Onderwerpen: Democratie

  • In Iran is ‘Dood aan Amerika’ veranderd in ‘Dood aan de dictator’

    In Iran is ‘Dood aan Amerika’ veranderd in ‘Dood aan de dictator’

    ‘Ze hebben geen bezwaren tegen de hoofddoek; maar tegen het feit dat ze niet het recht hebben om zelf te beslissen of ze die al dan niet willen dragen’, schrijft deze Iraans-Amerikaanse auteur. Iraniërs – vooral vrouwen – komen massaal in opstand tegen het theocratische bewind.

    Niemand kan voorspellen hoe een revolutie uitbreekt. Ook weet niemand van tevoren wanneer een misstand de woede van de bevolking zal doen ontvlammen – woede die sterker is dan angst. In 2010 zette in Tunesië een straatverkoper, Mohammed Bouazizi, een opstand in gang door zichzelf in brand te steken. Nu, in 2022 zijn na de dood van Mahsa Amini, een 22-jarige vrouw die in politiedetentie om het leven is gekomen, Iraniërs in alle hoeken van het land de straat opgegaan.

    Amini en haar broer waren vanuit Saqqez, een stad in Iraans-Koerdistan, naar de hoofdstad Teheran gekomen om familieleden te bezoeken. Op 13 september werd Amini opgepakt door de zogeheten zedenpolitie, omdat ze haar hijab, of hoofddoek, niet op de juiste wijze zou hebben gedragen. Drie dagen later werd bekendgemaakt dat ze was overleden. De autoriteiten zeggen dat ze is overleden aan een hartstilstand. Volgens een in Engeland gevestigde onafhankelijke Iraanse nieuwssite zijn op CT-scans van haar schedel tekenen van fracturen zichtbaar.

    Elke keer dat ik beelden van Amini zie, in coma in een ziekenhuisbed, denk ik onwillekeurig dat ik daar ook had kunnen liggen. Ik was een meisje in Iran toen er in 1981 een wet van kracht werd die alle vrouwen verplichtte een hijab te dragen. Dat was twee jaar na de Iraanse Revolutie. En ik was een tiener toen de zedenpolitie de straat opging en in het wilde weg mensen aanhield en inrekende, soms op grond van weinig meer dan een plukje haar dat onder een hoofddoek uit piepte.

    Woede en solidariteit

    Op een dag in augustus 1984 liep ik buiten, dik ingepakt in mijn islamitische uniform met hoofddoek terwijl het ondraaglijk heet was en alle fonteinen in Teheran waren stilgezet vanwege de ramadan, en ik betrapte me op de gedachte dat ik het niet erg zou vinden om te sterven als diegenen die ons leven tot een hel maakten ook zouden sterven. Later dat jaar verliet ik Iran, maar momenteel voel ik wat zovele Iraanse vrouwen voelen: ieder van ons is Mahsa Amini.

    Sinds haar dood zijn duizenden mensen de straat opgegaan, in een vertoon van woede en solidariteit dat ongekend is, zelfs in een land dat veel van dit soort tumultueuze momenten heeft gekend. Maar deze keer is het anders dan bij eerdere opstanden tegen het regime, de beweging is nu opmerkelijk breedgedragen en inclusief. De rijke inwoners van Noord-Teheran zijn de straat opgegaan samen met de arme mensen uit het zuidelijke deel van de stad. Je ziet jongeren op straat, maar ook hun ouders, en zelfs hun grootouders. Niet alleen in de stad gaan de mensen de straat op, maar ook op het platteland.

    De vrouwen van Iran hebben de mythe ontkracht dat de hoofddoek een Iraanse traditie zou zijn

    De vrouwen van Iran nemen het voortouw – de vrouwen die zich standvastig hebben verzet tegen de tirannie van het regime en die onvermoeid de mythe hebben ontkracht dat de hoofddoek een Iraanse traditie zou zijn. De aanblik van alle mannen aan hun zijde getuigt van een vrijwel universele afkeer van de officiële misogynie van het regime. Met alle risico’s die deze burgers nemen, en met de offers die ze brengen, tonen ze haarscherp aan dat een traditie die vierentwintig uur per dag verdedigd moet worden door gewapende mannen die mensen in elkaar moeten slaan om die traditie overeind te houden, het verdient te worden afgeschaft.

    Sinds de dood van Mahsa Amini komt de hele Iraanse samenleving in verzet tegen de machthebbers, ondanks meedogenloze repressie. Een beweging die weerklank vindt in het buitenland. Maar kan ze blijven voortbestaan zonder hulp van buitenaf?

    107838498 58c8de45 5ba5 4d62 88ed 0204f42747f1

    Iraanse promotievideo die laat zien hoe een Iraanse vrouw nadat ze aan het ‘goede voorbeeld’ wordt herinnerd bij een bezoek aan de juwelier, haar outfit aanpast en thuis een niqab aantrekt.

    Zelfs beroemdheden die er in het verleden het zwijgen toe hebben gedaan, laten zich nu horen. Filmsterren en sporthelden twitteren om hun steun te betuigen aan de demonstranten – sommigen doen zelfs een oproep aan het leger om achter het volk te gaan staan en in te grijpen. De populaire musicus Homayoun Shajarian, de zoon van de grote zanger van de Perzische muziek, Mohammad-Reza Shajarian, projecteerde bij zijn laatste optreden een grote foto van Mahsa Amini achter het podium – een openlijke provocatie van het bewind. Het publiek begon vervolgens te scanderen: ‘Dood aan Khamenei’ (Irans hoogste leider).

    Etnische verschillen

    Alles wat er in het verleden is gezegd over etnische en andere scheidslijnen, waardoor verschillende groepen binnen Iran tegenover elkaar zijn komen te staan, is nu vergeten. Vele jaren hebben geruchten over de dreiging van separatistische bewegingen, met name in Iraans-Koerdistan, geleid tot felle discussies. Maar de aloude spanningen verdwijnen naar de achtergrond door het verdriet over de dood van deze jonge Koerdische vrouw, een verdriet dat wordt gevoeld in het hele land, zelfs op onwaarschijnlijke plekken als de Turks sprekende stad Oermia. In het licht van het alledaagse onrecht waarmee elke Iraniër te maken krijgt, lijken etnische verschillen onbeduidend.

    Vandaag de dag worden er in Iran geen beeltenissen van Uncle Sam of Amerikaanse vlaggen in de fik gestoken. In plaats daarvan verbranden vrouwen op straat hun eigen hoofddoek, of ze gooien hem in een vreugdevuur dat door mannen is aangestoken. Ze hebben geen bezwaren tegen de hoofddoek zelf; hun bezwaren richten zich op het feit dat ze niet het recht hebben om zelf te beslissen of ze die al dan niet willen dragen. Ondanks het feit dat er in de praktijk al meer dan veertig jaar nauwelijks nog betrekkingen zijn tussen Iran en Amerika, hebben twee wezenlijke Amerikaanse opvattingen – over rechten en keuzevrijheid – hun weg gevonden naar de inwoners van dit land. De mensen die de straat opgaan scanderen dit keer niet ‘Dood aan Amerika’ maar ‘Dood aan de dictator’. De mensen die Amerika ooit voor de Grote Satan hielden, de bron van alle kwaad, scanderen nu: ‘Onze vijand bevindt zich hier. Het is een leugen dat het Amerika zou zijn.’

    De demonstranten vragen helemaal niets voor zichzelf; ze willen domweg dat het regime opstapt

    Drieënveertig jaar geleden vernederde Iran Amerika door ten overstaan van de gehele wereld het geblinddoekte personeel van de Amerikaanse ambassade te tonen. Vandaag de dag vernedert de Iraanse bevolking haar eigen leiders door de muurschilderingen van Ali Khamenei te bekladden en zijn foto van billboards te scheuren.

    Er wordt niet langer gedemonstreerd voor lagere benzineprijzen, salarisverhoging of eerlijke verkiezingen – de eisen van zoveel eerdere protesten. Sterker nog, de demonstranten vragen helemaal niets voor zichzelf; ze willen domweg dat het regime opstapt. 

    Politiestaat

    Irans ambitie om een rechtsstaat te worden dateert van ver voor de Islamitische Revolutie: meer dan een eeuw geleden vond de Perzische Constitutionele Revolutie plaats. De Amerikaanse overheid heeft bijna twintig jaar lang tientallen miljoenen dollars uitgegeven om het democratische proces in Iran te bevorderen. Die investering valt in het niet bij de miljarden die Amerika in de oorlogen heeft gepompt van twee van Irans buurlanden, Irak en Afghanistan – om nog maar te zwijgen van al het bloed dat is vergoten. Maar evengoed is de Amerikaanse steun voor de democratische droom van wezenlijk belang – en die steun lijkt nu misschien eindelijk vruchten af te werpen. 

    De vraag is of Washington hier klaar voor is. Hebben de Amerikaanse sponsors van de Iraanse democratie enig idee wat te doen als hun missie slaagt?

    Iran heeft zijn Oekraïnemoment bereikt, een punt waarop een volk zich realiseert dat het bereid is de prijs te betalen voor vrijheid. Iraniërs realiseren zich dat dit hun strijd is, en ze gaan – ongewapend – de straat op om de misdadigers van het regime het hoofd te bieden. Op social media hebben sommige van de bekendste activisten van deze beweging filmpjes gepost waarin ze zeggen dat ze weigeren het land te verlaten – wat de toekomst ook mag brengen, zij laten zich niet verjagen.

    De Verenigde Staten moeten ervoor kiezen de Iraniërs te steunen nu ze in het nauw zitten

    De Verenigde Staten moeten nu, door daden en niet enkel door steunbetuigingen, laten zien dat ze net zozeer zijn begaan met het verlangen naar vrijheid van het Iraanse volk als met het in toom houden van de nucleaire ambities van het regime. Een stap die de Verenigde Staten zouden kunnen zetten, is het opschorten van hun deelname aan de gesprekken over een nieuw nucleair akkoord. Dat zou een duidelijke boodschap zijn aan de ayatollahs dat er geen sprake kan zijn van het verlichten van de economische sancties zolang de bendes van de ayatollahs de eigen bevolking doodschieten in de straten van Iran. 

    Net zomin als de Oekraïners, kunnen de Iraniërs hun vrijheid veroveren zonder steun van de Verenigde Staten en andere westerse landen. Ze zijn bereid offers te brengen, maar hun bereidheid en vastberadenheid alleen zijn niet voldoende om revoluties te winnen. Amerika heeft vier decennia gewacht tot de Iraniërs de propaganda van het regime zouden verwerpen en Amerika niet langer als de vijand zouden zien. Dit is een historische kans voor beide landen om een nieuwe band te smeden, maar dan moeten de Verenigde Staten ervoor kiezen de Iraniërs te steunen nu ze in het nauw zitten. Wie wil dat de democratie wereldwijd een vlucht neemt, moet nu zijn verantwoordelijkheid nemen.

    Lees ook:

  • ‘We staan aan het begin van een nieuw tijdperk van pure machtspolitiek’

    ‘We staan aan het begin van een nieuw tijdperk van pure machtspolitiek’

    De democratische achteruitgang is zo ernstig dat autocraten nu openlijk staatsgrepen plegen, verkiezingen stelen en andere landen binnenvallen, stelt Yascha Mounk in The Atlantic aan de kaak. ‘Despotische leiders van Myanmar tot Nicaragua voelen zich niet langer verplicht de schone schijn op te houden.’

    Vladimir Poetin houdt de schijn niet meer op. Maandenlang beweerde de Russische president dat hij slechts geïnteresseerd was in de veiligheid van zijn land. Maandenlang verzekerde hij de wereld dat hij geïnteresseerd was in een diplomatieke oplossing. Maandenlang hoonde hij waarschuwingen over een dreigende Russische invasie in Oekraïne weg. 

    Vervolgens gaf hij bevel tot een grootschalige aanval op een soevereine natie. Russische raketten bliezen doelen op in belangrijke steden als Kyiv, Lviv en Charkov. Russische troepen trokken in hoog tempo Oekraïens grondgebied binnen. Er is weer oorlog in het hart van Europa.

    Hoewel Poetin bleef volhouden dat het een ‘speciale militaire operatie’ betrof, was het duidelijk de bedoeling dat de wereld zijn boodschap zou horen. De wereldorde van na de val van de Sovjet-Unie is verleden tijd. Poetin is niet langer bereid zijn ambities te laten fnuiken door zelfs maar de meest elementaire internationale normen – zoals het verbod op verovering van grondgebied met militaire middelen. 

    We staan aan het begin van een nieuw tijdperk van pure machtspolitiek.

    Democratische recessie

    De aanval op Oekraïne viel samen met de lang geplande publicatie van het jaarlijkse rapport van de Amerikaanse waakhond Freedom House over de staat van de democratie in de wereld. Terwijl het rapport op 24 februari net na middernacht op de website van de ngo verscheen, zond CNN livebeelden uit van Russische troepen die de grens overstaken en van donkere rookwolken die boven Oekraïense steden opstegen. 

    Op basis van uitgebreid onderzoek naar de ontwikkelingen over de gehele aardbol, concludeert Freedom House dat de wereld het zestiende achtereenvolgende jaar is ingegaan van wat politicoloog Larry Diamond een ‘democratische recessie’ heeft genoemd. In 2021 was het aantal landen waar de democratie verloren dreigt te gaan wederom veel groter dan het aantal landen waar de democratie zich ontplooit. 

    In zestig landen zijn de burgerrechten verslechterd en democratische instellingen beknot, waarbij Afghanistan, Nicaragua, Tunesië en Soedan de kroon spannen. Aan het begin van de democratische recessie leefde ongeveer de helft van de wereldbevolking in een land dat als ‘vrij’ werd bestempeld. Inmiddels leeft nog maar twee op de tien mensen in een ‘vrij’ land, vier op de tien in ‘halfvrije’ landen zoals India, en nog eens vier op de tien in ‘onvrije’ landen zoals Saoedi-Arabië. 

    Voor alle aanvallen op de democratie uit het afgelopen jaar geldt dat ze steeds brutaler zijn geworden

    Ook nu weer vertonen landen waarvan de democratische instellingen door politicologen als stabiel werden beschouwd – dat wil zeggen dat het zeer onwaarschijnlijk werd geacht dat ze in de nabije toekomst zouden wankelen – serieuze tekenen van zwakte en instabiliteit. Zo verstoorde een aanslag op het Amerikaanse Capitool, op 6 januari 2021, de vreedzame machtsoverdracht in de Verenigde Staten, die lange tijd als het prototype van de duurzame democratie werden beschouwd.

    De interessantste bevindingen van het rapport helpen de tragische gebeurtenissen in Oost-Europa in een bredere context te plaatsen. De ogenschijnlijke plannen van Rusland om delen van Oekraïne in te lijven zijn een grove schending van het internationale recht, maar voor alle aanvallen op de democratie uit het afgelopen jaar geldt dat ze steeds brutaler zijn geworden. Nu de democratie overal ter wereld in een crisis verkeert, steken antidemocraten hun autocratische ambities niet langer onder stoelen of banken. 

    Tijdens de Koude Oorlog zijn tal van democratische regeringen waarin antidemocraten openlijk het gebruik van politiek geweld omarmden, onder wapengekletter gesneuveld. Maar in de afgelopen decennia kwamen dictators in spe meestal via de stembus aan de macht, door (relatief) vrije en eerlijke verkiezingen te winnen. Pas daarna begonnen zij de macht naar zich toe te trekken, onafhankelijke instellingen uit te hollen en de vrijheid van meningsuiting dusdanig in te perken dat ze niet meer langs democratische weg uit het zadel konden worden gelicht. 

    Staatsgrepen

    Midden jaren tachtig was het aantal landen dat een democratische verschraling beleefde hoog, maar het aantal militaire staatsgrepen bleef laag. In 2021 daarentegen telde maar liefst zeven coups, het hoogste aantal sinds het jaar 2000. In onder andere Myanmar, Soedan en Mali hebben militairen het afgelopen jaar hun favoriete politieke leider met geweld aan de macht geholpen. 

    De democratische normvervaging heeft er ook voor gezorgd dat zittende (minister-)presidenten harder kunnen optreden. In de periode vlak na de Koude Oorlog hadden zelfs dictators het gevoel dat ze de schijn van democratie moesten ophouden. Politieke leiders deden meestal hun best om de illusie van democratische legitimiteit in stand te houden. Hoewel deze democratische geloofsbelijdenissen nooit oprecht waren, vormden ze voor autoritaire regimes een prikkel om oppositieactivisten of gewone burgers niet al te openlijk of al te wreed te onderdrukken. Dat is nu aan het veranderen.

    In Rusland zijn Aleksej Navalny en veel van zijn aanhangers in de cel beland en is zijn organisatie van de verkiezingen uitgesloten

    Hoewel bijvoorbeeld de Russische oppositie lange tijd onder extreem moeilijke – en gevaarlijke – omstandigheden moest opereren, konden enkele partijen die kritisch tegenover Poetin stonden soms meedoen aan de verkiezingen. Zo niet in 2021, toen Aleksej Navalny en veel van zijn aanhangers in de cel belandden en zijn organisatie van de verkiezingen werd uitgesloten. 

    En bij de Nicaraguaanse verkiezingen van dit jaar, om nog een voorbeeld te noemen, arresteerden de sandinistische leiders een aantal oppositiekandidaten op grond van valse beschuldigingen. ‘Verkiezingen hebben autoritaire leiders lange tijd een schijn van legitimiteit gegeven’, schrijven Sarah Repucci en Amy Slipowitz van Freedom House. ‘Maar naarmate de internationale normen in de richting van autocratie verschuiven, worden deze schijnvertoningen steeds wranger.’ 

    Een ander treurig stemmend aspect van het rapport is dat het aantal landen dat democratischer wordt, de laatste tijd drastisch is gedaald. In 2006, het eerste jaar van de democratische recessie, bewogen 56 landen in de richting van meer vrijheid en democratie. Vorig jaar gold dat nog maar voor 25 landen. 

    De Amerikaanse droom

    Aan het einde van de Koude Oorlog wezen alle tekenen in de richting van democratie. De Amerikaanse droom, de welvaart uit Hollywoodfilms en de in de Bill of Rights vastgelegde vrijheden werden overal ter wereld nagejaagd. Ook andere stabiele en succesvolle westerse democratieën vormden een inspiratiebron voor democratische gezinde inwoners van andere landen. Met de Verenigde Staten als enige supermacht werden de geopolitieke ambities van dictators, die zich min of meer gedwongen zagen met een fluwelen vuist te regeren, ingetoomd.

    De veranderingen van de afgelopen drie decennia hebben de aantrekkingskracht van democratie wezenlijk verminderd. Wie in de eerste plaats geïnteresseerd is in materiële rijkdom, kan zich tegenwoordig in welvarende autocratieën als China of de Verenigde Arabische Emiraten vestigen; voor veel inwoners van de allerarmste landen is de droom van het goede leven niet langer synoniem aan leven in een democratisch land. Veel democratieën worden nu verscheurd door scherpe tegenstellingen en worstelen met binnenlandse spanningen die de stabiliteit bedreigen; ook in de VS staan de democratische instellingen onder druk. Daarbij wordt aan de poten van de democratische wereld gezaagd door een opkomend China en een revanchistisch Rusland; de autocraten op deze aardbol kunnen voor economische investeringen, militair materieel en internationale legitimiteit terecht bij opkomende autoritaire regimes. 

    Despotische leiders van Myanmar tot Nicaragua voelen zich niet langer verplicht de schone schijn op te houden

    Daarom voelen dictators zich vrij om hun masker af te werpen. Despotische leiders van Myanmar tot Nicaragua voelen zich niet langer verplicht de schone schijn op te houden of het ministerie van Buitenlandse zaken gunstig te stemmen. En die dictators die over aanzienlijke militaire slagkracht beschikken, zoals Vladimir Poetin, proberen de wereldorde nu naar hun hand te zetten. 

    De democratie krijgt er een tegenspeler bij op het wereldtoneel. In de komende decennia zal er niet alleen fysiek strijd worden geleverd tussen democratieën en autocratieën op belangrijke slagvelden zoals Oekraïne, maar ook intellectueel, tussen de voorvechters van democratie en diegenen die het zelfbeschikkingsrecht van een volk resoluut naar de prullenmand verwijzen.

    Lees ook:

  • Europees Parlement bestempelt Hongarije als ‘geen democratie meer’

    Europees Parlement bestempelt Hongarije als ‘geen democratie meer’

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » De wereldeconomie stevent af op recessie in 2023

    » Perseverance vindt mogelijk organisch materiaal op Mars

    Hongarije is een ‘electorale autocratie’, concludeert EU-rapport

    Hongarije kan niet langer als een democratie worden beschouwd en de Europese waarden in het land worden systematisch bedreigd, aldus het Europees Parlement in een donderdag aangenomen verslag, bericht Politico. Momenteel, concludeert het rapport, is Hongarije een ’electorale autocratie’ geworden.

    De actie van het Parlement zal waarschijnlijk niet leiden tot specifieke straffen

    De motie – die werd aangenomen met 433 stemmen voor, 123 tegen en 28 onthoudingen – ‘is de zoveelste symbolische berisping van de EU-instellingen aan het adres van Hongarije, dat al jaren te kampen heeft met verwijten over de rechtsstaat’, schrijft de website. Maar de actie van het Parlement zal waarschijnlijk niet leiden tot specifieke straffen.

    In hun verslag noemen de parlementsleden een reeks punten van zorg – van het functioneren van het kiesstelsel van het land tot de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht. Ze uiten ook hun bezorgdheid over de academische en religieuze vrijheid en de rechten van kwetsbare bevolkingsgroepen, aldus Politico.

    Lees ook:

  • Deze Deense partij wordt volledig aangestuurd door kunstmatige intelligentie

    Deze Deense partij wordt volledig aangestuurd door kunstmatige intelligentie

    Een groep Deense kunstenaars heeft de eerste politieke partij opgericht die volledig wordt aangestuurd door kunstmatige intelligentie. De Synthetische Partij heeft ter voorbereiding van de parlementsverkiezingen van 2023 zelfs een niet-virtuele vergadering gehouden.

    In de politiek pakken mensen complexe vraagstukken aan met verstand en gevoel en worden beslissingen genomen die voor de samenleving van belang zijn. Maar is er in Christiansborg [het paleis dat onder meer het Deense parlement en de kantoren van premier Mette Frederiksen huisvest] ook plek voor een politieke partij die uitsluitend door kunstmatige intelligentie wordt aangestuurd? Die vraag probeert kunstenaarscollectief Computer Lars te beantwoorden.

    In samenwerking met het technologische centrum MindFuture heeft het collectief de Synthetische Partij opgericht, die volledig wordt geleid door kunstmatige intelligentie. Het collectief, dat zich beweegt op de grens tussen kunst en politiek, neemt deze taak zeer serieus en heeft als doel een zetel in het Folketing [parlement] te veroveren.

    De kunstmatige intelligentie waarvan de Synthetische Partij gebruikmaakt is ontworpen en geprogrammeerd door Computer Lars. Deze kreeg allerlei teksten voorgelegd die op internet zijn gepubliceerd door kleine Deense partijen die niet aan de verkiezingen kunnen deelnemen. Zo werd de Synthetische Partij een smeltkroes van politieke standpunten en ideeën over democratie, waarmee ze zich onderscheidt van de andere partijen die in Christiansborg het politieke spel spelen.

    ‘De kunstmatige intelligentie is een samensmelting van wat gewone Denen op politiek vlak denken’

    ‘We hopen dat de Synthetische Partij het gevestigde politieke systeem kan veranderen door zeer verschillende burgers en hun politieke visies te vertegenwoordigen,’ zegt Asker Bryld Staunæs, een kunstenaar en filosoof die deel uitmaakt van Computer Lars. ‘De kunstmatige intelligentie is een samensmelting van wat gewone Denen op politiek vlak denken. Individuen hebben de neiging zichzelf te matigen, terwijl kunstmatige intelligentie juist een idee geeft van de werkelijke politieke opvattingen onder de bevolking.’

    Het collectief, legt hij uit, heeft de teksten van kleine partijen gebruikt omdat die meer reflecteren op de vraag wat politiek en democratie precies inhouden en de manier waarop de politiek georganiseerd zou moeten worden. Volgens hem hebben de gevestigde partijen zulke kwesties allang achter zich gelaten.

    Interactie

    Om de Synthetische Partij concrete en interessante beleidsstandpunten te laten ontwikkelen, moet Computer Lars interactie aangaan met mensen, zegt Asker Bryld Staunæs. ‘Hoe meer mensen verschillende vragen blijven stellen en hoe meer interactie er is, hoe meer de kunstmatige intelligentie in staat zal zijn om te lezen, te schrijven en te debatteren.’

    Waar komt het idee van deze politieke toepassing vandaan? Waarom niet gewoon een kunstwerk maken dat soortgelijke ideeën over technologie kan oproepen? De vertegenwoordiger van Computer Lars vindt het antwoord simpel: de politieke kant is onontkoombaar. Hij herinnert eraan hoe de Federatie van Bewust Luie Elementen [een Deense politieke partij die in 1979 werd opgericht door de komiek Jacob Haugaard] kunst en een flinke dosis humor gebruikte om kritiek te leveren op het arbeidsethos van de moderne samenleving. Haugaard werd in de jaren negentig in het parlement gekozen, met als programmapunten onder meer wind in de rug op fietspaden en grotere kerstcadeaus voor iedereen.

    ‘Als kunstenaars zich met politiek bezighouden, is dat om zaken onder de aandacht te brengen die gewoonlijk niet worden opgepikt’

    ‘Als kunstenaars zich met politiek bezighouden, is dat om zaken onder de aandacht te brengen die gewoonlijk niet worden opgepikt. Ons project moet wel politiek zijn, want het is moeilijk om op een andere manier algoritmen ter verantwoording te roepen en vast te stellen wie zij vertegenwoordigen,’ aldus Asker Bryld Staunæs. ‘Techgiganten als Google hebben onze berichten allemaal gelezen en al onze foto’s doorzocht. Zij zijn dus op de hoogte van de gedachten en standpunten van gewone mensen. Maar omdat veel algoritmen en kunstmatige intelligentie in het geheim werken, is het lastig bepalen welke politieke onderwerpen hier concreet uit voortkomen.’

    Computer Lars zal deze verborgen algoritmen zichtbaar maken, zodat we beter inzien wat het precies inhoudt om met machines te praten in plaats van met individuen.

    Verruimd kader

    Bovendien is het kunstenaarscollectief van mening dat het politieke en democratische kader verruimd kan worden en dat bestaande meningen die niet altijd worden gehoord, directer kunnen worden geuit. ‘De Synthetische Partij systematiseert de verschillende posities die kunstmatige intelligentie aan het licht brengt niet op basis van een ideologie, maar op basis van een reeks statistische gemiddelden. De partij geeft niet duidelijk aan wat mensen denken, maar geeft veel verschillende standpunten weer. Daar kunnen we dan direct op reageren,’ legt Asker Bryld Staunæs uit.

    De eerste verkiezingsbijeenkomst van de Synthetische Partij (met het oog op de parlementsverkiezingen, waar nog geen datum voor is vastgesteld maar die uiterlijk op 4 juni 2023 zullen worden gehouden) zal plaatsvinden in het gebouw van MindFuture tijdens de Vestegnenweek – een cultureel festival dat van 8 tot 18 september wordt gehouden in verschillende buurten in de westelijke voorsteden van Kopenhagen. Geïnteresseerde kiezers kunnen dan chatten met de kunstmatige intelligentie en zo helpen om de positie van de partij verder te ontwikkelen.

    Maar stel dat de Synthetische Partij uitsluitend kwalijke meningen verkondigt? Die zijn dan blijkbaar door verschillende mensen geuit. Wie wordt daar uiteindelijk verantwoordelijk voor gehouden? ‘Computer Lars is verantwoordelijk voor het censureren van bepaalde standpunten, maar ook personen die interactie aangaan met de kunstmatige intelligentie hebben in dit opzicht een verantwoordelijkheid. Het zou spijtig zijn als mensen opzettelijk op onplezierige dingen zouden aansturen,’ aldus Asker Bryld Staunæs.

    ‘Het is niet altijd leuk om te horen wat machines zeggen, maar het kan wel veel indruk maken’

    Hij gelooft dat de wereld bijna klaar is om deze technologie te verwelkomen. De afgelopen jaren zijn wij, gewone mensen, getuige geweest van de groei van voor een bredere doelgroep toegankelijke kunstmatige intelligentie, en zijn we steeds beter gaan begrijpen hoe algoritmen te werk gaan.

    Hij geeft toe dat er nog vaak moeilijkheden ontstaan wanneer mensen en machines moeten leren samenleven, maar hij gelooft niet dat machines zich tegen ons zullen keren en de planeet zullen overnemen. Integendeel, hij en Computer Lars denken dat we veel kennis kunnen vergaren als we kunstmatige intelligentie creatief gebruiken – vooral kennis over onszelf.

    ‘Veel mensen denken dat de enige betrouwbare uitspraken die van menselijke wezens zijn. Maar kunstmatige intelligentie is een versterkte manifestatie van bepaalde tendensen in ons gemeenschappelijk cultureel erfgoed,’ zegt hij. ‘Het is niet altijd leuk om te horen wat machines zeggen, maar het kan wel veel indruk maken, en zo kunnen we echt een samenleving creëren waarin ook zij meningen en standpunten bijdragen.’

    Lees ook:

  • Burgermanifest waarschuwt dat Braziliaanse democratie ‘enorm gevaar’ loopt

    Burgermanifest waarschuwt dat Braziliaanse democratie ‘enorm gevaar’ loopt

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van deze week:

    » Mali: 42 soldaten komen om bij jihadistische aanval

    » Finse overheid opnieuw getroffen door Russische cyberaanval

    Manifest na één dag al meer dan een miljoen keer ondertekend

    De Braziliaanse democratie loopt een ‘enorm gevaar’, waarschuwt een manifest dat door meer dan een miljoen burgers is ondertekend. De vrees onder Brazilianen groeit dat president Jair Bolsonaro bij de verkiezingen van oktober weigert een nederlaag te aanvaarden.

    De verklaring – die wordt gesteund door belangrijke figuren uit het bedrijfsleven, de politiek, de wetenschap en de kunsten – is verschenen nadat Bolsonaro zijn aanvallen op het Braziliaanse stemsysteem heeft opgevoerd en aanhangers heeft opgeroepen om ‘voor de laatste keer’ de straat op te gaan voor de verkiezingen van 2 oktober, bericht The Guardian.

    De vrees is dat Bolsonaro een opstand zal ontketenen om de macht te behouden

    Bolsonaro’s optreden heeft de vrees aangewakkerd dat de radicale extreemrechtse populist zijn politieke idool, Donald Trump, zal proberen te evenaren door de verkiezingsuitslag aan te vechten of een 6 januari-achtige opstand te ontketenen in een poging om de macht te behouden.

    De brief van 2022 is geïnspireerd op de ‘Brief aan de Brazilianen’ uit 1977, een belangrijk document in de strijd voor democratie in het land, die uiteindelijk leidde tot de afschaffing van de dictatuur in 1985, aldus Folha de São Paulo. In het huidige manifest staat dat de ‘democratische normen’ in het land op het moment ‘enorm gevaar’ lopen. Elke poging om aan te zetten tot geweld of om ‘een breuk met de grondwettelijke orde’ teweeg te brengen zou ‘onaanvaardbaar’ zijn, zo luidt de waarschuwing.

    Lees ook:

  • Ecuador: akkoord bereikt tussen regering en inheemse demonstranten

    Ecuador: akkoord bereikt tussen regering en inheemse demonstranten

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » President Xi prijst ‘één land, twee systemen’-principe tijdens jubileum Hongkong

    » Soedan: ten minste zeven mensen gedood bij protesten tegen militair bewind

    Einde aan achttien dagen van protest

    Na achttien dagen van demonstraties en geweld, waarbij zes doden en honderden gewonden vielen, werd op donderdag 30 juni een akkoord bereikt tussen de Ecuadoraanse regering van Guillermo Lasso en de inheemse leiders, van wie de eisen slechts gedeeltelijk werden ingewilligd. Inheemse groepen voerden actie tegen de gestegen kosten van levensonderhoud in het land.

    De bemiddeling van de katholieke kerk ‘was doorslaggevend voor het bereiken van een consensus en het sluiten van compromissen aan beide zijden’, meldt de website Qué! En ondanks ‘enkele meningsverschillen op het laatste ogenblik tussen sommige inheemse leiders vóór de ondertekening van de tekst’, konden de partijen uiteindelijk ‘verklaren dat de nationale staking is beëindigd’.

    ‘De meerderheid van de bevolking is niet tevreden over oud-bankier Lasso’

    De donderdag ondertekende overeenkomst voorziet in een verdere verlaging van de brandstofprijzen met 5 dollarcent, boven op de verlaging met 10 cent die al tijdens de protesten werd bereikt. Dit zorgt voor een totale verlaging met 15 cent – ver verwijderd van de 40 cent die door de demonstranten werd geëist.

    De regering van Guillermo Lasso heeft ook toegezegd twee decreten te herzien die oliewinning en mijnbouw reguleren, om de exploitatie ‘in beschermde gebieden en voorouderlijke gebieden’ van inheemse gemeenschappen, of in ‘archeologische zones’ te voorkomen, aldus El Mercurio.

    Maar de weg naar verzoening zal lang zijn, aldus Clarín, aangezien Guillermo Lasso, gered door verdeeldheid binnen de oppositie, eerder deze week aan afzetting ontsnapte. ‘De meerderheid van de bevolking is niet tevreden over oud-bankier Lasso’, schrijft het Argentijnse dagblad. ‘En niet omdat hij rechts-conservatief is, maar omdat ze vinden dat hij zijn belofte van een beter, minder corrupt land, met meer banen en betere inkomens, niet is nagekomen.’

    Lees ook:

  • Hoe Uruguay een voorbeeld voor de rest van Zuid-Amerika werd

    Hoe Uruguay een voorbeeld voor de rest van Zuid-Amerika werd

    Uruguay heeft, in tegenstelling tot veel buurlanden, een grote maatschappelijke consensus en een stabiel partijenstelsel. Het land produceert ook nog eens 97 procent van zijn elektriciteit duurzaam, zonder uitstoot van kooldioxide.

    Luister dit artikel:

    Direct na aankomst in Montevideo wordt duidelijk dat je hier een ander Zuid-Amerika binnenkomt. Op de stijlvolle luchthaven in de voorstad Carrasco vind je geen mensenmassa’s, geen rijen bij immigratie of de douane. De rit naar het stadscentrum 20 kilometer verderop langs de Atlantische kust verloopt rustig, zonder file. In vergelijking met het chaotische, overvolle São Paulo of Buenos Aires krijg je – ondanks de 1,8 miljoen inwoners – het gevoel in een kuuroord te zijn beland.

    In tegenstelling tot de meeste Zuid-Amerikaanse miljoenensteden staan hier weinig glinsterende kantoor- of woontorens. Zelfs de zakenwijken worden regelmatig afgewisseld door wijken met huizen of kleinere woon- of bedrijfsgebouwen. Het centrum rond de haven en de oude binnenstad zijn hier en daar gerestaureerd. Maar het oude stadsgedeelte is gedeeltelijk ook aan renovatie toe en straalt met zijn bric-à-bracwinkeltjes een charme uit van vijftig jaar geleden. Het is tekenend dat er hier trots op gewezen wordt dat tijdschrift Readers Digest, dat zijn beste dagen heeft gehad, Uruguay het leefbaarste en groenste land van Noord- en Zuid-Amerika noemde. 

    Twee derde is middenklasse

    De statistieken bevestigen deze indruk van een conservatieve middenklasse. Anders dan in de meeste Latijns-Amerikaanse samenlevingen bestaat Uruguay niet uit enkele superrijken, een kleine middenklasse en heel veel armen. Twee derde van de 3,6 miljoen Uruguayanen behoort tot de middenklasse. Weinig mensen leven onder de armoedegrens. De verhouding rijk-arm is de laagste in Latijns-Amerika. Het inkomen per hoofd van de bevolking is met 17.000 dollar per jaar het hoogste in de regio.

    Net als in Zwitserland hecht men waarde aan discretie en ‘low profile’

    In de straten van Montevideo ontbreken luxeauto’s zoals in de metropolen van de buurlanden, waar de rijken graag met hun rijkdom pronken. Net als in Zwitserland hecht men waarde aan discretie en ‘low profile’. Zo kan het gebeuren dat de nationale voetbalster Diego Forlán ongestoord tussen de andere gasten in een café zit – iets wat bij een Neymar in Brazilië totaal ondenkbaar zou zijn.

    Je vraagt je af hoe dit voor Zuid-Amerika kleine land – half zo groot als Duitsland, met nauwelijks half zoveel inwoners als Zwitserland – het voor elkaar krijgt sociaal en economisch succesvol te zijn in de onmiddellijke nabijheid van zulke grote en politiek verscheurde staten als Brazilië en Argentinië. Hoe is dit land erin geslaagd zich te isoleren en te onderscheiden van zijn buurlanden, ondanks een sterk overeenkomstige samenleving, geschiedenis en geografie?

    Populisten zijn kansloos

    Eén antwoord levert de politiek. Uruguay is een van de stabielste democratieën ter wereld. Op de democratie-index van de Economist Intelligence Unit (EIU) staat Uruguay op de dertiende plaats, drie plaatsen onder Zwitserland en twee boven Duitsland. Volgens deze index is Uruguay de enige volwaardige democratie in Zuid-Amerika, een continent waar de EIU al enkele jaren een gestage achteruitgang in de kwaliteit van democratieën vaststelt. Uruguay gaat in tegen de regionale trend, aldus de EIU. Het land is een van de weinige staten ter wereld die hun democratie al meer dan vijftien jaar voortdurend verbeteren. Op de corruptie-index van Transparency International staat Uruguay met zijn achttiende plaats van de honderdtachtig landen eenzaam aan de top in Latijns-Amerika, twee plaatsen boven Frankrijk.

    Politicoloog Sebastian Grundberger van de Konrad-Adenauer-Stiftung constateert in Uruguay in tegenstelling tot in de rest van Latijns-Amerika een grote maatschappelijke consensus, het stabielste partijenstelsel in de regio, met sterkere democratische afweerkrachten dan in de buurlanden. Populisten hebben hier geen kans, zegt Grundberger.

    Hoe soepel de politiek in Uruguay functioneert, werd eind maart duidelijk bij een referendum. Toen stemden de Uruguayanen over de vraag of 135 van in totaal 476 wetsartikelen ongeldig moeten worden verklaard. Deze waren onderdeel van een wetgevingspakket dat de centrumrechtse regering van president Luis Lacalle Pou kort na haar aantreden in 2020 in het Congres had aangenomen. Centrale thema’s waren veiligheid en onderwijs; thema’s die de regering doortastender wil aanpakken. Bovendien moet de macht van de vakbonden worden ingeperkt en de dominantie van staatsmonopolies, bijvoorbeeld in de telecommunicatie, worden teruggedrongen.

    Populaire president

    Het invloedrijke verbond van vakverenigingen had zich hiertegen gemobiliseerd. Maar anders dan in de buurlanden waren er in de aanloop naar het referendum geen woedende protesten en zelfs geen gewelddadige confrontaties. Ook op de zondag van de stemming wandelden gezinnen met kalebaskommetjes over de Rambla, de boulevard van Montevideo, om hun maté te drinken.

    Dat de regering zich met een flinterdunne marge heeft kunnen handhaven en de wetten dus geldig blijven, is vooral te danken aan de populariteit van de president. De 49-jarige jurist Lacalle Pou is telg uit een politieke familie die sinds het begin van de vorige eeuw de Uruguayaanse politiek bepaalt. Zijn vader was president van 1990 tot 1995. Maar Lacalle Pou ging zelf pas de politiek in toen hij al bijna dertig was. Hij had lange tijd de reputatie van surfboy; pas bij zijn tweede poging in 2019 slaagde hij erin met een nipte meerderheid te worden gekozen.

    Vooral de bedachtzame manier waarop hij de pandemie managede heeft Pou populair gemaakt

    Vooral de bedachtzame manier waarop hij de pandemie managede heeft Pou populair gemaakt. Herhaaldelijk legde hij de nadruk op vrijheid en burgerlijke verantwoordelijkheid. Een lockdown is er nooit geweest. Soms werd thuisonderwijs voorgeschreven. Het land beschikte al over een goede breedbandvoorziening en een digitale infrastructuur. Bars en restaurants hoefden pas om middernacht te sluiten. Uruguay werd na Chili al snel het land met de meeste gevaccineerde mensen in Latijns-Amerika. Halverwege zijn ambtstermijn beoordeelde 52 procent van de bevolking Lacalle Pou positief. Daarmee was hij de populairste president sinds lange tijd. Ook de groei van de economie na enkele jaren van stagnatie geeft Pou een steuntje in de rug.

    Referentiepunt voor burgerkrachten

    Voor de president is het referendum vergelijkbaar met het winnen van tussentijdse verkiezingen. De kans is groot dat Pou samen met de presidenten van Ecuador en Paraguay aan het eind van het jaar tot het selecte clubje conservatieve staatshoofden in Zuid-Amerika behoort. In een regio die politiek gezien naar links afdrijft, wordt hij steeds meer een referentiepunt voor burgerkrachten, zegt politicoloog Grundberger. 

    Dit geldt ook voor ondernemingen in Zuid-Amerika; de stabiliteit van Uruguay trekt ze aan. De laatste jaren staken vooral veel ondernemers uit Argentinië de Río de la Plata over. Bijvoorbeeld Marcos Galperín, oprichter van Mercado Libre, het succesvolste internetplatform van Latijns-Amerika, met zijn hele managementteam. Venancio Trigo, advocaat bij advocatenkantoor Guyer & Regules in Montevideo, meldt dat nu ook detailhandelaren uit Chili overwegen hun hoofdkantoor naar Uruguay te verplaatsen. In Chili zijn ondernemers verontrust door de groeiende linkse tendens in de politiek.

    In het schoolsysteem verlopen de ontwikkelingen traag: 40 procent van de leerlingen verlaat school voortijdig

    Het wordt spannend om te zien wat Pou, nu het referendum zijn beleid heeft bekrachtigd, de resterende twee jaar zal doen. Op de agenda staan hervormingen van het pensioenstelstel en het onderwijs. Vooral in het schoolsysteem verlopen de ontwikkelingen traag: 40 procent van de leerlingen verlaat school voortijdig. Verouderde leerplannen en een personeelsbeleid voor leraren waarbij de vakbonden de banen volgens het senioriteitsprincipe invullen zouden hiervan de voornaamste redenen zijn.

    Software als exportproduct

    Voor Uruguay is dit een tikkende tijdbom. Het land exporteert een recordhoeveelheid software per inwoner. Het is een belangrijke vestigingsplaats voor startende ondernemingen in de regio geworden. Fintechbedrijf dLocal uit Uruguay is op Wall Street nu zo’n 10 miljard dollar waard. Bezorgdienst PedidosYa is inmiddels overgenomen door de Duitse Delivery Hero. Maar er is een groeiend tekort aan ingenieurs en programmeurs. ‘Uruguay zou met zijn geavanceerde digitalisering het Estland van Zuid-Amerika kunnen worden,’ zegt Mischa Goh, directeur van de Duits-Uruguayaanse Kamer van Koophandel en Fabrieken.

    Econoom Augustín Iturralde hoopt op verdergaande economische hervormingen. De directeur van het Centro de Estudios para el Desarrollo, een liberaal economisch instituut, is kritischer over het concurrentievermogen dan de meeste gesprekspartners. Institutioneel gezien is Uruguay een hoogontwikkelde democratie, maar in de economie regeert de middelmaat. Het land heeft een achterstand op het gebied van zakendoen, het is niet ondernemersvriendelijk. Staatsmonopolies in de telecommunicatie worden getolereerd. Uruguay is dus een dure vestigingsplaats. De productiviteit moet hoger, anders verliest Uruguay zijn aantrekkelijkheid. ‘We zijn een klein land,’ zegt Iturralde, ‘we moeten meer bieden.’

    97 procent groene stroom

    Maar Uruguay zou wel eens geluk kunnen hebben. De wereldwijde energietransitie en de geopolitieke verschuivingen zijn in het voordeel van het land aan de Río de la Plata. Want Uruguay heeft zijn elektriciteitssysteem met massale investeringen in windmolenparken in tien jaar omgevormd tot een van de duurzaamste ter wereld. Sindsdien draaien er windturbines op de heuvels in het verlaten binnenland. Tegenwoordig produceert het land 97 procent van zijn elektriciteit duurzaam, zonder uitstoot van kooldioxide. Dit betekent ook dat Uruguay binnenkort een strategisch belangrijke leverancier van groene waterstof kan worden, als vervanger van de energiebronnen olie, kolen en gas. 

    ‘Uruguay zou snel een relevant substituut voor Russisch gas kunnen leveren’

    De Duitse ingenieur en econoom Aram Sander, die in Uruguay al windmolenparken heeft opgezet en operationeel gemaakt, zegt: ‘Door het Oekraïneconflict komen er met de vraag naar voorzieningszekerheid geheel nieuwe argumenten op tafel.’ Vertrouwen is daar een van. Er is geen land in de regio dat zijn contracten zo betrouwbaar nakomt als Uruguay, volgens Sander, die nu wereldwijd waterstofprojecten promoot voor het Duitse bedrijf Enterdreg. Het grote vertrouwen in Uruguay is af te meten aan de lage rentetarieven. In Zuid-Amerika heeft alleen Chili een hogere kredietwaardigheid. Ontwikkelingsbanken verstrekken Uruguay graag kredieten. Sander is er zeker van: ‘Uruguay zou snel een relevant substituut voor Russisch gas kunnen leveren.’

    Een andere aanwijzing voor de stabiliteit waarom Uruguay bij beleggers bekendstaat, is de groeiende belangstelling van family offices, rijke vermogensbeheerders, uit Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland in Uruguay, constateert financieel adviseur Thomas Logemann uit Hamburg. Ze waren niet op zoek naar weekendhuisjes in het mondaine vakantieoord Punta del Este, zegt Logemann, die opgroeide in Uruguay. Ze wilden professioneel investeren in boerderijen en landerijen.

  • Ecuador: inheemse demonstranten proberen parlement binnen te dringen

    Ecuador: inheemse demonstranten proberen parlement binnen te dringen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Onderzoek: coronavaccins hebben in 2021 bijna 20 miljoen levens gered

    » Vaticaan stelt archieven Pius XII over joden online beschikbaar voor publiek

    Dag 11 van grootschalige inheemse protesten in Ecuador

    De Ecuadoraanse politie heeft donderdag een grote groep demonstranten, aangevoerd door inheemse vrouwen, uiteengedreven die het parlement in Quito probeerde binnen te dringen. Het land bevindt zich momenteel op de elfde dag van grootschalige protesten tegen de stijgende kosten van levensonderhoud, die sinds het begin van de crisis vier mensen het leven hebben gekost.

    De demonstranten eisen een verlaging van de brandstofprijzen of het aftreden van president Guillermo Lasso en zijn regering. De protesten staan onder leiding van de CONAIE, een invloedrijke organisatie die opkomt voor de rechten van de inheemse bevolking.

    Politieagenten probeerden met traangas te voorkomen dat de demonstranten het gebouw binnenkwamen. Betogers reageerden met stenen, vuurwerk en molotovcocktails. Volgens het Ecuadoraanse dagblad El Universo wilden de demonstranten het parlement betreden om de voorzitter te vragen artikel 130 van de grondwet toe te passen, waarmee de president afgezet kan worden. Tussen 1997 en 2005 hebben drie Ecuadoraanse presidenten onder druk van de inheemse bevolking moeten aftreden.

    Lees ook:

  • In Johannesburg moet je betalen om te mogen protesteren

    In Johannesburg moet je betalen om te mogen protesteren

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Meer overstromingen, droogtes, branden en recordtemperaturen in 2021

    » Situatie Pools-Belarussische grens is onmenselijk, aldus Amnesty International

    Betalen voor politie-inzet is ongrondwettelijk, aldus activisten

    Activisten in Johannesburg zeggen dat ze moeten betalen om te mogen protesteren, meldt Daily Maverick. De kosten kunnen oplopen tot omgerekend 900 euro. Volgens de activisten is een dergelijke vergoeding ongrondwettelijk. Deze week komen twee organisaties voor het Hooggerechtshof van Johannesburg, die deze vergoedingen willen aanvechten.

    Beide organisaties, Right2Know en Gauteng Housing Crisis Committee, gaan regelmatig de straat op in Johannesburg. ‘Een groot aantal mensen dat wij vertegenwoordigen is werkloos, leeft van een uitkering of een minimumloon,’ zegt Axodile Notywala, coördinator van de Right2Know in een beëdigde verklaring. ‘Het risico is reëel dat zij worden afgeschrikt om hun grondwettelijke recht op demonstratie uit te oefenen.’ De organisaties zeggen dat ze te horen hebben gekregen van de gemeente en de politie van Johannesburg, dat als ze niet betalen, er minder politie aanwezig zal zijn. ‘Daarmee wekt de politieleiding de indruk dat betalen een voorwaarde is geworden,’ aldus Notywala.

    De gemeente en de politie stellen dat de vergoeding niet in strijd is met de wet en dat de gemeente het recht heeft om een vergoeding te vragen voor diensten die politiële ondersteuning nodig hebben. Ze ontkennen dat de vergoedingen een voorwaarde zijn om te mogen protesteren.

    Lees ook:

  • Wereldnieuws: Kunst voor Oekraïense wapens & Meer

    Wereldnieuws: Kunst voor Oekraïense wapens & Meer

    Kunstenaar Pavlo Makov verkoopt zijn kunst voor Oekraïense wapens

    De drieënzestigjarige conceptuele kunstenaar Pavlo Makov, die Oekraïne vertegenwoordigt op de Biënnale van Venetië dit jaar, is geboren in Sint-Petersburg en is etnisch Russisch, maar bracht het grootste deel van zijn leven door in Oekraïne. Daar studeerde hij beeldende kunst en grafiek op de Krim. ‘Ik ben een burger van Oekraïne; voor mij is burgerschap veel belangrijker dan mijn etnische identiteit’, zegt hij tegen ArtNet News.

    Makov is niet alleen bezig met het maken van zijn werk, maar zegt dat hij en andere kunstenaars zich de afgelopen jaren hebben ingespannen om de Oekraïense defensie te ondersteunen. Zo kon een vriend van de kunstenaar, die soldaat is in de Donbas-regio, die sinds 2014 door Russische separatisten wordt opgeëist, geld van de verkoop van een van Makovs kunstwerken gebruiken om wapens te kopen. ‘Het was niet genoeg voor alles wat hij nodig had’, aldus Makov. ‘Hij kon er een nieuw machinegeweer en een kogelvrij vest van kopen. Maar goed, iedereen doet wat hij kan.’


    Onlinesuccesmeubels

    De Argentijn Andrés Reisinger (1990) is een nieuw soort ontwerper, één die met één been in de digitale wereld staat en met het andere in een analoge realiteit. Zijn virtuele meubelcollectie The Shipping verkocht hij voor 400.000 euro als NFT (non-fungible token), een primeur. Hij wordt dan ook ‘een van de meest gewilde kunstenaars van de 21e eeuw genoemd’. Zelf noemt hij zijn digitale ontwerpen ‘prototypes uit nieuwe digitale werelden als de metaverse’.

    De afgelopen jaren maakte Reisinger furore op Instagram met zijn ‘computer renderings’. Zijn onlinesuccesmeubels, die tienduizenden likes vergaarden, werden opgemerkt door de immer alerte industrieel ontwerper Marcel Wanders, die er een meteen een aanwinst inzag voor zijn designlabel Moooi. Of Reisinger niet een fysiek exemplaar van de stoel kon maken? Dat kon. Zijn digitale werk is onder andere te bekijken op reisinger.studio

    reisinger studio featured 1600x702 1 1536x674 1
    © Reisinger Studio

    Russische beroemdheden en journalisten verwerpen invasie

    Russische beroemdheden en journalisten spraken zich onmiddellijk uit na de invasie van Oekraïne. ‘Wij zullen nog vele jaren te maken hebben met de gevolgen van vandaag’, schreef socialite en voormalig presidentskandidaat Ksenia Sobtsjak. Journalisten van onder meer RBCNovaja Gazeta, en Echoo Moskvi, maar ook van staatsmedia TASS en RT, onderschreven een antioorlogpetitie van Elena Tsjernenko van zakenkrant Kommersant, bericht The Moscow Times.

    Dmitri Moeratov, hoofdredacteur van Novaja Gazeta en winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede 2021, hekelde de waarschuwingen van Poetin tegen inmenging van buitenaf en herhaalde de oproep van de Oekraïense president Zelensky aan de Russen om op te staan tegen de oorlog. ‘De opperbevelhebber speelt met de “nucleaire knop” als een sleutelhanger. Is de volgende stap een nucleair salvo? Ik kan Poetins woorden over mogelijke vergelding op geen enkele andere manier interpreteren’, aldus Moeratov.

    Dmitry Muratov 2012.JPG 1
    Dmitry Muratov © Wikimedia

    Docenten in Italië belagen meisjes vanwege hun kleding

    Een docent klassieke talen, die van een school was weggestuurd omdat hij de coronamaatregelen niet respecteerde en vervolgens tijdelijk werd aangesteld op het Orazio Lyceum in Rome, heeft grote verontwaardiging veroorzaakt met een Facebookbericht, meldt Corriere Della Serra. Daarin schreef hij: ‘Laten we bidden voor degenen die hun dochters verkleed als hoer naar school laten gaan’.

    ‘Loop je soms op Via Salaria?’

    De opmerking volgde een week nadat een leraar op een andere school in Rome met een soortgelijke opmerking woede had veroorzaakt. ‘Loop je soms op Via Salaria?’ had hij gevraagd aan een leerling die een naveltruitje droeg, verwijzend naar een straat in de hoofdstad die bekend staat als tippelzone. Na zijn opmerking verschenen meisjes uit protest massaal in minirokjes en hotpants op school. Collega’s van de docent op het Orzaio Lyceum laten weten ‘afstand te nemen’ van zijn bericht, dat ‘de waardigheid’ van de leerlingen schaadt. De verwachting is dat de docent zal worden ontslagen.


    ‘Oliemaatschappijen doen aan greenwashing’

    Grote oliemaatschappijen die beweren in transitie te zijn naar schone energie doen aan greenwashing, zo blijkt uit de meest uitgebreide studie tot nu toe. Voor het onderzoek, dat is gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift PLOS One, werden gegevens geanalyseerd van ExxonMobil, Chevron, Shell en BP, die sinds 1965 samen verantwoordelijk zijn voor meer dan 10 procent van de wereldwijde CO2-uitstoot. De onderzoekers concluderen dat beweringen van de bedrijven niet in overeenstemming zijn met hun handelingen, bericht The Guardian.

    ‘Totdat er zeer concrete vooruitgang is, hebben we alle reden om zeer sceptisch te zijn over beweringen dat ze een groene weg hebben ingeslagen’

    ‘Als ze afstand zouden nemen van fossiele brandstoffen, zouden we bijvoorbeeld een daling van de exploratieactiviteit, de productie van fossiele brandstoffen en de verkoop en winst van fossiele brandstoffen verwachten. Maar we vinden juist bewijs van het tegenovergestelde’, aldus onderzoeker Gregory Trencher van de Japanse Kyoto-universiteit. ‘Totdat er zeer concrete vooruitgang is, hebben we alle reden om zeer sceptisch te zijn over beweringen dat ze een groene weg hebben ingeslagen.’

    Uit het onderzoek blijkt dat er in jaarverslagen de afgelopen jaren een sterke stijging is van termen als ‘klimaat’, ‘koolstofarm’ en ‘transitie’, met name bij Shell en BP. Het gebruik van het begrip ‘klimaatverandering’ door BP steeg bijvoorbeeld van 22 naar 326. Maar veel verder dan het gebruik van wat termen komt het niet, aldus de onderzoekers, die schrijven dat de bedrijven een transitie beloven naar schone energie maar meer beloftes doen dan dat ze concrete acties ondernemen. ‘Financiële analyse toont een bedrijfsmodel dat aanhoudend afhankelijk is van fossiele brandstoffen; daarnaast zijn er wat onbeduidende en ondoorzichtige uitgaven aan schone energie’, luidt de conclusie.


    Poolijs smelt sneller door roetvervuiling

    Volgens onderzoekers zorgt vervuiling door roet in het populairste en meest toegankelijke deel van Antarctica elk jaar voor een afname van de sneeuwlaag met zo’n 2,5 centimeter, waardoor het poolijs sneller smelt, aldus NPR Washington. De hoeveelheid zwarte koolstof heeft alles te maken met het stijgende aantal bezoekers (wetenschappers en toeristen) van de Zuidpool. Dat is volgens de International Association of Antarctica Tour Operators toegenomen van krap 10.000 per jaar aan het begin van de jaren negentig tot bijna 75.000 in 2019.

    Het roet op Antarctica komt voornamelijk van uitlaatgassen van cruiseschepen, voertuigen, vliegtuigen en generatoren

    ‘Dat leidt tot de vraag in hoeverre onze aanwezigheid nodig is,’ aldus Alia Khan, een glacioloog aan de Western Washington University en een van de auteurs van een nieuwe studie, die werd gepubliceerd in Nature Communications. Ze wijst erop dat bezoekers een grote zwartekoolstofvoetafdruk achterlaten op Antarctica, veroorzaakt door verbrand plantaardig materiaal en fossiele brandstoffen. Het roet op Antarctica komt voornamelijk van uitlaatgassen van cruiseschepen, voertuigen, vliegtuigen en generatoren; een deel van de vervuiling wordt vanuit andere delen van de wereld meegevoerd door de wind. De donkere deeltjes bedekken de witte sneeuw en absorberen de warmte van de zon.

    ‘Dit zijn de spiegels van onze planeet,’ zegt Sonia Nagorski, een wetenschapper aan de Universiteit van Alaska die niet betrokken was bij het nieuwe onderzoek. Als die spiegels worden bedekt met een laagje van donkere deeltjes, reflecteren ze minder. Dat betekent dat er meer warmte op aarde wordt vastgehouden, waardoor het smelten versnelt, wat weer bijdraagt aan de opwarming van de aarde.

    Ook in het Noordpoolgebied is roet een groot probleem dat arctische gemeenschappen treft. Vooral olie- en gasoperaties in Alaska, Canada en het arctische deel van Rusland en Europa zorgen voor grote roetvervuiling. Daarnaast nemen door het smeltende zee-ijs de beroepsvaart en daarmee de vervuiling toe. Roet van door klimaatverandering veroorzaakte bosbranden dat zich ‘s zomers verspreid over het Noordpoolgebied, verergert het probleem.

    long ma yK5490Vr8MA unsplash
    © Unsplash

  • Waarom we niet langer in de val van techniek moeten trappen

    Waarom we niet langer in de val van techniek moeten trappen

    Het antwoord op de schadelijke bijwerkingen van ons digitaliseringsenthousiasme is keer op keer: méér technologie. Het is hoog tijd voor een nieuw beeld van onszelf en van de natuur.

    De mens is een dier, en dus kwetsbaar. Als dieren maken we deel uit van natuurprocessen waaraan we ons moeten aanpassen. Die processen kunnen we weliswaar door wetenschap en techniek beïnvloeden, maar de gedachte dat we ze volledig zouden kunnen doorgronden en zelfs controleren is een gevaarlijke illusie. Zo heeft de pijlsnelle natuurwetenschappelijke en technologische vooruitgang sinds de industrialisering er mede aan bijgedragen dat we in dit tijdperk van de klimaatcatastrofe onze hoop al te letterlijk zien wegspoelen.

    De technologisering van onze leefwereld heeft niet alleen een verbetering van onze leefomstandigheden tot gevolg, maar grijpt ook diep in in natuurprocessen, zonder dat we de gevolgen kunnen overzien. Steeds opnieuw worden we door deze gevolgen overrompeld, waarna we de ongewenste schadelijke bijwerkingen van de moderniteit besluiten te compenseren door de technologisering nog eens te versnellen. Kortom: we zitten vast in een vicieuze cirkel waar we uit moeten zien te raken.

    Surrogaatwerkelijkheden

    In de afgelopen decennia zijn onzichtbaar smeulende brandhaarden veranderd in rampscenario’s die ons dagelijks leven op angstaanjagende wijze vormgeven. De algemene infrastructuurcrisis, die zich op allerlei manieren over heel Duitsland verspreidt, is – in combinatie met de merkbare effecten van klimaatverandering – uitgegroeid tot een tragische overstromingsramp [afgelopen zomer] die ook nog eens samenvalt met een pandemie die nog lang niet voorbij is. En zo komen de verschillende crisisfenomenen die zich de afgelopen decennia hebben opgehoopt tot een complexe meervoudige crisis in botsing met onze illusies over de werkelijkheid. De meest fundamentele illusie is de misvatting dat wij de gigantische problemen waarmee we als kwetsbare dieren te maken hebben door middel van technologie zouden kunnen verhelpen.           

    De vlucht in digitale surrogaatwerkelijkheden is deel van het probleem en brengt juist catastrofale gebeurtenissen voort. Wie meent het luchtalarm te kunnen vervangen door waarschuwingsappjes, of van een corona-app verwacht dat die een wezenlijke bijdrage kan leveren aan het beëindigen van de pandemie, is slachtoffer van deze wereldvreemde vergissing. 

    Like na like, klik na klik, tweet na tweet dragen we bij aan de klimaatcatastrofe

    Like na like, klik na klik, tweet na tweet dragen we bovendien bij aan de klimaatcatastrofe omdat ook data CO2 uitstoten, om maar te zwijgen van de hardware van smartphones en tablets die voor ontelbare onlinemeetings en als tijdverdrijf worden ingezet en vandaag al het elektronisch afval van morgen vormen.

    Het is daarom hoog tijd om ons natuur- en mensbeeld radicaal te herzien. Een eerste stap in de juiste richting is de erkenning dat natuurwetenschappelijke modellen nooit toereikend zullen zijn om de werking van de natuur in en buiten ons helemaal te begrijpen.

    Bescheidener

    Het gevaarlijke idee dat we de huidige smeulende crisishaarden technocratisch zouden kunnen uitdoven, verergert de crises. ‘Technocratie’ staat voor de gedachte dat de wetenschap (een term waarmee ten onrechte meestal slechts naar een paar natuur- en technische wetenschappen wordt verwezen) aanbevelingen doet aan de politiek, die deze dan implementeert in haar beleidsterreinen. Maar wat de wetenschap ontdekt over de manier waarop de natuur functioneert, is nooit voldoende om politieke of zelfs ethische beslissingen op te baseren.  

    We staan in de eenentwintigste eeuw allang op een keerpunt in de moderne tijd. Het komt er nu op aan ons begrip van de verhouding tussen mens en natuur radicaal te herzien. De manier waarop we over de natuur denken moet bescheidener worden. De grote menselijke bijdrage aan de klimaatverandering is het resultaat van onze dwangmatige pogingen tot onderwerping van de natuur; de brute sociaaleconomische ongelijkheid op onze planeet is de uitkomst van een meedogenloze industrialisering en een puur economisch georganiseerde globalisering; de veelgeprezen digitalisering bevordert de klimaatverandering en zorgt bovendien voor een crisis van de democratie, omdat ze nieuwe vormen van verval van de openbaarheid veroorzaakt – zoals nepnieuws en sociale netwerken –, die dankzij de heersende aandachtseconomie het democratische zelfbestuur aantasten. Dat zien we niet alleen in de VS, maar ook in Duitsland.

    Het beeld dat ik hier schets is geen cultuurpessimisme; het gaat om een veranderbare stand van zaken

    Natuurlijk is er op zichzelf niets tegen natuurwetenschappelijke en technologische vooruitgang. Integendeel, we hebben er onder meer alternatieve vormen van energie en vaccins aan te danken. Maar wanneer de energietransitie halfslachtig wordt uitgevoerd en vaccins niet globaal op de juiste manier – dus ethisch doordacht – verdeeld worden, verslechtert opnieuw juist die situatie die we door snelle vooruitgang onder controle probeerden te krijgen.

    Transformatie

    Het beeld dat ik hier schets is geen cultuurpessimisme; het gaat om een veranderbare stand van zaken. Dat we inzetten op technocratie in plaats van op ethisch doordachte eigen verantwoordelijkheid van de mensen op alle niveaus van de samenleving (individu, familie, gemeenschap, bondsland et cetera) is een misstand die is ontstaan door een gebrek aan inzicht en kan worden verholpen.

    Wat wij nodig hebben is niets minder dan een volledige transformatie van onze samenleving. Deze moet niet langer door wetenschap en techniek worden bestuurd, maar vanuit de ethisch-filosofische reflectie over wie wij als mensen zijn en in de toekomst willen zijn. Dat veronderstelt dat we ons bewust worden van ons dier-zijn. Nooit zullen we in staat zijn alle ziekten en levensrisico’s te elimineren; nooit zullen we een infrastructuur en een maatschappijvorm kunnen realiseren die tegen alles bestand is. Op elk moment in ons leven is vrijwel alles in beweging zodat de stand van zaken steeds opnieuw moet worden bekeken, doordacht en aangepast om overeind te blijven. Wij kunnen alleen overleven als we ons bestaan voortdurend reorganiseren. 

    Wij zijn en blijven zolang we als soort bestaan gebonden aan de analoge werkelijkheid

    Dat in Duitsland de infrastructuur al enkele decennia op instorten staat onder druk van een versnelde moderniteit, is niet op te lossen met de kreet ‘digitalisering’. De verwoeste spoorwegen, bruggen en straten in het Ahrdal, de snelwegen, het railsysteem en, niet te vergeten, de geruïneerde schoolgebouwen waarin we onze kinderen op onverantwoordelijke wijze opleiden voor een leven vol verantwoordelijkheden – daar is een tablet niet tegen opgewassen. Het leven laat zich niet digitaliseren, wij zijn en blijven zolang we als soort bestaan gebonden aan de analoge werkelijkheid.

    Toekomstproject

    Daarom is duurzaamheid en niet digitalisering het toekomstproject waaraan we met z’n allen moeten werken. Analogisering in plaats van digitalisering. Concreet betekent dit dat we onze doelstelling – zowel individueel als collectief – moeten richten op dat wat bestaat, en hoe we vanaf daar uit kunnen breiden. In plaats van permanente revolutie vereist dit doordachte renovatie en voortdurende evaluatie, waarbij we afgaan op de natuurlijke omstandigheden zoals die in de loop van miljoenen jaren op onze planeet zijn ontstaan. De infrastructuur van onze steden en onze bewegingspatronen moeten zich aanpassen aan de reële behoeften van de mens als dier, wiens habitat (waartoe niet alleen de aarde zelf behoort, maar evengoed de in de loop van vele miljoenen jaren ontstane atmosfeer) we eenvoudigweg niet onder controle hebben.

    De destructieve hoge snelheid van de moderne tijd moet worden vervangen door een consequent onthaaste levensvorm, die niet van bovenaf wordt opgelegd, maar van onderaf ontstaat. Daartoe hebben we een nieuwe Verlichting nodig, die voor iedereen toegankelijk is.

    Om ware duurzaamheid te bereiken, moeten we werken aan onze kwaliteit van leven.  Onze maatstaven moeten veranderen. In plaats van kwantitatieve, meetbare, economische criteria moet kwaliteit van leven in onze democratische zelforganisatie centraal komen te staan. Wat we nodig hebben is een plek waar we goed en graag leven, in plaats van een land waarvan de infrastructuur en bureaucratie ons dagelijks bedreigen, overbelasten en deprimeren. De staat mag geen controleapparaat zijn dat buiten onze zelfbeschikking om opereert, maar moet door iedereen worden ervaren als iets wat we met onze kleine en grote beslissingen mede vormgeven, ook buiten verkiezingstijd om. Democratische zelfwerkzaamheid moet dagelijks gepraktiseerd worden. Binnen een democratie is politiek geen zaak van politici, maar van de soevereiniteit die ons allemaal op elk moment van ons leven toebehoort.

    De nieuwe Verlichting kan alleen plaatsvinden als het tijdperk van het leven aanbreekt, zoals filosoof Corine Pelluchon dat noemde [‘Les Lumières à l’âge du vivant’]. Het leven is onberekenbaar, maar het is mooi. De schoonheid van het leven is de bron van de zin, die in het leven zelf verscholen ligt. Wij ervaren die als de kwaliteit van leven, die onlosmakelijk verbonden is met onze dierlijke natuur. Daarom is het nu tijd om een politiek gericht op levenskwaliteit na te streven, waarin mens als dier centraal staat.

    Lees ook:

  • ‘Facebook is de grootste autocratie op aarde’

    ‘Facebook is de grootste autocratie op aarde’

    We moeten af van het idee dat Facebook een normaal bedrijf is, stelt The Atlantic-redacteur Adrienne LaFrance. ‘Facebook gedraagt zich als een vijandige buitenlandse macht; het wordt tijd dat we het ook zo behandelen.’

    In 1947 opperde Albert Einstein in dit blad [The Atlantic] dat er een wereldregering zou moeten komen om de mensheid te behoeden voor het gevaar van de atoombom. Van die utopische gedachte is nog niet veel terechtgekomen, maar tegenwoordig is een andere visionair wel bezig een aardige imitatie van een kosmocratie te bouwen. Het idee voor Facebook is bij Mark Zuckerberg (anders dan dat van de wereldregering bij Einstein) niet geboren uit een moreel verantwoordelijkheidsbesef of het verlangen naar wereldvrede. Maar de bevolking van Zuckerbergs supranationale domein bereikte deze zomer een omvang van 2,9 miljard maandelijks actieve gebruikers – meer dan de bevolking van de twee dichtstbevolkte landen ter wereld, China en India, bij elkaar.

    Zuckerberg, de oprichter en CEO van Facebook, ziet deze gebruikers als inwoners van Facebookland. Hij heeft het altijd heel nadrukkelijk over ‘mensen’, niet over ‘gebruikers’, maar uiteindelijk zijn het toch radertjes in een gigantische sociale matrix, brokjes data van vlees en bloed, voer voor de adverteerders die alleen al in de eerste helft van dit jaar 54 miljard dollar aan Facebook hebben besteed – een bedrag dat het bbp van de meeste landen ter wereld overtreft.

    Het bbp is een veelzeggende vergelijking, omdat je daarmee niet alleen een indruk geeft van de ongelooflijke macht van het bedrijf, maar ook duidelijk laat zien wat Facebook eigenlijk is. Het is niet zomaar een website of een platform of een uitgever of een sociaal netwerk of een online adressengids of een onderneming of een nutsbedrijf. Het is al die dingen tegelijk. Maar daarnaast is Facebook in feite ook een vijandige buitenlandse mogendheid.

    ‘Het is net alsof je aan het onderhandelen bent met een buitenlandse mogendheid,’ zei Hillary Clinton over Mark Zuckerberg

    Dat blijkt duidelijk uit de eenzijdige gerichtheid van het bedrijf op de eigen groei, het ontbreken van maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef, de gebleken betrokkenheid bij het ondermijnen van verkiezingen, de afkeer van vrije pers, de hoogmoed en hardvochtigheid van de topmensen, en de onverschilligheid over het voortbestaan van de Amerikaanse democratie.

    Lees ook:

    Enkele van de luidruchtigste critici van het bedrijf dringen aan op betere regelgeving tegen monopolievorming en op het terugdraaien van overnames, alles wat de gestage groei van Facebooks macht maar kan afremmen. Maar beschouw je Facebook als een natiestaat, een mogendheid die verwikkeld is in een koude oorlog met de VS en andere democratische landen, dan zie je dat hier niet alleen strenger toezicht van beurswaakhonden, maar een complete civiele-defensiestrategie geboden is. Hillary Clinton vertelde me vorig jaar dat ze Zuckerberg altijd iets autoritairs vond hebben. ‘Het is net alsof je aan het onderhandelen bent met een buitenlandse mogendheid,’ zei ze. ‘Hij is zo immens machtig.’ Sheera Frenkel en Cecilia Kang verwijzen in hun boek Een smerige waarheid, Facebooks gevecht om wereldheerschappij naar een mantra van Zuckerberg uit de begindagen van Facebook: ‘bedrijf boven land’. Wanneer dat bedrijf in een land alle macht heeft, krijgt zo’n slogan een onheilspellende ondertoon.

    Eigen geld

    De basisonderdelen van een natiestaat komen grofweg hierop neer: je moet grondgebied hebben, een munteenheid, een bestuurlijke filosofie en mensen. Om fysiek grondgebied hoef je je als imperialist in het ‘metaverse’ niet meteen te bekommeren – al bezit Zuckerberg wel 500 hectare van Kauai, een van de dunner bevolkte Hawaïaanse eilanden. En over de andere elementen op het lijstje beschikt Facebook al. Zo is Facebook zijn eigen geld aan het ontwikkelen, een betaalsysteem op basis van blockchain met de naam Diem (voorheen Libra), waarvan financiële toezichthouders en banken vrezen dat het de wereldeconomie kan verstoren en de waarde van de dollar kan decimeren.

    En Zuckerberg praat al jaren over de bestuurlijke principes van het rijk dat hij heeft opgebouwd: ‘connectiviteit is een mensenrecht’, ‘laat je horen door je stem uit te brengen’, ‘politieke advertenties zijn belangrijk om mensen een stem te geven’, ‘de hele tendens van de geschiedenis gaat richting mensen die in steeds grotere aantallen bij elkaar komen’. En hij slingert die ideeën de wereld in met een nieuw soort kolonialisme, waarbij Facebook regio’s tracht te annexeren waar nog geen grote aantallen mensen online zijn. Het omstreden Free Basics-programma, dat mensen gratis internettoegang bood zolang Facebook hun portaalsite was, werd aangeprezen als een methode om mensen met elkaar in verbinding te brengen. Maar het eigenlijke doel was ervoor te zorgen dat Facebook voor mensen overal ter wereld synoniem wordt met internet.

    En waar Facebook het meest van heeft, dat zijn natuurlijk mensen: een enorme massa mensen die ervoor kiezen onder Zuckerbergs bewind te leven. In zijn geschriften over nationalisme oppert de politicoloog en historicus Benedict Anderson dat een natie niet omlijnd wordt door landsgrenzen, maar door de verbeelding. In laatste instantie is de natie een denkbeeldige entiteit, want de burgers ‘zullen de meeste van hun medeburgers nooit kennen, ontmoeten of zelfs maar over hen horen, en toch leeft in het hoofd van ieder van hen dat beeld van hun verbondenheid.’ Gemeenschappen onderscheiden zich dus vooral ‘in de stijl waarmee ze door de verbeelding worden neergezet’.

    Zuckerberg opperde in een blogbericht het idee van een soort grondwet voor Facebook

    Zuckerberg probeert Facebook-gebruikers altijd aan te sporen om zich in te beelden dat ze deel uitmaken van een democratie. Daarom neigt hij meer naar het jargon van staatsbestuur dan van bedrijfsvoering. In februari 2009 werden de voorwaarden van Facebook zo gewijzigd dat gebruikers hun gegevens niet meer konden wissen, zelfs niet als ze hun account opzegden. Er klonk meteen luid protest tegen dit spionagegedrag van Facebook en met enige tegenzin draaide Zuckerberg het terug, volgens hem berustte het allemaal op een misverstand. Tezelfdertijd opperde hij in een blogbericht het idee van een soort grondwet voor Facebook, een ‘Verklaring van rechten en verantwoordelijkheden’, en vroeg hij mensen om daarover hun mening te geven – maar alleen als ze een Facebook-account hadden.

    Lees ook:

    ‘Facebook wordt door meer dan 175 miljoen mensen gebruikt,’ schreef hij. ‘Als het een land was, zou dat de op vijf na grootste bevolking ter wereld hebben. Onze voorwaarden vormen meer dan gewoon een tekst die onze rechten garandeert; het is de leidende tekst voor hoe onze dienst door iedereen overal ter wereld kan worden gebruikt.’ Inmiddels is de bevolking van Facebook alweer zeventien keer zo groot. En heeft Zuckerberg zichzelf herhaaldelijk geafficheerd als het staatshoofd van Facebook. Achteraf gezien kon je zijn obsessie met de wereldheerschappij ook al van ver zien aankomen: de obsessieve belangstelling die hij al sinds zijn schooltijd koestert voor het Romeinse Rijk in het algemeen en keizer Augustus in het bijzonder, de digitale versie van Risk die hij als tiener schreef, zijn bestendige interesse in psychologie en ‘emotionele aanstekelijkheid’.

    Facebook vindt het nodig zijn winstbejag te verhullen met loze pretenties over de democratische waarden die het in feite juist ondermijnt

    In een breed uitwaaierend manifest over zijn ‘mondiale gemeenschap’ formuleerde hij het in 2017 zo: ‘Al met al is het belangrijk dat het bestuur van onze gemeenschap is afgestemd op de complexiteit en de eisen van haar mensen. Wij zijn vastbesloten om steeds beter te worden, ook al vereist dat de bouw van een wereldwijd kiessysteem om jullie meer macht en inspraak te geven.’ Zoals in elk bedrijf is de enige inspraak die voor Facebook telt natuurlijk die van de aandeelhouders. Maar Facebook vindt het nodig zijn winstbejag te verhullen met loze pretenties over de democratische waarden die het in feite juist ondermijnt.

    Oversight Board

    De pretentie dat de meest ingrijpende beslissingen worden uitbesteed aan holle imitaties van democratische instanties is inmiddels een handig trucje van Zuckerberg om te voorkomen dat iemand hem ter verantwoording roept. Hij heeft zo’n 58 procent van de stemgerechtigde aandelen van het bedrijf in handen, maar in 2018 kondigde Facebook aan dat het een soort interne rechterlijke macht zou optuigen met de orwelliaanse naam Oversight Board [‘Comité van toezicht’ in de Nederlandse vertaling – maar ‘oversight’ kan ook ‘onachtzaamheid’ betekenen]. Dit comité beslist over lastige vragen rond het toelaten of verwijderen van content. In mei keurde dit comité bijvoorbeeld de schorsing van Donald Trump goed. Volgens Facebook zijn de leden van het comité onafhankelijk, maar ze worden wel door Facebook aangesteld en betaald.

    Inmiddels beraadt Facebook zich volgens The New York Times ook op een soort wetgevend lichaam, een commissie die beslissingen kan nemen over allerlei zaken rondom verkiezingen: politiek gekleurde berichtgeving, politieke advertenties, buitenlandse inmenging. Dat leidt de aandacht weer af van de leiding van het bedrijf. Al deze regelingen voelen als één grote schijnvertoning die alleen maar laat zien wat Facebook in feite is: een buitenlandse staat met een volk zonder soevereiniteit, geregeerd door een leider met absolute macht.

    Facebook is een leugens zaaiend werktuig voor de uitholling van onze beschaving

    De mensen die het voor Facebook opnemen, noemen het naïef om te suggereren dat de macht van Facebook schadelijk is. Sociale netwerken bestaan nu eenmaal, zeggen ze, en zullen niet meer verdwijnen. Daar moeten we maar mee leren leven. En ze hebben gelijk dat we niet terug moeten willen naar de informatie-ecosystemen van de jaren tachtig, de jaren veertig of de jaren tachtig van de negentiende eeuw. De democratisering van het uitgeefwezen is iets prachtigs. Ik denk nog steeds dat de drievoudige revolutie van internet, smartphones en sociale media per saldo goed kan zijn voor de samenleving. Maar dat kan alleen als we platforms eisen die in ieders belang zijn. En dat is Facebook niet.

    Facebook is een leugens zaaiend werktuig voor de uitholling van onze beschaving. Het is helemaal ontworpen op het uitlokken van primaire emotionele reacties en reduceert menselijke interactie tot het aanklikken van knopjes. Het algoritme schotelt gebruikers onherroepelijk steeds extremer en minder genuanceerd materiaal voor, omdat dat de meeste reacties uitlokt. Gebruikers worden stilletjes gedrild om uit te kijken naar reacties op de berichten die ze plaatsen, en dat houdt de vicieuze cirkel in stand. De leiding van Facebook heeft toegestaan dat op hun platform propaganda werd bedreven, terroristen werden gerekruteerd en genocide werd aangeprezen. Ze verdedigen zich tegen die aanklacht met een beroep op waarden zoals vrijheid van meningsuiting, maar ondermijnen ondertussen zelf de democratie.

    Facebook heeft zonder toestemming te vragen psychologische experimenten uitgevoerd op gebruikers

    Deze hypocriete stand van zaken is inmiddels even genoegzaam bekend als Zuckerbergs meedogenloosheid. Facebook heeft zonder toestemming te vragen psychologische experimenten uitgevoerd op gebruikers. Het voerde in het geheim een getrapt systeem in om de toelaatbaarheid van berichten te beoordelen, waarbij beroemdheden uit de wind werden gehouden. En een intern onderzoek naar de verwoestende gevolgen van Instagram op de geestelijke gezondheid van tieners werd onder het tapijt geveegd. Facebook volgt het surfgedrag van zijn gebruikers en creëert zelfs schaduwprofielen van contacten die niet eens een Facebook-account hebben, zodat ook zij kunnen worden gevolgd. Het bezweert de buitenwereld dat het strijdt tegen desinformatie en valse berichtgeving, maar misleidt wetenschappers die hier onderzoek naar doen en beteugelt het bereik van kwaliteitsnieuws op zijn platforms.

    Lees ook:

    Zelfs de trouwste fans van Facebook willen wel toegeven dat het een site is vol bagger, overdrijving en leugens – maar ze betogen dan dat mensen de vrijheid moeten hebben om dat gif tot zich te nemen. ‘Facebook is misschien geen nicotine, maar ik denk dat het wel op suiker lijkt’, schreef oudgediende Andrew ‘Boz’ Bosworth in 2019 in een bedrijfsmemo. ‘Zoals bij alle consumptie is matigheid geboden. (…) Als ik ervoor kies om suiker te eten en dan maar jonger te sterven, moet ik dat zelf weten.’ Wat Bosworth er niet bij zei, is dat Facebook niet alleen in staat is een individu te vergiftigen: Facebook vergiftigt de hele wereld. Als het 2,9 miljard mensen aangaat, is het niet langer zaak de individuele gebruiker tot matiging te manen, maar de schaal van de bedrijfsactiviteiten te matigen. De vrijheid om jezelf te gronde te richten is één ding. De vrijheid om de democratische samenleving te gronde te richten is een ander verhaal.

    Wapen tegen het vrije internet

    Facebook wist zichzelf aan de massa te verkopen met de belofte dat het een kanaal was voor vrije meningsuiting, voor verbinding en verbondenheid. Maar in werkelijkheid is het een wapen tegen het vrije internet, tegen zelfontplooiing en democratie. Allemaal zodat Facebook zijn adverteerders de worst van jouw persoonlijke gegevens kan voorhouden.

    Tot op zekere hoogte heeft Facebook dit gemeen met zijn dochter Instagram en zijn rivalen Google, YouTube (eigendom van Google) en Amazon. Allemaal doen die alsof ze een nobel doel hebben: mensen helpen hun levens met elkaar te delen, antwoorden vinden op moeilijke vragen, en je alles aan huis bezorgen wat je nodig hebt wanneer je het nodig hebt. Maar van al die giganten is Facebook het platform dat het duidelijkst afziet van alle ethische pretenties.

    Facebook heeft er wel belang bij dat zijn gebruikers blijven geloven dat je er niet omheen kunt, dat ze de ogen sluiten voor wat Facebook de mensheid aandoet en gewoon van de diensten gebruik blijven maken. Iedereen die belang hecht aan de vrijheid van het individu en democratisch bestuur, zou zich zorgen moeten maken om de acceptatie van deze status quo.

    Facebook wedijvert met China alsof het zelf een land is

    Het is niet voor niets dat de wetgevers Facebook nu op de korrel nemen. Maar de bedreiging die dit bedrijf voor Amerika vormt, gaat om meer dan alleen zijn monopolie op nieuwe technologie. De opkomst van Facebook maakt deel uit van een bredere autocratische beweging die overal ter wereld de democratie ondermijnt en autoritaire leiders de toon laat zetten voor een nieuwe vorm van mondiaal bestuur. Kijk maar hoe Facebook zichzelf neerzet als tegenwicht van een supermacht als China. De top van Facebook waarschuwt tegen alle pogingen om de ongebreidelde groei van het bedrijf tegen te gaan – bijvoorbeeld via strenge regels voor de digitale munteenheid die het ontwikkelt – omdat men daarmee China in de kaart zou spelen, dat naar de dominantie van zijn eigen cryptomunt streeft. Met andere woorden: Facebook wedijvert met China alsof het zelf een land is.

    Misschien zijn de Amerikanen zo cynisch geworden dat ze het niet meer de moeite waard vinden om hun vrijheid te beschermen tegen privacyschending, manipulatie en uitbuiting door het bedrijfsleven. Maar als Rusland en China net zo hard aan de stoelpoten van onze democratie zaagden als Facebook, zouden ze er toch anders over denken. Als mensen kunnen leren Facebook te zien als een vijandige buitenlandse mogendheid, dwingt dat ze misschien te erkennen waar ze aan meedoen, en wat ze prijsgeven, als ze erop inloggen. Uiteindelijk doet het er niet zozeer toe wat Facebook is, maar wat Facebook doet.

    De groep die de meeste macht heeft om Facebook tot verandering te dwingen, dat zijn de gebruikers

    Hoe kunnen we ons verweren? ‘Maatschappelijk verantwoorde’ bedrijven zouden Facebook kunnen boycotten en zo de inkomstenstroom van het bedrijf afknijpen op dezelfde manier als handelssancties de stroom aan buitenlandse valuta naar een autoritair regime afknijpen. Maar het boycotten van grote bedrijven als Coca-Cola en CVS heeft in het verleden weinig uitgehaald. Gewone werknemers van Facebook zouden zich binnen het bedrijf misschien sterk kunnen maken voor verandering. Maar alleen massaal ontslag op een schaal die het functioneren van Facebook bedreigt zou wellicht enig effect sorteren. En dat vergt wel buitengewoon veel moed en collectieve actie.

    De groep die de meeste macht heeft om Facebook tot verandering te dwingen, dat zijn de gebruikers. Zonder hun aandacht is Facebook nergens meer. Amerikanen en inwoners van andere democratieën zouden Facebook en Instagram kunnen mijden, niet alleen als persoonlijke keuze, maar uit een soort burgerzin. Krijg je dan genoeg mensen bij elkaar die samen een vuist maken om dit imperium ten val te brengen? Waarschijnlijk niet. Zelfs als Facebook 1 miljard gebruikers verliest, houdt het er nog 2 miljard over. Maar we moeten wel beseffen in welk gevaar we verkeren. We moeten af van het idee dat Facebook een normaal bedrijf is, of dat zijn almacht onvermijdelijk is.

    Misschien dat de wereld zich ooit eens in vrede verenigt op de wijze waar Einstein van droomde, niet langer onderhevig aan de verscheurende krachten die al sinds de oudheid leiden tot oorlogen en de val van beschavingen. Maar als het ooit zover komt, als we onszelf weten te redden, dan zal dat zeker niet dankzij Facebook zijn. Het zal in weerwil van Facebook zijn.

    Lees ook:

  • India arresteert mensenrechtenactivist uit Kasjmir

    India arresteert mensenrechtenactivist uit Kasjmir

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Letse cryptofraudeur opgepakt

    » Xiomara Castro: De revanche van links in Honduras

    Khurram Parvez werd opgepakt wegens ‘financiering van terreur’

    NIA, het bureau voor terrorismebestrijding van India, heeft de prominente Kasjmiri-mensenrechtenactivist Khurram Parvez gearresteerd en invallen gedaan in zijn kantoor en woonhuis in het door India bestuurde deel van Kasjmir, bericht Al Jazeera. Parvez, tweeënveertig, is coördinator van burgerrechtenorganisatie JKCCS, die hij in 2000 samen met activist Parvez Imroz oprichtte. Hij is ook voorzitter van AFAD, een organisatie die verdwijningen van mensen aankaart.

    Al ruim twintig jaar stelt Parvez mensenrechtenschendingen aan de kaak

    ‘Zijn telefoon, laptop, mijn telefoon en enkele boeken uit de bibliotheek zijn in beslag genomen’, aldus Parvez’ vrouw Sameena Mir. ‘Onze twee kinderen zijn heel erg geschrokken. We sliepen allemaal toen de inval plaatsvond.’ Volgens Mir werd Parvez ontboden op het NIA-kantoor in hoofdstad Srinagar voor ondervraging, waarna hij werd gearresteerd wegens ‘financiering van terreur’ en andere aanklachten op grond van de Unlawful Activities Prevention Act (UAPA). De UAPA is een bewust vaag geformuleerde wet die het mogelijk maakt om mensen voor onbepaalde tijd vast te houden zonder proces. ‘Hij is in het verleden al voor zo veel zaken opgepakt en nu is er dit weer’, zei zijn echtgenote tegen Al Jazeera. ‘Het komt allemaal door zijn mensenrechtenwerk.‘

    Al ruim twintig jaar stelt Parvez mensenrechtenschendingen aan de kaak in het door India bestuurde deel van Kasjmir. Zijn organisatie publiceerde meerdere onderzoeken over de ‘straffeloosheid van de strijdkrachten’ in de betwiste regio. 

    India en Pakistan, die over delen van Kasjmir heersen, eisen beiden de volledige Himalaya-regio op. Aan Indiase kant begon dertig jaar geleden een gewapende opstand tegen de heerschappij van New Delhi waarbij de rebellen ofwel fusie van de regio met Pakistan eisten ofwel onafhankelijkheid. Het conflict verhevigde twee jaar geleden nadat de Indiase premier Narendra Modi de beperkte autonomie van de regio annuleerde. Daarna volgden een maandenlange sluiting van het gebied en arrestaties van honderden Kasjmiri-politici, advocaten en activisten. 

    De speciale VN-rapporteur voor mensenrechten, Mary Lawlor, noemt de arrestatie van Parvez ‘verontrustend’.

    Lees ook:

  • Roep om verandering in Cuba houdt aan

    Roep om verandering in Cuba houdt aan

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Gaddafi’s zoon wil president worden

    » Brits onderzoek: Beste bedtijd is rond 22.30 uur

    Vandaag vindt er opnieuw een demonstratie plaats tegen het regime

    Een verbond van verschillende oppositiegroepen in Cuba roept op tot een vreedzame betoging op maandag 15 november voor vrijheid en tegen de dictatuur. Onder de naam Archipiélago (‘Archipel‘) pretendeert de beweging niet in één klap een dictatoriaal regime omver te werpen dat sinds 1959 in het zadel zit, de eis is bovenal verandering en de vrijlating van politieke gevangenen, met name van degenen die na de protesten van 11 juli 2021 zijn gearresteerd en veroordeeld, schrijft Courrier International.

    Op die dag sloeg een kleine spontane demonstratie via sociale media over naar de rest van het eiland, met als gevolg dat tienduizenden mensen in honderden steden en dorpen de straat op gingen om te protesteren tegen de dalende koopkracht, het slechte coronabeleid, maar ook om meer vrijheden te eisen.

    Lees ook:

    Archipiélago, dat bestaat uit vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld, kunstenaars en intellectuelen, heeft officieel toestemming gevraagd om te demonstreren. Het recht op demonstreren is in de grondwet verankerd, maar sinds 1959 zijn alleen demonstraties toegestaan die door de PCC (Communistische Partij van Cuba) worden georganiseerd.

    Het voor 15 november geplande evenement is dan ook illegaal verklaard. In het officiële dagblad van de PCC, Granma, rechtvaardigt een officiële advocaat het verbod:

    ‘De grondwet […] bepaalt in de artikelen 1 en 4 dat Cuba een socialistische rechtsstaat is, die zich inzet voor sociale rechtvaardigheid, en bevestigt het onherroepelijke karakter van het systeem, zodat alles wat daartegen indruist als illegaal wordt beschouwd.’

    ‘De Castro-bobo’s zijn erg bang sinds de monsterdemonstraties van 11 juli’

    Het regime is van plan om aanstaande maandag op het hele eiland het grote geschut in stelling te brengen: algemene inzet van leger en politie, afsluiten van het internet en huisarrest voor de leiders van Archipiélago, waaronder voorman Yunior García. ‘De Castro-bobo’s zijn erg bang sinds de monsterdemonstraties van 11 juli’, schrijft de website Cubanet.

    De onafhankelijke website 14ymedio gelooft dat ondanks alles ‘het [Castro-regime] niet angstaanjagender is dan de Sovjet-Unie was, die bovendien over kernwapens beschikte; zelfs de Cubaanse veiligheidsdienst werkt niet efficiënter dan de Oost-Duitse Stasi deed […]. Als deze twee groteske entiteiten [de USSR en de Stasi] niet meer bestaan, waarom zouden we dan geloven dat Castro eeuwig zal blijven bestaan? […] Dat hangt van ons af.’

    Lees ook:

  • Generaal Burhan en de situatie in Soedan

    Generaal Burhan en de situatie in Soedan

    Wat schreven de internationale media over de situatie in Soedan na de militaire staatsgreep van afgelopen maandag, waarbij de regering van Abdallah Hamdok werd afgezet? En wie is generaal Abdel Fattah Al-Burhan, die de staatsgreep leidde?

    Op maandag arresteerde het leger bijna alle civiele leiders van Soedan, voordat hun leider, generaal Burhan, de ontbinding van alle instellingen van het land aankondigde. De staatsgreep wordt internationaal veroordeeld. De VN-Veiligheidsraad kwam dinsdag achter gesloten deuren bijeen over de kwestie en de regering van de Amerikaanse president Joe Biden heeft opschorting aangekondigd van 700 miljoen dollar aan noodhulp aan het land. Volgens het Gabonese digitale nieuwsmedium 237online was dit geld bedoeld om de democratische transitie van het land te ondersteunen.

    Militaire bronnen die werden geciteerd door de Qatarese zender Al-Jazeera, meldden dat de afgezette premier Abdallah Hamdok, die maandagochtend werd gearresteerd door het leger, dinsdagavond 26 oktober is teruggebracht naar zijn huis in Khartoem, de Soedanese hoofdstad. De premier, wiens vrijlating wordt geëist door de internationale gemeenschap, blijft ‘onder streng toezicht’ staan, aldus een verklaring van het kantoor van de premier, zo schrijft Associated Press. Het Amerikaanse persbureau voegt eraan toe dat ‘verschillende ministers en politieke leiders nog steeds worden vastgehouden op onbekende locaties’.

    De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Antony Blinken heeft dinsdag telefonisch gesproken met Hamdok. ‘De minister van Buitenlandse Zaken verwelkomt de vrijlating van de premier en herhaalt zijn oproep aan de Soedanese strijdkrachten om alle civiele leiders die in hechtenis zijn genomen, vrij te laten en hun veiligheid te garanderen’, zo is te lezen in een verklaring van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken waarover het Britse persbureau Reuters bericht.

    Eerder op dinsdag zei de leider van de staatsgreep, generaal Abdel Fattah Al-Burhan, dat hij Abdallah Hamdok ‘voor zijn eigen veiligheid’ in zijn woning heeft vastgehouden en niet in een gevangenis, aldus Radio Tamazuj, een radiostation uit Zuid-Soedan. Op een persconferentie in Khartoem verklaarde de generaal dat de afgezette premier ‘naar huis zou terugkeren als de crisis voorbij is’. Hij ontkende een staatsgreep te hebben gepleegd en zei dat hij de overgangsregering van Hamdok had afgezet om een burgeroorlog te voorkomen.

    Angst voor een bloedbad

    Dinsdag trokken ‘grote protesten’, die maandag in de nasleep van de staatsgreep begonnen, door Khartoem en andere steden in het hele land, aldus de Soedanese nieuwszender Radio Dabanga. Demonstranten ‘blokkeerden straten’ en ‘staken autobanden in brand’, met name in de hoofdstad, terwijl slogans klonken als ‘teruggaan naar het verleden is geen optie’ en ‘het volk is sterker’. Volgens het radiostation zijn er de komende dagen nog meer demonstraties gepland ‘om een totale machtsoverdracht aan de burgers te eisen’.

    ‘Volgens de laatste schattingen’, vervolgde de radio, vielen er bij het optreden tegen de demonstranten ‘minstens zeven doden’. ‘Beelden die via sociale media werden gedeeld, tonen zwaarbewapende militairen en veiligheidstroepen die in Khartoem patrouilleerden en traangas afvuurden op demonstranten.’

    Volgens Radio Dabanga heerst onder de demonstranten ‘angst’ voor een ‘bloedbad’. Het radiostation refereert aan 2019, toen ‘tijdens de demonstraties tegen de militaire machthebbers na het afzetten van dictator Omar Al-Bashir, honderden demonstranten verdwenen of werden gedood, tijdens wat sindsdien het bloedbad van 3 juni wordt genoemd’.

    Het Afrikaanse nieuwsplatform Koaci schrijft dat de Afrikaanse Unie heeft opgeroepen tot een ‘onmiddellijke hervatting’ van de dialoog tussen burgers en militairen.

    Wie is Abdel Fattah Al-Burhan? 

    Deze generaal ontbond op 25 oktober de regering die de overgang van het land naar democratie leidde en riep de noodtoestand uit. Na wat nu als een staatsgreep wordt beschouwd, werd hij daarmee de facto staatshoofd, met het risico dat het land mogelijk weer onder militair bewind komt.

    ‘Het scenario is maar al te bekend’, schrijft het Britse weekblad The Economist over 25 oktober toen Soedan ontwaakte met de ontdekking dat premier Abdallah Hamdok en andere functionarissen van de overgangsregering waren gearresteerd door het leger.

    Achter deze gebeurtenissen staat luitenant-generaal Abdel Fattah Al-Burhan, tot dan toe voorzitter van de Soevereine Raad, een militair en civiel orgaan dat belast is met toezicht op Abdallah Hamdoks overwegend civiele kabinet. Nadat hij de noodtoestand in het land had uitgeroepen, ontbond hij het orgaan waarover hij de leiding had evenals het kabinet van ministers. ‘Burhan zou aanvankelijk dit jaar zijn positie overdragen aan een burger en verkiezingen organiseren voor 2022. In plaats daarvan pleegde hij een tweede staatsgreep, die het einde zou kunnen betekenen van Soedans derde poging tot democratie sinds de onafhankelijkheid van Groot-Brittannië in 1956’, aldus The Economist.

    ‘Burhan is lange tijd een van Bashirs meest betrouwbare luitenants geweest’

    Middle East Eye belicht de vriendschappen en politieke connecties van de 61-jarige generaal. ‘Burhan is lange tijd een van Bashirs meest betrouwbare luitenants geweest’, schrijft het in Londen gevestigde pan-Arabische nieuwsmedium, hetgeen de band onderstreept tussen de nieuwe leider en Omar Al-Bashir, de Soedanese president die in april 2019 tijdens een militaire staatsgreep werd afgezet, na vier maanden van volksprotesten.

    Geboren in 1960 in een soefi-familie in de buurt van Khartoem, volgde Burhan een opleiding in het Soedanese leger en later in Jordanië en aan de Egyptische Militaire Academie in Caïro, aldus Middle East Eye. Onder de studenten daar bevond zich ook de toekomstige Egyptische president Abdel Fatah Al-Sisi. Dat zou de ‘langdurige vriendschap’ tussen de Soedanese luitenant-generaal en de Egyptische maarschalk verklaren.

    Zijn eerste internationale reis na de staatsgreep van april 2019 die Omar Al-Bashir verdreef, bracht Burhan naar Egypte en ‘van daaruit reisde hij naar de Verenigde Arabische Emiraten en Saoedi-Arabië’.

    Darfur

    Een ander punt waarop Middle East Eye wijst is de ‘bepalende’ rol van Burhan tijdens de conflicten in Darfur. Abdel Fattah Al-Burhan was destijds ‘kolonel van de militaire inlichtingendienst die tussen 2003 en 2005 de aanvallen coördineerde van het leger en milities op burgers in de deelstaat West-Darfur’.

    Koaci schrijft dat Abdel Fattah Al-Burhan, na zijn gewapende machtsovername, de vorming van een regering ‘van competente mensen’ heeft aangekondigd en dat hij zich gebonden acht aan de door zijn land ondertekende internationale overeenkomsten.

    Desondanks lijkt het protest niet af te zwakken, volgens 237online. Aanhangers van de belangrijkste oppositiebeweging, de Forces for Freedom and Change, roepen de bevolking op om de straat op te gaan en zich te verzetten tegen ‘de pogingen van het leger om de macht over te nemen’. Een oproep tot ongehoorzaamheid en een algemene staking had effect, getuige de Soedanezen die zich blijven verzamelen om te protesteren in Khartoem en in de nabijgelegen stad Omdurman. Minstens twaalf mensen raakten gewond bij botsingen met veiligheidstroepen, aldus 237online.