Onderwerpen: Economie

  • Verkiezingen Ivoorkust verlopen voorbeeldig | Een mazzeltje voor de maffia

    Verkiezingen Ivoorkust verlopen voorbeeldig | Een mazzeltje voor de maffia

    Tot nu toe rustige verkiezingen in Ivoorkust

    Vier maanden nadat de presidentsverkiezingen in Ivoorkust werden ontsierd door geweld, stemden Ivorianen op 6 maart opnieuw. Momenteel wordt het land geleid door de partij RHDP van president Alassane Ouattara.

    Voor het eerst in tien jaar nam het Ivoriaanse Volksfront (FPI), onder leiding van voormalig president Laurent Gbagbo, deel aan de verkiezingen. FPI is onderdeel van een coalitie genaamd ‘Samen voor Democratie en Soevereiniteit’ (EDS). Deze coalitie sloot een verbond met de grootste oppositiepartij, de Democratische Partij van Ivoorkust (PDCI). Henri Konan Bédié – een andere ex-president van Ivoorkust – is de leider van PDCI.

    Deze ontwikkelingen boden hoop op ‘een politieke verzoening binnen een land waarvan de recente geschiedenis wordt gekenmerkt door sterke spanningen en electoraal geweld’, schrijft Abidjan.net.

    Volgens Koaci is het inmiddels vrijwel zeker dat de RHDP zal winnen. Het Afrikaanse portaal meldt dat de formatie van Alassane Ouattara ‘ruim 145 zetels van de 255 in het parlement zal kunnen behalen, met een algemene participatiegraad van rond de 40 procent’.

    ‘In Afrika bezuiden de Sahara is de bekendmaking van resultaten vaak het meest gevoelige moment van de verkiezingen’

    De vraag is nu, merkt het Burkinese dagblad Le Pays op, of ‘de hoofdrolspelers zich [zullen] onderwerpen aan het oordeel van de stembus? Het minste wat we kunnen zeggen is dat de dingen (…) dit keer vrijwel perfect georganiseerd zijn’, aldus de krant.

    De stemming vond zaterdag plaats ‘in rust en vrede’, bevestigt Wakat Séra. ‘Is dit niet enkel “stilte van een geladen geweer”?’ vraagt ​​Le Pays zich af. ‘In Afrika bezuiden de Sahara is de bekendmaking van voorlopige of definitieve resultaten vaak het meest gevoelige moment bij de organisatie van verkiezingen’, aldus de Burkinese krant.

    Maandag stond los van de vrijwel zekere overwinning van de presidentiële partij ook in het teken van de benoeming van secretaris-generaal Patrick Achi als interim-premier, ter vervanging van Hamed Bakayoko, meldt Abidjan.net. Téné Birahima Ouattara, minister van presidentiële zaken en jongere broer van de huidige president, werd benoemd tot interim-minister van Defensie, eveneens ter vervanging van Bakayoko, die ook deze functie bekleedde.

    Volgens Deutsche Welle werd de voormalige premier overgeplaatst naar Frankrijk en vervolgens naar Duitsland, waar hij wordt behandeld tegen kanker. Maar ‘sinds zijn vertrek uit het land zijn er geruchten op de sociale media in Ivoorkust dat de premier het slachtoffer zou zijn geworden van vergiftiging’, merkt de Duitse site op. Volgens haar bronnen zijn deze beweringen ‘ongegrond’.


    Lula mag weer mee in de race tegen Bolsonaro

    Een rechter van het Braziliaanse Hooggerechtshof, Edson Fachin, heeft op maandag 8 maart alle veroordelingen vernietigd van de voormalige president Luiz Inácio Lula da Silva van Brazilië in verband met de onderzoeken naar de anticorruptieoperatie Lava Jato (‘Operatie Wasstraat’), meldt G1.

    Met deze beslissing krijgt de voormalige Braziliaanse president ‘zijn burgerrechten terug’, specificeert de website van de Globo-groep. Volgens de Folha de S. Paulo kan Lula zich nu dus weer kandidaat stellen voor de presidentsverkiezingen van 2022.

    ‘Ongeldige’ aanklachten

    Vanaf nu zullen de verschillende zaken waarbij de voormalige Braziliaanse president betrokken is, worden geanalyseerd door de justitie van het federale district in Brasilia, specificeert de Braziliaanse krant. Lula werd veroordeeld in het kader van een grootschalig onderzoek naar corruptie. De motor achter het onderzoek was de toenmalige rechter Sergio Moro, die later minister werd onder Bolsonaro.

    Volgens de Folha de S. Paulo verklaarde Fachin de beslissingen van de federale rechtbank van Paraná, inclusief de aanklachten tegen Lula, ‘nietig’.

    ‘Mijn onschuld is bewezen en de schuld van de officier van justitie en de federale politie is meer dan bewezen’, zei Lula in een interview met El Pais Brasil, gepubliceerd vóór de beslissing van Fachin. Hij voegt eraan toe: ‘Nu hebben we alleen nog verkiezingen nodig.’

    Vanwege de veroordeling kon Lula niet meedoen aan de presidentsverkiezingen van 2018. Peilingen wezen hem destijds aan als de winnaar, maar Jaír Bolsonaro ging er met de winst vandoor.


    Maffia pikt een flink graantje mee van covid

    Volgens een onderzoek van het Romeinse dagblad La Repubblica zijn 140.000 Italiaanse bedrijven betrokken bij woekerrentes en het witwassen van geld. Dat is twee keer zoveel als vorig jaar. De economische crisis die door covid-19 is veroorzaakt, heeft een ‘potentiële meevaller’ gecreëerd waarvan de georganiseerde misdaad profiteert. 

    ‘Waar je ook bent in Italië, je loopt grote kans een ​​bedrijf tegen te komen dat zojuist van eigenaar is veranderd’, aldus de krant. Dat geldt voor een groot aantal regio’s, maar in het bijzonder voor het zuiden van het schiereiland.

    Het Romeinse dagblad geeft enkele voorbeelden. ‘Tijdens de eerste fase van de pandemie veranderden in de provincie Napels 663 bedrijven van eigenaar, ofwel 2 procent. In Rome werden tussen eind februari en midden oktober 2020 1265 commerciële bedrijven verkocht, wat neerkomt op 1,8 procent.’ Een identiek percentage als dat in Catania, de tweede stad van Sicilië en de tiende meest dichtbevolkte gemeente, waar 168 bedrijven van eigenaar zijn veranderd.

    Veel bedrijven hebben de verwoestende economische gevolgen van de pandemie niet overleefd en moesten failliet gaan

    Zoals de Italiaanse media melden, bieden deze cijfers ‘een significante statistische momentopname van het effect van de pandemie op het nationale economische weefsel’. Veel bedrijven hebben de verwoestende economische gevolgen van de pandemie niet overleefd en moesten failliet gaan. Deze werden vaak opgekocht ‘door mensen die kunnen investeren, die geld in overvloed hebben, zelfs in tijden van diepe crisis’. Een dat profiel, schrijft La Repubblica, doet sterk denken aan een bekende economische speler op het schiereiland: de maffia.

    Kleine troost zou zijn dat de nieuwe regering van Mario Draghi zich terdege bewust is van dit gevaar. Tijdens zijn inaugurele rede verklaarde de nieuwe premier zelf dat ‘er een significant risico bestaat dat de georganiseerde misdaad de economie binnendringt als gevolg van de liquiditeitscrisis’, en dat het bijgevolg noodzakelijk is ‘om de verificaties van de eigendomsveranderingen van bedrijven te intensiveren’.


    Neanderthalers verdwenen langer geleden dan gedacht

    Volgens eerder onderzoek dateerde de resten van de Neanderthaler uit de grot van Spy in België, waar sinds de negentiende eeuw veel overblijfselen zijn gevonden, van 24.000 jaar geleden. Maar volgens een studie die gisteren [8 maart] in het wetenschappelijke tijdschrift Pnas werd gepubliceerd, zijn ze in werkelijkheid tussen de 40.600 en 44.200 jaar oud. 

    Een multidisciplinair team uit België, Groot-Brittannië en Duitsland kwam tot deze conclusie na het ontwikkelen van een nieuwe onderzoeksmethode. De ontdekking wordt gezien als een belangrijke eerste stap om meer te weten te komen over de aard van onze voorganger en om te begrijpen waarom deze uiteindelijk plaatsmaakte voor de moderne mens.

  • Filosoof moet machocultuur in start-ups aanpakken

    Filosoof moet machocultuur in start-ups aanpakken

    De CEO van Kitu Life Inc., een start-up die superkoffie produceert, constateerde een probleem in zijn bedrijf: er werkten alleen maar ‘white dudes’. Dus belde hij een oud-docent van zijn filosofieopleiding.

    Op het hoogtepunt van de #MeToo-beweging, kregen bedrijven als Uber en Facebook te maken met een boycott. Jim DeCicco, de CEO van Kitu Life Inc., was niet helemaal gerust op de cultuur die binnen zijn eigen bedrijf heerste.

    Zowel hij als zijn twee broers – met wie hij samen de in Manhattan gevestigde start-up had opgezet die Super Coffee produceert, een drankje waaraan proteïne is toegevoegd – zijn jong en sportief, het soort mannen dat ze zelf zouden omschrijven als ‘white dudes’, en ook precies het soort mannen dat ze destijds hebben aangenomen in hun bedrijf.

    ‘Soms was het hier net een kleedkamer na een sportwedstrijd,’ zegt DeCicco.

    De sfeer was supercompetitief en het kwam wel eens voor dat een van de teamleden het uiterlijk van een vrouw becommentarieerde, of dat er antisemitische opmerkingen werden gemaakt.

    DeCicco was vastbesloten dit een halt toe te roepen op een moment dat het bedrijf nog betrekkelijk klein was.

    Zijn oplossing? Hij huurde een filosoof in.

    ‘Je kunt niet domweg zeggen dat je belang hecht aan vertrouwen en integriteit. Wat betekent dat in godsnaam?’

    ‘Het leek me een interessante manier om ethische en morele principes en bepaalde normen en waarden te vervlechten in het bedrijf zonder dat er meteen zo’n bureaucratische sfeer zou ontstaan waarin je allerlei HR-protocollen moet volgen,’ aldus DiCicco.

    De filosoof in kwestie was Reid Blackman, een zogeheten consultant ethische risico’s uit Brooklyn. Blackman had twintig jaar in de academische wereld gewerkt. Hij had ethica gedoceerd aan Colgate University, waar DiCicco een major filosofie had gedaan. Toen DiCicco een bericht van zijn voormalig docent op LinkedIn zag staan, stuurde hij hem een berichtje en stelde voor een keer koffie te gaan drinken.

    Witte mannen

    Blackman had al snel door waar de schoen wrong – hij zag een foto van het Kitu-team op LinkedIn. Vrijwel uitsluitend witte mannen. ‘Ik zei meteen: “Dat is vragen om problemen!”’ herinnert hij zich.

    Het was volkomen begrijpelijk dat het zo was gelopen. De drie DeCicco-broers, allemaal in de twintig, zijn opgegroeid in Kingston, New York. Hun ouders werkten bij de plaatselijke YMCA en in de bouw. Jordan, de jongste, ontwikkelde Super Coffee op zijn studentenkamer toen hij aan Philadelphia University zat. Hij stopte met zijn studie om zijn tijd volledig aan het bedrijf te kunnen wijden. Al snel voegden zijn broers zich bij hem, geholpen door hun tantes, die $30.000 in hun bedrijf staken.

    Het drietal huurde een appartement in Lower Manhattan. Ze werkten dag en nacht en namen hun vrienden in dienst. ‘Ons hoofd verkoop was de aanvoerder van Jordans basketbalteam,’ zegt DiCicco. ‘Onze regionale salesmanager was Jakes kamergenoot.’ Wat kon een filosoof voor hen betekenen?

    ‘Filosofie helpt je zin van onzin te onderscheiden,’ zegt Blackman, die zelf ook een zakelijke achtergrond heeft: vijftien jaar lang heeft hij zijn eigen groothandel in vuurwerk bestierd.

    Ethische uitgangspunten zijn niet subjectief, zegt hij, en normen en waarden moeten worden gedragen door je handelen. ‘Je kunt niet domweg zeggen dat je belang hecht aan vertrouwen en integriteit,’ zegt hij. ‘Wat betekent dat in godsnaam?’ Blackman was twee dagen per week op de werkvloer aanwezig en stelde als eerste een ethisch handvest van twee pagina’s op. Hij begon bij de drie broers en betrok gaandeweg het hele Kitu-team bij zijn project.

    Sommige onderwerpen sneuvelden zodra de medewerkers dieper ingingen op de bijbehorende normen en waarden. Zo wilden de broers graag in het handvest opgenomen hebben dat ze zich bekommerden om de arbeiders die de koffiebonen plukken, maar uiteindelijk moesten ze erkennen dat het niet binnen hun macht lag echt iets voor die mensen te doen. Dus dat punt werd geschrapt.

    Wat overbleef: Een toezegging om in een grotere en meer diverse vijver te vissen bij het aannemen van personeel. In het handvest staan concrete actiepunten, zoals: ‘Adverteren op plekken waar niet-witte mannen zijn.’

    Familie

    Het bedrijf zegt sindsdien te zijn gegroeid van een tiental medewerkers, onder wie 2 vrouwen en 2 minderheden, naar 66 medewerkers, waarvan 22 vrouwen en 11 minderheden. Het managementteam bestaat voor twee derde uit vrouwen en het gemiddelde jaarsalaris van de vrouwelijke medewerkers is $75.000 dollar, tegen $64.000 voor de mannen.

    Op het front van het welzijn biedt Kitu inmiddels een onbeperkt aantal vakantiedagen en men zorgt dat het aantal telefoontjes en mails na werkuren beperkt blijft.

    Om een cultuur van samenwerking te stimuleren krijgen ook de vertegenwoordigers een salaris in plaats van commissie. Vergaderingen zijn erop gericht strategieën te delen en ‘hulp’ te herkennen.

    Volgens Blackman, die $500 tot $600 per uur rekent, leidt een goede bedrijfsethiek tot goede resultaten

    Martin Chung, de regionale sales manager, die eerder bij twee andere drankjesstart-ups heeft gewerkt, zegt dat er een duidelijke cultuuromslag heeft plaatsgevonden sinds hij in 2017 bij Kitu is komen werken, en dat hij meer saamhorigheid voelt dan ooit. ‘We beschouwen elkaar als familie,’ zegt hij.

    Maar bij het creëren van een ethische cultuur komt meer kijken dan beleid uitstippelen. Blackman geeft ook workshops waarin Kitu-medewerkers op grond van logica onderwerpen analyseren, zoals de vraag wat nou precies een kwetsende opmerking is, of wanneer iemand zich bot gedraagt.

    Blackman, die $500 tot $600 per uur rekent en die voor allerlei bedrijven werkt, van softwarebedrijven tot een start-up in biochip-implantaten, zegt dat een goede bedrijfsethiek leidt tot goede resultaten. In het geval van Kitu lijkt dat inderdaad het geval.

    Volgens Alliance Sales & Marketing is Kitu zonder meer de snelst groeiende partij binnen het ready-to-drink koffiesegment in Amerika. In het afgelopen kwartaal is de verkoop aan supermarkten meer dan verviervoudigd ten opzichte van het jaar ervoor. Super Coffee is verkrijgbaar in 12.500 winkels verspreid over heel Amerika, waaronder Target en CVS, en de totale omzet over 2019 lijkt in de buurt te gaan komen van de $28 mln, aldus Kitu.

    En ja, het team bestaat nog altijd voor een groot deel uit mannen, en voorgenomen veranderingen zoals anonieme screening van sollicitatiebrieven moeten nog worden geïmplementeerd. Maar Jim DeCicco is blij met de vooruitgang die is geboekt. Iedereen kan een nieuwe koffiedrank op de markt brengen, zegt hij, maar door de bedrijfscultuur zal Kitu in staat zijn het succes ook vast te houden.

    ‘Bij ons werken zeventig gemotiveerde mensen,’ zegt hij, ‘en die hebben een bredere visie dan alleen koffie verkopen.’

  • Een kommetje van een half miljoen | Roken in Milaan verboden

    Een kommetje van een half miljoen | Roken in Milaan verboden

    Groeiende Koreaanse online voedselmarkt

    Door de coronapandemie is de onlinemarkt voor voedselbezorging in Zuid-Korea vorig jaar met bijna 80 procent gegroeid ten opzichte van 2019, zo blijkt uit cijfers van Statistics Korea, die Korea Herald publiceerde. De Koreaanse onlinemarkt voor voedselbestellingen bedroeg in 2020 17,4 biljoen won, € 12,88 miljard, een stijging van 78,6 procent ten opzichte van het jaar daarvoor.


    Singapore klimt uit het dal

    DBS, de grootste bank van Singapore, deed onderzoek naar geanonimiseerde klantaccounts en uit dinsdag gepubliceerde resultaten blijkt dat de stadstaat langzaam uit de door corona veroorzaakte recessie komt, schrijft South China Morning Post. Vorig jaar daalde de Singaporese economie met 5,4 procent, de ergste recessie sinds het eiland onafhankelijk werd in 1965. 

    Uit het onderzoek van DBS blijkt dat in de tweede helft van vorig jaar sprake was van inkomensverbetering en van een opleving van consumptieve bestedingen, vergeleken met april en mei 2020, toen in Singapore een lockdown gold.

    In mei noteerde ongeveer een kwart van de 1,2 miljoen DBS-klanten op hun salarisrekening een loonsverlaging van meer dan 10 procent, maar in december gold dat nog slechts voor een vijfde. Volgens Irivin Seah, econoom bij DBS, bereikte de arbeidsmarkt in oktober vorig jaar een dieptepunt met een werkloosheidspercentage van 4,8 procent. In december verbeterde dat tot 4,4 procent. In diezelfde periode verbeterde de verhouding tussen vacatures en werklozen voor het eerst sinds het vierde kwartaal van 2018.


    Kommetje van een half miljoen

    Een blauw en wit kommetje van porselein dat voor slechts $35 werd gekocht op een rommelmarkt in het Amerikaanse Connecticut, gaat een fortuin opleveren. Het wordt over twee weken geveild door Sotheby’s New York. Geschatte opbrengst: tussen de $300.000 en $500.000.

    Het kommetje uit de Chinese Mingdynastie heeft een doorsnede van slechts 16 centimeter, stamt uit het vijftiende-eeuwse Yongle-tijdperk en is uiterst zeldzaam, aldus ArtNews. Er zijn wereldwijd slechts zes vergelijkbare stukken bekend en die bevinden zich allemaal in de collecties van musea als het Victoria & Albert Museum, het British Museum, het National Palace Museum in Taipei en het National Museum of Iran. 

    Regina Krahl, specialist in keramiek uit het Verre Oosten, noemt de kom in de veilingcatalogus ‘in alle opzichten een typisch Yongle-product, gemaakt voor het hof, met een opvallende, onovertroffen combinatie van schitterend materiaal en schilderkunst met een licht exotisch ontwerp, kenmerkend voor keizerlijk porselein uit deze periode’.


    AstraZeneca stapt uit Moderna

    Met een aandelenpakket van 7,7 procent was het Brits-Zweedse farmaceutische bedrijf AstraZeneca de op een na grootste investeerder in het Amerikaanse biotechbedrijf Moderna. Maar volgens de Britse krant The Times heeft AstraZeneca dat belang nu verkocht voor meer dan een miljard dollar. Volgens de krant zetten de twee bedrijven hun samenwerking op andere gebieden gewoon voort. 

    Aangenomen wordt dat AstraZeneca met de verkoop zijn financiële positie wil versterken vanwege zijn beoogde grootste acquisitie ooit

    De waarde van Moderna-aandelen is in korte tijd fors gestegen vanwege de doorbraak in de ontwikkeling van het vaccin tegen corona. In tegenstelling tot het coronavaccin dat AstraZeneca in samenwerking met de Universiteit van Oxford produceert, verkoopt Moderna zijn vaccin tijdens de pandemie met winstoogmerk en het bedrijf verwacht in 2021 een omzet van $18,4 miljard te behalen door de verkoop van het vaccin. 

    Aangenomen wordt dat AstraZeneca met de verkoop zijn financiële positie wil versterken vanwege zijn beoogde grootste acquisitie ooit: de overname van Alexion, gespecialiseerd in zeldzame ziekten, voor $39 miljard. 


    Britten kopen Grieks vastgoed

    Volgens een recente studie van het Britse Astons, dat adviseert over investeringen in combinatie met verblijfsvergunningen, is Griekenland het meest populaire land voor Britten met een vermogen van meer dan £1 miljoen, €1,16 miljoen, meldt Ekathimerini. Van deze vermogende investeerders zegt 79 procent niet te zijn getroffen door brexit. Voor 68 procent is verbetering van de levenskwaliteit de primaire motivatie om te investeren in buitenlands onroerend goed.

    Een Griekse verblijfsvergunning garandeert visumvrij reizen naar alle Schengenlanden

    De populariteit van Griekenland berust volgens Astons op verschillende factoren. Investeren in Griekse vastgoed is betaalbaarder en veelbelovender dan in het VK. Bovendien kan met een relatief lage minimuminvestering van zo’n €250.000 binnen twee maanden al een verblijfsvergunning voor Griekenland worden geregeld. Bijkomend post-brexitvoordeel voor Britten: een Griekse verblijfsvergunning garandeert visumvrij reizen naar alle Schengenlanden. 

    Spanje en Antigua en Barbuda staan met 11 procent van de stemmen tweede op de wensenlijst van investeerders, gevolgd door Ierland met 8 procent en Italië, Portugal, Malta en Zwitserland met 6 procent.


    Rookverbod in Milaan

    Roken in parken en op veel andere openbare plekken in Milaan is voortaan verboden, schrijft de Romeinse nieuwssite ANSA. Op grond van nieuwe normen voor de luchtkwaliteit die in november werden goedgekeurd, is het ook verboden te roken bij onder meer bushaltes, in stadions, andere sportfaciliteiten en op begraafplaatsen. Roken is op deze plekken overigens nog wel toegestaan als rokers zich op minstens 10 meter afstand bevinden van anderen. Op 1 januari 2025 zal het verbod worden uitgebreid naar alle openbare ruimtes. 

    Van de geïndustrialiseerde steden in Noord-Italië heeft Milaan het meest te lijden van slechte luchtkwaliteit. Daarom worden er ook regelmatig autovrije zondagen afgekondigd.


    Peru staat eenmalig euthanasie toe

    Het Hooggerechtshof van Peru verleent de 43-jarige Ana Estrada toestemming om haar leven te beëindigen en heeft medische autoriteiten opgedragen daartoe een protocol op te stellen, meldt MercoPress. Het Hof zegt dat degene die Estrada helpt te sterven, niet de wettelijke gevangenisstraf van drie jaar zal krijgen. Overigens geldt het besluit alleen in deze zaak.

    Estrada, psychologe en activiste voor een waardige dood, lijdt al meer dan dertig jaar aan een ongeneeslijke ziekte waardoor bijna al haar spieren zijn verlamd. Ze kon haar beroep uitoefenen tot vier jaar geleden, sindsdien dwong de ziekte haar het grootste deel van de dag in bed te blijven.

  • ‘Mijn vader is meer dan zijn winkel.’ Het lot van de kleine winkelier

    ‘Mijn vader is meer dan zijn winkel.’ Het lot van de kleine winkelier

    Meer dan vierhonderdduizend kleine bedrijven in de VS moesten dit jaar sluiten vanwege de pandemie. Ook winkelier Frank Mari wilde het licht al uitdoen en vroeg bijstand aan. Maar hij kwam terug op zijn besluit toen zijn voorraad draadloze speakers de deur uitvloog.

    De eerste keer dat ik mijn vaders Yelp-recensies las, schrok ik. Ze waren niet allemaal positief en natuurlijk las ik de slechtste beoordelingen het eerst. Mijn vader Frank runt een winkel in hifi-apparatuur in San Francisco en repareert zelf de merken die hij verkoopt. Een van de recensenten gaf hem één ster en merkte op dat zijn draaitafels vijf weken onaangeraakt in de winkel hadden gestaan. Het herinnerde me aan alle doordeweekse avonden waarop we tot negen uur in de winkel bleven, zodat hij achterstallige klussen kon afmaken.

    Iemand anders klaagde dat mijn vader de telefoon had opgenomen met de woorden: ‘Wat wil je? Ik heb het heeeeel druk.’ Ik herinner me dat hij dat ooit had geroepen toen ik nog klein was. Hij was in de wacht gezet door de bank of een leverancier, en de tweede lijn bleef maar overgaan. Ik was verbijsterd. ‘Nou, ik hoop dat je het zoooooo druk hebt dat mensen NOOIT meer naar je winkel gaan’, schreef die recensent.

    Maar de haters waren in de minderheid. Onder zijn klanten telde hij [burgemeester] George Moscone (‘heel gewoon’, zei mijn vader) en de dochter van Walt, Diana Disney Miller (‘zo klein als Minnie Mouse en vriendelijk tegen iedereen’). ‘Hij leek mij de enige die ik een lastige en dure klus kon toevertrouwen – en ik had absoluut gelijk’, schreef iemand. ‘Hier krijg je waar voor je geld, al ben je geen audiokenner’, schreef een ander. ‘Ik koop al dertig jaar bij hem. Zou nooit ergens anders naartoe gaan.’ Een ‘juweeltje in de buurt’.

    GettyImages 1228044045 2
    De lockdown heeft veel kleine bedrijven in financiële problemen gebracht. Ook in Londen moesten winkelcentra dicht en konden detailhandelaars alleen nog bestellingen online verwerken. – © Dominika Zarzycka / NurPhoto / Getty

    En er was ook een recensie van iemand die niets van mijn vader had gekocht. Hij had zichzelf buitengesloten uit zijn auto en schreef om mijn vader te bedanken voor het gebruik van de telefoon in de winkel. Zou een werknemer van Walmart dat doen? Mochten ze dat? Grote winkels zijn zo ontworpen dat het personeel zelden naar buiten kan kijken. Ze maken geen deel uit van ‘het ballet op het stadstrottoir’, waar Jane Jacobs over schreef in The Death and Life of Great American Cities. In het Greenwich Village van rond 1950 dat zij vereeuwigde, ontfermden kruideniers zich over sleutels en pakjes voor de buren, en personeel in snoepwinkels hield een oogje op de kinderen. Zelfs de drinkebroers die zich verzamelden onder de smerige, oranje buitenlampen van de White Horse Tavern zorgden voor een veilige straat door die bezet te houden. Toen ik het boek vijftien jaar geleden voor het eerst las, zei ik tegen mijn vader dat hij ook een exemplaar moest kopen bij de boekwinkel verderop in de straat, wat hij ook meteen deed. Het was het eerste boek dat hij las sinds hij de winkel in 1975 had geopend.

    Eind jaren zestig omringde mijn vader zich met zijn middelbareschoolvrienden in zijn slaapkamer in San Francisco en klooiden ze wat met verschillende draaitafels. Als ze waren vertrokken, veegde hij met glasreiniger hun vingerafdrukken van de kastjes en de ramen, een gewoonte die zijn moeder trots aan haar vriendinnen vertelde. In zijn vrije tijd haalde hij dingen uit elkaar om ze daarna weer in elkaar te zetten klokken, radio’s, versterkers – en om zijn studie te betalen nam hij een baantje als reparateur bij een audio-videowinkel. Hij wilde radio-dj worden en presenteerde wekelijks een programma voor de publiekeradiopartner van het College of San Mateo. Maar als ik hem vraag wat hij draaide, kan hij het zich niet meer herinneren. Hij mocht alleen middle-of-the-roadmuziek draaien van het station. En voor hem was de kwaliteit van het geluid net zo belangrijk als de artiesten.

    Hij verhuisde van het reparatiehok van de audio-videowinkel naar de verkoopafdeling – een enigszins pompeuze beschrijving van een ruimte van zo’n vier bij zeven meter met zeeschuimkleurig tapijt en geluiddichte, glazen schuifdeuren. Op een dag liep er een verpleegkundige binnen aan wie hij een videorecorder verkocht. Hij belde haar een paar keer om te vragen of die goed werkte en vroeg haar uiteindelijk mee uit, naar de Dickens Fair (waar alles – en iedereen – uit een roman van Charles Dickens komt). Zijn zus werkte er en had kaartjes voor hem geregeld. Zeven jaar later zette die verpleegkundige, die zeven jaar ouder was dan hij, mij op de wereld. Eind jaren tachtig werd Frank mede-eigenaar van de winkel en in de jaren negentig kocht hij de oprichter uit.

    Harmony Audio Video

    Die winkel, Harmony Audio Video, is 45 jaar lang mijn vaders leven geweest: de reden dat hij elke dag vroeg het huis verliet, de reden dat hij steevast te laat was als hij me van school ophaalde, de reden dat hij 25 jaar lang nooit op vakantie ging. Toen ik opgroeide, werd de winkel ook mijn leven: vanaf de tijd dat de borstkanker van mijn moeder aan het uitzaaien was en ik in de tweede klas zat (ze stierf toen ik tien was), hing ik tot zeven, acht uur achter in de winkel rond voor we aan de rit van veertig minuten langs de kust over Highway 1 begonnen naar het iets betaalbaarder El Granada.

    Het luxe onderwijs dat mijn moeder koos, en dat mijn vader met trots betaalde, leverde een onuitstaanbare twaalfjarige op

    Dat hij me bij zich hield op het werk betekende dat hij niet voor kinderopvang hoefde te betalen. In ruil daarvoor stond hij de tweede telefoon in de winkel aan mij af om met klasgenoten en vrienden te kunnen praten. Als hij met een klant bezig was en ik had een vraag, dan moest ik die opschrijven op een van de honderden blanco briefjes waarop hij maandelijkse aanbiedingen noteerde.

    Knooppunt

    Dankzij de winkel kon ik naar een privéschool in San Francisco (met nog wat extra financiële hulp). En hij bezorgde me een zomerbaantje toen ik op de middelbare school zat: chemicaliën in reageerbuisjes druppelen met een pipet (een van zijn klanten was onderzoeker in een bloedlaboratorium). Ik zal niet zeggen dat de winkel een hoeksteen van de gemeenschap was – niemand heeft goede speakers of een kristalheldere flatscreen-tv echt nodig – maar hij was een knooppunt waar diverse lagen van de bevolking met elkaar in contact kwamen: artsen, techondernemers, Italianen uit de arbeidersklasse, zoals mijn vader, die dol waren op snelle auto’s en luxe speakers, net als de musici en videojongens die hij in dienst had en voor wie hij winstdelingsplannen opzette.

    Dat niemand speakers en tv’s nodig heeft, was iets waar ik een uitgesproken mening over had. De eliteschool die mijn moeder uitkoos, en die mijn vader met trots betaalde, leverde een onuitstaanbare twaalfjarige op. Televisie, zo had ik beslist, was een verspilling, en ik nam elke gelegenheid te baat om tegen mijn vader te zegen dat wat hij deed, nou ja, niet-essentieel was, zoals we nu zouden zeggen. Op een bepaald moment zei mijn vader tegen me dat ik me niet gedwongen moest voelen om ooit in de winkel te komen werken, een ontroerende opmerking omdat het zo overduidelijk was dat ik dat nooit zou doen. Mijn moeder had achteraf altijd iets anders willen doen dan verpleging, en ik wist dat hij wilde dat ik een carrière zou vinden waarin ik me helemaal thuis voelde.

    IMG 1681 1
    Frank Mari. ‘Ik ben een van de laatste hoogwaardige audiojongens. Waarom zou ik als een idioot met mijn hoofd tegen de muur gaan beuken?

    Wat mijn vader ook niet hoefde te zeggen was dat hij van zijn werk hield. Hij vond het heerlijk om een klant te laten plaatsnemen in de namaak-Eames-fauteuil in de audioruimte om harde muziek of een film – Terminator 2Independence DayThe Rock – te laten horen in surroundsound, op dreunende subwoofers. Dat was de soundtrack van mijn jeugd. Hij genoot van apparatuur die nauwgezet de geometrie van geluid overbracht, stekelige geluiden en ronde, scherpe geluiden. Hij las Stereophile en andere vakbladen van begin tot eind, investeerde in nieuwe producten, leerde hoe die werkten. Hij maakte al snel gebruik van technologieën die later gemeengoed zouden worden: cd’s, dvd’s,  Bluetooth, streaming, Sonos. (Niet elke gok leverde iets op. Herinnert u zich de laserdisc? Hij heeft er kasten vol van.) Het voordeel en nadeel van een bedrijf als het zijne is dat de technologie altijd voortschrijdt, waardoor klanten iets kunnen najagen, maar de eigenaar altijd moet rennen om hen in te halen.

    Ik vermoed dat de andere reden voor mijn automatische verzet tegen de winkel is dat die me mijn vaders kwetsbaarheid liet zien. Begin 2000, toen ik op de middelbare school zat, streefde hij ernaar dagelijks gemiddeld voor 2000 dollar aan apparatuur te verkopen – en dat lukte. Maar ‘gemiddeld’ betekende goede en slechte dagen. Zo nu en dan kocht een arts een heel thuisbioscoopsysteem, na alles een uur lang bestudeerd te hebben. Andere keren stelde een advocaat tientallen vragen voor hij liet weten dat hij naar Best Buy [een grote Amerikaanse elektronicaketen] zou gaan. Of het kon gebeuren dat Lou Reed binnenwandelde, op de muziek van Tsjaikovski die uit de speakers kwam begon te kankeren, voor 700 dollar aan Grado-koptelefoons kocht voor een opnamesessie op de Skywalker Ranch en ze door een assistent liet terugbrengen als de sessie achter de rug was. Zondagen en maandagen – zijn vrije dagen – waren het minst druk. Maar al te vaak hoorde hij als hij belde dat er nog niets was verkocht.

    IMG 8715

    Zo was het niet altijd gegaan. Mijn vader was in de winkel begonnen in de glorietijd van de hoogwaardige audio. Sommige merken van topkwaliteit werden alleen verkocht via officiële dealers, die door de bedrijven betaald werden om kennis op te doen. Yamaha stuurde mijn vader naar de Bahama’s en B&W stuurde hem naar hun fabriek in Engeland, een reis waar hij nog steeds de mooiste herinneringen aan heeft. Hij nam mijn moeder mee – er was een toeristisch programma voor wederhelften, vrijwel allemaal vrouwen. Vóór internet werkten audio-videobedrijven met talloze onafhankelijke dealers. Sinds de komst van internet, dat de mogelijke toegangspaden tot consumenten verveelvoudigde, nog maar met enkelen.

    De laatste conferentie die mijn vader bijwoonde vond midden jaren negentig plaats in Phoenix. Hij kwam terug met een bonsaicactus die nu, twintig jaar later, nog steeds gedijt – in tegenstelling tot al het andere in de bedrijfstak.

    Detailhandelaren

    Als je naar Amerikaanse politici luistert, zou je denken dat de regering royale steun geeft aan kleine bedrijven. Maar dat is al een hele tijd meer retoriek dan realiteit. De laatste keer dat drastische federale wetgeving onafhankelijke detailhandelaren stimuleerde, was midden jaren dertig (en of het werkelijk een goede maatregel was, is een andere vraag). De Robinson-Patman Act verbood kwekers, fabrikanten en groothandelaren om ketens korting te geven op de aankoop van grote hoeveelheden, zelfs al werden die besparingen vaak doorberekend aan consumenten in de vorm van lagere prijzen.

    ‘Er zijn veel mensen die menen dat we, als we de democratie in de regering, in Amerika, willen behouden, de democratie in de bedrijfsvoering moeten behouden,’ verklaarde afgevaardigde Wright Patman. Kort daarna nam het Congres een andere wet aan die pro-kleine bedrijven was en waarin werd verboden roofprijzen te hanteren, oftewel goederen met hoge kortingen te verkopen om de concurrentie te vermorzelen.

    GettyImages 1227935445 1
    In San Francisco richtte het coronabeleid ravage aan bij kleine bedrijven die moesten sluiten, heropenen en weer sluiten. – © David Paul Morris / Bloomberg / Getty

    Maar die wetgeving op het gebied van prijsbepaling mislukte goeddeels, omdat grote handelaren simpelweg net iets andere producten inkochten. Het leidde ook tot de opkomst van geraffineerde bedrijfslobby’s. In 1938 diende Patman een voorstel in voor een progressieve federale belasting voor detailhandelaren die in meerdere staten opereerden. Als reactie daarop plaatste kruideniersketen A&P – die later beschuldigd werd van het hanteren van roofprijzen – advertenties in 1300 kranten waarin ze de belasting aan de kaak stelde en de nadruk legde op hun lage prijzen. De wet werd niet aangenomen.

    In datzelfde jaar organiseerde president Franklin D. Roosevelt een conferentie in Washington D.C. voor duizend eigenaren van kleine bedrijven, in de hoop hun steun te krijgen voor de New Deal. Maar het mooie van de kleine bedrijfsleider – een koppige, soms radicale onafhankelijkheid – was ook een politieke zwakte. Het was onmogelijk om de groep ook maar ergens overeenstemming over te laten bereiken.

    In de volgende decennia zou het aantal kleine bedrijven blijven schommelen. Maar sinds de jaren zestig hebben rechters in antitrustzaken zich eerder voorstander betoond van het behoud van lage prijzen voor consumenten dan van de toegang van concurrerende bedrijven tot de markt. Van 1997 tot 2007 nam het omzetaandeel van de vijftig grootste corporaties in driekwart van de bedrijfstakken toe. Lage prijzen mogen goed klinken, maar het resultaat, over een halve eeuw gemeten, is een zo grote ongelijkheid dat veel arbeiders te arm zijn om zelfs die te kunnen betalen.

    Aartsvijand

    Best Buy was ooit mijn vaders aartsvijand. Elke maandag, de enige dag waarop we na school meteen naar huis reden (omdat het immers de vrije dag van mijn vader was), kwamen we via de Central Freeway langs die reusachtige blauwe doos. Mijn vader maakte bijna altijd een sarcastische opmerking over elektronica die ‘gemaakt was om kapot te gaan’ en opgejaagde werknemers. Niettemin verdiende hij aan het begin van deze eeuw door twaalf uur per dag te werken bijna 100.000 dollar per jaar.

    Toen kwamen de iPhone en de alomtegenwoordige onlinewinkels. Internet was niet alleen maar slecht voor mijn vader. Het stelde hem in staat verouderde onderdelen op eBay te kopen en op audiofiele forums te zoeken naar tips voor lastige reparaties. Met een paar klikken kon hij de prijzen zien van de megastores en proberen eronder te duiken. Maar veel klanten stelden zich tevreden met het streamen van muziek op hun laptop, hoe blikkerig het geluid ook was. En over het algemeen begon de bedrijfstak zich meer tegen de kleine bedrijven te keren. Amazon kreeg meer macht en wekte de verwachting van snelle levering en ultralage prijzen, hoewel de koopjes vaak tegenvielen. (‘Ik heb de prijzen opgezocht om te kunnen vergelijken en zag dat Harmony in veel gevallen 1 dollar onder de prijs op Amazon zit’, schreef een klant op mijn vaders Yelp-pagina.) De echte triomf van Amazon is niet een monopolie op prijzen, maar op onze fantasie.

    35 jaar lang was Harmony zeven dagen per week geopend, maar in de jaren na de Grote Recessie besloot Frank om op maandag dicht te gaan, en eventueel ook op zondag. Het aantal werknemers dat fulltime in dienst was begon langzaam af te nemen. De een ging met pensioen, een ander stapte over naar filmmontage. Mijn vader verving hen niet. In mijn jeugd was het vreemd als iemand in zijn eentje een winkel runde, in de afgelopen tien jaar is het de norm geworden. Een gepensioneerde vriend van mijn vader komt soms helpen of wat rondhangen, en brengt alleen de uren waarin hij echt nodig is in rekening. Het enige waarmee mijn vader een beetje geld verdient, zijn installaties op maat – met de nadruk op een beetje. Postindustrieel Amerika is een diensteneconomie; je hebt de rijken en diegenen die hen dienen. Vorig jaar, in San Francisco, een stad beladen met techgeld, betaalde mijn vader zichzelf slechts 12.000 dollar uit; hij investeerde liever meer in de winkel en sprak zijn pensioenfonds aan om de rekeningen te betalen. 

    dyana wing unsplash
    Winkels dicht, rolluiken naar beneden voor onbepaalde tijd. – © Unsplash

    Dus de situatie was al niet best toen de pandemie toesloeg. Op 17 maart vorig jaar was de Bay Area het eerste gebied in de VS waar een lockdown van kracht werd, wat de 45-jarige routine van mijn vader doorbrak – voor zijn eigen veiligheid. Maar het kon hem er niet van weerhouden bijna elke dag naar de winkel te rijden, wat toegestaan was omdat reparatiewerk als een essentiële service werd beschouwd. Hij liet de lichten uit, hield de deur op slot en werkte achter in de zaak, waar hij aan klankborden knutselde en apparatuur soldeerde.

    Nadat hij zich had opgegeven voor de eerste ronde van het Paycheck Protection Program (PPP) hoorde mijn vader dat er geen geld meer was. Het steunfonds, dat werd beheerd door grote banken, neigde ernaar de voorrang te geven aan de grote corporaties waarmee ze al samenwerkten. De Harvard-universiteit, Ruth’s Chris Steak House, Shake Shack en diverse horecabedrijven die bestuurd werden door Monty Bennett, de megadonor van Trump, kregen tientallen miljoenen bij de eerste verdeling; talloze kleine bedrijven kregen te horen dat het geld op was. (Die grote organisaties stortten, met de staart tussen de benen, het geld pas terug na publieke verontwaardiging en aanpassingen aan federale regels om dit soort misbruik te voor-komen.)

    Om het nog erger te maken gebruikte het Congres de Cares Act, die de PPP-leningen had geregeld, om 174 miljard dollar aan belastingvoordelen uit te delen die al lang op de wenslijstjes van vastgoedontwikkelaars, investeerders en het bedrijfsleven stonden. ‘Dit soort obscure belastingmaatregelen zijn niet in het algemeen belang van het publiek,’ zei New York Times-verslaggever Jesse Drucker destijds tegen Terry Gross van NPR. Er is maar een klein aantal belastinglobbyisten dat ze zelfs maar begrijpt. Dit was weer een van die voorbeelden van een systeem dat het grote boven het kleine is gaan bevoordelen.

    Redelijk besluit

    Tijdens de pandemie is mijn vader de paar mensen die nog op zijn loonlijst stonden blijven doorbetalen, onder wie een vroegere verkoper die een levendige, wekelijkse nieuwsbrief schrijft (compleet met filmrecensie). Voor het overige had hij weinig kosten. Toch besefte hij, na twee maanden pandemie, dat de winkel tegen het eind van volgende maand geen geld meer zou hebben. 

    Hij overwoog steun via de tweede PPP-verdeling aan te vragen, maar werd overdonderd door de vereiste informatie en de veranderende regels. (Dat overkwam ook anderen. Vier uur voordat het programma op 30 juni zou sluiten, terwijl kleine bedrijven nog steeds worstelden maar er tegelijkertijd een bedrag van 130 miljoen dollar over was, verlengde de Senaat de deadline voor de aanvraag met vijf weken.) Midden mei nam mijn vader, die nooit een redelijke man was geweest, een redelijk besluit. ‘Ik ben een van de laatste hoogwaardige audiojongens. Waarom zou ik als een idioot met mijn hoofd tegen de muur gaan beuken? Het is tijd om dag met het handje te zeggen.’ Op 68-jarige leeftijd vroeg hij bijstand aan en zei dat hij zich voorbereidde om voorgoed dicht te gaan.

    Ik had hem de afgelopen paar jaar gesmeekt te overwegen met pensioen te gaan, maar nu hij me zijn besluit over de telefoon meedeelde, moest ik mijn best doen om me groot te houden. Als je het op een bepaalde manier bekeek, was mijn vader een van de gelukkigen. Hij had gespaard voor een pensioen en was op de leeftijd dat hij ook met pensioen kon. En toch voelde het als een eerloos einde van 45 jaar werk. ‘Ik ben meer dan alleen mijn winkel,’ zei hij tegen me. Maar bijna zijn hele volwassen leven lang hadden al zijn beslissingen op het tegendeel gewezen.

    En toen, op maandag 15 juni, mochten kleine bedrijven in San Francisco weer open, als ze zich aan de veiligheidsregels hielden. Mijn vader was die dag gesloten, maar hij wilde de grote heropening niet missen, dus werkte hij zes dagen achter elkaar door, zonder zichzelf iets uit te betalen. (Hij had sinds januari nog geen enkele cheque op naam van de winkel geïnd.) Hij had een goed instinct. Draadloze speakers raakten tijdens de pandemie uitverkocht, maar hij had er genoeg in voorraad en mensen die ietsje ouder waren dan ik, zei mijn vader, wilden graag hun plaatselijke winkels steunen. Zijn trouwe klanten – mensen die hij al tientallen jaren kende, mensen in wier kinderen, carrières en kopzorgen hij geïnteresseerd is – verblijdden mijn vader door langs te komen, met een masker voor, met lang haar, sommigen bijna onherkenbaar, om hem te vertellen dat ze nergens anders zouden willen kopen.

    Als je naar Amerikaanse politici luistert, zou je denken dat de regering royale steun geeft aan kleine bedrijven

    Meer dan vierhonderdduizend kleine bedrijven zijn sinds het begin van de pandemie gesloten en nog vele duizenden lopen gevaar, volgens het aan het Brookings Institution gelieerde Hamilton Project. Door het hele land worden buurtwinkels opgeheven; ze zeggen de huurovereenkomst op en hangen met de hand geschreven afscheidsbriefjes op. ‘We zijn bedroefd dat de tijd is gekomen om zai jian (tot ziens) te zeggen’, stond er op een plakkaat bij Ton Kiang, het ‘dimsum-instituut’ van San Francisco. ‘Door de jaren heen hebt u uw bruiloften en verjaardagen met ons gedeeld en mochten wij de overgangen in uw leven en uw familiebijeenkomsten voor u verzorgen… Wij zullen die momenten altijd koesteren en uw vriendschap blijven waarderen.’ 

    Hoeveel van die bedrijven zullen uiteindelijk worden vervangen, en wat zal er verloren gaan als dat niet gebeurt? Het is gemakkelijk om prijzen te vergelijken. Het is moeilijker om de waarde te bepalen van de nukkige onafhankelijkheid van eigenaren van kleine bedrijven, of van hun collectieve belang voor de gemeenschapszin en zelfs voor het idee van Amerika. ‘Wat mij verbaast in de Verenigde Staten is niet zozeer de geweldige grandeur van sommige ondernemingen als wel de ontelbare hoeveelheid kleine ondernemingen’, schreef Alexis de Tocqueville in 1835.

    Mijn vader, die zo blij was om terug te zijn, deed alsof hij me nooit had verteld dat hij de winkel wilde sluiten. Hij zat in de detailhandel (slecht), maar de producten die hij verkocht waren voor thuis (goed). Voorlopig, tenminste nog even langer, zal hij het volume in de geluidsruimte, waar hij thuishoort, weer opkrikken.   

  • Belandt klimaatbeleid na corona weer onderaan de agenda?

    Belandt klimaatbeleid na corona weer onderaan de agenda?

    Dat de hele wereld – in meer of mindere mate – werd platgelegd om corona te bestrijden, had als bijeffect dat ook de CO2-uitstoot omlaagging. Maar heeft het klimaat wel prioriteit als straks de economie weer uit het slop moet worden getrokken?

    Dossier Klimaat

    Nu vrijwel overal ter wereld is begonnen met vaccineren en het einde van de coronacrisis in zicht is, selecteren wij artikelen voor u uit ons archief die onze blik weer op een ander urgent probleem richten: de klimaatcrisis.

    Dit artikel verscheen eerder op 11 juni 2020 in nummer 181 van 360 Magazine.

    Hoe zal de strijd tegen de opwarming van de aarde er over een jaar uitzien, in de wereld na corona? Die vraag wordt dezer dagen vaak gesteld door beleidsdeskundigen en activisten, en het is een vraag met grote implicaties. Sommigen hopen dat de crisis het beste in ons en onze leiders naar boven zal brengen, en dat de heropleving van stevig overheidsingrijpen in deze pandemie perspectief biedt voor de strijd tegen klimaatverandering.

    Anderen vrezen het ergste: dat in het streven om de zwaar getroffen wereldeconomie nieuw leven in te blazen het klimaat straks weer onderaan de internationale agenda zal belanden.

    De optimisten vinden, net als Bill Gates, dat de strijd tegen de pandemie en die tegen de klimaatverandering politiek gezien op hetzelfde neerkomen. In beide gevallen hebben we volgens Gates behoefte aan ‘innovatie en wetenschap en een wereld die samenwerkt’. De manier waarop covid-19 ons leven op zijn kop zet, zal ons volgens de optimisten doordringen van de voordelen van onderlinge hulp en zal beleidsmakers voorzichtiger maken bij toekomstige gevaren; ze zullen meer geneigd zijn om gehoor te geven aan de waarschuwingen van deskundigen, en minder om te blijven denken dat het allemaal wel zal loslopen.

    Krachtige overheid

    Ze hopen ook dat de samenleving als geheel zal erkennen dat de overheid de macht en de taak heeft om doortastend op te treden in het algemeen belang, of dat nu met het opleggen van een lockdown is of met daadkrachtig beleid om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen. ‘De overheid heeft een grote centrale rol in de bescherming van onze veiligheid en gezondheid in tijden van crisis,’ zegt Mark Maslin, een klimatoloog van University College London. ‘We moeten deze nieuwe acceptatie van de dominantie van de overheid in ons leven gebruiken om de economie in ons land en elders een grondslag van grotere duurzaamheid te geven.’

    De optimisten weten zich gesterkt door mensen als Fatih Birol, de directeur van het Internationaal Energieagentschap in Parijs, die de crisis vorige maand omschreef als ‘een historische kans om energie-investeringen de richting van de duurzaamheid op te sturen’. De regeringen van de G20 hebben samen al zo’n 5 biljoen dollar uitgetrokken voor de stimulering van hun eigen economie na de lockdown, en Birol roept ze op om ‘van schone energie de kern te maken van hun plannen ter bestrijding van de coronacrisis’.

    Lees ook:

    Als ze dat doen, zou het een keerpunt kunnen zijn. Nu door de lockdown de vervuiling enorm is afgenomen, voorspelt Glen Peters, directeur van het Center for International Climate Research in Oslo, dat 2020 ‘met goed beleid het jaar kan worden dat de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen zijn historische hoogtepunt heeft bereikt’.

    Maar er gaan ook pessimistischer stemmen op. Die waarschuwen dat de gunstige effecten van de kortstondige lockdown worden overschat. Volgens de meeste analisten zal de daling van de CO2-uitstoot van zeer korte duur zijn. In China daalde die uitstoot in februari met zo’n 25 procent, omdat er veel kolencentrales werden stilgelegd. Maar Lauri Myllyvirta van het Finse Center for Research on Energy and Clean Air zegt dat de verbranding van steenkool eind maart alweer op het oude niveau was.

    ‘De coronacrisis levert in de strijd tegen klimaatverandering meer tijdverlies dan -winst op’

    Wereldwijd zal de daling van de CO₂-uitstoot in 2020 waarschijnlijk heel klein zijn, ergens tussen de 0,5 en 2,2 procent, aldus Zeke Hausfather en Seaver Wang, klimaatwetenschappers van het Californische Breakthrough Institute. [Volgens ramingen die in december door het Global Carbon Project zijn vrijgegeven, is de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen in 2020 met 5,6 procent gedaald.] De CO2-concentratie in de dampkring, de thermostaat van de aarde, zal waarschijnlijk blijven stijgen. ‘Zo te zien gaat de coronacrisis ons in de strijd tegen klimaatverandering meer tijdverlies dan tijdwinst opleveren,’ zegt Hausfather.

    De pessimisten zijn bang dat de crisis op politiek gebied ook eerder een stap achteruit dan vooruit zal betekenen. De combinatie van burgers die angstig zijn en overheden en bankiers die met alle macht proberen de economische groei weer aan te zwengelen zal politieke kortzichtigheid en nationalisme stimuleren. De doemdenkers waarschuwen dat de economische stimuleringspakketten vooral steun zullen bieden aan oude, energie-
    intensieve en fossiele brandstof slurpende sectoren en ruim baan zullen geven aan de verdere plundering van natuurlijke hulpbronnen zoals de regenwouden.

    ‘Het virus heeft een economische crisis veroorzaakt, en de mensen zullen minder bereid zijn te betalen voor het redden van toekomstige generaties,’ zegt Dieter Helm, die als energie-econoom aan de Universiteit van Oxford meerdere Britse kabinetten van advies heeft gediend. Hij vraagt zich af of met de uitbraak van het virus ‘het neutraliteitsstreven wellicht over zijn hoogtepunt is’: dat het eindelijk breed gedragen doel van volledig klimaatneutrale energiewinning rond 2050 straks weer van de politieke agenda verdwijnt.

    Op oude voet

    Volgens de pessimisten zal men ook driftig proberen om ‘belemmerende’ regelgeving terug te dringen door milieuwetgeving te schrappen of simpelweg niet te handhaven. En de ‘oorlog’ tegen het virus zal ten koste gaan van de aandacht voor andere gevaren die ons voortbestaan bedreigen, zoals de klimaatverandering.

    ‘Als er verkeerd mee wordt omgegaan, kan de pandemie alle vaart uit de al genomen maatregelen en beleidsvoornemens halen,’ zegt Andrew Norton, directeur van het in Londen gevestigde International Institute for Environment and Development. Als er biljoenen dollars worden uitgegeven om bedrijven te helpen op de oude voet voort te gaan, ‘houden we geen financiële middelen meer over om te investeren in een emissieloze toekomst’, beaamt Martin Siegert, medeoprichter van het Grantham Institute for Climate Change van Imperial College London.
    Dus welke kant gaat het op?

    De Verenigde Staten zijn slecht begonnen. De Amerikaanse milieu-inspectie heeft al aangekondigd de industrie in deze zware tijden te helpen door de handhaving van de milieuwetgeving grotendeels op te schorten. En het Congres heeft een stimuleringspakket van 2,2 biljoen dollar goedgekeurd waarmee het weliswaar geen belastinggeld stopt in een reddingsplan voor de toch al noodlijdende steenkolenindustrie, maar ook geen duurzaamheidseisen stelt aan de bedrijven die wel steun krijgen. Zoals de luchtvaartsector: hun lobbyisten hebben met succes geijverd voor het schrappen van de voorwaarde dat hun CO2-uitstoot in 2050 gehalveerd moet zijn – ook al had de sector zich daarop al eerder
    vastgelegd.

    Activisten zijn hier boos over en voeren de druk op om aan toekomstige steunpakketten wel milieueisen te verbinden. Maar volgens Ted Nordhaus en Alex Trembath van het Breakthrough Institute zullen ze, om de komende maanden iets te bereiken, ‘minder tijd moeten stoppen in het klimatologische pleidooi tegen de infrastructuur die ze willen afbreken, en meer in de economische onderbouwing van de infrastructuur die ze willen bouwen.’

    Myllyvirta waarschuwt dat ook China’s aangekondigde stimuleringspakket ‘niet rept over de milieu- of klimaataspecten van veel stimuleringsmaatregelen’. En de laatste weken is er ineens een hele reeks nieuwe kolencentrales goedgekeurd. Het enige goede nieuws is dat ook de productie van zonnepanelen enorm is gestegen. Eén Chinese fabrikant, GCL Systems, heeft plannen ingediend voor een fabriek die jaarlijks genoeg panelen kan leveren om 60 gigawatt aan stroom te produceren – de helft van de huidige wereldmarkt.

    screenshot 2020 06 10 at 11 27 15 1

    In Europa heerst meer optimisme. In de woorden van de Britse milieu-econoom en VN-adviseur Nicholas Stern: ‘Dit is het moment om een nieuw internationalisme te smeden en uit deze crisis te komen met een economie die veel duurzamer en weerbaarder is en meer in harmonie met de natuur, om voort te bouwen op onze verbondenheid en gedeelde kwetsbaarheid.’

    Het beeld van ‘afgelaste vluchten, lege winkels en wegen, van consumptie teruggebracht tot het zuiver noodzakelijke, van videovergaderen en thuiswerken, dwingt ons na te denken over alles wat we altijd vanzelfsprekend hebben gevonden,’ zegt Chris Hilson, hoofd van het Reading Center forClimate and Justice van de Universiteit van Reading.

    Green Deal

    De Europese Unie zegt zich met haar stimuleringspakket te willen houden aan de onlangs aangekondigde Green Deal om de CO2-uitstoot terug te dringen. Maar er klinken ook tegengeluiden. De Tsjechische premier Andrej Babis heeft al opgeroepen om de Green Deal op te geven ten bate van de strijd tegen het virus. De Poolse regering pleit voor opschorting van het Europese systeem van emissiehandel, dat grote vervuilers bestraft. En de belangenvereniging van Europese autofabrikanten ACEA roept op tot uitstel van de invoering van de voorgenomen doelen ter verlaging van de CO2-uitstoot.

    Maar Frans Timmermans, de vicevoorzitter van de Europese Commissie die over de Green Deal gaat, twitterde vanuit zelfisolatie: ‘We brengen nu terecht veel offers, maar als er betere tijden komen – en die zullen komen – dan zijn we vastberadener dan ooit om onze mensen en onze planeet te beschermen en te genieten van de natuur die ons omringt.’

    En misschien is dat geen wensdenken. Sommige marktanalisten denken dat deze crisis net het duwtje is dat de wereld nodig had om het oude energiebeleid naar de mestvaalt van de geschiedenis te verwijzen. Zij wijzen vooral op de olieprijzen, die eind maart kelderden tot een niveau dat ze in geen achttien jaar hadden gehaald. En als later dit jaar de rem eraf gaat in de economie, kunnen die lage prijzen weliswaar leiden tot een grote stijging van de vraag, maar door de lage prijzen zijn veel olieputten nu verlieslatend en toekomstige investeringen in nieuwe olie- en gasvelden onrendabel. Volgens deze analisten zou de prijsschok ons dan ook versneld naar de absolute piek in olieproductie kunnen leiden, waarna de oliewinning gestaag zal afnemen.

    ‘Vergroening blijft het komende decennium een aantrekkelijke beleggingsoptie’

    Jessica Alsford, hoofd duurzaamheidsonderzoek bij Morgan Stanley, publiceerde in april een artikel waarin ze op basis van gesprekken met investeerders concludeert dat de ontwikkeling van klimaatbeleid op de korte termijn weliswaar vertraging kan oplopen, maar ‘vergroening het komende decennium een aantrekkelijke beleggingsoptie blijft’. Het dalende rendement van de olie-industrie ‘kan geld vrijmaken voor duurzame energie’. De lage prijzen kunnen overheden er ook toe aanzetten een eind te maken aan de bestaande subsidies voor fossiele brandstoffen en over te stappen op economische stimuleringspakketten voor schone energie. Al met al, schrijft ze, ‘blijkt uit onze analyse dat de huidige crisis het afscheid van fossiele brandstoffen kan versnellen’.

    Valentina Kretzschmar van het energieadviesbureau Wood Mackenzie denkt ook dat het investeringsrendement voor duurzame energie door de lage olieprijzen alleen maar beter wordt: ‘Kapitaal stroomt niet meer alleen naar Big Oil. Projecten voor hernieuwbare energie gaan er opeens net zo aantrekkelijk uitzien.’ Veelzeggend: de grootste schaliegasproducent in North Dakota, Whiting Petroleum, volgens de website nog steeds een bedrijf met een ‘sterk en verantwoord plan voor het creëren van langetermijnwaarde’, heeft op 1 april faillissement aangevraagd.

    Terugslag

    Maar ook als groene investeringen het economische tij meehebben, kan het in de politiek nog heel anders lopen. Optimisten mogen graag beweren dat de door het coronavirus veroorzaakte onzekerheid het publiek weer doet verlangen naar de kennis van deskundigen en daadkracht van bestuurders, zodat de waarschuwingen van klimaatwetenschappers serieuzer genomen zullen worden. Maar sommige pessimisten vrezen juist een rechtse terugslag: dat op de een of andere manier niet het virus zelf, maar de experts de schuld zullen krijgen van de crisis en de nawerking daarvan. Een begin daarvan hebben we vorige maand misschien al gehoord in Trumps speculatie dat de (door experts voorgestelde) ‘remedie niet erger mag zijn dan het probleem zelf’.

    Milieuactivisten krijgen nu al kritiek van libertarisch rechts omdat ze juichen over de afname van de luchtvervuiling, terwijl het virus de economie verwoest. Brendan O’Neill, de hoofdredacteur van het mede door de conservatieve Charles Koch Foundation gefinancierde onlinetijdschrift Spiked, zegt dat ‘deze pandemie ons toont hoe het leven eruit zou zien als de milieuactivisten hun zin kregen’. Carl-Friedrich Schleussner van de internationale denktank Climate Analytics heeft er op de website Carbon Brief al voor gewaarschuwd: ‘Het verhaal dat de economische catastrofe van het coronavirus “goed” is voor het klimaat, is een gevaarlijke boodschap, die de steun voor klimaatmaatregelen kan ondermijnen.’

    De strijd om de steun van de burger is dus begonnen. Nu de VN-klimaattop van november is uitgesteld naar medio volgend jaar, zullen zowel de optimistische als de pessimistische geluiden nog geruime tijd te horen zijn. Het is afwachten of de afgevaardigden op de top van 2021 in Glasgow met verdubbelde kracht zullen trachten de klimaatcrisis af te wenden, of dat het klimaat dan inmiddels nog maar een voetnoot bij de agenda van hun regering is.  

  • Duurzaam dineren is een lucratieve groeimarkt

    Duurzaam dineren is een lucratieve groeimarkt

    In de VS worden klimaatneutrale restaurants steeds populairder. Zeker nu blijkt dat je er ook goed aan kunt verdienen.

    Dossier Klimaat

    Nu vrijwel overal ter wereld is begonnen met vaccineren en het einde van de coronacrisis in zicht is, selecteren wij artikelen voor u uit ons archief die onze blik weer op een ander urgent probleem richten: de klimaatcrisis.

    Dit artikel verscheen eerder op 3 december 2015 in nummer 89 van 360 Magazine.

    Bij Farmers Fishers Bakers, in Washington D.C., zet men zich al zeven jaar lang in voor klimaatneutraal dineren – en dat begint op het moment dat de klant de deur door komt. Een klein bordje nodigt de gasten uit om het restaurant te betreden door de uitbundig versierde draaideur. (Draaideuren, zo heeft een onderzoeksteam van het Massachusetts Institute of Technology ontdekt, zijn acht keer zo energie-efficiënt als traditionele deuren.) Eenmaal binnen in het chique, biologische restaurant, ziet de klant hergebruikt sloophout, herwonnen marmer en waterkaraffen uit een buurtwinkel. Op de menukaart staat uitdrukkelijk vermeld dat de ingrediënten afkomstig zijn van plaatselijke leveranciers en dat de restjes de volgende dag gebruikt kunnen worden voor een voorafje.

    ‘We verleiden de klant met duurzaamheid, verse producten, het aangename gevoel dat je weet waar alles vandaan komt,’ zegt Jennifer Motruk, plaatsvervangend hoofd marketing en communicatie van de Farmers Restaurant Group, waar Farmers Fishers Bakers onder valt, net als de Founding Farmers-restaurantketen. ‘Bij elke beslissing die we nemen stellen we onszelf de vraag: Zou ik hier ook voor kiezen als ik een boer was?’ Men streeft ernaar dat alles wat op tafel staat zo van het land komt, en dat alles in een omgeving die zo veel mogelijk klimaatneutraal is.

    Alles wat er gedaan kán worden op het gebied van duurzaamheid, wórdt ook gedaan. Founding Farmers composteert, recyclet, gebruikt linnen servetten, drukt de menukaarten met soja-inkt op hergebruikt papier, geeft het eten mee in bakjes van afbreekbaar materiaal, gebruikt natuurlijke schoonmaakmiddelen, maakt zelf groente in en bakt het brood ter plaatse.

    14230941594 a60f1ad8ca k 1
    Founding Farmers Restaurant. – © Davis Staedtler

    Deze filosofie wordt doorgetrokken tot op het toilet, met bewegingssensoren en waterbesparende stortbakken. Tot slot wordt de klant op het hart gedrukt dat het bedrijf doet aan klimaatcompensatie via Carbonfund.org, om de schadelijke uitstoot te compenseren van het wekelijkse transport van een kleine duizend kilo graan vanuit North Dakota naar Washington.

    Sinds de eerste Founding Farmers-zaak in 2008 de deuren opende is de keten uitgegroeid tot een concern met vier vestigingen die ongekende populair zijn. Volgens Motruk voeren de Founder Fathers al 49 maanden de lijst aan van restaurants die worden gereserveerd via OpenTable. Daarnaast is de keten ongekend winstgevend. In 2014 bedroeg de omzet meer dan 35 miljoen. En hoewel Founding Farmers slechts een kleine keten is in een industrietak van immense omvang, wordt het concept van klimaatneutraal eten en het verkleinen van de ecologische voetafdruk steeds populairder. Het bedrijf probeert iets te veranderen binnen een energieverslindende bedrijfstak.

    Klanten zijn steeds meer gericht op duurzaamheid, en sommige lokale overheden schrijven dat ook voor

    Het systeem waarin voedsel wordt verbouwd, verscheept, bereid en weggegooid, is wereldwijd verantwoordelijk voor 30 procent van de koolstofemissie. Van elke dollar die een Amerikaan aan eten uitgeeft gaat 47 procent naar een restaurant – en daarvan is het land er bijna één miljoen rijk, afgaande op de cijfers van de National Restaurant Association [volgens de gegevens uit 2015].

    Laura Abshire, hoofd duurzaamheidsbeleid en overheidszaken van de National Restaurant Association, qua ledental de grootste vakbond in de voedselindustrie ter wereld, zegt dat restaurants zich er terdege van bewust zijn dat ze een grote invloed kunnen hebben op het milieu, maar ze willen het natuurlijk ook de klant naar de zin maken. Wat de klant meer en meer wil, zegt ze, is dat de zaak die hij bezoekt begaan is met het milieu.

    foundingfathers 1
    Het filiaal van Farmers Fishers Bakers in Washington D.C.

    ‘Klanten zijn steeds meer gericht op duurzaamheid, en sommige lokale overheden schrijven dat ook voor,’ zegt Abshire. ‘Restaurants hebben er alleen maar bij te winnen. Ze kunnen geld besparen en klanten trekken.’

    In San Francisco opent binnenkort een nieuw restaurant haar deuren, een restaurant dat vanuit een iets andere invalshoek streeft naar een klimaatneutrale bedrijfsvoering. The Perennial is de droom van het echtpaar Anthony Myint en Karen Leibowitz, die al naam hebben gemaakt in de Bay Area met twee andere restaurants met een charitatief oogmerk.

    [The Perennial sloot begin 2019 alweer zijn deuren gesloten, de voormalige eigenaren concentreren zich nu op het adviseren van andere restaurants om duurzamer te werken.]

    Ze zullen gebruikmaken van een bijna tweehonderd vierkante meter grote kas en een ecologisch verantwoorde combinatie van visteelt en hydrocultuur om de voedselrestanten te verwerken en groenten en kruiden voor het restaurant te verbouwen. Ze gaan de samenwerking aan met leveranciers die klimaatneutraliteit hoog in het vaandel hebben staan bij de productie van rundvlees en graan, en ze zullen gebruikmaken van typisch milieuvriendelijke pijlers als energiezuinige keukenapparatuur en een daktuin. Met al die middelen hopen Myint en Leibowitz een aangename, educatieve omgeving te scheppen die duidelijk maakt dat het voedselsysteem ook op een meer verantwoorde wijze kan functioneren.

    Spitsroeden

    ‘Het is lastig omdat klimaatverandering en milieukwesties mensen ook kunnen afschrikken,’ zegt Myint. ‘Het is een beetje spitsroeden lopen om dat aan de kaak te stellen in een restaurant waar mensen het vooral naar hun zin willen hebben.’

    Myint is ook een van de oprichters van een non-profit-consultancy dat een richtlijn met ‘best practices’ beschikbaar wil stellen voor restaurants die hun ecologische voetafdruk willen verkleinen – Zero Foodprint geheten. Ze willen een klimaatneutrale bedrijfsvoering binnen de restaurantwereld presenteren als iets om trots op te zijn, vergelijkbaar met vrijhandel, waarbij chefs of restauranthouders een bepaalde procedure moeten doorlopen om gecertificeerd te worden. Kennis is macht, zegt Myint, en nadenken over klimaatverandering wil nog niet zeggen dat je niet langer zou nadenken over eten. ‘Rundvlees heeft een gigantische ecologische voetafdruk,’ zegt hij. ‘Ik eet nog steeds rundvlees, maar met de kennis die ik nu heb ben ik wel kieskeuriger.’

  • Sekswerkers in Thailand in verzet. ‘Sinds de grenzen dicht zijn kunnen we nauwelijks nog rondkomen van ons werk’

    Sekswerkers in Thailand in verzet. ‘Sinds de grenzen dicht zijn kunnen we nauwelijks nog rondkomen van ons werk’

    Sekswerkers in het mekka van het sekstoerisme vrezen voor hun bestaan nu hun klandizie is weggevallen door corona. Recht op steun hebben ze niet: hun beroep wordt niet erkend.

    Nijchara Lalun heeft haar lippen vuurrood gestift, haar wenkbrauwen zorgvuldig bijgewerkt en haar paarlen oorbellen uit de la gehaald. Het is vrijdagavond in de rosse buurt van Bangkok en Nijchara hoopt op klanten. Normaliter zou dat zo aan het begin van het weekend geen enkel probleem zijn in de Soi Cowboy, de beruchte dwarsstraat waar de neonlichten van de gogo-bars zich aaneenrijgen. Maar de gevolgen van de coronapandemie hebben ook een zware impact op de branche die voorheen in Thailand als uitermate crisisbestendig werd gezien: het sekstoerisme.

    Nijchera zit op een kruk voor de ingang van haar vaste bar. Naast haar zit of staat zeker nog een tiental andere dames in strak zittende kleding op gasten te wachten – tot nu toe zonder resultaat. Een al wat oudere, Europees uitziende man wandelt door de verder uitgestorven straat. Nijchara wenkt hem. De man glimlacht en loopt door. ‘Het is moeilijk geworden om hier nog geld te verdienen,’ zegt ze, ‘sinds de grenzen dicht zijn kunnen we nauwelijks nog rondkomen van ons werk’. 

    Sinds eind maart laat Thailand vanwege de coronapandemie vrijwel geen toeristen meer toe. Het Zuidoost-Aziatische land is er op die manier in geslaagd het aantal nieuwe covid-19-infecties tot vrijwel nul terug te dringen. Maar de prijs hiervoor is hoog: het wegvallen van het toerisme, dat in het verleden goed was voor zo’n 20 procent van de Thaise economie, heeft geleid tot een zware recessie.

    De sekswerkers – vrouwen en mannen – zijn daardoor bijzonder hard getroffen. Op hulp van de overheid hoeven zij niet te rekenen, want hun beroep is illegaal. Als gevolg van de desastreuze situatie ontstaat er nieuw protest tegen oude wetten.

    Paradox

    Al decennia leeft Thailand met een paradoxale situatie: in bepaalde wijken van Bangkok en in de strandmetropool Pattaya oefenen de gogo-bars en de als massagesalon aangeduide bordelen openlijk hun activiteiten uit. Zij hebben Thailand als toonaangevende bestemming voor sekstoerisme op de kaart gezet.

    Circa 300.000 mensen leven in Thailand van sekswerk, schatten maatschappelijk werkers en hulporganisaties. Met elkaar zouden ze na Bangkok de grootste stad van Thailand vormen. Maar deze nog voor kort bloeiende bedrijfstak is officieel een misdrijf: in het land dat zichzelf het land van de glimlach noemt, gelden voor prostitutie gevangenisstraffen die kunnen oplopen tot twee jaar.

    Nijchara bracht het grootste deel van haar werkzame leven door in de wetenschap dat haar werk eigenlijk verboden is. Ze is vijftig en werkt al bijna twintig jaar in de seksbusiness. Daarmee is zij een van de oudst gedienden in de Soi Cowboy.

    ‘Nu krijg ik op veel dagen helemaal geen bezoek; alleen wat lokale klanten en Japanse expats komen mondjesmaat langs’

    Ze heeft al heel wat crises meegemaakt: een tsunami in het zuiden, hevige overstromingen in Bangkok, bezettingen van vliegvelden en militaire coups hadden altijd hun uitwerking op het toerisme. ‘Maar zo hard als nu zijn we nog nooit geraakt,’ vertelt Nijchara. Om haar hals draagt ze een ketting met een Boeddhahangertje – van oudsher een mascotte ter bescherming van zijn eigenaar. Haar klandizie is teruggelopen met circa 70 procent. ‘Nu krijg ik op veel dagen helemaal geen bezoek; alleen wat lokale klanten en Japanse expats komen mondjesmaat langs.’

    Momenteel komt Nijchara op een inkomen van omgerekend ongeveer 600 frank (circa 550 euro) – met inbegrip van een klein salaris als serveerster. Er zijn ongetwijfeld banen waarmee je in Bangkok nog minder verdient. Maar Nijchara kan er niet van rondkomen. Ze ondersteunt haar dochter die studeert. Haar moeder heeft veel zorg nodig en bovendien moet ze elk maand een lening afbetalen.

    Op het hoogtepunt van de crisis heeft ze daarom nieuwe inkomsten aangeboord: via Facebook verkoopt ze zelfgemaakte chilipasta. De opbrengst houdt tot nog toe niet over. Toch prijst Nijchara zich gelukkig dat ze momenteel überhaupt geld verdient. Ze weet dat velen duidelijk slechter af zijn.

    Surang Janyam maakt als maatschappelijk werkster de crisis van de sekswerkers van heel dichtbij mee. Zij geeft leiding aan hulporganisatie Swing die sinds 2004 mensen helpt die hun brood verdienen met seks. Haar kantoor ligt midden in de uitgaanswijk Patpong, een van de centra van Bangkoks seksindustrie.

    Maar op de plekken waar het altijd zo druk was, is het stil geworden. In de go-go-bars die nog open zijn, rijgen de lege barkrukken zich aaneen. Bij de buren hangen aan neergelaten jaloezieën briefjes met het opschrift ‘tot nader order gesloten’. Wat gebeurt er wanneer er niet snel verandering in deze situatie komt? Surang windt er geen doekjes om: ‘Mensen zullen doodgaan’, zegt ze, ‘wat anders, als het onvoldoende is om te overleven?’

    Verlopen visum

    Grote zorgen maakt Surang zich om de buitenlandse sekswerksters. Hun situatie is bijzonder precair. In de kuststad Pattaya waar de seksbusiness tijdens de Vietnamoorlog dankzij ontspanning zoekende Amerikaanse soldaten een massafenomeen werd, is bij sommige etablissementen al het personeel afkomstig uit het nabije Cambodja. 

    Terwijl de bars die vroeger als bordelen dienstdeden gesloten zijn, slaapt het personeel nu op de zolder. Anderen zijn dakloos geworden en zoeken hun toevlucht in tempels. ‘De vrouwen hebben vaak niet eens meer genoeg geld voor rijst en olie,’ vertelt Surang, ‘we krijgen vrijwel iedere week noodkreten om hulp’. Terug naar hun eigen land kunnen zij momenteel niet: de grenzen zijn dicht, bovendien hebben veel van hen een verlopen visum – en vrezen daarom problemen met de Thaise autoriteiten. 

    Het grootste deel van de sekswerkers staat met lege handen omdat de staat hun beroep niet erkent

    Hoewel de regering van premier Prayuth Chan-ocha hulp aan werknemers in de informele sector heeft toegezegd – om de gevolgen van de coronacrisis te verlichten betaalde de regering een half jaar lang maandelijks een toelage van omgerekend ongeveer 150 frank (circa 140 euro) uit aan miljoenen mensen –, stond het grootste deel van de sekswerkers met lege handen omdat de staat hun beroep niet erkent. ‘De regering heeft niets voor hen gedaan,’ zegt Surang.

    Activisten willen de brede protesten tegen de regering in Bangkok nu gebruiken om aandacht te vragen voor hun problemen. Bij een manifestatie die voortvloeide uit de in juli op gang gekomen protestgolf van voorstanders van democratische hervormingen, marcheerden zij begin november in dichte rijen naar Patpong over een anders druk bereden weg. De demonstranten droegen metersbrede spandoeken met zich mee waarop zij het homohuwelijk en transgenderrechten eisten – ook legalise seks worker viel in grote letters te lezen.

    ‘We willen een eind aan onderdrukking door de staat, ook voor sekswerkers’

    De Thaise organisatie van sekswerkers Empower Foundation heeft zich openlijk solidair verklaard met de anti-regeringsprotesten die onder meer ontbinding van het door het leger gedomineerde parlement en een nieuwe grondwet verlangen. ‘We willen een eind aan onderdrukking door de staat’, laat de organisatie weten,‘dat geldt ook voor sekswerkers.’ De organisatie zamelt momenteel handtekeningen in voor een petitie voor decriminalisering van de branche – en hoopt zodoende een maatschappelijke verandering op gang te brengen. 

    Ook Surang Janyam steunt de petitie. ‘De wetten die prostitutie moeten tegengaan hebben in Thailand heel duidelijk niet gewerkt,’ zegt ze. In plaats van de mensen tegen de negatieve gevolgen van het werk te beschermen, hebben ze hen in de illegaliteit gedreven en rechteloos gemaakt. ‘Criminalisering speelt alleen gehaaide zakenlieden in de kaart die uit zijn op uitbuiting van sekswerkers.’

    Economisch perspectief

    Surang verlangt daarom dezelfde werknemersrechten als in andere branches en pleit voor een echt nieuwe benadering van het thema: ‘Mensen kiezen voor sekswerk omdat ze het economisch moeilijk hebben,’ zegt ze. Om daar verandering in te brengen moet de regering zorgen voor een beter economisch perspectief.

    ‘Criminalisering speelt alleen gehaaide zakenlieden in de kaart die uit zijn op uitbuiting van sekswerkers’

    Maar dat is tot nog toe ver weg. De Aziatische Ontwikkelingsbank voorspelt voor Thailand voor dit jaar een economische krimp van 8 procent. Daarmee zou de economische crisis het land zwaarder treffen dan welk land in Zuidoost-Azië ook.

    Het gebrek aan uitzicht op een spoedige verbetering drukt ook de stemming in Bangkoks partystraat Soi Cowboy. Nijchara Lalun zegt dat ze altijd hield van de uitgelatenheid en de vrolijkheid in haar werk hier. ‘Ik hoop dat die onbezorgdheid ooit weer terugkomt,’ zegt ze. ‘Maar we weten heel goed: dat gaat nog een hele tijd duren.’  

  • Waarom de president van een straatarm land een arsenaal aan wapens koopt

    Waarom de president van een straatarm land een arsenaal aan wapens koopt

    De repressieve regering van het straatarme Congo-Brazzaville kocht de afgelopen jaren in alle stilte een enorm arsenaal aan wapens van Azerbeidzjan. Tegenstanders van president Denis Sassou-Nguesso, die er al 36 jaar aan de macht is, zeggen in aanloop naar de verkiezingen van 21 maart dat hij de wapens zal gebruiken om zijn greep op het Afrikaanse land te behouden.

    Vorige week publiceerde de Zuid-Afrikaanse kwaliteitskrant Mail&Guardian een artikel gebaseerd op de resultaten van een onderzoek door OCCRP, Organized Crime and Corruption Reporting Project, een internationale journalistieke organisatie die zich volledig richt op georganiseerde misdaad en corruptie. OCCRP ontdekte dat het regime van president Denis Sassou-Nguesso sinds 2015 in het geheim op grote schaal wapens inslaat. Saoedi-Arabië lijkt daarbij op de achtergrond een rol te spelen.

    Wapentuig

    ‘In januari 2020’, zo begint het artikel in Mail & Guardian, ‘wordt in de Turkse haven van Derince, zo’n 100 kilometer ten zuidoosten van Istanboel in een oostelijke uithoek van de Zee van Marmara, het vrachtschip Storm volgeladen met een enorme voorraad wapens. Het schip is geregistreerd in het belastingparadijs Vanuatu en vertrekt met een arsenaal aan mortiergranaten, meerdere raketwerpers en explosieven, afkomstig uit Azerbeidzjan, naar de Republiek Congo, beter bekend als Congo-Brazzaville.’

    De Saoedische connectie

    Saoedi-Arabië, ’s werelds grootste wapenimporteur, levert zonder scrupules wereldwijd wapens aan conflictgebieden, waaronder Jemen, waar de Saoedi‘s vechten tegen door Iran gesteunde Houthi-rebellen.

    In vrachtpapieren wordt Saoedi-Arabië genoemd als ‘sponsorpartij’ van meerdere wapenleveringen in 2016 en 2017 aan Congo-Brazzaville, precies op het moment dat Congo-Brazzaville op het punt stond om lid te worden van de OPEC. Door critici omschreven als een oliekartel waarvan de leden moeten voldoen aan Saoedische productie-eisen, helpt OPEC de Saoedi’s wereldwijd de olievoorziening te domineren. Het effect dat dit op de olieprijzen heeft, kan op zijn beurt de aardolie-inkomsten van de lidstaten opkrikken.

    Onder de dertien leden van de OPEC bevinden zich de grootste producenten van Afrika, namelijk Nigeria, Angola en Algerije. Congo-Brazzaville, dat uiteindelijk in 2018 toetrad tot de OPEC, was voor Saoedi-Arabië een begeerd lid omdat het een van de grotere olieproducenten van het Afrikaanse continent is, en het land zou OPEC nog meer gewicht kunnen verschaffen.

    Azerbeidzjan is geen volwaardig OPEC-lid, maar het is wel een belangrijke olieproducent.

    In totaal belandt meer dan 100 ton aan wapentuig in een gebouw dat het hoofdkwartier lijkt te zijn van de Republikeinse Garde, een elite-eenheid van Congo-Brazzaville, zo blijkt uit vertrouwelijke vrachtpapieren die OCCRP in handen kreeg. De lading, die naar schatting een waarde heeft van tientallen miljoenen dollars, is de laatste van een reeks van tenminste zeventien wapenleveringen die sinds 2015 door het ministerie van Defensie van Azerbeidzjan naar het regime van president Denis Sassou-Nguesso zijn gestuurd, zo blijkt uit vluchtplannen, vrachtpapieren en inventarissen.

    Een wijziging van de grondwet betekent dat de 77-jarige Sassou-Nguesso in theorie de rest van zijn leven aan elke verkiezing kan deelnemen

    Saoedi-Arabië staat op verschillende vrachtpapieren die zijn geanalyseerd vermeld als ‘sponsorpartij’. Het is onduidelijk wat die sponsoring precies inhoudt, maar het zou kunnen betekenen dat Riyad heeft betaald voor de wapens of voor het transport ervan. Er zijn geen openbare registers van Azerbeidzjan waarin staat dat het land deze wapens heeft geëxporteerd, noch zijn er vergelijkbare registers van Congo-Brazzaville waaruit blijkt dat het Afrikaanse land ze heeft geïmporteerd. 

    De oppositie in Congo-Brazzaville is bezorgd over de mogelijke bereidheid van president Sassou-Nguesso om geweld te gebruiken om zijn macht te behouden nu de verkiezingen van 21 maart naderbij komen. Zijn goed bewapende veiligheidsdiensten zijn een belangrijke reden waarom hij het Centraal-Afrikaanse land zesendertig jaar heeft kunnen regeren, hetgeen hem tot een van de langstzittende regeringsleiders ter wereld maakt. Zijn partij beheerst het parlement, dat onlangs de grondwet heeft gewijzigd om Sassou-Nguesso opnieuw de mogelijkheid te geven zich kandidaat te stellen, wat tot nationale en internationale afkeuring heeft geleid. De wijziging van de grondwet betekent dat de 77-jarige Sassou-Nguesso in theorie de rest van zijn leven aan elke verkiezing kan deelnemen.

    Uit vertrouwelijke documenten die OCCRP in handen heeft blijkt dat de veiligheidsdiensten van Sassou-Nguesso in de acht maanden voorafgaand aan de verkiezingen van maart 2016, en gedurende meer dan een jaar erna, meer dan 500 ton aan wapens in Azerbeidzjan kocht, die in zestien afzonderlijke zendingen werden geleverd. Slechts enkele weken na de verkiezingen begon de regering een meedogenloze campagne tegen een militie van de oppositie, die meer dan een jaar duurde.

    Verwoestingen

    Oppositieleiders beweren dat de Republikeinse Garde de Azerbeidzjaanse wapens heeft gebruikt in het conflict dat ontstond na de verkiezingen, dat leidde tot een humanitaire noodsituatie die volgens de Verenigde Naties ongeveer 140.000 mensen trof in de regio Pool, in het zuiden van het land. Satellietbeelden in bezit van The New Humanitarian lijken grootschalige verwoestingen te tonen die het resultaat zijn van het gebruik van onder meer raketwerpers en explosieven. Het is overigens niet zeker of het hier om wapens gaat die afkomstig zijn uit Azerbeidzjan, aangezien Congo-Brazzaville zijn wapeninvoer niet registreert.

    Het regime van Sassou-Nguesso wordt geconfronteerd met een van de ernstigste schuldencrises in Afrika, en dat roept de vraag op hoe de wapenleveranties konden worden gefinancierd. Uit documenten blijkt dat ten minste twee zendingen die tussen 2016 en 2017 werden afgeleverd, zijn gesponsord door Saoedi-Arabië op het moment dat Riyad de aanvraag behandelde van Congo-Brazzaville om lid te mogen worden van de Organisatie van de Olie-exporterende Landen (OPEC).

    ‘De regering lijkt zich erop voor te bereiden elk verschil van mening rond de verkiezingen de kop in te kunnen drukken’

    Gezien de aanzienlijke oliereserves van Congo-Brazzaville, hadden de Saoedi’s goede redenen om een hun welgezinde Sassou-Nguesso-regering te verwelkomen in de door Saoedi-Arabië gedomineerde club, stelt vooraanstaand wapenexpert Andrew Feinstein, auteur van The Shadow World: Inside the Global Arms Trade. Volgens Africa Times werd Congo-Brazzaville op 22 juni 2018 inderdaad verwelkomd als lid van OPEC.

    Feinstein merkt ook op dat de meest recente wapenzending uit Azerbeidzjan wel eens bedoeld zou kunnen zijn om Sassou-Nguesso in staat te stellen Congo-Brazzaville nog langer zijn wil op te leggen. ‘De timing van deze wapenzending maakt buitengewoon achterdochtig, gezien het eerdere harde optreden van Sassou-Nguesso rond verkiezingen’, zo zegt Feinstein. ‘De regering lijkt zich erop voor te bereiden elk verschil van mening rond de verkiezingen de kop in te kunnen drukken.’

    De regering van Congo-Brazzaville reageerde niet op meerdere verzoeken van OCCRP om commentaar. Ook het ministerie van Defensie van Azerbeidzjan houdt zich stil, evenals een vertegenwoordiger van dat ministerie wiens naam op meerdere documenten vermeld staat. Tot slot doet ook het ministerie van Defensie van Saoedi-Arabië er het zwijgen toe op vragen over de aard van hun sponsoring van de wapenleveranties.

    Boulevard Denis Sassou-Nguesso

    De meest recente wapenlading, afgeleverd bij de Republikeinse Garde op Boulevard Denis Sassou-Nguesso 1 in Brazzaville in januari 2020, omvatte 775 mortiergranaten en meer dan 400 kisten met raketten die kunnen worden gelanceerd vanaf vrachtwagens uit het Sovjettijdperk, zo blijkt uit de vrachtpapieren. 

    De exacte prijs die het Congolese regime voor het wapentransport heeft betaald, kon niet worden geverifieerd, maar een deskundige die de vrachtbrieven heeft onderzocht, denkt dat het om een levering ter waarde van tientallen miljoenen dollars gaat. Een voormalige hoge diplomaat met toegang tot informatie over wapenarsenalen, die anoniem wil blijven uit angst voor represailles door de autoriteiten, heeft de authenticiteit van de vrachtpapieren en andere documenten bevestigd en merkte op dat de verkoopprijs voor de wapens waarschijnlijk ver onder de daadwerkelijke marktwaarde ligt. De documenten omvatten certificaten voor eindgebruikers. Dergelijke documenten worden afgegeven door het land dat wapens invoert, om aan te geven dat de ontvanger niet van plan is om ze door te verkopen.

    Volgens de Nederlander Pieter Wezeman, onderzoeker bij het Stockholm International Peace Research Institute (SIPRI), zijn wapens die met korting worden geleverd, vaak overtollige wapens of het betreft wapens die zijn geproduceerd in Bulgarije of Servië, die beide bekend staan om hun goedkope wapenproducten. ‘Het is minder waarschijnlijk dat Congo-Brazzaville een deel van deze uitrusting had kunnen aanschaffen in andere Europese landen omdat die een restrictiever wapenexportbeleid voeren’, aldus Wezeman.

    500 ton wapens

    De zending van 100 ton vanuit Derince is aanzienlijk, maar valt in het niet bij eerdere wapenleveranties, die volgens documenten tussen 2015 en 2017 vanuit Azerbeidzjan zijn verzonden en die mogelijk afschuwelijke gevolgen hebben gehad.

    In zestien transporten werd in die jaren in totaal meer dan 500 ton aan wapentuig naar Congo-Brazzaville gestuurd, waaronder handgranaten, mortiersystemen en miljoenen kogels. Op een eindgebruikerscertificaat worden vijfduizend granaten vermeld die zijn geïmporteerd voor ‘trainings-, antiterrorisme-, veiligheids- en stabiliteitsoperaties’. Het document werd op 3 maart 2016, slechts enkele dagen voor de verkiezingen, ondertekend door een speciale adviseur van president Sassou-Nguesso.

    Na de verkiezingen beweerde de oppositie dat de regering had gesjoemeld met de resulaten ten gunste van Sassou-Nguesso en brak er onrust uit in de hoofdstad Brazzaville. De regering gaf de schuld van de onrust aan ‘de Ninjas’, een militie die voornamelijk bestaat uit mensen van de etnische groep Lari en die voornamelijk is gevestigd in de Pool-regio, die Brazzaville gedeeltelijk omsluit.

    Volgens een oppositieleider zijn de wapens uit Azerbeidzjan gebruikt om een langdurig gewapend conflict met de Ninjas in Pool aan te wakkeren. Amnesty International veroordeelde het offensief van de regering en sprak van ‘onwettig gebruik van dodelijk geweld door de veiligheidstroepen van het land’. Terwijl de regering nog aan het vechten was met de Ninja’s, vertelden getuigen van bloedbaden aan Amnesty dat vanuit helikopters tientallen bommen waren afgeworpen die een woonwijk en ook een school hadden getroffen.

    ‘Gedurende het geweld in Pool heeft het regime de strategie van de verschroeide aarde toegepast’, zegt Andréa Ngombet Malewa, leider van de politieke partij Incarner l’Espoir. ‘De wapens die ze van Azerbeidzjan hebben gekocht, werden onmiddellijk bij die operatie ingezet.’

    De Baku-Brazzaville-connectie

    Azerbeidzjan blijkt dus een belangrijke buitenlandse bondgenoot van Congo-Brazzaville te zijn door het regime te voorzien van goedkope wapens en, minstens zo belangrijk, door strikte geheimhouding. Sassou-Nguesso kocht zijn wapens bij Ilham Aliyev, sinds 2003 president en sterke man van het notoir ondoorzichtige land in de Zuid-Kaukasus, in de wetenschap dat de aankoop van wapens niet zou worden geregistreerd.

    Congo-Brazzaville heeft al meer dan drie decennia geen melding gemaakt van wapeninvoer en aangezien er geen wapenembargo bestaat tegen het land, is het ook niet verplicht om dit te doen. Desalniettemin is er een reeks van openbaarmakingen door andere landen die laten zien hoe actief Sassou-Nguesso is geweest op de wapenmarkt. Zo meldde Servië in 2017 dat het 600 machinegeweren naar Congo-Brazzaville had geëxporteerd. Bulgarije stuurde 250 granaatwerpers.

    Maar de Azerbeidzjaanse wapenleveringen zijn nooit openbaar gemaakt, ook al blijkt uit documentatie dat het land al sinds september 2015 wapens naar Sassou-Nguesso exporteert. Sommige daarvan waren afkomstig van Transmobile, een Bulgaars bedrijf dat is geautoriseerd om wapens te verhandelen voor Azerbeidzjan, terwijl andere werden gekocht bij Yugoimport, een Servische fabrikant. Geen van beide bedrijven reageerde op verzoeken om commentaar.

    Silk Way

    De eerste wapenleveringen arriveerden in Brazzaville met vliegtuigen van de Azerbeidzjaanse luchtmacht, maar vanaf 2017 begon Silk Way Airlines, een privé-luchtvaartmaatschappij, de wapens in te vliegen. Mogelijk met als gedachte dat Silk Way als particuliere luchtvaartmaatschappij waarschijnlijk minder de aandacht zou trekken dan zijn militaire tegenhanger.

    Silk Way is geregistreerd op de Britse Maagdeneilanden, een belastingparadijs, en was voorheen verbonden aan de familie Aliyev. Naast het afsluiten van lucratieve contracten met de Amerikaanse regering om munitie en andere materialen te mogen transporteren, blijkt uit uitgelekte correspondentie die werd gepubliceerd door de Bulgaarse krant Trud, dat Silk Way tussen 2014 en 2017 vluchten met diplomatieke onschendbaarheid heeft gebruikt om in het geheim honderden tonnen aan wapens te verplaatsen naar mondiale conflictgebieden in de hele wereld. Silk Ways reageerde niet op vragen van OCCRP.

    De vrees dat de persvrijheid in de aanloop naar de peilingen wordt bedreigd, is toegenomen

    De verwachting is dat Sassou-Nguesso de verkiezingen van 21 maart naar zich toe zal trekken, indien nodig met bruut machtsvertoon. Hij zal het opnemen tegen onder meer Mathias Dzon, zijn voormalige minister van Financiën van 1997 tot 2002, en Guy-Brice Parfait Kolélas, die als tweede eindigde bij de presidentsverkiezingen van 2016. Dat jaar claimde Sassou-Nguesso dat hij 60 procent van de stemmen had gekregen, tegenover slechts 15 procent voor Kolélas. De VS veroordeelden de regering van Congo-Brazzaville destijds wegens ‘wijdverbreide onregelmatigheden en de arrestatie van aanhangers van de oppositie’.

    Deskundigen geloven niet dat het de oppositie dit keer beter zal vergaan. Abdoulaye Diarra, onderzoeker Centraal-Afrika voor Amnesty International, zegt dat de regering voorafgaand aan de verkiezingen een campagne tegen politieke tegenstanders voert van intimidatie, pesterijen en willekeurige detentie.

    De vrees dat de persvrijheid in de aanloop naar de peilingen wordt bedreigd, is toegenomen nadat Raymond Malonga, een cartoonist die bekend staat om zijn satirische kritiek op de autoriteiten, begin februari door politie in burger uit zijn ziekenhuisbed werd gesleurd en werd meegenomen.

    Vanwege de wapentransporten uit Azerbeidzjan maakt de oppositie zich ongerust over het vooruitzicht van geweld rond de verkiezingen. ‘We maken ons zorgen dat de wapens die het regime van Sassou-Nguesso van Azerbeidzjan heeft gekocht, zullen worden gebruikt om de oppositie hard aan te pakken tijdens de komende verkiezingen’, aldus oppositieleider Ngombet. ‘Ze willen niet dat de wereld ziet hoezeer het Congolese volk snakt naar politieke veranderingen.’

  • 3000 jaar oude speerpunt gevonden | Hulp voor Jemen ‘teleurstellend’

    3000 jaar oude speerpunt gevonden | Hulp voor Jemen ‘teleurstellend’

    VN spreekt van doodvonnis voor Jemen

    Jemenieten en hulporganisaties noemen het tekort aan internationale financiering voor Jemen een ‘doodvonnis’ voor mensen die lijden onder de burgeroorlog in het land. Het VK, meldt The Guardian, besloot ongeveer 50 procent van de steun voor humanitaire inspanningen aan het land te verminderen.

    De VN hoopte maandag 3,85 miljard dollar (3,2 miljard euro) in te zamelen bij meer dan honderd regeringen en donoren op een virtuele conferentie om de wijdverbreide hongersnood in de ergste humanitaire crisis ter wereld te voorkomen, maar ontving slechts 1,7 miljard dollar – minder dan de helft. ‘Een teleurstellende uitkomst’, aldus secretaris-generaal van de VN António Guterres, geciteerd door de Britse krant. Het totaal dat op de conferentie van vorig jaar werd opgehaald, was 1,5 dollar miljard lager dan gehoopt.

    ‘Miljoenen Jemenitische kinderen, vrouwen en mannen hebben dringend hulp nodig om in leven te bijven. Een mindering van de hulp betekent een doodvonnis’, aldus Guterres in een verklaring. ‘Oorlog en hongersnood’, waarschuwt The Guardian‘kunnen de volgende generatie Jemenieten wegvagen.’


    Armeense premier staat open voor vervroegde verkiezingen 

    De Armeense premier Nikol Pasjinian heeft gezegd bereid te zijn vervroegde verkiezingen te houden als de parlementariërs daarmee instemmen, meldt Armenpress‘Laten we weer een verkiezing houden en we zullen zien wie de mensen vragen ontslag te nemen’, zei Pasjinian in een officieel bericht.

    In het Kaukasische land is er onrust sinds de premier een vredesakkoord sloot met Azerbeidzjan over het betwiste gebied Nagorno-Karabach. Na een oorlog van zes weken werden delen van het gebied afgestaan aan de vijand. De Armeense oppositie, grote groepen betogers en het leger waren het daar niet mee eens.

    Vorige week zegde het hoofd van de strijdkrachten zijn vertrouwen op in de regering, wat door Pasjinian als een militaire staatsgreep werd gezien. Hij besloot daarop de legerchef te ontslaan, maar de onafhankelijke president Saskissian verklaarde die beslissing ongrondwettelijk. Sindsdien gaan voor- en tegenstanders van Pasjinian dagelijks massaal de straat op.

    ‘Niet alles mag afhangen van de grillen van het staatshoofd’

    In een redactioneel commentaar van de Armeense site Aravot, schrijft Aram Abrahamyan dat de regering onder geen beding demonstraties mag organiseren. ‘Ze moeten werken en het dagelijks leven in de staat regelen, de veiligheid en welvaart van burgers garanderen. Ze mogen niet stoppen met werken, zelfs niet tijdens campagnes. Als ze twee dagen aan een betoging werken en marcheren om de leider van de staat te “steunen”, dan heeft dat niets te maken met “het regeren van het volk”. Dat is geen regering van het volk, maar van ambtenaren en oligarchen die de regering steunen, die de afgelopen dertig jaar hebben bestaan ​​en nog altijd bestaan.’

    De oppositie moet volgens Abrahamyan instemmen met het houden van snelle verkiezingen terwijl Pasjinian premier blijft, en de regering moet ermee instemmen om die verkiezingen binnen twee à drie maanden te houden en garanderen dat ze zo eerlijk mogelijk zullen verlopen. De generaals moeten hun eisen aan de regering om af te treden stoppen, en de premier moet van zijn voornemen afzien om de legerchef uit zijn functie te verheffen.

    ‘Gezien Pasjinians tegenstrijdige, verdeeldheid zaaiende aard zal dit moeilijk worden. Maar we moeten niet vergeten dat Armenië een parlementaire republiek is, en dat niet alles mag afhangen van de grillen van het staatshoofd.’


    3000 jaar oude speerpunt gevonden op het strand van Jersey

    In augustus 2020 vond Jay Cornick, een elektrotechnisch ingenieur, met zijn metaaldetector een 35 cm lange speerpunt die was begraven in het zand op een strand in het oosten van het eiland Jersey, schrijft The Daily Telegraph.

    Deze speerpunt, gemaakt van een koperlegering, was in zo’n goede staat, dat Jay Cornick dacht dat het een moderne visspeer was. ‘Hij stopte hem in zijn tas en dacht er niet meer echt aan tot hij hem aan de archeologen van Jersey Heritage liet zien’, aldus het dagblad.

    Neil Mahrer, specialist in erfgoedbehoud in Jersey, noemt de vondst ‘ongelooflijk’. De York Archaeological Trust heeft bevestigd dat de overblijfselen van het houten handvat van de speer die op de punt werden aangetroffen, dateren van tussen 1207 en 1004 voor Christus. Daarmee is dit een van de meest spectaculaire wapens uit de Bronstijd die in Noord-Europa zijn gevonden.

    De stijl van dit type speerpunt staat bekend als Tréboul, maar het gevonden object in Jersey is ‘zo groot en verfijnd’ dat het mogelijk was bedoeld was voor ceremonieel gebruik.

    De punt zou in zo’n goede staat zijn gebleven doordat hij tegen de lucht werd beschermd door het zwarte zand waarin hij begraven lag. ‘Hij overleefde niet alleen de bouw van de haven van Gorey en het middeleeuwse kasteel dat erboven uittorent, maar ook drie millennia van wintertij en stormen’, jubelt The Daily Telegraph.

  • Bloemen rotten weg door brexit | Korea stopt steun overtreders

    Bloemen rotten weg door brexit | Korea stopt steun overtreders

    Gordon Ramsay verliest € 66.000.000

    Tv-kok Gordon Ramsay, die wereldwijd 35 restaurants bezit, zegt dat de lockdowns zijn Britse restaurants £ 57 miljoen, circa € 66 miljoen, aan omzet hebben gekost. Hij bezit achttien restaurants in Londen en wil er in 2021 nog vijf openen, schrijft Business Insider.

    Alleen al in december zou hij € 11,5 miljoen aan boekingen in zijn restaurants in Groot-Brittannië hebben verloren.


    Bloemen rotten weg door brexit

    De grootste narcissenkwekerij ter wereld, in het Britse Cornwall, ziet zich gedwongen bloemen ter waarde van honderdduizenden euro’s weg te laten rotten vanwege problemen met het aannemen van personeel sinds brexit, meldt The New European.

    Varfell Farms, dat narcissen levert aan alle Britse supermarkten en exporteert naar Europa, de VS en Dubai, produceert jaarlijks 500 miljoen bloemen en heeft zevenhonderd arbeiders nodig om ze te plukken. Sinds corona en het einde van het vrije verkeer door brexit kan het bedrijf nog slechts over zo’n 400 bloemenplukkers beschikken.

    ‘We kunnen de bloemen niet oogsten, we hebben niet genoeg plukkers om ze te plukken’

    ‘We kunnen de bloemen niet oogsten, we hebben niet genoeg plukkers om ze te plukken. We verliezen honderdduizenden ponden’, verklaart eigenaar Alex Newey.

    Zijn hoop dat arbeiders uit Cornwall de plukkers zouden vervangen die voorheen uit de EU kwamen, is weg. ‘We hebben aanzienlijke wervingsacties gedaan voor lokale werknemers.’ De gedachte was dat die vanwege corona en de hoge werkloosheidscijfers wel zouden komen. ‘Maar het is zwaar om drie maanden lang voorovergebogen narcissen te plukken’, aldus Newey.


    De rijkste man van Rusland

    De Russische mijnbouwreus Norilsk Nickel kreeg deze maand een boete van € 1,63 miljard opgelegd vanwege een enorme diesellekkage in mei vorig jaar. In het Russische Noordpoolgebied stroomde meer dan 20.000 ton diesel meren en rivieren in, nadat een brandstofreservoir was ingestort dat eigendom is van het bedrijf. 

    Norilsk Nickel zal niet schrikken van de miljardenboete, want door de aanhoudende prijsstijgingen van metalen als nikkel en palladium blijven de aandelen maar stijgen, afgelopen jaar met liefst 40 procent. Het bedrijf is ’s werelds grootste producent van palladium en een van de grootste van nikkel. Vooral de vraag naar nikkel, dat wordt gebruikt in elektrische voertuigen, groeit wereldwijd.

    Oligarch Vladimir Potanin bezit ruim een derde van de aandelen en door de stijgende koersen heeft zijn fortuin nu de drempel van $ 30 miljard, zo’n € 25 miljard, overschreden, een record voor een Russische ondernemer. Het maakt hem de rijkste man van Rusland, aldus The Moscow Times.


    Kaalslag bij musea in VS

    Het Whitney Museum in New York heeft opnieuw 15 werknemers ontslagen. Kort na de lockdown, vorig jaar april, moesten al 76 medewerkers weg. Destijds verwachtte directeur Adam Weinberg een tekort van zo’n € 6 miljoen, maar in een toelichting op de huidige ontslagen schrijft hij dat de inkomsten uit de kaartverkoop met 80 procent zijn gedaald, waardoor er al bijna € 19 miljoen verlies is geleden.

    Hij verwacht nog ‘aanzienlijke’ verdere verliezen. ‘Het toerismebureau van New York voorspelt dat het tot 2025 kan duren voordat het aantal bezoekers terug is op het niveau van voor de pandemie’, aldus Weinberg tegen het New Yorkse ArtNet News.

    Uit onderzoek door de American Association of Museums blijkt dat Amerikaanse musea mogelijk bijna € 25 miljard hebben verloren en dat bij ruim de helft van de musea ontslagen zijn gevallen. Bijna 30 procent van de musea acht de kans aanzienlijk binnen een jaar te moeten sluiten, of niet zeker te weten nog open te kunnen gaan.


    Korea stopt steun overtreders

    Koreanen die de coronaregels schenden, komen niet in aanmerking voor de volgende ronde van een financieel hulpprogramma waarmee de regering vorig jaar begon. Dat liet premier Chung Sye-kyun van Zuid-Korea deze week weten volgens Korea Herald.

    Hij waarschuwde voor strenge maatregelen, na aanwijzingen dat winkels, restaurants en andere bedrijven in het land de regels overtreden. ‘Buiten het zicht worden regelmatig sociale verplichtingen genegeerd’, aldus de premier.

    Als voorbeeld noemde hij nachtclubs in Seoul die zich niet houden aan de coronaregels, zoals het dragen van mondkapjes, het bijhouden van logboeken en beperking van het aantal aanwezigen. Bedrijven die worden betrapt op het overtreden van de regels zullen worden uitgesloten van de lijst met begunstigden voor de vierde ronde van hulpgelden die in maart worden uitgekeerd.

    De regering en de regerende Democratische Partij zijn overeengekomen om de eerste financiële steunmaatregelen van dit jaar toe te wijzen aan zelfstandigen en eigenaren van kleine buurtwinkels.


    Laatste Juma-man sterft aan corona

    Aruká Juma, een inheemse Braziliaan, was tussen de 86 en 90 jaar oud toen hij vorige week stierf aan corona, bericht El País. Aruká was de laatste man van het Juma-volk. Als jonge man overleefde hij met zes andere Juma’s een bloedbad op last van handelaren die geïnteresseerd waren in hun rubberbomen en kastanjes.

    Opgejaagd als wilde dieren, werden destijds zestig Juma gedood. Het was de laatste poging tot massale uitroeiing van de stam, die midden twintigste eeuw werd ontdekt. De drie dochters die Aruká achterlaat, zijn nu de laatsten van het volk dat in de achttiende eeuw zo’n vijftienduizend leden telde.


    Soedan wil dat VN ingrijpt

    Een voormalig lid van het Soedanese team dat met Ethiopië onderhandelt over de controversiële Grand Ethiopian Renaissance Dam in de Nijl, beweert dat Soedan eigenaar is van het land waarop de dam is gebouwd. Volgens Ahmed Al-Mufti heeft Soedan het land in 1902 aan Ethiopië overgedragen op voorwaarde dat het geen waterwerken zou verrichten zonder goedkeuring van Khartoem, schrijft Middle East Monitor.

    Hij wil dat de Veiligheidsraad ingrijpt om te verhinderen dat Ethiopië in juli het tweede reservoir van de dam vult, want daarmee zouden ruim 20 miljoen Soedanezen gevaar lopen. Soedan en Egypte, beiden afhankelijk van de Nijl, vrezen watertekorten door de nieuwe dam.

  • Komt er echt een derde genderoptie in paspoort VS? | Publiek piratenmangasites explodeert

    Komt er echt een derde genderoptie in paspoort VS? | Publiek piratenmangasites explodeert

    Biden wordt aangespoord belofte na te komen

    Amerikaanse paspoorten bieden binnenkort mogelijk een derde optie voor gender: de niet-binaire aanduiding ‘X’. Dit was een campagnebelofte van Biden en activisten van de American Civil Liberties Union (ACLU) voeren druk uit op de president om de optie in te voeren, meldt The New York Times.

    Sinds 2010 kan iemands geslachtsaanduiding op een paspoort worden gewijzigd, maar daarvoor is medische certificering vereist en de optie is alleen beschikbaar voor degenen die van het ene naar het andere geslacht zijn overgegaan; het ministerie van Buitenlandse Zaken, dat paspoorten uitgeeft, vraagt de aanvragers om ‘man’ of ‘vrouw’ te selecteren.

    De ACLU is vorige maand een petitie gestart die oproept tot actie en verzamelde meer dan 34.000 handtekeningen. De organisatie is van plan om de petitie op 31 maart, de International Transgender Day of Visibility, aan het Witte Huis te overhandigen.

    ‘Sommige mensen zijn van mening dat er helemaal geen geslachtsaanduiding op documenten nodig is’

    Het is moeilijk om precies na te gaan hoeveel mensen een derde geslachtsaanduiding zouden kiezen op officiële documenten. De categorie zou onder andere een uitweg bieden voor personen die een geslachtsverandering hebben ondergaan maar zich niet identificeren met ‘mannelijk’ of ‘vrouwelijk’, personen die niet-binair zijn en intersekse personen.

    ‘Sommige mensen zijn van mening dat er helemaal geen geslachtsaanduiding op documenten nodig is’, aldus NYT. En datzelfde, voegt de krant eraan toe, geldt voor sommige landen, waarbij wordt gelinkt naar een artikel op de site van Human Rights Watch over Nederland.


    Man moet vrouw in China betalen voor huishoudelijk werk

    Deze week besloot een rechtbank in Beijing in een echtscheidingszaak dat de man verplicht was zijn vrouw te compenseren omdat huishoudelijk werk ‘immateriële eigendomswaarde’ met zich meebrengt en volgens Chinese nieuwsberichten als bezit moet worden beschouwd, schrijft BBC. De man werd aanbevolen zijn vrouw 50,000 yuan (ruim € 7000) te betalen als compensatie voor het huishoudelijk werk dat ze gedurende vijf jaar huwelijk heeft verricht.

    Hoewel sommige commentatoren in China de zaak als een doorbraak zien, zijn velen van mening dat de compensatie ontoereikend is, waarbij ze bijvoorbeeld opmerkten dat fulltime nanny’s in China veel meer verdienen.

    ‘Dit is zo oneerlijk tegenover vrouwen’, schreef een gebruiker op Weibo, de Chinese equivalent van Twitter. Een hashtag over de zaak werd eind woensdag meer dan 570 miljoen keer bekeken. ‘Laten we eens kijken wie het aandurft huisvrouw te zijn’, schreef een ander.

    Activisten hopen dat het besluit zal leiden tot meer bescherming voor vrouwen in China.

    Volgens het National Bureau voor Statistieken verrichten vrouwen in China gemiddeld twee uur en zes minuten huishoudelijk werk, tegenover 45 minuten voor mannen. Wereldwijd speelt de vraag of samenlevingen meer moeten doen om vrouwen (en mannen) te erkennen en te compenseren voor werk dat ze thuis verrichten. Studies tonen aan dat vrouwen in veel landen een onevenredig deel van de huishoudelijke arbeid op zich nemen, waardoor ze in hun ambities en carrièremogelijkheden worden belemmerd.


    In Japan explodeert het publiek van piratenmangasites

    Japanse uitgevers maken zich steeds meer zorgen over concurrentie van piratenplatforms. Aangezien het moeilijk is om het gevecht aan te gaan met deze sites, die in het buitenland worden gehost, heeft de regering besloten zich op de gebruiker te richten: die kan nu worden veroordeeld voor het illegaal downloaden van manga. 

    Het afgelopen jaar hebben steeds meer Japanse lezers manga verslonden op illegale sites, waardoor uitgevers aanzienlijke schade hebben geleden, meldt de Japanse zakenkrant Nihon Keizai Shimbun.

    Kat-en-muisspel

    De ABJ, een vereniging die de belangrijkste Japanse uitgeverijen samenbrengt, schat het verliesbedrag in 2020 op 200 miljard yen (1,56 miljard euro) als gevolg van sites die werken op een illegale manier aanbieden – wat neerkomt op een derde van de totale mangamarkt in het land. Dat coronacrisis het fenomeen heeft verergerd blijkt uit een geschat tekort van 41,4 miljard yen (320 miljoen euro), alleen al in de maand december 2020, tien keer meer dan in januari van hetzelfde jaar.

    Doordat de meeste van deze sites in het buitenland worden gehost, eindigt de strijd tegen piratenmanga onvermijdelijk in een kat-en-muisspel. ​‘Zodra de uitgeverij een klacht indient tegen een illegale site, wordt deze geschrapt en verdwijnt hij in het wild waarna een ​​andere wordt gelanceerd’, aldus de Japanse krant.

    Daarom hebben de Japanse uitgeverijen besloten tot het uiterste te gaan. De Vereniging voor de Promotie en Distributie van Culturele Goederen, die 32 bedrijven verenigt, zoals uitgeverij Kodansha en animatiestudio Toei Animation, heeft aangekondigd samen te werken met hackers om de beheerders van piratensites te identificeren. De vereniging ABJ heeft op haar beurt een lijst van illegale platforms opgesteld, waarvan zij het dossier deelt met de staat en met IT- en telecommunicatiebedrijven.

    De regering heeft op haar beurt een aanscherping van de auteursrechtwet aangenomen, waarvan in januari een nieuwe versie in werking is getreden. Manga wordt nu beschermd door een specifiek rechtssysteem, waardoor mensen die illegaal downloaden kunnen worden gestraft. 

    De Japanse autoriteiten zetten daarmee in op het afschrikkende effect, maar de wet is niet van toepassing op streamingsites, die ‘een juridische maas in de wet’ zouden kunnen vormen, aldus Nihon Keizai Shimbun.


    Mahamane Ousmane claimt overwinning in Nigeria

    Gisteren berichtten wij over de verkiezingen in Nigeria, waar Mohamed Bazoum als winnaar van de verkiezingen uit de bus kwam met 55,75 procent van de stemmen. Inmiddels heeft zijn tegenstander, voormalig president van de Republiek Mahamane Ousmane, de overwinning geclaimd.

    Vanuit zijn hoofdkantoor in Zinder beweerde hij de presidentsverkiezingen van zondag met 50,3 procent van de stemmen te hebben gewonnen. Het was zijn eerste publieke verklaring sinds de bekendmaking van de resultaten, schrijft Mondafrique‘Het regime wil zonder scrupules beslag leggen op de wil van het volk, dat heeft gesproken’, aldus RDR-Tchandji, de partij van Ousmane.


    Tiger Woods pleegde geen misdrijf

    Ook berichtten we gisteren over het zware ongeluk van Tiger Woods, van wie inmiddels bekend is dat hij niet zal worden vervolgd. ‘Een ongeluk is geen misdaad’, aldus sheriff Alex Villanueva tijdens een videoconferentie vanuit Los Angeles. Woods onderging een langdurige operatie aan zijn rechterbeen en verblijft nog steeds in het ziekenhuis. Volgens de autoriteiten zijn er geen aanwijzingen dat hij onder invloed was van welk middel dan ook. 

    Het was duidelijk een ongeval op een bochtige en hellende weg waarop de 45-jarige sportman misschien te hard reed. ‘Woods zou nog kunnen worden beschuldigd van het plegen van een misdrijf als de onderzoekers vaststellen dat hij zijn mobiele telefoon gebruikte toen hij de controle over het voertuig verloor, maar dat is nog steeds heel iets anders dan een aanklacht wegens misdrijf’, aldus de Amerikaanse roddelsite TMZ.

  • Donateur wil 2,5 miljoen dollar terug | China grootste handelspartner EU

    Donateur wil 2,5 miljoen dollar terug | China grootste handelspartner EU

    Donateur wil 2,5 miljoen dollar terug

    Fred Eshelman, een Republikeinse donateur die 2,5 miljoen dollar overmaakte aan True the Vote, wil zijn geld terug, schrijft The Daily Beast. Deze conservatieve non-profit organisatie uit Texas beloofde verkiezingsfraude tijdens de Amerikaanse presidentsverkiezingen aan het licht te brengen. Nadat een reeks van rechtszaken niets opleverde, gaf True the Vote de pogingen op. Eshelman is daarom nu naar de rechter gestapt.


    Wel of geen Spoetnik-vaccin

    Een Hongaarse noodwet moet leiden tot versnelde goedkeuring van het Russische Spoetnik V-vaccin en het Chinese Sinopharm-vaccin. Premier Viktor Orbán van Hongarije wil graag beschikking tot beide vaccins. Met het oog op de verkiezingen in het voorjaar van 2022, hoopt hij dat een snelle vaccinatiecampagne hem de mogelijkheid biedt de economie te heropenen, ook al bezweert hij dat het ‘geen politieke kwestie is’.

    De versnelde goedkeuring van beide vaccins sluit naadloos aan op zijn euroscepticisme en zijn pogingen om de banden met Rusland en China te versterken, volgens het New Yorkse Coda.

    De Litouwse premier Ingrida Simonyte noemt het ‘buitengewoon jammer’ dat sommige EU-leden het vaccin willen goedkeuren

    Premier Andrej Babiš van Tsjechië volgt mogelijk Orbáns voorbeeld wat betreft Spoetnik V, afhankelijk van goedkeuring door het Europees Geneesmiddelenbureau. Tijdens een bezoek aan Hongarije richtte Orbán zich rechtstreeks tot Babiš en adviseerde hem om de EU te omzeilen met de woorden: ‘We kunnen niet wachten op Brussel.’

    De Litouwse premier Ingrida Simonyte beschouwt het Russische vaccin juist als een geopolitiek instrument van Rusland. Ze noemde het ‘buitengewoon jammer’ dat sommige EU-leden het vaccin willen goedkeuren.


    Vaccinmaker én superspreader

    De Amerikaan Peter Diamandis (openingsbeeld) is oprichter is van de Singularity University, een innovatiedenktank in Silicon Valley, en tevens ontwikkelaar van het coronavaccin Covaxx. Hij blijkt inmiddels ook verantwoordelijk te zijn voor het besmetten van tientallen mensen met corona, volgens een artikel in MIT Technology Review.

    Diamandis organiseerde eind januari in Los Angeles een tweedaagse bijeenkomst voor rijke zakenlieden. Sommige deelnemers, die meer dan 30.000 dollar voor het evenement betaalden, kwamen uit Israël, Hawaï en Vancouver. Het merendeel droeg geen mondkapje tijdens de bijeenkomst, die plaatsvond terwijl de intensivecareafdelingen in Californië op volle capaciteit draaiden. 

    De bezoekers hadden lak aan alle regels en meenden goed bezig te zijn door elke dag een coronatest te laten afnemen. Tijdens de bijeenkomst werd niemand ziek, maar na de incubatieperiode bleken ten minste twintig mensen bij thuiskomst besmet te zijn. Aangezien er regionaal een verbod geldt op bijeenkomsten was het evenement ongeoorloofd, maar het is nog onduidelijk wat de gevolgen voor Diamandis zullen zijn.


    Genereuze Duitse donateurs 

    Vorig jaar gaven Duitsers aanzienlijk meer uit aan donaties dan in voorgaande jaren, aldus de Duitse Spendenrat volgens Die Zeit. Dat is een overkoepelende organisatie van circa zeventig nonprofitorganisaties op het gebied van sociale en humanitaire hulp, milieu, dierenwelzijn, kunst, cultuur en monumentenzorg.

    In totaal werd 5,4 miljard euro gedoneerd, een stijging van vijf procent vergeleken met 2019. Tegen alle verwachtingen in, want de meest optimistische voorspellingen gingen uit van zo’n 1,6 procent. Het donatieniveau in 2020 is het op een na hoogste van de afgelopen vijftien jaar.

    Donateurs waren bijzonder genereus tijdens de twee lockdowns, vooral in de periode voor Kerstmis. Volgens de Spendenrat hadden mensen ‘meer tijd om na te denken en na te denken over het leven. Daarnaast waren er minder mogelijkheden om geld uit te geven aan diners, aan kleding of in clubs.’

    Het gemiddelde donatiebedrag lag drie euro hoger dan in 2019 en bereikte met veertig euro een recordniveau.


    China grootste handelspartner EU

    China heeft de VS vorig jaar ingehaald als grootste handelspartner van de Europese Unie volgens Eurostat, het EU-bureau voor statistiek. Het handelsvolume in goederen van China met de 27 EU-lidstaten, dus zonder Groot-Brittannië, bedroeg 586 miljard euro in 2020. Dat schrijft South China Morning Post.

    Zowel de Europese uitvoer naar China als invoer uit China namen toe, met respectievelijk een waarde van 202,5 miljard euro en van 383,5 miljard euro. Het handelstekort van de EU met China steeg met 9,9 procent van 164,7 miljard euro in 2019 tot 181 miljard euro vorig jaar.

    Volgens Eurostat werd China de grootste handelspartner van de EU doordat de invoer steeg met 5,6 procent en de uitvoer met 2,2 procent. 

    De handel met de VS kende een aanzienlijke daling. De invoer daalde met 13,2 procent en de uitvoer met 8,2 procent. De VS zijn nu de op een na grootste handelspartner van de EU met een handelsvolume van 555 miljard euro. Dat is 10 procent minder dan in 2019.


    Sardinië eist vaccinatiebewijs

    De gouverneur van Sardinië, Christian Solinas, heeft laten weten dat deze zomer alleen mensen die kunnen aantonen dat ze zijn ingeënt tegen corona, op het Italiaanse eiland zullen worden toegelaten.

    ‘Degenen die naar Sardinië komen, zullen een document moeten laten zien waaruit blijkt dat ze negatief zijn getest voor het coronavirus of dat ze zijn ingeënt’, vertelde hij aan het lokale dagblad L’Unione Sarda. ‘Ver voor het begin van het zomerseizoen zal er al een controlesysteem van kracht zijn.’

    Het aantal infecties neemt al enkele weken af, maar Solinas wil dat het eiland wordt beschermd tegen nieuwe varianten van het coronavirus.


    Begrotingstekort voor ZDF

    De Duitse publieke zender ZDF merkt de gevolgen van het uitblijven van verhoging van de omroepbijdrage, meldt Der Spiegel. De omroep maakte maandag bekend dat er in de toekomst mogelijk moet worden bezuinigd op programma’s.

    Eigenlijk had de omroepbijdrage op 1 januari met 86 cent verhoogd moeten worden volgens de plannen van een meerderheid van Duitse deelstaatregeringen. Maar door weigering van Saksen-Anhalt viel dat plan in duigen en is het wachten op een uitspraak van het Federale Constitutionele Hof.

    Tot die tijd zullen de publieke omroepen de geplande hogere inkomsten missen. Voor het ZDF betekent dit een begrotingstekort van circa 150 miljoen euro.

  • Het aantal kindhuwelijken neemt toe als gevolg van de pandemie

    Het aantal kindhuwelijken neemt toe als gevolg van de pandemie

    In India worden meisjes vaak uitgehuwelijkt uit economische nood. Omdat ze minder kans hebben op een goed inkomen dan jongens, zijn ze relatief duur voor arme families – vooral nu veel ouders vanwege corona hun inkomsten kwijt zijn.

    De vijftienjarige Mitali Sathe stapte, gehuld in een gele sari, naar de ingang van haar huis in de Indiase stad Latur. Haar lichaam was beschilderd met kunstige ornamenten; ze droeg groene glazen sieraden aan de armen. Mitali Sathe was op weg naar haar bruiloft. Haar ouders hadden besloten het meisje na de nationale lockdown in augustus met een vijftigjarige weduwnaar te laten trouwen. Hij had iemand nodig om voor zijn kinderen te zorgen. Mitali’s ouders, die door de coronapandemie geen werk meer hadden, hoopten het door het huwelijk financieel iets makkelijker te krijgen.

    Volgens de India Times, die over het geval berichtte, was Mitali Sathe de lokale medewerker van een kinderbeschermingsorganisatie opgevallen vanwege de uitdossing van het meisje. Hij alarmeerde de autoriteiten, die het kindhuwelijk verhinderden. De aanstaande bruidegom werd aangehouden. De ouders van het meisje moesten een verklaring ondertekenen dat ze hun dochter niet voor haar achttiende verjaardag zouden uithuwelijken. In India zijn kindhuwelijken wettelijk verboden.

    Miljoenen gevallen in India

    Mitali Sathes verhaal staat niet op zichzelf. De ngo Childline India Foundation geeft aan tussen januari en juli 14.775 meldingen te hebben gekregen van pogingen tot, of reeds voltrokken kindhuwelijken. De reeks koppen in de Indiase media lijkt de laatste maanden eindeloos: ’16-jarig meisje in Chennai gered van gedwongen huwelijk’, ‘De stad Mysore registreert 47 kindhuwelijken in twee maanden’, ‘Districtsbestuurders van Coimbatore verhinderen 42 kindhuwelijken in 3 maanden’, ‘91 kindhuwelijken in Dindigul verijdeld.’

    Zowel jongens als meisjes worden door hun families uitgehuwelijkt, maar in meer dan 80 procent van de gevallen betreft het meisjes. Meestal worden kinderbeschermingsorganisaties gealarmeerd door onderwijzers. Omdat de scholen tijdens de lockdown in het voorjaar gesloten waren, is dit sociale beschermingsschild weggevallen.

    Volgens de ngo Girls Not Brides werd 27 procent van de Indiase meisjes voor hun achttiende verjaardag uitgehuwelijkt. India is het land met de meeste kindbruiden ter wereld. UNICEF, de VN-organisatie voor kinderrechten, schat het aantal minderjarige Indiase meisjes dat al getrouwd is op meer dan 15 miljoen. In het buurland Pakistan zijn er meer dan 1,9 miljoen kindbruiden.

    Negen van de tien landen met de hoogste cijfers in kindhuwelijken zijn labiele staten

    Buiten Zuid-Azië, waar sociale normen het uithuwelijken van meisjes vaak bevorderen, komen kindhuwelijken vooral in crisisgebieden voor. Negen van de tien landen met de hoogste cijfers in kindhuwelijken zijn labiele staten, de meeste daarvan liggen in sub-Sahara Afrika.

    varun tandon eIRpKJMccEg unsplash 2 1
    Kinderen proberen ballonnen en miniatuurvliegtuigen te verkopen langs de weg in de Indiase stad Delhi. – © Varun Tandon / Unsplash

    In de laatste twee decennia is het aantal kindhuwelijken afgenomen. Meerdere ngo’s waarschuwen dat gedwongen huwelijken van kinderen wereldwijd nu weer kunnen toenemen vanwege schoolsluitingen en economische onzekerheid. Een bericht van de ngo Save the Children schat dat er in 2020 in vergelijking met de voorgaande jaren een half miljoen meer kindbruiden zullen zijn – dat zou de grootste stijging in kindhuwelijken zijn sinds 25 jaar. Als die schatting klopt, werden er in dat jaar 12,5 miljoen kinderen uitgehuwelijkt.

    Philip Jaffé, professor kinderrecht aan de universiteit van Genève en lid van de VN-commissie voor kinderrechten, vindt de schatting van Save the Children eerder aan de voorzichtige kant. Omdat huwelijken in veel landen niet officieel geregistreerd worden, zou het moeilijk zijn om exacte getallen te noemen. Maar berichten uit de betreffende landen zouden toch meer zijn dan slechts toevallige waarnemingen en overeenkomen met de door Save The Children geprognostiseerde trend.

    Begeerd als huishoudelijke hulp

    In tijden van crisis worden meisjes vaak gedwongen te trouwen om de familie financiële verlichting te bezorgen. Meisjes die in arme huishoudens of in afgelegen landelijke gebieden leven, lopen een bijzonder groot risico om minderjarig uitgehuwelijkt te worden. Philip Jaffé zegt: ‘Voor arme families zijn meisjes duur, omdat ze minder kans hebben op een goed inkomen dan jongens.’ Vaak krijgen de families door het uithuwelijken van hun dochters geld of vee, waarvan ze kunnen leven en de rest van de familie kunnen voeden.

    Volgens Jaffé nemen kindhuwelijken bovendien toe omdat veel kinderen door de schoolsluitingen gedwongen zijn te werken. Vooral in India en Pakistan werken meisjes vaak als hulp in de huishouding voor alleenstaande mannen, maar worden dan in feite hun eigendom. Dikwijls nemen mannen een dienstmeisje omdat ze in haar een potentiële echtgenote en moeder zien. ‘Oudere mannen zoeken vooral jonge meisjes omdat ze die zien als een verzekering voor hun oude dag,’ zegt Jaffé.

    Daar komt bij dat de vereiste bruidsschat, die de ouders van de meisjes moeten betalen, meestal lager uitvalt naarmate de meisjes jonger zijn. De coronacrisis biedt de ouders daarbij de gelegenheid hun kinderen gunstiger uit te huwelijken omdat grote bruiloftsfeesten bijna overal verboden zijn. Veel meisjes die uitgehuwelijkt worden, komen terecht in een klein wereldje. Zodra ze uitgehuwelijkt worden, verlaten ze de school omdat de echtgenoten schoolbezoek afkeuren. Voortaan zorgen ze voor de man en eventuele kinderen.

    In 23 staten nog toegestaan

    Volgens studies kunnen kindhuwelijken leiden tot posttraumatische stressstoornissen, depressies, psychosen of zelfs suïcide. ‘Meisjes worden door kindhuwelijken gedwongen tot seksuele betrekkingen voordat ze daar mentaal aan toe zijn,’ zegt Philip Jaffé. Omdat de lichamen van jonge meisjes meestal nog niet volledig ontwikkeld zijn, kunnen er door geslachtsverkeer kwetsuren ontstaan in de genitale zone. Die kwetsuren kunnen blijvend zijn als ze niet medisch behandeld worden, en een negatief effect hebben op een latere zwangerschap en geboorte.

    In de afgelopen jaren hebben veel landen een wettelijke minimumleeftijd voor het huwelijk vastgesteld om kinderen te beschermen tegen een vroeg huwelijk. Volgens een studie die wereldwijd wetten over kindhuwelijken heeft onderzocht, zijn kindhuwelijken zonder speciale toestemming in 23 landen toch nog altijd toegestaan. 

    Naast landen als Afghanistan of Saoedi-Arabië staat ook Groot-Brittannië toe dat kinderen vanaf zestien jaar trouwen. De Britse wet stamt uit het jaar 1929, toen een buitenechtelijke zwangerschap of het samenleven zonder trouwboekje maatschappelijk onaanvaardbaar waren. Sinds oktober beraadt het parlement zich over de vraag of de minimumleeftijd opgetrokken moet worden naar achttien jaar.

    In landen die de wettelijke minimumleeftijd om te trouwen hebben vastgelegd op achttien jaar worden nationale bepalingen deels ontkracht door gewoonterecht en religieuze wetten. In 99 landen zijn huwelijkssluitingen voor achttien jaar geoorloofd als de ouders het toestaan. Omdat kindhuwelijken vaak door de ouders worden gearrangeerd, helpen de wetten vaak maar weinig om kindhuwelijken te verhinderen. 

  • Premier Draghi: Super Mario of wolf in schaapskleren?

    Premier Draghi: Super Mario of wolf in schaapskleren?

    De kersverse premier Draghi kreeg gisteren (17 februari) het vertrouwen van de Italiaanse Senaat, vandaag krijgt hij naar alle waarschijnlijkheid ook het Parlement achter zich. Terwijl een groot deel van de Italiaanse pers de komst van de voormalige voorzitter van de ECB met enthousiasme begroet, is niet iedereen blij met een liberale technocraat als hoofd van de regering.

    Woensdagochtend (17 februari) gaf de nieuwe Italiaanse premier Mario Draghi een toespraak waarin hij zijn program voor het land uiteenzette. Dezelfde dag stemde het Senaat met een overweldigende meerderheid (262 voor en 40 tegen) voor zijn regering van nationale eenheid.

    Vandaag, donderdag, wacht een tweede stemming in de Kamer van Afgevaardigden, die Draghi ook naar verwachting glansrijk zal winnen, aangezien hij een brede coalitie van partijen van over het hele politieke spectrum achter zich heeft. Niets lijkt Super Mario nog in de weg te staan om het land voortvarend te leiden, constateert de Italiaanse pers, die haast unaniem verheugd is met de daadkrachtige toon van de oud-ECB-voorzitter in zijn eerste toespraak als premier.

    ‘De woorden die premier Mario Draghi in de Senaat heeft uitgesproken, luiden het afscheid in van een tijdperk dat door de pandemie, met zijn noodlottige uitwerking, al ten grave was gedragen’, schrijft Corriere de della Serra in een hoofdredactioneel commentaar.

    ‘Dat was een tijdperk van anti-europrotesten, van vage ideeën over het vertrek van Italië uit de Europese Unie, van strijd tegen Frankrijk en Duitsland, van dromen over een gelukzalige “degrowth” [een wereld waarin productie en consumptie worden teruggebracht] en van klimaatontkenners. Gemakkelijke en denkbeeldige antwoorden op complexe problemen die niet konden worden opgelost met Italiaans navelgestaar.’

    ‘Laten we hopen dat Draghi “een land zal nalaten dat de dromen van onze kinderen waarmaakt”’

    Ook zakenkrant Il Sole 24 Ore is verheugd over de nieuwe wind na jaren van politiek gesteggel en een in zichzelf gekeerd Italië. ‘Een passage [uit de toespraak] die het verdient te worden onderstreept is (…) wanneer Draghi verwijst naar de trots om Italiaan en pro-Europeaan te zijn, omdat de keuze voor de euro “onomkeerbaar” is, maar ook omdat “wij een grote economische en culturele macht zijn”.’

    Dat vergeten we volgens de krant maar al te vaak, maar Draghi benadrukt dit juist. ‘We moeten trotser, rechtvaardiger en genereuzer zijn ten opzichte van ons land’, en erkennen ‘dat vele anderen ons benijden omdat we vaak vooroplopen in de wereld, om de grote rijkdom van ons sociaal kapitaal, om de vele vrijwilligers in het land’.

    Het dagblad voorspelt dan ook een succesvolle regeringsperiode van Draghi. ‘De voorwaarden voor succes zijn aanwezig, te beginnen met een internationaal netwerk, van de Verenigde Staten tot Duitsland. (…) Laten we hopen dat hij weet hoe hij Italië door deze moeilijke tijd moet loodsen om de jongeren, onze kinderen, zoals hij gisteren zei, “een land na te laten dat in staat is hun dromen waar te maken”.’

    Het katholieke dagblad Avvenire (Toekomst) is vooral blij dat de nieuwe premier in zijn Senaatstoespraak naar de toekomst kijkt. ‘Mario Draghi had het gisteren in de Senaat niet over miljarden euro’s. Want, veel meer dan de financiële, is de echte schuld die vandaag moet worden ingelost, die tussen generaties. De verantwoordelijkheid van het heden is te weten hoe vaardigheden, energie en middelen te verenigen en te beheren om een betere samenleving en een betere planeet te garanderen aan hen die vandaag jong zijn of nog op de wereld moeten komen. Het is deze “schuld aan de toekomst” die de minister-president als centraal punt in zijn regeringsprogramma poneerde. Een schuld die tegelijkertijd sociaal, ecologisch en van menselijke aard is.’

    Terugkeer van de elite

    ‘Is dit de terugkeer van de elite?’ vraagt Franse krant L’Opinion zich af nu de oud-ECB-voorzitter en ‘het archetype van de gehate Europese technocraat’ aan het roer van Italië staat. Draghi geniet zelfs de steun van populistische partijen als Lega, van Matteo Salvini, en de Vijfsterrenbeweging, van Luigi Di Maio – de twee vicepremiers van het vorige kabinet.

    ‘De omslag ligt niet in het onvermogen van de populisten om te regeren’, schrijft L’Opinion. ‘Het is eerder de wijdverspreide aanvaarding van het idee dat een briljante vertegenwoordiger van de geglobaliseerde macht samen met hen kan regeren. (…) Draghi is meer politiek dan men zou denken, geholpen door de 200 miljard euro van de Europese Unie, zou hij de democratische crisis kunnen tegengaan door het respect voor andermans mening in ere te herstellen.’

    ‘Heel Europa heeft er belang bij dat Draghi met succes transformeert van verrader tot redder’

    De regering-Draghi zou, volgens L’Opinion, vanwege zijn standpunten zelfs een voorbeeld voor de rest van Europa zijn. ‘Tegen de technocratie, waarvoor maar al te vaak geen alternatief is. Tegen de populistische partijen zelf, die hun tegenstanders snel als vijanden van het volk bestempelen, met een gevaarlijke polarisatie als gevolg. Heel Europa heeft er dus belang bij dat Draghi met succes transformeert van verrader tot redder.’

    Establishment

    Het linkse dagblad Il Fatto Quotidiano heeft minder vertrouwen in de mooie beloften uit Draghi’s toespraak. Met hem als premier koos president Sergio Matarella ‘niet alleen voor “de beroemdste Italiaan ter wereld”, wiens gênante koor al dagen slaafs zijn lof zingt. Nee, hij koos ook een symbool van het internationale establishment dat de wereld de afgelopen decennia heeft geregeerd en gemaakt tot wat zij is.’

    Van 1991 tot 2001 was Draghi al de hoogste ambtenaar van het Italiaanse ministerie van Financiën. ‘Tien noodlottige jaren’, oordeelt Il Fatto Quotidiano, waarin ‘Draghi leiding gaf aan het privatiseringsproces van Italiaanse overheidsbedrijven, dat in plaats van het verminderen van het begrotingstekort en het verbeteren van de dienstverlening, heeft geleid tot de oprichting van particuliere monopolies met nauwe politieke banden.’

    ‘Het probleem is dat een niet-gekozen regering de handen vrij heeft om een “sociaal bloedbad” aan te richten’

    Het dagblad is ook weinig positief over Draghi’s voorzitterschap van de ECB: ‘[In die periode] ondertekende hij in 2011 de beroemde geheime brief waarin hij de Italiaanse regering dringend verzocht om de lonen en arbeidsvoorwaarden aan te passen aan de behoeften van de bedrijven, en de overheidssector uit te kleden (met een oproep tot lagere lonen).’

    Dat Draghi nu de Italiaanse economie gaat stimuleren met sociale maatregelen, noemt Il Fatto Quotidiano ‘de mythe van een keynesiaanse Draghi’. ‘Maar niemand gelooft deze vrome illusie: het werkelijke bedrag dat van het Europees herstelplan naar Italië zal gaan, is veel lager dan wordt beweerd, en zijn agenda gaat meer over het behoud van werkgelegenheid. Het probleem is dat een niet-gekozen regering, die dus niets te maken heeft met het streven naar democratische consensus, de handen vrij heeft om een “sociaal bloedbad” aan te richten’, analyseert de krant.

    ‘Een buitengewone tijd (…) vereist de omverwerping van een failliet systeem. Draghi zal dat niet voor elkaar krijgen.’

    De aanstelling van Draghi is tekenend voor het verval van de nationale politiek in Europa

    Volgens filosoof Lorenzo Marsili ligt er een gevaar in het zogenaamde apolitiek profiel van Draghi, waarmee de ‘normaliteit’ in de Italiaanse politiek zou terugkeren, schrijft The Guardian. ‘Maar wat is dat “normaal” waar Italië zo naar verlangt? In het grootste deel van Europa is dat een beeld van langzaam verval, waar business-as-usual leidt tot groeiende ongelijkheid, aantasting van democratie en milieu en een dramatisch verlies van elke greep op de uitdagingen van de eenentwintigste eeuw’, aldus Marsili.

    De aanstelling van Draghi is tekenend voor het verval van de nationale politiek in Europa, aldus Marsili. ‘Geen enkele van de verzwakte Europese natiestaten is in staat om op eigen kracht een transformerend beleid te voeren: om multinationals aan banden te leggen, de economie CO2-neutraal te maken of de exorbitante rijkdom van een kleine elite aan te pakken, die tijdens de pandemie alleen maar verder uit de hand is gelopen.’

    Maar als Draghi, zoals hij ook in zijn toespraak benadrukte, zorgt voor een Europese oplossing, ziet Marsili potentie voor échte verandering, schrijft hij in The Guardian. ‘De man van “whatever it takes”, de “redder” van de euro, weet beter dan de meesten dat alleen een echte economische en politieke unie de Europese staten in staat kan stellen hun collectieve soevereiniteit over hun lot terug te krijgen’, stelt Marsili.

    Toch lijkt dat de Italiaanse filosoof onwaarschijnlijk: ‘Een buitengewone tijd […] vereist de omverwerping van een failliet systeem. Draghi zal daar niet in slagen. En het risico van een hernieuwde nationalistische reactie is reëel.’

    Draghi’s politiek programma

    Het Italiaanse weekblad Internazionale vatte de belangrijkste punten uit de toespraak van Draghi van 17 februari samen:

    Europa en de euro. ‘De euro is onomkeerbaar (…). Zonder Europa is er minder Italië.’

    Het vaccinatieplan. ‘Onze eerste uitdaging is om het vaccin snel en efficiënt te distribueren.’

    Hervorming van de gezondheidszorg. ‘Het is noodzakelijk om het netwerk van basisdiensten te versterken en uit te breiden […]. Ziekenhuizen zullen worden belast met acute, postacute en revalidatiezorg. Via zorg op afstand moet het huis de belangrijkste plaats van zorg worden.’

    Scholen. ‘Snel terugkeren naar een normaal lesrooster; de in 2020 verloren lesuren inhalen; investeren in de opleiding van onderwijzend personeel. Bijzondere aandacht moet worden geschonken aan technische opleidingen.’

    Gelijkheid man en vrouw. ‘De genderkloof in de arbeidsparticipatie in Italië behoort nog steeds tot de hoogste in Europa (…) De regering zal zich concentreren op een socialezekerheidsstelsel dat vrouwen in staat stelt evenveel energie aan hun carrière te besteden als hun mannelijke collega’s, zodat de keuze tussen gezin of werk niet hoeft te worden gemaakt.’

    Next Generation EU. ‘We zullen ongeveer 210 miljard euro beschikbaar hebben over een periode van zes jaar. De strategische doelstellingen zijn: de productie van energie uit hernieuwbare bronnen, lucht- en waterverontreiniging terugdringen, een snel spoorwegnet, energiedistributienetwerken voor elektrische voertuigen, de productie en distributie van waterstof, digitalisering, breedband- en 5G-communicatienetwerken.’

    Klimaatcrisis. ‘Er is behoefte aan structureel beleid dat innovatie vergemakkelijkt, toegang van groene bedrijven die kunnen groeien door toegang tot kapitaal en krediet, en een expansief monetair en fiscaal beleid dat investeringen vergemakkelijkt en vraag creëert voor de nieuwe duurzame activiteiten.’

    Toerisme. ‘Sommige groeimodellen zullen moeten veranderen. Ondernemingen en werknemers in de toeristische sector moeten worden geholpen om de door de pandemie veroorzaakte ramp te boven te komen, maar we moeten culturele steden, plaatsen en tradities behouden, dat wil zeggen, niet verkwanselen.’

    Immigratie. ‘Een andere uitdaging wordt de onderhandeling over het nieuwe asiel- en migratiepact, waarin wij zullen streven naar een evenwicht tussen de verantwoordelijkheid van de landen van eerste binnenkomst en daadwerkelijke solidariteit. Van cruciaal belang zal ook de uitwerking zijn van een Europees terugkeerbeleid voor degenen die geen recht hebben op internationale bescherming, naast de volledige eerbiediging van de rechten van de vluchtelingen.’

  • Facebook blokkeert nieuws in Australië | Schildpadden in Texas verlamd door kou

    Facebook blokkeert nieuws in Australië | Schildpadden in Texas verlamd door kou

    Facebook blokkeert nieuwsartikelen in Australië

    Eerder berichtten we al over Googles dreigement om Australië te verlaten, vanwege een wetsvoorstel van de regering dat eist dat nieuwsuitgevers voor hun inhoud worden betaald. Sindsdien, meldt Sydney Morning Herald, sloot het bedrijf miljoenencontracten met grote Australische uitgevers.

    Zo niet Facebook. Als reactie op het voorstel verhindert het bedrijf persgroepen en gebruikers om nieuwsartikelen op het sociale netwerk in het land te delen of te bekijken. De Australische regering noemt de blokkade ‘autoritair’, de Sydney Morning Herald ‘onthutsend’.  

    De officiële reactie van Facebook luidt als volgt:

    ‘We staan ​​voor een onaangename keuze: proberen te voldoen aan een wet die de realiteit van de relatie [tussen het netwerk en de uitgevers] negeert, of stoppen met het toestaan ​​van nieuwsinhoud op onze diensten in Australië. Met een bezwaard hart kiezen we voor de tweede optie.’

    Fakebook

    Afgezien van de afname van het verkeer naar hun sites die de maatregel tot gevolg zal hebben, maken veel Australische media, zoals The Australian Financial Review, zich zorgen over het verdwijnen van betrouwbare informatie op het netwerk. De krant is van mening dat ‘Facebook de Australische waarheid opoffert (…) om te voorkomen dat er een duur wereldwijd precedent wordt geschapen’.

    Volgens een rapport van de Universiteit van Canberra over digitaal nieuws in 2020 gebruikt 39 procent van de Australiërs Facebook om het nieuws te raadplegen en 49 procent om informatie over de covid-19-epidemie te verkrijgen. 

    ‘Terwijl Australië zich voorbereidt op de lancering van het belangrijkste vaccinatieprogramma van ons leven, zullen de antivaxers, die zoals we hebben gezien verkeerde informatie op Facebook verspreiden, niet langer worden weersproken door een persbericht van lokale gezagsdragers’, aldus Financial Review.

    Met al dit nepnieuws, waarschuwt ook The Australian, ‘wordt Facebook “Fakebook”’ en zorgt Mark Zuckerberg ervoor dat zijn ‘Australische gebruikers machteloos staan ​​tegenover gevaarlijk nepnieuws’. 

    Lees ook ons bericht van 22 januari:


    ‘Vrijheid voor Pablo Hasél. Weg met Franco’s rechtssysteem’

    Meer dan veertig mensen zijn gearresteerd na gewelddadige protesten in Madrid, Barcelona en Granada tegen de opsluiting van Pablo Hasél, meldde El Mundo woensdag (17 februari). In de Spaanse hoofdstad verzamelden honderden mensen zich ’s middags bij Puerta del Sol om de rapper te steunen, na zijn veroordeling tot negen maanden gevangenisstraf vanwege tweets waarin hij de politie en de monarchie aanvalt. De ‘ongeoorloofde maar vreedzame’ demonstratie ontmondde tegen de avond in ‘een veldslag’.

    In Barcelona verzamelden honderden mensen zich voor de tweede dag op rij, wat uitliep op ‘het verbranden van containers en het opzetten van barricades’.

    El País sprak met enkele demonstranten. Jorge Gómez, 24, licht toe: ‘Er is een gebrek aan vrijheid van meningsuiting, alleen omdat Hasél vanzelfsprekende dingen heeft gezegd.’ [Hasél noemde voormalig koning Juan Carlos I een maffiabaas.] Gómez noemt de wetten die de rapper hebben veroordeeld ‘middeleeuws’. Julia Castro, 22, voert aan dat: ‘veel reggaetonliedjes denigrerende boodschappen over vrouwen bevatten en toch door miljoenen mensen worden gehoord, terwijl slechts een minderheid naar Hasél luistert.’

    De kreet die het meest is gehoord op het centrale plein van Madrid is ‘Nazi’s overdag en politie ’s nachts’ en ‘Hier zijn de antifascisten’. Op spandoeken staat de slogan ‘Ontvoerd door de staat, iedereen op straat! Laten we zijn vrijheid heroveren!’ en ‘Vrijheid voor Pablo Hasél. Weg met Franco’s rechtssysteem’. Volgens het Spaanse dagblad begonnen de bijeenkomsten in feestelijke sfeer, met liedjes waarin de vrijlating van de Catalaanse rapper wordt geëist.

    Ook Amnesty International veroordeelt de opsluiting van de rapper.


    In het VK worden vrijwilligers ingeënt met het coronavirus

    De Britse regering heeft besloten een experiment te financieren dat van plan is om ongeveer negentig vrijwilligers te ‘infecteren’ met covid-19 om informatie te verzamelen over de reactie van het immuunsysteem. De ethische instantie voor klinische proeven heeft groen licht gegeven voor het experiment. Over een paar weken zullen gezonde mensen tussen de 18 en 30 jaar door middel van druppels in de neus met het virus worden besmet.

    Deze wereldprimeur roept enkele vragen op. Zoals: wat is een gepaste beloning als je ermee instemt te worden geïnjecteerd met een virus dat wereldwijd al 2,4 miljoen mensen heeft gedood? Het antwoord is volgens The Times 4000 pond (4600 euro).  In het project is in totaal 33 miljoen pond geïnvesteerd.

    Op middellange termijn hopen de onderzoekers de tests te kunnen voortzetten om nog ambitieuzere doelen te bereiken, legt professor Peter Openshaw van Imperial College London uit in The Guardian. ‘Deze onderzoeken zijn uniek en kunnen ons in staat stellen om sneller vooruitgang te boeken, niet alleen bij het begrijpen van de ziekte, maar ook bij het vinden van geschikte behandelingen en vaccins’, aldus de wetenschapper. Deze hulp zou meer dan welkom zijn in een tijd waarin de verspreiding van nieuwe varianten de internationale wetenschappelijke gemeenschap zorgen baart.

    Balans

    Het wetenschappelijke Nature stelde al aan het begin van de pandemie de vraag of dergelijke ‘tests op mensen’ acceptabel zouden zijn. De media bevestigden vervolgens dat het noodzakelijk was ‘een redelijk evenwicht te vinden tussen de risico’s die deze mensen lopen en het belang dat deze inspanning vormt voor de gemeenschap. De onderzoeken brengen risico’s met zich mee, maar nemen ze ook weg.’


    Zeeschildpadden worden in Texas gered van de kou

    In Texas is een congrescentrum ingericht om de ‘laatste slachtoffers van het strenge winterweer op te vangen’, schrijft NBC News. Het gaat om duizenden door de kou verdoofde zeeschildpadden, die op het strand zijn aangespoeld.

    De verdoving houdt in dat de schildpadden hun flippers niet meer kunnen bewegen en vanzelf komen bovendrijven. Ze weten dat ze moeten bewegen om te kunnen overleven, maar zijn niet in staat om hun lichaam daartoe aan te zetten, legt een medewerker van het centrum uit in een filmpje op CNN. Als gevolg daarvan worden ze levenloos.

    Bewoners, van wie sommigen zelf geen warmte of basisvoorzieningen in hun eigen huis hebben vanwege het ongewoon koude weer, hebben de zeeschildpadden gered en naar het congrescentrum in een vakantieoord in het zuiden van Texas gebracht.

    ‘Zo ongeveer om de vijftien minuten komt er weer een pick-uptruck of SUV aanrijden’, zegt Ed Caum, uitvoerend directeur van de South Padre Island Convention and Visitors Bureau, geciteert door The Guardian.

    Hij vertelt dat mensen soms een of twee zeeschildpadden meebrengen, soms meer. ‘Gisteren kwamen er soms ook aanhangwagens vol met vijftig tot honderd stuks.’ Tot nu toe zijn er meer dan 3500 zeeschildpadden ‘verzameld’; Caum is terughoudend met de term gered, want ‘we weten dat we er enkele gaan verliezen’.

    Nu er opnieuw een koufront nadert, is niet bekend wanneer de zeeschildpadden weer het water in kunnen. De temperatuur in het gebied was op woensdagmiddag ongeveer 4 graden Celsius. De schildpadden kunnen pas teruggeplaatst worden in de Golf van Mexico als het kwik boven de 15 graden uitstijgt.

    Eerder beschreef The Guardian al hoe de winterstorm de ongelijkheid in toegang tot elektriciteit vergroot onder Texanen; hoewel de staat de meeste elektriciteit produceert in de VS, ‘bevonden miljoenen kansarme inwoners zich de afgelopen weken in kou en duisternis’.