Onderwerpen: Klimaat

  • ICJ stelt vervuilende staten wettelijk aansprakelijk voor klimaatopwarming

    ICJ stelt vervuilende staten wettelijk aansprakelijk voor klimaatopwarming

    Getroffen landen hebben recht op schadevergoeding

    ‘Historisch’: zo omschrijft het tijdschrift Time de unanieme uitspraak van het Internationaal Gerechtshof (ICJ) op woensdag 23 juli over de juridische verplichtingen van staten ten aanzien van klimaatverandering. Klimaatopwarming vormt een ‘urgente en existentiële bedreiging’, aldus de rechter, waarna hij de verschillende verplichtingen van staten om hiertegen op te treden opsomde. Het Hof oordeelde ook dat landen die door de gevolgen van de opwarming worden getroffen, recht hebben op schadevergoeding. ‘Dat was een van de belangrijkste verwachtingen van de eisers’, aldus Le Temps.

    De procedure voor het Internationaal Gerechtshof was in 2019 gestart door studenten uit Vanuatu, een eilandengroep in de Stille Oceaan die ‘wordt bedreigd door de stijging van de zeespiegel en de toename van het aantal cyclonen’, aldus de Zwitserse krant. Hun verzoek werd in 2023 goedgekeurd door de Algemene Vergadering van de VN en leidde het jaar daarop tot de organisatie van hoorzittingen in Den Haag, waar ongeveer honderd staten en organisaties het woord voerden.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Hoewel het advies van het ICJ niet bindend is, stelt het dat landen ‘verplicht’ zijn om bindende maatregelen te nemen om te voldoen aan de klimaatverdragen. Maar ‘vooral’, benadrukt Al-Jazeera, bevestigt de hoogste rechtbank ter wereld dat de geïndustrialiseerde landen de wettelijke verplichting hebben om het voortouw te nemen in de strijd tegen klimaatverandering, ‘vanwege hun grotere historische verantwoordelijkheid op het gebied van uitstoot’.

    Het Hof verwierp dus het standpunt van de grote vervuilende landen dat de bestaande klimaatverdragen – en met name het onderhandelingsproces van de jaarlijkse COP’s – ‘voldoende’ waren, benadrukt Le Devoir. In overeenstemming met de kleine eilandstaten bevestigt het Internationaal Gerechtshof dat het klimaat moet worden ‘beschermd voor de huidige en toekomstige generaties’, terwijl de grote vervuilende landen absoluut weigerden de rechten van nog niet geboren individuen te erkennen, vervolgt het dagblad uit Quebec.

    ‘Dit is een overwinning voor onze planeet, voor klimaatrechtvaardigheid en voor het vermogen van jongeren om veranderingen in gang te zetten’, reageerde VN-secretaris-generaal Antonio Guterres in een verklaring die door Le Devoir werd geciteerd. De Franse minister van Ecologische Transitie Agnès Pannier-Runacher prees het besluit als een ‘historische beslissing’ en een ‘overwinning voor het klimaat’.

  • Waarom is het zo warm in Zuid-Europa?

    Waarom is het zo warm in Zuid-Europa?

    Elke week pluist de redactie van 360 een actuele gebeurtenis voor je uit aan de hand van de internationale pers. Deze week bespreken we de extreme hitte in Zuid-Europa. Grote delen van Portugal, Spanje, Frankrijk, Italië en andere landen hebben code rood afgekondigd. Wat is de oorzaak van deze hittegolf die de landen rond de Middellandse Zee treft en wat zullen de gevolgen zijn als deze extreme hitte aanhoudt?

    Welke landen lijden onder de extreme hitte?

    Zuid-Europa en de mediterrane landen kampen nu al een aantal dagen met extreme temperaturen. Een hittegolf heeft ervoor gezorgd dat een groot aantal gebieden het label code rood draagt. In Frankrijk steeg het kwik naar een nieuw hoogtepunt. Alleen in gebieden dicht bij het Kanaal en de Belgische grens blijft de temperatuur onder de 34 graden Celsius. Parijs werd op 30 juni in het hoogste gevarenniveau geplaatst, iets wat sinds 2020 niet meer is gebeurd. Het verkeer werd streng aan banden gelegd in de hoofdstad en de Eiffeltoren blijft tot woensdag gesloten voor bezoekers, meldt de Griekse krant Ekathimerini.

    Op het Iberisch Schiereiland is de hitte inmiddels lichtjes aan het afnemen. In Centraal- en Zuid-Portugal worden er echter nog steeds temperaturen rond de 40 graden verwacht. Langs de noordelijke kust van Portugal kregen strandbezoekers op maandag te maken met een ander natuurfenomeen, een rolwolk. Rolwolken zijn lange horizontale wolken laag bij de grond die van de zee naar de kust bewegen en ontstaan bij plotse temperatuursveranderingen. France 24 citeert een lokale zwemmer die vertelde dat het plots donker werd en er een hevige wind opkwam. ‘Het leek wel een tsunami.’

    In de maand juni werd de temperatuur van de Middellandse Zee gemeten op 26,01 graden

    In Italië blijft het aantal steden met code rood toenemen. Het Italiaanse ministerie van Volksgezondheid moedigt burgers aan om ‘anti-hittevoorschriften’ te volgen en raadt af om lang buiten te blijven tussen 11 uur ‘s ochtends en 16 uur ‘s avonds, meldt Rai News. Volgens Thibault Guinaldo, een wetenschapper van de Franse weerdienst, heeft de Middellandse Zee ook een nieuw record behaald. In de maand juni werd de temperatuur van het water gemeten op 26,01 graden, aldus France 24.

    Ook in het binnenland van Europa is er extreme hitte. Duitsland kondigde gisteren de heetste dag van het jaar aan, met een meting van 38 graden, en verwacht nog hetere dagen. Lokale overheden hebben aangekondigd dat kinderen voor de heetste uren naar huis mogen gaan en dat ruimtes met airconditioning beschikbaar worden gesteld voor de bevolking. Aan de overkant van het Kanaal, in Groot-Brittannië, is er ook onverwachte hitte. Wimbledon beleefde maandag de warmste openingsdag in de geschiedenis van het tennistoernooi, aldus Ekathimerini.

    Franse bouwvakker
    Een bouwvakker in Bordeaux drinkt een flesje water tijdens zijn werk. – © Christophe ARCHAMBAULT / AFP

    Wat is de oorzaak van de hittegolf?

    De extreme hitte in Europa wordt veroorzaakt door een hittekoepel, meldt The Guardian. Deze hittekoepel houdt een hogedrukgebied vast. Omdat een hogedrukgebied koude lucht lucht naar boven trekt en warme lucht naar het aardoppervlak duwt veroorzaakt deze in combinatie met de zon een abnormale hitte. Volgens Dr Michael Byrne, klimatoloog aan het St. Andrews College, zijn hittekoepels niks nieuws, maar de temperaturen die ze met zich meebrengen wel. ‘Europa is meer dan 2 graden warmer geworden sinds de industriële revolutie’, legt hij uit. ‘Dus wanneer er een hittekoepel ontstaat, voert deze een nog intensere hittegolf aan.’

    ‘Extreme hitte is niet langer een zeldzaam fenomeen: het is de nieuwe norm geworden’

    Daarbij komt dat grote steden zoals Londen, Parijs, Madrid, Rome en Athene een extra grote kans hebben op extreme hitte. ‘Beton en asfalt absorberen hitte en kaatsen de straling van de zon terug’, legt Radhika Khosla uit, klimatoloog aan de Universiteit van Oxford. De stadsomgeving versterkt de impact van de hitte op ons lichaam. Bouwvakkers en andere arbeiders die op straat werken, lopen hierdoor het meeste gevaar, aldus de Britse krant.

    ‘Extreme hitte is niet langer een zeldzaam fenomeen: het is de nieuwe norm geworden’, waarschuwde António Guterres, secretaris-generaal van de VN, op zijn sociale media. Afgelopen maandag ging de VN-conferentie over ontwikkelingsfinanciering van start in de Spaanse stad Sevilla, waar de temperatuur afgelopen zondag boven de 44 graden lag. Guterres en de andere aanwezigen ondervonden daar aan den lijve de gevolgen van de klimaatverandering. De Portugese politicus heeft klimaatverandering, die het meest negatieve effect heeft op de meest kwetsbare landen van de wereld, hoog op de agenda staan, meldt El País. Guterres benadrukt dat ‘de planeet steeds warmer en gevaarlijker wordt: geen enkel land is immuun’.

    Bosbranden Griekeland
    Bosbranden ten zuidoosten van Athene, Griekenland. – © EPA/GEORGE VITSARAS

    Wat zijn de gevolgen als extreme hitte steeds vaker voorkomt?

    In reactie op de hitte heeft de Franse regering bedrijven gevraagd om de werkuren aan te passen. Op maandag en dinsdag waren ongeveer tweehonderd Franse scholen volledig of deels gesloten. In de regio rond Berlijn werden werkgevers aangespoord om de gezondheid van hun werknemers te garanderen. ‘Bedrijven zijn gebonden aan wetten rond bescherming tegen hitte op de werkvloer’, zei Britta Müller, de lokale minister van Gezondheid, meldt The Guardian. Ook in Italië hebben verscheidene provincies aangekondigd dat intense arbeid stilgelegd wordt tijdens de heetste uren.

    Extreme weersomstandigheden zoals een hittegolf hebben impact op de economie. Een nieuw rapport van Allianz Research berekende de verliezen (in procentpunt) die het bbp van verschillende Europese landen zal lijden door de extreme hitte. Het rapport laat zien dat Spanje (-1,4) het meeste verlies zal lijden, gevolgd door Italië (-1,2), Griekenland (-1,1) en Roemenië (-0,6). Als er minder kan worden gewerkt door de hitte, is er minder productiviteit. Zeker in landen zoals Roemenië, waar landbouw, de bouw en andere vormen van intensieve arbeid de grootste sectoren vormen, kan het stilleggen van werk grote impact hebben op de economie, aldus Business Review. Het rapport van Allianz Research wijst erop dat Europa zich moet aanpassen aan de nieuwe weersomstandigheden. Vernieuwingen in stedenbouw zoals isolatie, ventilatie en daken met plantengroei zouden de temperatuur tijdens het werken aangenamer maken en bieden oplossingen voor de toekomst. 

    ‘Mensen komen aan met uitdroging of een hitteberoerte’

    De hulpdiensten hebben het druk door de extreme hitte. In onder andere Portugal, Spanje, Frankrijk en Griekenland is de brandweer alert voor bosbranden. In alle landen worden de veiligheidsdiensten versterkt met extra manschappen van het Rode Kruis. In Turkije zijn inmiddels meer dan vijftigduizend mensen geëvacueerd wegens bosbranden, meldt The Guardian

    Behalve de brandweer kampen ziekenhuizen ook met problemen. Rai News meldt dat de ziekenhuisopnames de afgelopen dagen op sommige plekken in Italië met wel 20 procent zijn gestegen. ‘Mensen komen aan met uitdroging of een hitteberoerte’, zegt Alessandro Riccardi, nationaal voorzitter van de Italiaanse Vereniging voor Spoedeisende Hulp. ‘Het zijn meestal ouderen of kwetsbare groepen, maar ook mensen die buiten werken komen terecht op de spoedafdeling.’ In stedelijke gebieden lopen de cijfers bij spoedafdelingen hoog op en ontstaan er lange wachttijden. Riccardi wijst erop dat deze ontwikkeling de problemen in de maatschappij weerspiegelt. ‘Ouderen zonder familie of zorgnetwerk die in moeilijkheden komen door de verzengende temperaturen, zoeken hun toevlucht op de spoedafdeling.’ Riccardi pleit voor een uitbreiding van sociale zorg en het aantal wijkverpleegkundigen in Italië.

    aircoolers
    Een muur vol airconditioners. – © Adi Fauzanto / Unsplash

    Italië zit door de hitte met nog een ander probleem. In de Italiaanse steden Florence en Bergamo is er een stroomstoring gemeld. De lokale autoriteiten weten nog niet wat de oorzaak is. De extreme hitte kan schade toegebracht hebben aan het elektriciteitsnetwerk, maar er is ook een vermoeden dat overmatig gebruik van airconditioning voor een kortsluiting heeft gezorgd, aldus de Italiaanse nieuwszender. 

    Volgens Jean-Paul Harreman, directeur bij Montel Analytics, kampen Duitsland, Frankrijk, Spanje en de andere landen die lijden onder de hittegolf met energieproblemen. Overdag is er voldoende elektriciteit door zonnepanelen, maar ‘s avonds, wanneer de zon ondergaat, kan het energienetwerk het overmatig gebruik van ventilatoren en airconditioners niet aan. Op de markt leidt dit tot negatieve prijzen overdag, omdat er een overvloed aan energie wordt opgewekt. ’s Avonds schieten de prijzen echter de lucht in door de tekorten. Kerncentrales lijden ook onder de hitte. Het is moeilijker om de centrales koel te houden en de energieproductie kan hierdoor afnemen. Électricité de France (EDF), het Franse staatsbedrijf voor elektriciteit, heeft twee weken geleden al gemeld dat een van hun kerncentrales waarschijnlijk minder zal produceren. Het water dat gebruikt wordt om de kernreactoren te koelen, mag volgens milieuwetten niet worden gestort in de rivieren als het een bepaalde warmtegrens overschrijdt, en die grens komt steeds dichterbij. Harreman wijst erop dat hittegolven systematisch zullen toenemen en het Europese energienetwerk moet hierop voorbereid zijn, aldus Montel News.

    ‘We worden overweldigd door de hitte. We zouden hieraan gewend moeten zijn, we komen uit Cyprus!’

    Vakantiegangers lijden ook onder de extreme hitte. Op maandag 30 juni waren de straten in het centrum van Parijs leeg en de cafés hadden weinig bezoekers. Er was echter nog steeds een grote groep toeristen die schaduw zocht onder de Arc de Triomphe of de Eiffeltoren. De hordes Amerikanen, Britten en Chinezen hebben geen keus. Ze zijn er maar voor een beperkt aantal dagen, meldt Le Monde. ‘Het is pittig. We worden overweldigd door de hitte. We zouden hieraan gewend moeten zijn, we komen uit Cyprus!’, zegt Eva, een advocaat uit Nicosia. ‘Maar wanneer het zo warm is op Cyprus, blijven we thuis. Nu kan dat niet, we moeten op stap.’ 

  • Zuid-Europa kampt met een ongekende hittegolf

    Zuid-Europa kampt met een ongekende hittegolf

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Oekraïne slaat grootste Russische droneaanval sinds het begin van de oorlog af

    » IAEA: Iran kan binnen ‘enkele maanden’ weer uranium gaan verrijken

    In het Spaanse El Granado werd het maar liefst 46 °C

    De hittegolf die Zuid-Europa al enkele dagen teistert, is zondag nog intenser geworden. Met name in Spanje zijn nieuwe hitterecords gevestigd en roepen de autoriteiten op om voorzichtig te zijn. Griekenland, Italië, Zwitserland, Frankrijk, Spanje en Portugal gaan gebukt onder temperaturen die ongekend zijn voor de maand juni. ‘De hittegolf die Spanje verstikt, heeft het record voor juni verbroken’, meldt El País. Het kwik tikte zaterdag in El Granado in Andalusië de 46 °C aan. Het vorige record voor de maand juni werd in 1965 in Sevilla gevestigd (45,2 °C).

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Aangezien er voor dinsdag of woensdag geen verkoeling wordt verwacht, ‘overwegen verschillende Italiaanse regio’s om bepaalde beroepsactiviteiten tijdens de warmste uren van de dag te verbieden’, meldt Euronews. Eenentwintig steden in Italië waren zondag ‘in hoogste staat van paraatheid vanwege extreme hitte’, aldus de zender. In Frankrijk zijn 84 van de 95 departementen van het land voor maandag op oranje alert gezet, op zondag waren dat er 73. ‘Dit is nog nooit eerder vertoond,’ aldus de autoriteiten. Zwitserland heeft met ingang van zondag ‘het op één na hoogste gevarenniveau (3 op 4) afgekondigd voor een groot deel’ van het land, meldt Le Temps.

  • NASA-onderzoek: intensiteit van weersextremen is de laatste vijf jaar hard gestegen

    NASA-onderzoek: intensiteit van weersextremen is de laatste vijf jaar hard gestegen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Minstens veertien doden in Russisch bombardement op Kyiv

    » Donald Trump verlaat voortijdig G7-top vanwege conflict Israël-Iran

    Weersextremen komen vaker voor, duren langer en zijn ernstiger

    Nieuwe gegevens van NASA hebben een dramatische toename van de intensiteit van weersomstandigheden zoals droogtes en overstromingen in de afgelopen vijf jaar aan het licht gebracht. Het onderzoek toont aan dat dergelijke extreme gebeurtenissen steeds vaker voorkomen, langer duren en ernstiger zijn, waarbij de cijfers van vorig jaar twee keer zo hoog waren als het gemiddelde van 2003-2020, schrijft The Guardian.

    Dat de stijging zo steil zou zijn, was niet voorzien. De onderzoekers zeggen dat ze verbaasd en gealarmeerd zijn door de laatste cijfers van de Grace-satelliet van NASA, die veranderingen in het milieu op aarde volgt. Ze zeggen dat klimaatverandering de meest waarschijnlijke oorzaak is van de duidelijke trend, ook al lijkt de intensiteit van extreme weersomstandigheden nog sneller te zijn gestegen dan de mondiale temperaturen.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Een deskundige van het Met Office, de Britse weerdienst, zei dat de toename van extreme weersomstandigheden al lang werd voorspeld, maar nu ook in de praktijk wordt waargenomen. Hij waarschuwde dat mensen niet voorbereid zijn op dergelijke weersomstandigheden, die buiten hun eerdere ervaringen vallen.

    De gegevens zijn nog niet door vakgenoten beoordeeld en onderzoekers zeiden dat ze nog tien jaar of langer nodig hebben om te bevestigen dat er daadwerkelijk sprake is van een trend. De gegevens zijn mede geproduceerd door dr. Bailing Li van het Hydrological Sciences Laboratory van het Goddard Space Flight Center van NASA, dat is aangesloten bij het Earth System Science Interdisciplinary Center van de Universiteit van Maryland.

    Li vertelde aan The Guardian: ‘We kunnen het causale verband nog niet bewijzen – daarvoor hebben we een veel langere dataset nodig. Het is moeilijk om precies aan te geven wat er hier gebeurt, maar andere gebeurtenissen suggereren dat (wereldwijde) opwarming de drijvende factor is. We zien steeds meer extreme gebeurtenissen over de hele wereld, dus dit is zeker alarmerend.’

  • Parijs legt autogebruik aan banden: luchtkwaliteit aanzienlijk verbeterd

    Parijs legt autogebruik aan banden: luchtkwaliteit aanzienlijk verbeterd

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Civiele advocaten eisen dat VS gedeporteerde immigranten terughalen uit El Salvador

    » 130.000 Afghanen teruggekeerd, WHO voorspelt massale toename migranten

    De burgemeester wil een Parijs ‘dat kan ademhalen’

    De afgelopen twintig jaar heeft Parijs een grote transformatie ondergaan: verkeersaders zijn ingeruild voor fietspaden, groene ruimtes zijn toegevoegd, 50.000 parkeerplaatsen zijn geschrapt, parkeertarieven voor SUV’s zijn verhoogd en autovrije zones zijn ingesteld. Dat werpt zijn vruchten af: volgens Airparif, een onafhankelijke groep die de luchtkwaliteit rond Parijs bijhoudt, is de hoeveelheid fijnstof en stikstofdioxide sinds 2005 met 55 respectievelijk 50 procent gedaald. Dat schrijft The Washington Post.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Waar warmtekaarten die vervuiling weergeven twintig jaar geleden nog helemaal rood waren, was de rode zone in 2023 geslonken tot slechts een web van fijne lijnen over en rond de stad, die de drukste wegen en snelwegen voorstellen.

    Luchtvervuiling wordt door gezondheidsdeskundigen vaak omschreven als een sluipmoordenaar en in verband gebracht met onder meer hartaanvallen, longkanker, bronchitis en astma. Parijs wordt sinds 2014 geleid door burgemeester Anne Hidalgo, een socialiste die zich sterk maakt voor groen beleid en een ‘Parijs dat kan ademhalen’.

  • Nieuw rapport: Europa is het snelst opwarmende continent

    Nieuw rapport: Europa is het snelst opwarmende continent

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Onderzoek: gameplatform Roblox blijkt minder kindvriendelijk dan gedacht

    » Parijs: restauratie Notre-Dame naar verwachting pas in 2030 of 2035 voltooid

    2024 was het warmste jaar ooit in de historie van het continent

    Europa is het snelst opwarmende continent ter wereld en 2024 was het warmste jaar ooit in de geschiedenis van het werelddeel. Zo luidt de conclusie van het rapport dat op 15 april door de Wereld Meteorologische Organisatie en het observatieprogramma Copernicus Climate Change Service werd vrijgegeven. Meerdere landen in Europa werden vorig jaar getroffen door extreem weer en recordtemperaturen. De hevige stormen en overstromingen eisten ten minste 335 levens en raakten ongeveer 413.000 mensen, aldus het rapport, geciteerd door The Independent.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Er was een opvallend oost-westcontrast in weersomstandigheden, met extreme droogte en warmte in het oosten en warm en nat weer in het westen. De experts die aan het rapport meewerkten, ontdekten dat Europa een van de regio’s is waar het overstromingsrisico naar verwachting het grootst zal zijn. Een opwarming van 1,5°C zou kunnen leiden tot 30.000 jaarlijkse sterfgevallen in Europa als gevolg van extreme hitte.

    Verder bereikten de jaarlijkse temperaturen in bijna de helft van het continent en de temperatuur van het zeeoppervlak een recordhoogte. De gemiddelde temperatuurstijging was bijzonder sterk in de Middellandse Zee, met 1,2°C boven het gemiddelde. Daarbij neemt in heel Europa de hoeveelheid ijs af door onder andere smeltende gletsjers.

    Toch is er ook een lichtpuntje: de hoeveelheid opgewekte schone elektriciteit bereikte in 2024 een recordhoogte ten aanzien van het vorige record van 43 procent in 2023.

  • Nieuw rapport: Estland is het EU-land met de beste luchtkwaliteit

    Nieuw rapport: Estland is het EU-land met de beste luchtkwaliteit

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Algerije: steeds meer meisjes gaan op boksen dankzij sportheld Imane Khelif

    » Tien Britten beschuldigd van oorlogsmisdaden in Gaza

    EU-landen boeken vooruitgang op het gebied van luchtkwaliteit

    Estland is het enige EU-land waar het luchtvervuilingsniveau volgens de richtlijnen van de WHO als veilig kan worden beschouwd. Dat blijkt uit een nieuw rapport van het Zwitserse bedrijf voor luchtkwaliteitstechnologie IQAir, schrijft Politico. Estland is daarmee een buitenbeentje in de EU, waar iets meer dan de helft van de lidstaten de WHO-richtlijnen voor fijne stofdeeltjes met twee tot drie keer de toegestane hoeveelheid overschrijdt.

    IQAir wijst op de actieve inspanningen van Estland om ‘de uitstoot van de industrie te verminderen’, met name door over te stappen op ‘schonere, hernieuwbare energiebronnen’. Tallinn, de hoofdstad van Estland, behoort tot de tien minst vervuilde hoofdsteden ter wereld. Het heeft een lage bevolkingsdichtheid – wat betekent dat er over het algemeen minder vervuiling wordt veroorzaakt – en is zeer bosrijk.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Boekarest, Warschau en Praag behoren tot de meest vervuilde hoofdsteden in de EU, hoewel ze niet in de buurt komen van Bagdad, Hanoi en topscorer New Delhi. Binnen de EU scoort Roemenië qua luchtkwaliteit het slechtst, deels door de uitstoot van fabrieken en de hoge emissies van voertuigen, vooral in grote steden als Boekarest. Maar er is reden voor optimisme.

    Zo heeft Roemenië een langzame maar gestage vooruitgang laten zien en de concentratie fijnstofdeeltjes in 2024 was ‘de laagste in de geschiedenis van dit rapport’. Dat past in een breder patroon: EU-landen boeken vooruitgang op het gebied van luchtkwaliteit en veel van hen behoren al tot de minst vervuilde landen ter wereld, deels dankzij strengere emissieregels en een verschuiving naar hernieuwbare energiebronnen. Vijf van de tien meest vervuilde landen en negen van de tien meest vervuilde steden wereldwijd liggen in Centraal- en Zuid-Azië. De VS, waar onder president Trump veel milieubeleid wordt teruggedraaid, presteren qua luchtkwaliteit beter dan 22 van de 27 EU-lidstaten, hoewel het land nog steeds boven de WHO-aanbevelingen ligt.

  • Tweedehands is hot. ‘Voor jongere generaties maakt het veel minder uit of iets nieuw is’

    Tweedehands is hot. ‘Voor jongere generaties maakt het veel minder uit of iets nieuw is’

    Van Ikea tot Vinted tonen jonge consumenten steeds meer interesse voor kleding en meubels met een tweede leven. Maar is deze sector aan het groeien of aan het commercialiseren? En is tweedehands wel lucratief genoeg?

    Toen Lego een initiatief startte om tweedehands legosteentjes in te zamelen en te hergebruiken, stuitte de Deense fabrikant op een probleem: men stuurde ook allerlei andere dingen op. Volgens een hooggeplaatste directeur kwamen niet alleen de welbekende steentjes binnen, maar ook lege blikjes, schoenen en haar.  

    Nog erger: werknemers openden een keer een Lego-schatkist die gevuld was met een volledige set melktanden.

    Merken als Shein en Zara, maar ook H&M en Lego storten zich in een bloeiende tweedehandseconomie. Ze treden in het voetspoor van veel opkomende ondernemingen zoals Vinted, Depop, ThredUp en Vestiaire Collective, en hopen te profiteren van een toenemende waardering voor ‘preloved’ artikelen, vanwege de prijs of omdat het beter is voor het milieu. Beroemdheden zoals Bella Hadid, Rihanna en Sarah Jessica Parker en zelfs tv-programma’s zoals Love Island hebben tweedehands helemaal omarmd. 

    ‘Tweedehands bruist,’ vertelt Adam Minter, auteur van Junkyard Planet en Secondhand. ‘Maar het is heel duur voor bedrijven. Het is niet makkelijk.’

    Ikea volgde de trend deze week met een nieuw verkoopplatform waar klanten gebruikte meubels direct aan elkaar kunnen verkopen. Deze dienst genaamd Ikea Preowned, die bedoeld is om te concurreren met sites zoals eBay, Craigslist, en Gumtree, ondergaat eerst een test in Madrid en Oslo voordat wordt bepaald of dit ook wereldwijd zal aanslaan. 

    Waar voor je geld

    Jesper Brodin, algemeen directeur van Ingka, de controleur van de meeste Ikea-warenhuizen, zegt dat de Ikea-groep zelfs een groter marktaandeel heeft in de tweedehandsmarkt dan in die voor nieuwe producten: ‘Zo kunnen we dus veel leren – wat voor producten verkopen het best?’ 

    Het is niet moeilijk te begrijpen waarom grote merken interesse hebben voor de tweedehandsmarkt. Deze groeit namelijk veel sneller dan de markt voor nieuwe producten, terwijl hij nog steeds kleiner is. Thredup, een herverkoopplatform uit de VS, schat in dat de wereldwijde markt voor tweedehandskleding is gestegen van € 134 miljard in 2021 naar € 220 miljard in 2024, en voorspelt dat deze in 2028 € 334 miljard bereikt, met een drie keer snellere groei dan de nieuwe kledingmarkt. Consulent Bain & Company schat in dat tweedehandsverkoop van luxeproducten van 2017 tot 2023 125 procent gegroeid is, terwijl dat bij nieuwe producten slechts 43 procent was. 

    Tweedehands wordt ook steeds populairder onder jonge klanten. Volgens een onderzoek van Euromonitor geeft meer dan 40 procent van Gen Z en millennials aan elke paar maanden een tweedehandsproduct te kopen, tegenover slechts 20 procent van de babyboomers. 

    ‘Er zat ooit een stigma aan tweedehandskleding, maar voor jongere generaties maakt het veel minder uit of iets nieuw is. Het gaat om verspilling, en om waar voor je geld. Het is een goede investeringskans,’ zegt een Europees private equity-directeur.

    Maar ondanks het enthousiasme zijn er ook risico’s. Tot niet zo lang geleden werd de westerse markt voor tweedehandsproducten gedomineerd door liefdadigheidsinstellingen en kringloopwinkels. Kunnen gevestigde merken en beginnende ondernemingen hier wel geld in verdienen? Er zijn vragen omtrent het verkrijgen van de juiste producten, maar ook omtrent fraude. Ook zijn er zorgen over de beweegredenen van grotere bedrijven, die zelf steeds meer producten uitgeven. Doen zij dit om de planeet te redden, of voor een goede marketingcampagne?

    ‘Hier zit zeker een pr-element in. Er is veel druk op grote bedrijven zoals H&M en Zara, en er zijn veel zorgen over de duurzaamheid van fast fashion,’ aldus Jennifer Hinton, onderzoeker bij Lund University, die schrijft over de tweedehandskledingmarkt. 

    Tweedehands kopen is niets nieuws. Kringloopwinkels zoals Goodwill, Oxfam en Het Leger des Heils verkopen al decennialang tweedehandskleding, -boeken, en nog veel meer.

    ‘In het Westen lijkt het alsof er nu pas een tweedehandsmarkt verschijnt. Maar hij is er altijd al geweest. Zolang er nieuwe spullen zijn, zijn er gebruikte spullen,’ zegt Minter. ‘In opkomende landen is de tweedehandseconomie voor dingen als kleding en meubels leidend, en die hangt weer af van export uit ontwikkelde landen.’

    ‘In het Westen lijkt het alsof er nu pas een tweedehandsmarkt verschijnt. Maar hij is er altijd al geweest’

    Er bestaan al complexe handelsketens die de liefdadigheidssector steunen. Als je in New York een tweedehands Led Zeppelin-T-shirt koopt voor honderd dollar is dat shirt waarschijnlijk afkomstig uit een berg Amerikaanse kleding die eerst naar Pakistan of Guatemala is verstuurd en daar is gesorteerd op de mooiste items, die dan weer teruggestuurd worden, aldus Minter. ‘Dat is die ene procent waar de celebrities naar zoeken,’ voegt hij toe.

    Kringloopwinkels hebben een proces ontwikkeld om uit te zoeken wat ze kunnen verkopen en wat ze naar ontwikkelingslanden exporteren. Daar verkopen ze het of wordt de kleding in ander materiaal veranderd, zoals vulling voor kussens of isolatiemateriaal. ‘Als je het niet kwijt kan op Depop gaat het naar Oxfam. Als zij het niet kunnen verkopen hebben zij allerlei opties,’ zegt Minter.

    Er zijn tekenen dat de aankomst van grote bedrijven de dynamiek van de liefdadigheidssector heeft veranderd; mensen verkopen hun beste kleding en doneren de rest. Erikshjälpen, een organisatie die Zweedse kringloopwinkels bestuurt, krijgt donaties van steeds slechtere kwaliteit en moet nu de vernietiging van ongeveer 70 procent van alle ontvangen kleding bekostigen, volgens een werknemer geciteerd in een wetenschappelijk artikel door Hinton en Ola Persson. 

    Veel grote bedrijven proberen deze problemen uit de weg te gaan door alleen maar een platform aan te bieden waarop consumenten onderling producten kunnen kopen en verkopen. Hierbij is het bedrijf slechts een bemiddelaar. 

    Een verkoper op Ikea Preowned typt bijvoorbeeld de naam van het product in, krijgt advies van de AI van het bedrijf om afmetingen en wat foto’s toe te voegen, laat de staat van het product weten en biedt hem aan voor verkoop. Een koper moet het ophalen dan zelf regelen en zelf de kwaliteit controleren. Een drijfveer voor verkopers is dat ze cash betaald kunnen worden, of 15 procent meer krijgen als ze voor een Ikea-voucher kiezen. ‘Een goeie manier om het contact met klanten te behouden,’ zegt Brodin.

    Op dit moment is deze service van Ikea gratis, en als er in de toekomst kosten aan worden verbonden, zouden deze ‘heel bescheiden’ zijn, voegt Brodin toe. Op deze manier probeert Ikea te concurreren met de verkoperskosten op websites zoals eBay, die ook aantrekkelijk zijn voor groot meubilair.

    Maar op deze manier is ook te zien hoe moeilijk het is om geld te verdienen met een dergelijk platform. Vinted, een marktplaats zonder verkoperskosten, werd dit jaar het eerste winstgevende tweedehandskledingplatform, door een nettowinst van € 18 miljoen bij elkaar te scharrelen uit € 596 miljoen aan verkoop.

    ‘Tweedehands is nog maar een druppel in een emmer. De uitdaging ligt bij het overtuigen van klanten om eerst naar tweedehandsopties te kijken, en dan pas naar nieuw,’ zegt Thomas Plantenga, algemeen directeur van het Litouwse startup-bedrijf. Zara, Shein en Cos bieden allemaal hun eigen platforms aan.  

    Volgens Minter is het moeilijk voor een Depop of een ThredUp om op te boksen tegen Goodwill, ’s werelds grootste tweedehandsorganisatie, die als non-profit handelt. ‘Ze krijgen hun inventaris gratis aangeboden, ze hebben goedgetrainde werknemers die weten hoe ze het moeten sorteren, en managers die weten waar ze het weer kwijt kunnen. P2P heeft dat soort expertise niet,’ voegt hij eraan toe.

    Omgekeerde logistiek

    Er zijn ook andere problemen. Fraude is er een van, zeker voor duurdere kleding. Vestiaire Collective en Monogram hebben allebei een authenticatieservice om te controleren of een tas wel echt van Gucci is. Vinted doet dit ook voor bepaalde items, tegen betaling door de koper.

    Sommige services kunnen onbedoelde achterdeuren hebben, zoals Ikea Preowned, waar verkopers aan zichzelf of aan vrienden kunnen verkopen om gratis vouchers te krijgen. ‘Hier leren we nog elke dag,’ zegt het bedrijf, ‘en we moeten begrijpen hoe, of, en waar er problemen zijn om ze uit de weg te kunnen gaan.’

    Dan zijn er nog de bedrijven die de producten zelf behandelen. De meeste Legoproducten worden aan vrienden of familie weggegeven, maar de speelgoedfabrikant richt zich erop dat wat overblijft niet wordt weggegooid, maar wordt hergebruikt of gerecycled. 

    Tim Brooks, voormalig duurzaamheidsdirecteur van Lego, liet vorig jaar in een interview weten dat het bedrijf al jaren leerde hoe om te gaan met ‘omgekeerde logistiek’ – het weer ontvangen van steentjes in plaats van het verkopen –, maar ook met alles eruit halen wat geen Lego is en het sorteren en schoonmaken van de steentjes.

    ‘Het was een lange weg voor een bedrijf dat gewend is aan lineaire productie. Het is een hele andere manier van denken’

    Het bedrijf test dit concept met hun service Replay in de VS, Canada en het Verenigd Koninkrijk. Mensen doneren gebruikte Legosets, en het bedrijf stuurt ze door naar goede doelen of scholen. Tot nu toe is er al 500 ton aan steentjes ontvangen. Een ander programma in Duitsland betaalt de klant € 8 in waardebonnen per kilo aan ingeleverde steentjes of figuurtjes. ‘Het was een lange weg voor een bedrijf dat gewend is aan lineaire productie. Het is een hele andere manier van denken,’ zegt Brooks.

    De tweedehandsmarkt is dus waarschijnlijk nog lang niet klaar met groeien. Bedrijven zoeken naar manieren om hun uitstoot te verminderen en hun handel cyclisch te maken door zo veel mogelijk te hergebruiken en te recyclen. 

    Brodin zegt zelf dat zijn ogen werden geopend toen hij de box van zijn kind op een tweedehandsplatform verkocht, maar daarna een nieuw kind kreeg. ‘Ik heb diezelfde box weer teruggekocht,’ voegt hij toe. ‘Vanuit duurzaamheidsperspectief is dit de slimste aanpak, zorgen dat je materialen goed gebruikt.’

  • Ostrava is een van de meest vervuilde steden. Komt daar binnenkort verandering in?

    Ostrava is een van de meest vervuilde steden. Komt daar binnenkort verandering in?

    De Tsjechische stad Ostrava staat nog steeds boven aan de lijst van meest vervuilde steden in Europa. De Poolse stad Krakau kampte met hetzelfde probleem, maar dankzij een verbod op kolen- en houtverwarming is de luchtkwaliteit daar merkbaar verbeterd. Dezelfde strategie zou ook de Tsjechische stad Ostrava kunnen inspireren, waar het verbod op de oudste verwarmingsketels wordt afgewacht.

    ‘Vroeger hoestte ik en jeukten mijn ogen. Net als veel andere mensen die al hun hele leven in een land met zulke vervuilde lucht wonen, dacht ik dat het normaal was,’ zegt milieuactiviste Magdalena Kozlowska.

    We ontmoeten elkaar op het kantoor van de milieuorganisatie Krakowski Alarm Smogowy (Krakau Smogalarm). Aan de muren hangen foto’s van vervuilde longen en in de gang spandoeken met de eenvoudige boodschap ‘Krakau wil ademhalen!’

    Kozlowska herinnert zich het moment dat ze thuiskwam en besefte dat de geur uit haar kleren niet zomaar een wintergeur was, zoals ze eerder had gedacht, maar smog. Nadat ze de eerste bijeenkomst van Krakowski Alarm Smogowy had bijgewoond, veranderde ze van een gewone burger in een voorvechter van schone lucht.

    Kozlowska maakt sinds de oprichting in 2012 deel uit van de organisatie. In die tijd was het een opkomende burgerbeweging voor schone lucht, die als doel had uit te zoeken hoe de lokale bevolking gewaarschuwd kon worden voor de slechte staat van de lucht en hoe politici tot effectieve maatregelen konden worden gebracht.

    In die tijd voerde Krakau de Europese ranglijst van meest vervuilde steden aan, zo blijkt uit onderzoek van het Europees Milieu-agentschap. Honderdvijftig dagen per jaar overschreed Krakau de Europese limieten voor luchtvervuiling. Soms was de luchtvervuiling wel acht keer zo hoog als de wettelijke limieten toestonden.

    Het begon op Facebook

    De stad was vaak letterlijk adembenemend. De meeste gevaarlijke verontreinigende stoffen, zoals benzo(a)pyreen, waren afkomstig van de verbranding van goedkope kolen van lage kwaliteit, hout en zware stookolie in oude en inefficiënte kachels, stookruimten en open haarden in huizen. Deze warmtebronnen leverden de grootste bijdrage aan de concentraties zwevende deeltjes in de lucht.

    De sleutel tot verandering was dan ook een drastische vermindering van de uitstoot van vervuilende stoffen door de gemeentelijke en particuliere sectoren. ‘De oorzaak was duidelijk en er waren deskundigen die wisten wat eraan kon worden gedaan. De beste oplossing was een volledig verbod op vaste brandstoffen. Maar experts waarschuwden dat dit niet kon worden geïmplementeerd vanwege een gebrek aan publieke steun,’ aldus Kozlowska. 

    Maar Krakowski Alarm Smogowy besloot daar verandering in te brengen. ‘We vonden de inspanningen van de stad om de uitstoot te verminderen ontoereikend en de middelen die voor deze strijd werden uitgetrokken onevenredig met de omvang van het probleem’, zo staat te lezen op de website van de organisatie. ‘Daarom besloten we het heft in eigen handen te nemen en een bewustwordingscampagne te starten onder de burgers. We realiseerden ons dat alleen zij de gemeentelijke en provinciale autoriteiten onder druk kunnen zetten om effectieve maatregelen te nemen’, vervolgt de tekst.

    Voordat Krakau Smog Alert een organisatie werd, was het een groep vrienden die praatte over luchtvervuiling, sprak over de negatieve invloed ervan op hun leven en zich zorgen maakte over het leven van hun kinderen. Gaandeweg sloten andere inwoners van Krakau zich bij hun aan en zo ontstond een lokale beweging voor schone lucht. 

    ‘We maakten een Facebook-pagina aan. Al snel wisten mensen ons te vinden en boden ze hulp en steun. We organiseerden marsen en demonstraties, verzamelden handtekeningen voor petities en kregen veel publieke steun. Mensen demonstreerden met ons mee, honderden inwoners van Krakau gingen met ons de straat op en begonnen veranderingen te eisen,’ zegt activiste Ewa Lutomska, nu projectmanager van de organisatie.

    ‘We leerden journalisten hoe ze over lucht moesten schrijven, omdat het in die tijd een nieuw onderwerp voor hen was’

    De beweging begon openbare evenementen op te zetten om de aandacht van het publiek in Krakau te vestigen op de kritieke toestand van de lucht in de stad. In 2013 liepen bijvoorbeeld duizenden inwoners van Krakau mee in een rouwende menigte en droegen ze een doodskist met het woord ‘lucht’ erop naar Wojciech Kozak, de voormalige plaatsvervangend gouverneur van het woiwodschap Klein-Polen. De symbolische begrafenis was een van de gebeurtenissen die de lokale politici aan het denken moesten zetten over de nijpende situatie.

    De beweging werd gesteund door artsen, wetenschappers en journalisten. ‘We leerden journalisten hoe ze over lucht moesten schrijven, omdat het in die tijd een nieuw onderwerp voor ze was. Marketingconsultants gaven ons op hun beurt advies om campagnes zo opvallend en visueel mogelijk te maken, om mensen zo bewust te maken van de werkelijke gevolgen van smog,’ legt Kozlowska uit. 

    Uiteindelijk kreeg de activistische groep zowel het publiek als de politici aan hun kant. ‘Dat kwam vooral door sociale druk en wetenschappelijk onderzoek dat aantoonde dat jaarlijks inwoners vroegtijdig sterven en longziektes krijgen als gevolg van luchtvervuiling,’ voegt de Krakause verslaggeefster Katarzyna Kojzar van OKO.press toe, een onderzoeksbureau dat gespecialiseerd is in milieubescherming.

    Het succes van het initiatief voor schone lucht werd in oktober 2013 onderstreept door een openbare raadpleging over het verbod op vaste brandstoffen binnen het woiwodschap, dat verantwoordelijk is voor de invoering van dit soort decreten. Burgers kregen de kans om commentaar te geven op de regionale strategie voor betere lucht, die nog in de kinderschoenen stond. Er werd toen een recordaantal van 2500 reacties ingediend, waarvan in 90 procent voor een totaalverbod op vaste brandstoffen werd gepleit. 

    ‘Geen enkele eerdere raadpleging, zelfs niet de ontwikkelingsstrategie voor Klein-Polen, heeft zo veel reacties en meningen opgeleverd. We kunnen uw stemmen niet negeren. Daarom zullen we een resolutie indienen die gehoor geeft aan de verwachtingen van het publiek,’ zei Marek Sowa, de toenmalige gouverneur van Klein-Polen.

    Smogalarm

    Het verbod op het gebruik van vaste brandstoffen in Krakau werd al in november 2013 goedgekeurd door de gemeenteraad van Klein-Polen: tweeëntwintig raadsleden waren voor, elf tegen en vijf onthielden zich van stemming. 

    ‘Dit gebeurde na een jaar van intensieve informatiecampagnes. Dit was nooit gebeurd als de mensen die betrokken zijn bij deze strijd niet zo vastberaden waren en de straat op waren gegaan,’ zegt activist Ewa Lutomska.

    Dit was ook het moment waarop de informele groep een organisatie werd. ‘We besloten om een vereniging op te richten, zodat we de acties van de autoriteiten in de gaten konden houden, maar ook om over de grenzen van Krakau heen te kijken en ons in te zetten voor schone lucht in heel Klein-Polen,’ zegt ze. 

    Tegenwoordig bestaat er een netwerk van soortgelijke initiatieven in Polen, samengebracht door de organisatie Pools smogalarm. In bijna elke stad, groot en klein, zijn er zogenaamde smogalarmen. 

    Het goedgekeurde verbod zou in 2018 van kracht worden. De hoogste administratieve rechtbank trok het echter in 2015 in omdat het woiwodschap bij de invoering van het verbod zijn boekje te buiten was gegaan. 

    Maar nog geen maand na de uitspraak van de rechtbank werden de bevoegdheden van de lokale overheden gewijzigd. President Andrzej Duda ondertekende een amendement op de milieubeschermingswet dat gemeenten de mogelijkheid geeft om ketels te verbieden die op kolen en bepaalde andere brandstoffen werken. 

    Begin 2016 namen de raadsleden van Klein-Polen daarom opnieuw een resolutie aan tegen smog. Negentien waren voor, vijftien onthielden zich van stemming. Maar ook de tweede keer kwam het verbod er maar moeizaam doorheen.

    De regionale administratieve rechtbank ontving vier klachten tegen de nieuwe wetgeving van burgers en van vertegenwoordigers van de ketelindustrie, maar verwierp ze allemaal. 

    Het verbod geldt sinds september 2019. Sindsdien mogen mensen hun huis niet meer verwarmen met vaste brandstoffen. Dit is het resultaat van samenwerking tussen activisten, de stad en de provincie. Naast de eenvoudige invoering van het verbod heeft de stad ook de nodige sociale programma’s gelanceerd en informatiecentra opgezet zodat burgers weten hoe ze hun huizen op een andere manier kunnen verwarmen. 

    Het verzet tegen het verbod is inmiddels vrijwel verdwenen uit de stad, volgens journalist Katarzyna Kojzar. ‘Het volledige verbod is sinds 2019 van kracht, dus we hebben geen verwarmingssystemen meer die afhankelijk zijn van vaste brandstoffen,’ zegt ze. Er is, licht ze toe, dus geen reden meer om te klagen.

    ‘Er zijn altijd kritische geluiden, maar het merendeel van de inwoners van Krakau erkent het probleem van luchtvervuiling en constante blootstelling aan hoge concentraties gevaarlijke stoffen, vooral in de winter. Daarom hebben ze de ingevoerde veranderingen geaccepteerd,’ legt stadswoordvoerder Katarzyna Misiewicz uit.

    Een paar maanden voordat het verbod van kracht werd, liet de stad een enquête uitvoeren onder de inwoners. Meer dan 80 procent van de respondenten beoordeelde de invoering positief. Volgens Kojzar is het voornaamste probleem nu nog dat het verbod destijds niet in de hele regio is ingevoerd, en in de rest van het woiwodschap nog wel omstreden is. 

    Het aantal smogdagen is gedaald van 116 in 2012 naar 16 in 2023

    Er zijn meer dan vier jaar verstreken sinds het verbod in Krakau werd ingevoerd en de resultaten zijn letterlijk voelbaar. Het aantal smogdagen is gedaald van 116 in 2012 naar 16 in 2023. De gemiddelde jaarlijkse concentraties van grove PM10-deeltjes zijn in 2020 met 50 procent gedaald als gevolg van de genomen maatregelen. Er werd ook een significante daling waargenomen voor fijne PM2,5-deeltjes.

    De effectiviteit van beperkingen die gelden voor vaste brandstoffen is ook aangetoond door een analyse die in opdracht van Krakowski Alarm Smogowy tussen 2012 en 2020 werd uitgevoerd door experts van de AGH Krakow University. Uit tabellen blijkt dat de luchtkwaliteit in Krakau aanzienlijk sneller verbetert dan in de rest van het woiwodschap, waar het verbod niet geldt.

    Onderzoek van Ewa Czarnobilska, hoofd van het Centrum voor Klinische en Omgevingsallergieën van het Universitair Ziekenhuis in Krakau, toonde ook aan dat veranderingen in de lucht een positief effect hebben op de gezondheid van kinderen en jongeren in Krakau. Sinds duizenden plaatselijke verwarmingssystemen zijn vervangen, is het aantal gevallen van astma en allergische rhinitis onder hen afgenomen. 

    Maar de verandering in de wetgeving is niet de enige reden, zegt ze. ‘Het is duidelijk dat het bewustzijn van de inwoners van Krakau ook heeft bijgedragen aan de verbetering. Dankzij de inspanningen voor schone lucht door ngo’s en de lokale overheid neemt het bewustzijn over de effecten van smog toe en hebben we apps die rapporteren wat de concentratie fijnstof in de lucht is, zodat mensen niet met hun kinderen gaan wandelen als de normen worden overschreden,’ legt Czarnobilska uit.

    Toerisme

    De activisten speelden een cruciale rol in het overtuigen van de bevolking met campagnes als ‘Smogvrij Krakau’ of ‘We willen ademhalen’. Kozlowska zegt echter dat Krakau Smog Alert in het begin ook op weerstand stuitte, vooral bij lokale politici. 

    Sommigen zouden leden van de beweging ervan hebben verdacht een politieke campagne te voeren en hun politieke belangen te bedreigen. Tegelijkertijd, zegt ze, zijn er pogingen geweest om de campagne voor schonere lucht te onderdrukken met het argument dat ze een bedreiging zou kunnen vormen voor toerisme in de stad. 

    ‘Paradoxaal genoeg wilde de stad wel toeristen aantrekken, maar bekommerde ze zich blijkbaar niet om de gezondheid van de plaatselijke bevolking. Politici wilden het positieve imago van de stad aanvankelijk niet laten bederven. Langzaamaan kregen ze echter door dat het beter was om de problemen onder ogen te zien, harde maatregelen te nemen en de situatie te presenteren als een succes en een inspiratiebron voor anderen,’ meent Kozlowska. 

    Volgens Lutomska waren kritiek op Krakowski Alarm Smogowy en de bezorgdheid over de potentiële politieke macht van de organisatie vooral te horen in privégesprekken en waren ze gebaseerd op roddels. ‘Maar feit is dat we voorstellen kregen van politieke partijen om mee te doen aan lokale verkiezingen. Natuurlijk weigerden we dat, omdat onze drijfveren heel anders zijn,’ legt ze uit.

    ‘Er waren ook kleine lokale protesten, vooral van mensen die verbonden zijn met de houtindustrie en van openhaardverkopers die hun business probeerden te beschermen tegen een volledig verbod op houtverwarming,’ legt Kozlowska uit. ‘Wat steenkool betreft waren de meesten zich bewust van de schadelijke effecten. Maar hout werd beschouwd als een natuurlijke, aangename warmtebron,’ voegt ze eraan toe.

    Zelfs volgens Jacek Majchrowski, sinds 2002 burgemeester van Krakau, waren de maatregelen in het begin moeilijk uit te leggen en te handhaven, maar met het groeiende milieubewustzijn onder politici en burgers is dat veranderd. De burgerbeweging die in die tijd opkwam, heeft hier in belangrijke mate aan bijgedragen, vertelt hij. ‘Ze vestigden de aandacht op het smogprobleem, zetten zich in om de luchtkwaliteit te verbeteren en steunden de actie van de stad,’ zegt hij. In zijn woorden waren ze eerder partners dan een politieke bedreiging voor elkaar.

    Het succes zou niet mogelijk zijn geweest zonder de burgerorganisaties en de grote betrokkenheid van de inwoners van Krakau

    ‘Als burgerbeweging waren we ons er vanaf het begin van bewust dat de armste mensen financiële steun nodig hadden om boilers te vervangen, dus hebben we daarvoor gepleit,’ zegt Kozlowska. Lokale politici boden daarin steun.

    Nog voordat het verbod van kracht werd, kwam de stad met een programma waarin 100 procent van de kosten werd gedekt voor burgers die hun cv-ketel wilden vervangen door een exemplaar op gas, een centrale verwarming wilden aansluiten of wilden overstappen op hernieuwbare energie. In 2017 daalde deze steun naar 80 procent en de laatste twee jaar voor het verbod was dat 60 procent. De daling van de steun had geen gevolgen voor sociaal kwetsbare huishoudens en personen. Voor hen introduceerde de stad een sociaal bijstandsprogramma.

    Zo werden tussen 2012 en 2019 ongeveer dertigduizend verwarmingsinstallaties op vaste brandstoffen verwijderd en bijna tweeduizend hernieuwbare energiebronnen geïnstalleerd. Dit alles heeft Krakau meer dan 300 miljoen zloty (ruim 72 miljoen euro) gekost. Naast het geld uit de eigen begroting gebruikte de stad ook steun van externe bronnen, waaronder subsidies en leningen tegen gunstige voorwaarden.

    Daarnaast dekt de stad het verschil in de kosten voor het gebruik van goedkopere, maar vuilere kolen en schoner maar duurder gas. Ze biedt ook een subsidieprogramma om gebouwen te isoleren om de verwarmingskosten zo laag mogelijk te houden. Het besluit van het stadhuis om deze programma’s te lanceren was belangrijk om ook op regionaal niveau steun te krijgen.

    Energieadviseurs in Krakau voerden ook warmtebeeldtests uit op huizen om uit te zoeken waar warmte uit de huizen ontsnapt en mensen ertoe aan te zetten meer te investeren in het verbeteren van de warmte-isolatie van hun huizen.

    Tegelijkertijd vonden er milieu-educatieactiviteiten plaats in Krakau. Dit waren eco-picknicks waar mensen elkaar ontmoetten in de natuur en leerden over het milieu. De stad verspreidde educatief materiaal onder scholen en zorgde voor lesmateriaal over milieubescherming voor kinderen of training voor leerkrachten. 

    Tot 2019 waren er in totaal drie adviespunten in Krakau waar mensen zogenaamde eco-consulenten konden ontmoeten en problemen konden bespreken rond het opgelegde verbod, de vervanging van hun verwarming of hernieuwbare energiebronnen. Volgens de gegevens van de stad werd in totaal meer dan honderdvijftigduizend keer advies gegeven.

    ‘Voorlichtingsactiviteiten hebben altijd een belangrijke rol gespeeld omdat ze het milieubewustzijn van de bewoners hebben vergroot. Het succes zou niet mogelijk zijn geweest zonder de deelname van burgerorganisaties en de grote betrokkenheid van de inwoners van Krakau bij de vervanging van verwarmingssystemen,’ meent Misiewicz, de woordvoerder van Krakau. Momenteel is er nog maar één informatiepunt voor energieadvies.

    In het verleden bezochten teams van stadsadviseurs ook achtergestelde groepen inwoners om informatie te geven over hoe ze konden overstappen van vaste brandstofkachels op milieuvriendelijke verwarming en hoe ze financiering konden krijgen voor een dergelijke investering.

    Geografische ligging

    De consequente uitvoering van het programma voor de afschaffing van gemeentelijke verwarmingsinstallaties op vaste brandstoffen leverde volgens het Poolse hydrometeorologische bureau de belangrijkste bijdrage aan de vermindering van de concentraties zwevende deeltjes in de lucht in Krakau. Er spelen echter nog meer factoren mee.

    ‘We mogen niet vergeten dat weersomstandigheden ook een zeer belangrijke rol spelen bij het bepalen van de uitstoot van verontreinigende stoffen. De opwarming van het klimaat, die al vele jaren merkbaar is, zorgt ervoor dat weersomstandigheden die de ophoping van verontreinigende stoffen in de hand werken minder vaak voorkomen. Daardoor is de luchtkwaliteit in Krakau verbeterd’, schrijft de instantie.

    Waarom zijn er dan nog steeds dagen in Krakau waarop de lucht zwaar vervuild is, ook al zijn vrijwel alle kolen- en houtketels verwijderd? 

    Het probleem is de geografische ligging van de stad in de vallei van de rivier de Wisła. Hierdoor hopen verontreinigende stoffen uit naburige gemeenten waar het verbod op het verbranden van vaste brandstoffen niet geldt, zich op in de stad. Dit gebeurt in perioden waarin hoge en lage temperaturen elkaar afwisselen. ‘Meer dan tienduizend ketels op vaste brandstoffen in de gemeenten rond Krakau moeten nog worden ontmanteld,’ aldus de woordvoerder van de stad.

    Tegelijkertijd geeft zelfs het stadhuis toe dat enkel het verbieden van boilers niet genoeg is. Krakau staat nog steeds boven aan de smogkaart van de wereld. De volgende stap in de strijd voor schone lucht is het verminderen van de transportemissies door het invoeren van een zogenaamde schone transportzone. ‘Het is goed dat er een schone transportzone wordt ingevoerd in Krakau. Ik reken er ook op dat uitgebreide controles van huishoudelijke verwarmingssystemen in de steden rond Krakau effect zullen hebben en dat de bevoegde autoriteiten forse financiële steun zullen geven aan inwoners die willen investeren in schone warmtebronnen. We moeten niet vergeten dat een groot percentage van de vervuiling die boven de stad hangt, afkomstig is uit voorstedelijke gebieden,’ aldus arts Czarnobilska.

    De inwoners van de Tsjechische stad Ostrava, die vlak bij de grens met Polen ligt, zien luchtvervuiling als een van de grootste problemen van het stadsleven. Dit blijkt uit ten minste twee enquêtes die in opdracht van het stadsbestuur zijn gehouden. In de online enquête van vorig jaar, die werd uitgevoerd voor het Strategisch Ontwikkelingsplan voor de stad Ostrava tussen 2024 en 2030, was 61 procent van de respondenten ontevreden over de luchtkwaliteit. Maar hoewel meer dan vijfduizend mensen deelnamen aan dat onderzoek, was het niet representatief. 

    In 2019 en 2020 werd een enquête uitgevoerd voor het Clairo-project, dat zich inzet voor schone lucht en het planten van groene zones. Bij deze enquête, die wel representatief was, was de meerderheid van de respondenten uit de agglomeratie Ostrava ook ontevreden over de luchtkwaliteit. Ongeveer 60 procent van de ondervraagden zei bereid te zijn om bij te dragen aan het verbeteren van de luchtkwaliteit. Meer dan een vijfde van hen had zijn verwarmingsmethode al veranderd of overwoog dit te doen.

    Volgens de laatste gedetailleerde metingen van meteorologen wordt de luchtvervuiling in Ostrava, behalve in Radvanice, voornamelijk veroorzaakt door huishoudens die hun huis met vaste brandstoffen verwarmen. Door de verbranding van kolen en biomassa is Ostrava de regio met de vuilste lucht in Tsjechië, ondanks de zachte winters en een geleidelijke afname van de industrie. Zo werd 87 procent van de bevolking in de agglomeratie Ostrava, Karviná en Frýdek-Místek in 2022 blootgesteld aan concentraties van het kankerverwekkende benzo(a)pyreen die boven de limiet lagen.

    Het vuil in de lucht kan ook niet langer worden toegeschreven aan de naburige Polen. ‘In Ostrava is de meeste vervuiling afkomstig van huiselijke bronnen. De Poolse invloed was vroeger groter, tijdens langdurige perioden met slechte verspreidingsomstandigheden, wanneer de wind uit het noordoosten waaide. Deze meteorologische omstandigheden zijn de afgelopen vijf jaar echter aanzienlijk afgenomen, en daarmee is ook de Poolse bijdrage aan de vervuiling sterk verminderd,’ legt Radim Seibert van het Tsjechische Hydrometeorologische Instituut uit, hoofdauteur van de analyse van de oorzaken van luchtvervuiling in de regio Ostrava.

    ‘We gaan een campagne opzetten met de bedoeling dat mensen donkere rook uit schoorstenen bij ons komen melden’

    Raadslid Aleš Boháč van Starostové pro Ostravu (Burgemeesters voor Ostrava), die namens de stad verantwoordelijk is voor het milieu, wijst erop dat de bijdrage van vervuilende industriële bedrijven, zoals de verbrandingsoven voor gevaarlijk afval in Mariánské Hory of de chemische en cokesfabrieken in Přívoz, ook een grote rol speelt in hun omgeving. De eerdergenoemde meteorologische metingen bewezen dat een deel van Radvanice, waar hij burgemeester van is geweest, het meest te lijden heeft van de vervuiling die bij de smelterij Liberty vandaan komt [de metingen zijn gedaan in 2021].

    Ook in Ostrava en in Krakau onderzochten wetenschappers hoe vervuilde lucht de gezondheid van mensen beïnvloedt. Dit was nog voordat het maatschappelijk middenveld in de Poolse stad stelling nam tegen smog. Tussen oktober 2010 en maart 2011 duurde de smogsituatie in de stad bijvoorbeeld ongeveer dertig dagen, en meer dan vijftig dagen lang gaven meteorologen waarschuwingen uit over de mogelijkheid van smog. 

    Zo keek Radim Šrám, geneticus en moleculair epidemioloog aan het Instituut voor Experimentele Geneeskunde van de Academie van Wetenschappen, met zijn team naar ziektegevallen bij kinderen die het gevolg waren van de vuile lucht. In 2010 verbleven de wetenschappers enkele weken in Ostrava op een moment dat de stad hoge concentraties van het kankerverwekkende benzo(a)pyreen bevatte van ongeveer 15 nanogram per kubieke meter [tegenwoordig is de limiet één nanogram]. Ze ontdekten dat hun DNA hierdoor beschadigd was. 

    Hoe reageerde de stad toen? Het stadhuis dreigde met juridische stappen tegen Šrám en zijn team, eiste excuses en een verklaring dat hij de resultaten van het wetenschappelijk onderzoek had overdreven. De burgemeester van die tijd was Petr Kajnar (ČSSD) en zijn plaatsvervanger voor het milieu Dalibor Madej (ODS). Een van hun argumenten, dat ook in Krakau werd gebruikt, was de angst voor een uitstroom van toeristen. 

    In de Poolse stad slaagden het maatschappelijk middenveld en de politici er echter in om het eens te worden over een oplossing voor het probleem. In Ostrava ligt zo’n radicale ‘bezuiniging’ als een verbod op het verbranden van vaste brandstoffen in woningen nog niet in het verschiet, hoewel gemeenten in heel Tsjechië dit mogelijk al in 2020 gaan doen. 

    Wethouder Boháč wil met verdere actie wachten tot de effecten van het verbod op de oudste ketels bekend zijn. Sinds september geldt in Tsjechië een verbod op ketels van de eerste en tweede emissieklasse. 

    ‘Ik durf te stellen dat 70 procent van de kolen in deze oude ketels wordt verbrand. Dankzij dit verbod komen we van deze oude ketels af en tegelijkertijd “sparen” we de verantwoordelijken die bij eerdere ketelsubsidies ketels op vaste brandstoffen hebben vervangen door ketels met betere emissieklassen,’ zegt hij. Volgens Boháč is de luchtkwaliteit in de stad verbeterd dankzij de vervanging van oude ketels, waarvoor de staat zich sinds 2015 met hulp van Europese subsidies inzet.

    Jan Kozina van milieuorganisatie Clean Sky is ook van mening dat een volledig verbod op vaste brandstoffen in Ostrava minder zinvol zou zijn dan in Krakau, waar de omstandigheden anders zijn en waren. ‘In Polen was het ook gebruikelijk om kolenstof te verbranden, wat toen al verboden was in Tsjechië. Zij liepen daarin achter op ons,’ zegt hij.

    In 2011 gaven ongeveer tweeënhalfduizend huishoudens in Ostrava aan dat ze een ketel op vaste brandstof gebruiken. Eind vorig jaar waren er 1908 van deze ketels vervangen. De overige huishoudens lijken echter niet erg geïnteresseerd. Tussen augustus 2023 en eind februari 2024 hebben meer dan vijftig huishoudens in Ostrava geld voor een nieuwe ketel aangevraagd bij de regio of het Staatsmilieufonds. 

    Dit jaar heeft de stad de toelage voor mensen met een laag inkomen verhoogd van 10.000 naar 20.000 Tsjechische kronen (400 naar 800 euro) en motiveert ze de bewoners met een renteloze lening. De regio keert ook 7500 kronen aan aanvragers uit voor het vervangen van de verwarmingsketel. Dankzij de overheidssubsidie kunnen huishoudens met een laag inkomen bijna het hele bedrag voor een nieuw verwarmingssysteem betalen. Anderen krijgen de helft.

    Volgens Boháč wordt een massale overstap op een nieuw verwarmingssysteem door huishoudens verhinderd door onzekerheid vanuit de staat. Bijvoorbeeld door de vervanging door gasketels eerst te steunen en die steun later in te trekken, of door het eerder genoemde verbod op oude ketels te verzetten van de oorspronkelijke deadline in 2022 naar 2024. 

    ‘Na het verbod op boilers van de eerste en tweede klasse zullen we stevig gaan handhaven, we gaan een campagne opzetten met de bedoeling dat mensen donkere rook uit schoorstenen bij ons komen melden,’ zegt hij. Hij voegt eraan toe dat het stadsbestuur van Ostrava op basis van de voortdurende controles die in het verleden zijn uitgevoerd, van ongeveer honderdvijftig huishoudens weet dat ze deze oudste ketels gebruiken.

    ‘En als blijkt dat er niets is gebeurd en de meeste vervuiling nog steeds afkomstig is van huiselijke verwarming, dan moeten er verdere, drastischere maatregelen worden genomen,’ vervolgt Boháč. Hij wil hiermee wachten tot minstens een jaar na het verbod op de oudste boilers.

  • Geologen ontdekken enorme methaanuitstoot onder Antarctica

    Geologen ontdekken enorme methaanuitstoot onder Antarctica

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Rusland gebruikt oorlogsmusea op scholen om kinderen te indoctrineren

    » Denen ondertekenen satirische petitie om Californië te kopen

    Het methaangas komt mogelijk uit breuklijnen in de zeebodem

    Een team van Spaanse wetenschappers heeft enorme emissies van methaan gedetecteerd in de Antarctische zeebodem. Methaangas kan de planeet ongeveer dertig keer meer opwarmen dan koolstofdioxide. De onderzoekers hebben methaanpluimen in de oceaan waargenomen die tot wel 700 meter lang en 70 meter breed zijn. Deze tot nu toe onbekende emissies zouden een enorme aanjager kunnen zijn voor de klimaatopwarming, schrijft El País.

    De wetenschappers zochten naar lekken aan de randen van het Antarctisch Schiereiland, een van de regio’s op aarde die het zwaarst getroffen zijn door de opwarming van de aarde. In slechts een halve eeuw is de temperatuur daar met meer dan drie graden gestegen. Ze schatten dat er zich in dit gebied ongeveer 24 gigaton koolstof in methaanhydraten bevindt. Dat is evenveel als de totale uitstoot van de mensheid in twee jaar.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Voor de eerste keer is nu ook op Antarctica vastgesteld dat bevroren, vast methaan in gas verandert. De voorlopige onderzoeksresultaten suggereren dat er methaangas uit de ondergrond langs breuklijnen omhoog borrelt, vaak via moddervulkanen van honderden meters hoog die zich onder de zeebodem bevinden.

    De instabiliteit van sedimenten op de zeebodem kan enorme aardverschuivingen op de continentale helling veroorzaken, mogelijk zelfs met tsunami’s tot gevolg. Wanneer methaanhydraten in gas veranderen, nemen ze een 160 keer groter volume in. Als het gas niet snel verdwijnt, kunnen er enorme aardverschuivingen ontstaan

  • Hoe overleven de oudste ecosystemen op aarde

    Hoe overleven de oudste ecosystemen op aarde

    Ecosystemen zijn complexe structuren die bestaan uit planten en en dieren. Sommige ecosystemen op onze aarde bestaan al meer dan miljoenen jaren en zien er nog steeds ongeveer hetzelfde uit, ondanks de vele veranderingen die ze moesten doorstaan. Klimaatjournalist en auteur Ferris Jabr vertelt ons wat we kunnen leren van deze veerkrachtige biotopen.

    Ik was nog geen tien minuten in het Hoh-regenwoud in de staat Washington of ik begreep al waarom het bij velen zo geliefd is. Als een van de grootste gematigde regenwouden ter wereld zag dit oerbos er niet alleen anders uit dan zijn jongere buren, het voelde ook anders. De lucht leek er stil te hangen. Het licht had een chlorofylachtige tint. En ik werd omgeven door de geur van natte aarde en weelderige vegetatie.

    Al snel bevond ik me tussen betoverde bomen en geheimzinnige holtes in alle mogelijke tinten groen en zo rijkelijk bedekt met mos dat ik geen stukje kale bast kon ontdekken. Ik kwam eeuwenoude esdoorns tegen die zich hadden verwrongen tot levende gewelven, en douglassparren die zo breed en hoog waren dat het me moeite kostte om ze goed op de foto te krijgen. In het Hoh-regenwoud valt elk jaar 3,5 tot 4 meter regen en houtkap is er al lange tijd verboden, waardoor er bomen staan die meer dan 60 meter hoog en al eeuwenoud zijn. Sommige delen van het bos ademen zo’n oeratmosfeer dat je je in de Juratijd waant.

    De oudste ecosystemen op aarde

    Als het aankomt op biologische records kijken we meestal naar individuen: de grootste boom in een bos, het oudste organisme op aarde. Na een bezoek aan het Hoh-regenwoud begon ik me echter af te vragen hoe het zit met gemeenschappen: wat zijn de oudste ecosystemen op aarde en wat kunnen we daarvan leren?

    Net als het Hoh-regenwoud bestaan sommige oerbossen al eeuwenlang. Maar het blijkt dat bepaalde ecosystemen en biomen op onze planeet al honderdduizenden tot tientallen miljoenen jaren bestaan en op de een of andere manier hun karakteristieke eigenschappen hebben behouden, ondanks dat ze grote veranderingen hebben ondergaan. 

    Om een parallel te trekken met een beroemd gedachte-experiment: als elk onderdeel van een schip geleidelijk wordt vervangen door een replica die er voldoende op lijkt, behoudt het schip zijn essentiële vorm, ook al is het niet langer identiek aan de vorige versie. Op dezelfde manier zijn de meeste cellen in ons lichaam al vele malen gestorven en vervangen sinds onze geboorte, maar toch blijft onze algemene anatomie herkenbaar. Sommige steden hebben duizenden jaren lang een duidelijke topografie, infrastructuur en cultuur behouden, ook al zijn er steeds nieuwe gebouwen en inwoners bij gekomen. De veranderingen die ecosystemen in de loop van opeenvolgende geologische tijdperken ondergaan zijn nog ingrijpender, maar de principes zijn vergelijkbaar. 

    Wat het voor zo’n groot levend systeem precies betekent om zo oud te zijn, en wat zo’n verbazingwekkend lange levensduur mogelijk maakt, blijven open vragen, deels omdat ze onze opvattingen over wat het is om te leven uitdagen. Vanuit het geologische perspectief van de diepe tijd zou je sommige ecosystemen bijna als organismen kunnen zien: ze schuiven over het aardoppervlak als reusachtige amoeben, breiden zich uit en trekken zich terug als reactie op fluctuaties in het milieu, maar ze blijven bestaan als samenhangende entiteiten.

    Verbonden en verbeten

    Wetenschappers zijn het nog niet eens over een precieze definitie van leven, maar velen formuleren het ongeveer zo: leven is een systeem dat zichzelf actief in stand houdt. De wetten van de thermodynamica schrijven voor dat alles in het universum onvermijdelijk uit elkaar valt en oplost in een homogene brij. Levende systemen gebruiken beschikbare energie om tijdelijk aan deze uitkomst te ontsnappen en hun opzienbarend georganiseerde structuren in stand te houden. Meer nog dan genetica of voortplanting is het dit vermogen tot zelfbehoud dat alle levensvormen – van protist tot prairie – met elkaar gemeen hebben.

    In die zin zijn ecosystemen springlevend. De terugkoppelingen tussen ecosystemen en de organismen daarbinnen en hun wederzijdse evolutie over grote tijdspannen culmineren in een groeiend vermogen om extreem oud te worden, een vermogen dat de mogelijkheden van het individu ver overschrijdt. Hoewel ecosystemen geen organismen zijn, vertonen ze toch groei, veerkracht en zelfregulering. De systemen die het best in staat zijn om te herstellen van grote verstoringen en die erin slagen de processen, relaties en infrastructuur die ze definiëren in stand te houden, zullen zich het langst handhaven. Ecosystemen overleven en evolueren niet door differentiële reproductie, maar door differentiële persistentie.

    ‘Sommige van deze oeroude ecosystemen worden naar de rand van de afgrond geduwd’

    De hardnekkigheid waarmee de langstlevende ecosystemen op aarde voortbestaan duidt op een essentieel kenmerk van leven op elke schaal: onderlinge verbondenheid. Per definitie zijn alle levende wezens systemen die bestaan uit kleinere onderling verbonden onderdelen. Deze systemen zijn op hun beurt onlosmakelijk verbonden met de grotere netwerken die ze omringen. Elke individuele boom is een universum van mineralen, water en cellen waarin uitgestrekte gemeenschappen van microben en schimmels leven. Tegelijkertijd is een boom een vitaal onderdeel van het grotere bos, het landschap en zelfs van de weersystemen waarvan hij afhankelijk is. 

    In het Antropoceen zijn veel van deze fundamentele relaties nu echter aan het wankelen gebracht. Sommige van deze oeroude ecosystemen worden naar de rand van de afgrond geduwd; ze worden zo grondig aangetast dat ze zouden kunnen bezwijken.

    Aan de poorten van het klimaatinferno

    Ondanks de veerkrachtige ecosystemen zijn de vooruitzichten somber, stelt José Luis Lezama in het Mexicaanse politieke tijdschrift Nexos, vooral omdat de huidige klimaatverandering sneller verloopt dan in het verleden. In zijn artikel A las puertas del infierno climático schetst hij een angstaanjagend beeld van een wereld die afstevent op een klimaatinferno. Met de stijging van de zeespiegel, de meer dan 20.000 ton bommen die op Gaza zijn gegooid, de voortdurende winning van olie, en de koolstofemissies van de militaire sector – verantwoordelijk voor 5,5 procent van de wereldwijde uitstoot – is de kritische grens van 1,5 graden opwarming vorig jaar al overschreden. In de huidige maatschappij ziet Lezama twee gescheiden werelden: de ene, geïnformeerd en bezorgd over de klimaatcrisis, maar machteloos om actie te ondernemen, en de andere, bestaande uit de economische elite die profiteert van het huidige economische systeem en met cosmetische ingrepen, zoals klimaatconferenties en greenwashing, de nadelige gevolgen denkt te kunnen afwenden. Ondertussen gaan de niet-geprivilegieerden door toedoen van een maatschappelijk systeem dat hen in armoede houdt een onzeker en uitzichtloos bestaan tegemoet. Hij beschrijft het handelen van de rijkste 1 procent als een ‘compulsieve houding’ die op de lange termijn tot zelfdestructie leidt.

    Verscholen op de bodem van de oceaan

    Een van de oudste ecosystemen van onze planeet is een uitgestrekte weide die momenteel ongeveer zo groot is als Manhattan. Je zult er echter nooit bijen of vlinders zien fladderen en je kunt er ook geen dutje doen in het groen. De weide in kwestie groeit op de zeebodem tussen de Spaanse eilanden Ibiza en Formentera. Net als alle andere weiden bestaat ze voornamelijk uit planten, in dit geval zeegrassen: een groep planten die vroeger op het land voorkwam, bijna 100 miljoen jaar geleden terugkeerde naar de zee en nu groeit in beschutte wateren rond elk continent behalve Antarctica. 

    In 2010 zwommen marien ecoloog Sophie Arnaud-Haond en haar collega’s door een onderwaterweide en verzamelden op tientallen verschillende locaties monsters van Neptunusgras (Posidonia oceanica). Net als alle andere zeegrassen kan Neptunusgras zich vermenigvuldigen door zichzelf te klonen. De wetenschappers troffen verspreid over de weide talloze klonen aan, sommige wel 14,5 kilometer uit elkaar. Gezien de trage jaarlijkse groei van Neptunusgras zouden deze klonen zich gedurende 80.000 à 200.000 jaar over het gebied moeten hebben verspreid om zo’n grote weide te kunnen vormen. Ze denken dat de weide, al naargelang het mondiale klimaat veranderde en de zeespiegel steeg en daalde, herhaaldelijk van plaats veranderde. Nu en dan moeten er grote delen van de weide zijn afgestorven vanwege ongeschikte omstandigheden. Maar bij elke klimatologische omwenteling zullen er voldoende klonen hebben overleefd, zodat hun geslachtslijn tot op de dag van vandaag voortbestaat. 

    Elders in de oceaan zijn er nog grotere en oudere ecosystemen, niet gevormd door één enkele klonale soort, maar door symbiotische kolonies van kleine gelatineachtige dieren, fotosynthetisch plankton en microben. We noemen ze koraalriffen. Het Australische Groot Barrièrerif, dat 344.400 vierkante kilometer beslaat en vanuit de ruimte zichtbaar is, is niet alleen het grootste koraalrif ter wereld, het wordt ook vaak beschouwd als de grootste levende structuur op aarde. Zijn leeftijd is al net zo indrukwekkend; men denkt dat het Groot Barrièrerif zo’n 500.000 tot 600.000 jaar geleden is ontstaan. 

    ‘De veerkracht van een levensgemeenschap die zich kan hergroeperen en herstellen is iets magisch’

    Wetenschappers hebben aangetoond dat koraalriffen in Papoea-Nieuw-Guinea een vergelijkbare levensduur hebben. Tijdens bijzonder stabiele perioden in de loop van de geschiedenis van de aarde zijn er rifsystemen geweest die waarschijnlijk meerdere miljoenen jaren standhielden.

    Om riffen te vormen moeten koralen zich eerst vasthechten aan een rotsachtig oppervlak. Wanneer een rif getroffen wordt door een ramp, zoals een orkaan, kunnen de verkalkte resten van dode koralen de fundering vormen waarop overlevende koralen zich vestigen. ‘Riffen zijn fascinerend,’ zegt Gregory Webb, een paleontoloog die uitgebreid onderzoek heeft gedaan naar de ontwikkeling van riffen in de loop van de geologische tijd. ‘De veerkracht van een levensgemeenschap die zich kan hergroeperen en herstellen, zelfs wanneer ze met ernstige verstoringen wordt geconfronteerd, is iets magisch.’

    In 2018 publiceerden marien geoloog Jody Webster en zijn collega’s een baanbrekend onderzoek waarin ze de afgelopen 30.000 jaar van de evolutie van het Groot Barrièrerif reconstrueerden, een tijdsspanne waarin zich aanzienlijke klimaatschommelingen voordeden. Wanneer de zeespiegel daalde, kwam een groot deel van het rif bloot te liggen, dat vervolgens afstierf. En omgekeerd: wanneer de zeespiegel steeg en de golven aanzwollen, verdronken grote delen van het rif in troebel water. Als reactie hierop migreerde het Groot Barrièrerif herhaaldelijk en geleidelijk zeewaarts of juist landwaarts, waardoor het in de loop der tijd zijn continuïteit waarborgde.

    Eeuwenoud regenwoud

    De oudste nog bestaande ecosystemen bevinden zich echter op het land. Sommige tropische regenwouden bestaan waarschijnlijk al tientallen miljoenen jaren in dezelfde globale regio met dezelfde essentiële kenmerken. Dat heeft deels te maken met de geografie. In sommige opzichten is de tropische zone (rond de evenaar) al lange tijd een van de klimatologisch stabielere delen van de planeet, zelfs in de tijd dat continenten zich binnen en buiten de grenzen ervan bewogen.

    Op basis van gedetailleerde analyses van klimaatgegevens en fossielen plaatsen paleobioloog Carlos Jaramillo en zijn collega’s de oorsprong van het moderne tropische regenwoud – gedefinieerd als een woud waar het altijd warm en vochtig is, waar de diersoorten op verschillende niveaus levens, het bladerdak aaneengesloten is en waar het wemelt van de bloeiende planten, lianen en epifyten – aan het begin van het Cenozoïcum, kort na de inslag van de asteroïde die bijdroeg aan de ondergang van de niet-vliegende dinosauriërs, zo’n 66 miljoen jaar geleden. Ruwweg 60 miljoen jaar geleden, toen de continenten relatief dezelfde configuratie hadden als nu, bezaten de regenwouden in Noord- en Zuid-Amerika dezelfde structurele basiskenmerken als nu en leefden er dezelfde plantenfamilies als die er nu voorkomen. Op basis van dit soort bewijs beweren aardwetenschapper Mark Maslin en zijn collega’s dat het Amazoneregenwoud ‘relatief intact is gebleven’, dat het al ten minste 55 miljoen jaar een ‘blijvend kenmerk van Zuid-Amerika is’.

    Wetenschappers hebben in Australië vergelijkbare ontdekkingen gedaan wat betreft de lange levensduur van regenwouden. ‘Veel plantenfamilies die nu veel voorkomen in de overgebleven regenwouden en die hun basis vormen en zorgen voor het grootste deel van hun soortenrijkdom, hebben al 40 miljoen jaar een stabiele geschiedenis op het Australische continent,’ zegt Darren Crayn, botanicus en directeur van het Australian Tropical Herbarium. Hij en zijn collega’s schrijven in een onderzoek: ‘Het uithoudingsvermogen, de overlevingskansen en de hardnekkigheid van deze regenwoudbewoners vormen een van de grootste biologische en evolutionaire succesverhalen op aarde.’

    Het is moeilijk om te bepalen waar deze amorfe, oeroude entiteiten beginnen of ophouden. Hoe bepalen we precies wanneer een ecosysteem – met al zijn complexiteit en vervangbaarheid – is geboren of gestorven?

    Zelfvoorzienend

    De oudste ecosystemen op aarde verschillen ongetwijfeld van hun vroegere versies. De grenzen, topografie en soortensamenstelling ervan zijn in de loop van de millennia veranderd. Hoewel het fossielenbestand onvolledig is, had het Groot Barrièrerif 400.000 jaar geleden vrijwel zeker een ander biodiversiteitsprofiel, met soorten die nu niet meer bestaan. De Amazone, de rivier die zo bepalend is voor het huidige Amazonewoud, ontstond pas zo’n 11 miljoen jaar geleden. Als we echter honderdduizenden of miljoenen jaren terug in de tijd konden reizen, zouden deze ecosystemen ons niettemin griezelig vertrouwd voorkomen omdat ze hun essentiële kenmerken – de relaties en kaders die ze definiëren – verbazend lange tijd hebben behouden.

    Om zo’n lange levensduur beter te begrijpen, moeten we uitzoeken wat eraan ten grondslag ligt. Zeegrasvelden, koraalriffen en regenwouden hebben een aantal belangrijke eigenschappen gemeen. Ze bevinden zich allemaal in de tropen, waar het klimaat over het algemeen minder wisselvallig is dan op hogere breedtegraden. Ze zijn allemaal ontstaan uit organismen die zelf ook zeer veerkrachtig zijn en zich goed kunnen aanpassen. Tot op zekere hoogte creëren of versterken ze de omstandigheden die ze nodig hebben om te overleven. Door golven af te remmen, sedimenten vast te houden, fotosynthese uit te voeren, water te filteren en van zuurstof te voorzien en koolstof op te slaan maken zowel zeegrasvelden als koraalriffen hun omgeving rustiger, helderder, minder zuur, voedselrijker en over het algemeen leefbaarder. Koralen produceren ook meer van de rotsachtige ondergrond die ze nodig hebben om te groeien.

    Evenzo produceren regenwouden veel van de regen waarvan ze afhankelijk zijn door de watercyclus drastisch te versnellen. Wolkvorming is afhankelijk van twee essentiële ingrediënten: waterdamp en deeltjes waarop die damp kan condenseren. Regenwouden leveren beide door enorme hoeveelheden waterdamp de atmosfeer in te blazen, samen met talloze kleine deeltjes, zoals stuifmeelkorrels, schimmelsporen, microben, fragmenten van insectenschalen en verschillende organische verbindingen. Het resultaat is een zichzelf versterkende feedback loop: hoe meer het regent, hoe harder het bos groeit; hoe harder het bos groeit, hoe meer het regent. Wetenschappers hebben berekend dat het Amazonewoud ongeveer de helft van de regen produceert die elk jaar op zijn bladerdak valt. 

    Het vermogen van ecosystemen om zichzelf te reguleren en in stand te houden – om een zekere mate van zeggenschap te hebben over hun voortbestaan en evolutie – doet denken aan meer op zichzelf staande levende organismen. Al meer dan een eeuw leggen wetenschappers dergelijke verbanden en debatteren erover. 

    In het begin van de twintigste eeuw poneerde de Amerikaanse ecoloog Frederic Clements de stelling dat bossen en andere botanische levensgemeenschappen een reeks afzonderlijke ontwikkelingsfasen doormaken die vergelijkbaar zijn met die van individuele organismen. Eugene Odum, een andere Amerikaanse ecoloog uit de twintigste eeuw, dacht dat ecosystemen, net als organismen, homeostase vertoonden, het vermogen om bepaalde chemische en fysische omstandigheden in stand te houden die essentieel zijn voor hun overleven. Meer recentelijk heeft een groep wetenschappers, waaronder enkele die koraalriffen bestuderen, betoogd dat elk complex meercellig organisme samen met zijn symbiotische microben moet worden beschouwd als een levensgemeenschap, holobiont genoemd, en dat de ware ecologische eenheid van natuurlijke selectie de collectieve genetische informatie van deze levensgemeenschap is, het hologenoom. Met andere woorden, een koraal en zijn symbiotische partners zijn zo van elkaar afhankelijk dat we ze als een samenhangende evoluerende entiteit moeten beschouwen. Hetzelfde zou je kunnen zeggen van het koraalrifecosysteem. Ideeën als deze zijn nog zeer omstreden. 

    Overal waar leven ontstaat, verandert het zijn omgeving ingrijpend

    De extreme levensduur van ecosystemen illustreert het belang van de relaties tussen dergelijke grootschalige systemen en de organismen waaruit ze bestaan. Ecosystemen mogen dan geen individueel genoom hebben en zich niet evolueren volgens de Darwinistische evolutietheorie, toch zijn ze in staat om te groeien, te overleven en te evolueren omdat ze ontegenzeggelijk verweven zijn met de groei, overleving en evolutie van de organismen waaruit ze bestaan.

    Overal waar leven ontstaat, verandert het zijn omgeving ingrijpend. Deze veranderingen beïnvloeden onvermijdelijk elk daaropvolgend evolutionair proces binnen die omgeving. Met voldoende tijd en onder de juiste omstandigheden kan deze co-evolutie er voor zorgen dat het bewuste ecosysteem honderdduizenden tot miljoenen jaren kan voortbestaan.

    Uitbreiding inheems bosgebied

    Terwijl de herintroductie van wolven in Nederland op een drama is uitgelopen, blijkt uit een studie van de Universiteit van Leeds dat het terugbrengen van wolven in de Schootse Hooglanden de populatie edelherten, die jonge bomen opeten, terug zou kunnen brengen tot een niveau waarbij het bos zich op natuurlijke wijze zou kunnen herstellen.

    Wanneer het bos zich weer uitbreidt, zou het per jaar 1 miljoen ton koolstof kunnen opnemen. De populatie wolven zou zich volgens het onderzoek, dat werd gepubliceerd in tijdschrift Ecological Solutions and Evidence, kunnen uitbreiden tot 167 exemplaren, wat neerkomt op een jaarlijkse opname van 6080 ton CO2 per wolf. Daarmee zou de economische waarde per dier op 186.000 euro worden geschat, volgens de huidige koolstofprijs.
    Volgens Dominick Spracklen, die het onderzoek leidde, kunnen de klimaat- en biodiversiteitscrises niet los van elkaar worden aangepakt. ‘We moeten kijken naar de potentiële rol van natuurlijke processen om aangetaste ecosystemen te herstellen.’
    Wolven zijn 250 jaar geleden uitgeroeid in Schotland, voornamelijk door de jacht. Net zoals in Nederland werd de wolf als een bedreiging gezien voor het vee. In 1427 werd zelfs een wet aangenomen die stelde dat er jaarlijkse drie wolvenjachten moesten plaatsvinden. Hierdoor hadden edelherten geen natuurlijke vijanden meer, en hoewel er pogingen zijn gedaan om de populatie onder controle te houden, is deze inmiddels uitgegroeid tot naar schatting 400.000.
    Schotland heeft nog maar 4 procent inheems bos, en is daarmee een van de minst beboste gebieden in Europa. De onderzoekers verwachten de nodige weerstand tegen de voorstellen die voortkomen uit de studie, vooral van hertenliefhebbers, jagers en boeren die zich zorgen maken over hun vee.

    Uitsterven?

    Toch zijn zelfs levende systemen die zo oud en veerkrachtig zijn als regenwouden en riffen niet onaantastbaar of onsterfelijk. De meeste perioden van klimatologische onrust die de ecosystemen op aarde tot nu toe hebben overleefd, verliepen langzaam in vergelijking met het hoge tempo waarop de mens tegenwoordig de lucht, het land en de zee vervuilt en transformeert. Tegen het einde van de eeuw kunnen warmwaterkoraalriffen bijna volledig vernietigd zijn door de opwarming van de aarde, gereduceerd tot enkele refugia hier en daar. En de zichzelf versterkende regencyclus in het Amazonegebied staat op het punt te breken.

    Maar zelfs als je geconfronteerd wordt met deze trieste mogelijke uitkomsten, biedt het een soort troost om naar ecologie te kijken door de lens van de diepe tijd en te zien hoe opmerkelijk standvastig de oudste levensgemeenschappen op aarde zijn. De kracht van de mensheid is buitensporig groot, maar niet oneindig. Het leven is geneigd om zich te handhaven en te herstellen, waarbij het in de loop van duizenden tot miljoenen jaren steeds nieuwe vormen ontdekt.

    Aan het einde van mijn wandeling kwam ik, na langs een met reuzenvarens begroeide rivieroever te zijn geslenterd, bij een bos in een bos. Een van de reuzen van het Hoh-regenwoud was omgevallen, waarschijnlijk tientallen jaren eerder. Zijn kolossale gebarsten lichaam was de basis geworden voor nieuw leven. Dit graf was tegelijkertijd een kwekerij: de rottende stam was begroeid met mos en er waren varens en jonge boompjes in opgeschoten. De geweldige wortelkluit, zeker drie meter hoog, vormde nu een sokkel voor een groepje jonge douglassparren. Door te ontkiemen op de resten van een ouder familielid hadden ze zich hoog boven het schaduwrijke struikgewas verheven. Nu schitterden ze in het gouden zonlicht als de jongste leden van een volhardende levensgemeenschap.

  • Hoe een ecologische ramp in Oekraïne uitgroeide tot een natuurwonder

    Hoe een ecologische ramp in Oekraïne uitgroeide tot een natuurwonder

    Anderhalf jaar geleden, nadat Russische troepen een dam hadden opgeblazen in de bezette regio Cherson, werd verwacht dat het leeggelopen Kachovka-stuwmeer zou veranderen in een dode woestijn, vervuild met gevaarlijke sedimenten. Het is echter een uniek wilgen- en populierenbos geworden, het enige in zijn soort in Europa.

    Op 6 juni 2023 pleegden de Russische strijdkrachten een terroristische aanslag door de dam van de Kachovka-waterkrachtcentrale op te blazen. Als gevolg van de explosie liep het reservoir leeg; de omliggende gebieden raakten overstroomd, waardoor zo’n zestienduizend mensen werden getroffen en ongeveer tachtig steden onder water kwamen te staan. 

    Het water bedekte akkers, woningen, bedrijven en infrastructuur. Volgens de eerste schattingen zou de schade oplopen tot ongeveer 2 miljard dollar. De vernietiging van de dam leidde tot een ecologische ramp. Minstens vier nationale natuurparken, een biosfeerreservaat en gebieden die beschermd worden door de Ramsar- en Bern-verdragen werden getroffen.

    Onmiddellijk na de tragedie deden experts de ergste voorspellingen, bijvoorbeeld dat de bodem van het voormalige Kachovka-stuwmeer in een woestijn zou veranderen. Ze spraken over zandstormen en de verspreiding van gevaarlijke sedimenten die zich in de loop der jaren hadden opgehoopt. Deze voorspellingen zijn vooralsnog niet uitgekomen.

    We spraken met Oekraïense wetenschappers die hebben deelgenomen aan expedities naar het Kachovka-stuwmeer om erachter te komen wat er het afgelopen jaar is gebeurd op de plek van de grootste milieuramp van de eeuw.

    Een ongelofelijke ontdekking

    Drie weken nadat de Russen de waterkrachtcentrale hadden vernietigd, vond de eerste onderzoeksexpeditie naar het stuwmeer plaats, in het ontruimde nationale park Kamianska Sich, gelegen aan de oevers van het voormalige Kachovka-stuwmeer. De reizen werden georganiseerd door Ivan Moisienko en Oleksandr Chodosovtsev, leden van de Ukrainian Nature Conservation Group en professoren aan de staatsuniversiteit van Cherson, en door geobotanicus en ecoloog Jakiv Diduch, verbonden aan de Oekraïense Nationale Academie van Wetenschappen. 

    Bioloog Anna Kuzemko, een van de deelnemende wetenschappers, vertelt ons dat er met elke volgende reis minder zorgen waren over de natuur. ‘Er waren zorgen dat het slib dat zich in de loop der jaren op de bodem van het reservoir had opgehoopt veel verschillende en zelfs gevaarlijke chemicaliën bevatte en dat die zich zouden verspreiden als de bodem opdroogde,’ vertelt Kuzemko. ‘Maar toen we er voor het eerst heen gingen, zagen we dat de grond erg compact was en waarschijnlijk niet zou verstuiven bij opdroging. We waren nog steeds bezorgd dat er invasieve plantensoorten zouden gaan groeien, zoals de valse acacia, de indigostruik en de vederesdoorn. Deze zorgen werden uiteindelijk weggenomen toen we er in oktober 2023 heen gingen en dit jonge wilgenbos aantroffen.’

    In juni 2023 zagen ze alleen nog maar kleine scheuten, vertelt Kuzemko, maar vier maanden later waren er al aaneengesloten wilgenbosjes van tot twee meter hoog. Sommige bomen bereikten een hoogte van meer dan drie meter.

    Zelfs toen konden de sceptische onderzoekers niet geloven wat er in slechts zes maanden zou gebeuren met het voormalige Kachovka-stuwmeer: ‘Ze zeiden dat het wilgenbos de winter niet zou overleven, dat er geen overstromingen in het voorjaar zouden zijn en dat het zou verdorren,’ vertelt Kuzemko. ‘[In de lente] keerden we terug en zagen we het wilgenbos op de linkeroever. We zagen dat het ten opzichte van het jaar ervoor ongeveer 30 procent was gegroeid, en deze wilgen waren in uitstekende conditie, ze groeiden hard en dicht tegen elkaar aan! We zagen ook populierenbosjes bij het nabijgelegen eiland Chortytsia.’

    Nergens anders in Europa

    Op basis van hun veldonderzoek en met behulp van remote sensing en machine learning, oftewel kunstmatige intelligentie, hebben wetenschappers een kaart gemaakt van de biotopen van het Kachovka-stuwmeer. In november 2023 was ongeveer 40 procent van het voormalige reservoir bedekt met wilgen, populieren en andere uiterwaardenvegetatie, en dit bos blijft zich uitbreiden.

    Het jonge wilgen-populierenbos dat het uitgestrekte gebied bedekt, is uniek; nergens anders in Europa zijn vergelijkbare bossen te vinden. Volgens Kuzemko was zo’n uiterwaardenbos typisch voor dit gebied voordat het stuwmeer werd aangelegd.

    ‘Ik denk dat er geen ander wilgen-populierenbos van deze omvang is in Oekraïne en Europa’

    ‘Normaal gesproken kunnen deze uiterwaardenbossen niet groeien waar ze zouden willen; ze ontstaan slechts langs waterlopen omdat het omliggende gebied bevolkt is of als landbouwgrond of voor iets anders gebruikt wordt,’ legt de wetenschapper uit. ‘Zulke grote gebieden zijn echt uniek. Ik denk dat er geen ander wilgen-populierenbos van deze omvang is in Oekraïne en Europa.’

    De groeisnelheid van het bos is fenomenaal. ‘Kun je het je voorstellen? Een wilg die in minder dan een jaar 4,7 meter hoog is geworden!’ zegt professor Moisienko. Zijn collega Diduch zegt dat de wilgen in het Kachovka-stuwmeer twee keer zo snel groeien als elders. Dit kan worden verklaard door de vruchtbaarheid van de steppebodem in het zuiden van Oekraïne en de grote hoeveelheid voedselrijk slib op de bodem van het voormalige stuwmeer.

    Het is van belang dat de beschermingsstatus van het bos snel verbetert naarmate het groeit. Op de plek van de ecologische ramp ontwikkelt zich nu een biotooptype dat door de Conventie van Bern wordt beschermd. ‘De waarde van deze gebieden zal alleen maar toenemen naarmate de biotopen zich blijven vormen. De biodiversiteit zal toenemen en daarmee zal ook de status van dit gebied als onderdeel van het Emerald Network verbeteren,’ zegt Kuzemko. Natuurlijk zal dit alleen gebeuren als niets de vorming van het bos in de weg staat.

    Aanpassingsvermogen

    Het zal niemand ontgaan zijn dat de laatste jaren steeds vaker te zien is dat vogels afval – van plastic zakken tot stukjes touw en ijzerdraad – gebruiken bij het bouwen van hun nesten. Het roept de vraag op of vogels dit doen uit innovatie of dat ze simpelweg gedwongen worden door een gebrek aan natuurlijke materialen. Wetenschapsblad Quebec Science beschrijft hoe bioloog Auke-Florian Hiemstra van het Nederlandse Naturalis gefascineerd raakte door het vermogen van vogels om zich aan te passen aan veranderingen in hun omgeving. Hij onderzocht de complexiteit van dit gedrag en de mogelijke gevaren die hiermee gepaard gaan. Waar vogels eerder volop takken, gras, bladeren, mos, veren en zelfs modder tot hun beschikking hadden, zijn ze in de groeiende verstedelijking van gebieden aangewezen op ons afval.
    Dit verschijnsel is niet beperkt tot Nederland; over de hele wereld zijn voorbeelden te vinden van vogels die zich aanpassen aan de moderne wereld. In Australië werd in 2018 een nest van een ekster ontdekt dat was gebouwd met duivenpinnen, die worden gebruikt om vogels van gebouwen te weren. Een geeloorhoningeter (Meliphaga lewinii) verwerkte plasticdraad als nestmateriaal.
    Mooi dat onze gevederde vrienden zo creatief reageren op hun veranderde omstandigheden, maar het is ook een teken aan de wand: de biodiversiteit en de gezondheid van ecosystemen zijn in gevaar.

    Positieve invloed op het klimaat

    Het uitgestrekte nieuwe bos zal koolstof opslaan en schadelijke stoffen afvangen. ‘Deze wilgen, populieren en andere planten op de bodem van het reservoir hebben al miljoenen tonnen koolstofdioxide geabsorbeerd,’ legt Moisienko uit. ‘Ik weet niet of er een ander ecosysteem ter wereld of in Europa is dat de opwarming van de aarde effectiever bestrijdt.’

    ‘Kijk naar de miljard bomen [het boomplantprogramma van de Oekraïense president Zelensky] die geplant zijn op ongeschikte plaatsen zoals steppe- en zandgrond… Hier, bij het Kachovka-stuwmeer, staan misschien al een miljard bomen. Misschien zelfs meer. En daar zijn geen grote investeringen voor nodig geweest,’ zegt Kuzemko.

    Op een onlinevideo zijn vier sterke mannen te zien die in het jonge Kachovka-bos samen een metershoge jonge wilg uit de grond proberen te trekken. Diduch legt uit dat het boommonster nodig was voor onderzoek naar de rol van wilgen en wilgenbossen, hun invloed op het klimaat, indicatoren voor klimaatverandering, bodemvorming en koolstofverbruik. De analyse van het monster stelt wetenschappers in staat om voorspellingen te doen voor vijf, tien of zelfs vijftig jaar later. Dit soort onderzoeken zijn cruciaal om aan economen, landbouwers, hydrologen en degenen die aanspraak maken op het door het stuwmeer vrijgekomen gebied, uit te leggen waar het om gaat: dat het voormalige stuwmeer nu en in de toekomst in zijn nieuwe natuurlijke staat veel waardevoller zal zijn dan welk infrastructuurproject dan ook.

    Uit het onderzoek van het team is gebleken dat de ecosysteemdiensten van volgroeide bossen, als ze ten minste 30 procent van het reservoiroppervlak uitmaken, zestien keer zo groot zullen zijn als de voordelen van het kunstmatige reservoir. Dankzij deze ecosysteemdiensten krijgen de Oekraïners niet alleen een schoon en verbeterd milieu, een rijkere biodiversiteit, een beter klimaat en zelfs een uniek natuurgebied, maar ook geld.

    De optie ‘onaangeroerd’ zou investeringen kunnen aantrekken

    Oekraïners kunnen aanzienlijke subsidies ontvangen van wereldwijde fondsen als ze de natuur in het reservoir ongemoeid laten. Het herstel van de vegetatie en de natuurlijke rivierbedding van de Dnipro op het grondgebied van het voormalige Kachovka-stuwmeer is in lijn met de Europese Green Deal, waarin de EU-landen het streven uitspreken om rivieren in hun normale, natuurlijke staat terug te brengen. Plannen om het reservoir te herstellen druisen in tegen dit beleid. Het Oekraïense waterkrachtbedrijf Ukrhydroenergo begon een maand na de ramp in Kachovka met de bespreking van de reconstructie. Het nieuwe project zou alle voordelen tenietdoen die de nieuwe gebieden ons zouden kunnen bieden als ze onaangeroerd blijven.

    De optie ‘onaangeroerd’ zou investeringen kunnen aantrekken. Internationale fondsen staan klaar om landeigenaren te betalen. De eigenaren zelf hoeven niets te doen; ze laten het land gewoon met rust en laten de natuur haar gang gaan.

    Een betere oplossing voor het Kachovka-stuwmeer lijkt er niet te bestaan. Voor dit gunstige scenario moet Oekraïne aan een paar voorwaarden voldoen. Ten eerste moet er een einde komen aan de oorlog. Ten tweede moeten mondiale fondsen garanties krijgen dat de nieuwe waterkrachtcentrale waar Ukrhydroenergo van droomt niet op deze locatie zal worden gebouwd.

    ‘Als deze garanties worden gegeven, denk ik dat we de financiering voor natuurherstel kunnen krijgen en die ook vele jaren kunnen blijven ontvangen. Maar aan zowel de eerste als de tweede voorwaarde is lastig te voldoen,’ concludeert Moisienko.

    Ondertussen kunnen we alleen maar de expedities volgen, nieuwe onderzoeksresultaten afwachten en observeren hoe de Grote Weide, die zich in dit gebied bevond vóór het Kachovka-stuwmeer er werd gebouwd, in de nasleep van de ecologische catastrofe weer tot leven komt.

  • Noorwegen: auto-industrie zit dicht tegen zero-emissiedoelstelling aan

    Noorwegen: auto-industrie zit dicht tegen zero-emissiedoelstelling aan

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Georgië: tientallen oppositieleden gearresteerd tijdens demonstraties

    » Soedan: ten minste 65 doden bij aanvallen op twee grote steden

    Het land wil vanaf 2025 alleen nog elektrische auto’s verkopen

    ‘Het is een veelbelovend beeld,’ schrijft het Colombiaanse tijdschrift Semana. In januari werden er in Noorwegen 9343 auto’s verkocht, waaronder 8954 emissievrije auto’s. Dat komt neer op 95,8 procent van alle verkochte auto’s, maakte de Noorse Raad voor Wegverkeersinformatie maandag bekend. Een niveau dat nergens anders ter wereld wordt geëvenaard.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Het Scandinavische land – dat paradoxaal genoeg de grootste exporteur van koolwaterstoffen in West-Europa is – heeft zichzelf ten doel gesteld om vanaf 2025 alleen nog maar nieuwe elektrische auto’s te verkopen, tien jaar eerder dan de Europese Unie. In tegenstelling tot de andere zevenentwintig landen van de EU heeft het Scandinavische land niet gekozen voor een verbod op verbrandingsmotoren, maar voor een stimuleringsbeleid. Nieuwe elektrische auto’s zijn bijvoorbeeld grotendeels vrijgesteld van belasting, terwijl auto’s op fossiele brandstoffen zwaar worden belast.

  • ‘Als klimaatwetenschapper wist ik dat het tijd was om Los Angeles te verlaten’

    ‘Als klimaatwetenschapper wist ik dat het tijd was om Los Angeles te verlaten’

    ‘Ik ben totaal ontredderd door de bosbranden in Los Angeles en overweldigd door woede en verdriet’, schrijft klimaatwetenschapper Peter Kampus. ‘De wijk Altadena bij Pasadena, waar de brand Eaton minstens vijfduizend gebouwen heeft beschadigd of verwoest, was veertien jaar lang mijn thuis.’

    Twee jaar geleden verhuisde ik met mijn gezin omdat ik, toen het klimaat in Californië steeds droger, heter en vuriger werd, bang was dat onze buurt zou afbranden. Maar zelfs ik had niet gedacht dat branden van deze omvang en hevigheid deze buurt en andere grote delen van de stad zo snel zouden verwoesten. Beelden van Altadena laten deze week een hels landschap zien, als een landschap uit Octavia Butlers griezelige voorspellende klimaatroman De zaaier.

    Eén les die klimaatverandering ons telkens weer leert, is dat rampen eerder kunnen gebeuren dan verwacht. Voorspellingen voor klimaateffecten zijn meestal optimistisch. Maar nu gaat de opwarming helaas sneller dan wetenschappers voorzien.

    We moeten onder ogen zien dat niemand ons komt redden, vooral in rampgevoelige plaatsen zoals Los Angeles, waar het risico op catastrofale bosbranden al jaren duidelijk is. En dus staan velen van ons voor een wezenlijke keuze: blijven of vertrekken. Ik heb ervoor gekozen om te vertrekken.

    Warmte-uitputting

    Altadena, dat vaak het ‘best bewaarde geheim van L.A.’ wordt genoemd, is een eigenzinnig gehucht in de heuvels, waar iedereen elkaar leek te kennen. Ik kwam hier in 2008 met mijn gezin om een postdoctorale graad in astrofysica te behalen. Het voelde alsof we in het paradijs waren beland: onbeperkt guacamole van een enorme avocadoboom in onze achtertuin; zwermen groene papegaaien die boven ons krijsten; de perfecte gazons om met mijn kinderen op te liggen, zelfs in januari.

    Ik begon me als afgestudeerd student in 2006 zorgen te maken over klimaatverandering. Mijn zorgen werden groter naarmate de planeet verder opwarmde. In 2012 kon ik niet langer wegkijken en verruilde ik mijn carrière in zwaartekrachtgolven voor klimaatwetenschap en kwam ik te werken bij het Jet Propulsion Laboratory van de NASA. Ik begon ook kippen en bijen te houden (net als veel van mijn buren), deed vrijwilligerswerk bij lokale klimaatgroepen en fietste de stad door om klimaatlezingen te geven.

    Maar de klimaatcrisis verergerde jaar na jaar. Ik wilde van de daken schreeuwen dat mensen de opwarming van de aarde moesten zien als de urgente bedreiging die het is. Ik schreef artikelen en tweets met stevige taal en was medeoprichter van non-profitorganisaties voor een klimaatapp en een klimaatmediagroep.

    Toen, in september 2020, ondervond ik voor het eerst warmte-uitputting tijdens een intense hittegolf. De volgende dag ontvlamde de enorme Bobcat brand, een paar kilometer van onze buurt hoog in de uitlopers van Altadena. In Los Angeles lopen wijken in de buurt van bergen en natuurgebieden een groter risico op bosbranden. We bereidden ons voor op evacuatie, maar in tegenstelling tot de branden die nu woeden, bleef de brand grotendeels beperkt tot het onbewoonde gedeelte. Wel werden mijn gezin en ik wekenlang omhuld door een rookwolk. Mijn longen brandden en mijn vingers tintelden constant.

    Na deze brand voelde Los Angeles niet langer veilig voor ons. Ik vreesde voor de gezondheid van mijn gezin en vroeg me af hoe we zouden kunnen evacueren als de buurt in brand vloog. Toen mijn vrouw in 2022 kreeg een baan aangeboden kreeg in Durham in North Carolina, verhuisden we.

    Ik heb de tragedie van deze week van een afstand gadegeslagen, het verhaal in elkaar gepuzzeld aan de hand van lokale nieuwsberichten en sms’jes en video’s van vrienden, van wie sommigen hun huis zijn kwijtgeraakt, en geprobeerd uit te zoeken wat er is afgebrand en wat niet. De dierenkliniek van onze hond is weg. De kerk waar de strijkconcerten van onze jongens plaatsvonden, is weg. Het rare Bunny Museum waar ik me op de fiets over verbaasde, terwijl ik voor het stoplicht wachtte, de fijne bouwmarkt waar ik wel honderd keer ben geweest, de coffeeshop waar ik vrienden en klimaatactivisten ontmoette; allemaal weg.

    Voor degenen die alles zijn kwijtgeraakt door klimaatrampen is de apocalyps al aangebroken.

    Mijn ex-buurman sms’te me donderdag om te zeggen dat onze kleine doodlopende straat was afgebrand, zijn huis en het onze en alle huizen van onze buren op een na. Het prachtige huis waar we onze kinderen opvoedden was weg, en eindelijk kwamen bij mij de tranen.

    Geen enkele plek is nog echt veilig. Een paar maanden geleden raasde orkaan Helene over het westen van mijn nieuwe staat en de stad Asheville, die velen ooit als een klimaatparadijs beschouwden. Het noordwesten van de Stille Oceaan leek veilig tot de hittegolf van 2021. Hawaï leek veilig tot de dodelijke branden op Maui in 2023.

    Voor degenen die alles zijn kwijtgeraakt door klimaatrampen is de apocalyps al aangebroken. En naarmate de planeet heter wordt, zullen klimaatrampen frequenter en intenser worden. De kosten van deze branden zullen immens zijn en ze zullen de verzekeringssector en de huizenmarkt beïnvloeden.

    Hoe erg het wordt, hangt af van hoe lang we de fossiele-brandstofindustrie nog de baas laten spelen. Olie-, gas- en steenkoolbedrijven weten al een halve eeuw dat ze onomkeerbare klimaatchaos veroorzaken, en hun leidinggevenden, lobbyisten en advocaten kozen ervoor om desinformatie te verspreiden en de overgang naar schonere energie te blokkeren. In 2021, toen ze getuigden voor het Congres, weigerden verschillende CEO’s hun hiermee op te houden of verantwoordelijkheid te nemen. Nog altijd gebruiken ze  hun rijkdom om onze politici te controleren.

    We moeten bruggen bouwen naar mensen aan alle kanten van het politieke spectrum, die langzaam ontwaken nu de klimaatchaos verergert, ondanks de grove leugens van veel Republikeinse leiders.

    Er zal niets veranderen totdat onze woede krachtig genoeg is. Zodra tot je doordringt dat je alles kwijt bent en wie dat verlies veroorzaakt heeft, en er zelfs van profiteert, steekt de woede net als de Santa Ana-winden, in alle hevigheid op.

  • Spanje wil alle kolencentrales sluiten in 2025

    Spanje wil alle kolencentrales sluiten in 2025

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » VK: Elon Musk is van plan om aan partij Nigel Farage doneren

    » Mexico gebruikt een AI-app om zelfdoding te voorkomen

    Steenkoolcentrales zijn niet meer rendabel

    In de energieplannen voor 2025 van de Spaanse regering is de sluiting voorzien van de laatste vier kolencentrales van het land. Dat meldt El País. Hiermee wordt de Spaanse energievoorziening steenkoolvrij, hoewel het niet uitgesloten is dat de een kolencentrale op Mallorca – die in heel 2024 nauwelijks het equivalent van tien dagen heeft gedraaid – ook na 2025 aangesloten blijft op het elektriciteitsnet voor het geval zich een noodsituatie voordoet, totdat de tweede elektriciteitskabel om de Balearen met het vasteland te verbinden klaar is.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    In 2024 leverde steenkool nog maar 1,1 procent van de elektriciteit in Spanje, het laagste percentage sinds het begin van de metingen. Zes jaar geleden, in 2018, was steenkool nog een belangrijk onderdeel van het systeem: het aandeel lag net boven de 14 procent. De snelle afbouw vond plaats vanwege economische redenen – steenkoolcentrales kunnen niet langer concurreren met hernieuwbare energiebronnen – en Europese regelgeving die landen verbood om steenkolencentrales open te houden met subsidie. In 2018 was 38,6 procent van de Spaanse elektriciteitsproductie afkomstig uit hernieuwbare bronnen, in 2024 56,1 procent.

    De sluiting van de laatste kolencentrales stond eerst pas gepland voor 2030, maar de Spaanse regering, die geleid wordt door de sociaaldemocraten, besloot dit in september naar voren te halen naar 2025. Er is wel een kleine slag om de arm: de Spaanse stroomnetautoriteit moet nog beoordelen of volledige ontmanteling van de kolencentrales veilig is.