Tag: Rusland

  • 3. Open brief uit Rusland

    3. Open brief uit Rusland

    Vriendschap tussen de VS en Rusland? Vergeet het maar.

    Geachte mijnheer de 45e president van de 
Verenigde Staten,

    Voor het eerst bevond mijn land zich zo ongeveer in het centrum van uw presidentsverkiezingen. Wat heeft u er niet allemaal over gezegd, u en uw tegenstander! Natuurlijk moeten we niet alles letterlijk nemen wat er tijdens verkiezingscampagnes wordt geopperd, vooral niet in Amerika. Maar al te pittige uitspraken kunnen de winnaar soms tijdens zijn ambtstermijn nog lang blijven achtervolgen.

    De wereld verandert snel, en op onomkeerbare wijze. Het zou naïef zijn om te denken dat de gebeurtenissen op het wereldtoneel gestuurd worden vanuit Moskou of Washington. U lijkt dat in te zien, aangezien u zich niet met alles lijkt te willen bemoeien en ook niet altijd het Amerikaanse belang vooropstelt. Maar u zegt ook dat Amerika zijn kracht moet laten zien en respect moet afdwingen. Die twee houdingen zijn lastig met elkaar te verenigen.

    Als rechtgeaard zakenman heeft u altijd benadrukt dat u als president ‘de beste deals’ zou sluiten. Wat dat betreft staan u twee verrassingen te wachten. In de eerste plaats valt er in de politiek niet over alles een deal te sluiten. Ten tweede, waar het in zaken gewoon is om de onderhandelingstafel te verlaten als de uitkomst je niet bevalt en dan maar een andere zakenpartner te zoeken, is dat in de politiek niet mogelijk.

    Rusland proberen te veranderen heeft geen zin. Rusland volgt zijn eigen logica, en als die misschien heel anders is dan die van de VS, betekent dat niet dat die geen recht van bestaan heeft

    Rusland en de VS hebben weinig met elkaar gemeen. Hun wereldbeeld, prioriteiten, waarden, de staatsvorm en de samenleving: alles verschilt hemelsbreed van elkaar. Deze verschillen zijn diepgeworteld in de wezensaard van de twee grootmachten.

    Om die reden is het verstandig ons geen illusies te maken over een al te hechte vriendschap tussen onze staten, of zelfs maar over de mogelijkheid van een bondgenootschap. Rusland proberen te veranderen heeft geen zin. Rusland volgt zijn eigen logica, en als die misschien heel anders is dan die van de VS, betekent dat niet dat die geen recht van bestaan heeft. U hoeft niet te verwachten dat Rusland samen met u zal optrekken tegen China of Iran. Als Rusland zich op het Oosten richt, is dat niet omdat het land ruzie heeft met het Westen, maar omdat dat dat geostrategisch noodzakelijk is.

    We zullen met onze tegenstellingen moeten leren leven, ze niet uit de hand laten lopen en de risico’s ervan temperen. We moeten leren om elkaar te respecteren, al zijn we het vaak oneens, een dialoog aan te gaan om de bedreigingen het hoofd te bieden waar we aan blootstaan. Vooral moeten we ons elk op onze binnenlandse aangelegenheden blijven richten, want daar bevinden zich de grootste uitdagingen.

    Auteur: Fjodor Loekianov
    Vertaler: Valentijn van Dijk

    Rossiya v global’noy politiké
    Rusland | tweemaandelijks | oplage onbekend

    Russische tegenhanger 
van het Amerikaanse 
Foreign Affairs.

  • 3. Voorkom confrontatie in Syrië

    3. Voorkom confrontatie in Syrië

    De spanning tussen Rusland en de VS is gevaarlijk hoog opgelopen, schrijft de Russische politicoloog Fjodor Loekianov. Een militair treffen in het Syrische luchtruim moet koste wat kost worden vermeden.

    Begin september schreef ik dat Moskou en Washington terug waren gekeerd ‘naar het lang vervlogen tijdperk waarin de twee landen de belangrijkste kwesties van de internationale politiek onderling konden regelen’. Dat was ietwat overhaast en daarvoor vraag ik de lezers om vergiffenis. Het presidentschap van Obama is intussen ten einde, en de spanning tussen Rusland en de Amerikanen is dermate hoog opgelopen dat er God weet wat kan gebeuren. Ik hoopte vergeefs dat de Amerikaanse president aan het eind van zijn regeerperiode vrijelijk beslissingen zou kunnen nemen en zijn termijn graag met constructieve akkoorden zou willen besluiten.

    De crisis in Syrië had op zich de aanleiding kunnen zijn voor een voorbeeldige samenwerking, weliswaar niet uit onderlinge sympathie, maar wel vanuit het besef dat de twee landen zonder elkaar niets kunnen beginnen. In plaats daarvan bleek die tot een verkilling van de onderlinge relatie te leiden. Diplomatieke oplossingen hebben definitief plaatsgemaakt voor militaire logica. De wapens spreken en ondanks alle discussies van de laatste jaren over de terugkeer van de ‘geest van de Koude Oorlog’, waren we daar toch niet meer aan gewend. Al sinds begin jaren tachtig was in de politieke arena de tactiek van de ‘laatste waarschuwing’ niet meer zo overheersend. Ook zagen we al heel lang niet meer bedreigingen over en weer elke hoop op een diplomatieke oplossing overstemmen. Noch tijdens het Russisch-Georgische conflict in 2008, noch aan het begin van de crisis in Oekraïne was de situatie zo ernstig.

    Al met al doen de gebeurtenissen vermoeden dat het lot van de wereld opnieuw in handen ligt van de regeringen van de twee vroegere supermachten. De ‘dialoog’ wordt ook nu via de luidsprekers gevoerd, en geen van beide partijen is bereid om knopen te ontwarren of ze door te hakken.

    In een gespannen periode als deze vormen misverstanden een groter gevaar dan de aloude “bolsjewistische onbuigzaamheid”, omdat ze kunnen leiden tot verkeerde inschattingen en funeste beslissingen

    Hoe heeft het zover kunnen komen? Dat is een andere, bijzonder lastige vraag. Zeker is dat deze situatie al vóór de burgeroorlog in Syrië is ontstaan en helaas nog voort zal duren wanneer die ten einde is. De lijst met wederzijdse verwijten blijft maar groeien en beide partijen benadrukken dat hun geduld bijna op is. Diplomatieke taal wordt allang niet meer gebezigd, de omgangsvormen zijn ouderwets hard.

    Wat valt hiertegen te doen? Allereerst moeten de oorlogsretoriek en het wapengekletter ons geen angst inboezemen. Soms helpen die bij het vermijden van een directe confrontatie. In een gespannen periode als deze vormen misverstanden een groter gevaar dan de aloude ‘bolsjewistische onbuigzaamheid’, omdat ze kunnen leiden tot verkeerde inschattingen en funeste beslissingen. Toch is het zorgwekkend als militairen volledig de toon van officiële mededelingen bepalen. Hun taak is het om met proportionele middelen op militaire dreigingen te reageren. Maar bij een conflict tussen grootmachten (en dat zijn we bijna) gaat het om een ingewikkeld samenspel van omstandigheden en belangen, waarin een groot aantal factoren moet worden meegewogen.

    Nieuwe kwetsbaarheden

    In een wereld waarin de internationale relaties veranderd zijn ten opzichte van die van de Koude Oorlog, is dat des te sterker het geval. Er zijn nieuwe kwetsbaarheden ontstaan, op veel gebieden zijn we tot meer in staat dan vroeger, op andere juist minder. Het idee om weer een Russische legerbasis op Cuba te openen, hoe aantrekkelijk misschien ook, heeft bijvoorbeeld meer symbolische dan praktische waarde; de kosten ervan zouden niet opwegen tegen de baten. Waarschijnlijk zal geprobeerd worden om Rusland met sancties op de knieën te krijgen. Onder valse voorwendselen zullen de sancties harder en langduriger worden, totdat Rusland er wellicht onder bezwijkt, zoals dat ook tussen 2010 en 2015 met Iran gebeurde.

    Als rechtvaardiging daarvoor zullen ‘oorlogsmisdaden’ in Syrië genoemd worden, of door de staat ‘georkestreerde’ cyberaanvallen, evenals het mislukken van de akkoorden van Minsk [inzake de burgeroorlog in Oekraïne]. En dit zal nog maar het topje van de ijsberg zijn, de lijst wordt ongetwijfeld nog veel langer. Het is vooralsnog niet duidelijk of Europa de Verenigde Staten hierin zal volgen. De Europese Unie is verdeeld, zowel de lidstaten onderling als de bevolking binnen deze landen. De discussie die sinds kort in Duitsland wordt gevoerd, zal de verschillen tussen de lidstaten nog verder versterken. Misschien kan een besluit tot nieuwe sancties nog worden vermeden, maar de versoepeling die twee maanden geleden nog werd verwacht zal er niet gaan komen. Recente uitspraken van de Franse regering doen vermoeden dat we er niet op hoeven rekenen dat het beleid van Europa wezenlijk zal verschillen van dat van de Verenigde Staten.

    De eerste Russische luchtaanval boven Aleppo tegen ISIS en Al-Nusra Front, 16 augustus 2016. – © TASS  TASS via Getty Images
    De eerste Russische luchtaanval boven Aleppo tegen ISIS en Al-Nusra Front, 16 augustus 2016. – © TASS TASS via Getty Images

    Dit alles staat op korte termijn te gebeuren, zij het misschien niet onmiddellijk. Koste wat kost moet een directe militaire confrontatie tussen het Russische en Amerikaanse leger in het Syrische luchtruim worden vermeden. Ook moet worden onderzocht of met de huidige proxy war [oorlog bij volmacht, waarbij de grootmachten zelf niet tegen elkaar vechten] de beoogde doelen wel kunnen worden bereikt. Met andere woorden, hoever willen de Verenigde Staten en hun bondgenoten gaan om de Syrische oppositie te steunen? Een koude oorlog is vooral gevaarlijk in het beginstadium, wanneer de ‘rode lijnen’ nog niet vastliggen. Het is zorgelijk dat er opnieuw naar dit paradigma wordt gegrepen. Het belangrijkste is nu om te voorkomen dat de allerergste scenario’s bewaarheid worden.

    Auteur: Fjodor Loekianov
    Vertaler: Valentijn van Dijck

    Rossia v Globalnoj Politike
    Rusland | oplage onbekend

    Opgericht in november 2002 en bedoeld als tegenhanger van het prestigieuze Amerikaanse tijdschrift Foreign Affairs. ‘Rusland in de wereldpolitiek’ heeft de ambitie een internationaal erkend Russischtalig tijdschrift over internationale betrekkingen te zijn. Het werd opgericht door onder andere de Raad voor Defensiebeleid en Russische Veiligheid en het tijdschrift Izvestia.

    CONTEXT – Poetins ultimatum

    Het Russische parlement, de Doema, keurde op 16 oktober jl. het wetsontwerp goed waarin wordt voorzien in het stopzetten van de uitvoering van het akkoord met Washington over de verwerking van overschotten aan plutonium met een militaire bestemming. Dat is de manier waarop Vladimir Poetin zijn ‘breuk’ met de Amerikanen gestalte gaf, schrijft het blad Expert, dat dicht bij het Kremlin staat.

    De Russische president heeft in een officieel document de voorwaarden vastgelegd waaronder Moskou de uitvoering van het akkoord wil hervatten.

    Tot die voorwaarden behoren – afgezien van een plan van uitvoering van het akkoord waar de Amerikanen zich volgens het Kremlin niet aan houden – het verlagen van het aantal strijdkrachten van de NAVO in Oost-Europa, het opheffen van de Magnitski-wet (die toegang tot het Amerikaanse grondgebied ontzegt aan hoge Russische functionarissen die verantwoordelijk worden gehouden voor de dood van de Russische advocaat Sergej Magnitski in 2009), het opheffen van alle andere sancties en, nogal bijzonder, schadeloosstelling voor de schade die Rusland heeft geleden door zijn tegenmaatregelen (dat wil zeggen voor de schade aangericht aan Rusland door het Russische embargo op producten uit het Westen, als antwoord op de westerse sancties).

  • 2. Hoofdbrekens voor Trump

    2. Hoofdbrekens voor Trump

    In zijn verkiezingscampagne sprak Donald Trump lovende woorden over Vladimir Poetin. Maar als president zal hij harde noten moeten kraken met zijn Russische collega.

    Met zijn nucleaire wapengekletter en brutale militaire optreden zet Vladimir Poetin alle gangbare regels in de Amerikaans-Russische betrekkingen overboord en plaatst hij de Verenigde Staten voor een gevaarlijk dilemma. De nieuwe Amerikaanse president Trump erft een gespannen verhouding met Rusland, waarbij Washington in zijn pogingen Poetin een halt toe te roepen voornamelijk heeft gefaald. Deze maand besloot Moskou zich terug te trekken uit een historisch akkoord over de vernietiging van plutonium voor kernwapens en werd bekend dat het raketten heeft geplaatst in Kaliningrad, aan de Oostzee: twee berichten die onderstrepen hoe Poetins Rusland op geheel nieuwe en onvoorspelbare wijze de spierballen laat rollen.

    Het baart zowel Amerikaanse als Europese functionarissen steeds meer zorgen dat Poetin zo makkelijk de militaire confrontatie zoekt en zijn kernwapenarsenaal betrekt bij discussies die daar volgens het Westen helemaal niets mee te maken hebben. Dat maakt het razend lastig voor de VS en hun Europese bondgenoten om een passend antwoord te vinden op Poetins brutale tactieken, die de afgelopen jaren varieerden van annexatie van de Krim tot luchtsteun voor het Syrische regime en vermeende pogingen om de Amerikaanse verkiezingen te beïnvloeden. ‘Het voelt heel erg alsof we een onrustige en gevaarlijke fase in onze bilaterale relatie ingaan,’ zegt Julianne Smith, oud-adviseur van vicepresident Biden en bij het Pentagon ooit verantwoordelijk voor het NAVO-beleid. ‘Trump komt voor een paar belangrijke strategische keuzes te staan,’ aldus Smith.

    Verschillende functionarissen en oud-ambtenaren zijn het erover eens dat Trump in de omgang met dit herrijzende Rusland zal moeten kiezen uit verschillende onaangename en riskante opties. Een verzoenende opstelling om tot een akkoord over Oekraïne te komen kan de spanningen op korte termijn verminderen maar draagt het risico in zich dat het Poetin alleen maar brutaler zal maken. Een hardere lijn draagt het gevaar van escalatie in zich, met het risico van een militaire confrontatie in Syrië of de Baltische staten.

    Rusland is de laatste jaren steeds agressiever in zijn nucleaire beleid, door dreigende taal uit te slaan in discussies over het kernwapenarsenaal en de mogelijkheden voor de inzet daarvan te verruimen

    Sinds Obama’s pogingen om de verhouding met het Kremlin te ‘resetten’ zijn mislukt en Poetin in 2012 weer president werd, heeft Rusland er steeds meer een handje van om kwesties die niets met elkaar te maken hebben toch op elkaar te betrekken. Vaak weigert het zelfs samen te werken bij kwesties waarin beide landen gedeelde belangen hebben, louter om de druk op Washington in andere geschillen op te voeren. Heel anders dan de jaren zeventig, toen tijdens de detente tussen Amerika en het Oostblok beide mogendheden zich strikt aan bepaalde grenzen en ongeschreven regels hielden. Met name besluiten over kernwapens werden toen altijd losgekoppeld van andere kwesties en conflicten. Sinds de inval in de Krim in 2014 en de eenzijdige interventie in Syrië in 2015 heeft het Kremlin die benadering verlaten.

    Dat is een definitieve breuk met het verleden, waarin ruzies over regionale brandhaarden altijd los werden gezien van het overleg over wapenproliferatie. Toen het Kremlin onlangs het verdrag uit 2009 over de vernietiging van plutonium voor kernwapens opzegde, zei het erbij dat het deze stap zou heroverwegen als de VS hun militaire aanwezigheid langs de Russische grens zouden terugschroeven, alle sancties tegen het land zouden opheffen en Moskou financieel zouden compenseren voor de door die sancties veroorzaakte economische schade. Amerikaanse functionarissen zijn teleurgesteld over die Russische stap en ontsteld over wat zij als een verontrustend gedragspatroon zien. Een hoge regeringsfunctionaris noemde de berichten over plaatsing van Iskander-raketten in de Baltische enclave Kaliningrad ‘de laatste van een hele reeks verklaringen en maatregelen die doen betwijfelen of het Rusland ernst is met de vermindering van de hoeveelheid gevaarlijke nucleaire stoffen en daardoor de lange weg naar ontwapening ondermijnen’.


    Rusland is de laatste jaren steeds agressiever in zijn nucleaire beleid, door dreigende taal uit te slaan in discussies over het kernwapenarsenaal en de mogelijkheden voor de inzet daarvan te verruimen. In een opiniestuk in de krant Rossijskaja Gazeta in 2012 gaf Poetin als presidentskandidaat hoog op van de strategische rol van kernwapens in Ruslands buitenlandpolitiek. Hij zinspeelde zelfs op de mogelijkheid om ze in te zetten in een conventionele oorlog. Na zijn aantreden kwam hij met een plan voor de modernisering van Ruslands nucleaire strijdkrachten. In maart van dit jaar verklaarde Poetin dat hij op het punt heeft gestaan kernwapens in paraatheid te brengen toen het lot van de Krim in het geding was. Toen de Russische staatstelevisie hem vroeg of hij bereid zou zijn geweest in dat conflict kernwapens in te zetten, zei hij: ‘We waren er klaar voor. In het overleg met mijn collega’s heb ik gezegd dat de Krim historisch bij ons hoort. Er wonen Russen, die zijn in gevaar, en die kunnen we niet in de steek laten.’

    
Volgens de VS overtreedt Rusland een in 1987 door Reagan en Gorbatsjov gesloten verdrag tegen wapenproliferatie. Daarin beloofden beide landen alle vanaf de grond gelanceerde ballistische en kruisraketten met een bereik van 500 tot 5000 kilometer af te schaffen. Het was een belangrijke stap in de beëindiging van de Koude Oorlog en legde de basis voor verder overleg over vermindering van het aantal kernwapens. In 2010 heeft Rusland nog een nieuw START-verdrag getekend, maar alle pogingen van Obama om over verdere terugdringing van kernwapens te onderhandelen zijn sindsdien afgeketst. Het verdrag loopt af in 2021, en zonder nieuw akkoord zou alle vooruitgang van de afgelopen 25 jaar verloren kunnen gaan. Poetins regering werkt ook al niet meer mee aan het in de jaren negentig opgestarte overleg over de veiligstelling van radioactief materiaal. In maart weigerde Rusland de nucleaire top in Washington bij te wonen.

    In het streven naar goede betrekkingen heeft de regering-Obama steeds de gulden middenweg tussen confrontatie en compromis gezocht, vanuit de gedachte dat het intomen van Rusland op het wereldtoneel strategisch geduld vereist

    Die hardere opstelling op nucleair gebied gaat gepaard met een steeds agressievere inzet van conventionele troepen. Sinds de crisis in Oekraïne scheren Russische gevechtsvliegtuigen en bommenwerpers vaak rakelings langs de grenzen van het luchtruim van de NAVO en de VS of vliegen ze hinderlijk dicht langs Amerikaanse vliegtuigen en oorlogsschepen. Russische vliegtuigen schenden ook geregeld het luchtruim van landen als Finland en Zweden, die niet bij de NAVO zijn aangesloten maar wel meedoen aan de EU-sancties tegen Moskou. In maart 2015 zei de Russische ambassadeur in Kopenhagen dat Deense oorlogsschepen het ‘doelwit van Russische kernraketten’ zouden worden als er geavanceerde radarapparatuur op werd geïnstalleerd.

    Waar Rusland door de VS en de NAVO wordt afgeschilderd als internationale provocateur, beschuldigt Moskou de VS ervan in Ruslands achtertuin ‘staatsgrepen’ aan te wakkeren door democratiegezinde regeringen te steunen en het nucleair evenwicht te verstoren met raketschilden. Het is waar dat de VS in 2002 het ABM-verdrag over antiballistische raketten hebben opgezegd. Russische functionarissen vinden de plaatsing van Amerikaanse antiraketsystemen in Oost-Europa een provocatie en wijzen dat aan als oorzaak van het vastgelopen ontwapeningsoverleg. Moskou verwijt de NAVO en de VS roekeloos gedrag, verwijzend naar de grotere inzet van Amerikaanse tanks en troepen in Ruslands buurlanden en oefeningen met B-2-bommenwerpers dicht bij de Russische grens.

    In het streven naar goede betrekkingen heeft de regering-Obama steeds de gulden middenweg tussen confrontatie en compromis gezocht, vanuit de gedachte dat het intomen van Rusland op het wereldtoneel strategisch geduld vereist. Zo koos men na de invasie in Oekraïne en de annexatie van de Krim voor economische sancties in plaats van militaire actie. Maar de sancties, die Europa verdelen en geld kosten, hebben Ruslands ‘groene mannetjes’ niet verdreven en de Krim niet kunnen teruggeven aan Oekraïne. ‘We moeten een samenhangend beleid tegenover Rusland ontwikkelen,’ aldus een westerse diplomaat.

    ‘We kwamen, we zagen, hij stierf’

    Het vinden van een manier om de oplopende spanningen met Rusland te verminderen wordt een taak voor de nieuwe Amerikaanse regering. In Syrië werd Obama in 2015 overrompeld door de Russische inzet van artillerie en luchtmacht, waardoor de strijd kantelde in het voordeel van Assad. Door die interventie bepaalt Rusland nu de agenda in Syrië, waar Washington drastisch aan invloed heeft ingeboet en niet veel mogelijkheden meer heeft voor militair ingrijpen. Toen de voorzitter van de Joint Chiefs of Staff, generaal Joseph Dunford, door de Senaat werd gevraagd naar de mogelijkheid om in Syrië een no-flyzone in te stellen, zei hij dat ‘we dan oorlog moeten voeren tegen Syrië en Rusland’.

    Hillary Clinton pleitte in haar verkiezingscampagne herhaaldelijk voor een no-flyzone of een ‘veilige zone’ voor Syrische burgers. Ze trad nooit in detail over wat dat precies moest behelzen, maar haar adviseurs stelden dat de VS bijvoorbeeld een Syrisch vliegtuig zouden kunnen neerhalen, om Rusland zo te dwingen tot een duidelijke keuze: Assad verdedigen of samenwerken met Washington. Bij haar pleidooi voor een no-flyzone ging Clinton steeds voorbij aan de aanwezigheid in Syrië van het geavanceerde Russische luchtafweersysteem S400, dat ingezet zou kunnen worden tegen Amerikaanse toestellen die zo’n no-flyzone moeten opleggen.

    Het Kremlin zou een no-flyzone waarschijnlijk als een directe bedreiging voor de eigen troepen in Syrië beschouwen, zeker na wat er in Libië is gebeurd toen Clinton nog minister van Buitenlandse Zaken was. Toen de Veiligheidsraad in 2011 instemde met een no-flyzone in Libië, onthield het Rusland van president Medvedev zich van stemming. Clinton zou de Russen toen hebben verzekerd dat de actie niet was bedoeld om Gaddafi ten val te brengen. Maar vervolgens bleek de luchtsteun van de NAVO de Libische rebellen flink te helpen en dook er een video op van een lachende Clinton die de dood van Gaddafi omschreef als: ‘We kwamen, we zagen, hij stierf.’

    Het Kremlin voelde zich door de Amerikanen bedrogen. Volgens deskundigen hebben die interventie en de dood van Gaddafi Poetin ertoe gebracht om zich weer kandidaat te stellen voor het presidentschap.

    Vladimir Poetin en de Servische president Tomislav Nikolic tijdens een militaire parade in Belgrado. – © Vasily Maximov / Reuters
    Vladimir Poetin en de Servische president Tomislav Nikolic tijdens een militaire parade in Belgrado. – © Vasily Maximov / Reuters

    In de Amerikaanse verkiezingscampagne heeft Trump, heel anders dan Clinton, juist een verzoenende toon jegens Rusland aangeslagen. Clinton heeft vraagtekens gezet bij Trumps zakelijke relaties met Russische investeerders en zijn secondanten ervan beticht dat ze Moskouse propaganda napraten. In oktober spuide Trumps buitenlandadviseur Carter Page in een artikel op de pro-Russische website Sputnik kritiek op de Verenigde Staten vanwege hun ‘inmenging’ in de binnenlandse aangelegenheden van Ruslands buurlanden, waaronder Oekraïne. Volgens Page heeft Washington ‘geen enkel oog voor de Russische belangen’. Trump heeft herhaaldelijk opgeroepen tot hechtere samenwerking met het Kremlin in de strijd tegen IS in Syrië, maar laat verder weinig los over de manier waarop hij met Rusland zou willen omgaan.

    Soms doen de huidige problemen weer denken aan de jaren zeventig. Maar toen hadden beide mogendheden een verstandhouding die hun rivaliteit enigszins in toom hield. Volgens Henry Kissinger, de architect van de onder de presidenten Nixon en Ford tot stand gebrachte detente, ‘ontwikkelde zich een idee van strategische stabiliteit waarin beide landen zich konden vinden terwijl hun rivaliteit op andere gebieden onverminderd doorging’. Die ‘strategische stabiliteit’ en het daaruit resulterende evenwicht zijn sinds het uiteenvallen van de Sovjet-Unie verdwenen. Rusland voelt zich bedreigd en vernederd door de uitbreiding van de NAVO en de EU in Midden- en Oost-Europa. Het was ook woedend over de door Amerika geleide militaire interventies in Servië en later Irak – allemaal zonder volledig mandaat van de VN-veiligheidsraad.

    Ruslandexperts verschillen met elkaar van mening over de manier waarop Poetin het beste kan worden aangepakt. En geen enkele westerse regering lijkt duidelijk voor ogen te hebben hoe de oud-KGB’er op verschillende afschrikkingstactieken zal reageren, of waar hij met zijn land precies naar streeft. ‘We zien welke tactieken hij nu hanteert en hoe hij zich wereldwijd in verschillende brandhaarden mengt,’ zegt Julianne Smith. ‘Maar we weten niet precies hoever hij daarin wil gaan.’

    Auteurs: Dan De Luce en Reid Standish
    Vertaler: Frank Lekens

    Foreign Policy
    Verenigde Staten |tweemaandelijks tijdschrift | oplage 106.000

    Wetenschappelijk tijdschrift, opgericht in 1970 om het ‘debat te stimuleren over belangrijke kwesties van de Amerikaanse buitenlandse politiek’. Sinds 2008 eigendom van The Washington Post.

  • Stop de domme provocaties tegen Rusland

    Stop de domme provocaties tegen Rusland

    Volgens de bekende Britse journalist en polemist Rod Liddle is het Westen op een onnozele manier bezig om Rusland en Poetin zwart te maken. En vergeet het daarbij even de eigen fouten in Oekraïne, Syrië en Irak.

    Keuze uit het archief

    Deze week ging de oorlog in Oekraïne zijn vijfde jaar in. Er is al heel wat geschreven over de oorzaken en implicaties van dit conflict. In veel analyses ontbreekt echter de zelfreflectie, aldus journalist Rod Liddle. Het Westen draagt er met zijn eenzijdige kritiek op Rusland alleen maar aan bij dat het wederzijdse vijanddenken en de oorlogsretoriek in stand worden gehouden, betoogt hij in dit opiniestuk uit 2016.

    Al een paar weken vraag ik me af wat goedkoper zou zijn: een kelder uitgraven en een geigerteller en jodiumpillen kopen, of emigreren naar Nieuw-Zeeland. Je kunt me een angsthaas noemen, maar de kant die we opgaan bevalt me helemaal niet. Ik heb alleen de laatste jaren van de Koude Oorlog bewust meegemaakt, maar voor zover ik me kan herinneren toonden beide kanten, wij en zij, meestal wel een zekere mate van redelijkheid en gezond verstand.

    Ik heb liever dat een politicus pragmatisch is dan charismatisch, en als je me zou vragen wie mijn favoriete Russische politicus is, zou mijn antwoord dan ook altijd zijn: Brezjnev. Liever Brezjnevs grijze, verstikkende onverschilligheid en detente, dan Chroesjtsjov in zijn rol van onberekenbare boer die met de vuist op tafel slaat.

    Als Reagan in die tijd voor een microfoon aankondigde: ‘Over vijf minuten beginnen we met bombarderen’, snapte iedereen dat hij een grapje maakte. Als er nu een idioot parlementslid opkrabbelt en eist dat we Russische vliegtuigen gaan neerschieten, snapt iedereen dat hij geen grapje maakt, maar gewoon stompzinnig en gevaarlijk bezig is. Alleen, dit is een oorlogszuchtige stompzinnigheid die snel om zich heen grijpt. Elke dag schakelt de anti-Ruslandretoriek een tandje hoger. Soms komt die retoriek vanuit onze krijgsmacht, die zich misschien beter op haar gemak voelt met een vijand die ze begrijpt dan met allerlei bendes nihilistische, jihadistische gekken. Dan worden we gewaarschuwd dat de Russen Iskander-raketten in de buurt van de Baltische kust stationeren, om Letland, met zijn grote Russische minderheid, en Polen te bedreigen. En dan vertellen de tabloids ons elke dag dat Russische straaljagers telkens weer langs onze kust op en neer vliegen. Alsof ze dat niet al zeventig jaar doen. En alsof wij niet al zeventig jaar hetzelfde doen bij hen.

    Elke dag schakelt de anti-Ruslandretoriek een tandje hoger

    Van een krijgsmacht kun je dit soort zaken verwachten, neem ik aan. Maar als er ook politici aan boord klauteren, word ik echt ongerust. Want het is ónze kant die me bang maakt – niet de hunne. Boris Johnson, onze minister van Buitenlandse Zaken, riep als een clowneske ayatollah mensen op om te gaan demonstreren bij de Russische ambassade. Hiermee reageerde Boris op de inderdaad barbaarse luchtaanval van de Russen en het Syrische regeringsleger op Aleppo. Een week later ongeveer begon het Westen met chirurgische precisie in het laatste Iraakse IS-bolwerk, Mosul, mensen met echt volle baarden eruit te pikken en aan flarden te bombarderen, waarbij de fatsoenlijke, democratisch ingestelde burgers ter plaatse heel menselijk en barmhartig werden gespaard en natuurlijk zonder een schrammetje het bombardement overleefden.

    Slikken mensen die onzin? De VN en het Internationale Comité van het Rode Kruis hebben gewaarschuwd dat door de glorieuze inname van Mosul meer dan een miljoen mensen op de vlucht zullen slaan – en waarschijnlijk honderden mensen zullen omkomen. Maar als dat gebeurt, is het niet de schuld van de coalitie, het is de schuld van IS, of van wraakzuchtige sjiitische Iraakse soldaten, of van de bloeddorstige peshmerga. Wij hebben niks gedaan, chef.

    Wat de coalitie doet in Syrië en Irak, is net zo onsamenhangend en verkeerd als alle andere dingen die we de afgelopen tijd in het Midden-Oosten hebben gedaan – van de invasie in Irak en de steun aan de opstanden van de enigszins imaginaire ‘Arabische lente’ tot de rampzalige en domme interventie in Libië. Wat wij uit naam van een dwaas, goedbedoeld, liberaal evangelisme hebben gedaan, heeft veel meer levens gekost dan we op het conto van de Russen en Vladimir Poetin kunnen bijschrijven. In Syrië en Irak vechten we om mensen te ondersteunen die niet echt bestaan: de goedwillende, gematigde mensen, niet de jihadisten, maar ook niet Assad. Ze zijn op de vingers van één hand te tellen.

    © Tammo Schuringa
    © Tammo Schuringa

    Een tijdje geleden sprak ik iemand die voor de vluchtelingen in die twee ongelukkige landen werkt en die zeker geen vriend is van het Assad-regime. Wat zou nu het beste scenario zijn, vroeg ik hem. ‘Dat Rusland en Assad zo snel mogelijk winnen. Dan worden de minste burgers gedood.’ Maar wij doen wat we kunnen om die uitkomst te voorkomen, en verlengen zo de oorlog.

    Toen in de uitermate lichtgelovige westerse media de strijd om de bevrijding van Mosul werd aangekondigd, zei Vladimir Poetin te hopen dat de coalitie haar best zou doen om het aantal burgerslachtoffers als gevolg van de militaire acties te beperken; maar hij zei ook dat hij begreep dat een oorlog winnen soms onschuldige levens kost en dat hij niet zou gaan stampvoeten of iedereen zou oproepen om te gaan demonstreren bij de dichtstbijzijnde Amerikaanse of Britse ambassade.

    Kort nadat hij zijn verklaring had afgelegd, kondigden de Russen en de Syrische regering – uit humanitaire overwegingen – een staakt-het-vuren af in en rond Aleppo, zodat burgers zich via zes goed bewaakte corridors in veiligheid konden brengen. Dus terwijl de luchtmacht en de artillerie van de coalitie Mosul bombardeerden, kondigde Poetin zijn staakt-het-vuren af. En misschien is ook dat een reden voor de anti-Russische razernij van onze regering en de zwakke, angstige Amerikaanse regering – Poetin is sluw. Hij wint op zijn sloffen de propagandaoorlog.

    Jachtseizoen

    Het jachtseizoen op al wat Russisch is, is nu al een tijdje geopend. Hun atleten spelen vals en worden uitgesloten van sportevenementen. De onze slikken ondertussen prestatieverhogende medicijnen tegen de astma die ze anders de winst in de Tour de France zou kosten. De VS beschuldigen Poetin ervan dat Rusland een cyberoorlog voert om de presidentsverkiezingen te beïnvloeden. Maar moeten we soms geloven dat de VS géén geheime cyberoorlog voert?

    En dan is er Russia Today, dat nu naar de frontlinie is gedrongen. De Britse bank NatWest, grotendeels staatseigendom, heeft in serieuze, plechtige bewoordingen aangekondigd de bankrekeningen van deze in Groot-Brittannië gevestigde, door Rusland gefinancierde zender te zullen bevriezen. Verdomd, dat hebben we met de Pravda nooit gedaan. NatWest moest inbinden toen Russia Today – niet geheel ten onrechte – over beperking van de vrijheid van meningsuiting klaagde en dreigde dat de bankrekeningen van de BBC-poot in Rusland bevroren zouden worden. Onze regering ontkende glashard de hand te hebben gehad in het oorspronkelijke besluit van NatWest – ja hoor – en een woordvoerder van premier Theresa May voegde daar nogal onhandig aan toe: ‘Als je het breder bekijkt: willen we voorkomen dat er onjuiste informatie wordt verspreid? Ja, natuurlijk willen we dat.’

    Dus het is nogal duidelijk, nietwaar? De regering is hier wel degelijk direct bij betrokken. We proberen een zender dwars te zitten en liefst kapot te maken, omdat die iets uitzendt waar onze regering het niet mee eens is. Ik dacht altijd dat dat iets van de Russen was, dissidenten de mond snoeren? En toch, Russia Today mag dan standaard Poetins wandaden goedpraten, hun nieuwsuitzendingen onthullen soms een waarheid die anders verborgen zou zijn gebleven. Dan is het probleem niet dat ze desinformatie verspreiden, maar dat Russia Today juiste informatie verspreidt die de Britse overheid slecht uitkomt. Is de zender onbevooroordeeld, is hij onpartijdig, biedt hij altijd nuance en wederhoor? Nee, nee en nog eens nee. De BBC wel?

    We negeren onze eigen wandaden tegenover de mensenrechten en de vrijheid van meningsuiting

    Sommige Britten, vooral mannen van ongeveer mijn leeftijd, hebben een zekere neiging om Vladimir Poetin te bewonderen, voornamelijk vanwege zijn daadkracht en ultraconservatisme. Het Westen blijft tobben, maar Poetin treedt op – en misschien vergeven we hem daarom zijn homofobe oprispingen (of prijzen hem er zelfs om).

    Ik ben geen lid van deze ontluikende Britse fanclub. Het is gemakkelijk om daadkracht te tonen als je niet gehinderd wordt door democratie – zoals Poetin. Die is volgens mij amoreel, meedogenloos en oorlogszuchtig. En ik weet niet hoe diep zijn vreemde machismo van de-man-die-naakt-met-een-beer-worstelt gaat, of in hoeverre dat voor de show is. Dit is mijn zorg: wij provoceren en provoceren, we verdraaien de feiten tot ze in ons straatje passen, we demoniseren Poetin en zijn land op een oorlogszuchtige, eenzijdige manier en we negeren onze eigen wandaden tegenover de mensenrechten en de vrijheid van meningsuiting – in Oekraïne, in Syrië en in Irak.

    Ik hoop vurig dat Poetins oorlogszucht alleen maar een act is op het internationale toneel, en dat hij bij lange na niet zo dom is als Boris Johnson. Aan die hoop klamp ik me vast, voordat ik die tickets naar Wellington boek. Want het zou best ijdele hoop kunnen zijn. En het zou kunnen dat hij verder wordt gedreven dan hij kan verdragen.

    Voor een deel hebben we Poetin natuurlijk zelf geschapen. Je kunt een land niet in vijf of zes korte jaren zijn imperium, zijn politieke systeem en reden van bestaan, zijn industrie, zijn banen, zijn geld, zijn prestige en status in de wereld afnemen, en niet verwachten dat daarvoor iets terugkomt, een bepaalde hunkering naar het leven van vroeger, het verlangen naar een Stalin-light. Een hunkering naar Poetin. Het is een gemiste kans dat we Rusland halverwege de jaren negentig niet met liefde hebben overladen en niet hebben uitgenodigd om lid te worden van de NAVO. Het gevolg is dat we nu een antwoord moeten vinden op Poetin. En dat lukt ons niet. We verliezen het aan alle kanten.

  • 5. Een heel ander soort Koude Oorlog

    5. Een heel ander soort Koude Oorlog

    Volgens de Egyptische politicoloog Ammar Ali-Hassan dreigt er een nieuw soort globaal conflict. Hij zet de tien belangrijkste kenmerken daarvan op een rij.

    Een kwart eeuw na het eindigen van de Koude Oorlog lijkt er een vergelijkbaar conflict op te doemen aan de horizon, al is de vorm ervan een beetje anders. Het conflict zal een uitvloeisel zijn van de recente gebeurtenissen in Syrië. En als het echt losbarst, zal het de volgende eigenschappen hebben:

    1. Ideologie zal er geen centrale plaats in hebben, zoals dat tijdens de Koude Oorlog tussen de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie wel het geval was. De strijd tussen het kapitalisme en het socialisme is voorbij.

    2. Als gevolg van de telecommunicatierevolutie en de vrijelijke verspreiding van informatie die daar het gevolg van is, zal een strategie van soft power overheersen en zullen ‘harde’ methoden minder gebruikelijk zijn.

    3. Het verdwijnen van totalitaire regimes (met name in Oost-Europa) ten gunste van democratische regeringen geeft het volk weer een stem. De oorspronkelijke Koude Oorlog werd gevoerd door regimes geleid door slechts een handvol mensen.

    4. Het terrorisme zal weer opleven. Dat komt doordat de twee belangrijkste grootmachten, de Verenigde Staten en Rusland, het als instrument gebruiken om hun doelen te bereiken. Zij ondersteunen hun welgevallige terroristische groeperingen terwijl ze andere fel bestrijden.

    Deze oorlog zal niet in het centrum beginnen om zich vervolgens uit te breiden naar de periferie. Hij is allang begonnen in de periferie en zal uiteindelijk ook het centrum bereiken

    5. Religieuze, etnische en xenofobe spanningen zullen door deze nieuwe Koude Oorlog verder oplopen. Elk van de twee grootmachten zal zich met bepaalde etnische, religieuze of confessionele groepen verbinden. Dit brengt de eenheid van sommige staten in gevaar.

    6. Er zullen meer conflicthaarden ontstaan. In Syrië en Oekraïne zullen de twee grootmachten nog vijandelijker tegenover elkaar komen te staan dan nu, en in Libië en Jemen mogelijk ook. Ook het Koreaans schiereiland zal zich niet aan deze dynamiek kunnen onttrekken.

    7. De Russische leiders zullen militaire activiteiten in het buitenland gebruiken om de publieke opinie af te leiden van binnenlandse problemen. Ook in de Verenigde Staten zullen bestuurders, vooral die uit de wapenindustrie, een grootschalige oorlog verwelkomen om de economie te stimuleren. Omgekeerd zullen politici en bedrijven in geval van een nieuwe economische en financiële crisis de oorlog de schuld kunnen geven.

    schermafbeelding 2016 11 16 om 11 58 48

    8. Deze oorlog zal niet in het centrum beginnen om zich vervolgens uit te breiden naar de periferie. Hij is allang begonnen in de periferie en zal uiteindelijk ook het centrum bereiken.

    9. Er zal geen verbond komen van niet-gebonden staten [zoals dat in 1956 tijdens de Koude Oorlog werd opgericht om tegenwicht te bieden aan de VS en de Sovjet-Unie], al staan veel landen er niet om te springen om in de invloedssfeer van Washington of Moskou terecht te komen.

    10. In de vorige Koude Oorlog stonden twee volstrekt tegengestelde partijen tegenover elkaar. Dit keer zal de opkomst van nieuwe spelers als China, India en de Europese Unie – die allemaal hun eigen belangen verdedigen en conflicten uit de weg gaan – de spanningen wellicht iets verzachten.

    Auteur: Ammar Ali-Hassan
    Vertaler: Valentijn van Dijck

    Al-Ittihad
    Abu Dhabi, Verenigde Arabische Emiraten | dagblad | oplage onbekend

    Deze in 1969 opgerichte krant is een van de oudste van de Emiraten. Onder toezicht van het ministerie van Informatie en Cultuur publiceert het dagblad achtergrondartikelen van intellectuelen, soms zeer kritisch ten opzichte van de Arabische wereld.

  • 4. De gevaren van een cyberoorlog

    4. De gevaren van een cyberoorlog

    De VS kunnen de Russische cyberaanvallen niet onbeantwoord laten, schrijft de Financial Times. Maar tegelijk moet men waken voor een escalatie.

    Als de beweringen van de Amerikaanse regering juist zijn, heeft Rusland op een nooit eerder vertoonde manier geprobeerd de uitkomst van de Amerikaanse presidentsverkiezingen te beïnvloeden. De diefstal, vijf maanden geleden, van een enorme hoeveelheid data uit computers van het Democratisch Nationaal Comité en andere politieke organisaties zou het werk zijn van Russische hackers. Maar sindsdien is de gestolen informatie op een reeks nauwkeurig getimede momenten opgedoken op WikiLeaks en wordt de diefstal door het Departement Binnenlandse Veiligheid en de directeur van het Bureau Nationale Veiligheid toegeschreven aan de Russische regering.

    In de verkeerde handen kan malware worden gebruikt om belangrijke infrastructuur zoals de energievoorziening af te snijden of luchtverkeersleidingssystemen uit te schakelen

    Washington staat voor de cruciale vraag hoe hierop te reageren. De VS zijn in toenemende mate het slachtoffer van cyberaanvallen door van staatswege gesponsorde hackers, van de Revolutionaire Garde in Iran tot China en Noord-Korea. Westerse regeringen hebben hun eigen malware ontwikkeld die tegen tegenstanders kan worden ingezet en computernetwerken van andere landen onklaar kan maken. Sinds 2009 hebben de VS zelfs een militaire eenheid – Cyber Command – die zich met deze activiteiten bezighoudt.

    Maar de gevolgen van het inzetten van cyberagressie zijn op dit moment onzeker. Naar verluidt bestaan er vele aanvalsvormen. In de verkeerde handen kan malware worden gebruikt om belangrijke infrastructuur zoals de energievoorziening af te snijden of luchtverkeersleidingssystemen uit te schakelen, met fatale gevolgen. Dankzij lekken van ambtenaren weten we dat de VS zelf ook cyberaanvallen hebben uitgevoerd, zoals de Stuxnetaanval op het Iraanse nucleaire programma in 2010.

    Eenvoudige keuzes zijn er niet

    De laatste vermeende aanvallen door Moskou combineren het technologische vernuft van geraffineerde eenentwintigste-eeuwse hackers met de propagandakunst van de Koude Oorlog. Alleen de tegenstander is veranderd, van de bureaucratische maar voorspelbare Sovjetstaat in de ongrijpbare president Vladimir Poetin.

    Eenvoudige keuzes zijn er niet. De ‘softe’ optie van sancties tegen het Kremlin is asymmetrisch van aard en zal daarom minder gauw escaleren tot een cyberoorlog. Maar ook die optie is niet zonder problemen. Bij het zoeken naar internationale steun zou het Witte Huis zijn beweringen moeten boekstaven.

    Ook het inzetten van Amerikaanse cyberwapens kent zijn gevaren. Het accuraat uitvoeren van cyberaanvallen blijft meer een kunst dan een wetenschap. En aangezien er nooit regels zijn opgesteld voor wederzijdse cyberagressie, is er geen garantie dat de VS Rusland kunnen treffen zonder dat escalatie daarvan schade toebrengt aan Amerikaanse belangen.

    Ronald Reagan en Michael Gorbatsjov tekenen een nucleair verdrag om het aantal kernwapens terug te dringen in beide landen, 1987.
    Ronald Reagan en Michael Gorbatsjov tekenen een nucleair verdrag om het aantal kernwapens terug te dringen in beide landen, 1987.

    Voorlopig zullen de VS – net als andere westerse staten – moeten zorgen dat hun veerkracht toeneemt en dat hun verdediging, die in talrijke overheids- en privésectoren nog veel te zwak is, op orde komt. Maar de VS zullen Rusland ook duidelijk moeten maken, zoals dat ook bij de Chinezen is gebeurd, dat men dit soort activiteiten niet zal tolereren. Met China zijn er vergevorderde economische betrekkingen die Washington een stok achter de deur geven. Met Rusland zijn de betrekkingen in de nasleep van Poetins annexatie van de Krim beroerder dan ooit, en zijn de economische banden vrijwel verbroken. Dat maakt het moeilijk voor de VS om represailles te nemen, behalve door de al bestaande sancties te verscherpen, desnoods eenzijdig.

    Wat de drie landen zich dienen te realiseren, is dat cyberaanvallen een nieuwe vorm van oorlogvoering zijn, waarvan de gevolgen niet uit de hand mogen lopen. Het streven naar internationale afspraken om die te beperken blijft een moeilijke zaak. Toch moet er een manier worden gevonden om die pogingen nieuw leven in te blazen.

    Vertaler: Peter Bergsma

    Financial Times
    Verenigd Koninkrijk | dagblad | oplage 448.000

    Toonaangevende krant voor de Londense City en de rest van de wereld. Internationale economie en management worden uitputtend behandeld.

    Illustratie: © Tammo Schuringa

    CONTEXT: Komen er gedragsregels in cyberspace?

    De VS hebben de Russische staat er begin oktober officieel van beschuldigd verantwoordelijk te zijn voor enkele recente ‘cyberaanvallen’. Volgens het Amerikaanse ministerie van Binnenlandse Veiligheid, aangehaald door het Russische blad voor internationale betrekkingen Rossiya v Globalnoj Politike, betrof het ‘geperfectioneerde en omvangrijke aanvallen tegen de e-mailsystemen van Amerikaanse burgers, organisaties en instituties, met het doel zich te mengen in het electorale proces in de VS’. In het verleden heeft Washington ook China, Noord-Korea en Iran al van aanvallen via internet beschuldigd. Het Kremlin deed ditmaal de Amerikaanse beschuldiging af als ‘een absurd verzinsel’.

    ‘Dit symbolische wapengekletter getuigt ervan dat cyberspace, sinds de jaren negentig geweldig in ontwikkeling, niet bepaald het schouwtoneel is van praktische samenwerking tussen de grootmachten, maar meer van een arena’, schrijft het blad, dat constateert dat de bewapeningswedloop in cyberspace in volle gang is. Toch wordt er steeds vaker gesproken over het instellen van een ‘gedragscode voor staten inzake verantwoordelijk gebruik van cyberspace’. Ook Obama drong daar in september nog op aan.

    Maar Rusland was in 1998 de eerste lidstaat van de Verenigde Naties die een dergelijk voorstel deed ‘ter voorkoming van het gebruik van het wereldwijde web voor illegale doeleinden’. Pas in 2015 evenwel voltooide een groep experts van de VN een rapport waarin voor de eerste keer wordt opgesomd wat die gedragsregels zouden moeten inhouden. Moskou dringt erop aan dat de VN 
in 2017 een resolutie in die richting aannemen.

    Iedereen erkent dat het buitengewoon lastig is om in het geval van een cyberaanval onomstotelijk vast te stellen door wie de aanval is gepleegd

    De technologische sprong voorwaarts in de afgelopen kwarteeuw heeft de wereld zodanig veranderd dat de NAVO in 2016 cyberspace heeft aangewezen als ‘slagveld’.

    Voortaan rekent het bondgenootschap ‘de vijfde dimensie’ in dit opzicht tot dezelfde categorie als tot dusverre het land, het water, de lucht en inmiddels ook de ruimte.
    Militairen hebben grote belangstelling voor dit nieuwe strijdperk, en cyberspace is de geliefde zandbak geworden voor alle inlichtingendiensten. De politiek en de diplomatie hebben de wondere wereld ook ontdekt en geven er blijk van grote creativiteit.

    Iedereen erkent dat het buitengewoon lastig is om in het geval van een cyberaanval onomstotelijk vast te stellen door wie de aanval is gepleegd. Alleen een wereldwijd akkoord naar analogie van het akkoord inzake de nucleaire non-proliferatie zou cyberspace tot minder gevaarlijk terrein maken, meent het Russische diplomatieke tijdschrift.

    Maar alle initiatieven hiertoe blijven vooralsnog steken in goede bedoelingen. In feite heeft geen enkele cybermacht, Rusland inbegrepen, zin zich beperkingen op te laten leggen inzake een dergelijk attractief en effectief middel om de vijand te treffen.

    Litouwen bereidt zich voor op het ergste

    Sinds de annexatie van de Krim in het voorjaar van 2014 bekijkt Litouwen de Russen met argwaan. Bereidt de grote buurman niet een hernieuwde bezetting voor? ‘Twee Russische schepen met raketten die kernkoppen kunnen vervoeren zijn in de Baltische Zee waargenomen’, signaleerde Lietuvos Zinios, een economisch dagblad dat in Vilnius verschijnt, op 26 oktober. De raketten, opgesteld in de Russische enclave Kaliningrad, zijn voor de middellange afstand. Litouwen heeft garanties van de NAVO gevraagd en verkregen tijdens een recente top van het bondgenootschap in Warschau.

    Persagentschap BNS meldt dat begin volgend jaar een troepenmacht van vier- tot zeshonderd militairen, afkomstig uit Duitsland, in Litouwen wordt gestationeerd. De website Delfi bericht dat ‘drieduizend dienstplichtigen aan hun militaire opleiding zijn begonnen’. En het handboek voor burgerlijke verdediging, zo vond website 15min.lt uit, legt dit jaar de nadruk op ‘middelen tot actief verzet’.

  • Rusland stevent af op politieke crisis

    Rusland stevent af op politieke crisis

    Welke kant gaat Rusland op? Krijgt het land meer democratie of schiet het in een totalitaire kramp? Duidelijk is in elk geval dat het huidige systeem op ontploffen staat, schrijft mensenrechtenactivist Lev Ponomariov.

    Onafhankelijke deskundigen hadden het al voorspeld: de economische crisis, die voornamelijk wordt veroorzaakt door de gedaalde olieprijs, een agressieve buitenlandpolitiek, internationale sancties en Russische contrasancties, zal in 2016 nog niet voorbij zijn. En inderdaad neemt de inflatie toe, dalen de ambtenarensalarissen, zijn de bejaardenpensioenen te laag geworden om de basisbehoeften van te kunnen betalen en wordt de kloof tussen de rijken en de armen, waarvan er steeds meer zijn, alsmaar groter. De overheid blijkt niet in staat te zijn om deze problemen aan te pakken. Dat belooft een golf aan maatschappelijke protesten op te leveren.

    Keuze uit het archief

    Op vrijdag 7 oktober ontving de Russische burgerrechtenorganisatie Memorial, samen met de Oekraïense organisatie Center for Civil Liberties en de Belarussische mensenrechtenactivist Ales Bialiatski, de Nobelprijs voor de Vrede. Lev Ponomariov was betrokken bij de oprichting van Memorial en zet zich al decennia in voor de bescherming van de mensenrechten in het land van Vladimir Poetin. In 2016 publiceerde Moskovskij Komsomolets, de op een na grootste krant van Rusland, een opiniestuk van de mensenrechtenactivist.

    Het land begint wakker te worden. Om dat te constateren hoef je alleen maar te kijken naar de manier waarop maatschappelijke organisaties zich organiseren in de strijd tegen bepaalde illegale besluiten van de autoriteiten – bijvoorbeeld tegen de stedelijke verdichting en het opheffen van groenstroken ten gunste van Moskouse projectontwikkelaars. Daarbij gaat het niet alleen om het recht van de Moskovieten op gezonde lucht, maar meer in het algemeen om het recht van burgers 
om tegen willekeur te strijden. Deze kwestie is onlangs aan de orde geweest in de Mensenrechtenraad van het Kremlin [een adviesraad van Poetin].

    Waaraan het ook te merken is: parlementsleden, economen en ondernemers komen steeds openlijker met kritiek. De voornaamste informatiekanalen blijven voor politieke tegenstanders ontoegankelijk, maar het lukt ze wel om hun stem te laten horen via sommige media die nog vrij kunnen opereren en via de sociale netwerken. Opvallend genoeg zijn de afwijkende geluiden soms ook afkomstig van 
regeringsleden en deskundigen die dicht bij de macht staan.

    De spanning zal alleen maar verder oplopen met de komende electorale cyclus van parlementsverkiezingen in 2016 en presidentsverkiezingen in 2018. Die vormen een cruciale test, zowel voor de regering als voor de samenleving. Wat kunnen we verwachten en waarop moeten we voorbereid zijn? Net als mijn activistische collega’s streef ik in deze roerige tijden diepgaande veranderingen na, maar dan wel zonder bloedvergieten. Want aan bloedige scenario’s is geen gebrek. Verblind door de macht van de grote getallen voorspellen sommigen voor 2017 zelfs een nieuwe gewapende revolutie.

    Regering

    Maar met welke krachten hebben we op dit moment te maken? Allereerst is er de regering. Die heeft als doel: zichzelf beschermen. Daarvoor is er de keuze uit twee strategieën. Enerzijds kun je uit angst voor een ‘oranjerevolutie’ steeds repressiever worden. Sinds 2012 zijn 
er wetten aangenomen die allerlei vrijheden en protestvormen inperken. De zaak Ildar Dadin, de eerste man in de geschiedenis van post-Sovjet-Rusland die vreedzaam demonstreerde en om die reden in de gevangenis belandde, 
is hiervan een duidelijk voorbeeld. Verder zal binnenkort een wet worden aangenomen die de veiligheidsdiensten meer ruimte geeft om gewapend of met geweld tegen burgers op te treden. 
Tegelijk worden er maatregelen genomen om maatschappelijke organisaties uit besluitvormingsorganen te verwijderen: via diverse amendementen zijn de commissies van toezicht op de gevangenissen opgeheven. De wet op de ‘buitenlandse agenten’ die al langere tijd van kracht is, heeft ervoor gezorgd dat tientallen, zo niet honderden ngo’s moesten stoppen. Het aantal strafrechtelijke vervolgingen wegens ‘extremisme’ neemt sterk toe. Daarbij gaat het in feite niet om echte oproepen tot geweld, maar vooral om kritiek, zelfs al is het maar een like of het delen van een bericht op de sociale media.

    Maar omdat wel duidelijk is dat repressie alleen onvoldoende is om de protesten te smoren, probeert de regering anderzijds ook de meest actieve delen van de oppositie te manipuleren. Ze doen alsof ze via zogenaamde vernieuwing van de elites de corruptie bestrijden. Dat biedt wettelijk enige manoeuvreerruimte aan bepaalde critici die zowel door het Kremlin als door de oppositie worden gesteund, maar door het radicale deel van de oppositie worden gehekeld. Toch ligt het volgens mij allemaal niet zo simpel. Want als het aantal critici onder de sympathisanten van de regering en binnen het Kremlin groot genoeg wordt, dan zou er een kritische massa kunnen ontstaan die de situatie mogelijk zelfs doet kantelen. Laten we niet vergeten dat het Democratisch Platform van de CPSU [de Communistische Partij van de Sovjet-Unie] in soortgelijke omstandigheden is ontstaan en vervolgens een beslissende rol speelde in de vreedzame democratische revolutie aan het eind van de jaren tachtig.

    Werkneemsters van een Russische borstelfabriek. De overheid blijkt niet in staat de economische problemen op te lossen. – © Sergey Maximishin / HH
    Werkneemsters van een Russische borstelfabriek. De overheid blijkt niet in staat de economische problemen op te lossen. – © Sergey Maximishin / HH

    Aan de andere kant staat de oppositie, die momenteel in twee hoofdstromingen verdeeld is. De ene stroming wil dat Rusland een open Europees land blijft, dat bereid is tot samenwerking met zijn westerse buurlanden en tot het bevorderen van de democratie op zijn grondgebied. De andere stroming hangt het idee aan dat Rusland zijn problemen kan oplossen door een totalitaire staat met een gesloten economie te worden en door de geldpers aan te zetten als dat nodig is om de op de wapensector draaiende industrie te steunen. Daarmee zou meteen ook het corruptieprobleem zijn opgelost. Want uiteraard wordt door de angst voor het executiepeloton de corruptie dan uitgeroeid 
of in ieder geval sterk verminderd. Grosso modo was dit ook het plan dat de coupplegers van het Staatscomité voor de Noodtoestand in 1991 hadden uitgebroed. Wat een prachtige gelegenheid om wraak te nemen voor hun mislukte coup. Maar dan zou Rusland wel 
veranderen in een soort Noord-Korea.

    Er zijn al veel maatregelen genomen om het land te isoleren, maar of het definitief die kant op gaat is niet zeker. De regering schuift de beslissing voor zich uit en speelt een gevaarlijk spel. Enerzijds versterkt het Kremlin het isolationisme en beschermt het de corrupte bovenlaag. De overgrote meerderheid van de bevolking is zorgvuldig op dit scenario voorbereid, doordat men compleet wordt gehersenspoeld, met name via de televisie: ‘de vijand is overal’, dat werk. Anderzijds krijgen we via diezelfde televisie beelden voorgeschoteld van Poetin in gesprek met Kerry en horen we daarbij dat Amerika een ‘partner’ van Rusland is. Vervolgens kondigt de minister van Economische Zaken aan dat de Amerikaanse banken zouden kunnen deelnemen in toekomstige privatiseringen. De regering doet alsof ze met haar tijd meegaat en weet zo een aantal tegenstanders over de streep te trekken om het beleid van Vladimir Poetin te steunen.

    De oppositie is verdeeld in een “westerse” en een isolationistische stroming

    Voor mij en vele anderen is wel duidelijk dat er geen enkele substantiële verbetering mogelijk is zonder het 
politieke systeem omver te werpen. 
En dat zal alleen gebeuren als de mensen de straat opgaan. Het besef begint al bij ze door te dringen ‘dat dit geen leven is’, ze eisen verandering. Dit doet erg denken aan de situatie aan het eind van de jaren tachtig, toen de hervormingsgezinde krachten binnen de CPSU terrein begonnen te winnen. Dat was destijds het echte begin van de perestrojka. Omdat er tegenwoordig twee tegenovergestelde richtingen binnen de oppositie zijn, zal de toekomst van Rusland worden bepaald door de stroming die de publieke opinie voor zich weet te winnen. Het Kremlin geeft natuurlijk alle steun aan de isolationistische stroming.

    Het komt er dus op neer dat een politiek-economische crisis onvermijdelijk is. De huidige leiders van Rusland zullen moeten aftreden. Ze moeten nu kiezen met wie ze willen samenwerken om de overgang zo pijnloos mogelijk te laten verlopen, zowel voor henzelf als voor het land. Mochten de democraten aan de macht komen, dan moeten de onttroonde politieke leiders niet worden vervolgd, dat is in een democratie niet gebruikelijk. Voorlopig heeft vooral de antidemocratische oppositie, die ijvert voor ‘de harde hand’ en ‘de eigen Russische weg’, voordeel van het beleid van het Kremlin. Maar met onttroonde leiders zal die natuurlijk weinig consideratie hebben.
    Rusland heeft op zijn pad dus nog heel wat lastige hobbels te nemen. Maar dat pad is voor alle Europese landen lang en moeilijk geweest. En ook Rusland verdient het om even welvarend te worden als zij.

    Auteur: Lev Ponomariov
    Vertaler: Tess Visser

    Moskovski Komsomolets
    Rusland | dagblad | oplage 1.160.000

    Naar het sensationele neigend dagblad waar tussen de lichte en soms schunnige onderwerpen belangrijk nieuws is te vinden.

    lev ponomaryov

    Wie is Lev Ponomariov?

    Lev Ponomariov werd in 1941 geboren in Tomsk. Hij was democratisch afgevaardigde van 1990 tot 1996, in 1988 betrokken bij de oprichting van burgerrechtenorganisatie Memorial, lid van de oppositiebeweging Een Ander Rusland en directeur van mensenrechtenorganisatie Za Prava Tsjeloveka. Die laatste is door de Russische minister van Justitie onlangs op de lijst van ‘buitenlandse agenten’ gezet, op grond van de in 2013 aangenomen Russische wet op ngo’s die ‘politiek actief zijn en geld uit het buitenland ontvangen’.

  • En de Rus, hij dronk voort

    En de Rus, hij dronk voort

    Door de crisis kopen de Russen steeds minder (dure) wodka. Maar in plaats daarvan drinken ze nu zelfgestookte of farmaceutische alcohol. De autoriteiten maken zich zorgen.

    Twee nieuwsberichten, een goed en een slecht, zoals het hoort. Laten we met het goede beginnen: alles wijst erop dat de inwoners van de Russische Federatie bezig zijn om te stoppen met drinken. Volgens de stedelijke statistieken is in Moskou de verkoop van sterke drank tussen januari 2015 en januari 2016 met 23 procent gedaald. En in Sint-Petersburg, Rostov aan de Don, Sebastopol en heel wat andere steden idem dito. Een kwart van de verkoop in één jaar, dat kun 
je met recht een belangrijke daling noemen. Een terugblik leert dat de Russische fabrieken in 2007 twee 
keer zo veel sterke drank hebben geproduceerd en verhandeld als in 2015. De regionale statistieken laten zelfs zien dat zich in de provincie 
een volstrekt ongehoord fenomeen begint te manifesteren; geheel nuchtere kleine gemeenten.

    In 2015 hebben de Russen tussen de 150 en 180 miljoen liter farmaceutische lotion gedronken

    En nu het slechte nieuws: in 2015 is 
de suikerverkoop met 25 procent 
gestegen! Een stijging die ook bij de verkoop van gemodificeerde farmaceutische alcohol wordt waargenomen. Die is helaas niet bestemd voor het 
vervaardigen van conserven of cosmetische producten. Het gaat opnieuw om alcoholisme. Experts zien sinds 
vier jaar een daling van de legale consumptie ten gunste van de illegale. Volgens het Russische Centrum voor Regionaal en Federaal Onderzoek 
naar Alcoholgebruik (Cifrra) bestond in 2015 65 procent van de alcoholconsumptie van de Russische bevolking uit meidoornsiroop, komkommerlotion (voor de huid), samogon (zelfgestookte alcohol) en zelfgemaakte likeuren op basis van medicinale alcohol.

    Specialisten schatten het aantal Russen dat sterkedrank vervangt door surrogaten of zelfgemaakte wodka momenteel op 30 miljoen. Een op de zeven mensen dus. ‘Vorig jaar hebben de Russen tussen de 150 en 180 miljoen liter farmaceutische lotion gedronken en bijna 400 miljoen liter alcoholproducten voor industrieel gebruik. Maar ook maar liefst tussen de 100 en 150 miljoen liter zelfgemaakte wodka en 200 miljoen liter gesmokkelde wodka,’ somt Vadim Drobiz, de directeur van Cifrra, op.

    Verkooprecords

    In januari 2015 bedroeg de officiële prijs voor een halve liter wodka 220 roebel (2,88 euro), terwijl een 100 ml-flacon lotion met 40 procent alcohol van de apotheek maar 27 roebel kostte. Sinds 2002 breken geneesmiddelen 
die alcohol bevatten de verkooprecords, terwijl de goedkoopste lotions de belangrijkste inkomstenbron zijn geworden voor fabrikanten van cosmetica, namaakproducten inbegrepen. Verder kan men op internet moeiteloos maximaal 120 liter pure alcohol aanschaffen voor een bedrag dat schommelt tussen de 120 en 200 roebel per liter, zonder ook maar enig officieel document over te hoeven leggen.

    Ook de productie van samogon schiet omhoog. Onderzoek van de sociologische en politicologische faculteit van de Financiële Universiteit van Rusland wijst uit dat de steden Krasnodar, 
Rostov aan de Don en Voronezj koplopers zijn, op de voet gevolgd door Moskou. In het zuiden van het land, 
in Krasnodar of Rostov aan de Don, kent iedereen wel iemand die samogon produceert en deze knowhow verspreidt zich steeds verder naar het 
oosten (Novosibirsk, Perm, Omsk) en naar de rest van Rusland. ‘Vroeger 
produceerden mensen samogon voor eigen gebruik; tegenwoordig is de productie steeds vaker voor verkoop bestemd,’ constateert Alexej Zoebets, directeur van de sociologische en politicologische faculteit.

    Drie mannen drinken wodka terwijl ze zich verplaatsen op een lorry, een populair vervoermiddel in de afgelegen Oeralregio.  – © Reuters
    Drie mannen drinken wodka terwijl ze zich verplaatsen op een lorry, een populair vervoermiddel in de afgelegen Oeralregio. – © Reuters

    Monopolie

    Eind 2015 kreeg Igor Tsjoejan, de directeur van Rosalkogol, het orgaan dat de markt voor alcoholhoudende dranken reguleert, er flink van langs van Valentina Matvijenko, de voorzitter van de Russische Federatieraad. Volgens de laatste zou de crisis in de sector – ineenstorting van de marges en het failliet van talrijke kleine provinciale producenten – zijn uitgelokt door de stijging van de smokkelhandel, waarvoor ze de verantwoordelijkheid bij het reguleringsorgaan legt. Deze instelling, die in 2008 is opgericht, heeft twee tegenstrijdige opdrachten: het bestrijden van de plaag van het alcoholisme en het op peil houden van de inkomsten van de wodkaproductie voor de staat. Valentina Matvijenko heeft het gebrek aan efficiëntie van 
het orgaan publiekelijk aan de kaak gesteld en geopperd dat het Comité voor Corruptiebestrijding zich maar eens over ‘mogelijke connecties tussen Igor Tsjoejan en de industriëlen van 
de sector’ moest buigen. In januari 2016 is Rosalkogol gecontroleerd door het ministerie van Financiën en heeft de Federale Veiligheidsdienst (FSB) grondige huiszoeking verricht in de burelen van de Status Group, een belangrijke wodkaproducent en exclusieve distributeur van het staatsbedrijf Rosspirtprom.

    Eind 2015 schatten sommige experts het aandeel van Rosspirtprom in de Russische markt voor alcoholhoudende dranken op 64 procent, terwijl 20 procent eveneens bij de staat berustte via andere staatsbedrijven, zodat er voor de particuliere markt maar 16 procent overbleef. Het openbare onderzoek door het ministerie van Financiën en het vooruitzicht van nieuwe huiszoekingen zouden erop kunnen wijzen dat het beleid op het gebied van alcoholproductie in Rusland een radicale verandering ondergaat. Met de oprichting van een reguleringsorgaan in 2008 wilde de regering de sector voor alcoholhoudende dranken op de Finse leest schoeien. In Finland heeft de staat niet het monopolie op de productie van alcohol, maar wel op de verkoop ervan: de accijnzen zijn hoog, reclame is verboden en de verkoopuren zijn beperkt.

    De regering is een bewustwordingscampagne gestart en alcoholreclame is volledig verboden

    Rusland is in 2008 begonnen met een accijnsverhoging – van 110 roebel per liter tot 500 roebel op dit moment. In 2015 is een bewustwordingscampagne gestart en alcoholreclame volledig verboden. Vooralsnog hebben deze maatregelen Rusland niet de verhoopte extra inkomsten opgeleverd. De accijnsinkomsten zijn in deze periode weliswaar verviervoudigd (300 miljard roebel in 2014 tegen 73,1 miljard in 2008, waar nog bijna 50 miljard aan btw bovenop komt), maar in 2015 zijn deze indicatoren met 10 procent gedaald. Gegeven het feit dat de smokkelhandel de legale markt inmiddels overtreft, is het niet verwonderlijk dat deze situatie de autoriteiten zorgen baart.

    Behalve een monopolie op de verkoop staan ook nationalisering van de productie van alcoholhoudende dranken en een verbod op samogon op het
 programma. Momenteel hebben de Russen nog het recht om samogon te produceren, en op de verkoop ervan staat een simpele boete. Omdat de 
productie van alcoholhoudende dranken toch al vrijwel geheel door de staat wordt beheerst, rest er nog maar één stap naar een monopolie. Het voorbeeld van de inkomsten die de alcoholverkoop de Sovjet-Unie opleverde fungeert vaak als argument. ‘In de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw stond de verkoop van alcohol voor 5 à 6 procent van de inkomsten van de Sovjet-Unie,’ brengt Vadim Drobiz in herinnering. In 2015 vertegenwoordigt de verkoop van alcoholhoudende dranken nauwelijks meer dan 1 procent van de staatsinkomsten.

    Auteur: Ilja Datsjkovski
    Vertaler: Peter Bergsma

    Kommersant-Dengi
    Rusland | weekblad | oplage 65.000

    Economisch weekblad van de Kommersant-groep. Het moderne weekblad legt de consument uit wat zijn rechten zijn, en bedient de ondernemer met specifieke informatie en analyses, maar ook goede reportages.

  • Wie is buitenlandminister Sergej Lavrov? ‘Zijn moraal is de Russische staat’

    Wie is buitenlandminister Sergej Lavrov? ‘Zijn moraal is de Russische staat’

    Minister van Buitenlandse Zaken Sergej Lavrov is uitgegroeid tot dé vertegenwoordiger van Moskou op het wereldtoneel. Met zijn snelle denkvermogen, dreunende bariton en grote ego is hij geknipt voor zijn rol. Een portret.

    Uit het archief

    Uit dit portret van Sergej Lavrov uit 2016 blijkt al hoe belangrijk de rol van Ruslands buitenlandminister is. Momenteel onderhandelt hij namens Rusland met Oekraïne over een mogelijk einde van de oorlog. Donderdag was de eerste ontmoeting de Oekraïense minister van Buitenlandse Zaken Dmitro Koeleba, maar die leverde geen concreet resultaat op. Wie is deze man die alom gezien wordt als de trouwe uitvoerder van Poetins plannen?

    Stalin liet het misschien voor de eeuwigheid bouwen, maar het is lastig te renoveren. Al jarenlang werken bouwvakkers aan het Ministerie van Buitenlandse Zaken aan het Smolenskayaplein in Moskou. Etage voor etage, 27 verdiepingen, 28 liften, tweeduizend werkkamers. De ene kant van het met keramieken tegels beklede gebouw oogt weer als nieuw, de andere staat nog in de steigers. Met de bouw van de eerste wolkenkrabber in Moskou moest het bewijs worden geleverd dat de Sovjet-Unie na de oorlog niet aan het eind van haar Latijn was.

    Het kantoor van Sergej Lavrov bevindt zich op de zevende verdieping. Tapijt op de vloer, landschapsschilderijen aan de muur: sinds de renovatie heeft de sfeer iets weg van de conservatieve elegantie van het Waldorf Astoria, waar Lavrov in zijn New Yorkse periode andere diplomaten ontmoette. In de ontvangstruimte staat een versierde nieuwjaarsboom. Eronder liggen de geschenken die hem vanuit de hele wereld worden toegestuurd. Dat het er weer heel veel zijn, is geen bijzaak: ook dergelijke details zijn een graadmeter om te bepalen of Rusland veel vrienden heeft in de wereld.

    Wereldwijd heeft geen enkele minister van Buitenlandse Zaken zo veel ervaring als hij

    In het ministerie van Buitenlandse Zaken wordt een positieve balans van het afgelopen jaar opgemaakt: John Kerry, de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, is twee keer naar Rusland gekomen en tijdens de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties had Lavrov meer dan vijftig persoonlijke ontmoetingen, waarvan meer dan veertig ‘op initiatief van de tegenpartij’ tot stand waren gekomen. Geen spoor van isolement. Sinds de Russische straaljagers het luchtruim boven het noorden van Syrië controleren, onderhouden ook de Amerikanen zich weer regelmatig met de Russen. Islamitische Staat is gekwalificeerd als gemeenschappelijke tegenstander, Oekraïne is naar de achtergrond verdwenen en kijk aan, Lavrov is gewild.

    Amerikaanse levensstijl

    Dat zag er begin 2015 nog anders uit, tijdens de jaarlijkse Veiligheidsconferentie voor regeringsleiders, diplomaten en experts in München. In een korzelige toespraak dist Lavrov de bekende verwijten van Moskou op: de dwalingen van de VS in Kosovo, Irak en Libië, de uitbreiding van de NAVO. De door Washington beraamde Arabische Lente, die het Nabije Oosten in chaos stort. Rechts-radicalen in Kiev die het eigen volk bombarderen. Het Westen splijt Europa. Degenen die het verhaal voor het eerst horen draaien hun ogen naar het plafond, schudden het hoofd, schuiven op hun stoel heen en weer. En als Lavrov in het aansluitende debat verklaart dat de annexatie van de Krim in overeenstemming is met het Handvest van de Verenigde Naties en dat er bij de Duitse hereniging niet eens een referendum heeft plaatsgevonden, klinken er verontwaardigde kreten en beginnen anderen te lachen.

    ‘Misschien vindt u het lachwekkend,’ moppert Lavrov tegen de zaal. ‘Ik vond sommige dingen ook lachwekkend, maar ik heb me ingehouden.’ Als de elite van de internationale diplomatie de Russische minister van Buitenlandse Zaken uitlacht, weet je dat het dieptepunt is bereikt. Het heeft Lavrov ook persoonlijk geraakt, zeggen mensen die hem al lange tijd kennen.

    Toen Sergej Viktorovitsj Lavrov in 1950 in Moskou ter wereld kwam, werd het gebouw waarin hij vandaag de dag resideert net voltooid. Later werkte hij zelf mee aan de bouw van een symbool van Moskou: na zijn schooltijd maakte hij deel uit van een groep vrijwilligers die de graafwerkzaamheden voor het fundament van de televisietoren Ostankino uitvoerde. Daarmee verzamelde hij punten voor de toelating tot het elitaire Instituut voor Buitenlandse Betrekkingen. ‘Ik heb een kuil gegraven voor de televisie,’ grapte hij enkele jaren geleden in een latenightshow.

    Lavrov in afwachting van een televisie-interview. – © Getty Images
    Lavrov in afwachting van een televisie-interview. – © Getty Images

    En daarna? Hij maakt een voorbeeldige carrière in de Sovjetdiplomatie. Naast Engels en Frans wijst de hogeschool hem als derde vreemde taal Singalees toe, waardoor hij in 1972 eerst op de ambassade in Sri Lanka belandt. Wanneer hij in 1981 wordt overgeplaatst naar de Sovjetdelegatie bij de Verenigde Naties, loopt in zijn geboorteland juist het tijdperk-Breznjev ten einde, raakt het Sovjetleger steeds verder verwikkeld in de oorlog in Afghanistan en hebben de VS en andere westerse landen een jaar eerder om die reden de Olympische Spelen in Moskou geboycot. In de Koude Oorlog nadert de temperatuur het dieptepunt.

    In New York leert Lavrov alle spelregels en trucs van de grote diplomatie kennen – én de Amerikaanse levensstijl. Hij is dol op whisky en sigaretten, en in zijn vrije tijd gaat hij skiën in Vermont of wildwatervaren. In 1988 wordt hij teruggeroepen naar een land waar 
een omwenteling gaande is en dat algauw uiteenvalt. Wanneer Boris Jeltsin hem in 1994 weer naar New York stuurt als VN-ambassadeur, is er van de supermacht niet veel meer over dan het vetorecht.

    ‘Who are you to fucking lecture me,’ snauwt hij de Britse minister David Miliband toe

    Dat vacuüm moet hij nu met zijn optreden vullen. Met zijn snelle denkvermogen, zijn dreunende bariton en zijn grote ego is hij de ideale kandidaat voor die rol. Naar goede Sovjettraditie zegt de in Italiaanse pakken gestoken Lavrov in de Veiligheidsraad vooral ‘njet’. Wanneer in 2003 een rookverbod wordt ingesteld in het VN-gebouw, weigert hij zich hieraan te houden. Hij laat secretaris-generaal Kofi Annan weten dat hij, Annan, ook maar gewoon een werknemer is aan wie ‘dit gebouw 
niet toebehoort’. Zijn dochter Jekaterina gaat in Manhattan naar school en 
studeert aan de Columbia University. Tegenwoordig zwaait ze de scepter over het Moskouse filiaal van veilinghuis Christie’s.

    Van zijn 65 jaar is Lavrov er 43 werkzaam geweest in de diplomatieke dienst, de laatste elf als minister van Buitenlandse Zaken. Wereldwijd heeft geen enkele andere minister op die post zo veel ervaring als hij. John Kerry is al de vierde Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken die met hem te maken krijgt. Afgelopen zomer was de Saoedische minister van Buitenlandse Zaken op bezoek in Moskou. Tijdens de aansluitende persconferentie mompelt Lavrov hoofdschuddend: ‘Stomme idioten.’ Eigenlijk zegt hij niet ‘stomme’, maar bezigt hij een onvertaalbare krachtterm die Russische media sinds juli 2014 niet meer mogen afdrukken of uitzenden [als gevolg van een verbod op het gebruik van vloekwoorden in de media]. De belediging is niet bestemd voor Adel al-Jubeir, maar voor de onrustige fotografen. ‘We storen u hopelijk niet?!’ bijt Lavrov hen toe voor hij verdergaat.

    Met beginnelingen samenwerken is behoorlijk zenuwslopend. En als je al zo lang meedraait als Lavrov, is vrijwel iedereen een beginneling. Als je met hem in gesprek bent, wil je vooral niet dat de irritatie die op zijn gezicht geschreven staat over jezelf wordt 
uitgestort. Dat weet Lavrov ook. Naar believen verdoezelt hij zijn superioriteit of zet hij de sluizen open. ‘Who are you to fucking lecture me?!’ snauwt hij Britse minister van Buitenlandse Zaken David Miliband in 2008 toe, wanneer die tijdens de oorlog met Georgië invloed probeert uit te oefenen op de Russen. In Moskouse winkels met patriottische artikelen zijn tegenwoordig muismatjes met die zin en Lavrovs portret te koop.

    Onaangename kant

    In juli 2012 maakt ook Guido Westerwelle kennis met de onaangename kant van Lavrov. De Duitse minister van Buitenlandse Zaken is in Moskou om te proberen tot samenwerking te komen in het Syrië-vraagstuk. Maar Lavrov vindt zijn aanbod zo mager dat hij alle diplomatieke spelregels overtreedt door op de persconferentie vertrouwelijkheden te verklappen: Merkel had Poetin gevraagd of Rusland Assad asiel wilde verlenen. ‘Neem hem zelf maar als jullie willen,’ steekt hij de draak met de Duitsers. Met een versteende gezichtsuitdrukking laat Westerwelle de vernedering over zich heenkomen.

    Op 9 september 2013 krijgt de wereld een indruk van Lavrovs onderhandelingsvaardigheden. Het is een van die zeldzame momenten waarop diplomatie openlijk wordt bedreven. Voor de Amerikaanse president Obama staan die dag interviews met zes televisiezenders gepland. Hij wil de Amerikanen laten weten dat de Amerikaanse luchtmacht aanvallen op de Syrische dictator Bashar al-Assad zal gaan 
uitvoeren. Drie weken eerder hadden bij een gifgasaanval in de buurt van Damascus 1400 mensen de dood gevonden.

    Binnen de Moskouse machtsverhoudingen gedraagt Lavrov zich als een soldaat

    Lavrov heeft die dag de Syrische minister van Buitenlandse Zaken Walid al-Muallem op bezoek. In Moskou is het acht uur later dan in Washington. Terwijl de twee met elkaar praten, probeert John Kerry in Londen de op handen zijnde militaire actie te duiden. Op de vraag of Damascus de aanval nog kan afwenden, antwoordt hij niet al te 
serieus dat Syrië dan meteen al zijn chemische wapens moet inleveren.

    Onmiddellijk roept Lavrov de media bijeen. De minister van Buitenlandse Zaken stormt de zaal binnen en spreekt precies één minuut en veertig seconden: wij pakken het voorstel van Kerry op. Wij willen ons inzetten om Damascus te bewegen zijn chemische wapens af te staan als daarmee een militaire actie kan worden voorkomen. Dan vertrekt hij. Geen vragen. Niets. Vanuit zijn hotel in Moskou prijst al-Muallem ‘de wijsheid van de Russische leiders’; Syrië is bereid mee te bewegen.

    Lavrov heeft de ondoordachte opmerking van Kerry gebruikt om het heft in handen te nemen en daarmee de macht te grijpen. Uiteindelijk zijn er drie 
winnaars: Assad blijft gespaard, Obama hoeft geen nieuwe, impopulaire oorlog te beginnen en Poetin wordt niet neergezet als een slappeling als er opnieuw een bondgenoot in het Nabije Oosten ten val wordt gebracht.

    En de verliezers? Dat zijn de doden. Tot dan toe waren er in de Syrische burgeroorlog al bijna 100.000 mensen omgekomen. Sindsdien hebben er nog eens 150.000 de dood gevonden, de meesten door toedoen van Assads leger.

    Lavrov op bezoek in Turkmenistan. Hij wordt vergezeld door de Russische ambassadeur in Turkmenistan Alexander Blokhin en de Turkmeense minister van Buitenlandse Zaken.  © Valery Sharifulin / Corbis
    Lavrov op bezoek in Turkmenistan. Hij wordt vergezeld door de Russische ambassadeur in Turkmenistan Alexander Blokhin en de Turkmeense minister van Buitenlandse Zaken. © Valery Sharifulin / Corbis

    Binnen de Moskouse machtsverhoudingen gedraagt Lavrov zich als een soldaat, zegt een journalist die hem 
al vele jaren volgt. De bevelen komen van boven en hij voert ze uit. Dmitri Medvedev wil in 2009 een ‘nieuwe start’ in de betrekkingen met de VS, waarop Lavrov en Hillary Clinton symbolisch op de resetknop drukken. Twee jaar later bestempelt Vladimir Poetin Washington als de sturende macht achter de Arabische Lente en de massale protesten tegen het Kremlin, waarop Lavrov zijn lange lijst met dwalingen van de Amerikanen – van Kosovo tot Irak en Libië – weer tevoorschijn haalt en bij elke gelegenheid aanhaalt.

    Eén keer heeft Lavrov het Kremlin openlijk tegengesproken. Dat was begin 2012, toen de VS net een inreisverbod hadden afgekondigd voor een aantal Russische functionarissen dat ervan verdacht werd een greep in de Russische staatskas te hebben gedaan en het geld naar het buitenland te hebben gesluisd. Sergej Magnitski, de man die de fraude aan het licht had gebracht, was vervolgens in de gevangenis overleden, waarna op zijn lichaam sporen van marteling waren aangetroffen. Als reactie op de ‘Magnitski-lijst’ kwam de Doema met een wetsvoorstel waarmee Amerikanen de adoptie van Russische weeskinderen werd verboden.

    Lavrov heeft zich diverse keren tegen dat wetsvoorstel uitgesproken. Niet omdat daarmee de kinderen in Russische weeshuizen werden gestraft voor iets wat de Amerikanen hadden gedaan, maar omdat zijn ministerie net jarenlange onderhandelingen met de VS over adoptieregels had afgerond. Toen het adoptieverbod een feit was, verstomde ook Lavrovs kritiek.

    ‘Als hij al een moreel kompas heeft, dan weet ik het niet waar het zit,’ zei John Negroponte, die als VN-ambassadeur bij de Verenigde Naties in de Veiligheidsraad met Lavrov te maken kreeg. ‘Zijn moraal is de Russische staat.’

    Nieuwe buitenlandpolitiek

    Sinds 2014 voert Rusland een nieuwe buitenlandpolitiek, zegt Vladimir Frolov, een oud-diplomaat die in de jaren nul als buitenlandexpert de Russische regering van advies diende. Volgens hem stelt Moskou zich sinds het begin van de crisis in Oekraïne op het standpunt dat ‘als iedereen de regels overtreedt, Rusland dat ook mag’. Daarbij gaat het om wat van pas komt. ‘De Russen eisen van Kiev dat het de opstandelingen niet bombardeert en het volgende moment helpen ze Assad in Syrië dat juist wel 
te doen.’ De politiek is gestoeld op onberekenbaarheid, niet op principes.

    Daarmee is ook de rol van Lavrov veranderd. Nu eens meldt het ministerie van Buitenlandse Zaken een overval van Oekraïense nationalisten op een overheidsinstantie op de Krim, dan weer massa-executies door het Oekraïense leger. Niets daarvan wordt bevestigd. Officiële standpunten en gefingeerde werkelijkheid zijn niet meer uit elkaar te houden.

    ‘Sinds 2014 baseert de Russische buitenlandpolitiek zich niet meer op feiten,’ zegt Vladimir Frolov, de buitenlandexpert, ‘maar wordt een alternatieve werkelijkheid gecreëerd.’ Het Akkoord van Minsk is naar zijn mening daarvan het beste voorbeeld: Moskou heeft de wereld het verhaal van de bedreigde Russischtalige bevolking in Donetsk opgedrongen. Om hun rechten te beschermen, zou een federalisering van Oekraïne noodzakelijk zijn. Op basis daarvan hebben Merkel, Hollande en Poetin in Minsk de belofte van een grond-
wetshervorming bij de Oekraïense 
president Petro Porosjenko afgedwongen.

    ‘De inzet in Syrië wordt verkocht als een nieuwe anti-Hitler-coalitie, maar nu tegen IS, terwijl het eigenlijk om de redding van Assad gaat.’ De afschildering van IS als gemeenschappelijke 
vijand is geaccepteerd en praktisch de realiteit geworden.

    Brutaliteit werkt het beste bij gevaar

    Niets wat afwijkt van de zelf gecreëerde realiteit vindt genade in de ogen van Moskou. Toen de Verenigde Naties in mei 2014 geen nazi’s aan de macht zagen in Kiev en ook geen bedreiging voor de Russischtalige bevolking constateerden, leidde dat tot stevige kritiek van het ministerie van Buitenlandse Zaken op het rapport van de Commissaris voor de Mensenrechten: ‘Een ten hemel schreiende discrepantie en een dubbele norm laten er geen twijfel over bestaan dat de opstellers een politieke opdracht hebben uitgevoerd om de zelfbenoemde machthebbers in Kiev van verdenking te zuiveren.’ Verder werd gerept van een ‘junta in Kiev’ en bovendien zou de ‘protestbeweging in het zuidoosten’ van Oekraïne worden gedemoniseerd.

    In de Sovjetdiplomatie waren dit soort zaken niet aan de orde, zegt historicus Karl Schlögel. ‘De buitenlandpolitiek van de Sovjet-Unie kwam voort uit een eigen wereldvisie, er was een politieke kaart, een coördinatenstelsel als referentiepunt. Je hoefde het er niet mee eens te zijn, maar je wist waar je aan toe was. Zij vertelden ook niet altijd de waarheid, maar ze veroorloofden zich geen demagogisch toontje.’

    Volgens Schlögel is diplomatie de inachtneming van conventies, die gesprekken ook bij onoverbrugbare tegenstellingen mogelijk maken. Maar Lavrov speelt in zijn ogen soeverein met overtredingen van die regels.

    Condoleezza Rice schetst in haar memoires een gesprek waarin ‘Sergej’ terugkijkt op december 1991, toen 
Gorbatsjov aftrad en er opeens vijftien afzonderlijke landen waren. ‘Hij zei 
dat hij niet meer wist welk land hij eigenlijk vertegenwoordigde.’ Met de Sovjet-Unie verdween ook het coördinatenstelsel. En als VN-ambassadeur ondervond Lavrov hoe het Westen keer op keer de regels schond die hijzelf in ere hield: het ingrijpen van de NAVO in Kosovo noch de oorlog in Irak wist hij te voorkomen. De Veiligheidsraad werd gepasseerd.

    Kerry

    Of de ervaren, wereldwijze Lavrov zelf gelooft wat hij zegt? Dat de VS achter alle revoluties zitten, van het Nabije Oosten tot en met het Onafhankelijkheidsplein in Kiev? Frolov denkt van niet. ‘Maar doorslaggevend is dat het werkt.’

    De richtlijnen voor de buitenlandpolitiek worden vastgesteld door anderen, zoals Sergej Ivanov. De stafchef van 
het Kremlin heeft net als Poetin een verleden in de spionage. Maar op het internationale toneel kan niemand 
die richtlijnen beter uitvoeren, zegt Vladimir Frolov. ‘Dat is Lavrovs grote voordeel: hij kan met Kerry werken.’

    Sinds Russische bommenwerpers boven Syrië het pad van de Amerikaanse toestellen kruisen, werkt Kerry ook weer met hem. Brutaliteit werkt het beste bij gevaar. Als de veiligheidsexperts in februari weer bijeenkomen in München zal niemand meer om Lavrov lachen.

  • Hoe Rusland in Syrië zijn positie als militaire wereldmacht bevestigde

    Hoe Rusland in Syrië zijn positie als militaire wereldmacht bevestigde

    De militaire escalatie van Vladimir Poetin in Syrië was wreed en nietsontziend. Het was een showcase van Ruslands militaire macht. Met als doel: een nieuwe machtsrelatie met het Westen.

    Uit het archief

    De Russische militaire tactiek in Syrië, waar het land Assad te hulp schoot, lijkt steeds meer een voorbode te zijn van de wrede aanvallen in Oekraïne. Ook in Syrië deinsde Rusland er niet voor terug om burgerdoelen te bombarderen.

    Als Aleppo valt zal de gewelddadige oorlog in Syrië een geheel nieuwe wending krijgen, met verstrekkende gevolgen, niet alleen voor de regio maar ook voor Europa. De meest recente aanval van de regering op de belegerde stad in het noorden van Syrië, waarbij nog eens tienduizenden mensen op de vlucht zijn geslagen, is ook beslissend voor de betrekkingen tussen het Westen en Rusland. Ruslands luchtmacht speelt een sleutelrol in het conflict. Als de anti-Assadrebellen, die sinds 2012 een deel van Aleppo in handen hebben, worden verslagen, resten in Syrië alleen nog het regime van Assad en Islamitische Staat. Dan is alle hoop vervlogen dat er ooit nog een overeenkomst gesloten zal worden waarin de Syrische oppositie een rol krijgt toebedeeld. En dat is een uitkomst waar Rusland al veel langer op uit is – de achterliggende reden van het besluit van Moskou, vier maanden terug, om over te gaan tot militair ingrijpen.

    Aleppo zal voor een groot deel bepalend zijn voor de verdere ontwikkelingen

    Het valt nauwelijks toeval te noemen dat de bombardementen op Aleppo, het symbool van de anti-Assadopstand, uitgerekend begonnen op het moment dat in Genève vredesbesprekingen werden gevoerd. Die vredesbesprekingen liepen dan ook al snel vast. De Russische militaire escalatie, bedoeld om het Syrische leger te steunen, moest voorkomen dat een heuse Syrische oppositie zeggenschap zou krijgen over de toekomst van het land. De plannen die het Westen en de Verenigde Naties hadden voorgesteld moesten worden gedwarsboomd. Dit was volkomen in tegenspraak met het feit dat Moskou zich had gecommitteerd om te zoeken naar een gemeenschappelijke, politieke aanpak om einde te maken aan de oorlog. De naschokken zullen wijd en zijd voelbaar zijn. Als de Europeanen in 2015 íéts duidelijk is geworden, dan is het wel dat ze de gevolgen van het conflict in het Midden-Oosten niet buiten de deur kunnen houden. En als Europa iets heeft geleerd van het conflict in Oekraïne van 2014, dan is het dat Rusland niet bepaald een vriend van Europa is. Het is een revisionistische mogendheid die tot militaire agressie in staat is.

    Twee mannen met een dode baby, slachtoffer van de recente bombardementen op Aleppo. – © Reuters
    Twee mannen met een dode baby, slachtoffer van de recente bombardementen op Aleppo. – © Reuters

    Dominante positie

    Sterker nog, nu de toekomst van Aleppo op het spel staat, maken de gebeurtenissen – meer dan ooit sinds het uitbreken van de oorlog – duidelijk dat er direct verband is tussen de Syrische tragedie en de in strategisch opzicht verzwakte positie van Europa en het Westen als geheel. Dat het conflict op die manier naar buiten doorsijpelt is een effect dat Rusland niet alleen nauwlettend in de gaten houdt, maar ook in de hand werkt. Dat de instabiliteit zich verspreidt over Europa past uitstekend binnen het streven van Rusland om zich een dominante positie te verwerven door alle twijfels en tegenstellingen uit te buiten in de landen die Rusland als zijn vijand beschouwt.

    Aleppo zal voor een groot deel bepalend zijn voor de verdere ontwikkelingen. Een nederlaag voor de Syrische oppositiegroepen zal IS nog meer sterker in het idee dat zij als enige opkomen voor de soennitische moslims – terwijl IS de bevolking terroriseert in de gebieden die het in zijn macht heeft. De situatie vertoont vele wrange kanten, niet in de laatste plaats gelegen in het feit dat de strategie van het Westen in de strijd tegen IS stoelde op het idee om de lokale Syrische oppositietroepen op de grond te versterken, zodat zij uiteindelijk de jihadistische opstandelingen zouden kunnen verdrijven uit het bolwerk Raqqa. Als uitgerekend de mensen die de grondtroepen hadden moeten vormen om deze klus te klaren in Aleppo worden omsingeld en genadeloos in de pan worden gehakt, op wie kan het Westen dan terugvallen? Rusland heeft van begin af aan volgehouden dat het IS bestrijdt, maar in Aleppo helpt Rusland bij het verslaan van de Syrische groeperingen die in het verleden effectief zijn gebleken in de strijd tegen IS.

    Als er al ooit twijfels bestonden over het oogmerk van Vladimir Poetin in Syrië, dan zijn die volledig weggenomen door de recente militaire escalatie rond deze stad. Vladimir Poetin past in Syrië precies dezelfde strategie toe als in Tsjetsjenië: zware militaire aanvallen op stedelijke gebieden, teneinde alle opstandelingen te doden of te verdrijven. De betrekkingen tussen de Syrische machtsstructuur en de Russische geheime dienst gaan ver terug – tot in het Sovjettijdperk. Net zoals onder het bewind van Poetin de Tsjetsjenen die mogelijk een rol zouden kunnen vervullen bij vredesbesprekingen letterlijk uit de weg werden geruimd, gooit nu Assad alle politieke tegenstanders op een hoop, onder de noemer ‘terrorisme’. En aangezien er in Tsjetsjenië nooit sprake is geweest van een overeenkomst (enkel van een regelrechte oorlog en totale verwoesting, totdat het Kremlin zijn eigen Tsjetsjeense leider installeerde), behoort ook in Syrië een overeenkomst met de oppositie voor Poetin niet tot de mogelijkheden.

    Een onontploft Russisch explosief in de buurt van Aleppo. – © Getty Images
    Een onontploft Russisch explosief in de buurt van Aleppo. – © Getty Images

    Macht

    Maar de strategische belangen van Rusland gaan nog veel verder. Poetin wil opnieuw zijn macht vestigen in het Midden-Oosten, maar uiteindelijk is het hem om Europa te doen. Het beslissende moment vond plaats in 2013, toen Barack Obama na een gifgasaanval afzag van luchtaanvallen op Assads militaire bases. Dat zette Poetin ertoe aan om op het Europese continent de westerse standvastigheid nog eens extra op de proef te stellen. Poetin werd destijds duidelijk verrast door de volksopstand in Oekraïne, maar hij wist al snel zijn macht te herstellen met de inzet van geweld en de annexatie van grondgebied. Hij had – terecht – de inschatting gemaakt dat zijn hybride oorlog in Oekraïne niet door het Westen kon worden voorkomen. Het Russische beleid in Oekraïne heeft het veiligheidsevenwicht in het Europa van na de Koude Oorlog dan ook op zijn grondvesten doen schudden, en Poetin zou graag zien dat Rusland munt slaat uit de nieuwe machtsverhoudingen.

    Als Europa iets heeft geleerd van het conflict in Oekraïne, dan is het dat Rusland niet bepaald een vriend is

    De militaire betrokkenheid van Rusland in Syrië plaatst de NAVO voor een groot dilemma, nu een van de belangrijkste leden in de frontlinies staat. De betrekkingen tussen Turkije en Rusland staan al maanden onder grote spanning. Inmiddels heeft Moskou Turkije openlijk gewaarschuwd geen troepen naar Syrië te sturen om Aleppo te beschermen. Hoe de Turkse leider daarop zal reageren is ook al een vraagstuk dat de Europese leiders hoofdpijn bezorgt.

    Dit alles speelt zich af in een tijd waarin de Europese regeringsleiders als nooit tevoren de samenwerking zoeken met Ankara, teneinde het vluchtelingenprobleem het hoofd te bieden. Als Turkije gaat dwarsliggen op de Midden-Oostenflank van de NAVO dient dat de Russische belangen. Evenzeer zal een nieuwe uittocht van vluchtelingen Rusland in de kaart spelen. De vluchtelingencrisis heeft diepe kloven geslagen in het continent en rechtse, populistische partijen spinnen er garen bij – en veel van die partijen zijn Ruslands politieke bondgenoten in het verzet tegen het project Europa. De vluchtelingencrisis zet belangrijke Europese instituties onder druk – het gevaar van een Brexit is toegenomen (wat Rusland alleen maar zal toejuichen) – en de vluchtelingencrisis ondergraaft de positie van Angela Merkel, de drijvende kracht achter de Europese sancties tegen Rusland.

    Natuurlijk is het overtrokken om te zeggen dat Poetin dit van begin af aan heeft voorzien. Hij heeft de ontwikkelingen willen sturen, maar ondertussen wordt hij er ook door meegesleept. Rusland is niet verantwoordelijk voor het uitbreken van de burgeroorlog in Syrië, noch heeft het de hand gehad in alle gebeurtenissen in Oekraïne. Maar het cynisme waarmee Rusland het spel speelt zou in het Westen en de Verenigde Naties meer alarmbellen moeten doen rinkelen dan nu het geval is.

    Poetin mag zichzelf graag neerzetten als een man van orde, maar zijn beleid heeft alleen maar gezorgd voor meer chaos, en daar moet Europa een steeds hogere prijs voor betalen. Om het Russische regime tot een andere handelswijze aan te zetten is meer nodig dan alleen optimisme. In Aleppo voltrekt zich een humanitaire ramp. Het is van het grootste belang dat we de verbanden zien tussen het uitzichtloze lot van deze stad, de toekomst van Europa, en het Rusland dat hier dreigend boven hangt.

  • 2. Koopt Russische waar

    2. Koopt Russische waar

    Volgens het Kremlin moeten Russische producten op den duur alle import uit het Westen gaan vervangen. Ook buitenlandse films en vakanties gaan in de ban. De Russen vinden het (schijnbaar) prima.

    De Russen leven in de vaste overtuiging dat het vaderland wordt omsingeld door de 
vijand. Dit idee heeft de natie zo aaneengesmeed dat machthebbers het niet hebben kunnen nalaten om mee te surfen op deze prachtige golf van patriottisch elan.

    Dus worden we geacht te kiezen voor de Krim en Sotchi in plaats van Turkije en Egypte, voor vaderlandse producten in plaats van import, en voor Russische films in plaats van westerse.

    Toerisme

    ‘Toeristische bestemmingen moeten worden gekozen in overeenstemming met de nieuwe filosofie van het Federale Toeristenbureau (AFT). Men moet zijn vakantie in Rusland doorbrengen,’ zo verduidelijkte de onderdirecteur van het AFT, Roman Skorom. Eerder verklaarde zijn superieur Oleg Safanov al dat ‘het strand als verplichte vakantiebestemming slechts een stereotype is dat de laatste jaren aan ons is opgedrongen, en dat we ons eigen hebben gemaakt.’

    Tal van opinieonderzoeken sterken schijnbaar de autoriteiten in hun opvatting: de Russen zijn in verpletterende meerderheid bereid om af te zien van Turkije en Egypte, de meest populaire bestemmingen voor groepsreizen (maar voortaan verboden*) ten bate van de badplaatsen in de buurt van Krasnodar en op de Krim.

    Er wordt op dit moment onderzocht of er geen heffing moet komen op het vertonen van buitenlandse filmproducties

    Maar ondanks die al te mooie cijfers moeten we niet over het hoofd zien 
dat driekwart van de Russen nog nooit een voet in het buitenland heeft gezet, en dus ook geen enkele moeite heeft om af te zien van iets wat ze nooit gekend hebben.

    Op grond van de cijfers van het afgelopen jaar voorziet het AFT dat de toeristenstroom naar het buitenland met 40 tot 50 procent zal afnemen. Het binnenlands toerisme evenwel zal met niet meer dan 10 tot 15 procent stijgen. In de praktijk zullen de Russen, inmiddels gewend aan een bepaald niveau van comfort voor een bescheiden prijs, zich in meerderheid richten op andere bestemmingen rond de Middellandse Zee, zo voorziet de Russische bond van reisbureaus. En over het aanbod van betaalbare en aantrekkelijke hotels in de badplaatsen aan de Zwarte Zee hoef je je ook niet veel illusies te maken, zo blijkt uit een snelle blik op de prijslijsten. In het vorige zomerseizoen zijn die tarieven inmiddels al met 30 procent gestegen.

    ‘Waarom zou ons belastingsysteem Hollywood moeten subsidiëren? Dat is onvoorstelbaar,’ zo wond minister van Cultuur Vladimir Medinski zich op. En dus zijn er quota ingesteld om het vertonen van films van Russische makelij te stimuleren in de bioscoopketens (dit uiteraard ‘met volle instemming’ van de bioscoopexploitanten). Er wordt op dit moment zelfs serieus onderzocht of er geen heffing moet komen op het vertonen van buitenlandse filmproducties.

    Een groentenverkoopster op een markt in Kaliningrad. – © Igor Zarembo / Getty Images
    Een groentenverkoopster op een markt in Kaliningrad. – © Igor Zarembo / Getty Images

    Maar in deze bedrijfstak laten onderzoeken hetzelfde beeld zien als in het toerisme. Als je de leeftijdsgroep van 
18 tot 35 jaar niet meetelt, legt ook hier het publiek een ongebreideld enthousiasme aan de dag voor de Russische cinema (waarbij we in aanmerking moeten nemen dat de helft van de Russen nauwelijks naar de bioscoop gaat).

    Hoe zit het nu echt? Volgens de cijfers in het Bulleten Kinoprakatchika (het blad van de Russische filmdistributeurs) van 1 november 2015 trokken Russische films samen 28.501 miljoen bezoekers, een daling van 7,34 procent ten opzichte van 2014. De recettes in de bioscopen voor de Russische films beliepen in die periode 6.596 miljard roebel, een daling ten aanzien van het vorige exploitatiejaar met 7,22 procent.

    Voeding

    ‘De belangrijkste uitdaging voor de Russische landbouw wordt de versnelde vervanging van importproducten. In de komende tien jaar zal de nationale voedselproductie voor 100 procent de importen moeten vervangen, dankzij de evolutie van de sector.’ Zo sprak onze minister van Landbouw, Aleksander Tkatsjev. Laten we even afzien van die ‘evolutie van de sector’, waarvan wordt verwacht dat die de groentekraampjes van een ruime sortering zal voorzien gedurende de ban op de import van producten uit de VS, de Europese Unie en andere landen die de sancties tegen Rusland hebben ondersteund. Ik wil niet eens weten hoe we ‘voor 100 procent’ de Russische behoefte aan voedingsmiddelen gaan dekken met producten die we hier vanwege het klimaat niet eens kúnnen verbouwen.

    Mij gaat het even om iets anders. Opiniepeilingen wijzen uit dat 73 procent van de consumenten achter het embargo op voedingsmiddelen uit het buitenland blijft staan 
(bron: VCIOM, het Russische nationale centrum voor opinieonderzoek). Die publieke opinie gaat nog veel verder: 90 procent zegt zelfs dat men in het geheel niets merkt van tekorten in de aanvoer. Terwijl de harde cijfers van de centrale bank toch duidelijk zijn: het aanbod van rundvlees is met 42 procent gedaald, dat van boter met 15 procent, van verse en diepvriesvis met 14 procent en van groenten en fruit met 10 procent. Althans, zolang er geen oorlog komt.

    Auteur: Vladimir Lavitski
    Vertaler: Valentijn van Dijk

    • Egypte is een verboden bestemming sinds het neerhalen van een Russische Airbus op 31 oktober boven de Sinaï, 
een aanslag opgeëist door IS, en Turkije sinds het neerhalen van een Russisch gevechtsvliegtuig door de Turkse luchtmacht nabij de grens met Syrië 
op 24 november.

    Kommersant
    Rusland | oplage 114.000
    ‘De Zakenman’ was vanaf 1997 in handen van mediamagnaat Boris Berezovski, die door toedoen van Poetin zijn positie als zakenman en politicus kwijtraakte; het is dan ook een van de weinige kranten in Rusland met een kritische kijk op de regering. In 2006 overgenomen door een dochterbedrijf van energiegigant Gazprom.

  • 3. Ruslands grootheidswaan

    3. Ruslands grootheidswaan

    Waarom blijven de Russen in overgrote meerderheid achter de politiek van Poetin staan, terwijl ze daarvoor zo moeten afzien?

    Eind 2015 vond er een historische gebeurtenis plaats in het kader van de wereldwijde strijd tegen IS: het Groothertogdom Luxemburg verdubbelde zijn militaire contingent in het Midden-Oosten – in plaats van één vechten er nu twee soldaten mee. Dit land met een bevolking die even groot is als het inwonertal van Jaroslavl of Machatsjkala blaast zijn partijtje mee in de wereldpolitiek. Het noemt zich een ‘groot’hertogdom. Het is net als wij. Ook wij blazen ons partijtje mee in de wereldpolitiek en ook wij noemen ons groot. Alleen ligt het gemiddelde inkomen in Rusland onder de 12.000 dollar terwijl het in Luxemburg meer dan 100.000 dollar is.

    Waar ik naartoe wil is dit: het is de moeite waard om te doorgronden waarom sinds twee jaar een overweldigende meerderheid – of beter gezegd een overweldigde meerderheid – van de Russen zo opgewekt en zelfs vol vuur instemt met onze buitenlandse politiek. Waarom ze zo staan te juichen bij de afbrokkelende stabiliteit, het instorten van de economie, de daling van de roebel en de inkomens, de inflatie met dubbele cijfers en de onmogelijkheid om op vakantie te gaan waarheen ze maar willen – voor zover ze dat kunnen – in ruil voor één, niet al te groot schiereiland dat voor Russen niet eens ontoegankelijk was.

    Geen gewoon land

    Het antwoord hierop moeten we misschien voor een deel zoeken in de twee historische, van generatie op generatie doorgegeven fundamentele angsten, die twee Russische fobieën waardoor we niet in staat zijn om ons land als ons huis te zien, ik bedoel als een plek die aangenaam is en toegesneden op onze behoeften, en niet als een soort wapen dat angst bij de anderen moet oproepen.

    Grote nationale angst nummer één is dat Rusland een ‘gewoon land’ wordt. Rusland wil per se een grootmacht zijn. Nationale angst nummer twee is de angst voor verandering. Daarom durven we onze leiders niet te vervangen, nog los van hoe wreed of absurd hun handelwijze ook is. Daardoor is er bij ons geen sprake van een geleidelijke ontwikkeling, van een geregelde afwisseling van stabiliteit en verandering. Bij ons verandert alles radicaal en in één klap. Van tijd tot tijd overkomt ons waar we zo bang voor zijn. Revoluties ontstaan vaak onverwacht, juist vanwege de panische angst voor verandering en niet omdat we die zo graag wilden.

    In zijn vijfentwintigjarige post-Sovjetbestaan is Rusland blijven hangen in een infantiele fase vol pubercomplexen

    Deze beide angsten verbinden volk en machthebbers, al leven ze in volledig gescheiden werelden. En zowel voor het volk als voor de machthebbers geldt dat een land alleen dan een grootmacht is als het in staat is een gebied van zijn buurman in te nemen of iemand op duizenden mijlen afstand te kapot te maken – wie en waarom is van secundair belang. Een gewoon land zijn, zelfs als dat het beste onderwijssysteem ter wereld, excellent wetenschappelijk onderzoek en een bijzondere cultuur heeft – om van goede wegen, kwalitatief goede ziekenhuizen en onderhouden verwarmingsbuizen nog maar te zwijgen –, dat vinden we gezeur en daar malen we niet om. Maar de toekomst van de wereld bepalen of, wat vaker voorkomt, de hele planeet tergen, dat is een andere zaak.

    Omdat we goed zijn in lijdzaamheid, ook al heeft dat op het leven van gewone mensen vaak een absurde en gewoonweg destructieve uitwerking, zijn we bereid om af te zien. Als je niet voor je huis wilt zorgen en je bent bang om van leider te wisselen, wordt lijdzaamheid automatisch een belangrijke eigenschap. Je moet het alledaagse ongerief en de machtswillekeur verdragen en je hoofd laten volstoppen met allerlei nieuwe mythische prestaties die onze grootsheid aan de wereld moeten tonen. En we beoordelen onze leiders gewoonlijk op hoe goed ze anderen hun tanden kunnen laten zien.

    Al hebben we formeel een systeem van verkiezingen, onze leiders zijn net als ouders. In die zin dat je ze niet voor het kiezen hebt. Het is overduidelijk dat in ons land en ook binnen gezinnen geen liefdevolle sfeer heerst, maar macht en lijdzaamheid op een eigenaardige manier worden verheerlijkt. ‘Wie zijn kinderen liefheeft, kastijdt ze’, ‘blijf elkaar verdragen, dan volgt de liefde wel’, zeggen ze bij ons. Ook dit komt voort uit onze beide grootste nationale angsten.

    Die lijdzame houding van de Russen zal dus voorlopig niet verdwijnen. Ondertussen gaat het wel fout met de economie, doordat niemand zich daarom bekommert. Of met de oorlog, die zich al te lang voortsleept en die bij gebrek aan duidelijke overwinningen tot algehele apathie leidt. Als de leiders niet af te zetten zijn en ze toch het land niet leiden, dan is het geen wonder dat er sprake is van nationale ontwrichting wanneer ze om normale, fysieke redenen of gewoon vanwege de totale ontwaarding van de roebel worden vervangen. We zijn dan echt verbijsterd: alles leek toch prima te gaan en opeens moeten we weer bij nul beginnen met de opbouw van de staat.

    Constant beledigd

    In 2016 herdenken we dat het vijfentwintig jaar geleden is dat de Sovjet-Unie uiteenviel en het Russische Gemenebest van Onafhankelijke Staten op de wereldkaart verscheen. Een kwart eeuw. Dat is de tijd die een mens nodig heeft om echt volwassen te worden. Maar in zijn vijfentwintigjarige post-Sovjetbestaan is Rusland blijven hangen in een infantiele fase vol pubercomplexen. Het heeft zich nog niet van de Sovjet-Unie weten te bevrijden, noch in mentaal, noch in economisch opzicht. We voelen ons constant beledigd en beledigen zelf ook.

    We hebben onze plaats in de wereld nog niet gevonden. We hebben onze economie niet opgebouwd. Onze inkomsten, zowel die 
van de miljardairs als die van de huisvrouwen, halen we nog steeds uit de verkoop aan het buitenland van olie en gas uit putten die ten tijde van de Sovjets zijn geslagen, en van wapens die in de Sovjetperiode zijn ontwikkeld. We blijven maar vinden dat ‘het land zijn boeren moet voeden’ en dat het ‘aan de overheid is om te beslissen’. Over het algemeen denken we in de eerste persoon meervoud, en zeggen we nooit ‘ik’.

    Een ‘normaal’ land zijn waarin de mensen en hun levens belangrijker worden gevonden dan de staat met zijn ‘belangen’, is niet iets om bang voor te zijn of je voor te schamen. Als een verandering door volk en regering worden gedragen, en als diezelfde regering niet bang is voor een wisseling van de wacht, als die verandering plaatsvindt op een logische en geleidelijke manier en niet als een laatste reanimatiepoging na een zoveelste ramp, dan is dat niet erg, maar juist goed. En voor wie echt niet zonder trots op zijn land kan leven: roven wat een ander toebehoort of schieten op wie ons aanvalt zal daarbij niet helpen.

    Auteur: Semen Novoprudski
    Vertaler: Valentijn van Dijk

    Gazeta.ru
    Rusland | gazeta.ru
    De Russische nieuwssite met een liberaal profiel onderscheidt zich door zijn snelle reactievermogen ten opzichte van de actualiteiten en zijn brede verslaggeving van zowel Russisch als internationaal nieuws. Met regelmaat publiceert het blad ook bijdragen van bekende opinieleiders. Heldere, moderne vormgeving.

  • Minidossier: leven onder Poetin

    Minidossier: leven onder Poetin

    Rusland zucht steeds zwaarder onder de sancties als gevolg van de verstoorde relatie met het Westen. De middenklasse komt nauwelijks meer rond, en binnenlandse producenten kunnen de weggevallen import niet opvangen. Waarom blijven de Russen dan toch achter Poetin staan?

    1. Het onbezorgde leventje is voorbij

    2. Koopt Russische waar

    3. Ruslands grootheidswaan

  • 1. Het onbezorgde leventje is voorbij

    1. Het onbezorgde leventje is voorbij

    De Russische middenklasse wordt keihard getroffen door de economische crisis. Toch is er volgens journaliste Jevgenia Pichtsjikova ook sprake van opluchting: mensen hoeven tenminste niet meer de schijn op te houden.

    Zoals we allemaal weten zet Moskou de toon, in woord en gebaar. En zoals gewoonlijk doet Moskou één ding, maar zegt het iets anders. In de straten van de stad schittert de feestverlichting, en de 
verschillende buurten lijken een 
wedstrijd te houden om welke straat door al die lampjes het best zichtbaar 
is vanuit de ruimte.

    Maar wat Moskou zegt, klinkt heel anders. In de gesprekken op straat hoor je iets van opluchting doorklinken, omdat het niet meer nodig is om weelde tentoon te spreiden. Het gaat over koopjes, over wat de dingen kosten, over hoeveel geld anderen tegenwoordig nodig hebben om rond te komen. Niemand heeft het nog over de dollarkoers, want daar is hij toch te hoog voor. De dollar heeft het huis verlaten.

    Vrij wanhopig

    Ik speur het internet af op zoek naar commentaar over de prijsverhogingen. Er is weinig keus meer: de enige plekken waar je tegenwoordig je mening kwijt kunt zijn Vkontakte [het grootste Europese sociale netwerk, met 280 miljoen gebruikers], Odnoklassniki [een soort Schoolbank] en Facebook. 
De gebruikers van deze sites zitten zelden op een lijn over wat dan ook, maar er komen toch een paar gesprekken voorbij waaruit blijkt dat alle drie de gemeenschappen het op één punt 
roerend eens zijn. Een groep moeders heeft het bijvoorbeeld op Vkontakte over een artikel uit The Village, waarin de auteurs proberen te berekenen 
‘hoeveel geld er nodig is om nog hetzelfde zorgeloze leventje te leiden als vorig jaar’. Uit dit soort artikelen kun 
je opmaken dat de middenklasse vrij wanhopig is.

    Een onbezorgd leventje laat zich natuurlijk niet in geld uitdrukken, maar het artikel doet toch een poging: 146.600 roebel (1764 euro) voor een alleenstaande hipster. Een antwoord laat niet lang op zich wachten: ‘Ik moet met mijn gezin rondkomen van 50.000 roebel, doe ik iets fout?’ Waarop blijkt dat de jonge vrouwen niet bepaald zachtzinnig 
met elkaar omgaan. Een andere jonge moeder reageert als een echte neokapitalistische havik op deze hartenkreet: ‘Ja, je doet alles fout: zoek een betere baan, doe je best, kies een goede man; ik heb mijn MBA gedaan terwijl 
er een kleine op komst was’, enzovoort… Heeft ze gelijk?

    Er is een einde gekomen aan vijftien jaar geldzucht, die afschuwelijke geldzucht die mensen kapotmaakt maar waar toch iedereen aan meedoet

    Op zich zit er natuurlijk wel wat in. Tot een maand of twee geleden zouden de andere deelneemsters aan de discussie deze felle dame haar zwakkere gesprekspartner rustig aan stukken hebben laten scheuren. Maar het lijkt alsof er een omslagpunt bereikt is; de discussiegroepen zijn somber gestemd. De groep moeders, die meestal rustig foto’s van grote bloemboeketten uitwisselt of klaagt over luie kindermeisjes, vormt een front tegen de vrouw met haar MBA en verzoekt haar vriende
lijk om haar tirades ergens anders te gaan houden.

    Even later volgen twee coming-outs 
op rij. Een getrouwde vrouw en moeder bekent dat ze vlak voor nieuwjaar ontslagen is, een andere geeft toe dat ze 
al twee maanden zonder succes geprobeerd heeft om het appartement van haar man te verhuren, dat het echtpaar zich niet meer kan veroorloven. ‘Maar op zich gaat het prima,’ voegen de vrouwen er monter aan toe: ‘We komen er wel. Net als iedereen slaan we ons er wel doorheen.’

    Het thema van de huishoudportemonnee, dat tot voor kort nooit een onderwerp van discussie was, geeft aan dat er in de afgelopen maanden iets wezenlijk veranderd is: er is een einde gekomen aan vijftien jaar geldzucht. Aan die afschuwelijke geldzucht, die mensen kapotmaakt maar waar toch iedereen aan meedoet.

    Een bord in St. Petersburg toont de laatste wisselkoersen. Amerikaanse dollars zijn voor de Russen niet meer te betalen. – © Alexander Demianchuk / HH
    Een bord in St. Petersburg toont de laatste wisselkoersen. Amerikaanse dollars zijn voor de Russen niet meer te betalen. – © Alexander Demianchuk / HH

    Twee jaar geleden vond er een drama plaats in de stad K. Een pasgetrouwde jonge man en vrouw doodden elkaar met een schaar. Allebei waren ze mooi en erg rijk. Maar toen kregen ze ruzie en vochten ze urenlang met elkaar. Iemand heeft de man achter het raam zijn bebloede hand op zien heffen. Zijn jonge echtgenote was toen al dood: ze was vijftien keer met een schaar in haar rug gestoken. De ruzie ging erover dat meneer weigerde om parels voor zijn echtgenote te kopen; haar vriendin had opgeschept met de hare. Mevrouw kon vlak voor ze stierf nog snel één enkel woord op het parket schrijven: ‘gierigaard’.

    Het is waargebeurd, je kunt het opzoeken op Google. Een beter symbool voor de geldzucht van onze tijd is er niet. Iemand die steeds meer wil, meer 
spullen, meer geld, meer genot, zo iemand is onbevredigbaar.

    Opluchting

    De prijzen zijn inmiddels verdubbeld en ze houden niet op met stijgen. Dat veroorzaakt enorm veel leed en het vormt ook steeds meer een geestelijke beproeving. Vooral de middenklasse heeft door de crisis haar manier van leven moeten veranderen. Het is vrijwel onmogelijk geworden om je kinderen in het buitenland te laten studeren of om er te gaan wonen als je je geld in Rusland verdient (door er te werken of onroerend goed te verhuren). Sommigen hebben zelfs helemaal geen werk meer.

    Er wordt gezegd dat de ‘rijken’ en de ‘armen’ hun levensstijl nog niet drastisch hebben hoeven wijzigen. Zij moesten vooral bezuinigen. Maar iedereen heeft wel zijn manier van denken moeten veranderen. Een nadere blik op deze mentaliteitsverandering leert wat deze crisis zo ‘discreet’ maakt. 
Psychologe Ludmilla Petranovskaja schreef dat de economische problemen de mensen een gevoel van opluchting geven: eindelijk hoeven ze niet langer het vermoeiende spel van de bourgeoisie mee te spelen.

    Als je om je heen kijkt begrijp je wat ze bedoelt. Een jaar geleden al was deze opluchting goed merkbaar, toen de roebel kort na nieuwjaar 
voor het eerst in duikvlucht ging. 
De wachtenden in de rij bij de pinautomaat of bij de kassa van elektronicazaken slaakten een zucht van verlichting. Alsof ze bevrijd waren van hun eenzaamheid, schuldgevoelens, hun angst om te falen.

    Zoals de dood ons bevrijdt van de angst voor de dood, bevrijdt de armoede ons van 
de angst voor de armoede

    Er wordt wel gezegd dat ons land zijn vrijheid heeft ingeruild voor stabiliteit. Maar is dat nog steeds zo? Momenteel wisselen we eerder juist onze stabiliteit weer in voor vrijheid. We beleven de tweede grote vertrouwensbreuk tussen de staat en het volk (al denken velen dat staat en volk nog steeds een hechte eenheid vormen). Het volk wordt opnieuw een gemeenschap. Net zoals de dood ons bevrijdt van de angst voor de dood, bevrijdt de armoede ons van 
de angst voor de armoede.

    Uiteindelijk werken de magische woorden ‘dat is niet mijn schuld, 
ik kan er ook niets aan doen’ en ‘tja, daar hebben wij geen invloed op’ absoluut bevrijdend. En met de 
herwonnen vrijheid krijgt men ook weer zin om te leven. De zin van het leven is, als vanouds, óverleven. Een archaïsche familiezin is terug van weggeweest, een die lak heeft aan de staat en haar besognes – maar tegelijkertijd soms loyaal is aan de macht. Het is een waardestelsel dat de maatschappij minder transparant maakt dan ze lijkt. De dagen na nieuwjaar zijn de rustigste van het hele jaar. Ze markeren de transitie naar een nieuw tijdperk.

    Auteur: Jevgenia Pichtsjikova
    Vertaler: Tess Visser

    Gazeta.ru
    Rusland | gazeta.ru
    De Russische nieuwssite met een liberaal profiel onderscheidt zich door zijn snelle reactievermogen ten opzichte van de actualiteiten en zijn brede verslaggeving van zowel Russisch als internationaal nieuws. Met regelmaat publiceert het blad ook bijdragen van bekende opinieleiders. Heldere, moderne vormgeving.

  • In Latakia is de sfeer optimistisch

    In Latakia is de sfeer optimistisch

    Sinds de Russische interventie in Syrië, heeft het leger van president Assad weer moed gevat in de strijd tegen IS. Russische journalisten op reportage in de alevitische stad Latakia krijgen een warm welkom.

    Het lijkt vreemd, maar in Latakia, de Syrische stad waar zich de Russische militaire basis bevindt, heerst een feestelijke sfeer. In deze stad, waar het in augustus 2011 tot heftige confrontaties kwam, is geen spoor van oorlog te bespeuren. Het straatleven heeft zijn normale gang hernomen: auto’s wachten geduldig in verkeersopstoppingen, vrouwen in strakke spijkerbroeken en T-shirts trekken beroepsmatig de aandacht van Russische journalisten. 
’s Avonds treffen de inwoners elkaar in de cafés, in het weekend worden feesten en bruiloften gevierd. Overdag kun je de Syriërs tegenkomen op het strand. De vrouwen lopen onbekommerd in badpak. Alles wijst erop dat deze mensen niet gediend zijn van islamisten.

    De veiligheid van de Russische militaire basis wordt verzekerd door helikopters en het Korps Mariniers. 
’s Avonds klinken in de verte schoten, maar de strijd komt niet in de buurt van de basis. Binnenkort zal het nog rustiger worden, want het Syrische leger is aan een offensief begonnen.

    Patriottische oorlog

    De regio Latakia is net als een groot deel van de Syrische kust alevitisch. Ook de Syrische president Bashar al-Assad behoort tot deze moslimminderheid en 
is uit de regio afkomstig. Zijn regime 
in Damascus wordt aangevallen door radicale islamistische organisaties [de ‘rebellen’], waartoe behalve IS ook Jabhat al-Nusra (ook wel Al-Nusra Front genaamd en gelieerd met Al-Qaida) en andere, minder belangrijke groeperingen behoren. Allemaal hebben ze zich schuldig gemaakt aan wrede etnische of religieuze zuiveringen onder de christelijke Arabieren, de Koerden, de Jezidi’s, de Assyriërs en de sjiieten. Ook de alevieten voelen zich dus rechtstreeks bedreigd door de terroristen, die op nog geen veertig kilometer van Latakia en de luchthaven Bassel Al-Assad opereren. Zij beschouwen de Russische vliegtuigen niet alleen als een schild, maar ook als een factor die een ommekeer in de oorlog teweeg kan brengen. Wij Russische journalisten ervaren dat dagelijks: de mensen salueren voor ons, nodigen ons uit voor een drankje in het café en groeten ons hartelijk.

    Momenteel hebben de rebellen het grootste deel van het land in handen. Alleen in Latakia, Tartus, Damascus en enkele andere steden is het vooroorlogse Syrië nog te zien, een gewoon oosters land, waar de industrie en de openbare diensten functioneren, internet en het mobiele netwerk werken, de cafés geopend zijn. Waar je op je laptop moeiteloos toegang krijgt tot YouTube, Twitter of Facebook. Alleen de sterke militaire aanwezigheid (Syrisch uiteraard) en de controleposten herinneren ons aan de bijzondere situatie in het land.

    De Syrische burgeroorlog is allang een patriottische oorlog geworden. Dat is iets wat de westerse journalisten en experts ontgaat: de Syriërs die vóór Damascus zijn strijden niet voor het regime van Assad, ze strijden voor hun land dat wordt aangevallen door islamisten van over de hele wereld. Zelfs de groeperingen die deze oorlog feitelijk begonnen zijn, zoals het Vrije Syrische Leger (FSA), hebben een wapenstilstand met Damascus gesloten nadat ze zelf werden geconfronteerd met het radicalisme en de wreedheden van de jihadisten. Geen Syriër moet daar iets van hebben.

    De mensen nodigen ons uit voor een drankje in het café en groeten ons hartelijk

    De aankondiging van een Syrisch offensief door de Syrische chef-staf generaal Ali Abdullah Ayyoub heeft de emoties en het patriottisme nog eens verder aangewakkerd. De Syrische officieren en soldaten maken een goede indruk op ons. Velen van hen zijn moderne jongeren die goed Engels spreken. Zij vechten tegen IS en het Al-Nusra Front. Dat laatste vecht niet alleen tegen het reguliere leger, maar voert ook onderling strijd. De terroristen die de leider van IS, Abou Bakr al-Baghdadi, niet erkennen, worden door het westen aangeduid als ‘gematigde oppositie’. Maar hun methodes zijn dezelfde: zelfmoordaanslagen, etnische zuiveringen, het bombarderen van loyalistische posities.


    De belangrijkste conflictgebieden bevinden zich niet alleen in de buitenwijken van Idlib, in Aleppo, rond Homs, in Hama en in Tadmur (Palmyra), maar ook in Hasaka en Deir ez-Zor in het oosten van het land, twee steden die in handen van het leger zijn maar worden belegerd door IS. De steden die de oorlog gespaard zijn gebleven zijn op de vingers van één hand te tellen. Ook Palestijnse eenheden vechten tegen IS, net als de Koerden, die een soort wapenstilstand met Damascus hebben gesloten. Een vreedzaam land, kortom, dat door krachten van buitenaf in een enorme vuurzee is veranderd. Een echo van de ‘Arabische Lente’ die in december 2010 in Tunesië begon als gevolg van binnenlandse conflicten, en zonder inmenging van buitenaf, maar algauw een heel ander karakter kreeg: zo analyseert Andrej Korotajev, islamspecialist en lid van het Instituut voor Oosterse Studies van de Russische Academie van Wetenschappen, de huidige gebeurtenissen. Hij is een van de weinige deskundigen op het gebied van een onderwerp dat ten grondslag ligt aan de grootste politieke controverse op de wereld: de opbouw en afbraak van staten, en de redenen voor burgeroorlogen en rampen. ‘De buitenlandse inmenging in de gebeurtenissen in Libië en daarna Syrië is zonneklaar,’ legt hij uit.

    IS biedt een alternatief door antwoord te geven op existentiële vragen van verwarde bekeerlingen

    In Syrië stak de revolutionaire liberale jeugd de lont in het kruitvat met haar democratische eisen. Toen ook andere stromingen zich bij hun beweging aansloten, met name de islamisten, is het Westen zich er echt mee gaan bemoeien. Aanvankelijk schaarden de westerlingen zich vierkant achter de tegenstanders van Assad. Ze stonden toe dat de jihadisten Syrië binnendrongen, ze hebben geld en wapens gestuurd. Het eerste verzetsleger, het Vrije Syrische Leger, bestond nog uit areligieuze tegenstanders, maar die kregen algauw gezelschap van radicale islamistische splintergroepen. Het breekpunt was de verschijning van het Al-Nusra Front. Daarna heeft IS zich op alle fronten 
in de strijd gestort, tegen de andere islamistische groeperingen en tegen Bashar al-Assad. Ze behaalden de ene overwinning na de andere en bezetten uiteindelijk een groot deel van het land. Al-Qaida is in vergelijking met hen een gematigde groepering. Toch was er een tijd dat Al-Nusra het absolute kwaad vertegenwoordigde in de ogen van de eerste islamistische groeperingen die zich tegen Assad verzetten. Nooit eerder waren er zo veel radicaliseringsgolven in zo korte tijd.

    Kinderen in Latakia tonen foto’s van de Syrische president Assad en de Russische president Poetin om hun steun te betuigen aan het Russische ingrijpen. © Dmitriy Vinogradov / HH
    Kinderen in Latakia tonen foto’s van de Syrische president Assad en de Russische president Poetin om hun steun te betuigen aan het Russische ingrijpen. © Dmitriy Vinogradov / HH

    De regering-Assad leek begin augustus 2015 te wankelen en Syrië balanceerde op de rand van de chaos. Maar in september heeft de frontlinie zich gestabiliseerd, is het offensief van IS gestokt en heeft zich een ommekeer in het krachtveld voltrokken toen het Syrische leger (dat wapens uit Rusland had ontvangen) haar posities versterkte. De Russische luchtmacht verscheen ten tonele op het moment dat het Syrische leger al klaar was voor een tegenoffensief. Als het leger van Assad erin slaagt de buitenwijken van Aleppo en Palmyra te bevrijden, zal IS gedwongen zijn zich terug te trekken in de woestijn.

    De psychologische impact van de Russische aanwezigheid is duidelijk zichtbaar

    De Russische betrokkenheid in Syrië is waarschijnlijk de opzienbarendste militaire en politieke operatie van het tijdperk-Poetin. (…) Vanuit historisch oogpunt bezien betekent deze interventie dat Rusland terugkeert op het internationale toneel als een belangrijke speler waarmee zijn tegenhangers, inclusief de Verenigde Staten, tot een akkoord moeten zien te komen, ook al is het tegen hun zin,’ schreef het invloedrijke Amerikaanse blad The National Interest. Het is inmiddels voor iedereen duidelijk, zelfs voor de westerlingen, dat Rusland voortaan weer zijn partijtje meeblaast in de globale ontwikkelingen.

    Bescherming van de staten

    Het aantal Russische luchtaanvallen neemt toe. Bovendien worden ze afgestemd met de grondoperaties van het Syrische leger. De psychologische impact van de Russische aanwezigheid is duidelijk zichtbaar: voor het eerst sinds lange tijd heeft het Syrische leger het offensief weer ingezet en steden en dorpen bevrijd. En dan is het effect van het gebruik van Russische precisiewapens nog niet eens gemeten. Chirurgische aanvallen waren tot nu toe voorbehouden aan Washington.

    ‘De Russische operatie is op zichzelf al opzienbarend, en deze chirurgische aanvallen maken haar nog opzienbarender,’ aldus Roeslan Poechov van het Russische Centrum voor de Analyse van Strategie en Technologie (cast).

    Over het werkelijke militaire potentieel dat achter dit machtsvertoon schuilgaat blijven de meningen verdeeld. En als de kansen keren en Rusland met deze beperkte interventie zijn doel niet bereikt? Volgens sommige experts kost een lading van 26 raketten ongeveer een miljard roebel [zo’n veertien miljoen euro]. Rusland beschikt waarschijnlijk over voldoende middelen om de stabiliteit in Syrië te verzekeren. Maar als het de verkeerde kant op gaat, moet het land zich kunnen terugtrekken. Want het probleem in het Midden-Oosten gaat de hele beschaafde wereld aan, en het drama is nog maar net begonnen.

    De Syrische officieren en soldaten maken een goede indruk op ons

    Zelfs in landen waar dat indruiste tegen de Amerikaanse belangen heeft de ‘democratiseringspolitiek’ van de VS gewerkt. Maar vervolgens is het in deze landen [Tunesië, Egypte, Jemen] verschillende kanten op gegaan. Daar staat tegenover dat in landen waar de regimes van oudsher vijandig waren en weinig geneigd om samen te werken, zoals Libië en Syrië, de buitenlandse krachten de revolutie uit alle macht hebben gesteund, alleen maar om ze tot de ondergang te dwingen.

    De Verenigde Staten wilden Assad koste wat kost ten val brengen, totdat ze de controle volledig verloren: het gaat er niet langer om wie de oorlog tussen de staten en machtsblokken in het Midden-Oosten zal winnen, maar om hoe kan worden voorkomen dat alle staten het onderspit delven tegen IS.

    Maar is IS werkelijk zo machtig en verschrikkelijk? Andrej Korotajev windt er geen doekjes om: het gaat niet om zomaar een schurkenbende, maar om een aanval op de algehele beschaving. Het socialistische staatsmodel werd meegesleurd in de val van de Sovjet-Unie, het nationalistische model heeft zijn doeltreffendheid niet bewezen en de democratische mondialisering leidt tot de vernietiging van de staat als zodanig. De verantwoordelijken binnen de Russische politiek stellen zich terecht behoudend op: ze roepen 
op om de staatsinstellingen waar mogelijk in stand te houden. Maar dit idee zal nog ingang moeten vinden in een duurzame en constructieve toekomstvisie, want de natuurlijke afkalving van deze instellingen zal op een dag tot hun ondergang leiden, en het blijft de vraag waardoor ze vervangen moeten worden. IS, hoe misdadig, moordzuchtig en meedogenloos ook, biedt een alternatief door antwoord te geven op existentiële vragen van verwarde bekeerlingen. Heel wat mensen in het [Russische] noorden van de Kaukasus en het Midden-Oosten zijn ervan overtuigd dat zich in Syrië de strijd van het laatste kalifaat tegen de ongelovigen afspeelt voordat de apocalyps zich voltrekt. Wat kun je daartegenover stellen?

    Auteurs: Mikhail Rogojnikov, Andrei 
Vesselov, Marina Akhmedova 
en Dmitri Vinogradov
    Vertaler: Peter Bergsma

    Roesski Reporter
    Rusland, dagblad, oplage 168.000
    Nieuwsmagazine gericht op de middenklasse.