Tientallen kinderen zouden in het weeshuis zijn overleden
Het Rode Kruis heeft zo’n driehonderd kinderen uit een weeshuis in de Soedanese hoofdstad Khartoem geëvacueerd vanwege het aanhoudende geweld. Dat schrijft CNN. Door de oorlog in het Afrikaanse land zijn tientallen kinderen in het weeshuis overleden, onder meer door ondervoeding en uitdroging.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
De kinderen, die allemaal tussen de een en vijftien jaar oud zijn, konden het weeshuis verlaten dankzij een corridor die de beide strijdende partijen in Khartoem hadden opgezet. Eerder kon het Rode Kruis de kinderen niet evacueren vanwege de vele beschietingen in de Soedanese hoofdstad. Ook medewerkers van het weeshuis zijn geëvacueerd.
Voordat in april gevechten uitbraken tussen het regeringsleger en de RSF, zaten er vierhonderd kinderen in het tehuis. Nadat de gevechten begonnen, was het vrijwel onmogelijk om humanitaire hulp te verlenen, aangezien wapenstilstanden telkens geschonden werden. Medewerkers konden daardoor niet aan babyvoeding en medicijnen komen en hebben zeker zeventig kinderen moeten begraven.
Bij het conflict in Soedan zijn niet alleen de twee binnenlandse legers SAF en RSF betrokken. Door de strategische ligging van het land mengen ook andere landen zich erin, zoals Egypte en Rusland. Zal dit leiden tot een escalatie?
Vier dagen na het begin van de oorlog in Khartoem, de hoofdstad van Soedan, het huis van Mohammed. De soldaten droegen de zakenman (wiens naam we om veiligheidsredenen hebben aangepast) en zijn familie op te vertrekken en plaatsten luchtafweergeschut op het dak van zijn appartement. Mohammeds gezin trok bij familie in, in een rustigere buurt. Maar ook daar werd het al snel onveilig: de gevechten breidden zich uit en de straten raakten bezaaid met lichamen.
De strijd begon enkel als een machtsstrijd tussen het officiële leger, ofwel de Soedanese Armed Forces (SAF), en de Rapid Support Forces (RSF), een militie die is uitgegroeid tot een paramilitaire organisatie. Maar het geopolitieke belang van Soedan brengt hier mogelijk verandering in. Hoe langer het conflict voortduurt, hoe groter de kans dat ook buitenstaanders zich ermee gaan bemoeien.
Streng toezicht
Soedan ligt aan de Nijl, de levensader van Egypte. Het land heeft bovendien havens in de buurt van de Hoorn van Afrika, het zuidelijke knooppunt van de Rode Zee, niet ver van de Perzische Golf; allemaal essentiële pijlers voor de wereldeconomie. De VS, China en Frankrijk houden dan ook streng toezicht op de regio: alle drie de landen hebben een militaire basis in Djibouti. ‘De Hoorn is van groot strategisch belang en een microkosmos van andere internationale geschillen,’ zegt Comfort Ero, voorzitter van de International Crisis Group, een denktank die zich richt op conflicten. Het is een plek waar ‘het Westen en het Oosten samenkomen, waar de Golf en Europa bijeenkomen’.
Voorlopig lijken de twee Soedanese partijen aan elkaar gewaagd. De SAF staat onder bevel van generaal Abdel Fattah al-Burhan, die in 2019 en 2021 met staatsgrepen de macht overnam. Vervolgens consolideerde hij deze macht, waardoor hij in feite de leider van Soedan werd. Aan het begin van het conflict had de SAF een aanzienlijke, traditionele, militaire macht, met onder andere tanks en gevechtsvliegtuigen. De RSF lijkt op het eerste gezicht de underdog. Maar bevelvoerder Muhammad Hamdan Dagalo (beter bekend als Hemedti) beschikt over grote particuliere rijkdom, omdat de RSF naar verluidt delen van de Soedanese goudhandel in handen heeft. Hij leidt tienduizenden trouwe soldaten.
De omverwerping van het islamistische regime van dictator Omar al-Bashir in 2019 maakte de weg vrij voor Dagalo. Zijn vermogen stelde hem vervolgens in staat om met generaal Burhan te wedijveren om de macht. Uiteindelijk schopte Dagalo het zelfs tot vicepresident. Wapens en geld hebben de afgelopen jaren wellicht ook een rol gespeeld in zijn ontwikkeling tot semiautonome figuur op het internationale toneel en tot iemand die deals sluit met buitenlandse mogendheden. De RSF is niet zomaar een ‘opstandige militie’, zegt Sharath Srinivasan, Soedan-deskundige aan de universiteit van Cambridge. ‘Het is een speler met nationale invloed.’
Al drie weken lang woeden er gevechten in Khartoem en elders, met name in West-Darfoer, maar nog geen van beide partijen heeft een beslissend voordeel weten te behalen. De RSF mist tanks en een luchtmacht, maar compenseert dat gebrek door zich te verschansen in woonwijken in de hoofdstad. Volgens een Soedanese vrouw wier vier nichtjes via een ventilatierooster ontsnapten nadat de RSF hun huis had bezet, verkrachten mannen van de RSF vrouwen en worden ze gedwongen voor hen te koken.
Dagalo wordt in Khartoem gehaat door inwoners, die hem verantwoordelijk houden voor een massaslachting onder honderden demonstranten
Inwoners van Khartoem hebben verder te kampen met luchtaanvallen door de SAF. Op 1 mei stierven drie vrouwen die tegenover een ziekenhuis thee verkochten doordat een bom explodeerde. Volgens de VN zijn bij de gevechten al meer dan vijfhonderd burgers gedood en nog veel meer gewond geraakt (het werkelijke aantal ligt waarschijnlijk veel hoger). Naar verwachting zullen de komende weken en maanden maar liefst achthonderdduizend vluchtelingen de Soedanese grenzen oversteken.
De troepen van de RSF worden beter betaald en hebben meer recente gevechtservaring dan die van de SAF. Onlangs zijn ze erin geslaagd belangrijke delen van de hoofdstad in beslag te nemen, waaronder de internationale luchthaven en de grootste olieraffinaderij van het land. Ze lijken bovendien de controle te hebben over het presidentiële paleis en de staatsomroep. ‘De afgelopen twee weken gedroegen ze zich alsof ze het hier voor het zeggen hadden,’ zegt Waleed Adem, inwoner van een wijk in Oost-Khartoem die door de RSF is bezet.
De RSF overheerst ook in Darfoer, de thuisregio van Dagalo, waar het de macht heeft over twee van de drie aanwezige luchtmachtbases. In el-Geneina braken bloedige gevechten uit toen tribale Arabische milities, gelieerd aan de RSF, niet-Arabieren in de stad aanvielen. Inmiddels zijn die weer gestaakt.
Verder is vrijwel overal het leger de baas. Duizenden Soedanezen en buitenlanders zijn geëvacueerd uit Port Soedan, aan de Rode Zee in het onrustige oosten van het land. Die stad werd aan het begin van de oorlog door de SAF bezet. Ook op het platteland rond Khartoem is het min of meer rustig. ‘Het leven gaat hier gewoon zijn gangetje,’ meldt een universitair professor. Hij ontvluchtte onlangs met zijn gezin de stad.
‘Khartoem zal lang een bloedbad blijven’
De RSF voert een guerrillacampagne, met aanvallen op legereenheden en faciliteiten in de hoofdstad, maar langzaam begint de controle van de SAF over het luchtruim zijn tol te eisen. ‘We hebben al hun voorraden rond Khartoem aangevallen,’ zegt een soldaat van de SAF. Verschillende konvooien met versterkingen voor de RSF uit Darfoer zijn naar verluidt vernietigd door luchtaanvallen.
De vraag is of de twee partijen de impasse snel kunnen doorbreken. De SAF heeft tientallen jaren ervaring met het neerslaan van opstanden in afgelegen gebieden, maar nooit eerder deden ze dat in de hoofdstad. De SAF kan in Khartoem simpelweg niet winnen door alles plat te bombarderen, zoals het dat elders heeft geprobeerd. ‘Khartoem zal lang een bloedbad blijven,’ voorspelt een westerse veiligheidsanalist. Hij voegt eraan toe dat de SAF door interne verdeeldheid binnen het leiderschap mogelijk te weinig voordeel behaalt uit zijn aanzienlijke voorsprong op zware wapens.
Ook de RSF bevindt zich in een lastig parket. De organisatie zal moeite hebben haar troepen te bevoorraden en te herbewapenen terwijl de gevechten voortduren. Zelfs in het geval van een overwinning, wat onwaarschijnlijk is, zal Dagalo moeite hebben om Soedan te leiden. Hij wordt in Khartoem gehaat door inwoners, die hem namelijk verantwoordelijk houden voor een massaslachting die troepen van de RSF, de politie en de inlichtingendienst in 2019 verrichtten onder honderden demonstranten. Het huidige gedrag van zijn troepen heeft ze alleen maar minder populair gemaakt. ‘Het volk staat achter het leger,’ aldus Adem.
Strategisch waardevol
Of er inderdaad een langdurige oorlog op komst is, hangt af van hoe de buurlanden van Soedan op de situatie zullen reageren. Soedan geldt door zijn omvang en strategische ligging aan de Rode Zee al langer als strategisch waardevol – zowel voor de landen in de regio als voor China, Rusland en het Westen – vanwege de scheepvaart naar de zeestraat Bab al-Mandab. Ongeveer 10 procent van de wereldhandel over zee gaat hierdoorheen.
De economische belangen van de Golfstaten, met name de Verenigde Arabische Emiraten (VAE) en Saoedi-Arabië, lopen gevaar. Een bedrijf uit de Emiraten sloot in december een deal ter waarde van zes miljard dollar om aan de Rode Zeekust van Soedan een haven en een economische zone te ontwikkelen. De Saoedi’s en de Emiraten steunden Burhan en Dagalo na hun gezamenlijke staatsgreep en boden zo’n drie miljard dollar aan noodhulp. Geen van beide landen heeft er belang bij het conflict aan te wakkeren. Saoedi-Arabië heeft al duizenden Soedanezen geëvacueerd die probeerden te vluchten via Port Soedan. Net als Europa vreest het een plotselinge toestroom van vluchtelingen.
Maar de zaken worden ingewikkelder door de schimmige relatie die Dagalo heeft met de VAE. Hij nam in 2017 geld en wapens aan van de VAE, in ruil waarvoor de RSF de Emiraten bijstonden bij hun oorlog in Jemen. Sindsdien heeft hij banden opgebouwd in Abu Dhabi en Dubai, de twee belangrijkste deelstaten van de Emiraten. Toch hebben de Emiraten ‘geen bijzondere affiniteit met Hemedti’, aldus Harry Verhoeven van Columbia-universiteit. Sinds het begin van de oorlog zijn er geen aanwijzingen dat de VAE RSF-troepen zijn blijven bevoorraden. De Golfstaten kunnen zich dus ‘afzijdig houden en zich indekken om te zien welke kant het opgaat’, aldus Comfort Ero.
‘Hoe langer het conflict voortduurt, hoe meer externe partijen zich ermee zullen bemoeien’
De positie van Rusland is minder duidelijk. Een Russische huurlingenorganisatie, de schimmige Wagner Group, is naar verluidt betrokken bij de goudwinning in Soedan en zou de RSF van wapens voorzien. Het Kremlin wil vooral ‘voorkomen dat er in Soedan een democratische machtswisseling plaatsvindt’, aldus Samuel Ramani, auteur van Russia in Africa. De Russische regering wil aan de Rode Zee een marinebasis bouwen en is daarom beter af met een militaire regering in Khartoem dan met de prille democratische regering die door de coups van de junta in de kiem is gesmoord.
De burgeroorlog in Soedan is nog geen echte proxy-oorlog, zoals de conflicten in Libië, Syrië en Jemen zijn. Maar het land deelt lange en instabiele grenzen met buurlanden die eveneens door conflicten worden geteisterd, waaronder de Centraal-Afrikaanse Republiek, Tsjaad, Libië en Zuid-Soedan. In elk van deze landen zijn grote, uiteenlopende groepen van milities en rebellenorganisaties te vinden, waarvan vele etnische of zakelijke banden hebben met de RSF of zijn rivalen. Sommige wachten af tot het moment waarop ze van de chaos in Soedan kunnen profiteren. ‘Hoe langer het conflict voortduurt, hoe meer externe partijen zich ermee zullen bemoeien,’ waarschuwt Suliman Baldo, hoofd van de Sudan Transparency and Policy Tracker, een groep die toezicht houdt op het conflict.
Issaias Afwerki, de president van Eritrea, zal zich misschien ook in het conflict willen mengen. Hij heeft banden met Dagalo en verleende in het verleden steun aan Soedanese rebellen. Een andere kandidaat is Khalifa Haftar, een Libische krijgsheer die banden met de Wagner Group heeft en naar verluidt al brandstof en wapens naar de RSF heeft gestuurd.
De RSF van Dagalo en het Libische Nationale Leger (LNA) van Haftar, dat de macht heeft over een groot deel van Oost-Libië, hebben in het verleden samengewerkt. De RSF-troepen steunden in 2019 het LNA – dat ook door de VAE werd gesteund – bij een aanval op Tripoli, de hoofdstad van Libië. De oudste zoon van Haftar was twee dagen voordat de burgeroorlog in Soedan uitbrak in Khartoem om Dagalo te ontmoeten.
Haftar zou de RSF dus kunnen steunen, maar moet ook zijn goede relatie met Egypte, een van zijn andere buitenlandse sponsors, behouden. Egypte, dat al lange tijd het meest invloedrijke buurland van Soedan is, is een vurig voorstander van de SAF van Burhan. Egypte beschouwt de situatie in Soedan als een essentiële factor voor zijn eigen nationale veiligheid en ziet noch een burgerregering, noch Dagalo graag de leiding nemen.
Grootschaliger conflict
Vroeg in de oorlog zou een Egyptisch vliegtuig een RSF-munitieopslagplaats hebben geraakt. Op 1 mei beschuldigde Dagalo de Egyptische luchtmacht ervan doelwitten in Khartoem te hebben beschoten. Het is onbekend in hoeverre Egypte militair bij het conflict betrokken is, maar het is waarschijnlijk dat Egypte zijn steun zal opvoeren als de SAF verzwakt. ‘Egypte is de belangrijkste factor,’ zegt Magdi el-Gizouli van het Rift Valley Institute. ‘Het doel van Egypte is nu om de centrale macht in Soedan te handhaven.’
Een grootschaliger conflict kan nog worden voorkomen. Ondanks etnische botsingen in Darfoer is het conflict tot nu toe over het algemeen beperkt gebleven tot gevechten tussen de twee gewapende facties. Na bemiddeling door de president van Zuid-Soedan stemden beide partijen op 2 mei in met een staakt-het-vuren van zeven dagen, dat inging op 4 mei. Vredesbesprekingen gaan mogelijk binnenkort van start.
Ondertussen voltrekt zich een humanitaire ramp. De voedsel- en watervoorraden in Khartoem slinken. Bijna geen enkel ziekenhuis in de hoofdstad functioneert nog. Zwangere vrouwen overlijden onderweg naar het ziekenhuis. ‘Als het staakt-het-vuren niet serieus wordt genomen,’ waarschuwt Mohamed Lemine, het hoofd van de VN-organisatie voor seksuele en reproductieve gezondheid in Soedan, ‘zal alles instorten.’
Hoewel er in Soedan een nieuw staakt-het-vuren is aangekondigd, dat volgens een Amerikaans-Saoedisch communiqué maandagavond in werking zal treden, was er zondag ‘geen onderbreking in de gevechten’ tussen het regeringsleger en de paramilitaire Rapid Support Forces (RSF), meldde de BBC. Volgens een journalist in Khartoem, die lokale bewoners citeerde, verzette het Soedanese leger zich tegen ‘een poging van paramilitairen om de belangrijkste luchtmachtbasis bij de hoofdstad binnen te dringen’.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
De Amerikaanse en Saoedische bemiddelaars kondigden zondag aan dat ze na twee weken onderhandelen in Saoedi-Arabië tot een wapenstilstand van een week waren gekomen. Eerdere wapenstilstanden werden kort na de ingang geschonden, aldus de Britse omroep.
De strijdende partijen zijn in gesprek over een wapenstilstand
Ondanks gesprekken over een wapenstilstand gaan de gevechten in Soedan onverminderd door, zo meldt The Guardian. Met name in de hoofdstad Khartoem wordt nog steeds zwaar gevochten tussen het Soedanese leger en de paramilitaire Rapid Support Forces (RSF). Beide partijen voeren nog steeds luchtaanvallen uit boven de stad.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Naast Khartoem vinden er ook in de regio Darfur, waar de RSF van oudsher een voet aan de grond heeft, veel gevechten plaats. Tegelijkertijd proberen de partijen tot een overeenkomst over een bestand en het doorlaten van humanitaire hulp te komen, met Saoedi-Arabië en de Verenigde Staten als andere gesprekspartners. Door het aanhoudende geweld lijkt het moeilijk daadwerkelijk tot een akkoord te komen.
Honderden mensen zouden zijn omgekomen sinds het geweld in het Afrikaanse land begon. 700.000 mensen zijn ontheemd geraakt en als gevolg van de vele gewonden kunnen de ziekenhuizen de hoge toestroom niet aan. Het Rode Kruis probeert hulpmiddelen te leveren, maar door de burgeroorlog komen de goederen vaak niet aan op bestemming.
Daarnaast moeten burgers het land veilig kunnen verlaten
Het Soedanese leger en de Rapid Support Forces (RSF), die al enkele weken een bloedige burgeroorlog in het Afrikaanse land uitvechten, hebben een akkoord gesloten over het toelaten van humanitaire hulp. Dat schrijft The New York Times. Daarnaast moet er een vluchtroute komen voor Soedanezen die het land willen verlaten.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Over een staakt-het-vuren zijn geen afspraken gemaakt. De beide partijen zijn al dagenlang in onderhandeling, maar eerder afspraken over wapenstilstanden werden telkens geschonden en men benadrukt dat er nog geen akkoord ligt om de wapens neer te leggen. Onder meer de VS en Saoedi-Arabië zijn betrokken bij de gesprekken tussen de twee partijen.
Het geweld in Soedan is al bijna een maand gaande en met name in de hoofdstad Khartoem woedden zware gevechten. Ruim zeshonderd mensen zijn bij het geweld om het leven gekomen en zeker vijfduizend mensen zijn gewond geraakt. De humanitaire ramp in het land is echter stukken groter, met zeker vijf miljoen mensen die dringend hulp nodig hebben.
De wapenstilstand tussen de twee strijdende partijen in Soedan is donderdag met tweeënzeventig uur verlengd. Dat schrijft The Guardian. Hoewel het vorige staakt-het-vuren niet overal is nageleefd, is de hevigheid van de gevechten wel afgenomen, waardoor zevacuaties door buitenlandse landen mogelijk zijn geweest.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Onder meer de VS en Saoedi-Arabië proberen de partijen te overtuigen de wapens neer te leggen en Zuid-Soedan bemiddelt tussen het regeringsleger enerzijds en de paramilitaire RSF anderzijds. Ondanks dat de gevechten enigszins zijn afgenomen, hebben tienduizenden Soedanezen het land verlaten. Voor de Soedanezen die niet kunnen vluchten dreigt een hongersnood.
Zo melden hulporganisaties dat er een tekort is aan drinkwater en voedsel in onder meer Khartoem. Ziekenhuizen hebben daarnaast moeite om de meest basale medicijnen te verstrekken aan gewonden. Er zijn zeker vierduizend mensen gewond geraakt bij de gevechten tussen het leger en de RSF. Nog eens vijfhonderd mensen zijn om het leven gekomen.
De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Antony Blinken heeft maandag bekendgemaakt dat de strijdende partijen in Soedan hebben ingestemd met een staakt-het-vuren, ‘vanaf 24 april middernacht, voor een periode van tweeënzeventig uur’, meldt CNN. Het akkoord tussen het Soedanese leger en de Rapid Support Forces (RSF) kwam ‘na intensieve onderhandelingen in de afgelopen achtenveertig uur’, aldus het hoofd van de Amerikaanse diplomatie.
De RSF bevestigde maandag in een verklaring dat het de wapenstilstand had aanvaard ‘om humanitaire corridors in te stellen, het verkeer van burgers en inwoners te vergemakkelijken, hen in staat te stellen in hun basisbehoeften te voorzien, ziekenhuizen en veilige gebieden te bereiken en diplomatieke missies te evacueren’. Het Soedanese leger gaf niet onmiddellijk commentaar.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Maar ‘dit is al de vierde poging die is aangekondigd sinds het geweld deze maand uitbrak en tot nu toe heeft geen enkele wapenstilstand standgehouden’, schrijft BBC. Hopelijk stelt deze staakt-het-vuren burgers in staat Khartoem te verlaten, aldus de Britse omroep.
De recente gevechten in Soedan, die tien dagen geleden begonnen, ‘kwamen tot uitbarsting toen de toenemende spanningen escaleerden tussen de legerleider, generaal Abdul Fattah al-Burhan, en het hoofd van de Rapid Support Forces, generaal Mohamed Hamdan Dagalo – beter bekend als Hemedti’, aldus Axios.
Ten minste vierhonderd mensen zijn gedood sinds het begin van de gevechten, volgens de Wereldgezondheidsorganisatie. Naar schatting tienduizenden mensen, waaronder Soedanese burgers en mensen uit buurlanden, zijn gevlucht vanwege de onrust, aldus BBC. Uren voor de aankondiging van Blinken waarschuwde VN-secretaris-generaal Guterres dat het geweld in Soedan een ‘catastrofale brandhaard’ dreigt te worden die zich kan uitbreiden naar de regio en daarbuiten.
Steeds meer landen halen hun burgers weg uit het Afrikaanse land
Na dagen van onzekerheid zijn dit weekend de eerste buitenlanders geëvacueerd uit Soedan. Het gaat om diplomaten en staatsburgers uit de VS, Europa en de Golfstaten, schrijft Al Jazeera. Ook Nederland heeft tientallen mensen weten te evacueren.
Sinds ruim een week geleden gevechten uitbraken tussen de paramilitaire RSF en het reguliere leger zijn honderden mensen omgekomen in Soedan. Duizenden mensen zijn gewond geraakt en ziekenhuizen kunnen de toestroom aan nieuwe patiënten amper aan. Omdat het vliegveld van Khartoem midden in de stad ligt, is het zeer gevaarlijk om daar vliegtuigen te laten landen en ook rond andere militaire vliegvelden wordt gevochten.
Voor mensen die nu nog in Soedan zijn wordt het steeds moeilijker om het land te verlaten, zeker omdat het internet op veel plekken in de hoofdstad van het Afrikaanse land platligt. Sommige landen kiezen ervoor om hun burgers per boot te evacueren vanuit Port Soedan, maar omdat de stad op 800 kilometer van Khartoem ligt, is die mogelijkheid niet voor iedereen weggelegd.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Na vijf dagen van zware gevechten is de situatie in Soedan nog verre van onder controle. Op woensdag werd voor de tweede dag op rij een staakt-het-vuren afgekondigd, dat binnen minuten werd geschonden, meldt Al Jazeera. Onder meer bij het presidentieel paleis in de hoofdstad Khartoem worden zware gevechten gemeld. Inmiddels nadert het dodental de driehonderd, plus duizenden gewonden die niet terecht kunnen in de ziekenhuizen in de stad.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Diplomaten en ambassadeurs hebben opgeroepen de wapens neer te leggen, maar zijn tegelijkertijd bezig hun landgenoten te evacueren uit het Afrikaanse land. Japan heeft als eerste land een militair vliegtuig gestuurd en Duitsland zou een poging hebben gewaagd burgers weg te halen, wat niet is gelukt. Ook Nederland heeft twee vliegtuigen klaarstaan in buurland Jordanië.
Soedanezen zelf proberen intussen in allerijl de hoofdstad te ontvluchten, al bemoeilijken de schendingen van de wapenstilstanden die vluchtpogingen. Andere inwoners van de stad blijven binnen, terwijl zeer hoge temperaturen, slinkende voorraden en het einde van de ramadan het steeds moeilijker maken voor burgers om niet naar buiten te gaan.
Elke week pluist de redactie van 360 een actuele gebeurtenis voor je uit aan de hand van de internationale pers. Deze week kijken we naar Soedan, waar gevechten zijn uitgebroken tussen twee generaals van rivaliserende legers. Het land lijkt op het punt te staan van een burgeroorlog. Hoe heeft het zover kunnen komen?
Dit artikel verscheen woensdag in de nieuwsbrief Buiten de grenzen, exclusief voor abonnees. Wil je elke week op de hoogte blijven? Neem dan een (proef)abonnement – al vanaf €4 per maand – op 360 Magazine en abonneer je op de nieuwsbrieven.
Wat is er aan de hand in Soedan?
‘Soedan bevindt zich opnieuw in een crisis’, schrijft The Guardian naar aanleiding van het conflict in het land dat sinds zaterdag is opgelaaid. In hoofdstad Khartoem zijn gevechten uitgebroken tussen rivaliserende militaire groeperingen, na maanden van groeiende onrust over de toekomst van het land en zijn democratie.
‘Gevechtsvliegtuigen scheerden zondag over hoofdstad Khartoem en vuurden raketten af op de miljoenenstad. Het militaire hoofdkwartier werd bestookt met artillerievuur, waardoor het in een toren van vlammen veranderde. Burgervliegtuigen werden gebombardeerd op de luchthaven van de stad, waar doodsbange passagiers zich klein maakten op de vloer van de terminal.’ Zo beschrijft The New York Times de sfeer op het hoogtepunt van de gevechten op zondag.
Het is nog maar vier jaar geleden dat de dictator van het land, president Omar al-Bashir, na drie decennia van wreed bewind werd afgezet en dat de mensen euforisch de straat op gingen om een democratische regering te eisen. Die droom is niet uitgekomen.
Twee van de machtigste generaals van het land, Abdel Fattah al-Burhan en Mohamed Hamdan Dagalo (beter bekend als Hemedti of ‘Mohammedje’), grepen in 2021 samen de macht in een militaire staatsgreep. Deze alliantie bleek van korte duur: Al-Burhan, het hoofd van het leger, en Hemedti, de leider van de paramilitaire groep Rapid Support Forces (RSF), hebben zich nu tegen elkaar gekeerd.
Dat er problemen op komst waren werd vorige week duidelijk, schrijft The Guardian, toen de RSF onder leiding van Hemedti troepen begon te stationeren rond de noordelijke stad Merowe – een strategische locatie met een luchthaven en een stuwdam in de Nijl – en in andere grote steden, ondanks bezwaren van de legerleiding.
De acties van de paramilitaire groepering mondden zaterdag uit in een gewelddadige confrontatie die nog steeds voortduurt. Beide partijen wijzen naar elkaar als antwoord op de vraag wie de gevechten is begonnen.
De vijf miljoen inwoners van Khartoem werden overvallen door hevig geweervuur, luchtaanvallen en artillerie-explosies. Volgens het Soedanese ministerie van Volksgezondheid zijn tot dusver minstens 270 mensen gedood, waaronder drie mensen die voor het Wereldvoedselprogramma van de VN werkten, en meer dan tweeduizend mensen raakten gewond, bericht Al Jazeera.
Het geweld is niet beperkt gebleven tot de hoofdstad: er zijn berichten over conflicten in steden en dorpen in het hele land, ook in de door oorlog verscheurde regio Darfur en aan de grenzen met Ethiopië en Eritrea – ‘landen die hun eigen binnenlandse problemen kennen’, aldus The Guardian.
Generaal Hemedti van de RSF stelde dinsdag een wapenstilstand voor, na een telefoongesprek met Anthony Blinken, de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, meldt Sudan Tribune. Burgers zouden tijdens het staakt-het-vuren vierentwintig uur de kans krijgen om te evacueren. Al-Burhan zette de gevechten echter voort en beschuldigde Hemedti en de RSF ervan extra troepen te mobiliseren.
‘Het geweld dreigt de humanitaire crisis te verdiepen in een land dat het economisch toch al moeilijk heeft’, schrijft The Guardian. Door de staatsgreep van 2021 kreeg Soedan geen toegang tot miljarden dollars aan buitenlandse hulp en schuldkwijtschelding. Stijgende voedselprijzen, verwoestende overstromingen en uitbraken van ziekten hebben de burgers ongelooflijk kwetsbaar gemaakt.
Nu zitten miljoenen mensen vast in hun huizen, naar verluidt zonder water en elektriciteit in de laatste dagen van de ramadan, te bang om naar buiten te gaan om voedsel of voorraden te halen.
Burgers die in het kruisvuur terecht zijn gekomen, zijn aangewezen op de toch al zwakke gezondheidszorg in Soedan, die een nieuwe toevloed van gewonde patiënten moet verwerken. Honderden patiënten zijn geëvacueerd en de Wereldgezondheidsorganisatie heeft gezegd dat sommige ziekenhuizen al door hun kritieke voorraden heen zijn om gewonde burgers te behandelen. Zestien ziekenhuizen zijn naar verluidt buiten werking, sommige zijn getroffen door bombardementen, schrijft Sudan Tribune in een ander bericht.
Waarom is Soedan al jaren instabiel?
‘Het land is nu al vier jaar aan het koorddansen en houdt wanhopig vast aan de droom van de volksrevolutie van 2019’, schrijft The New York Times, toen wierpen demonstranten het regime van dictator Omar Hassan Al-Bashir, die al aan de macht was sinds 1989, omver.
De protestleiders en de strijdkrachten sloten vervolgens een akkoord over de verdeling van de macht, dat moest leiden tot verkiezingen en een burgerregering. ‘Maar de verdeel-en-heers tactiek van Al-Bashir liet een tijdbom achter: een bonte verzameling van milities en gewapende facties die nu om de macht strijden’, schrijft The Economist.
De militaire junta onder leiding van Al-Burhan, die tot dan toe het land leidde, pleegde vervolgens in oktober 2021 een nieuwe staatsgreep om een einde te maken aan een eerste poging tot democratische overgang. Abdallah Hamdok, in augustus 2019 gekozen als premier van de overgangsregering, werd afgezet.
‘Na de coup van oktober ging het harde optreden tegen tienduizenden demonstranten meer dan een jaar door. Ten minste 125 mensen werden gedood, terwijl anderen ernstig gewond raakten of verdwenen’, aldus The New Arab. Sindsdien houden de generaals Abdel Fattah Al-Burhan en Hemedti, die respectievelijk president en vicepresident van de Raad voor Overgangssoevereiniteit werden, het land in handen.
‘Het land is nu al vier jaar aan het koorddansen en houdt wanhopig vast aan de droom van de volksrevolutie van 2019’, schrijft The New York Times. In dat jaar wierpen demonstranten het regime omver van dictator Omar Hassan Al-Bashir, die al aan de macht was sinds 1989.
De protestleiders en de strijdkrachten sloten vervolgens een akkoord over de verdeling van de macht, dat moest leiden tot verkiezingen en een burgerregering. ‘Maar de verdeel-en-heerstactiek van Al-Bashir liet een tijdbom achter: een bonte verzameling van milities en gewapende facties die nu om de macht strijden’, schrijft The Economist.
De militaire junta onder leiding van Al-Burhan, die tot dan toe het land leidde, pleegde vervolgens in oktober 2021 een nieuwe staatsgreep om een einde te maken aan een eerste poging tot democratische overgang. Abdallah Hamdok, in augustus 2019 gekozen als premier van de overgangsregering, werd afgezet.
‘Na de coup van oktober ging het harde optreden tegen tienduizenden demonstranten meer dan een jaar door. Ten minste 125 mensen werden gedood, terwijl anderen ernstig gewond raakten of verdwenen’, aldus The New Arab. Sindsdien houden de generaals Abdel Fattah Al-Burhan en Hemedti, die respectievelijk president en vicepresident van de Raad voor Overgangssoevereiniteit werden, het land in handen.
‘Voor een land dat nog maar kort geleden uit zijn internationale isolement is getreden, is de chaos [van de afgelopen dagen] een vernietigende klap’, aldus The New York Times. Omdat Soedan op weg was naar democratie, hadden de Verenigde Staten het land van de terrorismelijst geschrapt. Er werd internationale hulp beloofd en de Russische interesse in Soedanese grondstoffen verhoogden de geostrategische waarde van het land. ‘Maar de Soedanese revolutie is net als vele andere [revoluties] vastgelopen’, schrijft het Amerikaanse dagblad.
In december ondertekenden de militaire en civiele leiders van Soedan na maandenlange onderhandelingen een voorlopig akkoord om een einde te maken aan het militaire bewind sinds oktober 2021 in het land van kracht is. Het leger had beloofd afgelopen dinsdag, vier jaar na de afzetting van de Al-Bashir, de macht over te dragen. Maar die overgang hing af van de vraag of generaal Al-Burhan en generaal Hemedti hun sudderende rivaliteiten onder controle konden houden.
De afgelopen vier maanden raakten de RSF en het leger door deze kwesties in een impasse. Centraal in deze vijandigheid stond de vraag hoe de RSF in het leger moest worden geïntegreerd – het leger had gezegd dat dit binnen twee jaar moest gebeuren terwijl de RSF een veel langere termijn verlangde: tien jaar. Hemedti beschuldigde Al-Burhan er vervolgens van te weigeren de controle uit handen te geven, waardoor de verslechterde relatie tussen de generaals nog meer onder druk kwam te staan.
Hoe gaat het conflict aflopen?
Het geweld is wereldwijd veroordeeld. Blinken zei op sociale media dat hij ‘diep bezorgd’ was en de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken drong er bij beide partijen op aan om onmiddellijk te stoppen met de gevechten. ‘Het is echter niet alleen medeleven dat deze verontrusting aanwakkert – een aantal landen heeft een gevestigd belang bij de toekomst van Soedan’, schrijft The Guardian.
De Russische huurlingengroep Wagner adviseerde de wrede dictator Omar al-Bashir voordat deze ten val werd gebracht en uit een onderzoek blijkt dat de groep goudmijnen in de regio had geplunderd om Poetins oorlogsinspanningen in Oekraïne te ondersteunen. Rusland oefende ook druk uit op Soedan om Russische oorlogsschepen te laten aanmeren in havens aan de Rode Zee, schrijft The New York Times.
Daardoor is Soedan voor de Verenigde Staten van strategisch belang geworden. ‘Het kan daarbij geen kwaad dat het land ook rijk is aan grondstoffen’, merkt The Guardian op.
Er zijn weinig tekenen dat de partijen bereid zijn het geweld op te geven. Generaal Al-Burhan wordt al geruime tijd gesteund door Egypte. Hemedti wordt gesteund door de Verenigde Arabische Emiraten en heeft banden met de Russische Wagner-groep, waarmee hij de Soedanese goudindustrie controleert. Saoedi-Arabië heeft ook grote belangstelling.
Als het geweld aanhoudt, is het een reëel gevaar dat een groeiend aantal binnenlandse en buitenlandse actoren erbij betrokken wordt, waardoor het moeilijker wordt een oplossing te vinden, schrijft The Guardian in een commentaar. Naast de bezorgdheid voor Soedan zelf bestaat de vrees dat de gevechten zullen overslaan naar Tsjaad, de Centraal-Afrikaanse Republiek en andere delen van de regio.
‘Beëindiging van de gevechten zou de eerste stap zijn. Er is verenigde en aanhoudende internationale steun voor een staakt-het-vuren nodig’, roept The Guardian op. ‘Onder Donald Trump hebben de VS het Soedan-beleid in feite uitbesteed aan regionale spelers. Hun hernieuwde betrokkenheid is tegelijkertijd te laat en welkom. Zorgvuldig gerichte sancties kunnen een rol spelen. De door de Afrikaanse Unie toegezegde hoge delegatie kan de onderhandelingen vergemakkelijken.’
‘Opnieuw hebben inhalige en op macht beluste mannen de behoeften en wensen van het Soedanese volk met voeten getreden’, vervolgt het commentaar van het dagblad uit Londen. ‘Door deze uitbraak zijn de prodemocratieactivisten verder dan ooit van hun doel verwijderd geraakt en hebben zij hun inspanningen verlegd van de politiek naar het voorzien in de basisbehoeften van hun landgenoten en het streven naar beëindiging van het geweld.’
‘Toch is het volk politiek bewuster en beter georganiseerd dan ooit tevoren, en voor veel burgers is de afgelopen dagen een bevestiging geweest dat een oppervlakkig politiek proces in een systeem dat door twee krijgsheren wordt gedomineerd, geen vooruitgang of zelfs maar stabiliteit kan brengen. Zelfs in deze grimmige tijden zullen degenen die dapper en hardnekkig hebben gestreden om gehoord te worden, hun ambities niet opgeven’, besluit de Britse krant.
Persbureau Reuters schetst een minder hoopvol beeld: ‘Het gevaar dreigt van een langdurig conflict bovenop een aanslepende economische crisis en bestaande, grootschalige humanitaire behoeften.’
De gevechten in Soedan tussen het regeringsleger en de milities van de Rapid Support Forces (RSF) houden al meer dan vier dagen aan. Gisteren weigerde het regeringsleger van generaal Al-Burhan een staakt-het-vuren en beschuldigde het de RSF ervan extra troepen te mobiliseren, meldt Sudan Tribune.
Na een telefoongesprek met Anthony Blinken, de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, besloot Generaal Dagalo van de RSF dinsdag een wapenstilstand voor te stellen. Om burgers te evacueren zouden de strijdende partijen voor vierentwintig uur de wapens neerleggen. Desondanks gingen gevechten in de hoofdstad door. ‘Er is geen teken van rust in Khartoem’, aldus de VN.
Bij de gevechten zijn sinds zaterdag al bijna tweehonderd doden en achttienhonderd gewonden gevallen. Zestien ziekenhuizen zijn naar verluidt buiten werking, sommige zijn getroffen door bombardementen, schrijft Sudan Tribune in een ander bericht.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Twee machtige facties van het leger staan tegenover elkaar
In Soedan wordt sinds zaterdag zwaar gevochten tussen twee onderdelen van de Soedanese strijdkrachten. Volgens Africa News zijn er zeker drieëntachtig doden gevallen en ruim elfhonderd mensen gewond geraakt. Ziekenhuizen kunnen de toestroom van gewonden al niet meer aan, en daar komt bovenop dat de Verenigde Naties voorlopig alle humanitaire hulp staken nadat drie VN-medewerkers omkwamen na een aanval op hun konvooi dit weekend.
De strijd in Soedan gaat tussen het reguliere leger en de Rapid Support Forces (RSF), dat onder leiding staat van generaal Mohamed Hamdan Dagalo, alias Hemedti. Hemedti pleegde samen met Abdul Fattah al-Burhan, leider van de Soedanese strijdkrachten, een staatsgreep in 2021, maar zijn het nooit eens geworden over hoe het straatarme Afrikaanse land bestuurd moest worden.
Volgens experts is de kans reëel dat er een burgeroorlog in Soedan uitbreekt
Met name om de hoofdstad Khartoem wordt zwaar gevochten, onder meer met tanks en gevechtsvliegtuigen. De Verenigde Naties hebben opgeroepen tot een staakt-het-vuren, maar beide partijen lijken daar voorlopig geen gehoor aan te geven. Dat er in het land ook nog milities en andere rebellenbewegingen actief zijn, maakt volgens experts de kans reëel dat er een burgeroorlog in het land zou kunnen uitbreken.
De democratische achteruitgang is zo ernstig dat autocraten nu openlijk staatsgrepen plegen, verkiezingen stelen en andere landen binnenvallen, stelt Yascha Mounk in The Atlantic aan de kaak. ‘Despotische leiders van Myanmar tot Nicaragua voelen zich niet langer verplicht de schone schijn op te houden.’
Vladimir Poetin houdt de schijn niet meer op. Maandenlang beweerde de Russische president dat hij slechts geïnteresseerd was in de veiligheid van zijn land. Maandenlang verzekerde hij de wereld dat hij geïnteresseerd was in een diplomatieke oplossing. Maandenlang hoonde hij waarschuwingen over een dreigende Russische invasie in Oekraïne weg.
Vervolgens gaf hij bevel tot een grootschalige aanval op een soevereine natie. Russische raketten bliezen doelen op in belangrijke steden als Kyiv, Lviv en Charkov. Russische troepen trokken in hoog tempo Oekraïens grondgebied binnen. Er is weer oorlog in het hart van Europa.
Hoewel Poetin bleef volhouden dat het een ‘speciale militaire operatie’ betrof, was het duidelijk de bedoeling dat de wereld zijn boodschap zou horen. De wereldorde van na de val van de Sovjet-Unie is verleden tijd. Poetin is niet langer bereid zijn ambities te laten fnuiken door zelfs maar de meest elementaire internationale normen – zoals het verbod op verovering van grondgebied met militaire middelen.
We staan aan het begin van een nieuw tijdperk van pure machtspolitiek.
Democratische recessie
De aanval op Oekraïne viel samen met de lang geplande publicatie van het jaarlijkse rapport van de Amerikaanse waakhond Freedom House over de staat van de democratie in de wereld. Terwijl het rapport op 24 februari net na middernacht op de website van de ngo verscheen, zond CNN livebeelden uit van Russische troepen die de grens overstaken en van donkere rookwolken die boven Oekraïense steden opstegen.
Op basis van uitgebreid onderzoek naar de ontwikkelingen over de gehele aardbol, concludeert Freedom House dat de wereld het zestiende achtereenvolgende jaar is ingegaan van wat politicoloog Larry Diamond een ‘democratische recessie’ heeft genoemd. In 2021 was het aantal landen waar de democratie verloren dreigt te gaan wederom veel groter dan het aantal landen waar de democratie zich ontplooit.
In zestig landen zijn de burgerrechten verslechterd en democratische instellingen beknot, waarbij Afghanistan, Nicaragua, Tunesië en Soedan de kroon spannen. Aan het begin van de democratische recessie leefde ongeveer de helft van de wereldbevolking in een land dat als ‘vrij’ werd bestempeld. Inmiddels leeft nog maar twee op de tien mensen in een ‘vrij’ land, vier op de tien in ‘halfvrije’ landen zoals India, en nog eens vier op de tien in ‘onvrije’ landen zoals Saoedi-Arabië.
Voor alle aanvallen op de democratie uit het afgelopen jaar geldt dat ze steeds brutaler zijn geworden
Ook nu weer vertonen landen waarvan de democratische instellingen door politicologen als stabiel werden beschouwd – dat wil zeggen dat het zeer onwaarschijnlijk werd geacht dat ze in de nabije toekomst zouden wankelen – serieuze tekenen van zwakte en instabiliteit. Zo verstoorde een aanslag op het Amerikaanse Capitool, op 6 januari 2021, de vreedzame machtsoverdracht in de Verenigde Staten, die lange tijd als het prototype van de duurzame democratie werden beschouwd.
De interessantste bevindingen van het rapport helpen de tragische gebeurtenissen in Oost-Europa in een bredere context te plaatsen. De ogenschijnlijke plannen van Rusland om delen van Oekraïne in te lijven zijn een grove schending van het internationale recht, maar voor alle aanvallen op de democratie uit het afgelopen jaar geldt dat ze steeds brutaler zijn geworden. Nu de democratie overal ter wereld in een crisis verkeert, steken antidemocraten hun autocratische ambities niet langer onder stoelen of banken.
Tijdens de Koude Oorlog zijn tal van democratische regeringen waarin antidemocraten openlijk het gebruik van politiek geweld omarmden, onder wapengekletter gesneuveld. Maar in de afgelopen decennia kwamen dictators in spe meestal via de stembus aan de macht, door (relatief) vrije en eerlijke verkiezingen te winnen. Pas daarna begonnen zij de macht naar zich toe te trekken, onafhankelijke instellingen uit te hollen en de vrijheid van meningsuiting dusdanig in te perken dat ze niet meer langs democratische weg uit het zadel konden worden gelicht.
Staatsgrepen
Midden jaren tachtig was het aantal landen dat een democratische verschraling beleefde hoog, maar het aantal militaire staatsgrepen bleef laag. In 2021 daarentegen telde maar liefst zeven coups, het hoogste aantal sinds het jaar 2000. In onder andere Myanmar, Soedan en Mali hebben militairen het afgelopen jaar hun favoriete politieke leider met geweld aan de macht geholpen.
De democratische normvervaging heeft er ook voor gezorgd dat zittende (minister-)presidenten harder kunnen optreden. In de periode vlak na de Koude Oorlog hadden zelfs dictators het gevoel dat ze de schijn van democratie moesten ophouden. Politieke leiders deden meestal hun best om de illusie van democratische legitimiteit in stand te houden. Hoewel deze democratische geloofsbelijdenissen nooit oprecht waren, vormden ze voor autoritaire regimes een prikkel om oppositieactivisten of gewone burgers niet al te openlijk of al te wreed te onderdrukken. Dat is nu aan het veranderen.
In Rusland zijn Aleksej Navalny en veel van zijn aanhangers in de cel beland en is zijn organisatie van de verkiezingen uitgesloten
Hoewel bijvoorbeeld de Russische oppositie lange tijd onder extreem moeilijke – en gevaarlijke – omstandigheden moest opereren, konden enkele partijen die kritisch tegenover Poetin stonden soms meedoen aan de verkiezingen. Zo niet in 2021, toen Aleksej Navalny en veel van zijn aanhangers in de cel belandden en zijn organisatie van de verkiezingen werd uitgesloten.
En bij de Nicaraguaanse verkiezingen van dit jaar, om nog een voorbeeld te noemen, arresteerden de sandinistische leiders een aantal oppositiekandidaten op grond van valse beschuldigingen. ‘Verkiezingen hebben autoritaire leiders lange tijd een schijn van legitimiteit gegeven’, schrijven Sarah Repucci en Amy Slipowitz van Freedom House. ‘Maar naarmate de internationale normen in de richting van autocratie verschuiven, worden deze schijnvertoningen steeds wranger.’
Een ander treurig stemmend aspect van het rapport is dat het aantal landen dat democratischer wordt, de laatste tijd drastisch is gedaald. In 2006, het eerste jaar van de democratische recessie, bewogen 56 landen in de richting van meer vrijheid en democratie. Vorig jaar gold dat nog maar voor 25 landen.
De Amerikaanse droom
Aan het einde van de Koude Oorlog wezen alle tekenen in de richting van democratie. De Amerikaanse droom, de welvaart uit Hollywoodfilms en de in de Bill of Rights vastgelegde vrijheden werden overal ter wereld nagejaagd. Ook andere stabiele en succesvolle westerse democratieën vormden een inspiratiebron voor democratische gezinde inwoners van andere landen. Met de Verenigde Staten als enige supermacht werden de geopolitieke ambities van dictators, die zich min of meer gedwongen zagen met een fluwelen vuist te regeren, ingetoomd.
De veranderingen van de afgelopen drie decennia hebben de aantrekkingskracht van democratie wezenlijk verminderd. Wie in de eerste plaats geïnteresseerd is in materiële rijkdom, kan zich tegenwoordig in welvarende autocratieën als China of de Verenigde Arabische Emiraten vestigen; voor veel inwoners van de allerarmste landen is de droom van het goede leven niet langer synoniem aan leven in een democratisch land. Veel democratieën worden nu verscheurd door scherpe tegenstellingen en worstelen met binnenlandse spanningen die de stabiliteit bedreigen; ook in de VS staan de democratische instellingen onder druk. Daarbij wordt aan de poten van de democratische wereld gezaagd door een opkomend China en een revanchistisch Rusland; de autocraten op deze aardbol kunnen voor economische investeringen, militair materieel en internationale legitimiteit terecht bij opkomende autoritaire regimes.
Despotische leiders van Myanmar tot Nicaragua voelen zich niet langer verplicht de schone schijn op te houden
Daarom voelen dictators zich vrij om hun masker af te werpen. Despotische leiders van Myanmar tot Nicaragua voelen zich niet langer verplicht de schone schijn op te houden of het ministerie van Buitenlandse zaken gunstig te stemmen. En die dictators die over aanzienlijke militaire slagkracht beschikken, zoals Vladimir Poetin, proberen de wereldorde nu naar hun hand te zetten.
De democratie krijgt er een tegenspeler bij op het wereldtoneel. In de komende decennia zal er niet alleen fysiek strijd worden geleverd tussen democratieën en autocratieën op belangrijke slagvelden zoals Oekraïne, maar ook intellectueel, tussen de voorvechters van democratie en diegenen die het zelfbeschikkingsrecht van een volk resoluut naar de prullenmand verwijzen.
Na vijf dagen protest komt leger demonstranten tegemoet
Na vijf dagen van protesten belooft het Soedanese leger niet deel te nemen aan de vorming van de volgende regering. Generaal Abdel Fattah al-Burhan, die op 25 oktober 2021 na een staatsgreep de macht greep in Soedan, zei in een toespraak op 5 juli dat ‘het leger plaats zou maken voor een burgerregering, zich zou terugtrekken uit de lopende politieke besprekingen en politieke en revolutionaire groeperingen zou toestaan een overgangsregering te vormen’, meldt Al Jazeera.
De aankondiging volgt op een dodelijke week voor de Soedanese democratische beweging – waarin negen doden en meer dan zeshonderd gewonden vielen. Sinds 30 juni vinden er in Soedan grootschalige protesten plaats die een einde aan het militaire bewind eisen. Al-Burhans toespraak kon de activisten, die zich niet uit het centrum van hoofdstad Khartoem verwijderden, echter niet overtuigen. ‘We vertrouwen Al-Burhan niet,’ vertelde een demonstrant aan de Qatarese nieuwszender. ’We willen dat hij voorgoed vertrekt.’ ‘Al-Burhan moet worden berecht voor alle mensen die hij sinds de staatsgreep heeft gedood [meer dan honderdtien],’ aldus een andere woedende burger.
Militairen schoten met scherp tijdens demonstratie
Een mars van tienduizenden Soedanezen die demonstreerden tegen het militaire regime van generaal Abdel Fattah al-Burhan is donderdag met geweld beantwoord door veiligheidstroepen. Volgens Al Jazeera zijn er ten minste zeven doden zijn gevallen. Een van de slachtoffers was een minderjarige die ‘stierf nadat hij in de borst was geschoten’, aldus de Qatarese zender.
Artsen hebben het gebruik van munitie en traangasgranaten in ziekenhuizen door de politie aan de kaak gesteld. Sinds de staatsgreep van 25 oktober 2021 is er elke week gedemonstreerd voor de herinvoering van het burgerbestuur in Soedan, maar de demonstratie van donderdag was een van de grootste en dodelijkste in maanden. Sinds de staatsgreep zijn meer dan honderdtien demonstranten gedood.
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.