Onderwerpen: Cultuur

  • Volop spiegels aan de wand in Kunsthal KAdE

    Volop spiegels aan de wand in Kunsthal KAdE

    Tijdens de tentoonstelling Mirror | Mirror is (zelf)reflectie het thema. In Amersfoort is werk van dertig kunstenaars te zien die de toeschouwer uitdagen anders naar zichzelf en de omgeving te kijken.

    Voor de expositie Mirror | Mirror in Amersfoort heeft samensteller Judith van Meeuwen installaties van dertig nationale en internationale beeldend kunstenaars bij elkaar gebracht. Het thema is (zelf)reflectie in brede zin: vanuit wetenschappelijke, kunsthistorische of verhalende invalshoek. Het museum is gevuld met spiegels in de meest onverwachte en uiteenlopende verschijningsvormen. Een spiegel waarin je pas iets ziet wanneer je lacht, een spiegel die ’s winters het zonlicht weerkaatst of eentje die je met een hometrainer in beweging moet brengen om een nieuw perspectief te krijgen.

    Het laatste kunstwerk, Mobile Mobile van de Deense kunstenaar Jeppe Hein, is voor het eerst te zien. Andere ontwerpen zijn van onder meer Kathrin Schlegel, Berk Ilhan en landschapskunstenaar Andy Goldsworthy.

    Ingeborg Ruthe schrijft in de Berliner Zeitung dat Hein, ‘kort na de eeuwwisseling een van de meest succesvolle internationale kunstenaars’, veel lichtere werken maakt nadat hij was hersteld van een totale burn-out. Pas na tussenkomst van een boeddhistische non kwam hij er weer bovenop. ‘Tegenwoordig is hij, juist vanuit zijn drukke omgeving in Berlijn, voortdurend op zoek naar het speelse en alledaagse.’

    ‘De museumbezoeker is toeschouwer en deelnemer tegelijk.’

    Volgens Gabriela Angeleti, recensent van The Art Newspaper, ligt het accent bij Hein nu nog meer op meditatieve en interactieve kunst: ‘Tijdens het maken en ontwerpen komt hij weer op adem en dat probeert hij over te brengen op de toeschouwer.’

    ‘Het is Hein altijd te doen om het concept waarin de kijker iets in gang zet, waarna het kunstwerk de controle overneemt’, schrijft Kaytie Johnson in het Artpulse Magazine. ‘Zo is de museumbezoeker toeschouwer en deelnemer tegelijk.’

    Hannah Jane Parker van The Guardian kan nog wel waardering opbrengen voor het idee achter de slimme lachspiegel van Berk Ilhan: het opvrolijken van kankerpatiënten. Maar de criticus noemt het ‘idioot’ om het product voor een paar duizend dollar op de markt te brengen: ‘Wie kanker heeft en nog niet doodmoe is geworden van het advies om positief te blijven, kan vast beginnen met sparen.’

    De tentoonstelling Mirror | Mirror is tot en met 29 augustus te zien in Kunsthal KAdE in Amersfoort.

    Door Diederik Samwel

  • De grote cultuuroorlog om de pizza Hawaï

    De grote cultuuroorlog om de pizza Hawaï

    De vraag wel of geen ananas op pizza verdeelt de wereld al sinds 1962. In een tijdperk dat zich kenmerkt door polarisatie, wordt het debat weer op het scherpst van de snede gevoerd. Waarom maken we ons zo druk over de pizza Hawaï?

    Het noodlottige experiment vond plaats in 1962. Sam Panopoulos, een restauranthouder, was niet bang om risico’s te nemen. Hij had Griekenland op twintigjarige leeftijd verlaten om een nieuw leven te beginnen in Canada en werd eigenaar van een succesvol restaurant in het centrum van Chatham, Ontario. Hij stond bekend om zijn speelse gevoel voor humor. Zijn noodlottige culinaire creatie was een combinatie van deze beide elementen van zijn karakter. Tijdens het bereiden van een pizza, opende hij een blikje gesneden ananas – en deed het ondenkbare.

    Zestig jaar later is de pizza Hawaï – een standaardlaag van mozzarella en tomaat belegd met ananas en ham of spek – een van de meest controversiële gerechten ooit gemaakt. In tegenstelling tot andere etenswaren waarover de meningen zo vrolijk verdeeld zijn (iemand zin in Marmite?) is het geen kwestie van deze pizza lekker vinden of niet. In een tijdperk dat zich kenmerkt door een neiging tot polarisatie, is het debat over de verdiensten (of tekortkomingen) van ananas op pizza een wereldwijd tijdverdrijf geworden. In profielen op dating-apps worden potentiële partners niet zelden geconfronteerd met een ‘voedselgevecht’; hou je van ananas op pizza? is evengoed een ijsbreker als een dealbreker. Publieke figuren hebben partij gekozen: Paris Hilton is er gek op, Gordon Ramsay windt zich erover op.

    Voor de lol

    Het debat over de ananaspizza is zo alomtegenwoordig dat de Amerikaanse regering in 2019 met de ‘The War on Pineapple’ kwam, een voorlichtingscampagne met als doel te laten zien hoe mensen kunnen worden gemanipuleerd via online posts over kwesties die gemoederen verdelen. Waarom ontlokt de pizza Hawaï dit soort uitgesproken meningen? Panopoulos zei dat hij de ananas slechts ‘voor de lol’ op deze pizza had gedaan. Toen de controverse over zijn creatie in 2017 viraal ging, liet de pensionaris – handenwrijvend – van zich horen: ‘Wat is er met jullie aan de hand?’ vroeg hij.

    De pizza Hawaï was niet altijd zo omstreden. In de jaren vijftig en zestig was pizza voor de meeste Amerikanen nog een relatieve nieuwigheid. Met de komst van huishoudelijke diepvriezers boden kant-en-klare pizzabodems een blanco canvas voor zelfexpressie. In recepten in Amerikaanse kranten werd voorgesteld om allerlei niet-traditioneel pizzabeleg uit te proberen, zoals gebakken aardappel en zure room, of zelfs om pizza als dessert te eten, met suiker, kaneel en banaan bovenop gesmolten mozzarella. De opvattingen over welk beleg aanvaardbaar was, waren nog niet verworden tot een religieus dogma.

    De naoorlogse periode was in Noord-Amerika een tijd van culinaire nieuwsgierigheid en experimenteren. De Italiaanse keuken nam een hoge vlucht in de buitenwijken. Tegelijkertijd bloeide, met de terugkeer van militairen uit de Stille Zuidzee, de tikicultuur op, met de bijbehorende cocktails, hoelameisjes en ananassen [Het begrip ’tikicultuur’ ontstond rond de jaren dertig van de vorige eeuw in de VS, en is geïnspireerd op de tikisnijkunst uit de Maoricultuur]. Omgekeerde ananastaart werd een favoriet dessert. Ingeblikte ananas was een belangrijk exportproduct voor Hawaï, dat tot de jaren zestig driekwart van de wereldvoorraad produceerde. Het was dus duidelijk hoe de nieuwe fruitige pizza van Panopoulos moest gaan heten: ‘Hawaï’. Ananas was slechts een van de vele Amerikaanse belegvariaties: in Californië werd gebarbecuede kip op pizza populair en in Chicago heerste de panpizza. Populaire combinaties wisselden elkaar af, maar de pizza Hawaï bleef een van de populairste pizza’s in Amerika [en veel andere landen].

    Fastfoodfenomeen

    Vrijwel elk ingrediënt is ooit als pizzatopping uitgeprobeerd. Sinds het ontstaan als goedkope maaltijd voor zeelieden in Napels was de pizza al een populair en laagdrempelig voedingsmiddel. Maar toen pizza een wereldwijd fastfoodfenomeen werd, kwam ook het begrip klasse om de hoek kijken: koos je voor het ‘authentieke’ recept, of bezweek je voor een verbastering met fruit?

    Puristen zagen ananas als een voorbeeld van hoe ver de pizza van zijn oorsprong was afgegleden. De tropische nieuwigheid was zo on-Italiaans als maar zijn kon. De ‘gourmet’-pizza’s in de chique Californische restaurants waren dan misschien even onecht, maar het was de pizza Hawaï die velen te ver ging.

    Nationale en culturele trots laaiden het vuur verder op. Toen de pizza steeds verder veramerikaniseerd raakte, vocht het land dat het gerecht bedacht terug. ‘Wij zijn tegen de culturele en commerciële vervorming van onze pizza’, aldus Antonio Pace, oprichter van de Associazione Verace Pizza Napoletana (vereniging voor de echte Napolitaanse pizza) bij de oprichting van de organisatie in 1984. ‘We willen onze oude tradities bestendigen.’

    ‘Pizza met ananas? Dat is een taart’

    In de jaren tachtig hadden de Italiaans-Amerikanen hun maatschappelijke achterstand ingelopen. Sommigen voelden dat hun identiteit gevaar liep. In 2002 vertelde een Italiaans-Amerikaanse pizzabakker aan The New York Times dat hij slechts één keer ananas op een pizza had gedaan: toen een klant die acht maanden zwanger was hem vertelde dat ze daar trek in had. ‘Maar dat was meteen ook de laatste keer,’ zei hij.

    Zeven jaar later, toen de Napolitaanse pizza een beschermde status kreeg volgens de Europese wet, vroeg dezelfde krant een pizzaiolo in Napels naar zijn mening: ‘Pizza met ananas? Dat is een taart.’

    ‘Het is oké om vrouwelijk, mannelijk, homo of hetero te zijn … maar het is nooit oké om ananas op pizza te doen’

    Ondanks het feit dat het een van de populairste pizza’s ter wereld is, kwam de pizza Hawaï te staan voor onechtheid, fastfood en slechte smaak. Er was maar één extra ingrediënt nodig om de controverse rondom de pizza Hawaï nog eens wereldwijd te doen toenemen: het internet.

    Het afgelopen decennium hebben meningsverschillen, anekdotes en vluchtige zaken uit de echte wereld online vaak onherkenbare vormen aangenomen. Socialmediaplatforms lenen zich evengoed om kattenfoto’s te bespreken als om in konijnenholen van extremistische politiek te vallen. De malle en toegankelijke pizza Hawaï bleek perfect voer voor de mememachine van het internet.

    De eigenheid van ananas leende zich uitstekend voor deze wereld waarin men het leuk vond om willekeurige en vreemde onderwerpen te vereren (of te ontheiligen). En het leukste was nog dat het om een gerecht ging dat de gemoederen deed oplaaien. Het was niet de pizza Hawaï die een meme werd, maar het debat over de pizza Hawaï. Wilde je meepraten, dan moest je een mening hebben.

    In december 2009 werd een Facebookpagina gelanceerd met de naam ‘Pineapple does NOT belong on PIZZA!’ (ananas hoort niet op pizza). Volgens Know Your Meme, een database van de internetcultuur, bracht deze pagina het online gekrakeel op gang. Mensen grepen de kans om zich over te geven aan ironie en overdrijving. ‘Het is oké om vrouwelijk, mannelijk, homo of hetero te zijn … maar het is nooit oké om ananas op pizza te doen,’ aldus een meme. Anderen, die het online debat onvermijdelijk torpedeerden, stelden dat Adolf Hitler een fan was van ananas als topping. ‘Knights of Pineapple’ (ananasridders), een Reddit-groep uit 2015 met op dit moment 68.000 leden, beloofde te ‘vechten voor de erkenning van de heerlijke pizza Hawaï’.

    #TeamPineapple

    Het debat ontworstelde zich van de online forums. In 2017 werd de president van IJsland naar verluidt door een student gevraagd hoe hij over de pizza in kwestie dacht: ‘Ik zou hem verbieden als ik de wetgevende macht had,’ zei hij. Hetzelfde jaar kwam Justin Trudeau, premier van Canada, swingend uit voor het thuisteam: ‘Ik heb een ananas. Ik heb een pizza. En ik sta volledig achter deze heerlijke creatie uit Zuidwest-Ontario. #TeamPineapple’, tweette hij.

    Tegen een achtergrond van trolling en takedowns, online echo-chambers en door social media verstoorde verkiezingen, ging het debat over de ananaspizza eigenlijk helemaal niet over eten. Het was polarisatie voor de bühne: een manier om te spotten met de kwalijke kanten van het internet. Veel onderwerpen waren inmiddels haast te beladen om te bespreken – zowel online als offline –, maar hier had je een onbeduidend onderwerp waarover iedereen kon meepraten en ruziën, zonder dat je je zorgen hoefde te maken over gevolgen in de echte wereld.

    Misschien verklaart dat waarom opiniepeilers, op het verkeerde been gezet door de schokkende uitslagen van het brexit-referendum en de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016, hun toevlucht namen tot enquêtes over pizza. YouGov stelde vast dat 53 procent van de Britten in 2017 ananas als beleg goedkeurde (slechts een iets kleiner deel had gestemd voor het verlaten van de Europese Unie). Pizza is een onderwerp geworden waarover je je zogenaamd kunt opwinden zonder dat het je eigenlijk een bal kan schelen. Het gerecht, dat vaak door een groep mensen wordt besteld en genuttigd, nodigt uit tot debat en discussie – maar vriend en vijand van de ananaspizza kunnen nog steeds aan dezelfde tafel zitten. En als het erop aankomt eten de meesten van ons welk stuk ons ook maar wordt voorgeschoteld.

    ‘Als 2020 een pizzatopping was, zou het ananas zijn’

    Er worden nog steeds berichten gepost op social media waarin het gerecht wordt aanbeden of verguisd. ‘Als 2020 een pizzatopping was, zou het ananas zijn’, is een typische klaagzang van deze tijd. Toen het Amerikaanse Cybersecurity and Infrastructure Security Agency wilde laten zien hoe buitenlandse actoren controversiële kwesties kunnen uitbuiten, zoals in 2016 gebeurde toen Russische trollen ‘meme warfare’ gebruikten om verdeeldheid te zaaien in Amerika, was het debat over de ananaspizza vanwege de herkenbaarheid een voor de hand liggend voorbeeld.

    De organisatie maakte een infographic om te laten zien hoe het discours rond de ananas als topping kon worden gepolitiseerd en verhit met uitspraken als: ‘tegen ananas zijn is on-Amerikaans’ of ‘millennials verpesten de pizza’. Later, toen het cyberbeveiligingsagentschap kennelijk de smaak van fruitige pizza’s te pakken had gekregen, werkte het samen met psychologen van de Universiteit van Cambridge om een online spel te maken dat was bedoeld om spelers ‘in te enten’ tegen politieke desinformatie doordat ze de processen sneller leerden herkennen. Spelers werden uitgenodigd onenigheid te zaaien in het vreedzame Harmony Square, een buurt die bekendstaat om zijn levende standbeeld, zijn majestueuze zwaan – en zijn jaarlijkse ananaspizzafestival.

    Tweespalt bleek veel dichter bij huis te worden aangewakkerd dan iemand van het cyberbeveiligingsagentschap had kunnen voorspellen. In november 2020, na weken van ophef over verkiezingsfraude, werd Chris Krebs, hoofd van Amerika’s cyberbeveiligingsagentschap, door Donald Trump ontslagen omdat hij in het openbaar de integriteit van de presidentsverkiezingen van november in twijfel had getrokken. Drie dagen later tweette Krebs: ‘Ik moet iets bekennen: Ik hou echt van ananas op pizza. Don’t @ me. #WarOnPineapple’.

    De reacties waren, zoals te verwachten was, gepolariseerd. Maar voor één keer volgden ze niet de partijlijnen. De strijd om de pizza Hawaï blijft een luchthartige met een verfrissend lage inzet, en een waarvan iedereen kan genieten. Een beetje zoals de pizza dus.

    Mark Rutte en ananas op pizza

    Tijdens een livestream op TikTok van de VVD-campagne in aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen van 2021 kreeg Mark Rutte een kijkersvraag: ‘Ananas op een pizza, ja of nee?’ ‘Absoluut niet!’ antwoordde de VVD-leider met een vies gezicht. Zijn argumentatie: ‘Er is niets zo smerig, vind ik, als een combinatie van zoet en hartig. Dus ik vind dat helemaal niks.’

    Rutte was zich bewust van de verdeeldheid die rondom de kwestie heerst: ‘We zijn het vaak eens in dit land, maar Nederland splijt hier.’

    Toch zei Rutte dat hij op dit onderwerp geen consessies zou doen: ‘Ik behoor absoluut tot de groep die geen ananas op pizza gaat doen. Ik ga het gewoon niet doen.’

  • Agenda

    Agenda

    360 selecteert een aantal internationale concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities die naar Nederland of België komen, of online te vinden zijn.

    Naar Watou toe

    KUNSTENFESTIVAL | Dit jaar vindt alweer de veertigste editie van het bekendste Belgische festival voor de beeldende kunst en poëzie plaats in het inmiddels bekende dorp Watou. Het festival slaagt er iedere zomer weer in een inspirerende dialoog tussen hedendaagse kunst, poëzie, landschap en karaktervolle locaties tot stand te brengen dankzij Gwy Mandelinck, stadsbibliothecaris en conservator van het Hop-museum die in Poperinge
    de gedroomde plek zag voor een festival.

    Door de aanwas van technologie en artificiële intelligentie, maar ook door de wereldwijde crisis, worden we gedwongen niet alleen op onze rationele, maar ook – en steeds meer – op onze biologische, emotionele, spirituele en intuïtieve intelligentie te vertrouwen. De wereld zoals we die kennen is aan het veranderen en wat is de invloed daarvan op de natuur, op onszelf en op elkaar? Watou nodigt haar bezoekers uit om te kijken naar en te reflecteren over deze en andere essentiële vragen die ons bezighouden en ons met elkaar en de natuur verbinden.

    WATOU, Watou (Poperinge), België, t/m 5 september, kunstenfestivalwatou.be


    Eindelijk erkenning

    TENTOONSTELLING | Eindelijk krijgt de veel te jong (aan kanker) overleden Amerikaanse kunstenaar Margaret Kilgallen (Washington, 1967- 2001) het podium en de erkenning die ze verdient. De indrukwekkende, reizende tentoonstelling Margaret Kilgallen: that’s where the beauty is, benadrukt de verbluffende, visuele complexiteit van haar werk geïnspireerd op haar relatie met de surfers en graffitikunstenaars uit de jaren negentig, haar grote liefde voor handwerk en haar wortels in de geschiedenis van de prentkunst, de Amerikaanse ‘folk’ en ‘folklore’ en feministische representatiestrategieën.

    De tentoonstelling die – evenals haar esthetiek – zowel nostalgische als folkloristische elementen kent, maakt duidelijk waarom Kilgallens oeuvre – gedreven door een groot sociaal engagement ten aanzien van minderheden als de lhbtq-gemeenschap, de Native American gemeenschap en de surfsubcultuur – van grote invloed is geweest op de kunstwereld van de Amerikaanse West Coast bestaande uit kunstenaars als Barry McGee, Clare Rojas en Chris Johanson. Kilgallen was gefascineerd door handgeschilderde uithangborden, de typografie van het oude Wilde Westen en de kleurige muurschilderingen van muralisten uit Latijns-Amerika die ze vertaalde naar haar eigen houtsnedes en traditionele print- en schildertechnieken. Ze wilde dat haar werk toegankelijk was voor het grote publiek en daarom maakte ze zowel werk voor de galeriewereld als voor de publieke ruimte. Ook zien we in de documentaire Place van Art21, hoe ze meedeed aan de toenmalige traditie om treinen en goederenwagons te voorzien van haar naam of tag (Matoklie Slaughter) in krijt, om, zo jong als ze was, haar stempel op de wereld te drukken.

    Margaret Kilgallen: that’s where the beauty is, t/m 7 november, Bonnefantenmuseum, Maastricht


    Iedereen mooi, jong en slank

    TENTOONSTELLING | We willen allemaal jong blijven en mooi (en slank) oud worden. Althans, dat is wat de commercie en de media ons doen geloven. Maar hoe doe je dat? Of liever gezegd, waarom willen we dat? De multimediale tentoonstelling Youthquake laat zien hoe mode, fotografie en video inspelen op het ideaal van de eeuwige jeugd. Maar ook modellen als Kate Moss en Naomi Campbell verjaren en ook de mini-me’s zullen eraan moeten geloven en op een dag niet meer in hun maatje 34 passen.

    Modehuis en creatieve studio Maison the Faux, verantwoordelijk voor de vormgeving van de tentoonstelling, houdt de modewereld graag een spiegel voor en slaagt daar ook dit keer wonderwel in; en de 99-jarige ‘tiener’ (en wereldberoemd stijlicoon) Iris Apfel laat in een video zien hoe je op positieve en gracieuze wijze oud kunt worden.

    Youthquake: Verlangen naar eeuwige jeugd, t/m 22 augustus, Kunsthal Rotterdam


    Aretha Franklin

    FILM | De lang verwachte muziekfilm Respect: Her Voice Changed Everything van regisseur Liesl Tommy, over een van ’s werelds beroemdste soul- en r&b-zangeres Aretha Franklin is straks in de Nederlandse bioscopen te zien. Met Jennifer Hudson in de rol van Aretha.

    Vanaf 2-9 in de bioscoop


    Niet in een hokje

    THEATER | In Den Bosch geven zowel gelauwerde regisseurs als nieuwe podiumkunstenaars uit binnen- en buitenland voorstellingen die niet altijd ‘in een hokje passen’. Het festival duurt elf dagen en biedt een zeer divers programma rond dé cultuurstad van het zuiden.

    theaterfestival.info/boulevard, t/m 22-8


    Muziekpodcasts

    PODCAST | Muziekpodcasts zijn vaak even verslavend en fascinerend als de muziek zelf. Inmiddels zijn er bijna evenveel muziekpodcasts als dat er muziekgenres zijn: van Dad Bod Rap Pod tot aan Broken Record (met o.a. interviews door de legendarische Rick Rubin).

    udiscovermusic.com/stories/best-music-podcasts/

    Door Manuela Klerkx

  • Gerecenseerd

    Gerecenseerd

    360 kiest een aantal door de buitenlandse pers beschreven concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities die naar Nederland of België komen, of online te vinden zijn.

    Dave Chappelle weet het luchtig te houden

    Podcast en muzikale soundtrack ineen

    PODCAST | ‘Het zou me niks verbazen als Dave Chappelle nog nooit een podcast had geluisterd voordat hij er zelf een maakte’, schrijft Carrie Battan van The New Yorker. The Midnight Miracle van de Amerikaanse komiek en satiricus is geen podcast in ‘talk-radio-stijl’, en ook geen verhalende show. ‘Chapelle doet niet aan overdreven preludes, introducties of wegwijzers. In plaats daarvan beweegt The Midnight Miracle van verhaal naar verhaal, subtiel afgewisseld door zorgvuldig geselecteerde muzikale intermezzo’s.’ Cultuursite NME spreekt zelfs van een muzikale soundtrack, bestaande uit onder andere Charlie Parker, Dizzy Gillespie, Thelonious Monk, D’Angelo, Heatwave featuring Johnnie Wilder en veel meer. Inspiratie op dit vlak is mede afkomstig van rappers Yasiin Bey (Mos Def) & Talib Kweli, met wie Chappelle de show samen maakt. In de woorden van entertaimentsite Deadline ‘verlegt [The Midnight Miracle] de grenzen van de podcast en ontstaat een audio-ervaring die luisteraars nooit eerder hebben gehoord’.

    In de show komen naast muziek en humor ook maatschappelijke issues aan bod, van racisme tot eenzaamheid tot verslaving. Zo heeft Bey het in een van de afleveringen over Amy Winehouse, met wie hij bevriend was, en over het belang van niet oordelen wanneer anderen in nood zijn. Ook in zulke afleveringen, prijst Battan Chappelle, blijft de toon luchtig zonder dat de makers in algemeenheden vervallen.

    Elke twee weken is een nieuwe aflevering van Midnight Miracle te beluisteren via verschillende podcastplatforms.

    Laura Weeda


    Wereldberoemd animefilmpje uitgewerkt tot boek

    ‘Hartverwarmend maar niet sentimenteel’

    LITERATUUR / ANIME | In 1999 bedacht en regisseerde de Japanse Makoto Shinkai de animefilm Kanojo to kanojo no neko, beter bekend als She and Her Cat, een vijf minuten durend verhaal over de relatie tussen een kat en zijn baasje, verteld vanuit het perspectief van de kat. Shinkai maakte de film in een tijd dat hij in een klein appartement woonde met rondom telefoonpalen met elektrische draden. ‘Ook al was de omgeving een warboel van lelijke dingen, ik wilde de schoonheid vinden in de dingen om me heen’, vertelt hij aan Otaku in Review. ‘Ik was geïnspireerd door de games die ik destijds veel speelde, waarin de omgeving rijk en gedetailleerd is.’ De illustraties zijn van eigen hand, voor de 3D-scènes gebruikte hij Adobe After Effects. Het project, waaraan behalve de kat drie mensen meewerkten, groeide uit tot een internationaal succes en werd wereldwijd ruim 550 miljoen keer bekeken. Anime UK News prijst het verhaal als ‘hartverwarmend zonder overdreven sentimenteel te zijn’. Volgens Manga Bookshelf raakt de serie je ‘recht in het hart’ en wordt het verhaal knap verteld, waarbij ook het leven van de vrouw in de Japanse samenleving wordt belicht, stipt Anime Feminist aan.

    Naruki Nagakawa, auteur van o.a. toneelstukken en manga’s, publiceerde in 2013 samen met Shinkai het gelijknamige boek. De geïllustreerde roman geeft, in de woorden van Nederlandse uitgever Meulenhoff, ‘een inkijkje in de belevingswereld van katten en de mensen op wier leven ze zo’n enorme impact hebben’.

    Zij en haar kat verschijnt in augustus bij Meulenhoff, in een vertaling van Geert van Brem.

    Laura Weeda


    Volop spiegels aan de wand

    Toeschouwer als deelnemer bij speelse installaties

    KUNST | Voor de expositie Mirror | Mirror in Amersfoort heeft samensteller Judith van Meeuwen installaties van dertig nationale en internationale beeldend kunstenaars bij elkaar gebracht. Het thema is (zelf)reflectie in brede zin: vanuit wetenschappelijke, kunsthistorische of verhalende invalshoek. Het museum is gevuld met spiegels in de meest onverwachte en uiteenlopende verschijningsvormen. Een spiegel waarin je pas iets ziet wanneer je lacht, een spiegel die ’s winters het zonlicht weerkaatst of eentje die je met een hometrainer in beweging moet brengen om een nieuw perspectief te krijgen.

    Het laatste kunstwerk, Mobile Mobile van de Deense kunstenaar Jeppe Hein, is voor het eerst te zien. Andere ontwerpen zijn van onder meer Kathrin Schlegel, Berk Ilhan en landschapskunstenaar Andy Goldsworthy.

    Ingeborg Ruthe schrijft in de Berliner Zeitung dat Hein, ‘kort na de eeuwwisseling een van de meest succesvolle internationale kunstenaars’, veel lichtere werken maakt nadat hij was hersteld van een totale burn-out. Pas na tussenkomst van een boeddhistische non kwam hij er weer bovenop. ‘Tegenwoordig is hij, juist vanuit zijn drukke omgeving in Berlijn, voortdurend op zoek naar het speelse en alledaagse.’

    Volgens Gabriela Angeleti, recensent van The Art Newspaper, ligt het accent bij Hein nu nog meer op meditatieve en interactieve kunst: ‘Tijdens het maken en ontwerpen komt hij weer op adem en dat probeert hij over te brengen op de toeschouwer.’

    ‘Het is Hein altijd te doen om het concept waarin de kijker iets in gang zet, waarna het kunstwerk de controle overneemt’, schrijft Kaytie Johnson in het Artpulse Magazine. ‘Zo is de museumbezoeker toeschouwer en deelnemer tegelijk.’

    Hannah Jane Parker van The Guardian kan nog wel waardering opbrengen voor het idee achter de slimme lachspiegel van Berk Ilhan: het opvrolijken van kankerpatiënten. Maar de criticus noemt het ‘idioot’ om het product voor een paar duizend dollar op de markt te brengen: ‘Wie kanker heeft en nog niet doodmoe is geworden van het advies om positief te blijven, kan vast beginnen met sparen.’

    De tentoonstelling Mirror | Mirror is tot en met 29 augustus te zien in Kunsthal KAdE in Amersfoort.

    Diederik Samwel


    De teloorgang van een bergdorp in Lesotho

    Staalkaart van menselijk uithoudingsvermogen

    FILM | Het bergdorpje Nasaretha in het door Zuid-Afrika omsloten Lesotho dreigt onder water te verdwijnen als het plan van de overheid voor een grote stuwdam werkelijkheid wordt. De oude en wijze vrouw Mantoa wil koste wat het kost voorkomen dat de begraafplaats en daarmee de hele dorpscultuur wordt weggespoeld en leidt de opstand van het dorp. Dat is het op feiten gebaseerde uitgangspunt van de speelfilm This is not a burial, it’s a resurrection van de in Lesotho geboren regisseur Lemohang Jeremiah Mosese.

    John Lynn van de internationale filmsite International Cinephile Society is vol bewondering voor het kleurgebruik en de kadrering en vond het de mooiste film van het afgelopen jaar. ‘De camera maakt een levend organisme van een dorpsgemeenschap en laat haarscherp zien hoe moderne ontwikkelingen onze cultuur bedreigen.’

    In Los Angeles Times beschrijft Robert Abele de film als ‘poëtisch en schilderachtig’ en vindt hij het ‘een schande’ dat Mosese er geen Oscarnominatie aan overhield. Wel vraagt hij zich af wat er van de film was geworden zonder hoofdrolspeelster Mary Twala Mhlongo: ‘Met haar verweerde gezicht, tere maar ongebroken postuur en bewonderenswaardige vasthoudendheid vormt ze een staalkaart van het menselijk uithoudingsvermogen.’

    Volgens Andy Crump van het Amerikaanse Paste Magazine is het vooral ook een film over leven en dood: ‘Mosese maakt duidelijk dat je leeft in het land waar je geliefden zijn begraven. Noch de levenden, noch de doden kunnen dat ongestraft achter zich laten.’

    Criticus Anthony Lane van The New Yorker kan zich voorstellen dat sommige kijkers de bredere context missen. Want in werkelijkheid is in Lesotho een veelomvattend meerjarenplan uitgevoerd om de lokale bevolking van water en stroom te voorzien. Maar daar gaat het Mosese niet om, schrijft Lane: ‘Hij wil de invloed van politiek en bestuur tot mythische proporties brengen. Letterlijk, door natuur en gemeenschap als een Grieks koor op te voeren, inclusief klaagzangen.’

    Guy Lodge heeft op een vergelijkbare manier naar de film gekeken, schrijft hij in Variety: ‘De film brengt het aardse bestaan samen met een mystieke droomwereld.’ Hij vindt dat deze ‘avant-garde Zuid-Afrikaanse vertelling’ ook buiten het art house circuit de volle aandacht verdient. Lodge noemt het een ‘onvoorspelbare film met een hoekige sound design die dialogen doet verstommen. Door de natuurlijke lichtinval en het kleurenpalet wordt de kijker aan de grond genageld en dan meegevoerd naar een magisch-realistische sfeer.’

    This is not a burial, it’s a resurrection van Lemohang Jeremiah Mosese is vanaf 29 juli te zien in de bioscoop.

    Diederik Samwel

  • De teloorgang van een bergdorp in Lesotho

    De teloorgang van een bergdorp in Lesotho

    Hoofdrolspeelster Mary Twala Mhlongo van de film This is not a burial, it’s a resurrection ontvangt veel lof voor haar spel: ‘Haar gezicht is een staalkaart van menselijk uithoudingsvermogen’, schrijft LA Times.

    Het bergdorpje Nasaretha in het door Zuid-Afrika omsloten Lesotho dreigt onder water te verdwijnen als het plan van de overheid voor een grote stuwdam werkelijkheid wordt. De oude en wijze vrouw Mantoa wil koste wat het kost voorkomen dat de begraafplaats en daarmee de hele dorpscultuur wordt weggespoeld en leidt de opstand van het dorp. Dat is het op feiten gebaseerde uitgangspunt van de speelfilm This is not a burial, it’s a resurrection van de in Lesotho geboren regisseur Lemohang Jeremiah Mosese.

    John Lynn van de internationale filmsite International Cinephile Society is vol bewondering voor het kleurgebruik en de kadrering en vond het de mooiste film van het afgelopen jaar. ‘De camera maakt een levend organisme van een dorpsgemeenschap en laat haarscherp zien hoe moderne ontwikkelingen onze cultuur bedreigen.’

    In Los Angeles Times beschrijft Robert Abele de film als ‘poëtisch en schilderachtig’ en vindt hij het ‘een schande’ dat Mosese er geen Oscarnominatie aan overhield. Wel vraagt hij zich af wat er van de film was geworden zonder hoofdrolspeelster Mary Twala Mhlongo: ‘Met haar verweerde gezicht, tere maar ongebroken postuur en bewonderenswaardige vasthoudendheid vormt ze een staalkaart van het menselijk uithoudingsvermogen.’

    ‘Mosese maakt duidelijk dat je leeft in het land waar je geliefden zijn begraven’

    Volgens Andy Crump van het Amerikaanse Paste Magazine is het vooral ook een film over leven en dood: ‘Mosese maakt duidelijk dat je leeft in het land waar je geliefden zijn begraven. Noch de levenden, noch de doden kunnen dat ongestraft achter zich laten.’

    Criticus Anthony Lane van The New Yorker kan zich voorstellen dat sommige kijkers de bredere context missen. Want in werkelijkheid is in Lesotho een veelomvattend meerjarenplan uitgevoerd om de lokale bevolking van water en stroom te voorzien. Maar daar gaat het Mosese niet om, schrijft Lane: ‘Hij wil de invloed van politiek en bestuur tot mythische proporties brengen. Letterlijk, door natuur en gemeenschap als een Grieks koor op te voeren, inclusief klaagzangen.’

    ‘De film brengt het aardse bestaan samen met een mystieke droomwereld’

    Guy Lodge heeft op een vergelijkbare manier naar de film gekeken, schrijft hij in Variety: ‘De film brengt het aardse bestaan samen met een mystieke droomwereld.’ Hij vindt dat deze ‘avant-garde Zuid-Afrikaanse vertelling’ ook buiten het art house circuit de volle aandacht verdient. Lodge noemt het een ‘onvoorspelbare film met een hoekige sound design die dialogen doet verstommen. Door de natuurlijke lichtinval en het kleurenpalet wordt de kijker aan de grond genageld en dan meegevoerd naar een magisch-realistische sfeer.’

    This is not a burial, it’s a resurrection van Lemohang Jeremiah Mosese is vanaf 29 juli te zien in de bioscoop.

    Door Diederik Samwel

  • Wereldnieuws: Groenland legt olie-exploratie aan banden & Meer

    Wereldnieuws: Groenland legt olie-exploratie aan banden & Meer

    Wielrennen voor vrouwen in Afghanistan

    Halverwege juni stonden zo’n vijftig vrouwen aan de start voor de Ronde van Bamiyan, ondanks dat er een zwaar taboe rust op het vrouwenfietsen in Afghanistan, schrijft Al Araby. Officieel werd in 1986 een Afghaans wielerteam voor vrouwen opgericht, maar het werd eigenlijk pas een sport in het post-talibantijdperk. De Amerikaanse Shannon Gilpin speelde daarbij een belangrijke rol.

    In 2009 was ze de eerste vrouw die mountainbikend door Afghanistan trok. Ze ontdekte dat een kleine
    groep vrouwen een eigen nationale wielerploeg had gevormd, met een slechte uitrusting maar met groot enthousiasme. Veel van die vrouwen hadden als vluchteling leren fietsen in Iran en Pakistan. Gilpins liefdadigheidsinstelling Mountain2Mountain zorgde voor beter materieel en betaalde het team om deel te kunnen nemen aan internationale toernooien.

    Door de opkomst van de taliban is het de vraag of het Afghaanse vrouwenfietsen nog toekomst heeft

    Nu de taliban sinds het vertrek van de Amerikanen claimen dat ze 85 procent van het land in handen hebben en berichten over strenge beperkingen voor vrouwen weer aanzwellen, is het de vraag of het Afghaanse vrouwenfietsen nog toekomst heeft.


    Vaccinatieplicht in Azerbeidzjan

    Inwoners van Azerbeidzjan zullen binnenkort een vaccinatiebewijs moeten kunnen overleggen om de meeste openbare gebouwen te mogen betreden, bericht Eurasianet. Deze maatregel werd eind juli aangekondigd en komt feitelijk neer op een nationale vaccinatieplicht. Vanaf 1 september moeten mensen vanaf achttien jaar een vaccinatiebewijs in een ‘covidpaspoort’ kunnen tonen om onder meer restaurants, cafés, winkelcentra en hotels te mogen betreden. In onderwijsinstellingen moeten leerlingen en studenten vanaf achttien kunnen bewijzen dat ze zijn ingeënt.

    Tot nu toe is 26 procent van de Azerbeidzjanen minstens één keer gevaccineerd. 80 procent van de werknemers van overheidsinstanties, medische en farmaceutische bedrijven en wetenschappelijke en onderwijs-instellingen zal vanaf 1 september een eerste inenting moeten hebben en een tweede in oktober. De vaccinatieplicht leidt nu al tot een zwarte markt in valse covidpaspoorten.


    Edelstenen, hoe groter hoe beter

    Een troon van amethist met een gewicht van één ton à 45.000 dollar: Crystalarium, een edelstenenwinkel in West-Hollywood, verkocht er recentelijk vier stuks van. Kristallen en mineralen zijn enorm populair geworden bij de meer vermogenden der aarde en het motto is: hoe groter hoe beter, zo signaleert The Los Angeles Times.

    De wereldwijde markt van (half)edelstenen wordt nu geschat op ruim 1 miljard dollar. Zangeres Adele houdt ze vast tijdens optredens om plankenkoorts te overwinnen en model Naomi Campbell reist er mee. Er is zelfs een Kim Kardashian-lijn van parfums met kristalthema in kristalvormige flessen. Het fenomeen werd verder aangejaagd door de pandemie: veel rijken zagen minder mogelijkheden voor opzichtige uitgaven en kozen ervoor om hun huizen te bezielen met de ‘genezende’ energie van stenen.


    Groenland legt olie-exploratie aan banden

    Naalakkersuisut, zoals de regering van Groenland wordt genoemd, stopt met nieuwe olie- en gasexploraties. In een verklaring die half juli werd uitgegeven, noemt de regering de ‘prijs voor oliewinning te hoog’, verwijzend naar zowel economische overwegingen als de strijd tegen klimaatverandering, schrijft CBS News. Het besluit is genomen ‘in het belang van onze natuur, van onze visserij, van onze toeristenindustrie en om de aandacht te richten op duurzamere mogelijkheden’. Aangenomen wordt dat Groenland over enorme hoeveelheden onontgonnen olievoorraden beschikt. Volgens onderzoek is het equivalent van miljarden vaten olie te vinden langs de westkust. Ook wordt gesproken van grote afzettingen onder de zeebodem aan de oostkust, aldus CBS.

    ‘We willen bijdragen aan wereldwijde oplossingen om klimaatverandering tegen te gaan’

    Met het huidige besluit is exploratie overigens nog niet volledig van de baan, want twee kleine bedrijven beschikken nog over vier eerder gegunde exploratievergunningen, die Groenland zal moeten respecteren. Maar volgens Kalistat Lund, de Groenlandse minister van Landbouw, Zelfvoorziening, Energie en Milieu, neemt de regering klimaatverandering serieus. ‘In ons land zien we elke dag de gevolgen ervan en we willen bijdragen aan wereldwijde oplossingen om klimaatverandering tegen te gaan’, zei Lund. ‘Naalakkersuisut werkt aan het aantrekken van nieuwe investeringen voor het grote potentieel aan waterkracht dat we niet zelf kunnen exploiteren. Het besluit om te stoppen met nieuwe exploraties naar olie draagt ertoe bij dat Groenland wordt gezien als een land waar duurzame investeringen serieus worden genomen.’

    Het kabinet werkt ook aan een conceptwetsvoorstel dat vooronderzoek, opsporing en winning van uranium verbiedt, schrijft CBS. De winning van uranium, dat voornamelijk wordt gebruikt voor de opwekking van kernenergie, gaat gepaard met de productie van radioactief afval. ‘Groenland leeft al eeuwenlang van aanwezige natuurlijke hulpbronnen en het verbod op uraniumwinning rust op de diepe overtuiging dat de economie rekening moet houden met de natuur en het milieu’, aldus Naalakkersuisut.


    Migranten brengen het Spaanse platteland tot leven

    Dankzij een programma dat ontvolkte plattelandsgebieden in Spanje probeert nieuw leven in te blazen, leidt een gevlucht Colombiaans gezin met twee kinderen nu een rustig leven in een dorpje in de Noord-Spaanse provincie León. Het gezin verruilde de Colombiaanse stad Cali, met een bevolking van drie miljoen, voor het dorp Brañuelas, dat tweehonderd inwoners telt.

    Het project Nuevo Comienzo beoogt migranten naar leeglopende gebieden te trekken

    Ze arriveerden in december 2019 in Spanje en vroegen asiel aan om te voorkomen dat ze terug moesten naar Colombia, waar de FARC hun land opeiste. Aanvankelijk liepen ze tegen een bureaucratische muur op, schrijft El País. Totdat ze hoorden van Nuevo Comienzo (‘Nieuw Begin’), een project van de provinciale overheid en verschillende instanties, dat beoogt migranten naar leeglopende gebieden te trekken. Als de Colombianen naar het afgelegen dorp verhuisden, zouden ze werk krijgen, hulp bij huisvesting en zouden hun kinderen worden toegelaten tot het Spaanse schoolsysteem. In ruil daarvoor zou Brañuelas nieuwe inwoners krijgen en genoeg leerlingen om een nieuwe schoolklas te kunnen samenstellen.

    Burgemeester Carolina López van de sociaal-democratische PSOE hoopt dat de aanwas leidt tot beter vervoer en betere telefoon- en internetverbindingen. Astorga, de dichtstbijzijnde grote gemeente waar wordt gevaccineerd en waar medische zorg is, is slecht bereikbaar vanuit Brañuelas. Met de auto is het veertig minuten rijden, maar met het openbaar vervoer duurt het vanwege belabberde busverbindingen een hele dag.

    Andere leeglopende regio’s in Spanje beginnen nu ook met soortgelijke programma’s.


    Marble Arch Mound

    Het is het zoveelste project van Nederlandse makelij dat niet geapprecieerd wordt in het buitenland. Parijs haalde de Domestikator van Joep van Lieshout weg en nu is er van alles aan te merken op de installatie van Het Rotterdamse architectenbureau MVRDV in het Londense Hyde Park. Zo veel dat de ‘heuvel’ Marble Arch Hill, ontworpen in opdracht van de Londense deelgemeente Westminster om het winkelend publiek weer terug Oxford Street in te krijgen, tijdelijk gesloten werd om kinderziekten te genezen.

    Volgens MVRDV past de kunstmatige heuvel, door de vileine Britse pers nu al met een drol vergeleken, in de Engelse traditie van de folly, de aristocratische gewoonte om even malle als nutteloze bouwwerken neer te zetten.

    marble arch mound has a serious message says mvrdv in defence of attraction dezeen 2364 col 4 1536x1152 kopie 1 1
    © Dezeen

  • Wat de Japanse sneeuwaap ons leert over cultuur bij dieren

    Wat de Japanse sneeuwaap ons leert over cultuur bij dieren

    Lange tijd is de westerse wetenschap beheerst door antropocentrisme, ofwel de overtuiging dat de mens een unieke plaats inneemt in het centrum van de wereld. Doordat dit voor Japan niet gold, ontdekten studenten hier ‘precultuur’ bij dieren. Ben Crair wilde dit zelf waarnemen en koos ervoor de Japanse sneeuwaap te bestuderen: die was het schattigst.

    De Snow Monkey Express was bijna leeg toen ik met een paar andere toeristen van Nagano naar de laatste stop in Yamanouchi reed, een stad met 12.400 inwoners. Een spandoek verwelkomde ons in Snow Monkey Town en borden op het station toonden rode Japanse makaken die tot aan hun nek in warm bronwater zaten te weken. De apen hadden de ogen gesloten en de armen uitgestrekt terwijl stoom om hen heen opsteeg en sneeuwvlokken neerdaalden in de droge vacht op hun hoofd.

    Na een lange reisdag besloot ik zelf een duik te nemen in een van de onsenbaden van de stad. Ik liet mezelf in het kokendhete zwavelhoudende water zakken en dacht aan soortgelijke ervaringen die ik op andere plaatsen had gehad: de geurige vochtige hitte van de Russische banya, het Indiase ayurvedische stoombad in de kitscherige cabine. Door de eeuwen heen hebben mensen over de hele wereld de eenvoudige praktijk van het baden op vele verschillende uitgebreide manieren beoefend. Japanse primatologen waren de eersten die zich afvroegen of ook dieren hun eigen rituelen hebben ontwikkeld.

    De sneeuwapen zijn een van de vele groepen Japanse makaken die de manier waarop we dieren en onszelf zien hebben veranderd. Ze hebben ons geholpen de ware complexiteit van dierlijk gedrag te herkennen – en daarmee inzicht gegeven in de evolutionaire oorsprong van ons gedrag. Mijn plan was om verschillende van deze apentroepen door heel Japan te bezoeken en in deze Snow Monkey Town te beginnen omdat, nou ja, de apen hier het schattigst waren.

    Allesbehalve zen

    De volgende ochtend liep ik enkele kilometers door het bos naar het Jigokudani Monkey Park, waar een bord voor een ‘apenonsen’ over een voetgangersbrug wees. De poel stoomde op de rand van een klif boven de Yokoyu-rivier, en in het midden zat een enkele aap, een oud vrouwtje met een lange snuit en ronde amberkleurige ogen. Ze was een van de ongeveer veertig makaken die wel eens in bad gingen. Andere apen kibbelden over het graan dat arbeiders in het apenpark op de rivieroever en op de berghelling hadden uitgestrooid.

    De foto’s die ik voor de reis had gezien, gaven een indruk van ontspannen kleine dieren, maar het tafereel was allesbehalve zen. Wetenschappers beschrijven Japanse makakengemeenschappen als ‘despotisch’ en ‘nepotistisch’. Elke aap binnen een bepaalde groep had een plaats in een lineaire dominantiehiërarchie, één voor mannen en één voor vrouwen, en ze verdrongen voortdurend ondergeschikten om hun rang te versterken. De apen waren waakzaam terwijl ze graan uit de sneeuw plukten, ze keken voortdurend over hun schouders om hun buren in de gaten te houden; een hogere aap zou ze aan hun been mee kunnen slepen of zijn tanden in hun nek kunnen zetten.

    snow monkey 3971841 1
    © Pixabay

    Toen etenstijd voorbij was, begonnen de apen elkaar te verzorgen – hun manier om niet alleen parasieten te elimineren, maar ook om een ​​meerdere te paaien of een alliantie te vormen. Een paar juvenielen sprongen in de onsen, terwijl volwassen vrouwtjes voorzichtig het water in waadden. Ik hurkte neer voor een vrouwtjesmakaak, die met beide handen een steen vastpakte en haar achterhand onder water plaatste. Haar puberzoon hurkte achter haar terwijl haar dochtertje naast haar peddelde. De zoon kamde met zijn poot door haar vacht, eerst met zijn linkerhand en toen met zijn rechterhand, werkte door haar grijze ondervacht naar de blanke huid en at de stukjes op die hij erin vond. De moeder sloot haar blauwachtige oogleden en legde haar rode wang op de rots tussen haar handen. Haar naam was Tomiko, vertelde een parkmedewerker me. ‘Tomiko houdt erg van onsen’, verklaarde hij.

    Apen zoals Tomiko begonnen bijna zestig jaar geleden te baden in de onsen in Jigokudani. ‘Ik was de eerste die ze erin zag gaan’, vertelt een gepensioneerde professor genaamd Kazuo Wada van het Primate Research Institute van de Universiteit van Kyoto. Het was 1963, en hij bestudeerde de apen in Jigokudani. Het park voorzag in die tijd een groep van 23 apen van appels, in de buurt van een onsen waar gasten van een lokale ryokan, een traditionele Japanse herberg, kwamen om te baden. De apen vermeden het water, tot op een dag een appel het bad in rolde. ‘Een aap ging erachteraan en ontdekte dat het warm was’, herinnert Wada zich. Een paar minuten later nam de aap nog een duik. Jonge apen die vanaf de rand toekeken, werden nieuwsgierig en probeerden het al snel zelf.

    Zowel wetenschappers als de lokale bevolking keken al jaren naar de Jigokudani-apen, maar tot dat moment had niemand ze het water in zien gaan. Binnen een paar maanden was baden populair bij de jongere apen in de groep. Het was meer dan een rage. Hun baby’s leerden ook zwemmen. Uiteindelijk was een derde van alle apen in de troep aan het baden. In 1967 moest het park om hygiënische redenen een speciale apenonsen in de buurt bouwen zodat ze niet samen met hun gasten in het bad zouden gaan.

    GettyImages 52050622 1 1
    Een heetwaterbron bij Jigokudani-Onsen. – © Koichi Kamoshida/Getty Images

    ‘Monkey see, monkey do’ is een meestal spottend gebruikte uitdrukking voor leren middels imitatie, maar wetenschappers van Jigokudani geloofden dat ze getuige waren van iets diepgaands. Ze waren discipelen van Kinji Imanishi, een ecoloog en antropoloog die in 1967 het Primate Research Institute mede oprichtte. Terwijl westerse wetenschappers het leven als een darwinistische strijd om te overleven beschouwden, geloofde Imanishi dat in de natuur harmonie de basis vormde, en dat cultuur een uitdrukking was van deze harmonie. Hij voorspelde dat bij alle dieren die leefden in een ‘eeuwige sociale groep’ waar individuen van elkaar leerden en generaties lang bij elkaar bleven, een eenvoudige vorm van cultuur zou ontstaan. Antropologen hadden nooit aandacht besteed aan dieren, omdat de meesten van hen aannamen dat ‘cultuur’ strikt menselijk was. Vanaf de jaren vijftig ontdekten Imanishi’s studenten in Jigokudani en andere locaties in Japan dat dit niet het geval was.

    Net als mensen vertrouwen dieren op sociale gewoonten en tradities om belangrijk gedrag door te geven dat individuen niet instinctief kennen en niet zelf kunnen bedenken

    Tegenwoordig zijn culturen niet alleen erkend bij apen, maar ook bij verschillende zoogdieren, vogels en zelfs vissen. Net als mensen vertrouwen dieren op sociale gewoonten en tradities om belangrijk gedrag door te geven dat individuen niet instinctief kennen en niet zelf kunnen bedenken. De verspreiding van dit gedrag wordt bepaald door de sociale relaties tussen de dieren – degenen met wie ze tijd doorbrengen en degenen die ze mijden – en verschilt per groep. Onderzoekers hebben bijna veertig verschillende gedragingen bij chimpansees gevonden die ze als cultureel beschouwden, van een groep in Guinee die noten kraakt tot een andere in Tanzania die danst in de regen. Potviswetenschappers hebben verschillende vocale clans geïdentificeerd met hun eigen klikdialecten, waardoor wat een wetenschapper ‘multiculturele gebieden’ noemt in de zee zijn ontstaan.

    Cultuur is zo belangrijk voor sommige dieren dat Andrew Whiten, een evolutionair en ontwikkelingspsycholoog aan de Universiteit van St. Andrews in Schotland, het een ’tweede overervingssysteem’ noemt naast genetica. En wanneer dieren verdwijnen, verdwijnen ook de culturen die ze in de loop van de generaties hebben ontwikkeld. Instandhoudingsprogramma’s kunnen soms nieuwe dieren in een leefgebied herintroduceren, maar deze nieuwkomers kennen niets van het culturele gedrag van hun voorgangers. In 2019 publiceerde het tijdschrift Science twee artikelen waarin werd betoogd dat inspanningen voor natuurbehoud de impact van menselijke activiteit op gedrags- en culturele diversiteit bij dieren altijd over het hoofd hebben gezien. De auteurs van een van de artikelen drongen aan op het creëren van ‘culturele erfgoedsites’ voor chimpansees, orang-oetans en walvissen.

    nagano 3068677 1
    © Pixabay

    De kranten maakten geen melding van Japanse makaken, die namelijk geen bedreigde diersoort zijn. Maar het voorstel van culturele erfgoedsites voor dieren deed me meteen denken aan Japan, waar Imanishi en zijn studenten in de eerste plaats dierenculturen leerden herkennen. Van Jigokudani trok ik naar mijn volgende bestemming: de meest legendarische van hun veldsites, een eiland genaamd Koshima.

    ‘Eén ding waar mensen makaken niet de eer voor geven, is dat ze na mensen de meest succesvolle primaten zijn’

    Vanuit Jigokudani reed ik met een oude bus langs de Pacifische kust door Kyushu, het meest zuidelijke van de vier belangrijkste eilanden van Japan. Kleine huizen werden door hun tuinen grotendeels aan het zicht onttrokken, bergen rezen op en omarmden het water in de ronde blauwe baaien. Deze regio was ooit populair bij Japanse pasgetrouwden, maar de gouden eeuw eindigde toen het gemakkelijk werd om naar plaatsen als Hawaï te vliegen. Ik stapte uit de bus bij het veldstation dat in 1967 was opgericht door het Primate Research Institute en nu wordt beheerd door de Universiteit van Kyoto.

    Een Amerikaanse student genaamd Nelson Broche Jr. wachtte me op bij de bushalte. Hij bestudeerde acute stress bij Japanse makaken in het Koshima Field Center. ‘Eén ding waar mensen makaken niet de eer voor geven, is dat ze na mensen de meest succesvolle primaten zijn,’ vertelde hij me. Je kunt verschillende soorten makaken vinden in heel Azië, ook in de harten van grote steden zoals Delhi. Japanse makaken hebben zich aangepast aan bijna elke natuurlijke habitat in het land, van de besneeuwde bergen van Jigokudani tot de subtropische bossen op Kyushu.

    Broche stelde me voor aan Takafumi Suzumura, die al achttien jaar voor de universiteit van Koshima werkt. We liepen naar het water en ze wezen naar Koshima, een stuk groen bos in een kalme turquoise zee. Het was zo dichtbij dat surfers erheen konden zwemmen. We betaalden een visser om ons om de rotsachtige kustlijn heen naar een verborgen inham met een strand te varen.

    De apen stonden op het zand te wachten, als overlevenden van een schipbreuk. Zodra we verschenen begonnen ze te kirren en te zoemen. ‘Dat betekent: “Geef me eten”’, zei Suzumura. Het alfamannetje, Shika, stapte op Suzumura af met zijn staart in de lucht en joeg elke andere aap die te dichtbij kwam weg. In tegenstelling tot de apen in Jigokudani, die volledig onverschillig waren voor mensen, gromden sommige apen op Koshima naar me en vielen me aan als ik in de buurt kwam. Suzumura zei dat ik rustig moest blijven, oogcontact moest vermijden en me geen zorgen moest maken. ‘Ze bijten nooit,’ zei hij.

    Imanishi en zijn studenten arriveerden in 1948 op hetzelfde strand. Ze waren op zoek naar bewijs van ‘precultuur’ bij dieren, een fundamenteel proces dat ook de evolutionaire grondslag zou kunnen zijn van de diverse en verfijnde samenlevingen van de mens. Hun doel was om te onderzoeken hoe ‘een eenvoudig gedragsmechanisme zich heeft ontwikkeld tot een hoger complex mechanisme’, schreef Syunzo Kawamura, een student van Imanshi. Ze begonnen hun onderzoek ergens daar in de buurt op halfwilde paarden maar schakelden over op apen nadat ze merkten hoe goed hun troep was georganiseerd. Ze ontmoetten een plaatselijke leraar, Satsue Mito genaamd, die bekend was met de apen van Koshima. In 1952 hielp zij hen om twintig apen te voorzien van graan en zoete aardappelen op bospaden en op het strand.

    monkey 3132624 1
    © Pixabay

    Het was ongebruikelijk voor onderzoekers om wilde dieren te voeren, maar er was wel meer ongebruikelijk aan het onderzoek van Imanishi. Hij moest de apen tolerant maken tegenover menselijke waarnemers, zodat ze elk individueel dier konden identificeren en gedetailleerde observaties konden doen over hun gedrag en sociale relaties gedurende meerdere generaties. Het zou nog een decennium duren voordat westerse wetenschappers zoals Jane Goodall en Dian Fossey op deze manier naar apen gingen kijken. De meeste westerse wetenschappers waren gedrild om dieren nooit te antropomorfiseren. Ze gaven ze alfanumerieke identiteiten in plaats van namen en deden niet aan langetermijnobservaties: in hun ogen waren individuele dieren uitwisselbaar en niet in staat tot complexe sociale relaties.

    Anti-antropomorfisme kreeg steeds meer trekjes van een ander bekend vooroordeel: antropocentrisme, ofwel de overtuiging dat de mens een unieke plaats in het centrum van de wereld inneemt

    Anti-antropomorfisme kreeg steeds meer trekjes van een ander bekend vooroordeel: antropocentrisme, ofwel de overtuiging dat de mens een unieke plaats in het centrum van de wereld inneemt. De moderne westerse wetenschap ontwikkelde zich in samenlevingen met ouderwetse opvattingen over de suprematie van de mens over dieren, zoals de Nederlandse primatoloog Frans de Waal opmerkte. In de religieuze tradities in Japan heeft de mens daarentegen geen speciale status. ‘De Japanse cultuur benadrukt het verschil tussen mensen en dieren niet’, schreef de Japanse primatoloog Junichiro Itani. ‘En we hebben het gevoel dat dat veel belangrijke ontdekkingen mogelijk maakte.’

    Preculturele verspreiding

    Nadat de apen het graan van Suzumura op Koshima hadden opgegeten, begonnen ze op het strand naar eten te zoeken. Ze ontspanden zich en namen weinig zelfbewuste houdingen aan. Sommigen ploften languit op het zand neer terwijl een metgezel zich over hen heen boog, als Orpheus die om Eurydice rouwde. Anderen gingen slap over rotsen hangen, als offerslachtoffers. Eentje keek me bedeesd over haar schouder aan; een ander bekeek me hooghartig, met de kin in de lucht. Moeders hielden hun baby’s tegen hun borst gedrukt zoals elke Madonna die ik ooit heb gezien met haar kind doet.

    Terwijl ik met mijn smartphonecamera zo dicht mogelijk bij de apen probeerde te komen, verzamelde Suzumura met een paar eetstokjes fecesmonsters uit het zand. Hij hield gedetailleerde gegevens bij van elke aap op het eiland. Hij kon elk van hen identificeren en wist van alle apen de naam, leeftijd, sociale rang en status en de persoonlijkheid te vertellen. De gegevens gingen helemaal terug tot de tijd van Imanishi en volgden de levensgeschiedenis van elke individuele aap op Koshima gedurende meer dan zeventig jaar. Ze lieten zien hoe sommige apenfamilies de overhand kregen terwijl andere gaandeweg verdwenen. Imanishi en zijn studenten waren de eersten die zich realiseerden dat apen hun hele leven hechte allianties met familieleden onderhielden – en dus ‘nepotistisch’ waren. Precies het soort complexe sociale orde waaruit Imanishi voorspelde dat cultuur zou ontstaan.

    Imanishi en zijn team waren al vijf jaar op Koshima toen ze op een dag zagen hoe een anderhalfjarige aap genaamd Imo een zoete aardappel pakte en deze naar de rand van een beek droeg. Ze doopte de aardappel in het water en veegde het zand van de schil. Zo smaakte hij mogelijk beter, want daarna bleef ze haar aardappelen op die manier schoonmaken. De eerste apen die Imo kopieerden, waren twee die veel tijd met haar doorbrachten: haar moeder en een speelkameraadje. Al snel probeerden haar familieleden het ook, en hun speelkameraadjes kopieerden hen weer. Het wassen van zoete aardappelen werd een rage onder jongere apen. In 1958 wasten vijftien van de negentien jonge apen hun aardappelen.

    Masao Kawai, een andere student van Imanishi, beschreef deze fase als ‘preculturele verspreiding’. Imo had nieuw gedrag ontwikkeld dat zich verspreidde onder haar leeftijdsgenoten. Leeftijd en geslacht waren beide van invloed op de overdracht: jongere apen en vrouwtjes leerden zich vaker aan hun aardappelen te wassen dan volwassen apen en mannetjes. De volgende fase begon toen Imo en haar leeftijdsgenoten volwassen werden en zich voortplantten. Nu werd het gedrag overgegeven aan de volgende generatie, zowel mannetjes als vrouwtje, die het wassen van de zoete aardappelen van hun moeder leerde. Leeftijd en geslacht speelden niet langer een rol. ‘Preculturele druk werkt’, schreef Kawai. Een nieuw gedrag was vastgesteld binnen de troep.

    sugarman joe LybgMpDCCXI unsplash 1
    © Unsplash

    In 1961 wasten de meeste apen hun aardappelen niet langer in de beek maar in de zee. Misschien omdat zeewater overvloediger was, hoewel sommige wetenschappers dachten dat de apen misschien de smaak van het zoute water prefereerden: sommige doopten de aardappel er na elke hap weer in.

    Ik had gehoopt de huidige populatie apen op Koshima hun zoete aardappelen te zien wassen, maar Suzumura voerde ze nog slechts één of twee keer per jaar zoete aardappelen. De oorspronkelijke groep van twintig apen groeide in 1971 tot honderdtwintig. Sinds 1972 leverde het Primate Research Institute alleen nog graan. Toch was de culturele impact van het zoete aardappelen wassen nog altijd zichtbaar op Koshima.

    De kieskeurige kleine Imo had nóg een nieuw gedrag ontwikkeld dat zich snel verspreidde binnen de groep: ze scheidde haar tarwe van het zand waarmee het vermengd raakte door het in het water te gooien. Het graan bleef drijven en het zand zonk. (Sommige apen wassen hun tarwe nog steeds, zei Suzumura, maar zelf zag ik het niet gebeuren.) Baby’s die tijdens het wassen van de aardappelen door hun moeder mee het water in werden gedragen, begonnen tijdens het spelen te zwemmen, iets wat hun ouders nooit hadden gedaan.

    Voordat Imanishi’s team arriveerde, brachten de apen bijna al hun tijd door in het bos. Nu brachten ze ook een groot deel van hun tijd op het strand door en hadden ze een nieuw repertoire van gedragingen aangeleerd. ‘Sinds de wetenschappers voor het eerst begonnen met het voeren van de makaken op het eiland Koshima, heeft zich een geheel nieuwe levensstijl ontwikkeld’, schreven de Israëlische onderzoekers Eva Jablonka en Eytan Avital. Ze noemden dit een voorbeeld van ‘cumulatieve culturele evolutie’. Kawai was verrast door hoe snel de apen zich aanpasten aan hun nieuwe strandomgeving, gezien hun aanvankelijke afkeer van water. ‘We leren via de Koshima-troep dat zodra dat sterke traditionele conservatisme door een of andere oorzaak begon af te breken, het gemakkelijk helemaal verdween’, schreef hij.

    Toen ik er was slenterden de apen enkele uren over het strand. Het was middag, de temperatuur begon al te dalen en de dieren verdwenen in het bos om te foerageren. Het lege strand stak misschien bleek af bij ‘culturele erfgoedsites’ in de mensenwereld, zoals paleizen en kathedralen. De apen hadden niets gebouwd dat op architectuur leek, zelfs geen zandkasteel. Maar wat Koshima ons liet zien, is dat cultuur geen product was. Het was een proces. Stap voor stap begon het leven van de apen in Koshima er anders uit te zien dan dat van andere apen – en begon het iets meer op het onze te lijken.

    Ik was nieuwsgierig om apen te zien die nog nooit door mensen waren gevoerd

    Ik moest kiezen waar ik heen wilde na Koshima. Er waren andere sites die in aanmerking konden komen als cultureel erfgoed voor Japanse makaken. In Arashiyama bij Kyoto begonnen sommige apen in de jaren zeventig met stenen te spelen, en dat gedrag verspreidde zich in hetzelfde patroon als het wassen van zoete aardappelen in Koshima en het baden in Jigokudani: eerst horizontaal onder leeftijdsgenoten en vervolgens van de ene generatie op de andere. De wetenschapper die het gedrag voor het eerst observeerde, een Amerikaan genaamd Michael Huffman die nu verbonden is aan het Primate Research Institute, merkte dat verschillende groepen apen in de loop der tijd hun eigen manier ontwikkelden om met stenen om te gaan. In sommige groepen wreven de apen ze tegen elkaar, in andere knuffelden ze de stenen of sloegen ermee op de grond.

    Maar ik was nieuwsgierig om apen te zien die nog nooit door mensen waren gevoerd. De Japanse onderzoekers realiseerden zich ook dat het nieuwe gedrag op plaatsen als Koshima, Jigokudani en Arashiyama niet bepaald natuurlijk was. De wetenschappers zelf hadden hun ontwikkeling gestimuleerd door te voeren, waardoor de dieren in onbekende habitats terecht kwamen en tijd hadden om nieuw gedrag uit te proberen. Ook op andere plekken had het voeren invloed op het leven van de groep. ‘In de voederplaatsen waren de relaties tussen de mannetjes heel duidelijk. De ene is dominant, de andere is ondergeschikt,’ vertelde Yukimaru Sugiyama, een voormalig wetenschapper van het Primate Research Institute. Maar toen hij apen het bos in volgde, zaten jonge mannetjes vaak in de buurt van dezelfde dominante apen die ze op de voederplaats hadden vermeden.

    Naarmate de interesse van onderzoekers in het natuurlijke leven van de primaten toenam, leerden ze ze beter kennen door ze simpelweg te volgen. Aanvankelijk renden de primaten weg, maar de meeste verloren uiteindelijk hun angst voor mensen. Vanaf het einde van de jaren vijftig brachten Imanishi en zijn studenten wat ze in Japan hadden geleerd naar Afrika om chimpansees, gorilla’s en andere primaten te bestuderen. Door een combinatie van veldobservatie en experimenteel werk hebben ze daar veel van wat ze van apen in Japan hadden geleerd over cultuur, kunnen verifiëren en verbeteren. Dankzij het werk van mensen als Goodall kwamen westerlingen tot hun huidige technieken en bevindingen.

    Onheilspellend

    Omdat ik ze niet helemaal naar Afrika kon volgen, ging ik naar een ander eiland, genaamd Yakushima. Je kan naar Yakushima vliegen of een hogesnelheidsveerboot nemen, maar ik koos voor de goedkoopste optie: een tocht van dertien uur op een nachtelijk vrachtschip vanuit Kagoshima, een stad naast een vulkaan op de zuidpunt van Kyushu. Het eiland zag er onheilspellend uit toen we de volgende ochtend de haven binnenvoeren, de bergen omringd door mist en regen. Yakushima was beroemd om zijn oude mos en oerbossen. Ook leefden er ongeveer 10.000 Japanse makaken op het eiland – ongeveer evenveel als de menselijke populatie van ongeveer 13.000. De apen leefden in groepen van minder dan vijftig, en er was geen bevoorrading. Ze zochten naar fruit, bladeren, eikels en scheuten, maar ook naar insecten en spinnen.

    ‘Op Yakushima houden apen van paddestoelen’, zegt Akiko Sawada, een onderzoeker van de Chubu Universitaire Academie van Opkomende Wetenschappen. De Yakushima-apen aten meer dan zestig verschillende soorten en Sawada onderzocht of ze konden ruiken of een paddestoel al dan niet giftig was. Ze dacht dat dit sociale kennis was, waarbij een jonge aap leerde welke paddestoelen hij moest eten en welke hij moest vermijden door naar zijn moeder en andere volwassenen te kijken. Het was moeilijk te zeggen of gedragingen in Yakushima cultureel waren of op een andere manier aangeleerd, zoals door instinct of gewoon door vallen en opstaan. Al deze processen werkten samen om het leven van een aap vorm te geven en konden in een volledig natuurlijke omgeving niet gemakkelijk van elkaar worden gescheiden.

    Sawada nam me mee naar de rustige westkust van Yakushima, waar wetenschappers verschillende groepen hadden ondergebracht. De apen waren gemakkelijk te vinden, omdat ze onderweg graag elkaar verzorgden en zonnebaadden. Ze haastten zich uit de weg voor auto’s die snel reden, maar reageerden nauwelijks op langzaam rijdend verkeer. Het was ook paartijd en mannetjes en vrouwtjes zochten elkaar op en maakten leeftijdsgenoten op een afstand jaloers. Sawada wees erop hoe een van de oudere apen achterover leunde en naar haar armen keek terwijl ze een partner verzorgde: haar zicht werd slechter.

    We volgden een grote groep vanaf de weg het bos in. Professor Sugiyama had gelijk: er waren minder conflicten, omdat de apen een groot gebied hadden om te foerageren. Sommige braken eikels met hun tanden; anderen klommen in bomen voor fruit. Een jonge vrouw ontdeed de bodem van het bos van opgekrulde dode bladeren. ‘Ik denk dat ze cocons zoekt,’ zei Sawada.

    nomao saeki yuqwzT3C7yk unsplash 1
    © Unsplash

    Tijdens de wandeling werden we door vier herten vergezeld. Ze waren zo klein als honden en bijna net zo vertrouwd met mensen. De apen waren rommelige eters en de herten volgden hen om hun restjes op te rapen. Er ontstond een relatie: de apen verzorgden de herten, en klommen er soms op. Op een andere onderzoekslocatie in de buurt van Osaka bestegen apen soms zelfs herten in een zeldzaam voorbeeld van seks tussen soorten. Het is mogelijk dat de herten zachtaardiger partners waren voor kleine adolescenten die routinematig werden afgewezen door het andere geslacht of fysieke schade riskeerden van agressieve volwassenen. ‘Toekomstige observaties op deze plek zullen uitwijzen of deze groepsspecifieke seksuele eigenaardigheid een kortstondige rage was of het begin van een cultureel in stand gehouden fenomeen’, schreven de onderzoekers.

    Die middag liet Sawada me verschillende video’s zien die zij en haar collega’s in het bos hadden opgenomen. In één verslond een aap een gigantische duizendpoot; in een andere wreef een aap een rups tussen haar handen heen en weer om de stekende stekels te verwijderen voordat ze hem at; in een derde plukte een aap mollige witte horzellarven uit een nest. Sawada giechelde toen ze een video afspeelde van de apen die op grote hoogte leefden en bamboe aten: ze waren, om redenen die niemand echt begreep, extreem dik.

    Later, toen ik in mijn eentje de berg beklom, waren er geen bamboebossen of mollige apen op de rotsachtige top. Ik keek neer op het bladerdak van het oude cederbos en over de zee, denkend aan wat de primatoloog Itani had waargenomen: dat de Japanse cultuur geen sterk onderscheid maakt tussen mensen en dieren. In het Westen lijken cultuur en wetenschap vaak gescheiden krachten, maar hier versterkten ze elkaar. De wetenschap had de makakencultuur ontcijferd en de cultuur had ons wetenschappelijke begrip van de dierenwereld verbreed.

    Maciek Pożoga, gevestigd in Frankrijk, heeft voor dit verhaal twee weken lang Japanse makaken gefotografeerd. Bekijk in het originele artikel zijn werk.

  • Crème de la crème bij de Salzburger Festspiele

    Crème de la crème bij de Salzburger Festspiele

    De Salzburger Festpiele viert in 2021 haar honderdjarig jubileum met een ijzersterk programma.

    De Salzburger Festspiele in Oostenrijk waar de crème de la crème uit de operawereld te zien is, gaat door en start met ‘Ouverture spirituelle’ waarmee het honderd jaar oude festival wil ingaan op het begrip vrede, zowel mondiaal als particulier.

    ‘Wie had nog maar een paar maanden geleden kunnen denken dat in coronatijd uitvoeringen mogelijk zouden zijn van het oprichtingsstuk van de Salzburger Festspiele, Jedermann, Elektra, Così fan tutte of de Negende van Beethoven? Dat een samenkomst van mensen in de naam van kunst opnieuw zou kunnen slagen?’ schrijft de directie van het evenement in een open brief op de website.

    17 juli t/m 31 augustus. salzburgerfestspiele.at

    Door Manuela Klerkx

  • Overstromingen in Londen | Taliban dreigen Kandahar in te nemen

    Overstromingen in Londen | Taliban dreigen Kandahar in te nemen

    Stortregens veroorzaken overstromingen in Londen

    Zware regen- en onweersbuien veroorzaakten zondag ‘plotselinge’ en ‘ernstige’ overstromingen in delen van Londen, meldt BBC. ‘Er waren meldingen van gestrande voertuigen toen het water snel steeg, tientallen wegen raakten geblokkeerd en metrolijnen liepen onder’, aldus de zender.

    De autoriteiten raadden af om in gevaarlijke omstandigheden te reizen. Brandweerlieden zeiden dat ze zondag binnen enkele uren ongeveer driehonderd oproepen hadden ontvangen – voornamelijk van overstroomde kelders of wegen.

    Lees ook:

    Louvre en Uffizi klagen Pornhub aan

    Het Louvre in Parijs en de Uffizi in Florence klagen pornosite Pornhub aan voor ‘ongeoorloofd’ gebruik van meesterwerken uit hun museumcollecties, waaronder werken van Titiaan, Botticelli, Cézanne en Rembrandt, voor een nieuwe interactieve website en app, bericht Artnet. De app, die recent werd gelanceerd, bevat een introductievideo met Ilona ‘Cicciolina’ Staller, voormalig pornoster en ex-vrouw van kunstenaar Jeff Koons, die samen met hem figureerde in zijn reeks ‘Made in Heaven’.

    De app belooft gebruikers ‘langs alle preutse schilderijen’ te loodsen op weg naar ‘de goede dingen’. Ook werken uit het Musée d’Orsay, de National Gallery in Londen en het Prado worden in de app gebruikt.


    Liverpool geschrapt van Unesco-list

    Unesco heeft de Britse stad Liverpool zijn felbegeerde status van werelderfgoed ontnomen nadat jaren van stedelijke ontwikkeling hebben gezorgd voor een ‘onomkeerbaar verlies‘ van de historische Victoriaanse dokken, schrijft The Guardian. Liverpool kreeg de status van werelderfgoed in 2004 als erkenning voor zijn rol als belangrijke historische handelsstad in het Britse koloniale rijk en vanwege de architectonische schoonheid van de waterkant.

    Unesco concludeerde dat de ‘uitzonderlijke universele waarde’ van de waterkant is vernietigd

    De organisatie van de Verenigde Naties concludeerde woensdag tijdens een bijeenkomst in China dat de ‘uitzonderlijke universele waarde’ van de waterkant is vernietigd door nieuwe gebouwen, waaronder het nieuwe, ruim 578 miljoen euro kostende stadion van voetbalclub Everton. Het besluit maakt Liverpool tot een van de weinige plekken in vijftig jaar die de Unesco-status verliest. Eerder verloren onder meer het gebied voor de Arabische oryx in Oman en de Elbe-vallei in Duitsland hun status.

    Het stadsbestuur reageerde met ontzetting op het nieuws. Burgemeester Joanne Anderson zei ‘enorm teleurgesteld en bezorgd‘ te zijn en de gemeente overweegt dan ook om in beroep te gaan.


    Taliban dreigen Kandahar in te nemen

    De Verenigde Staten, die ‘een belegerd Afghaans leger helpen’, hebben hun luchtaanvallen in Zuid-Afghanistan opgevoerd, meldde Wall Street Journal op zondag 25 juli. Er zouden de afgelopen dagen ‘ongeveer een dozijn’ aanvallen hebben plaatsgevonden. De militaire steun komt ‘te midden van een groeiende ongerustheid over een taliban-offensief dat Kandahar bedreigt’.

    ‘De val van de op één na grootste stad van het land zou een zware klap zijn’

    De val van de op één na grootste stad van het land ‘zou een zware klap zijn voor de door de VS gesteunde regering in Kaboel, die tracht haar burgers gerust te stellen nu de taliban grote delen van het platteland hebben ingenomen, maar er tot dusver niet in zijn geslaagd een grote stad in te nemen’. De Amerikaanse troepen zouden Afghanistan eind augustus moeten verlaten, aldus de krant.

    Lees ook:

  • Honderd jaar Beuys: nog altijd controversieel

    Honderd jaar Beuys: nog altijd controversieel

    Zelfs tijdens zijn honderdste geboortejaar zorgt de in 1986 overleden Joseph Beuys nog altijd voor ophef. Ter ere van het jubileum is op verschillende plaatsen in het Rurhgebied werk van de kunstenaar te bewonderen.

    Dit jaar zou de Duitse, nog altijd controversiële kunstenaar, docent, politicus en activist Joseph Beuys (1921-1986) honderd jaar zijn geworden. Beuys ijverde voor een ‘verruimd kunstbegrip’ waarin kunst zich uitstrekt tot de samenleving als een ‘sociaal sculptuur’ dat alle mensen samen vormgeven.

    Al sinds de jaren zestig sprak hij over de gevaren van het kapitalisme, de bedreiging van de democratie en de verandering van het klimaat. Beuys geloofde in kunst als een creatieve, transformatieve kracht binnen de politiek, wetenschap, filosofie en economie.

    Nog steeds, vijfendertig jaar na zijn dood, verdeelt Beuys het publiek

    Nog steeds, vijfendertig jaar na zijn dood, verdeelt de man die in 1982 zevenduizend eiken – alle geflankeerd door een basaltrots – plantte in het centrum van de stad Kassel, het publiek. Naar aanleiding van zijn honderdste geboortedag zijn onder meer in Düsseldorf, Kleef, Wuppertal en in het Kaiser Wilhelm Museum in Beuys’ geboorteplaats Krefeld, een groot aantal tentoonstellingen (inclusief publicaties) te bewonderen.

    Tot 1 augustus. kunstmuseen-krefeld.de/en beuys2021.de

    Door Manuela Klerkx

  • Wat je dagelijks aantrekt en waarom

    Wat je dagelijks aantrekt en waarom

    De succesvolle Japanse tentoonstelling Dress Code heeft Bonn inmiddels bereikt en draait om de vraag: hoe heb jij de kleren die je vandaag draagt gekozen?

    Iedere cultuur, generatie en klasse heeft haar eigen dresscode, maar als individuen kunnen we met de regels spelen. Hoe doen we dat? Op basis waarvan beslissen we wat we wel of juist niet dragen, en waarom? Of voor wie? Mode biedt de mogelijkheid onszelf uit te drukken, onze persoonlijkheid te accentueren. Daarnaast is mode een manier van zien en gezien worden die we met name op sociale media terugvinden.

    Dress Code presenteert mode als een spel van transformatie en een instrument om onze persoonlijkheid mee te onderstrepen. 

    De tentoonstelling is een samenwerking tussen het National Museum of Modern Art, Kyoto, het Kyoto Costume Institute en de Bundeskunsthalle.

    Dress Code: Are You Playing Fashion? is van 22 mei tot 21 november 2021 te zien in de Bundeskunsthalle in Bonn, Duitsland, www.bundeskunsthalle.de 

    Door Manuela Klerkx

  • De echte reden waarom Remain verloren heeft

    De echte reden waarom Remain verloren heeft

    Nu het Verenigd Koninkrijk de EU heeft verlaten, maakt gevierd columnist Fintan O’Toole de balans op. Hoe kon het dat een stel witte mannen van middelbare leeftijd meer stemmen trok dan een jong en divers team?

    Aan de vooravond van de laatste campagnedag voor het brexitreferendum van juni 2016 bracht BBC het Grote Debat, live vanuit de Wembley Arena. De twee campagnes hadden elk drie sprekers afgevaardigd. De ene kant had een trio parlementsleden uit de gevestigde partijen: allemaal boven de vijftig, geen van drieën vertegenwoordigde een kiesdistrict buiten het zuiden en midden van Engeland. Hun tegenstanders schoven geen parlementsleden naar voren, maar kozen voor een jonger, diverser team dat veel meer overeenkomst vertoonde met het hedendaagse Groot-Brittannië.

    Als je niet beter wist en je had begrepen dat er in het land ontevredenheid over de status quo heerste, had je uit dit rijtje sprekers makkelijk kunnen afleiden wie over twee dagen de meeste stemmen zou krijgen. Natuurlijk zouden de middelbare establishment-types verliezen.

    Alleen: dat gebeurde niet. De drie witte, middelbare parlementsleden waren Gisela Stuart, Andrea Leadsom en Boris Johnson. Hun tegenstanders waren Ruth Davidson, Sadiq Khan en Frances O’Grady.

    Je kunt je goed voorstellen hoe ingenomen de Remain-campagne moet zijn geweest met de samenstelling van haar trio: een Schotse die ook lesbienne, ex-militair en lid van de Conservatieve Partij is, een Londenaar uit de arbeidersklasse met Brits-Pakistaanse wortels en de eerste vrouw ooit in de top van de Britse vakbondsbeweging. Het plaatje dat zij samen lieten zien had nauwelijks inclusiever kunnen zijn of beter afgestemd op de complexe werkelijkheid van Groot-Brittannië in 2016.

    Remainers werden bezield door veel verschillende dingen. Leavers werden gedefinieerd door één groot ding

    Het was natuurlijk ook tamelijk zinloos. Complexiteit en variatie leidden Remain in 2016 niet naar de overwinning. Ook in de strijd om een zeer harde brexit te voorkomen bleken deze kwaliteiten niet alleen ineffectief, maar zelfs duidelijk contraproductief.

    In normale tijden lijkt het duidelijk dat een brede alliantie in een democratie altijd beter is dan een smalle beweging. Het probleem voor Remain was dat het geen normale tijden waren. Wanneer nationale identiteit het overheersende onderwerp wordt, verstoort dat de vertrouwde melodie. Het wordt veel gemakkelijker om op één noot te blijven hameren dan om een orkest met te veel instrumenten te willen dirigeren.

    Je kunt bijna niet anders dan met het oude (en ja, clichématige) Griekse beeld komen van de vos die veel dingen weet en de egel die één belangrijk ding weet. Remainers werden bezield door veel verschillende dingen. Leavers werden gedefinieerd door één groot ding.

    Weggaan uit de Europese Unie was eruit zijn. Blijven was erin zijn. Maar wáárin precies? Er waren veel te veel antwoorden op die vraag en de meeste botsten met elkaar.

    Wat voor staatsvorm, wat voor plek, wat voor imaginaire gemeenschap konden Nicola Sturgeon en Keir Starmer, Gerry Adams en Dominic Grieve, Caroline Lucas en David Cameron met zijn allen bedenken? Die was er niet, omdat die er niet kon zijn. De Remainers hadden over vrijwel alles behalve over de wenselijkheid om niet uit de EU te vertrekken, diepgaand verschillende opvattingen van wat het Verenigd Koninkrijk zou moeten zijn en ze verschilden zelfs hevig van mening over de vraag of dat Verenigd Koninkrijk überhaupt zou moeten bestaan.

    Het is ook heel moeilijk om een overtuigend idee van het hedendaagse Groot-Brittannië te belichamen. Is Ruth Davidson het soort Tory met wie de meeste Engelse conservatieven zich kunnen identificeren? Roept de arbeidersklasse-achtergrond van Sadiq Khan een gevoel van solidariteit op onder kiezers uit de arbeidersklasse in de Midlands? Hoeveel politiek gewicht legt de vakbeweging van Frances O’Grady werkelijk nog in de schaal?

    In elk land is het lastig om een collectieve identiteit te definiëren, maar het is nog veel moeilijker in een multinationaal koninkrijk met verschuivende en onzekere opvattingen over zijn eigen verleden, zijn plaats in de wereld, de relaties tussen de verschillende delen waaruit het bestaat, sociale politiek en houding tegenover migratie en globalisering.

    Collectieve identiteit

    De grote ironie van brexit is dat die voor Remainers wel degelijk een soort collectieve identiteit genereerde. Maar alleen als reactie op de nederlaag. Remain verloor omdat zijn enige echte verbindende factor een gevoel van verlies was. Het moest eerst verslagen worden voordat het een collectief zelf kon vinden. Dat was per definitie te laat.

    Natuurlijk is het zo dat Leavers het niet met elkaar eens waren over wat de brexit echt betekende. Maar het cruciale verschil is dat zij dat ook niet hoefden te zijn. Want het enige belangrijke dat nationalistische bewegingen weten is niet wie ‘wij’ zijn. Het is wie we níet zijn. Leavers hadden een diepgeworteld besef van hun Ander: hun afkeer van en wantrouwen tegen de EU. Voor Remainers waren alleen de Leavers de Ander. Als, zoals W.B. Yeats beweerde, er ‘meer substantie zit in onze vijandschappen dan in onze liefde’, dan hadden de Leavers het grote voordeel dat de substantie van hun vijandschappen in eeuwen was gevormd en niet in enkele jaren.

    Voor een Ier, zoals ik, was het heel grappig om te zien dat de brexiteers Engeland (en het was heel erg Engeland) neerzetten als een onderdrukte natie, een gekoloniseerd land dat nu de kans kreeg om zijn imperialistische overheersers omver te werpen. (De afbeelding op de deur van Nigel Farages kantoor in het Europees Parlement was geen portret van hemzelf, maar van de negentiende-eeuwse Ierse nationalist Charles Stewart Parnell.)

    Ik weet nog dat ik hardop moest lachen toen Johnson bij zijn laatste woord in dat Grote Debat zei dat ‘donderdag de onafhankelijkheidsdag van ons land kan worden’, een bewering die Farage dan ook herhaalde toen de uitslag van het referendum binnenkwam. Dit beeld van Engeland als Kenia of Ierland of India aan het eind van het Britse koloniale rijk leek mij een te overdreven vertoon van slachtofferschap om de kiezers te kunnen aanspreken.

    Ik had het mis. Blijkbaar was het idee van brexit als de opstand van een geknechte natie voor veel kiezers wel heel reëel. En is dat eenmaal het geval, dan zit je in een heel andere wedstrijd. Want als Ier weet je ook dat nationale opstanden een groot voordeel hebben. Ze presenteren het idee van vrijheid als doel op zich – ze hoeven niet te zeggen wat je dan vrij zult zijn om te doen.

    Eerst worden we onafhankelijk. Daarna besluiten we wat we met onze vrijheid gaan doen

    Is eenmaal het geloof gewekt dat we ons op een weg naar onafhankelijkheid bevinden, dan ontstaat er een volgorde in tijd. Eerst worden we onafhankelijk. Daarna besluiten we wat we met onze vrijheid gaan doen. Er kunnen verschillende beloften worden gedaan over de dingen die we willen doen als we ons van onze onderdrukker hebben bevrijd, maar die bestaan in een andere tijdzone, de tijd die pas duidelijk wordt nadat we onze ketenen hebben verbroken.

    Remainers, verward door de absurditeit die besloten lag in het idee van een tot slaaf gemaakt Groot-Brittannië, hebben dit nooit helemaal begrepen. Zij hielden vast aan twee aannames die niet langer opgingen toen het de Leavers eenmaal gelukt was het idee van de brexit als nationalistische revolutie te scheppen. De ene was dat het toch zeker van het grootste belang moest zijn dat de brexiteers hun beloftes verbraken. De andere was dat het iets uitmaakte dat ook de brexiteers geen eensluitend idee hadden over de vorm die Groot-Brittannië moest krijgen.

    Dus toen de brexiteers heel snel de beruchte belofte op de zijkant van de bus – 350 miljoen pond per week voor de National Health Service – lieten vallen, verwachtten de Remainers woede bij de kiezers die zo cynisch waren misleid. Die kwam niet, omdat de belofte over het leven erna ging, de tijd aan de andere kant van het grote bepalende moment van onafhankelijkheid. Die had zich toch altijd al in een andere categorie van de werkelijkheid bevonden.

    Hetzelfde geldt trouwens voor alle dreigementen van de Remain-kant, zelfs als die goed onderbouwd waren, in tegenstelling tot het Project Fear-visioen van een onmiddellijk enkeltje naar de hel. Ook die bestonden voor de Leavers alleen in dat vage Land van Ooit van de toekomst, een ander land, een land waar ze de dingen anders doen.

    De brexiteers beloofde herwonnen soevereiniteit, gouden tijden, zonnige verten

    Het brexitproject werd ook niet werkelijk verzwakt door de dingen waardoor het in een ander politiek discours tot mislukken gedoemd zou zijn geweest. De diepe interne verdeeldheid over de vraag of het VK binnen, of tenminste nauw verbonden met de Europese interne markt moest blijven, wekte de schijn dat het Leave-kamp onder de druk van zijn eigen tegenstellingen zou imploderen. Het leek niet zo gek om dit te geloven terwijl de onhandigheid van Theresa May verlamming werd, die overging in anarchie.

    Maar in feite vormde zelfs deze wanorde een soort kracht voor de Leave-kant. Dankzij de totale onzekerheid over wat vertrekken in werkelijkheid zou betekenen, kon de brexit blijven wat hij was: een gebaar, een idee, een eenmalige bevrijdingsactie. Daardoor kon hij op het niveau blijven waar hij het meest onkwetsbaar was, niet gehinderd door nuchtere details: herwonnen soevereiniteit, gouden tijden, zonnige verten.

    Vaagheid

    Denk daarentegen eens aan de vraag waarom de SNP in 2014 het referendum over de Schotse onafhankelijkheid verloor. De partij leverde de details: 900 pagina’s waarin beschreven stond hoe een onafhankelijk Schotland eruit zou zien. Dit was een makkelijke schietschijf en unionisten konden alle zwakke plekken zien waarop ze hun pijlen konden richten. Juist de vaagheid van de brexit redde hem van zijn ondergang. Remainers wisten tot aan het eindspel toe nooit wat de deal zou worden. Ze joegen op een schaduw.

    Wat hadden de Remainers anders kunnen doen? Nou, zoals we in Ierland zeggen: je zou niet hier beginnen. Als er een echt groot debat kwam over de vraag hoe de volkeren van het VK zichzelf zien, dan zou je niet beginnen met David Camerons gladde belofte van een referendum over Europa om zijn interne strubbelingen te sussen. Je zou niet beginnen met een arrogante aanname dat identiteitskwesties wel de kop ingedrukt konden worden met dreigende waarschuwingen over handel.

    Je zou begonnen zijn met de erkenning dat na het Akkoord van Belfast in 1998 en de instelling van de decentrale regeringen in Wales in Schotland het jaar daarop, het gevoel ergens bij te horen binnen het VK zwaar verstoord was. Je zou je vooral ook hebben beziggehouden met de groeiende tekenen sinds de eeuwwisseling van een opkomend maar ongevormd Engels nationalisme en erover nagedacht hebben hoe dat vorm kon krijgen, niet alleen maar als ‘niet zij’, maar als een positief ‘wij’.

    Leave bood een soort antwoord – al was het een heel slecht antwoord. Remain snapte de vraag nauwelijks

    De Leavers hadden het over identiteit, ook al was dat voornamelijk op een reactionaire en vaak absurde manier. Remainers wezen dat soort gepraat meestal minachtend af als verwerpelijk. Maar een identiteitscrisis verdwijnt niet als je haar negeert. Leave bood een soort antwoord – al was het een heel slecht antwoord. Remain snapte de vraag nauwelijks.

    Kijkend vanaf de andere kant van de vijver heb ik de indruk dat de werkelijke reden waarom Remain verloor was dat de Remainers nooit hun best hebben gedaan om een tegenargument te bieden tegen de echte motivatie voor Leave: de soevereine macht weghalen bij de onverkozen bureaucraten in Brussel en teruggeven aan het verkozen parlement in Westminster. Er kwam geen erkenning dat er soevereiniteit verloren was gegaan in ruil voor de voordelen van het EU-lidmaatschap, zo geformuleerd dat dat werd gepresenteerd als voordelige ruil voor de gemiddelde burger van het VK. In plaats daarvan was het tegenargument (en nogmaals, dit is hoe het er vanuit de verte uitzag) dat de enige mogelijke motivaties om Leave te steunen vooroordelen tegen Oost-Europeanen en een romantische nostalgie naar het Empire zouden zijn en beide verdacht te maken. Niet echt een argument waar je mee wint.

    Openingsbeeld: Drie pro-brexitdemonstranten voor het Britse parlement op 29 maart 2019, de dag dat het VK de EU in eerste instantie zou verlaten. De deadline werd uiteindelijk uitgesteld naar 31 januari 2020 om 11 uur ’s avonds.

    Over de auteur

    Fintan O’Toole (Dublin, 1958) is auteur en politiek commentator voor onder andere The Irish Times, waarvoor hij sinds 1988 scherpe columns schrijft. Voor zijn bijdragen over brexit ontving hij de European Press Prize. O’Toole is ook toneelcriticus en schrijft regelmatig voor The New York Review of Books.

    fintan zw 1
  • Vechten om de beste Van Gogh Experience

    Vechten om de beste Van Gogh Experience

    In de VS vindt een wildgroei plaats aan interactieve videotentoonstellingen gebaseerd op het werk van Van Gogh. Maar liefst vijf verschillende bedrijven bieden hun eigen Van Gogh Experience aan, en allemaal zijn ze anders.

    De verwachtingen waren hooggespannen nadat The Immersive Van Gogh Experience groots verscheen in de Netflix-serie Emily in Paris. De tentoonstelling, eerder al een succes in Parijs, Chicago en Toronto, verovert nu ook de staat New York. En in sommige steden, waaronder Los Angeles, is de Van Gogh-tentoonstelling al uitverkocht voordat ze is begonnen.

    Inmiddels vechten vijf verschillende bedrijven om de beste Van Gogh Experience. En allemaal bieden ze iets speciaals. Zo combineert de Italiaanse filmproducer Massimiliano Siccardi voor zijn productie Immersive Van Gogh honderd projectoren en zo’n tweehonderd schilderijen uit de laatste twee jaar van Van Goghs leven met experimentele elektronische muziek van de Italiaanse multimediacomponist Luca Longobardi. Om zowel de mens als de kunstenaar goed te leren kennen dook artistiek directeur David Korins in Van Goghs leven; hij verdiepte zich in diens vooronderstelde aandoening, die bekendstaat als chromestesie en inhoudt dat klank onwillekeurig een ervaring van kleur, vorm en beweging oproept en kleur een ervaring van geluid teweegbrengt. 

    Bezoekers kunnenzich volledig kunnen onderdompelen in het universum van Van Gogh

    Alle afzonderlijke Immersive Van Gogh Experiences bieden een unieke ervaring van ongeveer een uur, waarin bezoekers zich volledig kunnen onderdompelen in het universum van Van Gogh en zijn beroemdste werken, zoals de Zonnebloemen en De sterrennacht (gemaakt met meer dan 7800 in meerdere kleuren gedoopte penselen). Spectaculair zijn de meer dan duizend gedigitaliseerde brieven die de kunstenaar aan zijn broer Theo schreef en die als onbeweeglijke wolken in de lucht hangen, en de mogelijkheid die bezoekers wordt geboden om vragen te stellen aan Vincent, die deze ‘persoonlijk’ – op basis van kunstmatige intelligentie – beantwoordt.

    Zie de site van Artnet voor locaties en data van de Van Gogh Experiences.

    Door Manuela Klerkx

  • Eindelijk weer glamour op de boulevard van Cannes

    Eindelijk weer glamour op de boulevard van Cannes

    Na een online-editie en uitstel sinds mei, wordt vanaf vandaag eindelijk het Filmfestival in Cannes geopend. Het commentaar en de favorieten van de buitenlandse pers.

    Voor het eerst sinds een lange tijd ontmoeten cinefielen elkaar weer op La Croisette, de glamoureuze boulevard van de Franse kustplaats. Het 74ste Filmfestival van Cannes begint vandaag en duurt tot 17 juli – een zomerfestival dus, en niet zoals gebruikelijk in mei, als gevolg van de pandemie die uitstel noodzakelijk maakte. De editie van 2020 werd zelfs vervangen door een online-evenement.

    De stad, die zo veel heeft geleden onder het wegblijven van toeristen, wacht ongeduldig op de terugkeer van festivalgangers, meldt Variety‘Na Parijs is Cannes de Franse stad met de meeste tentoonstellingen en shows, en de tweede favoriete bestemming voor zakenreizen. De toeristische sector draagt ​​voor 50 procent bij aan het bbp van de stad, waarvan de industrie niet veel voorstelt. Hoe moet je anders de aanwezigheid van vijfhonderd restaurants in een stad met minder dan  75.000 inwoners verklaren?’ In een normaal jaar worden de economische baten van het festival geschat op zo’n 200 miljoen euro, vandaar het enorme tekort voor 2020.

    De stranden zullen druk zijn, de zon vurig en het nachtleven in volle gang

    Maar nu staat alles klaar, verzekert het filmtijdschrift, om de duizenden bezoekers te verwelkomen: ‘Behalve het Carlton [een van de beroemdste paleizen in de stad], dat tot 2023 gesloten is wegens renovatie, zijn alle hotels beschikbaar om bezoekers te ontvangen, evenals bars en restaurants. De stranden zullen druk zijn, de zon vurig en het nachtleven in volle gang.’ Het Amerikaanse weekblad vervolgt met het opsommen van de steun en maatregelen van de staat en de gemeente (met name huurvrijstellingen) waarvan onder meer de dienstensector heeft geprofiteerd.

    Wel zal er minder publiek aanwezig zijn dan normaal. ‘Reisbeperkingen, verschillen in de voortgang van vaccinatieprogramma’s en algemene voorzichtigheid met betrekking tot reizen zullen het filmfestival van Cannes van zijn gebruikelijke omvang beroven’, zegt Variety. ‘Tot nu toe hebben de organisatoren 20.000 deelnameverzoeken ontvangen, de helft minder dan in vorige edities. Slechts 40 procent van de professionals die gewoonlijk aanwezig zijn, wordt verwacht op de filmmarkt [een belangrijke bijeenkomst voor de sector, die parallel aan de competitie plaatsvindt]. Ook de mogelijkheid om op afstand deel te nemen zal van sterke invloed zijn op het festival.’

    Spike Lee

    Hoe dan ook, het feest zal er niet minder door worden, menen de critici. Onvoorspelbaarheid belooft het sleutelwoord van het festival te worden, voorspelt The GuardianEn sluit goed aan op de Amerikaanse juryvoorzitter dit jaar: ‘Spike Lee: de meester van de chaos, is klaar om het Filmfestival van Cannes wakker te schudden’, kopt het Britse dagblad, dat van de gelegenheid gebruikmaakt om deze filmmaker met zijn onnavolgbare stijl te portretteren – op het scherm, in zijn toespraken, maar ook in zijn outfits.

    De regisseur van Do the Right ThingBlacKkKlansman (grand prix op Cannes in 2019) en Da 5 Bloods bereidt samen met de Britse toneelschrijver Kwame Kwei-Armah een muzikale komedie voor over de uitvinding van Viagra. Kwei-Armah vertelt The Guardian: ‘Voor mij is Spike Lee een soort peetvader: de peetvader van zwarte filmmakers.’ De krant hoopt dat het resultaat ‘de mix van debat en lichtheid is waar La Croisette nu behoefte aan heeft’. 

    De overige juryleden worden door IndieWire geïntroduceerd. Deze Amerikaanse cultuursite benadrukt het nogmaals: van de Frans-Senegalese regisseur Mati Diop tot acteur Tahar Rahim en de Braziliaanse filmmaker Kleber Mendonça Filho; ‘de meeste juryleden zijn nauw verbonden met het festival’.

    Favorieten

    Uiteraard presenteren de publicaties graag hun lijsten met veelbelovende films. Zo maakten The Hollywood Reporter en Vulture, de altijd scherpe culturele site van New York Magazine, hun selectie. Op beide lijsten is de openingsfilm te vinden: Annette van Leos Carax, door het Californische weekblad omschreven als ‘Franse punkdichter’. ‘Adam Driver speelt een komiek die getrouwd is met een beroemde zangeres (Marion Cotillard). Hun leven neemt een andere wending als hun dochter wordt geboren, die een bijzondere gave heeft.’

    Op beide lijsten staat ook Benedetta, waarin Paul Verhoeven, ‘de Nederlandse provocateur (…)’, ‘het lot van een lesbische non in Italië ten tijde van de renaissance’ laat zien. En ook Bergman Island, de raamvertelling van Mia Hansen-Løve op het Zweedse eiland Farö, dat geliefd is bij de beroemde Scandinavische regisseur. De New Yorkse site wijst ook op de tweede horrorfilm van de Franse Julia Ducournau (na Grave, in 2016). Het nieuwe opus, genaamd Titanium, ‘is al net zo verontrustend, zij het een tikkeltje obscuurder’.

    South China Morning Post  is blij met de deelname van films uit heel Azië. De Hongkongse krant wijst er ook op dat de Zuid-Koreaanse acteur Song Kang-ho in de jury zit; ‘terug in Cannes, twee jaar nadat Parasite de eerste in een lange reeks prijzen op La Croisette won’.

    Films die worden aangehaald door South China Morning Post zijn onder meer Drive My Car, van Ryusuke Hamaguchi (een bewerking van een kort verhaal van de Japanse schrijver Haruki Murakami), en Memoria, waarin de Thaise regisseur Apichatpong Weerasethakul de Schotse actrice Tilda Swinton een bootreis door Colombia laat maken.

  • Sophie Oluwoles invloed op de Afrikaanse filosofie

    Sophie Oluwoles invloed op de Afrikaanse filosofie

    Volgens het koloniale gedachtegoed bestonden er slecht één waarheid en realiteit, met als gevolg dat culturen werden verdrukt, onthecht en soms zelfs onderling in strijd kwamen. De Nigeriaanse filosoof, antikoloniaal denker en feminist Sophie Oluwole benadrukt het belang van een Afrikaanse filosofie, die een andere blik werpt op gewoontes, overtuigingen en een ‘geïmporteerd probleem’ als gender.

    Grote denkers in De Balie

    Op 29 mei hield in De Balie in Amsterdam Grâce Ndjako een lezing over de recent overleden Nigeriaanse filosoof, antikoloniaal denker en feminist Sophie Oluwole (1935-2018). Oluwole streed fel voor erkenning van de rijke filosofische tradities van het Afrikaans continent. Wat was haar positie binnen de Afrikaanse filosofie en wat maakt haar gedachtegoed zo relevant?

    Nadat ze als eerst Nigeraanse vrouw haar doctoraat haalde in westerse filosofie, verdiepte professor Sophie Oluwole zich in de Yoruba-overlevering, een orale traditie die deels wél op schrift gesteld is. In haar opus magnum zette ze twee grondleggers van de klassieke filosofie naast elkaar: Socrates en Orunmila. Daarin zet ze uiteen dat anders dat het oppositionele westerse denken (man-vrouw, goed-kwaad, ik-jij) de Afrikaanse filosofie uitgaat van complementair dualisme, waar verschil juist als een belangrijke aanvulling wordt gezien.

    In de programmaserie Grote Denkers staan vooruitstrevende en eigenzinnige vrouwelijke denkers uit de wereldgeschiedenis centraal.

    ‘Om tot ware wijsheid te komen, moeten we ons eerst aan ernstige overpeinzingen wijden om het zaad van de verwarring weg te nemen. Gegronde besluiten zijn het resultaat van diep nadenken over de ideeën en overtuigingen volgens welke wij leven. Een ieder die een onnadenkende persoon volgt zal dat uiteindelijk betreuren en zich de haren uit het hoofd trekken.’

    Dit zijn de woorden van Orunmila, Yoruba-denker uit ongeveer 500 voor Christus, over het belang van het cultiveren van wijsheid. Uit het citaat blijkt dat het niet alleen belangrijk is om te reflecteren, maar ook om te reflecteren op de wijze waarop we reflecteren, op de concepten die we gebruiken en de geloofsregels waarnaar we leven. Wie dit niet doet, zal er spijt van krijgen. Over het leven moet worden gereflecteerd, wijsheid moet worden gekoesterd, begeerd. Wijsheid biedt ons oplossingen voor de problemen van het menselijk bestaan. 

    ‘In de loop van de tijd worden mensen wijzer. Dit is niet het wezenlijke beginsel waardoor “Weet-nog-niet” zich liet leiden toen hij niet wist hoe hij een bepaalde kwestie moest aanpakken. Hij dacht na en sliep er een nachtje over. Bij het ochtendgloren zag hij het licht en wist wat hem te doen stond. Dus laten we dag op dag laten volgen; is dat niet genoeg, laten we dan maand op maand laten volgen; op de lange duur zullen we door voortdurend nadenken oplossingen vinden voor de meest verbijsterende problemen van het menselijk bestaan.’

    Deze preoccupatie met wijsheid, deze liefde voor wijsheid, noemen we ook wel filosofie.

    ‘Dat Afrikanen niet kunnen denken, zou betekenen dat Afrikanen geen mensen zijn’

    Orunmila zei dit ongeveer vijf eeuwen voor Christus. Toch werd het bestaan van Afrikaanse filosofie lange tijd ontkend. Dat is een feit waar Sophie Oluwole helaas haar hele leven mee te maken heeft gehad. ‘Mijn leven lang is mij verteld dat Afrikanen niet kritisch zijn en niks analyseren. Dat Afrikanen niet kunnen denken. Dat zou betekenen dat Afrikanen geen mensen zijn. Ik wilde het tegendeel bewijzen.’ Aldus Oluwole in een interview uit 2017 toen ze in Nederland was. Het idee dat je alleen bent als je denkt prevaleerde tijdens de verlichting bij denkers als Kant en later Hegel, en geldt in sommige academische kringen tot op de dag van vandaag. 

    Wat Oluwole ook bijzonder maakt is het feit dat zij de eerste vrouw was die in Nigeria promoveerde in de filosofie. Ze werd uiteindelijk hoofd van de afdeling filosofie van de universiteit van Lagos. Op meerdere fronten is zij dus een pionier geweest binnen dit vakgebied. 

    Superioriteitsdenken

    Afrikaanse filosofen hebben verschillende reacties geformuleerd op het idee dat filosofie in Afrika niet zou bestaan, en dat dit bovendien niet mogelijk zou zijn. Reacties lopen uiteen van denkers die zich identificeren met de Europese filosofie en stellen dat Afrikaanse filosofen de Europese denktraditie moeten volgen, de zelfbenoemde professionele filosofen, tot denkers die beweren dat Afrikaanse filosofie het product is van de culturele ervaringen van Afrikanen, en dat het wereldbeeld van Afrikanen om deze reden moeten worden gedocumenteerd. Zij worden etnofilosofen genoemd.  

    Oluwole vond geen van deze reacties adequaat. De zogenaamde ‘professionele’ filosofen zouden zelf geen onderzoek hebben uitgevoerd naar Afrikaanse orale tradities. Deze zouden door hen zelfs volledig worden verwaarloosd in de zoektocht naar principes die intellectueel overtuigender en sociaal gezien relevanter zouden zijn voor de hedendaagse Afrikaanse ervaring. Etnofilosofen zouden volgens Oluwole dan weer te essentialistisch zijn, en in sommige gevallen het racistische discours van de kolonisten hebben overgenomen. 

    Onderzoek naar het Afrikaans denken gaat niet om het zoeken naar paralellen van westerse metafysica in Afrikaanse talen. Het gaat ook niet om het vinden van de Afrikaanse metafysica of epistemologie; men definieert het Europese denken immers ook niet aan de hand van één soort metafysica of epistemologie. Onderzoek naar het Afrikaanse denken zou moeten gaan over de intellectuele idealen die in Afrikaanse talen ingebed zijn. De intellectuele idealen, de intellectuele cultuur, liggen immers ten grondslag aan iedere intellectuele onderneming, en dus ook filosofie. 

    Oluwole was tegen het klakkeloos overnemen van Europese paradigma’s en denksystemen. Het overnemen van Europese paradigma’s zou wijzen op een bepaalde mate van superioriteitsdenken. 

    ‘De westerse hang naar zekerheid laat geen ruimte voor het bestaan van andere realiteiten’

    ‘De bewering dat de westerse filosofie in een universeel voorbeeld voorziet van de menselijke intellectuele cultuur is op ernstige bezwaren gestuit. Zelf ben ik van mening dat de verbreiding ervan alleen maar tot intellectuele dweepzucht leidt.’ Ze gebruikte ook wel de term intellectueel nationalisme. De westerse filosofie zou een weerspiegeling zijn van de Europese intellectuele cultuur. De principes van de Europese intellectuele cultuur zouden zijn gebaseerd op het uitbouwen van een heel systeem en een zoektocht naar absolute kennis.

    Het probleem hiervan is dat dit algauw leidt tot het geloof in één enkele absolute waarheid die overal altijd geldig is, en voor iedereen geldig is, en dat er dus maar één realiteit bestaat. Oluwole zegt het als volgt: ‘De westerse hang naar zekerheid laat geen ruimte voor het bestaan van andere realiteiten die door elk van deze rationale pogingen kunnen worden omvat.’ Ze typeerde de westerse intellectuele cultuur daarom als een monotheïsme.

    Volgens Oluwole is het belangrijk dat we ons afvragen of principes uit het westerse denken wel zo neutraal zijn, en objectief genoeg om te kunnen zeggen dat ze universeel zijn en voor iedereen opgaan. We spreken tegenwoordig steeds vaker over dekolonisatie. Dat is niet alleen een politieke dekolonisatie, dus politiek onafhankelijk zijn; we spreken ook over dekolonisatie van instituten en dekolonisatie op het gebied van het denken, doordat we ons steeds meer bewust zijn van de reikwijdte van het koloniale gedachtegoed en de implicaties van de gedachte dat er maar één enkele waarheid en realiteit bestonden. Bij gekoloniseerden heeft deze gedachte gezorgd voor de vernietiging van bestaande structuren en vervreemding van de eigen cultuur. Ook zijn er verschillen en ongelijkheden geïntroduceerd of vergroot die daarvoor niet of nauwelijks bestonden. 

    Paradigma’s en patronen

    Het dekoloniseren van het denken heeft daarom niet alleen implicaties voor de filosofie, voor het bestaan van een Afrikaanse filosofie, maar ook voor de politiek en het denken over gender. Als we vanuit het Afrikaanse gedachtegoed denken over politiek, kunnen we met andere stelsels komen. Oluwole zegt hierover: ‘Een totale afhankelijkheid van de paradigma’s en patronen van democratie zoals die in veel Europese landen worden toegepast, is misschien niet de enige manier om vooruitgang te boeken.’ We kunnen ook vanuit het Afrikaanse denken kijken naar sekse en gender.

    Oluwole doet dit via onderzoek naar de orale traditie. Dat komt de Afrikaanse filosofie volgens haar ten goede, omdat filosofie voornamelijk draait om wat door filosofen wordt gezegd: ‘In tegenstelling tot de geschiedkunde en de sociale wetenschappen richt de filosofie zich niet in de eerste plaats op wat mensen doen maar op wat ze zeggen, dus op de verbale expressie van mensen. Daarom is een van de meest gebruikte zinnen in de filosofie:  “X heeft gezegd…” Maar zelden horen we: “Plato deed dit” of: “Russell deed dat”. Wij verwijzen altijd naar wat bepaalde mensen hebben gezegd. Vanwege het onmiskenbare feit dat we weinig of geen geschreven documenten bezitten waarin de feitelijke woorden van onze voorouders aan ons worden doorgegeven, zullen de woorden van onze wijzen worden gebruikt als gemeenschappelijk referentiekader, zeggen de Yoruba.’

    Ze baseert zich hierbij ook op een gezegde uit het Yoruba: ‘Owe I’esin òrò, bí òrò bá sonú, òwe I’ a fi n wà a. (‘Spreekwoorden zijn de analytische denkinstrumenten; als we het denken kwijtraken, gebruiken we spreekwoorden om het te zoeken.’)

    Teksten zoals die voorkomen in de taal van een volk – het woord tekst past ze toe in de brede zin van het woord en omvat dus ook orale overlevering – bieden veel inzicht in sociale principes en religieuze gebruiken.

    ‘Daarom is er behoefte aan een Afrikaanse renaissance die de Afrikaanse orale literatuur op een kritische manier onderzoekt om zo een betrouwbare Afrikaanse sfeer te ontdekken en te bevorderen die eerder is gebaseerd op “verhalen die beantwoorden aan de waarheid van hun taal en authenticiteit” dan aan een realiteit die is vervormd door de modaliteiten van niet-Afrikaanse talen of “resultaten van theoretische manipulaties”.’

    Oluwoles belangrijkste bijdrage aan de Afrikaanse filosofie is dan ook deze terugkeer geweest naar de eigen teksten, terugkeer naar de Afrikaanse orale traditie. Op deze manier heeft ze veel van de mythes die tijdens het kolonialisme zijn ontstaan verworpen; ‘Ga terug naar feitelijke “teksten” van de orale traditie in plaats van te vertrouwen op de “bedenksels” van sociale wetenschappers,’ aldus Oluwole. 

    Man/vrouw-verhoudingen

    Als gezegd heeft het onderzoeken van de taal en orale traditie tot belangrijke inzichten geleid op het gebied van sekse en gender in Afrika. Oluwole keek hierbij specifiek naar de Yoruba-taal. Kenmerkend bij de Yoruba is het complementair denken, en dit vindt ook zijn weerslag in het denken over man/vrouw-verhoudingen. 

    – ‘Er is geen godheid zoals een moeder. Alleen zij is het aanbidden waard.’

    Er zijn teksten die lijken te wijzen op de superioriteit van mannen:

    – ‘De man geeft leiding aan de vrouw.’

    En teksten die het tegendeel beweren:

    – ‘Een vrouw werd gevraagd een zwakkeling mee te brengen die ze kon laten doen wat ze wilde, en ze kwam terug met haar man.’

    – ‘Voor mannen is geen plaats in de hemel.’

    – ‘Het kind van een vrouw is haar echte man.

    Alleen omdat de kou ondraaglijk is

    Neem je een man om je warm te houden

    Een kind is de echte man van haar moeder’

    -‘Vraag: Hoeveel mensen in het dorp?

    Antwoord: Twee, mannelijk en vrouwelijk.’

    Oluwole: ‘De implicatie is uiteraard dat de samenleving beide geslachten moet erkennen en niet maar een van beide.’

    Vrouwen werden niet uitgesloten van het maatschappelijk leven. Vrouwen hadden politieke inspraak, en hadden soms leidinggevende functies:

    ‘Het sociale basisprincipe op grond waarvan Yoruba-vrouwen handelden, bijvoorbeeld, was dat als de samenleving besluiten moest nemen die ernstige gevolgen hadden voor hun leven, voor hun economische, politieke en religieuze bestaan, ze te allen tijde het recht hadden te worden geraadpleegd en rechtstreeks dan wel via democratische vertegenwoordiging te worden betrokken bij de besluitvorming’ (2014: 102). Op economisch vlak liepen vrouwen zelfs voorop; zij waren degenen die goederen verkochten op de markt, zowel die van haar man als haar eigen producten. Vrouwen konden kapitaal bezitten, erven en nalaten. 

    ‘Gender’ is in Yoruba een geïmporteerd probleem is, omdat de categorie ‘vrouw’ niet zou bestaan in die taal

    Haar invloed is te zien in het onderzoek dat door hedendaagse Afrikaanse denkers en wetenschappers wordt verricht op het gebied van sekse en gender. De Nigeriaanse denker Oyèrónkẹẹ Oyěwùmí stelt door te kijken naar de Yoruba-taal dat ‘gender’ een geïmporteerd probleem is, omdat de categorie ‘vrouw’ niet zou bestaan in het Yoruba. Ook zij wijst op het complementaire denken en het belang van een terugkeer naar de taal, de teksten, om koloniale mythes te verwerpen.

    ‘Omdat onvoldoende wordt ingezien dat het wereldbeeld van een volk bepaald wordt door taal, worden westerse categorieën als universeel beschouwd. In de meeste Yoruba-studies worden de inheemse categorieën niet onderzocht maar geassimileerd in het Engels. Dit heeft tot een ernstige verdraaiing en een volstrekt onbegrip van de Yoruba-realiteit geleid. Geslachtskenmerken zijn belangrijk geworden in Yoruba-studies, omdat het leven van de Yoruba in het Engels is vertaald om in het westerse lichaamsbeeldpatroon te passen.’

    Oluwole zei over taal: ‘Taal is een product van menselijke ervaring. Wanneer ze voor educatieve doeleinden wordt gebruikt, moet er een aantal regels en beginselen worden geleerd, niet alleen op grammaticaal gebied maar ook conceptueel.’ 

    Haar inzichten vinden we ook terug bij Afrikaanse schrijvers. De Keniaanse schrijver Ngũgĩ wa Thiong’o stelt bijvoorbeeld dat cultuur en taal moeilijk van elkaar te scheiden zijn. ‘De keus van een taal en het gebruik dat van die taal wordt gemaakt is bepalend voor de manier waarop mensen zichzelf definiëren ten opzichte van hun natuurlijke en sociale omgeving, en zelfs ten opzichte van het hele universum.’ Hij schrijft over de vervreemding die hij ervoer doordat hij op school in een andere taal, een Europese taal, werd onderwezen dan hij thuis sprak; het Gikuyu. De geschreven taal die hij op school sprak, kwam niet meer overeen met zijn wereld. 

    Gesproken tekst

    Oluwole hechtte waarde aan de orale traditie omdat deze voor een nauwere relatie zorgde tussen de auteur en diens publiek. Meer dan het schrift weet de orale traditie te zorgen voor een emotionele band tussen orator en toehoorder, doordat de gesproken tekst meer leeft. 

    ‘Waar een geschreven tekst vaak openbare zaken in een duister persoonlijk idioom vervat, houden orale uitingen de communicatie meestal open zodat het publiek de ideeën en gedachten van de orale verteller op een directe manier tot zich kan nemen en kan delen. Worden de open ideeën opgeschreven, dan raken ze versteend en maakt de classificatie ze alleen maar geheimzinniger.’

    Ook Thiong’o benadrukt het belang van de orale traditie. Volgens hem moeten we af van het idee dat de pen de voornaamste overdrager van cultuur is: ‘Woorden omkleden ideeën die voortkomen uit die strijd. Woorden benoemen gedachten. De tong geeft de woorden stem. Woorden komen niet in geschreven vorm uit onze mond; ze komen eruit als een spreekstem. De pen imiteert de tong. De pen is de klerk van de tong. Hij maakt tekeningen van wat er wordt gezegd. De pen zegt wat al gezegd is.’

    Vandaar het belang van spoken word in zwarte gemeenschappen. Ook hiphop kunnen we zien in het licht van deze orale traditie. Al deze uitdrukkingsvormen worden in zwarte gemeenschappen met elkaar gedeeld, en moeten we blijven koesteren. Onze orale tradities zijn onderdeel van onze intellectuele cultuur.