Tag: Rusland

  • VS: 20.000 Russen omgekomen in strijd om Bachmoet

    VS: 20.000 Russen omgekomen in strijd om Bachmoet

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Doden bij inheemse opstand binnenland Suriname

    » Oezbekistan geeft huidige president mogelijk mandaat tot 2040

    De helft van de doden zouden huurlingen van Wagner zijn

    De zware gevechten in en rond de Oekraïense stad Bachmoet hebben aan zeker twintigduizend Russische militairen het leven gekost. Dat meldt het Witte Huis, schrijft persbureau Reuters. Nog eens tachtigduizend Russische militairen zouden gewond zijn geraakt bij de gevechten. Een helft van de doden zouden onderdeel hebben uitgemaakt van de Russische Wagner-groep.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Om de stad Bachmoet wordt al enkele maanden hard gevochten en beide strijdende partijen lijden zware verliezen. Oekraïne weigert zich terug te trekken en probeert tijd te winnen voor het lente-offensief, dat op het punt van beginnen staat. Rusland hoopt met een inname van Bachmoet een symbolische overwinning te boeken.  

    Intussen gaan Russische aanvallen op andere doelen in Oekraïne onverminderd door. Zo werden op maandag diverse aanvallen uitgevoerd op de Oekraïense hoofdstad Kyiv. Meerdere raketten werden afgevuurd, grotendeels op militaire doelwitten. Het is voor het eerst in maanden dat Kyiv weer doelwit is van een grootscheepse aanval, wat kan duiden op een verandering in de strategie van Rusland.

    Lees ook:

  • Een nieuwe crisis dreigt voor Europa als we geen lessen trekken uit 2009

    Een nieuwe crisis dreigt voor Europa als we geen lessen trekken uit 2009

    Net als in 2009 kampt Europa op dit moment met meerdere crises. Inflatie, Russische dreiging en handelsoorlogen. Als 2023 net als 2009 alleen maar het oog van de storm is, welke gruwelen staan Europa dan nog te wachten?

    Denk aan begin 2009. Klinkt het vertrouwd? Een strook van Europese landen vroeg zich af hoe de kachel kon blijven branden nadat Rusland de gastoevoer had afgesloten vanwege een conflict met Oekraïne. Het jaar daarvoor dreigde er nog een economische ineenstorting als gevolg van een wereldwijde crisis, maar dat leek mee te vallen. Europa vroeg zich af hoe het, zonder de interne markt de nek om te draaien, moest reageren op een gigantisch Amerikaans subsidieprogramma dat bedoeld was om autoproducenten in de VS in de watten te leggen.

    De Franse president eiste een einde aan de ongebreidelde vrijhandel. Een Duitse kanselier die bezig was aan haar eerste termijn, werd ervan beschuldigd dat ze het nationaal belang liet prevaleren boven het Europese. Experts op het gebied van buitenlandse politiek braken zich het hoofd over hoe er met Rusland moest worden omgegaan nadat Moskou had geprobeerd een buurland binnen te vallen. Taylor Swift voerde de hitlijsten aan. Onder Recep Tayyip Erdogan leek Turkije steeds verder van het democratische pad te raken. Frankrijk was verlamd door stakingen. 

    Als 2024 ook maar enigszins lijkt op 2010, is er alle reden om de borst nat te maken

    Ook al zal de geschiedenis zich misschien niet letterlijk herhalen, de kans is groot dat het weinig zal schelen.

    Afgezien van de capriolen van de Franse werknemers, meneer Erdogan en mevrouw Swift – vrijwel jaarlijks terugkerende fenomenen, niet alleen in 2009 en 2023 – zouden de Europese beleidsmakkers de overeenkomsten sterk genoeg moeten vinden om de gebeurtenissen van veertien jaar geleden nog eens nauwgezet te bestuderen. En er ontnuchterende conclusies uit te trekken. Want het begin 2009 gekoesterde idee dat een ramp ternauwernood was afgewend, bleek onjuist.

    Europa meende de gevolgen van een wereldwijde financiële crisis te hebben doorstaan. In werkelijkheid had het zich alleen maar door de voorloper heen geslagen van het veel grotere onheil dat de eurozone zou treffen. Achteraf bezien was begin 2009 een periode waarin wat meer preventie had kunnen voorkomen dat de EU-top jarenlang koortsachtig moest overleggen tot in de kleine uurtjes. Als 2024 ook maar enigszins lijkt op 2010, is er alle reden om de borst nat te maken.

    Geen haast

    Zeker is dat Europa zich wederom wentelt in zelfgenoegzaamheid. Het warme weer heeft geholpen om het gaswapen onklaar te maken waarvan Rusland had gehoopt dat het de doorslag zou geven (anders dan in 2009, toen een kort koufront een groot deel van Oost-Europa deed rillen). Een gevolg daarvan is mede dat een recessie die eerst onvermijdelijk leek, nu minder waarschijnlijk is.

    Evenmin lijkt er veel haast te zijn om voortvarend op te treden in de oorlog in Oekraïne: kijk maar eens hoe lang het heeft geduurd voordat Kyiv tanks kreeg toegezegd om Rusland van zich af te slaan. Duitsland beloofde al een jaar geleden een Zeitenwende – een omslag van de tijdgeest – maar ook daar is minder van terecht gekomen dan verwacht.

    Op economisch gebied wil de EU vooral een nieuwe Amerikaanse subsidielawine neutraliseren met behulp van een steunfonds voor de Europese industrie. Maar zelfs een ruwe schets van de inhoud daarvan zal nog tot de zomer op zich laten wachten. Ondertussen werd op 9 februari een nieuwe top van Europese leiders belegd, de tiende in een jaar. Ook is niet veel uitgekomen.

    Een deprimerend scenario is een nieuwe variant van de eurocrisis

    Als 2023 net als 2009 alleen maar het oog van de storm is, welke gruwelen staan Europa dan nog te wachten? Een deprimerend scenario is een nieuwe variant van de eurocrisis. De zwakke plekken in de muntunie, waardoor een huis-tuin-en-keukencrisis in iets veel ergers kon ontaarden, zijn na 2010 nooit echt aangepakt. De eurozone heeft nog altijd geen permanent budget om economische schokken op te vangen, of een functionerende bankenunie om te voorkomen dat een kwakkelend financieel systeem de openbare financiën besmet (al zijn de banken zelf nu veiliger).

    Een uitzonderlijke pandemie leidde tot een uitzonderlijke economische terugval en als reactie daarop tot schreeuwend dure stimuleringsmaatregelen. Desondanks blijven de financiële hulpmiddelen die in de nasleep van de Griekse crisis voor de eurozone zijn ontwikkeld deels onbeproefd. 

    Erger is dat de pandemie de nationale regeringen met veel meer schuld heeft opgezadeld dan in 2009. De Europese Centrale Bank hielp door een heleboel Italiaanse en Spaanse obligaties op te kopen zodat deze landen goedkoop konden lenen. Maar vanwege de inflatie zal de ECB de lage rentetarieven vaarwel moeten zeggen. Een jaar geleden vroegen beleggers minder dan 2 procent rente per jaar voor leningen aan Griekenland. Nu bedraagt dat percentage meer dan 4. Het fiscaal verstandige Finland verwacht dat de kosten van zijn leningen dit jaar zullen verdrievoudigen vergeleken bij 2022.

    Scheidslijn

    Als het leed is geleden zullen beleidsmakers beducht zijn voor een herhaling van de eurocrisis en met ideeën komen voor het voorkomen daarvan. Maar waarschijnlijker is dat de volgende crisis zal behoren tot de categorie ‘dingen die achteraf bezien vanzelfsprekend lijken’, en die men van tevoren dus had kunnen zien aankomen. Zoals dat een isolationistische Republikein – ofwel een ideologische kloon van Donald Trump, ofwel de man zelf – volgend jaar het Witte Huis zal winnen.

    Nadat het land Europa al een keer eerder heeft gewaarschuwd dat het voor zijn eigen verdediging moet betalen, zal een trumpiaans Amerika er nog minder moeite mee hebben om zijn eigen belang te laten voorgaan. Terwijl Amerikaanse groene belastingvoordelen investeringen en banen naar de overkant van de Atlantische Oceaan dreigen te zuigen, bewijst de regering-Biden lippendienst aan de Europese inspanningen. Een isolationistisch Amerika zal zelfs dat niet doen. 

    Of neem China. Biden probeert te voorkomen dat Europa zaken doet met zijn geopolitieke rivaal. Een minder tot diplomatie geneigde president zou misschien hetzelfde doel nastreven, maar niet schromen Europa daarbij aan zijn lot over te laten.

    Er wordt nu onterecht van uitgegaan dat het ergste achter de rug is

    In welke vorm de volgende crisis in Europa zich ook zal aandienen, ze zal worden verergerd door onenigheid binnen de eurozone. Na 2009 was het de door de Duitsers geleide ‘kern’ tegen de ‘periferie’ van Club Med. Ditmaal loopt de scheidslijn tussen de oostflank van het continent en de oorspronkelijke EU-leden in het westen. Polen en de Baltische staten worden steeds ongeduldiger over de behoedzame manier waarop Duitsland en Frankrijk hulp aan Oekraïne bieden. Dat ongenoegen is wederzijds, en zal nog veel erger worden als de oorlog de komende lente een wending ten gunste van Rusland neemt. Die ontwikkeling zou ook fellere meningsverschillen binnen de NAVO kunnen veroorzaken.

    Europa heeft de kwestie-Oekraïne niet slecht aangepakt, zoals het ooit zo goed mogelijk de beroering na Lehman aanpakte. Maar het bereiken van complexe compromissen om crises op EU-niveau aan te pakken is over het algemeen tijdrovend, zo niet regelrecht uitputtend. De verstandigste manier is om eerst uitgebreider stil te staan bij de achtergrond van het onderhavige probleem, en dan het volgende probleem waarmee het continent te kampen kan krijgen te verhelpen. In plaats daarvan wordt er nu van uitgegaan dat het ergste achter de rug is. Bij spoorwegovergangen staat vaak de waarschuwing dat er na de ene trein nog een andere kan komen. Hetzelfde geldt voor crises.

    Lees ook:

  • De westerse relaties met Afrika en Azië staan op instorten en daar profiteert Rusland van

    De westerse relaties met Afrika en Azië staan op instorten en daar profiteert Rusland van

    Supermachten willen dat de landen in Afrika en Azië een kant kiezen, maar daar kunnen ze niet zo makkelijk toe worden gedwongen. Moskou begrijpt dat, het Westen niet, aldus de Congolese politicus Jérémy Lissouba. ‘Ontwikkelingslanden pikken de paternalistische houden van het Westen niet meer.’

    Al meer dan een jaar, sinds het begin van de oorlog in Oekraïne, bevindt de wereld zich tussen twee vuren. En tegen een achtergrond van hoge energie- en voedselprijzen, een verwoestende inflatie, sociale onrust en angst voor een nieuwe wereldwijde recessie, wedijveren het westerse en het Russische blok opnieuw om de steun van de ontwikkelingslanden.

    Leiders als de Franse president Emmanuel Macron, de Duitse bondskanselier Olaf Scholz, de Russische minister van Buitenlandse Zaken Sergej Lavrov, de Chinese minister van Buitenlandse Zaken Qin Gang, de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Antony Blinken en de Amerikaanse vicepresident Kamala Harris zijn maar enkele van de namen die het afgelopen jaar een spraakmakend bezoek aan Afrika hebben gebracht, waarbij het centrale thema keer op keer samenwerking en handel was. Toch ademde elk bezoek een soort nieuwe Koude Oorlogssfeer, met Oekraïne als een van de belangrijkste symptomen.

    Allemaal proberen deze supermachten op hun eigen manier – en gewapend met hun eigen propaganda – de landen in Afrika en Azië partij te laten kiezen. Maar anders dan in de vorige eeuw kunnen deze landen ditmaal niet meer zo makkelijk tot een keus worden gedwongen, en is dat ook niet nodig. Rusland begrijpt dat. Het Westen niet.

    Het is geen geheim dat Afrika aarzelt om de Russische acties in Oekraïne openlijk te veroordelen, of deel te nemen aan westerse sancties tegen de Russische agressor of pogingen om die te isoleren. In plaats daarvan blijven deze landen hun jarenlange partner met open armen ontvangen en veroordelen ze weliswaar in brede kring de oorlog, maar niet Rusland zelf.

    Faux pas

    In Malawi bijvoorbeeld wordt de Russische levering van tienduizenden tonnen kunstmest, op een moment dat er een wereldwijd tekort is, door ploeterende boeren als een geschenk uit de hemel beschouwd en heeft de minister van Landbouw Rusland dankbaar ‘een echte vriend’ genoemd. En de door Moskou aangekondigde plannen om 260.000 ton kunstmest naar andere landen op het Afrikaanse continent te sturen zullen daar zeker soortgelijke gevoelens losmaken.

    In mijn eigen land, Congo-Brazzaville, heeft de regering ondanks de oorlog in Oekraïne vijf grote samenwerkingscontracten met Rusland getekend, bijvoorbeeld voor de bouw van een nieuwe oliepijplijn en intensivering van de militaire samenwerking.

    Dit charmeoffensief – prominent geleid door minister Lavrov, die sinds afgelopen januari op bezoek is geweest in Zuid-Afrika, Swaziland, Angola, Eritrea, Mali, Soedan en Mauritanië – bevordert overal op het continent de pro-Russische houding en staat in schril contrast met het jammerlijk mislukte recente Afrikaanse avontuur van Emmanuel Macron.

    Macron bestond het zelfs om de Congolese president de les te lezen over persvrijheid

    Misschien wel de meest toondove faux pas van zijn hele reis beging Macron door, hoewel hem dat tijdens een persconferentie in de Democratische Republiek Congo (DRC) herhaaldelijk werd verzocht, te weigeren de Rwandese steun voor M23-rebellen te veroordelen die zo veel schade aanrichten in de DRC, een situatie die sterke overeenkomsten vertoont met de semiheimelijke steun die Moskou de afgelopen jaren aan de separatisten in de Donbas-regio heeft verleend. Hij bestond het zelfs om de Congolese president de les te lezen over persvrijheid.

    Ondanks de omstandige retoriek van de Franse president over ‘nieuwe relaties’ en ‘een nieuw begin’ was zijn uitbarsting de zoveelste bittere herinnering aan de langdurige paternalistische en oneigenlijke houding van Europa jegens Afrika, dezelfde houding die ervoor heeft gezorgd dat decennia van Europese en militaire invloed op het Afrikaanse continent geen noemenswaardig resultaat hebben opgeleverd en waardoor die invloed misschien zelfs wel daadwerkelijk is ondermijnd.

    Afrikanen zijn zich hiervan bewust en pikken het niet langer, getuige het groeiende anti-Franse sentiment in westelijk Afrika. Rusland, China en anderen grijpen alleen maar de kansen die zich voordoen, al valt ook hun het nodige te verwijten.

    Korreltje zout

    Ondertussen, terwijl het Europese aandeel in de hulp aan Afrika aanzienlijk is afgenomen, krijgt de Europese Unie in Azië met soortgelijke problemen te maken. Met uitzondering van China is het EU-aandeel in de export naar Zuidoost-Aziatische landen de afgelopen twee decennia met een derde afgenomen en was in 2021 minder dan een tiende van de Maleisische, Singaporese, Zuid-Koreaanse en Taiwanese export voor West-Europa bestemd.

    Ook hier is Rusland als de wiedeweerga in het gat gesprongen door China als zijn belangrijkste handelspartner te bestempelen en consequent olie en gas naar gretige Aziatische kopers te exporteren. En toen Rusland half maart zijn verdragen ter voorkoming van dubbele belasting opschortte in het geval van tal van ‘onvriendelijke landen’ overal op de wereld, werden de meeste Zuidoost-Aziatische landen van deze maatregel uitgezonderd.

    Bovendien is Rusland het afgelopen decennium ook de grootste wapenleverancier in de regio geworden en heeft het recentelijk gezamenlijke marine-oefeningen gehouden met de Associatie van Zuidoost-Aziatische Naties. Indonesië, de Filippijnen en Maleisië hebben allemaal geweigerd Moskou sancties op te leggen, en Maleisië heeft eerder dit jaar een memorandum van overeenstemming met Rusland getekend ter verbetering van de agrarische handelsbetrekkingen.

    We kunnen het deze landen niet kwalijk nemen dat ze samenwerken met internationale partners om hun dringendste maatschappelijke prioriteiten aan te pakken. Evenmin kunnen we ze kwalijk nemen dat ze het Europese discours over internationale waarden en verandering met een korreltje zout nemen wanneer deze veronderstelde verandering niet voortkomt uit de erkenning van huidige tekortkomingen, maar wordt ingegeven door opkomende mondiale trends.

    Zolang de onderliggende veronderstellingen en overtuigingen niet veranderen blijven de relaties tussen de oude en de nieuwe wereld gespannen

    Wat voor lessen vallen er te geven over territoriale integriteit en rechtvaardigheid wanneer de gebeurtenissen van 2011 in Libië, en de blijvende gevolgen daarvan, een open wond blijven in de Afrikaanse ziel? Of wanneer de houding van deze landen ten opzichte van de oorlog in Oekraïne bijna identiek is aan die van Europa ten opzichte van het conflict in het oosten van de Democratische Republiek Congo?

    Wat voor lessen vallen er te trekken uit de procedures van Europese rechtbanken om Maleisische activa en eigendommen ter waarde van 15 miljard dollar in beslag te nemen op grond van een twijfelachtige arbitrage-uitspraak van een Spaanse arbiter die zelf strafrechtelijk vervolgd dreigt te worden? En wie zal daar werkelijk van profiteren als je bedenkt dat deze aanspraak op soeverein grondgebied, die voortvloeit uit een halverwege de negentiende eeuw gemaakte afspraak tussen een allang verdwenen sultanaat en een Brits bedrijf uit de koloniale tijd, wordt gefinancierd door onbekende externe investeerders?

    Wat het antwoord op deze vragen ook is, het is duidelijk dat de relaties tussen de oude en de nieuwe wereld gespannen zullen blijven zolang de onderliggende veronderstellingen en overtuigingen niet veranderen.

    Nieuwe leest

    Wat we specifiek nodig hebben is een verandering in het denken, en een besef bij het Westen dat ontwikkelingslanden niet blind zijn voor de vele retorische en praktische contradicties die kenmerkend zijn voor de wereld zoals we haar kennen, of het nu gaat om een hulp- en handelssysteem dat de onbalans en de misstanden die het beweert aan te pakken alleen maar versterkt, of om een discours over internationale wetten en waarden waar overtredingen uit het verleden en de huidige hervormingsdrang niets van overlaten, of zelfs om onderhandelingen over klimaatfinanciering waarvan de urgentie staat of valt met westerse economische belangen.

    De westerse wereld kan deze gang van zaken alleen omdraaien als ze haar relaties met de Afrikaanse en Aziatische landen werkelijk op een nieuwe leest schoeit en haar kijk op een respectvol partnerschap tussen landen met een gelijkwaardige legitimiteit grondig herziet.

    Het gaat er niet om dat het moeite kost om op een overtuigende manier lippendienst aan idealen te bewijzen, en evenmin dat deze idealen op het altaar van het economisch pragmatisme moeten worden geofferd. Het gaat erom dat er voldoende verantwoordelijkheid wordt genomen voor de huidige stand van zaken, dat toekomstverwachtingen worden begrepen, dat er echte concessies worden gedaan en dat het discours gepaard gaat met dollars en daadkracht.

    Alleen dan zal de westerse wereld ons ervan overtuigen dat de beloften van het VN-Handvest en de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens niet alleen maar voorwendsels waren om te voorkomen dat de westerse hegemonie in haar bestaan werd bedreigd, maar in plaats daarvan een blijvend perspectief bieden op een betere wereld die het alleszins waard is om voor te vechten.

    Jérémy Lissouba is parlementslid voor de belangrijkste oppositiepartij in de Republiek Congo. Hij is ook plaatsvervangend rechter in het Hooggerechtshof van het land en een alumnus van het 2018 Africa Leaders Program van de Obama Foundation.

    Lees ook:

  • Yuval Noah Harari: ‘We kunnen van de Oekraïeners leren dat verandering mogelijk is’

    Yuval Noah Harari: ‘We kunnen van de Oekraïeners leren dat verandering mogelijk is’

    Volgens historicus en schrijver Yuval Noah Harari wordt in Oekraïne bepaald welke richting de geschiedenis van de mensheid uit zal gaan. De grootste politieke prestatie van de mensheid was het terugdringen van oorlog. Die ontwikkeling staat nu op het spel.

    Aan de crisis in Oekraïne ligt een fundamentele vraag ten grondslag over de aard van de geschiedenis en de aard van de mensheid: is verandering mogelijk? Kunnen mensen hun gedrag veranderen, of blijft de geschiedenis zich eindeloos herhalen en zijn mensen ten eeuwigen dage gedoemd tragedies uit het verleden telkens opnieuw op te voeren zonder dat er iets verandert behalve het decor?

    Eén stroming ontkent ten stelligste dat verandering mogelijk is. Ze betoogt dat de wereld een jungle is, dat de sterke aast op de zwakke en dat militaire kracht de enige manier is om te voorkomen dat het ene land het andere opslokt. Zo is het altijd geweest, en zo zal het altijd blijven. Mensen die niet in de wet van de jungle geloven houden zichzelf niet alleen voor de gek, ze zetten ook hun bestaan op het spel. Ze zullen niet lang overleven.

    Een andere stroming betoogt dat de zogenaamde wet van de jungle helemaal geen natuurwet is. Ze is door mensenhanden gemaakt, en mensen kunnen haar veranderen. Archeologische annalen wijzen uit dat, in tegenstelling tot wat vaak wordt geloofd, het eerste duidelijke bewijs voor georganiseerde oorlogvoering pas van dertienduizend jaar geleden stamt. Ook daarna zijn er veel periodes geweest waarin ieder archeologisch bewijs voor een oorlog ontbreekt. Anders dan de zwaartekracht is oorlog geen fundamentele natuurkracht. De intensiteit en het bestaan ervan zijn afhankelijk van onderliggende technologische, economische en culturele factoren. Als deze factoren veranderen, verandert de oorlog mee.

    Het bewijs van zo’n verandering zien we overal om ons heen. De afgelopen generaties hebben kernwapens de oorlog tussen supermachten in een krankzinnige vorm van collectieve zelfmoord doen ontaarden die de machtigste landen op aarde ertoe dwingt conflicten op een minder gewelddadige manier op te lossen. Hoewel oorlogen tussen grote mogendheden, zoals de Tweede Punische Oorlog of de Tweede Wereldoorlog, een vooraanstaande plaats innemen in de geschiedenisboeken, is er de afgelopen zeven decennia geen rechtstreekse oorlog tussen supermachten geweest.

    Kenniseconomie

    In diezelfde periode is de wereldeconomie veranderd van een materiële economie in een kenniseconomie. Waar materiële bezittingen als goudmijnen, graanvelden en oliebronnen ooit de belangrijkste bronnen van rijkdom waren, is tegenwoordig kennis de belangrijkste bron. En waar je olievelden met geweld kunt veroveren, zal dat met kennis niet lukken. Gevolg is dat de gewapende strijd aan winstgevendheid heeft ingeboet.

    Ten slotte heeft er wereldwijd een culturele aardverschuiving plaatsgevonden. Veel elites in de geschiedenis, zoals Hunnenhoofdmannen, Vikingjarls en Romeinse patriciërs, hadden een positieve kijk op oorlog. Heersers van Sargon de Grote tot Benito Mussolini probeerden zichzelf onsterfelijk te maken door middel van veroveringen (en kunstenaars als Homerus en Shakespeare gingen daar maar al te graag in mee). Andere elites, zoals de christelijke kerk, zagen oorlog als een noodzakelijk kwaad.

    Maar de afgelopen generaties werd de wereld voor het eerst in de geschiedenis gedomineerd door elites die oorlog niet als een noodzakelijk kwaad beschouwden. Zelfs types als George W. Bush en Donald Trump, laat staan de Merkels en Arderns van deze wereld, zijn heel andere politici dan Attila de Hun of Alarik de Goot. Zij dromen als ze aan de macht komen gewoonlijk eerder over binnenlandse hervormingen dan over oorlog in het buitenland. In kringen van kunstenaars en denkers staan de meest toonaangevende vertegenwoordigers – van Pablo Picasso tot Stanley Kubrick – eerder bekend om het uitbeelden van de zinloze gruwelen van de oorlog dan om het verheerlijken van de architecten daarvan.

    Gevolg van al deze veranderingen is dat de meeste regeringen aanvalsoorlogen niet langer als een acceptabele manier beschouwen om hun belangen te behartigen en dat de meeste landen niet langer fantaseren over het veroveren en annexeren van hun buren. Het is gewoon niet waar dat alleen militaire macht kan voorkomen dat Brazilië Uruguay verovert of dat Spanje Marokko binnenvalt.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Parameters van de vrede

    Dat oorlog op zijn retour is blijkt uit talloze statistieken. Sinds 1945 gebeurt het relatief zelden dat internationale grenzen opnieuw worden getrokken door een buitenlandse invasie, en geen enkel internationaal erkend land is volledig van de kaart geveegd door een buitenlandse verovering. Aan andere soorten conflicten, zoals burgeroorlogen en opstanden, is geen gebrek geweest. Maar zelfs wanneer je alle soorten conflicten in beschouwing neemt, zijn er in de eerste twee decennia van de eenentwintigste eeuw minder slachtoffers gevallen door menselijk geweld dan door zelfmoord, auto-ongelukken en obesitas-gerelateerde aandoeningen. Buskruit is minder dodelijk geworden dan suiker.

    Geleerden kibbelen over de exacte cijfers, maar het is belangrijk om verder te kijken dan rekenmodellen. De afname van oorlog is zowel een psychologisch als een statistisch verschijnsel. Het belangrijkste kenmerk ervan is een grote verandering in de betekenis van het woord ‘vrede’. Gedurende het grootste deel van de geschiedenis betekende vrede alleen maar ‘de tijdelijke afwezigheid van oorlog’. Toen mensen in 1913 zeiden dat er vrede was tussen Frankrijk en Duitsland, bedoelden ze dat er op dat moment geen rechtstreekse confrontatie was tussen het Franse en het Duitse leger, maar iedereen wist dat een oorlog elk moment zou kunnen uitbreken.

    De afgelopen decennia is de betekenis van het woord ‘vrede’ veranderd in ‘de onwaarschijnlijkheid van oorlog’. Voor veel landen is het bijna ondenkbaar geworden dat ze zouden worden binnengevallen en veroverd door buurlanden. Ik woon in het Midden-Oosten, dus ik weet heel goed dat er uitzonderingen zijn op deze regel. Maar het erkennen van de regel is minstens even belangrijk als het kunnen benoemen van de uitzonderingen.

    De ‘nieuwe vrede’ is geen statistische meevaller of hippieverzinsel. Ze komt het duidelijkst tot uiting in kille begrotingscijfers. De afgelopen decennia voelden veel regeringen op de wereld zich veilig genoeg om maar zo’n 6,5 procent van hun begroting aan defensie te besteden, terwijl er veel meer naar onderwijs, gezondheidszorg en maatschappelijk werk ging.

    Wij zijn geneigd dat als vanzelfsprekend te beschouwen, maar het is een verbazingwekkende noviteit in de geschiedenis van de mensheid. Duizenden jaren lang was het leger veruit de grootste post op de begroting van iedere vorst, khan, sultan en keizer. Aan onderwijs of medische zorg voor de massa werd nauwelijks een cent uitgegeven.

    Dat er minder oorlog werd gevoerd kwam doordat mensen betere keuzes maakten

    Dat er minder oorlog werd gevoerd kwam niet door een goddelijk wonder of een verandering in de natuurwetten. Het kwam doordat mensen betere keuzes maakten. Je kunt het met recht een van de grootste politieke en morele prestaties van de moderne beschaving noemen. Maar dat het een gevolg is van een menselijke keuze betekent helaas ook dat het omkeerbaar is.

    Technologie, economie en cultuur blijven veranderen. De opkomst van cyberwapens, AI-gestuurde economieën en nieuwe militaristische culturen zou een nieuw oorlogstijdperk kunnen inluiden, erger dan alles wat we tot dusver hebben meegemaakt. Om in vrede te leven moet bijna iedereen de juiste keuzes maken. Een slechte keuze door maar één partij kan daarentegen tot oorlog leiden.

    Daarom zou de Russische inval in Oekraïne iedereen op aarde zorgen moeten baren. Als het opnieuw doodnormaal wordt dat machtige landen hun zwakkere buren opslokken, dan zou dat van invloed zijn op het denken en doen van alle mensen op de wereld. Het eerste en duidelijkste gevolg van een terugkeer naar de wet van de jungle zou een sterke toename van de defensiebegrotingen zijn ten koste van alle andere begrotingen. Het geld dat naar leraren, verpleegkundigen en sociaal werkers zou moeten gaan zou in plaats daarvan aan tanks, raketten en cyberwapens worden besteed.

    Ook zou een terugkeer naar de jungle de wereldwijde samenwerking ondermijnen bij het tegengaan van bijvoorbeeld catastrofale klimaatverandering of het reguleren van ontwrichtende technologieën zoals kunstmatige intelligentie en genetische manipulatie. Het is niet eenvoudig om met landen samen te werken die van plan zijn je te elimineren. En naarmate klimaatverandering en de AI-wapenwedloop versnellen, zal de dreiging van een gewapend conflict alleen maar toenemen en zou een vicieuze cirkel die fataal kan zijn voor onze soort zich kunnen sluiten.

    De richting van de geschiedenis

    Wie gelooft dat historische verandering onmogelijk is, en dat de mensheid de jungle nooit heeft verlaten en dat ook nooit zal doen, rest alleen nog maar de rol van roofdier of prooi. Als ze voor die keus zouden komen te staan, zouden de meeste leiders liever de geschiedenis ingaan als alfaroofdieren en hun naam willen toevoegen aan de lugubere lijst van veroveraars die die arme leerlingen uit hun hoofd moeten leren voor hun geschiedenisexamens.

    Maar zou een verandering misschien mogelijk zijn? Zou de wet van de jungle een keus kunnen zijn in plaats van iets onontkoombaars? Zo ja, dan zou elke leider die ervoor koos een buurland te veroveren een speciale plek in de geschiedenis van de mensheid krijgen waarbij die van Timoer Lenk verbleekt. Hij zou de geschiedenis ingaan als iemand die onze grootste prestatie teniet heeft gedaan. Net toen we dachten dat we uit de jungle waren, sleurde hij ons er weer in.

    Ik weet niet wat er in Oekraïne zal gebeuren. Maar als historicus geloof ik dat verandering mogelijk is. Dat beschouw ik niet als naïviteit, maar als realisme. De enige constante in de menselijke geschiedenis is verandering. En dat kunnen we misschien leren van de Oekraïners. Vele generaties lang kende Oekraïne weinig anders dan tirannie en geweld. Ze kregen twee eeuwen tsaristische autocratie te verduren (die uiteindelijk bezweek tijdens de grote ommekeer van de Eerste Wereldoorlog). Een korte poging tot onafhankelijkheid werd in de kiem gesmoord door het Rode Leger dat de Russische heerschappij weer invoerde. Daarna werden de Oekraïners geteisterd door de gruwelijke door mensen veroorzaakte Holomodor (letterlijk vertaald de hongerpest), de stalinistische terreur, de nazibezetting en decennia ondraaglijke communistische dictatuur. Toen de Sovjet-Unie instortte, leek de geschiedenis te garanderen dat de Oekraïners opnieuw de weg van wrede tirannie zouden inslaan – ze waren immers niet anders gewend?

    Maar ze maakten een andere keus. Ondanks de geschiedenis, ondanks de schrijnende armoede en ondanks schijnbaar onoverkomelijke obstakels stichtten de Oekraïners een democratie. Anders dan in Rusland en Belarus werden in Oekraïne functionarissen herhaaldelijk vervangen door oppositiekandidaten. Toen ze in 2004 en 2014 opnieuw door autocratie werden bedreigd, kwamen de Oekraïners tot tweemaal toe in opstand om hun vrijheid te verdedigen. Hun democratie is iets nieuws. Net als de ‘nieuwe vrede’. Beide zijn kwetsbaar, en wellicht is ze geen lang leven beschoren. Toch zijn beide mogelijk, en kunnen ze diepgeworteld raken. Alles wat oud is, is ooit nieuw geweest. Het ligt er alleen maar aan waar mensen voor kiezen.

    Lees ook:

  • Waarom Zweden nog steeds geen NAVO-lid is

    Waarom Zweden nog steeds geen NAVO-lid is

    Elke week pluist de redactie van 360 een actuele gebeurtenis voor je uit aan de hand van de internationale pers. Deze week kijken we naar Zweden, dat al ruim een jaar hoopt lid te worden van de NAVO. In tegenstelling tot buurland Finland is dat nog steeds niet gebeurd. Waarom?

    Dit artikel verscheen woensdag in de nieuwsbrief Buiten de grenzen, exclusief voor abonnees. Wil je elke week op de hoogte blijven? Neem dan een (proef)abonnement – al vanaf €4 per maand – op 360 Magazine en abonneer je op de nieuwsbrieven.

    Waarom wil Zweden bij de NAVO?

    Om te begrijpen waarom Zweden bij de NAVO wil, moeten we eerst kijken naar de geschiedenis en de missie van dit zogeheten Atlantisch Pact. De Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO) werd vier jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog opgericht als een militair bondgenootschap tussen de Verenigde Staten, Canada en destijds tien Europese landen. De organisatie werd in het leven geroepen als reactie op de groeiende invloed van de Sovjet-Unie in Oost-Europa en de vrees voor een mogelijke communistische invasie in West-Europa.

    Het voornaamste doel van de NAVO was de gezamenlijke verdediging tegen een mogelijke Sovjetaanval en het bevorderen van stabiliteit en veiligheid in het Noord-Atlantische gebied. Het oprichtingsdocument van de organisatie, het Noord-Atlantisch Verdrag, stelde een systeem van collectieve defensie in, waarbij elk lid beloofde elk ander lid te verdedigen in geval van een aanval (het beroemde artikel 5: een aanval op één is een aanval op allen).

    De oorlog in Oekraïne heeft de NAVO doen beseffen dat grote oorlogen in Europa niet langer tot het verleden behoren. Hoewel Oekraïne geen lid is van de NAVO, heeft het wel uitgebreide hulp gekregen van het militaire bondgenootschap, onder meer door middel van wapenleveringen. Andere Europese landen beseften na de inval van Rusland in februari 2022 dat ook hun veiligheid op het spel stond. De toenmalige Zweedse premier Magdalena Andersson benadrukte dat in een toespraak enkele maanden na de inval: ‘De situatie in onze regio is veranderd, en we moeten ons aan die veranderingen aanpassen. Toetreden tot de NAVO is de beste manier om onze veiligheid te waarborgen en onze waarden te verdedigen’, zo citeert het Zweedse SVT.

    Zweden en Finland, buurlanden van Rusland, waren jarenlang neutraal. In mei 2022, enkele maanden na de Russische inval, deden ze echter een aanvraag om lid te worden van de NAVO. Finland is inmiddels welkom geheten als lid, Zweden zit nog altijd in de wachtkamer. 

    ANP 450375984
    Magdalena Andersson, oud-premier van Zweden, in een roeiboot met secretaris-generaal van de NAVO Jens Stoltenberg, enkele weken na de NAVO-aanvraag van Zweden. – © Henrik Montgomery / TT​

    Waarom was Zweden altijd neutraal?

    Het neutraliteitsbeleid van Zweden gaat terug tot het begin van de negentiende eeuw en was ruim tweehonderd jaar kenmerkend voor het buitenlandbeleid van het land. Een van de belangrijkste redenen voor de neutraliteit van Zweden was de geografische ligging. In een regio die historisch werd betwist door grootmachten als Rusland en Duitsland, kon Zweden haast niet anders dan zich neutraal opstellen om zijn onafhankelijkheid en veiligheid te waarborgen. Dit beleid werd verwoord door de voormalige Zweedse premier Tage Erlander in een artikel in TIME Magazine uit 1951 met de beroemde zin: ‘Wij zijn politiek neutraal, maar niet ideologisch.’

    Dankzij de neutraliteitspolitiek is Zweden sinds het begin van de negentiende eeuw niet meer betrokken geweest bij een groot conflict en slaagde het land erin niet verwikkeld te raken in de twee wereldoorlogen. Zweden ontwikkelde zo een sterke pacifistische traditie en de overtuiging dat militaire allianties niet de beste manier zijn om vrede en veiligheid te garanderen. TIME Magazine interviewde de voormalig Zweedse premier Olof Palme hierover in 1973. Hij zei: ‘Neutraliteit heeft ons nooit veroordeeld tot stilzwijgen over mondiale kwesties.’

    Dat Zweden zo lang neutraal was, betekent niet dat het een passieve speler was op het internationale toneel. Zo speelde het land een actieve rol bij internationale vredesmissies en had het land bijvoorbeeld een sleutelrol bij de bemiddeling in het conflict in Bosnië in de jaren negentig.

    Door toenemende dreiging vanuit Rusland, kantelde de publieke opinie over de eeuwenoude neutraliteitspolitiek. Volgens een Zweedse opiniepeiling in januari was 63 procent van de Zweden voorstander van toetreding tot het blok, schrijft The Local Sweden. In mei 2022 vroeg Zweden officieel het lidmaatschap van de NAVO aan. Toch is het land een jaar na dato nog geen lid geworden van het bondgenootschap.

    ANP 451134580
    Magdalena Andersson schudt de hand van de Turkse leider Recep Tayyip Erdogan tijdens een NAVO-top in Madrid in juni vorig jaar. Erdogan liet gelijk na de aanvraag van Zweden weten dat zijn land niet gelijk akkoord zou gaan. – © Andrea Comas / AP​

    Waarom laat het NAVO-lidmaatschap zo lang op zich wachten?

    Om lid te worden van de NAVO is instemming van alle lidstaten nodig. Twee landen liggen tot dusver dwars: Hongarije en Turkije. Turkije is de belangrijkste dwarsligger: het land weigert de lidmaatschapsaanvraag te ratificeren omdat Zweden volgens Turkije ‘leden van terroristische groeperingen’ een veilige thuishaven biedt.

    Het gaat om Koerden die volgens de Turkse president Recep Tayyip Erdogan betrokken waren bij de staatsgreep in 2016. Hieronder zijn leden van de Koerdische Arbeiderspartij (PKK) en de Partij voor een Democratische Unie (PYD) uit Syrië, die volgens Ankara banden heeft met de PKK. Als Zweden lid wil worden van de NAVO, moet het van Turkije eerst meerdere mensen uitleveren, iets waar Zweden in vrijwel alle gevallen niet aan toegeeft.

    Maar recentere ontwikkelingen hebben de betrekkingen tussen Zweden en Turkije nog verder op scherp gezet. Begin dit jaar verbrandde een islamofobe Zweedse-Deense politicus een koran voor de Turkse ambassade, enkele dagen nadat een beeltenis van Erdogan was opgehangen voor het stadhuis van Stockholm.

    Vanwege de uitgebreide bescherming van de vrijheid van meningsuiting in Zweden kon hier weinig tegen gedaan worden, maar vanuit Turkije werd er woedend gereageerd. “Met dit tempo zal de aanvraag van het Zweedse NAVO-lidmaatschap nooit door Turkije worden goedgekeurd’, zei Numan Kurtulmus, vicevoorzitter van Erdogans Partij voor Gerechtigheid en Ontwikkeling, tegen Turkse verslaggevers, zo citeert Daily Sabah.

    Volgens Zweden speelt Rusland een rol in het aanwakkeren van anti-Erdogan-protesten in Zweden, om zo de toetreding van het land tot de NAVO te bemoeilijken. ‘Rusland probeert waar het maar kan de toetreding van Zweden probeert te verhinderen’, zei Gunilla Herolf, een onderzoeker aan het Zweedse Instituut voor Internationale Zaken, tegen Yahoo News.

    Omdat de relatie tussen Turkije (lees: Erdogan) en Zweden er niet beter op is geworden, en een NAVO-lidmaatschap daardoor ook niet dichterbij komt, kijkt Zweden nu verwachtingsvol naar de verkiezingen in Turkije. Die worden op 14 mei gehouden, en Erdogan staat er niet goed voor. Mocht de oppositie winnen, dan kan dat goed nieuws betekenen voor Zweden, zegt Paul Levin, directeur van het Instituut voor Turkse Studies van de Universiteit van Stockholm. ‘De oppositie heeft aangegeven het Zweedse NAVO-lidmaatschap vrij snel te zullen ratificeren.’

    ANP 455793958
    Zweedse militairen tijdens een gezamenlijke militaire oefening met het Finse leger in oktober 2022. – © Jouni Porsanger / Lehtikuva

    En dan is er Hongarije. De argumenten waarom het land nog steeds niet heeft ingestemd met een NAVO-lidmaatschap voor Zweden lopen uiteen. Van andere prioriteiten in het parlement tot een vijandige houding van Zweden jegens Hongarije: het door premier Viktor Orbán geleide land is nog niet akkoord. Volgens Politico ligt het anders: Hongarije kijkt juist naar Turkije bij het nemen van beslissingen aangaande het buitenlandbeleid. Dit kwam naar voren bij de lidmaatschapsaanvraag van Finland. Ook daar lag Hongarije dwars, maar toen Turkije aangaf het lidmaatschap te steunen, ging Hongarije dezelfde dag nog akkoord.Wat Zweden betreft, ‘wordt het standpunt van Hongarije fundamenteel gevormd door de voorkeuren van Turkije’, zo zegt een anonieme Hongaarse ambtenaar tegen Politico. Als het standpunt van Ankara verandert, ‘verandert dit het Hongaarse standpunt’. Voor Zweden betekent het dat de verkiezingen in Turkije, die over iets meer dan een maand plaatsvinden, zijn toekomst bepalen.

    Lees ook:

  • Ondernemen in Oekraïne: ‘Supermarkten zijn de plekken van onze onverzettelijkheid’

    Ondernemen in Oekraïne: ‘Supermarkten zijn de plekken van onze onverzettelijkheid’

    Poetin wil met zijn bombardementen de Oekraïense maatschappij platleggen. Maar het bedrijfsleven gaat gewoon door. De supermarkten liggen vol, de IT-industrie groeit, en er worden zelfs weer vliegtuigen gebouwd. Hoe doen de Oekraïners dat?

    Bij elke stroomstoring in het westen van Oekraïne gaat er in het bedrijf van Maxim Ivanov iets zoemen: de dieselgenerator voor zijn kantoren in Ivano-Frankivsk start dan op. ‘Teksan Jeneratör’ is de naam van de kolos uit Turkije. Het apparaat genereert 80 kilowatt stroom, genoeg om het bedrijf met zijn 350 werknemers draaiende te houden – en om de plannen van Vladimir Poetin te dwarsbomen. Want zo ziet de eigenaar dat.

    Ivanovs IT-bedrijf Aimprosoft heeft programmeurs, webdesigners en productmanagers in dienst. De opdrachten komen van westerse bedrijven die zelf geen nieuw personeel durven aan te nemen, of die op hun thuismarkt nauwelijks nog geschoolde werknemers vinden. Ondanks de oorlog hoeven zijn klanten niet bezorgd te zijn over vertragingen. Of de Russische strijdkrachten nu een elektriciteitscentrale of –knooppunt aanvallen, de mensen van Aimprosoft werken gewoon door, dankzij de generator en de vaten met diesel, die maximaal tien dagen stroomuitval aankunnen.

    Aanvankelijk had de Russische president Poetin zijn zinnen gezet op een snelle verovering van Kyiv. Vervolgens liet hij zijn troepen beginnen met de gerichte vernietiging van vitale infrastructuur in Oekraïne. Vanaf de herfst troffen honderden kruisraketten en kamikazedrones elektriciteitscentrales en verdeelstations. Eind december zat 90 procent van de 700.000 inwoners van Lviv zonder elektriciteit. De stadsverwarming werkte met horten en stoten en Kyiv zat soms zonder stromend water. Vanuit de ruimte was het effect van de bombardementen goed te zien: Rusland deed het licht in Oekraïne uit.

    Maar het land raakte niet verlamd door duisternis en kou. De winterse apocalyps bleef uit. Onder andere dankzij de generatoren. Bij grote bedrijven zoals Ivanovs Aimprosoft staan buiten de kolossen te zoemen; voor kapsalons en cafés staan kleinere exemplaren. Alleen al in de laatste drie maanden van vorig jaar kocht Oekraïne in het buitenland ongeveer een half miljoen aggregaten voor noodstroom, plus accu’s op zonne-energie met namen als EcoFlow of Bluetti. Samen leveren deze eenheden hetzelfde vermogen als een blok in een kerncentrale. Strategisch gezien zijn ze nog waardevoller, aangezien Rusland ze niet in één klap kan uitschakelen of met een aanval kan veroveren.

    Gewoon overleven

    De snelle verspreiding van de generatoren is meer dan alleen een symbool van de taaie Oekraïense assertiviteit. Het doorzettingsvermogen van zakenlieden als Ivanov is simpelweg noodzakelijk, wil het land volharden in zijn militaire weerstand tegen de indringers. De kosten van het snel gestegen defensiebudget moet Oekraïne immers zelf opbrengen. De partners in de EU en de VS maken maandelijks weliswaar miljarden over aan de regering in Kyiv, maar zij zien er in de staatsbegroting op toe dat het geld vooral wordt besteed aan civiele doeleinden. De eigen belastinginkomsten van Oekraïne vloeien nu bijna volledig naar het leger. Die mogen niet verdwijnen.

    Dat is al moeilijk genoeg: de economische productie van Oekraïne is vorig jaar drastisch gedaald. Miljoenen mensen hebben het land verlaten. De belangrijke staalfabrieken in het oosten zijn vernietigd of bezet door Rusland. Alleen de IT-sector is blijven groeien, zelfs in 2022. Daarvan zijn de exportinkomsten gestegen tot 7,3 miljard dollar: een plus van 6 procent. De belastingafdracht van techbedrijven aan de Oekraïense staat stegen – gerekend in dollars – met 16 procent.

    De oorlog veranderde zijn industrie, zegt Ivanov. Hij heeft nu andere prioriteiten. Vroeger hielden hij en zijn partners zich vooral bezig met groei. Dit jaar echter heeft hij zich als doel gesteld ‘dat we allemaal gewoon overleven’. Veel van zijn werknemers doneren tot 20 procent van hun maandsalaris aan de strijdkrachten. Elke Oekraïner heeft vrienden of familieleden in de strijd. Zij staan voortdurend met elkaar in contact, via berichtenservices als Telegram en dankzij de Starlink-systemen van Tesla-baas Elon Musk.

    De donaties gaan naar het leger of naar vrijwilligersorganisaties. Soms sturen ze nachtzichtapparatuur of winteruitrusting. De particuliere koeriersdienst Nova Poschta – Nieuwe Post – bezorgt de pakketten portvrij aan het front. ‘Ook de koeriers,’ zegt Ivanov, ‘liggen vaak onder vuur.’

    De oorlog heeft de Oekraïense samenleving gemobiliseerd, en daarmee ook de economie. Volgens een onderzoek van adviesbureau Deloitte doneert meer dan de helft van de Oekraïners aan de strijdkrachten. Van de Oekraïense bedrijven maakt 56 procent geld over en 40 procent regelt donaties in natura, aldus de European Business Association (EBA). Poetin wilde de nationale economie van het buurland op de knieën dwingen door gerichte klappen toe te brengen aan de meest kwetsbare punten, maar hij lijkt geen rekening te hebben gehouden met de bevolking.

    Ze zijn zo geroutineerd geraakt dat ze beschadigde apparatuur ‘vier keer sneller repareren dan in de herfst’

    Neem de eenenzestigjarige Joeri Jakovlev. Meteen al aan het begin van de invasie vernietigden de Russen zijn levenswerk, Aeroprakt. Ze rukten op naar het kleine vliegveld bij Kyiv waar Jakovlev zijn bedrijf had. Het produceerde ultralichte vliegtuigen voor de wereldmarkt – negen stuks op maandbasis voor de oorlog. De Russen beschoten de hangar, het dak stortte in. Met durf en geluk wist hij belangrijk gereedschap en bouwtekeningen in veiligheid te brengen. Korte tijd later sloegen de Russen alles aan diggelen, herinnert Jakovlev zich. Hij bracht het materiaal naar zijn bedrijfsvestiging in Polen, zodat hij ten minste de onderhouds- en reparatiewerkzaamheden voor zijn klanten in het Westen kon continueren.

    In de luchtvaartwereld heeft Jakovlev een legendarische status: wereldwijd verkocht de Oekraïner afgelopen decennia meer dan duizend vliegtuigen. Hij leerde zijn vak bij Sovjet-vliegtuigbouwer Antonov. Wanhoop en angst zijn hem vreemd. In Polen maakte hij eerst een doorstart met de verzending van reserveonderdelen, daarna nam hij contact op met verkooppartners en klanten en beloofde hij weldra weer nieuwe vliegtuigen te bouwen. Al in april was hij met zijn onderneming aanwezig op de luchtvaartbeurs in Friedrichshafen. Op Jakovlev en Aeroprakt kan nog steeds gerekend worden, was de boodschap.

    Een jaar na het begin van de oorlog doet hij provisorische reparaties op het vliegveld en in de buitenwijken van de Oekraïense hoofdstad. Deze zijn nodig vanwege de raketinslagen en het geweergeschut. Helaas is het personeelsbestand nu veel kleiner, zegt hij. Veel van de jongere werknemers zijn aan het front. Niettemin assembleert Aeroprakt weer vliegtuigen. ‘Negen per maand,’ aldus Jakovlev. Dat zijn er net zoveel als in januari 2022.

    In Oekraïne zijn er veel van dit soort verhalen over hardnekkig doorgaan. Neem de bestuursleden van de centrale bank NBU, de controlekamer van de economie. Als het luchtalarm afgaat, haasten ze zich naar de bunkers en onderhandelen desnoods vanuit een cel van vier vierkante meter verder met het Internationaal Monetair Fonds over miljardensteun.

    In de pikorde ver daaronder zijn er de reparatieploegen van staatsenergieleverancier Ukrenergo. Na maanden onafgebroken werken zijn ze zo geroutineerd geraakt dat ze beschadigde apparatuur ‘vier keer sneller repareren dan in de herfst’, aldus het hoofd van Ukrenergo. Ze zijn nu even snel in repareren als de Russen in vernietigen en ‘soms zelfs sneller’.

    Demografische crisis

    De Oekraïners hebben de vrije val van hun economie tot staan gebracht. In de zomer voorspelde de Wereldbank een daling van het bruto binnenlands product met 45,1 procent. Eind 2022 zou de min 30 procent al aangetikt moeten zijn – nog steeds een enorme inzinking. Maar voor het lopende jaar achten deskundigen zoals German Economic Team zelfs een lichte groei van 1,8 procent mogelijk.

    Is het genoeg? Van de staalproductie, die vroeger zo belangrijk was voor Oekraïne, is 85 procent ingestort. Russische troepen hebben fabrieken in het oosten bezet en de Azov-staalfabriek in Marioepol verwoest. De productie is daardoor gedaald van 60.000 ton staal per dag naar slechts 10.000 ton. De werkloosheid is verdrievoudigd, naar schatting tot 30 procent, ook al zijn sinds het begin van de oorlog honderdduizenden mannen opgeroepen voor de militaire dienst.

    Een demografische crisis begint zich af te tekenen. Na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie verminderde de Oekraïense bevolking met ongeveer acht miljoen door emigratie en een laag geboortecijfer. Voor de oorlog telde het land nog zo’n vierenveertig miljoen inwoners. Sindsdien zijn acht miljoen mensen gevlucht. Dat betekent dat de bevolking is gekrompen tot het niveau van voor de Tweede Wereldoorlog, tachtig jaar geleden. De meeste vluchtelingen verklaren dat zij na de oorlog willen terugkeren. Sommige EU-regeringen proberen hen te behouden – driekwart van de vluchtelingen heeft een universitair diploma.

    Zonder de miljardensteun van zijn partners zou de Oekraïense staat waarschijnlijk zijn ingestort. Toch is het betalingsgedrag van de internationale gemeenschap nog voor verbetering vatbaar. In 2022 werd er 64 miljard euro toegezegd, maar tot nu toe is slechts 31 miljard euro uitbetaald, zo berekende het Institut für Weltwirtschaft uit Kiel.

    Oekraïne moet nog steeds elke maand tot zo’n vijf miljard euro bij andere staten ophalen, anders kan het zijn leraren en ambtenaren niet meer betalen. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) wordt niet geacht geld uit te keren aan staten die in een militair conflict verwikkeld zijn maar verklaart zich bereid een uitzondering te maken voor Oekraïne. Om dat proces officieel gestalte te geven zijn de donoren overeengekomen een secretariaat op te zetten met kantoren in Kyiv en Brussel.

    De EU is de belangrijkste handelspartner. In de eerste maanden na het uitbreken van de oorlog steeg haar aandeel in de Oekraïense export van 40 naar 80 procent. Kort voor de oorlog werd de al langer geplande synchronisatie van de elektriciteitsnetten van de EU en Oekraïne voltooid. Dat was een zegen voor Kyiv: in de eerste maanden van de oorlog exporteerde het land kernenergie naar het Westen, waarmee het broodnodige deviezen verdiende. Sinds de bombardementen op energiecentrales begonnen, kan het land nu grote hoeveelheden elektriciteit van de EU kopen. De banden zijn inmiddels zo hecht dat sommige commentatoren Oekraïne beschouwen als ‘de facto lid van de EU’.

    Gewild

    Zover is het nog niet helemaal. ‘Er zijn initiatieven om Oekraïne te integreren in de toeleveringsketens van de EU,’ zegt Michael Harms, directeur van de op Oost-Europa en Centraal-Azië gerichte handelsvereniging Ost-Ausschusses der Deutschen Wirtschaft. Maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan omdat sommige producten nog niet aan de EU-normen voldoen of om andere redenen nog niet concurrerend zijn. Soms is het ook gewoon een kwestie van bureaucratie. Zo zijn er landbouwbedrijven in Oekraïne die biogas produceren en vloeibaar maken en klanten in de EU die dat willen kopen. De certificaten ontbreken echter nog.

    Economen van de Kyiv School of Economics schatten de oorlogsverwoesting op 138 miljard dollar – een bedrag dat elke dag stijgt. ‘Zonder particulier kapitaal lukt de wederopbouw niet,’ zegt econoom Robert Kirchner, plaatsvervangend hoofd van het Duitse economische team dat Oekraïne op last van de Duitse regering adviseert. Maar welke investeerder wil vrijwillig geld steken in een land dat door buurland Rusland met vernietiging wordt bedreigd? Desondanks heeft het Bayer-concern onlangs aangekondigd vast te houden aan een investering van 30 miljoen euro in een zaadfabriek. En de fabrieken van westerse autoleveranciers hebben hun activiteiten weer opgevoerd. Om ervoor te zorgen dat er nieuwe investeringen worden gedaan, ontwikkelen de Europese Bank voor Wederopbouw en Wereldbankdochter Miga programma’s om risico’s in Oekraïne af te dekken.

    Voor Oekraïense handelaren is vlotte bevoorrading van hun winkels een patriottische plicht geworden

    Oekraïense levensmiddelen zijn bijzonder gewild. Een Britse logistieke reus heeft daarom geïnvesteerd in een overslagcentrum in Moldavië om toegang te krijgen tot Oekraïense landbouwproducten. Het centrum ligt op 190 kilometer ten westen van de havenstad Odessa. Van daaruit zullen groenten en fruit binnenkort via Moldavië het Verenigd Koninkrijk bereiken. Het zou echt kunnen werken: de Oekraïners zijn erin geslaagd om zelfs in de onmiddellijke nabijheid van het front de bevoorrading op peil te houden – heel anders dan wat momenteel in bijvoorbeeld Britse supermarktketens gebeurt.

    Voor Oekraïense handelaren is vlotte bevoorrading van hun winkels een patriottische plicht geworden. Velen bieden voorbijgangers de mogelijkheid aan om zich binnen op te warmen of mobiele telefoons en laptops op te laden. Sommige winkels hebben openbare werkplekken ingericht, die voor iedereen toegankelijk zijn. ‘Supermarkten,’ zegt het hoofd van de winkeliersvereniging, ‘zijn nu de plekken van onze onverzettelijkheid.’

    Lees ook:

  • China profileert zich als ‘vredestichter’

    China profileert zich als ‘vredestichter’

    Elke week pluist de redactie van 360 een actuele gebeurtenis voor je uit aan de hand van de internationale pers. Deze week gaan we dieper in op de nieuwe geopolitieke rol van China. Het land profileert zich internationaal steeds meer als diplomatiek alternatief voor de Verenigde Staten.

    Dit artikel verscheen woensdag in de nieuwsbrief Buiten de grenzen, exclusief voor abonnees. Wil je elke week op de hoogte blijven? Neem dan een (proef)abonnement – al vanaf €4 per maand – op 360 Magazine en abonneer je op de nieuwsbrieven.

    Hoe stelt China zich op in het Oekraïneconflict?

    China heeft zich de laatste tijd veelvuldig geprofileerd als vredestichter en gepleit voor een vreedzame oplossing voor het Oekraïneconflict. Maar het vriendschappelijke bezoek van de Chinese president aan Moskou vorige maand en de presentatie van een vredesplan voor Oekraïne dat volgens velen op de hand van Rusland is, hebben ervoor gezorgd dat westerse landen zich zorgen maken over China’s houding. 

    Om de Chinese president ‘ervan te weerhouden de inval van Rusland in Oekraïne te steunen’ is Emmanuel Macron vandaag in China gearriveerd voor een driedaags staatsbezoek, schrijft The Guardian. ‘Parijs ziet China als een mogelijke “gamechanger” in de oorlog’, vervolgt de Britse krant. Het land zou een dialoog tussen de strijdende partijen tot stand kunnen brengen die tot vrede leidt. Anderzijds wordt gevreesd dat Beijing overweegt de steun aan Rusland op te voeren en wapens te leveren.

    Op zijn beurt bracht Xi Jinping op 20 maart een bezoek aan de Russische president. Toen verzekerde hij Vladimir Poetin dat de ‘vriendschap tussen hun landen geen grenzen kent’, zoals The Wall Street Journal opmerkt. Al eerder, op 24 februari, presenteerde China een vredesplan van twaalf punten, waarin het zich uitspreekt voor onderhandelingen tussen Rusland en Oekraïne.

    Maar ‘Xi Jinping [was] niet in Moskou om vrede te sluiten’, schrijft The Sunday Times. Het bezoek was volgens de Britse zondagskrant alleen bedoeld om ‘de indruk te wekken’ dat de Chinese president ‘een einde probeert te maken aan de oorlog in Oekraïne’. ‘Xi weet heel goed dat een einde aan de gevechten niet in zicht is, maar op die manier kan hij zich voordoen als een groot staatsman die geobsedeerd is door wereldvrede.’

    CgTtLvBwMCg8HFI6guuqBPbTw QNsIut2 AOPwR0WCprgJLxixvjbfD3HLoAEF9FOjmasjsg rpXu3dDuFDzKzIDJ asH4x61fQTWFRXQTonikEr6cPA8rexplVSa1fduqW7
    Xi sprak zich tijdens zijn bezoek aan Moskou uit tegen het arrestatiebevel van het ICC voor Vladimir Poetin. – © Sergei Karpukhin / Sputnik / AFP

    The Observer, een andere grote zondagskrant uit de Britse hoofdstad, is het daarmee eens: ‘Beijing probeert zich het imago van een onpartijdige bemiddelaar aan te meten.’ Gideon Rachman schrijft hierover in Financial Times: ‘Voor Xi is het belangrijk om China te presenteren als een land dat zich vooral bezighoudt met commerciële overwegingen en het streven naar gedeelde welvaart benadrukt, in tegenstelling tot de Verenigde Staten, die door China worden afgeschilderd als een ideologische oorlogsstoker die de wereld verdeelt in vrienden en vijanden.’

    Maar in het geval van het Oekraïense conflict heeft Xi Jinping ‘duidelijk partij gekozen’, aldus The Observer. Dat blijkt onder meer uit China’s weigering om de Russische invasie te veroordelen en uit het ‘zeer onevenwichtige’ vredesplan voor Oekraïne. Daarin spreekt China zich onder andere uit tegen de westerse sancties. 

    In zijn hart hoopt Xi Jinping ‘vooral de nederlaag van Poetin te voorkomen’, analyseert The Sunday Times. ‘Ondanks de ups en downs in hun relatie is de bromance tussen de twee leiders oprecht, bestendigd door hun grieven met de door de VS gedomineerde wereldorde.’ Voor hun gemeenschappelijk doel, het opbouwen van een ‘alternatief model van internationale betrekkingen’, is het beter dat het Russische regime overleeft. ‘Vooral omdat een vernedering [van Rusland], gekoppeld aan een bekrachtigde eenheid van het Westen, de positie van de VS zou versterken, die vervolgens hun volledige aandacht op China zouden richten.’

    Tekenend voor die houding is dat Xi Jinping zich bij monde van een woordvoerder tijdens zijn bezoek aan Moskou uitsprak tegen het arrestatiebevel voor Vladimir Poetin van het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag wegens oorlogsmisdaden. Volgens China moet het ICC de immuniteit respecteren die het internationaal recht aan staatshoofden toekent, bericht de Singaporese krant Lianhe Zaobao.

    ANP 463325067
    Op 22 februari had Vladimir Poetin een ontmoeting met Wang Yi, chef buitenlands beleid van de Chinese Communistische Partij, in Moskou. – © Anton Novoderezhkin / Sputnik / Kremlin Pool Photo via AP

    Wat wil China bereiken op het diplomatieke toneel?

    Ook buiten de oorlog in Oekraïne probeert China zich te profileren als vredestichter.  Zo bemiddelde het land met succes om tot een akkoord te komen tussen Iran en Saudi-Arabië, die lange tijd met elkaar in conflict waren. Op 10 maart kondigden de landen aan dat zij hun diplomatieke betrekkingen hervatten. ‘Soms kan geopolitieke rivaliteit [in dit geval tussen de VS en China] grootmachten ertoe aanzetten iets goeds te doen’, oordeelt Michael Schuman in The Atlantic.

    ‘De wereld mag meer van dergelijke initiatieven verwachten’, vervolgt de Amerikaanse journalist. ‘Het Iraans-Saoedische pact zou het begin kunnen zijn van een trend in het Chinese buitenlandse beleid, waarbij Beijing actievere diplomatie nastreeft in regio’s waar het beperkte macht heeft.’ Door een dergelijke rol aan te nemen probeert China voor landen buiten het Westen een alternatieve bondgenoot te zijn, in plaats van de VS. ‘De overeenkomst maakt deel uit van een intensievere campagne van Beijing om de Amerikaanse macht te ondermijnen en de wereldorde opnieuw vorm te geven.’

    In die campagne worden de VS afgeschilderd als een door oorlog geobsedeerde natie en wordt de trans-Atlantische wereldorde weggezet als onrechtvaardig, instabiel en niet in staat om de urgente problemen van de wereld op te lossen, schrijft Schuman. In een in februari door de Chinese regering uitgebracht rapport worden de VS afgeschilderd als een dominante oorlogsstoker en wordt gewezen op ‘de gevaren van het Amerikaanse handelen voor de internationale vrede en stabiliteit en het welzijn van alle volkeren’.

    China daarentegen is volgens zijn eigen propaganda een land van vrede dat betere oplossingen heeft voor onrecht in de wereld, ‘oplossingen die geworteld zijn in de Chinese wijsheid en geformuleerd zijn door Xi, de meesterfilosoof’, schetst Schuman. Die ideeën zijn vastgelegd in het Global Security Initiative dat Xi vorig jaar lanceerde, waarin het grote belang van staatssoevereiniteit wordt benadrukt en wordt opgeroepen tot niet-inmenging in binnenlandse aangelegenheden van landen en het beëindigen van ‘blokconflicten’, waarin landen gedwongen worden partij te kiezen. 

    Wat zijn de gevolgen van het actieve Chinese diplomatieke beleid?

    China lijkt de rol als alternatief voor de VS voor landen buiten het Westen te willen voortzetten. The Wall Street Journal bericht bijvoorbeeld dat China later dit jaar een topontmoeting wil organiseren met leiders van een aantal Arabische landen en Iran. ‘Er lijkt een strategische leegte in [het Midden-Oosten] te zijn, en de Chinezen lijken te hebben bedacht hoe ze daar munt uit kunnen slaan,’ zei Mohammed Alyahya, een Saoedische fellow bij het Belfer Center for Science and International Affairs van Harvard, tegen The New York Times. ‘China wordt de spil van de machtspolitiek in het Midden-Oosten,’ aldus een andere analist in het New Yorkse dagblad. 

    Ook in Afrika speelt China niet alleen economisch maar ook politiek een steeds grotere rol. Zo heeft Beijing zijn invloed op defensie en veiligheid in heel Afrika uitgebreid, aldus South China Morning Post. Naast het leveren van diverse wapens heeft China een netwerk ontwikkeld van particuliere militaire beveiligingsbedrijven die Chinese investeringen in de bouw, infrastructuur en mijnbouw beschermen.

    Diezelfde krant schreef vorig jaar nog dat China zich ook steeds meer laat gelden als vredestichter in de Hoorn van Afrika. Deze regio is al lange tijd het toneel van burgeroorlogen, islamistische opstanden en militaire staatsgrepen die Chinese investeringen bedreigen. Dit gebeurde het meest recent in Ethiopië, Eritrea en Somalië.

    De rol van China roept ‘ernstige vragen op over het soort “vreedzame” nieuwe wereldorde dat Beijing nastreeft’, aldus Schuman in The Atlantic. ‘Met zijn nauwe banden met Rusland en Iran en zijn langdurige steun aan Noord-Korea is China een belangrijke beschermheer van de drie meest destabiliserende staten ter wereld. Afgezien van het akkoord tussen Iran en Saoedi-Arabië zijn er weinig aanwijzingen dat Beijing van plan is zijn invloed aan te wenden om de gevaarlijkste plannen van deze landen te beteugelen. Zolang dat niet het geval is, zal China’s nieuwe orde allesbehalve vreedzaam zijn.’

    Lees ook:

  • Finland treedt officieel toe tot de NAVO

    Finland treedt officieel toe tot de NAVO

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Macron brengt bezoek aan Xi om Chinees Oekraïnestandpunt te bespreken

    » Peru: motie van wantrouwen tegen president vanwege doden bij protesten verworpen

    Russische dreiging is de aanleiding voor de toetreding

    De NAVO is weer een lidstaat rijker. In bijzijn van secretaris-generaal Jens Stoltenberg en de Finse buitenlandminister Pekka Haavisto verklaarde de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Anthony Blinken dinsdag op het hoofdkwartier van de NAVO in Brussel dat Finland officieel lid is van de militaire verdragsorganisatie. Daarmee staat de teller nu op eenendertig lidstaten, schrijft Politico.

    Finland diende vorig jaar samen met Zweden een verzoek tot lidmaatschap in bij de NAVO, nadat beide landen zich jarenlang afzijdig hadden gehouden van militaire conflicten. Onder druk van de oorlog in Oekraïne veranderden ze echter hun neutralistische beleid en zochten ze aansluiting bij het militaire blok.

    ‘Poetin wilde met zijn invasie de toetreding van nieuwe Europese lidstaten voorkomen, maar hij heeft precies het tegenovergestelde bereikt’

    Blinken merkte bij de gelegenheid op dat het NAVO-lidmaatschap van Finland wellicht het enige is waarvoor we Poetin dankbaar kunnen zijn. Secretaris-generaal Jens Stoltenberg voegde daaraan toe: ‘Poetin wilde met zijn invasie de aanwezigheid van de NAVO rondom de grenzen van Rusland verminderen en de toetreding van nieuwe Europese lidstaten voorkomen, maar hij heeft precies het tegenovergestelde bereikt.’

    De Finse president Sauli Niinistö verklaarde dat Finland er alles aan zal doen om ook Zweden tot de NAVO te laten toetreden: ‘Het lidmaatschap van Finland is niet compleet zonder het lidmaatschap van Zweden.’

    Ook Rusland heeft van zich laten horen. Dmitri Peskov, de woordvoerder van het Kremlin, heeft laten weten dat Rusland de toetreding ziet als een inbreuk op zijn eigen veiligheid en nationale belangen en zich gedwongen ziet om tactische en strategische tegenmaatregelen te nemen om zichzelf te beschermen, aldus de Russischtalige BBC.

    Lees ook:

  • Russische droneaanval op Oekraïense havenstad Odessa

    Russische droneaanval op Oekraïense havenstad Odessa

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Nigeria: ten minste 12 doden bij reeks aanslagen

    » Vandaag wordt Donald Trump voorgeleid in historische rechtszaak

    Aanval werd uitgevoerd door drones van Iraanse makelij

    Russische drones hebben de Oekraïense havenstad Odessa getroffen en ‘schade’ veroorzaakt. Dat hebben de lokale autoriteiten bekendgemaakt, meldt Radio-Canada. ’De vijand heeft zojuist Odessa en het district Odessa getroffen met UAV-aanvallen [onbemande vliegtuigen]’, zei het stadsbestuur in een verklaring op Facebook. ‘Er is schade’, voegde het zonder verdere details toe.

    Volgens het Oekraïense luchtmachtcommando betrof het zeventien Shahed-drones van Iraanse makelij en zijn er veertien vernietigd door het luchtverdedigingssysteem. De Oekraïense autoriteiten hebben echter niet aangegeven of de graanexport, waarvan een groot deel via de haven van Odessa loopt, door de aanvallen is getroffen.

    Lees ook:

  • Hoe Orbáns Hongarije van twee walletjes eet

    Hoe Orbáns Hongarije van twee walletjes eet

    Hoewel Hongarije meerdere EU-sancties tegen Rusland heeft gesteund, verzet Orbán zich tegen nieuwe maatregelen om bij het Kremlin in de gunst te blijven. Russisch gas wordt er niet goedkoper door, maar de regering-Orbán lijkt wel op een andere manier te profiteren.

    ‘Ik heb nog nooit aan zo’n lange tafel gezeten,’ grapte Viktor Orbán na zijn ontmoeting met Vladimir Poetin op 1 februari 2022. De Hongaarse premier was in Moskou, naar eigen zeggen op een ‘vredesmissie’ om de spanningen tussen ‘het Westen en het Oosten’ te verminderen. (Op dat moment waren meer dan honderdduizend Russische troepen gestationeerd aan de grens met Oekraïne.) Orbán pleitte voor een dialoog en stelde het ‘Hongaarse model’ voor als een uitweg. ‘We zijn lid van de NAVO en de Europese Unie. Toch kunnen we uitstekende betrekkingen met Rusland onderhouden. Dat is mogelijk. Wat hebben we daarvoor nodig? Wederzijds respect,’ zo stelde hij.

    Nog geen maand later, op 24 februari, staken Russische troepen de grens met Oekraïne over. De omvang van de aanval verraste de Hongaarse regering. ‘Zelfs in de vierentwintig uur voorafgaand aan de invasie van Oekraïne waren de Hongaarse inlichtingendiensten ervan overtuigd dat een grootschalige invasie ondenkbaar was,’ vertelt Szabolcs Panyi, onderzoeksjournalist bij Direkt36. ‘Ze waren er zeker van dat Rusland de Oekraïense hoofdstad niet zou aanvallen.’

    Terwijl Russische soldaten raketten afvuurden op Kyiv en andere Oekraïense steden, verklaarde Orbán in een video dat hij de invasie veroordeelde. Hongarije zou aan Oekraïne alleen humanitaire hulp bieden – en geen militaire steun. ‘We moeten alles aanpassen,’ zei Orbán twee dagen later tegen verslaggevers, terwijl hij op bezoek was bij een grenspost waar Oekraïense vluchtelingen aankwamen. Hij vertelde dat er al EU-sancties tegen Rusland in de maak waren, die ook door Hongarije gesteund zouden worden. ‘We gaan niets verhinderen,’ verzekerde de premier. ‘Dit is niet het moment om het beter te weten, maar om eensgezind te zijn – het is oorlog.’

    Volgens Panyi geloofden velen dat Orbán door de grootschalige invasie eindelijk gedwongen zou worden zijn controversiële pro-Kremlinbeleid op te geven en Oekraïne van Hongaarse steun te voorzien. Maar met de parlementsverkiezingen in het verschiet kozen Orbán en zijn rechtse Fidesz-partij voor een andere aanpak.

    ‘Luister, Viktor, weet je wel wat er nu allemaal in Marioepol gebeurt?’

    Ze beloofden humanitaire hulp maar weigerden toe te laten dat wapens vanuit Hongaars grondgebied naar Oekraïne werden vervoerd. Die maatregel moest ‘de veiligheid van Hongarije en de Hongaarse gemeenschap in Transkarpatië’ (een regio in het westen van Oekraïne) garanderen. Orbán sloot vervolgens sancties tegen Russische olie en gas uit, met als argument dat de Hongaarse economie ‘simpelweg niet kan functioneren’ zonder. Hij zorgde ervoor dat Fidesz gepresenteerd werd als de ‘partij van de vrede’. ‘De regering is erin geslaagd de toon van het debat te bepalen. Ze heeft de oppositiepartijen in feite gedwongen ermee in te stemmen, door te zeggen dat zij Hongarije zouden meetrekken in de oorlog als ze aan de macht zouden komen,’ aldus Zsuzsanna Vegh, gastonderzoeker bij het German Marshall Fund van de Verenigde Staten en docent en onderzoeker aan de Europese Universiteit Viadrina.

    Vanzelfsprekend wordt dit dubbelzinnige buitenlandse beleid niet goed ontvangen in Kyiv. Eind maart drong de Oekraïense president Volodymyr Zelensky er bij de Europese Raad op aan dat Hongarije een kant zou kiezen. ‘Je moet zelf beslissen bij wie je hoort. Jullie zijn een soevereine staat,’ zei hij. ‘Luister, Viktor, weet je wel wat er nu allemaal in Marioepol gebeurt?’

    Fidesz sleepte op 3 april 54 procent van de stemmen binnen, waardoor Orbán voor een vierde keer tot premier werd verkozen en zich verzekerd wist van een tweederdemeerderheid in het parlement. In zijn overwinningstoespraak noemde Orbán onder andere de Oekraïense president en ‘Brusselse bureaucraten’ zijn tegenstanders.

    ‘Business as usual’

    Na de verkiezingen gingen Orbán en zijn regering zich nog harder verzetten tegen sancties op Russische energie. De betrekkingen met het Kremlin werden steeds beter. ‘De regering-Orbán deed er alles aan om grote veranderingen in de relatie met Rusland te voorkomen,’ aldus Vegh. ‘De regering bleef de prioriteit geven aan economische verhoudingen en energierelaties en probeerde los daarvan ook zaken te doen zoals voorheen.’

    Dat hield in dat Hongarije een vrijstelling moest zien te verkrijgen van het EU-embargo op Russische olie. Onderdeel daarvan was een overeenkomst met Gazprom om de levering van Russisch gas op te voeren. Bovendien ging de regering door met de bouw van Paks II, een door Rusland gefinancierde kerncentrale. (De Internationale Investeringsbank van Rusland, waarmee andere EU-landen na de invasie van februari niet meer samenwerken, blijft ook vanuit Boedapest opereren.)

    Hongarije is voor 65 procent van zijn olie en 85 procent van zijn gas en nucleaire brandstof afhankelijk van Rusland. Opeenvolgende regeringen hebben weinig moeite gedaan om daarin verandering te brengen. Op de vraag hoe de energierelatie tussen Rusland en Hongarije de afgelopen elf maanden is veranderd, antwoordt energieanalist Nicholas Birman-Trickett dat die ‘relatief hetzelfde is gebleven’. Hongarije blijft vasthouden aan Russische energie-import, onder andere vanwege infrastructurele beperkingen. ‘En natuurlijk zet Orbán zijn relatie met het Kremlin graag in om concessies van de EU te eisen,’ aldus Birman-Trickett.

    ‘Orbán is altijd vrij transparant geweest over [het feit dat] zijn voorwaardelijke steun voor de sancties [tegen Rusland] afhankelijk was van de vraag of de Europese Unie ook iets voor hem zou doen,’ zegt politiek analist András Tóth-Czifra. Volgens Direkt36 hoopten Orbán en zijn regering bijvoorbeeld aanvankelijk dat de Europese Commissie miljarden euro’s aan coronaherstelfondsen (die wegens corruptie werden achtergehouden) zou vrijgeven als ‘beloning’ voor het steunen van de sancties.

    ‘De Hongaarse regering heeft zichzelf in hoge mate padafhankelijk gemaakt’

    Toen dat niet gebeurde, begon de Hongaarse regering haar EU-vetorecht in te zetten. Dat was een probleem, aangezien belangrijke zaken in de EU unaniem moeten worden goedgekeurd. De situatie kwam afgelopen november op scherp te staan, toen Hongarije dreigde om een financieel steunpakket van achttien miljard euro voor Oekraïne te blokkeren. De patstelling werd opgeheven met een compromis: de EU verminderde de financiering.

    ‘Uiteindelijk is het positief geweest dat de Hongaarse regering het gemeenschappelijke Europese [steun]pakket niet gevetood heeft. In december waren er echter al aanwijzingen dat de zesentwintig resterende EU-lidstaten mogelijk een andere weg inslaan wanneer Hongarije dwarsligt,’ aldus Vegh. ‘Ik denk dus dat Hongarije dit niet nog een keer voor elkaar krijgt.’

    Dat betekent echter niet dat Hongarije het niet zal proberen. Vorige week nog zei Orbán dat Hongarije zijn veto zou uitspreken over eventuele sancties tegen de Russische nucleaire sector. Dergelijke sancties noemde hij ‘volstrekt uit den boze’. Ook in Hongarije zelf slaat de antisanctieretoriek van het Fidesz-regime aan. Dat blijkt uit de aanloop naar een recente ‘nationale consultatie’ over de EU-sancties tegen Rusland. Uit de resultaten bleek dat 97 procent van de respondenten tegenstander was van sancties tegen Russische olie en gas. Critici benadrukken hierbij dat de respons laag was (17 procent van de kiesgerechtigden). Bovendien vinden ze dat de vragen misleidend waren: zo werd er gesproken van ‘Brusselse sancties’, maar er werd niet bij vermeld dat alle EU-lidstaten, waaronder Hongarije, elk sanctiepakket tot nu toe hebben goedgekeurd.

    Over de kosten en baten van een nauwe band met Rusland zegt Vegh dat er wat buitenlands beleid betreft ‘vooral sprake is van kosten’. De betrekkingen met Oekraïne hebben een historisch dieptepunt bereikt en Hongarije is verder verwijderd geraakt van zijn westerse bondgenoten. Toch lijkt het onwaarschijnlijk dat Hongarije zijn beleid binnenkort zal wijzigen. ‘De Hongaarse regering heeft zichzelf in hoge mate padafhankelijk gemaakt,’ legt ze uit. ‘Het is niet onmogelijk, maar het zou ontzettend moeilijk voor Orbán zijn om nu nog terug te krabbelen.’

    Angst en gunsten

    Toen hij in februari 2022 met Orbán aan de lange tafel zat, beweerde Poetin dat Hongarije, dankzij het meest recente langetermijncontract met Gazprom, ‘Russisch gas koopt tegen een prijs die vijf keer zo laag is als de Europese marktprijs’. Tijdens de daaropvolgende persconferentie verklaarde Orbán dat het Russische gas de reden was dat Hongarije jarenlang de tarieven voor nutsvoorzieningen kon bevriezen. ‘Als we Russisch gas hebben, kunnen we de Hongaarse huishoudens goedkoop bevoorraden (…). Zonder Russisch gas kunnen we dat niet,’ aldus de premier.

    Het prijsplafond is een van de ‘belangrijkste en meest symbolische beleidsmaatregelen’ van de regering-Orbán in de afgelopen tien jaar, aldus Tóth-Czifra. Dat plafond werd voor het eerst ingevoerd vóór de verkiezingen van 2014 en was tevens een belangrijk speerpunt in de herverkiezingscampagne van Orbán in 2022. Maar het verhaal over ‘goedkoop Russisch gas’ werd al snel ontkracht. Kort na de verkiezingen meldden de Hongaarse media (op basis van gegevens over de buitenlandse handel) dat de prijsformule van het ‘goedkope’ gas gekoppeld bleek te zijn aan de marktprijzen van de voorgaande maanden. In juli kondigde de Hongaarse regering een ‘energienoodtoestand’ af. Bovendien was er sprake van een flinke koerswijziging: er werden plannen aangekondigd om de prijsplafonds voor huishoudelijk gas- en elektriciteitsverbruik boven het nationale gemiddelde af te schaffen.

    De economische situatie van Hongarije liep najaar 2022 uit de hand. In november waren de voedselprijzen op jaarbasis met 49 procent gestegen en tegen het einde van het jaar bedroeg de inflatie 25 procent. Volgens Tóth-Czifra was dit ook grotendeels te wijten aan het feit dat het regeringsbeleid een averechts effect had.

    In december zag de regering van Orbán zich genoodzaakt om het prijsplafond voor brandstoffen op te heffen vanwege tekorten in het hele land. Ondertussen leidde een poging om de prijzen van basisvoedingsmiddelen aan banden te leggen ertoe dat handelaren vlak voor de feestdagen hun producten gingen rantsoeneren. ‘Eind vorig jaar, toen de gasprijzen in Europa al daalden, betaalde Hongarije aanzienlijk meer voor Russisch gas dan consumenten elders in Europa,’ aldus Tóth-Czifra.

    ‘Dat de Hongaarse regering deze gunsten aan Rusland wil verlenen, toont aan dat ze enigszins wanhopig is’

    György Matolcsy, gouverneur van de Hongaarse centrale bank, heeft alarm geslagen over het economische beleid van de regering. Hij noemt de prijsplafonds een ‘gebrekkige crisisstrategie’ en een aanjager van de inflatie. Maar in plaats van het roer om te gooien, kiezen Orbán en zijn regering ervoor naar anderen te wijzen – de EU-sancties tegen Rusland, welteverstaan. Onlangs benadrukte Péter Szijjártó, de Hongaarse minister van Buitenlandse Zaken, in een interview dat de sancties hebben gefaald en dat ze meer schade hebben toegebracht aan de Europese economieën dan aan Rusland.

    ‘De Hongaarse regering is in feite gewoon bang dat de Russen de gastoevoer zullen stopzetten,’ zegt Panyi. Dat maakt hij onder andere op uit de ‘gunsten’ die Hongarije verleent om in de gratie van het Kremlin te blijven. Als voorbeeld draagt hij aan dat Hongarije door te lobbyen voor elkaar heeft gekregen dat Kirill, de patriarch van de Russisch-orthodoxe kerk, vrijgesteld wordt van sancties. Onlangs vertelden diplomatieke bronnen aan RFE/RL dat Hongarije bij de EU een verzoek heeft ingediend om negen mensen (te weten oligarchen en hun familieleden) van de sanctielijst tegen Rusland te verwijderen. ‘Dat de Hongaarse regering deze gunsten aan Rusland wil verlenen, toont wat mij betreft aan dat ze enigszins wanhopig is,’ aldus Panyi.

    Het Hongaarse regime zal hier toch op de een of andere manier van profiteren. ‘Waar het hier echt om gaat, is dat er bij alle soorten zakendeals [met Rusland] beschuldigingen van corruptie zijn geweest – of het nu ging om olie of gas, nucleaire deals of zelfs de aankoop van metrostellen in Boedapest,’ aldus Panyi. Hij verwijst hiermee naar zijn eerdere rapportages. ‘Er loopt een duidelijk geldspoor vanuit de Russische staatskas naar de broekzakken van mensen in de inner circle van premier Orbán.’

    Lees ook:

  • Rusland gaat nucleaire wapens in Belarus plaatsen

    Rusland gaat nucleaire wapens in Belarus plaatsen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Grote staking legt trein-, bus- en vliegverkeer in Duitsland grotendeels plat

    » Netanyahu ontslaat defensieminister na kritiek

    Europese Unie dreigt met nieuwe sancties

    Rusland gaat tactische nucleaire wapens in Belarus plaatsen. Dat heeft de Russische president Vladimir Poetin gezegd, meldt The Moscow Times. Volgens Poetin is de stap van Rusland niet ongebruikelijk en doen de Verenigde Staten en andere NAVO-landen al decennialang hetzelfde.

    Desondanks is het besluit van Rusland opmerkelijk, omdat sinds het uiteenvallen van de Sovjet-Unie in 1991 geen kernwapens meer in buurlanden waren gestationeerd. De beslissing wordt dan ook gezien als een manier om de dreiging richting Oekraïne op te voeren. Eerder gebruikten Russische strijdkrachten Belarus al om een offensief tegen Oekraïne te lanceren. Ook zijn er al Russische bommenwerpers in het land die tactische nucleaire wapens kunnen afvuren.

    De NAVO ziet echter geen verandering in het Russische kernwapenbeleid. De EU heeft bij monde van EU-buitenlandchef Josep Borrell aangegeven wel te zullen reageren als Rusland de plannen doorzet. Zowel Belarus als Rusland kan dan nieuwe sancties verwachten, zei Borrell.

    Lees ook:

  • Xi en Poetin bespreken Chinees vredesplan voor oorlog in Oekraïne

    Xi en Poetin bespreken Chinees vredesplan voor oorlog in Oekraïne

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Biden gebruikt voor het eerst zijn veto om Republikeinse wet te blokkeren

    » Wetenschappers luiden noodklok over klimaatverandering

    China presenteert zich als vredestichter

    Maandag ontving de Russische president zijn Chinese ambtsgenoot met alle egards. Een militaire band verwelkomde Xi Jinping bij zijn aankomst in Moskou, als ‘startschot van een bezoek dat bedoeld is om de nauwe banden tussen de twee landen te benadrukken’, aldus The Wall Street Journal.

    Tijdens een gesprek tussen de twee leiders voor de Russische televisie vertelde Vladimir Poetin dat hij het plan van Beijing om het conflict in Oekraïne op te lossen had gelezen en dat Moskou ‘altijd openstaat voor onderhandelingen’. Het vredesplan dat China in februari publiceerde ‘bevat weinig details en presenteert een lijst van voorwaarden die grotendeels in overeenstemming zijn met internationale normen, zoals respect voor territoriale integriteit en het staken van de vijandelijkheden’, schrijft The Wall Street Journal.

    Ook bevat het Chinese voorstel ‘verschillende sneren naar de VS, wier wapenleveranties aan Oekraïne volgens Beijing het leed van de oorlog hebben vergroot. Het plan roept op tot het beëindigen van unilaterale sancties en tot het loslaten van wat China een Koude Oorlog-mentaliteit noemt’. Analisten menen dat deze Chinese diplomatieke campagne vooral gericht is op ontwikkelingslanden waar China invloed wil verwerven, aldus het Amerikaanse dagblad.

    Lees ook:


  • Chinese buitenlandminister waarschuwt voor conflict met VS

    Chinese buitenlandminister waarschuwt voor conflict met VS

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Mexicanen wantrouwen hervorming kieswet

    » Afghaanse vrouwen proberen digitaal te studeren

    Qin Gang benadrukt goede band tussen China en Rusland

    De Chinese minister van Buitenlandse Zaken Qin Gang heeft gisteren in zijn allereerste publieke toespraak gesproken over het buitenlandbeleid dat China de komende jaren wil voeren. Daarbij omschreef hij de relatie tussen China en Rusland als een ‘baken van kracht en stabiliteit’, terwijl hij de Verenigde Staten en zijn bondgenoten voorstelde als een bron van spanning en conflict, schrijft The Guardian.  

    Volgens Qin zouden de VS hebben gezegd dat ze China willen wegconcurreren zonder dat ze op een conflict uit zijn, maar ‘in werkelijkheid houdt hun concurrentie niets anders in dan dat ze China willen indammen en onderdrukken. Het is een nulsomspel waarbij het alles of niets is’, aldus de minister. ‘Als de VS niet op de rem trappen maar op de verkeerde weg door blijven gaan, zal dat onvermijdelijk tot een confrontatie leiden.’

    ‘Hoe onstabieler de wereld wordt, hoe belangrijker het voor China en Rusland is om aan hun relatie te blijven werken’

    In zijn toespraak hekelde Qin ook het feit dat de VS de onafhankelijkheid van Taiwan erkennen. Verder zei hij dat de relatie tussen China en Rusland erg hecht is en dat de staatshoofden van beide landen nauw contact met elkaar onderhouden. ‘Hoe instabieler de wereld wordt, hoe belangrijker het voor China en Rusland is om aan hun relatie te blijven werken. Dit strategische partnerschap zal zeker sterker en sterker worden,’ zei hij.

    De betrekkingen tussen China en de VS zijn de afgelopen jaren flink verslechterd, en de pogingen om deze te herstellen liepen eerder dit jaar spaak toen de VS een Chinese spionageballon neerschoten die in het Amerikaanse luchtruim vloog. In de oorlog in Oekraïne probeert China zich als vredesstichter te presenteren, maar in de ogen van het Westen staat het land aan de kant van Rusland.

    Lees ook:

  • Estland: partij van premier Kaja Kallas wint verkiezingen

    Estland: partij van premier Kaja Kallas wint verkiezingen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Belarussische oppositieleider Tichanovskaja bij verstek veroordeeld tot vijftien jaar cel

    » Egypte ontkracht geruchten dat Suezkanaal wordt verkocht

    Kallas nog niet zeker van regeringsdeelname

    De Hervormingspartij van de Estse premier Kaja Kallas heeft zondag met een ruime marge de parlementsverkiezingen gewonnen. De centrumrechtse partij kreeg meer dan 31 procent van de stemmen. De extreemrechtse partij Ekre werd tweede met 16,1 procent – ruim onder de 25 procent die in de peilingen werd beloofd, aldus Politico.

    Het lot van Kaja Kallas, ‘een van Europa’s meest vurige verdedigers van Oekraïne’, wordt ‘scherp in de gaten gehouden’, schrijft de politieke nieuwssite. Want zij staat nu ‘voor een tweede uitdaging: een stabiele meerderheidscoalitie vormen om de Baltische staat van 1,3 miljoen inwoners te leiden of het gevaar lopen dat ze uit de macht wordt gezet door een coalitie die mogelijk rond Ekre en de Centrumpartij is opgebouwd’.

    Kallas uitte al voor de oorlog tegen Oekraïne felle kritiek op Rusland

    Gedurende de oorlog in Oekraïne heeft Kallas onophoudelijk aangedrongen op het leveren van meer wapens aan het door oorlog verscheurde land en het versterken van de NAVO-troepenmacht langs de oostelijke rand van Europa. Haar jarenlange kritiek op de Russische president Vladimir Poetin, die ze al fel uitte voor de invasie van Oekraïne, geeft haar recente oproepen om voet bij stuk te houden tegen Rusland extra geloofwaardigheid, aldus Politico.

    ‘Als we vrede willen en niet het volgende doelwit van Rusland willen worden, moeten we Oekraïne steunen’, zei ze in een toespraak voor de verkiezingen. 

    Lees ook:

  • Polen krijgt geen aardolie meer van Rusland

    Polen krijgt geen aardolie meer van Rusland

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » De VS en Canada verbieden ambtenaren om TikTok te gebruiken

    » Afrika getroffen door ‘beangstigende’ cholera-epidemie

    Geen olie meer voor Polen via Droezjba-pijpleiding

    Het Poolse olieconcern Orlen krijgt geen aardolie meer uit Rusland, zo bracht het bedrijf zaterdag naar buiten. De leveringen via de Droezjba-pijpleiding aan Polen zijn door Rusland stopgezet. Tegelijkertijd, zo benadrukte Orlen, is het bedrijf helemaal voorbereid op een dergelijke situatie en kunnen leveringen aan zijn raffinaderijen volledig over zee plaatsvinden, schrijft Onet Wiadomosci.

    Het stopzetten van de olietoevoer via de pijpleiding zal geen gevolgen hebben voor de levering van de bedrijfsproducten aan Poolse klanten, waaronder benzine en diesel, aldus Orlen. De Russische aardolieleveringen dekten sinds begin februari 2023, toen het contract met het bedrijf Rosneft verlopen was, nog maar zo’n 10 procent van de vraag van Orlen naar deze grondstof. Het betrof uitsluitend de toevoer via pijpleidingen, waarvoor geen internationale sancties werden opgelegd.

    Een belangrijke handelspartner van het Poolse bedrijf is Saudi Aramco, de staatsoliemaatschappij van Saudi-Arabië

    Het Poolse olieconcern benadrukte dat het sinds het begin van de oorlog in Oekraïne de overzeese invoer van aardolie en kant-en-klare brandstoffen uit Rusland had stopgezet, lang voordat de EU-embargo’s op dergelijke leveringen werden ingesteld. Orlen moet het nu vooral hebben van import uit gebieden als de Noordzee, West-Afrika, de Middellandse Zee en de Perzische en Mexicaanse Golf. Een belangrijke handelspartner van het Poolse bedrijf is Saudi Aramco, de staatsoliemaatschappij van Saudi-Arabië, waarmee het in 2022 een overeenkomst is aangegaan inzake de levering van aardolie.

    Het Poolse bedrijf heeft nog een contract voor de levering van aardolie met het Russische bedrijf Tatneft dat geldig is tot eind 2024. Maar nu Rusland de kraan van de Droezjba-pijpleiding heeft dichtgedraaid, ontvangt het geen olie meer. Orlen verklaarde al eerder dat het de invoer zal stopzetten indien de EU passende sancties oplegt. Het bedrijf wilde het contract niet ontbinden, omdat dat het risico met zich meebrengt dat het een schadevergoeding moet betalen.

    Lees ook: