Tag: oorlog

  • ‘Afghanen zijn vernederd, ik ben vernederd’

    ‘Afghanen zijn vernederd, ik ben vernederd’

    Het leven onder de last van onderdrukking, verstikking, tirannie en gebrek aan menselijke en morele waarden is een ramp, schrijft de Afghaanse dichter en vrouwenrechtenactivist Somaia Ramish.

    Vrijheid is altijd trots en gevangenschap is altijd vernederend. Het leven onder de last van onderdrukking, verstikking, tirannie en gebrek aan menselijke en morele waarden is een ramp. Leven in afwezigheid van vrijheid, of op zijn minst van het kunnen oefenen voor vrijheid, geeft niets anders dan frustratie. Op dit moment is er in Afghanistan een volstrekt gebrek aan visie, actie en denken in de richting van vrijheid. Van Afghanistan is niets meer over dan een geografisch gebied dat zo wordt genoemd. Wat op 15 augustus 2021 gebeurde, was de bitterste ervaring van een land dat toch al in de muil van menselijke tirannie en barbaarsheid was gevallen. De omvang van de ramp is enorm en verwoestend.

    Beschaving

    Ik maakte deel uit van een samenleving die ruim twintig jaar lang probeerde na te denken over beschaving, over menselijke waarden en het vorm geven aan burgerrechten. Ik leidde de stichting Moderne Denkers in Herat en was medeoprichter van Radio Shahrzad. Ik stelde me verkiesbaar voor de provinciale burgerraad. Die samenleving werd op 15 augustus 2021 vernederd, de hoop van een generatie die was toe gaan leven naar een betere toekomst werd vernederd. Onze gedachten, onze hoop op gerechtigheid en gelijkheid, onze taal, onze cultuur en onze hele beschaving werden vernederd.

    Afghanistan werd toevertrouwd aan een groepering die verstoken is van waarden. De taliban zijn een gewelddadige, versteende, extreem extreme, achterlijke en onderdrukkende beweging. Uiteindelijk zijn Afghanen vanuit menselijk oogpunt zo vernederd dat zelfs met de mond beleden vijandigheden tegen de taliban vernederend zijn voor Afghanen.

    Als ik aan de taliban denk, is het eerste dat in me opkomt het instorten van de boeddhabeelden

    Als ik aan de taliban denk, is het eerste dat in me opkomt het instorten van de boeddhabeelden. Denk nog eens aan die vernietiging! Of aan de kapotte poort van Ghazna, de vernielde schilderijen van Behzad in Herat, de kapotgemaakte instrumenten van artiesten, de met bloed doordrenkte haat die zangers ten deel viel, de aanval op de citadel van Herat. Weten mensen dat de straatnamen een voor een werden veranderd? Dat de kleur van de kleding van mensen veranderde, dat de angst en schrik op het gezicht van mensen op straat meegroeide met het aantal ongeschoren baarden? Dat ze mijn zus eigenhandig in een hijab staken en zo haar vrouwelijkheid ten grave droegen? Dat zelfs de lijken met stenen werden bekogeld?  

    Ik voelde me vernederd, alle dagen van het afgelopen jaar. 

    Waar ter wereld Afghanen het afgelopen jaar ook waren, ze voelden de vernedering met iedere hap eten in hun kwetsbare botten. Als we bleven, werden we vernederd. Door de voor de ogen van tienermeisjes gesloten poorten van scholen, de ogen van een moeder die haar zoon verloor in de oorlog met de taliban, de media met die zwartbedekte gezichten van vrouwelijke verslaggevers, de bakkerij die niet voor iedereen brood heeft, de straten met achtergebleven bloedvlekken en de anonieme graven van soldaten van het nationale leger.

    Niet langer vrij

    Als we het land verlieten werden we ook vernederd. Grenzen vernederden ons, zeeën, prikkeldraad, half kapotte boten, de grenswachten van Turkije en Iran, de hardvochtige politie van Pakistan, de gesloten poorten van India, migrantenkampen in New Jersey en Washington, afgelegen huizen in Kosovo, wetten, immigratie, vliegtickets, lange rijen voor brood en water, vermoeidheid achter de dichte deuren van ambassades, onbeantwoorde e-mails, de tijd en de lucht waarin we hingen en de aarde die geen plaats voor ons had. Alles in dit afgelopen jaar van ‘Het Heengaan’ was vernederend. 

    Ik ervaar de pijn van verpletterd en vernederd worden, en ik geloof nu dat vernedering alleen maar tot vernietiging kan leiden. De vernietiging van het hart van de Afghaanse samenleving kan niet worden ontkend. De gevolgen van deze onvermijdelijkheid zijn angstaanjagend. In elke uithoek van de wereld zitten we gevangen in ons eigen hart, omdat ons land niet langer vrij is. 

    Schermafbeelding 2022 11 20 om 21.43.25 1
    Een vergadering bij de stichting Moderne Denkers (Naw Andishan). Rechts vooraan: Somaia Ramish. © Elaha Sahel

    Voor mij blijft het woord ‘vrijheid’ een uitzinnige illusie, nu Afghanistan is ondergedompeld in deze brute en zwarte ervaring. Ik denk minder aan vrijheid. Iemand die voor de ogen van de wereld is vernederd heeft nog een lange weg te gaan om weer een essentie in zichzelf te vinden, die te polijsten en de roest te verwijderen die vanuit een andere eeuw naar onze eigen tijd blijkt te zijn gekomen. Ik ben verbitterd en teleurgesteld. Ik ben geworden als een lam dat de dood al voelt voordat het wordt geofferd. Nog bitterder stemt het mij als Afghaanse burger dat het onderwerp genaamd ‘Afghanistan’ in het internationale discours steeds minder interesse wekt, al hebben de etnische en tribale relaties, een dynastieke kijk op interne kwesties en het vermijden van elke vorm van nationalisme ook meegewerkt aan de vernietiging van de Afghaanse vrijheid. Het wantrouwen en de onderlinge onverenigbaarheid van bewegingen tegen de taliban hebben Afghanistan kwetsbaarder en beklagenswaardiger gemaakt. 

    Feit is dat ook wij de val nog steeds niet kunnen reconstrueren

    En helaas zijn wij, het geïsoleerde en over de hele wereld verspreide volk van Afghanistan, nog niet in het reine gekomen met het walgelijke, vernederende en krenkende verhaal van de val. Feit is dat ook wij de val nog steeds niet kunnen reconstrueren. We zijn nog niet ontsnapt aan het verhaal en worden zelf ook heen en weer geslingerd tussen de verhalen die loskomen, de ijzingwekkende en oncontroleerbare verhalen.

    Uit vele relaties is de charme verdwenen en het is alsof het vreedzaam naast elkaar bestaan van nationaliteiten en intellectuele minderheden, het leiden van een fatsoenlijk leven en het denken over vrijheid een jaar later nog meer een illusie zijn geworden.

    Somaia Ramish was vrouwenrechtenactivist in Afghanistan en is dichter en auteur. Na de val van Afghanistan vluchtte ze naar Nederland. Ze woont met haar man en twee kinderen in Rotterdam.

  • Poetin ontvangt Chinese topdiplomaat en maakt nieuwe afspraken

    Poetin ontvangt Chinese topdiplomaat en maakt nieuwe afspraken

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Zeker tien Palestijnen omgekomen bij inval Israëlische leger

    » Primeur in VS: stadsbestuur Seattle verbiedt discriminatie op grond van kaste

    Er komt een nieuwe top tussen Poetin en Xi

    De Russische president Vladimir Poetin heeft woensdag een ontmoeting gehad met de Chinese topdiplomaat Wang Yi. Wang, die verantwoordelijk is voor het buitenlandbeleid van China, sprak onder meer met Poetin af dat er een nieuwe top komt waar de Chinese president Xi aanwezig zal zijn, schrijft staatspersbureau TASS.

    Van beiden kanten werden er lovende woorden gesproken over de betrekkingen tussen de twee landen. Poetin sprak over ‘nieuwe ontwikkelingen’, Wang over een voortdurende verdieping van het ‘alomvattende strategische partnerschap’. Ook benadrukte de Chinese diplomaat dat zijn land graag bijdraagt aan ‘een constructieve oplossing’ voor de oorlog in Oekraïne.

    Op het moment dat Wang en Poetin elkaar de hand schudden, zat de Amerikaanse president Joe Biden in Polen aan tafel met leiders van negen Oost-Europese NAVO-leden. Biden noemde de landen ‘de frontlinie van onze collectieve verdediging’ en beloofde hun de onvoorwaardelijke steun van de VS, zo schrijft Reuters.

    Lees ook:

  • Biden in Warschau: ‘Steun VS aan Oekraïne zal niet stokken’

    Biden in Warschau: ‘Steun VS aan Oekraïne zal niet stokken’

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Mexicaanse ex-minister voor Veiligheid veroordeeld voor drugshandel in VS

    » Britse verpleegkundigen schorten staking op en gaan om tafel met regering

    Biden steekt Oekraïne hart onder de riem

    Tijdens zijn bezoek aan Oekraïne en Polen heeft Joe Biden het Oekraïense volk opnieuw verzekerd van de steun van de VS gedurende het verdere verloop van de oorlog, die komende vrijdag een jaar geleden uitbrak. Bijna een jaar terug hield de Amerikaanse president een toespraak op dezelfde plek, waarin hij democratische staten opriep om zich tegen Poetin teweer te stellen en Oekraïne bij te staan. Toen was zijn toespraak nog somber van toon.

    Nu hield hij opnieuw een speech, maar dit keer klonk er vooral optimisme in door. Dankzij de wapenleveringen en de steun van de VS en het Westen is Oekraïne tot nog toe staande gebleven op het slagveld en heeft het land Moskou de ene na de andere nederlaag bezorgd, aldus Politico. ‘Een jaar geleden zette de wereld zich schrap voor de val van Kyiv, en ik kan vertellen dat Kyiv nog altijd sterk, fier en vrij overeind staat,’ sprak Biden.

    ‘Poetins lafhartige zucht naar land en macht zal falen’

    De Amerikaanse president verklaarde zich namens de gehele democratische wereld solidair met Oekraïne. ‘Toen Rusland Oekraïne binnenviel, stond niet alleen Oekraïne voor een grote uitdaging. Europa, de VS, de NAVO en alle democratieën werden op de proef gesteld.’

    Tijdens zijn toespraak in Warschau bedankte hij Polen voor zijn bijdrage aan de oorlog en de opvang van Oekraïense vluchtelingen. Hij waarschuwde echter ook dat er nog ‘zware dagen voor de boeg liggen’, aangezien niets erop wijst dat de oorlog binnenkort ten einde is. Biden was echter optimistisch over de afloop van de oorlog: ‘Poetins lafhartige zucht naar land en macht zal falen, en de liefde van het Oekraïense volk voor zijn land zal zegevieren.’

    Lees ook:

  • VS: China overweegt wapenleveringen aan Rusland

    VS: China overweegt wapenleveringen aan Rusland

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Brazilië: 36 doden in deelstaat São Paulo door zware regenval

    » Suriname nog steeds in shock na bestorming van parlement

    De VS waarschuwen China voor de gevolgen

    Volgens de Verenigde Staten overweegt China om wapens te leveren aan Rusland. Dat heeft de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Antony Blinken zaterdag gezegd, meldt de Amerikaanse nieuwszender CBS. Deze wapens zouden gebruikt kunnen worden in de oorlog tegen Oekraïne, waardoor China indirect een deelnemer aan het conflict wordt.

    Zowel Blinken als zijn Chinese collega Wang Yi waren dit weekend aanwezig op de veiligheidsconferentie in München. Blinken en Wang hadden daar een kort gesprek, waarin de Amerikaanse buitenlandminister China namens de VS gewaarschuwd zou hebben voor de verstrekkende gevolgen van wapenleveringen door China aan Rusland. Rusland zelf was vanwege de oorlog in Oekraïne overigens niet uitgenodigd voor de conferentie.

    China heeft zich sinds het begin van de oorlog, die deze week een jaar geleden begon, neutraal opgesteld. De VS hebben er bij het Aziatische land meerdere malen op aangedrongen om zich strenger op te stellen tegenover Rusland en zijn positie te gebruiken om Poetin te manen het geweld te stoppen. De wapenindustrie in Rusland is mede door westerse sancties flink geraakt en heeft moeite de strijdkrachten in Oekraïne te bewapenen. Chinese wapenleveringen zouden de oorlog een nieuwe impuls kunnen geven.

    Lees ook:

  • Diplomatie hoort geen vies woord te zijn in de oorlog in Oekraïne

    Diplomatie hoort geen vies woord te zijn in de oorlog in Oekraïne

    In plaats van elkaar uit te sluiten, moeten vechten en praten hand in hand gaan, stelt Financial Times-columnist Gideon Rachman. Diplomatie kan leiden tot creatieve oplossingen voor lastige problemen.

    360 is recentelijk begonnen met het inspreken van audio-artikelen. Vind je ze leuk? Steun ons dan met een donatie.

    Joe Biden is een van de weinige wereldleiders die zich de Cubaanse rakettencrisis nog levendig zal herinneren. Hij was een student van bijna twintig toen de VS en de Sovjet-Unie op een haar na in een kernoorlog verwikkeld raakten. Nu, als president van de VS, heeft Biden zich half mijmerend, half waarschuwend laten ontvallen dat de kans op een nucleair armageddon momenteel groter is dan op enig ander moment sinds de crisis die zich ontvouwde in oktober 1962, precies zestig jaar geleden.

    Door sommigen is afkeurend gereageerd op de woorden van Biden. De Amerikaanse president zou Vladimir Poetin in de kaart spelen door openlijk over een kernoorlog te spreken. De situatie waarin de Russische president en zijn leger zich bevinden wordt steeds hopelozer. Westerse inlichtingendiensten geloven dat de Russen door hun ammunitie heen raken en dat Poetin daar nog maar net achter is gekomen. Door te dreigen met het gebruik van kernwapens haalt Poetin een van zijn laatste instrumenten van stal om Oekraïne en zijn westerse bondgenoten zoveel schrik aan te jagen dat ze concessies zullen doen.

    Biden is niet de enige die openlijk over de nucleaire dreiging spreekt. Ook Volodymyr Zelensky heeft gezegd dat Poetin het Russische volk psychologisch voorbereidt op het gebruik van kernwapens. De Oekraïense leider noemde dit ‘zeer gevaarlijk’. In het licht van de toenemende escalatie en het oplopende dodental is het zowel opvallend als zorgwekkend dat er nog geen serieuze diplomatieke pogingen worden ondernomen om het conflict te beëindigen.

    Tijdens de Cubacrisis in 1962 werd uiteindelijk de lont uit het nucleaire kruitvat getrokken door stille diplomatie. Die vorm van diplomatie ontbreekt jammerlijk in de oorlog in Oekraïne. Volgens sommige van Oekraïnes vurigste medestanders is alleen het praten over diplomatie al een concessie. Zij vinden het verslaan van Poetin de enige acceptabele en realistische manier om de oorlog te beëindigen. Dat is een mooi principe, maar in de praktijk niet bijster nuttig.

    Vergissing

    Het is een schromelijke vergissing te denken dat diplomatie een alternatief is voor krachtige militaire steun aan Oekraïne. Deze twee benaderingen zouden juist hand in hand moeten gaan en elkaar moeten aanvullen.

    Het zou ongetwijfeld het beste zijn als Rusland op alle fronten zou worden verslagen en er in Moskou een nieuwe boetvaardige regering zou aantreden die bereid zou zijn de oorlogsschade te vergoeden en Poetin te berechten wegens oorlogsmisdaden. Maar hoewel zoiets op de lange termijn tot de mogelijkheden behoort, zit het er voorlopig niet in. Vooralsnog ziet het er eerder naar uit dat de Russische leider en zijn entourage verder zullen radicaliseren naarmate hun opties afnemen.

    Tot de Russische opties behoren economische druk, het in het wilde weg bombarderen van Oekraïne en het saboteren van westerse infrastructuur. Maar het steeds openlijker dreigen met kernwapens is ook een waarschijnlijkheid. Het gebruik van tactische kernwapens valt niet uit te sluiten. Dat westerse leiders daar zo veelvuldig op wijzen en over mogelijke reacties spreken – de laatste in de rij was de Franse president Emmanuel Macron – toont aan wat voor geheime briefings ze krijgen.

    ‘De diplomatie laat momenteel te wensen over’

    Door de Oekraïners de militaire steun te geven die ze nodig hebben om vorderingen te maken op het slagveld, maken ze de grootste kans om bij een uiteindelijk vredesakkoord hun doelen te verwezenlijken. Maar de gevechten dienen gepaard te gaan met onderhandelingen, waarbij de Oekraïners in elke fase moeten worden betrokken en geraadpleegd.

    Sommige westerse militaire leiders vinden het frustrerend dat hun inspanningen in Oekraïne niet door gelijktijdige diplomatie worden ondersteund. ‘Militaire actie is op zichzelf ineffectief,’ aldus een gezaghebbende militaire zegsman. ‘Ze is alleen effectief als ze wordt gecombineerd met economische en diplomatieke inspanningen. En de diplomatie laat momenteel te wensen over.’

    Hoewel sommigen misschien veronderstellen dat er meer stille diplomatie wordt bedreven dan men op het eerste gezicht zou denken, is er volgens insiders maar weinig contact met het Kremlin. Verondersteld wordt dat belangrijke leden van het team van Biden met hun tegenhangers in Moskou hebben gesproken. Maar de resultaten zouden teleurstellen omdat de Russische kant alleen zaken wil bespreken die door het Kremlin zijn goedgekeurd.

    Diplomatie door derden

    Diplomatie door derden zou misschien meer resultaat opleveren. Als voorbeeld zou het akkoord kunnen dienen dat het mogelijk maakte dat Oekraïens graan havens in de Zwarte Zee verliet waardoor de wereldwijde voedselcrisis werd verlicht. Turkije speelde een belangrijke rol bij de totstandkoming van die gesprekken. Niet iedereen zal de Turkse president Recep Tayyip Erdogan als een betrouwbare bemiddelaar beschouwen, maar hij heeft sinds jaar en dag goede contacten in Washington, Brussel en Moskou.

    Ook India zou een mogelijke bemiddelaar kunnen zijn. Dat de Indiërs geen VN-resoluties hebben gesteund waardoor Rusland werd veroordeeld, is op veel westerse kritiek gestuit. Maar daardoor zouden ze geloofwaardige boodschappers kunnen zijn in de ogen van Moskou. En Subrahmanyam Jaishankar, de Indiase minister van Buitenlandse Zaken, wordt alom gerespecteerd.

    Door sommigen in het Westen worden verstrekkende voorwaarden aan een uiteindelijk vredesakkoord verbonden. De Russische troepen moeten zich minstens terugtrekken tot het punt waar ze zich voor de invasie op 24 februari bevonden. De toekomst van Oekraïne als levensvatbare staat moet worden gegarandeerd, met vrije toegang tot de zee, controle over het eigen luchtruim en betrouwbare veiligheidsgaranties die niet afhankelijk zijn van Russische goeder trouw. De status van de Krim zal het moeilijkste punt van onderhandeling zijn. Maar diplomatie op hoog niveau is nu juist bedoeld voor het vinden van creatieve oplossingen voor lastige problemen. En momenteel ontbreekt het daaraan.

  • Israël breidt aantal nederzettingen op Westelijke Jordaanoever uit

    Israël breidt aantal nederzettingen op Westelijke Jordaanoever uit

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Amerikaanse leger haalt meerdere onbekende vliegende objecten neer

    » Erdogan onder vuur wegens overheidsoptreden na aardbeving

    De plannen passen bij het beleid van de nieuwe regering

    Israël heeft negen nieuwe nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever officieel erkend als onderdeel van de Israëlische staat, meldt The Jerusalem Post. De stap past bij de plannen van de nieuwe regering onder leiding van Benjamin Netanyahu, die het bezette gebied als territorium van Israël ziet en het aantal nederzettingen in het conflictgebied wil uitbreiden.

    Sinds de regering is aangetreden, is het aantal botsingen in de Gazastrook en de Westelijke Jordaanoever flink toegenomen. Zo vielen twee weken geleden negen doden bij een inval van het Israëlische leger in een Palestijns vluchtelingenkamp. De afgelopen weken hebben Palestijnse terroristen het aantal aanslagen op de Israëlische bevolking opgevoerd, met meerdere dodelijke slachtoffers tot gevolg.

    Internationaal kunnen de plannen van Israël met het bezette gebied op flinke weerstand rekenen. Onder meer de VS, traditioneel een trouwe bondgenoot van Israël, is fel tegen de bouw van nieuwe nederzettingen omdat het vredesproces in de regio daarmee bemoeilijkt wordt. Ook de Verenigde Naties hebben zich uitgesproken tegen de plannen van de zeer rechtse regering.

    Lees ook:

  • Oorlog, crises, inflatie: hoe zorgen we dat angst ons niet verlamt?

    Oorlog, crises, inflatie: hoe zorgen we dat angst ons niet verlamt?

    In deze uitzonderlijke tijden is er genoeg om bang voor te zijn – zo vreest de helft van de Duitsers dat er een derde wereldoorlog gaat uitbreken. Weekblad Stern ging op bezoek bij degenen die dagelijks proberen anderen van hun angstgevoelens af te helpen.

    Enkele weken geleden, ergens midden in september, besloot ik, een volwassen man, weer eens een keer met mijn ouders op vakantie te gaan. Ze hadden een huis gehuurd in Denemarken, hetzelfde als in 2017, toen ik daar de laatste keer met hen de vakantie had doorgebracht. Een vrijstaand huis met rieten dak, de grote tuin omzoomd door bomen, als een muur tegen de wreedheid van de huidige tijd. ’s Morgens, ’s middags, ’s avonds en ’s nachts: altijd was het er rustig, het leek alsof je nergens zo ver weg was van de rest van de wereld als hier. Op de eerste dag dacht ik dat alles nog was zoals vroeger.

    Maar het was niet zoals vroeger.

    Want al op de tweede dag zat ik met mijn vader op het terras te bakkeleien over de Oekraïnepolitiek van de bondsregering. Ik was vóór de levering van zware wapens, en wel snel; hij had nog geen mening, was aarzelend, ik begreep niet waarom. Ik ging harder praten, ik geloof dat ik iets hoogdravends zei als: ‘Wanneer wij het Europa waarin wij leven en waarin onze waarden gelden verdedigd willen zien, moeten we toch met alle middelen voorkomen dat Rusland deze oorlog wint.’

    Mijn vader werd even stil. Toen zei hij: ‘Ik ben gewoon enorm bang.’

    Mijn vader is tweeënzeventig jaar. Aan het begin van zijn leven lag Duitsland in puin als gevolg van het het naziregime. Toen hij naar school ging, stationeerde Rusland middellangeafstandsraketten op Cuba; dertien dagen lang vreesde de mensheid voor haar ondergang in een atoomoorlog. Toen hij volwassen was, pleegden linkse terroristen en rechts gepeupel aanslagen in de Bondsrepubliek, explodeerde een reactor in een kerncentrale bij Tsjernobyl; de Muur viel, vliegtuigen vlogen in wolkenkrabbers in New York, er was oorlog in Vietnam, in Irak, op de Balkan, in Afghanistan, in Syrië, en weet ik waar nog meer. Toen hij met pensioen ging, verkondigden wetenschappers steeds luider dat de zeespiegel zou stijgen en dat we er iets tegen moesten doen als we niet wilden dat onze soort werd weggevaagd. Toen kwam er een pandemie die het leven van mijn vader, die tot de risicogroep behoort, heel direct bedreigde.

    En toch, bezwoer hij op die dag in september, was hij waarschijnlijk nog nooit in zijn leven zo bang geweest voor de wereld als nu. Bang dat ons land, dat Europa kapot zal gaan. Door de inflatie en de stijgende energieprijzen die de mensen niet alleen in armoede zouden storten, maar ook tot extremisme zouden aanzetten. Door Poetins dreigement atoomwapens in te zetten in een oorlog die nog geen 800 kilometer van onze grens wordt gevoerd en die ons dagelijks leven heeft veranderd – vandaag, morgen en misschien voorgoed, wie zal het zeggen? Ik wilde er niet van horen. Ik schudde mijn hoofd. We staakten ons twistgesprek en bleven het oneens.

    Zorgen

    U vraagt zich misschien af waarom ik u vertel over mijn vader en zijn zorgen? Nou, omdat u toch net zo bang bent. Omdat we toch allemaal een beetje |zijn zoals hij. Statistisch gezien dan. Want de meeste Duitsers zijn nu bang: 67 procent vreest dat alles steeds duurder en op zeker moment onbetaalbaar zal worden. En de helft is bang voor een derde wereldoorlog. 

    DT707
    The Creation of the World and the Expulsion from Paradise, van de Italiaanse schilder Giovanni di Paolo, 1445. – © Robert Lehman Collection / Metmuseum

    De zorgen zijn al lang in onze samenleving doorgedrongen. De loon-prijsspiraal bijvoorbeeld, zo zei politicoloog Manfred G. Schmidt onlangs bij de evaluatie van het jaarlijkse angstonderzoek van verzekeraar R+V, maakt mensen in alle lagen van de bevolking bang. Dat geldt zowel voor rijke ondervraagden als voor arme, voor jong en voor oud, voor mannen en vrouwen, voor aanhangers van alle partijen in alle bondslanden. De angst is overal.

    De vraag is: hoe raken we die angst weer kwijt? 

    Als Josephine Teske vertelt over de mensen in haar gemeente die niet weten of ze in de winter de kachel kunnen stoken, hoe ze hun woning moeten betalen, moet ze soms huilen. Teske (36) kijkt naar het houten kruis dat voor een kale betonnen wand achter het altaar staat. Ze is dominee, hier in de Rogate-kerk aan de noordoostelijke rand van Hamburg. Rogate is Latijn en betekent ‘vraag’. ‘Het ergste,’ zegt Teske, ‘was toen een vrouw wanhopig bij mij kwam omdat ze niet meer wist hoe ze haar kinderen genoeg te eten moest geven.’

    ‘Vreest niet’

    Het overwinnen van levenscrises – de zielszorg – is al eeuwenlang een van de hoofdtaken van de kerken. Het geloof is sterk dat er uiteindelijk een paradijs op ons wacht – en niet dat er voor die tijd een wereld is die een klein mannetje aan een lange tafel in Moskou kapot zou kunnen bombarderen. ‘Vreest niet’, zegt God, zeggen de engelen, zegt Jezus.

    Toen een andere vrouw haar in september op sociale media schreef dat ze nog maar 3,50 euro had voor de resterende halve maand, dacht dominee Teske: Shit. Samen met haar zocht ze hulp bij consultatiebureaus en de voedselbank.

    Zielenrust

    ‘De toekomst ziet er stralend uit… als je er maar in gelooft!’ Het tweemaandelijkse blad L’Actualité uit Quebec wijdt zijn hoofdartikel van 5 december aan optimisme, dat een van de hoekstenen van geluk wordt genoemd. Volgens recent psychologisch onderzoek zou ongeveer de helft van een optimistische levenshouding genetisch bepaald zijn, terwijl de rest wordt beïnvloed door onze omgeving, onze levensomstandigheden en de manier waarop wij gebeurtenissen zelf interpreteren. En ‘het goede nieuws is dat je kunt leren het leven van de zonnige kant te zien’. Een van de adviezen die L’Actualité citeert is dat we onze mislukkingen of tegenslagen met een welwillende blik moeten bezien. Ook moeten we ‘concrete en meetbare actie in onze naaste omgeving ondernemen, zoals vrijwilligerswerk in onze wijk’, in plaats van te grote doelen na te streven; met het zweet des aanschijns los je de klimaatcrisis niet op. Het laatste advies dat wordt gegeven is het verrassendst: ‘Geef toe dat het leven tragisch is. We worden allemaal wel een keer getroffen door ongeluk. Wie dat erkent zal de weg naar zielenrust vinden.’

    Teske is niet zo’n geestelijke die problemen probeert op te lossen met bijbelcitaten. Ze ziet zichzelf als luisterend oor, als iemand die bemoedigt. Vooral jongvolwassenen en ouders delen momenteel hun angsten en zorgen met de dominee, die zich vooral inzet voor kinderen en gezinnen. Zo was er de beginnende studente die na de dienst klaagde dat ze geen betaalbare woning kon vinden. Of de kinderen die Teske vragen stellen over de oorlog en bang zijn dat ze net als de Oekraïense kinderen hun vaderland moeten verlaten. Teske luistert, zwijgt, is gewoon aanwezig. Dat is wat mensen in nood nodig hebben, zegt ze. Niet een of ander goed advies. ‘Ik zou het aanmatigend vinden om te doen alsof ik weet hoe een moeder zich voelt die niet meer weet hoe ze het in de winter warm moet krijgen.’

    Angst is ouder dan welke religie ook. Het is een van onze oerinstincten. De evolutie heeft ons gemaakt tot geciviliseerde wezens die steden bouwen, en auto’s waarin we tussen die steden heen en weer rijden; wezens die parlementen kiezen en diepvriespizza’s kopen, die in dierentuinen naar dieren kijken en slapen op ergonomisch perfecte matrassen; wezens die ziekten genezen en levens verlengen. Alleen de angst, daar heeft de evolutie ons niet van kunnen verlossen. 

    Wij zijn geprogrammeerd voor een constante inschatting van risico’s, dat is ons geluk en onze pech

    Bij het geringste teken van gevaar duurt het slechts een milliseconde tot waarschuwingssignalen de plek in onze hersenen bereiken waar angst ontstaat: de amygdala. Angst fungeert als het lichaamseigen alarmsysteem, zorgt als het erop aankomt dat we het overleven. Fight, flight or freeze: vechten, vluchten of doen alsof je dood bent. Het is een oeroud mechanisme in het lichaam, dat door de signaalstof adrenaline in werking treedt.

    Wij zijn geprogrammeerd voor een constante inschatting van risico’s, dat is ons geluk en onze pech. Want bij een vals alarm kunnen we de angst niet simpelweg uitschakelen. De kans dat iemand sterft op een lijnvlucht is ongeveer 0,0000005 procent; toch heeft een op de zes Duitsers vliegangst. Hoe irrationeel het scenario ook is, de angst ervoor is altijd heel reëel. De zwetende handen zijn reëel, de duizeligheid is reëel, net als het gevoel van onmacht.

    Je kunt de angst van mensen niet ontkennen. Je kunt alleen maar proberen ze van hun angst af te helpen.

    Levenscrises

    Ongeveer 15 kilometer van Teskes kerk zit Helen Charlotte Müller in haar kantoor in het Hamburgse Marien-ziekenhuis, waar twee rode stoelen staan; haar witte jas hangt naast de deur aan de kapstok. Müller (31) is psychotherapeut, ze werkt in de polikliniek. 

    Hier komen mensen die in crisis verkeren. Omdat ze niet meer weten hoe het verder moet, of omdat hun arts of hun vrienden en familie erop aandringen. Eerste hulp, dat klinkt als: even zien wat nodig is. Er wordt hier op afspraak gewerkt; op het psychotherapeutisch spreekuur moet Müller de urgentie van een behandeling inschatten. Eerste contact, noemt ze dat.

    Neologismen: Solastalgie en symbiotude

    De discussie over klimaatverandering en de gevolgen daarvan heeft een heel scala aan neologismen het licht doen zien.

    Zozeer zelfs dat twee Amerikaanse kunstenaars, Alicia Escott en Heidi Quante, het Bureau of Linguistic Reality hebben opgericht om deze neologismen te inventariseren en nieuwe te bedenken. Zo kun je bijvoorbeeld spreken van ‘solastalgie’, een term die de Australische filosoof Glenn Albrecht heeft gemunt om de ontreddering te beschrijven die wordt veroorzaakt door een verandering in onze omgeving of het verdwijnen van een troostrijke plek. Maar als tegenwicht tegen deze woorden die vertwijfeling uitdrukken heeft Albrecht ook een zachtaardiger woord bedacht, zoals hij in 2020 op het Australische onlinenetwerk The Conversation vertelde: ‘Om beter bestand te zijn tegen het gevoel van eenzaamheid [als gevolg van het ontregelde klimaat] heb ik het idee “symbiotude” bedacht.’ Deze term, die de antoniemen ‘symbiose’ en ‘solitude’ (eenzaamheid) met elkaar verbindt, herinnert ons eraan dat we moeten ‘nadenken en samenwerken met anderen om weer aansluiting te vinden bij het leven’. Kortom, dat we solidair met elkaar moeten zijn.

    Het gaat in deze gesprekken vooral om acute, individuele levenscrises, bijvoorbeeld een miskraam, de diagnose van een ernstige ziekte of het verlies van een dierbare. Als het gaat om een ziekte die behandeld moet worden, bijvoorbeeld een depressie, is er aansluitend een therapie, die in het ziekenhuis, deels klinisch of ambulant, kan worden gegeven. Meestal komen patiënten dan pas te spreken over algemenere problemen die hen in hun dagelijks leven bezighouden, zegt Müller. ‘De oorlog, corona of de inflatie: het zijn dagelijkse zorgen en angsten die in onze gesprekken langskomen, zoals waarschijnlijk ook overal elders. Maar in de regel zijn die niet de directe aanleiding waarom patiënten hierheen komen.’

    Veerkracht

    Dat is eigenlijk goed nieuws. Het getuigt van veerkracht in uitzonderlijke tijden. Ook de statistieken wijzen in die richting. Hoewel in onze wereld juist de crises met elkaar versmelten tot één grote kluwen van zorgen, is het aantal mensen dat jaarlijks te kampen heeft met angsten die behandeld moeten worden de laatste tijd redelijk stabiel gebleven; dat ligt op ongeveer 15 procent.

    ‘Bezorgdheid over de huidige oorlog of de economische situatie heeft niets te maken met angststoornissen,’ zegt ook Arno Deister, bondsvoorzitter van de actiegroep Psychische Gezondheid. ‘Controleverlies en onzekerheid, het gevoel iets niet meer in de hand te hebben: daaruit ontstaan vaak angsten.’ Je zorgen maken over de actuele situatie is daarom om te beginnen normaal. ‘Mensen met een angststoornis ervaren angst op een dieper niveau, dat zich onttrekt aan rationele overwegingen. Er is sprake van ziekelijke angst wanneer mensen bij angst niet meer in staat zijn hun gedachten en gevoelens te controleren, en als er een angst voor de angst ontstaat.’

    Dat doet enigszins denken aan de uitspraak van Franklin Roosevelt die de laatste jaren vaak werd geciteerd: ‘Het enige wat we te vrezen hebben, is de vrees zelf.’

    Dat klopt natuurlijk ook niet helemaal. Angst is niet alleen maar slecht. Angst kan een waardevolle helper zijn. In 1908 beschreven de Amerikaanse psychologen Robert Yerkes en John Dillingham Dodson de relatie tussen prestatievermogen en stressniveau, indertijd met behulp van muizen. Hun observaties leidden tot de zogenaamde wet van Yerkes-Dodson, die in een grafiek de vorm heeft van een omgekeerde U. Te weinig of te veel angst vermindert volgens die wet de prestaties, terwijl het hoogste punt, het moment van optimaal prestatievermogen, samenvalt met een gemiddeld angstniveau. Dat is de good anxiety, de goede angst. De Amerikaanse neurowetenschapper Wendy Suzuki heeft daar onlangs een boek aan gewijd. De boodschap: angst kan het beste uit onszelf halen, mits ze in de juiste dosis komt.

    Maar de waarheid is ook dat die prestatieverhoging, oftewel die zelfoptimalisatie door angst, niet voor iedereen is weggelegd. Neem nu de bankier die vertelt dat hij klanten heeft die voor een fortuin aan auto’s in de garage hebben staan, maar nu toch hun verwarming terugdraaien tot 19 graden, zodat de gasvoorraden niet te snel op raken.

    Voor de mensen die zich tot Bernd Siggelkow wenden is het beslist geen optie om de angst toe te laten. Die beheerst hun dagelijks leven al.

    Study with the couch Freud Museum London 18M0143
    Praktijk van Sigmund Freud met de legendarische sofa. Freud Museum, Londen. – © Wikimedia

    Siggelkow is de oprichter van kinderhulpcentrale Die Arche [De Ark]. Hij neemt al weken waar hoe de zorgen van ouders over inflatie groeien. Zijn medewerkers melden telefoontjes van huilende moeders die zeggen dat ze al dagen niets meer in de koelkast hebben. Verzoeken om levensmiddelen zouden toenemen, ook omdat de voedselbanken op veel plaatsen geen nieuwe klanten meer aannemen, zegt Siggelkow. Nu komen ook veel mensen die zich tot dusver schaamden naar de oude school in [het Berlijnse district] Marzahn-Hellersdorf, een van de negenentwintig vestigingen van Die Arche. 

    In het souterrain ruikt het naar eten. Aan een buffet kunnen kinderen en jongeren zich dagelijks een vers gekookte maaltijd laten opscheppen, zoals in een kantine. Daarbij zijn er dranken, een kleine salade, een toetje en fruit. Allemaal gratis. Met het dienblad in de hand zoeken ze een plaatsje aan de tafels. Van maandag tot en met vrijdag worden alleen al in de Berlijnse Arche-filialen dagelijks zeshonderd middagmaaltijden verstrekt. In heel Duitsland zijn het er bijna vijfendertighonderd. 

    Greta Thunberg

    ‘Soms vind ik het raar, omdat ik weet dat veel mensen gedeprimeerd zijn door de klimaatcrisis, maar ik ben nog nooit zo gelukkig geweest. Misschien omdat ik me nuttig voel,’ zei Greta Thunberg tegen de Süddeutsche Zeitung. De Duitse krant vroeg diverse mensen naar hun idee over geluk in tijden van crisis. De jonge Zweedse klimaatactiviste vertelde ook dat ze op haar negentiende soms moeite heeft met het nemen van beslissingen, maar dat de belangrijkste keuzes haar vaak juist het duidelijkst voor ogen staan.

    Siggelkow zet zich sinds 1995 in voor arme kinderen en hun ouders. Hij kent hun situaties. ‘Ik heb de indruk dat de mensen nu bedrukter en gespannener zijn,’ zegt hij. ‘Je kunt merken dat ze wanhopig zijn omdat ze achttien uur per dag worstelen met zorgen en problemen.’

    Onder de ouders die zich tot Die Arche wenden, zijn ook veel alleenstaande moeders die bang zijn dakloos te raken omdat ze zich een nabetaling of hogere bijkomende kosten niet kunnen permitteren. ‘Veel ouders zijn al eens hun woning kwijtgeraakt vanwege huurschulden,’ zegt Siggelkow. De kinderen dreigen dan in de opvang terecht te komen, dat is een veelbesproken thema in deze gezinnen. Als de belangrijkste taak van Die Arche ziet Siggelkow niet alleen de verdeling van levensmiddelen, maar ook de morele ondersteuning. ‘Veel arme gezinnen hebben niemand die naar hen luistert. Maar Die Arche is er al zevenentwintig jaar. De mensen weten: daar krijg ik niet alleen mijn brood, maar ook een mentaal opkikkertje.’

    Onder woorden brengen 

    Naar elkaar luisteren, elkaar serieus nemen: het klinkt misschien als een cliché, een holle frase. En toch, dominee Teske en psychotherapeut Müller zeggen ook dat een van de belangrijkste stappen tegen angst erin bestaat de mensen eerst eens hun zorgen te laten uitspreken. Ook Gabriele Stark, hoofd telefonische zielszorg van de katholieke kerk in Stuttgart, zegt: ‘Als de mensen hun zorgen onder woorden kunnen brengen en daarmee begrip vinden, los je al iets op.’

    Onze samenleving wordt aangetast door een soort geprikkeldheid

    Een partner hebben die niet oordeelt is ook uit wetenschappelijk oogpunt een belangrijke steunpilaar van mentale weerbaarheid, van dat wat psychologen resilience (veerkracht) noemen. Daar komen al die dingen bij waarvan we al weten dat ze helpen, maar die we toch zo zelden doen: bewegen, pauzes inlassen in het werk en in de hectische stroom van pushberichten, sociale contacten onderhouden. Beslissend is ook de zelfwerkzaamheid: beseffen dat je niet overgeleverd bent aan de situatie in de wereld, maar dat je de loop van je leven zelf kunt beïnvloeden.

    Gelatenheid lijkt niet zo moeilijk. In theorie.

    In de werkelijkheid neemt socioloog Stephan Lessenich waar hoe de steeds sneller op elkaar volgende crises ertoe leiden dat onze samenleving wordt aangetast door een soort geprikkeldheid. Over deze diagnose van de tijdgeest heeft hij onlangs een boek uit-gebracht, Nicht mehr normal: Gesellschaft am Rande des Nervenzusammenbruchs (‘Niet meer normaal: Samenleving op de rand van een zenuwinzinking’). Lessenich zegt: ‘Een uiting van deze fundamentele nervositeit is ook dat een afgewogen discussie over de inhoud nauwelijks meer mogelijk is. In plaats daarvan zien we snelle tegenwerpingen, snelle stellingnames, alles is heel opgewonden.’

    Op de vraag wat je zou moeten doen om de mensen van die nervositeit af te helpen, zegt hij: ‘Je zou eigenlijk beschermde ruimtes moeten scheppen waar mensen van gedachten kunnen wisselen over hun eigen zorgen, noden en angsten. Fysieke ruimtes waarin mensen elkaar ontmoeten en kunnen praten over de betekenis van wat er gebeurt, zonder dat ze elkaar meteen naar de strot vliegen.’ Dat doet denken aan plekken als de kerk van Teske, de telefonische zielszorg van Stark, de spreekuren van Müller, Die Arche van Siggelkow.

    Zelfs mensen met milieuangst nemen het er weleens van

    Onder de redenen voor neerslachtigheid neemt de klimaatcrisis een belangrijke plaats in. Het Duitse weekblad Die Zeit sprak met zes milieuactivisten van tussen de 20 en 62 jaar, die vertelden over hun manieren om op adem te komen en voor zichzelf te zorgen.

    ‘Angst is verlammend, ook die voor klimaatverandering’, begint Die Zeit. In deze periode van ‘gelijktijdige crises’ zien de klimaatactivisten tot hun wanhoop dat de ecologische crisis op de achtergrond raakt. Ze hebben dus ‘een stevige strategie’ nodig om de zaak weer vlot te trekken. Clara Mayer, een 21-jarige student geneeskunde in Berlijn en lid van de klimaatbeweging Fridays for Future, vertelt bijvoorbeeld aan het blad dat ze troost vindt in handenarbeid: ‘Soms heb ik alleen maar zin om te knutselen.’ Haar hobby heeft kortgeleden ‘een heel nieuwe dimensie’ gekregen. ‘Ik heb voor een vriend een adventskalender gemaakt in de vorm van een miniatuur-kamertje vol kerstversiering. Daar ben ik dagen mee bezig geweest.’

    Op diezelfde manier heeft Aimée van Baalen haar toevlucht gezocht tot tekenen en schilderen. Deze 22-jarige vrouw, die aanvankelijk tatoeëerder was maar daarna ‘voltijdsactivist’, legt wat haar dwarszit vast op het doek. ‘De oorlog in Oekraïne, al dat extreme weer van de afgelopen zomer, de mislukte oogsten en de watertekorten kan ik maar moeilijk van me afzetten. Maar als ik mijn creativiteit tot uitdrukking laat komen, kan ik mijn hoofd een beetje leegmaken.’

    ‘Alleen in boomtoppen voel ik me werkelijk vrij,’ zegt de 40-jarige Française Cécile Lecomte, die actievoert tegen kern- en kolencentrales. Ondanks haar handicap – ze heeft polyartritis – klimt ze in bomen om haar zinnen te verzetten. Jakob Blasel, een 21-jarige milieuactivist, zoekt afleiding in hardlopen: deze rechtenstudent, die tijdens de Duitse verkiezingen van 2021 op de kieslijst van Die Grünen stond, rent graag in zijn eentje grote afstanden om zijn geest leeg te maken. (Hij geeft ook eerlijk toe dat hij regelmatig naar ‘grappige filmpjes op TikTok’ kijkt.)

    Lichaam en geest zijn hecht met elkaar verbonden tijdens het beoefenen van tai chi, waarvan de 62-jarige Thomas Gärtner een liefhebber is. Deze oprichter van het collectief Omas for Future [‘Oma’s voor de toekomst’] noemt het een vorm van ‘bewegingsmeditatie’: ‘Als ik bezig ben met tai chi is mijn hele geest maar op één ding geconcentreerd, ik denk nergens anders meer aan. Elke beweging vereist de souplesse van een kat.’ Om enig tegenwicht te bieden aan ‘het slechte nieuws over de uitputting van de natuur’ doet de zestiger ook elke avond voor het slapengaan zijn best om ‘zich de goede momenten van de afgelopen dag te herinneren’, bijvoorbeeld dat hij naar wilde ganzen heeft gekeken of gewoon zijn kleinkinderen heeft gezien. ‘Het klinkt misschien vreemd,’ zegt de 20-jarige Helena Marschall, maar als ze studeert en zich overgeeft aan het plezier van het leren, vergeet ze haar milieuangst. ‘Als ik een uur per dag langer aan het klimaat besteed – met het risico dat ik de redenen voor mijn betrokkenheid vergeet – zal de planeet daar heus niet beter van worden,’ zegt ze.

    Of het perron van metrostation Emilienstrasse in Hamburg. Hier zit Christoph Busch – een tengere man met grijs haar, een ronde bril en een waakzame blik – achter het raam van zijn luisterkiosk. Op het perron tussen twee sporen in, omringd door de 8900 in- en uitstappers per dag, zit hij met een milde glimlach te wachten. Vierenhalf jaar geleden was het groot nieuws toen deze man hier een luisterkiosk opende. Dat iemand daar gewoon zat om te… luisteren, en niet meer dan dat – niet uit financieel belang en zonder enige bedoeling om voordeel te halen uit de ontboezemingen. Inmiddels is de luisterkiosk van Busch een vertrouwde verschijning. Om reden van discretie mag je de gesprekken niet afluisteren, maar Busch kan er wel over vertellen. 

    Zijn er nieuwe angsten? Nee, dat gelooft hij niet. Wat je hier merkt, is dat veel mensen voor corona, de inflatie en de Russische inval al kapot waren, velen leefden ook daarvoor al op de grens van hun krachten. Soms, wanneer er niemand binnenkomt, kijkt Busch naar de metrostellen en naar de reizigers die zich aan de lussen vasthouden. ‘Die vermoeidheid op de gezichten! Die uitputting!’ zegt hij. 

    Maar de mensen komen niet bij hem om te vertellen over hun hoge gasrekening. Dat soort alledaagse dingen is hoogstens de grondverf van de verhalen, achtergrondruis. Bij wat er verteld wordt gaat het meestal om privézorgen: teleurstellingen in de relaties met anderen, wonden van vroeger, kwetsuren uit de kindertijd. Hoogte- en dieptepunten in het leven, zegt Busch. Maar meestal dieptepunten. Zijn kiosk is dan een biechtstoel, een safe space voor de zorgen.

    Luisterend oor

    Dus hoe ernstiger de toestand in de wereld, hoe individueler de zorgen. Ja, dat zou je misschien kunnen zeggen, zegt Busch. ‘De angsten die nu gangbaar zijn, zijn vaak zo reusachtig en abstract en diffuus dat ze de mensen terugwerpen op zichzelf. Wat wil ik van het leven? Wat vind ik belangrijk? Wat is er misgegaan? Waar heb ik spijt van?’ vertelt hij, het hoofd steunend op zijn hand.

    En misschien schuilt daarin ook een belangrijk inzicht: dat, omgekeerd, vaak juist het ontbreken van een luisterend oor de angst nog versterkt, ja aanwakkert: het onbegrip, het ontkennen van angsten die er niet mogen zijn. Het morele oordeel over de angsten die ze desondanks toch hebben. Zo krijgen ze het gevoel dat ze door die angsten idioten worden die volkomen alleen staan met hun zorgen.

    ‘Je kunt niks anders doen dan het allemaal op je af te laten komen en het proberen te ontwijken’

    Bovendien is in uitzonderlijke tijden juist voortdurend solidariteit nodig. Maar betekent solidair zijn met elkaar niet ook dat je niet tegen elkaar moet opbieden met je angsten, maar die van de anderen moet erkennen als wat ze zijn: reëel?

    Voordat ik deze tekst schreef, belde ik nog een keer met mijn vader. Ik vroeg hoe het met hem ging. ‘Niet veel beter,’ zei hij. ‘Je kunt niks anders doen dan het allemaal op je af te laten komen en het proberen te ontwijken.’

    Hij zei ook: ‘Dat we nog zulke tijden moeten meemaken, dat zou ik ons allemaal niet hebben toegewenst.’ Ik zei: ‘Ik ook niet.’ Daar waren we het over eens. 

    Lees ook:

     

  • China’s oorlog tegen Taiwan is al begonnen

    China’s oorlog tegen Taiwan is al begonnen

    Door de democratie te versterken en meer mensen actief bij het openbare leven te betrekken hopen verschillende organisaties in Taiwan China ervan te overtuigen dat een invasie te duur en te riskant is.

    In 2018 zorgde een tyfoon ervoor dat duizenden mensen strandden op Kansai International Airport, nabij Osaka in Japan. Onder hen waren enkele toeristen uit Taiwan. Normaal gesproken zou dit verhaal niet veel politieke betekenis hebben gehad. Maar een paar uur na het incident meldde een obscure Taiwanese nieuwssite dat Taiwanese diplomaten er niet in zouden zijn geslaagd hun burgers te redden. Een handvol bloggers begon erover te posten op sociale media en prees Chinese ambtenaren die bussen hadden gestuurd zodat hun burgers snel konden ontkomen. Sommige Taiwanese toeristen zouden zich als Chinezen hebben voorgedaan om aan boord te komen. Geruchten over het incident verspreidden zich. Foto’s en video’s, zogenaamd van de luchthaven, begonnen rond te gaan.

    Nationale afgang

    Het verhaal verscheen al snel in de Taiwanese media. Journalisten vielen de regering aan: waarom hadden Chinese diplomaten wél zo snel en effectief gehandeld? En waarom waren de Taiwanezen zo incompetent? Nieuwsorganisaties in Taiwan beschreven het incident als een nationale afgang, vooral voor een land waarvan de leiders beweerden geen steun van China nodig te hebben. ‘Om in de bus te geraken moest je doen alsof je Chinees was,’ werd er bijvoorbeeld gekopt, en: ‘Taiwanezen namen Chinese bus’. Op het hoogtepunt werden de boze berichten en de aanvallen via sociale media zo overweldigend dat een Taiwanese diplomaat, die de stortvloed aan commentaar en de schande van dit falen blijkbaar niet kon verdragen, zelfmoord pleegde.

    Latere onderzoeken brachten enkele opmerkelijke feiten aan het licht. Veel van de mensen die zo prominent en enthousiast over het incident hadden gepost, bestonden helemaal niet; hun foto’s waren samengesteld uit andere foto’s. De obscure website die het verhaal als eerste onder de aandacht bracht, bleek gelieerd te zijn aan de Chinese Communistische Partij. De video’s waren fake. De Japanse regering bevestigde dat er geen sprake was geweest van Chinese bussen, en dus ook niet van een falen aan Taiwanese kant. Maar de schijn van mislukking werd aangegrepen door journalisten en presentatoren, vooral om de regeringspartij aan te vallen. En dat was overduidelijk de bedoeling van de Chinese propagandisten. Die hadden de anonimiteit van sociale media, de snelle verspreiding van ‘nieuwssites’ van onduidelijke oorsprong en vooral het zeer partijgebonden karakter van de Taiwanese politiek aangegrepen om een van de favoriete verhalen van het Chinese regime te verkondigen: dat de Taiwanese democratie zwak is en de Chinese autocratie sterk. En dat Taiwanezen in geval van nood Chinees willen zijn.

    Niet alle Chinezen wensen verenigd te worden onder het leiderschap van de Communistische Partij

    Het incident was niet zozeer opmerkelijk omdat het volkomen nieuw of onverwacht was, maar omdat het een nieuwe zet leek te zijn in een langdurige campagne die aanwijsbaar teruggaat tot de stichting van het moderne Taiwan. In 1949 verplaatste generaal Chiang Kai-shek zijn nationalistische partij Kwomintang (KMT) naar het eiland en vestigde hij er de Republiek China. Sindsdien beschouwt de Volksrepubliek China Taiwan als haar ideologische vijand en als een irritante herinnering aan het feit dat niet alle Chinezen verenigd wensen te worden onder het leiderschap van de Communistische Partij.

    GettyImages 1242926201
    Gevechtsoefening van het Chinese leger in Zhangzhou, in de provincie Fujian. – © Annabelle Chih / Getty Images

    Soms was de Chinese druk op Taiwan van militaire aard, middels dreigementen of raketten. Maar de laatste jaren combineerde China die dreigementen en raketten met andere vormen van druk, door intensivering van de ‘cognitieve oorlogsvoering’, zoals Taiwanezen het noemen: niet alleen door propaganda, maar ook met pogingen om de geesten rijp te maken voor capitulatie. Deze gecombineerde militaire, economische, politieke en informatieve oorlogsvoering hoeft inmiddels niemand te verbazen, want we zagen die recentelijk ook in Oost-Europa. Vóór 2014 hoopte Rusland Oekraïne te veroveren zonder een schot te lossen, gewoon door de Oekraïners ervan te overtuigen dat hun staat te corrupt en incompetent is om te kunnen overleven. Nu streeft Beijing een verovering na zonder grootscheepse militaire operatie, in dit geval door de Taiwanezen ervan te overtuigen dat hun democratie rampzalig is, dat hun bondgenoten hen zullen verlaten en dat er niet zoiets bestaat als een ‘Taiwanese’ identiteit.

    Taiwanese regeringsfunctionarissen en andere leiders weten heel goed dat Oekraïne op verschillende manieren een precedent vormt. Hoewel Taiwan en Oekraïne geen geografische, culturele of historische banden hebben, zijn de twee landen nu verbonden door de kracht van de analogie. 

    Zoals westerse waarnemers niet inzagen hoe serieus de Oekraïners zich voorbereidden op een aanval, zo is ons ontgaan hoe Taiwan langzaam is veranderd

    Maar er is nog een overeenkomst. De Russische verhalen over Oekraïne waren zo krachtig dat veel mensen in Europa en Amerika ze geloofden. De Chinese propaganda over Taiwan is ook geducht, en de Chinese invloed op het eiland is zeer reëel, maar zaait ook verdeeldheid. De meeste mensen op het eiland spreken Mandarijn, de dominante taal in de Volksrepubliek, en velen zijn nog steeds door familie, zakenrelaties of culturele heimwee met het vasteland verbonden, hoezeer ze ook tegen de Communistische Partij zijn. Maar net zoals westerse waarnemers niet inzagen hoe serieus de Oekraïners zich – psychologisch en militair – voorbereidden op een aanval, zo is ons ontgaan hoe Taiwan langzaam is veranderd.

    Niet alle Taiwanezen hebben persoonlijke banden met het vasteland. Velen stammen af van families die zich lang vóór 1949 op het eiland vestigden en spreken een andere taal dan het Mandarijn. Veel Taiwanezen, ongeacht hun achtergrond, voelen dus niet méér heimwee naar het Chinese vasteland dan Oekraïners naar de Sovjet-Unie. De belangrijkste politieke tegenstander van de KMT, de Democratische Progressieve Partij (DPP), is doorgaans de politieke thuishaven voor degenen die zich alleen als Taiwanees identificeren. Maar of ze nu KMT- of DPP-aanhangers zijn of ze nu deelnemen aan venijnige onlinedebatten of levendige bijeenkomsten, de overgrote meerderheid is inmiddels tegen het oude ‘één land, twee systemen’-principe voor hereniging. Vooral sinds het neerslaan van de prodemocratische demonstraties in Hongkong beseffen miljoenen eilandbewoners dat de Chinese oorlog tegen hen niet iets toekomstigs is, maar dat die al volop aan de gang is.

    Doublethink Lab

    Het vreemde verhaal van de niet-bestaande bussen op de luchthaven van Kansai had één onvoorzien gevolg: het inspireerde de Taiwanese activisten Ttcat en Puma Shen tot de oprichting van Doublethink Lab, een onderzoeksgroep zonder winstoogmerk. Ttcat (zijn schuilnaam) is een schoolverlater die veel gamede, op de universiteit werd aangenomen voor de studie computerwetenschappen, weer stopte en vervolgens verzeild raakte in de wereld van de milieucampagnes. Dat cv vormde een uitstekende voorbereiding op wat hij nu doet: Chinese informatieoperaties opsporen en identificeren, en programma’s ontwerpen om het publiek daarover voor te lichten. Het betekent ook dat hij en Shen, die werkt als advocaat en criminoloog, zich kunnen inzetten voor Taiwan terwijl ze op afstand blijven van de Taiwanese regering. Niemand kan een activist met een achtergrond in computergames immers aanwrijven dat hij een politieke carrièreladder probeert te bestijgen.

    Het luchthavenverhaal had Ttcat gedwongen beter na te denken over manieren om zo’n geweldloze aanval te pareren. Het was immers niet simpelweg een verzinsel, maar een zeer goed voorbereide poging om een verhaal over Taiwanese zwakte het Taiwanese politieke debat binnen te smokkelen. Na die gebeurtenis stelden Shen en hij een team samen dat nu bijeenkomt op een werkplek zoals je je die wel kunt voorstellen: een paar donkere, smoezelige kamers, vol met piepjonge mensen die continu online zijn. 

    Een van hun onthullingen: opmerkelijk genoeg bestaan er nogal wat Chinese verhalen rond een willekeurige Oekraïense toerist die opdook in Hongkong tijdens de massale demonstraties in 2019. De foto van de man verschijnt keer op keer in Chinese en Taiwanese media, waarbij speciale aandacht wordt besteed aan zijn tatoeage, een extreemrechts symbool. Hij wordt afwisselend beschreven als een neonazi en een provocateur, die werd gestuurd – door de CIA? – om demonstranten in Hongkong te helpen. Het idee is om angst voor wanorde, chaos en extremisme op te wekken en die met zowel Hongkong als Oekraïne in verband te brengen. Chinezen die handelen in opdracht van de staat hebben ook samenzweringstheorieën verspreid over niet-bestaande biolabs in Oekraïne – het zijn dezelfde verhalen die Rusland en internationaal extreemrechts gebruiken om de Russische invasie in februari te verklaren en te rechtvaardigen.

    GettyImages 1455895576
    Militairen worden gedrild om gevechtsklaarheid te tonen op een militaire basis in Kaohsiung, in Taiwan. – © Annabelle Chih / Getty Images

    Doublethink is niet het enige team dat propagandacampagnes tegen Taiwan opspoort en analyseert. Een andere organisatie die daarop toeziet, de Information Operations Research Group (IORG) – die eveneens bestaat uit jonge mensen met een achtergrond in onlineactivisme – stelde een rapport op over Chinese media en influencers die tijdens de coronapandemie het debat op het eiland probeerden te beïnvloeden. In 2021 poneerden de Chinezen eerst de suggestie dat de VS Taiwan ervan weerhielden vaccins te bemachtigen, vervolgens dat de Taiwanezen wat vaccins betrof achterliepen op de rest van de wereld, en daarna dat de Taiwanezen hun vaccins heimelijk uit China haalden. Deze verhalen lijken nogal mager en weinig overtuigend in het licht van de desastreuze Chinese lockdowns van 2022, maar ze deden soms wel degelijk de ronde in Taiwan.

    Beide organisaties delen hun analyses van de Chinese tactieken niet alleen met hun regering: ze werken vooral ook aan het tegengaan van die tactieken. Ook willen ze het grotere verhaal leren begrijpen, bijvoorbeeld dat pro-Chinese media informatie (of die nu echt of nep is) op sociale media zo aan elkaar koppelt dat mensen gaan twijfelen of hun land wel bondgenoten heeft, of het wel in staat is zich afzijdig te houden van China en of het überhaupt wel een toekomst heeft. Yu zelf twijfelt overigens niet aan de toekomst van Taiwan. Zijn omschrijving van zichzelf op zijn website luidt: ‘Taiwanese hacker die werkt aan een nieuwe natie.’

    Minister van Digitale Zaken

    Het bekendste lid van deze amorfe wereld van onlineactivisten maakt inmiddels deel uit van de regering. Audrey Tang, de eerste Taiwanese minister van Digitale Zaken, promoot niet alleen deze wereld van digitaal activisme, maar is er ook een van de aanjagers van. Als wonderkind dat al op negentienjarige leeftijd als programmeur in Silicon Valley werkte, nam ze deel aan de Zonnebloemrevo-lutie van 2014, een jeugdbeweging die was georganiseerd rondom het verzet tegen een handelsovereenkomst met China. Ze beschrijft zichzelf als ‘conservatief anarchist’ en ‘post-gender’ en vertelde dat ze contact onderhield met het innovatieve digitale ministerie van Oekraïne. 

    Tangs filosofie leunt op asymmetrische oorlogsvoering: Taiwan kan volgens haar niet volgens dezelfde regels spelen als China

    Tangs filosofie leunt op asymmetrische oorlogsvoering: Taiwan kan volgens haar niet volgens dezelfde regels spelen als China. De gecentraliseerde, hardhandige en misdadige tactiek van de Chinese Communistische Partij kan alleen worden afgeslagen door iets compleet anders: gedecentraliseerde burgergroepen die opensourcesoftware gebruiken en zo transparant mogelijk blijven. In overeenstemming met die filosofie is het aantal werknemers op Tangs ministerie zeer klein. Veel van het werk dat de Chinese verhalen moet tegengaan wordt overgelaten aan groepen als Doublethink en IORG. In Taiwan, zegt ze, krijgt de sociale sector – coöperaties, ngo’s, sociale ondernemers – meer vertrouwen van het publiek dan politieke partijen of de particuliere sector. Daar gaat een geschiedenis aan vooraf: burgeractivisten drongen in de jaren tachtig aan op het einde van het eenpartijstelsel van de KMT en in 2014 op het inperken van de economische banden met China. Tang zegt dat een van de prominentste politieke discussieforums van het land, PTT, wordt beheerd door studenten van de Nationale Universiteit van Taiwan, die gebruikmaken van ‘alle vrije software, open source, collectief bestuur, enzovoort’. ‘Geen enkele politieke partij zal zeggen: o, laten we PTT sluiten. Als ze dat doen, krijgen ze geen stemmen meer,’ aldus Tang.

    Omdat activisten een grote rol hebben gespeeld bij het opbouwen van de moderne democratie van Taiwan, krijgen die volgens Tang nu meer dan de regering het vertrouwen om toe te zien op de complexe wereld van de Chinese desinformatie. In plaats van zich tot de overheid te wenden, kunnen Taiwanezen die twijfelen over iets wat ze hebben gehoord of gelezen zich bijvoorbeeld wenden tot Cofacts, een opensourcewebsite die gebruikers in staat stelt hun eigen factchecks toe te voegen aan het debat. 

    Aantoonbare resultaten

    Tang heeft nog steeds niet genoeg invloed binnen de regeringspartij om al deze ideeën uit te dragen, maar er zijn al wel aantoonbare resultaten. Tijdens de pandemie moedigde het digitale ministerie een soort grappenwedstrijd aan tussen mensen die het Moderna-vaccin kregen en mensen met het Pfizer-vaccin, als een manier om vaccinatie in het algemeen te bevorderen Onder haar leiding experimenteerde de regering ook met het gebruik van Polis, een onlinediscussieplatform, om betere openbare debatten te voeren. De toegang tot nationale debatten is beperkt tot Taiwanezen; de online-identiteit van de gebruikers is gekoppeld aan hun lidmaatschap van het nationale zorgstelsel. Hoewel sommige gesprekken die op Polis worden gevoerd vrij triviaal lijken – een nationaal debat over het gebruik van e-scooters bijvoorbeeld – zijn de doelstellingen dat zeker niet. 

    數位發展部揭牌暨部長布達典禮
    De Taiwanese president Tsai Ing-wen en andere hoogwaardigheidsbekleders, onder wie Audrey Tang, de minister van Digitale Zaken. – © Chien Chi-hung

    De visie van Tang is uiterst rationeel: betere gesprekken, betere democratie en meer transparantie zullen zelfs de subtielste Chinese informatiecampagne bestrijden. Maar niet elke tactiek van China is bedoeld om onopgemerkt te blijven. Toen Beijing na het bezoek van Nancy Pelosi oorlogsschepen, vliegtuigen en raketten richting het eiland stuurde, was de opzet niet alleen om een gevoel van onveiligheid te creëren, maar ook om angst te zaaien.

    Hoe kan deze angst worden bestreden? De bangeriken berispen of hen van lafheid beschuldigen is geen oplossing. Angst is een fysieke sensatie, en die kun je het best bestrijden met een fysieke activiteit, of tenminste een vorm van actie. In Taipei zag ik hoe dat eruit kan zien: een dertigtal kantoormedewerkers die op een regenachtige doordeweekse middag op de vloer van een vergaderzaal zaten te leren hoe ze zware bloedingen konden stelpen.

    Wu zegt dat het uitbreken van de oorlog in Oekraïne veel van zijn landgenoten ervan heeft overtuigd dat ze zich op precies zo’n situatie moeten voorbereiden

    De ehbo-trainers, de siliconen lede-maten en het verband werden allemaal geschonken door de Forward Alliance, een andere burgerorganisatie. Oprichter Enoch Wu verdiepte zich in de psychologie van het verzet, en in het bijzonder in de noodzaak van burgerbescherming. De Forward Alliance geeft overal op het eiland meerdere dagen per week trainingen in de procedure bij een noodsituatie of evacuatie, meestal in kerken en scholen. Als zich werkelijk een tyfoon, een aardbeving of een militaire aanval voordoet, heeft het eiland immers onmiddellijk mensen nodig met verstand van evacuatie en geneeskundige noodhulp. Wu zegt dat het uitbreken van de oorlog in Oekraïne veel van zijn landgenoten ervan heeft overtuigd dat ze zich op precies zo’n situatie moeten voorbereiden. 

    Sinds februari is de vraag naar noodhulptraining dan ook ‘in een stroomversnelling geraakt’, zegt hij, en niet alleen bij zijn organisatie. Een Taiwanese zakenman schonk in september meer dan 20 miljoen dollar aan een andere liefdadigheidsinstelling voor burgerbescherming, de Kuma Academy – mede opgericht door Puma Shen van Doublethink – die niet alleen lessen in noodhulp biedt, maar op den duur ook training wil geven in het gebruik van wapens. 

    Maar het doel van deze oefeningen is niet alleen om mensen te leren wapens te hanteren of een wond te verbinden. Ze zijn ook bedoeld om gevoelens van saamhorigheid en verbondenheid te kweken, door mensen van tevoren het vertrouwen te geven dat ze in geval van nood op hun medeburgers kunnen rekenen. Dit soort mentale voorbereidingen zijn bijzonder belangrijk in Taiwan, een land waar de politiek sterk gepolariseerd is, waar leden van het blauwe en het groene kamp elkaar beschuldigen van onverantwoordelijkheid of onredelijkheid – vergelijkbaar met de rood-blauwe tegenstelling in de Verenigde Staten. 

    Grote gok

    In de praktijk doen zowel de Taiwanese activisten die de burgerbescherming organiseren als degenen die proberen de Chinese verhalen te weerleggen natuurlijk een grote gok. Ze gokken erop dat democratie en transparantie het kunnen winnen van autocratie en geheimhouding, dat vertrouwen polarisatie kan overwinnen, dat de samenleving zich van onderaf kan organiseren om angst te overwinnen. Ze doen dat in een land dat op een complexe manier verbonden is met zijn ergste vijand – qua taal, gedeelde geschiedenis, familie en investeringen – en dat begrijpelijkerwijs bezorgd is over de betrouwbaarheid van verre bondgenoten.

    Hun strijd tegen China’s cognitieve oorlogsvoering is niet alleen een schaduwgevecht tegen bots op het internet. De Russen vielen Oekraïne deels binnen omdat ze er ten onrechte van uitgingen dat de Oekraïners niet zouden terugvechten. Als de Chinezen veronderstellen dat de Taiwanezen zullen terugvechten, denken ze misschien wel twee keer na. In die zin is er een nauw verband tussen het werk van de Taiwanese sociale activisten enerzijds – de groepen die Chinese desinformatie online opsporen, maar ook de groepen die pleiten voor een onafhankelijke rechterlijke macht of die campagne voeren voor de rechten van Hongkongers en etnische minderheden, of die transparantie van de overheid voorstaan – en het werk van het leger anderzijds, dat zijn verrekijker op de Straat van Taiwan gericht houdt. Door de democratie te versterken, de polarisatie af te zwakken en meer mensen actief bij het openbare leven te betrekken, hopen al deze verschillende partijen China ervan te overtuigen dat een invasie te duur en te riskant is. Hun overtuigingskracht is bepalend voor de toekomst van Taiwan. 577c3bbb 0383 4241 afef 3caa831e282d

  • Oekraïne vreest nieuw Russisch offensief

    Oekraïne vreest nieuw Russisch offensief

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Duits consulaat-generaal in Istanboel tijdelijk dicht wegens terreurdreiging

    » Tyre Nichols begraven in Memphis, Tennessee

    Naar verwachting begint het offensief op 24 februari

    De oorlog in Oekraïne krijgt deze maand naar verwachting een nieuwe impuls. Oekraïense inlichtingendiensten melden dat op 24 februari een nieuw offensief door de Russische strijdkrachten wordt voorzien, omdat het dan een jaar geleden is dat de oorlog begon. Rusland zou inmiddels tot vijfhonderdduizend militairen gemobiliseerd hebben voor dit offensief.

    De Europese Unie wil, mede ter voorbereiding op dit mogelijke offensief, het komende jaar in totaal dertigduizend Oekraïners een militaire opleiding geven. Vijftienduizend van deze militairen in opleiding zijn al bezig aan een verkort opleidingstraject. De trainingen, die plaatsvinden in met name Polen en Duitsland, zijn vooral gericht op het leren omgaan met westerse wapens. Ook burgers worden er opgeleid tot militairen.

    Intussen gaan de beschietingen op Oekraïense steden, vooral in het oosten van het land, nog onverminderd door. Zo kwamen woensdag meerdere mensen om het leven in de stad Kramatorsk toen een Russische raket een appartementencomplex raakte, meldt persbureau Reuters. De aanval is niet bevestigd door het Russische leger.

    Lees ook:

  • Ivan Krastev: ‘Europa moet het eens worden over het einde van de oorlog’

    Ivan Krastev: ‘Europa moet het eens worden over het einde van de oorlog’

    ‘De Europese eenheid staat niet zozeer onder druk door Poetins dreigementen, als wel door de uiteenlopende opvattingen over hoe de oorlog moet eindigen’, schrijft Ivan Krastev. Volgens de Bulgaarse politicoloog moet Europa een gemeenschappelijk standpunt formuleren, wil het escalatie voorkomen.

    Europa doet dezer dagen denken aan de eerste weken van de pandemie: we hebben het gevoel dat het einde van de wereld nabij is. Alleen is de angst voor Russische kernwapens in de plaats gekomen van discussies over het virus. 

    De Europese media grossieren in grimmige koppen over energietekorten, storingen, stroomuitval. Analisten zijn het erover eens dat de inflatie en de stijgende kosten van levensonderhoud zomaar miljoenen betogers op de been zouden kunnen brengen. Het aantal migranten dat in 2022 naar de Europese Unie kwam, is al veel groter dan het aantal Syriërs dat in 2015 naar de EU uitweek. En de oorlogsmachine van het Kremlin zal deze aantallen verder doen oplopen naarmate de vernietiging van de Oekraïense infrastructuur de mensen daar berooft van elektriciteit en water.

    Ivan Krastev Foto Stephan Rohl Wikimedia
    Ivan Krastev – © Wikimedia

    Poetins winter lijkt echter geen einde te zullen maken aan de betrokkenheid van Europa bij Oekraïne. Geallieerde regeringen kunnen van samenstelling veranderen, maar de sancties blijven van kracht. Kijk maar naar Italië, waar de nieuwe extreemrechtse regering zich heeft gevoegd naar de Europese consensus.

    Niet Europa maar de VS is de zwakke schakel als het gaat om duurzame steun voor Kyiv

    De meeste Europeanen voelen diepe morele verontwaardiging over het brute Russische optreden. Door de recente Oekraïense militaire successen is er behalve verontwaardiging nu ook hoop. Nu de Oekraïners oprukken op het slagveld, neemt de steun voor hen alleen maar toe. Belangrijker is evenwel wat er aan de overzijde van de Atlantische Oceaan gebeurt. Toen premier Orbán van Hongarije, de naaste bondgenoot van Poetin in de EU, onlangs zei dat ‘de hoop op vrede Donald Trump heet’, raakte hij een snaar bij alle Europese bondgenoten van Poetin. Zij beseffen dat alleen een verandering in Amerikaans beleid het westerse standpunt op het gebied van Oekraïne kan wijzigen. Niet Europa maar de VS is de zwakke schakel als het gaat om duurzame steun voor Kyiv.

    Maar ook aan deze oorlog komt ooit een eind. En dan zullen de spanningen in Europa pas echt aan het licht komen.

    Drie kampen

    Hoe moet deze oorlog eigenlijk eindigen? Over die kwestie heerst verdeeldheid. Er zijn drie kampen: de realisten, de optimisten en de revisionisten. In vrijwel elk Europees land vind je politici en kiezers uit alle drie de categorieën, maar niet altijd in dezelfde verhouding: in West- en Zuid-Europa woedt er vooral een debat tussen realisten en optimisten. In Oekraïne en sommige Oost-Europese landen voeren optimisten en revisionisten de boventoon. Die verschillen zijn het best te verklaren door te kijken naar geografische en historische factoren. West-Europeanen zijn vooral bang voor een kernoorlog. Oost-Europeanen vrezen dat hun landen weer in de Russische invloedssfeer verzeild raken als Oekraïne de oorlog verliest.

    De zogeheten realisten vinden dat Europa ernaar moet streven dat Rusland niet wint, Oekraïne niet verliest en de oorlog zich niet uitbreidt. Gezien zijn uitspraken is de Franse president Macron een aanhanger van deze opvatting. Die komt erop neer dat Oekraïne hulp moet krijgen om een zo groot mogelijk deel van zijn grondgebied te bevrijden, maar dat een Oekraïense overwinning begrensd dient te zijn, omdat het risico dat Rusland tactische kernwapens inzet anders te groot wordt. In deze visie ligt het voor de hand dat Oekraïne niet moet proberen de Krim, die in 2014 door Rusland werd geannexeerd, te heroveren.

    Terecht beschouwen de realisten het huidige conflict als gevaarlijker dan de confrontatie tussen de Sovjet-Unie en de Verenigde Staten tijdens de Koude Oorlog. Beide krachten geloofden destijds dat de geschiedenis aan hun kant stond. Het Westen heeft nu te maken met een door apocalyptische visioenen geplaagde leider, een man geobsedeerd door het spookbeeld van een wereld zonder Rusland.

    Duurzame vrede

    Het tweede kamp bestaat uit optimisten. Oekraïne moet niet alleen de eindoverwinning behalen, de oorlog dient ook het einde van Vladimir Poetin te bezegelen. Zij stellen dat de militaire nederlaag van Rusland en de aanhoudende gevolgen van de sancties – die steeds verwoestender worden – duidelijke tekenen zijn dat de dagen van de Russische president geteld zijn. Zij steunen daarom president Volodymyr Zelensky in diens weigering om met Poetin te onderhandelen. De aanhangers van dit standpunt, onder wie de Duitse Groenen en de meeste Oost-Europeanen, stellen dat alleen ongelimiteerde steun aan Oekraïne een duurzame vrede kan bewerkstelligen. Rusland moet niet alleen worden tegengehouden, maar ook verslagen.

    GettyImages 1245439805 kopie
    De graven van een complete familie die omkwam bij een Russische beschieting boven het dorp Lyman in de regio Donetsk. – © Celestino Arce / NurPhoto via Getty Images

    Voor revisionisten is de oorlog in Oekraïne niet de oorlog van Poetin, maar die van de Russen. Voor hen is de enige garantie voor vrede en stabiliteit in Europa een onomkeerbare verzwakking van Rusland. Het zou zelfs wenselijk zijn als de Russische Federatie uiteenvalt. De revisionisten willen separatistische bewegingen steunen en de Russen ver van Europa houden, ongeacht politieke veranderingen in het land. Volgens hen moet de oorlog, die begon met Poetins bewering dat Oekraïne geen natie is, eindigen met de definitieve ontbinding van het Russische rijk. Haast nodeloos te vermelden dat deze strategie het meeste gehoor vindt in landen die hebben geleden onder het bewind van Moskou: Polen, de Baltische republieken en natuurlijk Oekraïne zelf.

    Het optimisme van de ‘magisch realisten’ dat de dagen van Poetin geteld zijn, lijkt voorbarig

    Critici van de realistische benadering wijzen er terecht op dat het realisme in 2015 al op de proef is gesteld nadat Rusland Oost-Oekraïne was binnengevallen. Dat heeft dus niet gewerkt. Het optimisme van de ‘magisch realisten’ dat de dagen van Poetin geteld zijn, lijkt voorbarig. Bovendien is de gewenste regimeverandering in de praktijk moeilijker te verwezenlijken: hoe kun je onderhandelen met een regime als je expliciete doel is dat het weg moet? De oproepen van revisionisten om Rusland te ontmantelen of te verminken hebben mogelijk als onbedoeld en ongewenst effect dat de Russen nu wél vinden dat ze een reden hebben om te vechten. Tot op heden heeft Poetin ze niet van die reden weten te overtuigen.

    Toen de Russische troepen zich aan de rand van Kyiv bevonden, waren de verschillen tussen realisten, optimisten en revisionisten relatief. Oekraïne mocht niet onder de voet worden gelopen, dat was het voornaamste. Poetin mocht niet winnen. De triomfen van het Oekraïense leger gedurende de afgelopen maanden hebben deze verschillen echter dichter bij de kern van het debat over Europa gebracht. De Europese eenheid staat niet zozeer onder druk door Poetins dreigementen, als wel door de uiteenlopende opvattingen over hoe de oorlog moet eindigen. Dit zal voelbaar zijn wanneer de publieke druk om te onderhandelen met Moskou toeneemt.

    De uiteenlopende narratieven en visies inzake het gewenste einde van de oorlog zijn zo emotioneel en moreel geladen dat elk vergelijk pijnlijk ingewikkeld zal zijn. Toch is zo’n gemeenschappelijk kader dringend gewenst. Anders zullen de angst van de Oekraïners dat zij door het Westen worden verraden en de angst van Poetin voor militaire vernedering tot maximale escalatie leiden.

    Lees ook:

  • Anne Applebaum: ‘Alleen een nederlaag in Oekraïne kan verandering brengen in Rusland’

    Anne Applebaum: ‘Alleen een nederlaag in Oekraïne kan verandering brengen in Rusland’

    Niet alleen het regime moet veranderen, er moet ook een einde komen aan de voor Rusland zo kenmerkende imperiale ambities van Poetins regime, schrijft journalist en historicus Anne Applebaum.

    Keuze uit het archief

    De Oekraïense president Volodymyr Zelensky is op dit moment bezig aan een rondreis door Europa. Het doel van deze tournee is om zijn Europese bondgenoten het plan te presenteren waarmee hij de oorlog van Rusland tegen Oekraïne wil winnen.
    De noodzaak van een Oekraïense overwinning wordt te meer duidelijk als je dit artikel van The Atlantic van historicus Anne Applebaum van begin 2023 leest. Volgens haar staat of valt het huidige autocratische Rusland onder Poetin met winst of verlies in de oorlog in Oekraïne. Daarbij is een belangrijke rol weggelegd voor de Russen zelf. ‘De toekomst van Rusland wordt niet gevormd door mystieke wetten van de geschiedenis, maar door hoe leiders en burgers de tragedie van deze schokkende, meedogenloze, onnodige oorlog verwerken en interpreteren.’

    Gedurende de kwart eeuw dat zij officieel bestond kende de Moscow School of Civic Education geen campus, geen syllabus en geen docenten. In plaats daarvan belegde de school seminars voor politici en journalisten, onder leiding van andere politici en journalisten, uit Rusland en de rest van de wereld. De instelling werkte vanuit het Moskouse appartement van de oprichters, Lena Nemirovskaja en Yuri Senokosov. Ze hadden elkaar in de jaren zeventig ontmoet, ten tijde van de Sovjet-Unie, toen ze aan een filosofietijdschrift waren verbonden en elkaar vonden in hun afschuw van de gewelddadige, arbitraire politiek die het grootste deel van hun leven had beheerst. Nemirovskaja’s vader had in de goelag gevangen-gezeten. Senokosov vertelde me ooit dat hij geen Russisch zwart brood kon eten, omdat de smaak hem deed denken aan de armoede en ellende uit zijn Sovjet-jeugd.

    Beiden waren ook van mening dat Rusland kon veranderen. Misschien niet heel veel, misschien niet heel ingrijpend, maar toch. Nemirovskaja bekende me ooit haar vurige streven om Rusland ‘een beetje beschaafder’ te maken door mensen in aanraking te brengen met nieuwe ideeën. Hun school, die feitelijk voortborduurde op de gesprekken die in hun keuken werden gevoerd, was opgezet om dat ene, niet-revolutionaire doel te bereiken.

    GettyImages 640457523
    Wereldberoemde pacifist en schrijver Lev Tolstoj aan zijn bureau. – © Sergei Mikhailovich Prokudin-Gorskii / Library of Congress / Corbis / VCG via Getty Images

    Lange tijd floreerde die school. Van 1992 tot 2021, zo schat Nemirovskaja, bezochten ruim dertigduizend mensen – parlementariërs, gemeenteraadsleden, zakenmensen, journalisten – in het hele land hun seminars over recht, verkiezingen en media. Sprekers waren Britse redacteuren, Poolse ministers en Amerikaanse gouverneurs; ze ontvingen financiële steun van een keur aan Europese, Amerikaanse en Russische stichtingen en filantropen. Ik heb aan een tiental seminars deelgenomen, meestal om over journalistiek te spreken.

    ‘Dissidente’ organisatie

    Ondertussen bleef de school wel een Russische organisatie, opgericht door Russen, voor Russen. De onderwerpen werden zo gekozen dat ze interessant waren voor Russen, en later voor de Georgiërs, Belarussen en Oekraïners die ook een aantal seminars bijwoonden. Ik herinner me een – voor mij – bijzonder saai seminar over federalisme in Scandinavië dat de deelnemers fascineerde omdat ze zich in hun sterk gecentraliseerde samenlevingen nooit een idee hadden kunnen vormen van de uiteenlopende relaties tussen regionale en nationale overheden die in theorie mogelijk waren.

    GettyImages 1155575030
    De Russische oppositieactivist Ilja Jasjin tijdens een demonstratie ter ondersteuning van de kandidaten van de Doema-verkiezingen in Moskou op 14 juli 2019. ©  Sefa Karacan/Anadolu Agency/Getty Images)

    Destijds leek dit project niet naïef, idealistisch of radicaal, laat staan opruiend. Gedurende de eerste tien jaar van Vladimir Poetins presidentschap waren democratische politieke activiteiten in Rusland onderhevig aan restricties maar niet illegaal; standpunten van de oppositie werden getolereerd zolang ze niet te veel steun kregen van de bevolking, en er waren veel initiatieven om discussies, trainingen en lezingen over democratie en de rechtsstaat te organiseren. Nooit was de gedachte bij Nemirovskaja opgekomen, zo vertelde ze me, dat ze een ‘dissidente’ organisatie had opgericht. Ze wilde juist precies het soort verandering stimuleren dat de Russische machthebbers in de jaren negentig propageerden. Langzaamaan werden deze politici echter weggewerkt of hun overtuigingen veranderden. Functionarissen van de FSB, de Russische geheime politie, verschenen op de seminars en stelden vragen. Er verschenen negatieve artikelen over de school. Uiteindelijk bestempelde de staat de school als ‘buitenlandse vertegenwoordiging’ en zo moest ze zich vanaf dat moment ook presenteren.

    Tienduizenden Russische journalisten, activisten, juristen en kunstenaars trokken weg en namen zodoende ook mee wat er nog over was aan onafhankelijke media

    In 2021 werd de school gesloten. Nemirovskaja en Senokosov verkochten hun appartement en verhuisden naar Riga, de hoofdstad van Letland, waar ze nog steeds seminars geven, nu voor ballingen. Gaandeweg verlieten veel van hun vrienden, collega’s en oud-studenten eveneens het land. In het voorjaar van 2022, na de invasie van Oekraïne, nam die uittocht sterk toe. Tienduizenden Russische journalisten, activisten, juristen en kunstenaars trokken weg en namen zodoende ook mee wat er nog over was aan onafhankelijke media, uitgeverijen, cultuur en kunst. Velen van hen hadden wellicht ooit dat seminar over lokaal bestuur bijgewoond aan de Moscow School of Civic Education.

    Einde verhaal, dachten velen binnen en buiten Rusland. Niet dus. Want dit soort verhalen kent nooit een einde.

    GettyImages 512647226
    In het midden de Russische oppositieleider Aleksej Navalny, zijn echtgenote Joelia Navalnaja (l) en zijn adjudant Leonid Volkov (r) bij een protestmars ter gelegenheid van de herdenking van de moord op oppositieleider Boris Nemtsov op 27 februari 2016 in Moskou. – © Mikhail Svetlov / Getty Images

    Grillig

    Ideeën verplaatsen zich door tijd en ruimte, en soms is hun traject grillig. Het idee dat een land anders zou moeten zijn – anders moet worden bestuurd, anders georganiseerd – kan uit oude boeken oprijzen, tijdens buitenlandse reizen worden opgedaan of gewoon aan de verbeelding van burgers ontspruiten. Op het hoogtepunt van het Russische Rijk, in de negentiende eeuw, ontstond onder het oog van enkele van de lompste toenmalige autocraten een veelheid aan hervormingsbewegingen: sociaaldemocraten, boerenhervormers, pleitbezorgers van grondwetten en parlementen. Zelfs leden van de Russische keizerlijke elite gingen anders denken dan in hun sociale klasse gebruikelijk was. Lev Tolstoj groeide uit tot een wereldberoemde pacifist. De vader van Vladimir Nabokov hield vurige toespraken in de jaren die voorafgingen aan de Russische Revolutie, bracht een liberale krant uit en zat in de gevangenis. Zijn zoon herinnerde zich later hoe, op de avonden dat zijn vader zijn politieke bijeenkomsten hield, ‘zich in de gang een berg overjassen en overschoenen opstapelde’, en gasten bleven tot diep in de nacht discussiëren.

    Toen al zat de staat mensen met afwijkende opvattingen dwars. Michail Zigar, Russisch schrijver en oprichter en hoofdredacteur van het onafhankelijke televisiestation TV Rain, schreef het boek The Empire Must Die, waarin hij onder meer vertelt over de onafhankelijke denkers die begin vorige eeuw uit Rusland werden verdreven. Het aantal politieke emigranten dat terugkeerde werd zo groot dat er een alternatief maatschappelijk middenveld ontstond, schrijft hij. 

    Anderen probeerden in de jaren na de ineenstorting van de Sovjet-Unie een alternatief Rusland te creëren. 

    Het merendeel had één grote blinde vlek: nooit zouden de meeste Russische liberalen inzien dat de Russische autocratie zijn oorsprong vond in hun imperiale ambities. Een van de redenen dat de Witten van de bolsjewieken verloren was dat ze in 1918-1920 hun krachten niet bundelden met het net onafhankelijke Polen of het potentieel onafhankelijke Oekraïne. In de jaren na de Russische Revolutie zegevierden democratische ideeën noch in de vertakkingen, noch in de stam, deels omdat de staat zo veel geweld moest gebruiken om Oekraïne, Georgië en de andere republieken binnen de Sovjet-Unie te houden.

    GettyImages 1238500657
    Politiek gevangene en criticus van het Kremlin Aleksej Navalny tijdens het proces op 15 februari 2022 in de strafkolonie Pokrov. – © Mikhail Svetlov / Getty Images

    Toch konden de tientallen jaren van angst en armoede die volgden op de Russische Revolutie geen einde maken aan de overtuiging dat een ander soort staat mogelijk was. Nieuwe generaties denkers doemden steeds weer op uit het Sovjet-duister. Sommigen stonden aan de basis van de moderne mensenrechtenbeweging. Anderen, zoals de oprichters en studenten van de Moscow School of Civic Education, probeerden in de jaren na de ineenstorting van de Sovjet-Unie een alternatief Rusland te creëren. 

    Ander soort Rusland

    Natuurlijk moesten ze het opnieuw afleggen tegen een dictator die een imperiale oorlog gebruikt om zijn vijanden uit te schakelen en angst te zaaien. Maar zelfs nu, nu de meeste Russen zwijgen, nu ze worden geïntimideerd door propaganda of beïnvloed door nationalistische slogans, hebben meer dan 17.000 Russen in hun eigen land geprotesteerd tegen het regime en tegen hun apathische landgenoten, hebben ze het Russische imperialisme uitgedaagd, en zijn ze om die reden gearresteerd of gevangengezet. Onder hen zijn enkele bekende politici die al lang geleden hun biezen hadden kunnen pakken, zoals Vladimir Kara-Moerza en Ilja Jasjin. De oppositiepoliticus Aleksej Navalny werd in januari 2021 in de cel gegooid; hij wordt geïsoleerd, maar heeft toch, op 21 september jongstleden tegen de rechtbank, de ‘criminele’ oorlog aan de kaak gesteld en Poetin ervan beschuldigd ‘honderdduizenden mensen met bloed te willen besmeuren’. Op 30 september publiceerde hij een uit zijn cel gesmokkeld essay, waarin hij een toekomstvisie op Rusland na Poetin ontvouwt en vervanging eist van het huidige presidentiële systeem – dat tot volledige autocratie is verworden – door een parlementaire republiek. In plaats van zich voor te doen als nieuwe redder van het imperium, propageert hij een totaal ander soort Rusland.

    Een grote groep verzet zich vanuit het buitenland tegen de oorlog

    Buiten de eigen landsgrenzen begint het honderdduizenden gewone Russen te dagen hoe nauw het imperium verweven is met autocratie. Sommige nieuwe ballingen hebben de politiek helemaal opgegeven, velen ontwijken enkel de dienstplicht. Maar een grote groep verzet zich vanuit het buitenland tegen de oorlog, via Russischtalige websites die verslag doen van de oorlog en informatie proberen te verzamelen voor Russen in Rusland. TV Rain, dat in maart door de overheid de das om werd gedaan, is weer online, vanuit Riga. Navalny’s team, en wat er is overgebleven van zijn grote nationale organisatie, maakt video’s die miljoenen kijkers trekken op YouTube, dat in Rusland nog steeds te zien is.

    GettyImages 1231428388
    Russische journalist en oprichter van Novaja Azeta, Dmitri Moeratov, herdacht de moord op Boris Nemtsov samen met tienduizenden andere Russen. – © Mihail Siergiejevicz / SOPA Images / LightRocket via Getty Images

    Een heel leger aan groeperingen en individuen wil een ander idee van Rusland levend houden, een ‘alternatieve burgermaatschappij’ buiten Rusland scheppen, vergelijkbaar met de door Zigar – nu zelf een balling – beschreven situatie van begin vorige eeuw. Garri Kasparov, de voormalig wereldkampioen schaken die zich tot de democratische politiek heeft bekend, die hielp bij het organiseren van straatdemonstraties in Moskou in de eerste jaren van dit millennium en die nu persona non grata is in het land dat hem ooit als held vierde – diezelfde Kasparov vertelde me laatst dat hij hoopt een soort ‘virtueel Zuid-Korea’ op te bouwen, een oppositie in ballingschap die een scherp contrast vormt met een vaderland dat steeds meer op Noord-Korea lijkt. Een van zijn projecten, het Free Russia Forum, brengt geregeld de diverse, soms met elkaar overhoop liggende delen van de Russische gemeenschap buiten Rusland samen.

    Verschillen

    In ten minste één opzicht verschillen al deze eenentwintigste-eeuwse ballingen van hun voorgangers uit de eeuw daarvóór: ze zitten in het buitenland, of in de gevangenis, vanwege een gruwelijke imperiale veroveringsoorlog. Velen verzetten zich niet alleen tegen het regime, maar ook tegen het imperium; voor het eerst verkondigt een aantal van hen dat niet alleen het regime moet veranderen, maar ook datgene wat de natie definieert. Kasparov is een van de velen die ons op het hart drukken dat alleen een militaire nederlaag politieke verandering teweeg kan brengen. Hij is tot de overtuiging gekomen dat democratie alleen mogelijk is ‘wanneer de Krim is bevrijd en de Oekraïense vlag boven Sebastopol wappert’.

    GettyImages 1245284833
    Activisten Jelena Loekjanova, Oleg Dunda, Aleksander Morozov, Garri Kasparov en Konstantin Eggert bij een openbare bijeenkomst van het Free Russia Forum in Vilnius, Litouwen. – © Oleg Nikishin / Getty Images

    Dat idee – dat er een ander Rusland mogelijk is, een Rusland dat een natiestaat is en geen imperium – legt in Oekraïne momenteel weinig gewicht in de schaal. Veel Oekraïners achten de Russische democratische oppositie even schuldig, even imperialistisch en net zo verantwoordelijk voor de oorlog als niet-dissidenten. Het is zeker waar dat niet alle mensen die ‘Russische liberalen’ zijn genoemd tegen het imperium of Poetin gekant waren. Sommige van hen zijn technocraten die voorstanders waren van een dictatuur à la Pinochet, of societyfiguren wier ‘liberalisme’ tot uitdrukking kwam in foto‘s van Europese vakantiebestemmingen op Instagram.

    Waarom laten niet de duizenden ballingen hun stem horen, in plaats van alleen het handjevol dat voor websites schrijft?

    De Oekraïense journaliste Olga Tokariuk betoogde onlangs op Twitter dat ‘zelfs Russische ‘’liberalen’’ geregeld lucht hebben gegeven aan imperialistische ideeën over buitenlands beleid en Oekraïne. Er is verdraagzaamheid tegenover oorlog en afkeer van democratie.’ Velen vragen zich af waar de massale protesten van Russen in Londen of de Georgische hoofdstad Tbilisi blijven. Waarom laten niet de duizenden ballingen hun stem horen, in plaats van alleen het handjevol dat voor websites schrijft?

    De stelling dat er geen ‘goede’ Russen zijn, is emotioneel maar ook politiek diep ingebed, en niet alleen bij Oekraïners. Tenslotte hebben Russische liberalen eerder gefaald. Ze faalden begin vorige eeuw, ze faalden begin deze eeuw en ze falen nu. Het is ze niet gelukt Poetin af te stoppen, ze konden deze catastrofe niet voorkomen. Sommigen begrepen – tot voor kort althans – niet hoe het Russische imperialisme de Russische autocratie heeft gevoed en gevormd, begrepen niet waarom het imperium moet sterven, zoals de titel van Zigars boek luidt. Je hoort de woede hierover doorklinken in recente toespraken van de Oekraïense president Volodymyr Zelensky, die inmiddels een andere toon aanslaat. Aan de vooravond van de oorlog sprak Zelensky de Russen in het Russisch toe en riep hij hen op te voorkomen wat er ging gebeuren: ‘Willen Russen deze oorlog?’ vroeg hij retorisch. ‘Het antwoord is aan u, burgers van de Russische Federatie.’ Maar omdat ze niets deden, sloot Zelensky zich later aan bij degenen die Russen een visumverbod voor Europa willen opleggen, omdat Russen ‘maar in hun eigen wereld moeten leven totdat ze hun kijk op de zaken veranderen’.

    GettyImages 1244803809
    Leden van de militaire jeugdbeweging Joenarmija op een evenement waar 50.000 deelnemers quizvragen over het leger en de Russische geschiedenis beantwoorden. – © Getty Images

    Nadat Poetin in september zijn mobilisatie had aangekondigd, was Zelensky nog explicieter. Russen zouden hun land niet moeten verlaten om aan de dienstplicht te ontsnappen, maar ‘op straat moeten vechten voor hun vrijheid’, zo voegde hij hun toe. De Oekraïense filosoof Volodymyr Yermolenko zei over de Russen die onlangs hun land hebben verlaten, dat zij niet op de vlucht zijn voor oorlog, maar voor de dienstplicht: ‘Als deze honderdduizenden die mobilisatie ontvluchten in hun eigen land in opstand kwamen tegen de oorlog, was die oorlog snel voorbij. Lafaards.’ 

    Feitelijk valt daar weinig tegen in te brengen. 

    Iets onverwachts 

    Alleen dictators geloven dat de geschiedenis wetten voorschrijft die men moet gehoorzamen. Democraten weten dat de staat zich uiteindelijk aanpast aan de samenleving, en niet andersom – en de samenleving verandert per definitie altijd.

    GettyImages 1025590996
    De Russische activist en protegé van Boris Nemtsov Vladimir Kara-Murza en zijn vrouw Jevgenia betuigen eer aan wijlen senator John McCain. – © Tom Williams / CQ Roll Call

    De culturele last van het verleden weegt zwaar, en de ingesleten gegevenheden van de autocratie – vooral het leven in angst – zijn hardnekkig. Macht oefent ook een sterke aantrekkingskracht uit. Degenen die haar hebben, willen haar niet verliezen. Een toekomstig Russisch bewind kan nog repressiever uitpakken dan het huidige. Maar een ongeluk zit in een klein hoekje en er kan altijd iets onverwachts gebeuren. Landen ontwikkelen zich en brengen soms beter en soms slechter bestuur voort. Imperia gaan ten onder: het Russische Rijk bijvoorbeeld, de Sovjet-Unie daarna. Zo zal vroeg of laat het nieuwe Russische rijk van Poetin vallen. Vanuit zijn gevangeniscel wees Kara-Moerza erop dat de ruim 17.000 gedetineerde antioorlogsdemonstranten talrijk afsteken tegen de zeven mensen die werden gearresteerd op het Rode Plein in Moskou toen de Sovjet-Unie in 1968 Tsjechoslowakije binnenviel om te voorkomen dat dit land een andere koers ging varen. Vanuit haar ballingsoord in Riga bezwoer Nemirovskaja mij onlangs dat haar werk niet voor niets was geweest. Ze gelooft nog steeds dat de dertig jaar na de val van de Sovjet-Unie hun weerslag hebben gehad: wat er ook gebeurt, ‘we zullen nooit meer leven zoals toen’. Leonid Volkov, de leider van Navalny’s organisatie in ballingschap, vertelde me vorig jaar dat voorbereid zijn op verandering, wanneer dan ook, volgens hem het belangrijkste is wat hij en zijn collega’s kunnen doen.

    Voortbestaan

    Eerder stelde ik dat het voortbestaan van de Amerikaanse democratie niet gewaarborgd is; wat er met Amerika zal gebeuren, hangt af van wat Amerikanen in het hier en nu doen. Hetzelfde geldt voor Rusland. De toekomst van het land wordt niet gevormd door mystieke wetten van de geschiedenis, maar door hoe leiders en burgers de tragedie van deze schokkende, meedogenloze, onnodige oorlog verwerken en interpreteren. De beste manier waarop buitenstaanders Rusland kunnen helpen veranderen, is ervoor te zorgen dat Oekraïne zijn grondgebied herovert en het imperium verslaat. We kunnen ook die Russen blijven steunen, hoe weinig het er ook zijn, die begrijpen waarom een nederlaag de enige weg naar moderniteit is, waarom militair falen noodzakelijk is voor het ontstaan van een welvarender, open samenleving en waarom, nogmaals, het imperium moet sterven. Reken niet op geïdealiseerde ‘goede Russen’ – er komt geen redder die het land gaat repareren, nu niet en later ook niet. Russen die geloven dat de toekomst anders kan zijn, zullen blijven proberen hun land te veranderen, en op een dag zullen ze daarin slagen. In de tussentijd mag niemand Poetin ooit het recht geven te definiëren wat het betekent om Russisch te zijn. Die bevoegdheid heeft hij niet. 

    GettyImages 1435012084
    Mensenrechtenactiviste en Nobelprijswinnares Irina Scherbakova, Navalny-vertrouweling Leonid Volkov (l) en auteur van Poetinland Michaïl Sjisjkin discussiëren over de situatie van de Russische oppositie op de Boekenbeurs in Frankfurt, 2022. – ©  Thomas Lohnes / Getty Images 

     

  • Definitief: VS en Europa sturen tanks naar Oekraïne

    Definitief: VS en Europa sturen tanks naar Oekraïne

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Aanvallen in Spaanse kerken, mogelijk terrorisme

    » VS: Google aangeklaagd wegens adverteermonopolie

    Oekraïne krijgt M1 Abrams-, Leopard 2- en Challenger 2-tanks

    Westerse bondgenoten van Oekraïne hebben een nieuwe stap gezet in de wapenleveringen aan het door oorlog verscheurde land. Zo kondigde de Amerikaanse regering bij monde van president Joe Biden aan dat er 31 M1 Abrams-tanks naar Oekraïne worden gestuurd, schrijft CNN. Omdat Oekraïense strijdkrachten getraind moeten worden in het gebruik van de tanks, zal het naar verwachting enkele maanden sturen voordat het materieel op het slagveld ingezet zal kunnen worden.

    In navolging van de VS gaat ook Duitsland tanks naar Oekraïne sturen. Dat is een belangrijke stap, omdat het land eerder terughoudend was in het sturen van Leopard 2-tanks naar Oekraïne. Mede vanwege de geschiedenis wil Duitsland niet te actief militair betrokken zijn bij oorlogen, maar na herhaaldelijke verzoeken van onder meer de Oekraïnse president Zelensky en druk vanuit de VS is de Duitse bondkanselier Olaf Scholz toch gezwicht.

    Dat Duitsland tanks gaat sturen, betekent dat andere Europese landen die Leopard 2-tanks hebben ze ook naar Oekraïne kunnen sturen. Daar was eerst toestemming van Duitsland voor nodig, omdat het wapentuig in dat land gemaakt wordt. Onder meer Polen, Noorwegen, Finland, Spanje en Portugal hebben wapenleveringen toegezegd. Ook het VK gaat tanks sturen, zij het van andere makelij.

    Lees ook:

  • Impasse in Europese wapenleveringen aan Oekraïne

    Impasse in Europese wapenleveringen aan Oekraïne

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Duitsland erkent misdrijven IS tegen Jezidi’s als genocide

    » Braziliaanse regering maakt jacht op coupplegers

    Oekraïne wil tanks van Europese landen, Duitsland ligt dwars

    Nu de oorlog in Oekraïne een beslissende fase in gaat, blijft het land wapenleveringen vragen aan westerse bondgenoten. Donderdag werden twaalf bondgenoten, waaronder Nederland, specifiek gevraagd om Leopard-tanks te sturen. Omdat deze tanks echter in Duitsland gemaakt worden, is toestemming van de Duitse bondskanselier Olaf Scholz nodig om de wapenleveringen door te laten gaan, schrijft The Guardian.

    Hoewel landen als Finland en Polen zeggen open te staan voor het leveren van tanks, blijft het afwachten of Scholz toestemming geeft voor de leveranties. Het Verenigd Koninkrijk heeft al wel veertien tanks toegezegd. Volgens de Oekraïense legerleiding zijn er circa driehonderd tanks nodig om de oorlog tegen Rusland te kunnen winnen.

    Een land wat wel doorlopend militaire steun blijft geven is de Verenigde Staten. Het land maakte dinsdag bekend voor 2,5 dollar aan militaire hulp naar Oekraïne te sturen. Het gaat om legervoertuigen en luchtverdedigingssystemen. Daarmee komt het totale aantal militaire hulp vanuit de VS op bijna 27 miljard dollar.

    Lees ook:

  • Oekraïense minister omgekomen bij helikoptercrash

    Oekraïense minister omgekomen bij helikoptercrash

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » President Vietnam opgestapt vanwege corruptieverleden

    » Wrocław meest beschaafde stad van Polen

    Denys Monastyrsky was sinds 2021 minister

    Bij een zware helikoptercrash in het oosten van de Oekraïense hoofdstad Kyiv zijn zeker 18 mensen om het leven gekomen, schrijft de Kyiv Post. Daarbij is onder meer de Oekraïense minister van Binnenlandse Zaken Denys Monastyrsky en onderminister van Binnenlandse Zaken Jevhen Jenin omgekomen. De helikopter stortte neer vlak bij een school.

    Alle negen inzittenden van de helikopter kwamen om bij het ongeluk. Waardoor de helikopter neerstortte is onbekend, er zou niet direct relatie zijn met een Russische aanval. Het voertuig was geleverd door Frankrijk en zou in goede staat zijn geweest.

    Monastyrsky was een van de meest prominente politici sinds de Oekraïne-oorlog en was een zeer zichtbare bondgenoot van de Oekraïense president Volodymyr Zelensky. Hij was sinds juli 2021 minister van Binnenlandse Zaken. Hoeveel kinderen van de kleuterschool zijn omgekomen bij de crash is nog onzeker: wel tonen foto’s dat er sprake is van zware schade in de woonwijk waar de school stond.

    Lees ook:

  • Vrouwelijke Oekraïense sluipschutters gaan de strijd aan met Poetin

    Vrouwelijke Oekraïense sluipschutters gaan de strijd aan met Poetin

    Naast mannen vechten ook vrouwen mee in Oekraïne, met alle risico’s van dien. ‘Als een vrouwelijke sluipschutter wordt gevangengenomen, wordt ze verkracht, vernederd, gemarteld – en vervolgens geëxecuteerd.’

    ‘Sultan’, een 24-jarige met blonde lokken en met siliconen ingespoten lippen, hurkt om een scherpschuttergeweer, een Amerikaanse Barrett, uit de draagtas te halen. ‘De liefde van mijn leven,’ zegt ze, terwijl ze het geweer in vuurpositie zet. Een bebaarde instructeur achter haar blaft instructies: ‘Drie doelen, afstand 186 meter, schiet om te doden!’ Sultan gaat liggen, trekt haar paardenstaart achter haar hoofd. Ta. Ta. Ta. De kogels belanden niet meer dan een centimeter naast de roos. Ze lijkt niet verrast. ‘Je moet doden zonder dat het je iets kan schelen. En ik geef er niets om.’

    Sultan – ze koos die naam omdat ze van Turkse soaps houdt – is een van de drie scherpschutters die door de speciale strijdkrachten van haar land zijn geselecteerd om een geavanceerde training voor sluipschutters te volgen in de bossen van West-Oekraïne. Net als haar collega’s ‘Phoenix’ (onverwoestbaar, zoals de vogel) en ‘Oksana’ (omdat een bezorger haar zo noemde, bleef de bijnaam hangen), onderscheidde Sultan zich als vrijwillige soldaat bij de eenheid voor territoriale verdediging. Maar de eisen aan het Oekraïense front, in dit door mannen gedomineerde, gespecialiseerde beroep, zullen veel zwaarder zijn. De eerste fase van het aanpassingsproces speelt zich in het bos af.

    Deputy zegt dat hij aanvankelijk sceptisch stond tegenover het idee om vrouwelijke sluipschutters te trainen. Nu gelooft hij dat ze geschikter zijn voor het beroep dan mannen

    De training is opgezet door een zwijgzame commandant met de schuilnaam ‘Deputy’ – het enige biografische detail dat hij prijsgeeft. Naast schietoefeningen omvatten de sessies van Deputy lessen in tactiek, ballistiek en beweging. Onder normale omstandigheden zou de training anderhalf jaar duren. In Oekraïne, waar de cyclus van leven en dood sneller verloopt, worden de vrouwen al binnen enkele weken ingezet. Hun eerste standplaats is de noordelijke grens met Belarus, waar Russische troepen mogelijk een tweede aanval op Kyiv voorbereiden, of er althans mee dreigen.

    Deputy zegt dat hij aanvankelijk sceptisch stond tegenover het idee om vrouwelijke sluipschutters te trainen. Nu gelooft hij dat ze geschikter zijn voor het beroep dan mannen. Vrouwen zijn licht en wendbaar, zegt hij; ze kunnen zich terugtrekken zonder geluid te maken. Over het algemeen zijn ze ook ‘geduldiger’ en nemen ze minder snel onberekende risico’s. Maar hij raakte pas echt overtuigd toen hij zag hoe de vrouwen een zware militaire overlevingstest doorstonden die door ingewijden ‘Fizo’ wordt genoemd. Uit een groep van negentig kandidaten bleven er aan het eind van de test slechts vijf over. Twee van hen zijn mannen. ‘De andere drie zie je voor je.’

    Anders dan mannen in de dienstplichtige leeftijd mogen Oekraïense vrouwen het land verlaten. Een initiatief om de dienstplicht uit te breiden tot vrouwen met een cruciaal beroep stond gepland voor oktober vorig jaar, maar werd uitgesteld na protesten van de bevolking. Dat betekent, voorlopig althans, dat de vrouwen die vechten dat vrijwillig doen. Dat heeft de Oekraïense strijdkrachten er niet van weerhouden een steeds vrouwelijker aanblik te krijgen.

    Een groeiend aantal vrouwen, zeker vijfduizend, vervult een functie aan het front

    Volgens Anna Malyar, onderminister van Defensie van Oekraïne, dienen nu ‘minstens dertigduizend’ vrouwelijke soldaten in het leger, ofwel een op de vijf van het officiële, pre-mobilisatie-aantal. (Tegenwoordig is het exacte aantal een goed bewaard geheim.) Meestal vervullen vrouwelijke soldaten een functie op de achtergrond, zoals medicus, persvoorlichter, kok, geheime communicatiemedewerker, of ze worden belast met sensitieve taken als het evacueren en verzorgen van lichamen, dood of levend. Maar een groeiend aantal vrouwen, zeker vijfduizend, vervult een functie aan het front. Vele tientallen van hen zijn sluipschutter. 

    De vrouwelijke cursisten zeggen dat ze in elke fase van de route hier naartoe op weerstand stuitten, meestal van mannen die vinden dat vrouwen fundamenteel ongeschikt zijn voor het vak als sluipschutter. ‘We hebben niet voor de makkelijke weg gekozen,’ zegt Phoenix, ‘maar we bewijzen ons wanneer het moet.’ Ze zegt zich geen illusies te maken over de gevaren. In de militaire psychologie nemen sluipschutters een bijzondere plek in, en als ze ooit gevangen worden genomen, fungeren ze als voorbeeld. Daarbij is het geen voordeel vrouw te zijn. ‘Als een vrouwelijke sluipschutter gevangen wordt genomen, wordt ze verkracht, vernederd, gemarteld en vervolgens geëxecuteerd,’ zegt Oksana. ‘Een sluipschutter moet altijd bereid zijn zichzelf op te blazen met een granaat.’

    De welbegrepen risico’s leggen een zware druk op hun naasten. Niet iedereen is open tegenover de familie over wat ze doen. Oksana zegt dat toen de oorlog uitbrak haar moeder haar geld aanbood om naar Europa te vluchten – het lijkt erop dat ze niet eens weet dat haar dochter in het leger zit. Zowel Phoenix als Sultan hebben jonge kinderen en voormalige echtgenoten achtergelaten.

    ‘Een sluipschutter moet altijd bereid zijn zichzelf op te blazen met een granaat’

    Sultan zegt dat haar achtjarige dochter er al rekening mee houdt dat ze zou kunnen sterven. ‘Ze vertelde me dat als dat gebeurt ze verdrietig zal zijn, maar altijd een plekje in haar hart zal hebben voor mij.’ Een zweem van emotie is zichtbaar in de ogen van de koelbloedige scherpschutter. Dan schudt ze haar hoofd en benadrukt dat er geen weg terug is. Haar kind is de reden dat ze moet vechten, zegt ze: ‘Ik doe er alles aan om ervoor te zorgen dat haar generatie niet te maken krijgt met Poetin en zijn idiote wereld.’

    Lees ook: