Onderwerpen: Ramp

  • BBC: Griekse kustwacht liegt over toedracht migrantenramp

    BBC: Griekse kustwacht liegt over toedracht migrantenramp

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Mondkapjesplicht heringevoerd in Chili na golf besmettingen

    » Buitenlandse Zakenministers VS en China ontmoeten elkaar

    Het was mogelijk urenlang duidelijk dat het schip problemen had

    De versie van de Griekse kustwacht over hoe zij probeerden migranten aan boord van het gezonken schip te helpen klopt niet. Dat schrijft de BBC na eigen onderzoek. Volgens de Britse omroep wist de kustwacht mogelijk al uren dat het schip in de problemen zat.

    De boot zonk vorige week voor de kust van Griekenland. Waarschijnlijk zaten er ruim zeshonderd opvarenden aan boord, onder wie veel vrouwen en kinderen. Ze zaten in het ruim op het moment dat de oude vissersboot begon te zinken en konden niet ontsnappen. Er zijn ruim honderd mensen gered en van tachtig slachtoffers zijn de lichamen gevonden. Van de rest wordt al enkele dagen niet meer verwacht dat ze in leven zijn.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Volgens de Griekse kustwacht grepen zij niet in toen zijn contact kregen met de opvarenden, omdat er op dat moment gevaar zou zijn geweest en de migranten per se naar Italië wilden. Op het moment dat de boot begon te zinken, kon de kustwacht niet meer ingrijpen. Volgens de BBC lag de boot echter zeker zeven uur stil, wat duidt op problemen aan boord. De omroep zegt dat de kustwacht waarschijnlijk niet wilde ingrijpen. Ook zijn er vermoedens dat de kustwacht de boot richting Italiaanse wateren probeerde te slepen.

    Lees ook:

  • Zeker 100 doden bij bootongeluk in noorden van Nigeria

    Zeker 100 doden bij bootongeluk in noorden van Nigeria

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Oud-president Donald Trump formeel aangehouden in de federale rechtbank

    » Reeks gewelddadigheden in Nottingham kost aan drie mensen het leven

    Het gaat om mensen die terugkeerden van een bruiloft

    Bij een zwaar bootongeluk op de rivier de Niger in het noorden van Nigeria zijn zeker honderd mensen om het leven gekomen, meldt Al Jazeera. Het gaat volgens de website om mensen die terugkeerden van een bruiloft. Nog niet alle lichamen van de slachtoffers zijn gevonden.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    De opvarenden, waaronder veel vrouwen en kinderen, waren in een dorp vlak bij het land Niger op een bruiloft geweest. Waardoor de boot zonk is nog onduidelijk, maar volgens autoriteiten was het zicht op de rivier mogelijk slecht en was de boot overvol en daardoor te zwaar.

    Voor een groot deel van de drenkelingen zouden al begrafenissen worden gehouden, zo zegt een lokale bron tegen Al Jazeera. In de regio, waar de rivieren de Niger en de Benue samenvloeien, komen regelmatig zware bootongelukken voor. Zo kwamen in 2021 op dezelfde rivier, in dezelfde regio, zeker honderzestig mensen om het leven toen hun boot zonk.

    Lees ook:

  • Aanhoudende bosbranden blijven Canada teisteren

    Aanhoudende bosbranden blijven Canada teisteren

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Chris Christie opent verkiezingscampagne met aanval op Trump

    » Nova Kachovka-dam in Oekraïne opgeblazen met noodsituatie als gevolg

    Tot in de VS zijn waarschuwingen afgegeven vanwege rook

    Canada blijft last houden van bosbranden, die momenteel in haast alle provincies van het land woedden. Vanwege de warmte en droogte in het land, terwijl de zomer officieel nog niet is gearriveerd, wordt verwacht dat dit jaar het ergste jaar ooit qua bosbranden zal zijn, schrijft de BBC. Volgens de autoriteiten zal het nog tot zeker augustus duren voordat de noodsituatie voorbij is.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Bosbranden in Canada hebben al ongeveer 3,3 miljoen hectare afgebrand, dertien keer wat er gemiddeld in een jaar in vlammen op gaat. Zeker 120.000 hebben door de branden hun huis moeten verlaten. Hoewel door het hele land branden woeden, zijn met name de provincies Alberta en Ontario hard geraakt.

    De bosbranden hebben er ook voor gezorgd dat autoriteiten waarschuwingen hebben afgegeven voor de luchtkwaliteit. Vanwege de rook die vrijkomt bij de bosbranden, is onder meer Toronto bedekt door een dikke mist. Ook in staten in de VS, waaronder New York en Connecticut, hebben autoriteiten gewaarschuwd voor mogelijke gezondheidsproblemen door de rook.

    Lees ook:

  • Hoe de wilde koeien van Cedar Island al zwemmend een orkaan overleefden

    Hoe de wilde koeien van Cedar Island al zwemmend een orkaan overleefden

    Toen een vloedgolf tientallen wilde paarden en koeien wegvaagde van de kust van North Carolina, had niemand verwacht dat er overlevers zouden zijn. Tot er hoefafdrukken in het zand verschenen. ‘Koeien zijn stoïcijnen; ze verbijten zich.’

    De wilde paarden hebben allemaal een naam. Ze heten bijvoorbeeld Ronald, Becky of Clyde. Het klinkt wat gewoontjes, zelfs voor een paard, en toch is elke naam een soort ereteken. Want al jarenlang vernoemen de bewoners van Cedar Island in North Carolina ieder veulen dat in de plaatselijke kudde mustangs geboren wordt, naar de oudste nog levende persoon die zijn naam nog niet aan een paard gegeven heeft. Op die manier is elke eilandfamilie van oudsher verbonden met de kudde.  

    Cedar Island, gelegen in een deel van North Carolina dat bekendstaat als Down East, is wat tegenwoordig in de Verenigde Staten doorgaat als afgelegen. Hoewel het in vogelvlucht maar 65 kilometer verwijderd ligt van Cape Hatteras, met zijn toeristen, hypotheekmakelaars en restaurants met namen als Dirty Dick’s Crab House, blijft Cedar Island een plaats met slechts een handvol mensen en bedrijven, waar het onzeker is of je op zondagavond in een restaurant terecht kunt – of zelfs maar een bord hush puppies [gefrituurde maisdeegballetjes] kunt scoren. Bij aankomst merk je niet eens dat Cedar Island een eiland is. Als je de hoge Monroe Gaskill Memorial Bridge oprijdt, die het eiland met het vasteland verbindt, kun je gemakkelijk denken dat je een van de vele rustige, meanderende rivieren in de regio oversteekt. In feite is het de Thorofare, een smal zoutwaterkanaal dat de Pamlico Sound in het noorden en de Core Sound in het zuiden met elkaar verbindt. De Pamlico is een van de grootste lagunes aan de Amerikaanse kust, de Core is smal en compact. Cedar Island ligt ertussenin, en samen worden ze omsloten door de Outer Banks.

    Onder het kolkende geweld van orkaan Dorian veranderde Cedar Island compleet

    Ik schreef net dat Cedar Island twee lagunes scheidt, en op de kaart klopt dat ook. Maar in werkelijkheid is het gebied minder afgebakend. Delen van het kleine eiland staan soms onder water, afhankelijk van de wind, het getij en het seizoen, met name tijdens het orkaanseizoen.

    Het amfibische karakter van Cedar Island was nog nooit zo duidelijk als op de ochtend van 6 september 2019. Onder het kolkende geweld van orkaan Dorian veranderde het gebied compleet. De Pamlico en Core Sound voegden zich samen tot één woeste watermassa, die Cedar Island deed slinken tot een fractie van zijn oppervlakte. Het eiland was niet langer gescheiden van het vasteland door de dunne blauwe lijn van de Thorofare, maar door bijna tien kilometer oceaan.

    Mustangs

    De meeste van de pakweg tweehonderdvijftig mensen die op het eiland woonden zaten veilig in hun huizen die gebouwd waren op een strook niet al te hoge grond, maar precies hoog genoeg om de gesel van de orkanen te doorstaan. De wilde paarden daarentegen – negenenveertig in totaal – hadden een probleem.

    Er waren ook enkele koeien. Die hadden geen naam.

    Er bestaat niet zoiets als een echte wilde koe. Hoewel de runderen op Cedar Island min of meer vrij rondlopen, heten ze in vaktermen ‘verwilderd’ – het zijn de afstammelingen van ontsnapte gedomesticeerde dieren. De mustangs op het eiland zijn ook verwilderd, en bezoekers komen vaak naar Cedar Island in de hoop de zogenaamde ‘bankerpaarden’ te zien. Maar bijna niemand komt speciaal naar het eiland om de ‘zeekoeien’ te fotograferen. 

    Door heel Amerika is de mustang – met zijn wapperende manen en roffelende hoeven – de aardse belichaming van schoonheid en vrijheid

    Toch zijn de koeien opvallende verschijningen. Hun kleur varieert, maar de meeste hebben een blonde vacht die past bij het witte zand en de schittering van de zon op de noordelijke kaap van Cedar Island, waar zowel koeien als paarden rondzwerven. Toeristen zijn blij als ze de koeien zien maar toch niet zo blij als met de paarden. Hier en door heel Amerika is de mustang – met zijn wapperende manen en roffelende hoeven – de aardse belichaming van schoonheid en vrijheid. Voor de koeien geldt dat niet.

    Voor de bewoners van Cedar Island maken de koeien deel uit van wat hun thuis zo eigen maakt, vormen ze een dierbaar en vertrouwd onderdeel van de gemeenschap en haar geschiedenis. In feite zijn de koeien al veel langer op het eiland dan de mustangs, die drie decennia geleden werden overgeplaatst uit de bekendere Shackleford Banks-kudde. Maar de relatie die mensen op het eiland hebben met paarden is anders dan die met koeien, zoals bijna overal ter wereld geldt.

    ‘Vroeger was dit paardenland,’ zegt Priscilla Styron, die al dertig jaar op Cedar Island of in de omgeving woont en op de veerbootterminal werkt. ‘Iedereen reed paard, er waren Pony Pennings [een jaarlijks event], we deden van alles. Iedereen was altijd aan het paardrijden.’ Wat de koeien betreft was het niet zo lang geleden voor eilanders nog normaal om er een van het strand te halen, om ze thuis vet te mesten en te slachten. 

    Toen orkaan Dorian Cedar Island naderde, maakte niemand zich druk om de dieren. Een eilandbewoner, die zichzelf een ‘eenvoudige boerenjongen’ noemt en zijn naam niet vermeld wil zien, lacht om het idee dat wilde dieren zich zouden laten bijeendrijven en van het eiland voeren tot de storm voorbij is. Niet dat iemand dacht dat het nodig was, aldus Priscilla Styron. ‘Meestal beschermen ze zichzelf, je hoeft je er geen zorgen om te maken,’ zegt ze. ‘Ze hebben betere zintuigen dan wij.’ Cedar Island had nog nooit meer dan een of twee exemplaren van zijn wilde kudden verloren in een storm – en Down East heeft meer dan genoeg dieren.

    Een Cedar Island-koe heeft een redelijke kans om haar tienerleeftijd te halen, en soms zelfs haar dertigste verjaardag

    In 2019 liepen er misschien vijfentwintig koeien op het eiland – niemand wist het zeker, want niemand hield de telling bij, zelfs niet de bewoners die op hun runderbuurtjes gesteld waren. Voor ten minste enkele koeien was Dorian niets nieuws. Weinig koeien in Amerika leven langer dan zes jaar; de meeste worden veel jonger geslacht. Maar een Cedar Island-koe heeft een redelijke kans om haar tienerleeftijd te halen, en soms zelfs haar dertigste verjaardag. Een koe die in 2019 twintig jaar oud was, kon minstens tien orkanen hebben meegemaakt: Dennis, Floyd, Isabel, Alex, Ophelia, Arthur, Matthew, Florence en twee Irenes. De kudde kon rekenen op de ervaring van de ouderen.

    Complex sociaal gedrag

    Biologen hebben pas onlangs ontdekt dat koeien complex sociaal gedrag vertonen, en dat ze diepgaand inzicht hebben, wat we niet zouden verwachten van dieren die we typeren als slonzig, zachtaardig en sloom. Een wilde kudde organiseert bijvoorbeeld crèches en deelt de kalveren in leeftijdsgroepen in. Meestal staat zo’n crèche onder toezicht van één volwassen koe terwijl de rest gaat grazen. Dat werkt alleen als de oppassers begrijpen dat het hun taak is te zorgen voor de kalveren die niet van hen zijn, zelfs als ze daardoor genoegen moeten nemen met minderwaardig voer terwijl de anderen van groenere weiden genieten. En de kalveren moeten snappen dat ze onder toezicht staan, ook al is hun moeder uit het zicht.

    Niemand legde vast hoe de koeien reageerden toen Dorian naderde, maar evolutiebioloog Mónica Padilla de la Torre kan ons een goed beeld geven. ‘Ze zijn meestal niet bang voor storm. Ze houden van storm,’ vertelt Padilla. ‘Ze houden van koelte en schaduw, en ze zijn blij als het regent.’

    Toen orkanen nog niet werden opgespoord door satellieten en weerradars, waren koeien nuttige voorspellers

    Nog voor de orkaan aan de zuidelijke horizon opdoemde, begon de kudde zich waarschijnlijk al te verplaatsen – met die gebruikelijke traagheid van vee, dat maanwandelgangetje – naar een schuilplek. Toen orkanen nog niet werden opgespoord door satellieten en weerradars, waren koeien nuttige voorspellers. De migratie, vertelt Padilla, werd geïnitieerd door de leiders van de kudde. Bij vee wordt de pikorde vastgesteld na een gewelddadig treffen, en als dat eenmaal geregeld is, ontstaat er een goedaardige dictatuur. De leiders krijgen de beste plaatsen om te eten en de beste schaduw om in te liggen, en ze nemen belangrijke beslissingen, zoals wanneer het met een storm op komst tijd is om zich terug te trekken naar hoger gelegen gebied. 

    Voor het vee van Cedar Island was hoger gelegen gebied een berm van met kreupelhout bedekte duinen tussen het strand en het moerasland in. Daar graasden de koeien en kauwden en herkauwden ze, letterlijk. Het ruwe voer passeert een spijsverteringsorgaan, de pens, dat mensen niet hebben. Ze leken helemaal niet in paniek maar vormden een bucolisch tafereel, afgeleid van het Griekse woord boukolos, dat ‘koeherder’ betekent.

    Een goede waarnemer, zegt Padilla, kon subtiele verschillen tussen de dieren hebben opgemerkt: moeders die waakzaam of onbezorgd waren, kalveren die speels of lui waren, overduidelijke eenlingen of paren die elkaar likten of verzorgden. Padilla heeft eens maandenlang de communicatie van koeien bestudeerd – ik vond haar woordspeling ‘koe-municatie’ verrassend sterk – door de in het wild lopende dieren die ze observeerde met bijnamen als Dark Face en Black Udder [Zwarte Uier], te onthouden. (Ze besefte toen nog niet dat die laatste een perfecte verwijzing is naar de klassieke Britse tv-komedie Blackadder. Wat is dat toch met koeien en woordspelingen?) Op Cedar Island, vertelt Padilla, was het niet zomaar een kudde die geconfronteerd met een storm. Het was een groep individuen, elk met persoonlijke relaties, inclusief wat Padilla zonder meer vriendschappen noemt. 

    Orkaan Dorian

    Dorian arriveerde in het diepe duister van de eerste uren van 6 september. Drie dagen eerder had hij de Bahama’s geteisterd met windsnelheden van bijna 300 kilometer per uur, waarmee de orkaan het record verbrak voor de windsnelheid van een Atlantische cycloon die ooit aan land werd gemeten. Sommige waarnemers stelden zelfs voor hem als een categorie zes te classificeren op de vijfpuntsschaal van orkaankracht. Tegen de tijd dat hij North Carolina bereikte was hij wat afgezwakt, maar het was nog steeds een orkaan. Pikzwarte wolken pakten zich samen voor de maan en de sterren. De lichtjes van Cedar Island flikkerden met moeite door de regen heen. De orkaan raasde langs de kust op weg naar Cape Hatteras. Voor hij daar aan land ging, zweepte hij de Pamlico en Core Sound op tot een schuimende, spuitende massa, brullend blies hij zandplaten richting de duinen. Het struikgewas waaronder de koeien waarschijnlijk hun toevlucht hadden gezocht en dat door de voortdurende landinwaartse bries al steeds gebogen staat, kromp nog meer ineen onder het gebeuk van de storm. Dorian bereikte op Cedar Island een windstoot van 117 kilometer per uur – de sterkste die in de staat gemeten werd.

    Toen het oog van orkaan Dorian griezelig kalm over het eiland was getrokken en de windsnelheid daalde tot slechts een stevige bries, leek er weinig meer te vrezen. De achterste helft van de storm moest nog komen, maar de bewoners van Cedar Island, mens of geen mens, hadden erger gezien. Zelfs in het laagseizoen heeft de kust van North Carolina te maken met orkanen. Als je beelden ziet van een strandhuis dat instort in de beukende branding, is de kans groot dat het is opgenomen op de Outer Banks. Wie rondrijdt in Down East ziet veel huizen op drie meter hoge palen; in sommige woningen kom je alleen met een lift op de eerste verdieping. Op kaarten is te zien dat een groot gebied van de Outer Banks, waaronder het grootste deel van Cedar Island en enorme delen van het vasteland, als de zeespiegel met iets meer dan dertig centimeter stijgt, onder water staat. Toch maken de bewoners geen aanstalten om te vertrekken. De klappen opvangen, daar zijn ze hier geoefend in.

    Maar in dit geval gebeurde er iets ongewoons toen het centrum van de storm naar het noorden trok. Rond half zes ’s ochtends kreeg Sherman Goodwin, eigenaar van Island’s Choice, de enige winkel annex tankstation op Cedar Island, een telefoontje van een vriend die vlak bij de winkel woonde. Er was in het gebied een stormvloed aan het opkomen, zei de vriend. Een kwartier later, toen Goodwin door het schemerige ochtendlicht naar zijn winkel reed, was het water zo erg gestegen dat het over de motorkap van zijn Chevy-truck sloeg, die door de offroad-ophanging en de terreinbanden ook nog eens extra hoog is. ‘Het leek een vloedgolf die binnenstroomde,’ zei Goodwin. ‘Het ging heel snel.’

    Om te begrijpen wat er die ochtend op Cedar Island gebeurde, moet je je voorstellen dat je over het oppervlak van hete soep blaast

    Tegen de tijd dat Sherman en zijn vrouw Velvet – ‘Mijn moeder vond die film National Velvet zo leuk’ – hun winkel bereikten, moesten ze in het gebouw schuilen. Velvet zag in de storm een kikker langs een raam voorbij vliegen. Een schildpad spoelde aan tot bovenaan de trap bij de ingang. ‘Het scheelde niet veel of hij kwam de winkel binnen,’ zegt Sherman. Op een foto is te zien hoe de benzinepompen onderliepen tot aan de prijstikkers.

    Om te begrijpen wat er die ochtend op Cedar Island gebeurde, moet je je voorstellen dat je over het oppervlak van hete soep blaast. De vloeistof gaat rimpelen en klotst tegen de andere kant van de kom. Dat effect had Dorian ook op de Pamlico Sound, maar hier ging het om een constante, krachtige wind die uren aanhield.

    De orkaan stuwde het water naar de kust van het vasteland, dat in de woorden van Chris Sherwood, oceanograaf bij de U.S. Geological Survey (USGS), ‘absoluut perfect’ is om water binnen te krijgen dat door de wind is aangedreven. De rivieren Bay, Neuse, Pamlico en Pungo stromen in de Pamlico Sound door brede mondingen die het water net zo gemakkelijk binnenlaten als uitstoten. Een groot deel van de overige kustlijn is een enorme spons van moerassen. Wat zich in deze verzameling waterbekkens ophoopt, is in feite een berg van water die door de wind op zijn plaats wordt gehouden.

    Mensen die de geluiden van North Carolina kennen, weten welke trucs de felle wind kan uithalen. Kusthistoricus David Stick legde eens uit dat tijdens een orkaan achthonderd meter zeebodem in de luwte van de Outer Banks bloot kan komen te liggen als het zeewater naar het westen wordt gestuwd. Wanneer dat gebeurt, kan er een bizar fenomeen optreden: van de landzijde kan nog een stormvloed komen die de eilanden voor de kust treft in wat een overstroming aan ‘Sound’-kant wordt genoemd. Wetenschappers kennen het als een seiche [haling].

    De lawine van zeewater was gelijk aan ongeveer een derde van het gemiddelde debiet van de Amazonerivier

    Toen het oog van Dorian de Pamlico Sound passeerde, begon de seiche die door de storm was veroorzaakt weer in te storten. Vervolgens begon de wind die vanuit de zuidelijke helft van de orkaan blies, dus in de tegengestelde richting, het water terug te drijven in de richting waar het vandaan kwam. In zekere zin daalde de seiche ook; het oceaangetij trok zich in de vroege ochtenduren terug, terwijl de orkaan, die nog steeds druk zette op de Atlantische Oceaan, het water naar het oosten dwong en een depressie achterliet. Deze krachten werkten samen om de seiche, die drie meter hoger was dan het waterpeil van de oceaan, uit de Pamlico Sound in oostelijke richting naar de Atlantische Oceaan te sturen.

    Vloedgolf

    De lawine van zeewater was gigantisch, gelijk aan ongeveer een derde van het gemiddelde debiet van de Amazonerivier, verreweg de grootste rivier ter wereld. De Amazone echter stroomt in zee via een enorme riviermond. De vloedgolf van Dorian probeerde de open Atlantische Oceaan te bereiken langs de ‘dijk’ die de Outer Banks-eilanden vormen, gescheiden van elkaar door slechts enkele nauwe kanaaltjes. Aan de zuidkant van de Pamlico Sound bevond zich een extra obstakel: Cedar Island.

    Het water ging niet om het eiland heen. Het overspoelde het.

    De vloedgolf verdween bijna net zo snel als hij was gekomen en trok verder naar de Outer Banks, waar hij zich op het eiland Ocracoke stortte als een muur van water die hoger was dan ze er ooit hadden gezien. Zodra Dorian was gepasseerd, begon het overstromingswater zich terug te trekken. Op Cedar Island bleef in de gebouwen een dikke, vettige smurrie achter en de wegen lagen vol puin, maar er werden geen ernstige gewonden gemeld. Meer dan een derde van de gebouwen op Ocracoke was beschadigd, maar voor zover bekend waren er geen doden gevallen.

    ‘Moeder Natuur heeft ze aan ons gegeven en dus kan Moeder Natuur ze ook weer van ons afnemen’

    Zodra de oceaan voldoende gekalmeerd was en de eilandbewoners weer konden uitvaren, kwam het eerste nieuws naar buiten over verliezen uit de kuddes paarden en rundvee van Cedar. ‘Toen zagen ze er veel,’ zegt Styron. ‘Ik bedoel: drijvend.’ Dat Cedar Islanders hun hart niet op de tong dragen over zulke dingen, blijkt duidelijk uit de reactie van een anonieme bron als ik vraag wat de mensen erbij voelden dat veel dieren waren omgekomen. Na een ongemakkelijke pauze zegt hij: ‘Dat kun je wel raden, toch?’ En hij voegt eraan toe: ‘Moeder Natuur heeft ze aan ons gegeven en dus kan Moeder Natuur ze ook weer van ons afnemen.’ 

    Als er al getuigen waren van wat er was gebeurd met de wilde kuddes van Cedar Island, dan hebben ze zich niet gemeld. Maar hoogstwaarschijnlijk heeft niemand iets gezien, want de vloedgolf kwam zonder waarschuwing in de duisternis, en de paarden en koeien liepen vaak ver bij de huizen vandaan. De dieren zullen niet diep geslapen hebben die vroege ochtend – wilde dieren zijn ’s nachts waakzamer dan mensen die veilig in hun huizen zitten. Toch waren ze misschien minder alert geworden, omdat ze voelden dat ze de zoveelste orkaan hadden overleefd.

    Dan komt plotseling de zee het land op. Bijna drie meter hoog water bedekt de stranden. Het zet de moerassen onder, waar de koeien zich tegoed doen aan zeehaver en zeegras, en het stroomt over de laagste duinen. Uit het onderzoek van Padilla weten we hoe het schouwspel moet hebben geklonken: hoog, staccato geloei – de alarmkreet van een koe – schalt door de vochtige lucht, het gekrijs van de kalveren wedijvert met het brullen van de wind en de branding. In het water dat met duizelingwekkende snelheid stijgt, zoeken moederkoeien in allerijl naar hun jongen, terwijl rundermaatjes vechten om niet van elkaar gescheiden te worden.

    Achtentwintig paarden zijn weggevaagd. Niemand weet precies hoeveel koeien er zijn meegesleurd – vier van hen lukt het aan land te blijven, en plaatselijke bewoners schatten later dat tussen vijftien en twintig dieren door de vloed zijn meegenomen. Waarschijnlijk tilde het water hun hoeven van de grond, het ene dier na het andere, eerst de veulens en kalfjes, daarna de volwassenen. Tot ze allemaal in de storm waren verdwenen.

    Ander kaliber

    De eilanden die gezamenlijk bekendstaan als de Core Banks, gelegen ten zuidoosten van Cedar Island, zijn ongeveer 60 kilometer lang en in de meeste gevallen nog geen anderhalve kilometer breed. Op de kaart zien ze eruit als een skeletachtige vinger die treurig naar de Noord-Atlantische Oceaan wijst. Zoals de meeste wadeilanden zijn ze laag – ongeveer 2,5 meter boven zeeniveau, met de hoogste duinen tot 7,5 meter – en samen vormen ze de Cape Lookout National Seashore, een beschermd natuurgebied. Orkanen houden altijd flink huis op wadeilanden, maar op de ochtend van 7 september 2019, de dag nadat orkaan Dorian toesloeg, werd duidelijk dat deze storm van een ander kaliber was.

    Voor de orkaan over het gebied trok, waren North en South Core Banks van elkaar gescheiden door één passage, de Ophelia Inlet. Na de storm ontstonden er 99 extra kanalen, die de wadeilanden in 101 stukken verdeelden. Het waren niet gewoon inhammen, maar echte doorgangen. De seiche die over Cedar Island spoelde, botste tegen de wadeilanden en boorde zich er dwars doorheen. ‘In de geschiedenis van het park hadden we aan de Sound-kant nog nooit zoiets gezien als na orkaan Dorian,’ vertelt Jeff West, beheerder van Cape Lookout National Seashore. ‘Ik kreeg vaak het verwijt dat ik twintig procent van het park had laten verdwijnen.’

    West zat op de eerste onderhoudsboot die van Cedar Island naar de Outer Banks voer. Hij meerde aan bij een Park Service-plek enkele kilometers noordwaarts op de Outer Banks en reed in een terreinwagen het strand af. Na vijftig meter kwam hij bij de eerste doorgang. Toen hij tot aan zijn nek in het water stond, vond hij het eerste karkas. Hij nam niet de tijd om vast te stellen of het een paard of een koe was. ‘Soms vinden grote vissen ze lekker,’ vertelt hij.

    Uiteindelijk vindt het personeel van Cape Lookout bijna vijfentwintig dode paarden en koeien, en ook herten en zeevogels. De meeste lagen langs de openzeezijde van de South Core Banks, waarschijnlijk door Ophelia Inlet binnengedreven, voordat ze op het strand aanspoelden. De karkassen die het verst weg lagen werden gevonden bij de vuurtoren van Cape Lookout, bijna vijftig kilometer verwijderd van de plek waar de dieren in zee terechtkwamen.

    Op Cedar Island waren ook zwemmende koeien gespot

    Werkers van Cape Lookout begroeven de lichamen die niet door het tij waren meegevoerd.  

    De meeste media-aandacht ging naar de schade die was aangericht op het eiland Ocracoke. In het eerste bericht over de verloren kuddes van Cedar Island werd alleen gesproken over de verdronken paarden; de koeien kwamen pas in latere artikelen aan de beurt. In de nieuwsstroom dook een futiel berichtje op dat algauw werd vergeten toen de Democraten in het Congres een afzettingsprocedure tegen Donald Trump overhandigden.  

    De vraag is of koeien kunnen zwemmen. Dat kunnen ze. Wie kent niet de beelden van cowboys in het Wilde Westen die met hun kudde een diepe rivier oversteken, om ze naar groene weides of naar de markt te brengen? Op Cedar Island waren ook zwemmende koeien gespot. Een vaste bezoeker beschrijft ‘schattige kalfjes’ die in de rij staan om de oversteek te maken naar Hog Island, net ten zuidoosten van Cedar Island in de Core Sound. ‘Ik had zoiets van: Niet doen! Het is wel een halve kilometer, dat kunnen jullie niet,’ zegt hij. Maar voor de kalveren bleek het een makkie.

    Een smal kanaal oversteken bij kalme zee is één ding, zwemmen tijdens een orkaan is totaal iets anders. Je moest wel erg optimistisch zijn om te geloven dat er dieren van Cedar Island waren die het hadden overleefd. ‘Door hoe de wind waaide was het volgens mij extreem zwaar om je hoofd boven water te houden. Je moest zwemmen terwijl de golven over je heen sloegen,’ zegt Pam Flynn, een gepensioneerde kleuterleidster die sinds 1972 in Down East woont en heeft gezocht naar overlevende dieren. ‘Het moet een marteling zijn geweest, die laatste momenten vol angst en pijn. Hartverscheurend.’

    Pootafdrukken

    Een maand ging voorbij. Als snel slibden de geulen weer dicht door de wind en de golven, maar wat vroeger de zuidelijke punt van de North Core Banks was, bleef twee jaar lang een apart eiland: Middle Core Banks. Op een dag begin oktober stapten leden van het team natuurbeheer van Cape Lookout in hun terreinwagen voor een routineklus op de Middle Core Banks. Bijna dagelijks speurden ze het strand af naar nesten van zeeschildpadden en vogels die gered moesten worden van een populair Amerikaans tijdverdrijf: strandrijden. Dit keer zagen ze iets heel anders: de sporen van een of ander groot dier. Ze waren te groot om van een hert te zijn, en ze hadden twee tenen in plaats van een hoef, dus ze konden niet van een paard zijn. Het kon niet anders of het waren de pootafdrukken van een koe. Een koe van Cedar Island.

    ‘Ik kon het eerst niet geloven,’ zegt West. Als het hulpteam hem foto’s van de pootafdrukken stuurt, wil West niets liever dan deze overlevende koe met eigen ogen zien.

    West bracht zijn jeugd door op een ranch vlak bij Temple, Texas, waar hij leerde om koeiensporen te volgen. Die ervaring zou hem nu van pas komen. In de dagen nadat de hoefafdrukken waren ontdekt, bleek de koe hen steeds te vlug af te zijn, want nog niemand van de National Park Service had haar gezien. Vaak zijn de koeien van Cedar Island ’s nachts actief en verplaatsen ze zich zo snel als schimmen. En hoewel Middle en North Core Banks op sommige plekken zo smal zijn dat je in drie minuten van de Sound-kant naar de Atlantische kant loopt, bestaan ze vooral uit een labyrint van meertjes, moerassen en struikgewas waar het stikt van de vliegen. Bovendien hadden de reddingswerkers ook op de kleine, aangrenzende eilandjes hoefafdrukken gezien; ondanks haar recente zeeavontuur bleek de koe nog steeds korte oversteken te maken. ‘Totaal niet bang om te zwemmen,’ zegt West met bewondering in zijn stem.

    Uiteindelijk vond hij het dier per toeval. West was uitgevaren naar Long Point op North Core Banks, waar enkele rustieke houten hutten stonden die het parkbeheer toen alles nog normaal was verhuurde aan toeristen. De stormvloed had twee stevige bouwwerken verwoest die de door Dorian geteisterde hutten van elektriciteit en gezuiverd water voorzagen. En daar staat hij op z’n dooie gemak te grazen, een duinkleurige koe in de duinen. Zijn vacht lijkt op goudkleurig zand dat over wit zand heen is geblazen. Hij is stevig gespierd en een beetje aan de zware kant: een doodgewone koe.

    ‘We waren ongelooflijk blij toen we de koeien zagen’

    ‘Krijg nou wat, als dat geen koe is!’ West herinnert zich dat hij het hardop zei. ‘Ik kon mijn eigen ogen niet geloven.’ De koe schrok toen ze West zag en ging ervandoor. 

    West wist dat hij de koe moest weghalen. Dat was niet alleen het beste voor het beest zelf, maar ook voor de wilde fauna en flora in het natuurgebied. Het personeel van Cape Lookout had het echter te druk met het opnemen en herstellen van de schade die Dorian had aangericht en kon zich niet om een eigenzinnig rund bekommeren. Het nieuwtje over de overlever verspreidde zich als een lopend vuurtje zodra bezoekers weer naar de Core Banks gingen en de sporen zagen. Onder hen bevonden zich Pam Flynn en haar vriend Mike Carroll. ‘We bleven steeds weer teruggaan,’ zegt Flynn. Ten slotte hadden ze geluk. ‘We waren ongelooflijk blij toen we de koeien zagen.’

    Overlevers

    Inderdaad: niet koe maar koeien, want het waren er drie. De klassieke bleekblonde, die West had gezien, een andere met grote, lichtbruine vlekken als een oude wereldkaart, en een bleek, jongvolwassen exemplaar, waarschijnlijk het kalf van de eerste koe. Op de een of andere manier hadden ze het overleefd en elkaar gevonden, en samen vormden ze een minikudde. ‘Ik begon weer te geloven dat er ook goede dingen in het leven zijn, een sprankeltje hoop,’ zegt Flynn. ‘Een teken dat het goedkomt, zo van: Het is oké, we komen hier doorheen en gaan verder.’

    Op 12 november bracht de Charlotte Observer het verhaal van de overlevende koeien, en vervolgens brak er een mediacircus los op Cedar Island. Een onfortuinlijke plaatselijke figuur, die in de pers onjuist aangeduid werd als de eigenaar of verzorger (de koeien hebben geen van beiden), kreeg te maken met opdringerige verslaggevers aan de deur die hem achterna zaten op zijn eigen terrein. Vooral op televisie werd de geschiedenis van de overlevers gepresenteerd als een bizar goednieuwsverhaal. The Virginian-Pilot bestempelde hen als ‘de koeien die een natie in vervoering brachten’. 

    ‘Ik begon weer te geloven dat er ook goede dingen in het leven zijn’

    Het was het verrassingselement dat het verhaal zo aantrekkelijk maakte: in onze ogen zijn koeien domme, stuntelige, licht komische bruten, geen heldhaftige vechters. De media strooiden natuurlijk met woordspelingen, die het vitalistische verhaal een kinderachtig tintje gaven. Orkaan Dorian kwam ‘als een veedief in de nacht’ aan land en had ze ‘getemd’. Ze noemden het overleven van de koeien ‘een loeisterk verhaal’. The News&Observer uit Raleigh tweette: ‘Zeven kilometer “loeien” met de riemen die je hebt? Wie had gedacht dat koeien zo goed konden zwemmen?’

    Om in te schatten hoe ver de koeien tijdens hun beproeving hadden gezwommen, gingen de journalisten uit van de kortste afstand tussen Cedar Island en de Core Banks en voor hun metingen gebruikten ze digitale hulpmiddelen zoals Google Maps. De meesten schatten de zwemafstand op zes kilometer; NBC gaf de voorkeur aan het precieze getal 5,46 kilometer. Maar toen Alfredo Aretxabaleta, een oceanograaf die bij de USGS werkt, een van deze rechtlijnige metingen zag, leek die hem onjuist. ‘Tijdens een storm denk ik niet dat dit de route is die ze zouden nemen,’ zegt Aretxabaleta. Hij vermoedt dat hun reis langer was – veel langer.

    Aretxabaleta bestudeert de weg die objecten op drift afleggen, met behulp van computermodellen van wind, getijden en stromingen. Hij gooit soms traceerbare apparatuur in zee om te zien waar die heen drijft; zijn wetenschap wordt gekscherend ‘driftologie’ genoemd, maar helpt ons te begrijpen hoe klimaatverandering kusterosie kan beïnvloeden, waar olielozingen en andere soorten verontreiniging kunnen stromen, en waar we maritiem zoek- en reddingswerk moeten uitvoeren. ‘In zekere zin,’ zegt Aretxabaleta, ‘kan dit voorval met de koeien ons ook van nut  zijn bij zoek- en reddingsacties.’

    Toevallig groeide Aretxabaleta op in Spaans Baskenland, op een boerderij waar de koeien af en toe een duik namen in een irrigatievijver. (Zijn conclusie: ‘Het zijn geen goede zwemmers.’) Na orkaan Dorian begon Aretxabaleta in zijn vrije tijd de route te reconstrueren die de overlevende koeien van Cedar Island waarschijnlijk hadden afgelegd. Wat daaruit tevoorschijn kwam, strookte totaal niet met de theorie dat de koeien via de kortste route de Core Sound waren overgestoken. 

    Elke koe vecht niet zozeer om te zwemmen, maar om te blijven drijven

    Volgens Aretxabaleta’s model is de zee, als in de grijze nevel van het eerste licht de koeien worden meegesleurd, een chaos van kolkend, schuimend en opspattend water. Met hun ogen slechts een paar centimeter boven water, verliezen de koeien al snel het land uit het oog tussen golven van wel drie meter hoog; voor een koe is het bijna onmogelijk om de rest van de deinende kudde in de gaten te houden. Elke koe vecht niet zozeer om te zwemmen, maar om te blijven drijven. De stromingen en getijden zijn de baas, versterkt door de kracht van de storm.

    De dieren worden eerst met hoge snelheid naar het zuidoosten gestuwd langs de kust van Cedar Island en vervolgens naar het midden van de Core Sound, waar ze geleidelijk dichter naar de krachtige uitstroom bij Ophelia Inlet worden gezogen. Maar als het tij verandert van eb naar vloed, trekt Ophelia de dieren niet langer naar zich toe, maar duwt ze van zich af. Nu de oceaan weer de Sound in stroomt, wordt de kudde terug naar het noorden gedreven. Eindelijk keert het tij weer en heeft Core Sound vele tientallen nieuwe kanalen gevormd waardoor het water terug naar de Atlantische Oceaan wordt gestuwd. Net als in een badkuip met gaten, zijn het de grootste gaten die de sterkste zuigkracht hebben. Alle nog levende dieren worden weer naar Ophelia Inlet getrokken.

    Het vooruitzicht om door een kanaal te moeten zwemmen, kan angstaanjagend zijn. Surfers graven soms doorgangen tussen de zee en het zoetwater dat zich achter de duinen heeft verzameld; de stroming die in zulke kanalen ontstaat, bootst een rivierversnelling na, met golven die hoog genoeg zijn om op te surfen. De Core Sound is niet veel rustiger dan dat. Nadat het vee van Cedar Island wordt weggespoeld, zakt de wind zeven uur lang niet onder stormkracht en blijven de schuimkoppige golven veel langer hangen. De Core Sound heeft ondiepe plekken zoals zandbanken, en Aretxabaleta hield daar rekening mee in zijn simulaties. Toch is het volgens hem onwaarschijnlijk dat de koeien gedurende hun reis ook maar een ogenblik houvast hebben gevonden op de bodem.

    Zijn model verklaart hoe de koeien en paarden die dood werden gevonden op South Core Banks daar terechtkwamen, vervolgens de Ophelia Inlet werden ingezogen, om daarna aan de zuidkant in de open Atlantische Oceaan te verdwijnen. Volgens zijn schatting zwom geen van de overlevende koeien vier mijl in een rechte lijn. Aretxabaleta denkt dat de afstanden die de koeien levend of dood aflegden variëren van 45 tot bijna 65 kilometer. Zelfs de kortste afstand is aanzienlijk groter dan de afstand over het Engelse Kanaal. Dat is meer dan tien keer wat zwemmers afleggen in een Ironman-triatlon. Volgens de berekening van Aretxabaleta is de absoluut kortste periode die een koe in het water zou hebben gelegen 7,5 uur; de langste is 25 uur.

    Geluk of wijsheid?

    ‘Waren het mensen geweest, dan was het ongelooflijk. Ik bedoel, zoals Robinson Crusoë,’ zegt hij. ‘Het feit dat die drie koeien het hebben overleefd, is haast een wonder te noemen.’

    Maar stel dat we geen genoegen nemen met wonderen, laat staan een ‘loei van een wonder’ als dit! Stel dat we weigeren te geloven dat de koeien het puur toevallig hebben overleefd, dan nog kunnen we andere factoren in overweging nemen, die allemaal te maken hebben met hoe mensen rundvee behandelen.

    De eerste mogelijkheid is dat de koeien van Cedar Island hun beproeving konden doorstaan doordat ze een ras apart waren, niet figuurlijk maar letterlijk. Bloedgroep- en DNA-tests laten zien dat de wilde paarden die op Cedar Island leven waarschijnlijk afstammen van Spaanse koloniale paarden, die in 1521 met Juan Ponce de León in de Verenigde Staten aan land kwamen. Ook de koeien kunnen Spaans koloniaal bloed hebben; maar dat weet niemand, omdat hun genetische samenstelling nog moet worden bestudeerd. Zeker is dat er sinds 1584 runderen zijn achtergelaten of schipbreuk hebben geleden langs de kust van North Carolina. De Cedar Island-runderen zouden een afstamming van meer dan vier eeuwen kunnen hebben.

    Rundvee van Spaanse afkomst is berucht om zijn taaiheid

    Spaans koloniaal rundvee is anders dan de commerciële rassen die vandaag de dag de overhand hebben. ‘Ze leven lang, het zijn goede moeders en ze eten dingen die andere runderen niet eten,’ zegt Jeannette Beranger, senior programmamanager bij de Livestock Conservancy in Pittsboro, North Carolina. ‘En ze zijn slim. De lokale bewoners zeggen altijd: “Pas op dat ze je lunch niet stelen!”’

    Ze zijn ook berucht om hun taaiheid. In de tijd vóór de Burgeroorlog stond het pineywoods-rundvee van Spaanse afkomst er bijvoorbeeld om bekend dat het hitte kon verdragen, bestand was tegen ziekten en kon leven in een omgeving die te onherbergzaam was voor commerciële rassen. Het ruige karakter van de pineywoods-koeien leidde tot een heel andere relatie tussen hen en hun eigenaars dan we tegenwoordig zien in de industriële landbouw. Sommige veeboeren hadden zo veel respect voor hun vee dat ze niet toestonden dat er honden werden gebruikt die de dieren opjagen tijdens het bijeendrijven. Anderen vonden het verkeerd en onwaardig om de koeien binnen een omheining op te sluiten. Pas in de jaren 1950, met commercieel voer en gemotoriseerd materieel dat gebruikt werd om de weiden vrij te maken en te maaien, begonnen de pineywoods-kuddes te verdwijnen, hoewel een klein aantal boeren in het diepe zuiden ze nog steeds fokt.

    Phillip Sponenberg, een veterinair wetenschapper die al vijftig jaar zoekt naar de zuiverste afstammelingen van Spaans vee in de Verenigde Staten, bespeurt aanwijzingen dat de koeien van Cedar Island althans een spoortje van die afkomst dragen. ‘Sommige zijn hoofdzakelijk wit maar hebben wel donkere oren, ogen, neuzen en hoeven. Dat is een vrij uniek kleurenpatroon dat in Noord-Amerika vaak een Spaanse oorsprong heeft,’ zegt hij. Sommige Cedar Island-runderen hebben ook gedraaide hoorns als die van een Spaanse koloniale koe.

    Het feit dat er überhaupt koeien zijn die de vloedgolf van Dorian hebben overleefd, is een duidelijk bewijs dat het hier niet om gewoon rundvee gaat

    Verschillende deskundigen die ik sprak, zeggen dat het feit dat er überhaupt koeien zijn die de vloedgolf van Dorian hebben overleefd, een duidelijk bewijs is dat het hier niet om gewoon rundvee gaat. De meesten waren het erover eens dat geen enkel modern ras zo’n ramp zou hebben doorstaan. Hieruit blijkt hoe we koeien hebben gedegradeerd en er zwakke en hulpbehoevende dieren van hebben gemaakt. We voelen ons er comfortabel bij en kunnen de onprettige gedachte mijden dat deze dieren, die we zo graag eten, de orkaan konden overleven doordat ze dezelfde mentale energiebronnen hebben als wij in extreme omstandigheden. Niet alleen een aangeboren overlevingsinstinct dus, maar een sterke wil om te leven – sterk genoeg om een urenlange strijd op leven en dood vol te houden.

    Ik onderbreek hier mijn verhaal om te zeggen dat ik rundvlees eet. Mijn cornflakes eet ik met koemelk en in mijn kleerkast heb ik lederen schoenen en riemen. Toch stel ik net als veel andere mensen vragen bij het fokken en slachten van koeien. Het zijn ethische dilemma’s die ingewikkeld en zijn soms ronduit bizar. Maar ik had nooit gedacht dat ik nog eens bij de psychologie van de koe zou uitkomen. Ik wilde gewoon weten waarom de ene koe zwemmend een orkaan kon overleven en de andere niet.

    Koeienpsychologie

    Opmerkelijk genoeg voor een dier dat duizenden jaren voor het begin van de beschaving werd gedomesticeerd, stamt de wetenschappelijke bestudering van koeien, los van hun rol als vee, vooral van recente datum. Toen Mónica Padilla de la Torre meer dan tien jaar geleden het bestaande onderzoek naar communicatie tussen koeien bestudeerde, ontdekte ze tot haar verbazing dat er nog bijna niets over dit onderwerp was onderzocht. Daarom begon ze vanaf nul en ging ze de koeien door een verrekijker observeren, als een Dian Fossey van de weilanden. “Ik denk dat we de morele verantwoordelijkheid hebben om deze dieren, waar we al zo lang mee leven, te leren kennen,” zegt ze.

    Voor een artikel in 2017 las Lori Marino, een biopsycholoog, elke studie die ze kon vinden over koeienpsychologie. Opnieuw viel de vondst tegen. ‘Er valt nog veel te leren over deze dieren,’ zegt Marino. ‘Er bestaat weerstand om hun cognitieve, sociale en emotionele complexiteit werkelijk onder ogen te zien.’

    Het probleem is natuurlijk dat die complexiteit onze relatie met de soort kan verstoren. Onze houding ten opzichte van koeien komt volgens Marino voort uit de heersende ideologie die hen afschildert als saaie wezens die hun leventje wel goed vinden zo, ook al bestaat dat leventje uit overbevolkte stallen, onbehandelde kreupelheid, brandwonden door een gloeiend heet ijzer en kalveren die bij ze worden weggehaald – praktijken die van alledag zijn in de moderne bio-industrie.

    Koeien zijn stoïcijnen; ze verbijten zich

    In Marino’s analyse van het beschikbare onderzoek stelde zij echter vast dat koeien ‘een zeer gevoelige tastzin hebben’ en dat ze op dezelfde manier reageren op letsel of mogelijke pijn als honden, katten en mensen: ze vermijden deze door te hinken, kreunen en tandenknarsen, en vertonen als ze pijn hebben een hoger gehalte aan stresshormonen in hun bloed. Maar hevige pijn en stress zijn bij koeien wellicht moeilijker te herkennen, doordat ze zich als prooidieren evolutionair zo hebben aangepast dat ze geen enkel teken van zwakheid tonen dat roofdieren zou kunnen aantrekken. Koeien zijn stoïcijnen; ze verbijten zich.

    Hoewel er weinig bekend is over koeienpsychologie, vond ik wat ik las toch verrassend. Het raakte me om te horen dat koeien elkaar gemakkelijk herkennen en dat ze in staat zijn koeien van welk ras dan ook te onderscheiden van andere diersoorten. Koeien kunnen met gemak door fysieke doolhoven navigeren en de weg in zich opslaan, en daarin zijn ze beter dan kippen, ratten en zelfs katten, zodat de onderzoekers in de studie concludeerden dat ‘de opgave te eenvoudig was’. Toen de koeien werden getest in complexere doolhoven, slaagde een op de vijf in de moeilijkste uitdagingen. Toen ze zes weken later opnieuw werden getest, wisten ze nog precies de weg door het doolhof te vinden.

    Dit is relevante informatie om de vraag te kunnen beantwoorden waarom koeien een orkaan konden overleven door te zwemmen. Want je weg door een doolhof vinden, vergt niet alleen intelligentie maar ook motivatie. Weliswaar wist slechts een op de vijf koeien het ingewikkeldere doolhof door te komen, maar de reden daarvoor kan zijn dat koeien een hekel hebben aan alleen zijn en bang zijn op plekken waar roofdieren zich goed kunnen schuilhouden, zoals een doolhof. Tijdens de test bleek dat sommige koeien, ondanks dat ze aan het eind wat lekkers als beloning kregen, toch tegenstand boden, opgaven of bang werden, terwijl andere moediger en nieuwsgieriger waren. Volgens de onderzoekers ‘kan dit betekenen dat ook persoonlijkheid een rol speelt’. 

    Wilskracht

    Dat ze waarschijnlijk een sterke persoonlijke wil hebben, blijkt ook uit voorbeelden van koeien die uit een slachthuis wisten te ontsnappen. Een van de opmerkelijkste gevallen is een koe van bijna 500 kilogram die in 2002 uit een fabriek in Cincinnati losbrak. Het crèmekleurige rund sprong over een hek van een meter hoog, werd gezien in een nabijgelegen zijstraat, vervolgens op een grote parkeerplaats, waarna ze zich uiteindelijk tussen de bomen in een stadspark wist te verbergen. Elf dagen lang kon ze de dierenbescherming ontwijken en was ze de verdovingspijlen, de vallen en zelfs thermische beelden van een politiehelikopter te slim af, totdat ze uiteindelijk werd gevangen.

    De dieren die we opeten zijn naamloos, maar ontsnapte koeien die het nieuws halen worden vaak beloond met een naam. Daarna is het onwaarschijnlijk dat ze weer in de industriële productie belanden. In dit geval werd de koe Cincinnati Freedom genoemd, en ze verbleef de rest van haar dagen in een opvangcentrum waar ze weinig contact had met mensen maar wel een band ontwikkelde met drie andere koeien die uit het slachthuis waren ontsnapt. Toen ‘Cinci’ in 2008 stervende was, vielen haar maatjes de auto van een behandelend dierenarts aan.

    We hebben altijd gedacht, vanuit onze heersende ideologie, om Marino’s term te gebruiken, dat de manier waarop koeien de wereld om hen heen ervaren uitsluitend aangeboren of instinctief is. Volgens deze benadering zou de overleving van de koeien, toen ze van Cedar Island werden meegesleurd in de woeste oceaan, uitsluitend zijn bepaald door geluk en fysieke kracht.

    Is het denkbaar dat drie van hen zo’n buitengewone mentale kracht bezaten dat ze hun lichaam tot het uiterste konden laten drijven, alleen om te overleven?

    Als elke koe een eigen persoonlijkheid heeft, misschien niet zo complex als de onze maar daarom niet minder uniek, dan moeten we die zienswijze wellicht bijstellen. Nadat de storm de kudde had meegesleurd, raakten sommige koeien misschien al snel in paniek en bezweken ze doordat ze water binnenkregen of uitgeput raakten. Andere, die door de sterke stroming van de seiche steeds verder van land werden meegesleurd, zouden geleidelijk hun vechtlust hebben verloren. Maar is het denkbaar dat drie van hen zo’n buitengewone mentale kracht bezaten dat ze hun lichaam tot het uiterste konden laten drijven, alleen om te overleven?

    ‘Hier is de term “wilskracht” op zijn plaats,’ zegt Marino. ‘Zonder twijfel.’

    Niemand zal ooit zeker weten wat de koeien precies hebben doorgemaakt. Hebben de twee die later samen aan land werden gezien, ook samen gezwommen? We zullen er nooit achter komen. Maar we mogen er wel van uitgaan dat de koeien in het water ten minste hebben geprobeerd bij elkaar te blijven. Studies tonen aan dat de stress bij koeien alleen al doordat ze een andere koe zien vermindert. Waarschijnlijk waren ze minder bang voor het stormgeweld doordat ze samen waren en maakte dat alleen al het verschil.

    We kunnen ons de drie koeien voorstellen terwijl ze wanhopig hun ogen dichtknijpen tegen de schuimende golven en de wind. De kou die in hun ledematen trekt, de pijn die hun spieren geleidelijk aan uitput, de dorst en honger na uren op zee, het gekmakende gejank van de wind. Dan eindelijk weer land zien, of misschien eerst ruiken. Het gebrul van de angstaanjagende zee-inhammen horen en vechten om er niet in meegezogen te worden.

    Hun hoeven die het zand raken.

    Krabbelen om voet aan de grond te krijgen.

    Het land op gestuwd worden, terwijl het water onder hun poten doorraast. Teruggesleurd worden, de woeste oceaan in.

    Eindelijk kunnen ze vrij rondlopen, buitengewoon opgelucht dat ze nog in leven zijn. 

    Wat daarna gebeurde, kunnen we illustreren aan de hand van een ander overlevingsverhaal van een dier. Toen orkaan Fran in 1996 toesloeg, trof een vloedgolf de kantoren van een autobergingsbedrijf uit New Bern, North Carolina, en steeg het water tot bijna een halve meter. Binnen zat waakhond Petey, die 25 centimeter groot was. Toen het water zich had teruggetrokken, vond de eigenaar van Petey zijn hond levend maar compleet uitgeput terug. Toen hij zag dat Petey tot aan zijn nek doorweekt was met modderig, olieachtig water, vermoedde hij dat zijn huisdier wel acht uur lang in het gebouw had gewatertrappeld om te overleven. Zoals elk dier dat een zware beproeving heeft doorstaan, sliep Petey vervolgens een paar dagen achter elkaar.

    ‘Mavericks’

    Hoewel het tegenwoordig niet meer zo vaak gebruikt wordt, hebben we een woord voor koeien die net als mustangs vrij rondlopen: mavericks [buitenbeentjes]. Die naam hebben ze te danken aan een zekere Samuel A. Maverick uit Texas. Rond het jaar 1850 verdwenen zijn dieren, die niet opgemerkt waren, in het omliggende land. Er bestaat een versie van het verhaal waarin de koeien door een orkaan uiteengejaagd werden.

    Het is dan ook niet zo gek dat op 21 november 2019 zes cowhands – compleet met lasso’s, beenkappen en sporen – de taak kregen om de drie ‘mavericks’ op North Core Banks te gaan zoeken. Een van de mannen droeg een geweer geladen met verdovingspijlen, en Jeff West reed met een Park Service-terreinwagen naast de cowhands te paard. Het plan was altijd geweest om de koeien terug te halen, zei West. Desondanks werd er hevig gediscussieerd.

    ‘Sommige mensen vonden dat we ze moesten afmaken. Einde probleem,’ zegt West. ‘Anderen vonden het zonde van het belastinggeld – dat hoorde ik vaak. Weer anderen zeiden dat we ze met rust moesten laten. Gewoon daar op de Banks laten rondlopen.’

    ‘Ze verdienen een leven. Maak van onze schatjes geen vlees, na alles wat ze moesten doorstaan!’

    Velen waren van mening dat de koeien het alleen hadden overleefd om bij een eigenaar terecht te komen die ze zou vetmesten voor de slacht. Op de Facebookpagina van de Cape Lookout National Seashore kwam het thema naar voren dat de koeien het verdienden om in leven te blijven; door hun doop in de vloed waren ze hun plaats in het systeem der dingen ontstegen. ‘Als ze dan toch weggehaald moeten worden, breng ze dan naar een reservaat. Ze verdienen een leven. Maak van onze schatjes geen vlees, na alles wat ze moesten doorstaan!’ schreef Misty Romano. Don Riggs uit Asbury, New Jersey, schreef: ‘Meen je dat nou? Sla dan ook de boerderij over en breng ze meteen naar het slachthuis!’ Judy Cook uit Oak Island, North Carolina, vond de koeien gewoon ‘net zo cool als de paarden’.

    De huidige opvatting over koeien is niet eenduidig. Velen van ons, zo niet de meesten, lijken in staat om ergens in hun hoofd het idee te koesteren dat koeien ook gevoelige wezens zijn die onze compassie verdienen. Even goed zijn we in staat om de gedachte te onderdrukken dat we koeien doden voor ons profijt, nadat we ze onder wrede omstandigheden hebben laten lijden. Jessica Due, senior directeur redding en dierenwelzijn bij Farm Sanctuary, een organisatie die zich inzet voor het stopzetten van de agrarische exploitatie van vee, vertelt een verhaal dat illustreert hoe dit kan uitpakken. Het opvangcentrum is meer dan eens door dezelfde man gebeld om een dier uit het slachthuis te komen redden. De man in kwestie is de eigenaar van het slachthuis. Hij belt in het zeldzame geval dat een koe tijdens de verwerking aan het bevallen is. Daar trekt hij de grens; hij wil absoluut niet dat deze moederkoeien gedood worden. Los daarvan ziet hij bijna dagelijks koeien geslacht worden.

    Maar juist nu er meer onderzoek gedaan wordt ter ondersteuning van het idee dat koeien meer zijn dan we altijd dachten, liggen ze ook onder vuur als milieuvervuilers. Runderen zouden 9 procent van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen veroorzaken, onder andere door hun beruchte winden en boeren die veel methaan bevatten. Koeien die door een orkaan heen zwemmen: het zou een hedendaagse prent van Hokusai kunnen zijn. Daarom kijken progressieven en veganisten uit naar een toekomst met veel minder koeien – om de planeet te redden, om de dieren te beschermen tegen onze wreedheid, of allebei. Maar in de rundvleesindustrie willen de meesten er nog niet aan dat koeien echt gevoel hebben. In de tienduizend jaar van de relatie mens-koe hebben de koeien nog nooit zo weinig medestanders gehad als nu. 

    Klimaatvriendelijke veeboerderij

    Stephen Broadwell, de leider van de cowhands die bijna drie maanden na orkaan Dorian nog steeds over North Core Banks draven, is een van die medestanders. Broadwell draagt vaak een cowboyhoed en zijn huid is verweerd door de zon, maar hier houdt het stereotype zo’n beetje op. Hij  groeide op tussen de maïs, tabak en sojabonen, in het gebied waar het Piemond Plateau in North Carolina en de kustvlakte in elkaar overgaan. Hij droomde ervan om ranger te worden. ‘Zo gaat dat, ik denk dat het in je zit,’ zegt hij. Op zijn dertiende nam hij een vakantiebaantje op een boerderij van 80.000 hectare in het zuiden van Colorado, en toen was het besloten: hij werd cowboy.

    Hij studeerde vroegtijdig af aan de middelbare school, behaalde zijn diploma als dierenartsassistent en kon meteen aan de slag bij 3R Ranch Outfitters aan de voet van de Wet Mountains, ten zuidwesten van Pueblo. Daar kwam hij in aanraking met veehouderij die natuurlijke systemen probeert na te bootsen. ‘De buren zagen die ranch als een soort van magisch paradijs, maar het ging simpelweg om een wijze van bedrijfsvoering waarmee al jaren eerder begonnen was. Dat maakte me enthousiast.’

    Het bedrijf dat hij tegenwoordig runt, Ranch Solutions, kan het best worden omschreven als een holistisch adviesbureau voor veehouderijen. Broadwell doet alles op je land wat nodig is, ook een nieuw huis bouwen en je eerste koeien weiden. Maar hij heeft één regel: als je meer vee wil houden dan goed is voor je land, dan doet hij niet mee. Hij laat foto’s zien waarop zijn team door het weelderige, kniehoge gras van het terrein van een klant rijdt. Het is een veld dat al was begraasd, maar waar het vee werd weggehaald voordat het helemaal kaalgevreten was. Het grasland werd bemest met stalmest en voorzien van begroeiing die zorgt voor meer stikstof in de bodem tijdens de winter, waardoor het grasland meer koolstof kan opslaan. Broadwell gelooft dat een veeboerderij een ecosysteem kan vormen. 

    We moeten minder koeien houden en ze laten grazen op een manier die het natuurlijke systeem nabootst

    De bewering dat je met holistisch management zo ver kunt gaan, wordt fel betwist, maar recent onderzoek wijst uit dat vee inderdaad kan leven en sterven zonder bij te dragen aan klimaatverandering. (Hierbij moet worden opgemerkt dat er sprake is van een belangrijke ‘pot-verwijt-de-ketelfactor’, aangezien de CO2-voetafdruk van de gemiddelde Amerikaanse mens twee keer zo groot is als die van de gemiddelde Amerikaanse koe.) Maar we moeten wel minder koeien houden en ze laten grazen op een manier die het natuurlijke systeem nabootst. We moeten ze bovendien weghouden van land dat beter geschikt is voor voedselgewassen.

    Ons vee zou in de toekomst wel eens kunnen lijken op de Cedar Island-kudde. Deze koeien zijn in staat hitte te overleven die moderne rassen zou doen uitdrogen, op land waar onze gewassen niet kunnen groeien. Ze hebben zich aangepast om te eten wat bijna geen ander dier kan. ‘Zelfs een geitenbok eet het niet,’ zegt  Broadwell. Hier zijn de koeien ziekteresistent, drinken ze brak water en moeten ze zichzelf verdedigen tegen roofdieren. Ze hebben over het algemeen weinig nodig, laat staan koolstofrijke lekkernijen. Het is het soort koeien waar we in het verleden respect voor hadden, en misschien komt dat ooit terug.’

    ‘Ik groeide op met verhalen van mijn oudere familieleden over hoe ze koeien door de rivierbedding moesten drijven’ – steile kliffen en ravijnen. ‘Dat ze meer op herten dan op koeien leken,’ zegt Jeff West, terugdenkend aan zijn jeugd in Texas. ‘We hielden koeien in het militair reservaat van North Fort Hood, en we bemoeiden ons maar één keer per jaar met ze: als we ze gingen ophalen. Sommige koeien waren behoorlijk stoer. Maar niet zoals deze hier op Cedar Island. Ik ben nog nooit zulke koeien tegengekomen.’

    Reddingsactie

    Toen Ranch Solutions en West voor de reddingsactie op North Core Banks aankwamen, waren ze van plan om de overlevende koeien uit het moerasgras te halen, dat in een enorme laag modder groeit die op sommige plaatsen zo dik is dat een paard er tot aan de buik in kan wegzakken. Dan was er nog de chaparral [taaie begroeiing]. ‘Dicht is een slecht woord om het te beschrijven,’ zegt West. ‘Niemand komt erdoorheen, zo weerbarstig is het.’ Het kostte veel tijd om de koeien te lokaliseren en ze vervolgens naar open gebied te drijven, zodat ze een voor een met een pijl konden worden verdoofd. Twee van de drie waren door de verdoving gewillig genoeg om naar de trailer te worden geleid die met de veerboot naar het eiland was gebracht.

    De derde koe, de eerste die na de orkaan gezien werd – alleen – was absoluut niet gewillig. Ze ontsnapte naar de noordkant en slaagde erin zich te verstoppen in bijzonder dichtbegroeid en moeilijk begaanbaar gebied. Het team kon nog net zien waar ze verdween en slaagde erin haar met een tweede pijl te raken. Daarna wachtten ze, want nu zou ze wel in slaap gaan vallen. Maar dat gebeurde niet. Uiteindelijk probeerden de cowhands haar te benaderen.

    ‘En weer ging ze ervandoor,’ zegt West.

    Net achter de kust ligt het vakantieterrein van Long Point, waar West de koe een paar weken na de storm voor het eerst had gezien. De gebouwen staan nog steeds leeg. De wind giert en suist langs de verweerde houten muren. Met de hordeuren die piepen in hun roestige scharnieren en het hoefgetrappel van de paarden in het zand, is dit het perfecte decor voor een schietpartij in een spaghettiwestern. Een van de ruiters ziet een vrije vuurlijn. De knal van zijn geweer weerkaatst tussen de chalets en lost op in het gebrul van de kolkende branding.

    Het lukt de koe opnieuw om weg te komen, ook al heeft ze drie shots aan verdovend middel in haar lijf en sijpelt het bloed van haar bleke vacht. Ze rent van het terrein af. Het strand op. Na bijna anderhalve kilometer kan ze niet meer. Dus wandelt ze verder. ‘Als een O.J. Simpson, maar dan in slow motion,’ zegt West. ‘Ik en alle andere cowboys in een trage achtervolging, stapvoets achter die koe aan, tot ze stopt.’

    Als ze dan eindelijk stilstaat, staart ze hen aan. ‘Zo van: kom maar op,’ zegt West. De mannen omsingelen haar, maar ze slaagt er nog een laatste keer in om weg te komen. Dan gooien ze touwen om haar heen en dwingen haar naar de grond.

    Daarna gaat het gemakkelijker. De zon staat al aan de horizon als ze een dekzeil onder haar buik trekken en haar het strand afslepen. Ingesloten tussen de wanden van de trailer komt ze bij naast haar twee overlevende koeienmaatjes. Het verse hooi en water dat hun wordt aangeboden, weigeren ze alle drie.

    Hereniging

    De volgende ochtend neemt Ranch Solutions de koeien mee in de ferry over de Core Sound en rijdt dan via de noordelijke kaap van Cedar Island naar het strand. Broadwell heeft de eer de deur van de aanhanger open te gooien. Met voorzichtige passen lopen de koeien naar de uitgang. Dan breken ze los uit hun cel. Ze rennen – galopperen – het zand op, met hun kop in de lucht en gespitste oren. Want ze voelen dat ze thuis zijn – en vrij. 

    Op Cedar Island bracht de terugkeer van de koeien een vertrouwd gevoel met zich mee. Toen ik een winkelier vroeg hoe de eilandbewoners nu met de dieren omgaan, aarzelde ze geen moment: ‘Hevig beschermend,’ zei ze. Niemand die ik sprak op Cedar Island kende iemand die getuige was van de hereniging van de drie koeien met de overgebleven kudde – de vier dieren die niet door de storm waren meegesleurd. Maar volgens Padilla hebben ze waarschijnlijk elkaars snuit besnuffeld, zachtjes geloeid en een beetje gestoeid. Dat kan ook van verdriet geweest zijn.

    ‘Alles wijst erop dat er besef van verlies is en leedgevoel, criteria die aan mijn opvatting van rouw voldoen’

    Mensen die dit onderwerp hebben onderzocht, zoals Barbara J. King, emeritus hoogleraar antropologie aan het College of William and Mary en auteur van How Animals Grieve, denken dat de klap het hardst aankwam toen de overlevende dieren thuiskwamen en de kudde gedecimeerd aantroffen. Het zou best kunnen dat ze het gebied hebben afgezocht naar vermiste kuddegenoten en luid hebben geloeid in een poging contact te maken. King, die haar woorden zorgvuldig kiest, zegt: ‘Alles wijst erop dat er besef van verlies is en leedgevoel, criteria die aan mijn opvatting van rouw voldoen.’

    Maar eenmaal thuis bleek er sprake te zijn van een andere soort verrassing. De koe die zo hard had gevochten om niet door de mannen te worden gevangen, bleek drachtig te zijn. Zou dat een rol hebben gespeeld bij haar overleving? Als een koe wil vechten voor haar leven, kan ze dan ook vechten voor het leven van haar ongeboren kalf? ‘Biologisch gezien zou dat geen gekke aanname zijn,’ zegt Padilla. ‘Ze wil dat het kalf in leven blijft.’

    Twee maanden nadat ze was teruggebracht naar Cedar Island, beviel de drachtige koe van een gezond kalf, zo blond als de duinen. Alsof het wilde laten zien wat het in de baarmoeder had meegemaakt, werd het geboren met één bruin en één blauw oog. Het kalf kreeg geen naam, maar de moeder wel: Dori. Dat is geen verwijzing naar het personage in Finding Nemo dat zingt over hoe we in moeilijke tijden moeten blijven zwemmen, zwemmen, zwemmen; ze werd vernoemd naar orkaan Dorian.

    Lees ook:

  • Zeker 19 kinderen omgekomen na brand in school Guyana

    Zeker 19 kinderen omgekomen na brand in school Guyana

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Mexico houdt activiteit rondom vulkaan Popocatepetl scherp in de gaten

    » Colombia schort wapenstilstand met rebellenbeweging op

    Volgens de politie was er mogelijk sprake van brandstichting

    Bij een brand in een school in de Guyanese stad Mahdia zijn zeker negentien kinderen om het leven gekomen. Ze sliepen in de slaapzaal van de school toen de brand uitbrak. Volgens de politie was er mogelijk sprake van brandstichting door een van de leerlingen, zo schrijft Stabroek News.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Ruim drieëntwintig kinderen liggen nog in het ziekenhuis met brandwonden en ademhalingsproblemen. Zes van hen liggen in de hoofdstad Georgetown, waar betere medische hulp kan worden geboden. Door de ernst van de brandwonden is bij meerdere dodelijke slachtoffers nog niet de identiteit vastgesteld. De meerderheid van de slachtoffers waren inheemse meisjes uit de omgeving van Mahdia.

    De Guyanese president Irfaan Ali is na de ramp afgereisd naar Mahdia voor een ontmoeting met de nabestaanden van de kinderen. Hij heeft een periode van drie dagen van nationale rouw afgekondigd. ‘Er zijn geen woorden die de omvang van de pijn kunnen beschrijven die onze broeders en zusters doormaken. Dit is een pijn die we als natie en als familie moeten dragen,’ zei hij.

    Lees ook:

  • Duizenden evacuaties na zware regenval in Noord-Italië

    Duizenden evacuaties na zware regenval in Noord-Italië

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Gevechten in Soedan gaan door ondanks gesprekken

    » Myanmar getroffen door zwaarste cycloon in jaren

    Het regent al dagenlang hard in het noorden van Italië

    Hevige regenval in het noorden van Italië heeft gezorgd voor zware problemen. Volgens ABC News hebben duizenden mensen hun huis moeten verlaten en zijn meerdere rivieren in de regio buiten hun oevers getreden. Er is één dode gemeld: een man die uit zijn huis werd gesleurd door het stijgende water.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Het zwaartepunt van het natuurgeweld ligt in de regio Emilia-Romagna, waar het al ruim een week zeer hard regent. Door de overstromingen zijn er in het bergachtige gebied aardverschuivingen geweest, waardoor infrastructuur en huizen zwaar beschadigd zijn geraakt. Uit meerdere delen van Italië zijn reddingswerkers afgereisd naar het gebied om mensen te helpen met de evacuaties.

    Daarnaast is in het rampgebied sprake van elektriciteitsproblemen, en is het openbaar vervoer zo goed als stilgelegd. Scholen en veel andere publieke instellingen blijven de komende dagen dicht en mensen worden opgeroepen binnen te blijven, tenzij ze vanwege mogelijke overstromingen moeten evacueren.

    Lees ook:

  • Myanmar getroffen door zwaarste cycloon in jaren

    Myanmar getroffen door zwaarste cycloon in jaren

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Duizenden evacuaties na zware regenval in Noord-Italië

    » Gevechten in Soedan gaan door ondanks gesprekken

    Cycloon Mocha heeft honderden slachtoffers gemaakt

    Cycloon Mocha, die dit weekend aan land ging in Myanmar, heeft aan zeker vierhonderd mensen het leven gekost. Volgens de BBC gaat het om een van de zwaarste cyclonen die de regio de afgelopen jaren heeft getroffen. Het merendeel van de slachtoffers zijn Rohingya-vluchtelingen in de provincie Rakhine.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Mocha kwam dit weekend aan land in de grensstreek tussen Myanmar en Bangladesh en haalde daarbij windsnelheden tot 250 kilometer per uur. In de regio bevinden zich veel vluchtelingenkampen waar mensen reeds in erbarmelijke omstandigheden leven en die zwaar zijn geraakt. In de dagen voorafgaand aan de aankomst van de cycloon hadden beide landen al honderdduizenden mensen geëvacueerd.

    Of Myanmar internationale hulp krijgt, is nog maar de vraag, gezien de autocratische regering die momenteel de scepter zwaait in het land. Westerse landen zouden vrezen dat deze regering, die na de militaire coup van 2021 aan de macht kwam, de hulp voor politieke doeleinden zou kunnen gebruiken.

    Lees ook:

  • Nieuw-Zeeland: zeker zes doden bij brand in hostel

    Nieuw-Zeeland: zeker zes doden bij brand in hostel

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Belangrijkste oppositieleider Tunesië veroordeeld tot celstraf

    » Aantal executies door landen vorig jaar flink gestegen

    Het aantal doden kan de komende uren of dagen nog oplopen

    Bij een brand in een hostel in de Nieuw-Zeelandse stad Wellington zijn zeker zes doden gevallen. Volgens New Zealand Herald ligt het aantal mogelijk hoger, omdat er sprake is van meerdere vermisten die mogelijk nog in het gebouw zijn. Van de ruim negentig aanwezigen hebben zeker vijftig mensen het gebouw kunnen verlaten.

    Waardoor de brand ontstond is nog onduidelijk, maar de brandweer zegt wel dat de sproeiers in het plafond van het hostel niet werkten. Daarnaast zou de brand mogelijk zijn aangestoken. Het hostel werd veel gebruikt door seizoensarbeiders, die lagen te slapen op het moment dat de brand uitbrak.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Omdat het vuur zich snel verspreidde, was het lastig voor de brandweer om het gebouw te betreden en mensen te redden. Op internet gaan beelden rond van mensen die uit ramen springen om zichzelf in veiligheid te brengen. Verdere reddingsactiviteiten zijn momenteel nog te gevaarlijk vanwege instortingsgevaar van het gebouw.

    Lees ook:

  • Peru: 27 doden bij brand in goudmijn

    Peru: 27 doden bij brand in goudmijn

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Syrië van Bashar al-Assad is na 12 jaar weer welkom in de Arabische Liga

    » Slowaakse regering treedt af, premier vervangen door ’technocraat‘

    Brand ontstond door kortsluiting op 100 meter diepte

    Een kortsluiting heeft zaterdag brand veroorzaakt in een goudmijn in de regio Arequipa in het zuiden van Peru, waarbij ten minste zevenentwintig mensen om het leven zijn gekomen, aldus Radio Programas del Perú (RPP). Het ongeluk gebeurde op een diepte van ongeveer 100 meter.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Tegen zondagavond, ‘na zes uur intensief werk, waren twaalf lichamen geborgen’, aldus de website van het Peruaanse radiostation. Omdat de mijnschacht wordt ondersteund door verschillende houten blokken, verspreidde het vuur zich snel, waardoor de mijnwerkers in de gang waar de brand ontstond vastzaten.

    Volgens RPP blokkeerden zondagmiddag familieleden van de slachtoffers de toegang tot het terrein van de mijn. Ze hadden een busje bij de ingang geparkeerd om te voorkomen dat eenheden van de reddingsdienst zouden vertrekken, uit protest tegen de vertraging van de reddingsoperatie en omdat zij niet naar binnen mochten om bij de zoektocht naar de lichamen van hun naasten zijn.

    Lees ook:

  • Zo is Turkije er twee maanden na de aardbeving aan toe: ‘Je familie, je vrienden zijn dood’

    Zo is Turkije er twee maanden na de aardbeving aan toe: ‘Je familie, je vrienden zijn dood’

    Op 6 februari werden Turkije en Syrië getroffen door zware aardbevingen. Nog steeds wonen miljoenen mensen in tenten en rouwen ze om hun doden. Süddeutsche Zeitung bezocht de gehavende stad Kahramanmaras.

    Een bestuurder van een graafmachine vertelt hoe hij merkt dat zijn schop niet op betonpuin, kabels of kapotte schoolboeken is gestoten, maar op een lichaam. ‘Dan wordt die vochtig,’ zegt hij.

    Hij graaft verder, voorzichtig nu. Vocht in deze stoffige berg, waarin alles is samengeperst van wat ooit iemands huis was. Vocht is een teken van leven, een leven dat voorbij is. ‘Je wordt er voortdurend aan herinnerd,’ zegt hij. Elk moment, elke keer als de schep van zijn machine de berg puin in gaat. Al wekenlang doet hij niets anders. Ligt er een lichaam? Is het een dood dier?

    Wil hij dan niet wegkijken, om niet te hoeven zien wat de schep raakt? ‘Ik let op,’ zegt hij. ‘Vanzelfsprekend. Altijd.’

    Verder

    April in de Turkse stad Kahramanmaras, twee maanden na de aardbevingen. Ze noemen het nu de ramp van de eeuw en dat klinkt groot maar ook passend. Volgens de Turkse regering kwamen iets meer dan vijftigduizend mensen om. In Syrië zou het om ongeveer zevenduizend slachtoffers gaan. De Turkse oppositie wantrouwt de cijfers, nu ze heeft ontdekt dat sinds de bevingen bijna driehonderdduizend mobiele telefoons niet meer bereikbaar zijn.

    Meer dan twee miljoen mensen leven in tenten, volgens president Erdogan. Dat cijfer klopt in ieder geval. Tijdens een urenlange tocht langs Koerdische dorpen tot aan de Middellandse Zee zie je overal verwoesting. Overal tenten. Een vluchtelingenkamp zo groot als half Duitsland, een vluchtelingenkamp op een begraafplaats. ‘We moeten verder.’ Reizend door de regio is er geen zinsnede die je vaker hoort.

    In de kapotte straat, de straat van de graafmachine, ging een kapper weer open. Stofwolken buiten en binnen, en alsof het normaal is: de geur van eau de cologne. Stilte. Alleen het gezoem van een scheerapparaat. Als je langere tijd in het aardbevingsgebied bent, lijkt het normale absurd.

    Je went aan de verwoesting, aan de scheefgezakte flatgebouwen, de opengereten gevels. Wat opvalt is het dagelijks leven. Pendelbussen rijden langs de ruïnes van Kahramanmaras, vol met mensen die van hun werk komen. Juweliers in Adiyaman zijn open en mensen kopen er gouden ringen. Met de ruïnes in hun blikveld.

    Op de vraag hoe dat is, eerst de aardbevingen en dan de overstromingen, komt geen antwoord

    Selma Sarikaya verliet haar woonplaats Adiyaman meteen na de bevingen. Haar familie woonde in de bergen, in een dorp niet ver weg. In Tut. Met haar man kocht Sarikaya een container, die ze op een stuk land bij de rivier in Tut zetten. Sarikaya, eind vijftig en al oma, creëerde een plek voor haar familie voor de eerste tijd. Of voor langer. Tegen haar broer in het dorp zei ze: Hier kunnen we bomen planten.

    Deze avond, na het breken van het vasten – het is ramadan – staat die broer in het donker naast de rivier. Zijn naam is Mehmet Kurt. ‘Het leven moet doorgaan,’ zegt hij.

    Het bericht kwam op 15 maart om half zeven ’s ochtends, anderhalve maand na de aardbevingen. Kort tevoren was een lawine van de berg boven Tut naar beneden gekomen. Een modderstroom.

    Kurt reed weg uit het dorp, naar de container. Die was verdwenen onder een muur van water en modder. ‘Hij werd verpletterd,’ zegt Kurt. Hij doorzocht de heuvel, vertelt hij. Vond een van zijn nichtjes. Zijn zus Selma vond hij ook. Een nichtje en haar kind van nog geen twee jaar oud werden dagen later door reddingswerkers gevonden, enkele kilometers verderop. Van de container was bijna niets meer over. De vier bewoners waren dood.

    Zo gaat het vaak in deze regio. Tussen leven en dood zitten slechts enkele meters, een paar seconden

    De minister van Binnenlandse Zaken kwam over uit Ankara. De pers was er ook. In gele regenponcho’s liep de stoet door Tut. Ergens daartussen liep ook Mehmet Kurt, de broer. Op de vraag hoe dat is, eerst de aardbevingen en dan de overstromingen, komt geen antwoord maar een schouderophalen. ‘Wat moet ik zeggen?’

    Hij wijst naar de modderige aarde in de duisternis. ‘Daar,’ zegt hij, wijzend naar vijf meter verderop. ‘Daar stond haar auto, er is niets mee gebeurd.’ De rivier liep op dat punt onder de weg door via een pijp. Die pijp was niet bestand tegen de plotselinge stroomvloed en brak. De uitbarsting raakte de container van Selma Sarikaya. De weg, zegt haar broer, had nooit zo aangelegd mogen worden. Misschien hadden ze pech. Aan de andere kant: de aanleg van de weg was illegaal.

    Zo gaat het vaak in deze regio. Tussen leven en dood zitten slechts enkele meters, een paar seconden. Je ziet een onaangetast gebouw met daarnaast een hoop puin. Goed gebouwd, slecht gebouwd. Geluk, pech. Voor de een gaat het leven door, bijna zoals normaal; van de ander is de complete familie weggevaagd. De zus van Mehmet Kurt stierf en twee van haar dochters en een kleindochter. Acht mensen uit de container leven nog omdat ze eruit weg wisten te komen. Het gebeurde anderhalve maand na de bevingen en twee weken voor deze avond waarop Mehmut Kurt mensen bij hem thuis heeft uitgenodigd. ‘Thee?’

    Nieuw in de wereld

    Twee maanden is een lange tijd. De journalisten trokken verder – niet alleen de buitenlandse maar ook de Turkse. De mediakaravaan duikt weer op als Recep Tayyip Erdogan een iftarmaaltijd nuttigt met slachtoffers. Het breken van het vasten. De media zijn er bij wanneer hij mensen briefjes van tweehonderd lira, iets minder dan tien euro, toesteekt en zijn arm om hun schouder legt. In het aardbevingsgebied is het nu ook verkiezingstijd.

    In het stof staan de wagens van het Turkse postkantoor, de wagens van de banken, met daarop ‘mobiel filiaal’. Je kan brieven versturen en geld opnemen tussen de ruïnes, en als je wilt kan je bidden in een mobiele moskee. Er zijn containerdorpen ontstaan met winkels en snackbars, want ja: het leven gaat overal door.

    Twee maanden is een korte tijd, de mensen die er niet meer zijn hadden net nieuwjaar gevierd. Op de massabegraafplaats in Kahramanmaras zit een oudere man naast een graf. Hij heeft een luidspreker bij zich, luistert naar een gebed, kijkt naar de grond. Hij is alleen tussen honderden, nee, duizenden graven.

    Is het echt gebeurd? Met zo’n blik lopen de overlevenden over straat. Het leven gaat door maar op hun gezicht staat nog steeds de schok te lezen. Nu, tijdens ramadan, staan ze ’s avonds in de rij, ook in het aardbevingsgebied komen ze bijeen om het vasten te breken. Het leger heeft veldkeukens opgezet voor slachtoffers en hulpverleners.

    Hij arriveert in de middaghitte, als de machinisten van de graafmachines het voor gezien houden. Dan gaat hij op zoek

    Een psycholoog van het ministerie voor Gezinszaken staat in de rij en zegt dat ze hier is om psychologische eerste hulp te verlenen, meer niet. Achter haar spreekt een imam over het leven na de bevingen. ‘Het is alsof je opnieuw geboren wordt,’ zegt hij. ‘Je familie is dood, je vrienden zijn dood. Je bent weer nieuw in de wereld.’

    ‘Ja,’ zegt iemand op een berg puin aan de rand van de stad, ‘we leven.’ Hij stelt zich voor als Mohammed. Hij is degene die kan vertellen waar alles wat op 6 februari is ingestort is gebleven. Het puin van Kahramanmaras ligt onder meer platgewalst in een veld naast een verkeersader, tussen fabrieken en autodealers.

    Er is niemand, lijkt het, als je over draden klautert, balletschoenen, pruiken, schoolboeken en nog veel meer schoolboeken. Alles is door de graafmachines samengeperst tot een massa van een paar meter hoog. Het is een waanzinnig dode plek. Maar dan verschijnt er een mens in het puin: Mohammed.

    Hij draagt een plastic zak over zijn schouder, met restjes koper erin. Hij gaat even zitten. Syrië, Idlib, de oorlog, op de vlucht, nieuw in Turkije, werken in textielfabrieken, werken op een heftruck. Zo somt hij het op. ‘Het leven,’ zegt hij. ‘Maar zonder geluk. Ze zeggen: je bent buitenlander. En je wilt hier niet voor altijd blijven.’

    Hij overleefde de nacht van de aardbeving, net als zijn vrouw en zoon. Ook met zijn flat is bijna niets gebeurd. Maar de fabrieken zijn kapot. Er is geen werk meer, nergens. ‘Kijk mij dan,’ zegt hij. ‘Vierentwintig jaar oud en nu zit ik hier.’ Op de puinhopen van een aardbeving. Strikt genomen is hij een dief. Hij arriveert in de middaghitte, als de machinisten van de graafmachines het voor gezien houden. Dan gaat hij op zoek. Naar koper. Naar alles wat verkocht kan worden.

    Acht jaar na zijn vlucht uit Syrië, twee maanden na de aardbevingen. Wat moet er van zo’n leven worden? Waar streeft Mohammed naar?

    ‘Gewoon rust,’ zegt hij. ‘Meer heb ik niet nodig.’

    Lees ook:

  • Tunesië: minstens twintig mensen vermist na een bootongeluk

    Tunesië: minstens twintig mensen vermist na een bootongeluk

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Tientallen meisjes vergiftigd op scholen in Iran

    » China houdt meerdaagse militaire oefening rondom Taiwan

    Tunesië is het belangrijkste vertrekpunt van vluchtelingen

    Ten minste twintig mensen worden vermist nadat een boot die de Middellandse Zee wilde oversteken voor de kust van Tunesië is gezonken. Zeventien andere opvarenden werden door de kustwacht gered. Twee van hen zouden in kritieke toestand verkeren nadat de boot voor de kust van de Oost-Tunesische stad Sfax was gezonken. De afgelopen weken zijn tientallen mensen vermist geraakt of omgekomen bij verschillende verdrinkingsongevallen voor de Tunesische kust. Steeds meer vluchtelingen proberen vanuit het Noord-Afrikaanse land Europa per boot te bereiken, aldus Al Jazeera.

    Meloni riep het IMF en andere landen op om Tunesië snel financieel bij te staan

    Tunesië heeft Libië vervangen als belangrijkste vertrekpunt voor mensen die armoede en conflicten in Afrika en het Midden-Oosten ontvluchten in de hoop op een beter leven in Europa. De nationale garde van Tunesië zei vrijdag dat in de eerste drie maanden van het jaar meer dan veertienduizend vluchtelingen, voornamelijk afkomstig uit Afrika ten zuiden van de Sahara, zijn onderschept of gered terwijl ze probeerden Europa binnen te komen, vijf keer meer dan in dezelfde periode vorig jaar.

    Europa kan een enorme golf vluchtelingen uit Noord-Afrika verwachten als de financiële stabiliteit in Tunesië niet wordt gewaarborgd, zei de Italiaanse premier Giorgia Meloni vrijdag. Meloni riep het Internationaal Monetair Fonds en andere landen op Tunesië snel te helpen om te voorkomen dat het land ineenstort.

    De Tunesische minister van Buitenlandse Zaken, Nabil Ammar, zei vorige week dat het land financiering en materieel nodig heeft om zijn grenzen beter te beschermen. Tunesië heeft de afgelopen jaren apparatuur van Italië gekregen, maar volgens Ammar is die verouderd en ontoereikend.

    Lees ook:

  • Canada: twee mensen omgekomen in ijsstorm

    Canada: twee mensen omgekomen in ijsstorm

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Rapport: VS lieten terugtrekking uit Afghanistan chaotisch verlopen

    » Israël vuurt raketten af op Gaza na aanval vanuit Libanon

    Op veel plaatsen viel de elektriciteit uit

    De hevige ijsstorm die woensdag het oosten van Canada trof en grote schade veroorzaakte in Montreal, heeft aan twee mensen het leven gekost, schrijft Radio Canada. Een inwoner van Oost-Ontario werd gedood door een vallende boom en een zestigjarige man werd dodelijk verwond door een tak toen hij zijn tuin probeerde op te ruimen in Quebec.

    Door de storm zat ook een groot deel van de Franstalige provincie en van het oosten van Ontario in het donker doordat de elektriciteit op veel plekken uitviel. Volgens de Canadese publieke radio zaten donderdagavond nog 800.000 huizen zonder stroom. De stad Montreal kondigde de opening van zes tijdelijke noodonderkomens aan, zodat de bevolking die zonder elektriciteit zat zich warm kon houden ‘totdat de situatie zou zijn hersteld’.

    Lees ook:

  • VS: vijf doden door tornado in Missouri

    VS: vijf doden door tornado in Missouri

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Schotland: man ex-premier gearresteerd in onderzoek naar partijdonaties

    » Italië: Silvio Berlusconi in ziekenhuis opgenomen met longproblemen

    Tornado eist opnieuw slachtoffers in de VS

    Een tornado raasde woensdagochtend door een landelijk gebied in het zuidoosten van Missouri en heeft ten minste vijf dodelijke slachtoffers gemaakt, aldus St. Louis Post-Dispatch. Vier van de vijf overledenen zouden tot hetzelfde gezin behoren, dat woonde in een stacaravan. Huizen en bomen werden omvergeblazen door winden tot 210 kilometer per uur.

    Woensdag waren tornadowaarschuwingen afgegeven in heel Oklahoma, Arkansas, Missouri en delen van Texas. Het aantal dodelijke tornado’s neemt de laatste weken toe in de Verenigde Staten, met alleen al in maart bijna zestig doden.

    Lees ook:

  • Aardverschuiving in Ecuador eist minstens zeven levens

    Aardverschuiving in Ecuador eist minstens zeven levens

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Zes doden bij schietpartij op school Nashville

    » Netanyahu zwicht en stelt hervormingen uit

    De ramp was het gevolg van een aardbeving en zware regenval

    Als gevolg van een aardverschuiving worden in Ecuador minstens zesenveertig mensen vermist. De ramp deed zich zondagnacht voor in Alausí, driehonderd kilometer ten zuiden van de hoofdstad Quito, na hevige regenval. De autoriteiten schatten het dodental aanvankelijk op zestien, schreef El Comercio maandag. Inmiddels is het dodental teruggebracht tot zeven, meldde de Spaanstalige website van CNN later die dag. De aardverschuiving ontstond als gevolg van een aardbeving met een kracht van 6,8 op de schaal van Richter.

    Politie, brandweer en andere reddingsteams zijn naar het kanton Alausí in de provincie Chimborazo afgereisd. Daarnaast heeft de gemeente Quito donatiepunten opgezet om de slachtoffers te helpen. Er zouden zo’n 500 inwoners en 163 woningen getroffen zijn.

    ‘De inwoners klagen dat men allang wist dat deze tragedie eraan zat te komen’

    Het leger heeft soldaten ingezet met materiaal en middelen om dringende steun te verlenen aan de slachtoffers. Daarnaast heeft het vrachtwagens gestuurd om goederen te vervoeren en tijdelijke onderkomens op te zetten, alsook twee helikopters voor luchtverkenning en noodtransport. Boven het kanton Alausí worden tevens verschillende vluchten uitgevoerd om te kijken of er nieuwe aardverschuivingen dreigen die de inwoners in gevaar kunnen brengen.  

    Al sinds 19 februari dit jaar gold code geel voor het kanton Alausí, wat betekent dat er nog geen acuut gevaar dreigt, maar dat voorzichtigheid en zorg geboden zijn. ‘In december begonnen zich scheuren in de grond te vormen. De inwoners klagen dat men allang wist dat deze tragedie eraan zat te komen’, schrijft La Hora.  

    Lees ook:

  • Moeten rijke landen meebetalen aan de klimaatrekening van Pakistan?

    Moeten rijke landen meebetalen aan de klimaatrekening van Pakistan?

    Pakistan heeft steeds vaker te maken met extreme weersomstandigheden als gevolg van de klimaatverandering, waar de rijke, vervuilende landen een groot aandeel in hebben. In hoeverre is het de plicht van deze landen om Pakistan uit het slop te trekken?

    Na maandenlang in een kamp voor ontheemden te hebben gewoond, zijn Rajab en Jado bezig met het heropbouwen van hun huis, waarvan ze nu al weten dat het er niet lang zal staan. Het echtpaar sleept kruiwagens met modder door kale velden en stilstaand water – sombere herinneringen aan de historische overstromingen die vorig jaar hun dorp Khoundi in het zuiden van Pakistan wegspoelden. Met de modder smeren ze de muur in die hun half afgebouwde bakstenen bungalow en geïmproviseerde tenten van zeildoek omringt.

    ‘We hebben niet genoeg geld om cement of goede bakstenen te kopen,’ zegt Rajab, wiens gezin van twaalf personen het met één maaltijd per dag moet doen. ‘We weten dat dit ook weer plat zal gaan. Maar wat moeten we anders doen?’

    Pakistan met zijn 230 miljoen inwoners lijdt nog steeds onder de overstromingen van juni en oktober 2022. De overstromingen, nog eens verergerd door de klimaatverandering, hebben naar schatting 30 miljard dollar schade en economische verliezen veroorzaakt, miljoenen huizen en boerderijen verwoest en het land – dat het financieel toch al moeilijk had – aan de rand van de afgrond gebracht.

    Tijdens de wederopbouw is Pakistan een testcase voor vragen van toenemend mondiaal belang: hoe herstellen kwetsbare landen van de verwoestingen die worden aangericht door steeds frequentere en extremere weersomstandigheden, landen die zelf amper bijdroegen aan de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen? En: in welke mate moeten vervuilende rijke landen hen helpen?

    Wederopbouwplan

    Deze vragen overheersten de COP27-klimaattop in november, waar bijna tweehonderd landen instemden met de oprichting van een fonds om de ‘verliezen en schade’ ten gevolge van de opwarming van de aarde te financieren. Hoe het fonds precies moet functioneren, moeten de mondiale onderhandelaars nog uitwerken. Intussen bracht Pakistan op een conferentie in Genève afgelopen januari eigenhandig 9 miljard dollar aan leningen en andere financiering bijeen, bedoeld voor herstel, wederopbouw en klimaatbestendigheid.

    Of donoren bereid zullen zijn om landen of kleine eilandstaten die de dupe zijn van klimaatverandering financieel te ondersteunen, hangt af van het wederopbouwplan. Volgens de Pakistaanse regering is pas over vijf tot zeven jaar te zien of het succesvol is geweest. Maar Pakistan nu al voorzien van klimaatfinanciering ligt ingewikkeld, niet in het minst vanwege de aanhoudende politieke instabiliteit en het economische wanbeheer in het land. Er is simpelweg geen garantie dat het geld goed wordt besteed.

    Pakistan is regelmatig afhankelijk van internationale reddingsoperaties. Premier Shehbaz Sharif probeert momenteel een tranche van een miljard dollar los te krijgen uit een IMF-leningsprogramma van 7 miljard dollar. Broodnodig, zeggen analisten, anders gaat het land failliet. De buitenlandse reserves zijn gedaald tot ongeveer 3 miljard dollar, wat minder is dan de waarde van wat er in een maand geïmporteerd wordt.

    Pakistan is bereid de klimaatverandering op lange termijn aan te pakken, maar wordt ook geconfronteerd met overweldigend veel problemen die direct moeten worden opgelost. Er is een groeiend tekort aan voedsel, brandstof en andere basisbehoeften. De armoede neemt toe en miljoenen mensen in de door overstromingen getroffen gebieden lijden honger, zitten zonder school of zijn ontheemd. Mensen als Rajab en Jado, die profiteren van een proefproject van Islamic Relief en het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties, hebben geen tijd te verliezen nu het volgende regenseizoen alweer voor de deur staat.

    Pakistaanse autoriteiten en donoren proberen ook verder vooruit te kijken en geld te steken in projecten om toekomstige klimaatschokken op te vangen. Voorbeelden variëren van betere systemen voor vroegtijdige waarschuwing tot – in het geval van het proefproject in Khoundi – toiletten die op verhogingen worden gebouwd om verontreiniging tijdens overstromingen te bestrijden.

    ‘De uitdaging is om voor de klimaatrisico’s een langetermijnstrategie te bedenken en uit te voeren,’ zegt Alexandre Magnan, senior research fellow bij het Instituut voor duurzame ontwikkeling en internationale betrekkingen. ‘Het is de verantwoordelijkheid van nationale beleidsmakers en wellicht ook van regionale en internationale partners om daarop aan te dringen. We hebben echt voorbeelden nodig die aantonen dat het haalbaar is.’

    De meest geavanceerde economieën van de wereld hebben zich lang verzet tegen het idee om ‘verlies en schade’ te financieren

    De wereld is sinds het pre-industriële tijdperk al met ongeveer 1,1°C opgewarmd, en wetenschappers waarschuwen dat elke verdere stijging zal leiden tot meer frequente en extremere weersomstandigheden. Ze zullen vaak plaatsvinden in ontwikkelingslanden die niet over de middelen beschikken om zich te herstellen na overstromingen, branden of orkanen.

    Of en hoe rijke landen de armere landen moeten helpen om dergelijke verwoestingen het hoofd te bieden, blijft een open vraag. De meest geavanceerde economieën van de wereld hebben zich lang verzet tegen het idee om ‘verlies en schade’ te financieren, omdat zij vrezen dat dit een stilzwijgende erkenning van schuld betekent.

    Dat standpunt werd in 2022 onhoudbaar, mede door de druk die de overstromingen in Pakistan veroorzaakten. Volgens Animesh Kumar, hoofd van het VN-bureau voor Risicobeperking bij Rampen, gevestigd in Bonn, was dat ‘een openbaring’ die duidelijk maakte dat de wereld niet is voorbereid op komende klimaatcrises. Volgens een studie van de World Weather Attribution-groep waren de moessonregens in het land vorig jaar tot 50 procent heviger dan ze zonder klimaatverandering zouden zijn geweest.

    Op het hoogtepunt van de ramp werden 33 miljoen mensen en meer dan de helft van de districten getroffen. In Sindh, de zwaarst getroffen provincie, waarin Khoundi ligt, gingen de meeste rijst-, katoen- en suikerrietoogsten verloren. De overstromingen schaadden het bruto binnenlands product van Pakistan vorig jaar met minstens 2,2 procent, schat de Wereldbank.

    Het verlies- en schadefonds waarover tijdens COP 27 overeenstemming werd bereikt, is een doorbraak. Maar welke landen eraan zullen bijdragen, is nog niet definitief vastgesteld. Over dat thema zal de komende maanden worden gestreden. Het is onwaarschijnlijk dat nog dit jaar een besluit wordt genomen. Landen, waaronder EU-leden, vragen zich af of bijvoorbeeld China en Saoedi-Arabië hun steentje zullen bijdragen. Ondanks hun groei van de afgelopen dertig jaar worden ze in het VN-systeem aangemerkt als ontwikkelingsland.

    Cyclus

    Veel landen zeggen dat het niet alleen aan de regering is om de rekening te betalen. Ze roepen multilaterale ontwikkelingsbanken op om meer steun te verlenen aan verarmde landen die te lijden hebben onder klimaatschokken. Met name de Wereldbank, waarvan de president in februari onverwacht zijn ontslag aankondigde, staat onder druk om haar activiteiten te herzien en het klimaat in haar ontwikkelingswerk te integreren.

    Een andere hindernis is het becijferen van de omvang van de verwachte verwoesting. Onderzoekers van het Basque Centre for Climate Change schatten dat ontwikkelingslanden in 2030 een verlies van 580 miljard dollar zouden kunnen lijden. Alleen al in de eerste helft van 2022 waren er in 79 landen minstens 187 natuurgerelateerde rampen die meer dan 40 miljard dollar schade veroorzaakten, aldus de internationale rampendatabase Em-Dat.

    Als ze niet meer financiële hulp krijgen, dreigen ontwikkelingslanden verstrikt te raken in een cyclus van rampen en armoede. Op het Wereld Economisch Forum in Davos in januari waarschuwde Sherry Rehman, de Pakistaanse minister voor Klimaatverandering, voor ‘de valstrik van herstel’. Heropbouw kost tijd en geld, zei ze, en ‘tegen de tijd dat je ermee klaar bent, kijk je al tegen de volgende crisis aan’.

    Hoe het herstelgeld eerlijk verdeeld wordt is een politiek beladen discussie. ‘Gaat het geld naar mensen die het meest hebben verloren of naar hen die niets te verliezen hadden?’ vraagt bijvoorbeeld Daniel Clarke, directeur van het Centre for Disaster Protection.

    Pakistan schat dat het ongeveer 16 miljard dollar nodig heeft voor herstel. In Genève kreeg het meer dan de helft daarvan van internationale donoren, waaronder de Islamitische Ontwikkelingsbank, de Wereldbank en USAID. ‘Die financiële toezeggingen waren groter dan we dachten,’ zegt Knut Ostby, regionale vertegenwoordiger van het VN-ontwikkelingsprogramma in Pakistan. ‘Nu is het tijd om er vervolg aan te geven.’

    Veel van het geld bestaat in de vorm van leningen en die zijn eerder gekoppeld aan de financiering van specifieke projecten dan aan begrotingssteun. De Wereldbank is bijvoorbeeld van plan ongeveer 2 miljard dollar uit te lenen voor de heropbouw van huizen en de verbetering van irrigatie, naast andere projecten in Sindh.

    De snelheid van financiering verschilt van donor tot donor en dat leidt tot frustraties en cruciale vertragingen bij gemeenschappen die er het meest behoefte aan hebben.

    Uitbetaling is vaak ook onderhevig aan verlammende vertragingen, soms tot afstel

    In het district Dadu, waar Khoundi ligt, moeten de grootschalige wederopbouwwerkzaamheden nog beginnen. Het dorp Ibrahim Chandio ligt in puin. De vroegere bewoners wonen nu in tenten in de buurt en het ziet er niet naar uit dat daar binnenkort verandering in komt. De ontheemding maakt hun situatie netelig. Boeren hebben moeite om gewassen te verbouwen op de overstroomde grond en gezinnen hebben te weinig geld voor voedsel.

    Syed Murtaza Ali Shah, de hoogste lokale districtsambtenaar, zegt dat de autoriteiten een aantal wegen en dijken willen versterken om te voorkomen dat ze doorbreken, maar dat ze daar nog niet de middelen voor hebben. ‘De volgende moesson kan zwaarder zijn dan deze,’ zegt hij. Wat nu gedaan wordt is ‘een noodoplossing…  Iemand bouwt vijftig huizen, iemand anders er probeert tien te bouwen – met wat er ook maar beschikbaar is’.

    Sommige deskundigen, zoals Ali Tauqeer Sheikh, adviseur op het gebied van klimaatverandering in Islamabad, zijn op hun hoede voor ‘toegezegde’ fondsen. Geld voor bestaande programma’s wordt een tweede keer geteld.

    Uitbetaling is vaak ook onderhevig aan verlammende vertragingen, soms tot afstel, omdat op papier bedachte projecten in de praktijk moeilijk van de grond komen. Hoewel fondsenwerving voor Pakistan ‘een zeer belangrijk onderdeel’ is, aldus Sheikh, ‘kan het antwoord [op de vraag waar het geld naartoe gaat] in de praktijk nogal complex zijn’.

    Crisis na crisis

    Al vóór de overstromingen verkeerde Pakistan in een crisis.

    De inflatie is sterk gestegen: de prijsindex van dagelijkse artikelen steeg vorige week op jaarbasis met 41 procent. Vanwege de komende verkiezingen zijn Sharif en zijn regering verwikkeld in venijnig politiek gekibbel met rivaal Imran Khan, die vorig jaar werd afgezet als premier en onlangs een moordaanslag overleefde. De dreiging van gewelddadig extremisme neemt toe. Bij een bomaanslag op een moskee in januari kwamen ongeveer honderd mensen om.

    De regering van Sharif voert aan dat zij vanwege de overstromingen moet worden vrijgesteld van een aantal van de bezuinigingsvoorwaarden die het IMF wil opleggen om de leningen te hervatten. Die voorwaarden, waarschuwt ngo Human Rights Watch, ‘raken de mensen het hardst die al het zwaarst getroffen zijn’.

    ‘Geen enkel land is zo hard getroffen als Pakistan met deze klimaatramp van 30 miljard dollar,’ zegt Ahsan Iqbal, de Pakistaanse minister van Planning. ‘Het moge duidelijk zijn dat de economie niet zit te wachten op nog meer schokken.’

    Toch zeggen critici in binnen- en buitenland dat Pakistan veel van zijn problemen aan zichzelf te danken heeft. Volgens hen gaven opeenvolgende zwakke regeringen voorrang aan politiek gemotiveerde uitgaven op korte termijn. Importvriendelijk beleid heeft de rijken onevenredig bevoordeeld. Autoriteiten traden ook hard op tegen ngo’s, wat volgens critici het maatschappelijk middenveld heeft belemmerd in zijn vermogen om te reageren op crises.

    Bovendien is het politieke systeem gedestabiliseerd door het machtige leger, dat lange tijd controle uitoefende achter de schermen. Op de corruptieperceptie-index van Transparency International staat Pakistan op plek 140 van de 180 landen.

    ‘Onze samenleving is zeer elitair,’ zegt Miftah Ismail, die minister van Financiën was en in september aftrad. ‘De elite is blij met de status quo… In de politiek gaat het erom dat iedereen aan de macht wil komen, en de natie betaalt daar een hoge prijs voor.’

    In haar blauwdruk voor de wederopbouw erkent de Pakistaanse regering dat institutionele hervormingen nodig zijn. Er moeten bijvoorbeeld betere bouwvoorschriften gemaakt worden om te voorkomen dat er onveilig gebouwd wordt. Er moet een controlesysteem door derden worden opgezet dat erop toeziet dat het geld goed terechtkomt.

    Maar de dagen van Sharif als premier lijken geteld. Als de verkiezingen later dit jaar vrij verlopen dan wint Khan, aldus de voorspelling van veel analisten. En ook al heeft Khan het belang van klimaatbestendigheid onderschreven, plannen voor de lange termijn overleven moeilijk vanwege de veelvuldige en turbulente machtswisselingen in het land.

    Er zijn ongeveer tachtig kinderen ingeschreven, maar slechts vijftien tot twintig kinderen gaan elke dag naar school

    ‘Geld alleen is niet genoeg,’ zegt de Duitse klimaatgezant Jennifer Morgan. ‘Het is van cruciaal belang dat er in de ontvangende landen bestuursstructuren en -processen zijn die ervoor zorgen dat het geld terechtkomt bij de mensen die dat het hardst nodig hebben. Hoe zorgen we ervoor dat de middelen daadwerkelijk op lokaal niveau worden ingezet? Dat is een belangrijke vraag bij schade.’

    Sommige deskundigen in Pakistan zijn weinig optimistisch. Slechte relaties tussen rivaliserende federale, provinciale en districtsregeringen kunnen verhinderen dat de middelen bij projecten terechtkomen en echte veranderingen teweegbrengen. ‘Komen deze fondsen aan? In hoeverre zijn [lokale] overheidsstructuren veerkrachtig genoeg om geldstromen te faciliteren op een transparante manier?’ vraagt bijvoorbeeld Nausheen Anwar, deskundige op het gebied van stadsplanning aan het Institute of Business Administration in Karachi.

    Ook bestaat het risico dat slecht geplande of uitgevoerde projecten onbedoeld problemen in de toekomst veroorzaken, iets wat door sommige onderzoekers maladaption [‘slechte aanpassing’] wordt genoemd. In februari bijvoorbeeld organiseerden plaatselijke activisten in Badin, in Sindh, een conferentie over het decennia oude, deels door de Wereldbank gefinancierde, Left Bank Outfall Drain-project. Het [kanaal] kreeg barsten waardoor volgens de activisten de overstromingen werden verergerd. Een onafhankelijke inspectie in 2006 stelde talrijke ‘tekortkomingen’ vast in dit project dat een miljard dollar had gekost.

    Nergens is de desillusie groter dan in de gebieden die door de overstromingen getroffen zijn. De enige overheidsschool van het dorp Khoundi is een ruïne sinds het jaar 2010, het zoveelste met rampzalige overstromingen in de regio. De achtendertigjarige leraar Imdad Ali geeft nu op een bankje buiten les aan een handvol leerlingen. Er zijn ongeveer tachtig kinderen ingeschreven, maar slechts vijftien tot twintig kinderen gaan elke dag naar school, volgens de plaatselijke bewoners. De anderen gaan of naar een plaatselijke ngo-school of blijven thuis. Pakistan heeft het op een na hoogste aantal kinderen ter wereld dat niet naar school gaat: 23 miljoen.

    Bitter

    Sindh is de basis van de Bhutto-dynastie, wiens Pakistaanse People’s Party deel uitmaakt van de regeringscoalitie. Maar mensen hebben daar weinig vertrouwen in, evenals in andere partijen. ‘Er zijn geen faciliteiten, geen stoelen, geen tafels,’ zegt Ali. ‘We hebben meerdere keren om hulp gevraagd. Maar die komt niet.’

    Een wetenschappelijk artikel over de herstelpogingen van 2010, gepubliceerd in 2020 in het International Journal of Disaster Resilience in the Built Environment, concludeert dat ‘het lokale bestuur is teruggekeerd naar zijn dagelijkse routine, zonder programma’s die de veerkracht van de gemeenschap versterken of herstel op lange termijn aanbrengen’.

    Sobia Kapadia, een architect die tien jaar geleden hielp met het herstel, zegt dat de plannen dit keer om ‘vastberadenheid tot verandering’ vragen. Ook acht ze een ‘volledige [revisie] van bestaande systemen’ noodzakelijk om de omgangsvormen tussen lokale en federale autoriteiten te veranderen. Zo moet de balans tussen macht en middelen anders afgesteld worden.‘Tenzij en totdat je dingen op fundamenteel niveau aanpakt, met de gemeenschap, zal er niets veranderen,’ voegt ze eraan toe.

    Weinig inwoners geloven erin. Sommigen lachen bitter op de vraag of zij verwachten dat hun woonplaats ooit bestand zal zijn tegen klimaatschokken.

    Nazeer Hussain, een drieënveertigjarige graanmolenaar in Khoundi, zegt dat de leiders van het land er alleen op uit zijn om zichzelf van macht te verzekeren. ‘We hoorden in de media dat de regering vergaderde [om geld in te zamelen] voor de bouw van huizen en schuilplaatsen,’ voegt hij eraan toe. ‘Maar de kans daarop is nul.’

    Lees ook: