Onderwerpen: Religie

  • Hoe de meest vrome joden hun cultuur bewaken in het kloppende hart van New York

    Hoe de meest vrome joden hun cultuur bewaken in het kloppende hart van New York

    In het hart van New York woont een gemeenschap van zeker honderdvijftigduizend chassidische joden. Zij kwamen na de holocaust vanuit Hongarije naar de VS en hebben niets van hun traditionele cultuur verloren.

    De meest gemêleerde stad van Amerika is New York. Het meest gemêleerde stadsdeel van New York is Brooklyn. En de meest gemêleerde buurt van Brooklyn is Williamsburg. De welgestelde dertigers die vanuit Manhattan de wijk binnenstromen, hebben hoogstens een vaag idee dat een paar straten van hun favoriete restaurants met Michelinsterren en hun extreem geprijsde natuurwijnbars vandaan de gesloten wereld van de ultraorthodoxe chassidische joden schuilgaat.

    Ongeveer ter hoogte van South 9th Street begin ik meestal te merken dat ik in een ander universum ben terechtgekomen. De mannen dragen zwarte jassen en hoeden, hebben baarden en peies [pijpenkrullen langs de slapen] en voeren gesprekken in het Jiddisch op klaptelefoons die afkomstig lijken uit de jaren negentig. De vrouwen dragen lange rokken en pruiken. Ze duwen bijna allemaal een kinderwagen voort en lopen met een schare kinderen door de drukke straten van Brooklyn. Dikwijls ben ik de enige in de omgeving die er zichtbaar niet thuishoort. Alle levensmiddelenwinkels, bakkers en restaurants zijn strikt koosjer, de meeste hebben Jiddische opschriften. Dit alles in hartje New York, op één metrohalte afstand van Manhattan.

    In het kort

    • De meeste Hongaarse chassidische joden werden tijdens de holocaust vermoord, maar de gemeenschap herrees in New York.
    • Afgekeerd van de buitenwereld leven er honderdvijftigduizend chassidim met Hongaarse wortels in hartje Brooklyn.
    • De traditionele gemeenschap heeft de Hongaarse invloeden in haar cultuur bewaard: gevulde kool evenzeer als Hongaarse volksliederen.

    Telkens als ik een oudere man zie, stap ik op hem af en vraag ik hem iets – in het Hongaars. De meesten antwoorden, zonder enig teken van verrassing, in die charmante, weliswaar wat roestige volkstaal die je zelfs in Hongaarse dorpjes nog maar weinig hoort. Niet veel mensen weten dat een aanzienlijk deel van de chassidisch-joodse gemeenschap in Brooklyn oorspronkelijk afkomstig is uit Hongarije. Ik heb die buurt ontdekt toen ik in New York woonde. Sindsdien kom ik er regelmatig terug. Het is vooral aan mijn Hongaars-zijn te danken dat ik veel mensen in deze verder sterk naar binnen gekeerde gemeenschap heb kunnen leren kennen.

    De geschiedenis van het chassidisme in Hongarije gaat terug tot het begin van de negentiende eeuw, toen deze ultraorthodoxe stroming, gebaseerd op de joodse mystiek (kabbala), populair werd in de kleine joodse gemeenschappen in het noordoostelijke deel van het toenmalige Hongarije. In tegenstelling tot de seculiere joden in de steden waren de chassidim tegen assimilatie: ze hielden vast aan hun oude gewoontes en vormden grote dynastieke gemeenschappen onder de strenge leiding van een charismatische leider (rebbe of tsaddik). 

    GettyImages 1213711102
    een chassidische familie in de wijk Williamsburg in Brooklyn (New York), gekleed voor de populaire joodse feestdag Poerim: de bevrijding van de Joden van een naderend onheil in het oude Perzië, zoals verteld in het bijbelboek Esther. – © Andrew Lichtenstein/Corbis via Getty Images

    In 1944-’45 werd bijna de totale joodse bevolking van Hongarije uitgeroeid, met uitzondering van een deel van de joden in Boedapest. De meesten werden vermoord en het handjevol chassidische holocaust-overlevenden emigreerde naar Israël en naar de Verenigde Staten.

    Grote dynastie

    Vandaag de dag wonen honderdvijftigduizend chassidische joden van Hongaarse afkomst in de wijken Williamsburg en Borough Park in Brooklyn. De grootste dynastie draagt de naam Satmar, afkomstig van de voormalige Hongaarse stad Szatmárnémeti, nu Satu Mare in Roemenië, waar de legendarische rabbijn Joël Teitelbaum voor de oorlog een grote gemeente had opgebouwd. Teitelbaum was een van de weinigen die aan de deportatie wist te ontkomen doordat hij mee mocht met de Kastner-trein [vernoemd naar de Hongaars-joodse advocaat Rudolf Kastner, die tijdens de holocaust joden uit bezet Europa smokkelde]. 

    In 1946 verhuisde hij naar New York, waar hij met enorme inspanning zijn gemeenschap nieuw leven inblies. Naast Satmar zijn er ook belangrijke andere chassidische dynastieën in Brooklyn die vernoemd zijn naar (voormalige) Hongaarse plaatsen, zoals Munkatch (Munkács, nu Mukatjsevo, Oekraïne), Popa (Pápa), Klausenburg (Kolozsvár, nu Cluj, in Roemenië), en er zijn ook kleinere gemeenschappen, zoals Kaliv (Nagykálló), Kerestir (Bodrogkeresztúr) en Liska (Olaszliszka).

    ‘Sommige van deze plaatsen zijn na de Eerste Wereldoorlog buiten de landgrenzen van Hongarije terechtgekomen, maar de joden daar hebben zichzelf altijd als Hongaars beschouwd,’ zegt Yosef Rapaport, een gerespecteerde chassidische leider in Borough Park. ‘Mijn moeder komt uit Mihályfalva (Roemeens: Boarta), mijn vader uit Halmi (Halmeu). Beide plaatsen hoorden toen al bij Roemenië, maar thuis spraken ze Hongaars. De meeste orthodoxe joden in Brooklyn spreken tot de dag van vandaag Jiddisch met een Hongaars accent.’

    Al zijn de Hongaren in aantal het grootst, er bestaan ook Poolse, Russische en Oekraïense chassidische gemeenschappen in Brooklyn. Voor een buitenstaander lijken die allemaal op elkaar, maar er zijn veel kleine verschillen. ‘De Hongaren staan bekend om hun gastvrijheid. In een Hongaars chassidisch huishouden staat altijd vers bereid eten klaar, en in de Hongaarse synagogen is er gratis koffie in overvloed’, vertelt Alexander Rapaport, de zoon van Yosef, die de oprichter is van Masbia, een joodse organisatie voor voedselverdeling. ‘Hongaarse vrouwen kleden zich eleganter; ingehouden en overeenkomstig de chassidische regels, maar je kunt toch zien dat ze Hongaars zijn.’ 

    Restaurant Gottlieb’s

    In tegenstelling tot in Williamsburg hebben in Borough Park niet alle chassidische joden Hongaarse wortels, maar onder de meer dan driehonderd kleine synagoges van de buurt heb ik wel gebedshuizen ontdekt met de naam van de Hongaarse plaatsen Sopron, Debrecen en Mád. De hoofdstraat van de wijk, 13th Avenue, heeft de naam van Raoul Wallenberg aangenomen om de Zweedse diplomaat te eren die in de Tweede Wereldoorlog tijdens zijn uitzending naar Boedapest het leven van duizenden Hongaarse joden redde. Veel van de overlevenden kwamen uiteindelijk hier terecht.

    In Williamsburg ga ik meestal eerst naar familie-restaurant Gottlieb’s. Het is een druk koosjer eethuisje vol met in het zwart geklede joodse mannen met een hoed op. Het restaurant wordt geleid door Menashe Gottlieb, een ingehouden Satmarer van middelbare leeftijd met blonde peies. Menashes grootvader, Zoltán Gottlieb uit het Hongaarse Kisvárda, die na de Hongaarse opstand van 1956 naar de VS was gevlucht, richtte het restaurant op in 1962, omdat hij de smaken van thuis miste. Sinds de opening is er niet veel veranderd. De neonopschriften en de inrichting zijn origineel, en goulash, gevulde kool, pasta met kool (káposztás tészta), aardappelknoedels (nudli, ook bekend als sjlisjkes) en ‘paprika-aardappelen’ (paprikás krumpli) vormen nog steeds het aanbod, al worden er tegenwoordig ook koosjere Chinese gerechten geserveerd om te voldoen aan de vraag van de gasten.

    Nu steeds meer oude mensen zijn over-leden, wordt er minder Hongaars gesproken in de straten van Brooklyn. ‘Vroeger werden er bij de kiosken Hongaarse kranten verkocht,’ vertelt Nathaniel Deutsch, hoogleraar aan de Universiteit van Californië, die een boek heeft geschreven over de geschiedenis van Williamsburg. De kinderen van de geëmigreerde Sat-marers spreken geen Hongaars meer, laat staan hun kleinkinderen, zoals Menashe. ‘Mijn generatie kent slechts enkele woorden,’ zegt hij.

    GettyImages 1279531577
    Met gebedskleed in de joods-orthodoxe buurt Borough Park in het stadsdeel Brooklyn in New York. – © Kena Betancur/VIEWpress via GettyImages

    Verschillende gasten komen om ons heen staan als ze horen waar we het over hebben. ‘Toen ik klein was, gingen mijn ouders op Hongaars over als ze niet wilden dat ik begreep wat ze zeiden,’ vertelt een jonge man. Dat het Hongaars als een soort geheimtaal van de volwassenen wordt gebruikt, heb ik gehoord van veel mensen.

    Toch heeft ook de jonge generatie niet alle binding met het land van herkomst verloren. Iedereen kent bijvoorbeeld Hongaarse volklsiederen, waarvan Szól a akakas már het beroemdst is. ‘Dit is veel meer dan zomaar een liedje. Het is het nationale volkslied van de Hongaarse chassidische joden, een uiting van een emotioneel beladen verlangen naar Jeruzalem,’ zegt Yosef Rapaport. De oorsprong van het lied kan worden teruggeleid naar rebbe Izsák Eizik Taub uit Nagykálló, die in de negentiende eeuw het Hongaarse volksliedje aanvulde met een aantal Hebreeuwse regels over het Beloofde Land. Ik heb zelf gezien hoe mensen het met veel bezieling zongen.

    Na de sjabbat

    ‘Kom maar terug op zondag, na de sjabbat zijn de gerechten vers gemaakt, en dan hebben ze de meeste keus,’ tipte een van de gasten me. Ik volg zijn advies op. Vroeg op de avond is er geen vrije tafel meer, er zit een gemengd publiek van stamgasten: chassidische joden van verschillende dynastieën, gewone orthodoxen en ook niet-religieuze joden. ‘Sommige mensen komen van ver, want ze missen het eten van hun grootmoeder,’ vertelt Menashe. David Rabinowicz, een luidruchtige klant van rond de zestig, hoort dat ik uit Hongarije kom en begint een lang verhaal over zijn voorouders die hij kan terugvoeren op de opperrabbijn van Sátoraljaújhely. Vervolgens draagt hij me op een mooie joods-Hongaarse vrouw voor hem te vinden. 

    Hongaarse chassidische vrouwen gaan er prat op dat ze elke avond vijf gangen op tafel zetten

    De gevulde kool wordt gemaakt met rundergehakt, zonder zure room, om te voldoen aan de joodse spijswetten (kasjroet) die het combineren van etenswaren met melk en met vlees verbiedt, evenals uiteraard het eten van varkensvlees. Het is wat zoeter dan wat ik in Hongarije gewend ben, maar erg lekker. Hongaars eten is natuurlijk niet alleen bij Gottlieb’s te krijgen. De meeste bakkers in de buurt verkopen bijvoorbeeld túrós batyu, een met verse kaas gevuld zoet broodje, en kakaós csiga, een opgerold cacaobroodje. De lekkerste lecsó (groenteprutje van uien, tomaat en paprika), paprikás (goulash met room), rakott krumpli (ovengerecht met aardappels, ei en worst), gehaktballen, aranygaluska (zoetigheid van gistdeeg en walnoten) en flensjes worden thuis gemaakt. ‘Hongaarse chassidische vrouwen gaan er prat op dat ze elke avond een vijfgangenmaaltijd op tafel zetten,’ zegt Alexander Rapaport, ‘daarom gaan veel mensen niet naar restaurants. En als ze dat wel doen, eten ze liever iets anders, koosjer Chinees of Japans.’

    De Hongaarse invloeden gaan verder dan taal en gastronomie. ‘Er zijn verschillende chassidische religieuze gebruiken die hun wortels hebben in Hongarije,’ vertelt Yosef. In de negentiende eeuw trokken veel chassidische joden uit Galicië naar Hongarije in de hoop op een beter leven, en ze werden sterk beïnvloed door de omstandigheden daar. Op dat moment waren in Hongarije de hervormingsgezinde zogeheten neologen in een strijd gewikkeld met hun behoudende geloofsgenoten, wat later inderdaad tot een schisma leidde. ‘De Hongaarse orthodoxen wezen elk streven naar hervormingen af,’ zegt Yosef. Dat beviel de chassidim heel goed, en ook nu nog gelden bij de Hongaarse chassidische groepen de strengste regels in Brooklyn.

    Voor hen bestaat de zin van het leven uit het onophoudelijk bestuderen van de Tora

    Het chassidisme is veel meer dan een religie, het is ook een levenswijze. De regels hebben betrekking op de kleinste details van het leven, vooral bij de Satmarers. Voor hen bestaat de zin van het leven uit het onophoudelijk bestuderen van de Tora en het stichten van grote gezinnen. De buitenwereld geldt voor hen als moreel verdorven, vol storende factoren en seksuele verleiding. Om die te vermijden worden jongens en meisjes van kleins af aan van elkaar gescheiden. Vrouwen mogen zich niet kleden op een manier die seksuele verlangens zou kunnen opwekken. Na hun huwelijk scheren vrouwen hun hoofd kaal en dragen ze een hoofddoek of een pruik. 

    GettyImages 1276701302
    Kinderen spelen tijdens de pandemie zonder mondkapje in hun wijk, terwijl de stad maatregelen opgelegd heeft gekregen om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. – © Alexi Rosenfeld/Getty Images

    Televisie is verboden, de meeste huishoudens hebben geen internet. Smartphones mogen alleen die mensen gebruiken die ze nodig hebben voor hun werk, en ze moeten er censuursoftware op hebben die verboden zaken zoals porno blokkeert. Zelforganiserende kringen en zogenaamde modesty committees controleren of iedereen zich aan de regels houdt. De leden van deze commissies struinen door de conservatieve buurten en disciplineren bijvoorbeeld vrouwen die zich opvallend kleden en controleren of mannen een bewijs bij zich hebben dat er een filter op hun telefoon is geïnstalleerd. Volgens de algemene opvatting voert de commissie de wil van de rebbe uit.

    De jongens gaan naar een religieuze school (jesjiva), waar ze hun dagen doorbrengen met de interpretatie van de Talmoed, het wetboek van de joodse godsdienst en ethiek. Ze hebben weinig seculiere vakken, zo leren ze helemaal geen geschiedenis en nauwelijks wiskunde. Daardoor hebben scholieren geen idee wat er buiten hun besloten gemeenschap gebeurt. Ze hebben zo weinig contact met de buitenwereld dat velen van hen slecht Engels spreken, ook al wonen ze in de Verenigde Staten (op school en thuis is de voertaal Jiddisch).

    Huishoudster

    De meisjes worden opgeleid tot huishoudster, niet tot Tora-deskundige, dus zij zijn praktischer en spreken ook beter Engels. Dat komt bij pasgehuwden soms goed uit. ‘Toen ik op mijn twintigste aan het werk ging in het restaurant en facturen moest schrijven en e-mails moest beantwoorden, leerde mijn vrouw me de basis van de Engelse grammatica. Ik kon nog niet eens one, two, three goed opschrijven,’ vertelt Menashe.

    Op hun achttiende, als ze klaar zijn met de jesjiva, trouwen de mannen. Het is de taak van de ouders om een partner te vinden voor hun kinderen. Het beoogde paar ontmoet elkaar hoogstens een of twee keer persoonlijk (terwijl de ouders in een belendende kamer wachten), voordat ze beslissen of er sprake is van wederzijdse sympathie. Zo ja, dan kunnen de voorbereidingen voor de bruiloft beginnen.

    In het begin werkt de vrouw en ze ondersteunt haar man financieel, terwijl hij nog een paar jaar een Tora-opleiding voor volwassenen volgt. Na de geboorte van het eerste of het tweede kind doen de vrouwen meestal fulltime het huishouden en gaan de mannen werken. Een gemiddeld chassidisch gezin heeft zes tot acht kinderen: dat is de reden dat de gemeenschap, die in de holocaust bijna helemaal uitgeroeid is, weer zo groot is geworden. De 44-jarige Menashe heeft bijvoorbeeld negen kinderen en drie kleinkinderen. Meer dan de helft van de joodse kinderen in New York is tegenwoordig afkomstig uit een chassidisch gezin.

    De gemeenschap doet haar best om de buitenwereld bij zich vandaan te houden

    De chassidische wijk van Williamsburg doet me nog het meest denken aan een groot dorp. De gemeenschap doet haar best om de buitenwereld bij zich vandaan te houden. Woningadvertenties verschijnen uitsluitend op chassidische fora, dus buitenstaanders krijgen ze niet te zien. Maar daar zouden ze ook niet veel aan hebben, want de advertenties zijn in het Jiddisch opgesteld. De meeste bedrijven willen zich hier helemaal niet vestigen (producten van Starbucks of McDonald’s zijn voor de bewoners verboden). Aan weerszijden van de twee hoofdstraten van de wijk, Lee Avenue en Bedford Avenue, bevinden zich koosjere bakkers, winkeltjes met religieuze accessoires, pruikenmakers en interieurwinkels. Als ik het niet wist, zou ik niet bedenken dat ik in Amerika ben.

    Tenminste één keer per jaar bezoekt elke chassied de rebbe. Vergeleken met een rabbijn – de leider van een niet-chassidische joodse gemeenschap – heeft een rebbe meestal veel meer macht en invloed. ‘Je moet hem zien zoals de paus bij de katholieken,’ zegt Menashe. Sommigen vragen hem om advies, anderen willen zijn zegen voor Jom Kipoer – Grote Verzoendag, de belangrijkste joodse feestdag – of voor de geboorte van een kind. In alledaagse religieuze kwesties, bijvoorbeeld wat te doen als tijdens het klaarmaken van vlees het mes in contact is gekomen met een melkproduct, wordt de plaatselijke Talmoed-deskundige om raad gevraagd. De Satmarers hebben op dit moment twee rebbes, Aaron en Zalman Teitelbaum, nadat de dynastie in de strijd om de opvolging na de dood van hun vader in 2006 in tweeën is gescheurd.

    Het is echter niet zo dat chassidische mannen de hele dag in de synagoge zitten te bidden. ‘Joel Teitelbaum heeft zijn volgelingen nadrukkelijk opgedragen om werk te zoeken,’ zegt professor Deutsch. Aangezien ze geen seculiere opleiding hebben, vinden ze meestal een betrekking binnen de gemeenschap. Sommigen worden koosjer-opzichter of leraar in de jesjiva, maar de grootste werkgever is de woonsector. Er zijn veel projectontwikkelaars, hypotheekverstrekkers en bouwopzichters onder hen, maar loodgieter, elektricien en vrachtwagenchauffeur zijn ook veelvoorkomende beroepen. Vroeger bood het Diamond District van Manhattan emplooi aan een groot aantal chassidim, maar de diamantindustrie is al decennialang in verval. Voor degenen die in Manhattan werken is er een directe busverbinding, zodat de mannen niet worden blootgesteld aan de aanblik van ‘uitdagend’ geklede vrouwen in de New Yorkse metro.

    Op een vrijdagavond sluit ik me aan bij de sjabbat-ceremonie van de Satmarers. De dienst wordt gehouden in de Biksad-synagoge, die zijn naam dankt aan de plaats Bikszád, nu het Roemeense Bixad. De eenvoudig ingerichte zaal zit stampvol met elegant geklede chassidische mannen van alle leeftijden, die met grote inleving heen en weer bewegend bidden en van tijd tot tijd in zingen uitbarsten. De getrouwde mannen dragen enorme ronde bonthoeden (sjtreimel).

    Wantrouwen

    In mijn normale kleren, met een geleend keppeltje op mijn hoofd en met mijn gladgeschoren gezicht moet ik een rare aanblik bieden, want de leden van de gemeente kijken me allemaal wantrouwig aan. Gelukkig arriveert Menashe, een beetje verlaat, en stelt iedereen gerust dat ik een kennis van hem ben uit Hongarije. Na de ceremonie verzamelt zich een kleine menigte om me heen en de mensen vragen me uit, onder meer over de koosjere restaurants van Boedapest (waarvan er overigens niet veel zijn).

    Als Hongaar ben ik nergens zo enthousiast ontvangen als bij de joden van Williamsburg. Soms neem ik Amerikaanse kennissen mee naar die buurt en dan blijkt dat hun die speciale behandeling niet toekomt. Vanuit het standpunt van de chassidim is dat te begrijpen. Een beetje gechargeerd: in mij zien ze een vertegenwoordiger van hun land van herkomst, dat als bron van hun tradities geldt, en in een gewone Amerikaan een indringer uit de kwaadaardige buitenwereld.

    De koosjere restaurants van Boedapest kennen ze omdat ze bijna allemaal in Hongarije zijn geweest om het graf van hun voorouders of de wonderrebbes te bezoeken. ‘In Hongaarse dorpjes waren er ook beroemde jesjiva’s of rabbijnen die wetenschappelijk werk deden. Die plaatsen betekenen veel meer voor ons dan mensen in Hongarije zich kunnen voorstellen. Wij leven in een parallelle werkelijkheid,’ zegt Yosef glimlachend.

    Elk voorjaar reizen tienduizenden chassidim uit Brooklyn voor een paar dagen naar Bodrogkeresztúr. Ze maken de pelgrimstocht naar deze kleine plaats in de wijnstreek Tokaj om de legendarische Jesjaja Steiner eer te bewijzen bij zijn graf en er wenslijstjes achter te laten. Hij was een wonderrebbe die een vroom leven leidde. Hij verzorgde de zieken en de armen, zonder verschil te maken tussen joden en niet-joden. ‘Zelfs de gojim (niet-joden) kwamen hem om een zegen vragen,’ zegt Yosef. Als ik vraag waarom de volgelingen van andere dynastieën naar het graf van de rebbe in Bodrogkeresztúr gaan, antwoordt Yosef dat Jesjaja Steiner boven alle richtingen stond.

    GettyImages 672359952
    Voor een joodse boekwinkel in Brooklyn, New York. – © Alexi Rosenfeld/Getty Images

    Een neef van Yosef, Dov Berish Weber, is een gepassioneerd onderzoeker van chassidische genealogie. Hij beschouwt het als zijn missie om een database samen te stellen van de grafstenen op de duizenden verlaten joodse begraafplaatsen in Hongarije, inclusief de gebieden die voor de Eerste Wereldoorlog bij Hongarije hoorden. De geïdentificeerde grafstenen worden door een non-profitorganisatie gerenoveerd, in samenwerking met de Hongaarse autoriteiten. De herstelwerkzaamheden betreffen meestal de hele begraafplaats. In de laatste jaren zijn dankzij hen de joodse begraafplaatsen van Makó, Kisvárda en Tokaj gerestaureerd, waarmee belangrijke cultuurschatten zijn gered.

    Na de sjabbatdienst gaat Menashe op vrijdagavond naar huis voor een feestelijk avondmaal met zijn gezin. Ze zingen, drinken wijn en eten traditionele Oost-Europese joodse gerechten, bijvoorbeeld barches (gevlochten brood), gefilte fisj, matzeballensoep en appelcompote. De eetgewoonten van de chassidim worden steeds meer beïnvloed door die van de Sefardische joden (joden die tot 1492 op het Iberisch Schiereiland woonden en zich daarna verspreidden in Noord-Afrika en het Midden-Oosten), dus steeds vaker verschijnen hummus, auberginecrème en andere gerechten uit het Midden-Oosten op hun menu. Op zaterdagochtend zit Menashe tweeënhalf uur in de synagoge te bidden. Als hij thuiskomt, staat de tafel al volgeladen: gekookte zalm of kabeljauw, eieren met uien en gehakte lever en het traditionele gerecht voor de sjabbat: sólet (cholent).

    Op de sjabbat is het verplicht om warm te eten, maar het is verboden vuur te ontsteken en te koken, dus zetten de vrouwen de pot met sólet al op vrijdag in de oven, zodat het precies gaar is voor het middagmaal op zaterdag. 

    Over de regels die het werken op de sjabbat verbieden zijn veel clichés bekend, en het klopt dat de chassidim op de rustdag zelfs geen lamp aandoen (meestal is er een tijdsklok in hun woning geïnstalleerd). De precieze naleving van de regels kan evenwel tot serieuze discussies leiden. In Borough Park wordt bijvoorbeeld door een draad die om elektriciteitspalen wordt gespannen (eroev) het gebied afgebakend waar het op zaterdag is toegestaan om een kinderwagen voort te duwen en een gebedenboek te dragen. Dit maakt het leven makkelijker voor velen, in de eerste plaats voor vrouwen. De hardliners van Satmar zien hierin echter een ontheiliging van de sjabbat. 

    Ook het bestaan van de staat Israël verdeelt de chassidische gemeenschap sterk. De Satmarers en andere Hongaarse groepen veroordelen het zionisme ten scherpste, want in hun opvatting kan Israël pas na de komst van de Messias worden hersteld. Zolang blijven zij liever in ‘ballingschap’ in de Verenigde staten. De uit Rusland afkomstige en eveneens zeer invloedrijke Chabad-Lubavitch-dynastie staat veel welwillender tegenover Israël. Veel volgelingen menen ook dat de Messias al is gekomen, in de persoon van hun in 1994 overleden rebbe.

    De twee groepen staan niet op goede voet met elkaar. Volgens de Satmarers probeert de Chabad-dynastie, die bekendstaat om haar wervingspraktijken, regelmatig leden van hun gemeenschap naar zich toe te lokken. (In Hongarije is het werk van Slomó Köves en zijn organisatie EMIH (Verenigde Hongaarse Joodse Congregatie) gelieerd aan de chassidische Chabad-beweging, die na de omwenteling in Hongarije is verschenen.)

    GettyImages 1391644190
    Het chassidisme is veel meer dan een religie, het is ook een levenswijze. De zin van het leven bestaat uit het onophoudelijk bestuderen van de Tora. – © Spencer Platt/Getty Images

    De laatste tijd waren er verschillende films die de besloten wereld van de chassidische joden proberen te ontsluiten, waarvan de Netflix-miniserie Unorthodox de bekendste is. In de meer kritische films is te zien dat vrouwen in de gemeenschap op een vernederende manier worden behandeld: zij zijn ertoe veroordeeld om kaalgeschoren, in totale isolatie en in potsierlijke, ouderwetse kleren hun leven te wijden aan het opvoeden van hun kinderen. Ik heb ook geen chassidische vrouwen kunnen interviewen, want ze spreken met geen andere man dan hun eigen echtgenoot. Als ik toch eens enkele woorden kan wisselen met Menashes vrouw in het restaurant, stel ik haar vooral vragen over de situatie van vrouwen. Meestal antwoordt ze dat een huwelijk anders niet werkt, zoals je ook kunt zien aan het grote aantal scheidingen in de buitenwereld.

    De politieke invloed van de rebbes is zeer groot

    Behalve de onderdrukking van vrouwen is ook de politieke kracht van de chassidim een punt van kritiek. Aangezien de leden van de gemeenschap in de regel de aanwijzingen van de rebbe volgen, en dus ook dienovereenkomstig als eenheid hun stem uitbrengen, is de politieke invloed van de rebbes zeer groot. Senatoren, gouverneurs en lokale leiders in New York maken hun opwachting bij de Satmarer en andere rebbes om hun steun te krijgen. In ruil daarvoor geven ze grote hoeveelheden geld en doen ze allerlei concessies. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk dat de chassidim eigen rechtbanken, politie en ambulancediensten hebben en dat de meest fundamentele wetten met betrekking tot seculier onderwijs niet gelden voor de jesjiva’s.

    Vergevingsgezind

    Mijn niet-religieuze joodse kennissen in New York vinden het gedrag van de chassidim gênant en ze lopen in een grote boog om hen heen. Als ik in Williamsburg ben, probeer ik niet te oordelen. Misschien ben ik ook wat vergevingsgezinder omdat het me ontroert dat die mensen aan de andere kant van de wereld nog Hongaars spreken of er trots op zijn ‘Hongaarse chassidim’ te zijn, terwijl ze juist door Hongarije hun geboortegrond moesten verlaten en een groot deel van hun familie hebben verloren.

    Het doet me denken aan dorpen in het oosten van Hongarije, waar voor de holocaust de orthodoxe joden de motor van de economie waren. Tokaj komt in me op, de wijnstreek die tot op de dag van vandaag niet hersteld is van het verlies van de joodse wijnhandelaren die de aszú, een sterke dessertwijn, exporteerden naar heel Europa en de VS. En de vele kleine dorpjes, gekenmerkt door diepe armoede, waar het percentage joden vroeger in de dubbele cijfers lag, maar waar nu alleen nog de begraafplaatsen buiten het dorp aan hen herinneren.

  • Op dit eiland in Tunesië leven joden, moslims en christenen vreedzaam samen

    Op dit eiland in Tunesië leven joden, moslims en christenen vreedzaam samen

    Elk jaar in mei vindt in Tunesië een uniek en buitengewoon evenement plaats. Het Noord-Afrikaanse land, waar zich de oudste synagoge van Afrika bevindt, viert dan zijn joodse wortels met de bedevaart van La Ghriba, waarbij verschillende religies samenkomen.

    Zodra de veerboot de kust nadert, wacht je op Djerba een sereen welkom. Het eiland, voor Tunesiërs de historische thuishaven van de drie grote monotheïstische godsdiensten en de bestemming van een jaarlijkse joodse pelgrimstocht, wordt vaak het ‘eiland der dromen’ genoemd. Er zijn palmbomen zover het oog reikt en overal langs de soms nog rudimentaire wegen zie je Djerba’s kenmerkende huizen of ‘houche’, de kleurrijke kleine winkeltjes van het eiland. Mannen dragen er grijze jebbas-gewaden en vrouwen beskrismalhfas en dhallalas (traditionele strohoeden).

    Dit decor wordt aangevuld met tal van ongeëvenaarde details, zoals de geur van de prachtige blauwe zee, de vissers en de her en der verspreid liggende boten, verkopers van boeketten jasmijn, groepjes oude mannen die dammen en vrouwen op motorfietsen. Op dit eiland kom je in aanraking met kleuren, tinten en vormen die soms eenvoudig en minimalistisch zijn, maar nooit saai.

    Maar het zijn niet alleen de paradijselijke kusten en de onvergelijkbare zonsondergangen die dit eiland tot een unieke en mooie plek maken; het zijn vooral de mensen. Vandaar dat Djerba niet alleen wordt aanbeden door Tunesiërs, maar door talloze bezoekers van over de hele wereld. Hier zijn de bewoners er in de loop van de geschiedenis namelijk in geslaagd een vreedzame coëxistentie tussen de moslim-, christelijke en joodse gemeenschappen te behouden. En dat is uiterst zeldzaam – niet alleen voor de Arabische regio, ook voor de rest van de wereld.

    Joden van Djerba

    Vóór de oprichting van Israël in 1948 woonden er meer dan honderdduizend joden in Tunesië, maar met het verstrijken der jaren en na de Arabisch-Israëlische oorlog van 1967 zijn velen vertrokken. Toch herbergt het land een van de grootste joodse gemeenschappen in de MENA-regio [de regio Midden-Oosten en Noord-Afrika], van circa tweeduizend joden, waarvan zo‘n twaalfhonderd op Djerba wonen.

    Nog altijd hebben joodse Tunesiërs een belangrijke plek in de samenleving van Djerba. Net als hun niet-joodse buren zijn ze vooral actief in de toerismesector van het eiland.

    Djerba heeft één joodse school (Yeshiva), waar zowel seculier als religieus onderwijs wordt gegeven aan vijf- en zesjarigen evenals aan tieners. Als je door de klaslokalen loopt, hoor je de leerlingen discussiëren over verzen uit de Torah, waarbij ze afwisselend spreken in Tunesisch Arabisch en het Hebreeuws van de bijbelse teksten. Op een andere school op het eiland, de lagere school van Souani, krijgen islamitische en joodse leerlingen les in dezelfde klaslokalen. Ze hebben hetzelfde seculiere academische streven en geloven beide in een samenleving waarin verschillende religies harmonieus naast elkaar bestaan.

    Ook niet-joodse Tunesiërs nemen deel aan bepaalde tradities van de synagoge

    De joodse erfenis van Djerba en de religieuze diversiteit van Tunesië worden elk jaar tijdens de Ghriba-bedevaart getoond. Dit jaarlijkse evenement vond dit jaar plaats van 14 tot 22 mei. Tot de activiteiten behoorden onder andere een bezoek aan de synagoge, liefdadigheidsacties, gebedsdiensten en andere lokale tradities.

    Ook niet-joodse Tunesiërs nemen deel aan bepaalde tradities van de synagoge. Lokale vrouwen en bezoekers brengen bijvoorbeeld eieren mee waarop de namen van jonge meisjes uit hun familie staan en laten die in de synagoge achter. Na afloop van de bedevaart worden de eieren teruggebracht naar de jonge meisjes, die ze opeten in de hoop dat hun huwelijkskansen daarmee verbeteren.

    Als je naar de synagoge loopt, valt de beveiliging op. Honderden politieagenten, speciale eenheden en pantservoertuigen staan langs de weg en rond het bedevaartsoord opgesteld om een goed verloop van de festiviteiten te garanderen. Alvorens het terrein te betreden, moeten de bezoekers door een scanpoort en worden hun bezittingen grondig doorzocht.

    Maar zodra je het veiligheidsapparaat voorbij bent, zie je honderden Tunesische vlaggen en het kenmerkende blauw en wit van de gebouwen.

    Kleurrijke pelgrimage

    Op de achtergrond klinkt muziek. Er hangt een feestelijke sfeer. Alle betrokkenen, van jong tot oud, hebben hun mooiste kleren aangetrokken. Onder de prachtige zon van een aprilmiddag komen groepen bezoekers bijeen in nette overhemden, kleurrijke jurken en op hoge hakken, hun passen versnellend om een goede plek te bemachtigen in de Oukala (een soort traditionele en goedkope hotels in populaire Tunesische wijken), waar muziek zal worden gemaakt.

    ‘Mijn moeder heeft nieuwe kleren voor me gekocht voor vandaag. Nu wacht ik op mijn vrienden. Ik heb er heel veel zin in!’ zegt de achtjarige Ishmail met brede lach. Hij is hier met zijn ouders en andere familieleden.

    Aanwezigen die vooral gericht zijn op het religieuze aspect van het evenement, begeven zich rechtstreeks naar de synagoge. Ondanks de relatief kleine omvang is het interieur van het gebouw verbluffend mooi. Opvallend is de blauwe kleur van de aardewerken tegels die de vier muren tot aan het plafond bedekken. De ruimte krioelt van de mensen.

    Onder de bogen en de eeuwige lampen zitten sommige aanwezigen de Torah te lezen, anderen steken kaarsen aan en spreken, discreet en met gesloten ogen, lang gekoesterde wensen uit.

    ‘Ik ben hier gekomen om dit ei neer te leggen in naam van mijn alleenstaande nichtje,’ vertelt de zeventigjarige Frans-Tunesische Eliana. ‘Ik weet dat ze er niet echt in gelooft, maar sinds ik klein was, kwam ik al naar deze synagoge en zag ik mijn moeder en mijn tantes dit doen. Het maakt deel uit van onze geschiedenis en onze identiteit, en zo houd ik het erfgoed in leven.’

    Tragische aanslagen

    Deze jaarlijkse bedevaart is niet alleen belangrijk voor de plaatselijke gemeenschap, maar voor het hele land, zowel in economisch opzicht, doordat de toeristische sector van het eiland nieuw leven wordt ingeblazen, als in politiek opzicht, omdat ze bijdraagt aan het behoud van de vreedzame en multiculturele identiteit van Tunesië. Het evenement wordt maanden van tevoren voorbereid, met medewerking van verschillende belanghebbenden, waaronder het ministerie van Binnenlandse Zaken. Dit alles om onaangename verrassingen te voorkomen.

    In het recente verleden maakte Tunesië namelijk twee tragische aanslagen op de joodse gemeenschap van Djerba mee. De eerste was in 1985, toen een soldaat die belast was met de ordehandhaving het vuur opende in de synagoge van Ghriba, waardoor vijf mensen om het leven kwamen. In 2002 doodde een vijfentwintigjarige Frans-Tunesiër, die banden had met Al-Qaida, eenentwintig mensen.

    Met deze incidenten in het achterhoofd doen de Tunesische autoriteiten er alles aan om het jaarlijkse evenement veilig te houden. Zo willen ze tevens het toerisme, de nationale economie en de reputatie van Tunesië in het buitenland opschroeven. Regeringsleider Najla Bouden, minister van Toerisme Mohamed Moez Belhassine, woonde dit jaar het begin van de pelgrimage bij, evenals gouverneur van Médenine Said Ben Zayed, de opperrabbijn van Tunesië Haïm Bittan en verschillende ambassadeurs en diplomaten uit landen als Frankrijk, België, Duitsland, Italië en de VS.

    ‘Djerba is een smeltkroes van beschavingen en een plek van vrede en tolerantie’

    ‘Djerba is een smeltkroes van beschavingen en een plek van vrede en tolerantie,’ zegt Bouden. Minister van Toerisme Belhassine noemt de bedevaart van La Ghriba een belangrijke gebeurtenis die de zomer en het toerismeseizoen inluidt en de mensen aanspoort tot vreedzaam samenleven, tolerantie en een open gemeenschap.

    Hij voegt eraan toe dat dit belangrijke evenement, dat volgens hem ongeveer drieduizend bezoekers, vijftig journalisten en hoogwaardigheidsbekleders van veertien nationaliteiten bijeenbracht, niet alleen de gelegenheid biedt om het multiculturele aspect van het eiland te ontdekken, maar ook om je onder te dompelen in de talloze andere attracties van deze rijke bestemming.

    De organisatoren van de pelgrimstocht, onder leiding van Perez Trabelsi (voorzitter van het joodse comité van Ghriba en leider van de joodse gemeenschap in Djerba), zijn van mening dat de opkomst dit jaar uitzonderlijk was en dat het evenement zich op verschillende niveaus onderscheidde. Voor hen was het, na twee jaar van pandemie, van cruciaal belang om in deze tumultueuze tijden vanuit Tunesië een boodschap van vrede en coëxistentie over de wereld te verspreiden.

    Lees ook:

  • Vaticaan stelt archieven Pius XII over joden online beschikbaar voor publiek

    Vaticaan stelt archieven Pius XII over joden online beschikbaar voor publiek

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Onderzoek: coronavaccins hebben in 2021 bijna 20 miljoen levens gered

    » Ecuador: inheemse demonstranten proberen parlement binnen te dringen

    Brieven met hulpverzoeken van joden staan nu online

    De Heilige Stoel heeft donderdag duizenden archiefstukken online beschikbaar gesteld voor publiek. Het betreft onder andere aan de paus gerichte brieven van Europese joden die tijdens de Tweede Wereldoorlog om hulp vroegen tegen de vervolging door de nazi’s. ‘Wanhopige verzoeken’, schrijft Il Fatto Quotidiano. In maart 2020 had het Vaticaan al de historische archieven van Pius XII opengesteld voor onderzoekers. Pius XII (paus van 1939 tot 1958) wordt door sommigen ervan beschuldigd te hebben gezwegen tijdens de uitroeiing van zes miljoen joden.

    Deze nieuwe publicatie, op verzoek van paus Franciscus, zal de nakomelingen van de afzenders in staat stellen om ‘sporen van hun verwanten te vinden in elk deel van de wereld’, aldus aartsbisschop Paul Gallagher, secretaris voor Relaties met Staten, in een artikel gepubliceerd in L’Osservatore Romano, het dagblad van het Vaticaan.

    Lees ook:

  • Waar is die god die mijn moeder elke avond  aanroept?

    Waar is die god die mijn moeder elke avond aanroept?

    De eindeloze oorlog in naam van Allah en de verschrikkelijke humanitaire crisis hebben sommige jonge mensen in Jemen ertoe gebracht het geloof af te zweren. Het atheïsme wint terrein in dit zwaar religieuze en conservatieve land.

    ‘Bij mij staat Allah voor de bloemen, maar bij de bloemen zelf staat hij voor het graf.’ Dit zijn de woorden van Omar Batawil, een Jemenitische jongen van zeventien die in april 2016 werd vermoord vanwege uitlatingen op Facebook die hem op beschuldigingen van atheïsme kwamen te staan. Omar bekritiseerde degenen die hij ‘de handelaren in religie’ noemde en heeft zwaar voor die mening moeten boeten: met zijn leven. Omar is niet de enige die is gedood vanwege zijn kritiek op het religieuze bestel of zijn mening over geloofskwesties; hij is een van de jongeren, merendeels onder de twintig, die zijn geliquideerd omdat ze openlijk hebben gezegd hoe ze over het geloof in Allah denken.

    Religie is een onderwerp waarover door talrijke groepen jongeren in Jemen enorm veel wordt gediscussieerd, maar heel zelden in de openbare sfeer. Het geloof en de alomtegenwoordigheid van religieuze teksten zijn thema’s geworden die veel mensen op sociale media aansnijden. Sommigen komen zelfs in het openbaar voor hun mening uit, ondanks het gevaar dat dat oplevert in een land dat ten prooi is aan oorlog, aan een algehele crisis en aan gewapende religieuze partijen. Ik heb contact opgenomen met diverse van deze jongeren die aan het hoofd staan van ‘atheïstische’ groepen op sociale media, om te begrijpen waarom ze de religie hebben afgezworen.

    ‘Ik hoop te kunnen emigreren om alles te vergeten wat ik hier heb geleerd’

    ‘Ik word verscheurd door tegenstrijdige gevoelens over wat ik lees en op de wereld zie, en wat er in mijn stad gebeurt,’ zegt Mohsen (19). ‘Ik word niet meer overtuigd door wat ik in de moskee hoor, of het nu gaat om de gebeden over onze ellende of de vergeving die we moeten schenken aan mensen die niet denken of bidden zoals wij. Waarom wordt er niet opgeroepen tot verzoening? Ik woon zelf in Jemen, maar via internet heb ik vrienden in een heleboel landen met wie ik meningen uitwissel. In Jemen zie ik overal verwoesting om me heen. Ik kan hier niet mezelf zijn. Ik ben bang om te worden gedood. Weet u dat een ander kapsel nemen genoeg is om gevangenisstraf te riskeren? Ik hoop te kunnen emigreren om alles te vergeten wat ik hier heb geleerd.’

    Religieuze mythe

    De Jemenitische politicus Ali al-Bakhiti, die zich liever schrijver en blogger noemt, heeft talrijke jonge volgers op Twitter, waar hij vrijuit spreekt over het feit dat hij niet gelovig is. Veel jongeren reageren op zijn tweets, maar durven niet hun naam te noemen. ‘Mij gaat het er in de eerste plaats om gedachten te verspreiden die ik niet kon verspreiden toen ik nog in het Midden-Oosten woonde,’ zegt Al-Bakhiti. ‘Ik heb het gevoel dat Jemen is vernietigd door de religieuze mythe en dat het land daardoor al meer dan veertienhonderd jaar gebukt gaat onder etnische en sektarische conflicten. En de religieuze groeperingen die met elkaar botsen in Jemen doen dat vanwege deze mythe. Om die reden zet ik me in voor de ontmanteling ervan, om te voorkomen dat de jeugd op de bres gaat staan voor een mythisch paradijs.’

    ‘Je kunt nog beter dood zijn dan zo’n ellendig leven te moeten leiden’

    ‘Ik ben atheïst,’ verklaart Salwa F. ‘Ik gebruik een vals account om mijn mening op Twitter te geven, te meer omdat wij, de jonge vrouwen en mannen in Jemen, de laatste tijd steeds meer onder druk komen te staan. We hebben geen enkele hoop meer. Je kunt nog beter dood zijn dan zo’n ellendig leven te moeten leiden. Waar is de god die mijn moeder elke avond aanroept? Waarom laat hij ons zo lijden? Waarom verdedigt hij de onschuldige kinderen niet die in Jemen worden gedood?’

    Abdel Aziz l-Assali, hoogleraar islamitische filosofie, vertelt dat er zich bijna drie jaar geleden een discussie ontspon tijdens een van zijn colleges. ‘Toen de jongeren zagen hoe vrouwen en kinderen omkwamen door granaten in de belegerde stad Taïz en met het gebrek aan medische zuurstof werden geconfronteerd, begonnen ze zich dingen af te vragen: hoe kan het dat Allah in al zijn goedertierenheid accepteert dat kinderen, vrouwen en bejaarden onschuldig worden gemarteld, gedood en verwond? Aan het eind van de discussie heb ik gevraagd of deze gebeurtenissen mensen ertoe konden brengen het geloof vaarwel te zeggen. Ik heb het volgende tegen mijn studenten gezegd: het religieuze discours dat op gevoelswaarde berust, gaat ten koste van het rationeel denken en de logica, die genegeerd en veronachtzaamd worden terwijl ze centraal staan in de religieuze tekst.’

    ‘De religie in onze samenlevingen wordt opgelegd door wet en overheid’

    ‘De eerste keer dat ik aan de religie begon te twijfelen was toen ik nog maar negen jaar was en een Koranlerares me sloeg,’ vertelt Salem. ‘Op dat moment vroeg ik me af hoe iemand die elke dag de Koran leest, die geacht wordt dicht bij Allah te staan, zo gemeen kon worden. Toen de oorlog in Jemen begon en allerhande religieuze groeperingen meer macht kregen, raakte ik er des te sterker van overtuigd dat staat en religie gescheiden moeten worden als we voor iedereen een heilzame en rechtvaardige samenleving willen.’

    ‘De burgers zien met eigen ogen hoe gewelddadig deze groeperingen zijn wanneer ze aan de macht komen. Ze hebben al hun krediet verspeeld,’ voegt Ali al-Bakhiti er nog aan toe. ‘Het percentage atheïsten en agnostici neemt spectaculair toe, maar die mensen kunnen zich niet vrijelijk uitspreken, dus het is moeilijk te meten. Bovendien wordt de religie in onze samenlevingen opgelegd door wet en overheid.’

    Mooie kanten

    Mohamed al-Mansouri (33) heeft een wat andere kijk op de zaak; hij is ervan overtuigd dat religie onontbeerlijk kan zijn voor sommige bevolkingsgroepen. ‘Ik heb het geloof twee jaar geleden vaarwel gezegd,’ bekent hij, ‘maar voor veel mensen is het volgens mij een noodzaak. Ik ben voor de scheiding van geloof en staat, en ik hoop dat de religieuze groeperingen die momenteel in Jemen aan de macht zijn zullen vertrekken. Toch hoop ik tegelijkertijd niet dat het afgelopen zal zijn met de religie. Religie is in veel gevallen belangrijk en de islam heeft ondanks alles veel mooie kanten, al valt er ook het nodige op aan te merken.’

    ‘Wat heb ik als vrouw voor toekomst in dit land?’

    Salwa besluit het gesprek met een vraag die onbeantwoord blijft. ‘Wat heb ik als vrouw voor toekomst in dit land? Met een man trouwen die ten strijde zal trekken in naam van de religie, omdat hij daarmee in het paradijs hoopt te komen, en eindigen als weduwe? De maatschappij zal me niet toestaan mijn toekomst zelf vorm te geven. En ik zal mijn manier van leven niet kunnen veranderen. Wij jongeren zijn niet afgesloten van de wereld en we weten dat de religieuze groeperingen die ons besturen het leed alleen maar verergeren. We hebben geen recht op een normaal leven, zoals de rest van de wereld.’

  • Zo onderdrukt China de Oeigoeren: detentiecentra en ‘shoot to kill’-beleid

    Zo onderdrukt China de Oeigoeren: detentiecentra en ‘shoot to kill’-beleid

    Onlangs lekten politiedossiers met foto’s van Oeigoerse gevangenen in zogenaamde ‘heropvoedingscentra’ uit. Ze geven een ontluisterend beeld van de massale vervolging van de islamitische minderheid in China. ‘De kampen zijn bedoeld om de Oeigoerse cultuur, geschiedenis en religie uit te roeien.’

    China’s brute en grootschalige onderdrukking van de Oeigoerse islamitische minderheid in Xinjiang heeft voor het eerst een gezicht gekregen. Tienduizenden politiedossiers, foto’s en officiële documenten van hoge ambtenaren van de Communistische Partij van China (CPC), waar El País toegang toe had, leveren een ongekend bewijs van de omvang van het gevangenissysteem in deze westelijke regio van China en van het paranoïde beleid van Beijing ten aanzien van etnische minderheden. 

    Het journalistieke onderzoek van dit archief vond plaats onder leiding van de Duitse wetenschapper Adrian Zenz, expert in het analyseren van de Chinese onderdrukking in de regio, in samenwerking met nog dertien media in elf landen. Het onderzoek, dat De Politiedossiers van Xinjiang is genoemd, maakte het mogelijk om duizenden gevangenen, onder wie minderjarigen, in de door China gebouwde heropvoedingscentra te identificeren. De aanklachten op basis waarvan mensen gevangen worden gehouden en die doorgaans weinig consistent zijn, konden worden geclassificeerd; dankzij beelden die in de inrichtingen zijn gemaakt kunnen detentie-, ondervragingsmethoden en mishandeling van bewakers tegen gevangenen worden getoond.

    Ook werden transcripties geanalyseerd van openbare toespraken door de hoogste leiders van de CPC in Xinjiang. Waarom ook toespraken van secretaris-generaal Chen Quanguo die, overeenkomstig de instructies van Beijing, de doctrine van maximale veiligheid verkondigde en verklaarde dat gevangenen zelfs zullen worden doodgeschoten als zij in opstand komen of proberen te ontsnappen.

    Systematische repressie

    ‘Achter deze systematische repressie,’ zegt Zenz in een telefoongesprek, ‘schuilen de angst en paranoia van president Xi Jinping vanwege het verzet van de Oeigoeren tegen pogingen van de staat om hen te controleren.’ Volgens onderzoek van Zenz, die lid is van de in Washington gevestigde Victims of Communism Memorial Foundation, is de opsluiting van Oeigoeren in heropvoedingskampen de ‘meest omvangrijke internering van een etnische religieuze minderheid sinds de Holocaust’. Ten minste 1 miljoen burgers, van wie de meesten Oeigoeren, zijn opgesloten in heropvoedingskampen verspreid over Xinjiang. Over dat aantal bestaat consensus onder journalisten, academici en de Verenigde Naties.

    Een anonieme externe bron kwam aan De politiedossiers van Xinjiang via geraffineerde hacks van de computersystemen van het Bureau voor Openbare Veiligheid van de Chinese politie (afgekort de PSB), in de districten Konasheher in de prefectuur Kashgar en Tekes in het district Ili Kazachstan. De hacker, die om veiligheidsredenen anoniem wil blijven, handelde op eigen initiatief, zonder enige betrokkenheid bij of steun van onderzoekers die bij het project betrokken zijn. De documenten, beelden en de aanwezigheid van drie heropvoedingscentra waarop de dossiers betrekking hebben, zijn door de groep journalisten geverifieerd middels geolokalisatie op basis van foto’s die door agenten zijn genomen. Hany Farid, expert en professor aan de universiteit van Berkeley op het gebied van forensische beeldanalyse, heeft verklaard dat er geen bewijs is dat de fotoarchieven zijn gemanipuleerd.

    Het district Kashgar op de grens met Kazachstan en Kirgizië, die officieel de Autonome Oeigoerse Regio Xinjiang heet, is een van de geplande haltes tijdens de officiële reis die de Hoge Commissaris van de VN voor de mensenrechten, de voormalige Chileense president Michelle Bachelet, afgelopen maandag is begonnen. Bezoek aan de heropvoedingscentra voor Oeigoeren, de grootste etnische groep in deze regio met ongeveer 25 miljoen inwoners, was een van de fundamentele eisen die mensenrechtenorganisaties bij Bachelet hadden neergelegd. In een en referentiedocument voor overheidsbeleid erkende de regering van Xi in oktober 2018 voor het eerst het bestaan van deze faciliteiten. Beschuldigingen van onderdrukking van minderheden in Xinjiang wijst Beijing echter van de hand, en de regering houdt vol dat deze faciliteiten zijn bestemd voor onderwijs en vorming van ‘studenten’, die zich vrijelijk kunnen bewegen. Het regime noemt dergelijke gevangenisinternaten ‘onderwijs- en vormingscentra voor beroepsvaardigheden’.

    12 procent van de volwassen bevolking is geïnterneerd in heropvoedingscentra, detentiecentra of gevangenissen

    De politiedossiers van Xinjiang tonen een heel andere werkelijkheid. Zo blijkt uit een analyse van duizenden politiedocumenten in Konasheher (het register van de veiligheidsdiensten telt zo’n 286.000 burgers, bijna de complete bevolking van dit district) dat in de periode 2017-2018 ten minste 12,3 procent van de volwassen bevolking op de een of andere manier is geïnterneerd in heropvoedingscentra, detentiecentra (voor mensen die zijn opgepakt en die een veroordeling afwachten) of gevangenissen.

    In een e-mail als antwoord op vragen over de inhoud van het lek schreef Liu Pengyu, woordvoerder van de Chinese ambassade in de Verenigde Staten: ‘De Xinjiang-kwesties hebben in wezen te maken met de strijd tegen gewelddadig terrorisme, radicalisering en separatisme, niet met mensenrechten of religie. Gezien de ernstige en complexe situatie aangaande terrorismebestrijding heeft Xinjiang een reeks doortastende, solide en effectieve maatregelen voor deradicalisering genomen. Als gevolg daarvan heeft zich in Xinjiang al verscheidene jaren achtereen geen enkel geval van gewelddadig terrorisme meer voorgedaan’.

    Na publicatie van de documenten deed de woordvoerder van het Chinese ministerie van Buitenlandse Zaken, Wang Wenbin, de berichten dinsdag af als ‘een nieuw voorbeeld van anti-Chinese krachten die China belasteren’, aldus correspondent Macarena Vidal Liy vanuit Beijing. ‘Het is gewoon een herhaling van een oude truc,’ zei hij op de dagelijkse persbriefing van zijn ministerie. ‘De wereld laat zich niet voor de gek houden door de verspreiding van geruchten en leugens die niet kunnen verhullen dat Xinjiang stabiliteit en welvaart kent en dat de inwoners een gelukkig en tevreden leven leiden,’ zei hij. Daarmee herhaalde hij het argument van Beijing in reactie op beschuldigingen van mensenrechtenschendingen in Xinjiang.

    5074 portretfoto’s

    De politiedossiers van Xinjiang bevatten, naast andere documenten, 5074 portretten die tussen 6 januari en 25 juli 2018 zijn gemaakt op politiebureaus of in gesloten centra in het district Konasheher. Het vormt een van de belangrijkste bijdragen van de analyse van de Chinese repressie. Van deze foto’s konden 4989 worden gekoppeld aan een persoon en worden voorzien van gedetailleerde informatie. El País analyseerde een steekproef van 2884 foto’s met specifieke gegevens van gedetineerden uit deze bestanden die afkomstig zijn uit het informatienetwerk van het Chinese PSB. De meerderheid van de gedetineerden, 2001 burgers, is jonger dan 30 jaar (69 procent). Mannen zijn in de meerderheid, 2490 (86 procent), tegenover 394 vrouwen (14 procent). Uit de analyse blijkt dat zich onder de gevangenen mensen bevinden van alle leeftijden (tussen 15 en 73 jaar) en van alle opleidingsniveaus (van ongeschoolden tot universitair gediplomeerden).

    Dit journalistieke onderzoek wordt bij een half dozijn andere onderzoeken gevoegd waarmee sinds 2019 wordt geprobeerd de omvang aan te tonen van de systematische onderdrukkingscampagne van het communistische regime tegen de Oeigoeren, een etnische groep die voornamelijk islamitisch is. Xinjiang, dat in het westen aan zeven Centraal-Aziatische landen grenst, is van bijzonder belang voor Beijing. Ten eerste omdat het een doorvoerpunt is op de Nieuwe Zijderoute, ten tweede om veiligheidsredenen: het zogenaamde binnen-China wordt sociaal, politiek en economisch gedomineerd door etnische Han-Chinezen, die er in de meerderheid zijn. Maar deze regio, gelegen in het oostelijke deel van het historische Turkestan, tussen de Kaspische Zee en de Gobiwoestijn, met een geschiedenis en een cultuur die verbonden zijn met de Turkse volkeren en waar de gelaatstrekken verschillen van die van de Han, heeft traditioneel altijd een verlangen naar autonomie gekend. Dit is door Beijing sterk verworpen en nu vrijwel vernietigd.

    De verhuizing van etnische Han-Chinezen in een poging om de demografie van Xinjiang te veranderen, leidde rond 2009 tot hevige botsingen. Een van de bloedigste episodes was de botsing tussen de Oeigoerse en de Han-gemeenschap in juli 2009 in Urumqi, de hoofdstad van de regio, waarbij ongeveer tweehonderd doden vielen. Na verschillende aanvallen door gewapende separatistische groeperingen gaf Xi in mei 2014 het groene licht voor een campagne onder de naam Een dreun tegen gewelddadig terrorisme, en die vormt nog steeds het kader voor het huidige keiharde optreden in de regio.

    Abdurahman Hasan herkende zijn vrouw op een van de foto’s

    Abdurahman Hasan, een Oeigoer, is een van de personen die de juistheid van de politiedossiers kon bevestigen; hij identificeerde zijn vrouw tijdens een interview in Istanboel met BBC News, dat ook deel uitmaakt van de journalistieke onderzoeksgroep. Hasan is een zakenman uit Kashgar die vaak naar het buitenland reisde, wat vaak argwaan wekt in Beijing. Hij verliet Xinjiang in januari 2017, op het hoogtepunt van de hardhandige repressie. In de zomer van dat jaar werd zijn destijds eenentwintigjarige vrouw Tunsagul Nurmemet gearresteerd, samen met zijn moeder. Volgens haar dossier werd Nurmemet veroordeeld wegens ‘het bijeenbrengen van een menigte om de maatschappelijke orde te verstoren, ruzies uit te lokken en problemen te veroorzaken’. ‘Haar leven draaide om haar familie en ze ging ook niet veel met anderen om,’ aldus Hasan tijdens het gesprek in de Turkse hoofdstad. ‘Ze ging alleen op bezoek bij familie, ik weet niet of ze veel vrienden had. Ze had geen groot sociaal netwerk, dus hoe kon ze een menigte bijeenbrengen?’ Ze kreeg zestien jaar hechtenis opgelegd.

    De Nurmemet op de foto in De Politiedossiers van Xinjiang is onherkenbaar vergeleken met de pasfoto die tot dusver beschikbaar was in de databanken met Oeigoerse slachtoffers van de Chinese repressie. Volgens informatie die Hasan in de zomer van 2017 kreeg, waren zijn vrouw en moeder ‘meegenomen om te studeren’.

    Haar verhaal komt overeen met dat van veel andere families van mensen die zijn verdwenen. Zo ging het bijvoorbeeld ook met Nursiman Abdureshid, drieëndertig, die door El País eveneens in Istanboel werd geïnterviewd. Haar familieleden komen voor in politiedossiers van de prefectuur van Kashgar. In de zomer van 2017 hoorde Abdureshid, die toen al twee jaar in Turkije woonde, via een telefoontje van familieleden dat haar vader en jongere broer naar een ‘onderwijsprogramma’ waren gebracht. De oudste van haar broers zat sinds 2016 gevangen wegens een vermeend niet-afbetaalde schuld. Ze werd verzocht niet meer te bellen en kreeg te horen dat haar familie in orde was. In juni 2020 slaagde Abdureshid erin de Chinese ambassade in Turkije te laten bevestigen dat haar familieleden straffen van meer dan tien jaar waren opgelegd. ‘Ik vroeg wat de redenen waren voor hun veroordeling,’ vertelt Abdureshid tijdens het interview, ‘en ik kreeg te horen dat het ging om “verstoring van de openbare orde” en dat ze mogelijk van plan waren terroristische activiteiten te ontplooien.’ Haar vader was een voormalig staatsambtenaar en lid van de CPC. Zij meent dat zijn vertrek uit Xinjiang, samen met dat van haar andere zuster, die in de VS woont, achterdochtig maakte en tot de onderdrukking van haar familie heeft geleid.

    In De politiedossiers van Xinjiang bevinden zich ook tientallen foto’s die door de autoriteiten en veiligheidsdiensten zijn gemaakt in het district Tekes, in de prefectuur Illi Kazachstan. Ongeveer dertig van de beelden, gemaakt tussen april 2017 en september 2018, lijken te zijn gemaakt in het heropvoedingscentrum in het district. Het optreden van de officieren in die inrichting, hun bewapening en de manier waarop gevangenen worden behandeld, staan haaks op wat je in een centrum voor beroepsopleiding zou verwachten en ook haaks op publiekelijke berichten uit Beijing.

    Martelingen

    Op de foto’s worden gedetineerden met kappen over hun hoofd en met handboeien om van de ene plek naar de andere gebracht. Agenten gewapend met stokken zijn meestal etnische Oeigoeren, maar er zijn ook agenten met aanvalsgeweren en oproeruitrusting; dat zijn meestal etnische Han. Volgens de foto’s die in Tekes gemaakt zijn, vinden de verhoren plaats op zogenaamde tijgerstoelen, die volgens Human Rights Watch deel uitmaken van het repertoire van martelwerktuigen dat China gebruikt. Verscheidene reeksen van deze documenten tonen praktijken die in 2017 ook in de zogenoemde Secret China Cables, andere gelekte officiële documenten, aan het licht kwamen. Het gaat om het injecteren van gevangenen, in dit geval van mannen, meestal voor voedselvoorziening of voor analyse. Andere praktijken betreffen de verplichting om dagelijks de doctrine van het kamp te reciteren of in groepen te luisteren naar de propaganda van de lokale autoriteiten.

    Naar schatting hebben al een miljoen burgers in deze heropvoedingscentra gezeten, maar dat cijfer zou wel eens zeer conservatief kunnen zijn, blijkens een van de meest onthullende politieke toespraken die door het lek aan het licht zijn gekomen. Het document is een transcriptie van een toespraak die Zhao Kezhi, minister van Openbare Veiligheid, hield tijdens zijn bezoek aan Urumqi op 15 juni 2018 en geclassificeerd als ‘geheim document’. De transcriptie klopt met plaatselijke persberichten en foto’s van de communistische leider gedurende zijn verblijf in de hoofdstad van Xinjiang. Volgens het document sprak Zhao in zijn toespraak van 2 miljoen burgers van Xinjiang die ‘beïnvloed’ waren door ideeën over onafhankelijkheid, en nog eens 2 miljoen mensen die religieuze extremistische gedachten koesterden. Daarmee noemde hij twee van de drie ‘demonen’ die Beijing nadrukkelijk in de as van het kwaad plaatst: terrorisme, separatisme en radicaal islamisme.

    De CPC-minister meldde tijdens zijn toespraak dat twintigduizend ‘terroristen’ waren ‘vernietigd‘

    Zhao toont zich verheugd over de stabilisering van Xinjiang dankzij de ‘dreun tegen gewelddadig terrorisme‘ die in werking treedt zodra zij hun gezicht laten zien’. De CPC-minister meldde tijdens zijn toespraak dat twintigduizend ‘terroristen’ waren ‘vernietigd‘, waarbij hij niet specificeerde wie zij waren of wat er met hen is gebeurd. Het aantal is meer dan vijf keer zo groot als het totaal in de voorafgaande tien jaar. Zhao feliciteerde in zijn toespraak ook Chen Quanguo, de algemeen secretaris van de CPC in de regio tussen 2016 en 2021 en leider van de campagne om Xinjiang te ‘stabiliseren’. Diezelfde Chen staat op de Amerikaanse sanctielijst wegens schending van mensenrechten van etnische minderheden in Xinjiang.

    Chen was al een rolmodel in Beijing vanwege zijn optreden in Tibet voordat hij in Xinjiang aantrad. Hij wordt beschouwd als het brein achter het hardhandige optreden tegen de Oeigoeren en, in het bijzonder, de wildgroei aan heropvoedingscentra sinds 2017. Chens woorden in de toespraken in De politiedossiers van Xinjiang geven een nauwkeurig beeld van de mate van onderdrukking in deze straf- en detentiecentra. In een van zijn toespraken voor zijn mensen op 28 mei 2017 noemt hij de opsluiting in deze faciliteiten ‘humaan’, alleen al vanwege de airconditioning, de dagelijkse voedselrantsoenen en de mogelijkheid voor gevangenen om bezoek te ontvangen.

    ‘Eerst doden, dan rapporteren’

    Een analyse van de documenten in de uitgelekte Secret China Cables leidde tot de conclusie dat de gebruikelijke duur van detentie in de heropvoedingscentra één jaar was, maar de gezant van Beijing in de regio zette met zijn woorden in mei 2017 vraagtekens bij de vrijlating van enkele gevangenen. ‘Als ze weggaan,’ zei Chen, ‘keren de problemen onmiddellijk terug, dat is de realiteit in Xinjiang.’ In een nieuwe transcriptie van 18 juni 2018 is zijn toon radicaler. ‘Niemand zal ooit plannen moeten smeden om de inrichtingen voor internering aan te vallen,’ verklaarde Chen. ‘Zodra iemand toch een stap in die richting doet, moet vastberaden het vuur worden geopend.’ In diezelfde toespraak, waarin hij herinnerde aan het geweld in Urumqi in 2009, betoogde Chen dat veiligheidstroepen tegen degenen die de wet overtreden moeten optreden onder het motto ‘eerst doden, dan rapporteren‘.

    ‘Als de studenten niet luisteren naar de bevelen mag de gewapende politie een waarschuwingsschot lossen’

    De woorden van de algemeen secretaris van de CPC in Xinjiang waren tot vorig jaar niet aan dovemansoren gericht. Verschillende documenten uit het archief, afkomstig uit de computersystemen van de Chinese politie in de regio, laten zien dat de doctrine van Chen een fundamentele pijler in de actieprotocollen is geworden. Bijvoorbeeld als het gaat om ontsnappingspogingen door ‘studenten’ [lees: gevangenen] – een obsessie vanwege Beijings surveillanceparanoia. Een document beschrijft hoe moet worden gehandeld bij een ontsnapping: de plaatselijke autoriteiten moeten worden gewaarschuwd, wegen geblokkeerd en speciale troepen gestuurd. ‘Als de studenten niet luisteren naar de bevelen,’ aldus de instructie, ‘mag de gewapende politie een waarschuwingsschot lossen.’ Volharden ze in hun poging te ontsnappen, dan moet worden geschoten ‘om te doden’.

    ‘De heropvoedingskampen,’ concludeert Zenz, de academicus die vanwege zijn studie van de Chinese repressie in Xinjiang door de autoriteiten in Beijing op de zwarte lijst is gezet, ‘zijn bedoeld om de hoofden en harten van de Oeigoeren te veranderen, evenals hun cultuur, geschiedenis en Turkse erfenis, met inbegrip van hun religie uit te roeien. Dat alles zodat ze zich compleet aan de Communistische Partij van China zullen overgeven.’

    Lees ook:

  • Boerkini wordt opnieuw verboden in zwembaden Grenoble

    Boerkini wordt opnieuw verboden in zwembaden Grenoble

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » VS: Oklahoma voert wet in die abortus vanaf bevruchting verbiedt

    » Wetenschappers zetten grote stap richting revolutionair ‘kwantuminternet’

    Rechter oordeelde dat boerkini ingaat tegen ‘neutraliteitsbeginsel’

    De boerkini wordt opnieuw verboden in de zwembaden van Grenoble, zo besliste een plaatselijke rechtbank gisteren, meldt Il Giornale. Het Italiaanse conservatieve dagblad noemt de boerkini ‘het symbool van de meest fundamentalistische vorm van de islam’.

    Met de uitspraak van de rechter wordt de toestemming ingetrokken die burgemeester Éric Piolle maandag had gegeven voor het dragen van een badpak dat het hele lichaam bedekt. Vervolgens vroeg het hoofd van het departement Isère, waartoe Grenoble behoort, bij de rechter om de opheffing van het besluit.

    De rechtbank oordeelde dinsdag dat de boerkini ‘het neutraliteitsbeginsel van overheidsdiensten ernstig ondermijnt’. Burgemeester Piolle kondigde in een bericht op Twitter aan dat hij bij de Raad van State in beroep zal gaan tegen de uitspraak.

    Lees ook:

  • Frankrijk: Boerkini staat opnieuw in middelpunt politieke ruzie

    Frankrijk: Boerkini staat opnieuw in middelpunt politieke ruzie

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Internationale olifantencorridor Botswana in gevaar

    » Somalië: oud-president Hassan Sheikh Mohamud komt opnieuw aan de macht

    Burgemeester Grenoble staat boerkini en topless zwemmen toe

    De boerkini, het badpak voor het hele lichaam, staat opnieuw in het middelpunt van een politieke ruzie in Frankrijk, meldt Angelique Chrisafis, correspondent voor The Guardian in Parijs. Eric Piolle, de spraakmakende groene burgemeester van Grenoble, wil in de gemeenteraad maandag zijn voorstel bespreken om mensen toe te staan zich ‘te kleden zoals ze willen’ bij buitenzwembaden. Dat zou zowel vrouwen als mannen toestaan om topless te zwemmen of een boerkini te dragen – of dat nu uit religieuze overtuiging is of om zich te beschermen tegen de zon.

    De versoepeling van de zwembadregels is zeer tegen de zin van de tot de rechtervleugel behorende Laurent Wauquiez, hoofd van de regio Auvergne-Rhône-Alpes. Hij dreigt ermee alle regionale financiering voor Grenoble terug te trekken als het de regels versoepelt: ‘Met geen cent zullen wij uw onderwerping aan het islamisme financieren,’ aldus Wauquiez.

    Het is niet de eerste keer dat badkleding een politieke rel veroorzaakt in Frankrijk vlak voor een verkiezing

    De ruzie wordt door alle partijen aangegrepen in de aanloop naar de parlementsverkiezingen van volgende maand, waar de centristische groepering van de herkozen president Emmanuel Macron een meerderheid hoopt te behalen. Het is niet de eerste keer dat badkleding voor het hele lichaam vlak voor een belangrijke verkiezing een politieke rel veroorzaakt in Frankrijk. In de zomer van 2016, in de aanloop naar de presidentsverkiezingen, hadden zo’n dertig Franse kustplaatsen de boerkini van het strand verbannen. De hoogste administratieve rechtbank oordeelde echter dat het antiboerkinidecreet ‘een ernstige en duidelijk illegale aanval op de fundamentele vrijheden’ was.

    In Grenoble zij burgemeester Piolle dat de nieuwe zwembadregels niet alleen over boerkini’s gingen en dat de boerkini een ‘non-issue’ is. Hij zei dat de rel aantoonde dat de kwaliteit van het Franse politieke debat in een neerwaartse spiraal zat. ‘Stop met het stigmatiseren en discrimineren van moslims in ons land,’ verkondigde hij in een interview op France 2 TV.

    Lees ook:

  • Poolse organisatie voor ‘traditionele familiewaarden’ struikelt over seksschandaal

    Poolse organisatie voor ‘traditionele familiewaarden’ struikelt over seksschandaal

    Ordo Iuris, een ultraconservatieve Poolse katholieke organisatie die juridische procedures voert om abortus en echtscheidingen te verbieden, en lhbtq-rechten in te perken, dreigt uiteen te vallen. Poolse media onthulden dat twee van haar topleden betrokken waren bij een buitenechtelijke affaire.

    Balkan Insight schreef in juni vorig jaar: ‘Polen heeft onlangs de krantenkoppen gehaald door abortus vrijwel te verbieden, gemeentelijke anti-lhbtq-resoluties aan te nemen en zelfs door te proberen de regionale oppositie tegen vrouwenrechten te coördineren. De ngo Ordo Iuris speelde een belangrijke rol in deze recente conservatieve blitzkrieg. De mensen die de organisatie leiden zijn jong en activistisch. Ze behoren tot de generatie die is geboren in de jaren negentig.’

    Balkan Insight sprak zelfs van een symbiose tussen de conservatief-nationalistische regeringspartij Recht en Rechtvaardigheid (PiS) en Ordo Iuris. ‘Onder PiS-politici heeft Ordo Iuris een luisterend oor gevonden voor haar ideeën. Haar conservatieve pleidoeien heeft de Poolse regering geholpen een verhaal van “verzet tegen het Westen” te construeren, waar Warschau ruimschoots gebruik van maakt in zijn voortdurende confrontatie met de EU.’

    De moederorganisatie van Ordo Iuris wordt er in verschillende landen van beschuldigd een religieuze sekte te zijn

    ‘Ordo Iuris heeft een belangrijke rol gespeeld bij het bijna totale abortusverbod in Polen en invloed gehad op de totstandkoming van “lhbtq-vrijezones”. Nu heeft Ordo Iuris zijn zinnen gezet op het moeilijker maken voor echtparen om te scheiden’, schreef Vice enkele maanden later.

    De organisatie is niet alleen Pools, maar maakt deel uit van een veel groter ultraconservatief netwerk, zo blijkt uit het boek This Is War – Women, Fundamentalists and the New Middle Ages uit 2020, van de Poolse journaliste Klementyna Suchanow. Ze beschrijft hoe Ordo Iuris werd opgericht door leden van de Piotr Skarga-vereniging, de Poolse tak van het ultrakatholieke netwerk Tradition, Family, Property (TFP), dat ontstond in Brazilië en dat er in verschillende landen van wordt beschuldigd een religieuze sekte te zijn.

    ANP 431805346 3
    Een groep TFP-leden heeft zich verzameld voor de kerk van het Heilig Kruis in Warschau in een homofobe religieuze bijeenkomst. – © Piotr Lapinski / NurPhoto / Shutterstock

    Vorig jaar publiceerden wij een artikel over de wereldwijde tentakels van TFP. Volgens Suchanow gebruiken zowel Ordo Iuris als de Piotr Skarga-vereniging het logo met een gouden leeuw van TFP, werken ze gezamenlijk aan acties en zijn enkele individuen actief in beide groepen.

    Hypocrisie

    Polen is inmiddels in de ban van een seksschandaal dat Ordo Iuris op stelten heeft gezet, volgens berichtgeving in de gezaghebbende Poolse krant Gazeta Wyborcza. Gezien de nauwe banden die katholieke fundamentalistische organisatie onderhoudt met toppolitici van de regeringspartij PiS, zullen ook in regeringsgebouwen de wenkbrauwen gefronst worden.

    Volgens de krant vond een paar maanden geleden een stille breuk plaats binnen Ordo Iuris, maar is nu duidelijk geworden dat de belangrijkste reden hiervoor een seksschandaal is. Daarbij zouden de voormalige vicepresident van de organisatie, Tymoteusz Zych en Karolina Pawłowska, de directeur van het Ordo Iuris International Law Centre, betrokken zijn. Als gevolg van het schandaal hebben meer dan een dozijn mensen Ordo Iuris verlaten, waaronder Zych en Pawłowska. Op een persconferentie maakten ze plannen bekend om een nieuwe organisatie te lanceren: The Logos Institute. Ondertussen ontploften sociale media in Polen met grappen, memes en felle discussie over het schandaal.

    Gazeta Wyborcza sprak met een aantal betrokkenen die in de loop der jaren door de mangel zijn gehaald door Ordo Iuris.

    ‘Deze organisatie is medeverantwoordelijk voor de hel die Poolse vrouwen doormaken’

    ‘Hypocrisie is één ding, maar de totale zelfingenomenheid en domheid van deze jonge mensen die menen het recht te hebben om het leven van anderen te regelen, is iets heel anders. Ik hoop dat hun geweten tot hen zal spreken, dat ze bepaalde dingen zullen overdenken. Ze betalen nu de prijs voor hun overmoed. Ik heb er geen enkele moeite mee om ze te veroordelen. Ik heb geen enkele sympathie voor hen. Ze waren het gezicht van Ordo Iuris‘, zegt Klementyna Suchanow tegen Gazeta Wyborcza over Zych en Pawłowska. Ordo Iuris spande een rechtszaak tegen haar aan vanwege haar boek This is War.

    Parlementslid Hanna Gill-Piątek werd vorig jaar aangeklaagd door Zych omdat ze had gewezen op mogelijke belangenverstrengeling. Een van de organisaties onder leiding van Zych had 200.000 zloty, zo’n 45.000 euro, aan subsidies ontvangen van een overheidsinstantie. Zych bleek in de toekennende raad van die instantie te zitten.

    Over de berichtgeving rond het schandaal zegt ze: ‘In dit geval is het moeilijk om van een inbreuk op de privacy te spreken. Ordo Iuris dringt aan op een verbod op echtscheiding en nu blijken ze er zelf mee te maken te hebben: dit is belangrijke informatie voor het algemeen belang want deze mensen beïnvloeden en vormen het recht in Polen.’

    Conventie van Istanboel

    ‘Zych vindt dat het doen van concessies aan lhbtq-gemeenschappen een bedreiging is voor het huwelijk en het traditionele gezinsmodel. Naar mijn mening moet deze hypocrisie openbaar worden gemaakt. Het publiek heeft het recht er kennis van te nemen. Deze organisatie is medeverantwoordelijk voor de hel die Poolse vrouwen doormaken’, zegt activist Bart Staszewski. Hij moest de afgelopen tijd 3,2 duizend kilometer door het land reizen om bij de hoorzittingen te verschijnen voor zaken die Ordo Iuris valselijk tegen hem had aangespannen. Alle zaken werden geseponeerd. ‘Ik hoop dat dit schandaal Ordo Iuris ernstig zal verzwakken. Het zijn gevaarlijke radicalen’, aldus Staszewski.

    ‘Ze zijn in hun eigen val gelopen’, vindt parlementslid Hanna Gill-Piątek. Ik weet niet welke effecten dit op lange termijn zal hebben. In het begin barstte het internet van de grappen over dit hele schandaal, maar het gaat om meer dan alleen memes. Iedereen heeft het er inmiddels over. Het lijkt mij dat Ordo Iuris aan geloofwaardigheid zal inboeten. Misschien moeten ze zelfs hun naam veranderen, omdat dit hen zal blijven aankleven. Dit is hoe je eindigt als je de slaapkamers van mensen probeert binnen te dringen, concludeert ze, verwijzend naar wetgeving die onder invloed van Ordo Iuris is ontstaan.

    ‘Pr-technish is dit een ramp en hun geloofwaardigheid is vrijwel nihil’

    ‘Leden van deze conservatieve netwerken zijn vaak erg jong en onervaren’, zegt Klementyna Suchanow. ‘Ze werden aangeworven tijdens hun studententijd. Ze meenden te weten hoe het leven eruit hoort te zien, maar in de loop der jaren bleek dat ze niet per se gelijk hadden. Ze zijn in de val gelopen van hun eigen makelij. Zo was mevrouw Pawłowska een tegenstander van de Conventie van Istanboel [Het Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld]. Nu gaat ze scheiden. Laat haar zich nu maar even die vrouwen voorstellen die zich in een veel moeilijkere situatie bevinden dan zij en vertel hen dan nog eens dat ze getrouwd moeten blijven.’

    Volgens Klementyna Suchanow is dit niet het einde van de ultraconservatieve beweging: ‘Dit is misschien het begin van het einde, maar het zijn slimme mensen. Ze maken deel uit van een sterk internationaal netwerk. Een plaatselijk schandaal is niet genoeg om ze ten val te brengen. Al zal deze echtscheidingskwestie zeker terugkomen, want pr-technish is dit een ramp en hun geloofwaardigheid is vrijwel nihil.’

    Lees ook:

  • Italiaanse bisschop zegt tegen kinderen dat Kerstman niet bestaat

    Italiaanse bisschop zegt tegen kinderen dat Kerstman niet bestaat

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Hoge coronasterfte in Britse districten die voor brexit stemden

    » Peru: Nieuwe aanklachten tegen oud-dictator Fujimori

    Katholieke kerk biedt excuses aan voor uitspraken bisschop

    Het bisdom Noto op Sicilië heeft excuses aangeboden nadat bisschop Antonio Stagliano een groep kinderen had verteld dat de kerstman niet bestaat. Het bisdom benadrukt dat het niet de bedoeling van de bisschop was om de dromen van kinderen vlak voor Kerstmis te verstoren, schrijft persbureau Agenzia Italia.

    ‘De Kerstman bestaat niet en Coca-Cola gebruikt zijn beeltenis om zichzelf te promoten als drager van waarden en normen’

    ‘De Kerstman bestaat niet en Coca-Cola – en niet alleen Coca-Cola – gebruikt zijn beeltenis om zichzelf te promoten als drager van waarden en normen’, zei Stagliano tijdens een religieus festival. Volgens een communicatiemedewerker van het bisdom probeerde Stagliano de ware betekenis te onderstrepen van Kerstmis en van Sint-Nicolaas, een bisschop die schonk aan de armen en werd vervolgd door een Romeinse keizer.

    ‘De Kerstman is een effectief beeld om het belang van geven, vrijgevigheid en delen over te brengen. Maar als dit beeld zijn betekenis verliest, en je de Kerstman ziet als consumentisme, als het verlangen om te bezitten, te kopen en nog meer te kopen, dan moet je het herwaarderen door er een nieuwe betekenis aan te geven.’

    Lees meer:

  • Tunesische minister weigert hoofddoek te dragen tijdens beëdiging

    Tunesische minister weigert hoofddoek te dragen tijdens beëdiging

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Poetin leest Europa de les in gascrisis

    » Steeds meer steden bedreigd door extreme hitte

    Tunesische minister weigert hoofddoek te dragen tijdens beëdiging

    De nieuwe Tunesische regering onder voorzitterschap van Najla Bouden is op 11 oktober door de president van de republiek beëdigd. Onder de ministers die in het presidentieel paleis van Carthago bijeen waren, bevond zich Sihem Boughdiri Nemsia, minister van Financiën, die besloot te breken met de traditie.

    Tijdens de traditionele ceremonie is het de gewoonte dat vrouwen de eed afleggen met hun rechterhand op de Koran en een sluier over hun hoofd. Maar ten overstaan van de Tunesische president Kaïs Saïed heeft Sihem Boughdiri Nemsia afgeweken van de regel. De nieuwe minister van Financiën werd zonder sluier beëdigd, meldt de onafhankelijke nieuwssite Business News.

    Business News prijst de moed van deze vrouw, die ‘een als archaïsch beschouwde traditie trotseerde en liet zien dat er niets schandelijks of onzuivers is aan het haar van een vrouw’.

    Het is niet de eerste keer in Tunesië dat een vrouw besluit bij het afleggen van de eed geen hoofddoek te dragen. Vóór Boughdiri hadden twee vrouwelijke parlementsleden, Hajer Ben Cheikh Ahmed en Nefissa Wafa Marzouki, ervoor gekozen hun eed op de Koran met onbedekt hoofd af te leggen, berichtte de website Espace Manager.

  • Wereldnieuws: Thailand lokt rijke buitenlanders & Meer

    Wereldnieuws: Thailand lokt rijke buitenlanders & Meer

    Thailand lokt rijke buitenlanders

    Thailand wil met een economisch stimulerings- en investeringspakket rijke wereldburgers, gepensioneerden en hoogopgeleide professionals uit het buitenland aantrekken om de economie na de pandemie nieuw leven in te blazen. Lokkertjes zijn onder meer een tienjarig Thais visum voor het hele gezin. Daarnaast hoopt Thailand buitenlanders over de streep te trekken met automatische werkvergunningen, dezelfde inkomstenbelasting als Thaise burgers en belastingvrijstelling voor elders verworven inkomsten en eigendommen, meldt The Bangkok Post.

    De regering hoopt in de komende vijf jaar meer dan een miljoen professionals naar Thailand te trekken

    De regering hoopt zo in de komende vijf jaar meer dan een miljoen gekwalificeerde mensen naar Thailand te trekken, aldus regeringswoordvoerder Thanakorn Wangboonkongchana. ‘De regering verwacht dat deze buitenlanders gemiddeld een miljoen baht, circa 25.520 euro, per persoon per jaar uitgeven gedurende hun verblijf in Thailand, oftewel ongeveer een biljoen baht in de komende vijf jaar.’ Daarnaast rekent de regering erop dat de bezoekers met langetermijnvisa zeker zo’n 540 miljard baht aan belastingen zullen afdragen.


    Vervuilende bitcoins

    Een enkele bitcointransactie genereert dezelfde hoeveelheid elektronisch afval als wanneer je twee iPhone 12 mini’s in de prullenbak mikt, zo blijkt uit een analyse van economen van De Nederlandsche Bank en MIT. De ecologische voetafdruk van bitcoin is inmiddels goed bestudeerd, maar er is minder bekend over het grootschalige verbruik van de benodigde hardware, aldus The Guardian.

    Voor het minen van cryptomunten worden gespecialiseerde computerchips gebruikt, ASIC’s genaamd, maar omdat alleen de nieuwste chips energiezuinig genoeg zijn om winstgevend te kunnen blijven minen, moeten ASIC’s voortdurend worden vervangen door nieuwe, krachtiger versies. Als gevolg hiervan wordt geschat dat het hele bitcoinnetwerk momenteel 30,7 metrische kiloton apparatuur per jaar verbruikt. Dat is vergelijkbaar met de hoeveelheid klein afval aan IT- en telecommunicatieapparatuur die door een land als Nederland wordt geproduceerd, volgens onderzoekers Alex de Vries en Christian Still.


    Palestijnse attractie

    In Nablus op de Westelijke Jordaanoever staat een oude Boeing 707, geschilderd in de kleuren van Palestina en Jordanië. Het vliegtuig kwam er terecht na inspanning van tientallen jaren door een 60-jarige Palestijnse tweeling die opgroeide in een vluchtelingenkamp en jarenlang de kost verdiende met de handel in schroot, schrijft South China Morning Post.

    De tweeling droomde ervan om geld te verdienen met toerisme en entertainment. Toen ze in 1999 hoorden over een passagiersvliegtuig dat geparkeerd stond in Tiberias, Israël, kochten ze het om er een restaurant van te maken. Na allerlei tegenslagen en Israëlische tegenwerking heeft het vliegtuig nu zijn beoogde plek bereikt, na 22 jaar en een investering van 2 miljoen sjekel, zo’n 530.000 euro.

    Aangezien de Westelijke Jordaanoever amper toeristische trekpleisters kent, hopen de broers op bruiloften, feesten en op gasten die willen dineren in een ongebruikelijke omgeving.


    Italiaanse pastoor in ongenade

    De veertigjarige Italiaanse geestelijke Don Francesco Spagnesi, die halverwege september zijn post als pastoor van de Annunciatie-parochie in Prato in handboeien moest verlaten omdat hij ervan wordt beschuldigd cocaïne en de ‘verkrachtingsdrug’ GBL (de grondstof voor GHB) te hebben ingevoerd en verhandeld, wordt inmiddels verdacht van nog meer kwalijke zaken. Hij zou niet alleen zeker 200.000 euro hebben verduisterd door een greep te doen in de offergaven van zijn gelovigen en in de kas van de Curie, dit alles om zijn drugshandel te financieren, maar het Openbaar Ministerie van Prato onderzoekt nu ook of de priester het toebrengen van zwaar fysiek leed dan wel verwijtbaar onzorgvuldig handelen ten laste kan worden gelegd, bericht Corriere della Sera.

    Don Francesco is namelijk hiv-positief en hij zou seks- en drugsfeesten hebben georganiseerd waaraan hij zelf ook deelnam, zonder dat de medefeestvierders van zijn besmetting op de hoogte waren. Zijn ‘verloofde’ Alessio Regina, die eveneens is gearresteerd voor drugshandel, heeft dit aan het OM laten weten.

    De van cocaïne en GLB vergeven feesten van Don Francesco en Alessio werden bezocht door artsen, managers, ondernemers en bankiers die online werden geronseld, ook al beweert het tweetal dat het slechts om ‘intimi’ ging. De feesten vonden frequent plaats en telden soms meer dan 200 deelnemers.

    Don Francesco zou, ondanks dat hij hiv-positief is, aan onbeschermde seks hebben gedaan

    Op de vraag aan Don Francesco of hij, ondanks dat hij hiv-positief is, aan onbeschermde seks had gedaan, zou hij ja hebben gezegd tegen het OM. Het is nog niet bekend of Spagnesi daadwerkelijk iemand heeft besmet, maar het lijkt erop dat enkele van de deelnemers aan de feesten positief hebben getest op hiv. Onderzocht wordt nu of die besmettingen te traceren zijn naar Spagnesi.

    Federico Fabbo, de advocaat van de in ongenade gevallen pastoor, ziet vooralsnog alleen maar ‘hypothesen’ over de handel en wandel van zijn cliënt en wijst erop dat de hiv-status van Don Francesco een bekend feit was.


    7000 stappen per dag voor een langer leven

    Om kansen op een lang leven te vergroten moeten we minstens 7000 stappen per dag zetten of meer dan 2,5 uur per week sporten beoefenen als tennis, fietsen, zwemmen, joggen of badminton, zo blijkt uit twee grootschalige nieuwe onderzoeken. De twee onderzoeken, die samen meer dan 10.000 mannen en vrouwen decennialang volgden, tonen aan dat de juiste soort en hoeveelheid lichaamsbeweging het risico op vroegtijdig overlijden met maar liefst 70 procent vermindert. Activiteit boven een bepaald plafond voegt waarschijnlijk geen jaren aan onze levensduur toe en kan in extreme gevallen zelfs schadelijk zijn, schrijft The New York Times

    Eerder onderzoek suggereerde al dat actieve mensen langer leven dan degenen die zelden bewegen. Maar wetenschappers stelden niet eerder vast hoeveel, of weinig, beweging kan worden geassocieerd met een langere levensduur.

    De sterfterisico’s bleven dalen naarmate het aantal stappen steeg

    Mannen en vrouwen die ten minste 7000 dagelijkse stappen zetten toen ze aan het onderzoek deelnamen, hadden ongeveer 50 procent minder kans om te overlijden dan degenen die minder dan 7000 stappen zetten. De sterfterisico’s bleven dalen naarmate het aantal stappen steeg, tot wel 70 procent minder kans op vroegtijdig overlijden bij degenen die meer dan 9000 stappen zetten. Bij 10.000 stappen vlakken de voordelen af. ‘Er was een punt van afnemende meeropbrengst,’ zegt Amanda Paluch, universitair docent kinesiologie aan de Universiteit van Massachusetts Amherst, die een van de twee studies leidde. Mensen die meer dan 10.000 stappen per dag zetten, leefden zelden langer dan degenen die minstens 7000 stappen deden.

  • ‘Bijna een groot kanselier.’ Merkels leiderschap in zeven punten

    ‘Bijna een groot kanselier.’ Merkels leiderschap in zeven punten

    Binnenkort vertrekt ze, na zestien jaar en vier verkiezingsoverwinningen, vele crises en catastrofen, successen en rampen. Der Spiegel boog zich in een speciaal nummer over het tijdperk Angela Merkel. In dit overzichtsartikel van Dirk Kurbjuweit wordt haar leiderschap zorgvuldig geëvalueerd, aan de hand van de belangrijkste thema’s die haar tijd kenmerkten.

    Het tijdperk-Merkel was een tijd van spoken. Het was doortrokken van crises die zich aanvankelijk onzichtbaar uitbreidden en daarom zo’n griezelige indruk maakten. Dat gold voor de kredietcrisis en de eurocrisis, voor de pandemie en de klimaatverandering. Er was iets aan de hand, maar wat er precies aan de hand was begrepen alleen deskundigen, wetenschappers echt goed. Voor de anderen bleef er vooral een gevoel van onzekerheid hangen, van angst ook. Hoe zal dat spook mijn leven veranderen of beschadigen? Want al die crises hadden of hebben mogelijk ook catastrofale gevolgen op persoonlijk vlak: verlies van banen, van een levenstandaard, ziekte en dood.

    Angela Merkel had veel in zich om de juiste bondskanselier voor deze tijd te zijn, om een gelukstreffer van de geschiedenis te worden. In haar eerste leven werkte ze als wetenschapper, ze was een vrouw van getallen, tabellen, curven. Ze is hoog intelligent, doordrenkt van rationaliteit. Gespook kan haar niet bang maken omdat ze in staat is om het wezen ervan, de feiten erachter, te doorgronden. 

    Maakte dat Merkel de juiste kanselier voor deze tijd, voor de jaren 2005 tot 2021, een tijd van crises en catastrofen zoals de bondsrepubliek die niet eerder beleefd heeft? Binnenkort treedt ze af, zodra de bondsdag een opvolger of opvolgster heeft gekozen, waarschijnlijk in de herfst. Merkel zal zich dan voorlopig terugtrekken uit de politiek, na 31 jaar.

    In 1990 begon haar adembenemende carrière, meteen na de val van de muur, toen Angela Merkel een streep zette onder haar bestaan als fysicus aan de Akademie der Wissenschaften van de DDR en de politiek in ging.

    Ze was in elk geval een subtiel grapje van de geschiedenis. Een vrouw uit het Oosten moest meehelpen om het Westen door zijn grote crisis heen te leiden. Dat was de tweede grote ontwikkeling van haar tijdperk, naast de spookachtige crises: de liberale democratieën in Europa, Noord-Amerika en Australië werden stevig door elkaar geschud. Het begon precies twintig jaar geleden met de islamitische terreuraanslagen van 11 september 2001, werd doorgetrokken met een nieuwe agressieve houding van Rusland, de snelle opkomst van China als supermacht en de mislukte poging om een westers stempel te drukken op een deel van de islamitische wereld, in Irak en Afghanistan. 

    Ook de interne toestand van het Westen biedt een somber beeld: brexit, Donald Trump, rechts populisme in veel landen, vooral de grote vragen die de kredietcrisis en de klimaatverandering hebben opgeworpen over de westerse economie en levenswijze, de twijfel of liberale democratieën efficiënt genoeg zijn om pandemieën effectief te bestrijden – dat alles maakte het Westen tot een crisisgebied, knaagde aan het zelfbewustzijn in de grote westerse samenwerkingsverbanden, de EU en de NAVO.

    Merkel moest antwoorden vinden, vooral voor de bondsrepubliek, maar ook voor Europa en de wereld. Hoe goed ze dat daadwerkelijk gedaan heeft, zullen we pas over een paar jaar, of decennia, weten. De geschiedenis neemt vaak de tijd voor haar oordeel. We kennen nog niet alle gevolgen van Merkels handelen, misschien zullen we ze onder invloed van haar opvolgers opnieuw beoordelen. Maar een voorlopige balans is natuurlijk mogelijk, en aan het eind van haar tijdperk noodzakelijk.

    Hier volgt een balans in zeven hoofdstukken, de zeven catastrofes of crises die met name een stempel hebben gezet op Merkels ambtsperiode. De catastrofe op de financiële markten, de eurocrisis, de eeuwige dreiging die Poetin heet, de grote toevloed van vluchtelingen, Donald Trump, wiens naam hier staat voor de aanval op de liberale democratie in het algemeen, de klimaatverandering en de pandemie.

    Daar moest ze doorheen. Dat beheerste haar overvolle, sombere agenda. Dat was haar tijd, haar tijdperk.


    1. De kredietcrisis

    ‘Wij zeggen tegen de spaarders dat hun tegoeden veilig zijn.’

    – Merkel op 5 oktober 2008

    Het gespook begint. Banken melden problemen, aandelenkoersen storten in, vakjargon overspoelt de publieke discussie: subprime, interbancaire handel, asset-backed security’s. Derivaten. Slechte leningen. Nog meer banken melden problemen. Op 15 september 2008 gaat de zakenbank Lehman Brothers in New York onderuit, met catastrofale gevolgen voor de financiële economie in de hele wereld.

    Merkel maakte een radeloze indruk in de beginfase van deze crisis. Ze wist ook niet precies wat er gebeurde, hoe diep de val kon zijn. Maar ze heeft zich snel ingewerkt, heeft haar intellect gevoed met informatie en analyses over de verwevenheden in de financiële wereld, ze heeft gelezen en vele uren met deskundigen gepraat. Toen was ze er klaar voor, op de hoogte van de nieuwe tijd.

    In de VS hadden banken vastgoedkredieten zonder toereikende dekking verhandeld. Die werden door het financiële systeem gebundeld tot producten waarvan de inferieure kwaliteit niet meteen zichtbaar was. Zulke pakketten lagen wereldwijd overal opgeslagen als mijnen die wachtten op het signaal om te ontploffen. Lehman Brothers was dat signaal.

    Kort daarna viel ook het Duitse Hypo Real Estate (HRE) om. In de nacht van 28 op 29 september pokerde Merkel met de toenmalige baas van de Deutsche Bank, Josef Ackermann, met als inzet welk aandeel de banken op zich zouden nemen voor het debâcle van HRE. Merkel eiste 10 miljard. Te veel, vond Ackermann. 9 miljard, zei Merkel. Nee, zei Ackermann. Bij 8,5 miljard hadden ze een deal. De staat moest 26,5 miljard dragen.

    Veel burgers toonden zich niettemin verontrust, grote bankbiljetten werden hier en daar schaars omdat men thuis geld oppotte. Op 5 oktober stelde Merkel zich met toenmalig minister van Financiën Peer Steinbrück op voor de camera’s en verzekerde de burgers dat hun spaartegoeden veilig waren. Een vangnet voor de banken van 480 miljard werd door de bondsdag gejaagd.

    Voor een deel van de bevolking was die eerste crisis het begin van een teleurstelling die niet meer zou verdwijnen

    Met de legendarische slooppremie en verruimde arbeidstijdverkorting ving Merkels regering de gevolgen voor de reële economie op. Weliswaar zakte het bruto nationaal product in 2009 met 5,7 procent, maar de werkgelegenheid bleef op niveau.

    Dit succes legde de basis voor Merkels reputatie als goede crisismanager. Een ander effect was ingrijpender. De financiële schok beroofde de bondskanselier volkomen van haar hervormingseuforie. Ze had de Duitsers al eerder als een angstig volk aangeduid, en nu wilde ze haar brave burgers niet nog meer belasten. Merkel, die zich met neoliberale ideeën een weg had gebaand naar het kanseliersambt, bouwde de verzorgingsstaat verder uit met een minimumloon, moederpensioen en oudergeld.

    Dat pakte ten dele heel goed uit, ook voor Merkel zelf, die zich daarmee verzekerde van herverkiezing, maar de hoognodige grondige hervorming van het pensioenstelsel bleef uit. Voor een deel van de bevolking was die eerste crisis bovendien het begin van een teleurstelling die niet meer zou verdwijnen: de bondskanselier weigerde in te gaan op de diepere oorzaken van de crisis en hoe het beter zou kunnen. Ze hield geen rede die houvast bood in een onheilspellende tijd.

    Merkel heeft de financiële crisis monetair en technocratisch opgelost, maar niet intellectueel, niet emotioneel in de publieke discussie. Dat men de banken hielp om uit de door hen zelf veroorzaakte crisis te komen ging het begripsvermogen van veel burgers te boven en maakte ze wantrouwend tegenover de politiek. Merkel versterkte die stemming nog door Josef Ackermann in 2008 te eren met een groot diner in haar ambtswoning, alsof hij zich verdienstelijk had gemaakt voor het algemeen belang. Terwijl juist de Deutsche Bank had willen profiteren van de handel in giftige financiële producten, en Ackermann zich had laten kennen als verachter van de staat.

    De kredietcrisis liet nog een tweede patroon zien in Merkels regeerstijl: ze hield afstand van lastige thema’s, had geen langetermijnplan om gewetenloos kapitalisme in te dammen. Zodra het weer opwaarts ging met het bruto nationaal product hield ze zich niet langer met deze problemen bezig, alsof ze opgelost waren.

    Maar het is eigen aan een langdurig kanselierschap dat onopgeloste problemen terugkomen, soms met een diepzwarte pointe. Toen in 2020 het Duitse fintechbedrijf Wirecard wegzonk in een stinkend moeras van bedrog en hebzucht, was dat ook de schuld van een falend overheidstoezicht op de financiële markt.

    Merkel moest zich een pijnlijke ondervraging door een onderzoekscommissie van de bondsdag laten welgevallen. Al was haar persoonlijke betrokkenheid bij dit schandaal niet groot, ze zat daar in zekere zin terecht: als een bondskanselier die maar weinig had gedaan om het financieel kapitalisme aan banden te leggen. 


    2. De eurocrisis

    ‘Mislukt de euro, dan mislukt Europa.’

    – Merkel op 19 mei 2010

    Over president Franklin D. Roosevelt werd ooit gezegd: ‘Een tweederangsintellect, maar een eersterangstemperament.’ Met deze combinatie loodste hij de VS uit een zware recessie, versloeg hij Hitler en kreeg hij een plaats in John Lewis Gaddis’ meesterwerk On Grand Strategy, over grote politieke strategiëen.

    Bij Merkel is het omgekeerd: hoogintelligent, weinig temperament. Dat gold als haar kracht, maar misschien is dat een vergissing. In de eurocrisis had meer Roosevelt een gunstig effect gehad.

    Voor de Europese Unie had Merkel vanaf het begin een strategisch doel: het oude continent te ertüchtigen (harder te maken), om het met een van haar lievelingswoorden te zeggen. De Unie moest naast de VS en China haar plaats innemen als de derde kracht in een nieuwe wereldorde. Daarmee wilde ze bovendien Duitsland verzekeren van een plaats in de wereldpolitiek.

    ‘Ertüchtigen’ betekende voor Merkel: de concurrentiekracht verbeteren, vooral in de andere lidstaten. Ze wilde politieke kracht ontlenen aan de de economische kracht.

    Aan dit idee hield ze vast toen in 2009 Griekenland als eerste door een schuldencrisis getroffen werd. Boven Merkels kanselierschap hing een paar jaar lang de allesbeheersende vraag: zal de euro het houden?

    Intelligentie neigt naar berekening, niet naar het nemen van risico’s

    Zij wilde de problemen gewoontegetrouw met het hoofd oplossen, probeerde alles met elkaar in overeenstemming te brengen. De behoeften van de noodlijdende staten, de in spaarzaamheid getrainde Duitsers, de financiële markten, waarin ook gewetenloze spelers nog steeds hun slag wilden slaan. In Brussel marchandeerde ze nachtenlang met haar collega’s uit het Zuiden, voor wie ze te weinig Europeaan was, en kreeg vervolgens van haar eigen partij te horen dat ze de Duitse belangen verwaarloosde.

    Ze draaide hier en daar wat aan schroefjes en hield op de een of andere manier de machine aan de praat, maar wat ontbrak was een grand strategy voor een sterk Europa. De vooraanstaande Duitse intellectueel Jürgen Habermas verweet de kanselier ‘tranquilistisch geworstel’.

    In zekere zin was dat succesvol: de euro stortte niet in, ook dankzij een genereuze Europese Centrale Bank.

    Crises, zegt men, zijn ook kansen. Deze werd gemist. Europa staat er tegenwoordig slechter voor dan aan het begin van Merkels kanselierschap. De Britten zijn er niet meer bij, de regeringen van Polen en Hongarije hebben afscheid genomen van de liberale democratie, nationaal egoïsme overschaduwt bijna overal het idee van de Unie, ook in Duitsland. Belangrijke projecten zoals een gemeenschappelijke defensiepolitiek zijn blijven steken.

    Daarvoor is natuurlijk niet alleen Merkel verantwoordelijk. Maar tijdens de crisis had ze de kans om het Europese idee glans te geven door meer solidariteit te tonen. Dat had haar een zeker gezag verschaft waarmee ze het continent bijeen had kunnen houden. Dat zij tijdens de pandemie het roer omgooide en instemde met gemeenschappelijke schulden, kwam daarvoor te laat.

    Een inzicht uit het tijdperk-Merkel is dat grote intelligentie geen grote politiek nastreeft. Intelligentie neigt naar berekening, niet naar het nemen van risico’s. En de berekening van politici komt bijna altijd neer op de overweging hoe de nationale verkiezingen te winnen zijn.

    Om risico’s te nemen is meer temperament nodig, in dit geval een hartstocht voor Europa die Merkel nu juist niet kon ontwikkelen. Haar biograaf Ralph Bollmann motiveert dat zo: ‘Een Europeaan in hart en nieren is Merkel nooit geweest, dat lag al besloten in haar socialisatie. Kohls Europese pathos bleef de voormalige DDR-burger vreemd.’

    Ook daarom is Europa’s slechte toestand niet een crisis die Merkel heeft overwonnen, maar een crisis die ze heeft achtergelaten.


    3. Poetin

    ‘Hoewel de Russische president, denk ik, heel goed wist dat ik er niet bepaald happig op was zijn hond te begroeten, bracht hij hem toch mee.’

    – Hondenhaatster Merkel over een bezoek aan Poetin in 2007

    Eén iemand was er altijd, al die zestien jaar. Merkels eeuwige kwelgeest, haar nemesis: Vladimir Poetin. Soms als minister-president, soms als president van Rusland. Zijn naam staat voor de permanente crisis van haar kanselierschap, voor de hoofdstukken ‘oorlog’ en ‘criminaliteit’. Ook de Turk Recep Tayyip Erdogan heeft Merkel gedurende haar hele tijdperk begeleid en gepest, maar hij was niet zo machtig en gevaarlijk als Poetin.

    Haar betrekkingen tot hem vormden geopolitiek gezien haar belangrijkste rol, als onderhandelaar van het Westen tegenover Rusland. Omdat ze uit haar eerste leven het Oostblok kende en omdat ze Russisch spreekt, was het vooral haar taak om Poetin in de hand te houden en tegenover hem het ‘normatieve project’ van het Westen, zoals historicus Heinrich August Winkler het heeft genoemd, overeind te houden: het bevorderen van vrijheid, democratie en mensenrechten overal ter wereld.

    Aan deze opdracht begon ze energiek; het kind van de onvrijheid streed hartstochtelijk voor de vrijheid, voerde een op waarden gebaseerde buitenlandse politiek, maande Poetin in 2006 om de moord op de kritische journaliste Anna Politkovskaja op te helderen, en ontving een jaar later de Dalai Lama, een vertegenwoordiger van de Tibetanen, die door de Chinese machthebbers bruut onderdrukt worden.

    Merkels doel was een betere wereld, en daarmee heeft ze veel mensen enthousiast gemaakt. Maar niet voor lang.

    Merkel was opgelucht dat ze het hoofdstuk Afghanistan kon afsluiten

    Poetin is niet een man die makkelijk te imponeren is. Het Russische regime liet openlijk vermeende tegenstanders vergiftigen of neerschieten, onder wie een Georgiër in de Berlijnse Tiergarten. Het land voerde en voert oorlogen in Georgië, in Syrië en stiekem in Oekraïne. Het annexeerde de Krim. Het overspoelde de westerse wereld met cyberaanvallen, ook de bondsdag en het kantoor van Merkel daar.

    Keer op keer belde Merkel met Moskou, uitte kritiek, waarschuwde, smeekte. In Minsk onderhandelde ze met Poetin over een wapenstilstand in Oekraïne en zag alleen aan het type maaltijd nog hoe laat het was. Ze is niet ingestort, ze toonde zich hard voor zichzelf en hardnekkig tegenover anderen, ze verwierf veel respect, ook van Poetin, maar alles bij elkaar heeft ze nauwelijks iets bereikt voor het normatieve project van het Westen.

    Omdat ze in principe een pacifiste is. Ze was niet bereid wapens tegen Rusland in te zetten en was ertegen dat de VS raketten leverde aan Oekraïne. Een wijs besluit, zeker. Oorlog met Rusland moest vermeden worden, zelfs al bezorgt dat het Westen een zwakke onderhandelingspositie omdat Poetin weet dat hij geen rekening hoeft te houden met een aanval.

    Bovendien verloor Merkel het doel van een betere wereld algauw uit het oog. De zaken van de BV Duitsland waren voor haar dan toch belangrijker; het vergroten van de welvaart van de natie werd snel haar belangrijkste project. De idealiste veranderde in de hoogste functionaris van het Duitse economische belang. Koppig hield ze vast aan de gaspijplijn NordStream 2 van Rusland naar Duitsland, hoewel ze daarmee de toorn van de VS afriep over Duitsland en haar geloofwaardigheid ondermijnde. Sancties zette ze tegen Poetins regime slechts met mate in. Na de gifaanslag tegen Aleksej Navalny, de criticus van het regime, vlamde haar engagement met de mensenrechten nog éénmaal op, maar al met al volgde ze een koers van appeasement.

    Nog duidelijker was Merkels koerswijziging in het geval van China, dat steeds belangrijker werd voor de Duitse export. De dalai lama heeft ze nooit meer officieel ontvangen, haar kritiek op het regime in Beijing klonk in elk geval niet luid. Enthousiasme wist ze niet meer op te wekken.

    Een ander patroon in Merkels kanselierschap kwam hier voor het eerst aan het licht: op idealistische aanzetten volgde weldra de ommekeer, het afscheid van zichzelf.

    Ze was vaak bereid het eigen project de rug toe te keren en haar volgelingen van dat moment teleur te stellen. Naast grote strategieën ontbrak het haar ook aan de wil vast te houden aan mooie doelen wanneer de prijs daarvoor haar te hoog leek.

    Dat geldt voor de hele westerse wereld, zoals blijkt in Afghanistan. De export van democratie was ook een doelstelling van deze militaire operatie. Vrouwen en mannen die de Amerikanen, de Duitsers en anderen vertrouwd hebben, zijn na de haastige aftocht overgeleverd aan de taliban en moeten vrezen voor hun leven. Dit komt vooral op rekening van de Amerikanen. Maar ook Merkel was opgelucht dat ze het hoofdstuk Afghanistan kon afsluiten. Het heeft haar nooit na aan het hart gelegen.


    4. De vluchtelingencrisis 

    ‘Wir schaffen das.’ 

    – Merkel in de nationale persconferentie op 31 augustus 2015

    Deze woorden blijven ons bij. Merkel sprak ze uit op het hoogtepunt van haar macht. Ze had de verkiezingen in de herfst van 2013 met een overweldigende meerderheid gewonnen, ze was geliefd bij de Duitsers, onomstreden in de CDU – er waren geen concurrenten. Toen kwamen de vluchtelingen. Dat was het kantelpunt voor Merkels kanselierschap.

    Toen zij op 4 september 2015 besloot om in Boedapest gestrande vluchtelingen naar Duitsland te laten komen, was dat niet alleen een zaak van het hoofd, maar ook van het hart. Hier toonde ze een temperament, een hartstocht voor de vrijheid, een afkeer van muren, en haar christelijke opvoeding, vooral door haar vader, die predikant was.

    Veel Duitsers haastten zich naar de stations, heetten de vluchtelingen welkom, deelden eten en kleding uit, stelden hun huizen open. Zelden was een regeringsleider het zo eens met een groot deel van de bevolking. Het was een magisch moment, een zeldzaam mooie politieke gebeurtenis. Time Magazine verkoos Merkel tot persoon van het jaar. Zij was de stralende ster van het Westen, de profetes van het normatieve project, van de op waarden gebaseerde politiek.

    Aan de andere kant rakelde de toestroom van vluchtelingen ressentimenten op, racisme en haat tegen het zogeheten andere, het vreemde. De AfD groeide van een splinterpartij uit tot een machtsfactor en zette voortaan de liberale democratie onder druk.

    In feite gold er weldra een bovengrens voor vluchtelingen, die geen bovengrens mocht heten

    Wat deed Merkel? Ze liet de enthousiastelingen in de steek en maakte politiek voor de anderen, de sceptici, de angstigen, de haters. Toen haar intellect weer de overhand kreeg, toen de berekening over verkiezingskansen domineerde, accepteerde en bedreef Merkel een politiek van afscherming, die vooral werd bevorderd door de CSU onder leiding van haar toenmalige partijleider Horst Seehofer.

    De nieuwe muur liet ze oprichten door de Turkse president Erdogan, met wie ze een deal sloot die verhinderen moest dat mensen over de Egeïsche zee de EU binnenkwamen. Daarmee leverde ze zich uit aan een despoot. Ze nam het later zelfs voor hem op, toen hij zich opwond over een satirische kritiek van de tv-komiek Jan Böhmermann. Dat was een klap voor de de vrijheid van meningsuiting, de kern van het normatieve project.

    Zo ontstond uit het mooie het lelijke. Seehofer heeft Merkel openlijk vernederd, heeft haar de les gelezen, getreiterd, en zij verweerde zich niet, zij nam het voor lief dat de politiek zich onder haar niveau afspeelde, werd verprutst en huichelachtig werd. Er viel een schaduw over de stralende ster.

    In feite gold er weldra een bovengrens voor vluchtelingen, die geen bovengrens mocht heten. Merkel wilde vluchtelingen voortaan ver van Duitsland houden, maar ze wilde de grenzen niet zichtbaar sluiten, wilde de mythe van haar liberale hoogtepunt in stand houden.

    Zo liet de vluchtelingencrisis meerdere patronen zien in Merkels regeringsstijl. Opnieuw had ze geen strategie gevolgd. In 2014 op z’n laatst werd al duidelijk dat er meer en meer vluchtelingen naar Europa zouden komen. Zij kon dat niet over het hoofd zien, maar ze heeft zich daar te weinig zorgen om gemaakt. Dat uit het stijgende aantal vluchtelingen een vluchtelingencrisis groeide, heeft ook te maken met die tekortkoming. 

    Opnieuw gaf ze een liberaal project op, omdat de prijs haar te hoog leek. En weer liet ze na om een grote kwestie met een grote rede te begeleiden. 

    Haar beslissing van 4 september 2015 veranderde haar kanselierschap. De samenleving, die lang in een soort nieuwe Biedermeierstemming verkeerde en was ingedut, werd wakker, discussieerde en polemiseerde. Voor Merkel zelf begon de lange afdaling.


    5. Trump

    ‘I love her.’ 

    – De toenmalige president van de VS Donald Trump bij de NAVO-top in 2018

    Niet Poetin was voor Merkel de grootste crime in de persoonlijke omgang, en Seehofer ook niet. Deze rol was weggelegd voor Donald Trump: een derderangsintellect, een wild temperament. Hij was haar tegenpool: irrationeel, zonder scrupules, en ijdel op het belachelijke af.

    Toen hij in 2016 tot president van de VS werd gekozen, was dat een dieptepunt in de crisis van de liberale democratie. Een verachter van het systeem veroverde met populisme en nationalisme de topfunctie in dat systeem. Hij was de laatste hoop van de Amerikanen die zich gemarginaliseerd voelden. Vervolgens viel hij vooral op door de vuiligheid die hij via Twitter de wereld in blies. 

    Dat verhief Merkel in veler ogen voor korte tijd tot aanvoerster van het liberale Westen. 

    Zijzelf wees deze promotie, als ze daarmee werd geconfronteerd, af met een van haar gezichten vol onbegrip – en terecht. Duitsland was te klein om deze rol een basis te verschaffen, en de leider van een verenigd Europa was Merkel niet geworden.

    Thuis moest ze de liberale democratie zelfs verdedigen tegen islamitische terreur en rechtsextremistische aanslagen in Halle en in Hanau.

    Toen de Thüringer Landtag in februari 2020 een FDP-politicus met stemmen van de AfD tot deelstaatpremier koos, was dat een klap voor de grote consensus van de bondsrepubliek: dat niets wat herinnert aan de tijd van het nationaalsocialisme bestaansrecht heeft. Merkel noemde de verkiezing ‘onvergeeflijk’, de uitkomst zou ‘ongedaan gemaakt’ moeten worden, zei ze ook met het oog op de Thüringer CDU, die zich niet stevig van de AfD distantieerde. Dit werd gezien als inmenging in de belangen van een bondsland en was daarom omstreden, maar evengoed was het wel Merkels beste daad voor de liberale democratie in Duitsland. Overigens toonde ze zich op dit gebied wankel.

    Waarschijnlijk verlangen mensen achter een muur meer naar vrijheid dan naar strijd

    Haar strategie van de ‘asymmetrische demobilisering’ blijft haar onvergeeflijke zonde tegen de democratie. In meerdere verkiezingen trok Merkel door het land als een zandmannetje en verspreidde een slaperige stemming. Lakse aanhangers van andere partijen moesten vooral geen reden zien om naar de stembus te gaan om zo Merkels herverkiezing te voorkomen. Ze was lief voor bijna iedereen en drukte daarmee de opkomstcijfers tot historische dieptepunten.

    Dat verkiezingen een feest voor de democratie moeten zijn, daar had ze geen gevoel voor. Een feest van strijd, maar ze hield niet van openlijke strijd. Ze wilde niet inzien dat een democratie deze brandstof nodig heeft bij het zoeken naar de beste oplossingen.

    Merkel heeft een grote hartstocht voor de vrijheid, maar niet voor het wezen van de democratie, die ze eerder met haar intellect bezag, op een instrumentele manier. Waarschijnlijk verlangen mensen achter een muur meer naar vrijheid dan naar strijd.

    Merkel had niet alleen tot Erdogan een ambivalente verhouding, maar ook tot Viktor Orbán, die in Hongarije een illiberale democratie heeft gevestigd. Lange tijd trad ze niet vastberaden tegen hem op, omdat zijn Fidesz net als de CDU deel uitmaakte van de Europese Volkspartij in het Europees parlement. Ze had hem nodig als deel van haar eigen kamp. Ook hier gaf berekening de doorslag. Het nutsprincipe werd bij Merkel nauwelijks gehinderd door diepe overtuigingen.

    Wat Trump betreft vond ze de meeste van zijn opvattingen beslist ook afschuwelijk, maar meer nog hekelde ze het irrationele, onberekenbare. Daarom voelde ze zich meer verbonden met de Chinese president dan met de Amerikaanse. Wie haar in de loop van haar ambtsperiode over China hoorde spreken, constateerde een groeiend begrip voor de collega’s in Beijing, die hun reusachtige rijk autoritair regeren. Merkel kon zich verplaatsen in hun rationaliteit. 

    Dit is een nadeel van lange regeringsperioden: men gaat steeds meer executief denken, men voelt zich deel van een internationale clan die iets voor elkaar moet krijgen. In een democratie komt het echter niet alleen op het resultaat aan, maar ook op het proces dat tot die resultaten leidt. Daar heeft Merkel te weinig rekening mee gehouden. Een groot democraat was ze om deze redenen niet.


    6. De klimaatcrisis

    ‘Het gaat om de grondslagen van het leven van de generaties die na ons komen. Wij weten dat we nu moeten handelen.’ 

    – Merkel bij de VN klimaatconferentie van 2015 in Parijs

    Na een VN-rapport over de dramatische gevolgen van hogere temperaturen verplicht Merkel de EU in maart 2007 om bindende klimaatdoelen te stellen. In juni dat jaar, bij de G8-top in Heiligendam, overtuigt ze de Amerikaanse president George W. Busch om de klimaatpolitiek in VN-verband te voeren, en reist in augustus naar Groenland, waar zij zich in een rood jack vermanend en schilderachtig laat fotograferen voor de witte, smeltende gletsjers. Merkel, zo lijkt het, heeft haar thema gevonden. Enthousiasme: Duitsland heeft een klimaatkanselier.

    In deze zes maanden van het jaar 2007 legde Merkel het fundament voor een groot kanselierschap. Sluit even de ogen en stel je voor hoe zij en Duitsland ervoor zouden staan als ze sindsdien een consequente klimaatpolitiek had gevoerd.

    Maar dat heeft ze niet gedaan.

    Vanaf 2009 of al eerder wilde ze zich niet meer zo veel met dit thema bezighouden. De financiële crisis verminderde de welvaart, Merkel wilde de burgers niet nog meer belasten. De partijen waarmee ze al die jaren regeerde hadden toch al geen diep gevoel voor klimaatbescherming ontwikkeld, noch CDU en CSU, noch de FDP en de SPD. En de kanselier hield zich aan haar eigen uitspraak: ‘Politiek is wat mogelijk is.’

    De onzichtbaarheid hielp haar om de urgentie van de klimaatpolitiek af en toe een poosje te vergeten

    Dat zijn woorden zonder enig temperament, koud en levenloos als diepgevroren vissticks. Dat is naakt pragmatisme.

    Politiek is echter ook de opdracht om datgene waarin je gelooft mogelijk te maken. Maar niet voor Merkel, die vooral herkozen wilde worden en daarom ook in de klimaatkwestie het eigen project en de enthousiastelingen in de steek liet. Als opperlobbyist van de Duitse auto-industrie streed ze in Brussel voor een afzwakking van de geplande grenswaarden voor de CO2-uitstoot.

    Maar aan het klimaatthema kon ze tijdens haar langdurige kanselierschap niet ontkomen. In 2019 dook het weer volop op omdat scholieren, ‘de generaties die na ons komen’, het vertrouwen in de politiek verloren hadden en naar het voorbeeld van de Zweedse Greta Thunberg demonstreerden voor een consequente klimaatpolitiek.

    Wat volgde was een bizarre, nauwelijks navolgbare vloed van steeds nieuwe klimaatdoelen voor Duitsland en de EU. ‘Kletskoek’ was niet meer genoeg, bitste de kanselier in 2019 in een fractievergadering van de CDU, waarmee ze onbewust ook een oordeel over haar eigen politiek uitsprak. Ze heeft zeker meer gedaan dan veel collega’s in andere landen, maar het was gewoon niet genoeg, zoals ze later zelf inzag. Dit falen werd zelfs door het Duitse constitutioneel gerechtshof bevestigd, dat de klimaatpolitiek tot dan toe in het voorjaar van 2021 als te laks, en daarmee in strijd met de grondwet brandmerkte. Een diepe val voor de klimaatkanselier van weleer.

    In de laatste maanden van haar ambtsperiode moest ze nog beleven hoe het spook ook werkelijkheid werd in Duitsland, waar de klimaatverandering zich tot dan toe meestal ongemerkt had voltrokken. Nu vernietigde die in de vorm van stortregens het bestaan en het leven van mensen.

    Ook al was het Merkel als voormalige wetenschapper steeds duidelijk wat er gebeurde, de onzichtbaarheid hielp haar om de urgentie van de klimaatpolitiek af en toe een poosje te vergeten. Voor haar opvolger zal dat niet meer mogelijk zijn.


    7. De pandemie

    ‘Het is serieus. Neem het ook serieus.’ 

    – Merkel in een tv-toespraak op 18 maart 2020

    Het ergste kwam aan het eind, de zevende grote crisis van haar ambtsperiode: de gesel van de mensheid, corona. Als iemand die precies weet wat een exponentiële ontwikkeling is, leek ze daarvoor heel goed uitgerust. En ook als iemand die haar zenuwen de baas is, als de meest ervaren toppolitica ter wereld.

    Zoals vele anderen vond Merkel maar langzaam haar weg in de crisis, een mondkapjesplicht wees ze aanvankelijk af, maar daarna leidde ze Duitsland omzichtig door de eerste golf. Bescherming van het leven plaatste ze boven de vrijheid zonder een coronadictatuur op te tuigen, zoals beweerd werd in de rechtse, ‘dwarsdenkende’ hoek. Deze periode behoort tot de sterkste van haar kanselierschap, ook omdat Merkel communicatiever was dan gewoonlijk en haar bureaucratische grondtoon afzwakte, zo nu en dan een zorgzame indruk wekte. Ze gaf zelfs de tip de mondkapjes heet te strijken, zodat ze effectief blijven.

    Maar covid-19 liet zich er niet onder krijgen. En hoe langer de strijd duurde, hoe zwakker de indruk was die de kanselier maakte. Deels verbazingwekkend zwak. Het lukte haar nauwelijks nog om haar ideeën voor een voorzichtige pandemiepolitiek in de kring van deelstaatpremiers erdoor te krijgen.

    Dat was als het ware de finale pointe: de vrouw die juist zo succesvol was geweest in het bedrijven van machtspolitiek, die al haar rivalen had uitgezeten of uitgeschakeld, die zich nauwelijks door haar eigen overtuigingen liet hinderen, waardoor ze zich van compromis naar compromis voort kon slingeren, deze vrouw ontbrak het in de zwaarste weken en maanden van de bondsrepubliek aan de macht om goed te kunnen regeren.

    Nu was ze een lame duck, een politica die met beperkte machtsmiddelen naar het eind van haar ambtstermijn dobberde

    Dat had veel te maken met haar grootste vergissing. In het moeilijke jaar 2018, toen de ruzies met Horst Lorenz Seehofer [bondsminister van Binnenlandse Zaken en Heimat] bijzonder onaangenaam waren, toen de CDU bij landelijke verkiezingen veel stemmen verloor, gaf Merkel het voorzitterschap van de CDU op. Dit was een nogal zeldzaam geval van egoïstisch aftreden: ze wilde haar kanselierschap daarmee redden.

    Hier zou een compleet aftreden consequent zijn geweest. Nu was ze een ‘lame duck’, een politica die met beperkte machtsmiddelen naar het eind van haar ambtstermijn dobberde. Juist de deelstaatpremiers van de CDU lieten zich nauwelijks nog door haar leiden. Het systeem-Merkel is op z’n laatst in de herfst van 2020 ingestort. Het gevolg was een wirwar van maatregelen die niemand kon overtuigen.

    Merkel werd nerveus, toonde soms een onrustige, norse gemoedstoestand, schimpte bij de parlementszittingen, liet gedachten aan aftreden doorschemeren, zonder dat die gevolg kregen. De soevereiniteit was weg. Ook haar omzichtigheid was ze kwijt. Ze liet de kans lopen om zich vroegtijdig met man en macht in te zetten voor een vaccinatiestrategie.

    Bovendien werden nalatigheden uit haar lange ambtsperiode zichtbaar. De bondsrepubliek bleek een ouderwets land dat te weinig aan digitalisering had gedaan. Vooral de scholen lijden daar nog altijd onder.

    Niettemin staat de bondsrepubliek er qua corona internationaal gezien helemaal niet zo slecht voor. We kunnen daar tevreden mee zijn, maar we kunnen ook zeggen dat het beter had kunnen en had móéten verlopen, zodat er minder mensen aan zouden sterven.

    En opnieuw geldt: wat er misging is niet alleen aan Merkel toe te schrijven, maar ook aan de politiek als geheel, de structuren en de stellingnames in het land. Maar zij was zestien jaar lang bondskanselier, ze heeft enorm veel gedaan om de macht te veroveren, te vergroten, te verdedigen. Wat er aan de hand was en is, heeft vanzelfsprekend veel te maken met wat zij wel en niet heeft gedaan.


    Een groot kanselier? 

     ‘Wat je mist, merk je pas als je het niet meer hebt.’ 

    – Merkel op 22 juli 2021 bij de nationale persconferentie

    Dit zei Merkel op de vraag wat ze na deze laatste persconferentie zou missen.

    Natuurlijk waren er niet alleen slechte ontwikkelingen tijdens haar kanselierschap. De Duitse economie toonde zich robuust, de werkloosheid bleef relatief laag, ondanks zware tegenslagen als gevolg van de kredietcrisis en de coronacrisis. Dat is veel waard.

    De grootste moderniseringsslag werd gemaakt in haar eerste ambtstermijn, met wetten die de combinatie kind en carrière voor vrouwen gemakkelijker maakten en hun onafhankelijkheid versterkten, met oudergeld, met de uitbreiding van kinderdagverblijven, met een nieuw scheidingsrecht dat de vaak levenslange alimentatie afschafte om vrouwen te motiveren een beroep uit te oefenen. Dat alles droeg ertoe bij de verhouding tussen mannen en vrouwen in een nieuwe balans te brengen. Deze of gene man zal misschien met gemengde gevoelens terugdenken aan deze bondskanselier wanneer hij krachtige vrouwelijke concurrentie ondervindt in zijn beroep, maar de vrouwen en de maatschappij als geheel heeft Merkel een grote dienst bewezen.

    Al met al verdient haar tijdperk toch veeleer de titel van een status quo-kanselierschap. Ondanks de crises en de catastrofes staat Duitsland er tamelijk goed voor, de welvaart werd over het geheel genomen gehandhaafd. Bij alle crises mag niet vergeten worden dat de meeste Duitsers in al die jaren van Merkels kanselierschap naar verhouding een goed leven hadden.

    In haar balans valt op dat zij, de kanselier van de CDU, geen echt conservatief programma had. Met haar politiek voor mensenrechten, vluchtelingen en klimaatbescherming enthousiasmeerde ze vooral mensen uit het andere kamp. Maar geen van deze projecten hield ze vol. Wat bij haar groot begon, eindigde bijna steeds in kleinmoedigheid. Het ontbrak het intellect meestal aan een temperament dat haar aanspoorde om vol te houden.

    Zij heeft zich niet dat grote staatsmanschap aangemeten, zwichtte niet voor dat ijdele, dat verhevene, die gewichtigheidsroes

    Bij de grote internationale thema’s valt weinig goeds te vermelden. De toestand van de EU, de toestand van het westen, de positie van de liberale democratie in de wereld, het klimaat – op deze belangrijke gebieden ziet het er nu slechter uit dan zestien jaar geleden. Merkel maakte deel uit van een internationaal leiderscollectief dat deze ontwikkelingen niet kon tegengaan.

    De ware consequenties staan ons nog te wachten: China’s dominantie in grote delen van de wereld, een leven met steeds drastischer gevolgen van de klimaatverandering, een Europa dat uiteenvalt in een liberaal en een illiberaal deel, nieuwe vluchtelingenstromen door onopgeloste conflicten overal ter wereld. Vergeleken daarmee zou het tijdperk-Merkel nog wel eens als een prettige tijd kunnen gelden, als de toestand die we missen.

    En zijzelf? Toen Merkel kanselier werd, was de vraag vooral wat een vrouw anders zou gaan doen. Wat echt anders was, in vergelijking met bijna al haar voorgangers: zij heeft zich niet dat grote staatsmanschap aangemeten, zwichtte niet voor dat ijdele, dat verhevene, die gewichtigheidsroes. Ze komt in 2021 niet heel anders uit het kanselierschap tevoorschijn dan ze er in 2005 aan begonnen is, afgezien van de slijtage na zestien jaar zwoegen.

    Haar eigenheid, die huiselijke pruimentaartbakkerij tussen twee telefoongesprekken over wereldpolitiek door, heeft bijgedragen aan haar doorgaans grote populariteit. Soms maakte ze een koddige indruk met haar oncontroleerbare mimiek, maar niemand zou daardoor op het idee komen haar niet serieus te nemen. Wat de serieuze, onvermoeibare uitoefening van haar ambt betreft heeft Merkel een hoge standaard neergezet.

    Toch blijft er uiteindelijk een gevoel van teleurstelling over. Toen eind 1989 de muur openging, kwam er een vrouw naar het Westen die ongemeen nieuwsgierig was, die een wakkere blik op de wereld wierp. Die heeft ze tot op heden behouden.

    Nieuwsgierigheid is de belangrijkste voorwaarde voor kennis. Je moet willen leren, je moet begerig zijn naar nieuwe kennis, nieuwe gedachten, ook van jezelf.

    Bij Merkel is dat het geval, en daarom was het meestal interessant om met haar te praten. Wat kennis en gedachten aangaat, was ze meestal goed op de hoogte van de problemen waarmee zij, Duitsland en de wereld te maken hadden. Dat grote voordeel van haar persoonlijkheid heeft ze te weinig benut.

    Een lichtgestalte met schaduwzijden.

  • ‘De sharia is niet onderhandelbaar’

    ‘De sharia is niet onderhandelbaar’

    In 2004 werd Akbar Agha veroordeeld tot zestien jaar gevangenisstraf wegens de ontvoering van drie VN-medewerkers in Afghanistan. In 2009 kreeg hij gratie van president Hamid Karzai. Een interview met de voormalig leider van een ultraorthodoxe talibanmilitie.

    Terugkeer van de taliban

    Ik mei 2013 publiceerden wij een dossier over de terugkeer van de taliban. De intro luidde: ‘Op 11 mei worden in Pakistan algemene verkiezingen gehouden, en volgend jaar trekt de internationale troepenmacht zich terug uit het buurland Afghanistan. Het militair ingrijpen daar had tot doel een einde te maken aan de heerschappij van de taliban. Maar die missie is niet geslaagd: de taliban zijn overal, in Afghanistan én in Pakistan. Pakistaanse media belichten de overeenkomsten tussen de groepen en schetsen een beeld van het optreden van de “binnenlandse” taliban in de miljoenenstad Karachi.’

    Nog altijd zijn de taliban overal. Dit interview toont aan hoe moeilijk onderhandeling met deze terreurorganisatie is.

    Akbar Agha, geboren op de plek waar de talibanbeweging is ontstaan, is de neef van Mullah Muhammad Syed Tayyab Agha, de vroegere chef-staf van de ongrijpbare opperbevelhebber van de taliban, Mullah Omar, en op dit moment [in 2013] de belangrijkste vredesonderhandelaar van de militie. In 2004 vormde Akbar Agha de afgescheiden talibanfactie Jaish al-Muslimeen [Moslimleger], die vele aanvallen uitvoerde op NAVO-voorraden.

    Akbar Agha denkt dat de Amerikanen tijdens de vredesbesprekingen alleen willen onderhandelen ‘met hun laars in de nek van de taliban’. ‘Er kunnen alleen onderhandelingen beginnen als alle internationale troepen zich terugtrekken uit Afghanistan,’ zegt hij in een exclusief interview met [Pakistaanse televisiezender] ExpressNews. Hij voegt eraan toe dat de invoering van de strikte versie van de sharia, zoals de taliban die voorstaan, ‘niet onderhandelbaar’ is. Akbar Agha draait vaak verklaringen voor de media af uit naam van de taliban.

    Onlangs hadden talibanonderhandelaars een ontmoeting met Afghaanse gesprekspartners in Doha, de hoofdstad van Qatar, als onderdeel van het beginnende vredes- en verzoeningsproces dat is goedgekeurd door president Karzai – vanzelfsprekend met de zegen van de VS. Officieel ontkennen de taliban ieder contact met afgezanten van Karzai, die in hun ogen ‘een marionet van Amerika’ is. Maar de woordvoerder van de Afghaanse regering, Aimal Faizi, houdt staande dat talibanvertegenwoordigers bereid zijn besprekingen te voeren met de regering-Karzai, aangezien ze vorig jaar december naar Parijs reisden op officiële Afghaanse paspoorten om deel te nemen aan een conferentie die georganiseerd was door een Franse denktank.

    Onder voogdij

    Agha Akbar verwerpt die bewering. Hij zegt dat de talibanvertegenwoordigers bij die gelegenheid op dezelfde pas-poorten reisden die ze vóór de omverwerping van hun regime eind 2001 gebruikten. Hij voegt eraan toe dat de taliban geen Pakistaanse paspoorten willen gebruiken, omdat het in Afghanistan de indruk zou versterken dat zij onder voogdij van Pakistan staan.

    Akbar Agha citeert de vaak herhaalde uitspraak van talibanwoordvoerder Zabihullah Mujahid dat men alleen wil praten met de VS. ‘We hebben Pakistan of Afghanistan nooit uitgenodigd om te praten. De Afghaanse taliban zijn een realiteit en we hebben er geen behoefte aan om met Pakistan rond de tafel te gaan zitten. We zullen vredesbesprekingen houden met de VS.’ ‘De Afghaanse regering kan in een later stadium aanschuiven,’ voegt hij eraan toe.

    De invloedrijke Pakistaanse politiek-religieuze leider Maulana Fazlur Rehman reisde vorige maand naar de hoofdstad van Qatar om de besprekingen met de taliban vooruit te helpen, hoewel van beide zijden de ontmoeting in Doha officieel wordt ontkend. Akbar Agha heeft ook nog een goede raad voor Islamabad. ‘Pakistan moet zich niet bemoeien met de besprekingen, want de taliban worden ervan beschuldigd dat ze gesteund worden door dat land.’

    Hij maakt duidelijk dat de taliban alleen zullen onderhandelen nadat de Amerikanen vertrouwen hebben opgebouwd door de gevangenen in Guantánamo vrij te laten en te garanderen dat er geen rechtszaken tegen hen worden aangespannen.

    Onlangs heeft Pakistan op verzoek van de Afghaanse High Peace Council diverse kaderleden van de taliban vrijgelaten, als onderdeel van pogingen om het ontluikende vredesproces op gang te helpen. Maar Akbar Agha beweert dat het Pakistans plicht als islamitische staat is om de talibangevangenen vrij te laten en dat het een onislamitische streek was van Islamabad ‘om deze mensen, die een jihad voeren, te arresteren en ze in ruil voor geld over te dragen aan de VS’.

    Hij beschuldigt Pakistan ervan de taliban te bedriegen en zegt dat Islamabad alle talibangevangenen onvoorwaardelijk vrij moet laten, Afghanistan als een broederland moet beschouwen en oprecht moet proberen de problemen op te lossen.

    Hoewel hij TTP-aanslagen tegen de Pakistaanse regering door de vingers ziet, veroordeelt hij aanslagen ‘gericht tegen onschuldige burgers’

    Akbar Agha vergoelijkt ook indirect de bloedige acties van de Tehrik-i-taliban Pakistan (TTP). De Pakistaanse taliban nemen alleen wraak op hun regering om hun Afghaanse naamgenoten te steunen, zei hij, en de Afghaanse taliban zullen hun altijd hulp bieden. Maar hoewel hij TTP-aanslagen tegen de Pakistaanse regering door de vingers ziet, veroordeelt hij aanslagen ‘gericht tegen onschuldige burgers’.

    Hij zegt dat de Afghaanse taliban verontwaardigd zijn dat de Pakistaanse regering TTP-militanten arresteert en dwingt in te stemmen met bepaalde standpunten op verzoek van de Amerikanen. Akbar Agha voegt er echter aan toe dat de Afghaanse taliban het Pakistaanse volk niet de schuld geven van de politiek van hun regering.

  • Sophie Oluwoles invloed op de Afrikaanse filosofie

    Sophie Oluwoles invloed op de Afrikaanse filosofie

    Volgens het koloniale gedachtegoed bestonden er slecht één waarheid en realiteit, met als gevolg dat culturen werden verdrukt, onthecht en soms zelfs onderling in strijd kwamen. De Nigeriaanse filosoof, antikoloniaal denker en feminist Sophie Oluwole benadrukt het belang van een Afrikaanse filosofie, die een andere blik werpt op gewoontes, overtuigingen en een ‘geïmporteerd probleem’ als gender.

    Grote denkers in De Balie

    Op 29 mei hield in De Balie in Amsterdam Grâce Ndjako een lezing over de recent overleden Nigeriaanse filosoof, antikoloniaal denker en feminist Sophie Oluwole (1935-2018). Oluwole streed fel voor erkenning van de rijke filosofische tradities van het Afrikaans continent. Wat was haar positie binnen de Afrikaanse filosofie en wat maakt haar gedachtegoed zo relevant?

    Nadat ze als eerst Nigeraanse vrouw haar doctoraat haalde in westerse filosofie, verdiepte professor Sophie Oluwole zich in de Yoruba-overlevering, een orale traditie die deels wél op schrift gesteld is. In haar opus magnum zette ze twee grondleggers van de klassieke filosofie naast elkaar: Socrates en Orunmila. Daarin zet ze uiteen dat anders dat het oppositionele westerse denken (man-vrouw, goed-kwaad, ik-jij) de Afrikaanse filosofie uitgaat van complementair dualisme, waar verschil juist als een belangrijke aanvulling wordt gezien.

    In de programmaserie Grote Denkers staan vooruitstrevende en eigenzinnige vrouwelijke denkers uit de wereldgeschiedenis centraal.

    ‘Om tot ware wijsheid te komen, moeten we ons eerst aan ernstige overpeinzingen wijden om het zaad van de verwarring weg te nemen. Gegronde besluiten zijn het resultaat van diep nadenken over de ideeën en overtuigingen volgens welke wij leven. Een ieder die een onnadenkende persoon volgt zal dat uiteindelijk betreuren en zich de haren uit het hoofd trekken.’

    Dit zijn de woorden van Orunmila, Yoruba-denker uit ongeveer 500 voor Christus, over het belang van het cultiveren van wijsheid. Uit het citaat blijkt dat het niet alleen belangrijk is om te reflecteren, maar ook om te reflecteren op de wijze waarop we reflecteren, op de concepten die we gebruiken en de geloofsregels waarnaar we leven. Wie dit niet doet, zal er spijt van krijgen. Over het leven moet worden gereflecteerd, wijsheid moet worden gekoesterd, begeerd. Wijsheid biedt ons oplossingen voor de problemen van het menselijk bestaan. 

    ‘In de loop van de tijd worden mensen wijzer. Dit is niet het wezenlijke beginsel waardoor “Weet-nog-niet” zich liet leiden toen hij niet wist hoe hij een bepaalde kwestie moest aanpakken. Hij dacht na en sliep er een nachtje over. Bij het ochtendgloren zag hij het licht en wist wat hem te doen stond. Dus laten we dag op dag laten volgen; is dat niet genoeg, laten we dan maand op maand laten volgen; op de lange duur zullen we door voortdurend nadenken oplossingen vinden voor de meest verbijsterende problemen van het menselijk bestaan.’

    Deze preoccupatie met wijsheid, deze liefde voor wijsheid, noemen we ook wel filosofie.

    ‘Dat Afrikanen niet kunnen denken, zou betekenen dat Afrikanen geen mensen zijn’

    Orunmila zei dit ongeveer vijf eeuwen voor Christus. Toch werd het bestaan van Afrikaanse filosofie lange tijd ontkend. Dat is een feit waar Sophie Oluwole helaas haar hele leven mee te maken heeft gehad. ‘Mijn leven lang is mij verteld dat Afrikanen niet kritisch zijn en niks analyseren. Dat Afrikanen niet kunnen denken. Dat zou betekenen dat Afrikanen geen mensen zijn. Ik wilde het tegendeel bewijzen.’ Aldus Oluwole in een interview uit 2017 toen ze in Nederland was. Het idee dat je alleen bent als je denkt prevaleerde tijdens de verlichting bij denkers als Kant en later Hegel, en geldt in sommige academische kringen tot op de dag van vandaag. 

    Wat Oluwole ook bijzonder maakt is het feit dat zij de eerste vrouw was die in Nigeria promoveerde in de filosofie. Ze werd uiteindelijk hoofd van de afdeling filosofie van de universiteit van Lagos. Op meerdere fronten is zij dus een pionier geweest binnen dit vakgebied. 

    Superioriteitsdenken

    Afrikaanse filosofen hebben verschillende reacties geformuleerd op het idee dat filosofie in Afrika niet zou bestaan, en dat dit bovendien niet mogelijk zou zijn. Reacties lopen uiteen van denkers die zich identificeren met de Europese filosofie en stellen dat Afrikaanse filosofen de Europese denktraditie moeten volgen, de zelfbenoemde professionele filosofen, tot denkers die beweren dat Afrikaanse filosofie het product is van de culturele ervaringen van Afrikanen, en dat het wereldbeeld van Afrikanen om deze reden moeten worden gedocumenteerd. Zij worden etnofilosofen genoemd.  

    Oluwole vond geen van deze reacties adequaat. De zogenaamde ‘professionele’ filosofen zouden zelf geen onderzoek hebben uitgevoerd naar Afrikaanse orale tradities. Deze zouden door hen zelfs volledig worden verwaarloosd in de zoektocht naar principes die intellectueel overtuigender en sociaal gezien relevanter zouden zijn voor de hedendaagse Afrikaanse ervaring. Etnofilosofen zouden volgens Oluwole dan weer te essentialistisch zijn, en in sommige gevallen het racistische discours van de kolonisten hebben overgenomen. 

    Onderzoek naar het Afrikaans denken gaat niet om het zoeken naar paralellen van westerse metafysica in Afrikaanse talen. Het gaat ook niet om het vinden van de Afrikaanse metafysica of epistemologie; men definieert het Europese denken immers ook niet aan de hand van één soort metafysica of epistemologie. Onderzoek naar het Afrikaanse denken zou moeten gaan over de intellectuele idealen die in Afrikaanse talen ingebed zijn. De intellectuele idealen, de intellectuele cultuur, liggen immers ten grondslag aan iedere intellectuele onderneming, en dus ook filosofie. 

    Oluwole was tegen het klakkeloos overnemen van Europese paradigma’s en denksystemen. Het overnemen van Europese paradigma’s zou wijzen op een bepaalde mate van superioriteitsdenken. 

    ‘De westerse hang naar zekerheid laat geen ruimte voor het bestaan van andere realiteiten’

    ‘De bewering dat de westerse filosofie in een universeel voorbeeld voorziet van de menselijke intellectuele cultuur is op ernstige bezwaren gestuit. Zelf ben ik van mening dat de verbreiding ervan alleen maar tot intellectuele dweepzucht leidt.’ Ze gebruikte ook wel de term intellectueel nationalisme. De westerse filosofie zou een weerspiegeling zijn van de Europese intellectuele cultuur. De principes van de Europese intellectuele cultuur zouden zijn gebaseerd op het uitbouwen van een heel systeem en een zoektocht naar absolute kennis.

    Het probleem hiervan is dat dit algauw leidt tot het geloof in één enkele absolute waarheid die overal altijd geldig is, en voor iedereen geldig is, en dat er dus maar één realiteit bestaat. Oluwole zegt het als volgt: ‘De westerse hang naar zekerheid laat geen ruimte voor het bestaan van andere realiteiten die door elk van deze rationale pogingen kunnen worden omvat.’ Ze typeerde de westerse intellectuele cultuur daarom als een monotheïsme.

    Volgens Oluwole is het belangrijk dat we ons afvragen of principes uit het westerse denken wel zo neutraal zijn, en objectief genoeg om te kunnen zeggen dat ze universeel zijn en voor iedereen opgaan. We spreken tegenwoordig steeds vaker over dekolonisatie. Dat is niet alleen een politieke dekolonisatie, dus politiek onafhankelijk zijn; we spreken ook over dekolonisatie van instituten en dekolonisatie op het gebied van het denken, doordat we ons steeds meer bewust zijn van de reikwijdte van het koloniale gedachtegoed en de implicaties van de gedachte dat er maar één enkele waarheid en realiteit bestonden. Bij gekoloniseerden heeft deze gedachte gezorgd voor de vernietiging van bestaande structuren en vervreemding van de eigen cultuur. Ook zijn er verschillen en ongelijkheden geïntroduceerd of vergroot die daarvoor niet of nauwelijks bestonden. 

    Paradigma’s en patronen

    Het dekoloniseren van het denken heeft daarom niet alleen implicaties voor de filosofie, voor het bestaan van een Afrikaanse filosofie, maar ook voor de politiek en het denken over gender. Als we vanuit het Afrikaanse gedachtegoed denken over politiek, kunnen we met andere stelsels komen. Oluwole zegt hierover: ‘Een totale afhankelijkheid van de paradigma’s en patronen van democratie zoals die in veel Europese landen worden toegepast, is misschien niet de enige manier om vooruitgang te boeken.’ We kunnen ook vanuit het Afrikaanse denken kijken naar sekse en gender.

    Oluwole doet dit via onderzoek naar de orale traditie. Dat komt de Afrikaanse filosofie volgens haar ten goede, omdat filosofie voornamelijk draait om wat door filosofen wordt gezegd: ‘In tegenstelling tot de geschiedkunde en de sociale wetenschappen richt de filosofie zich niet in de eerste plaats op wat mensen doen maar op wat ze zeggen, dus op de verbale expressie van mensen. Daarom is een van de meest gebruikte zinnen in de filosofie:  “X heeft gezegd…” Maar zelden horen we: “Plato deed dit” of: “Russell deed dat”. Wij verwijzen altijd naar wat bepaalde mensen hebben gezegd. Vanwege het onmiskenbare feit dat we weinig of geen geschreven documenten bezitten waarin de feitelijke woorden van onze voorouders aan ons worden doorgegeven, zullen de woorden van onze wijzen worden gebruikt als gemeenschappelijk referentiekader, zeggen de Yoruba.’

    Ze baseert zich hierbij ook op een gezegde uit het Yoruba: ‘Owe I’esin òrò, bí òrò bá sonú, òwe I’ a fi n wà a. (‘Spreekwoorden zijn de analytische denkinstrumenten; als we het denken kwijtraken, gebruiken we spreekwoorden om het te zoeken.’)

    Teksten zoals die voorkomen in de taal van een volk – het woord tekst past ze toe in de brede zin van het woord en omvat dus ook orale overlevering – bieden veel inzicht in sociale principes en religieuze gebruiken.

    ‘Daarom is er behoefte aan een Afrikaanse renaissance die de Afrikaanse orale literatuur op een kritische manier onderzoekt om zo een betrouwbare Afrikaanse sfeer te ontdekken en te bevorderen die eerder is gebaseerd op “verhalen die beantwoorden aan de waarheid van hun taal en authenticiteit” dan aan een realiteit die is vervormd door de modaliteiten van niet-Afrikaanse talen of “resultaten van theoretische manipulaties”.’

    Oluwoles belangrijkste bijdrage aan de Afrikaanse filosofie is dan ook deze terugkeer geweest naar de eigen teksten, terugkeer naar de Afrikaanse orale traditie. Op deze manier heeft ze veel van de mythes die tijdens het kolonialisme zijn ontstaan verworpen; ‘Ga terug naar feitelijke “teksten” van de orale traditie in plaats van te vertrouwen op de “bedenksels” van sociale wetenschappers,’ aldus Oluwole. 

    Man/vrouw-verhoudingen

    Als gezegd heeft het onderzoeken van de taal en orale traditie tot belangrijke inzichten geleid op het gebied van sekse en gender in Afrika. Oluwole keek hierbij specifiek naar de Yoruba-taal. Kenmerkend bij de Yoruba is het complementair denken, en dit vindt ook zijn weerslag in het denken over man/vrouw-verhoudingen. 

    – ‘Er is geen godheid zoals een moeder. Alleen zij is het aanbidden waard.’

    Er zijn teksten die lijken te wijzen op de superioriteit van mannen:

    – ‘De man geeft leiding aan de vrouw.’

    En teksten die het tegendeel beweren:

    – ‘Een vrouw werd gevraagd een zwakkeling mee te brengen die ze kon laten doen wat ze wilde, en ze kwam terug met haar man.’

    – ‘Voor mannen is geen plaats in de hemel.’

    – ‘Het kind van een vrouw is haar echte man.

    Alleen omdat de kou ondraaglijk is

    Neem je een man om je warm te houden

    Een kind is de echte man van haar moeder’

    -‘Vraag: Hoeveel mensen in het dorp?

    Antwoord: Twee, mannelijk en vrouwelijk.’

    Oluwole: ‘De implicatie is uiteraard dat de samenleving beide geslachten moet erkennen en niet maar een van beide.’

    Vrouwen werden niet uitgesloten van het maatschappelijk leven. Vrouwen hadden politieke inspraak, en hadden soms leidinggevende functies:

    ‘Het sociale basisprincipe op grond waarvan Yoruba-vrouwen handelden, bijvoorbeeld, was dat als de samenleving besluiten moest nemen die ernstige gevolgen hadden voor hun leven, voor hun economische, politieke en religieuze bestaan, ze te allen tijde het recht hadden te worden geraadpleegd en rechtstreeks dan wel via democratische vertegenwoordiging te worden betrokken bij de besluitvorming’ (2014: 102). Op economisch vlak liepen vrouwen zelfs voorop; zij waren degenen die goederen verkochten op de markt, zowel die van haar man als haar eigen producten. Vrouwen konden kapitaal bezitten, erven en nalaten. 

    ‘Gender’ is in Yoruba een geïmporteerd probleem is, omdat de categorie ‘vrouw’ niet zou bestaan in die taal

    Haar invloed is te zien in het onderzoek dat door hedendaagse Afrikaanse denkers en wetenschappers wordt verricht op het gebied van sekse en gender. De Nigeriaanse denker Oyèrónkẹẹ Oyěwùmí stelt door te kijken naar de Yoruba-taal dat ‘gender’ een geïmporteerd probleem is, omdat de categorie ‘vrouw’ niet zou bestaan in het Yoruba. Ook zij wijst op het complementaire denken en het belang van een terugkeer naar de taal, de teksten, om koloniale mythes te verwerpen.

    ‘Omdat onvoldoende wordt ingezien dat het wereldbeeld van een volk bepaald wordt door taal, worden westerse categorieën als universeel beschouwd. In de meeste Yoruba-studies worden de inheemse categorieën niet onderzocht maar geassimileerd in het Engels. Dit heeft tot een ernstige verdraaiing en een volstrekt onbegrip van de Yoruba-realiteit geleid. Geslachtskenmerken zijn belangrijk geworden in Yoruba-studies, omdat het leven van de Yoruba in het Engels is vertaald om in het westerse lichaamsbeeldpatroon te passen.’

    Oluwole zei over taal: ‘Taal is een product van menselijke ervaring. Wanneer ze voor educatieve doeleinden wordt gebruikt, moet er een aantal regels en beginselen worden geleerd, niet alleen op grammaticaal gebied maar ook conceptueel.’ 

    Haar inzichten vinden we ook terug bij Afrikaanse schrijvers. De Keniaanse schrijver Ngũgĩ wa Thiong’o stelt bijvoorbeeld dat cultuur en taal moeilijk van elkaar te scheiden zijn. ‘De keus van een taal en het gebruik dat van die taal wordt gemaakt is bepalend voor de manier waarop mensen zichzelf definiëren ten opzichte van hun natuurlijke en sociale omgeving, en zelfs ten opzichte van het hele universum.’ Hij schrijft over de vervreemding die hij ervoer doordat hij op school in een andere taal, een Europese taal, werd onderwezen dan hij thuis sprak; het Gikuyu. De geschreven taal die hij op school sprak, kwam niet meer overeen met zijn wereld. 

    Gesproken tekst

    Oluwole hechtte waarde aan de orale traditie omdat deze voor een nauwere relatie zorgde tussen de auteur en diens publiek. Meer dan het schrift weet de orale traditie te zorgen voor een emotionele band tussen orator en toehoorder, doordat de gesproken tekst meer leeft. 

    ‘Waar een geschreven tekst vaak openbare zaken in een duister persoonlijk idioom vervat, houden orale uitingen de communicatie meestal open zodat het publiek de ideeën en gedachten van de orale verteller op een directe manier tot zich kan nemen en kan delen. Worden de open ideeën opgeschreven, dan raken ze versteend en maakt de classificatie ze alleen maar geheimzinniger.’

    Ook Thiong’o benadrukt het belang van de orale traditie. Volgens hem moeten we af van het idee dat de pen de voornaamste overdrager van cultuur is: ‘Woorden omkleden ideeën die voortkomen uit die strijd. Woorden benoemen gedachten. De tong geeft de woorden stem. Woorden komen niet in geschreven vorm uit onze mond; ze komen eruit als een spreekstem. De pen imiteert de tong. De pen is de klerk van de tong. Hij maakt tekeningen van wat er wordt gezegd. De pen zegt wat al gezegd is.’

    Vandaar het belang van spoken word in zwarte gemeenschappen. Ook hiphop kunnen we zien in het licht van deze orale traditie. Al deze uitdrukkingsvormen worden in zwarte gemeenschappen met elkaar gedeeld, en moeten we blijven koesteren. Onze orale tradities zijn onderdeel van onze intellectuele cultuur. 

  • Columnist Éric Zemmour haalt Le Pen in op rechts | Een onwaarschijnlijke coalitie tegen Netanyahu

    Columnist Éric Zemmour haalt Le Pen in op rechts | Een onwaarschijnlijke coalitie tegen Netanyahu

    Een onwaarschijnlijke coalitie tegen Netanyahu

    De Knesset, het Israëlische parlement, stemde afgelopen zondag voor een nieuwe coalitieregering, geleid door de radicaal-rechtse leider Naftali Bennett, waarmee een einde komt aan twaalf jaar ononderbroken macht van Benjamin Netanyahu. Het valt nog te bezien of deze bonte alliantie stand zal houden, aldus de Israëlische pers.

    ‘Het tijdperk van Netanyahu is voorbij’, schrijft Maariv. Als premier van Israël gedurende twaalf jaar, werd de onverwoestbare Likoed-leider zondag officieel uit de macht gezet na een stemming van de Knesset die vertrouwen geeft aan een bonte coalitie onder leiding van zijn voormalige bondgenoot en ex-minister Naftali Bennett. Zestig parlementsleden stemden voor de nieuwe coalitie, die uitwaaiert van rechts naar links, inclusief steun van een Arabische partij. Negenenvijftig andere parlementariërs, voornamelijk van Likoed, extreemrechtse en ultraorthodoxe partijen, stemden tegen.

    De sfeer in de Knesset was gespannen. Volgens The Times of Israel namen aanhangers van Netanyahu vooral Naftali Bennett onder vuur. De afgezette premier schudde met gesloten ogen de hand van zijn opvolger. Maar toen Bennett zijn hand later een tweede keer uitstak, negeerde Netanyahu hem, zo merkte The Jerusalem Post op. In ieder geval heeft Netanyahu ‘niet de Knesset bestormd en zijn aanhangers daartoe ook geen opdracht gegeven’, zoals ‘zijn vriend de Amerikaanse president Donald Trump op 6 januari’, zo stelt de rechtse krant vast. ‘De grootste critici van Netanyahu, die een bloedige transitie voorspelden, hadden het daarom bij het verkeerde eind’, concludeert The Jerusalem Post.

    Nadat het resultaat van de stemming in de Knesset bekend werd gemaakt, vierde een grote menigte Israëli’s het vertrek van Netanyahu in Jeruzalem en op het Rabin-plein in Tel Aviv.

    ‘Netanyahu werd niet uit zijn functie gezet wegens gebrek aan vaardigheid of succes. Ook niet omdat zijn rivalen meer stemmen kregen’

    Deze regeringswisseling is ‘een cruciale herbevestiging van het Israëlische democratische proces, ondanks het klimaat van demonisering dat door Netanyahu werd gepropageerd, ondanks de beschuldigingen van verraad tegen sommige leden van de nieuwe coalitie en ondanks de dreigementen met geweld’, schrijft David Horovitz, hoofdredacteur van Times of Israel in een commentaar. ‘Netanyahu en zijn aanhangers hebben zijn afzetting onwettig genoemd’, maar ‘de verandering van regering is natuurlijk niet frauduleus of onwettig. Integendeel, hij toont aan dat een krappe parlementaire meerderheid zich verenigd heeft in de overtuiging dat het beëindigen van Netanyahu’s greep op de macht de meest urgente politieke behoefte van Israël is.’

    Bij de laatste parlementsverkiezingen in maart eindigde Likoed aan kop, maar Netanyahu slaagde er niet in de meerderheid van 61 parlementsleden te verkrijgen die nodig is om een regering te kunnen vormen. President Reuven Rivlin vertrouwde de taak vervolgens toe aan de leider van de oppositie, de centristische Yaïr Lapid. Deze ex-minister van Netanyahu slaagde er begin juni op de valreep in om een meerderheid te krijgen, door een coalitie te vormen van twee centrumpartijen, twee linkse en drie rechtse partijen, waaronder de Yamina-partij van Naftali Bennett, en, een zeldzaamheid, de Arabische partij Ra’am van Mansour Abbas.

    Lees ook:

    Het aan boord krijgen van Bennett, leider van radicaal rechts en voormalig bondgenoot van Netanyahu, was essentieel om een meerderheid te behalen. Om zijn steun te verkrijgen stelde Lapid voor dat Bennett eerst premier gedurende twee jaar zou worden, waarna Lapid hem zal opvolgen in augustus 2023. 

    ‘Netanyahu werd niet uit zijn functie gezet wegens gebrek aan vaardigheid of succes. Ook niet omdat zijn rivalen meer stemmen kregen’, analyseert Haaretz-journalist Anshel Pfeffer. Hij werd volgens Pfeffer ‘gedwongen om te vertrekken omdat hij loog, te veel bondgenoten en politieke supporters intimideerde en te veel toezeggingen deed.’

    Of deze bonte coalitie stand zal houden, valt nog te bezien. Deze ‘uiterst onwaarschijnlijke alliantie wordt door sommige analisten nu al beschouwd als van onvermijdelijk korte duur’, schrijft David Horovitz in The Times of Israel. Maar volgens hem kan Netanyahu ‘de lijm zijn die zorgt voor de samenhang van de nieuwe coalitie’. Hoe vastbeslotener Netanyahu is om de macht terug te veroveren, ‘hoe meer hij het risico loopt deze onwaarschijnlijke coalitie van zijn tegenstanders te verenigen’.


    Éric Zemmour, de controversiële figuur die Marine Le Pen rechts inhaalt

    Of hij nu wel of geen kandidaat is voor de presidentsverkiezingen van 2022, de Franse stercolumnist Éric Zemmour heeft een invloed verworven waarmee hij in ieder geval invloed kan uitoefenen op de verkiezingscampagne, schrijft Politico in een analyse. Volgens Marine Le Pen is ze naast Zemmour het toonbeeld van redelijkheid. 

    Éric Zemmour, een columnist en een journalist die in Frankrijk een beroemdheid is geworden, ontketent zo’n beetje wekelijks een controverse over immigratie, seksisme, de islam of genderkwesties. De vraag die in Parijse kringen rondwaart is of hij zijn bekendheid zal gebruiken als springplank naar het Élysée.

    Opruiend

    Hij is al meerdere keren veroordeeld voor het aanzetten tot haat. Volgens sommigen is hij degene die een seksistisch en racistisch discours naar het grote publiek brengt. Maar zelfs zijn politieke tegenstanders geven toe dat zijn snelle opkomst op televisie aantoont dat hij de sombere stemming in Frankrijk weet uit te buiten.

    Zijn tirades worden zo opruiend geacht dat zijn dagelijkse shows vooraf worden opgenomen en geverifieerd voordat ze worden uitgezonden. Zo vergeleek Zemmour begin juni behandelingen voor transkinderen met medische experimenten van de nazi’s. Beschuldigingen van aanranding tegen hem dragen bij aan het verhitte debat over zijn invloed.

    Marine Le Pen neemt de dreiging van Zemmours mogelijke kandidatuur zo serieus dat ze haar vader Jean-Marie, die ze eerder uit de partij had gezet, om hulp heeft gevraagd. Zemmour ‘zou kunnen voorkomen dat haar partij Rassemblement National (RN) een tweede ronde haalt’, zei ze in een privégesprek, verwijzend naar het Franse kiessysteem waarin de twee hoogst scorende kandidaten na een eerste stemming het tegen elkaar opnemen in een tweede ronde.

    Le Pen bereidt zich voor om in 2022 voor de derde keer deel te nemen aan de presidentsverkiezingen en de peilingen wijzen op een nek-aan-nek-race met Emmanuel Macron. Nu ze een aantal van haar meer radicale standpunten heeft opgegeven, loopt ze het risico rechts te worden ingehaald door Zemmour, een droge, magere man die verschillende boeken heeft geschreven over de Franse politiek en geschiedenis. 

    Bestsellers

    Hij lijkt op het eerste gezicht een onwaarschijnlijke extreemrechtse vaandeldrager. Toch is hij al jarenlang het baken van de beweging van de nieuwe reactionairen, een groep schrijvers die de ‘overheersing van links’ aan de kaak stelt. Zijn talrijke boeken betogen dat Frankrijk sinds 1968 in verval is en zich heeft overgegeven aan een laat-maar-waaien-mentaliteit, ongecontroleerde immigratie en de islam.

    Zemmour, joods en van Algerijnse afkomst, heeft het concept van ‘The Great Replacement’ gepopulariseerd, dat stelt dat Europeanen geleidelijk worden ‘vervangen’ door immigranten, een samenzweringstheorie die populair is in kringen van witte supremacisten. Met de omstreden Jordan Peterson deelt hij het idee dat westerse samenlevingen lijden aan een masculiene crisis.

    Zijn boeken zijn inmiddels bestsellers. Van zijn Le Suicide français uit 2014, een polemiek met een apocalyptische ondertoon over nationaal verval, werden meer dan 400.000 exemplaren verkocht. Velen beschuldigen Zemmour en de zijnen er dan ook van dat ze xenofoob extreemrechts een filosofische ruggengraat geven.

    Het was zijn komst op televisie die hem tot dé controversiële figuur van de Franse politieke klasse maakte: mensen haten hem of houden van hem. Zijn programma Face à l’info gaf een tweede leven aan de 24-uurs nieuwszender CNews, die nu in opkomst is als een platform voor extreemrechtse ideeën, vergelijkbaar met het Amerikaanse Fox News.

    ‘We houden de mogelijkheid open om de stekker eruit te trekken, mocht dat nodig zijn’

    De kracht van Zemmour is dat hij een denker is die kan praten over De Gaulle, de Franse Revolutie en Karel Martel, maar die ook vernietigende teksten uitkraamt die op Twitter rondgepompt worden. De oproep om zijn publiek om te vormen tot een politieke kracht wordt steeds luider.

    Hij moet nog een beslissing nemen, volgens degenen die achter de schermen werken aan zijn mogelijke campagne. ‘Hij is momenteel geen kandidaat’, zegt Jacques Bompard, de burgemeester van Orange, die een lijst van ‘vrienden van Eric Zemmour’ steunt voor de regionale verkiezingen van 20 en 27 juni.

    Er zijn echter tekenen dat de voorbereidingen voor een campagne in volle gang zijn. ‘We hebben de structuur’, zegt iemand die werkt voor de beweging “Ik teken voor Zemmour”. ‘Maar we houden de mogelijkheid open om de stekker eruit te trekken, mocht dat nodig zijn.’ De regionale verkiezingen zullen cruciaal zijn, voegt hij eraan toe. Een slechte score van de RN zou Zemmour op de voorgrond kunnen plaatsen.

    Zijn electoraat bestaat uit televisiekijkers, rijke 50-plussers, maar ook ‘zelfstandigen en eigenaren van kleine bedrijven’.

    In de afgelopen twee maanden hebben zijn aanhangers groepen opgericht op Telegram, Twitter en elders, die hem oproepen om zich in 2022 verkiesbaar te stellen. Zemmour is ook op zoek naar een campagneleider, zo meldt ‘Playbook Paris’, een rubriek van Politico: Patrick Stefanini, die verschillende rechtse campagnes heeft geleid, waaronder die van oud-premier François Fillon in 2017, is benaderd.

    ‘Hij heeft me verteld over zijn project en ik luisterde met belangstelling’, zegt Stefanini. ‘Hij is enorm getalenteerd, zijn project is interessant, maar is zijn talent met woorden ook een politieke kracht? Heeft hij de capaciteit om een echt team op te bouwen?’

    Rechts ingehaald

    Het kamp van Marine Le Pen neemt Zemmours mogelijke presidentiële kandidatuur ondertussen zeer serieus. ‘Naast hem zie ik er redelijk uit. Hij ziet een botsing der beschavingen, terwijl ik zeg: ja, de islam is verenigbaar met de republiek’, zei ze in een privégesprek over haar potentiële rivaal. ‘Hij duwt me naar centrumrechts’, voegde ze eraan toe.

    Door deze ‘normalisering’ lijkt RN grotere aantrekkingskracht te krijgen, maar de strategie dreigt ook ruimte te creëren voor een nog rechtsere kandidaat. Marine Le Pen slikte haar trots in en vroeg haar vader, die ze eerder deze maand uit de partij had gezet, om haar te helpen in de strijd tegen Zemmour, aldus een artikel in Le Point dat door verschillende partijfunctionarissen werd bevestigd. 

    De beslissing om op te gaan voor het presidentschap is riskant voor Zemmour: als hij aan dit hachelijke electorale avontuur begint, loopt hij het risico zijn verdiensten als journalist bij CNews en bij het conservatieve dagblad Le Figaro te verliezen. Volgens een peiling zou 13 procent van de Fransen op hem stemmen, maar slechts 4 procent zegt zeker op hem te zullen stemmen.

    Aanranding

    En dan zijn er zijn relaties met vrouwen. Verschillende vrouwen hebben hem de afgelopen twee maanden beschuldigd van aanranding. Er zijn nog geen klachten ingediend, maar deze beschuldigingen zetten Zemmour en de zijnen onder druk. En met een grotere publieke bekendheid zal er ook meer publieke controle komen.

    De campagne van Macron in 2017 overtuigde velen ervan dat het mogelijk is om president te worden zonder partij en zonder ervaring. Zemmour is zich er echter ongetwijfeld van bewust dat Macron niet zomaar naar het Elysée kwam, maar dat hij ministeriële assistentie, geld en steun van politieke zwaargewichten had.

    ‘Zemmour is geen man om zijn comfortabele leven op te offeren. Hij is in staat tot intellectuele transgressie, maar niet tot daadwerkelijke’, denkt een prominente rechtse politiek adviseur. ‘Zijn vrienden en anderen die hem heel goed kennen, weten dat hij niet tot de bodem zal gaan. Het is een kleine voorstelling die hij opvoert’, voegt hij eraan toe. Er is ook de angst dat Zemmour de kansen van Marine Le Pen zou torpederen, en dat zouden zijn fans hem nooit vergeven. 

    De speculaties over zijn mogelijke kandidatuur zijn echter secundair naast een potentieel krachtiger fenomeen. Naast zijn media-optredens bouwt Zemmour een netwerk op dat als hefboom kan dienen in een tijd waarin immigratie en veiligheid belangrijke kwesties zijn voor kiezers.

    Zijn online supporters, van wie sommigen afkomstig zijn uit de gaming-wereld, kunnen een belangrijke kracht zijn, zegt iemand die voor zijn beweging werkt. ‘Er zijn er niet veel voor nodig, misschien honderdvijftig, tweehonderd. Als ze allemaal online hetzelfde onderwerp gaan pushen, wordt het trending.’ Die kracht zou kunnen worden gebruikt om Le Pen te promoten, te beschadigen of ter verantwoording te roepen. 

    Inmiddels merken aanhangers van Zemmour dat er nu ook ministers naar zijn uitzendingen beginnen te komen. Het is een teken dat zelfs Macron luistert.


    Zalm krijgt een lift

    Californië gaat zalm per tankwagen naar de oceaan vervoeren. De maatregel is bedoeld om de overlevingskansen van de vissen te vergroten, schrijft The Guardian.

    In de staat aan de Amerikaanse Westkust waar een ‘historische’ droogte heerst, zullen dit jaar bijna zeventien miljoen stuks zalm ‘een helpende hand krijgen’ om de oceaan te kunnen bereiken. Babychinookzalm uit Central Valley in Californië moet een lange tocht stroomafwaarts maken naar de oceaan, maar om dit jaar te kunnen overleven is een vloot vrachtwagens nodig die de vissen naar zee transporteert. ‘Dit is niet de eerste keer dat natuurbeheerders zalm stroomafwaarts vervoeren, maar dit jaar drogen de rivieren sneller op dan normaal en zijn ze te heet voor zalm om te kunnen overleven’, aldus de krant. In totaal worden 16,8 miljoen vissen vervoerd met 146 ladingen, in vrachtwagens met temperatuurregeling.

    Californië beleeft het op drie na droogste jaar in de geschiedenis van de staat. De meeste waterreservoirs zijn met minder dan 50 procent van de totale capaciteit gevuld en sommige rivieren stromen dit voorjaar met slechts 30 procent van hun gemiddelde snelheid. De hoge temperaturen betekenen ook dat regen eerder verdampt voordat de grond wordt bereikt waardoor de bodem sneller uitdroogt. 

    De zalm, die zowel commercieel als recreatief wordt gevangen, genereert jaarlijks meer dan 900 miljoen dollar aan inkomsten voor Californië. De kosten om de zeventien miljoen vissen een lift te geven naar de oceaan zullen meer dan 800.000 dollar bedragen, maar de inspanning zal veel van de 23.000 banen in de visserijsector kunnen redden.