Onderwerpen: Economie

  • Links wint Noorse verkiezingen | Syrische regime rukt op in regio Idlib

    Links wint Noorse verkiezingen | Syrische regime rukt op in regio Idlib

    Linkse oppositie wint de parlementsverkiezingen in Noorwegen

    De linkse oppositie won de parlementsverkiezingen die zondag en maandag in Noorwegen werden gehouden, ‘na een verkiezingscampagne die werd gedomineerd door vragen over de toekomst van de olie-industrie, een sleutelsector voor de grootste producent van West-Europa’, schrijft The Guardian.

    ‘De precieze samenstelling van de “rood-groene” coalitie is nog lang niet duidelijk’

    ‘Jonas Gahr Støre van de Arbeiderspartij is klaar om premier te worden, maar staat voor moeilijke keuzes bij het vinden van bondgenoten’, voegt de Britse krant toe. Want ‘de precieze samenstelling van de “rood-groene” coalitie die het Scandinavische land zal leiden, is nog lang niet duidelijk’.


    Syrische regime rukt op naar regio Idlib

    ‘Na Deraa is het de beurt aan Idlib’, schrijft het pan-Arabische dagblad Al-Araby Al-Jadid. Na de rebellen in Deraa na twee maanden van belegering en gevechten te hebben gedwongen zich over te geven, richten het Syrische regime en zijn bondgenoten zich op het laatste grote jihadistische en rebellenbolwerk in het noordwesten van het land.

    Sinds begin juni zijn de bombardementen op de aan Turkije grenzende regio Idlib geïntensiveerd, met name in het zuiden van de provincie. Op 7 september was de stad Idlib het doelwit van pro-Syrische strijdkrachten en de Russische luchtmacht. De aanval, waarbij vier burgers omkwamen, is volgens de Libanese krant L’Orient-Le Jour de dodelijkste in Idlib in ongeveer tien maanden.

    Lees ook:


    VAE investeren in technologie

    De Verenigde Arabische Emiraten (VAE) willen de komende negen jaar vijftig nieuwe economische initiatieven lanceren om de concurrentiepositie te vergroten, schrijft Al-Jazeera. Daartoe willen de Emiraten 550 miljard dirham (circa 27 miljard euro) aan directe buitenlandse investeringen aantrekken, aldus regeringsfunctionarissen.

    De projecten, waarvan sommige afgelopen weekend werden onthuld, omvatten grote investeringen in technologie. Zo zullen de VAE en de Emirates Development Bank 5 miljard dirham investeren in industriële technologie en andere technologische sectoren, aldus minister van Industrie en Geavanceerde Technologie Sultan al Jaber tijdens een persconferentie.

    ‘De VAE streven ernaar om de komende vijftig jaar een wereldspeler te worden in verschillende sectoren’

    Daarnaast wordt gedacht aan het beschikbaar stellen van nieuwe visa om geschoolde arbeiders van elders aan te trekken. ‘De VAE streven ernaar om de komende vijftig jaar een wereldspeler te worden in verschillende sectoren’, aldus staatssecretaris voor Geavanceerde Technologie Sarah al-Amiris.

    De ambities van de VAE kunnen worden gezien als het gevolg van de toenemende economische rivaliteit met buurland Saoedi-Arabië om het belangrijkste handels- en zakencentrum van de regio te worden, analyseert Al-Jazeera.

  • Toyota was koploper verduurzaming, maar verzet zich nu tegen elektrisch rijden

    Toyota was koploper verduurzaming, maar verzet zich nu tegen elektrisch rijden

    De autogigant liep ooit voorop met de hybride Toyota Prius, maar nu de wereld bezig is over te schakelen op elektrische auto’s, vecht het bedrijf tegen klimaatregels in een poging tijd te winnen. ‘Toyota is van een voorloper een achterblijver geworden.’

    De hybride Toyota Prius was een mijlpaal in de geschiedenis van schone auto’s en vond wereldwijd miljoenen kopers die zo hun steentje konden bijdragen aan een schoner milieu en tegelijkertijd op benzine konden bezuinigen. Maar de afgelopen maanden is Toyota, een van de grootste autoproducenten ter wereld, stilletjes de grootste tegenstander van een algehele overstap op elektrische auto’s geworden die volgens voorstanders cruciaal is om de klimaatverandering te bestrijden.

    In juni reisde topman Chris Reynolds van Toyota USA, die de contacten met de Amerikaanse regering onderhoudt, naar Washington voor achterkamertjesgesprekken met Congresleden, en lichtte daarbij Toyota’s agressieve verzet tegen volledig elektrische auto’s toe. Volgens vier ingewijden betoogde hij dat hybrides als de Prius, die zowel benzine als elektriciteit gebruiken, een grotere rol zouden moeten spelen, evenals auto’s die waterstof gebruiken.

    Reden voor die opstelling is een zakelijk dilemma: waar andere autofabrikanten op een toekomst van elektrische auto’s hebben ingezet, mikt Toyota voor de lange termijn op de ontwikkeling van waterstofbrandstofcellen, een technologie die kostbaarder is en een grote achterstand op accu’s heeft opgelopen, en voor de korte termijn op een groter gebruik van hybrides. Dat betekent dat een snelle omschakeling van benzine op elektriciteit funest zou kunnen zijn voor het marktaandeel en de nettowinst van het bedrijf.

    D-kwalificatie

    De recente lobby in Washington volgt op wereldwijde pogingen van Toyota, niet alleen in de Verenigde Staten maar ook in het Verenigd Koninkrijk, de Europese Unie en Australië, om strengere emissienormen voor auto’s en het verplicht stellen van elektrische voertuigen tegen te gaan. Zo hebben leidinggevenden van Toyota’s Indiase poot de doelstelling van de regering aldaar om in 2030 alleen nog de verkoop van volledig elektrische auto’s toe te staan als onuitvoerbaar afgedaan.

    Ook heeft Toyota samen met andere autofabrikanten de kant van de regering-Trump gekozen in een geschil met de staat Californië over de ‘Clean Air Act’, een wet tegen luchtvervuiling, en is het bedrijf een proces tegen Mexico begonnen vanwege brandstofbesparingsregels. In Japan is Toyota in het geweer gekomen tegen CO2-belasting.

    Op het gebied van schone-autoproductie is ‘Toyota van een voorloper een achterblijver geworden’, terwijl andere autoproducenten voortvarend doorgaan met de ontwikkeling van elektrische voertuigen, zegt Danny Magill, analist bij InfluenceMap, een denktank uit Londen die de klimaatlobby van grote bedrijven volgt. InfluenceMap geeft Toyota een ‘D-kwalificatie’, de laagste onder autofabrikanten, en zegt dat het bedrijf politieke invloed uitoefent om openbare klimaatdoelen te ondermijnen.

    In verklaringen zegt Toyota dat het helemaal niet tegen elektrische voertuigen is. ‘Wij zijn het ermee eens dat geheel elektrische voertuigen de toekomst zijn,’ aldus Toyota-woordvoerder Eric Booth. Maar Toyota denkt dat er ‘te weinig aandacht wordt besteed aan wat er gebeurt tussen vandaag, nu 98 procent van de verkochte personen- en vrachtauto’s in elk geval ten dele fossiele brandstof gebruikt, en die volledig elektrische toekomst,’ aldus Booth. Tot die tijd is het volgens Booth logisch dat Toyota zijn bestaande hybrides en plug-inhybrides inzet om de uitstoot te verminderen. Ook waterstoftechnologie zou een rol moeten spelen. En iedere efficiëntienorm ‘zou een realistische inschatting moeten maken van de technologische mogelijkheden en voertuigen betaalbaar moeten helpen houden’, zegt het bedrijf in een verklaring.

    Toyota afficheert zichzelf als een bedrijf dat vierkant achter een groene transitie staat

    Vorig jaar sloot een groep vooraanstaande autofabrikanten in de VS een compromis over uitlaatemissies met de staat Californië, die strengere emissienormen wilde opleggen dan de regering-Trump. Toyota sloot zich niet aan bij dat compromis. Volgens ingewijden betoogde korter geleden de Alliance for Automotive Innovation, een lobbygroep van de auto-industrie, tijdens achterkamertjesgesprekken in Washington dat het compromis met Californië, dat naar verwachting model zal staan voor nieuwe normen van de regering-Biden, in feite niet haalbaar is voor al haar leden. Voorzitter van de lobbygroep is Chris Reynolds, de topman van Toyota USA.

    De regering-Biden wil strengere emissieregels uitvaardigen om de verkoop van elektrische voertuigen te bespoedigen. Ook wordt overwogen het Congres te vragen akkoord te gaan met de investering van miljarden dollars voor de bouw van laadstations en het verlenen van belastingvoordelen voor elektrische personen- en vrachtauto’s.

    Don Steward, een woordvoerder van de Alliance, zegt er niet bekend mee te zijn dat een van de vertegenwoordigers van de lobbygroep het compromis met Californië onhaalbaar heeft genoemd. De groep steunt normen die grofweg het midden houden tussen die van de regering-Trump en de regering-Obama, zegt hij.

    De strategie van Toyota houdt in dat op de lange termijn waterstofbrandstofcellen nog altijd een belangrijke technologie voor personenauto’s zullen zijn, terwijl hybrides de emissies op de korte termijn helpen reduceren. Maar waterstofauto’s blijven kostbaarder, en waterstof als brandstof voor personenauto’s is niet op grote schaal beschikbaar. Intussen hebben verschillende studies aangetoond dat hybrides op de korte termijn minder emissiereductie realiseren. Als grote sponsor van de Olympische Spelen in Tokio heeft Toyota dat podium benut om zijn duurzaamheidsboodschap uit te dragen. De Olympische fakkel brandde gedurende een deel van zijn reis op waterstof en een vloot van gestroomlijnde, door waterstof aangedreven Toyota’s Mirai vervoerde Olympische hoogwaardigheidsbekleders met gezwinde spoed door Tokio. (Overigens heeft het bedrijf toen de zorgen over covid-19 toenamen in Japan alle reclame die verband hield met de Olympische Spelen gecanceld.) 

    Toyota afficheert zichzelf als een bedrijf dat vierkant achter een groene transitie staat, maar in werkelijkheid verzet het zich tegen initiatieven die volgens anderen van doorslaggevend belang zijn voor een groene transitie.

    Politieke donaties

    Naast de lobbyactiviteiten liggen ook de politieke donaties die de Japanse automaker heeft gedaan inmiddels onder een vergrootglas. Vorige maand heeft de Amerikaanse non-profitwaakhond Citizens for Responsibility and Ethics campagnebijdragen onderzocht en geconstateerd dat Toyota dit jaar veruit de grootste geldschieter was van Republikeinen in het Congres die het verkiezingsresultaat van 2020 aanvochten. Volgens een analyse van The New York Times bestrijden minstens 22 van die Congresleden bovendien de wetenschappelijke consensus over de door mensen veroorzaakte klimaatverandering.

    Aanvankelijk verdedigde Toyota zijn donaties, maar later veranderde het bedrijf van koers en zei de donaties te zullen stoppen.

    Eric Booth, de Toyota-woordvoerder, zegt dat Toyota wel degelijk in klimaatverandering gelooft. ‘De meningen die Congresleden hebben geuit zijn… nu ja, voor hun eigen rekening,’ zegt hij. Ook merkt hij op dat politici die er zulke overtuigingen op nahouden eveneens donaties van andere autofabrikanten hebben ontvangen.

    Sommige kenners van de auto-industrie met een lange staat van dienst verbazen zich over deze bevindingen. Toyota hield zich vroeger over het algemeen politiek gedeisd maar heeft zich de laatste tijd als een grote donor en lobbyist ontpopt in Washington. ‘Ze waren echt op de goede weg, vooral met de introductie van de Prius, en ze hebben het nog steeds over klimaatverandering,’ zegt Margot T. Oge, voormalig directeur Luchtkwaliteit en Transport van EPA, het Amerikaanse bureau voor milieubescherming. ‘Maar ze vechten overal op de wereld de bevordering van elektrische voertuigen aan, wat beleidsmakers hindert bij hun pogingen met ambitieuze maatregelen te komen.’

    ‘Waterstof is veelbelovend , maar het loopt momenteel minstens tien jaar achter op accu’s’

    Op papier is Toyota’s benadering van zero-emissievoertuigen, de waterstofbrandstofcel, een ware droom: anders dan met accu’s uitgeruste elektrische voertuigen beschikken deze auto’s over waterstoftanks en brandstofcellen die de waterstof in elektriciteit omzetten. Ze kunnen snel worden bijgevuld en kunnen vele honderden kilometers rijden op een tank, waarbij ze alleen waterdamp uitstoten. En waterstof is in theorie volop aanwezig. Maar een hoge aanschafprijs en een gebrekkige bijvulinfrastructuur hebben de groei van de waterstofeconomie belemmerd, althans voor personenauto’s. Van de Mirai, de in 2014 geïntroduceerde waterstofauto, heeft Toyota er maar elfduizend verkocht. Honda, een andere waterstofpionier, heeft kortgeleden aangekondigd zijn waterstofmodel de nek om te draaien. Volgens veel analisten is waterstoftechnologie geschikter voor lange-afstandstrucks of voor gebruik in energie-intensieve industrieën als staalfabrieken.

    ‘Ik denk dat waterstof veelbelovend is, maar het loopt momenteel minstens tien jaar achter op accu’s,’ zegt David Friedman, vicevoorzitter van de Amerikaanse consumentenorganisatie Consumer Reports. ‘En Toyota zegt: “Nee, we moeten de boel uitstellen, we moeten wachten tot ze klaar zijn met waterstof.” Maar het klimaat kan niet wachten.’

    Ook stelt Toyota dat hybridetechnologie, dus voertuigen die gebruikmaken van een interne verbrandingsmotor en een elektrische motor, de overstap naar volledig elektrische auto’s vergemakkelijkt en sneller meer mensen in schonere auto’s kan krijgen totdat waterstof overal voorhanden is. Toyota heeft dan ook grote investeringen in de hybridetechnologie gedaan. Het bedrijf heeft tot 2050 een toekomstperspectief geschetst dat gedomineerd wordt door hybrides, veel later dan nieuwe auto’s volgens veel analisten uitstootvrij moeten zijn.

    Pick-ups en SUVs

    Toyota verkoopt momenteel geen elektrische voertuigen op grote markten buiten China, maar heeft afgelopen april verklaard dat het van plan is in 2025 wereldwijd een uit zeventig modellen bestaand programma te presenteren dat, om kopers ‘meerdere keuzes’ te bieden, uit vijftien elektrische modellen zal bestaan en voor de rest uit hybrides en waterstofmodellen. De in het Japanse Toyota City gevestigde autofabrikant is achterop geraakt op het gebied van brandstofbesparing omdat men de nadruk heeft gelegd op de verkoop van benzine slurpende pick-ups en SUV’s, waarop de winstmarge groter is. Momenteel bungelt het bedrijf qua zuinige motoren onder aan de Amerikaanse pikorde, samen met General Motors en Ford.

    Jeffrey K. Liker, emeritus hoogleraar industriële en operationele techniek aan de Universiteit van Michigan en auteur van The Toyota Way, zegt dat er andere factoren zijn geweest die de ontwikkelingen bij Toyota hebben vertraagd. Als bedrijf dat beroemd is om zijn behoedzaamheid heeft Toyota onderzoek gedaan naar vastestofaccu’s, die veel veiliger zijn dan de in brede kring gebruikte lithium-ion-accu’s, maar de ontwikkeling van die technologie duurde veel langer dan verwacht, aldus Liker. Ook heeft Toyota gezegd niet dat het niet wil dat er werknemers moeten worden ontslagen of leveranciers failliet gaan door een snelle transitie naar elektriciteit. ‘Daarnaast is Toyota van mening dat landen blindelings inspelen op de elektrische rage, wat volgens hen eerder een vorm van politieke propaganda is dan van weloverwogen planning,’ zegt Liker.

    Er zijn verschillende factoren die Toyota’s koers uiteindelijk kunnen veranderen. Om te beginnen is China, een belangrijke markt voor Toyota, op een agressieve manier van autofabrikanten gaan verlangen dat ze elektrische auto’s produceren. Dat heeft Toyota ertoe aangezet om in coproductie elektrische auto’s te vervaardigen.

    Mary Nichols, die in haar tijd als voorzitter van de California Air Resources Board, de organisatie die toeziet op de luchtkwaliteit van de staat, met Toyota heeft onderhandeld, zegt dat ze zich de afgelopen jaren over Toyota heeft verbaasd. ‘Ik denk dat ze in de loop der jaren echt goede techniek hebben geproduceerd, en dat ze pioniers zijn geweest,’ zegt ze. ‘Maar op dit moment slaan ze de plank volledig mis.’

  • In Singapore bestel je kip gekweekt in het laboratorium

    In Singapore bestel je kip gekweekt in het laboratorium

    Singapore is hard op weg het Silicon Valley van de foodtech te worden. De kleine stadstaat wil vanaf 2030 30 procent van zijn voedsel lokaal produceren – met behulp van alternatieve eiwitbronnen, kweekvlees en verticale boerderijen.

    Het is een warme avond in Singapore en bij restaurant 1880 aan de oever van de rivier genieten chique gasten van gerechten met intrigerende namen als ‘bosgrond’ en ‘overstroomde toekomst’. Maar de echte sterren van de avond zijn twee minder flamboyant klinkende hoofdgerechten: chicken and waffles en chicken bao.

    De gebakken kip op de borden is stevig en gemakkelijk met een vork uit elkaar te trekken. Maar dit is geen gewoon kippenvlees. Het is gemaakt van stamcellen uit een kippenveer en opgekweekt in een speciale bioreactor.

    De aanwezigen in het restaurant behoren tot de eerste betalende gasten die kippenvlees uit een laboratorium voorgeschoteld krijgen.

    ‘Ik had niet verwacht dat ik dit ooit nog eens op het bord van een consument zou zien liggen’

    Kaimana Chee, chef-kok bij Eat Just, de in San Francisco gevestigde culinaire start-up die de kip heeft gefabriceerd, heeft geholpen bij de bereiding van het diner. ‘Ik was tot tranen toe geroerd, want ik had niet verwacht dat ik dit ooit nog eens op het bord van een consument zou zien liggen,’ zegt hij tegen Nikkei Asian Review.

    DO 2 1 1

    Vanwege alle belemmerende regels en het wereldwijde wantrouwen tegenover in het laboratorium gekweekt vlees was de 43-jarige Chee ervan overtuigd dat het jaren zou duren voor er groen licht kwam. Hij dacht dat het bij Eat Just, waar hij in 2016 kwam werken, zijn missie was om inspirerende gerechten te bedenken die ‘het zaadje moesten planten voor een volgende generatie’. Dus toen Singapore in december 2020 als eerste land de verkoop van dit type eiwit goedkeurde, was Chee stomverbaasd. 

    Veel waarnemers in deze bedrijfstak waren minder verrast. ‘Het is geen toeval dat Singapore de eerste markt ter wereld voor kweekvlees is,’ verklaart Mirte Gosker van het non-profit Good Food Institute Asia Pacific (GFI APAC). ‘De overheid heeft geïnvesteerd in een gunstig ecosysteem voor voedselinnovatie.’

    Betrouwbare voedselvoorziening

    Dat Singapore zich op het terrein van laboratoriumvlees en eiwitalternatieven – gemaakt van planten, insecten, algen en schimmels – begeeft, is onderdeel van een welbewust beleid om in de toekomst veerkrachtiger te zijn als er zich schommelingen voordoen in het voedselaanbod.

    De stadstaat heeft in Azië het voortouw genomen in de zoektocht naar een betrouwbare voedselvoorziening. Volgens schattingen van de Verenigde Naties zijn in deze regio meer dan 350 miljoen mensen ondervoed, terwijl zo’n 1 miljard mensen in 2019 te kampen kregen met matige of ernstige voedselonzekerheid, waarbij het moeilijk was om aan eten te komen of ze daadwerkelijk zonder voedsel kwamen te zitten, soms dagenlang. De uitdaging is nog urgenter geworden sinds het coronavirus toesloeg, waardoor de voedselonzekerheid in Azië nog groter is geworden en overheden alarmerende voorproefjes hebben gekregen van de manier waarop een crisis de voedselvoorraden kan bedreigen.

    Een van de maatregelen die Singapore heeft genomen is dat het nu voedsel importeert uit meer landen dan voorheen: ongeveer 170 landen en regio’s, zo’n 30 meer dan in 2004.

    In het jaar 2030 moet 30 procent van de Singaporese voedselbehoefte lokaal geproduceerd zijn

    Singapore streeft er ook naar om zelfvoorzienender te worden. In maart 2019 kondigde de stadstaat de doelstelling ‘30 in 30’ aan: in het jaar 2030 moet 30 procent van de Singaporese voedselbehoefte lokaal geproduceerd zijn, terwijl dat nu 10 procent is.

    ‘Veerkracht betekent het vermogen hebben om verstoringen in de voedseltoevoer op te vangen,’ zegt Paul Teng, expert op het gebied van voedselzekerheid bij de Nanyang Technological University (NTU) in Singapore. 

    Toen Teng en zijn collega’s rond 2005 onderzoek gingen doen naar voedselveerkracht, lag de focus vooral op voedselzekerheid. ‘Niemand luisterde toen naar ons,’ vertelt hij. 

    Het is een subtiel, maar belangrijk verschil. Als het om voedselzekerheid gaat, is de situatie in het rijke Singapore behoorlijk gunstig: het staat negentiende op de lijst van landen met de hoogste voedselzekerheid die in 2020 is opgesteld door de Economist Intelligence Unit – maar dat wil niet zeggen dat Singapore achterover kan leunen. ‘De strategie van de overheid was indertijd: ‘Als we ons bbp vergroten en de middelen hebben om voedsel te kopen, dan hoeven we ons geen zorgen te maken, want er zal altijd wel ergens voedsel te koop zijn,’ vertelt Teng. ‘Dat is allemaal goed en wel als er geen verstoringen plaatsvinden in de voedselproductie en in de aanvoerketen.’

    Maar grote prijsschommelingen tijdens de financiële crisis van 2008, de exportstop van Maleisië op vis in 2014 en andere gebeurtenissen hebben kwetsbaarheden blootgelegd. En toen kwam de pandemie.

    Buffer

    ‘Covid-19 heeft wereldwijd verstoringen veroorzaakt, doordat sommige exportlanden de uitvoer van bepaalde voedingswaren gingen verbieden om aan hun eigen binnenlandse behoefte te kunnen voldoen, of doordat ze in lockdown gingen,’ zegt Melvin Chow, topman bij de afdeling voedselinfrastructuur, -ontwikkeling en -management van de Singapore Food Agency. Volgens hem zou het vergroten van de voedselproductie volgens de ‘30 in 30’-strategie zorgen voor een buffer om verstoringen in het buitenland op te vangen. Maar meer voedsel kweken is gemakkelijker gezegd dan gedaan in Singapore, dat 50 bij 27 kilometer groot is. Dit op twee na dichtst bevolkte gebied ter wereld heeft maar 1 procent van zijn land beschikbaar voor landbouw.

    De stadstaat, die altijd behendig heeft weten om te gaan met zijn beperkte ruimte en hulpbronnen, wil nu zijn ‘capaciteiten op het gebied van wetenschap en technologie aanwenden om innovatieve oplossingen te ontwikkelen’, zegt Chow. En daar komen Eat Just en vergelijkbare start-ups om de hoek kijken. ‘Voor eiwitten die gebaseerd zijn op planten en cellen heb je veel minder ruimte en hulpmiddelen nodig om toch evenveel voedsel te produceren als met traditionele voedselbronnen,’ zegt Bernice Tay, hoofd voedselfabricage bij Enterprise Singapore, een overheidsorganisatie die zich bezighoudt met de ontwikkeling van kleine en middelgrote bedrijven.

    De overheid wil de voedseltechnologie graag stimuleren en heeft tot 2025 144 miljoen Singaporese dollar (ruim 90 miljoen euro) vrijgemaakt voor voedselgerelateerde R&D-programma’s. Enterprise Singapore is ook een samenwerking aangegaan met verscheidene mondiale investeringsmaatschappijen, waaronder Big Idea Ventures, dat een fonds van 50 miljoen dollar (ruim 42 miljoen euro) heeft voor alternatieve eiwitten. 

    ‘Singapore begint zich een plek te veroveren als het Silicon Valley van de foodtech’

    In april heeft Singapore de Future Ready Food Safety Hub (FRESH) opgericht, een samenwerkingsverband tussen overheid, bedrijfsleven en de academische wereld, om onderzoek te doen naar de veiligheid van nieuwe voedingsmiddelen en het onderzoek van de bedrijven zelf te ondersteunen. En vanaf september 2021 biedt NTU in samenwerking met GFI APAC studenten de mogelijkheid om een semester lang eiwitalternatieven te bestuderen en kennis op te doen over de commerciële mogelijkheden ervan. 

    Andre Menezes, medeoprichter van Next Gen Foods, een in Singapore gevestigd bedrijf dat in maart 2021 op soja gebaseerde kippendijen op de markt bracht, noemt de stad een ‘compleet ecosysteem op een heel klein, dichtbevolkt eiland’.

    ‘Singapore begint zich een plek te veroveren als het Silicon Valley van de foodtech, zegt Menezes, wiens kippendijproduct nu in meer dan 45 plaatselijke restaurants op de kaart staat. In februari haalde Next Gen Foods 10 miljoen dollar op bij een groep investeerders, waaronder de Singaporese maatschappij Temasek International. Het is het grootste investeringsbedrag tot nu toe voor een bedrijf in op planten gebaseerde voedseltechnologie. In juni opende Next Gen Foods nieuwe vestigingen in Hongkong, Macao en Kuala Lumpur.

    Binnenboerderijen

    Er zijn in Singapore de afgelopen twee jaar meer dan vijftien bedrijven gestart die ‘nieuwe’ eiwitten produceren. Naast Eat Just en Next Gen Foods zijn dat internationale spelers zoals de Californische producent van zuivelvervangers Perfect Day en de bedrijven Shiok Meats en Gaia Foods, die in Singapore zelf zijn opgekomen en respectievelijk werken aan de productie van gekweekte vis, schelp- en schaaldieren en gekweekt rood vlees.

    Nog een pijler onder de ‘30 in 30’-doelstelling van Singapore is hightech indoorlandbouw in stedelijk gebied. Er bestaan al 31 van dergelijke ‘boerderijen’, 28 voor groenten en 3 voor vis.

    Het feit dat de boerderijen binnen zijn, maakt ze ‘bestand tegen enkele van de gevolgen van klimaatverandering’, zegt Chow. Ze maken gebruik van smart technologieën die ‘het mogelijk maken om meer te verbouwen met minder’, met opbrengsten die per hectare grond tien tot vijftien keer zo hoog liggen als bij traditionele landbouw of op land gevestigde viskwekerijen.

    Een van die boerderijen, Commonwealth Greens, kan jaarlijks wel honderd ton groenten oogsten, bijna 1 procent van alle bladgroenten die ter plaatse worden verbouwd. In hoge ruimtes van een groot bedrijfspand verbouwt het bedrijf rijen groene mosterdplanten, snijbiet, zuring en verschillende soorten sla in plastic bakken. Elke groeibak is ongeveer een meter lang en heeft zijn eigen strip felle ledlampen die vanaf het plafond omlaaghangen als verticale jaloezieën.

    ‘Met het Internet der Dingen kunnen we grote hoeveelheden data verzamelen die van levensbelang zijn voor de planten’

    Voor in elke ruimte liggen de ‘hersens’ van de boerderij: twee sensoren. De ene regelt luchttemperatuur, vochtigheidsgraad, koolmonoxidegehalte en zuurgraden. De andere bepaalt de hoeveelheid en de samenstelling van de vloeibare voedingsstoffen die aan de planten worden toegediend.

    ‘Onze technologie maakt gebruik van het Internet der Dingen, waardoor we grote hoeveelheden data kunnen verzamelen die van levensbelang zijn voor de planten,’ vertelt Sven Yeo, medeoprichter en hoofd technologie van Archisen, het agritechbedrijf dat deze boerderij runt. ‘Voor elk gewas dat we verbouwen hebben we iets dat we een recept noemen.’ Dit is in wezen een reeks parameters: licht, pH, temperatuur enzovoort, die Yeo en zijn team precies afstemmen om een plant zo te laten groeien dat die ‘zijn maximale voedingswaarde en smaakprofiel haalt’.

    Het op hydrocultuur gebaseerde systeem verbruikt 95 procent minder water en 85 procent minder meststoffen dan traditionele, op aarde gebaseerde systemen. Volgens voorstanders bieden indoorboerderijen en alternatieve eiwitten betere opbrengsten en schoner vlees, met minimaal of helemaal geen gebruik van de pesticiden, antibiotica of hormonen die in de tegenwoordige voedselproducten zitten.

    ‘Klanten staan tegenwoordig veel kritischer tegenover het voedsel dat ze eten’

    ‘Klanten staan tegenwoordig veel kritischer tegenover het voedsel dat ze eten,’ zegt Aileen Supriyadi, onderzoeker van marketingresearchbureau Euromonitor International. Met name sinds de recente coronapandemie, en nu de Afrikaanse varkensgriep de veestapels in de regio bedreigt, maken consumenten zich meer zorgen over voedselveiligheid. Toch zijn veel mensen ook sceptisch, vooral tegenover gekweekt vlees. In een YouGov Omnibus-onderzoek onder 1068 inwoners van Singapore in december 2020 zei 48 procent van de ondervraagden dat ze zulk vlees niet zouden eten. Uit een onderzoek van Euromonitor in 2020 bleek dat 36,5 procent van de consumenten in Azië/Oceanië een voorkeur had voor geheel natuurlijke producten, tegen 33,3 procent in Europa en 28,4 procent in Noord-Amerika.

    Maar voor Singapore bieden de hightechboerderijen goede mogelijkheden om de voedselproductie op te voeren.

    Sommige experts denken dat ook andere Aziatische landen er profijt van zouden kunnen hebben. Indoorboerderijen zijn niet nieuw. Volgens Teng van NTU bestaan er in heel Azië al zo’n vierhonderd. Maar deze compacte landbouwmethode met haar hoge opbrengsten komt vooral goed van pas in sterk verstedelijkte gebieden waar de koopkracht groot is en vastgoedprijzen hoog zijn, aldus Yeo van Archisen.

    Jakarta is een goed voorbeeld, zegt Christian Prokscha, oprichter van Eden Towers, dat daar in februari een verticale boerderij begon. ‘Je kunt dingen verbouwen op de heuvels buiten Jakarta,’ zegt hij, ‘maar het probleem is dat je logistieke lijnen dan heel lang zijn.’

    Voor indoorboerderijen zijn vooral de kosten van de gebouwen en de geavanceerde apparatuur een grote uitdaging, zegt Yeo. Singapore heeft de afgelopen jaren genereuze subsidies verstrekt, en lanceerde nog in april een fonds van 60 miljoen Singaporese dollar (37,5 miljoen euro), dat ondernemers die een boerderij willen beginnen helpt de eerste bouwkosten op te brengen. Maar weinig Zuidoost-Aziatische landen hebben zulke diepe zakken als Singapore.

    Als het om ‘nieuwe’ eiwitten gaat vormen de hoge verkoopprijzen ook een hoge horde om te nemen. Niettemin is Azië bij uitstek geschikt om te profiteren van de verschuiving naar eiwitalternatieven, aldus Gosker van GFI APA, die wijst op de ‘vruchtbare landbouwgronden, uitgebreide infrastructuur en productiekracht, wereldvermaarde innovatiecentra en ongeëvenaarde marktvolume. Lokale producenten kunnen nu een vrijwel ongelimiteerd aantal verschillende ingrediënten krijgen, die volgens nieuwe en innovatieve methodes verwerken en zo de volgende generatie plantaardige vleesvervangers maken – allemaal op hetzelfde stukje van de wereld.’

  • Bangkok Airways gehackt | Argentinië haalt banden aan met Cuba

    Bangkok Airways gehackt | Argentinië haalt banden aan met Cuba

    Venezuela: regering en oppositie streven naar ‘deelakkoorden’

    De tweede onderhandelingsronde tussen het regime van Nicolás Maduro en de Venezolaanse oppositie, met het oog op de regionale verkiezingen van 21 november, was gericht op het bereiken van ‘deelakkoorden’, schrijft het Spaanse agentschap Europa Press. Volgens de regeringsdelegatie zijn er al akkoorden gesloten, maar de oppositie heeft verklaard dat er nog geen overeenstemming is bereikt.

    De oppositie wil ingrijpende politieke veranderingen

    De vertegenwoordiger van Nicolás Maduro zei dat de onderhandelingen in een ‘hartelijke sfeer’ verlopen en dat het opheffen van de economische sancties zijn voornaamste doelstelling is. De oppositie, die ermee heeft ingestemd deel te nemen aan de verkiezingen in november, benadrukt de noodzaak van humanitaire akkoorden en ingrijpende politieke veranderingen. De onderhandelingen vinden plaats in Mexico, onder auspiciën van Noorwegen. Ook Nederland en Rusland spelen een bemiddelende rol.


    Bangkok Airways gehackt

    Bangkok Airways, de op een na oudste en op twee na grootste luchtvaartmaatschappij van Thailand, maakte op donderdag 26 augustus bekend dat hackers passagiersinformatie hebben gestolen bij een ransomware-aanval. De luchtvaartmaatschappij bevestigde de hack, een dag nadat een ransomware-bende, bekend als LockBit, een bericht op het darkweb plaatste waarin werd gedreigd gegevens te lekken als een fors bedrag aan losgeld niet zou worden betaald. De LockBit-bende gaf de luchtvaartmaatschappij vijf dagen de tijd om het losgeld te betalen, maar publiceerde zaterdag de ruim 200 GB aan gestolen gegevens nadat duidelijk werd dat Bangkok Air niet wilde onderhandelen, schrijft The Record.

    Er zijn ook bestanden bestolen die persoonlijke gegevens van passagiers bevatten

    Hoewel de meeste gestolen informatie zakelijke documenten lijkt te betreffen, zei Bangkok Airways dat de hackers er ook in geslaagd zijn bestanden te stelen die persoonlijke gegevens van sommige van haar passagiers bevatten. Het is onduidelijk om hoeveel passagiers het gaat.

    Eerder deze maand waarschuwde het Australian Cyber Security Center Australische bedrijven al voor een toename van aanvallen van de Lockbit-bende.


    Argentinië haalt banden aan met Cuba

    Jorge Neme, de Argentijnse minister van Internationale Economische Betrekkingen, heeft vorige week maandag in Havana een ontmoeting gehad met de Cubaanse minister van Buitenlandse Zaken Bruno Rodríguez, waarbij beide landen hun intentie onderstreepten om de bilaterale banden te versterken, bericht MercoPress. Rodríguez maakte van de gelegenheid gebruik om Neme te bedanken voor de steun van Argentinië in het veroordelen van de economische, commerciële en financiële blokkade van de Verenigde Staten tegen het eiland.

    Neme had ook een ontmoeting met de Cubaanse minister van Landbouw om technische samenwerking en gezamenlijke zakelijke projecten te bespreken. Daarna bezocht hij verschillende bedrijven in de westelijke provincie Matanzas in Cuba.

  • Tigray: Afrikaanse academici roepen op tot dialoog | ‘Groen’ staal uit Zweden

    Tigray: Afrikaanse academici roepen op tot dialoog | ‘Groen’ staal uit Zweden

    Afrikaanse intellectuelen roepen op tot dialoog in Ethiopië

    ‘Ethiopië staat aan de rand van de afgrond, we moeten handelen.’ Zo luidde de noodkreet van bijna zestig Afrikaanse intellectuelen in het tijdschrift African Arguments op 26 augustus, twee weken na de oproep van premier Abiy Ahmed tot een algemene mobilisatie van de Ethiopische bevolking.

    ‘Wij zijn ontzet en geschokt door de steeds verder verslechterende situatie in Ethiopië’

    De auteurs, die zichzelf omschrijven als ‘Afrikaanse intellectuelen die zich bezighouden met het continent en de diaspora‘ en die ‘hun werkzame leven hebben gewijd aan het begrijpen van de oorzaken van en mogelijke oplossingen voor intra- en inter-Afrikaanse conflicten’, waarschuwen de internationale gemeenschap voor de dramatische ontwikkelingen in de oorlog in Tigray. ‘Wij zijn ontzet en geschokt door de steeds verder verslechterende situatie in Ethiopië.’

    In hun open brief roepen zij zowel de Ethiopische regering als de regionale regering van Tigray op om ‘positief te reageren op de herhaalde oproepen tot een politieke dialoog, ook met de betrokken groepen in de regio’s Amhara en Oromia’. Zij dringen er bij de buurlanden op aan ‘maximale druk’ uit te oefenen en bij de gehele internationale gemeenschap om het werk van de Intergouvernementele Ontwikkelingsautoriteit (IGAD) en de Afrikaanse Unie (AU) te steunen.

    Lees ook:


    De laatste zwaardmakers van Toledo

    De Carthaagse generaal Hannibal en de Romeinse legioenen waren ruim tweeduizend jaar geleden al fan van zwaarden uit het Spaanse Toledo. De reputatie van deze zwaarden was enorm; met honderden smeden was de stad een van ’s werelds belangrijkste centra voor dit ambacht. Nu zijn er nog maar twee ambachtelijke zwaardmakers over. Ze vormen de laatste schakel in de duizenden jaren oude traditie, aldus The Guardian.

    ‘Zwaarden maken is nauw verbonden met deze stad’, zegt Antonio Arellano van Artesania Arellanos. ‘Als we dat kwijtraken, is het een enorm verlies.’

    ‘Toen ik begon zat het in en om het historische centrum van Toledo nog vol met werkplaatsen’

    Arellano is afkomstig uit een lange lijn van ijzerbewerkers en begon dertig jaar geleden met het maken van zwaarden. Klanten bestonden toen al niet meer uit edellieden en zwaardvechters; in plaats daarvan concentreerde het bedrijf zich op toeristen en verzamelaars die graag een beroemd stuk Toledo-staal wilden aanschaffen. ‘Toen ik begon zat het in en om het historische centrum van Toledo nog vol met werkplaatsen’, aldus Arellano, met zijn 69 jaar de laatste meester-zwaardsmid van Toledo. De afgelopen jaren moesten de lokale zwaardmakers concurreren met inferieure, massaal geproduceerde zwaarden uit Azië. Vervolgens kwam corona en bleven de toeristen weg.

    Toch zal Arellano’s zoon het bedrijf overnemen, want er is nog hoop, schrijf de Britse krant. Belangstelling voor geschiedenis heeft geleid tot een stroom aan opdrachten van tv-series en theaterproducties die op zoek zijn naar historisch nauwkeurig materiaal. En onlangs tekende Arellano een overeenkomst met een historisch themapark, waar zijn zoon ten overstaan van het publiek zwaarden zal gaan smeden.


    Groen staal uit Zweden

    De groene staalonderneming HYBRIT uit Zweden heeft ’s werelds eerste staal geleverd dat is geproduceerd zonder gebruik van steenkool. Het bedrijf wil een revolutie teweegbrengen in een industrie die goed is voor ongeveer 8 procent van de mondiale CO2-uitstoot. HYBRIT, eigendom van SSAB, Vattenfall en mijnbouwbedrijf LKAB, levert het ‘groene’ staal aan Volvo voor een testfase en mikt op volledige commerciële productie in 2026. Volgens SSAB, dat verantwoordelijk is voor 10 procent van de Zweedse en 7 procent van de Finse CO2-uitstoot, is de proeflevering een ‘belangrijke stap in de richting van een volledig fossielvrije keten’, aldus Reuters.

    ‘Ik ben blij de minister te zijn in een land waar de industrie bruist van energie voor een groene reset

    HYBRIT startte vorig jaar met testactiviteiten in zijn proeffabriek in Luleå, in het noorden van Zweden. Ook het bedrijf H2 Green Steel werkt aan een fossielvrije staalfabriek in Noord-Zweden. ‘Ik ben blij de minister van Ondernemen en Energie te zijn in een land waar de industrie bruist van energie voor een groene reset’, was de reactie van Ibrahim Baylan, minister van Ondernemen, Industrie en Innovatie.

  • Koerden vrezen vertrek VS uit Syrië | Met menselijk haar de oceanen opruimen

    Koerden vrezen vertrek VS uit Syrië | Met menselijk haar de oceanen opruimen

    Koerden in Syrië hopen dat het Amerikaanse leger hen niet in de steek laat

    De Arabisch-Koerdische strijdkrachten die het noordoosten van Syrië in handen hebben, hebben de terugtrekking van de VS uit Afghanistan ‘met argusogen gadegeslagen’, meldt The Washington Post.

    In 2019 had voormalig president Trump besloten dat meer dan de helft van de Amerikaanse troepen die in Syrië zijn gestationeerd moesten vertrekken. Dit werd ervaren als ‘verraad aan de Koerden’ die streden tegen de jihadistische groepering Islamitische Staat (IS), aldus het Amerikaanse dagblad. De gedeeltelijke terugtrekking had ‘de kaart hertekend‘ van Noordoost-Syrië, waarvan delen in handen kwamen van een door Turkije gesteunde Syrische militie, en andere in handen van het Syrische leger, gesteund door Rusland en Iran. Een ‘pijnlijke herinnering die nog vers in het geheugen staat’ van de Syrische Democratische Strijdkrachten (SDF).

    ‘In het noordoosten van Syrië denken weinig mensen dat de Amerikanen voor onbepaalde tijd zullen blijven’

    Maar in de afgelopen maanden heeft de regering-Biden ‘getracht’ de leiders van de Arabisch-Koerdische strijdkrachten gerust te stellen door het zenden van militairen. Ongeveer negenhonderd Amerikaanse troepen zijn nog steeds in het gebied om IS te bestrijden. ‘De [Amerikaanse] regering heeft verklaard dat het partnerschap sterk blijft en dat de Amerikaanse troepen niet op korte termijn zullen vertrekken’, schrijft The Washington Post.

    ‘Amerikaanse officieren kwamen naar ons toe en zeiden dat er geen verandering zou komen in Syrië‘, bevestigt SDF-leider Mazloum Abdi, geïnterviewd door de Amerikaanse krant.

    Over de toekomst van de Amerikaanse aanwezigheid is de Koerdische generaal ‘voorzichtig maar optimistisch’ en hoopt hij dat ‘Amerika zich aan zijn beloften zal houden’. In het noordoosten van Syrië ‘denken weinig mensen dat de Amerikaanse troepen voor onbepaalde tijd zullen blijven’, aldus de krant. Maar voor Abdi moeten de Amerikaanse troepen ’blijven tot er een oplossing voor de Syrische crisis is gevonden’.

    Voor de Amerikanen is aanwezigheid in de regio belangrijk voor het ‘machtsevenwicht’ in Syrië, waar naast het Syrische leger ook Russische, Turkse en Iraanse strijdkrachten aanwezig zijn.

    Lees ook:


    Chinese telefoonfabrikant Xiaomi groeit hard

    Amerikaanse sancties hebben de smartphoneactiviteiten van Huawei hard geraakt en ondertussen profiteert een ander Chinees bedrijf daarvan. Technologiebedrijf Xiaomi heeft het gat opgevuld dat door Huawei is achtergelaten op de markten van Europa tot Zuidoost-Azië en China. Het doet dit volgens een scenario dat ook door veel andere Chinese merken wordt gehanteerd, namelijk door producten aan te bieden met eigenschappen die vergelijkbaar zijn met die van concurrenten, maar dan wel tegen veel lagere prijzen, schrijft The Wall Street Journal.

    Er is geen enkel bedrijf dat wereldwijd meer telefoons heeft verkocht in de maand juni dan Xiaomi

    Volgens marktonderzoeker Counterpoint Research is er geen enkel bedrijf dat wereldwijd meer telefoons heeft verkocht in de maand juni dan het in Beijing gevestigde Xiaomi. Het bedrijf passeerde Samsung en Apple en werd voor het eerst het nummer één smartphonemerk ter wereld. De maand-op-maandomzet groeide met 26 procent en daarmee was Xiaomi ook het snelst groeiende merk van juni. In het tweede kwartaal van dit jaar was Xiaomi wereldwijd het tweede merk qua verkoop.

    Lees ook:


    Red een pelikaan met je paardenstaart

    Nadat je je haar hebt laten knippen bij Pitch, een kapsalon in het centrum van San Francisco, verzamelen de kappers de afgeknipte lokken en voeren die aan viltmachines die buiten staan. Deze veranderen het haar in strak geweven viltmatten die worden gebruikt om watervervuiling aan te pakken. Het is een idee van Phil McCrory, een haarstylist uit Huntsville, in Alabama, schrijft Reasons to be Cheerful. In 1989 zag hij beelden van de olieramp met de Exxon Valdez in Alaska. Hij wist hoe gemakkelijk olie zich aan haren hecht en vroeg zich af of je ook mensenhaar zou kunnen gebruiken om olie op te ruimen. Wetenschappers bevestigden zijn theorie: elke haar absorbeert drie tot negen keer zijn gewicht in olie. 

    Het idee van McCrory leidde tot een wereldwijde beweging. In 1998 ging hij een partnerschap aan met Matter of Trust, een non-profitorganisatie van Lisa Gautier uit San Francisco. Samen lanceerden ze het baanbrekende Clean Wave-programma om vezelmatten te produceren van mensenhaar uit kapsalons, dierenvacht uit salons voor huisdieren en zelfs pluisjes uit wasserettes.

    Inmiddels doneren alleen al in de VS veertigduizend kapsalons hun haarresten

    Inmiddels doneren alleen al in de VS veertigduizend kapsalons hun haarresten. Elke kapsalon en dierentrimmer knipt ongeveer anderhalve kilo haar of vacht per dag, en dat levert een enorme hoeveelheid op aan natuurlijke vezels. De viltfabriek in San Francisco ontvangt nu dagelijks haar uit dertig landen.

    De haarmatten van Matter of Trust zijn inmiddels al met succes gebruikt bij grote olielozingen, zoals in Ecuador, waar Texaco tussen 1964 en 1992 meer dan 60 miljard liter giftig afvalwater dumpte, naast miljoenen liters ruwe olie. In 2010 leidde de lekkage van bijna 800 miljoen liter ruwe olie door BP in de Golf van Mexico tot een ongekende reactie: binnen vier dagen ontving Matter of Trust 340.000 kilo aan vezels. EPA, het milieuagentschap van de overheid, noemde het de grootste burgeractie die het ooit had gezien.

  • Scheepvaartindustrie doet niet aan klimaatregels

    Scheepvaartindustrie doet niet aan klimaatregels

    Scheepsbouwers en mijnbedrijven vertegenwoordigen een industrie die evenveel vervuilt als alle Amerikaanse kolencentrales bij elkaar. Toch kunnen zij achter gesloten deuren hun eigen regels opstellen.

    De IMO [International Maritime Organization] is een deftig en zeer machtig bureau van de Verenigde Naties aan de oever van de Theems. De afgevaardigden ontmoeten elkaar al decennialang achter gesloten deuren om de vaak wat duistere wereld van de internationale scheepvaart te reguleren – een sector die evenveel koolstofdioxide uitstoot als alle Amerikaanse kolencentrales bij elkaar en gebruikmaakt van een van de allersmerigste brandstoffen: een dikke olie waar ook asfalt van wordt gemaakt. 

    Vorige maand nam het IMO voor het eerst sinds het Parijs-akkoord nieuwe regels aan omtrent de uitstoot van broeikasgassen. De regels beperken de uitstoot niet en verhullen essentiële details in een mist van geheimzinnigheid. 

    Het IMO stelt al sinds 1948 de internationale spelregels op. Nationale overheden kunnen de scheepvaart, in tegenstelling tot andere industrieën, maar moeilijk reguleren. Een in Japan gebouwde tanker kan eigendom zijn van een Grieks bedrijf, van China naar Australië varen met een Indiase bemanning – en dat alles onder Panamese vlag. Toen wereldleiders om deze reden besloten om de internationale scheepvaart buiten het verdrag van Parijs te houden, legden zij de verantwoordelijkheid neer bij de IMO. Maar deze organisatie lijkt allerminst van plan om wezenlijke veranderingen door te voeren.

    Ambitieus milieuplan

    ‘Ze hebben er alles aan gedaan om een serieus gesprek te blokkeren of de angel eruit te halen,’ zegt Albon Ishoda, een diplomaat van de Marshalleilanden. Zijn Pacifische eilandstaatje had vroeger nooit moeite met de grote invloed van de industrie op de organisatie en droeg daar zelfs aan bij. Het land verkocht zijn diplomatieke zetel in Londen jaren geleden aan een Amerikaans bedrijf. Maar de opwarming van de aarde heeft daar verandering in gebracht. De zeespiegel stijgt. Huizen spoelen weg. Een deel van de eilanden kunnen het komende decennium al onbewoonbaar worden.

    Daarom hebben de Marshalleilanden een ambitieus milieuplan opgesteld, dat voorziet in een CO2-belasting voor vervuilers. Ook proberen de eilandbewoners hun diplomatieke zetel terug te veroveren en zo weer een stem te krijgen op het internationale toneel.

    ‘Mijn voorouders geloofden dat de oceaan ons welvaart brengt,’ vertelt de minister die achter de campagne zit. ‘Nu vrezen we dat de oceaan onze dood zal gaan worden.’

    Maar de kans dat de Marshalleilanders de maritieme organisatie hun wil kunnen opleggen is zeer klein. In 1990 tekende de eerste president van het land een overeenkomst met het bedrijf International Registries Inc. Elk schip kon voortaan, zonder veel belasting of andere kosten te betalen, onder de vlag van de Marshalleilanden varen. Het bedrijf uit Virginia in de VS regelde alles en algauw bezaten de Marshalleilanden op papier een van de grootste koopvaardijvloten ter wereld. De regering deelde in de opbrengst – die volgens een ambtenaar van de archipel neerkwam op een slordige 8 miljoen dollar per jaar. 

    ‘De IMO is eigenlijk een besloten club van oude zeelui’

    In 2015, toen minister van Buitenlandse Zaken Tony de Brum naar de IMO afreisde, ontstond echter deining. Even daarvoor had hij bij de klimaatonderhandelingen in Parijs sympathie geoogst met verhalen over zijn in de golven verdwijnende vaderland. In Londen verwachtte hij eenzelfde ontvangst. Maar toen hij in het zakenkostuum van zijn eiland verscheen – bloemenoverhemd, broek en een net jasje – werd hij naar eigen zeggen door de beveiliging terug naar zijn hotel gestuurd om een das te halen.

    ‘De IMO is eigenlijk een besloten club van oude zeelui,’ vertelt analist Thom Woodroofe, die de Brum naar Londen begeleidde. ‘Het zou me niks verbazen als je tijdens de vergaderingen nog mag roken.’ 

    De Brum kon aanvankelijk niet eens gaan zitten, omdat International Registries, dat de Marshalleilanden bij de IMO vertegenwoordigde, weigerde zijn zetel af te staan.

    Industriebonzen

    In de regel worden landen bij klimaatgesprekken van de Verenigde Naties vertegenwoordigd door ervaren politici en delegaties van ambtenaren. Bij het milieucomité van de maritieme organisatie komt een op de vier afgevaardigden uit de industrie zelf.

    Een vertegenwoordiger van het Braziliaanse mijnbouwbedrijf Vale, een van de grootste CO2-vervuilers van de sector en een belangrijke overzeese exporteur, zit er als regeringsadviseur bij. Ook de Franse oliegigant Total en een reeks verenigingen van scheepseigenaren zijn van de partij. Deze bedrijven helpen het beleid bepalen. Niet zelden spreken zij zelfs uit naam van regeringen – ook vertrouwend op de geheimhoudingsplicht die binnen de organisatie bestaat.

    En vaak is onduidelijk waar de affiniteit van de afgevaardigden precies ligt. Zo maakte Luiz Gylvan Meira Filho in 2017 en 2018 deel uit van de Braziliaanse delegatie als onderzoeker van de Universiteit van São Paulo. Tegelijkertijd werkte hij bij een door Vale gefinancierde onderzoeksorganisatie. Het tweede jaar was hij zelfs een betaalde consultant van het bedrijf. In een interview beschreef hij deze rol als dubbel voordelig voor zijn land: hij ondersteunde de Braziliaanse ambtenaren met zijn expertise, terwijl Vale zijn kosten betaalde.

    Andrew Bowden CC Flickr Headquarters of the International Maritime Organization 2
    Het hoofdkwartier van de IMO in Londen. – © Andrew Bowden / CC Flickr

    Honderden andere industriebonzen nemen deel als geaccrediteerd toeschouwer en kunnen tijdens de vergaderingen hun zegje doen. Ze zijn veel talrijker dan vertegenwoordigers van milieuorganisaties. Een verzoek tot accreditatie van het Environmental Defense Fund in 2018 werd afgewezen.

    De Brum probeerde deze industrieafgevaardigden en diplomaten over te halen om binnen acht maanden ambitieuze uitstootdoelen af te spreken. ‘De tijd is kort en werkt tegen ons,’ zei hij in 2015 tegen hen. Maar de toenmalige secretaris-generaal van de IMO, de Japanner Koji Sekimizu, verzette zich tegen strenge uitstootgrenzen, vanwege de rem die dat op de economische groei zou zetten. Een informeel blok van landen en industriegroepen wist het stellen van doelen drie jaar lang te traineren.

    Uit verslagen waarop The New York Times de hand wist te leggen blijkt dat vooral China, Brazilië en India er herhaaldelijk voor gingen liggen. In 2015 heette het te vroeg om een strategie te bepalen. In 2016 was het voorbarig om doelstellingen af te spreken. In 2017 ontbrak het aan gegevens om langetermijndoelen te kunnen bespreken.

    Al snel besloten de afgevaardigden om de doelstelling van nul uitstoot maar helemaal weg te laten

    Het ontbreken van gegevens wordt wel vaker als excuus aangevoerd. De Braziliaanse vertegenwoordiger admiraal Louise Henrique Caroli zei geen geloof te hechten aan onderzoekresultaten die wijzen op een stijgende uitstoot. Volgens hem wilde Brazilië de uitstoot best beperken, maar moest er eerst verder onderzoek worden gedaan naar de economische consequenties van zo’n stap.

    De Cook Eilanden, een andere Stille-Zuidzeearchipel, voert vergelijkbare argumenten aan. Net als de Marshalleilanden wordt het land door de stijgende zeespiegel in zijn bestaan bedreigd. Maar volgens Joshua Mitchell van het ministerie van Buitenlandse Zaken van de eilandengroep zijn op korte termijn banen en de kosten van levensonderhoud belangrijker. 

    De IMO brengt milieumaatregelen bijna nooit in stemming maar zoekt liever naar een informele consensus. In de praktijk geeft dat luidruchtige tegenstanders een vetorecht. 

    Geen wonder dus dat van De Brums grootse plannen, toen de afgevaardigden in 2018 eindelijk doelstellingen gingen formuleren, weinig over was. De doelstelling van de Marshalleilanden was nul uitstoot ‘in de tweede helft van de eeuw’ – vanaf 2050 dus. Industriebonden maakten daarvan ‘in de loop’ van de tweede helft van de eeuw. Met een kleine tekstwijziging was de termijn stilletjes vijftig jaar opgeschoven.

    Al snel besloten de afgevaardigden echter, zonder erover te stemmen, om de doelstelling van nul uitstoot maar helemaal weg te laten.

    Slechts twee doelstellingen bleven uiteindelijk overeind: allereerst zou de industrie de brandstofefficiëntie met tenminste veertig procent proberen te verbeteren. Dat was niet meer dan een luchtspiegeling. *Deze doelstelling was zo bescheiden dat hij, volgens sommige berekeningen, al gehaald was op het moment dat hij werd aangekondigd. Ten tweede zou het bureau zijn best doen om de uitstoot in 2050 te halveren. Maar zelfs deze verwaterde doelstelling blijkt onhaalbaar. Volgens gegevens van het bureau zelf kan de uitstoot nog met wel dertig procent toenemen.

    Eindeloze compromissen

    Toen de afgevaardigden elkaar oktober vorig jaar weer ontmoetten – vijf jaar na De Brums speech – was nog geen enkele actie ondernomen. Voorstellen zoals maximumsnelheden waren besproken en snel weer verworpen. Wat overbleef was wat sommige afgevaardigden wel de ‘koelkastrating’ noemden – een score die net als die van huishoudelijke apparatuur schone en vuile schepen van elkaar moet onderscheiden.

    Volgens Europese afgevaardigden kan dit systeem alleen werken als schepen met een slechte score op een zeker moment niet meer uit mogen varen. Maar dat vonden China en bondgenoten te ver gaan. Dus droeg de Noor Sveining Oftedal, die de vergadering voorzat, Frankrijk en China op om in een apart gesprek tot een vergelijk te komen.

    De IMO laat het aan de bedrijven over om aan te geven hoe vuil hun schepen zijn

    De Marshalleilanden werden overal buiten gehouden. ‘“We hebben naar jullie geluisterd”, zeiden ze altijd tegen ons,’ vertelt Ishoda. ‘Maar zodra ze in details traden zeiden ze: ‘Sorry, jullie bijdrage wordt niet op prijs gesteld’. 

    Uiteindelijk legde Frankrijk zich bij vrijwel alle Chinese eisen neer. De vuilste schepen gaan niet aan de ketting. Scheepseigenaren moeten plannen indienen waarin ze de intentie tot verbetering uitspreken, zonder echt iets te hoeven verbeteren.

    Dit alles gebeurde in het diepste geheim. De IMO noemde de vergadering in een samenvatting een ‘grote stap voorwaarts’. Woordvoerder Natasha Brown zei dat het klanten en belangengroepen meer macht had gegeven. 

    Helaas bevat de regeling nog een andere grote lacune. De IMO zal de scores niet publiceren, en laat het aan de scheepvaartbedrijven over om aan te geven hoe vuil hun schepen zijn.

    Nieuwe wind

    Sinds kort is de politieke wind aan het draaien. De Europese Unie is bezig om de scheepvaart mee te nemen in haar emissiehandelssysteem. De Verenigde Staten, dat jarenlang geen grote rol in het bureau speelde, gooit het onder president Biden over een andere boeg en liet onlangs weten ook naar de uitstoot van de scheepvaart te zullen kijken.

    Het zouden twee grote klappen zijn voor het IMO, dat lang heeft volgehouden dat alleen zij in staat is om de scheepvaart te reguleren. 

    Maar de weerstand achter gesloten deuren is zeker niet gebroken. Op opnames van een klimaatvergadering van afgelopen winter is te horen dat alleen al de suggestie dat de scheepvaart duurzaam zal moeten worden, een woedende reactie uitlokt. ‘Dat soort uitlatingen getuigen van een gebrek aan respect voor de industrie,’ zei Kostas G Gkonis, directeur van handelsgroep Intercargo.

    Vorige maand ontmoetten de afgevaardigden elkaar in het geheim om te bespreken welke beoordeling in het nieuwe ratingsysteem als voldoende zou moeten gelden. Onder druk van China, Brazilië en andere landen legden de afgevaardigden de lat zo laag dat de uitstoot rustig door kan blijven stijgen – in praktisch hetzelfde tempo als voor de regulering.

    De afgevaardigden kwamen overeen de kwestie over vijf jaar opnieuw te bespreken.

  • Wereldnieuws: Zweeds bedrijf produceert ‘groen’ staal & Meer

    Wereldnieuws: Zweeds bedrijf produceert ‘groen’ staal & Meer

    Red een pelikaan met je paardenstaart

    Nadat je je haar hebt laten knippen bij Pitch, een kapsalon in het centrum van San Francisco, verzamelen de kappers de afgeknipte lokken en voeren die aan viltmachines die buiten staan. Deze veranderen het haar in strak geweven viltmatten die worden gebruikt om watervervuiling aan te pakken. Het is een idee van Phil McCrory, een haarstylist uit Huntsville, in Alabama, schrijft Reasons to be Cheerful. In 1989 zag hij beelden van de olieramp met de Exxon Valdez in Alaska. Hij wist hoe gemakkelijk olie zich aan haren hecht en vroeg zich af of je ook mensenhaar zou kunnen gebruiken om olie op te ruimen. Wetenschappers bevestigden zijn theorie: elke haar absorbeert drie tot negen keer zijn gewicht in olie. 

    Het idee van McCrory leidde tot een wereldwijde beweging. In 1998 ging hij een partnerschap aan met Matter of Trust, een non-profitorganisatie van Lisa Gautier uit San Francisco. Samen lanceerden ze het baanbrekende Clean Wave-programma om vezelmatten te produceren van mensenhaar uit kapsalons, dierenvacht uit salons voor huisdieren en zelfs pluisjes uit wasserettes.

    Inmiddels doneren alleen al in de VS veertigduizend kapsalons hun haarresten

    Inmiddels doneren alleen al in de VS veertigduizend kapsalons hun haarresten. Elke kapsalon en dierentrimmer knipt ongeveer anderhalve kilo haar of vacht per dag, en dat levert een enorme hoeveelheid op aan natuurlijke vezels. De viltfabriek in San Francisco ontvangt nu dagelijks haar uit dertig landen.

    De haarmatten van Matter of Trust zijn inmiddels al met succes gebruikt bij grote olielozingen, zoals in Ecuador, waar Texaco tussen 1964 en 1992 meer dan 60 miljard liter giftig afvalwater dumpte, naast miljoenen liters ruwe olie. In 2010 leidde de lekkage van bijna 800 miljoen liter ruwe olie door BP in de Golf van Mexico tot een ongekende reactie: binnen vier dagen ontving Matter of Trust 340.000 kilo aan vezels. EPA, het milieuagentschap van de overheid, noemde het de grootste burgeractie die het ooit had gezien.


    De laatste zwaardmakers van Toledo

    De Carthaagse generaal Hannibal en de Romeinse legioenen waren ruim tweeduizend jaar geleden al fan van zwaarden uit het Spaanse Toledo. De reputatie van deze zwaarden was enorm; met honderden smeden was de stad een van ’s werelds belangrijkste centra voor dit ambacht. Nu zijn er nog maar twee ambachtelijke zwaardmakers over. Ze vormen de laatste schakel in de duizenden jaren oude traditie, aldus The Guardian.

    ‘Zwaarden maken is nauw verbonden met deze stad’, zegt Antonio Arellano van Artesania Arellanos. ‘Als we dat kwijtraken, is het een enorm verlies.’

    ‘Toen ik begon zat het in en om het historische centrum van Toledo nog vol met werkplaatsen’

    Arellano is afkomstig uit een lange lijn van ijzerbewerkers en begon dertig jaar geleden met het maken van zwaarden. Klanten bestonden toen al niet meer uit edellieden en zwaardvechters; in plaats daarvan concentreerde het bedrijf zich op toeristen en verzamelaars die graag een beroemd stuk Toledo-staal wilden aanschaffen. ‘Toen ik begon zat het in en om het historische centrum van Toledo nog vol met werkplaatsen’, aldus Arellano, met zijn 69 jaar de laatste meester-zwaardsmid van Toledo. De afgelopen jaren moesten de lokale zwaardmakers concurreren met inferieure, massaal geproduceerde zwaarden uit Azië. Vervolgens kwam corona en bleven de toeristen weg.

    Toch zal Arellano’s zoon het bedrijf overnemen, want er is nog hoop, schrijf de Britse krant. Belangstelling voor geschiedenis heeft geleid tot een stroom aan opdrachten van tv-series en theaterproducties die op zoek zijn naar historisch nauwkeurig materiaal. En onlangs tekende Arellano een overeenkomst met een historisch themapark, waar zijn zoon ten overstaan van het publiek zwaarden zal gaan smeden.


    ‘Vertrek van tienduizenden is normaal

    Tijdens een bezoek aan Hongkong ontkende een hoge Chinese regeringsfunctionaris dat tienduizenden inwoners de stad hebben verlaten vanwege de door Beijing opgelegde nationale veiligheidswet. De regering van de stadstaat maakte eerder deze maand bekend dat ruim 89.000 mensen uit Hongkong zijn vertrokken sinds de invoering van de veiligheidswet, twaalf maanden geleden. Maar volgens Huang Liuquan, van het Bureau voor Zaken aangaande Hongkong en Macau, hebben de twee zaken niets met elkaar te maken, schrijft South China Morning Post.

    ‘Inwoners hebben hun rustige en veilige leven hervat en de sociale orde is hersteld’

    ‘Sommigen suggereren dat mensen Hongkong hebben verlaten omdat ze ontevreden zijn over de uitvoering van de nationale veiligheidswet en het vertrouwen in de ontwikkeling van de stad hebben verloren. Ik denk niet dat dat juist is’, aldus Huang. ‘Inwoners hebben hun rustige en veilige leven hervat, de principes van de rechtsstaat zijn duidelijk gemaakt en de sociale orde is hersteld. De ontwikkeling van Hongkong is weer op de goede weg. Dit zijn onmiskenbare feiten.’

    Huang beweerde dat een uittocht van tienduizenden inwoners normaal is voor een internationaal georiënteerde stad, zeker tijdens een pandemie.


    Groen staal uit Zweden

    De groene staalonderneming HYBRIT uit Zweden heeft ’s werelds eerste staal geleverd dat is geproduceerd zonder gebruik van steenkool. Het bedrijf wil een revolutie teweegbrengen in een industrie die goed is voor ongeveer 8 procent van de mondiale CO2-uitstoot. HYBRIT, eigendom van SSAB, Vattenfall en mijnbouwbedrijf LKAB, levert het ‘groene’ staal aan Volvo voor een testfase en mikt op volledige commerciële productie in 2026. Volgens SSAB, dat verantwoordelijk is voor 10 procent van de Zweedse en 7 procent van de Finse CO2-uitstoot, is de proeflevering een ‘belangrijke stap in de richting van een volledig fossielvrije keten’, aldus Reuters.

    ‘Ik ben blij de minister te zijn in een land waar de industrie bruist van energie voor een groene reset

    HYBRIT startte vorig jaar met testactiviteiten in zijn proeffabriek in Luleå, in het noorden van Zweden. Ook het bedrijf H2 Green Steel werkt aan een fossielvrije staalfabriek in Noord-Zweden. ‘Ik ben blij de minister van Ondernemen en Energie te zijn in een land waar de industrie bruist van energie voor een groene reset’, was de reactie van Ibrahim Baylan, minister van Ondernemen, Industrie en Innovatie.


    Toch porno op OnlyFans

    Minder dan een week nadat OnlyFans had aangekondigd pornografie op zijn platform te verbieden, trok de Britse site die beslissing weer in, omdat het bedrijf ‘garanties heeft gekregen die nodig zijn om onze gemeenschap van diverse makers te kunnen ondersteunen’. Kennelijk zijn er nieuwe overeenkomsten afgesloten met banken, zodat makers die inhoud op OnlyFans plaatsen kunnen worden betaald, ook degenen die seksueel expliciet materiaal aanbieden, schrijft Variety.

    OnlyFans doet zo’n 300 miljoen dollar aan uitbetalingen per maand

    Oprichter en directeur Tim Stokely legde de schuld voor het pornoverbod bij onder meer JP Morgan Chase, Bank of New York Mellon en Metro Bank. Het conflict met de banken is mogelijk opgelost door openbaar te maken hoeveel geld er door de site stroomt: OnlyFans doet zo’n 300 miljoen dollar aan uitbetalingen per maand. Ook de woedende reacties van sekswerkers die op de site vertrouwden voor hun onderhoud zullen doorslaggevend zijn geweest.

  • Biden wil vergelding voor aanslag in Kaboel | Wall Street vreest personeelstekort

    Biden wil vergelding voor aanslag in Kaboel | Wall Street vreest personeelstekort

    Biden belooft jacht te maken op aanslagplegers in Kaboel

    ‘De donkerste dag van Joe Bidens presidentschap’, kopt Politico. De ‘toch al hachelijke’ evacuatie van Amerikaanse staatsburgers uit Afghanistan en die van de bondgenoten van Washington had zojuist ‘een dramatische wending genomen, toen het soort ramp waarvoor de [Amerikaanse] president had gewaarschuwd, plaatsvond buiten de luchthaven van Kaboel’, schrijft de nieuwssite: een dubbele aanslag, die later werd opgeëist door de jihadistische groepering Islamitische Staat, doodde dertien Amerikaanse militairen en verwondde achttien anderen. Volgens BBC zijn er in totaal minstens negentig mensen omgekomen.

    ‘Het was het meest verwoestende moment van Bidens jonge presidentschap’, aldus Politico.

    Vergelding

    ’s Avonds hield Joe Biden vanuit het Witte Huis een toespraak die Politico omschreef als ‘soms somber en emotioneel, dan weer kalm en beschouwend‘.

    Het staatshoofd bracht hulde aan de gesneuvelde Amerikaanse militairen en kondigde twee hoofddoelstellingen aan: het voltooien van de missie om alle Amerikaanse onderdanen en zoveel mogelijk bondgenoten voor 31 augustus te evacueren, en het nemen van vergeldingsmaatregelen tegen degenen die verantwoordelijk zijn voor de aanslagen, schrijft Politico.

    ‘We zullen niet vergeven. We zullen het niet vergeten. We zullen jullie opjagen en laten boeten.’

    ‘Amerika laat zich niet intimideren,’ aldus Biden in zijn toespraak. ‘We zullen niet vergeven. We zullen het niet vergeten. We zullen jullie opjagen en laten boeten.’

    President Biden zei dat hij zijn commandanten had opgedragen manieren te vinden om IS-K aan te vallen, de Afghaanse tak van Islamitische Staat, die eerder op de dag de verantwoordelijkheid voor de aanslagen had opgeëist. ‘We zullen met kracht en precisie terugslaan, op een door ons gekozen tijd en plaats’, verklaarde hij.

    Lees ook:


    Wall Street vreest personeelstekort

    Wall Street heeft een probleem. Dit jaar worden recordwinsten geboekt, maar jonge mensen lopen steeds minder warm voor werkweken van minimaal tachtig uur. Om werving en personeelsbehoud bij investeringsbanken te verbeteren, hebben veel Amerikaanse banken, waaronder Bank of America, Morgan Stanley en Goldman Sachs, recentelijk de beloning voor jonge werknemers verhoogd. Ze bieden nu een aanvangssalaris van ten minste 100.000 dollar, circa 85.000 euro. Met een prestatiebonus kan dat op meer dan 150.000 dollar uitkomen, ongeveer vijf keer het gemiddelde inkomen per hoofd van de bevolking in de VS, schrijft NPR, de Amerikaanse publieke omroep.

    Jonge bankiers zeggen gemiddeld 98 uur per week te werken

    Het is echter onduidelijk of dat voldoende zal zijn. De pandemie ontneemt jonge, thuiswerkende bankiers de kans om te netwerken en ter plekke te leren, aspecten die essentieel worden geacht om voor het werk te kiezen. Recentelijk omschreven jonge bankiers bij Goldman Sachs hun grieven. Ze zeggen gemiddeld 98 uur per week te werken, wat ten koste gaat van hun mentale en fysieke gezondheid.


    Zakenman vermoord op Sicilië

    Een voormalig gemeenteraadsvoorzitter in de buurt van Agrigento op Sicilië is op zondag 15 augustus in een lokale bar om het leven gebracht met drie pistoolschoten door het hoofd, meldt het Italiaanse persbureau ANSA. Het slachtoffer, de 45-jarige Salvatore Lupo, had een strafblad.

    De zakenman was eigenaar van enkele bejaardentehuizen en werd in 2017 gearresteerd tijdens een onderzoek naar zijn sociale coöperatie, omdat hij ervan werd verdacht zeker de helft van het loon van zijn werknemers te hebben gestolen. Een jaar daarvoor werd hij verhoord vanwege mishandeling van gehandicapte minderjarigen in een tehuis in Licata. De politie sluit tot dusver uit dat de moord is gepleegd door de maffia, aldus ANSA.

  • Inheemse Brazilianen eisen hun rechten op | Oproep om luchthaven Kaboel te verlaten

    Inheemse Brazilianen eisen hun rechten op | Oproep om luchthaven Kaboel te verlaten

    Oorspronkelijke bewoners van Brazilië gaan de straat op

    Zo’n zesduizend leden van 170 inheemse groepen, velen met verentooien op en zwaaiend met pijl en boog, marcheerden woensdag (25 augustus) naar het hoofdkwartier van het hoogste Braziliaanse gerechtshof, in de hoop druk uit te oefenen op de elf rechters die een cruciale uitspraak over hun lot zullen doen. Het hof buigt zich over de tijdelijke uitspraak die alleen de gronden die door de inheemse bevolking werden bewoond toen de grondwet in 1988 werd afgekondigd als voorouderlijke gronden erkent, meldt O Globo.

    De machtige agro-industriële lobby verzet zich tegen de beschermde status van reservaten

    Veel inheemse groepen zijn tijdens de verschillende machtswisselingen in de Braziliaanse geschiedenis ontheemd geraakt, met name onder het militaire regime (1964-1985). Nu zij naar hun land zijn teruggekeerd, eisen ze bescherming van de status die aan de reservaten is toegekend, waartegen de machtige Braziliaanse agro-industriële lobby zich verzet.

    Lees ook:


    Westerlingen dringend verzocht luchthaven Kaboel te verlaten

    De Verenigde Staten, Australië en Groot-Brittannië hebben woensdagavond hun burgers opgeroepen om luchthaven Kaboel zo snel mogelijk te verlaten, bericht BBC. Duizenden mensen verdringen zich nog steeds op de luchthaven in de hoop het land, dat aan de taliban is overgeleverd, te kunnen ontvluchten.

    Volgens een diplomaat is de terreurdreiging afkomstig was van een groep gelieerd aan Islamitische Staat

    Sprekend op voorwaarde van anonimiteit, vertelde een diplomaat van een NAVO-lidstaat aan persbureau Reuters dat de terreurdreiging afkomstig was van een groep gelieerd aan Islamitische Staat. De taliban-leiding heeft donderdag beloofd de veiligheid te bewaren buiten de luchthaven van Kaboel.

    Lees ook:


    Kazachstan brengt staatsbezoek aan Zuid-Korea

    President Tokajev van Kazachstan werd vorige week ontvangen door president Moon Jae-in van Zuid-Korea. Met dit tweedaagse staatsbezoek was hij de eerste buitenlandse leider die het land bezocht sinds het begin van de pandemie. Kazachstan is de grootste handelspartner van Zuid-Korea in Centraal-Azië, schrijft The Korea Herald.

    Het handelsvolume tussen de twee landen verdrievoudigde tussen 2017 en 2019 tot 4,2 miljard dollar, maar daalde door de pandemie vorig jaar tot 3,08 miljard dollar. ‘Ongeveer 550 Koreaanse bedrijven doen zaken in Kazachstan en onze twee landen werken nauw samen’, zo memoreerde de Kazachse president. De presidenten verklaarden hun strategische partnerschap verder uit te zullen breiden.

  • VK neemt 20.000 Afghaanse vluchtelingen op | Armoede in Mexico neemt toe

    VK neemt 20.000 Afghaanse vluchtelingen op | Armoede in Mexico neemt toe

    Verenigd Koninkrijk neemt 20.000 Afghaanse vluchtelingen op

    De Britse regering kondigde dinsdag een regeling aan om ‘op lange termijn’ 20.000 Afghaanse vluchtelingen op te nemen, waarvan 5000 in het eerste jaar. In een interview met The Telegraph drong de Britse minister van Binnenlandse Zaken, Priti Patel, er bij Europa op aan om ook Afghanen op te nemen die hun land ontvluchtten nadat de taliban de macht hadden gegrepen, waarbij zij betoogde dat het Verenigd Koninkrijk niet ‘alleen kon optreden’.

    Macron waarschuwde maandag tegen ‘ongecontroleerde migratiestromen’ uit Afghanistan

    Het conservatieve dagblad brengt in herinnering dat in Frankrijk president Emmanuel Macron maandag waarschuwde voor ‘ongecontroleerde migratiestromen’ uit Afghanistan en verklaarde dat Parijs, Berlijn en andere Europese hoofdsteden werkten aan een gecoördineerde reactie.

    Lees ook:


    De armoede in Mexico is toegenomen

    Eind vorig jaar leefde bijna 44 procent van de 126 miljoen Mexicanen in armoede, zo blijkt uit officiële gegevens van de overheid. Vorig jaar duikelden 3,8 miljoen Mexicanen onder de officiële armoedegrens en daarmee kwam het totaal op 56 miljoen armen, bericht MercoPress.

    De armoedegrens in Mexico is bepaald op 111 dollar (94,50 euro) per maand voor plattelandsbewoners en 170 dollar (145 euro) voor stedelingen. De kwalificatie ‘extreme armoede’ geldt voor degenen die onvoldoende verdienen om een maandelijkse basishoeveelheid voedsel te kunnen kopen ter waarde van 63 dollar in plattelandsgebieden en 88 dollar in steden. Extreme armoede groeide vorig jaar van 7 procent tot 8,5 procent en treft nu bijna 11 miljoen Mexicanen.


    Bacon-donateur is boos op museum

    Barry Joule, klusjesman en voormalige vriend van de wereldberoemde Britse kunstenaar Francis Bacon (1909-1992), schonk een archief van de kunstenaar aan de Tate Gallery, maar dreigt de gift terug te trekken omdat het museum de werken volgens hem niet prominent genoeg exposeert, schrijft kunstsite ArtForum.

    Joule suggereert dat zijn donatie misschien beter wordt gewaardeerd in Frankrijk

    Joule, die Bacon aan het eind van de jaren zeventig leerde kennen, schonk in 2004 ruim 1200 schetsen, foto’s en documenten met een geschatte waarde van bijna 24 miljoen euro. Volgens Joule slaat de Tate de werken slechts op en hij suggereert dat zijn donatie misschien beter wordt gewaardeerd in Frankrijk.

    Tate zegt zich aan het schenkingscontract te houden en daarmee aan de plicht de werken te catalogiseren en te exposeren. Sinds 2004 is de collectie publiekelijk toegankelijk in het archief en items werden in 2019 tentoongesteld in Tate Britain, hoewel ze in 2008 ontbraken op de grote Bacon-tentoonstelling. Joule zegt juridische stappen te zullen ondernemen ‘als er geen bevredigende conclusie wordt bereikt in oktober 2021’.

  • Waarom de regering van Nigeria in paniek raakt van bitcoin

    Waarom de regering van Nigeria in paniek raakt van bitcoin

    Wereldwijd worstelen politieke leiders met cryptogeld. Wat gebeurde er toen het Afrikaanse land het probeerde te verbieden?

    Toen de Nigeriaanse regering in maart 2019 textielimportbedrijven ineens verbood buitenlandse valuta te gebruiken, zat de Nigeriaanse ondernemer Moses Awa* flink in de nesten. Zijn bedrijf, dat geweven schoenen uit Guangzhou, China, importeert, had al langer te lijden onder de economie van het land. Door het verbod dreigde het kopje onder te gaan. ‘Het was crisis: ik moest snel iets doen,’ zegt Awa.

    En dus wendde hij zich tot zijn jongere broer, Osy. Die was begonnen met het verhandelen van bitcoins. ‘Hij was bezig een reserve aan cryptogeld op te bouwen. Op termijn kon dat volgens hem een mooie investering zijn. Toen het valutaverbod mij trof, bleek ik het ook goed te kunnen gebruiken. Ik kon mijn leveranciers in bitcoins betalen als ze dat zouden accepteren – wat ze deden.’

    Nigeria is na de VS het land waar het meest in bitcoins wordt gehandeld

    Volgens het bitcoin-handelsplatform Paxful is Nigeria na de VS het land waar het meest in bitcoins wordt gehandeld. De hoeveelheid dollars die gebruikers in Nigeria volgens het blockchain-onderzoeksbureau Chainalysis in mei aan cryptogeld ontvingen, bedroeg 2,4 miljard. Een forse stijging vergeleken met de 684 miljoen van december vorig jaar. En dan is dit waarschijnlijk nog maar een bescheiden raming van de cryptovloed die de grootste Afrikaanse economie overspoelt, aangezien analisten veel transacties niet kunnen traceren.

    De verbazingwekkende opkomst van cryptogeld in Nigeria is door een reeks factoren aangewakkerd, waaronder politieke repressie, valutacontroles en ongebreidelde inflatie. In februari verbood een gealarmeerde overheid transacties in cryptogeld via erkende banken. Eind juli kondigde ze een proef aan met nieuwe door de staat gecontroleerde digitale valuta – in de hoop de verleiding om niet-gereguleerd cryptogeld te gebruiken te verminderen. Deze maatregelen hebben de handel niet erg getemperd: beurzen meldden dit jaar nog altijd een stijging van het aantal transacties.

    Uit de ervaring van Nigeria kan wereldwijd lering worden getrokken. Hoe digitale valuta te reguleren is een probleem waarover heel wat overheden zich momenteel het hoofd breken. De Britse minister van Financiën, Rishi Sunak, overweegt een door de centrale bank gecontroleerde versie te creëren. De naam is er al: Britcoin. EU-regelgevers hebben plannen opgesteld om digitale valuta beter traceerbaar te maken teneinde witwaspraktijken tegen te gaan. Op het platteland van China worden computers die dienden om bitcoins te maken – een proces dat bekend staat als ‘mining’ – op last van de overheid buiten werking gesteld. De Communistische Partij vaardigde in mei een verbod uit op transacties.

    Ook Egypte, Turkije en Ghana hebben geprobeerd de cryptohandel aan banden te leggen, beducht als ze zijn voor de mogelijkheid dat grootschalig digitaal geldverkeer zich aan wettelijke controles onttrekt.

    ANP 436871479 1
    Een winkel waar je kan betalen met bitcoin in El Salvador. Onlangs heeft El Salvador bitcoin ingevoerd als wettig betaalmiddel. – © Marvin Recenos / AFP

    Noodzakelijk schild

    Nigeria heeft een van de jongste bevolkingen ter wereld en is rijp voor het digitale geldwezen. De armoede is er wijdverbreid, mensen zijn tot veel bereid om daaraan te ontsnappen, en dus nemen piramidespelen toe. Velen handelen dagelijks in vreemd geld. Transacties van landgenoten die in het buitenland werken spelen een rol: die bedroegen in 2020 meer dan 17 miljard dollar. Daarnaast biedt digitaal geld bescherming tegen schommelende wisselkoersen. De Nigeriaanse naira is de afgelopen vijf jaar met bijna dertig procent in waarde gedaald ten opzichte van de dollar.

    Er zijn ook politieke factoren. Sommigen zien cryptogeld als een bitter noodzakelijk schild tegen overheidsrepressie.

    Afgelopen oktober werd het land opgeschrikt door de hevigste protesten in decennia. Vele duizenden demonstreerden tegen politiegeweld en de beruchte politie-eenheid Sars. Bruut optreden van veiligheidstroepen, die demonstranten mishandelden en waterkanonnen en traangas gebruikten, ontsierde de zogeheten EndSars-protesten. Ruim vijftig demonstranten kwamen om het leven, minstens twaalf van hen werden op 20 oktober bij de Lekki-tolpoort in Lagos doodgeschoten. 

    Ook financieel ging de Nigeriaanse overheid er met gestrekt been in, door bankrekeningen te blokkeren van maatschappelijke organisaties, van protestgroepen en van personen die de EndSars steunden en geld inzamelden om demonstranten vrij te krijgen of hen van eerste hulp en voedsel te voorzien.

    Bitcoins bieden Nigeriaanse bedrijven meer stabiliteit dan de kelderende naira

    Feminist Coalition, een collectief van dertien jonge vrouwen dat tijdens de demonstraties ontstond, kreeg landelijke aandacht toen het geld inzamelde voor protestgroepen en demonstratie-initiatieven ondersteunde. Ook de rekeningen van de vrouwen werden geblokkeerd, waarop de groep bitcoindonaties aannam en uiteindelijk 150.000 dollar aan cryptogeld binnenhaalde. 

    Jack Dorsey, oprichter van Twitter en een prominent pleitbezorger van cryptogeld, deelde de FemCo-bitcoin-donatiepagina en haalde zich daarmee de woede op de hals van de Nigeriaanse overheid, die Twitter in juni blokkeerde.

    Lees ook:

    De politieke klasse was geschokt door de aanblik van jonge mensen die openlijk kritiek hadden op overheidsdragers met weinig scrupules, aldus Adewunmi Emoruwa, wiens organisatie Gatefield geld schonk aan journalisten die verslag deden van de protesten: ‘Ik denk dat de demonstraties de belangrijkste katalysator zijn geweest voor een aantal beslissingen van deze regering. Die kreeg het behoorlijk benauwd toen ze zag dat mensen zich kunnen verenigen in het besluit overheidsstructuren en instellingen te omzeilen. Er ging een schokgolf door het staatsapparaat.’

    Veel organisaties bewaren nu een deel van hun fondsen in de vorm van cryptogeld

    Tijdens de protesten werden de bankrekeningen van Gatefield geblokkeerd, totdat een rechtbank eerder dit jaar oordeelde dat deze maatregel onrechtmatig was en beval dat ze werden heropend.

    Door al deze verwikkelingen zijn veel Nigerianen een grotere noodzaak gaan voelen om zich te wapenen tegen onverwachte acties van de autoriteiten. Veel organisaties bewaren nu een deel van hun fondsen in de vorm van cryptogeld. 

    Digitaal geld is een belangrijke verzekering tegen vijandige interventies,  aldus een leidende figuur in een maatschappelijke organisatie, die anoniem wil blijven uit vrees voor represailles van de autoriteiten: ook zijn rekeningen werden afgelopen oktober geblokkeerd.

    ‘Een aantal effecten bewaren we in cryptovorm – niet te veel maar genoeg, het is een soort verzekeringspolis,’ zegt hij. ‘Toen het verbod inging, waren we gelukkig in staat om salarissen uit te keren. Zo kunnen we in een dergelijke situatie ons personeel blijven betalen.’

    Ondergronds

    In februari reageerde de Centrale Bank van Nigeria door banken op te dragen de rekeningen van alle klanten die cryptogeld gebruiken te sluiten. Financiële instellingen moesten ‘personen en/of entiteiten identificeren’ die transacties uitvoeren in cryptogeld. Deden ze dat niet, dan zouden er sancties volgen.

    Aanvankelijk was het verbod een klap voor de opkomende sector van makelaren in cryptogeld die op commerciële banken vertrouwden voor transacties. Veel klanten vonden echter een uitweg, aldus Marius Reitz, algemeen directeur Afrika bij Luno, een handelsplatform voor cryptogeld. ‘Een hoop handelsactiviteiten vinden nu noodgedwongen ondergronds plaats. Daardoor zijn veel Nigerianen op dit moment afhankelijk van minder veilige, minder transparante, onderhandse kanalen, en van Telegram- en WhatsApp-groepen, waarbij mensen rechtstreeks handel drijven met elkaar,’ zegt Reitz. 

    Het verbod heeft de handel in cryptogeld moeilijker te controleren en minder veilig gemaakt. ‘Dit betekent ook dat regelgevers nu minder zicht op en controle over de markt hebben, waardoor consumenten helaas meer risico lopen dat ze worden opgelicht.’

    Lees ook:

    https://360magazine.nl/5-contant-vs-digitaal-een-rondje-%e2%80%a8om-de-wereld

    Platforms hebben zich ook aangepast door transacties te blijven faciliteren zolang de verhandelde valuta niet als cryptogeld worden bestempeld.

    Enkele platforms zagen hun transacties wel afnemen, maar voor andere betekende de inperking juist dat de vraag naar cryptogeld rees. In de eerste vijf maanden van 2021 hebben Nigerianen volgens het in Helsinki gevestigde platform LocalBitcoins vijftig procent meer verhandeld dan in dezelfde periode vorig jaar.

    ‘De autoriteiten hebben er geen macht over. Dat zijn ze niet gewend en dat maakt ze bang’

    De reactie van de Nigeriaanse regering op cryptogeld was ook inconsequent. In zijn aankondiging van de beperkende maatregelen tegenover de senaatscommissie noemde Godwin Emefiele, gouverneur van de Centrale Bank, cryptogeld ‘geen legitiem geld’.

    Tegelijkertijd veroordeelde vicepresident Yemi Osinbajo de maatregel publiekelijk: ‘We moeten geen beleid voeren dat cryptotransacties in de Nigeriaanse banksector verbiedt. Angst is een slechte raadgever.’ Hij riep op tot ‘robuuste, doordachte en op kennis gebaseerde regelgeving’.

    Een andere Nigeriaanse overheidsinstantie, de Securities and Exchange Commission, staat open voor transacties met cryptogeld, als deze beter kan worden gereguleerd.

    Geleidelijk aan is het tot de Nigeriaanse overheid doorgedrongen dat cryptogeld niet te stoppen is, aldus de exploitant van een Nigeriaans cryptohandelsplatform, die anoniem wenst te blijven nadat de autoriteiten het op hem bleken te hebben gemunt. ‘Ze weten dat ze het niet echt een halt kunnen toeroepen. Ze hebben er geen macht over. Dat zijn ze niet gewend en dat maakt ze bang.’

    * Niet zijn echte voornaam

    Bitcoin: de voor- en nadelen

    Bitcoin ontstond in 2009 en was het eerste cryptogeld. Het blijft de meest bekende en waardevolle valuta in zijn soort. Het is een digitaal of virtueel actief dat zich aan het traditionele banksysteem onttrekt. De invloed ervan is enorm toegenomen, nu een groeiend aantal bedrijven het voor betalingen accepteert.

    Elke bitcoin is in wezen een digitaal token dat een geheime sleutel bevat die aan iedereen in het netwerk toont wie het toebehoort. In feite is elke bitcoin een collectieve overeenkomst van computers op het bitcoin-netwerk waaruit blijkt dat het token echt is, gemaakt is door een bitcoin-‘miner’ en vervolgens is verkregen via een reeks legitieme transacties.

    Steeds wanneer er bitcoins worden uitgegeven, weet het hele netwerk dat ze van eigenaar zijn gewisseld. Elke transactie wordt opgeslagen in een continu openbaar register (‘blockchain’), dat het hele systeem ondersteunt, waardoor het mogelijk is om de geschiedenis van een munt te traceren en te voorkomen dat mensen munten uitgeven die ze niet bezitten.

    Voor de vele voorstanders van bitcoin heeft het virtuele systeem diverse voordelen – zo kan de blockchain worden gebruikt om andere zaken dan alleen maar geld te volgen, en is er het verschijnsel van ‘slimme contracten’ die automatisch worden uitgevoerd als aan bepaalde voorwaarden is voldaan.

    Het grootste voordeel van bitcoins is echter het gedecentraliseerde karakter ervan, waardoor ze in hoge mate bestand zijn tegen officiële uitsluiting of regelgevende controle door een enkele entiteit. Het is mogelijk om een bitcoin-betaling in behandeling te zien, maar niemand kan deze tegenhouden. Dit heeft overheden huiverig gemaakt: in een conventioneel financieel systeem kunnen banken rekeningen bevriezen, het witwassen van geld controleren of regels afdwingen.

    Dankzij die decentrale cryptovaluta-netwerken hebben mensen internationale betalingen kunnen doen vanuit gesloten of sterk afgeschermde economieën, maar daardoor zijn deze netwerken ook een vrijplaats geworden voor illegale activiteiten, van cybercriminaliteit tot het witwassen van geld en drugshandel.

    Een andere zorg ten aanzien van bitcoins is dat ze het milieu schaden. Bitcoin-mining – waarbij een bitcoin wordt toegekend aan een computer die een complexe reeks algoritmen oplost – kost enorm veel energie. Miners zetten grote computerplatforms op om de kans op verwerving van bitcoins te maximaliseren. De ecologische voetafdruk van deze ‘mining’ is nu ongeveer zo groot als die van de staat Chili, zo is berekend door de Cambridge Bitcoin Electricity Consumption Index, een tool van Cambridge University die het energieverbruik van de valuta meet.

    Voorstanders van bitcoins zeggen dat mining steeds vaker wordt gedaan met elektriciteit uit hernieuwbare bronnen. De hoeveelheid aan bitcoins bestede energie is dit jaar inderdaad aanzienlijk geslonken. De zorgen zijn daarmee echter niet weggenomen. Milieuactivisten stellen dat miners geneigd zijn zich daar te vestigen waar elektriciteit het goedkoopst is, en dat betekent niet zelden op plekken waar stroom met veel CO2-uitstotende kolen wordt opgewekt.

  • Wie betaalt de rekening voor Erdogans ‘krankzinnige’ kanaal?

    Wie betaalt de rekening voor Erdogans ‘krankzinnige’ kanaal?

    De aanleg van het Istanboelkanaal als alternatief voor de Bosporus zou ingrijpende geopolitieke gevolgen hebben in het gebied rond de Zwarte Zee. Vooral Rusland volgt de ontwikkelingen met argusogen.

    Het kanaal wordt zo’n 45 kilometer lang, 150 meter breed en bij de aanleg zal handig gebruik worden gemaakt van de grote meren in het gebied. Akkers, boerderijen en kleine dorpjes moeten plaatsmaken voor jachthavens, luxe flats en andere gebouwen. Alles voor de hoogste bieder.

    De Turkse president Recep Tayyip Erdogan heeft alvast de spade in de grond gestoken voor het Istanboelkanaal, een project dat voor sommigen een lucratieve droom is en voor anderen een nachtmerrie. Het ‘krankzinnige project’, zoals Erdogan het zelf noemt, roept hoe dan ook veel vragen op: wie gaat het betalen, nu het land bijna failliet is? Wat zijn de geopolitieke gevolgen? Welke milieuproblemen brengt het met zich mee? Geen van deze kwesties heeft de voortgang van het project kunnen tegenhouden, en dat terwijl het een dure bedoening is.

    De belangrijkste reden waarom de Turkse regering heeft besloten een extra kanaal te graven dat parallel loopt aan de Bosporus, is volgens de president het drukke scheepvaartverkeer: jaarlijks doorkruisen ongeveer veertigduizend schepen deze zeestraat. Om, naar eigen zeggen, ongelukken te voorkomen, hebben Erdogan en kompanen dit zeer ambitieuze project opgetuigd. Toch zal de uitvoering van de bestaande plannen nog niet zo gemakkelijk zijn. Zo zijn de Turkse financiële instellingen terughoudend. Reuters meldde eind april dat een aantal van de grootste banken van het land huiverig is om het kanaal te financieren, omdat ze zich zorgen maken over de milieu- en investeringsrisico’s van het megaproject. Twee van de door het persagentschap geraadpleegde bronnen verklaarden dat het mondiale duurzaamheidspact, dat door zes van de grootste banken van Turkije is ondertekend, financiering in de weg staat. De instellingen hebben de VN-principes voor verantwoord bankieren onderschreven, die inhouden dat ze proberen mens en planeet geen schade te berokkenen.

    Onzekerheid

    Bovendien zijn banken en bedrijven zich door de kortlopende buitenlandse schuld van ongeveer 150 miljard dollar [zo’n 126 miljard euro] bewust van de risico’s van de uitgeputte Turkse valutareserves. Terwijl de Turkse economie weer probeert op te krabbelen na de coronapandemie, zorgen de valutacrisis en de inflatie nog voor grote onzekerheid.

    Ondanks dit alles lijkt het niet zo negatief uit te pakken voor de president. ‘Het project gaat gewoon door,’ aldus zijn woordvoerder Ibrahim Kalin, die toevoegde dat de regering openstaat voor alle soorten financiering en dat Turkse, Europese, Amerikaanse en Chinese bedrijven al belangstelling hebben getoond. Deze zelfverzekerde houding, ondanks de terughoudendheid van de banken, heeft mogelijk te maken met het bezoek van de Chinese minister van Buitenlandse Zaken Wang Yi aan Ankara, afgelopen maart. Tijdens een ontmoeting tussen de twee leiders is een lijst met hete hangijzers besproken in de betrekkingen tussen Turkije en China, die steeds ‘productiever’ worden. Volgens de Turkse televisiezender TGRT, die dicht bij de regering staat, was de financiering van het Istanboelkanaal het belangrijkste agendapunt op deze bijeenkomst. Details over de precieze inhoud van de besprekingen zijn echter niet bekend.

    ‘Veel landen, waaronder Nederland, België, China en Rusland, hebben belangstelling om het project uit te voeren’

    Minister van Vervoer en Infrastructuur Adil Karaismailoglu liet wel weten dat ‘veel landen, waaronder Nederland, België, China en Rusland, belangstelling hebben getoond [om het project uit te voeren]. Maar de klus zal worden uitgevoerd door binnenlandse aannemers.’

    De Turks-Chinese betrekkingen worden steeds beter. Bilaterale handelsovereenkomsten, tientallen miljoenen vaccins van het Chinese bedrijf Sinovac en de nieuwe zijderoute voeden de vriendschap tussen de twee landen. Ondertussen maken Oeigoeren die naar Turkije zijn gevlucht zich zorgen dat deze relatie kan leiden tot een verzoek van Beijing om hen massaal uit te wijzen.

    Nieuwe spelregels

    Rusland heeft zich nog niet uitgesproken over de aanleg van het kanaal. Maar analisten denken dat het project de spelregels mogelijk kan veranderen, en daar zit de Russische president volgens kenners niet op te wachten.

    De doorvaart van schepen door de zeestraten bij Turkije is juridisch geregeld in het Verdrag van Montreux, dat in 1936 werd gesloten. Het pact bepaalt dat Turkije zeggenschap heeft over de Bosporus en de Dardanellen, en regelt ook de doorvaart van oorlogsschepen naar de Zwarte Zee. Voor marineschepen uit landen buiten het Zwarte Zeegebied gelden beperkingen: deze mogen maximaal 15.000 ton wegen, een verblijf in het gebied mag maximaal 21 dagen duren en de limiet is zeven vaartuigen.

    Bij het nieuwe kanaal komt hier verandering in en worden de spelregels opgesteld door Turkije zelf. Erdogan heeft weliswaar toegezegd dat het Verdrag van Montreux van kracht blijft, maar ook duidelijk gemaakt dat ‘zolang het kanaal de zware maritieme last van de Bosporus verlicht, Turkije een alternatief heeft dat buiten de beperkingen van Montreux en volledig onder Turks zeggenschap valt. Het kanaal maakt deel uit van onze strijd om soevereiniteit.’ Deze soevereiniteit moet Turkije in de woorden van de president ‘meer gemak en gemoedsrust’ geven.

    Volgens Kivanç Ulusoy, hoogleraar politieke wetenschappen aan de Universiteit van Istanboel, ziet Rusland dat anders. ‘Volgens Rusland moeten voor het kanaal zonder meer dezelfde regels gelden als voor de Bosporus: die van het Verdrag van Montreux. Op dit ogenblik heeft Moskou veel baat bij dat verdrag,’ verklaart de deskundige aan El Confidencial. Een verandering in de huidige stand van zaken kan nadelig uitpakken voor Poetin, en dat zou niet de eerste keer zijn. Bulgarije en Roemenië waren bijvoorbeeld eerst lid van de Oost-Europese Collectieve Veiligheidsverdragorganisatie, maar horen nu bij de NAVO. Andere grensstaten, zoals Georgië en Oekraïne, hebben ook te kennen gegeven zich bij de NAVO te willen aansluiten. ‘Onder deze omstandigheden zou het geopolitieke speelveld rond de Zwarte Zee op zijn kop worden gezet door het Istanboelkanaal,’ aldus de hoogleraar.

    ‘Uiteindelijk is een oorlog tussen Rusland en de andere landen aan de Zwarte Zee ook voor Turkije heel schadelijk’

    Voor Kiev, dat eerder dit jaar al te maken had met Russische militaire bemoeienis, zou de aanleg van het kanaal een verademing zijn, zegt Ulusoy. Maar hoe verleidelijk het ook mag zijn als elk land aan de Zwarte Zee zijn eigen juridische regels mag opstellen, ‘uiteindelijk is een oorlog tussen Rusland en de andere landen aan de Zwarte Zee ook voor Turkije heel schadelijk. Een stabiel Zwarte Zeegebied is veel bevorderlijker. Toch beschouwen andere landen, waaronder Oekraïne, het aanpassen van het juridisch kader als een grondrecht om hun soevereiniteit te versterken.’

    Terwijl de werkzaamheden voor de aanleg van het kanaal al bijna van start gaan, neemt de onzekerheid alleen maar toe. Ook zorgen over het klimaat spelen een grote rol. Milieugroeperingen hebben de nieuwe verbinding tussen de twee zeeën omschreven als een regelrechte milieuramp voor de Zee van Marmara, die nu al in deplorabele staat is. De aanleg van het kanaal en het betrekken van de meren daarbij zou grote gevolgen hebben voor de zoetwatervoorziening van Istanboel, met zijn 16 miljoen inwoners.

    Istanbul canal map–C.Randam Wikimedia Commons 1
    Het nieuwe Instanboelkanaal dat de Zee van Marmara met de Zwarte Zee moet verbinden. – © Randam / Wikimedia Commons
  • Poolse wet is ‘ongekende aanval op persvrijheid’ | Nederlands pensioenfonds waarschuwt Korea

    Poolse wet is ‘ongekende aanval op persvrijheid’ | Nederlands pensioenfonds waarschuwt Korea

    Pools parlement neemt wet aan in die persvrijheid bedreigt

    Het Poolse parlement heeft een omstreden mediawet aangenomen die de persvrijheid bedreigt. De wet, die op woensdagavond werd aangenomen, zou de Amerikaanse groep Discovery kunnen dwingen het grootste deel van haar belang in de commerciële televisiezender TVN, dat vaak kritisch staat tegenover de conservatieve regering, te verkopen. In het wetsvoorstel staat dat alleen bedrijven uit de Europese Economische Ruimte een uitzendvergunning mogen bezitten.

    ‘Washington had Warschau gevraagd deze wet niet in stemming te brengen, maar de nationalistische regeringspartij liet zich niet afschrikken’, merkt de Europese editie van de website Politico op. Het besluit van het parlement is ‘een ongekende aanval op de vrijheid van meningsuiting en onafhankelijkheid van de media’, zo reageerde de directie van TVN, die de Poolse Senaat en de president opriep de wet te verwerpen.

    Vicepremier Jaroslaw Gowin werd ontslagen vanwege zijn verzet tegen de omstreden wet

    De wet was een van de oorzaken van de val van de regeringscoalitie op dinsdag. Vicepremier Jaroslaw Gowin werd door premier Mateusz Morawiecki ontslagen vanwege zijn verzet tegen de omstreden wet en zijn fractie van tien zetels stapte op. Toch wisten de overgebleven regeringspartijen de wet erdoor te krijgen met steun van kleine partijen in de 460 zetels tellende Sejm, de Poolse Tweede Kamer, schrijft Politico.

    Lees ook:


    Huawei investeert 100 miljoen dollar in start-ups

    Het Chinese techbedrijf Huawei investeert de komende drie jaar 100 miljoen dollar in het startup-ecosysteem in Azië-Pacific, bericht YourStory. Al eerder werd geïnvesteerd in start-uphubs in Singapore, Thailand, Sri Lanka en Maleisië en Huawei wil dit zogenoemde Spark-programma uitbreiden in India als de coronapandemie in het land is afgenomen.


    Pensioenfonds APG waarschuwt Korea voor bouw kolencentrales

    Het in Amsterdam gevestigde APG Asset Management, onderdeel van het Nederlandse pensioenfonds APG, heeft de Zuid-Koreaanse regering gewaarschuwd dat het niet schrappen van een plan om drie kolencentrales te bouwen een ‘aanzienlijke risicofactor’ zal vormen voor haar investeringen in Korea, bericht The Korea Herald. De brief heeft betrekking op drie centrales met een gecombineerd vermogen van 6,3 gigawatt die in aanbouw zijn in de provincie Gangwon.

    ‘De kolencentrales zullen onvermijdelijk een belasting vormen voor de toekomst van de mensheid’

    Park Yookyung, hoofd verantwoord beleggen Azië van APG Asset Management, schrijft in de brief dat de centrales in de nabije toekomst een bedreiging zullen vormen voor het streven naar CO2-neutraliteit. ‘In het licht van de klimaatcrisis zullen kolencentrales onvermijdelijk een belasting vormen voor de Koreaanse economie en de toekomst van de mensheid’, aldus de in het Koreaans opgestelde brief. ‘De uitstoot van broeikasgassen in Korea zal niet alleen een zware last vormen voor de particuliere sector, maar ook voor andere binnenlandse bedrijven in dit op export gerichte land.’

  • Groenland legt olie-exploratie aan banden | Wereldwijd tekort aan computerchips

    Groenland legt olie-exploratie aan banden | Wereldwijd tekort aan computerchips

    Groenland legt olie-exploratie aan banden

    Naalakkersuisut, zoals de regering van Groenland wordt genoemd, stopt met nieuwe olie- en gasexploraties. In een verklaring die half juli werd uitgegeven, noemt de regering de ‘prijs voor oliewinning te hoog’, verwijzend naar zowel economische overwegingen als de strijd tegen klimaatverandering, schrijft CBS News. Het besluit is genomen ‘in het belang van onze natuur, van onze visserij, van onze toeristenindustrie en om de aandacht te richten op duurzamere mogelijkheden’. Aangenomen wordt dat Groenland over enorme hoeveelheden onontgonnen olievoorraden beschikt. Volgens onderzoek is het equivalent van miljarden vaten olie te vinden langs de westkust. Ook wordt gesproken van grote afzettingen onder de zeebodem aan de oostkust, aldus CBS.

    ‘We willen bijdragen aan wereldwijde oplossingen om klimaatverandering tegen te gaan’

    Met het huidige besluit is exploratie overigens nog niet volledig van de baan, want twee kleine bedrijven beschikken nog over vier eerder gegunde exploratievergunningen, die Groenland zal moeten respecteren. Maar volgens Kalistat Lund, de Groenlandse minister van Landbouw, Zelfvoorziening, Energie en Milieu, neemt de regering klimaatverandering serieus. ‘In ons land zien we elke dag de gevolgen ervan en we willen bijdragen aan wereldwijde oplossingen om klimaatverandering tegen te gaan’, zei Lund. ‘Naalakkersuisut werkt aan het aantrekken van nieuwe investeringen voor het grote potentieel aan waterkracht dat we niet zelf kunnen exploiteren. Het besluit om te stoppen met nieuwe exploraties naar olie draagt ertoe bij dat Groenland wordt gezien als een land waar duurzame investeringen serieus worden genomen.’

    Het kabinet werkt ook aan een conceptwetsvoorstel dat vooronderzoek, opsporing en winning van uranium verbiedt, schrijft CBS. De winning van uranium, dat voornamelijk wordt gebruikt voor de opwekking van kernenergie, gaat gepaard met de productie van radioactief afval. ‘Groenland leeft al eeuwenlang van aanwezige natuurlijke hulpbronnen en het verbod op uraniumwinning rust op de diepe overtuiging dat de economie rekening moet houden met de natuur en het milieu’, aldus Naalakkersuisut.


    Afrika is dol op Japanse auto’s

    Japanse tweedehands auto’s blijven onverminderd populair in Afrika. Het continent ontwikkelt zich economisch gestaag en de invoer van tweedehands Japanse voertuigen blijft stijgen. In de afgelopen tien jaar is de markt bijna verdubbeld, schrijft de Japanse krant Mainichi.

    Gebruikte Japanse voertuigen zijn over het algemeen in goede staat, van hoge kwaliteit en bovendien gemakkelijk te onderhouden. Reparatie-onderdelen zijn ruimschoots voorhanden, hetzij origineel, hetzij van Chinese makelij.

    Van de 105.000 auto’s die in 2019 in Kenia werden geregistreerd, was ongeveer 90 procent tweedehands. Kenia is ook de thuisbasis van de Japanse autobedrijven Toyota en Isuzu. Ironisch genoeg wordt de belangrijkste concurrentie voor Japanse autofabrikanten in de regio nu gevormd door Japanse auto’s: de populariteit van redelijk geprijsde geïmporteerde occasions zorgt ervoor dat nieuwe Japanse voertuigen slecht worden verkocht, aldus Mainichi. Door corona nam de import wel af: in 2019 werden er zo’n 320.000 tweedehands auto’s van Japan naar Afrika geëxporteerd; in 2020 daalde dat tot zo’n 280.000.


    Wereldwijd tekort aan chips

    Het mondiale tekort aan halfgeleiders heeft een enorme impact op een breed scala van sectoren, variërend van auto’s en computers tot smartphones en gaming.

    Vorige week werden de Duitse autofabrikanten Daimler en BMW gedwongen om hun assemblagelijnen te vertragen of stil te leggen vanwege tekorten en autofabrikanten elders worstelen met hetzelfde probleem. Ook Apple en Samsung lieten weten dat het chiptekort hun productie zodanig beïnvloedt dat de verkoop van laptops en desktopcomputers kan dalen, bericht The Korea Herald.

    ‘Het aanbod van chips zal waarschijnlijk veel lager blijven dan de groeiende vraag’

    Het chiptekort zal naar verwachting aanhouden, omdat het tijd kost voor chipmakers en onderdelenfabrikanten om nieuwe fabrieken op te zetten en systemen aan te passen, aldus experts. ‘De productie van chips zal in het derde kwartaal waarschijnlijk de volledige capaciteit benutten om aan de stijgende vraag te voldoen’, volgens Jeon Byeong-seo, professor aan de Koreaanse Kyung Hee University. ‘Maar het aanbod zal veel lager blijven dan de groeiende vraag van autofabrikanten, smartphone- en elektronicafabrikanten.’