Tag: Verenigde Staten

  • Slechte timing, meneer Poetin!

    Slechte timing, meneer Poetin!

    Wat was er gebeurd als het Russische offensief in Oekraïne had plaatsgevonden toen Donald Trump nog Amerikaans president was? Volgens Joachim Käppner, veiligheidsexpert van Süddeutsche Zeitung, was de westerse reactie dan heel anders geweest.

    Ondanks alle verontwaardiging over de gruwelijkheden die Vladimir Poetin en zijn generaals nu op Oekraïne ten westen van Lviv loslaten, staan maar weinig mensen stil bij wat er had kunnen gebeuren als de Russische president anderhalf jaar eerder het bevel tot invasie had gegeven. Toen zat er geen Joe Biden in het Witte Huis die zou oproepen tot eenheid in de vrije wereld en die soldaten van de 82nd Airborne Division naar de oostgrens van de NAVO zou sturen ter afschrikking – overigens een zeer symbolisch gebaar als je bedenkt dat het deze divisie van parachutisten was die in 1944 het voortouw nam bij de herovering van Europa op de nazi’s. Anderhalf jaar geleden werden de VS nog geleid door een sinistere politieke clown die nu het ‘geniale’ en ‘briljante’ karakter van Poetin en zijn oorlog tegen een Oekraïens leger dat hopeloos in het nadeel is, bejubelt.

    Europa had vermoedelijk geen hulp van Donald Trump kunnen verwachten. Zonder de beschermende militaire suprematie van de Amerikanen zou de NAVO niet meer zijn dan een erfenis uit betere tijden, verworden tot een lege huls, zoals Trump de organisatie publiekelijk omschreef. En de vrijheid van het hele continent zou bedreigd worden zoals decennialang niet is gebeurd. Europa zou op zijn minst gedwongen zijn geweest de pax russica in het Oosten te aanvaarden. Trumpisme is niet alleen een ongekend gevaar voor ’s werelds oudste democratie, maar voor de gehele vrije wereld.

    Keerpunt

    De terugkeer van oorlog in het hart van Europa is een keerpunt zoals in 1953, 1956 of 1968, toen Sovjettanks het streven naar vrijheid in de satellietstaten van de USSR de kop indrukten. Of zoals in 1989, toen het tijdperk aanbrak van de illusie dat de gesel van oorlog niets meer was dan een herinnering aan het verleden. Of zoals in 1992, toen het Servische nationalisme en de verschrikkingen van de Balkanoorlog ons eraan herinnerden hoe dun het laagje vernis van de beschaving is.

    De oorlog van Poetin betekent dus een keerpunt, maar zijn timing is slecht. Joe Biden is misschien niet de sterkste president die de Verenigde Staten ooit hebben gehad, maar hij is ontegenzeggelijk een voorvechter van het trans-Atlantische bondgenootschap en heeft sinds het begin van zijn ambtstermijn in 2021 benadrukt dat een krachtig gemeenschappelijk optreden van democratieën fungeert als tegengif tegen populisme, autoritaire regimes en aanvallen op vrijheden.

    Zes maanden geleden trokken de laatste NAVO-troepen weg uit Kaboel en leek het trans-Atlantisch bondgenootschap op een dieptepunt te zijn beland. Vandaag laat het door de oorlog van Poetin weer zien wat het is: een levensverzekering voor democratieën in een wereld vol bedreigingen. Poetin kan Oekraïne met geweld veroveren en mogelijk een stuk van de voormalige Sovjet-Unie terugwinnen, maar hij kan ook het tegenovergestelde bereiken van wat hij wil.

    De gedestabiliseerde westerse wereld vindt haar kracht en haar waarden terug: menselijke waardigheid, grondrechten, vrijheid van meningsuiting

    Terwijl Poetin Europa tracht te verdelen en te ondermijnen, zorgt hij er juist voor dat de onderlinge banden verstevigd worden. De meeste Europese landen die zich na 1989 haastten om tot de NAVO toe te treden, zien nu hun voorgevoel bevestigd. Zelfs traditioneel neutrale landen als Zweden en Finland streven er inmiddels serieus naar om onder de beschermende paraplu van de alliantie te kunnen schuilen.

    De agressie van Poetin zou tot gevolg kunnen hebben dat de gedestabiliseerde westerse wereld haar kracht en haar waarden terugvindt: menselijke waardigheid, grondrechten, vrijheid van meningsuiting. Terwijl het rechts-populisme natiestaten oproept om allianties en instellingen als de NAVO en de Europese Unie te verwerpen, tonen de Russische tankcolonnes bij Kyiv ons de dwaasheid van deze voorstellen.

    Democratieën kunnen van hun fouten leren, zij hebben het vermogen om zichzelf te corrigeren

    De oorlog van Poetin is imperiale machtspolitiek die rechtstreeks uit de negentiende eeuw stamt, zonder rekening te houden met burgerslachtoffers aan Oekraïense kant of opoffering van de eigen soldaten. Veel mensen in Europa, vooral Duitsers met een post-nationalistische inslag, worden daardoor ruw wakker geschud. Sommige mensen zouden zich iets meer bewust mogen zijn van het geluk dat zij hebben om te kunnen leven in een vrij land waar zij hartstochtelijk hun eigen belangen kunnen nastreven en een modieuze autoritaire minachting voor open samenlevingen kunnen uitdragen. Innerlijke vrijheid, democratie en de rechtsstaat zijn niet zo vanzelfsprekend als wij zijn gaan geloven.

    Historicus Heinrich August Winkler presenteerde het Westen – opgevat als een geleidelijk gevormde gemeenschap van vrije staten waartoe Duitsland pas laat toetrad – als een ‘geheel van [sociale] verworvenheden dat uniek is in de wereldgeschiedenis’. Niet dat deze landen vrij zijn van gebreken of fouten, getuige de afwijking van de Trump-jaren of de – met het internationaal recht strijdige – invasie van Irak in 2003, die in het Midden-Oosten niet minder instabiliteit teweegbracht dan Poetin vandaag in Oost-Europa. Maar democratieën kunnen van hun fouten leren, zij hebben het vermogen om zichzelf te corrigeren, zoals de VS in 2020 hebben gedaan.

    Bundeswehr

    Voor Duitsland betekent dit dat het tijd is om de lippendienst die werd bewezen onder Angela Merkel waar te maken en de Bundeswehr weer in staat te stellen zijn echte taken te verrichten, namelijk een geloofwaardige afschrikkingsmacht zijn voor de verdediging van het land en het NAVO-gebied. Dit wil niet zeggen dat Berlijn er verkeerd aan heeft gedaan zo lang mogelijk de dialoog met Poetin aan te gaan; het land dat tachtig jaar geleden een vernietigingsoorlog tegen Rusland (en Oekraïne) ontketende, had de plicht dit te proberen, bovenal in het belang van het Russische volk.

    Duitsland is daar helaas niet in geslaagd. Als Europa’s grootste economie kan zij zich niet langer onttrekken aan haar toezegging – gedaan na de annexatie van de Krim in 2014 en vervolgens botweg genegeerd – om haar militaire uitgaven te verhogen tot 2 procent van het bbp om de immense gebreken van de Bundeswehr te herstellen [Olaf Scholz kondigde op 27 februari in de Bondsdag terecht aan dat hij zelfs verder zou gaan dan dit percentage]. Er is amper een andere manier om een gemeenschappelijke capaciteit tot afschrikking op te bouwen en een vrij Europa te verdedigen. Oekraïne ervaart nu wat er kan gebeuren als die ontbreekt.

  • Hoe telewerken het platteland een impuls geeft – maar niet overal

    Hoe telewerken het platteland een impuls geeft – maar niet overal

    Wereldwijd is het aantal mensen dat van de grote steden naar het platteland trekt door de nieuwe mogelijkheden om op afstand te werken enorm toegenomen. Maar opvallend genoeg pakt die ontwikkeling in de VS heel anders uit dan in Europa.

    Weg van de metropolen, weg van de stedelijke stress en weg van de hoge kosten van levensonderhoud. Verhuizen naar een gemoedelijke kleine stad of naar een rustige uithoek op het platteland: wereldwijd zijn er honderdduizenden die tijdens de pandemie hebben kunnen ervaren hoe prettig werken op afstand kan zijn, en die bereid zijn om die situatie voort te zetten.

    Sinds de pandemie werk en plaats loskoppelde, schrijft BBC, is het nu mogelijk om in gebieden te gaan wonen waar in het verleden geen banen waren voor bepaalde professionals. Voor sommige secundaire steden en kleinere gemeenschappen biedt dit een kans om de braindrain te stoppen, de vergrijzing van de bevolking tegen te gaan en de stadskas te spekken.

    ‘Maar voor andere gemeenten heeft deze nieuwe trend de huizenmarkten verstoord, de prijzen voor de arbeidersklasse verhoogd en grote stadsproblemen naar kleine steden gebracht die er totaal onvoorbereid op waren,’ aldus BBC.

    Onbetaalbare steden

    Dat laatste scenario doet zich vooral voor in de Amerikaanse regio die Intermountain West wordt genoemd en waar zich drie staten bevinden die tussen 2020 en 2021 de hoogste groeipercentages zagen: Idaho, Utah en Montana. Oxford Economics noemde onlangs de stad Boise in Idaho de meest onbetaalbare stad voor Amerikaanse huiseigenaren, vanwege een instroom van nieuwe externe werknemers uit dure kuststeden zoals Seattle en San Francisco. De gemiddelde huizenprijs in deze stad met 235.000 inwoners is nu 534.950 dollar (477.000 euro). Dat is tien keer hoger dan het gemiddelde inkomen.

    Een soortgelijk onderzoek van de Amerikaanse Florida Atlantic University, laat zien dat drie steden in het naburige Utah – Ogden, Provo en Salt Lake City – nu tot de top tien van meest overgewaardeerde huizenmarkten van Amerika behoren. Danya Rumore, onderzoeker aan de Universiteit van Utah, woont in Salt Lake City. ‘Vroeger noemden we het Small Lake City’, zegt ze, ‘maar het begint echt veel meer op een grote stad te lijken, en de dynamiek van de gemeenschap begint aanzienlijk te veranderen.’

    In de ogen van nieuwkomers hebben deze steden veel voordelen. Ze liggen dicht bij enorme natuurparken en ze bieden allerlei mogelijkheden voor recreatie. De kwaliteit van leven is er over het algemeen zeer goed. Maar de telewerkende nieuwkomers verdienen aanzienlijk meer dan de oorspronkelijke bewoners en in veel buurten is dan ook sprake van sterke gentrificatie, met alle gevolgen van dien, zegt Danya Rumore.

    Nieuwkomers drukken op de gemeenschap doordat ze de prijzen opdrijven

    Ook andere grotestadsproblemen zoals dakloosheid en luchtvervuiling dienen zich aan, volgens Rumore, terwijl de oververhitte huizenmarkt – een probleem dat wordt verergerd door kortetermijnverhuur – het voor bedrijven in de dienstverlenende sector moeilijk maakt om personeel te behouden, aangezien werknemers de oplopende huren niet kunnen betalen.

    Volgens Rumore kan deze ontwikkeling op twee manieren uitpakken. In het meer idealistische scenario sluiten de nieuwkomers zich aan bij de gemeenschap, en profiteert uiteindelijk iedereen van hun rijkdom en middelen. In het scenario waar ze zich zorgen over maakt en dat haar waarschijnlijker lijkt, drukken de nieuwkomers op de gemeenschap doordat ze de prijzen opdrijven en doordat hun koopkracht mensen die verbonden zijn aan lokale bedrijven opzij duwt.

    Hoop voor plattelandsgebieden

    Ook in Europa ontstaan op sommige plekken dergelijke negatieve effecten van telewerkende nieuwkomers, maar over het algemeen prevaleren de voordelen, meent BBC. ‘Deze trend van migratie uit de grote steden is mogelijk problematisch in de VS, maar aan de andere kant van de Atlantische Oceaan ziet het er heel anders uit. Met een gemiddelde leeftijd van tweeënveertig jaar is Europa het oudste continent ter wereld. Decennialang hebben lage geboortecijfers en massale migratie naar stedelijke centra zoals Londen, Parijs en Madrid ervoor gezorgd dat kleine steden en secundaire steden krimpen. Voor velen van hen biedt de pandemie een sprankje hoop.’

    Zo heeft een land als Ierland deze kans als geen ander met beide handen aangegrepen. Sinds maart 2021 is er een nieuw beleid voor plattelandsontwikkeling, dat volgens de minister van Plattelandsontwikkeling, Heather Humphreys, ‘het meest ambitieuze en transformationele beleid voor het platteland van Ierland in decennia is’.

    Het plan van de Ierse regering omvat 2,7 miljard euro om supersnel breedband in het hele land uit te rollen. Het idee is om uitstervende pubs om te vormen tot hubs voor werkenden, waardoor leeglopende, zieltogende dorpen een nieuw leven krijgen. Het initiatief biedt ook miljoenen euro’s financiële steun aan regionale overheden om leegstaande panden te veranderen in een netwerk van meer dan vierhonderd telewerkfaciliteiten. Daarnaast komen er belastingvoordelen voor particulieren en bedrijven die thuiswerken ondersteunen.

    Japan

    Japan heeft voor een vergelijkbare aanpak gekozen. Mensen die willen telewerken buiten de regio Tokyo, waar 30 procent van de bevolking van het land geconcentreerd is, kunnen zo‘n 1 miljoen yen (7730 euro) krijgen als ondersteuning. Het revitalisatieplan voor het platteland omvat ook tot 3 miljoen yen (23.200 euro) voor degenen die een digitaal bedrijf op het platteland opzetten.

    Blijven telewerkers op de plek waar ze naartoe zijn verhuisd als de pandemie achter de rug is? Dat is in Japan en elders nog de vraag, onderstreept BBC. Marcus Andersson, hoofd van adviesbureau Future Place Leadership in Stockholm, vindt dat telewerkers geen geïsoleerde werknemers moeten blijven en bepleit duurzame revitalisering van kleine steden en plattelandsgebieden.

    ‘Wat deze plaatsen moeten doen, is ontmoetingsruimten en netwerken creëren waar mensen kunnen communiceren, van elkaar kunnen leren en samen kunnen groeien’, betoogt hij. ‘Ze moeten dus eigenlijk een beetje worden wat de grote steden waren voor mensen, voor bedrijven en voor innovatie.’

    Lees ook:

  • Uber sluit vrede met gele taxi’s in New York

    Uber sluit vrede met gele taxi’s in New York

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Polio duikt voor het eerst in dertig jaar op in Malawi

    » Russische jacht mag niet tanken

    Via Uber-app kan nu een yellow cab besteld worden

    In New York heeft Uber vrede met taxi’s gesloten, die nu in het platform zullen worden geïntegreerd. ’Bel een Uber, neem een yellow cab,’ vat de The New York Times samen. De door een chauffeur aangedreven passagiersvoertuiggigant gaat samenwerken met twee taxibedrijven, Curb en CMT, waardoor New Yorkers een gele taxi kunnen bestellen via de Uber-app, zo maakten de bedrijven afgelopen donderdag bekend. ’De eens zo bittere rivalen, die jarenlang hebben gestreden om de heerschappij van de straten van de stad, hebben een onwaarschijnlijke alliantie gesloten’, schrijft het Amerikaanse dagblad.

    Lees ook:

  • Vier Russische regeringshackers beschuldigd van wereldwijde aanvallen

    Vier Russische regeringshackers beschuldigd van wereldwijde aanvallen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Duurste restaurant VS verhoogt menuprijs naar 1000 dollar per persoon

    » Techbedrijven staan te springen om getalenteerde vluchtelingen uit Oekraïne

    Vier Russen in VS aangeklaagd voor cyberaanvallen

    De Verenigde Staten hebben donderdag bekendgemaakt dat ze vier Russische hackers hebben aangeklaagd die banden hebben met de regering van hun land. Het ministerie van Justitie beschuldigt ze van het uitvoeren van een jarenlange hackcampagne die was gericht op duizenden computers in de Verenigde Staten en over de hele wereld. Het doel van de aanvallen was om toegang te krijgen tot systemen die vitale voorzieningen zouden kunnen verstoren of fysiek zouden kunnen beschadigen, meldt The Wall Street Journal.

    De beklaagden werkten allemaal voor de Russische regering en richtten zich op honderden bedrijven in 135 landen, aldus de Amerikaanse autoriteiten.

    Lees ook:

  • Duurste restaurant VS verhoogt menuprijs naar 1000 dollar per persoon

    Duurste restaurant VS verhoogt menuprijs naar 1000 dollar per persoon

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Techbedrijven staan te springen om getalenteerde vluchtelingen uit Oekraïne

    » Vier Russische regeringshackers beschuldigd van wereldwijde aanvallen

    Menu bij restaurant Masa wordt 150 dollar duurder

    Het Japanse restaurant Masa aan Columbus Circle in New York was al het duurste restaurant van de Verenigde Staten en dat zal niet snel veranderen. Het restaurant heeft namelijk aangekondigd dat de menuprijzen binnenkort met 150 dollar zullen stijgen. Om een maaltijd met onder meer wagyu-rundvlees, toro – oftewel tonijnbuik – met een kroon van kaviaar en ijs van witte truffel te kunnen genieten aan de gewilde counter, moet per persoon vanaf april 950 dollar (1.034 dollar inclusief belasting, circa 943 euro) worden neergeteld. Dan is er nog geen druppel wijn of sake geschonken. Een tafel is iets goedkoper; daarvan stijgt de prijs met 100 dollar naar 750 dollar exclusief btw, bericht de New Yorkse culinaire website Eater.

    De prijsstijging is kenmerkend voor de opwaartse prijsbewegingen in het hogere segment van de Japanse restaurants in New York. Stijgende voedsel- en toeleveringskosten, samen met een toenemende vraag van de consument, zorgen ervoor dat de kosten van een luxe sushidiner inmiddels op niet minder dan zeven locaties in Manhattan tot 400 dollar per persoon zijn gestegen.

    Lees ook:

  • Donald Trump is schuldig aan meervoudige fraude, aldus voormalig aanklager

    Donald Trump is schuldig aan meervoudige fraude, aldus voormalig aanklager

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Hermitage Sint-Petersburg trekt verzoek in om werken uit Milaan terug te krijgen

    » Zwitserse banken beheren zo’n 200 miljard Zwitserse frank van Russische klanten

    Einde vervolging ‘ernstig falen van de rechtsgang’

    ’Mark F. Pomerantz, die namens de rechtbank van Manhattan een onderzoek leidde naar Donald Trump, zegt dat de voormalige Amerikaanse president schuldig is aan meervoudige fraude’, aldus Axios. Pomerantz, die met pensioen ging om aan het Trump-onderzoek te werken, nam op 23 februari ontslag.

    In zijn ontslagbrief, in bezit van The New York Times, verklaart hij voor het eerst expliciet zijn overtuiging dat het Openbaar Ministerie de voormalige president had kunnen veroordelen. De beslissing van officier van justitie Bragg om het onderzoek naar Donald Trump te staken, was ’in strijd met het algemeen belang’, schreef hij.

    Pomerantz, die overwoog Trump aan te klagen voor het vervalsen van financiële documentatie, beschreef het beëindigen van de vervolging als ’ernstig falen van de rechtsgang’. ’De nieuwe officier van justitie van Manhattan heeft er inderdaad voor gekozen om Trump niet aan te klagen’, verklaart Pomerantsz aan Axios. ’Geen enkel dossier is perfect. Zelfs als er risico’s waren, ben ik ervan overtuigd dat niet overgaan tot vervolging schadelijker zal zijn voor het vertrouwen in de rechtspleging.’

    Lees ook:

  • Kremlin wil meer Tucker Carlson op Russische tv

    Kremlin wil meer Tucker Carlson op Russische tv

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » China: ‘Oekraïne is onze vriend’

    » India: Facebook trok partij Modi voor

    Rechtse tv-presentator is populair in Rusland

    Begin maart stuurde het Kremlin een opmerkelijk verzoek naar staatsvriendelijke media: ‘Het is essentieel om zoveel mogelijk fragmenten te gebruiken van uitzendingen van de populaire Fox News-presentator Tucker Carlson, die scherpe kritiek heeft op het optreden van de Verenigde Staten en de NAVO, hun negatieve rol bij het ontketenen van het conflict in Oekraïne en het provocerende gedrag van de leiders van de westerse landen en de NAVO tegenover de Russische Federatie en tegenover president Poetin persoonlijk.’ Het verzoek staat in een document van twaalf pagina’s, bericht Mother Jones. Daarin is een citaat opgenomen van de uiterst rechtse, met Donald Trump bevriende Carlson: ‘Hoe zouden de VS zich gedragen als een dergelijke situatie zich zou ontwikkelen in het naburige Mexico of Canada?’

    Volgens de metadata is het document, dat werd gelekt naar Mother Jones, een Amerikaans platform voor onderzoeksjournalistiek, afkomstig van het Departement voor Informatie en Telecommunicatie, dat valt onder de Russische veiligheidsdienst.

    Lees ook:

  • De VS erkennen genocide op Rohingya

    De VS erkennen genocide op Rohingya

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Zelensky is bereid te praten over Donbas en de Krim om einde te maken aan de oorlog

    » Nicaragua: acht jaar gevangenis voor oppositiepolitica

    Onderdrukking in Myanmar bestempeld als volkerenmoord

    De Verenigde Staten erkennen de jarenlange onderdrukking van de Rohingya, een moslimminderheid in Myanmar, als genocide. ’Aanvallen tegen de Rohingya waren wijdverbreid en systematisch’ in 2016 en 2017, zei Antony Blinken afgelopen maandag bij het Holocaust Memorial, meldt The Washington Post.

    ’Er zit een duidelijke bedoeling achter deze gruweldaden, de bedoeling om de Rohingya geheel of gedeeltelijk te vernietigen door middel van moord, verkrachting en marteling’, voegde de staatssecretaris eraan toe. De verklaring, een logische evolutie van verschillende standpunten die de Verenigde Staten sinds 2018 hebben ingenomen, komt ’doordat de regering-Biden aandacht wil blijven besteden aan Azië, met name rondom China, zelfs als de oorlog in Oekraïne een prioriteit blijft’, merkt de krant op.

    ’De Amerikaanse regering vestigt eindelijk de aandacht op wat er al jaren gaande is in Myanmar, en terecht. Het gedrag van het leger daar, helaas met goedkeuring van de burgerregering die in februari vorig jaar door de soldaten omver werd geworpen, jegens de Rohingya, is in feite een misdaad die iedereen treft en met recht genocide genoemd mag worden’, reageert de Frankfurter Allgemeine Zeitung.

    Lees ook:

  • Hondurese justitie staat uitlevering van ex-president Hernández toe

    Hondurese justitie staat uitlevering van ex-president Hernández toe

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Biden noemt Poetin een ‘oorlogsmisdadiger’

    » In Zuid-Korea verdienen vrouwen nog steeds 38 procent minder dan mannen

    Ex-president wordt vervolgd in de VS

    Het Hooggerechtshof van Honduras heeft ‘groen licht gegeven voor de uitleveringsprocedure van de ex-president van Honduras’, Juan Orlando Hernández, op verzoek van de Verenigde Staten. Daar wordt Hernández vervolgd voor drugshandel, schrijft El Heraldo.

    De voormalige president (2014-2022), nu drieënvijftig, werd op 15 februari in zijn huis in Tegucigalpa gearresteerd. Hij kan nog steeds tegen de beslissing in beroep gaan.

    Zijn broer en voormalig congreslid Juan Antonio Hernández is al veroordeeld voor drugshandel in de Verenigde Staten, waar hij een levenslange celstraf plus dertig jaar uitzit, merkt de Hondurese krant op.

    Lees ook:

  • Biden noemt Poetin een ‘oorlogsmisdadiger’

    Biden noemt Poetin een ‘oorlogsmisdadiger’

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Hondurese justitie staat uitlevering van ex-president Hernández toe

    » In Zuid-Korea verdienen vrouwen nog steeds 38 procent minder dan mannen

    Kremlin: ‘Onaanvaardbaar en onvergeeflijk’

    De Amerikaanse president Joe Biden heeft woensdag Vladimir Poetin voor het eerst een ‘oorlogsmisdadiger’ genoemd. ‘Dit is de scherpste veroordeling van Poetins acties door een Amerikaanse hoogwaardigheidsbekleder sinds de oorlog in Oekraïne drie weken geleden begon’, merkt CNN op. ‘Ambtenaren, waaronder Biden, hebben tot nu toe vermeden te beweren dat er oorlogsmisdaden zijn gepleegd in Oekraïne’, en geven er de voorkeur aan ‘het lopende onderzoek‘ te laten bepalen ‘of de term al dan niet kan worden gebruikt’.

    Andere wereldleiders hebben minder schroom getoond, aldus de Amerikaanse zender, onder wie de Britse premier Boris Johnson, ‘die vorige week verklaarde dat er oorlogsmisdaden worden begaan’ in Oekraïne.

    Het Kremlin reageerde onmiddellijk: ‘Wij beschouwen dergelijke retoriek van het [Amerikaanse] staatshoofd, wiens bommen honderdduizenden mensen over de hele wereld hebben gedood, als onaanvaardbaar en onvergeeflijk’, aldus de woordvoerder van de Russische president, geciteerd door persagentschap Tass.

    Lees ook:

  • Noam Chomsky: ‘VS en Rusland hebben niets te winnen bij een directe oorlog’

    Noam Chomsky: ‘VS en Rusland hebben niets te winnen bij een directe oorlog’

    Geconfronteerd met de invasie van Oekraïne door Rusland moeten de Verenigde Staten intensieve diplomatie verkiezen boven militaire escalatie. Een directe oorlog tussen de twee grootmachten zou alleen maar verliezers kennen, aldus Noam Chomsky, die zich altijd sterk heeft verzet tegen Amerikaanse buitenlandse (militaire) inmenging.

    Keuze uit het archief

    De Oekraïense president Volodymyr Zelensky opperde deze week – in navolging van Macron begin dit jaar – het idee om westerse troepen in Oekraïne in te zetten om het land te helpen de Russen terug te dringen.
    Als je het aan filosoof Noam Chomsky vraagt, is het inzetten van Amerikaanse militairen in Oekraïne simpelweg geen optie. In dit interview met Truthout van twee jaar geleden zet hij zijn standpunten over de oorlog in Oekraïne duidelijk uiteen. Volgens Chomsky moeten de VS een militair conflict met Rusland koste wat het kost vermijden en de diplomatieke weg bewandelen om de oorlog tot een einde te brengen. Daarbij moet het land grondig reflecteren op het eigen handelen in het verleden.

    De Russische invasie in Oekraïne heeft een groot deel van de wereld verrast. Het is een aanval zonder enige aanleiding of rechtvaardiging die de geschiedenis zal ingaan als een van de grootste oorlogsmisdaden van de eenentwintigste eeuw, zegt Noam Chomsky in een exclusief interview met Truthout. Politieke overwegingen, zoals naar voren zijn gebracht door de Russische president Vladimir Poetin, kunnen niet als argument worden gebruikt om het binnentrekken van een soevereine natie te rechtvaardigen. Maar nu ze met deze verschrikkelijke invasie worden geconfronteerd moeten de Verenigde Staten intensieve diplomatie verkiezen boven militaire escalatie, omdat dat laatste fatale gevolgen voor de mensheid zou kunnen hebben en er alleen maar verliezers zouden zijn, aldus Chomsky.

    Noam Chomsky geniet internationaal erkenning als een van de belangrijkste nog levende intellectuelen. Zijn intellectuele statuur is vergeleken met die van Galileo, Newton en Descartes, en zijn werk heeft onvoorstelbaar veel invloed gehad in vele takken van wetenschap, waaronder linguïstiek, logica en wiskunde, computerwetenschap, psychologie, mediastudies, filosofie, politicologie en internationale betrekkingen. Hij is de auteur van zo’n honderdvijftig boeken en ontvanger van tal van uiterst prestigieuze prijzen, waaronder de Sydney Peace Prize en de Kyoto Prize (het Japanse equivalent van de Nobelprijs), en van tientallen eredoctoraten van de meest vooraanstaande universiteiten. Chomsky is emeritus professor van het Massachusetts Institute of Technology en momenteel ereprofessor van de University of Arizona.

    Noam Chomsky

    Noam Chomsky is al decennia een felle criticus van het Amerikaanse buitenlandbeleid. De van oorsprong taalkundige spreekt zich al sinds de Vietnamoorlog uit tegen wat hij Amerikaans imperialisme noemt.

    In een opinieartikel in The Economist uit 2021 stelt Chomsky dat de VS zich sinds 9/11 gedragen als een pestkop op het wereldtoneel. De VS pretenderen de bewaker van vrijheid en democratie te zijn, maar ze houden zich niet aan ‘dezelfde normen die [de VS] andere opleggen’, schrijft de emeritus hoogleraar van de Massachusetts Institute of Technology.

    Critici hebben Chomsky er eerder van beschuldigd dat hij agressieve acties van Poetin, zoals de annexatie van de Krim, vergoelijkt door er slechts onrechtmatige interventies van de Verenigde Staten tegenover te zetten, zonder zich uit te spreken tegen Ruslands imperialistische neigingen.

    De Russische invasie in Oekraïne heeft de meeste mensen verrast en is als een schokgolf door de wereld gegaan, al waren er volop aanwijzingen dat Poetin nogal geagiteerd was geraakt door de oostwaartse expansie van de NAVO en de weigering van Washington om zijn ‘rode lijn’, zijn veiligheidseisen ten aanzien van Oekraïne, serieus te nemen. Waarom denkt u dat hij op dit moment een invasie is begonnen?

    ‘Voordat ik inga op die vraag moeten we enkele onweerlegbare feiten onder ogen zien. Het cruciaalste is dat de Russische invasie in Oekraïne een oorlogsmisdaad van de eerste orde is, die zich kan meten met de Amerikaanse inval in Irak en de inval van Hitler en Stalin in Polen in september 1939, om maar twee saillante voorbeelden te noemen. Zoeken naar verklaringen is altijd zinnig, maar er is geen rechtvaardiging, geen vergoelijking.

    Nu dan de vraag: er bestaan tal van uiterst zelfgenoegzame verklaringen voor Poetins geestesgesteldheid. Het gebruikelijke verhaal is dat hij in de ban is van paranoïde fantasieën, geheel in zijn eentje handelt en wordt omringd door kruiperige hovelingen, vergelijkbaar met de laatste resten van de Republikeinse Partij hier in Amerika die zich naar Mar-a-Lago slepen om de zegen van de Leider te ontvangen.

    Hoe terecht alle scheldkanonnades ook mogen zijn, misschien moeten er ook andere mogelijkheden in overweging worden genomen. Misschien meenden Poetin en zijn medestanders wel wat ze al jarenlang luid en duidelijk beweerden. Het zou bijvoorbeeld kunnen dat, “aangezien Poetins belangrijkste eis de verzekering is dat de NAVO geen nieuwe leden zal aannemen, en vooral niet Oekraïne of Georgië, er geen reden voor de huidige crisis zou zijn geweest als het bondgenootschap zich na de Koude Oorlog niet sterk had uitgebreid, of als die uitbreiding gepaard was gegaan met de opbouw van een veiligheidsstructuur in Europa waarvan ook Rusland deel uitmaakte”.

    Deze woorden werden kort voor de invasie geschreven door Jack Matlock, de voormalige Amerikaanse ambassadeur in Rusland en een van de weinige echte Ruslandspecialisten in het corps diplomatique van de VS. Matlock besluit met de overweging dat de crisis “gemakkelijk kan worden opgelost met een beroep op het gezond verstand. Het gezond verstand dicteert dat het in het belang van de Verenigde Staten is om vrede te bevorderen, geen conflict. Pogingen om Oekraïne los te weken uit de Russische invloedssfeer, wat voorstanders van de ‘kleurenrevoluties’ bepleitten, waren zowel dwaas als gevaarlijk. Zijn we de les van de Cubacrisis al zo snel vergeten?”

    ‘De crisis broeide al 25 jaar lang omdat de VS de Russische veiligheidsbezwaren minachtend afwimpelden’

    Matlock staat bepaald niet alleen. William Burns, het voormalige hoofd van de CIA en een van de weinige andere authentieke Ruslandkenners, komt min of meer tot dezelfde conclusie. Het nog krachtiger standpunt van diplomaat George Kennan is, helaas te laat, in brede kring geciteerd, onder andere door de voormalige Amerikaanse minister van Defensie William Perry en, buiten de diplomatieke gelederen, door de bekende specialist op het gebied van internationale betrekkingen John Mearsheimer en tal van andere toonaangevende figuren.

    Dit alles is verre van geheim. Volgens door WikiLeaks geopenbaarde Amerikaanse documenten leidde het roekeloze aanbod van een NAVO-lidmaatschap aan Oekraïne door Bush II tot een scherpe waarschuwing van de kant van Rusland dat een uitbreiding van de militaire dreiging niet zou worden geduld. Begrijpelijk.

    Hier doet zich overigens het merkwaardige fenomeen voor dat “links” regelmatig het verwijt krijgt van “links” dat het niet sceptisch genoeg tegenover de “Kremlinlijn” staat.

    Het punt is dat we eigenlijk niet weten waarom de beslissing voor een invasie is genomen, en zelfs niet of die door Poetin alleen is genomen of door de Russische Veiligheidsraad waarin hij een leidende rol vervult. Er zijn echter een paar dingen die we wel vrij zeker weten, mede op basis van gegevens waarin de eerder geciteerde Amerikaanse hoogwaardigheidsbekleders inzage hebben gehad. Het komt er in het kort op neer dat de crisis al vijfentwintig jaar lang broeide omdat de VS de Russische veiligheidsbezwaren minachtend afwimpelden, met name de duidelijke rode lijnen Georgië en vooral Oekraïne.

    Er is goede reden om aan te nemen dat deze tragedie tot op het laatste moment voorkomen had kunnen worden. We hebben het hier al eerder over gehad, herhaaldelijk. Over de vraag waarom Poetin zijn criminele agressie juist nu botviert, kunnen we zoveel speculeren als we willen. Maar de onmiddellijke achtergrond is duidelijk, en alleen veronachtzaamd, niet bestreden.

    Waarom het in de ogen van de slachtoffers van deze misdaad van onacceptabele toegeeflijkheid getuigt om te onderzoeken waarom die plaatsvindt en hoe hij vermeden had kunnen worden, is begrijpelijk. Begrijpelijk, maar onterecht. Willen we op deze tragedie reageren op manieren waarbij de slachtoffers gebaat zullen zijn, en waardoor nog ergere rampen die in het verschiet liggen kunnen worden voorkomen, dan is het verstandig en noodzakelijk om zo goed mogelijk te achterhalen wat er verkeerd is gegaan en hoe de zaak had kunnen worden bijgestuurd. Hoe bevredigend historische gebaren ook mogen zijn, je schiet er weinig mee op.

    ‘Wanneer heeft rechtvaardigheid ooit gezegevierd in internationale kwesties?’

    Zoals wel vaker moet ik denken aan een les die ik lang geleden heb geleerd. Aan het eind van de jaren zestig nam ik deel aan een bijeenkomst in Europa met een aantal vertegenwoordigers van het Nationaal Bevrijdingsfront van Zuid-Vietnam, de Vietcong in de volksmond. Het was in de korte periode dat er fel werd geprotesteerd tegen de afschuwelijke Amerikaanse misdaden in Indochina. Sommige jonge mensen waren zo woedend dat ze vonden dat de gruwelen alleen met geweld beantwoord konden worden, door het breken van ruiten en het opblazen van gebouwen in de VS. Een andere reactie zou medeplichtigheid aan vreselijke misdaden impliceren. De Vietnamezen zagen dat heel anders. Zij waren sterk tegen dergelijke acties gekant en toonden hun eigen manier om effectief te protesteren: een paar vrouwen die stil stonden te bidden bij graven van Amerikaanse soldaten die waren gesneuveld in Vietnam. Zij waren niet geïnteresseerd in dingen die de Amerikaanse tegenstanders van de oorlog een rechtschapen en eerzaam gevoel gaven. Ze wilden gewoon overleven.

    Het is een les die ik vaak in een of andere vorm heb geleerd van slachtoffers van gruwelijke misdaden in het ‘Globale Zuiden’, het voornaamste doelwit van het geweld van grootmachten. Een les die we ter harte moeten nemen, aangepast aan de omstandigheden. Vandaag de dag betekent het een poging om te begrijpen waarom deze tragedie zich voltrekt en hoe ze had kunnen worden afgewend, en om die les toe te passen op wat komen gaat.

    Het is een gevoelige kwestie. Er is nu geen tijd om daar langdurig bij stil te staan, maar bij een echt of denkbeeldig conflict wordt vaker naar een vuurwapen gegrepen dan naar een olijftak. Dat is bijna een reflex en de gevolgen zijn over het algemeen afschuwelijk, voor de gebruikelijke slachtoffers. Het is altijd de moeite waard om te proberen het te begrijpen, om een stap of twee vooruit te denken over de waarschijnlijke gevolgen van het al of niet ondernemen van actie. Dat zijn natuurlijk dooddoeners, maar ze kunnen niet vaak genoeg worden herhaald omdat ze zo gemakkelijk over het hoofd worden gezien als de gemoederen terecht hoog oplopen.

    De opties die overblijven na de invasie zijn grimmig. De minst slechte is steun voor de diplomatieke mogelijkheden die er nog zijn, in de hoop een resultaat te bereiken dat enkele dagen geleden nog haalbaar leek: een Oostenrijks getinte neutralisering van Oekraïne, een intern federalisme van het type Minsk II [in het tweede Minsk-akkoord uit 2015 werd een wapenstilstand in de Donbas afgesproken en een tijdelijk zelfbestuur van de afvallige Oekraïense regio’s Loehansk en Donetsk]. Dat is nu veel moeilijker te bereiken. En, noodzakelijkerwijze, een ontsnappingsluik voor Poetin, anders zal de afloop nog ijzingwekkender zijn, misschien bijna op het onvoorstelbare af, niet alleen voor Oekraïne, maar voor iedereen.

    Verre van rechtvaardig dus. Maar wanneer heeft rechtvaardigheid ooit gezegevierd in internationale kwesties? Moeten we het ontstellende doopceel opnieuw lichten?

    Of we het nu leuk vinden of niet, de keuzes zijn inmiddels beperkt tot ofwel een afzichtelijk resultaat dat Poetin eerder beloont dan bestraft voor zijn agressie, ofwel de mogelijkheid van een fatale oorlog. Hoe bevredigend het ook voelt om de beer in een hoek te drijven van waaruit hij wanhopig zal uithalen – en dat kan hij –, verstandig is het niet.

    ‘Daarnaast moeten we manieren proberen te vinden om een veel grotere groep slachtoffers te steunen: al het leven op aarde’

    Ondertussen moeten we alles in het werk stellen om degenen die hun vaderland dapper tegen wrede agressors verdedigen op een zinvolle manier te steunen, evenals degenen die aan de gruwelen ontsnappen en de duizenden moedige Russen die grote persoonlijke risico’s lopen door openlijk tegen de misdaad van hun land te protesteren, een les voor ons allemaal.

    Daarnaast moeten we manieren proberen te vinden om een veel grotere groep slachtoffers te steunen: al het leven op aarde. Deze ramp voltrekt zich op een moment dat alle grootmachten, wij allemaal zelfs, moeten samenwerken om de gigantische afbraak van het milieu te beperken die zijn grimmige tol nu al eist en binnenkort nog veel erger zal worden als er niet snel grootscheeps wordt ingegrepen. De IPCC heeft onlangs haar jongste en veruit onheilspellendste rapport gepubliceerd over de ramp die op ons af dendert.

    Ondertussen worden de noodzakelijke acties uitgesteld, en zelfs teruggedraaid, omdat hoogst noodzakelijke natuurlijke hulpbronnen voor vernietiging worden ingezet en de wereld bezig is het gebruik van fossiele brandstoffen weer op te voeren, waaronder de allergevaarlijkste, die in ruime mate voorhanden is, namelijk steenkool.

    Een kwaadaardige duivel zou nauwelijks een groteskere conjunctuur kunnen bedenken. We mogen er onze ogen niet voor sluiten. Elke minuut telt.’

    De Russische invasie is een duidelijke schending van Artikel 2(4) van het VN-Handvest, dat het bedreigen van of gebruik van geweld tegen de territoriale integriteit van een andere staat verbiedt. Maar tijdens zijn toespraak op 24 februari heeft Poetin juridische argumenten aangedragen voor de invasie, en Rusland voert Kosovo, Irak, Libië en Syrië op als bewijs dat de Verenigde Staten en hun bondgenoten het internationaal recht zelf ook herhaaldelijk schenden. Kunt u commentaar geven op Poetins juridische argumenten voor de invasie in Oekraïne en op de status van het internationaal recht in het tijdperk na de Koude Oorlog?

    ‘Over Poetins poging om met juridische argumenten voor zijn agressie te komen valt niets te zeggen. Die zijn van generlei waarde.

    Natuurlijk is het waar dat de VS en hun bondgenoten het internationaal recht schenden zonder met hun ogen te knipperen, maar dat maakt Poetins misdaden er niet minder om. Toch hebben Kosovo, Irak en Libië rechtstreekse implicaties gehad voor het conflict over Oekraïne.

    De invasie in Irak was een schoolvoorbeeld van de misdaden waarvoor nazi’s zijn opgehangen in Neurenberg, pure agressie zonder enige aanleiding. En een klap in het gezicht van Rusland.

    ‘Er waren diplomatieke opties, maar die werden zoals gewoonlijk genegeerd ten gunste van geweld’

    In het geval van Kosovo werd de NAVO-agressie (lees: de agressie van de VS) ‘illegaal maar terecht’ genoemd (bijvoorbeeld door de Internationale Commissie voor Kosovo onder leiding van Richard Goldstone) omdat de bombardementen zouden zijn uitgevoerd om een eind te maken aan voortdurende wreedheden. Voor dat oordeel moest de chronologie worden omgedraaid. Er is een overweldigende hoeveelheid bewijs voor het feit dat de stortvloed van wreedheden het gevolg was van de invasie: voorspelbaar, voorspeld, verwacht. Bovendien waren er diplomatieke opties, maar die werden zoals gewoonlijk genegeerd ten gunste van geweld.

    Hoge Amerikaanse functionarissen bevestigen dat vooral het bombarderen van Ruslands bondgenoot Servië, zonder waarschuwing vooraf, een ommekeer betekende voor de Russische pogingen om na afloop van de Koude Oorlog samen met de VS een soort Europese veiligheidsorde te creëren, een ommekeer die werd versneld door de invasie in Irak en het bombarderen van Libië nadat Rusland had toegezegd geen veto uit te spreken over een resolutie van de VN-Veiligheidsraad die door de NAVO onmiddellijk werd geschonden.

    Gebeurtenissen hebben gevolgen, maar de feiten kunnen binnen het doctrinaire systeem worden verhuld.

    De status van het internationaal recht is in de periode na de Koude Oorlog niet veranderd, niet in woorden en al helemaal niet in daden. President Clinton maakte duidelijk dat de VS niet van zins waren zich eraan te houden. De Clintondoctrine bepaalde dat de VS zich het recht voorbehouden “indien nodig unilateraal te handelen” en “unilateraal militaire machtsmiddelen in te zetten” om vitale belangen te verdedigen zoals “het garanderen van onbeperkte toegang tot essentiële markten, energievoorraden en strategische middelen“. Hetzelfde gold en geldt voor zijn opvolgers, en voor iedereen die ongestraft de wet kan overtreden.

    Dat wil niet zeggen dat het internationaal recht geen waarde heeft. Het is breed toepasbaar en in sommige opzichten een nuttig handvat.‘

    Doel van de Russische invasie lijkt te zijn de regering-Zelensky af te zetten en te vervangen door een pro-Russische. Maar wat er ook gebeurt, Oekraïne gaat een huiveringwekkende toekomst tegemoet door zijn beslissing een pion in de geostrategische spelletjes van Washington te worden. Hoe waarschijnlijk is het in die context dat economische sancties de Russische houding jegens Oekraïne zullen veranderen? Of beogen de economische sancties iets groters, zoals het ondermijnen van Poetins macht binnen Rusland en zijn banden met landen als Cuba, Venezuela en mogelijk zelfs China?

    ‘Oekraïne heeft misschien niet de verstandigste keuzes gemaakt, maar het land mist ten enenmale de opties die de grootmachten ter beschikking staan. Ik vermoed dat de sancties Rusland nog afhankelijker zullen maken van China. Tenzij er een serieuze verandering intreedt natuurlijk. Rusland is een kleptocratische petrostaat die afhankelijk is van een inkomstenbron die snel zal moeten opdrogen als we er niet allemaal aan willen gaan. Het is niet duidelijk of het financiële systeem van het land bestand is tegen een scherpe aanval in de vorm van sancties of andere middelen. Des te meer reden om met een vertrokken gezicht een ontsnappingsluik te bieden.’

    Westerse regeringen, gematigde oppositiepartijen zoals de Labour Party in het VK en massamedia hebben zich allemaal aangesloten bij een chauvinistische anti-Ruslandcampagne. Doelwit zijn niet alleen Russische oligarchen maar ook musici, dirigenten en zangers en zelfs eigenaren van voetbalclubs zoals Roman Abramovitsj van Chelsea FC. Rusland mag niet meedoen aan het Eurovisiesongfestival 2022. Dat is toch dezelfde houding die de massamedia en de internationale gemeenschap in het algemeen tegenover de VS innamen na de invasie in Irak en de vernietiging ervan?

    ‘Uw cynisme is terecht. En zo kunnen we nog wel even doorgaan.’

    Denkt u dat de invasie een nieuw tijdperk van langdurige strijd tussen Rusland (mogelijk samen met China) en het Westen zal inluiden?

    ‘Het valt moeilijk te voorspellen waar de as zal neerdalen, en dat zou weleens meer dan een metafoor kunnen blijken te zijn. Tot dusver houden de Chinezen zich gedeisd, en ze zullen vermoedelijk doorgaan met hun uitgebreide programma om een groot deel van de wereld economisch aan zich te binden. Zo hebben ze een paar weken geleden nog Argentinië opgenomen in hun Nieuwe Zijderoute. En onderwijl kijken ze hoe hun rivalen zichzelf te gronde richten.

    Zoals eerder gezegd kan een militaire escalatie fatale gevolgen voor de mensheid hebben, met alleen maar verliezers. We bevinden ons op een cruciaal punt in de menselijke geschiedenis. Dat valt niet te ontkennen. Dat valt niet te negeren.’

  • Britse justitie weigert hoger beroep van Julian Assange

    Britse justitie weigert hoger beroep van Julian Assange

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Nicholas Mulder: ‘Economie ondervindt dramatische gevolgen van sancties’

    » Russische moeder roept Poetin op om geen dienstplichtigen in te zetten in Oekraïne

    ‘Geen betwistbare rechtskwestie’, aldus Hooggerechtshof

    Voor Julian Assange, de oprichter van WikiLeaks, die in de Verenigde Staten wordt vervolgd voor het massaal lekken van documenten, komt uitlevering ‘steeds dichterbij’. Dat schrijft The Washington Post nadat het Britse Hooggerechtshof maandag 14 maart weigerde een beroep van de Australiër te onderzoeken.

    De rechters waren van oordeel dat het beroep ‘geen betwistbaar rechtskwestie’ opleverde. ‘Amerikaanse aanklagers beweren dat Assange heeft geholpen bij het hacken van geheime informatie en duizenden pagina’s militaire dossiers en diplomatieke memo’s over de oorlogen in Afghanistan en Irak heeft gepubliceerd, waardoor levens in gevaar zijn gebracht’, aldus de krant.

    Lees ook:

  • Gezocht: ‘Grizzly Bear Conflict Manager’

    Gezocht: ‘Grizzly Bear Conflict Manager’

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Westerse sancties tegen Rusland raken Tadzjikistan

    » CO2-uitstoot van dataopslag blijft groeien

    Amerikaanse overheid zoekt grizzlyberenexpert

    Op de banensite usajobs.gov van de Amerikaanse overheid staat een oproep voor een ‘Grizzly Bear Conflict Manager’ die aan de slag zal gaan in de staten Idaho, Montana, Washington en Wyoming. De Grizzly Bear Conflict Manager is verantwoordelijk voor de coördinatie van conflicten met grizzlyberen en wordt geacht om in samenwerking en overleg met overheidsinstanties, lokale stammen en organisaties voor natuurbeheer te werken aan onder meer een plan voor de vestiging grizzlyberen. De conflictmanager is belast met het nemen van definitieve beslissingen over herplaatsing, verwijdering, vangstoperaties, conflictpreventie en bewaking van de beren.

    Volgens de vacature wordt gezocht naar een ‘evenwichtige Amerikaanse staatsburger’ die beschikt over sterke communicatieve vaardigheden en aanzienlijke ervaring heeft in de omgang met grizzlyberen. De vestigingsplek is vrij maar moet zich wel binnen een straal van 160 kilometer rond Missoula, Bozeman of Kalispell in Montana bevinden. Het jaarsalaris ligt tussen de 79.363 en 103.176 dollar [72.833-94687 euro].

    Lees ook:

  • Hoe slecht is plastic nou eigenlijk echt?

    Hoe slecht is plastic nou eigenlijk echt?

    Plastic is schadelijk voor de gezondheid, het milieu en de mensenrechten – en fungeert als een vooralsnog niet te beteugelen aanjager van klimaatverandering. Een geschiedenis van het vermaledijde materiaal.

    Dit lijkt me niet echt een goed moment om over plastic te beginnen, denk ik als mijn vader na afloop van het samenzijn na een begrafenis over de vuilnisbak gebogen staat. Hij wenkt me, met een discreet maar dwingend gebaar. Hij heeft een doorzichtige plastic beker uit het vuilnis gehaald, met een geribbelde, rechte wand. ‘Polystyreen,’ grinnikt hij. Hij draait de beker om en kijkt naar de identificatiecode (een 6 in het midden van het recyclinglogo). ‘Maar niet mijn soort.’

    Mijn vader heeft in de jaren 1960 een veerkrachtige variëteit van polystyreen ontwikkeld voor Union Carbide, een van de belangrijkste plasticfabrikanten van de twintigste eeuw, inmiddels overgenomen door Dow Chemical Company. En nu staan we in de hal van de parochie en heb ik het gevoel dat hij dit glas elk moment stuk kan knijpen. Alsof hij mijn gedachten kan lezen, verstevigt hij zijn greep. Een beker van dit soort polystyreen versplintert tot een merkwaardige ster van scherven, geschakeerd rond de ronde bodem van de beker – en dat is precies wat hij me wil laten zien.

    Geen butadieen, denk ik. ‘Geen butadieen,’ zegt hij. In de productielijnen waarover hij de scepter voerde, werd butadieen toegevoegd om de kunsthars iets rubberachtigs te geven. Butadieen is een van de ruwweg tienduizend bestanddelen die plastics zoals wij ze vandaag de dag kennen, mogelijk hebben gemaakt. Mijn vader gaat op zoek naar een plasticbak, al weet hij ook wel dat deze beker weinig kans maakt op een volgend leven. Dat geldt vooral voor polystyreen, dat in talloze variëteiten op de markt is. Zoals antropoloog Tridibesh Dey opmerkt zijn plastics een chemisch complex allegaartje, meer ontworpen met het oog op gebruik dan op hérgebruik.

    Een tweede kans

    Mijn vader dacht ooit dat plastics tot in het oneindige hergebruikt zouden kunnen worden. Ik kan me zo voorstellen dat hij dacht dat plastic, net als de makers, een tweede kans verdiende. Toen Union Carbide in de jaren zeventig ging inkrimpen, nam mijn vader ontslag en bleef thuis bij de kinderen, totdat hij had bedacht hoe een leven zonder plastic eruit zou kunnen zien. Het antwoord bleek te schuilen in de ambtenarij: mijn vader stond een tijdlang aan het hoofd van het recyclingprogramma in mijn geboortestad. Maar hij heeft nooit zijn dromen kunnen verwezenlijken in de recycling. Van alle plastic die er tijdens zijn leven zijn geproduceerd, is nog geen tien procent op effectieve wijze hergebruikt.

    De vraag naar plastic is net zo kunstmatig als plastic zelf

    Deze teleurstellende uitkomst wordt – net als zoveel andere aspecten van onze relatie met plastic – vaak geweten aan individuele tekortkomingen. De pijlen worden zelden gericht op de plasticproducenten, of op de geopolitiek waardoor plastic over de hele wereld is verspreid. Maar wie zich verdiept in de geschiedenis van plastics, stuit op een ander verhaal: de vraag naar plastics is net zo kunstmatig als plastic zelf. Dat onze samenleving is vergeven van wegwerpplastic is niet veroorzaakt door de logica van de vraag, maar door de logica van de geschiedenis en geïntegreerde industriële systemen.

    De industrie werkt al tientallen jaren aan de illusie dat het alle problemen onder controle heeft, maar ondertussen worden zowel de productie als de promotie steeds meer aangezwengeld. De afgelopen twintig jaar zijn er meer plastics geproduceerd dan in de hele tweede helft van de twintigste eeuw. Recycling is een gebrekkig systeem – en toch wordt het gepresenteerd als wondermiddel. Maar een slimme truc aan het einde van de keten is geen oplossing voor de massale hoeveelheid plastic die wordt geproduceerd, voor de complexe toxiciteit en de erfenis van vervuiling en schade die de industrie al langere tijd aan de menselijke gezondheid en de mensenrechten toebrengt.

    Dat geldt natuurlijk allemaal al veel langer, maar nu is het moment daar om het gesprek over plastic ook echt aan te gaan. Naar verwachting zal plastic een zwaar stempel drukken op de eenentwintigste eeuw, als een vooralsnog niet te beteugelen aanjager van klimaatverandering.

    Materie

    Toen mijn vaders voormalige werkgever eind jaren 1920 plastic ging maken, was er niet echt sprake van een gretige afzetmarkt. Maar in zekere zin kon het bedrijf niet anders dan plastic vervaardigen. De nieuw ontwikkelde antivries, Prestone, werd gemaakt van aardgas en leverde een restproduct op, ethyleendichloride, een stof waarvoor geen praktische toepassing was en die dus op het terrein werd opgeslagen. Al snel had men er onvoorstelbare, ‘gênante’ hoeveelheden van opgeslagen, zoals het later werd verwoord in een nieuwsbrief van Carbide. De beste optie was, besloot het bedrijf, om er vinylchloride van te maken, waarvan al in de jaren 1970 werd vastgesteld dat het kankerverwekkend was, maar dat destijds werd gebruikt als bouwsteen voor een schadelijk soort plastics dat nog niet eerder op de markt was gebracht: vinyl.

    Dit is geen op zichzelf staan geval, maar eerder een voorbeeld van hoe de productontwikkeling bij chemische stoffen en plastics maar al te vaak verloopt. Voor Carbide en andere petrochemische fabrieken in de twintigste eeuw, vereiste elk nieuw product een reeks opeenvolgende reacties, en elke stap leverde weer een nieuw bijproduct op. Door die bijproducten te ontwikkelen waaieren de productielijnen uit en ontstond er uiteindelijk een bijna fractale structuur van onderling verwante producten. Alles wat het systeem binnenkomt moet ergens blijven, legt Ken Geiser, een beleidsexpert op het gebied van chemische industrie, uit in zijn boek Materials Matter. Materie is materie, het wordt gecreëerd noch vernietigd. En dus moet het worden omgezet: er wordt brandstof van gemaakt, het wordt afgedankt en veroorzaakt vervuiling, of het wordt te gelde gemaakt. Na vele herhalingen van dit proces komt Carbide uit bij Vinylite, dat uiteindelijk bruikbaar wordt gemaakt door de versmelting van twee typen vinyl: polyvinylchloride (pvc) en polyvinylacetaat.

    Volgens een intern marketingrapport heeft Carbide jarenlang geprobeerd nieuwe klanten te ‘synthetiseren’ en nieuwe toepassingen te bedenken voor Vinylite, terwijl een kredietafdeling de financiële last verlichtte door het product te adopteren. Uiteindelijk stuurde het bedrijf zelfs technische teams het land in om fabrikanten te leren hoe ze kunsthars moesten gebruiken – allemaal met matig succes. Celluloid, voorheen Bakeliet, en later ook polystyreen, kende vergelijkbare problemen.

    Door de Tweede Wereldoorlog kreeg de ontwikkeling van opkomende kunstharsen de wind in de zeilen

    Maar toen brak de Tweede Wereldoorlog uit. Door de oorlogscontracten kreeg de ontwikkeling van opkomende kunstharsen de wind in de zeilen. Zo hielp de Amerikaanse marine DuPont en Union Carbide om een licentie te krijgen van Britain’s Imperial Chemical Industries, zodat een begin kon worden gemaakt met de vervaardiging van polyethyleen voor de isolatie van draden en kabels (waarmee radar mogelijk werd). Het zogeheten Manhattan Project was de aanzet voor DuPont om het nieuwe gefluorideerde plastic in massaproductie te nemen, en dat zou uiteindelijk Teflon worden. Wat voorheen werd gewogen in grammen werd nu gewogen in tonnen. In de oorlog werden ook de al bestaande kunstharsen volwassen: aan het einde van de oorlog werd tweeëndertig keer zoveel polystyreen geproduceerd als bij het uitbreken van de oorlog.

    Maar polystyreen heeft enkele basisingrediënten gemeen met een ander materiaal dat van cruciaal belang bleek voor de moderne, gemechaniseerde oorlogsvoering: styreen-butadieenrubber, ook wel SBR genoemd. Rubber werd gebruikt voor rupsbanden. Vrachtwagenbanden. De zolen van de soldatenkistjes. 

    Rubber

    Het gigantische, Duitse IG Farben had al het zogeheten Buna S-rubber gesynthetiseerd, een versie van SBR op kolenbasis, toen de verstoring van de handel in natuurlijk rubber Amerika dwong om een inhaalslag te maken. Er werd razendsnel een onderzoeks- en ontwikkelingstraject in gang gezet en dat leverde het Amerikaanse alternatief op: GR-S, ofwel Government Rubber-Styrene. Volgens historicus Peter J. T. Morris deed dit traject niet onder voor de wedloop om een atoombom te maken. Om te kunnen beantwoorden aan de vraag naar rubber aan het front werd er styreen geproduceerd op een schaal die ‘haast onvoorstelbaar’ was, zoals valt te lezen in een Dow-reclame uit de jaren 1940 – al helemaal gezien de moeite die het tot dan toe had gekost om styreen te produceren.

    Maar er waren ook risico’s verbonden aan styreen. Het kan kanker veroorzaken, net als vinylchloride. Dat gold ook voor het andere belangrijke bestanddeel van synthetisch rubber: butadieen, ook een monomeer die later kankerverwekkend bleek te zijn, en een chemische stof die symbool staat voor de versmelting van twee ooit afzonderlijke domeinen – petroleum en chemicaliën– tot de petrochemische industrie.

    Amerika had de keuze tussen twee verschillende manieren om butadieen te maken. Het kon gemaakt worden uit graanalcohol (ethanol) of uit petroleum. De olie-industrie bond de strijd aan met de boeren om overheidscontracten binnen te slepen voor de nieuwe rubbermachine. Het graan hield stand tijdens de oorlog, maar toen de oorlog eenmaal ten einde was, dwarsboomde de door de overheid gesteunde petroleumindustrie elke mogelijkheid om een door koolhydraten gedreven chemicaliën-en-plasticsindustrie op te zetten. De graanoogsten werden te grillig geacht, te zeer aan de seizoenen gebonden, te gevoelig voor overstromingen en droogte, en dus vatbaar voor prijsfluctuaties. 

    Rond 1950 had de overheid de rubberfabrieken uit de oorlog verkocht aan particuliere investeerders. Styreen, zo meldde Dow, had ‘eervol ontslag’ gekregen om ‘een wereld van vrede’ te kunnen dienen. Verschillende bedrijven, waaronder Union Carbide, konden nu styreen en butadieen produceren in hoeveelheden die veel groter waren dan wat de rubberindustrie in vredestijd aankon. De oplossing voor een overdaad aan styreen: polystyreen, waarvan een deel later gemodificeerd zou worden tot hoogwaardig polystyreen. Het polystyreen van mijn vader.

    De zonnige toekomst van plastics school in wegwerpartikelen

    ‘De naoorlogse domesticatie van plastic verliep grillig, met horten en stoten’, schrijft cultuurhistoricus Jeffrey Meikle in zijn boek American Plastic. Om de vraag op te stuwen, investeerde de bedrijfstak op grote schaal in advertentiecampagnes en groeide zelfs uit tot een van de grootste klanten van reclamebureaus. Aanvankelijk richtte de advertenties zich op vrouwen, om hen te doordringen van de voordelen van plastic en om hun te leren hoe ze de verschillende namen moesten uitspreken – zelfs de Society of the Plastics Industry (SPI) ontkende niet dat het tongbrekers waren. (‘Polly en Vin Wie?’ staat te lezen in een pamflet dat de SPI in 1953 uitgaf, in samenwerking met het vrouwenblad McCall’s. ‘Nou, het is geen Polly maar Poly: Poly-styreen en Vin-yl.’) Toen de bedrijfstak geen nieuwe markten meer wist te bereiken, zoals voorheen lukte met bijvoorbeeld de Tupperware-party’s, waagde men zich op andere terreinen, door de concurrentie aan te gaan met leer, katoen, glas en metaal. Toch waren de verkoopcijfers halverwege de jaren 1950 nog van dien aard dat men niet langer probeerde het plastic de huizen binnen te krijgen, maar eerder het erdoorheen te jagen, zoals plasticexpert Max Liboiron uitlegt. De zonnige toekomst van plastics school in wegwerpartikelen – of, zoals Lloyd Stouffer, redacteur bij Modern Packaging Magazine, het formuleert, ‘in de vuilnisbak’ – en polystyreen was een van de kunststoffen die daarvoor in aanmerking kwam.

    Het duurde niet lang of Scott plaatste een reeks advertenties in Life, met daarin het eerste ‘wegwerpglas,’ zoals het bedrijf het noemde – mooi genoeg om gasten voor te zetten. Het bedrijf beloofde dat het ‘absoluut, zonder enige twijfel, honderd procent verantwoord’ was om dit glas, gemaakt van ‘puur polystyreen en glad als porselein’, weg te gooien. Rond 1960, aan het begin van het decennium waarin mijn vader plastics maakte, kocht het leger ook weer polystyreen, dit keer voor de vervaardiging van het zeer brandbare napalm-B, maar de verpakkings- en de wegwerpartikelenindustrie zouden de grootste afzetmarkten vormen voor plastics. De productiecijfers stegen ‘tot ongekende hoogten’, schreef een analist van wie de woorden in 1971 werden vastgelegd in de notulen van het Amerikaanse Congres. In de supermarkt werden papieren verpakkingen stuk voor stuk verdrongen door plastic: de eierdoos, de broodzak, het vleesbakje en uiteindelijk, zij het schoorvoetend, de boodschappentas, schrijft wetenschapsjournalist Susan Freinkel in haar boek Plastic: A Toxic Love Story.

    ‘Consumenten,’ legt Meikle uit, ‘konden alleen kiezen tussen de artikelen die in de schappen lagen.’ En tegen het einde van de twintigste eeuw lagen de schappen vol plastic.

    Alternatieven

    In mijn werkkamer staan kasten vol polystyreen bekers in alle mogelijke vormen, maten en kwaliteiten. Allemaal cadeautjes van mijn vader, die de merkwaardige gewoonte heeft ze voor me mee te nemen. Hij kan het niet aan om ze weg te gooien, en hij heeft zo zijn twijfels over recyclen.

    Het kan lastig zijn om je een voorstelling te maken van het web waarin de alledaagse plastic bekertjes zijn verbonden met de nauw verweven mondiale crises van gifstoffen, milieu-onrecht en klimaatverandering, en het kan zelfs nog lastiger zijn om te bepalen waar moet worden ingegrepen. Want ja, door sommige plastics worden goederen en voertuigen lichter en daarmee efficiënter. En plastic componenten helpen bij het ontwikkelen van technologieën die hernieuwbare energie weten op te slaan en te distribueren. Maar daarentegen zit tegenwoordig meer dan veertig procent van het plastic in doosjes, bekertjes, verpakkingsmaterialen en andere toepassingen voor kortdurend gebruik. Ondanks aansporingen om waar mogelijk wegwerpartikelen te weigeren en je eigen tasje of bakje mee te nemen, hebben de meeste mensen in de meeste gevallen weinig te zeggen over de hoeveelheid plastic verpakkingen in hun leven. Op sommige plekken is het haast onvermijdelijk om een aanzienlijke hoeveelheid wegwerpplastic (zoals zakjes) te gebruiken, zeker op het platteland en op afgelegen plekken, waar nauwelijks alternatieven voorhanden zijn, of in ieder geval geen betaalbare alternatieven.

    Bovendien is het alomtegenwoordige plastic niet altijd even goed zichtbaar. Google maar eens can lining and drain cleaner (blikje en gootsteenontstopper) en kijk zelf hoe de gootsteenontstopper de metalen laag van het blikje afbijt, tot er een plastic koker overblijft. Of nog beter: leg je kartonnen koffiebekertje volgende keer in een bak water. Het paper zal loslaten, waarna je het dunne laagje polyethyleen aan de binnenkant ziet.

    De industrie heeft er zelfs voor gelobbyd dat staten zich konden onttrekken aan het verbod op plastic tasjes

    Begin jaren 1970 waren er al vijftien staten die probeerden te bedenken hoe ze de snelle opmars van plastic bakjes een halt konden toeroepen. De bedrijfstak schakelde over van reclame op zelfverdediging. Lobbygroepen probeerden de twee cent belastingheffing op flesjes te verijdelen, en in de jaren erna verzette men zich in het nabijgelegen Suffolk County tegen maatregelen om het aantal polystyreen bekertjes en andere wegwerpplastics terug te dringen. De industrie heeft er zelfs voor gelobbyd dat staten zich konden onttrekken aan het verbod op plastic tasjes. En zodra uit peilingen bleek dat het draagvlak afkalfde, of wanneer er regelgeving dreigde, gooiden de industrie en haar handelspartners er extra advertentiegelden tegenaan.

    Niet eerder in de geschiedenis heeft plastic zo onder vuur gelegen. Vorig jaar maart hebben twee Democratische congresleden wetsvoorstellen ingediend om de plasticvervuiling tegen te gaan. Ten minste twee derde van de lidstaten van de Verenigde Naties (waaronder, sinds kort, de Verenigde Staten) zijn voorstander van onderhandelingen om te komen tot een bindende overeenkomst om de wereldwijde gevolgen van plastics aan te pakken. En de National Academies of Sciences, Engineering, and Medicine heeft Amerikaanse producenten opgeroepen om de hoeveelheid plastics terug te dringen die in winkels terechtkomt, en vervolgens in het milieu. Zelfs mijn vader was betrokken bij een poging om in de hele stad een verbod af te kondigen op wegwerppolystyreen.

    Al deze inspanningen trekken de ongelimiteerde productie van plastics in twijfel, maar er is ook nog een andere reden om nu stil te staan bij de plasticsproductie – de hoge CO2-uitstoot van de bedrijfstak is een aanjager van de klimaatverandering.

    De plasticindustrie heeft zich flexibel getoond – aanvankelijk werden er producten gemaakt van ruwe grondstoffen zoals guttapercha en houtpulp, en later van restproducten uit andere industrietakken, zoals katoenvezels, landbouwafval en de overgebleven gassen uit gascentrales of kolenovens van staalfabrieken. Tegenwoordig worden plastics gemaakt in een nauw verweven netwerk van raffinaderijen, frackinginstallaties en petrochemische fabrieken – complexen die opnieuw zijn uitgerust of zijn verplaatst om beter in staat te zijn nieuwe of andere olie- en gasvoorraden aan te boren. Tegenwoordig wordt 98 tot 90 procent van het plastic – dus vrijwel alle plastic – gemaakt uit fossiele brandstoffen.

    Verfrackingen

    Historisch gezien zou je de markt voor fossiele brandstoffen een verstoorde markt kunnen noemen, gezien het grote aantal verschillende vormen van overheidssteun: hulp bij technologieoverdracht, belastingvoordelen, subsidies, zachte financieringen, prijsafspraken en, zoals hierboven beschreven, oorlogscontracten – dit alles samen bepaalt de prijs van plastic, en dus de productie. De plasticindustrie zelf heeft nooit de werkelijke kosten van de productie voor haar rekening hoeven nemen, dus de prijs van alles wat er is verbruikt, opgeslagen, gedumpt, in zee gestort, begraven, geïnjecteerd, verkwist, verbrand, door de schoorsteen gejaagd of uit leidingen weggelekt.

    Maar de aard van de petrochemische industrie brengt haar eigen wetmatigheden met zich mee. Plastic moest wel op grote schaal worden geproduceerd om de enorme investeringen terug te verdienen die noodzakelijk waren geweest om dergelijke grote en gecompliceerde fabrieken op te zetten en in bedrijf te nemen. Deze fabrieken behoren tot de grootste, duurste en meest energieverbruikende bedrijven in de producerende en verwerkende industrie. Zo diende zich weer het aloude probleem aan: meer plastic vereiste meer toepassingen en meer afzetmarkten.

    Dankzij fracking is Amerika nu de belangrijkste producent van olie en gas ter wereld

    De Amerikaanse ‘fracking boom’, ook wel de schaliegasrevolutie genoemd, is de aanjager van de meest recente expansie van plastic. Dankzij fracking is Amerika nu de belangrijkste producent van olie en gas ter wereld, wat resulteert in een ‘oververzadiging’, aldus Kathy Hipple, senior research fellow aan het Ohio River Valley Institute. Door dit overaanbod van grondstof is een nieuwe ronde investeringen in plasticfabrieken in gang gezet waardoor, zo legt Hipple uit, de markt is overvoerd met plastic verpakkingsmateriaal – er is meer aanbod dan vraag. Door deze plastic, nu voornamelijk polyethylenen en polypropylenen die zijn vervaardigd uit aardgascondensaten, is polystyreen gedegradeerd tot een kleine speler op de verpakkings- en wegwerpartikelenmarkt – met een marktaandeel van zo’n twee procent. De producten die de plasticindustrie nu op de markt brengt, noem ik soms grappend ‘verfrackingen’ in plaats van verpakkingen.

    Maar in economische zin is er opnieuw sprake van een verandering in de wereld van plastic. Nu de energie- en transportsector steeds meer afstand neemt van fossiele brandstoffen, zien veel olie- en gasproducenten in plastic nog een van de weinige kansen om te groeien, om te blijven bestaan. Sommige nieuwe ‘megafabrieken’, zoals de Zhoushan Green Petrochemical Base in China, gebruiken ruwe olie, in plaats van geraffineerde bijproducten, voor de productie van chemicaliën en plastic.

    De plasticindustrie zal in 2050 zo’n 15 procent van het wereldwijde emissiebudget voor haar rekening nemen

    En dat is (deels) de reden dat een groter deel van de mondiale CO2-uitstoot op het conto zal komen van plastic. Als de Amerikaanse plasticproductie blijft groeien zoals de industrie nu voorspelt, dan zal de klimaatbijdrage van plastics in 2030 die van de kolencentrales voorbij zijn gestreefd, concludeert Jim Vallette, de hoofdauteur van een nieuw Beyond Plastics-dossier. Of, anders gezien: de huidige groeicijfers betekenen dat de de plasticindustrie in 2050 zo’n 15 procent van het wereldwijde emissiebudget voor haar rekening zal nemen – en misschien nog wel meer. Hoeveel meer is afhankelijk van de grondstof en het soort plastic, maar gemiddeld genomen levert elke ton plastic zo’n 1,89 ton op aan koolstofdioxide-equivalent (een maat voor broeikasgassen).

    Emissies ontstaan door de winning en het gebruik van fossiele brandstoffen. Maar er zijn ook zorgen dat er zelfs nog meer uitstoot zou kunnen plaatsvinden aan het andere uiteinde van de levenscyclus, als verschillende staten het groene licht zouden geven voor voorstellen uit de industrie om nog sterker in te zetten op CO2-intensieve afvaltechnologieën, zoals verbrandingsovens, het winnen van brandstoffen uit afval, en moleculaire, chemische en zogeheten hoogwaardige vormen van recycling. Deze onbewezen technologieën maken gebruiken van extreem hoge temperaturen en andere methoden om afval om te zetten in grondstof om nog meer plastic te produceren. Dergelijke technologieën ‘verplaatsen de afvalstortplaatsen van de grond naar de lucht’, aldus Yobel Novian Putra, die werkt aan een Asia Pacific klimaat- en energiebeleid voor de Global Alliance for Incinerator Alternatives. En dat zal zowel gevolgen hebben voor de luchtkwaliteit als voor het klimaat.

    Maar de petrochemische industrie zelf gebruikt ook veel energie – en staat zelfs in de top twee van energieverbruikers in de verwerkende sector. Zelfs als de bedrijfstak zou overschakelen op energiebronnen met een laag koolstofgehalte (of zou overschakelen op problematische technologieën voor het afvangen en opslaan van CO2, de zogeheten CCS-technologieën), zouden plastics nog altijd een belangrijk aandeel leveren in de uitstoot van broeikasgassen, volgens analisten van het Center for International Environmental Law (CIEL).

    Plastic is klimaatverandering, maar dan in vaste vorm

    Toch is er in het klimaatbeleid nog altijd betrekkelijk weinig aandacht voor de productie van plastics. En de proliferatie van plastics kan van ondergeschikt belang lijken nu de klimaatrampen elkaar in steeds hoger tempo opvolgen. Plastic en klimaat zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden en de structureel verweven problemen werken ook op elkaar in: de plasticindustrie stuwt de uitstoot van broeikasgassen op en door het extreme weer komt er nog meer plastic in het milieu terecht. Er wordt onderzoek gedaan naar die wisselwerking – men kijkt bijvoorbeeld hoe temperatuurstress van invloed is op de manier waarop diersoorten reageren als ze worden blootgesteld aan gifstoffen. Hoe dan ook hebben ze dezelfde wortels. ‘Plastic is koolstof’, fossiele brandstof in een andere vorm, zegt Carroll Muffett, die aan het hoofd staat van CIEL. Of, zoals Deirdre McKay het stelt: plastic ís klimaatverandering, maar dan in vaste vorm.

    Wetenschappers zijn nog altijd aan het onderzoeken op welke niveaus er allemaal sprake is van schade – hoe er broeikasgassen vrijkomen uit plastic dat in de zon ligt te bakken, hoe plankton microplastics binnenkrijgt, waarmee het vermogen van plankton kan worden aangetast om zuurstof te leveren en CO2op te nemen en dat vervolgens mee te nemen naar de zeebodem. ‘Het onderzoek naar deze [klimaat]effecten staat nog in de kinderschoenen,’ valt te lezen in een rapport van CIEL en enkele andere groepen, ‘maar er zijn aanwijzingen dat plasticvervuiling de grootste natuurlijke CO2-opslag op aarde verstoort, wat een bron van zorg is en wat onze onmiddellijke aandacht vereist.’

    Zodoende denk ik terug aan die begrafenis, denk ik weer aan het glas in zijn hand, de golven van verdriet. Terwijl overal natuurbranden ontstaan, terwijl de rook van het ene continent naar het andere drijft, terwijl het zeewater stijgt en kustlijnen zich terugtrekken, terwijl we kampen met droogte en overstromingen, kankers en uitstervende diersoorten, dodelijke hittegolven en dodelijke pandemieën, lijkt dit misschien niet hét moment om te beginnen over plastics – over het feit dat we worden overspoeld door in de oorlog tot wasdom gekomen wegwerpartikelen die ons zijn opgedrongen en die inmiddels niet meer uit ons bestaan zijn weg te denken, die overal en altijd aanwezig zijn. Maar dit is precies het moment om dat nou juist wél te doen. En de wereld heeft geen seconde meer te verliezen.

    Lees ook:

  • Florida verbiedt onderwijs over lhbti-kwesties op scholen

    Florida verbiedt onderwijs over lhbti-kwesties op scholen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Californië gaat namen geven aan hittegolven

    » Internationaal Atoomenergieagentschap verliest contact met Tsjernobyl

    Critici: seksuele geaardheid tot taboe verklaard op scholen

    Florida neemt een controversiële wet aan die het onderwijs over lhbti-kwesties op scholen verbiedt. Het wetsvoorstel, dat dinsdag door de Senaat is aangenomen, moet nog worden ondertekend door de Republikeinse gouverneur van Florida, Ron DeSantis, die het initiatief steunt.

    De wet geldt voor de kleuterschool tot en met de derde klas en verbiedt leraren om genderidentiteit en seksuele geaardheid te bespreken als onderdeel van het lesprogramma. De Republikeinen zeggen echter dat de wet spontane discussies over deze onderwerpen tussen leraar en leerling niet verbiedt.

    Volgens Miami Herald zeggen critici van de wet echter dat het initiatief leerkrachten zou kunnen ontmoedigen om het onderwerp te bespreken, vooral omdat de wet ouders de mogelijkheid biedt om schooldistricten aan te klagen als zij menen dat de school van hun kind de bepalingen van de wet heeft overtreden.

    Lees ook: