Tag: erdogan

  • De wereld kan iets opsteken van Turkse protesterende jongeren

    De wereld kan iets opsteken van Turkse protesterende jongeren

    Straatprotesten in Turkije tegen het regime van Erdoğan blazen de falende progressieve partijen nieuw leven in. Andere landen kunnen hier iets van leren.

    Nadat president Recep Tayyip Erdoğan tweeëntwintig jaar lang met machtsgrepen, overname van staatsapparaten en zware onderdrukking de Turkse bevolking heeft geprobeerd te reduceren tot islamo-fascistische onderdanen, vecht Turkije terug tegen zijn autoritarisme. Eind maart zijn er aanhoudende protesten geweest in talloze Turkse steden, waaronder in de machtscentra van het regime. 

    Burgemeester Ekrem İmamoğlu van Istanboel is op 19 maart op dubieuze verdenkingen van corruptie gearresteerd, met als gevolg een opgezweepte bevolking. Binnen enkele dagen groeiden de protesten uit tot iets groters. Het werd een nationale beweging met als eisen democratie, waardigheid en vrijheid. De protesten deden denken aan de Gezi-opstand in 2013, waarbij een demonstratie tegen de bebouwing van het Gezipark in Istanboel uitgroeide tot een nationale protestbeweging tegen het autoritaire regime. Toch zijn er wat verschillen. Dit keer gaan ook jongeren de straat op, en dat terwijl iedereen dacht dat zij onder het Erdoğan-regime en tijden van economische crisis alle hoop voor de toekomst hadden laten varen. Ze riskeren ongeremd politiegeweld als ze naar dit soort, inmiddels verboden, bijeenkomsten gaan. 

    Op een van de borden staat een tekst die het heersende sentiment perfect samenvat: ‘Als wij branden, branden jullie ook.’ Hoewel de protesten met veel politieke humor gepaard gaan, weet iedereen dat het allesbehalve grappig is: het land staat op een politiek kantelpunt. De teerling is geworpen. Erdoğan trekt zich terug of er zwaait wat. Hoe dat eruit komt te zien is een onduidelijk en angstaanjagend vooruitzicht. Toch heerst er een ongekende vastberadenheid onder het volk om die barrière van angst te doorbreken. In tegenstelling tot tijdens de Gezi-opstand wordt de politieke actie dit keer georganiseerd door de grootste oppositiepartij. Althans, dat is de opzet.

    ‘Als wij branden, branden jullie ook’

    İmamoğlu is niet alleen de burgemeester van de grootste stad in Turkije, maar met zijn immense populariteit ook Erdoğans enige serieuze politieke rivaal. Vlak voordat hij om twijfelachtige redenen werd gearresteerd – vanwege financiële corruptie, leidinggeven aan een criminele organisatie en samenwerking met terroristische organisaties – stond İmamoğlu op het punt zijn kandidaatschap voor de volgende presidentsverkiezingen aan te kondigen. 

    Verscheidene opiniepeilingen hebben aangetoond dat hij kans maakt om Erdoğan bij de volgende verkiezingen, in 2028, te verslaan. Volgens bronnen dicht bij Erdoğan was er een plan om İmamoğlu te arresteren en zwart te maken, en vervolgens een bewindvoerder aan het hoofd van de oppositie te plaatsen. Dit is al jaren Erdogans modus operandi. Een aantal burgemeesters uit oppositiepartijen – zoals de sociaaldemocraten of de Koerdische partij – zijn in hechtenis genomen en de arrestatie van İmamoğlu was voorzien. In de laatste video voor zijn arrestatie zei İmamoğlu kalm dat hij ‘vastberaden zou opkomen’ voor het Turkse volk.

    Honderdduizenden mensen hebben dit als startsignaal gezien en hebben sinds die nacht de stadspleinen opgezocht. Bij het zien van de massale protesten veranderde de voornaamste oppositiepartij de kandidaatsverkiezingen in een grootschalige politieke actie. Partijleiders riepen alle burgers op om voor İmamoğlu te stemmen, als teken voor het regime dat steun aan hem de partijpolitiek ontstijgt. Bijna vijftien miljoen mensen stemden voor İmamoğlu, waarmee zijn positie als oppositiekandidaat werd bevestigd.

    Democratieën wereldwijd kunnen een heleboel leren van wat er sindsdien in Turkije is gebeurd. Kennelijk zijn de gebruikelijke politieke partijen – de Democraten in de VS en de sociaaldemocraten in Europa – niet in staat om de politieke en morele woede van de menigte, die leiders zoals Trump en Erdoğan veroorzaken, te benutten. Partijen willen hun vingers niet branden aan de onvoorspelbaarheid van ‘straatpolitiek’ – en de menigte wil zich met zijn jeugdige enthousiasme niet graag binden aan versleten politieke instellingen. Wat is dan de oplossing?

    Het koraalrif

    De ouderwetse progressieve oppositiepartijen lijken op scheepswrakken; ze liggen weg te rotten. Ze zijn na vijftig jaar flirten met neoliberale hegemonie hun karakter kwijtgeraakt. Hun inherente banden met de progressieve delen van de samenleving zijn verbroken. Ze zijn door hun overweldigende bureaucratie veranderd in logge reuzen, die de wendbaarheid van het nieuwe radicale rechts onmogelijk kunnen bijbenen. Maar wat er nu in Turkije gebeurt, is dat energieke jongeren, die zich als een school vissen rond het wrak verzamelen, het weer doen opbloeien als een koraalrif. 

    Dag in, dag uit geven jonge sprekers toespraken bij belangrijke partijbijeenkomsten en helpen ze de partij op weg. Ze zorgen ervoor dat de woede verder reikt dan alleen de arrestatie van İmamoğlu. Ze hebben een enorme invloed op het karakter van deze politieke beweging en doen de sociaaldemocratische partij weer opbloeien. De jongeren navigeren die trage reus terwijl die op zijn beurt flexibeler en dapperder probeert te worden om zich zo te kunnen verzetten tegen het meedogenloze regime.

    Niet alleen in Turkije, ook in Europa en over de hele wereld luidt de vraag: is de menigte met zijn frisse energie in staat het wrak te betreden en dit in een levend organisme te veranderen, een organisme dat sterk genoeg is om de historische stroom richting het autoritarisme tegen te gaan? Turkije zal het ons leren.

  • Erdoğans laatste zet naar autocratie

    Erdoğans laatste zet naar autocratie

    Elke week pluist de redactie van 360 een actuele gebeurtenis voor je uit aan de hand van de internationale pers. Deze week kijken we naar Turkije, waar grote protesten zijn uitgebroken nadat Erdoğan zijn grootste politieke rivaal Ekrem Imamoğlu vorige week woensdag heeft gearresteerd. Wat is er gebeurd en wat betekent dit voor het land?

    Dit artikel verscheen woensdag in de nieuwsbrief, exclusief voor abonnees. Wil je elke week op de hoogte blijven? Neem dan een (proef)abonnement – tijdelijk al vanaf €1,50 per maand – op 360 Magazine.

    Wat is er gebeurd?

    Slechts enkele dagen voordat de belangrijkste oppositiepartij van Turkije haar presidentskandidaat zou kiezen, werd de belangrijkste kandidaat, de burgemeester van Istanbul Ekrem Imamoğlu, vorige week woensdag gearresteerd en gevangengezet. ‘Met deze schaamteloze daad van politieke onderdrukking heeft de Turkse regering een gedenkwaardige stap gezet in de richting van een volwaardige autocratie’, schrijft Foreign Affairs. Volgens het Amerikaanse tijdschrift was dit een berekende zet van Erdoğan. Op dinsdag trok Imamoğlu’s alma mater, de Universiteit van Istanbul, zijn diploma in – volgens de wet moeten Turkse presidentskandidaten in het bezit zijn van een universitair diploma. De volgende dag werd Imamoğlu gearresteerd op beschuldiging van corruptie en terrorisme. ‘Deze gerechtelijke uitspraken weerhouden hem niet alleen van zijn presidentiële ambities, maar ontheffen hem ook van zijn positie als burgemeester van de grootste stad en economische grootmacht van Turkije.’

    Imamoğlu was een van de meer dan honderd mensen, waaronder andere politici en journalisten, die in hechtenis werd genomen in het kader van een grootschalig onderzoek. Het hoofd van het Openbaar Ministerie in Istanbul beschuldigt Imamoğlu van ‘het oprichten van een criminele organisatie, het aannemen van steekpenningen, afpersing, het onrechtmatig vastleggen van persoonlijke gegevens en het manipuleren van een aanbesteding’. Het openbaar ministerie sprak ook het ‘sterke vermoeden’ uit dat Imamoğlu betrokken was bij ‘het helpen van een gewapende terroristische organisatie’, een verwijzing naar vermeende banden met pro-Koerdische groepen, aldus Politico

    ANP 522944054 1
    Ekrem Imamoğlu tijdens een toespraak in Istanbul in 2019. – © Ozan Kose / AFP

    Imamoğlu vecht al jaren tegen de rechtbank. Nadat hij in 2019 de kandidaat van Erdoğan had verslagen bij de burgemeestersverkiezingen, moest hij zich enkele maanden later opnieuw verkiesbaar stellen nadat de autoriteiten de uitslag ongeldig hadden verklaard. In 2022 werd hij veroordeeld tot meer dan twee jaar gevangenisstraf, in afwachting van hoger beroep, nadat hij de ambtenaren die zijn eerste overwinning ongeldig hadden verklaard ‘dwazen’ had genoemd. Hij won de lokale verkiezingen van vorig jaar en bezorgde de CHP de beste verkiezingsuitslag sinds de jaren 1970, aldus The Economist. ‘Dat Imamoğlu zo lang heeft kunnen overleven, is precies wat hem zo gevaarlijk heeft gemaakt voor de leider van Turkije en zo aantrekkelijk voor de kiezers. Al maanden heeft hij in de peilingen een comfortabele voorsprong op Erdoğan.’

    In berichten op sociale media bekritiseerde Imamoğlu zijn arrestatie als een ‘zwarte vlek op onze democratie’ en zei hij dat de gerechtelijke procedure niet werd gevolgd. Op zondag bepaalde de rechtbank dat hij zonder borgtocht opgesloten moest worden in afwachting van zijn proces onder verdenking van corruptie. De beschuldiging van terrorisme werd echter ingetrokken. Een Turkse rechtbank hield de aanklacht van corruptie staande en zei: ‘Hoewel er een sterke verdenking is van het helpen van een gewapende terroristische organisatie, wordt (zijn arrestatie) in dit stadium niet nodig geacht, omdat al besloten is dat hij gearresteerd zal worden voor misdrijven van financiële aard.’ Omdat Imamoğlu niet werd beschuldigd van terreur, zal de rechtbank geen regeringscommissaris kunnen benoemen voor de gemeente Istanbul, meldt Al Jazeera.

    ‘Turkije nadert een punt waarop er geen weg terug meer is’

    The Economist schrijft dat ‘Turkije een punt nadert waarop er geen weg terug meer is’. Vorige week was de Turkse regering nog wat politicologen een ‘concurrerend autoritair regime’ noemen: hoewel Erdoğan ongecontroleerde uitvoerende macht heeft en de facto controle heeft over de rechtbanken en het grootste deel van de media, zijn de verkiezingen grotendeels vrij gebleven. ‘Maar op 19 maart arresteerde de politie Imamoğlu, samen met tientallen anderen, waaronder zijn topadviseurs en andere lokale functionarissen. Wat overblijft komt dicht in de buurt van een volledige autocratie.’ Foreign affairs vult aan: ‘Door de burgemeester van Istanbul buiten de politiek te zetten, heeft de regering de grens overschreden die het autoritaire systeem van Turkije scheidt van een volledige autocratie naar Russisch model, waarin de president zijn tegenstanders uitkiest en verkiezingen puur voor de show zijn.’

    Wat zijn de reacties op de aanhouding?

    De arrestaties hebben geleid tot de grootste protesten in Turkije in meer dan tien jaar. Demonstranten zijn in botsing gekomen met politieagenten die gewapend waren met waterkanonnen en traangas, aldus BBC. Er zouden volgens het ministerie van Binnenlandse Zaken inmiddels meer dan veertienhonderd mensen gearresteerd zijn. ‘Dit gaat niet meer alleen om Imamoğlu. Het gaat over een strijd voor democratie en gelijke rechten,’ aldus een demonstrant tegen The Guardian

    Aanhangers van de burgemeester zeiden dat driehonderdduizend mensen zich vrijdagavond hadden aangesloten bij een protest in Istanbul. De Turkse autoriteiten namen extra maatregelen om de groeiende protesten de kop in te drukken. Zo blokkeerden ze het verkeer dat over de twee bruggen naar het stadhuis in Istanbul rijdt en sloten ze verschillende doorgangen in de buurt af met rijen oproerpolitie. ‘Nu de regering de steun van de kiezers heeft verloren en afstand heeft genomen van het volk, probeert ze de samenleving met geweld en repressie weer op het rechte pad te krijgen. Deze leiders wisten dat ze geen kans zouden maken om te winnen of zelfs maar de 30 procent te halen als er vrije verkiezingen zouden zijn’, schrijft een columnist van het linkse Turkse dagblad Birgün.

    ANP 523007985 1
    Demonstranten en oproerpolitie tijdens een protest in Istanbul, Turkije op 23 maart 2025. – © Pavel Nemecek / CTK Foto/Pavel Nemecek

    De protesten zijn de grootste die het land heeft gezien sinds de Gezi-protesten van 2013, die in Istanbul ontstonden naar aanleiding van de sloop van een plaatselijk park. De staat reageerde destijds hardhandig – veiligheidstroepen doodden verschillende mensen, verwondden duizenden demonstranten en verrichtten massa-arrestaties, aldus Foreign Affairs. Sindsdien heeft Erdoğan openbare bijeenkomsten aan banden gelegd om ervoor te zorgen dat demonstraties nooit meer dezelfde omvang bereiken.

    De regering heeft afgelopen week enkele socialmedia-accounts van oppositieleden geblokkeerd en WhatsApp een aantal keer uit de lucht gehaald. Regeringsgezinde media hebben de straatprotesten gemeden, schrijft Politico. In een scherpe waarschuwing aan de demonstranten voor de mogelijke gevolgen van hun acties, omschreef Erdoğan de demonstraties als ‘straatterreur’ en had hij ook een boodschap voor de CHP waartoe zijn gearresteerde rivaal behoort. ‘We zullen zeker niet toestaan dat de CHP en haar aanhangers de openbare orde en de vrede van onze natie verstoren door middel van provocaties,’ zei de president in een bericht dat op X werd geplaatst.

    ‘Erdogan wil misschien op Poetin lijken, maar Turkije is Rusland niet’

    In een gebaar van verzet kondigde de CHP aan dat ze door zou gaan met haar voorverkiezing op 23 maart. De CHP nodigde alle Turken – niet alleen partijleden – uit om deel te nemen en Imamoğlu als kandidaat te kiezen. Volgens de nieuwswebsite Turkish Minute stemden ongeveer 15 miljoen mensen zondag bij de door CHP georganiseerde symbolische voorverkiezing om massaal hun steun te betuigen  aan de onlangs afgezette burgemeester van Istanbul.

    Internationaal blijven de reacties zo goed als uit, merkt The Guardian op. ‘Ondanks de binnenlandse verontwaardiging over de detentie van Imamoğlu, bleef de internationale reactie gematigd.’ Een woordvoerder van de secretaris-generaal van de VN zei te hopen dat ‘de normale regels voor een eerlijk proces worden gevolgd’, terwijl Tammy Bruce, woordvoerder van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken, zei dat Washington ‘geen commentaar zal geven op de interne besluitvormingsprocessen van een ander land’.

    Hoe gaat Turkije nu verder?

    Turkije staat op een kritiek punt. Volgens de Turkse grondwet mag een president maximaal  twee termijnen dienen en de huidige termijn van Erdoğan eindigt in 2028. Als het parlement vraagt om vervroegde verkiezingen, zou de eenenzeventigjarige Erdoğan zich legaal opnieuw verkiesbaar kunnen stellen voordat zijn tweede termijn afloopt. 

    Erdoğan heeft vaker zijn toevlucht genomen tot extreme maatregelen om zichzelf en zijn partij voor te blijven. In de gemeenteraadsverkiezingen van 2019 in Istanbul, toen Imamoğlu de kandidaat van Erdoğans partij versloeg, eisten ze een herhaalde verkiezingen – die Imamoğlu opnieuw won, met ditmaal een grotere marge. De gevaarlijkste tactiek van Erdoğan is echter het arresteren van zijn sterke rivalen. Selahattin Demirtas, de charismatische Koerdische politicus die Erdoğan uitdaagde in de presidentsverkiezingen van 2014 en 2018, zit sinds 2016 achter de tralies (hij voerde zijn tweede campagne vanuit de gevangenis) op beschuldiging van terrorisme. Imamoğlu werd in 2022 ook veroordeeld tot een gevangenisstraf. Maar omdat de zaak nog in hoger beroep loopt, heeft de veroordeling de burgemeester er niet van weerhouden om zich opnieuw verkiesbaar te stellen.

    ANP 523024669 1
    De Turkse president Erdoğan spreekt het kabinet toe na de kabinetsvergadering in het presidentiële complex in Ankara, Turkije op 24 maart 2025. – © Utku Ucrak / Anadolu

    Erdoğan speelt een risicovol spel. Maar als hij slaagt, gaat hij de volgende verkiezingen in tegen een tegenstander die hij zelf heeft uitgekozen, waardoor zijn bewind voor het leven is veiliggesteld. ‘Erdoğan is nu gevaarlijk dicht bij het bereiken van wat hij wil, en hij volgt een vergelijkbaar pad als Poetin in Rusland om dat doel te bereiken’, schrijft Foreign Affairs. Twee decennia geleden was Rusland niet de strak gecontroleerde autocratie die het nu is. De economie van het land bloeide en Poetin was populair, dus hij tolereerde enige oppositie en liet delen van het democratische systeem intact. Maar na de financiële crisis van 2008, toen de economische groei stagneerde en protesten tegen de regering uitbraken, reageerde Poetin met repressie. ‘En in 2020 verstevigde hij zijn heerschappij als onbetwiste alleenheerser.’

    Maar toch is er een groot verschil tussen de twee. ‘Erdoğan wil misschien op Poetin lijken, maar Turkije is Rusland niet’, analyseert Foreign Affairs. In tegenstelling tot Rusland, dat leeft van de rijkdom aan grondstoffen, is de Turkse economie sterk afhankelijk van buitenlandse investeringen. Steeds meer investeerders vluchten naarmate het land autoritairder wordt, en een volledige autocratie zal er maar weinig terugbrengen. ‘De Turkse economie zou in een crisis blijven steken. En zelfs een sterke leider moet resultaten boeken om zijn greep op de macht te behouden.’

    Ook het Turkse volk bijt van zich af. ‘Wat de regering niet inziet, is dat ze oorlog voert tegen de meerderheid van de bevolking die repressie openlijk afwijst’, schrijft een columnist in Birgün. ‘Zijn tijd raakt dus op. Onder deze omstandigheden is het niet langer mogelijk om te praten over wetten, een grondwet of vrije verkiezingen. Maar één ding weten we: moed is minstens zo besmettelijk als angst.’

  • ‘Turkije is veel groter dan Turkije’

    ‘Turkije is veel groter dan Turkije’

    In eigen land ziet het er slecht uit voor president Erdogan, maar dankzij zijn steun aan de islamisten die in Syrië president Assad ten val brachten heeft hij veel verloren stemmen teruggewonnen. En meteen liet hij zijn neo-Ottomaanse dromen doorschemeren, aldus deze Turkse columnist.

    Jarenlang pochte Turkije met zijn jonge bevolking, maar nu is de bevolkingsgroei gedaald tot een historisch dieptepunt. Waren er zeven jaar geleden nog 2,11 kinderen per vrouw, nu zijn dat er nog maar 1,51, ondanks de oproep van Erdogan om minstens drie kinderen te krijgen. En de crisis betreft niet alleen het geboortecijfer. Veel mensen hebben überhaupt weinig belangstelling om een gezin te stichten. De stijgende kosten van het levensonderhoud hebben geleid tot minder huwelijken, het scheidingspercentage is bijna verdubbeld. De reactie van een student bij een straatenquête op de vraag wat hij verwacht van 2025 is bijna tragisch: ‘Het belangrijkste is dat ik niet doodga.’

    Wat brengt een student ertoe om zo’n uitspraak te doen? De oorzaken moeten worden gezocht in de economie. De huurprijzen van appartementen stegen in 2024 met 52 procent. De meubelprijzen zijn de afgelopen vijf jaar met 555 procent gestegen en de prijzen voor grote en kleine huishoudelijke apparaten zelfs met 615 procent. Voor jongeren is het om economische redenen al moeilijk geworden om verder te studeren, laat staan om een gezin te stichten. In de afgelopen vijf jaar hebben ongeveer 325.000 studenten de universiteit verlaten om bij te dragen aan het gezinsinkomen.

    Groeiende armoede

    Degenen die ervoor kiezen om werk te zoeken in plaats van te studeren, moeten het vaak doen met een minimumloon van omgerekend ongeveer 600 euro – net als minstens de helft van alle werkende mensen in het land. Van de werkenden in Turkije verdient 90 procent minder dan 1200 euro per maand. Deze situatie betekent dat de armoede zich blijft uitbreiden. Ongeveer 40 procent van de Turkse bevolking kan zich niet meer regelmatig vlees of vis veroorloven, 15 procent kan zijn verwarmingskosten niet meer betalen, 12 procent kon vorige maand de huur niet betalen, 60 procent kan versleten meubilair niet vervangen, 31 procent kan zelfs een lekkend dak niet laten repareren. Een week vakantie per jaar is voor 58 procent van de werkende Turken onbetaalbaar.

    Deze cijfers kun je lezen als pure statistieken. Maar voor ons is het de realiteit. Als we onze huur betalen, hebben we niet genoeg te eten; als we genoeg eten, belanden we op straat. De uitspraak van de student verbaast ons dus minder. Ook vinden we het niet meer dan logisch dat het aantal stemmen voor Erdogan, die deze situatie heeft gecreëerd, afneemt. En toch is niet gezegd dat de regering zal gaan veranderen. Erdogan is een meester in het inzetten van nationalistische en islamistische retoriek om de massa’s die hij laat verhongeren voor zich te ­winnen. 

    Door de jaren heen heb ik beschreven hoe Erdogan er herhaaldelijk in is geslaagd om externe gebeurtenissen om te zetten in stemmen. Net toen je dacht dat hij tegen een grens was aangelopen, werd de situatie in Syrië een reddingslijn. Nadat zijn partij tweede was geworden in de lokale verkiezingen van 2024, joeg Erdogan, die zich in 2028 niet opnieuw kandidaat mag stellen, het proces aan dat leidde tot de omverwerping van Assad.

    Een obstakel voor persoonlijke vrijheid

    In Turkije heerst na de ­herverkiezing van president Erdogan vooral onder jongeren een groot gevoel van uitzichtloosheid, schrijft Süddeutsche Zeitung in een artikel dat in editie 231 van 360 werd gepubliceerd.

    Veel jonge, hoogopgeleide mensen overwegen Turkije te verlaten, niet alleen door de economische crisis, maar ook vanwege de politieke situatie. Een onderzoek wees uit dat maar liefst twee derde van de jongeren bereid is te emigreren. De sfeer is bedrukt; gesprekken gaan vaak over hoe ze naar Europa of de VS kunnen ontsnappen, bijvoorbeeld via visumafspraken of illegale routes. Zelfs de jeugd uit de hogere klasse voelt zich nu steeds meer gemarginaliseerder. ‘Wij zijn beschaafder geworden – in tegenstelling tot de aanhangers van de president.’

    Veel jongeren beschouwen de regering als een obstakel voor hun carrière en hun persoonlijke vrijheid. Onderwijsinstellingen blijven oases van intellectuele vrijheid, maar buiten de muren ervaren jongeren de groeiende kloof tussen de seculiere en conservatieve delen van de samenleving. Voor velen is emigratie niet alleen een economische keuze, maar ook een manier om zich aan de toenemende autoritaire controle en de politieke verdeeldheid te onttrekken. Zo dreigt het land een hele generatie te verliezen, net als tijdens de eerdere gastarbeider­migratie. En dat terwijl Europa dichterbij is dan ooit.

    Tot 2010 noemde Erdogan Assad een vriend en brachten de families samen vakanties door. Na het uitbreken van de Arabische Lente werd Assad plotseling zijn vijand en stookte hij gewapende milities op Syrisch grondgebied op om hem ten val te brengen. Toen de omverwerping van Assad een gemeenschappelijke zaak werd voor het Westen, moedigde Ankara de milities van Hayat Tahrir al-Sham (HTS) aan om naar Damascus op te rukken. De omverwerping van Assad in minder dan twee weken bezorgde Erdogan zowel in eigen land als in het Westen nieuwe faam. 

    Hoewel Erdogan eerder met betrekking tot militaire operaties in Syrië had gezegd dat hij ‘het op niemands grondgebied had gemunt’, liet hij na de val van Assad zijn neo-Ottomaanse dromen doorschemeren door te zinspelen op het Turkse grondgebied: ‘Turkije is groter dan Turkije. Als natie kunnen we onze horizon niet beperken tot 782.000 vierkante kilometer. Net zoals een mens zijn lot niet kan ontlopen, kunnen Turkije en de Turkse natie hun lot niet ontlopen, ze kunnen zich er niet voor verstoppen.’ Zijn extreemrechtse bondgenoot Devlet Bahçeli deed er nog een schepje bovenop: ‘Zoals Damascus werd veroverd, zo staat ook de verovering van Jeruzalem voor de deur.’

    Na het succes dat hij in Syrië boekte, gaat Erdogan in eigen land nog brutaler te werk

    Na de val van Assad kwam het eerste officiële bezoek aan Damascus uit Turkije. De Turkse inlichtingenchef Ibrahim Kalın, die jarenlang woordvoerder van het presidentieel paleis was geweest, had een ontmoeting met HTS-chef Ahmed al-Sharaa. Daarna woonde hij het vrijdaggebed bij in de Umayyad-moskee, die eveneens deel uitmaakte van Erdogans fantasieën om Assad omver te werpen. Na het hoofd van de inlichtingendienst bezocht de Turkse minister van Buitenlandse Zaken de ­nieuwe politieke leider van Syrië. Vervolgens was Erdogan zelf aan de beurt. Ik durf te wedden dat hij zichzelf biddend in de Umayyad-moskee liet fotograferen voor op zijn campagneposter voor de volgende ­verkiezingen, die vermoedelijk vervroegd zullen plaatsvinden.

    Door HTS te steunen, heeft Erdogan de val van Assad versneld en de stemmen teruggewonnen die hij had verloren. Mede door delegaties naar Damascus te sturen gaf hij de internationale gemeenschap een signaal: als jullie iets willen bereiken in de regio, moeten jullie bij mij zijn. Tegelijkertijd haastte hij zich om PKK-leider Öcalan, die momenteel een levenslange gevangenisstraf uitzit in Turkije, in te zetten om de Koerden, die een deel van Syrië controleren, te ontwapenen en te integreren in de nieuwe regering die in Damascus zou worden opgericht. Vier jaar lang was elk bezoek aan Öcalan verboden, maar nu heeft Erdogan vertegenwoordigers van de pro-Koerdische partij ontmoet en verklaard bereid te zijn om samen te werken.

    Na het succes dat hij in Syrië boekte, gaat Erdogan in eigen land nog brutaler te werk en probeert hij alles uit de weg te ruimen waarvan hij denkt dat het zijn herverkiezing in de weg kan staan. Dit zou er weleens toe kunnen leiden dat we allemaal voor 2025 slechts die ene wens kunnen doen: het belangrijkste is dat we niet doodgaan. 

    Aartsrivalen

    Ten eerste verklaarde Erdogan de financiële oorlog aan gemeenten die bestuurd worden door de grootste oppositiepartij, zijn aartsrivaal. In dezelfde week opende hij de aanval op drie journalisten van de oppositie. Tegen een van hen werd een proces aangespannen: ze werd voor zevenenhalf jaar naar de gevangenis gestuurd. De tweede werd ’s ochtends vroeg voor haar huis gearresteerd. De derde, Özlem Gürses, presentatrice van een van de populairste nieuwsprogramma’s, kreeg huisarrest en een enkelband. Haar tv-zender verplaatste de studio vervolgens naar haar woonkamer, waar zij het ochtend­programma nu ter plekke opneemt.

    Degenen die Gürses onder huisarrest plaatsten, ­lieten tegelijkertijd IS-terroristen vrij die bloedige aanslagen hadden gepleegd in Turkije. Bij de aanslag op de luchthaven van Istanboel in 2016 doodde IS 45 mensen, onder wie drie buitenlandse terroristen. Zes Turkse burgers die de terroristen hadden geholpen en een rol hadden gespeeld bij het plannen van de aanslag werden onmiddellijk gearresteerd en veroordeeld tot 46 keer ‘levenslang’. Maar wat een toeval: op het moment dat Erdogans inlichtingenchef in Damascus de hand van Al-Sharaa schudde, liet onze rechterlijke macht deze IS-terroristen vrij. Een paar dagen later werden bovendien achttien mensen vrijgelaten die IS aantoonbaar financieel hadden gesteund. 

    En terwijl de straffen tegen deze terroristen werden herroepen, nam de rechter vorige week een ‘gevaarlijke’ persoon onder handen: een zestien­jarige middelbare scholier werd veroordeeld tot tien maanden gevangenisstraf voor het beledigen van de president. En met dit vonnis werd de wens van de student om in 2025 niet te sterven ook een leuze van middelbare scholieren. 

  • Grote nederlaag partij Erdogan bij lokale verkiezingen in Turkije

    Grote nederlaag partij Erdogan bij lokale verkiezingen in Turkije

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Poetin roept 150.000 Russen op voor militaire dienstplicht

    » Enorme demonstratie in Tel Aviv tegen Israëlische regering

    Onder meer in Istanbul verloor de partij van de president

    Turkse stemmers hebben president Tayyip Erdogan en zijn partij zondag een grote verkiezingsnederlaag toegebracht bij landelijke lokale verkiezingen, meldt Al Jazeera. De oppositie won ruim in enkele belangrijke steden. De burgemeester van Istanbul, Ekrem Imamoglu, versterkte zijn positie als de belangrijkste rivaal van de president.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Met de meeste stemmen geteld, leidde Imamoglu met 10 procentpunten in de burgemeestersrace in Istanbul, terwijl zijn Republikeinse Volkspartij (CHP) Ankara behield en vijftien andere burgemeesterszetels won in andere Turkse steden. Het betekende de ergste nederlaag voor Erdogan en zijn AKP in de meer dan twee decennia dat ze aan de macht zijn in Turkije.

    Erdogan, die de uitslag een ‘keerpunt’ noemde, deed het met de AKP het slechter dan opiniepeilingen voorspelden. De stijgende inflatie, ontevreden islamistische kiezers en Imamoglu’s aantrekkingskracht in Istanbul, zouden een doorslaggevende rol hebben gespeeld.

  • Het leven in Turkije na de aardbeving: ‘Het zal nooit zijn alsof het niet gebeurd is’

    Het leven in Turkije na de aardbeving: ‘Het zal nooit zijn alsof het niet gebeurd is’

    Tijdens de aardbeving in Turkije zes maanden geleden verloor Turgut Aslantürk alles. Zijn vader, zijn broer, vrienden, buren. En zijn aanstaande bruid. Hij stopte met praten en op een gegeven moment ook met zoeken. Hij leeft nog, maar dat is alles.

    ‘We zijn gestorven,’ zegt hij later. Wat natuurlijk niet klopt – die zin kan niet bestaan. Niet in de eerste persoon meervoud in de voltooid tegenwoordige tijd. Maar toch is zijn uitspraak waar.

    De laatste minuut van wat zijn leven was, begon om 4.16 uur op 6 februari. Hij had nachtdienst, hij was wakker, hij stond in het uniform van zijn beveiligingsbedrijf bij de ingang van de kliniek waar hij werkt als bewaker. In Kahramanmaras, een kleine stad in Zuid-Turkije, hoog gelegen, koud in de winter, warm in de zomer, nog altijd arm.

    Noodlot, geluk, toeval – zijn rooster zorgde ervoor, als je het zo wilt noemen. Hoe dan ook, Turgut Aslantürk was niet thuis en lag niet in zijn bed toen het plafond naar beneden kwam, samen met beton en staal. Het appartement waar hij met zijn familie woonde en dat instortte, lag op de vierde verdieping van een gebouw met zeven woonlagen. In zijn woorden ‘stortte de wereld in boven onze hoofden’. Om 4.17 uur ’s ochtends schudde de aarde. Daarna deed tijd er niet meer toe.

    Tijdlijn vol overledenen

    Hij vertelt dat hij ’s nachts onmiddellijk vertrok. Weg van de kliniek – hij moest naar huis, checken, weten wat er aan de hand was. Onderweg belde hij zijn vader. Geen antwoord. Toen stond hij voor het huis dat hij een paar uur daarvoor had verlaten om naar zijn werk te gaan. Althans, hij stond voor wat zijn huis was geweest. Een nieuwe woonwijk, pas een paar jaar geleden gebouwd. De huizen moesten tegen elkaar zijn gezakt en toen zijn ingestort. Het duurde even voordat hij doorhad op welk deel van de berg puin zijn huis eindigde en dat van de buren begon.

    Urenlang stond hij daar. Hij ging niet weg. Alle drie werden ze op de eerste dag gevonden: zijn ouders en zijn broer. Hij zag hoe de reddingswerkers de lichamen wegdroegen. Zijn moeder ademde nog. Ze was de enige overlevende van de vijf in het huis, vijf van de honderdzeventig totaal. Dat was zijn kans op overleven geweest als hij in zijn bed had gelegen. Geluk?

    Zes maanden later vertelt hij over zijn tijdlijn op Instagram. Die stopte die nacht als een klok, net als zijn leven. Het is een tijdlijn vol overledenen – veel mensen zijn er niet meer. Turgut Aslantürk scrolt door de foto’s van de doden. Meer dan vijftigduizend mensen stierven alleen al in Turkije door de aardbeving, tienduizenden daarvan in Kahramanmaras. Op zijn Instagram-feed telt hij honderd doden. Zijn vader, zijn broer. Vrienden. Buren. Zijn bruid ook, zijn aanstaande bruid. Het zal nog even duren voordat hij haar naam noemt.

    We zijn gestorven, zegt hij. Zijn leven hield op. En toch wordt hij gewoon elke ochtend wakker, als hij tenminste geslapen heeft, of hij wil of niet. Het wordt licht, het wordt zomer. Hoe gaat het verder? Gaat het verder?

    De eerste keer dat ik hem ontmoette, was hij op zoek naar iets. Een stoere kerel, maar niet onvriendelijk. Eentje met een kaal hoofd, een klein snorretje, 34 jaar oud. De werkers kenden hem al. Met hun graafmachines groeven ze het puin weg van wat drie weken eerder zijn huis was geweest. En nu was hij, Turgut Aslantürk, de enige die hier nog elke dag kwam.

    Niemand verwachtte nog iets uit het puin, de laatste stemmen van de slachtoffers waren verstomd, er waren geen wonderen meer te verwachten, er lagen alleen nog dode mensen onder. Alles wat ooit bezit was lag er, ontwricht, vastgeklemd tussen stukken muur en ijzerdraad. Alle spijkerbroeken, schoolboeken, slippers. Een samengeperst leven.

    Turgut Aslantürk leek verlegen. Hij keek je niet aan, keek je niet in de ogen, hij richtte zijn blik op een punt ergens in de verte. Hij droeg de zwarte jas van zijn beveiligingsbedrijf, een zwarte broek, een zwarte rugzak op zijn rug. Zo liep hij tussen de graafmachines door over het met puin bezaaide terrein. Te midden van het stof en het gebrul van de machines. De andere overlevenden kwamen niet meer, die waren vertrokken naar de tentenkampen, ze bleven weg. Waar kwam hij voor?

    ‘Om iets te vinden,’ zei Turgut Aslantürk.

    Eén procent

    Hij had een soort van speciale vergunning, afgegeven door de graafmachinisten, hij mocht op de puinhoop komen. Bijna niemand anders mocht dat, het was te gevaarlijk. Alleen hij, want het was gewoon zijn adres. Een goed adres, had hij destijds gedacht. Naast het puin stonden nog de reclameborden van de bouwbedrijven: een nieuwe wijk, zoals overal in Turkije. Moderne gevels voor de Turkse middenklasse. Erdogans brave new world, snel gebouwd. Te snel.

    Enorme woede voelde hij op die koude dag in februari, twee weken later, toen er nog steeds sneeuw lag op de bergen boven Kahramanmaras. Nog niet alle doden lagen onder de grond – ze werden nu begraven in massagraven buiten de stad. ‘Ze moeten gestraft worden.’ Dat bleef hij maar zeggen. Met ‘ze’ bedoelde hij de regering. Erdogan, die hier altijd driekwart van de stemmen kreeg. Hij riep het tegen het lawaai van de gravers: ‘Slechte bouw! Slecht cement! Slechte grond!’ Vroeger was hier een moeras, en een akker. De moderne gevels die erop werden gezet, zijn ingestort.

    Turgut Aslantürk was op zoek naar iets wat hem zou verbinden met zijn leven van voor 6 februari

    En nu waren ze alles al aan het wegscheppen, aan het platwalsen als schroot. En hij dan? Hij had niets, helemaal niets. Hij had alleen nog wat hij de avond ervoor had meegenomen naar zijn nachtdienst. Wat zocht hij? ‘Iets persoonlijks.’ Hij was op zoek naar iets, zei hij, wat van zijn familie was geweest. Een foto misschien. Iets. ‘En het oude zwaard.’ Een erfstuk. Een stuk uit de Ottomaanse tijd, niet waardevol, maar wel iets ‘uit ons verleden’. Turgut Aslantürk was op zoek naar iets wat hem zou verbinden met zijn leven van voor 6 februari. Iets om aan te raken. Iets om te kunnen geloven dat dat leven echt had bestaan. In die tijd ging hij nog elke dag naar zijn werk, altijd in dezelfde kleren. Na afloop nam hij dan de bus naar het centrum, net als vroeger, de oude weg naar huis. Dan zocht hij een tijdje in het puin, maar vond geen zwaard, vond helemaal niets. ’s Avonds ging hij naar een van de opvanglocaties voor slachtoffers van de aardbeving in een basisschool, en ging dan in een hoekje liggen slapen.

    Alleen zijn. Turgut Aslantürk wilde niets liever dan dat. Hij wilde urenlang door het puin lopen, alleen tussen de graafmachines, strijdend met hun schoppen. Maar elke dag werd het minder waarschijnlijk dat hij nog iets zou vinden. ‘Eén procent.’ Zo hoog schatte hij zijn kansen in. Hij wist dat die eigenlijk nog dichter bij nul lagen. Maar hij kon er niets aan doen. Morgen zou hij terugkomen, zei hij.

    Hij was al bijna vertrokken, maar toen begon hij te smeken. De stoïcijnse Turgut Aslantürk – de man alleen op de berg puin, de man die even boos werd, maar die verder zijn kalmte had bewaard – vergat zijn trots. ‘Kan niemand me dan helpen? Kunnen jullie in Istanbul vragen wie me zou kunnen helpen? Is er dan helemaal geen hulp? Helemaal niets?’ Toen draaide hij zich om, naar de ravage van zijn huis om opnieuw in het puin te duiken.

    Ademhalingsoefeningen

    Een containerlandschap moest het nieuwe centrum worden van zijn stad, van Kahramanmaras. Vlak naast de ingestorte huizen van zijn wijk. Bakkerijen. Banken. Mobieletelefoonwinkels. Alles in containers naast elkaar, een winkelcentrum van blik. Het zou eruit moeten zien alsof het leven in de lente normaal doorging, maar nu zag het er alleen maar doods uit. Bussen met forenzen reden door het kapotte stadscentrum – het leven van alledag ging door, zij aan zij met de ramp. In het blikken winkelcentrum, op de rand van een muurtje, zat Turgut Aslantürk. Hij had die dag vrij.

    Hij had niets meer, maar was nog steeds werknemer. Hij was de man van februari. Hij sprak in korte zinnen. Zinnen die niet tot een gesprek leidden, maar alleen tot stilte. Had hij iemand om mee te praten? ‘Niemand, er is niemand meer.’ Zijn moeder? ‘Ze ligt in het ziekenhuis.’ In shock, net als hijzelf. Psychologische hulp? Hem waren ademhalingsoefeningen geadviseerd. ‘Dat helpt misschien twintig procent.’

    Zo zat het dus, hij was twintig procent oké. Hij woonde in de school, nog steeds. In Kahramanmaras waren de huren na de beving gestegen, ze waren verveelvoudigd. Mensen van de gemeente gingen rond en controleerden de onbeschadigde huizen op bestendigheid tegen aardbevingen. Naar verluidt sloegen ze binnen op de muren, waarna ze de huizen veilig verklaarden. Die werden zo gewild dat bijna niemand ze kon betalen. Maar veilig? Wie moest dat geloven?

    Turgut Aslantürk wilde weg. Nee, hij was niet meer de man die hij in februari nog was. Een maand lang, tot in maart, was hij elke dag naar de puinhoop van zijn huis gegaan en had hij niets gevonden. Nu vermeed hij de aanblik, vermeed hij de buurt en het liefst zou hij de hele stad, en nog liever het land, mijden. ‘Er zijn toch veel Turkse arbeiders in Duitsland?’ vroeg hij. ‘Kan ik daar niet heen? Wat doe ik hier nog?’

    Psychologen uit Istanbul en Ankara werkten nu als vrijwilliger in het aardbevingsgebied. In de containerstad beschreef Nazan Rümeysa Tekin – een therapeute uit Ankara en gespecialiseerd in trauma’s – wat er was gebeurd met iemand als Turgut Aslantürk. ‘Dit zijn de zwaarste gevallen,’ zei ze. ‘Dit zijn degenen die hun hele netwerk, alles, zijn kwijtgeraakt.’

    ‘Je bent niet gek geworden, er is alleen iets geks met je gebeurd’

    Volgens Nazan Rümeysa Tekin moet ze haar patiënten steeds opnieuw één ding vertellen, keer op keer: je bent niet gek geworden. Er is alleen iets geks met je gebeurd. Mensen durven amper gebouwen te betreden of te slapen, ze hebben angst voor de nacht. Om 4.17 uur kwam de beving als een nachtmerrie.

    Van elke vijf mensen die de beving hebben meegemaakt, is er een ernstig getraumatiseerd. Ze zouden hoofdpijn hebben van het geschreeuw. De psycholoog zegt dat het geschreeuw van degenen die door de aardbeving bedolven werden niet kan worden uitgewist, dat het in de geest blijft hangen. Voor altijd? ‘Het zal nooit zo zijn alsof je het niet hebt meegemaakt.’ Het enige wat je kunt doen, is proberen een nieuw leven op te bouwen. Nieuwe huizen, nieuwe vrienden. ‘Een mooi leven, misschien,’ aldus Nazan Rümeysa Tekin.

    Voor haar, 25 jaar oud en net van de universiteit, is het haar eerste crisismissie. ‘Maar zoiets als dit maakt iedereen eens voor de eerste keer mee,’ zegt ze in haar containerkantoortje.

    In april dacht Turgut Aslantürk na over hoe hij zijn schulden kan afbetalen. Want die waren er nog, net als zijn baan en de jas van zijn bedrijf. Zijn schuld bedraagt 70.000 Lira – voor de beving was dat zo’n 3500 euro. ‘Voor de bruiloft,’ vertelde hij. Voor de nieuwe flat met zijn bruid. Ze zouden het in de herfst vieren.

    Obstakel

    De derde ontmoeting. Hij staat op wacht voor zijn kliniek, in de namiddag, het is bloedheet, maar toch draagt hij zijn zwarte uniformjasje. Hij is altijd komen opdagen voor zijn dienst, elke dag. Dat is normaal, toch?

    Hij heeft even pauze. Turgut Aslantürk drinkt een kopje thee in de kantine, een container die voor de kliniek staat. Voor zijn werkplek. Binnen, in de kantinecontainer, doet de airconditioning haar werk. Verpleegkundigen eten toast, chocoladerepen. ‘We moeten weer bij zinnen komen,’ zegt hij. Zo begint het gesprek. Deze keer is hij aanweziger, maar zijn zinnen zijn nog steeds karig. Vandaag praat hij in ieder geval. Turgut Aslantürk vertelt. Over Seyma.

    Nou ja, vertellen is een groot woord. Het blijft een obstakel in het gesprek. Als je erover begint, slaat hij dicht. Geen details over haar, niets over hoe ze was. Een buurvrouw, een vriendin, jonger dan hij. Vijfentwintig. Wederzijdse vrienden stelden hen aan elkaar voor, een jaar voor de beving. Hij hield van haar vriendelijkheid, zegt Turgut Aslantürk. ‘Ze wilde altijd alles delen.’ Een goed mens. Zijn blik wordt nerveus, dwaalt af naar beneden, naar de tafel. ‘In september zouden we …,’ zegt hij. Trouwen.

    Nog geen vol jaar na de beving. Dan zouden ze hun intrek hebben genomen in een nieuwe flat, waarvoor Turgut Aslantürk al dingen had gekocht, de wasmachine, de televisie. Ze zouden met z’n tweeën verhuizen, misschien weg van het centrum. Verder weg, naar waar de meeste gebouwen overeind zijn gebleven, naar waar de overgrote meerderheid van de mensen het overleefd heeft. Waren ze eerder getrouwd, dan was de aarde later gaan schudden, slechts enkele maanden maar.

    Is dat wat hij denkt? Nu, een half jaar later? ‘Altijd,’ zegt Turgut Aslantürk. ‘Elke dag.’

    In april wilde hij niets liever dan vertrekken, nu trekt hij zich steeds verder terug. Hij slaapt nu in een containerkamp, maar niet samen met anderen in een container, ook al is er airconditioning. Hij woont in een tent. Alleen. Zo wil hij het. Hij heeft een deur die hij dicht kan doen. Van canvas weliswaar, maar het is een deur.

    Het moeilijke, zegt de psycholoog uit Ankara, is dat de aardbeving maar doorgaat voor sommigen. Door het leven in het kamp, door de noodtoestand. Het is moeilijk voor mensen om ermee in het reine te komen zolang zich niets nieuws voor hen aandient. Maar wat zou dat moeten zijn? Het kost tijd.

    De steden zijn in juli nog net zo kapot als in april en het leven is nog even provisorisch, met supermarkten in containers

    Zes maanden is niet lang. Als je voor de derde keer naar het aardbevingsgebied reist, verwacht je dat er iets veranderd is. Je ontmoet Turgut Aslantürk voor de derde keer, je ziet de ruïnes weer, de ravage en de graafmachines in het puin. Er ligt zoveel puin dat je er hele steden mee zou kunnen bedekken. De steden zijn in juli nog net zo kapot als in april en het leven is nog even provisorisch, met supermarkten in containers en daarnaast het dagelijkse leven van degenen die het geluk hebben dat hun huis nog overeind staat.

    Door de hitte ruik je nu de lijken. Vlak naast de ruïnes, op een bankje in het park, flirten twee jongens en twee meisjes met elkaar, het is zomer. Er is een oudere vrouw, die met haar auto rond de verwoeste huizen van familieleden rijdt, zoekend. Net als Turgut Aslantürk. Ze zoekt niet naar iets persoonlijks zoals hij, maar naar dingen die ze kan gebruiken. Ze komt net uit de ruïne van haar oom, een strijkplank in haar handen.

    Haar huid is rood van de zon, haar hand trilt. Dit is de eerste keer dat ze hier komt. Naar huis zou ze zeggen, als het niet zo fout zou klinken. ‘Eerst ging het niet,’ zegt ze. Een half jaar lang kon ze niets. ‘De eerste maand trilde ik alleen maar.’ Net als Turgut Aslantürk draagt ze een getal met zich mee. Ze noemt het meteen als haar gevraagd wordt of ze mensen is kwijtgeraakt. ‘Ja, dat ben ik,’ zegt ze. ‘Veertig.’

    Ze stopt de strijkplank in de auto en rijdt weg. Voor het huis van haar oom waait een vel papier op door de wind. Het is een CV van een jonge vrouw, ingenieur, heel goed in Microsoft Excel.

    Geen plannen

    Op dezelfde dag ontmoet je twee andere vrouwen, allebei voor het eerst in de stad sinds de aardbeving, allebei lopend tussen het puin. De ene huilt stilletjes, de andere luid. Ze lopen door hun stad alsof de aardbeving gisteren heeft plaatsgevonden. Geschokt door wat ze zien. De meeste anderen doen alsof de ruïnes normaal zijn en schenken er geen aandacht meer aan. Schok en onverschilligheid, er zit maar weinig tussen.

    Ook voor hem, voor Turgut Aslantürk. Hij heeft niet alleen de anderen verloren, maar ook zichzelf. Waarschijnlijk omdat een mens alleen bestaat in relatie tot anderen. Zonder de anderen weet hij niet meer wie hij is. Turgut Aslantürk kent zichzelf niet meer, dát is zijn verhaal.

    Nu, in juli, zijn de emoties opgelost, alsof hij niets meer voelt. Woede? Leidt tot niets. Zelfs woede op Erdogan of op de regering niet. In mei ging hij niet naar de stembus. Weggaan? Moeilijk. Hij laat het leven even los. Hij gaat aan het werk of bezoekt zijn moeder en doet dan van binnen zijn tent op slot. Er zijn geen plannen meer, zegt hij.

    Natuurlijk, hij is jong. Ooit zal hij weer in een flat wonen. Als er één ding is dat de Turkse regering kan, dan is het bouwen. De eerste bouwplaatsen in het aardbevingsgebied zijn al te zien, de president heeft iedereen nieuwe huizen beloofd voor volgend jaar. Experts zeggen dat dat niet kan, dat er weer te snel gebouwd wordt.

    Turgut Aslantürk zal zijn leven weer in elkaar moeten zetten, ooit zal hij zijn tent verlaten. Misschien neemt hij deze winter zijn intrek in een van de containers. Nieuwe mensen vinden, vrienden die zijn tijdlijn op Instagram tot leven brengen. Een vrouw als Seyma misschien, of iemand heel anders, iemand die hij niet meer met Seyma vergelijkt. Niet nu, maar over een half jaar. Nu is het nog te vroeg.

    ‘Het zal nooit zijn alsof het niet gebeurd is.’ Met die zin van de psycholoog zal hij moeten leven. Zelf zegt hij: ‘Het zal nooit meer hetzelfde zijn.’ De thee is op, wat valt er verder nog te zeggen? ‘Niets,’ zegt Turgut Aslantürk. Hij moet weer aan het werk, de kliniek bewaken.

    Vandaag en morgen ook en elke dag daarna.

  • Turkije zwicht toch: Zweden wordt lid van de NAVO

    Turkije zwicht toch: Zweden wordt lid van de NAVO

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Parlement Israël stemt in met omstreden herziening rechtssysteem

    » Poetin sprak Prigozjin enkele dagen na muiterij

    Turkije lag lang dwars bij de toetreding van het land

    Aan de vooravond van de NAVO-top in Vilnius is er verrassend nieuws te melden. Volgens Jens Stoltenberg, secretaris-generaal van de NAVO, is Turkije akkoord met de toetreding van Zweden tot de alliantie, meldt CNN. Het akkoord wordt nu voorgelegd aan het Turkse parlement.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Hoewel Stoltenberg al eerder sprak van een positieve houding van Turkije jegens het NAVO-lidmaatschap van Zweden, leek Turkije de afgelopen dagen wat terughoudender. Zo kwam het op maandag met aanvullende eisen, waaronder een heropening van toetredingsgesprekken voor Turkije tot de Europese Unie. Of daar nieuwe afspraken over zijn gemaakt is niet bekend.

    Op dinsdag gaat in Vilnius een tweedaagse NAVO-top van start. Men hoopte op die top Zweden te kunnen presenteren als nieuw lid, maar die gebeurtenis laat nog even op zich wachten. Hongarije, een andere dwarsligger, heeft ook toegezegd akkoord te zullen gaan.

    Lees ook:

  • Erdogan legt campagne tijdelijk stil vanwege gezondheidsklachten

    Erdogan legt campagne tijdelijk stil vanwege gezondheidsklachten

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Schrijfster getuigt in verkrachtingszaak Trump

    » Zelensky en Xi Jinping houden ‘lang en veelbetekenend telefoongesprek’

    De Turkse president werd onwel tijdens een tv-interview

    De Turkse president Recep Tayyip Erdogan heeft zijn verkiezingscampagne tijdelijk stilgelegd. De huidige Turkse leider zal ten minste voor een maand geen fysieke campagneoptredens geven, schrijft Al Arabiya op basis van een verklaring van de AK-partij. Tijdens een interview op de Turkse televisie werd Erdogan onwel, hoewel het voorval niet werd geregistreerd door de camera. De uitzending werd onderbroken en de Turkse president zou vervolgens naar het ziekenhuis zijn gegaan.

    Hoewel in sommige media wordt gespeculeerd dat Erdogan een hartaanval heeft gehad, gaat het naar eigen zeggen om buikgriep en was hij daardoor misselijk tijdens het interview. Zijn adviseurs zeggen dat Erdogan, die niet eerder met gezondheidsproblemen kampte, donderdag weer aan het werk zal gaan.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Over enkele weken, op 14 mei, worden in Turkije presidentsverkiezingen gehouden en voor Erdogan, president sinds 2014 en daarvoor elf jaar premier, is het allerminst een uitgemaakte zaak dat hij wordt herkozen. Een brede alliantie aan oppositiepartijen hebben met de vierenzeventigjarige Kemal Kilicdaroglu van de Republikeinse Volkspartij (CHP) een kandidaat naar voren geschoven die er in sommige peilingen beter voor staat dan Erdogan.

    Lees ook:

  • Komt er na twee decennia een einde aan de heerschappij van Erdogan?

    Komt er na twee decennia een einde aan de heerschappij van Erdogan?

    Torenhoge inflatie, een verwoestende aardbeving: de Turkse leider Erdogan staat onder druk. Met de verkiezingen in aantocht ziet de oppositie haar kans schoon om na twintig jaar de macht over te nemen.

    Het gebeurt niet vaak dat de Turkse oppositieleider Kemal Kiliçdaroglu op een zaterdagavond twee uur de tijd krijgt voor een televisieoptreden op prime time. Kiliçdaroglu – in zwart pak met rode das, montuurloze bril op – was op zaterdag 14 januari de enige gast in de politieke talkshow van een gerenommeerde journalist op de particuliere zender TV100. Tijdens het interview verschenen aan de rand van het beeld zwaarbewapende mannen en de tekst ‘Sadat’. 

    Sindsdien is de oppositie woedend, ook al was het beeld van de gewapende mannen geen commentaar maar een reclameboodschap. Sadat is een Turks beveiligingsbedrijf dat vaak wordt vergeleken met de Russische Wagner Group. Het werd opgericht door een oud-generaal die publiekelijk zijn islamistische overtuiging kenbaar maakt. Kiliçdaroglu, leider van de seculiere CHP, noemde Sadat onlangs een ‘paramilitaire organisatie’ en ‘een gevaar voor de nationale veiligheid’.

    Dit jaar zijn er in Turkije nieuwe parlementsverkiezingen en wordt ook de president gekozen, allemaal op één dag. Tot nu toe kon Recep Tayyip Erdogan altijd vertrouwen op zijn politieke talent en de mobilisatiekracht van zijn conservatief-islamitische AKP. Maar nu hij twintig jaar aan de macht is, kunnen de tegenwerkende krachten niet meer worden genegeerd. Het land gaat gebukt onder een verschrikkelijke inflatie, die in het najaar een recordhoogte van 85,5 procent bereikte. Door de desintegratie van de rechtsstaat en het oude euvel van corruptie blijven investeerders op afstand. Steeds meer jonge, goed opgeleide Turken vertrekken naar het buitenland.

    De oppositie belooft de grondwet opnieuw te veranderen

    In Turkije zijn de peilingen maar in beperkte mate te vertrouwen, maar ze zijn wel unaniem: de achtenzestigjarige Erdogan zou de verkiezingen wel eens kunnen verliezen. Uitgerekend nu het honderd jaar geleden is dat Kemal Atatürk de republiek oprichtte, wat tot een jubeljaar voor de regering had moeten leiden.

    Erdogan heeft het land sinds 2003 ingrijpend veranderd, eerst als premier en na 2014 als president. Veel zaken heeft hij gemoderniseerd. Maar de laatste tijd maakt hij steeds meer gebruik van vrijwel onbeperkte bevoegdheden en treedt hij steeds autoritairder op. De oppositie belooft de grondwet opnieuw te veranderen: weg van het ‘uitvoerende presidentschap’ en terug naar de parlementaire democratie.

    Vervroegde verkiezingen

    De verkiezingen moeten uiterlijk op 18 juni plaatsvinden, maar Erdogan heeft laten doorschemeren dat de datum vervroegd kan worden. Hij lijkt haast te hebben, mogelijk omdat hij bang is dat het effect van de recente uitkeringen voor armlastigen zal wegebben. Op zijn initiatief werd in aanloop naar de verkiezingen het minimumloon aanzienlijk verhoogd en er werd een huisvestingsprogramma voor de lagere klassen aangekondigd. De regering zette grote supermarkt-ketens onder druk om de prijzen van duizenden producten voor januari te verlagen of te bevriezen. Enkele filialen van een grote winkelketen, die zich aanvankelijk verzetten, werden bezocht door burgemeesters van de AKP en de ultranationalistische coalitiepartij MHP.

    Meer dan twee miljoen Turken kunnen nu eerder met pensioen. Erdogan hield dat lange tijd af: ‘Aan die maatregel zijn de Scandinavische landen ten onder gegaan.’ Nu heeft hij toch gekozen voor een pensioenhervorming die minstens twee miljard euro gaat kosten.

    De president houdt de mensen niet alleen een wortel voor de neus, hij hanteert ook de stok voor zijn tegenstanders. Daarbij wordt hij een handje geholpen door de rechterlijke macht; uit de hoeveelheid rechtszaken valt af te lezen dat Ekrem Imamoglu zijn gevaarlijkste concurrent is. Deze burgemeester van Istanboel, tevens lid van de oppositiepartij CHP, werd in december veroordeeld tot twee jaar en zeven maanden gevangenisstraf. Bovendien kreeg hij een verbod om politiek te bedrijven, omdat hij ambtenaren zou hebben beledigd. 

    Maar één veroordeling is blijkbaar niet genoeg. Er lopen nog twee andere zaken tegen Imamoglu

    Totdat het hof van beroep uitspraak doet, is dat vonnis echter niet juridisch bindend. Het hangt als het zwaard van Damocles boven het hoofd van de tweeënvijftigjarige Imamoglu. Deze politieke popster wist bij de lokale verkiezingen van 2019 een spectaculaire overwinning te behalen op de conservatieven, die al vijfentwintig jaar lang domineren in het stadhuis van Istanboel, waar ook de carrière van Erdogan ooit begon. De rechter die Imamoglu niet schuldig bevond, werd overgeplaatst naar een buitenpost, ver weg in de provincie. Een andere rechter werd aangesteld.

    Maar één veroordeling is blijkbaar niet genoeg. Er lopen nog twee andere zaken tegen Imamoglu: een voor vermeende bevordering van terreur en een andere voor corruptie. Als burgemeester van een voorstad zou Imamoglu in 2014 een overheids-opdracht hebben gegund aan een niet-gekwalificeerd bedrijf. Die zaak is allang afgehandeld door de hoogste administratieve rechtbank, aldus Imamoglu. ‘Mijn handtekening staat niet eens in de aanbestedingsprocedure.’

    15 juni

    Het Openbaar Ministerie eist tot zeven jaar gevangenisstraf. Datum van het proces: 15 juni. Die datum zal dan wel vlak voor de presidentsverkiezingen vallen, dan wel tussen twee stemrondes in. Dat laatste is het geval als geen enkele kandidaat in de eerste ronde 50 procent van de stemmen haalt, wat goed mogelijk is als de Koerdische HDP-partij als aangekondigd een eigen kandidaat voordraagt.

    Bij de parlementsverkiezingen van 2018 kreeg de linkse HDP bijna 12 procent van de stemmen: genoeg voor een sleutelrol. Maar het wordt de Koerdische partijen in Turkije niet makkelijk gemaakt. Er loopt een verbodsprocedure tegen de HDP omdat de partij dicht bij de verboden partij PKK zou staan, die ook in Europa als een terroristische organisatie wordt beschouwd. Het constitutionele hof blokkeerde op 5 januari de toegang van de HDP tot staatsfinanciering van politieke partijen.

    De bekendste HDP-politicus, Selahattin Demirtas, zit bovendien al sinds 2016 in de gevangenis. Naar het oordeel van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens is hij politiek gevangene. Demirtas, die er op zijn negenenveertigste nog jeugdig uitziet, zorgt er met zijn dagelijkse speelse, uitdagende tweets voor dat hij niet wordt vergeten. Maar dat wil de regering hem nu onmogelijk maken, in de vorm van een verbod op alle communicatie met advocaten en met familieleden die het Twitterprofiel van Demirtas beheren. Zelfs in Turkije is dat niet zo eenvoudig te realiseren. Met het oog op de verkiezingen adviseerde Demirtas de minister van Justitie in een tweet om zich te haasten, ‘want er is niet veel tijd meer voordat u mogelijk onze plek inneemt’.

    Tafel van Zes

    De tegenstanders van Erdogan hebben voor het eerst een brede alliantie gevormd, de Tafel van Zes. Het spectrum van de zes partijen loopt van seculier-links tot nationaal-rechts. Er zitten ook prominente ex-AKP-leden bij, onder wie de voormalige premier en oud-minister van Buitenlandse Zaken Ahmet Davutoglu. Hun gemeenschappelijke doel is om een einde te maken aan de macht van Erdogan. De Koerden zijn aan deze tafel niet uitgenodigd.

    Oppositieleider Kiliçdaroglu heeft naar verluidt ambities om zich kandidaat te stellen voor het presidentschap. Maar deze politicus met zijn grijze slapen is meer technocraat dan volksheld. Bovendien is hij aleviet, een religieuze minderheid in het overwegend soennitische Turkije.

    Volgens peilingen zou Imamoglu een betere kans maken tegen Erdogan, maar die zit binnenkort wellicht achter de tralies. De burgemeester van Ankara, Mansur Yavas, die in 2019 voor de oppositie de hoofdstad veroverde, maakt eveneens een goede kans. Maar hij is tevens oud-militair en was ooit ook conservatief.

    Kemal Kilicdaroglu is op 6 maart gekozen door de oppositiepartijen als hun kandidaat om het op te nemen tegen Erdogan. De vierenzeventigjarige Kilicdaroglu is al sinds 2010 voorzitter van de Republikeinse Volkspartij (CHP), de grootste partij binnen de Tafel van Zes. De oppositieleider presenteert zich als gematigd, seculier en pro-Westers. Toch was er binnen de oppositiepartijen geen consensus over zijn kandidaatstelling: de nationalistische IYI-partij verweet hem een gebrek aan charisma en zei dat bijvoorbeeld de burgemeesters van Istanbul of Ankara meer kans zouden maken vanwege hun bekendheid.

  • Het vertrouwen in de Turkse overheid ligt in puin

    Het vertrouwen in de Turkse overheid ligt in puin

    Het land was een bouwplaats. Nu is het een begraafplaats geworden. En dat is de verantwoordelijkheid van Erdogan en zijn regering, schrijft de Turkse journalist Aysegül Sert.

    Aardbevingen vormden in de loop van de Turkse geschiedenis al vaker belangrijke keerpunten. In luttele seconden verwoestten ze de stilte. Mijn woonplaats Istanboel werd in 1999 getroffen. Er vielen meer dan zeventienduizend doden en nog veel meer gewonden. Ik wist altijd al dat je rekening moest houden met aardbevingen, dat ze te verwachten zijn in een land dat op de Anatolische Plaat ligt en aan twee grote breuklijnen grenst. Maar ik had er nog nooit een meegemaakt, of de nasleep ervan gezien. Wekenlang sliepen mensen buiten, in parken, aan de waterkant, op straat en in stadions. Sommigen konden niet terug naar hun huizen, omdat die verwoest waren. Anderen waren bang om terug te keren naar hun huizen die nog wel overeind stonden.

    Die ramp, en de trage reddingsoperaties die erop volgden, zorgden ervoor dat de AKP – de Partij voor Rechtvaardigheid en Ontwikkeling – aan de macht kwam. De AKP beloofde een modern en transparant beleid en heeft sindsdien het land bestuurd. Ondanks haar beloften heeft de partij tientallen jaren verspild: ze hebben alleen het eigen regime in stand gehouden en zich gelaafd aan hun eigen ideologische prioriteiten. Op de huidige catastrofe hebben ze zich op geen enkele manier voorbereid.

    Vragen

    Turkije en Syrië werden op 6 februari getroffen door twee zware aardbevingen, waarbij meer dan vijftigduizend mensen omkwamen en meer dan honderdduizend gewonden vielen. Velen worden nog vermist. In Turkije zijn meer dan elfduizend woonhuizen en bedrijfsgebouwen ingestort.

    De eerste aardbeving had een magnitude van 7,8 en trof de stad Gaziantep, die grenst aan Syrië, kort na vier uur ’s nachts, terwijl iedereen sliep. Er wonen zo’n half miljoen Syrische vluchtelingen, die opnieuw een afschuwelijk gevoel van ontheemding ondergingen. De provincie Kahramanmaraş, die 95 kilometer noordelijker ligt, werd negen uur later getroffen door een beving met een magnitude van 7,5. Verschillende Turkse steden zijn zwaar getroffen. In Griekenland, Cyprus en Libanon werden nog lang naschokken gevoeld.

    Ongeveer 380.000 mensen hebben na de aardbeving hun toevlucht gezocht tot hotels, slaapzalen, gemeenschapscentra en andere faciliteiten. President Recep Tayyip Erdogan kondigde voor drie maanden de noodtoestand af in de provincies die het zwaarst door de ramp zijn getroffen, en stelde zeven dagen van nationale rouw in. Want dat is hoe we het in Turkije altijd doen: vandaag rouwen we erom, morgen zijn we het weer vergeten. Totdat de volgende tragedie zich aandient.

    Maar de Turkse bevolking heeft allerlei vragen aan de regering. Wat is er gebeurd met de miljarden dollars die we sinds de ramp van 1999 aan ‘aardbevingsbelastingen’ hebben betaald? Waarom heeft men zich niet hoeven houden aan de bouwvoorschriften die bedoeld waren om gebouwen aardbevingsbestendig te maken? Waarom is er, ondanks de waarschuwingen van deskundigen en de beloften van politici, niet meer gedaan om al deze doden te voorkomen?

    De ontevredenheid maakte de weg vrij voor de haast messiaanse belofte van de AKP: de creatie van een ‘Nieuw Turkije’

    Toen de AKP zo’n twintig jaar geleden aan de macht kwam, was de partij nog vrij onbekend. Kiezers omarmden de AKP omdat ze genoeg hadden van het oude bestuurssysteem en de bijbehorende partijcoalities, het gebrek aan transparantie, het politiegeweld en de financiële ongelijkheid. Die ontevredenheid maakte de weg vrij voor de haast messiaanse belofte van de AKP: de creatie van een ‘Nieuw Turkije’.

    Maar de regering heeft de versterking van het land geenszins een prioriteit gemaakt. In plaats daarvan heeft de partij de afgelopen jaren besteed aan nationalistische campagnes – door Koerden in Turkije (bijna 20 procent van het land is van Koerdische afkomst) en Syrië aan te vallen, en door buurland Griekenland te bedreigen. Ideologie kreeg de prioriteit: vrouwen zijn aangespoord ‘ten minste drie kinderen’ te baren en er wordt geprobeerd een ‘vrome generatie’ te kweken door veel religieuze scholen te openen. De regering onderdrukte afwijkende meningen door ambtenaren te ontslaan die zich niet konden vinden in de conservatieve standpunten van de partij.

    Kortom, de regering heeft ernaar gestreefd secularisme en democratie de kop in te drukken en alles tot een symbool van haar eigen heerschappij te maken. Bij een grotendeels ongeschoolde en gemakkelijk manipuleerbare bevolking heeft ze er nationalisme ingehamerd, angst voor de ‘ander’ en een onvoorwaardelijk vertrouwen in een heldhaftige vaderfiguur.

    Kapot

    Dit ‘Nieuwe Turkije’ gebruikte infrastructuurprojecten om de breuk met het verleden te benadrukken. Hoe meer de regering bouwde, hoe machtiger en moderner ze leek. Ze nam geen voorbeeld aan Europa, maar aan de wolkenkrabbers van Qatar en Saoedi-Arabië. Bouwbedrijven en andere bedrijven die dicht bij de partij stonden kregen contracten en vergunningen aangeboden in ruil voor smeergeld en stemmen. Erdogan zei in een toespraak ter gelegenheid van de voltooiing van een nieuwe brug in 2021: ‘Buitenlanders die naar Turkije komen, kijken nu met afgunst naar onze wegen, bruggen en luchthavens.’ Als dat ooit al zo was, geldt dat nu in ieder geval niet meer.

    Turkse burgers vroegen kort na de recente aardbevingen op sociale media aan rijke vastgoed- en bouwbedrijven of die hun grondverzetmachines en andere zware apparatuur naar de getroffen plekken konden brengen, zodat er nog levens konden worden gered. Zijn zij immers niet degenen die bouwvoorschriften negeerden om hun inkomsten te maximaliseren? Zijn zij het niet die wegen en huizen bouwden met goedkope materialen, die nu vergaan zijn tot puin en stof?

    Ziekenhuizen zijn verwoest, waardoor patiënten en verzorgers in de kou zitten

    Ik heb Turken in de nasleep van corruptieschandalen vaak dingen horen zeggen als ‘Oké, ja, ze stelen. Nou en? Elke regering heeft van ons gestolen; deze regering geeft tenminste iets terug aan het volk door bruggen, vliegvelden en wegen te bouwen.’ Maar nu zijn de bruggen kapot en de vliegvelden gesloten. De wegen zijn zozeer opengebarsten dat ze door een meteoriet lijken te zijn getroffen. Noodhulp kan de rampgebieden niet bereiken.

    In de getroffen regio zijn een winkelcentrum en een historische moskee zijn ingestort. Ziekenhuizen zijn verwoest, waardoor patiënten en verzorgers in de kou zitten. Elektriciteit, brandstof, gas en stromend water zijn schaars. Het kasteel van Gaziantep, een monument dat de Hettitische, de Romeinse en Byzantijnse periode overleefd heeft, is zwaar beschadigd geraakt. Orthodoxe en Armeense kerken en synagogen – de weinige overgebleven herinneringen aan de multi-etnische geschiedenis die de regering heeft geprobeerd uit te roeien zijn naar verluidt vernield.

    Maar het is moeilijk om erachter te komen wat er nu precies is ingestort en wat nog overeind staat, omdat de regering veel onafhankelijke media de afgelopen jaren het zwijgen heeft opgelegd. In de ochtend daags na de aardbeving werkte Twitter – waar mensen informatie uitwisselen over overlevenden en benodigdheden – in Turkije bijzonder traag. Waarschijnlijk zat de regering ook daar achter.

    Maar op de verkiezingsdag moeten we besluiten onze macht niet langer te geven aan een partij die er misbruik van maakt

    Mijn moeder is geboren in Erzincan, in het oosten van Turkije, meer dan tien jaar na de aardbeving van 1939. Daarbij kwamen dertigduizend mensen om – nog steeds staat de aardbeving bekend als de meest verwoestende in de nationale geschiedenis. Ik bezocht in 2017 haar afgelegen dorp in het prachtige hooggebergte. De mensen daar vertellen nog steeds verhalen over het trauma dat de aardbeving heeft veroorzaakt en dat mensen in elke uithoek van mijn vaderland nog steeds met zich meedragen. Wat er begin deze maand is gebeurd, zal minstens net zo lang worden herinnerd.

    Onze republiek viert dit jaar in oktober zijn honderdste verjaardag. De presidents- en parlementsverkiezingen worden in mei gehouden. Natuurlijk heeft de regering deze aardbeving niet veroorzaakt; dat hebben breuklijnen diep in de aarde gedaan. Maar op de verkiezingsdag moeten we besluiten onze macht niet langer te geven aan een partij die er misbruik van maakt en die meer geeft om haar eigen voortbestaan dan om het welzijn van het volk. We moeten denken aan de blote handen van alle reddingswerkers en bewoners die mensen opgraven in het puin van onze steden. Turkije was een bouwplaats. Nu is het een begraafplaats geworden. Ons land verdient beter.

    Lees ook:

  • Erdogan onder vuur wegens overheidsoptreden na aardbeving

    Erdogan onder vuur wegens overheidsoptreden na aardbeving

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Amerikaanse leger haalt meerdere onbekende vliegende objecten neer

    » Israël breidt aantal nederzettingen op Westelijke Jordaanoever uit

    Kritiek op Erdogan in aanloop naar verkiezingen

    De aardbeving in Turkije en Syrië heeft niet alleen gevolgen voor de mensen in het getroffen gebied, maar zou ook weleens een staartje kunnen krijgen voor president Erdogan, zo schreef Politico vrijdag. Politici van de oppositie houden Erdogan verantwoordelijk voor het feit dat het land zo slecht voorbereid was op een aardbeving en dat de noodhulp zo laat op gang kwam. Dit zou te wijten zijn aan onvoldoende samenwerking en coördinatie tussen de staat en de lokale autoriteiten en hulporganisaties.

    Het optreden van de Turkse president tijdens deze humanitaire noodsituatie zou weleens invloed kunnen hebben op de uitslag van de verkiezingen, die over drie maanden gehouden worden. In 1999 was het de slappe reactie van de toenmalige regering op de aardbeving in dat jaar die Erdogan en zijn AKP in het zadel hielp. Dat zou Erdogan ook kunnen overkomen, aldus Politico.

    Erdogan erkende dat er ‘natuurlijk fouten zijn gemaakt’

    Volgens critici zou Turkije geld dat begroot was voor natuurrampen, besteed hebben aan het bouwen van snelwegen. Daarnaast waren veel gebouwen die zijn ingestort, gebouwd na 1999 en hadden zij dus moeten voldoen aan de aardbevingsbestendige bouwvoorschriften die na dat jaar in werking zijn getreden. Ook werden hulporganisaties in hun werkzaamheden gehinderd doordat de Turkse regering zo gecentraliseerd is, wat de reddingsoperaties bemoeilijkte.    

    Erdogan wees kritiek op de politie en het leger van de hand. Volgens hem hebben zij naar eer en geweten gehandeld. Wel erkende hij dat de zoek- en reddingsoperaties sneller hadden gekund en dat er ‘natuurlijk fouten zijn gemaakt’. Hij beloofde dat er binnen een jaar nieuwe gebouwen zullen staan en dat de regering de huur zal betalen van mensen die niet in tenten willen blijven wonen.

    Lees ook:

  • Burgemeester Istanboel veroordeeld tot bijna drie jaar celstraf

    Burgemeester Istanboel veroordeeld tot bijna drie jaar celstraf

    » Zeker vier doden na zinken migrantenboot tussen Frankrijk en Engeland

    » VS zetten stappen om banden met Afrika te verbeteren

    Volgens Ekrem Imamoglu is het vonnis politiek gemotiveerd

    Een Turkse rechtbank heeft de burgemeester van Istanboel veroordeeld tot bijna drie jaar celstraf, meldt persbureau AP. Volgens de rechter zou Ekrem Imamoglu zich schuldig hebben gemaakt aan het beledigen van hooggeplaatste ambtenaren in functie. Imamoglu, die geldt als een van de meest prominente rivalen van de Turkse president Recep Tayyip Erdogan, noemt de veroordeling politiek gemotiveerd.

    Imamoglu gold als een van de mogelijke uitdagers van Erdogan bij de volgende presidentsverkiezingen. De kans is echter klein dat de 52-jarige politicus mee zal doen aan deze stembusgang, omdat hij van de rechter ook geen publiek ambt meer mag bekleden. Imamoglu had zijn beledigingen geuit nadat de kiesraad van Turkije had bepaald dat de burgemeestersverkiezingen van Istanboel, die Imamoglu in 2019 had gewonnen, overgedaan moesten worden.

    Zijn overwinning gold destijds als een nederlaag voor de AK-partij van Erdogan. Omdat de advocaten van Imamoglu in beroep gaan tegen de uitspraak, zal hij waarschijnlijk burgemeester kunnen blijven. Internationaal is er ook onrust ontstaan over de uitspraak. Zo noemt de VS de veroordeling in strijd met respect voor de mensenrechten.

    Lees ook:

  • Erdogan wil grondoffensief in Syrië beginnen

    Erdogan wil grondoffensief in Syrië beginnen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Oekraïne wil energie besparen met winter in aantocht

    » Bolsonaro probeert stemmen ongeldig te verklaren

    De Turkse president wil wraak nemen voor de aanslag in Istanboel

    De Turkse president Recep Tayyip Erdogan heeft gezegd dat hij zo snel mogelijk grondtroepen naar Syrië wil sturen, zo schrijft TRT World. De afgelopen dagen voerden Turkse vliegtuigen en drones al grootschalige aanvallen uit in het noorden van Syrië en Irak, gericht op Koerdische milities van de PKK en de YPG. Daar kwamen zeker 184 Koerdische militanten bij om het leven.

    Aanleiding voor de Turkse aanvallen is de bomaanslag eerder deze maand in Istanboel. Bij een ontploffing in het centrum van de stad kwamen zes mensen om het leven. Volgens autoriteiten was de Koerdische PKK hoofdschuldige, hoewel deze militante beweging zelf alle betrokkenheid ontkent. In de afgelopen jaren heeft Turkije vaker grondoorlogen gevoerd in Syrië, meestal gericht op Koerdische bewegingen.

    De PKK zegt geen burgers aan te vallen en benadrukt alleen aanslagen te plegen op politiebureaus en grensposten. Volgens de beweging zijn bij de bombardementen door Turkse vliegtuigen de afgelopen tijd kinderen en vrouwen in de grensregio omgekomen.

    Lees ook:

  • Zeker zes doden bij aanslag centrum Istanbul

    Zeker zes doden bij aanslag centrum Istanbul

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Pirc Musar eerste vrouwelijke president van Slovenië

    » Biden en Xi ontmoeten elkaar tijdens G20-top op moment van grote spanningen

    Zelfmoordaanslag werd door onbekende dader gepleegd

    Bij een aanslag in de Turkse hoofdstad Istanbul zijn zeker zes mensen om het leven gekomen. Ook raakten zeker eenentachtig mensen gewond, meldt Al Jazeera. De aanslag vond plaats in het centrum van de stad, vlak bij het Taksimplein, tegen het einde van de middag toen er veel mensen op straat waren.

    Over het motief of over de daders is nog veel onduidelijk. Op basis van beelden van beveiligingscamera’s weet men dat de zelfmoordaanslag waarschijnlijk is gepleegd door een vrouw. Na de aanslag rukten hulpdiensten massaal uit en ging een groot deel van het centrum op slot. Winkels sloten hun deuren en grote plaatselijke voetbalclubs bliezen hun wedstrijden af.

    Het is niet voor het eerst dat Istanbul, en met name het centrum rondom het Taksimplein, wordt getroffen door aanslagen. In het verleden werden deze aanslagen gepleegd door Koerdische militanten of IS-strijders. Zo kwamen in 2016 vier mensen om het leven bij een zelfmoordaanslag.

    Lees ook:

  • Erdogan heeft grote expansieplannen in Afrika

    Erdogan heeft grote expansieplannen in Afrika

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Kunstenaars halen werk weg uit Russisch museum

    » Italië: Nogmaals 14 miljard euro steun om stijgende energieprijzen hoofd te bieden

    Turkije versterkt zijn positie in Afrika

    In de Somalische hoofdstad Mogadishu staat het Recep Tayyip Erdogan-ziekenhuis, vernoemd naar de Turkse president. Dat is opmerkelijk, want gezien het geweld trekt Mogadishu weinig buitenlanders aan. Behalve Turken dus. Een Turks bedrijf renoveerde de haven en exploiteert die nu. Een ander Turks bedrijf runt een hotel en de internationale luchthaven. Met Turks ontwikkelingsgeld hebben Turkse bedrijven het parlementsgebouw en verkeersaders in de stad hersteld. Turkse officieren hebben meer dan 5000 Somalische soldaten en politiecommando’s opgeleid en uitgerust. Het zijn allemaal voorbeelden van de expansieplannen van Erdogan, meldt The Economist

    Turkse bedrijven hebben naar schatting voor 78 miljard dollar aan projecten in Afrika voltooid

    In 2009 had Turkije slechts enkele diplomatieke missies in Afrika. Nu zijn het er 43. Turkish Airlines vloog in 2004 op vier Afrikaanse steden, nu zijn dat er ruim 40. De handel met het continent steeg tot 29 miljard dollar vorig jaar, waarvan 11 miljard dollar met Afrika bezuiden de Sahara: een bijna achtvoudige toename sinds 2003. Hetzelfde geldt voor de bouwsector, waar Turkse bedrijven knabbelen aan de dominante positie van Chinese bedrijven. Turkse bedrijven hebben naar schatting voor 78 miljard dollar aan projecten in Afrika voltooid, waaronder luchthavens, stadions en moskeeën. Vorig jaar verwierf een Turks bedrijf een contract van 1,9 miljard dollar van Tanzania voor de aanleg van een spoorlijn.

    Twee decennia geleden keek Turkije amper naar dat continent en droomde het van toetreding tot de Europese Unie. Naarmate de betrekkingen met het Westen bekoelden, is Turkije zich steeds meer gaan richten op Afrika. 

    Lees ook:

  • Turkije veroordeelt Osman Kavala tot levenslange gevangenisstraf

    Turkije veroordeelt Osman Kavala tot levenslange gevangenisstraf

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Frankrijk en Duitsland omzeilden embargo om wapens aan Rusland te verkopen

    » EU onthult plan voor ‘grootste verbod ooit’ op gevaarlijke chemische stoffen

    Zaak-Kavala is diplomatiek gevoelige kwestie

    De Turkse activist Osman Kavala is veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf, meldt Al Jazeera. Kavala komt niet in aanmerking voor strafvermindering, zeiden de rechters afgelopen maandag. De vierenzestigjarige zakenman zou hebben geprobeerd de regering omver te werpen door in 2013 antiregeringsprotesten te financieren. Op het vonnis, uitgesproken na minder dan een uur beraadslaging, volgde boegeroep in de rechtszaal en tranen van familieleden. 

    De advocaten van Kavala, die hadden aangedrongen op vrijspraak wegens gebrek aan bewijs, hebben aangekondigd in beroep te zullen gaan. Zijn vierenhalf jaar durende opsluiting zonder veroordeling heeft van hem ‘een symbool gemaakt van dissidenten die door president Recep Tayyip Erdogan wordt onderdrukt’, aldus Al Jazeera.

    De zaak-Kavala leidde in het najaar tot een diplomatieke crisis, waarbij Ankara dreigde een dozijn westerse ambassadeurs het land uit te zetten, waaronder die van de Verenigde Staten, die de vrijlating van Kavala hadden geëist.

    Lees ook: