doden, maar men looft toch de ‘veel hogere letaliteit’ van het nieuwe model. Natuurlijk is de Panther het antwoord op de Russische T-14 Armata – je moet er toch iets tegen doen. Die uit het bovendorp tegen die uit het benedendorp – misschien tonen de tegenstrijdigheden van het menselijk bestaan zich nergens duidelijker dan op een wapenjaarbeurs.

    Hanspeter Fäh steekt zijn hand in een schotel met gehaktballen. Nu moet alles kloppen: Ghackets und Hörnli [Zwitserse specialiteit met gehakt en macaroni], fondue en Aziatische noedelsalade. Het is woensdagmiddag en zo dadelijk komt het hoofd Bewapening op bezoek in het Zwitserse paviljoen. ‘Een arme stakker’, als je het Fäh vraagt, omdat hij voor veel te veel moet opdraaien, terwijl hij er helemaal niets aan kan doen. In het paviljoen hebben nu de Zwitserse wapenbedrijven hun stands mooi gemaakt. De verkoopteams van Victorinox, Saltech, Huber+Suhner, IVF Hartmann, SSZ Camouflage en Symlab staan klaar. In totaal zijn er 22 bedrijven uit Zwitserland. Er zijn messen, munitie, kabels, drukverbanden, stoorzenders, camouflage en ook apparatuur om mijnen op te ruimen. Het Zwitserse paviljoen staat bij de jaarbeurs bekend om de kwaliteit en de goede sfeer, zegt Fäh.

    +434%

    bedroeg de toename van de militaire uitgaven van Qatar tussen 2010 en 2021.

    De militaire uitgaven van het emiraat bedroegen vorig jaar 10,9 miljard euro, waarmee het een van de grootste investeerders op dit gebied is in de Arabische wereld, meldt de Qatarese site Doha News. Inmiddels bezet het land qua militaire uitgaven de vijfde plaats in het Midden-Oosten, aldus het Internationaal Instituut voor Vredesonderzoek van Stockholm (SIPRI), dat dit als resultaat ziet van de regionale spanningen in 2017. Verscheidene Arabische landen, waaronder Saoedi-Arabië, hadden het emiraat destijdss een blokkade opgelegd vanwege de onenigheid over Iran en de Moslimbroederschap.

    Hij roert nog even in de fondue, als daar opeens Martin Sonderegger in het paviljoen staat, het hoofd van Armasuisse, het departement voor bewapening. Armasuisse kan hier in drie dagen twintig tot dertig bedrijven bezoeken. Dertig tot veertig minuten per afspraak. Sonderegger is ontspannen. Vandaag is een goede dag. Vanmorgen vroeg ging in Emmen een van de nieuwe verkenningsdrones uit Israël voor het eerst met succes het Zwitserse luchtruim in. Het is een van de vele projecten die jaren langer duurden dan oorspronkelijk gepland was. In Zwitserland vallen aankoopprojecten van Armasuisse steeds weer op door vertragingen of budgetoverschrijdingen. Sonderegger laat een filmpje op zijn telefoon zien: ‘Dat is echte innovatie,’ zegt hij, en hij glimlacht. Deze drone zou zich op een dag autonoom in het civiele luchtruim moeten bewegen. ‘U kunt zich niet voorstellen wat er nodig is om zoiets te certificeren.’ Op de vraag of het ongelofelijke geduld voor zulke aanschafprojecten hem gewoon is aangeboren, moet hij een beetje lachen. ‘Dat is ons systeem: elk land heeft zijn eigen procedures.’

    In Zwitserland hebben de dingen hun tijd nodig. Maar de oorlog in Oekraïne zet ook de Zwitsers onder druk. De NAVO oefent druk uit op de regering om met het oog op de strijd in Oekraïne de bepalingen voor de wapenexport te versoepelen. Indirect gaf Zwitserland toe. Duitsland mag bijvoorbeeld Leopard-tanks, die vroeger van het Zwitserse leger waren, verder exporteren. Maar Zwitserse munitie voor de Gepard-tank mag niet in Oekraïne terechtkomen. De neutraliteit roept plotseling vragen op: zou je niet ook Oekraïne moeten helpen, als je Rusland betaalt voor olie? En hoe neutraal kun je zijn ten aanzien van bedreigde democratieën?

    De vertegenwoordigers van de wapenindustrie doen zich wat deze vragen betreft graag net zo apolitiek voor als verder alleen voetbalofficials dat kunnen. ‘Wij worden sterk gereguleerd en daar houden we ons aan,’ zegt bijvoorbeeld Roger Berger van de Ruag. ‘Misschien zijn een paar mensen wakker geworden, misschien zijn we nu wat minder verdacht. Maar ik verwacht niet dat die verandering lang blijft hangen.’ Wat dat betreft klinkt het hoofd Bewapening toch wat optimistischer: ‘Het zou mij natuurlijk heel wat waard zijn als er weer meer begrip komt voor veiligheid en de behoefte aan veiligheid,’ zegt Sonderegger. ‘Men heeft die thema’s lang verwaarloosd en ons ervan beschuldigd dat we ons voorbereiden op de scenario’s van gisteren.’ Nu is het leger plotseling weer iets van vandaag. En hoe zal het morgen zijn?

    Nieuw ontworpen drukverband

    Sonderegger schudt handen. Soms klopt men elkaar op de schouder. De bezoekers kennen elkaar deels al langer, en deels nog helemaal niet. Ze hechten beslist aan een zekere distantie, een nauwe band tussen leger en industrie zoals in Frankrijk zou in Zwitserland nauwelijks denkbaar zijn. Ten slotte blijft de Zwitserse delegatie lange tijd bij Hartmann hangen. Het bedrijf toont zijn nieuw ontworpen drukverband. Een weldadig simpel product, eenvoudig te gebruiken en onmiddellijk levensreddend. Ze krijgen bedankbrieven uit Oekraïne, zegt de verkoper. Zulk materiaal is uitgezonderd van de Wet op oorlogsmaterieel. En Hartmann kon direct leveren.

    ’s Avonds worden in het Zwitserse paviljoen schlagers gedraaid. De belangrijkste dag zit erop. De sfeer is ontspannen. Omdat we zo vaak vijandig behandeld worden, trekken we wellicht bijzonder naar elkaar toe, zegt een verkoopster van SSZ Camouflage. Misschien maakt Zwitserland in de wereld een beetje dezelfde indruk als de hier getoonde camouflageponcho: ze horen er wel bij, maar goed verdekt. Een beetje op de achtergrond, en daarom niet zo in het schootsveld. ‘En dat is toch ook goed.’

    In de jaarbeurshal wordt het langzaam stiller. Vanaf vijf uur is de airco uitgeschakeld, de natuurlijke warmte keert terug. Met de dag maken de wapens en de tanks in deze koele hallen een kunstmatigere indruk. Wat ontbreekt is de verschrikking van de oorlog, de geur, het geschreeuw van mensen. ‘Geen centimeter’ van haar territorium zal de NAVO opgeven, zei een generaal-majoor op het podium in een van deze hallen. De Franse commandant en de Ruslandkenners knikten geestdriftig. De wapenindustrieën van de landen zouden zich nu weer verregaand onafhankelijk moeten maken. Deglobalisering is het parool van de dag. De temperatuur in Europa is veranderd, dat merk je ook in het Zwitserse paviljoen.

    ‘Hoe meer wapens ze in deze oorlog pompen, des te meer de bevolking van Oekraïne er uiteindelijk onder lijdt’ 

    Iemand hier zegt dat hij zich eigenlijk helemaal niet interesseert voor al die spullen die ze iedere keer weer hebben uitgevonden om elkaar de hersens in te slaan. Uiteindelijk profiteren de VS het meest, omdat ze in Europa kunnen verkopen en olie kunnen leveren als het niet meer uit Rusland komt, zegt een ander. Hij zit in het Zwitserse leger en kwam hier als vip. ‘Hoe meer wapens ze in deze oorlog pompen, des te meer de bevolking van Oekraïne er uiteindelijk onder lijdt.’ 

    Je kunt het ook anders zien. De antwoorden zijn zelden eenvoudig. Hanspeter Fäh heeft er ook geen meer. Hij heeft een sigaret opgestoken en haalt nog een fles wijn. Alsof dat ook een antwoord is. Toch ziet hij er wel een beetje tevreden uit. 

  • Nigeria dwong tienduizend vrouwen tot abortus

    Nigeria dwong tienduizend vrouwen tot abortus

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » VS en Rusland ruilen prominente gevangenen

    » Condooms vanaf 2023 gratis in Frankrijk

    Vrouwen die zwanger werden door verkrachting waren doelwit

    De Nigeriaanse strijdkrachten laten al bijna tien jaar systematisch gedwongen abortussen uitvoeren bij vrouwen die zwanger zijn geworden nadat ze werden verkracht door jihadistische Boko Haram-strijders. Dat blijkt uit onderzoek van persbureau Reuters. Het gaat om zeker tienduizend meisjes en vrouwen bij wie de zwangerschap gedwongen beëindigd is.

    De Nigeriaanse autoriteiten ontkennen de uitkomsten van het onderzoek. Volgens journalisten van Reuters, die spraken met militairen en hulpverleners, gaat het echter om een grootschalige operatie waarbij vrouwen naar ziekenhuizen of militaire bases werden gebracht. Vrouwen kregen daar een injectie of pil, en wie niet meewerkte werd fysiek mishandeld.

    In sommige gevallen overleden vrouwen nadat de illegale abortus had plaatsgevonden. De Nigeriaanse militairen zouden de abortussen toepassen om te voorkomen dat er nieuwe Boko Haram-strijders geboren zouden worden. De terreurbeweging is zeer actief in het noordoosten van het Afrikaanse land en pleegt met regelmaat dodelijk aanslagen in het gebied.

    Lees ook: