Onderwerpen: Cultuur

  • Streamingplatforms zoals Netflix moeten bijdragen aan Canadese fondsen voor content

    Streamingplatforms zoals Netflix moeten bijdragen aan Canadese fondsen voor content

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Onderzoek: vrouwen presteren beter in cognitieve tests tijdens de menstruatie

    » Slovenië is volgende EU-land dat Palestijnse staat erkent

    De CRTC schat dat de maatregel de audiovisuele sector jaarlijks 134 miljoen euro oplevert

    Buitenlandse streamingplatforms zoals Netflix en Spotify zullen samen ongeveer 200 miljoen Canadese dollar per jaar moeten betalen om Canadese muziek, televisie en lokale radio te ondersteunen in het kader van de online streamingwet. Dat schrijft The Globe and Mail.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    De Canadese commissie voor radio, televisie and telecommunicatie (CRTC), de onafhankelijke regelgevende instantie die de Online Streaming Act uitvoert, kondigde dinsdag aan dat buitenlandse platforms 5 procent van hun jaarlijkse Canadese inkomsten moeten afdragen om de omroepen in Canada te ondersteunen.

    De CRTC schat dat deze maatregel, die platforms aan dezelfde regels onderwerpt als traditionele Canadese omroepen, de audiovisuele sector van het land jaarlijks 200 miljoen Canadese dollar (134 miljoen euro) zal opleveren. Op die manier dragen de buitenlandse platforms bij aan verschillende fondsen, waaronder fondsen die de creatie van inheemse inhoud, Franstalige producties en werk van zwarte filmmakers en andere Canadezen met verschillende achtergronden ondersteunen.

    Tegenstanders van deze beslissing vrezen echter dat de platforms zullen besluiten om hun prijzen te verhogen, ‘om een deel van de kosten door te berekenen aan de consument’, merkt The Globe and Mail op.

  • Agenda

    Agenda

    360 selecteert een aantal toonaangevende internationale concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities.

    Mavis Staples

    De Amerikaanse gospel- en r&b-zangeres Mavis Staples (1939) werd door muziekblad OOR op het Best Kept Secret Festival in 2022 getypeerd als ‘groovend en stomend als een dartel veulen’. Nu treedt ze opnieuw op in Nederland. 

    Tivoli Vredenburg, Utrecht, 15/6

    MAvis Staples


    Moore is less

    De monumentale beelden van de beroemde Britse beeldhouwer Henry Moore zijn door hem ook in miniatuur gemaakt; niet groter dan 30 centimeter. Die collectie is voor het eerst te zien en omvat werken uit elk decennium van Moores carrière: de jaren twintig tot tachtig.

    The Holburne Museum, Bath, tot 8/9

    henry moore

    Non-conformistisch en rauw

    Ophelia’s Got Talent, Florentina Holzinger

    Wie het werk van de ‘anarcho-post-feministische’ Florentina Holzinger eerder gezien heeft, gaat in het vervolg óf nooit meer, óf wil juist naar elke nieuwe voorstelling van deze Oostenrijkse choreograaf en performancekunstenaar, die allesbehalve klassiek theater maakt. Non-conformistisch en rauw. Bij haar valt van alles te verwachten waar de maag zich van om kan draaien. Het publiek wordt zelfs van tevoren gewaarschuwd voor scènes met zelfverwondingen, bloed, naalden en expliciete weergaven of beschrijvingen van fysiek of seksueel geweld. Deze keer zien we het binnenste van een degenslikker, wordt er een kind verwekt, een helikopter verkracht, een wang aan de vishaak geslagen en kon een bloedige bevalling niet uitblijven. 

    In het acrobatische en volledig naakt uitgevoerde ballet Ophelia’s Got Talent speelt water de hoofdrol

    In het acrobatische en volledig naakt uitgevoerde ballet Ophelia’s Got Talent – een parodie op een tv-talentenjacht – speelt water de hoofdrol, en dan vooral als maalstroom waarin van alles voorbijkomt, en figureren meerminnen, waternimfen en andere mythische, met het water verbonden vrouwelijke personages. Kortom, een thema waarmee Holzinger de vrije hand heeft om een beeldenstorm te veroorzaken en de toeschouwers een soort rituele ervaring te laten ondergaan, om bestaande ideeën over schoonheid op z’n kop te zetten, haar feministische kritiek en zorgen om het klimaat te uiten, en de toekomst op volstrekt eigenzinnige manier vorm te geven.  

    De Singer, Antwerpen, van 21 tot 23/6

    opening

    Rebels

    Foam, Amsterdam. Tot 8/9

    Van Joe Strummer tot de ska-meisjes uit Coventry, mensen die de bakens hebben verzet – ze zijn allemaal gefotografeerd door de vermaarde Britse fotograaf Janette Beckman, die er in elk portret in slaagt behalve het uiterlijk ook het innerlijk van haar model in beeld te brengen. Beckman (65) fotografeerde punkers in het Londen van de jaren zeventig en rappers in het New York van de jaren tachtig, en ze bleef zich interesseren voor subculturen, zoals haar foto’s van bendeleden en demonstranten goed laten zien. Ze is zelf gevormd door de punktijd, een periode van malaise en grote werkloosheid in het Engeland van de jaren zeventig. Onvrede bij jonge mensen uitte zich niet alleen muzikaal, maar werd ook creatief en extravagant vormgegeven in kleding en kapsel. Beckman was geen punker, maar heeft tegen de Volkskrant gezegd dat haar stijl er niet ver vanaf lag. ‘Ze zagen mij als een van hen, maar dan met een camera.’  

    Foam, Amsterdam. Tot 8/9

    Rebels copy

    Wombtombs

    De show van Boogaerdt/VanderSchoot en Ibelisse Guardia Ferragutti draait om de rouw van de leefbare aarde, die onherroepelijk teloor lijkt te gaan. Wat zal uit die transformatie tevoorschijn komen?

    MU Hybrid Art House in Eindhoven, tot 16/6

    wombtombs by boogaerdtvanderschoot large 63964

    100 keer één scène

    The Second Woman is een voorstelling die 24 uur duurt en waarin een vrouwelijke performer – Georgina Verbaan dit keer op het Holland Festival – honderd keer één scène herhaalt met honderd mannen, variërend in leeftijd, achtergrond en acteerkwaliteiten. Ze moet dus 24 uur achter elkaar steeds dezelfde break-up-scène spelen met steeds wisselende, haar onbekende tegenspelers. De scène gaat over een koppel dat onderhandelt over een langdurige relatie die haar creativiteit, romantiek en vitaliteit heeft verloren. Op een scherm naast de voorstelling draait een tegelijkertijd opgenomen en live gemonteerde video die close-ups laat zien van de meest minieme emotionele expressies. 

    Het Holland Festival is de afgelopen maanden op zoek gegaan naar verschillende mannelijke, queer of non-binaire tegenspelers

    Het concept van The Second Woman is bedacht door de Australische theatermakers Nat Randall en Anna Breckon en werd eerder uitgevoerd in Taiwan, New York, Londen en Toronto. Met een oproep is het Holland Festival de afgelopen maanden op zoek gegaan naar honderd verschillende mannelijke, queer of non-binaire tegenspelers – voornamelijk onbekende en in veel gevallen niet-professionele acteurs. Iedereen kon zich aanmelden.  

    ITA, Amsterdam 28 en 29/6

    100 x
  • Gerecenseerd

    Gerecenseerd

    360 kiest een aantal door de buitenlandse pers beschreven concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities die naar Nederland of België komen.

    Grande dame van de alternatieve rock

    Terug naar de oorsprong

    Serie – Kwestie van zelfvertrouwen waarschijnlijk: bandleider Eddie Vedder laat alvast weten dat Pearl Jam met de nieuwe plaat Dark Matter het beste werk tot nu toe heeft gemaakt. Criticus Alexander Hoggard is een tikkeltje minder uitbundig. Hij noemt het twaalfde studioalbum in The Independent ‘het beste wat Pearl Jam de afgelopen twee decennia heeft laten horen’. Volgens hem maakt de band de reputatie van liveband volledig waar met het nummer Wreckage: ‘Voorbestemd als concertfavoriet: een meezinger van jewelste en een outro met lijfliedachtige allure.’

    In zijn recensie voor Irish Times klinkt Ed Power net zo onstuimig als de nieuwe Pearl Jam: ‘Gitaren als bulldozers, het schrapende keelgeluid van de frontman en een knarsend punknummer dat wordt gedomineerd door het sloopkogelgitaarspel van Mike McCready.’ Power schrijft dat het album neerkomt op een ‘stormachtig back-to-basics’, wat volgens hem vooral te danken is aan producer Andrew Watt: ‘Die bracht vorig jaar ook The Rolling Stones met Hackney Diamonds terug naar hun klassieke sound, ‘zonder een spoor van zelfparodie’. Power concludeert dat de band zich keurig houdt aan ‘de gouden rockregel: wees luid en compromisloos, en zing alles alsof je het meent.’

    ‘Hymnes tegen isolement en vereenzaming, die welwillend in de richting van kitsch neigen’

    Van de meeste tracks begrijpt Ralf Hoff van Plattentests duidelijk het verband met de albumtitel Dark Matter: ‘Pearl Jam ontdekt weinig goeds in de huidige wereldsituatie. Vedder blaft daar vol overtuiging zijn ongenoegen over uit.’ Verder vindt hij dat de band uit Seattle bij vlagen precies datgene maakt waar deze ‘grande dame van de alternatieve rock’ goed in is: ‘hymnes tegen isolement en vereenzaming, die welwillend in de richting van kitsch neigen, maar er steeds weer aan ontsnappen’.

    In El País heeft Carlos Marcos het over een ‘rockalbum met furieuze en zweterige nummers, enkele intieme momenten van existentiële helderheid en magische mid-tempo’s’. Van muzikale luiheid als op vorige albums is geen sprake, vindt hij: ‘Hier hoor je vijf jongens die zich volledig concentreren op het uitlokken van een geluid, zonder al te veel uitleg. Dat is ook helemaal niet nodig.’

    Dark Matter, het nieuwe album van Pearl Jam, werd medio april uitgebracht.

    Peral Jam

    Een minder wenselijke wending voor Baby Reindeer

    Is maker Richard Gadd te naïef geweest?

    SerieBaby Reindeer is gebaseerd op het waargebeurde verhaal van maker Richard Gadd. Als komiek Donny vertelt hij in de Netflix-serie over de pesterijen en het misbruik waarvan hij het slachtoffer was. Critici zijn unaniem over de kwaliteit van zijn werk, dat tal van maatschappelijke onderwerpen aansnijdt: van de perceptie van mannelijke biseksualiteit tot de intieme en blijvende trauma’s veroorzaakt door seksueel misbruik.

    Maar dit enthousiasme heeft tegelijkertijd een minder wenselijke wending genomen, namelijk dat ‘aspirant-detectives sociale netwerken afspeuren [op zoek naar de identiteit van degenen die Richard Gadd hebben belaagd en misbruikt]. Zo erg zelfs dat de politie moest ingrijpen en er advocaten zijn ingeschakeld’, zo meldt The Observer.

    De serie begint met de ontmoeting tussen Martha Scott, een eenzame veertigjarige, en Donny, een straatarme komiek, in de bar waar hij werkt. Uit medelijden biedt hij haar een kop thee aan, waarna hij jarenlang zal worden gestalkt door deze vrouw – ervaringen die bij de hoofdpersoon bovendien een trauma bovenbrengen: de verkrachtingen door een machtige televisie­scenarioschrijver.

    Een vrouw die beweert de persoon te zijn waarop Martha is geïnspireerd overweegt een klacht in te dienen wegens smaad

    De onlinejacht richt zich zowel op Martha als op deze scenarioschrijver. Een vrouw die beweert de persoon te zijn waarop Martha is geïnspireerd overweegt een klacht in te dienen wegens smaad, aldus The Hollywood Reporter. Richard Gadd heeft zijn kijkers verzocht te stoppen met hun zoektocht en hij benadrukt dat hij juist ter bescherming van de mensen op wie hij zijn personages heeft gebaseerd veel feiten heeft veranderd. De actrice die de rol van de stalker briljant vertolkt, Jessica Gunning, roept fans tot hetzelfde op. ‘Het is zo zonde,’ zegt ze tegen Forbes. ‘Het bewijst alleen maar dat deze mensen de serie niet goed hebben begrepen.’

    Ook is er een discussie ontstaan over de noodzaak voor Netflix om in zijn promotiecampagne te benadrukken dat de serie op een waargebeurd verhaal is gebaseerd. The Independent-journalist Adam White oppert dat het misschien naïef is geweest van de maker om deze gevolgen niet te voorzien, ‘maar als kijker hebben we ook een verantwoordelijkheid’.

    Columnist Stuart Heritage van The Guardian meent dat Gadd niet zozeer credits verdient vanwege zijn moed om deze persoonlijke ervaringen met de kijker te delen, omdat hij niet vrij te pleiten is ‘van de gevolgen die hij zelf heeft veroorzaakt’. Volgens hem kunnen we deze serie, hoe goed ook, ‘niet op een puur artistiek niveau benaderen als we weten dat de acteur zijn eigen trauma’s beschrijft’.

    De serie Baby Reindeer is te zien op Netflix.

    richard gad 1 baby reindeer 6617fce47e58e

    Verpletterende roman over verstikkende gemeenschap

    Ook niets zeggen kan grote gevolgen hebben

    Literatuur – De Ierse schrijver Colm Tóibín verwierf wereldfaam met zijn geromantiseerde biografieën over Thomas Mann (De Tovenaar) en Henry James (De Meester). Met Long Island schreef hij het vervolg op zijn lovend ontvangen en verfilmde roman Brooklyn uit 2009. 

    Daarmee keert Tóibín volgens Ellen Akins in LA Times terug naar het andere genre waarmee hij succesvol is: ‘de bedrieglijk eenvoudige vertelling van gewone levens’. Lezing van het eerste boek is geen voorwaarde om van het tweede te genieten, schrijft Akins. ‘Maar als je vertrouwd bent met de personages, scènes en complicaties, grijpt het verhaal je wel meer aan.’ Het draait om roddel en geheimhouding in een Iers dorpje waar hoofdpersoon Eilis terugkeert nadat haar leven in New York een dramatische wending heeft genomen: ‘De hoofdpersonen doen hun uiterste best om vooral niets te zeggen, uit angst om het evenwicht in de gemeenschap te verstoren. Maar ook niets zeggen kan grote gevolgen hebben en Tóibín laat dat op meesterlijke wijze zien.’ 

    ‘Een verpletterende roman van een van ’s werelds beste nog levende schrijvers’

    ‘Een verpletterende roman van een van ’s werelds beste nog levende schrijvers,’ vindt Joan Frank in The Boston Globe. Ze denkt dat Tóibíns kracht ligt in ‘zijn zuinigheid en gedistilleerde precisie, opgediend in stabiel en rustig taalgebruik, waardoor de impact van elke scène alleen maar sterker wordt’.

    In Columbia Magazine schrijft Rebecca Shapiro dat Tóibín ‘schittert zodra hij de innerlijke wereld van hoofdpersoon Eilis weergeeft. Hij schrijft prachtig over de strijd tussen de troost van wat vertrouwd is en de hoop op iets beters.’ Volgens Shapiro gaat het verhaal net zo goed over plekken als over mensen: ‘Wat maakt dat je je ergens thuis voelt? En hoe vind je je weg tussen twee werelden?’

    Long Island van Colm Tóibín, uit het Engels vertaald door Nadia Ramer, is half mei verschenen bij uitgeverij De Geus.

    Colm Toibin

    Nat wasgoed als vorm van subtiel verzet

    Ana Lupaş’ werk is nog altijd relevant

    kunst – Ana Lupaş (Roemenië, 1940) was vijf toen haar land onder de controle viel van het totalitaire regime dat het de komende veertig jaar zou regeren. Als een vorm van subtiel verzet tegen de onderdrukking en de daaruit voortvloeiende verzwakking van de Roemeense identiteit, begon Lupaş kunst te maken waarin ‘de plattelandsgemeenschappen, rituelen en bescheiden materialen van haar thuisland [zoals wol, katoen, hennep en vlas] centraal staan’, aldus Apollo Magazine.

    Zowel het materiaal als de arbeid, van met name vrouwen, spelen een grote rol

    Een voorbeeld zijn haar Humid Installations: sculpturen van nat wasgoed dat in grote hoeveelheden te drogen hangt. Ze roepen de associatie op van een gezamenlijk productieproces, waarbij zowel het materiaal als de arbeid, van met name vrouwen, een grote rol spelen en wijzen op Roemeniës historische verbinding met het plattelandsleven, aldus ArtMargins. De installaties, ‘conceptueel en sensueel tegelijk, intellectueel en bijna romantisch volks (…) voeren een intieme en urgente dialoog met de historische, misschien wel onherroepelijke veranderingen die het leven en de cultuur op het platteland ondergingen’. Volgens ArtMargins is het deze manier waarop ze het verleden weet op te roepen die maakt dat het werk van Lupaş nog altijd in de belangstelling staat. 

    Stedelijk Museum Amsterdam, 9 mei-15 september.

    015 Ana Lupas 02
  • Kunsthaus Zürich heeft twee verdwenen schilderijen weer terug

    Kunsthaus Zürich heeft twee verdwenen schilderijen weer terug

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Veiligheidsraad houdt spoedzitting om aanval op tentenkamp in Rafah

    » Tornado’s eisen minstens 22 levens in Verenigde Staten

    De werken waren begin 2023 op mysterieuze wijze verdwenen

    Twee zeventiende-eeuwse schilderijen – een militaire scène van Robert van den Hoecke en een stilleven van Dirck de Bray – zijn weer opgedoken in het Kunsthaus in Zürich, nadat ze begin 2023 op mysterieuze wijze waren verdwenen. Omdat het onderzoek ‘nog gaande’ is, gaf het museum geen details over ‘waar en hoe’ de schilderijen zijn gevonden, maar het verzekerde dat ze ‘in goede staat zijn teruggevonden en binnenkort weer tentoongesteld kunnen worden’, aldus Blick.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    De schilderijen waren na de brand in het Kunsthaus in augustus 2022 samen met bijna zevenhonderd andere werken weggehaald om schoongemaakt en gerestaureerd te worden. Het museum was ze vervolgens uit het oog verloren. ‘Interne zoekacties leverden niets op. Het museum kon daarom een diefstal niet uitsluiten en schakelde de politie in,’ voegt de Zwitserse website toe.

    De twee werken – Soldaten in het kamp van Robert van den Hoecke en Narcissen en andere bloemen van Dirck de Bray – hebben een gezamenlijke waarde van meer dan 550.000 euro.

  • Lu Yang verkent spiritualiteit en technologie

    Lu Yang verkent spiritualiteit en technologie

    De Chinese kunstenaar Lu Yang presenteert in Parijs zijn nieuwe film Doku The Flow. Zowel boeddhisme als sciencefiction is een inspiratiebron voor Yang.

    Lu Yang maakt virtuoos multidisciplinair werk over boeddhisme, gaming, Indonesische dansrituelen, ­neurowetenschap en ­sciencefiction. Ook zijn eigen ‘ik’ komt in allerlei gedaanten voorbij. 

    Lu Yang wordt door kunstcriticus Barbara Pollack gezien als het gezicht van ‘splinternieuwe kunst uit China’. De soms groteske techno-psychedelische video’s, installaties en computerspellen snijden onderwerpen aan die gaan over de dood, reïncarnatie of zelfs wereldwijde vernietiging. 

    In Parijs presenteert Lu Yang Doku The Flow, een film waarin de nieuwe avonturen van Doku gevolgd kunnen worden, een personage wiens naam is geïnspireerd op de uitdrukking Dokusho Dokushi, wat in het Japans betekent: ‘We worden alleen geboren en we sterven alleen.’ 

    Open Space #14 Lu Yang, Fondation Louis Vuitton, Parijs, t/m 9/9

  • The Kerala Story legt breuklijnen in India bloot

    The Kerala Story legt breuklijnen in India bloot

    The Kerala Story vertelt het fictieve verhaal van een vrouw die door moslimextremisten wordt gedwongen zich te bekeren tot de islam en zich aansluit bij Islamitische Staat. Zelden was een film in India zo controversieel.

    The Kerala Story, in 2023 uitgebracht en geregisseerd door Sudipto Sen, vertelt het fictieve verhaal van een vrouw die door moslimextremisten wordt gedwongen zich tot de islam te bekeren en zich uiteindelijk aansluit bij Islamitische Staat. 

    Volgens de auteurs van de film lieten zij zich inspireren door 32.000 gevallen waarin een vrouw in de Indiase staat Kerala inderdaad werd bekeerd en geradicaliseerd. Dit werkt de theorie in de hand van Narendra Modi’s hindoenationalistische partij BJP en haar ideologische opvolger RSS, dat islamitische mannen hindoeïstische vrouwen verleiden met als enig doel hen te bekeren: een zogeheten liefdes­jihad.

    Door tegenstanders werd de beslissing om de film onlangs op tv uit te zenden dan ook ‘hevig bekritiseerd’

    Modi, die zich verkiesbaar heeft gesteld voor een derde opeenvolgende ambtstermijn als premier, zet de film op deze manier in als munitie tegen zijn rivalen in de verkiezingen die op 19 april van start zijn gegaan en waarvan de resultaten in juni worden verwacht. Volgens Hindustan Times is de BJP ‘in de veronderstelling dat de emotionele impact van de film op hindoes en apolitieke christenen in haar voordeel zou kunnen werken’.

    Door tegenstanders werd de beslissing om de film onlangs op tv uit te zenden en op scholen te vertonen dan ook ‘hevig bekritiseerd’, aldus The Indian Express, op grond van het ‘creëren van verdeeldheid in de samenleving’. ‘De film zou de geschiedenis van Kerala presenteren. Maar wanneer vond een dergelijk incident dan plaats in onze staat?’ aldus Pinarayi Vijayan van de Communistische Partij, sinds 2016 regeringsleider van de staat Kerala, op de site van Malayalam Manorama, de belangrijkste krant van de regio. Pogingen om de vertoning te voorkomen hadden geen succes.

    ‘Het komt vaker voor dat een film een politieke controverse veroorzaakt,’ analyseert The Hindu. ‘Maar zelden wist een film tegelijkertijd zo veel lof en zo veel wrok op te roepen, met mogelijk grote gevolgen in deze verkiezingstijd.’  

  • Massale donatie van fossielen helpt wederopbouw Braziliaanse nationale museum

    Massale donatie van fossielen helpt wederopbouw Braziliaanse nationale museum

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Tsjaad: juntaleider Mahamat Déby tot president gekozen

    » Zuid-Koreaanse president wil nieuw ministerie dat geboortecijfer verhoogt

    Bij de brand werd 85 procent van de 20 miljoen exemplaren en artefacten verwoest

    Burkhard Pohl, een Zwitsers-Duitse verzamelaar en ondernemer die een van ’s werelds grootste particuliere fossielencollecties beheert, heeft ongeveer 1100 exemplaren aan het Nationaal Museum van Brazilië overgedragen, die allemaal afkomstig zijn uit Brazilië. Dat schrijft The New York Times. Het museum kan met de schenking een deel van de collectie herbouwen voorafgaand aan de geplande heropening in 2026.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    De donatie is de grootste en belangrijkste wetenschappelijke bijdrage tot nu toe aan de wederopbouw van het museum, na het verlies van 85 procent van de ongeveer 20 miljoen exemplaren en artefacten door de enorme brand in 2018, waarbij de oudste wetenschappelijke instelling van het land en een van de grootste en belangrijkste musea van Zuid-Amerika verwoest werden.

    Deze verhuizing geeft ook wetenschappelijke schatten terug aan een land dat zijn natuurlijke erfgoed vaak buiten zijn grenzen heeft zien verdwijnen – en presenteert een potentieel mondiaal model voor het bouwen van een natuurhistorisch museum in de 21e eeuw.

  • Eerbetoon voor vergeten Rolling Stone

    Eerbetoon voor vergeten Rolling Stone

    De documentaire The Stones and Brian Jones vertelt het verhaal van vergeten popicoon Brian Jones, medeoprichter van The Rolling Stones. Volgens The Guardian is de film ‘een psychologische studie van een begaafd, complex individu, slecht voorbereid op roem en achtervolgd door onzekerheid’.

    Gitarist Brian Jones (1942) geldt als oprichter van The Rolling Stones, maar maakte slechts een deel van de successen mee. Kort nadat hij uit de band was gezet, werd Jones in 1969 dood aangetroffen in zijn zwembad. Nick Broomfield, bekend van documentaires over Leonard Cohen, Kurt Cobain en Whitney Houston, portretteert hem in The Stones and Brian Jones

    ‘Verrassend aangrijpend’, schrijft Sheri Linden voor Hollywood Reporter. De kracht van de film zit volgens haar in ‘de antithese tussen het sterrendom en de meer jazzy muziek waar Jones naar op zoek was’. Daarnaast draait het om de ‘rivaliserende machtsdynamiek’ met Mick Jagger, die ‘met briljante subtiliteit is vastgelegd’. 

    ‘Een psychologische studie van een begaafd, complex individu’

    De documentaire vertelt het ‘vergeten’ verhaal van een muzikant die ten onder ging aan ‘kwikzilverachtige genialiteit en zelfvernietiging’, vindt Dan Einav in de Financial Times. Niettemin krijgt Jones hiermee ‘alsnog de credits die hem toekomen’. Sean O’Hagan omschrijft de film in The Guardian als ‘een psychologische studie van een begaafd, complex individu, slecht voorbereid op roem en achtervolgd door onzekerheid.’ Volgens O’Hagan heeft Broomfield ‘getuigenissen uit de eerste hand op een suggestieve, betoverende en hartverscheurende manier verweven met rijke archiefbeelden’. 

    The Stones and Brian Jones van Nick Broomfield draait vanaf 25 april in de bioscoop.

  • In Spolia krijgt geroofde kunst nieuw leven

    In Spolia krijgt geroofde kunst nieuw leven

    De fototentoonstelling Spolia van de Amerikaanse kunstenaar Lisa Oppenheim draait om vermiste en geroofde kunstwerken. Oppenheim laat zien hoe de verdwenen kunst en objecten nog altijd aanwezig zijn in de wereld om ons heen.

    Spolia, de eerste solotentoonstelling van de Amerikaanse kunstenaar Lisa Oppenheim (1975) in Nederland, verwijst naar het Latijnse woord voor ‘buit’ oftewel naar de door tussen 1940 en 1945 geroofde kunstwerken. Oppenheim verdiepte zich in de documentatie die nog te vinden is van de Duitse diefstallen in het Parijse museum Jeu de Paume en onderzocht de voortdurende inspanningen voor restitutie aan nabestaanden van rechtmatige eigenaars. Zo bestudeerde ze de collectie van de destijds zeer welvarende kunsthandelaar Jacques Goudstikker, die in 1940 met familie het Kanaal over vluchtte en om het leven kwam door een noodlottig ongeval; hij viel in een openstaand luik en overleed. Vanaf 1941 werden systematisch complete inboedels in beslag genomen van Joden die waren gevlucht of gedeporteerd; veel van de kunstwerken raakten vermist of werden doorverkocht.

    Ze brengt ze weer tot leven en creëert nieuwe artefacten, in plaats van te reconstrueren wat verloren is gegaan

    Dat laat ze in Spolia zien door bijvoorbeeld aantekeningen van Goudstikker te gebruiken en een geheel eigen bewerking toe te voegen aan de emotionele geladenheid van een aantal kunstwerken. Ze brengt ze weer tot leven en creëert nieuwe artefacten, in plaats van te reconstrueren wat verloren is gegaan. De gelatine-zilverdrukken zijn van hetzelfde formaat als de originele werken, verwijzen op een serene manier naar het beladen verleden. Oppenheim noemt dit ‘reprocessing’. Een van die technieken bestaat uit het gebruik van vuur om afdrukken en negatieven opnieuw te belichten. Vuur, want de verwoestende kracht geeft licht aan verloren gegane of vernietigde kunstwerken. 

    Huis Marseille, Amsterdam, t/m 16/6

  • Amerikaans museum moet oud-Grieks standbeeld teruggeven aan Italië

    Amerikaans museum moet oud-Grieks standbeeld teruggeven aan Italië

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Turkije schort handelsbetrekkingen met Israël op

    » Noodweer in Brazilië: tientallen doden en vermisten

    Het standbeeld maakt deel uit van het Italiaanse culturele erfgoed

    Het bronzen standbeeld ‘De zegevierende jeugd’, dat in 1964 voor de kust van Italië werd ontdekt, had niet aangekocht mogen worden door het Getty Museum in Los Angeles, oordeelde het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) donderdag. Rome ‘is nu gemachtigd om het Griekse brons dat is teruggevonden in de Adriatische Zee in beslag te nemen’, aldus Corriere della Sera.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Italië probeert al tientallen jaren dit standbeeld terug te krijgen, tussen beslagen van Interpol en diplomatieke demarches door. Maar het Getty Museum in Los Angeles, dat het werk in 1977 kocht, heeft altijd geweigerd het terug te geven. De Getty Foundation diende een verzoek in bij het Hof in Straatsburg om een beslaglegging van de Italiaanse rechtbanken ongedaan te maken. De rechters hebben Rome echter in het gelijk gesteld.

    Een van de argumenten van de Getty Foundation was dat het Griekse beeld geen deel uitmaakte van het Italiaanse erfgoed. Maar in de uitspraak van donderdag verwierp het Europese Hof het verzoek van het Amerikaanse museum en stelde dat ’de Italiaanse autoriteiten op een redelijke manier hebben aangetoond dat het standbeeld deel uitmaakt van het Italiaanse culturele erfgoed’.

  • Agenda

    Agenda

    360 selecteert een aantal toonaangevende internationale concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities.

    Heilige Ursula

    Het martelaarschap van de heilige Ursula (1610), het laatste meesterwerk van Caravaggio – ‘een ingewikkeld samenspel van schuldige en onschuldige handen’ – wordt voor het eerst in twintig jaar uit­geleend door de Gallerie d’Italia in Napels. Nu te zien in Londen.

    National Gallery, Londen, t/m 21/9

    paal1.jpg

    Europees porselein

    Dankzij de verzamel­woede van Augustus II ‘de Sterke’ (1670-1733), koning van Polen en grootvorst van Litouwen, en Madame de Pompadour (1721-1764), een van de maîtresses van de Franse koning Lodewijk XV, kunnen we zien hoe het Europese porselein ontstaan is.

    Keramiekmuseum Princessehof, Leeuwarden, t/m 1/9

    paal2

    Geroofde kunst krijgt nieuw leven

    Spolia, de eerste solotentoonstelling van de Amerikaanse kunstenaar Lisa Oppenheim (1975) in Nederland, verwijst naar het Latijnse woord voor ‘buit’ oftewel naar de door tussen 1940 en 1945 geroofde kunstwerken. Oppenheim verdiepte zich in de documentatie die nog te vinden is van de Duitse diefstallen in het Parijse museum Jeu de Paume en onderzocht de voortdurende inspanningen voor restitutie aan nabestaanden van rechtmatige eigenaars. Zo bestudeerde ze de collectie van de destijds zeer welvarende kunsthandelaar Jacques Goudstikker, die in 1940 met familie het Kanaal over vluchtte en om het leven kwam door een noodlottig ongeval; hij viel in een openstaand luik en overleed. Vanaf 1941 werden systematisch complete inboedels in beslag genomen van Joden die waren gevlucht of gedeporteerd; veel van de kunstwerken raakten vermist of werden doorverkocht.

    Ze brengt ze weer tot leven en creëert nieuwe artefacten, in plaats van te reconstrueren wat verloren is gegaan

    Dat laat ze in Spolia zien door bijvoorbeeld aantekeningen van Goudstikker te gebruiken en een geheel eigen bewerking toe te voegen aan de emotionele geladenheid van een aantal kunstwerken. Ze brengt ze weer tot leven en creëert nieuwe artefacten, in plaats van te reconstrueren wat verloren is gegaan. De gelatine-zilverdrukken zijn van hetzelfde formaat als de originele werken, verwijzen op een serene manier naar het beladen verleden. Oppenheim noemt dit ‘reprocessing’. Een van die technieken bestaat uit het gebruik van vuur om afdrukken en negatieven opnieuw te belichten. Vuur, want de verwoestende kracht geeft licht aan verloren gegane of vernietigde kunstwerken. 

    Huis Marseille, Amsterdam, t/m 16/6

    boven

    Frieda’s orkest

    Het leven van Frieda Belinfante (1904-1995). verzetsheld, cellist, queer, maar vooral de eerste vrouw ooit die haar eigen symfonieorkest in de VS dirigeerde, wordt verteld in een ‘one woman ­musical’.

    Nationale Opera, 4 t/m 9/5

    paal3

    Dokusho Dokushi

    Lu Yang maakt virtuoos multidisciplinair werk over boeddhisme, gaming, Indonesische dansrituelen, ­neurowetenschap en ­sciencefiction. Ook zijn eigen ‘ik’ komt in allerlei gedaanten voorbij. 

    Lu Yang wordt door kunstcriticus Barbara Pollack gezien als het gezicht van ‘splinternieuwe kunst uit China’

    Lu Yang wordt door kunstcriticus Barbara Pollack gezien als het gezicht van ‘splinternieuwe kunst uit China’. De soms groteske techno-psychedelische video’s, installaties en computerspellen snijden onderwerpen aan die gaan over de dood, reïncarnatie of zelfs wereldwijde vernietiging. 

    In Parijs presenteert Lu Yang Doku The Flow, een film waarin de nieuwe avonturen van Doku gevolgd kunnen worden, een personage wiens naam is geïnspireerd op de uitdrukking Dokusho Dokushi, wat in het Japans betekent: ‘We worden alleen geboren en we sterven alleen.’ 

    Fondation Louis Vuitton, Parijs, t/m 9/9

    REchts .12.21

    Matthew Wongs uitweg

    De Canadees-Chinese kunstenaar ­Matthew Wong (1984-2019) schilderde in korte tijd – de acht jaar tot zijn zelfmoord in 2019 – een aanzienlijk oeuvre bij elkaar van voornamelijk landschappen die met een beetje goede wil in de rij van Monet en Manet kunnen worden geplaatst. Zijn schilderijen, gouaches en tekeningen op rijstpapier hangen nu in het Van Gogh Museum in Amsterdam. 

    Ook bestudeerde hij kunstenaars die hij bewonderde, op het maniakale af

    De door depressies, angsten en het syndroom van Gilles de la Tourette geplaagde kunstenaar maakte in manische periodes soms wel vier schilderijen per dag; het was zijn uitlaatklep. Ook bestudeerde hij kunstenaars die hij bewonderde, op het maniakale af. Zo zijn er geometrische patronen van Kusama terug te zien, of berkenbomen van Van Gogh en Hockney. De verf, vond hij, moest zijn eigen weg vinden van de tube naar het doek, schrijft conservator Joost van der Hoeven in de catalogus. Na Wongs dood werd The Realm of Appearances – ook in het Van Gogh – dat hij een jaar eerder voor 22.000 dollar had verkocht, door Sotheby’s voor 1,8 miljoen dollar geveild. 

    Rijksmuseum, Amsterdam, t/m 1/9

    Onder
  • Gerecenseerd

    Gerecenseerd

    360 kiest een aantal door de buitenlandse pers beschreven concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities die naar Nederland of België komen.

    De eerste cleane plaat van The Libertines

    Onverwachte koerswending roept verschillende reacties op

    MUZIEK – Britse critici zijn het erover eens dat ‘de tumultueuze Libertines’, onder leiding van Pete Doherty en Carl Barât, met hun nieuwe album All Quiet on the Eastern Esplanade eindelijk tot rust zijn gekomen. Maar de meningen over deze ontwikkeling lopen uiteen. Voor Rolling Stone UK heeft de groep niets aan glans ingeboet. Het typeert dit album als ‘pure rock die sterk doet denken aan de explosieve en chaotische charme van hun debuut, verrijkt door hun ervaring als veertigers’. Muzieksite NME waardeert de onverwachte koerswending die deze artiesten met hun wilde drugsverleden hebben genomen, van wie Doherty nu, geheel vrij van verslavingen, een rustig leven leidt in Normandië. Ook The Independent spreekt van een plaat die ‘is gemaakt met een heldere geest’, met als gevolg, aldus de krant, dat Doherty een groter stembereik heeft, zijn teksten meer samenhang vertonen en dat hij zijn dierlijke instincten deze keer beperkt tot ‘zo nu en dan een miauwtje op de achtergrond’. Dit zou het meest overtuigende album zijn dat hij met Carl Barât heeft afgeleverd sinds Up the Bracket uit 2002; hun eerste plaat, die ‘een ode [was] aan de jeugd en de liefde in het Londen van rond de eeuwwisseling’.

    Ruim twintig jaar later, meent The Daily Telegraph, blijft de groep trouw aan haar originele sound. Dit vierde album is ‘op en top Libertines: elf pakkende nummers over wat het betekent om Engels te zijn, de migratiecrisis, alcoholisme, gebroken harten en eenzaamheid, tegen een achtergrond van krassende gitaren en hectische ritmes’. Maar, aldus het conservatieve dagblad, doordat hier meer van het persoonlijke wordt afgeweken en ‘wordt geflirt met een soort toekomstvisie voor het Verenigd Koninkrijk’, verliest het album ‘gaandeweg helaas aan overtuiging’. Zo gaat Merry Old England, het vierde nummer, over het lot van Syriërs, Irakezen en Oekraïners die het VK over zee proberen te bereiken, en de algemene onverschilligheid voor hun lot. Volgens The Telegraph ‘had dit nummer de potentie een polemische aanklacht te zijn, maar door (…) een vlak stemgeluid en een gebrek aan inleving pakt dat anders uit’. De krant spreekt van ‘een prima prestatie van een groep die zichzelf vooral lijkt te feliciteren met het feit dat ze nog bestaan’.   

    TheLibertines AQOTEE CD copy 1

    Eerbetoon voor vergeten popicoon 

    Geniaal maar onzeker lid van de club van 27

    Documentaire – Gitarist Brian Jones (1942) geldt als oprichter van The Rolling Stones, maar maakte slechts een deel van de successen mee. Kort nadat hij uit de band was gezet, werd Jones in 1969 dood aangetroffen in zijn zwembad. Nick Broomfield, bekend van documentaires over Leonard Cohen, Kurt Cobain en Whitney Houston, portretteert hem in The Stones and Brian Jones

    De documentaire vertelt het verhaal van een muzikant die ten onder ging aan ‘kwikzilverachtige genialiteit en zelfvernietiging’

    ‘Verrassend aangrijpend’, schrijft Sheri Linden voor Hollywood Reporter. De kracht van de film zit volgens haar in ‘de antithese tussen het sterrendom en de meer jazzy muziek waar Jones naar op zoek was’. Daarnaast draait het om de ‘rivaliserende machtsdynamiek’ met Mick Jagger, die ‘met briljante subtiliteit is vastgelegd’. 

    De documentaire vertelt het ‘vergeten’ verhaal van een muzikant die ten onder ging aan ‘kwikzilverachtige genialiteit en zelfvernietiging’, vindt Dan Einav in de Financial Times. Niettemin krijgt Jones hiermee ‘alsnog de credits die hem toekomen’. Sean O’Hagan omschrijft de film in The Guardian als ‘een psychologische studie van een begaafd, complex individu, slecht voorbereid op roem en achtervolgd door onzekerheid.’ Volgens O’Hagan heeft Broomfield ‘getuigenissen uit de eerste hand op een suggestieve, betoverende en hartverscheurende manier verweven met rijke archiefbeelden’. 

    The Stones and Brian Jones van Nick Broomfield draait vanaf 25 april in de bioscoop.

    brianjones

    Zelden was een film in India zo controversieel

    De film die als campagnemiddel werd ingezet door Modi

    filmThe Kerala Story, in 2023 uitgebracht en geregisseerd door Sudipto Sen, vertelt het fictieve verhaal van een vrouw die door moslimextremisten wordt gedwongen zich tot de islam te bekeren en zich uiteindelijk aansluit bij Islamitische Staat. 

    Volgens de auteurs van de film lieten zij zich inspireren door 32.000 gevallen waarin een vrouw in de Indiase staat Kerala inderdaad werd bekeerd en geradicaliseerd. Dit werkt de theorie in de hand van Narendra Modi’s hindoenationalistische partij BJP en haar ideologische opvolger RSS, dat islamitische mannen hindoeïstische vrouwen verleiden met als enig doel hen te bekeren: een zogeheten liefdes­jihad.

    Door tegenstanders werd de beslissing om de film onlangs op tv uit te zenden dan ook ‘hevig bekritiseerd’

    Modi, die zich verkiesbaar heeft gesteld voor een derde opeenvolgende ambtstermijn als premier, zet de film op deze manier in als munitie tegen zijn rivalen in de verkiezingen die op 19 april van start zijn gegaan en waarvan de resultaten in juni worden verwacht. Volgens Hindustan Times is de BJP ‘in de veronderstelling dat de emotionele impact van de film op hindoes en apolitieke christenen in haar voordeel zou kunnen werken’.

    Door tegenstanders werd de beslissing om de film onlangs op tv uit te zenden en op scholen te vertonen dan ook ‘hevig bekritiseerd’, aldus The Indian Express, op grond van het ‘creëren van verdeeldheid in de samenleving’. ‘De film zou de geschiedenis van Kerala presenteren. Maar wanneer vond een dergelijk incident dan plaats in onze staat?’ aldus Pinarayi Vijayan van de Communistische Partij, sinds 2016 regeringsleider van de staat Kerala, op de site van Malayalam Manorama, de belangrijkste krant van de regio. Pogingen om de vertoning te voorkomen hadden geen succes.

    ‘Het komt vaker voor dat een film een politieke controverse veroorzaakt,’ analyseert The Hindu. ‘Maar zelden wist een film tegelijkertijd zo veel lof en zo veel wrok op te roepen, met mogelijk grote gevolgen in deze verkiezingstijd.’  

    the kerala story review

    Schrijven als traumaverwerking 

    Humor, vergeving plus een sonnet van Shakespeare

    Literatuur – De Brits-Amerikaanse schrijver Salman Rushdie stond in augustus 2022 op het punt aan een lezing te beginnen, toen een in het zwart geklede man verschillende keren op hem in stak. Rushdie raakte aan één oog blind; zijn rechterhand kan hij nooit meer gebruiken. In zijn boek Knife kijkt hij terug op de moordaanslag. ‘Om een indruk te geven van deze gruwel’ heeft Alice in 24HeuresduLivre een sonnet van Shakespeare afgedrukt: ‘Rushdie schrijft dat de 27 seconden die de steekpartij duurden, lang genoeg zijn om het voor te dragen.’ De criticus vindt dat hij door zijn ontmoeting, verkering en huwelijk met de dertig jaar jongere Amerikaanse dichter en romanschrijfster Rachel Eliza Griffith te beschrijven ‘dynamiek toevoegt aan dit openhartige en aangrijpende relaas’.

    ‘Een hartverscheurend maar ongelooflijk opbeurend boek’

    Volgens de recensent van West Observer nodigt Rushdie de lezer uit om ‘zijn reis van overleving, genezing en de blijvende kracht van de menselijke geest mee te maken. De manier waarop hij ruimte vindt voor humor en vergeving getuigt van een niet-aflatende mentale kracht.’ Ook Dwight Garner roemt in The New York Times Rushdies gevoel voor humor: van de schrik dat zijn mooie Ralph Lauren-pak onder het bloed kwam te zitten tot zijn vreugde over 27 kilo gewichtsverlies, ‘al zou hij niemand deze afslankingskuur aanbevelen’. Wel moest Garner bijkomen van de ‘scherpe twist’ tegen het einde van Knife. In plaats van een gesprek met zijn aanvaller koos Rushdie voor een fictief interview: ‘Daarin gaat het over radicalisering, meedogenloosheid en de kortzichtige overtuiging dat je strijdt voor een rechtvaardige zaak.’ Het deed hem denken aan de woorden van Charb, de bij de terroristische aanslag in 2015 vermoorde hoofdredacteur van Charlie Hebdo: ‘Als we mensen gaan respecteren die ons niet respecteren, kunnen we de tent net zo goed sluiten.’

    ‘Een hartverscheurend maar ongelooflijk opbeurend boek’, vindt de recensent van het Indiase LiteratureToday. ‘Rushdie biedt een diepgaande meditatie over de fijne kneepjes van het bestaan en de veerkracht om de donkerste periodes te overleven. Een meesterwerk waarin de tijdloze kracht van literatuur wordt onthuld.’  

    Salman Rushdie, Mes. Gedachten na een poging tot moord, vertaald uit het Engels door Karina van Santen en Martine Vosmaer, uitgeverij Pluim. 

    Rushdie
  • Hoe het Nederlandse ‘niksen’ een wereldwijde hype werd

    Hoe het Nederlandse ‘niksen’ een wereldwijde hype werd

    Als je ziet hoeveel boeken er zijn gepubliceerd over de typisch Nederlandse ‘kunst van het niksen’, lijkt het een typisch Hollands fenomeen. Maar hoe rijmen we dat met het calvinisme dat Nederlanders met de paplepel is ingegoten? Of zijn die waarden inmiddels veranderd en wordt er tegenwoordig juist veel afgenikst om maar niet overspannen te raken?

    Ik sta op het strand van Scheveningen, de bekende badplaats bij Den Haag, en ik ben aan het niksen – het Nederlandse woord voor helemaal niets doen. Ik probeer niet na te denken over de vraag of ik echt niets doe als ik op het strand sta. Misschien kan ik beter gaan zitten? Maar dan zou ik zitten. Hoe kun je het best niksen? Naast me staat Olga Mecking, de auteur van Niksen: Embracing the Dutch Art of Doing Nothing, die het moeiteloos lijkt te kunnen. In de drie jaar sinds haar boek is uitgebracht, is Mecking uitgegroeid tot dé Nederlandse autoriteit op het gebied van helemaal niets doen. Ineens herinner ik me dat er een eindje verderop op de promenade een pannekoekenrestaurant zit. Valt pannekoeken eten onder niksen, of ben je dan te veel met iets bezig? Misschien ben ik niet in de wieg gelegd om te niksen.

    Dat hoort ze heel vaak, zegt Mecking, dat mensen moeite hebben om niksen te definiëren. ‘De definitie die ik in het boek gebruik is: niets doen, zonder enig doel voor ogen. Niet naar een film kijken, niet op je telefoon zitten, geen mails lezen. We hebben altijd ergens in ons achterhoofd wel iets van een doel. Als we staan te koken, denken we: Deze maaltijd is goed voor de lijn, of goed voor mijn gezondheid. Als we een wandeling maken, moet dat bijdragen aan ons streven van tienduizend stappen. En dan genieten we niet meer van gewoon eten of wandelen. Dus waar het om gaat, is dat je die doelen loslaat.’

    Uitputting door werk

    Hoe komt het dat aandoeningen als burn-outs, depressie en stress (in de westerse wereld) aan de orde van de dag zijn? Die vraag is de afgelopen decennia door sociologen en psychologen onderzocht.

    Het lijkt namelijk of die aandoeningen erop wijzen dat deze tijd uitputtender zou zijn dan vroeger, terwijl de arbeidsuren zijn afgenomen en ook zwaar en/of eentonig fysiek werk gedeeltelijk is overgenomen door machines.

    Toch is het energieniveau van de mens door de eeuwen heen in principe gelijk gebleven, schrijft filosofisch magazine Aeon. De reden zou zijn dat we ons, door sociale veranderingen die het gevolg zijn van nieuwe technologieën, geconfronteerd zien met nieuwe cognitieve en emotionele eisen en de grens tussen werk en vrije tijd vervaagd is. We zijn bijvoorbeeld in principe altijd en overal bereikbaar. Bovendien is door de globalisering de concurrentie enorm toegenomen. Geen wonder dat uitputting een wijdverbreid euvel is.

    In haar boek Exhaustion: A History beschrijft Anna Katharina Schaffner dat uitputting aan geen enkele tijd verbonden is en al sinds de klassieke oudheid een academisch onderwerp is. Het fenomeen werd destijds echter gezien als een biochemische onevenwichtigheid, een somatische kwaal, een virusziekte of zelfs een spirituele tekortkoming. Het werd onder andere in verband gebracht met de stand van de planeten, een pervers verlangen naar de dood en sociale en economische ontwrichting. Oftewel: alle theorieën over aan werk gelieerde uitputting laten slechts zien hoe men in het verleden dacht over lichaam en geest.

    Een burn-out is nu weliswaar een geaccepteerde reden om een werknemer betaald verlof te laten nemen, maar wordt ook nog wel voorgesteld als een ‘vorm van zwakte en gebrek aan wilskracht’. In de middeleeuwen werd uitputting gezien als ‘een zonde’ en volgens sommige neoliberale theorieën is een burn-out volledig te wijten aan het individu zelf. De negentiende-eeuwse Amerikaanse arts George M. Beard ging ervan uit dat ‘het gevoelige zenuwstelsel van de moderne stadsmens niet was opgewassen tegen zintuiglijke overbelasting veroorzaakt door lawaai, snelheid en te veel informatie’.

    Burn-out-theoretici van de eenentwintigste eeuw voeren in principe nog steeds vergelijkbare argumenten aan en wijzen op de schadelijke effecten van nieuwe communicatietechnologieën en de neoliberale werkplek, met als gevolg vaak ‘energie-afbrekend’ gedrag, zoals te hard werken, verkeerd eten, te veel piekeren en slapeloosheid. Maar in tegenstelling tot depressie wordt een burn-out – en daarover zijn de meeste psychologen het eens – uitsluitend veroorzaakt door externe factoren die direct gerelateerd zijn aan de werkomgeving en iemands positie daarin.

    Haar woorden spreken me aan. Ik ben er klaar voor om die doelgerichtheid los te laten. ‘Het was niet makkelijk om een definitie te vinden,’ gaat ze verder. ‘Ik merkte dat mensen last kregen van schuldgevoelens zodra ik met een nauw omschreven definitie kwam. Ik hoor zo vaak van mensen dat ze zich schuldig voelen als het ze niet lukt om niks te doen.’ En daarmee omschrijft ze precies de reden waarom er wereldwijd zo veel belangstelling is voor haar boek.

    Mecking, die werkt als journalist en een blog heeft over ouderschap (ze heeft zelf drie kinderen), is getrouwd met een Duitser en woont in Den Haag. Ze spreekt vloeiend Nederlands maar is van oorsprong Pools. In 2018 stuitte ze op het begrip ‘niksen’ in een gratis supermarktblaadje. Het intrigeerde haar dat ze geen andere taal kende met een vergelijkbaar werkwoord. Ze hield een pitch voor een artikel over het onderwerp bij The New York Times. Toen dat in 2019 verscheen – ‘The Case for Doing Nothing’ (Een pleidooi om niets te doen) – ging het meteen viraal. Binnen enkele weken had ze een contract met een uitgever. Haar boek, dat enigszins te vergelijken is met boeken over hygge (De Deense kunst van de gezelligheid) en fika (de Zweedse kunst van de koffiepauze) verscheen precies op het moment dat in Nederland de eerste harde lockdown inging, eind 2020. Een veelzeggende review op Amazon in dat jaar: ‘Het perfecte boek voor wie door de pandemie kampt met stress.’ 

    Na de pandemie heeft het fenomeen standgehouden. Begin dit jaar liet fitnessketen David Lloyd – met meer dan honderd sportscholen in het Verenigd Koninkrijk – weten lessen te gaan geven in niksen, om mensen te helpen met ‘het loslaten van spanning’. In de aankondiging werd Jan de Jonge geciteerd, een Nederlandse psycholoog die gespecialiseerd is in niksen: ‘Wellness is heel belangrijk in ons hectische bestaan. Nederlanders, die de naam hebben relaxed en gemoedelijk te zijn, vinden het fijn om na een dag hard werken even lekker te niksen.’ Op X voegt hij eraan toe dat niksen geen typisch Nederlandse manier van leven is, maar eerder een reactie op onze moderne manier van leven.

    Hoe Nederlands is niksen

    Er zijn nog veel meer boeken verschenen over niksen, van mensen die duidelijk niet hebben geluisterd naar hun eigen advies om niks te doen. Niksen. De Hollandse kunst van het nietsdoen van Annette Lavrijsen. Niksen. Lang leve het lanterfanten van Maartje Willems en Lona Aalders. Niksen: The Power of Doing Nothing van Tess Jansen. A Dutch Guide to Niksen van Johanna van Elp.

    Maar hoe Nederlands is het nou eigenlijk om te niksen? En waar komt het woord vandaan? ‘Niksen is een mediaconcept, net zoiets als blue monday,’ zegt Ruut Veenhoven, emeritus hoogleraar ‘Sociale condities voor menselijk geluk’ aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam. Ooit werd aangenomen dat blue monday, de derde maandag van januari, op grond van bepaalde ‘berekeningen’ de deprimerendste dag van het jaar was. Later bleek dit hele concept te zijn verzonnen door een reisbureau. Niksen is niet helemaal hetzelfde: niemand spoort je aan om een georganiseerde reis te boeken. En Nederlanders gebruiken het werkwoord ook echt. Veenhoven erkent dat de belangstelling voor het concept niksen veelzeggend is. ‘We zijn duidelijk het gelukkigst als we bezig zijn. En in de moderne samenleving zijn er heel veel leuke dingen te doen. Met als gevolg dat we ook heel veel doen. Het tempo ligt hoger dan in niet-westerse landen en het niveau van tevredenheid met het bestaan is ook hoog, en blijft stijgen. Maar toch… Een neveneffect is de tijdsdruk die ontstaat. We dromen van meer ontspanning.’ Niksen biedt ons datgene waarnaar we hunkeren: een verklaring voor wat er ontbreekt – de aanwezigheid van het niets in ons bestaan.

    Mensen verkiezen zwart werk of een uitkering

    Columnist Alfredo González van ElHeraldo de México legt het probleem van de 5 miljoen openstaande vacatures in Mexico bij de grote informele sector in het land. Volgens de economisch commentator ‘sluiten veel mensen, volwassenen en jongeren, geschoolden en ongeschoolden, zich liever aan bij de informele economie. En dat tast de overheidsfinanciën aan: niet alleen omdat deze mensen belasting ontduiken, maar ook omdat het investeerders afschrikt die in ons land op zoek zijn naar geschoolde arbeidskrachten.’

    Een van de redenen voor deze ontwikkeling is het grote aantal sociale programma’s en uitkeringen dat de Mexicaanse president Andrés Manuel López Obrador heeft ingevoerd, aldus González. ‘Er zijn middelen voor jongeren, alleenstaande moeders, ouderen en andere kwetsbare groepen. Ze dienen om een nood te lenigen, maar helpen hen niet om een toekomst op te bouwen.’

    Meckings boek is inmiddels in dertien talen vertaald en met name de Fransen zijn ervan gecharmeerd. (‘L’art de ne remplir aucun objectif,’ verzucht de Franse Cosmopolitan – te vertalen als ‘De kunst om geen enkel doel na te streven’.) Maar dat niksen uit Nederland afkomstig is, wil nog niet zeggen dat Nederlanders er bij uitstek goed in zijn. ‘Niksen lijkt overal ter wereld als een concept te worden gezien, behalve in Nederland,’ zegt Carolien Hamming, oprichter en directeur van CSR Centrum, een centrum voor onderzoek naar stress en veerkracht, in de buurt van Utrecht. ‘Het heeft niets van doen met onze cultuur. Integendeel, we zijn calvinisten die elkaar voorhouden dat we harder moeten werken.’ 

    Mecking heeft Hamming geïnterviewd toen ze net was begonnen met haar research. Hamming zei toen dat Nederlanders niet goed zijn in niks doen. ‘We hebben met de paplepel ingegoten gekregen dat we ons altijd nuttig moeten maken en behulpzaam moeten zijn. Luiheid is des duivels oorkussen.’ Maar ze kan het de mensen niet kwalijk nemen dat ze belangstelling tonen voor het idee, nu stress en neerslachtigheid meer en meer om zich heen grijpen. ‘Onze hersenen zijn overbelast; we weten niet hoe we niets moeten doen.’ 

    Achtergrond

    Toen ik Nederlandse vrienden vroeg naar de achtergrond van het niksen, zeiden ze dat ze het woord wel kenden, maar dat ze niet konden zeggen wat er zo typisch Nederlands aan was. Maar ze maakten ook grapjes: ‘Sorry, ik ben te druk aan het niksen om antwoord te geven.’ Mecking vertelt dat toen zij begon aan haar boek over niksen, een andere uitgever net een contract had gesloten met een andere auteur om over hetzelfde onderwerp te schrijven. De race was begonnen en haar deadline werd naar voren gehaald. Niet echt in de geest van het niksen.

    En Hamming heeft gelijk: het concept is niet voorbehouden aan Nederland. Ik heb het gebruik niet kunnen terugvinden in de Nederlandse taal vóór eind jaren tien. Het wordt gewoonlijk gedefinieerd als een reactie op een meedogenloos arbeidsethos dat, zoals dat gaat met woordenboeken, opmerkelijk specifiek wordt omschreven en pas onlangs zou zijn gemunt. Om de een of andere reden heb ik het gevoel dat niksen niet tot het vocabulaire behoorde van grote Nederlandse kunstenaars als Vermeer, Rembrandt of Van Gogh, die allemaal pleitbezorger waren van intensieve lichamelijke activiteit. Het is opmerkelijk dat dit ongebruikelijke werkwoord is opgedoken in een land dat zichzelf doorgaans beschouwt als calvinistisch en atheïstisch. Net als Hamming mompelen mijn Nederlandse vrienden meestal iets over het calvinisme zodra ik over niksen begin: deze tak van het zestiende-eeuwse protestantisme vond grote weerklank in Nederland. En Calvijns waarden van hard werken, soberheid, discipline en ‘oprechtheid’ zijn er nog altijd in sterke mate voelbaar.

    Die openheid is ook een overblijfsel van het calvinisme: ‘Kijk gerust naar me. Ik heb niets te verbergen’

    Neem de manier waarop ze in Nederland omgaan met zonwering en gordijnen. Die worden niet gebruikt. Toen ik door Den Haag liep, in een poging achteloos te niksen, viel me op dat ik overal bij mensen naar binnen kon kijken, ongeacht de vraag of die mensen al dan niet aan het niksen waren. 

    Merkwaardige mengeling

    Die openheid is ook een overblijfsel van het calvinisme: ‘Kijk gerust naar me. Ik heb niets te verbergen.’ Het is een fascinerende, tegenstrijdige culturele impuls: je nooit laten gaan en je aan de regels houden, en tegelijkertijd volkomen transparant zijn. Het is een merkwaardige mengeling van zowel beheerst als ontspannen zijn. Geen wonder dat je dan soms de behoefte voelt om te niksen, om even bij te komen. En ook geen wonder dat het verlangen naar niksen geen exclusief Nederlands fenomeen blijkt te zijn.

    Dat het onderwerp ‘burn-out’ in Nederland zo hoog op de agenda staat, heeft wellicht iets te maken met de inherente spanning van het calvinistische verleden. Vorig jaar werd een onderzoek naar welzijn, uitgevoerd door een ziektekostenverzekeraar, breed aangehaald in de Nederlandse pers. De Cigna Healthcare Vitality Study werd uitgevoerd met tienduizend respondenten uit twaalf verschillende markten, verspreid over verschillende landen, waaronder de VS, Kenia, China en vijf Europese landen. Nederland scoorde hoog. Hoewel 90 procent van de Nederlandse werknemers zegt opgebrand te zijn, en 27 procent van de mensen zich als gevolg daarvan moe en leeg voelt, waren de Nederlanders als groep nog altijd de minst gestresste werknemers van het onderzoek. Hoewel 64 procent van de Nederlandse respondenten stress ervoer, was die score beduidend lager dan in België, waar het percentage 81 procent bedroeg. Ruud Wassen, hoofd marketing van Cigna, en zelf ook Nederlander, legt uit dat het stressniveau in Europa sinds de pandemie hoog is en dat Nederland daar geen uitzondering op vormt. Maar, zegt hij, Nederlandse werknemers ervaren relatief weinig stress als het gaat om de kosten van het levensonderhoud, de persoonlijke financiële situatie en onzekerheid over de toekomst. Als we echter kijken naar de belangrijkste stressfactor, dan verschilt Nederland niet van andere landen, zegt hij. ‘Te veel werk.’

    Het punt is dat Nederlanders volkomen in de stress schieten bij de gedachte aan een burn-out

    ‘Een burn-out is niet voorbehouden aan Nederlanders, maar het is wel een groeiend probleem in Nederland,’ aldus Roel Fransen, hr-manager bij Oval, een bedrijf uit Tilburg dat zich inzet voor het vergroten van de betrokkenheid van werknemers. Uit een studie van onderzoeksorganisatie TNO uit 2023 blijkt dat een op de vijf Nederlandse werknemers kampt met symptomen van een burn-out. ‘Dat is een significante toename ten opzichte van eerdere jaren,’ zegt Fransen. ‘En het lijkt erop dat die toename is toe te schrijven aan een aantal factoren: het feit dat het werk steeds meer van mensen vergt, de opkomst van de platformeconomie en de veranderde kijk op de balans tussen werk en vrije tijd.’

    Dus het is niet zo dat Nederlanders wereldwijd het hoogst scoren als het om burn-outs gaat – ze scoren juist lager dan de meeste andere landen. Het punt is dat ze volkomen in de stress schieten bij de gedachte aan een burn-out. ‘Sommige reacties op een burn-out lijken verankerd in de Nederlandse cultuur,’ zegt Fransen. ‘Zo hebben Nederlanders een sterk gevoel voor sociale solidariteit, waardoor mensen met een burn-out minder snel een stigma krijgen. 

    Nederlanders zijn vaak heel ambitieus en zetten zichzelf vaak onder grote druk om te slagen. Ze zijn misschien ook wat huiverig om vrij te nemen van het werk, zelfs als ze ziek zijn. Daarnaast kan de Nederlandse “gezelligheid” er soms toe leiden dat mensen de druk voelen om overal aanwezig te zijn, terwijl ze ondertussen hun werk niet mogen laten versloffen, wat er vaak op neerkomt dat ze voorbijgaan aan hun eigen behoeften.’ 

    Terug in de tijd

    Op 31 maart 2012 schetsten we in het redactioneel van ons pasgeboren magazine een toekomstbeeld waarin een hele generatie opgroeide zonder werk. Er werden overal in Europa pogingen gedaan om het tij te keren. Twaalf jaar later zijn sommige hervormingen doorgevoerd en liggen de banen voor het oprapen, alleen wil niet iedereen meer koste wat het kost de arbeidsmarkt op. Een terugblik.

    De Amerikaanse industrie – het werkloosheidscijfer lag in 2012 boven de 9 procent; nu is dat 3,9 procent – klaagde dat het moeilijker zou worden om aan geschoolde vakmensen te komen omdat de aard van het werk veranderd was. Iedereen moest met de computer om kunnen gaan en waar haalden ze nog een machinebankwerker vandaan? In Italië was het eenvoudiger om duizend mensen te ontslaan dan één individuele werknemer en woedde er een strijd tussen de overheid en de vakbonden, die toen al van kortlopende contracten af wilden. Terwijl in Polen – waar drie op de vijf mensen tijdelijk werk verrichten – contracten niet eens onder de arbeidswetgeving vielen.

    Oplossingen waren moeilijk te vinden. Op veel plaatsen, tot in Richmond Californië aan toe, werd heil gezien in het Baskische voorbeeld van de coöperatie. Daar begon de firma Solar met ‘democratisch ondernemen’ en gaf inwoners de kans zich om te scholen tot monteur van installaties voor groene energie. Daarna konden ze mede-eigenaar worden. Maar ook aan dit model bleken haken en ogen te zitten. Naast de kosten om een bedrijf gaande te houden, bleek er ook coöperatieve scholing nodig om ieders stem gehoord te laten worden en gezamenlijk beslissingen te kunnen nemen. Toch heeft wortel schieten in een gemeenschap zeker de nodige betrokkenheid gebracht, die bijvoorbeeld bij multinationals als Amazon of Google ver te zoeken is. Tegen die vorm van ‘moderne slavernij’ komt nu een generatie in opstand. En geef ze eens ongelijk, als met al die uren lopendebandwerk de huizenhoge huur niet eens betaald kan worden en een hypotheek al helemaal niet tot de mogelijkheden behoort. Dus inderdaad: arbeid adelt nog steeds niet altijd.

    Snap je wat ik bedoel met tegenstrijdig? Niet stigmatiseren. Het uiterste uit jezelf halen. Geen vrij nemen van je werk. Alle sociale bijeenkomsten bijwonen en dan ook gezellig zijn. Altijd de gordijnen openhouden. Het klinkt echt slopend om succesvol Nederlander te zijn.

    Maar wat de aandacht voor niksen bovenal aantoont, is de hang naar filosofieën uit andere landen. We leven in een tijd waarin velen van ons min of meer kunnen doen en laten wat we willen, meer dan op enig ander moment in de geschiedenis. Maar wat we vooral blijken te willen, is dat iemand met verstand van zaken ons het gevoel geeft dat we ons instinct mogen volgen. Hygge is het helemaal en niemand is er zo goed in als de Denen. Maar de Denen hebben niet het monopolie op knusse avondjes en kaarslicht. Fika is een prachtige traditie. Maar Zweden is niet de enige plek ter wereld waar je taart kunt eten en koffie kunt drinken. Zo hoef je ook geen Nederlander te zijn of het woord niksen te kennen om even niets te doen, je kunt ook gewoon… niets doen. En niets doen kun je onmogelijk verkeerd doen. Het zal dan ook niemand verbazen dat ik tot de ontdekking kwam dat die pannekoeken toch echt onder mijn definitie van niksen vielen. 

  • Shogun maakt comeback na vijftig jaar

    Shogun maakt comeback na vijftig jaar

    In 1980 bracht de verfilming van Shogun een golf van interesse in de Japanse geschiedenis en cultuur teweeg. Nu is er een nieuwe miniserie uit over dit ‘epische verhaal over oorlog, liefde, geloof, eer en politieke intriges’.

    Shogun, de bestseller van James Clavell uit 1975, werd in 1980 succesvol verfilmd en wakkerde destijds een grote interesse aan in de Japanse geschiedenis en cultuur. Een halve eeuw later is er een nieuwe, ‘luxueuze’ bewerking gemaakt van de avonturen van de Engelse zeeman John Blackthorne, begin zeventiende eeuw. Gestrand aan de kust van Japan moet de protestantse held, gespeeld door Cosmo Jarvis, opnieuw ‘leren evolueren binnen een onbekende cultuur, met complexe gewoonten’, schrijft Time Magazine.

    ‘We krijgen inzicht in het innerlijke leven van dubbelagenten en ambitieuze courtisanes

    Vertoonde de eerdere versie een grote tekortkoming op het gebied van taal, schrijft Rolling Stone, doordat ‘Japanse dialogen alleen werden vertaald in ­scènes waarin tweetalige karakters dienden als tolk’, in deze nieuwe serie is er meer aandacht voor de Japanse personages, gespeeld door onder meer Hiroyuki Sanada, Anna Sawai en Tadanobu Asano. ‘We krijgen inzicht in het innerlijke leven van dubbelagenten, ambitieuze courtisanes en zonen die zichzelf willen bewijzen in de strijd.’ The New York Times vindt dat een goede aanpassing, maar ‘op zich niks bijzonders’. The Washington Post is enthousiaster en spreekt van ‘het televisie-equivalent van een boek dat je niet kunt wegleggen’. Volgens Time ligt dit ‘epische verhaal over oorlog, liefde, geloof, eer en politieke intriges’ op het niveau van ‘een saga als Game of Thrones’.  

    Shogun is te zien op Disney+.

  • Kunstenaar Isaac Juliens, ‘een geboren verleider’

    Kunstenaar Isaac Juliens, ‘een geboren verleider’

    In What Freedom Is To Me onderzoekt de Britse kunstenaar Isaac Julien door middel van film- en videoinstallaties ‘de zwarte identiteit en diaspora die hij met een delicate intensiteit bestrijkt’, aldus Max Wiener van Musée Magazine.

    Met zijn film- en video-installaties probeert de Britse kunstenaar Isaac Julien (63) de grenzen tussen dans, muziek, fotografie, theater en beeldende kunst te doorbreken. Zijn werk is sterk geïnspireerd op de cultuur en de geschiedenis van het kolonialisme. 

    Juliens overzichtstentoonstelling What Freedom Is to Me betekende voor Max Wiener van Musée Magazine een ‘uitnodiging om een compleet andere wereld binnen te gaan. Daarin onderzoekt Julien de zwarte identiteit en diaspora die hij met een delicate intensiteit bestrijkt.’ Zo presenteert hij zwarte mannen en vrouwen in koloniale kleding als ‘sociaal commentaar om te laten zien hoe het zwarte imago in de VS voortdurend is gedwarsboomd en wortelt in onzekerheid’.

    ‘Een overrompelende kijk op de ingrijpende gevolgen van ongelijke geldcirculatie’

    Mark Hudson van The Independent vond Juliens retrospectief technisch verbluffend: ‘Je ziet allemaal verschillende beelden op zwart-witschermen, die door de ruimte zijn gerangschikt in een quasi-sculpturale doorloopopstelling. Ze worden weerspiegeld in gevlekte roestvrijstalen muren, wat een behoorlijk oogverblindend effect oplevert.’ Homo-erotiek vormt een vast ingrediënt in Juliens filminstallaties: ‘Zwarte mannenlichamen, zowel in standbeelden als in levensechte vorm, worden met volmaakte elegantie in de film gemengd.’

    Volgens Laura Cumming van The Guardian ‘kun je het best een volle dag uittrekken om de films te zien van deze geboren verleider’. Juliens stijl kenmerkt zich volgens haar door ‘feiten af te wisselen met fictie, documentaire met drama, drijvende droomlandschappen met archiefbeelden. Je ziet tegelijkertijd montages van dans, zang en monoloog, waarbij de camera langs mooie mensen en fraaie locaties zweeft.’

    Adela Lovric is vooral onder de indruk van de video-installatie Playtime, schrijft ze voor cultuurmagazine Berlin Artlink: ‘Een overrompelende kijk op de ingrijpende gevolgen van ongelijke geldcirculatie. Julien speelt zo met cameraopstelling en montage dat het lijkt alsof je op de kermis in het spiegelhuis bent beland. Ook onthult hij de verwevenheid van kunst­wereld en grootkapitaal.’ 

    What Freedom Is to Me, Bonnefantenmuseum, Maastricht, t/m 18 augustus 2024.