Onderwerpen: Cultuur

  • Agenda

    Agenda

    Huur-moordenaar 

    SERIE | Turkije is momenteel de derde grootste exporteur van tv-series ter wereld. De meest recente aanwinst is Gaddar (No Mercy), het verhaal van een soldaat die gedwongen wordt huurmoordenaar te worden om zijn familie te beschermen. 

    Nu te zien op Apple TV

    Gadar

    Zintuiglijk thuis 

    EXPSOITIE | In een tijd waarin migratie, een goed scorend verkiezingsthema, nu ook op feiten is onderzocht door een onafhankelijke Staatscommissie, blijken de maatschappelijke gevolgen ervan voor bijvoorbeeld de Nederlandse bevolkingsgroei evident. Dat betekent niet direct een stop invoeren, want een veilig onderkomen mag niemand worden ontzegd. Hoe ingrijpend het is om vaak noodgedwongen huis en haard te verlaten en nergens meer bij te horen, is nu te zien op de expositie Imagine Home

    Het Noordbrabants Museum laat zien hoe emotioneel en vooral ook zintuiglijk ‘thuis’ is voor mensen die worden weggezet als ‘gelukszoekers’, vooral als het er niet meer is. Of, misschien nog erger, als het er nog wel is maar een terugkeer onmogelijk is. De herinnering daaraan vat zich vaak samen in een vertrouwde geur, meestal van specerijen uit de huiselijkheid van een keuken, of een bepaalde lichtinval, en gaat vrijwel in geen geval over iets materialistisch. 

    Hoe ingrijpend het is om vaak noodgedwongen huis en haard te verlaten en nergens meer bij te horen, is nu te zien op de expositie Imagine Home.

    Imagine Home heeft ook een ‘huiskamer’, waar bezoekers door vluchtelingen welkom worden geheten met koffie of thee

    De Afghaanse kunstenaar Narges Mohammadi beplakte samen met vluchtelingen uit noodopvanglocaties in Den Bosch een smalle gang met 700 kilo ter plekke gemaakte Perzische halva. Er zijn melancholische schilderijen en in kunst gegoten jeugdherinneringen, en bij alles is een onderliggend verhaal voelbaar. 

    Imagine Home heeft ook een ‘huiskamer’, waar bezoekers door vluchtelingen welkom worden geheten met koffie of thee en een gesprek kunnen aangaan over je thuis voelen en erbij horen.

    Imagine Home, Noordbrabants Museum, Den Bosch, t/m 2/6

    Imagine Home Foto Jan Kees Steenman

    Fado van Branco

    MUZIEK | Cristina Branco combineert traditie met vernieuwing en verrijkt fado met jazz, wereldmuziek en pop. De Portugese heeft zo een eigen, unieke stijl ontwikkeld. Ze begon ooit in Nederland met haar succesvolle album Branco in Holland (1997).

    Oosterpoort, Groningen 24/4

    Cristina Branco Theaterconcert cr ScaleMaxWidthWzE1MDBd CompressedW10. Joana Linda

    Vogelnestkunst

    KUNST | De Brit Andy Holden (1982), een van de vier kunstenaars die in het Kröller-Müller naar de natuur kijkt, vraagt zich samen met beroemde ornitholoog en vader Peter Holden af of vogels geboren kunstenaars zijn. De zwaluw beeldhouwt zijn nest uit modder, de wevervogel is beroemd om zijn rare bollen en omhulsels uit grassen, en de prieelvogel spant de kroon met uitbundig versierde wiegjes vol bloemblaadjes, schelpen en stukjes glanzend plastic.

    Alles draait bij Holden om de verbazingwekkende verbanden tussen ornithologie en kunst: oftewel de vraag of hun nesten en zelfs hun eieren expressieve creaties zijn, in plaats van alleen maar evolutionaire vereisten. Om daar een antwoord op te kunnen geven verzamelde hij eieren en nesten en verwerkte hij zijn vondsten in geluid, video en beeld.  

    Door de bomen het bos, Kröller-Müller Museum, Otterloo, tot 15/9

    doordebomenhetbos

    Verzet tegen ontmenselijking

    TENTOONSTELLING | Het veelzijdige oeuvre van de Roemeene kunstenaar Ana Lupas (1940) is een fantastische verzameling textielwerken, sculpturen, installaties en acties waarin ze doelbewust – en uit noodzaak, omdat er niet veel anders voorhanden was – gebruikmaakte van materialen die destijds niet met kunst werden geassocieerd, zoals wol, katoen, hennep en vlas. Ondanks de barre politieke omstandig­heden in Roemenië onder het wrede regime van Ceaușescu (1945-1989) lukte het Lupas om haar eigen pad te kiezen in plaats van mee te doen aan wat van haar verwacht werd.

    Niet openlijk maar stil verzette ze zich tegen de ontmenselijking door de machthebbers. Behalve het aan­gekochte werk Coats to Borrow (1989) is Humid Installation (1970) te zien, gemaakt in samenwerking met lokale gemeenschappen op het platteland van Transsylvanië. Een hoogtepunt in Lupas’ werk, waarin tradities, rituelen en volksverhalen levend gehouden worden. 

    On This Side of the River Elbe, Stedelijk Museum Amsterdam, 9/5 tot 19/2/25

    015 Ana Lupas 02

    Meester-fotograaf

    FOTOGRAFIE | De wereldberoemde fotograaf Richard Avedon (1923-2004) krijgt een groot overzicht met de titel Relationships, met vrijwel al zijn meesterlijke zwart-witportretten. Mode- en portretfotografie met iconische beelden van Dietrich, Dylan en Capote. 

    Kunsthal, Rotterdam, 1/6 tot 6/10

    3miche1 1030.0x1313.0 q85 crop subsampling 2 upscale
  • Gerecenseerd

    Gerecenseerd

    360 kiest een aantal door de buitenlandse pers beschreven concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities die naar Nederland of België komen.

    Handleiding om echtscheiding te overleven

    Een engelachtige stem, een prachtig klankenpalet, maar vederlichte muziek

    Muziek | De Amerikaanse zangeres en actrice Ariana Grande (30) vestigde zich in 2017 voorgoed als wereldster toen ze een groots, lovend ontvangen benefietconcert organiseerde. Daarmee reageerde ze op de terroristische aanslag na afloop van haar concert in Manchester, waarbij twee weken daarvoor 22 doden waren gevallen. Met Eternal Sunshine presenteert Grande nu haar zevende album. Brittany Spanos van Rolling Stone noemt het een ‘echtscheidingsplaat waarin ze alle stadia van rouw doorloopt. Met haar eerlijkste en meest inventieve nummers tot nu toe staat ze voor een nieuw begin.’ Ludovic Hunter-Tilney ‘mist, op een paar nummers na, de energie op het album’, schrijft hij in Financial Times. Grandes vocale techniek is weliswaar in orde, ‘maar de toon is steeds dezelfde, of ze nu zingt over hoe ze ­huilend in slaap valt of hoe ze wordt overmand door fysieke aantrekkingskracht. Met een paar soepele trillers en vibrato’s valt die beperkte emotionele reikwijdte niet te maskeren.’

    Variety-recensent Jem Aswad vindt daarentegen dat Grande ‘op haar vorige albums nog zoekende was, maar nu definitief haar stem als artiest heeft gevonden’. Ook in haar songteksten klinkt ze volgens Aswad volwassen: ‘Een muzikaal dagboek waarin ze net genoeg deelt om de uitgehongerde fans nieuwsgierig te houden. De emoties die voortvloeiden uit haar huwelijk en scheiding zijn universeel genoeg om iedereen te raken die ooit verliefd en diepbeproefd is geweest.’

    ‘Een feelgoodsound waarin galante r&b uit de jaren negentig de boventoon voert’

    ‘Ondanks de pittige privéperikelen in de liedjes is deze muziek vederlicht’, stelt Felix Heinecker voor Plattentests. ‘Een feelgoodsound waarin galante r&b uit de jaren negentig de boventoon voert. Het album blijft hangen in dezelfde sfeer, waardoor de nummers in elkaar overvloeien. Grande heeft een engelachtige stem met een prachtig klankenpalet, maar de volgende keer graag ook iets stevigs voor op de dansvloer.’

    Jordan Bako ontdekt voor Vogue France paralellen met de speelfilm Eternal Sunshine of the Spotless Mind (2004). ‘Daarin wissen beide hoofdpersonen elkaar uit hun geheugen en worden opnieuw verliefd. Ook Grande probeert zich een universum voor te stellen waarin ze geleidelijk haar scheiding overwint. Zo vernieuwt ze haar signatuur. Sterker, dit is het meest coherente en conceptuele project in haar discografie.’  Diederik Samwel

    Eternal Sunshine van Ariana Grande kwam begin maart uit.

    arianagrande

    Lucy Cookes sprankelende aanval op wetenschappelijk seksisme

    Een afrekening met mythes over gender en seksualiteit

    Non-fictie | Haar boek werd in elf talen vertaald en kreeg in elk daarvan dezelfde, oorspronkelijke titel: Bitch. In dit werk rekent zoöloog Lucy Cooke af met alle ‘victoriaanse’ mythes over gender en seksualiteit. ‘Cooke biedt een schat aan voorbeelden uit het dierenrijk, van kannibalistische spinnen tot van geslacht veranderende vissen, en ontmantelt vele misvattingen over binaire geslachtsrollen, waarvan vele terug te voeren zijn op dat geliefde bebaarde icoon, Charles Darwin. Volgens het darwiniaanse dogma vechten mannelijke dieren met elkaar om het bezit van vrouwtjes, voeren ze “vreemde tactieken uit” en paren ze promiscue, voortgestuwd door een biologische noodzaak om hun overvloedige zaad te verspreiden. Vrouwtjes zijn monogaam en passief; ze wachten geduldig tot hun grote, energierijke eieren worden bevrucht door een goedkope, kleine zaadcel, om vervolgens hun nakomelingen onbaatzuchtig alles te geven’, aldus The Guardian.

    ‘Vol prachtige verrassingen’

    Kan Darwin nog worden gezien als product van zijn tijd, in de pogingen van vooral vrouwen om andere zienswijzen te belichten waren er, zo schrijft The Wire Science, duidelijke barrières. ‘Toen Bridget Stutchbury van de ­Universiteit van York ontdekte dat de vrouwelijke monnikszanger [een vogelsoort] seks zoekt met mannetjes die niet hun partner zijn, zei de een na de ander dat haar resultaten waarschijnlijk niet klopten. Toen Patricia Gowaty (…) haar bevindingen presenteerde dat de vrouwelijke roodkeelsialia geen trouwe partner was, vertelde een bekende mannelijke etholoog haar dat haar proefpersonen “verkracht” moesten zijn. En (…) toen Sarah Blaffer Hrdy haar ideeën over vrouwelijke promiscuïteit besprak, antwoordde een mannelijke collega: “Zeg je nu met andere woorden dat je geil bent?”’

    Inmiddels lijkt het publiek klaar voor Cookes bevindingen – en dat geldt gelukkig niet alleen voor de vrouwelijke lezer, zoals de auteur ook benadrukt in haar boek. ‘Een opzienbarende, grappige en op elegante wijze woeste omverwalsing van onze vooroordelen over vrouwelijk gedrag en seks in het dierenrijk’, aldus The Observer. ‘Vol prachtige verrassingen’, concludeert The Guardian. ‘Kleurrijk, betrokken en diep geïnformeerd’, meent Sunday Times, ‘Geweldig origineel’, aldus Daily Mirror. Nature heeft het over een ‘sprankelende aanval op wetenschappelijk seksisme’, en BBC Wildlife typeert Bitch als ‘humoristisch, boeiend, soms schokkend (…) en stof voor vele gesprekken’.  Laura Weeda

    Bitch verscheen bij De Geus in een vertaling van Inge Pieters.

    Laura Weeda interviewde Lucy Cooke over haar nieuwe boek.

    lucycookes

    Aanklacht tegen onderdrukte zwarte imago en identiteit 

    Technisch verbluffend en oogverblindend 

    Film- en videokunst | Met zijn film- en video-installaties probeert de Britse kunstenaar Isaac Julien (63) de grenzen tussen dans, muziek, fotografie, theater en beeldende kunst te doorbreken. Zijn werk is sterk geïnspireerd op de cultuur en de geschiedenis van het kolonialisme. 

    Juliens overzichtstentoonstelling What Freedom Is to Me betekende voor Max Wiener van Musée Magazine een ‘uitnodiging om een compleet andere wereld binnen te gaan. Daarin onderzoekt Julien de zwarte identiteit en diaspora die hij met een delicate intensiteit bestrijkt.’ Zo presenteert hij zwarte mannen en vrouwen in koloniale kleding als ‘sociaal commentaar om te laten zien hoe het zwarte imago in de VS voortdurend is gedwarsboomd en wortelt in onzekerheid.’

    ‘Een overrompelende kijk op de ingrijpende gevolgen van ongelijke geldcirculatie’

    Mark Hudson van The Independent vond Juliens retrospectief technisch verbluffend: ‘Je ziet allemaal verschillende beelden op zwart-witschermen, die door de ruimte zijn gerangschikt in een quasisculpturale doorloopopstelling. Ze worden weerspiegeld in gevlekte roestvrijstalen muren, wat een behoorlijk oogverblindend effect oplevert.’ Homo-erotiek vormt een vast ingrediënt in Juliens filminstallaties: ‘Zwarte mannenlichamen, zowel in standbeelden als in levensechte vorm, worden met volmaakte elegantie in de film gemengd.’

    Volgens Laura Cumming van The Guardian ‘kun je het best een volle dag uittrekken om de films te zien van deze geboren verleider’. Juliens stijl kenmerkt zich volgens haar door ‘feiten af te wisselen met fictie, documentaire met drama, drijvende droomlandschappen met archiefbeelden. Je ziet tegelijkertijd montages van dans, zang en monoloog, waarbij de camera langs mooie mensen en fraaie locaties zweeft.’

    Adela Lovric is vooral onder de indruk van de video-installatie Playtime, schrijft ze voor cultuurmagazine Berlin Artlink: ‘Een overrompelende kijk op de ingrijpende gevolgen van ongelijke geldcirculatie. Julien speelt zo met cameraopstelling en montage dat het lijkt alsof je op de kermis in het spiegelhuis bent beland. Ook onthult hij de verwevenheid van kunst­wereld en grootkapitaal.’  DS

    What Freedom Is to Me, Bonnefantenmuseum, Maastricht, t/m 18 augustus 2024.

    corwin julien 1

    Meer aandacht voor Japanse ­personages in nieuwe Shogun

    Het televisie-equivalent van een boek dat je niet kunt wegleggen

    SERIE | Shogun, de bestseller van James Clavell uit 1975, werd in 1980 succesvol verfilmd en wakkerde destijds een grote interesse aan in de Japanse geschiedenis en cultuur. Een halve eeuw later is er een nieuwe, ‘luxueuze’ bewerking gemaakt van de avonturen van de Engelse zeeman John Blackthorne, begin zeventiende eeuw. Gestrand aan de kust van Japan moet de protestantse held, gespeeld door Cosmo Jarvis, opnieuw ‘leren evolueren binnen een onbekende cultuur, met complexe gewoonten’, schrijft Time Magazine.

    ‘We krijgen inzicht in het innerlijke leven van dubbelagenten, ambitieuze courtisanes en zonen die zichzelf willen bewijzen in de strijd’

    Vertoonde de eerdere versie een grote tekortkoming op het gebied van taal, schrijft Rolling Stone, doordat ‘Japanse dialogen alleen werden vertaald in ­scènes waarin tweetalige karakters dienden als tolk’, in deze nieuwe serie is er meer aandacht voor de Japanse personages, gespeeld door onder meer Hiroyuki Sanada, Anna Sawai en Tadanobu Asano. ‘We krijgen inzicht in het innerlijke leven van dubbelagenten, ambitieuze courtisanes en zonen die zichzelf willen bewijzen in de strijd.’ The New York Times vindt dat een goede aanpassing, maar ‘op zich niks bijzonders’. The Washington Post is enthousiaster en spreekt van ‘het televisie-equivalent van een boek dat je niet kunt wegleggen’. Volgens Time ligt dit ‘epische verhaal over oorlog, liefde, geloof, eer en politieke intriges’ op het niveau van ‘een saga als Game of Thrones’.   LW

    Shogun is te zien op Disney+.

    Shogun
  • ‘We zijn uniek, maar delen een world in common’

    ‘We zijn uniek, maar delen een world in common’

    Het beste en het beroemdste uit de hedendaagse Afrikaanse fotografie is te zien in A World in Common in het Wereldmuseum Rotterdam, een viering van het beeld dat vorig jaar bejubeld werd in het Londense Tate Modern.

    De door het Wereldmuseum aangeduide ‘verkenning van het dynamische landschap’ van de Afrikaanse fotografie betreft fotografen van Marokko tot Zuid-Afrika en uit de hele Afrikaanse diaspora, die in alle mogelijke vormen en disciplines fotografie inzetten om een verhaal te vertellen over identiteit, geboortegrond en hun continent in een postkoloniale wereld. 

    Bij veel van deze fotografen gaat het werk niet zozeer over het vastleggen van een uiterlijke realiteit, schreef Laura Cunnings in The Guardian toen A World in Common vorig jaar opende in het Tate Modern, samengesteld door de Brits-Ghanese curator internationale kunst Osei Bonsu. De kleuren, de voor toeschouwers ‘leuke maskers’ – ze geven uitdrukking aan een innerlijke realiteit die niet alleen over koloniale erfenissen gaat, maar ook over tradities die bijna allemaal zijn uitgewist.

    Moderne mode vermengt zich met historische beelden van geketende arbeiders; Afrikaans spiritualisme vermengt zich met christendom en islam. Verleden, heden, toekomst – het wordt allemaal één. 

    Tipo Passe (paspoort) van de Angolese kunstenaar Edson Chagas is een verzameling portretten op paspoortformaat van in moderne kleren gestoken modellen die traditionele Bantoe-maskers dragen die hij kocht van een verzamelaar. De maskers worden in zijn composities ontdaan van hun oorspronkelijke betekenis en bekritiseren scherp de vermarkting van een eeuwenoude cultuur. 

    ‘Mijn werkelijkheid is niet dezelfde als die ons vaak wordt voorgeschoteld op westerse foto’s,’ zei wijlen Rotimi Fani-Kayode, wiens sensuele portretten Europese schilderconventies laten samensmelten met iconografie, en ceremoniële gewaden met moderne fetisjkleding.

    Voor Aïda Muluneh, een van de leidende figuren in de Afrikaanse fotografie, bestaan Afrikanen op heel veel verschillende manieren – hedendaags en traditioneel – en delen ze een gemeeschappelijke wereld.

    A World in Common, Wereldmuseum Rotterdam, t/m 25 augustus, in samenwerking met Tate Modern in Londen.

  • Wereldbeeld: Samenzijn staat centraal tijdens Swasthani Brata Katha

    Wereldbeeld: Samenzijn staat centraal tijdens Swasthani Brata Katha

    Tijdens het Nepalese hindoefestival Swasthani Brata Katha wordt een maand lang gevast, gebeden en gebaad in heilig water.

    Tijdens het religieuze hindoefestival Swasthani Brata Katha in Kathmandu – dat een maand duurt en elk jaar begint bij volle maan in de negende maand van de Nepalese kalender – wordt er gevast, gebeden en gebaad met heilig water uit de rivier en wordt het verhaal van de goden Swasthani en Madhav Narayan (Shiva) elke avond door huisvaders voorgedragen aan de bijeengekomen familieleden.

    ANP 490612032
    © ANP
  • Gerecenseerd

    Gerecenseerd

    360 kiest een aantal door de buitenlandse pers beschreven concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities die naar Nederland of België komen.

    Jackson en het fenomeen van verkeerde intimiteit

    Fotografie met een disclaimer

    FOTOGRAFIE | Alison Jackson was net afgestudeerd aan het Londense Royal College of Art toen prinses Diana in 1997 stierf. De intensiteit van het verdriet van de natie fascineerde en verontrustte haar. ‘Diana was zo sterk aanwezig in ons leven, als een lid van onze familie,’ vertelt ze. ‘Door de pers hadden we het gevoel heel dicht bij haar te staan, maar in feite stond ze heel ver van ons af.’ Ze besloot om via de fotografie dit ‘fenomeen van veronderstelde intimiteit met beroemdheden’ te onderzoeken, schrijft LA Times.

    Daarmee was ze eigenlijk haar tijd ver vooruit. Ze begon foto’s te maken die visualiseerden ‘wat bloeide en op de loer lag in de collectieve verbeelding’. Diana die haar middelvinger naar de camera opsteekt. Diana en vriend Dodi Fayed die elegante, nonchalante poses aannemen aan weerszijden van een baby, ogenschijnlijk die van hen.

    De media veroordeelden haar werk, maar drukten de foto’s af op ‘precies die plekken die voor nieuws waren gereserveerd’

    De media veroordeelden haar werk, maar drukten de foto’s af op ‘precies die plekken die voor nieuws waren gereserveerd’, aldus het dagblad uit Los Angeles. Jackson besloot verder te gaan op deze tour, en maakte met de hulp van lookalikes foto’s die zo overtuigend zijn dat kijkers ‘zeker wisten dat ze koningin Elizabeth II echt had betrapt terwijl ze geld uit een geldautomaat haalde, of Kanye die Kim in een corrigerende onderbroek helpt, of Donald Trump in het gezelschap van Ku Klux Klan-mannen met een kap op’. Zelf dringt Jackson er met disclaimers bij haar werk, zoals ‘This is not Donald Trump’, op aan dat wat we zien niet echt is – daarbij ook verwijzend naar Magrittes pijp die geen pijp is.

    Een van de gedachten achter haar werk is dat ‘nep het nieuwe echt is’, citeert The Guardian; ‘En mensen als Donald Trump en Kim Kardashian maken het ons makkelijk: ze zijn half echt, half karikatuur.’

    Volgens Jackson, die bekendstaat om haar controversiële uitspraken en dan ook, zo vertelt de Londense krant, ‘regelmatig bijna wordt gearresteerd’, begon ze te fotograferen omdat ze ‘fotografie haat. Ik vind het een bedrieglijk, glibberig en onbetrouwbaar medium dat je verleidt te geloven dat wat je ziet echt is’, aldus Daily Mail. Waar ze aan toevoegt: ‘Dat is toch eigenlijk precies waar het in Los Angeles om draait?’ 

    Truth is Death, van 23 maart tot 15 september 2024 te zien in Fotomuseum aan het Vrijthof in Maastricht.

    Door Laura Weeda

    truth is dead

    Verhalen vertellen op het dak

    Plezierig aandenken aan een onplezierige tijd

    Literatuur | Tijdens de eerste lockdown van de covidpandemie verzamelden New Yorkse flatgenoten zich ’s avonds op het dak om hun steun aan hulpverleners te betuigen door op potten en pannen te slaan. Later begonnen ze elkaar verhalen te vertellen waarin ze ook iets over zichzelf moesten prijsgeven. Dit gegeven vormde het uitgangspunt voor het boek Fourteen Days. Zesendertig schrijvers leverden een bijdrage, onder wie Margaret Atwood en Preston Douglas, die gezamenlijk de redactie voerden.  

    Het boek doet Alex Clark in The Guardian denken aan de Decamerone van Boccaccio en aan ‘de grote roman over het leven in een appartement: Het leven een gebruiksaanwijzing van George Perec’. Volgens Clark keren in elk verhaal van Fourteen Days ‘het meedogenloze verdriet en de onzekerheid van begin 2020 terug. Spookverhalen wedijveren met verhalen over verloren liefde, ruige hondenverhalen met het alledaagse, zwarte humor met het zoete en sentimentele. Het eindresultaat is een immens plezierig product van een immens onplezierige tijd.’ 

    ‘Kwesties als immigratie, racisme, politiegeweld en PTSS komen allemaal aan bod in deze monologen,’ staat te lezen op de site 24heuresdulivre. ‘Dankzij Atwood en Preston komt de lezer niet in de verleiding om telkens te kijken wie welk hoofdstuk heeft geschreven.’ De criticus concludeert dat ‘de naden misschien glad zijn, maar dat het wel een gekke lappendeken heeft opgeleverd’. 

    Samen leveren ze het bewijs dat de verhalen die we achterlaten ons menselijk maken.

    Ook Rob Merrill van The Washington Post houdt het op ‘een allegaartje, zoals te verwachten met drie dozijn schrijvers’. Wat ze gemeen hebben, is dat ze proberen ‘het zinloze te begrijpen en orde te scheppen in de wanorde. Samen leveren ze het bewijs dat de verhalen die we achterlaten ons menselijk maken.’ 

    In The Scotsman geeft Stuart Kelly aan dat hij het lezen van Fourteen Days als een spelletje beleefde: ‘Wie schreef wat? Nou, probeer dan maar eens het verschil tussen Dave Eggers en John Grisham uit te leggen.’ Meer algemeen heeft hij er veel plezier aan beleefd: ‘Al zit het er dik in dat geen enkele lezer van elk verhaal zal genieten.’ 

    Fourteen days, 36 auteurs, onder redactie van Margaret Atwood en Douglas Preston, vertaald door Liedwien Biekmann als Veertien dagen, verscheen in februari bij De Arbeiderspers. 

    Door Diederik Samwel 

    14 days

    De trauma’s en vitaliteit van Palestijnse vrouwen

    Soualem vervalt niet in oriëntalisme

    DOCUMENTAIRE | Ze is bekend van de Amerikaanse serie Succession, als de nooit volledig betrouwbare vrouw van mediamagnaat Logan Roy, om wie alles draait. Maar in de documentaire Bye Bye Tiberias laat Hiam Abbass een heel andere kant van zichzelf zien. Voor de camera van haar dochter, de Frans-Algerijns-Palestijnse regisseur Lina Soualem, ‘duikt de actrice in een verleden dat is getekend door de pijn van ballingschap’. Soualems zoektocht naar de levens en gemeenschappelijke trauma’s van de vrouwen in haar familie wordt door de Arabische pers volop geprezen. De Libanese site Raseef22 meent dat ‘het heel belangrijk is dat (…) cinema alles vertegenwoordigt wat er is gebeurd, wat er gebeurt en wat er zal gebeuren in Palestina’.

    Abbass groeide op in Palestina, dat ze verliet om haar droom te verwezenlijken: actrice worden. Aan het begin van de film staat ze met haar gezicht naar de camera van haar dochter, ‘ondergedompeld in wit licht, pratend over haar liefde voor kunst, film, komedie, maar naarmate de film vordert en richting het ouderlijk huis in Palestina beweegt, wordt de sfeer warmer, zoals dat past bij Arabische huizen. Een warmte waar iedereen in de diaspora naar terugverlangt’, aldus Raseef22.

    Vervolgens neemt Lina haar moeder mee naar Deir Hanna, het dorp dat nu in Israël ligt (vlak bij Tiberias), waar haar voorouders tijdens de Nakba in 1948 uit wegvluchtten. Vanaf dat moment klinken er ook andere stemmen, een overgrootmoeder, grootmoeder, moeder, tantes. Soualem maakt volgens Al Jazeera op ‘briljante wijze’ gebruik van oude homevideo’s, die ze vermengt met hedendaagse beelden en foto’s uit archieven. 

    Dit levert veel hartverscheurende scènes op, schrijft New Arab

    Dit levert veel hartverscheurende scènes op, schrijft New Arab. Zoals het verhaal van Abbass’ tante die tijdens de Nakba van haar familie werd gescheiden en sindsdien gedwongen in een vluchtelingenkamp in Syrië leeft, waar ze vrijwel niets voor haar kunnen betekenen.

    Toch, meent het pan-Arabische platform, is de film bovenal een ‘prachtig portret van vier generaties vrouwen: hij vertegenwoordigt het trauma dat ze hebben geërfd, maar ook de banden van liefde, de gemeenschappelijke geschiedenis en de herinneringen die ons altijd zullen verenigen met de dierbaren die ons zijn voorgegaan’. De zwaarte van dit verleden wordt verzacht door ‘de lichtheid en humor die tussen de actrice en haar zussen bestaat’.

    Ook Al Jazeera prijst de kracht en vitaliteit van de zussen, en volgens Raseef22 behoedt deze aanpak Soualem ervoor in oriëntalisme te vervallen; ‘ze toont de menselijkheid van deze vrouwen en hoe ze er ondanks hun beproevingen in zijn geslaagd hun doelen te bereiken’. 

    Door Laura Weeda

    Bye Bye Tiberias @@. V1

    Hoe een lichte tenor atletisch en scherp blijft

    Ongemakkelijke seksliedjes

    Muziek | ‘Een optreden in de pauze van de Super Bowl, de Olympus van de Amerikaanse popmuziek; als dat geen comeback is…’ Zo omschrijft Aida Baghernejad de lancering van Coming Home, het nieuwe album van rapper annex R&B-ster Usher (45) in Musikexpress. ‘En jawel, hij schrijft nog steeds ongemakkelijke seksliedjes en wil weer dolgraag knuffelen in bed. Tegelijkertijd bewijst hij met deze verbazingwekkend smaakvolle productie dat hij met zijn ongelooflijke vocale vaardigheden nog altijd relevant is.’

    ‘Puur showmanschap in plaats van creatief vernuft en esthetische visie. De twintig tracks vormen een beetje een opgeblazen puinhoop’

    Paul Attard van Slant Magazine is minder enthousiast: ‘Puur showmanschap in plaats van creatief vernuft en esthetische visie. De twintig tracks vormen een beetje een opgeblazen puinhoop.’ Voor The New York Times typeert Jon Pareles Ushers muziek als ‘langzaam wiegende soul en gesynthetiseerde pop in een eenentwintigste-eeuws jasje. Bovendien is hij er heel bedreven in om artiesten als Beyoncé, Alicia Keys en Burna Boy naar zijn studio te lokken.’ 

    De criticus van de Franse muzieksite Zimbalam weet zeker dat Usher ‘nooit een druppel melk heeft gedronken. Anders was zijn lichte tenor dertig jaar na zijn debuut nooit zo atletisch en scherp gebleven.’  

    Coming Home, het negende album van Usher Raymond IV, verscheen half februari. Concert op 22 april 2025: Ziggo Dome, Amsterdam.

    Door Diederik Samwel

    usher
  • Agenda

    Agenda

    360 selecteert een aantal toonaangevende internationale concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities.

    Haar perspectief

    OPERA | Eurydice – Die Liebenden, blind, naar het verhaal van Orpheus en Eurydice, wordt dit keer verteld vanuit háár perspectief. Een reden om ernaar uit te kijken is de terugkeer als regisseur van Pierre Audi naar het operahuis. 

    Nationale Opera & Ballet, Amsterdam, 5 t/m 17/3.

    Paal boven

    Caesura

    EXPOSITIE | In de nieuwe galerie Fanny Freitag exposeert naast Aldo van den Broek en Johnny Mae Hauser, de Mexicaans-Nederlandse kunstenaar Azul Ehrenberg. In haar interdisciplinaire werk gebruikt ze zelfgemaakt papier, visuele poëzie en bewegend beeld.

    Fanny Freitag, Amsterdam, t/m 16 maart.

    paal midden

    Surrealistisch fotoalbum

    FOTOGRAFIE | De Oekraiënse fotograaf en kunstenaar Boris Mikhailov (1938) werd fotograaf, terwijl hij was opgeleid tot ingenieur. Deze tentoonstelling omvat zo’n achthonderd foto’s, die elk op eigen wijze commentaar geven op de tijd waarin ze gemaakt zijn. Wat Mikhailov aan zijn beelden toevoegde, de zogenaamde ‘extra laag’, werd later zijn signatuur. Die zit hem in scherpe contrasten en wat hij zelf ‘lelijke’ foto’s noemde, waarmee hij zijn particuliere kleine verzet pleegde tegen het perfectionisme van de Sovjet-propaganda.

    Destijds werkte Mikhailov vooral in opdracht, hij zette jonggehuwden, baby’s en matrozen op de gevoelige plaat en bewerkte de beelden daarna voor zichzelf. Hij bewerkte ze met kitscherige kleuren en bespotte met z’n eigen beeldtaal de manier waarop alledaagse gebeurtenissen werden verheerlijkt door de staat. ‘Zonnestraaltjes’, noemde hij de foto’s die een surrealistisch familiealbum vormden, waaraan hij zo’n vijftien jaar heeft gewerkt. 

    In latere series documenteert hij genadeloos de gevolgen van de westerse invloeden die voorspoed zouden moeten brengen voor iedereen

    Mikhailov anticipeerde in de jaren tachtig voorzichtig op de naderende val van de Sovjet-Unie. Ook dan ondermijnt hij de betekenis van de beelden door opzichtige kleuren te gebruiken om uiting te geven aan zijn frustratie en desillusie over de Sovjet-idealen. 

    In latere series documenteert hij genadeloos de gevolgen van de westerse invloeden die voorspoed zouden moeten brengen voor iedereen. Maar in Oekraïne ontstond een nieuwe elite van miljonairs, terwijl een aanzienlijk deel van de bevolking in armoede raakte en het aantal daklozen dramatisch toenam.  

    Boris Mikhailov, Oekraïens dagboek, Fotomuseum Den Haag, 30 maart t/m 18 augustus.

    opening 2

    Lakecia Benjamin

    MUZIEK | De bejubelde en veerkrachtige Amerikaanse saxofonist Lakecia Benjamin speelde met Stevie Wonder, Alicia Keys en Gregory Porter. Op het North Sea Jazz verrees ze als een feniks uit de as na een auto-ongeluk waarbij ze haar kaak brak.

    Vredenburg, Utrecht, 31 maart.

    paal onder

    Multitalent

    SCHILDERKUNST | Mikalojus Konstantinas Čiurlionis (1875-1911) was de belangrijkste componist én beeldend kunstenaar van Litouwen. Maar dat weten alleen de ingewijden, die waarschijnlijk ook nog op de hoogte zijn van de verdienstelijke literatuur die dit multitalent voortbracht. Kunsthistorici noemen zijn naam in één adem met die van tijdgenoten als Gustav Klimt, Edvard Munch en Wassily Kandinsky.

    Dit is de eerste keer dat zijn werk in Nederland te zien is

    Dit is de eerste keer dat zijn werk in Nederland te zien is. De man die zou uitgroeien tot nationale held maakte de onafhankelijkheid van Litouwen, in 1918, niet meer mee. Hij leidde een intens leven, rookte veel, at weinig en dronk alleen mierzoete thee. De laatste anderhalf jaar van zijn leven bracht hij door in een sanatorium, waar hij op 35-jarige leeftijd stierf aan een longontsteking. Čiurlionis liet zo’n vierhonderd muziekstukken en driehonderd schilderijen na. 

    Mikalojus Konstantinas Ciurlionis, Beyond Heaven and Earth, Museum Belvédère, Heerenveen, t/m 9 juni 2024 (oostvleugel).

    onder 3

    ‘Hallo, dit is Yoko Ono’

    BEELDENDE KUNST | De exposerende kunstenaar neemt op. ‘Hallo! Dit is Yoko,’ zegt ze en legt dan de telefoon neer. Het is een oud bericht van een antwoordapparaat, dat voorkomt in het laatste nummer van Ono’s album Fly uit 1971, en het is het eerste wat je hoort op het grote retrospectief in Londen. Bezoekers kunnen allerlei opdrachten vervullen, zoals hun eigen schaduwen tekenen of handen schudden met vreemden. 

    De in Tokio geboren kunstenaar werd bekend vanwege haar huwelijk met John Lennon maar maakte daarvoor al furore met avant-gardistische kunst. Ono is nu negentig en als kunstenaar nog steeds actief. Studenten kunnen er kennisnemen van de kunststroming Fluxus en de vroege performance. Bovendien is er veel gelegenheid tot interactie.  

    Yoko Ono: Music of the Mind, Tate Modern, Londen t/m, 1 september.

    rechts
  • Barometer van talent 

    Barometer van talent 

    Foam Talent, expositie én tijdschrift, laat al jarenlang zien wat er gaande is bij de nieuwe generatie fotografen.

    Twintig kunstenaars werden dit jaar geselecteerd uit een rijke pool van 2480 inzendingen uit 106 landen. Uiteraard omvatten de portfolio’s een breed scala aan visies en perspectieven. Centraal in de tentoonstelling staat, volgens het fotografiemuseum Foam, ‘een sterk engagement met dringende maatschappelijke thema’s’. De jaarlijkse inzendingen zijn een goeie barometer van de actuele ontwikkelingen in de fotografie, waarin deze keer de gelaagde relatie tussen het individu en het collectief een gemene deler blijkt.

    De expositie is tot 22 mei te zien bij Foam, Amsterdam. 

  • Wereldnieuws: Lokale politici hebben in Duitsland last van intimidatie & meer

    Wereldnieuws: Lokale politici hebben in Duitsland last van intimidatie & meer

    Politici waarschuwen voor ‘dictatoriale tendens’

    De Latijns-Amerikaanse Ronde Tafel voor Reflectie, geleid door de Chileense ex-president Michelle Bachelet, heeft zich uitgesproken tegen de repressie in Venezuela, meldt El País. De groep beschouwt de uitzetting van het Bureau van de Hoge Commissaris van de VN en de arrestatie van activist Rocío San Miguel als een ernstige fout van het chavismo, en waarschuwt voor een ‘dictatoriale tendens’ die niet past bij Venezuela.

    Sinds haar arrestatie op 9 februari zit de activist San Miguel gevangen in El Helicoide

    Sinds haar arrestatie op 9 februari zit de activist San Miguel gevangen in El Helicoide, de beruchte gevangenis van de Venezolaanse inlichtingendienst. Ze wordt verdacht van het beramen van een staatsgreep. Toen de VN-commissie zich uitsprak tegen de arrestatie van San Miguel werd de organisatie gesommeerd het land te verlaten. Volgens de Venezolaanse minister van Buitenlandse Zaken, Yván Gil, is de mensenrechtencommissie ‘een privékantoor geworden van coupplegers en terroristische groeperingen die voortdurend complotten smeden tegen het land’.

    gettyimages 1156650706 594x594 1
    © Sean Gallup/Getty Images

    ’s Werelds eerste houten satelliet

    Japanse wetenschappers zijn erin geslaagd een satelliet te ontwikkelen van hout. De LignoSat-sonde is gemaakt van magnoliahout, dat bij experimenten in het International Space Station (ISS) bijzonder stabiel bleek te zijn en bestand tegen scheuren. De sonde wordt deze zomer met een Amerikaanse raket gelanceerd, schrijft Nikkei Asia.

    De houten satelliet is gebouwd om te zien of deze kunnen dienen als milieuvriendelijk alternatief voor de gebruikelijke metalen

    De houten satelliet is gebouwd door onderzoekers van de Universiteit van Kyoto en het bosbouwbedrijf Sumitomo Forestry om te zien of deze kunnen dienen als milieuvriendelijk alternatief voor de gebruikelijke metalen. ‘Alle satellieten die de atmosfeer van de aarde weer binnenkomen, verbranden en creëren kleine aluminiumoxidedeeltjes die jarenlang in de bovenste atmosfeer blijven zweven,’ legt Takao Doi uit, astronaut en ruimtevaartingenieur van de Universiteit van Kyoto. ‘Die deeltjes tasten het milieu op aarde aan.’


    Lokale politici hebben last van intimidatie

    In 2022 heeft meer dan 60 procent van de lokale volksvertegenwoordigers in Duitsland te maken gehad met bedreigingen en agressie, blijkt uit gegevens van de Heinrich-Böll-Stiftung en de Universiteit van Duisburg-Essen. Vooral burgemeesters liggen onder vuur.

    ‘Veel mensen die betrokken zijn bij de lokale politiek ervaren vijandigheid,’ schrijft Die Tageszeitung. In januari 2024 richtte het Duitse ministerie van Binnenlandse Zaken daarom zelfs een ‘contactpunt voor de bescherming van gemeenteambtenaren en gekozen vertegenwoordigers’ op om dit fenomeen aan te pakken. Minister Nancy Faeser zei dat het doel van het nieuwe contactpunt was om aan ambtsdragers en gekozen vertegenwoordigers over te brengen: ‘Je staat er niet alleen voor.’

    Dit varieert van haatmails tot fysieke aanvallen en zelfs moord

    ‘Lokale politiek is direct,’ aldus Faeser. Deze nabijheid maakt mensen echter ook kwetsbaar. Dit varieert van haatmails tot fysieke aanvallen en zelfs moord, zoals in het geval van de districtsvoorzitter van Kassel, Walter Lübcke, die in 2019 werd vermoord door een rechts-extremist.

    Veel van deze overtredingen worden niet eens bij de politie gemeld, aldus Faeser. Pogingen tot intimidatie zoals ‘Ik weet naar welke school je kinderen gaan’ zijn niet ongewoon. Ze heeft al met verschillende burgemeesters gesproken die zeiden: ‘Dan kan ik maar beter stoppen om mijn gezin te beschermen.’

    Lokale politici waarmee Die Tageszeitung sprak, maken melding van haatcampagnes en intimidatie op sociale netwerken, rotte eieren die naar hun huizen werden gegooid en beledigende brieven. Gekozen vertegenwoordigers voelen zich in de steek gelaten wanneer ze worden geconfronteerd met bedreigingen, geven het op en stellen zich niet langer verkiesbaar.

    Thomas Zschornak, de CDU-burgermeester van Nebelschütz, een kleine gemeente in het oosten van Duitsland, is een van de bedreigde politici. Twee jaar lang was hij het slachtoffer van een intense intimidatiecampagne; ook hij stelde zich niet herkiesbaar. Hij verliet de politiek met een burn-out.


    Showmax verdringt Netflix in Afrika

    Het Zuid-Afrikaanse streamingbedrijf Showmax is Netflix voorbijgestreefd in Afrika, schrijft Rest of World. Showmax, dat in 2015 ontstond uit MultiChoice, Afrika’s grootste entertainmentbedrijf, had eind november 2023 2,1 miljoen abonnees op het continent, tegenover 1,8 miljoen voor Netflix, volgens marktonderzoeksbureau Omdia. Showmax heeft Netflix ingehaald te midden van de hevige concurrentie in de Afrikaanse videostreamingindustrie, waar internationale bedrijven, grote telecombedrijven en verschillende landspecifieke apps vechten om het geld van de consument. Het bedrijf probeert zich te onderscheiden door een aanbod van series en films gericht op de Afrikaanse consument.

    Showmax werkt samen met HBO en Comcast. Het platform heeft ook de streamingrechten voor de Engelse Premier League.

    Onderzoek: herbebossing houdt klimaatopwarming tegen

    Onderzoekers hebben ontdekt dat herbebossingsprojecten in het oosten van de Verenigde Staten ‘een verbluffende prestatie hebben geleverd’: het inperken van de stijgende temperaturen die het gevolg zijn van de klimaatcrisis. The Guardian meldt dat wetenschappers al lange tijd verbaasd waren over een zogenaamd ‘opwarmingsgat’ boven delen van het zuidoosten van de VS, waar de temperaturen constant zijn gebleven of zelfs zijn gedaald, ondanks de onmiskenbare bredere opwarmingstrend. Een belangrijke reden voor deze afwijking, zo blijkt uit het nieuwe onderzoek, is de enorme herbebossing van een groot deel van het oosten van de VS na het aanvankelijke verlies van grote aantallen bomen na de Europese kolonisatie van het Amerikaanse continent.

    ‘De herbebossing is opmerkelijk geweest’

    ‘De herbebossing is opmerkelijk geweest en we hebben aangetoond dat dit zich heeft vertaald in de omringende luchttemperatuur,’ zegt Mallory Barnes, een milieuwetenschapper aan de Universiteit van Indiana die het onderzoek leidde. ‘Het “opwarmingsgat” was een echt mysterie en hoewel het niet alles verklaart, toont dit onderzoek aan dat er een belangrijk verband is met herbebossing.’

    Vanaf de jaren 1920 is de Amerikaanse regering begonnen met een voortvarend boomplantprogramma. Dat heeft ertoe geleid dat er in de afgelopen eeuw ongeveer 15 miljoen hectare herbebost gebied is bijgekomen in het oosten van de VS – genoeg bomen om een gebied groter dan Engeland te bedekken.

    Showmax PR Mobile Device 1240x698 1

    Karkassen

    Onder een donkere, met ijs bedekte zee voor de kust van Groenland stuit een dappere duiker op de enorme karkassen van dwergvinvissen. Alex Dawson, die het spectaculaire beeld maakte, won hiermee de prijs voor Onderwaterfotograaf van het Jaar 2024. Whale Bones werd gefotografeerd onder de zwaarste omstandigheden, waarbij hij met duikpak en ademhalingsondersteuning afdaalde onder de ijskap van Groenland. 

    De foto werd gekozen uit 6500 inzendingen van over de hele wereld

    De foto werd gekozen uit 6500 inzendingen van over de hele wereld. Een andere winnaar was JingGong Zhangs, die eerder het paren van zeepaardjes vastlegde en dit jaar het broedseizoen van de Japanse Zoarchias, een zogeheten puitaal, wist te fotograferen.

    Alex DawsonUPY2024
    © Alex Dawson/UPY2024
  • Io capitano, het echte verhaal over immigratie

    Io capitano, het echte verhaal over immigratie

    De film Io capitano van de Italiaanse regisseur Matteo Garrone vertelt het verhaal van twee jongens uit Senegal die de oversteek naar Europa wagen. De Italiaanse pers is overwegend enthousiast over de film. ‘Hij zou op alle scholen en op alle niveaus vertoond moeten worden.’

    Met Io capitano (Ik kapitein), waarin twee jongens uit Senegal worden gevolgd op hun reis naar Europa, is Matteo Garrone, de Italiaanse regisseur van onder andere Gomorra (2008), er volgens L’Essenziale in geslaagd ‘een vrijwel onmogelijke film te maken’. Waar films over immigratie ‘paternalistisch, verstoken van authenticiteit of neerbuigend’ kunnen zijn, vermijdt deze filmmaker volgens het Italiaanse weekblad de valkuilen van spektakel en clichés. Dit enthousiasme wordt gedeeld door de overgrote meerderheid van de critici in Italië, waar Georgia Meloni en haar extreemrechtse regering nu ruim een jaar aan de macht zijn. Garrone werd in augustus dan ook bekroond met de Zilveren Leeuw voor beste regisseur op het filmfestival van Venetië. Zijn hoofdrolspeler, de Senegalees Seydou Sarr, kreeg de prijs voor meestbelovende acteur.

    ‘Garrone heeft een film gemaakt die op alle scholen en op alle niveaus vertoond zou moeten worden’

    De reis van Seydou doet Il Manifesto denken aan die van Pinokkio (tevens door Garrone verfilmd), aangezien beiden ‘geen andere keuze [hebben] dan voor jezelf te leren zorgen, overlevingsstrategieën te vinden en eenzaamheid en angst te overwinnen’. Io capitano kan in die zin worden gezien als modern bildungsverhaal. Sommige scènes zijn enigszins voorspelbaar, tekent L’Essenziale aan. De filmmaker zou er ‘maar net in [slagen] om niet in pathos te vervallen, door zo dicht mogelijk bij de werkelijkheid te blijven – zonder zichzelf in bepaalde scènes een vleugje dromerigheid te ontzeggen’. Het weekblad waardeert overigens dat we deze reis alleen door Seydous ogen ervaren, zonder enig westers gezichtspunt en zonder dat het woord ‘immigrant’ ook maar één keer wordt gebruikt.

    Minder enthousiast is het rechtse Il Panorama. Garrones kijk op het zeer actuele thema ‘laat ons enigszins koud’ en ‘blijft een beetje te veel aan de oppervlakte van een zeer complexe situatie’, aldus het weekblad. Het centrumrechtse dagblad Il Foglio spreekt daarentegen van een noodzakelijk werk met een educatieve strekking. ‘Matteo Garrone nam risico’s, bestudeerde zijn onderwerp en heeft een film gemaakt die op alle scholen en op alle niveaus vertoond zou moeten worden – maar ook aan politici en al diegenen die beweren dat de arme mensen op hun bootjes hier niet komen omdat ze honger hebben, maar om het (zeer slecht betaalde) werk en de vrouwen van “echte Italianen” te stelen.’

    Door Laura Weeda

  • Zitten het nieuwe roken? Niet op z’n Japans

    Zitten het nieuwe roken? Niet op z’n Japans

    Goed zitten, wie doet dat actief? De Japanse cultuur schrijft de correcte manier voor: seiza. Deze traditie omspant vele eeuwen cultuur, politiek en religie. En de manier waarop je zit, zou veel zeggen over je karakter.

    De Japanse gewoonte om op de grond te zitten gaat terug tot zeer ver in de geschiedenis. Pas de laatste zestig jaar is dit deel van de cultuur onder druk komen te staan door een nieuwe levensstijl, in de hand gewerkt door de snelle opkomst van stoelen en andere hoge meubels.

    In 2020, toen de hele wereld gedwongen was thuis te blijven, vertoonde de verkoop van bureaustoelen in de VS een spectaculaire stijging van maar liefst 75 procent. Van de ene op de andere dag doken overal podcasts, artikelen, handleidingen en koopgidsen op, in reactie op de verontrustende realiteit waarmee veel kantoormensen te maken kregen: de stoelen die ze thuis hadden, zaten beroerd.

    Iedereen die aan een bureau werkt – en in Japan geldt dat voor zo’n 28 procent van de beroepsbevolking – heeft te maken met hetzelfde hardnekkige probleem: zitten. Zelfs in de jaren vóór de pandemie waren er al allerlei nieuwe apparaten op de markt – niet alleen sta-bureaus, maar ook wandel- en fietsbureaus, niet alleen ergonomische stoelen maar ook stoelen waarop je kon knielen, zelfs stoelen die op en neer wipten.

    Roerloos

    Maar met de pandemie was het ineens gedaan met het forenzen en moesten veel mensen zich erbij neerleggen dat ze nu ongeveer een derde van de dag roerloos op een stoel zaten. Het werd een vertrouwd fenomeen, dat je je aan het eind van de werkdag realiseerde dat je amper vijftig stappen had gezet – naar de keuken en weer terug, naar de wc en weer terug – en dat je heel bewust besloot allerlei kleine klusjes te spreiden over de dag, al was dat nog zo inefficiënt, om maar zo nu en dan even de benen te kunnen strekken.

    Langdurig zitten wordt in verband gebracht met slapeloosheid, depressie, obesitas, een hoger risico op hart- en vaatziekten en vroegtijdig overlijden. Al jaren terug werd zitten het nieuwe roken genoemd; drie jaar na het begin van de pandemie hebben we allemaal een rokerskuch. Of beter gezegd: slappe billen van het zitten.

    ‘Rechtop zitten is altijd een uitdaging’

    ‘We zijn goed in lopen en rennen, en we vinden het fijn om te liggen als we slapen. Het probleem zit hem in de positie daartussenin’, schrijft architect Witold Rybczynski in Now I Sit Me Down (Nu ga ik zitten), zijn geschiedenis van de stoel. ‘Elke afzonderlijke stoel staat symbool voor de poging de strijd tussen de zwaartekracht en de menselijke anatomie te beslechten. Rechtop zitten is altijd een uitdaging.’

    Toen ik de afgelopen maand aan mensen vertelde dat ik bezig was met een artikel over zitten, stond ik ervan te kijken hoe iedereen min of meer hetzelfde reageerde (na de aanvankelijke opgetrokken wenkbrauw, natuurlijk, en de vraag om het te herhalen). Begin over zitten en mensen veren op. Ze hebben van alles te mopperen over de stoel op het werk of over hun thuisbureau, en ze hunkeren naar iets van ergonomische wijsheid. Net als bij slapen is er een belofte: met een kleine ingreep kun je je leven veranderen. En net als bij seks is er de knagende angst: doe ik het wel goed?

    420 minuten per dag

    Japanners zitten heel veel. In een artikel uit 2011 in het American Journal of Preventive Medicine viel te lezen dat bij een onderzoek onder meer dan 49.000 volwassenen uit twintig landen de respondenten uit Japan en Saoedi-Arabië het meest zitten, met een gemiddelde van zo’n 420 minuten per werkdag. De relatie van Japanner met zitten wordt nog eens verder bemoeilijkt door een lange traditie van op de grond zitten.

    Toeristen en expats zullen het herkennen: bij binnenkomst in een restaurant in tatami-stijl meteen naar de plek lopen waar de chabudai-tafels tegen een muur staan, of het risico lopen om het hooguit twintig minuten vol te houden voordat je benen gaan slapen. (Of de zucht van verlichting als je je benen uitstrekt en er een gat in de vloer blijkt te zitten waar je je benen in kunt steken.) Sterker nog, de Japanse cultuur kent een ‘correcte’ manier om te zitten, seiza genoemd, en de intense spanning die daarbij op de enkels en de knieën komt maakt integraal onderdeel uit van het beoefenen van traditionele bezigheden zoals kendo (zwaardvechtkunst), ikebana (bloemschikken) en sadō (theeceremonie).

    Je zithouding blijkt veel over je te zeggen. In een artikel uit 2022 in het Journal of Physical Education and Sport staat te lezen dat mensen die rechtop zitten op een stoel, of in seiza, door een groep van 132 Japanse studenten als netter (althans, minder slordig) worden gezien dan hun onderuitgezakte pendanten. En dat is nog niet alles: ze worden ook als moreel hoogstaander ingeschat, gerelateerd aan eigenschappen als ‘bijdrage aan groep en maatschappij’ en ‘regels volgen en goede manieren tonen’; er werd zelfs melding gemaakt van ‘een zekere eerbied’ voor dat wat de menselijke vermogens te boven gaat, zoals de natuur. Mensen die onderuitgezakt in hun stoel hangen zouden een minder hoogstaande moraal hebben, en van alle vier lichaamshoudingen zou achterover leunen in de stoel getuigen van de allerlaagste moraal.

    Er zijn ook influencers die zeggen dat op de vloer zitten, en de levensstijl waar dat voor staat, het geheim is van de hoge levensverwachting van Japanners. Dan Buettner, onderzoeker en groot voorstander van een lang leven, de man achter een serie boeken met als titel Blue Zones, verwijzend naar regio’s op de wereld met een ongebruikelijk hoge levensverwachting, propageert de gedachte dat ‘de traditie uit [het Japanse eiland] Okinawa om op de vloer te zitten is gerelateerd aan gezondheid, mobiliteit en een hoge levensverwachting’. Hij heeft filmpjes gemaakt om te laten zien hoe je, onder andere, naar je telefoon kunt kijken terwijl je op de grond zit.

    Is er een juiste manier om te zitten? En heeft Japan die manier onder de knie? Het blijkt een veel gecompliceerdere vraag; in Japan is het verhaal van zitten een microkosmos van snelle modernisatie die vele eeuwen aan cultuur, politiek en zelfs religie omspant.

    GettyImages 615741416
    Veel is in Japan gerelateerd aan het feit dat men op de vloer zit.– © Getty Images

    Stoelzitters en vloerzitters

    De wereld kan grofweg worden onderverdeeld in stoelzitters en vloerzitters. En sinds de Oudheid valt Japan onder die laatste categorie, net als islamitische culturen in het Midden-Oosten en Noord-Afrika, inheemse volkeren in Noord- en Zuid-Amerika en mensen in India en Korea, zoals antropoloog Gordon W. Hewes in de jaren vijftig aantoonde in zijn belangrijke onderzoek naar de verschillende lichaamshoudingen op aarde.

    Hoewel stoelen voornamelijk een Europees fenomeen lijken, worden de eerste stoelen toegeschreven aan de oude Egyptenaren, al in 2600 voor Christus. Volgens wetenschappers waren die stoelen een statussymbool. ‘God zit op een stoel,’ zegt stoelenontwerper en onderzoeker van lichaamstechniek Hidemasa Yatabe over vroege afbeeldingen van stoelen. ‘Als God op de stoel zit, krijgt de koning van Hem het recht om te heersen. De koning zit met respect voor zijn onderdanen zoals God met respect voor de koning zit.’

    Tegen de tweede eeuw na Christus was er in China een opvouwbaar krukje ontwikkeld, en in de tiende eeuw na Christus won dat in hoog tempo aan populariteit. In Japan werden ook krukjes gebruikt, al in 500 na Christus. Er zijn overblijfselen van die krukjes gevonden in de buurt van ruïnes op de plek van de uitbarsting van Mount Haruna in de prefectuur Gunma. Deze krukjes, de zogeheten shogi, zijn lang in gebruik geweest, net als de stoelen van houtsnijwerk die door boeddhistische monniken werden gebruikt, de zogeheten kyokuroku. Maar het zou nog eeuwen duren voordat stoelen in brede kring werden gebruikt.

    Het had allemaal heel anders kunnen lopen, zoals Arata Isozaki, een architect die de Pritzker Prize heeft gewonnen, in 1986 schreef. ‘De klapkruk werd gebruikt door krijgers, om duidelijk te maken dat ze superieur waren aan de boeren die knielden of op de grond zaten,’ legt hij uit, en hij stelt dat de lage stoelen hun intrede deden in Japan om redenen die te maken hadden met reinheid en sociale hiërarchie.

    Maar de aristocratische krijgersklasse begon een verhoogde houten vloer in huis te bouwen. Die vloer, ver verheven boven de smerige stenen of de grond, leidden tot een nieuwe verhouding tot de vloer. Met andere woorden: de vloer werd zelf een stoel. Ondanks de gretigheid in de Nara-periode (710-794) om dingen op onder meer het gebied van kunst, kalligrafie en architectuur over te nemen van China, keerde Japan de stoel de rug toe.

    ‘Veel facetten van het leven van de Japanner zijn gerelateerd aan het uitgangspunt dat men op de vloer zit’

    Isozaki schrijft dat op de vloer zitten een cruciaal element was in de ontwikkeling van de specifieke Japanse levensstijl. Het ontwerp van tuinen en kamers kwam tot stand vanuit het perspectief van iemand die op de grond zit, of knielt, betoogt hij.

    De grote typisch ‘Japanse’ filmregisseur Yasujiro Ozu stond erom bekend dat hij een statische camera laag bij de grond neerzette. ‘Ozu filmde gezinnen het liefst binnenshuis, voornamelijk in een Japans interieur,’ schrijft filmrecensent Mark Schilling. ‘Hij werkte vanuit een lage positie, met de camera gewoonlijk ter hoogte van iemand die op een tatami-mat zit, om een intieme sfeer op te roepen.’

    Onderzoeker Yatabe, die verschillende boeken heeft geschreven over zitten, waaronder Nihonjin no Suwarikata (Japanse manieren van zitten) en Za no Bunmeiron (Een civilisatietheorie van zitten), gaat nog verder. Omgeven door sierlijke, met de hand gemaakte stoelen van rozenhout en witte Japanse paardenkastanje bestudeert Yatabe in het Japanese Institute of Physical Culture Research in Tokio de geschiedenis van houdingen en lichaamsesthetiek. Met op de achtergrond het geluid van een knappend haardvuur probeer ik verschillende stoelen uit die hij heeft ontworpen, niet alleen om te werken maar ook om te mediteren. Ik zit op een stoel die veel wegheeft van een martelwerktuig, en als ik achteroverleun ontsnapt er een weinig professionele, diepe kreun aan mijn lippen.

    ‘Veel facetten van het leven van de Japanner zijn gerelateerd aan het uitgangspunt dat men op de vloer zit,’ schrijft Yatabe in Nihonjin no Suwarikata. ‘Dat begint al met alledaagse houdingen die te maken hebben met eten en drinken of met manieren waarop men elkaar begroet, tot aan de fundamentele houdingen bij traditionele kunsten. Het is onmogelijk om de Japanse cultuur echt te doorgronden zonder je bewust te zijn van het zitten op de grond.’

    In zijn atelier laat hij een voorbeeld zien van een kimono, waarvan zowel het ontwerp als de pasvorm is gebaseerd op een idee van schoonheid waarbij de contouren van het lichaam eerder aan het oog worden onttrokken dan worden geaccentueerd. Brede houdingen, met sterk gebogen knieën, zowel in zittende als staande positie, werden geassocieerd met zowel schoonheid als kracht, licht hij toe. 

    Mannen met veel status, zoals keizers en samoerai, werden afgebeeld in een zittende houding die rakuza werd genoemd, met de voetzolen tegen elkaar en de knieën naar buiten wijzend, wat sommige lezers zullen herkennen als de ‘vlinderhouding,’ een symbool van kracht en elegantie. Yatabe zet dat af tegen de koningen van West-Europa, die voor portretten staand poseerden met een been naar voren.

    Les in etiquette

    Natuurlijk is het niet mogelijk om over de lijnen van een kimono na te denken zonder je bewust te zijn van seiza.

    Esthetische normen geven een cultuur vorm. Maar dat geldt net zo goed voor overheden. Tijdens de Meiji-restauratie van 1868, de periode waarin Japan een snelle modernisering en verwestersing doormaakte, was de manier waarop de bevolking zat een van de aspecten van het sociale en culturele leven die aan een zeer kritische blik werden onderworpen.

    Begin jaren tachtig van de negentiende eeuw, toen kinderen en masse voor het eerst verplicht naar school gingen, zo schrijft Yatabe, moesten ze niet alleen leren lezen en schrijven maar moesten ze ook les krijgen in etiquette, zoals de juiste manier om mensen te begroeten, de juiste manier om keurig en beschaafd hun bento te eten, de juiste manier om te buigen en – u raadt het al – de juiste manier om te zitten.

    In het lesboek The New Edition of Elementary School Manners (De nieuwe editie van lagereschoolmanieren) wordt tot in detail beschreven hoe je ‘goed’ moet zitten – een uitgebreide versie van wat we nu herkennen als seiza, een woord dat is samengesteld uit de karakters voor ‘correct’ en ‘zit’. ‘Ga met beide voeten naast elkaar staan, sta stil en breng beide voeten een voor een naar achter, de linkervoet eerst. Kniel op beide knieën terwijl je de tenen omhoog houdt; leg de grote teen van beide voeten over elkaar en ga zitten. Als je zit, plaats dan je handen op je knieën en laat je armen rusten, doe dat heel bewust, alsof je onder elke oksel een kippenei hebt dat niet mag vallen.’

    Als ik tegen collega’s of vrienden die in Japan zijn opgegroeid begin over seiza, krimpen ze bijna allemaal even ineen. Ze herinneren het zich als een vorm van straf. ’Doe seiza en denk maar eens goed na over wat je hebt gedaan!’

    Seiza kan de flexibiliteit in de heupen vergroten en voedingsstoffen naar de knieën sturen, maar langere tijd in die houding zitten wordt ook in verband gebracht met o-benen, problemen met de bloedsomloop en oedeem. ‘Ik ben dol op seiza,’ appt een Taiwanese vriend die ook sadō en ikebana beoefent. ‘Ik vind het prettig om het niet al te comfortabel te hebben.’

    In de wereld van sadō wordt seiza gezien als een elegante manier om het lichaam zo compact mogelijk te maken in steeds kleinere theekamers. Daarnaast was het oorspronkelijk een teken van nederigheid van een gastheer tegenover de gast, krijg ik te horen bij Mushakouji Senke Kankyuan, een van de drie grote theescholen in Japan.

    Maar, zoals vertegenwoordigers van de school schrijven – net als veel welbespraakte bloggers die zich verzetten tegen de strenge geboden rond seiza – Sen no Rikyu, de vader van de moderne Japanse thee, van wie de drie scholen direct afstammen, zat in agura, oftewel kleermakerszit. Maar volgens de normen van nu wordt die houding gezien als bot of slonzig, en zeker niet geschikt voor vrouwen.

    Het is opmerkelijk dat een bepaalde manier van zitten wordt omgeven door zo veel controverse. Aan de andere kant is het veelzeggend dat een van de andere drie scholen een gesprek weigerde, uit angst dat de naam van de school in een artikel zou komen te staan waarin de bejubelde seiza mogelijk zou worden bekritiseerd.

    De stoel (1872)

    In een sadō-handleiding voor beginners staat een cruciale aanpassing van de traditie vermeld: ‘Beoefenaars zien een nieuwe benadering voor zich van de theeceremonie, passend bij de veranderende tijden.’ De innovatie is de stoel, en het jaar was 1872.

    Deze verandering drong maar langzaam door in Japan. Tegen de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw, tijdens de snelle naoorlogse economische groei, was de stoel als alledaags gebruiksvoorwerp echter doorgedrongen in vrijwel alle Japanse huishoudens.

    Japan is een betrekkelijke nieuwkomer op het wereldstoelentoneel. De stedelingen geven blijk van een ongekende fascinatie voor stoelen. In het voorjaar van 2022 werden in verschillende Muji-winkels in Ginza [een district in Tokio] stoelenexposities gehouden; in de zomer van dat jaar waren er twee stoelententoonstellingen tegelijk, zowel in het Tokyo Metropolitan Art Museum als in het Museum of Contemporary Art, ook in Tokio, waar stoelen waren te zien van respectievelijk de Deense ontwerper Finn Juhl en de Franse ontwerper Jean Prouvé.

    In Mokoto Shimazaki’s inleiding bij het boek Japanese Chairs staat te lezen dat Japan vanaf begin jaren zestig uitgroeide tot een van de grootste markten ter wereld voor Europees meubilair, zoals de Y-stoel van Hans Wegner. De Japanse pioniers van de moderne stoelen, zo vertelt het boek, verwerkten elementen van Japanse huizen in hun ontwerpen. De stapelbare stoelen van Isamu Kenmochi kun je naast elkaar zetten, of met de voorkant tegen de achterkant, zodat ze weinig ruimte innemen – ruimte is een zeer schaars goed in Japan.

    De spijlenstoel, ontworpen door Kappei Toyoguchi, is geïnspireerd op de Windsor-stoel, maar dan breder en dieper. Door het brede kussen kunnen de benen worden gekruist of gevouwen, en met de geringe hoogte van 34 centimeter is de zitting zo laag dat je nog op ooghoogte zit met mensen die op de grond zitten. Een andere stoel van Toyoguchi is ontworpen met dikkere, ronde poten zodat hij de tatami-matten niet beschadigt.

    Zoals deze ontwerpers hebben laten zien, passen stoelen die in het Westen zijn ontworpen niet zomaar in de toonaangevende levensstijl in Japan.

    ‘Toen ik in Californië ging studeren, drong tot me door dat ik vreemd zit’

    De zittende Japanner bevindt zich dan ook in een merkwaardige positie: nog maar zestig jaar na de overgang van tatami-mat naar stoel wordt de maatschappij geconfronteerd met nieuwe pijnpunten. Naar Yatabes mening zijn deze groeipijnen het gevolg van het te snel willen overnemen van een buitenlandse lichaamscultuur – die van Europa. Hij vergelijkt het met vrouwen die binnen één generatie willen overstappen op hoge hakken: de voeten, die gewend zijn aan geta en zori [traditionele Japanse sandalen], hebben wellicht niet de benodigde voetboog voor hoge hakken. Zo kunnen ook de esthetische waarden, die zowel de houding als de lichamelijke ontwikkeling hebben bepaald, niet zomaar worden veranderd in het tempo van de naoorlogse Japanse economie.

    Hetzelfde geldt voor vloerzitten, dat zo lang zo’n belangrijk onderdeel van het leven is geweest dat het niet van de ene op de andere dag kan worden veranderd. Yatabe herinnert zich zijn oma en verschillende andere ouderen die zijn geboren in de Meiji-periode (1868-1912). Als ze liepen, waren ze vaak heel krom of moesten ze steunen op krukken, maar als ze op de grond zaten, zagen ze er fantastisch uit, en volkomen op hun gemak. Zo intens was de lichaamstraining die ze hadden ondergaan, zegt hij.

    ‘Juiste’ houdingen en het traditionele vloerzitten mogen dan naar de achtergrond verdwijnen, het effect op de cultuur is nog steeds voelbaar. ‘Toen ik in Californië ging studeren, drong tot me door dat ik vreemd zit,’ vertelt een jongere Japanse collega. Ze demonstreert een houding die veel wegheeft van de yogahouding virasana, met de knieën tegen elkaar en de billen op de grond, terwijl de benen een V vormen. ‘En toen ik weer naar Japan ging, moest ik afleren om met mijn benen over elkaar te zitten, want dat wordt als onbeschoft ervaren,’ zegt ze.

    Sayaka Murata, de auteur van Convenience Store Woman (Buurtsupermens, vertaald door Luk van Haute), vertelde me ooit in een interview dat ze bij literaire evenementen in Europa van de andere schrijvers te horen kreeg dat ze zo mooi rechtop zat. ‘Ik probeerde onderuit te zakken, maar dat was nog niet zo makkelijk.’ Ze deed voor hoe ze zich onderuit liet zakken, herinnerde zich hoe raar dat voelde, lachte en ging weer rechtop zitten.

    Cultuurclash op zithoogte

    Deze cultuurclash op zithoogte is nog altijd gaande – en de industrie helpt een handje mee. Spoorwegbedrijf Sotetsu innoveert nog altijd de eigen stoelen van ‘universeel design’, die een ongebruikelijk ondiepe zit zouden hebben om het oudere mensen en zwangere vrouwen makkelijk te maken. Volgende maand geeft fysiotherapeut Tetsuya Obuchi een tweedaagse workshop in Chiba, voor 32.000 yen, om zorgverleners te leren hoe ze patiënten kunnen helpen met de juiste zithoudingen.

    Kageyu Noro heeft in zijn lange carrière veel vragen beantwoord over rugpijn. Twintig jaar geleden stond deze (inmiddels emeritus) hoogleraar van de Waseda-universiteit, een van de toonaangevende specialisten in Japanse ergonomie, aan het hoofd van een zitkliniek. In ruim vijf jaar heeft hij zo’n driehonderd mensen gezien, zowel in zijn praktijk als tijdens huisbezoeken, en hij heeft ze laten zien hoe ze hun stoel en houding kunnen aanpassen, bijvoorbeeld met behulp van dikke bankkussens of geïmproviseerde rugsteunen. Hij heeft zelfs een speciale stoel ontworpen, met een gat erin, voor iemand met knieproblemen.

    Ik liet hem een stoel zien die ik gratis heb gekregen, een blauwe klapstoel van Nitori die je overal ziet. Precies op de plek waar je steun verwacht voor je lendenen, is er niets. Ik gebruik die stoel altijd, maar zoals gezegd bezorgt hij me veel pijn. Noro – die zich misschien weer in zijn kliniek waande – stelde voor dat ik een handdoek zou oprollen, als een sushirol, en die in de spleet van de stoel zou klemmen, om mijn heiligbeen steun te geven. Toen vroeg hij: ‘Hoeveel kost dit ding? 5.000 yen?’ (Eigenlijk kost hij maar 2990 yen, wat met de huidige koers neerkomt op 20 dollar.) ‘Je zou meer moeten betalen!’

    ‘Mensen gaan op zoek naar een goede stoel, of bed of matras – maar ze nemen te snel een beslissing. Het belangrijkst vinden ze de prijs,’ zegt hij. Mensen zouden volgens hem juist op zoek moeten gaan naar iets wat precies bij hun lichaam past. Om het gebrek aan verkopers met verstand van zaken te compenseren werkt Noro aan een technologie voor ‘een dialoog tussen de stoel en degene die erop zit’. Sterker nog, zegt hij, er bestaat geen stoel waar iedereen goed op zit. ‘Twintig jaar geleden dacht ik nog dat er een soort ideale stoel zou zijn. Maar het is heel moeilijk om die te maken. De oplossing is zoeken naar individueel comfort.’

    Voor Noro schuilt het antwoord niet in moderne ergonomie, maar in het verre verleden van Japan. De boeddhistische monnik Dogen, die leefde van 1200 tot 1253, tijdens de Kamakura-periode, bracht het zenboeddhisme naar Japan en verspreidde de beoefening van zazen, oftewel zittende zenmeditatie. Hij en zijn volgelingen zaten op zafu, ronde kussens van gevlochten lisdoddebladeren. ‘Dogens manier van zitten was volkomen logisch,’ zegt Noro. ‘Hij liet de monniken hun eigen zafu maken, afgestemd op hun lichaam.’

    De sleutel was individualisering: hoe prettig een stoel zit, hangt – onder meer – af van je gewicht. Noro richtte zich in zijn onderzoek op de relatie tussen lichaamsgewicht en ‘wegzakdiepte’, de verandering in hoogte van het kussen. Zijn lab heeft een stoel ontwikkeld voor microchirurgie, waarin iemand lange uren gerieflijk kan blijven zitten terwijl er handelingen worden uitgevoerd die uitzonderlijke precisie vereisen – geïnspireerd op Dogens kussenmodel uit de dertiende eeuw.

    GettyImages 803961874
    Seiza in de Starbucks in Kyoto. – © Getty Images

    Lichamelijke tweetaligheid

    Yatabe beaamt Noro’s conclusies. Na zich er jaren in te hebben verdiept, is hij stoelen gaan maken die zijn afgestemd op het lichaam van zijn cliënten. Hij benadrukt dat het niet nodig is om te rade te gaan bij ergonomische studies uit het Westen, aangezien de nauwe banden van Japan met vloerzitten duizenden jaren teruggaan, en gezien de vele tradities die nauw zijn verweven met zen, yoga en tai chi. Hij heeft een diepe bewondering voor de verschillende stijlen van zitten die opgang deden voordat seiza de overhand kreeg, en voor de hulpmiddelen die dergelijke zitstijlen mogelijk maken, zoals de kyōsoku-armsteun (letterlijk ‘oksel’ en ‘adem’), waardoor de zitter naar één kant kan overhellen en comfortabel op de vloer kan zitten met de andere knie omhoog.

    Yatabe wil niets liever dan de tradities in ere herstellen die verloren zijn gegaan tijdens de snelle modernisering van Japan. ‘Ik wil steeds meer van de fantastische elementen van onze cultuur voor het voetlicht brengen en dingen ontdekken waardoor we trots kunnen zijn op ons land,’ zegt hij.

    Inmiddels kijk ik er al niet meer van op als een gesprek over een ogenschijnlijk eenvoudige handeling als zitten een onverwachte wending neemt, om niet te zeggen een patriottische wending. Ook zitten blijkt politiek te zijn.

    Yatabe denkt niet dat mensen die de hele dag zitten, waar ook ter wereld, hoeven te wanhopen. Voor dergelijke mensen in Japan heeft hij iets bedacht wat doet denken aan een soort lichamelijke tweetaligheid. ‘In termen van fysieke mogelijkheden is het niet ondenkbaar om het lichaam zowel op een Japanse als op een Europese manier te gebruiken,’ zegt hij.

    Mensen die altijd op de vloer hebben gezeten, kunnen wennen aan stoelen – voornamelijk door de hoogte en de diepte van de zitting zo af te stellen dat de stoel echt past bij hún lichaam. En mensen die niet gewend zijn om op de vloer te zitten, kunnen stretchen en oefeningen doen om hun heupen en ledematen soepeler te maken, om aan het leven in Japan te wennen. ‘Zitten hoeft niet stressvol te zijn,’ zegt hij resoluut.

    De ziel

    Zitten blijkt niet alleen een kwestie te zijn van esthetiek, gezondheid, etiquette en traditie; het heeft ook te maken met de ziel. In 1970 werd een verzameling lezingen van de Japanse monnik Shunryu Suzuki gebundeld en uitgegeven met als titel Zen Mind, Beginner’s Mind. Het boek zou uitgroeien tot een klassieker van moderne spiritualiteit en zou in belangrijke mate verantwoordelijk zijn voor de verspreiding van het zenboeddhisme in het Westen. Het boek telt honderdvijftig pagina’s en is – hoe kan het ook anders – gewijd aan de vraag hoe te zitten. ‘Als ik zit, is er niemand anders, maar dat wil niet zeggen dat ik je negeer. Ik ben volledig één met alle aanwezigheid in deze fenomenale wereld. Dus als ik zit, zit jij; alles zit met mij. Dat is onze zazen,’ schreef de priester.

    ‘Houd gewoon je lichaam recht zonder over te hellen of ergens tegenaan te leunen,’ zegt hij. ‘Op die manier zul je, zowel fysiek als mentaal, totale rust ervaren.’

    Spirituele praktijken die voortkomen uit de handeling van zitten zijn niet voorbehouden aan het boeddhisme; je ziet ze ook in het hindoeïsme, of in de traditionele Chinese geneeskunst. (Ook in de Bijbel worden de discipelen opgeroepen te knielen, en in de islam schrijft een van de stappen in het dagelijkse gebed voor hoe je de voeten precies naast elkaar moet houden.)

    De homo sapiens is geëvolueerd om rechtop te lopen, maar toch kromt onze ruggengraat zich steeds meer naar beneden

    ‘Seiza is een houding waarbij de kracht kan worden gebundeld in het vitale punt van het lichaam, de dantian,’ zo krijg ik te horen op de Mushakouji Senke Kankyuan-theeschool. ‘Volgens sommigen kan het aannemen van deze houding de geest op effectieve wijze tot rust brengen en vervullen.’

    Hoewel de stoel vele problemen veroorzaakt voor de moderne kantoormens, zijn bepaalde vormen van zitten juist een manier om de dagelijkse beproevingen van zowel het privé- als het werkleven het hoofd te bieden. Seculiere meditatie is ongekend populair, en dat geldt zelfs voor een extreme vorm ervan, de vipassana-meditatie, die is uitgegroeid tot een trendy toevluchtsoord voor wie de wereld even niet meer ziet zitten: tien dagen zittende meditatie, in stilte, volledig weg van de maatschappij.

    Tijdens het schrijven van dit artikel heb ik twee lessen gevolgd in zeer verschillende meditatietechnieken: ik zat nog geen uur of mijn benen waren al volkomen gevoelloos. Omdat me was gezegd dat ik aan niets anders mocht denken dan mijn ademhaling en de energie van mijn lichaam, ging er maar één gedachte door mijn hoofd: waar ben ik in godsnaam mee bezig? Waarom zit ik hier te zitten?

    Misschien is dat wel de crux van de problemen waar mensen mee kampen die aan een bureau zijn gebonden en die na jaren van werken gebukt gaan onder nek-, schouder- en rugpijn: de hele dag naar een scherm staren voelt niet echt als leven – eerder als het tegenovergestelde. De homo sapiens is geëvolueerd om rechtop te lopen, maar toch kromt onze ruggengraat zich steeds meer naar beneden, onze ogen op zoek naar afbeeldingen en tekst, onze billen op zoek naar iets waarop we kunnen zitten. Maar de inspanningen die we ons getroosten om het zitten – een probleem dat we zelf hebben gecreëerd – weer naar onze hand te zetten, omwille van gezondheid, cultuur, land, schoonheid, existentiële vervulling en zelfs dat onbeschrijflijke ideaal dat we geluk noemen – iets menselijkers dan dat is toch nauwelijks denkbaar?

  • Alles komt aan bod bij Max Beckmann

    Alles komt aan bod bij Max Beckmann

    De Duitse schilder Max Beckmann (1884-1950) experimenteerde met allerlei technieken om te spelen met de ruimte in zijn kunstwerken, wat het moeilijk maakt om hem in een hokje te plaatsen. Zijn werk is nu te zien in het Kunstmuseum in Den Haag.

    Met scherpe hoeken, afwijkende perspectieven en beklemmende kaders experimenteerde de Duitse schilder Max Beckmann (1884-1950) met allerlei technieken om de ruimte naar zijn hand te zetten. In de tentoonstelling Universum Max Beckmann is te zien dat het oeuvre van de schilder niet in één stroming onder te brengen valt. Alles komt aan bod in zijn soms vermakelijke en vaak geladen schilderijen.

    In de tentoonstelling is te zien dat het oeuvre van de schilder niet in één stroming onder te brengen valt

    Hij ontwikkelde zijn bijzondere beeldtaal door zich te laten inspireren door literatuur, religie, mythologie en eigen observaties. Beckmann verwerkte ook de moderne tijd in allerlei vormen in zijn werk, zoals de magische wereld van theater, circus en cinema. Vanwege een tentoonstellingsverbod in Duitsland werkte Beckmann overigens van 1937 tot 1947 in een atelier aan het Amsterdamse Rokin.

    Kunstmuseum Den Haag, t/m 20 mei

  • Gerecenseerd

    Gerecenseerd

    360 kiest een aantal door de buitenlandse pers beschreven concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities die naar Nederland of België komen.

    Een vrijwel onmogelijke film

    Garrone weet ternauwernood aan clichés te ontsnappen

    FILM – Met Me Captain, waarin twee jongens uit Senegal worden gevolgd op hun reis naar Europa, is Matteo Garrone, de Italiaanse regisseur van onder andere Gomorra (2008), er volgens L’Essenziale in geslaagd ‘een vrijwel onmogelijke film te maken’. Waar films over immigratie ‘paternalistisch, verstoken van authenticiteit of neerbuigend’ kunnen zijn, vermijdt deze filmmaker volgens het Italiaanse weekblad de valkuilen van spektakel en clichés. Dit enthousiasme wordt gedeeld door de overgrote meerderheid van de critici in Italië, waar Georgia Meloni en haar extreemrechtse regering nu ruim een jaar aan de macht zijn. Garrone werd in augustus dan ook bekroond met de Zilveren Leeuw voor beste regisseur op het filmfestival van Venetië. Zijn hoofdrolspeler, de Senegalees Seydou Sarr, kreeg de prijs voor meestbelovende acteur.

    ‘Garrone heeft een film gemaakt die op alle scholen en op alle niveaus vertoond zou moeten worden’

    De reis van Seydou doet Il Manifesto denken aan die van Pinokkio (tevens door Garrone verfilmd), aangezien beiden ‘geen andere keuze [hebben] dan voor jezelf te leren zorgen, overlevingsstrategieën te vinden en eenzaamheid en angst te overwinnen’. Me Captain kan in die zin worden gezien als modern bildungsverhaal. Sommige scènes zijn enigszins voorspelbaar, tekent L’Essenziale aan. De filmmaker zou er ‘maar net in [slagen] om niet in pathos te vervallen, door zo dicht mogelijk bij de werkelijkheid te blijven – zonder zichzelf in bepaalde scènes een vleugje dromerigheid te ontzeggen’. Het weekblad waardeert overigens dat we deze reis alleen door Seydous ogen ervaren, zonder enig westers gezichtspunt en zonder dat het woord ‘immigrant’ ook maar één keer wordt gebruikt.

    Minder enthousiast is het rechtse Il Panorama. Garrones kijk op het zeer actuele thema ‘laat ons enigszins koud’ en ‘blijft een beetje te veel aan de oppervlakte van een zeer complexe situatie’, aldus het weekblad. Het centrumrechtse dagblad Il Foglio spreekt daarentegen van een noodzakelijk werk met een educatieve strekking. ‘Matteo Garrone nam risico’s, bestudeerde zijn onderwerp en heeft een film gemaakt die op alle scholen en op alle niveaus vertoond zou moeten worden – maar ook aan politici en al diegenen die beweren dat de arme mensen op hun bootjes hier niet komen omdat ze honger hebben, maar om het (zeer slecht betaalde) werk en de vrouwen van “echte Italianen” te stelen.’

    Door Laura Weeda

    Me Captain

    Hoe de wereld ten onder gaat aan macht en corruptie

    Geëngageerde zoektocht naar kantelpunten

    DOCUMENTAIRE – In de documentaire Breaking Social van Fredrik Gertten staan wereldwijde ongelijkheid en uitbuiting van mens en natuur centraal. Die zijn volgens de Zweedse regisseur het gevolg van corruptie en kleptocratie. Met onder anderen de Nederlandse journalist Rutger Bregman gaat Gertten op zoek naar lichtpuntjes. Marion Ammicht van Das Erste stelt dat Gertten niet alleen ‘de patronen van corruptie en samenzwerende machthebbers wil blootleggen, maar ook kantelpunten laat zien die mensen ertoe aanzetten om ertegen in opstand te komen’. Als voorbeelden noemt ze de volksprotesten in Chili en de massademonstraties op Malta na de moord op journalist Daphne Caruana Galizia, die grootschalige corruptie bij overheid en zakenleven had aangetoond. Breaking Social is een aanmoedigingsfilm’, vindt Ammicht. ‘Als we solidair zijn, is verandering mogelijk.’

    Emma Gray Munthe van Aftonbladet schrijft over een ‘stijlvolle, effectieve documentaire die de ogen opent en volop context laat zien.’ Gerttens films zijn volgens haar ‘door hun invalshoek een uiting van activisme op zich, zonder daarbij op de grootste trom te slaan. Tegelijkertijd krijg je het gevoel dat verandering mogelijk is en dat het snel kan plaatsvinden – zowel ten goede als ten kwade.’

    ‘In Breaking Social wordt ook zichtbaar dat er volop mensen zijn die zich inzetten voor een betere wereld’

    In het Zweedsel Nöjesguiden heeft Andreas Heilborn genoeg aan te merken op de documentaire: ‘Het wemelt van de mensen en de verhalen. Bij zo’n goede journalist als Gertten had ik gewild dat hij écht de mesthoop had omgekeerd. Er lijkt een duister contact tussen de rijken te zijn, direct afkomstig uit de computer van Lisbeth Salander. Daar had hij voor mij dieper mogen graven.’

    ‘In Breaking Social wordt ook zichtbaar dat er volop mensen zijn die zich inzetten voor een betere wereld’, schrijft Nathanael Brohammer voor KinoZeit. De recensent heeft moeite met de ‘sussende toon van een middagdocumentaire waarin “talking heads” ontspannen langs de rivier wandelen’. Maar zijn eindoordeel is positief: ‘Een door en door geëngageerde documentaire die kleinschalig begint en bijdraagt aan het neerhalen van de saboteur in ons.’ Volgens Aleksandra Biernacka van Modern Times Review roept de film één centrale vraag op: ‘Kunnen wij ons de superrijken nog wel veroorloven?’

    Breaking Social van Fredrik Gertten draait vanaf 1 februari in de bioscoop

    Door Diederik Samwel

    Breaking Social 1

    Progressieve rock met sociaal-politieke boodschap

    Van onweerstaanbare grooves tot sprankelende ballads


    MUZIEK – In besprekingen van het nieuwe album i/o van de 73-jarige Peter Gabriel, ooit frontman van Genesis, valt geregeld de term ‘progrock’. Tony Clayton-Lea van The Irish Times omschrijft Gabriel als ‘een vooruitstrevend artiest die zich sterk bewust is van nieuwe technologieën, hoogwaardige, commercieel succesvolle muziek maakt en toch trouw blijft aan zijn artistieke uitgangspunten.’ Volgens Clayton-Lea heeft Gabriel een ‘fraaie, melancholische plaat’ gemaakt, waarop ‘pop-funk uit zijn vroegere periode’ is te horen, maar ook ‘elegante, progressieve popsongs’.

    Voor Plattentests looft Markus Bellmann Gabriels ‘ongelooflijke muzikaliteit en zijn geweldige arrangementen’. Dat is te danken aan ‘gastmuzikanten van de bovenste plank, zoals ambient- en elektrolegende Brian Eno en de inbreng van het Soweto Gospel Choir’. Daarnaast benadrukt Bellmann de veelzijdigheid op het album: ‘Van een onweerstaanbare groove, een bewust overdreven golf stadionpop tot sprankelende en aangrijpende ballads.’

    ‘Gabriel onderzoekt prachtig en subtiel of de mens ooit vrij van het concept tijd kan zijn’

    ‘Uiteraard kun je de nummers apart beluisteren, vindt Emma Harrison van Clash, ‘maar je ontdekt moeiteloos hoe sterk ze met elkaar zijn verbonden.’ Volgens haar draaien de teksten om ‘de kwetsbaarheid van het leven, sterfelijkheid – zowel van het individu als van onze planeet – en wedergeboorte’. Op de track Playing for Time ‘onderzoekt Gabriel prachtig en subtiel of de mens ooit vrij van het concept tijd kan zijn’.

    In de Britse editie van Rolling Stone ontwaart Mark Beaumont een sociaal-politieke boodschap op i/o: ‘Gabriel laat ons nadenken over onrechtvaardigheid en cancelcultuur. Of over de tragische naïviteit van religieus fanatisme en de mogelijkheid om met een headset onze gedachten te verbeelden. Gelukkig sluit hij af met een oproep tot wereldwijde vergiffenis en het neerleggen van de wapens.’

    ‘Ondanks de ernstige ondertoon draagt deze plaat optimisme uit,’ concludeert Jean-Christophe Laurence voor La Presse: ‘Soms wat licht gedateerde geluiden, maar Gabriels stem is net zo helder, uniek en ontroerend als altijd.’

    i/o van Peter Gabriel is in december 2023 uitgekomen.

    Door Diederik Samwel

    Peter Gabriel

    Nu al de beste game van 2024?

    Het fantastische universum van een verloren kroon

    GAME – De eerste maand van het jaar is nog maar nauwelijks voorbij, of er gaan al stemmen op voor een kandidaat voor ‘beste game van 2024’. Die kandidaat is Prince of Persia: The Lost Crown, op 18 januari uitgebracht voor pc en consoles, en alom geprezen. De hoofdrolspeler in het fantastische universum is Sargon, lid van een elitewacht, ‘de zeven onsterfelijken van Perzië, die de taak hebben om prins Ghassan te vinden, die onder vreemde omstandigheden is ontvoerd’, vat El País samen.

    ‘Bij bepaalde puzzels worden je hersenen behoorlijk gepijnigd’

    Om deze reddingsoperatie uit te voeren moet je naar de mythische berg Qaf, aldus de Amerikaanse site The Verge, die het vooral sterk vindt dat de held, zelf een nieuweling in de betreffende wereld, ‘de indruk wekt dat de Lost Crown speler tegelijk met hem vooruitgang boekt’. Julian Benson noemt in The Guardian de gevechtsscènes ‘veeleisend’, ‘en bij bepaalde puzzels worden je hersenen behoorlijk gepijnigd’.

    Polygon prijst een innovatie die de game biedt: heb je als speler moeite om je te herinneren welke stappen je hebt gezet en hoe, dan kun je in dit spel waar je maar wilt een screenshot maken. Zo beschik je als speler ‘letterlijk [over] een fotografisch geheugen’.

    Door Laura Weeda

    Prince Of Persia
  • Breaking Social breekt een lans voor verandering

    Breaking Social breekt een lans voor verandering

    In Breaking Social van Fredrik Gertten staan wereldwijde ongelijkheid en uitbuiting van mens en natuur centraal. Die zijn volgens de Zweedse regisseur het gevolg van corruptie en kleptocratie, maar ‘in de documentaire wordt ook zichtbaar dat er volop mensen zijn die zich inzetten voor een betere wereld’.

    Met onder anderen de Nederlandse journalist Rutger Bregman gaat Gertten op zoek naar lichtpuntjes. Marion Ammicht van Das Erste stelt dat Gertten niet alleen ‘de patronen van corruptie en samenzwerende machthebbers wil blootleggen, maar ook kantelpunten laat zien die mensen ertoe aanzetten om ertegen in opstand te komen’. Als voorbeelden noemt ze de volksprotesten in Chili en de massademonstraties op Malta na de moord op journalist Daphne Caruana Galizia, die grootschalige corruptie bij overheid en zakenleven had aangetoond. Breaking Social is een aanmoedigingsfilm’, vindt Ammicht. ‘Als we solidair zijn, is verandering mogelijk.’

    Emma Gray Munthe van Aftonbladet schrijft over een ‘stijlvolle, effectieve documentaire die de ogen opent en volop context laat zien.’ Gerttens films zijn volgens haar ‘door hun invalshoek een uiting van activisme op zich, zonder daarbij op de grootste trom te slaan. Tegelijkertijd krijg je het gevoel dat verandering mogelijk is en dat het snel kan plaatsvinden – zowel ten goede als ten kwade.’

    ‘In Breaking Social wordt ook zichtbaar dat er volop mensen zijn die zich inzetten voor een betere wereld’

    In het Zweedsel Nöjesguiden heeft Andreas Heilborn genoeg aan te merken op de documentaire: ‘Het wemelt van de mensen en de verhalen. Bij zo’n goede journalist als Gertten had ik gewild dat hij écht de mesthoop had omgekeerd. Er lijkt een duister contact tussen de rijken te zijn, direct afkomstig uit de computer van Lisbeth Salander [personage uit de Millennium-reeks van Stieg Larsson]. Daar had hij voor mij dieper mogen graven.’

    ‘In Breaking Social wordt ook zichtbaar dat er volop mensen zijn die zich inzetten voor een betere wereld’, schrijft Nathanael Brohammer voor KinoZeit. De recensent heeft moeite met de ‘sussende toon van een middagdocumentaire waarin “talking heads” ontspannen langs de rivier wandelen’. Maar zijn eindoordeel is positief: ‘Een door en door geëngageerde documentaire die kleinschalig begint en bijdraagt aan het neerhalen van de saboteur in ons.’ Volgens Aleksandra Biernacka van Modern Times Review roept de film één centrale vraag op: ‘Kunnen wij ons de superrijken nog wel veroorloven?’

    Diederik Samwel

    Breaking Social van Fredrik Gertten draait vanaf 1 februari in de bioscoop

  • Agenda

    Agenda

    360 selecteert een aantal toonaangevende internationale concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities.

    Buitenstaander

    In Eye Filmmuseum is het omvangrijke oeuvre van de Franse cineast Claire Denis te zien. In het voor het eerst in Nederland vertoonde Chocolat en Beau travail onderzoekt zij de gevolgen van het kolonialisme en hoe het is om een buitenstaander te zijn.

    Eye Filmmuseum, Amsterdam, 29/2-20/3

    claire denis

    Duitse romantiek

    Met ruim zestig schilderijen, waaronder iconische sleutelwerken, honderd tekeningen en enkele werken van vrienden, is dit de uitgebreidste tentoonstelling gewijd aan Caspar David Friedrich, de belangrijkste kunstenaar van de Duitse romantiek.

    Kunsthalle, Hamburg, t/m 1/4

    CASPAR DAVID FRIEDRICH

    Schrijnende vervreemding

    De Colombiaanse fotograaf Felipe Romero Beltrán (1992) volgde jarenlang een groep van negen minderjarige immigranten uit Marokko die de Straat van Gibraltar, de zee-engte tussen Marokko en Spanje, overstaken om grenscontroles te vermijden. In het Spaanse Sevilla, waar de jongens zich vestigden in afwachting van een verblijfsvergunning, fotografeerde Romero Beltrán drie jaar lang hun alledaagse bestaan. Dat is precies de tijd die staat voor de ‘voogdij’ over migranten die illegaal een land binnenkomen. De voogdij en controle blijven in handen van de staat, uitgevoerd door een speciaal interneringscentrum dat hen huisvest en monitort. Eenmaal meerderjarig moet een migrant nog een tot drie jaar wachten om zijn of haar legale status in het land te verkrijgen.

    Het isolement in een nieuwe samenleving waaraan ze niet mogen deelnemen, is op elke foto te zien

    Romero Beltrán laat de schrijnende vervreemding zien van de jongvolwassenen die hun verwachtingen continu moeten bijstellen. Het isolement in een nieuwe samenleving waaraan ze niet mogen deelnemen, weg van hun familie, is op elke foto te zien. Maar het wachten en de verveling domineren. Om daar uitdrukking aan te geven heeft de fotograaf voor Dialect samen met de jongens gestileerde beelden geënsceneerd. Beltrán won in 2022 de Aperture Portfolio Prize voor Dialect en in 2023 de Foam Paul Huf Award.

    Felipe Romero Beltrán: Dialect, Foam, Amsterdam, 26 januari t/m 1 mei

    Foam

    Alles komt aan bod

    Met scherpe hoeken, afwijkende perspectieven en beklemmende kaders experimenteerde de Duitse schilder Max Beckmann (1884-1950) met allerlei technieken om de ruimte naar zijn hand te zetten. In de tentoonstelling Universum Max Beckmann is te zien dat het oeuvre van de schilder niet in één stroming onder te brengen valt. Alles komt aan bod in zijn soms vermakelijke en vaak geladen schilderijen. De bijzondere beeldtaal ontwikkelde hij geïnspireerd door literatuur, religie, mythologie en eigen observaties. Beckmann verwerkte ook de moderne tijd in allerlei vormen in zijn werk, zoals de magische wereld van theater, circus en cinema. Vanwege een tentoonstellingsverbod in Duitsland werkte Beckmann overigens van 1937 tot 1947 in een atelier aan het Amsterdamse Rokin.

    Kunstmuseum Den Haag, t/m 20 mei

    MaxBecker 1

    Isaac Julien verleidt en verwart

    Weelderig en dromerig zijn de films van kunstenaar Isaac Julien (Londen, 1960), in tegenstelling tot het gewicht van de onderwerpen die hij behandelt: ras, seks en politiek. In plaats van de harde werkelijkheid te tonen verleidt en verwart Julien met zijn werk. Opgegroeid in de jaren zeventig pionierde hij met experimentele documentaires over politiegeweld in Londen. Julien werd in 1989 bekend met de film Looking for Langston. Wat hij een ‘meditation’ noemt over de dubbelzinnige queer identiteit van de zwarte Amerikaanse dichter Langston Hughes, zette de toon voor zijn latere stijl: feiten afgewisseld met fictie, documentaire met drama, drijvende droomlandschappen met archiefbeelden, montages van dans, zang en monoloog, de camera zwevend op mooie mensen en plaatsen. Dit cultwerk, dat wordt geprezen als de eerste kunstfilm gemaakt over morele maatschappelijke kwesties, vormt het hart van deze overzichtstentoonstelling.

    Bonnefanten Museum Maastricht, 9 maart t/m 18 augustus

    Isaac Julien

    Griekse makers

    Internationaal theaterfestival Brandhaarden richt zich dit jaar op het baanbrekende Griekse theater Onassis Stegi. Theatermaker Vasilis Vilaras brengt transfeministen, non-binaire mensen, dikke lichamen, immigranten en sekswerkers samen op het podium.

    Internationaal Theater Amsterdam, t/m 10/2

    Brandhaarden

  • Tate Britain verkent feministische kunst

    Tate Britain verkent feministische kunst

    Met feministische kunst van meer dan honderd vrouwen werpt de tentoonstelling Women in Revolt! in Londen licht op hoe vrouwen radicale ideeën en rebelse methodes gebruikten om een ‘onschatbare bijdrage te leveren aan de Britse cultuur’.

    Women in Revolt! begint in 1970, met protestspandoeken tegen Miss World – ‘We zijn niet mooi. We zijn niet lelijk. We zijn boos’ – en de eerste Women’s Liberation Conference, gehouden in het Ruskin College in Oxford en gefotografeerd door de twintigjarige Chandan Fraser. Er barstte een nieuwe golf van feminisme los: vrouwen gebruikten hun eigen ervaringen om kunst te creëren – van schilderkunst en fotografie tot film en performance – waarmee ze onrecht aan de kaak stellen. Via kunst wordt opgekomen voor reproductieve rechten, gelijke lonen en rassengelijkheid.

    Deze creativiteit gaf mede vorm aan een periode van cruciale veranderingen voor vrouwen in Groot-Brittannië, waaronder de opening van het eerste opvanghuis voor vrouwen en de oprichting van de British Black Arts Movement. Volgens de curatoren is dit de ‘met afstand grootste tentoonstelling’ ooit over de sociale geschiedenis van feministische kunst.

    Women in Revolt! Art and Activism, Tate Britain, Londen. Tot 7/6