Onderwerpen: Geschiedenis

  • De nazaten van 15e-eeuwse Chinese zeelui in Kenia houden hun geschiedenis in leven

    De nazaten van 15e-eeuwse Chinese zeelui in Kenia houden hun geschiedenis in leven

    Terwijl China zijn invloed in Afrika met het ene na het andere infrastructuurproject blijft uitbreiden, zijn er maar weinig culturele banden tussen Beijing en het continent. Toch lijken ontdekkingsreiziger Zheng He en zijn zeelui uit de vijftiende eeuw hun sporen in Kenia te hebben achtergelaten.

    Het huis van Mama Baraka, met zijn gebarsten lemen muren en slecht verlichte kamers met muggennetten aan het plafond, verscholen in een labyrint van smalle steegjes in het dorpje Siyu op het eiland Pate, is zelf niet opzienbarend. Maar één object in dit traditionele huis op het piepkleine eilandje voor de kust van Kenia heeft nieuwsgierige bezoekers van ver getrokken: een porseleinen kom die van generatie op generatie is doorgegeven, een artefact dat volgens Baraka bewijst dat haar voorouders honderden jaren geleden uit China kwamen.

    ‘We hebben de kom generatieslang als een familieschat bewaard,’ vertelt de 75-jarige Baraka. ‘Mijn grootouders hebben me van jongs af aan verteld dat we Chinees bloed hebben en dat we onze afkomst nooit moeten vergeten.’

    ‘Moeder heette Safina, het Arabische woord voor “schip”,’ vertelt Baraka, die in de schaduw van de overhangende dakrand wat verkoeling zoekt in de zinderende hitte. ‘Mijn oma wilde dat ze niet zou vergeten dat haar voorouders met een schip helemaal vanuit China hierheen waren gekomen.’

    Volgens de historische consensus ondernam de Chinese ontdekkingsreiziger Zheng He tussen 1405 en 1433 zeven zeereizen, waarbij hij meer dan dertig landen bezocht. Zheng keerde terug naar China, zo is opgetekend, met ‘ontelbare schatten met onbekende namen’.

    De grootste vloot ter wereld

    Met meer dan 26.000 zeelieden aan boord van 300 of meer schepen, waaronder zich 63 zogeheten ‘schatschepen’ bevonden en waarvan het grootste meer dan 120 meter lang was, was dit tot de Eerste Wereldoorlog de grootste vloot ter wereld. (De vloot van Christoffel Columbus aan het einde van de vijftiende eeuw bestond uit drie schepen waarvan het grootste, de Santa María, ongeveer 36 meter lang was.)

    Volgens de Mao Kun-kaart, ook wel bekend als Zheng He’s navigatiekaart en ’s werelds oudste zeeatlas, zeilden de vijfde, zesde en zevende expeditie door de Straat Malakka, via het zuidelijkste puntje van het Indiase schiereiland naar de Swahili-kust, helemaal tot aan het zuiden van het huidige Mozambique.

    ‘We waren wel een erg gesloten gemeenschap, dus ze werden misschien niet meteen met open armen ontvangen’

    Steden als Mombassa, de oudste zeehaven van Kenia, stonden op de kaart gemarkeerd. De lokale legende wil dat een van Zhengs schepen voor de kust van Pate in een storm belandde, op een rots liep en naar de bodem van de Indische Oceaan zonk. Dit zou tussen 1417 en 1433 moeten zijn gebeurd, de enige periode waarin Zheng He en zijn zeelieden volgens de meeste kenners de Oost-Afrikaanse kust bereikten.

    Baraka’s gezicht licht op als ze over de zeemannen vertelt die bij het plaatsje Shanga op Pate aanspoelden. ‘Daar is onze familiegeschiedenis begonnen.’ Maar, voegt ze eraan toe, ‘we waren wel een erg gesloten gemeenschap, dus ze werden misschien niet meteen met open armen ontvangen.’

    Pythons

    ‘Destijds bezorgden een paar pythons de dorpelingen een hoop last, dus als de Chinese zeelui dat probleem konden verhelpen, werd hun verteld, dan mochten ze blijven. En inderdaad slaagden ze erin de pythons te doden, en zo werden ze alsnog verwelkomd. Ze bekeerden zich tot de islam, trouwden met lokale vrouwen en stichtten gezinnen.’

    De overlevering vermeldt niet hoeveel zeemannen gezinnen vormden in Shanga, en Baraka weet niet hoeveel er die dag zijn aangespoeld, maar ‘we wonen al eeuwenlang in dit huis; ik ben hier opgegroeid en heb mijn kinderen hier grootgebracht’.

    GettyImages 1291392250
    Historische graftombes op het eiland Pate, Kenia. © Getty Images

    Met de publicatie van het boek When China Ruled the Seas, geschreven door Louise Levathes, bereikte dit verhaal in 1994 voor het eerst een groter publiek. De auteur noemt de vermeende nazaten van de Chinese zeelui op Pate in haar epiloog. Het verhaal vergaarde nog meer bekendheid door een artikel in The New York Times van journalist Nicholas Kristof, die het eiland naar aanleiding van Levathes’ boek in 1999 bezocht. In China haalde deze mogelijke geschiedenis pas in 2003 het nieuws, toen Li Xinfeng, verslaggever voor het Volksdagblad, naar Pate afreisde en het verhaal toegankelijk maakte voor het Chinese publiek.

    Een van de doelen was absoluut om een oude schakel te vinden

    Dit wakkerde de Chinese aandacht aan en al snel volgden bezoeken van staatsomroep CCTV, China Daily en staatspersbureau Xinhua, die allemaal op zoek waren naar een Chinese link met Kenia die ouder was dan de door China aangelegde spoorweg van Nairobi naar Mombassa (waar op het eindpunt aan de kust een buste van Zheng He prijkt met de inscriptie: ‘Zhengs vloot bracht vier bezoeken aan Mombassa, wat heeft bijgedragen aan het wederzijdse begrip tussen China en Kenia en de vriendschappelijke uitwisselingen tussen beide landen heeft bevorderd’).

    Een van de doelen was absoluut om een oude schakel te vinden, een aanknopingspunt dat Afrika tot een van de hoofdbestemmingen zou verheffen voor het Belt and Road Initiative, het Chinese megaproject waar president Xi Jinping in 2013 het startsein voor gaf.

    China heeft gigantische sommen geld in de infrastructuurontwikkeling gepompt, van de spoorweg tussen Tanzania en Zambia tot Entebbe International Airport in Oeganda. Op zee introduceerde China de maritieme zijderoute, die kustlanden van Zuidoost-Azië tot aan de Afrikaanse kust met elkaar verbindt, om zo de economische samenwerking tussen deze landen te stimuleren. Deze zeebrug overlapt grotendeels de route die Zheng zeshonderd jaar geleden bevoer.

    Porselein

    ‘Ik had een paar vrienden, helaas inmiddels allemaal overleden, die een lichte huidskleur en kleinere ogen hadden,’ vertelt Walid Bihala, een tachtigjarige inwoner van Siyu. ‘We waren er allemaal van overtuigd dat ze van de Chinezen afstamden, en dat was ook wat er in hun familie werd gezegd.’

    Sinds vijftiger Manour Ile, een andere dorpeling, een paar decennia terug voor het eerst van de Chinese schipbreuk hoorde, heeft hij langs de kust struinen en aangespoelde porselein jutten tot hobby verheven. Hij zegt dat hij nog altijd dingen vindt. Vol trots laat hij zijn verzameling scherven en brokstukken zien, die inderdaad afkomstig lijken van traditionele Chinese porseleinen kommen.

    ‘Door die rots is het Chinese schip gezonken. Net zoals die ijsberg bij de Titanic

    ‘Professor Mark Horton uit het Verenigd Koninkrijk is bij me thuis geweest toen hij hier onderzoek deed,’ vertelt Ile. ‘Hij heeft me geholpen een aantal brokstukken te identificeren.’ Hij pakt een scherf op en zegt: ‘Deze, bijvoorbeeld, komt uit Europa.’ Hij pakt er nog een op, stoft hem af en zegt: ‘Deze komt uit China, maar ik weet niet precies van welke dynastie. Mijn buren zeggen alsmaar dat ik ze moet verkopen, misschien kan ik er wel een fortuin mee verdienen, maar ik peins er niet over. Dit is deel van ons erfgoed.’

    Ile stelt voor een bezoek te brengen aan het verlaten, volledig overwoekerde dorp Shanga, een brommerritje van een halfuur. Gezeten onder een flinke baobab, uitkijkend op twee vissersboten die op het zand zijn getrokken, wijst hij naar de punt van wat een grote rots lijkt, die honderden meters verderop boven het water uitsteekt. ‘Door die rots is het Chinese schip gezonken,’ zegt hij. ‘Net zoals die ijsberg bij de Titanic.’

    Pate werd na de eerste nieuwsberichten niet alleen bezocht door nieuwsgierige toeristen; in december 2002 stuurde de Chinese ambassade twee diplomaten op hun eerste officiële bezoek naar de Lamu-archipel, en vanaf 2010 volgden Chinese archeologen.

    Archeologische missies

    ‘Onze grootouders hebben ons dit verhaal verteld,’ zegt Baraka, die nog goed weet hoe opgetogen ze was om haar verhaal te kunnen doen tegen zowel Keniaanse als Chinese archeologen. ‘Het was heel bijzonder om van Chinezen te horen dat het klopt.’

    In december 2005 tekenden de Chinese Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en de Keniaanse regering een memorandum om de handen ineen te slaan voor archeologische missies op de Lamu-archipel. In 2010 stuurde China een team van archeologen van het Nationale Museum van China, de Provinciale Dienst voor het Cultureel Erfgoed van Henan en de Universiteit van Beijing naar Kenia om opgravingen te doen met lokale experts, waaronder die van de Nationale Musea van Kenia. Het was de eerste keer dat China een opgravingsteam over de landsgrenzen zond.

    Van 2010 tot 2013 werden drie archeologische missies uitgevoerd om te kijken of de zeelieden van Zheng He hier inderdaad waren geweest. Professor Herman Kiriama, voormalig hoofd kustarcheologie van de Nationale Musea van Kenia, gaf leiding aan de Keniaanse archeologen die in 2010 met hun Chinese collega’s samenwerkten bij een onderwatermissie.

    ‘Het zou best kunnen dat er een schip ligt, maar wij hebben het niet gevonden’

    ‘Zelfs na jaren zoeken zijn we niet op scheepsresten van Zheng He’s vloot gestuit,’ vertelt Kiriama in een telefoongesprek. ‘Er zijn sterke stromingen en de oppervlakte van de zeebodem is in de loop der tijd drastisch veranderd. Het zou best kunnen dat er een schip ligt, maar wij hebben het niet gevonden.’

    Toch leverde de expeditie een aantal veelbelovende vondsten op voor de kust van Malindi, een kustplaats die tussen de negende en vijftiende eeuw het hart vormde van het koninkrijk Malindi, een Bantoe-beschaving die op de navigatiekaart van Zheng He staat vermeld. Er werd intensief handelgedreven met de Arabieren. De teams vonden verschillende Chinese relikwieën, waaronder porselein, afkomstig van het Portugese fregat Santo Antonio de Tanna, ook wel bekend als het Mombassa-wrak, dat is gezonken in 1697 – meer dan tweehonderd jaar na Zhengs reis – tijdens het bewind van keizer Kangxi, de tweede heerser van de Qing-dynastie die over China regeerde.

    Vondsten

    Aan land deden archeologen van de Universiteit van Beijing en de Nationale Musea van Kenia opgravingen in Mambrui, vlak bij Malindi. Twee vondsten sprongen eruit: een aantal Yongle Tongbao, Chinese geldmunten uit de Ming-dynastie ten tijde van keizer Yongle, en blauw-wit porselein dat in de vroege Ming-dynastie uitsluitend voor keizerlijk gebruik was bedoeld.

    ‘Dit suggereert dat de site een van Zhengs landingsplaatsen was in de vroege Ming-dynastie,’ aldus een verklaring van het Instituut voor Archeologie van de Chinese Academie van Sociale Wetenschappen, ‘en het biedt een aanknopingspunt voor verder onderzoek naar Zheng He’s reis en zijn contact met Oost-Afrika.’

    Maar deze theorie is niet waterdicht. De Portugese ontdekkingsreiziger Vasco da Gama was in 1498 om de Kaap de Goede Hoop via de Oost-Afrikaanse kust naar India gevaren. Nadat deze zeeroute in gebruik was genomen, bloeide de handel tussen Azië en Oost-Afrika op, en het is heel goed mogelijk dat de relikwieën die van Zheng He’s vloot afkomstig zouden zijn, pas nadien, tijdens de Portugese uitwisseling van goederen, in Kenia zijn beland.

    Mwamaka Sharifu, Mama Baraka’s dochter, weet nog goed dat mensen uit China haar moeder in 2002 bezochten om DNA te verzamelen. In opdracht van wie herinnert ze zich niet meer. ‘We waren benieuwd naar de uitslag, maar toen ik ernaar vroeg kreeg ik alleen te horen: “Het is in orde.” Het waren niet echt overheidsfunctionarissen, dus het zal wel alleen voor de documentaire zijn geweest,’ zegt Sharifu, waarmee ze doelt op 1405. The Voyages of Zheng He, die in 2002 in opdracht van CCTV en de provinciale overheid van Jiangsu werd gemaakt.

    Bloedlijn

    Moeder en dochter vernamen geen van beiden de uitslag, die ook nergens is gedocumenteerd. Het feit dat er een DNA-test was uitgevoerd, was voor sommige Chinese media voldoende om ermee aan de haal te gaan. De Nanjing Morning Post schreef in 2005 dat Baraka zou hebben gezegd dat ze de uitslag had ontvangen en dat ‘onomstotelijk’ vaststond dat ‘de bloedlijn van haar moeder Chinese genen bevat’.

    Volgens Mingqing Yuan, fellow aan de Internationale Postdoctorale Opleiding voor Afrikaanse Studies in Bayreuth, Duitsland, lijkt de DNA-test misschien een wetenschappelijk bewijs van bloedverwantschap, maar is die ‘niet echt wetenschappelijk verantwoord, of zelfs plausibel, gezien de heterogeniteit en ambiguïteit van Chinees DNA’.

    Afrika kaart

    Tot zover de wetenschap. Maar aan anekdotes geen gebrek. In de ruïnes van het overwoekerde dorp wijst Ile op de gelijkenis tussen de naam Shanga en Shangai, die inwoners van Siyu ook al was opgevallen.

    Andere dorpelingen, zoals Walid Bihala, beweren dat de tombes die over het eiland verspreid liggen, waaronder een oud uitziende koepel tussen Siyu en Shanga, van Chinese makelij zijn. ‘Kijk,’ zegt Ile terwijl hij van zijn brommer springt en uitsparingen op de koepel aanwijst. ‘Hier zat porselein, maar dat is gestolen omdat het geld waard is.’ Hij schudt zijn hoofd. ‘Ze zijn gebouwd door de Chinezen.’ Volgens professor Qin Dashu, een van de archeologen verbonden aan de Universiteit van Beijing, zouden de uitsparingen waar het porselein zou hebben gezeten voor een Chinees kenmerk kunnen doorgaan, maar de inscripties op de grafmonumenten zijn grotendeels weggevaagd en er zijn maar drie stenen platen die nog tekst bevatten, allemaal in het Arabisch.

    De meeste mensen in de kustregio van Kenia en Tanzania zijn nog altijd soennitische moslims

    De Arabische invloed langs de Swahili-kust, van Somalië tot Mozambique, is goed gedocumenteerd. Moslimhandelaren, voornamelijk Arabieren, vestigden zich vanaf de achtste eeuw in de regio, in de twaalfde eeuw gevolgd door Perzen – een mogelijke verklaring voor de ‘lichtere huid’ en de ‘kleinere ogen’ van de inwoners van Pate. De meeste mensen in de kustregio van Kenia en Tanzania zijn nog altijd soennitische moslims.

    Behalve dit teleurstellende nieuws over de tombes vertelt Dashu ook dat de kom van Baraka ‘niets te maken heeft’ met de expeditie van Zheng He. Afgaande op de patronen en de technieken die bij het bakken van het porselein zijn gebruikt, is de kom op zijn vroegst in de late Qing-dynastie gemaakt, een paar eeuwen later.

    Maar dit gebrek aan bewijs stond een softpowerinitiatief niet in de weg. Dankzij de legendes die hier al eeuwenlang voortleefden werd Sharifu het middelpunt van het Chinese mediaoffensief van halverwege de jaren 2000. Met directe steun van de Chinese ambassade in Nairobi reisde ze af naar China.

    Staatssponsors

    ‘Ik was altijd de spraakzaamste van de familie, dus toen Chinese verslaggevers bij ons aanklopten, stond ik ze altijd vriendelijk te woord,’ vertelt ze. En al die door de staat gesponsorde berichtgeving kwam ook de staatssponsors zelf onder ogen, zodat Sharifu in 2005 werd uitgenodigd in Taicang, een stad in de provincie Jiangsu, ‘om de viering bij te wonen van de zeshonderdste verjaardag van Zheng He’s verkenningstochten’.

    Na de festiviteiten in de stad van waaruit de ontdekkingsreiziger zijn reizen had ondernomen, mocht ze als onverwachte beroemdheid haar opwachting maken in de Grote Hal van het Volk, in Beijing, als ‘levend bewijs’ van de lange, vriendschappelijke geschiedenis tussen China en Afrika – zelfs al viel dit helemaal niet te staven. In 2017 werd Zheng He door president Jinping geroemd als ‘vriendelijke afgezant’ die een brug ‘voor vrede en samenwerking tussen Oost en West’ had gebouwd – een mythe die volgens fellow Yuan is gecreëerd ‘door selectieve herinnering vanuit politieke en economische bedoelingen’.

    ‘Wo hui jia je’[‘Ik ben thuisgekomen’] waren de eerste woorden die Sharifu tijdens de viering in Taicang leerde schrijven

    Yuan zegt dat de Chinese overheid deze mythe over Zheng voortdurend aangrijpt om zichzelf ‘neer te zetten als de rechtmatige erfgenaam van de historische erfenis van Zheng He’ en als ‘woordvoerder van de Chinese etniciteit’. ‘Wo hui jia je’[‘Ik ben thuisgekomen’] waren de eerste woorden die Sharifu tijdens de viering in Taicang leerde schrijven en vervolgens omhooghield voor de camerahaag.

    ‘Wij zijn nazaten van Zheng He, en aangezien jij hier geen familie hebt en jij ook van Zheng He afstamt, ben je een van ons,’ zo zei het gezin dat het lokale bestuur als logeeradres voor haar had geregeld. ‘Vind je het leuk om in Kenia “China Girl” te worden genoemd?’ vroeg de presentator van Guests in juli 2005 op CCTV. ‘Jazeker,’ antwoordde Sharifu.

    ‘Hoe voelt het om thuis te komen?’ vroeg een verslaggever van staatspersbureau Xinhua toen Sharifu in Taicang was. ‘Het voelt goed,’ luidde haar antwoord.

    Gecastreerd

    Nog lang nadat de initiële media-aandacht was verslapt, bleven er artikelen over Sharifu’s reis naar China verschijnen. In 2017 publiceerde de site Overseas Chinese Network een verhaal over Sharifu’s etniciteit, waarin opnieuw werd beweerd dat een DNA-uitslag haar Chinese afkomst had bevestigd. Sharifu zegt dat ze tijdens haar Guests-interview heeft verteld dat zij de uitslag zelf nooit heeft gezien, maar dat deel was in de uitzending weggeknipt. In een artikel op nieuwsportaal 163 legde een journalist haar de woorden in de mond dat ze ‘altijd al naar China wilde omdat ze werd gepest omdat ze er anders uitzag’.

    ‘Dat klopt helemaal niet,’ zegt Sharifu lachend, terwijl ze in haar flat in Nairobi haar éénjarige zoontje wiegt. ‘Niemand deed lelijk tegen me, maar kennelijk wilden ze een beeld schetsen dat ik alleen maar in China terecht kon.’

    Maar na alle heisa en de manier waarop het verhaal is opgeklopt om een verband te leggen met de legendarische Zheng He staat één ding als een paal boven water: Zheng was op jonge leeftijd gecastreerd. Er zal geen directe afstamming van onze tot de verbeelding sprekende avonturier zijn, want de goede man was een eunuch. En hoewel Zheng He in China een begrip is, maakt hij zelden indruk in Kenia, zelfs niet op Pate.

    ‘Ja, ik heb gehoord dat een Keniaans meisje in China is gaan studeren omdat ze Chinees bloed heeft,’ zegt de bejaarde Bihala, ‘maar zij was een uitzondering, want volgens mij is er verder niemand meer gegaan.’

    En hoe graag Mama Baraka ook over haar Chinese geschiedenis praat, ze wuift elke suggestie dat ze zelf de pelgrimstocht zou willen maken weg. ‘Natuurlijk wil ik niet naar China,’ zegt ze lachend. ‘Ik wil niet eens naar Nairobi.’ 

    Lees ook:

  • Chili herdenkt staatsgreep met grootschalige ceremonie

    Chili herdenkt staatsgreep met grootschalige ceremonie

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Kim Jong-un onderweg naar Rusland voor ontmoeting met Poetin

    » Ruim tweeduizend doden door storm in oosten van Libië

    50 jaar geleden vond een bloedige staatsgreep plaats in het land

    Chili heeft middels een grootschalige ceremonie bij het presidentiële paleis de staatsgreep uit 1973 herdacht. Naast het presidentiële paleis La Moneda, waar vijftig jaar eerder met tanks en bommenwerpers een einde werd gemaakt aan de socialistische regering van president Salvador Allende, werd door onder meer de huidige president Gabriel Boric een vurig pleidooi vóór democratie gehouden. Dat meldt La Tercera.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Naast de huidige president waren oud-presidenten Michelle Bachelet en Ricardo Lagos aanwezig. Ook waren er veel buitenlandse regeringsleiders gekomen, waaronder de Boliviaanse president Luis Arce, de Mexicaanse president Andrés Manuel López Obrador en de Colombiaanse president Gustavo Petro.

    Grote afwezigen tijdens de ceremonie waren rechtse politieke partijen en de commandanten van de Chileense strijdkrachten. Zij zien de staatsgreep tot op de dag van vandaag als noodzakelijk en beweren dat de regering van Salvador Allende ongrondwettelijk was, wat ingrijpen door het leger in 1973 zou hebben gelegitimeerd.

    Lees ook:

  • Kinloch is van een veertigtal inwoners 

    Kinloch is van een veertigtal inwoners 

    Een gefortuneerde zakenman die het kasteel in Kinloch wilde kopen, moest de aftocht blazen omdat hij niet wilde garanderen tot elke prijs het erfgoed te zullen beschermen.

    Het kasteel van Kinloch, rond het begin van de twintigste eeuw opgetrokken voor rekening van George Bullough, een rijke industrieel uit Manchester, is een merkwaardig bouwwerk van rode baksteen met gekanteelde torentjes. De fabrikant van katoenspinmachines kwam naar het Schotse eiland om te jagen, aldus het weekblad Scotland on Sunday uit Edinburgh.

    Het kasteel werd in 1957 aan een Schotse organisatie voor erfgoedbehoud verkocht, tot monument verklaard en omgebouwd tot herberg. 

    Dossier Ierland

    Na sluiting van de herberg in 2013 stond het kasteel te verkommeren: de ramen klapperden, de vloerbedekking vergeelde. De overheid, die de afgelopen vijf jaar driehonderdduizend pond had uitgegeven aan diverse reparaties, ging wanhopig op zoek naar een koper voor dit schip van bijleg.

    Brexiteer

    Op de symbolische vraagprijs van twee pond sterling kwam lange tijd nauwelijks iemand af. Tot aan de zomer van 2022. Jeremy Hosking, een rijke Engelsman, bood aan tien miljoen pond (11,7 miljoen euro) te investeren in de volledige renovatie van het gebouw. ‘Hij tekende een contract met de Schotse regering, had een ontmoeting met omwonenden, tegenover wie hij zich bij voorbaat excuseerde voor de overlast van de bouwwerkzaamheden, en dacht dat de zaak beklonken was’, aldus de zondagseditie van The Scotsman. In de lente van 2023 kwam er een onverwachte wending: Hosking trok zich terug. ‘Ik had niet verwacht dat de plaatselijke bevolking alles zou torpederen,’ zegt hij verontwaardigd tegen het dagblad.

    Orkneyeilanden

    Het Vikingbloed kruipt waar het niet gaan kan

    ‘Toen ik zag dat de Orkneyeilanden weer Noors wilden worden, dacht ik dat het een grap was,’ bekent David Leask, journalist van dagblad The Herald. Maar het is waar. De plaatselijke afgevaardigden van de Schotse archipel, die geografisch dichter bij Oslo ligt dan bij Londen, hebben afgelopen 4 juli met vijftien stemmen tegen zes vóór ‘onderzoek naar nieuwe bestuursvormen’ gestemd, waaronder terugkeer in de Scandinavische moederschoot, 550 jaar nadat die was verlaten.

    ‘Het initiatief is een uiting van toenemende frustratie’, analyseert dagblad The Scotsman, ‘omdat de Orkneyeilanden met 22.500 zielen minder subsidie per inwoner krijgen dan andere vergelijkbare Schotse eilanden.’ Downing Street heeft ‘iedere versoepeling van de banden’ tussen de archipel en het Verenigd Koninkrijk onmiddellijk afgewezen.

    Het kasteel staat namelijk op het eiland Rum voor de kust van Schotland, dat onder particulier beheer valt: de meeste grond rond het grootste dorp Kinloch is gemeenschappelijk bezit van een veertigtal inwoners. ‘Een deel van deze inwoners vindt dat er voor het gebouw en waar het voor staat geen plaats meer is op het eiland Rum’, aldus Scotland on Sunday.

    ‘Het waren sombere tijden’, beaamt Fliss Fraser, inwoonster van Kinloch, in een artikel in het dagblad The National uit Glasgow. ‘De bevolking stond ten dienste van het huis, in plaats van andersom.’ De komst van een rijke zakenman, die ervan wordt verdacht      van het victoriaanse gebouw een luxehotel te willen maken, roept bij sommigen geesten uit het verleden op. Volgens het bestuur van de vereniging van grondeigenaren zijn de miljoenen die aan Kinloch worden beloofd onverenigbaar met de plannen voor de bouw van een alternatief bouwwerk. ‘Het kasteel ligt precies midden in het dorp en deelt de gemeenschap in tweeën,’ licht Fliss Fraser toe. ‘Wanneer een gefortuneerde eigenaar er zijn intrek neemt wordt de inspraak van de plaatselijke bevolking geweld aangedaan.’

    Jeremy Hosking verzekert dat hij op de steun van twaalf van de tweeëntwintig volwassenen op het eiland kon rekenen; zij zouden openstaan voor nieuwe economische perspectieven. ‘Rum heeft het aantal toeristen met vijftig procent zien afnemen sinds de sluiting van de herberg,’ aldus de Scotland on Sunday. ‘In het wilde weg praten met een paar mensen kun je geen referendum noemen,’ werpt Steve Robertson tegen, die binnen de vereniging van grondeigenaren is belast met de ontwikkeling van het eiland. ‘Wij zijn er niet tegen dat het gebouw in handen komt van een privépersoon, maar ons ontwikkelingsmodel impliceert dat er door middel van collectieve beslissingen nauwlettend rekening wordt gehouden met het algehele evenwicht en de belangen van alle ingezetenen.’

    Vetorecht

    Het verzet van deze ‘invloedrijke bewoners’, zoals Scotland on Sunday hen bestempelt, heeft Jeremy Hosking uiteindelijk de aftocht doen blazen. ‘Ze zijn zich gaan beklagen bij de Schotse regering, die hun een vetorecht heeft gegeven,’ tiert de durfinvesteerder, die overigens donateur is van de door euroscepticus Nigel Farage opgerichte partij Reform UK. ‘Eerst dacht ik dat het probleem zou zijn dat ik Engelsman ben en voorstander van Brexit, maar nee.’

    De plannen van Jeremy Hosking stuitten op maar één obstakel: de onwil om tot elke prijs erfgoed te beschermen, hoeveel dat ook zou kosten. En de wens om een historisch gebouw ten dienste van de gemeenschap te stellen, hoelang het ook zou duren om een alternatief plan te realiseren. ‘Ondertussen,’ waarschuwt Scotland on Sunday, ‘blijft het aan weer en wind blootgestelde kasteel stilletjes aftakelen.’ Bij gebrek aan een renovatieplan, bevestigt het dagblad The Press and Journal uit Aberdeen, ‘zal het definitief tot een ruïne vervallen’.  

  • In Iran kost dieselsmokkel mensenlevens. ‘We hebben geen keus’

    In Iran kost dieselsmokkel mensenlevens. ‘We hebben geen keus’

    Vorig jaar vlogen 170 voertuigen met gesmokkelde diesel in brand rond de Iraanse stad Iranshahr, waarbij 168 mensen omkwamen. Ondanks de gevaren zien veel inwoners geen andere uitweg: ‘Hoe moeten we anders in ons levensonderhoud voorzien?’

    In de achtergestelde regio Sistan en Beloetsjistan, in het zuidoosten van Iran, houden inwoners het hoofd boven water met handel in diesel. Voor weinig geld leggen ze hun leven in de waagschaal door een uiterst brandbaar product honderden kilometers lang over slechte wegen te vervoeren.

    In het huis van Mohammad Hossein, in het dorp Karimabad, draagt iedereen zwarte rouwkleding. De reden: de 26-jarige Mohammad verbrandde levend in zijn pick-up. Dat gebeurde toen hij onderweg was als dieselsmokkelaar, het beroep waarmee hij in het levensonderhoud van een achtkoppig gezin voorzag.

    Twee keer per week reed hij midden in de nacht naar het dorp Pir Konar, 480 kilometer verderop. Eerst moest hij uren wachten voordat hij de tank achter zijn auto kon vullen met 2600 liter diesel. Daarna reed hij naar de Pakistaanse grens. Daar deed hij twee dagen over. Hij verkocht zijn lading aan een Pakistaanse dealer en keerde terug naar Karimabad.

    Een andere broer smokkelde eveneens tien jaar lang diesel, tot een auto-ongeluk hem arbeidsongeschikt maakte

    Karimabad ligt in de provincie Sistan en Beloetsjistan, een regio bevolkt door de Beloetsjen, een minderheid die voornamelijk bestaat uit soennieten – dus geen sjiieten, die de dominante religie vormen in Iran, waardoor de soennieten slachtoffer zijn van discriminatie.

    Mohammad Hossein was het enige gezonde lid van de familie. Zijn vader loopt al jaren met een kruk. Zijn oudere broer, die lang hetzelfde werk deed, werd zo bang dat hij ermee moest stoppen. Een andere broer smokkelde eveneens tien jaar lang diesel, tot een auto-ongeluk hem arbeidsongeschikt maakte. Hij herinnert zich nog goed wat er gebeurde op de dag dat het lot van zijn broer werd bezegeld:  ‘Om acht uur ’s ochtends kregen we te horen dat Mohammads auto was gekanteld. Hij vloog in brand nadat hij de vangrail had geraakt. Mohammad zat klem en verbrandde dus ook.’

    In brand 

    In 2022 vlogen 170 voertuigen met gesmokkelde diesel in brand rond de stad Iranshahr en kwamen er 168 mensen om – 147 van hen hadden kinderen.

    ‘We wisten dat het gevaarlijk was, maar we hadden geen keus,’ zegt de vader van Mohammad Hossein. ‘Hoe moesten we anders in ons levensonderhoud voorzien?’

    Begin deze eeuw werden de stad Iranshahr en de omliggende dorpen door rampspoed getroffen: zeven jaar achter elkaar viel er geen druppel regen. Door de ongeorganiseerde aanleg van dammen en een landbouw die niet op de veranderde omstandigheden wist in te spelen werd vruchtbare grond verpest.

    De in de jaren negentig gestichte industriestad Iranshahr biedt tegenwoordig een spookachtige aanblik. Het is er leeg en stil. De kalksteen- en marmermijn is al jaren gesloten. Het geboortecijfer is hier echter hoger dan het landelijk gemiddelde.

    Krediet

    Mohammad Hossein, die al vanaf zijn vijftiende als assistent-chauffeur werkte, kocht twee jaar geleden een pick-up op krediet. Hij zat altijd in de schulden; door diesel te vervoeren, kon hij die maandelijks aflossen én de familie-uitgaven voor zijn rekening nemen.

    Vorig jaar ontploften wekelijks gemiddeld vier pick-uptrucks op de wegen van Iranshahr. Een voertuig dat in brand vliegt betekent het verlies van bestaansmiddelen voor zeker tien mensen.

    Het Khatam-ziekenhuis in Iranshahr, een stad waar zo’n 200.000 mensen wonen, telt landelijk het hoogste aantal operaties en amputaties die aan brandwonden zijn gerelateerd.

    Vorig jaar ontploften wekelijks gemiddeld vier pick-uptrucks op de wegen van Iranshahr

    Alle transporteurs die op de wegen hier in de buurt zijn verbrand, komen in dit ziekenhuis terecht. Met tien bedden en drie operatiekamers is dit het enige brandwondencentrum binnen een straal van 400 kilometer.

    Een arts die er wekelijks twee of drie jonge dieselsmokkelaars met brandwonden behandelt en opereert, betreurt dat ze ‘voor niets sterven’.

    Op de ringweg van Iranshahr heeft zich een kilometerslange rij van pick-ups, bestelwagens en auto’s gevormd. De chauffeurs staan twee rijen dik om een deel van hun vracht te verkopen voor dertig keer zoveel als de normale prijs – meestal twee- à driehonderd liter die ze hebben ingekocht tegen het overheidstarief.

    Hier bevindt zich een depot van gesmokkelde diesel, en de meeste vervoerders van Iranshahr zijn er klant. Hetzij om diesel aan het depot te verkopen, hetzij om er diesel in te kopen, die over de grens wordt gesmokkeld. Kleine overdekte, schemerige, stinkende binnenplaatsen, zwarte, vettige vloeren. Met een zuigpomp en een elektromotor worden tientallen vaten van elk 220 liter gevuld.

    Pinapparaat

    Eslam, de eigenaar, heeft een pinapparaat, contanten en een kluis.

    De prijs voor het kopen en verkopen van diesel verandert meerdere keren per dag. Noch de dieseltransporteurs, noch de verkopers weten wie die prijs bepaalt. Ze weten alleen dat het openen en sluiten van de Pakistaanse grens en zelfs het stijgen en dalen van het peil van de grensrivier er invloed op hebben.

    We moeten door de woestijn en over de bergen om de politie te vermijden

    In dit entrepot in Iranshahr heeft een tankwagen zijn inhoud nog maar net gelost of er arriveert een nieuwe pick-up. De chauffeur, een magere jongeman met een donker gezicht, die een eindje bij zijn auto vandaan staat om een sigaret te roken, maakt zich op om naar Pirkour te rijden. Het zal twee dagen duren voor hij bij de grens is. ‘De weg is zo slecht dat je het leven gaat vervloeken. We moeten door de woestijn en over de bergen om de politie te vermijden.’

    De pick-ups met diesel vormen een konvooi. De chauffeurs kiezen een jonge collega uit als verkenner. Een kwartier voordat de stoet vertrekt gaat hij er op een motorfiets vandoor, en hij keert terug om de chauffeurs te vertellen of er onderweg politie valt te verwachten.

    Leraar worden

    Mohammad Hossein betaalde de studie van zijn negentienjarige neef Chahab. Als hij dit jaar niet naar de universiteit gaat, zal ook hij moeten werken als dieseltransporteur, net als de rest van de jongens in het dorp.

    ‘In ons dorp ben ik de enige die naar de universiteit kan,’ zegt Chahab. ‘De andere jongeren hebben niet eens de middelbare school gedaan. Studeren interesseert ze niet. We hebben hier niet eens een park of een voetbalveld.’

    Een lokale bewoner zegt dat zelfs de clandestiene verkoop van diesel voor veel van deze jongeren te hoog is gegrepen: ‘Ze hebben minimaal 500.000 toman [9 euro] nodig om tanks en twee of drie meter slang te kunnen kopen. Met zo’n bedrag kun je een gezin van zeven een week lang van brood voorzien. En veel gezinnen in het dorp eten alleen brood.’

    Chahab wil alleen maar ‘een goede baan’ en ‘een eenvoudig leven’. ‘Mijn droom is om leraar te worden, maar hier, in dit dorp, is het waarmaken van je dromen een droom.’  

  • Wereldnieuws: Massastaking UPS op komst & meer

    Wereldnieuws: Massastaking UPS op komst & meer

    Voorzitter Stanford stapt op

    Marc Tessier-Lavigne heeft zijn aftreden aangekondigd als voorzitter van de prestigieuze Stanford-universiteit in Californië, schrijft The New York Times. Een onafhankelijke evaluatie bracht grote gebreken aan het licht in studies die hij in het verleden heeft begeleid. Het onderzoek, uitgevoerd door een extern panel van wetenschappers, weerlegt weliswaar dat Tessier-Lavigne geprobeerd zou hebben te verdoezelen dat een belangrijk Alzheimer-onderzoek uit 2009 vervalste gegevens bevatte.

    Stanford staat bekend om de kwaliteit van zijn onderzoek en de beschuldigingen zijn slecht voor de integriteit van de universiteit

    Er is geen bewijs van vervalsing, noch heeft ­Tessier-Lavigne zich op andere manieren schuldig gemaakt aan fraude. Maar de evaluatie stelt ook dat dit onderzoek, uitgevoerd toen hij leidinggevende was bij biotechbedrijf Genentech, niet ‘de gebruikelijke normen van wetenschappelijke nauwkeurigheid en methode’ haalt. Stanford staat bekend om de kwaliteit van zijn onderzoek en de beschuldigingen zijn slecht voor de integriteit van de universiteit.

    © Stanford News Service
    © Stanford News Service

    Overtreding van de Volksliedwet

    De eerste persoon die moest terechtstaan op grond van de zogenoemde ‘Volksliedwet’ in Hongkong heeft drie maanden gevangenisstraf gekregen, aldus South China Morning Post. Fotograaf Cheng Wing-chun gebruikte het lied ‘Glorie aan Hongkong’ – dat wordt beschouwd als een protestlied tegen de invloed van Beijing op de stadstaat – in een videoclip waarin schermer Edgar Cheung Ka-long tijdens de Olympische Spelen van Tokio in 2021 een gouden medaille in ontvangst neemt. Het filmpje van anderhalve minuut op YouTube doet volgens de rechtbank voorkomen alsof toeschouwers applaudisseren voor het protestlied als het wordt afgespeeld tijdens de medaille-uitreiking. 

    Het lied werd geschreven tijdens de protesten in 2019 en roept mensen op te vechten voor vrijheid en ‘Hongkong te bevrijden’ tijdens de ‘revolutie van onze tijd’. De autoriteiten vallen vooral over die laatste zinssnede, die zou oproepen tot afscheiding van het Chinese regime.


    Microkosmos

    Iets New Yorkser dan de metro van New York is er niet te vinden, volgens de Zwitserse fotograaf Willy Spiller, wiens boek en tentoonstelling Hell on Wheels deze maand worden gepresenteerd in de Hazenstraat in Amsterdam. Galerie Bildhalle geeft daar een overzicht van foto’s uit de periode 1977-1984, toen de metro’s nog onder de graffiti zaten en de stations niet waren aangeharkt. ­Spiller fotografeerde de microkosmos van New York gedurende acht jaar. Hij was er tijdens het spitsuur en zag tienermeisjes in hun witte schooluniform over de stoelen hangen. De mobiele telefoon die nu het beeld zou bepalen, bestond nog niet. 


    Rijke Chinezen trekken weg

    Australië was de eerste helft van dit jaar de belangrijkste overzeese bestemming voor Chinese vastgoedbeleggers, meer dan populaire plekken als Canada, het Verenigd Koninkrijk en de VS, zo blijkt uit de jaarlijkse ranglijst van vastgoedbedrijf Juwai IQI. Met vier plekken in de top 10 blijkt Zuidoost-Azië een hotspot voor vermogende Chinezen, meldt Sydney Morning Herald. Het streven van president Xi Jinping naar ‘gemeenschappelijke welvaart’ en de strenge coronamaatregelen hebben ertoe geleid dat rijke Chinezen massaal naar plekken als Singapore trekken. Ze parkeren hun geld in het buitenland, uit angst voor maatregelen in eigen land. Naar verwacht loopt de Chinese kapitaalvlucht dit jaar op tot 135 miljard euro. 

    Ruim 700.000 Chinezen zullen tussen 2023 en 2025 naar de VS, Canada en Australië migreren

    De komende jaren wordt een aanhoudende stroom van Chinese vastgoedinvesteringen in het buitenland verwacht. Ruim 700.000 Chinezen zullen tussen 2023 en 2025 naar de VS, Canada en Australië migreren.

    © Unsplash
    © Unsplash

    Moraalpolitie is terug

    Tien maanden na de dood van Mahsa Amini is de moraalpolitie van Iran weer op straat verschenen om vrouwen te dwingen te voldoen aan de strikte islamitische kledingvoorschriften. Dat zegt een woordvoerder van Faraja, de Iraanse instantie voor wetshandhaving. Agenten zullen vrouwen eerst waarschuwen als ze zich niet aan de regels houden; degenen die ‘de normen blijven overtreden’ kunnen rekenen op juridische stappen, aldus CNN.

    De moraalpolitie werd september vorig jaar het mikpunt van (inter)nationale verontwaardiging, toen de 22-jarige Amini, die was opgepakt omdat ze haar hoofddoek verkeerd zou hebben gedragen, naar een ‘heropvoedingscentrum’ werd gestuurd, waar ze drie dagen later stierf. Het leidde tot protesten die maandenlang aanhielden en een van de grootste binnenlandse bedreigingen in meer dan tien jaar vormden voor het heersende regime. Terwijl de autoriteiten met veel geweld reageerden, verdween de moraalpolitie nagenoeg uit de straten van Teheran. 

    Vorig jaar executeerde Iran zeker 582 mensen – een stijging van 75 procent ten opzichte van 2021

    De moraalpolitie – die onder sancties van de VS en de EU valt – is machtig en goed bewapend en controleert de gevangenissen en de heropvoedingscentra. Daar krijgen gedetineerden lessen over de islam en het belang van de hijab. Voordat ze worden vrijgelaten moeten ze een belofte ondertekenen dat ze zich zullen houden aan de kledingvoorschriften. 

    Vorig jaar executeerde Iran zeker 582 mensen – een stijging van 75 procent ten opzichte van 2021. Volgens mensenrechtenorganisaties toont die stijging aan dat Teheran demonstranten tegen het regime angst wil aanjagen.


    Massastaking UPS op komst

    De 340.000 chauffeurs en andere werknemers van UPS, de grootste bij een vakbond aangesloten werkgever in de Verenigde Staten, voeren momenteel onderhandelingen met het bedrijf, meldt Grist. Klimaatverandering en extreme hitte zijn daarbij enkele van de belangrijkste kwesties. Als er op 31 juli geen bevredigend contract ligt, beginnen de werknemers aan de grootste staking bij één werkgever in de Amerikaanse geschiedenis. 

    Deze zomer worden weer allerlei temperatuurrecords gebroken en de nood bij de medewerkers is hoog: op zomerse dagen kan de temperatuur achter in hun bestelwagen oplopen tot bijna 50 graden. Sinds 2015 meldde UPS zeker 143 hitte-gerelateerde incidenten bij de federale dienst voor veiligheid op de werkvloer.

    Vorig jaar stierf een van haar collega’s aan een hitte­beroerte in zijn bestelwagen

    ‘Als ik maar niet flauwval,’ denkt een bezorger in Los Angeles vaak als ze de laadruimte van haar vrachtwagen in gaat. ‘Wie weet dat ik achter in die truck zit? Ik ben als alleenstaande moeder als enige verantwoordelijk voor mijn zoon.’ Vorig jaar stierf een van haar collega’s aan een hitte­beroerte in zijn bestelwagen. 

    Hoewel de klimaatverandering de zomers heter en gevaarlijker maakt voor de bezorgers, rekent UPS op dezelfde ‘onrealistische’ productiviteitscijfers van zijn medewerkers. Chauffeurs en magazijnmedewerkers worden geacht zes dagen per week en meer dan twaalf uur per dag te werken in de hitte. Aangezien productiviteit wordt gemeten door middel van bewakingscamera’s en sensoren in de vrachtwagens, is het voor chauffeurs lastiger om pauzes te nemen. Daarom zijn de eisen van de UPS-werknemers inzake hitteveiligheid gekoppeld aan andere zaken zoals hogere lonen, meer voltijdbanen en een einde aan gedwongen overuren. 

    ‘Deze werknemers zijn overwegend vrouwen, mensen van kleur of immigranten. Ze kunnen het zich niet veroorloven om pauzes te nemen of tijd te verliezen door zich om hun gezondheid te bekommeren,’ aldus een expert arbeidsrecht. ‘Het is hoog tijd dat UPS de hitte voelt, zoals wij die de hele tijd ervaren,’ zegt een strijdvaardige chauffeur.

     © International Brotherhood of Teamsters
    © International Brotherhood of Teamsters
  • Yuval Noah Harari: ‘AI is in staat om intieme relaties met miljoenen mensen te kweken’

    Yuval Noah Harari: ‘AI is in staat om intieme relaties met miljoenen mensen te kweken’

    AI heeft het besturingssysteem van de menselijke beschaving gehackt, wat de loop van de menselijke geschiedenis zal veranderen, aldus historicus en denker Yuval Noah Harari. ‘Als ik een gesprek met iemand voer en niet weet of het een mens is of een AI, dan betekent dat het einde voor de democratie.’

    De angst voor kunstmatige intelligentie (AI) heeft de mensheid sinds het allereerste begin van het computertijdperk achtervolgd. Eerst richtte deze angst zich op machines die fysieke middelen gebruikten om mensen te doden, tot slaaf te maken of te vervangen. Maar de afgelopen paar jaar zijn er nieuwe AI-tools opgedoken die het overleven van de menselijke beschaving vanuit onverwachte hoek bedreigen. AI is inmiddels in staat om taal te manipuleren en te genereren, of het nu is met woorden, geluiden of beelden, en heeft daarmee het besturingssysteem van onze beschaving gehackt.

    Bijna de hele menselijke cultuur bestaat uit taal. Mensenrechten zitten bijvoorbeeld niet in ons DNA. Het zijn culturele artefacten, die we hebben gecreëerd door het vertellen van verhalen en het schrijven van wetten. Goden zijn geen fysieke realiteiten, maar culturele artefacten die we hebben gecreëerd door het verzinnen van mythen en het schrijven van heilige geschriften.

    Ook geld is een cultureel artefact. Bankbiljetten zijn gewoon kleurige stukjes papier, en momenteel bestaat meer dan negentig procent van het geld niet eens meer uit bankbiljetten, maar uit digitale informatie in computers. Geld ontleent zijn waarde aan de verhalen die bankiers, ministers van Financiën en cryptogoeroes ons erover vertellen. Sam Bankman-Fried, Elizabeth Holmes en Bernie Madoff waren niet zo goed in het creëren van werkelijke waarde, maar ze waren allemaal uiterst kundige verhalenvertellers.

    Wat zou er gebeuren als een niet-menselijke intelligentie beter wordt in verhalen vertellen, melodieën componeren, tekeningen maken en wetten en heilige geschriften schrijven dan de gemiddelde menselijke intelligentie? Wanneer mensen het over ChatGPT en andere nieuwe AI-tools hebben, denken ze vaak aan scholieren die AI gebruiken om hun opstellen te schrijven. Wat zal er met het schoolsysteem gebeuren als kinderen dat doen? Maar dit soort vragen gaat voorbij aan het algehele beeld. Vergeet opstellen. Denk aan de volgende Amerikaanse presidentsverkiezingen in 2024, en probeer je de impact van AI-tools voor te stellen waarmee op massale schaal politieke content, nepnieuws en heilige geschriften voor nieuwe cultussen kunnen worden gecreëerd.

    Alwetend orakel

    De afgelopen jaren heeft de QAnon-cultus zich uitgeleefd in anonieme onlineberichten, de zogenaamde ‘q-drops’. Volgers verzamelden, vereerden en interpreteerden deze q-drops als een heilige tekst. Hoewel voor zover wij weten alle eerdere q-drops door mensen werden opgesteld, en bots alleen maar hielpen om ze te verspreiden, zouden we in de toekomst de eerste cultussen in de geschiedenis kunnen zien waarvan de heilige teksten door een niet-menselijke intelligentie zijn geschreven. Religies hebben de hele geschiedenis lang beweerd dat hun heilige boeken van een niet-menselijke bron afkomstig waren. Dat zou spoedig de werkelijkheid kunnen worden.

    Op een prozaïscher niveau zouden we weldra langdurige onlinediscussies over abortus, klimaatverandering of de Russische invasie in Oekraïne kunnen voeren met entiteiten die we aanzien voor mensen, maar die in werkelijkheid AI zijn. Addertje onder het gras is dat al onze pogingen om een AI-bot op andere gedachten te brengen volstrekt zinloos zullen zijn, terwijl de AI haar boodschappen zo loepzuiver kan afstemmen dat de kans groot is dat we ons erdoor laten beïnvloeden.

    Dankzij haar taalbeheersing zou AI zelfs intieme relaties met mensen kunnen aangaan en de kracht van de intimiteit kunnen gebruiken om onze meningen en ons wereldbeeld te veranderen. Hoewel er geen enkele aanwijzing is dat AI over een eigen geweten of eigen gevoelens beschikt, hoeft ze alleen maar een emotionele band met mensen te kweken om op intieme voet met ze te geraken. In juni 2022 beweerde Blake Lemoine, een softwareontwikkelaar van Google, publiekelijk dat de AI-chatbot Lamda, waaraan hij werkte, gevoelens had ontwikkeld. Deze controversiële bewering kostte hem zijn baan. Het interessantst aan het voorval was niet Lemoines bewering, die vermoedelijk onwaar was, maar zijn bereidheid om zijn lucratieve baan op het spel te zetten ten behoeve van de AI-chatbot. Als AI mensen zo ver kan krijgen dat ze hun baan op het spel zetten, waar kan ze hen dan nog meer toe verleiden?

    In een politiek gevecht om het hoofd en hart van mensen te winnen, is intimiteit het meest efficiënte wapen, en AI is inmiddels in staat om intieme relaties met miljoenen mensen te kweken. We weten allemaal dat de strijd om de aandacht van mensen het afgelopen decennium in toenemende mate in de sociale media is gevoerd. Met de nieuwe generatie AI-tools wordt deze strijd van aandacht naar intimiteit verlegd. Wat gebeurt er met de menselijke samenleving en de menselijke psychologie wanneer AI in het strijdperk treedt tegen AI om intieme neprelaties met ons te kweken, die vervolgens kunnen worden gebruikt om ons ervan te overtuigen dat we op bepaalde politici moeten stemmen of bepaalde producten moeten kopen?

    Mensen zouden één enkele AI-adviseur als een alwetend orakel op ieder gebied kunnen gaan gebruiken

    Zelfs zonder het kweken van ‘nepintimiteit’ zouden de nieuwe AI-tools al een immense invloed hebben op onze meningen en ons wereldbeeld. Mensen zouden één enkele AI-adviseur als een alwetend orakel op ieder gebied kunnen gaan gebruiken. Geen wonder dat Google doodsbang is. Waarom zou ik nog op zoek gaan als ik het gewoon aan het orakel kan vragen? De nieuws- en reclame-industrie zou ook doodsbang moeten zijn. Waarom nog een krant lezen als ik gewoon aan het orakel kan vragen me het laatst nieuws te vertellen? En wat hebben advertenties voor zin als ik gewoon aan het orakel kan vragen wat ik moet kopen?

    En zelfs deze scenario’s weten het totaalbeeld niet echt te schetsen. We hebben het hier over het mogelijke einde van de menselijke geschiedenis. Niet het einde van alle geschiedenis, alleen van het door mensen gedomineerde deel daarvan. Geschiedenis is de interactie tussen biologie en cultuur; tussen enerzijds onze biologische behoefte aan dingen als eten en seks en anderzijds onze culturele scheppingen als religies en wetten. Geschiedenis is het proces waarmee wetten en religies eten en seks vormgeven. 

    Wat zal er met de loop van de geschiedenis gebeuren als AI de cultuur overneemt en verhalen, melodieën, wetten en religies gaat creëren? Eerdere hulpmiddelen als de drukpers en de radio hielpen de culturele ideeën van mensen te verspreiden, maar ze hebben nooit uit zichzelf nieuwe culturele ideeën gecreëerd. Met AI is het wezenlijk anders gesteld. AI kan geheel nieuwe ideeën creëren, een geheel nieuwe cultuur.

    De komende decennia zouden we weleens in de dromen van een buitenaardse intelligentie verzeild kunnen raken

    Aanvankelijk zal AI vermoedelijk de menselijke prototypes imiteren waarop ze in haar kinderjaren heeft geoefend. Maar met elk jaar dat verstrijkt zal de AI-cultuur onversaagd meer terreinen gaan verkennen waar nog geen mens ooit is geweest. Al duizenden jaren lang leven mensen in de dromen van andere mensen. De komende decennia zouden we weleens in de dromen van een buitenaardse intelligentie verzeild kunnen raken.

    De angst voor AI achtervolgt de mensheid pas de afgelopen decennia. Maar duizenden jaren lang is de mens achtervolgd door een veel grotere angst. We hebben altijd oog gehad voor de manier waarop verhalen en beelden onze geest kunnen manipuleren en illusies kunnen scheppen. Bijgevolg is de mens al sinds onheuglijke tijden bang in een wereld van illusies verstrikt te raken.

    Illusies

    In de zeventiende eeuw vreesde René Descartes dat een boze geest hem misschien in een wereld van illusies verstrikte en alles schiep wat hij zag en hoorde. In het oude Griekenland schreef Plato zijn beroemde ‘Allegorie van de Grot’, waarin een groep mensen zijn leven lang geketend in een grot zit, met uitzicht op een blinde muur. Een scherm. Op dat scherm zien ze diverse schaduwen geprojecteerd. De gevangenen zien de illusies die ze daar waarnemen voor de werkelijkheid aan.

    In het oude India verkondigden boeddhistische en hindoeïstische sages dat alle mensen verstrikt waren in de Maya, de wereld van illusies. Wat we normaliter voor de werkelijkheid aanzien zijn vaak slechts verzinsels van onze eigen geest. Vanwege hun geloof in deze of gene illusie kunnen mensen hele oorlogen voeren, anderen doden en bereid zijn ook zelf gedood te worden.

    De AI-revolutie confronteert ons met de boze geest van Descartes, met de grot van Plato, met de Maya. Als we niet oppassen, kunnen we verstrikt raken achter een gordijn van illusies, dat we niet kunnen wegrukken en waarvan we de aanwezigheid misschien niet eens vermoeden.

    De vraag die momenteel voorligt is hoe we ervoor kunnen zorgen dat de nieuwe AI-tools voor goede doelen worden aangewend en niet voor slechte

    Natuurlijk kan de nieuwe macht van AI ook voor goede doelen worden aangewend. Daar zal ik verder niet over uitweiden, want dat doen de ontwikkelaars ervan zelf al genoeg. Het is de taak van historici en filosofen zoals ik om op de gevaren te wijzen. Maar AI kan ons zeker ook op talloze manieren helpen, van het ontdekken van nieuwe middelen tegen kanker tot het vinden van oplossingen voor de ecologische crisis. De vraag die momenteel voorligt is hoe we ervoor kunnen zorgen dat de nieuwe AI-tools voor goede doelen worden aangewend en niet voor slechte. Daarvoor moeten we eerst begrijpen waar deze tools werkelijk toe in staat zijn.

    Sinds 1945 weten we dat kerntechnologie goedkope energie kan genereren ten bate van mensen, maar ook de menselijke beschaving fysiek te gronde kan richten. We hebben de hele internationale orde opnieuw vorm gegeven om de mensheid te beschermen en ervoor te zorgen dat kerntechnologie voornamelijk ten goede zou worden aangewend. Nu krijgen we te maken met een nieuw massavernietigingswapen dat de ondergang kan betekenen voor onze geestelijke en maatschappelijke wereld.

    We kunnen de nieuwe AI-tools nog steeds aan een systeem van regels onderwerpen, maar dan moeten we wel snel zijn. Waar kernwapens niet in staat zijn krachtiger kernwapens uit te vinden, is AI in staat tot het ontwikkelen van AI die exponentieel krachtiger is. De eerste cruciale stap is het eisen van rigoureuze veiligheidscontroles voordat krachtige AI-tools tot het publieke domein worden toegelaten. Zoals een farmaceutisch bedrijf geen nieuwe medicijnen mag vrijgeven voordat de bijwerkingen op zowel de korte als de lange termijn zijn getest, zouden techbedrijven geen nieuwe AI-tools moeten mogen vrijgeven voordat die gegarandeerd veilig zijn. Er zou een soort keuringsdienst van waren voor nieuwe technologie moeten komen, en wel gisteren.

    Zal het vertragen van de inzet van AI voor openbare doeleinden er niet toe leiden dat democratieën achter gaan lopen op gewetenloze autoritaire regimes? Integendeel. Het ongereguleerd inzetten van AI zou sociale chaos veroorzaken, wat voordelig zou zijn voor autocraten en funest voor democratieën. Democratie is een vorm van gesprek, en voor gesprekken is taal nodig. Wanneer AI de taal hackt, kan het ook ons vermogen vernietigen om zinvolle gesprekken te voeren, en daarmee de democratie.

    De eerste regulering die ik zou willen voorstellen is de verplichting voor AI om te melden dat ze een AI is

    We hebben net kennisgemaakt met een buitenaardse intelligentie, hier op aarde. Veel weten we er nog niet van, behalve dat ze onze beschaving te gronde kan richten. We moeten een halt toeroepen aan het onverantwoordelijk inzetten van AI-tools in de openbare ruimte, en AI reguleren voordat ze ons reguleert. En de eerste regulering die ik zou willen voorstellen is de verplichting voor AI om te melden dat ze een AI is. Als ik een gesprek met iemand voer en niet weet of het een mens is of een AI, dan betekent dat het einde voor de democratie.

    Deze tekst is gegenereerd door een mens.

    Toch?

    Lees ook:

  • Rome krijgt eindelijk een Holocaustmuseum

    Rome krijgt eindelijk een Holocaustmuseum

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Montenegro: veteraan Djukanovic verslagen in de presidentsverkiezingen

    » Middelbare school op afgelegen Japans eiland houdt diploma-uitreiking voor enige leerling

    Plannen liggen er al sinds de jaren negentig

    De Italiaanse regering heeft de financiering goedgekeurd voor een langverwacht Holocaustmuseum in Rome, bericht The Local. In de Italiaanse hoofdstad werden tijdens de Tweede Wereldoorlog bijna tweeduizend Joden opgepakt en naar concentratiekampen gestuurd. Een nationaal museum in de hoofdstad zal bijdragen ‘aan het levend houden van de herinnering aan de Holocaust’, aldus een regeringsverklaring, nadat ministers eerder deze maand instemden met de financiering van het project.

    Volgens de Italiaanse minister van Cultuur Gennaro Sangiuliano wordt 10 miljoen euro apart gezet voor de bouw van het museum. Ruth Dureghello, hoofd van de Joodse gemeenschap van Rome, verwelkomde het nieuws maar riep wel op tot het vaststellen van ‘definitieve tijdschema’s’. Die oproep is niet zo verwonderlijk, want al sinds de jaren negentig wordt er gesproken over plannen voor de bouw van het museum. Volgens Luca Zevi, de architect die verantwoordelijk is voor het project, zou het museum binnen drie jaar klaar moeten zijn.

    Lees ook:

  • Duizenden botresten uit nazitijdperk begraven in Berlijn

    Duizenden botresten uit nazitijdperk begraven in Berlijn

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Israëlisch parlement neemt controversiële wet aan

    » EC-rapport: 46 procent van alle honing die Europa importeert is namaak

    Er zouden experimenten met de slachtoffers zijn gedaan

    Tijdens een ceremonie in Berlijn zijn duizenden botresten begraven op een begraafplaats. De botresten waren enkele jaren eerder aangetroffen tijdens werkzaamheden aan de campus van de Vrije Universiteit in Berlijn. Deskundigen vermoeden dat het gaat om botten van slachtoffers van experimenten van nazi’s, meldt Tagesspiegel.

    Wie de slachtoffers zijn en waar ze aan zijn overleden, wordt niet uitgezocht

    Op de plek waar tegenwoordig de Vrije Universiteit staat, was vroeger namelijk een onderzoeksinstituut van de Kaiser-Wilhelm-Gesellschaft gevestigd. Wetenschappers aan dit instituut deden onderzoek naar rassenleer en rassenverbetering. Ze werkten onder meer samen met de kamparts van Auschwitz-Birkenau, Josef Mengele. Na de vondst is echter besloten niet uit te zoeken wie de slachtoffers zijn en waar ze aan zijn overleden.

    Belangenorganisaties van slachtoffers van de Holocaust hebben gezamenlijk ingestemd met een afsluitende ceremonie op een nabijgelegen begraafplaats waarbij de zestienduizend botresten in vijf kisten worden begraven. Vertegenwoordigers van deze groepen, autoriteiten van de universiteit en van de gemeente Berlijn waren donderdag aanwezig bij de ceremonie.

    Lees ook:

  • Documentaire doet boekje open over slavernijverleden Catalonië

    Documentaire doet boekje open over slavernijverleden Catalonië

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Opnieuw zware bootramp voor kust Libië

    » Arrestaties in Iran na vergiftigingen schoolmeisjes

    Catalonië zou slavenhandel hebben voortgezet na afschaffing

    De regering van Catalonië heeft gezegd dat de rijke Spaanse regio ‘het racisme uit haar slavernijverleden’ moet aanpakken. Dit naar aanleiding van een documentaire van Televisió de Catalunya, waarin werd onthuld hoe Catalaanse industriëlen en zeelieden profiteerden van de trans-Atlantische slavenhandel toen de Britten deze praktijk in 1807 afschaften. Hoewel Spanje al snel na Groot-Brittannië de slavernij officieel afschafte, werd de clandestiene handel voortgezet, veelal op schepen die eigendom waren van en bemand werden door Catalanen, schrijft The Guardian.

    Tussen 1817 en 1867 waren Catalanen betrokken bij het vervoer van 700.000 slaven

    Het is al lang bekend dat veel Catalanen – waaronder Antonio Gaudí’s beschermheer Eusebi Güell – steenrijk zijn geworden dankzij de slavenarbeid op de tabaks-, suiker- en katoenplantages van Cuba en, in mindere mate, Puerto Rico. Veel minder bekend is dat Catalaanse magnaten en zeelieden nog tientallen jaren na de afschaffing van de slavenhandel en de slavernij door Groot-Brittannië grof geld bleven verdienen met deze praktijken.

    De genoemde documentaire, die vorige maand op de Catalaanse publieke televisie werd uitgezonden, wil recht doen aan de geschiedenis. Ze belicht wat historici al tientallen jaren aantonen: dat tussen 1817 en 1867 Catalanen direct of indirect betrokken waren bij het vervoer van 700.000 slaven uit West-Afrika naar het Caribisch gebied en dat deze handel een groot deel van de industrialisatie van Catalonië en de negentiende-eeuwse grootschalige bouwactiviteiten in Barcelona financierde.

    Lees ook:

  • ‘Afghanen zijn vernederd, ik ben vernederd’

    ‘Afghanen zijn vernederd, ik ben vernederd’

    Het leven onder de last van onderdrukking, verstikking, tirannie en gebrek aan menselijke en morele waarden is een ramp, schrijft de Afghaanse dichter en vrouwenrechtenactivist Somaia Ramish.

    Vrijheid is altijd trots en gevangenschap is altijd vernederend. Het leven onder de last van onderdrukking, verstikking, tirannie en gebrek aan menselijke en morele waarden is een ramp. Leven in afwezigheid van vrijheid, of op zijn minst van het kunnen oefenen voor vrijheid, geeft niets anders dan frustratie. Op dit moment is er in Afghanistan een volstrekt gebrek aan visie, actie en denken in de richting van vrijheid. Van Afghanistan is niets meer over dan een geografisch gebied dat zo wordt genoemd. Wat op 15 augustus 2021 gebeurde, was de bitterste ervaring van een land dat toch al in de muil van menselijke tirannie en barbaarsheid was gevallen. De omvang van de ramp is enorm en verwoestend.

    Beschaving

    Ik maakte deel uit van een samenleving die ruim twintig jaar lang probeerde na te denken over beschaving, over menselijke waarden en het vorm geven aan burgerrechten. Ik leidde de stichting Moderne Denkers in Herat en was medeoprichter van Radio Shahrzad. Ik stelde me verkiesbaar voor de provinciale burgerraad. Die samenleving werd op 15 augustus 2021 vernederd, de hoop van een generatie die was toe gaan leven naar een betere toekomst werd vernederd. Onze gedachten, onze hoop op gerechtigheid en gelijkheid, onze taal, onze cultuur en onze hele beschaving werden vernederd.

    Afghanistan werd toevertrouwd aan een groepering die verstoken is van waarden. De taliban zijn een gewelddadige, versteende, extreem extreme, achterlijke en onderdrukkende beweging. Uiteindelijk zijn Afghanen vanuit menselijk oogpunt zo vernederd dat zelfs met de mond beleden vijandigheden tegen de taliban vernederend zijn voor Afghanen.

    Als ik aan de taliban denk, is het eerste dat in me opkomt het instorten van de boeddhabeelden

    Als ik aan de taliban denk, is het eerste dat in me opkomt het instorten van de boeddhabeelden. Denk nog eens aan die vernietiging! Of aan de kapotte poort van Ghazna, de vernielde schilderijen van Behzad in Herat, de kapotgemaakte instrumenten van artiesten, de met bloed doordrenkte haat die zangers ten deel viel, de aanval op de citadel van Herat. Weten mensen dat de straatnamen een voor een werden veranderd? Dat de kleur van de kleding van mensen veranderde, dat de angst en schrik op het gezicht van mensen op straat meegroeide met het aantal ongeschoren baarden? Dat ze mijn zus eigenhandig in een hijab staken en zo haar vrouwelijkheid ten grave droegen? Dat zelfs de lijken met stenen werden bekogeld?  

    Ik voelde me vernederd, alle dagen van het afgelopen jaar. 

    Waar ter wereld Afghanen het afgelopen jaar ook waren, ze voelden de vernedering met iedere hap eten in hun kwetsbare botten. Als we bleven, werden we vernederd. Door de voor de ogen van tienermeisjes gesloten poorten van scholen, de ogen van een moeder die haar zoon verloor in de oorlog met de taliban, de media met die zwartbedekte gezichten van vrouwelijke verslaggevers, de bakkerij die niet voor iedereen brood heeft, de straten met achtergebleven bloedvlekken en de anonieme graven van soldaten van het nationale leger.

    Niet langer vrij

    Als we het land verlieten werden we ook vernederd. Grenzen vernederden ons, zeeën, prikkeldraad, half kapotte boten, de grenswachten van Turkije en Iran, de hardvochtige politie van Pakistan, de gesloten poorten van India, migrantenkampen in New Jersey en Washington, afgelegen huizen in Kosovo, wetten, immigratie, vliegtickets, lange rijen voor brood en water, vermoeidheid achter de dichte deuren van ambassades, onbeantwoorde e-mails, de tijd en de lucht waarin we hingen en de aarde die geen plaats voor ons had. Alles in dit afgelopen jaar van ‘Het Heengaan’ was vernederend. 

    Ik ervaar de pijn van verpletterd en vernederd worden, en ik geloof nu dat vernedering alleen maar tot vernietiging kan leiden. De vernietiging van het hart van de Afghaanse samenleving kan niet worden ontkend. De gevolgen van deze onvermijdelijkheid zijn angstaanjagend. In elke uithoek van de wereld zitten we gevangen in ons eigen hart, omdat ons land niet langer vrij is. 

    Schermafbeelding 2022 11 20 om 21.43.25 1
    Een vergadering bij de stichting Moderne Denkers (Naw Andishan). Rechts vooraan: Somaia Ramish. © Elaha Sahel

    Voor mij blijft het woord ‘vrijheid’ een uitzinnige illusie, nu Afghanistan is ondergedompeld in deze brute en zwarte ervaring. Ik denk minder aan vrijheid. Iemand die voor de ogen van de wereld is vernederd heeft nog een lange weg te gaan om weer een essentie in zichzelf te vinden, die te polijsten en de roest te verwijderen die vanuit een andere eeuw naar onze eigen tijd blijkt te zijn gekomen. Ik ben verbitterd en teleurgesteld. Ik ben geworden als een lam dat de dood al voelt voordat het wordt geofferd. Nog bitterder stemt het mij als Afghaanse burger dat het onderwerp genaamd ‘Afghanistan’ in het internationale discours steeds minder interesse wekt, al hebben de etnische en tribale relaties, een dynastieke kijk op interne kwesties en het vermijden van elke vorm van nationalisme ook meegewerkt aan de vernietiging van de Afghaanse vrijheid. Het wantrouwen en de onderlinge onverenigbaarheid van bewegingen tegen de taliban hebben Afghanistan kwetsbaarder en beklagenswaardiger gemaakt. 

    Feit is dat ook wij de val nog steeds niet kunnen reconstrueren

    En helaas zijn wij, het geïsoleerde en over de hele wereld verspreide volk van Afghanistan, nog niet in het reine gekomen met het walgelijke, vernederende en krenkende verhaal van de val. Feit is dat ook wij de val nog steeds niet kunnen reconstrueren. We zijn nog niet ontsnapt aan het verhaal en worden zelf ook heen en weer geslingerd tussen de verhalen die loskomen, de ijzingwekkende en oncontroleerbare verhalen.

    Uit vele relaties is de charme verdwenen en het is alsof het vreedzaam naast elkaar bestaan van nationaliteiten en intellectuele minderheden, het leiden van een fatsoenlijk leven en het denken over vrijheid een jaar later nog meer een illusie zijn geworden.

    Somaia Ramish was vrouwenrechtenactivist in Afghanistan en is dichter en auteur. Na de val van Afghanistan vluchtte ze naar Nederland. Ze woont met haar man en twee kinderen in Rotterdam.

  • Ivan Krastev: ‘Europa moet het eens worden over het einde van de oorlog’

    Ivan Krastev: ‘Europa moet het eens worden over het einde van de oorlog’

    ‘De Europese eenheid staat niet zozeer onder druk door Poetins dreigementen, als wel door de uiteenlopende opvattingen over hoe de oorlog moet eindigen’, schrijft Ivan Krastev. Volgens de Bulgaarse politicoloog moet Europa een gemeenschappelijk standpunt formuleren, wil het escalatie voorkomen.

    Europa doet dezer dagen denken aan de eerste weken van de pandemie: we hebben het gevoel dat het einde van de wereld nabij is. Alleen is de angst voor Russische kernwapens in de plaats gekomen van discussies over het virus. 

    De Europese media grossieren in grimmige koppen over energietekorten, storingen, stroomuitval. Analisten zijn het erover eens dat de inflatie en de stijgende kosten van levensonderhoud zomaar miljoenen betogers op de been zouden kunnen brengen. Het aantal migranten dat in 2022 naar de Europese Unie kwam, is al veel groter dan het aantal Syriërs dat in 2015 naar de EU uitweek. En de oorlogsmachine van het Kremlin zal deze aantallen verder doen oplopen naarmate de vernietiging van de Oekraïense infrastructuur de mensen daar berooft van elektriciteit en water.

    Ivan Krastev Foto Stephan Rohl Wikimedia
    Ivan Krastev – © Wikimedia

    Poetins winter lijkt echter geen einde te zullen maken aan de betrokkenheid van Europa bij Oekraïne. Geallieerde regeringen kunnen van samenstelling veranderen, maar de sancties blijven van kracht. Kijk maar naar Italië, waar de nieuwe extreemrechtse regering zich heeft gevoegd naar de Europese consensus.

    Niet Europa maar de VS is de zwakke schakel als het gaat om duurzame steun voor Kyiv

    De meeste Europeanen voelen diepe morele verontwaardiging over het brute Russische optreden. Door de recente Oekraïense militaire successen is er behalve verontwaardiging nu ook hoop. Nu de Oekraïners oprukken op het slagveld, neemt de steun voor hen alleen maar toe. Belangrijker is evenwel wat er aan de overzijde van de Atlantische Oceaan gebeurt. Toen premier Orbán van Hongarije, de naaste bondgenoot van Poetin in de EU, onlangs zei dat ‘de hoop op vrede Donald Trump heet’, raakte hij een snaar bij alle Europese bondgenoten van Poetin. Zij beseffen dat alleen een verandering in Amerikaans beleid het westerse standpunt op het gebied van Oekraïne kan wijzigen. Niet Europa maar de VS is de zwakke schakel als het gaat om duurzame steun voor Kyiv.

    Maar ook aan deze oorlog komt ooit een eind. En dan zullen de spanningen in Europa pas echt aan het licht komen.

    Drie kampen

    Hoe moet deze oorlog eigenlijk eindigen? Over die kwestie heerst verdeeldheid. Er zijn drie kampen: de realisten, de optimisten en de revisionisten. In vrijwel elk Europees land vind je politici en kiezers uit alle drie de categorieën, maar niet altijd in dezelfde verhouding: in West- en Zuid-Europa woedt er vooral een debat tussen realisten en optimisten. In Oekraïne en sommige Oost-Europese landen voeren optimisten en revisionisten de boventoon. Die verschillen zijn het best te verklaren door te kijken naar geografische en historische factoren. West-Europeanen zijn vooral bang voor een kernoorlog. Oost-Europeanen vrezen dat hun landen weer in de Russische invloedssfeer verzeild raken als Oekraïne de oorlog verliest.

    De zogeheten realisten vinden dat Europa ernaar moet streven dat Rusland niet wint, Oekraïne niet verliest en de oorlog zich niet uitbreidt. Gezien zijn uitspraken is de Franse president Macron een aanhanger van deze opvatting. Die komt erop neer dat Oekraïne hulp moet krijgen om een zo groot mogelijk deel van zijn grondgebied te bevrijden, maar dat een Oekraïense overwinning begrensd dient te zijn, omdat het risico dat Rusland tactische kernwapens inzet anders te groot wordt. In deze visie ligt het voor de hand dat Oekraïne niet moet proberen de Krim, die in 2014 door Rusland werd geannexeerd, te heroveren.

    Terecht beschouwen de realisten het huidige conflict als gevaarlijker dan de confrontatie tussen de Sovjet-Unie en de Verenigde Staten tijdens de Koude Oorlog. Beide krachten geloofden destijds dat de geschiedenis aan hun kant stond. Het Westen heeft nu te maken met een door apocalyptische visioenen geplaagde leider, een man geobsedeerd door het spookbeeld van een wereld zonder Rusland.

    Duurzame vrede

    Het tweede kamp bestaat uit optimisten. Oekraïne moet niet alleen de eindoverwinning behalen, de oorlog dient ook het einde van Vladimir Poetin te bezegelen. Zij stellen dat de militaire nederlaag van Rusland en de aanhoudende gevolgen van de sancties – die steeds verwoestender worden – duidelijke tekenen zijn dat de dagen van de Russische president geteld zijn. Zij steunen daarom president Volodymyr Zelensky in diens weigering om met Poetin te onderhandelen. De aanhangers van dit standpunt, onder wie de Duitse Groenen en de meeste Oost-Europeanen, stellen dat alleen ongelimiteerde steun aan Oekraïne een duurzame vrede kan bewerkstelligen. Rusland moet niet alleen worden tegengehouden, maar ook verslagen.

    GettyImages 1245439805 kopie
    De graven van een complete familie die omkwam bij een Russische beschieting boven het dorp Lyman in de regio Donetsk. – © Celestino Arce / NurPhoto via Getty Images

    Voor revisionisten is de oorlog in Oekraïne niet de oorlog van Poetin, maar die van de Russen. Voor hen is de enige garantie voor vrede en stabiliteit in Europa een onomkeerbare verzwakking van Rusland. Het zou zelfs wenselijk zijn als de Russische Federatie uiteenvalt. De revisionisten willen separatistische bewegingen steunen en de Russen ver van Europa houden, ongeacht politieke veranderingen in het land. Volgens hen moet de oorlog, die begon met Poetins bewering dat Oekraïne geen natie is, eindigen met de definitieve ontbinding van het Russische rijk. Haast nodeloos te vermelden dat deze strategie het meeste gehoor vindt in landen die hebben geleden onder het bewind van Moskou: Polen, de Baltische republieken en natuurlijk Oekraïne zelf.

    Het optimisme van de ‘magisch realisten’ dat de dagen van Poetin geteld zijn, lijkt voorbarig

    Critici van de realistische benadering wijzen er terecht op dat het realisme in 2015 al op de proef is gesteld nadat Rusland Oost-Oekraïne was binnengevallen. Dat heeft dus niet gewerkt. Het optimisme van de ‘magisch realisten’ dat de dagen van Poetin geteld zijn, lijkt voorbarig. Bovendien is de gewenste regimeverandering in de praktijk moeilijker te verwezenlijken: hoe kun je onderhandelen met een regime als je expliciete doel is dat het weg moet? De oproepen van revisionisten om Rusland te ontmantelen of te verminken hebben mogelijk als onbedoeld en ongewenst effect dat de Russen nu wél vinden dat ze een reden hebben om te vechten. Tot op heden heeft Poetin ze niet van die reden weten te overtuigen.

    Toen de Russische troepen zich aan de rand van Kyiv bevonden, waren de verschillen tussen realisten, optimisten en revisionisten relatief. Oekraïne mocht niet onder de voet worden gelopen, dat was het voornaamste. Poetin mocht niet winnen. De triomfen van het Oekraïense leger gedurende de afgelopen maanden hebben deze verschillen echter dichter bij de kern van het debat over Europa gebracht. De Europese eenheid staat niet zozeer onder druk door Poetins dreigementen, als wel door de uiteenlopende opvattingen over hoe de oorlog moet eindigen. Dit zal voelbaar zijn wanneer de publieke druk om te onderhandelen met Moskou toeneemt.

    De uiteenlopende narratieven en visies inzake het gewenste einde van de oorlog zijn zo emotioneel en moreel geladen dat elk vergelijk pijnlijk ingewikkeld zal zijn. Toch is zo’n gemeenschappelijk kader dringend gewenst. Anders zullen de angst van de Oekraïners dat zij door het Westen worden verraden en de angst van Poetin voor militaire vernedering tot maximale escalatie leiden.

    Lees ook:

  • In Libië wordt de geschiedenis geschreven door vrouwen

    In Libië wordt de geschiedenis geschreven door vrouwen

    Volgens wetenschapper en schrijver Najwa Bin Shatwan wacht Libië op het moment dat zijn burgers als feniksen uit de as verrijzen. Inmiddels plaatsen vrouwelijke auteurs in het tijdperk na oud-dictator Moammar Gaddafi de verhalen van het land in een nieuwe context.

    Hawwa – de Arabische naam voor Eva – is een tienermeisje in het landelijke Benghazi, in de jaren zestig. Ze weet meerdere zwangerschappen te overleven nadat ze is uitgehuwelijkt aan Adam, een vrachtwagenchauffeur, en ze strijdt voor haar vrijheid en haar reproductieve rechten. Dit verhaal is terug te vinden in The Horses’ Hair, de veelgeprezen roman van de Libische wetenschapper en schrijver Najwa Bin Shatwan. In feite is dit het verhaal van de erfzonde, maar dan met zwarte humor verteld door een ongeboren kind dat de lezer de tragische levensloop van de ouders toont.

    Het boek doet denken aan feministische hervertellingen zoals Circe, de roman uit 2018 waarin de Amerikaanse schrijver Madeline Miller enkele Griekse mythen hervertelt vanuit het perspectief van een tovenares, die normaal gesproken wordt afgeschilderd als de slechterik. Op vergelijkbare wijze kijkt Shatwan in haar oeuvre door een vrouwelijke bril naar de Libische geschiedenis van de negentiende en twintigste eeuw. ‘Bin Shatwans beschrijvingen van vrouwelijke auteurs die in Libië kunnen rekenen op censuur vanuit de maatschappij zelf, laten zien dat schrijven voor een vrouw een revolutionaire daad is’, schreef journaliste Orna Herr in het mondiale literaire tijdschrift Index on Censorship.

    Shatwan maakt deel uit van een groeiende groep Libische schrijvers die meer ruimte creëren voor een gendergerelateerde kijk binnen de literatuur. Dit markeert een belangrijk omslagpunt in het nog altijd kleine literaire wereldje in Libië. Door complexe vrouwelijke personages neer te zetten dragen steeds meer Libische schrijvers voorzichtig hun ideeën uit over gendergelijkheid.

    Gedomineerd door mannelijke schrijvers

    Van oudsher wordt de Libische literatuur gedomineerd door mannelijke schrijvers, die hun eigen archetypen gebruiken om belangrijke historische momenten te beschrijven en de realiteit van het moment te doorgronden. Bekende voorbeelden zijn de dichter Khaled Mattwa uit Benghazi, die bekendheid verwierf door met een unieke flair te verhalen over legenden en keerpunten in de geschiedenis, of Alessandro Spina, die dieper in de Libische geschiedenis dook met een reeks romans, waaronder The Confines of the Shadow.

    Maar de laatste jaren zijn er steeds meer vrouwelijke auteurs op het toneel verschenen: Libische vrouwen of Italiaanse vrouwen die in Tripoli zijn geboren. Zij nemen de geschiedenis van het land onder de loep, grofweg vanaf 1900, maar dan vanuit vrouwelijke personages. Denk aan Alma Abate, die in Ultima estate in suol d’amore de opkomst van de in 2011 gedode despoot Moammar Gaddafi bekijkt door de ogen van Sara. Of denk aan Maryem Salama, die in From Door to Door schrijft over gemengde huwelijken in de beginjaren van de twintigste eeuw, met als vertelstem de jonge verpleegkundige Fatima. Door op die manier naar de geschiedenis te kijken, proberen ze te breken met het beeld van de vrouw als lijdzaam object.

    Safa Elnaili, verbonden aan de Arabische faculteit van de Universiteit van Ala-bama, signaleerde deze trend toen ze onderzoek deed naar de korte verhalen die waren gepubliceerd op Almostakbal, een populaire Libische website. Wat haar trof was de centrale rol van vrouwen in deze narratieven, iets wat nieuw was binnen de Libische literaire canon. ‘De geschilpunten in deze verhalen worden belicht vanuit de positie van het vrouwelijke personage in relatie tot familieleden, de maatschappij en de sociopolitieke context,’ zegt ze.

    In de begintijd van Gaddafi’s bewind, in de jaren zeventig, riep de regering een uitgeverij in het leven. Alle auteurs moesten zich in hun geschriften positief uitlaten over de autoriteiten, en wie dat weigerde werd gevangengezet of gedwongen het land te verlaten, of kreeg een verbod om ooit nog te schrijven.

    Afvlakking

    In 2013, twee jaar na het begin van de revolutie die zou leiden tot de val van Gaddafi, schreef Maryem Salama, een schrijver en dichter uit Tripoli, een gedicht waarin ze het beeld gebruikte van vuurwerk dat wordt aangestoken. Omdat er geen uitgeeftraject beschikbaar was, publiceerde ze het op haar Facebookpagina. Een paar uur later reageerde iemand: ‘Dank je. Ik huil nog steeds van brandend geluk in een dood huis.’

    ‘Dank je. Ik huil nog steeds van brandend geluk in een dood huis’

    Het beeld is Salama altijd bijgebleven en sindsdien gebruikt ze de allegorie van een feniks om naar haar land te verwijzen. ‘Libië zit nog midden in zijn ontstaansgeschiedenis. Het moment is nog niet daar dat de grote vogel uit de as herrijst,’ zegt ze tijdens een videogesprek. ‘Het land wacht op het moment dat de Libische burgers de verantwoordelijkheid nemen om uit te groeien tot een groots volk van een groots land. Ze moeten lezen, ze moeten kennis opdoen en ze moeten handelen.’

    Dat proces is met name van cruciaal belang in een land waar Gaddafi de Libische geschiedenis heeft herschreven om zijn eigen doelen te dienen. Naast het feit dat hij de uitgeefwereld inlijfde, maakte hij korte metten met alles wat zijn visie van Libië als homogene Arabische maatschappij kon ondermijnen. Het Tamazight, de taal en het schrift van de Berbers (een etnische groep in Libië en andere Noord-Afrikaanse landen), werd ver-boden en mocht niet meer worden onderwezen. Wie opkwam voor de cultuur en de rechten van de Berbers werd vervolgd, gevangengezet of zelfs vermoord. Dat betekende een afvlakking van de culturele diversiteit.

    ‘Gaddafi’s historisch revisionisme heeft een zwart gat geslagen in het histogram… voor Libiërs,’ zegt uitgever Ghassan Fergiani, een man van in de zeventig die in Tripoli woont. ‘Negentig procent van de Libiërs is geboren rond of na de periode dat Gaddafi aan de macht kwam. Zijn versie van de geschiedenis van Libië is dat alles pas begon toen hij aan het bewind kwam.’

    In de jaren vijftig, het decennium waarin Libië zijn onafhankelijkheid verwierf, opende Fergiani’s vader, Mohammed Bashir Fergiani, drie goedlopende boekwinkels in Tripoli. Daarnaast zette hij ook de uitgeverij Dar Al Fergiani op. Nadat Gaddafi in 1969 aan de macht was gekomen, werd het bedrijf op last van de autoriteiten gesloten en emigreerde het gezin naar Engeland. In Londen stelde Fergiani’s vader zijn leven in dienst van een zoektocht naar oude edities en zeldzame uitgaven uit Libië en de Arabisch-sprekende wereld – boeken die hij vervolgens herdrukte met zijn nieuwe bedrijf, Darf Publishing.

    Boegbeeld

    Een van de auteurs die zijn zoon momenteel uitgeeft is Salama. De zesenvijftigjarige, wier boeken zich richten op de positie van vrouwen in de Libische samenleving, is door recensenten wereldwijd bejubeld als het boegbeeld van een nieuwe generatie Libische schrijvers. 

    Salama legt uit dat Gaddafi een gevoel van onzekerheid bij de Libiërs in de hand werkte door valse informatie te verstrekken. Vóór Gaddafi hadden schrijvers de mogelijkheid om zich op natuurlijke wijze te ontwikkelen, te groeien, en nieuwe manieren te zoeken om met Libische tradities om te gaan en tot een nieuwe, hedendaagse cultuur te komen. ‘Die natuurlijke mogelijkheid werd ingeperkt door de vuist van Big Brother,’ zegt ze ernstig. ‘We zijn opgegroeid in een stalen kooi, wisten niet meer dan wat hij wilde dat we wisten, hadden niet meer manoeuvreerruimte dan zijn instructies. De Libische vrouwen hebben daar het meest onder geleden.’

    Maar naar verluidt werden deze vrouwen door Gaddafi ook lastiggevallen en misbruikt

    We spreken elkaar in een videogesprek. Salama geeft me een virtuele rond-leiding en laat me de boeken zien in de kast naast haar. Haar gezicht begint te stralen als ze haar eigen boeken in het Arabisch en het Engels uit de kast haalt. ‘Niet om op te scheppen,’ zegt ze grappend, ‘maar om je te laten zien hoe die boeken eruitzien.’ De schrijver werkt aan een boekvertaling en presenteert ondertussen een ochtend-programma op een plaatselijke radiozender; daarnaast is ze ook nog bezig met de voorbereidingen voor een nieuw radioprogramma over literatuur.

    Wat vrouwen betreft zond Gaddafi tegenstrijdige boodschappen de wereld in. De flamboyante leider stond erom bekend dat hij zich omringde met vrouwelijke lijfwachten, ook wel de ‘Amazonegarde’ genoemd – een ver-wijzing naar de mythologische verblijfplaats van de Amazones in Libië. Maar naar verluidt werden deze vrouwen door Gaddafi ook lastiggevallen en misbruikt.

    Gaddafi riep een militaire training in het leven voor meisjes op de middelbare school, maar volgens Salama, die in haar jeugd ook deze training moest volgen, was deze niet bedoeld om gelijkheid te bevorderen. Sterker nog, zegt ze, het was een voorwendsel om vrouwen een gedegen opleiding te onthouden, aangezien de militaire training ten koste ging van andere leerstof.

    Verschillende problemen

    In het dagelijks leven kregen vrouwen in Libië met verschillende problemen te maken als gevolg van Gaddafi’s beleid, zegt schrijver Mahbuba Khalifa. Ze spreekt via een videoverbinding vanuit haar huis in Tunis, in het buurland Tunesië, waar ze met haar gezin woont na jaren om veiligheidsredenen in het buitenland te hebben vertoefd. ‘De vrouwen in mijn land moeten twee keer zo hard werken om een balans te vinden tussen enerzijds hun hoop en hun ambities – niet alleen voor zichzelf, maar ook voor hun familie – en anderzijds de realiteit, die een schaduw over hun leven werpt.’

    Khalifa is een vrouw van in de zestig met een zachte stem. Ze draagt een montuurloze bril en haar blonde haar is keurig gekamd. Naast haar op een bruine bank zit haar dochter – en tevens redactrice – Rima, met een alerte, vastberaden blik in haar ogen, het donkere haar in een staart. Rima, een van Khalifa’s vier kinderen en zelf ook schrijver, vult op zakelijke toon de antwoorden van haar moeder aan, of plaatst die binnen een bepaalde context. ‘Zij is degene die me heeft aangemoedigd mijn teksten te delen met de rest van de wereld,’ zegt Khalifa met een trotse blik op haar dochter, die instemmend knikt. ‘Mijn moeder had een schat aan verhalen, maar ze wist die niet op waarde te schatten. Iemand moest haar een zetje geven,’ zegt Rima.

    ‘Mijn moeder had een schat aan verhalen, maar ze wist die niet op waarde te schatten. Iemand moest haar een zetje geven’

    Het ontsluiten van het Libische erfgoed is wat Khalifa al haar hele leven drijft. ‘Het gaat ver terug, vormt een doorgaande lijn en biedt motivatie,’ zegt ze. Ze schrijft een historische roman over haar geboorteplaats Derna, een havenstad in het oosten van Libië, in wat vroeger een van de rijkste regio’s was. Ze ging er weg op haar achttiende, maar nog altijd voelt ze zich sterk met de stad verbonden. De roman gaat over het lijden van de inwoners van Derna als gevolg van de strijd tussen de ge-allieerden en de asmogendheden in de Tweede Wereldoorlog. Er werd onder meer gestreden in de Libische woestijn. Ze kwam erachter dat inwoners van de kuststeden hun toevlucht hadden gezocht in grotten in de bergen, die dekking boden voor de luchtaanvallen van de geallieerden – een gegeven dat een rol speelt in haar boek.

    Khalifa haalt ook herinneringen op uit haar eigen leven. ‘Sommige waren geïnspireerd op het feit dat ik voortdurend verhuisde van de ene plek naar de andere, in Libië of daarbuiten. Dat alles heeft mijn verbeelding verrijkt.’

    ‘Het voortdurende reizen was voor ons noodzakelijk,’ vertelt Rima. ‘Mijn vader [de Libische politicus en jurist Goma Attaiga] was een tegenstander van het Gaddafi-regime, en omwille van onze veiligheid moesten we het land ontvluchten. Mama heeft zelf jarenlang onder pseudoniem geschreven voor oppositiebladen.’

    Khalifa’s eerste roman, We Were and They Were, kwam in 2021 uit in het Arabisch en werd dankzij mond-tot-mondreclame een groot succes bij het Libische lezerspubliek. Het was autobiografisch, zegt ze. ‘Ik wilde het verhaal vertellen van een Libische vrouw die een bepaalde periode uit de geschiedenis van ons land had meegemaakt en die op persoonlijk vlak was geraakt door een aantal belangrijke gebeurtenissen.’

    Getuige

    De losjes op haar eigen ervaringen gebaseerde roman brengt haar leven in kaart, van haar studiejaren tot aan de val van Gaddafi in augustus 2011. ‘Het begin van mijn studie viel samen met de ingrijpende veranderingen die in Libië plaatsvonden als gevolg van de coup tegen de monarchie. Mijn generatie was getuige van veranderingen die heel verwarrend waren voor de Libische bevolking, die destijds een vreedzaam bestaan leidde.’ 

    Ze herinnert zich de tijd dat er net olie was ontdekt en er goede hoop was op een welvarende toekomst. ‘Van het ene op het andere moment sloeg dat om in een leven van zorgen, en van angst voor de nieuwe bewindhebbers,’ zegt ze. ‘Er werden mensen opgepakt en vrijheden afgenomen, en we zagen enorme veranderingen op sociaal en economisch gebied.’ Khalifa zwijgt even en denkt terug aan het moment dat haar man werd opgepakt. ‘Dat heeft mijn leven voorgoed een andere wending gegeven.’

    Tegenwoordig maken deze vrouwelijke auteurs bewerkingen van lokale volksverhalen, Griekse mythen en heilige teksten

    Tegenwoordig maken deze vrouwelijke auteurs bewerkingen van lokale volksverhalen, Griekse mythen en heilige teksten. ‘In Libië is er een grote nalatenschap van historische fictie, wat logisch is, gezien de belangrijke rol van het land in de geschiedenis van het Middellandse Zeegebied, en gezien de diverse volken die Libië door de eeuwen heen hebben bewoond of gekolonialiseerd,’ zegt de in Tripoli wonende schrijver Kawther Eljehmi.

    De achtendertigjarige spreekt via een videoverbinding vanuit haar huis in Tripoli. Ze behoort tot een generatie van schrijvers die dankzij internet zijn komen bovendrijven. Eljehmi begon 2016 te bloggen; drie jaar later zette ze al haar artikelen en verhalen op de populaire Facebookpagina Fasila, speciaal bestemd voor Libische auteurs. Via internet nam de aandacht voor haar verhalen toe en kreeg ze een vaste volgersschare – nog voordat twee jaar geleden haar eerste roman uitkwam, Aidoun.

    Italiaanse Libiërs

    De instabiele situatie van het land is de ernstigste kwestie die bij het schrijven komt kijken. ‘Bij mijn eerste roman liep het allemaal nog best soepel. Ik schreef terwijl ik zwanger was van deze kleine,’ zegt ze, terwijl haar vierjarige zoontje Moness zijn neus tegen de webcam drukt. ‘Maar het was veel lastiger om mijn tweede roman te voltooien.’ Dat was tijdens de burgeroorlog van 2019. Eljehmi woonde in een buurt waar veel werd gevochten. Door de bominslagen was het ‘vrijwel onmogelijk’ een schrijfritme te vinden.

    Toch wist ze het boek af te krijgen. The Colonel gaat over een fictief personage dat doet denken aan Gaddafi. Eljehmi is alweer bezig aan een nieuwe roman, die handelt over kinderen van Libische vrouwen die met een buitenlander zijn getrouwd. Deze kinderen hebben geen recht op gratis onderwijs en gezondheidszorg, omdat ze niet als Libiërs worden gezien.

    Italiaanse schrijvers houden zich ook bezig met historische afrekeningen. Zij nemen de Italiaanse kolonisatie van Libië onder de loep. Libië, voorheen Ottomaans bezit, werd van 1911 tot 1943 bezet door Italië. Op 24 december 1951 riep Libië de onafhankelijkheid uit. In 1970 beval Gaddafi de uitzetting van de Italiaanse bevolking. 

    Mythologie en de vrouwelijke blik vormen het perspectief

    Ook bij de Italianen vormen mythologie en de vrouwelijke blik het perspectief van waaruit de auteurs naar het verleden kijken. Een goed voorbeeld hiervan is Le amazzoni van Manuela Piemonte, dat vorig jaar uitkwam. Dit boek kijkt door de ogen van twee kleine meisjes naar het door Italië bezette Libië in de jaren veertig.

    ANP 15356555 1
    Moammar Gaddafi wordt hier afgebeeld als rat in het nauw boven op zijn eigen verplichte Groene Boek. ‘17 februari’ verwijst naar de Dag van de Woede, het begin van de Libische revolutie in 2011. – © Nick Hannes / ANP

    Piemonte (43) werkte in de uitgeefwereld en was scenarioschrijver, toen ze zich aan haar eerste roman waagde. Ze houdt van research en verzamelde een enorme hoeveelheid archiefmateriaal over het onderwerp van haar boek. Via een videoverbinding toont ze me, wat aarzelend maar toch met enige trots, een collectie fascistische memorabilia die ze in dienst van de literatuur heeft verzameld: oude boeken, fascistische speldjes en ansichtkaarten. ‘Ik wilde zeker weten dat mijn beschrijvingen tot in de kleinste details zouden kloppen.’

    De hoofdpersonages in Le amazzoni zijn de dochters van Italiaanse kolonisten op het Libische platteland, op het moment dat Benito Mussolini het land de oorlog verklaart. In een periode dat ze Libië moeten verlaten houden ze zich vast aan een indringend beeld dat ze zich herinneren: dat van een Berber-vrouw die te paard door de woestijn stuift. Ze willen net zo worden als die vrouw. ‘Toen ik onderzoek deed naar de periode van de Italiaanse kolonisatie, kwamen de Amazones me voor als een toonbeeld van kracht,’ zegt Piemonte. ‘Pas later kwam ik erachter dat Libië de plek is waar de vrouwelijke krijgers in de Griekse mythen vandaan kwamen.’

    Ná de oorlog

    Er is nog een periode waar Italiaanse schrijvers zich mee bezighouden, en dat is de tijd ná de oorlog. De inmiddels overleden Alma Abate, die in Tripoli werd geboren, beschrijft in de roman Ultima estate in suol d’amore, die vorig jaar verscheen, een multicultureel Tripoli waar Italianen, Engelsen, Fransen, Amerikanen, joden, christenen en moslims in harmonie samenleven.

    Diezelfde periode wordt ook onder de loep genomen in de gefictionaliseerde autobiografie Il casa di Shara Band Ong: Tripoli, van de zestigjarige Mariza D’Anna, die eerder boeken schreef over de geschiedenis van haar familie in Libië. ‘Ik wilde een ervaring delen die veel in Libië geboren Amerikaanse kinderen zullen herkennen: verjaagd worden van de plek die je als je thuis beschouwt,’ zegt ze aan de telefoon vanuit Trapani, op Sicilië, haar thuis sinds ze door Gaddafi werd verbannen. Het boek verscheen vorig jaar.

    Zoals D’Anna over Libië spreekt, lijkt het land het midden te houden tussen een verre droom en een plek uit historische verslagen. ‘Ik heb niet heel veel literaire uitwisselingen gehad met Libische schrijvers toen ik aan deze roman werkte, want ik wilde juist mijn eigen herinneringen vastleggen,’ zegt D’Anna, die het land niet meer in mocht – als een in Libië geboren Italiaanse stond ze jarenlang op Gaddafi’s zwarte lijst. ‘Ik ben me ervan bewust dat sommige Libiërs, die waarschijnlijk een volstrekt andere ervaring hebben gehad, het verwarrend kunnen vinden dat ik deze pré-Gaddafi-jaren beschrijf als een gelukkige periode.’ Maar, besluit ze, ‘dat is wel hoe ik het me herinner’. 

  • Rusland voor het eerst niet bij herdenking van bevrijding Auschwitz

    Rusland voor het eerst niet bij herdenking van bevrijding Auschwitz

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Tien doden bij Israëlische inval in vluchtelingenkamp

    » VS doden belangrijke IS-leider tijdens operatie in Somalië

    Het kamp werd 78 jaar geleden bevrijd door de Russen

    In verband met de inval van Oekraïne is de delegatie van de Russische Federatie dit jaar niet uitgenodigd voor de herdenking van de bevrijding van concentratiekamp Auschwitz, zo berichtte Gazeta Wyborcza afgelopen woensdag. Het is vandaag precies 78 jaar geleden dat het kamp bevrijd werd door – ironisch genoeg – de Russen.

    Deze jaarlijkse herdenkingen worden georganiseerd om de herinnering aan de overlevenden, de belangrijkste gasten van de herdenkingsceremonie, levend te houden. Behalve oud-gevangenen zijn ook de belangrijkste Poolse ambtsdragers en diplomatieke vertegenwoordigers uit het buitenland aanwezig.

    Het zal nog een lange tijd duren voordat Rusland weer op het internationale toneel terugkeert

    Normaliter zou Rusland ook uitgenodigd zijn en zou de Russische afgevaardigde tijdens het belangrijkste deel van de ceremonie een toespraak houden. Vanwege de oorlog in Oekraïne is dat dit jaar voor de eerste keer niet het geval. Volgens de directeur van het Auschwitzmuseum zal het nog een lange tijd duren voordat Rusland weer op het internationale toneel terugkeert.

    Op 27 januari 1945 werd Auschwitz-Birkenau door het Rode Leger bevrijd, dat enkele maanden vertraging had opgelopen doordat er in Warschau een opstand uitbrak. Daardoor kregen de nazi’s de kans om het kamp te evacueren en de documentatie te vernietigen. Uiteindelijk troffen de Sovjettroepen in het kamp nog zo’n zevenduizend gevangenen aan, alsook zeshonderd mensen die doodgeschoten of van uitputting gestorven waren. Dezen werden door het Poolse Rode Kruis een maand later in een massagraf vlakbij het kamp begraven.

    Lees ook:

  • In Iran slaan verschillende sociale klassen hun handen ineen

    In Iran slaan verschillende sociale klassen hun handen ineen

    Verschillende bevolkingsgroepen in Iran, ook die als hoeksteen van het regime werden beschouwd, uiten steeds vaker kritiek op de autoriteiten, die slecht bestuur en corruptie worden verweten. Kan de solidariteit tussen minderheden het regime aan het wankelen brengen?

    Lees ook de andere artikelen uit het Dossier ‘Vrouw, leven vrijheid’ over de protesten in Iran:

    » In Iran is ‘Dood aan Amerika’ veranderd in ‘Dood aan de dictator’

    » Het harde optreden van het Iraanse regime leidt tot een afkeer van religie

    » ‘Vrouwenrechten zijn onverenigbaar met religie’

    Deze opstandige wind waait uit een andere hoek. Natuurlijk, de economische crisis die Iran teistert heeft de afgelopen jaren steeds vaker betogingen uitgelokt. In 2017 zijn de Iraniërs de straat op gegaan om te protesteren tegen de stijging van de kosten van levensonderhoud als gevolg van de koersdaling van de rial. Twee jaar later kwamen er protesten tegen een verhoging van de brandstofprijzen door veranderingen in het subsidie-systeem.

    Sindsdien zijn er steeds vaker kleine, plaatselijke manifestaties om bijvoorbeeld meer rechten voor ambtenaren en arbeiders te eisen, of een betere watervoorziening voor de boeren in de regio Isfahan. De sociaaleconomische eisen van een bevolkingsgroep die tot dan toe als een hoeksteen van de volkssteun voor het regime werd beschouwd gaan steeds vaker gepaard met kritiek op dat regime, op het slechte bestuur, de corruptie. Hoewel de Islamitische Republiek voortdurend beweert het gewone volk te beschermen en te verdedigen tegen de bourgeoisie, aarzelt ze niet om haar goed geoliede onderdrukkingssysteem in te zetten om deze achtereenvolgende bewegingen te smoren.

    Er vinden in een vijftiental Iraanse steden demonstraties plaats naar aanleiding van de dood van de jonge Mahsa Amini

    Momenteel vinden er in een vijftiental Iraanse steden demonstraties plaats naar aanleiding van de dood van de jonge Mahsa Amini. Deze gebeurtenis, het voorlopige dieptepunt van een reeks gewelddadige arrestaties door de zogeheten ‘oriëntatiepatrouille’ van vrouwen die de geldende kledingregels niet respecteren, heeft in het hele land tot heftige emoties geleid. Bij de vrouwen en studenten die als eersten in opstand kwamen hebben zich inmiddels talrijke mannen aangesloten om gezamenlijk een van de hoekstenen van het gezag en de politiek-religieuze identiteit van de Islamitische Republiek ter discussie te stellen: de hidjab. 

    Een door het Westen gesmeed complot

    Volgens de conservatieve Iraanse pers, die nauwe banden heeft met het regime, wordt de protestbeweging op afstand aangestuurd door de vijanden van Iran, die er alleen maar op uit zijn het land te verzwakken.

    Voor de conservatieve pers is het zonneklaar: de betogingen die Iran al bijna drie weken lang in rep en roer brengen zijn het werk van ‘vijanden’ van de Islamitische Republiek. Volgens het blad Kayhan zit het Westen ‘achter de misdaden en het kwaad waardoor de straten worden geteisterd en separatistische terroristische groeperingen worden opgehitst’; met dat laatste wordt de Koerdische minderheid bedoeld, onder wie het oude streven naar autonomie weer is opgelaaid. Maar ‘de belangrijkste aanstichters van de rellen zijn elementen die zichzelf als “hervormers” bestempelen’, voegt de krant eraan toe.‘Er moet worden afgerekend met de terroristen, met de separatisten en vooral met de politici en bekende Iraniërs die het Westen in staat stellen het land binnen te dringen’, dikt Kayhan nog aan. ‘Iedere gelegenheid om de criminelen en verraders te bestraffen moet worden aangegrepen en de inspanningen om een landelijk informatie- en communicatienetwerk op te zetten [in plaats van het wereldwijde internet] moeten worden geïntensiveerd.’

    Om een sneeuwbaleffect te voorkomen heeft de Iraanse staat op 22 september de toegang tot internet, sociale media en berichtenapps drastisch beperkt.

    De krant Jam-e Jam concentreert zich op de Koerdische opstandelingen en schrijft dat ‘diverse gewapende separatistische groeperingen deze gespannen situatie aangrijpen om hun doelen te bereiken. Hoewel de Iraanse Koerden patriotten zijn, laten sommigen onder hen zich misleiden door de separatisten die een door de vijand aangewakkerd afscheidingscomplot nastreven.

    ’Volgens het dagblad Iran, een overheidsorgaan, ‘vormt de hoofddoekkwestie de kern van de psychologische manipulatie waarmee de vijand het volk probeert te mobiliseren’. De Iraniërs ‘zullen nooit met deze oproerkraaiers sympathiseren’ en de voorkeur geven aan ‘veiligheid’ boven chaos, in een regio waar ‘alle buurlanden met een crisis worden geconfronteerd’. De meerderheid van de bevolking is niet ‘voor afschaffing van de hoofddoek’, besluit de krant.

    Het dagblad Vatan-e Emrooz vreest zelfs voor een burgeroorlog: ‘De vijanden van Iran hebben altijd geprobeerd betogingen in rellen te laten ontaarden en rellen in een burgeroorlog. Ze dromen ervan om hetzelfde te doen als in Syrië en Libië.’Het blad Farhikhtegan, dat genuanceerder en kritischer is, legt de nadruk op de groeiende kloof tussen de politieke machthebbers en de jeugd. ‘De deelname van jongeren aan de betogingen was ongekend groot. Omdat er geen pogingen worden ondernomen een dialoog met hen aan te gaan, heeft een deel van deze jonge generatie haar eigen waarden gedefinieerd, die volstrekt onbegrijpelijk kunnen zijn voor andere generaties, met name die welke aan de knoppen zitten,’ verklaart Farhikhtegan.De ‘discriminatie in het onderwijs’ die is verergerd door de ‘privatisering van het onderwijsstelsel’ heeft bovendien de sociale ongelijkheid versterkt zodat veel jongeren ‘teleurgesteld zijn geraakt in de maatschappij en er een ontgoochelde generatie is ontstaan die niets opheeft met spirituele waarden’, waarschuwt het blad.

    Betogers hebben niet alleen bij wijze van protest hun hoofddoek verbrand, maar ook de ordetroepen bestookt met kreten als ‘Dood aan de dictator’, waarmee ze de opperste leider bedoelden, van wie afbeeldingen werden verscheurd. ‘Omdat de aanleiding ditmaal een sociaal-cultureel en politiek element in zich bergt, is de huidige opstand vergelijkbaar met die van de Groene Beweging van 2009,’ zegt Ali Fathollah-Nejad, als onderzoeker verbonden aan het Issam Fares Institute van de Amerikaanse Universiteit van Beiroet. Deze universiteit, sinds haar oprichting een van de grootste bedreigingen voor de Islamitische Republiek, had destijds op verzoek van de hervormingsgezinde maar onfortuinlijke presidentskandidaat Mir-Hossein Mousavi plaats geboden aan massale protestbetogingen tegen de als frau-duleus beschouwde verkiezing van Mahmoud Ahmadinejad.

    Vrijheid en brood

    Anders dan de Groene Beweging, die vooral in Teheran en op de universiteiten actief was, hebben de huidige protesten zich over het hele land verbreid, van Isfahan en Iraans Koerdistan, waar de jonge vrouw vandaan kwam die het symbool is geworden van de onderdrukking door het regime, tot aan Rasjt aan de Kaspische Zee.

    ‘De betogingen die zijn uitgelokt door de dood van Mahsa Amini weerspiegelen een veel grotere woede onder de bevolking vanwege het discriminerende juridische kader dat zowel vrouwen als etnische en religieuze minderheden en andere gemarginaliseerde groepen in Iran onevenredig zwaar treft,’ analyseert Gissou Nia, voorzitter van de raad van bestuur van het Iran Human Rights Documentation Center in New Haven, Connecticut.

    Bovendien had de middenklasse, die vooral snakte naar ‘vrijheid’, andere wensen dan de lagere klassen, die ‘brood’ eisten. De sancties die werden opgelegd door Donald Trump nadat hij het nucleaire akkoord had opgezegd hebben de economische crisis waar-onder de Iraniërs gebukt gaan alleen maar verergerd. Hoewel er gewoonlijk geheimzinnig over dit onderwerp wordt gedaan, liet president Ebrahim Raisi zich afgelopen augustus tijdens een persconferentie ontvallen dat de inflatie op jaarbasis meer dan veertig procent bedroeg. ‘Door de huidige omstandigheden in Iran lijkt het erop dat twee sociale groepen de handen ineenslaan: de middenklasse, die er de afgelopen jaren armer op is geworden, en de lagere klassen, die minder conservatief lijken dan vroeger of dan vaak wordt verondersteld,’ meent Ali Fathollah-Nejad.

    Kan de solidariteit tussen de verschillende klassen het regime aan het wankelen brengen?

    Kan de solidariteit tussen de verschillende klassen het regime aan het wankelen brengen? Tijdens zijn toespraak tot de Algemene Vergadering van de VN vorige maand in New York heeft de Iraanse president Ebrahim Raisi met geen woord gerept over de betogingen in zijn land, al werd daar uitgebreid over bericht door alle grote internationale media. Het belangrijkste doel van zijn reis, het nucleaire dossier en het opheffen van de internationale sancties die daarmee verbonden zijn, is op een dood spoor beland nadat de Iraniërs tijdens de onderhandelingen in Wenen eisen hadden gesteld die voor de Amerikanen onacceptabel waren. Talloze analisten verwachtten dat de repressie na Raisi’s terugkomst in Teheran op 28 september jongstleden verder zou toenemen, nadat de autoriteiten de dag daarvoor al officieel hadden bekendgemaakt dat er sinds de dood van Mahsa Amini zeventien mensen waren omgekomen, onder wie enkele politiemensen. Na haar dood en de eerste betogingen die daarop volgden werden het internet en sociale netwerken als Instagram en Whatsapp enige tijd stilgelegd. De gespecialiseerde site NetBlocks sprak van de meest omvangrijke internetonder-breking sinds de massale protesten in 2019. Volgens schattingen van Amnesty International heeft de digitale black-out van destijds, die een week duurde, meer dan driehonderd mensen het leven gekost, onder wie betogers.

    Ondanks zijn goed getrainde veiligheidsapparaat lijkt het regime in Teheran enigszins te aarzelen om zijn politiek-religieuze gezag te doen gelden, terwijl er ook geruchten gaan over de verslechterende gezondheidstoestand van de opperste leider, de 83-jarige Ali Khamenei. 

    Hoewel een openbare verschijning van de ayatollah aan iedere discussie een eind leek te willen maken, ligt de vraag over diens opvolging op ieders lippen en zou die opvolging weleens reden kunnen zijn voor een toekomstige koersverandering van de Islamitische Republiek. De presidentsverkiezing van 2021 had al laten zien dat er onenigheid bestond binnen de conservatieve elite die de scepter zwaaide en waarvan een deel dat als te gematigd werd beschouwd door de opperste leider opzij is geschoven ten gunste van Ebrahim Raisi. 

    ‘Irrationele lieden’

    Na de dood van Mahsa Amini hebben diverse hoogwaardigheidsbekleders kritiek geuit op de zedenpolitie, die door de president aan het begin van zijn ambtsperiode is versterkt en die door velen verantwoordelijk wordt gehouden voor de dood van de jonge vrouw. Parlementsleden hebben al gepleit voor een herziening van de gebruikte methoden, oftewel de opheffing van deze ordetroepen. Ayatollah Asadollah Bayat-Zanjani, een belangrijke religieuze figuur en tegenstander van het heersende regime, heeft felle kritiek geuit op ‘de gebeurtenissen en het gedrag van een stel illegale, irrationele lieden dat tot dit ongelukkige en betreurenswaardige incident heeft geleid’.

  • 3. Belachelijke beschuldigingen & meer

    3. Belachelijke beschuldigingen & meer

    Belachelijke beschuldigingen

    Wegens het verspreiden van ‘valse informatie’ over het leger riskeert kunstenaar Aleksandra Skotsjilenko tien jaar gevangenisstraf. Het nieuwe gezicht van de Russische dissidenten zit in voorlopige hechtenis. Onlangs verlengd tot april 2023.

    Aleksandra Skotsjilenko is het nieuwe gezicht van de Russische dissidenten. Deze kunstenaar uit Sint-Petersburg had in een supermarkt prijsstickers vervangen door etiketjes met informatie over de oorlog in Oekraïne. Wegens het verspreiden van ‘valse informatie’ over het leger riskeert ze tien jaar gevangenisstraf. Aleksandra (Sasja) Skotsjilenko zit sinds april in voorlopige hechtenis en kampt met duizeligheid, buikpijn en hartproblemen, meldde haar advocaat Jana Nepovinnova op 17 november op Telegram. Hoewel een Russische rechter haar voorlopige hechtenis in september heeft verlengd tot april 2023, moeten de twee vrouwen toch af en toe lachen als ze de aanklacht tegen Sasja doorbladeren, ‘zo belachelijk zijn de beschuldigingen die erin staan’, aldus de advocaat.

    RUSLAND

    ALEKSANDRA SKOTSJILENKO

    Deze Russische musicus en kunstschilder heeft zich in het openbaar tegen de oorlog in Oekraïne gekeerd. Op 31 maart heeft ze in een supermarkt in Sint-Petersburg prijsstickers op producten vervangen door papieren etiketjes met informatie over de Russische invasie in Oekraïne.

    Elf dagen later werd Aleksandra Skotsjilenko aangehouden door de politie en, op grond van een artikel dat pas enkele dagen eerder in het Russische wetboek van strafrecht was opgenomen om critici de mond te snoeren, beschuldigd van het ‘opzettelijk verspreiden van onjuiste informatie over de inzet van de Russische strijdkrachten’. Nu wacht ze onder erbarmelijke omstandigheden haar proces af en riskeert ze tot tien jaar gevangenisstraf.

    WAT EIST AMNESTY?

    Intrekking van alle aanklachten en onmiddellijke invrijheidstelling.

    De 32-jarige Sasja werd op 11 april gearresteerd nadat er – volgens de officiële lezing – een klacht was ingediend door een gepensioneerde vrouw die in dezelfde supermarkt in Sint-Petersburg boodschappen deed als zij. Deze vrouw had papieren etiketjes aangetroffen met informatie over de Russische invasie in Oekraïne die door Sasja op artikelen waren geplakt. Er was informatie op te lezen die bijeen was gesprokkeld door onafhankelijke media in Rusland, zoals het bombarderen van het theater in Marioepol door het Russische leger terwijl zich daar kinderen bevonden, of het aantal Russische soldaten dat sinds het begin van de oorlog gesneuveld was. Deze informatie week inderdaad volstrekt af van het officiële verhaal, en de bejaarde dame was dan ook ‘uiterst verbolgen’. In haar aangifte legde ze uit dat ze sterk meeleefde met het lot van de Russische soldaten in Oekraïne zoals dat door de staatstelevisie werd getoond en dat ze het onverdraaglijk vond om zulke leugens te moeten lezen, aldus Radio Svoboda, de Russische tak van Radio Free Europe/Radio Liberty die door het Amerikaanse Congres wordt gefinancierd.

    Sasja blijft achter haar actie staan en houdt vol dat de informatie die zij heeft doorgegeven niet op leugens berust

    De rechercheurs hoefden alleen artikel 207.3 van het Russische wetboek van strafrecht maar van stal te halen dat begin maart, kort na de invasie in Oekraïne, via een wetswijziging in allerijl was ingevoerd. Ingevolge dit artikel staat op het ‘opzettelijk verspreiden van desinformatie over het Russische leger’ maximaal tien jaar gevangenisstraf. Het is inmiddels bijna tweeduizend keer toegepast tegen Russen die het optreden van hun leger in Rusland hebben bekritiseerd: bekende oppositieleden, studenten, docenten of pacifisten die door de politie in de gaten worden gehouden.

    FRANKRIJK

    ZINEB REDOUANE

    Op 1 december 2018, terwijl ze haar raam wilde sluiten, werd Zineb Redouane in het gezicht geraakt door een traangasgranaat die was afgevuurd door de politie om betogers uiteen te jagen. Ze overleed de volgende dag in het ziekenhuis. Bijna vier jaar later is het onderzoek naar haar dood nog steeds niet afgerond. Niemand is vanwege deze doodslag in staat van beschuldiging gesteld of geschorst.

    WAT EIST AMNESTY?

    Dat de Franse autoriteiten deze zaak ophelderen en dat er tegen degenen die er verantwoordelijk voor zijn een gerechtelijke procedure wordt aangespannen

    In het geval van Sasja was de tenlastelegging dat de informatie die op de door haar opgeplakte etiketten stond ‘onjuist’ was. De rechtbank gelastte een merkwaardig ‘linguïstisch onderzoek’ naar deze etiketten, uitgevoerd door twee vrouwelijke onderzoekers die bekendstaan als Kremlin-sympathisanten, aldus de in Litouwen gevestigde onlinekrant Meduza. Hun conclusie, waarin regelmatig de loftrompet werd gestoken over de ‘zeer humane houding van het Russische leger jegens de inwoners van Oekraïne’, luidde dat deze informatie onjuist was omdat ze niet overeenkwam met die welke door het Russische ministerie van Defensie werd verspreid. ‘Dit onderzoek is van nul en generlei waarde omdat de onderzoekers geen enkele kennis van de materie hebben,’ sneert advocaat Jana Nepovinnova. Sasja blijft achter haar actie staan en houdt vol dat de informatie die zij heeft doorgegeven niet op leugens berust.

    Zwakke gezondheid

    Het idee om de prijsstickers in Russische supermarkten te vervangen door etiketten over de oorlog was half maart gelanceerd door een organisatie die zich ‘Feministisch verzet tegen de oorlog’ noemt, aldus de Russische nieuwsdienst van de BBC. Op Telegram was zelfs al een opmaak gepost die klaar was om gedrukt te worden, vergezeld door enkele veiligheidsadviezen voor de activisten: mijd bewakingscamera’s en betaal alleen maar contant. ‘Maar al snel bleek dat deze maatregelen de anonimiteit van de activisten niet konden garanderen,’ vervolgde de BBC, die vermoedt dat in navolging van Sasja nog een tiental andere etikettenplakkers door de politie is geïdentificeerd en aan-gehouden.

    Op basis van getuigenissen van familie en goede bekenden kwam de BBC met een uitvoerig portret van deze veelzijdige jonge vrouw, die over een complexe en fragiele persoonlijkheid beschikt. Als kunstschilder, musicus en gelegenheidsjournalist (voor het onafhankelijke digitale blad Boemaga) was Sasja een bekende in het artistieke wereldje van Sint-Petersburg. Ze gaf toneel- en filmles aan Oekraïense kinderen, publiceerde een voor kinderen bedoeld boekje over ‘depressie’, speelde in toneelgroepen en deed al op haar tiende mee aan een komisch televisieprogramma. In een interview met Meduza vertelt haar partner Sonja dat Sasja al sinds haar kinderjaren met diverse gezondheidsproblemen kampt, waaronder een bipolaire stoornis en een glutenintolerantie, wat haar verblijf in de gevangenis extra zwaar maakt. 

    mikhail volkov yswsY2if JM unsplash
    Oekraïense troepen heroverden Boetsja, een stad vlak bij Kyiv.– © Unsplash

    Paul Biya slaat elke vorm van oppositie keihard neer

    De president, die al veertig jaar de absolute macht heeft, onderdrukt iedere vorm van oppositie, verlamt het land en schendt mensenrechten aan een stuk door.

    In februari 2017 eisten 27 Kameroense en internationale organisaties dat er een eind zou komen aan de willekeurige en illegale gevangennemingen in Kameroen, aldus Centrifuge Hebdo. Ook meldde het Kameroense weekblad dat er door deze organisaties een open brief was gestuurd aan Paul Biya, de president van de Republiek Kameroen.

    Naast Dorgelesse Nguessan, die gevangenzit nadat ze had deelgenomen aan een betoging, werden er nog talloze andere namen genoemd in dit openbare beroep dat op het staatshoofd werd gedaan. De open brief klonk als een lange opsomming van oppositieleden of gewone betogers die in het Kameroen van Paul Biya zijn gearresteerd en mishandeld. Zoals Penn Terence Khan: gearresteerd, gemarteld, beschuldigd van terrorisme en door een militaire rechtbank tot twaalf jaar gevangenisstraf veroordeeld omdat hij T-shirts met politieke slogans had vervaardigd. En ook de onafhankelijke journalist Tsi Conrad, die door de militaire rechtbank tot vijftien jaar gevangenisstraf werd veroordeeld.

    KAMEROEN

    DORGELESSE NGUESSAN

    Dorgelesse Nguessan was kapster van beroep toen haar leven op zijn kop werd gezet. Op 22 september 2020 nam ze voor de eerste keer deel aan een vreedzame betoging in Douala, waarbij meer dan vijfhonderd mensen werden gearresteerd, onder wie Dorgelesse. Zij werd beschuldigd van rebellie, samenscholing en deelname aan een openbare betoging en veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf.

    WAT EIST AMNESTY?

    Onmiddellijke en onvoorwaardelijke invrijheidstelling.

    Een aantal van de mensen die werden genoemd had deelgenomen aan de mars op 22 september 2020, georganiseerd door partijen die oppositie voeren tegen het regime van Paul Biya en diens aftreden eisen. Volgens Human Rights Watch zetten de veiligheidstroepen vervolgens traangas en waterkanonnen in om overal in het land vreedzame betogingen uiteen te jagen. Bovendien zouden er meer dan vijfhonderd mensen zijn gearresteerd, voornamelijk leden en aanhangers van oppositiepartijen. De autoriteiten hebben bij zowel deze arrestaties als tijdens hun gevangenschap talloze mensen afgeranseld. Ook werden sommige betogers beschuldigd van bedreiging van de staatsveiligheid en tot lange gevangenis-straffen veroordeeld, aldus de website Cameroun1, die ook zelf met een lijst veroordeelden kwam. Op 8 december 2021 meldde de site dat minstens 154 activisten van de MRC [Beweging voor de weder-geboorte van Kameroen] en vijf andere van Stand Up for Cameroon, twee oppositiepartijen, creperen in de gevangenis.

    Paul Biya leidt Kameroen al sinds 1982 met ijzeren vuist. Bij de politieke crisis voegt zich inmiddels ook een ‘Engelstaligencrisis’, waarin de regering en separatistische groeperingen in Engelstalige regio’s in het westen van het land tegenover elkaar staan. Ook staat de veiligheid van Kameroen voortdurend onder druk door herhaaldelijke aanslagen van jihadistische groeperingen. Gevolg van deze spanningen is dat de veiligheidstroepen in het land de mensenrechten regelmatig schenden.

    285539 3 scaled 1
    Dorgelesse Nguessan’s zoon (l) en haar neefje voor hun huis. © Amnesty International

    Broer geëxecuteerde Nafid Afkari vreest voor zijn leven

    Na zijn arrestatie in 2018 op verdenking van moord werd deze tegenstander van het regime in de gevangenis met de dood bedreigd. Zijn geval illustreert de talloze ontsporingen van de Iraanse justitie, die wordt gecontroleerd door de machthebbers.

    Vahid Afkari was een eenvoudige stukadoor in Chiraz, een grote stad in het zuidwesten van Iran, toen hij op 17 september 2018 werd gearresteerd samen met zijn broer Navid, eveneens stukadoor maar ook een in Iran en het buitenland befaamde worstelaar. De autoriteiten beschuldigden de twee broers ervan in augustus 2018, tijdens een betoging vanwege de economische achteruitgang en de grote droogte, een man te hebben gedood die nu eens werd voorgesteld als een lid van de Iraanse inlichtingendienst en dan weer als een werknemer van het waterbedrijf van Chiraz.

    IRAN

    VAHID AFKARI

    Vahid Afkari en zijn twee broers hadden deelgenomen aan vreedzame betogingen in hun stad Chiraz, die waren gericht tegen de ongelijkheid en de politieke onderdrukking. Wegens die deelname werden ze thuis gearresteerd. Terwijl ze in afzondering werden gehouden en werden gemarteld, werden ze gedwongen overtredingen te ‘bekennen’ waaraan ze zich eerder herhaaldelijk onschuldig hadden verklaard. Een van de broers werd geëxecuteerd en de andere werd uiteindelijk vrijgelaten. Vahid zit sinds september 2020 in een isoleercel.

    WAT EIST AMNESTY?

    Een eind aan deze afschuwelijke mishandeling en intrekking van alle aanklachten.

    Navid Afkari werd ter dood veroordeeld en in september 2020 geëxecuteerd, ondanks internationale campagnes waarin het onrechtvaardige proces en de door marteling afgedwongen bekentenissen aan de kaak werden gesteld. Ook veroordeelde de rechter de broers van de worstelaar, Vahid en Habib Afkari, tot respectievelijk vierenvijftig en zevenentwintig jaar gevangenisstraf.

    Met de dood bedreigd

    Sindsdien crepeert Vahid in een isoleercel in de Adel Abad-gevangenis in Chiraz – zijn broer Habib is in maart 2022 vrijgelaten. In de context van de huidige, ongekende opstand tegen het regime van de moellahs zijn familie, goede bekenden en medestanders van Vahid beducht voor wraakacties en vrezen ze voor zijn leven, terwijl hij volgens diverse Iraanse media ook al aan mensonwaardige behandelingen wordt blootgesteld. Afgelopen augustus bevestigde zijn broer Saeed al op social media dat hij met de dood werd bedreigd en dat ‘de directeur van de Adel Abad-gevangenis weer een bewakingscamera in de isoleercel van Vahid wilde laten plaatsen voor zijn eigen veiligheid’, aldus Iran International, een in Londen gevestigde televisie-zender die tegen het Iraanse regime is gekant. Deze beslissing zou zijn ingegeven door het gerucht dat ‘bepaalde personen’ van de afwezigheid van een camera zouden willen profiteren om Vahid in de gevangenis te vermoorden, aldus zijn broer.

    IranWire, een andere oppositiesite, komt gedetailleerd terug op de arrestatie van de broers Afkari en citeert diverse getuigen die het officiële feitenrelaas ontkrachten en op talrijke juridische onregelmatigheden wijzen.

    Marteling

    Om te beginnen de plaats waar Vahid Afkari zich bevond toen de agent van de inlichtingendienst door de broers Afkari in Chiraz zou zijn gedood. Volgens een door de site geciteerd familielid was Vahid helemaal niet op de plek waar de moord plaatsvond. Toen hij werd gearresteerd ‘wilde justitie geen tussenkomst van onze advocaten in deze zaak zolang het onderzoek niet was afgerond’, zegt het familielid. ‘In de praktijk kwam het erop neer dat onze advocaten Vahid niet konden bijstaan voordat er (via marteling) een bekentenis was afgedwongen.’

    In augustus 2021 maakte Saïd Dehghan, de advocaat van de familie, bekend dat het verzoek om een nieuw proces door het hooggerechtshof was afgewezen, aldus BBC Persian. De advocaat maakte melding van ‘vierentwintig leugens en drie onwaarheden’ in het vonnis en noemde de vierenvijftig jaar gevangenisstraf waartoe was besloten ‘in strijd met het wetboek van strafrecht’. In een getuigenverklaring die in september 2020 in zijn gevangenis is opgenomen ging Vahid gedetailleerd in op de martelingen die hij tijdens zijn verhoren had moeten ondergaan. ‘Terwijl ik was vastgeketend hebben ze me over mijn hele lichaam geslagen en me elektrische schokken toegediend. Ze drukten me languit tegen de grond en sloegen met een knuppel tegen mijn voetzolen, waarna ze me dwongen om te lopen.’

    Begin april verklaarde Saeed Afkari op Twitter dat de gevangenisautoriteiten Vahid hadden geslagen en zijn hand hadden gebroken. ‘Wij zijn heel erg ongerust over onze broer maar onze weg blijft die van Navid en we zijn niet bang voor de dood,’ lichtte hij toe. 

    GettyImages 1229629333 kopie
    Maryam Rajavi, voorzitter van het National Council of Resistance of Iran (NCRI), betuigt haar respect aan de moeder van worstelkampioen Navid Afkari, die in 2020 werd geëxecuteerd. – © Siavosh Hosseini / SOPA Images / LightRocket via Getty Images

    Democratie opeisen is geen misdaad

    Twee gevangenisstraffen, dat is de prijs die Chow Hang-tung, een 37-jarige advocaat, moet betalen voor het verdedigen van democratische waarden. Ze was in Hongkong vicevoorzitter van het Verbond voor Steun aan Patriottistische Democratische Bewegingen in China.

    Omdat ze weigert te erkennen dat ze ergens schuldig aan is, zit Chow Hang-tung nog altijd achter de tralies. Haar twee veroordelingen houden verband met de herdenking van de massamoord op het Tiananmenplein in Beijing in juni 1989. Op 4 januari 2022 werd Chow tot vijftien maanden gevangenisstraf veroordeeld nadat ze drie weken eerder al een straf van een jaar opgelegd had gekregen.

    Tijdens een zitting van de rechtbank van West Kowloon op 2 september 2022 antwoordde Chow op de vraag van een rechterlijk ambtenaar of ze ‘de misdaad van het oproepen tot ondermijning van de staatsmacht’ erkende: ‘Het streven naar democratie is geen misdaad,’ aldus het nieuwsportaal Hong Kong 01. ‘In het Victoriapark hebben de inwoners van Hongkong zich van hun beste kant laten zien,’ verklaarde ze ontroerd tijdens dezelfde zitting. In haar jaren op de basisschool vergezelde ze haar moeder al naar het Victoriapark om de herdenking van Tiananmen bij te wonen. Nadat ze in 2010 haar doctorsgraad in de natuurkunde had behaald in Oxford, keerde Chow terug naar haar geboorteplaats om rechten te studeren. Tegelijkertijd werd ze vrijwilliger bij het in 1989 opgerichte Verbond voor Steun aan Patriottistische Democratische Bewegingen in China. Het Verbond – waarvan ze zes jaar later vicevoorzitter werd – ijvert voor ‘de invrijheidstelling van prodemocratische activisten’ en streeft naar een einde aan de eenpartijdictatuur. 

    HONGKONG

    CHOW HANG-TUNG

    Chow is een advocaat gespecialiseerd in mensenrechten. Op 4 juni 2021 heeft ze op social media mensen aangemoedigd de repressie op het Tiananmenplein te herdenken door middel van het aansteken van kaarsjes. Ze werd nog diezelfde dag gearresteerd wegens het ‘bevorderen van of ruchtbaarheid geven aan een niet-toegestane bijeenkomst’. Ze zit momenteel een gevangenisstraf van tweeëntwintig maanden uit wegens‘ongeoorloofde samenscholing’.

    WAT EIST AMNESTY?

    Intrekking van alle aanklachten en onmiddellijke invrijheidstelling.

    Elk jaar werd er op de avond van 4 juni een herdenking gehouden, zelfs na de overdracht van Hongkong aan de Volksrepubliek China in 1997, aldus de Singaporese krant Lianhe Zaobao, die eraan toevoegt dat zelfs in 2020, het jaar waarin de nationale veiligheidswet voor Hongkong werd aangenomen en de politie de bijeenkomst niet langer toestond, talrijke inwoners van Hongkong desondanks met kaarsen in de hand naar het park zijn blijven komen.

    Handlanger van het buitenland

    In augustus 2021 beschuldigde de politie van Hongkong het Verbond ervan ‘een handlanger van het buitenland’ te zijn en werden de gegevens van de leden opgeëist. Volgens de Amerikaanse zender Voice of America was dat de eerste keer dat de politie op grond van een artikel uit de nationale veiligheidswet inzake buitenlandse handlangers van een niet-gouvernementele organisatie eiste dat ze haar gegevens prijsgaf. Een maand later maakte het Verbond zijn opheffing bekend.

    PARAGUAY

    YREN ROTELA ET MARIANA SEPULVEDA

    Deze twee Paraguayaanse transgendervrouwen mogen hun voornaam niet veranderen en kunnen geen identiteitsbewijzen krijgen die stroken met hun genderidentiteit. Zij zetten zich in voor verandering. De overheid en conservatieve groeperingen in Paraguay staan vijandig tegenover de lhbtiq-gemeenschap en proberen haar onzichtbaar te maken. Betogingen, die vaak verboden zijn, vormen soms het mikpunt van aanslagen.

    WAT EIST AMNESTY?

    Dat het gender van transpersonen juridisch wordt erkend door de Paraguayaanse overheid zodat zij hun grondrechten kunnen
    uitoefenen.

    Op 29 mei 2022 postte Chow Hang-tung op Facebook: ‘Een kaarsje branden is geen misdaad.’ In haar post zei ze het te betreuren dat gezien de juridische context haar verbond geen herdenking meer kon organiseren. ‘De regering kan bijeenkomsten op een bepaalde plek verbieden, maar ze kan niet verbieden dat overal in Hongkong kaarsjes worden aangestoken.’ Chow’s advocaat zei tegen het blad Ming Pao, dat de kaars het gewicht van het geweten draagt en dat de inwoners van Hongkong de waarheid blijven spreken.’ Ze benadrukte dat ‘het aan hen te danken is die, goedschiks of kwaadschiks, een ruimte in dit land hebben weten te behouden waar de waarheid kan worden gesproken’. 

    Chow werd ervan beschuldigd ‘anderen aan te zetten tot deelname aan een verboden bijeenkomst’, meldde Ming Pao een maand later. De website van de krant schrapte Chows artikel, waarna het door de Chinees-Amerikaanse site China Digital Times werd overgenomen.

    Op 26 mei 2021 publiceerde Apple Daily, een andere toonaangevende krant in Hongkong, een portret van Chow: ‘Laat de angst zich niet verspreiden’, schreef het blad, eraan toevoegend dat ‘de angst als een aangekondigde plaag in alle hoeken van Hongkong om zich heen grijpt’. 

    Het portret eindigde met de vraag of er in het huidige Hongkong nog plaats is voor burgers zoals Chow. Uit angst voor represailles is Apple Daily een maand later dichtgegaan na eerst al zijn archieven te hebben geruimd. Het portret van Chow is bewaard door de site Wenku, een platform dat de geschiedenis van Hongkong ‘veilig wil stellen’.

    GettyImages 1233394082 kopie
    Chow Hang-tung spreekt met de pers voordat de rechtszitting begint tegen twintig prodemocratische activisten. © Hsiuwen Liu/SOPA Images / LightRocket via Getty Images

    Tot wel tien jaar celstraf voor post op Facebook

    Omdat hij zijn bezorgdheid over de plannen om een kolencentrale te bouwen in Banshkhali met jongeren had gedeeld, heeft milieuactivist Shahnewaz Chowdhury tachtig dagen gevangengezeten en riskeert nog eens tien jaar opsluiting.

    ‘Milieuactivist Shahnewaz Chowdhury is momenteel voorwaardelijk vrij,’ meldt Al-Jazeera op zijn website. Maar hij riskeert tien jaar gevangenisstraf vanwege een post op Facebook. Shahnewaz Chowdhury, die zich in Bangladesh actief inzet voor het milieu, was in mei 2021 gearresteerd omdat hij zijn bezorgdheid had uitgesproken over de plannen om een kolencentrale te bouwen in Banshkhali, een stad in het zuidwesten van Bangladesh.

    BANGLADESH

    SHAHNEWAZ CHOWDHURY

    Deze ingenieur heeft op social media zijn zorgen geuit over de bouw van een nieuwe kolencentrale in zijn dorp. Verder heeft hij de jongeren in zijn land aangemoedigd om luid en duidelijk in het geweer te komen. In mei 2021 is Shahnewaz vanwege zijn post op Facebook door de politie gearresteerd. Hij werd tachtig dagen vastgehouden onder onmenselijke omstandigheden, zonder veroor- deeld te zijn. Hij werd in augustus 2021 voorwaardelijk vrijgelaten maar riskeert tien jaar gevangenisstraf.

    WAT EIST AMNESTY?

    Intrekking van alle aanklachten tegen hem.

    In een ‘moedige boodschap’ had hij jongeren opgeroepen om ‘in opstand te komen tegen onrechtvaardigheid’ en hen deelgenoot gemaakt van zijn zorgen over een centrale die ‘het milieu verpest’. Dat kwam hem, ingevolge de wet op de digitale veiligheid, op een beschuldiging van het verspreiden van ‘onjuiste en beledigende’ informatie te staan en van het creëren van ‘chaos’.

    De 37-jarige man heeft tachtig dagen in de gevangenis gezeten en riskeert nog eens tien jaar opsluiting. De maximumstraf onder deze wet, die door critici als ‘draconisch’ wordt bestempeld, is veertien jaar gevangenis. Het plan om een kolencentrale in Banshkhali te bouwen is uitermate controversieel: meer dan twaalf mensen zijn geveld door politiekogels toen ze in april 2021 tegen de komst van de centrale protesteerden. ‘Het inzetten van de wet op de digitale veiligheid [tegen Shahnewaz Chowdhury] is niet te rechtvaardigen en een flagrant voorbeeld van wetsmisbruik,’ zegt C.R. Abrar, een Bengalese academicus, in de krant Daily Star.

    Zwijgen opleggen

    Mensenrechtenorganisaties beschul-digen de regering ervan de wet te misbruiken om milieuactivisten en andere critici het zwijgen op te leggen. ‘De arrestatie van Shahnewaz Chowdhury zal een ontmoedigende uitwerking hebben op mensen die de corruptie en de onrechtmatigheden aan de kaak stellen die gepaard gaan met het plan voor de kolencentrale,’ zegt Abrar, die oproept om de beschuldigingen aan het adres van de milieuactivist in te trekken. 


    Symbolen die worden gevangengezet

    Op 25 juni viel het vonnis, na een haastig proces achter gesloten deuren: de 34-jarige Luis Manuel Otero Alcántara werd veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf.

    Hij zat al sinds 11 juli 2021 in voorlopige hechtenis omdat hij wilde deelnemen aan de grote betogingen die Cuba die dag op zijn kop zetten. Als lid en medeoprichter van de Movimiento San Isidro, waarin Cubaanse kunstenaars en ontwerpers zich in 2018 hebben verenigd om in het geweer te komen tegen de censuur en de dictatuur op het eiland, was hij al diverse keren in de gevangenis beland. Otero Alcántara, die door het Amerikaanse blad Time tot een van de honderd invloedrijkste figuren van 2021 is uitgeroepen, werd veroordeeld vanwege ‘het beledigen van symbolen van het vaderland, het beledigen van de autoriteiten en het verstoren van de openbare orde’, schreef de Nuevo Herald in Miami de dag na het vonnis.

    De krant citeerde Julie Trébault, directeur van de Artist at Risk Connection van PEN America, een ngo die opkomt voor de vrijheid van meningsuiting, die zei dat ‘het gaat om een aanslag op de artistieke vrijheid op Cuba, op Cubaanse kunstenaars en activisten die strijden voor het recht om zich uit te spreken. Maar hoe de Cubaanse regering ook haar best doet om de vrijheid van meningsuiting met wortel en tak uit te roeien, ze zal daar niet in slagen.’

    Luis Manuel Otero Alcántara verscheen in een clip die in januari 2021 op YouTube werd gepost door een groep bekende funk- en rapartiesten op het eiland en werd daarmee een symbool van het Cubaanse protest. Zijn hit ‘Patria y Vida’, het tegenovergestelde van de favoriete slogan ‘Het vaderland of de dood’ van het castristische regime, bevat teksten als: ‘Geen leugens meer. Het volk eist vrijheid, geen doctrines meer. Wij roepen niet meer “Het vaderland of de dood” maar “Het vaderland en het leven”.’ Een van de schrijvers van het nummer, rapper Maykel ‘Osorbo’ Castillo, die nog op het eiland woont – de andere auteurs leven in ballingschap in Miami – werd tot negen jaar gevangenisstraf veroordeeld wegens ‘belediging van de autoriteiten, verstoring van de openbare orde en smaad jegens instituties en helden en martelaars van de Cubaanse revolutie.’

    Luis Manuel Otero Alcántara ging afgelopen oktober een week in hongerstaking omdat hij niet mocht telefoneren noch bezoek mocht ontvangen.

    Dit artikel werd samengesteld in samenwerking met Courrier International en Amnesty International.