Onderwerpen: Sport

  • Jordanië en Oezbekistan maken hun WK-debuut

    Jordanië en Oezbekistan maken hun WK-debuut

    360 kiest een door de buitenlandse pers beschreven sportevent, van voetbal tot Grieks-Romeins worstelen. Deze keer het debuut van Jordanië en Oezbekistan op het WK voetbal 2026.

    De gestage ontwikkeling van het Jordaanse voetbal

    VOETBAL – Het debuut van Jordanië op het WK voetbal in Mexico, Canada en de VS komt niet onverwacht. In 2023 haalde het al de finale van de Azië-Cup waarin het na penalty’s verloor van Qatar. Eind vorig jaar was Marokko met 3-2 te sterk in de finale om de Arab Cup.

    Het recente succes is volgens het Jordaanse Roya News het resultaat van wetenschappelijke methodologieën en groeiende aandacht uit het buitenland voor de Jordaanse voetbalmarkt. ‘De organisatie, planning en opbouw van het team vormen een model dat bestudeerd en gebruikt kan worden om andere teams te ontwikkelen. Het bevestigt de keuze om vroegtijdig te investeren in het trainen van spelers binnen een uitgebreide professionele omgeving, inclusief de tactische en psychologische aspecten.’

    ‘De huidige opmars is toe te schrijven aan grote verbeteringen in de voetbalinfrastructuur, waaronder uitgebreide ontwikkelingsprogramma’s, verbeterde faciliteiten en effectievere systemen voor spelerswerving en trainingsopzet,’ schrijft de internationale site Soccer Politics.

    SPO Jordanie
    © ANP

    Ook sportjournalist Ammar Shoukairi wijst in The Jordan Times op de toegenomen professionalisering van het voetbal in de afgelopen jaren. ‘Tegenwoordig spelen zeventien internationals in Frankrijk, Zuid-Korea, Qatar of Saoedi-Arabië. Daardoor zijn hun discipline, tactisch inzicht, mentaliteit en het opvolgen van instructies sterk verbeterd. Tegelijkertijd zien spelers in de binnenlandse competitie de interlands als momenten om profcontracten in het buitenland in de wacht te slepen.’ Bovendien constateert hij dat Aziatische concurrenten als Zuid-Korea en China de laatste tijd juist minder presteerden.

    Uit het rapport Jordan Football Market blijkt dat het voetbalsucces ook een kwestie van marketing is geweest. Zo werd de Jordan Football Association in het leven geroepen om jong voetbaltalent op te sporen en de sport tegelijkertijd via social media en digitale platforms steeds populairder te maken. ‘Ook zijn er beleidsmaatregelen ingevoerd om particuliere investeringen in de voetbalindustrie te stimuleren, zoals belastingvoordelen voor sponsors en clubs. De overheid richt zich daarnaast op het bevorderen van gendergelijkheid in het voetbal door initiatieven voor vrouwenvoetbal te ondersteunen.’

    Buitenlands geld speelt ook een rol. In de relatief jonge en goedkope Jordaanse voetbalmarkt valt nog genoeg te investeren. Daardoor is Jordanië als voetballand een stuk aantrekkelijker voor buitenlandse bedrijven dan Saoedi-Arabië, Qatar of de Verenigde Arabische Emiraten. Daar is het al langere tijd gangbaar dat Europese topspelers tegen lucratieve contracten hun carrière afsluiten.


    Oezbekistan: het eerste Centraal-Aziatische land op WK

    VOETBAL – Sinds de val van de Sovjet-Unie probeerde Oezbekistan zich zeven keer tevergeefs te plaatsen voor het WK voetbal. Steeds opnieuw strandde het land in de slotfase van de Aziatische kwalificatie. Vooral de campagnes richting Duitsland 2006 en Brazilië 2014 gingen gepaard met veel ‘heartbreak’, zoals in veel internationale sportverslaggeving wordt beschreven.

    Maar, zoals The Guardian kopt, ‘De “chokers” van Azië’ lachen eindelijk: het verdriet van Oezbekistan is voorbij vanwege hun eerste plaatsing’. Daarmee is Oezbekistan het eerste land uit Centraal-Azië dat ooit op een wereldkampioenschap voetbal verschijnt, schrijft de Kazachse nieuwssite Orda. De regio – ingeklemd tussen Rusland, China en landen in het zuiden – had tot nu toe nooit een vertegenwoordiger op het hoogste podium van het mondiale voetbal.

    Terwijl steeds meer landen voetballers laten uitkomen onder een nieuwe nationaliteit in de jacht op een WK-ticket – het merendeel van het basiselftal van de Verenigde Arabische Emiraten is bijvoorbeeld niet in het land geboren – bewandelde Oezbekistan de omgekeerde weg. Het nationale team heeft volgens The Guardian meer weg van een clubelftal.

    De recente successen op Aziatische jeugdtoernooien zijn volgens het Britse medium geen toeval: het land investeerde het afgelopen decennium veel tijd en geld in de ontwikkeling van het voetbal. Die steun kwam bovendien vanuit de hoogste politieke niveaus. Faciliteiten werden gebouwd of verbeterd, coaches opgeleid, talenten opgespoord en jonge spelers kregen kansen.

    SPO Oezkekistan compressed
    © ANP

    Al sinds 1991, het jaar waarin het land onafhankelijk werd na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie, begon telkens opnieuw dezelfde cyclus: hoop, kwalificatiecampagnes en uiteindelijk net niet. Reuters beschrijft hoe Oezbekistan meerdere keren dichtbij was, maar telkens in de beslissende fase afviel.

    En dat is niet de enige reden voor de heartbreak. ‘In een land waar de sport ruim een eeuw geleden voor het eerst werd gespeeld, is het voetbal niet alleen op het veld getroffen door tragedie, maar ook daarbuiten’, valt op de officiële FIFA-website te lezen. In 1979 kwam een groot deel van een veelbelovende generatie van Pakhtakor Tashkent om het leven bij een vliegtuigongeluk boven het huidige Oekraïne, na een botsing in de lucht met een ander toestel.

    ‘Vanaf dat moment zijn de club en de competitie opnieuw opgebouwd. Er is flink geld gestoken in de bouw van moderne jeugdopleidingen verspreid over Oezbekistan, en op jeugdniveau heeft het land zich sterk ontwikkeld.’ En dat werpt nu, met de kwalificatie voor het WK 2026, zijn vruchten af.

    ‘Plaatsing voor het WK is al 34 jaar een droom van 38 miljoen mensen’, zei Ravshan Irmatov, vicevoorzitter van de Oezbeekse voetbalbond, in gesprek met Reuters. ‘Je begrijpt hoe belangrijk dit is voor de Oezbeekse bevolking; we hebben zo lang gewacht.’

  • De eenheid tussen de WK-gastlanden is ver te zoeken

    De eenheid tussen de WK-gastlanden is ver te zoeken

    Het wereldkampioenschap voetbal, dat eenheid tussen Mexico, Canada en de VS zou moeten uitstralen, legt veeleer het gebrek daaraan bloot.

    Toen de FIFA bekendmaakte dat het WK van 2026 zou worden gehouden in Mexico, de Verenigde Staten en Canada, kopte The Washington Post ‘Het WK van de NAFTA’ [de Noord-Amerikaanse Vrijhandelsovereenkomst]. De bedoeling was om het toernooi te verkopen als een blijk van Noord-Amerikaanse eenheid. Nu, drie maanden voor de aftrap, bestaat de NAFTA niet meer. Ze werd door Trump 1.0 veranderd in de USMCA [US-Mexico-Canada Agreement], een vrijhandelspact tussen Mexico, de VS en Canada, en intussen maken de drie gastlanden een diepe existentiële crisis door.

    Drie buren

    Feit is dat op 1 juli, wanneer volgens de kalender de aanpassing van het handelsakkoord in werking treedt, op de voetbalvelden zal worden gestreden om de wereldtitel.

    Het idee was dat drie buren, drie onderling verweven economieën en drie eensgezind opererende federaties het beeld zouden oproepen van een regionale eenheid. Bovendien zou het WK voor het eerst door drie landen worden georganiseerd. Nog geen honderd dagen voor het begin van het toernooi gebeurt echter precies het tegenovergestelde. Het WK waarvan gedacht werd dat het eensgezindheid zou uitstralen, blijkt eerder het gebrek daaraan bloot te leggen. Wat bedoeld was als een feest van Noord-Amerikaanse eenheid, lijkt veeleer op een samenkomst van wederzijdse grieven.

    Het toernooi wordt gepresenteerd als een trinationale onderneming, maar in werkelijkheid zal het gaan om een megaevenement dat is gebouwd op een vergaande politieke, economische en logistieke onevenwichtigheid. Noord-Amerika lijkt steeds minder op een gemeenschap en steeds meer op een straat met buren die elkaar niet kunnen uitstaan.

    Canada, dat al nooit helemaal gelukkig was met Mexico binnen het handelsakkoord, is vandaag de dag ook niet gelukkig met Washington. Premier Mark Carney verklaarde in januari van dit jaar dat de oude relatie van Canada met de VS, die was gebaseerd op een steeds verder gaande integratie, van de baan was. Enkele maanden later vloog hij naar China voor een ontmoeting met Xi Jinping, op zoek naar nieuwe bondgenoten. Canada ziet Noord-Amerika niet langer als iets waardevols, maar als een risico voor te veel machtsconcentratie.

    Veiligheid

    Mexico op zijn beurt raakt verwikkeld in de discussie over soevereiniteit, maar zonder serieus concept voor integratie. Als Mexicanen onderhouden wij al jarenlang betrekkingen met de VS, zonder echt tot iets te komen. We klagen terecht over de wapenhandel en de lichtzinnigheid waarmee Washington omgaat met de Mexicaanse veiligheid, maar we hebben ook geen ambitieuzere regionale agenda weten door te voeren, eentje die vertrouwen inboezemt. De geografie schonk ons een voordeel en we besloten het maar half te benutten. Heel Mexicaans trouwens: een historische kans verprutsen en vervolgens een patriottisch betoog ophangen om het te rechtvaardigen.

    Na de arrestatie van El Mencho [de leider van het Jaliscokartel] heerste er geweld in en rond Guadalajara, een van de steden die als gastheer zal optreden. De FIFA en president Claudia Sheinbaum hebben gezegd dat zij zich geen zorgen maken over de veiligheid in [de staat] Jalisco, maar het probleem is niet meer alleen de veiligheid op zich, maar de internationale perceptie van onveiligheid. En die ging de wereld al rond met beelden van wegblokkades door aanhangers van El Mencho.

    Trump 2.0 heeft iets wat al wankel was nog verder verslechterd. Een WK hoort openheid, mobiliteit en gastvrijheid uit te stralen. Trump heeft precies het tegenovergestelde op tafel gelegd: strengere controles, immigratieverboden en het beeld van de buitenlandse bezoeker als verdachte in plaats van als gast.

    De FIFA blijft ondertussen onverdroten een regionaal WK verkopen. Maar in werkelijkheid zien we drie landen met verschillende agenda’s, spanningen aan de grenzen en een miniem vertrouwen in elkaar. Wat je ziet zijn drie regeringen die zelfs niet meer in staat zijn als blok te opereren om het feest dat ze hebben beloofd met elkaar te organiseren. Het voetbal zal de grenzen overgaan, maar het idee van ‘Noord-Amerika’ niet. En misschien is dat wel het ware verhaal van dit toernooi: niet de viering van een regio die samenwerkt, maar de vertoning van een regio die wel een continent deelt maar geen gemeenschappelijk project.

  • De Iran-oorlog is het zoveelste ethische obstakel voor het WK in de VS

    De Iran-oorlog is het zoveelste ethische obstakel voor het WK in de VS

    De VS, het hoofdgastland van het wereldkampioenschap voetbal 2026, zijn in oorlog met een land dat zich heeft gekwalificeerd. De ethische conflicten rond dit kampioenschap worden met de dag groter.

    Volgens Donald Trump is Iran nog steeds welkom op het kampioenschap, al zou het land voor zijn eigen veiligheid misschien beter van deelname kunnen afzien, zegt hij. Iran, op zijn beurt, heeft aangegeven dat degenen die van het toernooi zouden moeten worden uitgesloten juist de Amerikanen zijn in plaats van zijzelf. Ondertussen houdt FIFA-voorzitter Gianni Infantino vol dat het wereldkampioenschap mensen dichter bij elkaar kan brengen.

    In de FIFA-statuten staat nergens dat gastlanden niet in staat van oorlog mogen verkeren. Wel verbindt de organisatie zich in artikel 3 aan het respecteren van de internationaal overeengekomen mensenrechten. Desondanks kende Infantino de eerste FIFA Peace Prize toe aan Trump. Bovendien was hij aanwezig bij de lancering van de door Trump opgerichte Vredesraad, hoewel artikel 4 stelt dat de organisatie op politiek gebied neutraal is.

    ‘Trump en Infantino doen gewoon wat ze willen, zonder zich te houden aan de democratische principes van de organisaties die ze vertegenwoordigen,’ zegt Alan Tomlinson, professor aan de University of Brighton en gespecialiseerd in de sociale geschiedenis van sport in het algemeen en die van de FIFA in het bijzonder.

    Iran

    Het besluit van de VS om samen met Israël een oorlog te beginnen tegen Iran is niet de enige reden waarom voetbalfans zich afvragen of ze er goed aan doen naar het toernooi af te reizen en of het evenement eigenlijk wel door zou moeten gaan.

    In de maanden voorafgaand aan het uitbreken van de oorlog waren het gewelddadige optreden van ICE-agenten jegens migranten, inreisverboden voor sommige nationaliteiten, moeilijkheden rond het verkrijgen van visa en de prijs van toegangskaarten aanleiding voor vele discussies en zorgen rond het wereldkampioenschap. De wedstrijden worden verdeeld over de VS, Canada en Mexico, maar het overgrote deel (78 van de 104) wordt gespeeld in de VS. Eind januari, toen Trump dreigde Groenland te zullen binnenvallen, werd de roep om een Europese boycot luider. De vraag is of de oorlog met Iran een sleutelmoment zal zijn voor het WK 2026.

    ‘Ik denk niet dat Iran het kantelpunt zal zijn, maar dat zou het misschien wél moeten zijn,’ zegt onderzoeker Jake Wojtowicz, die schrijft over sportfilosofie en zich vooral richt op de ethische dilemma’s van de sportfan. Volgens hem is het een kwestie van perceptie.

    ‘Infantino heeft de ethische conflicten die het huidige voetbal kenmerken ongetwijfeld verergerd’

    ‘Amerika heeft in het Westen een enorme culturele invloed, terwijl dat voor [gastland WK 2022] Qatar totaal niet geldt. Dus als er bij het WK een land naar voren komt waarvan bekend wordt dat er onacceptabele praktijken gaande zijn, is het makkelijker om kritisch te zijn. Aan misdragingen van de VS zijn we al gewend.’

    In de internationale sportwereld komen geregeld ethische dilemma’s voor, zoals we konden zien bij de laatste twee wereldkampioenschappen, in Rusland (2018) en Qatar (2022). Maar is de oorlog tegen Iran onze denkwijze over het kampioenschap aan het veranderen?

    ‘Een gastland in oorlog, met een politiek leider die vol trots een dubieuze vredesprijs accepteert, terwijl het vijf weken durende mondiale sportevenement al voor de deur staat, is ongetwijfeld een morele grens die we niet zouden moeten overschrijden,’ zegt Tomlinson. ‘Maar morele grenzen zijn geen commerciële of economische overwegingen.’

    Ongehoord

    Wojtowicz is het met hem eens. ‘Ik denk dat het probleem ontstaat wanneer je in principe vindt dat dit [de oorlog tegen Iran] onacceptabel is en dan naar het WK gaat of op tv naar de wedstrijden kijkt en begint te denken dat de VS eigenlijk zo slecht nog niet zijn,’ zegt hij. ‘Dan associeer je de VS ineens met Harry Kane die in de finale twee goals scoort tegen Brazilië in plaats van met ICE en de uitzettingen van migranten. Dat is het risico: dat het WK je moreel beoordelingsvermogen in de weg zit.’

    Voor dit artikel werden Human Rights Watch en Amnesty International benaderd, maar er kwam geen reactie. Wel uitten deze twee organisaties eind 2025 publiekelijk hun zorgen over het handelen van de FIFA en verzochten de wereldvoetbalbond met klem om mensenrechtenkwesties aan te pakken.
    ‘Infantino’s handelen is op politiek en ethisch vlak ongehoord,’ vindt Tomlinson.

    Dat was wel anders toen hij in functie trad, als opvolger van Sepp Blatter, wiens bestuur getekend was door schandalen. Maar Infantino heeft het in vele opzichten nog bonter gemaakt dan zijn voorgangers.
    Infantino heeft na afloop van het WK in Rusland in 2018 uit handen van Vladimir Poetin een prijs aangenomen, in de aanloop naar het controversiële WK in Qatar bleef hij Qatar steunen en ging er zelfs wonen, en zonder al te lang beraad wees hij Saoedi-Arabië aan als gastland voor de editie van 2034. In de aanloop naar het aankomende WK ging hij in Miami wonen, zo’n beetje voor de deur bij zijn mentor Trump,’ legt Tomlinson uit.

    ‘Dat is niet hoe een vertegenwoordiger van een mondiale democratische organisatie zich zou moeten gedragen. Infantino heeft de ethische conflicten die het huidige voetbal kenmerken ongetwijfeld verergerd,’ voegt hij eraan toe.

    Toch doorgang

    Veel sportevenementen hebben zich gesteld gezien voor ethische dilemma’s, maar in de meeste gevallen vinden ze toch doorgang. Een onderzoek uit 2025 van Paul Bertin en Pauline Grippa, gepubliceerd in Political Psychology, wees uit dat veel fans die van plan waren geweest de editie in 2022 te boycotten dat uiteindelijk niet hebben gedaan. Onder andere op basis hiervan concludeert Wojtowicz dat de grote aantrekkingskracht van voetbal boycots onwaarschijnlijk maakt. Toch moeten fans kritisch blijven, vindt hij.

    ‘Als iemand zich naar je omdraait en opmerkt: “Nou, die Trump heeft toch maar een mooi WK neergezet, of niet?”, zou je moeten antwoorden: “Waar héb je het over? Dat is niet aan hem te danken, hij gebruikt het WK alleen maar om zijn image te verbeteren,”’ zegt Wojtowicz.

    ‘Het belangrijkste is dat je je betrokken toont. Dat je nadenkt en de dingen niet zomaar laat passeren omdat het WK tóch wel doorgaat,’ zegt Wojtowicz. ‘Ook kleine verzetsdaden kunnen helpen.’

  • Dossier: WK 2026

    Dossier: WK 2026

    Hoe vaak de VS onder president Donald Trump ook over de schreef gaan en internationale afspraken schenden, een boycot van het WK voetbal dat deze zomer in Amerika, Mexico en Canada wordt georganiseerd, zit er in de verste verte niet in.

    Vanaf de openingswedstrijd op 11 juni zullen alle gekwalificeerde nationale teams keurig aan de aftrap verschijnen. Alleen over Irans deelname bestaat vooralsnog onduidelijkheid.

    Sport en politiek dienen strikt gescheiden te blijven, luidt het belangrijkste argument van regeringsleiders en voetbalbonden om een boycot bij voorbaat te verwerpen. Dat FIFA-baas Gianni Infantino eind vorig jaar Trump een speciale Vredesprijs uitreikte wordt daarbij gemakshalve over het hoofd gezien.

    Nóg belangrijker zijn de gigantische geldstromen die gepaard gaan met het eindtoernooi om de wereldbeker. The Guardian schat de inkomsten van de FIFA uit reclame, sponsoring en televisie­rechten op 11 miljard US dollar. Aanzienlijk meer dan de 7,5 miljard die de FIFA na het eindtoernooi in 2022 kon bijschrijven. Volgens Merca levert het WK voetbal een impuls van ruim 80 miljard US dollar voor de wereldeconomie op.

    De enige serieuze boycot uit de sportgeschiedenis deed zich voor in 1980 tijdens de Olympische Spelen in Moskou. Rusland was eerder dat jaar Afghanistan binnengevallen en op instigatie van de VS hielden 60 landen uit protest hun atleten thuis. Maar bij WK-eindtoernooien bleef het bij woorden. Al was er een hoogst omstreden militaire junta aan de macht, het WK in Argentinië ging gewoon door. Zoals er ondanks hoogopgelopen diplomatieke en politieke spanningen geen wanklank viel te horen tijdens het WK in Rusland van 2018. En vier jaar later verschenen weliswaar rapporten over de erbarmelijke arbeidsomstandigheden tijdens de bouw van de stadions in Qatar met honderden dodelijke slachtoffers en was er volop kritiek op het strenge regime, het voetbaltoernooi verliep geheel volgens plan. Zelfs het protest met de One Love-aanvoerdersband werd in de kiem gesmoord door de wereldvoetbalbond FIFA die daar onherroepelijk gele kaarten voor zou laten trekken.

    In Haïti is een boycot van het grootste sportevenement ooit, met 6 miljard tv-kijkers, wel het laatste dat opkomt bij politici en bestuurders. Terwijl de inwoners in elk geval rond de drie groepswedstrijden ontsnappen aan alle chaos en ellende, kan het land zich internationaal eindelijk op een andere manier onderscheiden.

    Of de strijd om de wereldbeker dan tenminste verbroedert en voor culturele verbinding zorgt? Afgaand op een artikel in het Mexicaanse El Universal heeft de gezamenlijke organisatie van het grootste sportevenement de drie gastlanden juist verder uit elkaar gedreven.

    In dit dossier:

    1. Het WK van 13 miljard
    2. Ethische conflicten
    3. Eenheid tussen gastlanden ver te zoeken
    4. Voetbal brengt Haïti op het wereldtoneel

  • Juninummer: FIFA’s verdienmodel

    Juninummer: FIFA’s verdienmodel

    » Lees dit nummer online

    Met onder andere:

    » De geschiedenis van toekomstpessimisme

    » De fascinerende wereld van bladsnijdersmieren

    » Jongeren in het Midden-Oosten

    Gulzig

    Hoewel 360 altijd aandacht wil besteden aan verschillende standpunten zonder al te veel kleur, moet ik toegeven dat er een bepaalde naam is die we in het magazine liever mijden. Hij duikt op ongeveer alle voorpagina’s op en domineert het nieuws, terwijl er toch echt ook een heleboel andere belangwekkende dingen gebeuren in de wereld. Had u bijvoorbeeld weleens gehoord van Aliko Dangote, de rijkste man van Afrika, die zijn auto’s en buitenlandse huizen verkocht vanuit de ambitie het continent economisch onafhankelijk te maken? Of van de vervallen silo die via een Finse Marktplaats voor 6000 euro werd verkocht en waar nu de wildste evenementen plaatsvinden? Toch, lijkt het, willen we steeds weer over ellende lezen. We hebben de neiging negatieve informatie sterker op te merken, serieuzer te nemen en beter te onthouden. Volgens futuroloog Florence Gaub heeft die neiging een functie: doordat we ons zorgen maken over de toekomst, zorgen we dat er iets verandert. Angst voor hongersnood en overbevolking leidde tot de Groene Revolutie en hogere landbouwopbrengsten, bezorgdheid over de ozonlaag stimuleerde strengere milieuwetgeving.

    Uiteraard betekent dit niet dat alles steeds maar beter wordt. Zo vond in 1980 nog een boycot plaats van het WK voetbal in Moskou, terwijl FIFA-baas Gianni Infantino anno 2026 ongegeneerd spreekt over het ‘meest inclusieve wereldkampioenschap ooit’ – dat eerder het meest lucratieve lijkt te gaan worden. Van verbroedering, ook tussen de drie organiserende landen, is weinig sprake. Van de claim dat sport apolitiek is zo mogelijk nog minder.

    Doordat we ons zorgen maken over de toekomst, zorgen we dat er iets verandert

    En zo gold de obsessiviteit waarmee velen tegenwoordig hun ochtendkoffie benaderen in de middeleeuwen nog als een hoofdzonde: overdreven verfijnd omgaan met eten en drinken en buitensporig veel aandacht besteden aan de bereiding ervan werd als gulzig gezien. Zou je in dit opzicht kunnen spreken van moreel verval?

    Ook zorgwekkend: ecosystemen raken ontwricht door de afname van insectenpopulaties, en er zijn steeds minder taxonomen om dit vast te leggen. Wel ontstaat door de zorgen hierover steeds meer begrip over hoe belangrijk insecten zijn voor het functioneren van de aarde. En, als we taxonomen moeten geloven, hoe mooi.

    Hoewel, niet allemaal misschien. Die verboden naam dook toch weer op in deze editie, maar dan in een vorm die we – naast bushi en obamai – acceptabel vonden: onder meer voor een ‘opvallend gekapte mot’. De reden lijkt bovendien positief: als per week honderd nieuwe soorten ongewervelden worden ontdekt, is op den duur elke naam geoorloofd.

    Laura Weeda

    INH cover
  • Voetbal brengt Haïti op het wereldtoneel. Met voetbaldiplomatie kan het daar blijven

    Voetbal brengt Haïti op het wereldtoneel. Met voetbaldiplomatie kan het daar blijven

    Haïti’s kwalificatie voor het WK voetbal van 2026 biedt het land een zeldzame kans om zijn wereldwijde imago op te poetsen. Maar dan moeten de autoriteiten wel stante pede actie ondernemen om van sportdiplomatie een pijler van het buitenlandbeleid te maken.

    Haïti, ooit geprezen om zijn culturele rijkdom, zijn welvaart en de aangeboren heldenmoed van zijn bevolking, haalt nu vaker de internationale krantenkoppen vanwege zijn armoede, geweldsuitbarstingen en chronische instabiliteit. Maar nu Les Grenadiers zich hebben gekwalificeerd voor het WK voetbal van 2026, is er een zeldzame mogelijkheid om dat narratief te veranderen. Belangrijker nog, het biedt de Haïtiaanse regering de mogelijkheid om van voetbal – en van sport in bredere zin – een essentiële pijler van haar buitenlandbeleid te maken.

    ‘Voetbal is apolitiek,’ beweert de FIFA. Maar dat is in schril contrast met de werkelijkheid. Om te beginnen is alles politiek. Bovendien hebben leiders de hele geschiedenis lang sport, en met name voetbal, ingezet voor hun politieke prioriteiten. 

    Meer dan tweeduizend jaar geleden speelden de Chinezen cuju (‘schopbal’) om zichzelf te vermaken en om sociale contacten te leggen, terwijl het voor soldaten onderdeel was van hun militaire training. Meso-Amerikaanse gemeenschappen gebruikten balspellen onder meer om conflicten te beslechten. In het oude Griekenland kondigden koningen van oorlogvoerende stadsstaten de ‘Olympische Wapenstilstand’ af, zodat atleten veilig konden deelnemen aan wat nu bekendstaat als de Olympische Spelen. 

    In de moderne tijd speelde Edson Arantes do Nascimento, beter bekend als voetbalkoning Pelé, nooit in Europa omdat president Jânio Quadros hem officieel tot ‘nationale schat’ had uitgeroepen, wiens aanwezigheid hielp om een turbulent Brazilië verenigd te houden. In 2004 organiseerden de Verenigde Naties de ‘Game for Peace’, waarbij de sterren van het Braziliaanse nationale elftal naar Port-au-Prince afreisden om tegen Haïti te spelen ter ondersteuning van de stabiliseringsinspanningen na jaren van geweld.

    Olie

    De laatste decennia hebben de Golfstaten – en dan vooral de Verenigde Arabische Emiraten, Qatar en Saoedi-Arabië – sport ingezet om hun op olie gebaseerde economieën en soft power te diversifiëren. De Emiraten kochten in 2008 voor 360 miljoen dollar de Engelse Premier League-club Manchester City. Qatar telde zo’n 131 miljoen dollar neer voor Paris Saint-Germain uit de Franse Ligue 1. Naast de aankoop van Premier League-club Newcastle United hebben de Saoedi’s meer dan een miljard dollar geïnvesteerd om spelers als Cristiano Ronaldo en Karim Benzema naar hun eigen profcompetitie te halen. Op die manier hebben deze landen niet alleen hun wereldwijde imago opgekrikt, maar zijn ze ook invloedrijke diplomatieke partners van westerse mogendheden geworden bij cruciale internationale kwesties.

    Deze voorbeelden laten zien dat voetbal niet alleen vermaak biedt, maar dat politici de populariteit en de enthousiasmerende kwaliteiten ervan ook al lange tijd benutten als een effectief politiek en diplomatiek instrument.

    Vandaag de dag trekken maar weinig evenementen zo veel wereldwijde aandacht als het WK voetbal. Omdat deelname aan sportevenementen al meer dan drieduizend jaar zijn waarde bewijst, zou Haïti het WK 2026 moeten benutten om zichzelf opnieuw te profileren.

    Economische hoop in Congo

    De kwalificatie van de Democratische Republiek Congo voor het WK van 2026 zorgt niet alleen voor nationale euforie, maar ook voor economische verwachtingen.
    Het land plaatst zich voor het eerst sinds 1974 opnieuw voor een wereldkampioenschap voetbal, een symbolische mijlpaal die volgens Further Africa nu al economische effecten heeft. Winkels zien de verkoop van televisies, shirts en elektronische apparaten stijgen, terwijl cafés, restaurants en hotels zich voorbereiden op een golf van extra bezoekers tijdens het toernooi. Analisten spreken van een ‘economische kettingreactie’, waarbij nationale trots zich vertaalt in meer consumptie en optimisme.
    Daarnaast hopen Congolese beleidsmakers dat het WK de internationale zichtbaarheid van het land vergroot. Congo wil zich niet langer uitsluitend profileren via conflict, politieke instabiliteit en de mijnindustrie, maar ook via sport, cultuur en toerisme. Volgens Further Africa kan de wereldwijde media-aandacht investeerders aantrekken en het imago van het land verbeteren. Dat is belangrijk voor een land dat ondanks grote voorraden koper en kobalt blijft kampen met armoede en geweld in het oosten van het land. Internationale organisaties zoals de Wereldbank wijzen erop dat positieve internationale perceptie invloed kan hebben op investeringen en kapitaalstromen.
    De kwalificatie heeft ook een sterke symbolische betekenis voor Afrikaans voetbal. Congo werd in 1974, toen nog onder de naam Zaïre, het eerste land uit Sub-Sahara-Afrika dat zich voor een WK plaatste. Die deelname eindigde destijds in zware nederlagen en groeide uit tot een nationaal trauma. Meer dan vijftig jaar later hoopt een nieuwe generatie spelers – grotendeels afkomstig uit de Congolese diaspora in Europa – dat verleden recht te zetten. Het WK van 2026 wordt daardoor niet alleen een sportieve uitdaging, maar ook een poging om Congo opnieuw op de wereldkaart te zetten.

    Allereerst moet de regering, via de ministeries van Cultuur, Communicatie en Buitenlandse Zaken en in samenspraak met de Haïtiaanse voetbalbond FHF, een gecoördineerde communicatie- en merkstrategie ontwikkelen die afgestemd is op het WK. Met een duidelijke kernboodschap kan de overheid supporters aanmoedigen om positieve verhalen te verspreiden, fan-events in de buurt van wedstrijdlocaties te organiseren en de Haïtiaanse cultuur te promoten via sociale media en publieke evenementen.

    Ten tweede zouden diplomatieke missies in steden waar Haïti speelt voorafgaand aan de wedstrijd culturele evenementen moeten organiseren waarin de Haïtiaanse geschiedenis, kunst en cultuur onder de aandacht worden gebracht. Daarmee kun je een veel breder publiek bereiken dan de traditionele diplomatieke kringen.

    Ten derde zou Haïti zijn invloedrijke sporters en cultuurdragers – met name binnen de diaspora – doelbewuster moeten inzetten als officieuze ambassadeurs. Velen van hen verdedigen het land al publiekelijk en bestrijden negatieve stereotypen. Door een gecoördineerde aanpak zou Haïti’s aanwezigheid op het WK ook buiten het veld een blijvende indruk kunnen achterlaten.

    DOS Motor compressed
    Voetbal is de populairste sport in Haïti. Het nationale elftal heeft zich pas voor de tweede keer in de geschiedenis van het WK gekwalificeerd. – © ANP

    Haïti zou niet alleen voor het WK 2026 een belangrijke plaats moeten inruimen in zijn buitenlandbeleid, maar ook voor voetbal en andere sporten in het algemeen. Zo heeft het land Melchie Dumornay, een voormalige straatvoetbalster uit Mirebalais die nu bij een van de beste vrouwenclubs in Europa speelt en overal op de wereld fans inspireert. Haïti heeft tal van sportambassadeurs, van Jean-Ricner Bellegarde, die in de Premier League speelt, en Fafa Picault, die afgelopen jaar nog een kleedkamer deelde met sterren als Messi, tot Lewis Cine, die vorig jaar de Super Bowl won met de Philadelphia Eagles.

    En hoewel ze Haïti niet officieel vertegenwoordigen in hun sport, zouden ook figuren als tennisster Naomi Osaka en basketballers Luguentz Dort en Bennedict Mathurin, die allemaal prat gaan op hun Haïtiaanse roots, invloedrijke ambassadeurs kunnen zijn. De Haïtiaanse beleidsmakers moeten een strategie ontwikkelen om deze sterren aan te trekken, te ondersteunen en ervoor te zorgen dat hun talent ten goede komt aan hun thuisland.

    Internationale steun

    In een steeds meer naar binnen gekeerde wereld hebben landen als Haïti, die lange tijd op buitenlandse hulp waren aangewezen, steeds meer moeite om internationale steun te verkrijgen. Sportdiplomatie vormt dan een alternatief. Door de Haïtiaanse cultuur, geschiedenis en talenten in de etalage te zetten kan het land positieve aandacht trekken, waar mogelijk het toerisme stimuleren en partnerschappen aangaan met wereldwijde instellingen. Investeringen in sportinfrastructuur en talentontwikkeling kunnen bovendien banen opleveren en de economische kansen vergroten.

    Voor veel Haïtianen is voetbal meer dan een spel. Spits Duckens Nazon vatte dit treffend samen toen hij zijn teamgenoten er voor de cruciale WK-kwalificatiewedstrijd tegen Nicaragua aan herinnerde dat miljoenen behoeftige landgenoten de hoop op hún voeten hadden gevestigd.

    Haïti heeft zijn plaats op het wereldtoneel verdiend. Nu moeten beleidsmakers ervoor zorgen dat die daar blijft, door voetbal niet alleen een bron van nationale trots te laten zijn, maar ook een strategisch diplomatiek instrument. Een stap die het land zal helpen de sociaaleconomische kansen te verzilveren die the beautiful game biedt.

    Nieuwe landen, nieuwe kansen

    Het uitgebreide WK van 2026 biedt verschillende landen voor het eerst de kans zich op het grootste voetbalpodium ter wereld te tonen. Daardoor krijgt het toernooi ook een andere geopolitieke lading. Voor kleinere of minder invloedrijke staten vormt deelname steeds vaker een kans om internationale zichtbaarheid, nationale trots en diplomatieke uitstraling te versterken.
    Vooral Jordanië trekt daarbij aandacht. Het land plaatste zich voor het eerst voor een WK en groeide de afgelopen jaren uit tot een stabiele bondgenoot van het Westen in een regio die wordt gekenmerkt door oorlogen en politieke spanningen. De kwalificatie leidde in Amman tot massale vieringen en werd door koning Abdullah omschreven als een moment van nationale eenheid.
    Ook Oezbekistan geldt als opvallende nieuwkomer. Het Centraal-Aziatische land investeert al jaren in sportinfrastructuur en probeert zich internationaal nadrukkelijker te profileren. Volgens analisten past de WK-deelname in een bredere strategie waarmee Oezbekistan zich economisch en diplomatiek wil openstellen richting Europa, China en de Golfstaten.
    Daarnaast is er veel aandacht voor Kaapverdië, een kleine eilandstaat met een grote diaspora in Europa en de Verenigde Staten. De mogelijke kwalificatie wordt daar gezien als kans om toerisme, internationale bekendheid en nationale samenhang te versterken. De Kaapverdische krant Expresso das Ilhas schreef onlangs dat sport voor kleine landen ‘een van de weinige manieren blijft om wereldwijd zichtbaar te worden zonder economische of militaire macht’. Opnieuw een bewijs dat het WK voor velen meer betekent dan voetbal alleen.

  • Het WK van 13 miljard dollar. Hoe ziet de financiële balans van de FIFA eruit?

    Het WK van 13 miljard dollar. Hoe ziet de financiële balans van de FIFA eruit?

    Het WK in de VS, Mexico en Canada belooft het lucratiefste toernooi in de sportgeschiedenis te worden. Al zeggen sommige van de 48 deelnemende landen dat ze bang zijn de boel financieel niet rond te krijgen.

    Het komende WK, dat in december tijdens de loting door FIFA-voorzitter Gianni Infantino al werd uitgeroepen tot ‘het grootste evenement dat de mensheid ooit heeft aanschouwd’, belooft in ieder geval het meest lucratieve toernooi in de sportgeschiedenis te worden. De FIFA heeft de laatste jaren de winstprognoses steeds naar boven moeten bijstellen. In het laatste financieel overzicht voorspelt de wereldvoetbalbond een opbrengst van 13 miljard dollar over de periode van vier jaar die met het WK van deze zomer wordt afgesloten, en bijna 9 miljard daarvan wordt dit jaar verdiend. Ter vergelijking: de laatste editie van wat altijd het grootste sportevenement ter wereld was, de Olympische Spelen van 2024 in Parijs, bracht 4,48 miljard euro op.

    Het financiële plaatje van dit WK zal duidelijker worden als Infantino op het jaarlijkse FIFA-congres in Vancouver meer details geeft over de conceptbegroting voor de periode 2027-2030, die naar verwachting weer een fikse stijging te zien zal geven. Het is onderhand al bijna niet meer voorstelbaar dat het WK altijd op de tweede plaats kwam en het de Spelen pas in 2010 financieel voorbijstreefde, met het WK in Zuid-Afrika: dat leverde de FIFA 4,19 miljard dollar op, waar de Spelen van 2012 in Londen bleven steken op 3,23 miljard. Vooral het besluit om het komende toernooi in de VS te houden lijkt de inkomsten nu naar een nieuwe stratosfeer te tillen. Na een eerdere stijging van de inkomstenstroom met 18 procent in de periode tussen het WK van 2018 in Rusland en dat in Qatar vier jaar later, een periode waarin de FIFA 7,5 miljard dollar beurde, zal de opbrengst volgens de prognoses eind deze zomer met nog eens 73 procent zijn gestegen.

    Omdat de doelstellingen voor 2022-2026 daarmee zijn overtroffen, heeft de FIFA in het nieuwste financieel overzicht vorige maand de begroting voor de komende vier jaar verhoogd naar 14 miljard dollar. In de woorden van Ricardo Fort, een consultant die voor Visa en Coca-Cola met de FIFA heeft onderhandeld over sponsordeals: ‘Als je de ophef en de politieke aspecten even vergeet, heeft het commerciële team van de FIFA een indrukwekkende prestatie neergezet.’

    De melkkoe

    De grootste melkkoe van de FIFA is de verkoop van de uitzendrechten, waarvan de opbrengst naar verwachting hoger uitvalt dan de 3,4 miljard dollar in Qatar in 2022 en de 3,1 miljard dollar in Rusland vier jaar daarvoor. Het omstreden besluit om het toernooi van 32 naar 48 teams uit te breiden speelt daarbij allicht een grote rol: met 104 in plaats van 64 wedstrijden heeft het zenders simpelweg veel meer content te verkopen. Bovendien zijn de aanvangstijden voor de meest lucratieve markten in Noord-Amerika en Europa ook een stuk aantrekkelijker dan vier jaar geleden.

    Daarnaast heeft de FIFA nog een paar andere grote innovaties doorgevoerd die lucratief uitpakken. Zo zijn de uitzendrechten voor het WK voor vrouwen ditmaal voor het eerst apart geveild. En de sociale media worden te gelde gemaakt met de verkoop van livestreamrechten voor de eerste tien minuten van wedstrijden op TikTok en YouTube, in de hoop jongere kijkers naar de tv-uitzending te lokken.

    Na de uitzendrechten vormen kaartverkoop en hospitality de grootste inkomstenbron: hier is de groei het grootst, van 950 miljoen aan opbrengsten in Qatar naar een geschatte 3 miljard dollar nu. Ook dit is weer vooral te danken aan het grotere aantal wedstrijden en de grotere vraag op de Noord-Amerikaanse markt. Vooral dankzij dat laatste kan de FIFA het onderste uit de kan halen wat betreft de toegangsprijzen.

    De duurste kaartjes voor de finale kosten 10.990 dollar: bijna zeven keer zoveel als in Qatar

    Door het systeem van dynamische prijzen valt de gemiddelde prijs van een toegangskaartje onmogelijk te berekenen. Maar supportersorganisatie Football Supporters Europe heeft vorige maand een officiële klacht ingediend bij de Europese Commissie: supporters met een handicap die hun team van de eerste wedstrijd tot en met de finale willen volgen, zouden alleen al aan toegangskaartjes 6900 dollar kwijt zijn, vijf keer zoveel als in Qatar. De duurste kaartjes voor de finale op 19 juli in het MetLife Stadium in New Jersey kosten 10.990 dollar: bijna zeven keer zoveel als de duurste kaartjes voor de finale van 2022 in Qatar. Volgens de FIFA zijn er voor de finale ook meer dan duizend kaartjes van 60 dollar verkocht. In 2018 hadden de VS, Canada en Mexico in hun bidbook voor dit WK de gemiddelde prijs voor een finalekaartje ingeschat op 1408 dollar.

    Ondanks de wijdverbreide klachten lijkt de vraag toch groter dan het aanbod. Infantino vertelde vorige maand op CNBC dat de FIFA voor de zeven miljoen beschikbare zitplaatsen ruim vijfhonderd miljoen aanvragen heeft ontvangen, al zijn er nu nog steeds veel tickets te koop. ‘We hadden de afgelopen vier weken vraag genoeg voor wel duizend jaar aan WK’s,’ zei Infantino. ‘We krijgen verzoeken om kaartjes uit meer dan tweehonderd landen, want iedereen wil zoiets bijzonders meemaken. De prijzen liggen vast, maar in de VS hebben ze dynamische prijzen, zodat ze kunnen stijgen en dalen. Dat hoort nu eenmaal bij die markt. Dat is geen probleem, want er is genoeg vraag.’

    De FIFA profiteert ook van de grote vraag bij commerciële partners en sponsors, wat een recordbedrag zal opleveren van 2,7 miljard dollar, plus nog eens 670 miljoen dollar uit licentiedeals. ‘Er is ongekend grote interesse bij grote merken van over de hele wereld,’ zei FIFA’s chief business officer Romy Gai in maart op de Business of Soccer Conference in Atlanta. ‘Dit is nu al het commercieel succesvolste programma in de geschiedenis van de FIFA, en we zijn nog niet klaar.’

    De FIFA heeft zestien wereldwijde partnerdeals gesloten met bedrijven als Adidas, Aramco en Coca-Cola, plus talloze sponsorovereenkomsten op regionaal en lokaal niveau. Ook hier speelt de potentie van de Noord-Amerikaanse markt een grote rol, maar de vernieuwende aanpak van het commerciële team van de FIFA verdient volgens Fort eveneens lof. ‘Vroeger gold er een vaste prijs voor bepaalde rechten en was alles heel gestructureerd,’ zegt hij. ‘Voor dit WK zijn ze veel flexibeler geweest. Bedrijven kopen de basisrechten en kunnen daar voor een meerprijs extra’s aan toevoegen. Zo kunnen ze gasten en cliënten bijvoorbeeld een WK-beleving aanbieden, of multiregionale deals sluiten.’

    Het meest vervuilende WK ooit?

    Het WK van 2026 dreigt niet alleen het grootste voetbaltoernooi ooit te worden, maar mogelijk ook het meest belastende voor het klimaat. Voor het eerst nemen 48 landen deel aan het kampioenschap en worden 104 wedstrijden gespeeld, verspreid over zestien steden in de Verenigde Staten, Canada en Mexico. Dat betekent enorme reisafstanden voor supporters, teams en officials.
    Volgens analyses van onder meer The Guardian en Deutsche Welle zal vooral het vliegverkeer een grote ecologische impact hebben. Waar eerdere toernooien grotendeels in één land plaatsvonden, strekt het WK van 2026 zich uit over een volledig continent. Sommige supporters zullen duizenden kilometers moeten afleggen tussen groepswedstrijden en knock-outduels. Ook de uitgebreide veiligheidsoperatie, tijdelijke infrastructuur en groeiende commerciële activiteiten rond het toernooi vergroten de ecologische voetafdruk.
    FIFA benadrukt ondertussen dat duurzaamheid een belangrijk onderdeel van het beleid vormt. De bond verwijst naar bestaande stadions, investeringen in openbaar vervoer en klimaatcompensatieprogramma’s. Critici noemen dat onvoldoende. Volgens hen blijft het fundamentele probleem bestaan dat het mondiale voetbaltoernooi steeds groter, commerciëler en energie-intensiever wordt.
    Daarmee raakt het WK van 2026 aan een bredere vraag die steeds vaker rond grote sportevenementen opduikt: kan een mondiaal megaevenement nog duurzaam zijn in een tijd van klimaatcrisis? Zoals The Guardian opmerkt, dreigt het moderne topvoetbal steeds meer een botsing te worden ‘tussen mondiale commerciële expansie en ecologische grenzen’.

    De FIFA is een non-profitorganisatie en zegt minstens 11,67 miljard van de verwachte 13 miljard dollar aan opbrengsten te investeren in ‘het stimuleren van de mondiale ontwikkeling van het voetbal’, 20 procent meer dan in de afgelopen vier jaar. Maar over de verdeling van dat geld is wel onenigheid. Circa 2,7 miljard dollar is bestemd voor de leden, de 211 nationale en zes continentale bonden die bij de wereldvoetbalbond zijn aangesloten: volgens critici een heel effectieve manier om ervoor te zorgen dat de huidige leiding in het zadel blijft.

    De grootste kostenpost van de FIFA is de organisatie van de toernooien. Voor alle toernooien van de afgelopen vier jaar was in totaal 7,6 miljard dollar begroot; het WK van 2026 is verreweg het duurste met 3,8 miljard dollar, een bedrag dat naast alle operationele kosten ook het prijzengeld omvat.

    Infantino wordt naar verwachting volgend jaar zonder tegenkandidaat herkozen als voorzitter. Hij heeft de statuten laten aanpassen om dat mogelijk te maken. De Zwitsers-Italiaanse advocaat die Sepp Blatter opvolgde werd in 2016 voor het eerst gekozen, als hervormingskandidaat, maar blijft waarschijnlijk vijftien jaar op zijn post, slechts twee jaar minder dan zijn voorganger.

    Beloofde opbrengst

    De stem van elke aangesloten bond telt in de FIFA even zwaar en ook krijgt elke bond, van Engeland tot San Marino, elke vier jaar hetzelfde gegarandeerde bedrag van 5 miljoen dollar als tegemoetkoming aan de operationele kosten. Daarnaast kunnen leden nog eens 3 miljoen dollar aanvragen voor specifieke projecten. De zes continentale bonden krijgen elk 60 miljoen dollar per vier jaar voor de ontwikkeling van het voetbal in hun regio.

    Het is minder duidelijk wie er verder de vruchten zullen plukken van de opbrengst van deze zomer. Vorig jaar kondigde de FIFA aan dat de prijzenpot ten opzichte van Qatar met 50 procent werd verhoogd naar 727 miljoen dollar. Elk van de 48 deelnemende landen werd minstens 10,5 miljoen dollar beloofd, en het winnende land 50 miljoen. The Guardian berichtte de afgelopen maanden over landen die ontevreden zijn over de beloofde opbrengst en bang zijn dat ze de boel financieel niet rond zullen krijgen. Onlangs werd duidelijk dat de FIFA de prijzenpot en de bijdrage voor deelname wil verhogen. Op een bijeenkomst van de bestuursraad in Vancouver werd afgesproken de betaling met 15 procent te verhogen, zodat er nu in totaal 871 miljoen dollar in de pot zit en alle 48 landen in ieder geval kunnen rekenen op 12,5 miljoen dollar.

    Zoals The Guardian eerder onthulde, heeft de FIFA ook met de Amerikaanse fiscus onderhandeld over belastingvrijstellingen voor de nationale bonden. De VS wilden aanvankelijk dat de nationale bonden een federale belasting zouden betalen van zeker 21 procent, die kon oplopen tot 37 procent over de inkomsten van individuele spelers, plus nog diverse belastingen van de steden en staten waar de wedstrijden plaatsvinden. De andere twee gastlanden Canada en Mexico hebben de bonden die in hun land spelen al van belasting vrijgesteld. Het lijkt erop dat de FIFA ook de federale belasting in de VS heeft weten af te wenden, maar de belastingen in de verschillende steden en staten van het land lopen sterk uiteen, dus niet alle deelnemende landen zullen even zwaar worden belast.

    DOS Infantino compressed
    FIFA-president Gianni
    Infantino. – © ANP

    ‘Een jaar geleden hield de FIFA iedereen nog voor dat er een overeenkomst zou worden gesloten en ze geen belasting hoefden te betalen,’ zegt Oriana Morrison, een belastingadviseur voor de Braziliaanse en de Portugese bond. ‘Er is in de Amerikaanse politiek grote weerstand tegen het gunnen van belastingvoordelen aan sportorganisaties. De NFL hoefde vroeger geen belasting te betalen, maar maakte zulke enorme winsten dat daar ophef over ontstond, en die vrijstelling is opgeheven. De FIFA is in de VS al vrijgesteld van belastingen sinds het WK van 1994, maar de aangesloten nationale bonden niet. Voor de FIFA is alles goed geregeld; de opbrengst van kaartjes, hospitality en sponsordeals, die in de miljarden loopt, is belastingvrij. Maar voor de voetbalbonden niet. En voor de spelers ook niet. Voor delegaties hopelijk wel, als ze uit een land komen dat een belastingverdrag met de VS heeft. Dus de grootste winnaars van dit WK worden de FIFA en de Amerikaanse fiscus.’

    Omdat Amerika een van de drie gastlanden is, zal de Amerikaanse bond wel winst maken. Directeur JT Batson zei tegen The Guardian dat de bond ongeveer 100 miljoen dollar van de FIFA verwacht, op basis van het aandeel van 1 procent in de toernooiopbrengst die gedeeld wordt met de Canadese en de Mexicaanse bond. Maar dat is een miniem aandeel vergeleken bij hoe het was geregeld in 1994, zegt de toenmalige bondsvoorzitter Alan Rothenberg: destijds mocht het organiserende land de opbrengst van de kaartjes en alle binnenlandse inkomsten uit de commercie zelf houden. Volgens het jaarverslag van de FIFA uit 1994 bleef van de opbrengst van 235 miljoen dollar een winst over van 99,6 miljoen dollar, waarvan 30 procent naar het gastland ging en 70 procent naar de andere bonden. ‘In 1994 hield de FIFA zelf de rechten voor de internationale marketing en de uitzendrechten, en verder ging alles naar ons,’ zegt Rothenberg. ‘Wij droegen alle verantwoordelijkheid, maar we konden ook inkomsten halen uit de kaartverkoop, sponsordeals en licenties. Bij dit toernooi krijgen de bonden in de gastlanden wel de verantwoordelijkheid voor het organiseren van de wedstrijden, maar heel weinig mogelijkheden om eraan te verdienen. Het is dus een hele opgave voor de organisatiecomités om het allemaal rond te krijgen zonder dat het een financiële strop wordt.’

    FIFA versus de gaststeden

    Rothenbergs uitspraak is nog een understatement, want zeker de afgelopen twaalf maanden was er sprake van aanzienlijke spanningen tussen een flink aantal van de elf Amerikaanse gaststeden en de FIFA. De opbrengsten van de uitzendrechten, sponsoring, de kaartverkoop en zelfs aanvullende diensten bij de stadions zoals parkeergeld zijn volgens de overeenkomst allemaal voor de FIFA, terwijl de gaststeden opdraaien voor de kosten van ‘veiligheid en bewaking’. Een langlopend conflict in Massachusetts over wie de kosten moet dragen van de beveiliging in het Gillette Stadium in Foxborough (voor de duur van het WK omgedoopt tot Boston Stadium) werd pas vorige maand opgelost, en op veel locaties zijn er nu nog steeds problemen met het openbaar vervoer.

    De gouverneur van New Jersey, Mikie Sherrill, klaagde eerder deze maand dat de FIFA niets bijdraagt aan de kosten voor het openbaar vervoer, nadat er ophef was ontstaan over de aankondiging van vervoersbedrijf NJ Transit dat een retourtje van Manhattan naar het MetLife Stadium 150 dollar gaat kosten. Sherrill nam het op voor de vervoerder: aangezien de FIFA niet wil bijspringen, zou anders de rekening van 48 miljoen dollar belanden bij de belastingbetalers van de stad, en dat wil Sherrill niet.

    Door de stijgende kosten worden ook de officiële FIFA Fan Festivals in veel steden afgeschaald of afgelast. In New York is het geplande feest in het Liberty State Park helemaal van de baan. Van de andere gaststeden houden alleen Philadelphia en Houston zich aan de oorspronkelijke wens van de FIFA om een festival te organiseren dat de volle 39 dagen van het toernooi duurt.

    Eén man die natuurlijk wel voor de hele duur van het toernooi in de schijnwerpers zal staan, is Gianni Infantino. En dat hij financieel van het toernooi gaat profiteren, lijdt ook geen twijfel. In het vorige maand gepubliceerde jaarverslag over 2025 is te lezen dat de jaarlijkse bonus van de voorzitter vorig jaar is verhoogd van 2 naar 3 miljoen dollar, vanwege het succes van het WK voor clubs. Daarmee kwam zijn totale jaarsalaris op 6 miljoen dollar. De makkelijkste voorspelling die je over het WK kunt doen is dat dit bedrag dit jaar waarschijnlijk nog hoger ligt.

    Voetbal als diplomatiek wapen

    Voetbal is al lang meer dan sport alleen. Landen gebruiken grote voetbaltoernooien steeds nadrukkelijker om hun internationale positie te versterken, hun imago op te poetsen of politieke invloed uit te breiden.
    Volgens analisten van onder meer Foreign Policy en Le Monde is het WK van 2026 opnieuw een voorbeeld van hoe sport en geopolitiek steeds sterker met elkaar verweven raken.
    Vooral de afgelopen vijftien jaar groeide voetbal uit tot een belangrijk instrument van soft power. Qatar gebruikte het WK van 2022 om zich internationaal te profileren als moderne wereldspeler, terwijl Saoedi-Arabië miljarden investeert in clubs, competities en sterren als Cristiano Ronaldo en Karim Benzema. Ook de Verenigde Staten zien het komende WK als kans om hun mondiale invloed en aantrekkingskracht te onderstrepen.
    Critici wijzen erop dat sportevenementen daarmee functioneren als diplomatiek podium. Internationale aandacht voor oorlogen, mensenrechtenkwesties of politieke spanningen wordt tijdelijk overschaduwd door nationale symboliek, prestige en beeldvorming: het zogenoemde ‘sportswashing’. Tegelijkertijd hopen kleinere of kwetsbare landen via sport zichtbaarder te worden op het wereldtoneel.
    Voorstanders wijzen er juist op dat voetbal landen met elkaar in contact brengt die elkaar diplomatiek nauwelijks nog weten te vinden. Zoals de Franse sporthistoricus Patrick Clastres het in Le Monde formuleerde: ‘Voetbaltoernooien zijn de laatste plekken waar staten nog massaal vlaggen kunnen tonen zonder zich daarvoor te hoeven verantwoorden.’

  • Internationaal Olympisch Comité heft restricties voor Belarussische atleten op

    Internationaal Olympisch Comité heft restricties voor Belarussische atleten op

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Moskou meldt Oekraïense droneaanvallen sinds eenzijdig bestand is ingegaan

    » Britse lokale verkiezingen: Keir Starmer dreigt weggestemd te worden

    Voor Russische atleten blijven de beperkingen wel van kracht

    Het Internationaal Olympisch Comité (IOC) verklaarde donderdag dat het lot van atleten ‘niet mag worden bepaald door de acties van hun regeringen, inclusief hun betrokkenheid bij een oorlog of conflict’. Het IOC handhaafde echter de beperkingen voor Russische atleten. Formeel gezien is het aan de internationale federaties om deze ommekeer in het beleid door te voeren, aangezien ze vrij blijven om de aanbevelingen van het IOC al dan niet op te volgen.

    image
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Dit nieuwe beleid zou desalniettemin de terugkeer van een Belarussische delegatie naar de Olympische Zomerspelen van 2028 in Los Angeles mogelijk moeten maken. ‘Hoewel Belarus, een bondgenoot van Rusland, niet direct aan de oorlog deelnam, stond het het Kremlin toe om zijn grondgebied te gebruiken als uitvalsbasis voor operaties tegen Oekraïne’, merkt The Kyiv Independent op, die klaagt over ‘de dood van honderden Oekraïense atleten en coaches’ sinds het begin van het conflict.

  • De wereldatletiekbond fluit Turkije terug vanwege ronselpraktijken

    De wereldatletiekbond fluit Turkije terug vanwege ronselpraktijken

    360 kiest een door de buitenlandse pers beschreven sportevent, van voetbal tot Grieks-Romeins worstelen. Deze keer sporten onder een andere vlag en dodelijke ongelukken bij triatlons.

    Turkije mag geen topatleten uit het buitenland ronselen

    World Athletics (WA), de wereldatletiekbond, zette half april een streep door het verzoek van elf Jamaicaanse, Keniaanse en Nigeriaanse topatleten om zich te laten naturaliseren en bij de Olympische Spelen in 2028 voor Turkije uit te komen. Onder hen bevinden zich medaillewinnaars van de Spelen in Parijs.

    Begin dit jaar bevestigde Brigid Kosgei, voormalig wereldrecordhoudster op de marathon en olympischzilverwinnares in 2024, in de Turkse Daily Sabah dat ze van sportnationaliteit is veranderd. ‘Het is mijn eigen beslissing en ik ben blij dat ik in Los Angeles onder de Turkse vlag loop.’

    De uitspraak van de WA roept vraagtekens op omdat het geregeld voorkomt dat atleten van nationaliteit wisselen. Zo won de Keniaan Bernard Lagat brons op de Spelen in Sydney (2000) en zilver in Athene (2004) op de 1500 meter, voordat hij in 2007 namens de Verenigde Staten wereldkampioen werd op zowel de 1500 als de 5000 meter. Zijn landgenoot Stephen Cherono kreeg naar verluidt 1 miljoen US dollar om als staatsburger van Qatar, onder de naam Saif Saeed Shaheen, in 2003 en 2005 wereldkampioen en wereldrecordhouder op de steeplechase te worden.

    Sport 255 1

    Bij de zaak van de elf atleten ligt het anders. Volgens de Jamaica Observer stelt de WA dat ‘de verzoeken deel uitmaken van een door de Turkse overheid gecoördineerde wervingscampagne’. Via een door de staat gefinancierde club werden de buitenlandse atleten lucratieve contracten en bonussen in het vooruitzicht gesteld. ‘Deze aanpak is in strijd met de kernprincipes van de sport, bedoeld om de geloofwaardigheid van internationale competitie te waarborgen en lidbonden aan te moedigen te investeren in de ontwikkeling van binnenlands talent.’

    De Keniaanse Eastleigh Voice meldt dat WA bovendien benadrukt ‘dat atleten een betekenisvolle band met het land dat ze willen vertegenwoordigen moeten aantonen, zodat nationale teams niet worden samengesteld op basis van financiële stimulansen’.

    Voor de Nigeriaanse hardloopster Favor Ofili is het extra wrang dat ze niet voor Turkije mag uitkomen, omdat haar motivatie om te naturaliseren heel anders is. Within Nigeria meldt dat de Nigeriaanse atletiekfederatie in aanloop naar de twee vorige Spelen Ofili’s papieren niet op tijd in orde had gemaakt en had verzuimd haar op te geven voor een dopingtest. Volgens de site maakt de atlete dan ook een goede kans om alsnog de Spelen te halen door in hoger beroep te gaan bij het CAS (Court of Arbitration for Sport): ‘Als ze een solide rechtvaardiging heeft voor een nationaliteitsverandering, kan de WA-uitspraak worden vernietigd en wordt haar aanvraag alsnog goedgekeurd.’


    Opnieuw blijkt het zwemonderdeel van de Ironman dodelijk

    Eind april is tijdens het zwemonderdeel van de Ironman – een triatlon over 3,8 kilometer zwemmen, 180 kilometer fietsen en 42,2 kilometer hardlopen – opnieuw een triatleet om het leven gekomen. Het gaat om de Braziliaanse Mara Flavia Araújo (38), die deelnam aan de prestigieuze Ironman van Texas. Volgens verschillende internationale media kwam zij tijdens het zwemmen in de problemen en raakte ze vermist.

    ‘Volgens KPRC 2 News konden veiligheidsteams haar niet direct lokaliseren. Haar lichaam werd ongeveer 90 minuten later door duikers gevonden op een diepte van zo’n drie meter. Ze werd ter plaatse doodverklaard’, schrijft The Guardian. Araujo zou al ziek zijn geweest bij de start, maar de exacte doodsoorzaak wordt nog onderzocht.

    Het is niet de eerste keer dat het misgaat tijdens het zwemonderdeel van een triatlon. In 2023 overleden bij een Ironman 70.3-wedstrijd in het Ierse Youghal twee deelnemers. Eerder was het zwemonderdeel door slechte weersomstandigheden al uitgesteld. Volgens The Irish Times kwamen beide sporters ‘tijdens het zwemmen in moeilijkheden’, waarna ze uit het water werden gehaald en later overleden. Ook in Zuid-Afrika stierven in 2025 twee deelnemers tijdens het zwemmen, meldde onder meer Triathlon Magazine Canada.

    Sport 255 2

    ‘Het zwemonderdeel staat bekend als het gevaarlijkste deel van een triatlon’, schrijft The Irish Times. ‘Volgenstriathlete.com vindt ongeveer 72 procent van de zeldzame sterfgevallen plaats in of rond het water.’ Hoewel dergelijke voorvallen veel aandacht krijgen, zijn ze zeldzaam in verhouding tot het aantal deelnemers. Internationale studies schatten het risico op overlijden tijdens een triatlon op ongeveer één tot twee gevallen per 100.000 deelnemers.

    Het zwemonderdeel blijkt veruit het gevaarlijkste onderdeel. Een triatlon begint met een massastart in open water, waarbij honderden tot duizend atleten tegelijk het water in gaan, schrijft Scientific American. Daarbij ontstaan direct chaotische omstandigheden: zwemmers bevinden zich dicht op elkaar en bewegen over en langs elkaar, wat het lastig maakt om problemen tijdig te signaleren. Organisaties benadrukken dat wedstrijden volgens strikte veiligheidsprotocollen verlopen, met reddingsboten, kajaks en medische teams langs het parcours. Maar de beperkte zichtbaarheid in open water maakt hulpverlening complex, aldus The Guardian.

    Zo ook in Texas. Het Braziliaanse medium g1 schrijft dat Araújo al jaren actief was in de sport, en al eerder aan een Ironman had deelgenomen. Ze behaalde onder meer een podiumplaats bij een triatlon in Brasília. Ze werkte eerder als radiopresentatrice, dj en influencer, en deelde de afgelopen jaren haar sportprestaties met haar meer dan vijftigduizend volgers op social media.

  • Mexicaanse sekswerkers vrezen ‘enorme gentrificatie’ in de aanloop naar het WK

    Mexicaanse sekswerkers vrezen ‘enorme gentrificatie’ in de aanloop naar het WK

    360 kiest een door de buitenlandse pers beschreven sportevent, van voetbal tot Grieks-Romeins worstelen. Deze keer een onverwacht volkslied op de Paralympische Winterspelen en protest in Mexico.

    Rusland keert terug op Paralympische Winterspelen na jarenlange uitsluiting

    Tijdens de Paralympische Winterspelen in Milaan en Cortina d’Ampezzo klonk afgelopen maand een volkslied dat jaren niet op het internationale sporttoneel was gehoord: het Russische. Jarenlang ontbraken Rusland en Belarus, geschorst vanwege dopingschandalen en de invasie in Oekraïne. Atleten mochten hooguit onder neutrale vlag deelnemen. Maar in Italië was dat anders, meldde onder meer AP.

    Zes Russische en vier Belarussische atleten verschenen in Italië in hun eigen kleuren. De weg daarnaartoe was al eerder vrijgemaakt, tijdens een congres van het Internationaal Paralympisch Comité in Seoul. Daar stemden lidorganisaties anoniem voor de terugkeer van beide landen. Andrew Parsons, voorzitter van het Internationaal Paralympisch Comité, erkende dat ‘dit besluit in sommige delen van de wereld niet goed is ontvangen’, meldde Reuters.

    ‘We kunnen niet selectief omgaan met democratie, afhankelijk van de uitkomst van besluiten. Het was een democratisch proces,’ aldus Parsons. ‘177 van onze 211 lidorganisaties waren aanwezig om te stemmen.’

    SP Rusland paralympisch compressed
    © ANP

    Het betekende dat, hoewel bij de Olympische Winterspelen enkele weken eerder slechts een beperkt aantal Russische atleten onder neutrale vlag mocht uitkomen, Rusland weer geheel onder eigen vlag aanwezig was bij de Paralympische Winterspelen. The Guardian beschreef hoe ‘de beslissing voor onmiskenbare spanning zorgde, niet in de laatste plaats bij de Oekraïense ploeg’. Onder meer Le Monde sprak van een ‘zeer controversiële terugkeer’.

    Als gevolg daarvan boycotten verschillende landen, waaronder Oekraïne, de openings- en sluitingsceremonie, schreven verschillende media. ‘De vlag van een staatsmoordenaar wordt daar gehesen,’ zei Valeriy Sushkevych, de voorzitter van het paralympisch comité van Oekraïne, tegen persbureau DPA. ‘Deze Paralympische Spelen zijn de ergste uit de geschiedenis.’

    In Italië klonk in totaal acht keer het Russische volkslied. Het land eindigde met acht gouden, één zilveren en drie bronzen medailles zelfs als derde in het medailleklassement, aldus The Moscow Times. Pavel Rozhkov, voorzitter van het Russisch paralympisch comité, sprak van ‘een triomfantelijke terugkeer op het internationale toneel’. Hij voegde eraan toe dat dit het ‘hoge ontwikkelingsniveau van de paralympische sport in Rusland’ weerspiegelt, mogelijk gemaakt door ‘de persoonlijke steun van president Vladimir Poetin’.


    Mexicaanse sekswerkers protesteren tegen WK voetbal

    Wereldwijd gaan geleidelijk meer stemmen op voor een boycot van het WK voetbal in Mexico, Canada en de VS deze zomer. Al vóór de oorlog in Iran riep voormalig FIFA-voorzitter Sepp Blatter, die zelf tijdens zijn bestuursperiode geregeld onder vuur lag wegens corruptie, op om geen wedstrijden in de VS te spelen uit protest tegen het beleid van president Trump, zo meldde onder meer The Independent. Daarnaast vindt Oke Göttlich, een van de ondervoorzitters van de Duitse voetbalbond, in Hamburger Morgenpost dat een boycot van het eindtoernooi ‘serieus moet worden overwogen nadat Trump onenigheid in Europa veroorzaakte door zijn uitlatingen om Groenland in te lijven’.

    De wereldvoetbalbond zelf kan zich niet voorstellen dat gekwalificeerde landen verstek laten gaan op het eindtoernooi. Op FIFAworldcupnews wordt de Franse minister van Sport geciteerd: ‘Er bestaat geen verlangen naar een boycot. Wij geven prioriteit aan de eenwording door middel van het sportevenement.’ Op de site staat ook te lezen dat de Duitse voetbalbond ‘een boycot afwijst en deelname benadrukt’.

    SP Mexico sexwerkers compressed
    © Getty Images

    Intussen klinken ook in Mexico protesten, maar dan uit onverwachte hoek: die van sekswerkers in Mexico-Stad. Daar staan, behalve de openingswedstrijd tussen het gastland en Zuid-Afrika op 11 juni, nog drie groepswedstrijden op het programma. Om het gebied toegankelijker te maken voor de tienduizenden voetbalfans wordt de verkeerssituatie ingrijpend aangepast, schrijft Evelyn Hartwell voor BIMC Media: ‘Binnen het opmerkelijke verkeersbeleid van de linkse regering wordt onder meer 36 kilometer aan fietspaden aangelegd. Voor de sekswerkers aan de Calzada de Tlalpan betekent dat een grote beperking. Het leidt tot een inkomstenderving van 70 procent.’

    Volgens Hartwell zijn de sekswerkers bang voor ‘een enorme gentrificatie’ in de aanloop naar het WK, die neerkomt op ‘sociale zuivering en uitzetting uit hun werkplek’. De belangenvereniging eist wettelijke erkenning van hun werk, een einde aan de politieoperaties en schadevergoedingen van duizend euro per maand. ‘De sekswerkers zijn momenteel in gesprek met de regering, maar die heeft niet aan hun eisen toegegeven. Als er geen oplossing wordt gevonden, dreigen ze met protesten en een boycot tijdens het WK.’

    Een groep onafhankelijke sekswerkers blokkeerde de afgelopen maanden herhaaldelijk de Calzada Tlalpan, meldt La Razón de México. Het leidde vooralsnog niet tot onderhandelingen met de regering.

  • De trainer die dertien landen coacht

    De trainer die dertien landen coacht

    360 kiest een door de buitenlandse pers beschreven sportevent, van voetbal tot Grieks-Romeins worstelen. Deze keer dertien verschillende jassen en de toekomst van de Spelen.

    Winterspelen onder druk door klimaatverandering

    Terwijl de Olympische Winterspelen in Italië aan de gang zijn, klinken alarmerende geluiden over de toekomst van het sportevenement. Want door klimaatverandering wordt het aantal potentiële speelsteden voor de Spelen steeds kleiner. CNN meldt dat de gemiddelde wintertemperaturen op locaties waar de Winterspelen eerder werden gehouden in de afgelopen vijftig jaar met bijna 3 graden Celsius zijn gestegen, terwijl het aantal vorstdagen flink is gedaald. ‘Zonder betrouwbaar koude temperaturen is de sneeuw natter en dunner en wordt het regenachtiger. Voor atleten kan dat gevaarlijk zijn.’ CNN wijst op het ‘hoge aantal crashes en blessures’ tijdens de Spelen in het Russische Sotsji in 2014, die onder lenteachtige omstandigheden werden gehouden.

    Werkt het klimaat niet mee, dan kan de organisatie ingrijpen. Zo werden de buitenlocaties tijdens de Spelen in Bejing in 2022 voor ruim 90 procent voorzien van kunstsneeuw. In Milaan en Cortina d’ Ampezzo was daar dit jaar 222 miljoen liter water mee gemoeid. La Presse citeert de Italiaanse sneeuwproducent Davide Cerato die met zijn bedrijf ‘efficiënte technologie heeft ontwikkeld om ook bij temperaturen boven nul sneeuw te fabriceren.’ Hij weet alleen niet ‘hoe dat in de toekomst zal zijn’.

    CNN plaatst daar alvast vraagtekens bij omdat het Italiaanse procedé ook zelf afhankelijk is van het weer: ‘Sneeuwmachines vereisen lage temperaturen en relatief droge lucht en door klimaatverandering worden die allebei schaarser.’

    SP ventilator hergecomprimeerd edited
    © ANP

    Volgens The Nation is kunstmatige sneeuwproductie voor grote sportwedstrijden in de toekomst sowieso geen optie meer. ‘Het is een intensief proces waar zo veel grondstoffen aan te pas komen dat het in strijd is met de wereldwijde klimaatdoelstellingen.’

    In Financial Times hekelt de Zwitserse geograaf en klimaatonderzoeker David Gogishvili de presentatie van de recente Spelen als ‘een terugkeer naar de traditionele Alpen. Het is een technologisch gefabriceerde realiteit. Bovendien draagt de infrastructuur die nodig was om de illusie van een betrouwbare winter in stand te houden bij aan de achteruitgang van het klimaat die traditionele bergomgevingen tot een schaarse hulpbron maakt.’

    Het Internationaal Olympisch Comité is volgens The Nation doordrongen van de ernst van de situatie en geeft aan dat er in 2040 nog maar tien potentiële gastlanden voor de Winterspelen overblijven. ‘Het IOC overweegt om de Winterspelen in het vervolg te laten rouleren tussen een beperkt aantal locaties. Experts stellen dat de organisatoren zich moeten richten op reeds aangelegde infrastructuur om CO2-uitstoot te verminderen en verdere aantasting van de natuur te voorkomen.’


    Benoît Richaud, de man die op de Winterspelen in dertien verschillende teamjassen verschijnt

    Langs de boarding van de Olympische ijsbaan staat coach Benoît Richaud eerst in een witte jas, even later in een blauwe, en dan ineens weer in een bordeauxrode. Van Amerikanen en Georgen tot Canadezen en Japanners, hij begeleidt ze allemaal. De Franse choreograaf en trainer coacht tijdens de Olympische Winterspelen in Milaan zestien kunstschaatsers uit maar liefst dertien verschillende landen.

    De populariteit van de achtendertigjarige Richaud zorgt voor een behoorlijk logistieke puzzel tijdens een toernooi waar trainingsuren schaars zijn en schema’s elkaar overlappen. Richaud staat dan ook bekend als ‘de drukste man van de Spelen’.

    ‘Terwijl de schaatsers gespannen wachten op hun scores, staat de man in kwestie – een lange, slanke, kale figuur – mee te kijken in telkens een andere jas, passend bij de nationaliteit die hij op dat moment vertegenwoordigt,’ schrijft Daily Mail. Het heeft hem inmiddels tot een klein internetfenomeen gemaakt.

    SP Richaud compressed
    © ANP

    Volgens Richaud hoort de kledingwissel inmiddels bij zijn Olympische routine. In gesprek met NBC News vertelt hij dat hij ‘ongeveer tien jassen’ om te dragen, afhankelijk van welke schaatser in actie komt. Tijdens een wedstrijddag neemt hij ze allemaal mee. ‘Ik kom gewoon met al die jassen en dan wissel ik snel. Mensen van de federatie of teamleiders helpen me daarbij.’

    ‘Het is een organisatie. Het moet snel,’ vertelt Richaud in de podcast More Than the Score van de BBC. Meestal legt hij zijn jassen in de kleedkamer van de schaatser klaar. ‘Normaal mag dat niet, maar ze (…) zijn heel vriendelijk.’ Als dat toch niet kan, bewaart een teamleider of manager van de nationale ploeg de jassen en reikt op het juiste moment de juiste aan.

    ‘Vervolgens deelt hij de vreugde of teleurstelling van de atleten’, schrijft Daily Mail. ‘Emotioneel is het ook zwaar’, vertelt Richaud in de podcast. ‘Als iedereen goed rijdt, is het gemakkelijk. Maar wanneer de een een slechte rit heeft en de ander juist geweldig presteert, wisselen ook de emoties elkaar in hoog tempo af.’

  • Australië verleent asiel aan Iraanse voetbalsters vanwege de oorlog

    Australië verleent asiel aan Iraanse voetbalsters vanwege de oorlog

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Bom gaat af bij synagoge in Luik, België spreekt van antisemitisme

    » Anthropic klaagt regering-Trump aan wegens buitensporige sancties

    Voor de voetbalwedstrijd weigerden ze het volkslied te zingen

    De Australische minister van Binnenlandse Zaken Tony Burke kondigde dinsdag aan dat een deel van de zesentwintig vrouwelijke spelers, die enkele dagen voor het begin van de Amerikaans-Israëlische luchtaanvallen in Australië waren aangekomen, in het land mogen blijven. Deze beslissing werd genomen uit angst voor vervolging bij hun terugkeer naar Iran.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    De asielverlening markeert ‘het einde van een moeilijke periode’ voor deze atleten die weigerden het volkslied te zingen voor een wedstrijd in de Aziatische Cup, aldus ABC (Australian Broadcasting Corporation). Dit Aziatische bekertoernooi wordt dit jaar in Australië gehouden.

    De weigering van de spelers om het volkslied te zingen werd in Iran geïnterpreteerd als een daad van verzet. Een presentator van de staatszender noemde de spelers ‘verraders in een tijd van oorlog’ die ‘het toppunt van schande’ belichamen.

  • Een nieuwe olympische sport: bergopwaarts skiën

    Een nieuwe olympische sport: bergopwaarts skiën

    360 kiest een door de buitenlandse pers beschreven sportevent, van voetbal tot Grieks-Romeins worstelen. Deze keer de Olympische Winterspelen met bergopwaarts skiën en een afwezige Keniaanse atleet.

    Nieuwe olympische sport: zo snel mogelijk de berg op skiën

    Tijdens de Olympische Winterspelen in februari in de Italiaanse Alpen zijn er voor het eerst medailles te behalen in het ski-mountaineering oftewel skimo. Deze nieuwe olympische sport is een combinatie van skiën en bergbeklimmen waarbij het accent niet zozeer ligt op de afdaling maar op de klim naar boven. Volgens ABC News werd het eerste WK Skimo in 2002 georganiseerd en is het ‘een van snelst groeiende sporten, met 55 aangesloten nationale bonden op vijf continenten’.

    Victor Mather kijkt in The New York Times uit naar de strijd om de skimomedailles: ‘De klim op ski’s is al een enorme workout, maar denk niet dat je daarna vanzelf beneden komt. De afdaling gaat niet over een geprepareerde piste maar door diepe en ruige sneeuw. Dan moet je je eigen spoor trekken en slalommen langs de rotsen.’

    Hoewel er ook internationale wedstrijden zijn van anderhalf uur met minstens twee uitputtende beklimmingen, staan er in Italië alleen drie sprintonderdelen op het programma: voor mannen en vrouwen individueel en een gemengde estafette. De opzet valt te vergelijken met die van de BMX-races: in drie heats van drie minuten komen telkens zes atleten tegen elkaar uit. De beste drie plus de drie tijdsnelsten gaan door naar de halve finales. 

    SPO Bergopwaarts edited
    © ANP

    In een voorbeschouwing voor AP News zegt de Amerikaanse skimo-atleet David Sinclair dat de sprintraces eigenlijk een andere tak van sport vormen: ‘Het epische van de lange afstand ontbreekt volledig. Maar al is het een compromis, de sprint is misschien de beste introductie voor het grote publiek. De 100 meter sprint is tenslotte niet voor niets het populairste onderdeel op de Zomerspelen.’

    ‘Waarom SkiMo is toegevoegd aan het olympische programma? Omdat Italianen de beste van de wereld zijn’, vermoedt NYT-journalist Mather, ‘hoewel ze aan Frankrijk en Zwitserland geduchte concurrenten hebben.’

    Zo zou de Française Emily Harrop er weleens met het goud vandoor kunnen gaan. Ze is viervoudig wereldkampioen op de skimo-estafette. AP News beschouwt de 27-jarige Harrop als een van de pioniers in het skimo: ‘In de jeugd kwam ze bij het alpineskiën bij lange na niet in de buurt van het podium. Bergop bleek ze daarentegen razendsnel. Waarschijnlijk is ze daarom nauwelijks te verslaan.’


    Ondanks kwalificatie zal Keniaanse skiester Simader niet te zien zijn bij de Spelen

    Vanaf 6 februari schitteren ’s werelds beste wintersporters in Milaan en Cortina d’Ampezzo. Tussen de vlaggen van Oostenrijk, Zwitserland en Noorwegen had bij het alpineskiën ook die van Kenia kunnen wapperen. Maar Sabrina Wanjiku Simader, de skiester die haar land de afgelopen jaren een unieke plek gaf in de wintersport, komt ondanks kwalificatie niet in actie, schrijven verschillende internationale media.

    Simader (27) groeide op in Kilifi, aan de Keniaanse kust, maar verhuisde op jonge leeftijd naar Oostenrijk. Daar leerde ze skiën, en al snel werd duidelijk dat ze talent had. ‘In 2018 schreef ze geschiedenis door als eerste Keniaanse alpineskiester deel te nemen aan de Olympische Winterspelen in PyeongChang’, schrijft The Kenya Times. Later was ze ook de eerste uit haar land die uitkwam op World Cup-niveau. Ze zorgde ervoor dat Kenia zichtbaarheid kreeg in een discipline die vrijwel volledig wordt gedomineerd door Europese landen.

    ‘Ik hoop meer Kenianen, en ook sporters uit andere landen zonder wintersporttraditie, te inspireren om de alpineskiën te ontdekken en zo moedig te zijn het te proberen’, vertelde Simader in een interview met de officiële website van de Winterspelen 2026.

    SPO Kenia compressed edited scaled
    © ANP

    De hoop was dat Simader dat verhaal in Italië een vervolg zou geven. Dat leek ook realistisch, want ze had zich geplaatst voor Milaan-Cortina 2026, meldt onder meer Ski Racing. Toch zal de Keniaanse niet te zien zijn; ze maakte bekend te zullen stoppen. De reden: een jarenlang gebrek aan structurele ondersteuning en financiering.

    ‘Ik draag de Keniaanse vlag met trots, maar soms voelt het alsof ik er alleen voor sta. Ik heb moeite gehad om financiële steun uit mijn land te krijgen, en ik denk dat het voor mij nu tijd is om te stoppen’, citeert The Kenya Times. ‘Een skiseizoen kost ongeveer 100.000 euro. Zonder steun van de nationale bond of het Keniaans Olympisch Comité is dat simpelweg niet vol te houden,’ aldus Simader in gesprek met Ski Racing.

    Extra wrang is dat de Spelen plaatsvinden op een plek die haar nauw aan het hart ligt. ‘Cortina d’Ampezzo is mijn favoriete piste ter wereld. Dat ik daar niet kan skiën, breekt mijn hart,’ vertelt Simader. Volgens The Kenya Times blijft ze wel betrokken bij de sport, onder meer via initiatieven om skiën in Kenia zichtbaarder te maken. Maar op het olympisch toneel zal haar verhaal voorlopig geen vervolg krijgen.

  • Om van deze Spelen een succes te maken moest het roer om. Is dat gelukt?

    Om van deze Spelen een succes te maken moest het roer om. Is dat gelukt?

    Met het verspreiden van de sportfaciliteiten over een enorm gebied in Noord-Italië gooiden de organisatoren van de Winterspelen van 2026 in Milaan-Cortina het roer radicaal om. Geen prestigieuze nieuwbouw op één locatie, maar hergebruik en spreiding. Kan de organisatie straks tevreden terugkijken?

    Ja: ‘Wat na de Spelen overblijft is het collectieve gevoel dat we trots mogen zijn op onze stad’

    ‘Er zijn bepaalde gebeurtenissen die het DNA van een stad, haar trots en haar internationale allure voorgoed kunnen veranderen. De Olympische Spelen zijn hier een klassiek voorbeeld van en de editie in Milaan en Cortina zal niet onderdoen voor eerdere edities’, schrijft Marco Castelnuovo in Corriere della Sera.

    Volgens de hoofdredacteur van de Milanese sectie van de Italiaanse krant was het in de aanloop naar de Spelen ‘weer hetzelfde liedje’: mensen klaagden omdat de werkzaamheden vertraging hadden opgelopen, wegen werden afgesloten en de kosten maar bleven oplopen. ‘Niets nieuws. Denk maar aan de polemiek voorafgaand aan de Spelen in Parijs.’

    Maar alle zorgen verdwenen als sneeuw voor de zon toen de olympische fakkel werd aangestoken, zag Castelnuovo. ‘De wedstrijden beginnen en dan verandert alles.’ Enthousiast beschrijft hij de sportfans met geschminkte gezichten en in shirts van hun nationale team die te voet naar de wedstrijdlocaties trokken. Nog mooier vond hij de enorme menigte Milanezen tijdens het aansteken van de olympische fakkel.

    ‘In Europa kan geen enkel land zich meer veroorloven om de Spelen op één locatie te organiseren’

    ‘Het is geen toeval dat de keuze op Milaan en Cortina viel. Dat kwam door de ambitieuze, milieuvriendelijke plannen die ze voor het evenement hadden. Zoals dat de Spelen over het hele gebied verspreid zouden zijn.’ Volgens Castelnuovo was dat laatste eerder een culturele dan een logistieke keuze. ‘Het geeft Milaan glans en zet bovendien gebieden in de schijnwerpers die anders geen kans hadden gemaakt.’ Anderen, zoals de Franse Alpen in 2030, zullen er een voorbeeld aan nemen. ‘In Europa kan geen enkel land zich meer veroorloven om de Spelen op één locatie te organiseren. Ook hier neemt Milaan het voortouw.’

    De laatste dagen hebben de zorgen over de vertraging van de werkzaamheden aan de Arena Santa Giulia, het podium op de Piazza del Duomo en het ‘lelijke’ olympisch dorp plaatsgemaakt voor een heel ander verhaal, meent Castelnuovo. ‘De Arena Santa Giulia is een van de mooiste hockeyhallen ter wereld, de Piazza del Duomo is nog nooit zo mooi in beeld gebracht en zelfs het olympisch dorp is volgens de atleten comfortabel en functioneel – en zonder kartonnen bedden.’ Op sociale media reageerden velen verbaasd op de kartonnen bedden in het olympisch dorp in Tokio 2020 en Parijs 2024. Ze werden gemaakt van 100 procent recyclebaar materiaal en waren dan ook bedoeld als duurzaam alternatief.

    ‘Wat ons zal bijblijven is niet zozeer het grote feest of het spektakel. Dat zal vervagen nadat de fakkel dooft,’ voorspelt de Italiaanse journalist. ‘Wat overblijft is het collectieve gevoel dat we trots mogen zijn op onze stad, op dingen die goed gedaan zijn. We hebben bewezen dat we als gemeenschap goed functioneren. In een stad waar iedereen nogal gesteld is op zijn individualiteit, is dat niet niks.’ 

    Marco Castelnuovo is hoofdredacteur van Corriere Milano, de Milanese nieuwssectie van Corriere della Sera.


    Nee: ‘De strenge milieudoelen bleken onverenigbaar met het organiseren van een spektakel’

    De Olympische Winterspelen van Milaan-Cortina 2026 in Italië moesten een nieuw tijdperk van duurzame Olympische Spelen inluiden: soberheid, hergebruik van bestaande infrastructuur en een beperkte ecologische voetafdruk. ‘Dat is niet gelukt. De strenge milieudoelen bleken onverenigbaar met het organiseren van een spektakel, dat steeds meer sponsors en televisiekijkers moet aantrekken in een poging genoeg geld in het laatje te brengen’, concludeert Le Monde.

    Het opvallendste aan deze Winterspelen is dat de wedstrijdlocaties soms honderden kilometers uit elkaar liggen. Het idee was om maximaal gebruik te maken van bestaande infrastructuur. Dat zou de kosten drukken en de impact op het milieu beperkt houden. ‘Het grote nadeel is dat toeschouwers, atleten en personeel voortdurend moeten reizen tussen de verschillende evenementen. Ecologisch gezien is het dus een onzinnig systeem’, aldus de krant.

    De uitgaven zijn verdrievoudigd ten opzichte van de oorspronkelijke begroting

    Net als bij eerdere edities kon Milaan-Cortina niet ontsnappen aan het eeuwige dispuut rond de olympische bobsleebaan. ‘Vanuit misplaatst nationalisme weigerde de regering van Giorgia Meloni het evenement in een buurland te houden. In plaats daarvan koos ze ervoor om 120 miljoen euro uit te geven aan de bouw van een energieslurpende faciliteit die hierna amper meer gebruikt zal worden.’ Bovendien moest de organisatie sneeuw garanderen, iets wat hier alleen mogelijk was met het gebruik van dure sneeuwkanonnen die een aanslag zijn op de lokale watervoorraden.

    Naast deze tekortkomingen op milieugebied zijn er ook nog oplopende kosten, waarbij de uitgaven verdrievoudigd zijn ten opzichte van de oorspronkelijke begroting. Aan de ene kant zegt het IOC de kosten te willen drukken, aan de andere kant eist de organisatie steeds strengere technische normen en moeten de faciliteiten ook nog eens goed geschikt zijn voor televisie-uitzendingen. Dat is volgens Le Monde de grootste tekortkoming van de huidige aanpak. ‘Het streven om het aantal toeschouwers te vergroten, het aantal evenementen uit te breiden en deze steeds spectaculairder te maken om de stijgende kosten van de uitzendrechten te rechtvaardigen, is simpelweg niet duurzaam.’

    In dit opzicht blijven deze Olympische Spelen, ‘ondanks enkele lovenswaardige vorderingen’, grotendeels in lijn met eerdere edities, zo concludeert de Franse krant. ‘Tenzij het IOC de opzet, frequentie en locatie van de Olympische Winterspelen radicaal hervormt, zal de kloof tussen de mooie praatjes over duurzaamheid en het streven naar financiële winst blijven bestaan.’ 

    Le Monde is een toonaangevende Franse krant, opgericht in 1944, met een gematigd linkse signatuur. Met meer dan een half miljoen abonnees is het de meest gelezen krant van Frankrijk.

  • Spaans crosswielrennen en een Noorse handballegende

    Spaans crosswielrennen en een Noorse handballegende

    360 kiest een door de buitenlandse pers beschreven sportevent, van voetbal tot Grieks-Romeins worstelen. Deze keer de Spaanse wielrensport en handbal in Noorwegen.

    Felipe Orts, de Spanjaard die het veldrijden openbreekt

    Spanje en veldrijden: een combinatie die lange tijd ondenkbaar leek. De cross is immers het domein van België, en goed, ook een beetje van Nederland. Toch strijdt Felipe Orts de laatste jaren mee in de wereldtop. De dertigjarige renner uit Villajoyosa is uitgegroeid tot hét gezicht van het Spaanse veldrijden, en tot een vaste waarde in de internationale cross. Afgelopen oktober won hij De Nacht van Woerden, meldt Eurosport.

    Het klinkt eenvoudig, maar de realiteit is dat Orts bijna elke week van Spanje naar België vliegt om aan wedstrijden deel te nemen. De internationale wielerunie UCI pleit al langer voor de deelname van andere landen, maar de meeste buitenlandse renners hebben daar simpelweg de middelen niet voor, aangezien de meeste wedstrijden plaatsvinden in de Lage Landen.

    Terwijl Belgische en Nederlandse renners na de training vaak naar huis rijden, vliegt Orts terug naar de zon van de Costa Blanca. De twee werelden verschillen sterk. In Spanje is veldrijden een niche sport en zijn de parcoursen heel anders. ‘Zeker in de regio van Alicante gaat het vaak over enorm droge weides. Je kan dat bijna niet vergelijken met de modder,’ vertelde Orts in een interview met WielerFlits.

    SPO Felipe Orts compressed
    © ANP

    Toch komt sinds 2023 de internationale crosswereld eens per jaar naar hem toe, nu Benidorm ook een wedstrijd organiseert, nauwelijks 10 kilometer van zijn geboorteplaats. Voorafgaand aan de eerste editie zei Orts tegen El País: ‘Wat er in Benidorm gebeurt, zal bepalen of het een grote sport wordt of dat het bij vier fans blijft.’ Het bleek een succes. Ook dit jaar staat er op 18 januari een cross op de kalender.

    Daarnaast is het Orts gelukt om een Spaanse sponsor te vinden voor zijn eenmansteam. Hij zocht naar ‘Spaanse bedrijven die op zoek waren naar naamsbekendheid en productpromotie in België en Nederland’, vertelt de crosser aan Wielerflits. Villajoyosa, Orts’ geboorte- en woonplaats aan de Costa Blanca, besloot hoofdsponsor te worden. ‘De gemeenteraad vond het een uitstekend idee om via sponsoring van mijn team, het dorp te promoten in België, Nederland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk,’ aldus de Spaanse veldrijder. ‘Het is een erg gedurfde stap, maar ik ben er zeker van dat mensen ons dorp straks kennen en weten waar het ligt.’


    Afscheid van een Noorse handballegende

    Half december won het Noorse vrouwenhandbalteam in Rotterdam voor de vijfde keer de wereldtitel na een 23-20 overwinning op Duitsland. In de finale deden beide teams volgens Marca nauwelijks voor elkaar onder en ‘was het de Noorse doelvrouw Katrine Lunde die met de vijftien beslissende reddingen het verschil maakte’.

    ‘Een zeldzaam zenuwslopende wedstrijd’, schrijft de Noorse krant NRK. Handbalexpert Kenneth Gabrielsen kon Lundes fantastische reflexen in de tweede helft nauwelijks bijhouden: ‘Iemand van vijfenveertig jaar oud die dit soort dingen doet. Het is een beetje absurd.’

    Na afloop ging de meeste aandacht dan ook uit naar de keepster die haar 388e en laatste interland speelde en het lopende seizoen afmaakt bij haar club Kristiansand in Zuid-Noorwegen. ‘Fantastisch. Veel emoties, maar nu ben ik moe,’ verklaarde ze tegenover NRK.

    SPO Handbal compressed
    © ANP

    In haar ruim vijfentwintigjarige carrière pakte Lunde medailles op vijf achtereenvolgende Olympische Spelen (drie gouden en twee bronzen), won ze zeven keer de Champions League en grossierde ze in nationale kampioenschappen: niet alleen in Noorwegen, maar ook in Duitsland en Hongarije.

    In een uitgebreid interview met het EHF-magazine kijkt Lunde terug op haar sportieve prestaties en haar persoonlijke leven. Ze vertelt dat ze zonder haar tweelingzus Katrine, die als aanvalster 181 interlands voor Noorwegen speelde, nooit zo ver was gekomen. ‘In de jeugd waren we zo competitief dat we altijd in hetzelfde team speelden, anders zouden we elkaar nog iets aandoen. Pas bij de senioren zijn we wat rustiger geworden.’

    Lunde stelt dat het voor een handbalkeeper aankomt op mentale sterkte. Omdat ze in internationale wedstrijden vaak tegenover dezelfde speelsters stond, deed ze zich dan anders voor dan ze was: ‘Vanuit mijn positie in het doel probeer ik mijn team op alle mogelijke manieren extra energie te geven. Ik ben een goed mens, denk ik, maar zonder onsportief te zijn, doe ik er alles aan om een wedstrijd te winnen. Tussen de doelpalen speel ik een spel door emoties te laten zien die er helemaal niet zijn. Zo wil ik mijn opponenten angst aanjagen en in hun hoofd kruipen. Zodat ze op een gegeven moment geen idee meer hebben waartoe ik allemaal in staat ben.’