Trudeau keert 1 ,3 miljard dollar uit aan de Siksika
Canada zal 1,3 miljard dollar aan de Siksika, een inheemse gemeenschap, betalen wegens het afnemen van grondgebied. Het was een ‘historische’ overeenkomst die donderdag werd ondertekend door de Canadese premier Justin Trudeau en het hoofd van de Siksika, Ouray Crowfoot, aldus Calgary Herald.
Tijdens een ceremonie in Alberta heeft Canada toegezegd het equivalent van 960 miljoen euro te betalen aan de inheemse gemeenschap in het westen van het land, als genoegdoening voor de onteigening van een deel van haar land aan het begin van de twintigste eeuw. Ook zal de Siksika op termijn 46.500 hectare land uit de omliggende gebieden kunnen verwerven.
‘Vandaag hebben we, zonder het verleden te vergeten, de kans om naar de toekomst te kijken’
Het is een van de grootste schadevergoedingen voor grondonteigening in Canada ooit. Volgens Justin Trudeau heeft Canada op een ‘onwaardige manier’ gehandeld en heeft ze de gemeenschap beroofd van haar ‘vruchtbare en mineraalrijke land’.
‘Ik begrijp dat we nog veel werk te verzetten hebben op het pad van verzoening,’ zei Trudeau. ‘Maar vandaag hebben we, zonder het verleden te vergeten, de kans om naar de toekomst te kijken.’
Onlangs lekten politiedossiers met foto’s van Oeigoerse gevangenen in zogenaamde ‘heropvoedingscentra’ uit. Ze geven een ontluisterend beeld van de massale vervolging van de islamitische minderheid in China. ‘De kampen zijn bedoeld om de Oeigoerse cultuur, geschiedenis en religie uit te roeien.’
China’s brute en grootschalige onderdrukking van de Oeigoerse islamitische minderheid in Xinjiang heeft voor het eerst een gezicht gekregen. Tienduizenden politiedossiers, foto’s en officiële documenten van hoge ambtenaren van de Communistische Partij van China (CPC), waar El País toegang toe had, leveren een ongekend bewijs van de omvang van het gevangenissysteem in deze westelijke regio van China en van het paranoïde beleid van Beijing ten aanzien van etnische minderheden.
Het journalistieke onderzoek van dit archief vond plaats onder leiding van de Duitse wetenschapper Adrian Zenz, expert in het analyseren van de Chinese onderdrukking in de regio, in samenwerking met nog dertien media in elf landen. Het onderzoek, dat De Politiedossiers van Xinjiang is genoemd, maakte het mogelijk om duizenden gevangenen, onder wie minderjarigen, in de door China gebouwde heropvoedingscentra te identificeren. De aanklachten op basis waarvan mensen gevangen worden gehouden en die doorgaans weinig consistent zijn, konden worden geclassificeerd; dankzij beelden die in de inrichtingen zijn gemaakt kunnen detentie-, ondervragingsmethoden en mishandeling van bewakers tegen gevangenen worden getoond.
Ook werden transcripties geanalyseerd van openbare toespraken door de hoogste leiders van de CPC in Xinjiang. Waarom ook toespraken van secretaris-generaal Chen Quanguo die, overeenkomstig de instructies van Beijing, de doctrine van maximale veiligheid verkondigde en verklaarde dat gevangenen zelfs zullen worden doodgeschoten als zij in opstand komen of proberen te ontsnappen.
Systematische repressie
‘Achter deze systematische repressie,’ zegt Zenz in een telefoongesprek, ‘schuilen de angst en paranoia van president Xi Jinping vanwege het verzet van de Oeigoeren tegen pogingen van de staat om hen te controleren.’ Volgens onderzoek van Zenz, die lid is van de in Washington gevestigde Victims of Communism Memorial Foundation, is de opsluiting van Oeigoeren in heropvoedingskampen de ‘meest omvangrijke internering van een etnische religieuze minderheid sinds de Holocaust’. Ten minste 1 miljoen burgers, van wie de meesten Oeigoeren, zijn opgesloten in heropvoedingskampen verspreid over Xinjiang. Over dat aantal bestaat consensus onder journalisten, academici en de Verenigde Naties.
Een anonieme externe bron kwam aan De politiedossiers van Xinjiang via geraffineerde hacks van de computersystemen van het Bureau voor Openbare Veiligheid van de Chinese politie (afgekort de PSB), in de districten Konasheher in de prefectuur Kashgar en Tekes in het district Ili Kazachstan. De hacker, die om veiligheidsredenen anoniem wil blijven, handelde op eigen initiatief, zonder enige betrokkenheid bij of steun van onderzoekers die bij het project betrokken zijn. De documenten, beelden en de aanwezigheid van drie heropvoedingscentra waarop de dossiers betrekking hebben, zijn door de groep journalisten geverifieerd middels geolokalisatie op basis van foto’s die door agenten zijn genomen. Hany Farid, expert en professor aan de universiteit van Berkeley op het gebied van forensische beeldanalyse, heeft verklaard dat er geen bewijs is dat de fotoarchieven zijn gemanipuleerd.
Het district Kashgar op de grens met Kazachstan en Kirgizië, die officieel de Autonome Oeigoerse Regio Xinjiang heet, is een van de geplande haltes tijdens de officiële reis die de Hoge Commissaris van de VN voor de mensenrechten, de voormalige Chileense president Michelle Bachelet, afgelopen maandag is begonnen. Bezoek aan de heropvoedingscentra voor Oeigoeren, de grootste etnische groep in deze regio met ongeveer 25 miljoen inwoners, was een van de fundamentele eisen die mensenrechtenorganisaties bij Bachelet hadden neergelegd. In een en referentiedocument voor overheidsbeleid erkende de regering van Xi in oktober 2018 voor het eerst het bestaan van deze faciliteiten. Beschuldigingen van onderdrukking van minderheden in Xinjiang wijst Beijing echter van de hand, en de regering houdt vol dat deze faciliteiten zijn bestemd voor onderwijs en vorming van ‘studenten’, die zich vrijelijk kunnen bewegen. Het regime noemt dergelijke gevangenisinternaten ‘onderwijs- en vormingscentra voor beroepsvaardigheden’.
12 procent van de volwassen bevolking is geïnterneerd in heropvoedingscentra, detentiecentra of gevangenissen
De politiedossiers van Xinjiang tonen een heel andere werkelijkheid. Zo blijkt uit een analyse van duizenden politiedocumenten in Konasheher (het register van de veiligheidsdiensten telt zo’n 286.000 burgers, bijna de complete bevolking van dit district) dat in de periode 2017-2018 ten minste 12,3 procent van de volwassen bevolking op de een of andere manier is geïnterneerd in heropvoedingscentra, detentiecentra (voor mensen die zijn opgepakt en die een veroordeling afwachten) of gevangenissen.
In een e-mail als antwoord op vragen over de inhoud van het lek schreef Liu Pengyu, woordvoerder van de Chinese ambassade in de Verenigde Staten: ‘De Xinjiang-kwesties hebben in wezen te maken met de strijd tegen gewelddadig terrorisme, radicalisering en separatisme, niet met mensenrechten of religie. Gezien de ernstige en complexe situatie aangaande terrorismebestrijding heeft Xinjiang een reeks doortastende, solide en effectieve maatregelen voor deradicalisering genomen. Als gevolg daarvan heeft zich in Xinjiang al verscheidene jaren achtereen geen enkel geval van gewelddadig terrorisme meer voorgedaan’.
Na publicatie van de documenten deed de woordvoerder van het Chinese ministerie van Buitenlandse Zaken, Wang Wenbin, de berichten dinsdag af als ‘een nieuw voorbeeld van anti-Chinese krachten die China belasteren’, aldus correspondent Macarena Vidal Liy vanuit Beijing. ‘Het is gewoon een herhaling van een oude truc,’ zei hij op de dagelijkse persbriefing van zijn ministerie. ‘De wereld laat zich niet voor de gek houden door de verspreiding van geruchten en leugens die niet kunnen verhullen dat Xinjiang stabiliteit en welvaart kent en dat de inwoners een gelukkig en tevreden leven leiden,’ zei hij. Daarmee herhaalde hij het argument van Beijing in reactie op beschuldigingen van mensenrechtenschendingen in Xinjiang.
5074 portretfoto’s
De politiedossiers van Xinjiang bevatten, naast andere documenten, 5074 portretten die tussen 6 januari en 25 juli 2018 zijn gemaakt op politiebureaus of in gesloten centra in het district Konasheher. Het vormt een van de belangrijkste bijdragen van de analyse van de Chinese repressie. Van deze foto’s konden 4989 worden gekoppeld aan een persoon en worden voorzien van gedetailleerde informatie. El País analyseerde een steekproef van 2884 foto’s met specifieke gegevens van gedetineerden uit deze bestanden die afkomstig zijn uit het informatienetwerk van het Chinese PSB. De meerderheid van de gedetineerden, 2001 burgers, is jonger dan 30 jaar (69 procent). Mannen zijn in de meerderheid, 2490 (86 procent), tegenover 394 vrouwen (14 procent). Uit de analyse blijkt dat zich onder de gevangenen mensen bevinden van alle leeftijden (tussen 15 en 73 jaar) en van alle opleidingsniveaus (van ongeschoolden tot universitair gediplomeerden).
Dit journalistieke onderzoek wordt bij een half dozijn andere onderzoeken gevoegd waarmee sinds 2019 wordt geprobeerd de omvang aan te tonen van de systematische onderdrukkingscampagne van het communistische regime tegen de Oeigoeren, een etnische groep die voornamelijk islamitisch is. Xinjiang, dat in het westen aan zeven Centraal-Aziatische landen grenst, is van bijzonder belang voor Beijing. Ten eerste omdat het een doorvoerpunt is op de Nieuwe Zijderoute, ten tweede om veiligheidsredenen: het zogenaamde binnen-China wordt sociaal, politiek en economisch gedomineerd door etnische Han-Chinezen, die er in de meerderheid zijn. Maar deze regio, gelegen in het oostelijke deel van het historische Turkestan, tussen de Kaspische Zee en de Gobiwoestijn, met een geschiedenis en een cultuur die verbonden zijn met de Turkse volkeren en waar de gelaatstrekken verschillen van die van de Han, heeft traditioneel altijd een verlangen naar autonomie gekend. Dit is door Beijing sterk verworpen en nu vrijwel vernietigd.
De verhuizing van etnische Han-Chinezen in een poging om de demografie van Xinjiang te veranderen, leidde rond 2009 tot hevige botsingen. Een van de bloedigste episodes was de botsing tussen de Oeigoerse en de Han-gemeenschap in juli 2009 in Urumqi, de hoofdstad van de regio, waarbij ongeveer tweehonderd doden vielen. Na verschillende aanvallen door gewapende separatistische groeperingen gaf Xi in mei 2014 het groene licht voor een campagne onder de naam Een dreun tegen gewelddadig terrorisme, en die vormt nog steeds het kader voor het huidige keiharde optreden in de regio.
Abdurahman Hasan herkende zijn vrouw op een van de foto’s
Abdurahman Hasan, een Oeigoer, is een van de personen die de juistheid van de politiedossiers kon bevestigen; hij identificeerde zijn vrouw tijdens een interview in Istanboel met BBC News, dat ook deel uitmaakt van de journalistieke onderzoeksgroep. Hasan is een zakenman uit Kashgar die vaak naar het buitenland reisde, wat vaak argwaan wekt in Beijing. Hij verliet Xinjiang in januari 2017, op het hoogtepunt van de hardhandige repressie. In de zomer van dat jaar werd zijn destijds eenentwintigjarige vrouw Tunsagul Nurmemet gearresteerd, samen met zijn moeder. Volgens haar dossier werd Nurmemet veroordeeld wegens ‘het bijeenbrengen van een menigte om de maatschappelijke orde te verstoren, ruzies uit te lokken en problemen te veroorzaken’. ‘Haar leven draaide om haar familie en ze ging ook niet veel met anderen om,’ aldus Hasan tijdens het gesprek in de Turkse hoofdstad. ‘Ze ging alleen op bezoek bij familie, ik weet niet of ze veel vrienden had. Ze had geen groot sociaal netwerk, dus hoe kon ze een menigte bijeenbrengen?’ Ze kreeg zestien jaar hechtenis opgelegd.
De Nurmemet op de foto in De Politiedossiers van Xinjiang is onherkenbaar vergeleken met de pasfoto die tot dusver beschikbaar was in de databanken met Oeigoerse slachtoffers van de Chinese repressie. Volgens informatie die Hasan in de zomer van 2017 kreeg, waren zijn vrouw en moeder ‘meegenomen om te studeren’.
Haar verhaal komt overeen met dat van veel andere families van mensen die zijn verdwenen. Zo ging het bijvoorbeeld ook met Nursiman Abdureshid, drieëndertig, die door El País eveneens in Istanboel werd geïnterviewd. Haar familieleden komen voor in politiedossiers van de prefectuur van Kashgar. In de zomer van 2017 hoorde Abdureshid, die toen al twee jaar in Turkije woonde, via een telefoontje van familieleden dat haar vader en jongere broer naar een ‘onderwijsprogramma’ waren gebracht. De oudste van haar broers zat sinds 2016 gevangen wegens een vermeend niet-afbetaalde schuld. Ze werd verzocht niet meer te bellen en kreeg te horen dat haar familie in orde was. In juni 2020 slaagde Abdureshid erin de Chinese ambassade in Turkije te laten bevestigen dat haar familieleden straffen van meer dan tien jaar waren opgelegd. ‘Ik vroeg wat de redenen waren voor hun veroordeling,’ vertelt Abdureshid tijdens het interview, ‘en ik kreeg te horen dat het ging om “verstoring van de openbare orde” en dat ze mogelijk van plan waren terroristische activiteiten te ontplooien.’ Haar vader was een voormalig staatsambtenaar en lid van de CPC. Zij meent dat zijn vertrek uit Xinjiang, samen met dat van haar andere zuster, die in de VS woont, achterdochtig maakte en tot de onderdrukking van haar familie heeft geleid.
In De politiedossiers van Xinjiang bevinden zich ook tientallen foto’s die door de autoriteiten en veiligheidsdiensten zijn gemaakt in het district Tekes, in de prefectuur Illi Kazachstan. Ongeveer dertig van de beelden, gemaakt tussen april 2017 en september 2018, lijken te zijn gemaakt in het heropvoedingscentrum in het district. Het optreden van de officieren in die inrichting, hun bewapening en de manier waarop gevangenen worden behandeld, staan haaks op wat je in een centrum voor beroepsopleiding zou verwachten en ook haaks op publiekelijke berichten uit Beijing.
Martelingen
Op de foto’s worden gedetineerden met kappen over hun hoofd en met handboeien om van de ene plek naar de andere gebracht. Agenten gewapend met stokken zijn meestal etnische Oeigoeren, maar er zijn ook agenten met aanvalsgeweren en oproeruitrusting; dat zijn meestal etnische Han. Volgens de foto’s die in Tekes gemaakt zijn, vinden de verhoren plaats op zogenaamde tijgerstoelen, die volgens Human Rights Watch deel uitmaken van het repertoire van martelwerktuigen dat China gebruikt. Verscheidene reeksen van deze documenten tonen praktijken die in 2017 ook in de zogenoemde Secret China Cables, andere gelekte officiële documenten, aan het licht kwamen. Het gaat om het injecteren van gevangenen, in dit geval van mannen, meestal voor voedselvoorziening of voor analyse. Andere praktijken betreffen de verplichting om dagelijks de doctrine van het kamp te reciteren of in groepen te luisteren naar de propaganda van de lokale autoriteiten.
Naar schatting hebben al een miljoen burgers in deze heropvoedingscentra gezeten, maar dat cijfer zou wel eens zeer conservatief kunnen zijn, blijkens een van de meest onthullende politieke toespraken die door het lek aan het licht zijn gekomen. Het document is een transcriptie van een toespraak die Zhao Kezhi, minister van Openbare Veiligheid, hield tijdens zijn bezoek aan Urumqi op 15 juni 2018 en geclassificeerd als ‘geheim document’. De transcriptie klopt met plaatselijke persberichten en foto’s van de communistische leider gedurende zijn verblijf in de hoofdstad van Xinjiang. Volgens het document sprak Zhao in zijn toespraak van 2 miljoen burgers van Xinjiang die ‘beïnvloed’ waren door ideeën over onafhankelijkheid, en nog eens 2 miljoen mensen die religieuze extremistische gedachten koesterden. Daarmee noemde hij twee van de drie ‘demonen’ die Beijing nadrukkelijk in de as van het kwaad plaatst: terrorisme, separatisme en radicaal islamisme.
De CPC-minister meldde tijdens zijn toespraak dat twintigduizend ‘terroristen’ waren ‘vernietigd‘
Zhao toont zich verheugd over de stabilisering van Xinjiang dankzij de ‘dreun tegen gewelddadig terrorisme‘ die in werking treedt ‘zodra zij hun gezicht laten zien’. De CPC-minister meldde tijdens zijn toespraak dat twintigduizend ‘terroristen’ waren ‘vernietigd‘, waarbij hij niet specificeerde wie zij waren of wat er met hen is gebeurd. Het aantal is meer dan vijf keer zo groot als het totaal in de voorafgaande tien jaar. Zhao feliciteerde in zijn toespraak ook Chen Quanguo, de algemeen secretaris van de CPC in de regio tussen 2016 en 2021 en leider van de campagne om Xinjiang te ‘stabiliseren’. Diezelfde Chen staat op de Amerikaanse sanctielijst wegens schending van mensenrechten van etnische minderheden in Xinjiang.
Chen was al een rolmodel in Beijing vanwege zijn optreden in Tibet voordat hij in Xinjiang aantrad. Hij wordt beschouwd als het brein achter het hardhandige optreden tegen de Oeigoeren en, in het bijzonder, de wildgroei aan heropvoedingscentra sinds 2017. Chens woorden in de toespraken in De politiedossiers van Xinjiang geven een nauwkeurig beeld van de mate van onderdrukking in deze straf- en detentiecentra. In een van zijn toespraken voor zijn mensen op 28 mei 2017 noemt hij de opsluiting in deze faciliteiten ‘humaan’, alleen al vanwege de airconditioning, de dagelijkse voedselrantsoenen en de mogelijkheid voor gevangenen om bezoek te ontvangen.
‘Eerst doden, dan rapporteren’
Een analyse van de documenten in de uitgelekte Secret China Cables leidde tot de conclusie dat de gebruikelijke duur van detentie in de heropvoedingscentra één jaar was, maar de gezant van Beijing in de regio zette met zijn woorden in mei 2017 vraagtekens bij de vrijlating van enkele gevangenen. ‘Als ze weggaan,’ zei Chen, ‘keren de problemen onmiddellijk terug, dat is de realiteit in Xinjiang.’ In een nieuwe transcriptie van 18 juni 2018 is zijn toon radicaler. ‘Niemand zal ooit plannen moeten smeden om de inrichtingen voor internering aan te vallen,’ verklaarde Chen. ‘Zodra iemand toch een stap in die richting doet, moet vastberaden het vuur worden geopend.’ In diezelfde toespraak, waarin hij herinnerde aan het geweld in Urumqi in 2009, betoogde Chen dat veiligheidstroepen tegen degenen die de wet overtreden moeten optreden onder het motto ‘eerst doden, dan rapporteren‘.
‘Als de studenten niet luisteren naar de bevelen mag de gewapende politie een waarschuwingsschot lossen’
De woorden van de algemeen secretaris van de CPC in Xinjiang waren tot vorig jaar niet aan dovemansoren gericht. Verschillende documenten uit het archief, afkomstig uit de computersystemen van de Chinese politie in de regio, laten zien dat de doctrine van Chen een fundamentele pijler in de actieprotocollen is geworden. Bijvoorbeeld als het gaat om ontsnappingspogingen door ‘studenten’ [lees: gevangenen] – een obsessie vanwege Beijings surveillanceparanoia. Een document beschrijft hoe moet worden gehandeld bij een ontsnapping: de plaatselijke autoriteiten moeten worden gewaarschuwd, wegen geblokkeerd en speciale troepen gestuurd. ‘Als de studenten niet luisteren naar de bevelen,’ aldus de instructie, ‘mag de gewapende politie een waarschuwingsschot lossen.’ Volharden ze in hun poging te ontsnappen, dan moet worden geschoten ‘om te doden’.
‘De heropvoedingskampen,’ concludeert Zenz, de academicus die vanwege zijn studie van de Chinese repressie in Xinjiang door de autoriteiten in Beijing op de zwarte lijst is gezet, ‘zijn bedoeld om de hoofden en harten van de Oeigoeren te veranderen, evenals hun cultuur, geschiedenis en Turkse erfenis, met inbegrip van hun religie uit te roeien. Dat alles zodat ze zich compleet aan de Communistische Partij van China zullen overgeven.’
Israël overweegt twee extreemrechtse anti-Arabische groeperingen op zijn lijst van terroristische organisaties te plaatsen. De dag nadat een parade in de hoofdstad ter ere van Jeruzalemdag werd ontsierd door gewelddadig gedrag tegen de Arabische minderheid, zei minister van Defensie Benny Gantz op maandag dat het tijd was ‘om de mogelijkheid te onderzoeken dat groepen zoals La Familia en Lehava’ worden gedefinieerd als ‘terroristen’, bericht The Times of Israel.
La Familia is een groep supporters van de Jeruzalemse voetbalclub Beitar die bekendstaat om zijn gewelddadige en anti-Arabische retoriek, terwijl Lehava een organisatie is tegen ‘rassenvermenging’, die zich laat inspireren door de leer van Meir Kanaha, de stichter van de anti-Arabische Kach-partij. Volgens The Times of Israel werd het geweld van zondag uitvoerig besproken en veroordeeld door de leiders van verschillende Israëlische politieke partijen, maar volledig genegeerd door anderen, met inbegrip van de rechtse Likoed-partij van oud-premier Benjamin Netanyahu.
President Joe Biden aarzelde dinsdag niet om de dodelijke massale schietpartij in Buffalo (staat New York) een daad van binnenlands terrorisme te noemen en veroordeelde de racistische ideologie van de vermoedelijke schutter, schrijft CNN. ‘Witte suprematie is een gif. Het is een gif dat door ons politieke lichaam stroomt,’ zei Biden tijdens een toespraak.
De Amerikaanse president reisde af naar Buffalo om eer te betuigen aan de tien Afro-Amerikaanse slachtoffers van een racistische schietpartij. Tijdens zijn toespraak aldaar veroordeelde hij de omvolkingstheorieën die door de schutter werden verspreid en zei: ‘Ik roep alle Amerikanen op deze leugen te verwerpen en ik veroordeel iedereen die deze leugen verspreidt om macht, stemmen en geld te winnen.’
Voorzitter FIFA betwist onderzoek van The Guardian
Gianni Infantino, sinds 2016 voorzitter van FIFA (Fédération Internationale de Football Association), heeft op een conferentie in Los Angelos gereageerd op geruchten over migranten die worden gedwongen te werken aan de bouw van nieuwe stadions en over het aantal arbeiders dat op deze bouwplaatsen is omgekomen: 6500, volgens een gepubliceerd onderzoek in The Guardian.
Qatar is later dit jaar gastheer van het Wereldkampioenschap voetbal. Duizenden migranten worden ingezet voor projecten die met het toernooi te maken hebben, zoals de bouw van stadions en de beveiliging. De rol die de FIFA naar verluidt speelt bij het mogelijk maken van de uitbuiting van migranten is stelselmatig bekritiseerd door organisaties als Amnesty International, dat recentelijk verklaarde dat sommige WK-arbeiders ‘dwangarbeid’ hebben moeten verrichten.
‘Het is geen liefdadigheid’
‘Laten we één ding niet vergeten als we over dit onderwerp spreken’, zei Infantino op het Milken Institute, geciteerd door The Athletic. ‘Wanneer je iemand werk geeft, zelfs in moeilijke omstandigheden, geef je hem waardigheid en trots. Het is geen liefdadigheid.’
Ook ging hij in op het onderzoek van The Guardian: ‘Wat betreft de bouw van de WK-stadion: we onderzoeken al deze zaken met behulp van externe partijen. Het zijn drie personen die zijn overleden. Dat is drie te veel, maar het zijn er geen zesduizend.’
Infantino erkent dat de verschillende controverses rond de wedstrijd ‘een schaduw hebben geworpen op de voorbereiding’ van het evenement.
Duizenden morningafterpillen onderweg naar Oekraïne
Er wordt hard aan gewerkt om noodanticonceptie zo snel mogelijk in Oekraïense ziekenhuizen te krijgen, nu het aantal meldingen van verkrachting na de Russische invasie blijft stijgen. De International Planned Parenthood Federation (IPPF) heeft ongeveer 2880 pakjes van de medicijnen, ook bekend als de morning-afterpil, naar Oekraïne gestuurd. Een netwerk van vrijwilligers heeft donaties van de medicijnen verzameld en aan ziekenhuizen geleverd, aldus The Guardian.
‘Het tijdschema voor de behandeling van slachtoffers van seksueel geweld is echt essentieel,’ zei Julie Taft van de IPPF. ‘Als een vrouw binnen vijf dagen na een gebeurtenis wordt gezien, dan moet ze de medicatie automatisch kunnen krijgen.’ Taft geeft aan dat de IPPF ook medische abortuspillen stuurt, die tot 24 weken zwangerschap gebruikt kunnen worden.
Noodanticonceptie was altijd op grote schaal beschikbaar in Oekraïne, maar door de oorlog is de toelevering gestopt, zijn zorgverleners op de vlucht en is het aantal seksuele aanrandingen flink gestegen, waardoor de behoefte alleen maar groter wordt.
‘De gemelde gevallen van geweld, waaronder verkrachting, zijn waarschijnlijk slechts het topje van de ijsberg’
‘Er is vraag naar noodanticonceptie, maar zeer zelden vanuit ziekenhuizen in het westen van het land. Het zijn vooral de ziekenhuizen in het oosten, in Charkov, Marioepol, die regio’s,’ zei Joel Mitchell van Paracrew, een humanitaire hulporganisatie die voedsel en medische apparatuur levert aan Oekraïne. Het is niet duidelijk hoeveel van de ontvangers van de medicatie slachtoffers van seksueel geweld zijn.
Jamie Nadal van het Bevolkingsfonds van de Verenigde Naties (UNFPA) geeft aan dat in een crisissituatie de gemelde gevallen van geweld, waaronder verkrachting, waarschijnlijk ‘slechts het topje van de ijsberg’ zijn.
Terreurgroep valt militaire basis van Afrikaanse Unie aan
De terreurgroep Al-Shabaab, die banden heeft met Al-Qaida, heeft in Somalië een militaire basis aangevallen die door de Afrikaanse Unie was gestuurd om de vrede te bewaren, meldt CNN. De basis, die 160 kilometer ten noorden van de hoofdstad Mogadishu ligt, wordt bezet door Burundese troepen. Een zelfmoordterrorist drong afgelopen dinsdag bij zonsopgang de basis binnen en maakte de weg vrij voor andere strijders. Al-Shabaab beweert 59 soldaten gedood te hebben en de controle over de plaats overgenomen te hebben. De beweringen zijn niet bevestigd door de autoriteiten.
Het is de tweede keer dit jaar dat de terreurgroep de basis heeft aangevallen, aldus CNN. De aanval vond plaats op 14 april, de dag waarop Somalië een nieuw parlement beëdigd heeft. Later dit jaar zullen naar verwachting presidentsverkiezingen gehouden worden, na meer dan een jaar uitstel als gevolg van de politieke crisis.
Al-Shabaab is een Somalische groepering die door de Verenigde Staten in maart 2008 als buitenlandse terroristische organisatie is aangemerkt. De terreurgroep strijdt al jaren voor de omverwerping van de centrale regering en voor invoering van een bewind gebaseerd op de strikte interpretatie van de sharia, de islamitische wetgeving.
Carlos Pérez Ricart van het CIDE, de Commissie voor Waarheidsvinding en Historische Opheldering, vraagt zich hardop af hoe ver de staat mag gaan om de geweldscrisis het hoofd te bieden. ‘Is Bukele het prototype van een nieuw Latijns-Amerikaans leiderschap van rechtse signatuur?’
Keuze uit het archief
Afgelopen week werd Nayib Bukele met duidelijke cijfers herkozen als president van El Salvador. Hij is in eigen land uiterst populair vanwege zijn meedogenloze strijd tegen de bendes die de bevolking voorheen terroriseerden. Buiten El Salvador is zijn imago wat minder rooskleurig: sinds hij in maart 2022 de noodtoestand heeft uitgeroepen om het bendegeweld aan te pakken, zijn willekeurige arrestaties, martelingen en het doden van gevangenen aan de orde van de dag.
In dit artikel van Sinembargo van april 2022 legt Carlos Pérez Ricart van het CIDE, de Commissie voor Waarheidsvinding en Historische Opheldering, uit wat de opkomst van leiders zoals Bukele betekent. ‘Wat er in El Salvador gebeurt, lijkt niet zozeer een erfenis van het verleden, maar een beeld van wat ons in de toekomst te wachten staat.’
Op het Twitteraccount van de president is een fotoverzameling te vinden: honderden afbeeldingen van getatoeëerde mannen. Allemaal zonder hemd en met vastgebonden handen; niemand die lacht. Sommigen staan met hun gezicht naar de muur, anderen kijken strak in de camera. Van de meesten zien we amper hoe hun rug zich ongemakkelijk kromt naar de knieën. Het zijn gevangenen; ze zijn zojuist gearresteerd. Op hun lichaam zie je de sporen van de klappen en zweepslagen die hun zijn toegediend: door het leven en door de politie.
De video’s op het Twitteraccount van de president zijn nog schokkender: personen die lange tijd gehurkt moeten staan in afwachting van hun beurt om te worden kaalgeschoren, kennelijke oproerkraaiers, in een kleine ruimte opeengepakt. Er staan summiere aanduidingen bij de beelden, 280 lettertekens, die niet voldoende zijn om de vreselijke hitte, de strontlucht en het zweet waarmee de opsluiting gepaard gaan te beschrijven.
Op het Twitteraccount wordt ‘de oorlog verklaard aan de gangsters’
Het gaat hier om het Twitteraccount van de populairste president van Latijns-Amerika, Nayib Bukele, de opperbevelhebber van het leger van El Salvador. Op het account wordt ‘de oorlog verklaard aan de gangsters’ en de ‘noodtoestand’ uitgeroepen in het kleinste land van Midden-Amerika. Het gaat hier om het drukst bezochte account over Latijns-Amerikaanse politiek, waar honderden aspirant-tirannen op het hele continent zich met bewondering aan vergapen.
De tweets van de laatste week geven een inkijkje in de relatie tussen Bukele en de bendes in zijn land. Niet dat ze het hele verhaal vertellen, daarvoor is een bezoek aan het kranten- en tijdschriftenarchief nodig. Nauwelijks kwam Bukele in juni 2019 aan de macht of hij begon een reeks geheime onderhandelingen met drie van de belangrijkste straatbendes (maras) van het land, de Mara Salvatrucha-1, Barrio 18 Revolucionario en Barrio 18 Sureños, berucht om hun tatoeëringen. Bukele beloofde verbetering van de gevangenisomstandigheden van de bendeleiders in ruil voor de toezegging dat hun criminele cellen het aantal moorden terug zouden brengen en dat ze de partij van de president electoraal zouden steunen.
De regering heeft het bestaan van zulke onderhandelingen altijd ten stelligste ontkend; niettemin is er een flink aantal door de nieuwssite El Faro opgeduikelde geluidsopnames, foto’s, geschriften en getuigenissen die onze bewering staven.
Akkoorden
Het werkte. De akkoorden tussen de regering van El Salvador en de straatbendes vormen de meest voor de hand liggende verklaring voor de daling van het aantal moorden in het land. Werden er voor de wapenstilstand gemiddeld tien mensen per dag vermoord, de laatste maanden staat het cijfer op iets minder dan drie. Een enorm succes voor een land dat tot voor kort werd beschouwd als het gewelddadigste ter wereld.
Zoals dat meestal gaat met dit soort experimenten functioneerde het pact… tot het ophield te functioneren.
Op zaterdag 26 maart werden er zestig moorden gepleegd in El Salvador. Volgens de eerste artikelen die hierover beginnen te verschijnen bereikte duizenden gangstergroeperingen in alle hoeken en gaten van El Salvador hetzelfde bevel. De boodschap bestond uit één enkel woord: ‘Adelante’ (Voorwaarts). Het was het begin van wat uiteindelijk zal worden aangeduid als de gewelddadigste dag uit de moderne geschiedenis van het land (en dat wil wat zeggen).
Wat ging er mis? Was de regering een van haar beloftes niet nagekomen? Werd de wapenstilstand opgeheven en is wat wij het weekend van 26 maart hebben gezien slechts een voorproefje van een criminele explosie zonder weerga? We weten het niet. Uit de eerste berichten valt in ieder geval op te maken dat de meeste slachtoffers toevallige passanten waren: bakkers, kooplieden, surfers. De stop die een poos op de moorden had gezeten is er weer af.
Nayib Bukele
President Nayib Bukele van El Salvador is een spektakelpoliticus die graag zijn toevlucht zoekt tot ophef en grilligheden. Dat zie je wel vaker bij naar autocratie neigende leiders: veel aandacht voor het imago.
In dat licht moet waarschijnlijk ook de videoboodschap worden gezien die hij op 5 juni 2021 overbracht tijdens een conferentie in Miami over cryptocurrencies en bitcoin. ‘Mijn naam is Nayib Bukele, ik ben de president van El Salvador,’ begon hij. Vervolgens legde hij in het Engels uit dat mensen vaker hun lot in eigen hand moeten nemen en dat hij daarom bitcoin tot officiële munteenheid van zijn land zou maken. ‘Welkom in de toekomst.’
El Salvador, het armste land van Latijns-Amerika, bekend om zijn koffie en de hoogste moordcijfers ter wereld. Een land waar zeventig procent van de inwoners niet eens een bankrekening heeft. Dat zou opeens voorop gaan lopen in de financiële revolutie?
Bukele liet er echter geen gras over groeien. Kort na zijn videotoespraak nam het Salvadoraanse parlement met een versnelde procedure een nieuwe wet aan, en sinds een half jaar is bitcoin nu het officiële betaalmiddel, naast de Amerikaanse dollar, die in 2001 als nationale munt werd ingevoerd.
Iedereen die dat wil, zou zijn boodschappen of belastingen nu moeten kunnen betalen met bitcoin. De regering belooft zoveel nieuwe banen en investeringen dat er een aparte stad voor gebouwd zal moeten worden: Bitcoin City. En ze gaan natuurlijk zelf ook cryptomunten minen, met computers die worden aangedreven door groene geothermische energie, afkomstig uit vulkanen.
Maar het slaat allemaal nog niet echt aan. Veel Salvadoranen zijn ontevreden over de bitcoinwet en ze beschuldigen Bukele van gokken met staatsmiddelen. Toen de overheid geldautomaten liet neerzetten waar je dollars en bitcoins kunt wisselen, staken demonstranten ze in brand. Sindsdien staan er zwaarbewapende soldaten naast. Digitaal betalen in het land lukt vooralsnog bijna nergens.
Noodtoestand
Bukele’s reactie – een mengeling van geschiedschrijving via de media en harde hand – liet niet op zich wachten. Diezelfde 26 maart nog, om acht uur ’s avonds, gaf hij op eigen gezag de Nationale Assemblee bevel in het hele land de noodtoestand af te kondigen. Een paar uur later al waren de eerste individuele basisrechten (het recht op vrijheid van meningsuiting en op samenscholing) opgeschort. De dagen erna werd een reeks hervormingen goedgekeurd die de politie de bevoegdheid gaven om zonder gerechtelijke toestemming telefoons af te tappen en de termijn dat iemand zonder voor de rechter te zijn geleid kan worden vastgehouden te verlengen van drie naar vijftien dagen. Andere maatregelen waren het instellen van gevangenisstraffen tot wel zestig jaar voor bendeleden en de mogelijkheid minderjarigen tot wel tien jaar van hun vrijheid te beroven. Er werd een raad van anonieme rechters ingesteld om deze gevallen af te handelen, een constructie die de weg vrijmaakt voor allerhande vormen van misbruik.
Alle nieuwe maatregelen gingen vergezeld van dreigementen aan het adres van rechters die ‘delinquenten bevoordelen’ met hun vonnissen en die de politie ‘niet hun werk laten doen’. Slachtoffers van de theatrale vertoning van Bukele waren ook de ngo’s die ‘angelitos’ (engeltjes) ‘beschermen’ en ‘romantisch afschilderen’ en zelfs het Inter-Amerikaans Hof voor de Mensenrechten, een orgaan dat ‘bendeleden verdedigt’ en waaruit Bukele nu heeft gedreigd zich terug te trekken.
‘Ik zweer bij God dat ze geen hap rijst meer krijgen, en dan eens kijken hoelang ze het volhouden’
Wat volgde was het verbale geweld op Twitter: dreigementen om de maaltijden in de gevangenissen te schrappen (‘Ik zweer bij God dat ze geen hap rijst meer krijgen, en dan eens kijken hoelang ze het volhouden’), geen sanitaire benodigdheden meer te verstrekken, de opdracht om leden van vijandige bendes in dezelfde cel te stoppen. ‘Ze zullen op de grond slapen en ze zullen zelf het leed ondergaan dat zij het volk hebben aangedaan,’ aldus Bukele. Toen de noodtoestand negen dagen van kracht was meldde de regering de arrestatie van bijna zesduizend vermeende bendeleden. Het gaat om massa-arrestaties, waarbij het er niet toe doet of er belastend bewijs is.
Het is moeilijk te voorspellen hoe dit zal aflopen. Zoals meestal het geval is met dit soort ontwikkelingen die in het teken staan van improvisatie en machtsmisbruik, roepen ze meer vragen dan antwoorden op.
Voorbeeldfunctie
Mag de staat zijn voorbeeldfunctie opgeven om een crisis van deze omvang het hoofd te bieden? Stel dat de middelen effectief zijn, dan nog kun je je afvragen wat de prijs is als staatsinstellingen de gewelddadige praktijken van degenen die zij vervolgen overnemen. Hoeveel jaar achteruitgang betekent dit voorstel van de president van El Salvador wel niet? Wat kunnen de pers, de oppositie en de rest van de bevolking van de staat verwachten als met zo veel gemak de individuele vrijheden opzij worden geschoven?
Vanuit een ruimer perspectief bezien: loopt El Salvador voorop met een politiek programma dat de mensenrechten negeert en een beleid bepleit waarin de onafhankelijkheid van de rechtspraak met voeten wordt getreden? Is dat niet – met wat kleine veranderingen – dezelfde weg die Guatemala nu gaat?
Hebben we hier te maken met het prototype van een nieuw Latijns-Amerikaans leiderschap van rechtse signatuur?
Tot slot moeten we serieus stilstaan bij de vraag wat het leiderschap van Bukele inhoudt. Hebben we hier te maken met het prototype van een nieuw Latijns-Amerikaans leiderschap van rechtse signatuur? In hoeverre is het onvermogen van de regeringen in deze regio om een structurele oplossing te vinden voor de geweldsproblematiek de reden van het echec? Er is geen keus: of we beginnen eindelijk te zoeken naar een samenhangend antwoord op deze vragen, of we zijn gedoemd op dit heilloze pad verder te gaan.
Het is de hoogste tijd om het te hebben over wat nu in El Salvador aan de hand is. We moeten dat kleine land goed onder de loep nemen, want wat daar gebeurt lijkt niet zozeer een erfenis van het verleden – een typisch teken van onderontwikkeling –, maar een beeld van wat ons in de toekomst te wachten staat. Een heel somber beeld.
Hoe langer de oorlog duurt, hoe meer schade er wordt aangericht en hoe moeilijker het herstel wordt. ‘Toetreding tot de EU zou kunnen bijdragen aan het slagen van de wederopbouw.’
Na afloop van die verschrikkelijke oorlog was het land totaal verwoest. Luchtaanvallen hadden de industriële infrastructuur in puin gelegd en de grote steden waren platgebombardeerd, ten koste van veel mensenlevens. Russische soldaten hadden het oosten bezet en joegen met hun geweld miljoenen op de vlucht. Maar de economie van West-Duitsland beleefde na 1945 een wonderbaarlijk herstel – het wordt niet voor niets het wirtschaftswunder genoemd.
De vergelijking gaat in veel opzichten mank. Oekraïne was niet de aanstichter van de oorlog waardoor het momenteel wordt verwoest. Het kan nog als overwinnaar uit deze strijd komen, en zelfs als dat niet lukt zal het niet zo volledig in puin liggen als Duitsland destijds. Maar de wederopbouw wordt wel een enorme klus. De door Poetin ontketende oorlog heeft niet alleen al duizenden levens gekost en miljoenen mensen op de vlucht gedreven (7,1 miljoen binnen Oekraïne, 4,6 miljoen naar het buitenland), maar ook geleid tot de vernietiging van woningen en ziekenhuizen, havens en bruggen. En aangezien het eind van de gevechten nog niet in zicht lijkt, zal die verwoesting voorlopig doorgaan.
De elektriciteitsconsumptie, een graadmeter voor economische activiteit, ligt ongeveer een derde lager dan vorig jaar
Het Centre for Economic Policy Research (CEPR), een netwerk van economen, schat op basis van gegevens over de schade aan onroerend goed, cijfers over de kapitaalkracht van het land en historische vergelijkingen dat de totale kosten van de wederopbouw tussen de 200 en 500 miljard euro zullen bedragen. Het hoogste bedrag is ruim drie keer zo hoog als het bbp van Oekraïne voor de oorlog, het laagste ongeveer viermaal zoveel als het jaarlijkse EU-budget voor internationale hulp.
Hoe langer de oorlog duurt, hoe hoger de schade oploopt en hoe verder de voor het herstel vereiste economische veerkracht wordt uitgehold door de krimp van de economie. De elektriciteitsconsumptie, een redelijk betrouwbare graadmeter voor economische activiteit, ligt ongeveer een derde lager dan vorig jaar.
Productie stopgezet
De denktank Vienna Institute for International Economic Studies (WIIW) schat dat de direct door de oorlog getroffen regio’s samen goed zijn voor zo’n 29 procent van de Oekraïense productie, en dat de economische activiteit daar min of meer tot stilstand is gekomen. Volgens een rapport van de Oekraïense centrale bank heeft 30 procent van de bedrijven in het land de productie volledig stopgezet en heeft nog eens 45 procent zijn productie verlaagd. De Wereldbank gaat ervan uit dat het bbp dit jaar met 45 procent krimpt.
Dat wordt een enorme uitdaging. Maar de manier waarop de wederopbouw straks vorm krijgt en de hervormingen die daarbij komen kijken zijn net zo belangrijk als de hoeveelheid geld die ermee gemoeid is. In principe kan met dat geld meer worden gedaan dan alleen het herstellen van de Oekraïense staat zoals die voor de oorlog was. En dat zou mooi zijn, want die staat functioneerde slecht en kende veel corruptie. Maar om ervoor te zorgen dat de wederopbouw Oekraïne een meer open en dynamische economie oplevert, moet er nog veel veranderen.
Het begrotingstekort alleen al voor maart bedraagt 2,5 miljard euro
Op dit moment probeert de regering vooral te redden wat er te redden valt. Met ruim zes miljard euro aan leningen en financiële hulp uit het Westen houden ze het hoofd nu ternauwernood boven water. In een interview voor Financial Times zei de Oekraïense minister van Financiën dat het begrotingstekort alleen al voor maart 2,5 miljard euro zal bedragen, en voor april en mei voorzag hij maandelijkse tekorten van 4,5 tot 6,5 miljard.
Desondanks krijgen verschillende sectoren van de economie overheidssteun. De boeren krijgen 20 miljard hryvnia (625 miljoen euro) voor de inkoop van zaden en andere productiemiddelen voor het huidige seizoen. Fabrikanten kunnen steun aanvragen voor de verhuizing van hun fabriek binnen het land. En omdat Rusland de belangrijkste exportroute via de Zwarte Zee blokkeert, werkt de regering met de EU aan verbetering van het handelsverkeer over land.
Hoe dan ook zal de economie na de oorlog flink gekrompen zijn, terwijl het land wel voor grote uitdagingen komt te staan. Zo zullen her en der landmijnen en andere explosieven geruimd moeten worden. Al voor de invasie van 24 februari had het Oekraïense ministerie van Defensie becijferd dat het 650 miljoen euro zou kosten om de in 2014 door Rusland binnengevallen Donbas-regio mijnenvrij te maken. Dat bedrag zal nu natuurlijk nog veel hoger uitvallen, maar de baten van het ruimen van de mijnen zijn ook aanzienlijk.
Rijk aan landbouwgrond
Oekraïne is rijk aan landbouwgrond en waarschijnlijk wel in staat om zijn mensen van voedsel te voorzien. Onderdak is een ander verhaal. Een door de Kyiv School of Economics ontwikkelde teller voor de schade aan vernietigde woningen staat inmiddels al bijna op 27 miljard euro. Herstel van de infrastructuur en industriële faciliteiten zal nog meer kosten, evenals de problemen die worden veroorzaakt door de terugval in productie, gebrek aan onderhoud en het wegvallen van investeringen in het vastgoed dat de oorlog doorstaat.
In een studie van het WIIW uit 2020 werd geconcludeerd dat dit type waardevermindering na de invasie van de Donbas 60 procent uitmaakte van de in totaal op 8 miljard euro geschatte verliezen aan infrastructuur als gevolg van die oorlog. Als je een navenant percentage optelt bij de door de Kyiv School of Economics geschatte 46 miljard euro aan schade als gevolg van de huidige verwoesting van energiecentrales, fabrieken, bruggen en wegen, lijkt de Oekraïense premier Denys Sjmyhal er ineens niet meer zo ver naast te zitten met zijn recente schatting van 110 miljard euro als de totale kosten van de wederopbouw.
De regering heeft al een herstelfonds opgezet en de ministeries komen met voorstellen over wat er hersteld moet worden. Maar met de gekrompen economie en de enorme schuldenlast die de regering al heeft zal het geld daarvoor voornamelijk van buiten moeten komen. Van diverse kanten, ook door het hoofd van de centrale bank, is geopperd om bevroren Russische tegoeden hiervoor in te zetten. Verder zal het moeten komen van westerse regeringen, internationale organisaties en private investeerders.
Het probleem is dat de Oekraïense economie heel lang door boeven is gedomineerd. De OESO denkt dat Oekraïne met zijn procedures voor aanbestedingen sinds 2014 wel meer concurrentie mogelijk maakt, maar helemaal koosjer gaat het er nog niet aan toe. Het IMF heeft er herhaaldelijk (vorig jaar nog) op aangedrongen dat de regering meer werk maakt van de rechtsstaat en de corruptiebestrijding. En bij zo’n wederopbouw zal het om veel grotere aanbestedingen gaan. Het CEPR heeft raamovereenkomsten aangeraden, langdurige contracten waarin bedrijven beloven de overheid een bepaald product voor een vaste prijs te leveren, zodat het voor zowel de centrale als gemeentelijke overheden makkelijker wordt om op betrouwbare en transparante wijze zaken in te kopen.
Economische achterstand
Allicht bestaat er zorg over waar het wederopbouwgeld straks terechtkomt, want de economische achterstand van het land is groot. In 2019 was het bbp per hoofd van de bevolking lager dan in elk van de 27 EU-lidstaten: nog niet de helft van dat in Bulgarije, nog geen kwart van dat in Polen. Omgerekend was het zelfs lager dan bij de val van de Sovjet-Unie – een ontluisterende blijk van het langdurig achterwege blijven van hervormingen (al speelde de oorlog in Donbas ook een rol). Veel van de 1500 staatsbedrijven in Oekraïne zijn nauwelijks winstgevend of maken verlies. Om van de wederopbouw een succes te maken wordt politieke steun voor moeilijke hervormingen van cruciaal belang. Het kan helpen dat de regering het als een kans ziet om de economie moderner en concurrerender te maken, met goedkopere en groenere energie en meer ICT.
In de vijftien jaar na de Poolse EU-toetreding is het Poolse bbp per hoofd van de bevolking met meer dan 80 procent gestegen
Het verleden leert dat verdere integratie met Europa kan bijdragen aan het welslagen van een wederopbouw. Dat bleek jaren geleden in West-Duitsland, en ook de snelle groei van Polen wordt vaak aan die integratie toegeschreven: in de vijftien jaar na de Poolse EU-toetreding in 2004, een periode waarin het land meer dan 160 miljard euro aan steun ontving, is het Poolse bbp per hoofd van de bevolking met meer dan 80 procent gestegen.
Oekraïne was al in toenemende mate op het Westen gericht. Het aandeel van de export dat naar de EU ging steeg van zo’n 30 procent in 2014 naar 36 procent in 2020, terwijl het aandeel Russische export daalde van 18 naar 5,5 procent. Hervormingen kun je stimuleren door ze tot voorwaarde te maken van verdere integratie in Europese markten en toeleveringsketens – op het pad naar EU-lidmaatschap bijvoorbeeld. ‘Het mooie van toelating [tot de EU] is dat het binnen de Oekraïne een consensus zou opleveren over het eindpunt van een pijnlijk hervormingsproces en zo de richting van de hervormingen zou borgen,’ stelt Beata Javorcik van de Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling.
Dat zal allemaal niet makkelijk worden. Voor de hervorming van vastgeroeste instellingen moet de politieke wil aanwezig zijn. Hoe langer de oorlog duurt, hoe meer schade er wordt aangericht en hoe moeilijker de wederopbouw wordt. En alle geld ter wereld kan het oorlogsleed niet goedmaken. Maar al lijkt Oekraïne nu een onwaarschijnlijke kandidaat voor een wirtschaftswunder, als de wederopbouw verstandig wordt gepland en uitgevoerd, kan het land daarmee een betere en robuustere toekomst tegemoetzien.
Het Indonesische parlement heeft dinsdag een wetsvoorstel inzake seksueel geweld aangenomen. Het heeft meer dan tien jaar geduurd voordat deze controversiële wet kon worden goedgekeurd, schrijft Al Jazeera en citeert de voorzitter van het parlement, Puan Maharani, die zichtbaar ontroerd was. ‘Deze wet is een geschenk voor alle Indonesische vrouwen,’ zei ze.
Elizabeth Ghozali, die strafrecht doceert aan de katholieke Santo Thomas-universiteit in de stad Medan, vertelde Al Jazeera dat deze wet ‘vooruitstrevender’ is en verder reikt dan alleen bestraffing van fysiek seksueel geweld. De wet omvat nu ook niet-lichamelijk seksueel misbruik en uitbuiting, gedwongen anticonceptie, gedwongen sterilisatie en gedwongen huwelijken.
Cruciaal in de wet is dat seksueel geweld binnen het huwelijk als strafbaar wordt beschouwd. Het huidige wetboek van strafrecht van Indonesië erkent verkrachting binnen het huwelijk niet.
Volgens Usman Hamid, hoofd van Amnesty Indonesia, is de wet ‘een historisch moment’
Een andere fundamentele verandering in de nieuwe wet is het aanleveren van bewijs. Volgens de Indonesische regelgeving moeten in een strafzaak doorgaans twee (of meer) bewijsstukken worden overlegd, maar het nieuwe wetsvoorstel staat toe dat naast de getuigenissen van de slachtoffers één bewijsstuk voldoende is.
Volgens Usman Hamid, hoofd van Amnesty Indonesia, is de wet ‘een historisch moment’ en heeft het tien jaar hard werk gekost van vrouwenrechtenorganisaties en slachtoffers om het bewustzijn in Indonesië voor seksueel onrecht te vergroten, vertelde hij aan Al Jazeera.
Het wetsvoorstel werd al langer gesteund door gematigde islamitische partijen, terwijl de meer extreme partijen in het voorstel een aanval zagen op de islamitische wet dat de gehuwde vrouw haar man in alles moet gehoorzamen.
De man die ervan verdacht wordt drieëntwintig mensen doodgeschoten te hebben in een New Yorks metrostation, is dinsdag aangehouden. Zijn arrestatie maakt een einde aan ‘een hectische zoektocht’, aldus The New York Times. De tweeënzestigjarige man riskeert levenslang voor ‘een terroristische aanslag op het openbaar vervoer’, zegt een medewerker van de FBI, geciteerd door Fox News. De verdachte had verschillende video’s op een YouTube-account geplaatst, dat intussen is afgesloten. Hij gaf zich over aan ‘eindeloze tirades vol beledigingen en polemische standpunten’, merkt NBC News op. Hij noemde in het bijzonder ‘een rassenoorlog’ en meldt ook dat hij last zou hebben van posttraumatische stress.
Driekwart van de werkenden in New York voelt zich minder veilig in de metro dan twee jaar geleden
De aanslag heeft het debat over veiligheid in de metrostations weer doen oplaaien. ‘Kan New York zijn ondergrondse redden?’ vraagt een columnist van de Wall Street Journalzich af. Het aantal reizigers in de metrostations is drastisch gedaald. Een peiling van vorige maand, genoemd in de column, laat zien dat driekwart van de werkenden in New York zich minder veilig voelt in de metro dan twee jaar geleden. Politicomerkt op dat de burgemeester van New York overweegt om scanners voor wapendetectie en gezichtsherkenning in de gangen van de metro te plaatsen. ‘Critici twijfelen aan de effectiviteit van de apparatuur en de implicaties voor de privacy van burgers’, aldus het platform.
Toestemming voor uitlevering drugshandelaar Otoniel
Het Colombiaanse Hooggerechtshof heeft woensdag zijn goedkeuring gegeven voor de uitlevering aan de Verenigde Staten van drugsbaron Otoniel, die in oktober 2021 werd gearresteerd, aldus El Tiempo. Dairo Antonio Úsuga David, de echte naam van Otoniel, is het voormalige hoofd van de Clan del Golfo en wordt in de Verenigde Staten aangeklaagd wegens ‘drugshandel, criminele samenzwering en het illegaal dragen van vuurwapens’.
De uiteindelijke beslissing over het lot van de drugshandelaar ligt nu bij de Colombiaanse president Iván Duque. Duque heeft al laten weten dat hij Otoniel zo snel mogelijk wil uitleveren.
‘Taiwan dankt VS voor verkoop Patriot-raket‘, kopt Taiwan News, dat opmerkt dat de deal wordt gewaardeerd op 95 miljoen dollar (87 miljoen euro). Dit is de derde keer dat de regering-Biden een wapenverkoop aan het land goedkeurt, en de tweede keer in 2022.
Afgelopen dinsdag werd door het Defense Security Cooperation Agency, een onderdeel van het Amerikaanse ministerie van Defensie, in een verklaring aangekondigd om de uitrusting en diensten van het bestaande Patriot-raketafweersysteem van Taiwan te onderhouden. Taipei verwelkomde de aankondiging en zei dat het ‘bewijst dat Washington groot belang hecht aan de veiligheid van Taiwan’.
Het Inter-Amerikaanse Hof voor de Rechten van de Mens (IACHR) heeft woensdag de Peruaanse justitie gevraagd de vrijlating van voormalig president Alberto Fujimori (83) uit te stellen, meldt El Comercio. Op 17 maart herstelde het Grondwettelijk Hof de presidentiële gratie die in 2017 was verleend aan Fujimori en na de beslissing van de rechtbank op maandag, leek zijn vrijlating aanstaande.
Maar het IACHR wil eerst de uitspraak afwachten op het beroep dat is ingediend door de slachtoffers van de massamoorden, die werden gepleegd tijdens het presidentschap van het voormalige staatshoofd (1990-2000). In 2009 werd hij hiervoor tot vijfentwintig jaar gevangenisstraf veroordeeld.
Wil een Afghaanse vrouw vliegen, dan moet ze vanaf vandaag vergezeld worden door een man. ’Vandaag is de laatste keer’ dat Afghaanse vrouwen alleen aan boord kunnen, noteerde het Indiase dagblad The Hindustan Times afgelopen maandag. Eind december hadden de taliban Afghaanse vrouwen al verboden om reizen van meer dan 72 kilometer door het land te maken als ze niet vergezeld waren van een mannelijk familielid.
Deze nieuwe beperking komt een paar dagen na het besluit van de taliban om middelbare scholen voor meisjes te sluiten, net na de heropening die echter al ver van tevoren was aangekondigd.
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.