Human Rights Watch roept de VS op dat niet te doen
De Verenigde Staten gaan op korte termijn clustermunitie leveren aan het Oekraïense leger. Dat schrijft The Washington Post. Het besluit is omstreden omdat mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch stelt dat de bommen zorgen voor burgerslachtoffers. Zowel Oekraïne als Rusland maakt momenteel gebruik van clustermunitie.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Veel bondgenoten van Oekraïne, waaronder Nederland, hebben clusterbommen in de ban gedaan juist vanwege het gevaar dat er burgerslachtoffers vallen bij het gebruik van de munitie. Rusland, de VS en Oekraïne gebruiken de bommen nog wel. Volgens Human Rights Watch heeft Rusland honderden mensen vermoord met de munitie tijdens de oorlog in Oekraïne, maar heeft ook Oekraïne de bommen gebruikt en daar zeker acht burgerslachtoffers mee gemaakt.
Omdat clusterbommen in kleine stukken uiteenvallen, die niet altijd gelijk ontploffen maar soms pas jaren later exploderen, is de munitie controversieel. Voor Oekraïne zijn de clusterbommen zeer gewild in het nog steeds traag verlopende tegenoffensief, onder meer om Russische loopgraven te ruimen.
In de regio zijn 2,7 miljoen mensen afhankelijk van humanitaire hulp
Syriërs die in het door de oppositie gecontroleerde noordwesten wonen, vrezen de gevolgen als de toestemming van de Verenigde Naties voor het overbrengen van hulp naar Syrië via de grensovergang bij Bab al-Hawa met Turkije verloopt, schrijft Al Jazeera. Maandag loopt de meest recente verlenging van zes maanden af die door de VN-Veiligheidsraad is goedgekeurd. In het verleden heeft Rusland gedreigd om zijn veto te gebruiken om verdere verlengingen te voorkomen, waardoor lokale bewoners zich steeds wanneer een verlengingsperiode ten einde loopt zorgen maken.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
De grensovergang bij Bab al-Hawa is de enige toegangspoort voor humanitaire hulp van de VN naar het noordwesten van Syrië, na herhaalde Russische bezwaren die het aantal grensovergangen hebben teruggebracht van vier naar slechts één. De bewoners van de vluchtelingenkampen in de regio zijn volledig afhankelijk van humanitaire hulp via die grensovergang, aangezien de Syrische regering alle andere hulp tegenhoudt. Volgens het hoofd van de VN-delegatie in Noordwest-Syrië gaat het om zo’n 2,7 miljoen mensen. ‘Het sluiten van de grensovergang voor humanitaire hulp betekent voor de meeste kampbewoners de hongerdood,’ citeert Al Jazeera een van de bewoners.
De regio werd hard getroffen door aardbevingen in februari en is nog steeds doelwit van luchtaanvallen door het Syrische leger, met steun van Rusland. Volgens Moskou schaadt steun aan de door de oppositie gesteunde gebieden de soevereiniteit van Syrië.
De Oekraïense schrijver Victoria Amelina overleed op zaterdag 1 juli in een ziekenhuis in Dnipro aan de verwondingen die ze opliep toen het restaurant in Kramatorsk, waar ze op 27 juni dineerde, onder vuur werd genomen door Russische raketten, bericht Kyiv Post. Amelina was in Kramatorsk met een delegatie van Colombiaanse schrijvers en journalisten toen Russische troepen twee Iskander-raketten afvuurden op het pizzarestaurant Ria Pizza in het centrum.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Nadat PEN Oekraïne bekendmaakte dat Amelina was overleden in een ziekenhuis in Dnipro, omringd door vrienden en familie, stroomden de eerbetuigingen voor haar activisme en schrijverschap vanuit de wereld van literatuur en politiek binnen. Amelina (37) won in 2021 de Joseph Conrad-prijs voor haar werk en werd genomineerd voor andere belangrijke prijzen, waaronder de Literatuurprijs van de Europese Unie. Na de grootschalige Russische invasie in 2022 zette ze haar schrijverschap grotendeels opzij om zich te richten op het documenteren van oorlogsmisdaden en het werken met kinderen nabij de frontlinie.
Mensenrechtengroeperingen noemen de aanval die Amelina doodde, op een populair restaurant met veel burgers in het oosten van Kramatorsk, een oorlogsmisdaad. Dertien mensen stierven en meer dan zestig raakten gewond.
Bolivia heeft een van de grootste lithiumreserves ter wereld
Bolivia heeft een overeenkomst ter waarde van 1,4 miljard dollar gesloten met Rusland en China voor de winning van lithium, zo schrijft El País.De bedrijven waarmee de overeenkomst is gesloten zijn het Russische staatsbedrijf Rosatom en de Chinese Citic Guoan Group.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Het Zuid-Amerikaanse land heeft een van de grootste lithiumreserves ter wereld, maar wint in vergelijking met buurlanden Chili en Argentinië, die ook grote lithiumreserves hebben, maar weinig van het mineraal door een gebrek aan investeringen en technologie. Momenteel haalt Bolivia jaarlijks 600 ton lithium uit de grond; in 2025 moet dit, dankzij investeringen van China en Rusland, 75.000 ton lithium zijn.
Eerder dit jaar sloot Bolivia al een overeenkomst met de Chinese batterijfabrikant CATL. Bolivia en China onderhouden van oudsher warme banden, onder meer op economisch gebied. Ook met Rusland heeft Bolivia goede betrekkingen. Bij VN-stemmingen rond de oorlog in Oekraïne houdt het land zich steevast afzijdig.
Internationale commentatoren en opiniemakers over de gewapende opstand van de Wagner-groep van Jevgeni Priogozjin tegen de Russische legerleiding op 24 juni.
‘Ondanks de dramatiek van de situatie zou een opstand door de engste mensen van Rusland niet moeten verrassen. Het Kremlin liet Prigozjin rekruteren in gevangenissen, Wagners strijdmacht zat vol veroordeelden. Jevgeni Prigozjin was voor het Kremlin lange tijd de man voor de vuile zaakjes, van de inmenging met zijn trollenfabrieken in de Amerikaanse verkiezingen van 2016 tot de heimelijke gevechten in Oekraïne, Syrië en de Centraal-Afrikaanse Republiek.’
‘Hoewel ze openlijk bloedvergieten hebben vermeden, is het moeilijk voor te stellen dat Vladimir Poetin en Jevgeni Prigozjin zich ooit nog met elkaar zullen verzoenen. De Russische leider heeft een politiek motief om hard op te treden tegen zijn eigenzinnige krijgsheer en loopt anders het risico zwak over te komen, een kardinale zonde in de Kremlinpolitiek. Bovendien heeft de Russische leider nooit bekendgestaan als iemand die verraad vergeeft.’
‘De belangrijkste test voor Poetin was loyaliteit, en Prigozjin begreep dat, ondanks zijn kritiek. “Ik luister naar Poetin,” zei hij in mei. Maar na meer dan twintig jaar te hebben geprofiteerd van zijn band met Poetin, wierp hij de laatste flarden van die loyaliteit weg en stortte Rusland in de grootste politieke crisis in drie decennia, toen zijn troepen de macht overnamen in de zuidwestelijke stad Rostov aan de Don en dreigden Moskou aan te vallen.’
Gary Kasparov – oud-wereldkampioen schaken en voorzitter Human Rights Foundation
‘Dat Poetin door deze gebeurtenissen het vertrouwen heeft verloren van oligarchen, voormalige trawanten en ambtenaren, is van groter belang voor het voortbestaan van zijn regime dan dat zijn rivalen zich nu aangemoedigd voelen. Een capo di tutti capi garandeert bescherming in ruil voor loyaliteit: bescherming van fortuinen, van autoriteit. Met het afnemen van die bescherming neemt ook de loyaliteit af.’
Waar Poetin en Prigozjin tijdens de opstand van Wagner een zwakke indruk maakten, streek de sterke leider van Belarus de eer op door zich als bemiddelaar op te stellen. ‘Poetin en Loekasjenka kunnen niet zonder elkaar. De val van de één betekent de politieke dood van de ander.’
Vladimir Poetin staat bekend om zijn ijzeren greep op de nieuwsmedia in Rusland. Zijn voormalige bondgenoot, Jevgeni Prigozjin, oprichter van de militaire Wagner-groep, is eigenaar van een conservatief mediabedrijf én een flamboyante showman op sociale media. Toch ging geheel onverwachts de echte pr-overwinning na de muiterij van Prigozjin naar iemand anders: de oude dictator van Belarus, het buurland dat stevig binnen de Russische invloedssfeer ligt.
De Belarussische leider, Aljaksandr Loekasjenka, wordt vooral gezien als een volgzame stroman van het Kremlin. Maar zondag was hij degene die met de eer streek voor de totstandkoming van een akkoord tussen Poetin en Prigozjin. Daarmee voorkwam hij een situatie die volgens de Russische leider overeen zou komen met de burgeroorlog volgend op de revolutie van 1917.
Nu probeert Loekasjenka – een internationale paria – zijn pr-overwinning te gebruiken om zijn geloofsbrieven als geloofwaardig staatsman, bemiddelaar en bovenal trouwe bondgenoot van Poetin te verfraaien.
Profijtelijk en aanvaardbaar
Laat op zaterdagavond 24 juni, toen de angst toenam voor een mogelijke botsing tussen Wagner-troepen – die zich op minder dan 200 kilometer van Moskou bevonden – en Russische soldaten, kwam de persdienst van Loekasjenka met een mededeling: de Belarussische president had ‘een absoluut profijtelijke en aanvaardbare manier gevonden om de situatie op te lossen’. Kort daarna kondigde Prigozjin aan dat een colonne met zijn strijders, die zo’n 800 kilometer vanuit Zuid-Rusland had afgelegd, zou omkeren en huiswaarts zou gaan.
Als onderdeel van de deal zou een strafzaak tegen Prigozjin voor het organiseren van een gewapende opstand worden ingetrokken. De Wagner-troepen zouden niet worden aangeklaagd en Prigozjin zou Rusland verlaten voor Belarus, aldus een woordvoerder van het Kremlin. De volgende dag was niet bekend waar hij zich bevond.
Welke beloften er zijn gedaan namens het Kremlin, Wagner of Loekasjenka blijft onduidelijk. Maar de door de staat gecontroleerde media van Loekasjenka haastten zich om zijn inspanningen ter bezwering van het conflict af te schilderen als een bewijs van zijn staatsmanschap.
Het staatspersbureau Belta meldde dat Poetin die zaterdagochtend – toen hij werd geconfronteerd met ‘de meest acute fase van de situatie in Rusland’ – zijn Belarussische tegenhanger in Minsk belde. Poetin ‘was sceptisch over eventuele onderhandelingen en betwijfelde of Jevgeni Prigozjin de telefoon zou opnemen, aangezien hij op dat moment met niemand wilde spreken’, zei Vadim Gigin, propagandist van de Belarussische regering, zondag tegen pro-Kremlinmedia tijdens een interview, dat uitgebreid werd behandeld door Belta. Maar Poetin stemde in met bemiddeling en toen ‘de president van Belarus belde, nam Jevgeni Prigozjin onmiddellijk de telefoon op’, zei Gigin, aan wie de Europese Unie ooit sancties oplegde voor ‘het steunen en rechtvaardigen van repressie tegen de democratische oppositie en het maatschappelijk middenveld’.
‘Ze flapten er meteen zulke vulgaire dingen uit dat elke moeder ervan zou schrikken’
Het gesprek tussen Loekasjenka en Prigozjin verliep ‘erg moeizaam’, aldus Gigin, die deze maand werd aangesteld als directeur van de Nationale Bibliotheek van Belarus. ‘Ze flapten er meteen zulke vulgaire dingen uit dat elke moeder ervan zou schrikken. Het gesprek was hard en, zoals mij verteld is, nogal masculien.’
Er worden ook andere mogelijke verklaringen aangedragen voor de reden waarom Prigozjin zijn ‘mars voor gerechtigheid’ naar Moskou beëindigde. In sommige daarvan krijgt Loekasjenka slechts minimale erkenning. Maar de Belarussische mediamachine gaf hoog op van zijn rol als machtsmakelaar; een zeldzame omkering van rollen in een tijd waarin de dictator bijzonder afhankelijk is geworden van Rusland.
‘Poetin heeft verloren omdat hij liet zien dat zijn systeem zo zwak is dat hij gemakkelijk kan worden uitgedaagd,’ zegt Pavel Slunkin, een voormalige Belarussische diplomaat en analist bij denktank ECFR, de Europese Raad voor Buitenlandse Relaties. ‘Prigozjin daagde uit, viel aan, was brutaal en trok zich toen terug: ook hij kwam over als een verliezer. Alleen Loekasjenka won punten als bemiddelaar of onderhandelaar en als een mogelijke garantie voor de deal – eerst in de ogen van Poetin en toen in de ogen van de internationale gemeenschap.’
Loekasjenka is erin geslaagd om negenentwintig jaar aan de macht te blijven, maar wel tegen een prijs. Hij heeft Belarus steeds meer een vazalstaat van Rusland laten worden, vooral nadat hij in 2020 de steun van Moskou nodig had. Een democratische beweging bestreed toen zijn bewering dat hij de verkiezingen overweldigend had gewonnen, en werd door de leider met geweld de kop ingedrukt.
Vanwege zijn afhankelijkheid van Moskou, niet alleen voor politieke maar ook voor economische steun, liet Belarus toe dat Poetin het land gebruikte als vertrekpunt voor zijn grootschalige invasie van Oekraïne in februari 2022 en als opslagplaats voor Russische tactische kernwapens. Er zijn ook feiten aan het licht gekomen die uitwijzen dat Belarus deelneemt aan Russische praktijken om kinderen uit door Rusland bezette gebieden in Oekraïne te halen en ze naar zogenaamde zomerkampen te brengen. Het Internationaal Strafhof heeft arrestatiebevelen uitgevaardigd tegen Poetin en zijn kinderrechtencommissaris. Oekraïense aanklagers onderzoeken bewijs dat kinderen naar drie kampen in Belarus zijn gebracht, waaronder ten minste één kamp dat eigendom is van een staatsbedrijf.
Machtsevenwicht
Oppositieleiders denken dat de ambitie van Poetin niet beperkt zal blijven tot Oekraïens grondgebied. Zij voorspellen dat hij uiteindelijk zal proberen zijn controle over Belarus te vergroten. Met de berichtgeving over zijn bemiddeling in de crisis rond Wagner hoopt Loekasjenka misschien iets van zijn snel afbrokkelende soevereiniteit terug te winnen en de Belarussische angst weg te nemen om opgeslokt te worden door zijn grotere buurman, zegt Dmitri Avosja, oprichter van de Belarussische website Tribuna. ‘Loekasjenka deed Poetin uiteindelijk gewoon een plezier en met het oplossen van het bezettingsprobleem hielp hij ondertussen zichzelf,’ zegt hij.
Het is niet de eerste keer dat Loekasjenka de rol van bemiddelaar probeert op te eisen. Hij deed dat eveneens in 2014 en 2015, na eerdere Russische invallen in Oekraïne, toen Moskou separatisten steunde in de oostelijke Donbas-regio. En kort na de grootschalige invasie probeerde hij het opnieuw door delegaties uit Moskou en Kyiv in de zuidoostelijke stad Homel uit te nodigen, maar die gesprekken liepen snel spaak.
Waarnemers vragen zich nu af of Prigozjin in Belarus wel veilig is voor de dreiging van ontvoering of moord, gezien de woede die Poetin openlijk jegens hem uitte. Al vóór 2020, dus voordat Loekasjenka nog meer dan eerst een marionet van Poetin werd, begaven Russische speciale diensten zich soms op het grondgebied van Belarus om vijanden gevangen te nemen, zegt Slunkin, de analist van de ECFR. ‘En nu doen ze gewoon helemaal wat ze willen.’
Hoezeer het machtsevenwicht tussen Loekasjenka en Poetin ook verschoven is, beide mannen hebben elkaar nog steeds nodig om aan de macht te blijven. ‘Het is een Siamese tweeling,’ zegt Pavel Latoesjka, een voormalige Belarussische diplomaat en minister die nu in ballingschap leeft. ‘Ze kunnen niet zonder elkaar. Het is één lichaam met twee hoofden. De val van de een betekent de politieke dood van de ander.’
Minstens drie kinderen zijn gedood door de Russische aanval
Volgens de Oekraïense autoriteiten zijn er op dinsdagavond minstens elf mensen gedood bij een Russische raketaanval op Kramatorsk in de regio Donetsk. Onder de doden zijn twee veertienjarige tweelingzusjes en een zeventienjarig meisje, aldus procureur-generaal Andriy Kostin in een bericht op Telegram. De aanval op dinsdag verwoestte het restaurant Ria Pizza, een etablissement in het centrum van de stad dat populair is bij journalisten, hulpverleners en soldaten, schrijft het onafhankelijke Russische nieuwsplatform Meduza.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Volgens Kostin troffen Russische troepen Kramatorsk met twee Iskander-raketten. In zijn dagelijkse toespraak op woensdagavond veroordeelde de Oekraïense president Volodymyr Zelensky de aanval als een ‘terreurdaad’. De Oekraïense veiligheidsdienst meldde dat het een agent van de Russische geheime dienst had aangehouden, die de aanval op het café in het centrum van Kramatorsk coördineerde.
Volgens Meduza was de Oekraïense auteur Victoria Amelina in het restaurant op het moment van de aanvallen. Naar verluidt raakte ze ernstig gewond. Het Russische ministerie van Defensie beweerde een ‘tijdelijk inzetpunt’ van de 56e gemechaniseerde infanteriebrigade van de Oekraïense strijdkrachten te hebben getroffen en de woordvoerder van het Kremlin, Dmitri Peskov, verzekerde dat Rusland ‘geen civiele infrastructuur aanvalt’.
Elke week pluist de redactie van 360 een actuele gebeurtenis voor je uit aan de hand van de internationale pers. Deze week gaan we dieper in op de muiterij van Wagner en leider Prigozjin in Rusland. Hoe kon dit gebeuren en welke invloed hebben de ontwikkelingen op de oorlog?
Dit artikel verscheen woensdag in de nieuwsbrief Buiten de grenzen, exclusief voor abonnees. Wil je elke week op de hoogte blijven? Neem dan een (proef)abonnement – al vanaf €4 per maand – op 360 Magazine en abonneer je op de nieuwsbrieven.
Waarom keerde Wagner zich tegen Poetin?
‘Op 23 juni begonnen in Rusland een knotsgekke 24 uur. Bedenk even hoe surrealistisch het allemaal was’, opent The Economisteen analyse van de muiterij. ‘Een gewelddadige crimineel en voormalig hotdogverkoper, bijgenaamd de “kok”, leidt een gewapende privémilitie richting Moskou en eist de hoofden van de legerleider en de minister van Defensie. Grenswachten en veiligheidspersoneel verdwijnen en laten hen passeren. Gewone burgers stromen de straat op om het spektakel gade te slaan en een praatje te maken met de militieleden. De staatstelevisie zendt midden in de nacht een speciaal nieuwsbulletin uit. De president van een kernmogendheid doet vanaf het tv-scherm een beroep op zijn veiligheidsdiensten om de opstand te stoppen en belooft een “harde reactie”. De burgemeester van Moskou roept de noodtoestand uit vanwege terreurdreiging. Nog geen vierentwintig uur later stuurt de leider van de Wagner-groep zijn mannen terug en gaat in ballingschap. De aanklacht van hoogverraad wordt ingetrokken; er wordt geen verklaring gegeven’, vat het Britse tijdschrift samen. Dit is inderdaad surrealistisch te noemen. Hoe heeft het zo kunnen gebeuren?
Sinds het begin van de oorlog van Rusland in Oekraïne heeft de Wagner-groep aan de zijde van het Russische leger gevochten, waarbij naar schatting duizenden Wagner-huurlingen zijn ingezet. Hun tactieken zijn wreed en gewelddadig, schrijft The Guardian. De groep, die zichzelf omschrijft als een private military company, bestaat al sinds 2014 en heeft zich gemengd in conflicten in Afrika en het Midden-Oosten. Maar vrijdag doorbrak Prigozjin de gelederen en beschuldigde hij in een video vol scheldwoorden de Russische militaire leiding ervan zijn troepen munitie te onthouden. Hij beweerde dat een kampement van Wagner was gebombardeerd door het Russische leger en beschuldigde het Kremlin ervan tegen het publiek te liegen over de redenen om Oekraïne binnen te vallen.
Die zaterdagochtend stak Prigozjin met zijn Wagner-troepen de grens over en nam hij de Russische stad Rostov aan de Don in. De leider van de huurlingengroep zei dat hij Rostov zou blijven bezetten tot hij kon spreken met de Russische minister van Defensie, Sergej Sjoigoe, en de chef van de Russische Generale Staf, Valeri Gerasimov – ‘zijn rivalen in de Russische militaire leiding’, aldus The Guardian. Toen daar geen gehoor aan werd gegeven, stuurde hij zijn troepen richting Moskou. Uiteindelijk mengde de Belarussische president Aljaksandr Loekasjenka zich in de onderhandelingen en kwam er een akkoord: Prigozjin en Wagner zouden vertrekken naar Belarus, hij en zijn strijders zouden niet beschuldigd worden van verraad. Wagner-strijders die door wilden vechten, konden zich aansluiten bij het Russische leger.
Volgens de Spaanse defensie-expert Jesús A. Núñez Villaverde was het belangrijkste motief voor Prigozjins muiterij het feit dat de Russische defensieminister had afgekondigd dat alle privémilities vanaf 1 juli een contract moeten tekenen met het Russische leger en onder zijn gezag zouden komen te staan. ‘Voor Prigozjin zou dit het verlies betekenen van zijn belangrijkste machtsinstrument, zowel militair als politiek en financieel; iets wat onaanvaardbaar is voor iemand die beweert de beste vertegenwoordiger van het Russische patriottisme te zijn en (tot nu toe) Poetins trouwste bondgenoot was.’
In een audioboodschap op maandag zei Prigozjin dat zijn troepen zich niet zullen scharen onder het Russische leger, dat ze geen contracten zullen ondertekenen en dat Wagner zelfs toestemming zou kunnen krijgen om zijn operaties vanuit Belarus voort te zetten, bericht The Guardian in een ander bericht. Volgens een bericht van Meduzazijn de rekruteringskantoren van Wagner maandag gewoon weer opengegaan. En The Moscow Timesmeldt dat een Wagner-kampement voor achtduizend manschappen in aanbouw is in Belarus.
Welke gevolgen hebben deze ontwikkeling voor Poetin?
‘De Russische president is vernederd’, schrijft The Economist in een tweede analyse. ‘Wagner en Prigozjin, een ex-gevangene die eindigde als Kremlin-fixer, zijn Poetins creaties. In het Russische systeem regeert Poetin door de concurrentie tussen rivaliserende facties met potentieel dodelijke gevolgen in goede banen te leiden. (…) Zijn onvermogen om de muiterij van Wagner te voorkomen, betekent dat hij faalde in zijn belangrijkste taak.’
Maar dat is nog niet alles, schrijft het Britse weekblad. ‘Poetin heeft ook de grenzen van de loyaliteit van zijn volk ontdekt. (…) Sommige burgers leken de mannen van Wagner met voedsel en water te begroeten en juichten Prigozjin toe als een held. Voor het grootste deel hield het reguliere leger zich afzijdig en keek het toe terwijl een bende huurlingen richting Moskou marcheerde.’
Volgens The Economist zit Poetin gevangen in het dilemma tussen hard optreden tegen muiters en zo mogelijk de oorlog in Oekraïne verstoren, en niets doen en zo tonen dat hij kwetsbaar is. Dat hij via Loekasjenka een deal heeft gesloten met Prigozjin is eens te meer een teken van zwakte. ‘In de wereld van Poetin laten machtige leiders mensen niet met zoiets wegkomen en vragen ze niet om hulp van de junior dictator uit het buurland.’
Ook defensie-expert Núñez Villaverde beaamt in El País dat Poetin als verliezer uit de bus is gekomen. ‘Hij heeft politiek gezien verloren, omdat hij niet in staat is het beeld te verbergen van een leider die door zijn eigen demonen wordt overmand en gedwongen wordt om zijn dreigementen met straf [voor Prigozjin] in te trekken. En ook militair gezien, omdat hij geen directe vervanger heeft voor de taken die Wagner de afgelopen jaren op zich heeft genomen.’
Volgens Meduza bestond onder een deel van de Russische elite al ontevredenheid over Poetin. ‘Ze zagen Poetin als de reden dat ze geld, macht en mogelijkheden om zichzelf te verrijken verloren.’ Deze nieuwe knauw voor de reputatie van Poetin zou mogelijk kunnen leiden tot meer onrust. ‘Zodra iedereen inziet dat de keizer naakt is, zal ook zijn hof van hypocrieten worden uitgekleed.’
Informatie van The New York Timesdat de Russische generaal Sergej Soerovikin op de hoogte was van Prigozjins plannen, lijkt erop te wijzen dat er tot in de legertop onenigheid is over Poetin, zo ontdekte de krant via bronnen binnen de Amerikaanse inlichtingendienst. Soerovikin was tot januari de hoogste bevelhebber in Oekraïne. Volgens experts waarmee NYT sprak leek Prigozjin te geloven dat grote delen van het Russische leger zich aan zijn zijde zouden scharen als zijn konvooi oprukte naar Moskou.
Volgens Núñez Villaverde leidt deze situatie tot nog meer chaos: ‘Poetins weigering om degenen die in opstand zijn gekomen tot de grond toe af te slachten, luidt alleen maar nieuwe stormen in voor de toekomst.’
En wat betekenen de gebeurtenissen voor het verloop van de oorlog?
Het nieuws over de muiterij gaf de Oekraïners hoop dat dit weleens het einde zou kunnen inleiden van de Russische invasie in hun land, aldus The Observer. ‘Maar naarmate de uren verstreken en de kans op een burgeroorlog afnam, begon de droom van een einde aan de oorlog er steeds onwaarschijnlijker uit te zien.’
Het is onbekend of Wagner zich helemaal gaat terugtrekken uit Oekraïne nu de leider naar Belarus is verbannen. Maar verschillende media speculeren al wat hiervan de gevolgen zouden kunnen zijn. ‘Kan de totale terugtrekking van de Wagner-groep van het slagveld het verloop van de oorlog in Oekraïne veranderen?’ vraagt ook Le Monde zich af. Ten eerste is belangrijk om te weten wat de huidige rol van Wagner is in de oorlog.
Volgens Le Monde beweert Wagner vijfentwintigduizend manschappen in Oekraïne te hebben, maar analisten geloven dat dit zwaar overdreven is. Zo zou Wagner naar eigen zeggen twintigduizend man hebben verloren in de slag om Bachmoet. Bovendien zijn de meeste mannen van Wagner niet meer aan het front sinds de val van Bachmoet, die op 20 mei door het Russische leger werd aangekondigd, hoewel sommige soldaten achterbleven, aldus de Franse krant. ‘De totale terugtrekking van de Wagner-troepen uit Oekraïne, mocht die bevestigd worden, zou de slagorde dus niet veranderen, althans niet op korte termijn. Bovendien zijn de mannen van Prigozjin volledig afwezig aan het zuidelijke front, waar een deel van het tegenoffensief dat het Oekraïense leger op 4 juni lanceerde, is geconcentreerd.’
Toch neemt de Russische legerleiding volgens analisten een risico als ze Wagners activiteiten in Oekraïne stopt, schrijft Le Monde. ‘De strijdkrachten van de Wagner-groep zijn veel geharder dan die van de reguliere troepen en werden ingezet in de zwaarste gevechten, waar de verliezen het hoogst waren.’ Omdat Wagner uit huurlingen en ex-gevangenen bestaat, konden ze makkelijker worden ingezet in gevaarlijke situaties waarbij veel doden vallen. ‘Politieke verantwoordelijkheid nemen voor een groot aantal doden is ingewikkelder met soldaten van het contingent dan met huurlingen. Je moet verantwoording afleggen aan hun families en nieuwe dienstplichtigen mobiliseren,’ aldus een defensie-expert in de Franse krant. Zonder Wagner is het voor Rusland dus veel moeilijker om een doorbraak te forceren in de oorlog.
Sommige analisten vragen zich ook af of de reguliere strijdkrachten uit elkaar zullen vallen als de mannen van Wagner zich terugtrekken, zelfs als een aantal van hen zich bij het reguliere leger zou kunnen aansluiten, zoals het Kremlin graag zou zien. Ook stonden enkele legeronderdelen tijdens zijn muiterij openlijk aan de kant van Prigozjin. Russische militaire bloggers hebben gesproken over deserties in eenheden aan het front na Prigozjins actie, schrijft Le Monde.
‘Een situatie die volgens de onderzoekers het directe gevolg is van de privatisering door Moskou van een deel van zijn strijdkrachten. Door te vertrouwen op huurlingen heeft Poetin een val voor zichzelf gezet: de muiterij van Prigozjin en de roep om hulp van de Tsjetsjeen [Ramzan] Kadyrov laten zien dat hij niets meer zonder hen kan’, zegt een defensie-expert tegen de Franse krant.
‘De kansen op een Oekraïense doorbraak zijn deze zomer dramatisch gestegen’, concludeert ook Luke Harding, Ruslandcorrespondent van The Observer. ‘Als het moreel in de Russische frontlinie instort en soldaten niet bereid zijn om te vechten, kan er snel terrein worden veroverd.’
Poetin zegt dat Wagner miljarden van Rusland heeft gekregen
De Russische president Vladimir Poetin heeft in een relatief korte periode twee televisietoespraken gehouden waarin hij is ingegaan op de gewapende opstand van de Wagner-groep afgelopen weekend. Hij benadrukte dat Rusland de Wagner-groep financierde en riep hen op voor Rusland te blijven vechten. Over Wagner-baas Prigozjin zei Poetin niets.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Prigozjin zou inmiddels in Belarus zijn aangekomen, al ontbreekt bewijs. Intussen komt meer naar buiten over de rol die de Belarussische president Aljaksandr Loekasjenka heeft gespeeld rond de opstand. Zo schrijft CNNdat Loekasjenka Poetin ervan heeft overtuigd Prigozjin niet te vermoorden. Ook zei hij dat Poetin op het punt stond de Wagner-militairen, die met achtduizend man waren opgetrokken richting Moskou, aan te vallen.
Door tussenkomst van de Belarussische dictator werd Prigozjin overtuigd rechtsomkeert te maken. Russische media maken inmiddels melding van de bouw van militaire bases in Belarus, die mogelijk gebruikt worden om Wagner-militairen te stationeren. NAVO-landen hebben troepen bij de grens met Belarus op scherp gezet vanwege deze ontwikkelingen.
De baas van huurlingenleger Wagner Jevgeni Prigozjin heeft maandag voor het eerst gereageerd op de door hem geleide gewapende opstand afgelopen weekend. In een spraakbericht zegt Prigozjin dat zijn opmars naar Moskou ‘een protest’ was, en niet bedoeld ‘om de regering in het land omver te werpen’. Dat schrijft The New York Times.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Waar Prigozjin momenteel is, is niet bekend. Russische autoriteiten zeiden dat hij naar Belarus zou vertrekken, net als militairen van Wagner, maar dat is nog niet officieel bevestigd. In het spraakbericht zegt de Wagner-baas er ook niets over en uit hij opnieuw scherpe kritiek op de Russische legerleiding, die zijn huurlingenleger zou hebben willen ontbinden.
President Vladimir Poetin heeft maandag voor het eerst gereageerd op de gewapende opstand van de Wagner-militairen, die zaterdag Moskou tot op 200 kilometer naderden totdat ze ineens rechtsomkeert maakten. Poetin herhaalde dat de acties van Prigozjin verraad waren en dat zijn strijders terug kunnen naar het front of zich moeten verplaatsen naar Belarus.
Als NAVO-land met een hoogwaardige technologiesector en banden met Afrika staat Portugal in de belangstelling van onder meer de Iraanse, Chinese en Russische geheime dienst. Die interesse dateert niet van gisteren.
Een vierdaagse reis in juni 2014 naar Isfahan, de derde stad van Iran, bracht João F. op het netvlies van de Amerikaanse geheime dienst. In gezelschap van een Turkse ondernemer had de ingenieur uit Lissabon een ontmoeting met ene Reza. Het doel was zakelijk: de installatie in Iran van twee grote Duitse machines voor het slijpen van lenzen. Het betrof het eerste in een reeks Europese en Noord-Amerikaanse contracten voor de levering van hoogwaardige technologie – technologie die in de ogen van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken geschikt was voor militaire toepassingen.
Het Amerikaanse wantrouwen groeide toen de Portugees ten westen van Lissabon een kleine hangar huurde om de machines tussentijds in op te slaan, alvorens ze via ‘complexe zeeroutes’, over Turkije en China, naar Isfahan te verschepen. Twee jaar later werd een machine die het bedrijf van João F. van New York naar Lissabon moest overbrengen, onderschept op JFK Airport. De angst bestond dat het apparaat in Iraanse handen zou vallen. Een paar maanden later werd João F. in de Verenigde Staten gearresteerd op verdenking van ‘criminele samenzwering’. Hij kwam weer vrij, zijn huidige verblijfplaats is onbekend.
Verspieders te huur in het Verenigd Koninkrijk
In een langetermijnonderzoek dat in maart werd gepubliceerd, besteedt The Sunday Times hernieuwde aandacht aan een zorgwekkende trend in het Verenigd Koninkrijk: het overlopen van militairen en geheime agenten naar de privésector.
‘Op kosten van de belastingbetaler zijn deze spionnen, militairen en agenten door de Britse staat opgeleid in het uitvoeren van clandestiene operaties,’ schrijft de zondagskrant. ‘Eenmaal in de privésector beland slaan ze munt uit deze vaardigheden door ze in te zetten ten behoeve van autocratische staten, oligarchen en rijke bedrijven. Ze schaduwen auto’s, regelen nepsollicitatiegesprekken, stelen privédocumenten uit prullenbakken en kopen getuigen om – allemaal extreme methoden om peperdure gerechtelijke procedures te doen omslaan in het voordeel van de opdrachtgever.
‘De rechtbanken van Londen zijn het epicentrum van de industriële spionagesector,’ stelt het conservatieve weekblad. ‘Die vormen tegenwoordig een internationaal centrum van juridische geschillen. De klanten van deze detectivebedrijven zijn machtige buitenlandse actoren, van bedrijven tot staten, die zich het volledige arsenaal aan moderne gerechtelijke procedures kunnen veroorloven.’ Het enige doel: koste wat het kost winnen. ‘Zo kan het gebeuren dat Britse rechtbanken stukken accepteren die onder dubieuze omstandigheden zijn verkregen,’ stelt The Sunday Times vast.
Bezorgde Britse parlementsleden zijn nu van plan de sector aan banden te leggen door middel van een wetsvoorstel dat in januari is ingediend.
Een document dat dit jaar door de Portugese geheime dienst werd gepubliceerd, verwijst indirect naar deze zaak: ‘Er zijn verdenkingen van aankopen op het nationaal grondgebied die verband houden met programma’s voor massavernietigingswapens.’ Aankoop van materiaal dus dat kan worden gebruikt voor nucleaire doeleinden. Bepaalde landen, zo gaat het verder, verwerven op discrete wijze ‘materiaal, apparatuur en technologieën voor duale toepassing, en van gevoelige aard, die ook kunnen worden gebruikt voor clandestiene militaire projecten’. Lege vennootschappen in Iran, Syrië en Pakistan zouden een rol spelen in deze transacties, aldus het document, alsook ‘diverse tussenpersonen in het buitenland’ die ‘risicovolle zaken’ afhandelen.
Tevens maakt het rapport melding van een nieuw fenomeen: de belangstelling van studenten en wetenschappers uit ‘prolifererende landen’ (met een nucleair programma) voor allerlei universitaire en wetenschappelijke cursussen en evenementen in Portugal, wat ‘een risico’ zou kunnen betekenen op ‘overdracht van gevoelige kennis’.
Sinds de publicatie van het rapport is dit fenomeen toegenomen, volgens bronnen rondom de inlichtingendiensten. Iran heeft een vinger in de pap gekregen op technische universiteiten en manipuleert onderzoekers, zegt een van hen. Onder een diplomatieke of academische dekmantel benaderen Iraanse geheim agenten Portugese docenten en studenten die betrokken zijn bij projecten op het gebied van nanotechnologie, ruimtevaarttechniek en kernfusie. Veel van deze docenten en studenten onderhouden contacten met Noord-Amerikaanse, Engelse, Spaanse en Franse universiteiten. De Iraniërs proberen hen te lokken met wetenschappelijke samenwerkingsprojecten. Hun missie is om zeer gespecialiseerde knowhow binnen te halen, die het nucleaire programma van het regime in Teheran nog gevaarlijker kan maken.
Kans van slagen
De kwetsbaarste en minst scrupuleuze wetenschappers gaan uiteindelijk in op deze voorstellen en delen voor ze het weten gevoelige wetenschappelijke informatie. ‘Die contacten zijn echter niet altijd succesvol. Ze hebben de meeste kans van slagen bij mensen die in een lastige fase in hun leven zitten, bijvoorbeeld door een scheiding of een schuld. Ronselaars proberen zo veel mogelijk persoonlijke informatie over hun doelwitten te vergaren en hun zwakke punten te benutten,’ aldus een bron die in de binnenlandse veiligheid heeft gewerkt en anoniem wil blijven.
Portugal beschikt over geavanceerde technologie die ‘erg interessant is voor vijandelijke machten’. Die technologie is misschien niet van hetzelfde niveau als die van de Noord-Amerikanen, maar is wel ‘makkelijk toegankelijk’, zo stelt een voormalige functionaris die banden heeft met de inlichtingendiensten.
Iraanse gevaar
Eén zaak illustreert hoezeer westerse mogendheden het Iraanse gevaar serieus nemen: dat van een particuliere luchtvaartmaatschappij die er door de Verenigde Staten van wordt verdacht terroristen uit Syrië en Libanon naar Venezuela te hebben gebracht voor een training. In tegenovergestelde richting zou deze maatschappij goud en wapens van Latijns-Amerika naar het Midden-Oosten overbrengen om Hezbollah en de Iraanse Revolutionaire Garde te financieren, in ruil voor Iraanse olie. De regering van Donald Trump riep in april 2020 diverse landen op om dit bedrijf uit hun luchtruim te weren. Sommige van deze vliegtuigen konden desondanks over het Iberisch Schiereiland vliegen en zo de gebruikelijke routes omzeilen.
Anders dan de Iraniërs, die solistisch opereren, doen de Chinese inlichtingendiensten op Portugese bodem een beroep op culturele instellingen die onder auspiciën van Beijing staan. Vorig jaar besprak het tijdschrift Sábado de rol van het Confucius Instituut: dat verspreidt niet alleen propaganda, het treedt ook op als rekruteringscentrum voor agenten die gevoelige informatie moeten verzamelen. De Portugese inlichtingendiensten houden de activiteiten van de Chinese ambassade in Lissabon in de gaten, zo meldt het weekblad.
Veilgheidsdiensten verdenken Portugese academici ervan de belangen van Beijing te dienen
De lijn tussen lobbyen en spionage is dun; de veiligheidsdiensten verdenken diverse Portugese academici ervan de belangen van Beijing te dienen, soms de wet te omzeilen en staatsgeheimen te schenden. ‘De geheime diensten weten heel goed wie er in Portugal voor de vijand werkt, maar het is moeilijk te bewijzen. Je moet de geldroute volgen,’ zegt beveiligingsspecialist Luiz Tomé.
Portugal kent een vrij grote Chinese gemeenschap, en de veiligheidsdiensten en de gerechtelijke politie vermoeden dat China een discrete maar reële macht uitoefent over de leden ervan. Safeguard Defenders, een in Madrid gevestigde ngo, onthulde eind vorig jaar het bestaan van 102 Chinese ‘politiebureaus’ in 53 landen, die Chinese staatsburgers vervolgen op verdenking van diefstal, illegaal gokken of zelfs kritiek op het regime. De bureaus hebben geen officiële bevoegdheid en informeren het gastland niet over hun activiteiten. De Madrileense ngo beschuldigt Beijing bovendien van gedwongen repatriëringen.
Beijing probeert daarnaast toegang te krijgen tot ‘gevoelige’ informatie door politieke leiders te bewerken met soft power. Daar begint de soms ingewikkelde dans van economische en politieke macht. ‘China wordt een steeds machtigere reus. Al tien jaar tracht het land Portugese bedrijven in de belangrijkste sectoren binnen zijn invloedssfeer te krijgen, en het flirt ook weleens met de politieke macht,’ zo weet Hugo Costeira, voorzitter van het Observatorium voor interne veiligheid.
De Sovjetspionage was vooral actief in Portugal in de jaren die volgden op de val van de dictatuur
De politici in kwestie dienen vooral om ‘deuren te openen’ naar nieuwe partnerschappen tussen ondernemers uit beide landen, maar de veiligheidsdiensten bezien dergelijke initiatieven met wantrouwen. Ze vrezen dat Beijing op deze manier vertrouwelijke overheidsdossiers in handen krijgt. Eén ding is zeker: de stormachtige entree van Huawei in Portugal en de miljoenen euro’s die grote Chinese aandeelhouders in Portugese beursgenoteerde bedrijven hebben gestoken, zijn de Noord-Amerikaanse diplomatie een doorn in het oog.
Epicentrum
Ook al is er sprake van internationale spionage in Portugal, op mondiaal niveau neemt het land op dat gebied nog lang geen belangrijke strategische positie in. Lissabon was ooit wél het epicentrum van wereldwijde spionage. Tijdens de Tweede Wereldoorlog nam dictator António Salazar een neutrale positie in. Dat gegeven, en de gunstige geografische positie van het land als vertrekhaven voor Amerika, trok velen aan die het oorlogsgeweld wilden ontvluchten, van leden van Europese koningshuizen tot diplomaten, bankiers, zakenlieden en voormalige heersers van landen die door de nazi’s waren bezet. De Portugese hoofdstad werd zodoende een belangrijke locatie voor grote spionagenetwerken. In de stad en langs de kust naar het noorden verscholen zich tal van geheim agenten, zowel geallieerden – vooral Britten en Amerikanen – als Duitsers.
‘Ze werkten meestal voor hun ambassades, maar je had ook dubbelspionnen die voor zichzelf klusten en beide partijen dienden,’ zegt historica Irene Pimentel. Garbo, de codenaam van de Catalaan Juan Pujol García, was een van de belangrijkste dubbelspionnen van Lissabon. Hij had grote invloed op de afloop van de oorlog. Aanvankelijk stond hij in dienst van de Duitsers, maar uiteindelijk werkte hij voor de Britse geheime dienst MI5, zonder dat Berlijn er lucht van kreeg. Hij maakte Hitler wijs dat de geallieerden in Pas-de-Calais zouden landen en niet in Normandië, waardoor de Duitsers een groot deel van hun troepen naar de verkeerde plek dirigeerden. De bekwame dubbelspion speelde het klaar om in de loop van de oorlog zowel door de Führer als door Churchill te worden onderscheiden.
Een andere dubbelagent die voor de Britse geheime dienst werkte en valse informatie doorgaf aan de Duitsers, was de Serviër Dusko Popov. Hij stond model voor het door Ian Fleming gecreëerde karakter van James Bond. Popov, die de reputatie van een playboy had en buitengewoon moedig was, verbleef in die dagen in hotel Palácio in Estoril. Daar ontmoette hij Fleming, een Britse marineofficier die in Portugal diende. Talloze thrillers uit die tijd gaan over het gekuip en gekonkel dat destijds schering en inslag was in Portugal. Geen wonder, ‘het land vormde een waar nest van spionnen van alle gezindten,’ lacht Pimentel.
Het Hongaarse perspectief
Muren met oren
Honderden Russische en Chinese spionnen zijn actief in de Belgische hoofdstad, stelt het Hongaarse weekblad HVG. En deze buitenlandse agenten zouden niet alleen uit vijandige staten zoals Rusland, China of Iran komen, maar ook uit bevriende landen, waaronder leden van de EU.
De Belgische Staatsveiligheidsdienst heeft onvoldoende personeel om deze situatie het hoofd te bieden, en de lokale contraspionage werd pas alert na de Russische invasie van de Krim in 2014, de aanslagen in Parijs in 2015 en die in Brussel in 2016. Brussel is de zetel van de Europese Raad, de Commissie, het Europees Parlement en de NAVO, maar ‘er is nog geen Europese CIA of een organisatie die de diensten van de 27 lidstaten kan samenbrengen,’ schrijft HVG.
Salazar hield iedereen scherp in de gaten, maar had aanvankelijk meer op met de Duitsers. Hij beval de geheime politie om de activiteiten van de Britse diensten de kop in te drukken. Later maakte hij hun het leven juist gemakkelijker, vooral vanaf 1943, toen de geallieerden de strijdkrachten van de asmogendheden in Noord-Afrika versloegen en het duidelijk werd dat ze aan de winnende hand waren in de oorlog. De Russen speelden een beslissende rol in de eindoverwinning: ze dwongen Duitsland in 1945 tot capituleren, terwijl de macht van hun geheime diensten zich pas na de oorlog begon af te tekenen, met de oprichting van de KGB in de jaren vijftig.
Anjerrevolutie
De Sovjetspionage was vooral actief in Portugal in de jaren die volgden op de val van de dictatuur in 1974 [Salazar trad in 1968 om gezondheidsredenen af als minister-president en overleed in 1970, maar zijn partij bleef tot de Anjerrevolutie van 1974 aan de macht]. Russische agenten opereerden destijds in Lissabon. Aan deze pogingen om invloed uit te oefenen kwam geen eind na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie. Nog maar zes jaar geleden werd een functionaris van de SIS (de Portugese binnenlandse veiligheidsdienst) veroordeeld tot acht jaar gevangenisstraf voor het doorgeven van staatsgeheimen aan de Russische geheime dienst. De activiteiten van de Russische inlichtingendiensten zijn sindsdien alleen maar geïntensiveerd, vooral tijdens de pandemie.
Nieuwe mogelijkheden
Covid-19 heeft niet alleen doden en lockdowns tot gevolg gehad, maar ook Chinese en Russische agenten nieuwe mogelijkheden geboden. De pandemie noopte universiteiten, openbare instellingen en laboratoria tot het elektronisch delen van gevoelige informatie over vaccins, PCR-testen en persoonsgegevens, wat allerlei hackers in dienst van NAVO- en EU-vijandige regimes aantrok. Volgens een overheidsbron is er de laatste tijd ‘aardig wat’ informatie uitgewisseld over de gevoelige kwestie van Russische cyberaanvallen tijdens de twee jaar van de pandemie.
uit onze archieven
Australië zegt dat het een spionnennest heeft schoongeveegd. In februari zei Mike Burgess, hoofd van de Australische inlichtingendiensten, dat zijn land in de greep was geweest van ‘een ongekend aantal spionageactiviteiten’. Een netwerk van agenten, van wie sommigen jarenlang undercover hadden gewerkt, is volgens hem in 2022 ontmanteld. De spionnen zouden zijn uitgezet.
Cybercriminelen uit Moskouse koker hebben hun illegale activiteiten sinds de oorlog in Oekraïne verveelvoudigd. In januari en februari was er een grootschalig cyberoffensief tegen Europese landen die Oekraïne steunen. Doelwit in Portugal waren het directoraat-generaal Gezondheid, de farmaciefaculteit van de Universiteit van Lissabon en de servers van het ziekenhuis van Amadora-Sintra.
Covid-19 heeft ook Chinese en Russische agenten nieuwe mogelijkheden geboden
Bruno Castro, ceo van cybersecuritybedrijf VisionWare, vermoedt dat het Kremlin achter deze aanvallen zit. ‘Zo kan het westerse landen aanvallen en tegelijkertijd represailles vermijden die tot een oorlog kunnen leiden.’ Dat wil zeggen: de Russen huren de allerbeste hackers in, die hun werk doen onder verkapte bescherming van de FSB (de opvolger van de KGB), de GROe (de militaire inlichtingendienst) en de SVR (de externe inlichtingendienst).
Het Tsjechische perspectief
Russische diplomaten ontmaskerd
In april 2021 zette Praag een grote groep Russische diplomaten uit. Het ging om achttien ambassademedewerkers die werden verdacht van betrokkenheid bij de explosie van een munitiedepot, een paar jaar eerder, waarbij meerdere doden waren gevallen. Tsjechië is een van de eerste Europese landen die zo veel Russische diplomaten in één keer uitwees.
Het dagblad Deník N wijst erop dat sinds het begin van de oorlog van Rusland tegen Oekraïne ruim vierhonderd vermeende agenten door EU-landen zijn ontmaskerd en uitgezet. De Russische spionage heeft volgens de krant de zwaarste klap sinds het einde van de Koude Oorlog te verwerken gekregen. ‘De EU, de VS en hun westerse bondgenoten steunen Oekraïne niet alleen heel zichtbaar. Ze werken er ook intensief aan om dit netwerk plat te leggen.’
Deze cyberspionnen hebben het ook op Portugal gemunt. De aanval van vorig jaar tegen servers van de militaire staf is een van de ernstigste voorbeelden. De hackers verkochten uiteindelijk de NAVO-documenten die ze hadden buitgemaakt. De veiligheidsdiensten wisten zich echter al voordat het conflict tussen Moskou en Kiev uitbrak bedreigd door Rusland.
De oorlog in Oekraïne en de zwarte lijst van Russische oligarchen die door de EU en de Verenigde Staten is opgesteld, hebben de Russische aanwezigheid in Portugal onder spanning gezet. De oorlog was twee maanden aan de gang toen het ministerie van Buitenlandse Zaken twee functionarissen van de Russische ambassade in Lissabon uitzette vanwege ‘activiteiten die in strijd zijn met de nationale veiligheid’. Een maand later stuurde het Kremlin vijf in Moskou gestationeerde Portugese diplomaten naar huis.
NAVO en EU
Het is duidelijk dat de vijand zich aangetrokken voelt door de academische en wetenschappelijke knowhow en de economische en politieke banden van een land dat, zij het enigszins in de periferie, deel uitmaakt van twee van de belangrijkste militaire en economische allianties: de NAVO en de EU. Maar wat betekent Portugal voor zijn bondgenoten? ‘We zijn nog steeds van waarde voor onze bondgenoten, omdat Lissabon dominant blijft wat het inlichtingenwerk in Afrika betreft,’ zegt Hugo Costeira. ‘Vooral de Fransen, de Britten en de Amerikanen hebben nogal wat belangen op dat continent. Ze zijn happig op de gevoelige informatie die wij bezitten, vooral in Afrikaanse landen waar Portugees de officiële taal is.’
Oekraïne
Geheime diensten op ramkoers
De Russische invasie in Oekraïne heeft ook de relatie tussen de geheime diensten van de twee landen op ramkoers gezet. Sinds 24 februari 2022 zijn de FSB en zijn Oekraïense equivalent, de SBU, op alle niveaus met elkaar in botsing gekomen, zo stelt de onlinekrant Oekraïnska Pravda in een lang artikel over dit onderwerp.
Het conflict had geen openlijke oorlog nodig om te beginnen; het zou zelfs dateren van vóór de Maidan-revolutie van februari 2014. Waaruit bestaat het werk van de Federale Veiligheidsdienst van de Russische Federatie (FSB) in Oekraïne? Antwoord: ‘Rekrutering van agenten, moorden, terreurdaden, cyberaanvallen’, maar ook ‘het aanstellen van marionetten op sleutelposities’ en ‘de strijd tegen de pro-Oekraïense publieke opinie’.
Russische agenten, schrijft het onlinedagblad, zijn tot in de meest gesloten staatsstructuren van het land doorgedrongen. Ze beschikten over agenten binnen het ministerie van Binnenlandse Zaken en binnen de rechterlijke macht, in de geestelijkheid en onder afgevaardigden en gewone burgers, die bereid waren de belangen van Oekraïne te verraden.
De SBU zelf wordt niet gespaard. In februari begon in Kiev het proces tegen Oleg Koelinitsj, voormalig hoofd van het bureau van de SBU op de Krim. Hij wordt verdacht van hoogverraad; hij zou in opdracht van zijn Russische contacten informatie hebben achtergehouden over het Russische invasieplan.
Volgens SBU-diensten dateren de activiteiten van de FSB in Oekraïne van voor 2014. Uit onderzoek zou zijn gebleken dat ten tijde van president Viktor Janoekovitsj de FSB al was geïnfiltreerd in de Raad van nationale veiligheid en defensie (RNBO), en wel in de persoon van plaatsvervangend secretaris Volodymyr Sivkovytsj, zelf een voormalig lid van de KGB, wiens naam in verband wordt gebracht met de moorden op Maidan in februari 2014.
De FSB heeft ook nieuwe taken gekregen in de bezette gebieden, waar zijn vertegenwoordigers onbeperkte bevoegdheden genieten. Zij benoemen nieuwe lokale gezagsdragers, verbieden pro-Oekraïense demonstraties, kiezen ‘journalisten’ uit voor het verspreiden van propaganda en oefenen druk uit op ceo’s en ambtenaren die weigeren mee te werken. Ze houden vertegenwoordigers van de Oekraïense diensten in de gaten. Ook de politie staat onder toezicht van de FSB. ‘Yakuza’s’, zo noemen soldaten van het Russische leger de vertegenwoordigers van de FSB in de bezette gebieden die ‘druk uitoefenen op de werknemers van de kerncentrale Zaporizja om samen te werken met het Russische nucleaire agentschap Rosatom’.
Met dit inlichtingen- en veiligheidsapparaat, zo concludeert Oekraïnska Pravda, waren de Russen van plan om Kiev binnen drie dagen in te nemen. ‘Ze hebben gefaald, maar de kwestie van mollen en verraders binnen de SBU en andere staatsstructuren, zowel militair als civiel, blijft cruciaal. Met name omdat er FSB-agenten in de hoogste kringen zitten. Die kunnen de inspanningen van de Oekraïense strijdkrachten tenietdoen.’
Een andere bron die bij inlichtingendiensten heeft gewerkt volgt een soortgelijke redenering: ‘Portugal dient als platform voor alle bevriende en vijandelijke inlichtingendiensten vanwege zijn strategische geografische ligging, zijn verbondenheid met Afrika en omdat hier tal van culturen vertegenwoordigd zijn, zodat geheim agenten niet zo snel de aandacht trekken.’ Lissabon is net zo open als Londen of Parijs, maar wordt minder bewaakt. ‘Men komt naar Lissabon en Porto om inlichtingen uit te wisselen met agenten uit andere landen. We sluiten de ogen een beetje voor die activiteiten, omdat ze ons veel voordelen opleveren.’ Wat hen, kortom, aantrekt is dat Portugal ‘een NAVO-land is dat institutionele betrekkingen heeft met Afrika’.
Sinds de spanningen op het wereldtoneel zijn toegenomen, staan de inlichtingendiensten op scherp. Maar volgens het hoofd van de Zweedse contraspionage zijn er vooral veel schermutselingen tussen totalitaire regimes en democratieën, en keren we niet terug naar de Koude Oorlog.
Te oordelen naar de omvang van zijn spionageactiviteiten steekt Rusland veel meer energie in het infiltreren in de Zweedse samenleving dan in de Deense. Of het moet zo zijn dat de inlichtingendienst onder leiding van voormalig KGB-agent Vladimir Poetin minder succesvol is geweest aan de Deense zijde van de brug over de Sont [de zeestraat tussen beide landen].
Vertrouwelijke documenten
In april raakte de inlichtingenwereld in beroering nadat was gebleken dat de jonge Amerikaanse militair Jack Teixeira honderden vertrouwelijke documenten van het Pentagon had gelekt. Op de website UnHerd stelde militair historicus Edward Luttwak echter dat het overgrote merendeel van deze documenten helemaal niet ‘top secret’ is: ‘Er worden reusachtige hoeveelheden pseudogeheime documenten gefabriceerd. Dat gebeurt telkens wanneer een functionaris een stukje commentaar toevoegt aan de lange samenvattingen van mediapublicaties die Amerikaanse diplomatieke posten, waar ook ter wereld, dagelijks uitspuwen.’
In iets meer dan tien jaar tijd zijn er in Denemarken slechts twee veroordelingen uitgesproken op grond van een wetsartikel dat lichte gevallen van spionage strafbaar stelt. De ene betrof een Finse hoogleraar aan de Universiteit van Kopenhagen, de andere een jonge Russische chemisch ingenieur aan de Technische Universiteit van Denemarken. Tijdens een proces achter gesloten deuren in Aalborg, in Noord-Jutland, werd die laatste veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf, gevolgd door uitzetting.
Een contrast met Zweden: alleen al in de afgelopen maanden speelden daar twee hoogst opmerkelijke zaken. De ene ging om een voormalig medewerker van de Säpo, de Zweedse veiligheidsdienst, die levenslang kreeg; de andere betrof de spectaculaire inrekening van een Russisch echtpaar dat jarenlang een zogeheten slapende cel bleek te hebben gevormd, een beetje zoals in de Amerikaanse Koude Oorlogsserie The Americans.
Rusland
In een onlangs door de Säpo [de Zweedse nationale veiligheidsdienst] vrijgegeven jaarverslag wordt Rusland zonder meer als grootste bedreiging van Zweden aangemerkt. En dat net nu dat laatste land, na tientallen jaren van neutraliteit, aan de poorten van de NAVO rammelt. De Russen leggen zich vooral toe op het verspreiden van complottheorieën en staatsondermijnende uitingen. Mosterd na de maaltijd, kun je zeggen: de toetreding van Zweden tot de westerse militaire alliantie – in het kielzog van Finland, dat op 4 april al lid werd – is onafwendbaar.
De acties van Moskou zijn onvoorspelbaar en in potentie roekeloos, zo valt in het Säpo-rapport over Rusland te lezen. Maar het gaat niet alleen om Rusland: China is een ‘almaar grotere bedreiging op de lange termijn’ en Iran een ‘tastbare bedreiging voor de veiligheid’. Ook meldt de Säpo dat buitenlandse regimes veel geld uitgeven om in Zweden illegaal aan geavanceerde technologie te komen. Vooral de agressie tegen Oekraïne heeft geleid tot een grotere Russische behoefte aan technologische middelen om de militaire capaciteit te behouden.
Als hoofd van de afdeling contraspionage binnen de Säpo sinds 2015 heeft Daniel Stenling een zeer onaangename ervaring gekend: er bevond zich een mol binnen zijn dienst in Stockholm. Peyman Kia, een Zweed van Iraanse afkomst, verleende jarenlang zijn diensten aan de Zweedse militaire inlichtingendienst, maar maakte ondertussen gemene zaak met het Russische inlichtingenbureau GROe. Begin dit jaar veroordeelde het Hof van Stockholm de dubbelspion tot levenslang, omdat hij samen met zijn jongere broer Payam zeer vertrouwelijke documenten aan de Russische militaire inlichtingendiensten had doorgespeeld, tegen betaling van honderdduizenden Zweedse kronen.
Recorduitzettingen in Noorwegen
Nog nooit heeft Noorwegen zo veel diplomaten tegelijk uitgezet, meldt de Noorse krant Aftenposten. Vijftien mensen, ruim een derde van het diplomatieke personeel van de Russische ambassade in Oslo, werden op 13 april tot persona non grata verklaard. Volgens het dagblad Verdens Gang behoort ambassadeur Teimuraz Ramisjvili niet tot deze vijftien.
De activiteiten van deze Russische diplomaten vormden ‘een bedreiging voor de Noorse belangen’, aldus de minister van Buitenlandse Zaken, Anniken Huitfeldt van de Arbeiderspartij. NAVO-lid Noorwegen stelde dat de uitzettingen niet het gevolg waren van een specifieke gebeurtenis, maar van intensiever werk van de Noorse inlichtingendiensten.
Sindsdien is uit de berichtgeving van lokale media een concreter beeld opgerezen. Zo was er een ontmoeting in een park in Oslo tussen een Noorse zakenman en een Russische nepdiplomaat die de zakenman probeerde te rekruteren. Ten minste vijf van de vijftien uitgewezen Russen zijn inmiddels geïdentificeerd als agenten van inlichtingendiensten.
De kou tussen Oslo en Moskou is nu ijzig, concludeert de site van de publieke radio- en televisiezender NRK. ‘Nieuw is dat Noorwegen zelf actie heeft ondernomen en niet heeft gereageerd op incidenten of soortgelijke acties van bondgenoten.’ Voorlopig zijn de door Moskou beloofde represailles uitgebleven.
Aangezien de verdachte in beroep is gegaan, kan Stenling nog niet veel zeggen over het proces tegen deze voormalige Säpo-medewerker, die sinds 2017 in de gaten werd gehouden en in 2021 werd gearresteerd. In eerste instantie is de betrokkene schuldig bevonden aan het nemen van foto’s, met zijn mobiel, van vertrouwelijke documenten. Die kwamen vervolgens in Russische handen via zijn broer, die hiervoor werd veroordeeld tot negen jaar en tien maanden.
‘Dit is een zaak die wij zeer ernstig nemen,’ aldus Stenling. ‘We hebben hier lering uit getrokken en maatregelen genomen om onze interne veiligheid te verbeteren. We hebben geregeld contact gehad met buitenlandse inlichtingendiensten over alle omstandigheden rond deze zaak, maar zolang de rechtbank nog geen definitieve uitspraak heeft gedaan, kan ik niet met zekerheid zeggen dat de persoon in kwestie daadwerkelijk een spion is.’ (Inmiddels heeft Peyman Kia gedeeltelijk bekend.)
‘Heel Europa is het decennium van spionnen ingegaan’
Volgens het laatste jaarverslag van de Säpo zijn ouderwetse spionagemethoden nog steeds in zwang: zo wordt er fysiek informatie vergaard voor buitenlandse mogendheden. Met name de Russen doen veel moeite om voor dit werk geschikte kandidaten te werven: vaak mensen met financiële of ideologische motieven of met wraakgevoelens, bijvoorbeeld omdat ze in hun carrière gefrustreerd zijn geraakt.
Een van de meest vooraanstaande Zweedse experts op dit gebied is Michael Jonsson, adjunct-directeur van het FOI, het Zweedse Onderzoeksinstituut voor Defensie. In het nieuwsmagazine Politico voorspelde hij dat niet alleen Zweden maar heel Europa het ‘decennium van de spionnen’ is ingegaan. Het aantal spionage-incidenten doet denken aan de Koude Oorlog, die officieel in 1991 eindigde met het uiteenvallen van de Sovjet-Unie.
Vonnissen gestegen
Van 2010 tot 2021 zijn er in diverse Europese landen in totaal 42 mensen veroordeeld voor spionage. De laatste jaren is het aantal vonnissen aanzienlijk gestegen, vooral in de Baltische landen. Vorig jaar werden er zeven Russen en drie Chinezen veroordeeld voor clandestiene activiteiten. En dat is nog maar het topje van de ijsberg, want vaak worden alleen de gevallen die tot uitzetting leiden bekend.
In april 2022 wees Denemarken vijftien medewerkers van de Russische ambassade in Kopenhagen uit. Volgens de Deense militaire inlichtingendienst waren ze betrokken bij spionageactiviteiten en opereerden ze onder een diplomatieke dekmantel. In april 2023 was het de beurt aan Noorwegen om vijftien mensen uit te zetten.
Westerse inlichtingendiensten zijn inmiddels meer geïnteresseerd in contraspionage dan in terrorismebestrijding. Rusland vormt op dit moment de grootste bedreiging, China is op lange termijn de belangrijkste tegenstander, aldus Michael Jonsson.
Er is werk aan de winkel voor de contraspionage
De Säpo heeft ongeveer 1400 medewerkers; dat zijn er meer dan de Deense binnenlandse veiligheidsdienst PET. Maar Stenling wil niet vertellen hoeveel van zijn ondergeschikten de straten van Stockholm afspeuren op Russen die Zweedse burgers proberen aan te zetten tot illegale activiteiten. Wel zegt hij dat zijn afdeling heeft geprofiteerd van de aanzienlijke extra middelen die zijn vrijgekomen in reactie op de verhoogde Russische activiteit van de afgelopen jaren. Maar ook China en Iran hebben zich niet onbetuigd gelaten, en lijken eveneens geïnteresseerd in alle onderdelen van de Zweedse samenleving. Er is dus werk aan de winkel voor de contraspionage.
‘Het valt nog te bezien of dit echt een terugkeer naar de Koude Oorlog betekent,’ benadrukt Stenling. ‘Zeker is wel dat de spanningen zijn toegenomen, en daarmee ook de spionageactiviteiten. Wat we nu zien is een mondiale wedloop om informatie tussen totalitaire landen en landen als Zweden en Denemarken.’
Beijing versterkt contraspionage
Op 24 april onderwierp minister van Staatsveiligheid Chen Yixin de gebouwen van het Staatsveiligheidsbureau in Beijing aan een stevige inspectie. Het resultaat beviel hem niet. De spionage moest serieus de kop in worden gedrukt, zo verklaarde hij volgens de South China Morning Post. Hij noemde de Chinese hoofdstad het ‘voornaamste slagveld’ van ‘infiltraties, ondermijning en spionage’.
Twee dagen later gaf de Wetgevende Commissie van de Nationale Volksvergadering haar goedkeuring aan de herziening van een wet op contraspionage uit 2014, zo meldt het weekblad Nikkei Asia. De nieuwe tekst richt zich met name op cyberbeveiliging, om elke aanval of inmenging via internet ‘door spionageorganisaties of hun agenten’ tegen overheidsdepartementen, bedrijven of belangrijke faciliteiten te bestrijden.
Dit offensief volgt op de recente onthulling van een aantal spionagezaken. Een van de opvallendste betreft de publicist Dong Yuyu. Hij was adjunct-directeur van de commentaarsectie van het officiële dagblad Guangming Ribao, werkte er sinds 1987 en gaf blijk van liberale sympathieën. Hij werd opgepakt en na meer dan een jaar detentie beschuldigd van spionage, zo zei zijn familie tegen de Amerikaanse pers. Volgens The New York Times is Dong sinds zijn arrestatie in februari 2022, tijdens een lunch met een Japanse diplomaat, niet meer in het openbaar gezien.
Volgens hem bekijken de Russen met argusogen hoe de verwachte overeenkomst tussen Zweden en de NAVO precies zal uitpakken (Stockholm hoopt uiterlijk eind dit jaar lid te worden) en welke gevolgen de toetreding zal hebben voor de wapensystemen en de troepeninzet in het koninkrijk. ‘De Russische dreiging is het concreetst, vanwege de oorlog in Oekraïne. De Russen ontberen de technologie om hun strijdkrachten op te bouwen,’ zegt Stenling. ‘Maar we mogen China niet uitvlakken; dat land heeft veel belangstelling voor hoogwaardige technologie, wetenschap en de grote Zweedse exportsectoren. De Chinezen willen de wereldleiders worden.’
Maar als we het Kremlin mogen geloven, spioneren westerse landen zelf ook volop. Immers, zo hield president Poetin zijn veiligheidsdiensten onlangs voor, ‘westerse inlichtingendiensten zijn altijd actief geweest in Rusland. Nu ze meer personeel en andere middelen tegen ons inzetten, kunnen wij niet anders dan dienovereenkomstig reageren.’
Duitsland kampt met een groeiend probleem van extreemrechts. Dat heeft de Duitse veiligheidsdienst dinsdag gezegd bij de publicatie van hun jaarlijkse rapport, schrijft de Frankfürter Allgemeine Zeitung. Volgens de dienst is de extreemrechtse beweging binnen een jaar tijd met zeker vijfduizend leden gegroeid tot bijna veertigduizend mensen.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Dat er meer extreemrechtse mensen op de radar van de Duitse veiligheidsdienst zijn verschenen, heeft te maken met de monitoring van politieke partij AfD. Zeker tienduizend leden van deze partij worden als extreemrechts beschouwd. Volgens de dienst hangen veel leden van de partij complottheorieën aan en zijn ze bereid geweld te gebruiken om hun doelen te bereiken. Ook proberen ze grond op te kopen om autonome gemeenschappen te stichten. Daar staat tegenover dat ook extreemlinks in Duitsland groeit, al is deze groep minder gewelddadig.
Volgens de veiligheidsdienst neemt ook de dreiging vanuit Rusland toe in Duitsland. Sinds de oorlog in Oekraïne zijn er meer spionnen actief in het land en wordt er meer nepnieuws verspreid over de oorlog, onder meer via sociale media. Omdat Duitsland steeds actiever Russische diplomaten en spionnen uitzet, probeert Rusland op andere manieren aan informatie te komen.
Verreweg de meeste landen ter wereld nemen een pragmatisch neutraal standpunt in en willen vooral uit politieke en economische overwegingen geen partij kiezen tussen de VS, China en Rusland. Een analyse van de zogeheten niet-gebonden landen.
Veel landen die gevangen zitten tussen Amerika, China en Rusland willen in geen geval partij kiezen. Nu de naoorlogse, door de VS geleide wereldorde uiteenvalt en economieën almaar verder losgekoppeld raken, proberen ze deals te sluiten die scheidslijnen overstijgen. Een transactiegerichte aanpak die de geopolitiek een nieuw aanzien geeft.
Wil je de niet-gebonden machten goed in kaart brengen, bekijk je ze dan eens door een Russische lens. Onze zusterorganisatie EIU [Economist Intelligence Unit, een organisatie die ontstaan is uit The Economist en analyses uitvoert voor het bedrijfsleven] heeft landen geanalyseerd op basis van hun economische en militaire banden met Moskou, hun diplomatieke standpunten zoals die blijken uit hun stemgedrag in de VN en hun steun aan en uitvoering van sancties. Er zijn 52 landen, goed voor 15 procent van de wereldbevolking, die het optreden van Rusland hekelen: het Westen en zijn bondgenoten. Slechts 12 landen staan achter Rusland. Dit betekent dat de overige 127 staten niet duidelijk voor een van beide kampen kiest.
Wat niet-gebonden landen gemeen hebben is een nietsontziend pragmatisme
Om een idee te krijgen van wat niet-gebondenheid precies inhoudt, heeft The Economist ook gekeken naar de 25 grootste economieën (t25) die de kat uit de boom hebben gekeken bij de Oekraïense oorlog, of die neutraal willen blijven in de Chinees-Amerikaanse confrontatie, of beide. Deze ‘transactiegerichte’ groep is in termen van welvaart en politieke organisatie buitengewoon gevarieerd van samenstelling: zowel het reusachtige India als dwergstaat Qatar behoren ertoe. Wat ze gemeen hebben is een nietsontziend pragmatisme.
Ze vertegenwoordigen nu 45 procent van de wereldbevolking. Hun aandeel in het mondiale bbp is gestegen van 11 procent in 1992 naar 18 procent in 2023, en is daarmee hoger dan dat van de EU. Hun strategie van neutraliteit brengt ernstige risico’s met zich mee, maar biedt ook grote kansen. Hun succes of falen zal de wereldorde tientallen jaren beïnvloeden. En zowel de VS als China zullen proberen deze landen voor zich te winnen.
Kloof
In de twintigste eeuw had niet-gebondenheid verschillende betekenissen voor verschillende landen op verschillende momenten. Tijdens conferenties in Bandung in Indonesië (1955) en Belgrado in Joegoslavië (1961) presenteerden leiders een ‘derde wereld’, naast het Westen en het Sovjetblok. Vanaf het einde van de jaren zestig richtten deze landen hun pijlen steeds meer op economische ongelijkheid tussen het ‘mondiale zuiden’ (een minder beladen term voor ‘derde wereld’) en het industriële noorden. De niet-gebonden beweging was een formele instelling waarvan bijna elke Afrikaanse, Aziatische en Latijns-Amerikaanse staat lid werd. Toen de Koude Oorlog ten einde kwam werd ze, in de woorden van een Indiase academicus, ‘een zieltogende organisatie, die een waardige begrafenis behoefde’.
De niet-gebonden landen van nu zijn niet te herkennen aan lidmaatschap van een instelling, maar aan gedrag. Middelgrote machten zijn het, die zich laten leiden door pragmatisme en opportunisme. In een recent boek betoogt de voormalige Chileense diplomaat Jorge Heine dat landen in de twintigste eeuw vaak per toeval in een van de invloedssferen van de supermachten terechtkwamen. Tegenwoordig is het meer zo dat ze mogelijkheden ‘actief’ evalueren om bepaalde doelen te bereiken, zo stelt hij. Sommigen noemen dit ‘minilateralisme’ (in tegenstelling tot multilateralisme) – het aansturen van discrete allianties of groeperingen, in plaats van je lot in handen van één blok te leggen.
‘Europa moet zich bevrijden van de mentaliteit dat de problemen van Europa de problemen van de wereld zijn, maar dat de problemen van de wereld niet de problemen van Europa zijn’
Niet-gebonden landen vinden westerse leiders meestal hypocriet. In het eerste jaar van de oorlog werd ongeveer 170 miljard dollar aan hulp toegezegd aan Oekraïne – ongeveer 90 procent van wat de ontwikkelingscommissie van de OESO, een groep van 31 westerse donoren, in 2021 aan mondiale hulp uitgaf. Voor het Westen is deze vrijgevigheid een uiting van solidariteit met een mededemocratie; voor anderen toont ze aan dat rijke landen vooral geld ophoesten als dit hun belangen dient. ‘Europa moet zich bevrijden van de mentaliteit dat de problemen van Europa de problemen van de wereld zijn, maar dat de problemen van de wereld niet de problemen van Europa zijn,’ zo stelde Subrahmanyam Jaishankar, de Indiase minister van Buitenlandse Zaken, vorig jaar.
Deze stellingname komt in grote lijnen overeen met de publieke opinie. Uit een rapport van Cambridge University van vorig jaar bleek dat in liberale democratieën 75 procent een negatief beeld heeft van China en 87 procent ongunstig over Rusland oordeelt. Onder de 6 miljard mensen die elders wonen is het beeld nagenoeg omgekeerd. Er is dus een kloof tussen hoe het Westen de wereld ziet en hoe de rest van de wereld die ziet. In een opiniepeiling, eerder dit jaar gepubliceerd door de Europese Raad voor Buitenlandse betrekkingen (een denktank), stelde 48 procent van de Indiërs en 51 procent van de Turken dat multipolariteit of niet-westerse dominantie de toekomstige wereldorde zal bepalen. Slechts 37 procent van de Amerikanen, 31 procent van de EU-bevolking en 29 procent van de Britten waren het hiermee eens. Het Westen denkt dat het naar een vervolgaflevering van de Koude Oorlog kijkt, de rest van de wereld ziet een geheel nieuwe film.
Gemeenschappelijk doel
Wie zitten er dan allemaal in die t25? Het is, zoals gezegd, een diverse groep die bestaat uit landen met bevolkingen die tot de grootste ter wereld behoren, waarvan er twee – India en Indonesië – de grootste democratieën ter wereld zijn. Je hebt ook Vietnam, Saoedi-Arabië en Egypte, alle bestuurd door autocraten van uiteenlopende snit. Er zijn grote verschillen wat welvaartsniveau betreft. In Saoedi-Arabië is het bbp per persoon ruim 24.000 euro, ongeveer evenveel als dat van een aantal Europese landen, terwijl het in Pakistan op zo’n 1440 euro blijft steken.
Naarmate de globalisering zich uitbreidde, zijn de t25 een handel in vele richtingen gaan drijven. Zo’n 43 procent geschiedt met het westerse blok, 19 procent met het Chinees-Russische blok en 30 procent met landen uit geen van beide kampen. Misschien is het gezien de ligging van Mexico niet verrassend dat 77 procent van de totale handel van dat land met het Westen is, en dat ook Israël en Algerije voor meer dan 60 procent handel daarmee drijven. Geen ander t25-land kent zo’n intensief handelsverkeer met China als Chili (meer dan een derde), maar tegelijkertijd betreft 40 procent van dat handelsverkeer het Westen. Meer dan de helft van de Argentijnse handel, en bijna de helft van die van India, wordt met andere niet-gebonden landen gedreven.
De wapeninvoer toont ook een complex netwerk van loyaliteiten. India dekt zich slim in. Tussen 2018 en 2022 was Rusland de belangrijkste leverancier, die India voor 45 procent van zijn wapens voorzag, maar het land ontving van Europa nog eens 29 procent en waarschijnlijk zal het zich nog zelfredzamer maken met Amerikaanse hulp. Met het rivaliserende China, dat levert aan India’s aartsvijand Pakistan, kan geen sprake zijn van handel. Israël, Marokko, Saoedi-Arabië en Zuid-Afrika verlaten zich voor het overgrote deel op de Verenigde Staten als het om wapenimport gaat.
Geopolitieke allianties zijn sinds 2018 almaar belangrijker geworden bij het bepalen van directe buitenlandse investeringen
Er is geen bestuursorgaan dat niet-gebonden landen en hun belangen vertegenwoordigt. En dat zal er waarschijnlijk ook niet komen. In plaats daarvan zijn er uiteenlopende organisaties, zoals de G20, die platforms bieden die grote niet-gebonden landen in meer of mindere mate van nut zijn. De BRICS-groep – Brazilië, Rusland, India, China en Zuid-Afrika – is een forum voor middelgrote machten die expansie nastreven: er is een discussie gaande over of Iran en Saoedi-Arabië mogen toetreden. Tijdens klimaatgesprekken in VN-verband is een brede groep van meer dan honderddertig landen, waaronder China, rond de tafel gaan zitten.
Ondanks hun verschillen hebben de niet-gebonden landen een gemeenschappelijk doel: gunstige overeenkomsten sluiten in een veranderlijke omgeving. Twintig jaar lang konden velen relaties opbouwen met zowel het Westen en China als Rusland. Dat is verleden tijd. Het Westen legt Rusland sancties op en beperkt China’s toegang tot technologie.
Voor veel landen betekent dit nu een ernstige bedreiging. Door de sancties tegen Rusland stegen de energie- en voedselprijzen wereldwijd, met ernstige gevolgen voor de niet-westerse wereld. Onlangs heeft Janet Yellen, de Amerikaanse minister van Financiën, Amerikaanse bedrijven aangespoord om hun toeleveringsketens naar bevriende staten over te hevelen. Ook investeringen verplaatsen zich. En ondertussen bloeit er iets moois op tussen Beijing en Moskou. Recent onderzoek van het IMF heeft uitgewezen dat geopolitieke allianties, zoals die blijken uit stemgedrag in de VN, sinds 2018 almaar belangrijker zijn geworden bij het bepalen van directe buitenlandse investeringen. De scenario’s van het IMF ten aanzien van gefragmenteerde handel voorspellen dat de impact in opkomende markten meer dan twee keer zo slecht kan zijn als in ontwikkelde markten.
Geen ‘automatische allianties’
Maar velen in de niet-gebonden wereld gokken er ook op dat ze voordeel kunnen putten uit deze economische en politieke fragmentatie door hun relaties met diverse grootmachten af te palen en zelf andere landen te beïnvloeden. Om deze transactiestrategie te begrijpen, is het goed te kijken naar de aanpak van enkele grote landen die tussen twee vuren zitten. Neem Brazilië. Dat verzet zich tegen wat Mauro Vieira, minister van Buitenlandse Zaken, ‘automatische allianties’ noemt. Luiz Inácio Lula da Silva, die in januari aan zijn tweede leven als president van Brazilië begon, ziet ambtsgenoot Biden als een bondgenoot in de strijd tegen klimaatverandering; op hun bijeenkomst in Washington DC in februari werden gezamenlijke milieu-instellingen, die door de vorige president Bolsonaro waren opgedoekt, in ere hersteld. De VS zien Brazilië als een ‘grote niet-NAVO-bondgenoot’, en die status geeft recht op robuustere samenwerking met de Amerikaanse strijdkrachten.
Maar ook Brazilië laveert tussen de supermachten. Net als andere landen in de regio heeft het afwijzend gereageerd op westerse voorstellen om oud materieel van Russische makelij aan Oekraïne te leveren in ruil voor nieuwe wapens. Het bezoek van Lula aan Beijing in april onderstreept het economische belang van China. De handel tussen Brazilië en China bedroeg in 2022 een kleine 140 miljard euro, wat 37 keer zo veel is als twintig jaar geleden. Dit is onder meer te danken aan de wijze waarop Brazilië gebruik heeft gemaakt van de tarievenoorlog tussen China en de VS. Ten koste van Washington voerde het de export van landbouwproducten naar China op.
De angst van India voor China heeft in een aantal opzichten gezorgd voor toenadering tot het Westen
Brazilië gaat ook zelf op avontuur. Lula bezoekt binnenkort Afrika om de invloed van Brazilië daar nieuw leven in te blazen. Tijdens zijn eerste periode als president steeg de handel met Afrika van een kleine 5,5 miljard euro in 2003 naar ruim 23 miljard euro in 2012, en Zuid-Afrika mocht toetreden tot het brics-blok. Lula’s voorganger begaf zich niet naar Afrika. Hijzelf vindt duidelijk wel dat het de moeite loont.
De angst van India voor China heeft in een aantal opzichten gezorgd voor toenadering tot het Westen. In maart bracht de premier van Japan – dat net als India, de VS en Australië tot het ‘quadrilaterale’ Indo-Pacifische veiligheidsforum Quad behoort – een historisch bezoek aan Delhi. In het financiële jaar 2021-22 overtrof de handel van India met de VS die met China. Toch koopt India nog steeds wapens en goedkope olie van Rusland en is het onwaarschijnlijk dat het zijn jarenlange banden met dit land zal verbreken, tenzij het regime van Poetin kernwapens gaat inzetten.
Praktisch, niet partijdig
Net als Brazilië profileert India zich in het buitenland: alleen China zit dieper in de import en export met Afrika bezuiden de Sahara. Het gemiddelde jaarlijkse totaal aan directe buitenlandse investeringen van India bedroeg van 2004 tot 2008 0,7 miljard euro (minder dan de helft van die van Zweden), maar een decennium later 28 miljard (meer dan die van Duitsland en Japan samen). Vorige maand nodigde India vertegenwoordigers van 31 Afrikaanse landen uit voor war games. En India heeft beloofd zijn voorzitterschap van de G20 dit jaar te gebruiken om de ‘stem van het mondiale zuiden’ te laten horen.
Turkije wil zijn invloed in het mondiale zuiden eveneens vergroten. Het heeft veiligheidsovereenkomsten met dertig Afrikaanse staten gesloten. De militaire export naar Afrika vervijfvoudigde tussen 2020 en 2021. Adviseurs van de Turkse president Erdogan zeggen dat het ‘nieuwe Turkije’ zijn eigen partners kan uitkiezen. Dat kan verklaren waarom Turkije zich neutraal opstelt ten aanzien van de oorlog in Oekraïne. Ankara heeft zijn banden met Moskou recent aangehaald. De Turkse export naar Rusland kwam in 2022 uit op bijna 7 miljard euro, een stijging van 45 procent ten opzichte van het jaar ervoor.
Saoedi-Arabië verkleint zijn afhankelijkheid van zijn historische bondgenoot, de VS, door tegen China aan te schurken, dat nu de grootste handelspartner van het koninkrijk is. Kijk naar de besluiten, deze maand, en in oktober, door de OPEC, waarin Saoedi-Arabië het hoogste woord voert, om de olieproductie terug te dringen. Vorige maand ondertekende Saoedi-Arabië een overeenkomst met Iran, waarbij China had bemiddeld, en sloot het zich aan bij de Shanghai Co-operation Organization, een Euraziatische praatclub. China zegt zo snel mogelijk een vrijhandelsovereenkomst met de Golf te willen sluiten.
De betrekkingen van de Golfstaten met Afrika bleven ooit beperkt tot energie, landbouw en de politiek van de Hoorn van Afrika. Nu willen Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten contracten voor de winning van delfstoffen in de wacht slepen; DP World, een havenexploitant uit Dubai, is bezig uit te groeien tot een cruciaal bedrijf op het Afrikaanse continent, en Qatar manifesteert zich op uiteenlopende manieren op het diplomatieke toneel. Vorige maand was het betrokken bij onderhandelingen over de vrijlating van Paul Rusesabagina, een gedetineerde Rwandese dissident (en inspirator voor de film ‘Hotel Rwanda’).
Zelden klonken westerse beloften om de veiligheid te garanderen in sommige delen van Afrika zo hol
Afrikaanse landen hebben zich lange tijd naar beide grootmachten gericht. Het Westen is door de bank genomen hun belangrijkste voorziener in ‘zachte‘ behoeften geweest: onderwijs, gezondheid en, mocht een regering dat willen, mensenrechten. China biedt ‘hardware’: bruggen, wegen, havens, en de leningen om die te bouwen. Voor infrastructuurprojecten ten zuiden van de Sahara bedroegen de leningen van het belangrijkste Amerikaanse ontwikkelingsbureau tussen 2007 en 2020 minder dan een tiende van de leningen die de twee grote ontwikkelingsbanken van China verstrekten (1,7 miljard tegen ruim 20 miljard euro).
Zelden klonken westerse beloften om de veiligheid te garanderen in sommige delen van Afrika zo hol. ‘De Amerikaanse troepen en agenten moeten ergens slapen. Maar de veiligheidsrelatie komt onze economische ontwikkeling helemaal niet ten goede,’ legt een voormalig adviseur van een Afrikaanse president uit. ‘Daarvoor hebben we China nodig.’ In augustus verlieten, na negen jaar, de laatste Franse troepen Mali; de Wagner-groep, bestaande uit Russische huurlingen, houdt de regerende junta nu overeind.
De niet-gebonden landen kiezen liever geen partij. Maar de grootmachten VS en China willen ze graag in hun invloedssfeer trekken. Beijing ziet zijn leiderschap over het mondiale zuiden als een manier om beter weerwerk te kunnen bieden aan de VS. Het positioneert zich als rolmodel binnen een brede familie van ontwikkelingslanden. Het zet zich af tegen het Westen, dat volgens Beijing meer waarde hecht aan exclusiever gezelschap, zoals dat van de G7. ‘China laat zich zien waar en wanneer het Westen dat niet doet,’ zegt Yemi Osinbajo, de vertrekkende vicepresident van Nigeria.
Oosterse vrienden, westerse vrienden
China is de belangrijkste handelspartner van ongeveer 120 landen en voor velen de geldschieter in eerste en laatste instantie. Tussen 2007 en 2020 stopte het meer geld in infrastructuur ten zuiden van de Sahara dan de volgende acht grootste geldschieters tezamen. Dit is van cruciaal belang voor het oplossen van staatsschuldcrises. Uit een analyse van 73 ontwikkelingslanden door het IMF blijkt dat China in 2006 slechts 2 procent van de externe schulden van deze groep bezat, waar de ‘club van Parijs’ – een groep grotendeels westerse crediteuren – 28 procent voor zijn rekening nam. In 2020 bedroegen deze percentages respectievelijk 18 en 10.
Westerlingen mogen hier terecht hun wenkbrauwen bij fronsen. China’s ‘win-win’-retoriek verdonkeremaant de meedogenloze houding van Beijing. In het boek Banking on Beijing (2022), van onder anderen Bradley Parks van AidData (een onderzoeksinstelling), valt te lezen hoe China zijn economische instrumenten gebruikt voor politieke doeleinden. Geldstromen worden vaak naar de thuisdistricten van zittende leiders omgebogen, en ook is China meer dan westerse landen bereid geld te lenen aan corrupte en autocratische landen. AidData ontdekte ook dat als een land 10 procent vaker met Beijing meestemt bij de VN, het ook meer Chinese projecten in dat land tegemoet mag zien. Chinese leningen gaan vergezeld van ongewoon strikte clausules betreffende vertrouwelijkheid en onderpand. Chinese ontwikkelingsprojecten zouden echter wel tot een verhoging van het bbp per persoon leiden, merkt Parks op.
De VS bedrijft nu diplomatie op plekken die het eerder heeft verwaarloosd
De VS en bondgenoten proberen de Chinese inspanningen te ondervangen door hun boodschap aan de niet-gebonden wereld te verfijnen. Washington erkent dat de internationale orde die het leidt alleen legitiem is als andere landen er vrijwillig mee instemmen. ‘Landen willen niet gedwongen worden te kiezen, en dat willen wij ook niet,’ aldus Jake Sullivan, nationale veiligheidsadviseur van president Biden, eerder dit jaar in The Washington Post. De VS bedrijft nu diplomatie op plekken die het eerder heeft verwaarloosd. Kamala Harris, de Amerikaanse vicepresident, Janet Yellen en Antony Blinken, minister van Buitenlandse Zaken – allemaal hebben ze Afrika in 2023 bezocht. Biden volgt binnenkort.
De VS hebben ook de veiligheidssamenwerking met invloedrijke niet-gebonden landen versterkt. In november ontmoette minister van Defensie Lloyd Austin zijn Indonesische collega voor de vierde keer; in januari kwamen Amerikaanse en Indiase functionarissen overeen de samenwerking op het gebied van geavanceerde defensietechnologieën verder uit te bouwen. In totaal onderhoudt de VS 88 ‘defensiepartnerschappen’ (uitgezonderd formele allianties zoals die met de NAVO), al is een aantal vrij beperkt van aard.
Hoewel de VS en de EU de afgelopen jaren de Belt and Road Initiative, ofwel de door China geïnstigeerde Nieuwe Zijderoute, probeerden te pareren met concurrerende plannen, blijft de indruk bestaan dat je nog altijd beter bij Beijing kunt aankloppen voor geld om je infrastructuur te verbeteren en daarmee je economie te transformeren. Nadat Kamala Harris een soundtrack met Afrikaanse artiesten had uitgebracht om haar recente bezoek aan het continent luister bij te zetten, merkte een hoge Afrikaanse functionaris droogjes op dat de Chinezen met leningen en ingenieurs komen aanzetten en de Amerikanen met playlists.
Een politieke paradox
Alom wordt ervan uitgegaan dat de regering-Biden een buitenlands beleid op twee niveaus voert: op de eerste plaats komen de betrekkingen met de belangrijkste democratische bondgenoten in Europa en Azië (met de hoop dat India daarvan ooit deel zal uitmaken) – en daarna met rammelende mondiale instituties. Aan de bemiddelende rol van die instituties heeft een brede groep landen, waaronder de meeste niet-gebonden landen, behoefte, of het nu gaat om ontwikkeling, schuldverlichting, veiligheid of financiën.
Dat brengt drie uitdagingen met zich mee. In de eerste plaats moet de westerse eenheid standhouden. Dat is niet vanzelfsprekend. Tijdens zijn recente bezoek aan China zei de Franse president Emmanuel Macron dat de Europese staten het Amerikaanse beleid ten aanzien van Taiwan niet zomaar moeten volgen, noch een boodschap hoeven te hebben aan het Amerikaanse ‘ritme’.
Het risico van deze bundeling van krachten is dat het mondiale zuiden verder vervreemd raakt van de internationale orde
De tweede uitdaging is de mogelijkheid dat China de mondiale instellingen ondermijnt door bijvoorbeeld te kiezen voor bilaterale schuldenverlichting in plaats van zich volledig in te zetten voor gecoördineerde inspanningen op dat gebied. De halsstarrige houding van Chinese crediteuren bij het IMF vermindert de flexibiliteit die het kan bieden aan landen die met schulden worstelen.
De laatste uitdaging betreft het wantrouwen jegens het Westen vanwege al zijn verbroken beloften. Neem de klimaatfinanciering. In 2009 zeiden rijke landen dat ze in 2020 ruim 90 miljard euro per jaar naar arme landen zouden sluizen; het jaarlijkse totaal is nooit hoger geweest dan 77 miljard.
Op grond van hun gedeelde liberale waarden en geschiedenis schaarden westerse landen zich achter Oekraïne na de Russische invasie. Zij hebben ook hernieuwde vastberadenheid aan de dag gelegd jegens een autoritair China. Het risico van deze bundeling van krachten is evenwel dat het mondiale zuiden verder vervreemd raakt van de internationale orde. Het zou tragisch zijn als de VS, door het Westen te verenigen, het contact met de rest van de wereld verliest.
Nieuwe Russische ambassade om veiligheidsredenen geblokkeerd
Donderdag keurden Australische parlementsleden een wet goed die de huurovereenkomst beëindigt van een stuk land naast het parlement in Canberra, waar Rusland van plan was een nieuwe ambassade te bouwen. ‘Het wetsvoorstel werd binnen een uur aangenomen, met de steun van de oppositie’, schrijft de Australische omroep ABC.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Premier Anthony Albanese zei dat zijn regering ‘snel moest handelen om ervoor te zorgen dat de [door Moskou] gehuurde locatie geen officiële diplomatieke aanwezigheid zou worden’. Volgens Albanese hadden de Australische inlichtingendiensten ‘zeer specifiek advies gegeven over het risico van een nieuwe Russische aanwezigheid zo dicht bij het parlement’.
Volgens de Australische minister van Binnenlandse Zaken, Claire O’Neill, heeft de beëindiging van de huurovereenkomst geen gevolgen voor de huidige Russische ambassade in de Australische hoofdstad.
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.