Onderwerpen: Wetenschap

  • Wetenschappers roepen op tot ‘wereldwijde actie’ tegen microplastics

    Wetenschappers roepen op tot ‘wereldwijde actie’ tegen microplastics

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » VK: Veel hogere concentraties pesticide toegestaan op voedsel sinds Brexit

    » Onderzoek: aarde in het verre verleden warmer dan gedacht

    Steeds meer microplastics in oceanen aangetroffen

    Twintig jaar nadat een groep wetenschappers het fenomeen microplastic voor het eerst beschreef in Science, roept dezelfde groep, die zich verenigd heeft in Scientists’ Coalition for an Effective Plastics Treaty, op tot een mondiaal verdrag om microplastics terug te dringen. ‘Microplastics zijn met het blote oog nauwelijks zichtbaar (zelfs de grootste deeltjes) en worden aangetroffen in de zee, rivieren en meren, maar ook in het ijs op de polen en in de meest afgelegen bodems van de planeet. Door hun grootte zijn ze zo biologisch beschikbaar dat ze opgaan in het zeeplankton en zo in de voedselketen terechtkomen waar de predatoren, vooral de mens, aan de top staan. Mensen eten, drinken en ademen al tientallen jaren plastic’, legt El País uit.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Richard Thompson, professor aan de Universiteit van Plymouth, was de hoofdauteur van dat eerste artikel uit 2004, dat een verklaring zocht voor de inconsistentie tussen de geproduceerde hoeveelheden plastic en het getelde plastic in de zee, en kwam met de belangrijkste bevinding: de aanwezigheid van talloze kleinere stukjes. ‘Na twintig jaar onderzoek is er duidelijk bewijs voor de schadelijke effecten van microplasticvervuiling op wereldschaal,’ zegt Thompson tegen El País. Hij en zijn co-auteurs publiceerde een overzicht in Science van de wetenschap, met meer dan zevenduizend gepubliceerde onderzoeken, heeft geleerd over deze minuscule, door mensen vervaardigde, deeltjes.

    ‘Er zijn nog steeds onzekerheden, maar in de twintig jaar sinds ons eerste onderzoek is de hoeveelheid plastic in onze oceanen met ongeveer 50 procent toegenomen, wat de dringende noodzaak voor actie alleen maar verder benadrukt,’ aldus Thompson.

  • Onderzoek: vogelgezang verlicht stress in ov

    Onderzoek: vogelgezang verlicht stress in ov

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » New York wil overstromingen voorkomen met waterdoorlatende bestrating

    » Democratische Republiek Congo worstelt met mpox-uitbraak

    Stress daalt met 35 procent door natuurgeluiden

    ‘Natuurgeluiden van vogelgezang of watervallen kan volgens een onderzoek de sleutel zijn tot “zen” woon-werkverkeer’, aldus The Guardian. Het onderzoek, uitgevoerd door de Britse spoorwegmaatschappij South Western Railway (SWR) op een van haar treinen en geanalyseerd door Charles Spence, een professor in experimentele psychologie aan de Universiteit van Oxford, mat de impact van het luisteren naar natuurgeluiden op het stressniveau van passagiers.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Tijdens de test luisterden passagiers naar een selectie van natuurgeluiden, waaronder vogelgezang, stromende rivieren en stormen, en naar een audiobron van hun voorkeur, zoals muziek of een podcast. Deze scenario’s werden ook getest zonder audio-input op een speciaal voor het experiment ingelaste treinreis vanuit station Waterloo in Londen.

    De groep van 46 passagiers vulde voor vertrek stemmingsbeoordelingsvragenlijsten in en daarna met tussenpozen van vijftien minuten. Uit het experiment bleek dat de proefpersonen die naar natuurgeluiden luisterden 35 procent minder gestrest en 32 procent minder nerveus waren. Ter vergelijking, de reizigers die naar muziek of podcasts luisterden registreerden slechts 11 procent minder stress.

  • Hoe een van de grootste mysteries van de kosmologie steeds dichter bij de oplossing komt

    Hoe een van de grootste mysteries van de kosmologie steeds dichter bij de oplossing komt

    De uitdijingssnelheid van het heelal, de zogeheten hubble­constante, is al jaren een van de meest bediscussieerde getallen in de kosmologie. Nieuw onderzoek brengt het definitief vaststellen van deze constante dichterbij dan ooit.

    Onderzoekers hebben een flinke stap gezet in de richting van een oplossing voor een van de grootste kosmische mysteries die er zijn. De hubbleconstante is het getal dat aangeeft hoe snel het heelal uitdijt. Sterrenkundigen worstelen al jaren met de vraag wat de waarde van deze constante is. Verschillende metingen leveren namelijk verschillende getallen op. Nu lijken de twee belangrijkste methoden om de uitdijingssnelheid van het heelal te meten bij elkaar te komen. De eerste manier om de hubbleconstante te meten, is gebaseerd op minuscule lokale variaties in de kosmische achtergrondstraling, de ‘restwarmte’ van de oerknal. Deze variaties kunnen, samen met ons theoretische model van de kosmos, worden gebruikt om de huidige uitdijingssnelheid van het heelal te berekenen. Deze methode geeft een hubbleconstante van 67 kilometer per seconde per megaparsec: de uitdijingssnelheid neemt daarbij met 67 kilometer per seconde toe, voor elke megaparsec afstand tot de aarde (1 megaparsec is ongeveer 3,26 miljoen lichtjaar). De andere methode wordt de lokale afstandsladder genoemd. Hierbij worden objecten op verschillende afstanden van de aarde – verschillende ‘sporten’ van de ladder – gebruikt om de uitdijing te meten van het gebied in de ruimte dat relatief dicht bij ons is. De twee belangrijkste soorten objecten op de ladder zijn de Cepheïden, een bepaald type ster, en type Ia-supernova’s, een soort sterexplosies. Van deze objecten weten we heel precies hoe helder ze schijnen. Deze helderheid kunnen we vergelijken met hun zogeheten schijnbare helderheid – hoe helder wij ze op aarde zien – om te bepalen hoe ver weg ze van ons staan. De lokale afstandsladder geeft een hubbleconstante van ongeveer 73 kilometer per seconde per megaparsec. Het verschil tussen de twee metingen wordt de hubblespanning genoemd. ‘Mijn grote zorg was dat, wanneer je maar één methode gebruikt, je geen manier hebt om vast te stellen wat de systematische onzekerheden in die methode zijn’, zegt astronoom Wendy Freedman van de Universiteit van Chicago.

    Meer laddersporten

    Freedman en haar collega’s hebben de James Webb-ruimtelescoop gebruikt om twee methoden aan de lokale afstandsladder toe te voegen. Ze hebben twee andere soorten sterren geobserveerd: koolstofsterren en zogeheten top-van-de-rode-reuzentak-sterren. Ook deze twee hebben een goed voorspelbare helderheid, afhankelijk van hun massa. De onderzoekers gebruikten James Webb ook om nog meer Cepheïden te bekijken. Daarnaast analyseerden ze alle archiefgegevens van de Hubble-ruimte-telescoop die eerder zijn gebruikt voor metingen van de lokale afstandsladder. Met behulp van deze nauwkeurigere afstandsladder berekenden ze een hubble-constante van ongeveer 69 kilometer per seconde per megaparsec. Dat komt overeen met de achtergrondstralingmetingen. ‘Het verschil tussen een hubbleconstante van 73 en 69 lijkt misschien klein, maar het is echt belangrijk om dit soort dingen nauwkeurig vast te pinnen,’ zegt Freedman. Freedman presenteerde het onderzoek op 6 april tijdens een bijeenkomst van de American Physical ­Society in Californië. ‘Deze veel nauwkeurigere gegevens wijzen erop dat we geen nieuwe fysica nodig hebben om de hubblespanning op te lossen,’ zegt Freedman. ‘We komen eindelijk dichter bij elkaar. Het is echt opwindend.’

    Niet alle kosmologen zijn het erover eens dat de oplossing gevonden is. ‘Als de hubblespanning verdwijnt, is dat heel belangrijk. Het zou betekenen dat onze van-begin-tot-eindtest van de kosmologie eindelijk slaagt,’ zegt kosmoloog Daniel Scolnic van de Duke-universiteit in de Verenigde Staten. ‘Maar… het voelt niet alsof dat de situatie is waarin we ons nu bevinden.’ Scolnic wijst erop dat het aantal sterrenstelsels dat met James Webb is waargenomen relatief klein is. Bovendien komen andere groepen op basis van de James Webb-gegevens juist op een hogere hubbleconstante uit. Astronoom Adam Riess van de Johns Hopkins-universiteit in de VS, het hoofd van een van die groepen, is ook sceptisch. ‘De hubblespanning is niet veranderd, het verschil ligt in de manier waarop we supernova’s analyseren. Dat verschil wordt veroorzaakt door het gemeten verschil in de hubbleconstante,’ zegt hij. ‘Ik denk niet dat het eerlijk of nauwkeurig is om de grootte van de spanning te bepalen aan de hand van alleen de laagste of hoogste meting.’ De getallen komen erg dicht bij elkaar te liggen, erkent astronoom Rocky Kolb van de Universiteit van Chicago. ‘Er is geen haalbare verklaring om de spanning op te lossen, als die er al is.’ Kolb vermoedt dat één groep zijn fouten onderschat.

    Binnen de marges

    Feit blijft dat het moeilijk is om de huidige kosmologische modellen te rijmen met de hogere hubbleconstante die gevonden is bij eerdere metingen van de lokale afstandsladder, zegt astronoom Lloyd Knox van de Universiteit van Californië. ‘Deze nieuwe resultaten lijken een grote stap in de richting van een oplossing’, zegt hij. Freedman en haar collega’s zijn nog niet klaar met het berekenen van de onzekerheden van hun meting. Op dit moment valt hun hubbleconstante binnen de marges van de hubbleconstante die volgt uit de achtergrondstraling, maar ook binnen de marges van de eerdere metingen met de afstandsladder. Er zijn meer verschillende methoden nodig om de hubblespanning echt vast te stellen, zegt Freedman. ‘Is dit het einde van de spanning? Niets sterft zo gemakkelijk. Maar deze gegevens wijzen wel die kant op.’  

  • De mystiek rondom het afslankmiddel Ozempic

    De mystiek rondom het afslankmiddel Ozempic

    Medicijnen tegen obesitas worden steeds vaker in verband gebracht met gezondheidsvoordelen die verder gaan dan gewichtsverlies. Het is waanzinnig moeilijk om erachter te komen wat de oorzaak van die voordelen precies is.

    Er bestaat niet zoiets als een wondermiddel voor gewichtsverlies, maar de nieuwste obesitasmedicijnen komen aardig in de buurt. Mensen die Ozempic of andere wekelijkse injecties nemen behorend tot een klasse die bekendstaat als GLP-1-agonisten, naar het darmhormoon dat ze nabootsen, kunnen binnen een jaar een vijfde of meer van hun lichaamsgewicht verliezen. Het onophoudelijke ‘voedselgeruis’ dat de drang om te eten aanwakkert, valt plotseling stil.

    In de afgelopen maanden is de mystiek van deze medicijnen alleen maar gegroeid. Zowel semaglutide (verkocht onder de merknamen Ozempic en Wegovy) als tirzepatide (Mounjaro en Zepbound) werden in eerste instantie ontwikkeld voor diabetes en vervolgens ingezet voor gewichtsverlies. Maar ze helpen blijkbaar tegen veel meer dan dat. Studies die de voordelen van semaglutide voor het hart aantonen, hebben er al toe geleid dat de FDA [Food and Drug Administration] Wegovy heeft goedgekeurd als middel om het risico op ernstige hartaanvallen, waaronder beroertes, hartaanvallen en overlijden, bij bepaalde patiënten te verminderen. Het geneesmiddel heeft ook duidelijke voordelen laten zien voor slaapapneu, nieraandoeningen, leveraandoeningen en kan mogelijk helpen bij vruchtbaarheidsproblemen, alzheimer, parkinson, darmkanker, overmatig alcoholgebruik en zelfs nagelbijten. Er lijkt elke week wel een nieuwe toepassing voor GLP-1’s op de markt te komen.

    GLP-1’s beginnen meer en meer te lijken op het Zwitserse zakmes onder de medicijnen. Zoals Vox zich vorig jaar afvroeg: ‘Is er iets wat Ozempic niet kan?’ Maar GLP-1’s kunnen niet alle eer opstrijken. Obesitas is gekoppeld aan zoveel kwalen dat het verliezen van een enorme hoeveelheid gewicht door deze medicijnen vanzelf ‘een behoorlijk dominant effect’ heeft op de gezondheidsresultaten, zegt Randy Seeley, onderzoeker op het gebied van obesitas aan de Universiteit van Michigan. Het is nogal lastig om precies uit te zoeken wat de secundaire voordelen veroorzaakt, maar het is wel bepalend voor de toekomst van deze medicijnen.

    Ozempic-babies

    Sommige van de bijkomende gezondheidseffecten van GLP-1’s zijn te verwachten van een medicijn dat leidt tot drastisch gewichtsverlies. Mensen met obesitas lopen een veel hoger risico op hartaanvallen en leveraandoeningen; overgewicht kan de ademhaling ’s nachts beperken, wat leidt tot slaapapneu. Zelfs meldingen van ‘Ozempic-babies’ – mensen die onverwacht zwanger werden terwijl ze GLP-1’s gebruikten – zijn verklaarbaar, aangezien de vruchtbaarheid meestal verbetert wanneer mensen gewicht verliezen. Maar gewichtsverlies is niet altijd de enige verklaring. Een grootschalig onderzoek naar de hartgezondheid van mensen die semaglutide gebruiken, suggereerde dat bij patiënten met hart- en vaatziekten ook verbeteringen kunnen optreden als ze niet veel gewicht verliezen. ‘Het is duidelijk dat deze voordelen niet enkel voortkomen uit gewichtsverlies,’ aldus Seeley.

    GLP-1’s verbeteren de gezondheidsresultaten via drie mechanismen, vertelde Daniel Drucker, een professor in de geneeskunde aan de Universiteit van Toronto die GLP-1 in de jaren tachtig mede ontdekte. Het eerste mechanisme heeft te maken met de belangrijkste functies van het medicijn: het controleren van de bloedsuikerspiegel en het stimuleren van gewichtsverlies. Doordat het medicijn de alvleesklier aanzet tot het afscheiden van insuline, is het in eerste instantie voor diabetes op de markt gebracht. Gewichtsverlies vindt meestal plaats via een proces dat de hersenen en de darmen beïnvloedt en zorgt voor een afnemende eetlust en een aanhoudend gevoel van verzadiging. Het ontrafelen van de effecten is moeilijk omdat een hoge bloedsuikerspiegel kan leiden tot gewichtstoename en met veel van dezelfde chronische ziekten als obesitas in verband wordt gebracht, waaronder hartaandoeningen en kanker. De aanzienlijke verlaging van het risico op hart- en vaatziekten en sterfte aan chronische nierziekten bij mensen die GLP-1-medicijnen gebruiken, heeft zonder twijfel te maken met zowel veranderingen in de bloedsuikerspiegel als in het gewicht, aldus Drucker.

    Een tweede mechanisme dat sommige van de gezondheidseffecten zou kunnen verklaren, is dat de medicijnen rechtstreeks inwerken op bepaalde organen. Er zitten GLP-1-receptoren in weefsels overal in het lichaam: in de longen, de nieren, het cardiovasculaire systeem, de darmen, de huid en het centrale zenuwstelsel. De voordelen van de medicijnen voor het hart zouden bijvoorbeeld te maken kunnen hebben met GLP-1-receptoren in het hart en de bloedvaten, vertelde Steven Heymsfield, een professor die obesitas bestudeert aan de Louisiana State University.

    Naast het effect op individuele organen, hebben GLP-1’s waarschijnlijk een groot effect op het hele lichaam door een derde, algemener proces: het verminderen van ontstekingen. Chronische ziekten die samenhangen met obesitas en diabetes, zoals lever-, nier- en hart- en vaatziekten, worden ‘allemaal voor een deel veroorzaakt door een verhoogde ontsteking’, wat GLP-1’s kunnen helpen verminderen, aldus Drucker. 

    In sommige situaties kunnen deze mechanismen hand in hand gaan, zoals in het geval van alzheimer. Een ouder GLP-1-geneesmiddel met de naam liraglutide heeft zijn potentieel bewezen als behandeling voor de ziekte van Alzheimer, en het effect van semaglutide op vroege stadia van de ziekte wordt momenteel getest in een Fase 3-onderzoek. De hersenen zitten vol met GLP-1-receptoren, ontstekingen staan bekend als een cruciale aanjager van neurodegeneratie, en afvallen en een lagere bloedsuikerspiegel ‘zullen waarschijnlijk helpen om de snelheid van cognitieve achteruitgang te verminderen’, aldus Drucker.

    Sommige van de neveneffecten die nu worden waargenomen zullen legitiem blijken te zijn, andere niet

    Complexere effecten zijn moeilijker te achterhalen. Men denkt dat de medicijnen verslavend en dwangmatig gedrag tegengaan, zoals overmatig alcoholgebruik, impulsief winkelen en gokken. Bij dieren is aangetoond dat GLP-1’s het beloningscircuit van de hersenen beïnvloeden – een voor de hand liggende verklaring, maar misschien een te simplistische. ‘Beloning is niet iets eenduidigs,’ zegt Seeley. Het mechanisme dat eten lonend maakt, verschilt bijvoorbeeld van dat van roken of gokken. Het is dus niet per se logisch dat één enkel medicijn al die gedragingen zou onderdrukken.

    Andere voordelen van GLP-1’s moeten nog worden verklaard. In een groot onderzoek onder mensen met diabetes dat in februari werd gepubliceerd, hadden degenen die GLP-1’s gebruikten een lager risico op darmkanker dan degenen die dat niet deden. Gewicht leek daarbij geen rol te spelen. Een mogelijke verklaring voor het verband is dat de medicijnen ontstekingen verminderen die tot kanker zouden kunnen leiden. Recent onderzoek bij muizen suggereert echter dat juist het blokkeren van de GLP-1-receptor – dus het tegenovergestelde doen van de medicijnen zelf – het immuunsysteem aanzet om darmkanker te bestrijden.

    Sommige van de neveneffecten die nu worden waargenomen zullen legitiem blijken te zijn, andere niet. ‘Zo gaat het wel vaker,’ zegt Seeley. Aanvankelijk blijkt een medicijn verbazingwekkend effectief te zijn tegen de aandoening die het moet behandelen. Naarmate meer mensen het gebruiken, komen er nieuwe effecten aan het licht. Onderzoek volgt. Daaruit blijkt dat het medicijn sommige aandoeningen kan behandelen, maar andere niet. In de jaren tachtig kwamen statines naar voren als een krachtige behandeling voor een hoog cholesterolgehalte, en het enthousiasme steeg toen bekend werd dat ze ook konden helpen tegen nieraandoeningen en cognitieve achteruitgang. Maar tegenwoordig worden statines grotendeels gebruikt voor hun oorspronkelijke doel.

    Bonuseffect

    Elke nieuwe ontdekking over de effecten van GLP-1’s kunnen lijkt een aangename verrassing te zijn – een bonuseffect van dat toch al wonderbaarlijke middel. Maar mensen willen geen verrassende medicijnen. Ze willen medicijnen die effectief zijn: geen medicijnen die hun risico op andere ziekten zouden kunnen verlagen, maar medicijnen die dat ook daadwerkelijk doen. Om deze medicijnen te maken, moeten fabrikanten weten wat er werkelijk in het lichaam gebeurt – in welke mate de gezondheidseffecten kunnen worden toegeschreven aan meer dan alleen gewichtsverlies. En om de medicijnen voor te schrijven, moeten zorgverleners hetzelfde weten. Dit zal echter alleen maar moeilijker te achterhalen zijn naarmate de GLP-1’s zelf ingewikkelder worden en zich gaan richten op verschillende andere metabolische routes, elk met hun eigen downstreameffecten. Tirzepatide richt zich al op een extra hormoon bovenop GLP-1, en een geneesmiddel dat zich op drie hormonen richt is op komst.

    Binnenkort zal desondanks een vollediger beeld van het potentieel van GLP-1’s ontstaan. Van sommige onderzoeken naar de effecten op vroege alzheimer en parkinson worden de resultaten verwacht voor het einde van 2025. Uiteindelijk zullen studies misschien onthullen hoe ze werken – voor deze en alle andere bijkomende voordelen. Geneesmiddelenfabrikanten zijn in een verwoede strijd verwikkeld om nieuwe soorten medicijnen tegen zwaarlijvigheid te ontwikkelen en zoals het er nu uitziet, zal de toekomst van deze medicijnen misschien niet volledig om zwaarlijvigheid draaien. Als er nieuwe soorten medicijnen worden ontwikkeld, moeten medicijnmakers volgens Drucker gaan overwegen of ze de andere voordelen behouden, verbeteren of verzwakken. Door concurrentie zal dat waarschijnlijk leiden tot een breed scala aan geneesmiddelen, elk specifiek voor een bepaalde aandoening of combinatie daarvan. GLP-1’s zouden het traject kunnen volgen van bloeddrukverlagende medicijnen, die verkrijgbaar zijn in meer dan tweehonderd soorten gericht op verschillende soorten patiënten.

    Nieuwe voordelen zullen GLP-1’s gangbaarder maken – niet alleen door ze toegankelijk te maken voor nieuwe groepen mensen, maar ook doordat ze verzekeringsmaatschappijen onder druk zetten om de medicijnen te vergoeden. Medicare betaalt niet voor medicijnen tegen zwaarlijvigheid, deels omdat de overheid gewichtsverlies van oudsher beschouwt als een cosmetische kwestie en niet als een medische. Maar in maart, nadat de FDA Wegovy had goedgekeurd als middel om het risico op ernstige hartaanvallen te verminderen, begonnen sommige Medicare-verzekeringen dekking te bieden aan patiënten met zowel gewichts- als hartproblemen. 

    Dat GLP-1’s voor meerdere doeleinden kunnen worden gebruikt, is op zich geen wonder. Maar het zou een klein wonder zijn als de bijkomende effecten, al dan niet los van gewichtsverlies, ervoor zorgen dat obesitasmedicijnen net zo wijdverbreid beschikbaar worden als zoveel andere levensveranderende behandelingen.

  • Onderzoek: vrouwen presteren beter in cognitieve tests tijdens de menstruatie

    Onderzoek: vrouwen presteren beter in cognitieve tests tijdens de menstruatie

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Slovenië is volgende EU-land dat Palestijnse staat erkent

    » Streamingplatforms zoals Netflix moeten bijdragen aan Canadese fondsen voor content

    Reactietijden, nauwkeurigheid en aandacht voor details waren verbeterd

    Uit onderzoek blijkt dat vrouwen tijdens hun menstruatie minder fouten maken en mentaal behendiger zijn, ondanks dat ze zich slechter voelen dan op elk ander moment tijdens hun menstruatiecyclus. Dat schrijft The Guardian.

    Uit het onderzoek, dat werd uitgevoerd door het UCL Institute of Sport, Exercise and Health (ISEH), blijkt dat de reactietijden, nauwkeurigheid en aandacht voor details van vrouwen tijdens de menstruatie verbeterd zijn, waardoor de huidige hypotheses over hoe vrouwen tijdens hun menstruatie presteren in de sport in twijfel worden getrokken.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Het onderzoek, gepubliceerd in het tijdschrift Neuropsychologia, omvatte de analyse van gegevens van 241 deelnemers (waaronder 96 mannelijke en 47 vrouwen die niet regelmatig menstrueerden vanwege hun anticonceptie, voor vergelijkingsdoeleinden) die een reeks cognitieve tests aflegden, met een tussenpoos van twee weken, en het verzamelen van reactietijden en foutgegevens.

    Deelnemers registreerden ook hun stemming en vulden een vragenlijst in over hun symptomen, terwijl menstruatie apps werden gebruikt om in te schatten in welke fase van hun cyclus de deelnemers zich bevonden toen ze de tests deden.

    Hoewel er geen groepsverschil in reactietijden en nauwkeurigheid tussen de mannelijke en vrouwelijke deelnemers was, bleken de vrouwen die regelmatig menstrueerden beter te presteren tijdens hun menstruatieperiode dan tijdens elke andere fase van hun menstruatiecyclus: ze vertoonden snellere reactietijden en maakten minder fouten.

  • NASA deelt beelden van oudste en verste sterrenstelsel ooit gezien

    NASA deelt beelden van oudste en verste sterrenstelsel ooit gezien

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » OpenAI zegt Chinese, Russische en Israëlische beïnvloedingscampagnes te hebben verstoord

    » Argentinië: Nora Cortiñas, gezicht van de Dwaze Moeders, overleden

    Sterrenstelsel JADES-GS-z14-0 is bijna 14 miljard jaar oud

    De James Webb-ruimtetelescoop van de NASA heeft het verste sterrenstelsel gevonden dat ooit is gezien, bericht The Guardian. Het sterrenstelsel dateert van toen de kosmos nog maar 290 miljoen jaar oud was. De vorige recordhouder die door de telescoop was waargenomen was een sterrenstelsel dat 325 miljoen jaar na de oerknal werd gezien, die bijna 14 miljard jaar geleden plaatsvond.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Het sterrenstelsel, dat bekend staat als JADES-GS-z14-0, is verbazingwekkend helder en heeft een diameter van 1600 lichtjaar. Het is zo helder dat het honderden miljoenen keren de massa van onze zon zou hebben. Onderzoekers weten niet hoe zo’n ‘helder, massief en groot sterrenstelsel’ in minder dan 300 miljoen jaar kan zijn ontstaan.

    ‘Het heelal was in deze vroege stadia anders dan het nu is,’ zei Francesco D’Eugenio van de Universiteit van Cambridge, een van de teamleden achter de ontdekking tegen de Britse krant. ‘Vroege sterrenstelsels – dit is de verst verwijderde die is gevonden, maar er zijn er meer – lijken helderder te zijn dan verwacht op basis van de modellen.’ Het onderzoek naar deze sterrenstelsels zouden ons veel kunnen leren over hoe het heelal is ontstaan.

  • Nieuw vaccin kan mogelijk beschermen tegen toekomstige coronavirussen

    Nieuw vaccin kan mogelijk beschermen tegen toekomstige coronavirussen

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Zuid-Afrika: gebouw in aanbouw ingestort, meerdere doden en tientallen vermist

    » Macron en Xi pleiten voor wapenstilstand tijdens Olympische Spelen

    Het vaccin zou bescherming bieden tegen varianten die nog niet eens bekend zijn

    Wetenschappers hebben een vaccin ontwikkeld dat het potentieel heeft om bescherming te bieden tegen een breed scala aan coronavirussen, waaronder varianten die nog niet eens bekend zijn. Dat schrijft The Guardian.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    De experimentele injectie, die is getest op muizen, markeert een verandering in de strategie richting ‘proactieve vaccinologie’, waarbij vaccins worden ontworpen en klaargemaakt voor productie voordat een mogelijk pandemisch virus uitbreekt.

    Het vaccin wordt gemaakt door onschadelijke eiwitten van verschillende coronavirussen aan minuscule nanodeeltjes te hechten die vervolgens worden geïnjecteerd om het afweersysteem van het lichaam voor te bereiden op het bestrijden van de virussen, mochten ze ooit binnendringen. Omdat het vaccin het immuunsysteem traint om zich te richten op eiwitten die door veel verschillende soorten coronavirussen worden gedeeld, is de bescherming die het induceert extreem breed, waardoor het effectief is tegen bekende en onbekende virussen in dezelfde familie.

  • De meest mysterieuze cellen in ons lichaam zijn van een ander

    De meest mysterieuze cellen in ons lichaam zijn van een ander

    We dragen letterlijk stukjes van onze moeder, misschien zelfs grootmoeder, van onze broers, zussen, tantes en ooms met ons mee. ‘Microchimerisme’ heet dit verschijnsel. ‘Je kunt het bijna beschouwen als een door de evolutie ontwikkelde, natuurlijke vorm van orgaantransplantatie.’

    Een jaar of vierentwintig geleden had Diana Bianchi een stukje uit de schildklier van een mens onder haar microscoop, en zag ze iets waar ze op slag kippenvel van kreeg. Het weefsel was afkomstig van een vrouwelijke patiënt met twee X-chromosomen, maar Bianchi zag onmiskenbare Y-chromosomen onder haar lens oplichten – tientallen. ‘Een deel van haar schildklier was heel duidelijk volledig mannelijk,’ zegt Bianchi. 

    Ze vermoedde dat dit het gevolg was van een zwangerschap. Jaren geleden had de patiënt een mannelijk embryo gedragen, en cellen daarvan moesten buiten de baarmoeder in het lichaam van de moeder zijn beland. Ze waren daar in de schildklier terechtgekomen (en hoogstwaarschijnlijk ook in een heleboel andere organen) en hadden de vorm en functie van de omringende vrouwelijke cellen aangenomen om er naadloos mee te kunnen samenwerken. Bianchi, inmiddels directeur van het Eunice Kennedy Shriver National Institute of Child Health and Human Development, stond versteld. ‘Haar schildklier was volledig omgevormd door de cellen van haar zoon,’ zegt ze. 

    ‘Het is alsof je je hele familie met je meedraagt’

    Dit was geen uniek geval. Bijna elke keer als een embryo zich innestelt en begint te groeien, stuurt het ook stukjes van zichzelf het lichaam van de draagster in. Dat begint al in de vierde of vijfde week van de zwangerschap. En die cellen zijn te vinden in zo’n beetje alle uithoeken van onze anatomie die er door wetenschappers op zijn nagezocht: hart, longen, borst, dikke darm, nieren, lever, hersenen. Daar kunnen ze dan blijven zitten en groeien en zich delen, tientallen jaren of zelfs, zoals veel wetenschappers vermoeden, een heel mensenleven lang. Ze gaan op in de vrouw die hen heeft verwekt.

    Je kunt het bijna beschouwen als een door de evolutie ontwikkelde, natuurlijke vorm van orgaantransplantatie, zegt J. Lee Nelson van het Fred Hutchinson Cancer Center in Seattle. ‘Microchimerisme’ heet dit verschijnsel, en het is misschien wel de meest voorkomende manier waarop genetisch identieke cellen zich in twee lichamen tegelijk bevinden en ontwikkelen.

    Micromozaïekje

    Deze intergenerationele cellenoverdracht werkt twee kanten op. Niet alleen komen er foetale cellen via de placenta in het weefsel van de moeder terecht, ook verhuist een klein aantal cellen van de moeder naar de foetus; tot op volwassen leeftijd kunnen deze in het kind worden aangetroffen. Zo kan de uitwisseling van genetisch materiaal een leven lang plaatsvinden.

    Volgens sommige wetenschappers zijn we allemaal misschien wel een micromozaïekje van een hele reeks verwanten, via opeenvolgende zwangerschappen: van oudere broers of zussen bijvoorbeeld, of van onze grootmoeder van moederskant, van tantes en ooms die deze grootmoeder heeft gedragen voordat onze moeder werd geboren. ‘Het is alsof je je hele familie met je meedraagt,’ zegt Francisco Úbeda de Torres, evolutiebioloog aan Royal Holloway in Londen.

    Microchimerisme (vernoemd naar de Chimaera uit de Griekse mythologie, het fabeldier dat deels leeuw, deels geit en deels slang was) is daarmee een misschien nog wel algemener verschijnsel dan zwangerschap. Wetenschappers gaan ervan uit dat het bestaat bij iedereen die ook maar enige tijd een embryo heeft gedragen, én bij iedereen die ooit in een baarmoeder heeft gezeten.

    Cellulaire erfstukken

    Ook andere zoogdieren – muizen, koeien, honden, apen – lijken met zulke cellulaire erfstukken rond te lopen. Maar die geleende cellen verschijnen niet altijd op dezelfde plek en niet altijd in dezelfde aantallen. Er wordt gedacht dat microchimere cellen zich vaak in het lichaam bevinden in concentraties van een op de miljoen, een niveau ‘dat voor veel biologische meetmethoden tegen of op de grens van het onwaarneembare ligt,’ zegt Sing Sing Way, immunoloog en kinderarts in het Cincinnati Children’s Hospital.

    Deze cellen zouden weleens tot de meest ondergewaardeerde architecten van het menselijk leven kunnen behoren.

    Cellen die zo dungezaaid en onsystematisch in het lichaam te vinden zijn, kunnen volgens sommige wetenschappers geen echte gevolgen hebben. En zelfs onder wetenschappers die gespecialiseerd zijn in microchimerisme blijven alle hypotheses over wat deze cellen doen, en of ze überhaupt iets doen, ‘zeer omstreden’, zegt Way. Maar veel deskundigen denken wel dat ze niet zomaar als lijdzame passagiers ronddobberen in onze genomische zee.

    Het zijn genetisch afwijkende entiteiten in een vreemde omgeving, met een eigen evolutionaire drang die kan botsen met die van het gastlichaam. En ze hebben misschien wel invloed op allerlei aspecten van onze gezondheid: op onze vatbaarheid voor infectie- of auto-immuunziekten, op het welslagen van een zwangerschap, misschien zelfs op ons gedrag. Als deze cellen inderdaad zo belangrijk blijken te zijn als sommige wetenschappers denken, zouden ze weleens tot de meest ondergewaardeerde architecten van het menselijk leven kunnen behoren.

    Aanwijzingen

    Er zijn al aanwijzingen gevonden voor wat deze rondzwervende cellen allemaal uitvoeren. Uit dierproeven blijkt bijvoorbeeld dat cellen die het muizenjong van het moederlijf heeft meegekregen, bijdragen aan een goede afstemming van de natuurlijke afweer, zodat de pasgeborene beter bestand is tegen virusinfecties. En als het muizenjong is opgegroeid, zouden de achtergebleven cellen van de moeder kunnen bijdragen aan het welslagen van de eigen zwangerschap, door te voorkomen dat de foetus (die immers voor de helft uit vreemd DNA bestaat) als lichaamsvreemde bedreiging wordt gezien.

    Microchimere cellen kunnen wellicht ook verklaren waarom uit verschillende onderzoeken naar orgaantransplantatie naar voren komt dat het lichaam een donororgaan van de moeder makkelijker accepteert dan van de vader, zegt William Burlingham, transplantatiespecialist aan de Universiteit van Wisconsin-Madison. Hij deed begin jaren negentig onderzoek bij een patiënt die na zijn niertransplantatie ineens was gestopt met het nemen van afweeronderdrukkende medicijnen.

    Normaal gesproken had dat ertoe moeten leiden dat zijn lichaam de nieuwe nier zou afstoten, maar ‘het ging prima met hem’, zegt Burlingham. De donornier was van zijn moeder, en haar cellen circuleerden nog in zijn bloed en in zijn huid. Na de transplantatie zag het lichaam die nieuwkomer dus als meer van het oude.

    Gezondheid bevorderen

    De foetale cellen die tijdens de zwangerschap het lichaam van de moeder in dwalen, kunnen misschien zelfs de gezondheid van de baby bevorderen. David Haig, evolutiebioloog aan de Harvard-universiteit, vermoedt dat die cellen wellicht plaatsen opzoeken waar ze de toevoer van voedingsstoffen aan het kind kunnen optimaliseren: in de hersenen van de moeder, om haar ertoe te bewegen het kind meer aandacht te geven. In de borst, om de melkproductie te stimuleren. In de schildklier, om voor een wat hogere lichaamstemperatuur te zorgen.

    Misschien kunnen de cellen ook ingrijpen in de vruchtbaarheid van de moeder, zegt Haig, zodat het langer duurt voor ze weer zwanger wordt en het kind langer van haar onverdeelde aandacht kan profiteren. Foetuscellen kunnen vervolgens ook als informatiedragers fungeren voor toekomstig kroost in dezelfde baarmoeder, zegt Úbeda de Torres. Een latere foetus die in cellen van eerder gedragen broers of zussen weinig verwantschap bespeurt, zal volgens hem misschien gulziger zijn bij het opnemen van voedingsstoffen uit het lichaam van de moeder, in plaats van nog iets over te laten voor toekomstige kinderen, die misschien ook weer van een andere vader zullen zijn.

    ‘Ik denk echt dat het een verzekeringspolis is die de baby op de moeder neemt’

    Of moeders ook baat hebben bij microchimerisme is moeilijker vast te stellen. Het zou goed kunnen dat hoe beter de embryocellen in het lichaam van de moeder infiltreren, hoe beter zij in staat is het weefsel van haar foetus te verdragen, wat de kans op een miskraam of complicaties bij de bevalling verkleint. ‘Ik denk echt dat het een verzekeringspolis is die de baby op de moeder neemt,’ zegt Amy Boddy, biologisch antropoloog aan de Universiteit van Californië in Santa Barbara. ‘Zo van: hé, niet aanvallen.’

    De cellen die na de bevalling in het lichaam van de moeder achterblijven, kunnen er ook aan bijdragen dat toekomstige zwangerschappen makkelijker verlopen (als de vader althans dezelfde is). Complicaties zoals zwangerschapsvergiftiging komen minder vaak voor naarmate iemand meer kinderen met dezelfde partner krijgt. En de cellulaire afgezanten die de moeder afgeeft aan het lichaam van haar kind, kunnen mams misschien helpen door ervoor te zorgen dat het kind een goede slaper wordt, of gewoon een niet al te lastige baby.

    Ongewenste indringers

    Maar microchimerisme is voor moeders niet altijd een pretje. Nelson en andere onderzoekers constateren dat vrouwen met meer foetale cellen op de lange termijn ook meer kans lopen op het ontwikkelen van bepaalde soorten auto-immuunziekten, misschien doordat in sommige moederlichamen de cellen van de kinderen na de bevalling als ongewenste indringers worden ervaren.

    Nathalie Lambert, die als postdoc met Nelson heeft gewerkt en nu werkzaam is bij het Franse onderzoeksinstituut Inserm, zag in proeven dat foetale cellen bij muizen ook antilichamen kunnen voortbrengen die aanvallen uitlokken op de eigen cellen van de moeder. Maar het ligt nog ingewikkelder. ‘Ik denk niet dat ze kwaadaardig zijn,’ zegt Nelson over foetale cellen die de boel ontregelen. Zij en andere onderzoekers hebben ook aanwijzingen gevonden dat foetale cellen soms juist auto-immuunreacties bestrijden. Van sommige aandoeningen, zoals reumatische artritis, nemen tijdens en tot kort na de zwangerschap de symptomen daardoor juist af.

    De wetenschappers zijn er niet over uit of de lichaamsvreemde cellen daar schade aanrichten of die juist herstellen

    Ook in andere contexten kunnen foetale cellen zowel helpen als schaden, of geen enkel effect hebben. Er zijn voorbeelden bekend van uit de foetus afkomstige microchimere cellen die naar het hartweefsel van muizen trokken die halverwege hun draagtijd een hartaanval kregen, van cellen die de alvleesklier reguleerden bij muizenmoeders die net diabetes hadden ontwikkeld en van cellen die werden aangetroffen in tumoren en littekenweefsel van keizersnedes bij mensen. Maar de wetenschappers zijn er niet over uit of de lichaamsvreemde cellen daar schade aanrichten of die juist herstellen, of dat het simpelweg willekeurige passanten zijn die er bij toeval zijn waargenomen.

    Die vragen zijn erg moeilijk te beantwoorden, zegt Way, omdat het zo lastig is om onderzoek te doen naar deze cellen. Ze zitten dan misschien wel in ons allemaal, maar ze zijn erg zeldzaam en zitten vaak verstopt in moeilijk te bereiken inwendig weefsel. De wetenschap weet nog niet of de cellen actief afreizen naar een specifieke bestemming, of door de cellen van de moeder naar specifieke organen worden getrokken – of dat ze gewoon zoals riviersediment in de stroom van het bloed worden meegevoerd. En men is het er ook niet over eens hoeveel microchimerisme een lichaam aankan.

    Bij gebrek aan bewijs houden wetenschappers er rekening mee dat het kan tegenvallen. ‘Al wil ik toch graag denken dat microchimerisme grotendeels of zelfs helemaal goedaardig is,’ zegt Melissa Wilson, computationeel evolutiebioloog aan Arizona State University.

    Enorme mogelijkheden

    Maar als microchimerisme echt een rol speelt in auto-immuunziekten en het welslagen van het voortplantingssysteem, biedt dat enorme mogelijkheden voor nieuwe behandelingen. Het zou bijvoorbeeld een optie kunnen zijn, zegt William Burlingham, om bij de ontvanger van een donororgaan cellen van de moeder in te brengen, die dan als kleine ambassadeurs het lichaam kunnen verleiden tot het accepteren van nieuw weefsel. En behandelingen op basis van microchimerisme zouden volgens Amy Boddy de last kunnen verlichten van risicovolle zwangerschappen, want die lijken vaak te worden veroorzaakt door een al te agressieve afweerreactie in het lichaam van de moeder.

    Ze kunnen ook de ervaring van draagmoeders verbeteren, die meer kans lopen op complicaties zoals hoge bloeddruk, vroeggeboorte en zwangerschapsdiabetes. De stamcelachtige eigenschappen van de cellen kunnen zelfs helpen om tot betere behandelingen te komen voor genetische aandoeningen die al in de baarmoeder worden behandeld. Een onderzoeksgroep aan de Universiteit van Californië in San Francisco onderzoekt of dat mogelijk is bij de bloedziekte alfa-thalassemie.

    ‘Het heeft mijn denken wel veranderd, mijn idee van wie ik ben’

    Voordat dit allemaal werkelijkheid wordt, moeten er eerst nog wat vragen worden beantwoord. Er zijn aanwijzingen gevonden dat microchimere cellen van verschillende bronnen soms wedijveren om dominantie, of elkaar zelfs de tent uit vechten. Als dit verschijnsel zich ook voordoet bij eventuele therapieën, moeten artsen goed uitkijken welke cellen ze bij mensen inbrengen en wanneer, zodat de kostbare lading niet meteen verloren gaat.

    Misschien nog belangrijker is dat we nog niet weten hoeveel microchimere cellen er nodig zijn om iemands gezondheid te beïnvloeden. En volgens Kristine Chua, biologisch antropoloog aan de Universiteit van Californië in Santa Barbara, is die drempel waarschijnlijk bepalend voor de praktische uitvoerbaarheid van deze theoretische behandelingen.

    Maar al is er nog veel onzeker, de deskundigen die ik heb gesproken denken allemaal dat microchimerisme van groot belang zal zijn. Deze cellen zijn zo volhardend, zo alomtegenwoordig en evolutionair gezien zo oud, zegt Boddy, dat ze wel effect moeten hebben. Alleen al het feit dat ons lichaam ze toestaat om daar decennialang te blijven zitten en te groeien, te veranderen en zich te ontwikkelen, kan ons veel leren over ons afweersysteem – en daarmee over wie we zijn. ‘Het heeft mijn denken wel veranderd, mijn idee van wie ik ben,’ zegt Diana Bianchi, die zelf een zoon heeft. Ook al is die nu volwassen, zij draagt hem nog altijd bij zich – en hij haar. 

  • Onderzoek: hommels kunnen tot een week onder water overleven

    Onderzoek: hommels kunnen tot een week onder water overleven

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Trump-proces: twaalf juryleden zijn geselecteerd

    » Netflix stopt vanaf 2025 met rapporteren abonneeaantallen

    Het fenomeen zou hommels helpen overstromingen in het wild te overleven

    Hommels voelen zich misschien thuis in de stad en op het platteland, maar nu hebben onderzoekers tenminste één soort gevonden die zich nog beter kan aanpassen: ze kunnen onder water overleven. Zo meldt The Guardian dat wetenschappers hebben ontdekt dat koninginnen van de oosterse gewone hommel, een wijdverspreide soort in het oosten van Noord-Amerika, tijdens hun winterslaap tot een week onder water kunnen blijven.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Omdat bekend is dat hommelkoninginnen zich in de grond ingraven om te overwinteren, zeggen de onderzoekers dat dit fenomeen hen zou kunnen helpen overstromingen in het wild te overleven. De onderzoekers zeggen dat de bevindingen uitzonderlijk zijn omdat de meeste insecten die als volwassen dieren overwinteren – waaronder veel loopkevers – niet onder water kunnen blijven en riviervlaktes moeten verlaten om te overleven.

    De volgende prioriteit van het onderzoeksteam is om te onderzoeken of de resultaten ook gelden voor andere soorten hommels.

  • Zorgt de klimaatcrisis ervoor dat onze manier van leven ineenstort?

    Zorgt de klimaatcrisis ervoor dat onze manier van leven ineenstort?

    Geconfronteerd met de verwoestende gevolgen van een opwarmende planeet, staan rijkere landen voor de uitdaging om klimaatneutraal te worden en tegelijkertijd te proberen het economische systeem in stand te houden. Maar is dit werkelijk mogelijk? Wetenschappers Emilio Santiago en Margarita Mediavilla gaan hierover met elkaar in debat.

    Nee: ‘We zijn op het vlak van haalbare oplossingen beter gewapend dan ooit’

    De laatste jaren lijkt klimaatwetenschap wel een slechtnieuwsbulletin. Het laatste nieuws is de publicatie van een studie die waarschuwt voor de waarschijnlijke ineenstorting van de oceaanstromen in de Atlantische Oceaan. Nog meer bewijs dat de klimaatcrisis erger wordt. Wetenschappers zijn gealarmeerd. Zelfs bij een lage opwarming zijn de gevolgen zeer ernstig, en toch stoten we nog steeds CO₂ uit en begeven ons op gevaarlijk terrein. Op deze manier zullen al onze maatregelen voor het klimaat tevergeefs zijn.

    Onze kinderen groeien nu al op op een planeet die veel onleefbaarder is dan die van hun grootouders, en de situatie zal waarschijnlijk alleen maar verergeren. De eenentwintigste eeuw wordt een enorme ecologische stresstest voor samenlevingen die zwaar onder druk staan door ongelijkheid en geweld. Betekent dit dat ecologische ineenstorting zo goed als zeker is? Niet als we ineenstorting begrijpen zoals de term wordt gehanteerd in de sociale wetenschappen.

    Strikt genomen is een ineenstorting een snelle, destructieve en onomkeerbare ondergang van de sociale orde die de staat en de markt zoals we die kennen vernietigt. Ze gaat gepaard met technologische achteruitgang en massale sterfte. Deze situaties kunnen zich ad hoc voordoen in combinatie met specifieke catastrofes. Maar als traject is het waarschijnlijker dat we, als we het verkeerd aanpakken, terechtkomen in een proces van klimaatapartheid, verlies van vrijheden en verslechtering van levensomstandigheden. Dat is niet bepaald een ineenstorting. En de keuze van die term doet ertoe, want verschillende woorden roepen verschillende strategieën op.

    De beste remedie tegen klimaatangst is politiek

    Wat betreft het klimaatvraagstuk is de menselijke factor de grootste onbekende. Samenlevingen innoveren, passen zich aan en transformeren. Dezelfde ecologische schok kan tot heel verschillende sociale resultaten leiden. Sommige kunnen tot ineenstorting leiden, maar andere niet. Er is één ding dat Thatcher, Hollywood en het alarmistische klimaatactivisme met elkaar verbindt: het neoliberale geloof dat er geen alternatief is. Maar er is altijd een alternatief omdat politiek een kolossale hefboom voor verandering is. De pandemie diende als test. De economie werd stilgelegd, werknemers van getroffen bedrijven werden tijdelijk doorbetaald, wetenschappelijke successen zoals vaccins werden in recordtijd behaald, de vaccins werden verdeeld op basis van behoefte en niet op basis van marktcriteria… dit alles zou in 2019 onmogelijk hebben geleken.

    Ineenstorting voor lief nemen is de beste manier om aan het klimaat bij te dragen, omdat apocalyptische berichten over het klimaat mensen demobiliseren. Bovendien zijn er redenen voor hoop. Hernieuwbare energie ondergaat een verbazingwekkende technologische revolutie: in 80 procent van de landen is het al goedkoper om elektriciteit te produceren met hernieuwbare energie dan met fossiele brandstoffen.

    Technologie zal ons helpen, maar het is geen wondermiddel. Het moet worden gecombineerd met diepgaande sociale veranderingen. Ook op dit gebied is er vooruitgang: er is al een massaal klimaatbewustzijn dat wordt aangestuurd door de massale protesten van jongeren in 2019. Noodzakelijke utopieën zoals ‘degrowth’ worden besproken in het Europees Parlement. Overheidsprogramma’s zoals Next Generation EU injecteren een historische hoeveelheid middelen in de klimaattransitie, ook al schort er nog veel aan op het gebied van klimaatrechtvaardigheid. Maar ook op dat terrein is ruimte voor verbeteringen. Vooral omdat de neoliberale ideologie, die ons decennia van samenhangende klimaatactie heeft gekost, nu meer dood dan levend is. Overheidsingrijpen, industrieel beleid en het herverdelen van welvaart zijn ideeën die vandaag de dag veel meer tot de toekomst behoren dan tot het verleden.

    Ineenstorting is dus niet onvermijdelijk, want de klimaatcrisis geen eenmalig onheil. De klimaatcrisis ontvouwt zich als een opeenvolging van verwoestende gebeurtenissen die afhankelijk zijn van onze beslissingen. Het vermijden van een ecologische ramp is de bepalende taak van de eenentwintigste eeuw. En het zal de politiek zijn die er vorm aan zal geven. We weten dat politiek monsters kan voortbrengen. Maar ze kan ook rechten, doorbraken en grote transformaties voortbrengen. Daarom is de beste remedie tegen klimaatangst politiek. Elke verkiezing is al een klimaatreferendum. Maar sommige, zoals die voor het Europees Parlement, zijn beslissend. We moeten ze benaderen met de wetenschap dat we het op klimaatgebied slecht doen, maar dat we op het vlak van haalbare oplossingen beter gewapend zijn dan ooit.

    Emilio Santiago Muíño is antropoloog en hoofdwetenschapper bij het CSIC, de Spaanse nationale onderzoeksraad.


    Ja: ‘De energietransitie is niet een en al rozengeur en maneschijn’

    Allereerst zou het goed zijn om te weten wat we bedoelen met ineenstorting. Het woordenboek definieert het als ondergang, vernietiging of snelle val. Ik definieer het liever aan de hand van de systeemdynamica en karakteriseer het niet alleen als een val, maar als iets wat zichzelf versnelt, waardoor het bijzonder dramatische gevolgen heeft. Wat we ook bedoelen met ineenstorting, zeker is dat onze samenleving vroeg of laat zal ineenstorten, omdat ze al tientallen jaren niet duurzaam is, dat wil zeggen dat we niet in staat zijn om de huidige consumptieniveaus te handhaven zonder de fysieke en biologische basis die diezelfde consumptie voedt, af te breken.

    Om duurzaam te zijn, moet een samenleving aan ten minste vier eisen voldoen: gebaseerd zijn op niet-uitputbare (hernieuwbare) energiebronnen, alle mineralen voor bijna 100 procent recyclen, de extractie van biologische hulpbronnen beperken tot hun regeneratiesnelheid en afval uitstoten op een tempo dat overeenkomt met het recyclingvermogen van de natuur.

    We voldoen bij lange na niet aan deze basisvoorwaarden: driekwart van onze energie is afhankelijk van uitputbare bronnen zoals fossiele brandstoffen en uranium, onze recyclingpercentages zijn erg laag, bossen, waterhoudende grondlagen en visgronden worden overgeëxploiteerd, we verliezen vruchtbare grond en we hebben problemen met een overschot aan afval, van plastic tot CO₂, die klimaatverandering veroorzaakt.

    In werkelijkheid gaan we in veel opzichten al bergafwaarts omdat dit alles het leven van miljoenen mensen moeilijker maakt, maar we hebben de neiging te denken dat de achteruitgang van de natuur er niet toe doet omdat wetenschappelijke vooruitgang altijd in staat is om problemen op te lossen en ons leven te verbeteren.

    Op het gebied van energie is de innovatie nogal middelmatig

    Dat is te veel verantwoordelijkheid voor de technologie, die niet alles kan bereiken en doorgaans ook niet verdergaat dan de toekomstscenario’s die we ons kunnen voorstellen. In de afgelopen decennia zijn er bijvoorbeeld verbazingwekkende ontdekkingen gedaan op het gebied van computers, maar op het gebied van energie zijn ze nogal middelmatig: noch thermische zonnecentrales, noch dunne filmzonnetechnologieën, noch algenbrandstoffen, noch getijdenenergie hebben de resultaten opgeleverd die een paar jaar geleden werden verwacht.

    Deze beperkingen zijn vooral duidelijk als we het hebben over het uitfaseren van fossiele brandstoffen, vooral olie, een buitengewone hulpbron. Benzine slaat bijvoorbeeld zeventig keer meer energie op per kilogram gewicht dan de batterijen die worden gebruikt om de elektriciteit op te slaan die wordt geleverd door hernieuwbare energiebronnen. Daarbij komt nog de afhankelijkheid van schaarse mineralen, landgebruik en de grilligheid van zonne- en windenergie. Dit zijn geen absolute belemmeringen, maar ze zorgen allemaal voor extra technische moeilijkheden. En wat technisch ingewikkeld is, is economisch onrendabel, onaantrekkelijk voor de consument en politiek moeilijk te verkopen.

    Toch moeten we om twee redenen afstappen van fossiele brandstoffen: omdat ze tekenen van uitputting vertonen (30 van de 53 belangrijkste olieproducerende landen zien al een achteruitgang op dit gebied) en omdat we de klimaatverandering moeten beperken. Maar we moeten onszelf niet wijsmaken dat de energietransitie een en al rozengeur en maneschijn is. Het is een complex proces dat een ambitieuze economische, ecologische en sociale overgang vereist, naast technische veranderingen.

    Is ineenstorting onvermijdelijk? Als we het begrijpen als een daling van het consumptieniveau en een progressieve toename van ontberingen, ja, dan denk ik dat het onvermijdelijk is. Maar of het die zichzelf versnellende catastrofale val is, die ik pas echt ineenstorting zou willen noemen, hangt af van de keuzes die we maken.

    Een samenleving kan ervoor kiezen om hulpbronnen die schaars worden te beschermen of om ze te overexploiteren. Als hulpbronnen worden overgeëxploiteerd, verslechteren ze, waardoor meer schaarste en meer overexploitatie ontstaan in een neerwaartse spiraal van zichzelf versnellende ineenstorting. Ik geloof dat we op mondiaal niveau nog niet in deze dynamiek zijn beland, maar om dit ook in de toekomst te voorkomen moeten we onszelf beperkingen opleggen, oog hebben voor systemen en respect tonen aan de natuur; gedrag dat we nu nog te weinig laten zien.

    Margarita Mediavilla Pascual is docent aan de School voor Industriële Techniek van de Universiteit van Valladolid. Ze maakt deel uit van de onderzoeksgroep Energie, Economie en Systeemdynamica (GEEDS) en is gespecialiseerd in geïntegreerde energie-, economische en milieubeoordelingsmodellen.

  • Bloemen produceren minder nectar vanwege insectentekort

    Bloemen produceren minder nectar vanwege insectentekort

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Colorado schrapt Donald Trump van het stembiljet

    » Oekraïense leger vraagt om 450.000 nieuwe soldaten

    Viooltjes evolueren tot zelfbestuiving

    Franse onderzoekers hebben ontdekt dat wilde viooltjes kleinere bloemen en minder nectar produceren dan twintig tot dertig jaar geleden vanwege het insectentekort. Dat schrijft The Guardian. De eeuwenoude interactie tussen de bloemetjes en de bijtjes is volgens de onderzoekers snel aan het verdwijnen.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    ‘Onze studie toont aan dat viooltjes evolueren om niet langer afhankelijk te zijn van hun bestuivers,’ zegt Pierre-Olivier Cheptou, een van de auteurs van de studie, tegen de Britse krant. ‘Ze evolueren tot zelfbestuiving, waarbij elke plant zichzelf voortplant. Dat werkt goed op korte termijn, maar kan hun vermogen om zich aan te passen aan toekomstige milieuveranderingen beperken.’

    Studies in heel Europa hebben een afname van het aantal insecten gerapporteerd. Uit een onderzoek in Duitse natuurreservaten bleek dat van 1989 tot 2016 het totale gewicht van insecten die in vallen werden gevangen met 75 procent was gedaald. Hoofdauteur van het Franse onderzoek Samson Acoca-Pidolle voegde hieraan toe: ‘Onze resultaten tonen aan dat de effecten hiervan niet gemakkelijk terug te draaien zijn, omdat planten al zijn begonnen met evolueren. Maatregelen zijn daarom dringend nodig om het insectentekort op te lossen en om te keren.’

  • Italiaans parlement verbiedt kweekvlees

    Italiaans parlement verbiedt kweekvlees

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Website The Guardian verwijdert bin Ladens ‘Brief aan Amerika’ na TikTok-hit

    » Israëlische leger: eerste lichamen gijzelaars gevonden

    Zorgen om de gezondheid van burgers

    Het Italiaans parlement heeft gisteren een wetsvoorstel goedgekeurd dat de productie en verkoop van kweekvlees verbiedt, aldus Corriere della Sera. De Senaat had de wet al eerder aangenomen. Volgens het Italiaanse Ministerie van Landbouw, Voedselsoevereiniteit en Bosbouw is het doel van deze maatregel de bescherming van de gezondheid van burgers, maar ook het behoud van het Italiaanse culinaire erfgoed en al die producten die ‘van strategisch belang zijn voor de nationale voedselzekerheid’.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Kweekvlees, dat ten onrechte ‘synthetisch’ of ‘kunstmatig’ wordt genoemd, aldus de Italiaanse krant, is een soort vlees dat in het laboratorium wordt gemaakt van dierlijke cellen die via een biopsie worden afgenomen en vervolgens in een voedingsrijke oplossing worden gekweekt. ‘Vanuit het oogpunt van voedselveiligheid brengt kweekvlees geen risico’s met zich mee’, legt Fondazione Veronesi, een stichting ter bevordering van wetenschappelijk onderzoek, uit aan het dagblad. Maar omdat het een nieuw voedingsmiddel is, staat het onder streng toezicht van de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSA). Singapore is vooralsnog het enige land ter wereld waar je kweekvlees kunt consumeren.

    Oppositiepartijen zijn tegen de wet en wijzen erop dat de veeteelt een van de sectoren is met de grootste milieu-impact in Italië. Ook vormt de veehouderij een risico voor de volksgezondheid, bijvoorbeeld door infecties en ziekten die van dieren op mensen kunnen worden overgedragen of het grootschalige gebruik van antibiotica in de sector die leidt tot resistente bacteriën.

  • Na 140 jaar is hét woordenboek van de Zweedse taal eindelijk af

    Na 140 jaar is hét woordenboek van de Zweedse taal eindelijk af

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Eindelijk een voorzitter: Mike Johnson gekozen door Republikeinen

    » Gezondheidszorg in Gaza ‘staat op instorten’

    Het boek bevat ruim 33.000 pagina’s, verdeeld over 39 delen

    Na 140 jaar is het eindelijk zover: het volledige Zweedse woordenboek is eindelijk voltooid. Het laatste deel van het woordenboek, dat ruim 33.000 pagina’s telt, is vorige week naar de drukker gestuurd, zo schrijft Dagens Nyheter.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    In 1883 werd aan het boek begonnen en in de loop der jaren hebben 137 medewerkers fulltime aan het boek gewerkt, zo laten medewerkers van de Nobel Academie, die het woordenboek maakten, weten. Ondanks de mijlpaal zit het werk er voor de organisatie niet op: de delen A tot R zijn nu zo oud dat ze moeten worden herzien om er moderne woorden in op te nemen.

    Zo werd deel A in 1893 gepubliceerd. Woorden als ‘allergie’ en ‘app’ moeten nog toegevoegd worden. Onder de B moet bijvoorbeeld het woord ‘barbie-pop’ worden toegevoegd, terwijl bij de C het woord ‘computer’ moet worden bijgeschreven. In de komende zeven jaar zullen zeker tienduizend woorden worden toegevoegd aan de gepubliceerde reeks.

    Lees ook:

  • Wereldbeeld: Marsaardappelen als voedsel van de toekomst

    Wereldbeeld: Marsaardappelen als voedsel van de toekomst

    In 2050 moeten er bijna 10 miljard mensen gevoed worden, en dat vraagt om creatieve oplossingen. Misschien liggen er tegen die tijd wel aardappelen in de supermarkt afkomstig van Mars.

    Over hoe in 2050 bijna 10 miljard mensen gevoed moeten worden bestaan steeds meer (wilde) ideeën. Op de tentoonstelling Spacefarming: de toekomst van voedsel in het Evoluon in Eindhoven produceert een roestvrijstalen koe melkproducten met micro-organismen, dus zonder dat er iets dierlijks aan te pas komt. Of het er ooit van komt is zeer de vraag, maar in het iconische Evoluon doet ruimtebioloog Wieger Wamelink als ‘scientist in residence’ een poging om aardappelen te verbouwen op een nagemaakte Marsbodem. 

    Wereldbeeld
      — © ANP
  • Zesde massa-extinctie dreigt, waarschuwen wetenschappers

    Zesde massa-extinctie dreigt, waarschuwen wetenschappers

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Moord op sikh-leider in Canada: Trudeau wijst naar India en zet diplomaat uit

    » Oekraïens graan: Kyiv dient klacht in bij WTO tegen Polen, Slowakije en Hongarije

    Hele groepen diersoorten dreigen te verdwijnen

    In een studie die maandag in het wetenschappelijke tijdschrift PNAS is gepubliceerd, waarschuwen wetenschappers voor een zesde massa-extinctie. Volgens de onderzoekers verdwijnen groepen diersoorten vijfendertig keer sneller dan gemiddeld als gevolg van menselijke activiteiten, bericht The Guardian.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Er bestaat al veel onderzoek het verdwijnen van soorten, maar dit onderzoek is uniek omdat het kijkt naar het uitsterven van hele geslachten. De onderzoekers maakten gebruik van de lijsten van uitgestorven soorten die zijn opgesteld door de International Union for Conservation of Nature. Ze concludeerden dat van de ongeveer 5400 geslachten (die 34.600 soorten omvatten) er 73 zijn uitgestorven in de afgelopen vijfhonderd jaar – de meeste in de afgelopen twee eeuwen. Volgens het onderzoek had het uitsterven van deze 73 geslachten 18.000 jaar moeten duren, geen 500.

    Als gevolg van de vernietiging van habitats, de klimaatcrisis en de illegale handel in wilde dieren, zullen de verliezen de komende jaren naar verwachting toenemen. In het ergste geval – dat alle momenteel bedreigde groepen soorten tegen het einde van de eeuw verdwenen zijn – zou het tempo 354 keer hoger liggen dan het gemiddelde van de afgelopen miljoen jaar.

    Lees ook: