Onderwerpen: Cultuur

  • Wat doet de Europeaan om zes uur?

    Wat doet de Europeaan om zes uur?

    Wat doet men op een willekeurige dinsdag om zes uur ’s avonds in Spanje? En wat doet de rest van Europa? Als de Italianen naar de supermarkt rennen, ruimen de Finnen de tafel af.

    Dit stuk verscheen eerder in #152

    Spanje

    Wat doen Spanjaarden om 6 uur? De meesten zitten dan nog op kantoor en daar zitten ze minstens nog anderhalf uur alvorens ze naar huis mogen. Het is een feit dat de Spanjaarden heel andere werktijden hanteren dan de Duitsers, de Fransen of de Engelsen. Oud-premier Mariano Rajoy opperde tijdens zijn verkiezingscampagne in 2016 dat een werkdag in Spanje rond 6 uur afgelopen zou moeten zijn. ‘Spanje is een volwaardig lid van de Europese Unie, maar onze werktijden en dagindeling maken dat we er in Europa een beetje bij bungelen.

    Landen die cultureel gezien op ons lijken en hetzelfde aantal uren daglicht hebben, zoals Portugal of Italië, hebben Europese werktijden.’ ‘Niemand van mijn collega-onderzoekers in Oxford snapt hoe wij kunnen leven met zo’n chaotische dagindeling,’ verzekert José María Fernández-Crehuet, internationale afgevaardigde van de lobbygroep Nationale Commissie voor het Stroomlijnen van de Spaanse Dagindeling en Aanpassing aan andere EU-landen. Gonzalo García, jurist, 30 jaar oud, verlaat het advocatenkantoor waar hij sinds vier jaar werkt niet voor half 8 ’s avonds.

    Een gebruikelijk rooster in Spanje. ‘Ik begin om 9 uur ’s ochtends en moet verplicht twee uur uittrekken voor de lunch. Persoonlijk zou ik liever een halfuur lunchen en om 6 uur naar huis gaan, maar ik merk om me heen de ingesleten gewoonte om ’s ochtends een halfuur lang je tijd te verdoen met ontbijten in de bar en met koffie- of rookpauzes van een kwartier, wat bij elkaar opgeteld weer een halfuur van je tijd is. Over het algemeen brengen wij Spanjaarden vele uren door op ons werk, maar we vermorsen veel tijd,’ aldus de jurist.

    Nederland

    Om 6 uur ’s avonds vind je de Nederlander in een sportschool of thuis, waar hij op het punt staat te gaan eten, of bijna thuis, waar hij zal blijven tot hij de volgende dag weer naar zijn werk moet. In grote steden zoals Amsterdam en Rotterdam zijn [sommige] winkels tot 9 of 10 uur ’s avonds open, maar in de rest van het land sluiten veel winkels om 6 uur. Het leven speelt zich voornamelijk binnenshuis af, vooral in de winter.

    Laura Navarro is Spaanse, ze is 26 jaar en werkt sinds twee jaar bij een in Amsterdam gevestigde multinational. Om klokslag 5 uur is ze klaar met werken, net als het overgrote deel van de werknemers in Nederland. ‘Ik kom rond 9 uur op mijn werk, al ligt de begintijd niet vast, en ik heb twintig minuten om te lunchen. Als ik denk aan de twee uur lunchtijd in Spanje gaan mijn haren recht overeind staan, het slaat nergens op.

    De werktijden in Nederland zijn flexibel, het belangrijkste is dat je presteert en zorgt dat je werk af is. Een ijverige indruk wekken bij de baas hoeft hier niet. Om 5 uur zoek je je spullen bij elkaar zonder dat iemand daar iets van vindt en de volgende dag ga je door waar je gebleven was,’ vertelt Navarro.

    Zweden

    In Zweden zit men gewoonlijk om 6 uur aan de avonddis. De Zweden beginnen om 7 uur ’s ochtends met werken, om half 1 wordt er geluncht en tussen 4 uur en half 5 zit het werk erop.

    Tom Kallene is getrouwd met een Barcelonese en woont al dertig jaar in Spanje. Kallene is de ijzeren regelmaat uit zijn kindertijd niet vergeten, gewoontes die nog steeds bestaan.

    ‘Het belangrijkste journaal van Zweden begint om half 8, ná het avondeten. Eet je buiten de deur, dan kun je de etenstijd een beetje oprekken, tot half 8, op z’n laatst, maar nooit later,’ vertelt de Zweed. Heeft Tom Kallene er ooit over gedacht om terug te keren naar zijn moederland? ‘Alleen om op bezoek te gaan. Ik ben dol op Spanje en blijf hier wonen, al zie ik er de lol niet van in om pas om 10 uur ’s avonds te gaan eten,’ aldus Kallene.

    unnamed kopie
    © Viktor Forga / Unsplash

    Finland

    Wat doen de Finnen om 6 uur? Ze zijn dan net klaar met avondeten, maar maken geen aanstalten om naar bed te gaan. In Finland is het de gewoonte om meteen na het werk te gaan eten. Om half 5 zit de werkdag erop en gaan de Finnen naar huis. Daar maken ze het avondeten klaar, eten en daarna ondernemen ze dingen met de kinderen of gaan ze naar de sportschool. Rond half 11, 11 uur is het wel mooi geweest en gaan ze naar huis om uit te rusten. De dag begint vroeg: al om 6 uur ’s ochtends gaat bij het overgrote deel van de Finnen de wekker.

    De Spaanse Beatriz Ramírez, 29 jaar, kreeg vier jaar geleden een baan op de marketingafdeling van Nissan Helsinki. ‘Ik kan mijn werkuren naar eigen inzicht indelen. Ik heb ’s ochtends een marge van drie uur – van 7 uur tot 10 uur –, de werktijden zijn erg flexibel,’ zegt ze. Wat ze het meest mist van Spanje is de Spaanse gewoonte om spontaan met elkaar af te spreken.

    Frankrijk

    Om 6 uur ’s avonds ronden de Fransen hun werkdag af (een werkdag eindigt tussen 6 uur en half 7). In Parijs wordt er meestal om 8 uur, op z’n laatst om 9 uur gegeten. De Fransen gaan rond elven slapen en staan om 7 uur ’s ochtends weer naast hun bed.

    Journalist Álex Vicente woont al dertien jaar in Parijs, waar hij correspondent is voor El País. Wat hem al die jaren is opgevallen is dat in Parijs alles een uur vroeger begint dan in Spanje. Het avondnieuws bijvoorbeeld begint om 8 uur (in Spanje is dat sinds jaar en dag 9 uur). ‘Zo tegen 7 uur, half 8 begint het apéro: samen met vrienden of collega’s drink je een aperitiefje voordat je gaat eten.’

    Duitsland

    Om 6 uur ’s avonds staan de Duitsers op het punt om naar huis te gaan of zijn ze bijna thuis. Zo tegen het weekend, donderdag of vrijdag varieert dat een beetje en komt het voor dat je om 6 uur, meteen na het werk, een pintje pakt. De Madrileen Ángel Luis de la Iglesia, 41 jaar, werkt sinds vijf jaar als informaticus in Düsseldorf, een van de belangrijkste economische centra van het land. Zijn ervaring: ‘De grootste cultuurschok was het verschil in etenstijden. Hier in Düsseldorf lunchen we om 12 uur.

    Als ik in Madrid ben, lunch ik om half 4, dat is een verschil van maar liefst drieënhalf uur. Ik denk dat de etenstijden in Duitsland logischer zijn: je luncht kort – nooit langer dan een uur – het avondeten is vroeger en daardoor heb je tijd om het eten te verteren voordat je gaat slapen.’ Maar niet alles is beter in Duitsland voor deze Madrileen. ‘Ik mis het om op je dooie akkertje om 8 uur ’s avonds boodschappen te doen. Hier moet je altijd opschieten want de winkels sluiten om 6 uur,’ zegt de Spaanse informaticus.

    Groot-Brittannië

    Om 6 uur ’s avonds begint in Engeland het belangrijkste journaal van de dag, dan zitten de Engelsen aan tafel of staan ze op het punt te gaan eten. Om een uur of 7 zit de avondmaaltijd erop. De resterende tijd voor het slapengaan wordt thuis doorgebracht met het gezin of wordt, door wie geen kinderen heeft, gebruikt om te ontspannen. Ian Powel werd 58 jaar geleden in Liverpool geboren en sinds elf jaar werkt hij in Spanje als docent Engels.

    Hij begrijpt niet waarom er in Spanje op een werkdag zo veel tijd opgaat aan pauzes en roken. ‘Zonder al die onderbrekingen zou men veel vroeger klaar zijn met werken,’ denkt Powel. Wat hij vooral mist is de tijd die je voor het slapengaan met je gezin doorbrengt. In Spanje komt daar weinig van terecht, in Groot-Brittannië is die tijd heilig. ‘In Liverpool,’ legt de Engelsman uit, ‘slaat om 6 uur ’s avonds de sfeer helemaal om. De stad is verlaten en gevaarlijk, en er zit ’s avonds weinig meer op dan thuisblijven. De winkels sluiten om 5 uur en er is niemand meer op straat. Dat zie je in Spanje niet,’ aldus Ian Powel.

    Italië

    In Italië is 6 uur ’s avonds een prima tijd om boodschappen te doen. Het is het verloren uurtje voordat de Italianen een aperitief drinken op een terras of in een bar (meestal tussen 6 en 8 uur). ‘Je bestelt een Spritz (een verfrissend typisch Italiaans alcoholisch drankje) of een ander drankje met wat lekkere borrelhapjes voordat je gaat eten,’ legt de uit Sicilië afkomstige Salvatore Valastro uit. Salvatore Valastro is architect en 34 jaar oud. Hij beaamt dat er in Italië veel verschil is tussen het noorden en het zuiden.

    ‘In het noorden lunchen ze om half 1 en beginnen ze om half 8 met het avondeten. Maar in het zuiden luncht men om half 2 en eet men pas ’s avonds om 9 uur. De mensen hier gaan tussen 10 en 11 uur ’s avonds naar bed. Als je een verschil zou moeten noemen tussen Spanje en Italië dan is het dat in Italië alles een uur eerder begint en een uur eerder eindigt. Het andere verschil is dat het in Italië net als in de rest van Europa geen gewoonte is om pauzes te nemen en ergens te gaan koffiedrinken. Je werkt aan één stuk door tot het tijd is om te eten. De mensen willen hun werk zo snel mogelijk af hebben zodat ze naar huis kunnen,’ legt Salvatore Valastro uit.

    Portugal

    Wat doen ze in Portugal om 6 uur ’s avonds? Ofschoon Portugal deel uitmaakt van het Iberisch Schiereiland, lijkt de Portugese dagindeling meer op die van Europa dan op die van Spanje. Wat de etenstijden betreft lijkt Portugal erg op Frankrijk. Ze lunchen van half 1 tot 2; lunch je later, dan word je een Spanjaard genoemd. Maar om 6 uur ’s avonds zitten ze hier, anders dan in veel andere Europese landen, nog steeds op het werk. Pas om 7 uur gaan ze weg.

    Laura Pérez, 34 jaar, woont sinds negen jaar in Lissabon. Ze werkt daar in een kunstgalerie. ‘In Portugal zijn ze laat klaar met werken als je bedenkt dat er al om 8 uur wordt gegeten. Dus die heerlijke biertjes die wij in Spanje na een dag bikkelen achteroverslaan, daar is hier geen tijd voor,’ aldus Laura Pérez. Na het werk gaan de mensen naar de supermarkt of de sportschool. Om half 9 zie je geen kip meer op straat, want dan zit iedereen met het gezin te eten. Na het avondeten hebben veel Portugezen de vreemde gewoonte om nog een kop koffie in een bar te drinken voordat ze naar bed gaan.

  • Tijd, een collectief waanidee

    Tijd, een collectief waanidee

    Tijd is een complex onderwerp, dat raakt aan onze ziel en betekenis geeft aan ons bestaan. Maar eigenlijk bestaat het niet, zegt de Italiaanse wetenschapper Carlo Rovelli. Tijd is niets anders dan een collectief waanidee.

    Dit stuk verscheen eerder in #152

    De mens ervaart tijd als een werkelijkheid. Maar volgens kwantumfysici bestaat tijd helemaal niet eens. ‘In de fundamentele vergelijkingen die de werkelijkheid beschrijven komt geen tijdvariabele voor,’ legt de theoretisch-natuurkundige Carlo Rovelli uit. Hij ‘verziekt een feestje liever niet met abstracties en wiskunde om zijn gelijk te bewijzen’. Voor ons dagelijks leven hoeven we de werking van het universum niet te begrijpen. Maar het is goed om zo nu en dan een stapje achteruit te doen.

    ‘Tijd is een fascinerend onderwerp omdat het onze diepste emoties raakt. De tijd legt het leven bloot en neemt alles mee. Nadenken over de tijd is nadenken over de zin van ons leven. Daarom besteed ik mijn leven aan het bestuderen van de tijd,’ legt Rovelli uit. Rovelli’s nieuwe boek, The Order of Time, gaat over hoe wij als mens het verstrijken van de tijd ervaren en over het feit dat de tijd ontbreekt op zowel minuscuul kleine als zeer grote schaal.

    Heel overtuigend betoogt hij dat chronologie en continuïteit niet meer zijn dan een verhaal dat we onszelf vertellen om ons bestaan te kunnen begrijpen. ‘Vanuit ons perspectief, het perspectief van wezens die een klein deel van de wereld uitmaken, zien we die wereld meestromen met de tijd,’ schrijft de fysicus. Op kwantumniveau zijn tijdsduren zo kort dat die niet onderverdeeld kunnen worden en bestaat er geen tijd.

    In de ‘elementaire grammatica van de wereld, is er geen ruimte en geen tijd, zijn er alleen processen die fysieke kwantiteiten van de ene in de andere transformeren, aan de hand waarvan we in staat zijn om mogelijkheden en relaties te berekenen’, schrijft Rovelli.

    Iemand in Londen ervaart altijd een ander moment van de dag dan iemand in New York

    De wetenschapper betoogt dat tijd alleen op een geordende manier lijkt te verstrijken omdat we toevallig op de aarde zitten, die een bepaalde unieke entropische relatie heeft met de rest van het universum. In principe creëert de manier waarop onze planeet zich beweegt naar ons gevoel een bepaalde orde, die niet noodzakelijkerwijs overal in het universum opgaat. Zoals orchideeën groeien in de moerassen van Florida, maar niet in de woestijnen van Californië, zo is tijd een product van de planeet aarde. Een toevalstreffer, niet inherent aan het universum.

    De wereld lijkt vanuit ons perspectief geordend van verleden naar heden, van oorzaak naar gevolg. We leggen daar een orde overheen, pinnen gebeurtenissen in een bijzondere, lineaire reeks vast. We linken gebeurtenissen met resultaten en dat geeft ons een gevoel van tijd.

    Volgens Rovelli is het universum veel complexer en chaotischer dan wij aankunnen. De mens vertrouwt op onvolledige beschrijvingen waarin in feite de meeste andere gebeurtenissen, relaties en mogelijkheden worden genegeerd. Onze beperkingen creëren een vals of incompleet gevoel van orde, een manier om de wereld te ‘vertroebelen’ om te kunnen focussen, te verblinden om te kunnen zien. Daarom, zo schrijft Rovelli, ‘is tijd onwetendheid’.

    22smith2 span jumbo v2

    Tijdzones

    Dit klinkt misschien verschrikkelijk abstract en dat is het ook. Maar er is een betrekkelijk eenvoudig bewijs dat het idee ondersteunt dat tijd een fluïde, menselijk concept is – een ervaring, niet zozeer inherent aan het universum. Bijvoorbeeld, stel je voor dat je op aarde door een telescoop naar een ver weg gelegen planeet kijkt, die Proxima B heet. Rovelli legt uit dat het ‘nu’ op aarde niet hetzelfde heden is als het heden op die planeet. Het licht dat je op aarde ziet als je naar Proxima B kijkt, is oud nieuws, dat vertelt wat er vier jaar eerder op die planeet was. ‘Er is geen precies moment op Proxima B dat correspondeert met het heden hier en nu,’ schrijft Rovelli.

    Dat klinkt misschien vreemd, maar denk eens aan een internationaal telefoongesprek. Je zit in New York en je praat met vrienden in Londen. Tegen de tijd dat hun woorden jouw oren hebben bereikt, zijn er milliseconden verstreken en is ‘nu’ niet meer hetzelfde ‘nu’ als toen degene aan de lijn antwoordde: ‘Ik kan je nu horen.’

    Bedenk ook dat we op verschillende plekken verschillende tijden hebben. Iemand in Londen ervaart altijd een ander moment van de dag dan iemand in New York. De ochtend in New York is de middag in Londen. De middag in New York is middernacht in Londen. We hebben maar in een beperkt gebied dezelfde tijd, en zelfs dat is een betrekkelijk nieuwe vinding.

    Tijd is een emotionele en psychologische ervaring, iets wat nu in ons hoofd gebeurt

    Pas toen in de negentiende eeuw het reizen met de trein om een zekere uniformiteit vroeg, viel bijvoorbeeld ‘de noen’ in New York en Boston op dezelfde tijd. Voordat we het eens werden over de precieze tijd, hield iedere plaats – zelfs betrekkelijk dicht bij elkaar gelegen dorpen – een ietwat andere tijd aan. ‘De noen’ was als de zon op zijn hoogste punt stond en in Europa gaven kerkklokken aan dat het zover was – ze luidden in iedere plaats op een andere tijd. In de twintigste eeuw hebben we tijdzones ingesteld. Maar het was een praktische beslissing, geen werkelijkheid van het universum.

    Al die verschillen zijn het bewijs dat er talloze tijden zijn, aldus de fysicus. En geen daarvan is helemaal nauwkeurig, geen daarvan beschrijft de tijd in zijn totaliteit. ‘Tijd is een veellagig, complex concept met diverse, uiteenlopende eigenschappen die voortkomen uit verschillende approximaties,’ schrijft Rovelli. ‘De tijdstructuur van de wereld wijkt af van het naïeve beeld dat we ervan hebben.’ Het simpele tijdsbesef dat we delen is in ons leven min of meer toereikend. Maar het is niet accuraat als je het universum wil beschrijven ‘in zijn kleinste plooien of in zijn grootste uitgebreidheid’.

    Collectieve waan

    Hoewel de fysica ons enigszins inzicht biedt in het mysterie van de tijd, slaagt ook zij volgens Rovelli niet in een omschrijving van het fenomeen te geven die ons als mensen tevreden stelt. Liever houden we vast aan het simpele idee dat de tijd verstrijkt, of stroomt, voortkomt uit toeval, naïveteit of onze beperkingen – want dat is precies wat tijd voor ons is. Rovelli betoogt dat wat we ervaren als het verstrijken van de tijd een mentaal proces is dat plaatsvindt in de ruimte tussen herinnering en verwachting. ‘Tijd is de vorm waarin wij als wezens met een brein dat in essentie bestaat uit herinnering en verwachting, omgaan met onze wereld: het is de bron van onze identiteit,’ schrijft hij.

    In principe, meent hij, is tijd een verhaal dat we onszelf vertellen in de tegenwoordige tijd, individueel en samen. Het is een collectieve daad van introspectie en narratief, dossiervorming en verwachting, die is gebaseerd op onze relatie met eerdere gebeurtenissen en het besef dat er gebeurtenissen ophanden zijn. Het is datzelfde verhaal dat ons een zelfbesef geeft, een besef waarvan veel neurowetenschappers, mystici en de fysicus betogen dat het een collectieve waan is.

    Zonder een dossier – of geheugen – en verwachtingen van continuering zouden we het verstrijken van de tijd niet ervaren of zelfs niet weten wie we zijn, beweert Rovelli. Tijd is een emotionele en psychologische ervaring. ‘Tijd is losjes verbonden met de externe werkelijkheid,’ zegt hij, ‘maar is vooral iets wat nu in ons hoofd gebeurt.’

  • Zoals het klokje in ons tikt

    Zoals het klokje in ons tikt

    Volgens onze biologische klok kunnen we het beste ’s ochtends belangrijke beslissingen nemen of een enorme prestatie leveren. Het dal kondigt zich in de middag aan met weer een piek in de namiddag, terwijl het tegen de avond behalve de dadendrang van enkelen, toch duidelijk weer afvlakt.

    Dit stuk verscheen eerder in #152

    ‘Ik werk ’s ochtends,’ schreef Thomas Mann, wiens dag meestal volgens pietluttige regeltjes verliep, inclusief middagslaapje. Franz Kafka schreef daarentegen – beperkt door zijn baan bij een verzekeringsmaatschappij – laat op de avond, soms zelfs tot vroeg in de ochtend. ‘Je hebt eigenlijk geen test nodig om vast te stellen of je een ochtend- of een avondmens bent,’ zegt Jürgen Zulley, slaaponderzoeker uit Regensburg. ‘Ik weet wanneer mijn prestatiepiek is en hoe ik mijn dag daarop moet aanpassen.’ De expert op het gebied van de inwendige klok van de mens probeert daarom ’s ochtends geen telefoongesprekken te voeren, maar zich tussen 10 en 12 op hersenarbeid te concentreren.

    Wat ons op welk moment van de dag heel eenvoudig afgaat, is afhankelijk van ritmes die het leven verbazingwekkend constant synchroniseren. Het hardnekkigst onder de metronomen is het 24-uursritme, dat zelfs na maanden in volslagen afzondering en zonder licht maar een paar minuten afwijkt, zoals tests in grotten in Italië en het Beierse Andechs hebben aangetoond. Het prestatieoptimum hangt tevens af van ritmes van vier uur of negentig minuten gedurende de dag, die voor schommelingen zorgen. ‘Ook toen dat nog niet in de wetenschap bekend was, waren veel dingen daarop afgestemd,’ zegt Zulley. ‘Na negentig minuten werken nemen mensen een pauze, het dubbeluur op school of op de universiteit duurt even lang – en een voetbalwedstrijd meestal ook.’ De grootste fout die sprekers dan ook kunnen maken, is voor hun voordracht meer dan negentig minuten inplannen.

    safety last harold2

    Prestatiepieken

    Een twaalfuursritme verdeelt de dag in tweeën en dat is de reden dat er twee prestatiepieken zijn – ’s ochtends tussen ongeveer 10 en 12 en ’s middags tussen 3 en 6. ‘Ons hormonale bioritme wordt sterk bepaald door cortisol, dat vooral vroeg in de ochtend wordt aangemaakt,’ zegt hormoonexpert Martin Reincke, hoofd interne geneeskunde aan de universiteit van München. ‘Rond 3 uur ’s nachts vindt een zeer intensieve productie van dit hormoon plaats, waarmee we worden voorbereid op de ochtend en de dag. Belangrijke beslissingen zou je daarom beter ’s ochtends kunnen nemen, en contracten per definitie niet ’s middags moeten ondertekenen.’

    De toename van de prestatie ’s ochtends en na de middagpauze onderscheidt zich echter in kwaliteit. ’s Ochtends zijn de meeste mensen heel goed in staat zich te concentreren en andere cognitieve prestaties te leveren. Daarom is het ook onzinnig om in intellectuele beroepen moeizame besprekingen om 10 uur ’s ochtends te houden. ‘Je komt vol enthousiasme en daadkracht naar kantoor en verslapt na korte tijd alweer tijdens de vergadering,’ zegt Zulley. ‘Vervolgens erger je je aan de verspilde tijd en denk je dat het toch niet meer de moeite waard is om voor de lunch iets productiefs te beginnen.’ Het zou beter zijn om bijeenkomsten om 12 uur of 2 uur ’s middags te laten plaatsvinden.

    De middagpiek vanaf 3 uur, die tot ongeveer 6 uur duurt, manifesteert zich niet zo sterk als die in de ochtend. En hij heeft meer betrekking op de snelheid en kracht waarmee een handeling wordt uitgevoerd. Wie op kantoor zit, kan in die tijd voortvarend routineklusjes afhandelen. Voor sport of lichamelijk veeleisende bezigheden is de late namiddag eveneens ideaal. Bij grote wedstrijden wordt echter niet zozeer rekening gehouden met het bioritme van de atleten, als wel met de belangen van de televisiezenders en de sponsors.

    Niet de klok aan de muur, maar de klok in ons is bepalend

    De hoogtepunten van de dag zijn ook afhankelijk van het type slaap – of je een avondmens met een ochtendhumeur bent of iemand die altijd vroeg uit de veren is. De prestatiepieken in de ochtend en in de middag kunnen zich hierdoor twee tot drie uur eerder of later voordoen. De een is om half 8 ’s ochtends al in staat tot scherpzinnige observaties, tegen een ander moet je voor tienen helemaal niet praten.

    De veronderstelling dat je ’s ochtends eerst op gang moet komen om je prestatieniveau te halen, is echter onjuist. De mens voldoet zijn dagelijkse verplichtingen volgens een bepaalde cyclus: op de opleving ’s ochtends volgt het golfdal ’s middags, vervolgens een nieuwe piek in de namiddag, terwijl het tegen de avond weer afvlakt, maar sommige mensen later op de avond weer een kortstondige dadendrang vertonen.

    Cycli en ritmes

    Dat geldt ook voor de prestatie van topsporters, die gedurende de dag tot 25 procent fluctueert en daarmee het verschil kan uitmaken tussen een overwinning en een nederlaag. In 2015 bleek uit een studie met topatleten dat hun toppunt overdag afhankelijk was van hoelang ze al wakker waren. Wie al om 7 uur was opgestaan, bereikte circa vijf uur later zijn optimum, dus tegen twaalven. Kwamen de sporters pas tegen half 9 uit bed, dan waren ze in de namiddag bijzonder fit. Wie daarentegen tot 10 uur sliep, had tien wakkere uren nodig en was pas tegen 8 uur ’s avonds in topvorm. Niet de klok aan de muur, maar de klok in ons is bepalend.

    Ook het energieverbruik is onderhevig aan dagelijkse schommelingen, zoals onderzoekers van de universiteit van Harvard onlangs hebben aangetoond. In volledige afzondering en zonder de invloed van licht en donker wordt in de namiddag en op de vroege avond in rust ongeveer tien procent meer energie verbrand dan vroeg in de ochtend – reden waarom werknemers in ploegendienst en mensen die in een vliegtuig voortdurend van tijdzone veranderen sneller aankomen. Hun stofwisseling is zo van de wijs gebracht dat de gebruikelijke energiebalans verstoord raakt.

    En zijn er voor intimiteit ook optimale tijdstippen? Jürgen Zulley wil seks niet degraderen tot hulpmiddel om in slaap te komen, maar er is veel wat pleit voor de avond en de nacht. Tenslotte zijn er dan minder prikkels van buitenaf – en de sensibiliteit voor andere prikkels neemt toe. Dat geldt tegenover een geliefde in positieve zin voor reuk en tastzin, maar in negatieve zin voor storende geluiden (snurken!) en licht.

    De cycli en ritmes die de dag bepalen zijn van buitenaf nauwelijks te beïnvloeden. Dat merken mensen die veel vliegen bij een jetlag en werknemers in ploegendienst bij de dienstwisseling, omdat de inwendige klok het dan aan de stok krijgt met de uitwendige. ‘Gewoonte maakt echter veel verschil, het lichaam maakt zich de tijd eigen,’ zegt Zulley. ‘Sporters zouden daarom op een gegeven moment moeten gaan trainen op het tijdstip dat de wedstrijd plaatsvindt.’ En desnoods kan ook een avondmens zich aanwennen om ’s ochtends om half 7 een rondje te gaan joggen – maar hij zal er waarschijnlijk nooit veel lol aan beleven.

    En je moet de omschakeling willen. Charles Bukowski heeft zich altijd afgezet tegen een burgerlijk bestaan en schreef zijn weerzin tegen de wereld mede toe aan de volslagen ongepaste tijden om op te staan: ‘Hoe kan een mens het verdomme nou fijn vinden om ’s ochtends om half 7 door een wekker uit zijn slaap te worden gerukt, uit bed te springen, zich aan te kleden, eten naar binnen te werken, zijn tanden te poetsen, te schijten, te pissen, zijn haar te kammen en zich door een verkeerschaos heen te worstelen naar een plaats waar hij een heleboel poen voor een ander verdient, en dan ook nog dankbaar zijn voor de gelegenheid dat te mogen doen?’

  • The Midnight Sky: ‘Het leek zo’n goed idee’

    The Midnight Sky: ‘Het leek zo’n goed idee’

    Recensenten over de nieuwe Clooney op Netflix.

    Netflix zou een datagestuurde benadering hebben bij het creëren van haar ‘content’, maar je hebt geen computers nodig om je te vertellen 
    dat The Midnight Sky een goed idee was, schrijft Rohan Naahar van de 
    Hindustian Times. Een van de bekendste acteurs ter wereld – George Clooney – in de hoofdrol, een script dat klinkt als een mix van twee Oscar-winnende films – Gravity en The Revenant –, die beide ook nog eens kaskrakers werden.

    Clooney zelf was dan ook groot fan. Hij kreeg het script door Netflix opgestuurd omdat de rol bij hem zou passen, maar liet het hoofd van de filmafdeling weten dat hij precies wist hoe deze film geregisseerd moest worden: ‘Veel dialoog eruit, zodat het een soort melancholische meditatie wordt.’ Hij noemt de film, citeert de Financial Times, ‘een schitterend verhaal over wat we elkaar kunnen aandoen als we niet opletten, en als we niet naar de wetenschap luisteren’ – met een verwijzing naar de tijd waarin we leven.

    Ondanks visuele flair en interessante animatie ‘een saaie aangelegenheid’

    Maar de recensenten delen zijn mening niet. Salon noemt de film, waarin Clooney na een apocalyptische gebeurtenis in 2049 op de Noordpool achterblijft en de zorg op zich neemt voor een zevenjarig meisje, ondanks visuele flair en interessante animatie ‘een saaie aangelegenheid’. Leonard Maltin schrijft op zijn eigen filmsite dat hij tijdens het kijken steeds het gevoel had de film eerder te hebben gezien, ‘zo bekend zijn de plotlijnen en (…) actiescènes’. Omdat Clooney als gewoonlijk samenwerkt met de besten, aldus Maltin, ziet het resultaat er fantastisch uit. ‘Maar zelfs de buitengewoon getalenteerde componist Alexandre Desplat [verantwoordelijk voor de filmmuziek] wordt verslagen door zo’n onopvallend scenario.’

    ‘Laat dit een les zijn,’ concludeert ook Naahar. ‘In de haast om met George Clooney te werken, lijkt iedereen over het hoofd te hebben gezien dat het script dringend moest worden bijgeschaafd.’  

    The Midnight Sky is sinds 23 december op Netflix te zien.

  • ‘We moeten heel anders tegen de tijd aan gaan kijken’

    ‘We moeten heel anders tegen de tijd aan gaan kijken’

    In het Westen zijn we gewend door de bril van de lineaire vooruitgang te kijken. Volgens de Britse filosoof Julian Baggini – en populaire films/series als Tenet en Dark – is het tijd voor een geheel nieuwe visie. Zo heeft het tijdsbegrip van bijvoorbeeld de oorspronkelijke Australiërs meer weg van de ruimtetijd van de moderne natuurkunde.

    Dit stuk verscheen eerder in #152

    Het is een van de wonderlijke mysteries in de geschiedenis van de mensheid dat de eerste schriftelijke wereldbeschouwingen in verschillende delen van de wereld min of meer gelijktijdig tot bloei kwamen. De eerste sporen van zowel de Indiase, Chinese en Griekse wijsbegeerte als die van het boeddhisme zijn te herleiden tot een periode van zo’n driehonderd jaar die begon in de achtste eeuw voor Christus. Die oude wereldbeschouwingen hebben hun stempel gedrukt op de manier waarop veel mensen hun leven inrichten, religie beleven en aankijken tegen de grote vragen die ons allemaal bezighouden. 

    De meeste mensen komen zelden met een expliciete formulering van de filosofische veronderstellingen die aan hun eigen denken ten grondslag liggen, ze zijn er zich vaak niet eens van bewust. Maar veronderstellingen over de aard van het ik, over goed en kwaad, wat waarheid is en wat we in het leven moeten nastreven, zijn diep verankerd in onze cultuur en vormen ons denken, zonder dat we het beseffen.

    Neem bijvoorbeeld het idee van tijd. Overal ter wereld is tijd tegenwoordig een lineair begrip, onderverdeeld in heden, verleden en toekomst. Onze dagen worden ingedeeld door de klok, onze levens door kalenders en agenda’s, en de geschiedenis door tijdlijnen die millennia bestrijken. Nu bestaat in alle culturen wel een begrip van heden, toekomst en verleden, maar in de geschiedenis van de mensheid heeft dat begrip heel lang berust op een idee van tijd als een cyclisch verschijnsel. 

    De gedachte dat het verleden ook de toekomst is en de toekomst ook het heden, dat het einde in het begin ligt besloten. De dominantie van ons lineaire tijdsbegrip gaat goed samen met een eschatologisch wereldbeeld waarin de hele geschiedenis van de mensheid toewerkt naar een laatste oordeel. Vandaar wellicht dat dit lineaire tijdsbegrip in het overwegend christelijke Westen gaandeweg de vanzelfsprekende manier van denken is geworden. Toen God de aarde schiep, begon hij daarmee een verhaal met een begin, een midden en een eind.

    ‘Nu bestaat in alle culturen wel een begrip van heden, toekomst en verleden’

    Maar er zijn ook andere manieren om naar tijd te kijken. Tal van wereldbeschouwingen gaan ervan uit dat het begin en het einde altijd een en hetzelfde zijn geweest en de tijd in wezen cyclisch is. Dat is ook de meest intuïtieve manier om je zoiets als de eeuwigheid te kunnen voorstellen. Als we de tijd visualiseren als een lijn, stelt ons dat immers voor een raadsel: wat gebeurde er dan voordat de tijd begon? Hoe kan een lijn doorlopen zonder ooit een eindpunt te bereiken? Met het beeld van een cirkel kunnen we ons voorstellen dat de tijd voor- of achteruit kan gaan zonder ooit een eind te bereiken.

    Vooral in premoderne samenlevingen lag het zeer voor de hand om de tijd als cyclisch te zien. Daarin werden zelden nieuwe uitvindingen gedaan, zodat je een leven leidde dat niet of nauwelijks verschilde van dat van je grootouders of overgrootouders en de vele generaties daarvoor. Vandaar wellicht dat een cyclische tijdsopvatting in zo’n beetje iedere beschaving de uitgangspositie lijkt te zijn geweest. Zo werd tijd beleefd door de Maya’s, de Inca’s en de Hopi. Je vindt nog steeds elementen van cyclisch denken over tijd in tal van niet-westerse tradities, misschien nog het duidelijkst in de klassieke Indiase filosofie. 

    Zoals de Indiase filosoof en staatsman Sarvepalli Radhakrishnan schreef: ‘Alle [orthodoxe] systemen accepteren de idee van het grote wereldritme. Lange perioden van schepping, behoud en ontbinding volgen elkaar op in eindeloze afwisseling.’ Een passage uit de Rig-Veda [het oudste van de vier godsdienstige hindoegeschriften die bekendstaan als de Veda’s] over Diaus en Prithvi (hemel en aarde) luidt bijvoorbeeld: ‘Welk van de twee was de eerste, welke de laatste? Hoe is het ontstaan? O wijzen, wie weet het? Zij dragen alles in zich wat bestaat. Dag en nacht wentelen om elkaar als op een rad.’

    De Oost-Aziatische wereldbeschouwing is diepgeworteld in de kringloop der seizoenen, die weer deel uitmaakt van de grotere kringloop van het bestaan. Dat is vooral goed te zien in het taoïsme en wordt mooi geïllustreerd door het verhaal over de filosoof Zhuang Zi, die leefde in de vierde eeuw voor Christus en die zich na de dood van zijn vrouw niet verdrietig maar verrassend vrolijk betoonde. Aanvankelijk was hij net zo bedroefd geweest als ieder ander, legde hij uit. 

    Toen had hij teruggedacht, niet alleen aan zijn vrouw maar aan wat daarvoor kwam, aan het begin van de tijd zelf: ‘In al die chaos en verwarring veranderde er iets en er was qi. En het qi veranderde en werd vorm. De vorm veranderde en zij werd levend. En nu is er weer iets veranderd en is ze dood. Het is als de kringloop van de vier seizoenen: lente, zomer, herfst en winter.’ In de Chinese wereldbeschouwing zijn wijsheid en waarheid eeuwige waarden en moeten we niet streven naar vooruitgang om meer te leren, maar alleen proberen te behouden wat we al hebben.

    Cyclische verjonging

    In de islamitische wereldbeschouwing zijn cyclisch en lineair denken met elkaar verknoopt. ‘De islamitische opvatting van tijd berust in wezen op de cyclische verjonging van de mensheid door de verschijning van verschillende profeten,’ zegt Seyyed Hossein Nasr, emeritus hoogleraar islamstudies aan de George Washington University. Maar elke cyclus bracht de mensheid ook een stapje verder, elke openbaring bouwde voort op de vorige, tot aan de laatste openbaring toe, de influistering van het woord Gods in de vorm van de Koran aan de profeet Mohammed. 

    Deze reeks van opeenvolgende cycli zal uiteindelijk worden afgesloten met de komst van de Mahdi, veertig jaar voor het laatste oordeel. Er is dus niet altijd een overzichtelijk onderscheid tussen lineaire en cyclische tijdsopvattingen. Vanuit de gedachte dat die twee elkaar uitsluiten, gaat men er vaak bij voorbaat van uit dat orale filosofische tradities wel een cyclisch tijdsbegrip zullen hebben. De werkelijkheid is complexer. Neem de wereldbeschouwing van de oorspronkelijke bevolking van Australië. 

    In de hitfilm Tenet en de populaire serie Dark wordt al creatief gespeeld met het begrip tijd.

    Er was daar niet één volk met één gedeelde cultuur, maar over het hele continent vertonen de verschillende inheemse culturen wel genoeg onderlinge overeenkomsten om wat voorzichtige conclusies te kunnen trekken over de ideeën die daar gemeengoed of dominant zijn. Volgens de antropoloog David Maybury-Lewis is tijd in de inheemse Australische cultuur cyclisch noch lineair, en heeft het tijdsbegrip van de inheemse volken meer weg van de ruimtetijd van de moderne natuurkunde. Tijd is voor hen nauw verbonden met plaats in wat hij de ‘droomtijd’ noemt, van ‘heden, verleden en toekomst die allemaal op deze plaats samenkomen’.

    ‘Je leeft meer in ruimte dan in tijd,’ schrijft Stephen Muecke in zijn boek Ancient and Modern: Time, Culture and Indigenous Philosophy. Belangrijker dan het onderscheid tussen lineaire en cyclische tijd is de vraag of tijd losstaat van plaats of daar nauw mee verbonden is. Neem bijvoorbeeld ons denken over de dood. In het Westen wordt de dood vooral gezien als het overlijden van het individu, waarbij het lichaam de locus van dat overlijden is en de locatie van dat lichaam er niet toe doet. 

    Muecke daarentegen schrijft: ‘Bij inheemse opvattingen over de dood van het individu gaat het vaak niet zozeer om de dood van het lichaam als om een terugkeer van de energie naar de oorsprong, naar de plek waar die energie vandaan kwam en nu naar terugkeert.’ Hij verwijst naar de opvatting van de Australische onderzoeker Tony Swain dat het idee van lineaire tijd eigenlijk verweesd is geraakt van dat van plaats. 

    ‘Ik heb zo’n idee dat de moderne natuurkunde die twee dimensies van elkaar gescheiden en verder bewerkt heeft, en door een heel proces van experimenteel en theoretisch werk is gekomen tot het tijdsbegrip zoals wij dat kennen,’ vertelt Muecke mij. ‘Als je die dimensies niet theoretisch en experimenteel van elkaar scheidt, heb je de neiging om ze als één geheel te zien.’ Zijn inheemse vrienden praten niet zozeer over tijd of plaats afzonderlijk, als wel over gebeurtenissen op specifieke locaties. De centrale tijdsvraag is bij hen niet: ‘Wanneer is dit gebeurd?’ maar: ‘Hoe verhoudt deze gebeurtenis zich tot andere gebeurtenissen?’

    still from the clock by christian marclay on exhibit at the los angeles county museum of art 4
    @ Still uit de video-installatie ‘The Clock’ van Christian Marclay

    Die ‘verhouding’ is belangrijk. Tijd en ruimte zijn in de moderne natuurkunde theoretische abstracties geworden, maar in onze cultuur zijn het concrete realiteiten. Er is niets wat alleen als een coördinaat op een kaart of een moment in de tijd bestaat: alles staat in verhouding tot al het andere. Om de tijd en ruimte van orale wereldbeschouwingen te begrijpen, moeten we die dus niet zien als abstracte concepten van metafysische theorieën, maar als levende begrippen die een onlosmakelijk deel zijn van een wereldbeeld dat is geworteld in de gedachte van verbondenheid. 

    David Mowaljarlai, een belangrijk leider van het Ngarinyin-volk in West-Australië, noemde dit principe van verbondenheid ooit ‘patroondenken’. In patroondenken vloeien natuur en samenleving in elkaar over, zijn dat geen twee aparte werelden maar delen van één groter geheel. In de woorden van Muecke: ‘Het concept van verbondenheid is natuurlijk de basis van alle verwantschapssystemen. […] Trouwen is dan niet alleen een manier om met iemand te zijn, maar ook om elkaar in zekere zin te delen.’

    Die nadruk op verbondenheid en plaats levert een manier van denken op die indruist tegen het abstracte universalisme dat tot op zekere hoogte in alle grote schriftelijke wereldbeschouwelijke tradities terug te vinden is. Een van de ‘blijvende [inheemse Australische] principes’ is volgens Muecke dat ‘iemands gedrag altijd samenhangt met de specifieke middelen en behoeften van een tijd en plaats, en zekere verantwoordelijkheden met zich brengt die eigen zijn aan die plaats.’ Dit is geen ‘anything goes’-relativisme, maar de erkenning van het feit dat rechten, plichten en waarden alleen binnen een concrete menselijke cultuur kunnen bestaan en dat de exacte vorm ervan zal afhangen van de aard van die concrete situatie.

    ‘Inheemse vrienden praten niet over tijd of plaats, maar over gebeurtenissen op specifieke locaties’

    Vooruitgang

    In het Westen wordt de dominantie van het lineaire tijdsbesef doorgaans in verband gebracht met een vooruitgangsgeloof dat zijn apotheose bereikte in de Verlichting. Zoals de filosoof Anthony Kenny het beschrijft: ‘Bij het zoeken naar idealen had men tot die tijd altijd teruggekeken: naar de vroegchristelijke kerk, de klassieke oudheid of een mythisch tijdperk voor de zondeval. Een kernpunt in de leer van de Verlichting was juist dat de mensheid niet van een eerdere hoogte gevallen was, maar een steeds betere toekomst tegemoetging.’ 

    Dat is een wijdverbreid beeld, maar anderen denken dat het geloof in vooruitgang diepgewortelder is, en wel in het eschatologische wereldbeeld van het christendom. Zo schrijft de filosoof John Gray dat seculiere denkers ‘de voorzienigheid afwijzen, maar toch blijven denken dat de mensheid op weg is naar een universeel doel’, ook al is ‘de hele idee van historische vooruitgang een mythe die is ontstaan uit de behoefte aan zingeving’. 

    Maar of de Verlichting het vooruitgangsgeloof nu zelf heeft bedacht of van het christendom heeft geleend: het beeld van humanisten als aanhangers van een naïef geloof in onstuitbare lineaire vooruitgang lijkt me een karikatuur van hun – veel bescheidener, en op historische feiten berustende – hoop dat er in het verleden daadwerkelijke vooruitgang is geweest, en er dus meer vooruitgang mogelijk is.

    Gray heeft alleen wel gelijk dat we in het Westen alles door de bril van de lineaire vooruitgang zien, en daardoor blind dreigen te raken voor valse vooruitgang en werkelijke achteruitgang. Die zienswijze bevordert bovendien een soort superioriteitsgevoel van het heden jegens vroegere, zogenaamd minder ‘ontwikkelde’ tijden. En beneemt het zicht op de mate waarin de geschiedenis zich niet herhaalt, maar wel vaak rijmt (zoals de 19e-eeuwse Amerikaanse schrijver Samuel Clemens alias Mark Twain gezegd schijnt te hebben). 

    De verschillende wijzen waarop in uiteenlopende wereldbeschouwelijke tradities over tijd wordt gedacht blijken zeker niet alleen maar metafysische curiositeiten te zijn. Ze bepalen de manier waarop wij denken over onze temporele plaats in de geschiedenis én onze verhouding tot de fysieke plaats waar we leven. Het is een van de gemakkelijkste en duidelijkste voorbeelden van hoe een ander cultureel denkraam ons een nieuwe kijk op de wereld kan bieden. Alleen al door een schilderij in een andere lijst te hangen gaat het er soms heel anders uitzien.

  • Godinnen van de art nouveau. Houvast in verwarrende tijden

    Godinnen van de art nouveau. Houvast in verwarrende tijden

    Lieflijke maagden, wrede minnaressen, vrome madonna’s.

    Kunstenaars van de art nouveau (1890– 1914) putten hun inspiratie vooral uit de natuur, en decoreerden hun gebouwen, interieurs en gebruiksvoorwerpen rijkelijk met motieven uit de wereld van planten en dieren – maar ook met vrouwen. De vrouw is rond 1900 namelijk droom én nachtmerrie van een hele generatie die de werkelijkheid probeert te ontvluchten. Lieflijke maagden, wrede minnaressen, vrome madonna’s en andere clichés bepalen de boekillustraties van Aubrey Beardsley, de sieraden van René Lalique en de affiches van Alphonse Mucha.

    Ze staan voor hogere idealen, universeel menselijke gevoelens of tijdloze deugden

    De tentoonstelling laat zien dat achter deze mythische wezens vaak een diepere betekenis schuilt. Technologie en wetenschap hebben eind negentiende eeuw nieuwe inzichten en vrijheden gebracht, maar de vooruitgang heeft ook angst en twijfel gezaaid. In dat spanningsveld is het niet zozeer de schoonheid van godinnen, nimfen, feeksen, engelen en feeën die kunstenaars aantrekt, maar vooral hun symbolische waarde. Ze staan voor hogere idealen, universeel menselijke gevoelens of tijdloze deugden, en geven houvast aan een samenleving in verwarring – tegelijkertijd strijden de eerste feministen voor onderwijs, kiesrecht en een eigen carrière.


    Godinnen van de art nouveau is vanaf 20 januari 2021, Allard Pierson, Amsterdam, allardpierson.nl

  • Frisse duik

    Frisse duik

    Actuele gebeurtenissen in beeld. Geen nieuwjaarsduik, wel winterzwemmen in open water.

    Het is een ware gezondheidstrend geworden: winterzwemmen in open water. Helemaal nu veel mensen bezig zijn hun immuunsysteem te versterken om een coronabesmetting goed door te komen.

    Dat winterzwemmen goed is voor de weerstand hebben ook deze mensen, die een frisse duik nemen in Serpentine Lake in het Londense Hyde Park, ter harte genomen. Helaas voor fans van een koud bad is de traditionele nieuwjaarsduik in Scheveningen dit jaar afgelast – ook al vanwege dat allesbepalende virus.

    ANP 425986285
    © Henry Nicholls / Reuters

  • In Madrid gaat de show nog steeds door

    In Madrid gaat de show nog steeds door

    In de Spaanse hoofdstad zijn de theaters sinds juli weer open, een uitzondering in Europa. Hoe kan dat in een stad die onevenredig hard is getroffen door de pandemie?

    ‘Het applaus was overweldigend en de bijna duizend toeschouwers waren ontroerd. Een beetje zoals de wereld voor covid-19, maar dan met een mondkapje op’, schrijft Spanjecorrespondent Sandrine Morel in Le Monde. Ze bezocht deze week de opera Don Giovanni van Mozart (in de versie van Claus Guth) in het Teatro Real, het operahuis van Madrid. ‘Een eigenaardige ervaring. Wat ongetwijfeld te maken had met het vreemde gevoel onder het publiek zo bevoorrecht te zijn in een wereld waar de cultuur tot stilstand is gekomen’, aldus Morel.

    Terwijl wereldwijd de meeste grote operahuizen zijn gesloten, zoals The Metropolitan Opera in New York, Convent Garden in Londen en La Scala in Milan, is het Teatro Real al sinds juli weer open, zij het met een lagere bezetting. Zelfs toen in september en oktober de tweede golf de Spaanse hoofdstad hard trof – meer dan 43 procent van de bedden op de intensive care waren door coronapatiënten bezet – en een nieuwe lockdown dreigde, bleef in de regio Madrid het grootste deel van de culturele programmering in stand, aldus Le Monde. Dat uit contactonderzoek bleek dat er geen clusters waren te herleiden tot theaters was voor het regiobestuur reden genoeg om de zalen open te houden. Op dit moment daalt het aantal besmettingen in Spanje weer.

    dongiovanni 1
    Don Giovanni van Mozart in het Teatro Real in Madrid op 16 december 2020, in de versie van Claus Guth. Alleen de hoofdrolspelers dragen geen mondkapje. – © Javier del Real

    ‘In zes maanden tijd hebben we geen uitbraken gehad’, verklaart Marta Rivera de la Cruz, regiominister voor Cultuur en Toerisme – en romanschrijver – tegenover Le Monde. ‘Het was belangrijk om het culturele weefsel in stand te houden. Daarom hebben we deze zomer en herfst veel festivals georganiseerd en hebben we theaters financiële steun geboden, op voorwaarde dat ze weer opengaan.’ De enige beperkingen zijn de verplichting van een mondkapje voor het publiek en een maximale bezetting van 75 procent, met één vrije zitplaats tussen iedere twee personen of groepen die een reservering maken – wat de maximale bezetting in de praktijk op ongeveer 65 procent brengt, legt Le Monde uit.

    ‘Het theater en de cultuur moeten hun best doen om altijd open blijven’, aldus de directeur van Teatro Real, Ignacio García-Belenguer, tegen persbureau Associated Press. ‘We geloven dat dat onze taak is.’

    Protest

    Maar op 18 september ontstond er in het Teatro Real een protest onder toeschouwers die vonden dat ze niet genoeg afstand konden houden, meldt El País. Bezoekers die een kaartje hadden voor de balkons, zagen dat er geen stoelen vrij waren gehouden om mensen van elkaar te scheiden. Ook mensen die vooraan zaten verklaarden tegen het dagblad dat er onvoldoende mogelijkheid was om voldoende afstand te bewaren: ‘Er was geen enkele stoel vrij, we zaten als haringen in een ton.’

    Nog voor de voorstelling van start ging, begonnen aanwezigen met hun voeten te stampen en in hun handen te klappen om hun ongenoegen te uiten. Het theater kondigde aan dat mensen hun geld terug konden krijgen als ze wilden vertrekken en dat daarna de opera zou worden aangevangen. Maar vanwege aanhoudende chaos in de zaal, besloot de dirigent de voorstelling alsnog af te gelasten, aldus El País.

    ‘Ik voel me ongelooflijke geluksvogel om hier te mogen zijn’

    In een verklaring zegt het theater dat maar 51,5 procent van de stoelen waren verkocht en dat na de mogelijkheid om te vertrekken nog ‘een kleine groep bleef protesteren om de uitvoering te boycotten’. Toch zegt el Teatro Real dat het gaat onderzoeken hoe het zo mis heeft kunnen gaan, en dat het de nodige maatregelen zal nemen om te zorgen ‘dat komende voorstellingen gewoon hun doorgang kunnen vinden’, meldt El País. Hoewel het theater zich altijd aan de geldende regels heeft gehouden, besloot het om sindsdien één stoel na elke twee stoelen vrij te laten, meldt AP.

    dongiovanni 2224
    In het Teatro Real wordt van elke bezoeker de temperatuur opgenomen bij binnenkomst, en er zijn chirurgische mondkapjes en handgel te verkrijgen. – © Javier del Real

    De operazangers zijn in ieder geval blij dat het theater open blijft. ‘Ik voel me ongelooflijke geluksvogel om hier te mogen zijn’, zegt de Britse bariton Christopher Maltman tegen Le Monde. In Madrid vermijdt hij uit voorzorg het uitgaansleven, hoewel bars en restaurants tot middernacht open zijn: ‘Als ik positief test, verlies ik mijn baan. En ik heb ook een verantwoordelijkheid tegenover mijn medespelers.’

    Achter de schermen draagt iedereen mondkapjes, op het podium alleen de koorleden. Iedereen die in het theater werkt wordt wekelijks getest, de zangers zelfs om de twee dagen. Dagelijks worden de kostuums ontsmet met ultraviolet licht en het luchtverversingssysteem is aangepast. Verder heeft het Teatro Real een medisch team ingeschakeld die de veiligheid van de voorstellingen moet garanderen, aldus Le Monde. Na elke positieve test reageerde het theater onmiddellijk door vaak tot 50 mensen te testen die in contact waren geweest met de besmette persoon.

    Ook voor het publiek zijn extra maatregelen genomen, legt Associated Press uit. Zo wordt ieders temperatuur opgenomen bij binnenkomst, en zijn er chirurgische mondkapjes en handgel te verkrijgen.

  • Aanbevolen door de redactie. Kerstkiekjes uit de jaren 50 & meer

    Aanbevolen door de redactie. Kerstkiekjes uit de jaren 50 & meer

    De Spaanse Nobelprijswinnaar Santiago Ramón y Cajal schreef al in 1905 een verhaal waarin de bevolking werd gecontroleerd door middel van een vaccin. Verder: Kerstkiekjes uit de jaren vijftig en zestig, de communist met een voorliefde voor kerstkalkoen; het dandy-achtige leven van Friedrich Engels & meer aanraders van de 360-redactie.

    Omdat 360 niet alles kan vertalen wat de redactie leest, ziet en hoort, tippen wij voor u enkele interessante artikelen, documentaires, podcasts en fotoreportages die wij deze week zijn tegengekomen.

    Complotdenkers

    Een artikel uit El País onthult een weinig bekende kant van Nobelprijswinnaar Santiago Ramón y Cajal, die in 1905 een sciencefictionverhaal schreef over het beheersen van mensen door middel van injecties.

    Een tip van editor at large Katrien Gottlieb: ‘Nu het vaccin dichterbij komt, wordt het verzet tegen deze inenting ook groter. We hoorden in eigen land al dat het vaccin niks anders is dan een chip die wordt ingespoten zodat elk individu in de gaten gehouden kan worden door de overheid. Nu blijken die theorieën van alle tijden te zijn. Hoe zit het nou ook alweer, was er eerst sciencefiction en daarna pas de zichtbare werkelijkheid? Dit (Engelstalige) stuk uit El País is een goed en speels tegengeluid voor de complotdenkers onder ons. 

    Kerstkiekjes

    Redacteur IJsbrand van Veelen stuitte op een bijzondere fotocollectie. ‘Dit beeldblog van vier jaar geleden is onverwoestbaar: 43 kiekjes van Amerikaanse vrouwen die in de jaren ’50 en ’60 poseren naast hun kerstbomen. Dat levert niet alleen een schitterend tijdsbeeld op, maar roept ook intrigerende vragen op over de levens van de geportretteerden.’

    De scherpe journalistieke pen van Taub

    Ben Taub is journalist van The New Yorker, het onvolprezen Amerikaanse magazine met schitterende longreads. Taub heeft op zijn 29ste al een indrukwekkende lijst van prestigieuze journalistieke prijzen op zijn naam staan, waaronder de Pulitzer Prize for Feature Writing van dit jaar voor zijn artikel ‘Guantanamo’s Darkest Secret’, over Mohamedou Ould Salahi, die van 2002 tot 2016 zonder aanklacht werd vastgehouden in Guantanamo Bay. 

    Redacteur IJsbrand van Veelen tipt in de huidige editie van The New Yorker zijn zeer lezenswaardige artikel ‘Murder in Malta’, een longread waarin hij de achtergronden van de moord op de Maltese journaliste Daphne Caruana Galizia in 2017 blootlegt. 

    Latijns-Amerikaanse luisterverhalen

    Radio Ambulante is een Spaanstalige podcast van de Amerikaanse publieke omroep NPR. Elke aflevering komt er een Latijns-Amerikaans verhaal aan bod, soms over migranten in de VS, vaker over alles ten zuiden daarvan. De podcast wordt gepresenteerd door de Peruaanse schrijver Daniel Alarcón (fijne, warme stem) en biedt mooie, uitstekend geproduceerde reportages op locatie.

    ‘Prachtige en afwisselende verhalen,’ tipt redacteur Joep Harmsen. ‘Soms zijn het actuele verhalen, soms tijdloos, maar altijd vanuit een persoonlijk perspectief. Een aflevering die me in het bijzonder heeft geraakt is “Los cassettes del exilio”. In deze aflevering interviewt Alarcón de Chileen Dennis Maxwell, die op zolder oude videobanden van zijn vader vond. Zijn vader was tijdens de dictatuur van Pinochet naar Parijs gevlucht, en stuurde vanaf daar videobanden met persoonlijke boodschappen en verslagen van zijn wereldreizen aan zijn achtergebleven kinderen. Een ontroerend verhaal dat het grote politieke samenbrengt met het kleine persoonlijke, precies waar Radio Ambulante voor staat.’

    Engels, de communist met een voorliefde voor kerstkalkoen

    In deze longread voert de Amerikaanse auteur Christopher Sandford Friedrich Engels, medestichter van de de marxistische theorie, aan als ‘levend bewijs van de essentiële humaniserende tegenstrijdigheden van de mens’. Engels verdiende circa 1000 dollar per maand, een constructie van zelf toegekende bonussen, onkostenvergoeding en winstuitkering, in een tijd dat een dokter goed was voor $200. Bij zijn dood liet Engels het moderne equivalent van $4 miljoen achter in een portefeuille van aandelen in van alles, van zijn plaatselijke gasbedrijf tot het koloniale investeringsfonds van de Britse regering. ‘Ik ben niet zo simpel om over deze zaken de socialistische pers te raadplegen’, schreef hij aan socialist Eduard Bernstein. Daarvoor had hij The Economist.

    Sandford: ‘Het zegt iets over de ambivalentie van het vermogen van de mens tot gepassioneerd altruïsme en zijn eeuwige zoektocht naar materiële bevrediging dat de belangrijkste architect van Het Communistisch Manifest ook een fijnproever en oenofiel zou kunnen zijn met een bijzondere voorliefde voor het traditionele kerstkalkoen, afgerond met een genereuze portie van wat hij “tipsy-cake” noemde en een liefdevolle aanraking, zo niet meer, met iedere vrouw die onvoorzichtig genoeg was om onder de maretak te belanden.’

    Een relevant verhaal in onze huidige cancel culture, zegt hoofdredacteur Laura Weeda, waarin die ambivalentie van de mens te vaak over het hoofd wordt gezien.

  • ‘De koningin van het vrouwelijke empowerment’

    ‘De koningin van het vrouwelijke empowerment’

    Eindelijk is er een overzichtswerk te zien van het oeuvre van Artemisia Gentileschi: adembenemende schilderijen van een zestiende-eeuwse kunstenares die in haar werk het leed van vrouwen toonde. ‘Caravaggio is er een brave borst bij.’

    Verbanden zijn met een beetje fantasie overal te vinden, is het toeval dat de National Gallery in Londen het werk van Artemisia Gentileschi (1593-ca. 1656) nu laat zien? De beste vrouwelijke Italiaanse kunstenaar van de Europese barok stierf toen de pest door Napels raasde. Althans, dat wordt door historici verondersteld. Veel is er over haar dood niet bekend, behalve dat ze zou zijn begraven in de kerk van San Giovanni dei Fiorentini in Rome. Zelfs de grafsteen waarop HEIC ARTIMISIA (‘hier ligt Artemisia’) zou hebben gestaan, was al verdwenen toen in 1812 bekend werd dat die ooit had bestaan. 

    Eregalerij

    Gelukkig zijn er genoeg wetenschappers die belangrijke kunstenaars uit vervlogen tijden bestuderen en opnieuw in de aandacht brengen. Het leven van Artemisia – ze werd meestal bij haar voornaam genoemd om haar niet te verwarren met haar vader Orazio, ook schilder – kende genoeg succes om haar blijvend in de eregalerij van grote schilders te plaatsen. Invloedrijke klanten onder de Italiaanse adel kochten haar doeken en ook in koninklijke kringen was ze geliefd. Na de laatste gedocumenteerde handeling, een belastingafdracht in augustus 1654, bleef het lange tijd stil rond Artemisia. De stijl veranderde en haar werk raakte uit de mode. 

    Nu is er dan eindelijk weer een grote tentoonstelling gewijd aan haar oeuvre. Volgens directeur Gabriele Finaldi van de National Gallery een ‘hell of a job’, vanwege delicate onderhandelingen met geldschieters en andere logistieke obstakels. Maar er moest een voorbeeld worden genomen aan de tegenspoed die de kunstenares zelf had ondervonden en die ze met ‘pure wilskracht en talent’ had weten te overwinnen. Finaldi hoopt zelfs dat de gelukkigen die de tentoonstelling in Londen kunnen bezoeken ‘ook voelen dat we moeilijke situaties zoals de coronacrisis kunnen doorstaan’.

    Artemisia schilderde op haar zeventiende al een eerste meesterwerk, waar het leed dat vrouwen in de zestiende eeuw werd aangedaan van afdroop. In Suzanna en de ouderlingen probeert Suzanna zich vol walging de ouderlingen van het lijf te houden. Niet bepaald een voor de hand liggend onderwerp. Behalve dat Artemisia zelf aan den lijve zou ondervinden hoe het is om vernederd en verkracht te worden. 

    Lucretia by Artemisia Gentileschi 1 1
    Lucretia.

    Vader Orazio had de bekende schilder Agostino Tassi uitgenodigd om zijn dochter perspectief te leren schilderen. Na afloop verkrachtte Tassi haar. Hij werd aangeklaagd, maar curieus genoeg niet omdat hij een elleboog tussen de dijen van de achttienjarige had geduwd en haar tegenstribbelen met zijn andere arm had gesmoord, nee, omdat hij weigerde met haar te trouwen. 

    Volgens kunsthistorici zou deze ervaring de jonge barokschilder enorm hebben beïnvloed en haar werk woest en en sensueel tegelijk hebben gemaakt. De herwaardering van de zestiende-eeuwse maestra komt in die zin ook overeen met de huidige tijd, waarin paal en perk wordt gesteld aan de vrijheden die het andere geslacht zich te lang heeft kunnen permitteren. Of zoals Jonathan Jones in The Guardian schrijft: ‘Vendetta was een recht in die wereld, zeker als de eer was geschonden.’ Alleen gold dat uitsluitend voor mannen. Artemisia eiste hetzelfde recht op dat ze als vrouw maatschappelijk ontbeerde, maar schilderend als geen ander wist te gebruiken. 

    #MeToo

    De herwaardering van Artemisia’s werk, schrijft Rebecca Mead in The New Yorker, komt uiteraard niet alleen doordat dit goed aansluit op het tijdperk van afrekeningen in het kader van #MeToo, maar doordat men opnieuw is gaan kijken naar haar technische vaardigheid, haar vernuft en dan vooral haar beheersing van het dramatische clair-obscur, een verhoogd spel van licht en schaduw. 

    Gentileschi Artemisia Lot and his Daughters 1635 1638 1
    Lot en zijn dochters.

    Een van haar beroemdste schilderijen hangt er natuurlijk ook. (Er zijn overigens meer dan honderddertig werken aan Artemisia toegeschreven, maar slechts de helft ervan is officieel erkend als door haar geschilderd.) Het doek dat ze op haar negentiende maakte en dat haar reputatie als superster vestigde, is dat van de bijbelse Judith die de vijandige Assyrische legeraanvoerder Holofernes onthoofdt, geholpen door haar dienstmeisje. Het gaat volgens Rebecca Mead steeds over haar zelf geclaimde recht op expressie – ook wat onderwerpen betreft die alleen aan mannelijke collega’s waren voorbehouden. Om al haar schilderijen te interpreteren als uitingen van een wraakzuchtige catharsis, zou haar overigens tekort doen. 

    Volgens Eleanor Nairne van The New York Times is deze Judith wat Artemisia bedoelde toen ze tegen haar Siciliaanse beschermheer Don Antonio Ruffo zou hebben gezegd: ‘Ik zal uw heerschap laten zien waartoe een vrouw in staat is.’ Nairne wijst op de plukjes haar tussen Judiths knokkels als ze Holofernes’ schedel vastgrijpt om de slagader in zijn nek door te snijden. ‘Caravaggio is er een brave borst bij.’

    Artemisia’s Judith stuitte op weerstand vanwege het expliciete vertoon van geweld – van een vrouw

    De Judith van Artemisia is ‘een schop in je maag’, schrijft The Art Newspaper. ‘Niemand schilderde gutsend bloed zoals zij.’ Het schilderij waarop de twee vrouwen met een serene daadkracht hun taak volbrengen broeit, kolkt, spuwt en klopt. Het stuitte dan ook niet verbazend op weerstand vanwege het expliciete vertoon van geweld – van een vrouw. Op verzoek van de groothertogin van Toscane  werd het zelfs ergens weggestopt het Palazzo Pitti in Florence. 

    Dat Judith onthoofdt Holofernes nu weer te zien is, maakt de tentoonstelling alleen al de moeite waard. Zeker in de context van ander werk van de schilder, die door BBC News werd omschreven als ‘de Beyoncé van de kunstgeschiedenis’. 

    Koningin

    De lovende kritieken stroomden al binnen; Alastair Sooke van de Britse Telegraph beschouwt de tentoonstelling als een briljante showcase van ‘de koningin van het vrouwelijke empowerment’. 

    Letizia Treves, de curator van de tentoonstelling in Londen, vindt dat Artemisia als een soort pan-Europese beroemdheid moet worden gezien, ‘op een gelijk niveau als Rubens of Van Dyck’. 

    Samson und delilah 2 1
    Samson en Delilah.

    Kritiek op de schilder is er ook. Artemisia zou zich hebben aangepast aan de mores van de tijd, en zelf geen stijl in gang hebben gezet. ‘Ik kan bijvoorbeeld geen enkele Artemisia-leerling noemen,’ zegt Treves – om er onmiddellijk aan toe te voegen dat er in die tijd vast geen mannelijke kunstenaar was die haar leerling wilde te zijn. 

    Konden we het Kanaal maar over, als verstekelingen tussen de vaccins, om de rijke pigmenten, de weelderige texturen en de hartverscheurende, wulpse emotie in het echt te kunnen zien.

  • Italiaanse journalist geeft Legion d’Honneur terug

    Italiaanse journalist geeft Legion d’Honneur terug

    Zeer vereerd maar nee, bedankt. Dat is kort samengevat de reactie waarmee de 85-jarige Italiaanse intellectueel Corrado Augias zijn Legion d’Honneur teruggeeft. Vanwege de moord op een Italiaanse student in 2016, weigert Augias de belangrijkste onderscheiding van Frankrijk te delen met de Egyptische president Abdel Fattah al-Sisi, die deze week dezelfde onderscheiding ontving.

    Corrado Augias, wiens vader in Frankrijk werd geboren, is een Italiaanse journalist, schrijver en tv-presentator. Hij schreef onder meer voor de gerenommeerde Italiaanse krant La Repubblica en voor de weekbladen l’Espresso en Panorama. Daarnaast heeft hij verschillende historische misdaadromans op zijn naam staan. Hij werd populair in Italië als presentator van tv-programma’s over mysteries en bijzondere historische voorvallen, die hij tot vorig jaar presenteerde. Als politicus was Augias in de jaren negentig Europees Parlementslid voor de sociaaldemocratische PDS, die inmiddels is opgegaan in de Italiaanse Partito Democratico. 

    Augias kreeg zijn Legion d’Honneur in 2007, maar toen hij vernam dat al-Sisi afgelopen week tijdens een staatsbezoek met dezelfde eer is onderscheiden door de Franse president Macron, liet hij weten de versierselen te retourneren. Vandaag brengt hij ze persoonlijk terug naar het Palazzo Farnese in Rome, waar de Franse ambassade is gevestigd, zo schrijft de Franse krant Libération. ‘Naar mijn mening had president Macron het Legion d’Honneur niet mogen toekennen aan een staatshoofd dat objectief gezien medeplichtig is aan gruwelijke misdaden‘, liet Augias gisteren weten aan de Italiaanse krant La Repubblica.

    Een bloedende wond

    De beslissing van Augias heeft alles te maken met wat hij ‘een bloedende wond’ noemt voor alle Italianen: de moord in Egypte op Giulio Regeni, een Italiaanse student aan de universiteit van Cambridge. Op 3 februari 2016, tien dagen na zijn verdwijning in Caïro, werd het lichaam van de 28-jarige promovendus gevonden langs een snelweg. Autopsie toonde aan dat hij dagenlang was gemarteld: gebroken botten en handen, vijf ontbrekende tanden, gebroken ribben, armen en benen. Volgens zijn moeder herkende ze haar zoon uiteindelijk aan het puntje van zijn neus.

    Al vanaf het begin van het onderzoek dat volgde, klaagden Italiaanse onderzoekers over tegenwerking door Caïro bij het verkrijgen van informatie. Het regime van president al-Sisi trok voortdurend rookgordijnen op, door maandenlang met wisselende verklaringen over de tragedie te komen, uiteenlopend van een auto-ongeluk, tot represailles vanwege vermeende criminele activiteiten, tot betrokkenheid bij spionage. Ondanks alle pogingen om sporen uit te wissen en ondanks het gebrek aan medewerking door de autoriteiten in Caïro, liet het parket van Rome afgelopen donderdag weten vier Egyptische officieren, inclusief een generaal, voor de rechter te dagen.

    Diezelfde dag noemde het Franse programma Quotidien van TF1 het staatsbezoek van al-Sisi aan Frankrijk, een paar dagen eerder, een ‘verborgen ceremonie’. ‘Hadden we alleen de beelden van de persdienst van het Elysée geloofd, dan hadden we gedacht dat de Egyptische president al-Sisi maar heel even in Parijs was.‘ Op wat beelden na van een ontmoeting tussen Macron en al-Sisi, werd er in Frankrijk weinig persmateriaal over het staatsbezoek verspreid, wellicht ‘om critici niet te veel te voeden’. Maar volgens Quotidien werden in Egypte daarentegen beelden van het bezoek naar hartenlust verspreid door de persafdeling van al-Sisi, ‘met maar één doel: president al-Sisi verheerlijken’.

    ‘De man die 60.000 mensen opsloot wordt getrakteerd op de heilige Graal van de diplomatie’

    Op die beelden is te zien dat ‘de man die 60.000 mensen opsloot omdat ze het met hem oneens zijn’, wordt gefêteerd en ‘getrakteerd op de heilige Graal van de diplomatie: een driedaags staatsbezoek, met alle pracht en praal. Een ontmoeting met Emmanuel Macron, een ceremonie in de Invalides, een warm welkom door de burgemeester van Parijs, de Republikeinse garde op een voor de gelegenheid leeggehaalde Place de l’Etoile, een ontmoeting met de voorzitter van de Senaat en een gala onder de verguldsels van het Elysée-paleis.’ Én het ceremonieel waarmee al-Sisi het Legion d’Honneur krijgt opgespeld door Macron. 

    Dat leidde tot de woede van Corrado Augias, die zijn ongenoegen aan de Franse ambassadeur kenbaar heeft gemaakt in een brief die La Repubblica gisteren in zijn geheel afdrukte: 

    ‘Meneer de ambassadeur, ik geef u de versierselen van het Legioen van Eer terug. Toen deze mij werd toegekend, ontroerde het gebaar me diep. Het was een soort van bezegeling van mijn liefde voor Frankrijk, voor haar cultuur. Ik heb uw land altijd als de oudere zus van Italië beschouwd en als mijn tweede thuis, waar ik al heel lang woon, en ik ben van plan dat te blijven doen. In juni 1940 plengde mijn vader tranen vanwege de agressie van het fascistische Italië tegen het reeds bijna verslagen Frankrijk.

    Ik geef U deze insignes dan ook terug met pijn, want ik was trots om het rode lint in het knoopsgat van mijn revers te tonen. Maar ik wil deze eer niet delen met een staatshoofd dat objectief gezien medeplichtige is van criminelen.

    De moord op Giulio Regeni is voor ons Italianen een bloedende wond, een belediging, en ik had van president Macron een gebaar van begrip zo niet van broederschap verwacht, in naam van het Europa dat we samen zo hard proberen te bouwen.

    Ik wil u niet te naïef overkomen. Ik ben bekend met de werking van zakelijkheden en diplomatie, maar ik weet ook dat er een maat is, zoals de Latijnse dichter Horatius schrijft: ‘Sunt certi denique fines, quos ultra citraque nequit consistere rectum.’ [Er zijn bepaalde grenzen waarbuiten het juiste niet kan bestaan.] Ik geloof dat in dit geval de mate van juistheid ruimschoots is overschreden, wat daarom leidt tot verontwaardiging.

    Met diepste spijt, Corrado Augias’

  • Uitbarsting van vrijgevigheid

    Uitbarsting van vrijgevigheid

    Gerecenseerd: Kunstenaars steunen elkaar

    De Britse kunstenaar Matthew Burrows was altijd al geïnteresseerd in de lastige economische kant van zijn vak, waarover hij ook als mentor doceert. Toen dat aspect dit jaar nog eens flink werd bemoeilijkt, kwam hij met de hashtag #artistsupportpledge. Het idee is simpel, schrijft Lifestyle Asia: kunstenaars bieden werk aan tegen een prijs van minder dan 200 pond of dollar, afhankelijk van de regio. Als een kunstenaar vijf werken verkoopt, zegt deze toe op zijn beurt van een andere aanbieder werk af te nemen. Vanaf de lancering midden maart tot nu is het doe-het-zelfproject explosief gegroeid, met bijna een half miljoen werken en een geschatte omzet van 60 miljoen pond, bericht ArtReview

    Burrows beschrijft zijn steunbetuiging op kunstsite Studio International als een manier om geld te creëren op basis van een ‘cultuur van vrijgevigheid’, waarmee bovendien de poortwachters en machtsstructuren van de kunstwereld worden omzeild. (The New York Times tekent daarbij aan dat het initiatief ‘om zoveel duizenden creatieve individuen te helpen mogelijk werd gemaakt door Instagram, eigendom van Facebook’.) Le Monde spreekt de hoop uit dat ‘deze uitbarsting van vrijgevigheid niet zal eindigen zodra er weer vernissages kunnen plaatsvinden’.

    Schermafbeelding 2020 12 10 om 10.27.44 2
    De oproep Mattew Burrows van op Instagram

    Na (online)tentoonstellingen van de VS tot Maleisië en van Denemarken tot India is binnenkort in De Balie, in Amsterdam, de expositie #artistsupportpledge te zien, waar werk van bijna honderd Nederlandse kunstenaars wordt aangeboden. 

    De tentoonstelling #artistsupportpledge is van 12 december t/m 3 januari te zien op de bovenfoyer van De Balie.

  • Feelgood om de moed erin te houden

    Feelgood om de moed erin te houden

    Gerecenseerd: ‘Hoofdrollen verdoezelen gemakzuchtig script.’

    Twee tegengestelde hoofdpersonages, onverwachte situaties, geslaagde grappen, een vleugje drama en een ontknoping die al tijden in de lucht hangt. Hét recept voor een feel good film. Peter Cattaneo, in 1997 doorgebroken met The Full Monty over strippende fabrieksarbeiders, maakte een nieuwe: The Singing Club. De film is gebaseerd op het verhaal van een groep Britse vrouwen die, terwijl hun militaire eega’s in Afghanistan zitten, een zangkoor vormen. Eerst klinkt het nergens naar, maar algauw…

    De formule blijkt opnieuw ‘onweerstaanbaar’, schrijft Benjamin Lee in The Guardian. ‘Cattaneo weet zijn publiek vaardig te bespelen, al is hij soms te behaagziek en wordt het in andere scènes te larmoyant. Maar ook dan wordt de film gedragen door zijn hoofdrolspeelsters. Zonder Kirstin Scott Thomas en Sharon Horgan zouden we de scriptschrijvers hun missers niet zo gauw vergeven.’

    Ook Paul Byrnes van The Sydney Morning Herald heeft een ‘amusante’ film gezien. Wel vindt hij dat Cattaneo te nadrukkelijk het drama najaagt: ‘We weten heus wel dat die vrouwen doodsangsten uitstaan. Bovendien, met al die muziek komen de tranen vanzelf.’ 

    The Singing Club st 4 jpg sd high 1
    Kristin Scott Thomas (links) en Sharon Horgan in The Singing Club

    ‘De perfecte film om “confinement” en mondkapje achter ons te laten’, vindt Laurent Cambon van de Franse cultuursite A-Voir-A-Lire: ‘Het plezier van de actrices spat van het doek. Daarnaast is het, door de aanstekelijke en toegankelijke Britse liedjes uit de jaren ’90, een geheide aanrader voor leraren Engels.’ 

    Barbara Munker van de Rheinische Post spreekt van een ‘onderhoudende’ film maar mist verrassing en diepgang. ‘Zelden komen de zorgen van de vrouwen tot uiting, laat staan hun kritiek op het Britse leger. (…) Catteneo legt zijn personages nog wel wat obstakels in de weg, maar stevent rechtstreeks af op de finale. Nee, dan zijn strippende mannen toch een stuk vermakelijker.’

    The Singing Club van Peter Catteaneo draait vanaf 19 november in de bioscoop

    Door Diederik Samwel

  • Lachen werkt helend in crisistijd

    Lachen werkt helend in crisistijd

    Is lachen echt het beste medicijn? Het lijkt er wel op, gezien de aanhoudende populariteit van coronavirus-memes op sociale media. De Indiase journalist Charukesi Ramadurai zocht uit waarom mensen zo’n behoefte hebben aan humor in tijden van nood.

    Hoe langer de pandemie duurt, hoe creatiever, oneerbiediger, geestiger en soms ook aanstootgevender de coronamemes worden. Met alles wordt de spot gedreven, zoals het hamsteren van toiletpapier en de angst dat de buren een loopje nemen met hun quarantaine.

    Maar welke functie hebben grappen in een wereldwijde pandemie, waarvan een economische crisis en een eenzame dood op de intensive care de wrange kenmerken zijn?

    Lachen om flauwe grappen in tijden waarin slecht nieuws overheerst lijkt misschien wreed, maar is heel begrijpelijk. Zwarte humor is altijd een mechanisme geweest om somber stemmende situaties het hoofd te bieden.

    Van traumachirurgen tot soldaten: galgenhumor helpt hen om de druk van de ketel te halen. ‘Kilroy was here’, een populaire Amerikaanse graffitispreuk die in de Tweede Wereldoorlog opdook, is te beschouwen als ’s werelds eerste virale meme.

    Ontsnappingsroute

    Zelfs tijdens de Holocaust, toen Joodse gevangenen in concentratiekampen blootstonden aan onvoorstelbare gruwelen, bood humor een ontsnappingsroute, zoals blijkt uit de documentaire The Last Laugh. ‘Het was of we de nazi’s hun macht ontnamen door ze belachelijk te maken,’ zegt een overlevende in de film. Wetenschappelijk is aangetoond dat lachen positieve signalen naar de hersenen stuurt, waarbij endorfine vrijkomt die chemisch reageert met opioïde receptoren in de hersenen, waardoor fysieke pijn en stress worden verlicht.

    img 144413 harikrishnan 212007
    Meme over thuisblijven tijdens de lockdown (door meme-artiest Hari Krishnan). – © Hari Krishnan

    Er valt een parallel te trekken met de pandemie die de wereld nu in gijzeling houdt, waarbij mensen voornamelijk nog via smartphones en sociale media communiceren. Velen nemen het zekere voor het onzekere en blijven zo veel mogelijk thuis. ‘In die situatie is er meestal weinig meer te doen dan rondhangen op internet,’ zegt Matt Schimkowitz, senior redacteur bij de website Know Your Meme.

    Voor mensen die in angst, onzekerheid en isolement verkeren, zijn coronamemes een manier geworden om contact te houden met de buitenwereld en opluchting te ervaren dat anderen in hetzelfde schuitje zitten. Ik kan hierover meepraten, aangezien ik dit jaar van India naar Maleisië ben verhuisd, en daar nog maar een paar weken woonde toen de lockdown inging. Uiteraard had ik nog niet zo veel vrienden gemaakt in mijn nieuwe leefomgeving.

    Balsem voor de ziel

    Opgesloten in mijn nieuwe huis in Kuala Lumpur zocht ik mijn toevlucht tot humor om de angst en verveling de baas te blijven. Toen ontdekte ik dat sommige coronamemes die viraal gingen (sorry voor de woordspeling) balsem voor mijn ziel waren. Ze maakten me aan het lachen en zorgden voor afleiding.

    ‘Op dit moment hebben mensen het gevoel dat alles wat ze doen nutteloos is; ze vechten tegen een gevoel van zinloosheid. Humor werkt goed als uiting van woede en frustratie; het is als een naald die een strak opgeblazen ballon doet knappen en verlichting biedt,’ zegt mijn vriend en reclamemaker Hari Krishnan, maker van diverse populaire memes die inspelen op de lockdown in India. Ik merkte dat ik online ging zoeken naar memes die verband hielden met de pandemie, en dat ik troost vond in het feit dat anderen dezelfde angsten doormaakten als ik.

    ‘Humor is een volwassen manier om je tegen hulpeloosheid te verweren. Je zegt ermee dat je je niet laat kisten’

    Ashok Seshadri, psychiater bij de Mayo Clinic in de VS, bevestigt dit. ‘Gevoelens van hulpeloosheid als gevolg van de pandemie zijn authentiek, en er is geen ontsnapping mogelijk. Dus moeten we een manier vinden om die te verdragen, te doorstaan. Humor is een volwassen manier om je ertegen te verweren. Je zegt ermee dat je je niet klein laat krijgen.’

    Het is niet verwonderlijk dat er elke dag een trits nieuwe memes bij komt. De Reddit-thread CoronavirusMemes, die eind januari het licht zag, heeft nu ongeveer honderdduizend leden. Het doel van de geestelijke vaders: ‘Lachen om corona nu het nog kan, en vreugde verspreiden in tijden van nood.’ Op Twitter zijn tientallen accounts te vinden met namen als TheCoronaMemes en MemesCorona, en het sociale netwerk is zo vriendelijk geweest de beste te bundelen.

    https s3 ap northeast 1.amazonaws.com psh ex ftnikkei 3937bb4 images 6 5 2 1 29841256 1 eng GB 1015TL3
    Meme over thuiswerken (door meme-artiest Hari Krishnan). – © Hari Krishnan

    Na een eerste golf die vooral gericht was op voorlichting en veiligheidsadviezen, kozen coronamemes al snel de verveling van de lockdown en de chaos van het thuiswerken tot onderwerp. Daarna volgden claustrofobie, tirannieke bazen, eindeloze Zoom-vergaderingen en brullende kinderen – allemaal geknipt voor ijzersterke memes

    Richard Dawkins

    Wetenschapper Richard Dawkins gebruikte het woord ‘meme’ voor het eerst; dat deed hij in zijn boek The Selfish Gene uit 1976. Hij bedoelde ermee: elk verschijnsel dat culturele evolutie stimuleert – een dansvorm, een modeaccessoire, een slogan of een komisch personage. Tegenwoordig zijn memes levensvormen die zich na hun geboorte op internet snel verspreiden en muteren, en uiteindelijk een natuurlijke dood sterven.

    Een succesvolle meme moet actueel zijn en de sociaal-culturele tijdgeest weerspiegelen. Hij moet ook weerklank vinden binnen een gemeenschap en raken aan het collectieve bewustzijn van een groep. Daarom werken memes het best als er een herkenbaar personage in zit en er een zekere zelfkennis aan te pas komt. Wanneer het tot een verbijsterde Kento – een pop in de vorm van een aap uit de populaire Japanse tv-show Okiku Naru Ko – doordringt dat zijn routineuze leventje nu quarantaine heet, staat hij in die zin symbool voor ons allen. ‘Een meme is geslaagd als zijn boodschap onmiddellijk de aandacht weet te vangen van iemand die Instagram of Twitter afscrollt,’ merkt Schimkowitz op.

    Wanneer woorden tekortschieten, wanneer emoji’s en gifjes niet afdoende zijn om de ontzetting, frustratie of angst van deze tijden over te brengen, zijn er altijd nog memes om op terug te vallen. Misschien vat deze tweet van begin april het mooi samen: ‘Opdracht voor geschiedenisopstel in 2053: Leg het gebruik en de rol van memes uit als coping-mechanisme tijdens de coronapandemie van 2020.’

  • Politiedrama met duivels dilemma

    Politiedrama met duivels dilemma

    Een ongeloofwaardig maar zenuwslopend verhaal

    FILM – Volgens de statistieken komen uitzettingen maar al te vaak voor in Frankrijk, waar vorig jaar alleen al bijna 24.000 mensen ‘naar huis’ werden gestuurd, schrijft The Hollywood Reporter. Maar in het ‘geoliede maar nogal hardhandige’ politiedrama Police, van regisseur Anne Fontaine, drijft de opdracht drie agenten ‘over de rand en richting het onbekende’.

    Agenten Virginie (Virginie Efira), Aristide (Omar Sy) en Erik (Grégory Gadebois), die elk hun redenen hebben om niet naar huis te willen, worden ’s nachts op een brand in een detentiecentrum afgestuurd. Ze krijgen de opdracht een vluchteling van Tadzjiekse afkomst, Tohirov (de Iraanse acteur Payman Maadi), op de luchthaven van Roissy op het vliegtuig te zetten naar zijn vaderland. Virginie begrijpt al snel dat hun gevangene een politiek vluchteling is die in zijn land de dood riskeert, en komt voor een duivels dilemma te staan, waarin ze haar compagnons betrekt: kiest ze voor haar beroepsmatige of haar morele plicht?

    ‘Nooit leek de reis van Parijs naar Roissy, met een omweg door de noordelijke buitenwijken, zo rijk aan wendingen,’ schrijft Le Monde. ‘De Renault Kangoo wordt getransformeerd tot het theater van een verstikkend samenzijn van vier rauwe personages’, die regelmatig van stuur wisselen. In deze benauwende setting moeten de karakters de film grotendeels dragen, schrijft filmmagazine Screen Daily, waar ze volgens alle kritieken ruimschoots in slagen. Erik is humeurig en zwaar gefrustreerd, Aristide het ene moment lomp, het andere gevoelig en warm, en Virginie geeft niet te veel prijs, maar ‘roept intense emotionele onrust op achter de kalme buitenkant’.

    Wie alleen niet uit de verf komt, is Tohirov, die weinig anders doet dan ‘angstig en bevend’ toekijken. ‘Het komt wel erg goed uit dat de man geen woord Frans of Engels spreekt’, stipt THR aan. ‘Net als sommige andere details in het script is dit hoogst ongeloofwaardig.’ Screen Daily merkt op: ‘In tegenstelling tot de humanistische bedoelingen van de film [komt dit personage] onaangenaam dicht in de buurt van het stereotype (…) van de inwisselbare, onkenbare buitenlander.’

    Vanaf 26 november in de (online)bioscoop.