Onderwerpen: Gezondheid

  • Waarom Rusland en de planeet steeds gekker worden

    Waarom Rusland en de planeet steeds gekker worden

    Geconfronteerd met de toenemende problemen in het dagelijks leven, neemt het aantal gevallen van psychische stoornissen in Rusland toe, evenals in de rest van de wereld trouwens, constateert columnist Georgi Bovt niet zonder ironie. Is de oorzaak een gebrek aan stabiliteit, of angst voor de toekomst? En is er iets aan te doen?

    In Moskou gaat een man een administratief gebouw binnen. Hij begint om zich heen te schieten, waarbij hij verschillende mensen doodt. Misschien werd hem gevraagd een mondkapje op te zetten, wat hij weigerde in naam van de wereldwijde samenzwering van Big Pharma, wie weet, maar daar gaat het niet om. 

    Wat het voorwendsel ook was, hij was gewapend. Het feit is dat deze man, zoals ze in zulke gevallen zeggen, een ‘mafklapper’ bleek te zijn. En mensen zoals hij lopen vrij rond op straat. En kunnen niet voor zichzelf zorgen. Wat te doen? Ze naar een inrichting sturen?

    De makkelijkste uitweg zou zijn om de schuld te geven aan het vermaledijde kapitalisme dat de geduchte Sovjetpsychiatrie ten val heeft gebracht; destijds liepen er geen gekken op straat (zo wordt gezegd, ook al had elk oord zijn dorpsgek en alcoholisten), en vooral, niemand stelde, noch in woorden noch in daden, de socialistische werkelijkheid ter discussie. Toen kwam de tijd van de hervormers, die alles optimaliseerden en de gekken vrij los lieten lopen.

    Naar mijn mening is Peter de Grote de enige echte schuldige, omdat hij het biechtgeheim heeft afgeschaft

    Het is pas sinds het einde van dit Sovjet-zorgmodel – waar een enkel consult bij een psychiater een vervolg in een zorginstelling betekende, met alle juridische gevolgen van dien – dat de Russische psychiatrische geneeskunde geleidelijk aan is ontwikkeld. Maar de tak is nog altijd verre van ideaal, en lijdt onder vooringenomenheid bij de bevolking: ik zal levenslang opgesloten worden, ik zal geen banklening kunnen krijgen, niemand zal me in dienst willen nemen, ik zal de voogdij over mijn kinderen verliezen, enzovoort. Wel zijn mensen inmiddels minder bang om hun rechten kwijt te raken als ze naar een psych gaan. En ze zoeken niet bij het minste naar hulp; er is weinig aandacht voor complexe familieverhoudingen, zoals je die in Hollywoodfilms ziet.

    Naar mijn mening is Peter de Grote de enige echte schuldige, omdat hij het biechtgeheim heeft afgeschaft. Zoals iedereen weet, bestaat er in ons land geen betere psychoanalyticus dan een trouwe drinkebroer die weet hoe hij in stilte moet luisteren. Of de beste vriendin, mits ze niet venijnig is of beschikt over de tong van een adder.

    Vooral omdat noch de psychiatrische geneeskunde, noch de modieuze psychoanalytici iets kunnen doen aan de groeiende moeilijkheden in het dagelijkse leven. Het aantal gevallen van psychische en psychosomatische stoornissen neemt aanhoudend toe. Over de hele wereld. 

    Enkele cijfers: waar aan het begin van de twintigste eeuw 0,09 procent van de bevolking in Rusland geestesziek was, is dat een eeuw later reeds 2,6 procent. Wat betreft de groei van gevallen van psychische aandoeningen over de hele wereld is de orde van grootte enigszins vergelijkbaar: van niet meer dan 0,2 procent aan het einde van de negentiende eeuw tot, volgens sommige onderzoekers, zo’n 15 procent van de wereldbevolking eind twintigste eeuw – een cijfer dat wel moet worden gerelativeerd in het licht van de vooruitgang op het gebied van diagnosestelling. Desondanks is de stijging aanzienlijk.

    En wat psychopaten betreft: deskundigen zijn het er in het algemeen over eens dat in een menselijke gemeenschap ongeveer 4,5 procent psychopaat is. Volgens het Russische ministerie van Volksgezondheid leden in 2020 ongeveer 5,6 miljoen Russen aan een psychische aandoening. Sommige onderzoekers schatten dat tot 25 procent van de Russen aan meer of minder ernstige psychische stoornissen lijdt. Soms heb ik overigens de indruk dat het hele land eraan lijdt, maar dit idee is niet politiek correct, en onpatriottisch.

    ‘U moet meer lopen, minder werken en stress vermijden.’ Je meent het

    Hoewel het de meesten geen kwaad zou doen om naar de ‘zielenknijper’ te gaan, gaat niemand graag naar een therapeut. En het heeft ook niet altijd evenveel zin. ‘U moet meer lopen, minder werken en stress vermijden.’ Je meent het. Dank u dokter voor dit advies van onschatbare waarde.

    Dus, wat zijn de redenen om een psych te bezoeken in Rusland? De gangbare problemen: een zeurende baas, angst voor werkloosheid en ellende, een falende echtgenote of echtgenoot, angst voor de toekomst, en vooral hypothecaire leningen. En dan het virus natuurlijk, dat zich aan alles vastklampt.

    Woede viert hoogtij in de samenleving, entropie neemt toe. En het eeuwige Russische mantra dat voortdurend door de media raast: ‘Laten we hopen dat er geen oorlog komt’. Zo hebben we een permanente gelegenheid om bang te zijn. Vooral als je veel televisie kijkt, waarop alle programma’s – of het nu films, soaps, nieuwsprogramma’s of ‘politieke en maatschappelijke schermutselingen’ zijn – ontworpen lijken te zijn met als doel psychopaten en neurotici voort te brengen. Kinderen spenderen hun tijd op computers en met gadgets. Je zou denken dat we idioten aan het creëren zijn, maar bij nader inzien zijn het gewoon aliens, dus dan is het oké.

    Kortom, het ontbreekt de wereld aan stabiliteit. En vertrouwen in de toekomst. Stel je voor dat onze prehistorische voorouders plotseling door een tijdmachine in onze immer krankzinnige wereld gedreven zouden worden. Ze zouden allemaal op slag gek worden, dat is zeker.

    Naïef en onrealistisch

    Ik vergat nog ons afschuwelijke klimaat van oktober tot maart te noemen; in de winter explodeert het gebruik van antidepressiva. Overigens is dat een zeer onthullende markt, die laat zien hoe de wereld langzaam gek aan het worden is.

    In feite is het gebruik van antidepressiva in Rusland de afgelopen vijf jaar in financiële termen verdubbeld en in kwantitatieve zin met een derde toegenomen. Toename van depressieve stoornissen is een wereldwijde trend. Bijna 15 procent van de Amerikanen boven de twaalf jaar gebruikt regelmatig antidepressiva. Ook hier zijn de gekken op hol geslagen, en ze richten regelmatig vernielingen aan. Ook op het internationale toneel lijkt Amerika steeds gekker te worden. Het is overduidelijk. Wie is er nog bij zinnen?

    Alle voorstellen om latent krankzinnigen beter te signaleren en aan te pakken, of dat nu door middel van medicatie, dagopvang of op een andere manier gebeurt, zijn naïef en onrealistisch. Het feit alleen al dat de samenleving bepaalde individuen tot elke prijs wil isoleren – op de Rusland vertrouwde buitensporige wijze, gezien de daadwerkelijke (on)gevaarlijkheid van deze individuen – is een symptoom van een ziekte die onze samenleving verteert. Overigens wordt meer dan 96 procent van de aanvallen op onze psychische gezondheid gepleegd door mensen die door psychiaters als volkomen normaal worden beschouwd. Dus wat is daaraan te doen? Trouwens, wie is er tegenwoordig nog normaal?

    ‘O Rusland, waarheen haast u zich?’ vroeg de klassieke Russische schrijver Nicholas Gogol – die volgens de laatste mode nu ook wordt opgeëist door Oekraïne – aan het eind van zijn roman Dode zielen. De clou? ‘Ze geeft geen antwoord.‘ Inderdaad, het is deprimerend.

    Lees ook:

  • Pandemie leidt tot meer armoede wereldwijd door hogere zorgkosten

    Pandemie leidt tot meer armoede wereldwijd door hogere zorgkosten

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Zuid-Korea: Ex-president Park Geun-hye krijgt gratie

    » Catalonië voert avondklok in vanwege omikron

    In 2020 belandde een half miljard mensen in extreme armoede

    Wereldwijd geraakten vorig jaar een half miljard mensen verder in extreme armoede vanwege de kosten voor gezondheidszorg. De pandemie zal de komende tijd de zaken nog erger maken, zo verwachten de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en de Wereldbank. Volgens een gezamenlijke verklaring verstoorde de pandemie de gezondheidszorg wereldwijd en veroorzaakte de ergste economische crisis sinds de jaren dertig, waardoor het voor veel mensen nog moeilijker werd om voor gezondheidszorg te betalen, schrijft Reuters.

    ‘Regeringen moeten onmiddellijk hun inspanningen hervatten en versnellen om ervoor te zorgen dat al hun burgers toegang hebben tot gezondheidszorg zonder angst voor de financiële gevolgen,’ zei WHO-directeur-generaal Tedros Adhanom Ghebreyesus. Tedros drong er bij regeringen op aan om te blijven streven naar universele dekking van de gezondheidszorg. Wereldwijd heeft de pandemie de leefomstandigheden voor veel mensen verergerd. Zo is de vaccinatiegraad voor het eerst in tien jaar gedaald, waardoor het aantal sterfgevallen als gevolg van tuberculose en malaria toenam.

    Lees ook:

  • VS: Abortuspillen mogen per post worden verstuurd

    VS: Abortuspillen mogen per post worden verstuurd

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Grote winsten voor olie- en gassector

    » EU waarschuwt Rusland: ‘Handen af van Oekraïne’

    Besluit valt nu abortus onder druk staat in de VS

    De Amerikaanse regering heeft donderdag een belangrijke beperking op de toegang tot abortuspillen definitief opgeheven, de medicijnen kunnen nu per post worden verstuurd. ‘Het besluit van de Food and Drug Administration komt op een moment dat het Hooggerechtshof overweegt of het de abortusrechten zal terugschroeven of zelfs het baanbrekende besluit Roe v. Wade uit 1973, dat abortus in het hele land legaal maakte, ongedaan zal maken’, schrijft The New York Times.

    ‘Patiënten maken op afstand een afspraak met een arts die abortuspillen kan voorschrijven en deze per post naar de patiënt stuurt’

    Het besluit ‘betekent dat abortus met medicatie, een methode die in de Verenigde Staten steeds vaker wordt toegestaan voor zwangerschappen tot tien weken, beter beschikbaar wordt voor vrouwen die moeilijk bij een abortuskliniek kunnen komen (…) Patiënten maken op afstand een afspraak met een arts die abortuspillen kan voorschrijven en deze per post naar de patiënt stuurt’, aldus NYT.

    Niet elke staat biedt deze optie. In negentien staten, voornamelijk in het Zuiden en het Midwesten, zijn medische consulten op afstand voor abortusverzoeken verboden en de verwachting is dat ook andere conservatieve staten soortgelijke wetten zullen aannemen om dit onmogelijk te maken, stelt de krant.

    Lees ook:

  • Bollywoodsterren onder vuur om borstvoedingsfoto’s

    Bollywoodsterren onder vuur om borstvoedingsfoto’s

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Extreem weer in Italië neemt toe

    » Lokale kranten in de VS bedreigd door overname hedgefonds

    Bollywoodsterren propageren borstvoeding

    Bollywoodsterren in India liggen onder vuur omdat ze foto’s hebben gepost waarop ze hun baby’s borstvoeding geven. Soms openlijk gesteund door hun man willen actrices en modellen als Neha Dhupia, Amrita Rao, Kareena Kapoor en Soha Ali Khan de manier waarop India denkt over borstvoeding veranderen, aldus South China Morning Post.

    In het conservatieve India, waar elke minuut negenenveertig baby’s worden geboren, heeft borstvoeding in het openbaar nog steeds een stigma; borstvoedende vrouwen worden uitgescholden of overladen met seksueel getinte opmerkingen. Als onderdeel van haar ‘Freedom to Feed’-campagne heeft Dhupia, die in oktober is bevallen van haar tweede baby, foto’s op Instagram geplaatst van zichzelf in een zwangerschapsoutfit terwijl ze haar baby borstvoeding geeft. ‘Het laatste wat nieuwe moeders nodig hebben, is bekritiseerd en bespot te worden. We moeten onze baby’s overal en altijd kunnen voeden’, aldus Dhupia.

    Lees ook:

  • Wereldnieuws: India arresteert mensenrechtenactivist & Meer

    Wereldnieuws: India arresteert mensenrechtenactivist & Meer

    India arresteert mensenrechtenactivist

    NIA, het bureau voor terrorismebestrijding van India, heeft de prominente Kasjmiri-mensenrechtenactivist Khurram Parvez gearresteerd en invallen gedaan in zijn kantoor en woonhuis in het door India bestuurde deel van Kasjmir, bericht Al Jazeera. Parvez, tweeënveertig, is coördinator van burgerrechtenorganisatie JKCCS, die hij in 2000 samen met activist Parvez Imroz oprichtte. Hij is ook voorzitter van AFAD, een organisatie die verdwijningen van mensen aankaart.

    Al ruim twintig jaar stelt Parvez mensenrechtenschendingen aan de kaak

    ‘Zijn telefoon, laptop, mijn telefoon en enkele boeken uit de bibliotheek zijn in beslag genomen’, aldus Parvez’ vrouw Sameena Mir. ‘Onze twee kinderen zijn heel erg geschrokken. We sliepen allemaal toen de inval plaatsvond.’ Volgens Mir werd Parvez ontboden op het NIA-kantoor in hoofdstad Srinagar voor ondervraging, waarna hij werd gearresteerd wegens ‘financiering van terreur’ en andere aanklachten op grond van de Unlawful Activities Prevention Act (UAPA). De UAPA is een bewust vaag geformuleerde wet die het mogelijk maakt om mensen voor onbepaalde tijd vast te houden zonder proces. ‘Hij is in het verleden al voor zo veel zaken opgepakt en nu is er dit weer’, zei zijn echtgenote tegen Al Jazeera. ‘Het komt allemaal door zijn mensenrechtenwerk.‘

    Al ruim twintig jaar stelt Parvez mensenrechtenschendingen aan de kaak in het door India bestuurde deel van Kasjmir. Zijn organisatie publiceerde meerdere onderzoeken over de ‘straffeloosheid van de strijdkrachten’ in de betwiste regio. 

    India en Pakistan, die over delen van Kasjmir heersen, eisen beiden de volledige Himalaya-regio op. Aan Indiase kant begon dertig jaar geleden een gewapende opstand tegen de heerschappij van New Delhi waarbij de rebellen ofwel fusie van de regio met Pakistan eisten ofwel onafhankelijkheid. Het conflict verhevigde twee jaar geleden nadat de Indiase premier Narendra Modi de beperkte autonomie van de regio annuleerde. Daarna volgden een maandenlange sluiting van het gebied en arrestaties van honderden Kasjmiri-politici, advocaten en activisten. 

    De speciale VN-rapporteur voor mensenrechten, Mary Lawlor, noemt de arrestatie van Parvez ‘verontrustend’.


    Tekort aan waterstof

    Groene waterstof is een belangrijk element in de strijd tegen klimaatverandering, maar volgens wetenschappers van zes Duitse onderzoeksinstituten is groene waterstof nog lang niet in voldoende hoeveelheden beschikbaar, meldt Der Spiegel. Dat staat in een rapport over energietransitie, gefinancierd door het Duitse federale ministerie van Onderwijs en Onderzoek.

    Groene waterstof wordt uitsluitend met hernieuwbare energie gewonnen

    Volgens het rapport zal waterstof tot 2030 een ondergeschikte rol spelen en is grote politieke daadkracht nodig om de productiecapaciteit en het gebruik van groene waterstof uit te breiden. Vooralsnog zal waterstof moeten worden gereserveerd voor die toepassingen waar directe elektrificatie met groene stroom niet mogelijk is, bijvoorbeeld in de ammoniak- en staalproductie, of als e-fuel voor langeafstandsvluchten en de scheepvaart. Dit alles zolang nog onduidelijk is in welke hoeveelheden en tegen welke prijs waterstof in de toekomst kan worden geproduceerd. Om in 2030 aan slechts één procent van de EU-energievraag te kunnen voldoen met groene waterstof, zal de productie vanaf 2023 jaarlijks met ongeveer 70 procent moeten toenemen. Dat kan alleen als de Europese doelstelling tot uitbreiding van de elektrolysecapaciteit voor de productie van waterstof wordt gehaald.

    Groene waterstof, die uitsluitend met hernieuwbare energie wordt gewonnen, kan als basis dienen voor brandstoffen ter vervanging van kolen, olie en aardgas. Duitsland wil de uitbreiding van lokale hernieuwbare energie uit wind en zon bevorderen, maar gaat ervan uit dat een groot deel van de benodigde hoeveelheid waterstof aanvankelijk zal moeten worden geïmporteerd. Want niet alleen de hoeveelheid elektriciteit die wordt opgewekt uit zonne- en windenergie is onvoldoende, ook de productiefaciliteiten voor waterstof schieten tekort.


    Antisemitisch raadslid

    De Italiaan Fabio Meroni, antivaxer en radicaal-rechts Lega-raadslid uit Lissone in Lombardije, veroorzaakte een storm van protest door te verwijzen naar Liliana Segre, senator voor het leven en Holocaustoverlevende, met het nummer dat in Auschwitz op haar arm is getatoeëerd, bericht Wanted in Rome. Op Facebook schreef Meroni: ‘Alles wat ontbrak in het vaccindebat was het kampnummer 75190.’ Hij verwijderde het bericht nadat woedende raadsleden van de centrumlinkse Partito Democratico publiekelijke verontschuldigingen eisten aan de eenennegentigjarige senator die als dertienjarige naar Auschwitz werd gedeporteerd. 

    Meroni stelde Segre’s bewering dat vaccins ‘de enige uitweg uit de pandemie’ zijn niet op prijs

    Meroni verweerde zich met de opmerking dat hij Segre’s bewering dat vaccins ‘de enige uitweg uit de pandemie’ zijn, niet op prijs stelde, omdat ‘ze geen dokter’ is, en beweerde dat hij ‘dat nummer in plaats van haar naam gebruikte om te voorkomen dat hij van Facebook zou worden verbannen’. Uiteindelijk verontschuldigde hij zich: ‘In dit klimaat van haat raakte ik helaas ook betrokken en probeerde ik mij op een totaal verkeerde manier uit te drukken.’


    Lokale kranten in de VS bedreigd

    Een overnamevoorstel van miljoenen dollars zou ruim twintig lokale kranten in het Amerikaanse Midden-Westen in bezit kunnen brengen van een in New York gevestigd hedgefonds dat bekendstaat om het ‘uitbenen’ van zijn kranten, schrijft Poynter, een lokaal dagblad uit St. Petersburg in Florida. Alden Global Capital wil Lee Enterprises Inc., eigenaar van onder meer de St. Louis Post-Dispatch, de Omaha World-Herald en de Sioux City Journal, kopen voor 24 dollar per aandeel, en dat leidde tot alarm op allerlei redactiekantoren.

    Alden is een hedgefonds dat met dagbladen als The Denver Post en The Mercury News een van de grootste kranteneigenaren is geworden in de Verenigde Staten en het heeft een beruchte reputatie opgebouwd als het gaat om kostenbesparingen en inkrimping van het personeelsbestand. Alden kocht eerder dit jaar Tribune Publishing, eigenaar van kranten als The Chicago Tribune en The Baltimore Sun. Kathy Kiely van de Missouri School of Journalism noemt Aldens voorgestelde aankoop van Lee een ‘ramp voor de democratie‘.


    Bollywoodsterren propageren borstvoeding

    Bollywoodsterren in India liggen onder vuur omdat ze foto’s hebben gepost waarop ze hun baby’s borstvoeding geven. Soms openlijk gesteund door hun man willen actrices en modellen als Neha Dhupia, Amrita Rao, Kareena Kapoor en Soha Ali Khan de manier waarop India denkt over borstvoeding veranderen, aldus South China Morning Post.

    In het conservatieve India, waar elke minuut negenenveertig baby’s worden geboren, heeft borstvoeding in het openbaar nog steeds een stigma; borstvoedende vrouwen worden uitgescholden of overladen met seksueel getinte opmerkingen. Als onderdeel van haar ‘Freedom to Feed’-campagne heeft Dhupia, die in oktober is bevallen van haar tweede baby, foto’s op Instagram geplaatst van zichzelf in een zwangerschapsoutfit terwijl ze haar baby borstvoeding geeft. ‘Het laatste wat nieuwe moeders nodig hebben, is bekritiseerd en bespot te worden. We moeten onze baby’s overal en altijd kunnen voeden’, aldus Dhupia.

  • Amerikaanse apotheken verantwoordelijk gehouden voor opioïdencrisis

    Amerikaanse apotheken verantwoordelijk gehouden voor opioïdencrisis

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Geen WTA-toernooien meer in China vanwege affaire-Peng Shuai

    » Tekort aan groene waterstof in de EU belemmert energietransitie

    Historische uitspraak in opioïdenzaak

    Een federale jury in de VS heeft geoordeeld dat apotheekketens CVS, Walgreens en Walmart verantwoordelijk zijn voor onzorgvuldige distributie van opioïden in twee districten in Ohio, bericht The Daily Beast. Volgens de districten heeft de drieste hoeveelheid pillen die aan patiënten werd uitgedeeld, geleid tot honderden sterfgevallen door overdoses en bijgedragen aan de ongebreidelde opioïdencrisis die talloze families heeft verwoest. Advocaten zeggen dat het buitensporige aantal pillen en de daaropvolgende sterfgevallen elk district ongeveer 1 miljard dollar hebben gekost.

    Het is de eerste keer dat grote ketens verantwoordelijk worden gehouden voor hun rol in de crisis die de afgelopen twintig jaar aan minstens een half miljoen Amerikanen het leven heeft gekost. Woordvoerders van CVSHealth en Walgreens zeggen dat ze het vonnis zullen aanvechten en beweren dat ‘veel factoren hebben bijgedragen aan de zaak rond opioïdenmisbruik’. Een van hun advocaten legt de schuld bij ‘farmaceutische fabrikanten die artsen hebben misleid om veel te veel pillen voor te schrijven’.

    Lees ook:

  • VS: Droogte zorgt voor andere kijk op waterzuivering

    VS: Droogte zorgt voor andere kijk op waterzuivering

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Europees landbouwbeleid: een ‘mislukte’ groene hervorming

    » Oorverdovende stilte in de Chinese media rondom tennisster Peng Shuai

    Van afvalwater naar kraanwater

    Steeds meer Amerikaanse steden willen afvalwater zuiveren en het daarna weer als kraanwater leveren aan huizen en bedrijven. Rondom Los Angeles zorgen dergelijke plannen nog maar zelden voor ophef, terwijl twee decennia geleden soortgelijke pogingen zoveel weerstand opriepen dat ze moesten worden opgegeven, schrijft AP News. Op sommige plekken is waterzuivering zelfs al ingevoerd, zoals in het nabijgelegen Orange County.

    Droge regio’s gedwongen zijn hun watervoorziening uit te breiden vanwege een groeiende bevolking

    ‘De houding van het publiek wat betreft het recyclen van afvalwater is veranderd’, aldus David Nahai, voormalig directeur van het Los Angeles Department of Water and Power. Dat het concept, dat ooit minachtend ‘van-toilet-naar-kraan’ werd genoemd, nu wordt geaccepteerd, komt doordat droge regio’s gedwongen zijn hun watervoorziening uit te breiden vanwege een groeiende bevolking en intense droogte door klimaatverandering. Andere ideeën die aan kracht winnen, zijn het opvangen van het afvoerwater van beken en wegen na stormen en het ontdoen van zout en andere mineralen uit zeewater, een proces dat nog steeds relatief duur is.

    Lees ook:

  • Brits onderzoek: Beste bedtijd is rond 22.30 uur

    Brits onderzoek: Beste bedtijd is rond 22.30 uur

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Roep om verandering in Cuba houdt aan

    » Gaddafi’s zoon wil president worden

    Bedtijd heeft invloed op cardiovasculaire gezondheid

    De tijd waarop je naar bed gaat, kan het risico op hart- en vaatziekten beïnvloeden. Volgens Britse onderzoekers is het voor de gezondheid van het hart het beste om in slaap te vallen tussen 22.00 en 23.00 uur, bericht NBC News. Een analyse van gegevens van meer dan 88.000 volwassenen die gedurende ongeveer zes jaar werden gevolgd, toonde een risico van 12 procent hoger bij degenen die tussen 23:00 en middernacht in slaap vielen en een van 25 procent hoger op het ontwikkelen van hart- en vaatziekten bij mensen die om middernacht of later in slaap vielen. Eerder in slaap vallen dan 22.00 uur leidt tot een risicoverhoging van 24 procent, aldus het onderzoek dat maandag in The European Heart Journal Digital Health is gepubliceerd.

    ‘Vroege of late bedtijden vergroten de kans dat onze biologische klok verstoord raakt’

    ‘Hoewel we geen oorzakelijk verband uit onze studie kunnen concluderen, suggereren de resultaten dat vroege of late bedtijden de kans vergroten dat onze biologische klok verstoord raakt, met nadelige gevolgen voor de cardiovasculaire gezondheid’, aldus neurowetenschapper David Plans, coauteur van de studie.

    Lees ook:

  • Waarom vet goed voor ons is

    Waarom vet goed voor ons is

    Vet, het weefsel dat mensen wanhopig en met alle mogelijke middelen onder controle proberen te krijgen, reguleert zich zelfstandig. Recent onderzoek ondersteunt de gedachte dat het hier om een fascinerend orgaan gaat – het grootste zelfs in het menselijk lichaam.

    Wanneer een gemiddeld geproportioneerd mens in de spiegel kijkt, zou het oordeel over wat hij of zij ziet ongeveer als volgt kunnen uitvallen: achterwerk? Te groot. Heupen? Veel te breed. En geen gezicht, dat over de broeksband welvende buikspek.

    Je mag het jammer vinden, te ontkennen valt het niet: in een samenleving die een slanke lijn als ideaal ziet, worstelen zelfs mensen met een normaal gewicht met hun rondingen. De strijd tegen het lichaamsvet voltrekt zich in de sportcentra en leidt tot een obsessief tellen van calorieën. Tal van adviseurs verdienen er hun brood mee. Ruim 200 miljard euro per jaar zet de afslankindustrie wereldwijd om met het vooruitzicht om, uiteindelijk, als overwinnaar uit die strijd tevoorschijn te komen.

    Daarentegen hoor je maar weinig over de vraag: wie is die vijand nu eigenlijk precies? Welke rol speelt het gevreesde vet in het lichaam, heeft het ook goede kanten? Of is het simpelweg zo dat de natuur ons met kussentjes heeft uitgerust, alleen maar om ons te ergeren?

    Vet zit haast overal in ons lichaam, van top tot teen

    Wisseling van perspectief. Hetzelfde weefsel, ditmaal bezien vanuit de visie van de wetenschap. Wanneer experts naar het veel gesmade vet kijken, zien veel van hen geen frustratieverwekkers. Eerder ondersteunt recent onderzoek de gedachte dat het hier om een fascinerend orgaan gaat. Complex, zelfstandig, het grootste zelfs in het menselijk lichaam.

    DO 2 1

    Net als hart, lever, longen, hersenen en huid bestaat lichaamsvet uit verschillende gespecialiseerde cellen. En evenals andere organen vervult het weefsel vitale functies. Of we ons bijvoorbeeld hongerig voelen of juist verzadigd, ons moe op de bank willen laten vallen of juist een tandje bijzetten: de signalen hiertoe komen voort uit het vetweefsel. Het is de boekhouder van onze krachten, die er zorgvuldig op toeziet dat energiereserves en -verbruik met elkaar in evenwicht zijn.

    Vet zit haast overal in ons lichaam, van top tot teen. De ogen liggen bijvoorbeeld in met vet bedekte kassen. Vet bekleedt de inwendige organen en omhult de darmen. Vetkussentjes zitten onder de bal van de voet en de hiel, waar zij de schokken van hardlopen of springen dempen.

    Het lichaamsvet beschermt de allerkleinsten al tegen afkoeling, want pasgeborenen kunnen zichzelf nog niet door spiertrilling warmhouden. Hun babyspek bestaat uit gespecialiseerde bruine vetcellen, die calorieën kunnen omzetten in warmte. Datzelfde vermogen van bruin vet helpt beren door de winterslaap.

    Gevaarlijk bezinksel

    Sterk bewerkte levensmiddelen bevatten dikwijls veel transvetten. Die ontstaan wanneer plantaardige oliën industrieel worden gehard of langdurig verhit, zoals bij het frituren van patat. Transvetten bevorderen vermoedelijk gevaarlijke bezinksels in de bloedvaten.

    Naast die beschermingsfuncties heeft lichaamsvet de taak om overtollige energie op te slaan. Hiervoor zijn de witte vetcellen verantwoordelijk. Zij vormen het eigenlijke vetweefsel, een weke, geelwitte massa die lijkt op de vetrand aan een biefstuk. Het zit vooral in de billen, rond het midden van het lichaam en met name bij vrouwen ook bij de dijen.

    Een gezonde volwassene met een gewicht van 70 kilo bestaat voor ongeveer 14 kilo uit zulk opgeslagen vet. Dat komt zegge en schrijve overeen met 131.600 kilocalorieën. Als we ervan uitgaan dat vrouwen dagelijks ongeveer 2000 kilocalorieën verbranden en mannen circa 2500, dan slaat hun vetweefsel genoeg energie op om ongeveer twee maanden lang zonder voedsel te kunnen.

    Die cijfers zijn afkomstig van Mariette Boon en Liesbeth van Rossum, twee Nederlandse artsen en auteurs van het boek Vet belangrijk. Eeuwenlang zag de wetenschap vetweefsel alleen als een soort isolerende deken, schrijven zij, maar ‘niets is minder waar’.

    Vet als orgaan

    Het geheime leven van vet als orgaan kwam in de jaren tachtig aan het licht. Onderzoekers ontdekten dat vetcellen transmitterstoffen produceerden. Inmiddels zijn ruim honderd van zulke adipokines vastgesteld, waaronder hormonen die het vetweefsel afstaat aan lymfe- of bloedbaan om met andere ver weg liggende organen te communiceren. Die uitwisseling heeft vaak als functie het reguleren van de energiehuishouding van het lichaam. Zoals zo vaak in de wereld van de biologie spelen terugkoppelingsmechanismen daarbij een sleutelrol. 

    Iedereen die thuis de verwarming regelt met een thermostaat, is ermee bekend: wanneer de kamertemperatuur onder een tevoren ingestelde waarde zakt – zeg 20 graden Celsius – slaat de verwarming aan. Zodra de thermostaat vervolgens de gewenste temperatuur meet, schakelt de verwarming zichzelf weer uit.

    In het menselijk lichaam zorgt een hormoon ervoor dat de vetreserve niet drastisch toeneemt of al te snel afneemt. Dat hormoon heet leptine, het wordt aangemaakt door het vetweefsel. Wanneer het vetgehalte van het lichaam groeit, produceert het evenredig meer leptine. Via het bloed bereikt de transmitterstof de hersenen. Bij een hoog leptineniveau geven de hersenen het lichaam een gevoel van verzadiging. Tevens ontstaat er een subjectieve ervaring van energie: we worden actief, fietsen naar het werk of laten de hond uit. Als we een tijdje druk bezig zijn, spreekt het lichaam zijn reserves aan: in de vorm van vetzuren worden de in de vetcellen opgeslagen calorieën afgestaan aan de bloedbaan en naar het om energie vragende lichaamsdeel getransporteerd.

    In Duitsland is bijna 70 procent van de mannen en de helft van de vrouwen te zwaar

    Als we ons vervolgens zo hebben ingespannen, dus een deel van de vetopslag hebben verbrand, daalt het leptineniveau in het bloed. We krijgen trek en de stofwisseling neemt af. Tijd om tot rust te komen en te eten. En om tot je door te laten dringen dat vet, het weefsel dat mensen met alle mogelijke middelen onder controle proberen te krijgen, zich helemaal zelf reguleert.

    Normaal gesproken althans. In Duitsland is bijna 70 procent van de mannen en de helft van de vrouwen te zwaar. Een op de vier volwassenen heeft zelfs een body mass index (BMI) van boven de 30 en geldt daarmee als obees, zwaarlijvig. Wereldwijd gaat het inmiddels naar schatting van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) om meer dan 650 miljoen mensen.

    De meeste mensen met obesitas, onder wie steeds meer kinderen en jongeren, delen een probleem: bij hen functioneert de natuurlijke hongerbedwinger leptine niet goed. Hoe komt dat?

    Je zou kunnen denken dat zij een tekort aan leptine hebben; hun vetweefsel, hoewel in overvloed voorhanden, produceert het hormoon niet, dan wel in onvoldoende mate. Maar, zo wijzen studies uit, er circuleert voldoende leptine in hun bloed. Het probleem ligt kennelijk niet bij de zender, het vetweefsel, maar bij de ontvanger. De hersenen pakken de boodschap niet op en zetten die dus ook niet om in een gevoel van verzadiging. Met als gevolg dat mensen met obesitas voortdurend honger ervaren.

    Leptineresistentie

    De diagnose luidt: leptineresistentie. Proeven met laboratoriummuizen tonen aan dat het niet het hoge leptineniveau in het bloed is dat de hersenen ongevoelig maakt voor het hormoon, maar dat de oorzaak eerder in de voeding zelf lijkt te liggen. Verdachte bij de mens is alles wat vet en zoet is: patat, chips, slagroomtaart, chocola. Opnieuw met dierproeven legde een onderzoeksteam van de Universiteit van Californië in San Diego recentelijk het hieraan ten grondslag liggende mechanisme bloot: vetrijk gevoerde muizen produceerden een enzym genaamd MMP-2, dat de leptinereceptoren aan de buitenkant van de zenuwcellen in de hersenen aantast. De leptine kan zich daardoor niet meer hechten aan de neuronen, en dus wekken die geen gevoel van verzadiging meer op.

    Medicijnen of therapieën die de leptinesensitiviteit van de hersenen herstellen, zijn er momenteel nog niet. Blijkens recent onderzoek naar obese mensen op dieet leidt gewichtsverlies weliswaar tot normalisering van de leptineproductie, maar het subjectief ervaren van eetlust blijven zij houden.

    Wanneer de zaken eenmaal uit balans zijn geraakt, dreigt de weegschaal steeds meer kilo’s aan te geven. Als geen ander weefsel bezit lichaamsvet het vermogen om in omvang te groeien. Eerst worden de bestaande cellen groter; zij bevatten vetzuren die ons lichaam gebruikt als energieopslag voor de lange termijn, in de vorm van dicht opeengepakte triglyceriden. Als er te weinig cellen zijn om de vetvoorraden op te slaan, ontstaan er nieuwe vetcellen – die overigens, alle diëten en duurlopen ten spijt, een leven lang niet meer zullen verdwijnen.

    Net als overgewicht verstoort ook een te laag gewicht de processen in ons lichaam

    Rampzalig genoeg slaan vetten die geen plek meer vinden in een cel neer op andere plekken in het lichaam. Daar vallen ze het immuunsysteem aan en veroorzaken op die manier infecties. Die zijn op hun beurt weer verantwoordelijk voor het ontstaan van tal van ziektes, waaronder diabetes type 2, astma, gewrichtsontstekingen, kanker en hart- en vaatziektes.

    Wie nu denkt dat je dan toch beter dun kunt zijn, vergist zich. Net als overgewicht verstoort ook een te laag gewicht de processen in ons lichaam. Als gevolg van een tekort aan vetweefsel worden er te weinig hormonaal werkzame signaalstoffen aangemaakt, met als mogelijk gevolg onvruchtbaarheid. Zo blijft, zoals bekend, bij heel magere vrouwen en meisjes vaak de menstruatie uit. Op het eerste gezicht is de oorzaak gewoon een tekort aan oestrogeen, het vrouwelijke geslachtshormoon. Bij nader inzien blijkt echter een hele signaalketen in het lichaam niet goed te functioneren – om biologisch begrijpelijke redenen.

    Een baby uitdragen, ter wereld brengen en zo mogelijk voeden vergt veel kracht van de moeder. Voordat de hersenen de productie van oestrogenen verordenen waardoor menstruatie en zwangerschap pas mogelijk worden, inspecteren zij de energetische toestand van het lichaam. Zijn er genoeg reserves? Hoe hoog is het vetgehalte van het lijf? Informatie daarover komt eens te meer van het hormoon leptine, de vetsituatiewijzer.

    Kortom: smalle heupen, een platte buik en een achterwerk dat in een XS-broek past zijn kennelijk ook al geen garantie voor geluk, energie en gezondheid. Helaas.

    Vet verbranden in de kou

    In 2009 werden voor het eerst in de nek- en schouderstreek bij volwassenen ophopingen van bruine vetcellen aangetoond. Die functioneren als een kachel: wanneer de lichaamstemperatuur daalt, verbranden de cellen in hun mitochondriën olieachtige lipiden en produceren ze zo warmte. Onderzoekers rekenden uit dat ons lichaam jaarlijks 4 kilo vet extra kan verbranden wanneer de hoeveelheid bruin vet met slechts 50 gram wordt vergroot. En ze ontdekten dat het eiwit PRDM16 de groei van bruine vetcellen stimuleert. Maar daaruit ontstond tot nog toe geen preparaat voor een mogelijke therapie. In de VS proberen aanhangers van een beweging hun bruine vetcellen ruw te activeren: ’s ochtends in T-shirt een wandeling in de kou, kamertemperatuur maximaal 16 graden en ’s avonds een ijskoud bad. Maar de werking van dit thermal diet is niet wetenschappelijk bewezen.

  • Een wodkaatje van CO2 – en andere manieren om koolstof te benutten

    Een wodkaatje van CO2 – en andere manieren om koolstof te benutten

    CO2 is de belangrijkste boosdoener voor de opwarming van de aarde, maar zou het helpen als producten konden worden gemaakt van CO2 zelf? Die vraag is niet zo gek; CO2 werd al gebruikt om dranken te carboniseren, tomaten te bemesten en cosmetica te maken. Inmiddels produceert een groeiende carbontechindustrie van alles, uiteenlopend van sokken en beton tot wodka.

    Voor de site Reasons to be cheerful maakte Michaela Haas een rondje langs geavanceerde bedrijven in de snelgroeiende carbontechindustrie die koolstofdioxide opvangen voordat het in de atmosfeer ontsnapt. Die afgevangen CO2 gebruiken ze vervolgens om er van alles en nog wat mee te maken.

    Voedsel 

    Landbouw is wereldwijd verantwoordelijk voor 24 procent van de broeikasgassen, dus andere manieren van voedselproductie zouden een grote stap kunnen betekenen. En dat is precies wat de Fin Pasi Vainikka probeert met zijn food-tech startup Solar Foods, gevestigd in de buurt van Helsinki: voedselproductie loskoppelen van agricultuur.

    Hier op aarde zou het eiwitpoeder kunnen helpen in de strijd tegen klimaatverandering

    ‘Wij maken eten van lucht!’ zegt hij. ‘We hebben geen landbouwgrond nodig, hoeven geen bossen te kappen en hebben zelfs nauwelijks water nodig.’ Solar Foods produceert eiwitpoeder van microben, die zijn bedrijf uit de bodem en mariene ecosystemen in de Finse wildernis haalt. In een fermentatieapparaat zoals ook in brouwerijen wordt gebruikt, voegt het bedrijf vervolgens water, waterstof, vitamines en CO2 uit de atmosfeer toe om de microben te laten groeien tot Solein, een geelachtig eiwit dat kan worden gedroogd en hetzij in een shake, hetzij als meel, hetzij in pilvorm kan worden ingenomen.

    Samen met de European Space Agency ontwikkelt Solar dit voedselconcept voor een missie naar Mars. Hier op aarde zou het eiwitpoeder kunnen helpen in de strijd tegen klimaatverandering. 

    Tapijt

    Op het eerste gezicht ziet tapijt van het bedrijf Interface eruit als elke andere vloerbedekking die je op luchthavens en in kantoorgebouwen tegenkomt: grijze, vezelige vierkanten. Maar dit grijze tapijt is feitelijk een koolstofopslag. De ‘Climate Takeback’-technologie, ontwikkeld door het bedrijf dat in Atlanta is gevestigd, resulteert in koolstofnegatieve vloeren. De onderkant van het tapijt is gemaakt van latex dat bestaat uit CO2 afkomstig van de rook uit schoorstenen, gecombineerd met gerecycled vinyl en bioafval. Het oppervlak bestaat uit gerecycled nylon. Volgens Interface haalt het bekleden van een vergaderruimte met dit product het equivalent van zo’n 5,5 kilo koolstof uit de atmosfeer. ‘Stop met koolstof als de vijand te zien’, zegt het bedrijf, ‘en gebruik het als een hulpbron of bouwsteen om betere producten te ontwikkelen.’

    Beton

    Volgens Marcius Extavour, CEO van non-profit Carbon XPrize, is cement verantwoordelijk voor zeven procent van de wereldwijde CO2-uitstoot. Zijn Canadese bedrijf CarbonCure in Halifax, Nova Scotia, gebruikt gerecycleerde, vloeibare CO2 die wordt opgevangen uit fabrieksuitlaatgassen, en injecteert deze in vers beton. ‘Eenmaal geïnjecteerd, ondergaat de CO2 een chemische reactie waardoor het wordt omgezet in een mineraal dat permanent wordt ingebed’, aldus de ingenieurs van CarbonCure.

    Het proces vermindert niet alleen de uitstoot met vijf tot acht procent in vergelijking met conventionele betonmengsels maar het maakt het beton ook sterker. CarbonCure zegt meer dan 120.000 ton CO2 te hebben afgevangen en heeft onlangs de Carbon XPrize gewonnen. Dat is een wereldwijde wedstrijd die deelnemers uitdaagt baanbrekende technologieën te ontwikkelen om koolstofdioxide om te zetten in bruikbare producten. Het bedrijf deelt de prijs met CarbonBuilt, een bedrijf uit Los Angeles dat technologie inzet die is ontwikkeld door het Institute for Carbon Management aan de UCLA, om de CO2-uitstoot in beton met bijna 50 procent te verminderen. ‘De wereldwijde voorraad aan gebouwen zal naar verwachting in 2060 verdubbelen’, aldus Extavour, ‘dus het is van vitaal belang dat oplossingen zoals die van CarbonCure snel kunnen opschalen.’

    Matrassen, sokken en panty’s

    Fossiele brandstoffen zitten in de vorm van kunststoffen in vrijwel elk gefabriceerd product. Maar afgevangen koolstofdioxide kan in plaats daarvan als bouwsteen voor veel van deze producten worden gebruikt. In samenwerking met de Tech University Aachen (RTWH) heeft het Duitse bedrijf Covestro met succes CO2 en andere gasmengsels die vrijkomen bij de productie van staal, omgezet in polyolen, een organisch composiet dat gewoonlijk wordt gewonnen uit niet-hernieuwbare bronnen. Covestro gebruikt deze polyolen om een op koolstof gebaseerd materiaal te maken, cardyon genaamd, voor de productie van schuim voor isolatie, matrassen, interieurs van voertuigen, deurpanelen en bekleding van autostoelen.

    ‘Het is niet alleen een klimaatveranderend gas, maar ook een hulpbron’

    Het materiaal is gebruikt voor ’s werelds eerste ondervloer van koolstofdioxide in een onlangs geopende hockeyfaciliteit in het Duitse Krefeld. Niet ver daarvandaan, in Leverkusen, pronkt Covestro-chemicus Liv Adler met oranje sokken die gemaakt zijn van op CO2 gebaseerde draad. ‘Het is niet alleen een klimaatveranderend gas, maar ook een hulpbron’, zegt ze. Adler is coördinator van Carbon4Pur, een EU-initiatief om industriële afvalgassen om te zetten in waardevolle hulpbronnen. Haar sokken zijn nog niet klaar voor massaproductie, maar een grote fabrikant van panty’s maakt al prototypes van de vezel, in de hoop de elasticiteit te verbeteren en deze uiteindelijk in de productie te integreren.

    Diamanten

    ‘Diamonds are not the planet’s best friend’, schrijft Michaela Haas. Mijnbouw vereist een enorme hoeveelheid hulpbronnen, energie en vervuiling. Maar een diamant is in wezen een gewone kristallijne koolstof. Dit jaar zijn twee bedrijven begonnen met de productie van diamanten gemaakt van koolstof die is afgevangen: Aether in de VS en Sky Diamond in het VK. ‘Alles wat nodig is om een Sky-diamant te maken, komt uit de lucht’, zegt Dale Vince, die tevens eigenaar is van ’s werelds groenste voetbalclub.

    ‘Het enige dat we terug in de wereld brengen, is lucht die schoner is dan hoe we haar eruit haalden’

    ‘De koolstof wordt uit de atmosfeer gehaald, wind en zon leveren al onze energie en het water dat we gebruiken is opgevangen regen. Het enige dat we terug in de wereld brengen, is lucht die schoner is dan hoe we haar eruit haalden.’ 

    De diamanten zijn fysiek en chemisch ‘identiek aan gedolven diamanten, behalve dan dat ze niet van diep uit de aarde komen’, aldus Aether. Wat normaal gesproken miljoenen of zelfs miljarden jaren duurt, wordt in een paar weken bereikt door extreem hoge temperaturen en druk van hernieuwbare energiebronnen op CO2 los te laten. Ryan Shearman, CEO van Aether, verkoopt zijn sieraden als ‘bling without a sting’ en beweert dat een diamant van één karaat ongeveer 20 ton CO2 uit de atmosfeer haalt, wat meer zou compenseren dan wat de gemiddelde Amerikaan in een jaar produceert, hoewel zijn bewering moeilijk valt te verifiëren. ‘Dit past perfect bij onze boodschap dat groen leven niet betekent dat je dingen moet opgeven’, zegt Dale Vince. ‘Of het nu gaat om hamburgers, auto’s, voetbal of zelfs diamanten, belangrijk is dat we ze op een andere manier produceren.’

    Wodka

    Air Company, een jonge New Yorkse startup, biedt de kans om emissievrij aan de drank te gaan. Hun wodka bestaat uit slechts twee ingrediënten: CO2 en water. En zon, aldus de website.

    Meestal wordt alcohol gedistilleerd na het vergisten van fruit of graan. Bij de productie van een fles wodka gemaakt van tarwe wordt ongeveer zes kilo aan klimaatgassen uitgestoten die worden gegenereerd bij het telen, oogsten en transporteren van de granen. De wodka van Air Company absorbeert daarentegen evenveel CO2 als acht bomen, zegt medeoprichter Gregory Constantine. Vanwege het bedrijfsgeheim weigert hij het recept te geven, maar het productieproces gebruikt in wezen zonne-energie om CO2 om te zetten in pure ethanol, vergelijkbaar met de manier waarop planten fotosynthese gebruiken om CO2 in voedsel om te zetten.

    ‘Onze wodka is zelfs zuiverder dan conventionele wodka omdat het geen verontreiniging of bijproducten van granen bevat’

    ‘Onze wodka is zelfs zuiverder dan conventionele wodka omdat het geen verontreiniging of bijproducten van granen bevat’, aldus medeoprichter Stafford Sheehan. Hij studeerde scheikunde aan Yale en daar slaagde hij er voor het eerst in om CO2 om te zetten in alcohol. Het patent van Air Company heeft prijzen gewonnen van NASA en de Verenigde Naties.

    Marktpotentieel

    Je zal heel veel van deze CO2-negatieve wodka moeten drinken om je CO2-uitstoot van vliegreizen te compenseren. Om een retourvlucht van Los Angeles naar New York te compenseren, in totaal zo’n 8000 kilometer, zijn dat meer dan vierduizend flessen. Anders gezegd: de meeste van deze producten verbruiken niet genoeg CO2 om de klimaatcrisis wezenlijk aan te pakken. Maar het is een begin en nieuwe technologie begint altijd klein. 

    De nonprofitdenktank Carbon180 schat het jaarlijkse marktpotentieel voor carbontech op meer dan 1 biljoen dollar in de VS en bijna 6 biljoen dollar wereldwijd. Net als Klaus Lackner en andere pioniers op het gebied van koolstofafvang, denkt Carbon180 dat brandstofproductie met 85 procent uiteindelijk het grootste segment van de carbontechmarkt zal uitmaken, gevolgd door bouwmaterialen en kunststoffen. ‘Carbontech biedt marktwaarde voor CO2 die anders de klimaatverandering zou verergeren’, aldus Carbon180.

  • Regering-Biden vraagt hoogste rechters om abortuswet in Texas te blokkeren

    Regering-Biden vraagt hoogste rechters om abortuswet in Texas te blokkeren

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Google Maps gaat reisadvies geven op basis van CO2-uitstoot

    » Rusland verbreekt de banden met de NAVO

    Volgens de Amerikaanse pers wordt het ‘een zware strijd’

    De regering van president Joe Biden heeft maandag het Amerikaanse Hooggerechtshof gevraagd een uiterst restrictieve abortuswet in Texas te blokkeren. De wet, die het voorwerp is van een felle juridische strijd, verbiedt abortus vanaf het moment dat de hartslag van een embryo kan worden waargenomen (na zes weken) en maakt geen uitzonderingen voor incest of verkrachting.

    Het is ‘niet zeker dat de regering een overwinning zal behalen met een conservatieve meerderheid in het Hooggerechtshof, dat onlangs is versterkt door drie nieuwe rechters benoemd door president Donald Trump‘, schrijft The Washington Post.

    Veel Texaanse vrouwen die een abortus willen laten uitvoeren zullen besluiten de grens over te steken naar Mexico

    Een spoeduitspraak van het Hooggerechtshof die was aangevraagd om de inwerkingtreding van de wet op 1 september te blokkeren, was al eerder door het Hof geweigerd. Het heeft geen uitspraak gedaan over de grond van de zaak. Het verzoek van de regering-Biden zou daarom wel eens ‘een zware strijd in het Amerikaanse Hooggerechtshof’ kunnen opleveren, aldus Politico.

    Geconfronteerd met het verzoek van de regering-Biden heeft het Hooggerechtshof maandag laten weten dat het ‘snel zal handelen’, aldus The New York Times. Het Hooggerechtshof verwacht de komende dagen uitspraak te kunnen doen.

    In de tussentijd zullen veel Texaanse vrouwen die een abortus willen laten uitvoeren, besluiten de grens over te steken naar Mexico, waar organisaties actief zijn om vrouwen te helpen een abortus te laten uitvoeren, zo meldt het tijdschrift Mother Jones.

    Lees ook:

  • Henrietta Lacks’ cellen zorgden voor talloze medische doorbraken – zonder dat ze toestemming gaf

    Henrietta Lacks’ cellen zorgden voor talloze medische doorbraken – zonder dat ze toestemming gaf

    De erven van Henrietta Lacks hebben een farmaceutisch bedrijf aangeklaagd voor het verkopen van cellen die artsen van het Johns Hopkins-ziekenhuis in 1951 bij haar afnamen. Op basis van die cellen werden tal van medicijnen ontwikkeld die miljoenen aan winst opleverden, zonder dat de familie Lacks hierin meedeelde.

    Op 23 juni 2010 schreef Joanna Moorhead in The Guardian: ‘Henrietta Lacks, een eenendertigjarige moeder van vijf kinderen, stierf op 4 oktober 1951 aan baarmoederhalskanker. Hoewel haar ziekte een tragedie was voor haar familie, was het op een bepaalde manier een wonder voor de wereld van medisch onderzoek, en sterker nog, voor ieder van ons op deze aardbol.’

    Een wonder inderdaad, omdat de cellen van Lacks, die uit haar tumor werden gehaald terwijl ze een operatie onderging, in de jaren na haar dood verantwoordelijk zijn geweest voor enkele van de belangrijkste medische sprongen voorwaarts in de geschiedenis. Het poliovaccin, chemotherapie, klonen, het in kaart brengen van genen en ivf: het zijn slechts enkele mijlpalen in de gezondheidszorg, die te danken zijn aan het leven en de dood van de jonge moeder.

    De cellen van Lacks, die bekend staan als HeLa, naar de eerste twee letters van haar voor- en achternaam, vormden de eerste onsterfelijke menselijke cellijn in de geschiedenis. Wetenschappers in het ziekenhuis waar ze stierf, het Johns Hopkins in Baltimore, probeerden al jaren een continu reproducerende cellijn te produceren, maar dat mislukte steeds omdat het niet lukte de cellen in leven te houden. De cellen van Lacks waren de eerste die aansloegen, en waarmee een constant reproducerende lijn van cellen kon worden geproduceerd die letterlijk onsterfelijk zijn.

    Syfilis

    Gewone cellen die uit een menselijk lichaam worden gehaald en in een laboratorium worden bewaard, hebben een beperkte levensduur; maar een onsterfelijke cellijn wordt op zo’n manier gekweekt dat de cellen zich onbeperkt kunnen vermenigvuldigen. Waarom precies de cellen van Lacks gereproduceerd konden worden, terwijl die van honderden andere patiënten niet overleefden, is onduidelijk. het vermoeden is dat er verband bestaat met de hevigheid van haar tumor, die virulenter leek te zijn geworden doordat ze ook aan syfilis leed.

    Toen duidelijk werd dat de HeLa-cellen zich zouden blijven voortplanten, werden ineens allerlei onderzoeken en experimenten mogelijk. Om te beginnen betekende de beschikbaarheid van levende cellen buiten het menselijk lichaam dat artsen celdeling konden waarnemen en ook konden zien hoe virussen zich in de cellen gedroegen. Bovendien was het mogelijk om de cellen bloot te stellen aan omstandigheden die niet ethisch zouden zijn geweest als ze zich in een menselijk lichaam bevonden; artsen konden ze bijvoorbeeld bombarderen met kankerverwekkende stoffen om de resultaten te bestuderen. Dat gebeurde dan ook.

    Lees ook:

    Sinds 1951 zijn HeLa-cellen blootgesteld aan eindeloze toxines, infecties en bestralingen en zijn er talloze medicijnen op getest. En dat alles heeft geleid tot honderden, zo niet duizenden nieuwe inzichten en heeft zo bijgedragen aan de manier waarop de geneeskunde zich in de tweede helft van de twintigste eeuw en het eerste decennium van deze eeuw kon ontwikkelen.

    ‘De lerares wist alleen dat ze zwart was en dat ze in 1951 was overleden aan baarmoederhalskanker’

    Decennialang werden HeLa-cellen routinematig gebruikt in laboratoria over de hele wereld en werden ze geprezen als cruciaal voor doorbraak na doorbraak, maar niemand leek stil te staan bij de persoon erachter. Totdat, zevenendertig jaar na de dood van Lacks, een zestienjarig schoolmeisje genaamd Rebecca Skloot in een biologieles haar lerares hoorde uitleggen hoe kanker begint, en dat de kennis over dat proces was verworven door het bestuderen van HeLa-cellen op kweek. Die cellen, zei de leraar, waren afkomstig van een vrouw genaamd Henrietta Lacks.

    Toen de les voorbij was, liepen de andere studenten al weg, maar Skloot bleef rondhangen. ‘Ik vroeg mijn lerares: wie was deze vrouw Henrietta Lacks? Waar kwam ze vandaan? Had ze kinderen? Maar de lerares wist alleen dat ze zwart was en dat ze in 1951 was overleden aan baarmoederhalskanker.’

    Henrietta Lacks 1920 1951
    Henrietta Lacks circa 1945–1951. – © Wikimedia Commons

    Nadat ze biologische wetenschappen had gestudeerd, wijdde Skloot zich aan wat zij de ‘onsterfelijkheid’ van Lacks noemt, en aan het achterhalen van de waarheid achter de HeLa-cellen. Het resulteerde in het boek The Immortal Life of Henrietta Lacks, dat een van de bestverkochte nieuwe boeken van 2010 werd en vervolgens meer dan zes jaar op de bestsellerlijst van The New York Times stond en uiteindelijk op nummer 1 belandde. Het boek werd in 2017 verfilmd voor HBO, met Rose Byrne als Skloot en Oprah Winfrey als Deborah, de dochter van Lacks.

    ‘Henrietta’s cellen zijn afgenomen zonder haar medeweten en zonder haar toestemming’

    Wat Skloot ontdekte was dat terwijl de cellen van Lacks het aanzien van de moderne geneeskunde veranderden, haar man en kinderen er niet alleen niets van wisten maar ook zelf geen adequate gezondheidszorg kregen. ‘Waar mensen het meest van schrikken, is dat Henrietta’s cellen zijn afgenomen zonder haar medeweten en zonder haar toestemming’, aldus Skloot. ‘Maar dat is de standaardpraktijk, zowel in het VK als in de VS. Als je vóór de operatie een algemeen toestemmingsformulier ondertekent, kunnen eventuele verwijderde cellen later voor onderzoek worden gebruikt en hoeven artsen dit niet te laten weten.’

    ‘Het algemene standpunt van de medische wetenschap is dat cellen die van een individu zijn afgenomen en voor onderzoek worden gebruikt, ten goede komen aan het algemeen welzijn, en dat het oké is om ze te gebruiken. Maar het verhaal van Lacks laat zien dat dat niet zo is, in ieder geval niet in Amerika. Want Henrietta’s cellen werden gebruikt om medische behandelingen te ontwikkelen, maar die behandelingen waren alleen bereikbaar voor mensen die een zorgverzekering konden betalen. Verarmde gezinnen, zoals de familie Lacks, waren precies de gezinnen die dat niet konden.’

    Rechtszaak

    Tot overmaat van ramp maakten de cellen van Lacks farmaceutische bedrijven ook nog eens rijk. Meer specifiek verkochten celbanken en biotechbedrijven flesjes met haar cellen: de gangbare prijs voor een tube HeLa-cellen was in 2010 ongeveer 260 dollar. Geen cent van de winst die haar cellen hadden helpen genereren, ging naar haar nabestaanden. Terwijl de cellen van hun moeder wereldwijd wetenschappelijke bekendheid verwierven, was voor de familie Lacks geen fortuin weggelegd.

    Tot zover The Guardian in 2010. Mogelijk komt er nu een wending in het verhaal dat zo tragisch verliep voor de familie Lacks: nabestaanden hebben het farmaceutische bedrijf Thermo Fisher Scientific aangeklaagd. Ze beschuldigen het bedrijf ervan cellen van Lacks te hebben verkocht die artsen van het Johns Hopkins-ziekenhuis in 1951 zonder haar medeweten of toestemming hebben afgenomen, aldus een recent artikel The Guardian.

    ‘De HeLa-cellijn is de eerste lijn van menselijke cellen die met succes werd gekloond’ en die sindsdien voortdurend is gebruikt ‘voor onderzoek dat bijna elk domein van de geneeskunde heeft beïnvloed’, aldus de advocaten van de nabestaanden in een persbericht.

    Thermo Fisher Scientific, uit Waltham, Massachusetts, heeft willens en wetens weefsel in massa geproduceerd en verkocht, dat door artsen in het ziekenhuis van Lacks was afgenomen binnen ‘een raciaal onrechtvaardig medisch systeem’, aldus de federale aanklacht.

    Volgens de aanklacht jaagde een groep witte artsen van Johns Hopkins in de jaren vijftig op zwarte vrouwen met baarmoederhalskanker

    De rechtbank van Baltimore wordt gevraagd om Thermo Fisher Scientific te gelasten ‘het volledige bedrag van de nettowinst die is verkregen door de HeLa-cellijn te commercialiseren over te maken naar de erven Henrietta Lacks’. Daarnaast wordt verlangd dat het Thermo Fisher Scientific permanent wordt verboden om de HeLa-cellijn te gebruiken zonder toestemming van de nabestaanden. Op zijn website zegt het bedrijf dat het jaarlijks ongeveer 35 miljard dollar aan inkomsten genereert.

    Volgens de aanklacht jaagde een groep witte artsen van het Johns Hopkins-ziekenhuis in de jaren vijftig op zwarte vrouwen met baarmoederhalskanker, waarbij weefselmonsters uit hun baarmoederhals werden weggesneden zonder medeweten of toestemming.

    ‘De uitbuiting van Henrietta Lacks vertegenwoordigt helaas de gemeenschappelijke strijd die zwarte mensen door de geschiedenis heen hebben meegemaakt’, aldus de aanklacht. ‘Zwart lijden heeft geleid tot enorme medische vooruitgang en winsten, zonder eerlijke compensatie of erkenning.’

    Een van de advocaten van de familie is Ben Crump, een in Florida gevestigde burgerrechtenadvocaat die de afgelopen jaren nationaal bekendheid kreeg als vertegenwoordiger van de families van Trayvon Martin, Michael Brown, Breonna Taylor en George Floyd, de zwarte mensen wier dood door toedoen van politie en burgerwachten nieuw leven inblies in een nationale beweging voor politiehervorming en raciale rechtvaardigheid.

    Het Johns Hopkins-ziekenhuis zegt dat het zijn omgang met Lacks en haar familie na meer dan vijftig jaar en na de publicatie van het boek van Rebecca Skloot in 2010 met andere ogen bekijkt.

    ‘Op verschillende momenten in de afgelopen decennia hadden we als Johns Hopkins meer kunnen doen en moeten doen om de familie van Henrietta Lacks te informeren en samen te werken uit respect voor hun privacy en hun persoonlijke belangen’, zo meldt het Johns Hopkins-ziekenhuis op zijn website.

    Lees ook:

  • ‘Kweeknuggets zijn een grote stap voorwaarts voor dier en milieu’

    ‘Kweeknuggets zijn een grote stap voorwaarts voor dier en milieu’

    Cellulaire landbouw, oftewel kweekvlees, lijkt het medicijn voor alle kwalen van de bio-industrie, zoals dierenleed en milieuschade, zonder dat de consument zijn dagelijkse stukje vlees ervoor hoeft op te geven. Het is daarom tijd dat de overheid flink gaat investeren, betogen deze wetenschappers in The Guardian.

    Amerikanen gaan dit jaar een slordige twee miljard kipnuggets eten. Deze frituursnack is een manier om geld te slaan uit wat je overhoudt na het wegsnijden van de borst, poten en vleugels van de pakweg negen miljard bio-industriekippen die in de VS elk jaar worden geslacht. Zoals bij zoveel alledaagse artikelen is ook de productie van kipnuggets in handen van een klein groepje gigantische bedrijven die verantwoordelijk zijn voor een waslijst aan maatschappelijke en ecologische misstanden. En zoals zoveel van de consumptiegoederen die uit dit systeem voortkomen, zijn de nuggets van bedenkelijke kwaliteit, goedkoop, verleidelijk en gemakkelijk weg te kauwen.

    Nuggets bevatten niet eens veel vlees, maar bestaan voor het grootste deel uit vet en allerlei restmateriaal – zoals huid, bot en zenuw- en bindweefsel – dat met allerlei toevoegingen eetbaar wordt gemaakt. De politieke economen Raj Patel en Jason Moore noemen het een gehomogeniseerde hapklare manifestatie van de wijze waarop het kapitalisme zo veel mogelijk waarde aan menselijk en niet-menselijk leven en arbeid onttrekt.

    Cellulaire landbouw

    Maar als kipnuggets symbool staan voor het moderne kapitalisme, dan zijn ze ook rijp voor vernieuwing. Een van de veelbelovendste nieuwe kandidaten om de kipnugget te vervangen is misschien wel een radicaal ander soort vlees: eetbaar weefsel uit de reageerbuis, opgekweekt uit stamcellen in de zogenaamde cellulaire landbouw. Het verkooppraatje voor deze nieuwe technologie volgt het klassieke stramien van Silicon Valley: hiermee kun je een verouderde technologie (in dit geval dieren) overbodig maken en geld verdienen door goed te doen.

    In de intensieve veehouderij, waar de nuggets en ook bijna al het andere door Amerikanen consumeerde vlees worden geproduceerd, blijven de prijzen kunstmatig laag als gevolg van de enorme schaalvoordelen van massaproductie en het afwentelen van de kosten daarvan op mens, dier en milieu. Het leidt tot ontbossing, de uitstoot van honderden miljoenen broeikasgassen per jaar, afschuwelijke arbeidsomstandigheden in slachthuizen en weerzinwekkende staaltjes van dierenmishandeling op veehouderijen, terwijl de sector zich bovendien bezondigt aan prijsafspraken, lobbyt voor minder regelgeving op het gebied van arbeid en milieu en zich sterk maakt voor ongrondwettelijke wetgeving die klokkenluiders moet ontmoedigen.

    Het probleem is dat mensen dol zijn op vlees, dat de mondiale productie en consumptie daarvan nog steeds gestaag toenemen en dat een collectieve bekering tot het vegetarisme niet in het verschiet lijkt te liggen. Dat maakt de intensieve veehouderij zo’n lastig probleem: onmiskenbaar schadelijk, maar politiek en maatschappelijk ook zo diep in ons bestaan verankerd dat je als hervormer niet goed weet waar je moet beginnen. En dan lijkt de cellulaire landbouw een uitweg te bieden: een sociaal-technische ‘hack’ die veel van de in het huidige systeem aangerichte schade kan voorkomen zonder dat de consument er zijn lapje vlees voor hoeft op te geven.

    Het in Australië gevestigde Vow wil buiten de gebaande paden treden met kweekvlees van zebra’s, jaks en kangoeroes

    Die cellulaire landbouw was altijd al voer voor gedachte-experimenten van filosofen en sciencefictionschrijvers, maar begint nu in rap tempo werkelijkheid te worden. In december 2020 hield het in San Francisco gevestigde bedrijf Eat Just in de Singaporese club 1880 het eerste commercieel verkrijgbare kweekvlees ten doop. De gekozen vorm, een kipnugget, was deels symboliek, deels noodzaak: de technologie is nog niet zover dat je er een kipfilet, kippenvlerk of kippenpoot mee kunt maken. Maar in principe kun je straks wel het hele dierenrijk repliceren. Het allereerste prototype van cellulaire landbouw dat aan de wereld werd gepresenteerd, was de hamburger die wetenschappers van de Universiteit Maastricht in 2013 maakten. Het bedrijf dat uit hun project is voortgekomen, Mosa Meat, is nu hard op weg om runderkweekvlees op de markt te brengen. De Israëlische start-up Aleph Farms maakt met 3D-printtechnologie een lendenbiefstuk. Het Singaporese Shiok Meats kweekt garnalen zonder garnalen. Finless Foods uit Berkeley is bezig aan de met uitsterven bedreigde blauwvintonijn. En het in Australië gevestigde Vow wil buiten de gebaande paden treden met kweekvlees van zebra’s, jaks en kangoeroes.

    Lees ook:

    Deze ontwikkeling wordt vooral gedragen door een snelgroeiend aantal start-ups in de grote technologische hubs van de wereld. Die worden gesteund door een wereldwijd netwerk van extreem vermogende beleggers en durfkapitalisten die de afgelopen tien jaar al meer dan zeven miljard dollar in alternatieve eiwitten hebben gestoken, waaronder zo’n 900 miljoen dollar in kweekvlees. Richard Branson, Bill Gates en een hele reeks andere miljardairs hebben zich met hun geld en enthousiasme achter deze technologie geschaard. De Maastrichtse hamburger was mede gefinancierd door Sergey Brin, een van de oprichters van Google. Maar ook grote bedrijven laten zich niet onbetuigd: de farmagigant Merck investeert in Mosa Meats en vleesgigant Tyson Foods financiert het Californische Upside Foods.

    Dat particulier kapitaal overuren draait om met synthetische biologie een omwenteling teweeg te brengen in de traditionele landbouw, is voor zowel voorstanders als critici waarschijnlijk reden genoeg om hun mening hierover al klaar te hebben. Techno-optimisten zien een toekomst voor zich van alom verkrijgbaar ‘schoon vlees’ dat ecologisch en ethisch net zo superieur is aan gewoon vlees als zonne-energie aan steenkool. Tegenstanders zien een toekomst van door het bedrijfsleven gedomineerd laboratoriumvlees dat naadloos past in het manke kapitalistische voedselsysteem dat we hebben.

    Mogelijkheden en gevaren

    In beide zienswijzen zit een kern van waarheid, maar ze gaan er allebei ten onrechte van uit dat de uitkomst al vaststaat. Er was niets onvermijdelijks aan de krachten die het voedselsysteem de afgelopen eeuw in de richting hebben gedreven van steeds verdergaande mechanisering, de uitbuiting van arbeiders en de verwoesting van het milieu: dat was een gevolg van collectieve en individuele politieke keuzes. Wij hoeven dus ook niet de gevangene te worden van monopolisten die een grauwe klodder reageerbuisvlees op ons bord kwakken. Wat wij nodig hebben, is een analyse van de kansen die de cellulaire landbouw biedt: wat deze nieuwe levensmiddelentechnologie, met het juiste beleid en de juiste investeringen, mogelijk kan maken voor consumenten, werknemers, dieren en het milieu.

    Om te begrijpen wat de mogelijkheden en de gevaren van de cellulaire landbouw zijn, hebben we inzicht nodig in het systeem dat hierdoor zou veranderen. Ons huidige landbouwbeleid en de huidige praktijken in de veehouderij richten grote schade aan, en het zal een enorme collectieve inspanning vergen om daar iets aan te doen. Maar de geschiedenis wijst uit dat zulke systemen wel degelijk radicaal kunnen veranderen, zelfs binnen één generatie.

    Voor consumenten kenmerkt het huidige systeem zich vooral door enorme overvloed en lage prijzen. Amerikanen geven nog geen 10 procent van hun besteedbaar inkomen uit aan voedsel, minder dan bijna overal ter wereld, en ze eten maar liefst 122 kilo vlees per jaar, waarvan 55 kilo kip. (Ter vergelijking: in het Verenigd Koninkrijk ligt dat op circa 80 kilo per persoon, waarvan 32 kilo kip. Lager, maar nog steeds ecologisch onhoudbaar.) [In Nederland at men in 2018 gemiddeld 77 kilo vlees per jaar] Die lage prijs eist een hoge tol. Miljarden genetisch identieke kippen slijten een miserabel leven in enorme megastallen die volledig zijn ingericht op maximale efficiëntie en minimale kosten. Drie grote vleesverwerkende bedrijven, Tyson, Perdue en Koch, hebben het grootste deel van de Amerikaanse markt voor kippenvlees in handen. De sector functioneert praktisch als een monopsonie, een kopersmonopolie waarin het aantal afnemers zo gering is dat zij de prijzen en productievoorwaarden dicteren; soms is er sprake van een zodanige verticale integratie dat de industrie bijna de hele waardeketen bepaalt.

    Er is sprake van arbeiders die aan de slachtlijn een luier moesten dragen omdat ze geen toiletpauze kregen

    Dit geeft de industrie een enorme economische macht over boeren, arbeiders en consumenten. Boeren die een contract aangaan met de grote vleesverwerkers, moeten zo hard met elkaar concurreren dat ze blij mogen zijn als ze geen verlies lijden. In de abattoirs verrichten de arbeiders loodzwaar maar laagbetaald en gevaarlijk werk aan razendsnelle slachtlijnen, waar ze honderdveertig kippen per minuut moeten slachten. In een Oxfam-rapport uit 2015 is sprake van arbeiders die aan de slachtlijn een luier moesten dragen omdat ze geen toiletpauze kregen en arbeiders die invalide zijn geworden van de eindeloos herhaalde bewegingen. Verder hebben de kipgiganten Tyson en Pilgrim’s Pride onlangs voor honderden miljoenen aan schikkingen getroffen in rechtszaken over prijsafspraken die tegen hen waren aangespannen door supermarkten, restaurants en individuele consumenten. De concerns zijn zo groot en zo rijk dat ze ook veel politiek gewicht in de schaal leggen. Een sterk staaltje daarvan deed zich voor in april 2020, toen Donald Trump op aandringen van de sector een oude defensiewet aangreep om af te dwingen dat de slachthuizen tijdens de pandemie open bleven, ook al kregen duizenden arbeiders corona.

    Ondertussen heeft het op elkaar proppen van dieren in megastallen en het kappen van bos om land vrij te maken voor de verbouw van voedergewassen de kans op uitbraken van zoönotische ziekten zoals varkensgriep, vogelgriep of covid-19 alleen maar vergroot. En het systeem eist nog meer dodelijke slachtoffers door ziekten die niet eens besmettelijk zijn: de veranderingen in ons eetpatroon hebben in de afgelopen zestig jaar sterk bijgedragen aan de buitengewone groei van het aantal Amerikanen met obesitas, diabetes en hartkwalen.

    Het hele stelsel is primair gericht op het gewin van grondbezitters en grote boerenbedrijven, op kosten van de belastingbetaler

    Er zijn twee factoren die tot deze onverkwikkelijke situatie hebben geleid. De eerste is het door winstbejag ingegeven streven naar steeds grotere efficiëntie in de landbouw dat al minstens twee eeuwen aan de gang is. De tweede is de wildgroei aan stimuleringsprogramma’s voor de landbouw die met name in de VS hebben geleid tot een schier onuitputtelijke voorraad aan landbouwsubsidies, gekoppeld aan een groot gebrek aan regelgeving op het gebied van arbeidsomstandigheden en milieu. Het hele stelsel is primair gericht op het gewin van grondbezitters en grote boerenbedrijven, op kosten van de belastingbetaler.

    Dat is nergens zo duidelijk zichtbaar als in de vleessector. Het slachten van dieren werd eind negentiende eeuw al geïndustrialiseerd door de slachthuizen in Chicago, waar veertigduizend zwarte arbeiders en immigranten voor doorgaans lage lonen elk jaar miljoenen runderen en varkens slachtten. Vleesverwerking op zo’n grote schaal vereiste een gestandaardiseerde input (voor het graan en de dieren die daarmee werden gevoerd) ter stroomlijning van het industriële proces. Dat werd gestimuleerd door de Amerikaanse overheid, die in het begin van de twintigste eeuw met behulp van onderzoeksprogramma’s, belastingvoordelen en de promotie van nieuwe technologie op de uitbreiding van de intensieve landbouw aanstuurde – om zo, in de woorden van de historica Deborah Fitzgerald, van elke boerderij een fabriek te maken.

    Verkipping

    Dat resulteerde in de opkomst van de bio-industrie na de Tweede Wereldoorlog. Kip had tot die tijd nooit een belangrijke rol gespeeld in het Amerikaanse eetpatroon, maar kippen bleken bijzonder geschikt voor industrialisatie, omdat ze zich snel voortplanten en je door slim te fokken hun grootte en eierproductie makkelijk kunt beïnvloeden. Met een reclamebombardement wisten de vleesbedrijven een nieuwe markt voor kippenvlees te creëren, en al snel werd het model van de fabrieksboerderij ook overgenomen in de varkenshouderij en leidde het tot de ontwikkeling van steeds grotere rundveehouderijen. Dr. Ellen Silbergeld, een deskundige op het gebied van gezondheid en milieu, noemt dit de ‘verkipping’ van de landbouw.

    Er is geen gebrek aan intelligente progressieve kritiek op dit systeem, alleen behelzen de voorgestelde alternatieven meestal het opknippen van de grote voedselconcerns en de inkrimping of diversificatie van Amerikaanse boerenbedrijven. Maar beter mededingingsbeleid alleen is niet genoeg om iets te doen tegen de schade die de intensieve veehouderij aanricht op het vlak van dierenwelzijn, arbeidsomstandigheden en milieu. Als je de grote concerns opknipt, leidt dat misschien alleen maar tot meer, zij het dan iets kleinere en minder productieve fabrieksboerderijen.

    Biologische groente en scharrelvlees vers van de boerderij is niet wat iedereen wil, laat staan dat iedereen het kan betalen

    En wat betreft de kleine boerderijen die nu al op meer holistische wijze landbouw bedrijven: de gedachte is wel dat die duurzamer zijn, meer werkgelegenheid in stand houden en lokale winkels voorzien van diervriendelijk rundvlees en sappige biologische tomaten van oude rassen. Maar een heel landbouwsysteem van kleine boeren opzetten dat economisch rendabel is en het grootste deel van de bevolking van voedsel voorziet, kan nog weleens een hele opgave worden. Biologische groente en scharrelvlees vers van de boerderij is niet wat iedereen wil, laat staan dat iedereen het kan betalen of überhaupt kan krijgen. Wat mensen wel kunnen krijgen, zijn nuggets. En voorstanders van kleinschalige landbouw kunnen vaak niet goed uitleggen hoe je hun ideeën ook in de praktijk kunt brengen op grotere schaal en voor een prijs die laag genoeg is om de economische status quo te doorbreken, binnen een tijdsbestek waarin dat nog een uitweg biedt uit onze ecologische crisis.

    Intussen zijn de mensen met verstand van de milieueffecten van ons voedselsysteem het er in grote lijnen over eens dat we veel minder vlees moeten eten. Sommigen zien de oplossing in een overstap naar een vegetarisch of veganistisch dieet. En ook in voorstellen die vlees niet in de ban doen, zoals het modeldieet van de EAT-Lancet-commissie, wordt wel aangedrongen op drastische vermindering van de vleesconsumptie, zeker op het noordelijk halfrond, en op afschaffing van de bio-industrie als voornaamste productiemethode. Maar het lijkt erop dat alleen een direct wettelijk verbod op bio-industrievlees tot de benodigde vermindering zou kunnen leiden, en dat is politiek geen haalbare kaart.

    Kiploze nuggets

    En daar komt de cellulaire landbouw om de hoek kijken. Misschien ligt de oplossing voor de verkipping van ons voedselsysteem niet in scharrelkip, maar in de massaproductie van kiploze nuggets.

    Winston Churchill verkondigde al in 1931 dat de mens dankzij de technologie ooit zou kunnen ‘ontkomen aan de absurde noodzaak dat je een hele kip moet kweken om een vlerk of borst te kunnen eten, door deze delen uiteindelijk afzonderlijk te kweken in een daarvoor geschikt medium’. Tot in de jaren negentig kon je die woorden nog aanhalen als een voorbeeld van de futiliteit van de futurologie. Maar door snelle ontwikkelingen in de biotechnologie en de medische wetenschap begint cellulaire landbouw nu werkelijkheid te worden. In de jaren zestig werd de stamcel in kaart gebracht, de bouwsteen van de meeste organismen. In de jaren zeventig werd het mogelijk om spierweefsel in de reageerbuis te kweken, en in 2005 verscheen het eerste gerenommeerde wetenschappelijke artikel over de reageerbuisproductie van vlees.

    Voor zo’n geavanceerde biotechniek is cellulaire landbouw eigenlijk een vrij simpel proces. Het begint met stamcellen, die meestal met een biopsie uit een levend dier worden gehaald. Die cellen gaan in een bioreactor, een aseptisch stalen vat met instelbare temperatuur en luchtdruk, samen met een voedzaam groeimedium, in wezen een soepje van suikers en eiwitten. In die omstandigheden beginnen de cellen zich te vermenigvuldigen en weefsel te vormen. Uit de bioreactor komt een eetbare maar nog weinig appetijtelijke substantie, ‘natte massa’, die vervolgens verder bewerkt moet worden om er nuggets en gehakt en dergelijke van te maken. Het nabootsen van complexere stukken vlees, een filet mignon bijvoorbeeld, vergt nog meer techniek: dan moeten ook spier- en vetcellen worden gekweekt op kleine ‘steigertjes’ van ander materiaal, zoals collageen. Het is een soort bouwkunde, maar dan op microscopisch niveau.

    Met kweekvlees verklein je de kans op ziektes die overspringen van mens op dier

    De potentiële voordelen van deze technologie zijn legio. Uit de meeste analyses van deze procedés blijkt dat ze tot veel minder land- en waterverbruik en minder CO2-uitstoot leiden dan de productie van rundvlees en zuivelproducten. Als de bedrijven dan ook nog gebruikmaken van schone energie (een hele opgave, maar niet onmogelijk) kan dit procedé milieuvriendelijker worden dan de productie van varkens- en kippenvlees. Zo maak je een eind aan het martelen en doden van miljarden dieren per jaar en verklein je de kans op ziektes die overspringen van mens op dier. Reageerbuisvis kan zelfs nog grotere ecologische voordelen opleveren, als je daarmee de druk op bedreigde ecosystemen verlicht en de grootschalige vervuiling terugdringt die de visserij nu veroorzaakt.

    Als er geen slachthuizen meer nodig zijn, komt daarmee ook een eind aan hun inherent slechte arbeidsomstandigheden. De productie van kweekvlees vraagt vooral hoogtechnologische arbeid: onderhoud, controle en afstelling van de bioreactoren, zonder de kwetsbare aseptische omgeving te verstoren die de celgroei vereist. Heel anders dan het razende tempo waarin dieren moeten worden geslacht in abattoirs, met in de VS als bijkomend resultaat ook gemiddeld twee afgehakte handen, vingers, voeten of ledematen per week. Fabrieken voor kweekvlees zouden veel beter betaald werk opleveren dan slachthuizen en ook een veel veiligere en gezondere werkomgeving bieden (zij het waarschijnlijk niet aan dezelfde arbeidskrachten).

    Tegelijkertijd wordt er hard gewerkt aan de ontwikkeling van plantaardige alternatieven voor dierlijke producten. Aangezien die gemaakt kunnen worden met bestaande technologie en gewassen die al op grote schaal worden verbouwd, kunnen de productiemethoden daarvan snel en tegen lage kosten worden opgeschaald. Daarom zullen deze producten op korte termijn waarschijnlijk eerder de strijd aangaan met de conventionele veehouderij. De mondiale markt voor vleesvervangers en zuivel zal de komende vijf jaar naar verwachting groeien tot meer dan 75 miljard dollar, inclusief vegetarische nepkipnuggets van een hele trits bedrijven zoals Beyond, de makers van de Beyond Burger. Maar uiteindelijk bieden die toch niet meer dan knappe imitaties en moeten ze maar hopen dat de consument daar uiteindelijk de voorkeur aan geeft boven vlees.

    Met cellulaire landbouw produceer je echt vlees en kun je proberen de vleesindustrie, goed voor een mondiale omzet van 1 biljoen dollar, op haar eigen terrein te verslaan. Je haalt dan ‘de ethische angel uit de discussie’ over vlees (in de woorden van het Good Food Institute, een internationale organisatie die het gebruik van alternatieve eiwitten propageert) en kunt louter op basis van marktmechanismen proberen het consumentengedrag te beïnvloeden. Dat vergroot de kans dat kweekvlees de traditionele veehouderij werkelijk op zijn kop kan zetten. Wat nu nog luchtfietserij lijkt, kan dan echte kilometers gaan maken.

    Velen zouden liever zien dat iedereen gewoon veganist of vegetariër werd

    Deze visie op cellulaire landbouw lijkt als twee druppels water op het soort grootspraak dat Silicon Valley maar al te graag uitvent. Voor een groeiend aantal critici riekt de hele onderneming naar ‘solutionisme’, het blinde geloof in technologie als panacee voor alle netelige maatschappelijke en politieke problemen. Sommige kritische deskundigen zien in cellulaire landbouw gewoon de zoveelste oefening in ‘ecomodern techno-optimisme’. Volgens hen blijft men blind voor het feit dat ‘daadwerkelijke modernisering concrete en soms heel heftige gevolgen heeft gehad voor de mensen en samenlevingen die gemoderniseerd werden’, in de woorden van Erik Jönsson, geograaf aan de universiteit van Uppsala. Velen zouden liever zien dat iedereen gewoon veganist of vegetariër werd.

    De zorg is reëel dat voedselconcerns en Silicon Valley zulke nieuwe technologieën kunnen gebruiken om hun greep op de voedselvoorziening te verstevigen en hun kwalijke agrikapitalisme met een schijn van milieubewustheid ‘groen te wassen’. De huidige kweektechnieken voor vlees en de daarvoor gebruikte stamcellijnen zijn waardevol intellectueel eigendom, afgeschermd door een hele batterij advocaten en geheimhoudingsclausules. Critici vrezen dat deze nieuwe sector precies hetzelfde gebrek aan transparantie en controleerbaarheid zal vertonen als de industrie die ervoor plaats moet maken. Zij zien in de cellulaire landbouw de slechtste kanten van het huidige voedselsysteem ten top gedreven: de massaproductie van nuggets met een bedenkelijke voedingswaarde die worden verkocht in uniforme fastfoodzaken.

    Een daling van de vraag naar veevoer zou meer ruimte scheppen voor een progressiever voedselbeleid

    Er zijn drie dingen die je hiertegen in kunt brengen. Ten eerste dat de potentiële voordelen van cellulaire landbouw ruimschoots opwegen tegen al deze nadelen. Stel dat met behulp van deze technologie de productie en consumptie van conventioneel vlees drastisch kan worden verminderd: ook al gebeurt dat dan met behulp van het grote geld en het neoliberale agrikapitalisme, dan is dat ethisch en ecologisch nog steeds te verkiezen boven de huidige stand van zaken. Gevestigde vleesbedrijven als Tyson en Cargill zijn per slot van rekening ook geen filantropische ondernemingen die de wereld voeden uit de goedheid van hun hart. Anders gezegd: wie wil suggereren dat een wereld van kweekvlees en van bio-industrie ook maar in de verte met elkaar vergelijkbaar zijn, heeft zijn perspectief op het voedselsysteem verloren.

    Ten tweede kan de cellulaire landbouw, als die op grote schaal wordt ingevoerd, bijdragen aan de hervorming van het landgebruik: een daling van de vraag naar veevoer zou meer ruimte scheppen voor een progressiever voedselbeleid. Als een door de overheid gefinancierde bank zelfs maar een klein deel zou opkopen van de 320 miljoen hectare die in de VS momenteel wordt gebruikt voor de productie van veevoer, zou die vervolgens miljoenen hectares tegen gunstige voorwaarden kunnen doorverkopen voor spannende nieuwe doelen: het opzetten van ecologische en regeneratieve boerderijen, met het oog op gezondere plattelandsgemeenschappen en beter landschapsbeheer; financiële steun voor boerderijen die worden beheerd door een collectief van buurtbewoners of arbeiders; landuitgifte aan mensen uit bevolkingsgroepen die in het verleden structureel werden onteigend of uitgesloten van landbezit; de teruggave van land aan inheemse naties; initiatieven voor de bescherming en verwildering van natuurgebieden. Veel van deze ideeën worden ook omarmd door critici van de nieuwe technologie, die vaak suggereren dat kweekvlees onverenigbaar is met het holistische ecologische ideaal van klein, langzaam en lokaal. Maar al deze ideeën kunnen met commercieel levensvatbare cellulaire landbouw juist makkelijker worden verwezenlijkt.

    Tot slot is het niet inherent aan de technologie van cellulaire landbouw dat die gepaard gaat met durfkapitalisme en een militante opstelling over intellectueel eigendom. Als je wil dat de cellulaire landbouw zijn hooggestemde potentieel waarmaakt, moet je niet alleen somberen over de kwaadaardige invloed van het kapitaal, maar zoeken naar praktische manieren om aan dat kapitalisme paal en perk te stellen. Wat hier nodig is, is de politieke wil en visie om deze technologie uit de greep van het bedrijfsleven te bevrijden en in te zetten voor het radicale doel om het leven van mens en dier overal ter wereld beter te maken.

    Schaalvergroting

    Maar wil de cellulaire landbouw het in de toekomst ook echt beter doen dan het systeem dat het moet vervangen, dan hebben de critici wel gelijk als ze zeggen dat deze nieuwe technologie moet groeien op een manier die de werkelijke kosten van de productie niet afwentelt op arbeiders, consumenten en milieu. Of de productie wel op veilige en betaalbare wijze kan worden opgeschaald, is momenteel nog zeer de vraag, en aan sommige praktijken in de cellulaire landbouw moet beslist een einde komen. Veel bedrijven, waaronder Eat Just met zijn in Singapore gelanceerde nuggets, leunen nog op een techniek waarbij voor het groeimedium van de stamcellen gebruik wordt gemaakt van foetaal kalfsserum, tijdens de slacht gewonnen uit ongeboren kalveren.

    Maar schaalvergroting is misschien evenzeer een maatschappelijke en politieke als een zuiver technische aangelegenheid. Er vindt aan de universiteiten wel onderzoek naar cellulaire landbouw plaats met publiek geld en steun van ngo’s zoals GFI en New Harvest, maar het onderzoek naar en de ontwikkeling van nieuwe technieken worden toch merendeels met particulier geld betaald. Er is veel kapitaal nodig voor onderzoek en ontwikkeling en het vinden van commerciële toepassingen. Maar het feit dat de particuliere sector potentie ziet in een technologie die overheden grotendeels genegeerd hebben, is een politiek probleem. Er is behoefte aan publieke instellingen die de cellulaire landbouw zowel stimuleren als in toom houden door middel van overheidsinvesteringen, regelgeving en vergunningen. Bedrijven die zwemmen in durfkapitaal zullen heus wel manieren vinden om de productie van kweekvlees flink op te schalen en goedkoper te maken. Maar het is bijna onvermijdelijk dat ze dat vooral zullen doen om waarde te creëren voor hun investeerders, niet voor het maatschappelijk welzijn.

    Het opschalen en betaalbaar maken van de productie van kweekvlees stuit nu nog op flinke problemen. Volgens een onafhankelijke analyse uitgevoerd voor Open Philanthropy wordt de ‘natte massa’ pas rendabel als de kostprijs 25 dollar per kilo bedraagt. Momenteel kost de productie van dat ruwe product nog 37 dollar per kilo. En dat resulteert in een paradox: het kweekvlees dat men nu kan maken, zou vooral geschikt zijn als vervanging van het meest gestandaardiseerde, breed verkrijgbare, in de fabriek geproduceerde vlees dat er bestaat: de kipnugget. Maar de nuggets van Eat Just kostten 17 dollar per portie: met zo’n prijs kan het op de consumentenmarkt nooit wat worden, en dan was die prijs uit marketingoverwegingen wellicht nog sterk verlaagd. Kipnuggets kosten veel en veel minder dan 25 dollar per kilo – dat is eerder de prijs die je zou betalen voor scharrelrundvlees.

    Investeringen van de overheid in cellulaire landbouw zouden heel goed kunnen passen in de Green New Deal

    De beste oplossing voor deze problemen zou weleens dezelfde strategie kunnen zijn die de Amerikaanse overheid een eeuw geleden hanteerde om de landbouw te industrialiseren: flink investeren in onderzoek en ontwikkeling via openbare universiteiten, nationale laboratoria en royale subsidies. Met al het enthousiasme voor de Green New Deal en de klimaatambities van Bidens regering is er nu ongewoon veel ruimte voor overheidsinvesteringen in duurzame technologie. Substantiële en structurele investeringen van de overheid in cellulaire landbouw zouden heel goed kunnen passen in het beleidspakket dat hier uiteindelijk uit rolt. En in algemenere zin zouden regeringen er goed aan doen om te luisteren naar economen zoals Mariana Mazzucato, die redeneren dat gerichte publieke investeringen in innovatie van cruciaal belang zijn voor het algemeen welzijn. We zien nu al initiatieven voor dit soort proactieve investeringen en regelgeving in staten als Singapore en Israël.

    Dit kan voor het bedrijfsleven de drempel verlagen om er ook in te stappen en kan bijdragen aan de ontwikkeling van regelgeving, zoals een moratorium op het gebruik van kalfsserum en de invoering van sectorbrede veiligheidsnormen. Met regelgeving moet je ook afdwingen dat de kweekvleesindustrie onder vakbondstoezicht komt te staan en dat bij de werving van personeel waar mogelijk voorrang wordt gegeven aan afgevloeide maar gekwalificeerde werknemers uit de conventionele vleesindustrie. Het intellectueel eigendom van de technologie kan in publieke handen blijven.

    De kritiek op cellulaire landbouw is veelal dystopisch: een toekomstvisioen van voedselgiganten die een weerloze bevolking nepvlees door de strot duwen en aan niemand verantwoording hoeven af te leggen. Ironisch genoeg is dat een accurate beschrijving van het voedselsysteem dat we nu hebben. Een wereld waarin de nugget uit de bio-industrie wordt vervangen door een nugget uit de bioreactor zou een grote stap voorwaarts zijn voor dier en milieu. En gepaard aan een vooruitstrevend industrie- en landbouwbeleid kan het ook een grote stap voorwaarts zijn op het gebied van arbeid, publieke investeringen, landgebruik en duurzame landbouw. Nee, dit is geen magische remedie tegen alles wat er mis is met onze voedselproductie; zo’n panacee bestaat niet. Maar het is een begin. Kipnuggets staan misschien voor alles wat er mis is met ons huidige voedselsysteem, maar kweeknuggets zouden best eens kunnen bijdragen aan een duurzamere toekomst.

  • ‘Mogelijk bod’ op Chinese vastgoedreus Evergrande  | Cv-ketel is grote vervuiler in VK

    ‘Mogelijk bod’ op Chinese vastgoedreus Evergrande | Cv-ketel is grote vervuiler in VK

    Gasketel is grote vervuiler in VK

    Volgens een analyse van de Britse ngo Possible produceren de miljoenen particuliere gasketels in het Verenigd Koninkrijk twee keer zoveel CO2 als alle gasgestookte elektriciteitscentrales van het land samen. Dat onderstreept de dringende behoefte aan krachtig overheidsbeleid om snel koolstofarme verwarming door bijvoorbeeld warmtepompen te introduceren, aldus de onderzoekers. Warmtepompen werken op elektriciteit en zijn efficiënter, maar kosten veel meer om te installeren dan gasboilers. Het VK loopt achter op de meeste Europese landen als het gaat om warmtepompen, aldus The Guardian.

    Het energieverbruik thuis zorgt voor ongeveer 15 procent van alle broeikasgassen in het VK

    Voor de analyse werden overheidsgegevens gebruikt om CO2-emissies en luchtvervuiling te schatten die worden geproduceerd door particuliere gasboilers en door elektriciteitscentrales. Zo bleek dat particuliere gasketels in een stad als Leeds dezelfde hoeveelheid CO2 uitstoten als een gascentrale. Het energieverbruik thuis zorgt voor ongeveer 15 procent van alle broeikasgassen in het VK.

    Uit de gegevens blijkt ook dat gasketels thuis acht keer zoveel stikstofdioxide produceren als elektriciteitscentrales. NO2 is een luchtverontreinigende stof die in het VK jaarlijks tienduizenden vroegtijdige sterfgevallen veroorzaakt.

    Lees ook:


    Evergrande schorst handel op beurs van Hongkong op

    De Chinese vastgoedgigant Evergrande, die op de rand van het faillissement staat, heeft volgens South China Morning Post maandag de handel in zijn aandelen op de beurs van Hongkong opgeschort ‘in afwachting van een mogelijke verkoop van een meerderheidsbelang in de vastgoedbeheertak’. Evergrande is de vastgoedontwikkelaar met de ‘hoogste schulden ter wereld’ – maar liefst 300 miljard dollar –, aldus de krant.

    Een mogelijk faillissement van Evergrande zou een groot effect hebben op de Chinese vastgoedsector en banken

    De financiële gemeenschap heeft al enkele weken geen vertrouwen meer in de capaciteiten van het bedrijf om aan zijn betalingsverplichtingen te voldoen, en de Chinese regering lijkt niet bereid de groep uit de brand te helpen. Een mogelijk faillissement van Evergrande, dat het op één na grootste vastgoedbedrijf is van China, zou een groot effect hebben op de Chinese vastgoedsector en banken.

    De vastgoedtak van Evergrande verklaarde tegenover SCMP dat ze in afwachting is van een ‘mogelijk algemeen bod’ op haar aandelen.

    Lees ook:


    7000 stappen per dag voor een langer leven

    Om kansen op een lang leven te vergroten moeten we minstens 7000 stappen per dag zetten of meer dan 2,5 uur per week sporten beoefenen als tennis, fietsen, zwemmen, joggen of badminton, zo blijkt uit twee grootschalige nieuwe onderzoeken. De twee onderzoeken, die samen meer dan 10.000 mannen en vrouwen decennialang volgden, tonen aan dat de juiste soort en hoeveelheid lichaamsbeweging het risico op vroegtijdig overlijden met maar liefst 70 procent vermindert. Activiteit boven een bepaald plafond voegt waarschijnlijk geen jaren aan onze levensduur toe en kan in extreme gevallen zelfs schadelijk zijn, schrijft The New York Times.

    Eerder onderzoek suggereerde al dat actieve mensen langer leven dan degenen die zelden bewegen. Maar wetenschappers stelden niet eerder vast in hoeverre beweging al dan niet kan worden geassocieerd met een langere levensduur.

    De sterfterisico’s bleven dalen naarmate het aantal stappen steeg

    Mannen en vrouwen die ten minste 7000 dagelijkse stappen zetten toen ze aan het onderzoek deelnamen, hadden ongeveer 50 procent minder kans om te overlijden dan degenen die minder dan 7000 stappen zetten. De sterfterisico’s bleven dalen naarmate het aantal stappen steeg, tot wel 70 procent minder kans op vroegtijdig overlijden bij degenen die meer dan 9000 stappen zetten. Bij 10.000 stappen vlakken de voordelen af. ‘Er was een punt van afnemende meeropbrengst,’ zegt Amanda Paluch, universitair docent kinesiologie aan de Universiteit van Massachusetts Amherst, die een van de twee studies leidde. Mensen die meer dan 10.000 stappen per dag zetten, leefden zelden langer dan degenen die minstens 7000 stappen deden.

  • Oproep tot vernietiging van genderidentiteit

    Oproep tot vernietiging van genderidentiteit

    Zelfs in een cultuur die zo openstaat voor afwijkende seksuele identiteiten, moeten sommigen hun ware aard verborgen houden. ‘Ik ben geen jongensachtige vrouw, ik ben een man’, schrijft een Zuid-Indiase transseksueel.

    Voorbij het onderscheid tussen man en vrouw

    ‘Over de hele wereld komt het voor: de ziel van een man in het lichaam van een vrouw, of andersom. Hoe erop wordt gereageerd – door wie het overkomt maar ook door diens omgeving – verschilt van continent tot continent. In het Oosten lijkt de minste kramp te heersen, in het Westen loopt de emancipatie van de transseksueel nog ver achter bij die van de homo. Dat een jongen (Andrej Pejic) bh-model is (voor de Hema) verandert daar nog niks aan.’

    Zo luidde de inleiding van ons dossier over genderidentiteit in januari 2012. We noemden de tijden toen al ‘transseksueel’ en beschreven in zes artikelen hoe op verschillende plekken in de wereld met het onderwerp werd omgegaan. Als archiefstuk vandaag kozen we deze hartekreet van een Indiase transseksuele man die werkt bij LesBiT, een steungroep voor lesbiennes, biseksuele vrouwen en vrouw-naar-man transseksuelen.

    In Zuid-India bestaan meerdere (trans)-seksuele identiteiten. Zo is daar de vrouw-naar-man identiteit Thirunambigal in Tamil Nadu, Magaraidu in Andhra Pradesh en Gandabasaka in Karnataka. En ook de man-naar-vrouw identiteit zoals de kothi, hijra (ook wel genoemd Aravanis en Thirunangaigal in Tamil Nadu), Jogappa in Noord-Karnataka, Jogatha in Andhra Pradesh en Shiva Shakti in Maharashtra en Andhra Pradesh.

    Niet al deze identiteiten zijn zo bekend als de hijra, die synoniem is geworden met transseksualiteit. Dat komt voornamelijk door de historische zichtbaarheid van deze gemeenschap die voor zichzelf een culturele en sociale ruimte heeft gecreëerd via het guru-chela (leraar-leerling) systeem. Dat is een steun voor veel jonge hijra’s/kothi’s die uit huis zijn gegaan om zich bij een van de zeven gharanas (huizen) te voegen als ‘dochters’ of ‘leerlingen’ van hun goeroes. Een hijra/kothi zie je vaak bij stoplichten staan bedelen – een van de weinige manieren om zich staande te houden in een vijandige en discriminerende maatschappij.

    Het geld dat India ontvangt om hiv/aids te bestrijden is aangewend om door het hele subcontinent ngo’s op te zetten die zich richten op de kothi als primaire drager van de infectie. Maar de genderidentiteit van de kothi wordt verdoezeld doordat de door ngo’s gehanteerde term MSM (mannen die seks hebben met mannen) vaak gebruikt wordt voor kothi’s. Maar kothi’s zijn geen mannen. Ze hebben een mannenlichaam, maar voelen zich vrouw.

    Bemiddelaars

    Jogappa’s zijn jonge jongens, meestal afkomstig uit de kaste van de onaanraakbaren (dalit) of uit een andere ‘achterlijke’ kaste, soms zelfs uit moslimgezinnen in Noord-Karnataka, die de godin Yellamma zijn toegedaan. Ze dragen vrouwenkleren en treden op als bemiddelaars tussen gelovigen en de godin. Ze mogen niet trouwen.

    De Jogappa is geen uitsluitend uit transseksuelen bestaande categorie, maar een ruimte waarin van oudsher transgendergedrag is toegestaan. Veel transseksuele vrouwen vinden hier een legitieme plek om hun identiteit, die niet overeenkomt met de heersende normen, toch in de maatschappij tot uiting te brengen.

    Ik voel me een Thirunambi, een vrouw-naar-man transseksueel. Lang voordat ik wist wat ik was, wist ik al dat ik in het verkeerde lichaam zat. Pas onlangs vond ik de woorden die het best beschrijven wat ik ben en trof ik mensen die net zo in elkaar zitten als ik: iemand die geboren is als vrouw, maar met de genderexpressie van een man. Ik heb jarenlang geprobeerd onder woorden te brengen wat ik ben, en getracht mijn familie, vrienden en geliefden te vertellen dat ik geen jongensachtige vrouw ben, maar een man.

    Transseksuele mannen zijn er in allerlei soorten en maten. Sommigen van ons willen een geslachtsoperatie, anderen niet; sommigen voelen zich heteroseksueel, anderen lesbisch of homo, en weer anderen multiseksueel. Er zijn er die soepeler omgaan met hun genderidentiteit dan anderen. Sommigen zijn door hun familie gedwongen te trouwen met een man, terwijl het anderen is gelukt zich los te maken en elders een beperkte vorm van vrijheid te vinden.

    Maar hoe verschillend ook, allemaal hebben we te maken gehad met onderdrukking vanwege onze ‘afwijkende’ genderexpressie.

    Ons wordt het zwijgen opgelegd voor we kunnen spreken

    De mate waarin varieert natuurlijk naar gelang de positie die we binnen onze kaste en klasse innemen. Ik schrijf als een Engelssprekende Nair vrouw-naar-man transseksueel uit de middenklasse. Ik schrijf voor mijn niet- Engelssprekende vrouw-naar-man dalit-broeders uit de arbeidersklasse. Ik schrijf omdat onze stemmen nooit worden gehoord. Ons wordt het zwijgen opgelegd voor we kunnen spreken. We hebben dubbel te lijden omdat we naast onze nonconformistische genderexpressie ook nog eens als vrouw zijn geboren. We hebben geen systeem zoals de hijra’s.

    We hebben geen goeroes die voor ons zorgen als we weggaan bij onze familie. We zijn onzichtbaar omdat we geconditioneerd zijn om in het openbaar ‘door te gaan’ voor een man, om te zeggen dat ons lichaam er niet toe doet omdat we ons ervan afgesneden voelen.

    Is dat lichaam dat maandelijks bloedt, dat lichaam met borsten dat wordt beschouwd als vrouwelijk, míjn lichaam? Dat is een vraag waar wij allemaal mee geworsteld hebben.

    Het is voor ons moeilijk om te veranderen met behoud van respect voor ons lichaam, omdat de maatschappij zich amper bewust is van onze genderidentiteit. Het medische establishment is grotendeels niet op de hoogte van onze behoeften en geslachtsveranderingsoperaties zijn niet te betalen voor als vrouw geboren transseksuelen uit de arbeidersklasse. Sommigen van ons hebben lesbische relaties gehad zonder te kunnen verwoorden dat we mannen zijn.

    Sluipen

    Er zijn maar weinig fondsen beschikbaar voor onze strijd om erkenning. Zelfs feministische groeperingen sluiten ons uit en bestempelen ons als anti-feministisch omdat we de kant van de onderdrukker kiezen doordat we ons man voelen. Dat is een beperkend feminisme dat voorbijgaat aan onze ervaringen in een vrouwenlichaam. Een feminisme dat niet erkent hoe moeilijk het voor ons was om weg te gaan bij onze families om uitdrukking te geven aan onze genderidentiteit.

    We trekken geen aandacht, we sluipen langs de muren in de angst dat er geweld zal volgen als mensen merken dat we een vrouwenlichaam hebben


    We trekken geen aandacht, we sluipen langs de muren in de angst dat er geweld zal volgen als mensen merken dat we een vrouwenlichaam hebben, omdat ze nu eenmaal bang zijn voor transseksuelen. We moeten naar urinoirs waar mannen staan te plassen. We worden in elkaar geslagen als we naar een damestoilet gaan, door vrouwen die denken dat we voyeurs zijn.

    Wij strijden voor een samenleving waarin een ‘afwijkende’ identiteit niet als abnormaal wordt veroordeeld. We willen ons losmaken uit de marge en een plek in het midden opeisen, waar we niet bang hoeven te zijn en ons niet hoeven te verdedigen. Dit is een oproep om het bestaan te erkennen van transseksuelen die geen hijra zijn. Dit is een verzoek om steun aan mensen die hetero, homo, lesbisch, feministisch, multiseksueel of anderszins seksueel geaard zijn. Een oproep tot vernietiging van genderidentiteit zoals wij die nu kennen.