Al het VN-personeel moet binnen drie dagen het land verlaten
Venezuela heeft al het personeel van de mensenrechtenmissie van de Verenigde Naties 72 uur gegeven om het land te verlaten. Dat meldt El País. De VN-missie zou volgens de Venezolaanse regering ‘een discours tegen Venezuela in stand houden’.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Daarnaast zou het VN-kantoor zich te nadrukkelijk hebben bemoeid met de gang van zaken rond de aanhouding en verdwijning van mensenrechtenactivist Rocío San Miguel. Zij werd vorige week opgepakt in Venezuela met haar dochter, toen ze op het punt stond het land te verlaten. De Hoge Commissaris voor de Mensenrechten van de VN heeft opgeroepen haar vrij te laten, wat bij Venezuela in het verkeerde keelgat is geschoten.
Ook speelt mee dat de VN al langere tijd zeer kritisch is op de mensenrechtensituatie in Venezuela. Mede door de felle kritiek vanuit de VN zijn de sancties die westerse landen aan de regering van Maduro hebben opgelegd nog altijd niet opgeheven. Venezuela zelf lijkt daar echter ook geen interesse in te hebben, gezien de vele arrestaties van critici van Maduro de afgelopen weken.
Activist Thapelo Mohapi slaakt een hartekreet over de criminalisering van arme mensen in Zuid-Afrika en de noodzaak het vertrouwen te herwinnen in een toekomst voor iedereen. ‘Wij worden kennelijk als uitschot gezien, niet als menselijke wezens. We tellen simpelweg niet mee.’
Een samenleving waarin mensen steeds wanhopiger worden, steeds meer honger lijden en de hoop voor hun land opgeven, wordt allicht gewelddadiger. Dé manier om onze samenleving veiliger te maken, is het vertrouwen in het heden en de hoop voor de toekomst te herwinnen. Overal ter wereld worden armen gecriminaliseerd en, in landen als Brazilië, de VS en Zuid-Afrika, met geweld geregeerd. In Zuid-Afrika, waar de gewelddadige samenleving terecht een punt van grote zorg is, vormt de toenemende criminalisering van de armen een risico voor onze veiligheid.
In de misdaadstatistieken van het laatste kwartaal, vrijgegeven door minister van Politie, Bheki Cele, telt Emfuleni [Kaapse township] het hoogste aantal geregistreerde moorden. Zoals altijd worden de zogenaamde ‘wildgroei aan sloppenwijken’ en zelfs het oude koloniale idee van ‘overbevolking’ als boosdoener bestempeld.
Wij worden kennelijk als uitschot gezien, niet als menselijke wezens
Dit zijn de narratieven waar de media en de rijken mee schermen. Volgens dit narratief horen arme mensen niet in de stad thuis, en wie zijn weg vindt naar de stad en de mogelijkheden die ze biedt, vormt een bedreiging voor de samenleving. Wij worden kennelijk als uitschot gezien, niet als menselijke wezens. We tellen simpelweg niet mee. Er zijn talloze voorbeelden waaruit dit blijkt.
Sloppenwijkbewoners
Zamekile Shangase, die op zoek naar betere kansen vanuit Umzimkhulu naar Durban was getrokken, werd bij operatie ‘laat-je-bonnetje-zien’ [willekeurige huiszoekingen zonder bevelschrift] op 29 juli 2021 in de Durbanse sloppenwijk Lamontville door de politie doodgeschoten. Haar naam werd in de eerste mediaberichten niet eens genoemd. Sowieso kwamen sloppenwijkbewoners in geen enkel nieuwsbericht zelf aan het woord. De politie was onder schot genomen door lokale bendeleden, zo luidde de officiële versie, en in het daaropvolgende vuurgevecht was een naamloze vrouw dodelijk gewond geraakt.
Uiteindelijk bleek de politie helemaal niet te zijn beschoten. Zo werd duidelijk dat het leven van Shangase geen cent waard was, en tevens dat de hele gemeenschap was gecriminaliseerd om een politiedode te rechtvaardigen.
Dit is een wrang voorbeeld van hoe armen als uitschot worden behandeld en gecriminaliseerd. Het gebeurt aan de lopende band. Als we in gelijkheid geloven en in de noodzaak om de waardigheid van alle mensen te respecteren, dan moeten we geen woorden als ‘wildgroei’ gebruiken voor plekken waar mensen neerstrijken in de hoop op een beter bestaan. In dit land wonen miljoenen mensen in sloppenwijken – wereldwijd zelfs meer dan een miljard. Mensen worden er verliefd, er worden kinderen grootgebracht, men scharrelt er zijn kostje bij elkaar, er wordt geleefd.
Zelfs de fatsoenlijke agenten op het bureau kunnen weinig voor ons doen, want het hele systeem werkt tegen ons
Sloppenwijkbewoners moeten gezien worden als mensen die steun verdienen bij de ontwikkeling van hun gemeenschap, niet als een bedreiging. We zijn onderdeel van de samenleving, doen vaak het werk waar de bovenlaag van afhankelijk is, zoals huishoudelijk werk, beveiligingswerk, werk in de bouw. We bouwen de steden en houden ze schoon en veilig. We verdienen evenveel respect als ieder ander. Wanneer we de straat op gaan om gezien en gehoord te worden, worden we nóg erger gecriminaliseerd. We worden in elkaar geslagen en met rubberen kogels beschoten. We worden regelmatig gearresteerd en beschuldigd van ‘publiek geweld’ als we simpelweg naar buiten treden als georganiseerde kracht. Soms worden we in politiecellen gemarteld, om zeep geholpen zelfs. De politie stelt zelden een onderzoek in als onze leiders worden vermoord, en ze komen ook niet in actie als onze onderkomens illegaal van de kaart worden geveegd.
Natuurlijk is geweld en gewelddadige criminaliteit een serieus probleem in Zuid-Afrika. En net als bij alle andere problemen in deze nationale crisis, worden de armen het zwaarst getroffen. Wij hebben geen stenen huizen, hoge muren, alarmsystemen of particuliere beveiliging. Wij zijn altijd kwetsbaar. Maar we krijgen geen steun van de politie. Wanneer we voor onszelf opkomen, worden we juist in de boeien geslagen, en soms mishandeld.
Zelfs de fatsoenlijke agenten op het bureau kunnen weinig voor ons doen, want het hele systeem werkt tegen ons. We hebben aangedrongen op democratisch toezicht op de politie, maar dat komt met de huidige regering natuurlijk nooit van de grond. Het geweld in de samenleving en het inhakken op de onderlaag zal pas verminderen als we de manier waarop de samenleving in elkaar steekt grondig aanpakken.
Respect
Er moet massaal worden geïnvesteerd in de onderkant van de maatschappij, er moet een duidelijk commitment komen om een samenleving te creëren waarin iedereen wordt gerespecteerd, waar kansen worden geschapen voor de miljoenen jongeren die werkloos thuiszitten, en er moet stevig worden opgetreden tegen corruptie. Mensen die zich gerespecteerd voelen en hun geloof in de samenleving en in de toekomst terugvinden, zullen zich minder snel laten meesleuren in een destructieve levensstijl. Het waren de gewone mensen die de apartheid in dit land omverwierpen, niet het ANC in ballingschap.
Toch werden onze ouders, die in 1994 hun leven hadden gewaagd in de strijd, naar huis gestuurd omdat het ANC nu de leiding zou nemen. Ook ngo’s drongen zich naar voren. Toen de armen zich begonnen te roeren en te organiseren, werden ze steevast weggezet als criminelen, of als de ‘derde macht’ die eropuit was de democratie te ondermijnen.
Arm zijn betekent niet dat je brein niet functioneert
Abahlali baseMjondolo, de organisatie waar ik al tien jaar voor werk, was opgezet om dit narratief te veranderen. Vanaf het begin stelt de beweging, die nu meer dan 115.000 leden in vier provincies telt, dat sloppenwijkbewoners voor zichzelf kunnen denken en deel moeten kunnen nemen aan alle besluitvorming die hen aangaat. Arm zijn betekent niet dat je brein niet functioneert. Het betekent alleen dat je geen geld hebt. En we hebben geen geld omdat we de armoede in zijn gejaagd door het kolonialisme en de apartheid, en arm zijn gehouden door het ANC.
Politieke oplossing
Er moet dus een politieke oplossing komen: we moeten de sociale structuren die de armoede in stand houden veranderen, een einde maken aan de onderdrukking door het ANC en de corruptie binnen de partij aanpakken. Een samenleving waarin mensen steeds wanhopiger worden, steeds meer honger lijden en de hoop voor hun land opgeven, waarin mensen nóg cynischer worden over de politie, de regering en de politieke partijen, wordt allicht gewelddadiger. Dehumaniserende taal gebruiken en de politie nog harder op de armen laten inhakken maakt de zaak alleen maar erger.
Dé manier om onze samenleving veiliger te maken, is het vertrouwen in het heden en de hoop voor de toekomst te herwinnen. We hebben een nieuwe politieke visie nodig voor een samenleving die menselijke waardigheid hoog in het vaandel heeft, waar iedereen wordt gewaardeerd en mee mag doen, een samenleving waarin helder is dat armoede het probleem is, niet de armen. Met andere woorden: laten we de strijd aanbinden tegen armoede, dat is dé manier om een samenleving te creëren waarin we allemaal veilig zijn. We zullen blijven vechten voor onze waardigheid, ook al worden we door onze eigen overheid niet als volwaardig beschouwd en ook al worden onze leiders regelmatig opgesloten en vermoord.
We nodigen alle goedgezinde mensen uit zich aan te sluiten bij onze zoektocht naar een uitweg uit de huidige crisis, naar een toekomst waarin ieder mens meetelt en niemand als uitschot wordt behandeld.
Elke week pluist de redactie van 360 een actuele gebeurtenis voor je uit aan de hand van de internationale pers. Deze week kijken we naar het Internationaal Gerechtshof, waar Zuid-Afrika een zaak heeft aangespannen tegen Israël, dat wordt beschuldigd van genocide in Gaza. Hoe historisch is deze zaak en wat zegt het over Zuid-Afrika?
Dit artikel verscheen woensdag in de nieuwsbrief Buiten de grenzen, exclusief voor abonnees. Wil je elke week op de hoogte blijven? Neem dan een (proef)abonnement – al vanaf €5 per maand – op 360 Magazine en abonneer je op de nieuwsbrieven.
Waar draait de zaak om?
Zuid-Afrika is naar het Internationaal Gerechtshof (ICJ) in Den Haag gestapt met de beschuldiging dat Israël genocide pleegt in Gaza. ‘Er zijn [in Gaza] voortdurende meldingen van misdaden tegen de menselijkheid en oorlogsmisdaden die worden gepleegd,’ zei Clayson Monyela, woordvoerder van het Zuid-Afrikaanse ministerie van Internationale Betrekkingen, volgens Voice of America,over de zaak. Clayson wees erop dat er ook bewijs is dat er misdaden worden gepleegd die grenzen aan, of volledig overeenkomen met, wat de Verenigde Naties beschouwen als genocide.
De rechtbank zal niet beslissen of Israël genocide pleegt, maar in plaats daarvan beoordelen of de zaak van Zuid-Afrika sterk genoeg is om voorlopige maatregelen uit te vaardigen die de Palestjinsen moeten beschermen tegen verdere, ernstige en onherstelbare schade, zo benadrukt Time Magazine.Ook wil Zuid-Afrika er via de zaak voor zorgen ‘dat Israël zich houdt aan zijn verplichtingen onder het Genocideverdrag’. Specifiek gezien betekent dit dat Israël niet langer de burgerbevolking in Gaza mag aanvallen, humanitaire hulp moet toelaten en tijdens het offensief tegen Hamas alles moet doen om Palestijnse burgers te beschermen.
Volgens de laatste, niet-geverifieerde cijfers van het Palestijnse ministerie van Volksgezondheid zijn er sinds 7 oktober in Gaza bijna 26.000 mensen omgekomen, waaronder zeker 10.000 kinderen. Nog 8000 mensen worden vermist en liggen waarschijnlijk onder het puin.
Het is pas de vierde keer dat een land een genocidezaak aanspant bij het Internationaal Gerechtshof, dat wordt gezien als de hoogste rechtbank ter wereld, schrijft The New York Times. De eerste keer was in 1993, 44 jaar nadat het Genocideverdrag werd opgesteld. De andere twee werden in de afgelopen vier jaar ingediend: in een zaak uit 2019 tegen Myanmar werd beweerd dat er genocide was gepleegd op de Rohingya-minderheid; in een zaak uit 2022 werd beweerd dat Rusland het Genocideverdrag had misbruikt als voorwendsel voor een illegale invasie in Oekraïne en dat Rusland genocide leek te plannen in Oekraïne.
Tijdens de huidige zaak tegen Israël wees de Zuid-Afrikaanse verdediging op het belang van het stoppen van het geweld in Gaza, aldus de BBC. ‘Dit geweld is niets minder dan de vernietiging van Palestijns leven,’ zei een van de Zuid-Afrikaanse advocaten, Adila Hassin. ‘Hele families van meerdere generaties zullen worden weggevaagd, en nog meer Palestijnse kinderen zullen WCNSF worden – Wounded Child No Surviving Family [Gewond Kind Zonder Nog Levende Familieleden] – het verschrikkelijke nieuwe acroniem dat voortkomt uit de genocidale aanval van Israël’, waarschuwde de Ierse advocaat Blinne Ní Ghrálaigh.
Tal Becker, een Israëlische advocaat, beweerde dat juist Hamas schuldig is aan genocide. ‘Onder het mom van de beschuldiging tegen Israël van genocide wordt deze rechtbank gevraagd om op te roepen tot het beëindigen van operaties tegen een organisatie die een feitelijke genocidale agenda nastreeft.’ Hamas zou als doel hebben om de staat Israël te vernietigen.
Deze week zal er mogelijk al uitspraak worden gedaan, zo schrijft onder meerHaaretzdeze woensdag.
Welke landen steunen Zuid-Afrika?
Dat juist Israël voor het Internationaal Gerechtshof wordt gedaagd is pijnlijk. De stichting van de staat vond plaats na de Holocaust, een gruwelijke genocide op met name de Joodse gemeenschap. Daarnaast is het opmerkelijk welke landen Zuid-Afrika steunen, en wie er achter Israël staat.
‘Israëls oorlog in Gaza legt een steeds diepere kloof in de wereld bloot’, zo koptCNN. ‘Afgezien van het drama in de rechtszaal, zeggen deskundigen dat de verdeeldheid over de oorlog in Gaza symbool staat voor een groeiende kloof tussen Israël en zijn traditionele westerse bondgenoten, met name de Verenigde Staten en Europa, en een groep landen die bekendstaat als het Global South – landen die voornamelijk op het zuidelijk halfrond liggen en vaak worden gekenmerkt door een lager inkomensniveau en een economie in ontwikkeling.’
Wie kijkt naar de landen die Zuid-Afrika steunen, ziet dit beeld terug. Turkije, Jordanië, Brazilië, Colombia, Bolivia, Pakistan en Maleisië behoren tot de landen die Zuid-Afrika publiekelijk steunen, samen met de Organisatie van Islamitische Samenwerking. Deze in Saoedi-Arabië gevestigde organisatie bestaat uit 57 lidstaten, waarvan 48 landen met een moslimmeerderheid.
Indonesië, een van de landen die Zuid-Afrika steunen, heeft volgens Middle East Monitor daarnaast zelf een zaak aangespannen tegen Israël bij het Internationaal Gerechtshof. Het land wil Israël verantwoordelijk houden voor zijn ‘beleid en praktijken’ in de bezette Palestijnse gebieden.
Een interessante rol is er voor Duitsland, dat nog steeds met een historisch schuldgevoel jegens Israël lijkt te kampen. Nadat de zaak begon, kondigde Duitsland aan dat het namens Israël zou interveniëren als derde partij in de zaak. In een verklaring zei de Duitse regering dat ze tegen een ‘politieke instrumentalisering’ van het Genocideverdrag waren, en dat ze de beschuldiging van genocide aan het adres van Israël verwierpen, zo schrijftDeutsche Welle.
Daarop volgde een interessante steunbetuiging aan Zuid-Afrika door Namibië, een land dat door Duitsland werd gekoloniseerd en waar volgens historici de eerste genocide van de twintigste eeuw plaatsvond, zo schrijft Foreign Policy. Volgens de Namibische president Hage Geingob mag Duitsland zich niet ‘moreel uitspreken voor het Genocideverdrag van de Verenigde Natiese, zonder boete te doen voor de genocide in Namibië’.
Vrijwel alle Europese landen steunen Israël. Maar één land wijkt, opvallend gezien, af: België. Brigitte Herremans, een postdoctoraal onderzoeker aan het Mensenrechtencentrum van de Universiteit van Gent in België, zei tegen Al Jazeera dat België traditioneel sterke standpunten inneemt over het internationaal recht met betrekking tot het conflict in het Midden-Oosten. ‘Dat heeft te maken heeft met de eigen geschiedenis van België van historische bezetting door buitenlandse mogendheden,’ aldus Herremans.
Waarom spant juist Zuid-Afrika deze zaak aan?
Dat juist Zuid-Afrika deze zaak heeft aangespannen, is allesbehalve verrassend. ‘Voor Zuid-Afrika is het verdedigen van Palestina een persoonlijke kwestie’, zo schrijft Open Democracy. Er is sprake van een historische relatie tussen het Afrikaans Nationaal Congres (ANC), dat momenteel Zuid-Afrika regeert, en de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (PLO).
De apartheid in Zuid-Afrika, tussen de witte en de zwarte bevolking, en die in de staat Israël, tussen Joden en Arabieren, ontstonden allebei rond 1948. Arabische Palestijnen en zwarte Zuid-Afrikanen werden door een groot deel van de internationale gemeenschap lange tijd als paria’s beschouwd. En de voormalig Zuid-Afrikaanse legendarische president Nelson Mandela was een goede vriend van de voormalig Palestijnse leider Yasser Arafat en zei ooit dat de vrijheid van Zuid-Afrika pas compleet zou zijn als de Palestijnen ook vrij zouden zijn.
Nesrine Malik, een Soedanees columnist, schrijft hierover inThe Guardian: ‘De betekenis van het feit dat Zuid-Afrika – een icoon van de verwoestingen als gevolg van kolonialisme, kolonisatie en apartheid — deze zaak aanspant, kan niemand ontgaan. Het land staat symbool voor een enorme raciale onrechtvaardigheid, die te rauw en recent is om als verre geschiedenis te worden afgedaan. In de figuur van Nelson Mandela schuilt een suggestief voorbeeld van morele helderheid die niet is aangetast door het feit dat hij vervolgd werd. Het is geen verrassing dat de steun voor Zuid-Afrika volledig afkomstig is uit landen in het zuiden van de wereld.’
Voor de VN, het Internationaal Gerechtshof en de hele internationale gemeenschap staat er veel op het spel. Een uitspraak kan invloed hebben op de manier waarop andere landen met Israël omgaan, schrijftFinancial Times; ‘ze zouden bijvoorbeeld minder bereid zijn om wapens aan Israël te verkopen en meer bereid zijn om sancties op te leggen’.
‘Het Genocideverdrag is het allerbelangrijkste verdrag. Genocide is de misdaad der misdaden. Het is dus een zeer explosief moment,’ zegt Sheila Paylan, een expert op het gebied van internationaal recht en mensenrechten tegen FT.
Voor het ICJ zelf staat er ook veel op het spel. Chimène Keitner, hoogleraar internationaal recht aan de universiteit van Californië Davis School of Law, zegt tegen de zakenkrant dat gezien de verlamming van de VN-Veiligheidsraad, staten zich steeds meer wenden tot andere internationale instanties, zoals het Internationaal Gerechtshof, om zich uit te spreken over humanitaire kwesties. ‘Het zou uiteindelijk de invloed van het Hof kunnen vergroten, maar er is ook een risico dat het Hof steeds meer betrokken raakt bij allerlei zaken, waardoor het beschuldigd zou kunnen worden van politisering,’ aldus Keitner.
Burgers en militairen zouden Maduro hebben willen ombrengen
De Venezolaanse autoriteiten hebben 32 burgers en militairen gearresteerd na een maandenlang onderzoek omdat ze deel zouden hebben uitgemaakt van een door de VS gesteunde ‘samenzwering’ om president Nicolás Maduro te vermoorden. Dat schrijft El País.Alle verdachten zouden hebben bekend.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Volgens de Venezolaanse procureur-generaal Tarek William Saab, een fervent aanhanger van Maduro, zijn de 32 arrestanten beschuldigd van landverraad en ‘veroordeeld voor hun misdaden’. Tegen nog elf anderen, waaronder mensenrechtenactivisten en journalisten, zijn arrestatiebevelen uitgevaardigd.
Vanuit regeringskringen is er ook een video vrijgegeven die zou aantonen dat oppositieleider María Corina Machado bij het complot betrokken zou zijn. Machado geldt als een belangrijk tegenstander van Maduro bij de verkiezingen later dit jaar, hoewel ze voorlopig nog niet mag meedoen door een veroordeling vanwege vermeende corruptie.
Ondanks de winst van de democratische oppositie tijdens de recente parlementsverkiezingen blijft abortus een brandende kwestie in Polen. De ngo’s willen dat er een eind komt aan de strafbaarheid.
JUSTYNA WYDRYŃSKA, WIE IS ZIJ?
Justyna Wydrzyńska is een van de oprichters van het Abortion Dream Team, een collectief dat zich ervoor inzet dat alle vrouwen die een abortus willen daartoe de mogelijkheid krijgen. In maart 2023 werd ze tot acht maanden taakstraf veroordeeld omdat ze een zwangere vrouw had geholpen bij het verkrijgen van een abortuspil, iets wat verboden is in Polen. Ze is in beroep gegaan tegen het vonnis.
Wat eist Amnesty?
Intrekking van de aanklacht. Een eind aan de vervolging van en repressiemaatregelen jegens Justyna Wydrzyńska.
In Polen dreigt het een kwestie van lange adem te worden om abortus te legaliseren tot de twaalfde zwangerschapsweek, ook al bestaat daarvoor een meerderheid bij de drie democratische oppositiepartijen die half december een regering hopen te kunnen vormen. De conservatieve PiSpartij die de afgelopen acht jaar aan de macht is geweest heeft, met hulp van het sterk gepolitiseerde constitutionele hof, kans gezien om met ingang van januari 2021 ook abortus te verbieden wanneer er sprake is van ernstige misvorming van de foetus. Toen dit voornemen in oktober 2020 bekendgemaakt werd, gingen tienduizend Polen wekenlang de straat op.
Compromis
De partij Nieuw Links en de Burgercoalitie onder leiding van voormalig premier Donald Tusk hadden van de legalisering van abortus een campagnebelofte gemaakt, maar dat was buiten het onverwachte succes gerekend van de Derde Weg, een coalitie van de Boerenpartij en de christendemocraten, die beide voorstander zijn van het sinds 1993 gangbare ‘compromis’ dat alleen zwangerschapsonderbreking toestaat wanneer er sprake is van verkrachting, gevaar voor het leven van de zwangere vrouw of een ernstige en onomkeerbare misvorming van de foetus.
Het coalitieakkoord van 10 november jongstleden, dat is ondertekend door de drie oppositiepartijen, volstaat met een algemene verklaring over het herroepen van het besluit van het constitutionele hof uit 2020, constateert de linkse informatiesite Oko.press spijtig. De peilingen zijn desondanks duidelijk: bij een onderzoek van bureau Ipsos afgelopen maart verklaarde 75 procent van de ondervraagden ja te zullen stemmen in het geval van een referendum over legalisering. Bij een enquête afgelopen november verklaarde 35 procent van de ondervraagden vóór legalisering van abortus tot de twaalfde week te zijn, terwijl maar 21 procent voor een terugkeer naar het compromis van 1993 was.
‘Er zal ongetwijfeld druk op onze coalitiepartners worden uitgeoefend door vrouwenorganisaties en een deel van de media’
Nieuw Links heeft daarom op 14 november twee wetsvoorstellen ingediend: het eerste behelst legalisering van abortus tot de twaalfde week van de zwangerschap, het tweede het niet langer strafbaar stellen van hulp bij abortus, waarop krachtens artikel 152 van het Poolse wetboek van strafrecht maximaal drie jaar gevangenisstraf staat.
Dit artikel heeft er in maart 2023 toe geleid dat activiste Justyna Wydrzyńska tot een taakstraf van acht maanden werd veroordeeld wegens het verlenen van hulp bij een abortus. ‘Dit is een test (…). Er zal ongetwijfeld enorme druk op onze coalitiepartners worden uitgeoefend door vrouwenorganisaties en een deel van de media,’ zegt een linksgeoriënteerde woordvoerder in het Poolse economische dagblad Gazeta Prawna. Maar er is hoop, benadrukt het liberale dagblad Gazeta Wyborcza, omdat de Derde Weg niet van plan is fractiedwang uit te oefenen bij een stemming over het wetsvoorstel.
Decriminalisering
Toch blijft moeilijk te voorspellen of president Andrzej Duda, die tot de PiSpartij behoort, zo’n wetsvoorstel niet met een veto zal blokkeren. Wel is het mogelijk dat hij zal instemmen met een ‘volledige decriminalisering’ van abortus. Reden voor kamerlid Katarzyna Kotula van Nieuw Links om in Gazeta Wyborcza van ‘een nieuw compromis’ te spreken in afwachting van de presidentsverkiezing van 2025.
GOED NIEUWS
De hiervoor beschreven campagnes hebben hun vruchten afgeworpen.
Een van de heuglijke nieuwtjes is de vrijlating van Yasaman Aryani in Iran. Deze jonge activist had haar sluier afgedaan terwijl ze witte bloemen uitdeelde in een voor vrouwen gereserveerde treinwagon. Een filmopname daarvan ging in maart 2019 viral. Een maand later werd ze gearresteerd en tot zestien jaar gevangenisstraf veroordeeld wegens ‘het aanzetten tot zedenbederf en prostitutie’. Afgelopen februari en maart zijn Yasaman, haar moeder en andere vrouwelijke verdedigers van de mensenrechten vrijgelaten.
Ook Mohamed El-Baqer is vrijgelaten. Deze Egyptische mensenrechtenadvocaat was in 2019 het slachtoffer van valse beschuldigingen van terrorisme. Daarna werd hij in 2021 veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf wegens ‘het verspreiden van nepnieuws’. Hij is in juli 2023 vrijgelaten nadat hij bijna vier jaar in een optimaal beveiligde gevangenis had gezeten.
De Braziliaanse politie doodt vaak mensen die zwart zijn of in volksbuurten wonen, maar justitie maakt nauwelijks werk van de vervolging van de betrokken agenten.
ANA MARIA SANTOS CRUZ, WIE IS ZIJ?
Ana Maria Santos Cruz, een zwarte vrouw en verdediger van de mensenrechten, heeft haar zoon Pedro Henrique verloren. Deze werd volgens haar partner, die getuige was van het misdrijf, vermoord door de politie. Hij had ‘vredesmarsen’ georganiseerd om te protesteren tegen het politiegeweld. Op 27 december 2018 werd hij vermoord. De agenten die van de moord worden verdacht zijn in 2019 in staat van beschuldiging gesteld maar nog altijd in actieve dienst. Het onderzoek naar deze moord is nog niet afgerond. Ana Maria Santos Cruz zet zich ervoor in dat de betrokkenen verantwoordelijk worden gesteld.
Wat eist Amnesty?
Een onafhankelijk, onpartijdig en diepgaand onderzoek naar de dood van Pedro Henrique, gevolgd door gerechtelijke actie.
Dat de politiemensen die de zoon van Ana Maria Santos Cruz hebben gedood zes jaar na dato nog altijd niet zijn berecht, illustreert hoe dramatisch de situatie is in de Braziliaanse deelstaat Bahia, waar de meeste doden vallen door toedoen van de politie: volgens gegevens van het Braziliaanse forum voor openbare veiligheid, die zijn overgenomen door de Braziliaanse redactie van het meertalige tv nieuwsnetwerk Deutsche Welle, heeft de politie in 2022 in Bahia 1464 slachtoffers gemaakt, vier keer zoveel als in 2015; het overgrote merendeel was van Afro-Braziliaanse afkomst.
Terwijl minstens tien criminele bendes om de controle over de regio vechten, kiest de deelstaatregering, die al bijna twee decennia wordt gevormd door de Arbeiderspartij (PT) van de linkse president Lula, voor een gewapende confrontatie als voornaamste middel om de openbare veiligheid te beschermen, wat vooralsnog niet tot een afname van de drugshandel heeft geleid, aldus BBC News Brasil.
Politie
In deze context worden dodelijke interventies ‘als een criterium voor de doeltreffendheid van de politie beschouwd’, zegt Samuel Vidal, hoogleraar aan de Federale Universiteit van Bahia. Deze voormalige plaatselijke PTleider legt uit dat hij in 2015 de partij heeft verlaten na een politieoperatie in een buitenwijk van Salvador, de hoofdstad van Bahia, waarbij twaalf jongeren werden gedood. Negen agenten werden verantwoordelijk gesteld voor de dood van de slachtoffers, maar een proces heeft nog altijd niet plaatsgevonden. De deelstaatregering bestempelde de interventie destijds als ‘doortastend’.
Er zijn vorig jaar in het hele land 6430 mensen door politiehanden gedood en was 83 procent van hen zwart
Volgens een telling van het Braziliaanse forum voor de openbare veiligheid zijn er vorig jaar in het hele land 6430 mensen door politiehanden gedood en was 83 procent van hen zwart. Een woordvoerder van het forum sprak in de krant O Tempo van ‘selectief geweld’: volgens hem zijn agenten geneigd agressief op te treden wanneer ze denken dat ze daarvoor niet zullen worden bestraft.
Deze straffeloosheid houdt volgens hem rechtstreeks verband met het profiel van de slachtoffers, die over het algemeen zwart zijn en afkomstig uit volksbuurten, en die voor hun verdediging meestal zijn aangewezen op openbare instanties. Maar er bestaat volgens hem een heel netwerk van medeplichtigheid dat begint bij de politie en eindigt bij de rechtbanken, omdat de officieren van justitie, die zich over dit soort gebeurtenissen zouden moeten buigen, maar zelden aanklachten in behandeling nemen en daar bovendien nauwelijks vervolg aan geven.
Bodycams
Zeven Braziliaanse deelstaten hebben inmiddels besloten hun politiemensen uit te rusten met bodycams, en tien andere regio’s experimenteren daarmee. Daarnaast bereidt het Braziliaanse ministerie van Justitie een nationaal protocol voor dat volgens het dagblad Correio Braziliense zo snel mogelijk in het hele land moet worden uitgerold. ‘De tijd dringt,’ besluit de krant.
Chaïma Issa zit gevangen omdat ze zou hebben deelgenomen aan ‘een complot tegen de staatsveiligheid’. De dichter en journalist strijdt tegen het beleid van president Kaïs Saïed, dat volgens haar haat en verdeeldheid zaait.
Deze activist behoort tot het Front de salut national, een van de partijen die oppositie voeren tegen de Tunesische regering. In juli 2021 kwam ze als een van de eersten in opstand tegen president Kaïs Saïed toen deze zijn besluit meedeelde om het parlement buitenspel te zetten, de premier te ontslaan en de uitvoerende macht in eigen hand te nemen. Ze werd in februari 2023 gearresteerd wegens deelname aan een ‘complot’. Ook wordt ze vervolgd vanwege uitspraken op de radio.
Wat eist Amnesty?
Onmiddellijke opheffing van alle beperkingen waaraan Chaïma Issa is blootgesteld en alle aanklachten die tegen haar zijn ingediend. Het afzien van nieuwe maatregelen die haar vrijheid van meningsuiting beperken.
De dichter en journalist Chaïma Issa is een onafhankelijk lid van de belangrijkste Tunesische oppositiebeweging, het Front de salut national (FSN). Ze was de enige vrouw die op 25 februari 2023 werd vastgezet in het kader van het zogeheten ‘complot tegen de staatsveiligheid’, waaraan politieke activisten, zakenmensen, de voormalige leider van de islamistische Ennahda-partij en ambtenaren zich zouden hebben schuldig gemaakt.
Op 13 juli jongstleden heeft de rechter-commissaris het verzoek om invrijheidstelling ingewilligd dat ze samen met een andere politieke activist, de advocaat en voormalig minister Lazhar Akremi, had ingediend. Toch blijven de twee onder justitieel toezicht staan en is het hun verboden te reizen en zich in het openbaar te vertonen. Ook al is dit besluit juridisch onverklaarbaar, het vloeit voort uit dezelfde logica op grond waarvan Chaïma is gevangengenomen. Er blijkt uit op welke manier autoritaire regimes politieke tegenstanders vaak laten boeten.
Vernederingen
Chaïma Issa’s verhaal laat zien hoe agressief de Tunesische staat is geworden en hoe absurd en willekeurig de getroffen maatregelen zijn. Op de vraag hoe haar leven eruitzag sinds haar vrijlating uit de gevangenis beschreef de activiste haar situatie als ‘tweeslachtig’. Ze zei dat ze zich niet helemaal vrij voelde, omdat haar medestanders nog altijd vastzitten. Dit toont aan hoe ingewikkeld het is om na een periode van langdurige gevangenschap te re-integreren. Tijdens het interview kwamen ook de beproevingen ter sprake die Chaïma en haar familie tijdens haar gevangenschap hebben moeten doorstaan.
De vernederingen, de agressie en de leugens die over haar werden verteld hebben diepe littekens achtergelaten. Chaïma werd met een brute werkelijkheid geconfronteerd die in niets leek op de vrijheid die ze altijd had gekend. Ze herinnert zich met name twee momenten die diepe indruk op haar hebben gemaakt. Het eerste was toen ze haar bril afpakten, een symbolische handeling die haar deed beseffen dat ze geen controle meer had over haar eigen leven. Het tweede moment was tijdens een fouillering, toen ze zich onder dwang moest uitkleden en haar, onder andere, bevolen werd te hoesten.
Ze houdt vol dat zij en veel van haar collega’s gevangen werden gezet omdat ze opkwamen voor de vrijheid
In Tunesië, waar veel families een dierbare achter de tralies hebben zitten, is Chaïma Issa vastbesloten de onrechtvaardigheden van het gevangenissysteem aan te vechten. Ze is ervan overtuigd dat de gevangenis geen oplossing kan zijn, omdat ze met eigen ogen heeft gezien dat de mensenrechten met voeten worden getreden. Daarnaast blijft Chaïma zich hardnekkig verzetten tegen de afkondiging van de uitzonderingstoestand die plaatsvond op 25 juli 2023, iets wat ze onveranderlijk als een ‘staatsgreep’ bestempelt. Ze heeft geen goed woord over voor het polariserende beleid van de staat en van president Kaïs Saïed, dat volgens haar verdeeldheid en haat zaait, zowel jegens buitenlanders als jegens landgenoten.
In een politieke context waarin de oppositie zwaar op de proef wordt gesteld, blijft Chaïma hameren op de noodzaak om de dialoog te hervatten, ook al wordt de democratie gedemoniseerd, en benadrukt ze dat het staken van de strijd tegen de politieke islam tot de huidige situatie heeft geleid. Verder werpt ze de beschuldiging dat ze zou samenzweren met buitenlandse mogendheden verre van zich en wijst ze op de flagrante tegenstrijdigheden daarin; ze houdt vol dat zij en veel van haar collega’s gevangen werden gezet omdat ze opkwamen voor de vrijheid en gezamenlijk oppositie voerden tegen Kaïs Saïed, een president die verdeeldheid boven verzoening heeft verkozen
Ahmed Mansoor, een van de bekendste verdedigers van mensenrechten, zit een straf van tien jaar uit op 60 kilometer van waar COP28 plaatsvond. Bij de vorige klimaattop in Egypte werden activisten zoals hij grotendeels monddood gemaakt.
AHMED MANSOOR, WIE IS HIJ?
De dichter en blogger Ahmed Mansoor documenteert sinds 2006 hoe het met de mensenrechten in de VAE is gesteld. In maart 2017 werd hij door de veiligheidsdienst van de Emiraten gearresteerd. Meer dan een jaar lang wist niemand, ook zijn familie niet, waar hij werd vastgehouden. In mei 2018 werd Ahmed Mansoor veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf, met name wegens ‘grove belediging van de Verenigde Arabische Emiraten en hun symbolen’. Sindsdien zit hij in isolement en heeft niet het recht om te lezen, televisie te kijken of buitenruimtes te betreden. Hij zit opgesloten in een cel zonder bed of matras, heeft geen toegang tot medische zorg en mag zijn familie niet zien.
Wat eist Amnesty?
Zijn onvoorwaardelijke vrijlating en het annuleren van zijn straf. En in afwachting van zijn vrijlating: garanties over de omstandigheden van zijn detentie, die moeten voldoen aan de internationale normen, zonder marteling of mishandeling.
Afgevaardigden uit de hele wereld komen samen in Dubai, in de Verenigde Arabische Emiraten (VAE) voor de 28e VN-top over het klimaat, COP28 (van 30 november tot 13 december). Het gastland gaat er prat op ‘een van de meest tolerante en inclusieve landen ter wereld’ te zijn en beweert dat zijn grondwet de mensenrechten verdedigt. Maar de behandeling die een van de gedetineerden in de Al Sadr gevangenis krijgt (op nauwelijks 60 kilometer van Expo City, waar de top wordt gehouden) getuigt van een heel andere werkelijkheid.
Deze man is Ahmed Mansoor, en hij zit er gevangen sinds 2017, vrijwel zonder contact met de buitenwereld; hij zit een onrechtvaardige straf van tien jaar uit voor zijn vreedzame oppositie tegen het regime. Hij is de bekendste verdediger van de mensenrechten in de VAE, een federatie van zeven semiautonome emiraten waar de burgermaatschappij tot zwijgen gebracht wordt en de burgers geen enkele invloed hebben op de benoeming van hun leiders.
Tragisch lot
Bepaalde gezagsdragers in de Emiraten zijn er duidelijk op uit elke poging om tijdens de top de aandacht te vestigen op het tragische lot van Ahmed Mansoor – en de andere politiek gevangenen – in de kiem te smoren. Het National Climate Information Center, een in Londen gevestigde non-profitorganisatie, heeft in september de inhoud openbaar gemaakt van een vergadering van hoge lokale functionarissen ter voorbereiding op COP28.
Volgens het artikel suggereerde een van de deelnemers met name om de debatten over mensenrechten die geen verband houden met klimaatverandering af te kappen, om te voorkomen dat de top ‘een podium wordt om (hun) van alles en nog wat te verwijten’.
De staat voerde een campagne van repressie tegen iedereen die zijn mening durfde te uiten
Voor de internationale gemeenschap blijft de top niettemin een uitstekende gelegenheid om aandacht te vragen voor de deplorabele situatie van de mensenrechten in de VAE en in de eerste plaats de vrijlating te eisen van Ahmed Mansoor. Deze 53-jarige ingenieur en dichter, vader van vier kinderen, heeft gestudeerd in Boulder, aan de universiteit van Colorado, waar hij in 1999 afstudeerde om vervolgens naar zijn geboorteland terug te keren.
Volgens Human Rights Watch begon hij zich in 2006 in te zetten voor de mensenrechten door de vrijlating te eisen van twee landgenoten die gevangenzaten wegens op internet gepubliceerde commentaren. Vervolgens voerde hij actie tegen een wetsvoorstel dat beoogde de vrijheid van meningsuiting in de media te beperken – en het voorstel werd opgeschort.
Publieke belediging
In 2011 zat hij zes maanden vast omdat hij een petitie had opgesteld waarin om democratische hervormingen werd gevraagd. De rechter veroordeelde hem tot drie jaar gevangenisstraf wegens ‘publieke belediging’ van het regime, maar dankzij internationale druk werd hij eerder vrijgelaten. In de loop van de daarop volgende jaren presenteerde hij zich als ‘de laatste verdediger van de mensenrechten die nog actief is’ in de VAE, aangezien alle anderen gearresteerd en gevangengezet zijn. De staat voerde inderdaad een campagne van repressie tegen iedereen die zijn mening durfde te uiten: activisten, rechters, advocaten, universitair docenten, journalisten, en niet te vergeten studenten.
Hij heeft meer dan een jaar moeten wachten voordat hij een advocaat kon spreken
Ahmed Mansoor werd opnieuw gearresteerd in 2017. Zijn naasten wisten niet waar hij gevangenzat en hij heeft meer dan een jaar moeten wachten voordat hij een advocaat kon spreken. De eerste artikelen over zijn arrestatie meldden dat hij beschuldigd werd van het publiceren van ‘foute informatie’ om ‘haat en sektarische rellen aan te wakkeren’ en ‘de reputatie van de staat’ te ‘besmeuren’. Maar een officiële aanklacht is nooit bekendgemaakt.
Volgens een bron dicht bij het door Human Rights Watch onderzochte dossier zou Ahmed Mansoor in maart 2018 berecht zijn op basis van een uit zes punten bestaande aanklacht. Op vijf punten werd hij schuldig bevonden, allemaal in verband met zijn inzet voor de mensenrechten, met name zijn tweets waarin hij onrechtvaardigheden aan de kaak stelde, zijn daaropvolgende deelname aan internationale conferenties over dit onderwerp en zijn e-mailwisselingen en whatsappberichten met vertegenwoordigers van Human Rights Watch en het Gulf Center for Human Rights.
Hongerstaking
Zijn veroordeling in eerste instantie en zijn beroep daartegen zijn achter gesloten deuren behandeld. Hij heeft herhaaldelijk geklaagd dat eerste levensbehoeften hem werden onthouden, dat hij in isolatie werd gezet en slechts heel zelden familiebezoek mocht ontvangen. In 2019 is hij tweemaal in hongerstaking gegaan.
Tijdens COP27, vorig jaar in Sharm ElSheik, in Egypte, werden de activisten voor burgerrechten grotendeels monddood gemaakt. En de VAE lijken dezelfde weg te willen volgen. De beste manier om verzet te bieden tegen deze repressie blijft het aangrijpen van elke gelegenheid om aandacht te vragen voor ‘de laatste verdediger van de mensenrechten in de Emiraten’.
De vrijheid van meningsuiting is altijd in gevaar. Op alle continenten. Dit dossier is gewijd aan de activisten die door Amnesty International naar voren geschoven zijn; van Tunesië tot Canada en Polen, vervolgd omdat ze zich uitgesproken hebben.
Fujimori zat straf uit wegens misdaden tegen de menselijkheid
Alberto Fujimori, voormalig president van Peru (1990-2000), werd gisteren vrijgelaten uit de gevangenis. Dat meldt La República. De 85-jarige Fujimori zat sinds 2009 een straf uit van 25 jaar wegens misdaden tegen de menselijkheid. Onlangs kreeg hij een humanitair pardon vanwege zijn slechte gezondheid.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Het Constitutionele Hof van Peru had zijn onmiddellijke vrijlating bevolen, ondanks een resolutie van het Inter-Amerikaanse Hof voor de Mensenrechten tegen zijn vrijlating. Hij verliet de Barbadillo-gevangenis vergezeld van zijn kinderen – zijn zoon Kenji, een zakenman, en zijn dochter Keiko, die drie keer zonder succes een gooi had gedaan naar het presidentschap.
‘Fujimori blijft een zeer omstreden figuur in Peru’, schrijft The Guardian. Door aanhangers wordt hij geprijsd voor het uitroeien van de maoïstische beweging Lichtend Pad en het weer op gang brengen van de economie na een periode van hyperinflatie. Vele anderen zijn van mening dat hij het land leidden als een dictator. Zijn regeerperiode werd gekenmerkt door wijdverspreide mensenrechtenschendingen en welig tierende corruptie.
Joan Jara zette zich haar leven lang in voor mensenrechten
De Britse danseres, choreograaf en mensenrechtenactivist Joan Jara, weduwe van de overleden Chileense volkszanger Víctor Jara, is maandag op 96-jarige leeftijd overleden, zo schrijf La Tercera. Joan Jara werd na de dictatuur van Augusto Pinochet een symbool van verzet door haar niet aflatende streven naar gerechtigheid voor haar man, die in de eerste dagen na de staatsgreep van 1973 werd gemarteld en vermoord.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Vanuit het Verenigd Koninkrijk, waar Joan Jara tijdens de dictatuur in ballingschap woonde, speelde ze een cruciale rol in het internationaal aankaarten van de gruwelen die zich in Chili ontvouwden onder het regime van Pinochet. In 2016 was ze een belangrijke getuige in het civiele proces tegen de voormalig Chileense legerofficier Pedro Barrientos, die uiteindelijk werd veroordeeld voor de dood van Víctor Jara.
Op maandag verzamelden zich honderden rouwenden bij het Centro de Danza Espiral, een dansschool die Joan oprichtte met haar eerste man, de Chileense choreograaf Patricio Bunster. De linkse president van Chili, Gabriel Boric, prees haar als ‘een vrouw die een halve eeuw heeft gestreden voor gerechtigheid, die ons een onuitwisbare erfenis nalaat op het gebied van kunst en de verdediging van mensenrechten’.
Het ministerie van Volksgezondheid waarschuwt daarvoor
De gezondheidszorg in de Gazastrook staat volledig op instorten. Dat meldt het ministerie van Volksgezondheid van Gaza volgens Al Jazeera woensdag. Door een gebrek aan brandstof zullen de generatoren van de ziekenhuizen binnen 24 uur stoppen met draaien, waardoor er geen medische hulp meer kan worden verleend aan de duizenden gewonden in het gebied.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
‘We hebben het over een volledige ineenstorting van het gezondheidssysteem, dat niet meer in staat is om te gaan met het grote aantal gewonden dat bij de ziekenhuizen aankomt,’ zei een woordvoerder. Een derde van de ziekenhuizen in de Gazastrook is al niet operationeel en een groot deel van de medische klinieken is gesloten.
Meerdere mensenrechtenorganisaties hebben de noodklok geluid over het gebrek aan noodhulp voor Gaza. Onder meer de WHO, de VN en Amnesty International wijzen erop dat de gevolgen van het niet toelaten van voedsel, drinkwater en medicijnen catastrofaal kunnen zijn voor de inwoners van Gaza.
De twee journalisten kregen straffen tot dertien jaar
Een Iraanse rechtbank heeft twee journalisten veroordeeld tot jarenlange gevangenisstraffen vanwege hun verslaggeving van de dood van Mahsa Amini. Dat meldt Al Jazeera. Niloofar Hamedi en Elaheh Mohammadi kregen 13 en 12 jaar gevangenisstraf, en werden beschuldigd van samenwerking met de Amerikaanse overheid en handelen tegen de nationale veiligheid.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Beide journalisten zitten vast sinds september vorig jaar. Hamedi werd gearresteerd nadat ze een foto had genomen van Amini’s ouders, die elkaar omhelsden in een ziekenhuis in Teheran waar hun dochter in coma lag, en Mohammadi nadat ze verslag had gedaan van Amini’s begrafenis in haar Koerdische woonplaats Saqez, waar de protesten begonnen.
De dood van de 22-jarige Amini, die in coma raakte nadat ze was aangevallen door de zedenpolitie omdat ze de islamitische kledingvoorschriften zou hebben overtreden, zorgde voor maanden van massaprotesten in heel Iran.
De dood van Amini zorgde voor een golf van protesten in Iran
Mahsa Amini, de 22-jarige Koerdisch-Iraanse vrouw wiens dood een golf van protesten in Iran op gang bracht, heeft de Sacharovprijs, de hoogste mensenrechtenprijs van de Europese Unie, gekregen. Dat meldt Deutsche Welle. Volgens de voorzitter van het Europees Parlement, Roberta Metsola, verdedigde zij ‘mensenrechten en fundamentele vrijheden’.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
‘De wereld heeft het gezang ‘Vrouwen, Leven, Vrijheid’ gehoord. Drie woorden die een verzamelnaam zijn geworden voor iedereen die opkomt voor gelijkheid, waardigheid en vrijheid in Iran,’ zei Metsola. Amini werd vorig jaar in Teheran gearresteerd door de Iraanse zedenpolitie, omdat ze zich niet aan de hijab-regels van het land zou hebben gehouden. Drie dagen later overleed ze.
Ooggetuigen zeiden dat Amini werd geslagen werd toen ze een politiebusje instapte. Ze raakte daarna in coma. De Iraanse autoriteiten hebben altijd alle de verantwoordelijkheid ontkend en schreven Amini’s dood toe aan een hartaanval.
In Europa staat het aanpakken van immigratie weer hoog op de politieke agenda, ook als de methodes die landen daarvoor gebruiken in strijd zijn met mensenrechten en internationale verdragen. ‘Opsluiting of arrestatie van onschuldige mensen en mishandeling aan de grenzen worden steeds normaler.’
Een drijvend schip dat aandoet als een gevangenis om asielzoekers te huisvesten in het VK. Megakampen in Griekenland waar vluchtelingen worden opgejaagd door de lokale bevolking en in de smerigste troep hun zelfbeheersing verliezen. Kooien in Bulgarije.
De omstandigheden zijn anders, maar ze dienen eenzelfde doel: de migratiestromen indammen. Deze maatregelen moeten voorkomen dat mensen – op zoek naar veiligheid of een kans op welvaart – Europa bereiken, en ze zijn de afgelopen jaren steeds intensiever geworden. Opsluiting of arrestatie van onschuldige mensen en mishandeling aan de grenzen is steeds normaler geworden. Er zijn wetten aangenomen – in Denemarken bijvoorbeeld – die de autoriteiten toestaan al het geld en alle waardevolle spullen van migranten in beslag te nemen, met uitzondering van trouwringen. De duizenden doden op zee – het raakt ons steeds minder.
‘Sinds het begin van deze eeuw heeft Europa een reeks maatregelen ontwikkeld die in strijd zijn met de meest fundamentele grondslagen van de mensenrechten, terwijl Europa sinds de Tweede Wereldoorlog belangrijk is geweest voor het opstellen van die mensenrechten,’ zegt Pablo Ceriani, lid van het VN-Comité voor de bescherming van de rechten van arbeidsmigranten. Het beleid van bestraffing – dat niet geldt voor miljoenen Oekraïners die zich op het continent hebben gevestigd – wordt toegepast op Europese bodem, en ook in landen waar het leven van een vluchteling zoveel waard is als zijn familie of de EU ervoor overheeft.
In Libië is de transit van migranten een vorm van moderne slavenhandel geworden
In Libië is de transit van migranten een vorm van moderne slavenhandel geworden: migranten worden geïnterneerd, gemarteld en gedood met medeweten van Europese instellingen die een kustwacht hebben opgezet en gefinancierd die deze sadistische praktijken voedt. In Tunesië, dat het belangrijkste vertrekpunt naar Europa is geworden, is de strijd tegen zwarte mensen geïnstitutionaliseerd. Marokko, dat met succes aast op Europees geld, vuurt met geweren op boten, zo vertelden overlevenden na aankomst in Spanje.
Een internationaal wettelijk kader, ondertekend door 145 landen, is al 72 jaar van kracht en garandeert de rechten van mensen die op zoek zijn naar een toevluchtsoord. Maar door de grote aantallen vluchtelingen worden de waarden waarop deze regels zijn geïnspireerd op de proef gesteld – volgens een rapport van de UNHCR waren eind 2022 108,4 miljoen mensen gedwongen op de vlucht. Toch is Europa lang niet de belangrijkste bestemming voor mensen die een toevluchtsoord zoeken.
‘De grootste uitdaging voor Europa betreft mensen die hun land moeten verlaten op zoek naar veiligheid,’ stelt Ceriani. ‘Het Europese beleid draagt niet bij aan het beteugelen van de menselijke mobiliteit en nog minder aan het ontmoedigen van migratie via irreguliere routes. Het draagt echter wel bij aan een dramatische toename van het aantal sterfgevallen en verdwijningen,’ aldus de deskundige.
FINLAND
‘Democratie is altijd weer geweldig,’ zei oud-premier Sanna Marin van Finland toen ze in april de verkiezingen verloor met een uitslag die een ruk naar rechts voor de Finse politiek betekende. Het is de vraag of ze dat nog steeds vindt.
Premier Petteri Orpo van de conservatieve Nationale Coalitiepartij smeedde in juni een coalitie met onder meer de tweede grootste partij, de omstreden extreemrechtse De Finnen, die enkele belangrijke regeringsposten kreeg in de meest rechtse regering in de moderne Finse geschiedenis. Kort na de start werden verschillende ministers van De Finnen beticht van racisme – sommigen werden zelfs beticht van banden met neonazi’s. De coalitie overleefde amper moties van wantrouwen tegen onder andere De Finnen–ministers Riikka Purra (Financiën) en Wille Rydman (Economische Zaken). Of daarmee xenofobie en racisme bij die partij verdwenen zijn, valt te betwijfelen.
Partijleider Purra schreef ooit, verwijzend naar een confrontatie met immigranten: ‘Als ze me een pistool hadden gegeven, zouden er lijken in de trein liggen.’ Ze volgde de al even rabiaat rechtse Jussi Halla-aho, de huidige parlementsvoorzitter, op als leider van De Finnen, toen die moest vertrekken wegens racisme. Partijgenoot Vilhelm Junnila moest eind juni – tien dagen na zijn inauguratie – alweer aftreden als minister van Economische Zaken omdat hij op een extreemrechtse bijeenkomst in 2019 sympathie had getoond voor Adolf Hitler. Ook van zijn opvolger Rydman is bekend dat hij racistische uitlatingen heeft gedaan.
Op de vraag of de EU zich zorgen maakt over haar partners in landen waar de rechten van vluchtelingen niet of nauwelijks gerespecteerd worden, antwoordt Anitta Hipper, woordvoerder van Binnenlandse Zaken van de Europese Commissie, dat samenwerking met deze landen ‘essentieel is en gebaseerd op volledige eerbiediging van de internationale mensenrechtennormen en het beginsel van non-refoulement’ [het beginsel dat asielzoekers niet mogen worden teruggestuurd vanwege de gevaren die hen bedreigen in het land van herkomst]. Om een einde te maken aan de sterfgevallen op zee wil de Commissie de maffia bestrijden en veilige routes creëren. De focus daarbij ligt op hoogopgeleide en getalenteerde migranten.
Hierna volgen enkele praktijken en beleidsmaatregelen tegen migranten en vluchtelingen die de afgelopen decennia in Europa genormaliseerd zijn, en waarbij grenscontrole prevaleert boven het respect voor basisrechten.
Verenigd Koninkrijk
Ogenschijnlijk goede bedoelingen worden altijd verraden door woorden. De conservatieve regering van Rishi Sunak houdt vol dat haar belangrijkste doel bij het aanpakken van illegale immigratie het bestrijden is van de criminele organisaties die mensen transporteren van de Franse kust naar de kusten van Zuid-Engeland. Maar als minister van Binnenlandse Zaken Suella Braverman het fenomeen een ‘invasie’ noemt, of premier Sunak erop staat om migranten die het Kanaal oversteken ‘illegaal’ te noemen, of als hij over de intenties achter een Stop The Boats-poster spreekt, wordt duidelijk wie de regering als de echte vijand ziet.
Achter brexit ging uiteindelijk een xenofoob discours schuil. Zeven jaar na het referendum komen er bijna geen EU-burgers meer aan in het VK, maar het aantal asielzoekers uit de rest van de wereld bereikt er recordhoogtes: meer dan 175.000 mensen. De regering-Sunak zorgde met haar voorstellen die de toestroom van mensen moesten afremmen – het ene voorstel nog wreder dan het andere – voor kritiek en woede bij humanitaire organisaties, de Anglicaanse kerk en zelfs bij koning Charles van Engeland. Het Europese Hooggerechtshof heeft deportaties naar een derde land, Rwanda, stopgezet, maar Downing Street geeft niet op. In afwachting van groen licht van het Hof kunnen de vluchten later dit jaar worden hervat.
De regering is al begonnen de Bibby Stockholm te gebruiken, een drijvende gevangenis die voor anker ligt voor het eiland Portland
De regering is al begonnen de Bibby Stockholm te gebruiken, een drijvende gevangenis die voor anker ligt voor het eiland Portland. De eerste 39 migranten moesten onmiddellijk weggehaald worden na de ontdekking van een uitbraak van legionella op het schip. Maar ze werden snel elders ondergebracht en Downing Street heeft al opdracht gegeven voor de bouw van twee nieuwe soortgelijke drijvende faciliteiten. Bravermans voorlaatste idee van is om GPS-armbanden te gebruiken om nieuwkomers te kunnen volgen, een maatregel die tot nu toe alleen werd gebruikt op grond van een gerechtelijk bevel voor veroordeelden of in geval van een voorarrest. Het meest recente idee is om migrantenkinderen die over zee aankomen in gevangenissen te plaatsen waar ook zedendelinquenten worden vastgehouden.
Aanleiding tot deze groeiende onverbiddelijkheid is de nieuwe Illegale Immigratie-wet, die de minister van Binnenlandse Zaken verplicht om koste wat kost te voorkomen dat illegale migranten het land binnenkomen. Het lijkt erop dat alles is toegestaan om dit doel te bereiken.
Libië
Vijf jaar geleden toonde CNN de wereld hoe zwarte migranten in Libië werden verhandeld voor ongeveer 400 euro. Camera’s legden een nachtelijke veiling vast in een detentiecentrum en de journalisten spraken met jonge mannen die zich beklaagden over slavenarbeid, marteling en opsluiting voor onbepaalde tijd zonder voedsel of water. Libië blijft een belangrijke locatie voor de tocht naar Europa en deze failed state nam al bijna 700 miljoen euro van de EU in ontvangst om de controle op migratie te verbeteren. De Libische kustwacht is door verschillende Europese instellingen getraind, uitgerust en gefinancierd om – in de officiële versie althans – de levens te redden van degenen die de zee op gaan.
In werkelijkheid echter maken deze gewapende kustwachten deel uit van een sinistere keten die voorkomt dat vluchtelingen Europa bereiken door ze terug aan land te brengen. Daar worden ze gevangengezet, afgeperst en keer op keer mishandeld in meer dan twintig officiële detentiecentra en een onbekend aantal gevangenissen dat door milities wordt gerund. Verschillende journalistieke onderzoeken en rapporten van ngo’s en Europese autoriteiten hebben deze praktijken in de loop der jaren bevestigd.
‘Soms braken ze een hand, een been, ze sloegen je overal zonder reden’
Wat degenen die op weg naar Europa door Libië reizen waard zijn, hangt af van wat hun families kunnen betalen. Journalist Sally Hayden, die de harde realiteit van de ongeveer 650.000 vluchtelingen in Libië in kaart bracht, analyseerde hoe ze worden gecategoriseerd op basis van hun nationaliteit en wat die opbrengt. In haar boek My Fourth Time, We Drowned: Seeking Refuge on the World’s Deadliest Migratory Route vertelt ze dat Somaliërs en Eritreeërs, vanwege hun grote en nauw verbonden diaspora, het waardevolst zijn omdat ze hun families bereid vinden om compensaties tot wel 10.000 euro te betalen.
SLOWAKIJE
De SMER-SD van Robert Fico, die op 30 september de parlementsverkiezingen in Slowakije won, was ooit sociaaldemocratisch. Maar gaandeweg is de partij vervallen tot populisme en nationalisme, met een partijleider die niet alleen de langstzittende premier van het land is (van 2006 tot 2010 en van 2012 tot 2018), maar die ook een geschiedenis heeft van corruptie, vriendjespolitiek en contacten met duistere zakenlieden die banden hebben met de georganiseerde misdaad.
Fico kon zes jaar geleden vertrekken toen er massale protesten uitbraken na de moord op onderzoeksjournalist Ján Kuciak en zijn verloofde Martina Kušnírová. De misdaad werd gepleegd tijdens zijn premierschap en was bevolen door een plaatselijke miljonair, Fico’s voormalige buurman.
De anticorruptiecoalitie die Slowakije vervolgens regeerde maakte er echter een zootje van, en de Slowaken geloofden Fico’s belofte dat hij stabiliteit zou brengen in deze tijd van oorlog in Oekraïne en gierende inflatie. Hij wil militaire hulp aan Oekraïne stoppen, waardoor de internationale gemeenschap bezorgd is over scheuren in de westerse steun aan Kyiv.
Fico heeft een coalitieregering gevormd met de extreemrechtse SNS, die zijn antivluchtelingenretoriek en populisme deelt. SNS-leider Andrej Danko zei in juli dat de door Rusland bezette gebieden ‘historisch gezien niet Oekraïens’ zijn. De andere coalitiepartner is HLAS-SD, een partij die zich eerder afscheidde van SMER-SD.
Mohammed Abakir Ayacab, die pas vijftien was toen hij vanuit Soedan in Tripoli aankwam, herinnert zich zijn twee jaar in Libië als het ergste deel van zijn lange migratiereis. Nadat hij in 2021 werd onderschept op zee toen hij Italië probeerde te bereiken, werd hij samen met zevenhonderd anderen naar detentiecentrum Ain Zara gebracht. ‘Ik zat daar drie maanden en daarna kwam ik in een andere gevangenis terecht met vierduizend anderen. Er was nauwelijks water of voedsel, we hadden geen ruimte om te liggen of te slapen en ik werd keer op keer geslagen. Soms braken ze een hand, een been, ze sloegen je overal zonder reden. Als je niet sterk genoeg was, ging je dood,’ vertelt hij in een videogesprek vanuit Marokko, waar hij nog steeds zijn kans afwacht om Europa te bereiken.
Griekenland
Er zijn 42 vluchtelingenkampen in Griekenland en daar moeten asielzoekers wachten tot hun aanvraag is afgehandeld. Het kan jaren duren voordat de staat een aanvraag accepteert of afwijst, en de kampen ‘slaan vluchtelingen op’ in plaats van ze op te nemen. In 2020 zaten er in Moria, het kamp op het eiland Lesbos, 20.000 mensen op een plek die geschikt was voor 3500 mensen. Vrouwen gingen ’s nachts niet naar het toilet uit angst voor verkrachting. Als gevolg van het stressvolle, opeengepakte leven braken er elke nacht gevechten uit waarbij honderden mensen gewond raakten en tientallen stierven. Het kamp werd aangevallen door extreemrechtse groepen en de omstandigheden waren erbarmelijk, totdat een brand het kamp in september van dat jaar in de as legde.
Om protesten van de lokale bevolking te vermijden kwam de regering van de conservatieve Kyriakos Mitsotakis met een nieuw type opvang: gesloten kampen met controle op toegang. Dit model is ontworpen om vluchtelingen weg te houden bij Griekse bewoners. In tegenstelling tot andere kampen bevinden ze zich in bergachtige gebieden die moeilijk toegankelijk zijn.
‘Alles is ontworpen om ons duidelijk te maken dat we niet welkom zijn’
In 2021 ging op het eiland Samos het eerste kamp open. Premier Mitsotakis zei bij de opening: ‘U zult een onberispelijk kamp aantreffen, in niets vergelijkbaar met wat we voorheen hadden.’ Maar uit onderzoek van Miren Bardaji van de Universidad del País Vasco blijkt dat ‘buitensporige beveiligings- en bewakingsmaatregelen en vrijheidsbeperkingen meer doen denken aan gevangeniscomplexen’. Bardaji wijst erop dat vooral de ligging, ver van de bewoonde wereld, een grote barrière vormt.
Hoewel het in theorie open kampen zijn, zitten de bewoners door de gevangenisstructuur in feite opgesloten. Een Palestijnse vluchteling vatte de situatie als volgt samen: ‘Alles is ontworpen om ons duidelijk te maken dat we niet welkom zijn.’
Tunesië
Tunesië was jarenlang een toevluchtsoord voor Afrikanen uit landen ten zuiden van de Sahara. Daarom besloten Fati en Pato, een koppel dat elkaar in 2016 ontmoette in een detentiecentrum in Libië, op zoek te gaan naar een beter leven in het land. Onder schrijnende omstandigheden kregen ze een kind en op weg naar Europa werden ze tot vier keer toe onderschept door de Libische kustwacht. ‘We wilden proberen ons kind in te schrijven op een school,’ zegt Pato, een 29-jarige Kameroener wiens volledige naam Mbengue Nyimbilo Crepin is.
Maar toen ze in juli van dit jaar de Tunesische grens overstaken, was het land dat ooit de democratische hoop van de Arabische wereld was, al veranderd. In februari hield president Kais Said een gewelddadige en racistische toespraak waarin hij waarschuwde voor ‘een crimineel plan’ om de Arabische en moslimbevolking te vervangen door ‘hordes’ zwarte migranten. In de dagen daarna volgde een golf van xenofoob geweld tegen zwarte Afrikanen.
‘Ze maakten onze telefoons onklaar, verscheurden onze identiteitspapieren en lieten ons achter in de woestijn’
Op Tunesisch grondgebied, in de zuidelijke stad Zarzis, onderschepte de politie de familie. ‘Ze maakten onze telefoons onklaar, verscheurden onze identiteitspapieren en lieten ons achter in de woestijn,’ vertelt Pato. Samen met hen werden meer dan duizend mensen achtergelaten in een strook woestijn in het grensgebied tussen Tunesië en Libië. Na vier dagen zonder voedsel en water stortte Pato uitgeput in en in tranen smeekte hij zijn partner om hem daar achter te laten en te proberen de kleine Marie te redden.
Uren later vonden drie Soedanese migranten hem en hielpen hem Libië te bereiken. Daar zag hij beelden die op sociale media circuleerden van de lijken van een vrouw en een meisje die tegen elkaar aan lagen in het zand – foto’s die het symbool werden van het nieuwe Tunesische beleid tegen vluchtelingen. Het waren Fati en Marie. ‘Ik was liever met hen gestorven…’ jammert Pato. ‘Elke dag als ik wakker word, zoek ik ze naast me. Maar ze zijn weg.’
Op het moment van deze tragedie werkten Tunesië en de EU al aan een partnerschapsovereenkomst om de migratiestromen te beheersen. Brussel stelt 105 miljoen euro ter beschikking, geld dat uitsluitend bestemd is voor grenscontrole, registratie en terugkeerprogramma’s, naast nog eens 150 miljoen voor directe hulp.
Bulgarije
Bakstenen, roestige hekken en houten planken als muren. Een aarden vloer vol afval. Daaruit bestaan de kooien waarin Bulgarije asielzoekers opsluit die aan de grens met Turkije gevangen zijn genomen. Dit blijkt uit een video die werd gepubliceerd als onderdeel van een onderzoek in 2022 door Lighthouse Reports. Soortgelijke detentiepraktijken zijn ook gemeld in Hongarije en Kroatië. Acht maanden na deze onthulling stopte Bulgarije met het gebruik van de kooien. Of dit ook voor de andere landen geldt, is niet bekend.
DENEMARKEN
Sinds de verkiezingen van 2022 zitten er in het Folketing, het Deense parlement, drie radicaalrechtse partijen. Ze wijten problemen in de samenleving vooral aan immigratie en zijn dus voorstander van een streng immigratiebeleid. Vaak worden ze betiteld als extreemrechts, populistisch rechts of radicaalrechts – in mei van dit jaar gebruikte de Aarhus Universitet in een overzicht liever de omschrijving Populistisch Radicaal Rechts (PRR) van de Nederlandse politicoloog Cas Mudde: populistisch omdat ze zeggen de belangen van het volk te behartigen tegenover de politieke elite en radicaal omdat ze diepgaande veranderingen in samenleving en politiek nastreven.
De oudste en belangrijkste is de Deense Volkspartij (Dansk Folkeparti), die in 1995 werd opgericht. Dan is er de
Nieuwe Burgerpartij (Nye Borgerlige, uit 2015) en als derde zijn er de Deense Democraten (Danmarksdemokraterne), in 2022 opgericht door oud- immigratieminister Inger Støjberg, die in 2021 werd veroordeeld tot twee maanden celstraf omdat ze als minister echtparen die asiel aanvroegen van elkaar had gescheiden.
De Deense Volkspartij scoorde zo goed bij de verkiezingen van 2015 dat regeringsdeelname mogelijk was, maar zag daarvan af. Een misrekening: de partij verloor bij verkiezingen in 2019 en 2022 veel aanhang. Naast anti-immigratie is de partij economisch gezien relatief links; ze initieerde samen met linkse partijen belangrijke sociale hervormingen, zoals de pensioenhervorming.
In een kooi naast het politiebureau in Sredets, op veertig kilometer van de Turkse grens, werden verschillende groepen mensen opgesloten voor perioden die varieerden van een paar uur tot drie dagen. Daarna werden ze met een busje naar de Turkse grens gereden en illegaal gedeporteerd. De gevangenen beweren dat ze geen voedsel of water kregen en dat de politie hun persoonlijke bezittingen, zelfs hun schoenen, in beslag nam.
‘Hij richtte heel direct, duidelijk met de bedoeling om me te doden’
Ook werden voertuigen met het logo van Frontex, het grensagentschap van de EU, aangetroffen op enkele meters van deze kooien. Frontex heeft minstens tien kantoren in de omgeving van Sredets als onderdeel van Operatie Terra, gericht op het bestrijden van mensenhandel.
In hetzelfde onderzoek werd een video gepubliceerd waarop te zien is hoe op Abdullah Mohammed, die zich aan de Turkse kant van de grens bevindt, wordt geschoten. De negentienjarige Syriër beweert dat de schoten afkomstig waren van de Bulgaarse politie. ‘Hij richtte heel direct, duidelijk met de bedoeling om me te doden,’ vertelt de jongeman. Zowel het ministerie van Binnenlandse Zaken als het Openbaar Ministerie ontkennen dit.
Human Rights Watch heeft herhaaldelijk laten weten dat Bulgaarse agenten migranten slaan, beroven, van hun kleding ontdoen, met zwepen bewerken en honden op hen loslaten voordat ze worden uitgezet naar Turkije.
Spanje
Spanje behoort niet tot de Europese landen met de meeste klachten over de behandeling van migranten. Desondanks zijn ook daar schaamteloze praktijken aan het licht gekomen. Zoals de omstreden uitzettingen die zonder enige vorm van regulering of controle werden uitgevoerd, het scherpe razor wire dat boven op de hekken van Ceuta en Melilla werd geplaatst – en die hekken zelf –, de schoten die door de Guardia Civil werden afgevuurd op het strand van El Tarajal in Ceuta, waar veertien mensen verdronken, en de bestorming van Melilla, waarbij nog eens drieëntwintig doden vielen.
Spanje is pionier op het gebied van samenwerking met Afrikaanse staten die de mensenrechten niet respecteren – zoals Marokko en Mauritanië – om de komst van migranten zonder papieren in te tomen. Al meer dan tien jaar wordt de subsidiëring geconsolideerd en geleidelijk verhoogd. Mauritanië ontvangt jaarlijks tien miljoen euro, ook al wordt het land door Human Rights Watch bekritiseerd voor het willekeurig vasthouden van migranten en asielzoekers, inclusief kinderen, vaak onder erbarmelijke omstandigheden. Het land maakt zich ook schuldig aan standrechtelijke of collectieve uitzettingen en gedwongen terugkeer, die in sommige gevallen gepaard gaan met geweld.
Buitengerechtelijke detenties, uitzetting naar andere landen en klopjachten aan de grens zijn veelvoorkomende praktijken
Marokko is sinds 2019 de grootste begunstigde van Spaanse hulp. In dat jaar ontving het land een directe bijdrage van 32 miljoen euro en in 2021 nog eens 30 miljoen euro. Buitengerechtelijke detenties, uitzetting naar andere landen en klopjachten aan de grens zijn veelvoorkomende praktijken.
De Spaanse regering beweert dat haar reactie op de grote migratiestromen vanuit Afrika duizenden levens redt. ‘Het beleid is gericht op samenwerking met de landen van herkomst en transitlanden, en op de strijd tegen criminele organisaties die mensen verhandelen, en het heeft zijn effectiviteit bewezen,’ aldus een bron bij het ministerie van Binnenlandse Zaken, die erop wijst dat Spanje het aantal illegale aankomsten heeft verminderd en nu tot een van de minst gebruikte routes naar Europa behoort. Daarnaast is Spanje erin geslaagd om het vertrek van migranten uit hun thuisland met 30 en 40 procent te verminderen. ‘Dat betekent tussen de 30 en 40 procent minder levens die in gevaar komen tijdens verschrikkelijke zeereizen. Wie een migratiebeleid voorstelt dat geen rekening houdt met de landen van herkomst en de transitlanden, heeft geen kennis van het fenomeen,’ voegt de bron bij het ministerie eraan toe.
Marokko
Marokko werkt mee aan het beheersen van illegale migratie vanuit het zuidelijke Middellandse Zeegebied. Als tegenprestatie ontvangt de Marokkaanse regering 500 miljoen euro van de EU. Maar Marokko’s handelwijze werpt een schaduw op de kwestie van migrantenrechten en het eerbiedigen daarvan.
Rond het busstation van Casablanca en in de buitenwijken van andere steden leven duizenden Afrikanen uit landen ten zuiden van de Sahara in angst. Ze worden bedreigd met deportatie naar Algerije, waar de grenzen al drie decennia gesloten zijn, of met gedwongen verhuizing per bus naar provincies in het binnenland of het zuiden van het land. Ook riskeren ze gevangenisstraf. ‘Marokko blijft veel mensen deporteren uit het noorden van het land,’ zegt Jadiya Inani, directeur van de afdeling migratie van de Marokkaanse Vereniging voor Mensenrechten (AMDH).
‘Ik wacht. Ik probeer niet weer over het hek van Melilla te springen, en ik stap ook niet in een boot’
Elke keer als onder de inwoners van Marokkaanse steden protesten ontstaan over de massale aanwezigheid van illegale migranten in hun straten, bevelen de autoriteiten nieuwe uitzettingen naar andere regio’s, volgens Inani. ‘Op deze manier probeert Marokko de Europese landen te laten zien dat het land als een politieagent zijn grenzen bewaakt,’ zegt hij. ‘En op deze manier voorkomt Marokko dat mensen uit Sub-Saharaans Afrika er een stabiel leven kunnen leiden.’
De Soedanese Basir (een fictieve naam om zijn identiteit te beschermen) is minstens twee keer uitgewezen naar de regio Oujda, aan de grens met Algerije. Ondergedoken in Marokko wacht hij al zes maanden op antwoord van de Spaanse ambassade in Rabat op zijn verzoek om internationale bescherming. ‘Ik wacht. Ik probeer niet weer over het hek van Melilla te springen, en ik stap ook niet in een boot,’ zegt hij.
Volgens AMDH zitten sommige illegale migranten ‘gevangen onder onmenselijke omstandigheden in illegale centra die geen deel uitmaken van het Marokkaanse gevangenissysteem’. Velen van hen zijn richting het zuiden van Marokko en de Sahara getrokken in een poging de Canarische Eilanden te bereiken – een veel gevaarlijker route dan via de Middellandse Zee.
Polen, Litouwen en Letland
‘Urgent: elf kinderen en dertien volwassenen uit Syrië en Irak kamperen al drie dagen aan de andere kant van de muur. Vandaag hebben Belarussische diensten gedreigd dat ze hen met honden zullen opjagen als ze niet naar Polen gaan. Als bewijs lieten ze een Congolees meisje zien dat gebeten was.’ Dit bericht werd op 27 mei op het Twitter-account geplaatst van de Granica Group, een Poolse ngo die zich inzet voor hulp aan migranten aan de Poolse grens met Belarus. Het geval staat niet op zichzelf. Op sociale media en in rapporten van grote internationale mensenrechtenorganisaties circuleren tal van verhalen over kinderen die zijn aangevallen door honden, over botten die werden gebroken door klappen van de politie, over gezinnen die in het bos moeten slapen en over doden. Granica heeft 48 doden geteld sinds 2021. Volgens Amnesty International stierven eveneens vluchtelingen aan de Letse en Litouwse grens.
De migratiestroom over de grenzen die Belarus deelt met Polen, Letland en Litouwen is sinds 2021 toegenomen. En sindsdien hebben deze drie landen de slechtste praktijken van andere Europese landen overgenomen.
Deze vrijwilligers hebben de bijnaam ‘migrantenjagers’, omdat ze vuurwapens, traangas en afgerichte honden gebruiken
In de zomer van 2021 deden de drie landen een beroep op de noodtoestand om gedwongen terugkeer te legaliseren. De migrantenstroom steeg gestaag, en die was te danken aan wat deze landen en de Europese Unie beschouwden als een poging van de Belarussische president Aleksandr Loekasjenka om migranten te gebruiken als wapen om politieke druk uit te oefenen. De drie landen verdrijven migranten en asielzoekers illegaal en soms met geweld naar Belarus, waar ze het slachtoffer worden van ernstige mishandeling, afranseling en verkrachting door veiligheidstroepen.
In 2023 nam de instroom af door repressieve maatregelen. Op 18 augustus sloot Litouwen twee van zijn zes grensovergangen met Belarus en in mei vorig jaar legaliseerde het land de gedwongen terugkeer en richtte het een vrijwillige politiemacht op naar voorbeeld van Hongarije – dat een lange geschiedenis kent van misbruik en mishandeling. Deze vrijwilligers hebben de bijnaam ‘migrantenjagers’, omdat ze vuurwapens, traangas en afgerichte honden gebruiken.
Letland voerde in april een soortgelijke wetswijziging door. Amnesty International bundelde meer dan vijftig getuigenissen in een rapport over ‘commando’s’ van de veiligheidsdienst, gekleed in camouflagekleding en uitgerust met bivakmutsen, wapenstokken en tasers.
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.