Onderwerpen: Journalistiek

  • Wereldnieuws: Mexicanen wantrouwen hervorming kieswet & meer

    Wereldnieuws: Mexicanen wantrouwen hervorming kieswet & meer

    Eredoctoraat voor Massimo Troisi

    Een van de geliefdste acteurs van Italië en een favoriete zoon van Napels, acteur en filmregisseur Massimo Troisi, kreeg op 20 februari postuum een eredoctoraat van de Napolitaanse Federico II-universiteit, meldt ANSA. Troisi zou een dag voor de uitreiking 70 jaar geworden zijn. Hij overleed in 1994 op 41-jarige leeftijd aan een hartafwijking, één dag na het afronden van zijn laatste film Il postino

    Zijn hoofdrol als postbode tegenover Philippe Noiret als de Chileense dichter Pablo Neruda maakte hem postuum internationaal beroemd. Hij kreeg twee Oscarnominaties voor Il postino – een als acteur en een als scenarist. De Napolitaanse filmregisseur Mario Martone, die Troisi bij de uitreiking van het eredoctoraat ‘een Napolitaanse Chaplin’ noemde, bracht eind februari de persoonlijke documentaire Laggiù qualcuno mi ama [Ergens is er iemand die van me houdt] over Troisi uit.

    Troisi
    © Wikimedia

    Het Suezkanaal wordt niet verkocht

    Niks van waar, zei de Egyptische president Abdel Fattah Al-Sisi op 26 februari. Het gerucht ging dat Egypte het Suezkanaal zou willen verkopen voor een biljoen dollar. ‘Ik weet dat het de Egyptenaren bezighoudt. Maar los van het bedrag: het is dus niet waar,’ aldus Sisi op een bijeenkomst over de ontwikkeling van de Sinaï, schrijft Middle East Monitor. Het gerucht komt niet helemaal uit de lucht vallen want de Egyptische economie staat er belabberd voor.

    Eerder deze maand werd aangekondigd dat 32 bedrijven zullen worden geprivatiseerd om aan de eisen van het IMF te voldoen

    In mei vorig jaar begon premier Madbouly over plannen om bepaalde staatsactiva te privatiseren en de rol van de particuliere sector in de economie te vergroten – wellicht komen de verhalen over de verkoop van het Suezkanaal daarvandaan. Eerder deze maand werd aangekondigd dat 32 bedrijven zullen worden geprivatiseerd om aan de eisen van het IMF te voldoen en om een acute economische crisis te voorkomen. Het doel van de privatisering is om de druk te verminderen die de overheidsschuld legt op de verdere ontwikkeling van Egypte.


    Hockney immersief

    De tachtigjarige Britse kunstenaar David Hockney gebruikt al tientallen jaren technologie en werkt met een iPad sinds deze in 2010 op de markt kwam. Nu is er Bigger & Closer (not smaller & further away), een vijftig minuten durende lichtshow die zijn zes decennia durende carrière omspant, met een soundtrack van de Amerikaanse componist Nico Muhly en commentaar van de kunstenaar zelf. Critici lopen nog niet echt warm voor de immersieve ervaring, aldus Art News. Het zou entertainment zijn en geen kunst. Je voelt en ruikt de verf niet, en zijn werk verliest intimiteit als het wordt opgeblazen in pixels. Maar Hockney heeft altijd goed geweten hoe hij techniek kan inzetten. Hij krijgt old-schoolers op een gegeven moment vast wel mee.

    8. David Hockney at Lightroom photographer Justin Sutcliffe 682x1024 1

    Mexicanen wantrouwen hervorming kieswet

    In Mexico-Stad zijn meer dan 100.000 mensen de straat op gegaan om te protesteren tegen de bezuinigingen die president López Obrador wil doorvoeren in het Electoraal Instituut (INE). Het instituut geeft kiezerspassen uit en houdt toezicht op het stemproces in afgelegen en vaak gevaarlijke uithoeken van het land, schrijft The Hill.

    De demonstratie werd georganiseerd door de partijen PRI en PAN, die eerder aan de macht waren en beweren dat als de voorstellen van López Obrador van kracht worden, de democratie gevaar loopt. De Mexicaanse president ontkent dat de hervormingen een bedreiging vormen voor de democratie maar zegt dat het INE te groot is en te veel geld uitgeeft. (Er blijft overigens nog 700 miljoen euro over.) Verkiezingen in Mexico zijn naar internationale maatstaven duur, deels omdat bijna alle legale campagnefinanciering door de regering wordt verstrekt.

    LENIN MORENO SE REUNE CON EL LIDER MEXICANO LOPEZ OBRADOR 36186836092
    © Wikimedia

    Afkicken voor de ultrarijken

    Wereldwijd groeide het aantal ultra-rijken – mensen met een vermogen van minimaal 50 miljoen dollar (47 miljoen euro) – van 174.800 in 2019 naar 264.000 in 2021, schrijft The Guardian. Uit The Spear’s 500, een catalogus met exclusieve diensten voor de rijken, blijkt dat er allerlei nieuwe ondernemingen ontstaan die deze groep bedienen, uiteenlopend van adviesbureaus voor het aanschaffen van een wijngaard tot reputatiebeheer. 

    Een aparte, bloeiende tak betreft zeer exclusieve geestelijke gezondheidszorg. Want mensen in deze vermogensklasse zijn weliswaar financieel gewapend tegen allerlei problemen, maar hebben drie tot vijf keer meer kans dan gemiddeld op een psychische aandoening of een drugsprobleem. Voor behandelingen tegen verslavingen en psychische nood is er bijvoorbeeld Paracelsus Recovery, een luxe revalidatiekliniek in Zürich. Anders dan in andere bekende afkickklinieken – The Meadows in Arizona, Betty Ford in Californië, Priory in het Verenigd Koninkrijk – zullen cliënten van Paracelsus nooit een andere cliënt zien. Er is geen groepstherapie en geen gemeenschappelijke ruimte.

    Cliënten verblijven in een eigen villa of appartement en hebben een eigen chauffeur, huishoudster, kok en inwonende therapeut,

    Cliënten verblijven in een eigen villa of appartement en hebben een eigen chauffeur, huishoudster, kok en inwonende therapeut, evenals dagelijkse een-op-eensessies met een team van tussen de vijftien à twintig psychiaters, artsen, verpleegkundigen, yogaleraren, masseuses, voedingsdeskundigen, hypnotherapeuten en traumatherapeuten die elkaar na elke afspraak informeren over de toestand en de vooruitgang van de cliënt. Er verblijven tegelijkertijd drie of vier cliënten in verschillende onderkomens van de kliniek, maar hun roosters zijn zo samengesteld dat het lijkt alsof zij de enige in de faciliteit zijn. Met deze vorm, die single-client rehab wordt genoemd, weet behalve het personeel niemand dat ze er zijn. Paracelsus accepteert slechts 30 tot 40 cliënten per jaar, maar verdient op die manier kennelijk genoeg om de kliniek draaiende te houden. Niet zo gek misschien, gezien de kostprijs van 95.000 tot 120.000 Zwitserse frank (95.500 tot 120.640 euro) per week voor een verblijf dat doorgaans zes tot acht weken duurt.


    Afghaanse vrouwen proberen digitaal te studeren

    Sinds de taliban in augustus 2021 de macht grepen, mogen vrouwen er niet reizen zonder mannelijk gezelschap en hebben weinig mogelijkheden om te werken. De meeste meisjes mogen sinds de machtsovername niet meer naar de middelbare school. Volgens een recent onderzoek van Gallup voelt minder dan 12 procent van de Afghaanse vrouwen zich met respect en waardigheid behandeld, meldt NPR. Vrouwen die hun mening uiten tegen de taliban worden geconfronteerd met gewelddadige onderdrukking van hun protesten, detentie, intimidatie en zelfs marteling. Velen zagen zich gedwongen het land te ontvluchten.

    Naar schatting 90.000 vrouwen zijn getroffen door het studieverbod op universitair onderwijs

    Naar schatting 90.000 vrouwen zijn getroffen door het studieverbod op universitair onderwijs. Velen van hen proberen het daarom digitaal – bijvoorbeeld via University of the People, een particuliere online-universiteit in het Amerikaanse Pasadena. Dat is allesbehalve ideaal vanwege slechte internetverbindingen. Bovendien is er geen vooruitzicht op werk, want banen voor vrouwen zijn er amper. Ook onderwijsinstellingen als FutureLearn, Herat School en Education Bridge for Afghanistan springen in op de gestegen vraag naar digitaal onderwijs door cursussen te ontwerpen en beurzen beschikbaar te stellen voor Afghaanse studenten. ‘Hun toekomstperspectieven zijn inderdaad somber, maar dat betekent niet dat ze hun onderwijs zouden moeten staken,’ aldus Shai Reshef, voorzitter van University of the People. Hij zegt dat zijn universiteit meer dan 6000 aanvragen kreeg sinds de aankondiging van het verbod in december. Het gehele jaar ervoor waren dat er 10.000.

  • Septembernummer | Sociaal tuinieren

    Septembernummer | Sociaal tuinieren

    » Lees dit nummer online

    Met onder andere:

    » Wat zij zeggen over het schandaal rond AZC Ter Apel

    » ‘Waarom ik geen nieuws meer consumeer’

    » Gaan sociale tuiniers de natuur redden?

    De menselijke factor

    Redactioneel

    In navolging van journalist Amanda Ripley wil ik een bekentenis doen. Ik ben ooit bij 360 gaan werken omdat het me de perfecte manier leek om op de hoogte te blijven van wat er in de wereld gebeurt, zonder het nieuws te hoeven volgen – een bezigheid die ik al mijn hele leven mijd. Uiteraard bleek op de redactie, die overwegend uit journalisten bestond, dat van een bepaalde kennis werd uitgegaan, zodat ik alsnog op zoek ging naar manieren om voldoende op de hoogte te zijn van wat er zoal besproken werd. Of van wat er in de berichtgeving ontbrak – waar het bij 360 uiteindelijk om gaat.

    Ripley was wél ooit fanatiek nieuwslezer, maar merkte op een dag dat ze na haar vaste ochtendlectuur ‘sloom, ongemotiveerd’ en ‘uitgeput’ was. Na enige tijd aan zichzelf te hebben getwijfeld, kwam ze tot de conclusie dat er wellicht niks mis was met haar, maar met het product. Haar remedie: een ‘weinig-ego, veel-nieuwsgierigheid’-journalistiek (wat in het Engels catchyer klinkt) die meer is toegesneden op de mens, want, merkt ze op, berichten die steeds maar weer insinueren dat het niet alleen slecht maar ook steeds slechter gaat met de wereld, zijn simpelweg niet geschikt voor ons, en vermoedelijk voor geen enkele andere soort.

    Goed bedreven journalistiek brengt je in contact met andere werelden

    Net zo vond de Deense Synthetische Partij een vorm van politiek uit die meer is toegesneden op de mens, maar paradoxaal genoeg volledig door algoritmes wordt aangestuurd. Die zouden namelijk beter inzicht krijgen in welke politieke opvattingen werkelijk onder de bevolking leven. Het dossier over tuinieren gaat over een menselijker manier van wonen. Het aanplanten van groenten en fruit, zoals steeds vaker in achter- of volkstuintjes wordt gedaan, is niet alleen duurzaam, maar kan ook de gemeenschapszin bevorderen. Dat was bijvoorbeeld de gedachte van de Zuid-Afrikaanse BaNkuna, die groente op de stoep voor zijn huis plantte en daarvoor voor de rechter werd gesleept – een zaak die hij won.

    Hoop is een van de drie ‘eenvoudige ingrediënten’ die Ripley na haar zoektocht formuleert voor een draaglijker soort nieuws. Toch hoeft het niet altijd om goed nieuws te gaan. Goed bedreven journalistiek brengt je in contact met andere werelden, zoals die waarin het het mannetje is dat zwanger wordt, om de haverklap zelfs, en dus zeker weet dat alle nakomelingen van hem zijn, wat blijkbaar invloed heeft op hoe hij zijn kroost behandelt. Maar ook de even bizarre als brute praktijken beschreven in onze Afrika-reportage, gemaakt door het Deense Zetland, waar we sinds de oprichting regelmatig verhalen van overnemen. Met hun missie, ‘het openbaar debat aangaan zonder cynisme en polarisatie’, kunnen ze Ripley ongetwijfeld ook bekoren.

    Laura Weeda

    weeda@360international.nl

    Schermafbeelding 2022 08 31 om 16.35.43 3
  • Twee journalisten doodgeschoten in Colombia

    Twee journalisten doodgeschoten in Colombia

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Michail Gorbatsjov, laatste leider van Sovjet-Unie, op 91-jarige leeftijd overleden

    » Joe Biden is ‘vastbesloten’ om aanvalsgeweren in VS te verbieden

    Montero en Contreras deden verslag van dorpsfeest

    Leiner Montero (37) en Dilia Contreras (39) reden op een weg in het noorden van Colombia toen twee motorrijders hen midden op de dag neerschoten. Zij waren journalisten voor de website Sol Digital en keerden terug uit een dorp waar ze verslag hadden gedaan van een feest ter ere van de beschermheilige, bericht het Catalaanse dagblad El Periódico.

    Volgens de politie raakte nog een persoon gewond, die momenteel onder medisch toezicht staat. Het is nog niet bekend of de moord verband hield met hun werk, maar El Periódico meldt dat tijdens het dorpsfeest ‘een “daad van intolerantie” [een uitdrukking die door de Colombiaanse autoriteiten wordt gebruikt om vechtpartijen te beschrijven] plaatsvond, die nog nader wordt onderzocht. De Foundation for Press Freedom (FLIP), een Colombiaanse ngo, riep de autoriteiten op ‘in het onderzoek rekening te houden met het journalistieke werk van Leiner en Dilia’.

    Lees ook:

  • Hoe deze correspondent in Ethiopië in staatsvijand veranderde

    Hoe deze correspondent in Ethiopië in staatsvijand veranderde

    Tom Gardner, correspondent in Ethiopië voor The Economist, werd tegen wil en dank oorlogscorrespondent. Tot hij na een schimmige, tegen hem gerichte onlinehaatcampagne het land moest verlaten.

    Afgelopen juli reisde ik naar Amhara in de hoop soldaten te interviewen die gewond waren geraakt in Ethiopiës strijd tegen de rebellen van Tigray. Ik werd vergezeld door een jonge Ethiopische journalist, die tevens fungeerde als tolk. Voor een ziekenhuis werden we aangehouden door een groep federale politieagenten, die ons vervolgens in een jeep met een open dak gooiden. Terwijl wij op onze hurken in het voertuig zaten dat zich een weg baande naar een politiebureau, werden we omringd door vier of vijf agenten. Aan beide kanten van de straat stonden omstanders te joelen. De man die de auto achter ons bestuurde, staarde naar me en maakte een gebaar dat hij mijn keel zou doorsnijden. De politie begon ons te slaan, en de mond van mijn Ethiopische collega liep vol bloed van de klappen. Ik werd minstens twee keer met een geweerkolf op mijn hoofd geslagen. Ik smeekte de agenten met gebaren om te stoppen; ze lachten. Dat was een keerpunt voor mij. Het toch al autoritaire regime werd in deze burgeroorlog alleen nog maar bruter. Iedereen kon de vijand worden. Ook ik.

    Ik had niet verwacht dat ik oorlogscorrespondent zou worden. Net als veel mensen associeerde ik Ethiopië aanvankelijk met nieuws over hongersnood. Ik kreeg een genuanceerder beeld toen ik een master Afrikaanse politiek deed. In de paar jaar voordat ik in 2016 voor The Economist correspondent in Ethiopië werd, leek het land zich in een vreedzame, historische transformatie te bevinden. Ik raakte betoverd door het diepe historische besef van het land – de nationale mythe is zo’n drieduizend jaar oud –, door de schoonheid en door de energie van de hoofdstad. De staat bleef rigide en autoritair; de protesten ertegen werden steeds heviger. Maar van veraf leek Ethiopië nog steeds een land vol ambitie en mogelijkheden.

    In het begin schreef ik over verstedelijking en infrastructuur – spoorwegen, nieuwe huisvestingsprojecten, industrieparken en megadammen die dankzij Chinese investeringen en een Chinees model van door de staat geleide groei een enorme impuls hadden gekregen. De opkomst van Abiy Ahmed als premier in 2018 werd door velen gevierd en leidde zelfs tot ‘abiymania’. In popliedjes met titels als He Awakens Us (‘Hij maakt ons wakker’) werd zijn opkomst bezongen, mensen droegen T-shirts met zijn beeltenis en in een razend populair boek werd hij met Mozes vergeleken. Abiy bood ook een sprankje hoop op politieke openheid en persvrijheid; in 2019 kreeg hij de Nobelprijs voor de Vrede, voor het vredesakkoord met buurland Eritrea. Toen ik aan boord stapte van de eerste commerciële vlucht tussen de twee landen in twintig jaar en getuige was van de hereniging van geëmotioneerde families, voelde ik me tevens getuige van een belangrijke gebeurtenis in de geschiedenis.

    Tegenstromen

    Toch waren er ook tegenstromen. De kortstondige eenheid die Abiy bracht verhulde een complexe en pijnlijke realiteit. De tientallen jaren van dictatuur en het slepende grensconflict met Eritrea hadden de rivaliteit verdoezeld tussen de drie machtigste etnische groepen van het land: de Oromo, de Amhara en de kleinste van de drie, de Tigreeërs, die slechts 6 procent van de bevolking uitmaken maar tot voor kort veel macht hadden. De breuklijnen werden groter.

    Het Eritrese regime en Abiy hadden een gemeenschappelijke tegenstander in het Tigrayan People’s Liberation Front (TPLF, het Bevrijdingsfront van Tigray), dat in 1975 was begonnen als een bende guerrillero’s. In 1991 bracht het de militaire dictatuur van Ethiopië ten val en het domineerde vervolgens het regime dat het land gedurende meer dan een kwarteeuw zou besturen. Abiy verdreef het TPLF na publieke protesten tegen het heerszuchtige bewind van de partij en gaf het herhaaldelijk de schuld van de problemen in het land. Nadat Abiy vrede had gesloten met Eritrea, vreesden de leiders van het TPLF dat de legers van Eritrea en Ethiopië hun krachten zouden bundelen om Tigray, hun thuisland in het noorden, te belagen.

    Toen ik eind oktober 2020 Tigray bezocht, lag de mobiele communicatie urenlang lang plat vanwege de oplopende spanningen, een voorbode van een veel langere stroomstoring in de regio. Enkele dagen later brak de oorlog uit, nadat Tigrese troepen een kazerne van het federale leger hadden aangevallen. De oorlogskoorts greep snel om zich heen in Addis Abeba, met bloedinzamelingen en betogingen ter ondersteuning van de regeringstroepen. Tigrese militieleden richtten een bloedbad aan onder Amhara in een grensstad in Tigray; bij vergeldingsaanvallen werden Tigrese burgers gedood of uit hun huis verjaagd. Er doken video’s op van stapels lijken; lichamen werden door huilende familieleden door de straten gedragen. Het regime van Abiy greep deze beelden aan om het conflict met terugwerkende kracht te rechtvaardigen. De propagandastrijd was begonnen.

    ‘Samen met andere journalisten werd ik ervan beschuldigd de kant van het TPLF te kiezen’

    Opeens deed ik verslag van een oorlog. Voor sommige aanhangers van Abiys regering diende ik een geheim doel: op sociale media bestempelden leden van de Ethiopische diaspora mij als een agent van de CIA (later zou ik ook een agent van MI6 worden genoemd). Samen met andere journalisten werd ik ervan beschuldigd de kant van het TPLF te kiezen. Aanvankelijk lachte ik dergelijke samenzweerderige beschuldigingen weg. Er waren op dat moment weinig tekenen dat de regering dergelijke praatjes serieus zou nemen. Maar onafhankelijke Ethiopische journalisten stonden al onder druk. Na het uitbreken van de oorlog werden er regelmatig journalisten gearresteerd die het hadden gewaagd de officiële regeringslijn tegen te spreken. Sommigen van hen werden fysiek mishandeld.

    Een groot Brits complot

    Al snel namen de aanvallen van het regime toe, tegen mij en andere buitenlandse journalisten, tegen medewerkers van mensenrechtenorganisaties, de Verenigde Naties en andere internationale instellingen. In december 2020 publiceerde een plaatselijk tijdschrift een coverstory waarin ik, samen met een absurd lange lijst van buitenlandse en plaatselijke journalisten, ervan werd beschuldigd deel uit te maken van een groot Brits complot om de regering van Abiy omver te werpen.

    Dat een gevestigde journalist dergelijke leugens kon verspreiden in een blad dat door velen als respectabel werd beschouwd, wees op een verontrustende verschuiving. Regeringsambtenaren leken zich achter het verhaal te scharen. Een van hen raadde het zelfs aan een ander lid van de buitenlandse pers aan.

    Regeringsgezinde activisten en trollen deden online soortgelijke aanvallen op mij en anderen. Op Facebook begon een bericht te circuleren: een verzameling politiefoto’s van buitenlandse en Ethiopische journalisten en academici – waaronder die van mij – moest suggereren dat we misdadigers waren en het TPLF steunden. Het bericht dook telkens op wanneer in de westerse pers een verhaal verscheen waarin het regime van Abiy in een negatief daglicht werd gesteld. En dat gebeurde vaak, want regeringstroepen blokkeerden de regio; mensenrechtengroeperingen beschuldigden de troepen van etnische zuivering en misdaden tegen de menselijkheid, waaronder massamoord, uithongering en verkrachting. Ik deed verslag van deze gruweldaden, net als andere journalisten, en twitterde erover. Er verscheen een Facebookpost met beelden van twaalf buitenlandse correspondenten, waaronder ik: ‘Volg deze mensen op Twitter en stel hun leugens aan de kaak’, aldus het bericht waarin wij ‘sympathisanten van het TPLF’ werden genoemd.

    ‘Twitter en Facebook hadden tijdens de oorlog allebei een andere functie’

    Twitter en Facebook hadden tijdens de oorlog allebei een andere functie. Twitter was een forum voor internationale, Engelstalige discussies, waar leden van de diaspora en mensen in Ethiopië een propagandaoorlog voerden die, althans ten dele, was bedoeld voor een buitenlands publiek. Op Facebook verspreidden Ethiopiërs in toenemende mate haatzaaiende taal en desinformatie in lokale talen, die soms aanzette tot geweld in de echte wereld.

    Propagandaoorlog

    Ook Abiy zelf gooide olie op het vuur van de propagandaoorlog. In april 2021 drong hij er bij Ethiopiërs op aan niet te zwichten voor de ‘campagnes’ van westerse media. In augustus riep hij op tot een massale socialemediacampagne om ‘leugens’ in de westerse media te bestrijden. Diezelfde maand beschuldigden staatsmedia mij, samen met journalisten van de BBC, CNN en The New York Times ervan voor het TPLF te werken. De staat moedigde nu openlijk vijandigheid aan tegen westerse media en tegen mensenrechtengroeperingen en internationale instellingen die toezicht hielden op de oorlogsmisdaden van het regime.

    Tigreeërs en andere Ethiopiërs hadden het meest te lijden. Rond augustus 2021 hadden buitenlandse media en Amnesty International de systematische verkrachting en seksuele uitbuiting van Tigrese vrouwen door Eritrese en Ethiopische soldaten gedocumenteerd. Door Tigrese troepen bleken eveneens massale verkrachtingen te hebben plaatsgevonden tegen vrouwen in de regio’s Amhara en Afar. Op sociale media voerden regeringsfunctionarissen en hun aanhangers een wrede campagne om de Tigrese beschuldigingen in twijfel te trekken. Zij beweerden dat de getuigenissen van slachtoffers vals of overdreven waren, dat verkrachtingen alleen in Tigray voorkwamen en dat veel van die aanrandingen in werkelijkheid waren gepleegd door Tigrese criminelen die uit de gevangenis waren vrijgelaten. Ook werden Tigrese vluchtelingen in Soedan afgeschilderd als aanstichters van een bloedbad, zodat Tigrese beweringen over oorlogsmisdaden in een kwaad daglicht werden gesteld. Verdedigers van het regime bagatelliseerden gruwelijke daden en bestempelden enkele gedocumenteerde incidenten zelfs als leugens, waaronder een video waarop te zien is dat veiligheidstroepen een man levend verbranden. Ethiopië leek tweet na tweet, Facebookpost na Facebookpost verder te worden verscheurd.

    ‘Op sociale media verschenen voortdurend berichten met mijn gezicht erin’

    Verzet tegen buitenlandse belangen van welke aard dan ook stapelden zich op. Een campagne met de hashtag #NoMore werd eind 2021 trending op Twitter en Facebook, waarbij #NoMore sloeg op een einde aan westerse inmenging, kolonialisme en leugens. Op sociale media verschenen voortdurend berichten met mijn gezicht erin. Voelde ik me voorheen veilig in Addis Abeba, nu begon ik me zorgen te maken dat ik in het openbaar zou worden herkend en mishandeld, of dat ik op een dag thuis zou komen en ontdekken dat mijn huisbaas de sloten had veranderd.

    Deels was ik paranoïde. In die tijd werden duizenden Ethiopiërs, meestal etnische Tigreeërs, opgepakt en in interneringskampen gegooid. Toen mijn Ethiopische collega en ik in Amhara in elkaar werden geslagen, kreeg mijn collega het zwaarder te verduren. Buitenlanders waren relatief veilig. Maar ik merkte dat die onlinezwartmakerij mijn echte leven begon binnen te sijpelen. Medio 2021 hingen in delen van Addis Abeba reclameborden met de oproep aan ‘blanke duivels’ om het land te verlaten. Ze waren afkomstig van een hel-en-verdoemenisprediker die reclame maakte voor zijn YouTubekanaal. Maar het was veelzeggend dat de regering ze liet hangen.

    GettyImages 1364509277 1
    Het wrak van een grote tank in de stad Haik in de Ethiopische regio Wollo. Haik is een van de steden die langdurig zijn bezet door het Tigrayan People’s Liberation Front sinds de invasie in de regio Amhara, die in juli 2021 begon. – © J. Countess / Getty

    Status als buitenstaander

    Ik werd me steeds meer bewust van mijn status als buitenstaander: gewantrouwd, onwelkom. Ik was met vrienden op reis in de oostelijke stad Harar toen de eigenaar van een bar me op een avond zei dat ik, omdat ik Brits was, wel journalist moest zijn – en dat ik, als ik een Britse journalist was, wel door het TPLF zou worden betaald. Geschrokken verdween ik in de nacht. Toen het regime eind vorig jaar de noodtoestand afkondigde, begon de politie overal in de hoofdstad huiszoekingen te doen en arrestaties te verrichten. Wekenlang heb ik onrustig geslapen, in afwachting van die luide klop op de deur.

    In maart dit jaar kwam de regering een wapenstilstand overeen met het TPLF. De situatie was rustiger geworden en de betrekkingen tussen het regime van Abiy en het Westen waren aan het verbeteren. Ik bleef me verdiepen in het mechanisme achter de oorlog. Ik was geïnteresseerd in hoe onderzoek dat in Ethiopië werd uitgevoerd door een westerse geleerde de regering in staat leek te stellen oorlogsmisdaden te vergoelijken, waaronder het gebruik van honger als wapen tegen Tigray. Een beleefde e-mail die ik op 1 mei naar een westerse denktank stuurde, leidde tot een nieuwe onlinehaatcampagne die twee weken duurde, dit keer tegen mij persoonlijk. Mijn e-mail aan de denktank werd openbaar gemaakt op Twitter, waar regeringsgezinde figuren opnieuw de beschuldiging verspreidde dat ik in naam van het TPLF opereerde. Maar er was ook iets veranderd: er gingen nu ook stemmen op om mijn accreditatie als journalist in te trekken.

    ‘De volgende dag belde een immigratiebeambte me om te zeggen dat ik 48 uur had om het land te verlaten’

    Sommige berichten op sociale media waren afkomstig van de Ethiopische diaspora, andere van westerse verdedigers van Abiy. Staatsmedia publiceerden opnieuw beweringen over mijn ‘verachtelijke gedrag’, samen met de suggestie dat ik ‘naar huis zou worden geroepen om ontslagen te worden’. Op 13 mei ontboden de media-autoriteiten van de regering me op hun kantoor en overhandigden me een brief: mijn persaccreditatie was ingetrokken. De volgende dag belde een immigratiebeambte me om te zeggen dat ik 48 uur had om het land te verlaten. Van het ene op het andere moment was mijn leven in Ethiopië voorbij.

    Arrestaties

    Sinds mijn vertrek in mei zijn in korte tijd nog veel meer Ethiopische journalisten en activisten gearresteerd. Een van de gearresteerden is de auteur van het verhaal in het tijdschrift waarin ik en andere journalisten aan het begin van de oorlog werden aangevallen. Zelfs hij had zich niet trouw genoeg getoond aan de regeringslijn. (Volgens zijn familie is hij tijdens zijn hechtenis geslagen.) Hij is een van de tientallen andere schrijvers, commentatoren en fotografen die sinds 2020 gevangen zijn gezet. Vorig jaar werden twee journalisten vermoord. Verscheidene andere buitenlandse journalisten zijn verbannen of hebben een werkverbod gekregen. De Ethiopische commissaris voor de mensenrechten noemde de situatie een ‘nieuw dieptepunt’ voor het land.

    Vrienden in Addis Abeba stuurden me een video die een paar dagen nadat ik het land was uitgezet werd gepost. Een Ethiopische commentator, Seyoum Teshome, was mijn vertrek aan het vieren in een talkshow op YouTube. Als een opgehitste Tucker Carlson schreef hij in zijn tweets het woord ‘journalisten’ tussen aanhalingstekens. Nu expliciteerde hij zijn beschuldiging dat ik en anderen voor het TPLF werkten. ‘Tom Gardner is het land uitgezet, toch? En waarom?’ zei hij, in het Amhaars. ‘Ik heb dertig of veertig keer bewezen dat hij een crimineel is. Voordat hij het land werd uitgezet, zei ik al tegen jullie: houd hem in de gaten, nietwaar?’ Hij zei ‘duizend keer’ te hebben bewezen dat ik deel uitmaakte van het TPLF.

    Moderne digitale oorlogsvoering, bedoeld om verwarring te zaaien, wordt nu overal gevoerd

    Deze tirade op televisie, inmiddels meer dan honderdduizend keer bekeken op YouTube, was de kroon op de lange digitale campagne tegen mij. Moderne digitale oorlogsvoering, bedoeld om verwarring te zaaien, wordt nu overal gevoerd, van Oekraïne en Syrië tot China en verder. Deze ervaring herinnert me er op pijnlijke wijze aan dat China niet alleen model heeft gestaan voor de door de staat gestuurde economische ontwikkeling van Ethiopië. De regering heeft duidelijk meer verontrustende lessen geleerd van China en andere autoritaire staten. Ze heeft geleerd hoe ze een moderne, digitale autocratie kan worden.

  • Redactie La Prensa gedwongen Nicaragua te verlaten wegens vervolging door regime Ortega

    Redactie La Prensa gedwongen Nicaragua te verlaten wegens vervolging door regime Ortega

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van deze week:

    » Liz Truss en Rishi Sunak laatste twee kandidaten voor Brits premierschap

    » Leonor Zalabata Torres wordt de eerste inheemse vrouw die Colombia vertegenwoordigt bij VN

    Drie directeuren van het dagblad zitten al in de gevangenis

    De redactie van het Nicaraguaanse dagblad La Prensa wordt ‘gedwongen te vertrekken’ uit Nicaragua. Het besluit is ingegeven door ‘de vervolging die het regime-Ortega heeft geïntensiveerd tegen het personeel’, verklaarde de La Prensa op donderdag.

    De afgelopen twee weken zijn journalisten, fotografen en medewerkers het land ontvlucht, soms zonder paspoort omdat de overheid weigert hun reisdocumenten te vernieuwen, meldt de krant. Drie directeuren van het dagblad en een journalist zijn al in de gevangenis beland. Twee andere werknemers werden op 6 juli gearresteerd zonder dat de aanklacht tegen hen werd toegelicht. Ook werden daarbij de huizen van andere personeelsleden doorzocht.

    Sinds 2018 hebben de autoriteiten het aantal invallen in de redactiekantoren van La Prensa verhoogd

    Sinds 2018 hebben de autoriteiten, op bevel van president Daniel Ortega, het aantal invallen in de redactiekantoren van La Prensa maar ook van 100% Noticias en Confidencial verhoogd. De redactie reorganiseert zich in het buitenland ‘om de Nicaraguanen te blijven informeren zoals zij dat al meer dan 95 jaar doet’.

    Lees ook:

  • VN-onderzoek: Israëlische leger doodde Al Jazeera-journalist Shireen Abu Akleh

    VN-onderzoek: Israëlische leger doodde Al Jazeera-journalist Shireen Abu Akleh

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Pakistan heeft vermoedelijk brein achter aanslagen Mumbai gearresteerd

    » Wetenschappers: kameleons kleuren feller in omgeving zonder natuurlijke vijanden

    Onduidelijkheid over dood journalist nu voorbij

    De Palestijns-Amerikaanse journalist Shireen Abu Akleh werd gedood door kogels van het Israëlische leger. Dat is de conclusie uit een onderzoek van de Verenigde Naties, zo melden onder andere Al Jazeera en Le Monde.

    ‘De informatie die we hebben verzameld, bevestigt het feit dat de schoten afkomstig waren van de Israëlische veiligheidstroepen,’ aldus woordvoerder Ravina Shamdasani van het mensenrechtenbureau van de VN tijdens een persconferentie in Genève, ‘en dus niet door willekeurige schoten van Palestijnen, zoals de Israëlische autoriteiten steeds hebben beweerd.’

    De Al-Jazeerajournalist werd op 11 mei gedood terwijl zij verslag deed van Israëlische legerinvallen in de bezette stad Jenin op de Westelijke Jordaanoever. De woordvoerder zegt dat uit het onderzoek is gebleken dat er ‘geen activiteit van gewapende Palestijnen in de onmiddellijke nabijheid van de journalisten’ plaatsvond.

    Lees ook:

  • Russische inlichtingendienst zit achter chemische aanval op journalist Dmitri Moeratov

    Russische inlichtingendienst zit achter chemische aanval op journalist Dmitri Moeratov

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Spaans dorp bestrijdt ontvolking met boekwinkels

    » Zuid-Afrika: hulporganisaties leveren drinkwater aan overstromingsgebied

    Nobelprijswinnaar Dmitri Moeratov aangevallen met aceton

    De Russische inlichtingendienst zit achter een chemische aanval op Dmitri Moeratov, de Nobelprijswinnende redacteur van de Russische onafhankelijke krant Novaja Gazeta. Dat meldt de Amerikaanse inlichtingendienst, schrijft The Guardian.

    Moeratov stapte op 18 april in een trein van Moskou naar de stad Samara, toen hij werd bespat met rode verf die aceton bevatte. De onderzoeksjournalist plaatste na het voorval foto’s op sociale media van zijn gezicht en bovenlijf onder de rode verf en hij schreef dat zijn ogen ‘vreselijk brandden’. Enkele uren na de aanval op Moeratov eiste een pro-Russische militaire telegramzender die zich ‘Union Z-parachutisten’ noemt, de verantwoordelijkheid op en plaatste beelden online. Onderzoek van Novaja Gazeta bevestigt dat.

    In het rapport dat de VS nu hebben vrijgegeven, en dat voor het eerst in The Washington Post verscheen, concludeert de inlichtingendienst dat de persoon die de verf naar Moeratov gooide, voor niet nader genoemde Russische spionagediensten werkte.

    Zes journalisten die werkten voor Novaja Gazeta zijn vermoord vanwege hun journalistieke activiteiten

    Sinds Novaja Gazeta in 1993 werd opgericht door Moeratov en zijn collega’s, heeft de krant onderwerpen behandeld die in Rusland gevoelig liggen, zoals de oorlog in Tsjetsjenië, de vervolging van de lhbtq+-gemeenschap en de corruptie van de Russische regering in binnen- en buitenland. Zes journalisten die werkten voor Novaja Gazeta, waaronder Anna Politkovskaja, zijn vermoord vanwege hun journalistieke activiteiten.

    Een groep journalisten van Novaja Gazeta lanceerde deze maand Novaja Gazeta Europe, een in Europa gevestigd mediakanaal, zonder Moeratov, schrijft The Moscow Times. De krant had al eerder haar werk in Rusland opgeschort, vanwege de strenge mediawetgeving. Voor het bericht over de aanval op Moeratov heeft het voor één keer haar werk op de Russische website hervat. Donderdag maakte Novaja Gazeta Europe bekend dat Roskomnadzor, de Russische dienst die de media controleert, de toegang tot haar website in Rusland had geblokkeerd.

    Lees ook:

  • Rapport: onafhankelijke media in Hongkong bijna volledig ontmanteld

    Rapport: onafhankelijke media in Hongkong bijna volledig ontmanteld

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Zenders Radio France International en France 24 definitief geschorst in Mali

    » EU zegt klaar te zijn om Russische ‘gaschantage’ tegen te gaan

    Vervolging journalisten maakt einde aan onafhankelijke pers

    De onafhankelijke media in Hongkong zijn bijna volledig ontmanteld door het optreden van de regering, waardoor de markt is vrijgemaakt voor een uitbreiding van de pro-Beijing en staatsmediasector, aldus een nieuw rapport van belangenorganisatie Hong Kong Watch.

    Het werkklimaat voor lokale en buitenlandse journalisten in Hongkong is steeds moeilijker geworden, aldus het rapport, waarin gedetailleerd wordt ingegaan op het wijdverbreide gebruik van vervolging van journalisten – onder meer met de nationale veiligheidswet –, intimidatie en politiegeweld, massaontslagen, en overheidsingrijpen in of censuur van verkooppunten. De politie herdefinieert wie journalist is, er komt een wet op nepnieuws en traditionele onderzoeksmethoden worden gecriminaliseerd, schrijft The Guardian.

    Sinds de pro-democratische protesten van 2019 zijn onder meer Apple Daily en Stand News gesloten. Bronnen en burgers vrezen nu vergelding of juridische gevolgen voor het spreken met journalisten. Overheidsingrijpen heeft de publieke omroep zijn voormalige redactionele onafhankelijkheid ontnomen, en de resterende media past zelfcensuur toe.

    Lees ook:

  • Anne Frank in het Perzisch: ‘Veel Iraniërs hebben geen idee van de Holocaust’

    Anne Frank in het Perzisch: ‘Veel Iraniërs hebben geen idee van de Holocaust’

    Om jonge Iraniërs te laten lezen over de Holocaust, en om antisemitische desinformatie tegen te gaan, zorgde filmmaker en journalist Maziar Bahari voor een Perzische vertaling van Het dagboek van Anne Frank. In stripvorm.

    De Iraans-Canadese journalist, filmmaker en activist Maziar Bahari zette zich al langer in om zijn landgenoten bewust te maken van wat er tijdens de Holocaust was gebeurd. Iraniërs die na de [islamitische] revolutie zijn geboren, hebben een verkeerde voorstelling van zaken; ze krijgen verkeerde, antisemitische informatie, zei hij tegen het Israëlische dagblad Haaretz. ‘Dat is alles wat ze horen.’ 

    Om tegenwicht aan die desinformatie te bieden werkte Bahari mee aan het Sarardi Project dat – samen met het U.S. Holocaust Memorial Museum – de Perzische vertaling van Anne Franks dagboek in stripvorm presenteerde op de Internationale Herdenkingsdag, afgelopen 27 januari. 

    Het project is in het leven geroepen om Iran bewust te maken van de Holocaust, door artikelen en video’s te verspreiden over de grotendeels onbekende rol van Iran als toevluchtsoord voor joden die in de Tweede Wereldoorlog voor de nazi’s waren gevlucht. Abdol Hossein Sarardi was een Iraanse diplomaat, die tijdens de Duitse bezetting van Frankrijk consul in Parijs was. Ook wel bekend als de Schindler van Iran, omdat hij duizenden Joden aan een paspoort hielp. 

    cover

    Holocausteducatie

    Volgens Bahari is een  ‘Holocausteducatie’ broodnodig: ‘De ontkenning van de Holocaust moet worden tegengegaan en we moeten weerwoord bieden aan de antisemitische retoriek van de Iraanse regering.’ Zijn eerste film, The Voyage of the Saint Louis (1995), ging over het schip met joodse vluchtelingen dat in mei 1939 de toegang tot Cuba en de VS werd ontzegd en dat moest terugkeren naar Europa. Meer dan een kwart van de passagiers zou uiteindelijk omkomen. Vanaf 1988, toen Bahari naar Canada emigreerde, heeft de Holocaust hem niet meer losgelaten. Hij leerde dat ook in zijn adoptieland joden waren vervolgd: er waren quota voor joden op universiteiten en de meeste joodse vluchtelingen werden in Canada geweigerd. 

    Een historicus die als adviseur bij het project betrokken was, vertelde dat kinderen in Iran op de lagere school wel les krijgen over de Tweede Wereldoorlog, inclusief het naziregime, Hitler en de overwinning van de geallieerden, maar dat er met geen woord wordt gerept over joden. De Holocaust komt in het onderwijsmateriaal niet voor.

    Veel Iraniërs hebben er geen idee dat er destijds duizenden Joden naar Iran zijn gevlucht

    Het is belangrijk, benadrukt Bahari in al zijn werk, dat er kennis is van wat de Holocaust inhield. Veel Iraniërs hebben er geen idee van, ook niet dat er destijds duizenden joden naar Iran zijn gevlucht. Door wat hij zelf leerde over de genocide kon hij de tragedies in eigen land beter begrijpen, vooral sinds de islamitische revolutie en de machtsovername door Khomeini in 1979. ‘Dat wil ik doorgeven.’

    Bahari, ook een van de oprichters van het journalistieke platform IranWire, was dus de aangewezen persoon om te betrekken bij het Sarardi Project, schreef het dagblad Haaretz. Tot nog toe was de Holocaust niet eerder toegankelijk en interessant gemaakt voor jonge Iraniërs in Iran en de diaspora. De graphic novel van het dagboek van Anne Frank in het Perzisch veranderde de zaak. Het probleem is volgens Bahari dat de meeste Iraniërs, zelfs als ze Engels lezen, het moeilijk vinden om complexe kwesties zoals de Holocaust te begrijpen. In hun eigen taal, het Farsi of Perzisch, is dat veel makkelijker.

    Diplomaat Hossein Sardari, de naamgever van het project, verloor zijn pensioen en al zijn bezittingen aan de ayatollahs. Hij stierf in 1981 in armoede in Londen, waar hij na zijn pensionering was gaan wonen.

  • Twee journalisten van Fox News gedood in Oekraïne

    Twee journalisten van Fox News gedood in Oekraïne

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Filipijnen voeren eindelijk wet in tegen seksueel misbruik van minderjarigen

    » Francis Kéré ontvangt als eerste Afrikaanse architect de Pritzker Prize

    Amerikaanse en Oekraïense journalist komen om het leven

    Cameraman Pierre Zakrzewski, die al jaren voor het Amerikaanse netwerk Fox News werkte, en Oleksandra Koevsjynova, de Oekraïense journaliste die hem begeleidde, werden gedood bij een aanval in de buurt van Kyiv. Ook journalist Benjamin Hall raakte hierbij gewond, aldus Fox News op dinsdag. Het tv-kanaal sprak van een ‘hartverscheurende dag’.

    Twee dagen geleden werd een andere Amerikaanse journalist, Brent Renaud, voormalig medewerker van The New York Times, in de buurt van Irpin werd gedood.

    Lees ook:

  • Marokko: vijf jaar gevangenisstraf voor journalist Soulaimane Raissouni

    Marokko: vijf jaar gevangenisstraf voor journalist Soulaimane Raissouni

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Poetin: ‘Rusland wil Oekraïne niet bezetten.’ Biden: ‘Ongerechtvaardigde aanval’

    » Nieuwe wet moet Italiaanse stranden weer vrij toegankelijk maken

    Kritische journalist veroordeeld

    De Marokkaanse journalist Soulaimane Raissouni werd woensdag in hoger beroep veroordeeld wegens ‘aanranding’, aldus Le Desk. De voormalige hoofdredacteur van de krant Akhbar Al Yaoum, die zeer kritisch staat tegenover het Marokkaanse regime, heeft de beschuldigingen altijd met kracht ontkend.

    Raissouni werd in mei 2020 gearresteerd, waarna hij ‘een hongerstaking begon om de omstandigheden van zijn detentie aan te klagen’, schrijft de Marokkaanse nieuwssite.

    Lees ook:

  • Opnieuw prodemocratische journalisten gearresteerd in Hongkong

    Opnieuw prodemocratische journalisten gearresteerd in Hongkong

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Wikipedia leeft nog in China ondanks verbod

    » Indonesië neemt tientallen op zee gestrande Rohingya-vluchtelingen alsnog op

    Stand News sluit zijn deuren naar arrestaties

    Meer dan tweehonderd politieagenten bestormden op 29 december het redactielokaal van de Hongkongse nieuwswebsite Stand News, meldde Hong Kong Free Press. Zeven medewerkers van het prodemocratische mediakanaal werden gearresteerd wegens ‘samenzwering voor het publiceren van opruiende publicaties’. Naast de arrestaties legden de politie ook beslag op documenten en computerapparatuur.

    Stand News, opgericht in december 2014, kondigde op zijn sociale netwerken de ‘onmiddellijke stopzetting van alle activiteiten’ aan, evenals het ontslag van Patrick Lam, de hoofdredacteur, die ook werd gearresteerd. Al het personeel is ontslagen, en de site zal naar verwachting binnen vierentwintig uur offline gaan.

    ‘Door onafhankelijke media het zwijgen op te leggen wordt de geloofwaardigheid en levensvatbaarheid van Hongkong ondermijnt’

    ‘Er is alle reden om aan te nemen dat dit online nieuwskanaal en andere vermeende “internationaal front”-leden [activisten] via hun platform hebben aangezet tot haat tegen de regering en de veiligheid van burgers in gevaar hebben gebracht’, vertelde Steve Li, hoofd van de politie van Hongkong, tijdens een persconferentie, aldus Hong Kong Free Press.

    De VS hebben de Chinese en Hongkongse autoriteiten opgeroepen tot vrijlating van de zeven gearresteerde personen die gelieerd zijn Stand News, bericht The Guardian. Buitenlandminister Anthony Blinken verklaarde dat ‘journalistiek geen opruiing is’ en dat ‘door onafhankelijke media het zwijgen op te leggen, de Volksrepubliek China en de lokale autoriteiten de geloofwaardigheid en levensvatbaarheid van Hongkong ondermijnen’.

    Lees ook:

  • Lokale kranten in de VS bedreigd door overname hedgefonds

    Lokale kranten in de VS bedreigd door overname hedgefonds

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Extreem weer in Italië neemt toe

    » Lokale kranten in de VS bedreigd door overname hedgefonds

    Lokale krantenredacties gealarmeerd door overname

    Een overnamevoorstel van miljoenen dollars zou ruim twintig lokale kranten in het Amerikaanse Midden-Westen in bezit kunnen brengen van een in New York gevestigd hedgefonds dat bekendstaat om het ‘uitbenen’ van zijn kranten, schrijft Poynter, een lokaal dagblad uit St.-Petersburg in Florida. Alden Global Capital wil Lee Enterprises Inc., eigenaar van onder meer de St. Louis Post-Dispatch, de Omaha World-Herald en de Sioux City Journal, kopen voor 24 dollar per aandeel, en dat leidde tot alarm op allerlei redactiekantoren.

    Alden is een hedgefonds dat met dagbladen als The Denver Post en The Mercury News een van de grootste kranteneigenaren is geworden in de Verenigde Staten en het heeft een beruchte reputatie opgebouwd als het gaat om kostenbesparingen en inkrimping van het personeelsbestand. Alden kocht eerder dit jaar Tribune Publishing, eigenaar van kranten als The Chicago Tribune en The Baltimore Sun. Kathy Kiely van de Missouri School of Journalism noemt Aldens voorgestelde aankoop van Lee een ‘ramp voor de democratie‘.

    Lees ook:

  • ‘Nog nooit is de situatie van Algerijnse journalisten zo zorgelijk geweest’

    ‘Nog nooit is de situatie van Algerijnse journalisten zo zorgelijk geweest’

    Khaled Drareni, zelf meermaals gevangengezet om zijn journalistieke werk, beantwoordt vragen over de situatie van andere journalisten en de persvrijheid in Algerije.

    Waarom is Rabah Karèche gevangengezet en waarom is hij nu weer vrij? Kwam zijn vrijlating plotseling of werd die al verwacht?

    ‘Rabah Karèche was gevangengezet vanwege artikelen in Liberté Algérie, de krant waarvoor hij correspondent is in Tamanrasset, een stad in het uiterste zuiden van Algerije. In die artikelen schreef hij over de nieuwe bestuurlijke indeling, die door een deel van de zuidelijke bevolking is verworpen.

    Hij werd aangeklaagd wegens “verspreiding van onjuist nieuws op sociale netwerken”, alleen omdat hij had meegewerkt aan een artikel over de nieuwe indeling dat in Liberté verscheen. Maar ook wegens “schending van de nationale eenheid”. Berichten over het volksprotest in dat deel van het land zijn pijnlijk voor de Algerijnse autoriteiten. Daarom is hij gevangengezet, ook al erkent de Algerijnse grondwet in theorie geen persdelicten meer. Hij is op 19 oktober vrijgelaten omdat hij de straf van zes maanden had uitgezeten waartoe hij veroordeeld was.’

    Waarom ligt het onderwerp waaraan hij werkte zo gevoelig bij de Algerijnse autoriteiten?

    ‘Het ligt gevoelig omdat het volgens de autoriteiten om een schending van de nationale eenheid gaat. De meeste zuidelijke inwoners zijn Toearegs en het gebied ligt dicht bij Libië en Mali. Het is een regio die met eigen problemen kampt, vandaar het verzet tegen de nieuwe bestuurlijke indeling.’

    Hoe is de huidige situatie voor journalisten in Algerije?

    ‘De situatie voor Algerijnse journalisten is slecht en ik denk dat ze nog nooit zo zorgelijk is geweest. Op ditzelfde moment zitten er drie journalisten gevangen en bijna vijftien van hen worden momenteel vervolgd door justitie. Velen zijn al eens gevangengezet en anderen worden continu door justitie op de huid gezeten, zoals Mustapha Benjamaa, de hoofdredacteur van het regionale dagblad Le Provincial in de stad Annaba. Journalisten zijn vogelvrij, ook al worden ze in theorie beschermd door de grondwet en bestaan persdelicten officieel niet meer in Algerije. Toch blijven de autoriteiten hen arresteren, hun het werken onmogelijk maken, hen aan een ware justitiële kwelling onderwerpen. Ze zijn met velen want we leven in een land dat nog steeds niet begrepen heeft dat je zonder persvrijheid geen echte rechtsstaat kunt opbouwen.’

    Heeft men het alleen op de persvrijheid gemunt, of ook op journalisten die berichten over de in het noorden van Marokko actieve mensenrechtenbeweging Hirak Al-Hoceima?

    ‘Allebei een beetje. Over Hirak berichten is inderdaad moeilijk. Websites als Casbah Tribune en TSA zijn nog altijd uit de lucht in Algerije. Journalisten die ervoor kozen Hirak te volgen en erover te berichten zijn van het begin af aan gerechtelijk vervolgd en gearresteerd maar ze zijn er nooit mee opgehouden. Maar ook journalisten die de corruptie aan de kaak stellen, worden aangeklaagd, zoals de eerder genoemde Mustapha Benjamaa. Mensen van wie men vindt dat ze de binnenlandse belangen van het land schaden worden systematisch vervolgd.’

    Ziet u een verharding bij de Algerijnse autoriteiten wat het buitenlands (Marokko) en het binnenlands (de kwestie-Kabylië) beleid betreft?

    ‘Ja, er wordt harder opgetreden tegen journalisten, maar meer in het algemeen. Het spitst zich niet toe op een bepaalde kwestie maar bestond al voordat de crisis met Marokko uitbrak. Wat de Kabylische kwestie betreft, Kabylië is een integraal onderdeel van Algerije. Maar de regering plakt elke militant systematisch het etiket van de autonomistische beweging MAK (Beweging voor Kabylisch zelfbestuur) op. Dat heeft Amnesty International ook al veroordeeld. Nu is het tijd om de persvrijheid in Algerije te waarborgen, zodat journalisten vrij zijn in hun doen en laten zonder dat ze een willekeurig etiket opgeplakt krijgen. Er zitten er momenteel al heel wat in de gevangenis op arbitraire gronden, zoals lidmaatschap van een terroristische beweging.’

    Hoe ervaart u dit alles persoonlijk? Zelf bent u in augustus 2020 ook gevangengezet wegens ‘het oproepen tot ongewapende samenscholing en het schenden van de integriteit van het nationaal grondgebied’.

    ‘Ik heb het niet moeilijker dan mijn collega’s. Ik ben in februari 2021 voorwaardelijk in vrijheid gesteld. Ik blijf mijn journalistieke werk doen, op een onafhankelijke en onpartijdige manier, en ik zal mijn collega’s blijven verdedigen die slachtoffer zijn van vervolging door justitie.’

  • Wereldnieuws: India arresteert mensenrechtenactivist & Meer

    Wereldnieuws: India arresteert mensenrechtenactivist & Meer

    India arresteert mensenrechtenactivist

    NIA, het bureau voor terrorismebestrijding van India, heeft de prominente Kasjmiri-mensenrechtenactivist Khurram Parvez gearresteerd en invallen gedaan in zijn kantoor en woonhuis in het door India bestuurde deel van Kasjmir, bericht Al Jazeera. Parvez, tweeënveertig, is coördinator van burgerrechtenorganisatie JKCCS, die hij in 2000 samen met activist Parvez Imroz oprichtte. Hij is ook voorzitter van AFAD, een organisatie die verdwijningen van mensen aankaart.

    Al ruim twintig jaar stelt Parvez mensenrechtenschendingen aan de kaak

    ‘Zijn telefoon, laptop, mijn telefoon en enkele boeken uit de bibliotheek zijn in beslag genomen’, aldus Parvez’ vrouw Sameena Mir. ‘Onze twee kinderen zijn heel erg geschrokken. We sliepen allemaal toen de inval plaatsvond.’ Volgens Mir werd Parvez ontboden op het NIA-kantoor in hoofdstad Srinagar voor ondervraging, waarna hij werd gearresteerd wegens ‘financiering van terreur’ en andere aanklachten op grond van de Unlawful Activities Prevention Act (UAPA). De UAPA is een bewust vaag geformuleerde wet die het mogelijk maakt om mensen voor onbepaalde tijd vast te houden zonder proces. ‘Hij is in het verleden al voor zo veel zaken opgepakt en nu is er dit weer’, zei zijn echtgenote tegen Al Jazeera. ‘Het komt allemaal door zijn mensenrechtenwerk.‘

    Al ruim twintig jaar stelt Parvez mensenrechtenschendingen aan de kaak in het door India bestuurde deel van Kasjmir. Zijn organisatie publiceerde meerdere onderzoeken over de ‘straffeloosheid van de strijdkrachten’ in de betwiste regio. 

    India en Pakistan, die over delen van Kasjmir heersen, eisen beiden de volledige Himalaya-regio op. Aan Indiase kant begon dertig jaar geleden een gewapende opstand tegen de heerschappij van New Delhi waarbij de rebellen ofwel fusie van de regio met Pakistan eisten ofwel onafhankelijkheid. Het conflict verhevigde twee jaar geleden nadat de Indiase premier Narendra Modi de beperkte autonomie van de regio annuleerde. Daarna volgden een maandenlange sluiting van het gebied en arrestaties van honderden Kasjmiri-politici, advocaten en activisten. 

    De speciale VN-rapporteur voor mensenrechten, Mary Lawlor, noemt de arrestatie van Parvez ‘verontrustend’.


    Tekort aan waterstof

    Groene waterstof is een belangrijk element in de strijd tegen klimaatverandering, maar volgens wetenschappers van zes Duitse onderzoeksinstituten is groene waterstof nog lang niet in voldoende hoeveelheden beschikbaar, meldt Der Spiegel. Dat staat in een rapport over energietransitie, gefinancierd door het Duitse federale ministerie van Onderwijs en Onderzoek.

    Groene waterstof wordt uitsluitend met hernieuwbare energie gewonnen

    Volgens het rapport zal waterstof tot 2030 een ondergeschikte rol spelen en is grote politieke daadkracht nodig om de productiecapaciteit en het gebruik van groene waterstof uit te breiden. Vooralsnog zal waterstof moeten worden gereserveerd voor die toepassingen waar directe elektrificatie met groene stroom niet mogelijk is, bijvoorbeeld in de ammoniak- en staalproductie, of als e-fuel voor langeafstandsvluchten en de scheepvaart. Dit alles zolang nog onduidelijk is in welke hoeveelheden en tegen welke prijs waterstof in de toekomst kan worden geproduceerd. Om in 2030 aan slechts één procent van de EU-energievraag te kunnen voldoen met groene waterstof, zal de productie vanaf 2023 jaarlijks met ongeveer 70 procent moeten toenemen. Dat kan alleen als de Europese doelstelling tot uitbreiding van de elektrolysecapaciteit voor de productie van waterstof wordt gehaald.

    Groene waterstof, die uitsluitend met hernieuwbare energie wordt gewonnen, kan als basis dienen voor brandstoffen ter vervanging van kolen, olie en aardgas. Duitsland wil de uitbreiding van lokale hernieuwbare energie uit wind en zon bevorderen, maar gaat ervan uit dat een groot deel van de benodigde hoeveelheid waterstof aanvankelijk zal moeten worden geïmporteerd. Want niet alleen de hoeveelheid elektriciteit die wordt opgewekt uit zonne- en windenergie is onvoldoende, ook de productiefaciliteiten voor waterstof schieten tekort.


    Antisemitisch raadslid

    De Italiaan Fabio Meroni, antivaxer en radicaal-rechts Lega-raadslid uit Lissone in Lombardije, veroorzaakte een storm van protest door te verwijzen naar Liliana Segre, senator voor het leven en Holocaustoverlevende, met het nummer dat in Auschwitz op haar arm is getatoeëerd, bericht Wanted in Rome. Op Facebook schreef Meroni: ‘Alles wat ontbrak in het vaccindebat was het kampnummer 75190.’ Hij verwijderde het bericht nadat woedende raadsleden van de centrumlinkse Partito Democratico publiekelijke verontschuldigingen eisten aan de eenennegentigjarige senator die als dertienjarige naar Auschwitz werd gedeporteerd. 

    Meroni stelde Segre’s bewering dat vaccins ‘de enige uitweg uit de pandemie’ zijn niet op prijs

    Meroni verweerde zich met de opmerking dat hij Segre’s bewering dat vaccins ‘de enige uitweg uit de pandemie’ zijn, niet op prijs stelde, omdat ‘ze geen dokter’ is, en beweerde dat hij ‘dat nummer in plaats van haar naam gebruikte om te voorkomen dat hij van Facebook zou worden verbannen’. Uiteindelijk verontschuldigde hij zich: ‘In dit klimaat van haat raakte ik helaas ook betrokken en probeerde ik mij op een totaal verkeerde manier uit te drukken.’


    Lokale kranten in de VS bedreigd

    Een overnamevoorstel van miljoenen dollars zou ruim twintig lokale kranten in het Amerikaanse Midden-Westen in bezit kunnen brengen van een in New York gevestigd hedgefonds dat bekendstaat om het ‘uitbenen’ van zijn kranten, schrijft Poynter, een lokaal dagblad uit St. Petersburg in Florida. Alden Global Capital wil Lee Enterprises Inc., eigenaar van onder meer de St. Louis Post-Dispatch, de Omaha World-Herald en de Sioux City Journal, kopen voor 24 dollar per aandeel, en dat leidde tot alarm op allerlei redactiekantoren.

    Alden is een hedgefonds dat met dagbladen als The Denver Post en The Mercury News een van de grootste kranteneigenaren is geworden in de Verenigde Staten en het heeft een beruchte reputatie opgebouwd als het gaat om kostenbesparingen en inkrimping van het personeelsbestand. Alden kocht eerder dit jaar Tribune Publishing, eigenaar van kranten als The Chicago Tribune en The Baltimore Sun. Kathy Kiely van de Missouri School of Journalism noemt Aldens voorgestelde aankoop van Lee een ‘ramp voor de democratie‘.


    Bollywoodsterren propageren borstvoeding

    Bollywoodsterren in India liggen onder vuur omdat ze foto’s hebben gepost waarop ze hun baby’s borstvoeding geven. Soms openlijk gesteund door hun man willen actrices en modellen als Neha Dhupia, Amrita Rao, Kareena Kapoor en Soha Ali Khan de manier waarop India denkt over borstvoeding veranderen, aldus South China Morning Post.

    In het conservatieve India, waar elke minuut negenenveertig baby’s worden geboren, heeft borstvoeding in het openbaar nog steeds een stigma; borstvoedende vrouwen worden uitgescholden of overladen met seksueel getinte opmerkingen. Als onderdeel van haar ‘Freedom to Feed’-campagne heeft Dhupia, die in oktober is bevallen van haar tweede baby, foto’s op Instagram geplaatst van zichzelf in een zwangerschapsoutfit terwijl ze haar baby borstvoeding geeft. ‘Het laatste wat nieuwe moeders nodig hebben, is bekritiseerd en bespot te worden. We moeten onze baby’s overal en altijd kunnen voeden’, aldus Dhupia.