Tag: Verenigde Staten

  • Inflatie in de VS bereikt hoogste punt in dertig jaar

    Inflatie in de VS bereikt hoogste punt in dertig jaar

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Eerste vrouwelijke premier van Zweden treedt al na een paar uur af

    » Duitsland: SPD, Groenen en FDP verenigd door hun ‘geloof in vooruitgang’

    VS kampt met grootste prijstoename sinds 1990

    In oktober was de inflatie van prijzen in Amerika voor een groot aantal dagelijkse producten hoger dan verwacht. De inflatie bereikte volgens het Amerikaans ministerie van Arbeid zelfs het hoogste punt in meer dan dertig jaar, bericht CNBC. De CPI, de consumentenprijsindex die bestaat uit een pakket met producten variërend van benzine en gezondheidszorg tot boodschappen en huur, steeg met 6,2 procent ten opzichte van een jaar geleden. Dat is de grootste toename sinds december 1990. De reële lonen na inflatie zijn van september tot oktober met 0,5 procent gedaald, als gevolg van een stijging van de gemiddelde uurlonen met 0,4 procent die meer dan teniet werd gedaan door de stijging van de CPI, schrijft het Amerikaanse tv-station.

    Ondanks de tegenvallende cijfers zeggen Fed-voorzitter Jerome Powell en minister van Financiën Janet Yellen dat de huidige prijsdruk tijdelijk is en verband houdt met corona. Ze erkennen dat de inflatie hardnekkiger is dan verwacht, maar rekenen op normalisering in de loop van volgend jaar.

    Lees ook:

  • VS: Droogte zorgt voor andere kijk op waterzuivering

    VS: Droogte zorgt voor andere kijk op waterzuivering

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Europees landbouwbeleid: een ‘mislukte’ groene hervorming

    » Oorverdovende stilte in de Chinese media rondom tennisster Peng Shuai

    Van afvalwater naar kraanwater

    Steeds meer Amerikaanse steden willen afvalwater zuiveren en het daarna weer als kraanwater leveren aan huizen en bedrijven. Rondom Los Angeles zorgen dergelijke plannen nog maar zelden voor ophef, terwijl twee decennia geleden soortgelijke pogingen zoveel weerstand opriepen dat ze moesten worden opgegeven, schrijft AP News. Op sommige plekken is waterzuivering zelfs al ingevoerd, zoals in het nabijgelegen Orange County.

    Droge regio’s gedwongen zijn hun watervoorziening uit te breiden vanwege een groeiende bevolking

    ‘De houding van het publiek wat betreft het recyclen van afvalwater is veranderd’, aldus David Nahai, voormalig directeur van het Los Angeles Department of Water and Power. Dat het concept, dat ooit minachtend ‘van-toilet-naar-kraan’ werd genoemd, nu wordt geaccepteerd, komt doordat droge regio’s gedwongen zijn hun watervoorziening uit te breiden vanwege een groeiende bevolking en intense droogte door klimaatverandering. Andere ideeën die aan kracht winnen, zijn het opvangen van het afvoerwater van beken en wegen na stormen en het ontdoen van zout en andere mineralen uit zeewater, een proces dat nog steeds relatief duur is.

    Lees ook:

  • Amerikaanse druif moet Franse wijn redden

    Amerikaanse druif moet Franse wijn redden

    De Franse autoriteiten hebben zevenentachtig jaar lang geprobeerd om winterharde Amerikaanse hybriden te verbieden. Klimaatverandering en de natuurwijnbeweging brengen daar verandering in.

    De wijnstokken waren ooit verboden omdat ze gekte en blindheid zouden veroorzaken. Zwaaiend met geld en sancties had de Franse overheid ze bijna uitgeroeid.

    Maar daar zijn ze. Op een heuvelflank langs een kronkelend bergweggetje in een vergeten uithoek van Zuid-Frankrijk blaken de verboden vruchten van gezondheid. Aan het begin van een avond niet lang geleden inspecteert Hervé Garnier opgelucht zijn wijngaard. In een jaar waarin aprilvorst en ziekte de totale Franse wijnproductie hebben gedecimeerd, kleuren zijn druiven, een Amerikaanse hybridevariëteit genaamd jacquez die sinds 1934 door de Franse regering is verboden, al rood. Als het in de vroege herfst niet plotseling koud wordt staat niets een nieuwe oogst meer in de weg.

    ‘Er is echt geen reden voor een verbod,’ zegt Garnier. ‘Ik zou niet weten waarom, het is nergens op gebaseerd.’ Garnier is een van de laatste der Mohikanen in een langdurige strijd tegen het Franse wijnestablishment en zijn bondgenoten in Parijs. De Franse regering probeert al zevenentachtig jaar lang de jacquez en vijf andere Amerikaanse druivensoorten uit de Franse bodem te rukken, met als argument dat ze slecht zijn voor de lichamelijke en geestelijke gezondheid van de mens en ook nog eens slechte wijn opleveren.

    Klimaatverandering

    Maar de afgelopen jaren, waarin de oprukkende klimaatverandering overal in Europa funeste gevolgen heeft voor de wijnoogst en natuurwijnen waaraan geen pesticiden te pas komen steeds populairder worden, heeft de robuustheid van de Amerikaanse soorten de guerrilla van wijnmakers als Garnier een duwtje in de rug gegeven.

    Hoewel Frankrijk al in 2008 toezegde het gebruik van pesticiden te zullen halveren, is het de afgelopen tien jaar alleen maar toegenomen. Wijngaarden beslaan iets meer dan vier procent van het Franse landbouwareaal maar waren in 2019 goed voor vijftien procent van het totale pesticidegebruik in het land, aldus het Franse ministerie van Landbouw.

    ‘Deze wijngaarden leveren een overvloedige oogst op zonder irrigatie, zonder kunstmest en zonder andere behandelingen,’ zegt Christian Sunt, lid van ‘Fruits Oubliés’ (Vergeten Vruchten), een groep die zich inzet voor de legalisering van de Amerikaanse druivensoorten. Terwijl hij in zijn wijngaard in het zuiden van de Cevennen, in de buurt van het stadje Anduze, trots op zijn verboden wijnstokken wijst met onder andere de clinton en de isabelle, voegt hij eraan toe: ‘Deze soorten zijn ideaal voor het maken van natuurwijn.’

    Amerikaanse druiven spelen al lange tijd een belangrijke rol in het tumultueuze en emotionele Frans-Amerikaanse wijnverleden en hebben de Franse productie beurtelings bedreigd en nieuw leven ingeblazen. Het begon allemaal halverwege de negentiende eeuw, toen Amerikaanse wijnstokken naar Europa werden getransporteerd en er een druifluis meeliftte die bekendstaat als fylloxera. Waar Amerikaanse druivenstokken bestand waren tegen deze plaag, hadden hun Europese tegenhangers geen schijn van kans. De vraatzuchtige luizen vielen hun wortels aan zodat de rest van de plant geen voedingsstoffen meer kreeg en veroorzaakten de grootste crisis in de geschiedenis van de Franse wijn. De luis vernielde miljoenen hectares, luidde de doodsklok voor talloze wijngaarden en joeg werkloze Fransen naar hun kolonie Algerije.

    ‘Het was de enige keer dat de Amerikanen, onze Amerikaanse vrienden, Frankrijk zijn komen redden’

    Na een kwart eeuw lijdzaam te hebben toegezien hoe de traditionele wijncultuur van Europa instortte, kregen de knapste wijnkoppen van de wereld een goddelijke openbaring. De genezing school in het gif: de Amerikaanse wijnstokken.

    Sommige wijnboeren entten Europese wingerds op resistente Amerikaanse wortelstokken. Andere kruisten Amerikaanse en Europese wingerds en produceerden soorten die Amerikaanse hybriden gingen heten, zoals de jacquez. De met de ondergang bedreigde Franse wijnindustrie leefde weer op.

    ‘Dat maakt tot op de dag van vandaag indruk,’ zegt Thierry Lacombe, docent ampelografie, oftewel wijnstokkunde, aan Montpellier SupAgro, een Franse landbouwuniversiteit. ‘Het was de enige keer dat de Amerikanen, onze Amerikaanse vrienden, Frankrijk zijn komen redden.’

    Vossenurine

    De Franse wijnwereld raakte verdeeld in twee kampen, aanhangers van geënte en aanhangers van hybride druiven. De enters bleven wijn produceren van de pinot, merlot, cabernet sauvignon en andere klassieke Europese druivensoorten. De Amerikaanse hybriden, zeiden ze vaak, roken naar vossenurine. Toch waren de Amerikaanse hybriden overal in Frankrijk in trek. Omdat ze sterker waren en makkelijker te verbouwen, waren ze vooral populair in rurale gebieden als de Cevennen. Families plantten ze op heuvelflanken waar niets anders wilde gedijen. Ze lieten ze op priëlen groeien, met aardappelbedden eronder, om iedere vierkante centimeter grond productief te maken. Dorpelingen werkten samen bij het oogsten en wijn maken en gebruikten een gemeenschappelijke kelder.

    Waar de pinot noir bij de identiteit van de Bourgogne hoort, ging de jacquez bij de folklore van de noordelijke Cevennen horen, waaronder het dorp Beaumont. En in de zuidelijke Cevennen heerste de clinton (spreek uit clèn-ton). ‘Als je hier in een café een glas clinton serveert, wordt erom gevochten,’ zegt Christian Sunt, een zeventigjarige gepensioneerde houtvester. ‘Als de clinton niet langer verboden zou zijn, zou een wijnmaker die “clinton” op zijn fles zette tien keer meer verkopen dan als hij er “syrah” of “cabernet sauvignon” op zou zetten.’

    Vandaag de dag hebben de Amerikaanse soorten nog maar een miniem aandeel in de totale Franse wijnproductie. Maar aan het begin van de vorige eeuw was dat aandeel door al het enten en de hybriden enorm.

    Om de overproductie te verminderen werden de zes Amerikaanse soorten bij wet verboden

    Ook Algerije werd een belangrijke wijnexporteur naar het Franse moederland. Omdat Frankrijk inmiddels overspoeld werd door wijn, werd rond Kerstmis 1934 in allerijl een wetswijziging doorgevoerd. Om de overproductie te verminderen werden de zes Amerikaanse soorten, waaronder hybriden zoals de jacquez en zuivere Amerikaanse druiven zoals de isabelle, bij wet verboden, met als voornaamste reden dat ze slechte wijn zouden opleveren. Productie voor privéconsumptie werd toegestaan, maar niet voor commerciële doeleinden.

    Volgens Lacombe had de regering nog meer hybriden willen verbieden maar werd daarvan afgezien vanwege de gevolgen van het eerste verbod. Daarna zorgde de oorlog voor verder uitstel. Pas in 1950, toen er op een derde van alle Franse wijngaarden nog hybriden werden verbouwd, begon de regering de zes verboden druiven echt de nek om te draaien, zegt Lacombe. Eerst kwamen er premies op het uitrukken van de verboden wijnstokken, daarna werden de wijnboeren met boetes bedreigd. Vervolgens haalde de Franse regering, die haar greep op de situatie begon te verliezen, oneigenlijke argumenten van stal, zoals dat Amerikaanse druiven schadelijk zouden zijn voor lichaam, en geest, aldus Lacombe. Hij voegt eraan toe dat de huidige verdedigers van deze wijnsoorten terecht op de inconsistente houding wijzen waaraan de Franse overheid zich in het verleden heeft schuldig gemaakt.

    De clinton en de jacquez zouden een kalme dood gestorven zijn als er begin jaren zeventig geen ‘terug-naar-het-plattelandbeweging’ was ontstaan die mensen als Hervé Garnier naar de Cevennen bracht. De inmiddels 68-jarige Garnier, afkomstig uit Noordwest-Frankrijk, was ooit een langharige middelbare scholier die stad en land afreisde om Jimi Hendrix, The Who en Janis Joplin te zien optreden. Een halve eeuw later vertelt hij vrolijk hoe hij onder de militaire dienstplicht uitkwam na slechts zeven uur op een basis te hebben verbleven waar hij om een gesprek met een psycholoog had verzocht, had geweigerd samen met anderen te eten en voor allerlei andere overlast had gezorgd. Toen hij een week na zijn ontslag in 1973 zomaar wat aan het liften was, kwam hij in het dorp Beaumont in de Cevennen terecht waar hij onmiddellijk besloot een verlaten perceel te kopen, dat hij voornamelijk afbetaalde met het repareren van daken in de regio en elders. Enkele jaren later belandde hij bijna toevallig in de wijnmakerij. Twee broers op leeftijd vroegen hem hun jacquezdruiven te oogsten in ruil voor de helft van de wijnproductie. Hij hoorde de geschiedenis van de verboden wijnranken en kocht uiteindelijk de wijngaarden van de broers.

    ‘Frankrijk is een geweldig wijnland. Om dat te blijven moeten we ons openstellen’

    Tegenwoordig produceert hij 3400 flessen per jaar van zijn donkergekleurde, fruitige ‘Cuvée des vignes d’antan’ (Oogst van wijnstokken van weleer). Hij omzeilde het verbod met de  oprichting van een culturele, niet-commerciële vereniging, ‘Association Mémoire de la vigne’ (Vereniging ter herdenking van de wijnstok) genaamd. Een lidmaatschap van tien euro levert een fles op.

    Gezien de toenemende gevolgen van de klimaatverandering en de weerstand tegen het gebruik van pesticiden hoopt Garnier dat de verboden druiven gelegaliseerd zullen worden en dat de Franse wijnindustrie zich zal openstellen voor een nieuwe generatie hybriden, zoals Duitsland, Zwitserland en andere Europese landen al hebben gedaan. ‘Frankrijk is een geweldig wijnland,’ zegt hij. ‘Om dat te blijven moeten we ons openstellen. We kunnen niet blijven hangen in wat we al weten.’

  • VS en VK leggen nieuwe sancties op aan Nicaragua

    VS en VK leggen nieuwe sancties op aan Nicaragua

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Israël annuleert oliedeal met Verenigde Arabische Emiraten

    » Haven Los Angeles wil af van niet-opgehaalde zeecontainers

    Onvrije verkiezingen leiden tot sancties

    De VS en het Verenigd Koninkrijk hebben nieuwe sancties aangekondigd tegen leden van de Nicaraguaanse regering als vergelding voor de omstreden presidentsverkiezingen van 7 november, bericht MercoPress. De VS legden nieuwe sancties op aan negen leden van de regering van Daniel Ortega en het federaal parket van het Centraal-Amerikaanse land. Het VK heeft sancties tegen de vicepresident van Nicaragua, Rosario Murillo, en zeven andere functionarissen aangekondigd.

    De internationale gemeenschap veroordeelt de afwezigheid van oppositie bij de verkiezingen, de arrestatie van haar leiders, de afwezigheid van internationale waarnemers en onafhankelijke media, en de vervolging van journalisten. Rusland en Venezuela wijzen die bezwaren af.

    Lees ook:

  • Haven Los Angeles wil af van niet-opgehaalde zeecontainers

    Haven Los Angeles wil af van niet-opgehaalde zeecontainers

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Israël annuleert oliedeal met Verenigde Arabische Emiraten

    » VS en VK leggen nieuwe sancties op aan Nicaragua

    Los Angeles zoekt oplossing voor zeecontainerprobleem

    Op het laatste moment hebben de havens van Los Angeles en Long Beach 4,8 miljoen dollar (4,25 miljoen euro) aan boetes uitgesteld voor bedrijven die zo’n vijftigduizend zeecontainers nog niet hebben opgehaald, schrijft Business Insider.

    De boetes zijn uitgesteld tot 22 november omdat er sinds 25 oktober, toen een boete van 100 dollar per niet-opgehaalde container per dag werd ingesteld, ‘duidelijke verbetering’ heeft plaatsgevonden.

    Lees ook:

  • Kehinde Andrews: ‘We zouden allemaal Malcolm X moeten lezen’

    Kehinde Andrews: ‘We zouden allemaal Malcolm X moeten lezen’

    ‘Malcom X’ analyse van racisme was zo helder en zo precies dat je hem bijna vijftig jaar na zijn dood haast profetisch kunt noemen.’ Los Angeles Review of Books interviewde de invloedrijke Britse Black Lives Matter-woordvoerder Kehinde Andrews over zijn grote voorbeeld.

    Nexus-conferentie: ‘Revolutie van de hoop‘

    ‘Revolutie van de hoop’ is dit jaar het onderwerp van de Nexus-conferentie. Met als hoofdvraag: Waar vinden we, te midden van al onze hedendaagse crises, de revolutionaire hoop, moed en creativiteit om nieuwe werelden vorm te geven? 

    Op zaterdag 20 november komen sprekers als Giuseppe Conte, Patti Smith, Wole Soyinka en Mary L. Trump bijeen in Amsterdam om een antwoord te formuleren op deze vragen.

    Deze week publiceert 360 Magazine artikelen en speeches van de sprekers van de Nexus-conferentie ‘Revolution of Hope’. De zesde in de reeks is Kehinde Andrews, hoogleraar Black Studies aan Birmingham City University.

    In een serie gesprekken met kunstenaars, schrijvers en kritische geesten over geweldsvraagstukken sprak Brad Evans met Kehinde Andrews over zijn boek Back to Black: Retelling Black Radicalism for the 21st Century (Zed Books, 2018). Andrews is hoogleraar Black Studies aan Birmingham City University, hoofd van het Centre for Black Studies, oprichter van de Harambee Organisation of Black Unity, en medevoorzitter van de Black Studies Association.

    Lees ook de artikelen van de andere sprekers van de Nexus-conferentie:

    » Nadia Harhash: ‘Worden mannen geboren als vrouwenhaters?’

    » Patrick J. Deneen: ‘De nieuwe aristocratie verbloemt haar bevoorrechte positie

    » Minouche Shafik: ‘We hebben een nieuw sociaal contract nodig’

    » Colombe Cahen-Salvador: ‘Mondiaal is het nieuwe normaal’

    » Antonio Spadaro: ‘Ook in tijden van internet moeten we over geloof nadenken’

    Waarom spreekt de boodschap van Malcolm X u nog altijd zo aan? En op welke manier is zijn gedachtegoed direct van invloed geweest op uw kijk op geweld in de wereld anno nu?

    ‘Malcolm X is een van de belangrijkste intellectuelen van de twintigste eeuw. Zijn analyse van racisme was zo helder en zo precies dat je hem bijna vijftig jaar na zijn dood haast profetisch kunt noemen. Het is niet overdreven om te stellen dat Malcolm de ontwikkelingen had voorspeld die we in deze raciale staat hebben gezien. Zijn voornaamste uitgangspunt was dat de Verenigde Staten en het westen in bredere zin net zomin “vrijheid, rechtvaardigheid en gelijkheid konden bieden” aan Zwarten dan dat “een kip eendeneieren kan leggen”. Hij zag racistische praktijken niet zozeer als een uitwas van maatschappelijke misstanden, maar eerder als de logica van het systeem. Terwijl velen zes decennia na de opkomst van de Burgerechtenbeweging verbaasd om zich heen kijken en constateren dat racisme nog altijd hoogtij viert, heeft Malcolm ons duidelijk gemaakt dat de ongelijkheid van nu de doodlopende weg is die we zijn ingeslagen op het moment dat we binnen een fundamenteel racistisch systeem probeerden het racisme te hervormen. De wetenschappelijke wereld komt pas eind jaren tachtig tot een soortgelijk inzicht met de Critical Race Theory (CRT), waarin wetenschappers duidelijk maken dat het racisme binnen de Amerikaanse maatschappij van “blijvende aard” is.

    ‘Net als andere radicale denkers spreekt Malcolm zich uit over de legitimiteit van geweld wanneer je wordt onderdrukt’

    Malcolm geeft niet alleen een vlijmscherpe analyse van het probleem, hij brengt ook de oplossing ongekend helder onder woorden. Meer dan wie ook weet hij duidelijk te maken dat het een radicale daad is om Zwart-zijn te omarmen als een politieke identiteit. Malcolm was compromisloos in hoe hij zijn Zwart-zijn beleefde, een Zwart-zijn dat was geworteld in een herwonnen trots op zijn Afrikaanse afkomst en zijn inzet voor de georganiseerde vrijheidsstrijd van Zwarte gemeenschappen. Hij riep “een nieuw soort Negro” in het leven, die zich er niet voor verontschuldigt zwart te zijn en die weigert geduldig te wachten op maatschappelijke hervormingen. Daarom vindt Malcolm zoveel weerklank onder jongeren en mensen in de marge: hij is meer dan wie ook de stem van wat hij de ‘Veld-Negro’ noemde, die tijdens de slavernij buiten op de plantage werkte.

    Waar het gaat om geweld keerde Malcolm de zaak om en betrok de vraag op de onderdrukten in plaats van de onderdrukkers, en wees hij de Verenigde Staten aan als voornaamste verspreider van geweld op deze aarde. Zo hekelde hij Zwarte Amerikanen en stelde hun de vraag: “Hoe kun je geweldloos zijn in Mississippi na het geweld dat je hebt gebruikt in Korea?” Zo herinnerde hij zijn publiek zowel aan het Amerikaanse koloniale verleden als aan hun plicht zich te verweren tegen het geweld van de overheid. Net als andere radicale denkers spreekt Malcolm zich uit over de legitimiteit van geweld wanneer je wordt onderdrukt.’

    Dat idee, dat je je niet hoeft te verontschuldigen voor je bestaan maar dat je een plek voor jezelf opeist op aarde, zelfs als dergelijke rechten je worden ontnomen, lijkt cruciaal om tot een radicalere opvatting van rechtvaardigheid te kunnen komen. Het doet ook denken aan de zapatisten, die zeiden dat het niet aan de overheid was om hun al dan niet rechten toe te kennen. Hoe ziet rechtvaardigheid in het licht van systematische vervolging er voor u uit, vanuit de inspiratie die u vindt bij Malcolm?

    ‘Rechtvaardigheid is alleen te bereiken door een nieuw politiek en economisch systeem op te zetten. De wortels van onderdrukking zijn gecodeerd in het DNA van raciaal kapitalisme. De valse voorstelling van zaken dat er alleen binnen dit kader ooit sprake kan zijn van rechtvaardigheid is een van de belangrijkste mythen die transformatieve verandering in de weg staan. Een van de eerste stappen op weg naar bevrijding is dat de onderdrukten hun eigen voorwaarden moeten definiëren, hun eigen perspectieven, hun eigen mechanismen om verandering te bewerkstelligen. Zoals Malcolm al stelde: “Niemand kan je vrijheid geven”, vrijheid is iets wat je moet nemen. Helaas richt het merendeel van de Zwarte bewegingen zich op de machthebbers die ons zouden moeten erkennen of legaliseren. De omslag van Black Power naar de slogan Black Lives Matter is in dat verband illustratief. Black Power is geworteld in een lange geschiedenis van mensen die de capaciteit van Zwarten hebben willen gebruiken om eigen alternatieven te creëren, of dat nou op lokaal, nationaal of globaal niveau is. Black Lives Matter wil een basale erkenning dat we allemaal mensen zijn, en zet zich ervoor in dat iedereen een eerlijke behandeling krijgt. Er zullen ongetwijfeld versies van Black Power zijn geweest die ook campagne wilden voeren voor een brede erkenning, zeker in de politiek, maar de radicale Black Power van Malcolm wilde het tegenovergestelde. Voor Malcolm ging het om het bepalen en definiëren van onze eigen menselijkheid en het streven was om een collectief te creëren en Black Power strijdvaardig te maken, om de bevrijding dichterbij te brengen. Voor Malcolms dood werkte hij met anderen samen om de Organization of Afro-American Unity (OAAU) op te zetten, die in veel leek op de eerdere Universal Negro Improvement Association (UNIA). Het doel was om de diaspora te verbinden aan de Afrikaanse revolutie en zo een maatschappij te creëren waarin vrijheid, rechtvaardigheid en gelijkheid waarlijk mogelijk waren.’

    Lees ook:

    De mainstreammedia, en ook het maatschappelijk middenveld, vinden het veel makkelijker om ruimte te bieden aan de nalatenschap van Martin Luther King, en die te incorporeren, dan aan de revolutionaire geest en de hartstocht van Malcolm. Cornel West heeft dat toegeschreven aan gesimplificeerde karikaturen, ‘een gekuiste Martin en een gedemoniseerde Malcolm,’ al was King tegen het einde van zijn leven duidelijk radicaler dan ten tijde van zijn ‘I have a dream’-speech, terwijl X verzoeningsgezinder was en meer openstond voor dialoog – zelfs met diegenen die hem naar het leven stonden. Waarom zou het voor Witte bevolkingsgroepen makkelijker zijn geweest om zich te verzoenen met Martin dan met Malcolm?

    ‘Malcolm en Martin staan voor heel verschillende benaderingen van Zwarte bevrijding. Martin is zonder meer gekuist maar hij kan makkelijk worden opgenomen in de mainstream omdat hij uiteindelijk geloofde dat de Verenigde Staten verlossing zouden kunnen vinden. Malcolm maakte zich echter geen illusies en was van mening dat er op zijn minst een revolutie nodig was om de sociale orde omver te werpen. Ik denk dat we niet te veel waarde moeten hechten aan de ommekeer aan het einde van hun leven. Ze hebben elkaar slechts één keer ontmoet voordat Malcolm werd vermoord en tegen het einde van zijn leven stond hij zeer kritisch tegenover Martin vanwege diens liberale standpunten. In januari 1965 werd hem op de Canadese televisie gevraagd of hij King ooit een Uncle Tom had genoemd. Malcolm legde uit dat hij die term niet snel zou gebruiken omdat hij dan aangeklaagd zou kunnen worden wegens smaad, maar dat hij wel wilde zeggen dat “Uncle Martin mijn vriend is”. Vervolgens legde hij uit waarom Martins aanpak Zwarte mensen nooit echte vrijheid zou brengen. Er is meer onenigheid geweest tussen Zwarten onderling dan tussen ons en Witten, en beide groepen staan voor verschillende politieke ideologieën, en de Witte meerderheid heeft minder moeite met de ideologie van King. King vertegenwoordigt een lange traditie van intellectuelen en activisten die zich ervoor hebben ingezet dat Zwarte mensen toegang konden krijgen tot de machtssystemen, en die druk hebben uitgeoefend om te zorgen dat die systemen werden hervormd. Hoewel dit een bedreiging kan vormen voor de dominante ideologie, kan het makkelijk worden geaccommodeerd binnen de liberale, goedbedoelende, naar links neigende politiek van de Witte meerderheid. Door ons bewust te zijn van hun privileges en ons toe te leggen op vermeend antiracistische praktijken kunnen we gezamenlijk optrekken in de richting van een zonniger toekomst. Malcolm biedt niets van een dergelijke troost, met zijn veroordeling van het politieke en economische systeem van Witte suprematie als onveranderlijk racistisch, met als enige oplossing revolutie. Hoewel King goedbedoelende Witten koesterde als een onmisbaar onderdeel van de coalitie om te komen tot raciale gelijkheid, hoeven in Malcolms analyse díe Witte mensen die waarlijk begrijpen wat hun rol is, enkel een stapje opzij te doen. Binnen de OAAU was Malcolm er heel stellig over dat “Witten ons kunnen helpen, maar zich niet bij ons kunnen aansluiten”.‘

    Ik wil graag iets dieper ingaan op de geestelijke weg naar macht en geweld die u keer op keer expliciet maakt in uw werk. U heeft betoogd dat kolonisatie en het voortdurende imperialisme een bepaalde Witte psychose blootleggen die wezenlijk onderdeel vormt van de raciale structurering van de wereld. Kunt u iets meer zeggen over wat u daar precies mee bedoelt, en wat dat betekent voor het radicale imperatief?

    ‘De psychose van Witheid is het volkomen irrationele en door waandenkbeelden bepaalde debat dat wordt gevoerd om het raciale imperialisme overeind te houden. Het Westen is opgetrokken uit een mate van geweld en barbarij die zijn weerga niet kent. De grootste genocide in de geschiedenis waarbij bijna 98 procent van de inheemse bevolking van de beide Amerika’s de dood heeft gevonden; de trans-Atlantische slavernij die miljoenen heeft geknecht en tientallen miljoenen meer heeft geruïneerd; het koloniale geweld overal ter wereld. Als gevolg daarvan is een mondiale politieke economie ontstaan naar het evenbeeld van de Witte suprematie, met Afrika als armste deel, Europa en Amerika als rijkste delen, en de rest van de wereld ergens daartussenin op een sociale, Darwiniaanse evolutieladder. Vandaag de dag sterft er elke tien seconden een kind doordat het geen water of voedsel heeft, vrijwel uitsluitend in de onderontwikkelde wereld. Onze welvaart stoelt op die dagelijkse stapel Zwarte en bruine kinderen en de psychose is bedoeld om het misplaatste gevoel te geven dat de westerse vooruitgang niet is te danken aan koloniaal geweld maar aan de vernuftigheid, de vastberadenheid en de wetenschap die we over de wereld verspreiden. Dat verklaart waarom 60 procent van de Britse bevolking van mening is dat het Britse Rijk, dat de dood van tientallen miljoenen mensen op zijn geweten heeft, de wereld veel goeds heeft gebracht; of dat de voormalige Engelse premier David Cameron er prat op gaat dat Engeland “de slavernij heeft afgeschaft”, zonder zich er rekenschap van te geven dat Engeland tot aan die tijd een van de belangrijke slavenhandelaren was. Het eurocentristische onderwijs, de pers en de media versterken de psychose, om ons allemaal te doen geloven dat onze in bloed gedrenkte handen schoon zijn, of sterker nog: dat het Westen de oplossing is voor het probleem dat het zelf heeft geschapen en waarvan het afhankelijk is.

    ‘Door in te zien dat Witheid een psychose is, wordt duidelijk dat revolutie de enige oplossing is’

    Psychose is echt het enige woord voor de stoornis en de bedrieglijke logica (zie alle hallucinaties in film en op televisie) die typerend zijn voor het begrip van ras en racisme. Zodra we inzien dat het gaat om een psychose, zullen we niet langer proberen via het onderwijs af te rekenen met racisme. Er zijn geen bewijzen of rationele argumenten die je kunt inzetten tegen mensen die in de greep zijn van een psychose. We hebben al vierhonderd jaar het gelijk aan onze kant, maar het mag niet baten. De enige manier om met een psychose om te gaan is de onderliggen stoornis aanpakken waaruit de psychose voortkomt. In dit geval is dat het politieke en economische systeem van het westers imperialisme. Door in te zien dat Witheid een psychose is, wordt duidelijk dat revolutie de enige oplossing is.’

    Gezien het feit dat Malcolm X nog vaak wordt gezien als een voorstander van positieve discriminatie (ik weet dat u wel is aangewreven dat te hebben overgenomen in recensies van auteurs die erom bekendstaan identiteit in de strijd te werpen zonder zich rekenschap te geven van hun eigen geïncorporeerde privilege), kan men zich afvragen waarom zijn werk nog altijd een niet-Zwart publiek aanspreekt. En wat hoopt u dat een Wit publiek dat vandaag de dag kennisneemt van zijn gedachten, ervan meeneemt?

    ‘Er bestaat niet zoiets als positieve discriminatie. Racisme is de logica waarop het huidige politieke en economische systeem stoelt en zo de bronnen van macht mobiliseert. Maar al te vaak worden vooroordelen verward met racisme. Een vooroordeel betekent dat je iets tegen iemand hebt op grond van een waargenomen categorie zoals huidskleur. Maar racisme is de macht om dat vooroordeel binnen de maatschappij als geheel door te voeren. Lynchpartijen in de Verenigde Staten waren op zich uitingen van vooroordelen. Wat ze racistisch maakte is het feit dat het gebeurde met de steun van de wetshandhavers en het gerecht. Het was duidelijk door de overheid gesanctioneerd geweld. Malcolm die alle Witten tot duivels uitriep, terwijl een deel van de Nation of Islam zonder meer bevooroordeeld is, maar niet racistisch. Sterker nog, de drijfveer voor de Nation of Islam om de mythe van de Witte duivel in het leven te roepen was antiracistisch, bedoeld om Zwarten te mobiliseren om af te rekenen met raciale onderdrukking.

    Malcolm had het over racisme, kolonialisme over de hele wereld, revolutie, klasse en identiteit

    Een belangrijk publiek voor Malcolm waren Witte universiteiten. Hij bezocht uiversiteiten door heel Amerika en hij sprak ook voor de Oxford Union en de University of Birmingham. Hij was mede zo populair omdat hij Witheid afwees, waarmee het publiek vaak een haast katholieke zelfkastijdingsobsessie heeft (zie Witheid als psychose). Maar zijn populariteit kwam ook doordat zijn analyses en ideeën zo inzichtelijk waren dat iedereen zich erin kon vinden. Malcolm had het over racisme, kolonialisme over de hele wereld, revolutie, klasse en identiteit, en hij bepleitte radicale maatschappelijke veranderingen. Zoals hij zei: “De waarheid staat aan de kant van de onderdrukten”, en het Zwarte radicale perspectief legt de ware aard en de condities van de maatschappij bloot.

    Malcolm bood de Witte meerderheid ook expliciet een weg om verre te blijven van het “raciale kruitvat” dat elk moment kon ontploffen. In een van zijn beroemde speeches, “The Ballot or the Bullet”, [het stembiljet of de kogel], legt hij uit dat Amerika het enige land in de geschiedenis is waar zich een “geweldloze revolutie∏ kan voltrekken, eenvoudigweg door Zwarte mensen te geven wat hun toekomt. Als het niet het stembriefje werd, waarschuwde hij, zou het vrijwel zeker de kogel worden. Malcolms werk is vandaag de dag nog altijd onverminderd belangrijk, in de zin dat hij niet alleen het racisme zelf onderkent, maar ook wat er op het spel staat als er geen oplossing komt.’

    Tot besluit wil ik even ingaan op de rol van de universiteit. We weten dat universiteiten in het verleden intellectuele legitimiteit hebben verleend aan systemen van raciale superioriteit – vaak gemaskeerd door de taal van verlichting en door een vermeend wetenschappelijk waarheidsgehalte. Hoe zou een werkelijk gedekolonialiseerde universiteit eruitzien, en is dat een haalbaar streven?

    ‘Het is onmogelijk om een universitair systeem te dekolonialiseren dat voortkomt uit het systeem van raciaal kapitalisme, en dat systeem ook in stand houdt. De reden dat de universiteit eurocentrische curricula hanteert en ernstige raciale ongelijkheden in stand houdt, heeft te maken met de functie van de universiteit binnen de maatschappij. De universiteit als een ivoren toren, een elitaire plek die is losgezongen van de rest van de wereld, en daarop neerkijkt, is een beeld dat zit ingebakken in de kennis en de praktijk van westerse universiteiten. We kunnen, en moeten, ons ervoor inzetten om zoveel mogelijk veranderingen in gang te zetten die de universiteit verrijken met nieuwe ideeën, nieuwe content en nieuwe gebruiken, al was het maar om de ervaringen draaglijker te maken voor studenten uit minderheidsgroepen. Maar bij Black Studies hebben we het over de noodzaak de universiteit te ‘koloniseren,’ door haar privileges en de middelen in te zetten om ook bevrijdingsbewegingen buiten de campus te steunen. De universiteit is een belangrijk onderdeel van het probleem, maar de oplossing zal niet van de universiteit komen. De les van Black Studies, en Malcolm is hier het perfecte voorbeeld van, is dat revolutionaire kennis alleen ontstaat in de strijd voor revolutie op plekken ver weg van de gewijde universiteitszalen, en vrijwel altijd wordt geïnstigeerd door diegenen die daar geen toegang toe hebben.’

    Kehinde Andrews

    Kehinde Andrews is de meest eloquente en invloedrijke woordvoerder voor Black Lives Matter in het Verenigd Koninkrijk. Hij werd een autoriteit in het publieke debat over racisme met zijn boek Resisting Racism: Race, Inequality and the Black Supplementary School Movement (2013) en de internationale bestseller Back to Black: Retelling Black Radicalism for the 21st Century (2018). Zijn meest recente boek is The New Age of Empire: How Racism and Colonialism Still Rule World (2021). Andrews is redacteur van de boekenreeks Blackness in Britain die bij Bloomsbury verschijnt.

    Daarnaast levert Andrews geregeld bijdragen aan onder meer The Guardian, The Washington Post en CNN, en is hij oprichter van de Harambee Organisation of Black Unity. Hij is tevens hoofdredacteur van de website Make it Plain, gericht op het verspreiden van kennis over de zwarte radicale intellectuele traditie. Andrews is hoogleraar Black Studies aan Birmingham City University.

  • Vrijspraak veroordeelden voor de moord op Malcolm X

    Vrijspraak veroordeelden voor de moord op Malcolm X

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Voor 7 euro met de trein van Madrid naar Valencia

    » Ontbossing Braziliaanse Amazone sterk toegenomen

    Rechterlijke dwaling na 55 jaar eindelijk hersteld

    Het is een wending die ‘het officiële verhaal herschrijft van een van de meest beruchte moorden uit het tijdperk van de burgerrechtenbeweging’ in de Verenigde Staten, aldus The New York Times, die het verhaal op woensdag 17 november naar buiten bracht. Na een nieuw onderzoek van tweeëntwintig maanden wil de openbaar aanklager van Manhattan de twee mannen vrijspreken die in 1965 zijn veroordeeld voor de moord op de zwarte activist Malcolm X in New York.

    ‘Deze mannen hebben niet het recht gekregen dat ze verdienden (…). Wat we wel kunnen doen is die fout erkennen, de ernst van die fout’, zei openbaar aanklager Cyrus Vance tegen de Amerikaanse krant.

    ‘Dit had nooit mogen gebeuren. Het was en is het gevolg van een proces dat tot in de kern corrupt is’

    Het Innocence Project, een organisatie die strijdt tegen gerechtelijke dwalingen, heeft donderdag bij het Hooggerechtshof van New York een ‘gezamenlijke brief’ ingediend, samen met de openbaar aanklager en de advocaten van de twee mannen, om de veroordelingen uit 1966 ongedaan te maken van Muhammad Aziz, die in 1985 uit de gevangenis werd vrijgelaten en nu 83 is, en Khalil Islam, die na het uitzitten van zijn straf in 1987 werd vrijgelaten en in 2009 overleed.

    ‘Dit had nooit mogen gebeuren. Het was en is het gevolg van een proces dat tot in de kern corrupt is’, zei Muhammad Aziz in een verklaring die door zijn advocaten werd vrijgegeven, geciteerd door The Washington Post.

    Het besluit om de twee mannen vrij te spreken ‘vertegenwoordigt een opmerkelijke erkenning van de grove fouten die zijn gemaakt in een zaak van vitaal belang: de moord op een van Amerika’s invloedrijkste zwarte leiders’, aldus The New York Times. Malcolm X werd neergeschoten door drie schutters in de Audubon Ballroom, een drukbezochte zaal in Harlem, toen hij aan een toespraak begon.

    ‘Al tientallen jaren hebben historici vraagtekens gezet bij de beschuldigingen tegen Mohammed Aziz en Khalil Islam’, aldus het dagblad uit New York. In 2020, nadat Netflix een ‘explosieve’ documentaire had uitgezonden – Who Killed Malcolm X?, waarin twijfel wordt gezaaid over de schuld van de twee mannen –, vroeg Cyrus Vance zijn teams om de zaak opnieuw te onderzoeken.

  • VS: Republikeins Congreslid berispt om gewelddadige video

    VS: Republikeins Congreslid berispt om gewelddadige video

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Belarus biedt opvang voor migranten en presenteert zich als ‘weldoener’

    » Australië verliest buitenlandse studenten door lockdowns

    Paul Gosar publiceerde een filmpje waarin hij een collega vermoordt

    Op dezelfde dag dat FvD-Tweede Kamerlid Pepijn Houwelingen zijn D66-collega Sjoerd Sjoerdsma bedreigde werd in de Verenigde staten de Republikeinse afgevaardigde uit Arizona, Paul Gosar, op de vingers getikt voor het publiceren van een gewelddadige video.

    Na het posten van een animatiefilmpje op Twitter waarin te zien is hoe hij de Democratische afgevaardigde Alexandria Ocasio-Cortez vermoordt en president Joe Biden aanvalt met twee zwaarden, werd Paul Gosar ‘de eerste volksvertegenwoordiger in meer dan een decennium die een motie van afkeuring tegen zich krijgt’.

    ‘Het debat legde opnieuw een politieke cultuur bloot die in een neerwaartse spiraal zit’

    De Democraten ‘probeerden een rode lijn te trekken tegen opruiende politieke retoriek’, maar ‘slaagden daar maar half in’, schrijft The Hill. De stemming over de motie, aangenomen met 223 tegen 207, verliep ‘bijna geheel langs partijgrenzen’.

    ‘De motie tegen Gosar toonde dat een meerderheid van het Huis van Afgevaardigden bereid is om op te treden tegen bedreigingen. Maar het debat legde ook opnieuw een politieke cultuur bloot die in een neerwaartse spiraal zit‘, concludeert de politieke nieuwssite.

    Lees ook:

  • Patrick J. Deneen: ‘De nieuwe aristocratie verbloemt haar bevoorrechte positie’

    Patrick J. Deneen: ‘De nieuwe aristocratie verbloemt haar bevoorrechte positie’

    De huidige elite houdt zich opzettelijk blind voor haar bevoorrechte positie en bekommert zich daarom niet meer om lagere klassen, stelt politicoloog Patrick J. Deneen. Zijn studenten geloven – net als Marx – dat lageropgeleiden vatbaarder zijn voor een ‘vals bewustzijn’.

    Nexus-conferentie: ‘Revolutie van de hoop‘

    ‘Revolutie van de hoop’ is dit jaar het onderwerp van de Nexus-conferentie. Met als hoofdvraag: Waar vinden we, te midden van al onze hedendaagse crises, de revolutionaire hoop, moed en creativiteit om nieuwe werelden vorm te geven? 

    Op zaterdag 20 november komen sprekers als Giuseppe Conte, Patti Smith, Wole Soyinka en Mary L. Trump bijeen in Amsterdam om een antwoord te formuleren op deze vragen.

    Deze week publiceert 360 Magazine artikelen en speeches van de sprekers van de Nexus-conferentie ‘Revolution of Hope’. De derde in de reeks is Patrick J. Deneen, universitair hoofddocent Politieke Wetenschappen aan de universiteit van Notre Dame.

    Tijdens een van de verfoeilijkste momenten in Plato’s De Staat suggereert Socrates dat de ideale stad een stichtingsmythe nodig heeft – wat hij een ‘nobele leugen’ noemt – om zich van succes te verzekeren. De mythe bestaat uit twee delen. Volgens het eerste deel stamt iedereen in de stad af van dezelfde moeder, waarmee het geloof wordt aangemoedigd dat alle inwoners van de stad een gemeenschappelijke oorsprong hebben en familie van elkaar zijn. Volgens het tweede behoort iedereen al bij de geboorte tot een bepaalde klasse op grond van zijn of haar talenten en bekwaamheden, die worden aangeduid door een metaal dat iedere ziel bij de geboorte is toebedeeld: de heersende klasse goud; ministers, soldaten en hoge ambtenaren zilver; arbeiders brons en ijzer.

    Socrates betoogt dat om de stad succesvol te laten zijn, alle burgers beide delen van de mythe moeten geloven. De mythe probeert tegelijkertijd te verenigen en te differentiëren, te verklaren wat gemeenschappelijk en verschillend is, en ondanks aanzienlijke verschillen burgerlijk patriottisme te kweken. Het eerste deel moedigt burgerlijke betrokkenheid, gemeenschappelijke opofferingsgezindheid en het geloof in een algemeen welzijn aan. Het tweede rechtvaardigt het bestaan van ongelijkheid als een permanent kenmerk van de menselijke samenleving.

    Socrates aarzelt zelfs om hardop over de mythe te spreken, omdat hij beseft hoezeer die zijn gehoor vermoedelijk tegen de borst zal stuiten. Bovendien erkent hij dat er veel overtuigingskracht nodig zal zijn – vermoedelijk generaties lang – voordat de mythe door de stedelingen wordt geaccepteerd, en ook dan zal de heersende klasse zich er vermoedelijk niet door laten overtuigen. Als er één bevolkingsgroep is die de mythe waarschijnlijk zal accepteren, oppert hij, dan is het de ongeschoolde werkende klasse.

    Bedrog

    Wanneer ik de nobele leugen tijdens mijn colleges aan mijn studenten voorleg, valt hij niet in goede aarde, zoals Socrates al had voorspeld. Zij hebben moeite met het idee dat een rechtvaardig bestel op bedrog moet zijn gegrondvest. Maar wat hun nog meer ergert is de suggestie dat de rechtvaardige stad op ongelijkheid moet zijn gegrondvest. Als goede progressieve democratische burgers verafschuwen ze de suggestie dat ongelijkheid kan worden bestendigd als een geboorterecht, en ze vereenzelvigen zich met het onrecht dat de zwaksten in de samenleving wordt aangedaan. Van de twintig jaar die ik college gaf aan Princeton, Georgetown en Notre Dame kan ik me geen enkele student herinneren die geen moeite met de mythe had. De meesten vonden hem ronduit weerzinwekkend.

    Op de vraag waarom het moeilijker zal zijn de heersende klasse van de waarheid van de nobele leugen te overtuigen, zeggen de meeste studenten te geloven dat de heersende klasse door haar hogere opleiding en grotere intelligentie beter bestand is tegen propaganda, terwijl de eenvoudige werkende klasse vermoedelijk ten prooi valt aan bedrog omdat ze haar eigen belangen onvoldoende onderkent. Door te geloven dat lageropgeleiden vatbaarder zijn voor een ‘vals bewustzijn’ kiezen mijn studenten impliciet de kant van Marx.

    Lees ook het artikel van een van de andere sprekers van de Nexus-conferentie:

    Plato wil dat wij de mythe anders begrijpen. Anders dan Marx geloofde hij niet dat de leden van de lagere klasse vermoedelijk hun eigen belangen niet zouden onderkennen. De lagere klasse zal de mythe vermoedelijk accepteren omdat ze beseft dat die in haar voordeel werkt. Haar leden zijn zich er scherp van bewust dat er ongelijkheid bestaat. Dat deel van de ‘leugen’ komt hun nauwelijks als onwaar voor. Wat nieuw is, en wat in hun voordeel werkt, is het idee dat zowel de lagere als de heersende klasse gebaat is bij ongelijkheid. Dat wil zeggen, het werk van leden met edele metalen in hun ziel moet ten goede komen aan iedereen, ook aan degenen wier ziel het met onedele metalen moet stellen. Leden van de heersende klasse daarentegen zullen de mythe vermoedelijk niet geloven uit eigenbelang. Zij schrikken terug voor de bewering dat iedereen, ongeacht rang of stand, tot dezelfde familie behoort. Ze willen niet dat de voordelen die wellicht alleen hun klasse ten goede zullen komen ten bate van het geheel zullen worden aangewend.

    Alleen als iedere groep ieder deel van de ‘leugen’ accepteert, legt Socrates uit, komt er een soort sociaal contract tot stand

    Alleen als iedere groep ieder deel van de ‘leugen’ accepteert, legt Socrates uit, komt er een soort sociaal contract tot stand. Zowel de elite als de gewone man accepteert het deel van de mythe dat hun niet aanspreekt omwille van het deel dat dat wel doet. De elite geniet aanzien in een samenleving die ongelijkheid rechtvaardigt; de gewone man is het beste af in een samenleving die afdwingt dat de elite zich in dienst stelt van het geheel. In plaats van te werk te gaan als strijdende partijen, zetten beide kanten zich in voor het algemeen nut.

    Zo’n compromis is moeilijk te bereiken. Een groot deel van de rest van De Staat gaat over de vraag hoe de heersende klasse kan worden overreed, of zelfs gedwongen, haar lot aan de rest van de stad te verbinden, in plaats van de anderen simpelweg te domineren of te negeren. Omdat ongelijkheid een onmiskenbaar feit is, ziet Plato het als een grote uitdaging voor de politiek om de bevoordeelden ervan te overtuigen dat zij zichzelf als deel van het geheel moeten beschouwen.

    Vergelijk de reactie op deze ‘nobele leugen’ die Socrates van de heersende klasse verwachtte eens met de typische reactie van studenten aan elite-universiteiten. De huidige elitestudenten vinden de mythe vooral verwerpelijk omdat deze uitgaat van eeuwige ongelijkheid door de generaties heen. De onderlinge verwantschap lijkt weinig problematisch en zelfs oninteressant. Wat verklaart dat de heersende klasse van onze tijd kennelijk heel andere dingen als schandalig ervaart en zich daartegen verzet?

    Activisme

    Campussen van elite-universiteiten zijn broeinesten van activisme tegen ongelijkheid, vooral op het gebied van huidskleur, geslacht, invaliditeit en seksuele geaardheid. De afgelopen jaren hebben studenten van UC Berkeley tot Reed College geprotesteerd tegen voorbeelden van vermeende vooringenomenheid, maar weinig incidenten hebben zoveel opzien gebaard als het protest waaronder de socioloog Charles Murray op 2 maart 2017 werd bedolven op Middlebury College in Vermont. Voordat hij een woord had kunnen uitbrengen werd Murray getrakteerd op twintig minuten boegeroep van honderden studenten in zijn gehoor. Om het geplande gesprek toch nog te kunnen voeren moesten hij en zijn gastheer, professor Allison Stanger, de collegezaal verruilen voor een privévertrek. Studenten volgden hen en sloegen op de muren en ramen. Toen ze ten slotte naar buiten kwamen, ging de menigte Murray en Stanger te lijf, waarbij Stanger nekletsel en een hersenschudding opliep.

    Murray was uitgenodigd om over zijn boek Coming Apart te komen praten, een studie over de toenemende ongelijkheid tussen rijke en arme witte Amerikanen tussen 1960 en 2010. Murrays boek concentreert zich op twee fenomenen. Ten eerste wijst hij erop dat Amerikanen in afzonderlijke geografische enclaves zijn opgedeeld op grond van rijkdom, klasse en opleiding. Ten tweede wijst hij op de ongekend hoge sociale problematiek bij arme en laagopgeleide Amerikanen, zoals echtscheidingen, buitenechtelijke kinderen, misdaad, drugsverslaving, werkloosheid, faillissementen, isolatie en wetteloosheid.

    De studenten die Murray het spreken beletten komen voornamelijk uit wat Murray de ‘HPY-bubbel’ noemt, Harvard, Princeton en Yale, universiteiten waar een opmerkelijke ideologische, economische en sociale homogeniteit heerst. Een diploma van een opleiding als Middlebury College is het paspoort om in de HPY-bubbel te geraken. Je komt er niet zomaar binnen. Volgens het U.S. News and World Report bezet Middlebury samen met Pomona College de zesde plaats op de ranglijst van Amerikaanse alfa-colleges, na Williams, Amherst, Bowdoin, Swarthmore en Wellesley. In 2017 werd maar zeventien procent van de aanmeldingen geaccepteerd. Studenten moeten een gemiddelde studiepuntenscore van 1450 van de 1600 hebben. De kosten van onderwijs plus kost en inwoning bedragen ruim 64.000 dollar per jaar.

    Het gevolg was dat de elitestudenten zelfvoldaan konden volharden in hun demonstratieve steun aan het gelijkheidsbeginsel

    Je zou denken dat studenten van zo’n opleiding zeer geïnteresseerd zouden zijn in een lezing over de grondslagen en implicaties van economische en klassenverschillen in het huidige Amerika. Je zou zelfs verwachten dat als de studenten aanstoot namen aan ongelijkheid, ze zich door Murray zouden hebben laten inspireren om hun onlustgevoelens op Middlebury College bot te vieren als bestendiger van klassenverschillen of zelfs op zichzelf als gewillige deelnemers aan die bestendiging. Je zou op zijn minst hebben gedacht dat ze geïnteresseerd zouden zijn in een analyse van de rol die opleidingsinstituten spelen bij het creëren en handhaven van ongelijkheid. In plaats daarvan joelden ze, uit naam van de ongelijkheid zelf, de man uit die met hen kwam spreken over hun rol bij de bestendiging van die ongelijkheid.

    Natuurlijk was het niet het onderwerp van Murrays lezing waartegen werd geprotesteerd, maar het feit dat hij in zijn boek The Bell Curve uit 1994 statistische IQ-verschillen tussen verschillende etniciteiten ter sprake had gebracht. Maar het belangrijkste thema van dat boek was de zorg dat sociale selectie de klassenverschillen in Amerika zou vergroten, precies het soort selectie dat door eliteopleidingen als Middlebury wordt bevorderd. Het prettige gevolg van de heftige protesten tegen Murray was dat er geen verder onderzoek hoefde te worden gedaan naar de wijdverbreide klassenverschillen in het huidige Amerika, en dat de elitestudenten van de eliteopleiding Middlebury zelfvoldaan konden volharden in hun demonstratieve steun aan het gelijkheidsbeginsel.

    Eigenbelang

    Zoals veel demonstraties tegen ongelijkheid op campussen van elite-universiteiten was het protest tegen Murray een echo van het verzet van de heersende klasse tegen de nobele leugen. De heersende klasse ontkent dat ze eigenlijk een zichzelf bestendigende elite is die niet alleen bepaalde vooroordelen heeft geërfd maar die ook wil doorgeven. Om dat te maskeren omschrijven ze zichzelf als de voorhoede van het streven naar gelijkheid, waarbij ze hun hogere status in feite ontkennen, evenals het feit dat ze door het handhaven van de klassenscheiding hun minder fortuinlijke landgenoten in een erbarmelijke en gevaarlijke situatie brengen. Je komt zelfs in de verleiding te concluderen dat hun hardnekkige verdediging van het gelijkheidsbeginsel een manier is om zich te ontdoen van werkelijke verplichtingen tegenover de lagere klasse die steeds verder uit hun geografische zicht en hun denkwereld verdwijnt. Omdat ze ongelijkheid verfoeien, hoeven ze zichzelf niet bewust als een heersende klasse te beschouwen. Door te ontkennen dat het zeer in hun eigenbelang is om hun elitepositie te handhaven, gaan ze er moeiteloos vanuit dat ze in onderlinge verwantschap geloven, zolang dat hun positie maar niet bedreigt. Het deel van de nobele leugen dat de elite ooit de stuipen op het lijf zou hebben gejaagd, namelijk de aanspraak op onderlinge verwantschap, is inmiddels irrelevant; in plaats daarvan verzetten ze zich tegen het niet-egalitaire deel van de mythe dat destijds, net als nu, voor zowel de elite als de lagere klasse vanzelfsprekend zou zijn geweest. De huidige lagere klasse zal haar ongelijkheid vermoedelijk evenzeer herkennen als die van Plato. Het is de elite die vatbaar lijkt voor een ‘vals bewustzijn’.

    ‘Wanneer de kloof tussen ideaal en realiteit te groot wordt, bezwijkt het systeem’

    Het domein van de nieuwe elite is al lange tijd voorspeld en het meest overtuigend besproken door maatschappijcritici als Michael Young, C. Wright Mills en Christopher Lasch. Tot de kundigste chroniqueurs van de nieuwe elite behoort columnist David Brooks van de New York Times, die in april 2001 een essay publiceerde, ‘The Organization Kid’ getiteld, waarin hij beschreef hoe de witte Amerikaanse aristocratie werd vervangen door een meritocratie. Nadat hij verscheidene weken onder studenten op de campus van Princeton had verkeerd, concludeerde Brooks dat er aan deze regimeverandering bepaalde voordelen kleefden maar beslist ook nadelen. Een nadeel was in zijn ogen de teloorgang van het ‘noblesse oblige’, de zorg van de heersende klasse voor mensen die minder fortuinlijk waren omdat ze het minder getroffen hadden met hun geboorte en afkomst. Brooks stelde dit tegenover het oude ideaal van de witte aristocratie dat op burgerlijke, militaire en protestantse waarden was gebaseerd: ‘Het Princeton uit die dagen had tot doel geprivilegieerde mannen uit hun prominente familie te halen en hen weerbaar te maken, hun een gevoel van maatschappelijke verantwoordelijkheid bij te brengen dat was gebaseerd op de code van de gentleman en noblesse oblige. Kortom, het had tot doel hun ridderlijkheid bij te brengen.’ Noblesse oblige verschafte de oude aristocratische orde een zekere mate van legitimiteit. Het stelde de heersende klasse in staat te beweren dat hun handelen niet uitsluitend door eigenbelang werd ingegeven, maar de hele gemeenschap ten goede kwam, vooral de amen en machtelozen. Het beeld van de dolende ridder die de jonkvrouw in nood te hulp schiet was een romantische en dramatische weergave van een veel bredere ethiek, namelijk die van de sterke die de zwakke beschermt. Het ancien régime, gebaseerd op bestuur door een erfelijke aristocratie die het belang van de hele gemeenschap voor ogen had, werd omvergeworpen omdat de meeste mensen niet langer in het idee ervan geloofden. Het vleiende zelfportret dat het régime schilderde van een paternalistische en zorgzame bovenklasse werd steeds meer gezien als een door eigenbelang ingegeven rationalisering en een vorm van maatschappelijk zelfbedrog ten dienste van de status quo. Barbara Tuchman beschreef de legitimiteitscrisis van de riddercode in haar boek A Distant Mirror:

    ‘Het ideaal was handhaving van de orde door de strijdende klasse naar het voorbeeld van de Ronde Tafel, de volmaaktste vorm in de natuur. De ridders van koning Arthur namen het op tegen draken, tovenaars en goddelozen om orde te scheppen in een woeste wereld. Dus hun levende tegenhangers werden in theorie geacht te fungeren als verdedigers van het geloof, handhavers van het recht en beschermers van de onderdrukten. In werkelijkheid waren zijzelf de onderdrukkers, en in de veertiende eeuw waren geweld en de wetteloosheid van de mannen van het zwaard een belangrijke oorzaak voor wanorde geworden. Wanneer de kloof tussen ideaal en realiteit te groot wordt, bezwijkt het systeem. Uit de legendes en verhalen blijkt dit keer op keer: in de Arthurromans wordt de Ronde Tafel van binnenuit vernietigd.’

    We kunnen het er snel over eens zijn dat er een kloof bestond tussen de zelfverklaarde ethiek van het noblesse oblige en de feitelijke daden van de adelstand van het ancien régime. Maar net als degenen die het politieke bestel gedurende de middeleeuwen veelal als een vanzelfsprekend natuurlijk gegeven beschouwden, beziet de huidige elite haar meritocratische rechtvaardiging van haar status en positie maar zelden met een sceptische blik.

    Oogkleppen

    Waar de elite zich wellicht opzettelijk blind houdt voor de aard van haar positie, ziet de rest van de samenleving duidelijk waar ze mee bezig is. De opstand van de arbeidersklasse overal in het ontwikkelde Westen komt voort uit een idee van onrechtmatigheid, van een kloof tussen de aanspraken van de heersende klasse en de realiteit die wordt ervaren door degenen over wie wordt geheerst. Het is geen toeval dat het socialistisch links en autoritair rechts zijn die in opstand komen, twee stromingen die zich nu beide verzetten tegen staatskapitalisme, een heersende klasse van managers, de financialisering van de economie en globalisering. De populistische opstand daagt de liberale orde zelf uit.

    Onze heersende klasse heeft grotere oogkleppen op dan die van het ancien régime. Anders dan de oude aristocraten houden ze vol dat hun exclusieve instellingen uitsluitend door voorstanders van gelijkheid worden bevolkt. Ze gaan luidkeels prat op hun eigen deugdzaamheid en zetten zich dubbel zo hard in voor diversiteit en inclusie. Ze schilderen fanatieke ultraconservatieven af als de grote belemmering voor volstrekte gelijkheid, en niet de elite-instellingen waarvan zijzelf profiteren. De instellingen die verantwoordelijk zijn voor het scheiden van de sociale en economische winnaars van de verliezers zijn grotendeels doof voor kritiek en lopen te koop met hun onafgebroken inzet voor het gelijkheidsbeginsel. De meritocratische ideologie verbloemt de rol die de heersende klasse zelf speelt bij het laten voortbestaan van de ongelijkheid en cultiveert zelfs een bredere sociale ecologie waarbinnen degenen die niet tot de heersende klasse behoren te kampen hebben met tal van sociale en economische kwalen die steeds kenmerkender worden voor de Amerikaanse lagere klasse. Om de realiteit onder ogen te zien zouden er dringende vragen moeten worden gesteld over de agenda die aan de inzet voor ‘diversiteit en inclusie’ ten grondslag ligt. Dat is wel het minste wat je van onze zelfverklaarde toewijding aan ‘kritisch denken’ zou mogen verwachten, maar de kans is groot dat zulke vragen zullen worden weggewimpeld, soms op een gewelddadige manier, op de hedendaagse campussen.

    Lees ook het artikel van een van de andere sprekers van de Nexus-conferentie:

    Uit gelijkheidscampagnes die zich eerder op de inclusie van identiteitsgroepen richten dan op een onderzoek naar de klassenscheiding blijkt een ontstellend gebrek aan nieuwsgierigheid naar de medeplichtigheid aan een systeem dat de status van de elite generaties lang heeft veiliggesteld. Aandacht voor diversiteit en inclusie op grond van ‘ascriptieve’ kenmerken als ras, geslacht, invaliditeit of seksuele geaardheid stelt de heersende klasse in staat de klassenverschillen over het hoofd te zien en zich te concentreren op ongekozen vormen van identiteit. Diversiteit en inclusie passen keurig in de meritocratische structuur en houden de structuur van de nieuwe aristocratische orde stevig in het zadel.

    Harvard heeft mooi praten met haar verzet tegen uitsluiting: in 2017 werd maar vijf procent van de aanmeldingen gehonoreerd

    Dit verklaart mede de merkwaardige en vaak hysterische nadruk die de meeste elitaire en exclusieve instellingen in de VS op het gelijkheidsbeginsel leggen. Het meest recente absurde voorbeeld was de officiële poging van Harvard University om, in de woorden van haar bestuursvoorzitter, gezelligheidsverenigingen op te heffen vanwege hun rol ‘in het handhaven van vormen van bevoorrechting en uitsluiting die strijdig zijn met onze diepste waarden’. Harvard heeft mooi praten met haar verzet tegen uitsluiting: in 2017 werd vijf procent van de aanmeldingen (2056 van de 40.000) door de universiteit gehonoreerd. Het ontkennen van bevoorrechting en uitsluiting lijkt gelijke tred te houden met de exclusiviteit van de instelling.

    De veelgeprezen inzet voor gelijkheid, inclusie en diversiteit is niet alleen een denkmantel voor institutioneel elitarisme. Hij impliceert ook dat iedereen die desondanks buiten de boot valt zijn lagere status verdient. Als de elite haar sociale status, rijkdom en positie voornamelijk als het resultaat van haar eigen inspanning en werk beschouwt (en zeker niet van geboorte of erfenis), dan hebben zij die in de lagere klasse blijven hangen daar volgens diezelfde logica zelf voor gekozen. Dit geringschattende standpunt wordt ingenomen door prominente stemmen aan zowel de rechter- als de linkerzijde van het politieke spectrum. Zo zei James Stimson, hoogleraar Politieke Wetenschappen aan de University of North Carolina, onlangs tegen de New York Times:

    ‘Als we kijken naar het gedrag van mensen die in behoeftige buurten wonen, dan zien we niet het effect van economische achteruitgang op de arbeidersklasse, we zien een uiterst selectieve groep mensen die met economische tegenspoed is geconfronteerd en ervoor heeft gekozen thuis te blijven en die te accepteren, terwijl anderen elders hun heil hebben gezocht en gevonden. (…) Degenen die angstig zijn, conservatief in maatschappelijke zin, en ambitie ontberen, blijven waar ze zijn en accepteren de achteruitgang.’

    Om een samenleving te laten functioneren moeten er tegelijkertijd twee schijnbaar tegenstrijdige overtuigingen worden gehuldigd: wij zijn radicaal verschillend en radicaal gelijk

    Met andere woorden, het is hun eigen schuld. Ze verdienen het om te verliezen, zoals de meritocraten van Harvard het verdienen om te winnen.

    Dat de heersende klasse van tegenwoordig eerder geneigd is ongelijkheid te veroordelen vanaf haar gemanicuurde campus dan dat ze naar buiten treedt om haar geloof in een gemeenschappelijk burgerbestaan uit te dragen is geen teken van grotere verlichting en vooruitgang, maar toont aan dat er een nieuwe aristocratie is ontstaan die zich niet bewust is van haar eigen positie en de verantwoordelijkheden die daarbij horen. Ze laat zich misleiden door een geüpdatete ‘nobele’ leugen.

    Nu, bijna vijfentwintighonderd jaar later, lijkt Plato’s nobele leugen toch zo onwaar nog niet. Om een samenleving te laten functioneren moeten er tegelijkertijd twee schijnbaar tegenstrijdige overtuigingen worden gehuldigd: wij zijn radicaal verschillend en radicaal gelijk. We zijn uiterst gedifferentieerd maar met elkaar verbonden. We zijn vaak tot radicaal verschillende taken geroepen, maar die taken zijn bedoeld om het geheel ten goede te komen. Plato dacht dat mensen het ‘feitelijke verschil’ gemakkelijk zouden kunnen onderkennen, omdat het zo vanzelfsprekend is voor onze zintuigen, zij het niet altijd gemakkelijk te accepteren voor mensen met een lagere status. De uitdaging was het kweken van een geloof in een gemeenschappelijke oorsprong en onderlinge verwantschap. De Staat van Plato was één poging om deze uitdaging te beantwoorden, zij het een nogal absurde en ongeloofwaardige (zoals Socrates meteen toegaf). Vandaag de dag hebben we twee mogelijke antwoorden.

    Liberale samenleving

    Zolang Amerika als natie bestaat, is het Amerikaanse credo altijd aan verwarde en uiteenlopende invloeden onderhevig geweest. De eerste was die van het politiek liberalisme. Dat legt de nadruk op individuele rechten en vrijheden en belooft dat als we ons gezamenlijk inzetten voor de totstandkoming van een liberale samenleving, onze uitgesproken en vaak onverzoenlijke verschillen beschermd zullen worden. Het liberalisme propageert politieke eenheid als een manier om onze persoonlijke verschillen veilig te stellen.

    De andere invloed was die van het christendom. Dat benadert de vraag vanuit het tegenovergestelde perspectief, met begrip voor onze verschillen om een sterkere eenheid te kweken. Dit is de krachtige boodschap van Paulus in 1 Korintiërs 12 en 13, waarin hij de kibbelende christenen van Korinthe vraagt te begrijpen dat hun gaven niet ter meerdere glorie van een bepaalde persoon of een bepaald slag mensen zijn, maar van het lichaam als geheel. John Winthrop herhaalde deze leerstelling in zijn zelden gelezen, vaak verkeerd geciteerde preek ‘A Model of Christian Charity’, die hij hield aan boord van de Arbella. Winthrop begint met de vaststelling dat mensen overal en altijd in lagere en hogere standen worden geboren; de armen zijn altijd onder ons, zoals Christus opmerkte. Dit onderscheid werd echter niet toegestaan om de eersten af te vallen en de tweeden te prijzen, maar ter meerdere glorie van God, opdat allen weten dat zij elkaar nodig hebben en verantwoordelijk zijn voor het delen van bepaalde gaven tot nut van het algemeen. Verschillen in talent en omstandigheden bestaan om een sterkere eenheid te bevorderen.

    Een samenleving die alleen is gebaseerd op een gemeenschappelijk geloof in individuele verschillen zal uitlopen op een totale oorlog

    Zolang het liberalisme niet volledig zichzelf was, zolang het werd gecorrigeerd en zelfs gestuurd door het christendom, was een werkend sociaal contract mogelijk. In het christendom wordt verschil tot eenheid geordend. In het liberalisme wordt eenheid gewaardeerd zolang het verschil bevordert. Het Amerikaanse experiment vermengde en verwarde deze twee begrippen, maar alleen net genoeg om er een blijvende bron van zorg van te maken. De balans was nooit perfect omdat er altijd te veel ontbrak, slingerde altijd heen en weer tussen een quasi-theologische verkondiging van eenheid en ontworteld individualisme. Maar er bleek bijna tweehonderdvijftig jaar lang mee te leven. De recente sterke afname van gelovigheid en christelijke morele normen wordt door velen als een triomf van het liberalisme beschouwd, en dat is het in zekere zin ook. Tegenwoordig wordt onze eenheid vrijwel volledig in het licht van onze verschillen gezien. We komen bijeen… om diversiteit te vieren. En tegenwoordig fungeert de viering van diversiteit ten slotte altijd als masker voor macht en ongelijkheid.

    In deze opzet vigeert de taal van het recht. Maar zoals Simone Weil decennia geleden al opmerkte, is de taal van het recht uiteindelijk niet in staat een gemeenschappelijk leven op te bouwen, of zelfs maar in stand te houden:

    ‘Als je tegen iemand met oren om te horen zegt: “Wat je me aandoet is onjuist,” dan wakker je aandacht en liefde aan in hun meest oorspronkelijke vorm. Maar dat geldt niet voor woorden als “ik heb het recht…” of “jij hebt het recht niet om…”. Die lokken een latente oorlog uit en wakkeren tweespalt aan. Door van het rechtenidee het middelpunt van sociale conflicten te maken wordt beide kanten iedere aandrang tot naastenliefde ontnomen.’

    Weil voorspelde wat we nu meemaken. Na meer dan twee eeuwen kunnen we niet langer stellen dat christendom en liberalisme met elkaar verenigbaar zijn. Het liberalisme is in opkomst, maar het zal een pyrrusoverwinning behalen. Een samenleving die alleen is gebaseerd op een gemeenschappelijk geloof in individuele verschillen zal uitlopen op een totale oorlog. De natuurlijke staat ligt niet in een denkbeeldig verleden; hij is duidelijk zichtbaar in een nabije en maar al te reële toekomst.

    De nieuwe aristocraten denken dat we de behoefte aan het christendom, dat ze als een even leugenachtige mythe beschouwen als de nobele leugen van Plato, zijn ontstegen. Ze geloven dat ze door het verwerpen van de oude mythen de voorhoede van een nog gelijkwaardiger samenleving kunnen worden. Ze hebben geen oog voor het feit dat deze aanspraak een vorm van statushandhaving is, zodat ze een sterkere gemeenschappelijke band met degenen die ze als achterlijk beschouwen kunnen ontkennen. De elite verfoeit populisten maar ontkent dat zijzelf een klassenoorlog heeft ontketend. Ze hekelt de afstotelijkheid van Donald Trump en is zich totaal niet bewust van haar medeplichtigheid aan zijn opkomst.

    We bevinden ons in een gebied dat nog niet in kaart is gebracht. Het liberalisme heeft gedurende zijn hele geschiedenis gecoëxisteerd met het christendom, waarbij het christendom de harde kantjes van de heersende politieke filosofie afschaafde en de elite verplichtte haar bevoorrechte positie te erkennen, evenals de daaruit voortvloeiende verantwoordelijkheden en verplichtingen jegens de minder fortuinlijken. De volstrekte minachting van de hedendaagse elite voor de arbeidersklasse is een weerspiegeling van onze pas ontdekte ‘verlichting’, zoals de overtuiging van de lagere klasse dat alleen een sterke en even minachtende leider de elite in bedwang zal kunnen houden dat ook is. Het liberalisme is erin geslaagd de oude goden van het openbare plein te verwijderen, zodat het een onguur strijdperk is geworden voor ongelijken die niets gemeenschappelijks meer bij elkaar herkennen. Of dat plein weer gevuld kan worden met opnieuw vertelde oude verhalen over een gemeenschappelijke oorsprong en bestemming, of dat het gewoon gedomineerd moet worden door degene die de sterkste blijkt, is de uitdaging voor ons tijdperk.

    Patrick J. Deneen

    Patrick J. Deneen is een internationaal gerenommeerd politiek denker en universitair hoofddocent Politieke Wetenschappen aan de universiteit van Notre Dame. Hij publiceerde over democratie, Amerikaanse politieke filosofie, politieke theologie, religie en Amerikaans liberalisme, en literatuur en politiek.

    Deneen schreef meerdere boeken, waaronder Why Liberalism Failed (2018), dat werd vertaald in vijftien talen. Het boek werd een veelbesproken titel en heeft nog steeds grote invloed op het denken over liberalisme. President Barack Obama liet zich lovend uit over Deneens boek en schreef dat ‘het de lezer dieper inzicht verschaft in het verlies van gemeenschapszin die velen in het Westen voelen, en de onderkenning van de waarde ervan in liberale democratieën’.

  • Amerikaans dorp lokt thuiswerkers met gratis oppas

    Amerikaans dorp lokt thuiswerkers met gratis oppas

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Zuid-Afrikaanse kinderen verkopen wifiwachtwoorden voor lunchgeld

    » Pandora Papers: Chileense president ontsnapt aan impeachment

    Greensburg, Indiana, biedt gratis oppasopa‘s en -oma’s aan

    Greensburg, een Amerikaanse plattelandsgemeente in het zuidoosten van Indiana, op zo’n 80 kilometer van Indianapolis, heeft de interesse weten te wekken van honderden gezinnen die nu overwegen erheen te verhuizen. De gemeente biedt namelijk ‘grootouders’ aan om op kinderen te passen, als onderdeel van een stimuleringsprogramma dat beoogt om mensen aan te trekken die thuis werken. Greensburg biedt deze gratis service de komende zes tot twaalf maanden aan als onderdeel van een programma dat ‘Grandparents on Demand’ is genoemd, aldus ABC News.

    Slechts twee weken na de lancering van het initiatief zijn er al meer dan duizend aanmeldingen binnengekomen, volgens Evan Hock, medeoprichter van MakeMyMove, een online bedrijf dat thuiswerkers in het hele land in contact brengt met dergelijke lokkertjes. Volgens Hock heeft het unieke aanbod een ‘belangrijke bijdrage’ geleverd aan de grote interesse. Nu al wordt overwogen om het Greensburg-programma op te schalen, afhankelijk van de beschikbaarheid van woningen.

  • ‘Scambaiters’: de oplichters die oplichting bestrijden

    ‘Scambaiters’: de oplichters die oplichting bestrijden

    Internetoplichting is tijdens de pandemie met 83 procent toegenomen. Slachtoffers zijn vooral ouderen. Toen ook Rosie Okumura’s moeder werd ‘gescamd’, besloot ze terug te vechten en de oplichters zo veel mogelijk treiteren. ‘Het is grappig, het is leuk om te doen en mensen worden er blij van.’

    Drie of vier keer per week zit de vijfendertigjarige Rosie Okumura een uur of twee te bellen met dieven die ze in de maling neemt. Rosie is een stemactrice in Los Angeles die al twee jaar lang, als een soort omgekeerd callcenter, het soort figuren opbelt van wie wij de telefoontjes het liefst zo snel mogelijk afkappen: oplichters die zich voordoen als de belastingdienst, een helpdesk of een instantie die belt over een auto-ongeval waarbij je onlangs betrokken zou zijn geweest, al weet je daar zelf niets van. Als Okumura zo’n oplichter aan de lijn krijgt, doet ze zich voor als een oud dametje, of als een meisje van zes, of ze geeft een feilloze imitatie ten beste van Siri, de virtuele assistent van Apple. Het is haar al eens gelukt om een zogenaamde medewerker van een klantenservice wijs te maken dat ze Britney Spears was. ‘Ik verdoe hun tijd,’ zegt ze, ‘en die tijd kunnen ze niet meer gebruiken om iemands oma te beroven.’

    Okumura is een ‘scambaiter’, een burger die op eigen houtje de strijd aanbindt met internetoplichters (scammers) door hen dwars te zitten, aan de schandpaal te nagelen of zelfs op te lichten. ‘Scambaiting’ bestaat al zo’n twintig jaar en heeft geen brandschoon verleden: zeker vroeger wilden scambaiters zich weleens te buiten gaan aan extreme en vaak racistische vernederingstactieken. Maar op TikTok en YouTube geeft een nieuwe generatie nu de toon aan. Okumura, die op beide platforms meer dan anderhalf miljoen volgers heeft, houdt het graag ‘grappig en luchtig’.

    In het VK was fraude via telefoon en tekstberichtjes tijdens de pandemie met 83 procent toegenomen

    In april tweette de toenmalige Britse staatssecretaris van Volksgezondheid Lord Bethell over een ‘enorme plotselinge toename’ in het aantal spamtelefoontjes, en de Britse consumentenbond Which? had een maand eerder al vastgesteld dat fraude via telefoon en tekstberichtjes tijdens de pandemie met 83 procent was toegenomen. In mei waarschuwde de Britse telecomwaakhond Ofcom dat oplichters steeds beter in staat zijn bestaande telefoonnummers te ‘spoofen’, zodat je bijvoorbeeld echt door je bank lijkt te worden gebeld. In zo’n klimaat zijn scambaiters net superhelden. Maar is het wel zo simpel? Wat motiveert mensen zoals Okumura? Hoeveel nut heeft hun aanpak? Zijn ze er ooit in geslaagd een oplichter tot inkeer te brengen?

    Bruce Wayne werd Batman om de moord op zijn ouders te wreken. Okumura werd scambaiter nadat een internetoplichter haar moeder 500 dollar lichter had gemaakt. Haar moeder is een alleenstaande zestiger bij wie in 2019 ineens een vreemd venstertje op het computerscherm verscheen. De pop-up, voorzien van het Windows-logo, meldde dat haar computer was geïnfecteerd met een virus. Er stond een telefoonnummer bij dat ze kon bellen om het virus te laten verwijderen. ‘Dus dat belde ze, en toen zeiden ze: je hebt een virus, laat ons verbinding maken met je computer, dan kijken we wat we kunnen doen.’ Okumura’s moeder gaf de scammers toegang tot haar computer, en daarmee tot al haar bestanden. Ze betaalde 500 dollar om ‘het virus te laten verwijderen’, en ondertussen werden ook al haar persoonlijke gegevens gestolen, waaronder haar burgerservicenummer.

    De bank kon gelukkig voorkomen dat het geld van haar rekening werd afgeschreven, maar Okumura vond het niet genoeg dat haar moeder haar geld terug had. Ze vroeg haar om het nummer en belde dat zelf ook, om vervolgens de oplichter bijna twee uur aan het lijntje te houden. ‘Ik krijg enorm slechte vibes van mijn computer,’ begon ze met de stem van Kim Kardashian. ‘Zit u nu voor uw computer?’ vroeg de oplichter. ‘Nou ja, hij staat voor me, is dat… dat is toch hetzelfde?’ De opname van het gesprek zette ze op YouTube, en sindsdien heeft Okumura nog meer dan tweehonderd van dat soort opnamen gemaakt, die nu een aardige bron van reclame-inkomsten zijn. (Ze laat zich ook direct door bedrijven sponsoren.)

    Amusement

    ‘Het is vooral ook amusement. Het is grappig, het is leuk om te doen en mensen worden er blij van,’ antwoordt ze op de vraag waarom ze dit doet. ‘Maar ik krijg ook elke dag wel een paar mails van mensen die zeggen: o, enorm bedankt, zonder jouw filmpje was ik 1500 dollar armer geweest.’ Ze is niet naïef, ze weet ook wel dat ze oplichters niet van hun praktijken kan weerhouden, maar ze hoopt ervoor te zorgen dat mensen er niet meer in trappen. ‘Mensen voorlichten en voorkomen dat mensen worden opgelicht is volgens mij makkelijker dan proberen alle oplichters achter de tralies te krijgen.’

    Daar zit wat in. De nationale Britse tiplijn van het aan de Londense politie gelieerde meldpunt Action Fraud werd na een rapport van de Birmingham City-universiteit als ‘ontoereikend’ bestempeld. Uit een undercoveronderzoek van The Times was al gebleken dat hooguit een op de vijftig meldingen tot een arrestatie leidt en dat het meldpunt veel zaken laat liggen. Tijdens de pandemie regende het nep-appjes waarin mensen werd gevraagd bezorgkosten te betalen voor niet-bestaande pakketjes. Het invullen van persoonsgegevens om voor deze ‘zending’ te betalen kostte één slachtoffer 80.000 pond.

    Op de vraag of de scambaiters nuttig werk doen of de politie voor de voeten lopen in haar strijd tegen internetoplichting, geven de woordvoerders van Action Fraud geen direct antwoord. ‘Het is belangrijk dat mensen die door oplichters worden benadeeld dit via de juiste kanalen melden om de politie en andere opsporingsinstanties te helpen bij het verzamelen van de juiste informatie,’ luidde hun e-mail. ‘Waarschuwingen die van mond tot mond gaan, kunnen helpen om mensen beter bewust te maken van de gevaren, dus we raden u altijd aan om familie en vrienden zo veel mogelijk in te lichten over oplichtingspraktijken waar u weet van heeft.’

    Jim Browning heeft zelfs bewakingscamera’s van callcenters gehackt om mensen te identificeren

    Sommige scambaiters geven de ontmaskerde oplichters ook gewoon aan bij de politie. Jim Browning is de alias van een Noord-Ierse youtuber met bijna 3,5 miljoen abonnees, die al zo’n zeven jaar filmpjes over internetoplichters online zet. Het lukt hem geregeld om in te breken op de computers van scammers en hij heeft zelfs bewakingscamera’s van callcenters gehackt om mensen te identificeren. Hij geeft zijn informatie vervolgens door aan ‘de relevante instanties’, zoals politie, financiële instanties en internetproviders.

    ‘Ik zou mezelf geen misdaadbestrijder noemen,’ zegt Browning, ‘maar ik doe genoeg om te kunnen zeggen: die en die zit achter deze oplichting, en dat geef ik door aan de autoriteiten.’ Hij zegt dat hij nog maar een of twee keer heeft gezien dat een oplichter daadwerkelijk werd opgepakt. Eerder dit jaar werkte hij met het BBC-programma Panorama samen aan een onderzoek naar een callcenter in India. Op basis daarvan heeft de Indiase politie uiteindelijk een inval gepleegd en is de eigenaar aangehouden.

    Ouderen

    Browning zegt dat hij ‘per ongeluk’ youtuber is geworden. Hij was oorspronkelijk begonnen met het uploaden van zijn filmpjes om de links daarvan naar de autoriteiten mee te sturen als bewijsmateriaal. Maar toen begonnen de kijkers toe te stromen. ‘YouTube trekt helaas vooral jong publiek, en ik heb liever dat ouderen die filmpjes zien,’ zegt hij. Omdat maar 10 procent van zijn kijkers boven de zestig is, werkt hij samen met de American Association of Retired People om ouderen via hun tijdschrift attent te maken op de oplichtingspraktijken. ‘Ik werk expres met hen samen om de boodschap wat breder te verspreiden.’

    Dat wil niet zeggen dat Browning geen entertainer is. In zijn populairste filmpje (40 miljoen views) gebruikt hij rustig de echte namen van de oplichters. ‘Je wordt ineens heel stil,’ zegt hij midden in een gesprek. ‘Ga je dit bij Archit melden?’ Geschrokken hangt de oplichter op. In de reacties op het filmpje, dat meer dan 1800 likes heeft, schrijft iemand er ‘kippevel’ van te krijgen. Maar waar de grootste en brallerigste sterren op YouTube miljoenen kunnen verdienen, merkt Browning geregeld dat het platform de advertenties bij zijn filmpjes heeft uitgeschakeld. De vrij ruim geformuleerde richtlijnen van YouTube bevatten onder meer de bepaling dat er mogelijk ‘geen advertenties worden geplaatst bij content die kijkers aangrijpend, afstotelijk of shockerend kunnen vinden’. Browning heeft dan ook nog gewoon een baan.

    Criminoloog Jack Whittaker maakt zich zorgen om de mentaliteit van ‘oog om oog, tand om tand’

    Niet alleen YouTube staat ambivalent tegenover scambaiting. Jack Whittaker, promovendus in de criminologie aan de Universiteit van Surrey, heeft er onlangs een artikel over geschreven. Hij legt uit dat veel scambaiters het weliswaar doen uit een gevoel van gemeenschapszin, maar anderen vooral uit boosheid over het falen van de politie, of gewoon uit verveling. Hij maakt zich zorgen om de ‘vernederingstactieken’ van sommige scambaiters en om de mentaliteit van ‘oog om oog, tand om tand’.

    ‘Ik ben een overtuigd voorstander van het belang van de rechtsstaat,’ zegt Whittaker. Als scambaiters geloofwaardig willen worden, moeten ze stoppen met onethische en onwettige praktijken, zoals inbreken op de computer van een oplichter en al diens bestanden verwijderen. (Het YouTube-filmpje ‘Scammer Rages When I Delete His Files!’ telt meer dan 14 miljoen views.) En hij schrikt ook van het racisme in de scambaiting-gemeenschap, nu het overschot op de arbeidsmarkt heeft geleid tot een toename van het aantal malafide callcenters in India. Browning zegt dat hij soms racistische reacties bij zijn video’s moet verwijderen. ‘Scambaiters beschikken over alle knowhow om goede dingen te doen, maar het ontbreekt aan een goede aansturing,’ zegt Whittaker. ‘Ik denk dat we eens goed moeten bedenken hoe we vrijwilligers beter kunnen inzetten binnen het politieapparaat.’

    Ten minste één voormalige scambaiter is het daarmee eens. Edward, een Amerikaanse software-ingenieur, was begin deze eeuw betrokken bij een beruchte actie op een van de grootste scambaiting-fora ter wereld. Samen met een paar onlinevrienden wist hij oplichter Omar ervan te overtuigen dat hem een lucratieve baan werd aangeboden. Omar kocht een vliegticket en vloog 1000 kilometer naar Lagos, maar tevergeefs. ‘Hij belde ons omdat hij geen geld had en geen idee hoe hij weer thuis moest komen. Hij hing huilend aan de lijn,’ zegt Edward. ‘En ja, ik weet niet of ik hem nu moest geloven of niet, maar dat was wel het punt dat ik dacht: misschien ga ik toch een beetje te ver.’ Toen is Edward ermee gestopt. Hij was met scambaiting begonnen toen hij als militair in een ver land was gestationeerd. Hij was er wel vier of vijf uur per dag aan kwijt, zegt hij: het was ‘deeltijdwerk’, met als beloning vooral ‘vriendschappen en het gevoel ergens bij te horen’.

    ‘Nou ja, ik vraag je niet voor niets om mijn achternaam niet te vermelden, hè?’ zegt Edward als ik hem nu naar die tijd vraag. ‘Ik schaam me er een beetje voor. Ik denk weleens: zat ik toen dan helemaal fout?’ Hij keurt de eigenrichting van scambaiters nu af en vindt dat het de taak van de internetplatforms is om oplichting te bestrijden.

    Nancy Drew

    Alleen blijft de gewone gebruiker zich toch machteloos voelen tegenover de steeds doortraptere oplichtingsmethoden. (Afgelopen zomer werd Browning zelf nog het slachtoffer van een nepmailtje, met als gevolg dat zijn YouTube-kanaal tijdelijk werd verwijderd.) En scambaiting zal niet zomaar verdwijnen. In Ontario is Cassandra Raposo (23) er tijdens de eerste lockdown mee begonnen. Inmiddels is een van haar TikTok-filmpjes al meer dan anderhalf miljoen keer bekeken. Ze houdt oplichters voor dat ze Nancy Drew [de ‘girl detective’ uit een populaire boeken- en tv-reeks] heet, geeft het adres van een politiebureau op als het hare en houdt zich vaak van de domme om de gesprekken nodeloos te rekken.

    ‘Ik vind dat de politie en de techbedrijven meer moeten doen om dit soort oplichting een halt toe te roepen, maar ik snap wel dat het moeilijk is,’ zegt Raposo. Ze pleit voor samenwerking tussen scambaiters en autoriteiten en hoopt dat haar filmpjes jongeren stimuleren om hun grootouders te waarschuwen voor de oplichterstactieken. Net als Browning krijgt ze ook dankbare e-mails van potentiële slachtoffers die door haar filmpjes voor oplichting zijn behoed. ‘Mijn filmpjes maken een klein maar belangrijk verschil,’ zegt ze. ‘Zolang zij me blijven bellen, blijf ik opnemen.’

    Okumura denkt dat voorlichting en preventie cruciaal zijn, maar ze heeft er ook aan bijgedragen dat één oplichter tot inkeer kwam. ‘Ik raakte bevriend met een student. Hij is met oplichtingspraktijken gestopt en heeft ook uitgelegd waarom hij ermee was begonnen. In het land waar hij woont is weinig werk, dus is het heel normaal om dit te doen.’ Hij vertelde haar dat hij de indruk had dat Amerikanen ‘allemaal rijk, dom en egoïstisch’ zijn en er weinig last van hebben als je wat van ze steelt. (Browning klinkt sceptischer. Scammers bij wie hij op de computer had ingebroken, zag hij vaak genoeg op zoek gaan naar de nieuwste iPhone.) ‘Soms zijn het mensen die uit wanhoop handelen,’ zegt Okumura. ‘En soms zijn het gewoon etters die overal maling aan hebben. Daarom houd ik het grappig en luchtig. Het ergste wat je mij kunt verwijten, is dat ik hun tijd verdoe.’

    Lees ook:

  • In gepolariseerd Amerika krijgt rechts zijn eigen smartphone: Freedom Phone

    In gepolariseerd Amerika krijgt rechts zijn eigen smartphone: Freedom Phone

    Erik Finman, met zijn tweeëntwintig jaar naar eigen zeggen ’s werelds jongste bitcoinmiljonair, bracht de Freedom Phone op de markt, een smartphone die is bedoeld om de ‘censuur’ van Silicon Valley te ontlopen. Finman is aanhanger van Donald Trump.

    ‘Hij hield een toespraak die was bedoeld voor een bepaald soort publiek’, schrijft The New York Times in een artikel over de jonge, conservatieve miljonair. Erik Finman plaatste afgelopen juli een gelikte video op Twitter, voorzien van een bombastische soundtrack waarin hij, tegen een achtergrond van Amerikaanse vlaggen en verwijzend naar Abraham Lincoln en Donald Trump, de Freedom Phone aankondigde. Het is een nieuw type smartphone die volgens Finman is bedoeld om Amerikanen te bevrijden van de ‘bigtech-despoten’. Conservatieve commentatoren besteedden ruimschoots aandacht aan de presentatie, waardoor de video 1,9 miljoen keer werd bekeken en duizenden bestellingen binnenkwamen voor zijn mobieltje à 500 dollar.

    Maar toen kwam het lastige deel: de telefoons moesten worden geproduceerd en geleverd. Finmans plan om zijn software gewoon op een goedkope Chinese telefoon te zetten viel niet in goede aarde. En het verzenden van de telefoons, het opzetten van een klantservice, het innen van betalingen en het voldoen aan alle regelgeving viel ook niet mee. ‘Ik dacht dat ik aan alles had gedacht’, aldus Finman, ‘maar ik denk dat het een beetje lijkt op hopen op wereldvrede, in die zin dat je denkt dat die er ook nooit zal komen.’

    Rechtse digitale sector

    Zelfs de best gefinancierde startups hebben moeite om te concurreren met techreuzen die een beurswaarde hebben van miljarden dollars en een formidabele greep op de markt. Toch maakt Finman deel uit van een groeiende rechtse digitale sector, die de uitdaging met big tech aangaat door meer te vertrouwen op de afkeer die conservatieve klanten hebben van Silicon Valley, dan op expertise en ervaring.

    Zo zijn er inmiddels aanbieders die rechtse websites hosten, is er de videosite Rumble die concurreert met YouTube en die zichzelf ‘site voor vrijheid van meningsuiting’ noemt en zijn er minstens zeven conservatieve sociale netwerken die proberen te concurreren met Facebook.

    Lees ook:

    Zoals Parler, een extreemrechts sociaal netwerk dat wordt gefinancierd door de schatrijke, extreem conservatieve Rebekah Mercer, dochter van miljardair Robert Mercer die onder meer achter het schandaal rond Cambridge Analytica stak. Parler stortte eerder dit jaar bijna in nadat Apple, Google en Amazon besloten de site niet langer aan te bieden. Een ander sociaal netwerk dat populair is bij extreemrechts, Gab, heeft ook moeite om zich te vestigen zonder door de appstores van Apple en Google te worden toegelaten. En Gettr, een sociaal netwerk dat werd gecreëerd door voormalige medewerkers van de regering-Trump werd onmiddellijk gehackt.

    De Republikeinse partij klaagt over de censuur van big tech, maar doet er weinig aan, vindt Finman

    Finman, met peroxideblond haar en baardje, ziet zichzelf als een revolutionair die verandering teweeg zal brengen in zowel de techwereld als in de Republikeinse politiek. In een gesprek met The New York Times sprak hij over de Britse politiek, citeerde hij de Romeinse keizer Marcus Aurelius en modeontwerper Karl Lagerfeld en legde hij uit waarom hij de huidige Republikeinse Partij ‘pathetisch’ vindt. Partijleiders klagen over de censuur van big tech, maar doen er weinig aan, vindt Finman.

    New York Magazine portretteerde Finman al in 2014 als een zestienjarige jongen uit Coeur d’Alene, Idaho, die rijk was geworden toen hij een paar jaar eerder de duizend dollar die zijn grootmoeder hem cadeau had gedaan, had omgezet in bitcoins.

    In 2017 overschreed zijn vermogen de grens van 1 miljoen dollar en liet hij op Instagram zien hoe hij poseerde met YouTube-sterren, in en uit privéjets sprong en biljetten van 100 dollar in brand stak. Maar hij begon zich te vervelen in de wereld van cryptocurrency. ‘Ik heb er eigenlijk een hekel aan om over bitcoin te praten’, zegt hij. ‘Het is zoiets als, hé Rolling Stones, speel je grootste hits weer eens.’

    Hij besloot zich in de politiek te storten. Op twaalfjarige leeftijd beschouwde hij zichzelf als een libertariër. Tijdens een ontmoeting met Ron Paul, de voormalige presidentskandidaat voor de Libertarisch partij, hoorde Finman voor het eerst over bitcoin. Met de komst van Trump op het nationale politieke toneel veranderde zijn politieke voorkeur. ‘In 2016 liet ik me overtuigen’, zegt hij.

    Rechtse smartphone

    In de jaren erna begon Finman zich zorgen te maken over wat hij ziet als het het censureren van conservatieve opvattingen door Silicon Valley. Toen hij merkte dat andere Republikeinen zijn zorgen deelden, realiseerde hij zich dat er zakelijke kansen lagen. Hij besloot de dominantie van Apple en Google aan te vallen en ontwikkelde het idee om een nieuwe ‘rechtse’ smartphone te maken. Die heeft zeker kans van slagen, want ‘politiek is het nieuwe tijdverdrijf van Amerika’, denkt hij.

    Maar om een smartphone te maken was hij aangewezen op Google. De Android-software van het bedrijf werkt al met miljoenen apps en Google biedt een gratis, vrij toegankelijke versie van de software aan die andere ontwikkelaars kunnen aanpassen. Dus huurde Finman ingenieurs in om de software te ontdoen van alle sporen van Google en deze te laden met conservatieve sociale netwerken en media-applicaties. Vervolgens downloadde hij de software op telefoons die hij in China had gekocht.

    Tegelijkertijd begonnen rechtse figuren de telefoon aan te prijzen. Ze verdienden 50 dollar voor elke klant die hun kortingscodes gebruikte.

    Het duurde niet lang voordat media onthulden dat de Freedom Phone in feite een goedkope telefoon was van Umidigi, een Chinese fabrikant die eerder chips had gebruikt die kwetsbaar bleken te zijn voor hacking. Finman, die zijn apparaat in zijn video bestempelt als ‘de beste telefoon ter wereld’, werd in de verdediging gedwongen. In juli moest hij toegeven dat Umidigi de telefoon inderdaad produceert, maar hij blijft volhouden er ‘honderd procent’ zeker van te zijn dat zijn telefoon veiliger is dan de nieuwste iPhone.

    In navolging van zijn politieke voorbeeld Donald Trump, besloot Finman zijn mobiele telefoonbedrijf te delegeren

    Finman zegt dat de kritiek hem niet zozeer verraste, wel het hoge aantal verkopen. Daardoor kreeg hij onverwachte verantwoordelijkheden, zo moest hij gecertificeerd worden door de Federal Communications Commission en speciale regels volgen voor het verzenden van apparaten die lithiumbatterijen bevatten.

    Minder dan een maand na de release van zijn telefoon had Finman een oplossing gevonden voor zijn problemen. In navolging van zijn politieke voorbeeld Donald Trump, die Trump-steaks en Trump-wodka verkoopt zonder ooit een boerderij of distilleerderij te hebben hoeven runnen, besloot Finman zijn mobiele telefoonbedrijf te delegeren. De gedachte is simpel: verkoop gewoon de telefoon die iemand anders produceert en pas die zodanig aan dat je je eigen merk ermee kunt promoten.

    Finman is gaan samenwerken met ClearCellular, een bedrijf uit Utah met dertien jaar ervaring, dat al eerder een telefoon produceerde die losgekoppeld was van Apple en Google. En het bedrijf heeft ervaring met logistiek, verzending en klantenservice.

    Aan een toestel van ClearCellular wordt een achtergrondje met de Amerikaanse vlag toegevoegd en allerlei conservatieve apps. Finman krijgt commissie op de verkoop van deze Freedom Phones, onduidelijk is hoeveel.

    Lees ook:

    De eerste reacties op de nieuwe telefoon zijn niet erg positief. Volgens Cnet, een site die nieuwe producten beoordeelt, is dit apparaat van 500 dollar niet beter dan ‘een Android-telefoon van 200 dollar’.  Desondanks zijn er volgens Finman begin september al zo’n twaalfduizend Freedom Phones besteld, hetgeen zou neerkomen op een omzet van ongeveer 6 miljoen dollar in iets meer dan zeven weken.

    Door de samenwerking met ClearCellular kan Finman zich nu meer richten op zijn politieke doelen. Vanuit Washington, waar hij potentiële investeerders ontmoette, kondigde hij het voornemen aan om bij de komende verkiezingen Freedom Phone-gebruikers naar de dichtstbijzijnde stembureaus te leiden. Hij is ook van plan een nieuwsfeed op te zetten met conservatieve verhalen.

    Volgens Finman kan zijn Freedom Phone niet alleen liberalen bestrijden, maar bevrijd hij zijn klanten ook van big tech. ‘Voor mij is dit het politieke instrument bij uitstek. Iedereen heeft er wel een op zak.’

    Lees ook:

  • China en VS verrassen op klimaattop met gezamenlijk akkoord

    China en VS verrassen op klimaattop met gezamenlijk akkoord

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Merkel roept Poetin op in te grijpen bij crisis Pools-Belarussische grens

    » Zuid-Koreaanse professor geeft college in bad

    Verklaring biedt hoop op een ambitieus slotakkoord

    Het is een ‘onverwachte verzoening’ die ‘zou kunnen doorwerken in de slotbesprekingen’, merkt Le Soir op. Als ’s werelds grootste uitstoters van broeikasgassen hebben China en de Verenigde Staten woensdag tijdens COP26 in Glasgow een verrassende klimaatovereenkomst aangekondigd: de twee belangrijkste wereldmachten hebben aangekondigd ‘krachtigere maatregelen te nemen om de ambities in de jaren 2020 te verhogen’, waarbij de landen opnieuw bevestigen zich te zullen inzetten voor een wereldwijde temperatuurstijging die beperkt blijft tot ‘ruim onder’ de 2 graden Celsius ten opzichte van het pre-industriële tijdperk, en indien mogelijk tot 1,5 graden.

    Beijing en Washington beloven ook financiële steun voor arme landen om zich aan te passen aan het veranderende klimaat en hun uitstootdoelen te halen.

    ‘China en de VS spraken voor het eerst sinds lange tijd als bondgenoten in de strijd tegen de opwarming van de aarde’

    ‘Dit pact tussen ’s werelds twee grootste vervuilers verraste de duizenden deelnemers’ aan COP26, merkt The New York Times op. China en de Verenigde Staten spraken woensdag voor het eerst sinds lange tijd ‘als bondgenoten in de strijd tegen de opwarming van de aarde’, schrijft het Amerikaanse dagblad. De krant betreurt echter dat het akkoord ‘details mist’ over hoe de twee landen het in de praktijk willen aanpakken.

    Voor Matt McGrath, milieucorrespondent van BBC, doet de gezamenlijke verklaring de hoop twee dagen voor het einde van COP26 stijgen. In de woensdag gepresenteerde overeenkomst ‘erkennen beide landen dat er een enorme kloof gaapt tussen de inspanningen die de landen tot dusver hebben geleverd om de uitstoot te beperken, en wat volgens de wetenschap nodig is. De bereidheid om die kloof te dichten maakt een sterke overeenkomst hier in Glasgow mogelijk’, aldus de journalist.

    Lees ook:

  • Rechter: Trump moet documenten bestorming Capitool vrijgeven

    Rechter: Trump moet documenten bestorming Capitool vrijgeven

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » De grootste delegatie op COP26 is die van de fossiele industrie

    » Christchurch ontslaat tovenaar

    Trumps dossiers kunnen nu worden overhandigd aan Congres

    De poging van Donald Trump om de presidentiële dossiers van 6 januari 2021, de dag van de bestorming van het Capitool, achter slot en grendel te houden, is door de rechter van tafel geveegd, meldt The Hill. De honderden documenten, waaronder de telefoongesprekken van de president en een lijst van mensen die hem hebben bezocht, kunnen worden overhandigd aan de parlementaire commissie die de opstand onderzoekt.

    ‘De rechtbank is van oordeel dat het algemeen belang vereist dat de gezamenlijke wensen van de wetgevende en de uitvoerende macht om de gebeurtenissen die tot 6 januari hebben geleid te onderzoeken, worden ingewilligd,’ oordeelde een federale rechter. Dinsdag heeft de onderzoekscommissie een nieuwe lijst van gedagvaarde vertrouwelingen van Trump vrijgegeven, waaronder voormalig Witte Huis-woordvoerster Kayleigh McEnany.

    Lees ook:

  • Adverteerders roepen op tot boycot van Facebook

    Adverteerders roepen op tot boycot van Facebook

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Dubai verkoopt aandelen in belangrijkste nutsbedrijf

    » Zeven hackers gearresteerd die betrokken waren bij grote ransomeware-aanvallen

    Kledingmerk Patagonia adverteert niet meer op Facebook

    Na onthullingen in de Facebook Papers, roept CEO Ryan Gellert van het outdoorkledingmerk Patagonia bedrijven op om Facebook onder druk te blijven zetten om zijn werkwijze te verbeteren. ‘Wij vinden dat Facebook de verantwoordelijkheid heeft om ervoor te zorgen dat zijn producten geen schade aanrichten, en zolang dat niet gebeurt, zal Patagonia geen advertenties op het platform zetten’, aldus Gellert. ‘We roepen andere bedrijven op om zich bij ons aan te sluiten en Facebook te bewegen om mens en planeet voorrang te geven boven winst.’

    ‘Facebook verspreidt haatzaaiende uitlatingen en verkeerde informatie over klimaatverandering en onze democratie’

    In de zomer van 2020 sloot Patagonia zich aan bij een groeiende lijst van bedrijven die als onderdeel van een adverteerdersboycot hun advertenties van Facebook haalden, schrijft CNN.

    ‘Patagonia stopte in juni 2020 met alle betaalde advertenties op Facebook-platforms omdat ze haatzaaiende uitlatingen en verkeerde informatie over klimaatverandering en onze democratie verspreiden. Nu, zestien maanden later, staan we nog steeds achter die boycot’, aldus Gellert.

    Lees ook: