Onderwerpen: Misdaad

  • Keniaanse politie vindt lichamen van tientallen sekteleden

    Keniaanse politie vindt lichamen van tientallen sekteleden

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Peruaanse oud-president Toledo uitgeleverd aan Peru

    » Diplomaten en buitenlanders geëvacueerd uit Soedan

    De sekteleden zouden zichzelf hebben uitgehongerd

    In het oosten van Kenia heeft de politie dit weekend de lichamen van tientallen mensen gevonden die vermoedelijk lid waren van een sekte. Dat schrijft persbureau AFP. Inmiddels zijn zevenenveertig lichamen gevonden, een aantal dat mogelijk nog oploopt aangezien autoriteiten op meerdere plekken graven en zoeken.

    Volgens de politie zouden er nog levende leden van de sekte verstopt zitten in een nabijgelegen bosgebied. Militairen zijn momenteel naar hen op zoek. Daarnaast is er een arrestatiebevel uitgevaardigd tegen de leider van de sekte, aangezien hij zijn sekteleden zou hebben aangemoedigd te vasten en zichzelf uit te hongeren om met Jezus in contact te komen.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Een mensenrechtenorganisatie die samenwerkt met de autoriteiten zegt dat leden van de sekte zo geïndoctrineerd waren dat ze weigerden te eten nadat de autoriteiten hen meenamen, ook al waren ze er fysiek zeer slecht aan toe. ‘Toen [een van de slachtoffers] hier werd gebracht, weigerde ze eerste hulp en hield haar mond stevig dicht, ze wilde doorgaan met vasten tot ze stierf,’ vertelde een medewerker van de organisatie aan AFP.

    Lees ook:

  • 21-jarige man in VS aangehouden voor lekken staatsgeheimen

    21-jarige man in VS aangehouden voor lekken staatsgeheimen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Noorwegen zet vijftien Russen uit op verdenking van spionage

    » Iran gaat kledingregels strenger handhaven in aanloop naar extreem hete zomer

    De militair lekte documenten over Oekraïne op internetfora

    In de VS is een man aangehouden die wordt verdacht van het lekken van tientallen zeer geheime overheidsdocumenten op het internet, schrijft The Washington Post. Het betreft een eenentwintigjarige man uit Massachusetts, die werkzaam was bij de luchtmacht en toegang had tot geheime informatie. De man kan voor jaren de gevangenis ingaan als hij daadwerkelijk schuldig wordt bevonden.

    De verdachte zou de documenten hebben gelekt in een besloten chatgroep op Discord

    De documenten stonden al enkele maanden online op internetfora, maar begonnen de afgelopen dagen op sociale media te circuleren. Het ging onder meer over documenten over de oorlog in Oekraïne, wapenleveranties door NAVO-lidstaten en militaire kaarten, zoals over de situatie in de Oekraïense stad Bachmoet. Het Oekraïense leger zou na de lekken enkele militaire plannen hebben aangepast.

    De verdachte zou de documenten hebben gelekt in een besloten chatgroep op Discord. Ook zouden ze op een gamingplatform zijn geplaatst. Met welke intentie hij de geheime documenten deelde is niet duidelijk. The Washington Post citeert een vriend, die zegt dat hij het deed om stoer te doen en dat hij geen slechte intenties had.

    Lees ook:

  • Deze militair infiltreerde tijdens de Argentijnse dictatuur in de Dwaze Moeders – nu wil hij gratie

    Deze militair infiltreerde tijdens de Argentijnse dictatuur in de Dwaze Moeders – nu wil hij gratie

    Uitgerekend aan de vooravond van de vijfenveertigste herdenking van de ontvoering van de Dwaze Moeders heeft militair Alfredo Astiz in een brief aan de rechtbank zijn rol in de Argentijnse junta proberen te rechtvaardigen. ‘Ik ben geen crimineel en al helemaal geen genocidepleger.’

    Alfredo Astiz’ verdorvenheid kent geen grenzen. Aan de vooravond van de vijfenveertigste herdenking van de ontvoeringen van de Dwaze Moeders van de Plaza de Mayo en twee Franse nonnen in de Iglesia de la Santa Cruz – ontvoeringen die door zijn infiltratie mogelijk werden gemaakt – heeft Astiz een brief gestuurd naar de federale rechtbank (die kort daarvoor het verzoek van zijn advocaten tot voorwaardelijke invrijheidstelling had afgewezen) om daarin zijn rol in de militaire dictatuur te rechtvaardigen. ‘Ik ben geen crimineel, en al helemaal geen genocidepleger’, stond er in zijn handgeschreven brief, verstuurd vanuit de Ezeiza-gevangenis, waar hij zijn straf uitzit.

    Precies vijfenveertig jaar geleden wandelde Astiz de Iglesia de la Santa Cruz binnen. Daar had zich een groep Dwaze Moeders en familieleden verzameld die geld bij elkaar legden en handtekeningen hadden verzameld om een oproep te plaatsen in de landelijke krant La Nación. Ze wilden de verdwijningen van hun geliefden openlijk veroordelen en eisten antwoorden van Jorge Rafael Videla’s militaire dictatuur. 

    Niemand kon toen vermoeden dat de jonge, blonde, atletische jongeman rapporteerde aan een in de ESMA [de Technische School van de Argentijnse Marine, het grootste foltercentrum tijdens de militaire dictatuur in Argentinië, 1976-1983] opererende eenheid. Voor de Dwaze Moeders was hij Gustavo Niño, een jongeman die op zoek was naar zijn verdwenen broer. Soms kwam Gustavo Niño naar de bijeenkomsten met een eveneens blond meisje van wie hij beweerde dat ze zijn zusje was. In werkelijkheid was ze een van de door de marine ontvoerde Argentijnen en moest ze met hem mee om vertrouwen te wekken. 

    Alfredo Astiz kopie.PNG
    Alfredo Astiz

    Voor de door hem gepleegde misdaden bij de ESMA heeft Astiz twee keer levenslang gekregen. Justitie acht bewezen dat hij medeverantwoordelijk was voor de ontvoering van de twaalf activisten die samenkwamen in de Iglesia de la Santa Cruz en tussen 8 en 10 december 1977 werden gegijzeld. Onder hen bevonden zich de Dwaze Moeders van de Plaza de Mayo Azucena Villaflor (oprichtster van deze burgerbeweging), María Eugenia Ponce de Bianco en Esther Ballestrino de Careaga, alsmede de twee Franse nonnen Alice Domon en Léonie Duquet. De twaalf werden overgebracht naar de ESMA en op 14 december 1977 in zee gegooid tijdens een van de zogeheten ‘dodenvluchten’. 

    Verzoek afgewezen 

    Onlangs vroegen de advocaten van Astiz tijdens de rechtszaak om zijn voorwaardelijke vrijlating. De drie leden van de federale rechtbank – Adriana Palliotti, Fernando Canero en Daniel Obligado – wezen zijn verzoek af, de tweeënzeventig jaar oude ex-marineman zal zijn gevangenisstraf moeten uitzitten. Het vonnis van de rechters wekte de woede van Astiz. Vanuit de Ezeiza-gevangenis schreef hij een brief aan de rechtbank waarin hij zei dat hij had deelgenomen aan de strijd tegen het terrorisme, maar zich niet herkende in de kwalificatie ‘genocidepleger’. 

    ‘Ik wil benadrukken dat ik nooit eerder een verzoek om voorwaardelijke invrijheidstelling heb ingediend. En dat terwijl ik twintig jaar geleden onwettelijk van mijn vrijheid ben beroofd, ik eis slechts invrijheidstelling, niets anders,’ aldus Astiz in zijn brief, alsof hij was ontvoerd en niet een gevangenisstraf uitzat voor de misdaden die hij had gepleegd. 

    ‘Ik zit liever in de gevangenis vanwege mijn strijd tegen het terrorisme dan als een ordinaire boef’

    De ex-marineman richtte zijn pijlen vooral op een van de rechters, Obligado, die uitweidde over de aard van de door Astiz gepleegde misdaden. ‘Ik laat me niet door Obligado op zo’n vernederende manier bejegenen, want ik ben geen crimineel en al helemaal geen genocidepleger’, aldus Astiz, die hiermee blijk gaf van een grenzeloos cynisme.

    ‘Ik zit liever in de gevangenis vanwege mijn strijd tegen het terrorisme dan als een ordinaire boef’, schreef Astiz ter afsluiting. De brief werd op dezelfde dag geschreven dat de federale rechtbank Cristina Fernández de Kirchner veroordeelde tot zes jaar gevangenisstraf. Het was haar regering die de rechtszaken tegen de genocideplegers initieerde. 

    Lange lijst

    Astiz heeft een lange lijst van provocaties op zijn naam staan. In 1998 gaf hij in een interview met Gabriela Cerruti van het tijdschrift Tres Puntos toe dat hij was geïnfiltreerd in de groep Dwaze Moeders van de Plaza de Mayo, al ontkende hij dat hij op de dag van de ontvoeringen in de Iglesia de la Santa Cruz was. In hetzelfde interview zei Astiz: ‘De marine heeft me geleerd hoe ik moet elimineren. Ik kan mijnen en bommen plaatsen, ik weet hoe ik moet infiltreren en een burgerbeweging moet ontmantelen. Ik weet hoe ik moet doden.’ Astiz sloot in 2017 tijdens de rechtszaak die bekendstaat als ESMA Unificada zijn verklaring af met de woorden: ‘Nooit zal ik excuses aanbieden omdat ik mijn land heb verdedigd.’

    GettyImages 1175421316 kopie
    Portretten van de dertigduizend slachtoffers van het Videla-regime (1976-1983) in de ESMA, de Technische School van de Argentijnse Marine, het grootste martelcentrum tijdens de militaire dictatuur in Argentinië. © Claudia Beretta / Archivio Claudia Beretta / Mondadori Portfolio via Getty Images

    ‘Of je gradaties hebt in volkerenmoord weet ik niet, maar Astiz is er het schoolvoorbeeld van,’ zegt Mabel Careaga, dochter van Esther Ballestrino de Careaga, een van de moeders die op 8 december 1977 ontvoerd werden in de Iglesia de la Santa Cruz. ‘Je had het staatsterrorisme en iemand als Astiz, die infiltreerde, het vertrouwen won van de vrouwen die hun zonen en dochters zochten, en hij wist drommels goed wat er ging gebeuren als ze werden ontvoerd. De daaropvolgende jaren heeft hij niet één keer berouw getoond. Integendeel: hij is altijd gaan staan voor wat hij op zijn kerfstok heeft,’ aldus Careaga. 

    ‘Ik weet hoe ik moet infiltreren en een burgerbeweging moet ontmantelen. Ik weet hoe ik moet doden’

    ‘In wezen rechtvaardigt hij voor de zoveelste keer zijn daden. In een tijd waarin ontkenning aan de orde van de dag is brengt hij dit weer te berde. En dat nog wel op deze voor ons zo gevoelige dag, die ons eraan herinnert dat we deze rechtse groeperingen en deze genocideplegers nooit meer mogen laten terugkeren in de samenleving. Het is pervers en provocatief,’ zo zegt Careaga. 

    ‘Wie deel uitmaakte van een systeem van uitroeiing, dood en terreur – inclusief de dodenvluchten – kan alleen maar worden beschouwd als een genocidepleger,’ aldus Ana Bianco, dochter van ‘Mary’ Ponce, een van de andere moeders die vijfenveertig jaar geleden werden ontvoerd. ‘Astiz is een onvervalste genocidepleger, hij hield de Dwaze Moeders in de kerk in de gaten om vast te kunnen stellen welke kopstukken moesten verdwijnen om een ontluikende mensenrechtenbeweging in de kiem te kunnen smoren,’ vult ze aan. ‘De enige plek waar een genocidepleger thuishoort is in de gevangenis, met levenslang.’ 

    Lees ook:

  • Tientallen meisjes vergiftigd op scholen in Iran

    Tientallen meisjes vergiftigd op scholen in Iran

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Tunesië: minstens twintig mensen vermist na een bootongeluk

    » China houdt meerdaagse militaire oefening rondom Taiwan

    Sinds november zijn duizenden schoolmeisjes vergiftigd

    Tientallen Iraanse meisjes zijn dit weekend slachtoffer geworden van vergiftigingen door een nog onbekend gas terwijl ze op school waren, schrijft Iran Primer. Op zeker zeven scholen in het land vonden meldingen van vergiftigingen plaats. Meerdere slachtoffers werden opgenomen in het ziekenhuis met zware symptomen.

    De vergiftiging van schoolmeisjes in Iran, wat meestal gebeurt door middel van een gas dat via ventilatiesystemen op scholen wordt verspreid, is al maanden een probleem in het land. De eerste meldingen kwamen november vorig jaar binnen en sindsdien zouden er tot zevenduizend scholieren op scholen door het hele land slachtoffer zijn geworden. Doden zijn er tot op heden nog niet gevallen.

    Volgens buitenlandse deskundigen zouden bewegingen gelieerd aan het regime achter de aanvallen zitten

    Het Iraanse regime zegt de zaak te onderzoeken, maar tast tot dusver in het duister over wie er achter de vergiftigingen zit. Wel zijn er al honderden verdachten gearresteerd. De Iraanse ayatollah Ali Khamenei zegt dat de verantwoordelijken hard gestraft zullen worden, maar volgens buitenlandse deskundigen zouden bewegingen gelieerd aan het regime achter de aanvallen zitten.

    Lees ook:

  • Costa Rica: moordcijfer stijgt schrikbarend door bendegeweld

    Costa Rica: moordcijfer stijgt schrikbarend door bendegeweld

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Succesvolle Chinese app helpt vrouwen al shoppend op weg naar het perfecte leven

    » VS: werknemers van Starbucks leggen het werk neer

    Costa Rica is zijn vredige reputatie kwijt

    In Costa Rica, dat bekend stond als een vredig land, is het aantal moorden de afgelopen tien jaar schrikbarend gestegen. Het moordcijfer van 2022 is het hoogste in de geschiedenis van het land en ligt maar liefst 66,5 procent hoger dan in 2012. Inmiddels liggen de cijfers voor 2023 alweer 30 procent hoger dan in de eerste drie maanden van 2022, bericht El País.

    Geschillen tussen criminele bendes – meestal vanwege drugshandel – worden niet langer alleen uitgevochten in achterbuurten of in de kustgebieden, waar cocaïne van zuid naar noord wordt getransporteerd, maar overal in het land. Recentelijk waren er zelfs schietpartijen op scholen.

    Costa Rica is de thuisbasis geworden van gewelddadige lokale bendes

    Toename van armoede en ongelijkheid in de afgelopen twee decennia, bezuinigingen op de politie en de groeiende invloed van internationale bendes zijn schuldig aan de verslechterde situatie. Het land is inmiddels niet langer alleen een doorvoerpunt voor de drugshandel, maar het is de thuisbasis geworden van gewelddadige lokale bendes die de steun van Mexicaanse of Colombiaanse kartels niet langer nodig hebben.

    Lees ook:

  • Frankrijk erkent Oekraïense hongersnood in 1932-1933 als genocide

    Frankrijk erkent Oekraïense hongersnood in 1932-1933 als genocide

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Ex-vicepresident Pence moet getuigen tegen Trump

    » Bijna veertig doden bij brand migrantencentrum Mexico

    President Zelensky heeft zijn dank uitgesproken

    Frankrijk heeft de Holodomor, een door de mens veroorzaakte hongersnood in de jaren 1932-1933, erkend als genocide op het Oekraïense volk. Honderdachtenzestig afgevaardigden van de Nationale Vergadering, het Lagerhuis van het Franse parlement, stemden voor de resolutie en twee stemden tegen, bericht The Kyiv Independent.

    De Holodomor vond plaats onder Jozef Stalins bewind in de Sovjet-Unie en kostte naar schatting 3,5 tot 5 miljoen Oekraïners het leven. De Oekraïense regering heeft de internationale gemeenschap opgeroepen de hongersnood als genocide te erkennen.

    President Zelensky van Oekraïne sprak gisteren zijn dank uit richting Frankrijk. Hij noemde de stemming ‘belangrijk’ en voegde eraan toe ’dat Frankrijk een stevige bijdrage levert aan het blootleggen van de vroegere en huidige misdaden van het totalitaire Rusland en op die manier opkomt voor waarheid en gerechtigheid, en de dader op zijn aansprakelijkheid wijst’.

    ‘De Nationale Vergadering heeft duidelijke gemaakt dat dergelijke misdaden nooit zullen worden vergeten’

    Ook de Oekraïense minister van Buitenlandse Zaken Dmytro Koeleba heeft gereageerd: ‘Met deze historische stemming heeft de Nationale Vergadering duidelijk gemaakt dat dergelijke misdaden nooit zullen worden vergeten en nooit mogen worden herhaald.’

    Hiermee sluit Frankrijk zich aan bij IJsland, dat de Holodomor op 23 maart als genocide erkende, en bij België, dat dit op 10 maart deed. Landen als Tsjechië, Duitsland, Roemenië, Ierland en Bulgarije hadden de hongersnood al eerder als genocide erkend. In december 2022 erkende ook het Europees Parlement de Holodomor officieel als genocide en drong het er bij Rusland op aan om officieel spijt te betuigen voor de wreedheden van het Sovjetregime.

    Lees ook:

  • VK: vrouw tot 8,5 jaar cel veroordeeld wegens misleiden justitie

    VK: vrouw tot 8,5 jaar cel veroordeeld wegens misleiden justitie

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » VS houden adem in: wordt Trump opgepakt?

    » Brits parlement stemt in met nieuwe brexit-deal over Noord-Ierland

    Ze zou verkracht zijn, maar daar bleek niets van waar

    In het Verenigd Koninkrijk is een vrouw van tweeëntwintig jaar tot achtenhalf jaar cel veroordeeld wegens ‘het verstoren van de rechtsgang’, schrijft El Mundo. Een zekere Eleanor Williams had op sociale media foto’s geplaatst waarop ze te zien is met een paars en opgezwollen rechteroog en meerdere sneeën op haar gezicht, benen en onderbuik. De foto’s moesten dienen als bewijs dat drie Aziatische mannen haar verkracht hadden en haar meerdere messteken hadden toegebracht.

    Nu is gebleken dat het hele verhaal gelogen is. De vrouw had in werkelijkheid een hamer gekocht bij de supermarkt Tesco en zichzelf daarmee verwond. Ze zou de drie Aziaten ooit op een feestje ontmoet hebben, maar van een verkrachting wisten zij niets af. De zaak veroorzaakte grote opschudding in het Verenigd Koninkrijk. Slachtoffers van seksueel misbruik zijn bang dat door deze zaak de toch al kwetsbare positie van Britse vrouwen nog fragieler zal worden.

    Williams zou lijden aan een posttraumatische stressstoornis

    Een psychiater wees er in de rechtszaak op dat Williams lijdt aan een posttraumatische stressstoornis door een gebeurtenis uit haar kindertijd. Volgens een vriendin zou Williams het verhaal verzonnen hebben om de aandacht af te leiden van de schulden die ze open heeft staan als gevolg van haar cocaïne- en marihuanaverslaving. Volgens haar moeder zou ze al vanaf haar twaalfde het slachtoffer zijn van een netwerk mensenhandelaars, maar bewijzen voor deze bewering ontbreken.

    Wat het motief van Williams ook was, de gevolgen voor de drie verdachten waren zeer ernstig: ze hebben een tijdlang onterecht in de gevangenis gezeten en zelfs zelfmoordpogingen ondernomen. In haar woonplaats ontketende Williams een golf haatmisdrijven tegen Aziaten. Ze bekende geen schuld, maar erkende wel dat ze anderen kwaad had aangedaan.  

    Lees ook:

  • Sarah werd naar eigen zeggen verkracht door vredeshandhavers. De VN bood haar 50 dollar

    Sarah werd naar eigen zeggen verkracht door vredeshandhavers. De VN bood haar 50 dollar

    Sarah was zeventien toen een VN-soldaat haar verkrachtte in Oost-Congo. Meer dan tien jaar later wacht ze vergeefs op gerechtigheid van de organisatie die haar had moeten beschermen. De vrouwen in de Democratische Republiek Congo die melding maken van seksueel misbruik of uitbuiting, worden soms weggezet als ‘opportunisten’ en ‘profiteurs’.

    Sarah was zeventien toen ze voor het eerst werd benaderd door Gabriel. Ze was onderweg om water te halen aan de rand van haar dorp in het oosten van de Democratische Republiek Congo en herkende hem als de man die klusjes deed voor de vredesmacht van de Verenigde Naties die in het gebied gelegerd was. Gabriel vertelde haar dat een van de vredeshandhavers een vrouw zocht en haar wilde ontmoeten. Sarah, een goedlachs, mollig meisje met vlechten tot op de schouders, was geïntrigeerd. Eerder was ze van school gegaan omdat haar ouders het schoolgeld niet konden betalen en ze zag dit als een kans om haar leven te veranderen.

    De volgende dag trok ze haar mooiste jurk aan en ze ontmoette Gabriel in een houten hut waar een oude vrouw illegaal gestookte alcohol per glas verkocht. Nerveus wachtte ze in een kleine kamer achter de bar en ze werd nog nerveuzer toen Gabriel arriveerde, vergezeld van een jonge soldaat in uniform. Ze herinnert zich dat hij werd voorgesteld als ‘J’ uit Zuid-Afrika.

    Gabriel liet Sarah en J alleen. Aanvankelijk communiceerde Sarah, die Swahili spreekt, door verlegen te lachen en handgebaren te maken. J gaf haar een pak koekjes en bijna 100 dollar – veel geld, als je bedenkt dat de meeste mensen in Congo moeten overleven van nog geen 2,50 dollar per dag. Vervolgens probeerde hij Sarahs borsten aan te raken. Ze schreeuwde van schrik, waardoor hij terugdeinsde en Gabriel de kamer binnenstormde.

    ‘Hij was heel zwaar en ik was dronken. Ik kon me niet bewegen’

    Geschrokken keerde Sarah huiswaarts. Maar ze was toch ook blij met het geld en mogelijk zelfs een huwelijk met een buitenlandse soldaat. Ze zou J een paar dagen later weer zien in dezelfde bar. Maar die keer was het alleen Gabriel die verscheen. Hij had een fles bij zich en vertelde Sarah dat het vruchtensap was. Toen J later die ochtend arriveerde, was ze in slaap gevallen. De drank bevatte alcohol en Sarah was nog nooit dronken geweest.

    Toen ze bijkwam, lag J boven op haar. ‘Hij was heel zwaar en ik was dronken. Ik kon me niet bewegen. Toen hij klaar was, had ik pijn en er was veel bloed.’ Ze zegt dat hij geen condoom gebruikte.

    Zwak, verward en nog steeds onder invloed kostte het Sarah moeite om op te staan. Dat baarde J zorgen. Hij gaf haar koekjes en melk, en bleef de rest van de dag bij haar. Toen ze enigszins was bijgekomen, ging ze alleen naar huis. Sarah zag Gabriel twee dagen later; ze begon tegen hem te schreeuwen omdat hij haar had bedrogen. Gabriel excuseerde zich voor het verzwijgen van J’s bedoelingen, maar volgens Sarah raadde hij haar ook aan om met de soldaat te blijven afspreken. In de optiek van Gabriel was zij nu toch al ‘onteerd’ doordat ze haar maagdelijkheid had verloren, en hij meende dat het haar financieel ten goede zou komen als ze een relatie met J zou hebben.

    Vertrokken

    In de maanden erna ontmoette Sarah J nog vier keer en hadden ze seks. Telkens gaf hij haar snoep en geld, waarmee ze eten voor haar ouders en nieuwe kleren voor zichzelf kocht. (VN-vredeshandhavers mogen geen seks hebben met iemand onder de achttien jaar. Het Congolese wetboek van strafrecht verbiedt bovendien betaalde seks met iemand onder de achttien.) Ze probeerde te vergeten hoe haar relatie met J was begonnen en begon te fantaseren dat hij haar man was; ze hoopte dat hij met haar zou trouwen en haar zou meenemen naar zijn vaderland.

    Toen werd ze meerdere keren niet ongesteld. Ze besefte dat ze zwanger moest zijn en vroeg Gabriel om contact op te nemen met J, van wie ze niet eens het telefoonnummer had. De volgende dag, herinnert Sarah zich, vertelde Gabriel haar dat J opgetogen was over het nieuws en dat hij een huis voor hen wilde kopen in Goma, een stad met twee miljoen inwoners op zo’n 80 kilometer van haar dorp.

    Sarah ging regelmatig naar Goma. Omdat ze bang was dat de mensen in het dorp haar zwangerschap zouden opmerken, besloot ze bij haar oudere zus in die stad te logeren in afwachting van nieuws van Gabriel of J. Maar er gingen drie maanden voorbij zonder dat ze iets hoorde. Ze zegt dat ze terugkeerde naar haar dorp om de mannen te zoeken, maar van een taxichauffeur hoorde dat Gabriel plotseling was vertrokken. Sarah vertelt dat de chauffeur haar een foto gaf die hij met Gabriel en J had gemaakt. Ze hoopte dat ze daarmee de vader van haar kind kon opsporen.

    Ze kon zichzelf al amper voeden, waardoor het een opgave was om genoeg moedermelk voor de baby te produceren

    In de zomer van 2012 werd Sarahs dochter Christine geboren in Goma. Hoewel Sarah dol was op haar kind, had ze moeite om voor haar te zorgen: ze kon zichzelf al amper voeden, waardoor het een opgave was om genoeg moedermelk voor de baby te produceren.

    Sarah hoopte nog steeds dat J met haar zou trouwen en dus ging ze een jaar na de geboorte van Christine weer naar hem op zoek. Ze keerde terug naar haar dorp, maar zag dat de basis van J was gesloten. Toen ging ze naar Minova, een stad op bijna 50 kilometer van Goma, om hem te zoeken in een andere kazerne van de VN-vredesmacht. Ze had nog steeds de foto van J die de taxichauffeur haar had gegeven. Met de hulp van een jongeman die beltegoeden verkocht (en zowel Engels als Swahili sprak) kon ze buiten de basis aan een witte soldaat duidelijk maken wie ze zocht. De soldaat zei dat hij haar zou helpen, hield de foto van J bij zich en zei dat ze de volgende dag terug moest komen.

    Het werd al laat en Sarah kon geen vervoer meer vinden om terug te keren naar het centrum. De jongeman die als tolk had gefungeerd, vertelde haar dat ze wel in een houten hut met een eenpersoonsbed kon slapen. Ze viel in slaap, maar werd midden in de nacht gewekt door getik tegen het raam. Vermoeid trok ze het gordijn opzij en zag de soldaat van eerder die dag. Hij zwaaide met J’s foto. Ze deed de zaklantaarn op haar telefoon aan en deed de deur open, in de hoop dat hij misschien nieuws had.

    Stil

    De soldaat liep de hut binnen, pakte Sarahs telefoon af en deed het licht uit. ‘Hij zei niets, maar begon zijn kleren uit te trekken,’ vertelt Sarah. ‘Toen hij probeerde mijn kleren uit te trekken begon een hevig gevecht.’ En toen, zegt ze, verkrachtte hij haar.

    De rest van de nacht lag ze huilend wakker, wachtend tot het buiten licht genoeg was om terug te keren naar het huis van haar zus. Toen ze daar aankwam, verscheurde ze J’s foto; ze had besloten om niet langer naar hem of welke andere vredesbewaker dan ook op zoek te gaan.

    Sarah schaamde zich voor wat haar was overkomen en hield het stil. Maar in de weken erna werd ze weer niet ongesteld. ‘En het was al een lijdensweg om voor mijn dochter te zorgen,’ zegt ze. ‘Ik wilde niet meer op deze wereld zijn.’

    Twee keer probeerde ze haar zwangerschap af te breken: eerst met pillen, daarna met een drankje van citroen en bleekmiddel. Ze lag vervolgens drie dagen op bed, maar de poging slaagde niet. In 2014 beviel ze van een tweeling, Denise en Olive. De buren van haar zus begonnen te roddelen; voor hen betekende de geboorte van Christine en de tweelingzusjes, die allemaal een lichte huidskleur hadden, dat Sarah een sekswerker was die het met buitenlanders deed.

    De op twee na duurste vredesmissie ter wereld

    De VN-vredesmacht arriveerde voor het eerst in Congo in 1999, een jaar nadat de Tweede Congolese Burgeroorlog was uitgebroken. Het conflict trok milities aan uit diverse Afrikaanse landen, waarvan sommige erop uit waren om de lucratieve voorraden diamant, goud en coltan (dat tantalum bevat, een metaal dat wordt gebruikt voor elektronica) van het land te plunderen. Niemand weet precies hoeveel mensen er zijn omgekomen tijdens die oorlog, die officieel eindigde in 2003, en in de nasleep ervan. (Schattingen lopen uiteen van minder dan een miljoen tot meer dan vijf miljoen.)

    In sommige delen van het land zijn nog steeds rebellengroepen actief die dorpen aanvallen, burgers vermoorden of ontvoeren en huizen plunderen. Alleen al in 2022 hebben milities in Oost-Congo meer dan tweeduizend mensen gedood. Sommige waarnemers vrezen dat een militie met de naam M23 dit jaar Goma zou kunnen veroveren. Deze rebellengroep heeft op weg naar die stad al zeven miljoen mensen op de vlucht gejaagd.

    De VN-vredesmissie in Congo (ook wel bekend als MONUSCO) moet dergelijke milities ontmantelen en zorgen voor stabiliteit in het land. Voor de missie met veertienduizend soldaten uit VN-lidstaten is er jaarlijks een budget van ruim 1 miljard dollar beschikbaar. Daarmee is het de op twee na duurste vredesmissie ter wereld. De Veiligheidsraad heeft overwogen om MONUSCO op te heffen, omdat duidelijk is dat het zijn mandaat niet heeft vervuld. Zowel het budget als het aantal soldaten dat aan de missie meedoet is inmiddels verminderd.

    Vanwege de enorme machtsongelijkheid mogen vredeshandhavers niet betalen voor seks

    In de loop der jaren is MONUSCO berucht geworden vanwege incidenten zoals met Sarah, waarbij soldaten het hadden voorzien op de mensen die zij juist moesten beschermen. Van 2015 tot 2022 zijn er 184 beschuldigingen van seksueel wangedrag ingediend tegen MONUSCO-soldaten; in 55 gevallen gaat het om seksueel misbruik (waaronder verkrachting en aanranding) en in 129 gevallen om seksuele uitbuiting (waaronder seks tegen betaling en misbruik). Waarschijnlijk zijn er nog veel meer gevallen van wangedrag die niet zijn gemeld.

    Op papier eist de VN dat de troepen zich aan strikte regels houden. Vanwege de enorme machtsongelijkheid tussen soldaten en burgers in conflictgebieden mogen vredeshandhavers (of blauwhelmen, zoals ze ook wel worden genoemd) niet betalen voor seks, noch met geld, noch met goederen. Dergelijke relaties worden beschouwd als uitbuiting.

    De regels worden echter vaak overtreden, en vooral MONUSCO lijkt een ernstig probleem te hebben. Volgens de eigen gegevens van de VN is deze organisatie momenteel goed voor ongeveer een vijfde van alle vredestroepen ter wereld, maar is bijna een derde van het totale aantal beschuldigingen van seksueel wangedrag tegen haar gericht. (Toen we om commentaar op deze statistieken vroegen, zei een woordvoerder van de VN-vredesmacht vanuit het hoofdkwartier in New York dat de meeste beschuldigingen van seksueel wangedrag tegen MONUSCO betrekking hebben op seks tegen betaling, wat in Congo veel voorkomt vanwege de extreme armoede en de slechte veiligheidssituatie in het land.)

    Instructies

    De bases van MONUSCO hangen vol met posters waarop staat dat de troepen niet mogen betalen voor seks en dat slapen met minderjarige meisjes verboden is. Soldaten krijgen bij aankomst bovendien een geplastificeerde kaart met deze instructies. Om seksueel wangedrag systematischer aan te pakken richtte de VN in 2005 binnen verschillende vredesoperaties op, waaronder MONUSCO, Gedrag en Discipline-units. Deze regionale kantoren fungeren als eerste aanspreekpunt voor lokale bewoners die klachten hebben over vredeshandhavers.

    Maar het personeel van deze units kan zelf geen onderzoek doen naar vermeende misdrijven; dat is de taak van het controleorgaan van de VN, het Office of Internal Oversight Services (OIOS). En ook het OIOS kan niet zomaar zelf een onderzoek beginnen: eerst moet het thuisland van een vredeshandhaver besluiten om een klacht tegen hem in te dienen. Pas daarna kan het OIOS dat land helpen bij het onderzoek, of het onderzoek namens het land uitvoeren.

    De VN heeft zelf weinig mogelijkheden om vredeshandhavers te straffen voor wangedrag: de organisatie heeft geen bevoegdheid om vervolging in te stellen. Als het OIOS een claim geloofwaardig acht, is het enige wat de VN kan doen de soldaat naar huis sturen. Verdere juridische stappen, mochten die noodzakelijk zijn, moeten door de eigen regering van de soldaat worden ondernomen. Landen die troepen leveren doen dat echter zelden; de slachtoffers zijn niet hun eigen burgers, waardoor de druk om er echt wat aan te doen ontbreekt.

    Telkens als er een blauwhelm langsliep, kwamen er pijnlijke herinneringen boven

    Om die redenen is het onwaarschijnlijk dat VN-soldaten die burgers seksueel misbruiken of uitbuiten te maken krijgen met ernstige repercussies. Van 2015 tot 2022 werden slechts 28 MONUSCO-soldaten in hun thuisland gestraft (met degradatie, gevangenisstraf of geldstraffen). 71 zaken werden uiteindelijk geregistreerd als ‘UN pending’; dat betekent dat de soldaten nog niet zijn ontslagen of gerepatrieerd, ook al zijn de beschuldigingen tegen hen gegrond verklaard. Sommige van deze ‘hangende’ zaken bij MONUSCO zijn al meer dan zeven jaar oud, en het lijkt onwaarschijnlijk dat er ooit een straf zal worden opgelegd. In totaal hebben slechts elf zaken binnen MONUSCO geleid tot een gevangenisstraf.

    Ik ontmoette Sarah voor het eerst in 2020 via Umoja Wa Congo (Swahili voor ‘Samen in Congo’), een steungroep voor vrouwen met kinderen die verwekt zijn door vredeshandhavers. Op dat moment had Sarah al enkele jaren een kapsalon in Goma. Maar door de pandemie gingen de zaken slecht: Christine, toen acht jaar oud, en Denise en Olive, toen zes, moesten van school en het gezin kon nauwelijks de huur betalen of zich zelfs maar één maaltijd per dag veroorloven. Sarah was ook steeds vaker ongerust als ze vredestroepen in de stad zag; telkens als er een blauwhelm langsliep, kwamen er pijnlijke herinneringen boven.

    In 2021 benaderde Sarah de MONUSCO-unit voor Gedrag en Discipline in Goma; ze had gehoord dat die vrouwen hielp die seksueel waren uitgebuit of misbruikt door vredeshandhavers. In dergelijke gevallen is het officieel beleid van de VN om onmiddellijk medische en psychologische zorg, juridische ondersteuning en materiële bijstand te verlenen, ongeacht of er een onderzoek loopt. Soms doet de VN uit de bescheiden middelen van een missie ook een kleine betaling aan slachtoffers, om in dringende behoeften te voorzien of hen in staat te stellen om deel te nemen aan een onderzoek.

    Vaderschapsclaims

    Vermeende kinderen van vredeshandhavers hebben ook recht op deze basissteun. In sommige gevallen dekt een VN-fonds voor slachtoffers van seksuele uitbuiting en misbruik, bedoeld om hulp- en beroepsprogramma’s van de gemeenschap te financieren, de kosten voor onderwijs en schoolmaaltijden. Maar uiteindelijk zal elke substantiële vorm van steun aan kinderen moeten komen van de vader van een kind, of van de regering. De VN kan helpen bij vaderschapsclaims, bijvoorbeeld bij het verkrijgen van DNA om vaderschap te bewijzen, maar kan geen regelmatige toelagen verstrekken aan een vrouw of haar kinderen.

    Veel vrouwen met klachten weten niet precies wat de VN hun formeel wel en niet kan bieden. Bovendien vertelden sommige slachtoffers die ik sprak dat het personeel van Gedrag en Discipline, dat zelf de bevoegdheid heeft om hulp toe te wijzen, niet altijd even meegaand is.

    In juni 2021 werd Sarah uitgenodigd op het hoofdkwartier van MONUSCO voor een formeel gesprek met Gedrag en Discipline. Ze hoopte dat de ambtenaren haar wat geld zouden geven om rond te komen – ze wilde vooral graag het schoolgeld van haar dochters kunnen voldoen – en haar misschien konden helpen de vaders van haar kinderen te vinden.

    Over wat er daarna gebeurde lopen de verhalen van Sarah en de VN uiteen. Volgens Sarah stelde een man bij de receptie zich aan haar voor en vroeg haar niemand te vertellen waarom ze daar was. Vervolgens bracht hij haar naar een noodgebouw, waarna hij weer wegging. Toen ze twee witte soldaten langs het raam zag lopen, werd ze misselijk. ‘Alles begon te draaien toen ik die vredeshandhavers zag,’ vertelt ze. De herinneringen aan wat er gebeurd was kwamen terug.

    Hij zei dat ze naar de gevangenis zou worden gestuurd als ze zou liegen

    Na bijna een uur verscheen er een jonge Congolese man om met Sarah te praten. Ze zaten tegenover elkaar aan een bureau. Sarah herinnert zich dat hij haar vroeg of ze hem de waarheid ging vertellen. En dat hij zei dat ze naar de gevangenis zou worden gestuurd als ze zou liegen. Sarah was doodsbang. Toen ze vertelde wat er met haar was gebeurd – haar eerste, pijnlijke ontmoeting met J, de daaropvolgende relatie, en haar verkrachting door de tweede vredesbewaker – barstte ze in huilen uit. Volgens haar zei de interviewer tegen haar dat de missie niet zou spreken met huilende vrouwen. Halverwege het gesprek voegde de man van de receptie zich bij hen in het noodgebouw en ging achter zijn computer zitten, half luisterend naar Sarahs verhaal en met een schuin oog op het scherm.

    Toen Sarah klaar was met praten, vertelden de twee mannen haar dat ze hun de naam en rang van haar verkrachters moest geven om hulp van de missie te kunnen krijgen. Volgens hen was het VN-beleid om eerst een vaderschapstest af te nemen, voordat ze haar geld konden geven.

    Maar het achterhalen van de namen van de soldaten was een onoverkomelijk obstakel voor Sarah. Ze wist niet hoe de tweede soldaat heette en kende J’s achternaam niet. En, zo vertelde ze, ze zou de tweede soldaat niet eens kunnen herkennen, want zijn gezicht was destijds in duisternis gehuld.

    Vrees

    De twee ondervragers raadden Sarah aan om terug te gaan naar Minova, de stad waar ze door de tweede soldaat was verkracht; mogelijk kon ze daar iemand vinden die hem misschien had gekend. Ook raadden ze haar aan om met Gabriel te praten. Dat was onmogelijk – Sarah had geen idee waar Gabriel zich bevond en geen geld om haar eigen onderzoek te beginnen –, maar, zegt ze, ‘ik stemde met alles in om daar maar weg te kunnen’.

    Geschokt door alles wat haar was gevraagd kon ze die nacht niet slapen. De ondervragers hadden een foto van haar identiteitskaart en haar adres, en ze vreesde dat ze achter haar aan zouden komen. Ze besloot de zaak helemaal te laten vallen. ‘Ik dacht dat ze me zouden helpen,’ vertelt ze later. ‘Ik was diep teleurgesteld.’

    Yewande Odia, hoofd van MONUSCO’s Gedrag en Discipline-units en manager van de mannen die Sarah ondervroegen, betwist haar versie van het gesprek. Volgens haar is de bewering van Sarah dat de hoofdondervrager ‘onsympathiek was, dat hij haar vertelde dat ze naar de gevangenis zou gaan en geen hulp zou krijgen als ze geen andere informatie gaf’ apert onjuist. Odia zegt dat sommige vrouwen na hun aangifte een beroepsopleiding krijgen aangeboden, waaronder naai- en kooklessen, maar Sarah houdt vol dat haar tijdens het interview geen enkele vorm van hulp is aangeboden. De VN-woordvoerder voor vredeshandhaving in New York stelt dat de aanpak die Sarah beschrijft niet in overeenstemming is met het beleid van de organisatie en benadrukt dat slachtoffers ‘centraal staan in onze zorgen en onze respons’.

    MONUSCO-kind

    Het officiële beleid van de VN ten aanzien van vrouwen die zich melden met beschuldigingen van seksueel wangedrag klinkt ruimhartig. Deze vrouwen hebben recht op directe ondersteuning, zelfs als ze geen bewijs hebben van het incident of als ze de identiteit van de dader niet kennen. Wie de dader kan identificeren en kinderen heeft gebaard, kan uiteindelijk in aanmerking komen voor extra steun.

    In de praktijk lijkt de houding tegenover de klagers echter van bureau tot bureau te verschillen. Christine Besong, een hoge functionaris voor de rechten van slachtoffers, die op een ander kantoor in Congo werkte, zegt: ‘Als je me komt vertellen dat dit een MONUSCO-kind is, zal ik je onmiddellijk bijstand verlenen. En ook als de soldaat niet kan worden geïdentificeerd, bieden we toch hulp.’ In verschillende interviews sprak Odia nadrukkelijk over vrouwen die seks tegen vergoeding hebben gehad en die om hulp vragen zonder bewijsmateriaal te hebben. ‘De VN beschouwt seks zonder instemming als verkrachting’, schreef ze in een e-mail. Bij Sarah lijkt het erop dat ‘één geval een relatie met instemming betrof’ (verwijzend naar J) en het andere ‘mogelijk zonder instemming was. Maar alleen een onderzoek kan dat duidelijk maken.’

    Later die zomer kreeg Sarah verschillende telefoontjes van de VN-missie in Goma. Aanvankelijk was ze te bang om op te nemen. Toen ze dat uiteindelijk toch deed, kreeg ze een ander lid van de Gedrag en Discipline-unit aan de lijn. Hij vroeg of ze haar zaak persoonlijk wilde komen bespreken.

    Sarah dacht dat ze elke maand 50 dollar zou krijgen als schoolgeld voor haar kinderen

    Toen ze een afspraak hadden gemaakt, luisterde de man met medeleven naar haar verhaal en vertelde hij Sarah herhaaldelijk hoezeer het hem speet. Hij gaf haar 50 dollar – genoeg voor een paar weken eten – plus wat schriften en schooltassen voor de meisjes en een lap kleurrijke stof die bekendstaat als pagne en die als deken of rok kan worden gebruikt. Toen ze vervolgens langs het noodgebouw liepen waar haar twee eerdere ondervragers werkten, stak de man zijn hoofd naar binnen en vroeg hun hoe het mogelijk was dat ze het verhaal van Sarah hadden aangehoord, maar niets hadden gedaan om te helpen. Sarah zegt dat de man die haar de eerste keer had bedreigd, tegen haar zei dat ze ‘geluk’ had dat ze dit keer geld had gekregen.

    Sarah besefte niet dat de betaling eenmalig was, ze dacht dat ze elke maand 50 dollar zou krijgen als schoolgeld voor haar kinderen. Toen ze vier weken later naar de missie terugkeerde, ‘vertelden ze me dat ze niets meer voor me konden doen’, zegt ze.

    Sarah is niet de enige vrouw die het moeilijk vond om een klacht in te dienen bij de Gedrag en Discipline-unit van Goma. Ik sprak met een andere steungroep voor vrouwen met kinderen van vredeshandhavers, in Mubambiro, een stad bij Goma waar een VN-basis is gevestigd. Alle vijftien vrouwen zeiden dat zij het bureau om hulp hadden gevraagd. Drie vertelden dat ze erin waren geslaagd een eenmalige betaling te krijgen; de anderen zeiden geen hulp te hebben gekregen. ‘Elke keer zeggen ze hetzelfde,’ zegt de moeder van een tweejarig jongetje dat volgens haar door een Zuid-Afrikaanse soldaat werd verwekt. Ze vertelt dat ze de afgelopen twee jaar zestien keer naar het bureau is geweest, maar dat het niets heeft opgeleverd. Volgens haar ‘zeggen ze dat de vaders er niet meer zijn en dat we ze niet moeten lastigvallen. Ze zeggen dat wij opportunisten en profiteurs zijn, die uit zijn op geld.’

    Krap bij kas

    Nadat we de VN hadden benaderd om een reactie op Sarahs zaak, belden medewerkers van de Gedrag en Discipline-unit van Goma haar meer dan twintig keer op. Sarah zegt dat ze haar aanspoorden om naar het kantoor te komen zodat ze haar konden helpen, maar ook dat een ambtenaar haar vertelde dat ze niet meer met journalisten over haar ervaringen mocht praten. Ze blijft bang en voelt zich nog steeds lastiggevallen.

    Het is nu bijna twee jaar geleden dat Sarah de VN om hulp vroeg. Ze zit krap bij kas: opnieuw zijn haar dochters gedwongen van school gegaan en zitten ze vaak dagenlang zonder eten. Nadat Sarah haar huur – 20 dollar per maand voor een huisje van golfplaat – niet meer kon betalen, nam haar hospita de matras in beslag die door de vier gezinsleden werd gedeeld.

    Daarop bracht Sarah haar dochters naar het huis van haar zus in Minova; ze wist dat ze daar goed verzorgd zouden worden. Ze keerde alleen terug naar Goma en logeert nu bij haar andere zus, terwijl ze probeert geld te verdienen met het vlechten van haar in haar oude salon, die nu door een vriend wordt gerund. Het werk is onregelmatig en ze weet niet wanneer ze genoeg geld zal hebben verdiend om haar dochters weer naar school te kunnen sturen.

    Ze zijn eraan gewend om mzungu (‘witte’ in Swahili) genoemd te worden

    Denise en Olive zijn nu ondeugende meisjes van negen; de elfjarige Christine is stil en teruggetrokken. Ze zijn eraan gewend om mzungu (‘witte’ in Swahili) genoemd te worden. Als ze terugkomen in Sarahs dorp, rennen kinderen hun huis uit om de lichte huid van de meisjes aan te raken. ‘Het brengt hen in verlegenheid,’ zegt Sarah. ‘Het zijn kinderen, en ze willen er gewoon bij horen.’ Vooral Christine heeft het er lastig mee. Op een middag, toen ze nog naar school ging, kwam ze in tranen thuis omdat haar klasgenoten haar de klas uit hadden gewerkt nadat ze bij geschiedenis hadden geleerd hoe Congolese leiders hun witte Belgische onderdrukkers uit het land hadden verdreven.

    Sarah probeert haar meisjes te troosten, maar heeft moeite met het beantwoorden van hun vragen over de identiteit van hun vader. ‘Ik vertel ze dat hun vader Jezus Christus is,’ biecht ze op, terwijl ze ongemakkelijk giechelt. Uiteindelijk is ze van plan alle drie de meisjes de halve waarheid te vertellen: dat ze zijn verwekt door soldaten die naar hun land van herkomst moesten terugkeren. Het belangrijkste voor haar is nu om genoeg geld te verdienen om hen te kunnen onderhouden. ‘Mijn kinderen moeten studeren,’ zegt ze. ‘Mijn ouders hebben niet gestudeerd en ik moest vroegtijdig van school. Ik wil niet dat zij net zo’n leven krijgen als ik.’

  • Chinese miljardair gearresteerd in New York vanwege fraude

    Chinese miljardair gearresteerd in New York vanwege fraude

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Spanje: vrouw krijgt factuur van reddingsoperatie na verijdelde zelfmoordpoging

    » Meer dan twee ton natuurlijk uranium vermist in Libië, aldus nucleaire waakhond

    Guo Wengui zou duizenden mensen hebben opgelicht

    Miljardair Guo Wengui, een uitgesproken tegenstander van de Chinese regering, is woensdagochtend in New York gearresteerd. Hij wordt beschuldigd van ‘oplichting van duizenden volgers op sociale media’, schrijft The New York Times. Hij werd al eerder in China vervolgd voor financiële fraude.

    Guo, zakenpartner van de controversiële rechtse figuur Steve Bannon, zou gebruik hebben gemaakt van zijn bekendheid op internet om duizenden mensen onder valse voorwendselen aan te moedigen geld te investeren in zijn bedrijven of projecten. Het zou gaan om minstens een miljard dollar.

    Guo was regelmatig te vinden in de entourage van Donald Trump

    Damian Williams, de openbare aanklager in de zaak, zei in een verklaring dat Guo het geld van investeerders besteedde aan persoonlijke uitgaven, waaronder ‘een reusachtige villa voor zichzelf en zijn naaste familieleden, een Ferrari van 3,5 miljoen dollar en zelfs twee matrassen van 36.000 dollar’. Het geld werd ook gebruikt om een luxe jacht van 37 miljoen dollar te financieren.

    In 2017 vroeg Guo asiel aan in de VS omdat hij als een uitgesproken criticus van de Chinese Communistische Partij ‘een politiek tegenstander van het Chinese regime’ was geworden, zoals hij zelf verklaarde. Sindsdien was hij regelmatig te vinden in de entourage van toenmalig president Donald Trump en werd hij een bekend figuur onder conservatieven in de Verenigde Staten.

    Lees ook:

  • ‘Afghanen zijn vernederd, ik ben vernederd’

    ‘Afghanen zijn vernederd, ik ben vernederd’

    Het leven onder de last van onderdrukking, verstikking, tirannie en gebrek aan menselijke en morele waarden is een ramp, schrijft de Afghaanse dichter en vrouwenrechtenactivist Somaia Ramish.

    Vrijheid is altijd trots en gevangenschap is altijd vernederend. Het leven onder de last van onderdrukking, verstikking, tirannie en gebrek aan menselijke en morele waarden is een ramp. Leven in afwezigheid van vrijheid, of op zijn minst van het kunnen oefenen voor vrijheid, geeft niets anders dan frustratie. Op dit moment is er in Afghanistan een volstrekt gebrek aan visie, actie en denken in de richting van vrijheid. Van Afghanistan is niets meer over dan een geografisch gebied dat zo wordt genoemd. Wat op 15 augustus 2021 gebeurde, was de bitterste ervaring van een land dat toch al in de muil van menselijke tirannie en barbaarsheid was gevallen. De omvang van de ramp is enorm en verwoestend.

    Beschaving

    Ik maakte deel uit van een samenleving die ruim twintig jaar lang probeerde na te denken over beschaving, over menselijke waarden en het vorm geven aan burgerrechten. Ik leidde de stichting Moderne Denkers in Herat en was medeoprichter van Radio Shahrzad. Ik stelde me verkiesbaar voor de provinciale burgerraad. Die samenleving werd op 15 augustus 2021 vernederd, de hoop van een generatie die was toe gaan leven naar een betere toekomst werd vernederd. Onze gedachten, onze hoop op gerechtigheid en gelijkheid, onze taal, onze cultuur en onze hele beschaving werden vernederd.

    Afghanistan werd toevertrouwd aan een groepering die verstoken is van waarden. De taliban zijn een gewelddadige, versteende, extreem extreme, achterlijke en onderdrukkende beweging. Uiteindelijk zijn Afghanen vanuit menselijk oogpunt zo vernederd dat zelfs met de mond beleden vijandigheden tegen de taliban vernederend zijn voor Afghanen.

    Als ik aan de taliban denk, is het eerste dat in me opkomt het instorten van de boeddhabeelden

    Als ik aan de taliban denk, is het eerste dat in me opkomt het instorten van de boeddhabeelden. Denk nog eens aan die vernietiging! Of aan de kapotte poort van Ghazna, de vernielde schilderijen van Behzad in Herat, de kapotgemaakte instrumenten van artiesten, de met bloed doordrenkte haat die zangers ten deel viel, de aanval op de citadel van Herat. Weten mensen dat de straatnamen een voor een werden veranderd? Dat de kleur van de kleding van mensen veranderde, dat de angst en schrik op het gezicht van mensen op straat meegroeide met het aantal ongeschoren baarden? Dat ze mijn zus eigenhandig in een hijab staken en zo haar vrouwelijkheid ten grave droegen? Dat zelfs de lijken met stenen werden bekogeld?  

    Ik voelde me vernederd, alle dagen van het afgelopen jaar. 

    Waar ter wereld Afghanen het afgelopen jaar ook waren, ze voelden de vernedering met iedere hap eten in hun kwetsbare botten. Als we bleven, werden we vernederd. Door de voor de ogen van tienermeisjes gesloten poorten van scholen, de ogen van een moeder die haar zoon verloor in de oorlog met de taliban, de media met die zwartbedekte gezichten van vrouwelijke verslaggevers, de bakkerij die niet voor iedereen brood heeft, de straten met achtergebleven bloedvlekken en de anonieme graven van soldaten van het nationale leger.

    Niet langer vrij

    Als we het land verlieten werden we ook vernederd. Grenzen vernederden ons, zeeën, prikkeldraad, half kapotte boten, de grenswachten van Turkije en Iran, de hardvochtige politie van Pakistan, de gesloten poorten van India, migrantenkampen in New Jersey en Washington, afgelegen huizen in Kosovo, wetten, immigratie, vliegtickets, lange rijen voor brood en water, vermoeidheid achter de dichte deuren van ambassades, onbeantwoorde e-mails, de tijd en de lucht waarin we hingen en de aarde die geen plaats voor ons had. Alles in dit afgelopen jaar van ‘Het Heengaan’ was vernederend. 

    Ik ervaar de pijn van verpletterd en vernederd worden, en ik geloof nu dat vernedering alleen maar tot vernietiging kan leiden. De vernietiging van het hart van de Afghaanse samenleving kan niet worden ontkend. De gevolgen van deze onvermijdelijkheid zijn angstaanjagend. In elke uithoek van de wereld zitten we gevangen in ons eigen hart, omdat ons land niet langer vrij is. 

    Schermafbeelding 2022 11 20 om 21.43.25 1
    Een vergadering bij de stichting Moderne Denkers (Naw Andishan). Rechts vooraan: Somaia Ramish. © Elaha Sahel

    Voor mij blijft het woord ‘vrijheid’ een uitzinnige illusie, nu Afghanistan is ondergedompeld in deze brute en zwarte ervaring. Ik denk minder aan vrijheid. Iemand die voor de ogen van de wereld is vernederd heeft nog een lange weg te gaan om weer een essentie in zichzelf te vinden, die te polijsten en de roest te verwijderen die vanuit een andere eeuw naar onze eigen tijd blijkt te zijn gekomen. Ik ben verbitterd en teleurgesteld. Ik ben geworden als een lam dat de dood al voelt voordat het wordt geofferd. Nog bitterder stemt het mij als Afghaanse burger dat het onderwerp genaamd ‘Afghanistan’ in het internationale discours steeds minder interesse wekt, al hebben de etnische en tribale relaties, een dynastieke kijk op interne kwesties en het vermijden van elke vorm van nationalisme ook meegewerkt aan de vernietiging van de Afghaanse vrijheid. Het wantrouwen en de onderlinge onverenigbaarheid van bewegingen tegen de taliban hebben Afghanistan kwetsbaarder en beklagenswaardiger gemaakt. 

    Feit is dat ook wij de val nog steeds niet kunnen reconstrueren

    En helaas zijn wij, het geïsoleerde en over de hele wereld verspreide volk van Afghanistan, nog niet in het reine gekomen met het walgelijke, vernederende en krenkende verhaal van de val. Feit is dat ook wij de val nog steeds niet kunnen reconstrueren. We zijn nog niet ontsnapt aan het verhaal en worden zelf ook heen en weer geslingerd tussen de verhalen die loskomen, de ijzingwekkende en oncontroleerbare verhalen.

    Uit vele relaties is de charme verdwenen en het is alsof het vreedzaam naast elkaar bestaan van nationaliteiten en intellectuele minderheden, het leiden van een fatsoenlijk leven en het denken over vrijheid een jaar later nog meer een illusie zijn geworden.

    Somaia Ramish was vrouwenrechtenactivist in Afghanistan en is dichter en auteur. Na de val van Afghanistan vluchtte ze naar Nederland. Ze woont met haar man en twee kinderen in Rotterdam.

  • Mexicaanse ex-minister voor Veiligheid veroordeeld voor drugshandel in VS

    Mexicaanse ex-minister voor Veiligheid veroordeeld voor drugshandel in VS

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Britse verpleegkundigen schorten staking op en gaan om tafel met regering

    » Biden in Warschau: ‘Steun VS aan Oekraïne zal niet stokken’

    García Luna werkte samen met ‘El Chapo’

    Genaro García Luna is dinsdag in een rechtbank in New York schuldig bevonden aan corruptie en cocaïnehandel. García Luna was minister van Veiligheid, belast met drugsbestrijding, onder de Mexicaanse president Felipe Calderón (2006-2012).

    De vierenvijftigjarige Mexicaan, die in 2019 in Texas werd gearresteerd, zou ‘miljoenen dollars hebben ontvangen van het Sinaloa-kartel’ om de activiteiten van ‘Mexico’s grootste criminele organisatie’ door de vingers te zien, schrijft BBC. Het Sinaloa-kartel werd geleid door Joaquín ‘El Chapo’ Guzmán, die in 2017 door Mexico werd uitgeleverd aan de VS en aldaar veroordeeld is tot levenslang plus dertig jaar.

    Voordat hij Calderóns minister van Veiligheid werd, was García Luna hoofd van de inlichtingendienst tegen corruptie en georganiseerde misdaad. Van 2001 tot 2012 zou hij betrokken zijn geweest bij de smokkel van minstens 53 ton cocaïne van Mexico naar de Verenigde Staten. Zijn vonnis wordt in juni bekendgemaakt. Er wordt levenslang tegen hem geëist.

    Lees ook:

  • Privéjets, drugs en snelle auto’s: zo nemen Chinese bendes het Thaise nachtleven over

    Privéjets, drugs en snelle auto’s: zo nemen Chinese bendes het Thaise nachtleven over

    Recente invallen en politieonderzoek in Thailand wijzen op banden tussen Chinese gangsters en Thaise lokale functionarissen. Chinese criminelen wisten ongestraft honderden miljoenen dollars te verdienen met mensenhandel, kinderprostitutie en drugssmokkel.

    Een privéjet, auto’s van de buitencategorie, drugs en woonpaleizen: allemaal in Thailand verdiend door Chinezen die van criminele activiteiten worden verdacht. Roofgoed dat inmiddels in beslag is genomen, maar wel netelige vragen opwerpt, zoals: hoe konden buitenlandse misdadigers zo vrijelijk met miljoenen illegale dollars in het koninkrijk smijten?

    Het schandaal begon zich eind oktober te ontrafelen, toen de Thaise politie tijdens een landelijke antidrugsoperatie een illegale nachttent ontdekte. De club Jinling ging schuil achter een autowasserette in het zakendistrict Sathorn in Bangkok.

    De clientèle bestond vrijwel uitsluitend uit Chinezen. Die deden zich tegoed aan zakken ketamine en andere partydrugs in karaokekamers waar de hele nacht werd doorgehaald. En als het de gasten niet lukte al hun drugs in één sessie te consumeren, konden ze die ter plekke opbergen voor later gebruik.

    Voorraden methamfetamine lagen opgeslagen in peperdure appartementen in Bangkok

    Ook invallen in de badplaats Pattaya hebben het sterke vermoeden gewekt dat Chinese criminelen via een netwerk van Thaise stromannen contacten onderhielden met overheden die deze uitbundige nachtgelegenheden blijkbaar niet hadden opgemerkt, hoewel ze elke avond duizenden gasten trokken.

    En bij nog meer invallen in de daaropvolgende weken werden opzienbarende bezittingen aangetroffen, allemaal verdiend met deze illegale uitgaansgelegenheden – zoals een landhuis ter waarde van 5,7 miljoen dollar, auto’s van de buitencategorie, miljoenen dollars aan baar geld, en voorraden methamfetamine die in peperdure appartementen in Bangkok lagen opgeslagen, kennelijk voor verkoop in de clubs.

    113 miljoen dollar

    Uit allerlei arrestaties kan de conclusie worden getrokken dat vermoedelijk vijf Chinese bendes criminele ondernemingen runden met behulp van studentenvisa en onder een valse Thaise identiteit. Een van de verdachte leiders, die begin november is opgepakt, had zelfs een nepauto van de Chinese ambassade en een politiemotor voor escortes.

    De schijnwerpers zijn echter gericht op één verdachte in het bijzonder: Tuhao, die ook wel bekendstaat als Chainat Kornchayanan. Deze Chinees met Thais staatsburgerschap gaf zich op 23 november aan bij de politie. De tegen hem ingebrachte beschuldigingen van drugshandel en witwassen van geld wijst hij van de hand. 

    ‘Tuhao is getrouwd met de nicht van politie-generaal en voormalig minister van Justitie Pracha Promnok,’ aldus de prominentste politiechef van Thailand, luitenant-generaal Surachate Hakparn, die leiding geeft aan het stevige justitiële optreden. ‘Het is dus niet zo gek dat hij veel politiemensen en oud-ministers kent, dat is bepaald geen geheim.’

    ‘We moeten erachter zien te komen welke lokale ambtenaren hen geholpen hebben

    Hij voegt eraan toe dat de gangsters met hun Thaise identiteitsbewijzen kennelijk een manier hebben gevonden om de strikte Thaise immigratiewetten te omzeilen. ‘We moeten erachter zien te komen welke lokale ambtenaren hen geholpen hebben. We zoeken het tot op de bodem uit. Wie er ook schuldig is aan deze illegale praktijken, hij zal de wettelijke gevolgen voelen. Niemand ontloopt de dans.’

    Van Tuhao zijn ruim vijf miljard baht (113 miljoen dollar) aan bezittingen in beslag genomen, waaronder een vliegtuig, grond en drie landhuizen. Ondertussen wordt onderzocht of zijn zakenpartners iets te maken hebben met het Chinese eigendom van tientallen luxewoningen in Bangkok.

    Nuldollartoerisme

    Tuhao zou een wegbereider zijn geweest van het ‘nuldollartoerisme’, dat Chinezen in de jaren vóór de pandemie massaal naar Thailand lokte. Het concept stuwde Chinese bezoekersaantallen in niet meer dan een paar jaar naar een record van ongeveer tien miljoen. Daaraan kwam in 2018 abrupt een einde nadat een overvolle veerboot in Phuket zonk en tientallen Chinese toeristen stierven – toen pas kwam een businessmodel van goedkope arrangementen aan het licht, waarbij Chinese bedrijven geld naar elkaar doorsluizen, daarvan weinig in Thailand achterlaten, maar het wel gebruiken om een groot aantal vakantieoorden op te kopen.

    ‘Deze mensen hebben te veel macht,’ zegt een ervaren gids in Pattaya, een van de voornaamste bestemmingen van de ‘nuldollartours’. ‘Ze zijn dan wel gearresteerd, maar als de media dit niet serieus nemen, het niet blijven volgen, ben ik bang dat ze weer snel vrij komen.’

    Volgens de Thaise politie heeft Tuhao zijn zakelijke activiteiten tijdens de pandemie gediversifieerd. Hij is zich onder meer op het nachtleven gaan focussen, heeft bedrijven opgericht en onroerend goed gekocht waarvoor hij Thaise stromannen inzette. Zijn connecties met machtsdragers zijn inmiddels onder de loep genomen.

    De regerende Phalang Pracharat-partij erkende eind oktober dat Tuhao via legitieme kanalen ongeveer 100.000 dollar had gedoneerd. De kiescommissie buigt zich momenteel over de zaak.

    ‘Bedenk wel dat we het opnemen tegen superrijken, met enorm veel bezit’

    De politie onderzoekt hoe Tuhao het Thaise staatsburgerschap heeft kunnen krijgen na een verblijf van slechts enkele jaren in het land en speurt naar andere verborgen activa en bankrekeningen. In het hele land worden de gangen nagegaan van politiemensen en andere functionarissen, en neemt de reikwijdte van Tuhao’s netwerk af.

    ‘Bedenk wel dat we het opnemen tegen superrijken, met enorm veel bezit,’ aldus politie-luitenant-generaal Surachate. ‘We moeten dus heel grondig te werk gaan om bewijs te vinden waarmee we ze voor de rechter kunnen slepen.’

    Van een rechtbank in Bangkok mocht Tuhao niet op borgtocht vrij. Hij stelt dat hij in het proces zijn onschuld zal aantonen.

    Straffeloosheid

    Al die jaren van kennelijke straffeloosheid werpen pijnlijke vragen op voor de Thaise overheid: corruptie, beïnvloeding, verlening van gunsten aan mensen met geld die een loopje wilden nemen met de regels, waren kennelijk aan de orde van de dag. 

    ‘De samenleving zou mijn voorbeeld moeten nemen door zich af te vragen hoe iemand als Tuhao in slechts tien jaar tijd ruim vijf miljard baht heeft kunnen opstrijken,’ zegt Chuwit Kamolwisit, een voormalige tycoon in de uitgaansindustrie, tegenwoordig parlementariër en parttime corruptiebestrijder.

    Chuwit heeft een voortrekkersrol gespeeld in het aanklagen van de Chinese gangsters, onder andere met theatrale, vrijwel dagelijkse persconferenties waarin hij de vermeende rijkdom, connecties en financiën van de hoofdverdachten breed uitmeet.

    2821542173 a2274ff308 o
    Een verkiezingsposter Chuwit Kamolwisit voor het gouverneurschap van Bangkok uit 2008. © Ian Fuller / Flickr / CC

    Hij beweert dat de bendes tijdens de pandemie een list hebben bedacht om in het koninkrijk te blijven en duizenden landgenoten binnen te loodsen. Thaise immigratieambtenaren zouden geld hebben ontvangen zodat de Chinezen nepstichtingen konden oprichten, die ze vervolgens hebben gebruikt om vrijwilligersvisa te bemachtigen.

    Ten minste drieduizend Chinezen zijn via deze route het koninkrijk binnengekomen, aldus Chuwit, en velen zijn illegale bedrijven gaan bestieren en hebben zwart geld witgewassen. ‘Hoe is het mogelijk dat het Thaise volk niet werd beschermd, hoe kon men deze smerige Chinese bedrijven binnenlaten?’ 

    ‘Hoezo zou ik mij met duistere zaakjes bezig houden? Bewijs dat maar eens’

    De vlammende aantijgingen van Chuwit – vele gestaafd door de Thaise politie, andere nog onbewezen – hebben in ieder geval de aandacht gevestigd op de greep van illegaal Chinees geld over hele delen van de regionale economie.

    Er viel zelfs een zeldzame repliek in de media te noteren van Zhao Wei: achter deze publiciteitsschuwe miljardair gaat een van de beruchtste Chinese schurken van de Mekong-regio schuil. Hij is de grote man achter het Kings Romans Casino in de Speciale Economische Zone van de Gouden Driehoek in Laos, aan de grens met Thailand.

    ‘Wie is die Chuwit dan wel?’ aldus Zhao. ‘We hebben elkaar nooit ontmoet, dus wat bezielt hem om mij te beschuldigen?’ verzuchtte de magnaat tegen de Thaise tv-zender The Nation on Monday in een zeldzaam interview. ‘Ik ben gewoon een Chinese zakenman die dit gebied heeft ontwikkeld en het welvaart heeft gebracht. Hoezo zou ik mij met duistere zaakjes bezig houden? Bewijs dat maar eens.’

    Mensenhandel en kinderprostitutie

    Feit blijft dat het Amerikaanse ministerie van Financiën Zhao Wei in 2018 heeft gesanctioneerd voor het leiden van een criminele organisatie die zich bezighoudt met ‘een reeks afschrikwekkende illegale activiteiten, waaronder mensenhandel en kinderprostitutie, drugshandel en handel in wilde dieren’.

    Naarmate de naargeestige onthullingen van misdadige activiteiten in Thailand zich blijven opstapelen, groeien ook de zorgen over hoe Chinees geld – zowel legitiem als illegaal – Thaise burgers uit de markt kan stoten.

    Recent stelde de Thaise regering voor om de wet te wijzigen zodat buitenlanders niet meer dan ongeveer een vijfde hectare land kunnen bezitten, maar dat wekte zo veel woede onder de bevolking dat het plan werd ingetrokken. De angst bestond dat de Chinese investeerders de prijs zo zouden opdrijven met hun gespeculeer, dat gewone Thai het financieel niet meer zouden kunnen bijbenen.

    De hashtag #ChineseGreyBusinessMoney is al weken viraal op Thaise Twitteraccounts, waar de woede over de criminele activiteiten door buitenlanders toeneemt.

    ‘Hoe is het mogelijk dat deze mensen tientallen huizen konden kopen zonder argwaan te wekken?’ schreef een Twitter-gebruiker in een post die meer dan vijfduizend keer werd gedeeld. ‘Deze gasten gedragen zich in het hele land alsof het Thai zijn.’

    Lees ook:

  • Anne Applebaum: ‘Alleen een nederlaag in Oekraïne kan verandering brengen in Rusland’

    Anne Applebaum: ‘Alleen een nederlaag in Oekraïne kan verandering brengen in Rusland’

    Niet alleen het regime moet veranderen, er moet ook een einde komen aan de voor Rusland zo kenmerkende imperiale ambities van Poetins regime, schrijft journalist en historicus Anne Applebaum.

    Keuze uit het archief

    De Oekraïense president Volodymyr Zelensky is op dit moment bezig aan een rondreis door Europa. Het doel van deze tournee is om zijn Europese bondgenoten het plan te presenteren waarmee hij de oorlog van Rusland tegen Oekraïne wil winnen.
    De noodzaak van een Oekraïense overwinning wordt te meer duidelijk als je dit artikel van The Atlantic van historicus Anne Applebaum van begin 2023 leest. Volgens haar staat of valt het huidige autocratische Rusland onder Poetin met winst of verlies in de oorlog in Oekraïne. Daarbij is een belangrijke rol weggelegd voor de Russen zelf. ‘De toekomst van Rusland wordt niet gevormd door mystieke wetten van de geschiedenis, maar door hoe leiders en burgers de tragedie van deze schokkende, meedogenloze, onnodige oorlog verwerken en interpreteren.’

    Gedurende de kwart eeuw dat zij officieel bestond kende de Moscow School of Civic Education geen campus, geen syllabus en geen docenten. In plaats daarvan belegde de school seminars voor politici en journalisten, onder leiding van andere politici en journalisten, uit Rusland en de rest van de wereld. De instelling werkte vanuit het Moskouse appartement van de oprichters, Lena Nemirovskaja en Yuri Senokosov. Ze hadden elkaar in de jaren zeventig ontmoet, ten tijde van de Sovjet-Unie, toen ze aan een filosofietijdschrift waren verbonden en elkaar vonden in hun afschuw van de gewelddadige, arbitraire politiek die het grootste deel van hun leven had beheerst. Nemirovskaja’s vader had in de goelag gevangen-gezeten. Senokosov vertelde me ooit dat hij geen Russisch zwart brood kon eten, omdat de smaak hem deed denken aan de armoede en ellende uit zijn Sovjet-jeugd.

    Beiden waren ook van mening dat Rusland kon veranderen. Misschien niet heel veel, misschien niet heel ingrijpend, maar toch. Nemirovskaja bekende me ooit haar vurige streven om Rusland ‘een beetje beschaafder’ te maken door mensen in aanraking te brengen met nieuwe ideeën. Hun school, die feitelijk voortborduurde op de gesprekken die in hun keuken werden gevoerd, was opgezet om dat ene, niet-revolutionaire doel te bereiken.

    GettyImages 640457523
    Wereldberoemde pacifist en schrijver Lev Tolstoj aan zijn bureau. – © Sergei Mikhailovich Prokudin-Gorskii / Library of Congress / Corbis / VCG via Getty Images

    Lange tijd floreerde die school. Van 1992 tot 2021, zo schat Nemirovskaja, bezochten ruim dertigduizend mensen – parlementariërs, gemeenteraadsleden, zakenmensen, journalisten – in het hele land hun seminars over recht, verkiezingen en media. Sprekers waren Britse redacteuren, Poolse ministers en Amerikaanse gouverneurs; ze ontvingen financiële steun van een keur aan Europese, Amerikaanse en Russische stichtingen en filantropen. Ik heb aan een tiental seminars deelgenomen, meestal om over journalistiek te spreken.

    ‘Dissidente’ organisatie

    Ondertussen bleef de school wel een Russische organisatie, opgericht door Russen, voor Russen. De onderwerpen werden zo gekozen dat ze interessant waren voor Russen, en later voor de Georgiërs, Belarussen en Oekraïners die ook een aantal seminars bijwoonden. Ik herinner me een – voor mij – bijzonder saai seminar over federalisme in Scandinavië dat de deelnemers fascineerde omdat ze zich in hun sterk gecentraliseerde samenlevingen nooit een idee hadden kunnen vormen van de uiteenlopende relaties tussen regionale en nationale overheden die in theorie mogelijk waren.

    GettyImages 1155575030
    De Russische oppositieactivist Ilja Jasjin tijdens een demonstratie ter ondersteuning van de kandidaten van de Doema-verkiezingen in Moskou op 14 juli 2019. ©  Sefa Karacan/Anadolu Agency/Getty Images)

    Destijds leek dit project niet naïef, idealistisch of radicaal, laat staan opruiend. Gedurende de eerste tien jaar van Vladimir Poetins presidentschap waren democratische politieke activiteiten in Rusland onderhevig aan restricties maar niet illegaal; standpunten van de oppositie werden getolereerd zolang ze niet te veel steun kregen van de bevolking, en er waren veel initiatieven om discussies, trainingen en lezingen over democratie en de rechtsstaat te organiseren. Nooit was de gedachte bij Nemirovskaja opgekomen, zo vertelde ze me, dat ze een ‘dissidente’ organisatie had opgericht. Ze wilde juist precies het soort verandering stimuleren dat de Russische machthebbers in de jaren negentig propageerden. Langzaamaan werden deze politici echter weggewerkt of hun overtuigingen veranderden. Functionarissen van de FSB, de Russische geheime politie, verschenen op de seminars en stelden vragen. Er verschenen negatieve artikelen over de school. Uiteindelijk bestempelde de staat de school als ‘buitenlandse vertegenwoordiging’ en zo moest ze zich vanaf dat moment ook presenteren.

    Tienduizenden Russische journalisten, activisten, juristen en kunstenaars trokken weg en namen zodoende ook mee wat er nog over was aan onafhankelijke media

    In 2021 werd de school gesloten. Nemirovskaja en Senokosov verkochten hun appartement en verhuisden naar Riga, de hoofdstad van Letland, waar ze nog steeds seminars geven, nu voor ballingen. Gaandeweg verlieten veel van hun vrienden, collega’s en oud-studenten eveneens het land. In het voorjaar van 2022, na de invasie van Oekraïne, nam die uittocht sterk toe. Tienduizenden Russische journalisten, activisten, juristen en kunstenaars trokken weg en namen zodoende ook mee wat er nog over was aan onafhankelijke media, uitgeverijen, cultuur en kunst. Velen van hen hadden wellicht ooit dat seminar over lokaal bestuur bijgewoond aan de Moscow School of Civic Education.

    Einde verhaal, dachten velen binnen en buiten Rusland. Niet dus. Want dit soort verhalen kent nooit een einde.

    GettyImages 512647226
    In het midden de Russische oppositieleider Aleksej Navalny, zijn echtgenote Joelia Navalnaja (l) en zijn adjudant Leonid Volkov (r) bij een protestmars ter gelegenheid van de herdenking van de moord op oppositieleider Boris Nemtsov op 27 februari 2016 in Moskou. – © Mikhail Svetlov / Getty Images

    Grillig

    Ideeën verplaatsen zich door tijd en ruimte, en soms is hun traject grillig. Het idee dat een land anders zou moeten zijn – anders moet worden bestuurd, anders georganiseerd – kan uit oude boeken oprijzen, tijdens buitenlandse reizen worden opgedaan of gewoon aan de verbeelding van burgers ontspruiten. Op het hoogtepunt van het Russische Rijk, in de negentiende eeuw, ontstond onder het oog van enkele van de lompste toenmalige autocraten een veelheid aan hervormingsbewegingen: sociaaldemocraten, boerenhervormers, pleitbezorgers van grondwetten en parlementen. Zelfs leden van de Russische keizerlijke elite gingen anders denken dan in hun sociale klasse gebruikelijk was. Lev Tolstoj groeide uit tot een wereldberoemde pacifist. De vader van Vladimir Nabokov hield vurige toespraken in de jaren die voorafgingen aan de Russische Revolutie, bracht een liberale krant uit en zat in de gevangenis. Zijn zoon herinnerde zich later hoe, op de avonden dat zijn vader zijn politieke bijeenkomsten hield, ‘zich in de gang een berg overjassen en overschoenen opstapelde’, en gasten bleven tot diep in de nacht discussiëren.

    Toen al zat de staat mensen met afwijkende opvattingen dwars. Michail Zigar, Russisch schrijver en oprichter en hoofdredacteur van het onafhankelijke televisiestation TV Rain, schreef het boek The Empire Must Die, waarin hij onder meer vertelt over de onafhankelijke denkers die begin vorige eeuw uit Rusland werden verdreven. Het aantal politieke emigranten dat terugkeerde werd zo groot dat er een alternatief maatschappelijk middenveld ontstond, schrijft hij. 

    Anderen probeerden in de jaren na de ineenstorting van de Sovjet-Unie een alternatief Rusland te creëren. 

    Het merendeel had één grote blinde vlek: nooit zouden de meeste Russische liberalen inzien dat de Russische autocratie zijn oorsprong vond in hun imperiale ambities. Een van de redenen dat de Witten van de bolsjewieken verloren was dat ze in 1918-1920 hun krachten niet bundelden met het net onafhankelijke Polen of het potentieel onafhankelijke Oekraïne. In de jaren na de Russische Revolutie zegevierden democratische ideeën noch in de vertakkingen, noch in de stam, deels omdat de staat zo veel geweld moest gebruiken om Oekraïne, Georgië en de andere republieken binnen de Sovjet-Unie te houden.

    GettyImages 1238500657
    Politiek gevangene en criticus van het Kremlin Aleksej Navalny tijdens het proces op 15 februari 2022 in de strafkolonie Pokrov. – © Mikhail Svetlov / Getty Images

    Toch konden de tientallen jaren van angst en armoede die volgden op de Russische Revolutie geen einde maken aan de overtuiging dat een ander soort staat mogelijk was. Nieuwe generaties denkers doemden steeds weer op uit het Sovjet-duister. Sommigen stonden aan de basis van de moderne mensenrechtenbeweging. Anderen, zoals de oprichters en studenten van de Moscow School of Civic Education, probeerden in de jaren na de ineenstorting van de Sovjet-Unie een alternatief Rusland te creëren. 

    Ander soort Rusland

    Natuurlijk moesten ze het opnieuw afleggen tegen een dictator die een imperiale oorlog gebruikt om zijn vijanden uit te schakelen en angst te zaaien. Maar zelfs nu, nu de meeste Russen zwijgen, nu ze worden geïntimideerd door propaganda of beïnvloed door nationalistische slogans, hebben meer dan 17.000 Russen in hun eigen land geprotesteerd tegen het regime en tegen hun apathische landgenoten, hebben ze het Russische imperialisme uitgedaagd, en zijn ze om die reden gearresteerd of gevangengezet. Onder hen zijn enkele bekende politici die al lang geleden hun biezen hadden kunnen pakken, zoals Vladimir Kara-Moerza en Ilja Jasjin. De oppositiepoliticus Aleksej Navalny werd in januari 2021 in de cel gegooid; hij wordt geïsoleerd, maar heeft toch, op 21 september jongstleden tegen de rechtbank, de ‘criminele’ oorlog aan de kaak gesteld en Poetin ervan beschuldigd ‘honderdduizenden mensen met bloed te willen besmeuren’. Op 30 september publiceerde hij een uit zijn cel gesmokkeld essay, waarin hij een toekomstvisie op Rusland na Poetin ontvouwt en vervanging eist van het huidige presidentiële systeem – dat tot volledige autocratie is verworden – door een parlementaire republiek. In plaats van zich voor te doen als nieuwe redder van het imperium, propageert hij een totaal ander soort Rusland.

    Een grote groep verzet zich vanuit het buitenland tegen de oorlog

    Buiten de eigen landsgrenzen begint het honderdduizenden gewone Russen te dagen hoe nauw het imperium verweven is met autocratie. Sommige nieuwe ballingen hebben de politiek helemaal opgegeven, velen ontwijken enkel de dienstplicht. Maar een grote groep verzet zich vanuit het buitenland tegen de oorlog, via Russischtalige websites die verslag doen van de oorlog en informatie proberen te verzamelen voor Russen in Rusland. TV Rain, dat in maart door de overheid de das om werd gedaan, is weer online, vanuit Riga. Navalny’s team, en wat er is overgebleven van zijn grote nationale organisatie, maakt video’s die miljoenen kijkers trekken op YouTube, dat in Rusland nog steeds te zien is.

    GettyImages 1231428388
    Russische journalist en oprichter van Novaja Azeta, Dmitri Moeratov, herdacht de moord op Boris Nemtsov samen met tienduizenden andere Russen. – © Mihail Siergiejevicz / SOPA Images / LightRocket via Getty Images

    Een heel leger aan groeperingen en individuen wil een ander idee van Rusland levend houden, een ‘alternatieve burgermaatschappij’ buiten Rusland scheppen, vergelijkbaar met de door Zigar – nu zelf een balling – beschreven situatie van begin vorige eeuw. Garri Kasparov, de voormalig wereldkampioen schaken die zich tot de democratische politiek heeft bekend, die hielp bij het organiseren van straatdemonstraties in Moskou in de eerste jaren van dit millennium en die nu persona non grata is in het land dat hem ooit als held vierde – diezelfde Kasparov vertelde me laatst dat hij hoopt een soort ‘virtueel Zuid-Korea’ op te bouwen, een oppositie in ballingschap die een scherp contrast vormt met een vaderland dat steeds meer op Noord-Korea lijkt. Een van zijn projecten, het Free Russia Forum, brengt geregeld de diverse, soms met elkaar overhoop liggende delen van de Russische gemeenschap buiten Rusland samen.

    Verschillen

    In ten minste één opzicht verschillen al deze eenentwintigste-eeuwse ballingen van hun voorgangers uit de eeuw daarvóór: ze zitten in het buitenland, of in de gevangenis, vanwege een gruwelijke imperiale veroveringsoorlog. Velen verzetten zich niet alleen tegen het regime, maar ook tegen het imperium; voor het eerst verkondigt een aantal van hen dat niet alleen het regime moet veranderen, maar ook datgene wat de natie definieert. Kasparov is een van de velen die ons op het hart drukken dat alleen een militaire nederlaag politieke verandering teweeg kan brengen. Hij is tot de overtuiging gekomen dat democratie alleen mogelijk is ‘wanneer de Krim is bevrijd en de Oekraïense vlag boven Sebastopol wappert’.

    GettyImages 1245284833
    Activisten Jelena Loekjanova, Oleg Dunda, Aleksander Morozov, Garri Kasparov en Konstantin Eggert bij een openbare bijeenkomst van het Free Russia Forum in Vilnius, Litouwen. – © Oleg Nikishin / Getty Images

    Dat idee – dat er een ander Rusland mogelijk is, een Rusland dat een natiestaat is en geen imperium – legt in Oekraïne momenteel weinig gewicht in de schaal. Veel Oekraïners achten de Russische democratische oppositie even schuldig, even imperialistisch en net zo verantwoordelijk voor de oorlog als niet-dissidenten. Het is zeker waar dat niet alle mensen die ‘Russische liberalen’ zijn genoemd tegen het imperium of Poetin gekant waren. Sommige van hen zijn technocraten die voorstanders waren van een dictatuur à la Pinochet, of societyfiguren wier ‘liberalisme’ tot uitdrukking kwam in foto‘s van Europese vakantiebestemmingen op Instagram.

    Waarom laten niet de duizenden ballingen hun stem horen, in plaats van alleen het handjevol dat voor websites schrijft?

    De Oekraïense journaliste Olga Tokariuk betoogde onlangs op Twitter dat ‘zelfs Russische ‘’liberalen’’ geregeld lucht hebben gegeven aan imperialistische ideeën over buitenlands beleid en Oekraïne. Er is verdraagzaamheid tegenover oorlog en afkeer van democratie.’ Velen vragen zich af waar de massale protesten van Russen in Londen of de Georgische hoofdstad Tbilisi blijven. Waarom laten niet de duizenden ballingen hun stem horen, in plaats van alleen het handjevol dat voor websites schrijft?

    De stelling dat er geen ‘goede’ Russen zijn, is emotioneel maar ook politiek diep ingebed, en niet alleen bij Oekraïners. Tenslotte hebben Russische liberalen eerder gefaald. Ze faalden begin vorige eeuw, ze faalden begin deze eeuw en ze falen nu. Het is ze niet gelukt Poetin af te stoppen, ze konden deze catastrofe niet voorkomen. Sommigen begrepen – tot voor kort althans – niet hoe het Russische imperialisme de Russische autocratie heeft gevoed en gevormd, begrepen niet waarom het imperium moet sterven, zoals de titel van Zigars boek luidt. Je hoort de woede hierover doorklinken in recente toespraken van de Oekraïense president Volodymyr Zelensky, die inmiddels een andere toon aanslaat. Aan de vooravond van de oorlog sprak Zelensky de Russen in het Russisch toe en riep hij hen op te voorkomen wat er ging gebeuren: ‘Willen Russen deze oorlog?’ vroeg hij retorisch. ‘Het antwoord is aan u, burgers van de Russische Federatie.’ Maar omdat ze niets deden, sloot Zelensky zich later aan bij degenen die Russen een visumverbod voor Europa willen opleggen, omdat Russen ‘maar in hun eigen wereld moeten leven totdat ze hun kijk op de zaken veranderen’.

    GettyImages 1244803809
    Leden van de militaire jeugdbeweging Joenarmija op een evenement waar 50.000 deelnemers quizvragen over het leger en de Russische geschiedenis beantwoorden. – © Getty Images

    Nadat Poetin in september zijn mobilisatie had aangekondigd, was Zelensky nog explicieter. Russen zouden hun land niet moeten verlaten om aan de dienstplicht te ontsnappen, maar ‘op straat moeten vechten voor hun vrijheid’, zo voegde hij hun toe. De Oekraïense filosoof Volodymyr Yermolenko zei over de Russen die onlangs hun land hebben verlaten, dat zij niet op de vlucht zijn voor oorlog, maar voor de dienstplicht: ‘Als deze honderdduizenden die mobilisatie ontvluchten in hun eigen land in opstand kwamen tegen de oorlog, was die oorlog snel voorbij. Lafaards.’ 

    Feitelijk valt daar weinig tegen in te brengen. 

    Iets onverwachts 

    Alleen dictators geloven dat de geschiedenis wetten voorschrijft die men moet gehoorzamen. Democraten weten dat de staat zich uiteindelijk aanpast aan de samenleving, en niet andersom – en de samenleving verandert per definitie altijd.

    GettyImages 1025590996
    De Russische activist en protegé van Boris Nemtsov Vladimir Kara-Murza en zijn vrouw Jevgenia betuigen eer aan wijlen senator John McCain. – © Tom Williams / CQ Roll Call

    De culturele last van het verleden weegt zwaar, en de ingesleten gegevenheden van de autocratie – vooral het leven in angst – zijn hardnekkig. Macht oefent ook een sterke aantrekkingskracht uit. Degenen die haar hebben, willen haar niet verliezen. Een toekomstig Russisch bewind kan nog repressiever uitpakken dan het huidige. Maar een ongeluk zit in een klein hoekje en er kan altijd iets onverwachts gebeuren. Landen ontwikkelen zich en brengen soms beter en soms slechter bestuur voort. Imperia gaan ten onder: het Russische Rijk bijvoorbeeld, de Sovjet-Unie daarna. Zo zal vroeg of laat het nieuwe Russische rijk van Poetin vallen. Vanuit zijn gevangeniscel wees Kara-Moerza erop dat de ruim 17.000 gedetineerde antioorlogsdemonstranten talrijk afsteken tegen de zeven mensen die werden gearresteerd op het Rode Plein in Moskou toen de Sovjet-Unie in 1968 Tsjechoslowakije binnenviel om te voorkomen dat dit land een andere koers ging varen. Vanuit haar ballingsoord in Riga bezwoer Nemirovskaja mij onlangs dat haar werk niet voor niets was geweest. Ze gelooft nog steeds dat de dertig jaar na de val van de Sovjet-Unie hun weerslag hebben gehad: wat er ook gebeurt, ‘we zullen nooit meer leven zoals toen’. Leonid Volkov, de leider van Navalny’s organisatie in ballingschap, vertelde me vorig jaar dat voorbereid zijn op verandering, wanneer dan ook, volgens hem het belangrijkste is wat hij en zijn collega’s kunnen doen.

    Voortbestaan

    Eerder stelde ik dat het voortbestaan van de Amerikaanse democratie niet gewaarborgd is; wat er met Amerika zal gebeuren, hangt af van wat Amerikanen in het hier en nu doen. Hetzelfde geldt voor Rusland. De toekomst van het land wordt niet gevormd door mystieke wetten van de geschiedenis, maar door hoe leiders en burgers de tragedie van deze schokkende, meedogenloze, onnodige oorlog verwerken en interpreteren. De beste manier waarop buitenstaanders Rusland kunnen helpen veranderen, is ervoor te zorgen dat Oekraïne zijn grondgebied herovert en het imperium verslaat. We kunnen ook die Russen blijven steunen, hoe weinig het er ook zijn, die begrijpen waarom een nederlaag de enige weg naar moderniteit is, waarom militair falen noodzakelijk is voor het ontstaan van een welvarender, open samenleving en waarom, nogmaals, het imperium moet sterven. Reken niet op geïdealiseerde ‘goede Russen’ – er komt geen redder die het land gaat repareren, nu niet en later ook niet. Russen die geloven dat de toekomst anders kan zijn, zullen blijven proberen hun land te veranderen, en op een dag zullen ze daarin slagen. In de tussentijd mag niemand Poetin ooit het recht geven te definiëren wat het betekent om Russisch te zijn. Die bevoegdheid heeft hij niet. 

    GettyImages 1435012084
    Mensenrechtenactiviste en Nobelprijswinnares Irina Scherbakova, Navalny-vertrouweling Leonid Volkov (l) en auteur van Poetinland Michaïl Sjisjkin discussiëren over de situatie van de Russische oppositie op de Boekenbeurs in Frankfurt, 2022. – ©  Thomas Lohnes / Getty Images 

     

  • Rechtszaak tegen Mexicaanse ex-minister voor steun aan drugskartel begonnen

    Rechtszaak tegen Mexicaanse ex-minister voor steun aan drugskartel begonnen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Superjachten uitgezonderd van nieuwe Europese CO2-heffing

    » Opnieuw schietincident in Californië, zeven mensen omgekomen

    Genaro García Luna zou miljoenen dollars hebben aangenomen

    In New York begint het proces tegen de voormalige Mexicaanse veiligheidschef die wordt beschuldigd van het beschermen van een van de grootste drugskartels van Mexico. Genaro García Luna, directeur van Mexico’s equivalent van de FBI voordat hij van 2006 tot 2012 werd aangesteld als hoofd van het Mexicaanse ministerie van Veiligheid – en dus van de strijd tegen drugshandelaars – wordt beschuldigd van ‘het aanvaarden van miljoenen dollars aan steekpenningen in ruil voor bescherming aan het gewelddadige Sinaloa-kartel’, meldt The Guardian.

    Volgens Amerikaanse aanklagers heeft deze bescherming de misdaadorganisatie onder leiding van Joaquín ‘El Chapo’ Guzmán in staat gesteld vele tonnen drugs de Verenigde Staten in te smokkelen, terwijl het uit de handen van de autoriteiten kon blijven. De beschuldigingen tegen García Luna doken op tijdens El Chapo’s eigen proces, dat in 2019 eindigde.

    Bij de opening van de rechtszaak, dat naar verwachting twee maanden zal duren en in Mexico op de voet wordt gevolgd, pleitte de verdachte niet schuldig aan alle vijf aanklachten. Mocht hij schuldig worden bevonden, dan hangt García Luna een straf van tien jaar tot levenslang boven het hoofd.

    Lees ook:

  • Hooggerechtshof beveelt arrestatie van Bolsonaro’s voormalig minister van Justitie

    Hooggerechtshof beveelt arrestatie van Bolsonaro’s voormalig minister van Justitie

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Griekenland en Portugal waren de best presterende economieën van 2022

    » Drie op de vier Schotse winkelcentra geregistreerd in belastingparadijzen

    Torres zou medeplichtig zijn aan bestorming Brasília

    Tegen Anderson Torres, Bolsonaro’s voormalige minister van Justitie, is dinsdag een arrestatiebevel uitgevaardigd door het Braziliaanse Hooggerechtshof. Hij wordt verdacht van medeplichtigheid aan de rellen van zondag als staatssecretaris van Openbare Veiligheid van Brasília, een functie waaruit hij na de gebeurtenissen is ontslagen, bericht Folha de São Paulo. Torres bevindt zich momenteel in de Verenigde Staten.

    In een interview met het Braziliaanse dagblad O Globo meent Ricardo Cappelli, tijdelijk verantwoordelijk voor de veiligheid in de hoofdstad, dat het vertrek van Anderson Torres uit het gebied geen toeval is. ‘Justitie zal een onderzoek instellen, maar volgens mij zijn er duidelijke tekenen van sabotage van zijn kant’, aldus Cappelli. Een verslaggever van Reuters zag dat de politie aanwezig was bij het huis van Anderson Torres in een chique wijk in Brasília. Een getuige zei dat hij agenten zag vertrekken met tassen die mogelijk gevuld waren met bewijsmateriaal. De Braziliaanse politie heeft dinsdag ook bijna zeshonderd mensen vrijgelaten die tijdens de bestorming van officiële gebouwen op zondag waren gearresteerd.

    Lees ook: